Registratierapport 2015 Een blik op ĂŠĂŠn jaar pleegzorg in cijfers
Inhoudsopgave Inleiding ...................................................................................................................................................................................................5 Kerncijfers ..............................................................................................................................................................................................6 1. Voortraject ......................................................................................................................................................................................... 8 1.1. Sensibilisering & Werving .................................................................................................................................................. 8 1.2. Selectie ........................................................................................................................................................................................9 1.3. Aanmeldingen ........................................................................................................................................................................ 12 2. Begeleidingen ................................................................................................................................................................................. 14 2.1. Pleegkinderen & pleeggasten .......................................................................................................................................... 14 2.2. Pleegzorgers .......................................................................................................................................................................... 18 2.3. Pleegzorgmodules ............................................................................................................................................................... 19 3. Gestarte begeleidingen .............................................................................................................................................................. 22 4. Uitstroom ......................................................................................................................................................................................... 26 4.1. Beëindigde pleegzorgsituaties........................................................................................................................................ 26 4.2. Schakelingen ........................................................................................................................................................................ 27 4.3. Combinatie met andere hulpverlening....................................................................................................................... 28 4.4. Intrekken of weigeren van het attest .......................................................................................................................... 29 5. Conclusie.......................................................................................................................................................................................... 30
3
Inleiding 2015 was een belangrijk jaar voor pleegzorg in Vlaanderen. Na de grote hervormingen in 2014, naar aanleiding van het nieuwe decreet, hebben de diensten voor pleegzorg de aandacht voluit gericht op selectie van nieuwe pleeggezinnen en de uitbouw van kwalitatieve processen om de grote instroom van kinderen en jongeren op te vangen. En met succes: in 2015 mochten we in pleegzorg maar liefst 246 nieuwe bestandspleeggezinnen verwelkomen, een stijging van 45% tegenover 2014. In het najaar van 2015 konden we nogmaals ervaren dat er in Vlaanderen heel wat solidariteit bestaat. We lanceerden het project ‘Geef de wereld een thuis’, waarbij we een warme oproep deden voor de opvang van vluchtelingen in pleegzorg. Mede door de grote media-aandacht was de respons ongezien: nog nooit kregen we zoveel kandidaten op specifieke infomomenten voor de opvang van vluchtelingen. Dit rapport weerspiegelt de groei in pleegzorg de afgelopen jaren. Dankzij de inzet van vele mensen, zowel pleegzorgers als professionals, is pleegzorg in Vlaanderen wat het nu is: een warme plek voor heel wat kinderen, jongeren en volwassen. En voor wie zich afvraagt waar Partners in Pleegzorg gebleven is: wij werden gewoon Pleegzorg Vlaanderen. De invulling en opdracht van onze organisatie bleef echter dezelfde: het vertegenwoordigen van alle betrokkenen binnen pleegzorg in Vlaanderen. De nieuwe vlag waaronder we varen, maakt het mogelijk om onze koers nog sterker te bepalen. Els Van Achter Coördinator Pleegzorg Vlaanderen
5
Kerncijfers
Voortraject
2015
2014
%
Verstuurde infopakketten
3.991
3.069
+ 30%
Kandidaat-gezinnen op infosessies
1.080
1.007
+ 7%
Gezinnen gestart met selectie
399
301
+ 33%
Ingeselecteerde bestandsgezinnen
246
169
+ 46%
Begeleidingen
2015
2014
%
Pleegzorgers op 31/12
4.177
3.909
+ 7%
Pleegkinderen & pleeggasten op 31/12
5.616
5.344
+ 5%
Totaal aantal pleegkinderen
6.058
5.851
+ 4%
Totaal aantal pleeggasten
476
481
- 1%
Totaal aantal pleegzorgsituaties
6.534
6.332
+ 3%
6
Pleegzorgmodules
31/12/2015
31/12/2014
%
Ondersteunende pleegzorg
503
419
+ 20%
Perspectiefbiedende pleegzorg
4.755
4.565
+ 4%
Perspectiefzoekende pleegzorg
399
341
+ 17%
Totaal
5.657
5.325
+ 6%
Behandelpleegzorg
546
Crisispleegzorg
6
Wisselingen & overgangen tussen pleegzorgmodules
309
7
1. Voortraject Met voortraject wordt bedoeld: sensibilisering en werving, selectie van kandidaat-pleegzorgers, intake van de hulpvragen en matching.
1.1. Sensibilisering & Werving De diensten voor pleegzorg verstuurden samen 3.991 informatiepakketten naar geïnteresseerde gezinnen. Daarnaast waren er 1.080 gezinnen aanwezig op informatiesessies rond pleegzorg. 1800 1600 1400 1200 1000 800 600 400 200 0
1582
900
230
149 Antwerpen
534
519
456
403
Limburg Verstuurde infopakketten
Oost-Vlaanderen
188 Vlaams-Brabant & Brussel
110 West-Vlaanderen
Kandidaat-pleeggezinnen op infosessies
Naast de reguliere pleegzorg gaven bovendien ook heel wat belangstellenden gehoor aan onze oproep in het kader van het project ‘Geef de wereld een thuis’, dat we in september 2015 lanceerden. Daarmee wilden we gezinnen die zich spontaan aanboden om vluchtelingen tijdelijk op te vangen, zo snel mogelijk als pleeggezin omkaderen. In 2015 organiseerden de verschillende pleegzorgdiensten verschillende specifieke infosessies rond de opvang van vluchtelingen. Onderstaande cijfers geven het aantal aanwezige gezinnen weer op deze momenten. Antwerpen - 158
Limburg - 78
Oost-Vlaanderen - 169
8
Vlaams-Brabant & Brussel - 117
West-Vlaanderen - 104
1.2. Selectie Kandidaat-pleeggezinnen krijgen eerst een vragenlijst toegestuurd. 399 gezinnen beslisten vervolgens om met het screeningstraject voor pleeggezinnen te starten. Voor de meeste gezinnen bedroeg de tijd tussen het indienen van de vragenlijst en de start van het screeningstraject minder dan 3 maanden. Langere wachttijden kunnen te wijten zijn aan het tempo van het kandidaat gezin: soms beslissen zij immers zelf om nog niet meteen met het screeningstraject aan te vatten. 3% 2% 6%
< 3 maanden < 6maanden
17%
< 9 maanden < 12 maanden > 12 maanden
72%
In 2015 werden 246 gezinnen na het screeningstraject positief geselecteerd. Dat zijn er 77 meer dan in 2014. Enkel in West-Vlaanderen was er een kleine terugval in het aantal nieuw geselecteerde gezinnen. Dit is te wijten aan een hervorming van de selectieprocedure in het najaar van 2015. Bij de overgang naar 2016 waren er in West-Vlaanderen wel nog 16 selectietrajecten lopende. 140
127
120 100
87
84
78
70
80 60
49
46
42
40
40 22
20 0 Antwerpen
Limburg
Oost-Vlaanderen
Gezinnen gestart met selectie
9
Vlaams-Brabant & Brussel
Ingeselecteerde gezinnen
West-Vlaanderen
70% van de gezinnen rondde het selectietraject af in minder dan 6 maanden. We zien enkele uitschieters in tijdsduur: ook hier kan dit te maken hebben met het tempo van het kandidaat gezin, dat soms aangeeft even te willen pauzeren in het traject.
4%
6% 19%
< 3 maanden < 6maanden
21%
< 9 maanden < 12 maanden > 12 maanden 50%
Een deel van de gezinnen die met selectie startten, bood zich aan voor de opvang van vluchtelingen. Zij startten in november of december met een apart vormingstraject, dat helemaal afgestemd was op de specifieke noden van deze doelgroep. De meesten onder hen rondden dit traject pas af in 2016. 60 5
50 40 30 51
51
20
6
10
18
41 1 12
0 Antwerpen
Limburg
Oost-Vlaanderen
Vlaams-Brabant & Brussel
Ingeselecteerde gezinnen voor opvang van vluchtelingen Gezinnen gestart met selectie voor opvang van vluchtelingen
10
West-Vlaanderen
Nadat kandidaat-pleeggezinnen goedgekeurd zijn door het selectieteam is het wachten op de komst van een pleegkind. 187 pleeggezinnen mochten in 2015 voor de eerste maal een pleegkind in hun gezin verwelkomen. De tijd tussen het positief selecteren van een pleeggezin en het eerste pleegzorgattest bedroeg in 70% van de situaties minder dan zes maanden. Die duurtijd is sterk afhankelijk van de matching tussen het profiel van een kandidaat-pleeggezin en de aanmeldingen van kinderen voor pleegzorg. 100 90 80 70 60 50 40 30 20 10 0
87 63 49
46 36
Antwerpen
Limburg
Aantal ingeselecteerde pleeggezinnen
42 29
Oost-Vlaanderen
31 22
Vlaams-Brabant & Brussel
25
West-Vlaanderen
Pleeggezinnen die een eerste pleegzorgattest kregen
Naast de nieuw opgestarte pleeggezinnen waren er 80 bestaande pleeggezinnen die een extra pleegkind in hun gezin begroetten:. Antwerpen - 23
Limburg - 8
Oost-Vlaanderen - 26
11
Vlaams-Brabant & Brussel - 2
West-Vlaanderen - 21
1.3. Aanmeldingen Op 31/12/2015 waren er 515 openstaande aanvragen voor pleegzorg. Niet elke vraag voor pleegzorg mondt uiteindelijk uit in een pleegplaatsing. Hiervoor zijn verschillende verklaringen mogelijk. De meest voorkomende zijn: Er is geen match met een beschikbaar pleeggezin De vraag voor pleegzorg wordt weer ingetrokken Bij nader onderzoek blijkt pleegzorg voor het betreffende kind niet de meest aangewezen oplossing 200 180
0 5
160 0
140 120
43 114
100
0 5 31
80 60 40 20
54
0 6 32
Antwerpen
Limburg
86
27
15
Vlaams-Brabant & Brussel
West-Vlaanderen
48
17
0
0 7 25
Oost-Vlaanderen
Ondersteunende pleegzorg Perspectiefzoekende pleegzorg
Perspectiefbiedende pleegzorg Crisispleegzorg
In deze cijfers is het aantal aanvragen voor netwerkpleegzorg niet meegenomen.
12
2. Begeleidingen
2.1. Pleegkinderen & pleeggasten Totaal aantal pleegzorgsituaties Ook dit jaar merkten we een stijging in het aantal pleegzorgsituaties. Op 31/12/2014 verbleven 5.344 kinderen, jongeren en volwassenen in pleegzorg. Op 31/12/2015 steeg dit aantal naar 5.616, waarvan 378 volwassenen en 5.238 kinderen en jongeren. Dit betekent een netto stijging van 272 pleegzorgsituaties of 5% op ĂŠĂŠn jaar tijd. 2000 1800 1600 1400 1200 1000 800 600 400 200 0
1658
1777
1105 1179 729
Antwerpen
801
Limburg
1016 1029 836 834
Oost-Vlaanderen
Pleegkinderen & pleeggasten op 31/12/14
Vlaams-Brabant & Brussel
West-Vlaanderen
Pleegkinderen & pleeggasten op 31/12/15
14
In de loop van 2015 werden 6.534 pleegkinderen en pleeggasten opgevangen in een pleeggezin, waarvan 6.058 pleegkinderen en 476 volwassenen met een beperking. In dit cijfer zitten ook de pleegzorgsituaties die in de loop van het jaar gestart of beĂŤindigd werden. De stijging lag vooral bij de minderjarigen (+4%); bij de pleeggasten merkten we een lichte daling (-1%). 2500 109 2000 81
1500 1000
115
46
1995
1297
500
844
125
888
1091
Vlaams-Brabant & Brussel
West-Vlaanderen
0 Antwerpen
Limburg
Oost-Vlaanderen
Totaal aantal pleegkinderen in 2015
Totaal aantal pleeggasten in 2015
We kunnen deze cijfers ook afwegen tegenover de cijfers van de afgelopen jaren. Het totale aantal pleegzorgsituaties in de loop van een jaar werd sinds 1998 geregistreerd. Voor de jaren 2012 en 2013 zijn er geen cijfers beschikbaar. Aantal pleegzorgsituaties 1998 1999 2000 2001 2002 2003 2004 2005 2006 2007 2008 2009 2010 2011 2012 2013 2014 2015
3.929 4.345 4.645 4.741 4.803 5.031 5.050 5.315 5.773 6.008 6.061 6.129 6.277 6.371 Geen cijfers beschikbaar Geen cijfers beschikbaar 6.332 6.534
De daling van het totale aantal pleegzorgsituaties in 2014 ten opzichte van de voorgaande jaren is te wijten aan het feit dat een aantal situaties van opvang voor volwassenen met ondersteuning van een gezin niet langer als pleegzorg worden beschouwd. Meer toelichting hierover vind je in het Registratierapport 2014.
15
Verdeling volgens geslacht, leeftijd, herkomst en handicap Geslacht In 2015 waren er in pleegzorg 3.312 meisjes en vrouwen geregistreerd en 3.218 jongens en mannen. We stellen enkele provinciale verschillen vast in de verhoudingen tussen beide geslachten. Zo stroomden er in Oost- en West-Vlaanderen beduidend meer meisjes in dan in de andere provincies. 1200
1040 1063
1000 725
800 600
445
651 497
445
505
628 588
400 200 0 Antwerpen
Limburg
Oost-Vlaanderen Meisjes
Vlaams-Brabant & Brussel
West-Vlaanderen
Jongens
Het totaal kan verschillen van de optelsom van de verschillende kolommen omdat pleegkinderen en pleeggasten uitzonderlijk in meer dan ĂŠĂŠn provincie geregistreerd zijn. Opeenvolgend, door verhuis, of gelijktijdig, door een combinatie van modules.
Leeftijd Wanneer we naar de leeftijdsverdeling van pleegkinderen en -jongeren kijken, zien we dat de meeste kinderen in pleegzorg jonger dan 12 zijn.
12%
0 tot 3 jaar
13%
4 tot 6 jaar 15% 22%
7 tot 11 jaar 12 tot 13 jaar 14 tot 17 jaar 18 tot 21 jaar
11%
27%
16
Herkomst 44 Niet-Begeleide Minderjarige Vreemdelingen (NBMV) verbleven in de loop van 2015 in een pleeggezin. Het effect van het project naar aanleiding van de vluchtelingencrisis van het najaar 2015 is nog niet merkbaar in dit cijfer. 15
14
7
6
2 Antwerpen
Limburg
Oost-Vlaanderen
Vlaams-Brabant & Brussel
West-Vlaanderen
Handicap Binnen de groep van de minderjarigen telden we op 31/12/2015 837 kinderen en jongeren met een handicap. Dit komt neer op bijna 16% van het totale aantal pleegkinderen en -jongeren. 350 300 250 200 150 100 50 0
330
Antwerpen
106
131
114
156
Limburg
Oost-Vlaanderen
Vlaams-Brabant & Brussel
West-Vlaanderen
26 pleeggasten verbleven als minderjarige reeds in een pleeggezin en gingen in 2015 over naar pleegzorg voor volwassenen. 10 7
7
2 0 Antwerpen
Limburg
Oost-Vlaanderen
17
Vlaams-Brabant & Brussel
West-Vlaanderen
2.2. Pleegzorgers Op 31 december 2014 waren er 3.909* pleeggezinnen die een pleegkind of pleeggast opvingen in hun gezin. In 2015 steeg dat aantal naar 4.177 pleeggezinnen. 1400 1200 1000 800 600 400 200 0
1205*
1304 825 889 633
543 603
Antwerpen
Limburg
Oost-Vlaanderen
Pleeggezinnen op 31/12/2014
644
Vlaams-Brabant & Brussel
Pleeggezinnen op 31/12/2015
*Rechtzetting van het cijfer voor Antwerpen in 2014.
18
703
737
West-Vlaanderen
2.3. Pleegzorgmodules In het decreet pleegzorg worden vier verschillende vormen van pleegzorg voorzien. Deze vormen worden pleegzorgmodules genoemd:
Ondersteunende pleegzorg Perspectiefbiedende pleegzorg Perspectiefzoekende pleegzorg Behandelingspleegzorg
Op 31/12/2015 liepen er 5.657 pleegzorgsituaties. In 84% (4.755 situaties) van de gevallen ging het om perspectiefbiedende pleegzorg. Ondersteunende pleegzorg (503 situaties of 9%) en perspectiefzoekende pleegzorg (399 situaties of 7%) vormen de minderheid van de pleegzorgsituaties. Crisisopvang mondt vaak uit in andere vormen van pleegzorg. Op jaarbasis werd het in 2015 298 keren ingezet, op het moment van de jaarwisseling werden 6 pleegzorgsituaties geregistreerd onder deze module. Behandelingspleegzorg wordt steeds ingezet in combinatie met perspectiefzoekende of perspectiefbiedende pleegzorg. Op 31/12/2015 werd deze vorm van pleegzorg in 546 situaties ingezet. Voor meer uitleg over de verschillende modules verwijzen we naar de website van Pleegzorg Vlaanderen. 2000 1800
4 143
1600 1400 0 80
1200
0 72
1000 1487
2 43
0 61
800
1004
600 682
400
879 705
200 0
158 Antwerpen
69 Limburg
101 Oost-Vlaanderen
88 Vlaams-Brabant & Brussel
87 West-Vlaanderen
Ondersteunende pleegzorg
Perspectiefbiedende pleegzorg
Perspectiefzoekende pleegzorg
Crisispleegzorg
19
De verschillende vormen van pleegzorg zijn rechtstreeks (RT) of niet-rechtstreeks toegankelijk (NRT). De meeste vormen van pleegzorg zijn ingrijpend en intensief; de toewijzing gebeurt door de jeugdrechtbank (JRB) of via de integrale toegangspoort. Ondersteunende pleegzorg, behandelingspleegzorg, sommige crisispleegzorgsituaties en alle vormen van pleegzorg voor volwassenen zijn rechtstreeks toegankelijk. Dit betekent dat de dienst voor pleegzorg zelf over de inzet van dit aanbod beslist. De meeste vormen van pleegzorg zijn niet rechtstreeks toegankelijk. 2000 1800 1600 1400 1200
1634
1000 800
1084
600
743
750
951
88 Vlaams-Brabant & Brussel
87 West-Vlaanderen
400 200 0
158 Antwerpen
69 Limburg
101 Oost-Vlaanderen
Rechtstreeks toegankelijk
Niet rechtstreeks toegankelijk
20
3. Gestarte begeleidingen
In 2015 waren er 1.354 nieuwe pleegzorgsituaties, waarvan 1.271 kinderen en 83 volwassenen. 600 27 500 400 300
19
23
493
8
200
6
100
157
247 172
216
Vlaams-Brabant & Brussel
West-Vlaanderen
0 Antwerpen
Limburg
Oost-Vlaanderen Pleegkinderen
22
Pleeggasten
Verdeling volgens geslacht, aard van de plaatsing en leeftijd Geslacht De verhouding jongens/mannen en meisjes/vrouwen was ongeveer gelijk. 300
269 250
250 200 138 128
150
113 92 87
82 81
100
126
50 1
1
0 Antwerpen
Limburg Meisjes
Oost-Vlaanderen Jongens
Vlaams-Brabant & Brussel
West-Vlaanderen
Niet geregistreerd
Aard van de plaatsing Als we naar de aard van de nieuwe plaatsingen kijken, zien we meer nieuwe netwerkplaatsingen (57%) dan bestandsplaatsingen (43%). 600 500 400
278
300 156
200 100
216
95
106
105
118
79
91
Limburg
Oost-Vlaanderen
Vlaams-Brabant & Brussel
West-Vlaanderen
0 Antwerpen
161
Afgeleverde pleegzorgattesten in 2015 - Netwerkpleegzorg Afgeleverde pleegzorgattesten in 2015 - Bestandspleegzorg
23
We merken enkele regionale verschillen op: zo is er verhoudingsgewijs meer netwerkpleegzorg in WestVlaanderen en telt Limburg het hoogste percentage nieuwe bestandspleegzorgers. 120% 100% 80%
56%
48%
44% Antwerpen
57%
57%
53%
43%
43%
36%
Limburg
Oost-Vlaanderen
Vlaams-Brabant & Brussel
West-Vlaanderen
64%
60% 40% 20% 0%
Bestandspleegzorg
Netwerkpleegzorg
Leeftijd Net als in 2014; kende pleegzorg ook afgelopen jaar een opvallende stijging van het percentage jonge kinderen: 35% van de kinderen die in pleegzorg terecht kwamen, was jonger dan 3 jaar. Een opmerkelijk cijfer als je weet dat het aantal -3-jarigen in lopende pleegzorgsituaties bij pleegkinderen goed is voor een percentage van 14%.
21%
0 tot 3 jaar 35%
4 tot 6 jaar 7 tot 11 jaar
9%
12 tot 13 jaar 14 tot 17 jaar 20%
15%
Bij de instroom van pleeggasten zien we dat de grootste groep jonger dan 30 jaar is.
10% 18 tot 20 jaar 21 tot 30 jaar 31 tot 40 jaar 41 tot 50 jaar 51 tot 60 jaar 60+
26% 14%
10% 7% 33%
24
4. Uitstroom
4.1. BeĂŤindigde pleegzorgsituaties 909 pleegzorgsituaties werden in de loop van 2015 beĂŤindigd. In totaal telden we 811 pleegkinderen en 98 pleeggasten die uitstroomden. 600 500
27
400 300 200
450
28
18 16
9 100
174
159
86
98
0 Antwerpen
Limburg
Oost-Vlaanderen Pleegkinderen
26
Vlaams-Brabant & Brussel
Pleeggasten
West-Vlaanderen
Ook in de uitstroom van pleegkinderen en pleeggasten merken we dat de verhouding meisjes/vrouwen en jongens/mannen ongeveer gelijk is. 250 200
225 186
150 100
75 48
50
81 50
45
38
81
80
0 Antwerpen
Limburg
Oost-Vlaanderen Meisjes
Vlaams-Brabant & Brussel
West-Vlaanderen
Jongens
4.2. Schakelingen Voor een pleegkind of pleeggast kunnen meerdere modules ingezet worden in de loop van een jaar. Die schakelingen kunnen zowel achtereenvolgens, zoals een overgang van crisispleegzorg naar perspectiefzoekend, als gelijktijdig, zoals een kind dat in een perpectiefbiedend pleeggezin verblijft maar ondertussen ook af en toe een weekend naar een steungezin gaat. Op een totaal aantal van 967 afgesloten dossiers werd er 309 keer geschakeld. Dit komt overeen met 32% van de dossiers. Hieronder geven we een overzicht van het aantal wisselingen of schakelingen tussen modules per provincie. 140
72 46 32 19
Antwerpen
Limburg
Oost-Vlaanderen
27
Vlaams-Brabant & Brussel
West-Vlaanderen
4.3. Combinatie met andere hulpverlening Pleegzorg kan ook gecombineerd worden met andere vormen van hulpverlening. Hieronder geven we een overzicht van het aantal combinaties met het gemoduleerde aanbod binnen de sectoren Jongerenwelzijn (JWZ), Algemeen Welzijnswerk (AWW), Centra voor Geestelijke Gezondheidszorg (CGG), Centra voor Leerlingenbegeleiding (CLB), Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap (VAPH), Kind & Gezin (K&G) en Crisishulp.
Antwerpen
Limburg
OostVlaanderen
VlaamsBrabant & Brussel
WestVlaanderen
JWZ
67
14
58
16
46
AWW
0
0
1
0
2
CGG
4
3
3
0
2
CLB
7
2
5
3
2
VAPH
20
6
4
3
7
K&G
10
4
3
1
4
Crisishulpprogramma
8
0
0
3
0
Daarnaast wordt in sommige pleegzorgsituaties ook samengewerkt met een ander niet gemoduleerd aanbod van hulpverlening.
Antwerpen
Limburg
OostVlaanderen
VlaamsBrabant & Brussel
WestVlaanderen
Welzijn
59
10
28
12
32
Gezondheid
57
10
39
9
25
Onderwijs
60
12
67
17
38
FinanciĂŤn
27
3
23
8
23
Justitie
36
3
16
2
8
Tewerkstelling
11
0
7
1
6
Huisvesting
7
1
3
3
9
28
4.4. Intrekken of weigeren van het attest In een beperkt aantal gevallen besliste de dienst voor pleegzorg om een pleegzorgattest in te trekken of te weigeren. Dit houdt in dat een pleeggezin niet (langer) geschikt bevonden werd om aan pleegzorg te doen. In 2015 werd ook voor 10 dossiers die betrekking hebben op de verschillende diensten voor pleegzorg een herscreening gevraagd na een weigering of intrekking. In 3 gevallen werd er in 2015 in die gevallen toch overgegaan tot het toekennen van een attest.
Antwerpen
Limburg
OostVlaanderen
VlaamsBrabant & Brussel
WestVlaanderen
Geweigerde attesten
13
12
5
7
7
Ingetrokken attesten
0
7
3
4
0
Herscreening gevraagd
1
5
1
1
2
Attest toegekend
0
1
1
1
0
In een aantal gevallen waarbij een herscreening gevraagd werd, loopt de procedure nog. De cijfers geven dus geen volledig beeld van de verhouding van het aantal toch toegekende attesten na een herscreening.
29
5. Conclusie Wie het rapport vergelijkt met dat van vorig jaar, zal opmerken dat we meer en andere parameters registreerden. Zo noteerden we meer cijfers rond het voortraject, omdat we hierover vaak vragen kregen. Waar mogelijk vergeleken we de cijfers van dit jaar met die van vorig jaar. Door het hanteren van twee verschillende ‘meetinstrumenten’ kon dat in sommige gevallen niet: de huidige cijfers komen voor een deel uit het BINC-registratiesysteem van de overheid, voor de cijfers van 2014 teerden we volledig op de eigen registratiesystemen van de verschillende diensten voor pleegzorg. De definitie van de parameters in beide systemen kan echter verschillen; de telling van het aantal gestarte en beëindigde situaties hebben we om die reden niet opgenomen. In de loop van de volgende jaren hopen we het registratiesysteem nog verder te verfijnen. Gelukkig waren er ook parameters die we wel konden vergelijken. Hieruit bleek duidelijk dat pleegzorg groeit. Hieronder zetten we de meest opvallende tendensen op een rijtje: Het voortraject in pleegzorg kende een spectaculaire groei: het aantal gezinnen dat een selectietraject startte, steeg met 30%. Dit resulteerde in een grote instroom van nieuwe bestandpleegouders: 246 nieuwe geselecteerde bestandgezinnen stonden klaar om een kind of volwassene een thuis te geven, wat 45% meer is dan vorig jaar. We stellen een grote groei vast bij ondersteunende pleegzorg: wanneer we de cijfers van eind 2015 vergelijken met de cijfers van dezelfde periode vorig jaar, zien we een stijging van 84 pleegzorgmodules voor ondersteunende pleegzorg, ofwel een stijging van 20%. Ook perspectiefzoekende pleegzorg nam toe: wanneer we de cijfers van eind 2015 naast die van 2014 leggen, zien we een toename van 17% of 58 extra perspectiefzoekende pleegzorgsituaties. Het grootste deel van de nieuwe plaatsingen betreft kinderen jonger dan 3 jaar: zij maken 35% van het totale aantal nieuwe plaatsingen uit. We noteren ook enkele aandachtspunten voor het komende jaar: Het proefproject ‘Geef de wereld een thuis’, dat in september 2015 van start ging, is een grote uitdaging voor pleegzorg. Heel wat gezinnen stelden zich snel kandidaat om een kind of gezin op de vlucht op te vangen. De verwachtingen rond de opvang van vluchtelingen doorstond de toetsing van haalbaarheid binnen gezinnen echter vaak niet. We merkten een duidelijke uitval bij de start van de selectieprocedure. De opstart van samenwerkingsverbanden met externe organisaties en betrokkenen vroeg bovendien tijd. Met deze ervaringen gaan we verder aan de slag in 2016. Hoewel het totale aantal pleegzorgsituaties steeg, merkten we een kleine daling in het aantal pleeggasten (476 tegenover 481). Sinds het nieuwe pleegzorgdecreet, dat vooral is afgestemd op de noden van kinderen en jongeren, merken we dat de doorstroom naar deze vorm voor pleegzorg vermindert. We zullen in de komende jaren dan ook extra inzetten op een betere intersectorale afstemming tussen het Agentschap Jongerenwelzijn en het Vlaams Agentschap voor Personen met een handicap. Voor meer vragen over het registratierapport, kan u steeds terecht bij Pleegzorg Vlaanderen.
30
Pleegzorg Vlaanderen Ravenstraat 98, 3000 Leuven www.pleegzorgvlaanderen.be info@pleegzorgvlaanderen.be