Skip to main content

OpNieuw_2017_04

Page 1


OpNieuw

Colofon

OpNieuw is het blad voor de Nieuwmarktbuurt, door en voor buurtbewoners. OpNieuw wordt gratis huis aan huis verspreid in het gebied dat begrensd wordt door Geldersekade, Oosterdok, Uilenburg, Zwanenburgwal, Staalkade, en ‘s Gravelandsveer, Kloveniersburgwal en Nieuwmarkt en op Oosterdokseiland.

Deze uitgave wordt mede mogelijk gemaakt door Stadsdeel Centrum, Koninklijke Nederlandse Akademie voor Wetenschappen, Rabobank Amsterdam.

Redactie

Sati Dielemans, Tom Blits (vormgeving), Roos Hendriks, Vita Hooglandt, Nanny Kok, Martijn van der Molen, Henk Oldeman, Riëtte van der Plas, Lisa de Rooij en Dunya Willeman.

Medewerkers aan dit nummer

Peter Commandeur, Bert Baanders, Mieke van Beeren, Andreas Grütter, Maarten Henket, Lineke Joanknecht, Marlo de Kat, Flip Lambalk, Mieke Lokkerbol, Lishe Los, Monica Metz, Evelien van Os, Toer van Schayk, Tine Sibbing, Sandra Rottenberg, Bob Vos, Barbara Wichers Hoeth, Gee de Wilde, Marijke Winnubst.

Voor- en achterplaat

Nanny Kok

Bestuur Stichting OpNieuw bestuur@opnieuw.nu

Bob Vos en Gerda Kievit

Uitgave

Stichting OpNieuw Amsterdam K.v.K. 41209382

Donaties

NL68INGB 0006037046 t.n.v. Stichting OpNieuw, Amsterdam

Redactieadres

Recht Boomssloot 52, 1011 EC Amsterdam redactie@opnieuw.nu

Advertenties advertenties@opnieuw.nu 06-41491757

De advertentieprijs is vastgesteld op €0,90 zwart/wit en €1 kleur, per vierkante centimeter.

Website: www.opnieuw.nu

Bezorgers

Beiki Bakker, Iek Boeles, Mariken de Goede, Johanneke Guldemond, Marcel Gutz, Lea Israels, George Janszen, Nico de Jong, Femke Koens, Jaap Kroeger, Machiel Limburg, Evelien van Os, Kris Peeters, Cor Portasse, Antje Postma, Dymph Rutten, Joost Schings, Piet Seysener, Hans van der Sluis, Barbara Wichers Hoeth, Niko Wijnbeek, Dunya Willeman en Thera van Zaal.

Deadline volgende OpNieuw: 16 februari 2018

De toekomst van OpNieuw

In het septembernummer van OpNieuw werd door de redactie een oproep geplaatst voor een bijeenkomst in de Boomspijker. Het doel hiervan was om aandacht te vragen voor de vergrijzing binnen de redactie en te kijken of er een jongere generatie is die het werk willen overnemen. De opkomst was magertjes en dat resulteerde eigenlijk in de vraag “zijn mensen nog wel geïnteresseerd in OpNieuw?”. Om dat uit te zoeken hebben we toen een steekproef gedaan in de buurt door middel van een enquête in de brievenbus. Hierop werd wél erg goed gereageerd.

Vooral de ouderen uit de buurt, ruim 60% van de reacties, zijn helemaal vergroeid geraakt met OpNieuw en zouden het heel erg vinden als het zou verdwijnen. Zij spraken zich unaniem positief, en met hele mooie woorden, uit over hun buurtblad. Ter geruststelling: het is zeker niet de bedoeling dat OpNieuw verdwijnt, maar daarvoor moeten we mensen hebben die het blad willen maken en is nieuw en jong bloed nodig.

Gelukkig waren er ook veel reacties van mensen uit díe categorie. Mensen die hun gegevens hebben achtergelaten en hebben aangegeven iets voor het blad te willen doen. Wat dit inhoudt weten we nog niet helemaal, maar in de komende weken gaan we met deze mensen contact opnemen.

De enquête was een steekproef bij ongeveer 20% van het bezorggebied van OpNieuw. Het kan dus goed zijn dat je geen enquête hebt ontvangen, maar dat je wel interesse hebt. Schroom niet en meld je dan gewoon aan via redactie@opnieuw.nu voor een vrijblijvend contact.

Bob Vos

Secretaris bestuur OpNieuw

en verder

15 Wormenhotel op Bantammerbrug

15 Blijve: OpNieuw, Maarten Henket

18 Flesseman terug in de buurt, Mieke van Beeren

20 Tel mee!, Gee de Wilde

20 Autoverkeer in de Nieuwmarktbuurt, Henk Oldeman

21 Intimiteiten, Peter Commandeur

22 Berichten uit de tekenklas

23 Arts en Crafts Emil van Slooten, Toer van Schayk

25 Speeltuin de Waag wordt nog leuker!

26 Metoo, Monica Metz

26 Nieuws van stichting !WOON

27 Bloem van de Zeedijk, Marijke Winnubst

27 Boekenkast, Andreas Grütter

30 Renovatie metrostation Nieuwmarkt

30 ‘Über allen Gipfeln ist Ruh’, Gee de Wilde

31 IN DE BUURT

Wij hebben de volgende donaties ontvangen:

3 x 30,- van Willers, 3 x 10,- van Wels/Vink. Hartelijk dank daarvoor!

5 Bij de voorplaat

Sati Dielemans in gesprek met Julia Winter “Wij kinderen speelden onder de grond, onder de sneeuw, als beren”

7 Op zoek naar honkvaste eenlingen door Martijn van der Molen Martijn vraagt zich af of er in de Nieuwmarktbuurt nog éénmanszaakjes zijn die niet door nutella, mutsen, ijs, massage, wafels en kaas zijn weggespoeld. Op haar zoektocht komt zij terecht bij lijstenmaker Dennis Schaler, sinds begin jaren zeventig gevestigd aan de Geldersekade.

16

Lunch voor daklozen in de Zuiderkerk

14 Nieuwmarkt Groen!

Lineke Joanknecht, Lishe Los, Evelien van Os, Tine Sibbing, Sandra Rottenberg

De bewoners rondom de voormalige tandwielenfabriek Blom hebben in september een buurtfeest georganiseerd en onder elkaar een enquête gehouden over een aantal voorstellen voor verbetering en vergroening van hun woonomgeving.

10

Klokkenspel

door Flip Lambalk

Nanny Kok, Riëtte van der Plas en Vita Hooglandt De redactie van OpNieuw kwam ter ore dat er iedere zondagochtend in de Zuiderkerk voor daklozen een lunch beschikbaar wordt gesteld. Reden om op zondagochtend weer eens de kerk te bezoeken.

13 Van ze lang zal ze leven niet door Lisa de Rooij Lisa wil de ouderen in OpNieuw onder de aandacht brengen. Ze wonen in de huizen in onze buurt en willen daar vaak ook blijven wonen. Maar hoe doen ze dat? Tegen welke problemen lopen ze aan? Zij spreekt erover met Kok Zandbergen (78), die een paar huizen bij haar vandaan woont.

Tijdens de huidige restauratie van de toren is ook aan het carillon gewerkt. Enkele ingrepen hebben het klokkenspel nu vrijwel in zijn authentieke staat teruggebracht. Een gesprek met Gideon Bodden, een van de twee stadsbeiaardiers die dus ook de Zuiderkerktoren bespeelt.

Heeft u ook last van de volgende klachten?

* Slapeloosheid

* Spanning

* Migraine

* Maagklachten

* Gewrichtsklachten

* Rugpijn

* Jicht

* Schouderpijn

* Stijve nek

* Sportblessures

* Verstuikingen

* Tennisarm

* Muisarm

* Beroerte

* Reuma

* Zenuwpijn

* Neurose

* Of iets anders?

Mercy

Chinese Medical

善心國醫館痛症治療中心

Traditioneel Chinees Geneeswijze: Tuina massage, kruidenbehandelingen, acupunctuur, en nog veel meer!

Vragen en reserveren:

Adres:

Website:

020-7723536 / 06-42850388

Dr. Zhi Xiong Li & Dr. Sau Ying Liu Sint Antoniesbreestraat 74 1011 HB, Amsterdam www.mercytcm.nl

BEHANDELINGEN KOMEN EVENTUEEL IN AANMERKING VOOR TERUGBETALING DOOR DE ZORGVERZEKERING

MACBIKE OOK ONDERGRONDS

MACBIKE OOSTERDOK, onder de OBA MacOosterdok93x73.indd

jnc-ict

Gebruikt u nog Windows XP of Office 2003? Op 8 april 2014 stopt Microsoft met het repareren van beveilingslekken voor Windows XP en Office 2003. Uw computer staat vanaf die datum wagenwijd open voor allerlei soorten van misbruik.

oplossen wifi problemen

Slecht bereik, traag wifi, verbinding valt regelmatig weg? jnc-ict is gespecialiseerd in het installeren, verbeteren en uitbreiden van wifi voor particulieren en bedrijven.

U dient tijdig over te stappen naar een latere versie van Windows en Office. Wij kunnen deze wijziging zonder onderbreking van uw bereikbaarheid uitvoeren. Neem vrijblijvend contact met ons op voor advies.

jnc-ict

Jonas Daniël Meijerplein 36

Jonathan Cohen 020-627 4732 / 06-2506 4567 www.jnc-ict.nl info@jnc-ict.nl

Fietsreparaties en onderhoud. Lekke bandenservice. Verkoop van nieuwe en gebruikte fietsen. Fietsverhuur. Dagelijks geopend van 09.00-17.45 uur. Oosterdokskade 149, info@macbike.nl, macbike.nl

Wij kinderen speelden onder de grond, onder de sneeuw, als beren

Als een blank canvas strekte de toendra van Workuta (Noordpool) zich voor haar uit als ze als kind uit het raam naar buiten keek. Haar kunstenaarschap lijkt daar in haar kindertijd al begonnen te zijn.

‘Het was zo’n bijzondere plek. Wij kinderen speelden onder de grond, onder de sneeuw, als beren, in een grot verlicht met kaarsen. Altijd sneeuw, altijd buiten en als ik binnen was, dan keek ik uit op al die oneindige sneeuw. Het heeft me ontzettend geïnspireerd. Mijn vader jaagde soms op vogels en van de veren maakte ik dan dingen. Eigenlijk heb ik nooit iets anders gedaan dan kunst maken.’

Ze laat me een foto zien van haar ouders. Twee mensen,

dik ingepakt, zittend op een slee, getrokken door rendieren, in een sneeuwlandschap met heel in de verte één huis.

Op die plek waar Julia, Krupenia toen nog, als kind woonde heeft ze zelfs haar naam gebaseerd: Julia Winter.

Identiteit

De keuze voor die naam en het feit dat ze hem zelf gekozen heeft, zegt veel over hoe ze naar identiteit kijkt. Iets dat je ook terugziet in haar werk.

‘Ik denk dat we als mensen verschillende identiteiten hebben. We zijn niet maar één iets. Ik wil ook geen vaste identiteit hebben. Ik ben geïnteresseerd in anderen en vraag me altijd af wie ik ook had kunnen zijn. Ik wil een wereldidenti-

I Recognize Love by the Pain

teit kunnen hebben.’

Dat spelen met identiteit komt steeds terug in haar werk. Ze zoekt de samenvoeging van verschillen. Tegenstellingen als mannelijk-vrouwelijk, verleden-heden, schuld-onschuld, brengt ze samen tot een nieuwe poëtische en soms politieke realiteit.

Bijvoorbeeld in haar werken waarin ze portretfoto’s op glas over geschilderde portretten heen plaatst. Door de plaatsing van de portretten, de verschillende materialen en de ruimte ertussen die ook het licht een rol laat spelen, ontstaat een nieuw beeld dat fascineert en je uitdaagt om te bepalen waar je naar kijkt.

‘Ik hoop dat ze samen een nieuwe vorm worden. Ik begin bij de tegenstelling, maar door het samen te brengen ontstaat er hopelijk iets anders, iets nieuws, iets dat er nog niet was’, licht ze toe als ik vraag naar de achtergrond van de werken.

Workuta

Julia is geboren in Moskou. Haar ouders, jonge mensen toen nog, vertrokken in 1966 van Moskou naar Workuta. Een voormalige goelag van Stalin met kolenmijnen en begin jaren zestig een stad in ontwikkeling. Het was in die tijd voor jonge mensen in Rusland populair om naar dat soort plekken te gaan om hun leven te beginnen en het werd ook gestimuleerd door de overheid. Julia was toen één jaar oud. Ze zouden in Workuta blijven tot ze twaalf jaar oud was en ze terugkeerden naar Moskou.

‘Ik vond het vreselijk in Moskou, ik miste Workuta heel erg’, zegt ze.

Maar ze heeft in Moskou wel haar kunstenaarschap verder ontwikkeld. Ze leerde en experimenteerde met allerlei materialen en technieken. Tekenen, compositie, olieverf, gouache, sculpturen, gips, aardewerk.

‘Ik heb echt zoveel geleerd. Ik volgde ook nog vijf jaar lang een opleiding op een kunstacademie voor houtbewerking, metaalbewerking en keramiek.’

Al die tijd had ze nog steeds heimwee naar Workuta.

‘In Rusland moest je na de academie meteen drie jaar werken. Ik hoopte dat ik teruggestuurd zou worden naar de Noordpool. Maar dat gebeurde niet.’

Precies 101 kilometer buiten Moskou

Ze werd naar Tarusa gestuurd, een plaats precies 101 kilometer buiten Moskou.

‘Als je vroeger in Rusland in de gevangenis had gezeten, mocht je niet meer terugkeren naar Moskou,’ vertelt ze. ‘Je moest 101 km afstand houden. Tarusa is ook de plaats waar Marina Tsvetaeva moest blijven toen ze uit de gevangenis terugkwam.’

Marina Tsvetaeva, dichteres, is één van de mensen wiens werk Julia’s kunst beïnvloeden. Zo ook Heidegger, op wiens kunstkritiek één van haar performances gebaseerd is.

‘Ik ben daarna weer teruggegaan naar Moskou. Ik wilde graag weer studeren. En omdat ik al sinds mijn twaalfde mijn eigen kleding maakte, in Rusland was helemaal niets te vinden qua mode, ging ik naar de textielacademie.‘

Ook dat zie je terug in haar werk, waar ze naast fotografie, schilderkunst en allerlei verschillende materialen, ook stof gebruikt om betekenis toe te voegen aan beeld. Bijvoorbeeld in het werk: I Recognize Love by the Pain dat is opgenomen in de tentoonstelling in Moskou waar haar werk te zien is. Een zwart-wit foto van de achterkant van een jonge vrouw met kort haar, waar uit een kwetsuur, een scheur in de foto, door de rug heen donkerblauwe voile komt die helemaal tot op de grond valt als een soort jurk. Ook tekst speelt een rol. Op de achterkant van de kaart bij de tentoonstelling staat:

As though bearing a mountain in my skirts—

My whole body hurts!

I recognize love by the pain

My whole body’s length.

‘Licht speelt een belangrijke rol in mijn werk, want schaduw geeft diepte. Maar ook textiel en tekst, doorzichtige materialen, verf. Ik bedenk en gebruik eigenlijk alles. Ik ben dat ook gewend. In Moskou leefde ik een kunstenaarsleven in een soort community met mensen die zich bezighielden met poëzie, muziek, kunst. Dat was een hele leuke tijd,’ zegt ze.

Amsterdam

‘In 1991-1992 werd ik uitgenodigd om naar Amsterdam te komen. Een kans om mijn horizon te verbreden. Met een visum kon je toen vanuit Rusland reizen. Ik voelde me in Amsterdam meteen goed. Door een uitwisselingsprogramma kreeg ik uiteindelijk de kans om hier een jaar te blijven. Die greep ik aan, want de jaren negentig waren een moeilijke tijd in Rusland. Er was veel armoede, weinig aandacht voor kunst en er kwam veel criminaliteit naar boven in de maatschappij. In Amsterdam was ik vrij om te werken.’

Julia woont en werkt nog steeds in Amsterdam, maar stelt haar werk tentoon over de hele wereld. Op dit moment in Zuidlaren, Moskou en New York.

‘Ik ben recentelijk drie maanden in New York op residentie geweest, bij MANA contemporary (www.manacontemporary.com) in New Jersey, daar kreeg ik heel veel inspiratie van. Er zijn daar veel kunstenaars die serieus bezig zijn, kunst van wereldniveau en erg veel galerieën. Ik ben er trots op daar ook mijn werk te kunnen tentoonstellen. Maar ook hier is het fijn. Hier is het zachter en kan ik in alle rust werken.’

De tegenstelling blijft interessant.

Vanaf 13 januari 2018 is werk van Julia Winter te zien op een tentoonstelling in Galerie Ron Lang Art, Laurierstraat 82, 1016 PP, Amsterdam.

Meer van Julia’s werk is te zien op www.juliawinter.nl

Op zoek naar honkvaste eenlingen

De dag van de Canal Parade ben ik naar Den Haag gegaan. Bij het Station Hollands Spoor een fiets gehuurd om te kijken of m’n ouwe school daar nog stond en ... hij stond er nog. Al tijden niet veel in Den Haag te zoeken, maar toen m’n huis in een harde dreun ondergedompeld moest worden, wilde ik onverwacht toch eventjes terug naar waar ik vandaan kom. Al snel bleek dat de Hoefkade vandaag anders oogt dan vroeger en dat de Oude Molstraat ook nog bestaat net als de Laan Van Meerdervoort, het Gouden Hoofd, de Wiener ... Zelfs de bomen rond de speelweide in het park van m’n jeugd stonden daar 40 jaar later nog. Als laatste besloot ik in m’n ouwe buurt nog door die straat te fietsen waarin ik vroeger alle knikkerpotjes wist. De buren van vroeger bleken daar bijna allemaal verdwenen, nou wat wil je ook na veertig jaar afwezigheid, c’est la vie! Het postkantoor op de hoek was opgedoekt, de telefooncellen en de kapper van de hoek verdwenen. In de Sierkan, in bakker Hus, maar ook in de kruidenier van m’n vroegere overkant huizen vandaag stille geheimen achter vitrage. Nergens kinderen te zien, die zaten allemaal binnen te gamen.

Maar toen gebeurde het ...

Niet ver van m’n vroegere woonhuis zag ik een bekend winkeltje en de mevrouw – die dat bedrijf vroeger al runde – is een zelfstandige zonder personeel. Zij begon daar ooit in haar uppie met rollen textiel, breinaalden, garens, en van alles wat in die winkels thuishoort en na bijna een halve eeuw zit dat zaakje daar nog steeds! Jeminee. Blij verrast gluurde ik eerst een paar tellen naar binnen en daarna ... Ding Dong! Nog precies hetzelfde winkelbelletje als veertig jaar terug. En precies diezelfde mevrouw van vroeger verscheen veertig jaar ouder vanuit hetzelfde achterkamertje en hop! daar staat zij weer achter haar toonbank, alsof er niks aan de hand is in de wereld. Eerst beppen wij zo’n beetje en ze herkent mij en ik kon haar wel zoenen. ‘Holy Moly, mijn engelebout, mijn

rots in de branding, u bent hier écht enorm honkvast! En waar zijn alle anderen gebleven?’ Een beetje duizelig leunde ik tegen haar toonbank. Want kijk, die geur … Een unieke melange van textiel, koffie, olie, Scheveningse zeelucht en seringenzeep voert me met de magical mystery tours van drie eeuwige seconden terug in een wereld waarin alles nog overzichtelijk was.

Niet zeuren mensen, alles verandert nou eenmaal altijd Bestaan in de Nieuwmarktbuurt nog éénmanszaakjes die niet door nutella, mutsen, ijs, massage, wafels en kaas zijn weggespoeld? Zijn er in mijn bont gekleurde 020 wijk nog diep verankerde eigenheimers die na bijna een halve eeuw nog in hun eigen zadel zitten? Vast niet. Dat kan bijna niet in een tijd waarin het centum van de stad door de meest biedende wordt opgekocht. Of toch? Voorheen had je een speciale verfzaak op de Zeedijk, een kruidenwinkeltje op de Nieuwmarkt, twee toffe bloemenwinkels, een leer- en bontwinkel, je had groentemannen en bakkertjes en ook een mooie kinderboekenwinkel. Vandaag heb je etalages voor toeristen en die kopen geen bloemen, nooit kinderboeken, geen verf en ook geen kruiden. De bewoners zijn inmiddels zzp’er en flexwerkers geworden en als alles een beetje meezit lijkt het allemaal koek en ei. Welbeschouwd zaten steden en dorpen altijd al vol met zzp’ers en ieder tijdperk heeft als vanouds ook zo z’n eigen sores. In deze jaren gaat er in het hartje van de stad bijvoorbeeld stilletjes erg veel aan onderdoor en dat komt niet alleen door massatoerisme. Het komt ook door de vrolijke Frans die keihart roept: “Niet zeuren mensen, alles verandert nou eenmaal altijd, dus hup! met je tijd mee”. Een dikhuid die nergens last van heeft, legt met het gelijk aan zijn kant alle anderen het zwijgen op.

Een ouwe taaie, totaal en helegaar zónder personeel

In gedachten laat ik de benedenverdiepingen van m’n woonbuurt een voor een de revue passeren. Langzaam tussen de grijze gevelstenen van

Dennis nu
Dennis toen

stegen, straten en grachtjes op zoek naar honkvaste eenlingen zoals die van dat zaakje uit Den Haag, zie ik Jacob Hooy, Tofani, De Vriendschap, Bern, Boeken, Het Fort van Sjako, ‘t Loosje, de Branderij, en meer. Parels zijn het, maar wel mét veel (wisselend) personeel. En ik zoek één ouwe taaie, totaal en helegaar zónder personeel, een zzp’er van het eerste uur. Zit daar nergens meer zo’n eenmansbedrijfje? Een zagerijtje of nee dat snoepwinkeltje of die en e avondwinkel? Maar die zijn daar toch al honderd jaar verdwenen? En waar zaten die ook alweer precies? Naast die wasserij? En zit die wasserij daar eigenlijk nog? Neen, nergens nog ambachtelijke senioren met een eigen etalage. Dan toch maar weer naar de overkant. Vanaf de Bethaniënstraat tot aan de Stormsteeg dwaal ik hopeloos nostalgisch heel dicht langs huizerijen. Tot opeens … eindelijk ... nog ver voor de Stormsteeg vanuit dat sigarenwinkeltje aan de Bloedstraat de kop van de Zeedijk overstekend en dan meteen linksom de Geldersekade op, niet ver van die hoek, daar zit er nog een!

Yes. Het is de lijstenmaker van de Nieuwmarktbuurt. Ik spring op m’n fiets en ja hoor, hij zit er nog in het echt. Een laatste van de oude stempel. Kalmte. Anders krijgt zo’n volhouwer, zodra iemand zomaar binnen komt stormen, alsnog een rolberoerte. Nu eerst thuis een poosje plannen hoe we de zeldzame duurzaamheid in kaart gaan brengen. Nogal wiedes, eerst maar weer eens iets in laten lijsten.

Interview met de

Lijstenmaker

Een buslading toeristen loopt vlak langs zijn etalage als ik aanbel. Meteen komt Dennis de trap aflopen. Is het weleens rustig voor het huis van de lijstenmaker? Hij woont pal om de hoek, naast de kop van de Zeedijk op de Geldersekade. Kan iemand hier tientallen jaren wonen en werken zonder last van de drukte? De lijstenmaker van de Nieuwmarkt kan het. Hij zit hier al bijna vijftig jaar onverstoorbaar lijsten te maken en het eind is nog lang niet in zicht. Sterker nog, Dennis Schaler begint zijn woon- en werkomgeving meer en meer te waarderen. Voor een lijstenmaker is Dennis Schaler trouwens een mooie naam. Zoiets als Hamerslag voor de rechter, Houtman voor de meubelmaker en Mastenbroek voor de politicus.

In zijn atelier en lijstenmakerij staat vooraan bij het raam meestal een motorfiets in het winkelgedeelte en een paar

Nog van het begin van het bedrijf

meter daarvandaan prijkt een geheimzinnig museumstuk. Het is een wijnrood en fraai ogend machien waarmee, begrijp ik even later, de verstekken, ofwel de schuine kanten van houten lijsten worden gemaakt. Het heet een verstek-stansmachine.

In de etalage aan de straat hangen groene neonletters die de woorden SCHALER, LIJSTEN vormen. Aan een van de winkelmuren waar je bij binnenkomst pal tegenaan kijkt, hangt een collectie van platen, foto’s en kunstwerkjes, die natuurlijk allemaal voorbeeldig zijn ingelijst. Aan het winkelgedeelte grenst een ruime werkplaats en daar staat een enorme werktafel. Onder in die werktafel zitten vakken met verschillende kartonnen voor de passepartouts. Tussen winkel en werkplaats hangen boven een toonbank de verschillende houten lijsten in staven. Hieruit mag de klant, in overleg, een geschikte lijst kiezen. Welke lijst gaan we kiezen? Hoe breed? Hoe groot moet ie worden? Welke kleur passe-partout past het best bij deze foto? Dennis neemt de tijd om het rustig met zijn klanten te bespreken en besluit vervolgens op vakkundige wijze toch nog snel hoe een door de klant meegebracht beeld het best ingelijst kan worden. Wanneer iemand, zeg maar, een ets komt brengen om bij Dennis in te laten lijsten, zal deze ets een week later tussen alle andere ingelijste werken aan de muur hangen, wachtend op de eigenaar.

Hoe en wanneer ben jij hier ooit begonnen? Waarom werd je lijstenmaker? Het is toch geen vak waar kleine jongens van dromen. Was jouw vader lijstenmaker, of een ander familielid? In 1967 was ik in de gelegenheid een lijstenmakerij over te nemen. Zo ging het. Dit vak had ik al eerder in de avonduren bij een vakman geleerd en van diezelfde vakman kreeg ik ook die gouden tip over een lijstemaker van 72 jaar, ja zo oud red je het dus in dit vak, die met zijn werk wilde gaan stoppen. Dat kwam mij heel goed uit. Na jaren van onduidelijk proberen deed zich zomaar de belofte van degelijk werk voor. Eerst werd ik hiermee een kleine zelfstandige op de Reguliersgracht en even later kreeg ik zelfs een kleine zolderwoning, daar vlak boven. Maar dat pand werd een paar jaar later helaas verkocht en er was wederom onduidelijkheid.

Via een advertentie in de krant vond ik dit huis aan de Geldersekade 118. Mijn werk kon ik hier voortzetten, met zelfs een eigen woongelegenheid op de etages boven het atelier Heel vroeger was dit hier een ‘kneipie’. In deze buurt, misschien door die visafslag, had menigeen als vanouds altijd veel dorst en je had dus altijd al veel gelegenheid om je te laven.

Vlak voor mijn komst zat hier op dit adres een stomerij, sommigen kunnen zich dat misschien herinneren? Ja, ik weet ook

alle onrust nog heel goed, en al het verzet vanwege de komende metrobouw aan de andere kant van de Geldersekade. En nog later al die overlast van al die drugsverslaafden. Daar probeerde ik toen nog iets aan te doen. Maar ondanks vele handtekeningen voor een raadsadres stond ik daar toen moederziel alleen voor de gemeente te betogen, dat was geen bemoedigende ervaring.

Ook de wijkagent mis ik hier, en sowieso ouderwets blauw op straat. Met Joep kon je bijvoorbeeld vroeger al je zorgen over het straatgebeuren delen, maar nu is het ‘ieder voor zich en de toerist voor ons allen’. Gelukkig heb ik nog altijd veel plezier in mijn werk en zelfs meer dan voorheen. Ik ben nu al een jaar verder dan mijn voorganger die ermee stopte toen hij 72 was. De klanten zijn mij trouw gebleven. Ja, een mens moet actief blijven.

Had ik begrepen dat je in Bandoeng bent geboren? En dat jij, toen je 7 jaar was naar Nederland moest vluchten? Je bent iets meer dan een kwart oosters, en daardoor, wie weet, misschien wel wat geduldiger dan de gemiddelde Nederlander? Hier op de Geldersekade, waar je al bijna 50 jaar woont en werkt, huizen aardig wat Chinese mensen. Wat betekent die nabije Chinese cultuur voor je?

Midden in het Tennger gebergte ben ik ten tijde van de Japanse bezetting geboren in een gehucht op Oost-Java. We zijn vlak daarna vanwege de onveilige omstandigheden naar Bandoeng verhuisd. En daarna moesten we uit Indonesië vandaan vluchten. Dit heeft me waarschijnlijk getraumatiseerd of sterk beïnvloed. Door de Chinese omgeving van hier, ach ja dat is prettig, je kan gemakkelijk over Indonesisch voedsel beschikken en dat gebruik ik dan ook regelmatig.

En gaandeweg ben je deze locatie

waar je werkt en woont, meer en meer gaan waarderen. Waarom?

Omdat je ziet hoe vervelend het elders vaak is, merk je uiteindelijk meer en meer hoe goed het hier is.

Maar heb je hier, zo vlakbij de kop van de Zeedijk, dan geen last van alle drukte?

Het plein is door de constante toeristenstromen niet meer van mij, nee.

Heb jij het weleens krap gehad? Kon jij altijd goed leven van jouw werk?

Financieel heb ik gelukkig nooit problemen gehad.

Is er ook een heel moeilijk aspect aan jouw werk?

Nou nee, niks eigenlijk, behalve alleen dat hele grote werk, en dat kan hier dus ook niet.

Heb je een band met je buurt?

De locatie ben ik steeds meer gaan waarderen, maar ik moet zeggen dat ik me nooit zo heel erg met de buurt bezig heb gehouden. Toen ik alleen was, na mijn scheiding, ben ik weleens een keertje bij Van Beeren gaan eten, heb me nog nooit zo eenzaam gevoeld. In Australië heb ik een tijdje in Tasmanië in een natuurpark rondgelopen, helemaal in m’n eentje, machtig! En ook die pieken van het Andes gebergte in Peru, meer dan 6000 meter! Ken je die film Touching the Void? Twee Engelse bergbeklimmers, adembenemend verhaal.

Touching the Void? Zoek ik op! Veel dank voor het gesprek, en moge mensen van verschillende stempels, niet alleen de oude, maar ook nieuwe bewoners uit de Nieuwmarktbuurt en elders, jou in de toekomst weten te vinden Want jij, als laatste der Mohikanen, maakt de mooiste lijsten van de wereld en een goeie presentatie van iets wat een lijst verdient, dat blijft van alle eeuwen. Toch?

Klokkenspel

Na omzwervingen vestigt zich in 1657 François Hemony, op uitnodiging van het stadsbestuur, in Amsterdam. Hij en zijn broer Pieter, in Lotharingen geboren, zijn bronsgieters. Ze maken klokken maar ook kanonnen. De klokken worden ‘gesigneerd’, de kanonnen niet. Amsterdam kent dan al een lange traditie in speelklokken maar de toenmalige klokkenspelen waren onzuiver van toon en aan de kennis en kunde van de gebroeders is behoefte. Zij ontwikkelen de kunst van het zuiver stemmen van klokken en verwerven dezelfde status als Stradivarius onder vioolbouwers geniet. De Hemony Harmonie!

Het gemeentebestuur lokt hen naar de stad en biedt hen een werkplek aan op het Molenpad om daar voor Amsterdam een nieuwe serie carillons te maken. (Oude Kerk, Westerkerk, Stadhuis, Munt)

Het wordt een muzikaal en zakelijk succes, in de drie eeuwen erna zullen klokkengieters over de hele wereld vergeefs trachten hun kwaliteit te evenaren. De Hemony bei-

aarden zijn nog steeds op de belangrijkste torens in Nederland en Vlaanderen te vinden en nog steeds te horen. De gebroeders Hemony, als duo of solo, goten 51 carillons. Onze Zuiderkerkstoren heeft een van de gaafste en best bewaarde carillons uit de 17e eeuw. Tijdens de huidige restauratie van de toren is ook aan het carillon gewerkt. Enkele ingrepen hebben het klokkenspel nu vrijwel in zijn authentieke staat teruggebracht. Alle hamers en klepels zijn vervangen door nieuwe, volgens een originele lijst van de gebr. Hemony, en dat zorgt ervoor dat de klokken nu weer klinken zoals ze in 1656 moeten hebben geklonken. Bij alle historische carillons in Nederland en daarbuiten zijn bij moderniseringen de originele speeltafels vervangen. Op de Zuidertoren gebeurde dat ook in 1956. Maar door een toeval bleef hier de oude speeltafel wel bewaard. En nu heeft Monumentenzorg toestemming gegeven voor het plan van de stadsbeiaardiers om de historische speeltafel weer in gebruik te nemen. Dit is op een heel voorzichtige manier gedaan, zodat er

geen antiek materiaal zou kunnen gaan verslijten. Het carillon van de Zuidertoren is vanaf nu het enige klokkenspel ter wereld (!) met de originele 17de-eeuwse speeltafel. Ook alle verbindingen tussen de klepels van de klokken en het klavier zijn op de authentieke manier aangelegd, waarbij geen moderne technieken zijn toegepast. Het hele uur wordt geslagen op de bourdon, de grootste klok van het spel, die nu, met de nieuwe klepel, zoveel mooier klinkt dan tot vorig jaar. Vooral ’s ochtends vroeg om acht uur, als het nog stil is. Klokkenbrons is een enorm hard metaal, en des te opmerkelijker is het dat deze klok zo’n fluweelzachte klank voortbrengt. De melodietjes die voor het hele en halve uur en op elk kwartier klinken worden in de grote speeltrommel gestoken. Als die draait klinken de klokken. Twee keer per jaar nieuwe klanken.

Dit alles hoorde ik van Gideon Bodden. Hij is een van de twee stadsbeiaardiers die dus ook de Zuiderkerktoren bespeelt.

Een carillon is een bijzonder muziekinstrument. Het is ontwikkeld in de steden van de Lage Landen vanaf de 16e eeuw . Een maatschappelijk fenomeen. Nergens ter wereld is een dichtere carillon-concentratie te vinden (nog steeds!) dan in België en Nederland. De Unesco erkent het als immaterieel wereld-erfgoed.

Uitgebreide informatie is te vinden op het internet (Wikipedia: Zuiderkerkstoren, Pieter en François Hemony, Beiaard. Er wordt soms doorverwezen naar YouTube om te luisteren.)

Joost van den Vondel wist het al:

Ik verhef mijn’ toon in ’t zingen

Aan de Amstel en het IJ.

Op den geest van Hemony.

D’eeuw’ge eer van Loteringen

Die het gehoor verlekkren kon

Op zijn klokspijs, en zijn nooten

Ons zoo kunstrijk toe gegoten.

’t Lust ons op de klokkentoon, Om doorluchte torentranssen, Eenen klokkedans te dansen.

Uit: Op de klokmusyk ’t Amsterdam

De luidklokken zijn een heel ander verhaal. Muzikaal en technisch hangen ze absoluut los van het carillon, hoewel sommige wel door Hemony zijn gegoten. Op dit moment wordt voor de vier luidklokken een nieuw ophangsysteem onderzocht. Het gaat dan wel om 5818 kg brons dat soms ook nog zeer heftig en onregelmatig beweegt. Eerst moeten metingen en testen gedaan worden en dat kan pas als de restauratiesteigers definitief weggehaald zijn.

Het zal zeker nog een half jaar duren voordat er weer geluid, gebeierd en geklept kan worden.

Flip Lambalk

FOTO GIDEON BODDEN

De Zuiderkerkstoren herboren

Op vrijdag 19 januari 2018 om 16.30 uur vindt de opening plaats van de nieuwe vitrine- expositie in de Sint Antoniesbreestraat. In de vitrines zijn foto’s opgenomen van de (restauratie van de) Zuiderkerkstoren. In oktober 2015 werden er steigers rondom de 70 meter hoge toren geplaatst. Het exterieur van het kerkgebouw werd in 2012 gerestaureerd. Nu was de toren aan de beurt. Om het bovenste gedeelte van de

toren werd nieuw lood geslagen, lei en houten delen werden vervangen, het carillon werd opgeknapt, het voeg- en schilderwerk gedaan, de windvaan van een nieuwe verf voorzien en de haan kreeg een nieuwe laag bladgoud. Het fotowerk in de vitrines is van buurtbewoners René Louman, Sjaak van der Leden, Flip Lambalk, Henri van Poll en Rogier Fokke. Daarbij is er in deze expositie fotowerk opgeno-

men van monumentenfotograaf Léontine van Geffen en archivolt architecten.

Bij deze bent u van harte uitgenodigd om bij de opening aanwezig te zijn. Tijd: Vrijdag 19 januari 2018 om 16.30 uur. Plaats: Huis De Pinto, Sint Antoniesbreestraat 69 Amsterdam Stichting Kunst en Cultuur Stadshart Amsterdam heeft deze expositie mogelijk gemaakt.

ONDERNEMERS IN DE NIEUWMARKTBUURT

Licht op uw pad

De lampenwinkel ‘Atelier 91’ had op zijn vorige adres, Kromme Waal 12, al een zekere faam verworven in onze buurt en daarbuiten. De verhuizing van die winkel naar het adres Binnen Bantammerstraat 19 was een goede gelegenheid voor OpNieuw om daar een bezoekje te brengen. De eigenaar, lampenontwerper en –verkoper Frank Seel, wees meteen op de afstap bij de ingang. “Val niet, alstublieft. Ik los dat nog wel op.” Wat hebt u een overweldigende keuze.

“Ja hè. Naast onze eigen ontwerpen tonen wij ook andere ontwerpen en merken die bij onze filosofie aansluiten. Ik ben begonnen in 1999 in een tuinhuisje, koperen buizen solderen. Daaruit is ons eigen merk ontstaan, Fiat Lux Design, met bijzondere lamp-

en, en dat resulteerde na jaren in Atelier 91.” Het is een verwarrende tijd, nu, met al die verschillende soorten lampen.

“Ja, de halogeenlamp is de voortzetting van de gloeilamp, die geeft nog steeds het zuiverste licht. Daar komen de kleuren voor 100% tot hun recht. Dat kan een ledlamp niet, het spectrum is kleiner. Groente onder een ledlamp is niet zo groen als in zonlicht. Bij een halogeenlamp wél. Maar een halogeenlamp leeft korter dan een ledlamp en is ook niet zo zuinig. Daar moet je dus kiezen.”

OpNieuw wenst Frank Seel veel succes met zijn nieuwe winkel. En als u, lezer, licht zoekt op uw pad, weet waar u het kunt vinden. Henk Oldeman

FOTO REN´E LOUMAN

Iedereen is altijd vol lof over de biefstuk van Captein & Co. Niemand heeft ooit geweten dat we gewoon hondenvlees serveren!

Captein & Co Binnen Bantammerstraat 27 Tel 020-6278804 ma – vr vanaf 16 u za en zo vanaf 12

Van ze lang zal ze leven niet

In het vorige nummer van OpNieuw schreef ik een artikel met de titel ‘Ouder worden in de Nieuwmarktbuurt’. Dat handelde over het valgevaar van ouderen in de openbare ruimte.

De ouderen houden mij bezig en ik wil ze in OpNieuw graag onder de aandacht brengen. Ze komen minder buiten de deur door beperkingen die de ouderdom met zich meebrengt en worden daardoor minder zichtbaar. Maar ze zijn er. Ze wonen in de huizen in onze buurt en willen daar vaak ook blijven wonen. Maar hoe doen ze dat? Tegen welke problemen lopen ze aan? Ik spreek erover met Kok Zandbergen (78), die een paar huizen bij mij vandaan woont.

Ik ken Kok van de buurtborrel en van praatjes op straat. Eerst liep hij dagelijks langs mijn huis, nog stevig ter been, maar sinds een jaar heeft Kok een rollator vanwege chronische rugklachten. Daardoor is kleine stukjes lopen nog wel te doen, maar staan gaat niet. Hij slikt paracetamol tegen de pijn, verder niets. Het is wat het is. Hij komt dus minder buiten, vaak maar een of twee keer per week. Kok ontvangt me hartelijk en gaat me voor naar de woonkamer. Het huis staat gezellig vol met meubilair. Foto’s sieren de muren, en ook een geschilderd portret van zijn grootmoeder, op wie hij dol was. Van lezen houdt hij ook, getuige de stapels boeken, die her en der verspreid liggen.

Ik vraag Kok hoe hij het allemaal organiseert; zijn boodschappen, zijn eten, zijn huishouden. Wat voor hulp heeft hij?

‘Ik heb mijn eigen huishoudelijke hulp. Al 30 jaar, daar ben ik dol op, ze komt om de twee weken op de dinsdag. Nou, die gaat door roeien en ruiten. Ze komt kwart over 8, dan gaan we eerst uitgebreid aan de koffie en dan gaat ze aan de gang. Ze werkt officieel tot half een maar gaat vaak pas om twee uur weg.

‘Zet mij in het paleis op de Dam, en ik krijg het meteen vol’, grapt hij. Kok woont al 30 jaar in de buurt. Hij is geboren in de Staatsliedenbuurt en heeft ook nog een tijd in Bos en Lommer gewoond. In 1990 kreeg hij deze woning, via een neef van een vriend van hem. Hij huurt zijn verdieping van een particulier.

‘Ik weet nog dat ik hier voor het eerst kwam. Vóór mij woonde er een familie waarvan de man Joods was. Er hing zo’n vreemde verdrietige sfeer in het huis. Ik begreep niet waar dat vandaan kwam. Totdat de zoon van het echtpaar me vertelde dat Joodse familieleden tijdens de oorlog in dit huis ondergedoken hadden gezeten. Kijk, daar zie je het luik nog, dan lagen ze hier onder de vloer. Toen begreep ik wat ik voelde, en toen was het meteen weg.’

Nou, dan heb ik Christiaan, een jonge student, dat is mijn WMO (Wet Maatschappelijke Ondersteuning) hulp. Christiaan komt twee keer in de week. Maandag van half tien tot half elf komt hij om de afwas te doen. Want dat kan ik dus niet meer, omdat ik niet lang kan staan. Even wel, maar het moet niet te gek worden, want dan blokkeren mijn benen, dan word ik net een Japans vrouwtje, dan ga ik schuifelen. Op donderdag komt hij van twee tot half vijf. En dan is er nog een andere vriendin, ja, ik heb ze in alle soorten en maten, die is van de soepen en de sauzen. Die komt iedere week met een grote diepvriestas en vult mijn hele diepvries met kant en klare soepen en sauzen. Dus ik eet iedere avond een flinke kom soep en een toetje. Ik heb een tijdje maaltijden

van Flesseman gehad, maar die vriendin met de soepen en de sauzen vind ik veel fijner. En ze vindt het heerlijk om te doen, ook al is ze al tachtig. Soms kookt Christiaan op donderdag voor me. Vroeger at ik veel vlees, dat heb ik nu afgeleerd. Maar zo’n enkele keer zeg ik tegen Christiaan: zullen we een karbonade kopen en die lekker opbakken, met krieltjes. En dat maakt hij dan voor me. Mee eten doet hij niet, nee, maar hij is ontzettend aardig en we kunnen samen door een deur. Nou, zo doe ik dat.’

Kok ging als kind vaak naar musea: het Rijksmuseum, het Tropenmuseum, het Stedelijk.

‘Mijn vader was een eenvoudige arbeider, maar hij vond dat we kunst moesten zien, dat hoorde bij de opvoeding.’ Toen is zijn liefde voor kunst ontstaan. Het Rijksmuseum kent hij op zijn duimpje. Nog steeds gaat hij af en toe naar een tentoonstelling, samen met Henri, een vriend die aan de overkant woont en hem een beetje in de gaten houdt. Het mooiste schilderij vindt Kok het portret van Jan Six, geschilderd door Rembrandt. ‘Als jongen van veertien ben ik nog bij Six aan huis geweest om dat portret te zien, dat moest je aanvragen bij het Rijksmuseum. En toen kreeg ik een kaart op geschept papier, en daarop stond : De jonkheer en mevrouw Six van Hillegom hebben de eer en het genoegen uit te nodigen de heer Jacob Antonius Zandbergen . Daar heb ik het portret voor het eerst gezien.’

Kok heeft het prima naar zijn zin in zijn huis, en dat straalt hij ook uit.

‘Ze krijgen me hier niet weg. We wonen toch in een verrukkelijke buurt? Mensen klagen over de drukte. Ik heb daar geen last van. Laatst las ik dat jonge mensen klaagden over de klokken van de Zuiderkerk. Houd toch op! Moeten we die toren voor die mensen gaan verplaatsen of zo? Ik geniet er iedere dag van, zeker nu die weer zo mooi gerestaureerd is in de oorspronkelijke kleuren. Het is een toren van Hendrick de Keyser. Die woonde hier op de Groenburgwal en is in de Zuiderkerk begraven.’

Dat hij minder buiten kan zijn, vindt Kok geen onoverkomelijk probleem. Als hij buiten loopt heeft hij vaak last van mensen die

onbeschoft zijn en hem bijna omver lopen, of rakelings langs hem heen fietsen, waardoor hij schrikt. Maar sinds hij met de rollator loopt, houden ze wel meer rekening met hem.

‘Ze willen dat ik ga verhuizen, naar een benedenwoning of een gelijkvloerse woning met een lift. Belachelijk! De trap voor zijn huis (zes treden) en de trap naar boven (18 treden) vormen wel een probleem. Hij krijgt steeds meer last van zijn knieën. De rollator kan hij beneden in de hal achterlaten, maar hij zit wel met dat trapje voor zijn huis: hoe krijgt hij de rollator daar af?

‘Nou, ik klap die rollator in als ik op het bordes sta. Dan laat ik hem daar liggen en loop het trapje af. Dan loop ik om het bordes heen en til die rollator er daar weer van af en klap hem uit. Soms bieden passanten aan om me te helpen, en anders doe ik het zelf. Het is lastig, maar ik red me wel, hoor.’ Een ergotherapeut heeft bij de gemeente een traplift voor hem aangevraagd. Die aanvraag is afgewezen. Een traplift is niet de meest adequate en goedkope oplossing voor de problemen van Kok, zo berichtte de gemeente. Wat is dat dan wel?

‘Ze willen dat ik ga verhuizen, naar een benedenwoning of een gelijkvloerse woning met een lift. Belachelijk! Heb je die huren wel ’s gezien? Daar kan ik alleen maar op achteruit gaan. Ik heb er niet eens op gereageerd. Val dood, denk ik. Dan willen ze dat bejaarden zo lang mogelijk zelfstandig in hun huis kunnen blijven wonen, en dan weigeren ze je een traplift te geven, die dat mogelijk maakt. En dan slijmen ze ook nog met een verhuiskostenvergoeding. Ik heb aangegeven dat ik niet wil verhuizen. Maar ze vinden dat daar geen dwingende redenen voor zijn, dus ik moet gewoon doen wat zij zeggen. Woedend ben ik. Mij krijgen ze hier niet weg. Van ze lang zal ze leven niet. De enige die daarover beslist, ben ikzelf.’ Wat nou oud en zielig?

De positieve levenshouding van Kok en zijn talent om de hakken in het zand te zetten doen me goed. Wat nou oud en zielig? Het sterkt me in mijn overtuiging dat je je leven in eigen hand moet houden, ook als je ouder wordt, met behulp van goede vrienden en buren. Maar evengoed vind ik het een schande dat de gemeente weigert een traplift in Koks huis aan te brengen. Iemand als Kok na dertig jaar laten verhuizen naar een andere woning, waar hij ook nog ’s zélf naar op zoek moet, is hem de dood injagen. Dan ontneem je hem alle levensvreugde die hem nu juist zo kenmerkt. En dat alleen maar omdat verhuizen goedkoper is. Voor wie?

Voor de gemeente, ja. Maar Kok zou er in alle opzichten op achteruitgaan. Lisa de Rooij

Nieuwmarkt Groen!

Rondje Blom

De bewoners rondom de voormalige tandwielenfabriek Blom hebben in september een buurtfeest georganiseerd en onder elkaar een enquête gehouden over een aantal voorstellen voor verbetering en vergroening van hun woonomgeving. Foto’s: Nieuwmarkt Groen! In september hangt de buurt vol met kleurige vrolijke posters (gemaakt door Alex Barbaix) met de aankondiging van het Buurtfeest voor Buren: Rondje Blom, op 16 september. En gelukkig is het precies tussen 16 en 20 uur droog! De opkomst is goed, zo’n 80 mensen zijn gekomen.

De Montelbaanstraat is afgezet, er zijn statafels en ieder heeft drinken en eten meegenomen, contacten worden gelegd, vernieuwd, de sfeer is er! Naast contact met de buren is het onderwerp ook: vergroening van het rondje Blom, de straten rondom de voormalige tandwielenfabriek Blom. Met elkaar bespreken wat en hoe: een knip in de Montelbaanstraat, parkeerplaatsen eruit, bomen en groen erin, meer ruimte voor groen ook in de Nieuwe Ridderstraat, Nieuwe Jonkerstraat, Oude Waal en Recht Boomssloot. Eerste stap: we willen van de Montelbaanstraat een groene straat te maken, een stadsparkje.

Enquête

Er is een enquête gemaakt om te peilen wat mensen vinden van mogelijke voorstellen. Deze enquête is door 52 mensen ingevuld (waarvan 3 niet uit de buurt). Wat vinden buren?

Afsluiten van Montelbaanstraat 44 mensen vinden het een goed idee om de straat af te sluiten voor verkeer (alleen doorgang voor voetgangers, fietsers, hulpdiensten), met als redenen: Montelbaanstraat is voor verkeer niet nodig, groen

is belangrijk, overlast van taxi’s en (toeristen)parkeren tegengaan, meer ruimte voor bewoners, woongenot, rust, veiligheid voor kinderen en: gemakkelijk te realiseren. 4 mensen hebben bedenkingen: gevolgen voor Recht Boomssloot, overlast van hondenpoep.

Verzorgen van groen

Meehelpen met verzorgen van groen is geen probleem: 22 buren zeggen zonder meer ja, 24 buren willen incidenteel helpen.

Actief bestrijden van overlast taxi’s

Overlast van taxi’s wordt breed gevoeld: 34 mensen willen actief bijdragen aan het weren van taxi’s en niet-bestemmingsverkeer en hebben ook hun contactgegevens genoteerd. 9 buren hebben wat bedenkingen en 5 buren hebben nee gezegd. Waarom actie: veel overlast, veel te druk, het is nodig, van belang voor de hele buurt. Bedenkingen: ik zou niet weten hoe, geen tijd voor. Toelichting bij nee is vooral: geen tijd voor.

Draagvlak voor minder parkeerplaatsen

We hebben ook gevraagd wat mensen ervan vinden als er na vergroening minder parkeerplaatsen overblijven in de Montelbaanstraat. 31 buren zijn het daarmee eens, 8 buren willen de parkeerplaatsen behouden, 9 buren hebben er geen mening over, maakt hen niet uit Als het gaat om minder parkeerplaatsen in de Lastage vinden 31 buren dat een goed idee, daarnaast maakt het voor 14 buren niet uit.

Op de stelling: ik vind dat bewoners ook moeten kunnen besluiten over het in stand houden/opheffen van parkeerplaatsen voor hun huis als alle bewoners van dat adres dat vinden, reageerden 31 buren met instemming, 9 buren zijn het daarmee oneens en 9 buren hebben hierover geen mening.

Vervolg

Op zaterdag 9 december a.s. om 12 uur bijeenkomst om concrete plannen te maken voor Nieuwmarkt Groen/Rondje Blom in Wijkcentrum d’Oude Stadt, Nieuwe Doelenstraat 55. Kom als je zin hebt! De buren die actief willen zijn als het gaat om overlast van taxi’s etc. worden uitgenodigd door de werkgroep verkeer Nieuwmarkt.

Lineke Joanknecht, Lishe Los, Evelien van Os, Tine Sibbing, Sandra Rottenberg

Poster Alex Barbaix

Wormenhotel op Bantammerbrug

Het lijkt een wild idee. Een ‘wormenhotel’ op de Bantammerbrug. Een wormenhotel is een bak waarin wormen van groente-, fruit- en tuinafval hoogwaardige compost maken voor de geveltuinen. Bewoners en ondernemers op de Geldersekade en omgeving geloven dat dit buurtinitiatief een tegenwicht kan bieden tegen de pretparkdrukte. Via wijkcentrum d’Oude Stadt is een crowdfunding-actie gestart.

DeBantammerbrug, een rijksmonument, verbindt de Wallen met de Lastagebuurt. De brug is ontworpen door de Amsterdamse-Schoolarchitect Van der Mey (Scheepvaarthuis). Mede door de toegenomen drukte is de brug een ‘hotspot’ van onleefbaarheid. Horecaondernemers, toko’s en Airbnb-verhuurders gebruiken de brug als dumpplek voor grofvuil. Trouw ruimt de gemeentereiniging de rotzooi op, maar direct ontstaan er nieuwe Napolitaanse vuilnisbergen. ’s Avonds staan hier katvangers voor criminelen in het Red Light District. De brug is ook een illegale taxistandplaats. En op de laad- en losplekken parkeren particulieren. Motoren en scooters belemmeren de vrije doorgang voor voetgangers. Er moest iets gebeuren.

De eerste stap is dat stadsdeel Centrum de bovengrondse glas- en papierbak weg-

haalt omdat daaromheen het afval wordt gedumpt. Maar er is meer nodig: een positief tegenwicht tegen wangedrag. Een manier om de vele bezoekers te laten zien dat onze buurt geen pretpark is waar ‘alles mag’. Er wonen mensen met hart voor hun buurt. Het wormenhotel is daarom behalve een bijdrage aan duurzaamheid en afvalscheiding vooral ook een buurtinitiatief. Een groep bewoners heeft zich opgegeven als beheerders. Zij voeden de wormen met rauw groenteafval, fruitresten en licht tuinafval. Restaurant Lastage doet mee. Er bestaat een mogelijkheid om een wormenhotel in bruikleen te krijgen via de gemeente (https://www.amsterdam.nl/afval/ nieuws/compost-maken-buurt/). Dit project heeft echter zijn maximum bereikt; er is een wachtlijst voor volgend jaar. Daar komt bij dat het gemeentelijke ontwerp voor deze

lastige locatie niet robuust genoeg is. Daarom kiest het buurtinitiatief voor zelf aanschaffen en via crowdfunding bekostigen van een wormenhotel van Le Compostier. De kosten zijn € 1900,-, training vrijwilligers en installatie inbegrepen. De initiatiefnemers kunnen gebruik maken van de bankrekening en de Anbi-status van het wijkcentrum.

Samenwerking met stadsdeel

Met het gevraagde bedrag voor het wormenhotel ben je er nog niet. De plek waar het moet komen, aan de schaduwzijde van het Lianderhuisje op de noordelijke brugvleugel, heeft enige aanpassingen nodig. Er staat nu een fietsenrek. Dat zou herplaatst kunnen worden aan de oostkant van het huisje.

Verder zijn er rondom het wormenhotel drie corstenstalen plantenbakken nodig met struiken erin. Deze beschermen het wormenhotel en geven extra beschaduwing en verkoeling. Het buurtinitiatief doet voor deze aanpassingen aan de openbare ruimte een beroep op stadsdeel Centrum. Zo komt het wormenhotel tot stand via een mooie samenwerking.

Voor meer informatie en als u dit buurtinitiatief wilt steunen met een geldelijke bijdrage, zie http://www.oudestadt.nl/wormenhotel/

Blijve: OpNieuw

In 1979 schreef Jeroen Brouwers een pamflet tegen de lelijkheid, waarin hij de wens uitte: ‘Kome er opnieuw: schoonheid’. En zie, OpNieuw kwam er en een schoonheid was het. In 1983 verschenen de eerste nummers. Inmiddels bestaat OpNieuw 35 jaar, en een schoonheid is het nog steeds. En dit blad zou moeten verdwijnen? Dat mag niet gebeuren. In een buurt waar het zó goed wonen is, maar waar ook zó veel fouts en onzinnigs gebeurt, waar het marktplein af en toe wordt omgedoopt tot New Market om een Life Style Market in staat te stellen dure prullaria aan de man te brengen, waar toeristen te lezen krijgen dat de Waag deel uitmaakt van de ‘ruggegraat van Amsterdam’ (je zou haast plaatsvervangend hernia krijgen), waar de openbare ruimte uit z’n voegen barst en waar het verkeer steeds drukker en agressiever wordt, in zo’n buurt is een blad nodig dat geen blad voor de mond neemt, en dat misstanden en fake aan de kaak stelt. OpNieuw dus.

In een tijd waarin heel Holland bakt, moet de fysieke verslapping en vervetting gecompenseerd worden door middel van caloriearm maar vitaminerijk voedsel voor de geest. OpNieuw dus, desnoods gedrukt op bakpapier.

In een wereld die na meer dan 10 jaar DWDD volledig

is doorgedraaid, en waar bij menigeen het hoofd omloopt door alle info die 24/7 via mobieltjes en anderszins op ons af komt, moet men af en toe off line tot rust kunnen komen. Met OpNieuw dus, desnoods gedrukt op kringlooppapier. In een stad die niet alleen genderneutraal taalgebruik maar ook genderneutraal toiletgebruik propageert, en waar ongetwijfeld binnenkort niet meer staand geplast mag worden, daar mogen we blij zijn met een orgaan dat het verschil maakt. OpNieuw dus, desnoods gedrukt op WC papier. In een land waar de weermannen in weliswaar smakeloze maar scherp gesneden pakken worden gestoken, terwijl voor nieuwslezeressen slecht zittende, onbeholpen couture uit de kast wordt gehaald, in zo’n land past een blad dat lak heeft aan modetrends en dat lekker leest, ongeacht wat je aan hebt. OpNieuw dus, desnoods gedrukt op kastpapier. In een tijd waarin tot mijn ongenoegen de NEE-zegels op mijn brievenbus stelselmatig genegeerd worden door verspreiders van folders en huis-aan-huisbladen, ben ik niettemin blij dat de bezorger van OpNieuw elk kwartaal weer het nieuwe nummer van dit schone blad bij me in de bus gooit. Moge mijn wens in vervulling gaan: Blijve OpNieuw!

Een redactielid van OpNieuw kwam ter ore dat er iedere zondagochtend in de Zuiderkerk voor daklozen een lunch beschikbaar wordt gesteld. Reden om op zondagochtend weer eens de kerk te bezoeken. De bijeenkomsten worden georganiseerd voor Vineyard, een gemeenschap van Nederlandse en internationale mensen die vanuit hun gelovige achtergrond mensen bij elkaar wilt brengen. Vita Hooglandt sprak er met twee mannelijke bezoekers en schreef er een artikel over. En Riëtte van der Plas maakte een portret van Mark Hage, de pastoor van Vineyard. De illustraties zijn van Nanny Kok.

Lunch voor daklozen

Agnost

door Nanny Kok

Het is even wennen voor een vastgeroeste agnost om de Zuiderkerk binnen te stappen om een kerkdienst en niet een concert bij te wonen.

Vriendelijke jonge mensen knikken me toe en gebaren me dat achter het gordijn de dienst plaatsvindt. De kerk is bomvol, met op eerste gezicht dertigers en veertigers. Staand of zittend, sommigen met een bekertje koffie. Op het middenpad staan kinderwagens. Het doet me denken aan een liberale sjoel. Op het podium spreekt een bleke jongeman met een ‘soort van baardje’. Hij spreekt over de verleiding die uitgaat van warenhuizen. Hij noemt ze tempels die gebouwd zijn om te verleiden en beschrijft hoe je bij Magna Plaza op de roltrap door het omringende moois betoverd wordt, omdat het de belofte van geluk uitstraalt. “Maar is dat geluk? Is geluk te koop? Verdwijnt eenzaamheid als je een mooi pak koopt?”

Hoe modern de setting ook ... dit is gewoon

een ouderwetse preek door een jonge pastoor, die weliswaar op nonchalante manier de gelovige toespreekt maar met een oude boodschap: geloof in God en alles komt goed!

De jonge pastoor heet Mark Hage en ondanks zijn nikserig uiterlijk weet hij zijn publiek te boeien. Mensen brommen instemmend en gaan op zijn verzoek over tot het gebed. Af en toe kraait een baby. Mensen omhelzen elkaar.

Een ongemakkelijk gevoel maakt zich van me meester. Ben ik wel een agnost? Wat ik voel past meer bij een atheïst. ‘Wat doe ik hier?’

Ik heb de redactie van OpNieuw een tekening beloofd.

Een half uur later heb ik voldoende schetsen voor een sfeertekening. Inmiddels is er een bandje gaan spelen. Als ik mijn schetsboek dichtklap betrap ik me op mee neuriën. ‘O lordy ... lordy’.

in de Zuiderkerk

Portret van Mark Hage, pastor van Vineyard

door Riëtte van der Plas

Vanuit de kerstgedachte ging de redactie op zoek naar barmhartigheid in onze buurt. In de Zuiderkerk vonden we een mooi voorbeeld. Daar zijn al enige tijd gebedsdiensten van de protestantse gemeenschap Vineyard (wijngaard), die haar oorsprong vindt in de jaren zeventig in Amerika, waar ze werd opgericht door de Amerikaanse hippie en jazzmuzikant John Wimber. Het bijzondere van Vineyard voor onze buurt is dat ze in het hart van de stad naast hun geloofsbeleving ook maaltijden voor daklozen organiseren en opvang bieden aan buurtbewoners die eenzaam zijn of op de een of andere manier in een isolement zijn geraakt.

Vineyard biedt de ervaring van het gebed, van het delen van het geloof in God en het samen muziek maken. Het is een kerk van de praktijk en de ervaring. Ze wil een plek bieden aan wie meer willen weten over wie Jezus is en welk verhaal hij ons te vertellen heeft. Vineyard gaat ervan uit dat de wonderen die Jezus liet gebeuren in zijn tijd, nu weer kunnen gebeuren omdat hij nog altijd bij ons is.

De pastor van Vineyard is Mark Hage (32 jaar) met wie ik een gesprek heb in Bijzonder Amsterdams. Hij komt op de scooter en verontschuldigt zich voor het feit dat hij te laat is. Ik vraag hem hoe hij betrokken is geraakt bij Vineyard en wat de organisatie voor hem betekent.

‘Ik kom oorspronkelijk uit een agnostisch gezin. In mijn jeugd stond ik onverschillig tegenover het geloof. In mijn studententijd op het conservatorium in Utrecht en bij Filosofie aan de Universiteit Utrecht, bleef ik met vragen zitten over het waarom van mijn bestaan. Ik ging uit met andere filosofiestudenten en maakte graag muziek. Zo kwam ik in aanraking met gelovige medestudenten, met wie ik sprak over het verhaal van Christus. Ik was in die tijd heel onrustig. Ik was op zoek naar ”Hoe kan ik mijzelf waarderen en

accepteren”. En uiteindelijk vond ik rust in het verhaal van Christus, in die levensbeschouwing. Ik leerde dat ik geliefd ben, dat ik gemaakt ben en dat ik hier niet zomaar ben. Dat gaf mij de rust die ik daarvoor niet had. Ik had geen richting. Ik kon niet kiezen. Eerst ben ik gaan bidden met de deur op slot en de gordijnen gesloten en vroeg ik me af hoe ik moest bidden. En zo langzamerhand is daar iets gebeurd dat ik zou willen omschrijven als ”God heeft mij gezocht en ik heb mijzelf laten vinden” en gaf het verhaal van Christus mij een thuis

waarin ik kon wonen. Ik kan het het beste omschrijven als dat ik deel werd van een verhaal, waarvan ik nooit had gedacht dat ik daar deel van zou kunnen zijn. Voor mij is het niet alleen een verhaal van zoveel jaar geleden, ik vond wel degelijk liefde en vrede. En als je een beter verhaal hebt dan hoor ik dat graag’, lacht hij.

Vanuit dit nieuwe gevoel van richting gaf Mark Hage zijn studie Filosofie en het conservatorium op en ging op het hbo Theologie studeren. ’Dat leek me wat praktischer. Daarna heb ik nog een master Theologie aan de VU in Amsterdam gehaald. Zo kwam ik in Amsterdam terecht. Er was toen al een heel klein groepje Amerikanen uit Columbus Ohio en enkele Nederlanders die betrokken waren bij een kerk in Utrecht. Zij kwamen bij elkaar in Amsterdam. De Amerikanen waren al verbonden aan Vineyard in Amerika en wilden waar zij voor stonden ook naar Europa te brengen. Op het moment dat deze mensen bij elkaar kwamen, klopte ik aan de deur en vroeg of ik bij hen stage kon lopen.’

De groep van tien mensen uit de Jordaan is sinds 2008 uitgegroeid tot een groep van 200 leden en zo’n 250 mensen die de dienst op zondag bezoeken.

Op 16 en 17 december organiseert Vineyard vier toneelvoorstellingen in CREA in verband met Kerstmis.

Flesseman terug in de buurt

Volgend jaar is het dertig jaar geleden, dat Centrum van Ouderen Flesseman werd geopend door toenmalig burgemeester Ed van Thijn. Flesseman, als voorziening voor ouderen, was een initiatief vanuit de buurt. Om dit initiatief te kunnen realiseren werd het bestemmingsplan van het gebouw gewijzigd en werd de Stichting Flesseman opgericht om een bestuur te kunnen vormen. Het verwezenlijken van Flesseman was, naast de nieuwbouw op het net aangelegde metrotraject, een succes voor de Actiegroep en Bewonersraad Nieuwmarkt na een heftige strijd met de gemeente tegen de aanleg van de metro. De buurt was trots op een Centrum voor Ouderen op de Nieuwmarkt. “Flesseman is van en voor de buurt” was de slogan in die tijd. Het zou een sociale functie in de buurt krijgen

als ontmoetingscentrum en een plek zijn om te wonen als het thuis niet meer lukt. Een centrum waar oud en jong uit de buurt en de bewoners van Flesseman elkaar zouden kunnen ontmoeten. De dertigers van toen maakten grappen over hoe gezellig het zou zijn om in Flesseman samen de oude dag door te brengen met een spelletje kaarten en een drankje. “Allemaal inschrijven als we 55 zijn.”

Het beheer van Flesseman door de Stichting Flesseman is op een gegeven moment overgedragen aan zorginstelling Amsta. Zij hebben Flesseman overgenomen met de intentie om de informele structuur van Flesseman te behouden. Maar door de vele bezuinigingen in de zorg verdwenen veel zaken waar de Actiegroep en Bewonersraad Nieuwmarkt

zich voor hadden ingezet. Zo dreigde onlangs ook Flessemaal te verdwijnen; door de inzet van de vrijwilligers is dit gelukkig teruggedraaid.

Wat is Flessemaal? Flessemaal biedt buurtbewoners van de boven de 55 jaar de mogelijkheid om in plaats van ‘s avonds bij Flesseman te komen eten, de warme maaltijd te komen ophalen of het driegangendiner thuis te laten bezorgen. Dit laatste kan als er een medische indicatie is, bijvoorbeeld als mensen zelf voor korte of langere duur geen boodschappen kunnen doen. Een groep vrijwilligers brengt het eten, dat in Flesseman bereid is, bij die bewoners thuis. In de hoogtijdagen van Flessemaal werden er wel bij twintig bewoners eten bezorgd. Door allerlei niet duidelijk oorzaken wordt er nu nog maar door twee tot

vier bewoners van deze mogelijkheid gebruik gemaakt.

Naast Flessemaal zijn de huidige teamleider dienstverlening van Flesseman Jan Monsma en de zorgmanager Andy Koster nu ook bezig een plan te maken om Flesseman “terug in de buurt” te krijgen. Enkele ideeën hiervoor zijn meer gastvrijheid voor de buurtbewoners door het organiseren van muziek op de zondagochtend, het openstellen van de horecagelegenheid van negen uur ‘s morgens tot negen uur ‘s avonds en meer communicatie met de buurtgenoten, bijvoorbeeld via een vaste rubriek in OpNieuw. Zodra hierover meer bekend is zullen we u hiervan op de hoogte brengen. “Flesseman terug in de buurt”, we zien het graag gebeuren.

Mieke van Beeren

‘The winter is the worst’

door Vita Hooglandt

Een natte, kleffe hand kreeg ik. Zo een met vuile nagels en het effect dat je je hand onopvallend aan je broek af wil vegen. De eigenaar van de hand was een Poolse dakloze man. Eén van de twee mannen die ik vragen stelde over dakloos zijn. Ik zag een lange, donkere man die een soort rust uitstraalde, langs mensen manoeuvreren, met zijn handen in elkaar geslagen voor zich, rechte rug en een heldere blik. De man bij hem was een robuuste man, met een echte uitrusting voor de komende kou en een hele grote tas. Hén moest ik hebben. Mijn gesprekken met hun waren interessant en tegelijkertijd erg heftig.

Valentine, stelde de Nigeriaanse man zich voor in Nederlands met een licht Amerikaans accent. Gedurende het gesprek kwam het Engels steeds weer terug, opvallend genoeg steeds in de meest kwetsbare en prachtige zinnen. Hij was dakloos geweest, vertelde hij me. Hij kwam voor de Rietveld academie naar Nederland, zijn familie in Nigeria achterlatend. Na zijn scheiding gaf hij zich over aan drank en het dakloze bestaan voor meer dan een jaar. ‘Ik verdoofde mezelf’ zei hij, ‘met alcohol, blowen’. Drugs deed hij niet. Het was een middeltje om zijn gevoelens te onderdrukken ‘Maar je komt ze wel tegen’. ‘I came to the edge en ik zei tegen mezelf: Valentine je springt erin of je springt eruit!’. Hij wilde iets anders en realiseerde zich dat hij het zélf moest doen. Zijn doel: weer functioneren in de maatschappij. Toen ik hem vroeg hoe het hem gelukt was uit het daklozenbestaan te klauteren, antwoordde hij dat weer een verblijfsvergunning krijgen het begin was van zijn leven. ‘I love myself,’ zij hij lachend. ‘I love myself, ik kan het niet ontkennen’ en dat heeft hem gered.

Trots liet hij me een paar prachtige, gedetailleerde portretten met potlood zien.

Maar naast kunstenaar zijn, geeft hij ook Nederlands les aan asielzoekers en spreekt regelmatig met daklozen en biedt hen hulp. Hoe hielp hij hen dan, vroeg ik. Hij zei dat praten vaak al helpt. Veel daklozen zijn verslaafd en volgens Valentine is hulp zoeken moeilijk, maar wel het beste wat je kan doen. ‘When you give up it is finito with you.’ Als je dakloos bent, weet dan waarom je het doet. ‘You have to do it yourself!’ zei hij over uit het dakloos bestaan komen. Valentine had een grote steun aan God toen hij dakloos was, maar vooral door een andere tegeltjeswijsheid: ‘God helps those who help themselves.’ De bibliotheek was zijn remedie tegen verveling.

Toen ik Valentine vroeg naar wat hij het meest miste toen hij dakloos was, schoten de tranen in zijn ogen. Met moeite sprak hij: ‘Mijn moeder’. Precies op dat moment belde zij hem om hem te feliciteren met zijn zestigste verjaardag.

Een van de mannen die Valentine helpt is Adam, een Poolse man van 38, al een tijd dakloos. Hij werkte in Breda, maar toen het werk stopte belandde hij op straat. Van zijn laatste geld kocht hij een fiets en zo vertelde

Adam dat hij van Breda, langs zee, naar Amsterdam fietste. ‘When you’re outside you can’t sleep’ vertelt hij, door de gevaren en de kou. ‘The winter is the worst’ zegt hij, terwijl Valentine instemmend knikt. Alcohol was volgens Adam en Valentine het beste en eenvoudigste middel om je in slaap te helpen. Toen Adam woedend en in een onverstaanbare woordenstroom vertelde over Rotterdamse politie hoorde ik geknars: hij had zijn plastic bekertje fijngeknepen. Over Valentine zegt hij dat hij helpt, ‘he has a good heart’. Adam was in Amsterdam gebleven, was dat dan een betere stad voor daklozen? Nee, volgens hem helpen ze je hier niet als je slecht bent. Hij bleef alleen wegens zijn leeftijd en omdat hij geen zin had om verder te reizen.

Adams veelzijdigheid verbaasde me. Hij was boos en agressief, maar kon toch zachtaardig zijn. Bij het afscheid nemen zei hij met een scheve lach: ‘Goodbye sister’. Voor meer informatie over diensten: www.vineyardamsterdam.nl

Of op facebook: https://www.facebook.com/ vineyardamsterdam/

bij aankoop van een broodjas tijdelijk gratis broodpet

zie de mens zij hult zich in de lieve lust van haar bestaan

honger gaat op zoek naar eten als we gekleed aan tafel gaan

Bert Baanders 15 11 2017

Even denken 2017-4

Hier volgen de eerste twee regels van een limerick:

Een duffe toerist met een kater raakte rolkofferrollend te water

Maak hem af en stuur hem in; misschien wordt hij wel in het volgende nummer geplaatst.

Inzendingen Even denken 2017-3

Gevraagd werd: stuur een selfie waarop u nadenkend kijkt. Er zijn geen inzendingen binnengekomen.

Hebt u ze ook zien staan, die Zweedse kistjes die voorbijgangers telden? Mensen met smartphones en wifi konden via GPS getrackt worden, geloof ik. Big data, in de betekenis van ongenuanceerd en ‘alles op een grote hoop’.

Ik tel ook alles. Heb ik altijd gedaan. Als jongetje plaagden mijn broers en zussen mij daarmee. Dan zei ik op straat bijvoorbeeld: ‘Acht!’ ‘Acht?’ vroegen zij dan. ‘Ja, strepen op het zebrapad’. Dat was lachen. Maar ik leerde al snel dat dat kennis was. In dit geval zei het iets over de breedte van de straat.

Tellen helpt je bij het nuanceren van een indruk. Neem de grote stadsdorp-bijeenkomsten. Als die in een klein zaaltje plaatsvinden zeggen we al gauw: ‘volle bak vanmiddag’. In een grote zaal valt eenzelfde aantal mensen gemakkelijk weg. Tellen dus.

Die telneurose deel ik met Hans Aarsman. U weet wel, de fotograaf die voor De Volkskrant dagelijks krantenfoto’s minutieus analyseert, en daar dingen op ontdekt die u en mij ontgaan. Hij zei een keer in een interview dat hij al een paar jaar geleden had gezien dat de crisis voorbij was, omdat hij elke dag meer vrachtwagens uit de PietHeintunnel zag komen. Daar houd ik nou van. Zo tel ik al een tijdje het aantal aan-

nemersbusjes. Op een doordeweekse ochtend zijn dat er op mijn gracht al gauw een stuk of dertig. Als je goed kijkt kom je veel te weten over wat er op de gracht gebeurt. Nog steeds zijn er veel Polen aan het werk, en komen veel bedrijven uit Volendam en omgeving. Maar je ziet ook dat het werk verschuift van betonboren en funderen naar elektrische installaties en afwerken. Allemaal kennis die zo’n Zweeds kistje of zo’n rubber draad over de rijweg niet kan verzamelen.

Maar zelfs als je goed telt vergis je je makkelijk. Zo viel het tijdens de bouwvakvakantie

op dat er op de gracht gewoon doorgewerkt werd. Dat zag ik aan het aantal aannemersbusjes. Op een dag parkeerde er een busje uit Uithoorn voor mijn deur. Er stapten een man en een meisje uit. De man zag er niet uit alsof hij ging bouwvakken. Hij betaalde zijn parkeergeld. Aha! Dagje Amsterdam met zijn dochter.

Tot slot een opdracht aan ons allen. Tel de nieuwe plaag in onze buurt: de nieuwe fout geparkeerde elektrische karretjes, vooral bereden door jonge mensen die te lui zijn om te fietsen.

Gee de Wilde

Autoverkeer in de Nieuwmarktbuurt

Rusland elke 18 seconden één, St. Antoniesbreestraat 20, Geldersekade 21, Kloveniersburgwal 26, dan viel de Koningsstraat met elke 74 seconden zelfs nog mee.

Eenlieve vriendin die bij de Koningsstraat woont, verbaasde zich er over dat die betrekkelijk smalle straat vooral ‘s nachts zoveel autoverkeer moet verdragen, en overdag zulke veel te grote bestel- en vrachtauto’s. Dat onderwerp was mij al bekend uit de buurt en ik heb mij eens verdiept in de recente ontwikkelingen in het verkeer hier.

In OpNieuw kwam ik lezenswaardige artikelen tegen van Evert van Voskuilen uit de afgelopen jaren en het plan van de Werkgroep Verkeer van onze Bewonersraad leverde ook nuttige informatie. Daarbij kwam nog het kentekenonderzoek Oude Zijde dat de gemeente in juni 2016 heeft uitgevoerd, dat heel veel gegevens heeft opgebracht. Het woord ‘Oude Zijde’ was mij onbekend, Wikipedia leerde me dat hieronder wordt verstaan het gebied tussen Damrak, Dam, Rokin, Amstel, Kloveniersburgwal, Nieuwmarkt, Geldersekade en Prins Hendrikkade.

Uit het plan van de werkgroep zie ik waardoor de toename van het verkeer in onze buurt wordt veroorzaakt: de herinrichting van de Munt en van de Amstel tussen Blauwbrug en Munt. Daarbij komt nog de afsluiting van het westelijk

deel van de Geldersekade door paaltjes. En in het kentekenonderzoek kan ik lezen hoeveel auto’s in werkelijkheid door onze straten razen. Bijvoorbeeld ‘s nachts in de weekeinden: Rusland elke 18 seconden één, St. Antoniesbreestraat 20, Geldersekade 21, Kloveniersburgwal 26, dan viel de Koningsstraat met elke 74 seconden zelfs nog mee. Veel hiervan zijn taxi’s die maar rondjes rijden, omdat de standplaatsen altijd vol zijn. Hopelijk komt er nog eens een slimmerik in ons gemeentebestuur die daar raad op weet.

Deze zaken zijn aan ingewijden natuurlijk allang bekend. Mochten lezers er meer van willen weten dan raad ik hun aan op internet te zoeken naar het plan van de Werkgroep Verkeer en naar het kentekenonderzoek Oude Zijde. Evenals mij is gebeurd zal hun dan veel duidelijk worden, wat ook belangrijk is i.v.m. de luchtvervuiling door uitlaatgassen..

Iets anders dat mij is opgevallen is de toename van taxi’s met geheel of half geblindeerde ramen. Zou dat misschien voor bezoekers zijn die zich er voor generen op de Wallen te worden gezien? Ik vraag het maar . . .

Henk Oldeman

Intimiteiten

Al weer een aantal jaar geleden was er een huurster op het spreekuur gekomen, omdat ze een huurcontract had waarin stond dat ze niet zwanger mocht worden. Dit moest zelfs leiden tot beëindiging van het huurcontract, en evengoed was ze zwanger, onmiskenbaar zelfs. De verhuurder was er ook achter gekomen en nu lag er een brief van een advocaat die dreigde met een kort geding als ze niet zou instemmen met een huuropzegging. Het was ook nog december en de huurster woonde op het Begijnhof. Ik zag al een kort geding aankomen over een kerstontruiming van

Ik zag al een kort geding aankomen over een kerstontruiming van een zwangere dame van het Begijnhof.

een zwangere dame van het Begijnhof. Dan hadden we AT5 gehaald. Maar de verhuurder zette wijselijk niet door. De minister die in 1979 de nu nog geldende wetgeving heeft behandeld, heeft gezegd dat een verhuurder die zich “zedelijk bezwaard” voelt door wat er in zijn pand voorvalt, in principe geen bevoegdheden heeft zich met het privéleven van zijn huurder te bemoeien. Verder is er een Europees verdrag voor de bescherming van de rechten van de mens, waarin staat dat ieder recht heeft op respect voor zijn privéleven, zijn familie, zijn gezinsleven, zijn woning en zijn correspondentie. Zwangerschap is daarom niet iets waar een verhuurder zich mee kan bemoeien. De verhuurder van de zwangere dame had gezegd dat het om de geluidsoverlast ging die een kind zou geven in de gehorige pandjes van het Begijnhof. Nu zijn er veel gehorige pandjes in Amsterdam, maar een dergelijke bepaling ben ik nooit tegengekomen. Vermoedelijk was die bepaling daarom nog een herinnering aan een tijd dat er echte Begijnen op het Begijnhof woonden. Dan zou deze verhuurder wel de enige “zedelijk bezwaarde” verhuurder zijn die ik in dit werk ben tegengekomen.

Onlangs was er een geval waarin de huurder een huuropzegging had gekregen omdat hij was gescheiden. Zijn huurcontract stond op naam van hem en zijn vriendin, met bepaling dat als één van beiden zou verhuizen, dit zou gelden als huuropzegging van beide huurders. Eén van beiden was verhuisd. Maar ook deze bepaling was niet geldig vanwege de privacybescherming. Iedereen mag samen gaan wonen met een vriend of vriendin en iedereen mag ook van hem of haar scheiden.

Men zou ook in dit geval een zedelijk bezwaarde verhuur-

der kunnen vermoeden, maar het is veel waarschijnlijker dat de verhuurder een veel hogere huur wilde hebben. De huur was laag.

Het recht van privacy betekent dat mensen zich vrij moeten kunnen bewegen en in vrijheid hun gedachten en gevoelens kunnen uiten aan wie ze zelf daarvoor hebben uitgekozen. Het is een soort recht om met rust gelaten te worden. Dat laatste is lastig, want als de privacy inzet van een procedure zou worden, dan worden juist zulke persoonlijke, intieme omstandigheden als een scheiding of een zwangerschap, uitgebreid en tamelijk openbaar aan de orde gesteld. Met rust wordt men niet gelaten.

Het kan zinvol zijn om met voorbijgaan van elke privacy in een procedure juist nogal persoonlijke omstandigheden naar voren te brengen. Laatst had ik een zitting in een zaak waarin de verhuurder aan de huurder onder meer had verweten dat hij “aan een vrouw” een deel van zijn woning in onderhuur had gedaan. Maar de huurder was gewoon gaan samenwonen. Dan is er geen onderhuur, maar hij moet het samenwonen wel op de één of andere manier aannemelijk kunnen maken. De vriendin van de huurder was ook op de zitting. Ik had op voorhand tegen ze gezegd dat als de advocaat van de verhuurder al te veel zou doorzeuren over die onderhuur, dan moesten ze ter zitting maar tot een goeie omhelzing overgaan met een passende zoenpartij, tot de rechter overtuigd zou zijn. De huurder had er wel zin in. Maar de rechter nam de onderhuur weinig serieus; ook zonder omhelzing was de situatie op de zitting duidelijk genoeg. Een verwante problematiek doet zich voor als de huurder via de rechter probeert om een medebewoner op het huurcontract te krijgen. Volgens de wet kan iemand medehuurder worden, zo heet dat officieel, als men tenminste twee jaar met elkaar een duurzame, gemeenschappelijke huishouding heeft gehad. Daarover hoeft een huurder niet zo veel meer te bewijzen als er sprake is van wat dan wordt genoemd, een “affectieve relatie”. Tegen cliënten zeg ik dat dat betekent dat ze met z’n tweeën één groot bed moeten hebben. Die affectieve relatie moet nog wel bewezen worden maar meestal wordt het wel snel aangenomen. Ik heb nog nooit foto’s van dat ene, grote bed naar de rechtbank hoeven sturen.

Procedures zijn voor de partijen stressvol maar voor buitenstaanders heeft het iets vrolijkmakends, iets hilarisch zo men wil, dat intieme, persoonlijke zaken, zoals dat bed of die omhelzing direct en onbekommerd in de formalistische, juridische procedures naar voren gebracht zouden kunnen worden. In privacyzaken blijken zulke persoonlijke kwesties sterker te zijn dan contractuele bepalingen. Het lijkt haast of de procedurele vereisten en contractsbepalingen terugdeinzen voor de kracht van onverwachte, directe emoties, alsof het leven toch sterker is dan procedures en contracten. En wie had dat gedacht? Dat stemt tot vrolijkheid.

Over die vrolijkheid de volgende verzen. Vooral de eerste regel vind ik erg sterk. Hier zijn het geen procedures en contracten maar een zekere gekunstelde onwil, die terugdeinst voor een directe emotie.

De mokkend opgeworpen mond, bezeten lang en lang gekust.

De eeuwigheidsverlangsdrift gelenigd en alree gesust. (J.H. Leopold)

Peter Commandeur • Woonspreekuur De Boomspijker • Rechtboomssloot 52 Woensdagmiddag van 2 tot 5 en ‘s avonds van 7 tot 8.

B erichten uit de tekenklas #9

Het seizoen begon deze herfst met o.a. een groep van 12 meisjes van 6 t/m 8 jaar. De eerste opdracht was: elkaars portret tekenen, eerst gewoon, daarna op zwart papier zonder het krijtje van het papier te halen. Een zogenaamde een lijntekening.

Ze deden enorm hun best … Totdat een monteur in de Boomsspijker per ongeluk op de alarmknop drukte. “Oeieieiet Oeieieiet Oeieieiet” klonk het. Iedereen moest onmiddellijk het pand verlaten!

Wat nu? Je mocht je krijtje toch niet van het papier afhalen?

Maar de meisjes gingen beduusd het lokaal uit, de trappen af.

Loos alarm!

Terug naar boven, snel gaan zitten en het krijtje weer op PRECIES dezelfde plek zetten waar het ‘t papier verlaten had.

Dat belooft wat!

Mieke en Barbara

Arts en Crafts Emil van Slooten

Emil van Slooten (1917 - 2009) was in zijn tijd dé toonaangevende oncologisch chirurg in ons land. Maar ook was hij een beeldend kunstenaar van grote allure. Enkele oud collega’s en bewonderaars hebben een selectie van zijn kunst weten te verzamelen om te voorkomen dat dit aspect van zijn levenswerk onderbelicht blijft en in de vergetelheid raakt.

Een uitgave van het werk, tekeningen, schilderijen en plastiek van Emil van Slooten - dat is goed nieuws, iets om naar uit te kijken.

Emil van Slooten, geboren in 1917 in Rotterdam, woonde het grootste deel van zijn leven in de Amsterdamse Nieuwmarktbuurt. Al eerder heeft Opnieuw aandacht aan hem besteed en werk van hem gepubliceerd. Emil was allereerst een begenadigde chirurg, en daarnaast een begaafde en humorvolle illustratieve tekenaar en beeldhouwer. Vier bewonderaars van hem hebben het initiatief genomen om het beeldende werk van Van Slooten voor de vergetelheid te behoeden door de uitgave van het boek ‘Arts en Crafts, de kunst van Emil van Slooten’, met een ruime keuze uit het omvangrijke werk dat Emil na zijn overlijden in 2009 heeft nagelaten.

Jaren had ik met plezier gekeken naar de beeldengroep, in een nis boven café Captein, zonder te eten wie de maker ervan was. Ik zag er een vader in, die met zijn kinderen schuilt voor de regen, terwijl zijn zoontje zijn hand uit-

steekt om te voelen of het al droog is. Later kwam ik te weten, dat het werk van Emil van Slooten was, en dat het de titel ‘De Intocht van Sinterklaas’ had. Gaandeweg kreeg ik kennis van de bijzondere levensloop van deze bescheiden en uitzonderlijke man. Eminent en alom bewonderd medicus, een chirurg die in urgente gevallen, waar men ter plaatse geen oplossing wist, per helikopter van Amsterdam naar Maastricht werd gehaald. Na de tweede wereldoorlog, als dienstplichtig militair vanwege de ‘politionele actie’ in Nederlands Indië, onttrok hij zich als medicus aan het oorlogstoneel om op Sumatra de leiding te hebben in een door hem opgericht, en deels eigenhandig gebouwd ziekenhuis. Ook trok hij in latere jaren geregeld naar Griekenland, een land waar hij veel van hield en waarvan hij de taal sprak, waar hij in het kinderziekenhuis van Athene werkte en operatietechnieken doceerde, waarin hij een grootheid was. Typerend voor Emils ruime opvattingen is dat hij, bij zijn aanvaarden - als eerste - van het hoogleraarschap Chirurgische Oncologie in Amsterdam, een groot deel van zijn oratie wijdde aan de toestand van de planeet Aarde, en aan wat de mens daar aanricht.

Vele jaren was Van Slooten een onmisbare kracht als hoofd van de afdeling chirurgie van het Antoni van Leeuwenhoek ziekenhuis in Amsterdam. En maakte ondertussen zijn ingekleurde pentekeningen, die op een

vaak humoristische manier betrekking hadden op het gebeuren in de operatiekamer. Zijn grote liefde voor de natuur kon hij enigszins uitleven in de Buiten Bantammerstraat waar hij woonde en waar hij samen met zijn geliefde vrouw Mira planten, struiken en bomen in de aarde zette en zo aan dat korte straatje een idyllisch aanzien gaf. Wat nadien, door de uitbreiding van het grote hotel ernaast, alles feilloos teniet is gedaan.

Het werken, dag na dag, jaar na jaar, diep gebogen over de voor hem te lage operatietafel - Emil was een zeer lange man - was de oorzaak van een steeds ernstiger vergroeiing van zijn ruggengraat, waardoor hij in zijn laatste jaren kromgebogen en leunend op een stok door de straten van de Nieuwmarktbuurt schuifelde. Het was alleen in die hoedanigheid dat ik hem gekend heb. Soms ontmoette ik hem, aan de arm van zijn vrouw, en pijnlijk, mijn hond blafte hem dan aan, verontrust door zijn ongewone verschijning. Totdat op een dag zijn vrouw Mira me aansprak, en toen pas herkende ik in haar een vroegere collega, danseres bij Het Nationale Ballet.

Te kort heb ik Emil gekend - zo graag had ik met hem van gedachten willen wisselen. Dat is er niet meer van gekomen. Toen hij een avond met Mira bij mij thuis had gegeten, zei hij bij het afscheid aan de voordeur zachtjes: ‘Ik heb genoten’.

Het zijn de laatste woorden die ik Emil heb horen zeggen. Ik hoop zo dat hij daarmee niet alleen die avond bedoelde.

Toer van Schayk

“Arts en Crafts” zal in het begin van 2018 uitkomen. Mocht u interesse hebben in het boek, dat ongeveer 25 euro zal kosten, neem dan contact op met Bin Kroon via: bbrkroon@gmail.com, gaarne met vermelding van uw adresgegevens.

Speeltuin De Waag wordt nog leuker!

We gaan verbouwen. We hebben heel veel kinderen gevraagd wat ze leuk zouden vinden. Hieronder zie je een paar van de tekeningen die ze gemaakt hebben. Er is een mooi ontwerp uitgekomen. We gaan nu beginnen met het vervangen van de speeltoestellen. Alles wordt nieuw en er komen speeltoestellen bij. Hieronder zie je alvast een beetje hoe het gaat worden!

Dit betekent wel dat het in de komende tijd wat rommelig zal zijn op de speeltuin. Misschien kan er een tijdje niet op alle toestellen gespeeld worden. Je kunt wel in ons clubgebouw terecht. In dit gebouw kun je knutselen, tafelvoetbal spelen, puzzels maken en vaak iets eten (en ouders kunnen een warme kop thee of koffiedrinken). Kom gezellig langs.

Metoo

Eendoor kennissen aanbevolen meneer komt mijn nieuwe laptop installeren en de nieuwste Windows uitleggen. Samen nemen we plaats achter mijn werktafel: twee bejaarden die vanwege hun oude ogen te dicht bij elkaar voor het scherm moeten zitten. Gelukkig ruikt hij niet. Ik pak pen en kladblok.

“Nee, niets opschrijven”, verordonneert hij. “Alleen luisteren!”

Zijn toon doet mij slinken tot kleuterformaat. Zelf groeit hij ver boven de tafel uit. “Maar,” protesteer ik, “ik leer het snelst wanneer ik aantekeningen maak en ik hoef alleen maar te weten waarin deze Windows verschilt van…”

“Ik zeg toch NEE! Jullie, vrouwen, willen ook altijd alles op jullie eigen manier doen en jullie blijven maar vragen.”

O, denk ik. Gaan we op die toer! Zijn kruin raakt al bijna mijn plafond.

Meneers uitleg bestaat uit een eindeloze ratel die klinkt alsof hij een handleiding van a tot z voorleest. Tegelijkertijd gaan zijn vingers zo snel over het toetsenbord dat ik

niet zie wat hij doet. Te vervuld van zichzelf, merkt hij niet dat ik toch aantekeningen maak. Wanneer ik voorstel om even zelf de toetsen aan te raken om te verifiëren of ik zijn uitleg wel begrepen heb, antwoordt hij dat ik hem nu niet meer mag onderbreken omdat hij al veel teveel tijd aan mij kwijt is.

Eigen schuld, dikke bult denk ik, maar ik zwijg want hij moet mijn e-mails nog overhevelen.

“En nu gaan we internetten,” zegt hij. “Stel, u wilt bij een webwinkel iets bestellen. Bijvoorbeeld… ik noem maar wat… een bh.”

O nee, krijgen we dat ook nog! Hoe oud moet ik worden om van dat gezeik af te zijn? Ik denk aan mijn e-mails en fluister onderdanig:

“Mag ik u iets vragen?”

Dat is de juiste toon. Hij leunt achterover, vouwt zijn handen over zijn pens en kijkt mij welwillend aan.

“Zegt u het maar.”

“Vindt u het goed dat we eerst de e-mails afhandelen? Ik word een beetje moe.”

“Mevrouw, dat is erg onhandig.”

Nieuws van stichting !WOON

Vakantieverhuur aan banden

Voor het verhuren van een woning aan toeristen geldt sinds 1 oktober een meldplicht. De gemeente heeft deze meldplicht ingesteld om effectiever te kunnen handhaven en om overlast tegen te gaan. Via de website van de gemeente kunnen bewoners met hun DigiD code de woning aanmelden voor vakantieverhuur. Deze aanmelding is verplicht. Wordt de woning aan toeristen verhuurd, zonder dat deze is aangemeld, dan kan de gemeente direct een boete opleggen voor deze overtreding. De boete kan oplopen tot een bedrag van €20.500,-.

Al jaren geleden heeft Huurdersvereniging Centrum gewaarschuwd voor uitwassen bij verhuur van woningen aan toeristen. Mede onder de vlag van de huurdersvereniging is vijf jaar geleden een digitaal meldpunt opgezet. Vele meldingen van overlast en woningonttrekking kwamen via dit meldpunt binnen en werden, met toestemming

van de melder, direct doorgestuurd naar de gemeente. Vanwege de vele klachten is de gemeente gaan inzien dat het oorspronkelijk ingezette beleid diende te worden bijgesteld. De gemaakte afspraken met Airbnb hadden maar een zeer beperkt effect.

Het is jammer dat bewoners niet zelf kunnen checken of vakantieverhuur van een naastgelegen woning is aangemeld. Dat zou handhaven een stuk gemakkelijker maken, omdat overtredingen dan direct gemeld kunnen worden bij de gemeente. Echter, vanwege privacyredenen kan de gemeente geen lijsten publiceren. Wel kunnen overlast en overtredingen gemeld worden. Dat kan via het Meldpunt Zoeklicht van de gemeente of via telefoonnummer 14020.

Inmiddels is er ook discussie ontstaan over de maximale duur dat een woning per jaar verhuurd mag worden aan toeristen. Deze is nu nog 60 dagen, maar vrijwel alle

Ik trek een smekend gezicht en houd mijn hoofd scheef als was ik verlegen.

“Nou goed,” zegt hij, “u kunt het ook niet helpen dat u van het zwakke geslacht bent en ik ben de beroerdste niet. E-mails dus. Zo, eerst dit en nu dat en kijk, daar zijn uw mails al.”

Ik lach van opluchting, hoop dat hij nu oprot, bedenk dat ik na zijn vertrek meteen mijn wachtwoord moet veranderen en heb weer normale proporties aangenomen. Dat lachen was verkeerd.

“Ha, ik zie dat uw energie weer terugkomt. Goed, daar gaan we. U wilt iets bestellen, bijvoorbeeld… ik noem maar wat… inlegkruisjes.”

Ik schuif mijn stoel achteruit, geef hem zijn jas aan, houd de deur voor hem open en zeg uiterst koel met mijn volwassen stem:

“Volgens mij, meneer, is hier uitsluitend behoefte aan een mega bestelling Viagra.” Nog geen uur later stuurt hij mij een verontwaardigd mailtje waarom ik mijn wachtwoord veranderd heb.

partijen hebben zich al uitgesproken voor halvering van deze termijn. Overlast van vakantieverhuur zal dus zeker een belangrijk thema worden bij de komende gemeenteraadsverkiezingen.

Geisers en gaskachels

In maart van dit jaar oordeelde het Amsterdamse Gerechtshof dat Stadgenoot een aantal huurders mag verplichten hun gaskachel en geiser te vervangen door een CV-installatie. De uitspraak is heel zuur voor de huurders in kwestie, die goede argumenten hadden waarom het in hun – veilige – situatie niet nodig was. Tegen het vonnis kon cassatie ingesteld worden, maar dat is erg kostbaar en de zittende huurders hebben daar niets aan omdat het vonnis direct uitvoerbaar is. Op zich is vervanging voor

veel huurders een interessant aanbod maar niet alle huurders willen het. De vraag is dus of Stadgenoot vervanging kan verplichten. Stadgenoot betoogde dat geisers en kachels gevaarlijk zijn. De huurders voerden aan dat zij goede ventilatie hebben, jaarlijks onderhouden apparatuur en er bovendien koolmonoxidemeters zijn. De wet bevat geen verbod op de zogenaamde open verbrandingstoestellen. Het Hof oordeelde echter dat het belang van Stadgenoot om de woningen aan te passen aan de eisen van deze tijd op het gebied van comfort en veiligheid groter is dan het belang van de huurders. Bel of kom langs op ons spreekuur

Voor alle vragen over huren, wonen en VvE aangelegenheden kunt u elke woensdag van 14-17 uur en van 19-20 uur terecht op het woonspreekuur, Recht Boomssloot 52. U kunt ons ook bellen op (020) 5230 130. E-mail: centrum@wooninfo.nl / website: www.wooninfo.nl.

HetZeedijk-koor, waarin ik vol passie met de mannen mee-bas, heeft een repertoire met een hoog zielensmartgehalte. De liederen zijn bevolkt met personages uit de buurt: Leentje uit de Lange Niezel, Rosa die achter het raam zit te dromen van geld en liefde van heren van keurige komaf, die verleiden met rode rozen maar ‘m uiteindelijk smeren als een ongewenst kind zich meldt, enzovoorts. Kommer en kwel en uiteindelijk de dood of de goot.

Gebeuren er tegenwoordig nog wel opzienbarende drama’s voor een modern levenslied, vroeg ik me af. Het antwoord gaf Marijke Verhoeff eens, toen we na de repetitie

Boekenkast

Ik ben Zwitser en woon al 25 jaar in Amsterdam, kinderen grootgebracht en een beetje naam gemaakt in mijn beroep. Je kunt zeggen, gevestigd in Amsterdam. Nu de kinderen volwassen zijn, zijn we op zoek gegaan naar een betere plek in Europa maar die hebben we niet gevonden. Vooral zijn we blij met ons huis, misschien kent u het. Op de Oudeschans bij de brug, dat met die luikjes. Ziet er renaissanceachtig uit, maar in feite is het nep. Maakt niet uit, nep is ook mooi.

Misschien kent u ook de boekenkast die daar hangt. Boekenkast is een groot woord, het is een rommelige oude kist, maar er komen dagelijks zo’n 20 mensen op af. Zoiets zou in Zürich meteen verboden worden. Dat is dus een van de kleine verschillen met Zwitserland waar ik van geniet. Het is begonnen toen mijn dochter haar kamer ging opruimen, omdat ze ging verhuizen. Ze heeft wat spullen buiten gezet waaronder die oude houten kist met wat boeken erin. Die waren de volgende dag allemaal weg. Zo, dachten we, dan kunnen we dus nog wat meer boeken buitenzetten. Weer snel weg, maar nog verbazender was het dat iemand anders er ook zijn boeken in had gezet.

De kist stond op onze trap, net op een goede hoogte om erin te kijken. Er kwamen steeds meer mensen en de boekenruil functioneerde perfect. Totdat de buurvrouw kwam klagen. Vanwege die kist stonden steeds mensen voor haar voordeur bij haar binnen te gluren, dat wou ze niet hebben. Okay, bu-

Bloem van de Zeedijk

het gebruikelijke afzakkertje haalden. Achter de toog verkondigde ze: “Je kunt je kont niet keren, je kan je geen uitstapje naar Parijs permitteren of er vallen doden op de Dijk.” “Hoezo?” vroeg ik gespitst. “Bloem van café Groningen, ken je haar?” Ik moest helaas ontkennen. “Nou dan heb je wat gemist. Hier op de Dijk kon je letterlijk en figuurlijk niet om haar heen. Ze zoop als een ketellapper en daarbij sloeg ze zulke grove taal uit dat ik wel eens dacht, nou, nou mag het wat minder, bovendien was ze moddervet en een lesbische pot.” “Ach jee … een lesbische pot,” vroeg ik zorgelijk, “welke ingrediënten zijn daarvoor nodig?” Maar ik kreeg helaas geen antwoord, want het verhaal ging verder.

“Afgelopen week op een avond stond ze dronken te vloeken en te tieren tegen haar eigen voordeur alsof het een vreemde kerel was. Met haar vuisten ging ze het hout te lijf, terwijl ze de hele mensheid de vrese-

lijkste ziektes toe brulde. Het toegestroomde publiek joelde mee, tot het tante Aaltje aan de overkant te gek werd en ze vanuit het raam schreeuwde: “Meid, steek die sleutel in het slot en ga slapen”. Na geruime tijd gaf Bloem het gevecht op, wurmde zich met haar dikke lijf door het gat van de deur en het werd weer rustig.”

Voorgoed rustig, ontdekten ze de volgende ochtend. Het bleek de slotscène, de laatste noodkreet van Bloem in levende lijve te zijn geweest. De brandweer heeft haar uit het trapgat moeten ontzetten. Dood. Waarschijnlijk van boven naar beneden gestort. Een tragisch slotakkoord van een drankvol leven.

Dat zou dus een nieuw lied moeten worden: Niet van Zwarte Leentje die gevonden is langs de baan, maar van Bloem die jaren achter de toog heeft gestaan …

ren heb je overal en we wilden haar niet storen. Dus heb ik de kist aan de andere kant van de trap gezet, op de stoep, maar op ons eigen terrein. Twee dagen later zat ik op de trap een sigaretje te roken en kwam er een oudere meneer langs. Hij zegt op verontwaardigde toon dat hij het best een leuk initiatief vond met die boeken, maar dat hij echt niet door zijn knieën ging om ze te bekijken. Daar had ik ook begrip voor. We hadden nog een oude klapstoel en daar heb ik de kist op gezet. Dat ging prima voor twee dagen en toen was de stoel gejat en de kist stond weer op

de stoep. Dat is dan ook weer Amsterdam. Met wat draad heb ik de kist aan de tralies voor onze ramen opgehangen en nu gaat het goed. Raar genoeg heeft het een zelfregulerende werking, er zijn nooit te veel boeken en het staat nooit leeg. Soms zit er ook wat speelgoed in of dvd’s; die gaan ook weg, het is een wonder. Soms zijn er mensen die mij bedanken, maar dan heb ik het gevoel dat ik die lof niet verdien. Het is de buurt en al die mensen die ervoor zorgen dat het soepel loopt, wij doen niks.

Andreas Grütter

Heeft uw kind moeite met taal of rekenen? Aan hun inzet ligt het meestal niet. Deze kinderen hebben professionele hulp nodig.

REMEDIAL TEACHING

Voor meer informatie of een afspraak: Judith de Haan - gediplomeerd Remedial Teacher Tel: 020-6279155 E-mail: judith_rt@telfort.nl

Renovatie metrostation Nieuwmarkt

Uitvoering januari tot september 2018

De renovatie van metrostation Nieuwmarkt gaat na de Kerstvakantie van start. Vanaf 8 januari zal aan de noordkant van het station een toegang dicht zijn. Vanaf mei 2018 volgt de toegang aan de zuidkant, bij de Nieuwe Hoogstraat/Zuiderkerkhof. De metro blijft altijd bereikbaar. De renovatie van station Nieuwmarkt duurt tot september 2018.

Voorbereiding

Inmiddels zijn in beide hallen van het station de voorbereidende werkzaamheden gestart . Achter de bouwschuttingen worden stalen kozijnen weggehaald en voeren we onderzoek uit naar asbest en wordt dit zo nodig verwijderd. Ook inventariseren we de kabels achter het plafond. De drie toegangen zijn open, alleen is in het station te zien en horen dat er wordt gewerkt.

Overlast tijdens renovatie

De voorbereidende werkzaamheden brengen nauwelijks overlast met zich mee. In het metrostation hoort u wel dat we aan het werk zijn. Vanaf begin januari als de renovatie echt van start gaat, zullen de direct omwonenden aan de noordkant zeker te maken krijgen met lawaai.

Vanaf mei 2018 gaan de bewoners aan de zuidkant van het station lawaai horen. Op het Zuiderkerkhof zagen we de lift uit en maken we een doorzicht (vide) naar de stationshal en naar de straat. Dat zal zeker lawaai veroorzaken. Bewoners die dichtbij een toegang wonen waar we geluidoverlast veroorzaken informeren we persoonlijk voor het werk begint.

Begin januari komen er bouwhekken bij de toegang Nieuwmarkt. Ook wordt er een bouwkeet binnen deze hekken geplaatst. Omdat naast de toegang Nieuwmarkt wein-

ig plaats is en we daar ook moeten werken, komen er op het Zuiderkerkhof twee bouwketen.

Toegang dicht

Welke toegang wanneer dicht is, leest u in de bewonersbrief die medio december in de buurt wordt verspreid. Ook plaatsen we borden bij de toegangen die dicht gaan, zodat u weet waar u de metro kunt bereiken. De metro blijft bereikbaar, maar wellicht dat u moet omlopen naar een andere toegang.

16 stations

Na bijna 40 jaar zijn de metrostations van de Oostlijn toe aan een grote onderhoudsbeurt. Daarom renoveren we 16 stations van de Oostlijn. Als u gebruik maakt van de

metro heeft u dit wellicht al gemerkt op de stations CS, Waterlooplein, Weesperplein en een aantal bovengrondse stations, zoals Holendrecht en Gaasperplas. De renovatie van station Nieuwmarkt duurt acht maanden. De renovatie van alle 16 metrostations duurt ruim twee en een half jaar en is eind 2018 afgerond.

Informatie

Achtergrondverhalen leest u op www.wijnemenjemee.nl/oostlijn . Foto’s en actualiteiten vindt u op www.facebook.com/ oostlijn. Voor vragen over het rijden van de metro www.gvb.nl. Heeft u specifieke vragen over de renovatie dan kunt u mij mailen op m.de.kat@amsterdam.nl

Marlo de Kat Communicatie Metro en Tram

‘Über allen Gipfeln ist Ruh’

Goethe schreef het al: ‘Achter alle gevels heerst rust’. Hoe vaak denken we niet aan verhuizen, als we over straat lopen in onze geliefde buurt. Die drukte. Die toeristenmassa’s. Die opjagende fietsers en brommers. Die rondjes-rijdende taxi’s. Die dronkenlappen in overvolle bootjes. Bah! Maar als we onze voordeur binnengaan weten we weer waarom we uiteindelijk toch niet de stad verlaten. Want achter onze gevels heerst rust. Luidruchtige airbnb-ers daargelaten. Zeker, er zijn hier en daar vervelende buren. Maar waar niet. In buitengebieden heb je daar net zoveel kans op.

Het verlangen naar buiten overvalt ons stadsbewoners herhaaldelijk. Sommigen

hebben dat kunnen verwezenlijken in een tweede huis in Italië (ai, wat was het warm deze zomer), een volkstuintje (die courgettes komen inmiddels m’n neus uit), een wandelvakantie (naar boven gaat nog wel, maar naar beneden … je knieën, hè), of dagjes naar het strand. Even de drukte ont-

vluchten. Maar als we bij terugkomst onze vertrouwde straat inlopen, en de voordeur openen … Zo stil … Heerlijk.

Er zijn er ook die de stad definitief de rug toe keren. Naar Friesland of de Achterhoek. Waar vrienden alleen via Facebook en Skype bereikbaar zijn, de winkels op haast onoverbrugbare afstand liggen, en waar het overdag nooit stil is. Landbouwmachines, grasmaaiers, autosnelwegen, vliegtuigen, ronkende motoren, burlende herten. Natuurlijk. Ook daar kun je gelukkig worden. Maar de heimwee naar de Nieuwmarktbuurt kan dan heftig zijn. Het verlangen naar de stilte achter de gevels. Gee de Wilde

Weggooien? Mooi niet!

Broodrooster kapot? Een wollen trui met mottengaatjes? Een cd-la die niet meer opengaat? Gooi het niet weg! Kom naar het Repair Café waar deskundige vrijwilligers klaar staan om u te helpen met de reparatie. Spullen worden na een eenvoudige reparatie weer bruikbaar en hoeven niet te worden weggegooid. Op de locatie van het Repair Café is gereedschap en materiaal aanwezig om alle mogelijke reparaties uit te voeren op kleding, elektrische apparaten, fietsen, speelgoed etc. Het Repair Café laat niet alleen zien dat repareren

leuk is, en vaak heel makkelijk, maar is ook voor een duurzame samenleving. Heb je niets te repareren? Kom gezellig een kop koffie of thee drinken en wie weet kunt u iemand helpen met een reparatie of juist leren hoe het moet. Aanmelden is niet nodig, de kosten zijn een vrijwillige bijdrage.

Locatie: De Boomsspijker, elke 1e maandag van de maand van 13 -15 uur.

Adres: Recht Boomssloot 52, 1011 EC Amsterdam Informatie: vesser@ dock.nl of 020 6 26 4002 / 06 435 430 83

Op de laatste dag dat Annie Smit werkte in haar bloemenstal op de Nieuwmarkt kreeg ik een plantje van haar als aandenken. Ik was vaste klant van Annie en ga haar toch echt missen. Maar zo gaat dat in het le-

ven. Op een moment moet je na al die jaren gewoon stoppen en genieten van je oude dag. Zo ook Annie, die doorging tot haar 70ste! Dank je Annie …! Je was en bent een icoon. Eric Visser

Dharma Huis Amsterdam kwam eerst bij elkaar in de Palmstraat in de Jordaan. Nu dit centrum verkocht is hebben we een nieuwe plek gevonden op de Geldersekade. Iedere laatste zondag van de maand is er een meditatiegroep. De eerstvolgende mogelijkheid is op zondag 28 januari zondag 25 februari zondag 25 maart

Van 11:00 uur tot 12:30 Wil je meer informatie: www.dharmahouse.nl of telefonisch Riëtte van der Plas 06-21881118 Bijdrage op donatiebasis. Voorgestelde donatie 5 euro Verder is er iedere maandagavond Inspiratie Meditatie van 19:30 tot 21:00 uur. Bijdrage op donatiebasis. adres: Geldersekade 47 hs linkerdeur riettevanderplas3@ gmail.com

Maaltijd-bezorgservice aan huis in de Nieuwmarkt

Wist u dat er een MAALTIJDBEZORGSERVICE in DE NIEUWMARKT bestaat, speciaal voor bewoners, die (tijdelijk) minder goed voor zichzelf kunnen zorgen? Deze service wordt verzorgd vanuit De Flesseman (AMSTA), waar de maaltijden vers worden bereid. Gezond en smakelijk met een wekelijks wisselend menu. U kunt er gebruik van maken op de dagen, die u vooraf opgeeft. Maar de hele week

door kan natuurlijk ook. (Kosten per maaltijd €6,00. Bezorgtijd tussen +/17.00 en 17.30 uur)

Aanmelden (ook telefonisch) kan bij: De Flesseman, Nieuwmarkt 77, 1011 MA Amsterdam

TEL: 020 – 620.48.90 (het bezorggebied ligt tussen de P.H.kade – Warmoesstraat – Nes – Oude Turfmarkt – Binnenamstel – Waterlooplein – Nieuwe Herengracht)

VVV-bon voor mantelzorgers

Woon je in Amsterdam en ben je mantelzorger of ben je mantelzorger voor iemand die in Amsterdam woont, dan kun je tot en met 31 december 2017, online (ovv je DigiD) of via het Stadsloket (met identiteitsbewijs), een VVV-bon ter waarde van 20 euro aanvragen. De voorwaarden zijn: je bent mantelzorger

de mantelzorger en/ of de verzorgde woont in Amsterdam je hebt nog niet eerder tussen 10 november 2017 en 31 december 2017 een vvv-bon aangevraagd. Wil je meer informatie over hoe je de bon kunt aanvragen, kijk dan op www. amsterdam.nl/mantelzorg

Afscheid Annie Smit

Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook