Skip to main content

Spelling groep 7-8 werkwoordspelling

Page 1

Spelling groep 7-8

Puzzelen met

Werkwoordspelling

Ajodakt

z

9 789006 491241

7. Ajodakt, Puzzelen met werkwoordspelling .indd 2-3

20/09/18 11:50


Werkwoordspelling

Spelling

Naam:_____________________ Groep:_____

De volgende doelen komen aan bod in dit boek: Tegenwoordige tijd  Ik kan gewone werkwoorden in de tegenwoordige tijd vervoegen en spellen (ik loop, hij loopt).  Ik kan werkwoorden in de tegenwoordige tijd met of zonder -t achter een stam op -d vervoegen en spellen (ik vind, jij onthoudt).  Ik kan werkwoorden zonder klankverandering in de verleden tijd met dubbelvorm van -d of -t vervoegen en spellen (ik raadde, wij landden).  Ik kan bijzondere werkwoorden in de tegenwoordige tijd vervoegen en spellen (hij heeft, jij bent). Verleden tijd  Ik kan werkwoorden met klankverandering in de verleden tijd vervoegen en spellen (jij werd, hij zond).  Ik kan werkwoorden zonder klankverandering in de verleden tijd vervoegen en spellen (hij bouwde, zij fietste). Voltooid deelwoord  Ik kan voltooid deelwoorden waarbij de stam niet eindigt op -d of -t vervoegen en spellen (gewerkt, gebonsd).  Ik kan voltooid deelwoorden waarbij de stam eindigt op -d of -t vervoegen en spellen (het is verbrand).  Ik kan Engelse leenwoorden goed schrijven.

Hallo, Leuk dat je aan de slag gaat met dit oefenboekje. Je kunt de oefeningen zelfstandig maken maar als je er niet uitkomt, kun je hulp vragen aan je juf of meester. De antwoorden vind je op deze website: www.zelfstandig-werken.nl. Overleg met je juf of meester wanneer je de antwoorden gaat bekijken. Veel succes met het maken van de oefeningen! Deze titel maakt onderdeel uit van de vernieuwde serie Z-oefenboekjes van ThiemeMeulenhoff.

7. Ajodakt, Puzzelen met werkwoordspelling .indd 5

20/09/18 11:50


Puzzelen met Werkwoordspelling

Groep 7-8

Auteurs Ofkje Teekens en Eva den Boogert

9006491241_Puzzelen_werkwoordspelling.indd 1

18/09/18 14:38


Inhoud Introductie aan de leerling 4 Onvoltooid tegenwoordige tijd (o.t.t.) 5 Oefening 1 onvoltooid tegenwoordige tijd enkelvoud 6 Oefening 2 onvoltooid tegenwoordige tijd enkelvoud 7 Oefening 3 onvoltooid tegenwoordige tijd enkelvoud 8 Oefening 4 onvoltooid tegenwoordige tijd enkelvoud 9 Oefening 5 onvoltooid tegenwoordige tijd enkelvoud en meervoud 10 Oefening 6 onvoltooid tegenwoordige tijd enkelvoud en meervoud 11 Oefening 7 onvoltooid tegenwoordige tijd enkelvoud en meervoud 12 Oefening 8 onvoltooid tegenwoordige tijd enkelvoud en meervoud 13 Onvoltooid verleden tijd (o.v.t.) 14 Oefening   9 onvoltooid verleden tijd enkelvoud 15 Oefening 10 onvoltooid verleden tijd enkelvoud 16 Oefening 11 onvoltooid verleden tijd enkelvoud 17 Oefening 12 onvoltooid verleden tijd enkelvoud 18 Oefening 13 onvoltooid verleden tijd enkelvoud 19 Oefening 14 onvoltooid verleden tijd enkelvoud en meervoud 20 Oefening 15 onvoltooid verleden tijd enkelvoud en meervoud 21 Oefening 16 onvoltooid verleden tijd enkelvoud en meervoud 22 Oefening 17 onvoltooid verleden tijd enkelvoud en meervoud 23 Oefening 18 onvoltooid verleden tijd enkelvoud en meervoud 24 Oefening 19 onvoltooid verleden tijd enkelvoud en meervoud 25 Oefening 20 onvoltooid verleden tijd enkelvoud en meervoud 26 Oefening 21 onvoltooid verleden tijd enkelvoud en meervoud 27 Oefening 22 onvoltooid verleden tijd enkelvoud en meervoud 28 Voltooid tegenwoordige tijd (v.t.t.) 29 Oefening 23 voltooid tegenwoordige tijd enkelvoud 30 Oefening 24 voltooid tegenwoordige tijd meervoud 31 Voltooid verleden tijd (v.v.t.) 32 Oefening 25 voltooid verleden tijd enkelvoud 33 Oefening 26 voltooid verleden tijd enkelvoud 34 Oefening 27 voltooid tegenwoordige tijd en voltooid verleden tijd enkelvoud en meervoud 35 Oefening 28 voltooid tegenwoordige tijd en voltooid verleden tijd enkelvoud en meervoud 36 Engelse werkwoorden 37 Oefening 29 Engelse werkwoorden 38 Bijvoeglijk gebruikt voltooid deelwoord 39 Oefening 30 bijvoeglijk gebruikt voltooid deelwoord 40 Oefening 31 bijvoeglijk gebruikt voltooid deelwoord 41 Oefening 32 bijvoeglijk gebruikt voltooid deelwoord 42

2

9006491241_Puzzelen_werkwoordspelling.indd 2

18/09/18 14:38


Onvoltooid tegenwoordig toekomende tijd (o.t.t.t.) 43 Oefening 33 onvoltooid tegenwoordig toekomende tijd enkelvoud en meervoud 44 Onvoltooid verleden toekomende tijd (o.t.t.t.) 45 Oefening 34 onvoltooid verleden toekomende tijd enkelvoud en meervoud 46 Voltooid tegenwoordig toekomende tijd (v.t.t.t.) 47 Oefening 35 voltooid tegenwoordig toekomende tijd enkelvoud en meervoud 48 Voltooid verleden toekomende tijd (v.t.t.t.) 49 Oefening 36 voltooid verleden toekomende tijd enkelvoud en meervoud 50 Puzzelmix   1 tegenwoordige tijd 51 Puzzelmix   2 tegenwoordige tijd 52 Puzzelmix   3 verleden tijd 53 Puzzelmix   4 verleden tijd 54 Puzzelmix   5 tegenwoordige tijd en verleden tijd 55 Puzzelmix   6 tegenwoordige tijd en verleden tijd 56 Puzzelmix   7 voltooide tijd 57 Puzzelmix   8 voltooide tijd 58 Puzzelmix   9 tegenwoordige tijd en voltooide tijd 59 Puzzelmix 10 verleden tijd en voltooide tijd 60 Puzzelmix 11 samengestelde werkwoorden 61 Puzzelverzamelmix 1 62 Puzzelverzamelmix 2 63 Puzzelverzamelmix 3 64 Puzzelverzamelmix 4 65 Puzzelverzamelmix 5 66 Theorie tijden 67 Theorie enkelvoud en meervoud 67 Theorie sterke, zwakke en onregelmatige werkwoorden 68 Theorie stam 70 Theorie tegenwoordige tijd 71 Theorie samengestelde werkwoorden 72 Theorie verleden tijd 73 Theorie Engelse werkwoorden 74 Theorie voltooide tijd 75 Theorie bijvoeglijk gebruikt voltooid deelwoord 76

3

9006491241_Puzzelen_werkwoordspelling.indd 3

18/09/18 14:38


Introductie aan de leerling Voor jullie ligt een boekje waarin uitgelegd wordt hoe het zit met de spelling van de Nederlandse en van sommige buitenlandse werkwoorden. Veel leerlingen ervaren het invullen van de juiste uitgang van een werkwoord als een moeilijke puzzel. Jullie zien dan vaak door de bomen het bos niet meer. Als je dit boekje doorwerkt, zul je zien dat de puzzelstukjes uiteindelijk op hun plaats zullen vallen. Je kunt de werkwoorden verdelen in zwakke, sterke en onregelmatige werkwoorden. In het Nederlands zijn vooral de zwakke werkwoorden lastig om goed te vervoegen, maar gelukkig zijn hier duidelijke regels voor. Voor sterke en onregelmatige werkwoorden kun je niet altijd regels toepassen. Deze moet je uit je hoofd leren, maar vaak zul je merken dat je ze al kent. In dit boek komen de volgende tijden van de werkwoordspelling uitgebreid aan de orde: •  tegenwoordige tijd •  verleden tijd •  voltooide tijd •  bijvoeglijk gebruikt voltooid deelwoord Bij elke werkwoordtijd vind je eerst een korte uitleg en daarna meerdere oefeningen om mee te oefenen. De oefeningen beginnen makkelijk en worden steeds moelijker. Na deze oefeningen vind je elf puzzelmixen. Hier oefen je met alle regels per werkwoordtijd door elkaar en ook met meerdere werkwoordtijden door elkaar. Bij deze puzzelmixen word je beloond met een puzzel. Aan het eind van de elf puzzelmixen vind je vijf puzzelverzamelmixen. Dit zijn verzameloefeningen waar je alle werkwoordtijden in terugvindt. Ook hier zitten puzzels bij. Achter alle oefeningen vind je de uitgebreide uitleg over alle theorie van de werkwoordspelling. De theorie staat dus achter in het boek. Het is de bedoeling dat als je alle oefeningen gemaakt hebt, je de stof beheerst. Door het antwoordenboekje te gebruiken, is het mogelijk hier zelfstandig mee aan de slag te gaan. De puzzelverzamelmixen dienen als controle of je alles hebt begrepen. Veel succes, puzzelen maar! Ofkje Teekens en Eva den Boogert

4

9006491241_Puzzelen_werkwoordspelling.indd 4

18/09/18 14:38


Onvoltooid tegenwoordige tijd (o.t.t.) Weet je nog? (voor uitgebreide uitleg zie theorie vanaf pagina 55) enkelvoud ik jij, je, u hij, zij, ze, het

→ stam → stam + t → stam + t

meervoud wij, we jullie zij, ze

→ hele werkwoord → hele werkwoord → hele werkwoord

uitzonderingen gebiedende wijs → alleen de stam Voorbeelden: • Haal eens een doekje! • Werk eens door! je/jij achter de stam → alleen de stam Voorbeelden: • Leen jij wel eens geld? • Daar word je ziek van. samengestelde werkwoorden Bij samengestelde woorden is het werkwoord opgebouwd uit twee delen. Je kunt het werkwoord verdelen in twee stukken. Soms staat een deel aan het eind van de zin. Voorbeelden: • vasthouden → Hij houdt mijn hand vast. • uitglijden → De vrouw glijdt uit over een bananenschil.

5

9006491241_Puzzelen_werkwoordspelling.indd 5

18/09/18 14:38


w

oefening 1

onvoltooid tegenwoordige tijd enkelvoud

Vul de juiste vervoeging in op de stippellijn. een rondje om de vijver met de hond.

1 (o.t.t.) lopen

Mariska

2 (o.t.t.) krijsen

De pasgeboren baby

3 (o.t.t.) doen

Olivier

4 (o.t.t.) roepen

Ik

om je hulp, als ik door het ijs zak!

5 (o.t.t.) raden

Jij

het goede antwoord in één keer!

6 (o.t.t.) fantaseren

Sophie

7 (o.t.t.) wandelen

De hele familie

voortdurend. in mei examen.

over een droomvakantie. de avondvierdaagse. de hele middag.

8 (o.t.t.) computeren Mijn broer

het elke zomer weer van de muggen.

9 (o.t.t.) krioelen

In onze tuin

10 (o.t.t.) worden

Saskia

11 (o.t.t.) arriveren

De trein

12 (o.t.t.) kleden

De bruidegom

het bruidskind aan voor de trouwerij.

13 (o.t.t.) steken

De wesp

mij in mijn lip, als ik mijn brood eet.

14 (o.t.t.) beweren

Hij

15 (o.t.t.) rafelen

Jouw rok

nooit volwassen, als je haar zo beschermt. te laat voor de aansluiting met mijn bus.

dat hij al jaren bij de politie werkt. aan de onderkant.

6

9006491241_Puzzelen_werkwoordspelling.indd 6

18/09/18 14:38


Werkwoordspelling

Spelling

Naam:_____________________ Groep:_____

De volgende doelen komen aan bod in dit boek: Tegenwoordige tijd  Ik kan gewone werkwoorden in de tegenwoordige tijd vervoegen en spellen (ik loop, hij loopt).  Ik kan werkwoorden in de tegenwoordige tijd met of zonder -t achter een stam op -d vervoegen en spellen (ik vind, jij onthoudt).  Ik kan werkwoorden zonder klankverandering in de verleden tijd met dubbelvorm van -d of -t vervoegen en spellen (ik raadde, wij landden).  Ik kan bijzondere werkwoorden in de tegenwoordige tijd vervoegen en spellen (hij heeft, jij bent). Verleden tijd  Ik kan werkwoorden met klankverandering in de verleden tijd vervoegen en spellen (jij werd, hij zond).  Ik kan werkwoorden zonder klankverandering in de verleden tijd vervoegen en spellen (hij bouwde, zij fietste). Voltooid deelwoord  Ik kan voltooid deelwoorden waarbij de stam niet eindigt op -d of -t vervoegen en spellen (gewerkt, gebonsd).  Ik kan voltooid deelwoorden waarbij de stam eindigt op -d of -t vervoegen en spellen (het is verbrand).  Ik kan Engelse leenwoorden goed schrijven.

Hallo, Leuk dat je aan de slag gaat met dit oefenboekje. Je kunt de oefeningen zelfstandig maken maar als je er niet uitkomt, kun je hulp vragen aan je juf of meester. De antwoorden vind je op deze website: www.zelfstandig-werken.nl. Overleg met je juf of meester wanneer je de antwoorden gaat bekijken. Veel succes met het maken van de oefeningen! Deze titel maakt onderdeel uit van de vernieuwde serie Z-oefenboekjes van ThiemeMeulenhoff.

7. Ajodakt, Puzzelen met werkwoordspelling .indd 5

20/09/18 11:50


Spelling groep 7-8

Puzzelen met

Werkwoordspelling

Ajodakt

z

9 789006 491241

7. Ajodakt, Puzzelen met werkwoordspelling .indd 2-3

20/09/18 11:50


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Spelling groep 7-8 werkwoordspelling by ThiemeMeulenhoff - Issuu