Skip to main content

OpNieuw_2018_01

Page 1


OpNieuw

Colofon

OpNieuw is het blad voor de Nieuwmarktbuurt, door en voor buurtbewoners.

OpNieuw wordt gratis huis aan huis verspreid in het gebied dat begrensd wordt door Geldersekade, Oosterdok, Uilenburg, Zwanenburgwal, Staalkade, en ‘s Gravelandsveer, Kloveniersburgwal en Nieuwmarkt en op Oosterdokseiland.

Deze uitgave wordt mede mogelijk gemaakt door Stadsdeel Centrum en de Koninklijke Nederlandse Akademie voor Wetenschappen.

Redactie

Tom Blits (vormgeving), Sati Dielemans, Roos Hendriks, Nanny Kok, Martijn van der Molen, Henk Oldeman, Riëtte van der Plas, Lisa de Rooy en Dunya Willeman.

Medewerkers aan dit nummer

Peter Commandeur, Bert Baanders, Mieke van Beeren, Elektra, Rosa van Giessen, Maarten Henket, Flip Lambalk, Mieke Lokkerbol, Sandra Rottenberg, Fenneke Voorsluis, Barbara Wichers Hoeth, Gee de Wilde.

Voorplaat

Ingrid Engels, collage. Foto Hes van Huizen

Achterplaat

Nanny Kok

Bestuur Stichting OpNieuw bestuur@opnieuw.nu

Bob Vos en Gerda Kievit

Uitgave

Stichting OpNieuw Amsterdam K.v.K. 41209382

Donaties

NL68INGB 0006037046 t.n.v. Stichting OpNieuw, Amsterdam

Redactieadres

Recht Boomssloot 52, 1011 EC Amsterdam redactie@opnieuw.nu

Advertenties advertenties@opnieuw.nu 06-41491757

De advertentieprijs is vastgesteld op €0,90 zwart/ wit en €1 kleur, per vierkante centimeter.

Website: www.opnieuw.nu

Bezorgers

Beiki Bakker, Iek Boeles, Mariken de Goede, Johanneke Guldemond, Marcel Gutz, Lea Israels, George Janszen, Nico de Jong, Femke Koens, Jaap Kroeger, Machiel Limburg, Evelien van Os, Kris Peeters, Cor Portasse, Antje Postma, Dymph Rutten, Joost Schings, Piet Seysener, Hans van der Sluis, Barbara Wichers Hoeth, Niko Wijnbeek, Dunya Willeman en Thera van Zaal.

Deadline volgende OpNieuw 18 mei 2018

Vertel het ons

Eind oktober 2017 is er een enquête gehouden onder een deel van de lezers van OpNieuw om te zien of “de mensen nog geïnteresseerd zijn” in OpNieuw. Over de resultaten schreef bestuurslid Bob Vos in het decembernummer een eerste reactie. Het aantal ingevulde enquêtes is groot en vooral de ouderen in de buurt spraken zich eenduidig positief uit over OpNieuw.

De mensen die gereageerd hebben, lieten weten wat ze wel goed of niet goed vinden in OpNieuw, wat ze missen en ze gaven suggesties. De redactie wil in dit stukje proberen een samenvatting te geven van deze reacties.

Een greep uit de loftuitingen: “blij als ik de OpNieuw weer in de bus vind”, “fantastisch blad”, “OpNieuw is een heel goede buurtkrant en dat is zeldzaam”, “Opnieuw zorgt voor een soort van buurtgevoel”, “interessant blad, veel info”.

Naast de positieve reacties zijn er ook een aantal mensen die een meer negatieve mening over OpNieuw geven. Er zijn mensen, die vinden dat de presentatie te wensen overlaat, anderen vinden de artikelen te lang. Ook wordt het blad soms oubollig genoemd. En de vraag wordt gesteld of een papieren blad in deze digitale tijd nog thuishoort.

Op de vraag wat men mist in OpNieuw kwamen vele reacties. Meerdere malen werd gevraagd om meer informatie over evenementen en buurtactiviteiten zoals bijvoorbeeld het programma van de Boomsspijker, evenals praktische informatie over aankomende werkzaamheden, plannen van de gemeente en informatie over relevante politieke ontwikkelingen voor de buurt. De een mist de actualiteit, de ander mist verhalen over de geschiedenis van de buurt. Verhalen over vroeger van oude bewoners en verhalen over de bewoners.

Suggesties waren er volop: een breder samengestelde redactie, jong bloed in de redactie; het grafische concept opfrissen; een dunner blad met kortere verhalen; iets digitaals wat vaker verschijnt met kortere verhalen; graag herinneringen van buurtbewoners; eventueel een jaarlijkse bijdrage voor OpNieuw van 5 à 10 euro.

De vele reacties op de enquête zijn voor de redactie een teken van betrokkenheid van de buurtbewoners. De mooie en leuke woorden geven de redactie kracht en plezier om door te gaan. De bovenstaande meningen en suggesties zijn voor de redactie een richtlijn om te zoeken naar hoe een verandering aan te brengen.

OpNieuw in een digitale vorm is niet wat de redactie met OpNieuw voor ogen heeft en de digitale OpNieuw zal er zo snel niet komen. Juist de vorm op papier geeft tegenwicht in deze vluchtige tijd. Een bredere redactie en meer jong bloed is iets waar de huidige redactie heel blij mee zou zijn. Wij nodigen iedereen die denkt een zinvolle bijdrage te kunnen leveren, van harte uit voor een gesprek.

Namens het bestuur en de redactie van OpNieuw, Mieke van Beeren

Wij hebben de volgende donaties ontvangen: 3x 30,- van Willers, 1x 10,- van Wels / Vink, 40,- van I. Schnabel, 50,- van T.J. Bos Hartelijk dank daarvoor!

5 Bij de voorplaat

De collages van Ingrid Engels

“Voorwerpen die na hun vorig leven werden afgedankt vinden bij haar, in een totaal ander verband, een nieuwe bestemming”

14 Stel je voor door Elektra

Er is een begrotingstekort van 240 miljoen in 2016 en er wordt over wanbeleid gesproken. De gemeente wil dit aanpakken, en een commissie van marktondernemers op het Waterlooplein wordt gevormd om de kantoren van de ambtenaren op het stadhuis te reorganiseren.

18 De cirkel weer rond aan de Recht

Boomssloot, Sandra Rottenberg ‘Maar ik ben hier geweest, ik heb hier gespeeld als kind’, fluisterde hij. ‘Wist je dat mijn grootouders hier aan de overkant zijn komen wonen toen ze uit Polen naar Amsterdam emigreerden? Ze hadden er ook hun bedrijf.’

9 Natuur in de stad door Rosa van Giessen

Door alles te betegelen en asfalteren verstikken we dit leven. En dat is het gevoel wat ik krijg in de stad, een claustrofobisch gevoel. Dus nee, er is bij lange na niet genoeg natuur in de stad. Het is niet iets wat “leuk is om er bij te hebben”.

6 Op zoek naar de actievoerders van toen

Interview met Gertrud Pijnenburg door Lisa de Rooy Gertrud heeft deelgenomen aan de Aktiegroep Nieuwmarkt in de jaren zeventig. Tot begin jaren ’90 woonde zij in gekraakte gebouwen. De gebeurtenissen in die tijd hebben haar karakter voor een groot deel gevormd.

en verder

2 Vertel het ons, Mieke van Beeren

10 Wie verschuilt zich achter “we”?, Sati Dielemans

11 Jan Piet Puype, Riëtte van der Plas

13 Verwonderen, Fenneke Voorsluis

15 De wereld van de Zeedijk, Sati Dielemans

15 Mooi oud, Maarten Henket

19 Nieuw in Huis de Pinto

20 Nieuw bestuurlijk stelsel

21 Belangrijke mensen, Peter Commandeur

22 Profileren in nederigheid, Gee de Wilde

23 Wat bezielt de bestuurscommissie?

26 De 400-ste verjaardag van Jan Sixt, Gee de Wilde

29 Berichten uit de tekenklas

30 Renovatie metrostation Nieuwmarkt

31 In De Buurt

Heeft u ook last van de volgende

* Slapeloosheid

* Spanning

* Migraine

* Maagklachten

* Gewrichtsklachten

* Rugpijn

* Jicht

* Schouderpijn

* Stijve nek

klachten?

* Sportblessures

* Verstuikingen

* Tennisarm

* Muisarm

* Beroerte

* Reuma

* Zenuwpijn

* Neurose

* Of iets anders?

Mercy

Chinese Medical

善心國醫館痛症治療中心

Traditioneel Chinees Geneeswijze: Tuina massage, kruidenbehandelingen, acupunctuur, en nog veel meer!

Vragen en reserveren:

Adres:

Website:

020-7723536 / 06-42850388

Dr. Zhi Xiong Li & Dr. Sau Ying Liu Sint Antoniesbreestraat 74 1011 HB, Amsterdam www.mercytcm.nl

BEHANDELINGEN KOMEN EVENTUEEL IN AANMERKING VOOR TERUGBETALING DOOR DE ZORGVERZEKERING

MACBIKE OOK ONDERGRONDS

MACBIKE OOSTERDOK, onder de OBA MacOosterdok93x73.indd 1

De hele buurt weet inmiddels wel dat je lekker kunt eten bij Captein & Co en dat het er gezellig is. Wil je eens geen buurtgenoten zien, bezoek dan ook eens ons filiaal in Zuid-India!

Fietsreparaties en onderhoud. Lekke bandenservice. Verkoop van nieuwe en gebruikte fietsen. Fietsverhuur. Dagelijks geopend van 09.00-17.45 uur. Oosterdokskade 149, info@macbike.nl, macbike.nl

Gratis Waardebepaling

jnc-ict

06 53 81 62 81 remco@promakelaars.nl

Gebruikt u nog Windows XP of Office 2003? Op 8 april 2014 stopt Microsoft met het repareren van beveilingslekken voor Windows XP en Office 2003. Uw computer staat vanaf die datum wagenwijd open voor allerlei soorten van misbruik.

oplossen wifi problemen

Slecht bereik, traag wifi, verbinding valt regelmatig weg? jnc-ict is gespecialiseerd in het installeren, verbeteren en uitbreiden van wifi voor particulieren en bedrijven.

U dient tijdig over te stappen naar een latere versie van Windows en Office. Wij kunnen deze wijziging zonder onderbreking van uw bereikbaarheid uitvoeren. Neem vrijblijvend contact met ons op voor advies.

jnc-ict

Jonas Daniël Meijerplein 36 Jonathan Cohen 020-627 4732 / 06-2506 4567 www.jnc-ict.nl info@jnc-ict.nl

Adverteren in OpNieuw? advertenties@opnieuw.nu

De collages van Ingrid

Er is maar één winkeltje in dat korte straatje met de lange naam, de Houtkopersdwarsstraat. Een pijpenla is het, breed en heel ondiep, maar gelukkig met ramen over de gehele breedte. In tegenstelling tot andere winkels kan het per maand gehuurd worden, dus het aanschijn ervan verandert geregeld.

Toen ik er deze maand, januari, langs liep, zag ik een niet te omschrijven verzameling speelgoed uit verlopen en moderne tijden, boeken in allerlei vormen, voorwerpen, kleren; door de sfeer van de ruimte en de mensen erin vormde die grote verscheidenheid toch een geheel. Mijn aandacht werd getrokken door een aantal collages die aan de muur hingen. De verkoper zag mij kijken en zei, met duidelijke trots in zijn stem: “Daarvoor moet je bij mijn moeder zijn, Ingrid, ze zit daar achterin”.

Ingrid Sonja Engels bleek inderdaad de maker te zijn van die heel bijzondere collages. Evenals de hele verzameling daarbinnen waren die niet te beschrijven; een duidelijke verwijzing naar de verwantschap tussen moeder en zoon. Zij was, vertelde ze, jaren geleden begonnen met collages van uitknipsels uit tijdschriften, meestal afbeeldingen van groente en fruit. Gestimuleerd door reacties uit haar omgeving, breidde ze haar hobby steeds verder uit. Voorwerpen die na hun vorig leven werden afgedankt vinden bij haar, in een totaal ander verband, een nieuwe bestemming. Kapotte sieraden, prullaria, onbestemde voorwerpjes brengt zij met haar fantasie samen tot kunstwerken waar je blij van wordt. Een literair aange-

Voorwerpen

die na hun vorig leven werden afgedankt vinden bij haar, in een totaal ander verband, een nieuwe bestemming

legde beschouwer zou gemakkelijk kunnen spreken over ‘gedichten in een lijstje’. Ingrids zoon Tim had het winkeltje gehuurd voor januari en februari voor zijn eigen verzameling, die bedoeld is voor de verkoop. De werken van Ingrid zijn in dit verband eerder bedoeld als expositie, niet zozeer om te verkopen. Niet alleen ik was gefascineerd door de maaksels van Ingrid. Ook buurtgenoot Peter Spruijt zag er waardevolle mogelijkheden in. Hij zet zich in voor natuurcentrum Nemoland in het Reuzengebergte, in zuidelijk Polen nabij de Tsjechische grens. De oorspronkelijk Duitse bevolking in die omgeving werd na de Tweede Wereldoorlog verdreven en vervangen door Polen, die al eerder uit hun eigen land (het huidige Oekraïne) verdreven waren en die nu hier een nieuw woongebied vonden. Nemoland is een project van de natuurcoöperatie Nemo (www.nemoland.nl), die het beleven en genieten van de natuur ten doel heeft. Bij zijn contacten met de bevolking had Peter ge-

TAALCOACHES GEZOCHT

Het project ‘Nederlands Spreken’ van Stichting KansenNet zoekt vrijwilligers die taalondersteuning willen geven aan mensen die de Nederlandse taal aan het leren zijn. Het gaat niet alleen om vluchtelingen maar ook om mensen die om wat voor reden dan ook in Nederland zijn komen wonen en hier willen blijven. De bedoeling is de spreekvaardigheid van de Nederlandse taal te vergroten, de anderstalige heeft daartoe vaak weinig gelegenheid.

Van onze taalcoaches vragen wij geen specifieke vaardigheden, alleen dat de Nederlandse taal hun moedertaal is en dat ze bereid zijn wekelijks één tot twee uur met de anderstalige te praten. Het gaat dus om ‘praten met elkaar’ en niet om ‘les geven’. Van de anderstaligen vragen wij wel een basiskennis van de Nederlandse taal.

Heeft u belangstelling voor dit boeiende en zinvolle werk bel dan met KansenNet/ ‘Nederlands Spreken’ telefoon: 06 47 49 90 17 (ma+di+woe van 10.00 – 13.00 uur) of mail naar: ‘nederlands@kansennet.nl

Voor meer informatie: www.kansennet.nl

merkt dat na alle oorlogsgeweld en gedwongen verhuizingen het gebied nog geen eigen identiteit heeft. Wat Ingrid doet, iets waardevols scheppen eigenlijk uit niets, leek hem heel therapeutisch te kunnen werken voor de mensen met wie hij in Nemoland (betekent ‘niemandsland’) geregeld omgaat. Hij heeft een aantal collages en materiaal daarvoor weten te bemachtigen van Ingrid en hij wil uitproberen of het zien daarvan en misschien zelf ook namaken voor hen nuttig kan zijn. Ik ben zeer benieuwd of dat bij hen, zoals bij Ingrid, ook fantasie en scheppingskracht zal oproepen. In maart, wanneer u dit leest, zult u dit alles niet meer kunnen zien. Om u toch een beeld te kunnen geven van deze fantasierijke kunstwerken, verwijs ik u naar de website www.ingrid-engels-collages.nl. Misschien een idee voor het Pintohuis of de Boomsspijker om deze buurtgenote eens te benaderen voor een echte expositie.

Henk Oldeman

Op zoek naar de actievoerders van toen

Interview met Gertrud Pijnenburg door Lisa de Rooy

Gertrud Pijnenburg woont al 44 jaar in de Nieuwmarktbuurt. Ze heeft deelgenomen aan de Aktiegroep Nieuwmarkt in de jaren zeventig. Tot begin jaren ’90 woonde zij in gekraakte gebouwen. De gebeurtenissen in die tijd hebben haar karakter voor een groot deel gevormd. In 1972 kwam ze, toen 20, jong en onbevangen, vanuit Oss naar Amsterdam om fysiotherapie te studeren. De eerste twee jaar woonde ze op een kleine studentenzolder in Oost. Tot een vriendin haar tipte over woningen in de Nieuwmarktbuurt. Gertrud ging kijken.

‘Ik viel meteen voor de buurt. De Krom Boomsloot vond ik zo prachtig, dat dat in Amsterdam bestond, daar kon ik met mijn verstand niet bij. Maar alles in de buurt was zo oud, op sterven na dood. Verwaarloosd door de gemeente, want die wilde alle mensen weg hebben, zodat ze het met de bulldozer konden gaan slopen. Om dan een grote weg naar de IJ-tunnel aan te kunnen leggen, dwars door de buurt heen. Met kantoren, een soort van Manhattan. Cityvorming naar Amerikaans model om de economie in de binnenstad te bevorderen. Dus de bewoners moesten gedwongen verhuizen. Naar Purmerend, Monnickendam, Edam. Dat was toen het beleid van de gemeente: waar mensen wonen jaag je ze weg, om er kantoren te bouwen. En de huizen waren zo verwaarloosd, dat mensen ook

wel vrijwillig wilden vertrekken. Sommige gekraakte huizen hadden niet eens een WC binnen, zoals in de Ververstraat.’

Ben je meteen actie gaan voeren?

‘Ik ging kijken en de Aktiegroep Nieuwmarkt was volop bezig. Nou, ik wist niet waar ik het zoeken moest. Ze waren zo actief, er was onderling al zoveel begrip over waar men mee bezig was en ik wist nog van niks. Maar ik wilde er graag wonen. De Actiegroep had een woning voor me op het oog, Recht Boomssloot 26. De oorspronkelijke bewoners gingen er op maandag uit en op dinsdagochtend vroeg moest ik in die woning gaan zitten, dat was zo bepaald. Die woning mocht ik hebben. Ik heb die hele maandagnacht zenuwachtig rondgelopen in de stad, want ik durfde het niet. Ik was

aan het studeren, een HBO opleiding fysiotherapie, en dat was niet net als met de universitaire studenten, die beurzen kregen. Wij kregen geen beurzen, ik kreeg geld van thuis. Mijn ouders kregen via de belasting dan een beetje vergoeding daarvoor, maar die hbo opleidingen waren ook nog ‘s een stuk duurder dan de universiteiten, dus ja, er moest door mij wel gewoon hard gestudeerd worden. Kon ik dat in zo’n onzekere situatie als in een kraakpand? Toen ben ik er die dinsdagochtend vroeg naartoe gegaan en heb ik gezegd: ik doe het niet. Maar voordat ik uitgesproken was, zeiden ze al: ja, maar dat kan niet! Toen heb ik het toch maar gedaan. In mijn eentje.’

Zat je daar als meisje van 22 alleen in zo’n kraakpand?

Recht Boomssloot, vlak voor de eerste ontruiming - 3/1975 – Foto Pieter Boersma

‘Nee, het was een blok huizen, 26 A, B en C geloof ik, en daar zaten al allemaal krakers. En tussen die huizen waren ook allemaal doorgangen gemaakt, dus je deed heel veel met z’n allen. Het was een fantastisch huis, jaren ‘30 gebouwd, er was zelfs een douche in, dus dat vond ik geweldig. En op het huis hing een spandoek waarop stond: En wie knapt het hier nou eigenlijk op? Daar was ik heel trots op. Dat soort dingen. We deden meteen heel veel samen. Als er actie gevoerd moest worden, dan was er altijd iemand die kookte voor dat hele blok, dan moest je een beetje geld betalen en dan had je ’s avonds een bord eten. En dan at je samen. Die gemeenschappelijkheid, daar was ik van onder de indruk, dat sprak me heel erg aan. Tot op de dag van vandaag. En die gemeenschappelijkheid, die vind je hier vandaag nog in deze buurt.’

Wanneer werd je ontruimd?

‘Ik woonde er nog maar krap een paar maanden, toen de gemeente het al tegen de grond wilde hebben. We wisten dat het eraan zat te komen, maar onze onderlinge afspraak was: WIJ BLIJVEN HIER WONEN. Maandag 25 maart, heel vroeg in de ochtend, stond er 800 man ME voor ons huis met tanks. Niet om mee te schieten, maar om onze muren omver mee te rammen. Ze schoten met traangas bij ons naar binnen, dat brandde in je ogen! Dan zag je helemaal niks meer. Wij hadden geen gasmaskers, de

ME had dat wel. De ME is uiteindelijk binnen gekomen. Blauwe maandag, die naam kreeg die dag later. We zijn eruit gezet en in busjes naar het politiebureau in de Marnixstraat gebracht. Daar hebben we een dag in de cel gezeten.’

Heeft die gebeurtenis je veranderd?

‘Ja, heel erg. In de vergaderingen van de Aktiegroep Nieuwmarkt werden we hier wel goed op voorbereid, maar toch. Het was zo heftig, 800 man ME, dat traangas, en dan die dag in die cel.

We werden ’s avonds met een hele groep vrijgelaten en stonden dus letterlijk op straat. We konden met een flink aantal mensen in een kelder met een keuken op de Prins Hendrikkade, en het Leger des Heils zorgde voor paardendekens. Het was wezenloos, zonder huis, zonder onze spullen. Alles was in containers geflikkerd door de ME. Ook mijn studieboeken. Maar heel veel van onze spullen waren daarbij in het water gevallen. De gemeente sloeg die spullen op en dat konden we later wel weer ergens ophalen, maar ja, wat van wie was, dat wist je dan al niet meer. We waren echt ontheemd, het was niet fijn. Terwijl wij altijd vreedzaam actie voerden, altijd op basis van argumenten, en dat was ook heel bijzonder aan de actiegroep. En tegen dat vreedzame gebeuren zet je dan zo’n politiemacht, en vooral de ouderen onder ons, die realiseerden zich: als het erop aan komt,

dan schieten ze, dan vallen er doden. Dat is in de geschiedenis talloze keren gebeurd: de overheid keert zich tegen de burgers, als de burgers niet willen wat de overheid wil. Dat heb ik toen geleerd en dat ben ik nooit meer kwijtgeraakt. Zo democratisch als wij zijn: als je een tegenstem hebt, wil de overheid die liever niet horen. De wortel van die overtuiging zit daar, in die gebeurtenis aan de Recht Boomssloot. Wij werden als actiegroep gecriminaliseerd, zoals de Baader-Meinhof-Groep. Dat hele democratische idee, voor mij is dat een illusie, en ik weet ook nu, dat als je ertegen in gaat, dan komen ze weer. Dat is in de jaren 60 natuurlijk ook al gebeurd. En mensen zeggen: dat gebeurt in China of ver weg….maar hier gebeurt het ook.’

Bleef je actief voor de Aktiegroep Nieuwmarkt?

‘Ja, dat kon eigenlijk niet anders. Kijk, als je daar in zat, dan werd je ook op je verantwoordelijkheden aangesproken, dan moest je altijd overal aan meedoen. Dat was het commitment dat je maakte. Iedereen zal er nu om kunnen lachen, maar aan de andere kant, er was veel ruimte voor een tegenstem en discussie. Alles zat bij elkaar: links, humanistisch, hoog en laag opgeleid, en iedereen mocht zijn zegje doen. En als ik dan van die vergaderingen naar huis liep, dan was mijn hoofd een broeinest van gedachten. Want waar ik vandaan kom, ja, dat was zó

Rokin, Oude Turfmarkt, gekraakte panden - 19/8/1976 – Foto Pieter Boersma

anders. Deze wereld was voor mij compleet nieuw, dus al mijn overtuigingen, al mijn opvattingen tot dan toe, die kwamen allemaal op losse schroeven te staan. Dat vind ik tot op de dag van vandaag een mooi proces. Voor mijn persoonlijke ontwikkeling is dat fantastisch geweest, dat je een eigen pad kiest. En iedereen gaat in de loop van de jaren weer zijn eigen weg, en dat mag ook. We volgden geen doctrine, geen leider, we waren autonome individuen, we vochten voor het recht om te wonen. Het bijzondere is dat de overheid er wel een label op wilde plakken, op die actiegroep, die is erop uit een leider te identificeren. Waarom? Om die leider te pakken te nemen en tot een andere koers te dwingen, want als de leider een andere koers gaat varen, volgt de rest. Zo denkt de overheid, nog steeds.’

Waar ben je na de Prins Hendrikkade terechtgekomen?

‘In de spinhuissteeg, daar zat ik in een studentenhuis van roeiers, daar kreeg ik wat rust. Toen zat ik vlakbij de Ververstraat, daar had je de Kleine- en de Grote Leeuwenberg, dat waren lege bedrijfspanden, kaal, met driedubbel gewapend betonnen muren en daar mocht ik bij komen wonen, bij de groep krakers die daar introk. Kijk, toen hoorde ik er echt wel bij, al moest ik in het achterhuis aan de Ververstraatkant wonen, de noordwestkant, weinig licht dus. We hadden strenge winters, de rijp zat aan de binnenkant van de muren. We maakten met z’n allen pijpen om oliekachels neer te zetten, die haalden we overal vandaan. Die moest je dan met kleine jerrycans vullen, dan hadden we beneden een hele grote olietank staan en die werd iedere maand gevuld door zo’n oliewagen. We legden zelf elektriciteit aan, we maakten zelf douches, en toen hebben we alle wanden met piepschuim beplakt tegen de kou. Iemand zocht dan uit hoe dat moest, en een ander ging dat halen, en zo werkten we in toerbeurt. Zo zijn die huizen bewaard gebleven, dankzij de krakers van de actiegroep. Ik kan er nog wel ’s met weemoed aan terugdenken. Je had in de Bethaniënstraat koffiebar Roodmerk. Dat was een van die bouwvalhuizen die door de Aktiegroep Nieuwmarkt was gekocht. Daar kwam iedereen samen, dat was zo’n beetje het clubhuis van de actiegroep. Achterin zat de drukkerij, daar werden de blaadjes gedrukt en gestencild. In toerbeurt hadden we bardienst. Daar lagen ook allemaal bladen uit Berlijn en Kopenhagen, steden waar hetzelfde speelde als bij ons. Velen hielpen daar mee in de Roodmerkgroep, allemaal vrijwillig. De koffie was niet duur, al het geld ging in de actiekas, voor de blaadjes, daar zijn ook echte professionele drukkerijen uit voortgekomen. Roodmerk was een broeinest, iedereen kwam daar samen om te praten. En ’s avonds gingen we naar Café De Engelbewaarder, en ‘s nachts

Op de vloer van het metrostation Nieuwmarkt staat het nog steeds: Wonen is geen gunst, maar een recht!!!

naar het Jazzcafé, hoek Kromboomsloot/ Koningsstraat. Dat hoorde er allemaal bij en maar praten, en maar praten. Dat hield nooit op. Dat ging door tot sluitingstijd.’

Was Aktiegroep Nieuwmarkt uniek voor Amsterdam?

‘Het was niet uniek, het was echt iets van die tijd. De tijd van de woningnood en hoe de gemeente daarmee omging. De acties waren tegen dat beleid. In de jaren ‘80 werd het grimmiger, de Aktiegroep Nieuwmarkt werd de kraakbeweging en die kreeg veel meer militante trekjes. En wij, van die begin jaren ‘70, wij settelden ons toen meer, maar daar was het ons ook altijd om te doen geweest: goed en betaalbaar kunnen wonen. En nu speelt dat ook weer: bewoners krijgen nu wéér geen kans om betaalbaar en goed te wonen in hun eigen stad, door airbnb, het opkopen van panden door rijke vastgoedmensen, het bijbouwen van hotels. Daardoor slibt de stad dicht met toeristen, en de gemeente doet daar niet genoeg tegen. Wonen komt enorm onder druk. Op de vloer van het metrostation Nieuwmarkt staat het nog steeds: Wonen is geen gunst, maar een recht!!!

Hoe ga je met steden om? Dat is wat nu ook weer speelt: prop alles maar in die stad, al die functies moet die stad maar aankunnen, maar het is al bezet hier, er wonen hier mensen dus je kunt er niet oneindig van alles maar bijstoppen. Ik noem dat intensieve ‘stadhouderij’. Nu gaat het om geld verdienen, toen waren het de speculanten, dat was toen een vies woord.’

Waar ben je na de Kleine Leeuwenberg terechtgekomen?

‘In 1980 verhuisde ik naar Nieuwmarkt 13, dat was nog steeds een kraakpand toen, boven café Fonteyn, dat was toen van een pooier. En weer ging het over: hoe richt je openbare ruimte in? Maak je er horeca van, of hoerenkasten? Dat trekt allemaal drugs aan, denk aan de Zeedijk van toen. En altijd zijn het de bewoners die daartegen moeten vechten. De oorspronkelijke bewoners en de actiegroep hebben toen wel vrede gesloten, dat was in het begin niet zo,

maar dat is helemaal goed gekomen tussen die twee, terwijl de bewoners eerst dachten dat die krakers de buurt wilden slopen. Daar is ook de bewonersraadvergadering uit voortgekomen, die bestaat nog steeds. De oorspronkelijke bewoners en de krakers hadden een gemeenschappelijk belang, ze staken de koppen bij elkaar en hielden elkaar op de hoogte. Die bewonersraad is opgericht omdat je voortdurend een strijd met de overheid moet voeren, die democratische principes met voeten treedt.’

Er spelen nu weer allemaal problemen op het gebied van wonen in de Nieuwmarktbuurt. Is het tijd voor een nieuwe Aktiegroep Nieuwmarkt?

‘Ja, daar is het wel weer de tijd voor. Want zie hoe het hier nu gaat met al die hotels. Zo’n hotel, daar moet je natuurlijk een flinke investering voor maken, maar ik heb gehoord dat als zo’n hotel twee jaar een halve bezetting heeft, dan heeft die het geld er al weer uit, en dan begint het grote geld verdienen! Maar wat doet dat met onze openbare ruimte? Al dat laden en lossen, al die taxi’s en bussen met toeristen: dan worden de bewoners ernstig beperkt in hun bewegingsruimte. Dan gebeurt er hetzelfde als met ratten in een kooitje: dat wordt oorlog. En wat verdient de stad eraan? Het zijn allemaal buitenlandse ketens. Die houden het geld in eigen zak, daar verdient Amsterdam niks aan. En dan lees ik dat er per jaar 12 miljoen mensen in ons toeristische gedeelte van de stad komen, dat is 1 miljoen per maand. En dan denk ik: is dit nou lollig wat ik hier lees?

Het is een mooie stad, Amsterdam, maar de strijd gaat erom: van wie is die dan? Is dit nou een woonbuurt of een toeristisch gebied? De gemeente gebruikt het als een toeristisch gebied, wij zien het als een woonbuurt. Het is heel simpel: als je geboren bent, heb je recht op een plek. Daar komt dat Wonen is geen gunst, maar een recht vandaan.

En het mooie aan toen was het gevoel dat je de dingen niet zomaar klakkeloos accepteert, maar durft ergens tegenin te gaan. Dat gevoel moeten we nu ook vasthouden. Ook toen kwamen mensen op die acties af, uit alle windhoeken van het land. Humanisten, anarchisten, socialisten, het werkte als een magneet op allerlei soorten mensen, dat kun je niet voorspellen, dat heet revolutie. Het kan vlam gaan vatten als mensen die al zo over een onderwerp als wonen denken, opeens samen komen. Dat kan over drie maanden zijn, of over een half jaar, maar zoiets verwacht ik hier. En het speelt niet alleen hier, maar ook in Barcelona, Venetië, Berlijn, weer op Europees niveau, net als toen. Ik zou me er graag meer mee bezig willen houden, maar ik moet ook nog zoveel werken. Het ontbreekt me vaak aan tijd.’

Natuur in de stad

Samenwerken met de natuur

Anno 2018, met klimaatverandering in het vooruitzicht, zou je toch verwachten dat de overheid het goede voorbeeld stelt. Maar zoals gebruikelijk is het aan de burger om verandering te brengen. En dus vecht ondernemend groen zich een weg door de vastgeroeste gevestigde orde, overal op de wereld. Maar de mens blinkt uit in vechtlust, veel meer dan een bedrijf of de overheid ooit zal kunnen. Zo is er een sterke beweging gaande die verwoestijning terugbrengt door in de plaats daarvan eco-systemen aan te leggen die zichzelf in stand houden. In Nederland springen “voedselbossen” als paddenstoelen uit de grond. Door landbouw met de natuurlijke staat van bosland te combineren ontstaat namelijk de meest efficiënte en effectieve methode van voedsel produceren denkbaar. Het kost immers energie om tegen de natuur te vechten, terwijl met haar samenwerken juist energie oplevert. Langzamerhand wordt deze natuur-inclusieve beweging steeds groter en er wordt steeds meer onderzoek naar gedaan, meestal met een positief resultaat. Zo begint het eindelijk tot het establishment door te dringen dat de natuur niet iets is wat we tot een simplistisch rekensommetje terug kunnen brengen (stikstof + fosfor + kalium = vervanging voor de natuurlijke bodemcyclus), maar dat we de logica van de natuur zelf als richtlijn moeten nemen in ons milieubeleid.

Amsterdam

Ook op kleine schaal gebeurt er van alles. In Amsterdam zijn er prachtige projecten gaande, er is bijvoorbeeld een keur aan buurtmoestuinen door de stad verspreid, elk met een eigen inspirerend verhaal, en allemaal door buurtbewoners mogelijk ge-

maakt. Zo is er voor Nieuwmarktbewoners de Shaffystuin aan de Dijksgracht. Vlakbij de Jordaan vind je het inspirerende I Can Change the World with my Two Hands van kunstenares Natascha Hagenbeek en in Oost de Tugelatuin van kunstenares Eva de Carlo, met veel activiteiten voor kinderen. In Nieuw-West is er de Hof van Acta, waar onlangs zelfs een heus voedselbos is aangelegd. Wat verder in West nabij Osdorp ligt Pluk! Groenten van West en in AmsterdamNoord is er het project NoordOogst. Bij deze twee plekken is er naast plek voor vrijwilligers ook ‘gemeenschapslandbouw’ (CSA). De naam zegt het al: eigendom van de gemeenschap. Dat houdt in dat je een bedrag per jaar betaalt, wat ondernemers in staat stelt producten te telen die je dan zelf kan komen plukken. Zo ben je als consument eigenaar van het bedrijf en heb je er dus ook controle over. Dit is veelbelovend voor de toekomst, een mooi alternatief voor de op grote schaal geteelde supermarktgroenten, volgespoten met god weet wat. In plaats daarvan kun je bij een CSA dus op het land zelf je boodschappen doen en zien hoe jouw eten daar groeit. Tot zover: een kleine greep aan al wat er groeit in de stad. En dit is nog maar het begin.

De toekomst

Een tijdje geleden was ik me tijdens een groene netwerkbijeenkomst weer eens boos aan het maken over het gebrek aan groen in de stad, toen iemand zei dat er wel degelijk natuur in de stad is, overal waar je kijkt zelfs. Dat is natuurlijk waar. Maar dat is ondanks de stad, niet dankzij. En mensen vergeten wel eens waarom. We doen alsof de natuur iets is wat los van ons staat, waar we af en toe even wat tijd voor kunnen vrijmaken. Maar we vergeten dat we zelf onderdeel

van de natuur zijn en dat de natuur onderdeel van ons is. En in feite is het zo dat hoe meer natuur we in ons leven hebben hoe gezonder wij zijn, zowel geestelijk als lichamelijk. De werking van zuurstof, zonlicht en beweging maakt ons fysiek gezonder. Onderzoek wijst uit dat de natuur onze psychische gesteldheid goed doet, de kleur groen heeft zelfs een rustgevend effect.

Bij elk tegeltje dat je weghaalt in de stad, verschijnt binnen een mum van tijd een groene oase. Dat is in feite de natuurlijke staat van de aarde, die zichzelf het liefst bevolkt met zo’n groot mogelijke diversiteit aan leven. Door alles te betegelen en asfalteren verstikken we dit leven. En dat is het gevoel wat ik krijg in de stad, een claustrofobisch gevoel. Dus nee, er is bij lange na niet genoeg natuur in de stad. Het is niet iets wat “leuk is om er bij te hebben”. De natuur zou een wezenlijk onderdeel van de stad moeten zijn. De gedachte aan het weghalen van wat stoeptegeltjes is natuurlijk verontrustend, maar in feite zou het onze mobiliteit helemaal niet zo in de weg hoeven te zitten zolang we er maar niet in een klap een heel bos van maken. In feite leven we in de stad in een monocultuur van mensen. En geen enkele monocultuur is gezond. Daarom geloof ik dat het een van de grootste uitdagingen van deze tijd is om de stadsmens weer in contact te brengen met de natuur. En de tijd dringt. De natuur zou zonder ons weelderig opbloeien, maar andersom is het een ander verhaal. Zonder de natuur, geen mens. Samen blijven we vechten voor een betere balans tussen de stad en de natuur. Zo komen we er wel, want de toekomst houd je niet tegen, die komt vanzelf.

Rosa van Giessen is opgegroeid in de Nieuwmarktbuurt waar zij bij de Sint Antonius op school heeft gezeten. Nu geeft zij er met haar bedrijf Boerenverstand cursussen, workshops, eetbaar tuinadvies op maat, maakt eetbare tuinontwerpen en doet eetbaar tuinwerk. (www.boerenverstand.info)

Menigte op de Shaffys bomenplantdag

Shaffys bomenplantdag – in het midden Rosa

Jan Piet Puype

Jan Piet werd geboren in 1939 in Amsterdam en verhuisde kort daarop naar Den Helder, waar na WO II de Duitse Schnellboote en mijnenvegers lagen te wachten om naar huis te gaan. Hij schommelde met zijn vriendjes op de dikke touwen, waarmee de schepen in de haven aangemeerd lagen. Een fascinerende speeltuin, met op de achtergrond de aftocht van de Duitsers, die, in hun onttakelde uniformen, waar het hakenkruis afgescheurd was, zelf de mijnen hadden moeten opruimen die ze in de Noordzee ‘gelegd’ hadden. De rode draad in zijn leven bleven de zee en de schepen die haar bevaren. Als opstapper op een zeegaand jacht voer hij jarenlang ’s zomers over de Europese wateren van de Oostzee tot aan de Marokkaanse kust. In zijn huis, dat vol staat met boeken over zeeslagen en schepen, heeft een miniatuur schip een ereplaats. Aan de muur hangt een portret van Admiraal Nelson. Zijn stiefvader was marineofficier en zelf ging hij in opleiding voor Adelborst, maar deze opleiding maakte hij niet af. Hij ging naar de PABO en werkte vier jaar met veel plezier als leraar. De zee en de schepen bleven trekken. Toen er een baan bij het Scheepvaartmuseum vrij kwam, aarzelde hij niet en solliciteerde. Hij viel op omdat hij prachtige technische tekeningen van schepen en wapens maakte en klom op tot (hoofd)bibliothecaris, waarvoor hij nog de benodigde papieren haalde. In 1989, na achttien jaar Scheepvaartmuseum, werd hij gevraagd als conservator bij het Legermuseum, toen nog in Delft (nu in Soesterberg) en stapte over.

Het einde van de oorlog

Tegen het einde van de oorlog, toen er geen eten in Amsterdam te krijgen was, verhuisde hij, zes jaar oud, met zijn moeder

en broertje naar Groningen, waar de boeren eten verkochten. Niet wetend hoe hard de strijd tussen de geallieerden en de Duitsers juist daar uitgevochten zou worden. Hij belandde in april ’45 in het ziekenhuis met TBC, tijdens de slag om Groningen en zag daar de hemel in een vuurzee veranderen. Toen de ziekenzaal in gevaar kwam, moest hij met zijn ziekenhuisbed, door de achterliggende tuinen, naar een veiliger plek vluchten. Onderwijl werden de Duitse soldaten binnengebracht, met afgeschoten ledematen.

Batavia

Op 8 jarige leeftijd ging hij met zijn ouders naar Batavia op de Oranje, het vlaggenschip van de Stoomvaart Maatschappij Nederland. Een zeetocht van een maand, waarbij onderweg verschillende havens werden aangedaan. Hij herinnert zich nog hoe in Southampton de Queen Mary en de toenmalige Queen Elizabeth, beide nog grijs geschilderd, aan weerszijden van een pier lagen. Er waren feesten en partijen aan boord en de beroemde goochelaar Cardini kwam aan boord en goochelde vogeltjes uit de broeken van de mannelijke passagiers. In Port Said bezochten ze de winkel van Simon Artz, de grootste speelgoedwinkel van die tijd, waar de prachtigste Dinky Toys te verkrijgen waren. Het warenhuis werd later door Nasser gesloten en het gebouw vernietigd, omdat het getuigde van Westers imperialisme. In Batavia woonde hij in de Sawolaan, nu de ‘Djalan Sawo’ in Menteng, een van de meest welvarende buurten van Djakarta. Er werd in die tijd nogal wat geschoten in Batavia. Maar het meeste gebeurde dat aan het eind van de maand als de politieagenten niet betaald kregen en hun geweren leegschoten in de lucht om hun vraag om loon kracht bij te

zetten. Zijn moeder zette dan matrassen tegen de ramen, waar geen glas in zat, om de rondvliegende kogels tegen te gaan.

Njonja Dokter

Zijn moeder was geliefd bij de inlandse bevolking. Op een dag kwam er een straatventer aan de deur. Ze zag dat hij een wond aan zijn voet had, nodigde hem uit even op het terras te gaan zitten en verzorgde de wond. Vanaf dat moment kwamen andere inlanders bij haar langs als hun wonden verzorging nodig hadden. Hoewel veel Nederlanders last hadden van inbraken of geweldsincidenten, werd Jan Piets gezin hierdoor niet getroffen, immers ‘Njonja Dokter’ (mevrouw dokter) viel je niet lastig.

De Japanners hadden in de oorlog de bevolking verwaarloosd en er heersten besmettelijke ziekten. De Nederlanders kregen dit op rigoureuze wijze onder de knie. Regelmatig zetten zij de straat af op een druk punt en iedereen kreeg een prik tegen bijvoorbeeld tyfus. Als je twee keer langs dezelfde straat moest, kreeg je de inenting tweemaal. Ook als je een briefje had dat je al gevaccineerd was. De prik werd steeds met dezelfde naald gezet, die tussendoor even met een doek werd schoongemaakt. Op die manier kregen de Nederlanders de epidemieën wel onder de knie.

Na een beet van een hondsdolle hond werd Jan Piet met zijn moeder op het vliegtuig, een Dakota, naar Bandung gezet omdat daar het Pasteur instituut was met het juiste vaccin. De hersenen van de hond gingen mee in een aluminiumkoffertje en stonden op sterk water, om in Bandung onderzocht te worden op het stadium van hondsdolheid. De stoelen in het ex-militaire vliegtuig waren van canvas. En in het midden was de bagage vastgesjord inclusief het klotsende koffertje met de hondenhersenen.

Jan Piet Puype

Terug naar het vaderland

Jan Piet woonde twee en een half jaar in Indonesië. Na de soevereiniteitsoverdracht in 1950 moest zijn gezin het land verlaten. Hij zag hoe de Nederlandse vlag op het Koningsplein, het latere Merdekaplein, naar beneden werd gehaald en werd vervangen door de Mera Putih, de vlag van Indonesië. Terug naar het vaderland op de Oranje voeren ze eerste klas, omdat zijn vader intussen bevorderd was.Onderweg kwamen ze een schip tegen met ‘Onze jongens’ die terugkwamen uit Indonesië. Zwaaiend en brullend stonden de soldaten op het dek. Toen werden zij nog als helden begroet. Jan Piet woont nu alweer 18 jaar in de Nieuwmarktbuurt, die hij de mooiste buurt van Amsterdam vindt. Als hij de kans krijgt, gaat hij met vrienden zeilen of met zijn dochters langs de zee wandelen. Hij hoopt binnenkort, als de financiën het toelaten, een cruise naar Noorwegen te maken. Riëtte van der Plas Website Jan Piet (met enkele van zijn tekeningen) www.adviesoudewapens.nl

Wie verschuilt zich achter we?

‘We’ is een vals woord, vertelde iemand me eens. Er bestaat in de tastbare werkelijkheid geen ‘we’. Als je heel verliefd bent, kun je je samen met iemand anders voelen alsof je samen een ‘we’ bent, maar te veel symbiose is ongezond, dat zal elke psychiater je vertellen. Een zwangere vrouw met een groeiende baby in haar buik, dat komt nog het dichtste bij een ‘we’ die ook in tastbare vorm bestaat en zelfs dat zijn eigenlijk twee mensen in één huis.

Toch wordt het woord in aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen voortdurend gebruikt. Het liefst in combinatie met het woord verbinding.

‘We zijn de verbinding met elkaar kwijt in de samenleving.’ Bedoeld wordt: U bent te individualistisch en allemaal individuen dat is te moeilijk te sturen.

‘We moeten meer voor elkaar zorgen.’ Bedoeld wordt: Onze partij gaat geen geld vrijmaken voor uw zorg, dus u moet maar iemand in uw omgeving zoeken die voor u gaat zorgen.

‘We zijn voor een inclusieve samenleving.” Bedoeld wordt: Onze partij bepaalt wie er wel en wie er niet mee mag doen in deze inclusieve samenleving; hij bevat nooit echt iedereen.

‘We moeten ons niet zo druk maken over de drukte in de stad.”Bedoeld wordt: U moet niet zeuren over drukte, want ik ondervind er voordeel van.

‘We nemen het mee.’ Bedoeld wordt: Iemand schrijft het op en er wordt niks mee gedaan.

Enzoverder, enzovoorts.

De woorden ‘we’ en ‘verbinding’ zijn vooral in Nederland erg populair. We zijn kampioenen in het poldermodel en we slaan ons op de borst als de uitvinders ervan. We verschillen van mening maar we komen er altijd uit samen. We zullen

wel moeten, want er is nooit één partij de baas in de stad of het land. Dat is een groot goed, omdat samenwerking voor een evenwichtige uitkomst kan zorgen bij ingewikkelde problemen. Maar daar is stevig debat voor nodig en dat brengt spanning in de ‘we’. Voordat je het weet staan ‘we’ tegenover elkaar in plaats van naast elkaar. In coalities probeert men de ruzie uit de ‘we’ te halen. Dan wordt ‘we’ een verstopwoord. We vormen eerst een coalitie en dan spreken ‘we’ met één mond. In Jamaica spreken mensen over I and I, ik en ik en dat is eigenlijk een veel preciezere aanduiding van de realiteit.

‘We’ kan een prachtig woord zijn. Een woord om in weg te schuilen. Wij tegen de wereld. Een handig woord ook, dat ervoor zorgt dat je niet steeds expliciet hoeft te zeggen wie je allemaal bedoelt. Een woord dat uiting kan zijn van een gezamenlijk beleefde ervaring. Maar in de politiek zijn woorden gereedschap. Dat noodzaakt de ontvanger van de boodschap ertoe om goed uit te pluizen wie die ‘we’ eigenlijk is om te weten wat ze wil.

Vraag u eens af wie er aan het woord is als u in aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen nieuwsberichten leest. En let op als iemand weer eens het woord ‘we’ gebruikt om uw belang weg te relativeren of om zichzelf groter te maken. Als een politicus zegt “daar gaan ‘we’ samen aan werken”, vraag u dan af wie die ‘we’ zijn en wie er het werk gaat doen. Als een politicus tegen een andere politicus zegt “we kunnen best samenwerken” terwijl dat heel onlogisch lijkt, vraag u dan af of deze verbinding ook in uw belang is. En als u wilt weten wat ‘we’ echt gaan doen, kijk dan naar wat ‘ze’ in de afgelopen vier jaar gedaan hebben. Resultaten uit het verleden bieden geen garantie voor de toekomst. Maar beloftes voor de toekomst nog minder.

De Queen Marie De Queen Elizabeth
De Oranje

Verwonderen

Fenneke Voorsluis

Nieuwjaarsdag 2018. Een koude, grauwe dag. Ik fiets door de Rivierenbuurt, onderweg naar huis. Het lijkt te gaan regenen. Ik kijk even naar de lucht en dan opeens, vanuit het niets, zie ik een paarse gloed hoog boven in een boom. Wat is dat? Ik kijk nog eens goed. Zeker 15 meter hoog hangt een kluwen paarse lintjes die lijkt te zijn opgehangen door een reus. Hoe komen die lintjes daar? Allerlei scenario’s schieten door mijn hoofd. Misschien een buurtbewoner die, met een enorme lange ladder, stiekem een alternatieve kerstversiering heeft opgehangen? Of een hand vanuit de wolken die met een grote zwaai de lintjes heeft uitgestrooid? Of een zwerm vogels die gezamenlijk een enorm paars nest bouwt? Wie zal het zeggen? Ik voel bij alle beelden die ik oproep opwinding en verbazing. Een gevoel dat ik goed ken van toen ik nog klein was en de wereld een aaneenschakeling leek van onbegrijpelijke vormen en kleuren. Een wereld waar ik me over kon verwonderen.

Als we volwassen worden lijkt de kracht en relevantie van verwonderen minder te worden. Toch merk ik dat het waardevol is om af en toe even wakker geschud te worden door een onlogische situatie. Een flard van een gesprek, een beeld of een toevallige ontmoeting, waar je fantasie mee aan de haal gaat.

Wie zich verwondert voelt zich vrijer en frisser. Dat zie ik dagelijks bij mijn vierjarige dochter. En dat werkt aanstekelijk.

Van kleins af aan speel ik een spelletje met mezelf: ik land vanuit de ruimte op aarde en aanschouw de wereld en de mensen voor het eerst. Wat valt mij dan op? Waar kijk ik naar?

Ik merk dat het in de praktijk vaak lastig is deze frisse kijk vast te houden, zeker als ik een persoon vaak zie en telkens in dezelfde situaties terecht kom. Daarom heb ik mijn ‘opnieuw kijk’-spel als uitgangspunt genomen om mijn dierbaren opnieuw te leren kennen.

Aanleiding was de moeizame relatie met mijn vader. We zaten vast in een diep uitgesleten groef. Beiden hadden we een gefixeerd beeld van elkaar en de gesprekken verliepen vaak in een vaststaand patroon met voorspelbare uitkomst. Een jaar voor zijn dood besloot ik wekelijks bij hem langs te gaan. Dan deed ik alsof ik hem voor het eerst ontmoette. Ik landde vanuit de ruimte zo in zijn huiskamer. Dat zorgde voor de nodige hilariteit. Ik trad hem tegemoet op een manier die mijzelf en hem verraste.

Ik zag voor het eerst sinds lange tijd zijn ogen oplichten. Hij begroette mij met meer plezier. Ik voelde meteen lucht en ruimte en besloot om mij alleen nog maar te verwonderen over de man die tegenover mij zat. Eerst bekeek ik hem eens goed: waren er dingen aan zijn uiterlijk die ik nog niet eerder had gezien? Wat als mijn vader een boom of dier was, of geen arts maar postbode? Door hem zo te bekijken, voelde ik mij vrolijker en onze gesprekken verliepen daardoor anders. Luchtiger, grappiger en minder zorgelijk.

Naast de diepe uitgesleten groef die wij samen vaak verveeld afliepen en die ons beiden tegenstond maar tegelijkertijd verbond, ontstonden er olifantenpaadjes, grappige kronkelweggetjes die wij vervolgens voorzichtig samen af-

liepen. Het maakte ons contact speelser en intiemer.

Ik ben intens dankbaar voor dat jaar. Het heeft mij geleerd dat ik me weer kan openstellen en daardoor nieuwsgieriger en lichter in het leven kan staan.

Na het experiment met mijn vader heb ik mijn ‘verwondermethode’ met veel plezier toegepast in andere situaties waarin ik vastgelopen was. Het heeft mijn relaties structureel veranderd. Ook in mijn werk als beeldend kunstenaar en initiatiefnemer van De Huiskamer speelt verwondering een belangrijke rol. Onlangs hebben wij onze eerste workshop creativiteit, verwonderen en flexibel denken gelanceerd en voor de deelnemers bleek het een verademing om weer te kunnen spelen en met een verruimde, open blik naar de zware dingen in het leven te kijken.

Bij toeval stuitte ik op een weggegooid dagboekje van een overleden familielid.

Een schat aan weggegooide dwaalgedachtes, denkpaden, wees-ideeën en eureka-momenten, zomaar in mijn schoot geworpen. Het bracht mij op het idee een archief aan te leggen. Bij deze doe ik dus een oproep aan iedereen die overweegt zijn notitieboekjes, schetsboeken, opschrijfkrabbels of inspiratiemapjes weg te gooien. Doneer ze aan De Huiskamer en wij dragen er zorg voor. Jouw wees-idee of gedachte kan het eureka en verwondermoment van een ander zijn.

Fenneke Voorsluis is geboren in 1981 en opgegroeid in de Nieuwmarktbuurt op de Kalkmarkt 8. "Mijn achtergrond is kunstenaar en ben afgestudeerd in 2007 in Den Haag aan de KABK richting grafiek. Ik ben naast kunstenaar altijd cultureel ondernemer geweest en uiteenlopende projecten georganiseerd en gecoördineerd."

"Toen mijn vader in 2016 overleed kreeg ik de kans onze oude huiskamer te transformeren tot een creatief laboratorium, mijn droom werd werkelijkheid. Een eigen plek die ik van de grond af aan kon vormgeven en waar ik exposities, bijeenkomsten en workshops kon organiseren. Het laboratorium is inmiddels uitgegroeid tot initiatief De Huiskamer." Neem contact op met: Fenneke.voorsluis@gmail.com Website: Dehuiskamerkalkmarkt8.nl

Stel je voor

De gemeente Amsterdam functioneert niet optimaal. Er is een begrotingstekort van 240 miljoen in 2016 en er wordt over wanbeleid gesproken. De gemeente wil dit aanpakken, en een commissie van marktondernemers op het Waterlooplein wordt gevormd om de kantoren van de ambtenaren op het stadhuis te reorganiseren. Hopelijk zorgt dit voor een betere sfeer op het stadhuis, zodat de ambtenaren hun werk beter kunnen doen en het begrotingstekort verminderen.

Na lang onderzoek concludeert de commissie dat het niet nodig is om kantoren op de bovenste etages van het stadhuis te verbinden met de begane grond via een trap of een lift. De commissie zoekt hiervoor een alternatief en is nog in discussie over de mogelijkheden. Verder is besloten dat kantoormeubelen onnodig zijn, omdat ze de ruimte op kantoor belemmeren. Zitkussens op de grond zijn wel toegestaan, en de vloer fungeert als bureau. Om lege plekken in de Stopera te vermijden wordt besloten geen internetverbinding meer op kantoor te hebben. Op de begane grond wordt een internethal gerealiseerd. Dit is de enige plek in het Stadhuis met internetverbinding, dus het zal altijd vol en druk zijn daar. Bij de eerste inspraakavond merkten enke-

le ambtenaren op dat het zonder trap of lift moeilijk zal zijn om op kantoor te komen. De commissie zegt daar intensief mee bezig te zijn en binnenkort met een voorstel te komen. Een andere ambtenaar merkt op dat werken zittend op de vloer rugklachten met zich mee kan brengen. De commissie zegt dat terwijl dat inderdaad zo is bij oudere ambtenaren, de verwachting is dat de oudere ambtenaren snel zullen versterven. Jonge ambtenaren die in hun plaats komen zullen geen last van de rug krijgen. Iemand merkt op dat een internethal op de begane grond zeer onpraktische zou zijn, vooral zonder trap of lift. De commissie stelt dat het aan de ambtenaren zelf is om mekaar aan te spreken om loyaal en committed te zijn en om een succes te maken van de nieuwe internethal.

Bij de tweede inspraakavond wordt er door vijftien ambtenaren stellig gepleit voor verbinding met de begane grond via trap en/of lift. Sprekers zeggen hun werk niet te kunnen doen zonder. De commissie stelt voor om 2 smalle decoratieve gietijzeren wenteltrappen te plaatsen. De ambtenaren zeggen dat dit te weinig is en veel opstoppingen zal veroorzaken. Zij vragen zich af wat marktondernemers weten van werken op het stadhuis. Een commissielid antwoordt weleens door de Stopera te hebben gewan-

deld, en bijna elk commissielid heeft een geboorte aangegeven of een nieuw paspoort aangevraagd op het stadhuis. Verder zeggen veel leden van de commissie “gecharmeerd” te zijn van gietijzeren wenteltrappen. Bij de derde inspraakavond is er veel reuring onder de ambtenaren. Er word vurig gepleit tegen de plannen van de Commissie van marktondernemers. Sprekers zijn verontwaardigd dat hun klachten niet serieus genomen worden en zeggen dat het onmogelijk zal zijn om te werken in het nieuwe heringedeelde Stadhuis. De commissie antwoordt dat de portier op de begane grond wel twintig lichte aluminium uitrekbare ladders ter beschikking zal hebben. Die kunnen ambtenaren ‘s ochtends bij de portier ophalen om via de buitenmuur en het raam van hun kantoor naar binnen te klimmen. Deze dagelijkse uitdaging zal de team spirit van de ambtenaren versterken. Vervolgens haalt de portier die ladders weer op. Mochten de ambtenaren in de loop van de dag naar de internethal of de kantine willen gaan, kunnen ze de portier bellen; die plaatst dan weer een ladder voor ze buiten hun raam. Dit verlicht de druk op de gietijzeren wenteltrappen. Verder moeten de ambtenaren niet zo zeuren, het zal allemaal wel goedkomen.

Elektra

illustratie Mathilde Mupe

De wereld van de Zeedijk

Fotografie: Eveline Renaud

Tekst: Corrie Verkerk en Pay-Uun Hiu

‘De wereld van de Zeedijk’ is te koop bij Pantheon, Anthonie Breestraat of Athenaeum boekhandel op het Spui of via www.evelinerenaud.com, € 29,50

De Zeedijk, wie heeft er geen verhalen over? Ik woonde van mijn veertiende tot mijn eenentwintigste op de Geldersekade. Als ik naar de stad ging om kleding te kopen, liep ik altijd over het eerste stuk van

de Zeedijk en dan via de Lange Niezel naar de Nieuwendijk. Begin jaren tachtig was het wild op de Zeedijk. Vriendinnetjes van mijn school in Amsterdam Zuid mochten niet bij mij spelen, omdat hun ouders het te gevaarlijk vonden. ‘Op de Zeedijk lopen ze met messen rond’, werd er gezegd. Maar ik heb me er nooit onveilig gevoeld. Toen ik een keer aan het eind van de middag terug naar huis liep met tassen vol kleding van de Cool Cat, stopte er een motoragent naast mij die vroeg waar ik naartoe ging. ‘Naar huis,’ zei ik achteloos, en ‘waarom vraagt u dat?’. ‘Dan loop ik even met je mee, want het is hier gevaarlijk’, zei hij. ‘Dat hoeft niet hoor’, zei ik ‘ik loop hier zo vaak.’ Wat een snotneus, moet hij gedacht hebben en tot aan onze voordeur op de Geldersekade liep hij naast zijn motor met me mee. De Zeedijk is erg veranderd en inmiddels een gewaardeerde winkel- en uitgaansstraat in Amsterdam. De schrijfsters van De wereld van de Zeedijk verwoorden het zelf zo op de achterflap van het boek: “Oud en nieuw door elkaar, Chinatown en Hollandse pot, T-shirts en fashion, loungeclubs en Amsterdamse kroegen met levende muziek. Wie zich hier verveelt zou zich moeten laten nakijken. En ja, dat kan ook. Chinese kruidendokters, masseurs en acupuncturisten te over. De Zeedijk is zeker niet de langste straat van Amsterdam, maar

op elke vierkante meter bruist het. Tijd om al die activiteit, initiatieven en nieuwe en oude gezichten vast te leggen in beeld en tekst: een momentopname van een zich steeds weer vernieuwende stadsziel.”

Die tekst is een goede omschrijving van het boek dat vol staat met alles wat er op de Zeedijk te vinden is. Winkels, restaurants, couture, kroegen en vooral mensen. Corrie, Pay-Uun en Eveline moeten er heel wat uren in hebben zitten. De omschrijvingen zijn persoonlijk en lezen als een lekker tijdschrift. “In het kleine Saigon is een zwaar getatoeëerde jongen met een pet vaste klant.”, zo begint de omschrijving van Little Saigon, de perfecte lunchspot volgens de dames. Ook het stuk over de dames van Beeren en het oude Zeedijk leest als een trein. De fantastische foto’s van Eveline Renaud geven je het gevoel dat je al zittend op de bank over de Zeedijk loopt. De winnaar van de hartjesdagen, het huis van de blonde poes, een voorwoord van Eberhard van der Laan, er staat in het boek voor elk wat wils. En er staat een prachtige foto in van een meisje dat leert fietsen op de Zeedijk op een knalroze fiets. Er groeien dus ook alweer nieuwe generaties op, die nieuwe verhalen leven en maken op de Zeedijk. Sati Dielemans

en stenen trapje dat een beetje verzakt is, een regenpijp met een paar deuken erin, een cafédeur die niet helemaal goed sluit - het hoort erbij in een oude buurt. Niet alles glad strijken en strak trekken, niet overal die kaarsrechte stoepranden van natuursteen of wat er voor doorgaat, niet om de haverklap nieuwe bestrating aanbrengen omdat – ja waarom eigenlijk? De oude straatklinkers waren nog goed, sommige waren misschien een beetje verkleurd, maar wat zou dat? Wat is er mooier dan een oma met grijs haar (geen spoeling) op een oude fiets met een rammelend spatbord over een hobbel te zien rijden die ontstaan is doordat een oude boom met zijn wortels het plaveisel omhoog heeft gedrukt? Niet weghalen die oma, laat zitten die wortels. Zo’n natuurlijke verkeersdrempel is trouwens net zo effectief als een kunstmatige, veel mooier en ook nog eens gratis.

Die cafédeur, dat moet wel de deur zijn van café De Vriendschap. Nog een paar maanden, en dan gaat het dicht. Ongetwijfeld zal er daarna grondig gerenoveerd, gerestyled en vernieuwd worden, waarna in aanwezigheid van faceliftkoningin Marijke Helwegen de nieuwe uitbater en de nieuwe clientèle aan de nieuwe bar de nieuwste cocktails kunnen gaan proeven. De oude klanten, och die vinden hun weg wel.

Ze hebben al vaker het einde van een stamcafé meegemaakt. Maar dat oude interieur met zijn bijbehorende uitstraling, dat zal voorgoed verdwenen zijn. Die wiebelende, ooit zelfgedecoupeerzaagde tafeltjes, die doorleefde zelfgeniete lampenkapjes boven de bar, het onnavolgbare keukenhoekje, kleiner dan een pantry in de Wagons Lits, waar Charles gebraden halve kippen uit tevoorschijn tovert terwijl zijn trouwe steun Wil en zijn vaste toeverlaat Niels de glazen vullen en zo nodig de gesprekken gaande houden, en niet te vergeten die uit een 19e eeuws bordeel afkomstige rode bank die zo heerlijk zit, het zal allemaal verdwijnen en niet meer terugkomen. Jammer, want mooi oud.

Hitlers lijfarchitect Albert Speer bedacht de theorie van de ‘ruïnewaarde’: bij de keuze van materialen en constructies hield hij er rekening mee, dat zijn bouwsels ook na afloop van het Duizendjarige Rijk, als ruïne, nog een imposante en romantische uitstraling moesten hebben, vergelijkbaar met de bekoring die uitgaat van het Colosseum of het Parthenon. Zó ver hoeven we niet te gaan. Maar bij oud worden hoort oud worden, en dat mag best zichtbaar zijn, want eerlijk oud is mooi en mooi oud is niet lelijk.

column
Mooi oud
Etalage Athenaeum boekhandel op het Spui

De cirkel weer rond aan de Recht Boomssloot

Het was in de zomer van 1992, ik was druk bezig met het leggen van een vloer, toen mijn vader Edwin op zijn fietsje langskwam om mijn nieuwe woning te bewonderen. Hij drentelde vrolijk rond maar bleef stokstijf staan toen hij uit het raam keek, over de gracht. ‘Maar ik ben hier geweest, ik heb hier gespeeld als kind’, fluisterde hij. ‘Wist je dat mijn grootouders hier aan de overkant zijn komen wonen toen ze uit Polen naar Amsterdam emigreerden? Ze hadden er ook hun bedrijf.’

Mijn verhuizing moesten we vieren, vond mijn vader. Het was een wonder dat ik op de plek terecht gekomen was, waar het Amsterdamse leven van de familie Ptasznik een aanvang had genomen en in het verlengde daarvan dat van de familie Rottenberg. De cirkel was weer rond. Op een zonnige zomermiddag kwam hij samen met mijn moeder aanzetten met een challe met maanzaad onder de arm. ‘Aan tafel’, verordonneerde hij. ‘Heb je zout? Doe het op een schoteltje’. Hij brak het brood, gaf ons ieder een stuk waarvan we moesten eten. ‘Nu een snuf zout pakken en over je linker schouder werpen, dat weert het onheil af.’ Daarna kwamen de verhalen, herinneringen aan zijn jeugd, aan zijn grootouders. Had ik ze maar genoteerd, bedenk ik nu met spijt. Gelukkig heeft mijn vader zelf het nodige uitgezocht toen hij in 1959 voor zijn vader Isay Rottenberg een boek samenstelde waarin hij de familiegeschiedenis beschreef. Abraham Ptasznik, in 1864 geboren in Polen, zocht in 1898 zijn broer David op in Amsterdam. David was op weg naar Amerika in Amsterdam blijven hangen. Hij had er een leuk meisje ontmoet en besloot met haar te trouwen. Hij begon een bedrijf in de machinale productie van sigarettenhulzen en –mondstukken. De zaken gingen goed, hij meende dat daar ook voor zijn broer toekomst in zat en zo gingen ze samenwerken onder de naam Ptasznik Frères. Mijn vader schrijft hierover het volgende:

In 1899 verhuisde Abraham met zijn gezin van vijf kinderen naar Amsterdam (…). Het was een slechte tijd, de Boerenoorlog was juist begonnen en had een verlammende invloed op het bedrijfsleven. Maar de Ptaszniks waren taai en wisten met veel volharding het bedrijf staande te houden. De kinderen hielpen na schooltijd mee. (…) Het bedrijf was nu gevestigd op de Recht Boomssloot 24. Jim Ptasznik [één van de

Bouwtekening van Recht Boomssloot 24 Uitzicht op de toren van de Zuiderkerk, Jos Ptasznik

zoons, SR] herinnert zich het huis nog zeer goed. Op de begane grond was het expeditiebedrijf van B.F. de Weert (…). Er waren stallen voor de paarden en er was een opslagplaats voor hooi. De Weert woonde zelf op de eerste verdieping boven zijn bedrijf. Op de tweede étage woonde de familie Goldschmit,

agenten in behangselpapier en bouwmaterialen en de derde was voor de Ptaszniks. In de zeer ruime voorkamer was het bedrijf, de woning was in het achterhuis. De zolderverdieping, die bij de derde étage hoorde, werd in het begin verhuurd aan een kleermaker, die er zijn atelier had, later werd de ruim-

te voor opslag gebruikt terwijl toen ook de tweede étage werd betrokken. Daar ging het bedrijf toen naar toe en het wonen werd wat ruimer omdat het voorhuis daarvoor ter beschikking kwam.

Aan de overkant woonde een kruier, die de boodschappen voor de firma deed; deze noemde Abraham altijd meneer Frères, want die voornaam was zo moeilijk uit te spreken. In het huis op de Recht Boomssloot werd in 1905 Willy geboren, voluit Wilhelmina genaamd uit dankbaarheid voor de gastvrijheid die in het nieuwe vaderland genoten werd. De Ptaszniks waren zeer gastvrij en vele familieleden en vrienden vonden bij hun een gul onthaal.(…)

Een van de logés was mijn grootvader Isay Rottenberg, die zijn oom Abraham in Amsterdam kwam opzoeken. Hij werd verliefd op een van de dochters, Helena. Het stel verloofde zich en zou later trouwen en drie kinderen krijgen, Alfred, Edwin en Tini. De familie Ptasznik bleef tot 1913 in het pand op nummer 24. Ze verhuisden naar Amsterdam Zuid. Het bedrijf bleef op de Recht Boomssloot 24. Later is pand is door brand verwoest; wanneer precies heb ik nog niet kunnen nagaan. Op de woningkaart in het Stadsarchief wordt geen brand vermeld. Edwin, geboren in 1920, noemt het jaartal 1916, maar als dat waar is, heeft hij zijn grootvader Abraham Ptasznik nooit kunnen bezoeken op de Recht Boomssloot. In het archief van de Kamer van Koophandel vonden we bij een eerdere speurtocht geen informatie over het bedrijf van voor de jaren twintig. Van het uitzicht op de toren van de Zuiderkerk is een tekening bewaard die Jos Ptasznik maakte, een van de zoons van Abraham. In het Stadsarchief vond ik een bouwtekening van Recht Boomssloot 24, waarop je kan zien dat er inderdaad stallen waren aan de achterzijde.

Hoe het verder ging met Isay en Helena? Daarover vertellen mijn nicht Hella en ik meer op 19 april om 20.00 uur in Het Pintohuis. Dan geven we een lezing over ons boek: De sigarenfabriek van Isay Rottenberg. De verborgen geschiedenis van een joodse Amsterdammer in nazi-Duitsland. Over mijn grootvader die de modernste sigarenfabriek van Duitsland overnam vlak voor Hitler aan de macht kwam en hoe hij zich daar nog lang staande hield, tot ook dat niet meer ging. (AtlasContact, 2017)

Sandra Rottenberg

Nieuw in Huis De Pinto

Steeds meer buurtgenoten komen naar Huis De Pinto. Niet alleen om boeken te ruilen, maar ook om de krant te lezen, met buren bij te praten of in alle rust te studeren in de leeszaal. Dan merken ze dat er ook overdag activiteiten zijn, zoals maandelijks een Alzheimercafé, en dat de leeszaal soms ook door derden worden gehuurd. Wat nog te weinig mensen weten, is dat er ook ’s avonds en in de weekenden steeds vaker activiteiten zijn. En dat allemaal naast de standaard terugkerende programma’s, zoals de jazz-avond, literaire avonden, op zondag een muziekmatinee of een koffieconcert. Zo gaan we dit jaar ook vaker alternatieve en klassieke films en verrassende documentaires vertonen.

Voeljefitweek in de Paasweek 26-30 maart

Een week in het teken van fit en gezond! Kom tussen 26 en 30 maart naar de Boomsspijker en doe gratigs mee aan activiteiten zoals sportief wandelen, dansen, badminton, gezonde lunch, een gezonde avondmaaltijd, een voetbaltoernooi voor de kinderen en nog veel meer. Binnenkort komt het programma en dan hopen we jullie allemaal te zien in de Voeljefit week! Deze week is een samenwerking tussen DOCK en SCIANDRI sportmanagement. Met op Goede Vrijdag 30 maart een Paaswandeling met lunch. (zie bijlagen)

Geveltuinendag met groenmarkt Zaterdag 21 april 11-16 uur op de J.W. Siebbeleshof. Naast plantenverkoop informatie over natuur en milieu en vergroening van de buurt.

Woord van dank!

Wij willen de ondernemers en bedrijven die ons gesponsord hebben voor de kerstbingo en loterij van de bejaardensoos op 18 december hartelijk bedanken. En we bedanken Chinees restaurant Oriental City voor de heerlijke maaltijd.

Dit jaar beginnen we met een serie van drie modernistische films. Deze films van onder andere Godard herinneren de toeschouwer voortdurend aan het feit dat hij een film aan het kijken is. De illusie van realisme wordt daardoor opgegeven, maar de waarachtigheid wordt gered. Een hele nieuwe manier van filmen. Wil je weten wat we nog meer aan nieuwe programma’s hebben, zoals historische avonden en de boekverkoop? Neem dan een abonnement op onze nieuwsbrief. Dan krijg je iedere maand een overzicht. Het eenvoudigste gaat dit via de website www. huisdepinto.nl. Maar je kunt natuurlijk ook even binnenwippen en je e-mailadres in Huis De Pinto achterlaten.

Maandagavond Inspiratie Meditatie

Iedere maandagavond is er Meditatie op de Geldersekade 47-hs. We wisselen meditatie af met ontspanningsoefeningen en grondingsoefeningen. We nemen een korte inspirerende tekst of doen een geleide meditatie. Je bent van harte welkom. Je hoeft geen ervaring te hebben met meditatie. Geef je even op als je komt op emailadres riettevanderplas3@gmail.com of bel 0621 88 11 18 met Riëtte van der Plas of als je vragen hebt.

Bijdrage 7,50 euro per avond

Tijd: Maandagavond 19:30 uur tot 21:00 uur Geldersekade 47 hs linker deur.

salon januari Foto: Jan van Goor

Nieuw bestuurlijk stelsel

21 maart zijn er verkiezingen voor de gemeenteraad en de stadsdeelcommissies

Op 21 maart kan Amsterdam stemmen voor een nieuwe gemeenteraad en een stadsdeelcommissie. Het bestuur van het stadsdeel is anders georganiseerd dan hiervoor, dat noemen we het nieuwe bestuurlijk stelsel.

Gemeenteraad

Als Amsterdammer kiest u op 21 maart een lid van de gemeenteraad van een politieke partij. Daarmee beïnvloedt u wie er de grootste politieke partijen in de gemeenteraad worden. De grootste partijen in de gemeenteraad vormen samen een coalitie.

College van Burgemeester & Wethouders

De coalitie benoemt, met instemming van de gemeenteraad, de wethouders. Deze wethouders vormen samen met de burgemeester het college van Burgemeester & Wethouders.

Stadsdelen

Amsterdam heeft ook nog zeven stadsdelen. Elk stadsdeel krijgt een eigen dagelijks bestuur van drie personen. Het dagelijks bestuur van elk stadsdeel wordt na 21 maart benoemd door het college van Burgemeester & Wethouders en niet meer gekozen door de bewoners van het stadsdeel.

Stadsdeelcommissies

Naast de gemeenteraad, kiest u ook voor iemand die zitting neemt in de stadsdeelcommissie. Leden van de stadsdeelcommissie hoeven geen lid te zijn van een politieke partij, maar mogen dat wel zijn. Let op: Amsterdam is opgedeeld in 22 woongebieden. U kunt alleen in uw eigen woongebied stemmen op een kandidaat uit uw eigen woongebied. Voor elk woongebied komt een aparte kandidatenlijst. Elk stadsdeel (dat kunnen dus meerdere woongebieden zijn) krijgt een stadsdeelcommissie van minimaal vier en maximaal zes bewoners. Het is dus het handigst om te gaan stemmen bij het stembureau dat op uw stempas staat of een ander stembureau in uw eigen woongebied, want dan kunt u uw stem voor de gemeenteraad en uw stem voor de stadsdeelcommissie tegelijk uitbrengen.

Wat gaat de stadsdeelcommissie doen?

De stadsdeelcommissie adviseert het dagelijks bestuur van het stadsdeel, de gemeenteraad en het college van Burgemeester & Wethouders, namens buurtgenoten, over de toekomst van het stadsdeel, de inrichting van het stadsdeel en de uitvoering van werkzaamheden in het stadsdeel. De stadsdeelcommissie kan punten op de agenda van het dagelijks bestuur zetten en op de agenda van de gemeenteraad. De stadsdeelcommissie vergadert twee keer per maand met het dagelijks bestuur van het stadsdeel.

Op 21 maart wordt ook een landelijk raadgevend referendum gehouden over de Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten 2017 (Wiv 2017). U kunt dan stemmen over de vraag of u voor of tegen de Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten 2017 bent. Wilt u meer weten over het referendum, volg dan het nieuws en lees wat de rijksoverheid erover zegt op: www.referendumwiv2017.nl

De stadsdeelcommissie kan gevraagd en ongevraagd adviseren. Het advies van een stadsdeelcommissie is zwaarwegend. Dat betekent dat als het dagelijks bestuur het advies niet volgt, zij goed uit moet kunnen leggen waarom ze het niet volgt.

Meer weten?

Over de verkiezingen op: www.amsterdam. nl/actueel/verkiezingen-2018/

Over het nieuw bestuurlijk stelsel: www.amsterdam.nl/bestuur-organisatie/ bestuurscommissies/nieuw-bestuurlijk/

Over het gebied waar u woont, bekijk hier in welk gebied u woont: www.amsterdam. nl/bestuur-organisatie/bestuurscommissies/nieuw-bestuurlijk/gebiedenzoeker/.

Over de kandidatenlijsten: www.amsterdam.nl/actueel/verkiezingen-2018/nieuws-verkiezingen/kandidatenlijsten/

Open Toren Dag Amsterdam 24 maart 2018

Op zaterdag 24 maart 2018 vindt de zesde Open Toren Dag in Amsterdam plaats. Op deze dag openen een twintigtal historische en hedendaagse torens in Amsterdam vanaf 10.00 uur tot 16.00 uur hun deuren voor het publiek. Welke torens deelnemen en voor welke torens u zich eventueel moet inschrijven, wordt 1 maart 2018 via de site en Facebook pagina bekend gemaakt.

Gedurende de Open Toren Dag zijn er vele activiteiten in en rondom deze torens voor de bezoekers. Waaronder kunsttours, muziek, wandelingen langs torens en een foto- en filmwedstrijd met leuke, Amsterdamse prijzen!

W: www.opentorendag.nl

FB: https://www.facebook. com/OpenTorenDag/ foto ©Peter Elenbaas

Belangrijke mensen

Vorig week was er iemand op het spreekuur gekomen, omdat hij ongerust was over het feit dat zijn woning was verkocht, terwijl de nieuwe eigenaar, die natuurlijk ook de nieuwe verhuurder was, hem geen bankrekening wilde geven om de huur op over te maken. De huurder vroeg zich af of dat niet een methode kon zijn om hem van de woning af te krijgen, want de markthuur was het vijfvoudige van wat hij betaalde. Hij had van het kadaster de naam en het adres van de nieuwe eigenaar gekregen, en ik raadde hem aan een brief te schrijven met daarin het verzoek om een bankrekening. Ook als hij die niet kreeg en geen huur kon overmaken, kon hem met een dergelijke brief geen huurachterstand verweten worden. Maar de huurder vertrouwde het niet. De nieuwe eigenaar was volgens hem een jongen van het snelle geld, die rondreed in een dure auto. De reden om die bankrekening niet te geven kon volgens hem toch alleen maar zijn dat die eigenaar hem van de woning wilde hebben. Ik sprak dat tegen, niet alleen omdat dat juridisch niet mogelijk was, maar ook waren er genoeg andere redenen om geen bankrekening te geven: onverschilligheid, desinteresse, arrogantie misschien tegenover een sociale huurder met een laag inkomen, en de slechte wijze waarop vanuit een dergelijke motivatie gewerkt pleegt te worden.

Te veel gedachten aan de fijne dingen in de weekends en een algehele onverschilligheid

Dezelfde dag kreeg ik in een heel andere zaak een brief van de rechtbank waarin stond dat de verhuurder had gevraagd of hij op een zitting een pleidooi kon houden en de rechter had dat toegestaan. Het ging om een forse huurverlaging en de brief was geschreven een week voordat het eindvonnis gegeven zou worden. De rechtbank heeft de tijd, zodat die zitting een maand of twee, drie later ingepland zal worden. De procedure zal daardoor een stuk langer duren. De huurders dachten dat dit een poging was om het vonnis uit te stellen. Daar hoefden ze niet helemaal ongelijk in te hebben, maar ook dit was vooral een geval van slecht werken. De advocaat had het verzoek ingediend een week voordat de rechter vonnis zou wijzen. Als die rechter toen al met het schrijven van het vonnis begonnen was, zou hij het ver-

zoek hebben afgewezen. De advocaat had dat verzoek net zo goed drie weken eerder kunnen doen. Dan was de rechter zeker nog niet aan zijn vonnis begonnen. Hij had nu een overbodig risico gelopen. Erg goed deed hij zijn werk niet en hoogstwaarschijnlijk was dat ook wel de reden voor dat pleidooi, want hij had mogelijkheden genoeg gehad om te zeggen wat hij wilde zeggen. Er zal wel sprake zijn geweest van drukte in de praktijk misschien, te veel gedachten aan de fijne dingen in de weekends en een algehele onverschilligheid.

De onverschilligheid drukt in beide gevallen uit dat de verhuurder (of zijn advocaat) weinig in de huurder geïnteresseerd zijn. Die doet er niet toe. Opmerkelijk is dan dat die huurders er uit zichzelf niet zo snel aan denken dat zij en hun zaak weinig belangrijk zouden zijn. Het lijkt er soms op dat we allemaal diep in ons hart er vanuitgaan dat wij de zon zijn waar de rest van het zonnestelsel omheen cirkelt. Als iemand niet aan ons denkt, terwijl dat ook nog tegen zijn eigen belang ingaat, komen we daar niet zo snel op.

Opmerkelijk ook is dat het belang dat die huurders denken te hebben en de aandacht die ze daardoor denken te krijgen, voor hen nadelig zijn. Een gemis aan aandacht, waardoor ze er niet toe doen en niet meetellen, wordt onverwachts een voordeel. Meestal is dat niet het geval. En evengoed is er die vanzelfsprekendheid dat ze zulke aandacht waard zijn.

Bij burenoverlast is een dergelijke omineuze aandacht nog veel sterker aan de orde. U wilt niet weten hoeveel mensen om 2, 3 uur ‘s nachts bezig lijken te zijn met het hermeubileren van hun woning. Dan gaat het niet alleen, en vaak genoeg niet zozeer, om de objectieve hoeveelheid decibellen die daardoor in de andere woning doordringen, maar ook om het feit dat de betreffende persoon moet weten dat zijn buren daar last van hebben, en evengoed gaat hij door. Als hij dat ook nog met regelmaat doet, wordt de interpretatie onvermijdelijk dat hij met opzet probeert de nachtrust van zijn buren te verstoren. Daardoor worden de decibellen een stuk zwaarder te verdragen. En zulke interpretaties kunnen uit de hand lopen. Het komt voor dat buren elkaar gevangen houden in een wederzijdse geobsedeerdheid, waarin ze elkaars leven tot een nachtmerrie maken. Gelukkig is dat uitzonderlijk.

Het is opvallend hoe zeer problemen niet, of niet alleen, het gevolg zijn van de objectieve ellende die er nu eenmaal op de wereld bestaat, zoals woningnood, gebrek aan geld en tijd, enz. Ze ontstaan ook door interpretaties, gebaseerd op een voorondersteld belang dat men zou hebben voor iemand anders. Dat kan natuurlijk waar zijn en dat is erg genoeg. Maar tamelijk vaak lijkt het er toch eerder op dat mensen maar hoeven denken: wat doe ík ertoe? Wie is nou in mij geïnteresseerd? En ze zijn bevrijd.

Ook dit stuk zal ik eindigen met een passend kwatrijn. Het onderstaande is een herdichting van J.H. Leopold van een kwatrijn van Omar Khayyam, een Perzisch dichter uit de twaalfde eeuw.

Lach om al dit vergankelijke, deze ophef, kom drink, wees vrolijk zonder vrezen. Was al de wereld niet een wufte vrouw, dan zou het toch nog lang uw beurt niet wezen.

Peter Commandeur • Woonspreekuur De Boomspijker • Rechtboomssloot 52 Woensdagmiddag van 2 tot 5 en ‘s avonds van 7 tot 8.

Illegale bootverhuurder laadt na een vaartje 16 lege bierkratten uit. foto:

Gee de Wilde

PProfileren in nederigheid

olitiemensen kregen kritiek omdat ze ‘etnisch profileerden’. Jongeren met een donkere huidskleur in dure auto’s werden en worden soms meermalen per dag gecontroleerd. Goed fout natuurlijk. Maar profileren is vaak verstandig. Als je in de Onkelboerensteeg vijf jongeren van welke afkomst dan ook luidruchtig op je af ziet komen, ben je wel erg onverschrokken als je gewoon doorloopt. Door te profileren schat je in hoe veilig het is. Dat zit in onze genen. Maar profileren is ook cultureel bepaald, zoals bij die politiemensen.

Ook ik profileer me wezenloos. Zo betalen volgens mij jonge Fransen nooit parkeergeld en komen ze alleen naar Amsterdam om zich vol te laden met cannabis, zijn kaalkoppen in een T-shirt altijd Engelsen die om 10 uur ’s morgens al dronken zijn, praten alle Spaans sprekenden te hard, en zijn alle Biro-rijders in hun elektrische karretjes niet ouder dan 30 en komen ze uit Stadsdeel Zuid. Zo.

Maar ik word constant gecorrigeerd. Zo zag ik laatst een Fransman uit de banlieues van Parijs (dat zie je aan het nummer van het departement op zijn nummerbord) keurig zijn parkeergeld betalen, en zag ik een groep Engelse jongeren allemaal met een flesje water over straat gaan.

‘Uitzonderingen daargelaten’, hoor ik u zeggen. Nou, het gaat iets verder. Zo zijn de meeste Airbnb-verhuurders geen huisjesmelkers en zakkenvullers. Ook u heeft vast lieve buren, die zich keurig aan de regels houden, en die u hun bijverdienste wel gunt. Of neem die te hard rijdende bakfietsvader. We kennen allemaal wel een stel jonge ouders die we prijzen omdat ze het aandurven hun kinderen in de Nieuwmarktbuurt te laten opgroeien en niet naar Almere Muziekwijk verhuizen. En wat te denken van die hondenbezitters die hun hond niet aanlijnen, maar wel elk keuteltje van de stoep schrapen. Aardige mensen die je ook nog eens vriendelijk aanspreken.

Ik wil maar zeggen. Profileren kan handig en veilig zijn, maar het is niet verkeerd daarbij te blijven nadenken. En laten we ook eens bedenken hoe mensen van buiten óns profileren. Hoe zij ons fietsgedrag ervaren, naar onze woekerende geveltuin kijken, of ons afval, onze lawaaiige verbouwing aanhoren, onze smerige dieselauto ruiken, of onze Amsterdamse brutaliteit (‘Geintje!’) waarderen. Dat maakt nederig. Gee de Wilde

de twitterburgemeester van de natiestaat breit sokken voor de gewervelde kiezer in de rietkraag van de polder het gezoem van psychometrische data gouden bergen baren gouden leugens languit in zijn knollentuin leest hij alles wat plat is de les zo kruipt het natiedier door tunnels van publieke mening naar zijn eigen uitverkiezing

politiek is de afvoerput van vertrouwen een vlucht naar overtuiging van het gebroed dat de buik de politiek biedt

zicht op de wereld brengt niet bij kennis gebrek aan olie en gas wel waarheid houdt van feiten maar verliest haar waarde op zijn pseudoracistische klompen

Bert Baanders

Wat bezielt de bestuurscommissie?

Een gesprek met Rozemarijn Geus, lid van Marktvereniging Waterloo Anno 1885

HOver de plannen van het Gemeentebestuur voor het Waterlooplein mag één ding duidelijk zijn: absoluut niemand buiten de plannenmakers zelf heeft er positief op gereageerd. Er is een petitie ingediend met meer dan 11.000 handtekeningen, de Zuiderkerk stroomde vol met boze Amsterdammers, er waren 27 insprekers bij de commissieraadvergadering, er zijn vier alternatieve plattegronden en plannen ingediend en 100 zienswijzen (lees: protestbrieven).

et door het stadsdeel voorgestelde plan is aan veel protest onderhevig. Toch houdt men nog vast aan de geplande besluitvorming: 6 maart voorbereidende vergadering, 13 maart de besluitvormende, met een mogelijke uitloop naar 20 maart, terwijl de bestuurscommissie op 21 maart niet meer bestaat.

De begane grond van de Stopera

De gemeenteraad heeft ingestemd met een plan, dat de Amsterdamse maakindustrie middels een markthal in de Stopera zou laten zien. Met de bedoeling de Stopera meer open te maken en meer aan te laten sluiten bij zijn omgeving.

Deze plannen leidden toen tot circa 75 geïnteresseerde ondernemers, waaronder ook kooplieden van het Waterlooplein. Helaas kwam er begin 2017 een nieuwe, gewijzigde inschrijvingsronde, omdat er toen opeens de wens was de locatie in zijn geheel te verhuren (voor 6 ton per jaar). Hierdoor is nu nog slechts één partij over (wat ons overigens een slechte uitgangspositie voor de gemeente lijkt…). Naar verluidt gaat het bij deze ene partij om een bedrijf waaraan een project- en vastgoedontwikkelaar verbonden is die wij nog kennen als D’66-kandidaat voor de raadsverkiezingen van 2010.

Wat de plannen van deze enige overgebleven partij zijn is nog niet bekend. Dit maakt dat wij niet alleen inhoudelijke bezwaren hebben tegen de nu voorliggende plannen voor het Waterlooplein, maar het ook erg vreemd vinden dat de herinrichting van het Waterlooplein zich nu zogenaamd voegt naar iets, waarvan niet eens duidelijk is wat het wordt!

Duurzaamheidsplan volledig genegeerd

Helaas is er tot op heden weinig tot niets aan de plannen veranderd. Ook is er door het projectteam niet gekeken naar de alternatieve plannen van de Waterloopleinvereniging. Zo is ons duurzaamheidsplan volledig genegeerd.

Onze drijfveer en inspanningen zijn steeds geweest dat een verbetering van de markt en een verbetering van de openbare ruimte elkaar absoluut niet hoeven te bijten. Heel veel hebben we meegedacht en aangedragen, weinig teruggezien, maar we zijn wel veel – buiten formele termijnen om - overrompeld met steeds weer nieuwe plannen.

Ombudsman

O.a. het achterliggende, slopende proces is reden voor het bestuur van de Vereniging geweest begin januari naar de Ombudsman te gaan, waar wij ons hebben beklaagd over de nu voorliggende plannen en de gevolgde werkwijze door stadsdeel Centrum. De Ombudsman heeft ons ontvankelijk verklaard en is een onderzoek begonnen naar onrechtmatigheden die tijdens het proces mogelijk voorbij zijn gekomen. Een voorbeeld hiervan is volgens ons, dat het stadsdeel/de gemeente door het niet naleven van haar eigen marktverordening er zelf verantwoordelijk voor is, dat de afgelopen jaren de bezettingsgraden op het Waterlooplein zijn gedaald.

Niet het juiste bestuursorgaan

Wij zijn van mening dat bestuurscommissie Centrum niet alleen te klein, maar nu ook niet het juiste bestuursorgaan is om in de laatste dagen van haar bestaan te beslissen over de herinrichting van het Waterlooplein. De herinrichting van het plein, en de kwaliteit van de markt die daarmee samenhangt, heeft een fundamentele impact op het bestaan van circa 300 marktondernemers en is van groot en uniek belang voor duizenden bezoekers per dag en voor de bewoners van Amsterdam.

Het door het stadsdeel voorgestelde plan is aan veel protest onderhevig. Toch houdt men nog vast aan de geplande besluitvorming: 6 maart voorbereidende vergadering, 13 maart de besluitvormende, met een mogelijke uitloop naar 20 maart, terwijl de bestuurscommissie op 21 maart niet meer bestaat …

Raadsadres

Het Waterlooplein bedient heel Amsterdam en is van belang voor heel Amsterdam en verdient daarom de aandacht van de Amsterdamse gemeenteraad.

In een raadsadres vragen wij de gemeenteraadsleden om kennis te nemen van de nu voorliggende plannen en deze plannen te vergelijken met de eerder besloten bestuurlijke uitgangspunten. Ook vragen wij om in de nieuwe plannen te kijken naar de omvang en positionering van de marktplaatsen en hoe dit in de praktijk zal uitpakken (inclusief laden en lossen en opslag!).

Zoals gezegd, doet de ombudsman onderzoek naar onrechtmatigheden in het achterliggende proces. Nu snel een besluit nemen op grond van een proces met – mogelijke –onrechtmatigheden kan en mag toch niet de bedoeling zijn?

Wij roepen de raad op om de bestuurlijke verantwoordelijkheid voor het Waterlooplein- én Stoperaplan weer samen te voegen in één hand en ervoor te zorgen dat de plannen elkaar inhoudelijk weer gaan versterken, zoals oorspronkelijk de bedoeling was!

U staat anders op het punt het te laten gebeuren, dat een economische motor, bijzondere trekpleister, sociale haven van Amsterdam én het laatste sjofele rafelrandje in het stadscentrum, gaat wegkwijnen en uiteindelijk verdwijnen.

In strijd met de Gemeentewet

Zolang er nog geen verkiezingen zijn geweest en besluitvorming door de verkapte deelgemeente Stadsdeel Centrum in strijd is met de Gemeentewet, mag het Stadsdeel in zijn laatste bestaansweek hier geen besluit over nemen.

GRIP OP UW LEVEN

Steun als het even niet meer gaat

CentraM biedt ondersteuning:

• bij het omgaan met geld(problemen)

• bij het zo lang mogelijk gezond en zelfstandig thuis blijven wonen

• bij problemen in relaties en een veilig thuis

• voor mantelzorgers

CentraM ondersteunt en verbindt bewoners en geeft informatie & advies.

U kunt altijd gratis bij CentraM terecht, een verwijzing is niet nodig.

U kunt contact met ons opnemen via: 020 -557 33 38 • tussen 9 en 12 uur.

U kunt ook langs komen bij een van onze pluspunten in de buurt. Voor meer informatie en adressen kijk op onze website: www.centram.nl

Onze vereniging is in gevaar! De gemeente heeft ons pand verkocht. Amsterdammers steun ons en teken de petitie op: www.petities.nl en kom naar de demonstratie op 14 maart.

Voor meer info kijk op op onze website.

Bezoek onze tentoonstelling van 20 t/m 22 april, tussen 12.00 en 17.00 uur.

openingstijden secretariaat: maandag/woensdag/vrijdag van 10.00-13.00 uur

De 400-ste verjaardag van Jan

Maandag 14 januari 1658. Jan

Six wordt veertig. Hij voelt zich brak maar tevreden. Iets te veel kruiken wijn laten aanrukken gisteren. Z’n vrouw Margaretha had bedacht dat zijn verjaardag beter op zondag gevierd kon worden. Eerst naar de kerk op het Walenpleintje, omdat zijn moeder daar altijd heenging, en er ruim drie jaar eerder begraven is. Na de dienst in optocht naar de Kloveniersburgwal om er een goed middagmaal te nuttigen. Met vrienden en familie. Rembrandt was er en vriend Vondel die eerder zo’n schitterend huwelijksgedicht had geschreven, een ware lofzang op zijn Margaretha. En uiteraard de hele familie Tulp met aanhang. Het huis zat goed vol. Schoonvader Nicolaas vond natuurlijk weer dat de dis veel te kostbaar en uitbundig was. De calvinist. Maar na een gloedvol gebed liet ook hij het zich goed smaken.

Dit was de eerste verjaardag die Jan vierde na het overlijden van zijn lieve moeder Anna Wijmer in 1654 en zijn huwelijk een jaar later. Zo’n kroonjaar kon hij niet voorbij laten gaan. Niet dat het zo voorspoedig ging in huize Six. Margaretha had inmiddels één kind gebaard, dat in het kraambed was overleden, en had daarna nog een paar miskramen. Ze zagen erg uit naar een erfgenaam.

Desondanks werd het een gezellige middag. De grootste verrassing kwam om een uur of vier. Want wie kwam daar het bordes op? Dat leek Govert wel. En inderdaad. Govaert Flinck en zijn bediende droegen voorzichtig een schilderij het huis in. ‘Jongens, ik heb al een schilderij’, grapte Jan. In de salon werd een deken van het doek gehaald. ‘Margaretha!’ schreeuwde Jan het uit, ‘en nog mooier dan het vorige! Nou heb ik er drie. De echte is natuurlijk de mooiste, maar deze … Govert, je hebt jezelf overtroffen!’ Een glunderende Margaretha vloog Jan om de hals: ‘Ik ben zo blij dat je hem mooi vindt. Dit is mijn cadeautje’. ‘Wat? Was daar al die geheimzinnigheid voor in de herfst? Jahan …, ik moet even de stad in. En dan kwam je uren later pas terug. Ik werd al achterdochtig. Dan zat je dus bij Govert. Weet je zeker dat deze – hij wijst op haar buik – van mij is?’ Rembrandt knikt goedkeurend naar het portret. Een beetje jaloers omdat deze opdracht niet aan hem werd gegund. ‘Govaert, je hebt je in ieder geval niet laten verleiden om een bos tulpen te schilderen. Of margrieten; nog erger. Die rozen zijn goed ge-

Hendrick Cornelisz. Vroom, Gezicht op Binnen-Amstel met het Rondeel (detail), 1615, Amsterdam Museum. In het midden staan de toenmalige huizen Kloveniersburgwal 97-109

troffen. Mooi simpel in het haar.’ Tja, waar moest dít schilderij nu weer hangen. Het begon al aardig vol te worden na alle aankopen van de laatste jaren. Ze besloten dat een van Margaretha’s portretten naar het zomerhuis in Hillegom zou verhuizen. Zo kon Jan ook ’s zomers naar zijn geschilderde geliefde kijken.

50

Dinsdag 14 januari 1668. Jan tuurt uit het raam. Weinig volk op straat. Er ligt een pak sneeuw voor het huis aan de Kloveniersburgwal. Het is koud. Weinig handelaren en kooplieden wagen zich buiten. Op de Nieuwmarkt wordt wat vis verkocht. Verder niet. Hij kan het net vanuit zijn raampje zien. Al meer dan een jaar logeerde hij met zijn gezin in Het Gouden Heck, het huis van zijn schoonneef Coenraad Burgh, twee deuren van het gloednieuwe pand van de broertjes Trip, die het wel erg breed laten hangen. Zelf wacht hij al jaren op een nieuw huis. Sinds de familie De Blauwe Arent en Sint-Jacob verderop op de gracht vijf jaar geleden verkocht, hebben Margaretha en hij geen huis meer in Amsterdam. In de zo-

Six

mer is dat niet zo’n probleem. Dan zit de familie in Hillegom, waar mama zo’n heerlijk optrekje heeft laten neerzetten. Per paard en boot ben je dan in een paar uur in Amsterdam, als er zaken gedaan moeten worden. Maar in de winter wil je toch in de stad zijn. Dan is het er sowieso beter uit te houden. Drie winters (1664, ’65 en ‘66) woonde hij in bij schoonvader Nicolaes Tulp op de Herengracht. ‘Waar blijft jullie nieuwe huis, Jan’, vroeg hij elke zondag aan de dis. In het begin vertelde Jan dan over zijn goeie vriend Adriaen Dortsman, die hij wilde vragen een huis te ontwerpen. ‘Doe dat dan, Jan, in plaats van van die semi-intellectuele gedichten te schrijven en in de kroeg te zitten met foute vrienden.’

Uiteindelijk kwamen de tekeningen rond. Jan bemoeide zich met elk detail van het huis, maar hij liet de voorgevel helemaal aan Adriaen over. Strak en modern, zonder die klassieke tierelantijnen van de broers Vingboons, Post en Van Campen. Geen Korintische zuilen, friezen en timpanen. Strak, eenvoudig. Hoge plafonds, grote ramen.

14 januari 2018 werd op Kloveniersburgwal 101 op gepaste wijze de 400-ste verjaardag van Jan Six I gevierd met

en

stuk is een bewerking van een van de voordrachten. ©Peter Slagter

lichter. En Jan wilde dat dolgraag ook zijn, modieus en artistiek. Hij kende zijn beperkingen. Zijn toneelstukken waren geen succes, en zijn gedichten werden niet uitgegeven. Wat wil je, tegen vriend Joost van den Vondel kon niemand op. Hij koesterde zich in diens schaduw.

Vorig jaar werd dan eindelijk met de bouw van zijn huis begonnen. Zo’n beetje meteen nadat het stadhuis op de Dam helemaal af en klaar was. Ook al zo’n gedateerd bouwwerk in de ogen van Adriaen. Jan had bij het gereedkomen van zijn toekomstige voordeur alvast een

mooie welkomstkreet laten aanbrengen: Salus huic Domui, ‘zegen over dit huis’. In de goud-geschilderde letters is het jaartal 1667 te lezen. (Toen de Bank Mendes Gans het pand Herengracht 619 enkele jaren geleden liet schilderen, werden ook de letters van de spreuk overgeschilderd. Met de gouden letters ging dat mis. Het romeinse jaartal is verdwenen.) Maar het komt daarmee niet eerder af. Nu, op z’n vijftigste verjaardag weet hij dat hij nog zeker een jaar moet wachten voordat de timmerlieden en tapisseurs klaar zijn.

Vijftig. Gelukkig voelt hij zich nog geen oude man. Hij is inmiddels 13 jaar ge - ▼

Op
toespraken
muziek. Bijgaand

Heeft uw kind moeite met taal of rekenen? Aan hun inzet ligt het meestal niet. Deze kinderen hebben professionele hulp nodig.

REMEDIAL TEACHING

Voor meer informatie of een afspraak: Judith de Haan - gediplomeerd Remedial Teacher Tel: 020-6279155 E-mail: judith_rt@telfort.nl

trouwd met de liefste vrouw van de wereld. Ze baarde inmiddels zeven kinderen, en een achtste is op komst. Alleen Nicolaas, Anna en Margareta leven nog. Nicolaas is nu vijf, Anna bijna drie en Margareta moet nog twee worden. Als de nieuwgeborene een jongetje wordt, gaan ze hem voor de derde keer Jan noemen.

Ondanks het slechte weer stroomt het huis langzaam vol met familie en vrienden. Rembrandt zal er niet bij zijn. Na z’n faillissement woont hij ergens op de Rozengracht. En Govaert Flinck is dood. Veel te jong gestorven.

De taarten worden aangesneden, en de kruiken wijn doen de koude winterdag vergeten. Vondel, die net z’n tachtigste verjaardag achter de rug heeft, weet nog wel een rijmpje. ‘Niet weer zo’n ellenlang gedicht, Joost, alsjeblieft!’ smeken de aanwezigen. ‘Nee, zeker niet, het is eigenlijk een soort vertaalraadseltje. Luister: Si six scies scient six cyprès, six cent six scies scient six cent six cyprès. Virelangue heet dat in het Frans, een tongenbreker. Als zes zagen zes cypressen zagen, zagen 606 zagen 606 cypressen . Maar vanaf vandaag is de vertaling: als zes Sixen zes cypressen zagen, zagen 606 Sixen 606 cypressen. Want dat er over een paar eeuwen 606 Sixen zijn, dat staat wel vast.’ Daarna worden tot diep in de avond krullen van de trap gekrabt, en knippen de knappe knechten van de knappe kappers tot Jan geen krul meer over heeft.

Vondel kreeg gelijk. Drie weken later, op 8 februari 1668, werd Jan Six II geboren. Hij zou net zo oud worden als zijn vader en 15 keer tot burgemeester van de stad worden verkozen.

Gee de Wilde

Amsterdamse grachtenpanden, dat moest het onderwerp voor de tekenles worden die dag, vond een van de leerlingetjes. Aangezien de zon scheen, dacht ik: vooruit we kunnen wel naar buiten, het is leuker om die gevels naar de directe waarneming te tekenen dan van een plaatje.

Hals-, trap-, klok- of lijstgevels, de meesten kenden ze al.

We zaten op de brug over de Krom Boomssloot, kijkend naar de huizen op de Recht Boomssloot. Zeilen neergelegd, daarop paardendekens en daarop de tekenaars. Met de rug tegen de brugleuning en de tekenplanken niet te ver naar voren want er kwamen toch nogal wat auto’s (taxi’s!) langs. Een vader aan de overkant zag dat en kwam naar ons toe. Voor zijn huis stond een dranghek met een verboden in te rijden-bord dat door stratenmakers was achtergelaten. Idee! Het hek op de brug gezet en alle auto’s sloegen als van zelfsprekend rechts af. We hadden de brug voor ons alleen!

Met de kinderen die eerder klaar waren rondgedanst op de brug, tegen de kou. Dikke pret!Zullen we dat hek maar laten staan?

en Barbara

concert vrijdag 30 maart 2018

- Zuiderkerk Amsterdam

+ Maak van uw nabestaanden geen ‘spoorzoekers’

+ Hulp bij afwikkeling van een nalatenschap

+ Beter voorbereid naar de notaris voor opstellen / wijzigen (levens)testament

mail@luciesnoeker.nl www.adviesnalatenschap.nl

020 627.61.48 / 06 5115.34.24

Op 30 maart vindt een bijzonder concert plaats in de Zuiderkerk in Amsterdam. Het Pergolesi Ensemble brengt Stabat Mater van Pergolesi. Het Stabat Mater is barokmuziek die oorspronkelijk geschreven is voor goede vrijdag.

Dit fameuze Stabat Mater van Pergolesi is na de Mattheus passie het bekendste paasoratorium, een weergaloos stuk muziek dat steeds weer tot tranen toe weet te ontroeren. Ook in deze versie, voor twee vrouwenstemmen met saxofoonkwartet, slaagt het werk er in binnen het tijdsbestek van een uur een volkomen paasgevoel te geven. Er-

vaar dit meeslepende Stabat Mater op goede vrijdag in de serene sfeer en de prachtige akoestiek van de Zuiderkerk.

Uitvoerenden:

Het Pergolesi Ensemble

Wendeline van Houten - sopraan Marianne Selleger - alt saxofoonkwartet bestaande uit: Naomi Sato - sopraansax, Ivo Ronkes - sopraan- en altsax, Dirk Hooglandttenorsax, Eefje Benning - baritonsax vrijdag 30 maart 2018 - Zuiderkerk zuiderkerkhof 72 aanvang: 20:00 toegang: € 17,50, < 12 jaar € 12,50 Tickets online bestellen via: www.pergolesi.nl. Kaarten ook te koop voorafgaand aan het concert in de kerk

Mieke
Stabat Mater - Giovanni Battista Pergolesi

Renovatie metrostation Nieuwmarkt

Noordkant halverwege, zuidkant voorbereiding gestart

Inmiddels zijn de werkzaamheden aan metrostation Nieuwmarkt in volle gang. Na twee maanden is de lift op de Nieuwmarkt voor een deel gesloopt. Het huisje voor de perronopzichter en het loket zijn gesloopt. Bouwvakkers zijn nu bezig de wanden in het station te tegelen, de vloeren te schuren en de liftschacht op te bouwen.

Toegangen dicht begin mei

Ondertussen staan er alweer vier weken schuttingen in de hal bij de Nieuwe Hoogstraat. Hier zijn de stalen kozijnen gesloopt en de plafondplaten weggehaald. Het echte renovatiewerk start begin mei. Dan gaat de toegang Nieuwe Hoogstraat / Zuiderkerkhof dicht. Ook de toegang Koningsstraat sluit dan. Voorwaarde is wel dat de

rondom de taart wacht het feest tot iedereen gekomen is later wordt het mes gebracht

niemand is bereid te sterven voor het laatste stuk gesneden is woorden vallen en de stukken gaan van hand tot hand aan de taart verandert niets

tijd wacht op niemand

Bert Baanders

toegang Nieuwmarkt dan weer open is. Bewoners rond de toegangen worden geïnformeerd wanneer het zover is.

Sloopwerk Zuiderkerkhof

Bij de toegang Nieuwe Hoogstraat en op het Zuiderkerkhof zal in mei/juni een deel van de lift worden gesloopt. Rond de lift wordt beton weggezaagd om een vide van glas te maken. Ook komt er naast de toegang een glazen doorgang. Meer glas betekent meer licht in het station zodat reizigers zich veiliger voelen. Daarvoor moeten we wel eerst slopen, wat geluidoverlast zal geven. We werken ook hier overdag tussen 07.00 en 19.00 uur. Meer informatie vindt u op www.wijnemenjemee.nl/oostlijn. Voor vragen kunt u mij mailen op m.de.kat@amsterdam.nl Marlo de Kat Communicatie Metro en Tram Gemeente Amsterdam

Helden & Schurken

Maandelijkse lezingenserie over de tweede Wereldoorlog Gebruik en misbruik van verzet

Het verzet had vlak na de oorlog een onaantastbare heldenstatus tot bleek dat het uit mensen bestond met kwaliteiten, gebreken en belangen. Jos Palm spreekt hierover met oorlogshistoricus Bas Kromhout en Jan Brokken (schrijver van De Vergelding). 15 maart, 15.30 uur tot 17.00 uur

Homoseksuelen in verzet

Bij de aanslag op het Amsterdamse bevolkingsregister in maart 1943 waren veel homoseksuelen betrokken. Ze kregen weinig aandacht in de geschiedschrijving en de naoorlogse pers. Oud

NIOD-directeur Marjan Schwegman spreekt met documentairemaakster en biografe Toni Boumans en met homo-historicus Theo van der Meer 19 april, 15.30 uur tot 17.00 uur

April/mei-stakingen

De April/mei-stakingen van 1943 worden gezien als het keerpunt voor het verzet. Onbekend is dat veel lichamen van gefusilleerde stakers nooit zijn terug gevonden. Clairy Polak spreekt hierover met Ad van Liempt en enkele nabestaanden. 17 mei, 15.30 uur tot 17.00 uur

Studentenverzet

Studenten weigerden massaal de loyaliteitsverklaring te tekenen; het hoger onderwijs kwam tot stilstand en veel studenten gingen zich fulltime wijden aan het verzet. Verzetsmuseumdirecteur Liesbeth van der Horst spreekt onder meer met historicus Jeroen Kemperman, die er een boek over schrijft. Locatie: Verzetsmuseum Amsterdam, Plantage Kerklaan 61

Prijs: per lezing: € 14,- . Passe-partout: € 60,Vrienden van het Verzetsmuseum en NIOD en lezers Historisch Nieuwsblad: € 10,- per lezing en € 45,- voor een passe-partout.

Gratis op vertoon van een studentenkaart.

Prijs inclusief toegang tot museum en drankje na afloop.

Kaarten online via www.verzetsmuseum. org, of aan de kassa van het museum. Helden & Schurken is een initiatief van NIOD, Instituut voor Oorlogs-, Holocaust en Genocidestudies en Verzetsmuseum Amsterdam i.s.m. VPRO en Historisch Nieuwsblad

Geveltuinendag met groenmarkt

Zaterdag 21 april 11-16 uur op de J.W. Siebbeleshof. Naast plantenverkoop informatie over natuur en milieu en vergroening van de buurt. De Geveltuinendag heeft een grote, enthousiaste achterban van buurtbewoners. Het hebben en onderhouden van geveltuintjes is goed voor de gezondheid. Het onderhouden van de planten en het snoeien van de struiken brengt de bewoner op straat in de openbare ruimte, waar een stoet van praatgrage buren voorbijkomt. Geveltuinen zijn goed voor de cohesie in de straten. In de buurt is een gezonde rivaliteit tussen straten, grachten en pleintjes ontstaan. Wie heeft het mooiste geveltuintje van de buurt? Bewoners zijn trots op hun geveltuintjes. Zij laten zien hoe goed het vertoeven is in hun straat. Er zijn ook prijzen te winnen voor de mooiste geveltuinen. Er zijn zo’n 27 verschillende soorten ‘geveltuinen’ en dus winnen velen een prijs. De Geveltuinenprijzen zijn vernoemd naar Auke Bijlsma en worden uitgereikt op een speciale bijeenkomst in Huis de Pinto. Bij de uitreiking van de Geveltuinenprij-

Kunst in de Buurt

Goed idee voor kunst of cultuur in je buurt? Concertje, tentoonstelling? Inwoners en bewonersgroepen kunnen daarvoor een bescheiden subsidie aanvragen bij de stichting Kunst en Cultuur Amsterdam Centrum.

Je kunt hierbij denken aan allerlei vormen van kunst en cultuur die zich op straat afspelen zoals vitrinekunst, de hofjesconcerten in de Jordaan en het grote straatfeest in de Spuistraat. Maar denk ook aan culturele activiteiten voor kinderen of een buurtwandeling voor vluchtelingen. Wil je een culturele activiteit organiseren, hou een termijn van 4 tot 6 weken aan voor een beslissing. Het gemiddelde bedrag ligt tussen de 500 en 1.000 euro. Het is bestemd voor de

zen 2016 lanceerde Sandra Rottenberg een plan voor verdergaande vergroening van de buurt. Geveltuinen 2.0. Haar idee was allerlei versteende openbare ruimte te gaan vergroenen. Ook vertikale tuinen en daktuinen. Ze bracht dit naar buiten bij de uitreiking van de Geveltuinenprijzen en zij vond een welwillend gehoor. Buren waren heel enthousiast en al gauw waren er allerlei plannen. Er valt heel wat te vergroenen in de buurt. Nieuwmarkt Groen! was geboren. Het is altijd goed om te zien hoeveel kennis op allerlei terreinen er onder je buren is. In het geval van Nieuwmarkt Groen! zijn er plannen

randvoorwaarden zoals pianohuur, het huren van stoelen, publiciteit en andere onkostenvergoedingen. Honoraria komen niet in aanmerking.

Organisatie

Kunst en cultuur dichter bij de burger, snel en zonder bureaucratie. Daarvoor geeft Stadsdeel Centrum in totaal een kleine ton. Waar er eerder drie zelfstandige werkgroepen in drie Centrumbuurten waren, vallen zij sinds kort juridisch onder deze stichting. De werkgroepen uit het stadshart, Oost en de Jordaan blijven zelfstandig beslissen over de kunstactiviteiten in hun eigen buurt. Belangrijk is dat buurtbewoners nog vaak zelf het initiatief nemen. Zo zijn er in de Jordaan/ gouden reaal de hofjes concerten, in het stadshart de vitrinetentoonstellingen in de Sint Antoniesbreestraat en in Oost concerten in de Oosterkerk Professionele kunst valt onder het Amsterdams Fonds voor de Kunst. Subsidie aanvragen: https:// kunstencultuurcentrum.nl/

Andere voorwaarden: - het moet zich afspelen in het Centrum - laagdrempelig en voor iedereen toegankelijk - kleinschalig zonder winstoogmerk

gemaakt voor vergroening van de Sint Antoniesluis, het Keizerspleintje, Rondje Blom-Lastagepleintje, Gassan Diamonds, de Nieuwe Amstelstraat en de De Ruyterkade. Er zijn contacten gelegd met de gemeente en met de beheerders van de leidingen in de grond. Met innovatieve bedrijven op het gebied van multifunctionele plantenbakken. En als het gaat om de gezondheid dan weet ieder mens dat een groenere omgeving beter is voor de mens en voor het milieu. Geveltuinen, postzegelparkjes om de hoek dragen in positieve zin bij aan het welbevinden van iedereen en alles. Plantenbakken zijn vooral ook goed voor waterbeheer. Amsterdam wordt in toenemende mate getroffen door steeds heftiger regenbuien. Voor al dat water moet een oplossing komen. Plantenbakken vangen dat regenwater gewoon op. Geveltuinendag met groenmarkt De Geveltuinendag zelf is na jaren uitgegroeid tot een soort buurtfeest, waar bewoners hun plannen smeden voor verdere vergroening van hun straat en gracht.

Even denken 2018-1

‘Als Anna snakt naar patat van snackbar Jan, haalt haar man dat dan?’

Verzin op deze a-vraag een antwoord van 6-10 woorden, en wel een a-antwoord, te beginnen met ‘ja’, of een e-antwoord, te beginnen met ‘nee’.

Stuur uw antwoord op, misschien wordt het wel in het volgende nummer geplaatst.

Inzendingen Even denken 2017-4

Gevraagd werd, de volgende limerick af te maken: Een duffe toerist met een kater raakte rolkofferrollend te water

Mireille van Wageningen dichtte: een eend en een zwaan die zagen dit aan blub blub, toen alleen nog gesnater.

Barbara Wichers Hoeth stuurde: Een eend die het zag kwam niet bij van de lach en nog klinkt alom haar gesnater

Jan Theemaker vond: en koppeltjedook direct naar wat coke want water, tsja, dat is voor later

Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook