Skip to main content

Simon Ster 47.5

Page 1

Simon

Jaargang 47 | nummer 5 | augustus 2016

Welkom bij Simon Stevin!

Great Dutch Inventions: Dyneema

Terrortechniek Optimization


16

10 | The strongest fiber in the world made by DSM. Want to know all about it? Turn to page 10.

| De sport die onze vereniging karakteriseert. Strandzeilen. Maar hoe ziet zo’n strandzeilweekend er nu eigenlijk uit?

| Zijn de moderne robots niet supergevaarlijk? Zijn alle denkbare doemscenario’s het ontwikkelen van deze robots wel waard?

| Want to know all about optimization? You can find a practical guide for it on page 28.

24 augustus 2016/ 47e jaargang nr. 5 De ‘Simon Ster’ is een uitgave van de Werktuigkundige Studievereniging Simon Stevin van de Technische Universiteit Eindhoven. De ‘Simon Ster’ verschijnt dit jaar vijf maal.

Illustraties en foto’s

Drukker

Redactie & leden der W.S.V. Simon Stevin Bart van Overbeeke

Drukkerij Snep BV

Adres

Lennard van Damme, Erik Donkers, Karel Drenth, Sanne Janssen, Ruben de Klerk, Robin Mommers, Paul Notenboom, Willem Prajitno, Bas Raes, Jaap Schuit en Jordy Wesseling.

Technische Universiteit Eindhoven Gemini-Noord 1.61 Den Dolech 2 5612 AZ Eindhoven Postbus 513 5600 MB Eindhoven Telefoon: (040) 247 33 13 E-mail: redactie@simonstevin.tue.nl Homepage: www.simonstevin.tue.nl

Ontwerp Vormgeving

Financieel

Eindredactie Robbert Louwers

Redactie

vM-design

Vormgeving Robbert Louwers Sebastiaan van Kemenade

28

ABN-AMRO: NL87ABNA0529096358

Abonnementen Er bestaat de mogelijkheid de Simon Ster thuis te ontvangen. Men kan zich abonneren op de Simon Ster voor €15,- per jaar, inclusief verzendkosten. Indien u geïnteresseerd bent of meer informatie wilt, kunt u contact opnemen met de hoofdredactie op bovenstaand adres.

Oplage 900 © Simon Stevin MMXVI Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of welke andere wijze dan ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van het bestuur der W.S.V. Simon Stevin. De hoofdredactie behoudt zich te allen tijde het recht artikelen in te korten of te wijzigen. Plaatsing van een artikel houdt niet in dat het de mening weergeeft van de W.S.V. Simon Stevin. Iedereen kan kopij inleveren bij de redactie in de Simonkamer: Gemini-Noord 1.61, of per e-mail: redactie@simonstevin. tue.nl


Redactief

Inhoudsopgave Smile of Science

4

Een warm welkom

6

Team FAST

7

Welkom bij Simon Stevin!

8

Great Dutch Inventions: Dyneema

10

STORM 13 Staut: Tau heet u welkom!

14

Strandzeilen 16 Kijk in de Sterren

20

Poker

22

Terrortechniek 24 Automotive Technology: InMotion

26

Optimization

28

Negative Campaigning

32

Ingenieur aan het woord

36

Sterrenhoekjes 38 Prijsvraag 38

Beste lezer, Het nieuwe collegejaar gaat bijna beginnen en dat betekent dat het weer tijd is voor de intro! Veel nieuwe Werktuigbouwers zullen deze week kennis maken met de universiteit en het studentenleven hier in Eindhoven. Aan alle nieuwe Werktuigbouwers die voor het eerst een Simon Ster lezen een hartelijk welkom. Je had geen betere studiekeuze kunnen maken. Tijdens de intro zul je genoeg brakke ochtenden meemaken omdat je je hoofd op de avond ervoor eraf geschroefd hebt. Brak elke ochtend goed uit, zodat je de volgende avond er weer flink tegenaan kan. Er is geen betere manier om uit te brakken dan met een nieuwe Simon Ster. Voor mij is het helaas alweer de laatste keer dat ik deze redactief schrijf. Mijn bestuursjaar zit er bijna op en vanaf 15 september zal mijn opvolger Sebastiaan van Kemenade het overnemen. Hij zal vast en zeker gedurende het hele jaar weer een mooie collectie Simon Sterren uit brengen. Deze Simon Ster is weer gevuld met leuke en interessante artikelen, voor ieder wat wils. Zo staan er weer wat werktuigkundig verantwoorde artikelen in de Ster, onder andere over Dyneema en over optimization. Maar ook lees je alles over poker, krijg je een kijkje in het leven bij ASML en maak je kennis met verschillende studententeams. Ook is er weer een supermooie prijs te winnen, deze keer zijn er maar liefst twee fietsen te winnen!

Robbert Louwers

Adverteerders ASML 36 ExxonMobil 38


4

Smile of Science

Robbert Louwers

De zin en onzin achter de techniek

Genetica

Kwantumfysica

Doorbraak in ALS onderzoek

Meest flexibele kwantumcomputer ooit

Het is alweer een tijdje geleden sinds de Ice Bucket Challenge een rage was op internet. Mensen daagden elkaar uit om een emmer ijswater over hun hoofd te kieperen en geld te doneren aan de strijd tegen ALS. Totaal werd er meer dan 200 miljoen euro opgehaald over de hele wereld. Met dit geld werd onder andere het Project MinE opgestart. Het is een wereldwijd project dat gestart is door ALSpatiënten Bernard Muller en Robbert Jan

Stuit in samenwerking met Stichting ALS Nederland en wetenschappers van het UMC Utrecht Hersencentrum. Dankzij dit project zijn er twee nieuwe genen (NEK1 en C21orf2) ontdekt die gelinkt kunnen worden aan de ontwikkeling van de spierziekte. Momenteel bestaat er nog geen effectieve behandeling tegen ALS, maar deze ontdekking kan een grote stap in de goede richting betekenen.

Openbaar vervoer

Tram die over auto’s rijdt Denk je de files te kunnen vermijden door het openbaar vervoer te nemen, sta je alsnog stil in de spits. In de Chinese stad Qinhuangdao denken ze daar een oplossing voor gevonden te hebben. Daar zijn tests begonnen met een nieuw soort voertuig dat over files en verkeer heen kan rijden. De TEB-1 (Transit Elevated Bus) is een hoge tram met ruimte onder het passagiersgedeelte. Daar kunnen auto’s in twee rijbanen onder de tram door rijden. Maar mochten er ergens files staan, dan kan de tram ook over het verkeer heen rijden, zolang er geen auto’s op de rails staan. Zo kom je toch altijd op tijd op je eindbestemming. Deze tram is 22 meter lang, bijna acht meter breed en ongeveer vijf meter hoog. De tram heeft een capaciteit van 300 passagiers. Instappen moet via speciale verhoogde haltes.

Het enige nadeel van deze TEB-1 is dat de ruimte die auto’s hebben om er onderdoor te rijden maar ongeveer twee meter hoog is. Mocht de TEB-1 dus een vrachtwagen tegen komen, zal deze net zoals andere voertuigen gewoon in de file moeten staan. Ook zijn er nog vragen hoe de TEB1 omgaat met voertuigen die af willen slaan of op de rijbaan willen draaien. Het zal nog een tijdje duren voordat de TEB-1 de openbare weg op gaat, eerst moeten er nog een aantal tests worden uitgevoerd. Of en wanneer de tram echt gaat rijden is nog niet bekend. Benieuwd hoe dit in z’n werk gaat? Kijk dan eens op: https:// www.youtube.com/ watch?v=xzpU4RjjJ8k of scan de QR-code

Kwantumcomputers zijn computers die werken met ‘qubits’ in plaats van normale bits. Deze ‘qubits’ gebruiken eigenschappen van de kwantumfysica, waardoor ze niet alleen een nul of een één als waarde kunnen hebben, maar waardoor ze ook in een superpositie kunnen komen waarin ze zowel een nul als een één zijn. Kwantumcomputers zijn moeilijk in het echt werkend te krijgen, maar er bestaan wel een aantal theorieën over. Met een goed werkende kwantumcomputer zouden sommige berekeningen veel sneller kunnen worden uitgevoerd, waardoor onder meer hedendaagse beveiligingsstandaarden gekraakt zouden kunnen worden. Onderzoekers van de universiteit van Maryland hebben een nieuw soort kwantumcomputer gedemonstreerd. Deze is volledig programmeerbaar en bevat vijf ‘qubits’. Het apparaat werkt met ‘gevangen’ ionen die door lasers kunnen worden gemanipuleerd, in een speciale constructie (zie foto).


5

Simon Ster 47.5 | augustus 2016

Ruimtevaart

Chemie

Satelliet met VRcamera

Oplosbare batterij

Altijd al willen weten hoe het uizicht van een astronaut in het ISS eruit ziet? Vanaf volgend jaar kan het! SpaceVR lanceert dan in samenwerking met SpaceX een satelliet met virtualreality-camera’s. Deze satelliet wordt eerst naar het ISS gestuurd en vanuit daar wordt deze satelliet dan in een lage baan om de aarde gebracht. Als dit succesvol is, is het uiteindelijke doel van SpaceVR om de VR-video’s vanuit de ruimte te gaan livestreamen. Dit moet dan met een abonnement te bekijken zijn en het zou gebruikers het gevoel geven dat ze daadwerkelijk in een baan om de aarde zweven.

Games

Een oplosbare batterij? Dat is toch helemaal niet handig om te gebruiken in alledaagse apparaten zoals je telefoon? Dat klopt, dat is ook niet waar deze batterij voor bedoeld is. Oplosbare batterijen kunnen handig zijn voor militaire doeleinden, maar ook voor de medische sector in de vorm van implantaten die niet operatief verwijderd hoeven te worden. Deze batterij is ontwikkeld door onderzoekers van de Iowa State University en hij lost binnen dertig minuten op in water. De batterij betreft een lithium-ion-accu van 2,5 Volt. De batterij is 1 millimeter dik, 5 millimeter lang en 6 millimeter breed. Met de huidige batterij zou een normale rekenmachine ongeveer 15 minuten van stroom voorzien kunnen worden.

Het is niet de eerste oplosbare batterij die wordt ontwikkeld. Twee jaar geleden werd er in Illinois een batterij ontwikkeld die in elf dagen oploste. Het zal nog wel even duren voordat er een batterij ontwikkeld wordt die langer mee kan. De onderzoekers moeten eerst nog uit gaan vinden hoe een batterij met zo’n complexe structuur meerdere lagen kan hebben.

No Man’s Sky Speel jij games ook in no-time uit, of raak je verveeld van de kleine maps? Dan is No Man’s Sky de game voor jou. De game werd op 9 augustus gelanceerd door ‘Hello Games’. In de game verken je een immens groot universum, met meer dan 18 triljoen

(1.8X1019) planeten. Veel planeten hebben hun eigen flora en fauna. Door het verkennen van het universum verzamelen spelers materiaal om hun karakter en ruimteschip te upgraden.

Het spel is zowel offline als online te spelen en het universum waarin je speelt is in beide versies even groot. Wanneer men online speelt is er alleen de extra optie om samen planeten te ontdekken.


6

Een warm welkom

Van de opleidingsdirecteur

Corinne Jongeneelen is de Opleidingsdirecteur van de faculteit Werktuigbouwkunde. Zij richt het woord tot de nieuwe lichting studenten die zijn begonnen met de studie Werktuigbouwkunde. Corinne Jongeneelen - Opleidingsdirecteur Allereerst: welkom bij werktuigbouwkunde!! Na een vaak lange vakantie ligt er een nieuwe fase in je leven voor je, studeren aan de TU/e en alles dat daarbij hoort. Tijdens de Introductieweek zul je kennis kunnen maken met de faculteit, de studie en het studenten leven. Je zult zien wat er in de studie van je verwacht wordt en wat de mogelijkheden zijn om je daarnaast te ontwikkelen. Voor sommigen betekent dit ook het omschakelen van thuis wonen naar een zelfstandig wonen, wat een extra uitdaging is voor je studiediscipline.

Want vergis je niet, thuis of op kamers: het is nu (weer) tijd om aan het werk te gaan!! Je zult merken dat je hier met een groep studenten bij elkaar bent die allemaal techniek op een of andere manier leuk vinden, die allemaal weinig moeite hebben gehad met de exacte vakken en die nu allemaal nieuwsgierig zijn naar wat er komen gaat. Dat is niet niks. Vanaf de eerste week mag je drie nieuwe vakken gaan volgen en daarnaast het groepsproject en een aantal tooltrainingen gaan doen. Je zult snel merken dat er hard gewerkt moet worden; als je achterstand oploopt, is het moeilijk om dat weer in te halen. Want‌ het tempo gaat snel omhoog. Kortom: in de komende paar weken zul je merken dat je soms moeite moet doen om de stof bij te houden en over acht weken staan de eerste tentamens al voor de deur. Die tentamens zijn een grote verandering, want je moet voor elk vak een voldoende halen! Je mag tentamens wel over doen, maar hoe vaker dat moet, hoe meer je gaat achterlopen met je studie. Bij collegastudenten die hier al langer rondlopen hoor je vaak terug: op het VWO ging alles eigenlijk vanzelf, maar op de TU was ik ineens niet meer bij de beste van de klas en moest ik mijn best doen om bij te blijven. Uiteraard doen alle docenten hun uiterste best om je te helpen. Dat betekent ook dat, zo gauw je zelf merkt dat je moeite hebt met de stof, je de docent (bijvoorbeeld tijdens de Begeleide Zelfstudie) om hulp kunt vragen. Daarnaast is er je tutor, in het eerste kwartiel je studentmentor (begeleider bij het project-onderwijs) om je te helpen met het projectonderwijs en het aanleren van nieuwe studievaardigheden. En je hebt een docentcoach voor vragen over studieplanning, keuzes die je moet maken of gewoon voor een goed advies. Mocht je daar behoefte aan hebben kun je ook contact opnemen met de studieadviseur. Zij kan je helpen met alle vragen over planning, vakken, prioriteiten, etc. Al met al sta je nu aan het begin van een grote uitdaging! Het kan een mooie reis worden, de gidsen staan klaar, maar je moet zelf op weg gaan. Succes!!


7

Team FAST

Simon Ster 47.5 | augustus 2016

Building a Formic Acid city bus

Since September 2015, a new student team has joined the ranks of Eindhoven University. Originally set out to build the world’s first car on Formic Acid, Team FAST is now working hard on creating the first city bus to drive on the new fuel.

Pieter Ottink Formic Acid is a combination of hydrogen and carbon dioxide in a liquid. Therefore, it can still be used with already optimized hydrogen fuel cells, but without the downsides of hydrogen. In short, the system works by converting Formic Acid back to hydrogen and carbon dioxide inside the vehicle by means of a reactor. Afterwards the hydrogen gets purified by removing the excess carbon dioxide and the clean gas is then blasted through the fuel cell. Even though this process is mostly chemical, dealing with catalytic reactions and optimizing fuel to power turnover, there is still work for the mechanical engineer. Because the project revolves around modifying a bus instead of building one from scratch, the mechanical team focusses on optimizing energy management, flow and storage of Formic Acid. Energy management is done partially by means of designing a new heat exchange system. Team FAST’s technology uses a reactor to generate hydrogen from Formic Acid. This reaction performs exponentially better at higher temperatures; however, simply heating the reactor would be far too costly for the efficiency of the system. Therefore, reusing leftover heat from other parts of the system is crucial. The fuel cell for instance generates temperatures up to 65 °C. Since this cell has to be cooled anyway, it’s the perfect heat source. The mechanical team has designed several heat exchangers to reuse this warmth using both analytical methods and COMSOL. Doing this, the focus was not only on function, but also on ease of building. Out of these designs the

best one is chosen and sent off for production. Since where this would be the end in normal educational assignments, in this case the device will be built and used as well. This production process is well portrayed by another problem the mechanical team faced, the storage of Formic Acid. In order to drive on the fluid, it has to be stored inside the bus using a fuel tank. To create a tank resistant to the acid, the team partnered up with RPC-Promens, a plastic molding company. Using the knowledge derived from lectures and working with Formic Acid, combined with the practical eye from someone of the industry, a design was made for the tanks which were than produced especially for the team. Being part of the mechanical team is thus more than only designing. Contact with the industry is very important and often occurs within student teams. These are just two of many examples of the work the mechanical team does for Team FAST. Combine this with the rest of the work done by the team, and by the end of the year, the first bus on Formic Acid will be a fact. After that new projects will be picked up by Team FAST in order to make Formic Acid the technology it deserves to be. You can help us with that. Interested students can contact Team FAST at info@teamfast.nl or check out the website, www.teamfast.nl.


8

Welkom bij Simon Stevin!

Een introducerend stuk van uw Voorzitter

Het lijkt nu waarschijnlijk alweer een tijdje geleden, maar je hebt je VWO-diploma gehaald. Na een lange vakantie vol met examenreizen, festivals en bier komt er toch weer een nieuw avontuur aan. Je gaat studeren! Ik wil je in ieder geval feliciteren want in mijn ogen heb je de beste studie gekozen die er bestaat en dat ook nog is in de gezelligste stad. Graag wil ik je wat insights geven in het studentenleven hier in Eindhoven, maar ook hoe het is om deel uit te maken van de allerleukste Studievereniging: W.S.V. Simon Stevin. Chloe Meeng Om te beginnen met een aantal vraagstukken waar alle gloednieuwe studenten tegenaan zullen lopen. Ga ik op kamers of blijf ik thuis wonen? Als ik op kamers ga, wat ga ik dan koken? Wil ik bij een studentenvereniging, sportvereniging of cultuurvereniging? Al deze vragen zullen waarschijnlijk kort geleden in je op zijn gekomen. Ik kan ze niet allemaal voor je beantwoorden, maar ik kan wel een hoop tips geven. Misschien zullen er tijdens de intro al wel een hoop vragen voor je worden beantwoord. Het eerste dat ik in ieder geval wil meegeven is: ga vooral overal kijken, ben nieuwsgierig en stel vragen. Op deze manier zal je waarschijnlijk het snelst antwoord hebben op al je vragen. Eindhoven is een hoop verenigingen rijk, dus waar je ook in geĂŻnteresseerd bent, er zal vast en zeker een plekje zijn waar jij je thuis zult voelen. In tegenstelling tot tijdens je middelbare schooltijd zal je hier op de universiteit een hoop vrijheid krijgen. Dit klinkt natuurlijk als muziek in de oren. Maar om heel eerlijk te zijn moet je een hoop discipline tonen om je studiepunten te halen. Let er dus op dat je naast alle leuke dingen van het studentenleven, genoeg tijd besteed aan je studie.

Zo, genoeg studentenlevenslessen, ik wil het nu hebben over de studievereniging waar je bij terecht bent gekomen. Bij jouw studievereniging genaamd W.S.V. Simon Stevin zitten alleen studenten die ook werktuigbouwkunde studeren. Dit is ook meteen het voornaamste verschil met alle andere verenigingen. Onze vereniging doet van alles op 3 verschillende vlakken.

Simon Stevin De vereniging heet dus Simon Stevin, maar is daar ook een reden voor? De naamgever van deze vereniging was een wis- en natuurkundige uit Brugge. Door het combineren van deze twee vakgebieden wordt hij gezien als de eerste werktuigbouwkundige. Heeft die man dan nog iets noemenswaardigs bedacht? Nou dat heeft hij zeker, Simon Stevin was een druk man die zich op veel vlakken heeft laten gelden. Voorbeelden hiervan zijn de invoering van decimaalrekenen, de eerste vermelding van iets als een zwaartekrachtconstante en het bewijs dat kracht een vector is. Dit laatste bewees hij met de Clootencrans en dat is meteen ook het logo van de vereniging. Op taalkundig gebied introduceerde hij de term wiskunde – kunst van het gewisse (zekere) en daarop gelijkende woorden.


9

Simon Ster 47.5| augustus 2016

Activiteiten De eerste activiteiten die Simon Stevin dit jaar zal organiseren staan hieronder opgesomd. • EerstejaarsBBQ op maandag 12 september • After-intro-borrel op maandag 19 september • Eerste lunchlezing <bedrijf> op woensdag 21 september • Simonkamp van vrijdag 30 september tot en met zondag 2 oktober • Start eerste lascursus op maandag 26 september Je kunt je voor deze activiteiten inschrijven in de Simonkamer of online. Voor vragen kun je uiteraard altijd terecht bij het Bestuur.

Op het gebied van onderwijs regelen wij in samenwerking met AthenaStudies bijles in de vorm van tentamentrainingen. Je kunt bij ons altijd terecht voor vragen of klachten over al je vakken. Onze Onderwijscommissaris zal dit dan terugkoppelen aan de hoogleraren. Verder staat er een mooie webshop klaar, waar je al je boeken kunt bestellen. Ook worden er verschillende cursussen georganiseerd om praktische vaardigheden te leren. Hoewel deze cursussen niet verplicht zijn, worden ze door menig werktuigbouwer als een must gezien. Zo zijn er cursussen om te leren lassen, draaien & frezen en plaatbewerken.

Naast al deze verrijkende activiteiten voor je studie en je carrière, organiseren wij ook nog een hoop ontspannende activiteiten. Zo hebben wij iedere donderdag een borrel van vier tot zeven in onze eigen borrelruimte De Weeghconst. Daarnaast hebben we ieder jaar weer een groot scala aan ontspannende activiteiten, waarvoor je de posters en de Facebook in de gaten moet houden. Samengevat doen wij dus van alles om je te helpen binnen je studie, om je op weg te helpen naar een goede carrière, maar ook om je genoeg ontspanning aan te bieden om het leed van dat vele studeren te verzachten. Succes en vooral heel veel plezier de komende jaren!

Zeilwagens Wellicht zijn ze je al opgevallen tijdens je bezoek aan De Werf of Simonkamer, de zeilwagens van de vereniging. Wat is daar het verhaal achter? Rond het jaar 1600 kreeg Simon in een van zijn creatieve buien weer een idee: een wagen die met behulp van windkracht over land kon rijden. Hij bouwde toen de eerste zeilwagen voor Prins Maurits. In zijn navolging heeft de vereniging nu een vloot van deze wagens en hiermee gaan we ongeveer vier keer per jaar op strandzeilweekend. Een echte aanrader om aan deel te nemen!

Als je straks afgestudeerd bent en je hebt je diploma binnen, is het ook belangrijk dat je weet welke richting je op wil met je carrière. Als Werktuigbouwer heb je het voorrecht dat je bijna overal terecht kan. Het is dus belangrijk dat je op tijd begint met oriënteren. Hiervoor bieden wij een aantal mogelijkheden. Als eerste organiseren wij iedere week op woensdag in de pauze een lunchlezing. Je krijgt dan een praatje van een bedrijf waar je als Werktuigbouwer terecht kan en daarbij krijg je ook nog eens een luxe lunch en dit alles maar voor €1,-. Ook zullen er gedurende het jaar verschillende carrière-cursussen worden georganiseerd die je klaarstomen voor het bedrijfsleven. Daarnaast wordt ook nog een symposium georganiseerd en gaan we een paar keer per jaar op bezoek bij een bedrijf.


10

Great Dutch Inventions: Dyneema

Stronger than steel!

Despite the modest size of our nation, Dutchmen have contributed a great deal to create the world as it is today. Some of these might be well known, others might surprise you. Either way, in this series some of the most magnificent Dutch ideas will be discussed. Bas Raes What’s this all about?

UHMWPE, say what?

First in line hails from the southern part of our nation, but no, I won’t be discussing the well-known Limburgse vloai. Instead this will about a product from the DSM company. Although the abbreviation DSM stems from Dutch State Mines, this is no longer the industry they are involved in. After the mines were closed, the company turned their activities towards the specialty- and petrochemicals. During the seventies this brought forth Dyneema, a fibre made up of oriented plastic, or as the official classifaction goes: Ultra High Molecular-Weight Polyethelyne (UHMWPE).

The official name (and it’s abbreviation) might be ambiguous and not give straight-forward indication of what we are dealing with. Therefore we will take a small step back to secondary school chemistry. As the name suggests were dealing with ethylene which is one of the most simple molecules, consisting only of hydrogen and carbon atoms. Furthermore we can connect multiple of these molecules to form polyethylene and this opens up tons of possibilities for the functionality of the product. In the accompanying diagram you can see what happens when you increase the length – and the molecular weight accordingly – of such a chain. As you can see, we go from liquid gasoline at low molecular weight up to plastic bags at higher weights. Dyneema is at the pinnacle of what we can do with creating long polyethylene chains, thus the Ultra High Molecular-weight.

Discovering Dyneema The discovery of Dyneema was one by chance: a DSM-scientist investigating different polymer grades in a beaker noticed that long fibres stuck to the stirring rods. “That’s funny.” However developing the fibre proved to be a tedious process with DSM almost cancelling the project multiple times. In the end the perseverance of some enabled them to create this interesting material.

Dyneema derives its strength from two components, being the long polymer chains and the orientation of those chains. It is the orientation of the polyethylene allows for creating a fibre that has very desirable properties. Conventional polyethylene consists of curly chains that are entangled within each other, keeping the material together. Now in Dyneema, the chains are subjected to extreme orientation in the same direction, in which they are kept


11

Simon Ster 47.5| augustus 2016

Where do we use this for? Fortunately there remain lots of applications that can make use of Dyneema with its high strength, great durability and flexible nature. In personal protection Dyneema is widely used to create armour capable of stopping a bullet while at the same time being light-weight. This is ideal for police and military gears, while at the same time ice-skaters make use of the material as its cutting resistance provides protection from sharp iron. Another area that is putting Dyneema to good use is the medical world, especially within orthopaedics (concerning the skeleton). Within the body the fibre can function as an implant and nowadays it is most thanks to the fact that the chains form a crystalline structure that keeps the chains in place. This creates a fibre that can endure high strength in one direction, due to the fact that the bonds between atoms take up much of the load. These bonds are orders of magnitude stronger than the ‘Van der Waals’-bonds that interact between ordinary polymer chains, for example in simple plastic bags.

Sounds nice, but why use it? Of course DSM didn’t went through all the hassle for creating this material because they were merely interested from an academic point of view. They soon commercialised the production of Dyneema because the fibre has some interesting properties, even besides its high strength. An important characteristic is the low density that results in a strength-for-weight ratio that is fifteen (!) times higher than steel. Other well-known fibres, like Kevlar, are left behind by a whopping 40 percent. Some additional facts about Dyneema:

• It can absorb high amounts of energy • The fibre is resistant to UV and chemical influences • It is flexible and durable • Resistant to cutting • Easy to process

Are there no disadvantages to the material? Well, sadly there is one in particular that excludes Dyneema from quite some applications. Due to the fact that Dyneema is based upon polyethylene it shares the low melting point and corresponding temperature-dependent behaviour. Therefore Dyneema is unsuitable for situations with a temperature much higher than 70° degrees Celsius.

commonly used material for hip replacements. These are just some applications for the product and the fibre is still being advertised in new industries, spreading the material even further. Some obvious other uses are within climbing, sailing gear and for fishing lines. The latter case revealed another property of Dyneema: it isn’t very suitable for making knots due to its low friction, requiring different knotting methods for Dyneema lines. In addition, a continuously growing market is the offshore industry where Dyneema ropes are replacing traditional metal chains in rapid fashion. The loads there are not the limiting factor, but Dyneema harbours one distinct advantage over steel and that is the low weight that causes it to float in water. Therefore the Dyneema ropes only have to deliver the required strength, whereas a major fraction of the force in steel chains comes from its own weight. Another – simple but appreciated – perk is the fact that the handling produces no sound, contrary to its steel counterparts. You might remember the Costa Concordia, the stranded cruise-ship, it was hoisted with the use of Dyneema ropes!


12

Room for improvement Since the introduction of Dyneema continuous efforts have been made to create grades that have enhanced properties. These efforts focussed mainly on increasing the modulus and decreasing the creep rate. The firs is for obvious reasons and the second one is desired to make the material useful for long-term construction purposes. Most of this improvement is reached by optimizing the production, which is rather complex process of heating, dissolving and spinning the fibres into long filaments. As of today still endeavours are undertaken to further improve Dyneema. All is pointing in the direction that you will be coming across Dyneema more often in the close future! Dyneema and the TU/e Some of the researchers involved in the Dyneema-project later went on to make significant contributions to our university. Two of the scientists that worked for DSM were involved in booting up the polymer departments of both Mechanical and Chemical Engineering.


13

STORM

Simon Ster 47.5 | augustus 2016

Breekt los! Daarnaast zijn er wat speciale features toegevoegd, zoals een ingebouwde TomTom navigatie en NXP module die communicatie tussen motor en volgvoertuigen mogelijk maakt. Een verandering die wél direct in het oog springt is natuurlijk de nieuwe kleurstelling, die de motor een stoerdere uitstraling geven.

World Tour

Deze zomer gaat het dan eindelijk gebeuren: STORM Eindhoven begint aan haar World Tour! Op 14 augustus zal het studententeam van start gaan in de binnenstad van Eindhoven met twee gloednieuwe elektrische motorfietsen. Het design van deze twee nieuwe motoren werd vorige maand gepresenteerd, nadat in oktober vorig jaar nog het eerste prototype onthuld werd. Bas Verkaik Nieuw design Op 12 mei presenteerde STORM het nieuwe motorfiets design tijdens een bijeenkomst met haar partners. Ten opzichte van het vorige model lijkt er op het eerste gezicht niet veel veranderd. Toch zijn er wel degelijk de nodige aanpassingen gedaan. De meeste aandacht is besteed aan het optimaliseren van gewicht, betrouwbaarheid en ergonomie. Daarnaast zijn de aspecten die de motor uniek maken natuurlijk behouden gebleven. Zo hebben ook de nieuwe motoren een modulair batterijpakket (met maximale actieradius van 380 kilometer), een zogenaamde Hossack ophanging (zodat je geen last hebt van trillingen in het wegdek) en een Smeshgear (planetaire versnellingsbak die zorgt voor enorme koppelvergroting bij lage snelheden).

En dát is natuurlijk belangrijk. STORM heeft zichzelf immers als doel gesteld om over de hele wereld te laten zien hoe gaaf elektrische mobiliteit al kan zijn. Een gave motor is dan niet onbelangrijk. Middels de STORM World Tour, een reis rond de wereld in 80 dagen, zal het team proberen deze visie uit te dragen. Tijdens deze toer zal de motor worden opgeladen bij het STORM Grid, een netwerk van supporters van bedrijven, universiteiten en andere organisaties die de visie van STORM ondersteunen. Op deze manier wil STORM een grote verscheidenheid aan mensen en culturen laten ervaren wat het potentieel van duurzaam vervoer nu al is. Dit grootse avontuur krijgt steeds meer vorm. Het startschot zal gegeven worden op zondag 14 augustus middels een spectaculair evenement in Eindhoven, waarna het team Europa verlaat in Istanbul. Tot dat moment zal de trip nog relatief eenvoudig zijn. Het ‘echte werk’ begint dan pas, als STORM via landen als Iran, Turkmenistan, Oezbekistan en Kazachstan heel China doorrijdt. Omdat deze landen zeer onbekend zijn en daardoor een grote uitdaging vormen, heeft het team in ter voorbereiding testreisjes gemaakt naar de betreffende landen. In april zijn twee teamleden van Teheran (Iran) naar Almaty (Kazachstan) gereisd. Een maand later zijn twee andere leden vervolgens vanaf Shanghai, in het oosten van China, helemaal naar het westen van het land getrokken. Gedurende deze zeer succesvolle trips zijn de oplaadpunten vastgesteld, evenementen vast georganiseerd en een hoop mensen nu al razend enthousiast geworden. Indien STORM Shanghai eenmaal heeft weten te bereiken tijdens de World Tour, zal de VS aan de beurt zijn, tijdens de STORM World Tour Goes USA! Een legio aan evenementen zullen hier plaatsvinden tot het team in New York weer terug zal keren naar Europa. Op 2 november, exact 80 dagen na de start, zal hier een laatste eindsprint plaatsvinden. Vanuit Parijs zal de STORM motor, begeleid door een stoet elektrische voertuigen, weer terugkeren in Eindhoven. Kortom, er staat een heleboel te gebeuren. Houd de Social Media kanalen van STORM goed in te gaten voor meer updates rondom de World Tour, maar ook de nieuwe motoren! En vergeet niet om 14 augustus in je agenda te zetten!


14

Staut

Rhetoricadispuut Tau heet je welkom!

Het is eindelijk aangebroken, je studententijd. Welkom in de mooiste tijd van je leven. Wij helpen je nu een stap te zetten in de goede richting, want een mooie studententijd komt je niet zomaar aanwaaien. Melvin de Wildt Als je deze editie van de Simon Ster leest, is de kans redelijk groot (95% betrouwbaarheidsinterval op de nulhypothese, maar dat leer je later wel!) dat je een eerstejaars Werktuigbouwkundestudent bent. Gefeliciteerd met de beste beslissing van je leven. Je hebt je ingeschreven voor de breedste, grootste en gaafste opleiding van de TU/e, met een van de grootste baankansen die ons land kent.

Ga op kamers Als student zal je in je eerste jaar je draai vinden op de TU-campus en in Eindhoven. Om het meeste uit je studietijd te halen is het essentieel dat je op kamers gaat. Ook al ben je niet van plan de eeuwige student met een tweemaal zo grote lever te worden, dan toch is het zelfstandig wonen een snelkookpan voor je persoonlijke ontwikkeling. Het samen wonen met andere academici is niet alleen gezellig, maar ook nog eens leerzaam. Een scherpe discussie met een intellectueel persoon is leerzamer dan aan je ouders vertellen wat je die dag allemaal hebt gedaan. Over je ouders gesproken, op kamers gaan heeft nog een groot voordeel: je hoeft jezelf niet langer te verantwoorden. De, vaak goedbedoelde, controlerende vragen van je ouders zijn ĂŠĂŠn van de laatste dingen die je mist als je op kamers zit. Schrijf je dus als de wiedeweerga in bij Vestide, neem een Kamernet-profiel en ga die kijkavonden af! Als je hierover vragen hebt, spreek dan vooral een ouderejaars student aan, zij helpen je hier graag mee.


15

Simon Ster 47.5| augustus 2016

Word een actieve student Goede cijfers zijn belangrijk, je studeert immers primair om een diploma te behalen. Échter, geen enkel bedrijf staat te springen om een Cum-Laude –afgestudeerd mannetje van 23 met een sociaal leven dat niet verder gaat dan World of Warcraft. Gelukkig biedt Eindhoven meer dan genoeg mogelijkheden om jezelf buiten de collegebanken te ontplooien; bezoek de sport-, studenten-, cultuur- en studieverenigingen die Eindhoven rijk is. Er is voor ieder wat wils. Je leert er niet alleen veel gezellige mensen kennen, je doet ook ervaringen op die nuttig zijn in je latere leven: het vriendennetwerk dat je overhoudt is hoogopgeleid en door actief commissiewerk te gaan doen bij een vereniging spijker je je organisatie- en vergaderskills bij.

Horizontale en verticale banden aanleggen Het is ook goed om contact te zoeken met je medewerktuigbouwers, en dan bedoelen we niet alleen je jaargenoten. Naast een goede dosis gezelligheid kan je bij ouderejaars namelijk ook vaak terecht voor samenvattingen en andere hulp voor je vakken. In contact komen met die ouwe lullen (een zogenaamde verticale band) lijkt lastig, maar het tegendeel is waar. Ben je lid van een vereniging, dan kom je er zo achter wie van de leden Werktuigbouwkunde studeert. Zij studeren net als jij aan de grootste majorstudie van Eindhoven; je kan ze bijna niet missen. Verder tref je meer dan genoeg ouwe lullen aan op de donderdagborrel van Simon Stevin. Ons, Rhetoricadispuut Tau, herken je aan de blauwwit-gouden truien. Wij zijn altijd meer dan bereid je te helpen in je studentencarrière.

Wees geen krent Je studententijd is de mooiste tijd die er is, maar die tijd is niet gratis. Wees echter niet bang om dit geld te lenen en uit te geven. Het rentetarief over de studiefinanciering en het studievoorschot is verlaagd naar het historisch lage niveau van 0,01 procent. Dit is de beste lening die je ooit in je leven gaat krijgen. Je hoeft niet bang te zijn dat je het later niet terug gaat verdienen, je studeert immers Werktuigbouwkunde. Als je over 30 jaar op je jacht in Monaco ligt te relaxen moet je lachen om die schattige studieschuld van slechts €40.000 euro.

Met deze tips moet je de eerste weken van je nieuwe leven wel doorkomen. Stap uit die comfortzone, leg een sociaal leven aan en vergeet tussendoor niet jezelf ook academisch te ontwikkelen; daarvoor ben je immers hierheen gekomen. Rest ons niets dan je een ontzettend gave studententijd toe te wensen! En kom je op Stratumseind een blauw-wit-gouden trui tegen, twijfel niet ons aan te spreken.


16

Strandzeilen

De wind door je haren

Al sinds jaar en dag kent Simon Stevin vele mooie tradities. Zoals iedereen weet heeft Simon Stevin in zijn jonge jaren de eerste zeilwagen ontworpen. Nog steeds wordt zijn nalatenschap in ere gehouden door vijf keer per jaar te gaan strandzeilen. Hier volgt een inkijkje in een strandzeilweekend: Niki Wilms Dit keer werd er in het weekend van 8,9 en 10 januari in het land van de Rode Duivels neergestreken om daar de stranden onveilig te maken met onze ‘Prehistorische monsters’. De mensen van de Royal Sand Yacht Club vinden dat in ieder geval een toepasselijkere benaming dan ‘zeilwagens’.

Vrijdag Al vroeg op vrijdagochtend, rond een uurtje of 11, werden de ‘Prehistorische monsters’ door iedereen vastgesjord op de aanhangwagen, zodat wij aan het begin van de avond konden vertrekken naar De Panne. De dagen hiervoor had de Zeilwagencommissaris alle noodzakelijke voorbereidingen getroffen, boodschappen gedaan, nieuwe literatuur gekocht en een busje opgehaald. Ook heeft hij ervoor gezorgd dat de zeilwagencommissie meer wagens in rijdende staat had afgeleverd dan gebruikelijk voor het weekend: er waren immers maar liefst vijf rijdende wagens die gebruikt konden worden voor dit weekend. D’n Duvel moest nog even aan een testassembly onderworpen worden, alvorens deze ook vast gebonden kon worden. Om zes uur reden wij, volgens Brabants taalgebruik, aan om al snel de A67 op te draaien. De veertien meter lange combinatie werd bestuurd door de oud-Zeilwagencommissaris, omdat de huidige wat problemen had met het behalen van het juiste rijbewijs.

Al snel kwam iemand tot de ontdekking dat er blikken en ducttape aanwezig waren, die gecombineerd kunnen worden tot een drankspel genaamd ’Stafzuipen’. Stafzuipen in een busje blijkt echter naast ongelofelijk veel plezier ook problemen op te leveren. Het eerste probleem ervaart men na het opdrinken van enkele blikken: de drang om de interne overdruk te verlichten. Dit heeft erin geresulteerd dat chauffeur Ben acht keer heeft moeten stoppen in drie uur. Het tweede probleem dat zich aandient is van meer praktische aard, namelijk het gebrek aan ducttape voor zes volwaardige staven. Dit werd adequaat opgelost door een veel te dure rol ducttape aan te schaffen bij een tankstation. Het laatste


17

Simon Ster 47.5| augustus 2016

probleem is van ruimtelijke aard. In een busje is het natuurlijk niet zo eenvoudig om een staf te manoeuvreren, wat tot veel lenige acties heeft geleid van de stafeigenaren.

de aanhanger provisorisch gelast/gerepareerd werd en er bier was gehaald, omdat het op was (hoe kan dat nou?) zijn we teruggegaan naar het huisje.

Dit spelletje leverde een behoorlijk dronken groep w’ers op die na drie uur gedropt werd bij het huisje waar ze zouden overnachten dit weekend. Normaal gaat men kamperen, maar omdat dit weekend midden in januari viel en dat meestal niet de warmste maand van het jaar is, was er voor gekozen om een klein huisje te huren. Dit huisje, dat 30 euro per persoon kostte, was een huis dat makkelijk bij de serie “MTV Cribs” voorbij kan komen. De eigenaar had een fles champagne klaargezet, de keuken was enorm en iedereen had bijna een kamer voor zichzelf. Ook was er een bubbelbad aanwezig, waar op verschillende momenten dankbaar gebruik van werd gemaakt. Na een kleine proost met champagne en nog wat biertjes werd er besloten om naar bed te gaan. Morgen zou iedereen de energie meer dan goed kunnen gebruiken.

Zaterdag Zaterdagochtend werden we gewekt door het zacht tikkend geluid van een regenbui. Dit bleek een voorbode te zijn van wat we konden verwachten dat weekend. Nadat we bij strandzeilclub R.S.Y.C. LAZEF de aanhanger hadden geparkeerd en het weer vervloekt hadden, begonnen we met het opbouwen van de wagens. Ondertussen werden er door enkele mensen eitjes gebakken voor de hardwerkende deelnemers. Sommigen kwamen tot de conclusie dat ze niet zo’n goede regenkleding hadden ingepakt en zijn op zoek gegaan naar de dichtstbijzijnde Carrefour. Dit bleek nog een hele opgave te zijn, want het heeft maar liefst twee uur geduurd voordat ze terug waren. Nadat de wagens geassembleerd waren, werden ze naar het strand gereden. D’n Duvel, de oudste en breekbaarste zeilwagen, werd achtergelaten bij het terrein van LAZEF, omdat het sowieso te hard waaide om deze wagen te gebruiken. Eenmaal op het strand aangekomen was de conclusie dat het wel héél hard waaide en we waarschijnlijk niet eens één rondje konden rijden. Nadat ook de oud-Zeilwagencommissaris had ontdekt dat het misschien toch wat hard waaide, zijn we afgedropen naar een warmere plek, de kantine van LAZEF. Nadat

In het huisje werd het bubbelbad door iedereen getest, zowel met als zonder bier. Daarna was het tijd om Brugge te gaan verkennen. De bus werd geparkeerd naast een prachtige Porsche GT3 die eigendom bleek te zijn van een ietwat dronken Belg. Hij gaf zijn verkeersboete aan ons, want ‘daar kon hij toch niks mee’. Daarna is hij ingestapt en met ongeveer 130 km/h de straat uitgereden. Eenmaal bekomen van deze vreemde Belg en zijn avonturen gingen wij op zoek naar de Chicken Inn. Hier worden al jaar in jaar uit op zaterdagavond spareribs gegeten. Na een korte omzwerving stonden wij voor een dichte deur. Onze favoriete spareribstent bleek namelijk gesloten te zijn, omdat de eigenaar met pensioen is gegaan. Al rouwende om dit verlies zijn wij op zoek gegaan naar een ander restaurant dat ons kon voorzien van spareribs. Na niet al te lang daarna hadden wij er eentje gevonden waar onbeperkt spareribs en halve liters geserveerd werden. Achteraf werd er nog een ijsje genuttigd en daarna zijn we het nachtleven van Brugge ingedoken. Na een heleboel biertjes, enkele amoureuze acties van een W’er en heel wat dansen is er besloten om terug te keren naar ons huisje, zodat we de volgende dag eindelijk konden strandzeilen!


18

Het gevoel dat je zonder moeite en verbrandingsmotor vooruit komt, door handig een zeil te draaien is echt geweldig. Het lijkt een beetje op het gevoel dat je vroeger had als je met je kleine fietsje van een grote berg af reed. In dit geval zijn duinen toepasselijker. De wind door je haren en het zilt in je smoel is iets wat je letterlijk ervaart als je aan het strandzeilen bent. Je voelt je één met de wind, de zee en je zeilwagen. In een van de Pipers kun je heerlijk crossen, er is bijna niks kapot aan te maken en je kan bijna niks verkeerd doen. Met de Buizerd rijden is een genot, omdat je superscherpe bochten kan maken en écht hard kan gaan. D’n Duvel is een waar cruise-plezier, alsof je niet meer over zand rijdt, maar over een biljartlaken. Al deze wagens maken van het strandzeilen een dynamische ervaring die je niet wil missen.

Zondag Net zoals op zaterdag werden we weer vroeg gewekt, echter dit keer niet door het tikkend geluid van de regen op het dak, maar door een energetische Zeilwagencommissaris. Het tweede wat deze ochtend gedaan werd was een tosti-ontbijt laten verdwijnen om vervolgens tot de conclusie te komen dat er misschien wel te weinig wind stond om te kunnen strandzeilen. Toen we eenmaal op het strand stonden was het eerste uurtje om te huilen, maar daarna begon de wind toch aan te trekken. De windgoden waren ons gunstig gezind en we hadden genoeg wind om de zeilwagens te laten rijden. Hoe het is om in een zeilwagen te rijden is lastig te omschrijven, maar hieronder volgt toch een poging:

Het opkomende tij zorgde ervoor dat we niet verder konden strandzeilen en toen zijn we begonnen met het opbouwen van de aanhanger. Op een of andere manier was de sleutel van het busje in de bus beland en had deze zichzelf afgesloten. Na lang discussiëren met de verhuurder, Anton gebeld om reservesleutels te brengen en gediscussieerd welk raampje we het beste konden inslaan, hebben we toch maar de ANWB gebeld. Zij hadden iemand in de buurt die er meteen aankwam om ons busje professioneel open te breken. Ondertussen zijn wij in onze natte kleren een hapje gaan eten om daarna een open busje aan te treffen. Hierna hebben wij de bus ingeladen en zijn we teruggereden naar het vertrouwde Eindhoven. Het was een supergezellig weekend en ik kan het persoonlijk aanraden om ook een keer mee te gaan!


19


20

Kijk in de Sterren

Rio de Janeiro

De Olympische Spelen in Rio de Janeiro zijn in volle gang. Het zijn de eerste olympische spelen die in Zuid-Amerika worden gehouden. Het standbeeld op de foto, Christus de Verlosser, staat in Rio. Het beeld is 38 meter hoog en staat op de 710 meter hoge berg Corcovado, uitkijkend over heel Rio de Janeiro.


21

Simon Ster 47.5| augustus 2016


22

Poker

Puur geluk of gecalculeerde kans?

“Je moet gewoon je chips in het midden gooien en kijken wat eruit komt” – een recreatieve pokerspeler. Dit is een uitspraak die ik tegenkwam bij een pokertoernooi op de lokale voetbalclub. Maar is dat werkelijk het geval? Of is het mogelijk dat je het spel zo kan beïnvloeden dat je een winstgevende speler wordt? Thijs Hoedemakers Sinds 2010 wordt poker door de International Mind Sports Association erkend als een denksport. Dit laat wel zien dat er toch meer achter zit dan je chips in het midden gooien en kijken wat eruit komt. Het spel bestaat uit vier fases: pre-flop, flop, turn en river. Wanneer je aan de beurt bent krijg je drie opties: folden, callen en raisen. Je krijgt twee kaarten in je hand geduwd en het idee is dat je uiteindelijk de beste combinatie hebt, gecombineerd met wat er op de tafel ligt. Ik zal elke fase kort toelichten en laten zien hoe je een “abc player” kan worden.

Folden, callen of raisen? Je hebt als speler altijd drie opties: fold, call, raise. Folden betekent dat je je twee kaarten weglegt en niet deelneemt aan het spel. Dit klinkt misschien als een radicaal besluit, want zoals de recreatieve speler zou zeggen: “als je niet meespeelt, kan je ook niet winnen”. Dat is zeker waar en er is weinig tegen in te brengen. Echter, het idee is dat je een grotere kans hebt om uiteindelijk te winnen met een goede hand (bijvoorbeeld Azen) dan met een slechte hand (2-7).

Callen betekend dat je het hoogst ingezette bedrag bijlegt. Dit kan je eigenlijk beter niet doen. Als je een echt goede hand hebt, is verhogen (raisen) een betere optie en als het slecht is, kan je het beter folden. Eigenlijk is het allemaal heel simpel als je het zo bekijkt.

Pre-flop In het begin krijgt elke speler twee kaarten. Op dit moment liggen er nog geen open kaarten op het bord dus vandaar dat het pre-flop wordt genoemd. Wanneer je aan een tafel met negen man zit, moet je rekening houden met je positie aan de tafel. Je positie aan de tafel staat hieronder uitgelegd. Wanneer je in ‘early position’ zit, zitten er nog veel spelers achter je die ook nog mee kunnen spelen. Om die reden wil je vanaf deze positie selectiever handen spelen dan wanneer je in ‘late position’ zit. UG, wat under the gun betekend, is de eerste persoon die mag zeggen wat zijn/haar actie is. Wanneer diegene raised moet je dus goed nadenken of je tegen diegene wil spelen aangezien hij/zij een goede hand claimt te hebben.


23

Simon Ster 47.5| augustus 2016

Turn/River Nu ben je zo ver gekomen dat er nog twee inzetmomenten komen. Hier moet je jezelf de vraag stellen: gaan mensen callen met een slechtere hand dan ik. Als het antwoord hierop ja is, kan je er voor kiezen om nog tweemaal te betten. Hieronder zie je daar een goed voorbeeld van.

Eigenlijk wil je dus een standaard plan de campagne hebben voor elke positie, elke hand, elke actie die er voor je is gebeurt en wat er nog kan gaan gebeuren. Al deze dingen staan natuurlijk met elkaar in verband. Wanneer je zonder plan je chips in het midden gooit, is de kans groot dat je aan het eind van het spel met lege handen staat.

Flop Je bent voorbij de pre-flop situatie gekomen; hopelijk met een raise. Nu komen er drie open, gemeenschappelijke kaarten op het bord te liggen. Deze drie kaarten heten de flop. Het makkelijkste is om in te zetten als je iets ‘hit’ zoals een pair. Het feit is echter dat je ongeveer 68% van de keren niets hebt maar dat wil ook zeggen dat je tegenstander 68% van de tijd niks heeft. Op dit moment kan je er dus voor kiezen om te betten en hopen dat je tegenstander fold. Je zou dit kunnen beschouwen als bluffen, wat een groot onderdeel van poker is.

Als je in dit geval boer tien van harten hebt en je zit in positie kan het een mooi moment zijn om te betten. Zoals je kan zien, heb je maar 28.59% kans om de hand te winnen maar dat weet de andere speler niet. Zo ver hij weet, heb je azen of koningen.

De kans dat je tegenstander een lagere aas heeft is aannemelijk, aangezien hij de flop gecallt heeft. Dus kan je nog twee keer betten met jouw AK. In dit geval zie je dat je 93.18% kans hebt om te winnen. Dit is omdat je een betere ‘kicker’ hebt. Je ‘kicker’ is je kaart naast de kaart waarmee je een paar hebt. Uiteindelijk wordt gekeken naar de vijf hoogste kaarten op het bord samen met combinaties. In dit geval hebben beide spelers een paar maar de koning is hoger dan de tien. Veel spelers met A10 zullen je uitbetalen omdat zij ook top pair hebben. Het is dus eigenlijk allemaal heel simpel, maar het moeilijkste wat er is, is simpel poker spelen.


24

Terrortechniek

Wat als de techniek de leiding neemt?

Mensen zijn er dol op: paniekzaaiende, wereldvernietigende killer robots. Men kan zich afvragen waarom mensen, ondanks alle denkbare doemscenario’s, toch robots zijn gaan ontwikkelen? Lisanne van Wincoop De Terminator serie, waarin de wereld wordt overgenomen door moordende robots, heeft Arnold Schwarzenegger op de kaart gezet en ook Will Smith heeft zijn aandeel aan terroriserende AI’s bevochten in de film I Robot. Het woord “robot” werd zelfs voor het eerst gebruikt in een toneelstuk over terroriserende robots, genaamd R.U.R (Rossums Universal Robots). Het toneelstuk gaat over een fabriek waar robots worden ontwikkeld. Wanneer de robots te menselijk worden gemaakt, komen ze in opstand tegen de slavernij waaronder ze verkeren en vernietigen ze de hele mensheid.

Ondanks de doemscenario’s bestaan ze toch… Tegenwoordig zijn robots een onderdeel van de samenleving die niet meer weg te denken is van de moderne tijd. Er zijn robots voor bijvoorbeeld de zorg, industrie, sport, om pannenkoeken te bakken en voor het leger. De voornaamste ontwikkelaar is de Defense Advanced Research Projects Agency, beter bekend als DARPA, die robots ontwikkeld voor defensie en die ingezet (zullen) worden in oorlogssituaties. Om voortgang te boeken op dit vlak organiseert DARPA een wedstrijd genaamd the DARPA Robotics challenge waar verscheidene Universiteiten aan meedoen zoals Massachusetts Intitute for Technology (MIT), CalTech en Harvard.

Deze universiteiten worden uitgedaagd om semi-autonome robots te ontwikkelen die kunnen worden ingezet om gevaarlijke taken uit te voeren in oorlogsgebieden. Deze wedstrijd stelt hoge eisen aan de bewegelijkheid van de robot aangezien de robots worden ingezet in gebieden met veel puin en obstakels. Zo heeft MIT de robot Atlas ontworpen. Dit is een humanoïde met een krachtige inverse kinematica motor in zijn torso met algoritmes die de hoeken van de gewrichten berekent die de robot nodig heeft om een bepaalde handeling uit te voeren. Deze hoeken worden gebaseerd op sensor data die de motor vervolgens omzet in een trajectory, ofwel het pad dat de robot moet volgen. De combinatie van sensordata en algoritmes die het team bij MIT


25

Simon Ster 47.5| augustus 2016

heeft ontwikkeld zorgt ervoor dat Atlas zijn evenwicht kan houden en zijn taken kan uitvoeren ondanks verstoringen zoals een duw in zijn rug of ruw terrein.

De Atlas robot is nu ook onderdeel van een spin-off van MIT: het bekende Boston Dynamics. Deze spin-off ontwikkelt onder meer ook de robot BigDog, wiens ontwikkeling wordt gesponsord door DARPA. Zoals Atlas is BigDog ontwikkeld om soepel te kunnen bewegen in lastig terrein. Daarnaast kan hij zeer zware lasten dragen en daarmee de soldaten in de oorlogsgebieden ontlasten. Net zoals Atlas is deze robot niet geheel autonoom en behoudt hij contact met zijn gebruiker, maar regelt hij de balans en beweging wel zelf.

Staan we al op de rand van de ondergang? Is deze dreiging wel echt? Je kan je afvragen of er niet weer eens paranoïde op de feiten vooruit wordt gelopen. Er is echter wel het een en ander voor de achterdocht van deze organisaties te zeggen. Er worden ondertussen al semi-autonome drones in gebruik genomen waarbij de piloten in een kamer in hun thuisstad zitten, terwijl de drone in kwestie aan de andere kant van de wereld vliegt. De stap naar volledig autonoom denkende drones lijkt dan een kleine. Ook rapporteerde de BBC vorig jaar over een autonoom wapen in Zuid-Korea. In de stad Daejeon is een semiautonoom machinegweer ontwikkeld dat de stadsgrens in de gaten houdt. Het stuurt een automatische waarschuwing naar ieder voertuig dat in het verboden gebied komt: Het voertuig moet omkeren of er zal geschoten worden. De toren zelf heeft een bereik van 4 kilometer en is daarmee een grote dreiging voor vijanden. Net zoals bij de semi-autonome drones heeft deze toren, genaamd de Super aEgis II, een OK nodig van een mens om te kunnen vuren. Echter was dit oorspronkelijk niet de bedoeling. De toren was ontwikkeld om te worden ingezet als een volledig autonoom wapen. De producenten liepen echter tegen problemen aan met hun klanten. Zij durfden de robot niet in gebruik te nemen zonder een veiligheidsmechanisme.

Killer Robots De taken die deze robots op zich krijgen in oorlogssituaties zijn nu nog voornamelijk het dragen van lasten en het verkennen van gevaarlijk terrein. Robots kunnen er dus voor zorgen dat het risico van soldaten wordt verminderd en maken de kans groter dat zij weer veilig thuis kunnen komen bij hun families. Dit past totaal niet in het plaatje van de terroriserende, wereld overheersende super AI’s zoals deze in de vele films en toneelstukken wordt geschetst. De laatste tijd doemt dit beeld echter wel op in de hoofden bij verscheidene mensenrechten organisaties zoals Human Rights Watch. Er is namelijk sprake van het ontwikkelen van killer robots, robots die (de naam zegt het al) mensen zullen kunnen vermoorden op basis van gezichtsherkenning en die dus zelf besluiten kunnen nemen over het wel of niet schieten. Om de ontwikkeling van deze robots tegen te gaan is zelfs de campagne Stop Killer Robots opgericht die langzaamaan steeds meer gehoor krijgt. Er zijn inmiddels minstens veertien landen die autonome wapens willen bannen voordat deze ontwikkeld worden.

Men kan zich afvragen of er een verschil is tussen een robot die op een bepaalde manier geprogrammeerd is en een soldaat die strenge orders heeft gekregen van zijn leider. Het wezenlijke verschil hier is dat een soldaat er nog altijd voor kan kiezen om tegen zijn orders in te gaan. Dit wordt zwaar bestraft in de militaire wereld, maar de soldaat heeft in ieder geval altijd de keuze. De robot daarentegen zal geen keuze hebben. Een oplossing hiervoor zou zijn om de robot te programmeren naar bepaalde ethische regels. Dit zal echter resulteren in het vermenselijken van de robot. Wellicht loopt de mensheid dan in de valkuil zoals die al zo vaak is geschetst in films en toneelstukken. Wellicht staat de mensheid op de rand van het creëren van een super intelligentie die macht heeft de mensheid uit te roeien…


26

Automotive Technology: InMotion De technologie van morgen

Studentenraceteam InMotion is hard op weg met het voltooien van een zelfontworpen, innovatieve raceauto: de KP&T IM/e. Vanaf de zomer van 2016 zullen de betrokken studenten de raceauto uitvoerig testen op het circuit, om vervolgens een aanval te doen op verschillende ronderecords in het binnen- en buitenland. De vijftig InMotion-teamleden meten zich dan aan gevestigde namen in de racewereld en onderschrijven daarmee hun inspanningen van de afgelopen jaren.

Vinay Srigopal In aanloop naar InMotion’s einddoel, deelname aan de wereldberoemde 24 uur van Le Mans, is reeds bevestigd dat de studenten in staat zijn een volledig elektrische formuleraceauto af te leveren. Ondersteund door sponsoren als KP&T, VDL en Mitsubishi Rayon wordt voortdurend onderzoek gedaan naar optimalisatie van de 550pk-sterke KP&T IM/e. Dit helpt het team het uiterste uit de raceauto te halen. Bovendien bevordert ook de samenwerking met de professionele coureurs Nick Catsburg, Xavier Maassen en Jan Lammers het team ongeëvenaarde prestaties op het circuit neer te zetten. De specificaties van de KP&T IM/e zijn in ieder geval veelbelovend met een topsnelheid van 285 kilometer per uur en een acceleratie van 0 tot 100 kilometer per uur in minder dan 3 seconden! Nu InMotion de laatste stappen in de engineering van de KP&T IM/e zet, wordt de realisatie van de IM01, InMotion’s toekomstige Le Mans-racer, in gang gezet. Dit voertuig bouwt voort op de resultaten van de KP&T IM/e als ‘development platform’, maar zal deze in elk opzicht overtreffen. Zo zal de IM01 vierwielaangedreven zijn, uitgebreide toepassingen in actieve aerodynamica herbergen en een vermogen van maar liefst 1100pk leveren. De

ervaring die InMotion momenteel opdoet met het bouwen van de KP&T IM/e is van essentieel belang om deze eigenschappen succesvol te combineren. Het innovatieve karakter van de IM01 biedt InMotion de mogelijkheid om zich te kwalificeren via de Garage 56-klasse van de 24 uur van Le Mans, welke ieder jaar één bijzonder project toelaat tot de prestigieuze endurance-race. Het team pakt deze kans graag met beide handen aan, om de wereld te tonen waartoe studenten in staat zijn met de technologie van morgen!


27

Simon Ster 47.5| augustus 2016

Werktuigbouwkunde Onder de vijftig InMotion-teamleden bevinden zich relatief veel werktuigbouwkundestudenten. De kennis over bijvoorbeeld stromingsleer, mechanica, dynamica en materiaaleigenschappen komen voortdurend van pas tijdens de engineering- en bouwfase van de raceauto’s. De WTB-studenten doen waardevolle ervaringen op bij het onderzoek dat vaak raakvlak toont met studiegerelateerde leerstof. Zo heeft Camiel Beckers bijgedragen aan onder andere drive-cyclesimulaties voor Circuit Park Zandvoort en de Nürburgring Nordschleife, de elektrische aandrijflijn en de fysieke constructie van de KP&T IM/e. “Wat ik erg waardeer aan teamlid zijn bij InMotion, is dat ik betrokken wordt bij veel verschillende aspecten van de raceauto’s. Onderdelen en systemen ontwerpen en ze vervolgens daadwerkelijk implementeren is een echt unieke ervaring!”, aldus Camiel. Daarnaast bevordert het werken binnen een ambitieus studententeam de ontwikkeling van persoonlijke kwaliteiten. Dit komt met name naar voren bij de jaarlijkse bestuursfuncties binnen InMotion. Rogier de Rijk, eerstejaarsmasterstudent, heeft in 2014/2015 de functie van Team Manager vervuld: “Mijn bestuursjaar was een jaar waarin ik enorm veel geleerd heb. Ik heb de kans gekregen mijn werktuigbouwkundige vaardigheden verder te ontwikkelen in een unieke omgeving. Als ik er nu op terug kijk, ben ik vooral trots op wat het team in samenwerking met alle sponsoren en betrokkenen heeft kunnen neerzetten, want als je er goed over nadenkt is het project heel bijzonder!”

Naast Camiel, Rogier en de andere werktuigbouwkundestudenten bij InMotion, heeft InMotion teamleden van diverse disciplines als Automotive, Electrical Engineering en Technische Bedrijfskunde. Deze gevarieerde samenstelling maakt dat het team uiteenlopende probleemstukken vaak efficiënt op kan lossen. De vijftig teamleden hebben allen echter één duidelijk doel voor ogen: De ambitie van het team vertalen naar prestaties op het circuit, met behulp van innovatieve techniek!

Teamleden, stages en eindprojecten bij InMotion InMotion staat altijd open voor nieuwe, gemotiveerde teamleden die een bijdrage kunnen leveren aan het project. Studenten van verschillende opleidingen en niveaus kunnen zich in het team ontwikkelen op het gebied van engineering, assemblage of in een bestuursfunctie. Het studentenraceteam is op zoek naar zowel full- als parttime versterkingen die the road to Le Mans versnellen. Ook (afstudeer)stages en eindprojecten zijn mogelijk bij InMotion. Indien je geïnteresseerd bent in het werken binnen een ambitieus team, het opdoen van praktische ervaring en het uitbreiden van je CV, ga dan naar www.inmotion.tue.nl of neem contact op via HR@inmotion.tue.nl. Like InMotion op Facebook en blijf op de hoogte van het laatste nieuws: facebook.com/TUeInMotion


28

Optimization

To be the very best, like no one ever was!

This article is intended to be a practical guide to optimization, by getting you familiar with the terminology and giving a few practical examples in Matlab. Karel Drenth Engineers like to solve problems. This is a basic fact of life, it’s what we’re good at and it’s what we’re made for. With a background in Mechanical Engineering, it’s likely you’re interested in solving practical problems. Following the standard approach, you’re likely to first make a model, propose a solution then check if the math works out. But what if you want your solution to be the absolute best? Designing often means making choices, striking a balance. So to prove your solution is the best, the only thing you need to do is prove that your solution is the optimal trade-off, which can be tricky. So why not make the model in such a way that the optimal results follow automatically? This article will help you take the first few steps. First we give some mathematical theory, before we continue with some much needed practical implementations in Matlab.

Terminology - What does it all mean? In order to optimize anything, you need to know some basic terms which are often encountered in literature. We’re going to explain these terms through a basic example problem, the design of an air tank (see Figure 1). The goal is to design an air tank that uses the minimum amount of material, but is still thick enough not to break and hold set volume.

Design variable Sometimes also known as the state vector, x. This is a vector containing the parameters that you can change and want to optimize. For our example, we want to find the ideal height (h) of the lid, the length (l) of the tank, the major radius (r) and the thickness (s). Our design vector would then look like: x = [h,k,r,s] Cost function Or minimizer. A function (often expressed as either J(x) or f(x)) that describes the cost you want to minimize. For example, we want to minimize the material usage. f(x) = 2π(r+s)2 h + π[ (r+s)2-r2 ]l You always want to minimize something! This is important to remember when making your model. Maximizing a cost function will often result in numerical issues. In its simplest form, the reason behind this is that infinity is much more difficult to reach than zero.


29

Simon Ster 47.5| augustus 2016

Constraint As the name implies, these are the constraints your system has to handle. They come in two flavors: equality and inequality constraints. The first demands that a combination of parameters is equal to a value, the second demands that they should lie within a range. As you can imagine, equality constraints are numerically more difficult, so always try to get inequality constraints (even if it’s just a small region!). h1: r ⋅ s = 0.15 (Equality constraint) g1: 10 ≤ l ≤ 750 (Inequality constraint) Convexity This is the property that determines whether or not there is a single solution. If you draw all the constraints in a graph (e.g. Figure 2), you end up with a region in which the solution should lie, the feasible region (if such a region does not exist for your problem, your constraints are too tight and a solution does not exist). Convexity is the property that if you pick any two points on the border of the feasible region and draw a straight line between them, the line does not go outside of the feasible region. If this is the case, a single optimum exists, which is your optimal solution. If this is not the case, there are several (local) optima and it becomes a lot more difficult to find the best one.

Theory: The Karush-Khun-Tucker (KKT) conditions Alright, now that we got the definitions, we need some sort of math to find the optimum location. If the problem is unconstrained a high school education would suffice. Just take the first derivative and set it to zero(∇f(x* )=0), the corresponding x values (we´ll call these x*) are your points of interest. Next, take the second derivative and fill in x of to figure out if you have a minimum(∇2 f(x* )>0) or maximum (∇2 f(x* )<0). In case ∇2 f(x* )=0 you’re out of luck, it’s undetermined.

Ideally, we want something similar for the constrained case. These conditions exist in the form of the KKT conditions. Mathematically, these are stated as:

∇f(x*) + μ*g(x*) + λ* ∇h(x*) = 0T g(x*) ≤ 0 h(x*) = 0 μ*g(x*) = 0 μ* ≥ 0 λ* ≠ 0 ∇xxL(x*,λ*,μ*) > 0

While these equations might look imposing, they are actually pretty easy to solve. Especially once you realize that µ and λ are just scalars. Given x*, all you have to do is check if the conditions hold or not. How do you find x*? Create the Lagrangian L(x,λ,μ) and demand that all of its derivatives (with respect to x, λ and μ) are equal to zero: L = f(x) + ∑iλihi + ∑iμigi ∇xL = 0 ∇λL = 0 ∇μL = 0

While these amount to a lot of equations, you can reduce the amount by looking at which inequality constraints are important and which ones are not. We´ll not go into details here, but it´s a relatively simple process of elimination which you can quickly learn by looking at a few examples. Just remember that you end up with an equal amount of unknowns as well equations. If you only have a hand full of design variables and constraints, these problems are perfectly solvable by hand.

Theory: Iterative approach While the KKT conditions always hold, they’re not always the most practical tool for finding x*. Especially when the problem is nonlinear, an iterative approach is often much easier/faster. If a function is twice differentiable, these methods will always converge to a local optimum. The method can be summarized in five easy steps: 1. For k = 0, select x0,ϵ > 0 2. For k ≥ 0 a. Set sk = -∇f(xk)T b. Compute αk = argmin f(xk + αsk ), subject to α ≥ 0 c. Set xk = xk + αksk 3. Stop if ||∇f(x(k+1) )|| < ϵ, else set k = k + 1 and repeat step 2

This method is known as the Gradient algorithm. It’s a very basic example which is pretty intuitive. Its first step is to select an initial condition and set a stopping criteria. Step 2a. This is just taking the derivative of the function f(xk) with respect to x. Since f(xk) is twice differentiable, this should be no problem. The derivative provides us with information about the slope at point xk. The minus sign is there to make sure we set a step in the negative direction of the slope, as we need to go downhill (towards the minimum)!


30

Step 2b. Next, determine the step length α. This by itself is a miniature optimization problem, albeit one that is very simple to solve since you know both xk and sk. Simply fill in these values in f(xk+αsk) and you end up with an equation that is only dependent on α! Differentiate once to find the optimum, twice to check if it’s a maximum or not.

minx f(x) such that { C(x) ≤ 0 Ceq(x) = 0 A⋅x≤0 Aeq ⋅ x = 0 lb ≤ x ≤ ub} And then pass it onto the function itself:

Step 2c. Set the step in that actual direction. Step 3. Check how close you are to the minimum. If you meet your end criteria you’re done, else you need to go back to step 2. As you can imagine, this is a very simple method to converge to a local minimum. But what about constraints? While we won’t show you how in this article, it is possible to add them to the function f(xk). The way this is done is by associating a cost to breaking the constraints. While this is not a perfect solution, it has a negligible effect on the optimal solution.

[x,fval] = fmincon(fun,x0,A,b,Aeq,beq,lb,ub,non lcon,options) This is done in the example below. Notice how you need three separate files! File 1: function [c,ceq] = constraints(x) h = x(1); l = x(2); r = x(3); s = x(4); g1 g2 g3 g4 g5 g6

= = = = = =

-(pi*(r^2)*l)/2.12e7 + 1; -h/(0.13*r) +1; -s/(0.01*r) +1; -l/10 +1; l/750 -1; (r+s)/150 - 1;

c = [g1,g2,g3,g4,g5,g6]; ceq = [];

Of course, all this theory is nice, but how are you going to apply this in practice? The next section focusses on practical optimization.

Practice: A simple example – The Air tank For starters, we’re going to look at a simple textbook example: the design of an air tank. The goal is to find a set of parameters that minimizes the material used. Find: x = [height (h), length (l) ,radius (r), thickness (s)] Minimize: f(x) = 2π(r+s)2h + π[(r+s)2-r2 ]l Subject to πr2l ≥ 2.12⋅107 h/r ≥ 0.13 s/r ≥ 0.01 10 cm ≤ l ≤ 750 cm r+s ≤ 150 cm We’re going to find x using the matlab optimization toolbox®. Specifically the function fmincon, as it can handle nonlinear constraints and cost functions. Looking at the documentation, it becomes clear that our inequality constraints should be (re)written in the form of:

File 2: clear all close all clc x0 = [0.1, 1, 0.5, 0.1]; %initial condition A = []; %there are no linear constraints b = []; Aeq = []; %there are no equality constraints beq = []; lb = [0.01 ,10 ,0.01 ,0.01]; %lower bound ub = [15 ,800,150 ,150]; %upper bound nonlcon = @constraints; %link to file with thr constraints fun = @objective; %lin to file with thr cost function options = optimoptions(‘fmincon’,’Display’,’it er’); x = fmincon(fun,x0,A,b,Aeq,beq,lb,ub,nonlcon,op tions); %optimize disp(x) %solution, units are in [cm]


31

Simon Ster 47.5| augustus 2016

File 3: function [obj_val] = objective(x) h = x(1); l = x(2); r = x(3); s = x(4); %Cost function obj_val = 2*pi*((r+s)^2)*h + pi *((r+s)^2 r^2)*l;

Practice: Brute force methods – when you don’t have time for math The previous example looked simple enough. But what if the only thing you have is a (unknown) model in Simulink/Ansys/AutoCad and a set of design variables which each have an unknown effect? Well, if you can link the design variables and the output of the simulation to Matlab, you can optimize it! However, it won’t be pretty. Unlike the previous methods that would smoothly converge to an optima, the script below employs a more heuristic search method by varying the design variables and simply seeing what happens. This is very robust, but much more time consuming. Luckily, it’s also simple to setup and it can handle very nonlinear problems as well. If you ever run into an optimization problem in Simulink, just give this a try. File 1: clearvars close all clc

% Load the model in Simu% Set initial values

lb = [0 0 0]; % Lower bound ub = [5 1 20]; % Upper bound [x, fval] = patternsearch(@tracklsq,x0,[],[],[] ,[],lb,ub); %optimize disp(x)

a1 = 3; a2 = 43; plant variables

% Initialize model

%optimization variables Kp = x(1); Ki = x(2); Kd = x(3); % Set sim options and compute function value myobj = sim(‘optsim’,’SrcWorkspace’,’Curr ent’,‘StopTime’,’100’); y = myobj.get(‘yout’) - 1; %define the output F = norm(abs(y),2); %Define the cost function % Alternatively, one %combine it with the %lsqnonlin (in stead %This is (generally) % but not suited for end

%% optsim link x0 = [3 0.15 12];

File 2: function F = tracklsq(x) % Track the output of optsim to a signal of 1

could use F = y and function of patternsearch). faster, each model.


32

Negative Campaigning

Political mudslinging

Election campaigns in the United States are already in full swing and the next election in the Netherlands is not that far behind. An excellent moment to answer this question: why are there no attack ads in the Netherlands? Lennard van Damme What are they anyway? In short, attack ads are adverts on the telly, the radio or, increasingly, the internet which are political in nature. While they can be aired at any time, they are by far most prolific during election season. So far, this description covers all political ads, but while traditional political ads serve to promote the candidate on whose behalf they are aired, attack ads serve to discredit their opponent. In the United States, attack ads have been used in political campaigns since 1952. During the 2012 presidential election between Barack Obama and Mitt Romney, about three quarters of all political ads that were aired were attack ads. While some of these were quite politely suggesting that one of the candidates was a liar, some of them were much more harsh. Take a look at the image at the top of this page. That is the final shot of an attack ad from 2012. The message is clear: Obama=bad. It’s a message that is emphasised by the usage Watch the antiof a photo of long lines at the unemployment ofObama ad at fice taken during the great depression (1930’s). tinyurl.com/zu5g5h8 The origin of the ad is made perfectly clear: ‘Paid for by Romney for President, Inc’. The ad heavily implied that Obama was corrupt and that he uses his power to benefit his friends and donors at the expense of the American people.

Think that’s bad? It can always get worse. During the same election, an ad that was aired in support of Obama came dangerously close to accusing Romney of murder. Watch the anti-Romney ad at tinyurl.com/j4mm3r2

All in all, attack ads are a staple of American politics and we (or at least the American people) can expect to see many more of them over the next months.

Money Over the past few election cycles in the United States, one of the major topics has been (and still is) campaign financing. This debate has become ever more heated since the highly controversial 2010 US supreme court ‘Citizens United’-ruling. In this ruling, the court held that: a. corporations, associations, unions etc. have the same right to free speech as do people; b. political donations are a form of free speech. This ruling has thus opened Pandora’s box by removing the $2,700 limit a person or corporation could spend in support of a presidential candidate. While this limit still exists for direct contributions to a candidate, it does not apply to a certain form of indirect contributions, which have therefore become very popular. These are the so-


33

Simon Ster 47.5| augustus 2016

called super-PACs. These special Political Action Committees can receive donations of unlimited size on two conditions: they can’t give money to candidates and they can’t coordinate their spending with candidates, though this last condition is interpreted very, very leniently. While a super-PAC may not be formally aligned with a candidate’s campaign, there are still a lot of ways in which they can cooperate. It is far from unusual for example for candidates to attend fundraisers organised by super-PACs. The fundraiser can completely revolve around the candidate, just as long as he does not explicitly ask for donations above the legal limit. Because so much cooperation between campaign and superPAC is possible, candidates usually have their ‘own’ super-PAC. The ad that portrayed Romney as guilty of people’s deaths was paid for by ‘Priorities USA Action’. While this super-PAC is officially independent, it was origianlly founded by people whose previous job was running the Obama campaign. If you visit their webpage at prioritiesusaaction.org, it becomes immediately clear that the super-PAC is now an unofficial part of the Hillary Clinton campaign.

Because the super-PACs are officially independent, their attack ads usually do not mention the candidate they support. Because of this, they can run much more brutal ads. If a candidate is asked about such an ad he can simply deny involvement. ‘Citizens United’ has also caused a spike in the total expenditure of American political campaigns. In 2012, all the candidates for President combined spent approximately $7 billion on their campaigns. Two months earlier, all political parties in the Netherlands combined spent about €11,2 million on their campaigns. This comes out to €0.68 per capita in the Netherlands and €17.38 per capita in the United States. Since televised adverts are one of the most expensive forms of campaigning, it is used only scarcely in Dutch politics.

Culture The absence of attack ads in the Netherlands is to some extent rooted in our culture. Americans have quite a different outlook on politics than the Dutch. This translates into a voting public that has similar feelings about attack ads, both Dutch and American voters consider attack ads to be a low, dishonest and dishonourable tactic, but these feelings are a lot stronger in Dutch voters.

possibly leading to (or being caused by) the Americanisation of politics in our country. While the Dutch culture and way of financing political campaigns certainly make negative campaigning less attractive than it is in the USA, this does not explain its complete absence. After all, negative campaigning has the same effect on Dutch voters and it doesn’t have to take the form of expensive TV-ads. So, what piece of the puzzle is missing?

An example of non-TV negative campaigning, this conservative poster was used extensively in the 1997 UK general election.

Voter Districts This is the big one. Unlike the United States, the United Kingdom or any of the other countries where negative campaigning is commonplace, the Netherlands do not sort voters into districts. This may seem unrelated to campaign style, but it most certainly isn’t. Understanding the long term and short term effects of voter districting is impera- Voter districts used to be a tive for anyone who wishes to develop a part of the Dutch elections, proper appreciation for the intricacies of but they were abolished in American politics, including negative cam- 1918. paigning. The Anglo-American system of voter districting divides the country into districts whose number is the same as the amount of seats in parliament and that all contain roughly the same number of people. In the US, there are 435 voter districts, each containing on average about 711,000 people. In the UK, there are 650 voter districts, each containing about 71,000 people. Each district represents one seat in parliament. When parliamentary elections are held, it isn’t really one big national election, it is hundreds of local elections. Whoever gets the most votes in a district, wins that district’s seat.

First of all, this difference may very well be the result of Dutch voters not being used to seeing attack ads on television. It is very possible that Americans have just developed a higher tolerance over the last six decades. Second of all, and potentially much more important, is that this different attitude towards the ads does not make for different results. Attack ads are supposed to make voters view a politician less favourably, and this effect is no weaker with Dutch voters than it is with American voters.

In the short term, this means that some districts don’t need to be campaigned in at all if support for one candidate is overwhelming. After all, winning by a large margin is useless. In US presidential elections, the 50 states function as voter districts. In nearly all states, the candidate with the most votes gets the support of the entire state. Since there are rather large geographic differences in American politics, 44 out of the 50 states are quite predictable. So while the national average campaign spending is €17.38 per capita, spending in specific states can be very different. For example, Connecticut is a very reliably Democratic state. During the 2008 election, neither Obama nor McCain visited the state. McCain didn’t even spend a single campaign dollar in the state, while Obama spent about €0.15 per capita. Obama won with 61% of the vote.

It is important to note that this cultural resistance to negative campaigning is not set in stone. It might very well erode over time,

Because candidates do not need to campaign for every vote, more money is available in the districts where there is an actual contest,


34

and this of course means more TV ads, including negative ones. If the campaign would have to focus on all districts, more money would be spent on cheaper methods of campaigning such as posters, signs, etc.

In a voter district system, Eindhoven’s seat in parliament would have been won by the PvdA, with only 26.27% of the vote. The other 73.73% of the vote is discarded, these votes do not count towards seats in other districts. After this election, people who voted for PvdA will be very happy, as their candidate won. People who voted for VVD, SP, D66 or PVV will be disappointed that their candidate lost, but they are likely to vote for the same party next time as their candidate was a serious contender. People who voted for ‘other’ will likely also continue to do so as they always knew their candidate didn’t stand a chance. These people are not looking to actually affect the outcome of the election, they simply want to make a statement. Those who voted for CDA, 50PLUS, GroenLinks, PvdD and ChristenUnie however, will have to realise that their candidates have too little support to ever win Eindhoven’s seat. Henceforth they will probably start voting for a candidate that isn’t their first choice, but who at least stands a chance. Let’s say the CDA, SGP and 50PLUS voters throw their support behind VVD, GroenLinks and PvdD voters support PvdA and ChristenUnie voters are split evenly between the two. The next election will now have a different result, assuming the underlying political landscape stays the same.

This is what the 2010 general elections would have looked like if we had never abolished voter districts.

Now let’s take a look at the effects such a system has over several elections. Say we reintroduce voter districts in the Netherlands. We would need to divide the country into 150 districts, for the sake of argument, let’s say Eindhoven would be one district (it would actually be two). The results of the 2012 general election in Eindhoven were as follows:

VVD will now win Eindhoven’s seat. The grey fraction in the inner circle represents the former CDA, 50PLUS, GroenLinks, PvdD, ChristenUnie and SGP voters. They are no longer voting for their first choice and are called disenfranchised voters. The electoral support for PvdA and VVD is now so great that people who had previously been hopeful that SP, D66 or PVV would win start to realise that their chances are negligible and they too, start voting for the better one of two not very appealing choices. PVV voters support VVD, SP voters support PvdA and D66 voters are split evenly. The next election results will look like this:


35

Simon Ster 47.5| augustus 2016

the little girl looks up and the viewer is treated to footage of a nuclear explosion. The message: if Johnson doesn’t win, nuclear war will ensue. The ad ends with a message both seen and heard: “Vote for president Johnson on November 3rd, the stakes are too high for you to stay home”. Herein lies the true goal of negative campaigning: to demonise your opponent so that your own supporters are sufficiently motivated to go to the polls. When Priorities USA Action aired the ad insinuating that Romney was causing people’s deaths, they were not trying to convince Romney supporters to vote for Obama instead. They were trying to convince Obama supporters to vote at all. So, negative campaigning is all about motivation, about rallying the troops. It’s about making sure turnout among your supporters is greater than turnout among your opponent’s supporters. And who are these people that need such motivation? Exactly: the disenfranchised voters. As stated before, voter districting leads to a two-party system and a two-party system breeds disenfranchised voters. Their number can easily exceed 50% of the electorate.

Different voters require different campaigns All future elections will now take place between just PvdA and VVD. This is called the two-party system and although it usually takes more than just three elections to arise, it is a natural consequence of the Anglo-American method of voter districting. The underlying political landscape is still as diverse as it ever was, however. There are still people who support SGP or D66, they just don’t vote for them. These disenfranchised voters now all vote PvdA or VVD, but they aren’t exactly passionate supporters. These voters are much more likely to stay home on election day than they were under the old system. This is the core difference between Dutch and American politics in terms of negative campaigning: they have a two-party system while we do not. The first effect is an obvious one, in an election between two parties, each party has only one adversary. This makes negative campaigning more appealing, because one can focus all one’s negative campaigning on a single target. The second effect concerns the effect negative campaigning actually has on individual voters.

In the United States, around 5% of the electorate is undecided, while more than 60% of the electorate can be considered disenfranchised. In the Netherlands, between 50% and 70% of the electorate is undecided, while no more than 10% of the voters can be considered disenfranchised. These differences largely stem from our lack of voter districts. Since disenfranchised voters are most effectively approached with negative campaigning and undecided voters are more susceptible to debates, platforms and online aids such as ‘StemWijzer’, the Dutch political landscape makes negative campaigning a very unattractive strategy. There is simply too much to gain by staying positive.

Use this QR-code to watch Lyndon B. Johnson’s attack ad against Barry Goldwater. Duration: 66 seconds. Year: 1964

Rallying the troops Traditional election campaigns target undecided voters, people who have not yet chosen a candidate or party to vote for. These people are very hard to persuade using attack ads. Such tactics can easily backfire since many voters dislike it when a campaign turns negative. These voters are usually persuaded by candidates’ performance in televised debates or the general party platform.

Use this QR-code to watch Mitt Romney’s attack ad against Barack Obama. Duration: 35 seconds. Year: 2012

So what’s the purpose of negative campaigning? The answer is given quite explicitly in the most famous attack ad of all time, Lyndon B. Johnson’s ‘Daisy’-ad. This ad features a little girl counting happily as she plucks petals from a daisy, until her joyful counting turns into an ominous countdown. Near the end of the countdown

Use this QR-code to watch Barack Obama’s attack ad against Mitt Romney. Duration: 62 seconds. Year: 2012


36

Ingenieur aan het woord

Een interview met Lisanne Bechthum-Ravensbergen van ASML

Er zijn honderden bedrijven waar je terecht kunt na je studie Werktuigbouwkunde. Het valt echter niet mee een werkgever te kiezen die ĂŠcht bij je past. Een interview met Lisanne Bechthum-Ravensbergen. Kelsey Viehmann & Tim Jansen Na je afstuderen in Delft ben je toch in Eindhoven gaan solliciteren. Hoe ben je uiteindelijk bij ASML terecht gekomen en hoe is de sollicitatieprocedure verlopen?

Lisanne BechthumRavensbergen

Je hebt een ietwat ongebruikelijke weg afgelegd naar je titel als werktuigkundig ingenieur? Mijn bachelor heb ik bij Biomedische Technologie aan de TU/e gedaan. Ik wilde graag protheses gaan maken/ontwerpen, tijdens de studievoorlichting werd mij verteld dat dit wel kan, maar dat het in Eindhoven meer op hartkleppen gefocust is, niet de harde prothese kant. Mijn broer was destijds aan het afstuderen bij Maarten Steinbuch en die zei dat ik in zijn vakgroep wel die kant op zou kunnen. Vervolgens heb ik een half jaar schakelvakken gevolgd en ben ik in de master Werktuigbouwkunde ingestroomd, met in mijn vrije deel ook nog een aantal schakelvakken. Daarna heb ik stage gelopen bij een klein tweemans bedrijf in Nuenen. Dit bedrijf heeft een loopkruk ontworpen. Tijdens mijn stage werkte ik hier samen met de eigenaar en de andere medewerker.

Na je stage was het tijd om af te studeren. Hoe ben jij in Delft terecht gekomen? Zowel in Twente als Delft is er wel een prothese groep. In Twente zijn dit vooral beenprotheses en in Delft zijn dit voornamelijk armprotheses. Hierdoor heb ik gekozen om in Delft af te gaan studeren. Dit beviel mij goed maar ik had wel meer het gevoel dat de docenten verder van mij af stonden. Als ik in Eindhoven een vraag stuurde aan een docent werd ik van alle kanten geholpen en in Delft hebben mensen daar helaas minder tijd voor.

Na mijn afstuderen was het tijd om te gaan solliciteren. Rond dezelfde tijd kreeg mijn man een aanbieding om te promoveren in Eindhoven en dus ben ik daar op zoek gegaan naar een baan. Ik wilde graag in de biomedische prothese hoek een baan vinden, maar dit bleek al snel erg lastig aangezien daar gewoon niet zoveel werk in is. Hierdoor was ik heel blij met mijn werktuigkundige achtergrond aangezien ik daar wel meteen goede opties mee kreeg. In eerste instantie was ik op zoek naar een baan bij elk bedrijf behalve ASML omdat mijn vader daar werkte, maar aangezien ongeveer de hele markt stil lag en ASML gestaag groeide bleek dit toch een van de beste opties. Uiteindelijk ben ik via een detacheerder terecht gekomen bij ASML, waar ik toen een jaar voor de detacheerder heb gezeten. Na dit jaar ben ik overgenomen door ASML waar ik nu al 5 jaar een vast contract heb.

Je bent meteen na je studie bij ASML begonnen, hoe verliep dit? Mijn eerste uitdaging was om een module met aluminiumbladen die heel snel beweegt maar ook wel eens crasht te verbeteren met een klein team. Hier ben ik bijna 2 jaar mee bezig geweest. Het leuke aan dit project vond ik dat ik het van het begin tot het einde heb mogen meemaken. We zijn begonnen met een concept ontwerp en hebben aan het einde ook nog de tests mogen doen toen de module in de machine zat. Wat het extra leuk maakte was dat we uiteindelijk ook nog de belachelijk eisen haalde die gesteld waren. Dit is wel een uniek gevoel dat ik daarna niet meer in die mate ben tegen gekomen, zeker omdat ik speciaal voor dat project hier ben aangenomen. Het project is ook echt een beetje het kindje geworden van mij en de groep mensen waarmee ik daaraan heb gewerkt, met wie ik nog steeds erg leuk contact heb. Daarnaast wordt dit onderdeel nog steeds in alle machines gebruikt.

Na dit eerste project volgde er meer, kun je ons hier iets over vertellen? Na dit project heb ik meegewerkt aan een ander project genaamd voor ongeveer een half jaar. Hierbij was het de bedoeling om twee glasplaten tegenover elkaar te laten bewegen met een spleet van 2 mu er tussen. Dit was een uitdaging omdat er toch veel deeltjes zijn en veel weerstand is, dus hebben we gekeken naar een andere plek in de machine om het te plaatsen zodat de eisen minder streng hoefde te zijn.


37

Simon Ster 47.5| augustus 2016

Vervolgens heb ik 2 jaar technisch meegekeken met leveranciers die tools ontwikkelen en leveren aan ASML. Meekijken in de zin van: gaat het tool doen wat het moet doen, voldoet het aan de ASML regels, e.d. Dit was voor 10 losse modules die op een frame worden geschroefd, behorende bij een sensor de die hoogte van een wafer meet. Hiervoor heb je wel 100 tools nodig en voor ieder van de leveranciers moeten de regels en de eisen van ASML duidelijk zijn. Momenteel zit ik weer terug op het project van de sensor die de hoogte meet, waar ik als ondersteunende kracht werkzaam ben.

Er is een organisatie ‘women binnen ASML’, deze helpt vrouwen met groeien en de weg te vinden en biedt ze ondersteuning. Er zijn ook specifieke ASML Girls days, hierbij wordt techniek gepromoot voor en door vrouwen. Daar help ik zelf ook mee bij onder andere basisschoolklassen. Want het begint toch bij kinderen enthousiast krijgen voor techniek.

Je werkt nu ongeveer 6 jaar als Design Engineer bij ASML hoe zie jij de toekomst voor je? Momenteel ben ik heel erg op zoek naar wat ik wil doen en in welke functie ik goed pas. Bovendien werk ik nog maar 3 dagen in de week en zal dit dus ook een mogelijkheid moeten zijn in een eventuele stap die ik wil maken. Bij ASML wordt er gelukkig heel erg veel steun aangeboden en heel veel waardering opgebracht voor het feit dat je naar de beste plek voor jezelf binnen het bedrijf op zoek gaat. Zo ga ik binnenkort meelopen bij een andere afdeling om te kijken of de functie van Supply Chain Engineer iets is waar ik in zou willen en kunnen groeien. Hiervoor hebben we bij ASML ook een special zogeheten “Development Action Plan”, hierbij wordt er ook gekeken naar of je alle benodigde capaciteiten hebt om een bepaalde functie te gaan vervullen en wanneer dit niet zo is hoe je deze capaciteiten eigen kunt maken en jezelf verder kunt ontwikkelen.

Hoe is het als vrouw bij ASML? Het is echt een mannenbedrijf, maar dat is langzaam aan het veranderen. Ik ben regelmatig de enige dame binnen vergaderingen en binnen de groep ook. Een leuk voorbeeld was toen ik een verklaring voor mijn zwangerschapsverlof moest inleveren en mijn baas geen idee had waar dit moest want “ik was de eerste”. Ik heb wel het idee dat ik daardoor ook wel extra gewaardeerd wordt. Qua sfeer is het misschien wel beter, want vrouwen onder elkaar kan in mijn ervaring nog wel eens een gespannen sfeer opleveren. Het is wel afhankelijk van de afdeling want bij Human Resources zijn de rollen eerder omgedraaid.

Terugkijkend op je studietijd, zijn er dingen waarvan je nu denkt dat je ze beter anders had kunnen doen? Ik heb stage gelopen bij een bedrijf en dit is mij heel goed bevallen, het heeft me echt geholpen om een stap te maken tussen theoretische kennis en de praktijk. Achteraf denk ik dat ik beter een bedrijf had kunnen kiezen voor mijn afstuderen, aangezien de sfeer bij een universiteit toch anders is en de link naar de praktijk vaak toch iets langer. Iets wat ik wel super tof vond was de introductie week in mijn eerste jaar, ik spreek zelfs nu na meer dan 10 jaar nog regelmatig een aantal van mijn introbroertjes en –zusjes.

Heb jij nog een boodschap voor de afstuderende W’ers? ASML is een leuk bedrijf, maar ook echt groot! Soms ervaar je het als een zwart gat waarin techneuten geabsorbeerd worden, maar desondanks vinden de meeste mensen toch hun plek binnen het bedrijf. Je hebt de mogelijkheid te blijven groeien tot je op je plek zit. Als je eenmaal voor ASML gaat is het heel leuk, mede door de leuke collega’s en goede sfeer. Als je direct bij ASML komt heb je gelijk een goed salaris + veel vakantiedagen, dus zodra je binnen bent is het erg aantrekkelijk om jezelf binnen ASML te blijven ontwikkelen. Ook is het flexibel werken aangezien we werken met flex tijden.


38

Sterrenhoekjes Geniet mee van deze volkomen uit hun verband gerukte uitspraken, verpraatsels en vertypsels. Mocht je er nog meer horen: aarzel niet en stuur de uitspraak en context op naar sterrenhoek@simonstevin.tue.nl! Chloé: “Haha, jouw plak in mij gezicht Sebas.” Ruben staat in zijn Groep-één shirt. Random chick: “Hey, jij bent van Thêta!” Rogier: “Zo kut, m’n chino is te strak voor m’n dikke portemonnee.”

Niki: “Ja Camilo Rindt heeft echt een hele jonge vrouw geregeld. Die is 25 en hij is echt 66 ofzo.” Rest van de tafel: “Nee joh, Camilo is echt wel jonger.” Niki: “Oh wacht, ik bedoel Emile Roemer.” Peter van Kinderen (1963-1970): “Een W’er is geen vegetariër, maar buiten het zuipen, neuken en lassen moet hij ook nog kunnen zingen.”

Sylvia: “Dan slaan we meteen twee klappen in één vlieg.” Ardin: “Je bent wel van het pauzeren met dingen in je mond hè?” Feut: “Je kunt het idee ook breder zien dan alleen stoelen...” Stijn: “Je bedoelt banken?”

Sylvia: “Ik vind serieus mager lekkerder.”

Bas na het spelen van twee handbal wedstrijden: “Wat is nou de lijn van het wedstrijdveld?” Liselotte over haar matje: “Het is meer een gevoel dan dat het een functie heeft.” Ardin tegen Jelle tijdens het actieve leden diner: “Ik wil je meest geile face zien tijdens het likken.”

Prijsvraag Ook deze Simon Ster bevat weer een nieuwe prijsvraag. De prijs die we deze keer weg geven is een fiets! En we geven er maar liefst twee weg! Wil jij kans maken op deze fietsen? Lever dan je antwoord in de Simonkamer in of stuur een e-mail naar redactie@simonstevin.tue.nl. Vermeld hierbij duidelijk je naam. De prijs wordt verloot onder de correcte inzendingen en de winnaar zal bekend worden gemaakt in de volgende uitgave van de Simon Ster.

Prijsvraag 47.5 Zorg er met de getallen 1 t/m 16 voor dat de telling in elke richting (diagonaal, verticaal en horizontaal) in onderstaand veld gelijk is aan 34.

Antwoord 47.4.1 Een getal dat eindigt op het cijfer 4, wordt viermaal zo groot als de 4 aan het eind wordt weggehaald en aan het begin van het getal wordt gezet. Wat is het getal? Het getal is 102564: 102564 x 4 = 410256. Het antwoord wordt zo gevonden als men begint met het feit dat het op een 4 eindigt: 4 en met 4 te vermenigvuldigen, dan wordt het volgende cijfer een 6, met 1 onthouden: 64 Hierna weer de 6 met 4 vermenigvuldigen, dan is het volgende cijfer een 5 met 2 onthouden. Blijf dit herhalen tot 102564 is gevonden. Uit alle goede inzendingen is Tim Korssen na loting als winnaar uit de bus gekomen. Tim, je kan je prijs komen ophalen in de Simonkamer.

Antwoord 47.4.2 Voor deze prijsvraag een keer geen moeilijke rekensommen of breinkrakers, gewoon een simpele opdracht. Maak een zo glossy mogelijke selfie!* *inzendingen via WhatsApp worden niet geaccepteerd

powered by:

Er is helaas maar één inzending geweest voor deze prijsvraag. De winnaar van deze prijsvraag zijn Ardin en Stijn. De foto die zij hebben ingezonden is te zien op de pagina hiernaast! Ardin en Stijn, jullie kunnen je prijs op komen halen in de Simonkamer.


39

Simon Ster 47.5| augustus 2016


ANNO 1957

Werktuigkundige studievereniging simon stevin

iedere donderdag van 4 tot 7 ben je van harte welkom in â&#x20AC;&#x2DC;De Weeghconstâ&#x20AC;&#x2122; voor de borrel. Daarnaast is er elke woensdag een lunchlezing. Hiervoor kan je je in de Simonkamer of online inschrijven. Kom ook eens gezellig langs in de simonkamer om gratis een lekkere bak koffie of een glas ranja te drinken. activiteiten 12 september

eerstejaars-bbq

19 september after-intro-borrel 21 september 22 & 27 september 30 september t/m 2 oktober

Naast deze activiteiten organiseert simon stevin nog veel meer activiteiten. houd onze facebook in de gaten of kom eens langs in de simonkamer.

waterskiĂŤn commissie-infolunch simonkamp


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Simon Ster 47.5 by Simon Stevin - Issuu