Jaargang 24 | nummer 3 | 2017
VAKBLAD VOOR
PROJECTMANAGEMENT
THEM A
Leren v Projec an ten
MARTIJN VAN HULSTEIJN BLIKT TERUG:
‘Tourstart Utrecht 2015 meer dan leuk wielerfeestje’
Alles over Adaptive Omgaan met Subcontractor Management
integriteitsrisico’s in projecten
www.ipma.nl Projectie 3-2017
1
menteren is daarmee een kunde die je niet kan missen.
Management ofActivation ChangeMasterclass: Activeren met onze Change
er ben je op zoek om je veranderkunde te verbeteren.
van en rijke online leeromgeving train je in deze masterclass uiste veranderaanpak, het afstemmen met de sponsor, Verandering
ng te benoemen, de cultuur in te schatten, de veranderverandering komt niet vanzelf. Het is len, de verandercommunicatieResultaatgerichte in te richten, de effectivieen samenspel van mensen, inzichten en instrumenten. n en te werken aan jezelf als “Change Enabler”. is daarmee een kunde die je Verandering implementeren
Activeren van Verandering niet kan missen.
Alsmodules professional die ben je op gehele zoek om je veranderkunde an de hand van 18sluiten interactieve het De onderwerpen te verbeteren. Dat kan met onze Change Activation aan bij een scala van m vanveranderaanpakken activeren van verandering afdekken: Masterclass Resultaatgerichte verandering komt niet vanzelf. waaronder Kotter, Agile, Ondersteund met een rijke online leeromgeving train je in Bridges Het en ADKAR. is CAM een samenspel van mensen, inzichten en instrumenten <afbeelding Topics> deze masterclass het kiezen van de juiste veranderaanpak, Verandering implementeren is daarmee een kunde die je niet het afstemmen met de sponsor, de veranderuitdaging te kan m Je maakt kennis met meer dan 40 instrumenten
benoemen, de cultuur in te schatten, de verandergereedheid
uiten aan bij een scala veranderaanpakken en -modellenin te richten, de te bepalen, de verandercommunicatie (methodes en technieken) Als projectmanager ben je op zoek om veranderkunde te verbe effectiviteit te meten en teje werken aan jezelf als “Change je direct in je praktijk kan ronderdieKotter, Agile, Bridges en ADKAR. Enabler”. toepassen. Dat kan met onze Change Activation Masterclass: doen we met van 18 interactieve modules die het et meer dan 40 instrumenten Dit (methodes en technieken) gehele spectrum van activeren van verandering afdekken: e je direct in je praktijk Ondersteund met kan een toepassen. rijke online leeromgeving train je in deze mas het kiezen van de juiste veranderaanpak, het afstemmen met de sp <QR Code> te benoemen, de cultuur in te schatten, de ve de veranderuitdaging gereedheid te bepalen, de verandercommunicatie in te richten, de e teit te meten te werken voor meer opleidingen en en informatie op:aan jezelf als “Change Enabler”.
www.managementofchange.nl/cam Dit doen we met aan de hand van 18 interactieve modules die het ontact op als je vragen hebtvan of maatwerk spectrum activeren wilt. van verandering afdekken:
<afbeelding CAM Topics> Management of Change Coöperatie UA
888 3600 info@managementofchange.nl Kijk voor meer opleidingen en informatie op: De onderwerpen sluiten aan bij een scala veranderaanpakken en -m www.managementofchange.nl/cam waaronder Kotter, Bridges ADKAR. Neem contact Agile, op als je vragen hebt ofen maatwerk wilt. Management of Change Coöperatie UA 035 888 3600 meer dan 40info@managementofchange.nl instrumenten (methodes
2
Jer maakt kennis met die je direct in je praktijk kan toepassen. Projectie 3-2017
en tech
Inhoud
13
Research Trust in Dutch Public Owner Contractor Collaborations
25
Praktijk Wielerevenement als katalysator voor verbinding
30
ASML awards ASML ging u voor. Misschien ook iets voor uw organisatie?
En verder 05
VOORWOORD & COLOFON
06
KORT
07
COLUMN
08
INTERVIEW
11
PROJECTIFICERING VAN DE SAMENLEVING
20
ACHTERGROND
28
WERK SLIMMER
Projectie 3-2017
3
Kantoor: Rijswijk, 070-2093021, URL: www.cai-advies.nl
WIE: CAI,
coรถrdinerend adviesbureau voor informatisering, is een opleider die vanaf 1991 op de Nederlandse markt IT opleidingen voor volwassen verzorgd. Vanaf 1997 opleidingen voor projectmanagement zoals PMIT (projectmanagement voor de IT), PRINCE2 projectmanagement en IPMA projectmanagement.
WAT: Als exclusieve opleider projectmanagement opleidingen
bij het ministerie van defensie zijn de afgelopen vier jaar meer dan 500 medewerkers op IPMA training geweest en hebben zich gecertificeerd. Waarvan enkele zelfs op IPMA B level zich hebben gecertificeerd. Uiteraard zijn er IPMA cursussen geweest met deelnemers van andere organisaties.
WANNEER: Ook komende jaren stellen wij het doel om op flexibele wijze
de IPMA cursussen uit te voeren waarbij de cursusplanning agile gebeurt, dat wil zeggen in overleg met de deelnemers zodat de uitvoering het best past bij hun beschikbaarheid.
WAARMEE: Onze
docenten zijn zeer ervaren projectmanagers die een groot deel van hun tijd reserveren voor didactische doeleinden om (aankomend) projectmanagers op te leiden en hen te helpen bij de certificering die zij graag willen behalen.
WAAR: Locaties door heel Nederland. De vaste locaties zijn vaak
Amsterdam, Utrecht, Zwolle, Tilburg, Nijmegen of Den Haag. En bijvoorkeur op plekken waar je nog gratis kan parkeren.
HOE: Het aantal deelnemers in een groep houden wij bewust
laag, maximaal 8 deelnemers en een streven van minimaal 3 deelnemers. Een kleine groep geeft betere communicatie en interactie.
Voor degene die in een bepaalde time-box een IPMA certificering willen of moeten behalen kan er 1-op-1 les zijn met de docent en op momenten die samen zijn afgesproken. CAI is door diverse examenorganisaties of producteigenaren geaccrediteerd voor projectmanagement opleidingen en ondergaat jaarlijks kwaliteitscontroles c.q. assessment. 4
Projectie 3-2017
voorwoord
Colofon Projectie is een uitgave van Romeo Delta in opdracht van IPMA-NL en verschijnt 6x per jaar. Aanleveren kopij projectie@ipma.nl
Zeker weten?
Advertenties Romeo Delta, René Doppen, (0544) 35 22 35, rene@romeodelta.nl, www.romeodelta.nl
Deze editie van Projectie staat in het teken van ‘Leren van Projecten’. En wat lijkt de beste manier om te leren van projecten? Door te twijfelen, vragen te stellen,
Ledenadministratie ledenadministratie@ipma.nl, (0342) 41 62 34
te luisteren en de antwoorden kritisch te benaderen.
Abonnement afsluiten rene@romeodelta.nl
Net voor de deadline van dit voorwoord mocht ik een gastcollege geven aan de TU
Commissie Bezwaren Gedragscode Piet Blanksma
en ervaringen mogen delen over complexe IT-projecten. Aan de hand van een
Uitgever Romeo Delta, René Doppen, (0544) 35 22 35, rene@romeodelta.nl, www.romeodelta.nl
vermogen van de studenten mij opviel. Er werden veel vragen gesteld over het hoe
Redactieraad Prof.dr. Hans Bakker, h.l.m.bakker@tudelft.nl Mimoun El Ouarti, mimoun.elouarti@xs4all.nl Hans Fredriksz, hans.fredriksz@ipma.nl Constant Gras, concom@upcmail.nl Nassir Mahbubi, smn.mahbubi@gmail.com Jolanda Koopman/Madelon Mouw, projectie@ipma.nl
voor mij hoeveel lerend vermogen er in de zaal
in Delft (met dank aan Hans Bakker). Voor circa tachtig studenten heb ik inzichten tweetal praktijkcasussen ontstond een interactief gastcollege waarbij het kritisch en waarom, er werden suggesties gedaan en af en toe zelfs een stelling geponeerd. Het was indrukwekkend aanwezig was en op welke wijze dit geëtaleerd werd. Het deed me een beetje denken aan de afgelopen maanden, waarin zekerheden, feiten, meningen en opinies over elkaar heen buitelden als waarheden.
Vormgeving Romeo Delta, Chris Nijhof
Waarheden als koeien zo groot (en zwart wit). Dat begon al zo richting de Tweede Kamerverkiezingen.
Communitymanagement Signum Marketing, Arie van Loopik, avanloopik@signummarketing.nl
Ook binnen ons vakgebied zie je dat steeds vaker: meningen die als feiten worden gepresenteerd, geen ruimte latend voor twijfel. En bij twijfel begint volgens
ISSN: 1570-9655 Dit vakblad is uitsluitend gericht op vakbeoefenaren en anderen die op grond van hun professie belang hebben bij de in dit blad gepubliceerde vakinformatie. Sinds 2011 is er een gewijzigde abonnementenwet van kracht voor consumenten. Deze is niet van toepassing voor abonnementen op vakinformatie, die uit hoofde van beroep of bedrijf zijn aangegaan.
mij het ‘Leren van Projecten’. Een stelligheid als ‘methode zus en zo is een garantie voor succes’, of ‘aanpak hier en daar is de enige juiste’. Met een bijna religieus fanatisme worden we door Guru’s bestookt met waarheden…
Fred Bons, Voorzitter IPMA-NL
Het is ook wel begrijpelijk. In deze onzekere tijden van disruptie, waar niets is
© IPMA-NL Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke wijze ook, zonder schriftelijke toestemming vooraf van de uitgever. 
wat het was en waar razendsnelle veranderingen de enige constante zijn. Het raakt ons allemaal persoonlijk, maar zeker ook professioneel. Ons vak verandert razendsnel, wendbaarheid daarin is cruciaal. En ik zou daar aan willen toevoegen: TWIJFEL! Mens durf te twijfelen. Durf aan te geven dat je het ook nog niet weet. Omgaan met onzekerheden is een van de kerncompetenties behorend bij ons vak.
Business partners
Vluchten in zekerheden uit het verleden hoort daar niet bij. En ook niet vluchten in schijnzekerheden voor de toekomst. Wat daar wat mij betreft beter bij past is TWIJFEL. Luister eens wat vaker in plaats van te praten. Vraag eens wat meer in plaats van te antwoorden. ‘Ik weet het niet’ is ook een antwoord. Leer eens van elkaar. Dat is beter dan elkaar met argumenten bestrijden. Probeer eens wat vaker te denken in termen van feiten en twijfel in plaats van feiten en meningen.
Kennispartner
Als je twijfelt kom je verder. Daar zou ik mee af willen sluiten. Want verder komen willen we, om ons mooie vak verder te ontwikkelen. Om te ‘Leren van Projecten’. €16,91
World leading
En zo te komen tot ‘Betere Projecten voor een Betere Wereld’.
incl. BTW
Projectie 3-2017 ISBN: 978 90 8753 720 3 Auteur: Gunther Verheyen
5
Kort
Nieuwe bestuursleden Ans Oude Geerdink en Jozina Tol zijn onlangs benoemd tot nieuwe bestuursleden van IPMA. Oude Geerdink is afgestudeerd
Tol heeft HEAO-MER en de
in de Sociale Wetenschappen
opleiding Bedrijfskunde met
met een kopstudie Industriële
goed gevolg afgelegd. Net
Bedrijfskunde. Prince2 en
als Prince2, IPMA B, Agile en
MSP advanced practitioner
masterclass Agile.
geschoold en werkzaam
Tol: “Ik heb mijn hart
als senior project- en
verloren aan het vak
programmamanager, trainer
projectmanagement en
en coach. Oude Geerdink: “Ruim dertig jaren geleden
ik heb hier invulling aan gegeven binnen mijn functies als
belandde ik via KPN, bij toeval in het vak projectmanagement.
projectmanager en teammanager van projectmanagement.
Een vak was het toen eigenlijk nog niet. Projectleider zijn, was
Vanuit deze functies ben ik altijd bezig geweest met de
vooral voor mensen die afweken van het traditionele profiel,
ontwikkelingen binnen het vak projectmanagement. Denk
die van aanpakken wisten en hun gezond boerenverstand
hierbij aan het organiseren van een interne PM vakdag, bijdrage
wilden gebruiken. We zijn van ver gekomen. Inmiddels wordt
leveren aan de IPMA Parade door een workshop te geven en
ongeveer de helft van ons bruto nationaal product gerealiseerd
het bedenken en faciliteren van een training communicatie
door projectmatig werken, is het mogelijk om een master in
met stakeholders binnen een Agile wereld. Ik ben IPMA B
projectmanagement te behalen en zijn er tienduizenden IPMA
gecertificeerd en ik heb ruim acht jaar ervaring in het managen
gecertificeerden in Nederland. Met de toenemende eisen aan
van complexe projecten en ICT teams. Vanuit deze interesse in
de kwaliteit van projectmatig werken is agility in ons vakgebied
het vak wil ik graag een bijdrage leveren aan het IPMA bestuur
steeds belangrijker geworden. Bij een platform als IPMA te
door meer business partners aan IPMA te binden. Samen met
mogen behoren, die aan deze spannende ontwikkelingen
VDH Bestuurszaken in de rol van relatiemanager ga ik hier
richting wil geven, vind ik een grote eer. Binnen het IPMA-
invulling aan geven. Het doel is om meer business partners te
bestuur ben ik verantwoordelijk voor de portefeuille Professie
werven om zo het IPMA NL Eco-systeem verder uit te bouwen.
en Certificering. Meer weten? Neem gerust contact met mij op
Meer weten of heb je interesse? Neem dan contact met mij op:
via ans.oude.geerdink@ipma.nl.”
jozina.tol@ipma.nl.“
IPMA Agile Leadership Certificaat Veel organisaties in diverse sectoren hebben de agile mindset
Voor de IPMA Agile Leadership certificering moet de
geadopteerd voor het doorvoeren van veranderingen of bevin-
professional functioneren op tactisch niveau tussen
den zich in een transformatie naar agile werken. Daarmee kan
verschillende agile teams en het management, en hier
worden gesteld dat agile veranderen gemeengoed is gewor-
aantoonbaar impact hebben. De professional kan zowel
den. En omdat agile veranderingen mensenwerk zijn, hangt
een leiderschapsrol spelen binnen een transitie naar agile
het succes van agile veranderingen in belangrijke mate af van
werken als binnen een staande agile organisatie. Onder
optimaal toegepaste individuele competenties.
leiderschapsrollen die de professional vervult kunnen rollen als scrum master, product owner, manager of agile coach
IPMA Nederland en IPMA Certificering hebben het initiatief
worden verstaan, maar niet uitsluitend. De impact van
gestart om een IPMA Certificaat te ontwikkelen voor professio-
het getoonde agile leiderschap en het niveau waarop de
nals die een leiderschapsrol vervullen in een agile omgeving. De
professional opereert zijn leidend.
naam van het certificaat is ‘IPMA Agile Leadership’. Dit certifi-
6
caat is gericht op het vaststellen en erkennen van de individuele
De certificering van de IPMA Agile Lead bestaat uit een
competenties van de professional en is daarmee aanvullend op
examen en een assessment. Per 1 juli 2017 kunnen kandidaten
andere agile certificaten, bijvoorbeeld voor Scrum en SAFe.
zich inschrijven via de portal van IPMA Certificering.
Projectie 3-2017
column
Encouraging knowledge sharing between project team members Knowledge management (KM) for project teams provides competitive advantage by enabling organisations to react quickly to problems, and it supports organisational innovation. However, fostering team member’s participation in knowledge sharing still remains a major challenge (Martinez, 2015). Contemporary KM technologies such as Enterprise Social
method to explore relationships between constructs of
Media (ESM) have been developed to improve the emergent
the research model.
unstructured knowledge sharing within an organization. These systems enable knowledge exchange by establishing
The results elucidate how the influence of extrinsic
different knowledge exchange channels ranging from
and intrinsic perceived benefits may differ in terms of
private to public communication between team members
the knowledge exchange visibility. Intrinsic benefits
within and between projects (Sedighi et al., 2016).
(knowledge self-efficacy and altruism) are more influential
Knowledge exchange depends on individuals’ propensity
than extrinsic benefits (material rewards and reputation)
to use these exchange channels for sharing experiences and
in determining knowledge sharing behaviour at the
knowledge (Chang & Chuang, 2011). Self-determination
private-level, while extrinsic rewards play an import role
theory clarifies how participants voluntarily participate
at the public-level. The results signify both the quality
in knowledge exchange by postulating three types of
and the quantity of shared knowledge for group-level
perceived benefits: intrinsic benefits, internalized extrinsic
knowledge sharing are significantly higher than the
benefits and external regulations (Deci & Ryan, 2002).
quality and the quantity of shared knowledge at the private and public levels.
My research explores levels of knowledge exchange visibility as a predictor of knowledge sharing behaviours of
Chang HH, Chuang S-S (2011) Social capital and
organisational project teams. The visibility of knowledge
individual motivations on knowledge sharing:
exchange is the level of participants’ awareness of “who
Participant involvement as a moderator. Information &
knows what and who knows whom” by observing shared knowledge and knowledge relations (Leonardi, 2014).
Management 48 (1), 9-18. Deci EL, Ryan R (2002) Overview of self-determination
ESM promotes knowledge sharing by developing private,
theory: An organismic dialectical perspective. In: Deci EL,
group (semi-transparent) and public (transparent)
Ryan R (eds) Handbook of self-determination research.
environments for participation. Private-level knowledge sharing has been developed to exchange knowledge
The University pf Rochester Press, NY, USA, pp 3-33. Leonardi PM (2014) Social media, knowledge sharing, and
between two participants: a knowledge sender and a
innovation: Toward a theory of communication visibility.
knowledge recipient. Group-level knowledge sharing has
Information Systems Research 25 (4), 796-816.
been designed for few-to-few communications between a group of participants. Public-level knowledge sharing supports many-to-many communications between all members within an organisation.
Martinez MG (2015) Solver engagement in knowledge sharing in crowdsourcing communities: Exploring the link to creativity. Research Policy 44 (8), 1419-1430. Sedighi M, Splunter Sv, Brazier F, Beers Cv, Lukosch S (2016) Exploration of multi-layered knowledge sharing
A research framework of the perceived benefits of
participation: the roles of perceived benefits and costs.
knowledge sharing, including external regulations
Journal of Knowledge Management 20 (6), 1247-1267.
(material rewards and reputation), internalized extrinsic benefits (reciprocity), intrinsic benefits (knowledge self-efficacy and altruism), was designed to explore the influence of these factors on the quantity and the quality of knowledge shared by participants for each visibility level of knowledge exchange. The research model was tested empirically by conducting a questionnaire survey of 205 ESN team members in a high-tech corporate group.
Auteur Mohammad Sedighi,
researcher Knowledge Management System at TU Delft, has written a thesis entitled: “Fostering Engagement in Knowledge Sharing: The Role of Perceived Benefits, Costs and Visibility”.
My study uses the partial least squares path-modelling Projectie 3-2017
7
GOED GEÏNFORMEERD DE JUISTE KEUZE MAKEN VOOR SAMENWERKING
Adaptive Subcontractor Management In veel grote engineeringsprojecten worden steeds meer werkzaamheden uitbesteed aan contractors die daarin gespecialiseerd zijn en deze vaak ook nog tegen lage kosten kunnen aanbieden. “Outsourcing heeft z’n voordelen als marktpartijen het werk beter en goedkoper kunnen, maar brengt ook nieuwe uitdagingen met zich in de relatie en samenwerking tussen main- en subcontractor”, stelt Ruud Brockhus vast. “Gegeven de trend dat main contractors steeds meer gebruik maken van subcontractors, rijst de vraag wat de invloed is van deze strategische beslissing op project performance, en of deze invloed stuurbaar is. ‘Subcontractor Management’ is het onderwerp van de casestudy die Brockhus in 2014/2015 – in het kader van zijn masterstudie aan de TU-Delft – bij de luxe jachtbouwer Oceanco verrichtte. Dat leverde een conceptueel model op voor de samenwerking tussen main- en subcontractor, waarbij expliciet aandacht besteed wordt aan de context van het subproject en de subcontractor. De vertaling daarvan in een procesontwerp houdt rekening met de invloed die de relatie en onderhandelingen tussen sub- en maincontractor hebben op de prestaties en resultaten van het project. Dat bedrijven werkzaamheden en
ze zelf de kennis en de kunde die nodig zijn
diensten uitbesteden aan aannemers
voor het project niet meer in huis hebben.
en toeleveranciers is niet nieuw. In
Om de controle te behouden, zoeken ze in
de jaren negentig ontwikkelde deze
veel gevallen hun toevlucht in decentralisatie
‘outsourcing’ zich in Nederland tot een
van de projectsturing en het opdelen van
trend, met name in industriële productie
werkzaamheden. Hier ligt volgens mij een
en projecten. Onder het motto ‘back
belangrijke uitdaging voor de maincontractor
to the core business’ besloten grote
om de manier waarop hij de subcontractors
bedrijven zich in hun werkzaamheden
aanstuurt, te optimaliseren”, aldus Brockhus.
te beperken tot hun kerntaken. Voor de uitvoering van niet-kerntaken werden
De werkrelatie tussen main- en subcontractor
aannemers (contractors) ingehuurd, die
is traditioneel een formele, hiërarchische en
vaak goedkoper waren en zich in deze
transactionele – beide partijen stellen hun
werkzaamheden gingen specialiseren. Ook het managen van
eigenbelang voorop. Voor de subcontractor is de speelruimte
niet-kerntaken werd in veel gevallen uitbesteed, waarbij een
om te onderhandelen klein: De kosten zijn doorslaggevend
maincontractor als gedelegeerd opdrachtgever samenwerkt
en degene met het laagste bod wint vaak het contract. Het
met subcontractors en daaraan ook leiding geeft.
indienen van claims is dan één van de weinige mogelijkheden voor subcontractors om verliezen op de inschrijving te
8
Complexiteit
compenseren. Zo’n verstandhouding op basis van macht,
“Deze ontwikkeling heeft bijgedragen aan de groeiende
regels en contracten blijkt dus niet de ideale relatie op te
complexiteit van projecten”, onderstreept Brockhus.
leveren voor bij het succesvol realiseren van een gezamenlijk
“Projecten waarin steeds meer wordt uitbesteed, waarvan de
doel. “In de grote engineeringsprojecten wordt daarom
omvang steeds groter wordt en waarin steeds meer moderne
steeds vaker ingezet op langlopende samenwerking die
technieken worden toegepast, waardoor de grenzen van de
gemeenschappelijke voordelen oplevert. En daarvoor zijn
opdrachtgevende organisatie gaan schuiven. Maincontractors
andere managementbenaderingen nodig, met andere
worden steeds afhankelijker van hun subcontractors omdat
selectiecriteria”.
Projectie 3-2017
interview
Casestudy
Keuze maken
Een voorbeeld van een bedrijf dat veel ervaring heeft met
Brockhus stelt vast dat er – net zoals
het uitbesteden van werkzaamheden is Oceanco. In 2005
voor projectmanagement – ook voor
besloot deze Nederlandse scheepswerf voor luxe jachten
subcontractormanagement geen plug-and-play-oplossing
zelfs om bijna al haar productieactiviteiten te outsourcen.
bestaat en dat hij dus ook niet op zoek is naar ‘de beste
Een strategisch besluit waardoor het bedrijf voor het succes
methode’. “Ik heb in zowel de wetenschappelijke
van haar projecten in grote mate afhankelijk werd van haar
vakliteratuur als in de praktijkcase bestudeerd hoe
subcontractors en hun expertise. In de casestudy die Brockhus
maincontractors met hun subcontractors omgaan”, licht
daar in het kader van zijn masteropleiding uitvoerde, was
hij toe. “En dat is in elk project dus weer anders, want het
hij vooral geïnteresseerd in hoe subprojectkarakteristieken
gaat immers om verschillende soorten (sub)projecten
van invloed zijn op de manier waarop maincontractors hun
en verschillende subcontractors. Dat neemt echter niet
subcontractors managen.
weg dat voor elk project generieke fasen onderscheiden
De informatie die hij daar verzamelde op basis van rapporten,
kunnen worden, waardoor het met elkaar vergelijken van
publicaties en interviews is gebruikt voor de ontwikkeling van
verschillende (sub)projecten toch mogelijk is.”
een conceptueel model voor subcontractormanagement. Een procesontwerp waarmee maincontractors naar zijn mening
In het geval van Oceanco wordt gewerkt met subcontractors
beter onderbouwde besluiten kunnen nemen voor de juiste
die volgens Brockhus niet gebonden zijn aan projectgrenzen
managementbenadering van hun subcontractors (zie figuur
en op verschillende niveaus geïntegreerd zijn binnen
1). “We hebben interviews gehad met projectmanagers
de organisatie. Subcontractors die bij het bedrijf vaak
van bedrijven als ASML, Philips, RHDHV, Royal IHC en OVG”,
aan meerdere (soorten) projecten tegelijk werken,
somt Brockhus op. “Zeer divers dus. Niet alleen de maritieme
waardoor langdurige relaties opgebouwd kunnen
industrie, maar juist ook andere bedrijven die voor dezelfde
worden met een maincontractor. “Het ligt voor de hand
uitdagingen staan qua subcontractormanagement.”
dat deze relatie of gezamenlijke geschiedenis invloed
“Dit nieuwe procesontwerp is grotendeels gericht op
zal hebben op de keuzen die het projectmanagement
wederzijdse samenwerking en biedt de subcontractors
en de inkoopafdeling maken met betrekking tot de
de ruimte om zich te specialiseren in hun kernactiviteiten.
subcontractormanagementbenadering”, aldus Brockhus.
Daarbij hoort ook het inroepen van externe expertise,
“Dat geldt ook voor de onderhandelingen bij de opbouw
afhankelijk van het type subproject”, aldus Brockhus.
van het project: hoe wordt de subcontractor beoordeeld en
“Onderlinge afhankelijkheden en partnerschapsrelaties
beloond en hoe worden risico’s en scope changes van het
zijn hier de drijfveren tot samenwerking.” De casestudy bij
project gemanaged? De keuze die hier gemaakt wordt, is van
Oceanco verschafte Brockhus dus vooral inzicht in hoe het
invloed op de projectprestaties.”
subcontractormanagement in de praktijk presteert binnen deze organisatie. Maar ook partnerschapsrelaties kennen hun haken en ogen, zoals een té amicale sfeer met het gevaar van informeel en onprofessioneel gedrag en het vergoelijken van fouten en vergissingen.”
Procesontwerp Subcontractormanagement is dus geen generiek managementtool, maar een proces binnen de organisatie, dat vorm krijgt door de interacties tussen relaties, onderhandelingen en (project)prestaties. De projectprestatie kan via feedback eveneens invloed hebben op de relatie tussen main- en subcontractor”, vat Brockhus samen. “Op welke benadering in de praktijk uiteindelijk de keuze valt, wordt mede bepaald door de context van het subproject en de subcontractor. Het helpt de maincontractor om een goed geïnformeerde en onderbouwde keuze te maken voor de managementbenadering die in de gegeven situatie het beste past. Adaptief dus.” Nu nog blijkt subcontractormanagement in belangrijke mate gebaseerd te zijn op een goed gevoel en gezond verstand. Een schematische weergave van dit vernieuwde model voor subcontractormanagement vindt u in figuur 1.
<
Figuur 1: Model of subcontractor management.
Projectie 3-2017
9
Goede relatie Nadere beschouwing van subcontractormanagement
samenwerken? Hoe weet je als maincontractor wat je van jouw
onderstreept de in de vakliteratuur reeds voorspelde
subcontractors kan en mag verlangen?”
verschuiving van de traditionele concurrentiebenadering naar managementbenaderingen als partnering, alliancing
Verder onderzoek
en integrated project delivery. “Nieuwe benaderingen
Het procesontwerp voor subcontractormanagement werd
die – afhankelijk van het type project en de beschikbare
goed ontvangen door de directie van Oceanco, evenals
subcontractors in de markt – meer aandacht besteden aan het
de canvas die vervolgens op basis van feedback vanuit
belang van een goede relatie tussen main- en subcontractor,
het bedrijf tot stand kwam. Ze waren tevreden over de
welke stevig gefundeerd is op kenmerken als ‘vroege
compleetheid en uitgebreidheid van het procesontwerp,
bemoeienissen van sleutelpartijen’, ‘transparante financiën’,
maar misten de begeleiding bij het maken van keuzen in
‘delen van risico en beloning’, ‘gezamenlijke besluitvorming’
het proces. Het model toont volgens Brockhus aan dat
en ‘een gezamenlijke multi party overeenkomst’.
er meerdere wegen zijn om subcontractors succesvol te managen. “Hoe een project gestuurd wordt, hangt immers af van de inhoud van het project en de context waarin
passende aanpak van subcontractormanagement vereist
dat project gerealiseerd moet worden”, zegt hij. “Het
nog nadere invulling”, stelt Brockhus vast. “In de specifieke
procesontwerp biedt daarvoor de benodigde flexibiliteit.
projectpraktijk moeten nog antwoorden gevonden worden op
Er is dus niet slechts één ideale aanpak voor het probleem.
vragen als: ‘wat vormt een relatie, welke indicatoren kunnen
Maincontractors moeten de ruimte krijgen om zelf goed
een positieve of negatieve invloed hebben op de relatie tussen
onderbouwde besluiten te nemen, vooral waar het gaat
maincontractor en subcontractor, welke elementen bepalen
om grote complexe projecten met meerdere subprojecten
het proces van onderhandelen, wat betekent projectprestatie
waarvoor specifieke (sub)contractors nodig zijn.” Brockhus
en wat verstaan we onder een project?’ Iedereen wil in
onderkent dat het geen overbodige luxe is om in het
zijn project goed samenwerken. Maar hoe kan je het beste
procesontwerp meer sturingsmogelijkheden in te bouwen.
>
“Dit procesontwerp voor een meer gestructureerde en
Projectprofessionals in Nederland bereiken? Maak gebruik van de IPMA media kanalen • Vakblad Projectie • Digitale nieuwsbrief • IPMA website • Social Media INFO: Romeo Delta MultiMedia BV 10
Projectie 3-2017
• 7130 AC LICHTENVOORDE • Telefoon 0544 - 35 22 35 • www.romeodelta.nl
PROJECTIFICERING
Lancering Landelijke Campagne ‘Projectification of Society’ Een samenleving die continue in verandering is vergt veel van organisatie, mens en proces. Binnen de Landelijke Campagne ‘Projectification of Society’, uitgekomen in het Financieele Dagblad en op www.overondernemen.com, worden experts geïnterviewd en gaan ze met elkaar in discussie over de trends en ontwikkelingen binnen projectmanagement. Fred Bons, voorzitter IPMA NL, leidt de campagne in. Door
met hun oude werkwijze en denken dat het hun tijd wel zal
ontwikkelingen zoals de digitalisering van de samenleving
duren, maar daarmee plaatsen zij zich buitenspel. Zodra het
moeten organisaties zich sneller aanpassen, waardoor
gaat om complexe processen met diverse stakeholders, heb
er steeds meer projectmatig wordt gewerkt. “Het
je meer aan een transitiemanager.
managen van veranderingen wordt een kerncompetentie, onmisbaarder dan ooit”, zegt Bons. “Traditionele,
Helma Born (Directeur Procap, Voorzitter
hiërarchisch geleide bedrijven hebben moeite om het
Bouwregienetwerk), Harry Sterk (Directeur PPS Netwerk
hoofd boven water te houden. Je ziet steeds meer micro-
Nederland) en dr. Maurits Sanders (kerndocent Publiek-
initiatieven, waarbij mensen zelf het heft in handen nemen.
Private Samenwerking) gaan in op langdurige partnerships
Om deze processen te faciliteren, hebben we een andere
binnen projectmanagement. Naast sectoren als de
vorm van sturing nodig.”
infrastructuur en huisvesting wordt er binnen andere sectoren als de zorg, veiligheid en bij verduurzaming
In een ronde tafel gaan Cees Pijs (Manager WeY Strategie
namelijk ook steeds vaker gebruikt gemaakt van publiek
Realisatie), Helen Bull (Head of Project Management
private samenwerkingen. De complexiteit wordt groter
Practice; Royal Philips), Jan Erasmus (Director Large Projects;
door de duur, de hoeveelheid van partijen en een kritisch
Tebodin), Eric Loman (Head of Project Management;
burger: De hamvraag is dan hoe werk je op een dusdanige
T-Systems) in op de 7 succesfactoren van de toekomstige
manier samen, zodat je een project tot een succes maakt?
projectmanager. De moderne projectmanager ondersteunt
Binnen dit artikel wordt ingegaan op de andere mindset van
organisaties in het behalen van hun operationele, tactische
opdrachtgever(s) en opdrachtnemer(s) die nodig is bij een
en strategische doelen. Welke vaardigheden en skills vergt
samenwerking met verschillende partijen over inhoudelijk
dit van de projectmanager die mee verandert en vooruit
complexe projecten anno 2017. Vertrouwen is hierbij een
kijkt? Naast de soft skills, het spreken van dezelfde taal,
kernwoord.
komt er nog veel meer aan bod. “Vroeger maakte je als bedrijf omzet door een product op de markt te zetten en die markt te verleiden om jouw product te kopen. Nu kijk
Meer artikelen lezen over de toekomst van
je naar wat de markt nodig heeft en pas je producten en
projectmanagement?
diensten en zelfs de organisatie daar op aan.”
Kijk dan op: www.overondernemen.com/projectmanagement
Professor Jan Rotmans pleit voor een rol van de projectmanager die meekantelt met de samenleving: Volgens Jan Rotmans bevindt Nederland zich in een overgangsfase. Oude structuren en instituties brokkelen af, daarvoor komen horizontale verbanden in de plaats. Neem bijvoorbeeld de energiesector waar je de macht ziet verschuiven van grote energiebedrijven naar lokale verenigingen en coöperaties. Projectmanagers doen er goed aan in te spelen op dit soort veranderingen, meent Rotmans. Ze kunnen nog jaren voort Projectie 3-2017
11
Al meer dan 15 jaar uw betrouwbare partner voor Projectmanagement onderwijs!
Projectleiderschap bij de HAN: ontwikkel je resultaat- en relatiegericht leiderschap! De Hogeschool van Arnhem en Nijmegen biedt al ruim vijftien jaar opleidingen op het gebied van projectmanagement aan. Vanaf het begin is er evenwichtig aandacht voor het vak, de mens en de omgeving.
Je verwerft internationaal erkende certificaten voor Prince2, Agile/SCRUM en IPMA. Je maakt een organisatie-analyse, een business case, een projectplan, een veranderplan en je verdedigt in het bijzijn van je opdrachtgever en projectteamleden je eindreflectie.
Post HBO-opleiding ‘leiderschap in projecten’
Een unieke opleiding waarin jij centraal staat en waarin je samen met je groepsgenoten, ondersteund door een uitgebalanceerd team van professionele trainers, het vak projectmanagement kan laten leven!
In deze unieke éénjarig opleiding komt werkelijk alles samen wat je nodig hebt om projecten succesvol te leiden! Tijdens de colleges staan jij en jouw project centraal: alle kennis die je opdoet, kun je meteen toepassen in de dagelijkse praktijk.
Werkwijzen & resultaat We werken met kleine groepen zodat jij en je project ook echt de aandacht kunnen krijgen die je verdient. Eén avond per week volg je colleges, en vier weekenden ga je met je groep op stap om te werken aan je persoonlijk leiderschap.
Omdat we maatwerk willen leveren en met kleine groepen werken, is er slechts een beperkt aantal plaatsen beschikbaar. Schrijf je dus snel in! INTERESSE? Heb je interesse in deze opleiding? Voel je vrij om contact op te nemen met Petra van Halteren (06-53772832 of petra.vanhalteren@han.nl).
Naast deze unieke post HBO opleiding bieden we ook in deeltijd aan: De IPMA D/C theorie- en vaardigheidstraining Prince2 Foundation & Practitioner Agile/SCRUM Projectmanagement ondersteuning Leiding geven aan projectteams Meer informatie over deze deeltijdopleidingen is te vinden op www.han.nl 12
Projectie 3-2017
Research
De research pages worden gecoördineerd door Steven Nijhuis, projectleider, projectmanager en onderzoeker aan de Hogeschool Utrecht, steven.nijhuis@hu.nl
Trust in Dutch Public OwnerContractor Collaborations The ‘problem definition’ for the study is that we don’t know
Abstract About 15 years ago a widespread use of cartels and structural bid rigging within the Dutch construction industry was discovered (Doree, 2004). This led to continuously more juridification of bidding procedures and
how such choices or characteristics correlate with Trust and thus the main question is: ‘What is the relation between Project Characteristics and Trust?’ in the domain of Dutch publicly procured Transportation infrastructure projects.
contracts (Korthals Altes & Tasan-Kok, 2010). Now, after 5
years of alienation, both contractors and owners in the
1 Literature
Dutch transportation infrastructure sector plead for less
The first step in the study was to explore the existing
juridification, more collaboration and renewal of mutual
literature on the topic to assess possible characteristics and
trust (Koenen, 2015). Examples can be found in initiatives
formulate hypotheses.
like the new ‘Marktvisie’ (https://marktvisie.nu/) and the project ‘DOEN’ by Rijkswaterstaat. The importance of inter-
Zaghloul & Harman (2003) found correlations of the
organisational trust in projects is proven in studies: Chan,
characteristics ‘Contract type’ and a variety of ‘Disclaimer
Chan, Fan, Lam, & Yeung (2006) found that trust amongst
Clauses’ with the additional cost that contractors calculate
project participants is a top-3 critical success factor.
for risk-coverage and the level of trust in projects. De Koning
Pinto, Slevin, & English (2009) found trust to be critical on
(2013) successfully linked ‘project duration’ and ‘SP-factor
relationships and project success.
(extent to which tasks are scheduled serial of parallel)’ with the Project Performance-indicator ‘Cost Performance Index’.
Van Deurzen (2015) states that the tone for collaborations is set even before a contractor is contracted, for instance
A correlation between Trust and effectiveness of project
by the choice for the contract form. Studies did successfully
risk management on Dutch E&C projects is found by
link such characteristics of projects to Project Performance
Robert (2015). Cantarelli, Flybjerg, Molin, & van Wee
(e.g. Molenaar & Songer, 1998; Ling, Chan, Chang & Ee,
(2010) appointed the Principle Agent Theory (PAT) as
2004). Suprapto, Bakker, Mooi, & Hertogh (2016) examined
a recommended basic theory to understand project
the influence of contract types to Project Performance and
management. Ceric (2015) supports this and explains
found no direct link, but were able to establish a significant
that with increasing number of involved parties, the
indirect link through the relational attitudes. An essential
number of contracts grows linear and the number of non-
element of this relational attitude is inter-organizational
contractual relationships grows based on a power equation.
trust.
Therefore, what she calls ‘the non-contractual gap’ grows when more parties get involved with the project. The
This proven indirect link between a pre-award existing
capability to ‘follow movements of the others’ decreases
characteristic and trust may indicate that other
with the number of parties involved and thus the need for
characteristics of the project also correlate with inter-
trust increases conform the definition of Mayer, Davis &
organisational trust in the collaboration and thus with
Schoorman (1995).
project performance. Insight into correlations of a wider Suprapto et al. (2016) related ‘contract type’ to Project
sector on to how to renew the mutual trust. This study
Performance via Relational Attitudes. They examined three
examined the correlation between characteristics of a
contract types; ‘partnering/ alliance-, ‘reimbursable-’ and
project and inter-organisational trust between owners and
‘lump-sum contracts’ and found that ‘partnering/ alliance-’
contractors and also set out to address current mechanisms
is likely to be more collaborative than the others. Decades
counteracting its development.
ago, Larson (1995) found similar results; the ‘contract type’ Projectie 3-2017
<
variation of characteristics could provide guidance to the
13
partnered- scored better than traditional projects on the
owners and contractors) spreading an invitation through
Project Performance items ‘controlling costs’, ‘technical
e-mail, reaching n=310 people. The link was also published
performance’ and ‘client satisfaction’.
on the website and in a newsletter of Bouwend Nederland and spread on LinkedIn.
In van Deurzen’s (2015) opinion, the current use of MEATcriterion leads to more adversial relationships. Based on 19
The data is collected amongst project team members
semi-structured interviews Lenferink et al. (2013) support
(public owners and contractors) with experience on Dutch
that, because the current utilization leads to the wrong
publicly procured transportation infrastructure projects
incentives. No further analysis is performed.
in the build-phase. The population on the contractors side is N=7.100 (Hardeman et al., 2012), the owners side
Pinto et al. (2009) found a positive correlation between
is assumed equal, so the maximum population size is
Trust and project outcomes. Ling et al. (2004) found
N=14.200. The data is collected between July 4th and 22th,
that the characteristics ‘Contractor Experience’, ‘Past
with a total response of n=297. Of the response n=204 was
performance’ and ‘Project management methodology’
complete and n=187 valid (63%). Based on a confidence
affected Project Performance the strongest. Verweij, van
level of 95% and a 50% spreading amongst the population,
Meerkerk, & Korthagen (2015) linked ‘project size’ to
the confidence interval is 7.12%.
Project Performance on budget exceedance. Lenferink, Tillema, & Arts (2013) found that if price determines the
2.3 Data analysis
contract award whilst contractors place their bids in a
The quantitative data is processed with SPSS. After
competitive market this causes contract-partners to be
validation of the data the frequencies were checked, a
opponents instead of collaborators. This is supported by
factor analysis (EFA) and reliability check (Cronbach’s
Kadefors (2004); contracts and procurement practices
alpha) was performed and correlations were calculated
counteract trustworthy behaviour and the establishment
(Spearman’s Rho, Mann-Whitney and Kruskal-Wallis).
of a co-operative relationship. Chan et al. (2006) also
The collected qualitative data is transformed to n=356
found commercial pressure as one of the top-3 causes
statement cards, which were threaded as singular
compromising the partnering attitude.
fragments (Bryman & Bell, 2015) and sorted and coded manually into concepts and categories.
2 Methodology 2.1 Research- and questionnaire design
3 Findings
This study tests hypotheses on the correlation between
Findings on quantitative and qualitative data showed
Project Characteristics and Trust with a main question
similar patterns and are combined to deepen the analysis.
“explaining causes and consequences of a phenomenon”
Categories ‘Culture’ and ‘Behaviour’ are found as foundation
(Bryman & Bell, 2015). Thus a deductive research approach
for the concepts in other categories. This metaphor led to the
and embedded design, with cross-sectional data collection
presentation of the findings as a ‘House of Trust’, see Figure
is applied. The study is based on a ‘body of knowledge’ of
5 3. The pillars ‘Organisation’ and ‘Contract’ are placed on
quantitative and qualitative data from a questionnaire survey.
the foundation, bearing a ‘roof’ of Trust. Support for the model is found in this study and further substantiation from
The bulk of the questionnaire is based on existing
exiting literature. This is symbolically drawn in the model
questionnaires on Project Characteristics (Molenaar &
as buttresses of ‘bricks’ representing both support from
Songer, 1998) and inter-organisational trust in projects
literature on the outside and supporting mechanisms and
(Pinto et al., 2009). These were combined, translated into
characteristics from this study on the inside.
Dutch and tailored to the Dutch context. Also six optional open questions were added so respondents could give
3.1.1 Culture & Behaviour
more insight into Underlying Mechanisms influencing Inter-
As noticed in the previous section, the sector-wide ‘Culture’
organisational Trust.
is presented as a base for the other categories. The ‘Culture’ is expressed by ‘Behaviour’ of organisations and individuals,
14
2.2 Data collection
defining it as part of the foundation too. In general these
The questionnaire survey was only online available. The
findings support Lenferink et al. (2013) in their conclusion
main data collection involved 14 organisations (public
that both contractors and owners still follow traditional
Projectie 3-2017
Research
Figure 5 3 – House of trust with buttresses from existing knowledge and findings
paths of top-down hierarchically controlled processes. This
3.1.2 Contract
applies to both clients and contractors (van Marrewijk,
Important concepts in the category ‘Contract’ are other
Veenswijk, & Stewart, 2014).
(financial) interests and interests of ‘Third parties’ like consultancies and end-users. Another important concept
An example is the phenomenon ‘Optimistic Bidding
is ‘Allowance’ or ‘Better Money for Value’, which can be
Behaviour’ (OBB) as described by Mohamed et al. (2011).
reached by more awarding on quality rather than price,
They designed a decision model for ‘justified’ lowering
but moreover by better awarding on quality. Another
of bids under competition, predicting possible ‘claim
suggestion is to use more flexible (integrated) contracts, or
recovery’. This deliberately cutting profit (even to negative
even ‘Alliance’-contracts.
values) is thus justified by ‘optimism’ of recovery after the contract award. Other studies found no proof for OBB by
The ‘better awarding on quality’ is for instance seen through
Dutch contractors (e.g. Cantarelli et al., 2012; Verweij et al.,
the characteristic ‘MEAT-criterion’. MEAT stands for Most
2015). Proof might be found in this study by the frequencies
Economically Advantageous Tender, in which multiple
of Characteristic ‘Contract value vs Cost’, see Figure 5
award criteria are used in the procurement, enabling the
2. It shows that 67.7% of the projects of respondents in
purchaser to compare relative advantages (Uttam & Le Lann
this study had a contract value below the Contractor’s
Roos, 2015).
calculated cost price. In this study the correlation with Trust is tested on the The expected negative correlation of OBB and Trust
applicability of 21 frequently used MEAT-criterion. Of these
is however not supported by this study. Although the
21 criterion five correlated with Trust. Figure 4 1 shows the
correlation is very weak (thus at best questionable), it is
frequencies of the criterion in the respondents’ projects,
negative; indicating that projects with better margins have
which align with findings of Dreschler (2009) and Hardeman
lower Trust levels. A possible explanation might be that
(2013). Three criterion correlated positively (marked in
contractors assign their best personnel to the more complex
yellow), meaning that projects where that criterion was
and risky projects (Verweij & Gerrits, 2015). This topic is
used had a higher level of Trust. The other two criterion
recommended for further research.
correlate negative (marked in black), thus projects where they were applied had lower levels of Trust. Remarkable is that one of the negatively correlated criterion is the frequently used ‘plan of approach’. Respondents also addressed to such plans as cause for disputes and thus underpin the findings on this characteristic. To be able to appreciate surprising approaches of contractors, such plans should not be evaluated on pre-specified scales (Waara & Bröchner, 2006) and are thus ‘most likely evaluated based on relative merits’. Nevertheless owners try to evaluate different bids as objectively as possible, since that is easier to defend (Volker, Lauche, & Heintz, 2008). The effectiveness of that effort relies strongly on the competences and knowledge of the purchasers (Varnäs, Balfors, & Faith-
<
Figure 5 2 - Frequencies C24 – ‘Contract value vs. Calculated Cost price’
Projectie 1-2017 3-2017
15
Ell, 2009). This makes it subjective again and shows the
overruns’. Cantarelli et al. (2010) confirm that and found
difficulty of such evaluation. This Underlying Mechanism
‘decision-making processes involving many actors with
is also found by van Deurzen (2015); it causes disputes in
different interests acting strategically’.
the build- phase when the contractor does not comply with those promises due to a lack of money. Together with the
Chan et al. (2006) state that the public sector is less
negative correlation found in this study this might suggest
flexible in nature due to more stringent procedures to
that this criterion should be used with more care.
follow whenever variations occur. This is also indicated by respondents, arguing that ‘all decisions need to be 100% demonstrable since it concerns public money’. A solution proposed by respondents is to lay mandates as deep in the organisation as possible. This requires a team with sufficient project knowledge (Kadefors, 2004) and an esteblished no blame culture (Suprapto et al., 2015). 4
Discussion
The study is performed in the context of an education at a University of Applied Sciences. The education and thus this study is performed in combination with a full time job and a household. This combination caused multiple scheduling-issues, indicating that time has been a Figure 4 1 – Frequencies of the used MEAT-Criterion in the Sample
mayor constraint. Also, although supported by the employer of the author, the accessible funds were
3.1.3
Organisation
limited.
The Pillar ‘Organisation’ holds two main focus areas linked to ‘the right man for the job’. The first area involves
No complete overview of the defined population was
decision power with internal dependencies, staffing issues
available. As consequence the used population size is
on the availability of qualified staff and attachment hired
based on a lot of assumptions. Another consequence was
staff in general. The second explicitly addresses levels
that it was not possible to draw a random sample from
of knowledge and experience on contract type and the
the population. The convenience sampling that was used
technical-/ practical matter.
instead co-resulted in skewness of the sample regarding the defined population. There is underrepresentation
16
This category is supported by positive correlations of the
in response of small contractors, the owners-side of
extent of staffing adequacy by agents (project team of the
the National Government and Municipalities in general.
owner) and owners (parent-organisation). Respondents
Although corrections for the skewness were made
indicated several mechanisms related to slowness of
by applying correction weights on the responses for
decision making or even bureaucratic indecision to
further analysis this is just a patch-up. Since no strong
counteract trust. These bureaucratic processes causing
correlations are found (moderate at best) and with all
inter-organisational disputes were also found by Plotch
previous mentioned assumptions and patch-ups, the
(2015). ‘Indecision’ was also described over twentyfive
advice is to be very careful with the interpretation of
years ago by Morris (1990) as an ‘important factor in the
the found correlations. Projection of the findings on the
public sector that largely accounts for delays and cost
population should be done with great caution.
Projectie 3-2017
Research
6 Recommendations A goal of this study was to come up with guidance for the practice to enhance inter-organisational trust in projects between public owners and contractors. The two pillars related to Inter-organisational Trust (‘Organisation’ and Figure 5 6 – House of trust with a heart
The ‘researcher bias’ is certainly a risk, as the topics of this study is also born from personal concerns. In the context of this bias, it should be noted that the perspective of the author is professionally nurtured within contractororganisations. These biases can occur in every phase of this study, but can do most harm in the design of the questionnaire, the convenience sampling and the analysis of the qualitative data. To reduce these effects, stages of this study are based on existing literature as much as possible, also findings are substantiated or discussed based on existing literature.
‘Contract’) are also the main source for recommendations to the daily practice. The first recommendation is to enhance ‘involvement’; For contractors this means better involvement of the agent (and the owner): be transparent, be honest on your (financial) interests and difficulties and act trustworthy. This implies for agents and owners that such behaviour should be rewarded. Agents are recommended to enhance the involvement of ‘end-users’ (e.g. sponsors or maintenance) in the (design) decisions of the project. Eventually this is a task for both the agents and the contractors (Verweij, 2015). Better involvement will amongst other increase focus on the client, create common goals and enforce decision power (reducing time- and cost overruns).
5 Conclusions
The second recommendation from the pillar ‘Organisation’ is
The relation between Project Characteristics and Trust
addressed to agents and owners: make sure that the teams are
is graphically presented as a ‘House of Trust’ in Figure 5
adequately staffed. This means assigning enough people with
6. The ‘roof’ of Inter-organisational (Owner-Contractor)
sufficient knowledge on both contract type and the content of
Trust symbolically rests on two pillars; ‘Organisation’ and
the project and equipping them with decision power.
‘Contract’ that are placed on a foundation of sector wide ‘Culture’ and ‘Behaviour’.
The link between ‘Contract’ and ‘Culture & Behaviour’ is for instance seen by ‘Optimistic Bidding Behaviour’,
The two pillars are constructed from the most significant
as Contractors deliberately lower their profits in bids
items found relating with Trust. On the pillar ‘Organisation’
in competition. ‘Financial difficulties’ due to such
these are ‘Education & Experience’, ‘Common Goals’,
‘competition’ stand out as important cause for less Trust
‘Involvement’ and ‘Decision Power’. The pillar ‘Contract’
(a.o. Lenferink et al., 2013). Specific recommendations
is constructed from ‘Money for Value’, ‘Method of
for the daily practice from this pillar are therefore primary
Prequalification’, ‘Contract type’ and ‘Use of MEAT-
addressed to public purchasers to ensure better ‘Value
Criterion’. The Culture is found to be a base for expression
for Money’. A first way to establish this is to apply more
of Behaviour of both contractors and owners, influencing
flexible contracts and integration of more project phases.
choices in Organisation and Contracts.
More specifically it is recommended to consider setting up owner-contractor ‘Alliances’. Also it is recommended to limit
Respondents to this study plead for a sector-wide cultural
competition during the bid-phase through exclusiveness
change (see paragraph 5.4). ‘Act Trustworthy’ is added as a
by the method of prequalification (e.g. multiple restricted
symbolic heart to the ‘House of Trust’, as a culture change
invitation rather than public).
is a ‘bottom-up process’ (van Es, 2011). Many respondents indicated that ‘the other party’ should change; instead,
A positive correlation is found between Trust and the extent
and in line with van Es (2011): start the change yourself.
of use of qualitative MEAT-criterion, so their use is certainly
This also represents the ‘human factor’, which is probably
encouraged next to ‘Lowest price’. Public purchasers
the reason for the relatively weak correlations; as Verweij &
are however recommended to be more careful with the
Gerrits (2015) explain that the best personnel is assigned
application of such qualitative MEAT-criterion, especially to
to complex projects and thus projects with less favourable
limit the use of the MEAT-criterion ‘Plan of Approach’ since it
characteristics.
is found to correlate negative with Trust.
< Projectie 3-2017
17
18
References
procurement negotiations for project success. Projectie.
Atkinson, R. (1999). Project management: cost, time and
Igarashi, M., de Boer, L., & Michelsen, O. (2015).
quality, two best guesses and a phenomenon, its time
Investigating the anatomy of supplier selection in green
to accept other success criteria. International Journal of
public procurement. Journal of Cleaner Production 108,
Project Management 17, 337-342.
442-450.
Bryman, A., & Bell, E. (2015). Business Research Methods
International Project Management Association. (2006).
(Fourth edition ed.). Oxford: Oxford University Press.
ICB - IPMA Competence Baseline, Version 3.0. Zaltbommel:
Cantarelli, C. C., Flybjerg, B., Molin, E. J., & van Wee,
Van Haren Publishing.
B. (2010). Cost overruns in Large-Scale Transportation
Kadefors, A. (2004). Trust in project relationships - inside
Infrastructure Projects: Explanations and Their Theoretical
the black box. International Journal of Project Management
Embeddedness. European Journal of Transport and
22, 175-182.
Infrastructure Research 10, 5-18.
Koenen, I. (2015, October 14). Gemeente Nijmegen
Ceric, A. (2015). The nemesis of project management:
breekt met vechtcontracten. Cobouw, p. 1.
the gaping non-contractual gap. Procedia - Social and
Koenen, I. (2015, November 04). Rijkswaterstaat
Behavioral Sciences 119, 931-938.
investeerd in samenwerking met bouwers. Cobouw, p. 1.
Chan, A. P., Chan, D. W., Fan, L. C., Lam, T. P., & Yeung, J.
Koops, L., Coman, L., Bosch-Rekveldt, M., Hertogh,
F. (2006). Partnering for construction excellence - A reality
M., & Bakker, H. (2015). Public perspectives on project
or myth? Building and Environment 41, 1924-1933.
success – influenced by national culture? Procedia - Social
Cookie-Davies, T. (2002). The ‘‘real’’ success factors on
and Behavioral Sciences 194, 115-124.
projects. International Journal of Project Management 20,
Korthals Altes, W. K., & Tasan-Kok, T. (2010). The
185-190.
Impact of European Public Contract Law on Networks of
Covey, S. M. (2006). The Speed of Trust: The One Thing
Governance: A Relational Approach. European Planning
That Changes Everything. New York: Free Press.
Studies 18, 971-988.
de Koning, P. R. (2013). The Stability of EVM at Various
KyuMan, C., TaeHoon, H., & ChangTaek, H. (2009).
Project Characteristics. Utrecht: Utrecht University of
Effect of project characteristics on project performance in
Applied Sciences.
construction projects based on structural equation model.
Doree, A. G. (2004). Collusion in the Dutch construction
Expert Systems with Applications 36, 10461–10470.
industry: An industrial organization perspective . Building
Larson, E. (1995). Project Partnering: Results of Study
research & information 32, 146-156.
of 280 Construction Projects. Journal of Management in
Dreschler, M. (2009). Fair competition - How to apply the
Engineering 11, 30-35.
‘Economically Most Advantageous Tender’ (EMAT) award
Lenferink, S., Tillema, T., & Arts, J. (2013). Public-Private
mechanism in the Dutch construction industry. Delft: Delft
Interaction in Contracting: Governance Strategies in the
University of Technology.
Competitive Dialogue of Dutch Infrastructure Projects.
Economisch Instituut voor de Bouw. (2013). De feiten
Public Administration Vol. 91, No. 4, 928-946.
rond Aanbesteden. Amsterdam: Economisch Instituut voor
Ling, F. Y., Chan, S. L., Chong, E., & Ee, L. P. (2004).
de Bouw.
Predicting Performance of Design-Build and Design-Bid-
Groot, P., Afrian, K., Hardeman, A., & Vrolijk, M. (2012).
Build Projects. Journal of Construction Engineering &
Trends en ontwikkelingen in de wegenbouw tot 2017.
Management, 75-83.
Amsterdam: Economisch Instituut voor de Bouw.
Mayer, R. C., Davis, J. H., & Schoorman, F. D. (1995). An
Hartman, F. T. (2002). The role of trust in project
intergrative model of organizational trust. Academy ol
management. In J. K. Pinto, D. I. Cleland, & D. P. Slevin,
Management Review Vol. 20. No. 3, 709-734.
The frontiers of project management research (pp.
Mohamed, K. A., Khoury, S. S., & Hafez, S. M. (2011).
p225-2235). Newtown Square, PA: Project Management
Contractor’s decision for bid profit reduction within
Institute.
opportunistic bidding behavior of claims recovery.
Hermans, M., & Eisma, P. (2015). Behind the scenes
International Journal of Project Management 29, 93-107.
of public construction clients – collecting data on
Molenaar, K. R., & Songer, A. D. (1998). Model for
commissioning activities and organisational approach.
public sector design-build project selection. Journal of
Procedia Economics and Finance 21, 391 – 398.
Construction Engineering & Management Vol. 124 Issue 6,
Hoezen, M., & Volker, L. (2015). The importance of
467-480.
Projectie 3-2017
5
Research
Morris, S. (1990). Cost and Time Overruns in Public Sector
determination of construction projects by project managers
Projects. Economic and Political Weekly, 154-168.
of the public party. Delft: TU Delft.
Mulder, N. (2013). Value-based project management. Den
van Marrewijk, A., Veenswijk, M., & Stewart, C. (2014).
Haag: SDU Uitgevers bv.
Changing collaborative practices through cultural
Munns, A. K. (1995). Potential influence of trust on the
interventions. Building Research & Information Vol. 42,
successful completion of a project. International Journal of
p330-342.
Project Management Vol. 13, No. 1, 19-24.
Varnäs, A., Balfors, B., & Faith-Ell, C. (2009). Environmental
Palmujoki, A., Parikka-Alhola, K., & Ekroos, A. (2010).
consideration in procurement of construction contracts:
Green Public Procurement: Analysis on the Use of
current practice, problems and opportunities in green
Environmental Criteria in Contracts. RECIEL - Review of
procurement in the Swedish construction industry. Journal
European Community & International Environmental Law,
of Cleaner Production 17, 1214-1222.
250-262.
Verweij, S. (2015). Achieving satisfaction when
Pinto, J. K., Slevin, D. P., & English, B. (2009). Trust in
implementing PPP transportation infrastructure projects: a
projects: An empirical assessment of owner/contractor
qualitative comparative analysis of the A15 highway DBFM
relationships. International Journal of Project Management
project. International Journal of Project Management 33,
27, 638-648.
189-200.
Plotch, M. (2015). What’s Taking So Long? Identifying the
Verweij, S., & Gerrits, L. M. (2015). How Satisfaction
Underlying Causes of Delays in Planning Transportation
Is Achieved in the Implementation Phase of Large
Megaprojects in the United States. Journal of Planning
Transportation Infrastructure Projects: A Qualitative
Literature 30, 282-295.
Comparative Analysis Into the A2 Tunnel Project. Public
Robert, D. (2015). The Effects of Trust on the Effectiveness
Works Management & Policy, 5-28.
of Project Risk Management for Engineering and
Verweij, S., van Meerkerk, I., & Korthagen, I. A. (2015).
Construction Projects. Delft: Delft University of Technology.
Reasons for contract changes in implementing Dutch
Rousseau, D. M., Stikin, B., Burt, R. S., & Camerer, C.
transportation infrastructure projects: An empirical
(1998). Not so different after all: cross-discipline view of
exploration. Transport Policy 37, 195-202.
trust. Academy of Management review 23, 393-404.
Volker, L., Lauche, K., & Heintz, J. L. (2008). Deciding
Smyth, H., Gustafsson, M., & Ganskau, E. (2010). The
about design quality: design perception during a European
value of trust in project business. International Journal of
tendering procedure. In Design Studies, 387-409.
Project Management 28, 117-129.
Waara, F., & Bröchner, J. (2006). Price and Nonprice
Suprapto, M., Bakker, H. L., Mooi, H. G., & Hertogh, M.
Criteria for Contractor Selection. Journal of Construction
J. (2016). How do contract types and incentives matter
Engineering & Management, Vol. 132 Issue 8, p797-804.
to project performance? International Journal of Project
Zaghloul, R., & Hartman, F. (2003). Construction contracts:
Management 34, 1071-1087.
the cost of mistrust. International Journal of Project
Toor, S.-u.-R., & Ogunlana, S. O. (2010). Beyond the ‘iron
Management 21, 419-424.
>
triangle’: Stakeholder perception of key performance indicators (KPIs) for large-scale public sector development projects. International Journal of Project Management 28, 228-236. Utrecht University of Applied Sciences. (2016). Thesis Guide - Master of Project Management (2016). Utrecht: Utrecht University of Applied Sciences. Uttam, K., & Le Lann Roos, C. (2015). Competitive dialogue procedure for sustainable public procurement. Journal of Cleaner Production 86, 403-416. van Deurzen, M. (2015, Januari 30). Met Emvi zijn we te ver doorgeschoten. Cobouw. van Es, R. (2011). Diagnosing Change. (M. F. Hoyink, & R. E. Chesal, Vert.) Deventer: Kluwer. van Loenhout, C. (2013). Public project manager’s
Auteur Mathijs Mombarg
Mathijs Mombarg is employed at Mourik Groot-Ammers B.V., a large family-owned Dutch contractor. Twelve years ago he started his career there as site superintendent and developed himself to project manager in the daily practice. After some years of experience as project manager he recently finished his study in Project Management at the University of Applied Sciences Utrecht (MSc). Both the theory and the practice combine in his thesis on collaboration and trust between the Dutch public government and contractors in the transportation infrastructure sector. Recently Mathijs joined the board of the IPMA Young Crew Netherlands.
perspective on project success: A research into the success Projectie 3-2017
19
LEREN OMGAAN MET INTEGRITEITSRISICO’S IN PROJECTEN
Hoe aandacht voor de onderstroom helpt om moreel koers te houden Arjan van Bommel en Hakan Honders
Er is meer aan de hand…
kunnen komen als er grote belangen op het spel staan.
Begin dit jaar kwam een verontrustend rapport uit over
Denk daarbij aan het mogelijke gezichtsverlies van politici
de besluitvorming rondom de vertrekregeling bij de
of executives, commerciële belangen van leveranciers,
Belastingdienst1. Deze regeling leidde tot een grote
aannemers en uitbesteders en persoonlijke belangen
uitstroom van kennis en talent, waardoor het primaire
van de hoofdrolspelers. Dit krachtenveld werkt in op het
proces van de Belastingdienst direct gevaar liep. Kort daarna
gedrag en beslissingen van mensen. Integriteitrisico’s
kwam het programma Zembla met evenzo verontrustende
nemen toe, evenals de kans dat mensen daadwerkelijk ‘in
signalen over de falende beveiliging bij de afdeling Data &
de fout’ gaan en handelen in strijd met de kernwaarden,
Analytics van de Belastingdienst en belangverstrengeling
gedragscode of integriteitbeleid van de organisatie of hun
tussen de directeur en het betrokken adviesbureau. Hoewel
beroepsstandaarden.
2
dit verschillende zaken lijken is er zeker een verband te ontdekken. In feite werd dit al voorspeld in het rapport, zoals
In dit artikel gaan wij in op de vraag hoe integriteits-
blijkt uit het onderstaande citaat:
schendingen ontstaan en hoe de risico’s hierop verkleind kunnen worden. Waar veelal de reflex is om bij integriteits-
“… de gebeurtenissen rond de Investeringsagenda en de
schendingen méér regels en méér procedures op te stellen,
vertrekregeling niet op zich zelf staan maar een uiting zijn
kiezen wij voor een andere invalshoek: die van aandacht
van een breder probleem dat, bij ongewijzigd beleid, in
voor de ‘onderstroom’ in het project of programma.
de toekomst ook kan uitstralen naar andere taken van de Belastingdienst en van het departement van Financiën. In
Denk daarbij aan onbewuste en onuitgesproken thema’s,
die zin beschouwt de commissie de gang van zaken rond
meningen en gevoelens die leven bij betrokkenen van het
de Investeringsagenda en de vertrekregeling niet als een
project of programma. Het gaat daarbij om vertrouwen,
incident. Er is meer aan de hand.”
macht/invloed, angsten, ego’s en ambities van mensen. Deze onderstroom is altijd aanwezig en hoewel deze geen
Aandacht voor de onderstroom
onderdeel uitmaakt van de formele informatie-uitwisseling
Het belang van risicomanagement in grote projecten
en besluitvorming (de bovenstroom), heeft deze wél
en programma’s is evident. We zijn daarom gewend in
een bepalende invloed op de koers en het succes van het
projecten vooraf risico’s in te schatten op het gebied
project en de mate waarin risico’s adequaat beheerst
van uitvoerbaarheid, financiën, techniek, bestuurlijke
(kunnen) worden. Dit maakt het dus cruciaal om wat in de
complexiteit etc. We kijken dan naar aspecten die het
onderstroom speelt, zoveel mogelijk boven tafel te halen.
uiteindelijke doel in gevaar kunnen brengen en wat eventuele consequenties zijn op het
Aan de hand van een aantal denkkaders geven we inzicht
gebied van bijvoorbeeld tijd, geld, kwaliteit en scope.
in de factoren die de kans op integriteitsproblemen in projecten vergroten of verkleinen.
Van een heel andere orde is het krachtenveld waarin een project/ programmamanager of je medewerkers in terecht 20
Projectie 3-2017
Achtergrond
Integriteit in de context van projecten en programma’s
programmeurs en testers weten, komt vaak niet terecht bij
Wat is jouw eerste associatie met het begrip ‘integriteit’?
de andere belanghebbenden (in het bijzonder de ambtelijke
Alvorens verder te lezen vragen we, nadat je je ogen hebt
top en bestuurders). Door een gebrek aan kennis hebben
gesloten, hier eens 10 seconden over na te denken ….
bestuurders buiten de projectmanagementorganisatie
En? De term ‘integriteit’ roept bij velen eerst en
kwaliteit van een project. Zij zijn daardoor niet in staat om
onrealistische verwachtingen over doorlooptijd, budget en vooral beelden op van corruptie, fraude, diefstal en
voortgang en risico’s goed in te schatten en zo nodig bij te
belangenverstrengeling. Op zich niet verwonderlijk, kijkend
sturen. Zo blijkt uit de hoorzittingen dat de uitvoerders dit
naar de vele berichten die hierover in de media verschijnen
wel weten, maar de beslissers nogal eens voorspiegelen wat
en waarin iemands integriteit ter discussie staat.
zij denken dat dezen willen horen.“
Laten we integriteit hier een positievere lading geven. In de
Het dynamische speelveld waarin ‘het spel’ wordt gespeeld
context van grote projecten en programma’s spreken wij
Morele dilemma’s komen voort uit de complexiteit van ons
liever van integer handelen wanneer je:
werk. We opereren dagelijks in een dynamisch speelveld
• Zorgt voor een duurzame verbinding tussen de belangen
met meerdere belangen en afhankelijkheidsrelaties.
van de verschillende stakeholders, en daarbij • zorgt voor een zorgvuldig en evenwichtig besluitvormingsproces.
Allereerst die tussen de professional en de klant (opdrachtgever), tussen de professional en zijn moederorganisatie (vaak de werkgever of intermediair), maar ook tussen deze organisatie (als opdrachtnemer of
Dat betekent dat
leverancier) en de klant/opdrachtgever.
1. bij het handelen en beslissingen de lange termijn relatie en oplossing voorop staat in plaats van korte termijn ‘gewin’; 2. dat besluiten genomen (kunnen) worden op basis van
Bij professionele dilemma’s is het moeilijk te spreken over maar één van deze partijen zonder ook de andere gelijk te
juiste en tijdige informatie, waarbij inzichten en meningen
noemen. De opdrachtgever die voor te weinig geld te veel
van belanghebbende partijen worden meegenomen –
wil, de accountmanager die de opdracht coûte que coûte
ook al zijn deze niet direct betrokken – en
wil binnenslepen, de professional die te weinig kritisch met
3. er goed zicht is op voor- en nadelen van verschillende
de grillen van de klant meegaat.
handelingsopties. Risicobenadering van integriteit Eerder betoogden we al dat transparantie, ethiek en integriteit integraal onderdeel uitmaken goed
g evin
g
Om
Klant/ Opdrachtgever
projectmanagement3, zoals geborgd in gedragscodes en een internationale competentiestandaard4. Maar ook vanuit het oogpunt van governance en zorg voor en bescherming van medewerkers is terugdringen van integriteitsrisico’s van belang.
Organisatie / werkgever
Project professional
In het eindrapport Parlementair onderzoek naar ICT projecten bij de overheid uit 20145, is de volgende passage te lezen, die deze visie op integer handelen in projecten
Figuur: Het dynamische speelveld rond projecten en programma’s.
onderstreept: Maar belangrijker zijn nog de invloeden van en relaties met de wereld buiten deze driehoek. Het krachtenveld
de maat en zijn opdrachtgevers onvoldoende betrokken.
wordt sterk beïnvloed door de gebruiken, gewoontes,
Bovendien worden de belangen van de eindgebruiker in
ongeschreven regels en de cultuur waarin de opdracht zich
veel projecten helemaal vergeten […] Daarnaast hebben
afspeelt. Het interview met Rob Brouwers over projecten
niet alle medewerkers van een ICT-project dezelfde
doen in het buitenland, laat zien wat dit betekent voor
informatie. Wat uitvoerders van ICT-projecten zoals
projecten in bijvoorbeeld West-Afrika of Vietnam 6. Projectie 3-2017
<
“Zo is het risicomanagement bij de rijksoverheid onder
21
Er spelen ook belangen van partijen die niet direct aan tafel
soms tegen beter weten in, het project over te nemen.
zitten, zoals omwonenden of familieleden van betrokkenen,
Integriteitrisico’s ontstaan als het besluitvormingsproces
benadeelden door vervuiling, de belastingbetaler of het milieu.
tijdens projecten onzorgvuldig en niet evenwichtig
En vanzelfsprekend bepalen de wetten en regels waaraan we
plaatsvindt als gevolg van onjuiste en onvolledige
ons moeten houden de context voor ons handelen.
informatievoorziening. Als bijvoorbeeld kennis over slechte ervaringen met een bepaalde aannemer niet
Het is de cultuur
wordt gedeeld, terwijl dit voor de kwaliteitseisen van het
Een project waarbij in de voortgangsrapportages alle
projectresultaat wel relevant is.
signalen op groen staan of waarbij je van je projectleden te horen krijgt dat alles op schema loopt en zij geen hulp
Deze onjuiste en onvolledige informatievoorziening kan
nodig hebben. Tegelijkertijd blijf je een ‘niet pluis’ gevoel
bewust en onbewust ontstaan en het gevolg zijn van
houden, maar je kunt je vinger nog niet op de juiste plek
individuele en groepsfactoren.
leggen. Herken je dat? Als het mis gaat in projecten, zijn we geneigd té snel te Een citaat uit een recent rapport naar de kwaliteit van zorg
kijken naar (het gebrek aan) individuele competenties,
en de patiëntveiligheid in het UMC Utrecht, waarbij tevens
het persoonlijk functioneren en het individuele morele
onderzoek is gedaan naar de cultuur binnen de afdeling
kompas. We zijn daarmee geneigd om factoren die
Keel-Neus-Oorheelkunde7:
binnen een persoon liggen vervolgens te overschatten. We onderschatten echter (onbewust) de factoren die
“Binnen de afdeling KNO werd gewerkt aan de
buiten een persoon liggen en de invloed die de omgeving
ontwikkeling van een effectief kwaliteitsbeleid […]. De
en de groep heeft (gehad) op het gedrag van individuen
Commissie heeft daarbij overigens de indruk gekregen
en projectresultaten. In de psychologie heet dit de
dat de nadruk lag op het instrumentele aspect van het
‘fundamentele attributiefout’.
kwaliteitsbeleid (structuren, processen en rapportages). Minder aandacht was er voor de bijbehorende cultuur,
Vanuit dit inzicht achten wij het cruciaal dat beslissers,
gericht op het bevorderen van een gevoel van veiligheid en
programma- en projectmanagers zich meer bewust
tegenspraak. Zoals hierboven al toegelicht, werd de cultuur
gaan zijn van de groepsfactoren en situaties die kunnen
op de afdeling KNO als onvoldoende veilig beschouwd.”
bijdragen aan het afbrokkelen van de integriteit in projecten en programma’s.
Hoe vaak zien we niet dat binnen projecten de inrichting van de systemen, documentatie en processen, inclusief
Waarom gaat het goed of mis?
bijbehorende rapportages en overlegstructuren, de
Aan wat voor groeps- en omgevingsfactoren kun je
boventoon voeren en het cultuuraspect wel wordt genoemd,
denken? We horen en lezen vaak over een ‘onveilige
maar niet expliciet wordt meegenomen in de analyse,
cultuur’ waar mensen hard worden ‘afgerekend’ of
aanpak en implementatie? Is er ruimte om slecht nieuws te
dwarsliggers hun carrière wel kunnen vergeten. En wat
brengen? Krijgen ‘tegenliggers’ een kans om hun zegje te
te denken van organisaties waar het halen van targets en
doen of worden deze terzijde geschoven? Is de sociale druk
daarmee samenhangende bonussen of beloningen (of
zodanig dat het team alleen nog maar ‘ja’-knikkers kent?
sancties) er toe leidt dat medewerkers niet meer in het belang van de klant of patiënt handelen?
Aan de beslissers in het managementteam stellen we de vraag: hoe actief ben jij zelf in het creëren van een veilige
Uit de sociale en organisatiepsychologie zijn concrete
cultuur rondom belangrijke veranderingen, projecten en
groepsfactoren of fenomenen bekend die hieraan ten
programma’s binnen je organisatie, waarin anderen slecht
grondslag liggen. De volgende vijf factoren vergroten de kans
nieuws durven brengen en jou durven tegenspreken?
op integriteitskwesties rond jouw project of programma: zie tabel 1 op pagina 23.
Individu versus groep
22
Belangrijk is dat de informatie waarop projecten worden
Herken de signalen
gestuurd juist en volledig is. Aannames, vooraf gevormde
Je bewust zijn dat er verschillende groeps- en omgevingsfacto-
meningen en reeds ingenomen standpunten dreigen,
ren zijn die van invloed zijn op het al dan niet integer handelen
Projectie 3-2017
Achtergrond Tabel 1
Factor
Beschrijving
1.
Ontwikkelingen en informatie tijdens vergaderingen bezien vanuit één juiste aangenomen
Tunnelvisie
hypothese. Oogkleppen op hebben. Geen oog voor argumenten of aanwijzingen die niet in lijn liggen met eigen overtuigingen.
2.
Groep wordt zodanig beïnvloed door groepsprocessen dat de kwaliteit van groepsbesluiten
Groepsdenken
vermindert. Bij besluiten wordt primair gelet op behoud van overeenstemming en eensgezindheid i.p.v. een kritische overweging van feiten. Wij-gevoel is belangrijk, waardoor kritiek van binnen en buiten de groep niet wordt toegelaten.
3.
Groepsleden die zwijgen of hun mening onderdrukken door toedoen van andere, dominante
(In)formele
groepsleden. Ogenschijnlijk lijkt het alsof er consensus bestaat, maar in werkelijkheid is deze er
macht en autoriteit
niet. Onopgeloste meningsverschillen en subgroepen blijven bestaan.
4.
Patroon waarin zaken te rooskleurig worden voorgesteld of waarin sprake is van
Overoptimisme /
zelfgenoegzaamheid. Beperkt zicht op de complexe werkelijkheid. Mogelijke problemen
irreële verwachtingen
bagatelliseren.
5.
Context waarin mensen dicht zitten op veel geld, grote transacties en gevoelige informatie en wor-
Perverse prikkels
den blootgesteld aan mogelijke beïnvloeding door andere partijen. Daar waar kansen voor persoonlijk gewin voorhanden zijn en men werkt in relatieve afzondering. ‘Verleiding in onzichtbaarheid’
tijdens projecten is een eerste stap. De volgende uitdaging is
Leren van en tijdens projecten: voorkomen is beter dan
het herkennen van de signalen, binnen en buiten het project,
genezen!
die kunnen duiden op dit soort risico’s. Hoe? Door sensitiviteit
Hoe nu te leren van projecten en programma’s waar het
te ontwikkelen voor ‘zachte’ verbale en non-verbalen signalen.
niet goed is gegaan? Kunnen we tijdens lopende projecten of programma’s op tijd bijsturen als je één of meerdere
Wees bijvoorbeeld alert op verbale ‘rookgordijnen’
van deze factoren waarneemt? Immers: voorkomen is
die worden opgetrokken tijdens vergaderingen. Vaag
beter dan genezen. Wanneer je als beslisser, programma-
taalgebruik en het afleiden van een gespreksonderwerp
of projectmanager werk maakt van onderstaande zeven
naar niet ter zake doende ‘zijweggetjes’ zijn hier
adviezen, ben je op de goede weg!
voorbeelden van. En ook als je de volgende uitspraken hoort wordt het tijd om eens scherper te gaan letten op de
1. Een goed begin is het halve werk: zorg voor een divers
groepsdynamiek in een programma of project:
samengesteld team en leer elkaars verschillen en sterke
- “We hebben geen andere keuze te besluiten om…”
punten te herkennen, erkennen en te gebruiken. Nodig
(tunnelvisie) - “We hebben geen reden om aan te nemen dat…” (groepsdenken)
eens iemand uit in project-, programma-, klankbord- of stuurgroep wiens deelname niet voor de hand ligt. 2. Organiseer tegenspraak-momenten aan het begin en
- “Zo doen we dit al jaren…” (tunnelvisie/groepsdenken)
tijdens je programma of project. Peter van Lonkhuyzen
- “Deze business case is te mooi om waar te zijn…”
geeft in zijn boek ‘Tegenspraak’ enkele concrete
(overoptimisme) - “Als je hier je kop boven het maaiveld uitsteekt dan…” ((in)formele macht en autoriteit) - “Wat zij op die afdeling doen is één grote black-box…” (verleiding in onzichtbaarheid)
werkvormen om tegenspraak te organiseren, zoals het aanstellen van een advocaat van de duivel met als taak het projectontwerp of de voortgang na te lopen en alle aannames kritisch te challengen en tegen het licht te houden of het per toerbeurt aanstellen van een observator die tijdens vergaderingen bepaalde
Non-verbale signalen die kunnen duiden op deze sociale
onderdelen van de communicatie of het proces in de
processen zijn bijvoorbeeld dat dwarsliggers structureel
gaten houdt 8. 3. Maak bewust tijd voor het versterken van het lerend
een project. Maar let ook eens op hoe collega’s er tijdens
vermogen door het organiseren van intervisie- en
vergaderingen bij zitten (rechtop, alert, de discussie
reflectiemomenten over de onderlinge communicatie,
volgend of juist onderuit gezakt, passief en afwezig) en
de ‘onderstroom’ in het project en samenwerking.
de non-verbale communicatie naar anderen aan tafel (wie
4. Bevorder transparantie: deel ook met anderen buiten
reageert op wie, wie kijkt wie aan?). Hoe wordt omgegaan
het programma of project de ‘lessons learned’ als het
met kritiek en tegengeluiden?
gaat om integriteit. Welke groepsfactoren hebben jullie Projectie 3-2017
<
worden genegeerd of de afwezigheid van diversiteit in
23
Achtergrond
onderkend en hoe hebben jullie hierop geacteerd? Hoe zijn jullie omgegaan met situaties waarin sprake was van druk op of verleiding tot een (on)evenwichtig en (on) zorgvuldig besluitvormingsproces? 5. Geef medewerkers die in risicovolle situaties werken de ruimte om hun verhaal te doen en ondersteun ze bij de keuzen die ze moeten maken. Zorg dat er een (vertrouwens)persoon beschikbaar en vindbaar is om professionele dilemma’s in vertrouwen mee te bespreken. Voorkom (het gevoel van) afzondering en onzichtbaarheid in mogelijk corrumperende situaties. 6. Ontwikkel de ‘morele competentie’ binnen je organisatie of projectteam. Echt waar, het vermogen om morele dilemma’s en integriteitsvraagstukken te herkennen en daar zorgvuldig mee om te gaan is goed aan te leren. 7. Neem gedrag en cultuur op als vast onderdeel van je risicomanagementaanpak en omgevingsanalyse.
‘in welke situatie breng je je medewerkers?’
Ja, maar… schieten we niet te ver door? Een risicobenadering van cultuur en gedrag werpt wellicht de vraag op of we dan maar iedereen moeten wantrouwen en controleren en corrigeren. Het antwoord is nee. Vaak richten beheersmaatregelen zich op wat te doen als het mis is gegaan (correctief). Deze check-andcontrol reflex verzwakt eerder de morele competentie
Door het eerder genoemde krachtenveld en het toenemende belang van integriteit, wordt een steeds groter beroep gedaan op de vakbekwaamheid en deze ‘morele competentie’ van leiders en beslissers om integriteitrisico’s tijdig te herkennen, duidelijke grenzen te hanteren en te sturen op gewenst gedrag en een integere cultuur binnen projecten. De maatregelen om integriteitsrisico’s te vermijden zullen moeten aansluiten bij de cultuur en het gedrag dat je wilt bevorderen. En ook de manier waarop de nodige
dan dat deze wordt versterkt. Je ontneemt als het ware de verantwoordelijkheid om zelf een integere inschatting te maken. Ons pleidooi is juist te voorkomen dat je mensen of het project in de gevarenzone komen. Preventief dus. Dit alles hoort bij de verantwoordelijkheid voor de goede zorg en bescherming van individuen en een zorgvuldige afweging van de belangen, ook van mensen die niet of nauwelijks invloed hebben op het project of het programma.
veranderingen worden doorgevoerd moeten passen bij de waarden en het voorbeeldgedrag dat je wilt uitdragen.
Bronnen: (1) Borstlap & Joustra: Onderzoek naar de besluitvormingsprocedures
binnen de Belastingdienst. januari 2017 (pagina 83)
Auteurs Arjan van Bommel
Arjan van Bommel is learning consultant bij Activity PMS en docent projectmanagement / leiderschapsvaardigheden bij Inholland Academy. Hij heeft een opleidingsbureau in projectmanagement en professional skills en trekt binnen IPMANL de community Professionele Integriteit.
(2) Zembla, VARA, 1 februari 2017: Prutsen en pielen zonder pottenkijkers. (3) Van Bommel: ‘Waar trek ik de grens? Projectie 01, januari 2015 (4) IPMA: Individual Competence Baseline for Project, Programme &
Portfolio Management. 4th version, 2015. (5) Parlementair onderzoek naar ICT-projecten bij de overheid: Tweede Kamer der Staten Generaal, vergaderjaar 2014-2015, 33 326, nr. 5 (pagina 17).
Hakan Honders
Hakan Honders is trainer, adviseur en vertrouwenspersoon integriteit, omgangsvormen en organisatiecultuur. Hij ondersteunt organisaties bij het versterken van een integere en veilige cultuur.
(6) Van Bommel & Prins: Projectmanager in de Big Bad World. Projectie 06, december 2016 (7) Inspectie voor de Gezondheidszorg. Goed bestuur en veilige cultuur;
vereisten voor goede zorg. Raad van bestuur UMC Utrecht teveel op afstand. April 2017 (pagina 48) (8) Peter van Lonkhuyzen ‘Tegenspraak: Hoe je beter wordt van
dwarsliggers’, 2015
24
Projectie 3-2017
>
Tot slot
Praktijk
UTRECHT 2015’ SCHIEP SOLIDE BASIS VOOR INTERNATIONALE PROFILERING
Wielerevenement als katalysator voor verbinding Op 1 juli 2017 gaat de 104e editie van de Tour de France in Düsseldorf van start. Twee jaar eerder was Utrecht de vertrekplaats van deze Franse wielerronde die is uitgegroeid tot één van de grootste sportevenementen ter wereld. Samen met de toenmalige projectdirecteur Martijn van Hulsteijn blikken we terug op ‘Le Grand Départ 2015’ en het activatieprogramma ‘Utrecht 2015’. “Het was meer dan een leuk sportfeest”, zegt Van Hulsteijn met gevoel voor understatement. “We hebben een topsportevenement aangegrepen om de stad en regio internationaal te profileren. Maar niet alleen op het gebied van sport en economie, ook de thema’s kennis en cultuur kregen volop aandacht. Dat heeft geresulteerd in een blijvende waarde voor de stad Utrecht. Le Tour de France is een meerdaagse etappekoers voor
departementen en zijn specialisatie op het gebied van
professionele wielrenners uit alle delen van de wereld,
sportaccommodaties en (top)sportbeleid hebben zeker
die jaarlijks grotendeels in Frankrijk wordt verreden.
een rol gespeeld bij zijn benoeming tot projectdirecteur.
Een miljoenenbedrijf op wielen dat alweer vele jaren
In 2005 trad Van Hulsteijn als senior adviseur en manager
ook buitenlandse etappeplaatsen aandoet. Om als stad
van de Adviesgroep Sport in dienst van de BMC Groep, een
opgenomen te worden in één van de etappes, moet flink
adviesbureau voor de publieke sector.
in de buidel getast worden, vooral als het gaat om de openingsetappe (Le Grand Départ) van een Toureditie.
“Het was radioverslaggever en wielerliefhebber Jeroen Wielaert die in 2002, het jaar dat de Giro d’Italia in
De opdracht
Groningen van start ging, met vrienden het plan opvatte
Maar terug naar de Tour van 2015. Wie gaf Van Hulsteijn
om de start van de Tour de France naar Utrecht te halen”,
de opdracht om de openingsetappes van deze 102de
vertelt Van Hulsteijn. “Een particulier initiatief dus van
editie naar Utrecht te halen en daaromheen verschillende
een aantal enthousiaste mensen, dat door de gemeente
activiteiten te organiseren? “Ik ben niet op basis van
Utrecht werd overgenomen. De status van grootste
een officiële opdracht aan het project begonnen, maar
fietsstad van Nederland zou deze ambitie rechtvaardigen.
ben er min of meer ingerold”, zegt hij. Zijn bestuurlijke
In 2006 werd het Utrechtse voorstel ingediend bij de ASO,
ervaring en expertise als consultant voor gemeenten en
de Amaury Sport Organisation. Deze organisator van grote sportevenementen, waaronder de Tour de France, stelt strenge eisen en regels aan kandidaat-steden voor de organisatie van een Touretappe. Het voorstel van Utrecht moest concurreren met dat van Rotterdam, de stad die eveneens Le Grand Départ van de Tour wilde organiseren, en in eerste instantie ook met Düsseldorf.” Eind 2008 werd duidelijk dat Rotterdam de Tourstart van 2010 kreeg toegewezen. Utrecht werd door ASO verzocht om kandidaat te blijven voor een Tourstart (2014, 2015 of 2016). Intussen was Amsterdam erin geslaagd de start van de Giro d’Italia 2009 binnen te halen en werd Utrecht <
finishplaats van de eerste etappe. “Voor die eerste etappe
Projectie 1-2017 3-2017
25
van Amsterdam naar Utrecht werd een projectorganisatie
Hulsteijn “In 2013 gaf de gemeenteraad van Utrecht
ingericht, waarvan ik de projectdirecteur werd”, vertelt
haar goedkeuring aan de financiering, contractering en
Van Hulsteijn. “Toen in januari 2012 duidelijk werd dat
politieke besluitvorming van het geactualiseerde voorstel.
de kandidatuur van Utrecht voor de Tour de France een
De bijdrage van de gemeente bedroeg vijf miljoen euro,
vervolg zou krijgen, ben ik aangesteld als manager Sport
mits dit bedrag verdubbeld werd door het Utrechtse
van de gemeente Utrecht en kwartiermeester voor
bedrijfsleven. Het ministerie verstrekte een subsidie voor
de Tourstart.” In november 2013 kwam de definitieve
topevenementen. Die kon echter pas aangevraagd worden
toewijzing van deze Tourstart aan Utrecht binnen en werd
op het moment dat er een stichting was opgericht. Dat
hij benoemd tot projectdirecteur van Le Grand Départ
was in de loop van 2014 het geval. Vanaf eind november
Tour Utrecht 2015.
2013 tot begin 2015 is de projectorganisatie daarom nog bezig geweest met het verder rond krijgen van de
De uitdaging
begroting, via extra private financiering en via de VWS-
De opdracht van de gemeente Utrecht was simpel en
subsidie.”
duidelijk: Haal de Tour 2015 naar Utrecht en organiseer een perfect en veilig wielerevenement. “Dat er in
“Maar het organiseren van Le Grand Départ in Utrecht
Nederland belangstelling is voor een Nederlandse rol in
moest meer worden dan alleen een wielerfeestje”,
de drie grote wielerevenementen is bekend”, vervolgt Van
onderstreept Van Hulsteijn. “We zijn ervan uitgegaan dat
Hulsteijn. “In 1954 was Amsterdam de eerste stad buiten
we met de grote media-aandacht die zo’n evenement
Frankrijk waar een Tourstart plaatsvond. Daarna hebben
genereert, in staat zouden moeten zijn om de stad
ook Scheveningen (1973), Leiden (1978), Den Bosch
Utrecht met z’n geschiedenis, activiteiten, bewoners en
(1996), Rotterdam (2010) en in 2015 dus Utrecht, een
bedrijfsleven internationaal te profileren. Maar hoe precies
Tourstart binnengehaald. In de Giro zijn Groningen (2002),
wisten we nog niet. Dat was de uitdaging die begon met
Amsterdam (2010) en Apeldoorn (2016) voorlopig de
het bijeenbrengen van bedrijven en maatschappelijke
Nederlandse steden waar de Italiaanse wielerronde werd
partners en het verbinden van mensen op gezamenlijke
weggeschoten. De tot nog toe enige start van de Vuelta in
doelen. We wilden met het evenement een investering
Nederland was in 2009 in Assen.”
doen in de stad en ervoor zorgen dat bedrijven en maatschappelijke instellingen met ons mee investeerden.
In Nederland zijn de meeste buitenlandse starts van
Dat deden we op een moment dat we nog geen zekerheid
de Tour de France georganiseerd. “In 2012 werd het
hadden dat de Tour naar Utrecht zou komen. We moesten
dossier van het Utrechtse voorstel om de Tourstart
dus iets verkopen dat we nog niet hadden en waarvoor
van 2010 te organiseren geactualiseerd”, vertelt Van
het ook lastig was om daar iets voor terug te geven in het kader van exposure. De rechten van de Tour de France liggen immers bij de ASO en de naam kon niet zomaar aan onze partners worden verbonden.” Het proces In november 2013 werd het project ‘Grand Départ Tour de France 2015’ officieel toegewezen aan Utrecht. “Een van mijn eerste activiteiten als projectdirecteur was het schrijven van een projectplan, met deelplannen per onderwerp, en het samenstellen van een projectteam dat geborgd werd in de gemeentelijke organisatie. De kennis en ervaring die we in het project hebben opgedaan, is zo op de beste manier veiliggesteld voor eventuele toepassing bij toekomstige projecten”, vervolgt Van Hulsteijn. “Om de taken goed te kunnen verdelen en uitvoeren,
Martijn van Hulsteijn
26
Projectie 3-2017
hebben we de projectteamactiviteiten onderverdeeld
Praktijk
in ‘Marketing & Hospitality’, ‘Techniek, Veiligheid &
groot”, vertelt Van Hulsteijn. “Door het bijeenbrengen van
Mobiliteit’ en ‘het Activatieprogramma’. Themagroepen
organisaties en mensen met verschillende achtergronden,
waarin we ideeën, plannen en activiteiten vanuit de
percepties en belangen, en hen te verbinden op
bevolking, de bezoekers en het bedrijfsleven van Utrecht
gezamenlijke thema’s en cross-overs te realiseren, werd
konden onderbrengen voor verdere ontwikkeling en
het mogelijk om tot een breedgedragen evenement
uitvoering. In het activatieprogramma werden op de
van de stad Utrecht te komen. Dat was voor onszelf de
thema’s Sport, Kennis, Cultuur en Economie activiteiten
belangrijkste opdracht: het moest een feest Van, Voor en
geprogrammeerd die elk op een eigen manier een bijdrage
Door de stad worden, waarbij Utrecht zou laten zien wat
leverden aan de profilering van de stad Utrecht, aan de
haar organiserend vermogen is.”
Tourkoorts en aan het feest in de stad. Daarnaast was er uiteraard een staforganisatie met HRM, Financiën,
Voor uitvoering van de vele activiteiten die ontwikkeld
Juridische & Fiscale Zaken en Communicatie & Media.”
werden, was het activatieprogramma UTRECHT2015 opgezet, met activiteiten voor de honderd dagen
De organisatie van het wielerevenement zelf leek niet de
voorafgaande aan de Tourstart. “In die periode zijn meer
moeilijkste opdracht voor het projectteam, aangezien
dan 250 evenementen georganiseerd. Vooral ook door
ASO daarvoor een uniform en strak format hanteert en
culturele organisaties, sportverenigingen, kennisinstellingen
vele activiteiten zelf voor haar rekening neemt, of laat
en andere maatschappelijke en private partijen”, aldus Van
nemen. Dat neemt echter niet weg dat de Nederlandse
Hulsteijn. “Op die manier werd het evenement in Utrecht,
projectorganisatie mede- en in sommige gevallen
dat in de kern vier dagen duurde (ploegenpresentatie,
eindverantwoordelijk was voor de mobiliteit en veiligheid
tijdrit en start tweede etappe), fors verlengd, waardoor het
op en rond het parcours. Crowd- en verkeersmanagement
enthousiasme en de Tourkoorts konden groeien en een sterk
bijvoorbeeld zijn belangrijke aspecten van een evenement
gevoel van trots op de stad ontstond.”
met bijna een miljoen deelnemers, zoals in Utrecht het geval was. Daarnaast waren marketing en hospitality
De belangrijkste uitdagingen voor de organisatie waren
belangrijke taken van het Nederlandse projectteam en
volgens Van Hulsteijn het stakeholdermanagement (een
gastheer Utrecht.
veelheid aan belangen bij een veelheid aan factoren), het vinden van de balans (tussen het perfect organiseren van
Het aan de wereld presenteren van de stad Utrecht,
het evenement en de inzet daarvan voor het promoten
op verschillende gebieden en vanuit verschillende
van de stad) en tenslotte het meekrijgen van alle partijen
invalshoeken, was een wat ingewikkeldere opdracht.
om er één groot feest van te maken. “Onder meer door de
“De drie themagroepen vormden de basis waarop we
hoeveelheid partnerships, de algehele waardering voor het
het project opgebouwd hadden”, licht Van Hulsteijn toe.
evenement en de overweldigende media-aandacht is het
“Iedereen kon met ideeën komen om evenementen te
evenement voor Utrecht een showcase geweest”, aldus
organiseren, het organiserend vermogen van Utrecht
Van Hulsteijn.
>
te laten zien, feest in de stad te creëren en daarmee ook Utrecht verder (internationaal) te profileren. De stad heeft veel te bieden en kon dat met het activatieprogramma laten zien. Dus niet alleen een fietsstad en economisch gezien één van de meest competitieve regio’s van Europa, maar ook een stad van geschiedenis, kennis, cultuur, creativiteit en innovatie. Het ging erom dat Utrecht al haar facetten toonde.” De evaluatie De uitvoering van het projectplan werd een enorm succes. “Vanuit het bedrijfsleven, de maatschappelijke instellingen (zoals de universiteit en hogeschool, de culturele organisaties, de sportverenigingen) en de bevolking van Utrecht was de animo om aan het evenement mee te doen
Gegevens over de Tourstart 2015 in Utrecht 1.500 Tourmakers 250 initiatieven in het activatieprogramma 2.400 journalisten 960.000 bezoekers, waarvan: 15.000 op donderdag 120.000 op vrijdag 500.000 op zaterdag 325.000 op zondag
25,3 miljoen (directe) economische impact 8,4: waardering voor het evenement 8,2: waardering voor het activatieprogramma 14% stijging van toeristisch bezoek
Projectie 3-2017
27
TIJD OM TE KIEZEN. AAN WELKE INVESTERINGEN GEEF JIJ PRIORITEIT?
Werk slimmer! Schaarste is een basisprincipe van de economie. Onze tijd, energie en middelen zijn beperkt. Elke keer weer is het een afweging om wel geld te investeren in het ene initiatief en niet in het andere. In de moderne, snelle digitale wereld van nu kunnen zelfs
Dus waarom zou je geen gebruik maken van een
de meest ervaren managers overspoeld raken door het
portfoliobeheeroplossing waarmee je ideeën vastlegt en
aantal investeringskansen waaruit ze kunnen kiezen. Hoe
evalueert vanaf elke plek binnen jouw organisatie?
weten we nu zeker dat we de juiste beslissingen nemen? Met Project Online kun je dit proces standaardiseren Met gegevens gestuurd portfoliobeheer neem je met
en prioriteren. Je zet informatie om in gedetailleerde
meer vertrouwen beslissingen. Je kunt op basis van
bedrijfsscenario´s en projectdocumenten voor het
feiten investeringsbesluiten afstemmen op strategische
management. Op basis hiervan kunnen besluitvormers
doelen en objectief prestaties monitoren voor optimale
eenvoudig verschillende portfolioscenario´s modelleren om
bedrijfsresultaten.
het beste strategische pad te bepalen. En om voorstellen naast strategische bedrijfsimpulsen te leggen met oog
Schaarste wordt vaak gekoppeld aan beperkingen. Maar
voor de kosten en beperking in middelen.
het kan ook de motor zijn voor innovatie. Schaarste
28
dwingt je om de geijkte paden te verlaten op zoek naar
Bezuinigen op het budget? Behaal betere resultaten
radicale oplossingen waarmee je je kunt blijven richten op
met minder middelen.
resultaten. En slimme bedrijven weten dat de resultaten
Uitgaven zijn voor elk bedrijf een beperkende factor. En
van hun bedrijfseenheden fluctueren. Efficiëntie en
werk je met een vast jaarlijks budget, dan bepaal je eerst
effectiviteit spelen daarbij een belangrijke rol. Het is
welke investeringen het belangrijkst zijn om jouw doelen
dus belangrijk om slim te investeren met gecalculeerde
te behalen. Maar wat nu als je beter moet presteren met
risico´s.
evenveel middelen als vorig jaar (of het zelfs met minder)?
Projectie 3-2017
ADVERTORIAL
Wil je succes behalen met je teams, dan zul je jouw
worden bereikt door alle medewerkers continu een taak
middelen beter moeten gaan benutten. Dit betekent
te geven of door de juiste persoon aan de juiste taak te
in de praktijk een effectievere toewijzing van
koppelen op basis van kennis en vaardigheden. Maar ook
(natuurlijke, financiële of menselijke) middelen, zodat de
door uitwisseling van mensen tussen projecten en teams,
winstgevendheid per bedrijfseenheid zo groot mogelijk
talentontwikkeling en zo zijn er nog vele voorbeelden te
kan worden.
noemen.
Voor natuurlijke resources komt betere benutting meestal
Begin met benchmarking en werk toe naar
neer op zo min mogelijk restafval produceren bij de
capaciteitsplanning.
verwerking van ruw materiaal. Neem als voorbeeld het
“Als je het niet kunt meten, kun je het ook niet verbeteren”,
verhaal van Rosabeth Moss Kanter.
is een beroemde uitspraak van Peter Drucker. Microsoft gelooft dat prestatiemanagement begint met begrip van
“Het idee is om de verborgen waarde naar boven te halen van materiaal dat anders verspild zou worden. Oude banden zijn een grote veroorzaker van milieuvervuiling. Cemex hergebruikt de banden in bochten van Mexicaanse wegen. Braziliaanse kunstenaars in Sao Paulo toveren de banden om tot creatieve, mooie en comfortabele meubels.”
de huidige situatie. Vanuit daar kun je toewerken naar een helder omschreven doel. Pas je dit toe op een betere resource-benutting dan begin je met een analyse van historische gegevens en een meting van de doorgaande prestaties. Project Online helpt daarbij met capaciteits- en vraagmetingen van de middelen binnen jouw organisatie. Met behulp van diepgaande gegevens over prestaties
- Van afval tot euro: waarde halen uit verspild materiaal
van resource-groepen of individuen kunnen bedrijven een effectievere capaciteitsplanning opstellen. Eenmaal bezig met de planning, kun je de benutting van resources
Bij menselijke hulpbronnen liggen de zaken wat gecom-
voorspellen, beheren en controleren. Dit zorgt ervoor dat je
pliceerder. Betere benutting kan op veel verschillende
meer bereikt met minder middelen.
manieren gebeuren. Er kan bijvoorbeeld minder uitvalstijd Projectie 3-2017
29
ASML AWARDS
Terugblik ASML awards Op 5 april 2017 vond de jaarlijkse Projectmanagement Dag (PMDay) van ASML plaats. Het thema was Paving our path to project excellence. Naast twee plenaire sprekers en meer dan twintig verschillende workshops, werden dit jaar voor het eerst awards uitgereikt voor de beste projecten binnen ASML. De ASML award is een light versie van de IPMA Project
de drie finalisten bekend gemaakt. Het publiek kiest op
Excellence Award, gestoeld op dezelfde holistische visie
basis van de filmpjes welke van de drie Goud, Zilver of
op projecten. De beste projecten zijn die projecten die
Brons verdiend heeft. Door het publiek te vragen actief
leiderschap combineren met een sterke procescultuur.
naar de filmpjes te kijken, hopen we dat ook zij de lessons
Deze combinatie zorgt voor teammotivatie, flexibiliteit en
learned van de drie finalisten meekrijgen. De rapporten
het vermogen om geweldige, herhaalbare resultaten te
en de filmpjes van alle zes de genomineerden worden
leveren. Een combinatie die het vermogen creëert om grote
beschikbaar gesteld aan de organisatie.
uitdagingen aan te gaan in complexe situaties. Om het leereffect te maximaliseren wordt de Samen met IPMA heeft ASML een format ontwikkeld dat
genomineerden gevraagd om hun kennis en ervaring te
minder inspanning vergt dan de officiële Excellence Award.
delen met andere projecten in zogenaamde Knowledge
De Project Excellence Baseline is vertaald in een vragenlijst
Sharing sessies. Ook deze bijeenkomsten worden begeleid
die de belangrijkste karakteristieken van excellente
door een facilitator.
projecten adresseert. Het projectteam hoeft hierdoor niet meer zelf een projectrapport te schrijven. Het rapport ontstaat door samenvoeging van antwoorden op de vragen. Belangrijk is wel dat de meest relevante stakeholders bij het invullen van de vragenlijst ook bewijs aandragen ter
Marco Buijnsters, IPMA VP Awards and Events
onderbouwing van hun mening.
‘We merken dat in Nederland de drempel om aan de vol-
Een tweede vereenvoudiging is dat het rapport niet
is. Het is een behoorlijk intensief proces waarbij je een
beoordeeld hoeft te worden door een team externe assessoren. Het rapport wordt besproken met het projectteam in een interactieve workshop met een facilitator. De facilitator bereidt de workshop voor en bevraagt het team op de bewijsvoering. Er kunnen extra projectleiders deelnemen om scherpte in de discussie te
ledige Project Excellence Award deel te nemen vrij hoog aantal assessoren in je organisatie toe moet laten. Deze vorm is een veel lichtere vorm, die door organisaties zelf toegepast kan worden. Het kan een opstapje zijn naar deelname aan het Nederlandse of eventueel zelfs het Internationale Project Excellence Awards, maar het hoeft niet. Op deze manier kun je wel met behulp van het
brengen.
IPMA gedachtengoed inzicht krijgen in de sterke punten
ASML heeft ervoor gekozen dit eenmaal per jaar te doen
net als ASML, ook een intern Awardproces aan koppelen.
in de vorm van de ASML Awards. De organisatie draagt
en verbeterpunten van je project. En natuurlijk kun je er, Maar ook dat hoeft niet.’
kandidaat projecten aan, er worden door een jury een aantal genomineerden geselecteerd. De genomineerden
30
gaan het bovengenoemde proces met de vragenlijst en de
Peter Wennink, GM President & CEO ASML
workshop door. Alle genomineerde projecten maken aan
‘With these awards we underline the importance of
het eind van de workshop een filmpje van maximaal drie
strong project management, that not only helps our
minuten waarin zij zich presenteren en vertellen waarom
customers get access to very sophisticated new high
ze de award zouden moeten winnen. De resultaten van de
tech systems on time and in spec, but which also boosts
workshops worden door dezelfde jury beoordeeld en drie
the confidence, satisfaction and capabilities of our
finalisten worden geselecteerd. Tijdens PMDay worden
project teams.’
Projectie 3-2017
Winnaar Goud Bert Atzema, projectleider ‘Persoonlijk vond ik het behoorlijk vervelend om de vragenlijst in te vullen. Je wordt geforceerd om
Winnaar Zilver
Dat is niet makkelijk maar dwingt je wel er echt in
Roel Merry, projectleider, Jelte Bearda, opdrachtgever, Marco Steeghs, architect
de essentie over na te denken hoe deze zaken zijn
‘Deze prijs is een erkenning voor het gehele projectteam.
vormgegeven in je project. Het assessment heeft
De vragenlijst en workshop voorafgaand faciliteert op
me geholpen me bewust te maken van een aantal
een natuurlijke manier om ook naar de sterke punten
zaken die nog beter kunnen, maar ook bevestigd
in het project te kijken (bv. successen vieren, open
in de manier waarop we dit project nu al uitvoeren.
communicatie, flexibiliteit, duidelijkheid en structuur).
De twee belangrijkste items voor ons zijn focus op
Verder ga je je realiseren met hoeveel verschillende
resultaat en empowerment van de projectleden. Bij
aspecten je te maken hebt in projectmanagement.
de opdrachtgevers (en onderling) dwingen we af:
Sommige kunnen geformaliseerd worden door de
“Vertel ons welk resultaat je wilt hebben, maar schrijf
goede templates in te vullen, maar uiteindelijk is het
niet voor welke activiteiten we moeten doen om
toch allemaal teamwork: werkt het team als een goed
daar te komen!”. Het empoweren van mensen vind
geoliede machine en zijn de teamleden bereid voor
ik belangrijker dan het pleasen van het management.
elkaar op te komen? Dit is moeilijk te meten, maar je
Dat is zeker niet altijd de gemakkelijkste weg. Daarom
kunt het absoluut voelen in het team als het gebeurt en
is het wel heel fijn dat we daar nu een schouderklopje
gefaciliteerd wordt. Het goede van deze prijs en de PM
voor hebben gekregen. Als organisatie hebben we
Community als geheel is dat de best practices gedeeld
erg de neiging om te focussen op de dingen die fout
worden in de organisatie (en zelfs daarbuiten).’
bewijs te vinden ter onderbouwing van je mening.
gaan. De project Excellence Award is een manier om binnen de project management competentie te benadrukken wat goed gaat, zonder dat het gekunsteld overkomt. Dat werkt erg motiverend en het is een heel goede trigger voor kennisdeling tussen projectleiders binnen de organisatie. De dag na de Award uitreiking ontstond er bij de koffieautomaat een discussie tussen de teamleden over wat er nog beter kan. En dat terwijl we net goud hadden gewonnen! Of misschien juist wel daarom.’
Sikko Wittermans, VP Development & Engineering ‘De introductie van ASML Project Management Award is een belangrijke stap in de verdere professionalisering
Winnaar Brons Taeyoung Choi en Peter Graffeo, projectleiders VS
en waardering van het vak projectmanagement binnen
‘It was good to receive appreciation for the work the
ASML. ASML heeft gekozen voor het IPMA assessment
project had done. It was great to hear for example that
model omdat het gebaseerd is op best practices in
the cross sector alignment was well appreciated. It
het vakgebied en omdat het een objectieve meetlat
brought a sense of pride to the team and improved the
aanreikt waarlangs projecten gelegd kunnen worden.
team spirit. Knowing now that there will be appreciation
Door de deelnemende teams is het enthousiast
motivates other teams too, to do their projects well.
ontvangen als een stuk waardering vanuit het ASML
People talk about what a good practice is. And what
management voor hun vakmanschap.’
helps is that the process is not too overwhelming.’
Projectie 3-2017
31
32
Projectie 3-2017