Skip to main content

Symfozine #105

Page 1


Alles uit de kast

© Björn Comhaire

‘Alles uit de kast’. Vier eenvoudige woorden die perfect samenvatten waar onze concerten van de komende maanden voor staan. Het gezegde laat ruimte voor interpretatie, maar bovenal spreekt er een onmiskenbare gedrevenheid, ambitie en veelzijdigheid uit. De programma’s van de komende maanden tonen waar wij als orkest voor staan: alles uit de kast halen om van elk concert een unieke belevenis te maken.

Ook de solisten van onze komende producties delen die mentaliteit. Al jaren bewonder ik de uitzonderlijke beheersing en onvermoeibare energie van de Franse violist Renaud Capuçon. Hij richt zich steeds vaker op het dirigeren en zal in mei als dirigent én solist ongetwijfeld voor vonken zorgen. Toen ik celliste Anastasia Kobekina voor het eerst hoorde, was ze nog relatief onbekend. In korte tijd groeide zij, dankzij haar veelzijdigheid en sterke persoonlijkheid, uit tot een boegbeeld van een nieuwe generatie topsolisten. Componist Frederick Neyrinck daagt in zijn nieuwe Tromboneconcerto dan weer solist Bram Fournier uit om alle facetten van zijn instrument en talent te tonen.

Wat gedeelde gedrevenheid en speelvreugde kunnen losmaken, ervaren we opnieuw in ons side-by–side project met SOV Young. Vorig seizoen waren velen van ons diep geraakt door de manier waarop onze jonge musici, naast het grote orkest, boven zichzelf uitstegen. Met The Planets op de lessenaars wacht hen opnieuw een uitdagend werk waarin iedereen zich volop kan uitleven.

De veelzijdigheid van het orkest komt ten slotte ook tot uiting in Le Carnaval des Animaux en in het grensverleggende project City of Floating Sounds van de Chinese componist Huang Ruo, waarmee Symfonieorkest Vlaanderen het prestigieuze Holland Festival zal openen.

Kortom: alles uit de kast, de komende maanden.

We kijken ernaar uit u te mogen verwelkomen.

Tot in de concertzaal.

Jos Roeden, Intendant Symfonieorkest Vlaanderen

met SidebySide

Let maar eens goed op, als je eind april in de zaal zit bij Symfonieorkest Vlaanderen. Tussen de bekende gezichten van het orkest zie je hier en daar wat piepjonge koppen uitsteken. Het orkest speelt dan The Planets van Gustav Holst side-by-side met zijn jeugdorkest. Sven

Sabbe
Pallieter Crombez (links) Jonathan Beyers (rechts)
© Björn Comhaire

Sidemet

PROJECT IN DE KIJKER

Slagwerker Jonathan Beyers, al tien jaar een vaste waarde op de achterste rij van het orkest, legt uit: “Tijdens het side-byside-project worden een twintigtal leden vanuit SOV Young, het jeugdorkest van Symfonieorkest Vlaanderen, uitgenodigd om samen met het ‘echte’ orkest te spelen. Het is nog maar de tweede keer dat we dit doen, maar het beviel ons én de jonge muzikanten vorig seizoen zo erg dat we het project meteen wilden hernemen.”

Een van die jonge muzikanten is Pallieter Crombez, amper 16 maar helemaal klaar voor dit avontuur: “Ik heb al eens een concert gespeeld met SOV Young, maar hier kijk ik extra hard naar uit. Je speelt niet elke dag samen met professionele muzikanten. Het is een heel fijne manier om orkestervaring op te doen.” Jonathan knikt. “We kunnen onze ervaring gebruiken om hen tips & tricks

te leren. En ik geloof dat we hen ook een soort geruststelling kunnen bieden. Fouten maken mag, is het devies: jullie zijn nog jong, probeer maar gewoon, wij zijn er om te helpen.” Geen clash van generaties dus, maar een dankbaar leermoment voor beide partijen. “Ook wij leren nog veel van die jonge gasten. Hun jeugdig enthousiasme werkt heel aanstekelijk. Het is een intensieve job waar we week na week heel veel plezier aan kunnen beleven, en als zij erbij zitten, merken we dat toch nog wel wat meer op.”

Tijdens het side-by-side-project is participatie geen loos woord. “Rube (de andere SOV-Younger) en ik nemen twee van de vier percussieplekken in. Zo voelt het alsof we echt deel uitmaken van de sectie.” Jonathan knikt. “Vorig jaar, toen de Bolero van Ravel op de pupiter stond, was het ook fifty-fifty.

We kunnen ons op de borst kloppen: dit is niet zomaar een gimmick om sympathiek te doen, we willen echt dat die jongeren deel uitmaken van het orkest.” Het was voor Jonathan trouwens onmiddellijk duidelijk dat Pallieter geknipt was voor dit project. “Ik herinner me nog je auditie voor SOV Young. We hadden meteen door dat het orkest iets voor je zou zijn, en dat deze side-by-side een hele goede kans zou zijn om ervaring op te doen.” Pallieter lacht wat verlegen. “Ik heb er echt zin in. Ik probeer nu nog niet te veel te stressen—zenuwen had ik al genoeg bij de auditie.”

Beide musici delen een grote liefde voor de percussie, die geheel toevallig en ongeveer op dezelfde leeftijd begon. “Ik zat in het tweede leerjaar toen ik voor slagwerk koos,” vertelt Pallieter. “De voorbije jaren heb ik vooral in lokale harmonieorkesten

foto linksboven en rechtsonder Jonathan Beyers en Pallieter Crombez © Bjorn Comhaire

gespeeld, en sinds vorig jaar maak ik ook deel uit van SOV Young. Slagwerk is echt mijn passie. Daarom volg ik sinds dit jaar ook les aan de kunsthumaniora van het Lemmensinstituut.” Ook Jonathan begon op dezelfde leeftijd, zij het initieel voor een iets andere reden: “Mijn oudere broer had al voor slagwerk gekozen, maar was snel gestopt. Er stond dus thuis een drumstel stof te vergaren, en om mijn ouders niet te veel op kosten te jagen koos ik hetzelfde. (lacht)” Rond zijn zestiende wist Jonathan dat hij van zijn hobby zijn beroep wou maken: “Ik speelde op die leeftijd ook heel veel met lokale verenigingen, en er waren een aantal mensen die me vertelden dat ik talent had en conservatorium moest proberen.” Pallieter heeft nu diezelfde leeftijd, en herkent zich in Jonathans verhaal: “Nu ik in Leuven naar school ga, heb ik leeftijdsgenoten waarmee ik over klassieke muziek kan babbelen. Dat werkt heel aanstekelijk

om mij er steeds meer in te verdiepen.”

In de partituur van Gustav Holsts The Planets staan een hele rits slagwerkinstrumenten opgesomd: pauken, basdrum, snare drum, cimbalen, klokkenspel, xylofoon, tamboerijn, enzoverder. “Die afwisseling is voor mij een van de belangrijkste redenen waarom ik dit zo graag doe,” begint Jonathan. “Soms heb je enorm veel instrumenten bij je staan—toen we in januari de Derde Symfonie van Luc Brewaeys speelden, hadden we er elk zo’n tiental te managen—en soms kan je je gewoon focussen op dat ene instrumentje dat op dat ene moment correct moet klinken. Elke slagwerkpartij is cruciaal.” Ook als coach van SOV Young vindt hij het belangrijk om samen met de jongeren uit te zoeken waar ze op moeten letten. “Soms staan er op onze partij maar twee noten, maar toch zijn ze even belangrijk als iemand die twintig of honderd noten moet spelen.”

Jonathan maakt van de gelegenheid gebruik om Pallieter een vraag te stellen: “Welk instrument zou jij het liefst bespelen? Dit is het moment om je voorkeur door te geven (lacht)” De jonge muzikant denkt even na. “Ik hou ook wel van de afwisseling, en zie mezelf alles spelen, maar misschien opteer ik toch eerder voor iets niet-melodisch. Ik denk dat ik mezelf dan meer ga kunnen vertrouwen.” Jonathan luistert en knikt: “Dat snap ik helemaal. Sowieso is elke slagwerker bijna een solist: je klinkt in je eentje over heel het orkest. Het zou minder snel opvallen mocht een enkele viool eens een inzet missen. Bij ons heb je die luxe niet, als jij de enige bent met een triangel of tamboerijn in je handen. (lacht) Dat is de zegen en de vloek van ons instrument.” Pallieter luistert met grote ogen naar wat Jonathan te vertellen heeft. Je ziet dat ze allebei zin hebben om zich in de partituur te verdiepen. Laat die repetities maar beginnen!

“Soms staan er op onze partij maar twee noten, maar toch zijn ze even belangrijk als iemand die twintig of honderd noten moet

spelen.” —Jonathan Beyers

Concert The Planets met chef-dirigent Martijn Dendievel, trombonist Bram Fournier, SOV Young en het Octopus Symfonisch Koor PROGRAMMA Joseph Haydn (1732–1809) Ouverture De Schepping, Frederik Neyrinck (°1985) Concerto voor trombone en orkest – wereldpremière, Gustav Holst (1874–1934) The Planets (side-by-side)

SPEELDATA ZIE KALENDER → p23

Celliste Anastasia Kobekina

“Ik vind het een ongelofelijk uitpakstuk! Het laatste deel is zo levendig, zo vreugde vol, zo sprankelend. Zo hebben we niet veel werken in het repertoire.”
Anastasia Kobekina © Julia Altukhova

Het is duidelijk: Anastasia Kobekina heeft zin in het Eerste Celloconcerto van Haydn— al geeft ze toe dat ze het werk na een deugddoende vakantie nog niet opnieuw heeft opgepikt. “Het is pas in april, toch? Er is nog tijd, en soms wil je als uitvoerder even afstand nemen. Even niet repeteren om met een frisse blik naar de muziek te kijken.”

Die frisse blik op de muziek vond Kobekina vooral na haar studies barokcello in Frankfurt. Het leerde haar op een andere manier luisteren. Niet omdat ze de muziek nu per se historisch correct wil uitvoeren, maar de opleiding leerde haar nieuwe nuances om mee te spelen. Zo klonken de darmsnaren op haar recentste album—gewijd aan de Cellosuites van Bach—verrassend hedendaags, en wil ze ook tijdens de concertreeks Roots met Symfonieorkest Vlaanderen op zoek gaan

naar een fusie tussen heden en verleden. “We kunnen nooit helemaal weten hoe de muziek toen klonk. Zelfs als we alle bronnen zouden bestuderen, alles zouden weten, alles precies zouden doen zoals het toen gedaan werd, dan nog blijven we mensen van vandaag. We hebben niet dezelfde culturele bagage. Onze concertzalen zijn nu veel groter. Het beeld zal altijd gedeeltelijk onvolledig blijven. Daarom denk ik dat het belangrijk is om dat historische aspect op een speelse manier te benaderen. Ik probeer zelf eerder te denken vanuit de uitvoering, dan vanuit de theoretische bronnen. Dat geeft me de vrijheid om stijlen te mengen. Om dit celloconcerto niet helemaal authentiek in de classicistische stijl uit te voeren, maar er wat barok of zelfs een vleugje romantiek aan toe te voegen en zo al die kleuren te gebruiken.

Geen muzikale dictator

Het is duidelijk dat die benadering van het repertoire aanslaat. Kobekina, nog maar 31, staat toch al jarenlang op de bühne. Ze won een handvol prestigieuze prijzen en brengt al bijna tien jaar albums uit—in het begin voornamelijk met repertoire van haar vader, componist Vladimir Kobekin. Maar vooral de laatste maanden gaat haar carrière als een speer. Kobekina’s recentste opname werd bedolven onder recensiesterren en de artieste is dezer dagen dan ook enorm druk bevraagd. De komende maanden staat ze onder meer in het Concertgebouw Amsterdam, treedt ze op met de Wiener Symphoniker en is ze artiest in residentie bij TivoliVredenburg in Utrecht.

Toch blijft de celliste nuchter onder haar recente successen. Ze spreekt bescheiden over haar rol als uitvoerder en wil het

laat zich niet wortelen door de roots van de muziek

“ Klassieke muziek is meer dan ooit een luxe geworden, waarbij we ons voor de duur van een concert kunnen afsluiten van de wereld.”

publiek niet dwingend meenemen in haar vertolking. “De manier waarop ik de muziek wil communiceren, kan op een volledig andere manier geïnterpreteerd worden door het publiek. Ik ben niet verantwoordelijk voor hoe je ze hoort. In de concertzaal krijgt iedereen een eigen versie, afhankelijk van je persoonlijke achtergrond. We ervaren die noten natuurlijk allemaal samen, en soms krijg je van die magische momenten van eensgezindheid, wanneer je voelt dat iedereen de adem inhoudt, maar ik denk dat een concert vooral een individuele ervaring is. Ik kan op geen enkele manier vaststellen of wat ik wil communiceren ook effectief zo wordt waargenomen door een luisteraar.”

Muzikale mindfulness

Uit dat unieke karakter put Kobekina haar grootste spelplezier. Een vertolking mag daardoor elke keer nieuw en anders zijn. “Je speelt nooit helemaal zoals het gerepeteerd is,” zegt ze. “Het heeft iets improvisatorisch, hoe je je telkens weer aanpast aan het moment. Hoe je de focus van een publiek voelt verschuiven, en je daar als uitvoerder op moet reageren.”

Die focus is voor haar cruciaal. Ze geeft aan hoe ze de aandachtspanne van het publiek voelt veranderen. Als kind van deze tijd ziet Kobekina zeker de vele voordelen van sociale media: ze is bereikbaarder, voelt zich verbonden met personen met gedeelde interesses, beschouwt de platformen als een enorme bron van informatie—“wie nog nooit een voet in een concertzaal heeft gezet, kan online makkelijk inschatten wat de geplogenheden van een bepaalde plek zijn.” Maar tegelijkertijd voelt ze als artieste ook de druk om constant te posten en bekritiseert ze de agressieve manier waarop

Instagram, TikTok en andere sociale media onze aandacht opeisen.

“Ik denk dat het heel boeiend is om in deze veranderende tijden te leven. Niet zo lang geleden was het nog helemaal anders om je veertig minuten te concentreren op een muziekstuk. Ik ga niet pretenderen dat ik de rol van muziek in onze maatschappij kan definiëren, maar ik voel wel hoe die rol aan het verschuiven is. In de tijd van Haydn was muziek entertainment voor de elite. Vandaag is het geen entertainment meer, of toch niet uitsluitend. Klassieke muziek is meer dan ooit een luxe geworden, waarbij we ons voor de duur van een concert kunnen afsluiten van de wereld. Zonder telefoon. Het lijkt wel of mensen ook daarvoor naar concerten komen. Om te onthaasten. Als rustpunt in onze razendsnelle wereld. Klassieke muziek kan dat rustpunt zijn. Maar het blijft wel rust met een zeker engagement. Rust die ons emotioneel en intellectueel stimuleert.”

Jasper Croonen

Concert Roots met chef-dirigent Martijn Dendievel en celliste Anastasia Kobekina PROGRAMMA Johannes Brahms (1833-1897) Haydn Variaties, Joseph Haydn (1732–1809) Celloconcert nr. 1, Adrien Sassier (°1996) SOV Composers' Academy – Katzen und Schatten (creatie) Felix Mendelssohn (1809-1847) Symfonie nr. 5 ‘Reformatie’ SPEELDATA ZIE KALENDER → p23

Anastasia Kobekina © Lusine Pepanyan

Gent is onze thuis. In deze stad repeteren we, creëren we én ontmoeten we elkaar. We organiseren concerten, begeleiden jonge muzikanten, werken samen met partners en brengen muziek naar scholen en de wijk Nieuw Gent. We zijn niet alleen thuis in Muziekcentrum De Bijloke, maar bewegen ons door de hele stad van het conservatorium tot een buurthuis, van een klaslokaal tot het ziekenhuis. Hieronder ontdek je waar Symfonieorkest Vlaanderen leeft, werkt en speelt. Dat is thuis zijn in Gent.

(1) KASK & Conservatorium
(5) De Centrale
(6) Stadshal
(8) Nieuw Gent
(7) Wintercircus

sweet home

(1) KASK & Conservatorium

→ SOV Orkestacademie

(2) Miry Concertzaal

→ SOV Masterclasses

→ SOV Young concerten

→ SOV Young Soloist

(3) Bijlokesite: Muziekcentrum De Bijloke

→ in residentie

→ repetities en concerten

→ werksessies SOV Composers' Academy

(4) Bijlokesite: Kantoor SOV, IOA Studio & LOD Studio

→ repetities

(5) De Centrale

→ partner – Symphonic Mob

→ repetities

(6) Stadshal

→ Symphonic Mob

(7) Wintercircus

→ Symphonic Mob

(8) Nieuw Gent / SOV Invasie

→ Buurtcentrum Nieuw Gent

→ Inloopteam Nieuw Gent

→ Ontmoetingsplaats De Veranda

→ Open Huis Nieuw Gent

→ UZ Gent (Kinder- en jeugdpsychiatrie & Kinderrevalidatiecentrum)

→ Woonzorgcomplex Sterrehof

Scholen

→ Basisschool De Panda

→ Freinetschool De Spiegel

→ Freinetschool Het Prisma

→ Klim Vrije Kleuter- en Lagere School

→ Leefschool De Klavertjes

→ Sint-Paulus Gent (De Wonderboom & Rerum Novarumplein)

→ Styrka Lager Onderwijs

Meer weten over onze projecten en talentontwikkeling in en buiten Gent? Surf naar www.symfonieorkest.be/nl/talentontwikkeling

(2) Miry Concertzaal
(3) Muziekcentrum De Bijloke
(4) De Bijlokesite (kantoren)
Gent

CRenaudapuçon

Wie is Renaud Capuçon? Een violist die even virtuoos dirigeert als hij speelt, een kamermusicus die grenzen verkent, en een artiest die klassieke meesterwerken én vergeten parels tot leven brengt. Tijdens Vonken met Capuçon beleeft België een primeur: Capuçon staat voor het eerst tegelijkertijd als solist én dirigent tussen de musici van Symfonieorkest Vlaanderen. Maak kennis met deze veelzijdige artiest.

TALENT UITGELICHT

Erkenningen Capuçon en Schumann

Naast de grote romantische concerti verkent Capuçon ook graag minder bekend repertoire. Dat maakt hem spannend om live te beleven: zijn avontuurlijke keuzes weten zelfs

van Robert Schumann, een zelden uitgevoerd en lang miskend werk. Samen met Capuçon nodigt Symfonieorkest Vlaanderen het publiek uit om deze verborgen parel te herontdekken.”

(waaronder Argerich, Grimaud, , het vroegere instrument van zijn leermeester

Robert Schumann

Johannes Brahms (1833–1897)

15 en 16 mei in Muziekcentrum De Bijloke, Gent

Renaud Capuçon © Simon Fowler

3 0 0 jaargelukkiggesch e i d e n

Augsburg, 1530. Het is Rijksdag en een aantal hervormingsgezinde theologen proberen de katholieke Keizer Karel hun overtuigingen en grieven diets te maken. De belijdenis die ze hem presenteren hekelt de verdorven Roomse santenboetiek en beveelt een meer bescheiden religieuze praktijk aan. Tot een verzoening komt het echter niet en de meeste Duitse gebieden zullen in de daaropvolgende jaren partij kiezen voor Luther. Het Europese christendom breekt in stukjes.

Berlijn, 1830. Felix Mendelssohn, zoon van een bekeerde joodse bankier, zit hopeloos achter op schema. Zijn geplande Reformatiesymfonie —een scheiding mag tenslotte best gevierd worden —dreigt niet op tijd klaar te raken voor de feestelijkheden die de driehonderdste verjaardag van de Augsburgse belijdenis moeten opluisteren. Tot een tijdige voltooiing komt het inderdaad niet. Erger nog, het werk zal in de daaropvolgende jaren almaar meer stof garen tot het ei zo na vergeten is. Weer tweehonderd jaar later weten we gelukkig beter. — Régis

Dragonetti

In de trage inleiding grijpt Mendelssohn terug naar een hymne van Thomas van Aquino voor Witte Donderdag. De gregoriaanse melodie Pange Lingua (Bezing, tong!) krijgt hier een prachtige meerstemmige bewerking, als ware het een gesublimeerde vorm van theologische twist omtrent de transsubstantiatie (“Is de miswijn na zegening nu echt bloed of niet?”). Al gauw steken militaire aandoende kopersignalen de kop op. Gewapende actie in het verschiet? Ineens weerklinkt in de strijkers het Dresdense Amen, trapsgewijs stijgende sexten die de meesten onder u wel zullen kennen als het Graalmotief uit Wagners Parsifal. In werkelijkheid werd deze formule zowel in katholieke als lutheraanse diensten gebezigd. Voor Mendelssohn staat ze wellicht eerder symbool voor de reformatie. Meteen erna steekt de symfonie immers definitief van wal met een vurig thema (con fuoco!). Het hoofdthema is in wezen een opeenvolging van de eerdere militaire fanfare en de omkering van het Dresdense Amen. Met veel zwier bewijst Mendelssohn zich in wat volgt: een nazaat van de heroïsche Beethoven. Pas na een zinderende doorwerking is er weer een adempauze. Allerijlst doorzweemt het Dresdense Amen weer de lucht, waarop de reprise volgt en een korte coda. Oef.

– II –Allegro vivace

De kruitdampen die nog boven het orkest hangen worden weggeblazen door een scherzo van Haydneske lichtheid. Houtblazers openen met gebroken akkoordjes in fluks gepunteerd ritme. Naadloos flirt Mendelssohn met aangrenzende toonaarden tot hij bij aanvang van het triogedeelte middels enkele pizzicato’s naar een zonnig sol groot scharniert. Amper krijgen we de tijd om ons deze nog toegenomen luimigheid te laten welgevallen of we belanden kortstondig in de meer grauwogende paralleltoonaard van si klein. Dit op zich bruuske manœuvre wordt handig verbloemd door een ietwat klaaglijke vioollijn, die plotsklaps onze aandacht opeist. Of beter gezegd: enkele seconden lijkt het klaaglijk, maar dan slaat toch weer de motor aan die ons naar de oorspronkelijke toonaard voert. Allemaal typische ingrediënten van muziek die de luisteraar op het verkeerde been wil zetten.

III –Andante

In hetzelfde jaar dat Mendelssohn aan zijn Reformatiesymfonie arbeidde, was hij verslingerd geraakt aan de muziek van J.S. Bach. Dit derde deel heeft dan ook iets weg van een aria uit een baroksuite. Mogelijks zat de componist bij het schrijven ook weer aan die dekselse Beethoven te denken, meer bepaald aan het arioso in het laatste deel van diens 31ste pianosonate. Klinkt misschien vergezocht maar ook Beethoven zat toen met Bach in zijn hoofd (de melodie is in zijn geval immers een omspeling van Es ist vollbracht uit de Johannespassie). Gelijkenissen met Mendelssohns versie zijn de dalende baslijn bij aanvang, de toonaard van sol klein, de gestadig begeleidende akkoorden die gebruik maken van kleurrijke vertragingen en de voorhoudingen in de melodie… Wat er ook van zij, er is slechter volk om mee vergeleken te worden, niet waar.

– IV –

Andante con moto

Allegro vivace

Allegro maestoso

Na twee kortere delen brengt Mendelssohn de zaak weer in evenwicht met een lijvig sluitstuk. Luther was naar het schijnt een bekwaam fluitist. Met welk instrument zet je dan beter de finale van je Reformatiesymfonie in dan de meest wendbare der blazers? Overigens gaat het niet om het eerste het beste deuntje. De ruggengraat van deze triomfalistische apotheose wordt gevormd door het bekende Lutheraanse kerklied Ein feste Burg ist unser Gott, eerst monofoon, dan als koraal. Na de statige toonzetting gaat het tempo abrupt de hoogte in. In het nieuwe, drieledige metrum struikelen de imitatieve kopjes “Eeeeeein fes-te Buuuuurg” over elkaar heen als kinderen na het laatste belsignaal. Dit enthousiasme slaat over op het werkelijke thema van deze sonatevorm. Erg karaktervol kan je dat thema nochtans niet noemen—best slim van Mendelssohn, want daardoor loopt het niet in de weg van die machtige burcht die voortdurend onder en boven alles opduikt als verbindend materiaal. Sterker nog, de korte doorwerking en coda staan helemaal in het teken van de jubilante hymne, als betrof het een magistrale laatste pennenstreek op Augsburgs perkament. Punt aan de lijn.

Concert Roots met Martijn Dendievel en celliste Anastasia Kobekina. In Amsterdam is Victor Julien-Laferrière de solist. SPEELDATA 28 maart in Muziekcentrum De Bijloke, 29 maart in DE SINGEL Antwerpen, 2 april in Concertgebouw Brugge en 5 april in Concertgebouw Amsterdam (NL)

foto Felix Mendelssohn

Concerto trombone voor

in duet

Bram Fournier (links) en Frederik Neyrinck (rechts)
© Bjorn Comhaire

Componist Frederik Neyrinck (°1985) brengt de trombone naar hogere sferen met zijn gloednieuw concerto voor orkest, geschreven voor de SOV-concertreeks The Planets, in samenwerking met Antwerp Spring Festival. Solist is Bram Fournier (°1988), vriend en bevoorrecht muziekbroeder. Wij vroegen hen hoe ze elkaar vonden, én hoe ze elkaar vinden in het creatieve proces. —Heleen Driesen

Wanneer Bram straks met zijn trombone voor het orkest plaatsneemt, zal dat een beetje voelen als thuiskomen. De jonge muzikant deed zijn eerste orkestervaringen op bij Symfonieorkest Vlaanderen. “Het zal fijn zijn om weer te mogen zetelen tussen het orkest. Veel collega’s ken ik nog van vroeger. Het voelt vertrouwd, ik keer altijd met plezier terug.” Ook de ontmoeting met Frederik Neyrinck is een blij weerzien. De twee kennen elkaar al sinds de middelbare school. Frederik studeerde piano en compositie aan het conservatorium, maar heeft ook een goed beschermd verleden als trombonist. “Op een heel bescheiden niveau,” lacht hij. “Bram en ik zaten naast elkaar in het jeugdorkest. Later kwamen we elkaar opnieuw tegen in ensembles waar we mee samenwerkten.”

De band werd nog aangehaald bij het Antwerpse ensemble I SOLISTI, waar Bram de vaste trombonist is en Frederik al enkele jaren componist in residentie. Bij die laatste borrelde al enige tijd de goesting om een werk voor trombone en orkest te schrijven – met zijn vriend in het achterhoofd. “Niet uit sociale verplichting, maar

omdat Bram gewoon een fantastische muzikant is”, klinkt het vrolijk. “Ik vind het ook altijd fijn om samen te werken met mensen die, los van jou, toch een gelijklopend parcours afleggen. Bram en ik behoren tot dezelfde generatie, we worden samen ouder en gaan elk onze eigen weg. En toch treffen we elkaar telkens weer en worden we even vaak opnieuw verrast. Dat vind ik een mooi proces.”

Trombone in de bovenste schuif

Waarom Frederik absoluut een stuk voor trombone wilde schrijven – toch niet zo’n evidente keuze voor een orkestwerk? Daar zat zijn jeugdliefde voor het instrument voor iets tussen. “Piano spelen is een vrij eenzame bezigheid. Maar als trombonist speel je in een harmonieorkest of big band. Je leert muziek maken met elkaar, samen ademen, inspelen op de ander. Zo beleef je de muziek heel anders.”

Bovendien heeft de trombone kwaliteiten die perfect matchen met zijn manier van schrijven, aldus de componist. “Ik bouw muziek graag op vanuit tooncentra – een grondtoon waarrond ik andere lijnen

drapeer. De schuif van de trombone leent zich daar uitstekend toe. Met kleine en grote bewegingen maak je glissandi en ‘verdikkingen’ die – zeker in een werk met strijkers – een heel interessante textuur opleveren.”

Het stuk is bij dit interview nog niet helemaal af, verklappen de muzikanten, maar Bram kijkt er al naar uit om in de partituur te duiken. “Nieuw werk ontdekken, vind ik het leukst van al,” aldus de trombonist. “Aan het conservatorium doorloop je zowat het hele repertoire voor trombone, en dat is nu eenmaal niet zo groot. Sommige componisten gaan dan bestaand repertoire bewerken, maar arrangementen interesseren me minder. Ik hou van origineel werk dat je dwingt je grenzen te verleggen. Je stelt je kwetsbaar op, maar als het lukt, is de voldoening groot.”

Dat de componist zijn solist niet spaart, beaamt Bram lachend. “Telkens hij iets schrijft, wordt het moeilijker. Hoe toegankelijk het soms ook klinkt, eenvoudig is het niet. Maar Frederik weet heel goed wat ik kan – en wat ik met wat moeite waarschijnlijk ook zal kunnen.”

Samen op zoek naar kleur

Frederik zoekt graag de limieten op van wat muzikaal mogelijk is. Daarover gaan componist en solist dan in gesprek. “Ik stuur geleidelijk fragmenten door, zodat Bram al kan beginnen repeteren. Als hij vastloopt in bepaalde passages of een voorstel heeft om iets technisch beter te laten werken, zoeken we samen naar een oplossing.”

Dat Frederiks schriftuur al enorm gedetailleerd is, belet niet dat er nog ruimte is om de tekst te veranderen. Tijdens het repetitieproces kan de solist dingen aanbrengen, maar ook in de samenwerking met orkest en dirigent ontstaan

nieuwe ideeën, legt de componist uit. “Bij het zoeken naar balans probeer je bijvoorbeeld verschillende dempers uit. Zo ontdek je samen wat je precies wil vertellen.”

Daar voegt Bram zijn eigen klank en kleur aan toe, en die is veel minder onderhevig aan de voorschriften van de partituur. “Als muzikant draag je altijd een rugzak vol ervaringen, kwaliteiten en stijl mee. Die projecteer je op wat je nieuw leest. Een andere artiest zal hetzelfde stuk heel anders interpreteren, al probeert die de tekst zo nauwgezet mogelijk te volgen.” Of Bram kan uitleggen wat zijn klank zo eigen maakt? “Ik probeer echt te zingen op mijn instrument, niet per se ‘trombone’

te spelen. Er zijn zoveel kleuren mogelijk. Aan geweldige stielmannen geen gebrek, maar ik probeer vooral de muzikant te laten horen. Daarin blijf ik altijd zoekend.” Die zoektocht mag voor de trombonist best ver reiken. “Frederik zal me misschien naïef noemen,” knipoogt hij, “maar ik hoop dat de wereldpremière van dit concerto op 23 april in Antwerpen er ook écht één wordt. Er bestaan veel goede stukken voor trombone, ook van Belgische componisten, maar ze blijven te vaak onder de radar. Hoe prachtig zou het zijn mocht dit concerto blijven leven en zijn weg vinden naar het standaardrepertoire?” Docenten en dirigenten aller lande, pick up the call.

Bram Fournier (links) en Frederik Neyrinck (rechts) © Bjorn Comhaire

Word Vriend of steun ons met een gift

Samen bouwen we aan de toekomst van klassieke muziek. Met jouw steun helpen we jonge talenten, dirigenten, componisten en musici groeien.

Word Vriend vanaf €45 per jaar. Alle giften vanaf €40 zijn fiscaal aftrekbaar.

Bjorn Comhaire

wo 15 – zo 19 apr 2026

Neem plaats op het podium, tussen de muzikanten van Brussels Philharmonic en laat de muziek dichter komen dan ooit!

conce gebouw.be/clubsurround

Vilde Frang & Kammerorchester

Met werk van Bach, Mendelssohn en Grieg

kalender mrt → jun 2026

Roots

met chef-dirigent Martijn Dendievel en celliste Anastasia Kobekina

ZA 28.03 20:00

MUZIEKCENTRUM DE BIJLOKE

ZO 29.01 15:00 DE SINGEL ANTWERPEN

DO 02.04 20:00 CONCERTGEBOUW BRUGGE

VR 05.04 11:00

CONCERTGEBOUW AMSTERDAM NL *

* In Amsterdam is Victor Julien-Laferrière de solist

The Planets

met chef-dirigent Martijn Dendievel, trombonist Bram Fournier, SOV Young en Octopus Symfonisch Koor

DO 23.04 20:00

ZO 26.04 20:00

HANDELSBEURS, ANTWERPEN

CONCERTGEBOUW BRUGGE

In samenwerking met Antwerp Spring Festival Vonken met Capuçon met dirigent en violist Renaud Capuçon

DO 14.05 20:00

VR 15.05 20:00

ZA 16.05 20:00

www.symfonieorkest.be tickets@symfonieorkest.be

CONCERTGEBOUW BRUGGE

MUZIEKCENTRUM DE BIJLOKE

MUZIEKCENTRUM DE BIJLOKE

09 292 75 57 ma—do 10:00—13:00

Ticketbalie concerten Brugge In&Uit ’t Zand 34, 8000 Brugge

Openingsuren: di–za, 10:00–17:00; zon- & feestdagen gesloten 078 15 20 20. Bereikbaar ma–vr, 10:00–17:00 (€0,30/min)

Opening Holland Festival City of Floating Sounds - Huang Ro met chef-dirigent Martijn Dendievel

WOE 03.06 21:45 KONINKLIJK THEATER CARRÉ, AMSTERDAM NL

Carnaval des Animaux

met musici van Symfonieorkest Vlaanderen

ZO 14.06 17:00 Côté Jardin MUZIEKCENTRUM DE BIJLOKE

ZO 21.06 12:00 Garden Party MUZIEKKAPEL KONINGIN ELISABETH

ZO 21.06 14:00 Garden Party MUZIEKKAPEL KONINGIN ELISABETH

Het voorlaatste carnaval der dieren

met musici van Symfonieorkest Vlaanderen, schrijver en acteur Jeroen Olyslaegers

ZA 27.06 18:00 STROOM FLUVIUS CAMPUS MERELBEKE

ZA 27.06 20:30 STROOM FLUVIUS CAMPUS MERELBEKE

ZO 28.06 11:00 STROOM FORT LIEFKENSHOEK, ANTWERPEN

ZO 05.07 13:00 Wonderfeel BAARN NL

Muziekcentrum De Bijloke Gent www.bijoke.be, 09 323 61 00 DE SINGEL Antwerpen www.desingel.be, 03 248 28 28

Concertgebouw Amsterdam www.concertgebouw.nl +31 20 671 83 45 Antwerp Spring Festival www.antwerpspringfestival.be Holland Festival www.hollandfestival.nl Garden Party www.musicchapel.org STROOM www.festivalstroom.be Wonderfeel www.wonderfeel.nl

Symfonieorkest Vlaanderen, Bijlokekaai 8 bus 8, 9000 Gent info@symfonieorkest.be, www.symfonieorkest.be +32 9 292 75 57, reknr. BE06 7330 1321 0622 BIC KREDBEBB

Werkten mee aan deze uitgave: coördinatie Aslihan Gence, tekst Jos Roeden, Sven Sabbe, Jasper Croonen, Régis Dragonetti, Heleen Driesen, grafisch ontwerp Lieven Haneca, foto's Arn Van Wijmeersch, Björn Comhaire, Julia Altukhova, Lusine Pepanyan, Simon Fowler, Willem Mevis, druk Puntgraaf. Programma's onder voorbehoud van wijzigingen. V.U. Jos Roeden, Bijlokekaai 8 bus 8, 9000 Gent

Symfonieorkest Vlaanderen wordt gesteund door

Symfonieorkest

Vlaanderen is in residentie in

© Willem Mevis

Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook