D I T D O SS I E R W O R D T G E P U B L I C E E R D D O O R S M A R T M E D I A E N VA LT N I E T O N D E R D E V E R A N T W O O R D E L I J K H E I D VA N D E R E D AC T I E VA N D E STA N D A A R D
SEPT ‘19
RESEARCH & DEVELOPMENT
Jürgen Ingels Tijd reduceren voor betere resultaten
Investeren in innovatie Data is the new gold
Luc Van den hove Vlaanderen: centrum van innovatie
CHRISTIAN REINAUDO ”Bij Agfa doen we niet aan innovatie om te innoveren. Er zit altijd een doel achter.”
LEES MEER OP FOKUSONLINE.BE. #FOKUSRESEARCH
Werkpostfiche als communicatiemiddel www.p-i.be • www.werkpostfiche.be
02
VOORWOORD JÜRGEN INGELS
FOKUSONLINE.BE
Tijd reduceren voor betere resultaten
“K
Wat is dan wel in belang toegenomen de laatste jaren? Managementboeken refereren traditioneel naar vier factoren die nodig zijn om een succesvol bedrijf te kunnen uitbouwen. In de eerste plaats moet je beschikken over een team van superdudes. Daarnaast is een mega grote markt een noodzaak en moet het product dat je bouwt cool, fantastisch en klantvriendelijk zijn. Ten slotte heb je ook geld nodig om succesvol te kunnen zijn. Zonder geld is het lastig om überhaupt iets te kunnen doen.
vreemd, maar er zijn honderden manieren om tijd voor je bedrijf te reduceren. Je moet ervoor zorgen dat je niet meer door een leercurve moet gaan en zaken sneller kunt realiseren. Dat geldt voor gebruik van tools, toegang tot kapitaal, internationale ervaring, toegang tot saleskanalen...
De subsidiestructuur van morgen moet over meer gaan dan enkel geld.
Toch is er volgens mij een vijfde element dat in een digitale en snel veranderende wereld enorm belangrijk is en nog aan belang zal toenemen: tijd. De beste bedrijven zijn diegene die erin slagen om tijd te reduceren. Dat lijkt iets abstracts en
06
08
14
LEES MEER...
Bijna twintig jaar geleden ondertussen heb ik mijn bedrijf opgericht. Ik herinner me goed dat ik een groot deel van de fondsen, die ik nodig had om te kunnen starten, op café heb opgehaald. Alcohol kan al eens helpen om mensen van hun remmingen af te helpen. Klinkt vreemd, maar op dat ogenblik waren er zero partijen bereid om geld te geven aan het uitwerken van een idee.
om maar terug als je tractie hebt of een klant”, was toen het favoriete zinnetje van investeerders. Het andere deel van de nodige fondsen kwam van de overheid, die via het toenmalige IWT een subsidie gaf om ons idee om te zetten in een stuk software. Vandaag is de situatie gelukkig anders.Geld voor starters is er in overvloed. Er zijn incubatoren, very early stage fondsen, crowdfundingmogelijkheden en overheidsfondsen die startende bedrijven geld toestoppen. Geld is in dat opzicht een pak minder belangrijk geworden en is geen bottleneck meer om te kunnen opstarten.
04
04
Anticipatie door innovatie
06
De levenslijn van farma en life sciences
08
Profielinterview: Christian Reinaudo, Agfa
12
Expertpanel: Innoveren met de Heilige Drievuldigheid
14
Luc Van den hove: Vlaanderen aan de wereldtop? Dan moeten we keuzes maken
COLOFON. PRODUCTIELEIDER: Christian Nikuna Pemba HOOFDREDACTIE: Ellen Van Hoegaerden TEKST:
Tijd reduceren is iets dat ik consequent probeer te doen voor alle bedrijven waarbij ik betrokken ben. Het is een aparte ingesteldheid en bij elke handeling wordt telkens weer dezelfde vraag gesteld: ‘Hoe kunnen we tijd reduceren?’ Ervaring is daarbij van groot belang. Daarom vind ik dat een modern subsidiebeleid verder moet gaan dan alleen maar geld ter beschikking stellen. Vergis je niet, subsidies zijn nodig, wat mensen ook beweren. Zonder subsidie was mijn bedrijf nooit opgestart geraakt. Toch ben ik van mening dat er nog veel betere resultaten geboekt zouden worden, indien we die subsidies verbinden aan de tijd-reductiegedachte en bedrijven bijstaan met een echt tijd-reductieprogramma. Ik ben ervan overtuigd dat dit het geld nog beter zou laten renderen en mee zal helpen om Vlaamse bedrijven uit te bouwen tot internationale spelers. De subsidiestructuur van morgen moet dus over meer gaan dan enkel geld. Omkadering van bedrijven zal daarbij key worden.
Hannes Dedeurwaerder Evelien Jansen Frederic Petitjean COVERBEELD: Baïdy Ly VORMGEVING: Anouk Brusselaers DRUKKERIJ: Corelio
SMART MEDIA AGENCY SMART STUDIO Leysstraat 27, 2000 Antwerpen Tel +32 3 289 19 40 redactie@smartmediaagency.be studio@smartmediaagency.be
TEKST JÜRGEN INGELS, DURFKAPITALIST
Veel leesplezier Niels Diependaele Project Manager
ADVERTORIAL
Innovatie versnellen dankzij samenwerking Wist u dat veel succesvolle innovaties tot stand zijn gekomen door middel van samenwerking? Door kennisgebieden en sectoren samen te brengen komen oplossingen in beeld die individueel niet haalbaar zijn. Bijvoorbeeld doordat men kan beschikken over expertise die men zelf niet in huis heeft. Of omdat door kruisbestuiving geheel nieuwe inzichten worden verkregen. In een tijd waarin innovatie centraal staat is een groot en divers netwerk dan ook zeker geen overbodige luxe.
Een internationaal netwerk van meer dan 4.000 organisaties
Ook KMO’s komen gemakkelijker in contact met ons Europese netwerk
“Een groot en internationaal netwerk: dat is één van de dingen waarmee PNO Consultants u kan helpen”, aldus John Deckers, Country manager PNO Belgium. “In de meer dan 30 jaar dat PNO Consultants internationaal actief is in de wereld van innovatie en subsidie hebben wij een netwerk van meer dan 4.000 organisaties opgebouwd. Een zeer divers netwerk, dat bestaat uit KMO’s en multinationals maar ook uit universiteiten, onderzoeksinstellingen en overheden. En bovendien in de meest innovatieve sectoren, zoals circulaire economie, cleantech, energie en milieu en bio-economie.”
Beschikken over een netwerk is één, maar het benutten is een heel andere zaak. Deckers: “Tijdens het innovatieproces doorloop je veel stappen waarin je extra expertise of capaciteit kunt gebruiken. Denk aan het uittesten van ideeën en ontwerpen samen met andere organisaties om zo oplossingen van anderen te kunnen toepassen op eigen problemen. Of het verkrijgen van toegang via consorta tot EU-gelden om onderzoek te kunnen subsidiëren. Zeker voor KMO’s is dit niet altijd eenvoudig. Via PNO Consultants komen innoverende partijen gemakkelijker in contact met derden en wordt de slaagkans van de innovatie sterk vergroot.”
WWW.PNOCONSULTANTS.COM/BE
Contact met PNO Consultants Met onder meer vestigingen in Brussel zit PNO Consultants ‘dicht bij het vuur’. Neem gerust eens contact op met John Deckers of één van onze consultants om te kijken hoe wij ons netwerk voor u kunnen activeren. PNO Consultants 02/6133110 info@pnoconsultants.be www.pnoconsultants.com/be
AGENTSCHAP INNOVEREN & ONDERNEMEN BRAND REPORT
#FOKUSRESEARCH
Stroomversnelling voor het betere bodembeheer Grondwater stroomt ook. Maar wanneer het doorheen verontreinigde grond beweegt, voert het vervuilende partikels met zich. Waar naartoe? Hoe snel? Als bodemsaneerder wil je dat graag in kaart hebben, want zulke inzichten kunnen je aanpak enkel optimaliseren.
D
e start-up iFLUX heeft daar een veelbelovende oplossing voor gevonden. Niet enkel wonnen ze er een prestigieuze prijs mee, maar haalden recent ook een investering van € 1,36 miljoen op. Goedele Verreydt en Tim Op ’t Eyndt vertellen over de ingrijpendste ervaringen op hun traject van fundamentele research naar commercialisatie. Goedele: “Het iFLUX-verhaal startte in 2008. Binnen VITO werkte ik aan een doctoraat rond grondwaterbeheer: hoe kon je verspreidingsrisico’s in kaart brengen? Ik werkte een aantal pistes uit, bekeek technisch welke meetinstrumenten voor handen waren om die verspreidingssnelheid in te schatten. Daaruit is onze passieve fluxtechnologie ontstaan en verder ontwikkeld. Tijdens mijn postdoconderzoek bij UAntwerpen werd het verhaal opnieuw door VITO opgepikt. Op een bootcamp met de Vlerick Management School stelde ik mijn project voor. Dat ik won, was mooi meegenomen, maar dat ik in de voorbereiding ernaartoe Tim leerde kennen, was veel belangrijker.”
Er bestaat een zekere hype rond startups: je hebt een product, je gaat naar een investeerder, je haalt een aantal miljoenen op en je begint. Zo eenvoudig is het niet. Ieder verhaal moet op maat van de specifieke markt geschreven worden.
Tim: “Als business development manager bij VITO bracht ik de meest beloftevolle onderzoekstopics dichter bij de markt. In die rol begeleidde ik Goedele bij haar pitching contest. Heel interessante brainstormsessies waren dat. Waaruit ik meteen opmaakte dat Goedele een heel goed zicht had op de materie. Ik begreep al gauw dat ik aan haar kant van de tafel thuishoorde. Ik hielp haar niet vooruit door de juiste vragen te stellen, wel met die vragen te helpen beantwoorden.” De markt vertelt je hoever je staat Wat volgde was een groeitraject. Terwijl Goedele een innovatiemandaat van VLAIO toegekend kreeg, loste Tim beetje bij beetje zijn rol bij VITO om uit te zoeken hoe klaar de markt was voor de oplossing waaraan ze werkten. Erg klaar, zo bleek uit die eerste gesprekken. Tim: “Maar we hebben met vallen en opstaan geleerd dat je je marktintroductie niet kunt forceren. Toen we onder druk van VITO en UA begonnen te pitchen bij mogelijke investeerders, kregen we op kerstavond het deksel op de neus: volgens hen waren we nog niet klaar. Er waren nog cruciale validatiestappen te nemen; we konden nog geen gecertificeerde analyses voorleggen en finale deals met leveranciers moesten nog afgerond worden om iFLUX schaalbaar te maken.”
Wil jij ook groeien en innoveren? VLAIO bedrijfsadviseur Hendrik Baudrez en zijn collega’s staan voor jou klaar. We zijn een kritisch klankbord en brengen de sterktes en zwaktes van je plannen in kaart. Daarbij adviseren we je over subsidies en financiering en brengen je in contact met de nodige experten uit ons netwerk. Maak een afspraak via vlaio.be.
Goedele: “Een pijnlijk maar belangrijk leertraject: je moet niet willen lopen voor je kunt stappen. Je kunt een goed idee hebben en een market fit, toch heb je een bepaald tijdspad nodig voor je een kansrijke spin-off bent.” Wie zijn we? Wat doen we? Wie zijn onze klanten? Tim: “Gelukkig konden we begin 2017 bij The Birdhouse terecht, met drie fantastische mentoren. Een inspirerende omgeving met een heel andere vibe dan we als onderzoekers gewoon waren. Allemaal ondernemende mensen met gelijklopende vragen, problemen, uitdagingen. In zo’n omgeving vervelden we van een onderzoeksgericht naar een commercieel bedrijf. Want daar draait het uiteindelijk wel om. Als je het niet verkocht krijgt, heb je geen bedrijf.” Goedele: “We verkopen ook geen product, natuurlijk. We verkopen de data die ons product oplevert. En de inzichten die onze metingen voor bodemsaneerders opleveren om sneller en efficiënter aan de slag te kunnen.” Een groeiverhaal schrijven Tim: “In oktober 2017 gingen we echt van start. We namen Filip, onze eerste werknemer, in dienst en begonnen aan een succesvol commercieel traject met binnen- én buitenlandse projecten. Twee jaar en een succesvolle kapitaalronde later zijn we klaar voor digitalisering en internationalisering. Via The Birdhouse leerden we Hendrik Baudrez, bedrijfsadviseur bij VLAIO kennen. Hij wees ons op de mogelijkheden die VLAIO biedt.” Goedele vult gretig aan: “We vroegen een kmo-groeisubsidie aan. We hopen hiermee weldra iemand te kunnen aanwerven die ons daar uitstekend bij kan helpen. De Europese markt is er helemaal klaar voor. En met onze real time grondwater-sensing die we snel in de markt zetten, zullen we die markt ook verbreden: met de actuele problematiek van grondwaterverdroging, kunnen we ook beleidsmensen van nuttige inzichten voorzien.” Tim: “We hebben dus wat watertjes doorzwommen. Het is belangrijk die uitdagingen samen met dezelfde visie te overwinnen. Laat je omringen door goede mensen wiens advies je absorbeert. Denk na over elke stap die je zet. Niet te vroeg, maar ook nooit te laat.”
03
04
INDUSTRIE 4.0 INFRASTRUCTUUR
FOKUSONLINE.BE
ANTICIPATIE DOOR INNOVATIE
Data is the new gold Industrie 4.0 is de vierde industriële revolutie. Het omvat het samenkomen van nieuwe technologieën – zoals data-analyse, Internet of Things, 3D-printing, artificial intelligence... – om uitgebreide voordelen te bieden aan industrieën in allerlei sectoren. Maar ziet iedereen die voordelen?
E
r schuilt een groot algemeen maatschappelijk belang in het stimuleren van innovatie. Zo kunnen slimme verkeerslichten zorgen voor een betere verkeersdoorstroming, bijvoorbeeld. En in de strijd tegen de klimaatopwarming en de uitputting van fossiele brandstoffen kunnen alternatieve energiebronnen voor meer ademruimte zorgen. Maar wat gebeurt er op bedrijfsniveau wanneer het concept industrie 4.0 of onbekend of verkeerd geïnterpreteerd wordt door zij die de beleidslijnen uitzetten? Vooraleer eender welk Industrie 4.0-project effectief kan werken, moet er een duidelijke visie komen. En die visie moet van bovenaf komen. Eva Gobien, Business Development Manager Cronos aan de Leie bij Cronos Groep, is het daar volledig mee eens. “Spijtig genoeg denken nog veel bedrijfsleiders dat hun bedrijf niet zal geconfronteerd worden met de disruptie. Wil je echter je positie in de markt behouden, dan moet je vandaag nog nieuwe technologieën inzetten. Hoe meer data en processen er beschikbaar zijn, hoe sneller je die kunt inzetten voor toekomstige belangrijke beslissingen. Data is the new gold.”
geaccepteerd door de maatschappij en voor je het goed en wel beseft, word je als bedrijf voorbijgestoken”, besluit ze. Productieprocessen zijn cruciale activiteiten binnen een onderneming die constant in de gaten worden gehouden met efficiency scores en waarbij er zo lean mogelijk te werk wordt gegaan. Innovatie gaat vaak gepaard met grondige herstructureringen
die niet altijd van de eerste keer werken. Het wordt daarom soms als een bedreiging gezien. Maar wie vooruit wilt, moet durven falen. “Wereldwijd worden er successen geboekt dankzij digitale transformaties, maar om echt succesvol te zijn, vereist dat vaak ingrijpende veranderingen”, bevestigt Nicolas Deruytter, CEO van het Gentse groeibedrijf ML6. “Dat in combinatie met
Nieuwe technologieën worden exponentieel geaccepteerd door de maatschappij. Voor je het goed en wel beseft, word je als bedrijf voorbijgestoken. EVA GOBIEN, CRONOS GROEP
een gebrek aan leiderschap – uit een recente studie van NTT Data blijkt dat slechts 11 procent van de organisaties tevreden is over hun verantwoordelijke voor digitale transformatie – houdt veel bedrijven tegen om te investeren in innovatie”, licht hij toe. “Een extra moeilijkheidsfactor is dat er ondertussen enorm veel tools bestaan om in je bedrijf te integreren. One size fits all bestaat niet. Het is een kunst om de juiste keuzes te maken die verderbouwen op de huidige sterktes van het bedrijf. Hier worden dus best multidisciplinaire teams op gezet, die tijd genoeg voorzien om de huidige datamuren tussen de verschillende departementen naar beneden te halen. Dat team moet voldoende autonomie krijgen in de keuze van de geschikte tools om snel tot waardevolle inzichten te komen rond datakwaliteit, beschikbaarheid en integratie”, stelt Deruytter. Een goede bedrijfsleider stimuleert dus maar beter samenwerkingen over de departementen heen en is helemaal mee met het concept Industrie 4.0. Het is zijn taak de mensen rondom hem te informeren en te inspireren. AI en IoT-projecten zijn enorm fascinerend en essentieel om mensen te overtuigen van de waarde die het kan hebben voor de organisatie. Pick your battles en durf je IoT-infrastructuur uitbesteden aan gespecialiseerde partners. Start klein met een proof-of-concept en trek je conclusies, vooraleer je deze methode(s) uitrolt over verschillende afdelingen. Je winst? Een gegarandeerd concurrentievoordeel.
Innovatie moet een standaardproces binnen een organisatie worden waarbij je blijvend experimenteert, stelt Gobien verder nog. “Voor innovatieve projecten hou je best een bepaald percentage van je winst vrij. Spijtig genoeg denken nog heel veel ondernemers lineair en vinden ze het voor hun sector of bedrijf nog te vroeg om nieuwe technologieën te verkennen en te kijken wat dit voor hun organisatie kan betekenen. Maar nieuwe technologieën worden exponentieel
TEKST EVELIEN JANSEN
ADVERTORIAL
HEEFT U UITZENDKRACHTEN IN DIENST? Ook uitzendkrachten zullen niet ontsnappen aan de Smart Industry, Factory Automation of Industry 4.0. Bedrijven hebben immers baat bij het nog efficiënter inzetten van hun productieprocessen om concurrentieel rendabel te blijven. Nieuwe technologieën op de werkplek, zoals robotica, drones, verregaande digitaliseringen… hebben impact op de arbeidsomstandigheden van uitzendkrachten op de werkplek. Ze krijgen te maken met nieuwe veiligheids- of gezondheidssrisico’s of bestaande risico’s kunnen zelfs versterkt tevoorschijn komen. Uitzendkrachten moeten, net als andere werknemers, veilig kunnen werken. Dat is dé opdracht van bedrijven die met uitzendkrachten werken. Ondanks een belangrijke daling van de arbeidsongevallen van uitzendkrachten in de voorbije jaren komen dodelijke en ernstige ongevallen alsnog voor. De oorzaak is vaak een gebrekkig onthaal van de uitzendkracht door het bedrijf. Het verzorgen van een goed onthaal
is dus een sterke troef voor werkgevers. Nieuwe digitale technologieën kunnen dan ook helpen om nieuwe werknemers en uitzendkrachten nog beter te onthalen. De Centrale Preventiedienst voor de uitzendsector, Preventie en Interim (PI), heeft tal van tools ter beschikking om arbeidsongevallen van uitzendkrachten te voorkomen. Werkgevers die met uitzendkrachten willen werken, kunnen terecht voor advies en ondersteuning bij het team van PI. Zie ook de sites www.p-i.be en www.werkpostfiche.be. Op die laatste kun je binnenkort een werkpostfiche invullen waarop alle maatregelen voor die specifieke werksituatie voor de uitzendkracht zijn genoteerd. Als werkgever kun je die fiche ook gebruiken als onthaaldocument. De werkpostfiche is bovendien beschikbaar in elf talen.
Marijke Bruyninckx Directeur Preventie en Interim
www.p-i.be www.werkpostfiche.be
ADVERTORIAL
Maak deel uit van het #1 Open Source ERP evenement wereldwijd
2019
EXPERIENCE
2 - 4 OCTOBER AULA MAGNA • LOUVAIN-LA-NEUVE
Het evenement voor de
SUCCESVOLLE ONDERNEMER GET INSPIRED • STAY CONNECTED • HAVE FUN
Presentaties Demos
Workshops
Concerten
Networking
...en zoveel meer!
IS GRAT A NG TOEG
Schrijf je in op :
experience.odoo.com
06
FOCUS FARMA & LIFE SCIENCES
Wat is essenscia? essenscia is de spreekbuis van ruim 720 sectorbedrijven binnen de chemie, kunststoffen, farma en biotech. Als je weet dat die sectoren in Vlaanderen goed zijn voor 60.000 werknemers, een kwart van de omzet, een derde van de export en een derde van de toegevoegde waarde, dan weet je dat zo’n organisatie broodnodig is. En al zeker als je weet dat die sectoren goed zijn voor ongeveer de helft van alle industriële uitgaven in R&D én de helft van alle buitenlandse investeringen.
De Belgische (bio) farmaceutische sector in cijfers De sector kan mooie cijfers voorleggen: zo bleek dat in de periode 2014-2018 de werkgelegenheid binnen de (bio) farmaceutica met net geen 10 procent is toegenomen. Verder bleek dat in diezelfde vijf jaar de investeringen in onderzoek en ontwikkeling door de (bio) farmaceutische bedrijven met maar liefst 40,6 procent stegen. Meer nog: 2018 was zelfs een recordjaar, met een stijging van 3,8 procent van het aantal jobs én investeringen in onderzoek en ontwikkeling die goed waren voor 3,6 miljard euro. Met recht en reden kunnen we stellen dat (bio-)farmaceutische bedrijven mee het kloppend hart van de Belgische kenniseconomie vormen.
FOKUSONLINE.BE
De levenslijn van farma en life sciences Onze farmaceutische en life science-knowhow is wereldwijd toonaangevend. Maar om dat zo te houden, is het absoluut noodzakelijk in te zetten op R&D. Want alleen zo zal de sector het hoofd kunnen bieden aan uitdagingen als kostenverlaging, nieuwe samenwerkingsverbanden en efficiëntere businessprocessen.
W
e mogen dan een klein land zijn met weinig grondstoffen, in bepaalde sectoren spelen we echt Champions League. Bijvoorbeeld life sciences en farmaceutica. Alleen al de aanwezigheid van belangrijke farmaceutische spelers als Janssen Pharmaceutica, UCB, Omega Pharma of het farmaceutisch biotechnologiebedrijf Galapagos spreekt boekdelen. Sterker nog: de tien grootste farmabedrijven ter wereld hebben een vestiging in ons land. “Zeker op Europees vlak staat ons land op kop”, aldus Gert Verreth, woordvoerder van essenscia, de Belgische federatie van de chemische industrie en life sciences. “Om je een idee te geven: ons land telt amper twee procent van de Europese bevolking, maar is wel goed voor tien procent van de R&D-inspanningen in Europa. We boksen dus echt wel boven ons gewicht. Dat komt vooral door het unieke ecosysteem dat we hier hebben: naast de sterke concentratie van vooruitstrevende bedrijven heb je hier ook sterke kennisinstellingen: universiteiten, universitaire ziekenhuizen en onderzoeksinstellingen. Dankzij de intense samenwerking binnen dat
netwerk zijn we als land uniek.” Dat alles uit zich onder meer in heel wat zogenaamde clinical trials, studies rond nieuwe geneesmiddelen die bij het begin van de ontwikkeling van nieuwe medicijnen worden ingezet. “Van het eerste idee voor een nieuw medicijn tot het effectief
vernieuwing binnen de sectoren. “Innovatie zit in het DNA van farma- en life sciencebedrijven”, gaat Verreth verder. “Constant gaan ze op zoek naar nieuwe geneesmiddelen en therapieën, die voor heel wat bedrijven niets minder dan hun levenslijn vormen.
De focus binnen R&D moet op nieuwe medische oplossingen en formules liggen.
JENS HENDRICKX, TALENCO
in de markt zetten ervan moet je toch tien à twaalf jaar rekenen”, aldus Verreth. “Dat is voor farmabedrijven een lange periode. Daarom zijn goede clinical trials cruciaal, en op dat vlak is ons land nummer twee in Europa. Jaarlijks lopen hier zo’n 1.500 klinische testen. Eén op de vijf studies rond nieuwe kankermedicijnen wordt in ons land uitgevoerd.” Om die koppositie te behouden en versterken, is inzetten op R&D een must. Het vloeit ook voort uit de inherente drang naar
Alles start dus gewoon bij R&D – het is als het ware een vereiste om toekomstgericht te kunnen werken.” Ook Jens Hendrickx, managing director van Talenco, servicebedrijf met een eigen R&D-afdeling, beseft de noodzaak van research & development. “Farmaceutica en life sciences zijn prachtige domeinen die prachtige producten ontwikkelen. De overheid ondersteunt die dan ook maximaal en structureel met subsidies – meteen ook de reden waarom ons land koploper is. Als de overheid iets goed doet, mag dat ook
gezegd worden (lacht). Met die subsidies en investeringen moet de focus zeker op R&D liggen, vooral dan om nieuwe medische oplossingen en formules te ontwikkelen. Dat is nu eenmaal hun corebusiness. Logistieke ketens laten ze beter over aan service & solutionsbedrijven, dat is dan weer onze specialiteit. Het gaat erom goede partnerships te ontwikkelen, om samen aan betere gezondheid te kunnen werken.” R&D komt in de eerste plaats neer op informatie en data. En waar bedrijven vroeger geneigd waren hun knowhow voor zich te houden, wordt er nu meer gedeeld om tot betere oplossingen te komen. “Het komt er ook gewoon op aan om de maatschappij te verbeteren via knowledge building en knowledge sharing”, aldus Hendrickx. “Ik heb de indruk dat bedrijven veel minder moeite hebben om hun resultaten en informatie – in de mate van het mogelijke, natuurlijk – te delen. Ze beschouwen elkaar niet langer als concurrenten, eerder als concullega’s binnen één en hetzelfde ecosysteem.” TEKST HANNES DEDEURWAERDER
RWE draagt bij aan medische innovatie RWE (Real World Evidence) wint steeds meer aan belang voor het verbeteren van de kwaliteit en het betaalbaar houden van de medische zorg. Conventionele klinische studies om nieuwe medische behandelingen uit te testen worden vooral uitgevoerd in een patiëntenpopulatie die op een strikte manier is gedefinieerd. In de dagelijkse medische praktijk gaat het evenwel om een heterogene groep patiënten. Vandaar het belang van RWE-studies, waarbij een massa gegevens worden verzameld om de effectiviteit van een behandeling in de realiteit na te gaan. Tevens dragen praktijkgegevens bij tot het betaalbaar houden van de gezondheidszorg, omdat zij het mogelijk maken terugbetalingsmechanismen te definiëren en optimaliseren. Dit levert een voordeel op voor alle betrokken partijen, te beginnen met de patiënt.
ADVERTORIAL
Deze gegevens zijn afkomstig van studies, vragenlijsten over de gezondheid, verzekeringsmaatschappijen, RIZIV-gegevens, enz. RWEstudies zijn vaak observationeel, ze zijn gericht op het verzamelen van informatie over de gezondheidstoestand en gerelateerde factoren. In de toekomst zullen steeds meer patiënten uitgenodigd worden om deel te nemen aan dergelijke studies. Er wordt tegenwoordig veel aandacht besteed aan het beheer van de vertrouwelijke medische informatie die in RWE-studies wordt verzameld. Hiervoor definieert de AVG (Algemene Verordening Gegevensbescherming) specifieke regels, zoals de anonimiteit van de betrokken patiënten, de vereiste toestemming van de patiënten van wie gegevens worden verzameld, alsook een duidelijke communicatie over het gebruik van deze gegevens. Tom Van Paepegem, Harmony Clinical Research
Harmony Clinical Research, your experienced and dedicated clinical CRO partner for early phase and RWE studies www.harmony-cr.com
ADVERTORIAL
BINNEN DE LIFE SCIENCES ONTSTAAT ER EEN KLOOF TUSSEN HET BIOLOGISCHE EN TECHNOLOGISCHE DOMEIN. DE VRAAG NAAR EXPERTS DIE EEN BRUG KUNNEN SLAAN TUSSEN BEIDEN NEEMT DAN OOK FORS TOE. Kris Ver Donck, zaakvoerder en Senior Consultant bij Confluence Consulting
Welke kloof ziet u ontstaan binnen de life sciences sector? “De life sciences sector bestaat uit zeer intelligente mensen die doorgaans een biologische of daaraan verwante achtergrond hebben. Binnen dat domein zijn zij in staat om heel vooruitstrevende dingen te bedenken. Om dat te realiseren hebben ze echter steeds meer apparatuur nodig. Die apparatuur wordt ontwikkeld door mensen met een ingenieursachtergrond. Zij hebben logischerwijs een heel
ander denkpatroon, spreken een andere taal en werken vanuit een andere invalshoek. Hoewel beide groepen dus zeer logisch werken, verstaan ze elkaar toch niet altijd even goed. Hierdoor missen ze vaak essentiële informatie.” Hoe kan dat worden opgelost? “Beide groepen hebben nood aan iemand zoals mezelf die de brug kan slaan tussen het biologische en het technische domein. Een expert die beide domein begrijpt bied immers in de mogelijkheid om hen beter te doen samenwerken. Op die manier vermindert de ruis op de communicatie en kan men komen tot efficiëntere resultaten. Projecten zullen zo minder iteratiecycli moeten doorlopen en sneller goede resultaten opleveren die het onderzoek vooruit helpen en nieuwe bevindingen in de life sciences mogelijk maken.”
Onder welke vorm doen bedrijven best beroep op zo’n expert? “Consultant, project manager, interim manager,… alles hangt af van de uitdaging waarmee het bedrijf worstelt. Een consultant kan helpen om op basis van een grondige analyse van de doelstellingen technische specificaties op te stellen en vanop afstand projecten begeleiden. Een project manager kan daarentegen een project echt in handen nemen en beide stakeholders (biologisch en technisch) begeleiden en optimaal laten samenwerken.” In welk soort situaties heeft u zo al een verschil kunnen maken? “Eén case die de meerwaarde goed schetst is het nieuwe Caps-It systeem van het Rega Instituut. Het virologielab van dat instituut heeft als doel om methodes te vinden waarmee nieuwe virussen kunnen
worden ontdekt en bestreden. Virussen worden er geklasseerd in verschillende veiligheidsniveaus, afhankelijk van hoe gevaarlijk ze zijn.” “Het Caps-It systeem is speciaal ontwikkeld voor het hoogste veiligheidsniveau, waarbij een volledig labo wordt gestuurd via een robot. Deze robot werd ontwikkeld door Nucomat, een Vlaams bedrijf dat veel ervaring heeft met robotisering voor labo’s, maar bijkomende kennis nodig had over bio-afhandeling en bioveiligheid. Hiervoor konden ze rekenen op mijn ondersteuning.”
www.confluenceconsulting.eu
ADVERTORIAL
Automatisering van de toekomst: waar gaat de reis naartoe?
W
elke thema’s spelen de komende jaren een belangrijke rol voor de automatisering? Wat moet een bedrijf doen om de drijvende kracht achter innovatie en wegbereider voor nieuwe technologieën te blijven? Deze vragen houden Pilz dagelijks bezig.
daar waar de huidige systemen zoals laserscanners of lichtschermen het laten afweten. Doordat het systeem zo robuust is en ongevoelig voor stof en externe invloeden, is het ook heel geschikt voor bestaande markten waar Pilz actief is zoals zware industrie, textielen houtindustrie.
Innovatie zit in ons DNA
Automatisering 4.0 in de slimme fabriek
Bij Pilz speelt innovatie en R&D traditioneel een belangrijke rol. Met producten zoals het eerste noodstoprelais PNOZ heeft Pilz industriële geschiedenis geschreven.
U heeft misschien ook al gehoord van Industrie 4.0? Netwerk van machines, intelligente componenten, modulaire productie. Pilz tracht bij productontwikkeling deze aspecten al mee te nemen.
De automatisering van de toekomst vraagt om nieuwe concepten, producten en oplossingen. Daarom bouwt Pilz ook op het gebied van innovatiemanagement voortdurend capaciteit op. Er wordt ook buiten het eigen bedrijf actief gezocht naar producten of diensten, waar zij als expert in industriële veiligheid een nieuwe dimensie aan kunnen geven. Zo ontstaan nieuwe oplossingen voor hun eigen bestaande markten of kunnen ze nieuwe markten betreden. Radartechnologie
Zo koppelt het automatiseringssysteem PSS 4000 van Pilz nu al meerdere besturingen aan elkaar, die elk autonoom werken. Deze aanpak zal in de fabriek van de toekomst de standaard zijn. De cloudgebaseerde functiebouwstenen zullen met nieuwe services worden aangevuld. Op deze manier maakt Pilz het mogelijk dat componenten zelfstandig signalen verzenden zodat bijvoorbeeld automatisch materiaal bijbesteld wordt. Zo kan er waardevolle tijd in het productieproces worden bespaard.
Zo is Pilz onlangs een partnership gestart met een producent gespecialiseerd in radartechnologie. Zij hebben een radarsysteem ontwikkeld voor zonebewaking, dat voor Pilz een mooie aanvulling op zijn portfolio vormt. Want het nieuwe radarsysteem biedt een oplossing voor het creëren van een veilige werkplek,
Welke eisen zullen er in de toekomst aan de IT-beveiliging en gegevensbescherming worden gesteld? Hoe moeten uniforme normen en standaarden eruit zien die nodig zijn in een gedigitaliseerde economie? Met deze en andere vragen gaat Pilz samen met zijn onderzoekspartners zoals aan de slag.
Pilz Belgium Poortakkerstraat 37, Sint-Denijs-Westrem +32 9 321 75 70 • info@pilz.be • www.pilz.be
08
INTERVIEW CHRISTIAN REINAUDO
FOKUSONLINE.BE
Innovatie houdt statige oude dame jong Actief in verschillende sectoren, meer dan 10.000 werknemers en ruim twee miljard euro omzet. Agfa-Gevaert is een van de laatste puur Belgische multinationals die we nog hebben in dit land. De laatste jaren waren niet de beste van het bedrijf, geeft CEO Christian Reinaudo toe. Maar wat de toekomst betreft, is het glas halfvol.
TEKST FREDERIC PETITJEAN BEELD BAÏDY LY
CHRISTIAN REINAUDO INTERVIEW
#FOKUSRESEARCH
M
eer dan 150 jaar geleden werden Wat zijn de juiste omstandigheden om de kiemen gezaaid voor het bedrijf R&D volledig tot zijn recht te laten komen? dat we vandaag als Agfa-Gevaert “R&D binnen een onderneming is voor mij kennen. Ondernemingen die het zo lang een soort ‘fabriekje op zichzelf ’. Tijdens het uitzingen, kunnen dat alleen door zichzelf R&D-proces moet je hen met rust laten. Die regelmatig terug uit te vinden en constant cultuur bestond hier niet altijd, hoor. Soms te innoveren. De eerste vraag voor Christian gebeurde het wel eens dat iemand van de Reinaudo ligt dus voor de hand. verkoop rechtstreeks naar de R&D-mensen belde om een bepaalde feature te vragen. Hoe belangrijk is R&D voor Agfa-Gevaert? Omdat hij bijvoorbeeld een klant in de V.S. “Zonder R&D zouden we niet bestaan, had die erachter polste. Maar het resultaat simpel (lacht). Kijk, er zijn twee manieren is dan dat, op het einde, niemand nog weet om aan de top te blijven. Ofwel koop je waar hij precies mee bezig is. Of dat het blijkt technologie via acquisities. Ofwel ontwikkel dat die Amerikaan de enige was die erachter je het zelf. In het eerste geval betaal je vroeg. Dat kun je je als globaal bedrijf niet uiteraard een premium. Maar het tweede veroorloven. Dus tijdens de R&D zelf is het geval is ook duur, omdat van de drie projecten aan R&D. Niemand anders moet zich moeien. die je opstart er misschien maar één succesvol Het is dan ofwel te laat om nog veranderingen zal zijn. Fundamentele R&D is, zeker in het te doen ofwel te vroeg. Klanten hebben soms begin, een beetje in het wilde weg schieten, ook die neiging, zeker in IT voor healthcare maar niet weten waar je doelwit staat. maakten we dat wel eens mee. Ze vroegen dan Agfa is dus op-en-top een technologisch bepaalde features, speciaal voor hen. Natuurlijk en engineering-bedrijf, misschien zelfs al kan software tot op bepaalde hoogte aan de te veel (lacht). Er loopt hier een changeklant aangepast worden, maar er zijn grenzen. programma waarin we onze mensen proberen Je vraagt toch ook niet aan Microsoft om te overtuigen van het feit dat we meer moeten een bepaalde knop in Excel ergens anders te leren. En leren betekent jezelf openstellen zetten, alleen maar voor jou (lacht). R&D voor de buitenwereld. Soms hebben we is duur, dus we benaderen dat zoals al onze nog te veel het idee: ‘Wat niet bij Agfa is andere processen in het bedrijf: op een industriële en zo efficiënt mogelijke manier.” R&D wordt ook meer en meer in samenwerking met andere bedrijven en universiteiten gedaan. Jullie ATOM (IndustriAl plaT-form for flOw CheMistry)project is daar een goed voorbeeld van. “Dat is een samenwerking met 3M, Ajinomoto en Janssen Pharmaceutica en uitgevonden, is niet goed.’ Dat gaat niet op, met KULeuven, UGent en UHasselt. In de natuurlijk. Aan de andere kant: we spenderen chemie heb je twee grote productiemethodes: 150 miljoen euro aan onderzoek. Onder flow- en batch-processen. Batch wordt industriële bedrijven in België is er maar vooral in de farma en fijnchemie gebruikt, één met een groter budget: Solvay. In ons waarbij de productie in afzonderlijke ‘batches’ researchcenter hier in Mortsel werken 150 wordt gemaakt. Bij basischemie wordt flow mensen, bijna de helft daarvan PhD’s.” toegepast, een constante productiestroom die efficiënter en goedkoper is en waarbij er Is werken met researchers gemakkelijk? meer controle is over de productieparameters. “Dat gaat vrij goed, ja. In de academische ATOM probeert die flow-productie wereld heeft Agfa een goede reputatie als breder ingang te laten vinden, in meer werkgever. Onderzoekers en ingenieurs productieprocessen.” komen graag naar ons. Ze kunnen zich hier bezighouden met zeer geavanceerde chemie, Was het moeilijk om partners te vinden met elektronica, printtechnologie, film… dat en te overtuigen? trekt zulke mensen aan.” “De vraag die ze voor zichzelf moeten
Zonder R&D zouden we niet bestaan, simpel.
stellen, is: ‘does this make sense for us?’ Als het antwoord ‘ja’ is, moet je het doen. Je moet er natuurlijk wel redelijk zeker van zijn dat er een return-on-investment is en dat het project waarde creëert. Wij doen dus niet aan innovatie om te innoveren, er zit altijd een doel achter. Dat klinkt voor de hand liggend, maar ik heb in mijn carrière al vaker onderzoeksprogramma’s gezien die eigenlijk puur academisch waren. Pas op, ik zeg niet dat we geen puur academisch onderzoek nodig hebben, zeker wel. Maar wel in functie van je business.” Hoe zie je Agfa de komende tien jaar evolueren? (De dag voor het interview kondigde Agfa zijn eerste omzetstijging sinds 2015 aan, red.) “Agfa is een oude dame. Je mag er dus mee dansen, maar je moet voorzichtig zijn. Het is geen bedrijf dat grote schokken verdraagt, zie bijvoorbeeld onze grote pensioenlasten waarmee we zitten. Er is dus een vrij smal pad om het bedrijf naar de toekomst te leiden. Daarom is innovatie belangrijk: het is ‘veiliger’ qua ROI dan een overname. Wat de toekomst brengt, zal vooral afhangen van hoe onze markten evolueren. Sommige producten zullen verdwijnen. Film bijvoorbeeld, het belang daarvan zal verder afnemen. Andere producten zullen waarschijnlijk sterk groeien, zoals digital printing. Daar moeten we dus aanwezig zijn.”
Niemand betaalt beter dan de (petro)chemie De (petro)chemie is de best betaalde sector in ons land, blijkt uit cijfers van Statbel. Alle werknemers verdienen er gemiddeld maandelijks 5.356 euro bruto, zo’n 54 procent meer dan het nationaal gemiddelde. De managers mogen elke maand 7.074 euro meenemen, een ingenieur 5.580 euro. Een toezichthouder/ploegbaas is goed voor 5.002 euro en een technicus 3.774 euro. Opvallend: ongeschoolde arbeiders worden met 2.556 euro iets minder betaald dan het gemiddelde.
SMART FACT. Wat was je geworden als je niet in de zakenwereld was terechtgekomen? “Nadat ik bij mijn vorige werkgever ben opgestapt (Alcatel, red.) wou ik graag de echte leiding van een bedrijf in handen nemen, maar in een iets kleiner bedrijf. Zo is mijn contact met Agfa begonnen. En ik heb er nog geen moment spijt van gehad. Het enige wat ik misschien anders zou gedaan hebben, is het oprichten van een eigen onderneming. Dat is er nooit van gekomen, omdat in de jaren 70 en 80 de tijdsgeest helemaal anders was. Maar voor de rest kijk ik met veel plezier terug op mijn tijd hier. Ik hoop dat het bedrijf, als ik weg ben, er ook zo over denkt (lacht).”
Hasseltse bollebozen mogen naar Duitsland De hogeschool PXL start samen met het Duitse Fraunhofer Institute (waar onder meer het MP3-formaat werd ontwikkeld) en de universiteit van Paderborn een zogenaamd ‘excellentieprogramma’. De beste studenten van het departement PXL-Digital krijgen de kans om samen te werken met Duitse toponderzoekers. Het centrale thema van het programma situeert zich binnen het domein van augmented en virtual reality (AR/VR).
ADVERTORIAL
Neem je carrière in eigen handen bij Process Automation Solutions Ingenieurs met een ondernemende geest zitten bij Process Automation Solutions aan het goede adres. “Hier stimuleren we medewerkers om hun eigen koers te varen.” Ook in de chemie en de life sciences zetten bedrijven volop op automatisering en digitalisering in. Vraag maar aan de specialisten van Process Automation Solutions, onderdeel van het Canadese ATS Automation (TSX: ATA) en kind aan huis bij verschillende grote internationale spelers. “Alles wat met de automatisering van de processen te maken heeft, daar zorgen wij voor”, vertelt managing director Alain Wullaert. “Wil een bedrijf een installatie plaatsen om basisproducten op te waarderen, dan klopt het bij ons aan om de sturings- en beveiligingssystemen te implementeren.” Onze WHY is “ontplooien in ontmoeting” Het blijvend leren is vandaag een topic. PA Solutions
pa-ats.com
09
is dan ook door BelSpo erkend als R&D organisatie waar continu ontwikkelen van medewerkers en toepassingen een gegeven is. Voor de groeiende uitdaging van development en digitalisering is Process Automation Solutions continu naar nieuwe collega’s op zoek is. Voor hen heeft de automatiseringsspecialist een mooi aanbod uitgewerkt. “En dat niet alleen”, reageert collega-managing director Stephan Hoste. “Ingenieurs krijgen hier alle kansen om zich te ontwikkelen, via opleiding maar ook in interactie met de collega’s. We zetten hard in op de uitwisseling van kennis, luisteren naar wat medewerkers willen bereiken en passen onze organisatie daaraan aan. Wij groeien letterlijk met onze medewerkers mee, een filosofie die we al van bij onze start in 2000 met succes toepassen en ook in de toekomst zullen blijven hanteren. We geloven immers dat de competenties van de medewerkers vandaag bepalend zullen zijn voor de onderneming van morgen.”
010
UITGELICHT GROENE TOEKOMST
FOKUSONLINE.BE
Inzetten op een groene toekomst voor Brussel De uitdagingen die op ons afkomen rond duurzaamheid, milieu en mobiliteit zijn groot. Bedrijven die hiervoor oplossingen bedenken, moeten dan ook zo goed mogelijk gesteund worden. Innoviris, het Brussels instituut voor onderzoek en innovatie, doet alvast een stevige duit in het zakje.
D
at ‘groene economie’ bij Brusselse bedrijven aan belangstelling wint, merkt Innoviris al langer. De afgelopen jaren was er een duidelijke stijging in het aantal subsidieaanvragen, vooral in domeinen als mobiliteit, energie en in de bouwsector. “In het verleden financierden we de midsized wind turbine van Xant, de energieefficiënte oplossing voor elektrische wagens van Energis en de VUB, maar ook de duurzame toekomstplannen van Solvay,” zegt Nicolas Vautrin, team leader ‘Industrieel Onderzoek’ bij Innoviris. Ook bedrijven als 3E en Jacques Delens, die elk in hun eigen domein inzetten op duurzaamheid, kwamen bij ons aankloppen. Een strategie op maat van Brussel Innoviris speelde ook actief op de trend in. Via de projectoproepen “Living Lab Brussels Retrofit” en de “Brussels Smart Mobility Challenge” ging het Instituut op zoek naar toegepaste onderzoeksprojecten in mobiliteit, duurzame bouw en renovatie in de woningsector. “De geselecteerde projecten worden uitgevoerd in zogenaamde living labs, waarbij onderzoekers, ondernemers en eindgebruikers samen aan de slag gaan in een reële testomgeving. Samen zijn de projecten goed voor een investering van meer
dan 4,2 miljoen euro”, zegt Jérémy Levin, verantwoordelijk voor het departement Strategisch Onderzoek bij Innoviris. Ook de komende jaren wil Innoviris haar inspanningen in deze domeinen opschroeven. Het Instituut onderschrijft daarmee het Gewestelijk Innovatieplan van het Brussels Gewest, dat groene economie als een van haar pijlers omschrijft (naast de digitale economie en gepersonaliseerde geneeskunde). De nieuwe Brusselse regering belooft in haar regeerakkoord dezelfde lijn aan te houden. Specifiek wat de renovatie van gebouwen betreft, stelt de nieuwe Brusselse regering een energiestrategie voor die steunt op de renovatie van gebouwen en de productie van hernieuwbare energie. Dat moet zowel de kosten van huisvesting verminderen en de kwaliteit van de woningen verhogen, als bijdragen tot het behalen van de klimaatdoelstellingen. Voor al die ambities worden ook de nodige financiële middelen vrijgemaakt: het totale budget van Innoviris klom van 32 miljoen euro in 2014 naar 52 miljoen euro in 2017. Het aantal toegekende subsidies steeg in dezelfde periode van 198 naar 393. TEKST FREDERIC PETITJEAN
RENOVEREN EN LUCHT PROPER MAKEN Wat zijn nu concrete voorbeelden van dossiers die in het verleden al op steun van Innoviris mochten rekenen? Twee reële cases maken veel duidelijk. Reno-lab-C was een project dat kaderde in de ‘Brussels Retrofit Living Labs’ projectoproep. De bedoeling was een concrete aanpak te realiseren voor gegroepeerde renovaties, vooral voor die eigenaars die niet aan renoveren toekomen vanwege de betaalbaarheid en de administratieve en praktische rompslomp (de moeilijke zoektocht naar aannemers, de moeilijke aanbestedingen…). Om deze problemen op te lossen, werd een draaiboek opgesteld dat snel kan opgeschaald worden naarmate de projecten groter worden in omvang.
MOS VANGT FIJN STOF Een andere interessante case was het Clean Air-project dat werd ontwikkeld door Lennert Rasking, een ingenieur van het Brusselse bouwbedrijf Besix. Hierbij worden met mos beklede wanden gebruikt om op natuurlijke wijze fijn stof uit de lucht te filteren. “Om dit van idee naar project te stuwen, hadden we nood aan technische en financiële partners”, vertelt Rasking. “Op die manier kwamen we al snel bij Innoviris terecht.” Raskin legde al in een heel vroege fase van het project contact met Innoviris, zelfs nog voor er sprake was van een concreet idee. “Men was toen al zeer enthousiast dat een Brussels bedrijf een ‘groen’ project wou uitwerken”, herinnert hij zich. “Toen we ons concreet dossier aan het voorbereiden waren, was het voor ons dan ook overduidelijk dat Innoviris een goede match zou zijn. En dat is ook zo gebleken.” Uiteindelijk engageerde Innoviris zich om een kwart van de uitgaven in de prototype-fase voor zijn rekening te nemen, goed voor 600.000 euro. Momenteel is Besix aan het bekijken hoe goed zijn ‘groene wand’ werkt en wat de mogelijkheden zijn om het prototype naar een commercieel product op te schalen. Ook hier is Innoviris bij betrokken. “Als alles goed gaat, zou de wand in de tweede helft van volgend jaar op de markt kunnen komen”, zegt Raskin.
ADVERTORIAL
Sales2Cash®: Out-of-the-box digitaliseren ALTERNATIEF BV is een onderneming die zich gespecialiseerd heeft in het ontzorgen van bedrijven en organisaties met betrekking tot hun administratieve processen. Hiervoor zijn twee platformen ontwikkeld: één voor de inkomende factuurstroom en één voor de uitgaande factuurstroom. Bij de inkomende facturen zorgt het Time4Value-platform, dankzij het inzetten van de menselijke factor, voor een 100 procent correcte omzetting van Pdf’s naar UBL-formaat en het inlezen en inboeken in boekhoudingssoftware. Bij de verkoopfacturen zorgt Sales2Cash® voor de verzending en de betalingsopvolging van de verkoopfacturen.
out-of-the-box tools, slagen we er niet enkel in om het tijdsverloop van cashflows heel nauwkeurig te voorspellen, maar meer nog: om dit tijdsverloop in te korten. Zo ging het percentage van betalingen op vervaldag in het bedrijf waar we ons Proof Of Concept mochten uitvoeren van 30 procent naar 76 procent. Bovendien belast de toepassing op geen enkele wijze uw budget dankzij een ingebouwd terugverdienmodel en is de besparing 100 procent.
Wat kan Sales2Cash® voor uw bedrijf of scholengroep betekenen?
Kortom, een kosteloze oplossing voor besparing in werklast en administratieve kosten, geen afboekingen meer van dubieuze debiteuren, geen advocatenkosten meer en sneller uw geld op uw rekening. Dat is digitaliseren op een efficiënte manier.
U bent bedrijfsleider
U bent een scholengemeenschap
Overal leest en ziet u dat bedrijven in een versneld tempo aan het digitaliseren zijn. Het zou wel leuk zijn dat u dit ook voor uw verkoopfacturen kan doen.
Als directeur van een school weet u welke enorme werklast de facturatie en de verdeling van de facturen met zich meebrengt voor uw administratieve mensen. We zwijgen dan nog over de opvolging van de onbetaalde facturen, gescheiden ouders die een aparte regeling willen, ouders die geen Nederlands kennen en uw documenten niet begrijpen, ouders die sowieso uw facturen niet kunnen betalen en deze dus liever laten liggen… Meestal eindigt het verhaal met de situatie dat de directeur zelf de ouders opbelt om toch maar aan een betaling te geraken. Heeft u echter ooit al een CEO weten bellen naar de openstaande klanten van zijn bedrijf? Inderdaad, de tijd van deze man is veel te kostbaar om zich met dergelijke zaken bezig te houden. Maar stel nu eens dat er een oplossing bestond die geen extra beslag legt op uw werkingsbudget en die uw administratie ontzorgt op vlak van verzending van facturen en opvolging van betalingen. Een oplossing die afbetalingsplannen kan genereren zonder uw tussenkomst, herinneringen opvolgt en vooral een sociale oplossing biedt aan minder vermogende ouders zodat zij niet in de maalstroom (lees: enorme kostenverhogingen) van gerechtsdeurwaarders en advocaten terechtkomen.
Op de markt vindt u schitterende pakketten die uw facturen omzetten in een digitaal formaat en vervolgens via e-mail versturen. Andere pakketten zorgen er dan weer voor dat u uw oude rappelprocedure kan automatiseren. Heeft uw klant dan nog altijd niet betaald dan kan u op zoek naar een incassokantoor, vervolgens een gerechtsdeurwaarder en tenslotte een advocaat. Met deze procedure maakt u dus van uw oude fiets een elektrische fiets. Maar ondanks het elektrisch is, is de fietser nog steeds onmisbaar om niet te vallen én bovendien moeten er nog een massa manuele handelingen gedaan worden. De vraag is: ‘Verlicht ik hiermee effectief mijn administratie?’ Stel nu echter eens dat u van uw oude fiets een elektrische zelfrijdende wagen maakt vol met opties die u op elk ogenblik kan wijzigen of aanpassen aan uw eigen behoeften. Dat is wat we met Sales2Cash® hebben gedaan: een volledig geïntegreerde digitale oplossing die zowel zorgt voor de verzending van de facturen als voor de betalingsopvolging intern, minnelijk en gerechtelijk. Dankzij het inbouwen van recente ontwikkelingen van Belgische FinTech-bedrijven en het ontwikkelen van een eigen platform hierrond, gebaseerd op artificiële intelligentie en gecombineerd met eigen
Is dat niet de droom van iedere directeur? Daarom hebben wij ∑OM ontwikkeld: onze ∑ociale Ontzorgings Module. ∑OM is een heel specifieke toepassing van Sales2Cash® die volledig gefocust is op de problematiek van scholen en een oplossing biedt voor de eerder vernoemde specifieke problemen.
Wenst u hier meer over te vernemen? Contacteer dan vrijblijvend Steven Fuller op het nummer 0484 86 14 68 of mail: steven.fuller@alternatiefbvba.be.
012
EXPERTPANEL KRUISBESTUIVING
FOKUSONLINE.BE
Innoveren met de Heilige Drievuldigheid België is in Europa uitgegroeid tot een van de innovatieleiders op gebied van Onderzoek en Ontwikkeling. Maar hebben we ook het potentieel om tot de wereldtop te behoren? Kruisbestuiving tussen verschillende actoren als de overheid, kennisinstellingen en het middenveld zijn hiervoor essentieel.
ROBIN DE COCK.
Professor of Entrepreneurship Antwerp Management School / Academic director of the Master in Innovation & Entrepreneurship (MIE)
WIM DE WAELE.
DIRK DIELS.
General Manager The Beacon, innovatiehub voor industrie, logistiek en smart city’s.
Directeur business en innovatie stad Antwerpen | ondernemen en stadsmarketing
Waarom is kruisbestuiving zo belangrijk in de race naar de wereldtop? “Een betere connectie tussen het kennis- en het businessecosysteem kan ervoor zorgen dat er nieuwe O&O-projecten worden opgezet, doordat bijvoorbeeld universiteiten geïnspireerd geraken door nieuwe marktnoden of door bedrijven die in contact komen met nieuwe kennis. De nieuwe preincubatiestructuren van Universiteit Antwerpen, bijvoorbeeld. Daarbij werken onderzoekers al in een vroeg stadium met bedrijven samen, ontwikkelen nieuwe ideeën en testen deze in een veilige omgeving uit. Wanneer we de creativiteit en het lef van een start-up combineren met de technologische en wetenschappelijke kennis van onderzoekinstellingen én de marktkennis en financiële middelen van bedrijven, dan kan België aansluiten bij de wereldtop.”
“Wanneer nieuwe innovatie-ideeën ontstaan, is vooral de snelheid belangrijk waarmee je die op maatschappelijk en economisch vlak kunt implementeren. Kruisbestuiving tussen overheid, kennisinstellingen en het middenveld is noodzakelijk om hier gewenste resultaten te behalen. De uitdaging is niet dat ons niveau van R&D omhoog moet, wel moet de efficiëntie van de verspreiding van de innovatie beter. In Europa is de kloof tussen de publieke sector en de academische wereld bijvoorbeeld veel groter dan in pakweg Amerika of China. Om het niveau van de wereldtop te halen, is het belangrijk deze kloof te dichten en zoveel mogelijk aan kruisbestuiving te doen.”
“De geschiedenis laat zien dat de opgang en neergang van grootsteden en regio’s samenhangt met de mate waarin creativiteit en innovatie gedijt in business. Creativiteit verwijst vooral naar een omgevingsfactor waar uitmuntend, uniek talent kan groeien. Dat talent heeft een diverse en open businessomgeving nodig. En die vind je doorgaans in grootsteden. Innovatie is veel meer het vliegwiel. Steden en regio’s koesteren best bedrijven die, via technologische innovatie, concurrentievoordelen halen en toegevoegde waarde creëren. Alleen dan is duurzame economische groei mogelijk. Om die groei te verwezenlijken, is een kruisbestuiving tussen overheid, kennisinstellingen en bedrijven essentieel.”
Welke rol spelen jullie in het groter geheel? “Antwerp Management School is een ontmoetingsplaats van vele actoren die bijdragen tot innovatie en O&O, gaande van executives, professoren tot jonge high-potential ondernemers. Het is onze missie om een ‘ecosystem connector’ te zijn die verschillende partijen opleidt, adviseert en samenbrengt om impact te creëren op onze maatschappij. Onze slogan luidt niet voor niets ‘opening minds to impact the world’. Heel wat jonge ondernemers die een traject bij ons volgden, hebben tijdens of kort na hun opleiding een interessante start-up opgezet. Denk aan Twikit, Loop, Poppy, Captain Kombucha en vele anderen. Elk jaar leiden we een nieuwe cohorte van toekomstige ondernemers en innovators op.”
“Kruisbestuiving gebeurt niet vanzelf. Als er geen duwtje in de rug wordt gegeven, blijven de verschillende actoren volgens hun eigen agenda werken. Het bedrijfsleven heeft haar marktoriëntatie, daar waar de publieke en academische sector ook elk hun eigen dynamiek hebben. Idealiter worden de verschillende partijen permanent rond strategische thema’s samengebracht om meer inzage in elkaars visie en werkwijze te krijgen. Je hebt neutrale platformen zoals The Beacon nodig om dit stimuleren. Het is niet alleen een fysieke hub, maar ook een samenwerkingsplatform dat partijen samenbrengt om in gebieden als mobiliteit, gezondheidszorg en logistiek samen te werken aan innovatieve oplossingen.”
“De overheid moet vooral een neutrale partner zijn in het ecosysteem dat innovatief ondernemen stimuleert. Ze moet ook faciliteren en bij uitstek voor matchmaking zorgen door partijen bij elkaar te brengen die verder zaken kunnen doen. Connecting business, daar gaat het om. De overheid werkt ook aan de randvoorwaarden die innovatief ondernemerschap stimuleren: een goede infrastructuur en connectiviteit, aanwezigheid van talent en kapitaal, heldere regelgeving. Tot slot is de overheid ook een stevige partner in de internationale marketing en branding van innovatieve ondernemers die oplossingen bieden voor mondiale uitdagingen.”
Waar kijken jullie het meeste naar uit voor de verdere toekomst? “We kijken uit naar hoe technologische ontwikkelingen zoals artificial intelligence bestaande dominante opvattingen in sectoren zullen omvergooien. Welke ondernemingen zijn in staat om zich aan te passen en de leiding te nemen in dit nieuwe landschap? Hoe gaan ze om met de impact van die technologische ontwikkelingen, niet enkel op hun businessmodel maar ook op hun strategische positie in het ecosysteem, hr- en loopbaanbeleid, organisatiestructuren en processen? We kijken er ook naar uit hoe universiteiten en onderzoeksinstellingen de volgende stappen nemen in hun ontwikkeling als entrepreneurial universities, die complexe markten en maatschappelijke problemen gaan vertalen in O&O-trajecten.”
“Er liggen heel wat maatschappelijke uitdagingen op tafel. Ik denk aan mobiliteit – hoe zorgen we ervoor dat iedereen in ons land relatief snel van A naar B geraakt? – en gezondheidszorg – hoe houden we dit toegankelijk voor iedereen? – maar ook de industriële wereld ziet een grote digitale transformatie op zich afkomen met de steeds grotere rol van digitale technologie en artificiële intelligentie. Er is verregaande samenwerking en kennisdeling nodig om deze technologie positief in te zetten om toekomstige uitdagingen het hoofd te bieden. Hightech-oplossingen mogen niet enkel beschikbaar zijn voor de happy few, maar moeten door kruisbestuiving ingezet worden ten goede van de maatschappij.”
“Naar het samenspel van innovatie, circulaire economie en creativiteit. Zo is er in Antwerpen de innovatiehub The Beacon, dé internationale referentie op vlak van IoT en AI, en de StartupVillage, een springplank voor digitale groeibedrijven en unicorns – techstart-ups met een marktwaarde van 1 miljard dollar. Het techfestival SuperNova internationaliseert tot een van de grote festivals in Europa en met de incubator BlueChem en de onderzoekshub Blue_App willen we koploper voor duurzame chemie en materialen worden. Het netwerk Antwerp.Powered by Creatives en de Antwerp Design Factory verbindt creatieve ondernemers met corporates en kmo’s. In Antwerpen kan dit op termijn hét verschil maken met andere Europese steden.” TEKST EVELIEN JANSEN
Discover all the ways to protect your innovation On our new site: www.GEVERS.eu
European Intellectual Property Experts Patents, Trademarks, Designs & More
CAMELIDS BRAND REPORT
#FOKUSRESEARCH
013
Veranker de wetenschap in de genen van je bedrijf Ieder bedrijf heeft ongetwijfeld een uniek groeitraject achter de rug voor het op geheel eigen benen kan staan. Vaak moeten ideeën en research nog rijpen, zeker als je als academische spin-off van start gaat. Zoals Camel-IDS, dat in 2014 ontstond aan de Vrije Universiteit Brussel (VUB) en al snel uitgroeide tot een op zichzelf staand bedrijf. R&D speelde in dat groeitraject een cruciale rol.
H
et bedrijf, dat innovatieve radiofarmaceutica tegen kanker ontwikkelt, ontstond in de schoot van de VUB. Voor een wetenschappelijke organisatie biedt dat wezenlijke voordelen, aldus Ruth Devenyns, CEO van Camel-IDS. “Het laat toe om gedurende een aantal jaar je academische research te laten ontwikkelen en rijpen. Wanneer je dat op eigen krachten moet doen, wordt het leggen van zo’n basis veel moeilijker. Pas toen onze wetenschappers aanvoelden dat die basis voldoende body had, besloten we de stap naar een eigen bedrijf te zetten. Bijkomend voordeel is dat je de tijd krijgt én in de omgeving werkt om de juiste academische mindset te creëren en een holistische benadering te hanteren, waarbij je een probleem of uitdaging vanuit
verschillende invalshoeken kunt bekijken. De wetenschappelijke grondigheid krijgt, kortom, alle kansen om zich in de genen van het bedrijf te verankeren.” Solide organisatie In het groeitraject van Camel-IDS heeft R&D een cruciale rol gespeeld. “R&D is nu eenmaal de basis van alles in ons domein”, licht Ruth Devenyns toe. “Je mag alles nog zo goed omkaderen of structureren, uiteindelijk komt het neer op de wetenschap en het ontwikkelen van nieuwe medicijnen en therapieën. Die zullen uiteindelijk het succes van het bedrijf bepalen. Waarmee ik uiteraard niet wil zeggen dat structuur en omkadering niet belangrijk zou zijn, integendeel. Zeker in een bedrijf als het onze,
dat van academische start-up evolueerde naar een bedrijf gericht op groei. Dan moét je zorgen voor een solide organisatie en de juiste financiering. Want anders riskeer je als bedrijf een brug over de rivier te bouwen, maar in het midden te moeten stoppen. En dan val je in het water, natuurlijk.” Curarief en predictief Of de focus van die R&D ook is veranderd, willen we nog weten: werken we nu meer preventief en zelfs predictief in plaats van curatief ? “Het heeft altijd in onze aanpak gezeten om predictief en curatief te werken. Onze technologie maakt het ook perfect mogelijk om zowel aan beeldvorming te doen als de juiste therapieën voor de aldus geselecteerde patiëntengroep te
ontwikkelen. Ook in de patentering hebben we van in het begin gefocust op predictief als curatief.” En het grootste verschil tussen een academische en een bedrijfsomgeving? “In die eerste moet je vooral publiceren, in die tweede moet je vooral patenteren en zo waarde voor je organisatie creëren. Dat komt neer op een andere structuur en mindset. Daarmee bedoel ik vooral dat je als bedrijf ook het financiële plaatje, groei en deadlines moet incalculeren en respecteren, en de tools creëren om daarin te slagen, bijvoorbeeld rapportering. Maar het belangrijkste is wel om de zoekende en creatieve spirit van de academische spin-off die we destijds hadden niet te verliezen.”
Meer over... Camel-IDS is een niet-beursgenoteerd biotechbedrijf met focus op radio-pharmaca, geneesmiddelen die inwendige bestraling van kanker beogen. Camel-IDS gebruikt hiervoor antistoffen van kameelachtigen als transportmiddel om radio-isotopen gericht tot bij de kankercellen te brengen. Op basis van deze technologie heeft het bedrijf momenteel 3 lopende onderzoeksprogramma’s, waarvan het meest gevorderde zich richt op een specifiek type borstkanker met progressie naar hersenmetastasen. Eind 2018 heeft Camel-IDS EUR 37 mln risicokapitaal opgehaald bij gespecialiseerde fondsen in binnen- en buitenland om dit kandidaat-geneesmiddel verder in klinische studies te testen en de vroege onderzoeksprogramma’s te ondersteunen.
Al 4 jaar op rij de meest innovatieve universiteit van Europa (Reuters 2016 - 2019)
SAGALASSOS: EEN ANTIEKE STAD TERUG AAN DE OPPERVLAKTE GEBRACHT
ZERO-WASTE-TECHNOLOGIEËN VOOR EEN AFVALVRIJE MAATSCHAPPIJ
GAME OVER VOOR HET ZIKAVIRUS
Ontdek jezelf. Begin bij de wereld.
014
CHRONICLE LUC VAN DEN HOVE
FOKUSONLINE.BE
Vlaanderen aan de wereldtop? Dan moeten we keuzes maken Het belang van R&D binnen onze regio kan moeilijk onderschat worden. Ons talent voor onderzoek en innovatie is onze belangrijkste grondstof geworden. Maar om van onderzoek ook een succesvolle business te maken, moet je wel de eerste en de beste zijn.
I
n een globale economie is dit allesbehalve evident. Informatie verspreidt zich razendsnel en overal ter wereld buigen onderzoekers en ondernemers zich over dezelfde vraagstukken. Innovatie is een race geworden die je als kleinere speler alleen kunt winnen als je het slim aanpakt. Slim wil vooral zeggen dat we moeten focussen op onze sterktes. We moeten niet proberen om overal de beste in te zijn, maar moeten keuzes maken en ten volle inzetten op de competenties waarin we uitblinken. Voor Vlaanderen betekent dit vooral investeren in geavanceerde technologie, zoals onder meer nanotechnologie of biotechnologie. De toekomst ligt bovendien in de kruisbestuiving tussen deze en andere domeinen. Terwijl nanotechnologie tot nu toe vooral gericht was op de ICT-industrie, werken we nu bij imec bijvoorbeeld steeds vaker aan interdisciplinaire projecten met partners uit andere sectoren; van gezondheidszorg, mobiliteit, onderwijs tot slimme steden en groene energie. Vooral voor kleine spelers ligt het succes vaak verscholen op het kruispunt van zulke interdisciplinaire niches, waarin ze een wereldwijd unieke expertise kunnen opbouwen. Het vinden van die niche is voor veel ondernemers het begin van hun succesverhaal. Cruciaal om dat succesverhaal vorm te geven is de samenwerking tussen
bedrijven, universiteiten, overheden en onderzoeksinstellingen. Binnen imec zetten we bijvoorbeeld sterk in op regionale en internationale samenwerkingen. Door internationaal met topspelers samen te werken, creëren we een aanzuigeffect dat Vlaanderen in het buitenland als hightechregio positioneert.
De innovatiekansen liggen voor het grijpen, wachtend op het juiste ondernemend talent.
We hebben al veel te bieden op het vlak van onderzoek en innovatie, maar om verder door te breken, moeten we ambitieuzer denken. We laten ons soms nog te veel beperken door een soort ‘bescheidenheid’. Als we echt een centrum van innovatie willen worden, moeten we grootser durven denken en vol overtuiging investeren in projecten waarin we geloven. De komende jaren verwacht ik vooral interessante opportuniteiten waar pakweg nanotechnologie en gezondheidszorg elkaar ontmoeten. Van technologie die onze hersenen decodeert om dementie beter te begrijpen, tot inslikbare elektronica om ons darmstelsel in kaart te brengen, of draagbare technologie die ons aanspoort om gezonder te leven. Daarnaast belooft ook de doorbraak van artificiële intelligentie een spannend verhaal te worden. Aangezien AI een impact zal hebben op nagenoeg elke industrie, liggen de innovatiekansen hier voor het grijpen, wachtend op het juiste ondernemend talent. TEKST LUC VAN DEN HOVE, ALGEMEEN DIRECTEUR IMEC
ADVERTORIAL
ASIT biotech verwacht toplijn fase 3 resultaten tegen december 2019 ASIT biotech (EURONEXT: ISIN BE0974289218) is een biofarmaceutisch bedrijf met een sterke focus op de ontwikkeling en verdere commercialisatie van effectieve immunotherapie tegen allergieën. Een Belgisch bedrijf, dat zich toch een beetje atypisch mag noemen. ASIT biotech is namelijk een van de weinige biotechbedrijven dat zich bezighoudt met de ontwikkeling van een product dat zich vandaag in klinische fase 3 bevindt, de fase juist voor commercialisatie. CEO Michel Baijot vertelt. “Normaal gezien wordt deze fase uitgevoerd door de big pharma. Het is een geldintensieve fase en vormt een aanzienlijk onderdeel van de ontwikkeling. Toch zijn wij erin geslaagd om autonoom te blijven werken.” Het product in ontwikkeling is evenzeer opmerkelijk. ASIT biotech heeft namelijk een innovatieve behandeling tegen graspollenallergie – oftewel hooikoorts – ontwikkeld. “De laatste 15 jaar is er niets
www.asitbiotech.com
gebeurd op vlak van allergiebehandeling”, gaat Baijot verder. “Wij bieden nu een kortetermijnbehandeling aan: vier injecties gedurende slechts drie weken. Patiënten zullen zo minder op doktersbezoek moeten om hun allergie onder controle te houden.” Behalve de autonome controle over de laatste fase in ontwikkeling beschikt ASIT biotech ook over de intellectuele eigendom en de controle over de productieprocessen. “Andere biotechbedrijven werken samen met externe partijen, wij internaliseren dit. Dat maakt ons attractiever om mogelijke partnerships af te sluiten op termijn.” Als in december aanstaande de toplijnresultaten voor de pollenallergiebehandeling positief blijken, zal dat veel deuren openen voor het technologische platform om andere allergieën te ontwikkelen. Baijot: “Zo kijken we naar oplossingen op vlak van voedselallergieën, voornamelijk de pinda-allergie, en zullen we verder werken aan ademhalingsbehandelingen.”
ADVERTORIAL
WAAROM DE DIGITALISERING VAN DE INDUSTRIE EEN MUST IS WIE VANDAAG NIET INZET OP DIGITALISERING, MIST DE BOOT. MAAR BIJ HET HOREN VAN DIE WAARHEID DENKEN WE MISSCHIEN IN DE EERSTE PLAATS AAN SERVICE- EN HIGHTECH-BEDRIJVEN, TERWIJL HET EVEN GOED OPGAAT VOOR DE INDUSTRIE. VOORAL OMDAT DE DATA DIE ERUIT GEWONNEN WORDEN, VAN GOUDWAARDE ZIJN. “Processen digitaliseren, zorgt ervoor dat je als bedrijf kan blijven innoveren en automatiseren”, steekt Jens Hendrickx, CEO en managing director van Talenco van wal. Zijn servicebedrijf, dat vier jaar geleden werd opgestart en vandaag 200 werknemers telt, helpt andere bedrijven om hun productiviteit te optimaliseren en efficiënter te maken, door specifiek te focussen op processen binnen techniek en supply chain. “Hoe meer kennis we opdoen per project, hoe meer data we ter beschikking hebben om aan research & development te doen, en bijgevolg services en solutions te ontwikkelen op vlak van onderhoud en engineering. In dat opzicht is digitalisering dus een overduidelijke meerwaarde – niet alleen voor ons, maar ook voor de bedrijven waarmee we samenwerken. En voor de overheid en samenleving, want innovatie en R&D liggen aan de basis van interessante investeringen. Het creëert met andere woorden niet alleen nieuwe werkgelegenheid, maar ook een nieuw soort werkgelegenheid.” Data driven processen België staat niet bekend om zijn weelde aan grondstoffen, vandaar dat de inzet op data voor ons land mooie kansen biedt. “Vooral omdat binnen industry 4.0 en IoT steeds meer processen data driven zijn”, gaat Jens Hendrickx verder. “Niet alleen kunnen op die manier logistieke en productieprocessen geoptimaliseerd worden, het biedt ook maatschappelijke meerwaarde. Zo kan je dankzij datacaptatie CO2-emissies in kaart brengen van industriële toepassingen en onderdelen – van productie over logistiek tot revisies. Hoe meer meetpunten we creëren, hoe meer tendensen we kunnen blootleggen binnen de industriële processen. Daar willen wij zorgen voor knowledge building en knowledge sharing in diverse partnerships. Digitalisering en data-extractie helpen ons met andere woorden om opportuniteiten te identificeren. De maatschappelijke
relevantie daarvan is ook groot, omdat een industrieel bedrijf in termen van CO2 natuurlijk veel meer impact heeft dan bijvoorbeeld een individuele woning.” Efficiënt en rendabel De vraag is dan natuurlijk of bedrijven wel voldoende beseffen dat digitalisering de sleutel is tot de (duurzame) toekomst en daar bijgevolg voldoende op inzetten. “Enerzijds heb ik de indruk dat de meeste bedrijven er wel mee bezig zijn”, beaamt Jens Hendrickx, “maar anderzijds heb ik ook de indruk dat
ze hun aandacht te veel moeten besteden aan de war on talent – waardoor de focus weggaat van o.m. R&D. Talent wordt, zeker binnen ons huidige ecosysteem, heel snel weggekocht. Dat is jammer voor werkgevers. Wanneer een werknemer met een bepaalde ervaring het bedrijf verlaat, verlies je steeds skills en kennis van bedrijfsspecifieke processen. Kennis die je nodig hebt om te digitaliseren. Dit is een vicieuze cirkel. Alles wat geautomatiseerd kan worden, creëert tijd en ruimte voor creativiteit. Het is mijns inziens ook een must. Je kan er als bedrijf voor kiezen conservatief te blijven werken – dat kan in principe zelfs waardevol zijn – maar dan nog moet je openstaan voor de mogelijkheden die innovatie biedt. Al
bedoel ik daarmee niet dat je per se een early adopter moet zijn. Ook conservatieve processen kunnen zeer waardevol zijn. Het is de kunst om strategische partnerships te bouwen en op de juiste manier te innoveren.” Service met oog voor solutions Talenco helpt bedrijven met de ontwikkeling van die nieuwe oplossingen in de industrie en levert operationele support – van haalbaarheidsstudie tot het uiteindelijke onderhoud. Jens Hendrickx: “Zo kunnen wij bedrijven bijvoorbeeld meerwaarde bieden bij het onderhoud van hun assets. Door van een curatieve naar een preventieve en zelfs predictieve onderhoudsomgeving te gaan. Vanuit onze partnerships en eigen bevindingen, streven we naar continuous improvement en nieuwe concepten voor al onze klanten. Om dat te bewerkstelligen, hebben wij binnen Talenco een team dat non-stop inzet op innovatie en R&D. Maar eigenlijk komen al onze oplossingen neer op hetzelfde: werken op een reliable, tijdsefficiënte, kostenefficiënte en indien mogelijk innovatieve manier. Door in te zetten op digitalisering en data-extractie slagen we daar steeds beter in, vooral omdat we op die manier heel snel trends kunnen ontwaren, de root cause ervan blootleggen en daar voorspellend op inspelen.” Naast Talenco richtte Jens Hendrickx in 2018 Lanark op, dat focust op de supply chain visibiliteit, samenwerking en endto-end integratie, binnen EPC-bedrijven en multinationals. De visie hierin is supply chain as profit drivers. Ook Talenco Technical Services werd opgericht in 2018, waarin het bedrijf zelf als EPC-contractor kan werken. Hierbij beschikken zij over een eigen constructiehal, waarin zowel engineering, constructie als montage wordt verzorgd. “Dankzij die drie vennootschappen kunnen wij bedrijven letterlijk van a tot z en volledig geïntegreerd, ontzorgen”, besluit Jens Hendrickx.
www.talenco.be
ADVERTORIAL
Onze missie? Jouw toekomst ďŹ nancieren!
Als gewestelijke organisatie voor onderzoek en innovatie verbindt, Innoviris burgers, bedrijven, onderzoeksinstellingen
We spelen een voortrekkersrol en leveren de
om de
Brusselse innovatiemotor op gang te trekken. Want innovatie is de groeimotor van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
Ontdek hoe we jou kunnen helpen op
innoviris.brussels