Skip to main content

Concerttoelichting | Bruckner 5

Page 1


Concerttoelichting

PROGRAMMA

dirigent Jukka-Pekka Saraste scenografie Frouke ten Velden

Thomas van Dun (1995) L’appel du vide (2026; opdrachtwerk, wereldpremière)

Anton Bruckner (1824-1896) Symfonie nr. 5 (1875-76)

• Introduktion. Adagio - Allegro

• Adagio: Sehr langsam

• Scherzo: Molto vivace

• Finale: Adagio - Allegro moderato

Einde concert ca. 22.00 uur

Vorige uitvoeringen door ons orkest:

Van Dun L’appel du vide: wereldpremière Bruckner Symfonie nr. 5: sep 2019, dirigent Lahav Shani (tournee)

Een uur voor aanvang van het concert geeft Kees Wisse een inleiding op het programma, toegang € 7,50. Kaartjes zijn aan de zaal te verkrijgen tegen pinbetaling. Voor Vrienden is de inleiding gratis.

(olieverf op doek) van Thomas van Dun, thomasvandun.com/art

Cover: Beeld Frouke ten Velden Transfiguration. Schilderij

Schemerzone

Met een symfonie van hemelbestormer Anton Bruckner op het programma mag een companion piece geen lichtgewicht zijn. Daarbij speelt ook nog mee dat dat stuk het zestigjarig bestaan van De Doelen memoreert; de opening van de zaal in 1966 zette de kroon op de wederopbouw van het verwoeste Rotterdam.

Anton Bruckner. Portretfoto (ca. 1875) van Louis Bauer, coll. Wien Museum

De opdracht voor een jubileumwerk ging naar Thomas van Dun, een componist en visual artist die in de afgelopen jaren indruk maakte met zowel indringende muziekstukken als expressieve schilderijen, veelal met een spirituele of filosofische lading. In zijn composities put hij uit verschillende oude en nieuwe muziektradities - inclusief dance, want zijn werk is bedoeld voor een breed publiek en wortelt stevig in de hedendaagse maatschappij. Maar oppervlakkig is het nooit, want Van Dun schuwt grote thema’s niet. Zoals hij zelf zegt: ‘Mijn onderwerpen kunnen complex zijn of zelfs naar het duistere en ongemakkelijke neigen. Maar altijd is er een uitwisseling van donker en licht.’

De titel (‘De roep van de leegte’) verwijst indirect naar de kaalslag en wederopbouw van Rotterdam, maar ook naar persoonlijke

ervaringen uit het verleden: depressies, het gevoel niet thuis te horen op deze aarde en een zeker verlangen naar de dood – ‘een zoet escapisme’, zoals de componist zelf zegt. Die fase ligt achter hem, maar voor Van Dun blijft het een fascinerend onderwerp dat precies de schemerzone beslaat die hij als kunstenaar wil verkennen. Overigens is het geen toeval dat één van zijn docenten Martijn Padding was - ook een componist die luisteraars graag uit hun comfort zone haalt.

De componist en de visual artist Van Dun zijn onmiskenbaar verwant, maar zeker bij dit werk ziet hij een duidelijk verschil. ‘In mijn beeldende werk zoek ik momenteel vooral verstilling. In muziek kan ik me meer extremiteiten permitteren, schokeffecten, een zekere hysterie. L’appel du vide bevat meer

dramatische contrasten dan mijn eerdere composities. Je zou het kunnen zien als een soort mini-operaatje of toneelstukje met verschillende karakters. En ja, het moet wat mij betreft wel over een serieus onderwerp gaan. Wie zijn we? Waarom zijn we hier? Onder de alledaagse oppervlakte liggen zoveel onbeantwoorde vragen.’

Almacht en nietigheid

Er is een tijd geweest dat symfonieën vooral dienden als veredelde amusementsmuziek. Maar luisterend naar Anton Bruckner kun je je dat amper voorstellen. Een symfonie is bij hem een immens, spiritueel geladen bouwsel waarin alles overdondert; als de muziek niet de goddelijke almacht verklankt, is het wel de nietigheid van de mens. Hij vervolgde daarmee de weg van Beethoven,

die het genre eigenhandig had verheven tot een soort spiegel van de maatschappij. Maar bij Bruckner is alles nóg grootschaliger, de bezetting omvangrijker, de dramatiek heftiger. Daarvan houd je, of niet. Veel van Bruckners tijdgenoten behoorden tot de laatste categorie. En dat heeft hij geweten. Het mondaine Wenen schamperde over de ‘amateuristische’ composities van de voormalige dorpsorganist uit de provincie. Toch had hij een handvol trouwe fans die zorgden dat zijn symfonieën werden uitgevoerd. Bruckner zwom halsstarrig tegen de stroom in en ontwikkelde daarin een totaal eigen stijl.

Nog altijd schrikken Bruckners symfonieën sommigen af door hun grootse opzet, schetterende koperpartijen en ‘vreemde’ harmonieën. Maar er gaat een wereld open wanneer je je eraan overgeeft. Door hun immense proporties en hun gewijde sfeer worden ze altijd weer met kathedralen vergeleken, maar dat doet geen recht aan de fascinerende ademhaling van de muziek, de trage bewegingen, de aanzwellende en wegstervende klankgolven. Daarbij hebben ze een duistere, maar onweerstaanbare expressie.

Met de Vijfde symfonie maakte Bruckner het zijn publiek bepaald niet gemakkelijk. Vooral het slotdeel bevat zóveel muzikale informatie dat je lang niet alles bij éénmaal luisteren meekrijgt. Daarnaast heeft het werk een sterk religieus karakter dat men destijds niet van een symfonie verwachtte. Toen hij het manuscript aan bevriende musici toonde kreeg hij een golf van kritiek over zich heen, maar ditmaal was de aartstwijfelaar Bruckner zeker van zijn zaak. De veelvuldige herzieningen die hij van zijn composities placht te maken bleven ditmaal uit. Maar die eigenzinnigheid had een prijs: geen

dirigent waagde zich aan het stuk. Toen het na jaren van afwijzing en uitstel eindelijk werd uitgevoerd (met forse inkortingen van dirigent Franz Schalk, ook nog) was Bruckner te ziek om erbij te zijn. Zelf heeft hij zijn Vijfde symfonie nooit kunnen horen.

Openbaring

In de Vijfde combineerde Bruckner voor het eerst alle elementen die zijn stijl uniek zouden maken. De vierdelige opzet is niet anders is dan die van een Beethoven- of Schubertsymfonie. Maar zijn originaliteit breekt door alle conventies heen.

Je

zou moeten uitzoomen om de samenhang te zien,

zoals

graancirkels alleen vanuit de lucht waarneembaar zijn

De belangrijkste melodische thema’s worden niet meteen geïntroduceerd, maar groeien geleidelijk uit korte, samenklonterende motiefjes. Die thema’s verweeft Bruckner onderling op een uiterst geraffineerde manier: soms keren ze terug in een volgend

Foto: Eduardus Lee

deel waar ze aan een nieuw thema gesmeed worden, of hij combineert ze tweestemmig met een nieuwe melodie die hetzelfde thema achterstevoren blijkt te zijn. Veel van zulke verwantschappen vallen niet direct op, mede door de immense proporties; je zou als het ware moeten uitzoomen om de samenhang te zien, net zoals graancirkels alleen vanuit de lucht waarneembaar zijn.

De complexiteit bereikt een hoogtepunt in het gigantische slotdeel. Aanvankelijk doet deze Finale fragmentarisch aan: steeds lijkt Bruckner een andere invalshoek te kiezen. Maar ook hier is alles wat je hoort aan elkaar verwant, of onderdeel van een groter geheel dat zich pas geleidelijk openbaart. En dan schettert daar plots die majestueuze, afsluitende koperfanfare doorheen: een slotkoraal dat de sluimerende religieuze sfeer van de eerdere delen nog eens flink benadrukt. In dit koraal, meende Bruckner-expert Eugen Jochum, moet het orkest nog nét even meer geven dan in al het voorafgaande; een dirigent die te vroeg piekt heeft zijn kruit verschoten.

Afscheid

Frank de Groot

Dit is het laatste concert van onze plaatsvervangend aanvoerder tweede violen Frank de Groot. Na 42 jaar bij het Rotterdams Philharmonisch Orkest gaat hij nu met pensioen.

Jukka-Pekka Saraste • dirigent

Geboren: Heinola, Finland

Huidige positie: chef-dirigent Helsinki

Philharmonic Orchestra, eredirigent

Filharmonisch Orkest Oslo, eredirigent Fins

Radio Symfonieorkest; oprichter en artistiek adviseur Finnish Chamber Orchestra

Eerder: chef-dirigent WDR Sinfonieorchester

Köln, Scottish Chamber Orchestra, Toronto Symphony Orchestra

Studie: Sibelius Academy Helsinki, orkestdirectie bij Jorma Panula

Prijzen: Pro Finlandia Prize, Sibelius Medaille, Finse Staatsprijs voor muziek

Gastdirecties: London Philharmonic Orchestra, Philharmonia Orchestra, Orchestre de Paris, Gewandhausorchester Leipzig, Koninklijk

Concertgebouworkest, NHK Symphony Orchestra, Symphonieorchester des Bayerischen Rundfunks, Münchner Philharmoniker, Wiener

Symphoniker, Staatskapelle Dresden, Cleveland Orchestra, symfonieorkesten van Boston, Chicago, San Francisco, Los Angeles Philharmonic Orchestra, New York Philharmonic Orchestra

Debuut Rotterdams Philharmonisch: 1990

Frouke ten Velden • scenografie

Geboren: Amsterdam

Studie: Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten; Kunsthistorie en Artistic Research aan de Universiteit van Amsterdam

Werkt als: Media Artist en live visual performer

Exposities: Rijksmuseum Amsterdam, Van Gogh Museum, Keramiekmuseum

Princessehof, Eye Film Institute, Concertgebouw Amsterdam, TodaysArt Festival, Schemerlicht Festival, No Art Festival, Rio Mapping Festival (Br), Fotonica (It), SXSW (USA), LPM-festival, SAC Maastricht at TEFAF, Melkweg Amsterdam, Artspace MU Eindhoven

Performances: Amsterdam Dance Event, Lowlands, DTRH, Mystic Garden, Pinkpop

Scenografie: Koninklijk Concertgebouworkest, Nationale Opera en Ballet, Groot Omroepkoor, Cappella Amsterdam, Tania Kross, FUSE, Michel van der Aa, Doe Maar, De Dijk

Debuut Rotterdams Philharmonisch: 2026

Foto: Felix Broede
Foto: Frouke ten Velden

Agenda

Music for Breakfast 5

zo 17 mei 2026 • 10.30 uur

Dudok aan de Maas musici en programma zie rpho.nl

do 21 mei 2026 • 20.15 uur

vr 22 mei 2026 • 20.15 uur

dirigent Lahav Shani

piano Daniil Trifonov

Schönberg Verklärte Nacht

Brahms Tweede pianoconcert

Lahav and Friends

do 28 mei 2026 • 20.15 uur

sopraan Chen Reiss

piano Lahav Shani musici van het Rotterdams

Philharmonisch

Mozart Kwintet voor piano en blazers

Mahler Drie Rückert-liederen

Schubert Forellenkwintet

Lahavs afscheid

vr 29 mei 2026 • 20.15 uur

zo 31 mei 2026 • 14.15 uur

dirigent en piano Lahav Shani

sopraan Chen Reiss

Mozart Concertaria ‘Ch’io mi scordi di te?’

Zedginidze Symfonisch gedicht (wereldpremière)

Wagenaar Ouverture Cyrano de Bergerac

Mahler Vierde symfonie

Orkestleden

Chef-dirigent

Lahav Shani

Eredirigent

Yannick Nézet-Séguin

Vaste gastdirigent

Tarmo Peltokoski

Eerste viool

Marieke Blankestijn, concertmeester

Vlad Stanculeasa, concertmeester

Quirine Scheffers

Hed Yaron Meyerson

Saskia Otto

Rachel Browne

Maria Dingjan

Marie-José Schrijner

Noëmi Bodden

Petra Visser

Sophia Torrenga

Hadewijch Hofland

Annerien Stuker

Alexandra van Beveren

Marie Duquesnoy

Tweede viool

Charlotte Potgieter

Frank de Groot

Laurens van Vliet

Elina Staphorsius

Jun Yi Dou

Bob Bruyn

Eefje Habraken

Maija Reinikainen

Babette van den Berg

Melanie Broers

Tobias Staub

Sarah Decamps

Robin Veldman

Altviool

Anne Huser

Roman Spitzer

Galahad Samson

José Moura Nunes

Kerstin Bonk

Janine Baller

Veronika Lénártová

Rosalinde Kluck

León van den Berg

Olfje van der Klein

Jan Navarro

Cello

Emanuele Silvestri

Gustaw Bafeltowski

Joanna Pachucka

Daniel Petrovitsch

Mario Rio

Eelco Beinema

Carla Schrijner

Pepijn Meeuws

Yi-Ting Fang

Killian White

Paul Stavridis

Contrabas

Matthew Midgley

Ying Lai Green

Jonathan Focquaert

Arjen Leendertz

Ricardo Neto

Javier Clemen Martínez

Marta Fossas Mallorqui

Mario Fernández

Fluit

Juliette Hurel

Joséphine Olech

Manon Gayet

Fluit/piccolo

Beatriz Baião

Hobo

Karel Schoofs

Anja van der Maten

Hobo/althobo

Ron Tijhuis

Klarinet

Julien Hervé

Bruno Bonansea

Alberto Sánchez García

Klarinet/

basklarinet

Romke-Jan Wijmenga

Fagot

Pieter Nuytten

Lola Descours

Marianne Prommel

Hoorn

David Fernández Alonso

Felipe Freitas

Wendy Leliveld

Richard Speetjens

Laurens Otto

Pierre Buizer

Trompet

Alex Elia

Adrián Martínez

Simon Wierenga

Giovanni Giardinella

Trombone

Pierre Volders

Alexander Verbeek

Remko de Jager

Bastrombone

Rommert Groenhof

Tuba

Martijn van Rijswijk

Pauken/slagwerk

Danny van de Wal

Ronald Ent

Martijn Boom

Jesús Iberti Rubira

Harp

Albane Baron

Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Concerttoelichting | Bruckner 5 by Rotterdams Philharmonisch Orkest - Issuu