Skip to main content

Molenvriend 57 web

Page 1

Uitgave van de vereniging Molenvrienden Land van Cuijk

Nr. 57


VERENIGING MOLENVRIENDEN LAND VAN CUIJK Molenvereniging in het Land van Cuijk en Noord-Limburg www.molens.net/landvancuijk BESTUUR VOORZITTER

Mari Goossens Tel. 0485-573815 Walter Cornelissen Tel. 0485-478818 Fax 0842-110623 Frits Harteman Tel. 0485-572271 Twan Jacobs Tel. 0485-372212

SECRETARIS

PENNINGMEESTER BESTUURSLEDEN

D. Boutsstraat 25 5831 VN BOXMEER Park 8 5446 PH WANROIJ E-mail: molenvrienden@home.nl Bilderbeekstraat 23 5831 CW BOXMEER Hoekseweg 1 6591 XN GENNEP

LEDENADMINISTRATIE

Tel. 0485-322460 Park 8 Fax 0842-110623 5446 PH WANROIJ GIRONUMMER: 4008385 onder vermelding adres penningmeester

MOLENARCHIEF LAND VAN CUIJK

Hans Heijs Steenstraat 85A Tel. 0485-577330 5831 JC BOXMEER Eenieder kan na afspraak het archief raadplegen

DE MOLENVRIEND 57

Colofon Jaargang 22, nummer 2, augustus 2006 Lijfblad van de vereniging Molenvrienden Land van Cuijk, opgericht in 1984. De Molenvriend wordt gratis toegezonden aan de leden van de vereniging. De contributie hiervoor is • 10,--. Aanmelding kan geschieden door het bewuste bedrag te storten op de girorekening van de vereniging. De Molenvriend is een advertentiemedium. Prijs losse nummers • 1,50. ISSN 1384 8526 REDACTIE

REDACTIEADRES

VERDER WERKTE(N) MEE ILLUSTRATIES

Harry Daverveld Mari Goossens Frits Harteman Peter Simons Marko Sturm D. Boutsstraat 25 5831 VN BOXMEER e-mail: mari_goossens@wish.net De Erica 2 5831 RX BOXMEER e-mail: j.m.sturm@alumnus.utwente.nl Gerd Hage, Peter Pouwels, Paul Verheijen en Stefan Willems Mari Goossens, Ludger Pauls, Peter Pouwels, Peter Simons en Stefan Willems

VOORPAGINA De Luctor et Emergo te Rijkevoort, foto Mari Goossens


In dit nummer pagina 2 pagina 3 pagina 4 pagina 5

pagina 6

pagina 7

pagina 9

pagina 10 pagina 11 pagina 12 pagina 14

pagina 16

pagina 17

Colofon In dit nummer Van de redactie In memoriam Restauratie steenkoppel Jan van Cuijk Verslag van de restauratie in het kader van de cursus korenmolenaar door: Stefan Willems Opsporing verzocht Speurtocht naar een bovenas door: Gerd Hage en Marko Sturm Van smid tot mulder Hoe de zoektocht naar een molenroede en familiebanden samenkomen... door: Peter Pouwels Molendag Land van Cuijk Verslag van de laatste regionale molendag door: Marko Sturm MolenpoĂŤzie Molenaarsexamens op de Roosdonck te Nuenen door: Frits Harteman Geschiedenis van de Luctor et Emergo te Rijkevoort door: Mari Goossens De molenbiotoop De actuele stand van zaken van de biotoop van de Luctor et Emergo te Rijkevoort door: Mari Goossens en Marko Sturm Aan de licht een molenaar stelt zich voor... door: Paul Verheijen Molens in de regio de stand van zaken omtrent de molens in de regio door: de redactie

Van de redactie Helaas heeft het wat langer geduurd dan voorzien voordat de redactie tijd had om een nieuw nummer samen te stellen. In plaats van aan het begin van de zomervakantie, komt deze Molenvriend 57 daarom aan het eind van de zomervakantie uit. De droge en warme periode van de zomer hebben we er al een tijdje op zitten. Voor veel collega-molenaars ligt deze periode nog vers in het geheugen, gezien alle opmerkingen over losse roedwiggen en wiggen van het bovenwiel die we voor de rubriek “Molens in de regio� mochten noteren.

De Molenvriend 57, augustus 2006

Mede door de iets latere verschijning, hebben we deze keer een goed gevuld nummer, met veel artikelen die op de molens in onze regio betrekking hebben. We hebben alweer een artikel kunnen bewaren voor het volgende nummer. Dit neemt natuurlijk niet weg dat bijdragen en suggesties voor volgende edities altijd welkom blijven. namens de redactie Marko Sturm

pagina 3


In memoriam Op 3 juni 2006 is Josef Manders overleden. Hij was de laatste molenaar van de molen “de Vooruitgang� te Oeffelt. De molen is gebouwd in 1913 door zijn vader Joseph Manders uit Cuijk. Oorspronkelijk was het de bedoeling om schors te malen voor het familiebedrijf Manders, leerlooiers in Cuijk. Dit ging niet door, omdat er een fabriek kwam in Oss met een gesloten circuit, waardoor het stoffige run malen niet meer nodig was. Daarom werd de molen opgezet als graan korenmolen. Op latere leeftijd kreeg Joseph Manders senior echter problemen met zijn bewegingen en kon de molen niet meer bedienen. Hij verhuurde de molen van 1937 tot 1939. Daarna hebben de zonen Jules en Josef het bedrijf verder gevoerd tot 1954. Het ombouwen tot een elektrische malerij bracht geen uitkomst meer. Josef was gehuwd met Jo Vernooy uit Milsbeek en is daar gaan wonen. Het huis en restant van de molen werden verkocht aan de familie Maassen. Josef is 86 jaar geworden. Hij ruste in vrede. Th. van Bergen, Oeffelt

De Molenstichting Limburg heeft met verslagenheid kennis genomen van het overlijden van zijn molenadviseur Ing. Piet van Bussel Zijn levenslustige persoonlijkheid, zijn waardevolle adviezen, zijn betrokkenheid bij de Limburgse molens zullen wij zeer missen. De uitvaartdienst heeft plaatsgevonden op maandag 14 augustus om 10.30 uur in de H. Gerardus Majellakerk, te Eindhoven. Drs. J.J.M.M. (Marianne) van der Elsen Consulente Limburgse monumentenorganisaties

Piet van Bussel (links) en Ludger Pauls op molen Rust na Arbeid te Ven-Zelderheide

pagina 4

De Molenvriend 57, augustus 2006


Restauratie steenkoppel Jan van Cuijk Na de zomervakantie is molenaar Stefan Willems samen met collega molenaar Erwin Daale uit Geldermalsen begonnen met het openleggen van het steenkoppel en het weer draaivaardig maken hiervan. Dit gebeurt in het kader van de vakcursus korenmolenaar die georganiseerd wordt door het Ambachtelijke Korenmolenaars Gilde. Molensteenmaker Hans Titulair uit Plasmolen treedt op als mentor om het geheel in goede banen te leiden. Aangezien de steenkraan in de afgelopen 30 jaar niet gebruikt was, heeft molenmaker Harrie Beijk de steenkraan geïnspecteerd alvorens deze gebruikt werd om de steen voor deze werkzaamheden te lichten. De vloer onder de ligger is vervangen door de molenaars. Hiervoor moest de ligger ook verplaatst worden. Nu de ligger weer op zijn plaats ligt, beginnen de mole-

naars op korte termijn met het scherpen van de steen. Van de stenen kan gemeld worden dat het een koppel 16’der kunststenen is met een engelse balanceerrijn. Hoogstwaarschijnlijk is de steen gemaakt van een

De resterende gaten van de vroegere viertaksrijn

mengsel van vuursteen en kwarts. Opvallend is dat de stenen, welke afkomstig zijn van de gebroeders Jaspers uit Aarle-Rixtel, maar 2 steengaten bevatten en er in de loper geen balanceergaten zitten. Aan de gaten in de loper kun je zien dat er vermoedelijk eerder een viertaksrijn heeft gezeten. Het scherpsel op beide stenen is een veelvoorkomend zwaaipandenscherpsel waarin gaten geslagen zijn zoals men vindt in een gatenscherpsel.

Op deze foto is het gatenscherpsel goed herkenbaar.

Bij overname van artikelen en/of foto’s, auteur en eventuele bron(nen) vermelden. Tevens hiervan melding maken bij de uitgeefster of redactie van dit blad.

De Molenvriend 57, augustus 2006

Op de foto links is duidelijk het gatenpatroon te zien in de stenen. De stenen zijn opgebouwd uit 16 panden van elk 4

De redactie stelt zich niet aansprakelijk voor eventueel gemaakte fouten of anderszins ontstane ongemakken.

pagina 5


kerven. Dit maakt een totaal van 64 kerven. De hoofdkerf heeft een straal van 108 cm en een voorbijligging van 6,5 cm. De loper heeft teveel entree. Dit is een gevolg van de gaten van de viertaksrijn.

Ook balanceert de steen niet goed. De buitenrijn zit te strak in de schoentjes. De tappen aan de rijn zijn niet meer rond waardoor het geheel klem loopt. De engelse balanceerrijn is ondertussen weer in orde gemaakt. De tappen zijn op een draaibank afgedraaid. Hierdoor kan de balanceerrijn weer bewegen. De steenbus is eveneens gedemonteerd uit de ligger. Nadat deze schoongemaakt is en geconserveerd is zal deze weer teruggeplaatst worden in de ligger. Hans Titulair wil de gaten van de viertaksrijn aangieten (zie foto hierboven). Ook zullen er in de loper gaten geboord worden om er balanceerbussen in te plaatsen. De beide molenaars zullen zelf de steen scherpen. Molenmaker Beijk zal de steenkuip repareren. Momenteel is het nog even wachten op het aangieten van het kropgat. Zoals de planning nu is zal de molen rond het eind van het jaar weer kunnen malen met het gerestaureerde koppel. Tekst en foto’s: Stefan Willems

De balanceerrijn van de Jan van Cuijk

Opsporing verzocht Redacteur J.S. Bakker van het Nederlandse tijdschrift “Molenwereld” is op zoek naar een gietijzeren bovenas gegoten door Enthoven in 1852. De bewuste as moet nummer 95 dragen en voorzien zijn van diverse namen, waaronder de namen C. Brack, D. Vergeer en P. de Wilde.

dat de bovenas van de Kalkarer molen weliswaar van Enthoven was, maar het nummer 313 droeg en gefabriceerd was in 1862. Deze as is bij de restauratie van de molen in de periode 1994-1996 opnieuw ingebouwd, maar moet hiervoor al aanwezig zijn geweest.

Volgens de informatie van de heer Bakker zou deze as, die oorspronkelijk geplaatst was in een Zuidhollandse molen, in de molen van Kalkar terecht gekomen zijn. Voor diverse leden van onze vereniging geen onbekend adres! De molen van Kalkar zou hiermee de vierde molen zijn waarin deze as zijn diensten bewijst.

Omdat Gerd Hage de heer Bakker niet meer verder kon helpen bij zijn speurtocht, heeft hij de redactie verzocht door middel van een klein artikeltje de lezers op de speurtocht van de heer Bakker te wijzen. Wellicht is de as in een andere molen in het grensgebied te vinden. Mensen die meer informatie hebben over de bovenas van Enthoven uit 1852 kunnen zich melden bij de redactie.

Helaas bleek het spoor van de heer Bakker in Kalkar dood te lopen. Navraag bij molenaar Gerd Hage leerde

pagina 6

Marko Sturm

De Molenvriend 57, augustus 2006


Van smid tot mulder Zoektocht naar Potroede 1444 en een molenaarsfamilie Sinds 2002 ben ik lid van het Gilde van Vrijwillige Molenaars waar ik de opleiding tot watermolenaar gevolgd heb. In 2004 ben ik geslaagd als vrijwillig watermolenaar en draai en maal sindsdien regelmatig op de Bovenste Plasmolen. Momenteel ben ik al weer enkele jaren bezig met de opleiding ‘voor de wind’. Hierbij ben ik regelmatig op de woensdagmiddag te gast bij Harry Kaak en Jan Coopmans op “De Reus” in Gennep. Waarom ik eigenlijk vrijwillig molenaar ben geworden, was voor mij tot enige weken terug altijd een groot vraagteken, waarschijnlijk een virus zoals bij velen het geval is, dacht ik. In mijn dagelijks leven ben ik onderhoudsmonteur bij een middelgroot productiebedrijf. Aangezien mijn familie (Pouwels) de bijnaam van ‘de smid’ heeft, lijkt het mij een logische verklaring waarom ik voor de metaalkant heb gekozen, ondanks dat mijn vader metselaar was en zijn vader (mijn grootvader) landbouwer. Door een ander hobby van mij; genealogie, ben ik er achter gekomen dat mijn betovergrootvader Peter Pouwels, in 1850 smid is geweest. Maar hoe komt het dan dat een ‘smid’ uiteindelijk dan toch ‘mulder’ wordt? Door mijn hobby als vrijwillig molenaar kwam ik vorig jaar in contact met Gerrie Driessen van de heemkundekring Groesbeek, die bezig was een boek te schrijven over de Zuidmolen van Groesbeek. De bedoeling was een boek uit te geven ter gelegenheid van het 150-jarig jubileum van de Zuidmolen in het jaar van de molen 2007. Echter gezien de hoeveelheid informatie over de andere molens van Groesbeek is besloten om het boek in twee delen te splitsen, deel 1 over de verdwenen molens van Groesbeek en deel 2 over de Zuidmolen. Ooit stonden er in de gemeente Groesbeek vier windmolens: de Witte of Noordermolen aan de molenweg, de Zuid- of Zuidermolen aan de Herwendaalseweg, de Korenbloem op de Horst en De Jonge Hermanus in de Breedeweg. De tweede wereldoorlog eist echter een zware tol onder de bewoners en hun bezittingen, slechts één molen, de Zuidmolen zal min of meer ongeschonden de strijd overleven, de overige molens of restanten hiervan worden letterlijk met de grond gelijk gemaakt om vrij

De Molenvriend 57, augustus 2006

schootsveld te krijgen op de vijandelijke troepen. Naar aanleiding van een oude ansichtkaart van de Noordermolen uit begin 1900 waarop duidelijk te zien is dat deze molen een houten buitenroede heeft en een ijzeren binnenroede rijst de vraag: “Heeft Pot ooit een binnenroede aan deze molen geleverd?” Via de roededatabank kom ik al gauw op het spoor dat Pot-roede 1444 in 1885 als binnenroede is geleverd in Groesbeek en dat deze later als buitenroede gestoken zit in molen de Goede Hoop in Mijnsheerenland. Er staan in 1885 echter drie molens in Groesbeek, de Zuidmolen uit 1857, de Jonge Hermanus uit 1884 en de véél oudere Noordermolen, die waarschijnlijk nog uit 1450 stamt. Aangezien de Jonge Hermanus er nét staat en de Zuidmolen dan pas 28 jaar jong is, ligt het voor de hand dat deze roede voor de Noordermolen bestemd zal zijn. Een berichtje naar Leo Middelkoop geeft uiteindelijk meer duidelijkheid, de molen staat niet vermeld, de molenaar echter wél, er staat vermeld: “bestemd voor molenaar A. Jacobs”, de naam Jacobs zegt mij voldoende dit is dé molenaar van de Noordermolen. De nazaten van deze familie Jacobs dragen na 100 jaar nog steeds de bijnaam ‘van

Pot-roede nr. 1444, oorspronkelijk gefabriceerd voor de Noordermolen te Groesbeek, nu in de Goede Hoop te Mijnsheerenland.

pagina 7


de Mulder’. Jacobus Jacobs kwam in 1824 in bezit van de Noordermolen en zijn zoon Antoon Jacobs heeft in 1885 opdracht gegeven tot het maken van een nieuwe roede. Bij verder speurwerk kom ik er achter dat vreemd genoeg twee molens aanspraak maken op Pot-roede 1444, molen de Goede Hoop in Mijnsheerenland en de Oudgeinse wipmolen (Utrechts molenboek 1991). Van deze laatste molen uit Nieuwegein zijn de roeden in 1988 gestreken, in 1993 is de gehele molen gedemonteerd en wacht men op herstel. In 2003 is de ondertoren op een andere locatie weer opgebouwd. Niet duidelijk is of de Pot-roede van deze molen verschroot is. Om uitsluitsel in deze zaak te krijgen neem ik contact op met Jaap Wols, molenaar van molen de Goede Hoop in Mijnsheerenland. Enige dagen later ontvang ik een berichtje, waarin Jaap meldt dat hij het bewuste nummer 1444 onder de verflaag heeft gevonden. Via onderzoek naar de stamboom van mijn moeders kant Jacobs kom ik erachter dat ik vijf generaties terug terechtkom bij de molenaarsfamilie Jacobs. Ik stam dus af van molenaar Jacobus Jacobs van de Noordermolen. In het werkplaatsboekje staat als opmerking voor het maken van de Pot-roede 1444: “Het schot der hekkens volgens mal van Schuurman, ook gebruikt voor 1411”. Nader speurwerk in de roededatabank geeft een verrassend resultaat, roede 1411 blijkt een jaar eerder gemaakt te zijn voor de molen Jan van Cuijk. Waarschijnlijk heeft Jacobs contact gehad met de molenaar van de Jan van Cuijk, en is hij hier eerst wezen kijken hoe mooi deze molen met de moderne Pot-roede wel niet liep, om vervolgens exact dezelfde roede bij de firma Pot te bestellen. Nog opmerkelijker is dat deze binnenroede na meer dan 120 jaar, nog steeds in deze molen zit. Potroede 1444 heeft van 1885 tot 1924 als binnenroede in de Noordermolen gezeten, na de ontmanteling van de Noordermolen is deze roede in 1925 als binnenroede in gebruik genomen in molen de Goede Hoop. Tekst en afbeeldingen: Peter Pouwels

Werkplaatsboekje van de Pot-roede, met de vermelding: bestemd voor de molenaar A. Jacobs

pagina 8

De Molenvriend 57, augustus 2006


Molendag Land van Cuijk Zondag 12 maart jongstleden was alweer de zesde editie van de Molendag Land van Cuijk. Vanouds organiseerde onze vereniging deze dagen vooral om molenaars uit andere regio’s de gelegenheid te geven om de molens in onze regio met een bezoek te vereren. Een aantal molenaars hebben laten weten hoe de dag op hun molen is verlopen. In dit artikel een overzicht van de molendag. Na vier maanden stilstand draaide de molen “de Vooruitgang” te Oeffelt weer. Zoals de meeste andere deelnemende molens was de molen geopend van 11 tot 17 uur. Met vier volle zeilen was de wind net genoeg om de molen te laten draaien, maar af en toe viel de wind weg. Voor maaldemonstraties was het niet voldoende. Omdat de provincie Brabant de tellers op de molens heeft laten slopen, konden de molenaars het aantal gedraaide omwentelingen niet meer aflezen. Het bezoek aan de molen bleef de hele dag lopen. Het bleef gezellig druk, niet te vol. Naar schatting kwamen er in totaal ongeveer 150 à 200 bezoekers. De meeste bezoekers waren mensen uit het Land van Cuijk, alhoewel er ook enkele mulders uit andere provincies waren. De molenaars vonden het al met al een geslaagde dag. Op de Martinus in Beugen was het iets rustiger, hier brachten tussen de 90 en 100 personen een bezoek aan de molen. In Gennep werd de molendag goed bezocht. Zo’n 120 mensen brachten een bezoek aan molen “De Reus”. Wellicht moedigde het zonnige weer de mensen aan om een tochtje te maken. Jammer genoeg hield het ook in Gennep niet over wat wind betreft. Er waren diverse mensen geïnteresseerd in de molen, maar dit leverde jammer genoeg geen nieuwe leden op. In de Maas- en Niersbode is een interview verschenen over de doelstellingen van de vereniging. In Gassel begon de molendag veelbelovend. Toen Mari Goossens aankwam stond de eerste bezoeker, de molenaar uit Groesbeek, al op de molenberg. Molenaar-eigenaar Jan van Haren was ook van de partij. Het bleef de hele dag goed doorlopen, er waren constant 2 tot 15 personen tegelijk in de molen. Onder de molenaars van buiten onze regio waren onder andere zo’n dertig bezoekers uit Friesland, de provincie Zeeland en de plaats Zeeland. Ook uit de directe omgeving

De Molenvriend 57, augustus 2006

(Gassel en Grave) kwamen diverse bezoekers. In totaal bezochten ongeveer 150 mensen de molen. Veel mensen waren behoorlijk geïnteresseerd. Op een moment dat de wind even was weggevallen was er onder de bezoekers ook een man met grote videocamera die vroeg of de motor niet eventjes aangezet kon worden om de molen te laten draaien... Op de Hamse molen te Wanroij had men nogal te leiden onder het gebrek aan wind. De molen heeft nagenoeg niet gedraaid, maar is wel van 11 tot 17 uur geopend geweest. Er zijn ongeveer 120 bezoekers geweest, waaronder 15 molenaars. Op deze manier was het toch nog een geslaagde dag voor molenaars Jan Selten en Jos Verberk. Frank Heeren nam de honneurs waar op de Nooitgedacht te Afferden. Ongeveer 100 personen brachten een bezoek aan de molen, waaronder veel families met kleine kinderen uit de buurt. Er kwamen ook collega-molenaars van ver, onder andere uit Schiedam en Groningen. Korenmolen Jan van Cuijk werd deze dag door ruim 200 belangstellenden bezocht. Omdat de wind de molenaars deze dag in de steek liet, werd er door de molenaars Erwin Daale en Stefan Willems aan de molensteen gewerkt. Dit in het kader van de vakcursus korenmolenaar van het ambachtelijke Korenmolenaars Gilde. Een demonstratie molenstenen scherpen trok veel bekijks op de 146 jaar oude korenmolen. Ook was er weer veel belangstelling voor meelproducten uit de molenwinkel. Onder de bezoekers waren ook enkele collega molenaars uit den lande, minder dan voorgaande jaren. Verder veel regionaal publiek. Op de Heimolen te Sint-Hubert was het een zeer drukke dag, de belangstelling was boven verwachting. Met een handteller werden 192 bezoekers geregistreerd. De veiligheid was geen probleem omdat er geen beweging in het gevlucht te krijgen was door de wegblijvende wind. Al met al een zeer geslaagde dag, de regionale pers en media hadden volop meegewerkt om deze dag te promoten. Marko Sturm met dank voor alle bijdrages

pagina 9


Molenpoëzie Onderstaand gedicht betreft een dankbetuiging van de auteur aan molenaar Derkx (Waranda-molen Boxmeer) voor een van hem ontvangen gelukwens ter gelegenheid van zijn 50-jarig jubileum.

De Boxmeersche Molen Het grijzend hoofd vol jeugdherinneringen Op ’t gouden feest, dat ik ten dage vier, Zie ik de plaatsen weer, waar w’eens zoo gaarne gingen In den vacantietijd, zoo lang, zoo vol plezier. Ik zie den molen terug, zwaar blauw en wit geteekend Die hoog alleen staat in het dorre zand Vlak in den wind de lange wieken stekend Met standaard, trap en kap naar d’ouden trant. Al eeuwen staat hij daar, om ’t maalwerk te verrichten En zet die steeds met jonge ijver voort. Geen windvlaag ooit vermocht hem te ontwrichten Hij bleef er ferm en maalde ongestoord. Zoo ging ’t ook mij, die reeks van vijftig jaren Met vreugde was ik steeds nog in de weer Voor ’t Rijk moest ik zoo menig vraagstuk klaren Al werkend, zwoegend keer op keer. Ook hij bleef sterk, de oude molen Hij werkt nog steeds met volle kracht Ik doe het werk dat mij bevolen En zooals men ’t van mij verwacht. Maar altijd denk ik aan die dagen, In ’t oud Boxmeer, vol zonneglans En zie dan weer dat eeuwig jagen, Des molenwieken rondedans A.F. van Beurden, uit: Boxmeers Weekblad (04.12.1926)

pagina 10

De Molenvriend 57, augustus 2006


Molenaarsexamens op de Roosdonck te Nuenen Vrijdag 9 juni jl. werden op bovengenoemde molen examens afgenomen voor het getuigschrift vrijwillig molenaar. Er waren 4 kandidaten van wie er 2 lid zijn van onze vereniging t.w. Twan Jacobs en Paul Verheijen. Het was een mooie warme zomerdag met tijdens het examen bar weinig wind. Zodat het geen uitzondering was dat tijdens de examens het gevlucht aangeduwd moest worden om toch maar een vangproef te kunnen demonstreren. Het examen liep voor alle kandidaten goed af hoewel de een het makkelijker had gevonden dan de ander. Maar dat is meestal zo. Het pakt altijd anders uit dan dat je het gewend bent tijdens je opleiding en het toelatingsexamen al is het maar de volgorde van de vraagstelling of de vorm waarin de vraag wordt gegoten. Gelukkig konden de kandidaten rekenen op de steun van een aantal “supporters” uit het Land van Cuijk en Noord-Limburg en niet te vergeten de beide molenaars Mario Collombon en Thijs van Hoof. Zij werden hartelijk ontvangen door de heer en mevrouw Merks, op een mooi terras gelegen achter hun huis voor de molen, met koffie en cake. De collega-molenaars konden uiteraard geen invloed uitoefenen op het examen maar natuurlijk wel de bekende riem onder het hart steken inclusief het geven van goed bedoelde raadgevingen. Of dit heeft bijgedragen tot de goede afloop is zo wie zo niet te bewijzen maar wel is gebleken dat de saamhorigheid en meeleven onder de aanwezige molenaars duidelijk aanwezig was, dit in tegenstelling tot de berichten van de laatste tijd in de pers die ons willen doen geloven dat het in de molenwereld maar een stelletje ongeregeld zou zijn voor wie het samenwerken bovendien vreemd is.

De Molenvriend 57, augustus 2006

Twan Jacobs (met koffie) in afwachting van de uitslag

Onder het genot van een laatste kop koffie c.q. drankje met op de achtergrond een nu wel flink draaiende molen – er was nu opeens volop wind – werd er met de nog aanwezige examencommissie gezellig nagekaart over het wel en wee in de molenwereld. Tot slot rest ons niet anders dan alle kandidaten in volgorde van opkomst t.w. Thijs Michielsen, Paul Verheijen, Twan Jacobs en Kees Logtens namens de redactie van harte te feliciteren met hun getuigschrift en hen veel draaiplezier toe te wensen op hun toekomstige molens. Frits Harteman

pagina 11


Geschiedenis van de Luctor et Emergo te Rijkevoort In 1872 trouwt Herman Verbruggen, geb. 12-02-1837, met Wilhelmina Wijnen in Rijkevoort. Ze kregen 7 kinderen (4 sterven kort na de geboorte). Zij sterft in het kraambed op 16-02-1881. Later trouwde hij met Eleonora Janssen. In 1887 werd Willem geboren. Op 19 januari 1901 vraagt bakker Herman Verbruggen toestemming voor de bouw van een windmolen in Rijkevoort. De vergunning werd op 2 maart 1901 verleend door Jilis Verheijen, de burgemeester van Beugen, uit Rijkevoort, de bet-overgrootvader van de huidige vrijwillige molenaar Paul Verheijen. Toen de molen werd gebouwd was Herman 64 jaar, hij had waarschijnlijk geen zin om het wiel opnieuw uit te vinden en liet de molen bouwen als een kopie van de ronde stenen stellingkorenmolen uit Oirschot “De Korenaar”. De twee zolders onder de stelling, de indeling van de ramen, het buitenschilderwerk waren replica’s van de Oirschotse molen. De relatie met de Oirschotse molen is niet duidelijk.* Al in 1898 liet Herman door zijn neef Herman, zoon van zijn oudere broer Cornelis, smid in Sint-Hubert, in Rijkevoort een petroleummotormaalderij bouwen, die later tevens als houtzagerij in gebruik was en ook als repetitielokaal van de fanfare (ca. 1908). De motormaalderij stond haaks voor de molen evenwijdig aan de Kapelstraat. Herman overleed op 8-7-1907 op 70-jarige leeftijd, zijn vrouw 2 maanden later (62j). Antoon, zijn jongste zoon uit het eerste huwelijk nam de bakkerij en het woonhuis over. Hij trouwde in 1909 met E.M. Cornelesen. Zij kregen 5 levensvatbare kinderen waarvan het oudste meisje, als 6-jarige, op de molen verongelukte. Zij stierven vrij jong (hij 44j, in ’24, zij 37j, in ’22). Zijn zoon Willem erfde de molen. Het huis links van de molen (Kapelstr. 29, later postkantoor) werd in 1908 gebouwd door de stiefzuster Minna van Willem? In 1912 bouwde Willem, bij zijn trouwen, het rechts naast de molen gelegen muldershuis. Willem was toen ca. 25 jaar en getrouwd met Wilhelmina v. Eldonk. Het ouderlijke huis, winkel, café en bakkerij wordt in 1914 door A. Verbruggen verbouwd, later de Erven. De molen, het muldershuis en de winkel zijn nu rijksmonumenten. De molen staat ten oosten van de kerk aan een driehoekig pleintje, een Brink. Op het plein stonden tot 1938 iepen. Vanwege de iepziekte werden

pagina 12

deze vervangen door lindebomen die al die jaren de wind toetreding en het mooie uitzicht op de molen met de markante bebouwing rond het plein hebben verstoord. De molen had tegenover elkaar twee op de noordzuid as gelegen grote inrijpoorten. Het maaiveld lag vroeger bijna een meter lager. Tussen twee restauraties door, van 1942 tot 1973, was de molen voorzien van Van Bussel-stroomlijnneuzen. Op de oude foto bij het artikel “De molenbiotoop” en op de foto in dit artikel is dit nog te zien. Na deze restauratie uitgevoerd door Huub Beijk (fl 65.000,-), draaide de molen nog af en toe. De invaart werd later gebruikt als bar en recreatieruimte voor de familie. In de laatste oorlogsjaren werd de molen als observatiepost door de geallieerden gebruikt. Soldaten hebben hun namen geschreven op de witte velden van de als Brabantse vlag beschilderde koningsspil en in de kap. Die in de kap zijn bij een restauratie verloren gegaan. Willem plaatste begin 50-er jaren zijn molen in een maatschap samen met zijn zonen Jan en Marcel. Toen Marcel in 1956, als 32-jarige, trouwde, verhuisde Willem naar zijn huis bij zijn kolenhandel in St.Anthonis. Marcel betrok het ouderlijk huis. Ca. ’60 werd Jan uitgekocht. Marcel wilde het bedrijf uitbreiden met een nieuwe loods. Deze moest van de gemeente achter het huis gebouwd worden. Dat stuitte op bezwaren bij Marcel die dreigde de molen af te breken en de stenen te gebruiken voor zijn nieuwe loods, dat kon toen nog. De burgemeester van Wanroij zwichtte, daarom staat er nu een lelijke schuur tegen de molen aan. Er werd een laadperron voor de schuur en de molen gemaakt en de invaartdeuren werden verlaagd. In de noordkant kwam de huidige toegang. Voor de zware machines in de loods werd er een trafohuisje bijna tegen de molen aan gebouwd. De oude petroleummaalderij werd afgebroken. Het bruikbaar materiaal verwerkte men in de loods en de molen. Dat viel samen met de sloop van de oude school aan het pleintje,dat daarna met nog meer bomen werd ingericht. Begin tachtiger jaren heeft men geprobeerd met de molen elektriciteit op te werken. Marcel overleed in 1983. Een maand voor zijn overlijden slaagden ze er in om een straalkacheltje en een paar lampjes op wind-

De Molenvriend 57, augustus 2006


kracht te laten branden. Zijn vrouw verkocht de molen in 1987 aan de gemeente Wanroij. Sinds ’83 zijn er vrijwilligers op de molen werkzaam. De molen was in zodanige slechte staat dat men pas vanaf 1990 na restauraties door H. Beijk regelmatig op de molen ging draaien. Van 1987 tot einde 2005 draaide Robbert Verkerk op de molen. Sinds medio 2006 draaien Mari Goossens en de eerder genoemde Paul Verheijen op de “Luctor et Emergo”. Ook nu moeten er weer nodig achterstallige onderhoudswerkzaamheden en restauraties uitgevoerd worden. Dit heeft de gemeente Boxmeer samen met de firma H. Beijk in gang gezet. Het blijft een geworstel om de zaak drijvend te houden.

* De geraadpleegde bronnen Brabants Molenboek en Molens in het Land van Cuijk van Robbert Verkerk vermelden dat de molen uit Oirschot in 1857 gebouwd is. Zijn naam ”Korenaar” zou ontleend zijn aan de molen uit Sint-Hubert. Dat is vreemd omdat de molen in Sint-Hubert pas in 1880 gebouwd is. Bij de bouw van de Oirschotse molen worden op geen enkele wijze verbanden gelegd naar de Fam. Verbruggen. Wel is bekend dat een van de opvolgers van de molenaarsfamilie uit Sint-Hubert in 1935 die molen huurde en later kocht. Deze Verbruggen werkte voordien als knecht op de molen in Zeeland. Mari Goossens

De Luctor et Emergo rond 1950. In deze periode was de molen ondergebracht in de maatschap van Jan en Marcel, beiden te zien in de invaart. De wieken waren gestroomlijnd.

De Molenvriend 57, augustus 2006

pagina 13


De molenbiotoop De Luctor et Emergo te Rijkevoort Een groot deel van de molens in onze regio is gelegen aan de rand van of in de bebouwde kom, meestal als gevolg van uitbreiding van het betreffende dorp. Vanzelfsprekend is dit ongunstig voor de windvang. Bij de stellingmolen Luctor et Emergo in Rijkevoort is de geschiedenis wat anders: deze molen is oorspronkelijk in de bebouwde kom gebouwd. De molen is dan ook hoog genoeg om weinig hinder van de huizen te ontvangen. Jammer genoeg is de situatie wat bomen betreft anders gesteld. Met name rond het zuiden en het zuidwesten en bij de kerk staan hoge bomen die veel overlast geven in de vorm van windbelemmering en turbulentie.Gelukkig zijn er ook positievere berichten te melden. De rij populieren aan de NNW-kant zal in verband met nieuwbouw gekapt worden. Bij de nieuwbouw zal rekening gehouden worden met de windvang van de molen.

Op deze foto uit 1950, genomen vanuit de kerktoren, is het nog heel wat beter gesteld met de molenbiotoop

Streefsituatie

hoogte (m)

10

hoogte stelling: 6,6 m

max. hoogte 6,6 m

max. hoogte 9,7 m

max. hoogte 7,7 m

5 0 30

0

50

100 linden Z-ZW

15

150

200

250

300

200

250

300

bomen voor kerk

0 0 molenaarshuis en dennen

50

100

150 afstand (m)

Berekening van de maximale objecthoogte: de molen is een stellingmolen met een stellinghoogte van 6,6 meter. De askophoogte komt voor deze molen op 18,7 meter. Volgens de normen voor gesloten terrein (de molen ligt immers vanaf zijn bouw in de bebouwde kom) is het donkergrijze gebied de toegestane objecthoogte. Bij de onderste figuur zijn de hoogte- en afstandschaal gelijk en zijn ter illustratie de molen en enkele hoge objecten uit de omgeving aangegeven, bij de bovenste figuur is voor de duidelijkheid de hoogteschaal 3x uitvergroot. De getallen geven de maximale objecthoogte aan.

pagina 14

De Molenvriend 57, augustus 2006


Actuele situatie per windrichting Beoordeling biotoop: 1 slecht 2 bedenkelijk 3 matig 4 aanvaardbaar 5 goed

N NW: De rij populieren (NNW) wordt binnenkort gekapt i.v.m. nieuwbouw. Hierbij wordt rekening gehouden met de molen.

NW

NO: Het molenaarshuis steekt iets boven de stelling uit, maar is uiteraard in een minder belangrijke windrichting gebouwd.

NO 4-5 3

2

W

3

O

5 1

O:

goede windvang

ZO: voor de kerk staan 5 100jarige beuken op ca. 90 m

3 1

ZW

ZO Z

ZW: van Z t/m ZW blijft de overlast van de lindenbomen

Z:

grote lindenbomen van ruim 25 meter op ca. 50 m afstand

Eindbeoordeling De hoge bomen op de brink, die ook nog eens zeer dicht op de molen staan, hinderen de windvang van de molen uit de meest voorkomende windrichtingen. Verder veroorzaken deze bomen turbulentie, waardoor diverse delen van de molen zwaarder belast worden. Het is bovendien jammer dat de molen vanuit de richting Sint-Anthonis/Wanroij op deze manier erg slecht zichtbaar is.

de huidige toestand is dat eerder slecht tot bedenkelijk (1-2). Een positief punt is dat bij de nieuw geplande wijk “Achter de molen” rekening wordt gehouden met de windvang. Omdat in het kader van dit nieuwbouwplan bomen gekapt moeten worden, zal de windvang als het goed is verbeteren. Tekst: Mari Goossens en Marko Sturm Foto’s: Mari Goossens

In de editie 1997 van het Nederlands Molenbestand kreeg de biotoop nog als algeheel cijfer 3 (matig). In

De Molenvriend 57, augustus 2006

pagina 15


Aan de licht Paul Verheijen Mijn naam is Paul Verheijen en sinds kort ben ik, samen met Mari Goossens, vrijwilig molenaar op korenmolen “Luctor et Emergo” in Rijkevoort. Ongeveer 2 jaar geleden ben ik begonnen met de opleiding tot vrijwillig molenaar en heb ik op diverse molens gedraaid. Op 9 juni van dit jaar ben ik geslaagd voor mijn examen op molen “De Roosdonck” in Nuenen. Waarschijnlijk ben ik door het molenvirus besmet door mijn oom Ben Verheijen die jarenlang molenaar was op de “Jan van Cuijk” te Cuijk. Hij heeft me op jeugdige leeftijd een keer rondgeleid in de Rijkevoortse molen en vanaf dat moment was mijn interesse voor molens gewekt. Toen ik een jaar of 15 was fietste ik met een paar vrienden op de verschillende molen- of monumentendagen rond in het Land van Cuijk om molens te bekijken. Langzaam groeide het idee om een keer met de opleiding voor vrijwillig molenaar te beginnen, maar door studie en tijdgebrek kwam het er niet van… tot een paar jaar geleden. Het werken met een molen vind ik zeer boeiend omdat je omgaat met de, soms ontembare, kracht van de natuur en een oud werktuig met een lange historie.

woon. In het dagelijks leven ben ik werkzaam als operatieassistent in het Elkerliekziekenhuis te Helmond. Daarnaast ben ik penningmeester bij Heemkundevereniging Rieckevorts Heem en is ligfietsen een hobby van me.

Ik woon samen met mijn vriendin Lydia in Rijkevoort, het dorp waar ik vanaf mijn geboorte, 26 jaar geleden,

pagina 16

De Molenvriend 57, augustus 2006


Molens in de regio De Nooitgedacht te Afferden De zinken afdekstrip boven het waterbord in de voorkeuvelens was opgekruld omdat de askop het raakte. De strip is inmiddels door de molenmaker vernieuwd. De haak aan de kruibok om de bezetketting aan te leggen was afgebroken, deze is ook weer hersteld. De wiggen van de roeden en het aswiel zijn diverse keren gecontroleerd i.v.m. het droge weer, maar alle wiggen waren nog goed. Verder zijn we vaak bezig de spijkers van de heklatten te vernieuwen. Omdat de gladde spijkers er vaak uitlopen, worden deze vervangen door getordeerde spijkers. De Martinus te Beugen De afgelopen maanden zijn er door de molenmaker een aantal werkzaamheden die al in de planning zaten uitgevoerd. Het baliehek is vervangen en iets naar buiten geplaatst zodat nu weer op alle windrichtingen gedraaid kan worden. De kruibok is gedeeltelijk vernieuwd en twee ramen op de westzijde hebben een nieuwe dorpel gekregen. Verder is het vulhout d.m.v. toognagels in het spiegelgat van het bovenwiel vastgezet en zijn de wiggen daarvan onder handen genomen. Het bovenwiel is vervolgens gespoord en een aantal armkammen is vastgezet. We zijn er in geslaagd een behoorlijke teller op de bovenas te plaatsen zodat er weer enig idee is hoeveel omwentelingen het gevlucht maakt. De werkzaamheden voor het maken van een buil zijn inmiddels gestart. Aangezien het de bedoeling is de aandrijving van de toekomstige buil d.m.v. de luitafel te laten lopen moet ook het aandrijfwiel dat al aanwezig is, en in het verleden behoorlijk door de houtworm is bezocht, worden opgeknapt. Molenaar Marko Sturm zal na 12 1/2 jaar voorlopig veel minder op de molen aanwezig zijn. Hij is op 13 juli jl. aan de Universiteit Twente gepromoveerd en gaat wetenschappelijk onderzoek doen in Duitsland. Wij feliciteren hem van harte met deze promotie en wensen hem veel geluk en succes met zijn werk in Berlijn. Uiteraard hopen wij hem van tijd tot tijd op de “Martinus� te mogen begroeten.

De Molenvriend 57, augustus 2006

De Jan van Cuijk met de nieuwe historisch verantwoorde afrastering met verticale planken.

De Jan van Cuijk te Cuijk In de vorige Molenvriend stond vermeld dat molenaar Stefan Willems en Erwin Daale bezig waren met de cursus tot korenmolenaar van het Ambachtelijke Korenmolenaars Gilde. Nu kan er gemeld worden dat beide molenaars ondertussen geslaagd zijn voor deze cursus. Op 1 april jongstleden mochten zij op de jaarvergadering van het Gilde van Vrijwillige Molenaars hun getuigschrift in ontvangst nemen. Wat betreft de molen Jan van Cuijk is er in het afgelopen voorjaar ook weer niet stil gezeten. De molenmakers van Beijk Molenbouw uit Afferden hebben afgelopen voorjaar de kapzoldervloer inclusief de 4 draagbalken vervangen. De nieuwe vloer is uitgevoerd in brede vurenhouten planken, terwijl de draagbalken uitgevoerd zijn

pagina 17


in eikenhout. Tevens is de steenkuip hersteld. De molenmakers hebben de steenkuip behandeld tegen insekten en de slechte delen hersteld of vervangen. Op het dak van het pakhuis is de balustrade vernieuwd. Het oude hekwerk is verwijderd en vervangen door een nieuw hekwerk uitgevoerd met verticale spijlen. Om het hekwerk aan de huidige ARBO-eisen te laten voldoen is er tussen de spijlen een staalkabel gespannen. In het verleden heeft de Jan van Cuijk ook een soortgelijk hekwerk gehad. Molenmaker Beijk heeft aan de hand van oude foto’s het hekwerk weer kunnen namaken. Ook is er voor gekozen om de oude kleurstelling op de molen opnieuw aan te brengen. Met het nieuwe hekwerk is hier weer een begin mee gemaakt. Na de hittegolf van deze zomer zijn er diverse wiggen en spieÍn los komen te zitten in de molen, waaronder de roedwiggen. Deze zijn ondertussen weer vastgezet.

Bij molen De Reus te Gennep alsook bij de Rust na Arbeid te Ven-Zelderheide zijn door de gemeente informatiebordjes geplaatst. De foto toont het bordje bij De Reus.

De Bergzicht te Gassel Jan heeft het druk met het bijspringen in de zaak en komt nauwelijks aan draaien laat staan malen toe. Omdat Mari nu benoemd is tot molenaar in Rijkevoort heeft hij nu ook minder tijd om Jan te helpen. Misschien voelt iemand zich geroepen om hier af en toe bij te springen? Verder is er weinig op de molen gebeurd, wel staan er komend half jaar nog een paar klusjes gepland.

blussers geplaatst en er is een veiligheidsgordel geleverd. Op zaterdag 2 september komt er een excursie van het Limburgse Gilde op de Reus. Regelmatig komen de leerlingen Wim v.d. Brink uit Uden en Peter Pouwels uit Groesbeek praktijkuren maken op de Reus, op de Gerarda en op de Nooitgedacht.

De Reus te Gennep

De Mariamolen te Haps

De molenaars hebben diverse werkzaamheden zelf uitgevoerd. Rondom het platte dak zijn houten hekwerken gemaakt. Verder wordt het gevlucht tegenwoordig afgeschermd met tennisnetten. Diverse trappen hebben een leuning gekregen en het spoorwiel is afgeschermd. De luiluiken hebben een veiligheidssluiting gekregen. Voor de veiligheid is er bij de luiken van de voor- en achterkeuvelens een touw bevestigd als extra borging. Aan het gevlucht is de borging van de steekborden verbeterd, verder moesten de roedwiggen aangeslagen worden.

Molentechnisch valt er weinig nieuws te melden, alles draait goed. In de afgelopen periode zijn er veel rondleidingen voor familiebijeenkomsten geweest. De molen heeft in de vreugd gestaan bij de geboorte van Halke Verkerk, de zoon van Robbert en Sytske. De jonge molenaarszoon vergezelt hen tegenwoordig regelmatig naar de molen. Wellicht een toekomstige vrijwillig molenaar, maar daar is het nu nog een beetje vroeg voor! Om er komende winter lekker warm bij te zitten, willen de molenaars nu echt werk maken van het bouwen van een winterverblijf.

De molenmaker heeft drie klimijzers op het voorschild van het dak aangebracht en twee veiligheidsogen op de daknok. Op deze manier voldoet de molen aan de veiligheidseisen voor als het dak betreden moet worden voor inspectie of reparatie. De windwijzer is gesmeerd en het bovenwiel (aswiel) is opnieuw vastgezet en uitgelijnd, omdat de uitlijning niet meer klopte door de grote droogte. In het kader van de veiligheid zijn twee schuimbrand-

Het ligt in de bedoeling dat de website www.mariamolen.nl binnenkort met informatie gevuld wordt. Verder wordt de molen opgemeten en getekend op een computer die onlangs in de molen geplaatst is.

pagina 18

De Gerarda te Heijen De wiggen van de binnenroede zijn door de molenaars zelf aangeslagen en het spitijzer is vastgezet. Door

De Molenvriend 57, augustus 2006


de droogte was er een wig uit het aswiel gevallen, dit is ook zelf hersteld en de rest van de wiggen is ook allemaal opnieuw aangeslagen en geborgd met wouterlatjes. De onderkanten van de rietknelplanken zijn opnieuw geschilderd omdat ze afbladderden. Omdat Twan Jacobs als vrijwillig molenaar is geslaagd, draait hij nu ook mee op de Gerarda.

heeft de aanvraag opnieuw ingediend en deze is in behandeling. Als hij het licht op groen krijgt wil hij de molen in ĂŠĂŠn keer aanpakken. Dan wil hij ook de opleiding tot molenaar gaan volgen. Voor de veiligheid heeft hij het rotte hekwerk van de wieken laten halen. Molen de Vooruitgang Oeffelt In de afgelopen tijd zijn de volgende leerlingen geslaagd: Twan Jacobs (Gennep) en Cees Logtens (Boekel). In opleiding is Wim van de Brink uit Uden. De gemeente zal de ring van bomen rond de molen eind van het jaar terugknotten. Deze bomen zijn ondertussen zo hoog geworden, dat het moeilijk is om de windrichting goed te bepalen. De notenboom in het gemeentepark verzakt steeds verder door rotting in de kern. De gemeente heeft uit veiligheidsoverweging een lange tak verwijderd. Ook deze blijkt in de kern hol te zijn. De boom loopt het risico bij een stevige storm te bezwijken. John heeft een industrienaaimachine aangeschaft en een cursus molenzeilen maken gevolgd. De molenzeilen van Oeffelt hebben we op de slijtageplekken gerepareerd. De zeilen zitten er nu bijna 20 jaar op en slijtage is duidelijk zichtbaar geworden. Per zeil zijn op 5 tot 15 plekken reparaties uitgevoerd of nieuwe stukken ingezet, waardoor ze weer enkele jaren langer mee gaan. Bij controle van de balken is gebleken dat 3 koppen aangetast zijn door de zwam en vergaand ingerot zijn. Oorzaak is vochtdoorslag door scheuren in de buitenmuur en loslatend voegwerk. De koppen zullen moeten worden aangegoten.

De rietdekker is bezig met het zuidveld van de Lindense stellingmolen.

De Lindense stellingmolen te Katwijk Het is een jaar geleden dat het zuidwestveld van de molenromp met nieuw riet is bekleed. Nu wordt het zuidveld, met daarin de stellingdeur, onder handen genomen door de rietdekker en voorzien van nieuw riet. De vrijwillige molenaar is bezig met het vervangen van de twaalf kluften van het gevlucht. De oude eiken kluften zijn totaal verweerd, de lariks heklatten zijn nog prima. De Korenbloen te Mill Ramon Lichthart, de eigenaar, had de aanvragen allemaal lopen maar was 14 dagen te laat met het indienen toen de nieuwe monumentenwet in werking trad. Hij

De Molenvriend 57, augustus 2006

De jeugd heeft weer een weg naar de belt gevonden en gebruikt deze als speelterrein. De afrastering is opzij gebogen en er is al een glijbaan gemaakt langs de belt naar beneden. De gemeente wordt op de hoogte gebracht. De Korenbloem en watermolen te Oploo Jan van Riet heeft niets te melden. Alles gaat rustig zijn gangetje. De Bovenste Plasmolen te Plasmolen In 2005 zijn er bij de drie sluizen verbeteringen aangebracht en schuiven vernieuwd. De koeling van de Crossley-motor is verbeterd,er is een roestvrijstalen waterreservoir (gevuld met anti-vries) geplaatst. Door het nieuwe gesloten systeem zijn er geen problemen meer door oxidatie en zand. Verder is een nieuwe kunststof aandrijfriem tussen de motor en de aandrij-

pagina 19


De kelder van de Bovenste Plasmolen. Linksboven achter het grote verticale wiel staat het reservoir van het nieuwe gesloten koelsysteem voor de Crossley-motor.

ving van de stenen gemonteerd. In 2005 hebben 1200 mensen de molen bezocht. Sedert maart 2005 is P. Pouwels gediplomeerd molenaar voor watermolens. De toevoer van water blijft zorgelijk, kinderen en wilde varkens verleggen de beeklopen. Luctor et Emergo te Rijkevoort Na het terugtreden van Robbert Verkerk heeft men Mari Goossens gevraagd om als molenaar op de Luctor et Emergo te gaan draaien. Per 1 mei is hij op 8 mei benoemd. Ook de oud-leerling van Robbert, Paul Verheijen, wilde graag op de molen draaien. Na zijn slagen op 9 juni, voor het diploma voor windmolenaar, is hij voorgedragen en per 20 juli aangesteld als plaatsvervangend molenaar. Samen hebben zij met de hulp van John Houben de zeilen voorgehangen en de molen geïnspecteerd. Hij was draaivaardig. Op de molendag (13 mei) hebben zij voor het eerst weer gedraaid en 50 bezoekers mogen ontvangen. Na letterlijk (18 zakken) en figuurlijk puin ruimen ziet de molen er nu opgeruimd uit. De molenaars hebben ’n prachtige nieuwe tafel met stoelen gekregen, ’n kastje en bascules. En op de rommelmarkt in Rijkevoort zijn twee nieuwe kastjes, ’n koffiezetapparaat en wat meer frutselgerei voor een paar euro’s gekocht. Nu begint het er huiselijker uit te zien. Het hoeft allemaal niet zo geweldig veel te kosten, tot op heden zijn er nog geen • 100 aan kosten gemaakt. Ook zijn in het kader van de ARBO-wet (veiligheid)

pagina 20

de trappen wat beter gesteld. Het trapgat van de opslagzolder is iets vergroot zodat men daar zijn hoofd niet meer aan stoot en er is een hek rondom geplaatst. Op deze zolder, de losse planken, die hier op het luigat lagen en levensgevaarlijk waren, gerepareerd en het luik gedeeltelijk scharnierend gemaakt. Een handgreep boven het hanetrapje gemaakt en een veiligheidstouw langs de trap naar de steenzolder aangebracht. In dit kader is ook de oorspronkelijk aanwezige bediening van de pal, bij de kruilier, in ere hersteld. We laten het vangtouw voortaan aan de staart hangen. Dat scheelt een heleboel geklim naar boven en geklauter over de wiekenas heen om het vangtouw in te halen en neer te laten. Aan het gaande werk hebben de molenaars ook het e.e.a. kunnen doen. Van de zeilen zijn een aantal onderhoektouwen vernieuwd en slechte takelingen vervangen. De kruilier, kabels en de vangketting zijn goed in de olie gezet zodat alles minder roest en soepeler loopt. Het kruien gaat redelijk, ook omdat het loopwerk heel licht geolied is. Bij de inspectie bleek dat er nogal wat slijpsel (brons) onder het (bronzen, red.) halslager lag. Het halslager, dat jarenlang met reuzel gesmeerd was is schoongemaakt. Dit wordt nu gesmeerd met consistentvet. Ook het penlager werd met reuzel gesmeerd. Het blijkt een pensteen met taatslager te zijn met een oliesmeerkettinkje. Dit zat helemaal onder de smurrie en muurvast. Ook dit is schoongemaakt. De molenaars haalden twee emmers met troep uit de lageringen. Schone olie in het oliebakje gedaan en het werkt weer. Het bleek

De Molenvriend 57, augustus 2006


ook dat de askop behoorlijk aanliep tegen het windbord. Hierdoor liep het gevlucht tamelijk zwaar. De molenaars hebben dunne wiggetjes tussen de askop en het windbord geplaatst en de molen een paar keer rond laten lopen zodat de askop wat vrijer loopt. Nu alles schoon is zie je ook dat het halslager niet goed is afgesteld. Een paar jaar geleden is de windpeluw vernieuwd en die is wat gaan werken. Dit is ’n klusje voor de molenmaker. De molen draait redelijk, wel moet het halslager wat extra in de gaten gehouden worden, i.v.m. warmlopen, ook omdat het vet er aan de voorkant uitgedrukt wordt. Ten gevolge van het droge weer moesten ook de roedwiggen aangeslagen en vastgezet worden. De kammen van de bonkelaar zijn in de was gezet.

oorzaken. De molenberg lag er de laatste tijd nogal verdroogd bij maar is nu na de volop gevallen regen weer een beetje groen gaan kijken. Wat er ook groen is, zijn de heklatten van de Potroede. De molenaars zijn deze nu van mos aan het ontdoen met de krabber. Tevens vervangen zij de wiggen van de heklatten die zeer slecht zijn. Op het gebied van de herinrichting van het molenterrein door de gemeente is er te melden dat er toch een keer begonnen gaat worden met de aanleg van de waterleiding en voor de afvoer wil men een septic-tank aanleggen. Zoals met de rest van de gebreken aan de molen wachten zij geduldig af wat de gemeente Mill gaat doen.

De vroegere overbuurman heeft twee stukken rondhout, trapleuningen, gegeven die gebruikt zijn voor de scheistok bij de meelbak en om een nieuwe stok aan de stellinghaak, voor het halen van de wieken, te zetten. Deze is wat lichter en ook nog een meter langer dan de oude die gebroken en aan elkaar gespijkerd was. Verder is geprobeerd de kap vogelvrij te maken maar dat was geen succes, daar moeten de molenaars zich nog eens op toeleggen.

Ook bij deze molen heeft de droogte van deze zomer toegeslagen in de vorm van losse roedwiggen. Het vastzetten van de roedwiggen ging iets lastiger dan voorzien, omdat de spitijzers nauwelijks los te krijgen waren vanwege de aluminiumkleurige verf die op de roede, de wiggen en de spitijzers is aangebracht. Molenaar Lugder Pauls zal de draadeinden van de spitijzers vervangen om dit probleem in de toekomst te vermijden.

Met wat assistentie van de dames is de algenaanslag op deuren en op en rond de raampjes verwijderd en zijn de ramen gelapt. Alle raampjes zijn voorzien van nieuwe sluitingen, kneveltjes, zodat ze simpel te openen zijn. Voor de bezoekers is een nieuwe lessenaar gemaakt waarop het gastenboek ligt. Er zijn inmiddels bezoekers geweest uit Canada, Italië, Litouwen, Tsjechië en Spanje maar ook uit het dorp komt meer aanloop. Hopelijk gaat de molen wat meer voor het dorp betekenen zodat de biotoop op termijn ook iets verbeterd kan worden. Daarover elders in dit nummer. De Heimolen te Sint-Hubert

De Rust na Arbeid te Ven-Zelderheide

Gemeente Gennep heeft bij de molen een informatiebordje geplaatst met hierop een korte geschiedenis van de molen. Helaas is er een foutje in geslopen: de molen is in 1892 gekocht door J.M.H. Coopmans en niet in 1882, zoals het bord vermeldt. De Hamse molen te Wanroij Het winterverblijf c.q. kantine onder in de molen is zo goed als klaar. Bij de gemeente is een aanvraag gedaan voor aanleg van een toilet en water, maar dit laat nog op zich wachten. Van de geplande dorpswandelingen is er een vervallen door het slechte weer. de redactie

De Heimolen heeft afgelopen zomer nogal eens op de zaterdag stilgestaan door vakanties en andere

De Molenvriend 57, augustus 2006

pagina 21


Molenbezoek in de regio Ronde stenen bergmolen “Nooitgedacht” te Afferden Openingstijden: geen vaste openingstijden Eigenaar: Harrie Beijk Telefoonnummer(s): 0485-531910 Ronde stenen bergmolen “Martinus” te Beugen Openingstijden: zaterdagmiddag van 14:00 tot 17:00 uur Molenaar(s): Frits Harteman; Hans Heijs en Marko Sturm Telefoonnummer(s): resp. 0485-572271; 0485-577330 en 0485-573616 Ronde stenen bergmolen “Jan van Cuijk” te Cuijk Openingstijden: zaterdag 9:30 tot 16:00 uur Molenaar(s): Stefan Willems Telefoonnummer(s): 0485-318028 Achtkante bergmolen “Bergzicht” te Gassel Openingstijden: zaterdag van 10:00 tot 17:00 uur, diverse doordeweekse dagen Molenaar(s): Jan van Haren Telefoonnummer(s): 0486-472419 Ronde stenen bergmolen “De Reus” te Gennep Openingstijden: woensdagmiddag van 13:00 tot 16:00 Molenaar(s): Harry Kaak en Jan Coopmans Telefoonnummer(s): resp. 0485-516619 en 0485-511760 Zeskante bergmolen “Mariamolen” te Haps Openingstijden: zaterdag- of zondagmiddag van 15:00 tot 18:00 uur Molenaar(s): Don Werts; Robbert en Sytske Verkerk Telefoonnummer(s): resp. 0485-322460 en 0485-313647 Achtkante bergmolen “Gerarda” te Heijen Openingstijden: zaterdagmiddag van 13:00 tot 16:00 uur Molenaar(s): Harry Kaak Telefoonnummer(s): 0485-516619 Achtkante stellingmolen te Linden / Katwijk Openingstijden: zaterdagmorgen van 09:30 tot 12:30 uur Molenaar(s): Peter Simons Telefoonnummer(s): 0485-313673

Ronde stenen bergmolen “De Vooruitgang” te Oeffelt Openingstijden: zaterdagmorgen van 10:00 tot 13:00 uur (winter) of 9:00 tot 12:00 uur (zomer) Molenaar(s): Theo van Bergen en John Houben Telefoonnummer(s): resp. 0485-361718 en 0485-320994 Standerdmolen “De Korenbloem” te Oploo Watermolen te Oploo Openingstijden: zaterdagmorgen van 09:00 tot 12:00 uur Molenaar(s): Jan van Riet; Piet Geenen Telefoonnummer(s): resp. 0485-383551 en 0485-382891 “De Bovenste Plasmolen” te Plasmolen Openingstijden: iedere tweede zaterdag van de maand van 11:00 tot 16:00 uur (van mei tot en met oktober) Molenaar(s): Karel Siebers en Peter Pouwels Telefoonnummer(s): 024-6963357 Ronde stenen stellingmolen “Luctor et Emergo” te Rijkevoort Openingstijden: zaterdagmiddag van 14:00 tot 17:30 uur Molenaar(s): Mari Goossens en Paul Verheijen Telefoonnummer(s): 0485-573815 Ronde stenen bergmolen “De Heimolen” te Sint-Hubert Openingstijden: zaterdagmiddag van 14:00 tot 17:00 uur Molenaar(s): Harry Daverveld en Walter Cornelissen Telefoonnummer(s): 0485-453353 en 0485-478818 Ronde stenen bergmolen “Rust na Arbeid” te Ven-Zelderheide Openingstijden: zaterdagmiddag van 13:00 tot 17:00 uur Molenaar(s): Ludger Pauls Telefoonnummer(s): 0485-515789 Standerdmolen “De Hamse Molen” te Wanroij Openingstijden: zaterdag van 10:00 tot 14:00 uur Molenaar(s): Jan Selten en Jos Verberk Telefoonnummer(s): resp. 0485-452587 en 0485-578243

Ronde stenen bergmolen “De Korenbloem” te Mill Openingstijden: niet geopend voor bezoek (in restauratie) Molenaar(s): geen

N.B. De openingstijden zijn slechts een indicatie. In sommige gevallen is/zijn de molenaar(s) niet of op een ander tijdstip aanwezig. Wilt u zeker zijn van een bezoek aan de molen, dan adviseren wij u telefonisch contact op te nemen met de desbetreffende molenaar(s).

pagina 22

De Molenvriend 57, augustus 2006


(advertentie)

Postadres: Postbus 11, 5450 AA MILL Kantooradres: Oranjeboomstraat 3, MILL, Tel. 0485 - 451276 fax 454063

(advertentie)

(advertentie)

Beijk Molenbouw BV Rimpelt 15a 5851 EK AFFERDEN tel. 0485-531910 fax 0485-532305

De Molenvriend 57, augustus 2006

pagina 23


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Molenvriend 57 web by Pierre Gielen - Issuu