OpNieuw is het blad voor de wijk Nieuwmarkt Lastage, door en voor buurtbewoners. OpNieuw wordt gratis huis aan huis verspreid in het gebied dat begrensd wordt door Geldersekade, Uilenburg, Zwanenburgwal, Staalkade, en 's Gravelandsveer, Kloveniersburgwal en Nieuwmarkt en op Oosterdokseiland.
Deze uitgave wordt mede mogelijk gemaakt door Stadsdeel Centrum en de Koninklijke Nederlandse Akademie voor Wetenschappen.
Redactie
Lylith Oude Vrieling (vormgeving), Sati Dielemans, Roos Hendriks, Nanny Kok, Henk Oldeman.
Medewerkers aan dit nummer
Bert Baanders, Mieke van Beeren, Fausto van Bronkhorst, Peter Commandeur, Dunya, Marion Fambach, Rogier Fokke, Maarten Henket, Mathilde muPe, Randa Peters, Denise Rosenboom, Heleen Verleur, Julia Vié, Herman Vuijsje, Barbara Wichers Hoeth
De advertentieprijs is vastgesteld op €1 per vierkante centimeter.
Bestuur Stichting OpNieuw bestuur@opnieuw.nu
Bezorgers
M.L. van Asperen de Boer-Eichholtz, Beiki Bakker, Mieke van Beeren, Iek Boeles, Mariken de Goede, Johanneke Guldemond, Lea Israels, George Janszen, Nico de Jong, Gerda Kievit, BaukjeKleinbekman, Femke Koens, Machiel Limburg, Marte Meijer, Evelien van Os, Gertrud Pijnenburg, Hans Puts, Dymph Rutten, Joost Schings, Cees Tijssen, Bob Vos en Barbara Wichers Hoeth.
Flesseman
Van de ene dag op de andere was de hele buurt veranderd. Opeens zag je geen toerist meer, de Nieuwmarkt was een leeg plein. Ook voor ons, binnen Flesseman, veranderde veel. Buiten lag het geniepige virus op de loer en wij, personeel, moesten zorgen dat het buiten bleef. Dat vroeg om afstandelijkheid, die wij niet konden en wilden, maar toch moesten toepassen voor onze bewoners. Bewoners die opeens geïsoleerd waren van hun bekenden en geliefden. Er werd en wordt hier nog veel geleden.
Nu bleek hoezeer Flesseman verknoopt is met onze Nieuwmarktbuurt. Van alle kanten kwam steun en belangstelling.
Buurtbewoners stuurden kaarten, van de Hema kwam gebak, de buurtvereniging verzorgde bloembakken, Poco Loco zond appeltaarten, pizza en biertjes, de PvdA versierde ons met rozen, de Bijenkorf bezorgde chocolade. Optredens van verschillende artiesten in de tuin en vóór Flesseman brachten heel welkome momenten van geluk voor bewoners en personeel.
Hoe eenzaam onze bewoners zich ook voelen, toch zijn ze dankbaar dat ze nog steeds van het virus gevrijwaard zijn gebleven. Aan de verzorgers en verplegers en andere personeelsleden mijn grote dank voor hun verantwoordelijke en totale inzet in deze moeilijke tijd.
Deborah Elzenaar - Valkhof
Dagbestedingscoach Nieuwmarktbuurt Woon en Zorg Centrum Flesseman
Deadline volgende OpNieuw 14 augustus 2020
Terrassen in coronatijd
Hoog tijd dat direct betrokkenen met elkaar gaan praten en samen een tussenweg vinden
Vitrine-expositie Sint Antoniesbreestraat
Van Franse rommelmarkt naar de Amsterdamse Nieuwmarkt
Wel en wee van corona
Communiceren is zo dicht mogelijk langs elkaar heen praten, Sati Dielemans
Corona Mazzel
Mathilde muPe
Zonsverduistering
Doenja
11 Schaamroos, Herman Vuijsje
12 Kikkers in de kruiwagen, Marion Fambach 13 Ten tijde van corona, Heleen Verleur
15 Ingezonden brief, Brordus Bunder
15 Over voorpret met boeken, Maarten Henket
20 De anderhalvemeter-toekomst, Dunya
20 Het quarantuintje, Denise Rosenboom
24 Een coronade, Peter Commandeur
Gedichten
Herstart Open Ateliers Nieuwmarkt
Even buurten bij…, Mieke van Beeren 32 Even denken
32 Opvallende buurtgenoten, Nanny Kok
Heeft u ook last van de volgende klachten?
* Slapeloosheid
* Spanning
* Migraine
* Maagklachten
* Gewrichtsklachten
* Rugpijn
* Jicht
* Schouderpijn
* Stijve nek
* Sportblessures
* Verstuikingen
* Tennisarm
* Muisarm
* Beroerte
* Reuma
* Zenuwpijn
* Neurose
* Of iets anders?
Mercy
Chinese Medical
善心國醫館痛症治療中心
Traditioneel Chinees Geneeswijze: Tuina massage, kruidenbehandelingen, acupunctuur, en nog veel meer!
Vragen en reserveren:
Adres:
Website:
020-7723536 / 06-42850388
Dr. Zhi Xiong Li & Dr. Sau Ying Liu Sint Antoniesbreestraat 74 1011 HB, Amsterdam www.mercytcm.nl
BEHANDELINGEN KOMEN EVENTUEEL IN AANMERKING VOOR TERUGBETALING DOOR DE ZORGVERZEKERING
De hele buurt weet inmiddels wel dat je lekker kunt eten bij Captein & Co en dat het er gezellig is. Wil je eens geen buurtgenoten zien, bezoek dan ook eens ons filiaal in Zuid-India!
GEBRUIKT DE ECOLOGISCHE PRODUCTEN EN VERF VAN KEVIN MURPHY DIE GEMAAKT ZIJN VAN HERNIEUWBARE EN DUURZAME GRONDSTOFFEN. ALLE HAARPRODUCTEN SULFAAT- EN PARABEEN VRIJ!
Vitamin Advice Shop
Bij ons vind je het beste en grootste assortiment voedingssupplementen en natuurlijke cosmetica.
Kom langs en laat je adviseren!
Nieuwe Nieuwstraat 47, 020 427 47 47 info@vitaminadviceshop.nl
www.vitaminadviceshop.nl
06 53 81 62 81 remco@promakelaars.nl
oplossen wifi problemen
Gebruikt u nog Windows XP of Office 2003? Op 8 april 2014 stopt Microsoft met het repareren van beveilingslekken voor Windows XP en Office 2003. Uw computer staat vanaf die datum wagenwijd open voor allerlei soorten van misbruik. U dient tijdig over te stappen naar een latere versie van Windows en Office. Wij kunnen deze wijziging zonder onderbreking van uw bereikbaarheid uitvoeren. Neem vrijblijvend contact met ons op voor advies.
Slecht bereik, traag wifi, verbinding valt regelmatig weg? jnc-ict is gespecialiseerd in het installeren, verbeteren en uitbreiden van wifi voor particulieren en bedrijven.
jnc-ict
Jonas Daniël Meijerplein 36 Jonathan Cohen 020-627 4732 / 06-2506 4567 www.jnc-ict.nl info@jnc-ict.nl
Massage volgens Westerse en Aziat ische principes
Gezocht: woning 50m2 in de Nieuwmarktbuurt met balkon op zuid/west met een plek om de fiets te stallen (max 550€)
Aangeboden: woning 50m2 met veel licht in de Nieuwmarktbuurt met LIFT en berging
Reacties naar ypiet@outlook.com
Wel en wee van corona
DOOR Sati Dielemans ILLUSTRATIE Mathilde muPe
Wat er allemaal niet is Wat ik allemaal niet hoor: het geluid van rolkofferwielen op de stoep, schreeuwende dronken toeristen, toeterende auto's, remmende trams, bellende fietsers en pratende mensen 's ochtends, 's middags, 's avonds en 's nachts. Ik lees dat allerlei woningen die alleen nog maar gebruikt werden voor Airbnb nu weer aangeboden worden voor de verhuur. Als er een tijd was om een woning te zoeken in Amsterdam, dan is het nu. De straten zijn schoner dan ik ze in tijden gezien heb, de vogels fluiten en de buurtrat is weer op zoek naar eten tussen het gras in plaats van in de vuilnisbak. Het is eindelijk stil. Het voelt als zomers vroeger, toen Amsterdam nog toebehoorde aan de bewoners.
Communiceren is zo dicht mogelijk langs elkaar heen praten
Eenvoudig communiceren is heel ingewikkeld. Dat wist ik stiekem natuurlijk al (het is mijn werk), maar nu komen ook allerlei overheden en organisaties hier achter en ik vermoed ook een heleboel familie- en burenapps. Helder zijn, kost veel denkwerk. Online vergaderen is praktisch en goed te doen, maar ook heel intensief. Door elkaar praten is er niet bij. Het is een beetje als vroeger op school. Luisteren naar de meester en hopen dat je het goede antwoord weet als je iets gevraagd wordt.
Later wordt alles beter
Een variant op vroeger was alles beter is het geloof dat, later, na deze crisis, alles beter wordt. Nu gaan we eindelijk de mensen in de zorg voldoende betalen, de supermarktkinde-
ren waarderen, de straat zelf schoonmaken of op zijn minst niet meer vervuilen. Of, voor wie grootser denkt, de banken eerlijker maken, de belastingdienst hervormen, samenwerken tussen landen. Na deze crisis hebben we allemaal in één keer geleerd dat we elkaar nodig hebben. Dat sociaal zijn niet alleen aardiger is, maar ook effectiever. Ik geloof er niks van. Er zijn in alle tijden mensen die iets doen voor een ander en mensen die dat niet of alleen soms doen. Er zijn mensen die doen alsof ze iets geven, terwijl ze eigenlijk een plek in de spotlights opeisen. En er zijn mensen van wie je nooit hoort wat ze allemaal doen. En later, later, is dat allemaal nog precies hetzelfde als nu. Gedrag veranderen is het aller, aller moeilijkste dat er bestaat. Het directe eigenbelang dat we nu hebben, niemand wil die patiënt op de overvolle intensive care worden, dwingt ons om rekening met elkaar te houden. Mijn bewijs voor deze stelling? Klimaatverandering tegengaan is ook al jaren echt nodig, maar het is ver weg en wat het voor ieder persoonlijk gaat betekenen is moeilijk in te schatten. En dus verandert er (te) weinig. Sterker nog, deze crisis zou ertoe kunnen leiden dat er nog minder aandacht en geld voor komt. Tot ook dat te zijner tijd een crisis wordt waar we middenin zitten. Een adagium dat ik ooit leerde van een Engelsman doet zich hier gelden 'There is an eternal struggle between the important and the urgent. And if you wait long enough, the important will always become urgent.'
Slalommen over straat
Het was nooit rustiger op straat dan de afgelopen week. Dus een klein wandelingetje door de buurt lukt hier nog steeds goed. Gemiddeld 3.000 stappen per dag, in plaats van 6.000. Ik
heb het niet rustiger met werk (gelukkig), dus het blijft bij een lunchwandeling. Wat daarbij opvalt is dat mensen het moeilijk vinden om uit mijn buurt te blijven. Ik zou dit kunnen opvatten als compliment, ware het niet dat ik zie dat het vooral komt door een gebrek aan omgevingsbewustzijn. Er wordt steeds opgeroepen om 1,5 meter afstand te houden en ik geloof ook echt dat de meeste mensen deze boodschap wel hebben doorgekregen en hem begrijpen. Maar dat vertaalt zich nog niet automatisch naar het gedrag dat erbij hoort. Bijvoorbeeld even knikken naar elkaar om te laten weten dat je elkaar gezien hebt. Of even hardop zeggen dat je wacht tot de ander voorbij is of vragen of de ander even wil wachten. Even opzij stappen op straat als je iemand aan ziet komen lopen. Even je ongeduld bedwingen als je haast hebt, in plaats van tussen mensen door lopen die nou net afstand aan het houden waren. Het vereist allemaal omgevingsbewustzijn en dat is lastig om voortdurend vol te houden. Het blijkt maar weer, informatie is nog maar stap één van de gedragsverandering.
On a personal note
Ik begon de eerste quarantaineweek heel gedisciplineerd. 's Ochtends yoga, douchen, ontbijten en om 09.00 uur achter de laptop om aan het werk te gaan. Mijn werk is grotendeels achter de computer, dus de grootste verandering was de omgeving, niet het werk zelf. En toch, veranderde de indeling van de dagen langzaam maar zeker. Na twee weken thuiswerken begint de dag ineens met lezen over corona, appen met familie en vrienden. Zieken beginnen op de app te verschijnen, dichtbij en verder weg. Zorgen nemen toe. Bemoedigende woorden worden steeds lastiger te vinden. En voordat je het weet is het tijd om te lunchen. Vandaag is de eerste dag, dinsdag in week drie, dat ik de hele dag gewerkt heb in mijn pyjama. Werken gaat nog steeds prima, maar discipline volhouden dat wordt lastiger. Morgen maar weer aan de yoga.
Angst en hoe ga je daarmee om?
Voordeel van een rommelige jeugd is dat ik niet snel in paniek raak van veranderende omstandigheden. Dus dat alles nu anders is dan normaal, is voor mij niet zo'n groot probleem. Ik heb een nogal rotsvast vertrouwen in mijn eigengereidheid en als ik in een moeilijke situatie kom, lees ik alles wat los en vast zit om het probleem zo snel mogelijk de baas te worden. Maar in deze pandemie, waarvan niet duidelijk is wanneer die ophoudt, neemt de angst toe en de angstige verhalen ook. Ik lees over een man die na 48 jaar huwelijk, bij het overlijden van zijn vrouw, alleen van achter zijn raam een laatste groet mag brengen aan de rouwauto die door zijn straat rijdt. Ouders van een goede vriendin die sinds hun 14e samen zijn en die nu, nadat ze op vakantie of op Schiphol corona hebben opgelopen, ineens op verschillende plekken opgevangen worden. Een oersterke collega die toch op de ic belandt. En het ziektebeeld jaagt ook angst aan. Mensen die de ene dag nog
prima zijn en de volgende dag zo hard achteruitgaan dat ze op de ic belanden. Longartsen die ziekteverschijnselen zien die ze niet begrijpen. De benauwdheid die zelfs mijn meest nuchtere vriendin angst aanjoeg, zij heeft het ogenschijnlijk al achter de rug. Ik moet onder ogen zien dat informatie niet helpt om de rust te bewaren. Filters zijn nodig. Niet alleen voor mond en neus, maar ook voor de hersenen. Dus val ik terug op yoga, altijd yoga. En lezen, maar dan literatuur. En lachen en muziek luisteren. En schrijven. En wandelen. De Nieuwmarkt was uitgestorven gisteravond. En de politieauto's stonden netjes in een rijtje langs de stoep voor de Flesseman. Er is blijkbaar geen reden om rond te rijden. Dat geeft dan toch een beetje vertrouwen.
Zachte zondag
De angst is gehard in het verdriet van een vriendin wiens moeder van 73 in het ziekenhuis ligt en alle ingewikkelde gesprekken daaromheen. Met dokters die het beste proberen te doen, maar denken in protocollen. De dochters smeken of hun vader, haar man waar ze al 59 jaar mee is, bij haar mag. Uiteindelijk mag het, omdat hij ook corona heeft (gehad) en aan de beterende hand is. Passend bij deze zondag met het zachtste weer sinds tijden.
Koude maandag
Maandag 6 april start vroeg met slecht nieuws via de app. De moeder van mijn vriendin is vanochtend overleden aan corona. Ik ben er stuk van. Op een bankje in de buurt, met ruime afstand van elkaar, kan ik even met mijn vriendin praten. Troost zonder lichamelijk contact is onwerkelijk. Het maakt stil.
Goede vrijdag
Het is geen goede vrijdag. Mijn vriendin is ondergedompeld in de choreografie van rouwkaarten, keurige kisten (dat is wat ze me vertelde uit het gesprek met de uitvaartorganisatie), prachtige herinneringen en immens verdriet. Om het overlijden. Maar vooral ook om het hoe. Om het niet weten of er nog een kans op genezing was geweest. En toch, is het ook een goede vrijdag. De zon schijnt vandaag uitbundig. Ik denk aan haar moeder, die ik al dertig jaar kende. Die, toen die vriendin en ik terugkwamen van een reis van drie maanden, op Schiphol stond te wachten, met een survivaldoos voor haar. En voor mij. Koffie, melk, banaantjes, brood en alles wat een mens na een vlucht van vijftien uur, nodig heeft om de eerste dagen het huis niet uit te hoeven. Die, toen een opdrachtgever vervelend deed en ik daar triest over was, tegen me zei "ach laat ze lekker de kolere krijgen", omdat ze sowieso aan mijn >>
kant stond. Altijd. Die tijdens een weekendje Texel mijn man volstopte met zelfgemaakte gehaktballen, onder het mom "ah, neem nog een balletje". Die ik nooit humeurig gezien heb of geïrriteerd. Waar ik zo vaak mee langs de kustlijn van een zee in Frankrijk of Italië gelopen heb. Waarmee ik op ontelbare markten rondgelopen heb, gewinkeld, gelachen. Mijn eigen moeder leeft al niet meer sinds mijn 27e. Haar noemde ik gekscherend mijn adoptiemoeder. Toen we thuiskwamen, lag de rouwkaart in de brievenbus en die is prachtig. De liefde van haar man, kinderen, kleinkinderen en schoonfamilie spat van het papier.
In hoeveel huizen, van al die mensen in de wereld die thuis moeten blijven, is verdriet, afscheid, rouw, herinnering. Het is bijna tastbaar in de lucht af en toe. Niet voor iedereen. Er zijn nog steeds mensen die, zonder enige grond daarvoor, zeggen dat het wel meevalt, dat het wel goedkomt. Ik gun ze hun vertrouwen. Maar ik ben bang. Een angst die verschuift van de angst om zelf ziek te worden, naar de angst over hoe lang dit gaat duren Wat het met ons doet om elkaar op afstand te moeten houden. Hoe lang we dit aankunnen als samenleving? Hoe dat nieuwe normaal eruit moet gaan zien?
Zaterdag
Ik heb een cd in huis van Meryn Cadell. Ooit opgepikt in Concerto, tijdens zo'n middag slenteren door de winkel – je weet wel, wat we vaak deden vroeger, voor corona. En dan zomaar iets oppakken en luisteren. Zij zingt een lied dat Inventory heet, waarin ze inventariseert welke spullen ze in huis heeft en hoe ze daar aankomt. That was given to me, stole that from my family That was given to me, I bought that I bought that and I bought that Het lied bevalt me, omdat het gaat over onze verbondenheid met de spullen die we hebben. Omdat ik een werkplek in de slaapkamer wilde maken, was ik aan het opruimen. Een beetje afstand tussen werk en leven in dit kleine appartement. Ik ga nu om negen uur van de woonkamer naar de slaapkamer om te werken. En om twaalf uur naar de woonkamer om te lunchen. Ik was dus aan het opruimen. En ik schoof een koffertje opzij. Zo'n handbagagekoffertje dat ik vaak meeneem op reis. En terwijl ik het vasthad overviel de gedachte me dat ik het wel weg kon gooien. Want hoe lang gaat het nog duren voordat we de enge ruimte van ons huis, weer durven verlaten. Voordat we weer met driehonderd mensen in een vliegtuig durven. Voordat we weer durven reizen. En het drong tot in mijn vezels tot me door dat het leven veranderd is. Door een koffertje.
Pasen
Fijne Pasen, wensen we elkaar. En dat voelt vreemd. Want er is eigenlijk weinig fijns aan. Het gekke is dat in mijn huis alles nog goed is. Tot zover. So far, so good. Zo voelt het eigenlijk elke dag. Blij dat ik en de mijnen gezond zijn. Maar ook verdrietig tegelijkertijd voor mijn vriendin waar dat niet zo is. Er doen zich vreemde momenten voor. Collega's die ik niet heel goed ken, die in vergaderingen vragen of alles goed is. En ik hoor mezelf antwoorden 'hier is alles prima'. En terwijl ik het zeg, denk ik, dat is niet waar. Maar ook momenten dat het echt prima is. Als ik buiten wandel met mijn man door een ver-
laten stad – in mijn buurt is het heel rustig – en ervan geniet dat dat überhaupt kan. We gaan bij mijn achternichtje langs om happy birthday voor haar te zingen onderaan de trap. Dat is feestelijk en fijn. Tegelijk vraag ik me af, tijdens de wandeling terug, hoe moet dit als meer mensen naar buiten gaan?
Elke persoon die ik tegenkom op straat is veranderd van een mens in een potentiële besmetting. En ik blijf het liefst zes meter bij iedereen vandaan. Zo snel wordt de ander een gevaar. Dat bevreest me, dat ik dat voel. Ik lees een boek waar de regel in staat 'half a mile from the farm' en mijn onderbewustzijn maakt ervan 'half a mile from harm'. Half a mile is ongeveer 800 meter, zoek ik op. Zo ver is het gelukkig nog niet. Maar die nieuwe anderhalvemetersamenleving, hoe gaan we die in godsnaam vormgeven, samen?
Maandag 20 april
Het dagboek wordt een weekboek. Bij ernstige situaties val ik stil. Er is zoveel rumoer om me heen, iedereen zegt dat ie het weet. Of we wel of niet weer op moeten starten. En hoe dan? Grote evenementen worden nog niet gecanceld omdat er nog geen officieel besluit aan ten grondslag ligt. De overheid moet alles initiëren, want anders kost het geld. De overheid moet ons juist niet belemmeren. In Amerika en Brazilië gaat men de straat op om te demonstreren tegen het thuisblijven. Dokters zijn daar van helden ineens veranderd in boodschappers van slecht nieuws die het gewone leven blokkeren. En het virus denkt ha! weer een groep mensen bij elkaar waardoor ik verder kan leven. Nee, denken kan het virus gelukkig niet. Maar overspringen wel en dat betekent nog altijd dat we ruimte moeten creëren. Tussen elkaar, op straat, in het park, in de winkels waar we nog wel komen. Iemand in een winkel wil me iets aangeven, ik zeg 'leg maar neer, dan pak ik het wel'. Dat hij zich afgewezen voelt hangt tastbaar in de lucht. Ik maak het bespreekbaar. 'Je vindt het toch niet erg dat ik dat zeg? Hoe ga jij om met die afstand? Hou je je eraan?' Hij antwoordt, eerlijk: 'in principe wel, maar soms vergeet ik het.' Zo begrijpelijk. Het is vermoeiend om je de hele dag bewust te zijn van andere mensen om je heen. Ook de morele vragen blijven. Als ik op straat loop in een rustig Amsterdam, waar ik zeer van geniet, kan dat dan omdat Amsterdam zonder toeristen zo leeg is dat de anderhalvemetersamenleving moeiteloos lijkt? Of kan dat omdat alle andere mensen binnenblijven? En is dat dan eerlijk? Blijf thuis, zegt een spotje, ga alleen naar buiten als het echt niet anders kan. Maak een dagelijks ommetje in je buurt, zegt Rutte. Support de winkels waar je kunt, blijf gewoon geld uitgeven, anders verstoort ons gedrag de economie meer dan het virus, help de boekhandel, de slager, de bakker, de lokale horeca, zeggen economen. Weet je wat nog veel erger is dan het virus, zegt deze of gene: hoe we dit proberen op te lossen, dat we eenzaam worden, dat kinderen geen les krijgen, het communisme, het neo-liberalisme, de klimaatverandering, links, nee rechts, nee de redelijken. Weet je wel hoe de wereld gaat veranderen hierna? Elke dag golft de informatie over me heen, maar wat bij mij blijft is de stilte. We weten nog zo weinig. Rutte zegt dat we varen op zicht. Het voelt meer als varen in de mist. En dat terwijl het buiten steeds helderder wordt en de lucht boven Amsterdam steeds blauwer. Misschien is stilte niet het slechtste antwoord.
Donderdag 23 april
We zijn weer een persconferentie verder. Buiten schijnt de zon. Op mijn werkplek aan het raam is het nog steeds fris. De lucht is blauw. Het park is groen. Mijn huis is een oase van rust. Zo niet voor veel mensen, begrijp ik uit de reacties op de persconferentie. Als de boodschap is dat we nog steeds thuis moeten blijven, zijn veel mensen teleurgesteld. Collega's vertellen via de online calls dat ze het leven 'fucking saai' vinden. Iemand vreest oorlog, droomt erover. Een ander is bang voor alle bedrijven die gaan omvallen en voor de mensen achter die bedrijven. Anderen zoeken hun evenwicht in de natuur. En ik, ik spreek af in mijn buurtpark, op ruim 1,5 meter afstand en ik app en praat me helemaal suf om niemand alleen te laten. Ondertussen probeer ik de boodschap achter de communicatie van de overheid te ontcijferen. Nederland is niet op slot, Nederland gaat niet op slot, de overheid laat de teugels een klein beetje vieren. We stellen onze kinderen bloot aan het virus, onze jongeren een beetje, omdat we op basis van kennis uit andere landen vermoeden dat kinderen geen gevaar vormen. Maar we testen niet, we doen geen of weinig contactonderzoek, we isoleren de mensen die besmet zijn niet. Als ik dat bij elkaar optel, kan ik niet anders dan concluderen dat we nog steeds groepsimmuniteit nastreven, ook al noemen we het niet meer zo. Op hoop van zegen varen we in de mist.
Zaterdag 25 april: wat anderen er van zeggen
Op straat luistervink ik zinnen om de zinnen te verzetten. 'Bram gaat ook in loondienst nu.'
'Echt man, ik heb al veel te lang geen seks gehad.'
'Heerlijke avonden waren dat. Zodra het weer kan, gaan we daar weer heen.'
'Oh, we kunnen ook McDonalds laten bezorgen.'
'Je gaat niet blij zijn.'
'Heb jij het geluk bij je?'
Donderdag 30 april
Iedereen is op zoek naar plezier. Geen kroeg, geen bioscoop, geen concert, het valt de mensen zwaar. De Ikea gaat voor het eerst in weken weer open. Dit zorgt voor rijen rond het gebouw.
De Bijenkorf gaat weer open, 'eindelijk weer eens shoppen', verzucht een meneer in de krant, die volgens eigen zeggen wekelijks even door de Bijenkorf loopt. We zijn gewoontedieren. Ook ik ben blij, ik krijg een appje van mijn zus dat de kringloop in Noord weer open is. Joepie. Het hele kringloopconcept is natuurlijk aan evaluatie toe, nu de vraag of corona ook via oppervlakken verspreid wordt nog niet afdoende beantwoord is. Maar ik waag het erop. Ik laat de spullen na aankoop twee of drie dagen liggen en daarna maak ik alles schoon met desinfectiedoekjes. Winkelen is ook hier lastig. De Lokatie in Noord is een grote winkel, maar het lijkt wel of mensen helemaal niet weten dat corona bestaat. We zijn gewoontedieren. Dus houdt een mevrouw netjes de deur van de lift open voor twee oude mensen, op minder dan 50 cm afstand. Ziet niemand de tape die netjes op de grond geplakt is om die vermaledijde 1,5 meter afstand in stand te kunnen houden. Lopen de mensen die er werken tussen de rij door, waarmee de afstand alweer verkleind wordt. We willen heus wel meewerken allemaal. Maar we zijn nou eenmaal gewoontedieren.
Intussen in de wereld, strompelt president Trump voort van tweet naar persconferentie als een leider die in het duister tast, omdat er iets van hem gevraagd wordt dat hij niet herkent als eigen. Empathie, zorg, eerlijkheid, betrokkenheid, kennis. Landen gaan open en dan toch weer dicht. In Japan zijn in de eerste regio die de maatregelen versoepelde, de getallen weer omhoog geschoten. Spanje heeft een plan uitgestippeld met data en al. Iemand deelt een bericht dat het allemaal wel meevalt met die aantallen doden. Een wiskundige vertelt op tv dat het echt anders moet. Dat we echt eerst moeten weten (testen dus) om te kunnen uitschakelen. Iemand zegt dat het virus waarschijnlijk vanzelf wel uitdooft. Terwijl de hele wereld denkt dat het veilig is om thuis te blijven, zijn er altijd mensen die, meestal vanuit huis, beweren dat dit helemaal niet nodig is. Iemand schrijft dat hij jaloers is op hoe de Zweden het aanpakken. En ik vraag me af op wie in Zweden hij jaloers is. Vast niet op degene die ook daar in het ziekenhuis belandde. Het virus ondertussen, stelt iedereen voor raadsels. Bloedstollingen, beroertes, longziekte, eczeem, smaak- en geurverlies, het veroorzaakt zo veel verschillende symptomen, er is geen touw aan vast te knopen, lijkt het. En ik vraag me steeds af wat nou echt de moeite waard is om op te schrijven over deze tijd. Dat we bang zijn allemaal. Dat we van mening verschillen over welke weg we moeten volgen om hier uit te komen. Wat we kunnen doen (rustig blijven, anderen helpen, concrete dingen doen, contact houden) en juist niet moeten doen (bang worden, in paniek raken, onverantwoord ons hoofd in de wind gooien). Dat in Amerika het eten op het land vernietigd wordt, omdat er niemand is om het te oogsten, terwijl de armste mensen in het land staan te springen om eten. Wat is nou echt essentieel om over tien jaar nog te weten? Dat dit het omslagpunt was, misschien. Het moment waarop we ineens allemaal twee dingen begrepen. Dat een virus zich snel verspreidt in een wereld waarin alles met elkaar verknoopt is en dat we allemaal afhankelijk zijn van elkaar. En dat dat de vraag oproept of we nou dichter bij elkaar moeten komen of juist meer afstand van elkaar moeten nemen.
6 mei 2020
De BV Nederland gaat weer open, maar ik nog niet.
8 mei 2020
"Weet je wat ik het meeste mis," zeg ik tegen mijn man, "niet het café of restaurant, niet de winkel om iets te kopen, niet de sportschool, niet het kantoor, maar gewoon om weer op straat te kunnen lopen zonder angst voor de ander".
14 mei 2020
Ik werd wakker uit dromen over huizen en toegang. Wie er wel toegang had en wie niet, weet ik niet, maar de suggestie van onderscheid tussen binnen en buiten was zo voelbaar in de droom, dat ik opgelucht was dat ik in mijn eigen bed bleek te liggen. Via Twitter lees ik op RTL Nieuws over een experiment met mondkapjes die licht geven als iemand met corona hoest. 'Wetenschappers VS maken mondkapje dat oplicht door corona' Aan de Amerikaanse Universiteit van Harvard en MIT wordt gewerkt aan een nieuwe manier om het coronavirus op te sporen: een mondkapje dat oplicht als het longvirus
wordt gedetecteerd. De methode kan helpen bij het in kaart brengen van besmettingen.
Het is 14 mei. Op 12 maart was in Nederland de eerste persconferentie. We zijn in twee maanden tijd gegaan van de hoop op groepsimmuniteit om iedereen te beschermen, via "alleen samen kunnen we corona verslaan"1, naar veiligheid op basis van wie corona heeft en wie niet. Het aloude mechanisme van insluiting en uitsluiting steekt alweer zijn lelijke kop op. Die app was eng, maar daarbij werd de data tenminste nog verzameld in een mandje (lek of niet). Hier is direct zichtbaar wie besmet is en wie niet. Zichtbaar aanwijzen wie veilig is en wie gevaarlijk, dat lijkt me de slechtst denkbare oplossing voor een gezamenlijk probleem. Ik krijg er kippenvel van. Misschien moet ik snel een trui aandoen, want anders is dat straks ook nog zicht- en meetbaar.
22 mei 2020
Een eend kwaakt door de straat. Een hond blaft met een hoog nijdig blafje. Een vogel vindt er fluitend het zijne van. Het lijkt hier in de straat wel een verhit twittergesprek. Of het over corona gaat, weet ik niet, maar nu er ook al katten getest worden op corona en nertsen het aan mensen geven of van mensen krijgen, zou het me niet verbazen.
23 mei 2020
Er wordt in de stad druk nagedacht. Er is, zo blijkt uit de krant, een idee voor terrassen op grote pleinen, waaronder de Nieuwmarkt, om de horeca een kans op overleving te bieden. Ik probeer het voor me te zien. Hoe degene die aan het middelste tafeltje zit, er weer uit moet komen als hij/zij naar huis wil of naar het toilet moet. Ik lees dat Femke Halsema binnenkort met een plan komt voor het centrum na corona. En dat zij zich zorgen maakt over hoe we ons in de stad op 1,5 meter van elkaar gaan bewegen. Ik ervaar het lopen op straat en in winkels inmiddels als een soort dans. We lopen met een boog
om elkaar heen en veroorzaken voortdurend Jansen-en-Jansen-achtige2 situaties, omdat het lichaam automatisch toetrekt naar andere lichamen. Hoe meer afstand ons opgelegd wordt, hoe meer nabijheid we lijken te zoeken. Dat zou ook verklaren waarom het op mooie dagen overal drukker is dan ooit. Ik kan nog steeds wandelen op plekken waar bijna niemand komt, dus ruimte is er genoeg. Maar omdat er geen gereguleerde ruimte is om elkaar te ontmoeten (zoals cafés, bioscopen, clubs, sportscholen), zoeken mensen elkaar massaal op door allemaal naar hetzelfde park te gaan of hetzelfde grasveldje. Thuis verrijk ik mezelf online met de meest prachtige gesprekken. Stadsgesprekken met steden over de hele wereld via Pakhuis de Zwijger en De Balie. Een gesprek van een maand geleden, dat ik zeer de moeite waard vond, is het gesprek bij De Balie tussen Floris Alkemade en Floor Milikowski over de stad, de relatie met de rest van het land en de kans om de coronacrisis aan te grijpen als moment om een verandering in gang te zetten die sowieso nodig is. Floris Alkemade heeft het in dat gesprek ook over een patroon van bewegen in onbekend gebied. Het heet de Lévy-vlucht. Het is een wiskundig patroon van bewegen dat gebruikt wordt door roofdieren om voedsel te zoeken en, volgens hem, door één van de laatste Afrikaanse jager-verzamelaar stammen, de Hadza. Je loopt in een bepaalde richting, maar steeds via een andere weg, als overlevingsmechanisme. In de woorden van Floris: ‘als je niet weet waar je naartoe gaat, is het volgen van een rechte lijn een dodelijke strategie’. Een mooiere metafoor voor hoe we uit de mist moeten komen waar we volgens het kabinet tot nu toe in bewogen, heb ik nog niet gehoord. In ieder geval niet in een rechte lijn, maar tastend, zoekend en uitproberend.
1 Prachtige tegenstelling trouwens ‘alleen samen’, ik neem mijn pet af voor de dichterlijke communicatieadviseur die dit bedacht heeft.
2 Zie de stripboeken van Kuifje
GRIP OP UW LEVEN
Steun als het even niet meer gaat
CentraM biedt ondersteuning:
• bij het omgaan met geld(problemen)
• bij het zo lang mogelijk gezond en zelfstandig thuis blijven wonen
• bij problemen in relaties en een veilig thuis
• voor mantelzorgers
CentraM ondersteunt en verbindt bewoners en geeft informatie & advies.
U kunt altijd gratis bij CentraM terecht, een verwijzing is niet nodig.
U kunt contact met ons opnemen via: 020 -557 33 38 • tussen 9 en 12 uur.
U kunt ook langs komen bij een van onze pluspunten in de buurt. Voor meer informatie en adressen kijk op onze website: www.centram.nl
Schaamrood
DOOR Herman Vuijsje
Een novemberdag, vijf uur ’s middags. De verwarmingselementen boven m’n hoofd zetten het caféterras in een gulle gloed. De tegenstelling met het verlaten plein voor me wint daardoor nog aan behaaglijkheid. Rondwaaiende herfstbladeren hebben daar het rijk alleen, samen met een stuk of wat gehaaste voorbijgangers, diep in hun kraag weggedoken tegen de regenvlagen. Ze gaan over donker en nat plaveisel, waarin zich alleen wat lichtjes weerspiegelen van de cafés aan de overkant.
Dat is het beeld dat voor me opdoemt als ik in de tropen ben en verlang naar Amsterdam. Het Nieuwmarktplein in zijn opsmukloze pracht. Groots en leeg, niet volgeplempt met terrassen zoals menig ander stadsplein in Nederland. Het terras bij De Waag is me eigenlijk al te veel. Ik ben niet de enige die er zo over denkt, lees ik in de reacties op het plan van de gezamenlijke horeca-ondernemers van de Nieuwmarkt/Zeedijk om tijdelijk een gemeenschappelijk terras te openen. Heel wat medebuurtbewoners delen mijn liefde voor het onversjteerde plein.
En ze doen dat op een manier die me het schaamrood naar de kaken jaagt! Want als ik afga op hun bijdragen op sociale media, dan worden diezelfde caféterrassen waar ze zo genoeglijk neerstrijken, waar ze in ieder jaargetij een warm onthaal vinden, waar elk zijn eigen keus kan maken uit het unieke aanbod van de meest uiteenlopende etablissementen, dan worden die terrassen gedreven door louche, onverschillige uitbaters die maar in één ding geïnteresseerd zijn: zo veel mogelijk poen verdienen ten koste van ons, de buurtbewoners, en onze levensruimte. Als we even niet opletten, pikken ze ons het hele plein af en zetten er een hek omheen, net als de moffen deden in de oorlog om de joden op hun plaats te houden. Ik verzin het niet, dit laatste. Het is een van de getwitterde bijdragen in het debat dat over het genoemde plan is los-
Lunchpauzepianoconcerten
Waarschijnlijk gaan de gratis lunchpauzepianoconcerten in de Mozes en Aäronkerk deze zomer door. Op donderdagen van 12:15u - 12:45u. Niet gewoon, maar met een protocol en alle stoelen op 1,5m afstand van elkaar (gelukkig een groot gebouw). We denken dat er dan toch nog 40 à 50 mensen in kunnen. Met een reserveringssysteem en mensen die je naar je plaats brengen. Daarvoor zijn extra vrijwilligers nodig. Heb je tijd en/of zin om een, een paar keer of alle keren te helpen? Weet je nog meer mensen die dat ook wel willen? Het kost ongeveer een uur, op donderdagen in juli en augustus, van 12:00 tot 13:00.
Ja? wil jij helpen? Mail dan alsjeblieft naar info@stichtingpianoconcerten.nl
Mijn dank alvast! De officiële aan-of afkondiging volgt nog.
gebarsten. De meest extreme wellicht, maar qua strekking niet uitzonderlijk. De meerderheid van de berichten getuigt van een diepgeworteld wantrouwen jegens de caféhouders rond het plein. En van een grote onverschilligheid voor het feit dat het hier gaat om kleine ondernemers die zwaar getroffen zijn door de coronamaatregelen en die nu een gezamenlijk plan hebben bedacht om deze zomer toch nog iets te verdienen en daarbij de buurt een tijdelijke ontmoetingsplek te bieden. Even geen leeg plein, nu de tijden vragen om uitzonderlijke ideeën. Tot november, als het gezamenlijke terras weer wordt opgedoekt en de herfstbladeren vrij spel krijgen over een leeg plein.
De schaamte die me overvalt bij het lezen van de berichten op sociale media komt niet alleen voort uit de toon ervan. Ze doet zich des te meer gevoelen als ik op me in laat werken dat dit het resultaat is van de roemrijke linkse protesttraditie van de Nieuwmarkt. Leven en laten leven, ieder een plaatsje onder de zon, weg met het klootjesvolk, daarvoor streden de actiegroepen waaraan we het voortbestaan van de buurt te danken hebben. Hand in hand met de plaatselijke middenstanders streden ze!
Hoe is het mogelijk dat hun opvolgers zich hebben ontwikkeld tot benepen chagrijnen, wantrouwend tot op het bot en klaar om barricaden op te richten, dit keer niet om de rechten van gewone mensen te verdedigen tegen het geweld van projectontwikkelaars en een op hol geslagen gemeenteapparaat, maar uit angst dat er een centimeter wordt beknibbeld op hun verworven rechten in hun woonparadijsje. Amsterdam? Nieuwmarkt? Welnee, dit zijn Wassenaarse en Aerdenhoutse reflexen in een Mokums jasje.
Eén troost: die ontboezemingen op sociale media zijn niet representatief. De meerderheid van onze buurtgenoten denkt er anders over, weet ik wel zeker. Het zou fijn zijn als die meerderheid zich wat meer zou laten horen.
Kikkers in de kruiwagen
Meedogenloos waait de noordenwind op 25 maart over onze verlaten stad. Radio1 vermeldt dat er "heel veel is dat wegvalt en hoewel er een afvlakking van de sterk stijgende besmettingen wordt waargenomen, is er slechts voorzichtig optimisme". Tevens "is een recessie onontkoombaar, want de economie ligt voor 1/5 op zijn gat", zeggen de krimpcijfers.
In de nacht van 27 op 28 maart worden ongezien de wijzers van de tijd een vol uur naar voren geschoven. Een paar dagen later is de wind gelukkig sterk afgenomen en vliegen de vogels met bouwmateriaal heen en weer. De stad zit al twee weken op slot en wacht af.
Ondertussen wordt er een schilderij van Vincent van Gogh uit het Singer te Laren gestolen, waarop de directeur verklaart dat hij het "vooral zo erg vindt vanwege de troost, die zo'n schilderij kan bieden, vooral in deze tijd". Het museum was al gesloten voor publiek en hoe troostend is een toch vaak sombere schildering van Van Gogh? De avond van 30 maart brengt het nieuws dat de lopende maatregelen per decreet worden verlengd tot 28 april.
Het eenzaamheidsvirus grijpt om zich heen. Een 102-jarige vrouw, die nog op zich zelf woont, vertelt op de radio dat ze deze crisis erger vindt dan de Tweede Wereldoorlog, want toen mocht men in ieder geval gewoon naar buiten.
Het wordt tijd voor de Ruijtergaard. Ik bel Mariken om de (groene) draad weer op te pakken. We spreken af voor de volgende dag 1 april, op ons stekkie vóór STARBIKES. De winkel is open, hoewel er geen hond komt en er geen fiets verhuurd wordt.
Mariken oppert het plan de gaard te verlengen door trottoirtegels te lichten en in te zaaien met bloemen; maar dat voor later, eerst de plantenbakken inspecteren en onderhoud plegen. De zondag daarop zijn we in de Museumhavengaard om te wieden en te knippen en om olla's (Spaans: spreek uit ojja) te plaatsen, in de grond van de lange geveltuin. Een olla wordt gebruikt als waterbuffer en kan op vele manieren verkregen worden. Bij voorbeeld met behulp van twee rode aardewerken plantpotten, waarvan het gaatje in de bodem van de ene pot afgedicht wordt en de beide open bovenzijden op elkaar verlijmd worden. Het geheel in de grond
graven en via een trechter water gieten in het open gaatje aan de bovenkant. Het water dringt langzaam door de wand van de olla de aarde in.
Een paar dagen later kom ik de dochter van de eens zo, en tot op hoge leeftijd, ijzersterke buurvrouw van de hoek tegen. Ze vertelt me dat haar moeder overleden was, nog vóór het virus de stad bereikt had. Lang voordat de geveltuinen in de mode kwamen, had de buurvrouw al een minigeveltuintje, strak afgerasterd met een piepklein hekje van gaas. Met in het voorjaar een kleine bloemenzee van tulpen, hyacinten en narcissen en kleurrijke eenjarigen in de zomer. Dit jaar staat haar tuintje vol met fiere tulpen in alle kleuren door elkaar. In de eerste week van april bloeien zij uitbundiger dan ooit, het lijkt verdorie wel een eerbetoon.
Een Paasweekend met stralend weer drijft menigeen naar buiten, de paden op en de lanen in. Boven de natuurgebieden vliegen drones in het rond om wandelaars te spotten.die zich niet aan de regels houden. Er worden feestjes gevierd in Brabant, maar (nog) geen bekeuringen uitgedeeld, "omdat er geen strafbare feiten zijn geconstateerd". Wel "ongelofelijke domme initiatieven," vindt de politie. Inmiddels nieuwsgierig geworden naar wat lock-down in het nederlands betekent, vind ik onder lock o.a., lock down, through, in en out, allemaal betrekking hebbende op het schutten. van Dale zegt over schutten o.a.: "een schip door een schutsluis in water van hoger of lager peil brengen". Zo gezien, bevinden wij ons met z'n allen in een denkbeeldige sluis en wachten op het openen van de sluisdeur. Wat lijkt mee te zitten is, dat de zakken van de overheid behoorlijk diep zijn en gevuld met duizelingwekkende hoeveelheden euro's. Op de radio zegt iemand, "geld is het slijk der aarde". Wat ook meezit is het weer. Heerlijk heldere zonnige en windvrije dagen leven we, met al een maand nieuw normaal achter de rug. "Gebruik een zakje voor de kak en dan in de bak", lees ik op 15 april naast een hangend rolletje poepzakjes bij de entree van de Ruijtergaard. Vandaag krijgen de negen zeskantige bakken elk een naam en wordt er een begin gemaakt met het brandmerken van de 'OUDE NICO,' de 'STAR' en de 'SPRING'. De ijzers liggen al op het vuur en de gaardgenoten vermaken zich prima.
DOOR Marion Fambach FOTO Martin Pluimers
Onverdroten blijft de zon op ons stralen en ver weg in Spanje worden er dode oude mensen gevonden, zwaar verwaarloosd in een door zorg verlaten bejaardenhuis. Hier wacht men ademloos op morgen 21 april, de dag waarop men hoopt verlichting van de zeer strenge maatregelen te krijgen. Wanneer het zover is, blijkt het behoorlijk tegen te vallen, de anderhalvemetersamenleving lijkt voorlopig voor altijd en ik mag mijn oude moeder in het verzorgingshuis nog lang niet bezoeken. Toch wordt het drukker op straat. Huh?!, hoorde ik dat nou goed, net op de radio? Het is vandaag 30 april en een huisarts zei klip en klaar dat er twee jaar geleden 9000 mensen aan de gevolgen van de griep zijn overle-
den? Maar hoe zit dat dan in vergelijking met nu? Toen gingen we toch ook niet op slot met zijn allen of moesten anderhalve meter afstand houden? Ik wist niet eens dat er toen zoveel mensen aan de griep overleden zijn. Maar dit terzijde. Het idee voor een pergola-achtige constructie bekleed met klimplanten, voor over een deel van het pad, was voorbijgekomen. En toen ik gisteren in de Ruijtergaard aankwam, was Mariken tot mijn verbazing bezig grote metalen halve bogen uit een aanhanger te lossen.
Het gaat er echt van komen, een 'Lover's Lane' dwars door de Ruijtergaard en voor de schaakspelers onder ons wellicht een plek om te 'Schaken onder de Bogen'.
Coronadagboek
Ten tijde van corona
DOOR Heleen Verleur
Onderweg naar Albert Heijn, vraag ik mij af: waarom ben ik eigenlijk niet eerder boodschappen gaan doen? Het is al half één, om twee uur geef ik online pianolessen tot aan etenstijd. Misschien onbewust ook uitstel: het is spitsroeden lopen bij de supermarkt. Sommige mensen reageren overdreven afstandelijk, alsof je een buitenaards wezen bent dat hen elk moment omver kan lopen. Anderen lijken je soms niet te zien, zodat je moet vragen of ze wellicht even kunnen wachten hun boodschapjes in te pakken, tot je weg bent. In elk geval moet je voortdurend opletten, want je kunt er niet vanuit gaan dat mensen in een boogje om je heen lopen, ondanks het overheidsgebod van anderhalve meter afstand.
De daklozenkrant verkoopster ziet er wat gehavender uit dan anders. Haar bekertje met muntjes staat er verloren bij. Zelf staat ze op ruim twee meter afstand, vriendelijk lachend, klanten op haar kranten wijzend. Ik heb de krant al gekocht, twee dagen geleden, van haar collega. Dat zeg ik tegen haar, ze lacht begrijpend. Ik voel het door me heengaan. Ik besef dat daklozen het nu extra zwaar hebben, doe een euro in haar bekertje. Ze glimlacht. Een extra krant hoef ik niet, hoe interessant het ook is om te lezen.
Mijn missie naar Albert Heijn is ook om mijn lievelingsoma van 82 (ik ken haar van Opa’s en Oma’s Passen Op Een Huisdier ofwel stichting OOPOEH) even wat boodschapjes te brengen. Zij woont alleen en heeft gelukkig wel wat buren die haar helpen. Want in coronatijd durft ze zich niet goed in winkels te begeven. Maar ze wil deze goede buren ook niet overvragen. Een half uur geleden stuurde ze me een sms of ik wat boodschappen voor haar kon doen. Misschien dus toch goed dat ik nu pas ging? Anders had ik twee keer gemoeten.
Ik heb twee tassen bij me: één voor mijn eigen boodschappen, en één voor mijn Oopoeh. Maar de klant na mij is zo voortvarend dat hij al bijna op mijn kar zit, hij dreigt steeds dichterbij te komen. Ik vraag hem of hij misschien toch even wat afstand wil bewaren. Dat doet hij, schoorvoetend, mondjesmaat, intussen uitstralend dat hij mijn verzoek overdreven vindt. Uiteindelijk smijt ik maar alles door elkaar in de kar en besluit een stukje verderop rustig de verdeling te maken, on-
der het toeziend oog van een AH-beveiliger die al klaarstaat met een spray om mijn kar te ontsmetten.
Als ik bij mijn fiets kom, blijkt de voorband lek. Wat zal ik doen: de fiets eerst thuisbrengen, en op een andere fiets naar oma? Ik besluit maar te gaan lopen: zo ver is het ook weer niet. Ongeveer tien minuten met de fiets blijkt toch wel vijfen-twintig minuten heen, en later vijf-en-twintig minuten terug te zijn. Oma krijg ik nauwelijks te zien: ze verschanst zich achter haar deur, veel te bang te worden besprongen door het coronamonster. Haar boodschappenbriefje was voor meerderlei uitleg vatbaar, dus ik vraag of ze alsjeblieft even om het hoekje wil kijken om haar goedkeuring te laten blijken over wat ik heb gehaald. Ze kijkt schichtig om de hoek, wil inderdaad toch wel die twee kleine zakken spinazie en is duidelijk heel blij met het gehaalde. Het voelt gek, om weer afscheid te nemen zonder verder contact te hebben gehad.
Ik loop langs "De Kloof" terug. Een bekend café heeft buiten flesjes bier staan, je kunt in een bakje geld doen en een biertje meenemen. Amsterdam als stadsdorp? Zoals je op het platteland eieren mag meenemen tegen muntgeld? Even verderop hoor en zie ik een studente – op twee meter afstand – aan haar matties vertellen dat ze het "zo moeilijk vindt, zo’n eentonig bestaan". Ik kan invoelen wat ze bedoelt: de wereld ligt aan haar voeten, maar de wereld is momenteel geen veilige plek dus moet ze haar verlangens voor onbepaalde tijd uitstellen.
Dan kom ik met mijn lekke fiets Ruud Captein tegen die aan het uitladen is. Zijn café doet voor onbepaalde tijd twee keer per week een bezorgservice van bitterballen en maaltijden. Een druppel op een gloeiende plaat, qua inkomsten, maar het houdt Captein & Co van de straat. Een dankbare nieuwe taak, want de klanten reageren enthousiast: gister waren de bitterballen zelfs uitverkocht!
Als ik bijna thuis ben, denk ik aan het hondje dat ik vrijdag ga uitlaten voor een lieve buurtgenote die tegenover mij woont en niet meer zo vaak de straat op wil, of durft. Mijn eerste online leerling zit al te wachten.
Ingezonden brief
DOOR Brordus Bunder
Ik maak ernstig bezwaar tegen het plan van de horeca ondernemers rond de Nieuwmarkt om op het plein een groot terras te realiseren om daarmee honderden bezoekers te trekken.
Juist nu je zonder oordopjes kunt slapen en andermans uitwerpselen niet iedere morgen van je stoep hoeft te vegen. Net nu we verlost zijn van de files rondjes rijdende taxi’s. Net nu de openbare ruimte in de oude binnenstad weer een beetje van de bewoners is, moet de hele Nieuwmarkt één groot terras worden. Dat terwijl de horeca daar de trottoirs al volledig in bezit heeft.
Waar kunnen we straks nog veilig lopen? Jarenlang hebben de bewoners van de binnenstad de extreem onhygiënische vorm van overlast moeten incasseren. Het is onvoorstelbaar dat we hebben toegestaan dat onze prachtige historische woonbuurt werd weggegeven aan deze bedrijfstak. Waarom moeten we straks bij het verlaten van onze woning het gevaar voor besmetting door aangeschoten bezoekers van de horeca voor lief nemen? Deze ellendige crisis is juist een kans om van de buurt weer het unieke historische hart van onze hoofdstad te maken waar de bewoners niet worden ondergesneeuwd door bezoekers maar zelf, zoals overal elders, de sfeer in de buurt kunnen bepalen.
Het kan toch niet zo zijn dat één bedrijfstak een hek om het plein zet en bepaalt wie er nog welkom is op de Nieuwmarkt. De hele openbare ruimte wordt hier weggegeven aan onder-
nemers die zich nooit iets hebben aangetrokken van de overlast die hun gasten veroorzaken. Die zich al helemaal niet verantwoordelijk voelt voor het gedrag van hun klanten buiten hun terras. 100 tafels, dat zijn minimaal 150 bezoekers per uur. De straten en stegen rond het plein zijn volgens de regels van het RIVM te smal voor het komen en gaan van de honderden bezoekers. Waar blijven deze als alle tafels bezet zijn? Voor de bewoners van het verzorgingshuis Flesseman, het dementenverzorginghuis Mozaïekhofje en de vele zelfstandig wonende ouderen rond het plein is het een levensbedreigend initiatief. Men denkt aan een looppad van 3 à 5 meter in het midden van het plein voor de buurtbewoners. Moeten die dan op elkaar gaan staan wachten om over te kunnen steken?
Met dit plan krijgt het pretpark weer alle ruimte, wordt het plein een evenementen terrein met een komen en gaan van bezoekers vanuit de hele stad en daarbuiten. Dat gaat ten koste van de gezondheid en de veiligheid van bewoners. Laten we ons aan de adviezen van de overheid te houden: blijf zoveel mogelijk binnen, vermijd drukke omgeving, houd afstand.
Over voorpret met boeken
DOOR Maarten Henket
In deze tijd van gedwongen langzaam leven is het goed te bedenken dat boeken meer genot kunnen verschaffen dan lezen alleen. Het snuffelen in winkels (wel eerst je handen desinfecteren), het vinden van iets gezochts of ongezochts, het wegen op de hand, het ruiken, het bladeren, dan ermee naar huis, misschien eerst nog even op tafel leggen of in de kast zetten tot het juiste moment daar is – dit alles is net zo aangenaam als het lezen zelf, soms zelfs aangenamer. Lezen verschilt hierin niet van andere genoegens, en men kan dan ook op de lezer toepassen wat Horace Kephart opmerkt over de jager:
‘Solomon himself knew the heart of man no better than that fine old sportsman who said to me: “it isn’t the fellow who’s catching lots of fish and shooting plenty of game that’s having the good time; it’s the chap who’s getting ready to do it.”’ (Camping and Woodcraft, New York 1917) Het is dan ook jammer, dat boeken niet meer opengesneden hoeven te worden. Een geduld vragend en tamelijk secuur werkje was dat, als je het tenminste netjes wilde doen. En aangenaam bovendien. Niet in de laatste plaats, omdat je
er een instrument voor nodig hebt dat luistert naar de heerlijk opwindende naam vouwbeen. Vouwbeen! Wie durft het aan om weer boeken te gaan uitgeven die opengesneden moeten worden? Ik weet zeker dat er een markt voor is. Zelfs het pakken van een boek uit je eigen kast is iets waar je langzaam van kunt genieten, vooral als het boek bovenin staat. Ik citeer Nicholson Baker: ‘Je moet op je tenen gaan staan om er bij te kunnen. Je legt een vingertop bovenop het boekblok, en trekt het voorzichtig naar je toe, zodat het boek kantelt en er een driehoek van het omslag uit de kast komt. Het kantelen wordt vertraagd door de zijwaartse druk van de boeken ernaast, en als je op tijd zou ophouden met trekken, zou het boek uit zichzelf blijven hangen, over de kamer geleund, als een ornament. Dan gaat het moment van evenwicht voorbij: het verplaatste zwaartepunt van het boek en het kleiner worden van het oppervlak dat nog tussen de ander boeken ingeklemd zit zorgen er voor dat het boek begint te vallen. Het valt in je geopende hand, en wie weet ga je het lezen.’
(Books as Furniture, The New Yorker, 12-6-1983, mijn vert.)
Over boeken
Terrassen in Coronatijd
FOTO Sati Dielemans
Betreft: Het Nieuwmarktplan van horecaondernemers en horecaterrassen in het algemeen.
Dat de horeca het moeilijk heeft lijdt geen twijfel. Waar zijn de vaste klanten die inmiddels heel veel geld hebben uitgespaard? Zijn zij niet bereid een deel af te staan aan hun favoriete café of restaurant? Als gift, of als dat belastingtechnisch onvoordelig uitpakt, op een andere manier? Twee zeer actuele aandachtspunten: 1. een plan om de hele Nieuwmarkt vol te zetten met horecaterrassen, en 2. het probleem voor voetgangers en bewoners boven terrassen als de huidige terrasgrenzen in de vergunningen gehanteerd blijven worden.
1. Het plein
Geen van de wijkraadsleden van d’Oude Stadt uit de Nieuwmarktbuurt is het eens met het plan om het Nieuwmarktplein weg te geven aan alleen de horeca (op dagmarkt en zaterdagmarkt na). Ook al worden er als tegemoetkoming aan de buurtbewoners stoelen gereserveerd waar consumptie niet verplicht is: een sigaar uit eigen doos. Dat geldt ook voor direct omwonenden aan het plein. Hoe enthousiast de burgemeester er ook over moge zijn. Het steekt ze dat ze via tv en kranten van het plan moesten vernemen. Daarom hoog tijd dat direct betrokkenen met elkaar gaan praten en samen een tussenweg vinden.
Niet duidelijk is welke ondernemers mogen meedoen, ook die in de Sint Antoniesbreestraat, de Koningstraat en op de Kloveniersburgwal, om maar wat te noemen?
De voorgeschreven anderhalve meter afstand is de basis van ieder plan. We moeten uit alle macht zien te voorkomen dat het plein een grote besmettingshaard gaat vormen. Niemand wil onderweg naar de supermarkt gedwongen meedoen met een corona-experiment.
Variant om te overwegen
De openbare ruimte is van iedereen. Van horeca-ondernemers en hun klanten waaronder bewoners. Natuurlijk ook van de andere bewoners, ondernemers, bezoekers en wandelaars. Lang niet iedereen heeft behoefte aan horeca. Voetgangers hebben voorlopig meer ruimte nodig. Daarom dit voorstel, om samen over te praten: met omwonenden, ondernemers en gemeente.
Terras 3 dagen in de week, tot 1 oktober. 1 of 2 dagen markt (met alternatieve ruimte voor nu te kleine winkeltjes in de buurt waar we zuinig op moeten zijn), op de andere dagen/ avonden andere soorten ondernemingen en maatschappelijke organisaties waar anderhalve meter afstand niet kan. En natuurlijk vergaderingen van bewonersraad en andere bewonersgroepen, stopdegekte, huurders van Woonzorg en andere corporaties, wijkcentrum, buurthuizen (bewegen voor ouderen en/of jongeren), kinderspelen, lezingen en dergelijke van de Pinto enzovoort, enzovoort. Al die andere plekken dan café’s waar mensen elkaar nu niet kunnen ontmoeten door de anderhalve meter plicht. Ook de culturele sector heeft het moeilijk en wil er misschien wat organiseren.
ALTIJD met in ieder geval een vrije corridor tussen zebrapad oostzijde en zebrapad westzijde (ooit eens – door de initiatiefnemer van het actuele horecaterras-plan zelf – het Flessemanpad of zoiets genoemd, omdat het voor oudere bewoners zo moeilijk was om het plein over te steken). Die corridor moet breed genoeg zijn om elkaar op afstand te passeren, maar ook op minimaal anderhalve meter van eventuele terrasklanten of deelnemers aan andere activiteiten. Dan is een markering wel handig. Of een manshoge (plexiglas?) afscheiding tussen doorloopruimte en stoelen?
Deelnemers aan niet-horeca activiteiten nemen hun eigen klapstoeltje mee (misschien kunnen de organisaties een aantal stoelen voorlopig dichtbij het plein stallen). Hopelijk zorgt de gemeente voor een slim geluidSsysteem, want met iedereen een eindje uit elkaar moet je je wel verstaanbaar kunnen maken. ALLES zonder muziek en uiterlijk 11 uur ’s avonds schoon en opgeruimd. Terrasmeubilair met dempers onder de poten, geen hogedrukspuiten. Bij het uitgiftepunt van het terras een bord: na 10:15 wordt niet meer getapt. Een “laatste ronde” kan een stormloop op het uitgiftepunt veroorzaken.
De omwonenden (en die zijn er) hebben hun nachtrust nodig.
En voor de Horeca: op die drie dagen terras ALLEEN op het plein, en dan NIET op de trottoirs rondom. Op de tijden dat er niks is, kan iedereen gewoon genieten van het mooie lege plein. Want dat zou het “nieuwe normaal” moeten zijn, de rest het uit nood geboren “tijdelijke abnormaal”.
Wat handhaving van de 1,5 meter afstand betreft: de organisatoren zijn verantwoordelijk. Klachten kunnen naar de organisator, mits bekend, maar ook via 14020 of online naar de gemeente. De gemeente kan het dan registreren, handhavers of politie worden alleen bij problemen ingeschakeld.
2. Terrassen op trottoirs in Amsterdam
Bij heel veel terrassen in de binnenstad (en daarbuiten) is de voetgangersruimte erlangs slechts anderhalve meter, inclusief trottoirband. Dat is de minimale breedte in het huidige terrassenplan Centrum en is daardoor al jaren het maximum op enkele uitzonderingen na. Het is daar in normale tijden al vaak onmogelijk om elkaar te kunnen passeren, en anderhalve meter afstand houden is per definitie onmogelijk. Daarvoor is er obstakelvrije ruimte nodig van minimaal 0,50 (voetganger) + 1,50 (minimale afstand) + 0,50 (tegemoetkomende persoon) + 1,50 (minimale afstand tot personen op terras) = 4 meter. Als een straat wat drukker wordt is dat al gauw 5 meter. Slechts op sommige plekken in de binnenstad (denk bv aan het Damrak) bestaat die ruimte.
De tijdelijke maatregelen voor o.a. verkeer in de anderhalvemeter-samenleving zijn hoopgevend, maar bij veel terraslocaties zullen ze geen soelaas bieden.
Dit is door de gemeente erkend, met mogelijke oplossingen, op pagina 64 van de Menukaart Tijdelijke maatregelen openbare ruimte
Hier ontbreekt echter:
Er zijn ook nog deuren naar woningen boven horecazaken met terras. De toegang ligt vaak pal naast het terras. De bewoners, hun bezoekers, de postbode enz. moeten daar wel lopen om er in, uit en bij te kunnen. Het terras zal dus anderhalve meter moeten inschikken. Nog erger wordt het als de toegang tot de voordeur gelegen is tussen twee terrassen of terrasdelen. Dan moeten de bewoners elkaar kunnen laten passeren en is er 2,50 meter doorgang nodig plus aan beide zijden anderhalve meter tot terrasstoelen.
We weten allemaal dat uitwaaieren van terrassen door de meeste exploitanten wordt genegeerd, soms zelfs aangemoedigd (lege stoelen die voor opening precies op de terrasgrens worden gezet, uitwaaiering verzekerd). Handhaving … dat weten we.
De veiligheid voor bewoners en hun bezoekers mag niet afhangen van niet handhavend bedienend personeel. Terrasschotten zijn max. 1,50 meter hoog, kunnen misschien naar 2,10 meter? Maar schotten, of ze nou hoog of laag zijn, aan weerszijden van een doorgang van 90 cm of zelfs minder,
waar men elkaar ook veilig moet kunnen passeren, dat kan echt niet. Ook nu de horeca nog dicht is.
Het is ons een raadsel hoe sommige ondernemers in de binnenstad lijken te denken dat ze gemakkelijk nog kunnen uitbreiden op de stoep van de buren.
Een reactie van een ondernemer in de buurt van de Nieuwmarkt:
“Geef de zaken in het centrum (binnen de S100) tot 11.00 de gelegenheid tot laden en lossen en sluit dan de hele binnenstad af voor autoverkeer. Geef elke ondernemer in eten & drinken de gelegenheid om vanaf die tijd maximaal twee tafeltjes op de straat voor zijn zaak te zetten buiten een eventuele terrasvergunning om, zodat hulpdiensten, fietsers en voetgangers er gewoon door kunnen. Levendigheid, coronaveiligheid en bescheiden toerisme weer mogelijk. Ook goed voor de kleine zaken, niet alleen de grote jongens.”
Wijkcentrum d'Oude Stadt mede namens de bewoners Nieuwmarktbuurt www.oudestadt.nl/terrassen-in-coronatijd/
Burgerinspectie Covid-19
Een nieuw burgerinitiatief is opgestaan: Burgerinspectie Covid-19, oftewel de Coronaatjes, zijn verontruste Amsterdammers die merken dat steeds meer burgers vergeten zich aan de 1,5 meter afstand te houden. De handhaving daarop faalt. Daarom staan de Coronaatjes die gebrekkige handhaving bij. Wilt u ons daarbij helpen? U kunt betaalbare anderhalvemeter-stickers kopen en plakken om mensen eraan te herinneren afstand van elkaar te houden. Ga naar www.coronaatjes.nl of mail ons: info@coronaatjes.nl
De anderhalvemeter-toekomst, is dat wel een optie?
DOOR Dunya
Dat iedereen door deze crisis tegelijkertijd in de onzekerheid gestort wordt wat betreft inkomen, baan, opleiding, bedrijf, dat is natuurlijk een nachtmerrie zonder weerga. Het gaat niet alleen om gezondheid. De samenleving als geheel wordt hierdoor keihard getroffen. De samenleving als geheel ligt op de intensive care.
Iedereen krijgt te maken met de gevolgen. Hoe houd je een theater rendabel met anderhalve meter afstand? Een museum? Openbaar vervoer? Een ziekenhuis? Je restaurant? Het café op de hoek? Supermarkten zien hun winsten stijgen. Eten en drinken.
Maar hoe zit het met wonen? Die toch al véél te hoge huren? En de dure zorgverzekeringen? Hoe ga je dat betalen als je je baan verliest of je bedrijf ziet instorten? Hoe betaal je je hypotheek?
Hoe gaat men om met belastinggeld? Gemeenschapsgeld dat voor het merendeel wordt betaald door de gewone werkende bevolking? Gaat dat naar giga-bedrijven die vorig jaar nog mega-winsten opstreken en uitdeelden aan aandeelhouders
en enkele bevoorrechten? Die nu nog bonussen overwegen? Waar mensen werken die daar nog nooit iets van gezien hebben? Die nu misschien hun baan kwijtraken? Of hun spaargeld?
Hoe staat het met de veelgeprezen kennis en uitgemolken kunst en niet-betaalde kunstenaars? Of broodnodige studenten die arts worden of wetenschapper, maar die verzuipen in de studieschuld?
Hoe staat het met de vele bedrijven en winkels in onze buurt? Redden die dat nog wel? Als dit nog langer duurt? De straten toeristenvrij, maar wel met zijn allen naar de voedselbank?
En hoe doen andere landen dat? Die al veel eerder te maken kregen met gevaarlijke virus-uitbraken? En hoe doet China dat? En Taiwan? En Zuid-Korea? Wél met mondkapjes! Voor iedereen! Én veel testen! Daar zorgt de overheid voor. En isolatie per persoon bij gebleken besmetting! Per test. Hebben zij ook de anderhalve meter? Gaan ze daar niet naar school of theater? Of restaurant? Kunnen wij er niets van leren?
Het quarantuintje
DOOR Denise Rosenboom
Vanuit het quarantuintje – nepgrasmat, zelfgebouwd hekje, tafeltje, twee stoelen, mijn geliefde, een fles wijn en de zon – observeer ik mijn straat.
Rond een uur of vijf wordt het meestal heel gezellig op de stoep. De bewoners van de Geldersekade houden wel van een drankje.
Er hangt een gemoedelijke sfeer en sommige buren zijn ondertussen familie geworden. We delen de kaaskoekjes en de wijn. En als de wijn op is, rennen we naar de Wijnerij van Ton om de hoek, support your locals!
We vinden het allemaal fijn dat de buurt nu zo rustig is. We kunnen weer ademen.
Maar toch valt er iets op. Waar zijn alle andere buurtbewoners gebleven?. Aan de overkant is het extreem rustig en nog een paar straten verder richting de Warmoesstraat lijkt het uitgestorven.
De binnenstad wordt ook wel het spookcentrum genoemd.
We worden opnieuw geconfronteerd met feit dat onze buurt voor veel bewoners onbewoonbaar is geworden. Na een bijeenkomst van “Stop De Gekte” besefte ik hoeveel mensen niet meer in hun eigen huis konden slapen doordat zij nachten wakker gehouden werden door dronken toeristen…
Wanneer ik naar mijn liefde fiets, die in de Jordaan woont, zie ik een buurt die veel levendiger oogt. Het is veel drukker op de stoepjes en er staat een rij voor de supermarkt.
Vanuit het quarantuintje kijk ik naar mijn buren en stel voor om onszelf allemaal als panda te gaan schminken. We zijn een bedreigde diersoort geworden, die zich nog net staande heeft kunnen houden in een veel te drukke leefomgeving.
Ik hoop oprecht dat alle oorspronkelijke bewoners weer terug komen, we missen jullie!
Een coronade
DOOR Peter Commandeur ILLUSTRATIE Mathilde muPe
15 maart. Vandaag is het besluit gevallen dat alle horeca per direct gesloten zal worden. 's Avonds maak ik met een vriendin een wandeling langs de Amstel. De stad is verlaten. We zijn alleen op de straat en het lijkt alsof er een avondklok is ingesteld, alsof de politie ons elk moment van de straat kan plukken.
19 maart. Ik wandel over de Plantage Middenlaan en krijg een heftige niesbui. In februari en maart heb ik last van een allergie voor het stuifmeel van bomen. Tien meter voor me loopt een dame die zich omdraait en mij vernietigend aankijkt. Ze weet me het gevoel te geven dat ik een besmet iemand ben, die niet zomaar rond zou mogen lopen. In de Middeleeuwen moesten melaatsen met een bel lopen, waardoor de gezonde mensen werden gewaarschuwd, dat ze beter even uit de weg konden gaan, omdat er een onrein persoon aankwam. Ik voel me teruggevallen naar de Middeleeuwen.
22 maart. In de trein wordt omgeroepen dat het wordt afgeraden om naar België te reizen. De Belgische autoriteiten staan dat alleen maar toe als je een dringende reden kunt opgeven. Ik had die dag nog wat statistieken gezien over de verspreiding van het virus. In Nederland kwam het net iets minder voor dan in België. Merkwaardig die terugval naar een primitief nationalisme: alle ellende moet wel van buiten de grenzen
komen, en daarom moeten die dicht. Van de Europese Unie, en de vrijheid om over landsgrenzen te reizen, wordt niets meer gehoord.
25 maart. Een wandeling door de roze buurt. De rode gordijnen hangen nog maar de lampjes zijn uit. De buurt is prachtig in de stilte en in het witte licht van de lente. Er is geen dame meer te zien. Ik had altijd gehoord dat prostitutie een verschijnsel was van alle tijden dat zich niet liet onderdrukken. Nou, niet in Amsterdam in 2020. Alle dames waren weg. Ik heb het gevoel dat de buurt weer onderdeel is geworden van mijn leefwereld. Het is vlakbij mijn huis maar het was een soort "no go area", omdat het veel te druk was, vaak zo erg dat je alleen kon schuifelen. Dat is voorbij. Er zijn vier twintigers aan het voetballen op de Voorburg-wal, omdat het er rustig genoeg voor is. Ze zijn overigens wel strafbaar vanwege het samen-scholingsverbod. Het recht op betoging is daarmee ook vervallen, art. 9 van de Grondwet. Het recht op vergadering is inmiddels ook vervallen, art. 11 van het Europees verdrag over de rechten van de mens. Het is verbazingwekkend hoe gemakkelijk en snel zulke mensenrechten wegvallen, en niet eens door een landelijk en democratisch gekozen parlement, maar door een besluit van de voorzitter van de Veiligheidsregio Amsterdam/Amstelland: onze burgemeester. Misschien is het nodig, maar totalitair zijn deze structuren zeker.
26 maart. Een bedelaar wil geld. Ik moet hem teleurstellen, want ik heb geen contant geld. Daarna probeert hij een dame. Die schrikt en springt achteruit, vermoedelijk om de anderhalve meter afstand te behouden. Daarbij komt ze op de weg terecht, voor een auto, die gelukkig bijtijds weet te stoppen. De bedelaar probeert twee anderen. Die lopen met een grote boog om hem heen. Het bedelen is duidelijk erg moeilijk geworden. Eigenlijk zijn bedelaars ook gewoon zzp'ers, die hun baan kwijt zijn door de corona. Maar ik denk niet dat ze van de gemeente een vergoeding kunnen krijgen. En die bedelaar is niet de enige. Een voormalige cliënt hielp mee bij het opzetten van festivals. Dat was nooit een goed verdienende activiteit, maar hij had neveninkomsten uit de verhuur van een kamer in zijn woning: Bed en Breakfast. Beide activiteiten zijn nu weggevallen. Volgens hem kon hij geen aanspraak maken op tegemoetkomingen van de gemeente, omdat het te vaag was. Nou spreekt hij geen Nederlands, en misschien heeft hij de regelingen niet goed begrepen, maar dat had hij gehoord. Er is tenminste afgesproken dat rechters geen ontruimingen uitspreken als corona de oorzaak is van huurachterstand.
31 maart. Op YouTube zie ik als advertentie een filmpje met de stokregel: "Stay home, save lives". Het doen van boodschappen begint een gewetenskwestie te worden. Weegt mijn halfje volkoren wel op tegen die "lives"?
5 april. Het is mooi weer op deze zondag. Ik heb het raam open. Het is heel stil. Vroeger was er altijd wel gepraat en gelach onder mijn raam. Maar dat is voorbij. Eigenlijk mis ik de toeristen. Ze brachten veel vrolijkheid. Vannacht leek het of ik, langdurig, waarschuwingsgeluiden hoorde van een vrachtwagen die onder mijn raam de hoek omging. Het was storend, en vanmorgen hoorde ik het weer. Ik ging kijken en het bleken vogels te zijn. Later hoor ik van iemand die daar beter in zit, dat het Nijlganzen waren. Ook midden in de stad laat de natuur zich tegenwoordig kennen, maar zeker niet altijd tot mijn genoegen.
8 april. Volgens de media zou de rechtbank sluiten en ik kreeg ongeruste cliënten. Het is natuurlijk onzin. De media denken dat de rechtbank zich alleen met criminelen bezighoudt, en de zittingen in hun zaken konden niet zomaar doorgaan. Maar in het civiele recht, dus de huur- en arbeidszaken, schadevergoedingen en geschillen over overeenkomsten – en dat zijn er veel meer dan die strafrechtelijke zaken – zijn de procedures schriftelijk. En die gaan gewoon door. Tussen de schriftelijke reacties door was er meestal wel een zitting en alleen die is nu verdwenen. Maar dat betekent eigenlijk alleen maar minder stress voor de cliënten.
18 april. Over het entrepotdok gelopen. Het was een mooie avond en erg gezellig. Veel mensen waren aan het picknicken op de kade. Ook langs de Kloveniersburgwal hadden veel bewoners stoelen neergezet. Het is tegenwoordig veel leuker dan vroeger om een kleine wandeling te maken. Ik kom vaak bekenden tegen. En iedereen heeft de tijd.
29 april. Ik sprak met iemand die in een café werkte. Ze was het aan het schilderen. Ze zei dat ze nog wel betaald werd, maar zij en de rest van het personeel namen genoegen met minder geld, omdat niemand er iets aan zou hebben als de eigenaresse failliet zou gaan. Maar dat kan geen maanden meer duren. De roze buurt, of eigenlijk de voormalige roze buurt, is nog steeds prachtig stil, maar het begint wel een omineuze stilte te worden. Die grote verzameling van cafés, snackbars, sex shops en wat al niet is al anderhalve maand dicht. Dat gaat niet goed.
11 mei. Ik sprak met iemand die beheerster was van een complex met woningen en bedrijven. Ze ontving de huur en gaf die door aan de eigenaar. Ze hadden het zo geregeld dat ze haar salaris uit de huuropbrengsten van een schoonmaakbedrijf haalde, die ook in het complex gevestigd was. Dat bedrijf leefde van de hotels uit de buurt. Maar dat werk was verdwenen, omdat de toeristen weg waren. Nu was er een huurachterstand van twee maanden, en ze had geen inkomen meer. Bijstand kon ze niet krijgen, want haar baan was er nog. Ze had ook een gehandicapt kind van 8. Ik weet dat het sentimenteel begint te klinken, maar ik verzin niets. Er zijn veel mensen die leven op smalle marges, en dan kan het tegenwoordig snel ophouden.
15 mei. Twee maanden geleden ben ik met dit journaal begonnen en nog steeds ben ik niemand tegengekomen die ernstig ziek is geweest vanwege de corona, laat staan dat ik iemand ken die overleden is. Ik ken alleen een aantal mensen die denken dat ze het misschien wel gehad hebben, omdat ze paar dagen koorts hadden en hoestbuien. Het is wel een gekke ziekte. Het is of hij alleen in de media bestaat, tenminste de dodelijke variant. Die cijfers worden dan ook dag aan dag haast triomfantelijk verkondigd.
Laat ik eindigen met een kwatrijn van Omar Khayyam in de vertaling van J.H. Leopold:
Hoe lang nog zal ik om mijn toekomst beven?
Hoe lang om mijn geluk in zorgen zweven?
Schenk in: ik weet niet eenmaal of ik thans de ingehaalde lucht weer uit zal geven.
Van Franse rommelmarkt naar de Amsterdamse Nieuwmarkt
Toen hij negen was ontwierp Piet Caarls (1990) al stiekem kledingstukken op zolder, terwijl zijn vriendjes buiten voetbalden. Het liefst maakte hij zo vreemd mogelijke kostuums. “Ik wilde altijd al dingen verzinnen die nog niet bestonden.” Zo ontstond de rode (borduur) draad die door zijn werk én zijn leven loopt: herwaardering van het oude door het nieuw leven in te blazen.
Piet besloot om van zijn hobby zijn werk te maken, en begon aan de opleiding fashion design aan Artez in Arnhem. Er ging een wereld voor hem open waarin hij omringd werd door anderen met dezelfde interesse. “Toen ben ik pas echt besmet geraakt met het modevirus.”
Na zijn studie begon hij aan een traineeship bij het merk Balenciaga in modestad Parijs. Nu kan hij lachen om het contrast: “Als arme net afgestudeerde student zat ik daar in
mijn achterkamertje op drie hoog waar ik een poster van Marlène Dumas tegen de muur had geplakt om het minder deprimerend te maken. Dan ging ik de metro in om vervolgens uit te stappen in het chicste arrondissement van Parijs om naar mijn werk te gaan bij een luxe modehuis dat kleding maakt voor de elite…”
Herwaardering van creativiteit
Terug in Nederland begon hij te borduren, een techniek die hij daarvoor nog niet had ontdekt. In de drie jaar daarna ontwikkelde hij zich daar verder in als assistent van modeontwerpers Ronald van der Kemp en Jan Taminiau. Deze heftige baan maakte dat hij na drie jaar even klaar was met de mode-industrie. “Tot dan toe dacht ik dat ik pas gelukkig was als ik bovenaan de ladder zou staan als topontwerper”, herinnert hij zich. “Dat bleek juist niet zo te zijn.”
DOOR Julia Vié FOTO Rogier Fokke
Hij ging als verkoopmedewerker aan de slag bij Gucci in de Bijenkorf, waar hij nu anderhalf jaar werkt. Daarnaast traint hij nieuwe werknemers, omdat hij als ontwerper veel kennis heeft van de materialen. “Ik heb een heel sociale baan en ik ga met heel veel plezier naar mijn werk, maar op een gegeven moment ging ik het creëren ontzettend missen”, zegt hij. “Afgelopen zomer dacht ik: ik wil echt weer iets gaan maken, anders word ik gek.” Hoog tijd om zijn creativiteit nieuw leven in te blazen.
Herwaardering van platenhoezen
Piet kreeg het idee om over oude zwart-wit foto’s heen te borduren. Met zijn moeder ging hij een weekje naar Frankrijk, waar hij rommelmarkten afstruinde in idyllische dorpjes waar haast geen toerist kwam. In plaats van foto’s vond hij heel veel oude platenhoezen. “Het leuke daaraan vond ik dat mensen er vaak hele berichten of liefdesbetuigingen aan de zanger op hadden geschreven.” Net zoals Piet destijds van zijn rommelige Parijse buurtje naar Amsterdam kwam, nam hij nu deze platen van de Franse rommelmarkt mee naar Mokum.
Er zitten ook platen bij die Piet later in Amsterdamse kringloopwinkels op de kop tikte. Zoals de plaat van Corrie Konings die hij zo heeft geschuurd dat er nu alleen nog ‘Cor Amor’ op te lezen is. Wat een liefdesbetuiging aan zijn vriend Cor had moeten zijn, pakte anders uit toen ze de plaat samen opzetten. “Blijkbaar gaat haar liedje over een geliefde die ze zat is, ze zingt: ‘Ga maar weg, ik hoef je niet meer!’ Oeps…”, vertelt Piet. Om deze tegenstelling te laten zien, staat de songtekst in spiegelbeeld afgedrukt in de catalogus die bij de expositie verschijnt.
Het mooist vindt hij de platen die zo versleten zijn dat de marktverkoper zich niet kan voorstellen dat iemand ze nog wil hebben. “Deze platen komen in de kringloop omdat mensen ze als afval zien, maar voor mij waren ze juist een schat”, zegt Piet. “Iets bestaands waar ik iets nieuws van kon maken.” Zo begon zijn project Phoenixxx. Zoals een feniks herrijst uit zijn eigen as, zo brengt Piet deze afgedankte platen weer tot leven. En zo vond hij ook zijn creativiteit weer terug. De drie X’en verwijzen naar het logo van Amsterdam, waar zijn kunstwerken gemaakt zijn en nu geëxposeerd worden.
Herwaardering van maken
Piet bewerkt de platenhoezen op allerlei manieren: hij scheurt en kleurt, borduurt met garen en kralen, tekent en verft. Hij gebruikt de techniek van borduren, die typisch past bij de modediscipline, op een ander materiaal dan textiel. Zijn werk vervaagt hiermee de lijn tussen fashion design en kunst, tussen street art en galeriewerk. “Kleding is zo seizoensgebonden. Dan borduur je iets voor iemand en dan komt het daarna in de kast te hangen. Zonde.”
Zijn werk past goed bij de herwaardering van ambachtelijkheid die we sinds een aantal jaren zien als reactie op een digitaliserende samenleving. Die ambachtelijkheid gaat samen met een herwaardering voor ‘ouderwetse’ dingen die nieuw leven in wordt geblazen. Zoals de trend van het gebruik van textiel in kunst. Tot voor kort werd borduren nog gezien als tuttig, maar nu hangen hele tentoonstellingen vol met hippe, jonge kunstenaars die bewerkelijke textiele kunst maken. En die trend reikt verder dan alleen de kunstwereld: zowel borduren als platen zijn terug van weggeweest.
Herwaardering van eigen kunnen
In de vitrines aan beide zijden van de Sint Antoniesbreestraat in de Amsterdamse Nieuwmarktbuurt wordt al meer dan twintig jaar kunst tentoongesteld in de openbare ruimte. Toen de Commissie Kunst en Cultuur Amsterdam Centrum vroeg of Piet zijn werk wilde exposeren in dit ‘museum op straat’, moest hij daar even over nadenken. “In de modewereld legde ik altijd verantwoording af aan anderen voor de dingen die ik maakte. Ik vond het juist fijn om dat even los te laten en puur te maken wat ik zelf mooi vond.” Hij wilde zijn creativiteit herontdekken en weer creëren voor zichzelf, niet voor iemand anders. Toch besloot hij het te doen en werkte hij een jaar lang bijna elke avond, naast zijn fulltime baan, aan de werken in deze expositie. Mét heel veel hulp van zijn moeder.
Hoewel die samenwerking vrij vlekkeloos verliep, was er ook wel eens een onenigheid. Voor een van de hoezen trok Piet bijvoorbeeld de plattegrond van Amsterdam over. Zijn moeder trok die weer over op canvas, maar zette per ongeluk één lijntje midden door de Herengracht. “We waren allebei een kwartier lang in paniek omdat we bang waren dat alles opnieuw moest,” herinnert Piet zich. “maar uiteindelijk vond ik die imperfectie juist iets moois om te omarmen.”
Dit is voor het eerst dat er unieke kunstwerken in de vitrines van de Sint Antoniesbreestraat hangen, in plaats van foto’s van werken. “Ik vind het tien keer leuker om hier op straat te hangen dan in een galerie, want ook mensen die er niet om vragen komen mijn werk nu onverwachts tegen”, vertelt Piet. En onverwachts zijn zijn werken zeker. Hoe fouter de platenhoezen, hoe beter. “Dat hele kitscherige wil ik dan juist overdrijven, of daar iets vreemds van maken”, legt hij uit. “Juist als je uitersten bij elkaar brengt, krijg je een interessant beeld.” Zo heeft hij bijvoorbeeld het gezicht weggeschuurd van een oubollige Franse pianist en er het eigentijdse woord Bromance overheen geschilderd. Lachend: “Die zanger draait zich waarschijnlijk om in het graf.” Maar Piet heeft zijn werk wel mooi weer tot leven gebracht, als een feniks uit zijn as.
Catalogus te bestellen via www.kunstencultuurcentrum.nl Vitrine-expositie Phoenixxx is te zien van 19 juni tot en met 19 december 2020
Gedichtenpagina
Heimwee
naar hoop
Nog voor de avond valt
Tussen een zee van fietsen, dronken tieners
In een rechte lijn, stuiterende vlinders in je buik, Loop je naar het plein
De muziek hoorde je al
Altijd iets met trotse koperblazers die een volle tent tot dansen jagen
Of een verlegen blozende puber die voorzichtig rommelt op een bas
Aangekomen overweldigd
De Waag lijkt te waken over de krioelende mensenmassa
Je drinkt het liefste bier, maar plots verlang je verschrikkelijk naar Sangria
De rode gele lampen de oranje waas van straatlantaarns
Verderop klinkt de aanstekelijke melodie van vallende bekers op straatstenen
Een jongen in een bloemetjesschort zwiert langs je heen
Elk jaar toch weer een beetje hetzelfde recept
Hoe het steeds voller, drukker, krioelend van de mensen en we steeds vloekend onze vrienden zoekend het plein op lopen
Eerst een beetje klagen, maar ook weten
Dit is thuis komen
Hoe je van de Cantina, naar de Molina, naar de torenkamer, naar zweef
Verhuisd naar de toekomst
een vliegende hond in de pot verzoent ons met de dag
de mens verspreidt het vuur van haar geboorte als draden in de nacht
een kroon van de schepping daalt neer, de aarde barst open de dichter wordt niets gevraagd, hij laat Gods water over Gods akker lopen
visite staat voor de deur in huis blijft het stil
we zijn verhuisd naar de toekomst op tafel ligt mijn bril
Bert Baanders, April 2020
De dagelijkse beslommeringen vergeet
En de tappen staan open
Het bier blijft stromen en zelfs met regen lijkt het plein
eind april nog zonovergoten
Je staat al pratend op repeat, oude vrienden die je ziet en je strompelt met een beker in de hand wetend dat je halverwege toch weer verzandt
Vallend in de armen van oude bekenden
Knoflookademkussen uitdelend
Terwijl kinderen opgetogen langs je rennen
Weet je: dit gaat nooit vervelen
Terwijl we dansen, pijn van het lachen in onze kaken, allerlei mensen in soorten en maten
Samen
En dan na dagen van spelletjes, bijpraten, dronkenschap of katers
Na dagen doorzakken, blijven plakken, vegen, bezeten leven, stampend dansen op de vlonders
Schreeuwt iemand iets over een laatste ronde
Liggen de theedoeken weer op de tap
De lichten doven, rook stijgt op rond de zweefmolen
Rolt er al lachend een traan over je wangen
Omdat je weet dat dit betekent, weer een jaar geduld, weer een jaar wachten
Zeg je zachtjes tegen jezelf, tegen elkaar
Dag lief Aprilfeest, tot volgend jaar.
Randa Peters
Wees besmettelijk
Waarom is er geen virus
dat van hand tot hand gaat, deze handen doet scheppen en stichten vaccins, wegen, vrede
Waarom is er geen virus dat handen laat schudden dat kapjes laat vallen van monden die niet mogen spreken
Waarom is er geen virus dat reikt tot gesloten torens het ivoor verbrokkelt en de luiken opent
Dat virus
kunnen wij kweken hou geen afstand reik me je hand
Fausto van Bronkhorst
Een wereld gepauzeerd
Een wereld gepauzeerd
Ontdaan van stroming
Teruggezet naar
Fabrieksinstellingen
Een stille stad
Straten ontmenst
Het spel van God gewist, Is hij opnieuw begonnen?
Opnieuw beginnen
Dat wil ik
Een schone lucht
Mensen weer neerzetten in de straten
Maar nu zonder dat de een
Verder kan springen
Dan de ander
Een wereld gepauzeerd
De duiven op de pleinen
Hebben ons brood niet nodig
Kom, zet de mensen weer neer
Maar met de ogen meer geopend
De harten nu groter
Fausto van Bronkhorst
Merel Huizinga, Amsterdammer van het Jaar, gaf eind april een tuinconcert voor buurtbewoners rondom het Delflandplein.
De lieve stad laat zich van haar beste kant zien
17 maart 2020, lockdown dag één. Boem, en toen waren heel veel trouwe vrijwilligers in één klap ‘werkloos’. Dit aangezien veel Amsterdamse vrijwilligersorganisaties hun deuren tijdelijk hebben gesloten vanwege de coronamaatregelen. Maar, de telefoon van Vrijwilligers Centrale Amsterdam staat vanaf deze dag ook roodgloeiend: uit alle hoeken van de stad meldden zich nieuwe vrijwilligers die júist nu iets goeds willen doen.
Mensen die praktische hulp willen bieden aan buurtgenoten, kwetsbare ouderen willen steunen, kinderen digitaal willen helpen met huiswerk, etc. In een ijltempo zette Vrijwilligers Centrale Amsterdam (VCA) een speciale coronahulppagina op, waar alle huidige vrijwilligersmogelijkheden in de stad op een rij staan en waar je je direct kunt aanmelden. Deze pagina is inmiddels al ruim 8.500 keer bezocht.
"Eigenlijk moet je áltijd zorgen voor degenen die dat nodig hebben"
Eén van deze weldoeners is Mohamed: “Het geeft mij echt voldoening dat ik juist nu iets kan betekenen. Ik maak grote pannen soep voor Amsterdammers die de deur niet uit kunnen. Dat is een kleine moeite voor mij. Eigenlijk wel gek dat ik hier nu pas, nu het crisis is, aan denk om te doen. Eigenlijk moet je áltijd zorgen voor degenen die dat nodig hebben.”
Samenwerking VCA en Voor Elkaar in Amsterdam
Gelijktijdig is VCA gaan bellen met de honderden vrijwilligersorganisaties in de stad om te polsen wie door blijft gaan met de activiteiten in aangepaste vorm en wie juist nu extra handen kan gebruiken. Dit is onder meer het geval bij De Regenboog Groep, het Leger Des Heils, Burennetwerk en stichting Prisma. Hierdoor zijn de plekken waar de nood hoog is duidelijk in kaart gebracht en kunnen matches gericht
FOTO Cindy Bakker
worden gemaakt. Met deze reden is Vrijwilligers Centrale Amsterdam ook een samenwerking aan gegaan met Voor Elkaar in Amsterdam. Dit gelegenheidsinitiatief noteerde in korte tijd maar liefst meer dan 5.000 aanmeldingen van nieuwe vrijwilligers, terwijl het aantal hulpvragen die zij binnenkrijgen vele malen lager is. Om de vrijwilligersenergie niet verloren te laten gaan en de enorme toestroom van nieuwe vrijwilligers enigszins te geleiden wordt een deel van de mensen op de wachtlijsten nu ook gewezen op de andere vrijwilligersmogelijkheden in de stad.
Zoveel inzet, zoveel bereidheid om elkaar te helpen, zoveel hartverwarmende vrijwilligersenergie. De lieve stad laat zich in deze gekke tijd van haar beste kant zien!
Wil jij ook iets goeds doen? Kijk op www.vca.nu/coronahulp
Fotobijschrift: Merel Huizinga, Amsterdammer van het Jaar, gaf eind april een tuinconcert voor buurtbewoners rondom het Delflandplein.
BERICHTEN UIT DE TEKENKLAS 15
Hoera!
Ik kan weer een live tekenles geven, na zes digitale tekenlessen te hebben gemaakt. Het kon wel alleen als we naar buiten gingen, maar dat is juist zo leuk! Gebruik makend van de contouren van de Aprilfeesten op de Nieuwmarkt maakten de kinderen een grote stoepkrijttekening van zes Chinese draken die in een cirkel elkaars staart vast houden. Jammer dat het de volgende dag hard ging regenen, zodat dit tijdelijke kunstwerk nog alleen vaag te zien was, maar het plezier straalde ervan af!
De week erna tekenden we de Montelbaanstoren, wat inhoudt dat je heel goed moet kijken. Resultaat: 17 verschillende torens!, allemaal even mooi.
Barbara
Herstart van de Open Ateliers Nieuwmarkt
Na meerdere edities van de Open Ateliers Nieuwmarkt, was het een poosje stil. In 2019 is het evenement, waarbij kunstenaars in de Nieuwmarktbuurt hun ateliers openstellen voor buurtbewoners en andere belangstellenden, niet doorgegaan. Het oude bestuur trad af en er moest een nieuw bestuur gevonden worden. Dat is nu gelukt: vijf nieuwe bestuursleden zijn in mei van dit jaar begonnen met de voorbereidingen en Open Ateliers Nieuwmarkt 2020 staat in de startblokken.
Mirjam Zweers is voorzitter, John van der Zwan penningmeester, Jan van Goor algemeen bestuurslid, Joost de Wolf PR en Heleen van Deur secretaris. Vanzelfsprekend zal dit jaar alles anders zijn dan voorheen vanwege het coronavirus. We zullen rekening moeten houden met de anderhalve meter afstand en de veiligheid van de bezoekers. Er komt wellicht meer nadruk te liggen op de website en sociale media. Toch proberen we zoveel mogelijk van het elan van de ateliers in onze mooie buurt te behouden en er alles aan te doen om de kunst, de kunstenaars én het publiek met elkaar in contact te brengen.
Het bestuur zou graag gebruik maken van buurtgenoten die een handje mee willen helpen met de organisatie. Gezien het vroege stadium waarin de organisatie nu nog zit, kunnen we nog niet precies zeggen voor welke klussen we hulp zoeken, maar heb je niettemin toch al interesse? Meld je dan aan, je bent welkom!
Stuur een e-mail naar info@ateliersnieuwmarkt.nl
Tekening Montelbaanstoren: Doris
Even buurten bij ...
In deze serie komt elke keer een buurtbewoner aan het woord die vertelt hoe hij/zij de Nieuwmarkt ervaart. Wat is er leuk, mooi of lelijk in de buurt? Deze keer Anneke Hardick.
DOOR Mieke van Beeren FOTO Rogier Fokke
“Dag buren van de Nieuwmarkt. Ik ben Anneke en woon sinds zeven jaar in deze prachtige buurt. Ik ben geboren in Duitsland en getogen in Venlo, Noord-Limburg. Voor mijn studie politicologie ben ik naar Amsterdam verhuisd. Vanaf de Oudemanhuispoort, waar ik studeerde, deed ik mijn eerste stappen op en in de omgeving van de Nieuwmarkt. Gelijk was ik betoverd door de sfeer, oude huizen en de historie van dit stukje oud Amsterdam. Toen ik in Zuid woonde en in Noord werkte fietste ik elke dag heerlijk door de buurt. Later kwam ik via via op de Prins Hendrikkade te wonen. Het uitzicht op het Oosterdok bij zonsopgang, ik word er steeds weer gelukkig van.
sfeer en de mensen zijn over het algemeen ruimdenkender dan in andere delen van Nederland.
Anneke Hardick
Ik werk bij Artsen Zonder Grenzen op de Plantage Middenlaan. Daarnaast werk ik een dag in de week voor Entrée, de jongerenvereniging van Het Concertgebouw. Deze jongerenclub is 26 jaar geleden opgericht om jongeren tot 35 jaar te introduceren aan klassieke muziek en een stimulans te geven om concerten te bezoeken. De klassieke muziek kan voor jongeren een stoffig laagje hebben, wat Entrée wegblaast met afterparty’s rondleidingen en interviews met musici. Bovendien zijn concertkaartjes prijzig. Jongeren kunnen als lid van de Entrée korting op de toegangskaarten krijgen. Het fijne van wonen in Amsterdam is het leven in een omgeving die veel te bieden heeft aan allerlei cultuur vormen. Ik ben als kind niet overgoten door de Nederlandse cultuur, maar heb er door mijn vader, die architect was en via mijn overgrootvader conservator van musea in Berlijn, onbewust toch veel van meegekregen. In Amsterdam heerst een open
Deze Corona periode vind ik ook een mooie kant hebben. Voordat de intelligente lock-down maatregelen werden ingevoerd liepen de mensen met snelheid door de buurt. Ze gingen snel door de stad, opgejaagd door adrenaline naar steeds weer het volgende: werk, concert, boodschappen, sport en het sociale leven. Deze tijd geeft meer ruimte om na te denken. De snelheid en drukte is uit de buurt. De mensen die je ziet op straat ziet zijn de buurtbewoners. Ze kijken weer naar elkaar en spreken elkaar meer aan. Als ik nu op straat loop zie ik ook zoveel nieuwe dingen. Ik merk dat ik nu bewuster kijk naar de schoonheid van de stad en ontdek vol verwondering de geheimen. Van huis tot huis en van straatje naar straatje. De kinderen hebben weer de ruimte om op de stoep krijttekeningen te maken. De stilte en de leegte hebben ook iets spannends.
Vanaf de Oudemanhuispoort, waar ik studeerde, deed ik mijn eerste stappen op en in de omgeving van de Nieuwmarkt. Gelijk was ik betoverd door de sfeer, de oude huizen en de historie van dit stukje oud Amsterdam.
Toen ik hier pas kwam wonen dacht ik: Veel te toeristisch, niets voor mij. Maar snel bleek dat er veel leuke plekken zijn waar de buurtbewoners komen zoals de Engelbewaarder en café Stevens. Ik ken nog niet veel menen in de buurt maar via de Sportschool Sport City maak ik weer leuke nieuwe contacten.
Heel graag zou ik in de Nieuwmarktbuurt blijven wonen, en hoop een mooie vervanging te vinden voor het huidige appartement waar ik niet langer kan blijven wonen. Alle tips zijn welkom.“
Even denken
2020 -2
De denker zit op zijn voetstuk in de beeldentuin van het Rodinmuseum. Het museum is die dag weer voor het eerst open na de Coronasluiting. De eerste bezoekers zullen zo wel de tuin in komen. Wat denkt hij op dat moment volgens u?
Stuur uw antwoord in (maximaal 15 woorden), misschien wordt het wel in het volgende nummer geplaatst.
Inzendingen Even denken 2020-1
De vraag was: Ongetwijfeld zou Gounod genieten van de Aprilfeesten op de Nieuwmarkt. Maar hoe zou hij zijn mening daarover onder woorden brengen? Er zijn geen inzendingen binnengekomen.oefeningen binnengekomen.
Gratis Online training voor werkende mantelzorgers
Werkende mantelzorger kunnen gratis deelnemen aan de training ‘Werk en mantelzorg combineren’ van Markant. De training bestaat uit twee sessies via beeldbellen. Deze vinden plaats op 26 juni en 3 juli van 10.00-12.00 uur. Onderwerpen: wat bespreek je met je collega’s en leidinggevende, hoe krijg en houd je de regie, grenzen stellen, hoe zorg je voor meer energie?
Ervaring met beeldbellen is niet nodig. Na aanmelding ontvangt men een instructie. Aanmelden bij Markant, centrum voor mantelzorg 020-8868800 / info@markant.org
Kijk voor meer mantelzorgondersteuning op www. markant.org
Amsterdams Marionetten Theater
AMT Junior THUIS: elke week een leuke opdracht
Thuis aan de slag ! Doe je mee? Speciaal voor onze jongste bezoekers maken wij vanaf de start van de lockdown: AMT Junior THUIS, met elke week nieuwe opdrachten. Onze marionetten vinden het heel jammer dat je niet naar ons theater kunt komen, omdat de theaters gesloten zijn. Maar thuis kun je ook aan de slag!
Deze week: Spelen met Schaduwen Verander vandaag nog je kamer in de magische wereld van de schaduwen! Doe je mee? Dat kan heel gemakkelijk want het enige dat je echt nodig hebt zijn een laken, lamp en een flinke portie fantasie. Maak je eigen voorstelling en nodig je ouders uit om te komen kijken! Veel plezier! Aan de slag: marionettentheater.nl/juniorthuis/ We vinden het leuk als je een foto opstuurt naar: info@marionettentheater. nl Of deel je foto op Instagram met: @amsterdams_marionetten_theater
Vorige opdrachten:
• Week 8 Puzzel: Onze molenaar is in de war…
• Week 7: Kleurplaat met prijsvraag
• Week 6: Marionetten-Kruiswoord
• week 5: Maak je eigen Marionet marionettentheater.nl/juniorthuis/
Theater: Nieuwe Jonkerstraat 8, Amsterdam (bij de Nieuwmarkt).
Meer informatie, foto's en filmpjes: www.marionettentheater.nl
ILLUSTRATIE
OPVALLENDE BUURTGENOTEN
SCHOONMAKER
ELKE DAG WERKEN HONDERDEN VUILNISOPHALERS EN REINIGERS AAN HET SCHOONMAKEN VAN DE STAD. NU IK ELKE OCHTEND AAN HET WANDELEN BEN, ERGER IK ME GROEN EN GEEL AAN VERVUILING OP STRAAT. ER LIGT VAN ALLES NAAST DE CONTAINERS: MATRASSEN, ROLLEN VLOERBEDEKKING, OUDE WASREKKEN EN KAPOTTE STOELEN. VUILNISZAKKEN DIE OP HET VERKEERDE MOMENT BUITEN WORDEN GEZET OF GEWOON NAAST EEN CONTAINER EN DOOR HONGERIGE MEEUWEN WORDEN OPENGESCHEURD. ZWERFAFVAL DAT GEWOON OP STRAAT WORDT GEGOOID, TERWIJL DOOR DE HELE STAD PRULLENBAKKEN STAAN. DE SCHOONMAKER DIE IK GETEKEND HEB WIL ANONIEM BLIJVEN. IK ZIE HEM 'S MORGENS VROEG VERSCHILLENDE KEREN PER WEEK RONDOM HET WATERLOOPLEIN DE BOEL SCHOONMAKEN ZONDER GEMOPPER. VOOR MIJ IS HIJ EEN HELD.
Vanaf maandag 18 mei toont de gevel ART = LIFE = ART, een initiatief van bestuursvoorzitter en kunstenaar Babeth M. VanLoo. Voor dit project geven vijf vrouwelijke kunstenaarsleden van Arti een reactie in beeld op de huidige tijd. Deelnemende kunstenaars:
Diana Blok is a Uruguayan- Dutch visual artist focusing mainly on photography and installation. Through her work she confronts issues concerning gender, sexuality, feminism and esthetic codes with a clear eye for poetry and beauty.
Maartje Jaquet maakt tekeningen van mensen op straat, in de tram, in de wachtkamer, in de metro. Met een zwarte pen, of met pen en aquarel. Met als uitdaging om met een minimum aan lijn en kleur de geportretteerden te laten zien, een menselijkheid die over alle grenzen heen gaat.
Babeth M. VanLoo werkt als kunstenaar en cultureel ambassadeur aan de ‘Sociale Sculptuur’ waarin bewustwording en innerlijke ontwapening centraal staan. Mede-oprichter van de Boeddhistische Omroep waarvan zij 13 jaar programma-directeur was, en het huidige voorzitterschap van Arti et Amicitiae zijn daar voorbeelden van.
Mathilde muPe werkt voornamelijk in mixed media met diverse technieken, waaronder fotografie en installaties. Mens, maatschappij en/of kleur zijn terugkerende thema's in haar werk, ongeacht haar gereedschap en materiaal.
Eva Gonggrijp is multidisciplinair kunstenaar. Zij studeerde schilderkunst en grafiek. Gedurende haar carrière ontdekte zij de kracht van uitwisseling via multimedia en crossover disciplines en werd het element van interactie steeds belangrijker in haar werk. Op initiatief van het bestuur van de Amsterdamse kunstenaarsvereniging Arti et Amicitiae op het Rokin is een groot deel van de pui van het gebouw hermetisch dichtgetimmerd. Op die façade plaatst Arti elke twee weken wisselende quotes en kunstuitingen zolang Arti nog gesloten is. Arti communiceert met deze uiting dat Arti weliswaar geheel volgens de richtlijnen van het RIVM gesloten is maar dat het maken en propageren van kunst onvermoeid doorgaat.
Woensdagochtend rond 09:30 (nader te bevestigen) Kennismakingsles 5€ Aanmelden bij Yvet 06 30846508 Thuis omkleden, je eigen mat mee en 1,5 meter afstand! Ik zorg voor desinfecteermiddel Bij ziekteverschijnselen: blijf a.j.b. thuis Alle COVID-19 richtlijnen worden gerespecteerd!