Skip to main content

Concerttoelichting | Sjostakovitsj en Elgar

Page 1


Concerttoelichting

Matthäus-Passion

Matthäus-Passion

do 2 april 2026 • 19.30 uur

do 2 april 2026 • 19.30 uur

vr 3 april 2026 • 19.30 uur

vr 3 april 2026 • 19.30 uur

za 4 april 2026 • 19.30 uur

za 4 april 2026 • 19.30 uur

PROGRAMMA

dirigent Leonardo García Alarcón sopraan Sophie Junker alt Wiebke Lehmkuhl tenor (Evangelist) Moritz Kallenberg tenor (aria’s) Mark Milhofer bas (Christus) Andreas Wolf bas (aria’s) Tomáš Král koor Laurens Collegium kinderkoor Zangers uit het Nationaal Jongenskoor en Nationaal Kinderkoor, met instudering van Irene Verburg

Johann Sebastian Bach 1685-1750 Matthäus-Passion, BWV 244 [1727, revisie 1736 en 1742]

Passion unseres Herrn Jesu Christi nach dem Evangelisten Matthäus

Tekst: Christian Friedrich Henrici, genoemd Picander

Er is een pauze na het eerste deel Einde concert circa 22.45 uur

Vorige uitvoering door ons orkest: april 2025, dirigent Jonathan Cohen

Cover: Ocotillo. Foto Mark A Paulda Kruisafneming. Altaarstuk van Peter Paul Rubens (1611) voor de O.L.-Vrouwekathedraal van Antwerpen.

Met dank aan Telemann

Johann Sebastian Bach geldt voor velen als een van de allergrootste componisten en de MatthäusPassion als misschien wel zijn belangrijkste meesterwerk. Maar zou die ooit geschreven zijn als Georg Philipp Telemann in 1722 geen salarisverhoging had gekregen?

In het jaar 1722 overleed Johann Kuhnau, de Thomascantor in Leipzig, en het stadsbestuur had Telemann als opvolger aangewezen. Deze had toegezegd, maar trok zich uiteindelijk terug toen zijn werkgever in Hamburg zijn salaris verhoogde. Pas nadat een volgende kandidaat zich niet vrij kon maken, viel de keus op Bach...

Drukke baan

Het was een drukke baan met veel verantwoordelijkheden. Aan een paar dozijn jongens moest Bach niet alleen de geheimen van de muziek ontsluiten, maar bijvoorbeeld ook die van de grammatica van de taal. En elke zondag en kerkelijke feestdag moest de Thomascantor een passende cantate uitvoeren in een van zijn vier kerkgebouwen in Leipzig. Daarvoor componeerde hij de eerste paar jaar een enorme hoeveelheid kerkmuziek. Voor Goede Vrijdag betekende dat een dramatische passie. De uitvoering van Kuhnau’s Markus-Passion in 1721 was het begin van een traditie in Leipzig waarbij jaarlijks, afwisselend in de Thomas- en de Nikolaikirche, het lijdensverhaal werd gepresenteerd met muziek en tekst. De eerste keer dat die viering onder Bachs verantwoordelijkheid viel, in 1724, voerde hij zijn Johannes-Passion uit. Hij had deze

overigens al vóór zijn aanstelling in Leipzig gecomponeerd. Ook de drie andere bijbelse versies van het passieverhaal heeft Bach gepresenteerd, maar niet zeker is in hoeverre hij daar zelf de muziek voor gecomponeerd heeft. Zijn necrologie spreekt zelfs over vijf passies, waarvan één voor dubbelkoor.

Dubbelkoor

Met deze dubbelkorige passie kan geen ander werk dan de Matthäus-Passion bedoeld zijn, waarvan een complete partituur, door Bach zelf zorgvuldig in prachtig handschrift opgeschreven, bewaard is gebleven. Dit handschrift stamt uit 1736, terwijl een eerste versie van de Matthäus al in 1727 of 1729 is uitgevoerd.

Die dubbelkorigheid is een belangrijk onderscheid met andere passies van hemzelf en van tijdgenoten, en heeft direct te maken met het destijdse interieur van de Thomaskirche. De koren, elk met eigen solisten, orkest en orgel, werden aan twee kanten op een galerij opgesteld. Zo kreeg het vraag- en antwoordspel, zoals in het openingskoor, optimaal effect. Op een tegenoverliggende galerij stonden bovendien nog de ripieno-sopranen, die de koraalmelodie ‘O Lamm Gottes unschuldig’ boven de beide andere koren uit zongen. Voor de klank van die onschuld wordt tegenwoordig vaak een jongenskoor ingezet; indertijd werden alle partijen door mannen en jongens gezongen.

Verraad

en verloochening

De indeling in twee (ongelijke) helften was nodig om ruimte te bieden aan de preek. De passie was tenslotte bedoeld voor een kerkdienst. Het lijkt logisch om die onderbreking te plaatsen tussen hoofdstuk 26 en 27 van het Evangelie van Mattheus, maar Bach kiest voor een eerder moment. De scheiding valt na de arrestatie van Jezus, het moment waarna Hij er alleen voor staat – ‘Da verließen ihn alle Jünger und fliehen’. Even

eerder heeft Judas Jezus verraden en klinken van beide kanten donder en bliksem. Een nog belangrijker moment van verraad blijkt de verloochening door Petrus. In de Bijbel vormt dit verhaal de afsluiting van hoofdstuk 26. Bach maakt er een emotioneel hoogtepunt van, vooral door de daaropvolgende altaria ‘Erbarme dich’. De centrale plaats van deze aria, en de relatie met de aankondiging van de verloochening in het eerste deel, wordt door onze landgenoot en Matthäus-Passion-kenner Kees van Houten in een lezenswaardig artikel verklaard uit de kruisvorm die aan het werk ten grondslag zou liggen: beide momenten vormen het snijpunt tussen de staande balk en de dwarsbalk.

Na het moment van sterven, dat haast ongemerkt passeert, volgt het beven van de aarde met al het drama in de declamatie van de Evangelist en de basso continuo

Aureool

De aria ‘Aus Liebe will mein Heiland sterben’ heeft Bach op een andere manier centraal geplaatst, namelijk tussen de beide aanroepen tot kruisiging. De tekst is, net als de andere ariateksten, geschreven door Picander. Deze amateurdichter die in Leipzig zijn brood als postbode verdiende, verwoordt hierin een van de essenties van het lijdensverhaal. De instrumentatie zorgt voor een bijzondere klank. Enerzijds door de combinatie van een fluitsolo met begeleiding van twee althobo’s, maar ook door het ontbreken van een echte baspartij. De basso continuo, de doorgaande baslijn, is een van de bouwstenen van de muziek in de barok. Deze partij kan gespeeld worden door verschillende basinstrumenten, zoals cello, contrabas en fagot, in combinatie met een akkoordinstrument: orgel of klavecimbel.

Zij vormen in deze passie het sobere fundament onder de recitatieven van de Evangelist, maar ontbreken ook zelden in de orkestrale passages. Een vergelijkbaar effect past Bach toe bij de aanroep van Jezus ‘Eli, Eli, lama sabacthani’. De Christuspartij wordt steeds begeleid door de strijkers van het eerste orkest. Daarmee verleent het de tekst een grote waardigheid, een soort aureool. Het ontbreken van de strijkers in die passage is veelzeggend. Na het moment van sterven, dat haast ongemerkt passeert, volgt het beven van de aarde met al het drama in de declamatie van de Evangelist en de basso continuo.

Leipzig

Met de beperkte middelen die Bach ter beschikking stonden, moet het een hele toer geweest zijn een dergelijk uitgebreid ensemble van voldoende kwaliteit te organiseren. Bij menige aria componeert hij prachtige, maar lastige instrumentale solo’s, die vaak nog meer in het geheugen beklijven dan de gezongen melodieën. Voor de hobopartijen, die ook veelvuldig in zijn cantates voorkomen, kon hij rekenen op de virtuoos Johann Caspar Gleditsch. Ook zal Bach intensief contact hebben gehad met de bouwer Johann Heinrich Eichentopf, die verschillende andere hobotypes ontwikkelde en verbeterde, zoals de oboe da caccia (later de althobo) en de oboe d’amore (lager dan de hobo en hoger dan de althobo). Vermoedelijk zou Bach, als hij niet tot Thomascantor benoemd was, elders nog wel een aanstelling als kerkmusicus verworven hebben en een werk als de Matthäus-Passion hebben geschreven. Maar de dubbelkorigheid die de Thomaskirche mogelijk maakte, en de instrumentatie verbinden de partituur sterk met de stad Leipzig. Met dank aan een andere verdienstelijke passie-componist: Georg Philipp Telemann.

Eelco Beinema

Sophie Junker • sopraan

Geboren: Dison, België

Studie: Institut Supérieur de Musique et de Pédagogie, Guilhall School of Music and Drama

Doorbraak: 2010, winnaar London Handel Competition

Solo-optredens: The English Concert, Bach Collegium Japan, Handel Consort, Concerto

Copenhagen Opera: English National Opera, Wigmore Hall, Copenhagen Opera Festival, Innsbrucker Festwochen der Alten Musik

Debuut Rotterdams Philharmonisch: 2026

Leonardo García Alarcón • dirigent

Geboren: La Plata, Argentinië

Huidige positie: Artistic Director Cappella Mediterranea en Choeur de chambre de Namur

Studie: Piano aan de Universidad de La Plata, Muziektheorie en klavecimbel bij Christiane Jaccottet in Genève

Doorbraak: 2005, oprichter van Cappella Mediterranea

Daarna: Opéra national de Paris, Berliner Staatsoper, Festival d’Aix-en-Provence, Concertgebouw Amsterdam

Debuut Rotterdams Philharmonisch: 2026

Wiebke Lehmkuhl • alt

Geboren: Oldenburg, Germany

Studie: Hochschule für Musik und Theater Hamburg

Doorbraak: 2012, Salzburg Festival met Nikolaus Harnoncourt

Daarna: solo-optredens met Berliner Philharmoniker, Cleveland Orchestra, Symphonieorchester des Bayerischen Rundfunks, Koninklijk Concertgebouworkest; opera bij Bayerische Staatsoper, Opéra de Paris, Royal Opera House Covent Garden, Wiener Staatsoper

Debuut Rotterdams Philharmonisch: 2022

Foto: Bouchra Jarrar
Foto: SoundPictureDesign
Foto: Jean-Baptiste Millot

Moritz Kallenberg • tenor

Geboren: Reutlingen, Germany

Studie: Musikhochschule Freiburg, Conservatorio Luigi Cherubini in Florence, masterclasses bij Brigitte Fassbaender, René Jacobs, Margaret Honing en Claudio Desderi

Doorbraak: 2016, als laureaat van het Bundeswettbewerb Gesang Berlin

Daarna: solo-optredens met Berliner Philharmoniker, Staatskapelle Berlin, Orchestra

La Verdi Milano; opera bij Staatsoper Stuttgart, Opera Leipzig, Staatsoperette Dresden

Debuut Rotterdams Philharmonisch: 2026

Mark Milhofer • tenor

Geboren: Engeland

Studie: Choral Scholar aan het Magdalen College, Oxford; vervolgstudie aan de Guildhall School of Music, London, en bij Renata Scotto en Leyla Gencer aan de Italian Opera Studio Milan

Solo-optredens: Royal Opera House

Covent Garden, English National Opera, Staatsoper Berlin, Opera Stuttgart, Nationale Reisopera; BBC Proms, Aldeburgh Festival, Wigmore Hall

Debuut Rotterdams Philharmonisch: 2026

Andreas Wolf • bas

Geboren: Wernigerode, Duitsland

Studie: Hochschule für Musik Detmold bij Heiner

Eckels, masterclasses bij Dietrich Fischer-Dieskau, Christoph Prégardien en Thomas Quasthoff

Doorbraak: 2007, operadebuut Festival d’Aix-en-Provence

Daarna: opera bij Semperoper Dresden, De Munt Brussel, Bayerische Staatsoper, Grand Théâtre de Genève, Opéra de Paris, Bregenzer Festspiele, Innsbrucher Festwochen, Wiener Festwochen

Debuut Rotterdams Philharmonisch: 2026

Foto: Athole Sill
Foto: Oliver Lozano
Foto: Matthias Baus

Laurens Collegium • koor

Opgericht: 2002 door Barend Schuurman

Huidige dirigent: Wiecher Mandemaker

Repertoire: alle stijlperiodes in kamerkoorbezetting

Samenwerkingen: Koninklijk

Concertgebouworkest, Orkest van de Achttiende Eeuw, Residentie Orkest met dirigenten als Frans Brüggen, Marcus Creed, Stéphane Denève, Yannick Nézet-Séguin, Lahav Shani en Jaap van Zweden, projecten met Laurensorganist Hayo Boerema

Debuut Rotterdams Philharmonisch: 2011

Tomáš Král • bas

Geboren: Brno, Tsjechië

Studie: Zang aan de Janáček-Academie Brno bij Adriana Hlavsová; Oude Muziek bij Ivan Kusjner; masterclasses bij Howard Crook, Peter Schreier

Doorbraak: 2005, oprichter van Collegium 1704

Daarna: solo-optredens met Collegium Vocale Gent, La Venexiana en Holland Baroque, tijdens het Prague Spring Festival, Salzburger

Festspiele, Festival Oude Muziek Utrecht, De Nationale Opera

Debuut Rotterdams Philharmonisch: 2026

Nationale Koren

Opgericht: 1989, als Nationaal Kinderkoor Bestaande uit: Nationaal Kinderkoor en Nationaal Jongenskoor (voor zangers van 10 tot 15 jaar), Nationaal Vrouwen Jeugdkoor en Nationaal Gemengd Jeugdkoor (16 tot 29 jaar)

Artistieke Directie: Irene Verburg en László Nemes

Samenwerkingen: Berliner Philharmoniker, Koninklijk Concertgebouw Orkest, Radio Filharmonisch Orkest, Budapest Festival Orchestra

Debuut Rotterdams Philharmonisch: 1999

Foto: Jan Hordijk
Foto: Barbara Dietl
Foto: Nationale Koren

Agenda

Proms: The Four Seasons Recomposed

vr 10 april 2026 • 20.30 uur

viool/leiding William Hagen

Jenkins Palladio

Richter The Four Seasons Recomposed

Music for Breakfast 4

zo 12 april 2026 • 10.30 uur

Trattoria Sophia musici en programma zie rpho.nl

vr 17 april 2026 • 18.00 uur

dirigent Yannick Nézet-Séguin

Wagner Siegfried (concertant)

do 23 april 2026 • 20.15 uur

dirigent Yannick Nézet-Séguin

piano Jan Lisiecki

Wagner Siegfried Idyll Mendelssohn Eerste pianoconcert Schumann Derde symfonie ‘Rheinische’

zo 10 mei 2026 • 14.15 uur

dirigent Andris Poga

cello Nicolas Altstaedt

Prokofjev Sinfonia concertante

Prokofjev De liefde voor de drie sinaasappelen: suite

Sjostakovitsj Eerste symfonie

Herdenkingsconcert do 14 mei 2026 • 20.15 uur

viool Marieke Blankestijn cello Emanuele Silvestri klarinet Julien Hervé piano Hannes Minnaar

Sjostakovitsj Eerste pianotrio

Messiaen Quatuor pour la fin du temps

Chef-dirigent

Lahav Shani

Eredirigent

Orkestleden

Yannick Nézet-Séguin

Vaste gastdirigent

Tarmo Peltokoski

Eerste viool

Marieke Blankestijn, concertmeester

Vlad Stanculeasa, concertmeester

Quirine Scheffers

Hed Yaron Meyerson

Saskia Otto

Rachel Browne

Maria Dingjan

Marie-José Schrijner

Noëmi Bodden

Petra Visser

Sophia Torrenga

Hadewijch Hofland

Annerien Stuker

Alexandra van Beveren

Marie Duquesnoy

Tweede viool

Charlotte Potgieter

Frank de Groot

Laurens van Vliet

Elina Staphorsius

Jun Yi Dou

Bob Bruyn

Eefje Habraken

Maija Reinikainen

Babette van den Berg

Melanie Broers

Tobias Staub

Sarah Decamps

Robin Veldman

Altviool

Anne Huser

Roman Spitzer

Galahad Samson

José Moura Nunes

Kerstin Bonk

Janine Baller

Veronika Lénártová

Rosalinde Kluck

León van den Berg

Olfje van der Klein

Jan Navarro

Cello

Emanuele Silvestri

Gustaw Bafeltowski

Joanna Pachucka

Daniel Petrovitsch

Mario Rio

Eelco Beinema

Carla Schrijner

Pepijn Meeuws

Yi-Ting Fang

Killian White

Paul Stavridis

Contrabas

Matthew Midgley

Ying Lai Green

Jonathan Focquaert

Arjen Leendertz

Ricardo Neto

Javier Clemen Martínez

Marta Fossas Mallorqui

Mario Fernández

Fluit

Juliette Hurel

Joséphine Olech

Manon Gayet

Fluit/piccolo

Beatriz Baião

Hobo

Karel Schoofs

Anja van der Maten

Hobo/althobo

Ron Tijhuis

Klarinet

Julien Hervé

Bruno Bonansea

Alberto Sánchez García

Klarinet/ basklarinet

Romke-Jan Wijmenga

Fagot

Pieter Nuytten

Lola Descours

Marianne Prommel

Hoorn

David Fernández Alonso

Felipe Freitas

Wendy Leliveld

Richard Speetjens

Laurens Otto

Pierre Buizer

Trompet

Alex Elia

Adrián Martínez

Simon Wierenga

Giovanni Giardinella

Trombone

Pierre Volders

Alexander Verbeek

Remko de Jager

Bastrombone

Rommert Groenhof

Tuba

Martijn van Rijswijk

Pauken/slagwerk

Danny van de Wal

Ronald Ent

Martijn Boom

Jesús Iberti Rubira

Harp

Albane Baron

Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Concerttoelichting | Sjostakovitsj en Elgar by Rotterdams Philharmonisch Orkest - Issuu