Skip to main content

Strategisch beleidsplan Nederlands Openluchtmuseum 2026-2032

Page 1


Koers op samenhang

Een toekomstvisie voor het binnen-, buiten- en netwerkmuseum 2026-2032

Coverfoto: Abdelkader Benali

“De theepot huist vele verhalen, het enige wat je hoeft te doen is het neerzetten en het deksel er vanaf halen! Deze theepot staat voor de theepot die mijn moeder meenam naar Nederland toen ze eind jaren zeventig migreerden. Heel veel potjes thee zijn erin klaargemaakt. Het is voor mij een tastbare herinnering van die eerste jaren. Thee hield ons warm, verbond ons met het moederland en gaf hoop, hoop op een beter leven, waar we ook zijn! En de theepot betekent voor mij de kracht van het object, het potentieel aan verhalen dat het draagt en onze gedeelde cultuur onderstreept. In die zin staat de theepot voor mij symbool voor het “vrijmaken” van de verhalen uit de objecten. Het immanente kijken. In elk object dient zich een meervoudig perspectief aan, het is aan ons om te laveren tussen de oneindige verhalen en de beperking van tijd.”

Een museum is nooit af, maar grenzeloos en altijd in beweging
Vrij vertaald naar Goethe, Winkelmann und sein Jahrhundert, 1805

Profielschets

Missie

Wij geven materieel en immaterieel erfgoed door aan toekomstige generaties. Wij verzamelen en bewaren verhalen, tradities, gebouwen, voorwerpen, planten en gewassen die in relatie staan tot het dagelijks leven in Nederland. Met levendige presentaties maakt het Nederlands Openluchtmuseum geschiedenis relevant voor nu en morgen.

Visie

Wij hebben de overtuiging dat geschiedenis kan verbinden. Door van en over elkaar te leren, krijgen we meer inzicht in onszelf en begrip voor elkaar. Zo bouwen we samen aan een mooiere toekomst waarin iedereen kan meedoen.

Profiel

Het Nederlands Openluchtmuseum, dat is opgericht in 1912, is het rijksmuseum van de geschiedenis van het dagelijks leven. Het staat als één van de eerste openluchtmusea in de wereld in een bijzondere museumtraditie. De essentie van het openluchtmuseum is dat het gebouwen, voorwerpen en historische activiteiten in samenhang laat zien in een landschappelijke omgeving met passende flora en fauna. Bovendien heeft het museum zich vanaf de oprichting onderscheiden van het toenmalige museale veld door zich nadrukkelijk te richten op het erfgoed van het dagelijks leven, zoals op het gebied van landbouw, transport, wooncultuur en streekdracht. Later werd daar de stedelijke cultuur aan toegevoegd.

Het Nederlands Openluchtmuseum heeft een buitenmuseum – een museumpark van 44 hectare met meer dan 100 historische gebouwen – en een binnenmuseum met 2 tentoonstellingsruimtes en de iconische koepelzaal. Met 585.000 bezoekers in 2024 is het qua bezoekersaantallen het zesde museum van het land, en het best bezochte museum buiten Amsterdam.

In het Nederlands Openluchtmuseum ontdek je je eigen geschiedenis. Het maakt niet uit of je opgegroeid bent op het platteland of in de stad, of wat je culturele achtergrond is. Voor iedereen is er herkenning te vinden voor wat betreft zijn of haar persoonlijke geschiedenis. Het museum laat bezoekers stilstaan bij hun eigen verhaal en nodigt uit om dit te spiegelen aan dat van anderen. Juist in een dynamische en soms gepolariseerde samenleving willen we een plek zijn waar mensen elkaar ontmoeten, in gesprek gaan en nieuwe perspectieven ontdekken. Alles wat we doen is gericht op activeren, verbinden en samen ontdekken. Dat doen we met een breed aanbod van presentaties, programma’s en activiteiten die niet alleen informeren, maar vooral uitnodigen tot dialoog. Publieksinteractie en verlevendiging zijn hierbij kenmerkend: op een twintigtal plekken in het museumpark gaan museumpresentatoren actief in gesprek met bezoekers. Digitale middelen versterken de publieksinteractie en maken het museum nog toegankelijker. Zo brengen we verhalen op een nieuwe manier tot leven, geven we bezoekers mogelijkheden om vóór, tijdens en na hun bezoek deel te nemen, en verlagen we de drempels voor een breed en divers publiek.

De collectie van het Nederlands Openluchtmuseum weerspiegelt 400 jaar geschiedenis van het dagelijks leven in Nederland, met een focus op de laatste twee eeuwen. De collectie bestaat uit een onroerende, een roerende en een documentaire collectie. De onroerende collectie bestaat uit ruim 100 gebouwen die vanaf 1912 in het museumpark zijn opgebouwd om ze te redden voordat ze definitief verloren zouden gaan als gevolg van de industrialisatie. De roerende collectie bestaat uit

ongeveer 158.000 objecten. Daarnaast is er een documentaire collectie van ongeveer 275.000 voorwerpen. De roerende collectie is ingedeeld in vier domeinen: ‘Kleding’; ‘Ontwikkeling, Zingeving en Ontspanning’; ‘Werken’ en ‘Wonen’. Het beheer en behoud van de roerende collectie is

Fondsen/ sponsoring

Publieksinkomsten

Omzet

Horeca/retail

goed op orde gebracht door deze onder te brengen in het CollectieCentrum Nederland (CCNL) in Amersfoort, dat we delen met het Rijksmuseum, Paleis Het Loo, en de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. In de beleidsperiode 2021-2028 van het collectiebeleidsplan Verrijken en Versterken richten we ons op het versterken van de roerende collectie uit de naoorlogse periode, in het bijzonder na 1960. Daarbij ligt de nadruk op het verwerven van collectie die gerelateerd is aan de verder toegenomen verstedelijking en diversificatie van de samenleving in de periode na de Tweede Wereldoorlog.

Het Kenniscentrum Immaterieel Erfgoed Nederland (KIEN) is onderdeel van het museum en coördineert de uitvoering van het Unesco Verdrag ter Bescherming van Immaterieel Erfgoed in Nederland. Met KIEN heeft het museum een kenniscentrum in huis dat immaterieel erfgoed zichtbaar maakt, kennis deelt en erfgoedgemeenschappen en professionals in het hele land ondersteunt en verbindt bij het borgen van levend erfgoed.

Met de Canon van Nederland, het landelijke Canonnetwerk en de Maand van de Geschiedenis draagt het museum geschiedenis uit in het hele land. Samenwerken met (erfgoed)gemeenschappen, Canonnetwerkmusea en andere culturele instellingen, bedrijven en organisaties dichtbij huis en ver daarvandaan is een vanzelfsprekend en onmisbaar fundament van onze werkwijze. Daarmee zijn we ook een echt netwerkmuseum.

Kernwaarden

• Inclusief – We creëren een omgeving waar iedereen zich thuis voelt en volwaardig kan meedoen.

• Verbindend – We stimuleren ontmoeting en dialoog om begrip en samenwerking te versterken.

• Duurzaam – We bouwen aan een toekomstbestendig museum dat klimaatadaptief en energie-efficiënt opereert én waarin duurzame, sociale en verantwoorde keuzes de standaard zijn.

• Ondernemend – We vernieuwen vanuit onze identiteit, spelen wendbaar in op ontwikkelingen en zoeken actief samenwerking om meer impact te maken.

Werkwaarden

• Professionaliteit – We werken deskundig, verantwoordelijk en vanuit verbondenheid met het museum en onze bezoekers.

• Gelijkwaardigheid – We tonen respect en waarderen ieders bijdrage. Vanuit die gelijkwaardigheid bereiken we de doelen die we samen hebben.

• Samenwerking – Onze bezoekers staan voorop. Dat zie je terug in de wijze waarop wij met elkaar samenwerken. We zoeken elkaar op en helpen elkaar verder, bij het behalen van de gezamenlijke doelen.

• Oplossingsgerichtheid – We denken in mogelijkheden en verbeteren continu onze processen en producten. Waar nodig zetten we een extra stap en benutten we onze creativiteit om tot oplossingen te komen.

Wat vraagt urgent aandacht?

De toekomst van de Canon van Nederland

Sinds 2017 beheert het museum de website canonvannederland.nl, is het de spil in het landelijke Canonnetwerk van musea die aan de hand van hun eigen collecties een deel van de Canon presenteren, en heeft het museum een presentatie van de Canon van Nederland in het Entreegebouw. De afspraken over de fysieke presentatie van de Canon van Nederland met het Ministerie van OCW lopen tot en met 2027.

De website canonvannederland.nl heeft een grote bekendheid en trekt meer dan een 1 miljoen bezoekers per jaar, met name uit het onderwijs. Maar de bezoekers komen niet alleen uit het onderwijs, de website wordt ook veel bezocht in de weekenden en zomervakantie. Het is een betrouwbare bron voor informatie over de geschiedenis van Nederland. Voor het onderwijs zijn er tal van digitale lessen bij ontwikkeld die een belangrijke rol spelen in het geschiedenisonderwijs. Het Canonnetwerk heeft zich in de afgelopen jaren sterk uitgebreid tot 71 leden, en omvat inmiddels zo goed als alle relevante musea en erfgoedinstellingen die samen het verhaal van de geschiedenis van Nederland vertellen. Het Nederlands Openluchtmuseum is mede daardoor een echt netwerkmuseum geworden.

De presentatie van de Canon van Nederland heeft het museum veel gebracht, en heeft gezorgd voor een inhoudelijke verdieping van het museum. In het museumpark wordt er een koppeling gemaakt met 14 Canonvensters op 21 locaties, waarbij de verhalen over de geschiedenis van het dagelijks leven zijn gekoppeld aan de verhalen van de ‘grote’ geschiedenis. Nu het Canonnetwerk tot wasdom is gekomen, en de samenwerkende musea samen op uitstekende wijze het verhaal van de geschiedenis van Nederland vertellen, is er wellicht niet meer zo’n behoefte

aan een totaaloverzicht van de Canon van Nederland in het Nederlands Openluchtmuseum. In de politiek heeft de wens om te komen tot een Nationaal Historisch Museum de afgelopen jaren op verschillende momenten een rol gespeeld. Onder verantwoordelijkheid van de laatste twee bewindslieden is dit beleidsmatig vertaald in een Nationaal Historisch Initiatief, waarbij de (digitale) samenwerking tussen de samenwerkende Canonnetwerkmusea centraal staat, die -verspreid over het land- allemaal een stukje van het verhaal van de geschiedenis van Nederland voor hun rekening nemen. Dit sluit ook aan bij de wens van het museale veld zelf.

Vanuit het perspectief van het Openluchtmuseum zijn er met de Canonpresentatie ook een aantal problemen. Het belangrijkste is dat er voor de bezoeker geen coherente museumbeleving is tussen de Canonpresentatie en het buitenmuseum. De inhoud en overdrachtsvorm van de tentoonstelling staan grotendeels los van de authentieke, en grotendeels analoge beleving in het museumpark. Daarnaast zijn er problemen met de exploitatie: bezoekers komen in het algemeen niet specifiek voor de Canon naar het museum, en het heeft nauwelijks voor herhaalbezoek of een stijging in het aantal schoolgroepen gezorgd. Naarmate de Canon langer staat, neemt dat nog verder af.

Presentatie van de roerende collectie

Als rijksmuseum is -naast beheer en behoud- de ontsluiting van de rijkscollectie voor een breed publiek één van onze kerntaken. In het museumpark speelt onze onroerende collectie daarbij op dit moment een hoofdrol. Vanwege de klimatologische omstandigheden in het buitenmuseum, kan de roerende collectie slechts in zeer beperkte mate worden getoond, en wordt er in plaats daarvan vaak gebruik gemaakt van rekwisieten. Om

Collectie Nederlands Openluchtmuseum Vervaardiger: H.J. van Denderen. Gouden oorijzer met gouden stiften, gedragen door Geertje Sijtsma-Buwalda (1847 - 1934).

onze roerende collectie meer te kunnen tonen, is er dringend behoefte aan goed geklimatiseerde tentoonstellingsruimtes. Die zijn reeds aanwezig in het Entreegebouw. Als we afscheid nemen van de presentatie over de Canon van Nederland, ontstaan er mogelijkheden om de eigen collectie te tonen. Dat sluit ook aan bij de behoefte van ons publiek dat deze belangrijke, herkenbare en ontroerende collectie over de geschiedenis van het dagelijks leven graag wil zien. Zo vragen oudere generaties nog steeds regelmatig naar de collectiepresentaties uit het verleden, zoals over de streekdrachten en streeksieraden. Ook is onze collectie op dit moment niet digitaal ontsloten via onze eigen website. Dit heeft o.a. te maken met de overgang van het collectieregistratiesysteem Adlib naar Axiell Collections. De collectie is deels wel ontsloten via de website CollectieGelderland.nl en Collectienederland.nl.

Stedelijke cultuur en diversificatie van de samenleving

Door de recent toegevoegde bebouwing op het museumpark van bijvoorbeeld de Westerstraat (2012) en de doorzonwoningen (2024), heeft de stedelijke cultuur ook een grotere plek gekregen naast de plattelandscultuur. Dit maakt dat een grotere groep mensen hun eigen persoonlijke geschiedenis kan herkennen in het museum. De inrichting van de Westerstraat is inmiddels achterhaald. Bij de doorzonwoningen is de ontwikkeling van de huizen niet gelijk opgegaan met de ontwikkeling van de programma’s. Daardoor zijn drie woningen nu ingericht met een tijdelijke tentoonstelling.

Tegelijkertijd heeft het collectiebeleid zich sinds 2021 gericht op het versterken van de roerende collectie uit de naoorlogse periode, in het bijzonder na 1960. Het museum is daarbij actief objecten gaan verzamelen die gerelateerd zijn aan de verder toegenomen verstedelijking en diversificatie van de samenleving in de periode na de Tweede Wereldoorlog. Als we dit combineren met de wens van het museum om diversiteit & inclusie nog meer te integreren in het programma, liggen hier kansen bij de (her)inrichting van de Westerstraat en de doorzonwoningen.

Immaterieel erfgoed

Volgens de internationale museumdefinitie van ICOM vormt immaterieel erfgoed een essentieel onderdeel van het werk van musea, die worden uitgedaagd zich actief in te zetten voor het borgen, presenteren en versterken ervan. Dankzij KIEN, dat onderdeel is van het museum, beschikt het Openluchtmuseum over ruime expertise op het gebied van Immaterieel Erfgoed. Samen verrijken KIEN en het museum de programmering en presentaties met nieuwe perspectieven, verhalen en ontmoetingen. Ook op netwerkgebied is er intensieve samenwerking en veel uitwisseling, waardoor beide partijen toegang hebben tot een brede en diverse groep erfgoedgemeenschappen en partners.

De komende jaren willen het museum en KIEN immaterieel erfgoed nog meer zichtbaar maken voor een groot publiek én een plek bieden waar erfgoed gedeeld, gevierd en vernieuwd wordt. Een aansprekend voorbeeld hiervan is het Immaterieel Erfgoed FestIEval, dat in 2026 voor het eerst in het museum plaatsvindt.

Nederlands Openluchtmuseum Westerstraat, 2012.
Nederlands Openluchtmuseum Doorzonwoningen in de Prinses Margrietstraat, 2024.

Duurzaamheid

Het Nederlands Openluchtmuseum krijgt in toenemende mate te maken met duurzaamheidsopgaven die impact hebben op het museumpark, de gebouwen en de bedrijfsvoering. Ontwikkelingen op het gebied van klimaat, wet- en regelgeving en maatschappelijke verwachtingen maken het, naast onze intrinsieke motivatie, noodzakelijk dat duurzaamheid structureel wordt meegenomen in beleidsvorming en besluitvorming. In deze strategische periode worden gerichte stappen gezet om het park beter aan te laten sluiten bij veranderende klimatologische omstandigheden. Daarbij wordt ingezet op maatregelen die bijdragen aan het reduceren van hittestress, het verbeteren van waterberging en het

versterken van biodiversiteit. Voor de gebouwen worden binnen de reguliere onderhoudsplanning verbeteringen doorgevoerd op het gebied van isolatie en energie-efficiëntie. Daarnaast wordt de potentie van zonnecarports op het parkeerterrein onderzocht als een kansrijk scenario voor verdere verduurzaming van het energieverbruik.

Binnen de organisatie blijft bewustwording een structureel aandachtspunt. De Green Keyambassadeurs ondersteunen teams bij het maken van duurzame keuzes binnen de huidige werkprocessen, zodat duurzame werkwijzen in toenemende mate worden verankerd.

De voortgang wordt gevolgd binnen de kaders van Green Key Gold en in aansluiting op relevan-

te Sustainable Development Goals. Resultaten worden transparant gemonitord en gerapporteerd. Op deze manier ontwikkelt het museum zich stapsgewijs richting een toekomstbestendige organisatie, waarbij duurzaamheidsactiviteiten verder worden gestructureerd en geprofessionaliseerd. De uitwerking hiervan wordt periodiek herijkt op basis van haalbaarheid, impact, wettelijke vereisten en beschikbare capaciteit.

Grenzen aan de groei, terwijl kosten stijgen

In 2024 heeft het museum een recordaantal van 585.000 bezoekers mogen ontvangen. Dit heeft ook geleid tot meer eigen inkomsten. Tegelijkertijd groeien de kosten hard, onder andere door gestegen personeels- en energiekosten. We hebben 2024 met mooie zwarte cijfers afgesloten. Als we de grote nalatenschap buiten beschouwing laten, moeten we de komende jaren onderaan de streep meer overhouden om de toekomstige investeringen te kunnen betalen. Dat betekent dat we aan de ene kant goed moeten kijken naar de kosten, maar aan de andere kant ook moeten onderzoeken hoe we onze eigen verdienkracht verder kunnen versterken. We willen het aantal bezoekers daartoe laten groeien tot 700.000 in 2032. Dit willen we doen door het aantal bezoekers in stille periodes te vergroten. En door de voorzieningen in het park zodanig aan te passen dat we de bezoekers beter over het park kunnen spreiden in drukke periodes.

Uitgangspunten

Meer aandacht voor het museale aspect

we...

Een coherente museumbeleving creëren?

Binnen- en buitenmuseum bieden voor de bezoeker een coherente bezoekersbeleving over de geschiedenis van het dagelijks leven.

Het museale aspect verder versterken?

We presenteren tentoonstellingen met de eigen roerende collectie in het binnenmuseum.

Het museum relevant houden voor alle Nederlanders?

In het buitenmuseum is er voor iedereen voldoende herkenning met zijn eigen persoonlijke geschiedenis. Om een bredere doelgroep aan te spreken, voegen we presentaties toe die gerelateerd zijn aan de stedelijke cultuur en diversificatie van de samenleving na de Tweede Wereldoorlog.

Meer bezocht worden in stille periodes?

En meer bezoekers accommoderen in drukke periodes?

In het binnenmuseum zorgen we met tijdelijke tentoonstellingen voor herhaalbezoek.

In het buitenmuseum creëren we verblijfsgebieden met een eigen identiteit, waardoor de bezoekers zich beter spreiden over het museumpark.

Het netwerkmuseum verder versterken?

We onderzoeken hoe we de samenwerking met de erfgoedgemeenschappen, Canonnetwerkmusea en andere culturele instellingen kunnen versterken.

We zoeken naar synergie tussen de verschillende activiteiten van het museum, zodat we meer impact kunnen maken.

Het Nederlands Openluchtmuseum balanceert tussen het zijn van een rijksmuseum en een leuke en leerzame culturele dagattractie. Als culturele dagattractie is het museum zeer succesvol met in 2024 een recordjaar met 585.000 bezoekers, en een grote eigen verdienkracht. Het rijksmuseum manifesteert zich vooral in de onroerende collectie dat het meest bepalende element is in het museumpark. Tegelijkertijd wordt de roerende collectie op dit moment slechts op zeer bescheiden schaal getoond; in het museumpark maken we veel gebruik van rekwisieten. In de balans tussen museum en culturele attractie, verdient het museale aspect op dit moment wat extra aandacht.

Tegelijkertijd zijn museum en dagattractie geen tegenstelling, maar twee aspecten van onze organisatie die allebei belangrijk en nodig zijn. In de juiste mix leidt dat tot een inspirerende, bloeiende en toekomstbestendige organisatie.

Van Canongebouw naar Binnenmuseum

Het gebouw bij de Entree wordt het Canon- of Entreegebouw genoemd, en is het huis voor de presentatie over de Canon van Nederland en het Canoncafé. Het woord ‘Canon’ is voor de bezoeker ingewikkeld; veel mensen hebben er geen beeld bij. Het woord ‘Entreegebouw’ doet vermoeden dat je er enkel hoeft te zijn om een kaartje te kopen en binnengelaten te worden. Daarom dopen we het gebouw om tot het ‘binnenmuseum’. Deze benaming heeft de belofte in zich dat het programma van het Openluchtmuseum zich niet alleen in de ‘open lucht’ afspeelt, maar ook een overdekt binnengedeelte heeft, waar ook van alles te ontdekken is.

Canon van Nederland ontsloten via succesvolle website

Het Canonnetwerk dat wij beheren, bestaat inmiddels uit 71 musea en historische erfgoedinstellingen die allemaal collectiestukken hebben ingebracht die aansluiten bij een of meerdere vensters van de Canon van Nederland. De collecties met de bijbehorende verhalen over de geschiedenis van Nederland worden al getoond in fysieke presentaties verspreid over het hele land. Deze topstukken zijn een onvervreemdbaar onderdeel van de collecties van de individuele (rijks)musea. Daarnaast worden ze op een virtuele manier samengebracht via de populaire website www.canonvannederland.nl. Deze succesvolle website met meer dan een miljoen bezoekers per jaar, gaan we verder uitbouwen door de content van de afzonderlijke organisaties nog meer met elkaar te verbinden, onder andere door het gebruik van linked open data.

Strategische lijnen

Waar gaan we mee

aan de slag?

Nieuwe invulling voor het binnenmuseum

Met een vernieuwd binnenmuseum versterken we onze inhoudelijke positionering, vergroten we onze maatschappelijke impact en bieden we een podium voor onze roerende collectie.

Balans in het buitenmuseum

Het buitenmuseum versterken we met actuele presentaties over stedelijke cultuur en de diverse samenleving na de Tweede Wereldoorlog, zodat steeds meer bezoekers –ongeacht hun achtergrond – herkenning kunnen vinden in het museum. Ook immaterieel erfgoed en de Canon van Nederland krijgen meer aandacht en worden op meerdere locaties verweven.

Verblijfszones herinrichten als belevingsplekken

Door verblijfszones te ontwikkelen rondom gerichte thema’s versterken we de samenhangende beleving, spreiden we bezoekers beter over het park en faciliteren we grote evenementen. Tegelijkertijd werken we aan verdere personalisatie van de bezoekersreis en vergroten we onze toegankelijkheid.

Inzetten op digitalisering

Het museum investeert in digitalisering om zowel de publieksbeleving als de kennis- en collectieopdracht te versterken, onder andere door de collectie online te ontsluiten en een interne digitale kennisomgeving te ontwikkelen. Daarnaast zet het museum stappen in het toepassen van linked open data, waardoor collectie-informatie beter vindbaar, bruikbaar en verbonden wordt binnen erfgoedsystemen.

Netwerkmuseum verder uitbouwen

Het museum ontwikkelt zich verder als netwerkmuseum. Door meer synergie te creëren tussen eigen activiteiten en die van partners ontstaat een sterkere gezamenlijke aanpak, wat de impact vergroot en zorgt voor een samenhangende, verdiepende beleving.

Nieuwe invulling voor het binnenmuseum

Op 1 september 2027 nemen we na 10 jaar afscheid van de fysieke presentatie van de Canon van Nederland, omdat de samenwerkende Canonnetwerkmusea dit verhaal inmiddels gezamenlijk vertellen, verspreid over heel Nederland.

Dit biedt allerlei kansen voor nieuwe functies in het binnenmuseum, waardoor we met onze programmering beter kunnen aansluiten bij de missie, publieksbeleving en identiteit van het museum. Zo is het van belang dat de roerende rijkscollectie een zichtbaar podium krijgt in het Nederlands Openluchtmuseum. De goed geklimatiseerde en geoutilleerde zalen 3 en 4 in het binnenmuseum zijn hiervoor zeer geschikt. Zaal 3 heeft een vloeroppervlakte van 324 m2 en voor zaal 4 is dit 497 m2.

Semipermanente tentoonstelling

De semipermanente tentoonstelling in zaal 4 biedt een samenhangende presentatie over 400 jaar dagelijks leven, met de nadruk op de afgelopen twee eeuwen. De roerende collectie vormt het uitgangspunt; door onderdelen regelmatig te wisselen kunnen ook kwetsbare objecten verantwoord worden getoond zonder langdurige blootstelling aan licht of andere belastende factoren. Binnen- en buitenmuseum vullen elkaar aan: zo dragen museumpresentatoren buiten bijvoorbeeld hedendaagse streekdracht, terwijl binnen de originele stukken worden getoond. De semipermanente tentoonstelling laat zien hoe het dagelijks leven zich door de tijd heen heeft ontwikkeld en verbindt historische objecten met actuele thema’s en toekomstige vragen. We combineren voorwerpen uit de collectie met verhalen over hoe mensen leefden: tradities, rituelen en belangrijke momenten in het leven staan direct in verband met de objecten die daarbij hoorden.

De thematische opbouw richt zich op herkenbare domeinen van het dagelijks leven, zoals voeding, hygiëne, wonen, werken, opgroeien, geloof en vrije tijd, aangevuld met belangrijke levensfasen zoals geboorte, huwelijk en rouw. Door meerdere perspectieven te laten zien en persoonlijke ervaringen centraal te stellen, ontdekken bezoekers hoe deze voorwerpen een rol speelden in het dagelijks leven en welke betekenis mensen eraan gaven.

Binnen de presentatie is tevens ruimte voor recent verworven collectie en daarbij worden bezoekers uitgenodigd om verhalen, herinneringen en objectsuggesties te delen, waardoor collectievorming een gedeeld proces wordt. Door als museum open te zijn over verzamelvragen en lacunes in de collectie worden bezoekers en erfgoedgemeenschappen gestimuleerd om actief bij te dragen aan de verdere totstandkoming van de collectie. Hiermee sluiten we aan bij de Faro-werkwijze, waarin het maatschappelijke effect van erfgoed centraal staat en erfgoed wordt beschouwd als een gezamenlijke verantwoordelijkheid.

Tijdelijke tentoonstellingen

In zaal 3 programmeren we tijdelijke tentoonstellingen met de eigen collectie die aanhaken bij actuele maatschappelijke thema’s, waardoor het museum onderdeel wordt van de dialoog in de samenleving rondom culturele identiteit. De eigen collectie is altijd het vertrekpunt, aangevuld met bruiklenen van andere musea. Tentoonstellingen kunnen ook een aanleiding zijn om een aantal nieuwe collectiestukken te verwerven. De tijdelijke tentoonstellingen kunnen zorgen voor herhaalbezoek en/of bezoek in het laagseizoen.

De tijdelijke tentoonstellingen kennen een afwisseling in toon en doelgroep. Lichtere en zwaardere onderwerpen wisselen elkaar af. Af en toe mag het onderwerp best een beetje schuren. Thema’s zijn onder andere kleding & identiteit, de relatie tussen mens en dier, de jaren 80 en menstruatiecultuur.

Kleding & Identiteit

Een tentoonstelling waarmee we onze collectie streekdracht en mode in de schijnwerpers zetten. Over wie je bent, waar je vandaan komt, en hoe je je presenteert. Een herkenbaar en relevant thema voor jong en oud.

De relatie tussen mens en dier

Een tentoonstelling over de bijzondere band tussen mens en dier: van geliefde huisdieren tot werkdieren en dieren ter vermaak. Een tentoonstelling vol dierenliefde èn een dosis confrontatie.

De jaren 80

Voor de één nostalgie, voor de ander geschiedenis. In de aanloop naar het 50-jarig jubileum in 2030 kansrijk, èn een kans om onze eigen eighties collectie uit te breiden.

Menstruatiecultuur

Gebaseerd op een grootschalig onderzoek en co-creatieproject van het museum. Van hygiëne, pijn en duurzaamheid tot werk, vakantie, beeldvorming, taboe en activisme – een brede kijk op hoe menstruatie het dagelijks leven en de samenleving beïnvloedt.

Kleding en identiteit

Collectie Nederlands Openluchtmuseum (Bruikleen Koninklijke Verzamelingen, Den Haag) Paar vergulde messing oorringen van een visser uit Ouddorp, ca. 1875-1925.

Collectie Nederlands Openluchtmuseum (Bruikleen Koninklijke Verzamelingen, Den Haag) Halssnoer, bestaande uit een ongewaarborgd gouden slot met vijf strengen donkerrode glazen kralen ca. 1920-1955, Scheveningen.

Collectie Nederlands Openluchtmuseum Kraplap met stipwerk, gedragen in Rouveen bij zware rouw.

museum

Militair pak van het Koninklijk Nederlandsch-Indisch Leger (KNIL), ca 1950, Molukken.

Collectie Nederlands Openluchtmuseum Streekdrachtvest uit Staphorst, aangepast voor iemand in een rolstoel.
Collectie Nederlands Openluchtmuseum Pride-outfit, 2024, Amsterdam.
Collectie Nederlands Openluchtmuseum Angisa met de boodschap ‘bel me op je mobiel’, ontwerp Mildred Isselt-Dankoor, 2011.
Collectie Nederlands Openluchtmuseum Dienstbodemuts van witte tule.
Collectie Nederlands Openlucht-
Collectie Museum Rotterdam Fotograaf onbekend. Ring met mattenklopper versiering, 2008.
Collectie Museum Rotterdam Vervaardiger: Farida Moultmar (Tanger 1967). Fotograaf onbekend. Roze taqchita, feestjapon met tulen overjapon voor een Marokkaanse vrouw, met goudversiering, 2010.
Collectie Nederlands Openluchtmuseum Japonborsik, gedragen door een jongen van Marken bij de winterdracht, ca 1900-1940.
Collectie Nederlands Openluchtmuseum Broche in de vorm van een roze driehoek, symbool van homo-emancipatie, 1989.
Collectie Museum Rotterdam Fotograaf onbekend. Paar witte schoenen, bij Turks besnijdenispak, 2011
Collectie Nederlands Openluchtmuseum Zondagse muts met geborduurde tule en kant.
Collectie Nederlands Openluchtmuseum Bevrijdingsrok of Nationale feestrok van Marijke van Terwisga.
Collectie Nederlands Openluchtmuseum Fotograaf: Martin Wijdemans. Surinaamse vrouwen in traditionele kotomisi tijdens Keti Koti.

Koepelzaal

In de Koepelzaal (zaal 2, 643 m²) - een multifunctionele ruimte - programmeren we activiteiten en evenementen die aansluiten bij zowel de tijdelijke tentoonstellingen als de semipermanente tentoonstelling over het dagelijks leven. De zaal biedt daarnaast ruimte voor activiteiten rond immaterieel erfgoed en tijdens schoolvakanties vormt de Koepelzaal het decor voor een gevarieerd aanbod aan familieactiviteiten.

Door de ligging bij de entree is deze zaal uitstekend bereikbaar en kunnen we bezoekers een aantrekkelijk aanbod bieden dat niet afhankelijk is van het weer. Zo zorgen we ervoor dat er in het Openluchtmuseum altijd iets te beleven valt, in elk seizoen.

De Koepelzaal biedt ook mogelijkheden om de eigen verdienkracht van het museum te versterken door deze ook deels te verhuren, en in te zetten voor groepsreserveringen. Op dit moment biedt de grootste zaal die we hebben voor plenaire bijeenkomsten ruimte aan 250 zitplaatsen. Daardoor moeten we met een zekere regelmaat grotere aanvragen teleurstellen. De koepelzaal is geschikt te maken voor plenaire bijeenkomsten van 300 tot 500 mensen waardoor we grote partijen aan kunnen nemen. Deze is door de locatie een ideale zaal voor de ontvangst van grote groepen en een eerste plenair deel van een bijeenkomst, waarna de groep zich in kleinere groepen over het museumpark kan verspreiden.

Marktonderzoek onder bestaande zakelijke opdrachtgevers en eventbureaus wijst uit dat het als bijzonder kansrijk wordt gezien als het museum een locatie met deze omvang toevoegt aan het huidige aanbod. Hedendaagse voorzieningen - in combinatie met het sterk inhoudelijk geladen verhaal en programma van het museum - worden als

een unieke propositie gezien. Daarbij worden als randvoorwaarden gesteld dat de nieuwe locatie duurzaam is, en hedendaagse AV-voorzieningen heeft die plug & play te gebruiken zijn. Daarnaast onderzoeken we hoe we de toegankelijkheid (ook in de avonden) kunnen verbeteren door de routing vanaf de entree van het museum aan te passen.

Samenhang binnen- en buitenmuseum

De tentoonstellingen en publieksactiviteiten in het binnenmuseum versterken de inhoudelijke positionering van het museum en bieden verdieping. Het binnenmuseum creëert een extra mogelijkheid om een brug te slaan tussen traditie (verwachtingen) en onze missie (maatschappelijke rol). Willen we de impact vergroten en onze missie meer onder de aandacht brengen, dan is het van belang om een grotere groep een spiegel voor te houden en te laten reflecteren. Op deze manier blijft het museum relevant en dynamisch, met ruimte voor vernieuwing. Er is een natuurlijke inhoudelijke samenhang tussen het binnen- en buitenmuseum. Beide belichten aspecten van het dagelijks leven, en dat staat centraal in communicatie en presentatie. Bezoekersgroei is met het binnenmuseum te realiseren door gerichte thema’s voor specifieke doelgroepen –zoals gezinnen in het laagseizoen- aan te bieden. Uit publieksonderzoek weten we dat zij op zoek zijn naar een leerzame, authentieke en belevenisvolle ervaring.

Collectie Nederlands Openluchtmuseum Berini bromfiets M 23, bouwjaar 1964, Den Haag.
Nederlands Openluchtmuseum Workshop houtsnijden in de Ambachtenwerkplaats.

Openluchtmuseum LHBTIQ+

Collectie Nederlands Openluchtmuseum Radiocassettespeler met een koptelefoon en twee cassettebandjes: ‘Paula Abdul’ en ‘Dirty Dancing’.

Collectie Nederlands Openluchtmuseum Koord met kurken, gebruikt als drijfmiddel om te leren zwemmen.

Collectie Nederlands Openluchtmuseum Gebreid wollen vrouwenbadpak, circa 1930-1940.

Nationaal Archief/Spaarnestad. Fotograaf onbekend. Zelfmaakmode,

patroon,

Nationaal Archief/Anefo Fotograaf: Hans van Dijk. Punkers in het Zuiderpark in Den Haag tijdens Parkpop, 1981.

Collectie Nederlands Openluchtmuseum Verzameling bezittingen van dakloze Fred uit Nijmegen, 2025.

Collectie Nederlands Openluchtmuseum Zaklamp met aan de achterzijde een ophanghaakje zodat hij kan worden opgehangen.

Gebreid

Nationaal Archief/Spaarnestad Fotograaf: Harry Pot. Interieur woonkamer met gezin, circa 1970.

Collectie Nederlands Openluchtmuseum Zwemhaak gebruikt voor zwemles en als reddingsmiddel.

Collectie Nederlands Openluchtmuseum Tampons en bijsluiter, van de Verbandstoffenfabriek Absorba in Baarn.

Nationaal Archief/Spaarnestad Fotograaf: Jan Lankveld. Homo week in Delft, 1988.
Collectie Nederlands Openluchtmuseum Set Thoolse streeksieraden, gedragen door Johanna Lena Geluk (1876-1954) uit Tholen.
overbrengen
z.j.
Collectie Nederlands Openluchtmuseum Beschilderde opbouw van een bokkenwagen, gebruikt voor speelritjes.
Nederlands
vlaggen tijdens het jaarthema ‘Hoe vrij ben jij?’.
Nationaal Archief/Anefo Fotograaf: Rob Bogaerts. Protest tegen vivisectie in het kader van het “werelddier weekend voor laboratorium-dieren”, enkele demonstranten op Binnenhof, 1981.
Collectie Nederlands Openluchtmuseum Zonnecrème ‘Libelle Sun Tan Spray’.
Collectie Nederlands Openluchtmuseum
wollen mannenbadpak, circa 1928.
Collectie Nederlands Openluchtmuseum Elektrische naaimachine van het merk Singer.
Collectie Nederlands Openluchtmuseum Plastic regenjas.
Collectie Nederlands Openluchtmuseum Vervaardiger: Tefal. Gourmetstel.
Collectie Nederlands Openluchtmuseum Vervaardiger: Lincoln. Locomobiel ‘Tarzan’.
Collectie Nederlands Openluchtmuseum Vervaardiger: A.M.E. Overdijkink. Acht schaduwfiguren voor het schimmenspel over ‘De Bremer muzikanten’.

Balans in het buitenmuseum

Stedelijke cultuur en diversificatie van de samenleving

Met de toevoeging van de doorzonwoningen en de Westerstraat heeft stedelijke cultuur een stevigere plek gekregen in het museumpark. De programmering van de Westerstraat is echter toe aan vernieuwing, en drie doorzonwoningen wachten nog op een definitieve invulling. Deze locaties bieden kansen voor nieuwe verhalen over stedelijke cultuur en de diversificatie van de samenleving, en versterken het thema diversiteit, inclusie en gelijkwaardigheid binnen het museum. Dit sluit aan bij onze ambitie om te laten zien hoe uiteenlopende groepen, verhalen en leefwerelden hebben bijgedragen aan de ontwikkeling van Nederland.

De programmering van de doorzonwoningen en de Westerstraat krijgt de komende jaren prioriteit en wordt in samenhang ontwikkeld. We kiezen voor thema’s die relevant zijn voor een breed publiek, uitnodigen tot het delen van perspectieven en ruimte laten voor maatschappelijk debat en dialoog.

Ook elders in het buitenmuseum wordt diversiteit geïntegreerd benaderd, als rode draad door het geheel. Thematische lijnen als migratie en emancipatie verbinden presentaties en bieden inzicht in bredere maatschappelijke ontwikkelingen. Hierbij hebben we ook aandacht voor persoonlijke ervaringen van spanning, heimwee of conflict. Zulke perspectieven geven erfgoed gelaagdheid. Het museum wil deze aanpak – met meervoudige perspectieven, persoonlijke verhalen en ruimte voor ongemak – verder ontwikkelen, zodat diversiteit niet alleen zichtbaar, maar ook invoelbaar en bespreekbaar wordt. Zo groeit het museum uit tot een plek van herkenning én verbreding van perspectief.

Immaterieel erfgoed

Immaterieel erfgoed krijgt de komende jaren meer aandacht in het Openluchtmuseum. Het vormt een belangrijk onderdeel van presentaties, evenementen en publieksactiviteiten. We werken participatief samen met maatschappelijke organisaties en erfgoedgemeenschappen en benutten daarbij steeds meer de kennis en het netwerk van KIEN.

Hoewel immaterieel erfgoed al in de programmering zit, is het nog niet overal duidelijk zichtbaar en verdient het een prominentere plek in presentatie en publieksbeleving. Voorbeelden zijn Feest! en het Heersink Huis voor Immaterieel Erfgoed. Nieuw is het Immaterieel Erfgoed FestIEVal, dat in 2026 voor het eerst plaatsvindt.

Canon integreren in het buitenmuseum

Hoewel de fysieke Canonpresentatie verdwijnt, blijft de Canon verweven in het buitenmuseum en in ons educatieve aanbod. De succesvolle Canonwebsite blijft beschikbaar als betrouwbare kennisbron voor het onderwijs, evenals de digitale Canonlessen via LessonUp. In het museumpark besteden we momenteel aan 14 Canonvensters aandacht, verspreid over 21 locaties. Het gaat om Karel de Grote (kruidentuin en huisje), de Statenbijbel (kerk ’s-Heerenhoek), De Beemster (watermolens), VOC & WIC (Hindelooper kamer), Slavernij (Koopmanswoning), de Eerste spoorlijn en industrialisatie (Freia), het Kinderwetje van Van Houten (schooltje Lhee), de Eerste Wereldoorlog (Budel), Anton de Kom (Anansiboom), de Tweede Wereldoorlog (Delftse molen en Vakantiehuis Warnsveld), Indonesië (Molukse barak en Indisch Achtererf), de Watersnood (Watersnoodwoning), Kolen en Gas (Jaknikker) en Gastarbeiders (Westerstraat en Venezia). Waar we nu impliciet aandacht besteden aan deze Canonvensters, willen we dit de komende jaren nadrukkelijker doen – zowel voor scholen als voor het brede publiek. Door Canonvensters thematisch met elkaar te verbinden, kunnen we bezoekers beter laten zien hoe gebeurtenissen, personen en ontwikkelingen samen het verhaal van Nederland vormen.

Nederlands Openluchtmuseum Interieur van 1965 in Huis van Herinnering, 2024.

Verblijfszones herinrichten als belevingsplekken

In 2024 ontving het museum 585.000 bezoekers, en de ambitie is om tot 2032 door te groeien naar 700.000 bezoekers. Een belangrijk deel van die extra bezoekers willen we trekken met grote evenementen die we organiseren, zoals de Zomeravonden, Uitgelicht en de Winterprogrammering. Bij de drukbezochte evenementen is het belangrijk om de bezoekers zoveel mogelijk over het museumpark te spreiden. Daarvoor zijn aantrekkelijke en goed ingerichte verblijfszones in het museumpark onontbeerlijk. Zij vormen het podium en decor voor extra activiteiten en programmering. In totaal gaat het hierbij om zeven verblijfszones, waarbij een aantal van deze zones een plein als kern hebben: het Entreeplein, het Zaanse plein en het Picknickplein. Het is belangrijk dat deze locaties sociale pleinen worden die de intimiteit van een huiskamer oproepen, met de juiste bebouwing aan de randen, aantrekkelijke waterpartijen en goede logistieke verbindingen. Elke verblijfszone krijgt daarbij een eigen duidelijke onderlinge samenhang en een eigen thematiek, waarbij er een goede balans is in functies. Hierdoor wordt de museale beleving per zone versterkt en verduidelijkt richting de bezoeker. Dit vraagt om een zorgvuldige herinrichting, waarbij ook het mogelijk verplaatsen of toevoegen van gebouwen in overweging wordt genomen. Randvoorwaardelijk voor elke zone is dat er ook moet worden gekeken naar de aanwezige infrastructuur, verlichting en gestelde inrichtingseisen. In de periode tot 2032 zullen we ons qua realisatie focussen op de zones rondom het Entreeplein, het Zaanse plein en het Picknickplein die een belangrijke rol spelen bij het faciliteren van evenementen.

Het Entreeplein wordt ontwikkeld tot een eigentijds stadsplein met een open, weids karakter, waarbij de toevoeging van groen en water zorgt voor een levendige en gezinsvriendelijke plek. Een markant object, zoals een kunstwerk bij de Houtloods, kan hierbij fungeren als blikvanger. Een overkapte verzamelplek voor scholieren wordt mogelijk gecreëerd in de Houtloods. Daarnaast wordt gekeken naar het verplaatsen van het tramhaltehuisje, het versterken van de presentatie van de Westerstraat met een waterpartij, en het verbeteren van de vindbaarheid van de tentoonstelling in het Heersink Huis voor Immaterieel Erfgoed. Het reliëf en de materialisering van het plein worden ook zorgvuldig vormgegeven.

Het Zaanse Plein wordt ontwikkeld tot een uitnodigend dorpsplein dat ruimte biedt aan ontmoeting, spel en kleinschalige activiteiten, waarbij de vergroting van het plein en nieuwe zichtlijnen naar het water zorgen voor een open karakter. Door het verplaatsen van de poffertjeskraam ontstaat een nieuwe bebouwde wand, dit vergroot het pleingevoel. Naast de poffertjeskraam komt nog een gebouw met extra sanitaire voorzieningen. De verbindingen met de Ambachtenstraat en de route naar het Picknickplein worden verbeterd ter bevordering van de doorstroom.

Het Picknickplein krijgt een dynamische industriële uitstraling, waarbij de versterkte relatie met de gebouwen van Van Gend & Loos en de Remise zorgt voor een stoere, karaktervolle omgeving die aantrekkelijk is voor zowel reguliere bezoekers als de zakelijke markt. De Picknickloods krijgt een horecafunctie of wordt vervangen door een passend alternatief. Het plein wordt aangevuld met elementen zoals een mobiele frietbakkerij en een industriële kademuur langs de vijver. De huidige takkenbosschuur maakt mogelijk plaats voor een ander object dat beter aansluit bij de industriële thematiek. De inrichting van het plein – zowel in reliëf als materialisering – wordt zorgvuldig uitgewerkt om de sfeer en functionaliteit te versterken.

Schets herinrichting Entreeplein, tekening: Rob Aben en Jeroen Bosch.
Schets herinrichting Zaanse Plein, tekening: Rob Aben en Jeroen Bosch.

Inzetten op digitalisering

Het museum bouwt aan een nieuwe online omgeving waarin een groot deel van de collectie zelfstandig doorzoekbaar wordt voor een breed publiek. Hiermee vergroten we de toegankelijkheid van onze collectie. Een belangrijk onderdeel van deze koers is het toepassen van linked open data, waardoor objecten, verhalen en context eenvoudiger te koppelen zijn aan andere erfgoedcollecties en onderzoeksplatforms. Dit versterkt onze positie binnen bredere kennisnetwerken en vergroot de zichtbaarheid en bruikbaarheid van onze collectie.

Bezoekers worden via digitale kanalen steeds meer betrokken bij collectievorming, in lijn met de uitgangspunten van het Verdrag van Faro. Daarnaast onderzoeken we hoe digitale middelen bezoekers kunnen helpen om hun eigen route samen te stellen, met respect voor privacy.

Medewerkers krijgen via een gedeelde digitale kennisbron toegang tot actuele informatie over objecten, locaties, verhalen en immaterieel erfgoed. Met deze interne kennisomgeving zorgen we ervoor dat iedereen die met bezoekers werkt beschikt over actuele, consistente en goed toegankelijke informatie. Dat versterkt niet alleen hun eigen voorbereiding, maar komt vooral ten goede aan de kwaliteit van het publiekscontact in het museumpark.

Aan de organisatorische kant ontwikkelen medewerkers nieuwe vaardigheden op het gebied van data, digitale media en publieksgericht werken, en blijven we kennis uitwisselen met partners in het veld.

Netwerkmuseum verder uitbouwen

We groeien verder in onze rol als netwerkmuseum. Waar mogelijk proberen we projecten nog meer met elkaar en met de initiatieven van partners te verbinden. Op die manier delen we kennis, benutten we elkaars expertise en vergroten we onze gezamenlijke impact op het zichtbaar maken, duiden en actualiseren van het erfgoed van Nederland.

Canonnetwerk

Het Nederlands Openluchtmuseum vervult een centrale rol in het Canonnetwerk, waar musea en erfgoedinstellingen samen het brede en gelaagde verhaal van de Nederlandse geschiedenis vertellen – op locaties door het hele land én online. De komende jaren groeit het Canonnetwerk verder door in een nieuwe fase. Met het beëindigen van de Canonexpositie in 2027 verschuift de focus naar de digitale omgeving. De website Canonvannederland.nl, die al een sterke positie heeft met brede naamsbekendheid, veel bezoekers en een belangrijke rol in het onderwijs, ontwikkelt zich tot het centrale platform waar vensters, sleutelstukken, Regiocanons en onderwijscontent samenkomen. Door de site inhoudelijk te verrijken, gebruiksvriendelijker te maken en nieuwe interactieve elementen toe te voegen, ontstaat een overzichtelijke en inspirerende online omgeving voor bezoekers. Zo wordt de digitale plek niet alleen een vindplaats van kennis, maar ook een dynamisch podium waarop het netwerk gezamenlijk inspeelt op ontwikkelingen in samenleving en erfgoedveld.

Het Openluchtmuseum neemt het voortouw om samenwerking en kennisuitwisseling binnen het netwerk te versterken. Uit onderzoek blijkt dat netwerkleden grote waarde hechten aan het delen van expertise, maar dat tijdgebrek en beperkte betrokkenheid dit soms belemmert. Daarom kiezen we voor een meer vraaggestuurde, laagdrempelige aanpak: korte online sessies over actuele vraagstukken, inhoudelijke dilemma’s en mogelijkheden voor thematische samenwerking.

Zo benutten we de kracht van het netwerk op een manier die aansluit bij de wensen en mogelijkheden van de aangesloten musea en erfgoedinstellingen.

Synergie tussen netwerkactiviteiten

Het Nederlands Openluchtmuseum onderzoekt voortdurend hoe er meer samenhang en synergie kan ontstaan tussen het brede scala aan netwerkactiviteiten waarvoor het verantwoordelijk is. Het gaat daarbij niet alleen om de Canon van Nederland en de Maand van de Geschiedenis, maar ook om het Kenniscentrum Immaterieel Erfgoed Nederland (KIEN). Door deze activiteiten beter met elkaar te verbinden, kan het museum zijn maatschappelijke impact vergroten.

Zo kan bijvoorbeeld het sterke merk van de Maand van de Geschiedenis bijdragen aan een grotere zichtbaarheid en verdieping van het Openluchtmuseum. Omgekeerd profiteert de Maand wanneer het museum zelf grootschalige activiteiten organiseert die aansluiten bij het jaarthema van de Maand, zoals het evenement Uitgelicht. De thema’s van de Maand voor de komende vier jaar - Lichaam en geest (2026), Stad en land (2027), De leerschool (2028) en Onderweg (2029) - zijn breed en bieden volop mogelijkheden voor inhoudelijke koppelingen. Ook rondom immaterieel erfgoed ligt een duidelijke kans om meer synergie te creëren. Zowel het Nederlands Openluchtmuseum als KIEN zien het borgen van immaterieel erfgoed nadrukkelijk als kern van hun maatschappelijke opdracht. Tradities, rituelen, ambachten, vertelkunst, muziek en kennis worden niet alleen behouden, maar vooral actief doorgegeven, vernieuwd en gedeeld met een breed publiek.

Tot slot

Het Nederlands Openluchtmuseum is een populair en geliefd museum. Met een waardering van gemiddeld een 8,7 doen we het al heel goed. Maar we willen verder: door onze activiteiten sterker te verbinden creëren we een geheel dat méér is dan de som der delen. Voor de bezoeker betekent dit een samenhangende en verdiepende ervaring. Voor de samenleving betekent het een museum dat blijft inspireren en verbinden - een plek waar iedereen zich kan herkennen, verdiepen en samen nieuwe perspectieven kan ontdekken.

Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook