WELZIJN KIND EN JONGERE WELZIJN KIND EN JONGERE Keuzedeel Z&W Keuzedeel Z&W 3/4 vmbo BB/KB/GL Naam Klas
Mixed Omslag Welzijn kind en jongere vmbo BB-KB-GL.indd All Pages
02/03/2022 12:19
WELZIJN KIND EN JONGERE Zorg en Welzijn
COLOFON Auteur Lisette van Engelen, Lizet Penson, Chantal Visser, Karin Swinkels
Auteur oriëntatie op het beroep RadarTalent Assessment & Ontwikkeling
Eindredactie
Over ThiemeMeulenhoff Over ThiemeMeulenhoff
ThiemeMeulenhoff zich van van educatieve tot een een learning design company. company. We ThiemeMeulenhoff ontwikkelt ontwikkelt zich educatieve uitgeverij uitgeverij tot learning design We brengen content, leerontwerp technologie samen. Met onzegroeiende groeiendeexpertise, expertise,ervaring ervaringen brengen content, leerontwerp en en technologie samen. Met onze en leeroplossingen zijn we een partner voor scholen bij het vernieuwen en verbeteren van leeroplossingen zijn we een partner voor scholen bij het vernieuwen en verbeteren van onderwijs. onderwijs. samen aan de verschillen tussen lerenden en en scholen Zo kunnenZo wekunnen samenwe beter rechtbeter doenrecht aandoen de verschillen tussen lerenden en scholen ervoor en ervoor zorgen dat leren steeds persoonlijker, effectiever en efficiënter wordt. zorgen dat leren steeds persoonlijker, effectiever en efficiënter wordt. Samen leren vernieuwen. Samen leren vernieuwen. www.thiememeulenhoff.nl www.thiememeulenhoff.nl
Monique Uelderink
ISBN 978 90 06 33187 5 Eerste druk, eerste oplage, 2017 (LRN-line) Eerste druk, eerste oplage, 2022 (LRN-line)
Bureauredactie
©ThiemeMeulenhoff, ThiemeMeulenhoff, Amersfoort, Amersfoort, 2022 2017 ©
Singeling Tekstproducties Alle rechten rechtenvoorbehouden. voorbehouden.Niets Nietsuituitdeze dezeuitgave uitgavemag mag worden verveelvoudigd, opgeslagen Alle worden verveelvoudigd, opgeslagen in in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, elektronisch, mechanisch, mechanisch, door doorfotokopieën, fotokopieën,opnamen, opnamen,ofofenig enigandere andere manier, zonder hetzij manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. Voor zover zoverhet hetmaken makenvan vankopieën kopieën deze uitgave is toegestaan op grond van artikel Voor uituit deze uitgave is toegestaan op grond van artikel 16B 16B Auteurswet Besluit vanvan 23 23 augustus 1985, Stbl.Stbl. 471 en artikel 17 Auteurswet 1912, Auteurswet 1912 1912j° j°hethet Besluit augustus 1985, 471 en artikel 17 Auteurswet dient men de daarvoor wettelijk verschuldigde vergoedingen te voldoen aan Stichting 1912, dient men de daarvoor wettelijk verschuldigde vergoedingen te voldoen aan Stichting PublicatiePublicatie- en en Reproductierechten Reproductierechten Organisatie Organisatie (PRO), (PRO), Postbus Postbus 3060, 3060, 2130 2130KB KBHoofddorp Hoofddorp (www. (www.stichting-pro.nl). Voor het overnemen van gedeelte(n) uit deze uitgave in bloemlezingen, stichting-pro.nl). Voor het overnemen van gedeelte(n) uit deze uitgave in bloemlezingen, readers readers en andere compilatiewerken 16 Auteurswet) dient zich men tot zichdetotuitgever de uitgever te en andere compilatiewerken (artikel (artikel 16 Auteurswet) dient men te wenden. wenden. Voor meer informatie het gebruik van muziek, het maken van kopieën in het Voor meer informatie over hetover gebruik van muziek, film enfilm hetenmaken van kopieën in het ononderwijs zie w ww.auteursrechtenonderwijs.nl. derwijs zie www.auteursrechtenonderwijs.nl. De uitgever heeft ernaar gestreefd de auteursrechten te regelen volgens de wettelijke bepalingen. De uitgever heeft ernaar gestreefd de auteursrechten te regelen volgens de wettelijke bepalinDegenen die desondanks menen zekere rechten te kunnen doen gelden, kunnen zich alsnog tot gen. Degenen die desondanks menen zekere rechten te kunnen doen gelden, kunnen zich de uitgever wenden. alsnog tot de uitgever wenden.
Deze uitgave is volledig CO2-neutraal geproduceerd. Deze uitgave is voorzien van het FSC®-keurmerk. Deze uitgave is volledig CO2-neutraal geproduceerd. Dit betekent dat de bosbouw voor het gebruikte papier op een verantwoorde wijze heeft Het voor deze uitgave gebruikte papier is voorzien van het FSC® -keurmerk. plaatsgevonden. Dit betekent dat de bosbouw op een verantwoorde wijze heeft plaatsgevonden.
WOORD VOORAF MIXED is dé methode voor leerlingen in leerjaar 3 en 4 van het beroepsgerichte vmbo. De methode MIXED is bedoeld voor alle niveaus van het vmbo beroepsgerichte leerweg. In nauwe samenwerking met de gebruikende scholen wordt MIXED continue doorontwikkeld. Belangrijke kenmerken van MIXED: ■ Beroepspraktijk staat centraal. Door een krachtige didactiek met realistische werkplekken en werkbedrijven bereiden de leerlingen zich goed voor op hun examen. ■ Loopbaanoriëntatie en -begeleiding zijn geïntegreerd in het lesmateriaal en gekoppeld aan de werkplek en het werkbedrijf. ■ Ieder zijn eigen MIXED. Scholen kunnen kiezen uit leerwerkboeken, een volledige digitale leeromgeving of de mogelijkheid deze te combineren. ■ De lesstof is gedifferentieerd op basis van de exameneisen, zodat elke leerling de lessen kan volgen op zijn eigen niveau. ■ Werkkaarten helpen de leerling zich stap voor stap belangrijke vaardigheden eigen te maken. ■ Video’s verduidelijken de theorie in realistische settings. Leerlingen en docenten kunnen snel aan de slag dankzij de overzichtelijke opbouw: ■ Het leerwerkboek bestaat uit acht blokken, gevolgd door de theorie en een begrippenlijst. ■ Een blok begint met een introductie en een overzicht van de inhoud en leerdoelen. ■ In een blok maakt de leerling praktijkopdrachten en theorieopdrachten. ■ Elk blok sluit af met Oriëntatie op het beroep. Deze opdrachten helpen de leerling met het kiezen van een passende vervolgopleiding. ■ Achter in het boek staat alle theorie op alfabetische volgorde. ■ Achter de theorie staat ook een uitgebreide begrippenlijst. De vetgedrukte woorden in de theorie worden hier uitgelegd. Wij hebben de methode MIXED met de grootste zorg ontwikkeld. Meer informatie kunt u vinden op www.thiememeulenhoff.nl/mixed. Hebt u vragen of suggesties? Neem dan gerust contact op met onze klantenservice via 033 448 3600. Wij wensen u en uw leerlingen een fijne en leerzame tijd met MIXED!
De auteurs, het ontwikkelteam en de uitgever
Beste leerling, Dit boek van Mixed kun je samen met de digitale leeromgeving gebruiken in de les. Dit boek is van jou persoonlijk, dus je mag er aantekeningen in maken. Na dit schooljaar mag je het boek houden. Dat is makkelijk als je volgend jaar iets wilt opzoeken, of iets moet leren voor een toets. Wij wensen je veel succes en plezier met Mixed. Team Mixed
TOELICHTING OP DE PICTOGRAMMEN Oriënteren Computeropdracht Theorie-opdracht Rollenspel Tip Werkkaart Hulpkaart
A Let op: opdracht voor BB of KB of KB/GL
INHOUDSOPGAVE Blok 0 Welzijn kind en jongere Over dit deel
9
11
Blok 1 Ontwikkeling van kinderen
17
Over dit blok 19 De ontwikkeling van kinderen 20 Baby’s 23 Peuters 25 Kleuters 28 Schoolkinderen 31 Eindopdracht 37 Oriëntatie op het beroep (LOB) 39
Blok 2 De verzorging van baby’s en peuters Over dit blok 47 Dagindeling 48 Baby’s voeden 51 Baby’s verschonen 55 Eten met de peuters 59 Middagdutje 62 Eindopdracht 67 Oriëntatie op het beroep (LOB) 70
Blok 3 Spelen!
75
Over dit blok 77 Spel en ontwikkeling 78 Speelgoed opruimen 83 Speelgoed inkopen 87 Spelletjes doen 92 Eindopdracht 97 Oriëntatie op het beroep (LOB) 99
Blok 4 Opvoeden
105
Over dit blok 107 Regels 108 Opvoeden 117 Invloeden op opvoeding 122 Hoofdluis bestrijden 131 Eindopdracht 135 Oriëntatie op het beroep (LOB) 137
45
Blok 5 Jongerenopvang
143
Over dit blok 145 Pubers 146 Turbulente jaren 149 Veiligheid 155 Zelfredzaamheid en structuur 160 Eindopdracht 163 Oriëntatie op het beroep (LOB) 164
Blok 6 Voeding en verzorging
169
Over dit blok 171 Dagelijkse gewoontes 172 Lichamelijke verzorging 173 De was 179 Samen koken 182 Opgeruimd staat netjes 186 Eindopdracht 187 Oriëntatie op het beroep (LOB) 189
Blok 7 De Woonpoort schoonmaken 195 Over dit blok 197 De keuken schoonmaken 198 Slaapkamer schoonmaken 202 Heeft iedereen het naar zijn zin? 208 Eindopdracht 212 Oriëntatie op het beroep (LOB) 214
Blok 8 Het zomerfeest
219
Over dit blok 221 Waar werk je? 221 Het zomerfeest organiseren 222 De voorbereidingen 230 Het feest begint 233 Eindopdracht 236 Oriëntatie op het beroep (LOB) 238
Theorie
243
Agressie 245 Bederf 246 Dieetwensen 248 Draaiboek maken 250 Eenvoudige huidwonden 251 Eetstoornissen 252 Ergonomie en veiligheid 253 Flesvoeding 254 Genotmiddelen 255 Goed gesprek 258 Grenzen stellen 259 Hoofdluis 260 Houdbaarheid 261
Hygiëne 262 Kind en gezin 263 Kind en karakter 265 Kind en omgeving 266 Leer- en gedragsstoornissen 268 Luier verschonen 270 Ontwikkeling van baby’s 271 Ontwikkeling van kinderen 273 Ontwikkeling van kleuters 274 Ontwikkeling van peuters 276 Ontwikkeling van schoolkinderen 278 Onveilige situaties 280 Onveilige situaties bespreken 281 Opvoeden 282 Opvoedingstechnieken 284 Pubers en verliefdheid 285 Puberteit 286 Rapporteren 287 Regels overtreden 288 Rooster maken 289 Schijf van Vijf 290 Soorten spel 292 Telefoongesprek voeren 294 Veilig spelen 295 Voeding van een baby 296 Voedingsgewoonten 297 Was doen 300 Wat is goed speelgoed? 303 Wiegendood 305 Zelfredzaamheid 306
Begrippen
309
BLOK 1
ONTWIKKELING VAN KINDEREN
OVER DIT BLOK
19
THEORIE BIJ DIT BLOK
DE ONTWIKKELING VAN KINDEREN
Ontwikkeling Ontwikkeling Ontwikkeling Ontwikkeling Ontwikkeling
20
Opdracht 1 Wat weet je al? 21 Opdracht 2 De ontwikkeling van kinderen 21
BABY’S
23
Opdracht 3 De ontwikkeling van baby’s 23 Opdracht 4 Fotoverslag grove motoriek baby 24
PEUTERS
25
Opdracht 5 De ontwikkeling van peuters 25 Opdracht 6 Een prentenboek voorlezen 27
KLEUTERS
28
Opdracht 7 De ontwikkeling van kleuters Opdracht 8 Een kleurplaat maken 30
28
SCHOOLKINDEREN 31 Opdracht Opdracht Opdracht Opdracht
9 De ontwikkeling van schoolkinderen 31 10 Een oplossing bedenken 33 11 Taalspelletjes doen 34 12 Verzamelen 35
EINDOPDRACHT 37 Opdracht 13 Poster maken
37
ORIËNTATIE OP HET BEROEP (LOB)
39
Opdracht 14 Welke kinderen ken jij? 39 Opdracht 15 Verschillende fasen en beroepen
40
van van van van van
kinderen 273 baby’s 271 peuters 276 kleuters 274 schoolkinderen 278
Welzijn kind en jongere Blok 1 Ontwikkeling van kinderen
18
Welzijn kind en jongere Blok 1 Ontwikkeling van kinderen
BLOK 1 ONTWIKKELING VAN KINDEREN Over dit blok Dit blok gaat over de ontwikkeling van kinderen tussen 0 en 12 jaar. Kinderen maken in deze periode een enorme ontwikkeling door. Dat gebeurt op lichamelijk, sociaal-emotioneel en geestelijk gebied. De lichamelijke ontwikkeling is goed te zien: kinderen groeien heel snel! Ook gaan ze zich steeds beter bewegen, van kruipen tot hardlopen. Ze leren steeds preciezere bewegingen te maken, van krassen op papier tot kleuren binnen de lijntjes. Op sociaal-emotioneel gebied leren ze omgaan met de mensen om hen heen. Ook leren ze om te gaan met hun eigen gevoelens. Op geestelijk gebied leren kinderen vaardigheden als praten, lezen en rekenen. In dit blok leer je hoe die verschillende ontwikkelingen verlopen.
Waar werk je?
Kinderopvang Kids ’n Mix Je loopt stage bij kinderopvang Kids ’n Mix. De kinderopvang heeft vijf groepen. Alle groepen hebben een kleur: Rood, Blauw, Groen, Paars en Geel. In groep Rood zitten de allerjongste kinderen, van 0 tot 1,5 jaar. In groep Blauw zitten de peuters, zij zijn 1,5 tot 4 jaar. In deze jongste groepen zitten maximaal vijftien kinderen. Kids ’n Mix heeft ook drie groepen voor kleuters en schoolkinderen. Zij komen voor de buitenschoolse opvang, de bso. In groep Groen zitten de kleuters, van 4 tot 6 jaar. In groep Paars zitten
19
Welzijn kind en jongere Blok 1 Ontwikkeling van kinderen
schoolkinderen van 6 tot 9 jaar en in Geel de kinderen tussen 9 en 12 jaar. In deze oudere groepen zitten maximaal twintig kinderen. De kinderen uit de groepen Rood en Blauw zijn de hele dag op de kinderopvang. Hun ouders brengen en halen de kinderen tussen 7 uur ’s ochtends en 7 uur ’s avonds. De kinderen uit de groepen Groen, Paars en Geel komen voor en na schooltijd naar de kinderopvang. Zij kunnen ’s ochtends tussen 7 en half 9 en ’s middags van half 3 tot 7 uur bij Kids ’n Mix terecht. Op vrije schoolmiddagen komen ze vanaf 12 uur.
Wat leer je?
□ □ □ □ □ □
welke ontwikkelingsfasen er zijn bij kinderen van 0 tot 12 jaar; hoe baby’s zich ontwikkelen op lichamelijk, geestelijk en sociaal-emotioneel gebied; hoe peuters zich ontwikkelen op lichamelijk, geestelijk en sociaal-emotioneel gebied; hoe kleuters zich ontwikkelen op lichamelijk, geestelijk en sociaal-emotioneel gebied; hoe schoolkinderen zich ontwikkelen op lichamelijk, geestelijk en sociaal-emotioneel gebied; een activiteit kiezen die past bij de ontwikkelingsfase van kinderen.
Hoe ga je het doen? Plannen is belangrijk voor je beroep en voor je studie. Aan het begin van elk blok maak je een planning voor de rest van de week. Bekijk wat je deze week allemaal moet doen en verdeel de opdrachten over de lesuren. 1 Open het document Planning. 2 Bekijk hoeveel tijd voor de opdrachten gepland is. 3 Vul in wanneer je welke opdracht doet. 4 Bewaar de planning in je portfolio. 5 Ga je aan Mixed werken? Bekijk dan telkens eerst je planning. 6 Ben je klaar met je werk? Open dan je planning en vul in wat je hebt gedaan.
De ontwikkeling van kinderen
Jouw stagebegeleider heet Sandra. Zij laat jou vandaag de vijf verschillende groepen zien. De kinderen in de verschillende groepen zitten in verschillende fasen van hun ontwikkeling. De baby’s moeten nog leren lopen, praten en samen spelen. De oudere kinderen leren steeds beter praten en samenwerken. Zij gaan sporten, maken hun huiswerk of doen spelletjes. Alle kinderen hebben hun eigen plekje in het gebouw.
20
Welzijn kind en jongere Blok 1 Ontwikkeling van kinderen
Opdracht 1 Wat weet je al?
Sandra wil jou zo meenemen voor een rondje langs de verschillende groepen van Kids ’n Mix. Maar ze moet eerst nog even wat doen. Dat geeft jou de tijd om je voor te bereiden. Wat weet jij al over de ontwikkeling van kinderen in de verschillende levensfasen?
Opdracht 1.1 Je gaat een woordweb maken. Doe het als volgt. ■ Werk samen met twee klasgenoten. ■ Pak een groot vel papier. ■ Schrijf in het midden de woorden ‘ontwikkeling van kinderen’, en teken er een cirkel omheen. ■ Bedenk wat jullie al weten over de ontwikkeling van kinderen. Schrijf dat in steekwoorden rondom de cirkel. ■ Denk aan alle dingen die kinderen leren. Bijvoorbeeld: ■ praten; ■ bewegen; ■ samen spelen. Opdracht 1.2 Vergelijk jullie woordweb met dat van een andere groep. Hadden zij nog andere ideeën? Voeg ze toe aan jullie woordweb. Opdracht 1.3 Wat willen jullie graag nog meer leren over de ontwikkeling van kinderen? Bedenk drie vragen.
Opdracht 2 De ontwikkeling van kinderen
Je wacht tot Sandra klaar is om samen met jou langs de verschillende groepen van Kids ’n Mix te lopen. Ze is nog even bezig met Teun van tweeënhalf. Hij heeft wat extra begeleiding nodig, omdat hij een erg slecht gehoor heeft. Daardoor kan hij nog niet goed praten. Als de kinderen
21
Welzijn kind en jongere Blok 1 Ontwikkeling van kinderen
’s morgens iets kiezen om te gaan doen, blijft hij vaak alleen over. Sandra probeert dat te voorkomen door hem actief te koppelen aan een ander kind.
Lees de theorie Ontwikkeling van kinderen. Opdracht 2.1 Door zijn slechte gehoor heeft Teun een achterstand opgelopen in zijn ontwikkeling. Bij welk gebied van zijn ontwikkeling hoort dit? a Lichamelijke ontwikkeling. b Geestelijke ontwikkeling. c Sociaal-emotionele ontwikkeling. Opdracht 2.2 Sandra probeert te voorkomen dat deze achterstand een slechte invloed heeft op de ontwikkeling op een ander gebied. Op welke ontwikkeling? a Lichamelijke ontwikkeling. b Geestelijke ontwikkeling. c Sociaal-emotionele ontwikkeling. Opdracht 2.3 Welke levensfasen doorloopt een kind? Schrijf de juiste fase achter de leeftijd. Kies uit: kleuter / schoolkind / baby / peuter. Leeftijd
Fase
0 - 1,5 jaar 1,5 - 4 jaar 4 - 6 jaar 6 - 12 jaar
Opdracht 2.4 De lichamelijke, geestelijke en sociaal-emotionele ontwikkeling hebben invloed op elkaar. Hoe heeft de ene ontwikkeling een positieve invloed op de ontwikkeling op een ander gebied? Geef een voorbeeld.
Opdracht 2.5 De lichamelijke, geestelijke en sociaal-emotionele ontwikkeling hebben invloed op elkaar. Achterblijven op het ene gebied is slecht voor de ontwikkeling op een van de andere gebieden. Geef een voorbeeld.
22
Welzijn kind en jongere Blok 1 Ontwikkeling van kinderen
Baby’s
Sandra neemt jou eerst mee naar groep Rood, de kinderen van nul tot ongeveer anderhalf jaar. Wat lief, die baby’s van groep Rood! De meesten zijn nog niet eenkennig, ze lachen en maken vrolijke geluidjes naar jou. Het liefst wil je ze allemaal knuffelen.
Opdracht 3 De ontwikkeling van baby’s
In groep Rood van Kids ’n Mix zitten tien baby’s. De jongste baby heet Remy, hij is vier maanden. Bart is de oudste baby. Hij is veertien maanden. Zie jij het verschil in ontwikkeling?
Lees de theorie Ontwikkeling van baby’s. Opdracht 3.1 Als de baby 1 jaar is, is hij _____ zo zwaar als toen hij geboren werd. Wat moet er staan op het invullijntje? a b c d
Twee keer. Drie keer. Vier keer. Vijf keer.
Opdracht 3.2 Wanneer kan een baby zitten? a b c d
Na Na Na Na
ongeveer ongeveer ongeveer ongeveer
2 4 6 8
maanden. maanden. maanden. maanden.
23
Welzijn kind en jongere Blok 1 Ontwikkeling van kinderen
Opdracht 3.3 Welke beweging hoort bij de grove motoriek en welke bij de fijne motoriek? Zet de bewegingen op de juiste plaats in de tabel. Met de hele hand iets vastpakken / Kruipen / Eerste stapjes zetten / Met duim en wijsvinger iets vastpakken / Omrollen van zij op rug en andersom / Hoofdje optillen / Een toren van twee blokken bouwen / Blokken in de juiste gaatjes van een blokkendoos doen. Grove motoriek
Fijne motoriek
Opdracht 3.4 Wat betekent oog-handcoördinatie? a b c d
Met de ogen naar een hand kijken. Een hand voor de ogen doen. Met je hand naar iets wijzen, zodat de ogen van de baby zich daarop richten. De samenwerking tussen ogen en handen.
Opdracht 3.5 In welke volgorde leert een baby praten? Zet in de juiste volgorde. zinnen van één woord / huilen / imiteren / volledige korte zinnen / brabbelen 1 2 3 4 5 Opdracht 3.6 Wanneer zeg je van een baby dat hij eenkennig is? a b c d
Als Als Als Als
een een een een
baby baby baby baby
nog maar één persoon herkent. alleen lacht naar mensen die hij herkent. naar iedereen lacht die hij kent. een verstandelijke beperking heeft.
Opdracht 4 Fotoverslag grove motoriek baby Opdracht 4.1 Werk samen met een klasgenoot. Jullie gaan de grove motoriek van een baby uitbeelden.
24
Welzijn kind en jongere Blok 1 Ontwikkeling van kinderen
Jullie hebben nodig: ■ fotocamera, bijvoorbeeld de camera op je telefoon; ■ plek om de foto’s te maken. Doe het als volgt. De ontwikkeling van de grove motoriek van een baby bestaat uit verschillende fasen: kruipen / zitten / lopen / omrollen / staan. Jullie gaan van elke fase een foto van maken. ■ De ene klasgenoot beeldt de beweging uit, de andere maakt er een foto van. ■ Wissel halverwege van rol, zodat jullie allebei een paar keer op de foto staan. ■ Zet de foto’s op de computer en plak ze in een Word-document. ■ Wat is de juiste volgorde van de ontwikkelingsfasen? Schuif met de foto’s tot ze in de juiste volgorde staan. ■ Bedenk een titel voor het document. Bewaar het document in je porfolio.
Peuters Nu lopen Sandra en jij naar groep Blauw, de peuters. Ze zijn anderhalf tot vier jaar oud. In groep Blauw zitten vijftien peuters. Daarmee is deze groep van Kids ’n Mix vol, want dit is het maximale aantal.
Opdracht 5 De ontwikkeling van peuters
Jeroen van twee jaar rent naar Sandra toe. ‘Plasje doen!’ Snel zet Sandra hem op het potje.
Lees de theorie Ontwikkeling van peuters. Opdracht 5.1 Vanaf welke leeftijd kun je een peuter leren overdag zindelijk te worden? a b c d
Als Als Als Als
de de de de
peuter peuter peuter peuter
1 2 2 3
½ jaar is. jaar is. ½ jaar is. jaar is.
25
Welzijn kind en jongere Blok 1 Ontwikkeling van kinderen
Opdracht 5.2 Hoe leert een kind zijn behoefte te doen op het potje? Zet in de juiste volgorde: Geef het kind een compliment! / Probeer het twee uur later nog een keer vijf minuten / Herhaal dit regelmatig tot…. / Zet het kind vijf minuten op het potje / Het kind doet zijn behoefte in het potje / Het kind snapt niet wat de bedoeling is / Het kind snapt wat de bedoeling is 1 2 3 4 5 6 7 Opdracht 5.3 ‘Zelf doen!’ roept een peuter vaak. Wat betekent dit voor de ontwikkeling van het kind? a b c d
De De De De
peuter peuter peuter peuter
begint zelfstandig te worden. vindt dat hij zelf alles beter kan. is afhankelijk van anderen. vindt dat de ander het moet doen.
Opdracht 5.4 De peuter ontdekt dat hij een eigen wil heeft. Hij zegt vaak ‘nee’. Hoe noem je deze fase? a b c d
Ontkenningsfase. Tegenstrijdigheidsfase. Koppigheidsfase. Onwilligheidsfase.
Opdracht 5.5 Peuters zijn vaak bang voor monsters onder het bed. Waardoor komt dit? a b c d
Ze Ze Ze Ze
kunnen nog niet goed zien in het donker. zijn bang geworden door enge verhalen of tekenfilms. willen graag langer opblijven en verzinnen daarom een list. kunnen nog geen onderscheid maken tussen fantasie en werkelijkheid.
Opdracht 5.6 Peuters zijn egocentrisch ingesteld. Hoe merk je dat? Er zijn meer antwoorden goed. a b c d
26
De De De De
peuter peuter peuter peuter
houdt rekening met anderen. denkt dat de wereld om hem of haar draait. vindt het moeilijk om samen te spelen. is jaloers op anderen.
Welzijn kind en jongere Blok 1 Ontwikkeling van kinderen
Opdracht 6 Een prentenboek voorlezen
Het is al 9 uur. Te laat om naar de groepen van de bso te gaan, want die kinderen zijn nu naar school. De rest van de ochtend blijf je bij de peuters. Met Lucia van drie lees je een prentenboek.
Opdracht 6.1 Welk boek lees je met Lucia? Ga naar de bibliotheek en zoek een prentenboek dat geschikt is voor peuters. Of misschien hebben jullie thuis wel zo’n prentenboek. Wat is de titel van het boek dat je hebt gevonden?
Wie is de schrijver?
Wie is de tekenaar?
Opdracht 6.2 Je gaat het prentenboek beoordelen. Doe het als volgt. ■ Lees het boek. ■ Maak een kort verslag van het boek. Zorg dat de volgende punten in je verslag staan. ■ Noem de titel van het boek, naam van de schrijver en de tekenaar/illustrator. ■ Vermeld het aantal bladzijden. ■ Beschrijf het uiterlijk van het boek. Bijvoorbeeld: groot of klein, harde of zachte kaft, mooie of lelijke voorkant, andere bijzonderheden. ■ Beschrijf kort waar het boek over gaat. Wie is de hoofdpersoon? Wat maakt de hoofdpersoon mee? ■ Beschrijf hoe de tekeningen eruitzien. ■ Schrijf kort op waarom je denkt dat een peuter dit een leuk prentenboek vindt. ■ Onderaan schijf je je eigen naam (Gelezen door: _______) en de datum waarop je het prentenboek gelezen hebt. ■ Controleer je verslag op taalfouten. Bewaar het verslag in je portfolio.
27
Welzijn kind en jongere Blok 1 Ontwikkeling van kinderen
Opdracht 6.3 Je gaat het prentenboek voorlezen. Gebruik de hulpkaart Hoe lees je voor? Doe het als volgt. ■ Werk samen met een klasgenoot. ■ Je hebt nodig: ■ Het prentenboek waarvan je een verslag hebt gemaakt. ■ De ene klasgenoot speelt de lezer, de andere klasgenoot speelt de peuter die wordt voorgelezen. ■ Probeer het verhaal zo leuk mogelijk te vertellen. Praat bijvoorbeeld in verschillende stemmetjes. Bekijk ook samen de plaatjes. ■ Uitgelezen? Wissel dan van rol. Opdracht 6.4 Hoe vond je het voorlezen zelf gaan? Bedenk een tip en een top voor jezelf. Tip: Top: Bedenk ook een tip en top voor je klasgenoot. Welke tip en top heeft hij of zij voor jou? Schrijf ze hieronder op. Tip: Top:
Kleuters
Kids ’n Mix heeft ook drie groepen voor kleuters en schoolkinderen. Zij komen voor de buitenschoolse opvang, de bso. In groep Groen zitten de kleuters, van 4 tot 6 jaar.
Opdracht 7 De ontwikkeling van kleuters
Inmiddels is het drie uur. De schooldag zit erop. De kinderen komen uit school naar de bso van Kids ’n Mix. Sandra neemt je eerst mee naar groep Groen, de kleuters van 4 tot 6 jaar.
Lees de theorie Ontwikkeling van kleuters.
28
Welzijn kind en jongere Blok 1 Ontwikkeling van kinderen
Opdracht 7.1 Zijn deze beweringen juist of onjuist? Juist
Onjuist
Een kleuter is ongeveer 32 kilo als hij 6 jaar wordt. In de kleuterfase groeit de romp het snelst. In de kleuterfase lijkt het hoofd in verhouding tot het lichaam kleiner dan in de peuterfase. Als botten erg snel groeien, kan het kind groeipijn krijgen. Kleuters voelen groeipijn vooral overdag bij het spelen. Kleuters kunnen nog niet hinkelen.
Opdracht 7.2 Hoe komt het dat kleuters veel fantaseren? a b c d
Hun ouders lezen te veel sprookjes voor. Ze leven liever in een droomwereld dan in de werkelijkheid. Ze zuigen vaak nog op hun duim. Wat ze nog niet begrijpen, vullen ze aan met hun fantasie.
Opdracht 7.3 Yvonne van 5 jaar komt naar jou toegerend. Haar cavia praat, hij zei dat hij uit zijn hok wil! Hoe kan dat? a b c d
Kleuters Kleuters Kleuters Kleuters
kunnen nog geen onderscheid maken tussen fantasie en werkelijkheid. begrijpen dieren beter dan volwassenen. houden grote kinderen graag voor de gek. willen aandacht en verzinnen daarom de vreemdste dingen.
Opdracht 7.4 Joris van 4 durft niet te spelen op de speelplaats van Kids ’n Mix. Hij denkt dat er een draak in de bosjes zit. Wat doe je? a b c d
Je vertelt Joris dat draken niet bestaan. Je zegt dat er helemaal geen draak in de bosjes zit. Jullie gaan de tuin in om samen de draak te verjagen. Je zegt dat je draken eng vindt en daarom ook lekker binnen blijft.
29
Welzijn kind en jongere Blok 1 Ontwikkeling van kinderen
Opdracht 8 Een kleurplaat maken
Mireille van 5 zit het liefst in de knutselhoek te kleuren. Vol trots laat ze jou de kleurplaat zien die ze voor haar moeders verjaardag gemaakt heeft. Samen schrijven jullie erop: Voor mama. Mireille vertelt dat oma ook bijna jarig is. Voor haar wil ze ook graag een kleurplaat maken. Maar ze heeft er geen meer. Jij belooft Mireille dat je de volgende dag een kleurplaat mee zult nemen.
Opdracht 8.1 Je gaat zelf een kleurplaat maken voor Mireille. Je hebt nodig: ■ een wit vel papier (A4); ■ een potlood; ■ een zwarte stift. Doe het als volgt. ■ Bedenk wat er op de kleurplaat moet komen. Denk hierbij aan de ontwikkelingsfase van een kleuter. Wat vinden kleuters leuk? ■ Teken wat je bedacht hebt op je vel papier, of zoek een voorbeeld en teken dat na. ■ Teken eerst met potlood. Als je tevreden bent, trek je de lijnen over met zwarte stift. ■ Zorg dat de tekening genoeg ruimte geeft om in te kleuren. Bedenk dat de motoriek van een kleuter nog niet heel erg fijn is. ■ Je kunt ook een foto of tekening overtrekken. Dat gaat als volgt. ■ Plak je foto of tekening op het raam. Overleg wel met je docent waarmee je je voorbeeld vastplakt! ■ Houd je vel papier tegen het voorbeeld op het raam. Trek met potlood de lijnen na die je wilt hebben. ■ Als je klaar bent met de kleurplaat, zet je je naam klein in de linkerhoek. Bewaar de kleurplaat in je portfolio. Opdracht 8.2 Wie heeft de leukste kleurplaat van de klas gemaakt? Overleg met je docent of je deze opdracht met een groepje doet of met de hele klas. In een groepje laat je elkaar je kleurplaten zien. Als je dit met de hele klas doet, kunnen jullie de kleurplaten misschien ophangen aan de muur van het klaslokaal.
30
Welzijn kind en jongere Blok 1 Ontwikkeling van kinderen
Bekijk de kleurplaten. Zoek er een uit die jij het leukst of opvallendst vindt. Schrijf op wat je zo goed vindt aan de kleurplaat.
Is deze kleurplaat geschikt voor een kleuter? Vertel ook waarom wel of niet.
Wat vind je van je eigen kleurplaat, nu je de andere kleurplaten ziet? Wat had beter gekund?
Wat is er juist goed aan jouw kleurplaat?
Schoolkinderen Het is mooi weer. De twee oudste groepen van Kids ’n Mix zijn na schooltijd lekker buiten gaan spelen op de speelplaats van de bso. Je loopt er samen met Sandra naartoe. In groep Paars zitten de kinderen van 6 tot 9 jaar, en in groep Geel de kinderen van 9 tot 12 jaar.
Opdracht 9 De ontwikkeling van schoolkinderen
Een stel kinderen van groep Geel speelt met een bal. Anderen zijn aan het skaten. Een paar meisjes uit groep Paars zijn aan het touwtje springen.
Lees de theorie Ontwikkeling van schoolkinderen.
31
Welzijn kind en jongere Blok 1 Ontwikkeling van kinderen
Opdracht 9.1 Een schoolkind heeft veel behoefte aan beweging en aan buiten zijn. Wat doen kinderen buiten? Schrijf drie activiteiten op.
Opdracht 9.2 Wat is een groeispurt? a b c d
Een Een Een Een
energiedrankje. versnelde groei van het lichaam vlak voor de puberteit. hardloopwedstrijd voor schoolkinderen. hapering in de ontwikkeling van de groei.
Opdracht 9.3 Wat betekent leergierig? a b c d
Veel te weten willen komen. Zuinig zijn met leerboeken. Geen zin hebben om te leren. Geen kans krijgen om te leren.
Opdracht 9.4 Hieronder staan enkele zinnen. Horen ze wel of niet bij de geestelijke ontwikkeling van het schoolkind? Zet een kruis in de goede kolom. Hoort dit bij de geestelijke ontwikkeling van het schoolkind?
Wel
Niet
Wil liever verhalen horen over wat echt bestaat. Heeft nergens belangstelling voor. Wil veel te weten komen. Wordt steeds realistischer.
Opdracht 9.5 Wat verandert er in de omgang van het schoolkind met anderen? Er zijn meer antwoorden goed. a b c d e
32
Het kind is het liefst alleen. Leeftijdsgenootjes worden minder belangrijk. Het kind komt losser te staan van de ouders. Leeftijdsgenootjes worden belangrijker. Het kind wil graag bij een groep horen.
Welzijn kind en jongere Blok 1 Ontwikkeling van kinderen
Opdracht 9.6 Welke omgangsregels leert een schoolkind door lid van een groep te zijn? Er zijn meer antwoorden goed. a b c d e f
Eerlijk spelen. Geven en nemen. Op je beurt wachten. Samen spelen. Samenwerken. Tegen je verlies kunnen.
Opdracht 10 Een oplossing bedenken
Op de speelplaats zijn kinderen een spelletje met de bal aan het doen. Ze hebben veel lol en schreeuwen als een van hen de zelfbedachte regels overtreedt. Alleen Yorinde van 9 jaar staat er een beetje verloren bij. Ze heeft een spierziekte en kan niet goed lopen. Sandra vertelt dat het niet goed is voor de ontwikkeling van Yorinde dat ze niet mee doet. Ze krijgt zo minder kans haar motoriek te ontwikkelen. Maar ook voor haar sociaal-emotionele ontwikkeling is het niet goed. Sandra heeft een idee. Ze loopt naar de kinderen en zegt: … Wat zou Sandra bedacht kunnen hebben?
Opdracht 10.1 Werk samen met drie klasgenoten. Bedenk een oplossing om Yorinde toch mee te laten doen met het groepje spelende kinderen. ■ Houd er rekening mee dat Yorinde niet goed kan lopen. ■ Wat is jullie oplossing? Schrijf er ook bij waarom dit volgens jullie een goede oplossing is.
33
Welzijn kind en jongere Blok 1 Ontwikkeling van kinderen
Opdracht 10.2 Wat hebben de andere groepjes in de klas bedacht? In overleg met je docent houden jullie hierover een discussie. Welke oplossing van de andere groepjes vind jij het best? Vertel ook waarom.
Opdracht 11 Taalspelletjes doen
Sam is binnen aan het spelen met zijn spelcomputer. Sam zit in groep Groen. Hij is net 4 jaar geworden en gaat sinds kort naar de basisschool. Daar viel het de groepsleerkracht op dat Sam een beetje achterloopt in zijn taalontwikkeling. Ze heeft dit gemeld aan de moeder van Sam, en die heeft het weer aan Sandra verteld. Sandra vraagt jou om wat extra taalspelletjes met Sam te doen.
Opdracht 11.1 Werk samen met een klasgenoot. Jullie gaan onderzoeken welke taalspelletjes geschikt zijn voor Sam. Doe het als volgt. Zoek op internet met de zoektermen ‘taalspel kleuters’. Maak een top 3 van de leukste taalspellen die jullie tegenkomen. 1 2 3 Speel het taalspel dat op nummer 1 staat. Leg daarna uit hoe dat taalspel werkt.
34
Welzijn kind en jongere Blok 1 Ontwikkeling van kinderen
Waarom vinden jullie dit spel zo leuk?
Hoe draagt dit spelletje bij aan de taalontwikkeling van Sam?
Opdracht 12 Verzamelen
Om half 6 komt Ronny’s moeder hem ophalen bij Kids ’n Mix. Ze is op de fiets. Ze komt net bij de supermarkt vandaan. Haar fietstas zit vol boodschappen. Opgewonden rent Ronny naar haar toe. ‘Heb je voetbalplaatjes?’
Opdracht 12.1 Veel schoolkinderen vinden het leuk om dingen te verzamelen. Welke dingen heb jij verzameld toen je nog op de basisschool zat?
Heb je die verzameling nog? ■ Ja? Vertel waar de verzameling is en of je er nog iets mee doet.
■
Nee? Wat heb je met de verzameling gedaan?
35
Welzijn kind en jongere Blok 1 Ontwikkeling van kinderen
Opdracht 12.2 Maak een collage van jouw verzameling. Doe het als volgt. ■ Gebruik je eigen verzameling uit je basisschooltijd. Als je zelf geen verzameling hebt, vraag je aan een schoolkind in je omgeving of je zijn verzameling voor je collage mag gebruiken. Of zoek op internet naar een voorbeeld van een verzameling. ■ Maak foto’s van de verzameling. Zorg dat je in elk geval de bijzondere spullen uit de verzameling laat zien. ■ Laat ook zien wat je nu nog wel of niet doet met je verzameling. ■ Plak de foto’s op een aantrekkelijke manier op een vel papier en schrijf er commentaar bij. Bewaar de collage in je portfolio. Opdracht 12.3 Werk samen met drie klasgenoten. Je gaat de collages bespreken. Doe het als volgt. ■ Laat aan elkaar je collage van de verzameling zien. ■ Bespreek om de beurt een collage en geef er commentaar op. Is duidelijk: ■ wat er verzameld is? ■ wat de bijzonderheden zijn? ■ wat de eigenaar van de verzameling ermee doet (of niet doet)? Welk commentaar kreeg jouw collage van jouw klasgenoten?
Opdracht 12.4 Commerciële bedrijven zoals supermarkten of tankstations maken er graag gebruik van dat kinderen zo graag verzamelen. Ze hopen dat ouders daarom extra aankopen gaan doen. Beschrijf een populaire spaaractie die nu loopt, of die net afgelopen is. Zoek eventueel op internet. Gebruik de zoektermen: ‘spaaractie supermarkt’ of ‘spaaractie kinderen’. Doe het als volgt. ■ Maak een kort verslag van ongeveer een half A4’tje. ■ Zorg dat je verslag in elk geval deze informatie bevat: ■ Welk bedrijf organiseert of organiseerde de spaaractie? ■ Wat kun je verzamelen? Voeg foto’s toe van wat je kunt verzamelen. ■ Wat zijn de actievoorwaarden? ■ Wat vind je zelf van deze actie? Bewaar het verslag in je portfolio.
36
Welzijn kind en jongere Blok 1 Ontwikkeling van kinderen
Eindopdracht Opdracht 13 Poster maken
Sandra is onder de indruk van alles wat je al weet over de ontwikkeling van kinderen. Ze vraagt of je er een poster over wilt maken. Die hangt ze dan op in de koffiehoek. Handig voor nieuwe stagiaires, maar ook voor ouders die hun kind komen brengen en ophalen.
Opdracht 13.1 Maak een grote poster over de ontwikkeling van het kind. Doe het als volgt. ■ Werk samen met drie klasgenoten. ■ Ieder maakt een poster op A3-formaat. Aan het einde plakken jullie de posters aan elkaar. ■ Maak een taakverdeling. ■ Wie maakt de poster over de ontwikkeling van de baby? ■ Wie maakt de poster over de ontwikkeling van de peuter? ■ Wie maakt de poster over de ontwikkeling van de kleuter? ■ Wie maakt de poster over de ontwikkeling van het schoolkind? ■ Zet de volgende punten op de poster: ■ ontwikkelingsfase (leeftijd; hoe noem je een kind in die fase); ■ ontwikkeling op drie gebieden: lichamelijk, geestelijk en sociaal-emotioneel; ■ kernwoorden die bij de ontwikkelingsfase horen. ■ Voor de informatie kun je de theorie van dit blok gebruiken. ■ Zoek op internet of in tijdschriften plaatjes die passen bij de ontwikkelingsfase op jouw poster. De plaatjes moeten iets laten zien over de lichamelijke, de geestelijke en de sociaal-emotionele ontwikkeling van het kind. ■ Je mag ook tekeningen maken of woorden opschrijven die je bij de ontwikkeling vindt passen. ■ De vier posters moeten duidelijk bij elkaar horen. Maak daarom eerst samen een schets van de poster. Bedenk een heldere indeling. Waar komt de tekst en waar komen foto’s of tekeningen? Maak de poster dan definitief. ■ Zet je naam op de poster die je zelf hebt gemaakt. ■ Plak de posters in de goede volgorde aan elkaar. Overleg met je docent waar jullie deze grote poster ophangen. ■ Maak een foto van deze grote poster. Bewaar de foto in je portfolio.
37
Welzijn kind en jongere Blok 1 Ontwikkeling van kinderen
Opdracht 13.2 Jullie gaan de poster aan een andere groep in de klas presenteren. Bereid de presentatie voor. Doe het als volgt. ■ Overleg wie welk onderdeel van de poster gaat uitleggen. ■ Spreek af in welke volgorde jullie de onderdelen vertellen. ■ Spreek ook af wie de presentatie inleidt en afsluit. Oefen de presentatie een keer met elkaar. Moeten er nog verbeteringen komen? Zo ja, welke?
Opdracht 13.3 Presenteer jullie poster aan het andere groepje. Hoe vond je dat de presentatie ging?
Wat kan er de volgende keer nog beter?
Opdracht 13.4 Wat vind je zelf van jullie poster? Vertel wat je goed en minder goed vindt en waarom.
Wat vind je van je eigen deel van de poster? Vertel wat je goed en minder goed vindt en waarom.
38
Welzijn kind en jongere Blok 1 Ontwikkeling van kinderen
Oriëntatie op het beroep (LOB) In dit blok heb je geleerd welke ontwikkelingsfasen je kunt onderscheiden bij kinderen op lichamelijk, geestelijk en sociaal-emotioneel gebied. In deze opdrachten ga je erover nadenken welke kinderen jij kent en hoe je met hen omgaat. Ook ga je nadenken over beroepen die passen bij de verschillende ontwikkelingsfasen. Opdracht 14 Welke kinderen ken jij? Welke baby’s, peuters, kleuters en schoolkinderen ken jij allemaal? En hoe goed ken jij ze? Opdracht 14.1 Vul het schema in voor tien kinderen die jij kent. Naam kind
Leeftijd kind
Hoe ken je hem/
Hoe vaak zie je
Heb je een goede band
haar?
hem/haar?
met hem/haar?
Opdracht 14.2 Vond jij het lastig om tien kinderen uit jouw omgeving uit te kiezen? Ga jij veel met kinderen om? Leg je antwoord uit.
Hoe oud zijn de meeste kinderen uit jouw omgeving? In welke ontwikkelingsfase zitten zij?
Praat jij weleens over de opvoeding met de ouders van de kinderen? Zo ja, waarover praat jij dan?
39
Welzijn kind en jongere Blok 1 Ontwikkeling van kinderen
Bij welk kind uit het schema zou jij de opvoeding heel anders doen dan de ouder(s)? Leg je antwoord uit.
Bij welke ouder(s) vind jij dat ze de opvoeding juist heel goed doen? Leg uit waarom.
Pas jij weleens op kinderen? Hoe vind jij dat?
Kijk naar wat jij hebt ingevuld in het schema. Met welk kind of welke kinderen ga jij het liefst om? Waarom? Komt dat bijvoorbeeld door de leeftijd van het kind, het karakter van het kind, jouw band met het kind of de opvoeding van de ouders?
Opdracht 15 Verschillende fasen en beroepen Opdracht 15.1 Elke ontwikkelingsfase heeft leuke en lastigere kanten. Geef bij elke fase aan wat jou leuk en wat jou lastig lijkt in de omgang met kinderen. ■ Baby Dit vind ik / lijkt mij leuk in de omgang met baby’s:
Dit vind ik / lijkt mij lastig in de omgang met baby’s:
■
Peuter Dit vind ik / lijkt mij leuk in de omgang met peuters:
Dit vind ik / lijkt mij minder leuk of lastig in de omgang met peuters:
40
Welzijn kind en jongere Blok 1 Ontwikkeling van kinderen
■
Kleuter Dit vind ik / lijkt mij leuk in de omgang met kleuters:
Dit vind ik / lijkt mij minder leuk of lastig in de omgang met kleuters:
■
Schoolkind Dit vind ik / lijkt mij leuk in de omgang met schoolkinderen:
Dit vind ik / lijkt mij minder leuk of lastig in de omgang met schoolkinderen:
Opdracht 15.2 Bedenk nu bij elke ontwikkelingsfase drie beroepen. Wie werken er met kinderen in deze ontwikkelingsfase? ■ Baby Beroep 1:
Beroep 2:
Beroep 3:
■
Peuter Beroep 1:
Beroep 2:
Beroep 3:
41
Welzijn kind en jongere Blok 1 Ontwikkeling van kinderen
■
Kleuter Beroep 1:
Beroep 2:
Beroep 3:
■
Schoolkind Beroep 1:
Beroep 2:
Beroep 3:
Opdracht 15.3 Welke van deze beroepen lijken jou leuk? Waarom?
Opdracht 15.4 Welke van deze beroepen lijken jou niet leuk? Waarom?
Opdracht 15.5 Als jij met kinderen zou gaan werken later, welke ontwikkelingsfase lijkt jou dan het leukst? Waarom?
42
Welzijn kind en jongere Blok 1 Ontwikkeling van kinderen
Opdracht 15.6 Kies een van de beroepen die jou leuk lijken in het werken met kinderen. Beroep:
Zoek uit welke opleiding je voor dit beroep nodig hebt. Opleiding:
Kun jij deze opleiding meteen na je vmbo gaan doen? Of moet je dan eerst nog een andere opleiding doen?
Kun je deze opleiding bij jou in de buurt doen? Zijn er open dagen, zodat jij een keer kunt gaan kijken of de opleiding en school jou leuk lijken? Zo ja, wanneer? Dichtstbijzijnde plaats opleiding:
Datum open dag(en):
Opdracht 15.7 Zoek op internet naar vacatures voor dit beroep. Je kunt hiervoor naar een vacaturesite gaan of ‘vacature’ en ‘naam beroep’ invullen bij een zoekmachine. Vind jij veel of weinig vacatures voor dit beroep?
Lees een vacature door. Wat lijkt jou leuk aan deze baan?
Wat lijkt jou minder leuk aan deze baan?
Denk je dat jij later zou solliciteren voor deze baan? Leg je antwoord uit.
43
WELZIJN KIND EN JONGERE WELZIJN KIND EN JONGERE Keuzedeel Z&W Keuzedeel Z&W 3/4 vmbo BB/KB/GL Naam Klas
Mixed Omslag Welzijn kind en jongere vmbo BB-KB-GL.indd All Pages
02/03/2022 12:19