Skip to main content

Vallei Business 01 - 2026

Page 1


THE LIVELAB COMPANY

‘Leiderschap rendeert door gedrag in beweging te brengen’

REGIO

TECHNOVA COLLEGE

SAMEN OPLEIDEN VOOR DE TECHNISCHE PRAKTIJK VAN DE TOEKOMST

>Toe aan een nieuwe website?

Passie voor het creëren van verbluffende websites die indruk maken en resultaten opleveren.

LEIDERSCHAP ALS MOTOR VOOR GROEI

Sterke organisaties beginnen bij sterk leiderschap. Dat is de overtuiging van Geraldine Septer, oprichter van The LiveLab Company en coverpersoon van deze editie. Vier jaar geleden verruilde zij een succesvolle corporate carrière voor het ondernemerschap. Een spannende stap, maar één die inmiddels heeft geleid tot een groeiend bedrijf dat ondernemers en managementteams helpt hun organisatie naar een hoger niveau te brengen. Met de recente toetreding van compagnon Ron Droste staat The LiveLab Company bovendien aan het begin van een nieuwe fase.

De kern van hun aanpak is helder: wanneer leiderschap in een organisatie goed wordt ontwikkeld, volgen betrokken medewerkers en tevreden klanten vanzelf. “Happy leaders, happy people, happy customers” is dan ook niet alleen een slogan, maar een visie op ondernemen waarin gedrag, cultuur en structuur samenkomen.

Die focus op ontwikkeling sluit naadloos aan bij de vraagstukken die breder in Regio Foodvalley spelen. De regio groeit economisch sterk, maar staat tegelijkertijd voor uitdagingen. Zo maken ondernemers zich zorgen over het beperkte aanbod van nieuwe bedrijventerreinen, waardoor de balans tussen wonen en werken onder druk kan komen te staan.

Tegelijkertijd wordt het aantrekken en ontwikkelen van talent steeds belangrijker. Onderwijsinstellingen zoals Technova College en de Christelijke Hogeschool Ede zoeken daarom nadrukkelijk de samenwerking met het bedrijfsleven, om studenten en professionals voor te bereiden op de arbeidsmarkt van morgen.

In deze editie leest u hoe leiderschap, samenwerking en visie samen het fundament vormen voor een sterke regionale economie. Want uiteindelijk geldt voor iedere organisatie – en voor iedere regio – dat ontwikkeling begint bij mensen die durven vooruit te kijken.

Zakenmagazine voor de FoodValley regio

JAARGANG 42

Maart 2026 editie 1

REDACTIE ADRES

MVM Productions BV, Postbus 6684, 6503 GD Nijmegen

Kerkenbos 1075H, 6546 BB Nijmegen

Tel. (024) 373 8505, Fax (024) 373 0933 info@vanmunstermedia.nl

UITGEVER

Michael van Munster

HOOFDREDACTIE (REDACTIONEEL)

Guus Hetterscheid

REDACTIE BIJDRAGEN

Aart van der Haagen, Wilma Schreiber en Hans Eberson

FOTOGRAFIE

Annemarie Bakker, Marcel Krijgsman

VORMGEVING / OPMAAK

Ton van Zoest

DRUK

Bal Media

ADVERTENTIE-EXPLOITATIE

VM Sales en Support B.V.

Anita van de Wetering-Kappert

Kerkenbos 1075H, 6546 BB Nijmegen

Tel. (024) 373 8505, Fax (024) 373 0933 info@vanmunstermedia.nl

ABONNEMENTEN

Abonnementen kunnen op elk gewenst tijdstip ingaan met en looptijd tot 31 december en worden automatisch verlengd tenzij de abonnee uiterlijk voor 31 oktober schriftelijk opzegt. Abonnementsprijs per jaar 39 euro

COPYRIGHTS

Het auteursrecht op de in dit tijdschrift verschenen artikelen wordt door de uitgever voorbehouden.

Hoewel de informatie gepubliceerd in deze uitgave zorgvuldig is uitgezocht en waar mogelijk gecontroleerd, sluiten de uitgever en de redactie uitdrukkelijk iedere aansprakelijkheid uit voor eventuele onjuistheden en/of onvolledigheid van de verstrekte gegevens.

© 2025 Overname van artikelen is slechts mogelijk na verkregen schriftelijke toestemming van de uitgever

Abonnees ontvangen

5 keer per jaar het vakblad, toegang tot het volledige archief op www.valleibusiness.nl, 12x per jaar de digitale nieuwsbrief, korting op lezersaanbiedingen Vallei Business, gratis opname bedrijvengids en vacatureservice.

www.valleibusiness.nl

FOV Regio Foodvalley: ‘Wonen en werken moet in balans blijven’

Energiebalans komt volgens REB deels uit de luchtstroom

Column Regio Foodvalley: goede buren groeien sterker

Regio Foodvally ontmoet…

‘Digitalisering ontzorgt onze operators steeds

ProjectPiloot/Planders: verandering begint bij aanpak van binnenuit

Cbt Opleidingen

Muziekschool Oost in Wageningen

Financieringsgilde: Disruptie als kans: ben jij klaar voor wat komt? 38

Gelders Klimaatfonds maakt verduurzamen financieel

toegankelijk voor mkb

Agile werken: waardegedreven succesvol verandering realiseren

Bergtopper Coaching: kijk jij ook nog naar gedrag, terwijl het om ontwikkeling gaat?

Een vleugje Bourgogne aan het Tielse Korenbeursplein

Minder verzuim, meer regie

Algemene voorwaarden over de grens: battle of forms

Stop de verkoopreflex - de nieuwe manier om meer te verkopen

56

59

60

Solpa verhuist in 2027 naar groter pand

Gelderse werknemer wil vooral rust

Bedrijfscatering in 2026: van ‘eten’ naar ‘beleven’

De bedrijvigheid in Midden-Nederland bloeit als nooit tevoren, maar er wringt iets. FOV Regio Foodvalley signaleert voor de directe toekomst een verstoring van de balans met de bevolkingsgroei en dat valt rechtstreeks terug te voeren op de stagnerende expansie van industrieterreinen, waar te weinig kavels beschikbaar komen. “Daarmee loopt de welvaart in de nabije toekomst gevaar,” waarschuwt bestuurslid Gerrit Valkenburg.

12

Blauwe ingrediënten en voedingsmiddelen? Los van blauwe M&M’s zie je het zelden. Precies dáárom print Oceanz 3D Printing in Ede blauwe machineonderdelen voor de voedingsmiddelenindustrie: ze vallen op en houden de productie dus veilig. Oceanz 3D Printing is echter in meerdere sectoren actief. Uit hun printers rollen ook andere kunststof- en metaalproducten: van robotgrijpers tot drone-onderdelen en specifieke medische hulpmiddelen.

“Het was best uitdagend”, vertelt Geraldine Septer. “De oprichting van The LiveLab Company vier jaar geleden en dus de stap naar eigen ondernemerschap vanuit een prachtige corporate baan met een prachtig inkomen. Het verandert je leven, je laat allerlei zekerheden achter je, je twijfelt, maar ergens weet je dat dit de goede weg is, dat je die zelfstandigheid altijd al wilde.

14 8

Netcongestie en de dreigende aansluitstop van woningen en kleine bedrijven deze zomer remt de bouw van 40.000 woningen en economische groei. Het Regionaal Energieteam Bedrijven van Regio Foodvalley (REB) zet zich al jaren in om de groeiende problematiek het hoofd te bieden door te werken aan energieoplossingen bij bedrijven en op bedrijventerreinen.

16

20

De arbeidsmarkt in de technieksector staat onder druk in Regio Foodvalley. Er is werk genoeg, maar er zijn te weinig vakmensen, en ook minder jonge mensen die voor een praktische opleiding kiezen.

TWEEDE KICK-OFF MARKEERT

START ONTWERPFASE EO WIJERSPRIJSVRAAG

Regio Foodvalley doet mee aan de EO Wijersprijsvraag, een ontwerpend onderzoek naar ruimtelijke oplossingen die bijdragen aan gezondheid en geluk van onze inwoners. Na een eerste selectieronde is onze regio, samen met Mooi Maasvallei en Drenthe-Overijssel, gekozen als deelnemende regio voor deze prijsvraag. We gaan de komende periode intensief samenwerken met de winnende ontwerpteams en regionale experts om te komen tot vernieuwende en integrale voorstellen voor de toekomst van ons gebied.

In totaal werden negen inzendingen voor Regio Foodvalley beoordeeld door een nationale jury onder leiding van Hugo de Jonge en een regionale jury met Jan Pieter van der Schans (wethouder Landelijk Gebied Ede) en Eveline de Kock (landschapsontwerper). Drie voorstellen met uiteenlopende invalshoeken zijn geselecteerd voor de volgende fase.

Deze fase vond plaats op vrijdag 13 februari tijdens de tweede kick-off. In de eerste fase konden ontwerpers inzendingen doen op basis van de opgaven die wij als regio hebben meegegeven. Die opgaven laten zien hoe complex onze ruimtelijke vraagstukken zijn. Zo hechten we sterk aan de identiteit van het agrarisch landschap, terwijl dit tegelijkertijd onder druk staat door vraagstukken rond stikstof en fijnstof. Ook vraagt de verstedelijking om ruimte, waarbij groen en leefkwaliteit nadrukkelijk moeten meebewegen. In een regio waar veel ruimtelijke claims samenkomen, moeten scherpe keuzes worden gemaakt.

De komende maanden werken de drie ontwerpteams, samen met experts uit de regio, de plannen verder uit. Doel is om de voorstellen te verdiepen, integraler te maken en te laten aansluiten op de opgaven van Regio Foodvalley. Zo bouwen we stap voor stap aan inspirerende ontwerpen die richting geven aan de ruimtelijke toekomst van onze regio.

REGIO FOODVALLEY EN RIJK INVESTEREN IN ENERGIE, LEEFBAARHEID EN INNOVATIE

Achttien projecten in Regio Foodvalley krijgen subsidie om het leven, wonen en werken van inwoners en ondernemers te gaan verbeteren. Het geld gaat naar projecten als het energiesysteem van de toekomst, diverse culturele, recreatie- en sportfaciliteiten en naar projecten voor innovatieve ondernemers. De subsidie komt van Regio Deal Foodvalley II waarin het Rijk € 25 miljoen investeert.

Kwaliteit

Met de selectie van de eerste projecten komt er zicht op de invulling die de regio geeft aan de deal. Gert-Jan Kats, voorzitter triple helix-Stuurgroep Regio Deal Foodvalley II: “Er zijn projecten van hoge kwaliteit geselecteerd die nadrukkelijk bijdragen aan de doelen die we met deze Regio Deal willen bereiken en aan de uitdagingen waar Regio Foodvalley de komende jaren voor staat. Samen werken we aan een Regio Deal die zo veel mogelijk regionale impact heeft.”

Projectselectie voor impact

Regio Foodvalley is met de projectselectie niet over één nacht ijs gegaan. Nadat in februari 2025 bekend werd dat het Rijk € 25 miljoen in de regio wil investeren, hebben Rijk en Regio Foodvalley de doelen voor de deal vastgelegd. Om de juiste projecten bij de doelen te selecteren is in oktober 2025 een subsidieregeling met

beoordelingsmethode opengesteld. De betrokken regionale partijen dienden 35 projecten in waarmee ze in totaal een bedrag van€ 28,5 miljoen van het Rijk vragen. De projecten zijn nu door een onafhankelijke adviescommissie beoordeeld om te kunnen selecteren welke projecten subsidie krijgen.

Commissie positief over Regio Deal Foodvalley II

De adviescommissie is in haar rapport enthousiast over Regio Deal Foodvalley II. “Met deze Regio Deal kunnen op diverse vlakken positieve stappen gezet worden. Zaadjes die al langer geleden geplant zijn in de regio, komen nu tot uiting in de verschillende projectaanvragen. De ingediende aanvragen vormen samen een gevarieerd palet aan initiatieven, verspreid over de hele regio.”

Tweede ronde

Daarnaast noemt de adviescommissie in haar advies dat de lat voor kwaliteit in de subsidieregeling erg hoog lag. Daardoor vallen een aantal projecten die net niet hoog genoeg scoren op kwaliteit buiten de boot. Onterecht, vindt de commissie. Daarom wordt de subsidieregeling half maart voor de tweede ronde opengesteld met een aangepaste kwaliteitseis. Projecten die nu niet voldoende scoren kunnen dan weer meedingen naar subsidie.

De volgende projecten zijn geselecteerd

1. Verantwoord groeien

• Energiesysteem van de Toekomst - op locaties in Ede, Nijkerk, Veenendaal en Wageningen

2. Regionaal ontmoeten

• Sociale aanpak herstructurering Franse Gat Veenendaal

• Woningstichting Wageningen Actieteams

• Fietsveilig en groen uitloopgebied Binnenveld - gebied tussen Achterberg, Bennekom, Ede, Rhenen, Veenendaal en Wageningen

• Groen Uitloopgebied Doesburgerbuurt Ede

• Toeristische ontwikkeling & merkversterking Grebbelinievan de Grebbeberg (gemeente Rhenen) tot aan BunschotenSpakenburg met focus op het grondgebied van Regio Foodvalley

• Sporthal Terbroek

• Accommodatie Veluwse Boys Garderen

• Multifunctioneel centrum Hoevelaken

• Multifunctioneel centrum De Hokhorst Renswoude

• FRISO Ede

• Entree Stationskwartier Ede-Wageningen

3. Innovatief ondernemen

• Bodem en Water Meet- en Leernetwerk (BWML) - regionaal

• Bouwmaterialen van de toekomst - regionaal

• Circulair terreinbeheer - regionaal

• Natural Paviljon Startup, Scale-up en community gebouw Ede

• Shared Research Facilities 20282029 Wageningen Campus en regionaal

• Versterken Regionale Graanketen De projecten in deze eerste ronde zijn samen goed voor een subsidiebedrag van circa € 15 miljoen. Binnenkort volgt meer informatie over de toegekende projecten.

WE’RE LOCKED IN! NIET LETTERLIJKMAAR ONS ENERGIESYSTEEM WÉL

Door de snelle elektrificatie loopt ons elektriciteitsnet vast: het kan de groeiende vraag en levering niet meer aan, én het kan steeds minder duurzaam opgewekte energie kwijt. De capaciteit raakt vol; de congestiekaarten kleuren rood. Verschillende ambities lopen hierdoor vast: van woningbouw en mobiliteit tot bedrijven en regionale ontwikkelingen. We zitten met z’n allen op slot.

De energievraag groeit sneller dan de transportcapaciteit. Dit is een complex vraagstuk dat vraagt om een herziening van ons huidige, centraal gereguleerde energiesysteem. Je kent het wel: één grote elektriciteitscentrale die energie levert aan woningen en bedrijven, en waarbij je óók nog moet betalen om je eigen duurzame energie terug te leveren. Maar dan de hamvraag: hoe breken we ons los?

De uitdaging voor Regio Foodvalley

Ook Regio Foodvalley heeft met dit knelpunt te maken. Beperkte capaciteit op het net. En uit recente impactstudies blijkt dat de regio in 2040 nog 81% van haar benodigde energie moet importeren — aanzienlijk meer dan veel andere regio’s.

Daarmee komt de belangrijkste vraag scherp naar voren: hoe zorgen we dat we op elk gewenst moment kunnen beschikken over voldoende én betaalbare duurzame energie, passend bij onze regionale energiebehoefte?

Een nieuw perspectief

Belangrijk deel van de oplossing ligt in een nieuw energiesysteem waarin lokale, decentrale energiehubs een centrale rol spelen. In zulke hubs komen vraag en aanbod van hernieuwbare energie op een slimme manier samen. Maar — omdat zon en wind niet altijd beschikbaar zijn — is opslag cruciaal. Batterijen zijn al in gebruik en de toepassing groeit. Gunstig, want beperkt verlies, maar de capaciteit kent grenzen. En precies daar komt waterstof om de hoek kijken.

Waterstof kan pieken en dalen in vraag en aanbod opvangen, biedt opslagmogelijkheden en

helpt het elektriciteitsnet te ontlasten. Het is een bouwsteen die de regio helpt om minder afhankelijk te worden van energie-import én ons energiesysteem toekomstbestendig te maken.

Terugblik op de bijeenkomst

Op 11 februari blikten we tijdens onze bijeenkomst van de CoP Waterstof van de Regio Foodvalley vooruit op dit nieuwe energiesysteem. We namen de aanwezigen mee in de benodigde veranderingen én in de nieuwste inzichten uit een regionale case study naar het lokaal opwekken en opslaan van waterstof.

Een van de sprekers presenteerde zelfs een 3D-maquette van hoe lokaal energie kan worden opgewekt, opgeslagen en gedistribueerd in de vorm van een decentraal energiesysteem. Of dit initiatief ook in werkelijkheid gerealiseerd kan worden, moet nog blijken. Maar dit verhaal en de maquette maakten de toekomst ineens tastbaar, zichtbaar en vooral: realistisch.

Tijdens de paneldiscussie bespraken we vervolgens wat er écht nodig is om deze beweging in gang te zetten. Het zal niemand verbazen: alleen samen komen we hieruit.

Bedrijven, overheden, kennisinstellingen én omwonenden moeten elkaar vinden. Dat vraagt soms om elkaar iets gunnen, over schaduwen heen stappen en helderheid scheppen waar dat nodig is. Maar het biedt ook kansen om als regio te groeien, innoveren en voorop te lopen.

Wat kun je verwachten de komende tijd?

In 2026 organiseren we meerdere sessies over de rol van waterstof in het energiesysteem van de toekomst. Wil je op de hoogte blijven of aansluiten?

Stuur ons een berichtje, dan houden we je op de hoogte van nieuwe bijeenkomsten.

Dina El Filali, waterstofprocesbegeleider, stuur een mail naar Dina.el.filali@dutchboostinggroup.nl of Erik van der Veer, waterstofprocesbegeleider, mail Erik via Erik@ dutchboostinggroup.nl

THE LIVELAB COMPANY: ‘HAPPY LEADERS, HAPPY PEOPLE, HAPPY CUSTOMERS’

‘Leiderschap rendeert

door gedrag in beweging te brengen’

“Het was best uitdagend”, vertelt Geraldine Septer. “De oprichting van The LiveLab Company vier jaar geleden en dus de stap naar eigen ondernemerschap vanuit een prachtige corporate baan met een prachtig inkomen. Het verandert je leven, je laat allerlei zekerheden achter je, je twijfelt, maar ergens weet je dat dit de goede weg is, dat je die zelfstandigheid altijd al wilde. Achteraf viel het gelukkig mee. The LiveLab Company groeit, meer medewerkers, een breder dienstenaanbod, steeds meer tevreden klanten en het einde is nog niet in zicht. Op 1 januari 2026 hebben we met de komst van compagnon Ron Droste namelijk een volgende grote stap gemaakt.”

Geraldine Septer startte als zeventienjarige een carrière in de financiële dienstverlening. “Gewoon aan de balie, maar ik heb mezelf wel altijd doelen gesteld. Stap voor stap verder, veel gestudeerd in de avonduren naast het werk met twee kleine kinderen, daardoor geleerd te managen en dat mondde uiteindelijk uit in een MBA en een master. Het uiteindelijke doel? Het ondernemerschap, dat zag ik in mijn dagelijks werk voortdurend om me heen. Zeker in de periode dat ik me ging toespitsen op het geven van trainingen, aan managementteams, maar ook aan ondernemers. Daar zaten veel

‘Veenendaal

is een echte ondernemersstad, hier wonen en werken mensen die vooruit willen’

vragen bij, die zich vaak concentreerden rond leiderschap. Heel veel ondernemers zijn ooit voor zichzelf begonnen, gingen bijvoorbeeld in eerste instantie als zzp'er van start, groeiden in mensen en klanten en plotseling bleken ze de baas te zijn van hun eigen onderneming. Maar die stap vroeg om andere kwaliteiten en met die transitie van vakman of specialist naar ondernemer hadden ze vaak moeite. Dat heeft alles met verandering te maken en daar was ik dagelijks mee bezig.”

ACADEMY

Geraldine ging met trainingen aan de slag. “Daar ben ik mee gaan bouwen, gericht op zowel teamontwikkeling, persoonlijke ontwikkeling als op ondernemers, directieteams in diverse sectoren zoals onderwijs en zorg. Met als doel de juiste mensen met het juiste talent op de juiste plekken te plaatsen. Vergelijk het met een voetbalopstelling van een coach. Dan heb je het over teamontwikkeling en dat is in elk bedrijf belangrijk, of het om een groot of klein team gaat, in welke sector ook. Deze trainingen zijn praktisch toepasbaar gemaakt met als basis de piramide van Lencioni. Daarin komen zaken als communicatie en samenwerking ter sprake, vertrouwen en een gezamenlijk doel. Door elkaar te leren kennen, door ieders talenten zichtbaar te maken, bouw je aan een hecht team. Persoonlijke ontwikkeling kan gaan over zakelijke en privédoelen. Waar wil je over enkele jaren staan, wat kost je energie en waar krijg je energie van? En ten slotte is de Academy ook geschikt voor onderne-

mers. Wil je je bedrijf naar een hoger niveau tillen? Hoe pak je dat aan?

Samen maken we een helder plan. Die trainingen zijn inmiddels uitgegroeid tot onze Live Lab Academy, die je kunt aanvullen met mentoring of verder kunt oppakken met je team of bedrijf richting een fullservicetraject.”

FULLSERVICE

Geraldine Septer kreeg al snel in de gaten dat ondernemers ook andere vragen hadden: ‘Wil je een keer meekijken naar de manier waarop we onze marketing hebben ingericht of heb je iemand die onze HR-afdeling kan ondersteunen? Kun je geen interims leveren?’. Geraldine: “De begeleiding van ondernemers werd een verhaal op zich, gebouwd rond het onderwerp leiderschap. Dat is ingewikkeld; het heeft namelijk met alle facetten van een bedrijf te maken en dat is geen vraag die je in één of twee gesprekken kunt beantwoorden. Zo’n traject start altijd met een intake met de ondernemer, degene die niet alleen verantwoordelijk is voor de dagelijkse gang van zaken, maar die ook een visie heeft ontwikkeld op de toekomst van zijn bedrijf. Daar hebben we een structuur voor ontwikkeld. De LiveLabmethode: Visie, Structuur, Cultuur en Leiderschap. De eerste stap is redelijk elementair: wat kun je, wat wil je, wat is daarvoor nodig en hoe gaan we dat doen? Door vol vertrouwen samen te werken aan een ambitieus, maar haalbaar doel. Daar komt een helder plan van aanpak uit voort, beter bekend als een faseplan met drie fases. Als de ondernemer een OK geeft, dan gaan we van start. Tijdens het traject passen

we voldoende momenten in, waarin we kunnen bijsturen. De ondernemer krijgt feedback en advies voor een volgende stap. Aan het eind van het traject bespreken we het resultaat. In een evaluatie vergelijken we startpunt en resultaten. Wat is verbeterd, welke onderdelen behoeven extra aandacht? Vergelijk het met een reis, op maat, die past bij de ondernemer en zijn team, steeds opnieuw leidend naar een volgende fase.”

RON DROSTE

Na vier jaar ondernemerschap met The LiveLab Company heeft Geraldine een kader ontwikkeld dat klanten op verschillende manieren ondersteunt: in een fullserviceconcept, met trainingen in de Academy en met Interims. “Het werkt”, vertelt Geraldine Septer, “maar we hadden behoefte aan een versnelling. Ik zocht een samenwerkingspartner die ook vanuit inhoud was doorgegroeid naar leider, een directeur, die spreekt uit kennis en uit ervaring.” Die startte op 1 januari, toen Ron Droste toetrad als aandeelhouder en compagnon. “Ik kende hem van mijn tijd bij de Rabobank, hij was zelfs een tijd mijn mentor, ik heb veel van hem geleerd.” Ron Droste studeerde bedrijfskunde in Groningen en maakte carrière in de financiële

‘Leiderschap, visie, structuur en cultuur bepalen het succes van een bedrijf’

dienstverlening. In zijn laatste functie gaf hij als directeur leiding aan de gehele particuliere en private banking-dienstverlening van Rabobank in Nederland en stuurde hij duizenden medewerkers aan. “Daar stopte mijn carrière; ik was vanuit de inhoud uitgegroeid, had me beziggehouden met alle facetten van bankieren en management. Ik kwam met mijn BV Droste Advies bedrijfsmatig aan de andere kant van de tafel terecht, niet meer met een bankenbril, maar vanuit het oogpunt van ondernemers. Dat was en is erg leuk om te doen, maar toch trok het bredere ondernemerschap. Ik had Geraldine al die tijd vanaf de zijlijn gevolgd; we kenden elkaar, ik wist wat ze kon en ik was ook betrokken bij de start van haar bedrijf. Toen de vraag kwam om te participeren, heb ik even nagedacht. Zij werkt voor het MKB, dat is een voor mij bekende, maar toch andere omgeving dan een corporate en ik vroeg me af of ik daarin zou passen. Ik ben een half jaar geleden in Geraldine’s bedrijf gestart als stagiair, gewoon om te kijken of ik het leuk en uitdagend zou vinden. Ik werd al snel enthousiast, omdat je hier

‘Leidinggeven is een vak, dat kun je leren’

klanten echt verder kunt helpen, ze een weg kunt wijzen om verder te groeien. Hier kan ik in een ‘hands-on'-omgeving snel het verschil maken en dat bevalt goed.”

MKB

Het MKB is een belangrijke werkgever in Nederland en in vrijwel elk bedrijf staat een leider aan het roer. ”Leidinggeven is een vak, dat kun je leren”, vertelt Ron. “Het begint natuurlijk bij jezelf, maar elke ondernemer kan hulp gebruiken. Bijvoorbeeld door gebruik te maken van een mentor, die je coacht, die reflecteert en feedback geeft. Dat is een belangrijk onderdeel van ons fullservicemodel Leiderschap heeft direct invloed op de rest van de organisatie. Dat kun je zichtbaar maken. Belangrijke onderdelen van leiderschap zijn in onze ogen visie, structuur en cultuur. Dat zijn de belangrijke pijlers die het succes van het bedrijf bepalen. De visie is essentieel; elk bedrijf moet een doel hebben, een stip aan de horizon en

een weg die daar naartoe leidt. De leider geeft in samenwerking met zijn teams richting; daarvoor heeft hij een werkbare structuur ontwikkeld. In zo’n structuur leg je bijvoorbeeld vast hoe je verantwoordelijkheid uitbesteedt, maar je spreekt ook kaders af. Binnen die grenzen is er veel mogelijk. Een goede cultuur in een bedrijf is essentieel; krijgen medewerkers vertrouwen in plaats van voortdurende controle, is de samenwerking goed geregeld en worden eigen inzet en eigen initiatief aangemoedigd? In feite is cultuur samen te vatten in het zinnetje: ‘work hard, play hard’. Dan krijg je ‘happy leaders, happy people, happy customers’. Dat is ook de titel van het wetenschappelijke afstudeeronderzoek waar de LiveLab-methode op is gebouwd en in de financiële, zorg- en onderwijssector zijn resultaten al heeft geboekt en nu dus ook in het MKB. Het lijkt eenvoudig en dat is het ook. Dat is het mooist zichtbaar in bedrijven waar het goed wordt georganiseerd; daar lijkt altijd alles van een leien dakje te gaan. Dat is natuurlijk niet zo; ook daar komen ze uitdagingen tegen, maar er is wel een cul-

tuur waarin ze met strubbelingen kunnen omgaan. De leider en zijn of haar leiderschap zijn daarbij essentieel.”

DE TOEKOMST

Volgens Geraldine Septer en Ron Droste gaat het goed met The LiveLab Company. “De basis is goed en die gaan we verder ontwikkelen, want we willen groeien. Onze boodschap is helder, onze klanten snappen het idee en maken er gretig gebruik van. We zijn pas vier jaar bezig en er is nog zoveel te doen. Veenendaal is voor ons een prachtige basis en een echte ondernemersstad. Hier wonen en werken mensen die vooruit willen, ondernemers die het verschil willen maken. We kunnen en willen in heel Nederland bedrijven helpen, MT’s en directies aan de hand nemen, naar processen kijken, uitzoeken wie waar op zijn plek is, maar alleen als we echte waarde toe kunnen voegen. Bijvoorbeeld ook op het gebied van sales, HR of marketing. De vragen liggen er, daar zijn we heilig van overtuigd. Zin in een eerste kennismaking? Bel 06 1032 6002 of mail info@thelivelabcompany.nl.”

FOV REGIO FOODVALLEY BEZORGD OVER STAGNERENDE EXPANSIE BEDRIJFSTERREINEN

‘Wonen en werken moet in balans blijven’

De bedrijvigheid in Midden-Nederland bloeit als nooit tevoren, maar er wringt iets. FOV Regio Foodvalley signaleert voor de directe toekomst een verstoring van de balans met de bevolkingsgroei en dat valt rechtstreeks terug te voeren op de stagnerende expansie van industrieterreinen, waar te weinig kavels beschikbaar komen.

“Daarmee loopt de welvaart in de nabije toekomst gevaar,” waarschuwt bestuurslid Gerrit Valkenburg.

Aan de aantrekkingskracht van de Regio Foodvalley op ondernemers ligt het niet, want die is onveranderd hoog, mede door de centrale ligging. Het pijnpunt komt echter steeds sterker naar boven. “Ten opzichte van wat het bedrijfsleven zou willen, laat monitoring van de situatie zien dat er veel te weinig gerealiseerd is als het gaat om de ontwikkeling van nieuwe vestigingslocaties,” zegt Valkenburg. “Ook voor de komende tijd ziet het er niet rooskleurig uit, zeker als je het afzet tegen de huidige en geplande woningbouw. Bedenk dat de industrieterreinen voor het grootste deel van de werkgelegenheid in de regio zorgen. Als vuistregel geldt dat één hectare gemiddeld honderd arbeidsplaatsen oplevert. Stel dat je met nieuwe woningen 10.000 mensen huisvest die straks allemaal naar werk zoeken, dan heb je dus honderd hectare nodig om hen allemaal een baan te kunnen garanderen en te voorkomen dat we straks problemen krijgen met werkloosheid of een typisch forensengebied worden. In de huidige tijd lijkt dat misschien ver weg, maar als de scheefgroei in ontwikkeling zo doorgaat, komt dat moment een keer. De balans is niet toekomstbestendig.”

KIP OF EI

FOV Regio Foodvalley erkent dat er voor gemeenten uitdagingen liggen als het gaat om de ontwikkeling of uitbrei-

ding van industrieterreinen. “Natuurlijk zijn er issues op energiegebied, maar dat wil niet zeggen dat je moet stoppen met het maken van plannen,” stelt Valkenburg. “Wanneer je een locatie markeert als zone voor toekomstige bedrijventerreinen, kun je de opgave mede bij de netbeheerders leggen. Anders blijf je in de situatie van de kip of het ei zitten. Er is altijd perspectief, niet in de laatste plaats door technologische ontwikkelingen en de bijdrage die wij daar als ondernemers zelf aan leveren. Bedrijven investeren in zonnepanelen om elektriciteit op te wekken en accu’s om deze op te slaan, delen stroom via energiemanagement, nemen besparingsmaatregelen, stemmen werktijden op elkaar af om pieken te voorkomen en maken indien nodig gebruik van een energiemanager en van de kennis van het Regionaal Energieteam Bedrijven. Wat het niet altijd even makkelijk maakte, was het feit dat je als ondernemer volgens de wet geen stroom die je overhield aan een ander mocht leveren. Gelukkig kunnen we pilots gaan draaien waarin dat wel wordt toegestaan.”

CIRCULAIRE ECONOMIE

De achterblijvende ontwikkeling van industriegebieden knelt, zo constateert FOV Regio Foodvalley. “Op bepaalde terreinen bevindt de leegstand zich

onder de frictiegrens. Je hebt altijd vijf à zes procent nodig om ervoor te zorgen dat bedrijven vrijelijk kunnen verhuizen, indien noodzakelijk om concurrerend te blijven. Wanneer dat op slot zit, zullen ze hun processen outsourcen en zich buiten de regio vestigen, waarmee werkgelegenheid verdwijnt. Trouwens, willen we met zijn allen kunnen bouwen aan een circulaire economie, dan vraagt dat om extra grond. Herbruikbare materialen die vrijkomen, moet je tijdelijk ergens opslaan en er is ruimte nodig voor windmolens, zonneparken en accupakketten. Wij maken ons tevens zorgen om de haven van Wageningen, die een betere ontsluiting verlangt naar de regio, voor transport met een lagere CO2-uitstoot dan over de weg. Door schaalvergroting vallen agropartijen elders in het land af en wordt de concentratie in deze regio steeds sterker. Bij andere vormen van infrastructuur loopt het eveneens vast. Hoe kun je huizen neerzetten als de wegen dichtslibben, zoals bij de Rijnbrug en het knooppunt van de A1 en A30? Wij dringen er bij de politiek op aan dat zij haar verantwoordelijkheid neemt en woon- en werkgebieden in eenzelfde tempo aanwijst, anders komt de welvaart in deze mooie regio straks ernstig onder druk te staan.”

Meer informatie: www.fovweb.nl

ENERGIEBALANS KOMT VOLGENS REB DEELS UIT DE LUCHTSTROOM

Wind in de wieken

Netcongestie en de dreigende aansluitstop van woningen en kleine bedrijven deze zomer remt de bouw van 40.000 woningen en economische groei. Het Regionaal Energieteam Bedrijven van Regio Foodvalley (REB) zet zich al jaren in om de groeiende problematiek het hoofd te bieden door te werken aan energieoplossingen bij bedrijven en op bedrijventerreinen. Het REB ziet windturbines op sommige bedrijventerreinen als een onmisbare schakel in het realiseren van een optimale energiebalans, zonder voorbij te willen gaan aan mogelijke bezwaren. Eén ding staat vast: er moet iets gebeuren, wil de woningbouw en de economie op korte termijn de wind in de zeilen blijven houden.

ENERGIEMIX VAN DE TOEKOMST

Door de aankondiging van TenneT (12 februari red.) staat er fors druk op de ketel. “We moeten 't lokaal oplossen, anders loopt de regio vast met energieaanvragen die niet ingewilligd kunnen worden,” stelt Arthur Houben, voorzitter van de REB-stuurgroep. “De file op het netwerk kan - ook op lange termijn als het netwerk is verzwaard door de netbeheerders - worden vermeden door lokaal energie op te wekken en deze direct ter plekke te gebruiken. Of als dat niet kan, de energie tijdelijk op te slaan in bijvoorbeeld batterijen of waterstof. We moeten het energievraagstuk zo breed mogelijk aanpakken voor de toekomst, anders ontstaan er straks echt zware tekorten. Wind kan naast met zon opgewekte energie een belangrijke schakel zijn in een robuust energiesysteem. Met alleen zonnepanelen redden we het niet, energie opwek met een SMR (Small Modular Reactor) is op kortere termijn niet beschikbaar en opwek met gas- of dieselgeneratoren is niet echt een structurele oplossing.”

“In goede samenwerking met gemeenten, provincies en het bedrijfsleven worden initiatieven ontplooid en gerealiseerd”, zegt Wicha Benus, projectleider voor drie bedrijventerreinen in Barneveld en ambassadeur van het REB. “In Kootwijkerbroek ligt een solarpark van twintig hectare en overal wordt zonne-energie opgewekt op daken van huizen, bedrijfspanden en stallen. We onderzoeken de mogelijk-

Kees Bos, projectleider REB Regio Foodvalley:

'Kleinschalige molens op industrieterreinen of bij agrarische bedrijven zie ik als het meest kansrijk voor brede acceptatie van windenergie onder omwonenden.'

heden van waterstof – met name voor energieopslag – er komt grootschalige batterijopslag en we nemen windenergie in het plaatje mee.”

DRAAGVLAK

In navolging van het plaatsen van twee windturbines in Ede staat nu eenzelfde project op stapel voor Harselaar Zuid 1B en 2 in Barneveld, waar twee toekomstige bedrijventerreinen vijftig hectare zullen bestrijken. “Het project bevindt zich in de onderzoeksfase,” verklaart Benus. “Waar de doorlooptijd voor het aanleggen van een zonneveld tussen de 12 en 24 maanden ligt, gaat dat bij windturbines al richting de vijf tot acht jaar, wat te maken heeft met vergunningscomplexiteit. Je moet door zoveel hoepels springen: inpassing in het gebied, infrastructuur, ecologie, bestemmingsplan, inspraakprocedure, participatie. Dat laatste houdt in dat bedrijven en particulieren een aandeel in het project kunnen verkrijgen, wat hen zeggenschap geeft en het draagvlak vergroot.”

De ambassadeur van het REB haalt met dat laatste een gevoelig punt aan. “Natuurlijk zijn we ons bewust van de bezwaren, zoals op esthetisch vlak.”

Houben: “Ook het REB heeft er oog

FOV-voorzitter Wim Werkman: 'Bij een optimale energietransitie in de regio kunnen we niet om de inzet van windenergie heen.'

voor dat er draagvlak moet zijn voor windenergie. In de overwegingen voor windturbines keren telkens dezelfde criteria terug, namelijk strategische noodzaak, ruimtelijke inpasbaarheid, draagvlak, bedrijfsvoering en veiligheid, economie en vestigingsklimaat.

Oftewel: er zijn valide redenen om wel en om niet voor windenergie op bedrijventerreinen te kiezen.”

ZON EN WIND VULLEN ELKAAR AAN

Volgens Houben kunnen windmolens echter bijdragen aan een stabiele energiebalans. “In een jaar zitten 8760 uren. De zon schijnt ongeveer 1000 uur en de daarmee opgewekte stroom kun je beperkt in batterijen opslaan. Bedenk dan eens dat er 3000 uur per jaar wind waait… en dat nou juist vaak op bewolkte dagen. Zo krijg je twee energiebronnen die grotendeels complementair aan elkaar zijn.” Benus vult aan: “Bovendien streven we lokaal voor lokaal na: energie in de regio opwekken, zodat deze niet vanaf de andere kant van het land getransporteerd hoeft te worden. Vergeleken met zonnepanelen zijn veel minder vierkante meters nodig.’ Over de circulariteit van windturbines hoeven we ons wat Benus betreft geen zorgen te maken. “Nota bene in Barneveld zit een bedrijf dat ze na hun levensduur van 20 à 25 jaar refurbisht voor hergebruik elders in de wereld.” Heeft de energiebalans in de Regio Foodvalley straks de wind mee?

Meer informatie: reb-foodvalley.nl

‘Wij vertalen kennis naar 3D-toepassingen alleen als we het verschil kunnen maken’

Blauwe ingrediënten en voedingsmiddelen? Los van blauwe M&M’s zie je het zelden. Precies dáárom print Oceanz 3D Printing in Ede blauwe machineonderdelen voor de voedingsmiddelenindustrie: ze vallen op en houden de productie dus veilig. Oceanz 3D Printing is echter in meerdere sectoren actief. Uit hun printers rollen ook andere kunststof- en metaalproducten: van robotgrijpers tot drone-onderdelen en specifieke medische hulpmiddelen. Directeur Erik van der Garde verklapt Oceanz’ motto: ‘We printen alleen als het lichter, beter, sneller of mooier kan.’

Aan de Maxwellstraat in Ede draaien de 3D-printers van Oceanz op volle toeren. Het bedrijf zag in 2010 het levenslicht, toen 3D-printen nog vooral ingezet werd voor hobbyproducten. Denk aan telefoonhoesjes, sleutelhangers en oorbellen. Drie jaar later stapte Erik van der Garde aan boord, gewapend met een opleiding Managementwetenschappen en een passie voor kennismanagement. ‘Hoe je kennis creëert en deelt om organisaties slimmer te maken, dat vind ik interessant.’ Diezelfde blik gebruikte hij bij Oceanz: waar kon 3D-printen klanten échte waarde leveren? Het antwoord was duidelijk: om verschil te maken, lag de koers richting business-to-business voor de hand.

OCEANEN

Vooruitkijken zit in het DNA van Oceanz. Zelfs de bedrijfsnaam verwijst ernaar: ‘Tijdens mijn opleiding raakte ik gefascineerd door de Blue Ocean Theory,’ vertelt Van der Garde. ‘In de rode oceaan draait het om prijs en levertijd: daar zwemmen de haaien en

‘In plaats van materiaal weg te halen, voegen wij alleen materiaal toe waar nodig’

is het bloed, zweet en tranen om te overleven. In de blauwe oceaan gaat het om de vraag van overmorgen.’ De blauwe oceaan is Oceanz’ speelveld. Toch beperkt het bedrijf zich daar niet toe: de paarse kleur in het logo – een eigen vondst – staat voor klanten die niet helemaal in de blauwe oceaan zwemmen, maar ook niet in de rode. Deze klanten hebben al een idee en Oceanz helpt dit idee om te zetten naar een prototype of een serie producten. ‘Dit noemen we de paarse oceaan. Daar stappen we graag in als we kansen zien.’

LAGEN

Oceanz is marktleider in Nederland op het gebied van 3D-printen, ook wel additive manufacturing genoemd.

Objecten worden laag voor laag opgebouwd uit 3D-modelgegevens. Heel anders dus dan bij conventionele technieken zoals frezen of zagen. ‘In plaats van materiaal weg te halen, voegen wij alleen materiaal toe waar nodig,’ legt Van der Garde uit. Dat maakt het proces niet alleen duurzamer – er ontstaat nauwelijks afval – maar biedt ook ontwerpvrijheid. Zelfs de meest complexe vormen zijn eenvoudig te realiseren. Bovendien is het proces flexibel en snel, geschikt voor maatwerk en series. ‘Daardoor hoeft een klant geen grote voorraden meer aan te leggen. Je bestelt gewoon één, tien of honderd stuks, precies wat je nodig hebt.’

SERVICE

‘Voor veel mensen is het printen bijzonder,’ vertelt Van der Garde, ‘maar voor ons is dat de basis. Het verschil maken we met onze service.’ Die service begint met advies: is het idee geschikt en is printen de slimste oplossing? Als het model groen licht krijgt, verhuist het naar het

3D-printmachinepark. Dat kan gaan

om één enkel prototype of om een complete serie. Vaak bouwen klanten stap voor stap hun productprogramma uit, maar de drempel blijft laag: ook wie één onderdeel nodig heeft, kan terecht. Qua materialen is de keuze groot. Materialen als nylon, carbon, titanium en RVS kunnen allemaal worden geprint. ‘In de praktijk komt het dus neer op twee hoofdroutes: kunststof en metaal,’ aldus Van der Garde. Na het printen volgen het afkoelen, uitpakken, nabewerken en de kwaliteitscontrole. ‘Dat hele servicepalet hebben we in huis.’

IMPACT

Kwaliteit is hét fundament bij Oceanz. Als eerste 3D-printbedrijf in Nederland werd hun kwaliteitssysteem bekroond met ISO 9001 en later met ISO 13485 voor de medische wereld. Daarmee voldoet Oceanz aan de strengste normen. Inmiddels ligt diezelfde lat net zo hoog in de industrie en food. ‘Zo kun-

‘Als je kijkt naar de arbeidsproductiviteit in de zorg, kunnen wij daar enorm aan bijdragen’

nen we in al die markten verschil maken voor onze klanten,’ zegt Van der Garde. Bij Oceanz draait het namelijk niet om printen om het printen. Het bedrijf is steeds selectiever geworden: elke opdracht begint met de vraag of 3D-printen echt impact maakt. ‘We printen alleen als het lichter, beter, sneller of mooier kan. Anders moet je het gewoon níet printen – dan is een andere techniek passender.’ Daarmee werd wat in 2013 nog een ‘nice-tohave’ was, een ‘need-to-have’.

TOEPASSINGEN

In de maakindustrie vertaalt 3D-printen zich naar concrete toepassingen: machineonderdelen voor apparaten en gereedschap, auto-onderdelen die voldoen aan de hoogste prestatie-eisen en

lichtgewicht drone-onderdelen die sterk én aerodynamisch zijn.

Die toegevoegde waarde bewijst zich net zo goed in de foodsector. Denk aan robotgrijpers — de zogeheten end-ofarm tooling. ‘Een gevulde koek vraagt bijvoorbeeld om een andere grijper dan een zak chips,’ legt Van der Garde uit. Het resultaat: robots gaan langer mee, grijpers zijn sneller te wisselen én preciezer in gebruik.

De medische wereld is de derde tak van sport waarop Oceanz zich richt. Zusterbedrijf Oceanz 3D Medical Models maakt patiëntspecifieke hulpmiddelen. Of het nu gaat om een kaak-, rug- of knieoperatie: 3D-geprinte onderdelen maken het werk van chirurgen, tandtechnici en onderzoekers efficiënter en nauwkeuriger. Ook de patiënt profiteert daarvan. De ingreep duurt korter, er is minder narcose nodig en de zorg kan vaak dichter bij huis. Kortere ingrepen verlagen bovendien de kosten en verminderen de druk op de zorg. ‘Als je kijkt naar de arbeidsproductiviteit in de zorg, kunnen wij daar enorm aan bijdragen.’

ACCELERATOR

Soms weet een klant wat hij wil bereiken, maar nog niet hóe. ‘Dáár begint innovatie,’ zegt Van der Garde. Dat zijn die ‘blauwe oceanen’. Met nieuwe materialen, technieken en modellen helpt Oceanz klanten hun doelen te realiseren. ‘3D-technologie is voor veel bedrijven een manier om te innoveren. Wij kunnen daarbij de accelerator in hun innovatieproces zijn. Tegelijk worden we zelf uitgedaagd om mee te bewegen.’ Zo dwong de groeiende vraag naar drones vanuit Defensie hen

Directeur Erik van der Garde: ‘We printen alleen als het lichter, beter, sneller of mooier kan’

De 3D-geprinte modellen van Oceanz bieden slimme oplossingen voor uiteenlopende toepassingen, zoals deze robotgrijper voor een gevulde koek

om verder in te zoomen. ‘We maakten al drone-onderdelen, maar nu kijken we nog scherper: kunnen we die nóg sterker of beter maken? Zo word je vanzelf de innovatie ingezogen.’

AUTOMATISEREN

Dat zo’n ‘blauwe-oceaanontwikkeling’ zelfs letterlijk blauw kan zijn, ondervond Oceanz een paar jaar geleden. ‘In de foodsector was vraag naar blauwe onderdelen. Slijt er een stukje af, valt het immers meteen op,’ vertelt Van der Garde. ‘Toen we daarmee begonnen, had niemand zo’n grondstof. Iedereen verklaarde ons voor gek.’ Inmiddels is blauw dé standaard in de Nederlandse foodindustrie. Innovatie betekent ook slimmer werken. Waar geprinte modellen vroeger met de hand werden gecontroleerd en gesorteerd, doet nu een geautomatiseerd systeem dat werk. ‘We pakken de modellen uit, leggen ze op de band en het systeem doet de rest,’ zegt Van der Garde. Het herkent het product, voert een kwaliteitscontrole uit en stuurt het naar het juiste station, bijvoorbeeld voor nabewerken of direct door als eindproduct. Elk station is voorzien met een eigen instructiescherm. ‘Zo maken we ons proces leaner, verhogen we de productiviteit én vangen we de krapte op de arbeidsmarkt op.’

KENNIS

Als gespecialiseerde mkb-onderneming heeft Oceanz veel kennis in huis. ‘Maar alleen red je het niet als bedrijf,’ zegt Van der Garde. ‘We zijn onderdeel van

een netwerk. Wat we niet weten, halen we op bij partners of klanten.’ In de medische wereld zie je dat goed: ‘Wij leveren wat een ziekenhuis nodig heeft, maar de arts heeft de meeste kennis. Onze rol is die kennis vertalen naar toepassingen.’ Van der Garde zou ook graag goede samenwerkingen met het onderwijs zien. Een mooi voorbeeld daarvan vond hij het Makerslab dat tijdelijk bij Oceanz huisde tijdens de bouw van het Technova College. ‘Daar maakten studenten kennis met 3D-printen, VR en nieuwe technologieën. Precies zo zou het moeten gaan. Prikkel studenten om theorie naar praktijk te brengen. Nodig bedrijven uit, organiseer gastlessen. Wij kunnen bedrijfskundestudenten laten zien hoe wij de Blue Ocean Strategy toepassen. Durf als opleiding te innoveren, dan sluit je vanzelf beter aan op de praktijk.’

TRANSITIE

Begin jaren 2010 dacht men dat in elke huiskamer een 3D-printer zou staan. ‘Dat bleek onzin,’ zegt Van der Garde lachend. ‘De techniek is echter volwassen en steeds meer gebruikers zien hoe geschikt 3D-printen is.’ Vanuit die fase maakt Oceanz de transitie door van klassiek maakbedrijf naar digitale fabri-

kant. ‘Tien jaar geleden was 3D-printen super hip, nu is het een commodity. Voor ons is printen geen doel op zich, maar een middel om digitale productie mogelijk te maken.’ Dat sluit aan bij de nieuwe generatie technisch-medische specialisten die digitaal zijn opgeleid. Met 3D-techniek kunnen zij de zorg goedkoper en duurzamer maken en zo een antwoord bieden op de arbeidstekorten in de zorg.

TROTS

‘Waar ik trots op ben? Op ons personeel,’ zegt Van der Garde zonder spoortje twijfel. Toen hij de 3D-printwereld instapte, dacht hij dat alles volledig geautomatiseerd zou zijn. ‘Toch blijkt de menselijke factor enorm groot. Ons team maakte al die transities mee en legde telkens de lat hoger.’ Veel van de mensen komen uit de regio. ‘Bij Oceanz werkt veel lokaal personeel. Ik vind het belangrijk dat zij zich onderdeel voelen van Regio Foodvalley. We mogen trots zijn op deze regio. Het is een prachtige plek, qua omgeving én qua ondernemers. We kunnen veel meer met elkaar dan we laten zien. Terwijl veel funding naar het zuiden of westen gaat, heeft juist deze regio zóveel te bieden.’

Dit artikel komt uit de achtste editie van het online magazine Innovatiemonitor Regio Foodvalley. Meer inspirerende verhalen van innovatieve ondernemers lezen? Kijk dan op: https://innovatiemonitor.regiofoodvalley.nl

Samen opleiden voor de technische praktijk van de toekomst

De arbeidsmarkt in de technieksector staat onder druk in Regio Foodvalley. Er is werk genoeg, maar er zijn te weinig vakmensen, en ook minder jonge mensen die voor een praktische opleiding kiezen.

Hoe win je en hoe behoud je talenten voor de techniek in Regio Foodvalley? Verandert de rol van het technische onderwijs? Waarom zouden bedrijven zelf een rol oppakken? Maakt het uit of een praktijkopdracht uit de echte wereld komt? Kunnen we samenwerken aan oplossingen? Hoe organiseer je dat? Regio Foodvalley ging op de koffie bij Technova College, de mbo-school voor Ede en omstreken voor creatieve en technische opleidingen. De arbeidsmarkt is niet alleen krap, maar tegelijkertijd veranderen ook de gevraagde kennis en vaardigheden snel, door onder andere digitalisering, energietransitie, verduurzaming, AI, nieuwe technieken en nieuwe bouwmethodes. Volgens onderwijsmanagers Annet Leeflang en Hans Schipper bij Technova College ligt de sleutel tot voldoende goed technisch personeel voor de toekomst in het structureel samen optrekken met technische bedrijven in de regio.

BLIJVEN LEREN EN ONTWIKKELEN MET

TECHNOVA COLLEGE

“Bij het Technova College kan je kiezen voor complete voltijdse beroepsopleidingen (bol), maar ook voor beroepsbegeleidende leerwegen (bbl), waarbij je leren en werken combineert, bijvoorbeeld één dag school en vier dagen werken. Daarnaast spelen we ook met maatwerk in op ‘Leven Lang Ontwikkelen’, de behoefte aan scholing voor mensen die al werken of die willen zij-instromen. Want het gaat niet meer om alleen instroom, maar ook om geschikte mensen te boeien en te behouden."

Opleiden betekent voor Technova niet alleen kennis en vaardigheden bijbrengen voor een beroep. “Het betekent ook het voorbereiden van studenten op een eventuele vervolgopleiding, en vorming van studenten tot verantwoordelijke burgers”, vertellen de onderwijsmanagers.

De bestaande samenwerking met bedrijven wil Technova graag verder verbreden, ook naar kleinere bedrijven die misschien geen perso-

neelsafdeling of scholingsbeleid hebben. “Wij willen het liefst geen enkel technisch bedrijf met een onderwijsbehoefte hoeven uitsluiten. Maar hoe betaalbaar en uitvoerbaar dat is, verschilt soms per branche”, vertellen de onderwijsmanagers.

“Als bedrijven binnen een branche hun vraag naar een bepaalde opleiding goed weten te bundelen, dan zijn wij vaak in staat de gewenste opleiding ook aan te bieden. Ook doen wij actief moeite om de behoefte aan bijscholing boven tafel te krijgen”, vertellen Schipper en Leeflang. “En sommige branches zijn zelf heel goed in staat om het doorleren na je diploma te organiseren met brancheopleidingen en certificaten.” Maar lang niet in elk bedrijf is jezelf doorontwikkelen een vast onderdeel van het werk. Maar kan je nog wel stilstaan in deze tijd? “En wat voor medewerker wil je over vijf jaar hebben?”

REGIONAAL SAMENWERKEN IN PROJECTEN

Hoe weet je welke nieuwe vaardigheden en kennis de veranderende wereld vraagt? En waar vind je opdrachten die cursisten echt motiveren en boeien? Dat gaat allebei heel goed in projecten waarin ondernemers, onderwijs en overheid samen oplossingen voor problemen in de echte wereld verkennen, merken de onderwijsmanagers.

Precies het type samenwerking waar Regio Foodvalley graag met de Human Capital Agenda op inspeelt. “Denk aan projecten rondom een thema, zoals biobased bouwen bijvoorbeeld”, vertelt Leeflang. “Leerlingen leren vooral wanneer opdrachten echte impact hebben. Dat soort ‘high impact learning’ motiveert studenten enorm.”

Behalve studenten leren ook deelnemende bedrijven, onderwijs en overheid veel van projectsamenwerking, vertelt Leeflang: “Wat speelt er nu, wat weten we al wel. Welke kennis mist er nog en wat hebben we nodig?”

In de samenwerking rondom urgente en actuele thema’s ligt ook een sleutel naar geschikt personeel en mogelijkheden voor ontwikkeling van eigen mensen voor kleinere mkb-bedrijven, stellen de onderwijsmanagers. “Regio Foodvalley bestaat voor een groot deel uit mkb-bedrijven”, vertellen ze. “Voor een klein bedrijf zonder personeelsafdeling kan het zeer interessant zijn om een rol te overwegen in zo’n project.” Het nemen van een complete rol als stageadres voor een voltijdleerling of als leerwerkplek voor een bbl-leerling, lijkt voor sommige kleinere bedrijven dan weer makkelijker gezegd dan gedaan, beseffen de onderwijsmanagers.

DE TIJDSINVESTERING WAARD

“Want stagiairs en afstudeerders naar de werkvloer halen, of een leerbedrijf zijn, is inderdaad niet vrijblijvend”, leggen Schipper en Leeflang uit. “Mensen in opleiding zijn dus méér dan extra handjes. Als je een student alleen inzet voor productie, mis je de kern,” zegt Schipper. Want een leerwerktraject of stageplaats bieden is een investering in toekomstig vakmanschap. “Dat vraagt van bedrijven dat ze zich verdiepen in wat opleiden eigenlijk betekent. Het gaat niet alleen over beroepsvaardigheden, maar ook om persoonsvorming van de leerling, ruimte geven om te ontwikkelen en te groeien. De maatschappelijke opdracht voor het mbo is veel groter dan beroepsvaardigheden en werknemersvaardigheden. We werken toe naar een drievoudige kwalificatie, voor beroep, identiteitsontwikkeling en doorstroommogelijkheid.”

Maar werken met studenten kan, als je ze ruimte geeft, ontzettend verrassende en frisse oplossingen opleveren. “We onderschatten structureel wat studenten te bieden hebben”, weet Schipper.

EEN LERENDE SCHOOL

De veranderende praktijk waarin bedrijven en overheid meer samen optrekken en zich blijven ontwikkelen, vraagt overigens ook een andere houding van docenten. “Docenten hoeven niet meer alles te weten. Het tijdperk van ‘vertellen hoe ze het moeten doen’ is al lang voorbij. De rol van een docent is die van nieuwsgierige, ondernemende leerlingbegeleider, en die van de school een lerende, ondernemende organisatie, in een ecosysteem met ondernemingen.”

De technische en creatieve school zou dan ook graag structureel met bedrijven willen optrekken om de ontwikkeling van kennis, vaardigheden en personeel gelijke tred te laten houden

met de vraag van de toekomst.

“Daarvoor willen we ons graag goed zichtbaar maken in de regio.”

“Investeren in studenten en onderwijs kan dan wel wat tijd kosten, en meedoen aan ‘onderzoekende’ projecten kan dan wel een ‘onzekere output’ geven... Het levert ook zo veel meer op dan een ‘quick win’”, stelt Leeflang.

“Als je samen onderzoekt wat wel en niet werkt, ontstaan er oplossingen die een vraagstuk op de langere termijn echt verder helpen.”

DE KOFFIEBEKER GAAT NAAR…

… Gert-Jan Koetsier, kwartiermaker van de Techniek Coalitie Regio Foodvalley, en Piet Koppelaar van Revabo. Zij beantwoorden onder andere de vragen: Welke rol speelt de Techniek Coalitie in het verbeteren van het technische arbeidstekort in de regio? En hoe zorgen we ervoor dat het onderwijs een goede en duidelijke rol speelt binnen de Techniek Coalitie?

Bouwen aan een duurzame, gezonde en toonaangevende Regio Foodvalley is mensenwerk. Mensen zijn de drijvende kracht en waardevolle bron van onze regio. De sleutel tot succes is een sterke samenwerking. In Regio Foodvalley werken we aan een toekomstbestendige arbeidsmarkt waarin ondernemers, vakmensen en kenniswerkers elkaar versterken. In een krappe arbeidsmarkt, waarin meer en andere vaardigheden nodig zijn van werknemers, is het voor ondernemers een uitdaging om voldoende en passende mensen te vinden. Daarom is talent aantrekken, boeien, (levenslang) ontwikkelen en vitaal houden essentieel. We stimuleren vakmanschap en zorgen dat het opleidingsaanbod aansluit op de praktijk, zodat mensen zich een leven lang kunnen blijven ontwikkelen. We ondersteunen goed werkgeverschap en innovatie, zodat een goede match tussen vraag en aanbod en een inclusieve arbeidsmarkt ontstaat. Met deze aanpak leggen we de basis voor een arbeidsmarkt waarin iedereen kansen krijgt én pakt. Benieuwd waar Regio Foodvalley zich mee bezighoudt?

Kijk op https://www.regiofoodvalley.nl/programmas/human-capital

HUMAN CAPITAL IN REGIO FOODVALLEY

Hoe Food2040, het rapport Wennink en het nieuwe coalitieakkoord elkaar laten groeien!

In de moestuin zeggen ze het al jaren: goede buren maken het leven makkelijker. En eerlijk, soms denk ik dat planten het beter begrijpen dan wij. Zet een ui naast een wortel en je hebt een topteam. De ui jaagt de wortelvlieg weg. De wortel houdt het onkruid in toom.

FOOD2040

Dat idee van goede buren zie je ook terug in Food2040. Het is een langetermijnplan om Nederlandse food- en agrotechbedrijven sterk te houden. Niet door nóg meer pilots, maar door opschalen mogelijk te maken. Met betere toegang tot kennis, talent, testfaciliteiten en financiering.

Food2040 gaat dus niet over één supergewas dat alles kan. Het gaat over ‘combinatieteelt’. Regio’s die weten waar ze goed in zijn en dat slim verbinden met anderen. De ene regio levert de voedingsstoffen: kennis, data, onderzoek. De andere zorgt voor volume, productie of logistiek. Zoals peulvruchten stikstof vastleggen in de bodem, waardoor andere planten beter groeien. Samen groeien ze sterker dan wanneer ze alleen staan.

RAPPORT WENNINK

Het rapport-Wennink trekt die lijn door. De boodschap is helder: Nederland blijft alleen economisch sterk als bedrijven, kennisinstellingen en regio’s betere buren worden. Zeker rond sleuteltechnologieën. Het rapport-Wennink vraagt om samenwerking, omdat Nederland zijn economische kracht niet meer kan vasthouden met losse initiatieven en

eilandjes. We zijn sterk in kennis, sterk in mkb en sterk in niches, maar zwak in het verbinden. Innovaties blijven te vaak steken tussen lab en markt.

COALITIEAKKOORD

Ook het nieuwe coalitieakkoord zet die schop in de grond. Food en agrofood worden niet gepresenteerd als iets wat je vanuit Den Haag regelt. Het kabinet legt de nadruk op samenwerking met regio’s, medeoverheden en het bedrijfsleven. Juist bij grote transities rond landbouw, voedsel, klimaat en economie.

WAT LEREN WE HIERVAN?

Groei in deze regio vraagt dat we over onze eigen schutting heen kijken en investeren in gezamenlijke ambities en voorzieningen: kennis, talent en opschaling.

En het vraagt van de Economic Board verbindingen te organiseren en ruimte te maken voor initiatieven die regionaal én interregionaal waarde toevoegen.

Kortom: Samen versnellen. Alleen raak je achterop!

Gertjan Verstoep, secretaris Economic Board Regio Foodvalley

Flexibel onderwijs voor de toekomst, verankerd in de regionale praktijk

De regio staat voor flink wat uitdagingen. Overheid, ondernemers en onderwijs in de Regio Foodvalley komen verder door samen op te trekken. Wie kan er wat betekenen? Hoe kunnen we elkaar helpen? Daarover spreken deelnemers aan de rubriek Regio Foodvalley ontmoet... In deze editie komt de Christelijke Hogeschool Ede (CHE) aan het woord: scheidend voorzitter Jan Hol en Pieter Oudenaarden, de nieuwe voorzitter per 1 april en nu nog lid van het college van bestuur.

Jan Hol: “De Christelijke Hogeschool heeft een sterke identiteit. En het zit in onze genen om ook bij onze studenten een sterke en brede professionele identiteit te ontwikkelen. Mensen die niet alleen economische waarde leveren, maar

ook vanuit sterke ethiek kunnen werken aan oplossingen.” Vanuit die identiteit wil de school de komende jaren inspelen op de arbeidsmarktvraagstukken in Regio Foodvalley, blijkt uit een ontmoeting met de bestuurders.

FLEXIBEL AANBOD VOOR EEN

LEVEN LANG LEREN

De CHE wil bijvoorbeeld een logische partner zijn om met flexibel onderwijsaanbod krapte op de arbeidsmarkt het hoofd te bieden. Oudenaarden: “Als hogeschool dichtbij kunnen we veel doen voor de werkgelegenheid in de regio, door onderwijs wendbaarder aan te bieden voor bredere groepen. Bijvoorbeeld door het opleiden van meer potentiële werknemers dan alleen de jonge voltijdstudent.” Ook de zij-instromer of de werkende die zich verder wil professionaliseren kan op de CHE terecht.

“Wij kijken nu bijvoorbeeld naar onderwijsaanbod op verzoek van regionale accountantskantoren die veel bij agrariërs zitten, en waar een tekort aan mediors is. Die studenten kunnen ook 40 of 50 jaar zijn, dat maakt niet uit. Wat ‘een leven lang leren’ betreft, kan de regio heel veel plezier hebben van een hogeschool als de onze.”

RELEVANT EN PRAKTIJKGERICHT

ONDERZOEK EN ADVIES

Waar de school ook op inzet, is het koppelen van onderzoek en onderwijs aan échte relevante vraagstukken in de praktijk, samen met bedrijven en overheid. Daarin speelde de Economic Board van Regio Foodvalley al meerdere keren een rol als opdrachtgever, zoals voor een onderzoek voor de Human Capital Agenda, naar welke professionals de regio de komende vijftien jaar nodig heeft. Jan Hol: “Ik ervaar het als heel verrijkend om met studenten samen opdrachten te kunnen doen waarbij studenten als onderzoeker of jonge consultant aan een échte casus kunnen werken.”

ADVIES VOOR MKB

Zo kunnen studenten bijvoorbeeld uitkomst bieden voor de vele mkb-bedrijven in de regio, voor wie een dure

consultant geen optie is. Hol: “In onze regio hebben we ongeveer 200.000 banen die door klein mkb worden ingevuld. Die bedrijven hebben zelf geen eigen personeelszakenexpertise of juridische expertise. Of zij kunnen advies gebruiken op het terrein van ICT. Zij zijn niet geneigd om een dure consultant in te huren om een arbeidsrechtelijk vraagstuk uit te pluizen of te helpen bij de strategieontwikkeling. En daar blijkt dat onze studenten veel voor die kleine ondernemers kunnen doen.” Zo is bijvoorbeeld al het inspiratieboek ‘Werkkracht’ ontwikkeld, een verzameling tips en adviezen voor personeelsbeleid in het mkb.

FRISSE BLIK

Een frisse blik van studenten die vanuit de opleidingen aan echte vraagstukken werken, kan verrassend waardevol zijn, weten de bestuurders. “Een bedrijf dat vacatures niet vervuld krijgt, kan bijvoorbeeld van ‘Gen Z’ leren dat een leaseauto als arbeidsvoorwaarde niet meer zo relevant is. Jongeren werken onderweg online en hebben liever hulp bij het vinden van een woning of

het oplossen van een studieschuld om zo de belemmering voor een hypotheek op te lossen”, duidt Oudenaarden.

GEWORTELD IN DE REGIO

Nog een strategie van de Christelijke Hogeschool is sterke verankering in de eigen regio met krachtige relaties. De opleiders willen, met het flexibele aanbod, met het praktische onderzoek en met de sterke focus op professionele identiteit, een structurele partner voor regionale vraagstukken zijn.

“Van de vraag hoe we alumni in de regio kunnen houden tot hoe we mkb-bedrijven digitaal onafhankelijker maken van Amerikaanse software..., we definiëren projecten waarvan een regio kan zeggen: ‘daar wil ik opdracht aan geven’.

Wat Hol het meest gaat missen? “De collega’s en studenten, en de innovatieve én sterke identiteit van de hogeschool. Waar Oudenaarden zin in heeft als opvolger? “Erop uitgaan, de haarvaten van de regio in en onderdeel zijn van het ecosysteem.”

Martijn Engwerda: ‘Het begon met de implementatie van een ERP-pakket. Toen dachten we: ‘Als dit kan, is er nog veel meer mogelijk’.’

‘Digitalisering ontzorgt onze operators steeds meer’

Bij ITEQ in Nijkerk werken door digitalisering mens en machine steeds nauwer samen. Het bedrijf werd in 1988 opgericht en heeft zich toegelegd op de ontwikkeling en productie van plaatwerkproducten. ITEQ’s aanbod reikt van prototypes tot aan grote series, waarbij ITEQ kan worden gevraagd voor ontwerp, engineering, productie en assemblage op het gebied van onderdelen, modules en behuizing. Martijn Engwerda begon in 2007 als stagiair bij ITEQ en is nu operationeel directeur. Hij deelt een aantal van zijn procesinnovatielessen: goed begrijpen waar de toegevoegde waarde van je bedrijf zit, kennis delen met concurrenten en slim gebruik maken van voorzieningen in Regio Foodvalley.

Bij het verbeteren van processen is digitalisering een belangrijk hulpmiddel. Neem de laadstations die ITEQ maakt. De laadpaal is mooi vormgegeven en daar zijn geavanceerde bewerkingen van staalplaten (o.a. snijden, buigen en coaten) voor nodig. In de laadpaal zit een geavanceerde uitrolmechaniek van de laadkabels die ook door ITEQ wordt gemaakt. Het efficiënt produceren van de onderdelen van de laadpaal en het assembleren ervan is een complexe logistieke operatie die bij ITEQ verregaand geautomatiseerd is. Alle onderdelen moeten langs diverse bewerkingsstations, worden in elkaar gezet en ten slotte voor transport gereedgemaakt. Daar zit een omvangrijke gegevensstroom van technische specificaties en productieplanningsgegevens achter. Digitalisering heeft enorm geholpen om al die informatie te stroomlijnen.

‘ERP opende ons de ogen: als dit kan, is er nog veel meer mogelijk’

DOORPAKKEN

Voortdurend werken aan procesinnovatie zit in de kern van ITEQ. Engwerda: ‘Het startpunt hiervoor is de implementatie van een ERP-pakket in 2014 geweest. Dat leverde een paar handige verbeteringen en opende ons de ogen: als dit kan, is er nog veel meer mogelijk. Daarop zijn we gaan doorpakken. Er is toen één collega vrijgemaakt om de link tussen het ERPpakket en het programmeren van de machines uit te bouwen. Als je iemand daarvoor vrijmaakt, levert het echt wat op. We hebben daarna een zzp’er maatwerkkoppelingen tussen machines en het ERP-pakket laten maken. Als je dat als ERP-klant zelf oppakt, ga je veel sneller dan wanneer je wacht tot de ERP-leverancier dat heeft ontwikkeld voor ál zijn klanten. Een nadeel is wel dat je voor je innovatie afhankelijk wordt van bijvoorbeeld een zzp’er. Dat is in potentie wat kwetsbaarder.’

INVESTEREN

‘De basis, waarmee ITEQ zijn geld verdient, zijn de bewerkingsuren die we aan klanten verkopen. Bij ITEQ gaat het dus om de operators: de mensen die met de machines de producten bewerken. Denk daarbij aan verspanen, lassen, boren, buigen, monteren, snijden, et cetera. Het geld dat we daarmee verdienen, investeren we in nieuwe machines en digitalisering. Als je weet wáár je als bedrijf je geld verdient, kun je je erop richten om dáár te verbeteren. Dat kunnen wij doen door de maakbaarheid van producten te verbeteren, door kosten en prijzen goed te calculeren en door operators te ontzorgen zodat zij zich op hun kerntaak kunnen richten. Dan verliezen ze zo min mogelijk tijd aan het opzoeken van instructies en het verplaatsen of ophalen van materialen en spullen.’

KARAKTER

Innovatie heeft ook met karakters van mensen te maken, is Martijns ervaring: ‘Er zijn mensen die ervan houden om problemen op te lossen, bijvoorbeeld door een aanpassing in ERP. Dat type verbeteringen inspireren om andere problemen of kansen aan te pakken. Er zijn ook mensen die om problemen heen werken. Dan ontstaan er nieuwe, informele processen. Dat is niet de bedoeling. Het maken van een ‘work around’ kan begrijpelijk zijn, en de ‘work around’ is misschien wel slim maar het houdt innovatie tegen omdat de oorzaak van het probleem blijft bestaan. Echte innovators zijn nieuwsgierig en kijken als het ware achter problemen. Je kunt bijvoorbeeld printwerk automatiseren, maar je kunt ook zó automatiseren dat je niet meer hoeft te printen.’

PARTNERS

‘De probleemoplossers zijn belangrijke interne partners bij onze innovaties, evenals onze machinebouwers,’ legt Engwerda uit. ‘Moderne machinebouwers zijn ook softwareleveranciers. Ze snappen dat hun machine naadloos in een digitale totaaloplossing van een bedrijf moet passen. Ook begrijpen ze dat de operator niet meer de machine aanstuurt maar dat de machine de operator door het werk heen loodst zodat hij zich optimaal kan richten op zijn vakmanschap en zijn toegevoegde waarde, en niet met allerlei regelzaken bezig hoeft te zijn. Daarnaast is onze ERP-leverancier een belangrijke innovatiepartner. En niet te vergeten de zzp’ers die ons helpen bij het op maat aansluiten van het ERP.’

Het maken van een product als de laadpaal is een complexe, logistieke operatie
‘Je kunt printwerk automatiseren, maar je kunt ook zó automatiseren dat je niet meer hoeft te printen’

CONCULLEGA’S

ITEQ is lid van het Netwerk van Ambitieuze Toeleveranciers (Nevat).

Engwerda: ‘In dit netwerk delen we kennis en kijken we bij elkaar in de keuken. We zitten aan tafel met onze concullega’s en daar zitten ook echt concurrenten van ons bij. We hebben het nooit over commerciële activiteiten, prijzen, orders en dergelijke, maar alleen over operationele activiteiten. Denk daarbij aan hoe we machineleveranciers in beweging krijgen om zich meer op software te gaan richten,

Dit artikel komt uit de achtste editie van het online magazine Innovatiemonitor Regio Foodvalley. Meer inspirerende verhalen van innovatieve ondernemers lezen? Kijk dan op: https://innovatiemonitor.regiofoodvalley.nl

procesverbeteringen in je bedrijf en leiderschapsstijlen. We leren veel van elkaar en zo breng je elkaar naar een hoger niveau. Dat is goed voor de concurrentiepositie van Nederlandse bedrijven ten opzichte van bedrijven in Europa en andere delen van de wereld. Nederlandse bedrijven kunnen alleen door slimme digitalisering concurreren op de internationale markt en daar heb je elkaar voor nodig. Als branche doen we jaarlijks ook een benchmark. Dat geeft veel informatie over waar je nog kunt verbeteren. Als

Een moderne machine loodst de operator door het werk heen zodat hij zich optimaal kan richten op zijn vakmanschap en zijn toegevoegde waarde en niet met allerlei regelzaken bezig hoeft te zijn

wij ons werk goed doen, kunnen onze klanten ook weer groeien en groeien wij vervolgens met hen mee.

Digitalisering is daarin voor ons essentieel.’

BOOST

‘ITEQ heeft natuurlijk een aantal klanten in Regio Foodvalley maar ook veel klanten buiten de regio. We horen voor ons gevoel niet echt bij de agrifood-sector waar Regio Foodvalley om bekend staat. Indirect zijn we echter wel betrokken, als we bijvoorbeeld aan MOBA of Lely leveren. Zij leveren hun machines tenslotte aan de echte agrifood-bedrijven. Regio Foodvalley biedt ons wel interessante ontwikkelingen waarbij we graag aanhaken. Vorig jaar hebben we bijvoorbeeld met RTC Gelderland een sessie over digitalisering gedaan. Dat zet je weer even scherp en helpt je bij het bepalen van volgende stappen. ITEQ is onderdeel van WILVO Group: een groep van bedrijven in de maaksector. De sessie met RTC Gelderland heeft geholpen bij de keuze om als WILVO Group een nieuw ERP te gaan aanschaffen en niet als individueel bedrijf binnen de groep. We hebben ook recent twee BOOST-trajecten gedaan. Eén om een ingewikkelde metaalbewerking te automatiseren en een traject voor effectief, dagelijks werkoverleg met de operators. Dit soort initiatieven helpt ons echt vooruit en daarmee hopen we ook in de toekomst ons voordeel te kunnen blijven doen.’

PROJECTPILOOT/PLANDERS: VERANDERING BEGINT BIJ AANPAK VAN BINNENUIT

Blinde vlekken doorbreken

Lijvige onderzoeksrapporten kunnen de knelpunten binnen een organisatie globaal beschrijven, maar vaak zijn er diepere lagen, waardoor verbetertrajecten de boot missen. ProjectPiloot brengt binnen korte tijd meer dan 95 procent in beeld van wat er speelt in een organisatie en betrekt daarin medewerkers en managers op álle niveaus, waarmee blinde vlekken aan de oppervlakte komen. Vervolgens initieert Planders een veranderproces op basis van de kracht en expertise binnen de organisatie, door te luisteren in plaats van het doen van aannames.

Wim Rutten, de drijvende kracht achter ProjectPiloot, schetst een voorbeeld van een organisatie waar de implementatie van een applicatie de mist in ging. “Toen ik informatie ophaalde op verschillende afdelingen, kwam ik tot 57 thema’s om mee aan de slag te gaan, terwijl een eerder ingeschakeld onderzoeksbureau op negentien kernpunten was blijven steken… en daarin zat niet eens de top drie die de medewerkers zélf benoemden: hoge werkdruk, een groot personeelsverloop en een applicatie die niemand snapte en daardoor ook bijna niemand gebruikte. Kortom, één en al frustratie.”

ProjectPiloot vloog het anders aan, volgens een vaste methodiek. “Ik organiseer workshops om informatie bij de eindgebruikers op te halen. Circa twaalf procent van de mensen uit alle geledingen van de organisatie breng ik bij elkaar en ik vraag ze op post-its antwoord te geven op vier elementaire vragen: waar loop je tot nu toe tegenaan?, wat gaat nu goed?, waar zie je risico’s? en waar heb je behoefte aan?

Die post-its plak ik in overleg met hen in een bepaald verband op grote vellen papier, wat binnen twee uur al voor een bepaalde dynamiek zorgt. Na de laatste workshops laat ik iedereen die niet deelgenomen heeft aan een

workshop digitaal dezelfde vier vragen beantwoorden.”

ONZICHTBARE PATRONEN

ZICHTBAAR

Wat dat oplevert? Frappante inzichten. “Het maakt onzichtbare patronen zichtbaar door mensen alle ruimte te bieden om anoniem antwoord te geven en kritische punten of ideeën op

tafel te leggen die ze anders voor zich houden. Zo breng ik in drie weken tijd vrijwel het volledige speelveld van de organisatie in beeld en rollen daar thema’s uit, die ik in stellingen aan iedereen presenteer om te beoordelen. Dat kan gaan van visie en samenwerking tot een applicatie, een parkeerprobleem, noem maar op. Deze thema’s, die ik als eindresultaat opneem in een

infographic, geven handvatten om op een andere manier naar de organisatie te kijken." Rutten slaat de brug naar een fenomeen dat bij veel verbetertrajecten zand in de raderen strooit.

“Negentig procent van de leidinggevenden acteert op basis van KPI’s, systemen, resultaten, controles. Hoe krijg je hen mee in een effectief veranderproces? Dat kan alleen door het volledige speelveld zichtbaar te maken, met alle blinde vlekken en onderliggende issues.”

GOUD AANWEZIG

Rechtstreeks in het verlengde van deze aanpak ligt de benadering van Gerard Nauta en zijn team, namens verander-adviesbureau Planders. “Wim brengt de complete uitgangspositie in beeld, dus het landschap,” legt hij uit.

“Wij verzorgen de transitie, dus het navigeren. Binnen de organisatie gaan we aan de gang met leiderschap en dat betekent allereerst keuzes maken omtrent de prioriteit van thema’s, afhankelijk van zaken als urgentie en capaciteit. Daarbij komen wij niet als kapitein aan boord, maar als loods. Niet een rapport over de schutting gooien en afscheid nemen, maar de kracht en de expertise binnen de organisatie gebruiken om verandering in te zetten, bij medewerkers op alle niveaus. Daar is goud aanwezig en dat wordt vaak onderschat. Mensen ervaren een drempel om input te geven, bijvoorbeeld doordat ze het management na snelle wisselingen niet goed kennen, zich binnen hiërarchie niet

veilig voelen of vanuit bescheidenheid. Zeker bij oudere generaties heerst vaak het idee dat hun mening toch niet telt. Wij hebben een analysetool om het verandervermogen in een organisatie te meten aan de hand van vijf Change Drivers die het succes bepalen: noodzaak, richting, betrokkenheid, veranderruimte en belemmering.”

AANNAMES

Nauta benoemt een hindernis in veranderprocessen: impliciete aannames. “Zo zie je dat managers dingen invullen voor het personeel in plaats van vragen te stellen. In bijna alle organisaties veronderstelt de directie bijvoorbeeld dat de medewerkers de missie en de visie kennen, terwijl zij daar in de praktijk vaak geen idee van hebben. Wanneer je een nieuwe applicatie installeert, neem hen dan mee in het

proces en ga er niet automatisch vanuit dat ze deze wel snappen. Zulke dingen komen in de scan van ProjectPiloot naar boven. Wim zit op de feiten en de beleving, wij op de onderstroom, met het begrip en het gevoel erbij. Op de landkaart die hij neerlegt, helpen wij de mensen binnen de organisatie om te navigeren. Die reis loopt altijd anders dan je verwacht en durf dan af te wijken van de route, want de realiteit is nooit planbaar, timing blijkt zelden ideaal en spanningen horen erbij. Daarom spreken wij nooit van een project, maar van een proces, waarbij wij lang aangehaakt blijven, omdat duurzaam veranderen om borging vraagt.” Rutten staat er telkens weer versteld van wat dat teweegbrengt binnen een organisatie. “Door iedereen in het proces te betrekken, krijg je zoveel draagvlak. Mensen reageren soms emotioneel van opluchting dat ze eindelijk gehoord worden. Dan gaat de positieve energie stromen en valt er zoveel winst binnen de organisatie te halen met het goud dat reeds aanwezig is.”

Meer informatie: www.projectpiloot.nl / www.planders.nl (bezoek de maandelijkse inspiratiesessie!)

Wat is jouw strategie voor de uitstroom van ervaren operators?

Samen opleiden is de oplossing

Meld je medewerkers aan voor een mboopleiding in de regio

Trotse opleidingspartner van o.a. Tata Steel, FrieslandCampina en Koninklijke Van der Most www.cbtresultaatuitopleiden.nl

Creëer onvergetelijke zakelijke ervaringen met onze catering- en evenementenorganisatie!

Met 25 jaar ervaring bieden wij een zorgeloze organisatie van jouw zakelijke evenementen, van borrels tot bedrijfsfeesten.

+31 6 112 679 47 info@zakelijkontzorgd.nl www.zakelijkontzorgd.nl

De grootste veiligheidsrisico’s ontstaan door het niet naleven van procedures

In veel productiebedrijven lijkt veiligheid op de werkvloer goed geregeld. Procedures zijn vastgelegd, risicoanalyses uitgevoerd en medewerkers getraind. Toch ontstaan incidenten zelden doordat regels ontbreken, maar doordat situaties op de werkvloer anders lopen dan gepland.

Veiligheid wordt uiteindelijk bepaald door gedrag, zoals het aanspreken van een collega, verantwoordelijkheid nemen en weten wat je te doen staat wanneer omstandigheden veranderen. Organisaties die veiligheid echt verbeteren, kijken daarom verder dan regels. Zij verbinden procedures aan vaardigheden, leiderschap en samenwerking. Veilig ontstaat hierdoor niet alleen op papier, maar ook op de werkvloer.

Daarbij helpt het wanneer organisaties inzicht hebben in vaardigheden, bevoegdheden certificeringen van medewerkers. Met bijvoorbeeld een skillsmatrix wordt zichtbaar wie welke werkzaamheden veilig en bevoegd kan uitvoeren en waar eventueel kennis of bevoegdheden ontbreken.

Bij Cbt ondersteunen we organisaties in de industrie al sinds 1994 als opleidings- en sparringpartner bij het ver-

sterken van die vertaalslag: van regels naar gedrag, van beleid naar dagelijkse uitvoering en de borging hiervan.

Veiligheid wordt pas zichtbaar wanneer medewerkers weten wat er van hen verwacht wordt én elkaar daarin ondersteunen.

Meer weten over onze aanpak? Kijk op www.cbtresultaatuitopleiden.nl

Muziekschool Oost in Wageningen: toekomstgericht ondernemen met ambitie!

Muziekschool Oost heeft een indrukwekkende transformatie ondergaan. Eigenaar Ger Oosterhaven heeft in de afgelopen jaren niet alleen zijn passie voor muziek gevolgd, maar ook een sterke focus gehad op verduurzaming. Lees hoe vergaande duurzame stappen niet alleen energie besparen, maar de school ook toekomstbestendig maken.

CREATIEF ÉN DUURZAAM

Ger Oosterhaven is klassiek gitarist met een rijke ervaring in het lesgeven. Hij startte zijn muziekschool om een plek te creëren waar leerlingen muzikaal talent ontwikkelen. Na verloop van tijd kwam ook de behoefte om niet alleen een creatieve omgeving te bieden, maar ook een duurzame. Ger heeft een sterk verantwoordelijkheidsgevoel voor het klimaat, en is daarom graag een voorbeeld voor zijn leerlingen.

Gemotiveerd door zijn jonge kinderen en een groeiende bezorgdheid over klimaatverandering, besloot Ger om actie te ondernemen. "Ik wilde het zo duurzaam mogelijk maken", zegt hij. "Het idee was om niet alleen te investeren in mijn passie voor muziek, maar ook bij te dragen aan de toekomst van onze planeet."

KIEZEN EN INVESTEREN

Ambitieus verduurzamen betekent meerdere maatregelen nemen. Muziekschool Oost is aan alle kanten verbeterd. Er zijn zonnepanelen geïnstalleerd en er is geïnvesteerd in een slim batterijsysteem. Dit stelt de muziekschool in staat om zelfvoorzienend te worden in energieverbruik. "We hopen tot drie kwart van het jaar zelfvoorzienend te zijn", vertelt Ger. "Met de zonnepanelen en batterijen kunnen we onze energie optimaal benutten."

De mogelijkheden van het Energiefonds Wageningen waren doorslaggevend voor zijn keuzes. Het fonds biedt een aantrekkelijke financiering en geeft de ruimte om extra maatregelen uit te voeren. "Zonder het energiefonds had ik deze stappen niet kunnen zetten," aldus Ger. Het resultaat mag er

zijn. Door de verduurzaming kan de muziekschool nu aanzienlijk besparen op energiekosten, dat houdt de lessen betaalbaar.

IMPACT

Het project is in september 2025 afgerond met het aansluiten van de batterij. De resultaten van de verduurzaming zijn al zichtbaar. Het systeem functioneert optimaal, waardoor de muziekschool in de avond gebruikmaakt van de energie die overdag is opgewekt. "We hebben al dagen gehad waarop de airco kon draaien zonder dat de batterij leegraakte," zegt Ger trots.

De leerlingen van Muziekschool Oost zijn ook enthousiast over de duurzame initiatieven. Ger merkt dat zij zich bewuster zijn van de impact van energieverbruik op het klimaat. "Ze vinden het tof dat we bezig zijn met duurzaamheid. Het is een investering in de toekomst, niet alleen voor ons, maar ook voor hen."

EEN VOORBEELD VOOR ANDEREN

Ger Oosterhaven moedigt ondernemers in Wageningen aan om ook de stap naar verduurzaming te maken. "Er is echt geen reden om het niet te doen. Het kan financieel uit, en je doet het voor onze planeet." De combinatie van financiële voordelen en noodzaak om te handelen maakt dit project niet alleen een morele keuze, maar ook een logische zakelijke beslissing.

WIL JIJ OOK JE BEDRIJF VERDUURZAMEN MET

STEUN VAN HET ENERGIEFONDS WAGENINGEN?

Dan kun je tegen aantrekkelijke voorwaarden een lening aanvragen voor maatregelen zoals isolatie, zonnepanelen of een warmtepomp Op de website van de Gemeente Wageningen (www.wageningen.nl) vind je alle informatie over de mogelijkheden, antwoord op vaak gestelde vragen en contactgegevens voor persoonlijk advies.

Geld voor

je bedrijf

Bijna één op de acht ondernemers verwacht in de komende zes maanden financiering of een zakelijke lening nodig te hebben. De behoefte aan extra middelen komt onder andere door stijgende kosten, groeiambities en de wens om meer financiële ruimte te creëren. Ondernemers zetten financiering vaker in voor werkkapitaal en minder voor het herfinancieren van bestaande schulden dan vorig jaar. Ook investeren zij opnieuw in bedrijfsmiddelen, vastgoed of grond. Dat blijkt uit het onderzoek Ondernemen in 2025 van KVK onder circa 2000 ondernemers.

KVK-adviseur Gé Sletterink ziet dat veel ondernemers financiering ingewikkeld vinden: “De helft van de ondernemers die geld zoekt, weet niet welke financieringsvorm het beste past. Ze denken vaak vooral aan een lening of rekening-courantkrediet bij de bank. Maar er zijn tegenwoordig meer aanbieders en nieuwe financieringsvormen, zoals leasing, crowdfunding en factoring. Dat biedt kansen, maar maakt het kiezen van een passende financiering soms ook ingewikkeld.”

PASSENDE FINANCIERING VINDEN

Ben je op zoek naar financiering voor jouw bedrijf? De FinancieringsGids helpt je met informatie over financieringsvormen en het aanvragen van financiering. Na het anoniem beantwoorden van een aantal vragen zie je welke mogelijkheden het beste aansluiten bij jouw situatie. Veel ondernemers ervaren dat deze keuzehulp inzicht geeft in opties waar ze zelf nog niet aan hadden gedacht. Je ziet direct welke aanbieders deze financiering verstrekken, zowel banken als nietbancaire financiers. Alle aanbieders in de Financierings-Gids houden zich aan een gedragscode.

HULP EN ADVIES

Heb je vragen over financiering? Bel de adviseurs van KVK via 088 585 11 11. Zij denken onafhankelijk en zonder financieel belang met je mee. Je kunt ook een afspraak maken op één van de Ondernemerspleinen. Zoek je begeleiding bij je financieringsaanvraag? Neem dan contact op met een Erkende Financieringsadviseur MKB. Deze specialisten hebben toegang tot een groot netwerk van financiers. De namen en contactgegevens van adviseurs in jouw regio vind je in de FinancieringsGids.

www.kvk.nl/financieringsgids

De FinancieringsGids is een initiatief van KVK, het Ministerie van Economische Zaken, Rijksdienst voor Ondernemend Nederland, Stichting MKB Financiering en de Nederlandse Vereniging van Banken.

Disruptie als kans: ben jij klaar voor wat komt?

Technologische ontwikkelingen gaan razendsnel. Wat vandaag innovatief is, kan morgen alweer achterhaald zijn. Voor ondernemers roept dat spanning én kansen op. Want hoe blijf je relevant in een wereld die steeds sneller verandert?

In deze serie columns neem ik je mee langs de thema’s die essentieel zijn voor duurzaam ondernemerschap. Gebaseerd op praktijkervaringen, gesprekken met ondernemers én mijn favoriete boek Scaling Up van Verne Harnish. In deze editie: disruptieve technologie of beter gezegd, hoe je als ondernemer niet achteropraakt, maar voorop blijft.

WAT BEDOELEN WE MET ‘DISRUPTIE’?

Disruptieve technologieën zijn innovaties die bestaande markten of businessmodellen radicaal veranderen. Denk aan AI, blockchain, 3D-printing, big data of IoT. Vaak ontstaan ze buiten de gevestigde orde en maken ze in korte tijd bestaande werkwijzen overbodig.

Voorbeelden genoeg: Spotify verstoorde de muziekindustrie, Airbnb de hotelwereld, en Tesla de autobranche. Maar ook op kleinere schaal lokaal, regionaal, binnen niches vinden dit soort verschuivingen plaats. En het goede nieuws? Je hoeft geen techbedrijf te zijn om ervan te profiteren.

DRIE MANIEREN OM TECHNOLOGIE TE OMARMEN ZONDER JEZELF TE VERLIEZEN

1. Denk in kansen, niet in bedreigingen. Technologie is geen doel op zich, maar een middel. Vraag jezelf af:

hoe kan een innovatie bijdragen aan mijn klantbeleving, efficiëntie of verdienmodel? Kijk niet alleen naar wat er verandert, maar vooral naar wat er mogelijk wordt.

2. Experimenteer kleinschalig. Je hoeft niet meteen je hele bedrijfsvoering om te gooien. Begin klein. Test een nieuwe tool, laat AI een eerste analyse doen, automatiseer één administratief proces. De kracht zit in de combinatie van nieuwsgierigheid en actie.

3. Betrek je team en klanten. Innovatie werkt het beste als het gedragen wordt. Laat je team meedenken en meedoen. Vraag klanten wat zij nodig hebben en hoe technologie daarin kan ondersteunen. Je voorkomt weerstand én ontwikkelt relevante toepassingen.

EEN PRAKTIJKVOORBEELD

Een ondernemer uit mijn netwerk runt een traditioneel installatiebedrijf. Niet bepaald een sector die je direct met innovatie associeert. Toch besloot hij zijn werkprocessen te digitaliseren en zijn monteurs te voorzien van tablets met slimme software. Resultaat: minder fouten, snellere facturatie en tevreden klanten. De volgende stap? Via sensoren onderhoud voorspellen. Niet omdat het moet, maar omdat het werkt.

JOUW VOLGENDE STAP

Mijn uitnodiging aan jou: blijf alert, blijf leren. Welke technologische trends raken jouw branche? Wat zie je bij concurrenten, leveranciers of startups? En belangrijker nog: waar liggen de kansen voor jouw klanten?

In de volgende columns zoom ik verder in op strategische keuzes, eigenaarschap en impact maken als ondernemer. Maar deze blijft hangen: als je wacht tot technologie jouw markt verandert, ben je te laat.

Ondernemen is geen kwestie van volgen. Het is de kunst om voor te blijven.

Tom Baerends Financieringsgilde

GELDERS KLIMAATFONDS MAAKT VERDUURZAMEN

Ruimte om vooruit te kijken én te handelen

Verduurzamen wíllen mkb-ondernemers wel. Maar waar begin je? En vooral: hoe betaal je het? Met aantrekkelijke leningen helpt het Gelders Klimaatfonds ondernemers in Gelderland om nu stappen te zetten richting een duurzamer bedrijf. Accountmanager Fiona Hamberg ziet dagelijks hoeveel impact dat kan hebben. “Als ondernemers eenmaal doorhebben wat er mogelijk is, ontstaat er ruimte om vooruit te kijken én te handelen.”

Het Gelders Klimaatfonds werkt met publiek geld van de provincie Gelderland. Oost NL, de regionale ontwikkelingsmaatschappij voor Overijssel en Gelderland, is fondsmanager. Het fonds heeft één duidelijke missie: geld sneller bij mkb-ondernemers krijgen die willen investeren in CO2-besparing. “We zien dat veel mkb’ers wel willen verduurzamen”, vertelt accountmanager Fiona Hamberg. “Maar ze lopen vast op vragen als: wat kan ik doen in mijn bedrijf, en hoe ga ik dat financieren?”

Die twijfel zorgt er volgens Fiona voor dat plannen vaak op de plank blijven liggen. “Er zijn ondernemers die denken: ik heb het geld nu niet, dus dat wordt volgend jaar misschien. Maar eigenlijk kan dat niet meer. CO2besparing en een lager energieverbruik zijn essentieel. Juist daarom willen we ondernemers helpen om vanuit een andere mindset te denken: als ik nu geld kan lenen, wat is er dan mogelijk in mijn bedrijf?”

AANTREKKELIJKE VOORWAARDEN

Het Gelders Klimaatfonds heeft een vliegwieleffect: “Wanneer een ondernemer aflost, komt het geld weer beschikbaar voor een volgende ondernemer die een duurzame investering wil doen,” legt Fiona uit. “Zo versnellen we samen de energietransitie.”

Wat het fonds onderscheidt, zijn de aantrek-

kelijke voorwaarden. “Onze leningen zijn snel verkrijgbaar, hebben een lage rente en we vragen geen zekerheden”, somt Fiona op. “Je kunt boetevrij extra aflossen tijdens de looptijd, die vijf, zeven of tien jaar kan zijn.” Die flexibiliteit is een belangrijk pluspunt. “En de lening is uitstekend te combineren met subsidies.”

Het palet aan investeringen dat in aanmerking komt, is breed. Zolang het maar om aantoonbare CO2-besparing gaat. Fiona: “Denk aan isolatie van je bedrijfspand, van het aardgas af gaan, investeren in een batterij als je al zonnepanelen hebt, energiezuinigere machines of elektrificatie van werkmaterieel of zuinigere proceskoeling- en warmte. Ook het vervangen van een oude machine door een machine die aanzienlijk minder afval produceert en daardoor efficiënter grondstoffen gebruikt, wordt gezien als CO2-besparing. Speciaal voor energiecoöperaties, lokale energie-initiatieven en bedrijventerreinen hebben we een ontwikkellening. Die kun je bijvoorbeeld samen met andere ondernemers op een bedrijventerrein inzetten om onderzoek te doen naar een gezamenlijk decentraal energiesysteem.”

FOTOGRAFIE: MARCEL KRIJGSMAN

WAT IS ER MOGELIJK

Omdat het om publiek geld gaat, wordt er wel gekeken naar aspecten zoals jaarcijfers en het toekomstperspectief van een bedrijf. Fiona: “We moeten zeker weten dat een ondernemer de lasten kan dragen. De investering zelf moet gericht zijn op CO2-besparing. De lening kan alleen voor bewezen technieken worden ingezet. Innovatieve, experimentele technologieën vallen buiten het fonds en passen beter bij andere regelingen van Oost NL.”

Het totale investeringsbedrag moet minimaal 75.000 euro zijn. De minimale lening bedraagt 50.000 euro. Het fonds financiert twee derde. “De rest moet de ondernemer zelf inleggen, bijvoorbeeld met eigen geld, een subsidie of een bancaire lening. De bovengrens voor de standaard verduurzamingslening is 250.000 euro, dan heb je dus een totaal investeringsbedrag van minimaal 375.000 euro. Heb je meer financiering nodig voor de realisatie van je plannen, dan is er maatwerkfinanciering tot 5 miljoen euro. Daarvoor gelden wel andere voorwaarden.”

VERDUURZAMEN ALS STRATEGIE

Volgens Fiona is verduurzamen allang niet meer alleen een idealistisch verhaal. Het is ook pure strategie. “In sectoren als de bouw worden in aanbestedingen steeds vaker klimaatneutrale eisen gesteld. Wil je meedoen in de keten, of zelfs vooroplopen, dan moet je nu investeren.” Ook thema’s als netcongestie spelen mee. “Sommige ondernemers zien daarin vooral beperkingen, anderen juist kansen om hun energiegebruik slimmer en lager te maken. Een bouwbedrijf heeft de lening bijvoorbeeld gebruikt voor veel verschillende maatregelen zoals een warmtepomp, WTW-installatie, zonnepanelen en een batterij. Daardoor kan het bedrijf niet alleen volledig van het gas af, maar ook grotendeels in de eigen energiebehoefte voorzien. Zij zien het als een mooie manier om te laten zien dat zij zelf toekomstbestendig zijn en dat ook kunnen uitdragen naar hun klanten en leveranciers.”

De boodschap aan ondernemers is helder: wacht niet. “Duurzame plannen maken is ingewikkeld als je niet weet hoe je het gaat betalen”, besluit Fiona. “Wij willen laten zien dat het wél kan. Zet die duurzame bril eens op en kijk opnieuw naar je bedrijfsproces. En vergeet niet: twintig ondernemers die met behulp van kleinere leningen verduurzamen hebben samen al een enorme impact.”

geldersklimaatfonds.nl

Agile werken: waardegedreven succesvol verandering realiseren

Van Aetsveld, onderdeel van De Lagant Groep, is specialist in verander- en projectmanagement. De focus ligt daarbij op complexe projecten op het snijvlak van business en IT. Om bedrijven te helpen hun wendbaarheid te vergroten en zo in te spelen op de steeds dynamischer omgeving, laat Van Aetsveld ze kennismaken met Agile werken.

“Het grote nadeel van de traditionele aanpak (watervalmethode) is dat na een langdurige ontwikkelperiode een product of dienst werd opgeleverd die totaal niet meer aansloot bij de bedoelingen van de opdrachtgever. Teams werkten niet alleen langs elkaar heen zonder afstemming en check van de behoefte, het ontwikkelen ervan duurde snel anderhalf jaar of langer”, schetst Jens Caljé, Resultaat Regisseur bij Van Aetsveld. “Dit kwam de wendbaarheid van organisaties niet ten goede. En dat heeft impact op de timeto-market en uiteraard op de kosten die met deze projecten gemoeid waren. Ga maar na, alles wat lang duurt en niet aan de verwachtingen voldoet, moet opnieuw.”

Deze situatie was een belangrijke reden voor het ontstaan van Agile werken. Bedrijven kunnen de Agile methode, zoals Scrum, inzetten om efficiënter en effectiever te werken, en zo beter of makkelijker producten of diensten voor de klant te realiseren. Waarom werkt Agile dan goed? “Als je iteratief en kortcyclisch werkt en dicht op de gebruiker kruipt, krijg je scherp wat hij wil en kom je qua product of dienst in bijna alle gevallen tot het beste resultaat”, stelt Caljé. “Het grote voordeel van Agile werken is verder dat het veel structuur geeft: de rollen zijn duidelijk gedefinieerd en de rituelen helder en ingepland in ieders agenda.”

SIGNIFICANT ANDERE WERKWIJZE

De aanpak van Van Aetsveld is er dan ook op gericht om in korte tijd iets op te leveren waar de opdrachtgever feedback op kan geven. “We starten daarom met wat de opdrachtgever ongeveer wil hebben. Na twee tot drie weken (zogeheten sprints) krijgt die een eerste versie te zien. Dankzij diens feedback wordt duidelijker wat hij precies wil”, vertelt Caljé. “Daarna start de volgende sprint en dit gaat zo door tot er een Minimal Viable Product (MVP) geïntroduceerd kan worden. Door andere features later te ontwikkelen, kun je beter sturen op de waarde van een product of dienst.”

Binnen deze zogeheten Scrummethode wordt een heldere en vaste structuur gevolgd. Eén van de vaste onderdelen is een ‘daily stand-up’ van een kwartier. “Het is een expliciete en transparante methode, en een significant andere werkwijze. Dat vergt ook iets van de medewerkers. Ze moeten als het ware elke dag met de billen bloot: dit heb ik gedaan, vandaag doe ik dat en hier loop ik tegenaan. Dat vergt professionele teams die goed samenwerken”, aldus Caljé. “Als ze elkaar helpen, zijn ze als team productiever.”

KOSTEN BESPAREN

Met de Agile werkwijze kunnen bedrijven niet alleen sneller schakelen, maar ook kosten besparen. “Wanneer je de

traditionele aanpak volgt, ben je al heel ver met de ontwikkeling en heb je veel geld uitgegeven. Op dat punt wijzigingen doorvoeren kost meer geld dan wanneer je dit na twee of drie weken doet”, zegt Caljé. “Een ander voordeel van Scrum is dat binnen het team iedereen van elkaar weet waar ze mee bezig zijn. En ook voor stakeholders om het team heen is de voortgang inzichtelijk.”

Intussen heeft Agile werken een enorme vlucht genomen. Een veelvoorkomende misvatting is dat een planning overbodig is. “Als je goed Agile werkt, is het beoogde product of dienst je stip op de horizon. De projectduur is minder exact te bepalen, maar wel op te delen in kleine stapjes. Het is alleen een minder harde schatting met een zekere bandbreedte. Met als belangrijk pluspunt dat je je wendbaarheid behoudt”, stelt Caljé. Agile is in zijn ogen geen doel op zich, maar een middel om resultaat te bereiken. “Dat stelt eisen aan cultuur en leiderschap, en vergt commitment voor deze manier van werken. Maar als je als bedrijf wendbaar wilt zijn om te kunnen meeveranderen met ontwikkelingen in de omgeving, is de Agile aanpak de ideale werkwijze.”

Benieuwd naar de mogelijkheden van Agile werken voor jouw bedrijf? Kijk voor meer informatie op www.aetsveld. nl of neem vrijblijvend contact met ons op: info@aetsveld.nl.

Scan de QR-code en start vandaag met 25 gratis top leads!

Een Personal Sales Assistant (PSA) is een professionele, commercieel georiënteerde verkoopassistent. De PSA heeft het doel u een-op-een te ondersteunen in uw acquisitie en een constante stroom aan nieuwe afspraken te genereren. Met behulp van het DATA-collectief en Website-Leads worden interessante prospects geselecteerd en benaderd.

DOEL?

U een-op-een ondersteunen in uw acquisitie en volledig te ontzorgen in uw marktbenadering. Om u, zoals wij dat noemen, verkoopontspanning te bieden.

Kijk jij ook nog naar gedrag, terwijl het om ontwikkeling gaat?

Stel: een MT-discussie over een nieuwe strategische koers. De een wil snel knopen doorhakken en tempo maken. De ander vraagt om meer analyse en draagvlak. Een derde haakt zichtbaar af en focust zich weer op de operatie. Het gesprek herhaalt zich iedere maand. Iedereen is professioneel, betrokken en inhoudelijk sterk – en toch komt het team niet verder.

Veel organisaties grijpen bij teamproblemen naar bekende modellen zoals DISC. Begrijpelijk: het geeft snel inzicht in gedragsvoorkeuren. Maar in een VUCA-wereld is dat niet altijd genoeg. Want gedrag is zichtbaar – terwijl de échte dynamiek vaak dieper zit.

BergTopper werkt daarom met VerticalQ: een methodiek die u kunt zien als DISC 2.0. Waar DISC vooral kijkt naar wat iemand doet, kijkt VerticalQ naar vanuit welk ontwikkelniveau iemand handelt. Het combineert de gelaagdheid van het Enneagram – inzicht in drijfveren en patronen – met de principes van Aikido: meebewegen, energie benutten en spanning omzetten in kracht. U bént dus niet een kleur, maar u hééft een kleur. En belangrijker nog: u kunt zich ontwikkelen voorbij die kleur.

VerticalQ maakt zichtbaar hoe mensen betekenis geven aan situaties, omgaan met complexiteit en verantwoordelijkheid nemen. Denkt iemand vooral vanuit zekerheid en structuur? Vanuit resultaat en snelheid? Of juist vanuit visie en samenhang? Geen goed of fout – maar verschillende niveaus van denken en handelen. Betekenis geven maakt ons uniek, vergeet AI dus maar. Buiten VerticalQ gebruikt BergTopper zinvolle lessen uit de neurosemantiek

over hoe wij betekenis geven aan de wereld om ons heen.

Wanneer BergTopper met een team werkt, wordt eerst inzichtelijk gemaakt hoe deze ontwikkelprofielen zich tot elkaar verhouden. Waar ontstaat frictie? Waar blijft besluitvorming hangen? Waar wordt talent niet benut? Vanuit dat inzicht leren teams bewuster schakelen. Ze begrijpen elkaars perspectief, benutten verschillen en leren spanning

productief maken in plaats van persoonlijk. Dat zorgt voor volwassen samenwerking en meer wendbaarheid. In een wereld die sneller verandert dan ooit, is inzicht in gedrag niet genoeg. Ontwikkelvermogen is de sleutel. Wilt u weten hoe uw team zich écht ontwikkelt – en waar de groeikansen liggen?

BergTopper laat het u zien.

NIEUW IN TIEL: WIJNBAR & BISTRO PETIT CAVEAU

Een vleugje Bourgogne aan het Korenbeursplein

Sinds begin dit jaar heeft Rivierenland er een nieuwe culinaire hotspot bij: Wijnbar & Bistro Petit Caveau in Tiel. In een van de oudste monumentale panden, aan het Korenbeursplein 1, slaan de ervaren ondernemer Edwin Muns en de jonge talenten Olivier Landewers (21) en Camilo van Drumpt Sanstra (26) van Brasserie Poelzicht uit Kapel-Avezaath de handen ineen. Samen brengen ze een plek tot leven waar mediterrane smaken, karaktervolle wijnen en oprechte, toegankelijke gastvrijheid elkaar ontmoeten.

V.l.n.r. Edwin Muns, Camilo van Drumpt Sanstra en Olivier Landewers, de eigenaren van Petit Caveau.

Camilo en Olivier zetten hier hun volgende stap als ondernemer, ondersteund door ervaren restaurateur Edwin. De drie leerden elkaar kennen bij Brasserie Poelzicht, waar Olivier in de keuken werkte en Camilo gastheer was. De ambitie om samen iets eigens te beginnen groeide daar al snel uit tot een concreet plan. “We waren al een tijd met z’n drieën op zoek naar een passend pand,” vertelt Edwin enthousiast. “Camilo en Olivier wilden graag verder groeien. Toen deze karakteristieke locatie vrijkwam, viel alles op zijn plek.” De sfeer van het pand, authentiek, warm en intiem, bleek de perfecte basis voor hun concept: een kleine, stijlvolle wijnbar en bistro waar je je meteen thuis voelt.

ACHTDUIZEND WIJNKURKEN

Het interieur ontwierpen ze zelf. Mosgroen, de kleur van het logo, loopt als een subtiele draad door de zaak. Houten elementen, gedempt licht en verfijnde details zorgen voor een rustieke, maar frisse uitstraling. De absolute blikvanger? De bar, die plaats biedt aan achttien gasten en letterlijk is

opgebouwd uit passie voor wijn. Voor de ombouw van de open keuken verzamelden ze maar liefst vierduizend wijnkurken, die ze eigenhandig doormidden sneden en vervolgens één voor één bevestigden. “Dit was een behoorlijk arbeidsintensieve klus”, zegt Edwin lachend. “Maar juist dat ambachtelijke proces maakt het resultaat zo speciaal.”

Centraal in de ruimte staat bovendien een imposante boomstamtafel voor tien personen. “Een plek die uitnodigt tot aanschuiven, delen en genieten”, aldus Edwin. “In totaal is er binnen ruimte voor vijftig gasten. En zodra de zon zich laat zien, lonkt het terras, een heerlijke plek voor een lange middag of zwoele zomeravond.”

LAAGDREMPELIG

Petit Caveau is bewust laagdrempelig opgezet. “Je kunt er binnenlopen voor een goed glas wijn en een paar verfijnde hapjes, maar net zo makkelijk uitgebreid tafelen”, benadrukt Edwin. “Reserveren kan voor het diner, maar wie spontaan binnenstapt, kan plaatsnemen aan de bar. Die combinatie van

vrijheid en kwaliteit maakt de zaak uniek in Tiel. Er was hier nog geen echte wijnbar waar je ook volwaardig kunt eten. Wij wilden een plek creëren waar je bijvoorbeeld ook een mooie fles Meursault kunt bestellen met een passend gerecht erbij, iets wat je tot nu toe in deze stad niet snel vond.”

THUISKOMEN

De wijnkaart is dan ook het kloppend hart van Petit Caveau. Met zo’n vijftien open wijnen en een uitgebreide selectie op fles ligt de nadruk op de ‘oude wereld’ oftewel de traditionele wijnlanden in Europa. Een groot deel van de Franse wijnen wordt door Edwin zelf geïmporteerd. “Zeven tot acht keer per jaar reis ik af naar onder meer de Bourgogne om wijnboeren persoonlijk te bezoeken. De Bourgogne is voor mij de mooiste streek ter wereld. Ik kom er al zo lang als ik me kan herinneren. Het voelt voor mij dan ook als thuiskomen.” Door de jarenlange relaties met wijnmakers weet hij bijzondere flessen naar Tiel te halen, wijnen die je niet zomaar in de groothandel vindt.

Achtduizend kurken werden eigenhandig op de bar geplakt.

KRACHTIGE COMBINATIES

In de open keuken staat Olivier aan het roer. Met zijn 21 jaar is hij jong, maar zijn ervaring en ambitie zijn indrukwekkend. Zijn stijl laat zich omschrijven als minimalistisch en verfijnd, met mediterrane invloeden.

Geen overdaad, maar pure smaken en krachtige combinaties.

“Op de kaart staan altijd vier voorgerechten en drie hoofdgerechten: één met vis, één met vlees en één vegeta-

risch”, licht Edwin toe.

“Gerechten wisselen regelmatig en worden gepresenteerd op een schoolbord, wat de informele sfeer versterkt. Denk aan steak tartare, vis met beurre blanc en eekhoorntjesbrood, een perfect gebakken steak met pepersaus of een rijke bisque vol diepgang.”

VERFIJNDE BITES

Ook voor de borrel wordt uitgepakt. Verfijnde bites zoals paling met wasabi

op brioche, oesters, risottokroketjes en padrónpepers maken van een simpel glas wijn een complete ervaring. “Een absolute favoriet is de plank met ambachtelijke charcuterie en worst van Meester Worstmaker en slager William Knobbout uit Buren, in de eerste weken al een groot succes”, zegt Edwin. En dan zijn er nog de madeleines. “Deze kleine, luchtige cakejes bakken we al vijftien jaar voor Brasserie Poelzicht en zijn daar uitge-

Verfijnde details zorgen voor een rustieke, maar frisse uitstraling.

groeid tot een begrip. Ze zijn zo geliefd zelfs, dat ze meeverhuisden naar Petit Caveau.”

PERSOONLIJKE MISSIE

Hoewel Camilo en Olivier het gezicht van de zaak zijn, staan ze er niet alleen voor. Edwin, inmiddels 38 jaar actief in de horeca, blijft bewust iets meer op de achtergrond. “Ik heb in al die jaren alles wel een keer meegemaakt,” zegt hij met een glimlach. “Ik ken de valkuilen. Het is fijn om mijn ervaring te kunnen delen en zo wat stress weg te nemen in de beginfase.” Het stimuleren van jong talent ziet hij als een persoonlijke missie. Petit Caveau is daar het levende bewijs van. Camilo en Olivier krijgen de ruimte om hun eigen visie te ontwikkelen, terwijl ze kunnen terugvallen op de kennis en rust van de doorgewinterde ondernemer. Wat hij hen vooral wil meegeven? “Dat plezier het allerbelangrijkste is. Als je doet wat je leuk vindt, straal je dat uit. Gasten voelen dat en komen graag terug.” Die filosofie lijkt zijn vruchten nu al af te werpen. De sfeer is ontspannen, het team zichtbaar bevlogen en de reacties van gasten enthousiast.

ONTMOETINGSPLEK NA WERKTIJD

De ligging naast Schouwburg & Filmtheater Agnietenhof maakt Petit Caveau extra aantrekkelijk. Voor een voorstelling nog even dineren of na afloop een goed glas wijn drinken? Het kan allemaal. “Wij zorgen ervoor dat theaterbezoekers op tijd hun gerechten geserveerd krijgen, zonder in te leveren op kwaliteit”, aldus Edwin.

Ook voor de zakelijke markt biedt de zaak volop mogelijkheden. “Petit Caveau is exclusief af te huren voor gezelschappen tot zestig personen en leent zich uitstekend voor bedrijfsbor-

rels, netwerkbijeenkomsten of jubilea.

De warme uitstraling en centrale ligging maken het een ideale ontmoetingsplek na werktijd. Daarnaast weten ook particulieren de weg te vinden. Verjaardagen en andere feestelijke gelegenheden worden steeds vaker hier gevierd.”

WAARDEVOLLE AANVULLING

Met Petit Caveau krijgt Tiel er meer bij dan alleen een nieuwe wijnbar/bistro. Het is een plek waar jong ondernemerschap en ervaring samenkomen, waar wijnliefhebbers hun hart kunnen opha-

len en waar je je als gast direct welkom voelt.

Geopend van woensdag tot en met zondag van 15.00 tot 23.00 uur, biedt de wijnbar en bistro ruimte voor spontane ontmoetingen en lange avonden tafelen. Of je nu komt voor een snelle borrel, een uitgebreid diner of een bijzondere fles wijn: bij Petit Caveau draait alles om kwaliteit zonder pretentie. “Hier draait het om proeven, ontmoeten en puur genieten”, aldus Edwin.

www.petit-caveau.nl

Jambon Noir de Bigorre met Chupadedos-olijven.
Sticky toffee pudding met gezouten karamel en walnootroomijs.

Re-integratiecoach en adviseur vitaliteit & verzuim Amber Hackmann.

Minder verzuim, meer regie

Het zal je vast niet ontgaan zijn. Verzuim is (helaas!) booming in Nederland. Uit recente cijfers van het CBS blijkt dat in 2024 bijna elf procent van de zieke werknemers langer dan zes weken ziek is. En in de afgelopen vijf jaar is stress gerelateerd verzuim zelfs met zesendertig procent toegenomen, zo blijkt uit cijfers van ArboNed. Dat is natuurlijk heel vervelend voor de werknemer, maar ook voor jou als ondernemer.

Verzuim kost namelijk geld, veel geld. Reken op zo’n € 250,- tot € 400,- per dag. Dat zijn de kosten voor het (deels) doorbetalen van het loon, het regelen van vervanging, verlies aan omzet of productiviteit en de kosten voor verzuimbegeleiding en re-integratie.

Je hebt er dus alle belang bij om jouw werknemer weer zo snel en goed mogelijk op de werkvloer te krijgen. Maar hoe doe je dat? Hopelijk heb je een goed contract met je arbodienst waarbij je niet het minimale hebt afgesproken, maar waarbij je echt hebt

gekeken naar wat voor jouw bedrijf het handigste is. Is dit een minimaal contract? Dan krijg je ook minimale ondersteuning op het moment dat je het nodig hebt, terwijl je waarschijnlijk geen HR-team achter je hebt staan die dit kan opvangen. Op die manier kan

goedkoop opeens duurkoop blijken. Juist bij langdurige verzuimtrajecten. De wereld van verzuim en re-integratie is namelijk behoorlijk complex.

PRIVÉPROBLEMEN

Wat daarnaast nog veel effectiever is, is om ervoor te zorgen dat je een goed contact hebt met je werknemer en weet wat er bij hem of haar speelt. Wat helpt in zijn/ haar herstel? Zijn er zorgen die je kunt wegnemen, bijvoorbeeld angst voor de WIA en ontslag nu er sprake is van ziekte? Is er behoefte aan een – tijdelijk – ander rooster? Kan de werkplek worden aangepast? Is er stress omdat je werknemer niet kan overzien wat er allemaal verwacht wordt tijdens de Wet Verbetering Poortwachter? Spelen er privéproblemen zoals een (naderende) echtscheiding, mantelzorg of financiële stress? Of is er wellicht gedoe in het team, waardoor terugkeer een stuk minder aantrekkelijk is? Allemaal onderwerpen waar je teamlid mee bezig kan zijn en wat (veel) energie kost. Energie die boven op de klachten door ziekte komt en die niet gaat naar herstellen en weer aan het werk gaan.

ONDERSTEUNING

Als je weet wat jouw werknemer helpt, dan kun je daar sneller in schakelen en ondersteuning in bieden. Daarnaast is het belangrijk dat je teamlid zelf zicht heeft op waar `eigen regie’ mogelijk is, oftewel: waar kan hij/zij keuzes maken, met voorstellen komen, etc. Uit onderzoek blijkt namelijk dat het hebben van eigen regie èn het samen (werknemer èn werkgever) bekijken wat nodig is - en dit ook faciliteren als dat kan - een groot verschil maakt bij het herstel en de (snellere) terugkeer naar de werkvloer.

AMBER HACKMAN

VOLGENDE WEEK BEN IK ER WEER!

Re-integratiecoach en adviseur vitaliteit & verzuim Amber Hackmann heeft het boek Volgende week ben ik er weer! Alles wat je wilt weten als je ziek bent en niet kunt werken geschreven. In 26 hoofdstukken – die los van elkaar te lezen zijn – beschrijft zij tal van onderwerpen waar een zieke werknemer mee te maken krijgt in de eerste twee jaar van ziekte. Bijvoorbeeld over de bedrijfsarts, weer starten met re-integratie, urenopbouw, wat te doen bij een conflict, spoor 2 (op zoek naar werk buiten de organisatie vanwege ziekte), etc. Ook zijn er interviews in het boek opgenomen van werknemers die dit ook hebben meegemaakt.

Het boek geeft niet alleen inzicht in wat ziekte met iemand kan doen, het laat ook zien waar de werknemer regie kan nemen in het herstelen re-integratieproces. In veel hoofdstukken komt daarbij nadrukkelijk aan de orde om met de werkgever in gesprek te gaan. Op die manier kun je samen kijken op welke manier jouw teamlid zo snel en zo goed mogelijk weer terug kan keren op de werkvloer èn aan de slag blijft. Volgende week ben ik er weer! is een onmisbare gids voor jou en je werknemer bij langdurige arbeidsongeschiktheid.

Uitgeverij: Haystack

EAN: 9789461266866

Meer weten over mensgerichte verzuimbegeleiding? Kijk dan op www.amberhackmann.nl.

Gerard Oostermeijer (06) 23 34 97 55

Tom Baerends (06)30 26 21 26

ede-veenendaal@financieringsgilde.nl www.financieringsgilde.nl

FINANCIERINGSGILDE

Beste voorwaarden

Vergelijk samen met jouw adviseur meer dan 100 producten. Ook die van je eigen bank.

Grootste slagingskans

In één keer succesvol door onze onderbouwing op alle belangrijke onderdelen.

Voordeel

Ontvang korting op je afsluitkosten, omdat wij als collectief voor je onderhandelen.

Geen gedoe Jouw persoonlijk adviseur regelt alles voor je. Van aanvraag tot financiering. • Bedrijfspand financieren

Algemene voorwaarden over de grens: battle of forms

Stel: wij kopen producten bij een

Duitse verkoper. Zijn dan hun ‘Allgemeine Geschäftsbedingungen’ (AGB) of onze ‘Algemene Voorwaarden’ (AV) van toepassing”?

Een belangrijke vraag: iedereen gebruikt ze, niemand leest ze echt, en toch doen ze ertoe. Vooral als het misgaat. Dan blijken die pagina’s in zespuntsletter ineens waar het om draait.

Het is ook een vraag zonder duidelijk antwoord. Veel hangt af van wat er precies is gebeurd: wie verwees wanneer naar wat? Maar ook van het recht dat geldt. Duits of Nederlands recht? Dat maakt uit, voor welke voorwaarden van toepassing zijn én of die bepalingen geldig zijn.

Wij hebben onze AV opgesteld aan de hand van Nederlands recht. Wij willen dus graag dat Nederlands recht van toepassing is. Zoals gebruikelijk bepalen wij in onze AV dat Nederlands recht van toepassing is. Zo’n bepaling is geldig en zorgt inderdaad dat we de toepasselijkheid en geldigheid van de AV volgens Nederlandse recht bepalen. Helaas… onze Duitse verkoper doet precies hetzelfde: in zijn AGB kiest hij voor Duits recht. Nu zijn de rapen gaar. Om te weten

welke voorwaarden gelden, moeten we weten welk recht van toepassing is. Maar om te weten welk recht van toepassing is, moeten we weten welke voorwaarden gelden! Omdat ze een ander recht aanwijzen, komen we hier niet uit. Vaak zal dan de uitkomst zijn, dat partijen het dus niet eens waren over toepasselijk recht. Dus helemaal geen rechtskeuze.

Zonder rechtskeuze is de hoofdregel dat het recht van de verkoper geldt. Dus Duits recht. Ook loert hier het Weens Koopverdrag op de achtergrond dat op Nederlands-Duitse koopovereenkomsten van toepassing is, tenzij het duidelijk wordt uitgesloten. Maar dat Duits recht (of verdrag) van toepassing is, betekent niet dat dan ook de Duitse AGB gelden. Als wij voldoende duidelijk naar onze AV

hebben verwezen en deze hebben meegestuurd (Duits recht is hier strenger), dan geldt in een battle of forms een knock-out: met elkaar strijdige voorwaarden in de AV en AGB vervallen.

Soms doet een battle of forms denken aan de jaren 80-film Wargames, waarin een vroege AI met ‘boter, kaas en eieren’ wordt geleerd dat een nucleaire oorlog niet te winnen is: the only winning move is not to play! Ook de slag om de algemene voorwaarden is vaak een spel dat niet te winnen is. Soms is de beste zet dus: stop met schieten en maak echte afspraken.

Jona Israel, juridisch adviseur internationaal privaatrecht www.klaarlicht.nl

Stop de verkoopreflexde nieuwe manier om meer te verkopen

Veel ondernemers hebben hetzelfde gevoel: je investeert in een goede website, zet duidelijke knoppen neer, vertelt wat je doet en toch blijven aanvragen achter. Dan is de reflex logisch. Nog scherper verkopen. Nog duidelijker zeggen waarom jij de beste bent. Nog een knop erbij. Maar precies daar gaat het mis.

In de praktijk zie je dit bij veel regionale bedrijven terug. Bijvoorbeeld bij dienstverleners en maakbedrijven die inhoudelijk alles op orde hebben, maar hun website hebben ingericht alsof elke bezoeker al klaar is om te beslissen. Het product klopt, de ervaring klopt, maar de communicatie helpt te weinig bij het maken van een

keuze. Het gevolg? Twijfel. Afhaken. Of eindeloos vergelijken zonder besluit.

De paradox is simpel maar confronterend: juist waar harder wordt verkocht, gebeurt vaak minder. Wie durft te stoppen met duwen en begint met begeleiden, haalt juist méér resultaat.

WAAROM KLANTEN GEEN DRUK ZOEKEN, MAAR HOUVAST

Een klant die op je website komt, is meestal nog niet klaar om te beslissen. Die is aan het oriënteren. Aan het vergelijken. Aan het aftasten of jij de juiste partij bent. Niet omdat hij twijfelt aan jouw kwaliteit, maar omdat hij zelf nog niet zeker weet wat de beste keuze is.

Schrap zinnen die vooral over jou gaan en weinig zeggen over de situatie van de klant

Toch zie je veel bedrijven communiceren alsof dat beslismoment er al is.

Grote knoppen. Direct contact. “Plan nu een gesprek.” Alsof meer druk automatisch tot meer actie leidt. Dat voelt voor jou logisch, maar voor de klant werkt het averechts.

Beslissingen ontstaan niet bij de klik, maar ervoor. Als iemand zich herkent in de situatie die jij beschrijft. Als hij voelt: deze partij snapt mijn probleem. Als er vertrouwen en geloofwaardigheid zijn opgebouwd, volgt die klik vanzelf.

Zonder houvast geen beweging.

Zonder vertrouwen geen besluit.

VAN DUWTAAL NAAR GIDSTAAL

Zodra je stopt met verkopen en begint met begeleiden, verandert de toon.

Niet harder, maar rustiger. Niet overtuigen, maar uitleggen. Je laat zien dat je snapt waar iemand staat, in plaats van waar jij hem wilt hebben.

Gidstaal gaat niet over mooie woorden. Het gaat over logisch uitleggen wat er speelt, welke keuzes er zijn en wat die keuzes betekenen. Alsof je naast de klant staat, niet tegenover hem. Je benoemt twijfels, legt uit wat vaak misgaat en helpt ordenen.

Dat voelt misschien minder commercieel, maar het tegendeel is waar. Klanten die zich geholpen voelen, blijven langer, lezen beter en vertrouwen sneller. Ze hoeven niet geduwd te worden, want ze bewegen zelf.

Minder verkopen in je tekst betekent meer duidelijkheid. En duidelijkheid is vaak precies wat iemand nodig heeft om verder te gaan.

WAT DIT BETEKENT VOOR

WEBSITES EN KNOPPEN

Veel ondernemers denken nog steeds dat een knop het beslismoment is. Hoe groter en opvallender, hoe beter. Dus komen er meer knoppen bij. Op elke pagina, in de hoop dat iemand eindelijk klikt. Maar zo werkt het niet.

Een klik is geen besluit, het is het gevolg ervan. Klanten klikken pas als ze zich herkennen, als ze vertrouwen voelen en als het verhaal klopt. Zonder dat is een knop alleen maar ruis. Soms zelfs een reden om af te haken.

Een goede website verkoopt niet harder, maar legt beter uit. Die helpt iemand begrijpen waar hij staat en wat logisch is om te doen. Als dat goed gebeurt, is één duidelijke vervolgstap vaak genoeg.

WAT REGIONALE ONDERNEMERS

HIER VANDAAG AL MEE KUNNEN

DOEN

Dit vraagt geen nieuwe website en geen groot marketingplan. Het begint met anders kijken. Lees je eigen teksten eens terug alsof je klant nog twijfelt. Wordt hij geholpen, of wordt hij geduwd?

Schrap zinnen die vooral over jou gaan en weinig zeggen over de situatie van de klant. Voeg uitleg toe op plek-

ken waar iemand logisch vastloopt. Benoem wat anderen vaak spannend vinden om te kiezen. Dat voelt misschien kwetsbaar, maar het werkt.

Wie durft te vertragen in zijn communicatie, versnelt vaak het resultaat. Minder verkoopreflex. Meer vertrouwen. En uiteindelijk: meer klanten die bewust voor je kiezen.

Dit speelt niet alleen bij grote merken of online spelers, maar juist bij nuchtere mkb-bedrijven in de regio die hun klanten al jaren kennen en zich afvragen hoe ze ook online beter kunnen helpen kiezen.

Marco Bouman is dé strategische partner voor mkb-bedrijven die hun website willen transformeren tot een krachtige marketingmachine. Meer relevante bezoekers, meer conversie en vooral: duurzame online groei. Sinds 2007 hielp hij meer dan 400 bedrijven met een moderne, mensgerichte aanpak. Geen loze beloftes of ouderwetse trucjes, maar een bewezen mix van SEO, CRO en contentstrategie.

Meer informatie via marcobouman.com

VERHUIST IN 2027 NAAR GROTER PAND

‘We groeien, maar blijven eerlijk adviseren’

Na meer dan twintig jaar vakmanschap zet Solpa een volgende stap met de verhuizing naar een groter pand in Geldermalsen. De showroom groeit van 140 m² naar 850 m², inclusief een buitentuin waar zonwering en tuinkamers echt te beleven zijn. De opening staat gepland voor het voorjaar van 2027. “Goede zonwering begint niet bij het product, maar bij aandacht voor de klant”, aldus Julius Roelofsen, adviseur bij Solpa.

Julius is pas tevreden als zijn klant tevreden is.

Solpa begon ruim twintig jaar geleden als stoffeerdersbedrijf en groeide uit tot specialist in zonwering, terrasoverkappingen en horren. Onder leiding van Ferry van den Hatert kreeg het bedrijf in 2017 een vaste basis met een showroom in Geldermalsen. Sinds enige tijd werkt Julius nauw samen met Ferry om het bedrijf verder uit te bouwen. Julius is adviseur en aanspreekpunt in één. “Ferry is geen kantoorman, maar iemand die liever buiten staat”, zegt Julius met een glimlach. “Opmeten, monteren en met klanten meedenken, dat is wat hij het liefst doet.” Samen met zijn oom runt hij het bedrijf. “We doen het met z’n tweeën. Hij vooral buiten, ik meer binnen. Verkoop, inkoop en alles wat daar omheen komt kijken.”

VERTROUWEN

Wat Solpa onderscheidt, is de manier van werken. Geen haast, geen druk. Een bezoek is geen verplichting tot kopen. Soms vaak volgt een opdracht meteen, soms pas een half jaar later. Alles begint volgens Julius bij het luisteren naar de klant. “We nemen de tijd, zowel in de showroom als bij mensen thuis,” zegt hij. “Klanten krijgen rust en vrijheid om te kiezen. Wij zijn geen acteurs, we doen gewoon wat we beloven.”

Die aanpak werpt zijn vruchten af. Levertijden zijn relatief kort, gemiddeld vier tot zes weken, zelfs in het hoogseizoen en afspraken worden nagekomen. “Afspraken nakomen is geen extra service, dat is de basis”, aldus Julius.

KERKGEBOUW

Hoewel Solpa veel particuliere klanten bedient, bestaat zo’n dertig procent van het werk uit de zakelijke markt. Het bedrijf werkt samen met aannemers en woningcorporaties en levert zonwering voor nieuwbouwwoningen, bedrijfspanden, scholen, kantoren en zelfs kerken. Een bijzonder project was de kerk in Geldermalsen. “Dat vraagt om maatwerk en respect voor de uitstraling van het gebouw,” blikt Julius terug. “We kijken net zo lang tot we zeker weten: dit kan wel, of dit kan niet. En als het niet kan, zeggen we dat ook.”

MEER DAN SCHADUW

Donkere doeken geven vaak de beste zonwering, maar kunnen ook de sfeer in huis bepalen. “Daarom is een tussenkleur vaak een slimme optie: voldoende bescherming zonder dat het te donker wordt”, aldus Julius. Hij adviseert hierbij graag welke kleur het beste past bij het huis en de gewenste lichtinval.

COMFORT

Zonwering draagt aanzienlijk bij aan comfort in huis. Vooral als je er op tijd bij bent. “Wacht je tot de zon al volop op het glas staat, dan ben je eigenlijk te laat,” benadrukt Julius. “Zonwering houdt het glas koel. Je kunt het gerust ‘glaskoeling’ noemen.”

Rolluiken bieden daarnaast extra isolatie tegen kou en geluid. Hoewel ze nog niet standaard onder subsidieregelingen vallen, merkt Solpa dat gemeenten steeds vaker experimenteren met vergoedingen. “Dit zien wij bijvoorbeeld in Nieuwegein en de gemeente Vijfheerenlanden”, licht Julius toe.

EERLIJK OVER DUURZAAMHEID

Duurzaamheid is een veelgebruikt begrip in de zonweringsbranche, maar

Solpa kiest bewust voor nuance. Solar zonwering met zonnepaneel en accu biedt duidelijke voordelen, zoals geen kabels of breekwerk. Tegelijkertijd zijn er ook nadelen. “We vertellen het eerlijke verhaal,” zegt Julius. “Bij solar motoren is niet de motor zelf het probleem, maar de accu die in de motor zit. Die moet over het algemeen eerder vervangen worden dan bij motoren op netstroom. Dat zeggen we er gewoon bij. Niet omdat het een slecht product is, maar omdat klanten recht hebben op de waarheid.”

SLIMME BEDIENING

Domotica speelt een steeds grotere rol. Veel klanten bedienen hun zonwering via een app, waar ook ter wereld. Op vakantie het huis koel houden, rollui-

ken automatisch laten openen en sluiten of verlichting laten verspringen tegen inbraak; het kan allemaal. “Je hoeft niet thuis te zijn om het gevoel te hebben dat er beweging is in huis,” aldus Julius. “Dat geeft rust.”

KLAAR VOOR DE TOEKOMST

Met de nieuwe showroom, meer ruimte voor beleving en dezelfde persoonlijke aanpak blijft Solpa doen waar het goed in is: licht beheersen, warmte buiten houden en mensen blij maken. “Wij staan achter ons product, maar vooral achter onze klant,” benadrukt Julius. “Wanneer zij tevreden zijn, zijn wij ook tevreden. Zo simpel is het.”

www.solpa.nl

Slim vooruit, Sterk verbonden.

Bij Van Ree Accountants ondersteunen we u als ondernemer met méér dan alleen een kloppende administratie en jaarrekening. Wij vertalen cijfers naar heldere inzichten en strategisch advies, zodat u beter onderbouwde keuzes kunt maken. Samen kijken we vooruit.

0342 - 40 85 08

Wij staan voor u klaar. Onze 9 vestigingen zijn bereikbaar via: barneveld@vanreeacc.nl

vanreeaccountants.nl

Nergens anders is de irritatie over lawaai zo groot

De Gelderse werknemer verliest zijn focus vooral door luidruchtige collega’s. Uit onderzoek van carrièreplatform Cvster onder 1.325 respondenten blijkt dat hard praten en luid bellen in deze provincie bijna twee keer zo vaak als grootste irritatie wordt genoemd als in de rest van Nederland.

Terwijl landelijk gemiddeld 7% van de werkenden zich stoort aan omgevingsgeluid, ligt dit percentage in Gelderland op ruim 12%. Ook de 'vergaderdruk' weegt hier zwaarder: bijna 19% van de Gelderlanders noemt onnodige meetings hun grootste bron van frustratie. Opvallend is dat men in Gelderland aanzienlijk minder klaagt over een negatieve houding (17%) dan in andere provincies, maar wel een duidelijke behoefte heeft aan een rustige werkomgeving.

MEER WERKPLEZIER BELANGRIJKE

SOLLICITATIEREDEN

Het faciliteren van een rustige werkplek is essentieel voor het behoud van personeel. Uit eerder onderzoek van Cvster naar sollicitatiegedrag bleek dat

het verlangen naar meer werkplezier voor ruim een kwart van de Nederlanders de directe aanleiding is om een nieuwe baan te zoeken. Dit weegt zwaarder dan bijvoorbeeld doorgroeimogelijkheden of de werk-privébalans.

"Gelderse werkenden lijken vooral behoefte te hebben aan focus", aldus

een woordvoerder van Cvster.nl.

"Werkgevers in deze regio doen er goed aan om te investeren in goede akoestiek of stilteplekken. Wie de auditieve overprikkeling wegneemt, verhoogt direct het werkplezier en verkleint de kans dat talent elders gaat kijken."

OVER CVSTER.NL Cvster.nl helpt werkzoekenden bij het creëren van professionele cv's en sollicitatiebrieven met gebruiksvriendelijke sjablonen en AI-ondersteunde tools. Het platform is onderdeel van Career.io, een wereldwijd toonaangevende speler op het gebied van online sollicitatiehulpmiddelen. Met miljoenen gebruikers biedt CVster.nl effectieve en moderne oplossingen om sollicitanten te ondersteunen in hun carrière. Het bedrijf zet zich in voor innovatie en toegankelijkheid, zodat iedereen snel en eenvoudig een sterk cv kan maken.

Fotografie: Cvster.nl

Bedrijfscatering in 2026:

van ‘eten’ naar ‘beleven’

In 2026 draait bedrijfscatering steeds minder om alleen het eten en meer om de totale beleving. Duurzaamheid en gezondheid zijn niet langer trends, maar standaardverwachtingen. Cateraars worden uitgedaagd om niet alleen smakelijke gerechten te leveren, maar ook een verhaal, een sfeer en een ervaring te creëren die past bij de identiteit van het bedrijf.

PLANTAARDIG

Het is geen geheim meer: plantaardige gerechten blijven aan kracht winnen. Maar in 2026 gaat het niet alleen om vegan opties, maar om slimme, smaakvolle alternatieven die iedereen aanspreken. Het draait om gerechten die lichter zijn, minder suiker bevatten, en transparant zijn over allergenen en herkomst. Gezonde keuzes worden steeds vaker gekoppeld aan welzijn, zoals een power-ontbijt, een brainboost-lunch of voedzame tussendoortjes die helpen om scherp te blijven.

FOODSTATIONS

Traditionele buffetten verliezen terrein: ze veroorzaken rijen, wachttijd en weinig interactie. Foodstations daarentegen zorgen voor beweging, spreiding en een levendige sfeer. In 2026 zien we steeds vaker thematische stations zoals een oesterbar met champagne, een tapas & mezze station, een kleurrijke dessertbar, een kaas- en charcuteriestation en een smoothie & juicebar. Deze opzet stimuleert de aanwezigen om rond te lopen, nieuwe mensen te spreken en op een natuurlijke manier te netwerken. Het eten wordt daarmee een verbindende factor in plaats van een moment van afzondering.

TRANSPARANTIE

De focus op lokale ingrediënten gaat in 2026 verder dan alleen ‘streekproducten’. Het gaat om een echt lokaal ecosysteem, waarbij cateringbedrijven niet alleen inkopen in de buurt, maar ook samenwerken met kleine producenten, stadslandbouw en buurtcoöperaties. De herkomst wordt zichtbaar gemaakt door verhalen op het menu, QR-codes met informatie over de boer of maker, en zelfs korte video’s of proeverijen die het verhaal achter het product vertellen. Zo wordt het eten een gespreksonderwerp en een herkenbaar onderdeel van de bedrijfsidentiteit.

DUURZAAM

Duurzaamheid is in 2026 niet langer een keuze, maar een randvoorwaarde voor samenwerking. Bedrijven vragen om meetbare impact: hoeveel CO2 bespaart een menu, hoeveel water wordt er gebruikt, en hoe wordt afval geminimaliseerd? Cateraars reageren met

concrete maatregelen zoals circulaire inkoop, slimme planning om overproductie te voorkomen, en het gebruik van herbruikbare of composteerbare materialen. Ook zien we vaker dat overtollige gerechten worden gedoneerd aan lokale initiatieven, of dat reststromen worden omgezet in nieuwe producten, zoals bouillons, dips of snacks. Dit maakt catering niet alleen milieuvriendelijker, maar ook transparant en toekomstbestendig.

WERELDKEUKENS

In 2026 winnen wereldkeukens verder terrein, maar dan wel op een manier die vertrouwd blijft. In plaats van extreem exotisch, kiezen bedrijven voor gerechten die nieuwe smaken combineren met herkenbare comfortfood. Zo zien we Aziatische sauzen terug in Europese klassiekers, Latijns-Amerikaanse technieken in lokale snacks en Midden-Oosterse invloeden in brunchconcepten. Deze aanpak verlaagt de drempel om nieuwe smaken te ontdekken zonder zich te vervreemd te voelen. Daarnaast speelt storytelling een grotere rol, waarbij het verhaal achter de ingrediënten subtiel worden meegegeven.

SLIMME CATERING

Technologie komt in 2026 sterk naar voren, met bestelsystemen die veel verder gaan dan alleen het doorgeven van een order. Digitale platforms en apps maken het mogelijk dat opdrachtgevers, maar ook de deelnemers aan een vergadering of meeting vooraf hun keuzes doorgeven, wat zorgt voor een nauwkeurige afstemming tussen vraag en aanbod.

AI-gestuurde systemen analyseren eerdere bestellingen en voorkeuren, waardoor zij suggesties kunnen doen die passen bij het type event en het moment van de dag.

Geautomatiseerde bestelsystemen verminderen fouten, verkorten wachttijden en geven cateraars realtime inzicht in aantallen en wijzigingen. Daarnaast koppelen deze systemen bestellingen direct aan inkoop en planning, waardoor verspilling afneemt en de logistiek efficiënter wordt ingericht. Zo verandert het bestelproces van een administratieve handeling in een slimme, data-gedreven schakel binnen de totale cateringervaring.

Rabobank

Postbus

Vallei Business

T

Financieel Advies
Reclame

Service Rubriek

Hotel en Congrescentrum de ReeHorst

Bennekomseweg 24

6717 LM Ede

T 0318 750300

F 0318 750301

E info@reehorst.nl

I www.reehorst.nl

Ede Veenendaal Doetinchem U WILT EEN FACTUUR?

DB SCHENKER

Galvanistraat 71 6716 AE Ede

T 0318 69 68 00

F 0318 69 68 88

E multimodaal.nl@dbschenker.com

W www.dbschenker.com/nl

Hof van Wageningen

Hotel en Congrescentrum

Lawickse Allee 9

6701 AN Wageningen

T +31-(0)317-490133

F +31-(0)317-426243

E info@hofvanwageningen.nl

W www.hofvanwageningen.nl

Van Veen Advocaten

Keesomstraat 7

6717 AH Ede 0318-687878 ede@vanveen.com www.vanveen.com

19, 3907 HC Veenendaal | 06-39 615 615 ewissink@w-tic.nl | www.w-tic.nl

Juristen

Zeist

Driebergen

Houten

Odijk

Leusden centrum

Leusden zuid

Woudenberg

Maarn

Maarsbergen

Doorn

Scherpenzeel

Leersum

Wijk bij duurstede

Renswoude

Veenendaal

Amerongen

Rhenen

Barneveld Voorthuizen

Rootwijk

Wekerom

Lunteren

Ede

Bennekom

Wageningen

Unieke privé locatie maakt vergaderen inspirerend

Wittenoordseweg 3, 3927 CE Renswoude telefoon 0318 57 53 25 | info@kleinwittenoord.nl

WWW.KLEINWITTENOORD.NL

Restaurant Planken Wambuis

Gelegen op een karakteristieke en prachtige locatie. Hét adres voor een gezellige lunch, brunch, high-tea of smaakvol diner!

Maar ook een ideale plaats op de Veluwe voor een geslaagde vergaderbijeenkomst!

Dagelijks geopend vanaf 10.00 uur. (voor een vergadering eerder mogelijk!)

Gratis wifi , ruime parkeergelegenheid en uitstekende bereikbaarheid vanaf de snelwegen A12 en A50.

Verlengde Arnhemseweg 146 (N224) 6718 SM – Ede

Telefoon: 026 – 482 1251 E: info@plankenwambuis.nl

Meer info op www.plankenwambuis.nl

www.valleibusiness.nl

Harskamp

Otterlo

Beekbergen

Hoenderloo

Rozendaal

Wolfheze

Renkum

Oosterbeek

Arnhem

Sinds 1885 kunnen wij er geen genoeg van krijgen Met enthousiasme gaan wij voor gastvrijheid, kwaliteit en beleving van ‘s ochtends vroeg tot ’s avonds laat

Welkom bij Partycentrum Schimmel

Stationsweg Oost 243 3931 EP Woudenberg

T 033-2861213

Jos, Corné & Team Schimmel 1885

F 033-2862426

Schimmel 1885

Stationsweg Oost 243 3931 EP Woudenberg info@schimmel1885 nl www.schimmel1885.nl

T: 033 - 286 12 13

Kvk: 310002096

Hotel en Congrescentrum de ReeHorst

Hotel - Restaurant - Brasserie - Wijnbar - Vergaderen

Trainingen - Congressen - Events - Theater

Geschikt voor elke gelegenheid. Met o.m. 38 zalen en ruime, gezelllige ontvangstfoyers. Elke bijeenkomst wordt gegarandeerd een beleving. Vol warmte,gezelligheid en altijd persoonlijk!

Bennekomseweg 24 6717 LM Ede T 0318 750300 F 0318 750301

E info@reehorst.nl I www.reehorst.nl

Wij staan 7 dagen per week voor u klaar

INSPIRERENDE LOCATIE VOOR UW ZAKELIJKE BIJEENKOMST

Wij verwelkomen u graag op landgoed de Born, midden in bossen van Bennekom.

Bornweg 12b - 6701 HE Bennekom - tel. 0318-860213 locatie@hermonde.nl - www.hermonde.nl

De scherpste prijs van Nederland voor koffieautomaten

5 jaar all-in garantie bij gebruik van onze ingrediënten

Premium koffiebonen vanaf €19,50 per kilo

Snelle service door eigen technische dienst

Elke 6 weken levering van producten tot in het keukenkastje

Crossbow Coffee Fokkerstraat 24, Veenendaal

0318 – 52 80 00 info@crossbowcoffee.nl

Bezoek onze website www.crossbowcoffee.nl

Houdt u ook zo van schitterend drukwerk, scherpe prijzen en uitstekende

Mobiele voorzieningen waar je op kunt bouwen

Altijd brandschone en betrouwbare oplossingen.

Snel geregeld en afgestemd op jouw situatie, zodat jij zorgeloos verder kunt.

TOILETWAGENS

WOONUNITS

MOBIELE BADKAMERS

DOUCHEWAGENS

KOELAANHANGERS

MOBIELE KANTINES

VACUÜMWAGENS

FRIETWAGENS

VRIESCELLEN

SANITAIRGEBOUWEN

VRIESAANHANGERS

VERKOOPWAGENS

DOUCHECABINES

MOBIELE KLEEDKAMERS

KOEL-VRIESMOTOREN

KOELCELLEN

KASSA UNITS

LUXURY LOO

VIP TOILETTEN

PARTNER IN RENTAL & SALES

Beesdseweg 7 4104 AW Culemborg 085 - 250 00 57

Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook