Concerttoelichting
Fire in my mouth Do 5 november 2026 • 20.15 uur
PROGRAMMA dirigent Brad Lubman altviool Roman Spitzer koor Nationale Koren regisseur Anne Kauffman toneel-, licht-, video- en productieontwerp Jeff Sugg kostuumontwerp Márion Talán executive producer Kenny Savelson associate director Asher Lloyd Ehrenberg geproduceerd door Bang on a Can de kunst in de hal is van studenten van de WDKA Igor Stravinsky 1882-1971 Élégie voor altviool solo (1944) Julia Wolfe 1958 Fire in my mouth (2019) • Immigration • Factory • Protest • Fire Nederlandse première. Fire in my mouth werd gecomponeerd in opdracht van de New York Philharmonic en chef-dirigent Jaap van Zweden; Cal Performances at the University of California, Berkeley; Krannert Center for the Performing Arts / University of Illinois at Urbana–Champaign; de University Musical Society van de University of Michigan; met financiële ondersteuning van de Andrew W. Mellon Foundation en van Linda en Stuart Nelson er is geen pauze einde concert ca. 21.15 uur Een uur voor aanvang van het concert geeft Maartje Stokkers een inleiding op het programma, toegang € 7,50. Kaartjes zijn aan de zaal te verkrijgen tegen pinbetaling. Voor Vrienden is de inleiding gratis. Cover: Foto Denny Muller (Unsplash)
‘New York’s Worst Fire’: Harper’s Weekly over de brand in de Triangle Shirtwaist Factory, 1 april 1911
Violist Alphonse Onnou (rechts) en cellist Robert Maas van het Pro Arte strijkkwartet
Een treurzang en een aanklacht De geschiedenis van alle grote havensteden – van New York tot Rotterdam – is gebouwd op verhalen van immigranten. Gevlucht voor oorlog, vervolging en armoede ontkwamen zij ook na aankomst vaak niet aan persoonlijk leed en maatschappelijk onrecht. Dit concert gedenkt hen met een treurzang en een aanklacht. Toen Hitler op 1 september 1939 Polen binnenviel en Frankrijk twee dagen later de oorlog verklaarde aan Duitsland was Igor Stravinsky – op dat moment al een aantal jaar Frans staatsburger – op tournee in de Verenigde Staten. Hij besloot niet terug te keren naar Frankrijk en vestigde zich in Los Angeles. Nog geen jaar later strandde ook het Belgische Pro Arte strijkkwartet in de VS. De vier musici kregen een baan aangeboden aan de Universiteit van Wisconsin in Madison. Eerste violist Alphonse Onnou overleed echter in november dat jaar aan leukemie. Zijn kwartetcollega altviolist Germain Prévost, inmiddels inwoner van New York, besloot Stravinsky te vragen een werk te componeren ter nagedachtenis aan Onnou. Stravinsky antwoordde met Élégie, een treurzang voor altviool solo. Hij bewonderde Bach en was gefascineerd door de manier waarop de oude componist meerstemmigheid liet doorklinken in zijn muziek voor soloviool. Ook Élégie draait bijna helemaal om twee stemmen. Aan het begin en eind begeleidt de lage stem de hoge stem; in het middendeel draaien ze als gelijken om elkaar heen. Regelmatig is een samenklank schrijnend, maar aan het eind van het eerste gedeelte
klinken de twee stemmen in een hemels akkoord. De muziek inspireerde danser en choreograaf George Balanchine, die in Parijs samengewerkt had met Stravinsky bij de beroemde Ballets Russes en in 1933 al naar New York geëmigreerd was. Hij bedacht een choreografie voor twee dansers die hun lichamen laten verstrengelen terwijl ze als aan de grond genageld zijn.
Immigranten in New York
Stravinsky’s melancholische en schurende treurzang, volledig met een demper op de snaren gespeeld, vormt een passende inleiding op Fire in my mouth van Julia Wolfe. Stravinsky, Prévost en Balanchine waren bepaald niet de enige Europese emigranten in New York. De immigrantengeschiedenis van de stad is letterlijk te vinden op elke straathoek. Jarenlang kwam Wolfe op weg naar haar werk aan de Universiteit van New York langs een kleine bronzen plaquette op de hoek van Greene Street en Washington Place. Het bescheiden gedenkteken herdacht de brand in een kledingfabriek in 1911, waarbij 146 arbeiders in de vlammen omkwamen. Het waren veelal jonge vrouwen, gevlucht voor de armoede in Italië en pogroms in Oekraïne.
Toen Wolfe in 2018 gevraagd werd om een nieuw werk te componeren voor de New York Philharmonic, gebaseerd op een verhaal uit de stad, wist ze dat ze deze jonge vrouwen een stem wilde geven.
Strijdbare vrouwen
Zoals altijd ging Wolfe gedegen te werk en deed ze uitgebreid onderzoek naar de ramp in de Triangle Shirtwaist Factory. Ze las krantenberichten en interviews met immigranten. Langzaam kregen de anonieme slachtoffers een gezicht en een verhaal. Op de vlucht voor armoede en geweld vonden ze werk in immense fabriekshallen waar ze met honderden voor een hongerloon lange uren achter de naaimachine maakten. Het bleken geen weerloze slachtoffers, maar sterke vrouwen, die vochten voor verbetering van hun werkomstandigheden. De titel Fire in my mouth verwijst niet naar de brand zelf, maar naar een uitspraak van de Joods-Oekraïense Clara Lemlich, die in 1909 een grote staking leidde in de kledingindustrie. In het Jiddisch, hun eigen taal, sprak ze haar collega’s toe en ze moedigde hen aan het werk neer te leggen. Terugkijkend op haar leven – terwijl ze in het verzorgingshuis nog het personeel hielp om zich te organiseren – zei ze: ‘Ik had toen vuur in mijn mond.’
Geen weerloze slachtoffers, maar sterke vrouwen, die vochten voor verbetering van hun werkomstandigheden Van slachtoffer naar activist
In vier delen bezingt een koor van 146 jonge vrouwen de geschiedenis van hun leeftijdgenoten. In ‘Immigration’ gaan ze aan boord van een schip, op weg naar een ongewisse toekomst. De muziek illustreert
de onzekerheid en de angst, maar laat ook de krachtige energie en vastberadenheid horen die nodig is om zo’n sprong te wagen. Het tweede deel opent met de onheilspellende herrie van honderden naaimachines en ander fabriekslawaai. Dwars tegen deze intimiderende klanken in zingt het koor tegelijk tekst van een Jiddisch volksliedje over naaiwerk en woorden van een Italiaans volksliedje over twee jonge geliefden. In ‘Protest’ ondersteunt een ritmische puls met trommelslagen en fluitjes het verlangen van de jonge vrouwen om een nieuw leven te leiden als volwaardige Amerikanen. Na een citaat uit de speech van Clara Lemlich leggen de vrouwen het werk neer, begeleid door het geluid van knippende scharen. De anonieme 146 slachtoffers, van omzomers en stomers tot knoopsgatenmakers, hebben letterlijk een stem gekregen. Het citaat ‘I had fire in my mouth’ leidt naar het laatste en langste deel, over de brand in de fabriek. Terwijl het orkest de paniek en chaos voelbaar maakt, zetten de vrouwenstemmen de tijd stil met serene zang. De tekst in dit deel is gebaseerd op ooggetuigenverslagen van mensen die collega’s vlam zagen vatten of van de achtste en negende verdieping uit het raam zagen springen. Tot slot worden de namen van alle slachtoffers gezongen. Vijf jaar na de wereldpremière van Fire in my mouth werd op de plaats van de brand een monument onthuld met daarop deze 146 namen. De eerder anonieme jonge arbeidsmigranten maken nu deel uit van de geschiedenis van New York. Het werk van Julia Wolfe is echter geen klaaglied om hun dood te betreuren, maar een aanklacht. Het laatste deel vermaant het algemeen publiek: jullie hebben niets tegen de misstanden gedaan. Een aanklacht die actueler is dan ooit. Carine Alders
Brad Lubman • dirigent
Foto: Marco Borggreve Foto: Antim
Geboren: New York City, VS Huidige positie: Dirigent Ensemble Signal Studie: State University of New York Daarna: gastdirigent bij Koninklijk Concertgebouworkest, Los Angeles Philharmonic, Orchestre de Paris, Filarmonica della Scala, Münchner Philharmoniker, Deutsches Symphonie-Orchester Berlin; docent Orkestdirectie en Ensembles aan de Eastman School of Music, Rochester en het Bang on a Can Summer Institute Debuut Rotterdams Philharmonisch: 2026
Foto: Hans van der Woerd
Roman Spitzer • altviool
Nationale Koren
Geboren: Sint-Petersburg, Rusland Studie: Rimsky-Korsakov Conservatorium, Sint-Petersburg bij Vladimir Mazel, Buchmann-Mehta School of Music, Tel Aviv bij Gad Lewertoff Daarna: lid New Tel Aviv String Quartet; solo-altist Tel Aviv Symphony Orchestra, Israel Philharmonic Orchestra, Rotterdams Philharmonisch Orkest; gastaanvoerder bij London Philharmonic, Australian Chamber Orchestra, Münchner Philharmoniker Bij het Rotterdams Philharmonisch: sinds 2017
Opgericht: 1989, als Nationaal Kinderkoor Bestaande uit: Nationaal Kinderkoor en Nationaal Jongenskoor (voor zangers van 10 tot 15 jaar), Nationaal Vrouwen Jeugdkoor en Nationaal Gemengd Jeugdkoor (16 tot 29 jaar) Artistieke Directie: Irene Verburg en László Nemes Samenwerkingen: Berliner Philharmoniker, Koninklijk Concertgebouw Orkest, Radio Filharmonisch Orkest, Budapest Festival Orchestra Debuut Rotterdams Philharmonisch: 1999
Agenda Resonance Do 12 november 2026 • 19.30 uur Maaspodium Rotterdam Muziek Ensemble Rotterdams Philharmonisch Dans Maas Theater en Dans Concept en regie Jolanda Spoel Vr 13 november 2026 • 20.15 uur dirigent Arie van Beek Laurenskerk Rotterdam Stravinsky Symphonies d’instruments à vent Debussy Syrinx De Leeuw Symphonies of Winds Messiaen Et exspecto ressurrectionem mortuorum House of Victory Za 14 november 2026 • 19.30 uur Zo 15 november 2026 • 14.30 uur Theater Babel Rotterdam Muziek Ensemble Rotterdams Philharmonisch Spel Ensemble Babel en gastacteurs Regie en compositie Jonathan Bonny Music for Breakfast #1 Zo 15 november 2026 • 10.30 uur Trattoria Sophia musici en programma zie rpho.nl Di 17, wo 18, do 19, vr 20, za 21 november 2026 • 19.30 uur Zo 22 november 2026 • 13.30 uur dirigent Justin Freer Williams Harry Potter and the Chamber of Secrets
Orkestleden León van den Berg Eredirigent Klarinet/ Yannick Nézet-Séguin Olfje van der Klein basklarinet Jan Navarro Lahav Shani Romke-Jan Wijmenga Jutta Demuynck Vaste gastdirigent Fagot Cello Tarmo Peltokoski Pieter Nuytten Emanuele Silvestri Lola Descours Gustaw Bafeltowski Eerste viool Marianne Prommel Joanna Pachucka Marieke Blankestijn, Daniel Petrovitsch concertmeester Fagot/contrafagot Mario Rio Vlad Stanculeasa, Elias Agsteribbe Eelco Beinema concertmeester Carla Schrijner Quirine Scheffers Hoorn David Fernández Alonso Pepijn Meeuws Saskia Otto Felipe Freitas Yi-Ting Fang Maria Dingjan Wendy Leliveld Killian White Marie-José Schrijner Richard Speetjens Paul Stavridis Noëmi Bodden Laurens Otto Petra Visser Pierre Buizer Contrabas Sophia Torrenga Matthew Midgley Hadewijch Hofland Trompet Ying Lai Green Annerien Stuker Alex Elia Alexandra van Beveren Jonathan Focquaert Adrián Martínez Arjen Leendertz Marie Duquesnoy Simon Wierenga Ricardo Neto Sarah Decamps Javier Clemen Martínez Giovanni Giardinella Mario Fernández Tweede viool Trombone Charlotte Potgieter Pierre Volders Fluit Laurens van Vliet Alexander Verbeek Juliette Hurel Elina Staphorsius Remko de Jager Joséphine Olech Jun Yi Dou Manon Gayet Bob Bruyn Bastrombone Eefje Habraken Rommert Groenhof Fluit/piccolo Maija Reinikainen Babette van den Berg Beatriz Baião Tuba Melanie Broers Martijn van Rijswijk Hobo Robin Veldman Karel Schoofs Annija Kolerta Pauken/slagwerk Jesús Pinillos Rivera Danny van de Wal Anja van der Maten Altviool Ronald Ent Anne Huser Martijn Boom Hobo/althobo Roman Spitzer Jesús Iberti Rubira Ron Tijhuis Galahad Samson José Moura Nunes Harp Klarinet Kerstin Bonk Albane Baron Julien Hervé Janine Baller Bruno Bonansea Veronika Lénártová Alberto Sánchez García Rosalinde Kluck