OpNieuw is het blad voor de Nieuwmarktbuurt, door en voor buurtbewoners. OpNieuw wordt gratis huis aan huis verspreid in het gebied dat begrensd wordt door Geldersekade, Oosterdok, Uilenburg, Zwanenburgwal, Staalkade, en ‘s Gravelandsveer, Kloveniersburgwal en Nieuwmarkt en op Oosterdokseiland. Deze uitgave wordt mede mogelijk gemaakt door Stadsdeel Centrum, Koninklijke Nederlandse Akademie voor Wetenschappen, Rabobank Amsterdam.
Redactie
Tom Blits (vormgeving), Sati Dielemans, Roos Hendriks, Vita Hooglandt, Nanny Kok, Martijn van der Molen, Henk Oldeman en Dunya Willeman.
Medewerkers aan dit nummer
Peter Commandeur, Bert Baanders, Harmen Bockma, Kimbel Bouwman, Hanneke Dikboom, Maarten Henket, Emma Hogendorp, Flip Lambalk, Iwan Lindeboom, Mieke Lokkerbol, Marlo de Kat, Monica Metz, Mathilde muPe, Riëtte van der Plas, Lisa de Rooij, Lily Rigelsford, Hanneke Sterk, Fenneke Voorsluis, Barbara Wichers Hoeth en Gee de Wilde.
Voor- en achterplaat
Nanny Kok
Bestuur Stichting OpNieuw bestuur@opnieuw.nu
Willem Mesman, Bob Vos en Gerda Kievit Uitgave
Stichting OpNieuw Amsterdam K.v.K. 41209382 Donaties
De advertentieprijs is vastgesteld op €0,90 zwart/wit en €1 kleur, per vierkante centimeter.
Website: www.opnieuw.nu Bezorgers
Beiki Bakker, Janwillem Gattier, Marcel Gutz, Lea Israels, George Janszen, Nico de Jong, Femke Koens, Lucia Konink, Jaap Kroeger, Machiel Limburg, Evelien van Os, Kris Peeters, Antje Postma, Cor Portasse, Joost Schings, Piet Seysener, Hans van der Sluis, Ton Smeets, Barbara Wichers Hoeth, Niko Wijnbeek, Dunya Willeman en Thera van Zaal.
Deadline volgende OpNieuw: 17 november 2017
De toekomst van OpNieuw
Laat ik maar meteen met de deur in huis vallen: de redactie van OpNieuw kraakt in zijn voegen. Wat er nog over is aan redactieleden heeft een kritische grens bereikt. De meesten van hen zijn dicht bij de zeventig of daar al (ver) overheen, en zij doen al vele jaren dienst (sommigen meer dan dertig jaar). Doordat wij met nog maar zo weinigen zijn, legt de uitgave van een nieuw nummer een steeds groter beslag op onze tijd.
Gelukkig zijn er veel mensen in de buurt die van OpNieuw houden en die het belang zien van een buurtblad in de Nieuwmarktbuurt. De bezorgers worden regelmatig enthousiast aangeklampt: “Ha, de nieuwe OpNieuw! Ik vind het zo’n fijn blad!”. De meeste mensen reageren verrast als ze horen dat wij het niet meer trekken. Sommigen geven aan dat ze er vaker over gedacht hebben iets te willen doen voor OpNieuw, maar veronderstelden dat wij daar niet op zaten te wachten. Een enkeling gaf te kennen dat hij ons ziet als een “besloten, zuur clubje”. Dit alles geeft te denken.
Zelf ben ik vijf jaar geleden – na het overlijden van Riet Paasman – begonnen als eindredacteur. Zonder enige ervaring. Ik dacht – naïef, geef ik toe – dat ‘eindredactie’ inhield het redigeren van de aangeleverde teksten. Inmiddels weet ik wel beter. Met vallen en opstaan en advies van mensen uit het vak, ben ik er achter gekomen wat het inhoudt om een tijdschrift te maken en in de lucht te houden; en heb ik er zowaar plezier in gekregen. Maar na vijf jaar vind ik het tijd geworden om het stokje over te dragen aan een jongere generatie. OpNieuw is dus op zoek naar een nieuwe eindredacteur. Ook de overige redactieleden en de vormgever willen op (korte) termijn “met pensioen”.
Tijd dus om de buurt te mobiliseren, ervan uitgaande dat de buurt het belangrijk vindt OpNieuw in leven te houden. (Wij denken van wel.) Wij gaan daarvoor “Oploop voor OpNieuw” organiseren, een ‘oploop’ van betrokken buurtbewoners die mee willen denken over een reddingsplan voor OpNieuw. Voor de goede orde: het gaat vooral om mensen die met plezier een nieuwe redactie willen formeren, of die mee willen denken over de toekomst van ons mooie buurtblad.
Wij nodigen u uit om op zondag 1 oktober om twee uur ‘s middags naar de Boomsspijker te komen. Datum en tijdstip zijn onder voorbehoud, houd de website van OpNieuw (www.opnieuw.nu) tegen die tijd in de gaten. U kunt ook een bericht sturen naar redactie@opnieuw.nu (onderwerp “oploop”), dan kunnen wij u op de hoogte houden van eventuele veranderingen.
Lees ook de bijdrage van Dunya op pagina 6, Wat is de taak van een buurtblad anno nu?
Namens de redactie, Roos Hendriks
Ze zitten op het pleintje schuin tegenover de Witte Olifant, zachtjes klinkt hun muziek. Ze drinken geen drank ze roken gewone sigaretten als ze roken. Ik heb geen idee hoe en waarom ze hier, in deze verder zo suffe straat hebben afgesproken maar ze zijn er allemaal. Ik heb het ze gevraagd. ‘Hangjongeren’ - ik weet niet waarom maar ik heb ze lief - zou een huis voor ze willen bouwen maar weet nu al dat dat juist niet de bedoeling is.
8 Uit het lood/in het lood door Flip Lambalk.
Na prangende vragen uit de buurt, is Flip op onderzoek uitgegaan.
16 Pas op voor verfspatten door Kimbel Bouwman
Amsterdammers worden slachtoffer van inhalige woningeigenaren die op systematische wijze voorrang verlenen aan projectontwikkelaars.
26 Bericht over het Waterlooplein
7 De woelige zomer van een meerkoetfamilie door Hanneke Dikboom
13 Ontmoet de Makers door Riëtte van der Plas
De stichting Cordaan heeft voor cliënten met een licht verstandelijke beperking een leerwerkplaats gecreëerd aan de Zwanenburgwal.
en verder
6 Bij de voorplaat
18 Oud worden in de Nieuwmarktbuurt door Lisa de Rooij De Nieuwmarktbuurt kent, in vergelijking met andere buurten, een hoog percentage ouderen. Gertrud Pijnenburg over valgevaar en valangst.
6 Wat is de taak van een buurtblad anno nu? door Dunya
9 Second bridge to the left, door Gee de Wilde
10 Ko bezorgt niet meeer, door Henk Oldeman
11 Feminist Art Docs, door Emma Hogendorp
14 Handig vrouwtje, door Monica Metz
15 Waakzaam en dienstbaar, door Dunya
15 Maarten Henket
19 De geschiedenis van een muur, door Dunya
20 De Huiskamer op Kalkmarkt 8, door Fenneke Voorsluis
21 Peter Commandeur
22 Berichten uit de tekenklas
23 Spelen voor een ijsje, door Lily Rigelsford
24 de POP-UP Politie, strip van Dunya
27 Mensenvriend, column Henk Oldeman
Wij hebben de volgende donaties ontvangen:
3 x 30,- van Willers, 3 x 10,- van Wels/Vink, 100,- van T.Jongejans-van der Laarse, 150 van M. vd Molen Hartelijk dank daarvoor!
Heeft u ook last van de volgende klachten?
* Slapeloosheid
* Spanning
* Migraine
* Maagklachten
* Gewrichtsklachten
* Rugpijn
* Jicht
* Schouderpijn
* Stijve nek
* Sportblessures
* Verstuikingen
* Tennisarm
* Muisarm
* Beroerte
* Reuma
* Zenuwpijn
* Neurose
* Of iets anders?
Mercy
Chinese Medical
善心國醫館痛症治療中心
Traditioneel Chinees Geneeswijze: Tuina massage, kruidenbehandelingen, acupunctuur, en nog veel meer!
Vragen en reserveren:
Adres:
Website:
020-7723536 / 06-42850388
Dr. Zhi Xiong Li & Dr. Sau Ying Liu Sint Antoniesbreestraat 74 1011 HB, Amsterdam www.mercytcm.nl
BEHANDELINGEN KOMEN EVENTUEEL IN AANMERKING VOOR TERUGBETALING DOOR DE ZORGVERZEKERING
MACBIKE OOK ONDERGRONDS
MACBIKE OOSTERDOK, onder de OBA MacOosterdok93x73.indd
jnc-ict
Gebruikt u nog Windows XP of Office 2003? Op 8 april 2014 stopt Microsoft met het repareren van beveilingslekken voor Windows XP en Office 2003. Uw computer staat vanaf die datum wagenwijd open voor allerlei soorten van misbruik.
oplossen wifi problemen
Slecht bereik, traag wifi, verbinding valt regelmatig weg? jnc-ict is gespecialiseerd in het installeren, verbeteren en uitbreiden van wifi voor particulieren en bedrijven.
U dient tijdig over te stappen naar een latere versie van Windows en Office. Wij kunnen deze wijziging zonder onderbreking van uw bereikbaarheid uitvoeren. Neem vrijblijvend contact met ons op voor advies.
jnc-ict
Jonas Daniël Meijerplein 36
Jonathan Cohen 020-627 4732 / 06-2506 4567 www.jnc-ict.nl info@jnc-ict.nl
Fietsreparaties en onderhoud. Lekke bandenservice. Verkoop van nieuwe en gebruikte fietsen. Fietsverhuur. Dagelijks geopend van 09.00-17.45 uur. Oosterdokskade 149, info@macbike.nl, macbike.nl
HET ZEEDIJKKOOR zoekt nieuwe leden
Het repertoire van Het Zeedijkkoor bestaat uit zeventig unieke Nederlandstalige levens-en kleinkunstliederen met teksten van o.a. Jan Boerstoel, Lennaert Nijgh, Willem Wilmink, Friso Wiegersma en Drs. P. Centraal staat de betaalde liefde, het leven op en rond de rosse buurt in Amsterdam. Het begon allemaal in een café op de Zeedijk, waar vaak door stamgasten aan de tapkast werd gezongen, zodat men spontaan besloot een écht koor op te richten. De eerste officiële repetitie vond plaats in september 1993 in buurthuis De Boomsspijker, nu nog steeds de oefenruimte van het koor. Na jaren enthousiaste inzet van koorleden én dankzij de professionele leiding van dirigent, pianist en arrangeur Paul Tijink heeft het koor zich kunnen ontwikkelen tot een gemengd koor van ongeveer 40 leden met een een 'eigen gezicht' en wordt geprezen om zijn uitbundige aankleding en optredens.
In 2018 bestaat Het Zeedijkkoor 25 jaar dat gevierd gaat worden met een jubileumconcert.
Maar eerst zoeken we nog wat nieuwe leden uit de buurt : bent u bereid elke maandagavond uw muzikale stem te verheffen en ons repertoire te leren kennen en bent u tussen 25 en 65 jaar vul het formulier in op onze website http://www.zeedijkkoor.nl/
Bij de voorplaat
Ruim
dertig jaar woont Nanny Kok (1956) in en rondom de Nieuwmarktbuurt. Waar ze nu woont, aan het Waterlooplein, wil ze dolgraag blijven. Het plein is een mekka voor iemand als zij die ervan houdt mensen te tekenen die een persoonlijke kledingstijl hebben. Paradijsvogels die tussen de tweedehands spullen struinen. Marktkooplui die hun waar aanprijzen. Zelf is ze niet opvallend gekleed. “Dat komt omdat ik nogal een sloddervos ben, ik zit altijd onder de verf en inktvlekken.”
Hoe zou ze haar tekenstijl omschrijven?
‘’Tsja… ik zet wat onhandige lijnen neer en kijk dan wat kan ik overdrijven of accentueren. Ook hou ik erg van kleur. Af en toe dwing ik mezelf om enkel in zwart wit te werken, omdat bij tekenen en schilderen alles draait om licht en donker. Heb ik in een portret de donkerste en de lichte partijen op de juiste plek, dan is het portret al bijna geslaagd.”
Er zijn veel zaken die haar inspireren. Sociaal-maatschappelijke situaties zoals nu het gedoe rondom de renovatie van het Waterlooplein. Ze heeft verschillende posters getekend waarop ze probeert de discussie tussen de gemeente, de marktlui en de bewoners te verbeelden. Wat zijn de onderliggende belangen, drijfveren? Hoe verloopt de communicatie? Verder blijft ‘’alles met mode’’ – waarop ze is afgestudeerd op de Rietveld academie en waarover ze jaren later een scriptie heeft geschreven voor haar doctoraal filosofie – een inspiratiebron. Voor pennetjes en papier kun je haar s
’nachts wakker maken. Haar vriend heeft nu een tekenboekstop ingelast, wat logisch lijkt als je de stapel van meer dan een halve meter aan tekenschriften, boeken en papier op haar werktafel ziet.
Wat zijn haar toekomstplannen? “Nu ik Dunya mag opvolgen bij Opnieuw, wat ik een enorme eer vind, probeer ik extra goed
te kijken wat er allemaal speelt in de Nieuwmarktbuurt en omstreken, om het zo goed mogelijk visueel vast te leggen. Verder wil ik weer meer gaan schilderen, want ik word onrustig als ik dat een paar weken niet doe. Als je werk van Nanny wilt zien, kijk dan op haar website nannykok.eu of op instagram nannykok1702.
Wat is de taak van een buurtblad anno
Een buurtblad als OpNieuw, dat vier keer per jaar verschijnt.
Cursussen aankondigen? Die kun je ook op internet vinden en in andere bladen aantreffen. Verschijning vier keer per jaar lijkt dan trouwens erg weinig. Human interest? Interviews met buurtbewoners – oud en jong, autochtoon of andere toon – zijn van grote waarde, want ze geven de buurt een gezicht en zijn tegenwicht voor de toevloed van anonieme toeristen. Kritische informatie? Absoluut, broodnodig. Overheid en bedrijven willen maar wát graag het grote geld binnenslepen en vechten over het verdelen van de koek. Of hebben dat allang bedisseld. Achter de schermen. Met alle gevolgen van dien. Voor de openbare ruimte bijvoorbeeld. Veranderingen zijn niet tegen te houden, maar zijn de ergste uitwassen niet om te buigen tot
minder schadelijke afbraak van nog diverse en aantrekkelijke binnenstadgedeelten?
Kijk naar de treurige overload van steeds weer dezelfde foeilelijke winkels. IJs, wafels, koffieketens in tienvoud, toeristentroep, supermarkten. De grote jongens of de witwasbrigade.
Kijk naar het Waterlooplein. Met Jip en Janneke-prietpraat wordt een rookgordijn gelegd over de plannen om er een tweede Rembrandtplein van de te maken. Pas op. Die plannen zijn er nog steeds. Alles moet commercieel worden uitgebuit. Straks komt de horeca opdraven en de evenementenshow. Leve de lol. Voor wie?
Sociale verhuur wordt overal onderuitgehaald, alle fraaie beloftes ten spijt. Rolkoffers, expats, short-stay-verhuur, hotels, het
nu?
dendert maar door. Zeker op de grond van het historische centrum. Levende historie wordt ondergespit. Echtheid moet verkocht worden.
Hoort een buurtblad niet gewoon hondenpoepnieuws te zijn, met puzzels, strips en columns? Zeker, dat hoort erbij en maakt het leesbaar en vertrouwd. Maar de eerste taak van een buurtblad is opkomen voor zijn bestaansreden: een leefbare buurt. Door tijdig signaleren van ontwikkelingen. Door kritische informatie door en voor buurtbewoners. Door stelling te nemen. Een levend podium te zijn. Niet van een paar mensen in de redactie en wat medewerkers. Het moet gedragen worden door de mensen die hier wonen.
DOE MEE dunya
Eenden eerst
TEKST EN TEKENINGEN HANNEKE DIKBOOM
Het begon in het voorjaar. De meerkoet die zijn plekje kent op de Groenburgwal, zat op een zonnige morgen in het hoekje bij de brug op een opvallend mooi nest. Helemaal gevlochten van witte sliertjes, oogde het als een wit hoedje zo chique. De sliertjes bleken afkomstig van de kranten die bij ons naast worden gedistribueerd en ook de krantenjongen keek goedkeurend naar de koet die daar zo braaf zat te vlechten. En om die reden gaf hij zo nu en dan een bescheiden handje slierten, die direct werden verwerkt.
Na korte tijd waren er zes kleine meerkoetjes, die met
Even denken 2017-2
U kunt vast wel goed nadenken. Maar kunt u ook goed nadenkend kijken?
Stuur ons een selfie, de nadenkendste wordt in het volgende nummer geplaatst.
Oplossingen Even denken 2017-2
Gevraagd werd: een ezelsbrug voor het zomertijdwintertijdprobleem (wanneer moet je de klok vooruit zetten en wanneer achteruit).
Barbara Wichers Hoeth stuurde ons de volgende sierlijke constructie:
Als de merel fluit, gaat de klok voorruit, Schaatsen uit het vet?
Wordt ie achteruit gezet
Fraai in zijn eenvoud en oerdegelijk is deze brug van Keetje Maanhart:
Voor in het jaar gaat ie vooruit en achter in het jaar achteruit
In wezen dezelfde vondst, iets anders uitgewerkt, is van Brinn Hekkelman:
In het vóórjaar vóóruit
hun punkachtige voorkomen direct richting gracht kropen. Toen de iepen lichtgroene zaadtrosjes verloren, werd een klein groen trosje toegevoegd, maar verder bleef het een witte esthetische villa.
Op een dag, toen de meerkoetfamilie ging zwemmen met het inmiddels al groter geworden kroost, zat er bij thuiskomst een fiere eend op het nest. Is er gevochten? Heeft de moedereend gewonnen? Ik weet het niet, maar het was duidelijk. Zij had haast met de eieren en niet lang daarna kropen er vijf kleine eendjes in het rond.
En de meerkoetfamilie zat op een verwaarloosd bootje dat een beetje van de kant afdreef. Daar slapen ze nu ook. De ouders kijken naar de eend, soms proberen ze in de buurt van het nest te komen, maar de eend is niet bang, ze is de baas en heel waakzaam.
Nu zwemt ze soms met haar vijf eendjes een rondje, en als ze weg zijn gaan de meerkoeten snel op het nest zitten en vinden het opnieuw erg gezellig en erg van zichzelf. Ze repareren het ook een beetje, hoe fijn is dat. Maar als ze terugkomt met haar eendjes, verdwijnen ze snel naar het platform op het bootje.
Op een dag zat er ineens een andere eend op het platform van de koeten, die dat bij thuiskomst onaangenaam vonden, maar toch geteisterd aan de ene kant van de boot gingen zitten. Gelukkig bleef dit eendenbezoek niet lang.
Vandaag is meerkoetmoeder teruggegaan naar het nest. Ziezo, eens flink aan het werk, en de grote meerkoetpubers stappen met hun lange benen in de herinnering aan vroeger. Vader gaat wat zwemmen en koerst na een uurtje onder de brug door – zo vertrouwd naar het gezellige nest, iets lekkers in zijn bek – maar daar zit verhip die EEND weer met zijn kwaaie ogen. En de mannenkoet wijzigt koers naar de boot.
Na een poosje lijk het toch nog leuk te worden op die boot. Er staat water in en er kan warm gebadderd worden, want het is nog steeds behoorlijk koud voor de tijd van het jaar. Ook drijft er een peddel in, waarmee de vader meerkoet zowaar gaat spelen. Eindje duwen en dan proberen op het blad te springen. En warempel, het lukt hem, hij drijft een stukje!
Zo ging het dit voorjaar. Ze zijn nu allemaal redelijk groot, er is niet één klein vogeltje gesneuveld. Want dit is mooi: bij gevaar van aanvallende meeuwen gaan de nestbezetters en de vluchtelingen samen in de aanval!
Uit het lood/in het lood
Een mooie illustratie van het eeuwenoude loodwerkersgereedschap is te zien in een reliëf van Hendrick de Keijzer op de Waag.
Alle houten delen van de torenspits zijn nu bekleed met bladlood. Dat was altijd al zo. Meer dan 20.000 kilo lood werd/wordt geplooid rond de houten delen. Het geluid van de kloppende mannen van dakdekker Prins klonk mooi in de vroege ochtend. Het is een bijzonder geluid; heel intensief en toch zacht. Het is een eeuwenoude techniek die goed gedocumenteerd is. Bijna alle torens in Nederland zijn zo behandeld. Dat zie je niet vanaf de grond maar het is wel zo. Alsof een mooi dik stuk vilt om een stok of plank is gevouwen. Een mooie illustratie van het eeuwenoude loodwerkersgereedschap is te zien in een reliëf van Hendrick de Keijzer op de Waag.
Vanuit mijn slaapkamerraam op het Zuiderkerkhof heb ik veel kunnen waarnemen. Niet alleen de loodwerkers maar ook – eerst natuurlijk – de steigerbouwers en de schilders en de vergulders. De laatsten hebben de pinakeltjes, de haan, het bolletje en de cijfers van de klok met blaadjes bladgoud verguld, 20 kg bladgoud tegenover 30.000 kg lood.
Maar nu de vraag over de kleur! Eigenlijk is zo’n toren een historisch maar zeker ook fascinerend ambachtelijk verhaal. Hoe wordt het lood rond de taps toelopende, ronde vormen van de ballusters op de bovenste verdieping gedaan? Knippen en plakken? Ik heb ooit een echte architectuurhistoricus gevraagd: zijn er tekeningen van de steigers van al die mooie, imponerende torens bekend? Hij wist het niet en wat er is, is dikwijls fantasie (de toren van Babylon).
De spits van de Zuiderkerkstoren komt langzaam weer in het zicht. De bovenste lagen van de steigers zij alweer weg. De klokken van het carillon zijn terug geplaatst en haan en het bolletje zijn weer verguld. En de spits zit in het lood.
Dat de toren uit het lood staat en naar het westen een aantal graden overhelt is duidelijk, maar nu de vraag over de kleur! In berichten op het internet wordt gemeld dat de Zuiderkerkstoren weer de oorspronkelijk, historische kleuren terugkrijgt. In een mooi verhaal wordt een schilderij uit 1622 van Werner van den Valckert aangehaald waarop de torenspits donker is. Maar schilders schilderen in elke kleur. De kleur die de toren nu heeft is de originele kleur van lood. Als de zon er op schijnt glimt de toren op een barse, imponerende wijze; terwijl de vroegere lichte spits zich juist zo mooi kon verhouden tot achterliggende donkere wolken. Ik heb in een aantal jaren vanuit mijn
raam de toren gefotografeerd. De visuele kwaliteit van die lichte kleur is te zien op een poster die ik heb gemaakt en die hangt in de etalage van mijn atelier op het Zuiderkerkhof nr. 3.
Historisch onderbouwd?
Ik ben overtuigd van de goede intenties van de restaurateurs en weet ook dat er keuzes gemaakt moeten worden. Maar, toch nog een vraag: waarom is de Montelbaanstoren wel weer licht geschilderd en onze Zuiderkerkstoren niet. Was de overweging praktisch (patineren is beter/goedkoper dan schilderen) of echt historisch onderbouwd? Tekst en foto's Flip Lambalk
Goedemorgen meneer Lambalk, Door onvoorziene omstandigheden duurde het wat langer voordat u antwoord kreeg, maar hier alsnog. Hopelijk is het nog op tijd:
- de kleurstelling is in nauw overleg met de gemeente, de architect en Monumentenzorg en Archeologie vastgesteld. Zowel door mij als door Pieter Vlaardingenbroek is een kort onderzoek gedaan. Hieruit kwam naar voren dat er eigenlijk 3 kleurfasen geweest zijn. De 1e is gebaseerd op het schilderij, MenA heeft aangegeven dat zij deze fase terug wilde brengen. Zie hiervoor ook het stuk zoals op hun site staat, waarschijnlijk kent u het wel: https:// www.amsterdam.nl/kunst-cultuur/monumenten/erfgoed-week/zuiderkerk-kleur/ - het lood wordt gepatineerd om het ontstaan van loodwit te voorkomen. Hiertoe wordt het aangebrachte lood aan het eind van de dag gepatineerd, en aan het einde nog eens. Belangrijkste reden is om de witte strepen die ontstaan door het uitlopen van het loodwit door regen en dergelijke te voorkomen. Bijkomend voordeel is dat het lood mooi grijs blijft. Uiteindelijk zal het lood wel verkleuren, zie de Oudekerkstoren. Dit is een beetje afhankelijk van de weersomstandigheden en daardoor wat lastig in te schatten.
- lood werd in principe niet geschilderd. De Montelbaans is destijds geschilderd in de veronderstelling dat dit zo was, maar op historische schilderijen is de toren nooit in de bentheimer kleur geschilderd. Tijdens de laatste restauratie is bij de Montelbaans niet alle lood vervangen, en de verflaag kon niet verwijderd worden. De voorkeur van MenA was toen bij deze toren ook om niet te schilderen, maar dit bleek dus niet mogelijk. Bij de Zuiderkerkstoren is al het lood vervangen, waardoor dit wel kon.
- De spits moet licht van gewicht zijn en is daardoor een houten constructie. Om deze te beschermen is lood aangebracht. Op steen is dit niet noodzakelijk. Wel is gekozen om de bovenzijde van de natuurstenen ornamenten van met name de kerk van lood te voorzien. De bovenzijde heeft daar een naad namelijk, waar inwatering kon plaatsvinden. Dit bracht schade aan het natuursteen aan. Door het bekleden met lood kan dit voorkomen worden.
Vanuit MenA is Gabri niet betrokken bij de restauratie, wat niet wegneemt dat het project daar besproken is.
Hopelijk is dit voldoende informatie, anders hoor ik het graag.
Petra van Diemen archivolt architecten bv
Second bridge to the left
In de vorige nieuwsbrief heb ik u kennis laten maken met de Nieuwe Nieuwmarkt Gebarentaal. Ik begreep van buurtgenoten dat ze de gebaren in de openbare ruimte praktiseren. En dat dat de gemoedsrust bevorderde.
Ik beloofde u een toeristen-variant. Dat was ik niet serieus van plan. Maar nu we het er toch over hebben, kunnen een paar tips geen kwaad.
Zo kunnen we toeristen er opmerkzaam op maken dat hun rolkoffertjes een handvat hebben en ook gedragen kunnen worden. Maar moreel gesproken vind ik dat we dat alleen mogen doen, als we beloven zelf in het buitenland nooit een rolkoffertje achter ons aan te trekken. Daar ga ik al.
Dat morele besef geldt ook de klaagzang over de toeristendrukte. Die moet voorbehouden blijven aan mensen die zelf nooit een stedentrip naar Venetië of Barcelona maken. Ik zal er dus verder m’n mond over houden.
‘Second bridge to the left’. Jarenlang hadden de serveersters van het Doelen-café op de Kloveniersburgwal deze tekst op hun Tshirt staan. Want hoe vaak werd hun niet de weg naar de Dam of de rosse buurt gevraagd!?
Wij bewoners van de Nieuwmarktbuurt zijn wandelende VVV-tjes. Ook toeristen met uitgebreide stadsplattegronden vragen ons dagelijks naar de Dem, het Rembrendtof En Frenkhouse.
Wat doet u trouwens als een buitenlander u de weg vraagt? Antwoordt u dan ook meteen in het Engels? Die miljoenen buiten-
landers die Amsterdam jaarlijks overspoelen roemen de Amsterdammers om hun talenkennis. Sommigen spreken zelfs naast Engels ook nog Duits, Frans, Spaans of Italiaans. Vooral de ouderen in onze Nieuwmarktbuurt maken indruk, want die deden op de MMS of HBS nog in vier talen eindexamen.
“Waarom leren jullie geen Nederlands”, vragen we aan buitenlanders die hier soms al jaren wonen. “Omdat jullie altijd in het Engels terugpraten”, is meestal het antwoord. Dat moesten we maar eens veranderen. We praten in het vervolg Nederlands. Expats en vluchtelingen zullen daardoor de taal sneller onder de knie krijgen. En de toeristen? Die vinden het op z’n minst exotisch. Misschien komen er dan zelfs wat minder naar Amsterdam. Lukt ook wel als we ze systematisch de verkeerde kant opsturen, het ‘Do ist der Bahnhof’ van Koot en Bie indachtig: “De hoere? Die sitte daaro!”
Mijn lievelingsgesprek als VVV-er gaat ongeveer als volgt:
“Meneer, weet u de weg naar de wallen?”
“Daar bent u al.”
“?”
“Ja, het heet hier de Kloveniersburgwal.”
“Nee, dat bedoel ik niet.”
“Wat bedoelt u dan?”
“Ja, u weet wel, die rooie lampen.”
“O, meneer wil naar de hoeren. Zo, zo! Zou ik niet doen. Wat vindt uw vrouw daarvan?” (Die staat er meestal naast.)
“Die wil mee. Toch?”
“Tja …”
Et cetera. Genieten. Je moet toch wat!? Gee de Wilde
Vijfentwintig jaar lang OpNieuw bezorgen – da’s niet niks. Ko legt uit hoe dat zo gekomen is. “Ik heb vroeger altijd in het sloopwerk en grondwerk gezeten. Dat was allemaal handwerk, nu gaat het met machines. Ik heb veel op Kattenburg gewerkt. Boven werkten vier slopers en beneden wij vieren om de rommel op te ruimen. Alles werd naar beneden gegooid, dus wij moesten de zware balken apart leggen, gewoon hout apart, elektradraden moesten wij er allemaal uit sleuren. Er werd niet gekeken of het te zwaar was, dus daar heb ik mijn rug al vroeg mee naar de donder geholpen. Ik zat ook in het straatwerk, bij dezelfde baas. Dan kwam zo’n vrachtwagen met bouwstenen aan en kreeg je poeties om je vingers dat het vel er niet af ging. En dan steeds acht stenen tegelijk met je handen aan elkaar drukken om af te laden. Daarom was ik er al vroeg uit. Ik had ‘s morgens zoveel pijn dat ik mijn veters niet kon vastmaken. Ik kwam bij dokter Lak -
maker, die zei: ‘ga jij maar weer naar huis, want het werken is gedaan’. ‘Ben je nou bedonderd?’ vroeg ik. Maar hij zei: ‘dat werk wat je nou doet is gedaan, dat kun je niet meer’. Via het Arbeidsbureau kwam ik bij International Textiles, dat waren modebladen, op de postkamer. Post sorteren, ophalen en wegbrengen, dat heb ik achttien jaar gedaan. Maar dat bedrijf ging over de kop en toen kwam ik bij een verzekeringsmaatschappij terecht. Daar moest ik ordners die gebruikt waren terug in de stellingen zetten, dan hoog op een krukje, dan weer laag. Dus ging mijn rug er weer aan. Weer naar de dokter. Toen was het helemaal met werken gedaan. En ik was nog maar 49.”
Vrijwilligerswerk
“Zo nu en dan kwam ik wel eens in de Flesseman. Giel Ravesteijn vroeg of ik geen zin had in vrijwilligerswerk. Daar hadden ze toen nog geen winkeltje, dus ik ging boodschappen doen voor drie oudjes. Daarna
ging ik koffie zetten in het restaurant en later, bij bingo, kwam ik achter de bar te staan. Een jaar later vroegen ze of ik wilde meehelpen om Flessemaal op te zetten, eten rondbrengen. In ‘93 is de eerste maaltijd er uit gegaan en dat bestaat nog steeds, dus daar ben ik wel trots op. In die tijd kwam ik in contact met Tineke Nijenhuis, die vroeg of ik OpNieuw zou willen rondbrengen, een paar keer per jaar. Dat wilde ik wel. ‘Ik heb een leuk wijkje voor je, de woonboten’ zei ze. Daar ben ik in ‘92 mee begonnen, dus ik heb dat 25 jaar gedaan.
In 2011 ben ik met de Flesseman gestopt, het werd me een beetje te veel. Ik had ook de Boomsspijker er nog bij met de bingo. Toen Jo Ravesteijn kwam te overlijden heb ik dat van haar overgenomen. Jo ging met de kerstbingo altijd alle winkels, cafés en restaurants af, voor prijzen, en dat heb ik toen ook gedaan. Daar ben je twee maanden zoet mee als je ‘t goed doet. Bij de een kreeg je dit en bij de ander dat, maar er waren ook adresjes waar je geld kreeg. Als we 150 of 200 euro bij elkaar hadden, kochten we daar boodschappen voor en die deden we in zakjes. Zo konden de mensen die niks gewonnen hadden toch iets mee naar huis nemen. Kerstbrood, koffie, je had altijd wat. Maar dat werd me allemaal toch te zwaar, dus afgelopen januari ben ik ook daarmee gestopt.
Een beetje moe
En OpNieuw ben ik door blijven doen tot ik Thera op de gym in de Boomsspijker tegenkwam. Op die gym zit ik ook al 25 jaar, ik zit overal 25 jaar op, dat komt omdat ik al zo vroeg met werken moest stoppen. Op die gym kwam ook Thera van Zaal, en na verloop van tijd begon ze over dat wijkje te spreken. Ik zei: ‘neem het maar over, dan hoef ik het niet meer te doen’. En zodoende doe ik nu niks meer. Ik zit gewoon thuis en ik moet zeggen, ik ben ook wel een beetje moe.”
Ko’s laatste bezorgbeurt was het juninummer van OpNieuw. En laat het ons nu gebeurd zijn dat zijn naam toen al uit ons colofon gewist was als bezorger . . . Sorry, Ko, erg slordig van ons. En veel dank voor al je werk, we zullen je missen. Henk Oldeman
Veel waardering voor jullie blad ! vriendelijke groet, Hanneke Sterk
Feminist Art Docs
Een nieuw programma in Huis De Pinto
Twee verhalen die op het eerste gezicht geen enkele overeenkomst met elkaar vertonen. Een filmisch gedicht over vier Egyptische vrouwen die in de nasleep van de Arabische Lente gewapend met een videocamera hun persoonlijke identiteit onderzoeken. En het autobiografische portret van Sany, een jonge graffitikunstenaar uit Praag. Zij heeft haar baan opgezegd om een documentaire te maken over haar helden: vrouwen die de machocultuur van de graffitiscene doorbroken hebben met hun wilskracht en talent. Wat is de gemeenschappelijke deler die de verhalen, die de documentaires Ana Ana (Corinne van Egeraat, 2014) en Girl Power (Sany, 2016) met elkaar verbindt?
Allereerst zijn het verhalen die in de mainstream vaak wegvallen of overschreeuwd worden. Minder zichtbaar zijn. De demonstraties op het Tahrirplein in Caïro genereren nu eenmaal meer media-aandacht, dan overpeinzingen van individuele vrouwen die zich staande proberen te houden in een sterk patriarchale maatschappij. Wie over
de snelweg rijdt en de graffiti van de geluidswanden ziet spatten, zal zich hoogstwaarschijnlijk niet bezighouden met de gender van de maker van het werk. Beide documentaires dagen de kijker uit om zich af te vragen of activiteiten die zich in de marges van de samenleving afspelen, niet minstens zo interessant zijn als de dominante narratieven die wij dagelijks voorgeschoteld krijgen.
Daarnaast staat in beide documentaires kunst en creativiteit centraal. Kunst is zowel een manier om uiting te geven aan de individuele ervaring en beleving, maar kan ook dienen als medium voor sociale verandering. Een kunstwerk kan de toeschouwer provoceren, verwarren en aansporen om buiten eigen denkkaders te treden.
Na de zomerstop keert de documentaireserie Feminist Art Docs in het najaar terug in de filmzaal van Huis De Pinto. Iedere derde donderdag van de maand zullen documentaires getoond worden, waarin kunst gemaakt door vrouwen, mensen van kleur en
LHBT’ers centraal staat. Na afloop van de filmvertoning, zal er telkens een verdieping op het thema plaatsvinden. Dit kan in de vorm van een lezing door een expert of nagesprek met ervaringsdeskundige. De data zijn al bekend: 21 september, 26 oktober, 23 november en 21 december. In onze nieuwsbrief, op de website en op Facebook is meer te vinden over de programmering. Feminist Art Docs is een initiatief van Feminist Art Fest. Voor meer informatie over de serie en de organisatoren, zie www.huisdepinto.nl of www.feministartfest.com.
Emma Hogendorp
Iedereen is altijd vol lof over de biefstuk van Captein & Co. Niemand heeft ooit geweten dat we gewoon hondenvlees serveren! Café Captein & Co Binnen Bantammerstraat 27 Tel 020-6278804 ma – vr vanaf 16 u za en zo vanaf 12
Ontmoet de Makers bij Bijzonder Amsterdams
De stichting Cordaan heeft voor cliënten met een licht verstandelijke beperking een leerwerkplaats gecreëerd aan de Zwanenburgwal. De sociale hotspot heet Bijzonder Amsterdams. Je kunt er koffiedrinken of lunchen en het is tevens een winkel, waar ambachtelijk gemaakte artikelen als serviezen, linnengoed en tafels worden verkocht die door cliënten van Cordaan gemaakt zijn. Het concept blijkt een succes te zijn. Bij Bijzonder Amsterdams leren mensen met afstand tot de arbeidsmarkt hoe het is om in de horeca te werken, hoe je met klanten omgaat en hoe het is om een winkel te runnen.
Hersilia Holdorp, hiervoor werkzaam bij Atelier Noord, is de trotse kwartiermaker van dit idee. Terwijl we aan een van de gezellige steigerhouten tafels plaatsnemen vertelt ze over haar passie: cliënten met een verstandelijke beperking laten meedraaien in een horecagelegenheid, die bijzondere spullen verkoopt. De klandizie komt uit het kantoorpand waar Bijzonder Amsterdams gevestigd is, en uit het gemeentehuis aan de overkant van het water, maar ook buurtgenoten en voorbijgangers weten het te vinden.
“We wilden eigenlijk graag een plek waar alles samenkomt. Waar je kunt zien wat er gemaakt wordt in de ateliers van Cordaan – bijvoorbeeld deze mooie tafel waar we nu aan zitten, die is gemaakt in de houtwerkplaats in Noord – maar ook een plek waar je dingen kunt bestellen of kopen en waar je leert hoe het is om met cliënten met een licht verstandelijke beperking te werken en waar je ziet hoe zij hun vakvaardigheden leren. Daarom heet het hier ook ’Bijzon-
der Amsterdams’: bijzondere producten gemaakt door bijzondere mensen. ’Ontmoet de makers’ staat er groot op de muur, want hier kun je de makers ontmoeten van de houten barkrukken en de kussens op de bank. En we promoten hiermee ook dat mensen naar de ateliers in Amsterdam gaan: het keramiekatelier, de houtwerkplaats en het textielatelier.”
Hersilia: “Wat ik mooi vind is de ontwikkeling van onze cliënten te zien. Ze worden hier heel allround. Want klanten drinken een kop koffie en willen daarna nog cadeautjes uitzoeken. Ze leren om daarop in te spelen. We gaan nu ook de post rondbrengen in het pand, we maken de keukentjes schoon en vullen de koffiezetapparaten bij. Onze cliënten vervullen zo steeds meer een functie in het hele pand. Die combinatie maakt het heel leuk.”
“Ik nodig alle bewoners van de Nieuwmarktbuurt uit om met ons te komen kennismaken, lekker de krant te lezen met een kopje koffie op de grote leren bank. Maar je kunt hier ook fijn werken, lunchen of vergaderen. Er zijn overal stopcontacten en er is wifi. Er kan een vergaderruimte gehuurd worden, mocht daar behoefte aan zijn, met aansluitend een lunch.”
Bijzonder Amsterdams: Sociale hotspot van en door mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt.
Zwanenburgwal 206, geopend maandag tot en met vrijdag van 10.00 tot 16.00 uur. Telefoon: 020-88690909
e-mail: info@bijzonderamsterdams.nl www.cordaan.nl/bijzonder-amsterdams www.facebook.com/bijzonderamsterdams/ Riëtte van der Plas
Kintsugi
Ik loop de weg van boerderij naar dorp en terug, en terug en vind
dauw die optrekt boven zachtgroene druiven
het tikken van scharen in de stille ochtend
grijs brood en ruwe wijn
trillend licht boven gele velden bloed van gistende druiven
Er broeide altijd iets in die hete zon
en ‘s avonds, als het licht zich overgaf het donker verscheen
mijn zus, die al gevallen was toen, gebroken stuk gegaan
ik was nog heel jong en blauw zij gaf me haar barsten die lijmde ik met zonnegoud, en licht en stilte
Kintsugi, heet dat in Japan, de kunst van het repareren van pijn
Sati Dielemans
Handig vrouwtje
Monica Metz, schrijfster en columniste van NRC/Handelsblad, woont in de Nieuwmarktbuurt in Amsterdam en wil er nooit meer weg. Al rondneuzend vindt ze stof voor haar stukjes op straat. Dat kan zijn op het Waterlooplein, in de supermarkt, de metro, of bij de kapper.
Stel dat je behept bent met de onuitroeibare gewoonte om in bed te lezen en je wilt slapen in je volkstuinhuisje waar geen elektriciteit is. Wat doe je dan?
Eerst ga je op de romantische toer met kaarsen en olielampen, want dat soort licht past bij het zwelgen in vergeet-mij-nietjesblauw en het zwijmelen bij de geur van rozen.
Maar er komt een dag (en die komt al gauw), dat je dat poëziealbumstadium ontgroeid bent. Ten eerste omdat je tijdens het lezen NOOIT in slaap mag vallen, want het huisje is van hout. Ten tweede omdat de constructie met schuin gemonteerde spiegeltjes, die het licht op je bladzijde moeten werpen, je dwingt om urenlang doodstil in dezelfde houding te blijven liggen. Ten derde omdat je beddengoed de stank van lampolie begint uit te wasemen en ten slotte omdat plakken kaarsvet als korstmossen je dekens beginnen te overwoekeren.
Je zoekt meer eigentijdse oplossingen. Maar zaklantaarns vermoeien je handen en mijnwerkerslampjes je ogen, zodat je tenslotte besluit om over te stappen op zonne-energie.
Op je klompen klos je naar het huisje van Piet die al 52 jaar tuiniert en altijd bereid is een vrouwtje alleen te helpen. Met zijn echtgenote zit hij in de schaduw van zijn coniferenhaag aan de witte, plastic tuintafel te borrelen.
- Piet, ik heb een zonnepaneel en…
- Ga eerst zitten. Wil je een neutje? Proost!
- Ik heb een zonnepaneel en een accu gekocht. Hoe tover ik daar nou licht uit?”
- Heb je al een kastje?
- Wat voor kastje?
- Een kastje is een kastje. Je hebt een kastje nodig. Hij geeft de grootte van een sigarenkistje aan.
- Hoe kom ik aan zo’n kastje?
- Bij de Inkoop. (Inkoop is een ander woord voor Verenigingswinkel.) Je hebt al een zonnepaneel en een accu, dus dan koop je eerst een kastje en dan kom je bij mij en dan zorg ik dat jij licht krijgt.
- Aardig van je. Ik zag dat je bij de buurvrouw ook elektriciteit hebt aangelegd, maar ik wil het graag zelf proberen, want als er dan iets fout gaat, kan ik het ook zelf repareren. Hij kijkt mij uitdrukkingsloos aan alsof hij die laatste zinnen niet gehoord heeft.
Ik koop een kastje, zet een ladder tegen mijn dak, boor gaten en bevestig het zonnepaneel.
- Hoe nu verder, Piet?
- Dat snoer is te dun. Je moet ander snoer kopen.
Opnieuw klos ik langs heggetjes en slootjes inkoopwaarts. In de hoek met harken, schoffels en compostbakken doemt uit een wolk van nicotine de gestalte van Adriaan op, 43 jaar tuinder.
- Adriaan, dit snoer schijnt te dun te zijn.
- Klopt.
- En hoe moeten die kleurtjes nou precies in de stekker?
- Dat is heel ingewikkeld. Je moet namelijk een omleiding maken. Een soortement van bypass, waarvan ik er in mijn rikketik vijf heb zitten. Door zo’n bypass krijg je geen
kortsluiting als je de stekker er per ongeluk verkeerd om indoet. Zo werkt het bij mij ook. Hij steekt zijn zoveelste sigaret op. Tegen de tijd dat ik toe ben aan het installeren van het kastje, hoor ik achter de wilgenhaag de grasmaaier van Gert, 47 jaar tuinder. Met een takje tekent Gert in het grint een + en een – en vertelt driemaal dat plus altijd met plus verbonden moet worden en nooit met min.
Een paar avonden later zie ik tussen de klaverjassers die het clubhuis verlaten Piet lopen. Opgetogen vertel ik hem dat ik eindelijk veilig kan lezen in bed en bovendien een omvormer heb voor een andere voltage.
- Mooi! En wie heeft het voor je aangelegd?
- Ikzelf, met hulp van jou en Adriaan en Gert.
- Heeft Adriaan het aangelegd?
- Adriaan heeft, net als jij, gezegd hoe het moest en ik heb dat uitgevoerd.
- Heeft Gert het aangelegd?
- Gert heeft geadviseerd, net als jij en Adriaan.
- Wie heeft het dan aangelegd?
- Ik heb precies gedaan wat jullie zeiden.
- Heb je het zelf aangelegd?
Hij is ontdaan, wenkt de andere klaverjassers dichterbij, wijst naar mij en roept:
- Zij heeft helemaal zelf haar elektriciteit aangelegd!
Hij is er niet blij mee. Hij had mij graag geholpen. Ik hoor hem denken: waar moet het naar toe met de wereld als de vrouwen dit soort karweitjes nu ook al zelf gaan opknappen?
Waakzaam en dienstbaar?
Mijn dochter Sarah werkt parttime in een winkel. Daar werd haar tas gestolen van achter de toonbank. Inhoud onder anderen sleutels, rijbewijs, geld, pasjes. Ze had het niet meteen gemerkt. Gelukkig was de winkel uitgerust met beveiligingscamera’s en daarop waren de dieven duidelijk te zien, een man en een vrouw. Ook is te zien hoe professioneel alles gebeurde. De aandacht werd afgeleid door de man en de vrouw manoeuvreerde de tas langs mijn dochter heen naar buiten. Het stel had duidelijk ervaring. Een dure les.
Sarah moest pasjes blokkeren en sloten vervangen (ze had haar adres in de tas) en wilde natuurlijk aangifte doen. Zeker met die camerabeelden erbij. Maar dát kon niet. Er is stilzwijgend een nieuwe regeling binnengeslopen, waardoor aangifte doen pas mogelijk is ná vijf dagen.
Woedend en gefrustreerd ging mijn dochters op zoek naar de daders. En warempel. In het Sarphatipark staan ze ontspannen te praten bij de fontein. Sarah belt de politie en legt de situatie uit.
- Ze staan hier in het Sarphatiepark. Ik sta achter een boom.
- Heeft u al aangifte gedaan?
- Nee, dat kan pas na vijf dagen, is mij gezegd.
- Tja, zonder aangifte kunnen we niets doen.
- Maar ze staan hier.
- Regels zijn regels, mevrouw. Helemaal verbluft keert Sarah terug naar de winkel en overlegt met haar collega’s. Ze besluiten om zelf op te treden als ze de daders vinden en de politie weer weigert te komen. En opnieuw komt Sarah ze weer tegen in het Sarphatipark, nu op dag 4 na de diefstal. Ze belt de politie en legt de situatie uit.
- Hebt u al aangifte gedaan?
- Dat kon toch niet, het is nu de vierde dag. Ze zijn hier vlakbij!
- Mevrouw, zonder aangifte kunnen we niets.
- Dus u komt niet, ook al hebben we duidelijke camerabeelden en staan ze hier in het park? Dan bel ik nú mijn collega’s en gaan we er zelf op af.
- Hoho, nee, nou, dan komen we wel. Even later worden de dieven ingerekend. Ze blijken al te worden gezocht. Oostblokkers. Goed werk, mevrouw. Sarah mag aangifte doen en schadevergoeding claimen. Twee weken later ziet ze de dieven weer op straat. Schadevergoeding? Van wie?
Mocht u overvallen worden, houd er dan rekening mee dat aangifte doen pas kan ná vijf dagen. Bij een van de schaarse politiebureaus die er nog over zijn in Amsterdam
(of online). Niet in het weekend natuurlijk, of ‘s nachts. Bij de nieuwe pop-up-politiepoppenkast kunt u alleen terecht voor een praatje. Bestuurders blijken buitengewoon tevreden over deze gang van zaken. U ook? Laat uw stem horen.
dunya
de politiek praat maanden over levenseinde om het land te gaan regeren
dat daarmee de stem van het volk wordt opgevolgd is niet gezegd
in de wereld dreigen leiders met atoomoorlogen om het leven te bezweren
het gedachtenleven heeft in haar touw een knoop gelegd
Bert Baanders
De reiger van Tel
Maarten Henket
Vogels genoeg in onze buurt. Gewone vogels, vreemde vogels, vroege vogels, zeldzame vogels. De samenstelling van de populatie wisselt. Zo is de mus sinds enkele jaren uit het straatbeeld verdwenen, maar er komen ook regelmatig soorten bij. De Alexanderparkiet bij voorbeeld, en – in de categorie vreemde vogels - de grote mannen met de piepkleine hondjes. Laatst zag ik er een die de keutel van zijn viervoeter oppakte met een boomblaadje uit een geveltuintje. Inventief, hygiënisch en mensvriendelijk. Over tuintjes gesproken, daarvan zullen er de komende tijd wel een hoop bij komen. Zie het vorige nummer van OpNieuw. Geveltuintjes, postzegeltuintjes, groenstroken, er wordt zelfs geijverd voor een aaneengesloten groene lus. Goed, daarvoor is ‘zéér wenselijk en eigenlijk noodzakelijk’ dat de Montelbaanstraat wordt afgesloten voor auto’s, maar je weet nooit, groen heeft het tij mee – en misschien kan er een uitzondering gemaakt worden voor Greenwheels? Hoe dat ook zij, deze ontwikkeling zal zeker nog meer vogels aantrekken. Laat ze maar komen, met hun vrolijke gefladder en gekwinkeleer. Jammer alleen, dat de manier waarop ze met hun uitwerpselen omgaan zo weinig hygiënisch en mensvriendelijk is.
Wie ‘groen’ zegt, zegt ‘vogel’, het omgekeerde gaat niet al-
tijd op. Sommige vogels hebben schijt aan groen. Zo’n vogel is de reiger van Tel. Hem interesseert maar één ding: vis. Regelmatig, vaak ’s ochtends, is hij te vinden op de Kloveniersburgwal, schuin tegenover de ingang van viswinkel Tel. Soms staat hij midden op straat, dan doet hij als er iets aankomt waardig maar met zichtbare tegenzin een stap opzij. Soms ook staat hij op een geparkeerde auto, roerloos, vrijwel onopgemerkt door voorbijgangers, de blik onafgebroken gericht op de open winkelpui.
De mannen van Tel lijken hem te negeren. Onverstoorbaar doen ze hun werk – vis sjouwen, de stoep schrobben - zonder hem te verjagen, ogenschijnlijk zelfs zonder hem te zien. Maar is dat wel zo? Krijgt hij niet af en toe wat toegestopt? Bedelen doet hij niet, dat is zijn eer te na. Het is ook niet nodig, denk ik. De mannen van Tel mogen hem wel. Ze hebben er trouwens belang bij, hem te vriend te houden, want zijn aanwezigheid schrikt meeuwen en andere gauwdieven af. Terwijl de mannen hun werk doen, houdt hij de wacht. Zo fungeert deze beschaafde schooier tevens als veldwachter.
Laatst stond hij, roerloos en oplettend als altijd, op het dak van een gemeente-autootje. ‘Handhaving’ stond er op de zijkant.
Pas op voor verfspatten
Het opleuken van uw buurtje leidt tot klassenstrijd
Medio juli begon een groep bezorgde Amsterdammers in samenwerking met bewonerscollectief FAIRcity te protesteren tegen een virus dat zich snel door de stad verspreidt, dat de kloof tussen rijk en arm vergroot, dat Mokummers vervreemdt van hun eigen leefgebied. De gemeente Door middel van ludieke acties waarschuwen de actievoerders voor de verkoopplaag en vragen aan de bevolking van Amsterdam in wat voor een stad zij willen leven.
De gemeente heeft ruim 2300 panden in haar bezit en zet deze een voor een in de etalage. Dat vastgoed zal uiteindelijk worden geëxploiteerd door commerciële partijen en niet meer ten goede komen aan de creatieve stadsbewoner die de magie van Mokum levend houdt. Door middel van ludieke acties waarbij een pand dat voor miljoenen euro’s te koop staat tot Blijf-Van-Mijn-Stad-huis wordt uitgeroepen, waarschuwen de actievoerders voor de verkoopplaag en vragen aan de bevolking van Amsterdam in wat voor een stad zij willen leven.
In 1997 introduceerde de toenmalige wethouder Ruimtelijke Ordening Duco Stadig (PvdA) een zuiveringsoperatie genaamd ‘Actie Schoon Schip’. Het stadscentrum moest af van de laatste - ooit gekraakte - cultuurpanden als ware het vuilnis. ‘Schoonvegen’ was het woord dat door de gemeente werd gebruikt. ‘Besmet’-verklaard is de term die de pleitbezorgers van nu geven aan panden die de gemeente - die dus de rol van vervuiler krijgt toebedeeld –aan het verpatsen is.
Een stad zonder vrije culturele ruimtes, een stad als één groot pretpark, een stad waar geen kinderen meer zijn omdat ouders bij gezinsuitbreiding geen nieuwe woning kunnen financieren, is een stad uit evenwicht. De voorvechters, bij wie zich ook politieke partijen hebben aangesloten, vinden dat de infrastructuur van de stad wordt aangetast door de opruimingswoede van de gemeente, en dat levert in metaforische termen een ‘zieke’, ‘verziekte’ of ‘ziekmakende’ toestand op. In die zin zijn er in de stad gebouwen ‘aangestoken’ en heerst er volgens hen besmettingsgevaar.
Begin augustus zijn er schriftelijke vragen gesteld door oppositiepartij PvdA over de slechte leefbaarheid van de binnenstad.
De historische stadskern loopt steeds meer tegen de grenzen van haar groeicapaciteit aan, dientengevolge begint de periferie zich sterker en zelfstandiger te ontwikkelen. De creatieve klasse begint het te toeristische en te verzadigde centrum noodgedwongen te mijden met als positief gevolg het opbloeien van de buitenrand van de stad. Maar Mokum is al lang geen stad meer. Men spreekt over de Metropool Amsterdam, die zal worden opgeslokt door de Randstad,
FOTO'S BOUDEWIJN RÜCKERT
waar de regering ook weer een grote stad van wil maken, al was het maar om in een gezonde concurrentiepositie te blijven tegenover andere Europese steden, zodat industriëlen er kunnen gaan lobbyen voor een beter regionaal ondernemersklimaat.
Amsterdammers worden slachtoffer van inhalige woningeigenaren die op systematische wijze voorrang verlenen aan projectontwikkelaars. Dat mensen hun woonlasten niet meer kunnen ophoesten en moeten
vertrekken, uit een huis waar zij hun leven lang in woonden, is een onaanvaardbare ontwikkeling. Tegen een likje verf op een oude gevel heeft niemand bezwaar, maar de cultuur van een hele buurt uitwissen door middel van huurprijsverhoging en onbetaalbare kopjes koffie en een overvloed aan gemaksvoedsel moet gestopt worden. Verdringing en uitsluiting beïnvloeden niet alleen de levensloop van huishoudens, maar ook de sociale geografie van steden en stadsregio’s. Doordat centraal stedelijke buurten in toenemende mate onbereikbaar en onbetaalbaar worden, zijn huishoudens met een laag tot middeninkomen niet in staat zich daar te vestigen en verhuizen daarom naar de stedelijke periferie of richting satellietsteden. Voor wie is de stad en welk type bewoners wil je hebben en houden? Een bonte mix van jonge en oude paradijsvogels en onconventionele geesten? Of verwordt het tot een zielloos doorgangsoord voor fantasieloze kuddedieren?
Amsterdammers worden slachtoffer van inhalige woningeigenaren die op systematische wijze voorrang verlenen aan projectontwikkelaars.
Een concentratie van armoede in een wijk heeft nooit bewezen goed te zijn voor een stad, maar het lijkt erop dat de huidige bestuurders al het vastgoed verkwanselen aan aasgieren uit Verweggistan. Studenten en maatschappelijke organisaties moeten ruimte maken voor buitenlandse investeerders die vooralsnog alleen een bedje gaan spreiden voor de rijken der aarde. De verkoop van vastgoed leidt ook tot een verschraling van het winkelaanbod. Begin augustus zijn er schriftelijke vragen gesteld door oppositiepartij PvdA over de slechte leefbaarheid van de binnenstad.
Jonge, goed opgeleide starters strijken tegenwoordig neer in een buurtje waar een paar jaar geleden niet naar werd omgekeken. In wijken van Amerikaanse en Engelse steden zijn hippe nieuwkomers belaagd door oudgedienden. In Amsterdam dateert de laatste actie tegen toeristen uit 1984. Toen gooiden krakers verfbommetjes naar rondvaartboten, rookbommen in hotels en prikten banden van buitenlandse touringcars lek.
Bij een actiemiddag op 19 juli aan de Gel-
dersekade, voor het pand waar de Amsterdamse Vereniging De Zondagsschilders onderdak heeft, werd door een van de aanwezige agenten aan een actievoerder gevraagd of hij verf bij zich had. Indien er kleurstof op de gevel van het gebouw terecht zou komen zou de wetsovertreder, volgens de diender, voor de kosten op moeten draaien. In het voorjaar van 1994 smeet wethouder Stadig zelf nog een zak witte verf tegen het Burgemeester Tellegenhuis, beter bekend als het Maupoleum, dat vervolgens met de grond gelijk werd gemaakt. Van de experts in het maken van verfbommen voor kunstzinnig gebruik kunnen enkele gevels van Amsterdam de komende maanden ziektevoorkomende en desinfecterende spettertjes verwachten.
U kunt zich aansluiten bij de acties die door de hele stad zullen worden gehouden, in opmaat naar het 7e Symposium Vrije Culturele Ruimtes dat in oktober op de ADM-werf in het Westelijk Havengebied zal plaatsvinden. Meer info op Facebook / FCSAmsterdam2017 en FAIRcity Amsterdam Kimbel Bouwman Eindredacteur a.i. Staatskrant
Oud worden in de Nieuwmarktbuurt
De Nieuwmarktbuurt kent, in vergelijking met andere buurten, een hoog percentage ouderen. En dat percentage zal in de komende decennia alleen maar hoger worden. Want de grote bulk babyboomers zit eraan te komen. De vijftigers & zestigers van nu. Dit was aanleiding voor geriatrie fysiotherapeute Gertrud Pijnenburg om in kaart te brengen hoe het in onze buurt gesteld is met het welzijn van de ouderen in de publieke ruimte: hoeveel valgevaar is er en is er ook valangst?
Gertrud Pijnenburg woont en werkt in de Nieuwmarktbuurt. In haar fysiopraktijk krijgt ze steeds meer te maken met klachten van ouderen die het gevolg zijn van valpartijen op straat. En die valpartijen hebben grote gevolgen: minder mobiliteit, verlies van fysieke capaciteiten en dus verlies van zelfstandigheid. Gertrud voorziet dat dit probleem in de nabije toekomst steeds groter zal worden.
‘Ik ben zelf van de babyboomgeneratie, ik ben straks een van die vele ouderen die hier zolang mogelijk zelfstandig in de buurt wil blijven wonen. Dat was mijn specifieke motivatie om op latere leeftijd nog een masterstudie geriatrie fysiotherapie te gaan volgen. Dan kan ik de vraagbaak zijn voor mijn generatiegenoten.’
Door de verhalen van ouderen in haar praktijk kwam Gertrud erachter dat steeds meer valpartijen niet binnenshuis, maar buitenshuis plaatsvinden. In de publieke ruimte dus. En terwijl er voor binnen allerlei valpreventieprogramma’s bestaan, zijn die er niet voor de publieke ruimte. En er is nogal wat aan de hand met de publieke ruimte in onze Nieuwmarktbuurt. Die wordt, zoals we allemaal weten, steeds meer ingenomen door toeristenstromen, studenten, uitgebreide terrassen, achtergelaten vuilnis, etc. Dat betekent dus minder ruimte voor ouderen met beperkte fysieke capaciteiten.
Gertrud wilde dit probleem duidelijk in kaart brengen, zodat er aan oplossingen gewerkt kan worden. Ze diende bij de European School of Physiotherapy aan de Hogeschool van Amsterdam een onderzoeksvraag in: ‘Hoe ervaren ouderen hun buitenomgeving in relatie tot vallen en angst voor vallen in de Nieuwmarktbuurt in Amsterdam, Nederland?’
Drie buitenlandse studenten hebben deze onderzoeksvraag gebruikt als een eindthese voor hun studie. Gertrud heeft hen in contact gebracht met patiënten uit haar prak-
tijk. Het onderzoek legt de focus geheel op het perspectief van de ouderen. De studenten zijn bij de ouderen thuis geweest, hebben samen met hen hun dagelijkse wandelingen door de buurt gemaakt en hun problemen opgetekend. En dat zijn er nogal wat: vuilnis over de gehele stoep verspreid, waardoor ouderen gedwongen worden de straat op te lopen. Hetzelfde met geparkeerde fietsen en scooters op stoepen. Gladde stoepranden en tegels bij regen. Zoals bij de metro ingang bij het Zuiderkerkplein, waar een oudere vrouw onlangs is uitgegleden over de natte tegels, waardoor ze nu slecht ter been is en dus een groot deel van haar onafhankelijkheid kwijt is.
Gertrud: ‘We moeten ons er rekenschap van geven dat de grote bulk nog moet komen, en als we niets aan die openbare ruimte doen, komt er van dat zelfstandig thuis blij-
ven wonen niks. Ouderen hebben weinig keus, kunnen niet makkelijk verhuizen, ze zullen steeds minder vaak hun huis uitgaan en vereenzamen. Dat moet je niet willen als gemeente. Daarom dient dit onderzoek dus vooral ook als een oproep aan de gemeente: doe iets aan die openbare ruimte, aanpassingen zijn dringend vereist!’
Amsterdam heeft zich in 2015 aangesloten bij het internationale project ‘Age-friendly Cities’ van de Wereldgezondheidsorganisatie. Doel is steden aan te zetten tot maatregelen om ervoor te zorgen dat ouderen in hun eigen omgeving zo veilig mogelijk oud kunnen worden. Gertrud gaat het onderzoek binnenkort bij de gemeente op tafel leggen, met het dringend verzoek het niet alleen bij woorden te laten, maar hier nu ook echt de schouders onder te zetten.
‘Er wordt zo vaak vanuit de gemeente geroepen: de buurt is voor de bewoners. Als dat zo is, zal de gemeente dit probleem dus hoog op de agenda moeten gaan zetten.’
Lisa de Rooij
Het onderzoek van de studenten is te downloaden op de website van de praktijk Fysioteam Nieuwmarkt
In 1984 werd het achterhuis van mijn woning aan de Zwanenburgwal gesloopt, ter wille van nieuwbouw en meer ruimte en licht voor iedereen. Vanuit mijn slaapkamer keek ik opeens uit op de binnenmuur van het achterhuis, het profiel duidelijk afgetekend tegen de rest van de achtergevel van het aangrenzende, nu tegenoverliggende, pand. Een blote binnenmuur werd buitenmuur, bijeengehouden door houten balken met krammen.
We dachten dat er wel gauw een echte buitenmuur gemetseld zou worden. Maar nee hoor, er gebeurde niks. De muur zag er wel prachtig uit. Schilderachtige gaten en verkleuringen. Iets uit een ver verleden. Als ik er even naar keek, werd alle hectiek van ‘deze tijd’ volslagen belachelijk.
Buurman en beeldhouwer Hans Sassen zette er een dun frame tegenaan en een plantenbak eronder. Nu schoot er een gordijn van groen tegen de muur omhoog. Een waterval van dicht gebladerte. Ook een echte waterval, vanwege kapotte regenpijpen. Vanaf het dak kletterde de regen neer op onze binnenplaats. Een geluid als muziek. Ook de regenpijp werd niet gerepareerd, op een halfzachte poging na, die meteen weer in de oude toestand belandde. Vogels nestelden in het groene fort. Als de jonge merels uitvlogen, zagen we gedurfde vlieglessen waarbij de ouders de jongen aanmoedigden. Alle buren hielden hun katten binnen tot de jongen geslaagd waren. Het zingen van de merel in de ochtend, net voor de zon opkomt. Wat een paradijsje.
Maar de muur hoorde bij een particuliere huisbaas, en er werd doorverkocht. Een andere eigenaar, die begon met een ingrijpende renovatie aan de voorkant, aan de Ververstraat. Wij verwachtten dat de achtergevel, toch het meest bouwvallig, nu ook aan de beurt zou komen. Maar nee, niemand kwam zelfs maar kijken. Ook niet de bewoners van het pand, die al jarenlang forse lekkage te verduren hadden. Er gebeurde niets. Meer dan dertig jaar.
Tot er een verse eigenaar opdook. Ons groene vogelparadijs moest
GESCHIEDENIS VAN EEN MUUR
van de muur af. Dat zou de oorzaak zijn van de lekkage. Maar het bleek dat het groene scherm de muur juist had behoed voor erger. Duidelijk te zien toen de blote binnenmuur weer tevoorschijn kwam met oude scheuren, gaten, verpulverd steen en al. Dit was geen kwestie van een paar steentjes vervangen, de witkwast erover en klaar is kees.
Weer gebeurde er lange tijd niks. We vonden die oude muur zó ook weer mooi, een beetje een vergeten Italiaans steegje, daar leek het op. Tot plotseling de muur in de ultramoderne steigers stond, door ondoorzichtig nylon aan het oog onttrokken. Op de binnenplaats een hoop gipsplaten? perspexplaten? afdekplaten? en een hoop hout.
Maar het is bouwvakantie. Wie gaat wat doen? Een oude man en een verlegen jongen spelen dat ze geen Engels verstaan en niets begrijpen. Met elkaar spreken ze iets Balkans. Kroatisch? Servisch? Pools? Ze zijn bang voor vragen, lijkt het. Met anderhalve mankracht die hele muur? Drie verdiepingen? Achter de schermen horen we wat geboor en geschraap. De platen verdwijnen, evenals het hout van onder andere pallets. Zien kun je niets, vermoeden wel. In plaats van een behoorlijke buitenmuur op te trekken, worden er gaten dichtgesmeerd, wat stenen vervangen misschien en er platen tegenaan gedrild. Waarschijnlijk toch die witkwast erover.
Hoeveel zouden die twee verdienen? Als je naar ze kijkt, zie je meteen een armlastig Oostblokdorp achter ze staan. De huurders van het huis hebben inmiddels van de nieuwste huisbaas te horen gekregen dat het pand wordt verkocht. Per etage. Waarschijnlijk moeten ze eruit. Kassa! Een die gammele muur met krammen die er nog steeds onder zit? Is die nu ineens wel goed? Weten de eventuele kopers dat? Mag dat allemaal maar?
Bijbelse uitdrukkingen als ‘Farizeeërs’ en ‘gepleisterde graven’ duiken op, terwijl we wachten op het nieuwe demasqué van onze oude binnenplaatsmuur. dunya
De Huiskamer op Kalkmarkt 8
In oktober 2016 hebben Fenneke Voorsluis en Martijn Aerts het creatief laboratorium
De Huiskamer opgericht. Kern van dit initiatief is om zoveel mogelijk creativiteit te verspreiden om wendbaar te zijn en blijven. De huidige maatschappij vereist het vermogen voor snelle aanpassing. Je optimaliseert creativiteit door jezelf steeds opnieuw te bevragen, door zaken los te trekken van hun bestaande context en in een andere te plaatsen.
De Huiskamer beweegt zich tussen atelier en galerie en wil uitwisseling op het gebied van kunst, cultuur en ondernemerschap faciliteren en aanmoedigen. Het is een kraamkamer voor uitproberen en aanscherpen van talenten, projecten en ideeën.
Verbonden uitersten
Wij zien een noodzaak om andere standpunten te leren herkennen en zo tunnelvisie te voorkomen in een vraagstuk, een persoonlijk ontwikkelingspad, een business case, etc. De Huiskamer volgt voor optimale wendbaarheid de beweging van een lemniscaat, dat uitersten verbindt door een oneindige stroom van de ene naar de andere kant. Door je deze beweging eigen te maken, train je je eigen wendbaarheid. Ogenschijnlijke, onverenigbare uitersten vormen zo vernieuwing, creativiteit en onbevangenheid, die verbonden zijn door de gemeenschappelijke stroom van vallen en opstaan. Het wakkert een nieuw besef aan dat kan dienen in hoe je je verhoudt tot jezelf, je ontwikkeling, je werk, de maatschappij en de wereld.
6/10
De Auteur
De Lemniscaat als beweging verbindt een groot netwerk van andersdenkenden, bevragers, onderzoekers en “opnieuw-kijkers” en bestaat uit het talent-bundelen van deze uiteenlopende mensen Hieruit ontstaan nieuwe projecten, ideeën, gesprekken, die als brandstof dienen voor persoonlijke ontwikkeling, een boost voor commerciële vraagstukken, onze (culturele) programmering en workshop-aanbod.
Terugblik op een jaar reizen
De Huiskamer is in haar eerste jaar expositieruimte, theaterpodium en ontmoetingsplek geweest met veel ruimte voor nieuw talent en experiment. Manja Storm gaf het startsein met Het Tekenkabinet, Voorsluis organiseerde The Big Draw Nieuwmarkt, Machteld Aardse en Sonia de Cristofaro combineerden poëzie, vriendschap en kunst in het bijzondere ‘You and the London sky’. Men presenteerde theater en multidisciplinaire projecten zoals ‘Mimocussion, door Mapa en Yung-Tuan Ku en ‘Weg met de kruimetjes’ door Bouchra Arbaoui en Naima Baraca. Martijn Aerts sloot af met zijn ‘Roaming’ project met de expositie ‘Hey, Pilgrim! Time to go!
Intiem en rijk
Vanuit de lemniscaatgedachte is ook “De Jas van Joost” ontwikkeld, een interactieve kunstinstallatie waarin lichtprojecties herinneringen aan verloren objecten tonen. De directheid van beelden legt een communicatie bloot die verder gaat dan waar de taal reikt. Het brengt je op de plek waar de her-
innering geboren werd. Het direct optekenen en projecteren van verloren objecten tijdens de intieme setting van een huiskamer-diner maakt concreet wat eerst vergeten was. De objecten worden zo letterlijk weer aan het licht gebracht en opnieuw beleefd en gedeeld. Het visualiseren van gedachten en ervaringen is een succesvol communicatiemiddel gebleken. Door de directheid van het tekenen kun je een diepere laag aanboren, intieme ervaringen uitwisselen en nieuwe invalshoeken krijgen in vertrouwdheid en veiligheid. Uit deze momenten ontstaan begrip en herkenning. Het biedt ruimte om anders en opnieuw te kijken naar je collega’s, vrienden, vreemden en buurtbewoners.
Vanuit De Huiskamer is deze kunstinstallatie op reis gegaan, op uitnodiging in september te zien in De Huiskamer en vanaf 2018 te ervaren in het Rosa Spierhuis.
Voor OpNieuw stelt de Huiskamer de Lemniscaat open. Gooi je commercieel, creatief, management, artistiek of persoonlijk vraagstuk in de Lemniscaat. Dan formuleren we samen een duidelijk doel. De stroming is de weg naar het doel; alles ageert op en deinst mee met haar beweging, het kan onverwachte kanten op gaan. Juist die grenzeloosheid zorgt voor verrassende doorbraken en oplossingen.
Neem gerust contact op: info@fennekevoorsluis.nl of hayo.heeroma@gmail.com
Programmering in De Huiskamer vanaf oktober
Expositie die handelt over het kunstwerk, de maker en de toeschouwer. Wie draagt het verhaal? De kunstenaars nemen verschillende werken mee en maken samen een opstelling. Discussie en gesprek, en documentatie spelen een belangrijke rol. Met Pim Kersten, Marije Gertenbach, Carlos Carabello. Ontwikkeld en samengesteld door curator Maud Oonk. 14.00-17.00 gesprek met documentatie in de vorm van een verhaal, Lotte Landman 17.00-19.00 Opening
25/10 en 26/10 Oktober borstkankermaand maak van je shit een hit, 2daags minifestival samengesteld door Mira van der Lubbe
Voor meer informatie kijk op de website, dehuiskamerkalkmarkt8.nl
28 oktober afsluiting De Auteur Voor meer informatie kijk op de website, dehuiskamerkalkmarkt8.nl
November 2017 1/11
Start van de expositie in wording, ‘de transitie’, een experiment in zintuigelijke
ervaringen, door Fenneke Voorsluis 3/11
Het diner en gesprek met documentatie op tafelkleed met bewerking door Isabella Andriesse 25/11 afsluiting, tijd wordt nog bekend gemaakt Voor meer informatie kijk op de website, dehuiskamerkalkmarkt8.nl
De gebruiker bekijkt de relatie tussen de maker en degene die het object gebruikt. Wat zijn hiervoor de voorwaarden?
Anna Buyvid bereidt een diner. De gesprekken aan tafel worden gedocumenteerd op het tafelkleed en geëxposeerd.
Met Anna Buyvid, Samir Dzabirov, Johannes Thang. Special guest Isabella Andriesse. Ontwikkeld en Samengesteld door curator Maud Oonk.
Misschien verwacht u met deze titel een kinky verhaal. Maar ik moet u teleurstellen. De OpNieuw is een net buurtblad; het gaat alleen maar over het recht. Enige tijd geleden had ik iemand op het spreekuur aan wie de huur was opgezegd, omdat het complex waarin de woning lag, opgeknapt moest worden. Dat was erg duur en er moest een restaurant op de begane grond komen om de kosten op te kunnen brengen. De huurder woonde op de begane grond. De verhuurder had het niet sterk onderbouwd, maar ze wonnen de zaak. Het ging om een corporatie en die hebben veel goodwill bij rechters. Maar de rechter had wel in het vonnis opgenomen dat de huurder kon blijven zitten, als hij in beroep zou gaan. Dat deed hij. Vervolgens begon de corporatie een kort geding om gedaan te krijgen dat hij er evengoed uitgezet kon worden, dus tegen dat vonnis in. De rechter gaf de corporatie gelijk.
Eigenlijk kan dat niet. Je kunt niet in een kort geding iets vorderen waarover al een bodemprocedure is geweest. Maar de rechter lette daar niet op, en hield een zogenaamde “belangenafweging”. Daarin verloor de huurder, en dat ligt voor de hand omdat de corporatie een groot project wilde verwezenlijken, met ook een maatschappelijk belang. Natuurlijk wogen de belangen van de corporatie zwaarder dan die van een enkele huurder, die dat alles tegenhield en er alleen maar woonde en dat ook best wel ergens anders kon doen. De corporatie had grote plannen, ze maakte ontwikkelingen mogelijk. Het bruiste. Anders gezegd: ze had macht. En dan ineens, zomaar, blijkt het om macht te gaan: wie macht heeft, krijgt gelijk.
Wat zijn de belangen van huurders? Die zijn altijd hetzelfde: ze zijn gehecht aan de buurt en aan de woning en wat kun je er meer over zeggen? Rechters zullen dit dikwijls hebben gehoord. Het is gemakkelijk gezegd en niet te controleren. En dan verstikt zo’n standaardverweer ook nog de bruisende plannen van de corporatie, waarin het leven voelbaar is. Ik kan me best voorstellen dat dat irritaties oproept, zeker als rechters wat ouder worden en het verhaal al vaak genoeg hebben gehoord. Ze zijn erg vrij om te doen wat ze willen en macht is altijd aantrekkelijk.
Ik wil u een gedicht van Ida Gerhardt voorleggen:
Macht, en liefde
Mijn vader heeft de waterlaarzen aan. Wij samen zijn de Lekdijk afgekomen. Ik ben voor mijn verjaardag meegenomen: hij moest vandaag bij het gemaal langsgaan.
Gemaal: dat is je vader horen noemen de vreemde woorden van een andere taal als hij de waterstand leest van de schaal: te ademen in het onbenoembaar zoemen dat gonzend omgaande aanwezig is. Èn, niets te zeggen als hij bezig is: ‘Dàt is een man, daar kun je staat op maken’.
Als op de zaken orde is gesteld doen wij op huis aan. Een lucht van geweld: Gorcum ligt al door wolken overkraagd. Geen noodweer en geen wereld kan mij raken als hij, het laatste stuk, mij op de schouder draagt.
De wereld is onbegrijpelijk, er dreigt noodweer, en toch is er voor dat meisje, van een jaar of 5, 6 lijkt me, niets aan de hand, omdat haar vader al het dreigende op een afstand houdt, zeker als hij haar op de schouder draagt. Het is gemakkelijk voorstelbaar hoe veilig zo’n meisje zich daar voelt. Maar de kracht van het gedicht is niet alleen die levendige voorstelling, het drukt ook heel mooi uit hoezeer allerlei dingen in een onbegrijpelijke of zelfs beangstigende omgeving vertrouwd kunnen raken: de Lekdijk, Gorcum “door wolken overkraagd”, het gemaal, het zoemen van machines, waterstanden. In het gedicht zorgt een tamelijk absoluut vertrouwen op haar vader ervoor dat de dingen in haar omgeving haar eigen worden en dan precies zo zijn zoals ze moeten zijn, zoals je zou willen dat ze zijn. De omgeving, die eigenlijk weinig vriendelijk is, gaat veiligheid en zelfs vreugde schenken. En dan heeft een langdurige nabijheid,
zoals die schouder, dezelfde effecten. Ook in de loop der jaren kunnen de dingen op die manier vertrouwd en eigen worden, zodat ze een gevoel van zowel geborgenheid als vrijheid gaan uitdrukken. Ze kunnen je welkom heten. Je kent de geur en als je die ruikt, herken je weer wat er is. Er is een gevoel van vreugde omdat de dingen die in de omgeving horen, er blijken te zijn. Het is de vreugde van het thuis-zijn, omdat je vrij bent te doen wat je wilt in een omgeving die daarmee harmonieert en het zelfs affirmeert.
In het recht spreken we dan van “woonbelangen”, en ik geef meteen toe dat dit woord het bovenstaande op een wel heel armoedige wijze tot uitdrukking brengt. Ida Gerhardt wordt noch door de wetgever noch door enige advocaat ooit geciteerd. Dat kan niet anders, maar het is een tragische noodzakelijkheid, waarvan zo’n rechter het slachtoffer is, en daarmee ook de bewoner. En ik gebruik met opzet het woord ‘slachtoffer’ ook voor die rechter, want fascinerend als de macht moge zijn, “only the lover sings”.
2 sept
ik kan aan je gezicht zien dat het nazomert - de kin omhoog het hoofd een beetje scheef je wangen in het volle licht - ik zie ook: dat je je bloes een knoopje verder hebt geopend en je rok een tikkie opgeschort. dat je je schoenen uit hebt gedaan. ik zou je zomaar een zoen kunnen geven maar dat mag niet. ik ben op weg naar de bakker en dat moet ik zo houden. ‘wat kan mij dat terras nou schelen.’
2 sept
‘want anders moet je op blote voeten naar bed’ zei mijn moedertje ooit tegen mij - ik was nog maar net aan het puberen en haar opmerking was als straf bedoeld. sindsdien... i k ben nu 58 ...’mamma, ik ga inmiddels naakt tussen de lakens / wat kan ik nog?’
Peter Commandeur • Woonspreekuur De Boomspijker • Rechtboomssloot 52 Woensdagmiddag van 2 tot 5 en ‘s avonds van 7 tot 8.
Toen WU WEN en XING YA uit China in het Ouwehands dierenpark waren gearriveerd, wilden de kinderen die maar al te graag tekenen, of liever gezegd, schilderen.
Een paar foto’s uit de krant, schildersezels, zwarte, witte en groene verf waren klaargezet, evenals groot formaat papier. Het kan dan eigenlijk al niet meer stuk.
Prachtige resultaten! Allemaal verschillend, allemaal mooi. Drie ervan hier afgebeeld, maar het was moeilijk kiezen!
Mieke en Barbara
Berichten uit de tekenklas #8
Spelen voor een ijsje
Toen ik vier was wilde ik heel graag viool spelen. Ik mocht pas op mijn zesde. Daar was ik heel blij mee! Toen ik voor het eerst op youtube mijn juf zag spelen, heb ik het filmpje heel erg vaak bekeken. En nu vijf jaar verder speel ik nog steeds viool. Ik vind vioolspelen erg leuk omdat ik van de muziek die er uit komt heel erg houd. Ik speel het liefst klassieke muziek. Ik zit op vioolles bij Cynthia Miller Freivogel. Ook krijg ik les met de groepsles van de Suzuki Strijkers. Ik krijg daar les van een meester, Coutier Rademaker, op vrijdagmiddag in de kleine gymzaal van de Antoniusschool. Ik speel suzuki, dat is een methode waarbij je stukken uit je hoofd leert in plaats van dat je vanaf het begin noten leert lezen. Pas een paar boeken later leer je noten lezen. In Suzuki boeken staan heel veel verschillende componisten, o.a. Beethoven, J.S. Bach of P. Martini. Vioolspelen is leuk, maar kan ook best moeilijk zijn als je een stuk uit je hoofd moet leren. Ik vind het heel gezellig als ik in een groep speel. Ik speel ook mee met de ensemble groep van Coutier en Monique. Vrijdag 14 juli speelde ik samen met een groep op de Nieuwmarkt om geld op te halen om ijsjes te gaan kopen. Dit deden wij als afsluiting van het vioolseizoen. Samen spelen is heel erg leuk, en als je op straat speelt is het fijn om mensen te laten horen welke mooie klanken de viool heeft. Lily Rigelsford (11 jaar)
Op verzoek van de redactie schreef Lily Rigelsford een stukje over het straatoptreden van Suzuki Strijkers op de Nieuwmarkt. De Suzuki Strijkers repeteren op vrijdagmiddag in de kleine gymzaal van de Antonius en zijn goed zichtbaar vanaf buiten. Voorbijgangers blijven vaak staan kijken en luisteren. Ze zitten daar sinds januari toen het te druk werd in De Boomsspijker. Ze geven wel eens mini-concertjes voor de kinderen van de overblijf en zij zijn welkom om te komen kijken en luisteren. Door de zichtbaarheid van de groepslessen zijn ze een cultureel onderdeel van de buurt geworden.
De klas van Coutier Rademaker geeft een concertje op de Nieuwmarkt.
Lily en een paar van haar vriendjes met een welverdiend ijsje
Jong geleerd is oud gedaan
Trippenhuiscomplex op de schop
Het Trippenhuiscomplex aan de Kloveniersburgwal (huisnummers 25 t/m 31) ondergaat de komende twaalf maanden een metamorfose. Het complex biedt onderdak aan de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen. De metamorfose, die zich goeddeels achter de monumentale gevel voltrekt, resulteert in een nieuwe entree, een nieuwe keuken en een nieuw restaurant; nieuwe ontvangstruimten en nieuwe vergaderzalen. Tegelijkertijd wordt groot onderhoud uitgevoerd aan het monumentale Trippenhuis. De buurtbewoners zullen er onvermijdelijk het een en ander van meekrijgen. We voelen Sjors Dekkers, facility manager van de KNAW, aan de tand.
Wat gaat de buurt merken van de verbouwing? “Verbouwen maakt geluid, denk aan timmeren en boren. Omdat het meeste werk binnenshuis wordt gedaan, verwacht ik voor de bewoners in de omgeving weinig overlast. Maar de aannemers gaan ook slopen, dat gaat zeker hinder geven.”
En het verkeer?
“De aannemers kunnen hun materiaal en het bouwafval alleen aan- en afvoeren via de Kloveniersburgwal, dus die zal soms gestremd zijn.”
Wanneer start het werk?
“In september beginnen de voorbereidende werkzaamheden. De werkzaamheden die hinder geven duren naar verwachting van dit najaar tot in het voorjaar van 2018. Niet continu natuurlijk, maar wel gedurende deze periode.”
Hoe gaat u de buurt op de hoogte houden?
“We zullen de omwonenden zo goed mogelijk informeren over wanneer zij welke hinder kunnen verwachten. Door hen tijdig te informeren hopen we verrassingen te voorkomen. Dat maakt het voor de buurtbewoners ook mogelijk onze bouwwerkzaamheden in te calculeren bij de planning van hun eigen activiteiten. Begin oktober nodigen we iedereen uit voor een informatieavond, waar we een gedetailleerdere planning presenteren en vragen beantwoorden.”
De doorgang tussen entree en congresruimte (artist impression: Office Winhov architecten)
De nieuwe entreehal van het Trippenhuiscomplex, gezien vanaf de straatzijde (artist impression: Office Winhov architecten)
Wilt u zeker zijn van een uitnodiging voor deze informatieavond of heeft u vragen over de verbouwing? Mail dan naar miriam.leeflang@knaw.nl.
Bericht over het Waterlooplein
Informatie uit de nieuwsbrief Marktvereniging Waterloo anno 1885
Het marktbureau (de gemeente) wil een marktcommissie instellen op het Waterlooplein. Waarom? Het marktbestuur is en blijft gesprekspartner voor de herinrichting van de Waterloopleinmarkt. Er zijn zó al genoeg onduidelijkheden. Bijvoorbeeld over de onbespreekbaar verklaarde plattegronden, die tóch zonder toestemming en medeweten zijn doorgestuurd, zonder vermelding dat het marktbestuur deze plannen geweigerd heeft. Met de kaasschaaf gewapend dreigt de
gemeente marktgrond af te snoepen, via kleinere boxen voor de handelsvoorraad en daaraan gekoppeld minder ruimte om de handel uit te stallen. De vast voorwaarden van het marktbestuur zijn duidelijk: het behoud van fatsoenlijke werk- en loopruimte in de stal en dito voor het plaatsen van een auto/busje; het behoud nam minstens het gelijk aantal meters van box- en vaste plaatshouders als momenteel, tenzij de ondernemer minder wenst;
intensief overleg met marktbestuur over opstelling en ontwerp nieuwe markt. Het is belangrijk dat belanghebbende marktkooplieden één stem laten horen en zich niet laten uitspelen tussen het marktbureau en een of andere nieuwe marktcommissie.
Voor meer informatie: http://waterlooplein.amsterdam https://www.facebook.com/waterloopleinmarkt/ https://www.instagram.com/waterlooplein/ https://twitter.com/waterloo_plein
column
Mensenvriend
Henk Oldeman
Het gebouw in de Jodenbreestraat, voorbij de Nieuwe Uilenburgerstraat, doet, met zijn colonnade en zijn traptreden, vaag denken aan een Griekse tempel. Wie zich zo’n tempel voorstelt, krijgt meestal associaties met Griekse wijsheid, verheven gedachten en zo meer. Wanneer diegene dan de kruidenierszaak van Albert Heijn binnengaat, die zich in dat gebouw bevindt, zal hij merken dat zijn of haar gedachten alras een paar niveaus zakken. Onze volksschrijver, Gerard Reve, had zijn eigen ideeën over Albert Heijn: gebaseerd op een vroegere slogan ‘niet om het gewin, maar voor het gezin’ was Albert voor hem de Mensenvriend.
Omdat de Mensenvriend maar een paar stappen van mijn woning verwijderd is, kom ik er geregeld, al zijn de waren er wel aan de prijs. Onlangs had ik er echter een belevenisje, dat mijn mening heeft doen kantelen. Ik had een flinke tas vol boodschappen en rekende die af bij het machinale kassameisje. Net klaar was ik met dat machientje, toen een levend kassameisje naast mij kwam staan met een scannertje. “Ik moet vier boodschappen van u scannen, meneer” zei ze timide. Mijn eerste gedachte was ‘ik word hier aangezien voor een potentiële winkeldief’, en dat zei ik ook tegen haar. Het arme kind was al verlegen en verschoot toen
ook nog van kleur, dus ik had natuurlijk meteen spijt van die zure opmerking. Ik probeerde haar te troosten, dat het niet háár schuld was en dat het al erg genoeg was dat ze dat werk moest doen. Dat hielp gelukkig een beetje, maar mijn eigen ongemakkelijke gevoel bleef. De volgende dag zocht ik de winkelchef op. Ik noemde hem wat mij dwars zat en zijn reactie was zoals te verwachten. Dat het logisch was om steekproeven te nemen omdat er geen verdere controle was. Met mijn argument dat er een belletje zou gaan als ik iets onafgerekend mee naar buiten zou nemen had hij geen moeite: “Er gaat geen belletje, er zijn geen scanners bij de uitgang”. Toch bleef mijn gevoel van ongemak. Een supermarkt, volgepakt met aantrekkelijke waren, zo verleidelijk mogelijk geëtaleerd, zodat al onze zwakheden worden geprikkeld, en dan een machinale afrekening zonder controle, afgezien van die steekproeven. Ik kan er niet precies de vinger op leggen, maar iets daaraan deugt niet. Tegen het argument van de chef kon ik niets inbrengen. Het feit blijft echter dat ik door Albert Heijn in een positie word gebracht dat ik moet toelaten gecontroleerd te worden of ik iets gestolen heb, terwijl ik geen aanleiding voor die verdenking heb gegeven. Het blijft toch maar tobben met het zorgeloze bestaan.
ONDERNEMERS IN DE NIEUWMARKTBUURT
San Francisco Sandwich Company
Iets verscholen ligt het winkeltje, achter de pilaren aan de Sint Antoniesbreestraat, op nr. 3F-G. Het is klein, maar voor Lasse Nielsen een paleisje, waar hij zijn klanten kan verwennen met zijn eigengemaakte producten.
Hij kreeg zijn opleiding op de hotelschool, waar je alles leert op kook- en bakgebied. Jong was hij, en het buitenland trok. Jarenlang heeft hij daar in de hotellerie gewerkt, het laatst in San Francisco. “Fantastisch stad. Maar na al die tijd ben ik toch weer teruggekomen naar Amsterdam, terug naar mijn roots.”
“Ik heb dit zaakje nu drie jaar, het gaat de goede kant op. Het is een beetje een uitdaging, ‘t is een beetje donker en mensen lo-
pen er snel voorbij. In het begin was dat lastig, moest je geduldig zijn. Maar nu heb ik veel vaste klanten, mensen die wonen en werken in de buurt.”
“In feite ben ik gewoon een sandwich shop. Ik maak een broodje. Geen zacht bolletje met kaas, maar op z’n Amerikaans. Aangekleed dus, met mosterd, mayonaise, sla, tomaten, een augurkje, ‘t Zijn flinke dingen. Club sandwiches. En ik bak alles zelf. Cakejes en taarten, cookies, kokosmakronen, chocolate mousse pie, appeltaarten, Twee daarvan zijn heel populair, oat meal raisin cookie (havermout en rozijnen) en banana nut bread (bananen en walnoten cake).”
Loop er eens binnen, het zal u niet berouwen. Open 10.00 – 15.00, ook ‘s zondags.
Heeft uw kind moeite met taal of rekenen? Aan hun inzet ligt het meestal niet. Deze kinderen hebben professionele hulp nodig.
REMEDIAL TEACHING
Voor meer informatie of een afspraak: Judith de Haan - gediplomeerd Remedial Teacher Tel: 020-6279155 E-mail: judith_rt@telfort.nl
Station Nieuwmarkt: renovatie start dit najaar
Na 40 jaar is ook station Nieuwmarkt toe aan een grote onderhoudsbeurt. Eind oktober start de gemeente met het renoveren van de noordkant van het metrostation. De toegangen Koningsstraat en Nieuwmarkt zijn dan 4 maanden dicht. De toegang Nieuwe Hoogstraat/ Zuiderkerkhof is dan open. Daarna volgt de sluiting van deze zuidelijke toegang. In totaal duurt de renovatie van station Nieuwmarkt ruim 8 maanden.
Metro blijft rijden
Tijdens de renovatie blijft de metro vrijwel altijd rijden. Reizigers kunnen altijd gebruik maken van één of twee toegangen. Voor bewoners die bij een metrotoegang wonen zal er geluidoverlast zijn als er gerenoveerd wordt. Ook komt er een bouwterrein rond de toegang Nieuwmarkt en vier maanden later op het Zuiderkerkhof. Overdag wordt er bij de toegangen gewerkt. In het station soms ook ’s nachts als de werkzaamheden vlakbij het spoor zijn.
Wat gaat er gebeuren?
Er komen nieuwe liften (deels van glas), de loketten worden gesloopt, op de wanden in de hal komen tegels, vloeren worden geschuurd en de verlichting wordt vervangen, apparaten komen in de wand, stationsborden, banken en prullenbakken zijn straks nieuw. Over de toegang Nieuwmarkt komt een glazen kap om de roltrap te beschermen. Hoe het station gaat worden, is bijvoorbeeld te zien op Station Waterlooplein en CS. Of op onze website wijnemenjemee.nl .
Herstel kunst
In station Nieuwmarkt is bij de aanleg van de Oostlijn ook kunst geplaatst die speciaal is ontworpen voor dit station. Deze kunst heeft een link met de roerige tijden in de jaren zeventig toen in de Nieuwmarkt huizen werden gesloopt voor de aanleg van de metrolijn. De kunst op de wanden tegenover het perron, onder andere de fotocollages en ‘Groeten uit de Nieuwmarkt’, wordt hersteld. Verder komt er extra verlichting zodat bijvoorbeeld de slopersbal beter tot zijn recht komt.
16 stations
Naast Nieuwmarkt renoveert de gemeente nog 15 stations langs de Oostlijn. Het pro-
ject Stationsrenovatie Oostlijn is maart 2016 gestart en duurt tot eind 2018. Inmiddels zijn de volgende stations gerenoveerd: Waterlooplein, Van der Madeweg, Holendrecht, Reigersbos, Gaasperplas. Er wordt nu gewerkt op CS, Weesperplein, Spaklerweg en Bullewijk.
Meer informatie
Volg de renovatie van de Oostlijnstations op wijnemenjemee.nl/oostlijn. Voor actuele berichten kijk op Facebook.com/oostlijn. Op Facebook staat meer over de kunst onder ‘Red de metrokunst’.
Marlo (Maria Louisa) de Kat Communicatieadviseur Metro en Tram
HAIKU (door Gregor Schaefer) in oud Amsterdam lag de humor nog op straat nu ietsje hoger
De Open Ateliers Nieuwmarkt vinden dit jaar plaats op 7 en 8 oktober. Meer dan zestig kunstenaars stellen hun ateliers in de Nieuwmarktbuurt op zaterdag en zondag van 12.00 tot 18.00 open voor geïnteresseerde bezoekers. In de ateliers kunt u met de kunstenaars persoonlijk spreken over hun werkwijze en inspiratie.
De officiële opening van de Open Ateliers is al een dag eerder, op vrijdag 6 oktober vanaf 17.00 uur in de Zuiderkerk. In de kerk is van alle kunstenaars een werk te vinden, en hier is ook de catalogus verkrijgbaar met daarin de plattegrond met adressen van de kunstenaars die meedoen. De centrale expositie in de Zuiderkerk is op zaterdag geopend van 12.00 tot 18.00 uur, en op zondag van 14.00 tot 18.00 uur.
Groepstentoonstelling in VOX-POP
De Open Ateliers kennen dit jaar meer locaties dan ooit. Dit jaar doet voor het eerst de Universiteit van Amsterdam mee met
7 en 8 oktober
Met meer dan 60 kunstenaars
een expositie van meerdere kunstenaars in het gebouw van VOX-POP aan de Binnengasthuisstraat 9, het voormalige studievoorlichtingscentrum van de UvA. Het is nu de ‘creative space’ van de Faculteit der Geesteswetenschappen (FGw) van de Universiteit van Amsterdam. Het doel van VOX-POP is om de geesteswetenschappen in de etalage te zetten en te laten zien hoe belangrijk ze zijn. VOX-POP wil de verbinding met de buurt vergroten, en is daarom met plezier de samenwerking aangegaan met Open Ateliers Nieuwmarkt.
Curator Elisa Matse: ‘Vier kunstenaars tonen hier dit weekend een combinatie van nieuw
Wandelingen door de buurt
Leer de Nieuwmarktbuurt en het verzet van bewoners en kunstenaars tegen de sloopplannen in de jaren zeventig kennen (waar de Open Ateliers Nieuwmarkt uit zijn voortgekomen) dankzij de wandelingen die ‘Mee in Mokum’ (onderdeel van Gilde Amsterdam) houdt in het Open Ateliersweekend. Op zaterdag starten de wandelingen om 10.30 en 11.30, op zondag om 12.00 uur en 13.00 uur. Ze beginnen bij de Flesseman aan de Nieuwmarkt en eindigen bij de centrale expositie in de Zuiderkerk. Kosten 7,50 euro. Meer informatie en aanmelden via www.gildeamsterdam.nl
en reeds bestaand werk. Zij nemen de ruimte over met onder andere sculpturen, tekeningen en installaties. In combinatie met elkaar verhouden zij zich elk op een eigen manier tot het concept beweging, terwijl evengoed ieders eigen signatuur intact blijft.’
Kindertentoonstelling
Samen met de basisschool De Witte Olifant en een aantal kunstenaars organiseert Open Ateliers Nieuwmarkt workshops voor kinderen. Tientallen leerlingen van basisschool De Witte Olifant, aan de Nieuwe Uilenburgerstraat, gaan meedoen. Open Ateliers Nieuwmarkt wil zo kinderen in aanraking brengen met kunst en kunstenaars in hun eigen buurt. Tien kunstenaars (die meedoen aan de route) gaan in hun atelier dan wel bij De Witte Olifant workshops geven. Het thema is ‘duurzaamheid’, een onderwerp dat komend schooljaar centraal zal staan bij De Witte Olifant. Kinderen gaan onder begeleiding van de kunstenaars zelf kunstwerken maken, die tentoongesteld zullen worden in het Amsterdam House of Arts & Crafts aan de Oudeschans 21.
Kunst in de Koningsstraat
In de etalages van de Koningsstraat, een zijstraat van de Nieuwmarkt, is al een week voor aanvang van de Open Ateliers kunst te zien van 25 deelnemende kunstenaars. De opening is op 30 september, van 16.00 tot 18.00 uur.
Boomsspijker
Opnieuw is het Huis van de Buurt een van de locaties waar werk van meerdere deelnemers is te zien.
Zondagsschilders
De Zondagsschilders, het centrum voor beeldende kunst aan de Geldersekade, houdt in het weekend een open dag, op zondag 8 oktober. Bij De Zondagsschilders kan iedereen terecht die cursussen wil volgen op het gebied van schilderen, tekenen, beeldhouwen en druktechnieken. Op 8 oktober is een expositie te zien van recente werken van leden en zijn er gratis workshops portrettekenen op de eerste etage. Er is informatie over de vele nevenactiviteiten van de vereniging, de gang van zaken bij de cursussen en de werkwijze van de docenten. Ook zijn er demonstraties miniatuurschilderen, grafiek, beeldhouwen en ruimtelijk werken. Met doorlopende diavoorstellingen en presentatiemappen krijgen de bezoekers een indruk van alle activiteiten van De Zondagsschilders.