Skip to main content

Ruimte voor de Maritieme Maakindustrie

Page 1


Ruimte voor de Maritieme Maakindustrie

Vitaal nationaal belang in kaart

MARITIME & OFFSHORE NL

Maritime & Offshore NL is de branchevereniging voor de Maritieme en Offshore maakindustrie. Wij verbinden, versterken en vertegenwoordigen ca. 850 Nederlandse bedrijven met 150.000 medewerkers. Zij hebben een gezamenlijke omzet van € 36 miljard, waarvan ca. 60% wordt verdiend uit export.

DE ONDERZOEKERS

Erik Peters, sectormanager vestigingsklimaat

Jim Bastiaans, data-engineer

Maartje Scholten, onderzoeksassistent

Voor vragen over dit document kunt u terecht bij Erik Peters, via peters@maritimeoffshore.nl.

Fotocredits

Voorzijde: Richard Oost-Spikker

Pagina 2: Damen Shipyards

Achterzijde: Koninklijke Niestern Sander

Disclaimer

Deze publicatie is met de grootst mogelijke zorg samengesteld. De data zijn verzameld en verwerkt in het najaar van 2024 en het voorjaar van 2025 op basis van informatie aangeleverd door bedrijven. Hoewel deze informatie door Maritime & Offshore NL is gevalideerd, kunnen aan de inhoud van dit rapport geen rechten worden ontleend.

Ruimte voor de Maritieme Maakindustrie, vitaal nationaal belang in kaart

Inleiding

Ruimte voor de maritieme maakindustrie als nationale beleidsopgave

De maritieme maakindustrie behoort tot de strategische kernsectoren van Nederland. Zij levert een directe bijdrage aan nationale veiligheid, economische weerbaarheid en de uitvoering van grote maatschappelijke opgaven zoals de energietransitie, waterveiligheid en infrastructuur. In de Sectoragenda Maritieme Maakindustrie (SAMMI) is deze rol expliciet erkend als nationaal vitaal belang. Deze belangen kunnen alleen worden geborgd wanneer de sector kan beschikken over voldoende, passende en duurzaam beschikbare fysieke ruimte.

Dit rapport brengt in beeld welke ruimte de maritieme maakindustrie momenteel inneemt, welke faciliteiten daarbij cruciaal zijn en waar knelpunten en uitbreidingsbehoeften ontstaan. Het beeld is duidelijk: de sector is diep verankerd in Nederland, maar haar ruimtelijke basis staat onder toenemende druk. Juist water- en kadegebonden bedrijventerreinen met specifieke milieuruimte worden geconfronteerd met woningbouw, functiemenging en planologische onzekerheid.

Behoud van bestaande maritieme vestigings- en ontwikkellocaties is daarmee geen sectorale wens, maar een randvoorwaarde voor het realiseren van nationaal beleid. Veel faciliteiten zijn schaars, locatiegebonden en niet verplaatsbaar. Verlies daarvan leidt tot onomkeerbaar verlies van capaciteit, vakmanschap en strategische autonomie. Tegelijkertijd laat dit rapport zien dat bedrijven concrete uitbreidingsambities hebben die direct samenhangen met nationale opgaven, maar in de praktijk vaak vastlopen op een gebrek aan ruimte en beleidsduidelijkheid.

De Ontwerp Nota Ruimte onderkent terecht dat de circa 3.800 Nederlandse bedrijventerreinen beschermd moeten worden en waar nodig strategisch moeten kunnen uitbreiden. Ook stelt zij dat bedrijven alleen mogen worden verplaatst wanneer volwaardige alternatieve locaties beschikbaar zijn. Dit rapport onderbouwt waarom deze uitgangspunten voor de maritieme maakindustrie van essentieel belang zijn en consequent moeten worden toegepast in de definitieve Nota Ruimte en de uitvoering daarvan.

Ruimte voor de maritieme maakindustrie is geen sluitpost in de ruimtelijke ordening, maar een strategische beleidskeuze. Alleen door bestaande locaties te beschermen en tijdig ontwikkelruimte te reserveren, kan Nederland zijn economische, maatschappelijke en veiligheidsambities daadwerkelijk realiseren.

Inhoudsopgave

Figuren, grafieken en tabellenlijst

Tabel 1 Overzicht schepen beschreven in de Sectoragenda Maritieme Maakindustrie

Grafiek 1 (Potentiële) activiteit marineschepen

Grafiek 2 Verdeling typen dokken

Grafiek 3 Aantal dokken in lengteklassen

Grafiek 4 Aantal dokken in breedteklassen

Grafiek 5 Gegraven dokken, lengte en breedte

Grafiek 6 Drijvende dokken, lengte en breedte

Grafiek 7 Aantal hellingen naar lengte

Grafiek 8 Verdeling Nieuwbouw, Reparatie/Refit en Toelevering

Grafiek 9 Verdeling gecombineerde activiteiten

Grafiek 10 Ruimtelijke beperkingen

Figuur 1 Maritieme maakindustrie in kaart (heat map)

Figuur 2 Overzicht van alle activiteiten aan schepen beschreven in de Sectoragenda Maritieme Maakindustrie

Figuur 3 Locaties waar marineschepen gebouwd worden (links) en waar ze gebouwd kunnen worden (rechts)

Figuur 4 Locaties waar marineschepen gebouwd (kunnen) worden met dokken, hellingen, kades en/of steigers

Figuur 5 Locaties waar binnenvaart, riviercruiseschepen en ferry’s gebouwd worden (links) en gebouwd kunnen worden (rechts)

Figuur 6 Locaties waar binnenvaart-, riviercruiseschepen en ferry’s gebouwd (kunnen) worden met dokken, hellingen, kades en/of steigers

Figuur 7 Locaties waar superjachten gebouwd worden (links) en gebouwd kunnen worden (rechts)

Figuur 8 Locaties waar superjachten gebouwd (kunnen) worden met één of meer dokken, hellingen, kades en/of steigers

Figuur 9 Locaties waar offshore-schepen gebouwd worden (links) en gebouwd kunnen worden (rechts)

Figuur 10 Locaties waar offshore-schepen gebouw (kunnen) worden, met één of meer dokken, hellingen, kades en/of steigers

Figuur 11 Locaties waar werkschepen gebouwd worden (links) en gebouwd kunnen worden (rechts)

Figuur 12 Locaties waar werkschepen gebouwd (kunnen) worden, met één of meer dokken, hellingen, kades en/of steigers

Figuur 13 Locaties waar Shortsea schepen gebouwd worden (links) en gebouwd kunnen worden (rechts)

Figuur 14 Locaties waar Shortsea schepen gebouwd (kunnen) worden, met één of meer dokken, hellingen, kades en/of steigers

Figuur 15 Bedrijfslocaties met één of meer dokken

Figuur 16 Gegraven dokken

Figuur 17 Drijvende dokken

Figuur 18 Schroevendokken

Figuur 19 Locaties met één of meer hellingen

Figuur 20 Locaties waar uitbreidings- of verplaatsingsplannen zijn

Figuur 21 Locaties waar belemmeringen ervaren worden

Onderzoek

In 2024 werd de Sectoragenda voor de Maritieme Maakindustrie (SAMMI)1 gepubliceerd. Eén van de actielijnen in deze agenda is Actielijn 4: Vestigingsklimaat. De SAMMI benoemt een aantal scheepstypen die van bijzonder belang zijn voor de nationale vitale belangen. Op basis van deze scheepstypen is aan MARITIME & OFFSHORE NL gevraagd in kaart te brengen in hoeverre de maritieme maakindustrie in Nederland dergelijke schepen momenteel bouwt, eraan toelevert, of – indien hier vraag naar ontstaat – in staat zou zijn deze te bouwen of aan toe te leveren. Vanuit deze vraag heeft de branchevereniging een vragenlijst opgezet en rondgestuurd.

Daarnaast is in deze vragenlijst ingegaan op fysieke ruimtelijke aspecten. Zo is geïnventariseerd over welke voor de scheepsbouw essentiële faciliteiten – zoals dokken, hellingen, kades en steigers – bedrijven beschikken. Ook is gevraagd naar eventuele uitbreidingsplannen en mogelijke belemmeringen, zoals oprukkende woningbouw, de nabijheid van of aanleg van natuurgebieden, en andere ruimtelijke ontwikkelingen. Het rapport dat voor u ligt vormt een presentatie van de resultaten vanuit deze vragenlijst. Een onderzoek geeft veelal aanleiding om aanvullende vragen te stellen en koppelingen vanuit andere invalshoeken te leggen. De markt is altijd in beweging en geopolitieke ontwikkelingen leiden dagelijks tot nieuwe vragen. Het risico bestaat daarmee dat het gevraagde beeld nooit wordt stilgezet en daarmee niet wordt gemaakt. Vanuit deze gedacht is ervoor gekozen om een beeld te schetsen van de huidige fysieke ruimte die de maritieme maakindustrie, op dit moment, in Nederland inneemt.

Daarom is bijvoorbeeld geen aandacht besteed aan onderwerpen zoals onbemenst en/ of autonoom varen, ondanks de actualiteit en relevantie hiervan. Ook is er, vanuit dit beeld, geen volledig inzicht te geven in de directe of toekomstige beschikbaarheid van bouwcapaciteit. Deze capaciteit is sterk afhankelijk van uiteenlopende factoren, zoals de planning van lopende opdrachten en de beschikbaarheid van materialen en gekwalificeerd personeel. Bovendien hebben bedrijven behoefte aan concrete opdrachten en betalingsgaranties om daadwerkelijk op een toekomstige vraag te kunnen inspelen.

Naast de grote hoeveelheid beeldmateriaal in dit rapport – een beeld zegt immers vaak meer dan duizend woorden – is ook een kwalitatieve analyse gemaakt van de verzamelde data. Het onderzoek geeft een representatief beeld van de maritieme maakindustrie. Toch is het beeld niet volledig en zeker niet statisch te noemen: de markt is voortdurend in beweging. Zo is bijvoorbeeld een nieuw drijvend dok in de dataset opgenomen dat naar verwachting in maart 2026 operationeel zal zijn.

1 Rijksoverheid. (2023). No guts, no Hollands Glorie! Sectoragenda Maritieme Maakindustrie: In actie voor een veilig, duurzaam en welvarend Nederland. https://open.overheid.nl/documenten/700c6d90-4922-4ad5-ab4c-448853015fee/ file

Inleiding

Daarnaast blijven bedrijven nieuwe gegevens aanleveren. MARITIME & OFFSHORE NL zal de database dan ook verder uitbreiden, zodat met de verzamelde inzichten ook lokale en regionale vragen beter ondersteund kunnen worden. Daarmee kan dit rapport worden gezien als een ‘nul-meting’ van de huidige staat van de fysieke ruimte die de maritieme maakindustrie in Nederland inneemt (en zou willen innemen).

Werkwijze

In overleg met het officieel Rijksregiebureau Maritieme Maakindustrie is een vragenlijst opgesteld, deze is door MARITIME & OFFSHORE NL uitgezet onder de leden en onder bij hen bekende bedrijven in de maritieme maakindustrie die geen lid zijn van de brancheorganisatie. In november 2024 is de vragenlijst verstuurd en in mei 2025 is een reminder gestuurd. Er hebben 262 bedrijven meegedaan aan het onderzoek. Daarnaast zijn diverse andere bronnen geraadpleegd om antwoorden te verifiëren of aan te vullen.

Leeswijzer

Dit onderzoek is uitgevoerd als één van de bijdragen van de branche aan de uitvoering van de SAMMI. De vragenlijst heeft een grote hoeveelheid data opgeleverd waarmee de ruimte voor de maritieme maakindustrie in beeld gebracht kan worden.

In dit rapport is ervoor gekozen de maritieme maakindustrie vanuit verschillende hoeken in (letterlijk en figuurlijk) beeld te brengen. Hier is een zogeheten ‘trechter’ vorm voor gekozen: in het eerste hoofdstuk zal worden ingegaan op een bredere verdeling van de Maritieme Maakindustrie in Nederland, waarna wordt ingezoomd op de regionale en lokale vraagstukken.

In het tweede hoofdstuk wordt een totaalbeeld gegeven van de fysieke ruimte die de maritieme maakindustrie inneemt, waarna in hoofdstuk drie een overzicht wordt gegeven van de verschillende scheepstypen die in Nederland worden gebouwd. In hoofdstuk vier wordt vervolgens ingegaan op de verschillende faciliteiten op de werven waarna in hoofdstuk vijf wordt ingegaan op de activiteiten die worden uitgevoerd.

Afsluitend worden in hoofdstuk zes de ambities van de maritieme maakindustrie onder de loep genomen en wordt gekeken naar uitbreidingsplannen en ruimtelijke beperkingen. Hierin wordt verder ingezoomd op specifieke ambities per provincie.

Verdeling maritieme maakindustrie over Nederland

Zoals in de SAMMI reeds is beschreven (Rijksoverheid: 26) bestaat Nederland uit meerdere regio’s die duidelijke kernen van de maritieme maakindustrie vormen; dit beeld wordt ook bevestigd in de antwoorden op de vragenlijst. Nederland beschikt over een uniek netwerk van grote en kleinere vaarwegen. Dankzij dit netwerk is er niet alleen in kustgebieden, maar ook rondom alle vaarwegen landinwaarts, veel maritieme bedrijvigheid.

De maritieme maakindustrie is verspreid over het hele land, wat goed past bij het karakter van de sector. Nederlandse scheepsbouwers zijn sterk afhankelijk van een goed functionerend netwerk van hoogwaardige toeleveranciers. Het ecosysteem van de maritieme maakindustrie laat zich dan ook niet uitsluitend definiëren door water- en kade gebonden locaties.

De belangrijkste ruimtevraag voor de Maritieme Maakindustrie is; is er voldoende ruimte voor bedrijven aan kades en water beschikbaar? Elk dok, elke helling, kade en steiger, kortom, de volledige fysieke infrastructuur, is van essentieel belang. Dit geldt niet alleen voor de actieve locaties. Ook andere locaties waar de hardware nog aanwezig is en vaak nog bruikbaar is, zijn van belang. Zelfs wanneer daar op dit moment geen (scheepsbouw gerelateerde) activiteiten plaatsvinden.

1.1 Regionale en lokale vraagstukken

Dit onderzoek laat op landelijk niveau goed zien waar en hoe de maakindustrie in Nederland gevestigd is. Door de wijze waarop de besluitvorming in ruimtelijke plannen en vraagstukken regionaal en lokaal is weggelegd, is het landelijke beeld veelal te onduidelijk. Al snel is het noodzakelijk om in te zoomen. Dit onderzoek en de kaart maken dat mogelijk.

Echter richt dit rapport zich op de nationale verdeling en lijn. Om de nationale, regionale en lokale vitale belangen zo goed mogelijk in beeld te brengen wil MARITIME & OFFSHORE NL graag meedenken en praten over ruimtelijke plannen en vraagstukken. Hiermee wordt getracht bestuurlijke beslissers in moeilijke processen van dienst te zijn. Voor specifieke (regionale) vragen kunnen partijen zich tot MARITIME & OFFSHORE NL wenden voor nadere inzichten en specifieke informatie.

Totaalbeeld fysieke ruimte 2

De SAMMI beschrijft een aantal nationale vitale en strategische belangen waarin de maritieme maakindustrie een belangrijke rol speelt. Aan deze belangen is een aantal specifieke scheepstypen gekoppeld (Rijksoverheid: 27). Om het inzicht in de sector visueel te ondersteunen, hebben de onderzoekers een aantal van deze scheepstypen geclusterd in categorieën. Aan elke categorie is een kleur gekoppeld die terugkomt in elk beeld in dit rapport.

Fregatten

Mijnenbestrijdingsvaartuigen

Militaire Ondersteuningsvaartuigen

Multi-purpose vessels

Onderzeeboten

Patrouillevaartuigen

Installatieschepen

Kabel- en pijpleggers

Oliebestrijdingsvaartuigen

Platform zinstallatieschepen

Reddingsboten en search & rescue-schepen

Baggerschepen

Betonningsvaartuigen

Kraanschepen

Onderzoeksschepen

Zware Ladingschepen

(kustvaart)

Segment

Marineschepen

Niet-Zeevarend

Non-Merchant Offshore

Werkschepen

Zeevarend

Figuur 2 Overzicht van alle activiteiten aan schepen beschreven in de Sectoragenda Maritieme Maakindustrie
Tabel 1 Overzicht schepen beschreven in de Sectoragenda Maritieme Maakindustrie
Marineschepen Niet-Zeevarend Non-Merchant Offshore Werkschepen Zeevarend
Binnenvaart Ferry Riviercruise Superjachten
Shortsea

Diverse scheepstypen 3

De SAMMI beschrijft verschillende scheepstypen van nationaal vitaal belang. Om een goed inzicht te krijgen in de potentie van de maritieme sector is aan bedrijven gevraagd in hoeverre zij deze scheepstypen al bouwen, daartoe in staat zijn of dit zouden willen. Toeleveranciers hebben dezelfde vraag beantwoord, toegespitst op hun rol binnen de keten.2 In dit hoofdstuk komen verschillende scheepstypen aan bod.

3.1 Marineschepen

Zonder enige twijfel zijn marineschepen verbonden aan onze nationale strategische autonomie en militaire veiligheid. Op basis van de SAMMI zijn alle schepen die hiermee verbonden zijn in deze categorie opgenomen.

3 Locaties waar marineschepen gebouwd worden (links) en waar ze gebouwd kunnen worden (rechts)

Bouwen we al/ leveren we al aan toe Kunnen en/of willen we niet bouwen / aan toeleveren Kunnen we bouwen / aan toeleveren

Facility Type

Dok

(Leeg)

Drijvend

Gegraven

Schroeven

Helling

Kade

Steiger

Segment Vessel Type

Marineschepen

Fregatten

Mijnenbestrijdingsvaartuigen

Militaire ondersteuning

Multi-purpose vessels

Onderzeeboten

Patrouillevaartuigen

Niet-Zeevarend

Binnenvaart

Non-Merchant

Ferry

Rivier cruise

Superjachten

Offshore

Figuur 4 Locaties waar marineschepen gebouwd (kunnen) worden met dokken, hellingen, kades en/of steigers

2 Ter illustratie: Een fabrikant van scheepsverlichting levert al jarenlang verlichting aan de Nederlandse onderzeeboten van de Walrusklasse. Dit bedrijf heeft in het onderzoek aangegeven onder de categorie ‘Onderzeeboten’ bij ‘Bouwen’ dat zij hier al aan bouwen of leveren.

| Ruimte voor de Maritieme Maakindustrie, vitaal nationaal belang in kaart

Figuur

Marineschepen

Bouwen we al / leveren we aan toe Kunnen we bouwen / aan toeleveren

Fregatten

Mijnenbestrijdings- vaartuigen Militaire ondersteuningsschepen Multi-purpose vessels

Grafiek 1 (Potentiële) activiteit marineschepen

Patrouillevaartuigen

Onderzeeboten

3.2 Binnenvaart

De binnenvaart is een belangrijk segment voor Nederland. De Nederlandse binnenvaartvloot bestaat naar schatting uit zo’n 5000 schepen3. De meeste schepen zijn in Nederland gebouwd en moeten worden onderhouden en verduurzaamd. Daar is ruimte voor nodig. De bedrijven in onderstaande overzichten zijn actief in de markt van binnenvaartschepen, riviercruiseschepen en ferry’s.

Figuur 5 Locaties waar binnenvaart en riviercruiseschepen en ferry’s gebouwd worden (links) en gebouwd kunnen worden (rechts)

Bouwen we al/ leveren we al aan toe Kunnen en/of willen we niet bouwen / aan toeleveren Kunnen we bouwen / aan toeleveren

Facility Type

Dok

(Leeg)

Drijvend

Gegraven

Schroeven

Helling

Kade

Steiger

Segment Vessel Type

Marineschepen

Fregatten

Mijnenbestrijdingsvaartuigen

Militaire ondersteuning

Multi-purpose vessels

Onderzeeboten

Patrouillevaartuigen

Niet-Zeevarend

Binnenvaart

Non-Merchant

Ferry Rivier cruise

Superjachten

Offshore

Figuur 6 Locaties waar binnenvaart-, riviercruiseschepen en ferry’s gebouwd (kunnen) worden met dokken, hellingen, kades en/of steigers

3 Bron: IVR jaarverslag 2024

3.3 Superjachten

De superjachtbouw is van groot belang voor zowel het verdienvermogen als het innovatievermogen van de maritieme maakindustrie. Superjachten zijn binnen deze sector vergelijkbaar met de Formule 1-wagen in de automotive sector: in deze niche worden nieuwe technieken ontwikkeld en toegepast die later in de rest van de branche worden overgenomen. 4

Figuur 7 Locaties waar superjachten gebouwd worden (links) en gebouwd kunnen worden (rechts)

Bouwen we al/ leveren we al aan toe Kunnen en/of willen we niet bouwen / aan toeleveren Kunnen we bouwen / aan toeleveren

Facility Type Dok (Leeg)

Drijvend

Gegraven

Schroeven

Helling

Kade

Steiger

Segment Vessel Type

Marineschepen

Fregatten

Mijnenbestrijdingsvaartuigen

Militaire ondersteuning

Multi-purpose vessels

Onderzeeboten

Patrouillevaartuigen

Niet-Zeevarend

Binnenvaart

Non-Merchant

Ferry Rivier cruise

Superjachten

Offshore

Figuur 8 Locaties waar superjachten gebouwd (kunnen) worden met één of meer dokken, hellingen, kades en/of steigers

4 In 2025 werd het eerste volledig op waterstof varende superjacht geleverd (Feadship: 2025). Dit jacht was het eerste ter wereld dat waterstof heeft gebunkerd in de haven van Amsterdam, waardoor waardevolle kennis is opgedaan over hoe deze alternatieve brandstof breder inzetbaar kan worden gemaakt.

| Ruimte voor de Maritieme Maakindustrie, vitaal nationaal belang in kaart

3.4 Offshore

Nederland is van oudsher sterk in het bouwen en onderhouden van specialistische werkschepen. Zowel op zee als op de binnenwateren worden veel werkschepen gebruikt welke door Nederlandse werven en toeleveranciers worden voorzien.

9 Locaties waar offshore-schepen gebouwd worden (links) en gebouwd kunnen worden (rechts)

Bouwen we al/ leveren we al aan toe Kunnen en/of willen we niet bouwen / aan toeleveren Kunnen we bouwen / aan toeleveren

Facility Type

Dok

(Leeg)

Drijvend

Gegraven

Schroeven

Helling

Kade

Steiger

Segment Vessel Type

Marineschepen

Fregatten

Mijnenbestrijdingsvaartuigen

Militaire ondersteuning

Multi-purpose vessels

Onderzeeboten

Patrouillevaartuigen

Niet-Zeevarend

Binnenvaart

Non-Merchant

Ferry

Rivier cruise Superjachten

Offshore

Figuur 10 Locaties waar offshore-schepen gebouwd (kunnen) worden, met één of meer dokken, hellingen, kades en/of steigers

Figuur

3.5 Werkschepen

Werkschepen zijn schepen waarmee gewerkt wordt. Dat kunnen zowel sleep- of duwschepen zijn, maar ook baggerschepen. Het is een brede verzameling veelal specialistische schepen die veel in havens en in de waterbouw worden ingezet.

11 Locaties waar werkschepen gebouwd worden (links) en gebouwd kunnen worden (rechts)

Bouwen we al/ leveren we al aan toe Kunnen en/of willen we niet bouwen / aan toeleveren Kunnen we bouwen / aan toeleveren

Facility Type

Dok

(Leeg)

Drijvend

Gegraven

Schroeven

Helling

Kade

Steiger

Segment Vessel Type

Offshore

Installatieschepen

Kabel- en pijpleggers

Oliebestrijdingsvaartuigen Platforminstallatiesch... Reddingsboten en sea... Patrouillevaartuigen

Werkschepen

Baggerschepen

Betonningsvaartuigen Kraanschepen

Onderzoeksschepen Zware ladingschepen

Zeevarend

Short sea (kustvaart)

12 Locaties waar superjachten gebouwd (kunnen) worden met één of meer dokken, hellingen, kades en/of steigers

Figuur
Figuur

3.6 Zeevarend (shortsea)

Nederland is wereldmarktleider op gebied van de bouw van shortsea schepen voor droge lading5. Deze schepen worden veelal in kleine series gebouwd. Daardoor kan dat op een zeer efficiënte wijze. Nederlandse werven onderscheiden zich hierdoor van andere werven en kunnen op deze manier blijven concurreren met andere landen.

Figuur 13 Locaties waar Shortsea schepen gebouwd worden (links) en gebouwd kunnen worden (rechts)

Bouwen we al/ leveren we al aan toe Kunnen en/of willen we niet bouwen / aan toeleveren Kunnen we bouwen / aan toeleveren

Facility Type Dok (Leeg) Drijvend Gegraven Schroeven Helling

Kade Steiger

Segment Vessel Type

Offshore

Installatieschepen

Kabel- en pijpleggers

Oliebestrijdingsvaartuigen

Platforminstallatiesch... Reddingsboten en sea... Patrouillevaartuigen

Werkschepen

Baggerschepen

Betonningsvaartuigen

Kraanschepen

Onderzoeksschepen

Zware ladingschepen

Zeevarend

Short sea (kustvaart)

Figuur 14 Locaties waar Shortsea schepen gebouwd (kunnen) worden, met één of meer dokken, hellingen, kades en/of steigers

5 Bron: J. Bastiaans (2025), op basis van data van S&P Global IHS via SEA Europe (peildatum oktober 2025). De data zijn op aanvraag beschikbaar.

Faciliteiten

De maritieme maakindustrie is een wijdverbreid ecosysteem van scheepswerven, toeleveranciers en dienstverlenende bedrijven. Deze bedrijven hebben allemaal genoeg fysieke ruimte nodig om hun werkzaamheden uit te kunnen voeren. In dit onderzoek is aandacht gegeven aan water- en kadegebonden activiteiten en zijn vooral bedrijven die faciliteiten hebben zoals kades, steigers, hellingen en dokken opgenomen. In dit hoofdstuk zullen deze faciliteiten worden uitgelicht en wordt, aan de hand van visuele ondersteuning, aangegeven hoe deze faciliteiten in Nederland zijn verdeeld.

4.1 Dokken

Een dok is een faciliteit waar een schip in drooggezet kan worden. Dokken zijn er in verschillende vormen en maten. De belangrijkste verschijningsvormen zijn het gegraven dok, het drijvende dok en het schroevendok. In Figuur 15 worden de bedrijfslocaties met één of meer dokken geportretteerd.

Segment

Marineschepen

Niet-Zeevarend

Non-Merchant

Offshore

Werkschepen Zeevarend

Figuur 15 Bedrijfslocaties met één of meer dokken

Nederland telt zo’n 87 dokken van de verschillende typen. In het totale aantal is geen onderscheid gemaakt tussen dokken voor nieuwbouw en dokken voor reparatie. In Grafiek 2 wordt een verdeling gemaakt naar aanleiding van de typen dokken. Dokken Gegraven

2

Dokken in lengteklassen

Grafiek 3 Aantal dokken in lengteklassen

Grafiek 4 Aantal dokken in

4.1.1 Gegraven dokken

Gegraven dokken zijn waterbassins die ingegraven zijn en aan (vaar)water liggen. Wanneer een schip het dok ingevaren is, wordt - net als in een sluis - het bassin gesloten, waarna het water uit het bassin gepompt wordt. Door de bouwwijze is dit type dok extra bijzonder; het dok is fysiek niet verplaatsbaar. Daarmee is de impact van het verwijderen of bouwen van dergelijke dokken enorm. In totaal zijn er 39 gegraven dokken in Nederland. In Figuur 16 is een overzicht gemaakt van de gegraven dokken.

Figuur 16 Gegraven dokken

Segment

Marineschepen

Niet-Zeevarend

Non-Merchant

Offshore

Werkschepen Zeevarend

Het gebruik van gegraven dokken is met name van belang voor grote en zware schepen. De afmetingen en ligging van de dokken bepalen in hoeverre bepaalde typen schepen gedokt kunnen worden. In Grafiek 4 worden de gegraven dokken in lengte en breedte tegenover elkaar gezet.

Gegraven dokken (Lengte en Breedte)

Lengte Breedte

Grafiek 5 Gegraven dokken, lengte en breedte

Drijvende dokken (Lengte en Breedte) Lengte Breedte

200

4.1.2 Drijvende dokken

Drijvende dokken zijn platforms die drijven in (vaar)water. Om een schip het dok in te varen, wordt het dok afgezonken. Dit gebeurt door ballastwater in te nemen. Hierna wordt het schip het dok ingevaren. Door het ballastwater uit het dok te pompen, tilt het dok vervolgens het schip uit het water. Dit type dok is interessant vanwege de relatief eenvoudige verplaatsbaarheid. In Figuur 17 is een overzicht gemaakt van de drijvende dokken in Nederland; de bolletjes zijn proportioneel vergroot naar het aantal dokken op deze locatie. In Grafiek 6 worden de drijvende dokken ten opzichte van de lengte en breedte geportretteerd.

Gegraven dokken (Lengte en Breedte)

Lengte Breedte

Drijvende dokken (Lengte en Breedte)

Lengte Breedte

Grafiek 6 Drijvende dokken, lengte en breedte

Segment

Marineschepen

Niet-Zeevarend

Non-Merchant Offshore

Werkschepen Zeevarend

Figuur 17 Drijvende dokken

4.1.3 Schroevendokken

Een schroevendok is een klein drijvend dok. Het doel van dit type dok is om alleen de boeg of de achtersteven van een schip droog te zetten. Veelal worden deze dokken gebruikt voor onderhouds- en reparatiewerkzaamheden aan binnenvaartschepen. De werking is gelijk aan dat van grote drijvende dokken. In Figuur 18 is een overzicht gemaakt van de schroevendokken in Nederland, waarbij de bolletjes groter zijn naar aanleiding van het aantal dokken op deze locatie.

Bedrijfslocaties met één of meer dokken. In dit overzicht zijn de verschillende segmenten met kleur onderscheiden. Belangrijker is de grootte van de bollen. Deze geven de totale gezamenlijke lengte van de dokken weer.

Figuur 18 Schroevendokken

Segment

Marineschepen

Niet-Zeevarend

Non-Merchant

Offshore

Werkschepen Zeevarend

4.2 Hellingen

Een helling maakt het mogelijk om schepen vanuit het water op het droge te brengen. Door het schip op karren te leggen en deze karren omhoog te trekken via de helling, worden schepen drooggelegd. Dat kan zowel in de lengterichting als zijwaarts. Hellingen zijn daarmee van essentieel belang voor het snel en veilig droogleggen van schepen.

Met name in de binnenvaart zijn zijwaartse hellingen van belang. Bij het droogleggen van binnenvaartschepen bestaat, door hun lengte en bouwwijze, het risico op knikken van het schip wanneer het in lengterichting het water in- of uitgehaald wordt. In Figuur 19 is geen rekening gehouden met de richting van de helling (dwars/langs).

Segment

Marineschepen

Niet-Zeevarend

Non-Merchant

Offshore

Werkschepen

Zeevarend

Figuur 19 Locaties met één of meer hellingen

In Grafiek 7 is weergegeven hoeveel hellingen in het onderzoek gerapporteerd zijn. Het aantal kleine hellingen, tot 55 m, is klein. Er is echter een zeer aanzienlijk aantal kleine hellingen in Nederland te vinden bij werven en havens die zich meer op het grensvlak van plezier- en beroepsvaartuigen bevinden. Deze werven vallen niet binnen de scope van dit onderzoek.

Hellingen naar lengte

Gegraven

Grafiek 7 Aantal hellingen naar lengte

Nieuwbouw,

reparatie/refit, toelevering

Elk bedrijf binnen de maritieme maakindustrie is uniek en richt zich daarmee ook op verschillende deelmarkten. Aan bedrijven is gevraagd welke activiteiten op het gebied van nieuwbouw, reparatie/retrofit en/of toelevering er worden uitgevoerd op de bedrijfslocaties. In Grafiek 7 wordt weergegeven hoe deze activiteiten zich onderling verhouden. Hierbij is het belangrijk om op te merken dat veel bedrijven een combinatie van deze activiteiten uitvoeren. Wanneer wordt gekeken naar de drie hoofdactiviteiten kan worden gesteld dat de markt verdeeld is in Nieuwbouw (21,8%), Reparatie6 (27,3%) en Toelevering (50,9%).

Verdeling Nieuwbouw, Reparatie/Refit en Toelevering (Aantal bedrijven)

Verdeling Nieuwbouw, Reparatie/Refit en Toelevering (Aantal bedrijven)

Nieuwbouw

Reparatie

Toelevering

Nieuwbouw Reparatie Toelevering

Grafiek 8 Verdeling Nieuwbouw, Reparatie/ Refit en Toelevering

Naast de formele indeling van activiteiten blijkt in de praktijk dat veel bedrijven een combinatie van werkzaamheden uitvoeren.7 Grafiek 8 laat een verdeling van de gecombineerde activiteiten zien.

Verdeling gecombineerde activiteiten

Verdeling gecombineerde activiteiten

Nieuwbouw

Nieuwbouw / Reparatie

Nieuwbouw

Nieuwbouw / Reparatie

Ruimtelijke beperkingen

Ruimtelijke beperkingen

Nieuwbouw / Reparatie / Toelevering

Reparatie

Nieuwbouw / Reparatie / Toelevering Reparatie Reparatie / Toelevering Toelevering

Reparatie / Toelevering

Toelevering

6 Onder de kop reparatie horen ook zogenoemde retrofits waarbij schepen worden voorzien van nieuwe onderdelen of aanpassingen worden gedaan om een nieuwe levensfase aan het schip toe te voegen.

7 Ter illustratie: Zo bouwt een scheepswerf bijvoorbeeld nieuwe riviercruiseschepen en binnenvaartschepen, en voert daarnaast reparaties, onderhoud en retrofits uit. Tegelijkertijd beschikt hetzelfde bedrijf over een grote machinefabriek waar schroefassen – met of zonder schroef – worden geproduceerd. Deze assen worden niet alleen voor eigen gebruik gemaakt, maar ook geleverd aan andere werven.

Woningbouw

Bedrijven

Infratructuur

Woningbouw

Park/Natuurgebied

Bedrijven

Infratructuur

Park/Natuurgebied

Ambities van de maritieme maakindustrie

In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de ambities en uitdagingen van de maritieme maakindustrie in Nederland. Centraal staan de uitbreidingsplannen van bedrijven, de ruimtelijke beperkingen waarmee zij te maken krijgen, en de invloed van regelgeving op de ontwikkelmogelijkheden. Aan de hand van recente cijfers en praktijkvoorbeelden wordt duidelijk hoe de sector zich positioneert en welke obstakels en kansen er liggen voor verdere groei en innovatie.

6.1 Uitbreiden

De maritieme maakindustrie in Nederland is ambitieus. Van alle respondenten geeft 17,8% aan activiteiten te willen uitbreiden. Daarnaast geeft 26 % van de maritieme maakindustrie aan concrete plannen voor het uitbreiden van hun bedrijfspanden te hebben. In Figuur 20 worden de locaties waar uitbreidings- of verplaatsingsplannen zijn weergegeven.

Een deel van de ambities kan op bestaand terrein. Veel bedrijven zijn binnen de huidige faciliteiten in staat om de productie op te schalen of willen uitbreiden door andere markten te bedienen. Ruim een kwart van alle bedrijven in de maritieme maakindustrie wil echter aanpassingen of uitbreidingen aan het vastgoed doen.

Om aanpassingen aan vastgoed te doen is het nagenoeg altijd nodig om de omgevingsvergunning te controleren en aan te passen. Het is daarbij van belang dat ‘oude rechten’ die in diverse vergunningen beschreven staan overeind blijven. De praktijk wijst uit dat veel gemeenten en provincies niet voldoende kennis en capaciteit hebben. In het Besluit Activiteiten Leefomgeving zijn stengere eisen opgenomen dan voor 2024 waardoor gangbare praktijken in de maritieme maakindustrie verboden dreigen te worden.8

Figuur 20 Locaties waar uitbreidings- of verplaatsingsplannen zijn

Segment Leeg Ja, en ik heb een locatie op het oog Ja, maar ik heb nog geen locatie op het oog

8 Ter illustratie: Diverse bewerkingen van metaal in de buitenlucht zijn per 1-1-2026 verboden, zelfs als het werkstuk te groot is om binnen te kunnen bewerken. Dat maakt reparaties aan schepen, bruggen en gebouwen feitelijk onmogelijk.

Nieuwbouw

Nieuwbouw / Reparatie

Nieuwbouw / Reparatie / Toelevering

Reparatie

Reparatie / Toelevering

Toelevering

6.2 Ruimtelijke beperkingen

Het onderzoek maakt duidelijk dat de ruimte voor de maritieme maakindustrie onder druk staat. 18,3 % van de respondenten geeft aan ruimtelijke beperkingen te ervaren of te voorzien. In Grafiek 10 wordt gepresenteerd op welke gebieden de respondenten beperkingen ervaren.

Ruimtelijke beperkingen

Woningbouw

Bedrijven

Infratructuur

Park/Natuurgebied

Oprukkende woningbouw vormt in 31% van de gevallen de belangrijkste beperking. Ook omliggende bedrijven vormen vaak een belemmering. Hierdoor vormt intensivering van het gebruik van bestaande bedrijven- en industrieterreinen mogelijk geen oplossing.

Ook de aanleg en aanwezigheid van parken en natuurgebieden vormen een belemmering.

Meer dan verwacht vormt de fysieke infrastructuur, zoals bruggen, sluizen en tunnels een belemmerende factor. Onzekerheid over de werking en groot onderhoud vormen een belemmering voor de ambities van de sector. Veel infrastructuur in Nederland is tussen de 60 en 100 jaar geleden ontworpen. Door de toekomstvisie van toen heeft de infrastructuur tot nu gefunctioneerd. Maar de hoeveelheid, grootte én zwaarte van het verkeer is aanzienlijk toegenomen. Het is daarom noodzakelijk om in de vervangingsen onderhoudsopgave rekening te houden met verdere ontwikkeling en groei van het gebruik en de daarmee samenhangende snellere slijtage van de kunstwerken.

De respondenten geven aan behoefte te hebben aan duidelijkheid over toekomstige plannen zodat zij deze mee kunnen nemen bij het maken of aanpassen van hun eigen plannen.

Grafiek 10: Ruimtelijke beperkingen

Figuur 21 Locaties waar belemmeringen ervaren worden

Segment Aanleg park/ natuurgebied Anders Bedrijven

Door nieuwbouw

Infrastructuur Nieuwbouw

In Figuur 21 wordt weergegeven op welke locaties er ruimtelijke belemmeringen worden ervaren. Dit beeld lijkt op de kaart mee te vallen. Het is echter belangrijk te benoemen dat veel belemmeringen pas aan het licht komen als er daadwerkelijk een start wordt gemaakt met uitbreidingen, vernieuwingen en andere aanpassingen aan de bedrijven.

6.3 Samenvatting per provincie

In dit hoofdstuk zal per provincie worden toegelicht of uitbreidingen zijn gewenst en/of welke belemmeringen er worden ervaren. Over het algemeen kan worden gezegd dat van de respondenten die plannen hebben om te verhuizen, geen enkel bedrijf al een andere locatie op het oog heeft.

Drenthe

Deelnemers aan het onderzoek gevestigd in Drenthe geven aan geen expliciete belemmeringen te ervaren. Toch zijn er verschillende algemene belemmeringen te noemen. Uit onderzoekdoor Arcadis9 (2024), naar de knelpunten tussen woonruimte en bedrijventerreinen (van de provincie), blijkt dat bijvoorbeeld rondom havens op verschillende plekken woningen staan, die binnen de geluidsgrenzen van de oude milieucategorieën liggen.

Flevoland

Er zijn verschillende ontwikkelingen in Flevoland. Zo wordt op Urk een nieuwe buitendijkse haven gebouwd. Deze positieve ontwikkeling leidt ook tot enige onzekerheid. De ruimte is beperkt en ontwikkelingen gaan langzaam, waarbij ook beschikbaarheid van water en elektriciteit een rol spelen.

Elders in Flevoland worden beperkingen ervaren. Ook zijn er wensen om nieuwe magazijnen te bouwen; daarvoor is (nog) geen ruimte beschikbaar.

Friesland

Van de vier respondenten uit Friesland geeft niemand aan plannen te hebben om de bedrijfsactiviteiten uit te breiden. Eén respondent overweegt uitbreiding van kantoorruimte.

Eén respondent ervaart een belemmering door infrastructuur; specifiek de besluitvorming rondom de sluis bij Kornwerderzand. Deze partij is in contact met meerdere instanties. De overige respondenten geven aan geen belemmeringen te ervaren en geven aan geen plannen te hebben om te verplaatsen of uit te breiden op een andere locatie.

Gelderland

Van de zestien respondenten uit Gelderland hebben zes bedrijven plannen om hun activiteiten uit te breiden, onder meer voor extra opslagcapaciteit, sectiebouw, kadegebruik en de bouw van baggerschepen.

Daarnaast willen zes respondenten hun bedrijfspanden uitbreiden, bijvoorbeeld met nieuwe hallen, kantoren of geavanceerde assemblagevoorzieningen.

Vier respondenten geven aan belemmeringen te ervaren, onder meer door trage vergunningstrajecten, infrastructuurbeperkingen, huisvestingswetgeving voor werknemers en natuurontwikkeling.

In totaal zijn vier respondenten in contact met instanties zoals de gemeente, de Omgevingsdienst en Rijkswaterstaat.

Vijf bedrijven willen uitbreiden op een andere locatie, maar hebben nog geen geschikte plek gevonden. Twee bedrijven hebben wél al een locatie op het oog.

9 Arcadis & Ecorys. (2024). Slimmer benutten van ruimte: Intensivering bedrijventerreinen Port of Zwolle.

Groningen

Van de acht respondenten uit Groningen hebben vier bedrijven plannen om hun activiteiten uit te breiden, waaronder nieuwbouw van kantoren, werkplaatsen, een droogdok en een invaarhal. Ook willen vier respondenten hun bedrijfspanden uitbreiden, bijvoorbeeld met nieuwe bouwhallen of geautomatiseerde logistieke systemen.

Belemmeringen worden genoemd door vier respondenten: conflicterend ruimtegebruik met andere bedrijven en beperkingen in het bestemmingsplan, de bouwhoogte en financiële ruimte.

Twee respondenten zijn in contact met de gemeente, provincie of nutsbedrijven. Twee bedrijven willen uitbreiden op een andere locatie, maar hebben nog geen geschikte plek gevonden.

Limburg

Geen uitbreidingen of belemmeringen aangegeven.

Noord-Brabant

Van de acht respondenten uit Noord-Holland willen twee bedrijven de activiteiten uitbreiden, onder andere vanwege ruimtegebrek op de huidige werf. Ook geven twee respondenten aan de bedrijfspanden te willen uitbreiden, bijvoorbeeld door grotere hallen te bouwen.

Belemmeringen worden vooral ervaren door nieuwbouw van woningen (drie keer genoemd), maar ook infrastructuur en natuurontwikkeling spelen een rol. Drie respondenten geven aan in contact te zijn met overheden en/of projectontwikkelaars. Eén bedrijf wil uitbreiden op een nieuwe locatie, maar heeft deze nog niet gevonden.

Noord-Holland

Van de acht respondenten uit Noord-Holland willen twee bedrijven de activiteiten uitbreiden. Eveneens geven twee respondenten aan de bedrijfspanden te willen uitbreiden, onder meer omdat zij tegen de fysieke grenzen van de werf en hallen aanlopen.

Vier respondenten ervaren belemmeringen bij uitbreiding, voornamelijk door nieuwbouw van woningen (drie keer genoemd) en daarnaast worden ook infrastructuurproblemen en de aanleg van natuurgebieden als belemmeringen genoemd.

Eén respondent meldt hierover contact te hebben met vrijwel alle betrokken instanties, waaronder Rijk, provincie en gemeente. In totaal zijn drie respondenten in contact met overheden en/of projectontwikkelaars over deze kwesties.

Wat betreft verplaatsing of uitbreiding naar een andere locatie heeft één respondent plannen. Deze respondent heeft nog geen locatie op het oog en geeft aan minimaal zes hectare aan watergebonden ruimte nodig te hebben. De overige respondenten hebben geen verhuisplannen en/of locatie op het oog.

Overijssel

Van de vier respondenten uit Overijssel geven twee respondenten aan plannen te hebben om de activiteiten uit te breiden, onder meer op de gebieden van defensie en jachtbouw.

Eveneens willen twee respondenten de bedrijfspanden uitbreiden, bijvoorbeeld door het bouwen van nieuwe productiehallen of magazijnen. Eén respondent ervaart belemmeringen vanwege de aanleg van een park of natuurgebied. Hierover staat deze respondent in contact met gemeente en provincie.

Geen van de respondenten geeft aan plannen te hebben om te verhuizen of een andere locatie op het oog te hebben.

Utrecht

Van de vier respondenten uit Utrecht heeft één respondent plannen om de activiteiten uit te breiden (specifiek voor mechanische componenten, hiervoor zijn productiefaciliteiten nodig).

Daarnaast geeft één respondent aan dat verdere uitbreiding in het buitenland zal plaatsvinden.

Een andere respondent heeft wel een locatie in Nederland op het oog voor mogelijke uitbreiding, maar heeft op dit moment zelf geen concrete uitbreidingsplannen.

De laatste respondent uit Utrecht geeft aan geen uitbreidingsplannen te hebben.

Zeeland

In Zeeland hebben vier van de zeven respondenten concrete uitbreidingsplannen, zoals het bouwen van nieuwe kades, dokken, ligplaatsen en bedrijfshallen. Drie bedrijven willen vooral hun werkplaatsen en loodsen uitbreiden om hun productiecapaciteit te vergroten.

Belemmeringen voor uitbreiding ervaren vijf respondenten, voornamelijk door nieuwe woningbouw, bestaande bedrijven en infrastructuurproblemen zoals wegen, bruggen en tunnels. Daarnaast worden geluidsoverlast en beperkte havendiepte genoemd, waarbij ook damwanden in de haven als obstakel worden ervaren.

Vijf bedrijven geven aan in contact te zijn met relevante instanties zoals Rijkswaterstaat, North Sea Port en gemeenten. Verplaatsing naar een andere locatie is voor de meeste respondenten geen optie.

Zuid-Holland

Van de 78 respondenten uit Zuid-Holland wil een derde uitbreiden, vooral om fysieke ruimte en capaciteit te vergroten.

De belangrijkste belemmeringen die worden aangegeven zijn ruimtegebrek door ligging en fysieke beperkingen, complexe en tijdrovende vergunningen, afhankelijkheid van haven- en vastgoedorganisaties, en financiële en planologische druk. Hierdoor ervaren bedrijven weinig mogelijkheden voor groei en innovatie

Nawoord

Met dit onderzoek is een gedetailleerd beeld geschetst van de fysieke ruimte die de Maritieme Maakindustrie in Nederland op dit moment in neemt. Dat beeld was noodzakelijk om antwoord te kunnen geven op de vraag waar welke schepen van Nationaal vitaal belang in Nederland gebouwd worden, kunnen worden gebouwd en onderhouden worden. Zoals de SAMMI immers beschrijft hangt onze strategische autonomie daar mede vanaf.

Het beeld dat dit rapport laat zien geeft veel inzicht in waar in Nederland bepaalde schepen gebouwd (kunnen) worden. Maar het beeld roept waarschijnlijk nog veel meer vragen op. Er zijn veel meer dwarsdoorsneden te maken dan dat nu is gedaan.

De markt is in beweging en Nederland is in transitie. Ook zijn vele ruimtelijke knelpunten pas zichtbaar als een bedrijf daadwerkelijk aan de slag gaat met aanpassingen aan zijn bedrijf, zoals uitbreiding van panden, aanleg van kades of hellingen/dokken. Of zelfs verplaatsing van een bedrijf.

Maritime & Offshore NL behartigt de belangen van haar leden en denkt daarom graag mee met iedere belanghebbende die met de fysieke leefomgeving bezig is.

Dit nationale beeld geeft input aan beleid. Regionale/ lokale ontwikkelingen of vragen, vragen om specifieke antwoorden. Dergelijke antwoorden zullen per situatie gegenereerd moeten worden. MARITIME & OFFSHORE NL zal daar zoveel mogelijk haar medewerking aangeven.

Onderwerp : Input notaoverleg Ontwerp-Nota Ruimte

Datum : 4 maart 2026

Ruimtelijke en strategische keuzes voor de maritieme maakindustrie

Nederland staat voor grote ruimtelijke keuzes. In de Ontwerp-Nota Ruimte spreekt het kabinet de ambitie uit voor een krachtig, welvarend en aantrekkelijk Nederland in 2050. De intentie van het Rijk om meer regie te nemen op ruimte, en om bedrijvenen industrieterreinen te behouden en waar mogelijk uit te breiden wordt daarom door onze achterban breed ondersteund. De keuzes die nú worden gemaakt over onze fysieke leefomgeving bepalen ook of Nederland in staat blijft zijn vitale belangen zélf te beschermen. In het huidige geopolitieke klimaat is het verminderen van internationale afhankelijkheden geen luxe, maar noodzaak.

Dit is een kans om nationale sectoren, waarin Nederland wereldwijd uniek is en die direct bijdragen aan strategische autonomie en economische veiligheid, stevig te borgen. De maritieme en offshore hightech maakindustrie is daar een voorbeeld van. Nederland loopt voorop in de bouw, refit en reparatie van complexe schepen. De strategische waarde van onze maritieme en offshore supply chain wordt gelukkig ook onderschreven in het Rapport-Wennink en het coalitieakkoord.

Wat staat er op het spel?

Een robuuste maritieme en offshore maakindustrie is geen vanzelfsprekendheid. Eerder is daarom de Sectoragenda Maritieme Maakindustrie (SAMMI) opgesteld, in nauwe samenwerking tussen overheid en industrie, waarin het vestigingsklimaat expliciet als actielijn is opgenomen. Zonder voldoende fysieke ruimte ontbreekt de basis voor een sterk nationaal toeleveringsketen en verliezen we technische kennis en innovatiekracht, en verminderen we ons vermogen om zelfstandig maatschappelijke en veiligheidsuitdagingen aan te pakken. Het is van levensbelang dat de Ontwerp Nota Ruimte hierop aansluit; feitelijk geeft deze nationale omgevingsvisie antwoord op vragen die direct aan onze nationale vitale belangen raken:

• Maritieme veiligheid en bescherming vitale infrastructuur op zee

Waar kunnen marineschepen worden gebouwd en onderhouden, en kan die capaciteit worden uitgebreid?

• Energietransitie:

Waar bouwen en onderhouden we offshore schepen die windparken mogelijk maken?

• Klimaatadaptatie en droge voeten:

Hoe zorgen we voor voldoende baggerschepen om Nederland veilig te houden?

• Economisch verdienvermogen

Hoe behouden we onze leidende positie in superjacht- en shortsea-bouw? En hoe blijven we betrokken bij de bouw van élk windmolenpark op zee?

Wat is concreet nodig?

In de praktijk blijkt dat naarmate besluitvorming decentraler wordt en vergunningverleners in beeld komen, het daadwerkelijk realiseren van uitbreidingen en verplaatsingen uiterst moeizaam verloopt, en in sommige gevallen zelfs de nationale vitale belangen uit het oog worden verloren. Om Nederland ook na 2025 krachtig en zelfstandig te houden, moet de ruimte voor deze sector nú structureel worden geborgd. Dat vraagt om:

1. Het borgen van ruimte als randvoorwaarde in beleid én uitvoering; leg de fysieke ruimte voor deze sector expliciet vast als nationaal belang in de Nota Ruimte en vertaal dit taakstellend naar provincies en gemeenten;

2. Het erkennen van de economische waarde van water als vervoersader en werkgebied;

3. Gegarandeerde schuifruimte bij verplaatsingen, inclusief volwaardig; compensatieruimte;

4. Actieve monitoring en regie vanuit het Rijk om nationale ambities die raken aan onze strategische autonomie daadwerkelijk te realiseren.

Overzicht geeft inzicht!

Het in kaart brengen van de fysieke ruimte die de sector nu inneemt, maakt zichtbaar waar schepen van nationaal belang worden gebouwd en welke locaties strategisch cruciaal zijn om onze nationale vitale belangen te beschermen. Dit rapport is nu beschikbaar en bijgevoegd.

Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Ruimte voor de Maritieme Maakindustrie by Maritime & Offshore NL - Issuu