Skip to main content

9789006391961 inkijkexemplaar

Page 1

www.examenbundel.nl examenbundels Duits Engels Frans Nederlands biologie natuurkunde scheikunde wiskunde A wiskunde B wiskunde C aardrijkskunde economie geschiedenis m&o maatschappijwetenschappen

978-90-06-39181-7 978-90-06-39197-8 978-90-06-39179-4 978-90-06-39185-5 978-90-06-39202-9 978-90-06-39188-6 978-90-06-39167-1 978-90-06-39193-0 978-90-06-39168-8 978-90-06-39176-3 978-90-06-39191-6 978-90-06-39196-1 978-90-06-39180-0 978-90-06-39174-9 978-90-06-39169-5

Examenbundel!

De Examenbundel bevat oefeningen

met uitleg bij de antwoorden, zodat je leert tijdens het oefenen.

De bundel is speciaal samengesteld voor dit schooljaar, dus je oefent altijd de juiste stof.

Test je kennis met de OriĂŤntatietoets en kijk voor meer tips om te slagen op www.examenbundel.nl.

vwo

samengevat biologie natuurkunde scheikunde wiskunde A wiskunde B wiskunde C aardrijkskunde geschiedenis economie m&o Nederlands 3F / 4F rekenen 3F

2017|2018 vwo

Meer kans van slagen met Samengevat! Samengevat biedt je een helder en beknopt overzicht van alle examenstof. Engels/Duits/Frans in de praktijk zijn theorieboekjes die geworteld zijn in de praktijk. Met een compacte uitleg van grammatica en vele voorbeeldzinnen.

2017|2018

vwo vwo vwo vwo vwo vwo vwo vwo vwo vwo h/v h/v

ÂŽ

Meer kans van slagen met de

examenbundel

vwo vwo vwo vwo vwo vwo vwo vwo vwo vwo vwo vwo vwo vwo vwo

vwo economie

Bundels voor al je vakken bestel je op

drs. J.P.M. Blaas

economie

Jouw beste voorbereiding op je examen in 2018

Engels in de praktijk 978-90-06-07397-3 Duits in de praktijk 978-90-06-07396-6 Frans in de praktijk 978-90-06-07398-0 Al onze uitgaven zijn verkrijgbaar via de erkende boekhandel.

9789006391961_EB_vEco_OS.indd 2-4

9 789006 391961

9/05/17 14:08


9789006391961_EB_vEco.indb 1

24-04-17 09:42


ÂŽ

2017|2018 vwo

drs. J.P.M. Blaas

economie

Jouw beste voorbereiding op je examen in 2018

9789006391961_EB_vEco.indb 1

24-04-17 09:42


Colofon Auteur drs. J.P.M. Blaas Vormgeving Maura van Wermeskerken, Apeldoorn Opmaak PPMP Prepress, Wolvega

Over ThiemeMeulenhoff ThiemeMeulenhoff ontwikkelt zich van educatieve uitgeverij tot een learning design company. We brengen content, leerontwerp en technologie samen. Met onze groeiende expertise, ervaring en leeroplossingen zijn we een partner voor scholen bij het vernieuwen en verbeteren van onderwijs. Zo kunnen we samen beter recht doen aan de verschillen tussen lerenden en scholen en ervoor zorgen dat leren steeds persoonlijker, effectiever en efficiënter wordt. Samen leren vernieuwen. www.thiememeulenhoff.nl ISBN 978 90 06 39196 1 Eerste druk, eerste oplage, 2017 © ThiemeMeulenhoff, Amersfoort, 2017 Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen, of enig andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. Voor zover het maken van kopieën uit deze uitgave is toegestaan op grond van artikel 16B Auteurswet 1912 j° het Besluit van 23 augustus 1985, Stbl. 471 en artikel 17 Auteurswet 1912, dient men de daarvoor wettelijk verschuldigde vergoedingen te voldoen aan Stichting Publicatie- en Reproductierechten Organisatie (PRO), Postbus 3060, 2130 KB Hoofddorp (www.stichting-pro.nl). Voor het overnemen van gedeelte(n) uit deze uitgave in bloemlezingen, readers en andere compilatiewerken (artikel 16 Auteurswet) dient men zich tot de uitgever te wenden. Voor meer informatie over het gebruik van muziek, film en het maken van kopieën in het onderwijs zie www.auteursrechten­onderwijs.nl. De uitgever heeft ernaar gestreefd de auteursrechten te regelen volgens de wettelijke bepalingen. Degenen die desondanks menen zekere rechten te kunnen doen gelden, kunnen zich alsnog tot de uitgever wenden.

Deze uitgave is volledig CO2-neutraal geproduceerd. Het voor deze uitgave gebruikte papier is voorzien van het FSC®-keurmerk. Dit betekent dat de bosbouw op een verantwoorde wijze heeft plaatsgevonden.

9789006391961_EB_vEco.indb 2

24-04-17 09:42


vwo economie

Voorwoord Met deze examenbundel kun je je goed voorbereiden op het schoolexamen en het centraal examen voor het vak economie op vwo-niveau. De examenbundel bevat de volgende onderdelen: Deel 1: Hier vind je per examenonderwerp een aantal (bewerkte) examenopgaven met uitwerkingen. In de uitwerkingen staan de antwoorden en de daarbij horende toelichtingen. De oriëntatietoets: Deze bestaat uit vragen over alle onderwerpen die in 2018 centraal geëxamineerd worden. Zo kun je nagaan of je de kern van de examenonderwerpen beheerst. De antwoorden vind je op www.examenbundel.nl. Na het invullen van je scores krijg je een studieadvies. Deel 2a: In dit deel staan drie complete examens met uitwerkingen. In de uitwerkingen vind je uitleg en toelichting bij de antwoorden. Deel 2b: Hierin vind je het integrale examen van 2017 eerste tijdvak. Deze kun je gebruiken als oefenexamens. De antwoorden vind je op www.examenbundel.nl. Op deze site kun je nog veel meer gratis oefenexamens downloaden. Bijlagen: Achter in deze bundel vind je tabellen om je ‘cijfer’ te bepalen na het maken van de oefenexamens en een onderwerpregister. Met deze examenbundel kun je oefenen voor het examen in je eigen tijd en in je eigen tempo. Oefenen houdt in dat je probeert een opgave eerst zelf te maken. Daarna controleer je jouw antwoorden met de uitwerkingen. Je kunt je vaardigheid om examenopgaven te maken vergroten door het boek samengevat te gebruiken. In dat boek wordt de examenstof per onderwerp overzichtelijk gemaakt en uitgelegd. Ook op www.examenbundel.nl kun je op verschillende manieren oefenen om te kijken of je alle examenstof al beheerst. Het centraal examen economie vwo 2018 wordt afgenomen op woensdag 23 mei tussen 13.30 en 16.30 uur. De makers van de examenbundel en samengevat wensen je daarbij alvast heel veel succes! Voor reacties, zowel van leerlingen als van docenten, houden wij ons graag aanbevolen. Mail naar vo@thiememeulenhoff.nl. Amersfoort, mei 2017

Opmerkingen De overheid stelt regels op die betrekking hebben op de specifieke examenonderwerpen, de hulpmiddelen die je tijdens je examen mag gebruiken, duur en datum van je examen, etc. Hoewel deze examenbundel met de grootst mogelijke zorgvuldigheid is samengesteld, kunnen auteur en uitgever geen aansprakelijk­heid aanvaarden voor de aanwijzingen die betrekking hebben op publicaties van de overheid. Het is altijd raadzaam je docent of onze website www.examenbundel.nl te raadplegen voor actuele informatie die voor jouw examen van belang kan zijn.

© ThiemeMeulenhoff

9789006391961_EB_vEco.indb 3

3

24-04-17 09:42


9789006391961_EB_vEco.indb 1

24-04-17 09:42


vwo economie

Inhoud

3 voorwoord

deel 1

oriëntatietoets nagaan wat je al weet

oefenen op onderwerp

1  domein D concept markt 9 oefenvragen 49 uitwerkingen

deel 2a

2  domein E concept ruilen over de tijd 71 oefenvragen 85 uitwerkingen 3  domein F concept samenwerken en onderhandelen 93 oefenvragen 103 uitwerkingen 4  domein G concept risico en ­informatie 108 oefenvragen 127 uitwerkingen 5  domein H concept welvaart en groei 137 oefenvragen 157 uitwerkingen 6  domein I concept goede tijden, slechte tijden 168 oefenvragen 198 uitwerkingen

215 opgaven

examens met uitwerkingen Examen 2015-I 223 opgaven 235 uitwerkingen Examen 2015-II 239 opgaven 251 uitwerkingen Examen 2016-I 256 opgaven 266 uitwerkingen Examen 2016-II 270 opgaven 282 uitwerkingen

deel 2b

examen zonder uitwerkingen Examen 2017-I 289 opgaven

bijlagen

cijferbepaling onderwerpregister

© ThiemeMeulenhoff

9789006391961_EB_vEco.indb 5

5

24-04-17 09:42


9789006391961_EB_vEco.indb 1

24-04-17 09:42


deel 1 oefenen op onderwerp

7

9789006391961_EB_vEco.indb 7

24-04-17 09:42


9789006391961_EB_vEco.indb 1

24-04-17 09:42


vwo economie

Opgave Domein D  Concept markt 5 Opgave 1 (november 2009): uit een krant Arbeidsmarkt op drift

uit een krant (november 2009): Het Economisch Analyse Bureau (EAB) van een land heeft de arbeidsmarkt Arbeidsmarkt op drift onderzocht. Het Economisch Analyse Bureau (EAB) van een land heeft de arbeidsmarkt onderzocht. Uit dit onderzoek blijkt dat: Uit onderzoek blijkt  ditals gevolg van dedat: mondiale kredietcrisis en de daaropvolgende –– als gevolg van de mondiale kredietcrisis en de daaropvolgende laagconjunctuur, bij ongewijzigd overheidsbeleid, de onvrijwillige laagconjunctuur, bij ongewijzigd overheidsbeleid, de onvrijwillige werkloosheid toeneemt; werkloosheid toeneemt; arbeidsmarkt sprake is van loonstarheid. Hethierbij gaat hierbij –– ereropop dede arbeidsmarkt sprake is van loonstarheid. Het gaat om eenom een jaarloon van € 24.000 persoon per jaar. jaarloon van € 24.000 perper persoon per jaar. De figuur komt uit uit dit onderzoek. Deonderstaande onderstaande figuur komt dit onderzoek. arbeidsmarkt kredietcrisis arbeidsmarktvoor voorenennanadede kredietcrisis

28.000

vraag naar arbeid na kredietcrisis

vraag naar arbeid voor kredietcrisis

aanbod van arbeid

24.000 20.000 16.000 12.000 8.000 4.000 0

7,0 7,1 7,2 7,3 7,4 7,5 7,6 7,7 7,8 7,9 8,0 8,1 8,2 hoeveelheid arbeid (x 1 miljoen)

Toelichting: Toelichting: Hetaanbod aanbod van arbeid bedraagt maximaal 8,1 miljoen personen. Het van arbeid bedraagt maximaal 8,1 miljoen personen. Het adviseert de de overheid van van dit land voor voor een periode van maximaal één HetEAB EAB adviseert overheid dit land een periode van maximaal één jaar deeltijd-WW in te voeren. Bij deeltijd-WW moeten bedrijven werknemers die jaar deeltijd-WW in te voeren. Bij deeltijd-WW moeten bedrijven werknemers die ontslagen dreigen te worden, maar die voor het bedrijf onmisbaar zijn als de ontslagen dreigen te worden, maar voor het bedrijf onmisbaar als de economie weer aantrekt, voor 50% vandie de contracttijd in dienst houden,zijn terwijl economie weer aantrekt, voor 50% van de contracttijd in dienst houden, die werknemers voor de overige 50% tijdelijk een werkloosheidsuitkering (WW-terwijl die werknemers voor 50%werk tijdelijk een werkloosheidsuitkering (WWuitkering) krijgen. In de de tijdoverige dat er geen is moeten de betrokken werknemers zich om-, of herscholen. EABisschat dat voor deeltijd-WW uitkering) krijgen. In bijde tijd dat er geenHet werk moeten de betrokken maximaal een bedrag vanbij€ 950 miljoen nodig is. EAB Deeltijd-WW maakt een werknemers zich om-, of herscholen. Het schat dat voorwel deeltijd-WW verhoging van de, door de werkgever te betalen, WW-premie nodig. Het EAB maximaal een bedrag van € 950 miljoen nodig is. Deeltijd-WW maakt wel een denkt dat de deeltijd-WW niet langer dan één jaar hoeft te gelden. Het bureau verhoging de, door de zal werkgever te betalen, nodig.zal Het EAB verwacht datvan de loonstarheid verdwijnen, omdat deWW-premie markt corrigerend denkt dat de deeltijd-WW niet langer dan één jaar hoeft te gelden. Het bureau gaan werken.

verwacht dat de loonstarheid zal verdwijnen, omdat de markt corrigerend zal gaan werken. 9

© ThiemeMeulenhoff VW-1022-f-11-2-o

9789006391961_EB_vEco.indb 9

10

lees verder ►►►

24-04-17 09:42


Domein D Concept markt

Examenbundel 2017 | 2018

1 Hoe blijkt uit de grafiek dat de kredietcrisis volgens het EAB leidt tot een toename van de onvrijwillige werkloosheid?

2 Geef een verklaring voor de verwachting van het EAB dat de loonstarheid zal verdwijnen: –– via het gedrag van de aanbieders op de arbeidsmarkt; –– via het gedrag van de vragers op de arbeidsmarkt.

Opgave 2  Achter de schermen van de groei In de bronnen 1 en 2 staan zeven gegevens over de economische ontwikkeling van Nederland in de laatste drie decennia van de vorige eeuw. bron 1

1 2 3 4 5

beroepsbevolking (× 1.000 personen) werkgelegenheid (× 1.000 personen) werkgelegenheid (× 1.000 arbeidsjaren) werkloze beroeps­bevolking (%) reële arbeidsproducti­viteit per arbeidsjaar (1970=100)

1971

1980

1981

1990

1991

2000

5.139

5.437

5.481

6.013

6.096

7.495

5.072

5.243

5.174

5.594

5.696

7.240

4.831 …

4.916 3,6

4.850 5,6

5.203 7,0

5.273 6,6

6.512 3,4

103,5

135,4

137,8

170,0

171,3

197,0

bron 2

6 7

gemiddelde % verandering per jaar reëel nationaal product reële loonkosten per arbeidsjaar

1971 – 1980

1981 – 1990

1991 – 2000

2,9

2,2

2,7

3,1

−0,1

0,8

3 Bereken het percentage voor de werkloze beroepsbevolking in 1971.

4 Laat zien, met een vergelijking van de gegevens in de regels 2 en 3, welke ontwikkeling de stijging van de werkloze beroepsbevolking in de periode 1981-1990 heeft afgeremd. Terugkijkend op de laatste drie decennia van de vorige eeuw trekt een econoom in 2001 een aantal conclusies. Daarbij betrekt hij ook de loonmatiging die hij omschrijft als de situatie waarbij een beperkte loonstijging leidt tot een daling van de reële loonkosten per eenheid product. conclusie 1 In de periode 1971-1980 werd de economische groei vooral veroorzaakt door een groei van de arbeidsproductiviteit en nauwelijks door een groei van het arbeidsvolume. conclusie 2 In de periode 1981-1990 was er sprake van loonmatiging. conclusie 3 In het laatste decennium van de vorige eeuw was de forse banengroei de motor achter de economische groei.

10

9789006391961_EB_vEco.indb 10

© ThiemeMeulenhoff

24-04-17 09:42


vwo economie

Domein D Concept markt

5 Is conclusie 1 juist? Verklaar het antwoord met een berekening op basis van bron 1.

6 Geef de onderbouwing voor conclusie 2, door gegevens uit bron 1 en bron 2 te ­combineren.

7 Leg uit op welke manier een forse banengroei zowel oorzaak als gevolg kan zijn van economische groei.

Opgave 3  Investeren en werkgelegenheid In de landen van de Europese Unie (EU) ontwikkelen de investeringen en de werkgelegenheid zich nogal uiteenlopend. De verschillen tussen Nederland en de EU illustreren dat (bron 3). De komende jaren wordt een aanhoudende groei van de bestedingen en de productie verwacht. Een politicus stelt voor dat de EU maatregelen neemt om die groei gepaard te laten gaan met een forse groei van de werkgelegenheid. Een adviseur oppert twee mogelijke maatregelen om dat te bereiken: een verlaging van de belasting op bedrijfswinst of een verlenging van de bedrijfstijd. bron 3

nationaal product (volume) consumptie (volume) investeringen (volume) werkgelegenheid (arbeidsjaren) bevolking (personen)

Nederland Europese Unie gemiddelde % verandering over de afgelopen drie jaar 2,2 1,5 2,3 1,6 1,3 −0,2 1,5 −0,5 0,9 0,2

8 Is volgens bron 3 de arbeidsproductiviteit in Nederland meer of minder gestegen dan die in de EU? Verklaar het antwoord met behulp van een berekening.

9 Leg uit dat een stijging van de arbeidsproductiviteit zowel een positieve als een negatieve invloed op de werkgelegenheid kan hebben.

De politicus is van mening dat verlenging van de bedrijfstijd tot meer werkgelegenheid leidt dan verlaging van de belasting op bedrijfswinst. 10 Geef voor deze mening een verklaring. Betrek in het antwoord beide maatregelen.

© ThiemeMeulenhoff

9789006391961_EB_vEco.indb 11

11

24-04-17 09:42


Domein D Concept markt

Examenbundel 2017 | 2018

Opgave 4 Problemen en successen De ontwikkeling van de Nederlandse economie tussen 1995 en 2000 is een mengeling van problemen en successen. Een econoom analyseert een aantal ontwikkelingen in deze periode. Centraal staat voor hem het probleem dat er te veel inactieven zijn in de beroepsgeschikte bevolking. In de definitie van deze econoom vormen de werkloze beroeps­ bevolking plus de personen met een arbeidsongeschiktheidsuitkering samen de groep inactieven. De econoom maakt in zijn analyse gebruik van enkele (bewerkte) gegevens van de arbeidsmarkt: bron 4

beroepsgeschikte bevolking (× 1.000 personen) werkloze beroepsbevolking (× 1.000 personen) participatiegraad 1) p/a-ratio 2) % arbeidsongeschiktheid 3) 1) 2) 3)

1995 10.470 533 63 1,08 11,4

2000 10.727 270 67 ….. 11,1

beroepsbevolking in personen in % van de beroepsgeschikte bevolking personen/arbeidsjaren personen met een arbeidsongeschiktheidsuitkering in % van de beroepsbevolking

De econoom trekt voor de periode 1995-2000 de volgende drie conclusies: conclusie 1 De werkloze beroepsbevolking is wel gedaald, maar dat komt vooral door de ontwikkeling van de p/a-ratio. conclusie 2 Omdat de werkloosheid sterker is gedaald dan het aantal personen met een arbeids­ ongeschiktheidsuitkering is gestegen, is het totaal aantal inactieven afgenomen. conclusie 3 De ontwikkelingen op de arbeidsmarkt hebben bijgedragen aan een verlaging van de collectieve lastendruk.

11 Neem bron 5 over en vul deze verder in met behulp van de gegevens uit bron 4. Laat voor elk in te vullen gegeven in bron 5 de berekening zien. bron 5

beroepsbevolking (× 1.000 personen) actieven (× 1.000 personen) inactieven (× 1.000 personen)

1995 a 6.063 d

2000 b c e

12 Was de p/a-ratio in 2000 groter dan, gelijk aan of kleiner dan de p/a-ratio in 1995? Verklaar het antwoord op basis van conclusie 1 en zonder het maken van een berekening.

13 Is conclusie 2 van de econoom juist? Verklaar het antwoord met behulp van de bronnen 4 en 5.

14 Geef op basis van bron 4 twee argumenten voor conclusie 3. Verklaar hoe deze ­argumenten de conclusie ondersteunen.

12

9789006391961_EB_vEco.indb 12

© ThiemeMeulenhoff

24-04-17 09:42


vwo economie

Domein D Concept markt

Opgave 5  Vrouwen aan zet Een onderzoeksbureau stelt vast dat een groei van de beroepsbevolking die achterblijft bij de groei van de vraag naar arbeid, nadelig is voor de concurrentiepositie van het bedrijfsOpgave 6 leven en daarmee de economische groei afremt. Het overheidsbeleid in een land is dan ook al enige tijd gericht op het verhogen van de participatiegraad, met name die van vrouwen. Dit beleid is in de periode 1995-2005 succesvol geweest. De gegevens in bron 6 en bron 7 Vrouwen aan zet illustreren dit. Een onderzoeksbureau stelt vast dat een groei van de beroepsbevolking die achterblijft bij

de groei van de vraag naar arbeid, nadelig is voor de concurrentiepositie van het

bron 6 bedrijfsleven en daarmee de economische groei afremt. Het overheidsbeleid in een land is

dan ook al enige arbeidsmarktgegevens tijd gericht op het verhogen van de participatiegraad, met name die van van vrouwen van 15 t/m 64 jaar vrouwen. Dit beleid is in de periode 1995-2005 succesvol geweest. De gegevens in tabel 5 1995 2005 en figuur 4 illustreren dit. bruto1) participatiegraad (in personen) 52 65 arbeidsmarktgegevens van vrouwen van 15 t/m 64 jaar netto2) participatiegraad (in personen) 47 62 1995 2005 netto participatiegraad (in arbeidsjaren) 28 39 52 65 bruto 1) participatiegraad (in personen) 2) werkloosheidspercentage (personen in % van de beroepsbevolking) … participatiegraad (in personen) 47 62 10 netto 1) netto (in arbeidsjaren) 28 15 t/m 39 64 jaar departicipatiegraad totale beroepsbevolking in verhouding tot de bevolking van werkloosheidspercentage (personen in % van de beroepsbevolking) 10 … 2) de werkzame beroepsbevolking in verhouding tot de bevolking van 15 t/m 64 jaar 1) de totale beroepsbevolking in verhouding tot de bevolking van 15 t/m 64 jaar 2) de werkzame beroepsbevolking in verhouding tot de bevolking van 15 t/m 64 jaar

tabel 5

bron 7

netto participatiegraad van vrouwen naar leeftijd (1995 en 2005)

figuur 4

%

80

%

70

80 70

60

60

50

50

40

40

30

30

20

20

10

10

0

15-24

25-34

Legenda:

35-44

45-54

0

55-64 leeftijd

netto participatiegraad van vrouwen naar opleidingsniveau (2005)

laag

middel hoog opleidingsniveau

1995 2005 2p

2p 2p

2p

21 22 15 23

16

24

Leg uit dat een te geringe groei van de beroepsbevolking nadelig kan zijn voor de co ncurrentiepositie van het bedri jfsleven. Leg te geringe groei de beroepsbevolking zijn voor de concur5 lager metdat een een berekening zien dat het van werkloosheidspercentage van nadelig vrouwen kan in 200 L aat uit rentiepositie was dan 5%. van het bedrijfsleven. Leg uit hoe de afname van het werkloosheidspercentage van vrouwen de toename van de bruto met participatiegraad van vrouwen kanhet hebben vergroot. Laat een berekening zien dat werkloosheidspercentage van vrouwen in 2005 lager Laat dan met een berekening zien of vrouwen in 2005 gemiddeld een hoger of een lager was 5%. percentage van een voltijdbaan werkten, in vergelijking met 1995.

17 Leg uit hoe de afname van het werkloosheidspercentage van vrouwen de toename van de Een arbeidsmarktdeskundige beweert voor de periode 1995-2005: bruto participatiegraad van vrouwen kan hebben vergroot. “De toename van het gemiddelde opleidingsniveau van vrouwen he eft enerzijds de stijging van de participatiegraad van vrouwen bevorderd en anderzijds deze stijging juist afgeremd.” 18 Laat metdeze eenbewering berekening zien ofvan vrouwen 2p 25 Verklaar met behulp figuur 4.in 2005 gemiddeld een hoger of een lager percentage van een voltijdbaan werkten, in vergelijking met 1995.

Einde

Een arbeidsmarktdeskundige beweert voor de periode 1995-2005: ‘De toename van het gemiddelde opleidingsniveau van vrouwen heeft enerzijds de stijging van de participatiegraad van vrouwen bevorderd en anderzijds deze stijging juist afgeremd.’

19 Verklaar deze bewering met behulp van bron 7. 13

© ThiemeMeulenhoff

600025-1-28o

9789006391961_EB_vEco.indb 13

9

Lees verder 24-04-17 09:42


Domein D Concept markt

Examenbundel 2017 | 2018

Opgave 6 Liever zelfstandig De productie van bouwbedrijven is sterk afhankelijk van veranderingen van het groeitempo van de economie. Twee van deze bouwbedrijven, Construx en Mulder, worden geconfronteerd met tegenvallende resultaten als gevolg van een economische neergang. In beide bedrijven overweegt de directie een plan om zzp’ers in te zetten om daarmee de kosten in hun bedrijf beter te kunnen beheersen. Een zelfstandige zonder personeel (zzp’er) is een ondernemer die geen personeel in dienst heeft. Hij verkoopt goederen of diensten en stuurt daarvoor de klanten een factuur. De zzp’er heeft geen arbeidsovereenkomst; hij is dus geen werknemer en valt niet onder de wettelijke bepalingen voor werknemers. De belangrijkste verschillen tussen een werknemer en een zzp’er zijn: werknemer zzp’er overeenkomst met opdracht­ contract −  arbeidsovereenkomst met gevers tot levering van een de werkgever product −  opzegtermijn bij ontslag beloning

lonen geregeld in een overeenkomst voor de gehele sector (cao)

behaalde winst uit het eigen bedrijf

gezagsverhouding

krijgt dagelijks opdrachten van de werkgever

moet het overeengekomen product leveren (op de afgesproken datum)

De werknemers van beide bedrijven reageren verdeeld op het plan van de directie. Een deel van hen vreest voor het verlies van hun baan en is tegen terwijl een ander deel van de werknemers juist vóór het plan is.

20 Leg uit dat het inzetten van zzp’ers in een bedrijf kan leiden tot een stijging van de arbeidsproductiviteit.

21 Beschrijf twee argumenten die de werknemers die vóór het plan van de directie zijn, kunnen hanteren. Een adviesbureau heeft voor beide bedrijven een overzicht gemaakt van het bedrijfsresultaat bij afzetdaling. Het bureau is daarbij uitgegaan van proportioneel variabele kosten en een gelijkblijvende verkoopprijs. totale opbrengsten in de uitgangs­ situatie Construx € 500.000 Mulder € 500.000

totale kosten in de uitgangs­ situatie € 400.000 € 400.000

totale constante kosten in de uitgangs­ situatie € 100.000 € 240.000

% winst­ daling bij 20% afzet­ daling

% winst­ daling bij 40% afzet­ daling

40% 68%

80% …

22 Bereken de procentuele winstdaling van Mulder bij 40% afzetdaling.

23 In welke van de beide bouwbedrijven zal de directie het meest geneigd zijn tot het inzetten van zzp’ers? Licht de keuze toe.

14

9789006391961_EB_vEco.indb 14

© ThiemeMeulenhoff

24-04-17 09:42


vwo economie

Domein D Concept markt

Opgave 7 Duitse minimalisten? Nederland kent vanaf 1974 een wettelijk minimumloon. Alle werknemers van 15 tot 65 jaar die betaalde arbeid verrichten, hebben recht op een bepaald minimumloon per gewerkt uur. Dit minimumloon vormt de basis voor loonafspraken in de collectieve arbeidsovereenkomsten (cao) die in Nederland worden afgesloten. In Duitsland is er géén algemene wettelijke minimumloonregeling. Een mogelijke invoering van zo’n wettelijk minimumloon is bij onze oosterburen een politiek en maatschappelijk gevoelig thema.

24 Leg uit dat het afsluiten van cao’s kan leiden tot meeliftgedrag van werknemers. Jasper is leerling in een 5 Havo klas van een school in Oldenzaal. Hij kent leeftijdgenoten die in Duitsland in een Aldi supermarkt werken en voor hetzelfde werk minder per uur verdienen dan hij verdient bij Aldi in Oldenzaal. “Hoe kan dat”, vraagt hij zich af. Zijn leraar economie vertelt dat dit te maken kan hebben met het feit dat er in Duitsland geen minimumloonregeling is. Om dit uit te leggen, toont hij een modelmatige weergave van de Duitse arbeidsmarkt (bron 8) en stelt: “In deze grafiek wordt de arbeidsmarkt van Duitsland voorgesteld als een markt van volkomen concurrentie met een evenwichtsloon van 9 euro per uur. In werkelijkheid voldoet een arbeidsmarkt van een land niet aan alle kenmerken van deze marktvorm, maar deze modelmatige weergave kan je helpen om de werking van de arbeidsmarkt en het effect van een minimumloon te begrijpen.”

25 Noem twee kenmerken van de marktvorm volkomen concurrentie en licht toe waarom een arbeidsmarkt van een land niet aan deze kenmerken voldoet. De leraar vervolgt: “Bij een loon van 9 euro per uur is het totaal van werknemerssurplus plus werkgeverssurplus maximaal. Stel dat de Duitse regering een wettelijk minimumloon invoert van 10 euro per uur. Het totale surplus zal kleiner worden. Er zijn in Duitsland voor- en tegenstanders van invoering van een wettelijk minimumloon. Werknemersorganisaties zullen blij zijn en beredeneren dat dit de welvaart van hun leden zal verhogen. Economen echter waarschuwen dat invoering van een wettelijk minimumloon ten koste zal gaan van werkgelegenheid en uiteindelijk kan leiden tot welvaartsverlies in Duitsland.”

Gebruik bron 8. 26 Laat met een berekening zien hoeveel werkgelegenheid er in Duitsland zou verdwijnen door invoering van een minimumloon van 10 euro per uur. Leerlingen krijgen de opdracht om de bewering van de economen, dat invoering van een wettelijk minimumloon uiteindelijk kan leiden tot welvaartsverlies in Duitsland, te illustreren met behulp van de grafiek van bron 9. Enkele leerlingantwoorden staan hieronder. Eén van deze antwoorden is juist. –– Jasper: –– “Het werkgeverssurplus zal toenemen met 35 miljoen (B) en het werknemerssurplus neemt af met 37,5 miljoen (B + E), dus de welvaart zal dalen met 2,5 miljoen.” –– Yamina: –– “Het werkgeverssurplus zal afnemen met 37,5 miljoen (B + E) en het werknemerssurplus neemt toe met 32,5 miljoen (B − F), dus de welvaart zal dalen met 5 miljoen.” –– Pieter: –– “Het werkgeverssurplus zal afnemen met 35 miljoen (B) en het werknemerssurplus neemt toe met 37,5 miljoen (B + E), dus de welvaart zal dalen met 2,5 miljoen.”

© ThiemeMeulenhoff

9789006391961_EB_vEco.indb 15

15

24-04-17 09:42


www.examenbundel.nl examenbundels Duits Engels Frans Nederlands biologie natuurkunde scheikunde wiskunde A wiskunde B wiskunde C aardrijkskunde economie geschiedenis m&o maatschappijwetenschappen

978-90-06-39181-7 978-90-06-39197-8 978-90-06-39179-4 978-90-06-39185-5 978-90-06-39202-9 978-90-06-39188-6 978-90-06-39167-1 978-90-06-39193-0 978-90-06-39168-8 978-90-06-39176-3 978-90-06-39191-6 978-90-06-39196-1 978-90-06-39180-0 978-90-06-39174-9 978-90-06-39169-5

Examenbundel!

De Examenbundel bevat oefeningen

met uitleg bij de antwoorden, zodat je leert tijdens het oefenen.

De bundel is speciaal samengesteld voor dit schooljaar, dus je oefent altijd de juiste stof.

Test je kennis met de OriĂŤntatietoets en kijk voor meer tips om te slagen op www.examenbundel.nl.

vwo

samengevat biologie natuurkunde scheikunde wiskunde A wiskunde B wiskunde C aardrijkskunde geschiedenis economie m&o Nederlands 3F / 4F rekenen 3F

2017|2018 vwo

Meer kans van slagen met Samengevat! Samengevat biedt je een helder en beknopt overzicht van alle examenstof. Engels/Duits/Frans in de praktijk zijn theorieboekjes die geworteld zijn in de praktijk. Met een compacte uitleg van grammatica en vele voorbeeldzinnen.

2017|2018

vwo vwo vwo vwo vwo vwo vwo vwo vwo vwo h/v h/v

ÂŽ

Meer kans van slagen met de

examenbundel

vwo vwo vwo vwo vwo vwo vwo vwo vwo vwo vwo vwo vwo vwo vwo

vwo economie

Bundels voor al je vakken bestel je op

drs. J.P.M. Blaas

economie

Jouw beste voorbereiding op je examen in 2018

Engels in de praktijk 978-90-06-07397-3 Duits in de praktijk 978-90-06-07396-6 Frans in de praktijk 978-90-06-07398-0 Al onze uitgaven zijn verkrijgbaar via de erkende boekhandel.

9789006391961_EB_vEco_OS.indd 2-4

9 789006 391961

9/05/17 14:08


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
9789006391961 inkijkexemplaar by ThiemeMeulenhoff - Issuu