Skip to main content

Concerttoelichting | Lahav speelt Sjostakovitsj

Page 1


Concerttoelichting

PROGRAMMA

dirigent en piano Lahav Shani

Paul Dukas (1865–1835)

L’apprenti sorcier (1896-97)

Scherzo naar een ballade van Goethe

Dmitri Sjostakovitsj (1906-1975)

Suite voor variété-orkest nr. 1 (ca. 1956)

• Mars: Giocoso. Alla marcia

• Dans I: Presto

• Dans II: Allegretto scherzando – Poco meno mosso – Tempo I

• Kleine polka: Allegretto

• Lyrische wals: Allegretto

• Wals I: Sostenuto – Tempo di valse – Poco più mosso

• Wals II: Allegretto poco moderato

• Finale: Allegro moderato

pauze

Dmitri Sjostakovitsj

Pianoconcert nr. 2 in F, op. 102 (1957)

• Allegro

• Andante

• Allegro

Richard Strauss (1864–1949)

Till Eulenspiegels lustige Streiche, op. 28 (1895)

Nach alter Schelmenweise, in Rondeauform

Einde concert ca. 16.00 uur

Een uur voor aanvang van het concert geeft Pepijn Meeuws een inleiding op het programma, toegang € 7,50. Kaartjes zijn aan de zaal te verkrijgen tegen pinbetaling.

Voor Vrienden is de inleiding gratis.

Cover: Foto Krystal Ng (Unsplash)

Vorige uitvoeringen door ons orkest:

Dukas L’apprenti sorcier: okt 2021, dirigent

Adam Hickox

Sjostakovitsj Suite voor variété-orkest nr. 1: okt 2007, dirigent James Gaffigan

Sjostakovitsj Pianoconcert nr. 2: okt 2021, piano Yuja Wang, dirigent Lahav Shani

Strauss Till Eulenspiegel: jan 2014, dirigent François-Xavier Roth

Tijl Uilenspiegel galoppeert de markt op.

Illustratie voor de hoes van een Victor-grammofoonplaat (1946)

Verhalen vertellen

Veel componisten vertelden verhalen met hun muziek. Soms letterlijk, zoals Dukas die Goethes ballade De tovenaarsleerling van klank voorzag en Strauss die de volksverhalen over Tijl Uilenspiegel op eigen wijze navertelde. Maar ook in meer associatieve zin, zoals regelmatig in het werk van Sjostakovitsj.

Experimenteerdrift

Paul Dukas wist in 1897 op onnavolgbare wijze Goethes Tovenaarsleerling muzikaal tot leven te wekken. De experimenterende jongeling moet bij afwezigheid van de grote tovenaar diens werkplaats opruimen. Hij slaat zelf aan het experimenteren met alle gevolgen van dien. Ook muzikaal laat Dukas de boel heerlijk in de soep lopen. Dankzij de animatie in Fantasia van Walt Disney hebben we daar voor altijd beelden bij: de betoverde bezem, vertolkt door de fagot en de steeds maar toenemende emmers water (de strijkers) denderen steeds dramatischer over elkaar heen tot de tovenaar thuiskomt en met een paar tutti-vegen alles weer herstelt. De jonge al te enthousiaste

leerling betuigt spijt bij monde van de soloviool en alles is weer koek en ei. Alsof hij met Goethe zeggen wil: jeugdig enthousiasme is prima, maar je hebt de wijsheid van de ‘volleerde’ volwassene nodig om het in goede banen te leiden.

Amusementsmuziek

Dat die volwassenen ook kunnen ontsporen en kunnen lijden aan grootheidswaanzin wist Dmitri Sjostakovitsj maar al te goed. De componist, die de verhalende muziektraditie van de Russische romantiek voortzette, lag regelmatig met het steeds dictatorialere regime overhoop. Herhaaldelijk werd hij op de vingers

Dmitri Sjostakovitsj aan de piano, jaren ’50. Foto

getikt, omdat zijn in symfonieën verpakte maatschappijkritiek de Sovjetleiders niet ontging.

Met zijn ‘onschuldige’ muziek voor balletten, films en theaterwerken haalde de componist dan de druk weer van de ketel. Sjostakovitsj kende de wereld van de amusementsmuziek uitstekend. Zo was hij in zijn jonge jaren begeleider van zwijgende films, en ook de jazz was hem niet vreemd. Op basis van stukken uit diens ‘lichte’ oeuvre stelde Sjostakovitsj’ goede vriend Levon Atoymyam een suite voor variété-orkest samen. Het voorlaatste deel daarvan, gebaseerd op muziek uit Sjostakovitsj’

filmmuziek voor Het Eerste Echelon uit 1955, zou wereldberoemd worden onder de titel

The Second Waltz.

Verjaardagscadeau

Dat Sjostakovitsj naast de diepe ernst en bijtende ironie een lichtere toon aan kan slaan, is ook duidelijk in zijn Tweede pianoconcert. Hij schreef het werk in 1957 voor de negentiende verjaardag van zijn zoon Maxim, in die tijd pianostudent aan het Conservatorium van Moskou. Maxim speelde het concert op 10 mei 1957 tijdens zijn afstudeerconcert. Het concert stelt, omdat het ook speelbaar moest zijn voor het

Sovfoto

conservatoriumorkest, relatief bescheiden technische eisen. De componist bagatelliseerde het werk daarom ook in een brief aan zijn compositiestudent Edison Denisov. Het Tweede pianoconcert zou ‘geen artistieke waarde’ hebben. Of Sjostakovitsj hier weer een lange neus maakte naar vele officiële Sovjetclichés als het gaat om de beoordeling van de muziek is niet bekend. Feit is wel dat het redelijk lichtvoetige concert – meer in lijn met een Mozartconcert dan met het zwaardere werk dat Sjostakovitsj in diezelfde tijd schreef zoals zijn Tiende en Elfde symfonie – al snel uitgroeide tot een van zijn meest favoriete werken bij het grote publiek. De hectische maar immer lichte hoekdelen, met in het laatste deel toonladderachtige verwijzingen naar de studie van zijn zoon, omvatten een middendeel in variatievorm dat klinkt als een liefdevolle omhelzing.

Schelmenstreken

Till Eulenspiegels lustige Streiche begon als een opera. In 1894 schreef Richard Strauss een ouverture voor een opera met de titel Till Eulenspiegel bei den Schildbürgern. Die opera kwam er niet, maar een jaar later was een van zijn beknoptste en bekendste symfonische gedichten een feit. Franz Wüllner, de première-dirigent, vroeg de componist om een geschreven programma, maar die liet weten dat hij dat onmogelijk kon doen, omdat er van alle muzikale geestigheid maar weinig zou overblijven als die onder woorden moest worden gebracht. ‘Zullen we voor deze keer de luisteraars maar zelf de noten laten kraken die de schavuit hun aanbiedt?’

Strauss volstond ermee om te wijze op het hoornthema na de korte ‘er was eens’-inleiding van het orkest en het beknopte klarinetthema dat daar weer op volgt. Beide staan als een leidmotief voor Tijl Uilenspiegel en ze komen in verschillende hoedanigheden en variaties terug

in het werk. Het symfonisch gedicht laat zich daarbij lezen als een vrije rondovorm waarbij de episodes verschillende ‘streken’ van de hoofdpersoon representeren, die eindigen met zijn terdoodveroordeling – waarna de held in de epiloog het eeuwige leven blijkt te hebben.

De hectische hoekdelen omvatten een middendeel in variatievorm dat klinkt als een liefdevolle omhelzing

Eén passage wilde Strauss wel toelichten aan Wüllner. ‘De episode in a-klein is zijn afstuderen bij de zelfingenomen professoren, in Praag geloof ik, waar Tijl met zijn onbegrijpelijke stellingen zorgt voor een complete Babylonische spraakverwarring (het fugato). Hij geniet er met volle teugen van en maakt zich dan spottend uit de voeten. Maar beschouw dit alsjeblieft als een vertrouwelijke uitleg. Mijn opmerkingen in de partituur, zoals ‘gloeiend van verliefdheid’, zullen ongetwijfeld verder bijdragen aan het begrip van wat er zich in de verschillende episodes afspeelt.’

Later kwam Strauss terug op zijn eerdere besluit en gaf hij alsnog een gedetailleerde ‘hoofdstukindeling’ van zijn symfonisch gedicht. Daarin lezen we dat Tijl te paard een markt op galoppeert en daar de koopvrouwen de stuipen op het lijf jaagt. Dat hij zich als pastoor verkleedt en de zieken zalft. Dat hij zich voordoet als edelman en zo de mooiste meisjes om zijn vinger windt. En inderdaad, met die aanwijzingen erbij herken je die streken in de muziek. Dat neemt niet weg dat Strauss gelijk had in zijn brief aan Wüllner. Een grap wordt eigenlijk altijd minder leuk zodra je ’m uitlegt, het is veel aardiger om de noten zelf te kraken.

Lahav Shani • dirigent en piano

Geboren: Tel Aviv, Israël

Huidige positie: chef-dirigent Rotterdams Philharmonisch Orkest; music director Israel Philharmonic Orchestra; toekomstig chefdirigent Münchner Philharmoniker

Studie: piano aan de Buchmann-Mehta School of Music Tel Aviv; piano en directie aan de Hochschule für Musik ‘Hanns Eisler’ Berlijn; mentor: Daniel Barenboim

Doorbraak: 2013: eerste prijs van het Gustav Mahler Dirigentenconcours in Bamberg

Daarna: gastdirecties Wiener Philharmoniker, Berliner Philharmoniker, Gewandhaus

Orchester, Münchner Philharmoniker, Symphonieorchester des Bayerischen Rundfunks, London Symphony Orchestra, Boston Symphony Orchestra, Chicago Symphony Orchestra, Philadelphia Orchestra, Koninklijk Concertgebouworkest

Als pianist: play-conduct met Rotterdams Philharmonisch Orkest, Wiener Philharmoniker, Koninklijk Concertgebouworkest, Philharmonia Orchestra; solorecitals en kamermuziek in Verbier Festival, Aix-en-Provence Easter, Jerusalem Chamber Music Festival

Debuut Rotterdams Philharmonisch: 2016

Foto: Marco Borggreve

Agenda

do 12 maart 2026 • 20.15 uur

vr 13 maart 2026 • 20.15 uur

zo 15 maart 2026 • 14.15 uur

dirigent Santtu-Matias Rouvali

cello Senja Rummukainen

Rimski-Korsakov Capriccio espagnol

Elgar Celloconcert

Sjostakovitsj Zesde symfonie

Desplat dirigeert zijn

filmmuziek

vr 20 maart 2026 • 20.15 uur

za 21 maart 2026 • 20.15 uur

dirigent Alexandre Desplat

Desplat Muziek uit Godzilla, The King’s Speech, The Shape of Water en andere films

Olli begint een orkest (4+)

zo 22 maart • 13.15 en 15.15 uur

ensemble van het

Rotterdams Philharmonisch Orkest

tekst en regie Freek den Hartogh

acteur Nina Elisa Euson

vormgeving Cynthia Borst

Steven Kamperman Olli begint een orkest

Apollo (6+)

zo 29 maart • 13.15 en 15.15 uur

acteurs Hanna van Vliet, Amro Kasr, Martijn van der Veen, Freek den Hartogh

regie Rosa Peters

Binsbergen Apollo

Orkestleden

Chef-dirigent

Lahav Shani

Eredirigent

Yannick Nézet-Séguin

Vaste gastdirigent

Tarmo Peltokoski

Eerste viool

Marieke Blankestijn, concertmeester

Vlad Stanculeasa, concertmeester

Quirine Scheffers

Hed Yaron Meyerson

Saskia Otto

Arno Bons

Rachel Browne

Maria Dingjan

Marie-José Schrijner

Noëmi Bodden

Petra Visser

Sophia Torrenga

Hadewijch Hofland

Annerien Stuker

Alexandra van Beveren

Marie Duquesnoy

Tweede viool

Charlotte Potgieter

Frank de Groot

Laurens van Vliet

Elina Staphorsius

Jun Yi Dou

Bob Bruyn

Eefje Habraken

Maija Reinikainen

Babette van den Berg

Melanie Broers

Tobias Staub

Sarah Decamps

Robin Veldman

Altviool

Anne Huser

Roman Spitzer

Galahad Samson

José Moura Nunes

Kerstin Bonk

Janine Baller

Veronika Lénártová

Rosalinde Kluck

León van den Berg

Olfje van der Klein

Jan Navarro

Cello

Emanuele Silvestri

Gustaw Bafeltowski

Joanna Pachucka

Daniel Petrovitsch

Mario Rio

Eelco Beinema

Carla Schrijner

Pepijn Meeuws

Yi-Ting Fang

Killian White

Paul Stavridis

Contrabas

Matthew Midgley

Ying Lai Green

Jonathan Focquaert

Arjen Leendertz

Ricardo Neto

Javier Clemen Martínez

Marta Fossas Mallorqui

Mario Fernández

Fluit

Juliette Hurel

Joséphine Olech

Manon Gayet

Fluit/piccolo

Beatriz Baião

Hobo

Karel Schoofs

Anja van der Maten

Hobo/althobo

Ron Tijhuis

Klarinet

Julien Hervé

Bruno Bonansea

Alberto Sánchez García

Klarinet/

basklarinet

Romke-Jan Wijmenga

Fagot

Pieter Nuytten

Lola Descours

Marianne Prommel

Hoorn

David Fernández Alonso

Felipe Freitas

Wendy Leliveld

Richard Speetjens

Laurens Otto

Pierre Buizer

Trompet

Alex Elia

Adrián Martínez

Simon Wierenga

Giovanni Giardinella

Trombone

Pierre Volders

Alexander Verbeek

Remko de Jager

Bastrombone

Rommert Groenhof

Tuba

Martijn van Rijswijk

Pauken/slagwerk

Danny van de Wal

Ronald Ent

Martijn Boom

Jesús Iberti Rubira

Harp

Albane Baron

Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Concerttoelichting | Lahav speelt Sjostakovitsj by Rotterdams Philharmonisch Orkest - Issuu