naam:
BLOK 1
plus
werkschrift
GROEP 3 pluswerkschrift
BLOK 1
© ThiemeMeulenhoff, Amersfoort
BLOK 1  LES 1 1
2
nu jij! hoeveel?
tel en kruis aan.
4
3
lesdoel ik kan hoeveelheden tellen tot en met 20.
5
6
11
12
13
12
13
14
a teken vlaggen. 6
10
b teken 2 meer en vul in.
2
4
5
6
kruis aan wat meer is.
teken 2 minder en vul in.
tel en vul in.
3
BLOK 1  LES 2 1 2
3
4
deze opgave maak je digitaal.
kleur de kortste.
kleur de langste.
a teken korter.
b teken zelf van kort naar lang.
4
lesdoel ik kan hoeveelheden tellen tot en met 20.
5
6
teken 2 minder en 2 meer. 2 minder
tel en maak vast.
12
7
2 meer
13
14
kleur in wat meer is.
5
15
16
17
BLOK 1 LES 3 1
2
3
lesdoel ik kan tellen met sprongen van 2 op de getallenlijn tot en met 20.
nu jij! vul in.
2
4
20
1
3
19
vul het getal in.
1
2
3
5
7
5
6
7
9
11
vul het getal in.
8
9
10
12
14
16
2
4
6
7
9
11
5
7
9
6
8
10
15
17
19
3
6
5
7
4
vul in.
1
2
3
1
5
4
3
5
6
7
8
10 11 12
6
7
8
10
14
20
16 17 18
19
17
12 13 14 15
sprongen van 2. begin bij 1 en begin bij 2. 8
7
5
6
L 9 10 orem 11 12 ipsum dolo 13 r sit 14 a
3 1
15
4 2
16 20
19 17
6
18
vul in.
5
19
7
BLOK 1 LES 4 1 2
3
4
deze opgave maak je digitaal.
kruis aan wat niet klopt.
vul in. 7
8
9
8
9
10
11
12
10
11
12
14
5
9
8
9
11
12
10
10
15
maak af.
13
14
10
18
15
12
16
19
8
11
12
8
16
16
10
lesdoel ik kan tellen met sprongen van 2 op de getallenlijn tot en met 20.
5
vul in.
1
3
12
6
14
16
8
17
20
18
sprongen van 2. vul in. 2
4
6
8
6
9
13
16
7
7
9
7
5
9
17
16
11
3
5
18
20
13
sprongen van 2. vul in.
10
18
9
17
kruis aan. heel goed tellen met sprongen van 2 kan ik
9
goed
een beetje
bijna
BLOK 1 LES 5 1
2
reken handig.
maak vast.
8
3
3
1
7
4
2
5
10
9
6
spring terug.
10
4
5
10
11
extra oefenen 1
2
3
teken minder en meer. 2 minder
3 meer
3 minder
2 meer
tel en vul in.
kleur oneven.
11
2
5 19 14 1
7
2 13
6
11
4
9
10 16 11 8
6
11 18 4 17
1
1
20 8 15 18 2
14 6
3 20 14
3 20 12 9 10 6
8
4
17 10
7
18 2
9
7
1
3 12
10 20 2
6 13 16 12 19 16 8 12 4
1
20 2
3 10 18 17 16 12 15
9
8 15 19 14 7 11
9
11 18 13
16 5 10 12 14 13 5
8
5
4
4 10
BLOK 1 LES 6 1
lesdoel ik kan getallen tot en met 20 plaatsen op de getallenlijn.
nu jij! a maak vast. 1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
b vul in.
7
6
2
hoeveel? kleur de stippen.
6
3
15
12
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
schrijf de getallen.
20
10
15
6
17
9
18
9
10
19 12
14
12
20
21
4
5
vul in.
7
9
7
10
2
16
15
14
6
vul in.
1
6
5
2
3
4
6
12
16 17
19
kleur wat het dichtste bij is.
9
10
12
2
5
7
9
11
15
10
14
17
5
9
12
12
17
20
vul in.
13
BLOK 1 LES 7 1 2
3
deze opgave maak je digitaal.
wat is het zwaarst? kruis aan.
van licht naar zwaar. vul in.
1 licht
1 licht
2
3
1
2
3
2
1
zwaar
3
licht
1
zwaar 14
2
licht
3 zwaar
2
3 zwaar
lesdoel ik kan getallen tot en met 20 plaatsen op de getallenlijn.
4
5
vul in.
vul in.
9
8
13
16
19
5
15
11 5
13
12
16
6
13 5
7
vul in. 2
7
7 9
12
6
14
3
7
8
9
bedenk zelf.
11
15
12
14
17 18
BLOK 1  LES 8 1
2
3
lesdoel ik herken driehoek, vierkant, rechthoek en cirkel.
welke vormen?
kleur.
wel of niet? kruis aan. wel
16
niet
4
5
kleur.
teken met vormen.
17
BLOK 1 LES 9 1 2
3
deze opgave maak je digitaal.
vul in.
teken.
1
4
2
4
maak vast en teken zelf.
18
6
3
5
lesdoel ik herken driehoek, vierkant, rechthoek en cirkel.
5
teken je kamer met vormen.
19
BLOK 1 LES 10 1
reken handig. maak vast.
12
9 13
5
7 1
4 18 16
2 15 11
2
3
8 17
6
maak figuren.
20
19
14
extra oefenen 1
2
3
vul in. 10
9
15 7
8
7
6
20
19
14
13 3
12 5
6
18
17
7
kleur wat het dichtste bij is.
9
10
12
3
5
9
9
12
16
10
13
17
5
12
20
14
17
19
vouw, knip en plak.
21
BLOK 1  LES 11 1
2
lesdoel ik herken hoeveelheden van 5 in verschillende patronen tot en met 10.
nu jij! kleur de stippen en vul in.
maak vast. kleur de stippen.
10
3
4
5
schrijf hoeveel het is.
22
8
4
5
maak het waar. 6
8
9
7
10
5
kleur de stippen en vul in.
3
6
maak vast. 8
6
9
7 23
BLOK 1 LES 12 1 2
deze opgave maak je digitaal.
vul in.
7
3
9
19
vul in.
18
8
4
kleur het geld.
1 euro
3 euro
7 euro
8 euro
6 euro
24
20
lesdoel ik herken hoeveelheden van 5 in verschillende patronen tot en met 10.
5
vul in.
10
6
7
kleur de stippen.
teken de vingers.
5
4
2
8
6
10 25
BLOK 1 LES 13 1
lesdoel ik leer munten van 1 en 2 euro gebruiken in bedragen tot en met 20 euro.
nu jij! maak vast.
15
2
16
11
maak vast.
9 euro 14 euro
3
13
12 euro
kleur het bedrag. 13 euro
7 euro
15 euro
26