Skip to main content

Concerttoelichting | Lahav Shani en Mahler 4

Page 1


Concerttoelichting

Lahavs afscheid

vr 29 mei 2026 • 20.15 uur

zo 31 mei 2026 • 14.15 uur

PROGRAMMA

dirigent en piano Lahav Shani

sopraan Chen Reiss

Wolfgang Amadeus Mozart (1756–1791)

Ch’io mi scordi di te? – Non temer, amato bene, KV 505 (1786) concertaria voor sopraan en orkest, met piano obbligato

Tsotne Zedginidze (2009) Symfonisch gedicht, op. 16 (2026) opdrachtwerk, wereldpremière

Johan Wagenaar (1862–1941)

Cyrano de Bergerac, op. 23 (1905) ouverture voor orkest pauze

Gustav Mahler (1860–1911)

Symfonie nr. 4 in G (1899–1900)

• Bedächtig, nicht eilen

• In gemächlicher Bewegung, ohne Hast

• Ruhevoll, poco adagio

• Sehr behaglich

Einde concert ca. 23.00 / 17.00 uur

Vorige uitvoeringen door ons orkest:

Mozart Ch’io mi scordi di te? – Non temer, amato bene: eerste uitvoering door ons orkest

Zedginidze Symfonisch gedicht: wereldpremière

Wagenaar Cyrano de Bergerac: nov 2025, dirigent Lahav Shani

Mahler Symfonie nr. 4: mei 2022, dirigent Yannick Nézet-Séguin

Een uur voor aanvang van het concert geeft Patrick van Deurzen een inleiding op het programma, toegang € 7,50. Kaartjes zijn aan de zaal te verkrijgen tegen pinbetaling. Voor Vrienden is de inleiding gratis.

Cover: Jason Mavrommatis (Unsplash)

Gustav Mahler als dirigent. Silhouetten van Otto Böhler

uit Dr. Otto Böhler’s Schattenbilder, Wenen 1914

Afscheid

Met dit concert neemt Lahav Shani als chef-dirigent afscheid van zijn Rotterdamse publiek. Alle werken op het programma passen bij die bijzondere gelegenheid.

Afscheidsaria

Hoe zou Lahav Shani dit concert beter kunnen openen dan als dirigerend solist? In die dubbelrol debuteerde hij tien jaar geleden, ook toen al in werk van Wolfgang Amadeus Mozart. Destijds stond er een pianoconcert op het programma, deze keer de concertaria Ch’io mi scordi di te – Non temer, amato bene. Mozart componeerde die aria in 1787 voor een afscheidsconcert. Na vier Weense jaren stond de Engelse sopraan Nancy Storace op het punt om naar Londen terug te keren; zij wilde nog een laatste keer optreden voor haar fans. Mozart mocht haar graag, zij was zijn eerste Susanna in Le nozze di Figaro, en dat is duidelijk te horen in dit gelegenheidswerk vol passie en fantasie. De toepasselijke tekst had Mozart al eens eerder op muziek gezet. In de pianopartij, met veel gelegenheid tot muzikaal flirten, zal hij zich die avond volop hebben uitgeleefd.

Wereldpremière

Bij de term muzikaal wonderkind wordt al snel gedacht aan Mozart, maar ook de huidige generaties kennen zulke zeer uitzonderlijke talenten. De jonge Georgische pianist en componist Tsotne Zedginidze kan daar zeker toe gerekend worden, gezien de hoge waardering die hij van verschillende belangrijke dirigenten en solisten ontvangt. Ook Lahav Shani ziet voor hem een grote toekomst weggelegd.

Eigentijdse muziek speelde voor Shani een essentiële rol in zijn Rotterdamse jaren. Hij dirigeerde hier al eerder wereldpremières van Escaich, Maier, Roukens en Wantenaar, en het was dan ook passend dat hij voor zijn afscheidsconcert een nieuw werk liet schrijven. Zedginidze kreeg de opdracht en dat resulteerde in Symphonisches Poem, zijn eerste werk voor groot orkest. Hij kon bij het componeren putten uit de ervaring die hij had opgedaan bij zijn verschillende bezoeken aan het Rotterdams Philharmonisch. Ook van zijn leraar Jörg Widmann zal hij goede adviezen hebben gekregen. Die Duitse wortels zijn traceerbaar in de partituur die er enigszins expressionistisch uitziet met aanwijzingen als ‘Zügellos gehetzt, aber besessen rhytmisch’. De bezetting is redelijk traditioneel met weinig solistische passages en spaarzaam gebruik van het slagwerk.

Exportproduct

Wat Jörg Widmann is voor Tsotne Zedginidze, was Johan Wagenaar voor een hele generatie Nederlandse componisten. Als directeur van de muziekschool in Utrecht, en later het Koninklijk Conservatorium in Den Haag, ontfermde hij zich over jong talent. Hij had leerlingen als Léon Orthel en Willem Pijper, van wie Lahav Shani al eerder werken programmeerde. Als dirigent introduceerde

Anna Selina ‘Nancy’ Storace.

Portret (ca. 1790) door Benjamin Vandergucht.

Coll. National Portrait Gallery, Londen

Wagenaar verschillende Mahlersymfonieën in Utrecht. Zijn internationale roem bleef beperkt, maar collega Alphons Diepenbrock rekende hem aan het begin van de vorige eeuw tot de ‘tien werkelijke componisten die Europa op dit ogenblik bezit’.

In 1906 werd Wagenaars ouverture Cyrano de Bergerac uitgevoerd op het belangrijke Festival voor moderne muziek in Essen, waar Mahler twee dagen later zijn Zesde symfonie in première zou brengen. De muziek werd geprezen vanwege de briljante orkestratie en muzikale karaktertekeningen. Wat we horen is niet Cyrano’s verhaal, maar het zijn zijn ridderlijke eigenschappen, in de partituur met naam genoemd, die muzikaal worden opgevoerd en tegen elkaar uitgespeeld. Wagenaars ouverture is dit seizoen tourneerepertoire van Lahav Shani en het Rotterdams Philharmonisch, als exportproduct, en staat op de meest recente cd van dirigent en orkest.

De hoogste waarheid

Muziek met een bijsluiter, een ‘programma’ dat uitlegt wat er in de noten wordt uitgebeeld, daar had Gustav Mahler schoon genoeg van toen hij in 1899 aan zijn Vierde begon. In die symfonie valt nog steeds veel buitenmuzikaals te herkennen, zoals de sleebelletjes aan het begin, de dodendans op een verstemde viool in het scherzo en de dierengeluiden in de finale, maar de delen hebben geen titels. Dat was in zijn Derde nog wel zo: deel 2 had Mahler ‘Wat de bloemen mij vertellen’ genoemd, waarna de dieren, de mens, de engelen en de liefde aan het woord kwamen.

Mahlers plan was aanvankelijk om zijn Derde symfonie te besluiten met het kind, als hoogste waarheid. De muziek lag al klaar, een eigen lied uit 1892, maar uiteindelijk besloot Mahler om het weg te laten en een plaats te geven in zijn volgende symfonie. In die Vierde zou het niet alleen de finale worden, maar ook

het uitgangspunt voor het hele werk. Met haar naïeve, opgewekte en humoristische sfeer geldt de symfonie nu als een van de meest geliefde uit Mahlers oeuvre – een oeuvre waaruit Shani al vaak putte in zijn Rotterdamse jaren.

In de pianopartij, met veel gelegenheid tot muzikaal flirten, zal Mozart zich volop hebben uitgeleefd

Voor Mahler was in 1897 een nieuwe levensfase aangebroken toen hij benoemd werd tot chef van de Weense Hofopera, het hoogst haalbare voor hem als dirigent. Het bracht zware verantwoordelijkheden en een drukke agenda met zich mee, waardoor het componeren hoofdzakelijk beperkt bleef tot de zomer, als het operahuis gesloten was. Zo begon hij de laatste tien dagen van zijn vakantie in 1899 aan de nieuwe symfonie, die hij de zomer daarna al zou voltooien, in een nieuw huis, dat hij aan de oever van de Wörthersee had laten bouwen, inclusief een componeerhuisje in het bos, om ongestoord te kunnen werken.

Mahler was gelukkig met zijn nieuwe compositie en beschouwde het als afsluiting van de tetralogie van symfonieën en als sleutel om de voorgangers te begrijpen.

Daar was het teleurgestelde premièrepubliek in München, dat een jaar daarvoor de indrukwekkende Tweede enthousiast had toegejuicht, nog niet aan toe. Smakeloos vond men het. Misschien had een triomfantelijk slot nog kunnen helpen. Maar waar de tekst rept over het ontwaken in grote vreugde laat Mahler de muziek wegsterven met de laagste klanken van de contrabas. Wel toepasselijk voor een afscheid van een dirigent die ooit met dat instrument zijn eerste orkestervaring opdeed.

Eelco Beinema

Lahav Shani • chef-dirigent

Geboren: Tel Aviv, Israël

Huidige positie: chef-dirigent Rotterdams Philharmonisch Orkest; music director Israel Philharmonic Orchestra; toekomstig chefdirigent Münchner Philharmoniker

Studie: piano aan de Buchmann-Mehta School of Music Tel Aviv; piano en directie aan de Hochschule für Musik ‘Hanns Eisler’ Berlijn; mentor: Daniel Barenboim

Doorbraak: 2013: eerste prijs van het Gustav Mahler Dirigentenconcours in Bamberg

Daarna: gastdirecties Wiener Philharmoniker, Berliner Philharmoniker, Gewandhaus Orchester Leipzig, Münchner Philharmoniker, London Symphony Orchestra, Boston Symphony Orchestra, Chicago Symphony Orchestra, Philadelphia Orchestra, Koninklijk

Concertgebouworkest

Als pianist: play-conduct met Rotterdams Philharmonisch, Wiener Philharmoniker, Koninklijk Concertgebouworkest, Philharmonia Orchestra; Verbier Festival, Aix-en-Provence Easter, Jerusalem Chamber Music Festival

Debuut Rotterdams Philharmonisch: 2016

Chen Reiss • sopraan

Geboren: Herzliya, Israël

Studie: piano vanaf haar vijfde, zanglessen sinds haar veertiende

Debuut: als vast lid van de Bayerische Staatsoper München

Gesoleerd bij: Berliner Philharmoniker, Wiener Philharmoniker, Koninklijk

Concertgebouworkest, Chicago Symphony, Philharmonia Orchestra; Artist in Residence Rotterdams Philharmonisch Orkest 2023–2024

Opera: Wiener Staatsoper, Royal Opera House Covent Garden, Teatro alla Scala, Deutsche Oper Berlin, De Nationale Opera, Wiener Festwochen, Maggio Musicale

Fiorentino

Recitals: met pianisten Charles Spencer en Alexander Schmalcz

Als docent: gastdocent Hochschule für Musik und Theater München, masterclasses in Tel Aviv, Hamburg en Brussel; oprichter Sourire Music (coachingsprogramma voor jonge musici) en de Holistic Voice Academy

Debuut Rotterdams Philharmonisch: 2023

Foto: Marco Borggreve
Foto: Paul-Marc Mitchell

Afscheid Rachel Browne

Dit is de laatste concertweek van Rachel Browne. Na 38 jaar in de eerste-vioolgroep van het Rotterdams Philharmonisch Orkest gaat zij met pensioen.

Chef-dirigent

Lahav Shani

Eredirigent

Orkestleden

Yannick Nézet-Séguin

Vaste gastdirigent

Tarmo Peltokoski

Eerste viool

Marieke Blankestijn, concertmeester

Vlad Stanculeasa, concertmeester

Quirine Scheffers

Hed Yaron Meyerson

Saskia Otto

Rachel Browne

Maria Dingjan

Marie-José Schrijner

Noëmi Bodden

Petra Visser

Sophia Torrenga

Hadewijch Hofland

Annerien Stuker

Alexandra van Beveren

Marie Duquesnoy

Tweede viool

Charlotte Potgieter

Laurens van Vliet

Elina Staphorsius

Jun Yi Dou

Bob Bruyn

Eefje Habraken

Maija Reinikainen

Babette van den Berg

Melanie Broers

Tobias Staub

Sarah Decamps

Robin Veldman

Altviool

Anne Huser

Roman Spitzer

Galahad Samson

José Moura Nunes

Kerstin Bonk

Janine Baller

Veronika Lénártová

Rosalinde Kluck

León van den Berg

Olfje van der Klein

Jan Navarro

Cello

Emanuele Silvestri

Gustaw Bafeltowski

Joanna Pachucka

Daniel Petrovitsch

Mario Rio

Eelco Beinema

Carla Schrijner

Pepijn Meeuws

Yi-Ting Fang

Killian White

Paul Stavridis

Contrabas

Matthew Midgley

Ying Lai Green

Jonathan Focquaert

Arjen Leendertz

Ricardo Neto

Javier Clemen Martínez

Marta Fossas Mallorqui

Mario Fernández

Fluit

Juliette Hurel

Joséphine Olech

Manon Gayet

Fluit/piccolo

Beatriz Baião

Hobo

Karel Schoofs

Anja van der Maten

Hobo/althobo

Ron Tijhuis

Klarinet

Julien Hervé

Bruno Bonansea

Alberto Sánchez García

Klarinet/ basklarinet

Romke-Jan Wijmenga

Fagot

Pieter Nuytten

Lola Descours

Marianne Prommel

Hoorn

David Fernández Alonso

Felipe Freitas

Wendy Leliveld

Richard Speetjens

Laurens Otto

Pierre Buizer

Trompet

Alex Elia

Adrián Martínez

Simon Wierenga

Giovanni Giardinella

Trombone

Pierre Volders

Alexander Verbeek

Remko de Jager

Bastrombone

Rommert Groenhof

Tuba

Martijn van Rijswijk

Pauken/slagwerk

Danny van de Wal

Ronald Ent

Martijn Boom

Jesús Iberti Rubira

Harp

Albane Baron

Foto: Bob Bruyn

Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Concerttoelichting | Lahav Shani en Mahler 4 by Rotterdams Philharmonisch Orkest - Issuu