Skip to main content

9789006237917_werkboek_3_vmbo_b_se_inkijkexemplaar

Page 1

SE

Vmbo-b Werkboek De Geo Werkboek 3 Vmbo-b

SE

Aardrijkskunde voor de bovenbouw vmbo

Arm en rijk Bronnen van energie Grenzen en identiteit

SE

CE Weer en klimaat Bevolking en ruimte Water

www.thiememeulenhoff.nl/degeo 9 789006 237917

237917_OMSL.indd 1

5/06/19 10:49


Aardrijkskunde voor de bovenbouw vmbo

Werkboek

vmbo-b

Auteurs Freek Jutte, Katie Oost, Theo Peenstra en Michael van Veen Eindredactie Daphne Ariaens en Theo Peenstra

237917_BOEK.indb 1

5/06/19 10:37


2

Methodeoverzicht

Methodeoverzicht

SE Leerstof voor het schoolexamen 978 90 06 23789 4 De Geo online + boek 3 vmbo-b SE 978 90 06 23792 4 De Geo online 3 vmbo-b SE 978 90 06 23797 9 De Geo online + boek 3 vmbo-kgt SE 978 90 06 23800 6 De Geo online 3 vmbo-kgt SE

CE Leerstof voor het centraal examen 978 90 06 23793 1 De Geo online + boek 4 vmbo-b CE 978 90 06 23796 2 De Geo online 4 vmbo-b CE 978 90 06 23801 3 De Geo online + boek 4 vmbo-kgt CE 978 90 06 23804 4 De Geo online 4 vmbo-kgt CE

Colofon

Beste leerling, Dit boek van De Geo gebruik je samen met de digitale leeromgeving in de les. Dit boek is van jou persoonlijk, dus je mag er aantekeningen in maken. Na dit schooljaar is het boek van jou. Dat is makkelijk als je volgend jaar iets wilt opzoeken, of iets moet leren voor een toets of je eindexamen. Wij wensen je veel succes en plezier met het vak aardrijkskunde. Team De Geo

Colofon Vormgeving en opmaak HollandseWerken / Marc Freriks, Zwolle Cartografisch tekenwerk en grafieken EMK, www.emk.nl Fotoresearch FotoLineair, Arnhem Bureauredactie Op-schrift / Wilma de Hoog, Enschede la

Over ThiemeMeulenhoff ThiemeMeulenhoff ontwikkelt zich van educatieve uitgeverij tot een learning design company. We brengen content, leerontwerp en technologie samen. Met onze groeiende expertise, ervaring en leeroplossingen zijn we een partner voor scholen bij het vernieuwen en verbeteren van onderwijs. Zo kunnen we samen beter recht doen aan de verschillen tussen lerenden en scholen en ervoor zorgen dat leren steeds persoonlijker, effectiever en efficiënter wordt. Samen leren vernieuwen. www.thiememeulenhoff.nl ISBN 978 90 06 23791 7 Vierde druk, eerste oplage, 2019 © ThiemeMeulenhoff, Amersfoort, 2019 Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen, of enig andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. Voor zover het maken van kopieën uit deze uitgave is toegestaan op grond van artikel 16B Auteurswet 1912 j° het Besluit van 23 augustus 1985, Stbl. 471 en artikel 17 Auteurswet 1912, dient men de daarvoor wettelijk verschuldigde vergoedingen te voldoen aan Stichting Publicatie- en Reproductierechten Organisatie (PRO), Postbus 3060, 2130 KB Hoofddorp (www.stichting-pro.nl). Voor het overnemen van gedeelte(n) uit deze uitgave in bloemlezingen, readers en andere compilatiewerken (artikel 16 Auteurswet) dient men zich tot de uitgever te wenden. Voor meer informatie over het gebruik van muziek, film en het maken van kopieën in het onderwijs zie www.auteursrechtenonderwijs.nl. Deze uitgave is volledig CO2-neutraal geproduceerd. Het voor deze uitgave gebruikte papier is voorzien van het FSC®-keurmerk. Dit betekent dat de bosbouw op een verantwoorde wijze heeft plaatsgevonden.

237917_BOEK.indb 2

De uitgever heeft ernaar gestreefd de auteursrechten te regelen volgens de wettelijke bepalingen. Degenen die desondanks menen zekere rechten te kunnen doen gelden, kunnen zich alsnog tot de uitgever wenden.

5/06/19 10:37


3

Inhoud

Inhoud

SE

Thema en inhoud

Arm en rijk

Bronnen van energie

Grenzen en identiteit

1

3

5

Arm en rijk in Nederland

1.1 Arm en rijk in steden 1.2 Veranderingen in oude arbeiderswijken 1.3 Rijke steden, arm platteland Pas toe 1.4 Finish Examentraining

2 2.1 2.2 2.3 2.4

Arm en rijk in de Verenigde Staten Arm en rijk in Detroit Arme en rijke mensen in de Verenigde Staten Landbouw in de Verenigde Staten Bronnen Finish Examentraining

Ruimte voor aantekeningen Bronvermelding

237917_BOEK.indb 3

4 7 11 14 17 19

3.1 Energiebronnen 3.2 Uitputbaar: fossiele brandstoffen 3.3 Hernieuwbare energiebronnen Pas toe 3.4 Finish Examentraining

4 20 23 26 28 31 33

Energie in Nederland 34 37 40

5.2 5.3 5.4

44 47 49

5.5

6

Energie in Brazilië

4.1 De economie van Brazilië 4.2 Energiebronnen: de energiemix van Brazilië Bronnen 4.3 4.4 Energiearmoede in São Paulo Finish Examentraining

5.1

50 54 57 60

6.1 6.2 6.3 6.4

Grenzen en identiteit in Nederland Verband tussen grenzen en identiteit Grenzen in Nederland Bronnen Ondanks grenzen toch samenleven Pas toe Finish Examentraining

68 71 75 78 81 84 86

Grenzen en identiteit in Europa en in Rusland De Europese Unie 88 Het bestuur van Rusland 92 Bronnen 96 De Krim 99 Finish 102 Examentraining 104

64 67

106 112

5/06/19 10:37


4

Arm en rijk

1

Hoe zit het met arm en rijk in Nederland?

Arm en rijk in steden

Deelvraag 1

Arm en rijk in Nederland

Arm en rijk in Nederland

Hoofdvraag

1.1

1

Hoe zie je het verschil tussen rijke en arme wijken in Nederlandse steden?

Bekijk de openingsfoto van dit hoofdstuk en figuur 1.

a Waaraan zie je op de openingsfoto op blz. 8/9 in het leerboek dat hij genomen is in een rijke wijk?

2

Lees Arme en rijke wijken.

a Welke kenmerken horen bij huizen in arme wijken? De huizen zijn klein. Er zijn goede materialen gebruikt. De huizen staan in rijtjes. De huizen hebben ruime tuinen. De huizen staan dicht op elkaar. b Welke beroepen hebben veel mensen die in een arme wijk wonen?

b Waaraan zie je op de foto in figuur 1 van paragraaf 1.1 dat hij is genomen in een arme wijk?

c Welke beroepen hebben veel mensen die in een rijke wijk wonen?

c Noteer een voorbeeld van een arme wijk in je eigen stad of dorp.

3

Lees Welvaart in de wijk.

a Woon jij in een huurwoning of een koopwoning? d Noteer een voorbeeld van een rijke wijk in je eigen stad of dorp. b Een woningbouwvereniging zorgt ook voor het onderhoud van huizen. Zulke huizen zijn vaak te herkennen: alle kozijnen en deuren in een huizenblok hebben dan dezelfde kleuren. Waar vind je in jouw omgeving corporatiewoningen?

237917_BOEK.indb 4

5/06/19 10:37


1.1

W1

5

Arm en rijk in steden

De Bloemfonteinstraat in Eindhoven. Huurwoningen hebben dezelfde deuren en ramen.

4

Lees Welvaart in de wijk.

a Bekijk W1. Bij welk soort wijk hoort het kenmerk in de tekstballon? Bij een arme / rijke wijk. b In het leerboek staan verschillende kenmerken van woningen en straten. Omcirkel in W1 nog drie kenmerken die in de tekst worden genoemd. c Bij welke wijk past W1? Doornakkers / De Karpen d Lees vaardigheid 3 Beschrijven en verklaren op blz. 75 in het leerboek. Verklaar waarom deze wijk er zo uitziet.

237917_BOEK.indb 5

5

Lees Welzijn in de wijk.

a Ga naar www.openstreetmap.org en zoom zo ver mogelijk in op je eigen woonomgeving. Je hebt dan je huis en de omringende straten in beeld. Print de kaart of maak een screenshot. b Teken op de kaart de voorzieningen in je wijk: winkels, speeltoestellen, prullenbakken, brievenbussen en bushaltes. Maak er ook een legenda bij. c Tel de voorzieningen in je woonomgeving. d Zijn er in jouw woonomgeving veel of weinig voorzieningen als je jouw wijk vergelijkt met die van andere leerlingen? e Zorgen de voorzieningen in jouw woonomgeving voor meer leefbaarheid in de wijk? Leg je antwoord uit. Ja / Nee, want

5/06/19 10:37


6

Arm en rijk

6

Lees Welvaart in de wijk en bekijk figuur 2.

1

Arm en rijk in Nederland

b Welk verband is er tussen figuur 2 en figuur 3? A Hoe hoger de WOZ-waarde van de huizen hoe beter de gezondheid van de mensen. B Hoe hoger de WOZ-waarde van de huizen hoe slechter de gezondheid van de mensen.

Herhaling 8

a Ga naar www.cbsinuwbuurt.nl. Typ je eigen postcode in. Typ in het zoekvenster: WOZ. Kies ‘Wijken’ en zoek in je eigen omgeving op in welke wijken de woningen gemiddeld de hoogste WOZ-waarde hebben.

b Bewoners van dure huizen betalen meer belasting aan de gemeente dan bewoners van goedkope huizen. Dat geld gaat bijvoorbeeld naar het onderhoud van straten en voorzieningen. Vind je dat terecht? Bespreek met een klasgenoot waarom wel of niet. Noteer jullie antwoord. Ja / Nee, want

c Zoek op www.cbsinuwbuurt.nl nog twee kenmerken waarmee je kunt bepalen of een wijk arm of rijk is.

7

Check jezelf.

Check of je genoeg weet om de deelvraag te beantwoorden: Hoe zie je het verschil tussen rijke en arme wijken in Nederlandse steden? a Maak een woordweb of schema waarin alle begrippen van deze paragraaf voorkomen: wijk, welvaart, koopwoning, huurwoning, woningbouwvereniging, WOZ-waarde, welzijn, leefbaarheid, bebouwingsdichtheid. Noteer bij elk begrip de betekenis. Controleer de betekenissen met de begrippenlijst aan het eind van dit hoofdstuk. Oefen de begrippen en de betekenissen met een klasgenoot, overhoor elkaar. b Bekijk de leerdoelen in de Finish en scoor hoeveel je ervan weet.

Wat moet je kennen en kunnen? • Je kunt antwoord geven op de deelvraag. • Je kent de volgende begrippen: bebouwingsdichtheid, huurwoning, koopwoning, leefbaarheid, welvaart, welzijn, wijk, woningbouwOp blz. 26 in je vereniging, WOZ-waarde. ( lesboek vind je de definities.) • Je kent de leerdoelen in de Finish. • Je beheerst de volgende vaardigheid: 3 Beschrijven en verklaren.

Lees Welzijn in de wijk en gebruik figuur 2 en figuur 3.

a Bekijk de legenda van figuur 2 in het leerboek goed. Wat kun je zeggen over de gezondheid van mensen in de wijk Doornakkers? Veel mensen in deze wijk hebben een behoorlijk goede / tamelijk slechte gezondheid.

237917_BOEK.indb 6

5/06/19 10:37


1.2

Veranderingen in oude arbeiderswijken

7

1.2 Veranderingen in oude arbeiderswijken Deelvragen

1

- Wat zijn de problemen van wijken die achteruitgaan? - Hoe zijn die problemen op te lossen?

Bekijk figuur 4.

a De woningen in figuur 4 in het leerboek waren nieuw in 1960. Ze staan er nog steeds, alleen zijn ze nu wat ouder. Waar in jouw stad of dorp staan woningen uit die tijd? Schrijf de naam van die wijk rechtsboven in W2. b Schrijf in W2 de verschillen tussen de wijk in figuur 4 en de vergelijkbare wijk in jouw omgeving nu.

2

c Bekijk figuur 5 in het leerboek. Leg uit waarom het totale percentage werklozen in Eindhoven lager is dan het percentage werklozen in de wijk Doornakkers.

Lees Veranderingen op de arbeidsmarkt en bekijk figuur 5.

a Streep de banen door die vijftig jaar geleden door veel mensen werden gedaan, maar die nu bijna niet meer bestaan. koeienmelker – leraar – dokter – arbeider die in een fabriek chocolaatjes inpakt – sjouwer in de haven – schoenenverkoper in een winkel – (steen)kolenboer. b Welke mensen uit vraag 3a zijn waarschijnlijk verhuisd naar de rand van de stad?

3

Lees Veranderingen op de arbeidsmarkt nog eens.

a Fabrieksarbeiders konden moeilijk ander werk vinden, omdat ze weinig scholing hadden gehad. Welke extra moeilijkheid hadden gastarbeiders die hun baan verloren?

b Bespreek met een klasgenoot of het voor de kinderen en kleinkinderen van de gastarbeiders ook moeilijk is om een baan te vinden.

W2

Kenmerk wijk toen en nu.

Kenmerk

Wijk uit 1960 in figuur 4

Wijk in mijn omgeving, nu:

verkeer grootte van de bomen winkels andere dingen, zoals veranderingen aan huizen of groenvoorzieningen

237917_BOEK.indb 7

5/06/19 10:37


8

Arm en rijk

W3

4

1

Arm en rijk in Nederland

Integratie en samenhang. Oorzaak

Gevolg

1 Fabrieken met ongeschoold werk sluiten.

A Er is geen sociale samenhang.

2 Mensen ontmoeten geen andere mensen meer.

B Mensen doen niets aan het onderhoud van de straat.

3 Mensen voelen zich niet verbonden met andere bewoners in hun wijk.

C Mensen raken werkloos.

4 Jongeren vervelen zich en vallen kinderen en ouderen lastig.

D Mensen voelen zich niet veilig in hun wijk.

Lees Slechte leefbaarheid.

In W3 staan zinnen die te maken hebben met integratie en samenhang. In de ene kolom staan oorzaken en in de andere kolom staan gevolgen. Trek van elke oorzaak een pijl naar het juiste gevolg.

6

Lees Achterstandswijken verbeteren en bekijk figuur 8.

a Zijn er bij de stadsvernieuwing in Doornakkers meer woningen vernieuwd (gerenoveerd) of nieuw gebouwd? Er zijn er meer

5

Lees Slechte leefbaarheid nog eens.

b Wat was er vroeger op de plaats van de nieuw gebouwde woningen?

a Bedenk welke voorzieningen goed zijn voor de sociale samenhang in een wijk en welke niet. Maak een top 5. Kies uit: basisschool – bouwmarkt – cafetaria – coffeeshop – gezamenlijke groentetuin – speeltuin – sportpark – tankstation – winkelcentrum – zwembad. c Waar ligt het nieuwe wijkcentrum in de wijk? 1 2 3 4 5

d Wat is het voordeel van die plaats van het wijkcentrum?

b In welke wijken in jouw omgeving voel jij je veilig en in welke niet? Noteer van beide een voorbeeld. Veilig: Niet veilig:

237917_BOEK.indb 8

5/06/19 10:37


1.2

7

W5

Lees Achterstandswijken verbeteren nog eens.

8.000

In W4 staan voorbeelden van renovatie en sanering. Kleur de voorbeelden van renovatie groen en de voorbeelden van sanering geel. W4

9

Veranderingen in oude arbeiderswijken

Aantal huisuitzetting tussen 2008 en 2016.

aantal huisuitzettingen

7.000 6.000 5.000

Voorbeelden van sanering en renovatie.

4.000 nieuwe woningen bouwen op oud sportterrein

3.000 2008

2009

2010

2011

2012

2013

2014

twee kleine flats samenvoegen tot een grotere

2015

2016 jaar

gaskachels vervangen door stadsverwarming

9 woningen maken in een oude fabriek

Lees Zorgen voor de mensen nog eens.

nieuwe keukens in bestaande woningen zetten

Zoek op internet informatie over de wijkraad of buurtcommissie in jouw wijk. Noteer drie dingen die de wijkraad of buurtcommissie doet voor de bewoners van de wijk of buurt.

ramen vervangen door nieuwe met dubbel glas

1

flats vervangen door laagbouw

2

woningen vervangen door een winkelcentrum

3

8

Lees Zorgen voor de mensen en bekijk W5.

a In W5 zie je het aantal huisuitzettingen tussen 2008 en 2016. Wat is vaak een de oorzaak voor een huisuitzetting?

b Welke trend zie je in de grafiek? Omcirkel het juiste antwoord. Het aantal huisuitzettingen daalt / blijft ongeveer gelijk / stijgt. c Waardoor komt de trend bij 5b?

237917_BOEK.indb 9

5/06/19 10:37


10

Arm en rijk

1

Arm en rijk in Nederland

W6

Bij een huisuitzetting worden de bewoners vooraf gewaarschuwd dat ze hun huis uit moeten. Als ze dat niet doen, worden ze met hun huisraad letterlijk op straat gezet.

10

Lees Zorgen voor mensen en bekijk W6.

Bekijk W6 en lees vaardigheid 11 Stappenplan eigen mening op blz. 78 in het leerboek. Vind jij het goed dat mensen met een huurachterstand eerst de kans krijgen de achterstand in te halen, voordat ze hun huis worden uitgezet? Leg je antwoord uit.

Herhaling 11

Check jezelf.

Check of je genoeg weet om de deelvragen te beantwoorden: - Wat zijn de problemen van wijken die achteruitgaan? - Hoe zijn die problemen op te lossen? a Je werkt in tweetallen. Van je docent(e) krijgen jullie kaartjes. Daarop staan begrippen in vet gedrukt. De één pakt een kaartje en legt het begrip uit, maar zonder het begrip zelf te noemen. De ander moet het begrip raden. Heeft hij het geraden? Dan legt hij het kaartje voor zich. Wissel van beurt. Wie heeft de meeste begrippen geraden? b Bekijk de leerdoelen in de Finish en scoor hoeveel je ervan weet.

Wat moet je kennen en kunnen? • Je kunt antwoord geven op de deelvraag. • Je kent de volgende begrippen: armoedebeleid, opleidingsniveau, renovatie, sanering, Op blz. 26 in je lesboek vind je wijkraad. ( de definities.) • Je kent de leerdoelen in de Finish. • Je beheerst de volgende vaardigheid: 11 Stappenplan eigen mening.

237917_BOEK.indb 10

5/06/19 10:37


1.3

11

Rijke steden, arm platteland

1.3 Rijke steden, arm platteland Deelvraag 1

Hoe zit het met armoede op het platteland in Nederland?

Lees Werk en inkomen en bekijk figuur 8. Gebruik de atlas.

a Bekijk figuur 8 in het leerboek. In welke gebieden in het land is de armoede het grootst?

c Wat denk jij: is of de armoede tussen 2014 en 2018 even sterk afgenomen? Leg uit waarom je dat denkt. Ja / Nee, want

W7

b In figuur 8 zie je ook een wat groter gebied waar veel armoede is. In welk deel van het land is dat?

c Lees vaardigheid 2 De atlas gebruiken op blz. 75 in het leerboek. Zoek in de atlas een kaart over armoede in Nederland. Noteer de bladzijde en de kaarttitel.

Gegevens werkloosheid in Nederland.

Jaar

Aantal werklozen

2011

430.000

2012

486.000

2013

589.000

2014

691.000

2015

645.000

2016

574.000

2017

480.000

2018

395.000

W8 800

Werklozen in Nederland, 2011 - 2018.

x 1.000

in % 8

700 600

6

500 400

d Lees vaardigheid 5 Gebieden vergelijken op blz. 75 in het leerboek. Vergelijk figuur 8 met de atlaskaart over armoede. Noem één overeenkomst en één verschil. Overeenkomst:

Verschil:

2

Lees Werk en inkomen nog eens.

a Maak met de cijfers in W7 de grafiek in W8. b Met hoeveel procent is de werkloosheid in Nederland tussen 2014 en 2018 afgenomen?

4

300 200

2

100 0 2011

3

2012

2013

2014

2015

2016

2017

0 2018 jaar

Lees Groeiende steden, leeglopend platteland en bekijk figuur 8 en figuur 9. Gebruik de atlas.

a In de onderbouw heb je al over bevolkingsgroei geleerd. Noem twee factoren waardoor er mensen bij komen en twee factoren waardoor de bevolking afneemt. De bevolking neemt toe door: De bevolking neemt af door:

237917_BOEK.indb 11

5/06/19 10:37


12

Arm en rijk

b In welke gebieden op de kaart van figuur 9 komen er de meeste mensen bij? In de gebieden met een rode / gele / groene kleur. c Vergelijk figuur 9 met een atlaskaart over werkloosheid in Nederland. In welk gebied uit vraag 4b is de werkloosheid het grootst?

d Bekijk de provincie Groningen op de kaarten in figuur 9 en figuur 8. Welk uitspraak over dit gebied is juist? A In dit gebied neemt de bevolking af en is er veel armoede. B In dit gebied neemt de bevolking af en is er weinig armoede. C In dit gebied neemt de bevolking toe en is er veel armoede. D In dit gebied neemt de bevolking toe en is er weinig armoede.

4

Lees Werk en inkomen nog eens en lees Leefbaar platteland.

a Het besteedbaar inkomen is het geld dat een huishouden kan uitgeven. Welke dingen zijn altijd even duur omdat je een contract hebt (vaste kosten) en bij welke dingen kun je zelf kiezen hoeveel geld je eraan uitgeeft (variabele kosten)? Zet in W9 alle uitgaven in de juiste kolom: abonnementen voor telefoon/internet, abonnementen op kranten/tijdschriften, bezoek aan film of musical, bezoek aan pretpark of dierentuin, cadeautjes, contributie voor verenigingen, eten en drinken, huur/hypotheek, kleding en schoenen, levering van energie en water, verzekeringen. W9

1

Arm en rijk in Nederland

b Bedenk of de vaste kosten overal in Nederland even hoog zijn. Leg je antwoord uit met een voorbeeld. Ja / Nee, want

c Wat betekent je antwoord op vraag 2c voor het geld dat de armen in de steden overhouden voor variabele kosten (zoals eten en kleding)?

5

Lees Leefbaar platteland nog eens.

a Ga naar de website van Funda. Vergelijk woningen die te koop en te huur staan in Amsterdam met die in de regio rond Veendam, Winschoten en Delfzijl. Zoek op een vergelijkbare prijs en kies op elke plek de woning waar jij zou willen wonen. Vul in W10 over die woningen in. b Vergelijk de kenmerken van de koopwoningen in de twee gebieden en vergelijk de kenmerken van de koopwoningen in de twee gebieden. Bij welk type woning zijn de verschillen het grootst?

Vaste en variabele kosten.

vaste kosten

237917_BOEK.indb 12

variabele kosten

5/06/19 10:37


1.3

W10

Rijke steden, arm platteland

13

Vergelijking tussen woningen in Amsterdam en de regio Veendam/Winschoten/Delfzijl.

Waarde woning

Stad/ Regio

koop tot € 150.000

Amsterdam

Woonoppervlak

Aantal kamers

Type woning

Veendam-Winschoten-Delfzijl huur tussen € 600 en € 700

Amsterdam Veendam-Winschoten-Delfzijl

6

Bekijk figuur 8, 9 en 10.

a Bekijk figuur 10 in het leerboek. In welke streek van het land ligt Dalfsen? Gebruik de atlas als dat nodig is.

b Bekijk de kaarten in figuur 8 en 9 nog eens. Wat kun je zeggen over de armoede en de bevolkingsontwikkeling in Dalfsen? In Dalfsen is de armoede lager / hoger / veel hoger dan het gemiddelde in Nederland. In Dalfsen groeit / blijft gelijk / krimpt de bevolking.

7

Bekijk de antwoorden op de vragen 1 tot en met 6 nog eens.

Bespreek met twee klasgenoten waar je liever zou wonen: in de stad of op het platteland. Noteer voor elk minstens één argument.

Herhaling 8

Check jezelf.

Check of je genoeg weet om de deelvraag te beantwoorden: Hoe zit het met armoede op het platteland in Nederland? a Zoek op internet twee artikelen of filmpjes die gaan over armoede, werkgelegenheid, werkloosheid, vergrijzing en leefbaarheid. - Filmpjes: noteer de begrippen uit het leerboek die in het filmpje genoemd worden. Vat kort samen wat er in het filmpje over deze begrippen gezegd wordt. - Artikelen: onderstreep de begrippen uit het leerboek in het artikel. Vat kort samen wat er in het artikel over deze begrippen gezegd wordt. b Bekijk de leerdoelen in de Finish en scoor hoeveel je ervan weet.

Wat moet je kennen en kunnen? Liever in de stad:

Liever op het platteland:

237917_BOEK.indb 13

• Je kunt antwoord geven op de deelvraag. • Je kent de volgende begrippen: armoedegrens, beroepsbevolking, vergrijzing, werkOp blz. 26 in gelegenheid, werkloosheid. ( je lesboek vind je de definities.) • Je kent de leerdoelen in de Finish. • Je beheerst de volgende vaardigheden: 2 De atlas gebruiken, 5 Gebieden vergelijken.

5/06/19 10:37


14

Arm en rijk

1

Arm en rijk in Nederland

1.4 Pas toe Onderzoeksvraag

Waar kun je het best boodschappen doen in je eigen omgeving?

Inleiding

W12

Winkelcentrum Jan Heynslaan in Eindhoven.

W13

De Huizerweg in Bussum.

Je hebt veel geleerd over armoede en rijkdom in Nederland. Nu ga je zelf onderzoek doen. Je gaat onderzoeken welke winkels dure producten verkopen en welke juist goedkope dingen. Je gaat ook kijken hoe de winkels eruitzien. Je gaat ook prijzen vergelijken. Tot slot geef je de bewoners van jouw eigen wijk advies: waar kunnen zij het best hun boodschappen doen? Bekijk W11 en ga daarna aan de slag. W11

Werkwijze.

Onderzoeksvraag: Waar kun je het best boodschappen doen in je eigen omgeving? soort opdracht

onderzoeksopdracht

alleen of samen

alleen en samen

tijdsduur

1 uur via internet, 1 uur winkelbezoek, 1 uur bespreken en afronden

voorbereiding

-

bronnen en hulpmiddelen

- alle W-nummers in deze paragraaf - kleurpotloden, internet, fotocamera

vaardigheid

-

opzet

Je onderzoekt de prijzen en het uiterlijk van verschillende winkels.

eindresultaat

Advies over winkelen in jouw omgeving

1 a Vergelijk W12 en W13. Stel, je hebt een tussenuur en gaat met een paar klasgenoten iets lekkers halen. Welk winkelcentrum lijkt jou dan het leukst? Leg kort uit waarom.

2 Het vergelijken van prijzen in winkels is ingewikkeld. Dat komt doordat ze niet allemaal precies dezelfde producten verkopen. Ook zit in de ene verpakking meer dan in de andere, waardoor het vergelijken nog lastiger wordt. Sommige winkels verkopen alleen goedkope producten, andere winkels hebben ook duurdere producten. Toch heb je waarschijnlijk wel een idee welke winkels goedkoop zijn en welke duur. a Noteer twee goedkope en twee dure winkels. Goedkope winkels:

b Let jij op de omgeving van de winkel of hoe de winkel eruitziet, als je iets koopt? Leg je antwoord uit. Dure winkels:

237917_BOEK.indb 14

5/06/19 10:37


Anders actief

b Je weet misschien ook van andere winkels of ze goedkope of dure producten hebben. Zet kruisjes in de juiste kolom achter de winkels in W14. W14

Goedkope en dure winkels.

Winkelketen

Goedkoop

Gemiddeld

DA drogist Kruidvat Warme bakker Bakker Bart kaasboer Action

Duur

1.4

Pas toe

15

c In opdracht 1 in paragraaf 3.1 heb je de namen van een rijke en een arme wijk in je eigen omgeving opgeschreven. Maak voor elke wijk een lijst van de winkels in het winkelcentrum van die wijk. Dat kan door naar de winkelcentra toe te gaan, maar veel winkelcentra hebben ook een website waar je dat kunt vinden. En winkelcentra die aan een doorgaande straat liggen, kun je bekijken via Google Street View in Google Earth. d Bedenk van elke winkel of er goedkope of dure producten te koop zijn. Geef alle winkels een kleur: blauw = goedkoop, geel = gemiddeld, rood = duur. e Vergelijk de winkels in beide winkelcentra met elkaar. Omcirkel in je lijst de winkels die in beide winkelcentra voorkomen.

3

HEMA H&M Primark Zeeman kringloopwinkel

Winkels met goedkope producten zien er vaak anders uit dan winkels met dure producten. Maar hoe anders? a Kies uit jouw lijsten één goedkope winkel en één dure winkel. b Beschrijf in W15 van elke winkel hoe die eruitziet, van buiten en van binnen. c Noteer ook minstens één overeenkomst tussen beide winkels. d Bekijk W12 en W13 nog eens. In welk winkelcentrum past deze winkel?

biologische slager

W15

Zo zien goedkope en dure winkels eruit.

Goedkope winkel:

Dure winkel:

Zo ziet deze winkel eruit:

Zo ziet deze winkel eruit:

- van buiten:

- van buiten:

- van binnen:

- van binnen:

Overeenkomst:

Past in winkelcentrum van W12 / W13.

237917_BOEK.indb 15

Past in winkelcentrum van W12 / W13.

5/06/19 10:37


16

Arm en rijk

4 a Maak een groepje van vier klasgenoten. Kies één product dat jullie zelf gebruiken of dat bij jullie thuis gebruikt wordt. b Kies allemaal een verschillende winkel waar je dit product kunt kopen. Ga in die winkel kijken hoe dit product wordt aangeboden en wat het kost. c Plak in W16 een foto van het product in ‘jouw’ winkel en noteer hoe het product wordt aangeboden: merk, hoeveelheid in een verpakking, prijs. d Bespreek met je groepje waar je dit product het best kunt kopen.

1

Arm en rijk in Nederland

b Geef jouw advies over winkelen in jouw omgeving op basis van je antwoorden bij de opdrachten 1 tot en met 4. , Je kunt het best winkelen bij/in want

5 a Kies een doelgroep aan wie jij advies wilt geven over winkelen in jouw omgeving. Kies uit: ouders / andere familieleden / buren / andere bewoners van de wijk / anders, namelijk

W16

Prijzen van producten in verschillende winkels eruit.

Product: Winkel 1:

Winkel 2:

Winkel 3:

Winkel 4:

Foto:

Merk: Verpakking:

Prijs:

237917_BOEK.indb 16

5/06/19 10:37


1

Finish

17

Finish Hoofdvraag

Hoe zit het met arm en rijk in Nederland? -

Slotopdracht 1 In dit hoofdstuk heb je gekeken naar: - rijke en arme wijken in Nederlandse steden; - welvaart en welzijn in de wijk; - problemen van wijken die achteruitgaan; - hoe die problemen op te lossen zijn; - werk en inkomen in de stad en op het platteland. Je hebt nieuwe begrippen geleerd en je hebt geoefend met voorbeelden uit je eigen omgeving. Hier oefen je nog een keer. a Lees de omschrijvingen in W17. Omcirkel bij elke omschrijving bij welke plek ze het best passen. b Vergelijk je antwoorden met die van een klasgenoot. Als jullie verschillende antwoorden hebben, zoek dan in het leerboek argumenten voor jouw antwoord. - Moderne, welvarende wijk:

W17

Dorp ver van de grote steden:

Slotopdracht 2 a Bekijk het leerdoelenoverzicht nog eens. b Na elke paragraaf heb je gescoord hoeveel je van elk leerdoel weet. Kleur de leerdoelen die je nog niet goed kent. Zoek in de bijbehorende paragraaf de stof bij die leerdoel nog een keer op. Schrijf dan in je eigen woorden op wat je ervan moet weten.

Waar is het?

Omschrijving

Plek

leegstaande woningen

oude arbeiderswijk / moderne, welvarende wijk / dorp ver van de grote steden

niemand thuis overdag

oude arbeiderswijk / moderne, welvarende wijk / dorp ver van de grote steden

in kauwgom trappen

oude arbeiderswijk / moderne, welvarende wijk / dorp ver van de grote steden

klachten over geluidsoverlast van de buren

oude arbeiderswijk / moderne, welvarende wijk / dorp ver van de grote steden

veel speeltuintjes

oude arbeiderswijk / moderne, welvarende wijk / dorp ver van de grote steden

bakker met een terrasje

oude arbeiderswijk / moderne, welvarende wijk / dorp ver van de grote steden

geen basisschool

oude arbeiderswijk / moderne, welvarende wijk / dorp ver van de grote steden

gebedsoproep van een moskee

oude arbeiderswijk / moderne, welvarende wijk / dorp ver van de grote steden

goedkope supermarkt

oude arbeiderswijk / moderne, welvarende wijk / dorp ver van de grote steden

237917_BOEK.indb 17

5/06/19 10:37


18

Arm en rijk

1

Arm en rijk in Nederland

Leerdoelenoverzicht 1.1

Deelvraag: Hoe zie je het verschil tussen rijke en arme wijken in Nederlandse steden? goed

niet goed

goed

niet goed

goed

niet goed

Ik kan arme en rijke wijken in Nederlandse steden herkennen aan woningtype, woningprijs en woningeigendom. Ik kan arme en rijke wijken in Nederlandse steden herkennen aan de bebouwingsdichtheid en de voorzieningen in een wijk. Ik kan kenmerken noemen van leefbaarheid in Nederlandse stadswijken. Ik kan voorbeelden noemen van arme en rijke wijken in je eigen omgeving. 1.2

Deelvragen: - Wat zijn de problemen van wijken die achteruitgaan? - Hoe zijn die problemen op te lossen?

Ik kan uitleggen waarom mensen met een laag opleidingsniveau vaak een lager inkomen hebben. Ik kan uitleggen waarom mensen met een laag opleidingsniveau vaker werkloos zijn. Ik kan uitleggen hoe het komt dat mensen zich in hun wijk niet veilig meer voelen. Ik kan voorbeelden geven van manieren waarop een gemeente de inrichting van een wijk kan verbeteren. Ik kan uitleggen wat het verschil is tussen sanering en renovatie. Ik kan twee voorbeelden geven van armoedebeleid in een gemeente. 1.3

Deelvraag: Hoe zit het met armoede op het platteland in Nederland?

Ik kan uitleggen wat de armoedegrens is. Ik kan uitleggen wat verschillen in inkomen te maken hebben met werk. Ik kan voorbeelden geven van rijke en arme gebieden (provincies) in Nederland. Ik kan twee positieve kenmerken noemen van het wonen op het platteland.

237917_BOEK.indb 18

5/06/19 10:38


1

19

Examentraining

Examentraining Voor elk vraagnummer staat hoeveel punten je krijgt voor een goed antwoord. 1p

BRON 2

Een versierde straat tijdens het WK voetbal.

1 Bekijk bron 1.  Hoe zie je aan de foto van bron 1 dat hij genomen is in een arme wijk?

BRON 1

4 Bekijk bron 3. Je ziet welk deel van de bevolking arm is.  Welke uitspraak is juist? A In de provincies Groningen, Noord-Holland en Zuid-Holland is veel armoede doordat de meeste mensen daar op het platteland wonen. B In de provincies Noord-Holland en Zuid-Holland is veel armoede doordat de meeste mensen daar in steden wonen. C In de provincies Groningen, Noord-Holland en Zuid-Holland is weinig armoede doordat daar veel werkgelegenheid is.

2p

1p

2 Bekijk nogmaals bron 1.  Hoe zie je aan de foto van bron 1 dat de woningen geen eigendom zijn van een woningcorporatie?

BRON 3

Armoede in Nederland, per provincie, 2013.

Huishoudens met een laag inkomen, in % per provincie, 2013 minder dan 8 8-9 9 - 10 10 of meer

ord

zee

3 Bekijk bron 2.  Leg uit wat de foto van bron 2 te maken heeft met sociale samenhang.

No

1p

NEDERLAND

DUITSLAND

BELGIË

0

237917_BOEK.indb 19

25

50 km

5/06/19 10:38


SE

Vmbo-b Werkboek De Geo Werkboek 3 Vmbo-b

SE

Aardrijkskunde voor de bovenbouw vmbo

Arm en rijk Bronnen van energie Grenzen en identiteit

SE

CE Weer en klimaat Bevolking en ruimte Water

www.thiememeulenhoff.nl/degeo 9 789006 237917

237917_OMSL.indd 1

5/06/19 10:49


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
9789006237917_werkboek_3_vmbo_b_se_inkijkexemplaar by ThiemeMeulenhoff - Issuu