












![]()












































Commerciële kantoren Onze keukens
1. Deeside, GB Productievestiging
2. Opole, PL Productievestiging
3. Mézidon-Vallée d’Auge, FR Productievestiging
Rennes, FR Productievestiging
Wanze, BE Productievestiging
6. Marche-en-Famenne, BE Productievestiging
7. Gent, BE Hoofdkantoor
8. Mönchengladbach, DE Commercieel kantoor
9. Madrid, ES Commercieel kantoor
Met hoofdzetel in België biedt de groep een breed assortiment aan hoogwaardige en innovatieve vers bereide maaltijden, evenals gerelateerde professionele foodservices in Europa en daarbuiten. “Day by day maken wij duurzame voeding vanzelfsprekend.” Dit doen we door de wereld meer zin te laten krijgen in lekkere en gemakkelijke maaltijden, met zorg bereid voor mens en planeet.
Een Veelzijdige Leider in Kant-en-Klare Maaltijden
Hoewel we bekend staan om onze sterke expertise in verse lasagne, reikt onze ambitie veel verder dan één categorie. We zijn gepassioneerd door alle soorten maaltijden. Dag na dag zorgen voor onvergetelijke eetervaringen: daar draait het bij ons om. Bij What’s Cooking? delen we deze passie met trots via een familie van merken, waaronder Come a casa®, Vamos® en tal van distributiemerken.
Mensen Centraal in Onze Keukens
Onze klanten en consumenten staan altijd centraal in onze voedselbereiding, net als het welzijn van onze 1.650 medewerkers. Vandaag beschikken we over zes gespecialiseerde productiesites— onze “keukens”—in België (Wanze en Marche-en-Famenne), Frankrijk (Mézidon-Vallée d’Auge en Rennes), Polen (Opole) en het Verenigd Koninkrijk (Deeside), evenals twee commerciële kantoren in Europa en onze hoofdzetel in België.
Groei Stimuleren met Kant-en-Klare maaltijden
Met ingang van 2025 focust What’s Cooking? zich volledig op kanten-klare maaltijden. De groep kondigde investeringen aan in Polen en wil blijven groeien, zowel organisch maar potentieel ook via fusies. In 2025 realiseerde de groep een omzet van 469 miljoen euro.
Krachtlijnen & kerncijfers in 2025 - Vooruitblik op 2026
Dividendvoorstel
4,5
euro bruto per aandeel (betaalbaar juli 2026)
Omzet miljoen euro 469
40
UEBITDA miljoen euro (inclusief voortgezette en beëindigde activiteiten)
Netto resultaat
25
miljoen euro
Geconsolideerde resultaten in 2025
Omzetgroei van 16%, inclusief de acquisitie in Rennes. (Organische groei exclusief Rennes = 6%)
De UEBITDA groeit opnieuw, voornamelijk dankzij de organische volumegroei, het effect van de acquisitie in Rennes en het behalen van verdere operationele efficiëntie.
Het uitbreidingsproject in Opole ligt op schema, al werd de CapEx-cashflow in 2025 uitgesteld, waardoor de impact in 2026 zwaarder zal zijn.
De focus op duurzame en winstgevende groei op lange termijn blijft behouden.
What’s Cooking? Jaarverslag 2025
Onze krachtlijnen en belangrijkste gebeurtenissen
Na de verkoop van de Savoury business werd dit volledige segment in onze jaarcijfers 2024 als ‘beëindigde activiteiten’ gerapporteerd. In 2025 werd de verkoop afgerond aan het begin van het boekjaar en wordt de meerwaarde op de verkoop bijgevolg eveneens opgenomen onder het ‘resultaat uit beëindigde activiteiten’. Hierdoor beschikken we nog slechts over één voortgezette activiteit, namelijk onze ready meals-activiteiten, inclusief de centrale overheadkosten van de groep.
De omzet steeg met 6% exclusief de acquisitie in Rennes en met 16% inclusief Rennes, tot 469 miljoen euro. Deze organische groei werd gedreven door een volumegroei van 6%. Dankzij onze blijvende focus op kwaliteitsproducten, sterke service en innovatie konden we groeien bij zowel nieuwe als bestaande klanten. De acquisitie in Rennes presteerde in de eerste 9 maanden onder ons eigenaarschap in lijn met de verwachtingen.
Onze kosten bleven goed onder controle en ondanks aanhoudende investeringen in innovatie, investeringen in de nieuwe topseal-verpakking en aanhoudende looninflatie, slaagden we erin de kosten globaal te beheersen en zo een solide doorwerking van de volumegroei naar EBITDA te realiseren. De uitrol van topseal wordt verdergezet in 2026, met als doel de klanttevredenheid verder te verhogen en de verpakkingsintensiteit te verlagen.
De onderliggende EBITDA uit voortgezette activiteiten steeg van 33 miljoen euro in 2024 naar 40 miljoen euro in 2025. De acquisitie van Rennes en de volumegroei waren de belangrijkste drijvers van deze onderliggende EBITDA.
De niet-onderliggende kosten bedroegen 2,5 miljoen euro en hielden voornamelijk verband met acquisitie gerelateerde kosten van 0,6 miljoen euro en kosten gelinkt aan de herstructurering na de verkoop van de Savoury business van 1,9 miljoen euro.
De afschrijvingen stegen van 12,4 miljoen euro naar 17,7 miljoen euro, voornamelijk door de afschrijving van de nieuwe fabriek in Rennes en de versnelde afschrijving van verpakkingsapparatuur in het kader van de geleidelijke overgang naar topseal.
De netto financieringskosten daalden van 4,5 miljoen euro in 2024 naar 1,6 miljoen euro, als gevolg van de lagere schuldenlast na de verkoop van de Savoury business. De belangrijkste financieringskost had betrekking op non-recourse factoringkosten van 0,9 miljoen euro.
Het resultaat uit beëindigde activiteiten na belastingen omvat de geconsolideerde meerwaarde van 12 miljoen euro op de verkoop van de Savoury business in 2025, terwijl dit in 2024 het nettoresultaat van deze activiteiten omvatte, inclusief het effect van dissynergieën.
De nettowinst van de groep na belastingen steeg van 21 miljoen euro in 2024 naar 25 miljoen euro in 2025, met een belastingtarief (exclusief de meerwaarde op de verkoop) van 26,4% in 2025.
De netto kaspositie bedroeg 2,6 miljoen euro eind 2025 en is het resultaat van een uitzonderlijk kasstroomjaar, inclusief de verkoop van de Savoury business, de acquisitie van de site in Rennes, de dividenduitkering en de operationele prestaties.
Dividendvoorstel
De Raad van Bestuur zal aan de Algemene Vergadering voorstellen om een brutodividend van 4,5 euro per aandeel goed te keuren.
Gebeurtenissen na balansdatum
Op 27 februari 2026 maakte de FSMA (de Belgische Autoriteit voor Financiële diensten en Markten) bekend dat zij een kennisgeving heeft ontvangen waaruit blijkt dat Malaga Investment SCSp het voornemen heeft om een vrijwillig en voorwaardelijk openbaar overnamebod in contanten uit te brengen op alle aandelen uitgegeven door What’s Cooking Group NV. Het bod heeft betrekking op alle aandelen van What’s Cooking Group NV die nog niet in het bezit zijn van de bieder of de met de bieder verbonden personen. Voor meer informatie, verwijzen we naar deze openbaarmaking, alsook naar ons persbericht van 27 februari 2026 en de overige informatie die op onze website beschikbaar is.
Krachtlijnen & kerncijfers in 2025 - Vooruitblik op 2026
De groei in 2026 op vergelijkbare basis zal naar verwachting lager liggen dan de groei in 2025 en de uitbreiding in Opole zal pas in 2027 met productie starten. Behoudens onvoorziene omstandigheden verwacht de groep dat de voortgezette U-EBITDA in 2026 tussen 38 miljoen en 42 miljoen euro zal liggen.
De groep verwacht aanzienlijk te investeren in de ontwikkeling van haar nieuwe fabriek in Opole (Polen). De nieuwe productielijnen zullen klanten een aanbod bieden van verschillende populaire en groeiende types kant-en-klare maaltijden, naast lasagne die reeds in Polen wordt geproduceerd. Dit zal (mits tijdige implementatie) de CapEx-cashflow in 2026 met meer dan 40 miljoen euro verhogen, bovenop de ‘reguliere’ CapEx die naar verwachting op een normaal niveau zal blijven. De groep zal deze bijkomende CapEx financieren met haar bestaande financieringsfaciliteiten en verwacht daardoor een stijging van de leverage.
Het geconsolideerd resultaat na belastingen zal naar verwachting opnieuw normaliseren, nu de verkoop van de Savoury business volledig achter de rug is.
What’s Cooking? wil duurzame en winstgevende groei realiseren.
‘Must do’-doelstellingen
Veiligheid en voedselveiligheid
Duurzaam en rendabel groeien
Strategic Beliefs
Engaged Employees
Rebuild Innovation
Portfolio Refocus
Grow Excellence
Digital Acceleration
Lead our industry in sustainability
Omzet
Vanaf 2024 omvatten de cijfers niet langer de voormalige Savouryactiviteiten die werden verkocht.
(Resultaat na belastingen)










Dank voor uw interesse in ons “bedrijf in transformatie.”
En laat me raden: ook uw bedrijf, organisatie, club, gemeenschap of beweging bevindt zich in transformatie. Zo niet, kijk dan nog eens goed. Denk aan de volgende fase van digitalisering, de rol van AI in uw activiteiten, de wankele positie van uw waardeketen, de toekomst van de industrie in Europa, de impact van importheffingen — of simpelweg de komst van alweer een visionaire CEO.
Veel organisaties bevinden zich in de bekende driehoek van mensen, prestaties en groei — bij voorkeur winstgevende groei. En steeds vaker gaat het nog een stap verder: duurzame groei, met een berekende en verantwoorde impact op mens en planeet. In onze voedingsindustrie moet de legitimiteit van winst en groei voortkomen uit de volledige, complexe waardeketen en uit het feit dat wij voedzame, nutritioneel evenwichtige, betaalbare en smakelijke voeding tot bij zoveel mogelijk consumenten brengen.
Bij What’s Cooking? hebben we ervoor gekozen om uit die driehoek te treden — om te beginnen en te eindigen bij dat ene element dat alle succesvolle transformaties gemeen hebben: de menselijke factor als fundament nemen. Ik ben me bewust van de populariteit van die uitspraak. Een snelle blik op jaarverslagen leert dat de meeste bedrijven schrijven dat “mensen onze belangrijkste troef zijn.” Een mooi vertrekpunt… en misschien wel de enige “strategie” die echt kan bijdragen aan een betere wereld, waar “goed doen” niet noodzakelijk in euro’s of dollars moet worden uitgedrukt of gemeten.
Begrijp me niet verkeerd: dit jaarverslag zal opnieuw bevestigen dat dit bedrijf zich op een boeiende weg bevindt en dat de vooruitgang verloopt zoals gepland — zowel op het vlak van prestaties als van groei. In een complexe en nerveuze markt. Na enkele moeilijke beslissingen in 2024. En met de succesvolle integratie van een prachtig bedrijf in Frankrijk.
Wanneer u door de volgende pagina’s bladert, houd dan in gedachten dat dit alles slechts een resultaat is — het resultaat van het juiste doel, de juiste waarden en de juiste cultuur, in een organisatie waar iedereen telt en iedereen wordt uitgenodigd om bij te dragen.
Wij zijn al onze stakeholders dankbaar dat zij deze reis samen met ons blijven vormgeven.
Met vriendelijke groet, Paul Van Oyen
Voorzitter van de Raad van Bestuur
“Voor mensen. Door mensen gemaakt.”
What’s


Cooking? Jaarverslag 2025

















Piet Sanders, CEO




Allereerst dank voor uw interesse in What’s Cooking? en in ons jaarverslag. Zoals onze Voorzitter al aangaf, zijn wij geen doorsnee bedrijf. De voorbije drie jaar stond strategische transformatie centraal in alles wat we doen.
In maart 2023 kondigden we onze nieuwe strategie, purpose en waarden aan, en gaven we deze fundamentele koerswijziging vorm met een nieuwe naam voor de groep: “What’s Cooking?”. Sindsdien stellen we die vraag aan al onze stakeholders. De antwoorden en inzichten die we ontvangen, blijven ons inspireren —
van onze focus op duurzaamheid, over hernieuwde innovatie en digitalisering, tot een heroriëntatie van ons portfolio en het verder verankeren van operational excellence in ons DNA. Maar alles begint bij onze teams: onze geëngageerde mensen die dit elke dag waarmaken.





Zonder betrokken en gemotiveerde mensen die onze strategie omarmen en tot leven brengen, zouden we nooit de prestaties en resultaten behalen die u in dit verslag zult lezen. En dankzij die prestaties kunnen we onze groeistrategie verder uitrollen. Denk bij-




voorbeeld aan de nieuwe fabriek in Polen, die zal uitgroeien tot de sourcing unit voor nieuwe ready meals in Centraal- en Oost-Europa, of aan de overname van het bedrijf in Rennes, waar we nieuwe capaciteiten hebben verworven die ons onder meer toelaten sneller te groeien binnen het foodservicekanaal.
In dit verslag zult u veel lezen en zien over deze heroriëntatie van ons portfolio. Onze ontwikkelingsteams hebben hard gewerkt om nieuwe, gebruiksvriendelijke en smaakvolle maaltijden naar onze klanten te brengen. “Crafting with care, care by crafting” is één van onze waarden en vormt de basis van alles wat we doen: we ontwikkelen en produceren heerlijke, nutritioneel evenwichtige en betaalbare maaltijden voor onze klanten en consumenten. Dat doen we op een veilige manier voor onze mensen en met voedselveiligheid voor de eindconsument — caring for people — en op een meer duurzame manier — caring for the planet. Van maaltijden met 85% minder plastic in de verpakking tot nieuwe global heroes zoals Chicken Tikka Masala en nieuwe local heroes zoals Hachis Parmentier: onze focus op consumententrends heeft bijgedragen aan de sterke resultaten in 2025.
Wat ook heeft bijgedragen aan deze verbeterde resultaten, is onze verhoogde operationele performantie. Een nieuwe aanpak rond operational excellence en een scherpere focus — mede mogelijk gemaakt door de verkoop van onze Savoury-activiteiten in januari 2025, gecombineerd met investeringen in nieuwe apparatuur en specifieke rollen, én een goed beheerd efficiëntieprogramma op groepsniveau (genaamd “Drive”) — hebben duidelijk bijgedragen aan onze resultaten.
Na de verkoop van onze Savoury-activiteiten zijn we een kleinere groep, maar tegelijk meer gefocust en rendabeler. What’s Cooking? wil een leidende rol opnemen in zorgvuldig geselecteerde markten en segmenten in Europa. Die leiderspositie bouwen we op met een geëngageerde groep mensen die geïnformeerd zijn, betrokken en gehoord worden — en die vandaag, maar ook morgen, de basis vormen van ons succes.

“Het begint altijd bij onze geëngageerde mensen die het waarmaken.”







2025 was een mijlpaaljaar in de geschiedenis van What’s Cooking?. In januari rondden we de verkoop van de Savoury-activiteiten af, waarna we sterk focusten op het ontkoppelen van de operationele en IT-structuren tussen de bedrijven — een project dat eind 2025 bijna volledig was afgerond. De verkoop leverde ons ongeveer 100 miljoen euro op, waarmee we schulden konden afbouwen en onze balans versterken, een uitzonderlijk dividend konden uitkeren én konden groeien via de overname van What’s Cooking Rennes — een bedrijf met een sterk gediversifieerd productportfolio (Diepvries & Vers / internationale en lokale favorieten / diverse verpakkingsformaten en concepten / Retail en Foodservice). We zijn bijzonder tevreden over de onmiddellijke bijdrage van de site en het team in Rennes aan de prestaties van de groep.
Hoewel de marktomstandigheden uitdagend zijn en blijven, blijven we ons richten op groeikansen — zowel organisch als via mogelijke toekomstige overnames. Om onze organische groei te ondersteunen, hebben we beslist om in totaal meer dan 70 miljoen euro te investeren in een tweede fabriek in Opole, Polen. Na voltooiing (verwacht in 2027) zal deze fabriek uitgroeien tot de productiehub voor nieuwe kant-en-klare maaltijden in Centraalen Oost-Europa.
We groeiden met 15% in volume (waarvan 9% gerelateerd aan de overname in Rennes), verhoogden onze omzet met 16% en verbeterden onze onderliggende EBITDA met 23%, dankzij een sterke focus op operationele verbeteringen en de inzet van al onze What’s Cooking ‘chefs’.

Investeren is essentieel om relevant te blijven en onze leidende positie op het vlak van innovatie in ons segment te behouden. We lanceerden niet alleen een nieuw productgamma voor onze Come a casa®-producten, maar vernieuwden ook de verpakking grondig. Deze verandering vormt het begin van een veel breder verpakkingsprogramma, met investeringen die inspelen op zowel duurzaamheid als consumentenvoorkeuren. Daarnaast blijven we investeren in onze mensen, onder meer door het uitbreiden van het Digital-team, het R&I-team en andere sleutelgebieden, zodat we relevant blijven in een snel veranderende wereld. Ons doel is om uit te groeien tot een echte omni-channel en omni-product speler, zoals ook verder in dit verslag wordt geïllustreerd.

Vooruitkijkend wordt 2026 een jaar waarin investeren centraal staat: investeren in mensen, nieuwe technologieën, nieuwe verpakkingen en uiteindelijk een nieuwe fabriek om onze langetermijngroei te ondersteunen. Deze investeringen zullen een aanzienlijke impact hebben op onze cashflows, maar dankzij onze solide balans — met een netto kaspositie van 2,6 miljoen euro eind 2025 — beschikken we over voldoende financiële ruimte om deze groei te financieren. Tegelijk blijven we scherp gefocust, zeker terwijl we een nieuwe fabriek bouwen, onze verpakkingen vernieuwen en nieuwe productgamma’s introduceren.





Tot slot ben ik trots op onze duurzaamheidsresultaten in 2025: we finaliseerden ons SBTi-plan (Science Based Targets initiative) en kregen hiervoor eind 2025 validatie. We blijven verder werken aan de vele initiatieven om onze footprint te verkleinen. Daarbij rekenen we op al onze stakeholders — inclusief klanten en leveranciers — om de komende jaren verdere vooruitgang te boeken en producten stap voor stap om te vormen tot meer duurzame maaltijden. Onze focus op duurzame, betaalbare, heerlijke en nutritioneel evenwichtige producten blijft — vandaag meer dan ooit.





“Deze investeringen vormen de motor van onze groeiambities op lange termijn.”













Cooking? Jaarverslag 2025
















Onze bijdrage aan de wereld? De zorg waarmee we onze producten bereiden. Streven naar de allerbeste kwaliteit, en het welzijn en de veiligheid van onze collega’s en consumenten vooropzetten: daar zweren we bij. We leggen de lat hoog voor smaak en gemak in gebruik, met duurzaamheid in het achterhoofd.
We zijn best wel goed in wat we doen, en dat hebben we puur te danken aan onze mensen en hun skills. We moedigen hen aan om zo ambitieus te zijn als wij, en geven niet om de kleine foutjes die ze onderweg maken.
Rome is niet op één dag gebouwd. Ook wij werken dag per dag naar onze doelen toe. Als één team rollen we samen onze mouwen op. Collega, klant, leverancier of consument: bij ons wordt iedereen met dezelfde portie respect behandeld.
Wij geloven in het bereiden van onze maaltijden met dezelfde zorg en passie die je ook in je eigen keuken vindt. Ons doel is ervoor te zorgen dat elke maaltijd die we maken, keer op keer de verwachtingen overtreft. Onze keuze voor verantwoorde groei staat bovenaan de agenda om veiligere, nutritioneel evenwichtige en milieuvriendelijkere producten te creëren. Dit betekent dat we de samenwerking met onze klanten stimuleren om verandering teweeg te brengen.
Dankzij jaren van onderzoek en innovatie binnen de voedingssector hebben we een breed scala aan grootschalige kooktechnieken ontwikkeld, wetenschappelijk afgestemd op elke culinaire behoefte. Die unieke ervaring zorgt ervoor dat we de noden van de voedingssector echt begrijpen.


Achter elk recept staat een team van chefs, ambachtsmensen en innovatoren die samenwerken om inspirerende gerechten te creëren. In onze keukens is innovatie tastbaar: dagelijks wordt er geproefd, getest en verbeterd. We geloven in samenwerken — day by day, side by side. Zo creëren we vooruitgang en smaak, samen. Samen verbeteren we, experimenteren we en vieren we elk succes dat we onderweg boeken.


Ons assortiment omvat zowel single- als multiportieopties, waardoor we op elk moment een “op maat gemaakt aanbod” kunnen bieden als antwoord op specifieke behoeften. Vers of diepgevroren, regionaal of internationaal, halal, vegetarisch, vegan of aangepast aan specifieke diëten — onze producten geven je alle vrijheid om je creativiteit de vrije
Een wereld van smaken
Binnen Retail, Slager & Traiteur en Foodservice weerspiegelt ons assortiment de diversiteit van keukens en eetmomenten. Elk product wordt met dezelfde aandacht voor detail gemaakt — want of het nu een kant-en-klare maaltijd is of een creatie van een chef, wij maken het met zorg.

Met liefde
Van voorgerechten tot hoofdgerechten — een passie voor alle soorten keukens, met zorg bereid door onze chefs. Bij What’s Cooking? vinden we dat elke maaltijd zorg verdient. Van kleine hapjes tot royale hoofdgerechten en smaakvolle bijgerechten: onze chefs creëren gerechten die mensen samenbrengen — met passie, creativiteit en smaak. Want lekker eten is nooit slechts één gerecht — het is een ervaring die met liefde is bereid.
We zijn gepassioneerd door alle soorten gerechten, we zijn meer dan alleen lasagne!
Nog vóór het hoofdgerecht starten we graag met creativiteit en kleur. Onze chefs toveren alledaagse favorieten om tot verrassende voorgerechten — vol smaak, textuur en zorg.
Hier komt ons vakmanschap echt tot zijn recht. Al jaren creëren we gerechten die comfort, creativiteit en consistentie samenbrengen — van ovenklassiekers tot inspiraties uit keukens van over de hele wereld.
Elke maaltijd verdient een finishing touch. Deze toevoegingen brengen een extra laag smaak, textuur en creativiteit en maken van elk bord een complete ervaring. Van kleurrijke groenten tot rijke sauzen en zorgvuldig afgewerkte garnituren: het zijn de details die het verschil maken
Voorgerechten & hapjes
Nog vóór het hoofdgerecht starten we graag met creativiteit en kleur. Onze chefs toveren alledaagse favorieten om tot verrassende voorgerechten — vol smaak, textuur en zorg.











Hier komt ons vakmanschap echt tot zijn recht. Al jaren creëren we gerechten die comfort, creativiteit en consistentie samenbrengen — van ovenklassiekers tot inspiraties uit keukens van over de hele wereld.












Bijgerechten
Elke maaltijd verdient een finishing touch. Deze toevoegingen brengen een extra laag smaak, textuur en creativiteit en maken van elk bord een complete ervaring. Van kleurrijke groenten tot rijke sauzen en zorgvuldig afgewerkte garnituren: het zijn de details die het verschil maken.






Begin april 2025 markeerde een bijzonder moment. Na maanden van voorbereiding werd de overname van Sveltic in Rennes begin april succesvol afgerond.
Tijdens de eerste analyse van deze opportuniteit werd al snel duidelijk dat dit een sterke strategische match was voor What’s Cooking?. De brede mogelijkheden binnen het productassortiment, de combinatie van gekoelde en diepvriesproducten en de veelzijdigheid van het bedrijf spraken ons meteen aan.

Een bedrijf overnemen brengt uiteraard ook uitdagingen met zich mee. We waren ons er dan ook van bewust dat deze een impact zouden hebben op de lokale site en het team. Op korte termijn betekende dit het uitvoeren van de carve-out uit de voormalige moederorganisatie, terwijl de dagelijkse activiteiten gewoon moesten blijven doorgaan. Op middellange termijn ging het om het definiëren van nieuwe projecten, concepten, markten en segmenten. Nog geen zeven maanden na 1 april rolden al nieuwe producten voor zowel nieuwe als bestaande klanten en markten van de productielijnen.


Cooking?





Om dit mogelijk te maken, waren in de eerste maanden van de transitie een aantal principes cruciaal. In de eerste plaats: empowerment en een sterk vertrouwen in het lokale team. Vanaf het begin hielden we dagelijks informeel contact tussen het lokale team en de bredere organisatie. Zo leerden we de lokale manier van werken beter kennen, identificeerden we de sterke punten die we wilden behouden en bepaalden we waar de groep ondersteuning kon bieden voor de toekomst.
Dat brengt ons bij een tweede sleutelprincipe: nabijheid. Dicht bij de site zijn, met elkaar in gesprek gaan en elkaars processen, werkwijzen en uitdagingen zo concreet mogelijk begrijpen.
Concreet betekende dit dat er per discipline werkstromen werden opgezet, waarbij nieuwe collega’s uit Rennes rechtstreeks side by side samenwerkten met What’s Cooking-collega’s van andere sites om de toekomstige processen vorm te geven.
Deze day by day, side by side-aanpak werd verder versterkt door een voortdurende aanwezigheid op de site in Rennes. Een dedicated integratiemanager werd aangesteld om ter plaatse te zijn — niet alleen om het project te leiden, maar ook om verbindingen binnen de organisatie te versterken en culturele verandering te begeleiden. Daarnaast bood de Franse sitedirecteur van onze bestaande locatie waardevolle ondersteuning bij het waarborgen van de operationele continuïteit en het uittekenen van de structuur voor de toekomst.
Dicht bij de site en bij de mensen staan is het sterkste signaal dat je kan geven om collega’s uit te nodigen hun vragen en uitdagingen te delen — en ze samen op te lossen. Alleen zo kunnen we als groep én als collega’s dichter naar elkaar toegroeien.
Vanaf dag één waren we transparant over de waarden die we binnen ons bedrijf willen uitdragen en spraken we openlijk over onze ambities voor de toekomst. Uiteraard moest die transformatie ook zichtbaar worden: aanpassingen aan het gebouw, de inrichting en de werkkledij helpen allemaal om het gevoel te versterken dat we deel uitmaken van een nieuwe groep.
Vandaag kunnen we zeggen dat we sterke ambities hebben voor de site in Rennes in de komende jaren.


Day by day, side by side zullen we deze groeiplannen samen omarmen en vormgeven

Bij What’s Cooking? blijft duurzaamheid de kern van onze strategie en van alles wat we doen. Het is voor ons iets heel vanzelfsprekends, het zit in onze natuur. Duurzaamheid wordt voor ons ook niet alleen gemeten in compliance-gerichte tabellen en complexe formuleringen – daarom hebben we bewust geprobeerd van deze duurzaamheidsverklaring een leesbaar document te maken en gaat dus verder dan een puur compliance-rapport.
We willen duurzaamheid ook combineren met organische groei, wat essentieel is voor zowel financiële prestaties als duurzaamheid op langere termijn. Daarom focussen we naast absolute cijfers ook op ‘intensity’ KPI’s en doelstellingen.
Net als vorig jaar bouwen we onze duurzaamheidsverklaring op rond de meest materiële thema’s voor onze groep (waarbij we onze dubbele materialiteitsmatrix opnieuw hebben geëvalueerd op basis van de meest recente richtlijnen). Deze materiële thema’s integreren we in de pijlers van onze duurzaamheidsstrategie: GOOD FOOD FOR ALL, PROTECT OUR PLANET en HELP PEOPLE FLOURISH. Elk van deze pijlers is essentieel om onze overkoepelende doelstellingen te realiseren en we zijn blij te kunnen melden dat we opnieuw vooruitgang hebben geboekt. Er blijft echter nog veel werk te doen en we zijn zeker niet perfect, maar we streven ernaar elke dag beter te worden.
Vervolgens gaan we dieper in op elke pijler, waarbij we de belangrijkste thema’s en hun belang toelichten, evenals bestaande policies of systemen, vastgelegde doelstellingen en acties die tot nu toe zijn ondernomen. Elk thema onderstreept onze inzet voor een betekenisvolle milieu- en sociale impact.
Openheid en transparantie zijn essentieel. We willen graag de realisaties benadrukken waar we trots op zijn, zoals het feit dat we opnieuw een EcoVadis zilveren medaille hebben behaald, dat onze SBTi-doelstellingen werden gevalideerd en dat we onze recent overgenomen productiesite in Rennes meteen hebben kunnen opnemen in onze duurzaamheidsmetingen en doelstellingen. Alle historische cijfers omvatten ook de site in Rennes en we hebben een initiële footprint berekend voor alle Rennes-producten, zodat we ons kunnen richten op toekomstige verbeteringen in Rennes én op onze andere sites. Tegelijk weten we dat er nog werk aan de winkel is. We blijven werken aan het verlagen van de CO2-intensiteit van onze producten, onderzoeken verder hoe we het gasverbruik (en dus fossiele brandstoffen) in onze processen kunnen verminderen en streven naar een nog lagere waterintensiteit. Ook op het ‘sociale’ vlak (in de breedste zin van het woord) blijven we inspanningen leveren. Dankzij onze vrijwilligers van de ‘social squad’ zijn we ervan overtuigd dat we hierover in 2026 nog veel meer met u kunnen delen.
Ook op het vlak van veiligheid en voedselverspilling denken we dat verdere vooruitgang mogelijk is. Dankzij de verzamelde data, de geïmplementeerde processen en de focus op duurzaamheid in alles wat we doen, zullen we onze inspanningen meer dan ooit voortzetten.


Duurzaamheid is een gezamenlijke inspanning, daarom benadrukken we het belang van het creëren van een duurzaamheidscultuur binnen onze organisatie. Ons engagement blijkt uit initiatieven zoals het ESG-ambassadeursprogramma, kwartaalinitiatieven rond ESG en specifieke evenementen die erop gericht zijn duurzaamheid in het hart en de mindset van elke medewerker te verankeren. Daarnaast zijn de tone at the top en het governance-model cruciaal bij het bepalen van de duurzaamheidsagenda. Met ons Sustainability Board Committee en het opnemen van duurzaamheid als terugkerend agendapunt in elke Executive Committee-vergadering zorgen we ervoor dat duurzaamheid een topprioriteit blijft en dat het belang ervan op elk leiderschapsniveau wordt benadrukt.
Ook richting onze klanten zetten we steeds meer initiatieven in om hen te helpen hun algemeen duurzaamheidsprofiel te verbeteren, of het nu gaat om CO2, verpakking of voedingswaarde. We rekenen op onze leveranciers om samen oplossingen te ontwikkelen die ons allemaal helpen de planeet beter te beschermen of onze voeding nog beter te maken, bijvoorbeeld vanuit nutritioneel perspectief. De omzetting van product- en verpakkingsinnovaties uit onze R&I-afdeling naar concrete producten bij klanten zal de komende jaren een belangrijke factor zijn in het bepalen van onze totale ecologische voetafdruk.
Dit eerste deel van de duurzaamheidsverklaring sluit af met een overzicht van onze strategische KPI’s en doelstellingen, en biedt een transparant beeld van onze ambities en onze vooruitgang richting duurzaamheid.
In de daaropvolgende Duurzaamheidsannex volgen we nauwgezet de vereisten van de ESRS (European Sustainability Reporting Standards), te beginnen met een gedetailleerde toelichting van de impact- en financiële materialiteitsanalyse. Elk materieel thema – op het vlak van milieu, sociaal en governance – wordt grondig besproken, met uitleg over de bijbehorende impacten, risico’s, opportuniteiten, policies, acties en KPI’s & doelstellingen. We verwijzen regelmatig naar de strategische sectie van onze duurzaamheidsverklaring om de afstemming tussen onze acties en onze overkoepelende doelstellingen te benadrukken.
Tot slot presenteren we onze Referentietabel ESRS-normen, die een volledig overzicht biedt om informatie over alle disclosure-vereisten volgens de ESRS-standaarden terug te vinden.
We hopen dat dit rapport u een goed beeld geeft van wat er in onze ‘cooking pot’ leeft, maar om echt te proeven hoe gepassioneerd we zijn om te veranderen voor een betere toekomst… aarzel niet om contact met ons op te nemen en ons te vragen: What’s Cooking?
Lore Muylle Group Sustainability Manager Yves Regniers CFO-CSO
“Openheid en transparantie zijn essentieel.”



• Klimaatverandering bestrijden
• War on waste winnen
• Verantwoord inkopen
Good food for all vormt de kern van ons bedrijf. We streven ernaar om van duurzame voedselconsumptie een vanzelfsprekende keuze voor iedereen te maken. Om dit te bereiken werken we actief aan het verbeteren van het nutritioneel profiel van onze heerlijke producten en zorgen we tegelijkertijd voor het algehele welzijn van onze consumenten. Een centraal element van onze strategie is het uitbreiden van onze portfolio van plantaardige, vegetarische en gemengde producten met een lagere CO2-intensiteit om al onze klanten en consumenten dagelijks duurzamere keuzes te bieden.
Protect our planet weerspiegelt onze vastberadenheid om klimaatverandering aan te pakken en het vaststellen van kortermijndoelstellingen voor scope 1, 2 en 3, die zijn gevalideerd door het SBTi (Science Based Targets Initiative), en die onze voortdurende inspanningen sturen om ons te aligneren met het Klimaatakkoord van Parijs. Nauw verwant is het probleem van waterschaarste en we zetten ons in om de wateronttrekking in onze fabrieken te verminderen. We erkennen het cruciale belang van het minimaliseren van voedselverspilling en we investeren in
• Het welzijn van de consument garanderen
• Verbeterde voeding promoten
• Portfolio vegetarische en plantaardige producten uitbreiden
• De veiligheid van medewerkers bewaken
• Engagement van medewerkers vergroten
• Mensenrechten respecteren

duurzame verpakkingsoplossingen. Bovendien kopen we onze ingredienten op verantwoorde wijze in.
Help people flourish onderstreept onze toewijding aan het creëren van een veilige en aantrekkelijke werkplek voor onze teamleden. Maar onze toewijding gaat verder dan ons bedrijf en omvat alle individuen die betrokken zijn bij onze waardeketen.
Bij What’s Cooking? is duurzaamheid meer dan een verplichting - het is een dagelijkse praktijk die verankerd is in de kern van ons bedrijf. We werken eraan om duurzame principes te integreren in elk aspect van onze activiteiten, omdat ze essentieel zijn voor onze missie en ons doel.
5,0
4,0
Zeer materieel
Verandering landgebruik en ontbossing
Klimaatverandering beperken

Verloning in de waardeketen
3,0


Materieel
2,0
1,0
0,0
Dierenwelzijn
Gezondheid & Veiligheid



Duurzame verpakkingen
Bodemverontreiniging











Veiligheid en Gezondheid eigen operaties



Bodem degradatie


Aanpassen aan klimaatverandering
rgie Afval

Due diligence
Water


Traceerbaarheid grondstoffen

Gezondheid en nutritie





WerknemersEngagement

Materieel
Financiële Materialiteit
Legende
De 3 pijlers van onze duurzaamheidsstrategie zijn het resultaat van het (dubbele) materialiteitsproces, waarbij we zowel interne als externe stakeholders hebben geraadpleegd en sector- en referentiegegevens hebben bekeken.
We hebben verschillende workshops gedaan met onze belangrijke stakeholders, omdat we veel waarde hechten aan hun mening. Door middel van deze workshops konden we de impactmaterialiteit beoordelen, die de werkelijke of potentiële impact van ons bedrijf op mens en milieu weergeeft.
Naast deze inside-out beoordeling hebben we ook gekeken naar de impact van sociale en milieuthema’s op onze financiële prestaties, bekend als financiële materialiteit. Een team van interne experten beoor-
What’s Cooking? Jaarverslag 2025


Zeer materieel
deelde de bijbehorende risico’s en opportuniteiten en keek daarbij zowel naar de waarschijnlijkheid van optreden als naar de potentiële financiële impact.
Door de resultaten van de impactmaterialiteit uit te zetten op de verticale as en de financiële materialiteitsresultaten op de horizontale as, hebben we een dubbele materialiteitsmatrix gemaakt. Deze matrix geeft een duidelijk beeld van de belangrijkste onderwerpen voor What’s Cooking? en stelt ons in staat om de prioriteiten te identificeren.
De gedetailleerde beschrijving van het proces is te vinden in de Duurzaamheidsannex.
Deze duurzaamheidsverklaring heeft niet alleen betrekking op de eigen activiteiten van What’s Cooking Group, maar ook op de waardeketen stroomopwaarts en stroomafwaarts.
Landbouwers
We krijgen waardevolle inzichten in de activiteiten van landbouwers via ons Leveranciers Engagement Programma (aangezien we geen directe relatie met de landbouwers hebben), geleid door onze duurzaamheidsprincipes. We moedigen onze directe leveranciers actief aan om samen te werken met landbouwers bij het aanpakken van belangrijke aspecten zoals dierenwelzijn, regeneratieve landbouw en het nemen van stappen om de ecologische voetafdruk van de producten die ze verbouwen te minimaliseren.
Leveranciers
We kopen onze grondstoffen, zoals vlees, zuivel, granen, groenten en andere ingrediënten, waar mogelijk aan bij zorgvuldig geselecteerde leveranciers. We erkennen dat onze leveranciers een belangrijke rol spelen in onze missie om verantwoorde voedingsproducten te leveren en vragen hen daarom onze Leveranciers gedragscode (‘Code of Conduct’) te ondertekenen, die is afgestemd op onze kernpraktijken op het gebied van duurzaamheid.
Om hun inzet voor duurzaamheid verder aan te moedigen, hebben we in samenwerking met EcoVadis een Leveranciers Engagement Programma opgezet. Via dit programma ondergaan leveranciers uitgebreide beoordelingen van hun duurzaamheidsprestaties op verschillende aspecten. We zetten ons in om langdurige relaties aan te gaan die duurzame en inclusieve groei bevorderen. Transparantie en een mentaliteit van voortdurende verbetering staan centraal in deze wederzijdse betrokkenheid.
Leveranciers spelen een cruciale rol in het vormgeven van onze duurzaamheidsstrategie. We betrekken hen bij de materialiteitsanalyse om onze belangrijkste thema’s te bepalen, zodat onze inspanningen aansluiten bij de zorgen en prioriteiten van onze ketenpartners. Daarnaast organiseren we regelmatig bijeenkomsten met een brede groep leveranciers, waarbij onze cross-functionele teams – bestaande uit onze aankoop- en duurzaamheidsteams en de verkoop- en duurzaamheidsteams van de leveranciers – samenkomen. Tijdens deze sessies bespreken we onderwerpen zoals CO2-voetafdruk, regeneratieve landbouw, plantaardige oplossingen en andere duurzaamheidsinitiatieven. Deze samenwerking levert waardevolle inzichten en ideeën op die niet alleen onze duurzaamheidsstrategie versterken, maar ook bijdragen aan de continue verbetering van onze bedrijfsvoering en innovatie.
What’s Cooking? team
Wij geloven in het inspireren van onze ongeveer 1 650 mensen om het doel van ons bedrijf te vervullen. Vanuit onze kernwaarden stimuleren we actief een cultuur waarin prestaties en duurzaamheid met elkaar verbonden zijn en waarin de sterke punten van onze lokale en wereldwijde aanwezigheid naadloos samenkomen. Om dit te bereiken hebben we een ESG-ambassadeursprogramma opgezet (zie verder voor meer details), bieden we duurzaamheidstrainingen aan en betrekken we onze interne stakeholders bij het materialiteitsbeoordelingsproces. De sociale dialoog met ondernemingsraden en personeelsvertegenwoordigers is belangrijk voor ons. Samen streven we naar een innovatieve benadering van de ontwikkeling van vaardigheden, waarbij we onze medewerkers de capaciteiten geven die ze nodig hebben voor hun huidige en toekomstige functies.
Door middel van de engagementvragenlijst proberen we het geluk en welzijn van onze mensen te monitoren en vragen we hun input over hoe we de What’s Cooking? werkomgeving verder kunnen verbeteren. Dankzij dit feedbackmechanisme kunnen we onze praktijken voortdurend verbeteren en aanpassen om een meer ondersteunende en aangename werkomgeving voor onze teamleden te creëren.
Creëren & koken
Onze producten worden zorgvuldig bereid door onze ervaren collega’s in 6 vestigingen in Europa en het Verenigd Koninkrijk, waarbij de nadruk ligt op voedselkwaliteit, smaak, nutritionele verbetering en duurzaamheid. Op elk van deze locaties geven we prioriteit aan veiligheid, operationele uitmuntendheid, vermindering van koolstofuitstoot, verantwoord waterbeheer en minimalisering van voedselafval. In 2025 gebruikten we 100% hernieuwbare elektriciteit en in de komende jaren zullen we ook streven naar vermindering of omschakeling van het gasverbruik.
Verpakking
We streven naar voortdurende verdere innovatie in verpakkingsoplossingen, met een primaire focus op het verminderen van verpakkingen, het verbeteren van ‘designed for recycling’-verpakkingen en het verlengen van de houdbaarheid van producten (en dus het verminderen van voedselverspilling). We hebben op dit vlak grote vooruitgang geboekt met onze topseal-investeringen en de uitrol in 2025 (een aanzienlijke vermindering van plastic ten opzichte van onze oude ‘blister’-verpakking) – en de komende jaren volgen er nog meer verbeteringen.
Opslag-, distributie- & supply chain-oplossingen
We werken samen met onze logistieke partners om hun CO2-voetafdruk te beoordelen en het deel van de uitstoot dat samenhangt met What’s Cooking? te delen. We stimuleren actief het stellen van ambitieuze reductiedoelstellingen in lijn met het Klimaatakkoord van Parijs en werken samen om strategieën te onderzoeken voor het verminderen van koolstofemissies in transport en opslag. Samen minimaliseren we voedselverspilling door middel van oplossingen voor de toeleveringsketen. We implementeren een Advanced Planning System (APS) in de hele toeleveringsketen. Dit volledig end-to-end geïntegreerde platform voor de hele What’s Cooking? groep bestaat uit demand planning (DP), rough-cut capacity planning (RCCP), master production scheduling (MPS) en het naadloos koppelen hiervan ter ondersteuning van het What’s Cooking? Sales & Operations proces. Het doel van Project OnePlan is om onze klanten beter van dienst te zijn dankzij nauwkeurigere vraagplanningen (DP) waardoor we op langere termijn de juiste beslissingen kunnen nemen over capaciteitstoewijzing. Dit bedrijfsproject kan duidelijk worden gerelateerd aan twee belangrijke strategische pijlers, namelijk innovatie en duurzaamheid. Door gebruik te maken van machine-learning en artificiële intelligentie kunnen we verspilling in onze supply chain verder terugdringen dan ooit voor mogelijk werd gehouden.
Foodservice, groothandel & B2B
Bij What’s Cooking? willen we alle consumenten van dienst zijn en oplossingen bieden voor thuis en buitenshuis eten. We bieden zowel merkproducten als huismerkproducten. Onze focus is om ervoor te zorgen dat alle consumenten kunnen genieten van onze heerlijke, voedzame, duurzame en betaalbare kant-en-klaarmaaltijden. Daarbij streven we er telkens naar om het juiste product, de juiste verpakking & de juiste oplossing voor de klant te vinden. We bieden zowel diepvriesproducten als verse producten aan en bieden verschillende logistieke oplossingen om afval verder in de toeleveringsketen tot een minimum te beperken. Daarbij aarzelen we niet om anderen in te schakelen. Bijvoorbeeld door partnerschappen aan te gaan met groothandelaars om onze producten te leveren aan individuele restaurants, pubs, bars maar ook ziekenhuizen en business-to-business klanten.
Bij What’s Cooking? versterken we onze samenwerking met retailers om duurzame en gezonde voedselkeuzes te stimuleren. We stemmen producten af op lokale smaken en activeren onze merken samen met onze retail partners. Duurzaamheid is onze gedeelde focus: we stemmen strategieën af over de hele waardeketen en betrekken retailers bij onze dubbele materialiteitsanalyse. We zetten in op transparantie en bewustmaking door data te delen en samen naar oplossingen te zoeken voor een duurzamere toeleveringsketen die aansluit bij milieubewuste consumenten.
Een groot deel van de omzet van de groep komt uit private label-producten, waaronder kant-en-klare maaltijden zoals lasagne, pasta-, aardappelgerechten en zowel internationale als lokale klassiekers. We willen onze producten DELICIOUS, NUTRITIOUS, AFFORDABLE & SUSTAINABLE maken. De groep wil het aandeel plantaardige en vegetarische producten vergroten, evenals blended opties (waarbij we een deel van de dierlijke eiwitten vervangen door alternatieve ingrediënten). Het is echter belangrijk te vermelden dat receptwijzigingen voor private label-producten goedkeuring van de merkeigenaars vereisen. Voor onze eigen merken hebben we meer flexibiliteit om recepten aan te passen, al blijven we afhankelijk van afspraken met retailers om ervoor te zorgen dat deze producten ook effectief in de rekken liggen.
Consumenten
We luisteren naar en reageren op de snel veranderende verwachtingen van consumenten over de hele wereld en minimaliseren onze ecologische voetafdruk en verbeteren het nutritioneel profiel van onze producten. Zo kunnen we tegemoetkomen aan hun wensen voor lekkere, duurzame voedingsproducten die gemakkelijk te eten zijn.
Via consumentenpanels zorgen we ervoor dat we hun verwachtingen begrijpen en houden we rekening met hun input bij het vormgeven van onze strategie. Door deze directe betrokkenheid bij consumenten blijven we op de hoogte van hun voorkeuren en behoeften, waardoor we onze beslissingen kunnen sturen in ons streven naar voortdurende verbetering van de kwaliteit en duurzaamheid van ons aanbod.
Aandeelhouders
Als innovatieve voedingsmiddelengroep omarmen we het concept van duurzame gedeelde waarde creatie, met zorg voor zowel mens als planeet. We hebben er alle vertrouwen in dat we, dankzij onze toewijding aan al onze stakeholders en de sterke Strategie 2030 die we hebben ontwikkeld, elke dag opnieuw meer waarde zullen creëren voor elke aandeelhouder.
Ondernemers
We zijn zelf ondernemers. We werken samen met startups die onze visie op een duurzame voedseltoekomst delen. Door strategische samenwerkingen met innovatieve bedrijven die unieke producten en disruptieve modellen introduceren, versnellen we hun groei door ze onze expertise en middelen te bieden. Bovendien zullen deze samenwerkingen niet alleen ons ecosysteem verrijken, maar ook onze organisatie doordrenken met een ondernemersgeest die ons helpt om wendbaar te blijven en ons aan te passen in een snel veranderend marktlandschap.
Onderzoekers
Onze groeistrategie legt sterk de nadruk op onderzoek naar strategische gebieden zoals voedselveiligheid, nutritionele waarde, duurzame verpakking en alternatieve eiwitbronnen. Met behulp van de wetenschap proberen we ons inzicht in gezondheids- en voedingskwesties te verbeteren en deze kennis in te zetten om onze voedingsproducten en productstrategieën voortdurend te optimaliseren. Open innovatie met leveranciers en samenwerkingsverbanden met universiteiten in Italië, het Verenigd Koninkrijk, Nederland en België helpen ons om het oude uit te dagen en het nieuwe te ontwikkelen.
Stakeholder Engagements-strategie
Landbouwers en leveranciers
Medewerkers
Klanten
Consumenten
Aandeelhouders
Publieke organisaties
Gemeenschappen
Communities
Bij What’s Cooking? zijn we betrokken bij de gemeenschappen rondom onze productiefaciliteiten en proberen we negatieve impacten te beperken en onze positieve invloed te vergroten. We ondersteunen ook lokale gemeenschappen door bij te dragen aan goede doelen.
• Gedragscode voor leveranciers (‘Supplier code of Conduct’)
• Betrokkenheid bij materialiteitsbeoordeling
• Leveranciers Engagement Programma
- Duurzaamheidsbeoordeling met scorekaart en verbeterplan
• CO2 beoordeling via koolstofactiemodule met scorekaart en verbeterplan
- Cross-functionele meetings
- Opleiding
• Business Code of Conduct
• Communicatie met medewerkers via de tweemaandelijkse nieuwsbrief
• Evaluaties van prestaties en loopbaanontwikkeling
• Betrokkenheid bij materialiteitsbeoordeling
• Leadershift calls
• Opleiding
• Collectieve onderhandelingen
• Welzijnsprogramma’s voor medewerkers op maat voor elke vestiging en elk land
• Bedrijfsbeoordelingen
• Betrokkenheid bij materialiteitsbeoordeling
• Klantaudits en vragenlijsten
• Functionele vergaderingen met Duurzaamheid, Verkoop & Marketing, R&D, Kwaliteit, Inkoop
• Dagelijkse betrokkenheid in het veld
• Projecten voor optimalisatie van de waardeketen & gezamenlijke verbeteringsprojecten
• Consumenten smaakpanels
• Website
• Sociale media
• Jaarverslag
• Jaarlijkse aandeelhoudersvergadering
• Betrokkenheid bij materialiteitsbeoordeling
• Jaarverslag
• Bezoeken & roadshows/webinars in samenwerking met geselecteerde partners
• Betrokkenheid bij materialiteitsbeoordeling
• Deelname aan werkgroepen van sectorverenigingen
• Bijeenkomsten en presentaties
• Betrokkenheid bij materialiteitsbeoordeling
• Sociale media
Moeder Natuur
Bij What’s Cooking? erkennen we Moeder Natuur als een belangrijke stakeholder. In de reis naar duurzaamheid. Als bewoners van een planeet met eindige hulpbronnen begrijpen we de noodzaak om binnen de planetaire grenzen te opereren om het welzijn van toekomstige generaties te garanderen. We erkennen dat de ingrediënten die we gebruiken, de processen die we toepassen en de voetafdruk die we achterlaten invloed hebben op de delicate balans van onze gedeelde omgeving. Met dit bewustzijn streven we ernaar om onze ecologische voetafdruk te minimaliseren en duurzame praktijken te omarmen in onze hele toeleveringsketen, dag na dag en zij aan zij.
We hebben onze stakeholders in twee categorieën ingedeeld
• ‘Affected’ stakeholders
Individuen of groepen wiens belangen worden beïnvloed of zouden kunnen worden beïnvloed - positief of negatief - door de activiteiten en directe en indirecte zakelijke relaties van What’s Cooking? binnen onze waardeketen.
Onder deze categorie vallen landbouwers en leveranciers, onze medewerkers, onze klanten, onze consumenten, onze gemeenschappen en Moeder Natuur. Het is erg belangrijk om met deze stakeholders in gesprek te gaan om hun zorgen te begrijpen en rekening te houden met hun inbreng. Door hen actief te betrekken bij onze besluitvormingsprocessen kunnen we beter inspelen op hun behoeften en voorkeuren, sterkere relaties bevorderen en ervoor zorgen dat onze acties bijdragen aan positieve resultaten voor alle betrokken partijen. Tijdens onze vergaderingen met het duurzaamheidscomité binnen de Raad van Bestuur worden de meningen en belangen van betrokken stakeholders met betrekking tot duurzaamheids-gerelateerde impacten besproken.
• Gebruikers van de duurzaamheidsverklaringen Primaire gebruikers van onze financiële verslaggeving voor algemene doeleinden (bestaande en potentiële investeerders, kredietverstrekkers en andere crediteuren, waaronder vermogensbeheerders, kredietinstellingen, verzekeringsmaatschappijen), en andere gebruikers van onze duurzaamheidsverslagen, waaronder onze zakelijke partners, vakbonden en sociale partners, maatschappelijke en niet-gouvernementele organisaties, overheden, analisten en academici.
Investeerders, banken, overheden, publieke organisaties, onderzoekers, etc. vallen ook onder deze categorie stakeholders. Het is van cruciaal belang om uitgebreide en transparante duurzaamheidsinformatie te verstrekken om aan de uiteenlopende behoeften van deze stakeholders te voldoen, geïnformeerde besluitvorming mogelijk te maken en vertrouwen en verantwoordelijkheid in onze activiteiten te bevorderen.
What’s Cooking? Jaarverslag 2025


Het welzijn van de consument garanderen
Waarom is dit belangrijk voor ons?
Bij What’s Cooking? is de toewijding om het welzijn van de consument en de voedselveiligheid te garanderen niet alleen een bedrijfsverantwoordelijkheid, het is een kernwaarde die elk aspect van onze activiteiten doordringt. Dit is waarom deze toewijding voor ons de hoogste prioriteit heeft:
Consumentenvertrouwen en gezondheid:
Onze belangrijkste prioriteit is het welzijn van onze consumenten. We geloven dat we door veilige en hoogwaardige voedingsproducten te leveren niet alleen hun gezondheid beschermen, maar ook hun vertrouwen verdienen en behouden. We hanteren de kwaliteitsnormen die onze klanten verwachten en zorgen ervoor dat onze producten perfect aansluiten bij hun voorkeuren en wensen.
Milieu- en economische effecten:
Naast de individuele gezondheid heeft onze toewijding aan voedselveiligheid verstrekkende gevolgen. Door te voorkomen dat voedsel moet worden teruggeroepen, dragen we actief bij aan het verminderen van de impact op het milieu en het minimaliseren van de bijbehorende economische kosten.
Strikte normen naleven:
We zijn er trots op dat we voldoen aan de strenge normen van wereldwijd erkende instanties zoals IFS en BRC (International Food Safety en British Retail Consortium).
Voortdurende verbetering en aanpassingsvermogen: Kwaliteit is geen statisch gegeven; het is een reis van voortdurende verbetering. Onze investeringen in technologie en het cultiveren van een robuuste voedselveiligheids- en kwaliteitscultuur tonen ons aanpassingsvermogen. We omarmen verandering om voorop te blijven lopen in de eisen van de sector en zorgen ervoor dat onze producten gelijke tred houden met de behoeften van de consument.
Onze Policies en Systemen
Om de levering van veilige producten te garanderen, hebben we strenge veiligheidsprotocollen geïmplementeerd in de hele toeleveringsketen. Al onze vestigingen houden zich aan de kwaliteitsnormen van het Global
Verbeterde voeding promoten
Waarom is dit belangrijk voor ons?
De erkenning van het belang van voedzame en evenwichtige voeding vormt de kern van onze identiteit als voedingsgroep. Het is een van de sleutelelementen in ons streven om DELICIOUS, NUTRITIOUS, AFFORDABLE & SUSTAINABLE producten te ontwikkelen.
Inspelen op de verwachtingen van de consument:
We zijn ons bewust van de uiteenlopende voorkeuren van onze consumenten en erkennen het verlangen naar niet alleen lekkere, maar ook voedzame opties. We streven ernaar om een reeks keuzes te bieden die aansluiten bij verschillende smaken en voorkeuren.
Verantwoordelijkheid erkennen als voedingsmiddelengroep: Als voedingsgroep beschouwen we het als onze verantwoordelijkheid om (onderdelen van) een evenwichtige voeding aan te bieden, zo voedzaam mogelijk en zonder in te boeten op smaak. Als de smaak zou verminderen, zouden minder mensen onze producten kopen en zouden we minder impact hebben. Het is daarom essentieel dat we onze inzet voor zowel smaak als voedingswaarde waarmaken, zodat onze producten niet alleen voldoen aan de verwachtingen van consumenten, maar ook positief bijdragen aan hun algemene gezondheid en welzijn.
Food Safety Initiative (GFSI), een gerenommeerde wereldwijde non-profitorganisatie die zich inzet voor het standaardiseren van voedselveiligheidsnormen. Daarnaast streven we ernaar om samen te werken met leveranciers die zich houden aan de GFSI-normen.
Omdat we vinden dat voedselveiligheid nooit in het gedrang mag komen, hebben we de FSQR-Policy opgesteld die toegankelijk is op onze website https://whatscooking.group/storage/files/8d8e8429-7143-4faa-813d1a95bdf20642/pol-001-fsqr-en-whats-cooking-group-fsqr-policy-28april-2023.pdf
Onze Duurzaamheidsdoelstellingen
We streefden ernaar dat 100% van de productiefaciliteiten van What’s Cooking? tegen 2025 een hoger level IFS- of BRC-score zouden behalen, en we kunnen met trots zeggen: ‘het is gelukt’! Ons doel is nu dit niveau te behouden en de percentagescores in elke faciliteit de komende jaren verder te verbeteren.
Onze Duurzaamheidsacties
We betrekken onze teams actief door uitgebreide opleidingsprogramma’s aan te bieden, deelname aan belangrijke projecten te stimuleren en open communicatie te onderhouden. Deze samenwerkingsgerichte aanpak versterkt een sterke voedselveiligheidscultuur, waarbij elk teamlid zich inzet om de hoogste standaarden te waarborgen.
Daarnaast engageren we ons – naast de certificering van onze eigen sites – om ook onze toeleveringsketens te certificeren volgens de hoogste normen op het vlak van dierenwelzijn en milieuduurzaamheid, en om onze klanten aan te moedigen ons hierin te volgen voor hun private label-producten. Zo zorgen we ervoor dat onze producten niet alleen veilig zijn voor consumptie, maar ook ethisch en verantwoord worden geproduceerd.
Met deze inspanningen streven we ernaar producten te leveren die veilig, ethisch geproduceerd en van de hoogste kwaliteit zijn, als weerspiegeling van onze inzet voor het welzijn van onze consumenten en de planeet.
Onze
Onze aanpak om het nutritionele profiel van een product te verbeteren, wordt afgestemd op het type product en de rol ervan binnen de dagelijkse voeding. We beseffen dat sommige recepten van nature gezonder zijn dan andere. We helpen consumenten hun maaltijden in balans te brengen door een gevarieerd productportfolio aan te bieden en door duidelijke informatie te geven over ingrediënten, voedingswaarden en duurzaamheid, zodat zij weloverwogen keuzes kunnen maken.
Dit heeft geleid tot de ontwikkeling van een nutritioneel beleid met duidelijke doelstellingen. Deze doelstellingen gelden voor ons branded What’s Cooking?-portfolio, over verschillende geografische markten en doelgroepen heen. Voor private label-producten die in samenwerking met ons worden geproduceerd, stimuleren we de toepassing van ons What’s Cooking? Nutritioneel Beleid en maken we dit mogelijk door meer duurzame en nutritioneel gebalanceerde alternatieven te ontwikkelen. Dit beleid kan je terugvinden op onze website: https://whatscooking.group/ storage/files/18f979f7-2112-4364-97ed-24a18783a734/pol-002-ri-enwhats-cooking-group-nutritional-policy.pdf
Onze Duurzaamheidsdoelstellingen
We hebben een nutritioneel beleid opgesteld met duidelijke doelstellingen; het is ons doel dat ons branded portfolio tegen 2030 aan deze doelstellingen voldoet en dat we dit ook stimuleren voor ons private label-portfolio. We zijn al begonnen met het meten van de eerste drie KPI's, aangezien deze doelen deel uitmaken van de eerste fase van ons actieplan. De andere zullen volgen.
20% reductie van het aandeel rood vlees in het totale volume van ingrediënten tegen 2030 (ten opzichte van 2022)
Verbetering van de verhouding dierlijke/niet-dierlijke eiwitten tot 65/35 tegen 2030
Tegen 2030 bevat één portie van een Global Hero-maaltijd maximaal 50% van de dagelijks aanbevolen hoeveelheid toegevoegde suikers, natrium, verzadigd vet of totaal vet
Tegen 2030 zijn alle producten, inclusief plantaardige, vrij van kunstmatige aroma’s, kleurstoffen en bewaarmiddelen
Lancering van een portfolio van volkoren Global Hero-maaltijden tegen 2030
Gemiddeld 30% groenten en peulvruchten in de producten van ons portfolio tegen 2030
Onze Duurzaamheidsacties
Verantwoorde eiwitbronnen
What’s Cooking? zet zich in voor mens en planeet door meer duurzame en evenwichtige voedingskeuzes te stimuleren. We blijven herbekijken hoe eiwitten in ons portfolio worden gebruikt. Dit omvat het verminderen van het aandeel rood vlees en het prioritair inzetten van peulvruchten en lokaal geteelde eiwitbronnen in nieuwe recepten. Door smaak en mondgevoel te versterken met een minimale hoeveelheid dierlijke eiwitten, bieden we evenwichtige maaltijden met een lagere milieu-impact, terwijl we de smaken behouden die onze klanten en consumenten verwachten.
Verbeteren van de voedingswaarde van onze producten
Aangezien gemak en smaak belangrijke drijfveren blijven voor onze consumenten, bevatten sommige recepten traditioneel hogere niveaus van natrium, vet of toegevoegde suikers. Onze teams herformuleren maaltijden actief om deze nutriënten te verlagen, terwijl authentieke smaken behouden blijven, voedselveiligheid wordt gegarandeerd en traditionele bereidingswijzen worden gerespecteerd. We streven ernaar de authenticiteit van onze gerechten te bewaren door onze ingrediëntenlijst zo natuurlijk en herkenbaar mogelijk te houden en door traditionele kookmethoden te benaderen, terwijl we tegelijkertijd voedselveiligheid garanderen tijdens het volledige productieproces en de houdbaarheid van onze producten. Dit vormt een bijzondere uitdaging voor plantaardige en vegetarische producten.
Meer volkoren en vezels
Een hogere inname van vezels en volkorenproducten is essentieel voor de wereldwijde gezondheid, terwijl een lage consumptie nog steeds een van de belangrijkste voedingsgerelateerde gezondheidsrisico’s vormt. (Santos, J. V., et al. (2024). The state of health in the European Union (EU-27) in 2019: A systematic analysis for the Global Burden of Disease Study 2019. BMC Public Health, 24, Article 1374.)

We ontwikkelen volkorenvarianten van onze Global Hero-maaltijden die de geliefde smaak en textuur behouden, terwijl we recepten verrijken met groenten en peulvruchten om de voedingswaarde te verhogen en de milieu-impact te verlagen. Op die manier dragen we bij aan een betere gezondheid door een hogere inname van voedingsvezels.
Day by Day
Voor de reductie van rood vlees worden producten met een hoog volume geherformuleerd door varkens- en rundvlees gedeeltelijk te vervangen door groenten, zonder in te boeten op smaak. Tegelijk worden plantaardige eiwitten geïntroduceerd in blended recepten om de verhouding dierlijke/niet-dierlijke eiwitten te verbeteren en het aandeel groenten en peulvruchten in onze producten te verhogen. Deze acties vormen de basis voor het behalen van onze KPI-doelstellingen voor 2030; de voortgang hierover wordt gerapporteerd in het jaarverslag. We rapporteren KPI’s
voor ons volledige productportfolio. Hoewel we beslissingsrecht hebben over onze eigen merk producten, is onze rol bij private label-producten beperkt tot het actief stimuleren van verbeteringen, waarbij de uiteindelijke beslissingen door onze private label-partners worden genomen.
Daarnaast is voorbereidend werk gestart rond andere nutritionele KPI’s. Reformulatieprogramma’s worden opgezet om het algemene nutritionele profiel van producten te verbeteren, onder meer door natrium te verlagen met toekomstige doelstellingen. Een R&I-project loopt om geschikte zoutvervangers te identificeren voor bredere toepassing binnen het portfolio. Er wordt ook gewerkt aan interne richtlijnen om kunstmatige aroma’s, kleurstoffen en bewaarmiddelen geleidelijk uit te faseren. Tot slot is een projectteam aangesteld om vóór 2030 in alle fabrieken de productie van volkorenpasta voor lasagne mogelijk te maken.
Portfolio vegetarische en plantaardige producten uitbreiden
Waarom is dit belangrijk voor ons?
We streven ernaar om duurzame voedselconsumptie tot iets vanzelfsprekends te maken, zodat we iedereen van goed voedsel kunnen voorzien. Dit omvat een grotere nadruk op de centrale rol van diverse en plantaardige ingrediënten en producten.
Voldoen aan de vraag van de consument naar duurzaamheid: Dit is belangrijk omdat we willen voldoen aan de vraag van onze consumenten naar een duurzamer, voedzamer en evenwichtiger dieet. Het begrijpen van en inspelen op de veranderende voorkeuren van onze consumenten staat centraal in onze aanpak.
Impact op de koolstofvoetafdruk van producten:
De overstap naar plantaardige en vegetarische producten en ingredienten is van groot belang vanwege de aanzienlijke impact op de koolstofvoetafdruk van producten. Deze strategische verschuiving speelt een belangrijke rol in het behalen van onze CO2-reductiedoelstellingen, sluit aan bij onze bredere duurzaamheidsdoelstellingen en draagt bij aan een betere planeet.
Eten binnen de planetaire grenzen:
Met ons productportfolio helpen we consumenten voedingspatronen te kiezen die binnen de planetaire grenzen passen: maaltijden die mensen voeden en tegelijk de druk op land-, water- en klimaatsystemen verminderen. Door plantaardige of vegetarische kant-en-klare maaltijden aan te bieden, maken we het voor consumenten eenvoudiger om te kiezen voor opties die de gezondheid van zowel mens als planeet op lange termijn ondersteunen.
Onze Policies en Systemen
Het onderwerp van plantaardige en vegetarische producten komt ook aan bod in ons Nutritioneel Beleid, dat u kunt terugvinden op onze website: https://whatscooking.group/storage/files/18f979f7-2112-436497ed-24a18783a734/pol-002-ri-en-whats-cooking-group-nutritional-policy.pdf
We hanteren een menukaartbenadering om met onze klanten de implementatie van ‘nieuwe’ producten te bespreken (zie ook Protect our Planet – Klimaatverandering bestrijden – Onze duurzaamheidsacties). Voor de berekening van de duurzaamheidsimpact van de introductie van nieuwe producten gebruiken we de CO2-berekeningstool in onze ERP-software, in combinatie met een externe tool zodat we steeds over de meest recente databankinformatie beschikken.
Onze Duurzaamheidsdoelstellingen
15% van onze verkochte producten moeten plantaardig of vegetarisch zijn tegen 2030
20% reductie van het aandeel rood vlees in het totale volume van ingrediënten tegen 2030 (ten opzichte van 2022)
Verbetering van de verhouding dierlijke/niet-dierlijke eiwitten tot 65/35 tegen 2030
Onze Duurzaamheidsacties
Het is de overtuiging van What’s Cooking? dat steeds meer mensen en consumenten streven naar variatie in hun voedingspatroon. Een grote groep consumenten probeert dagen met vlees af te wisselen met vleesvrije dagen. Hun intenties worden onder meer gedreven door klimaat- en duurzaamheidsoverwegingen en door hun eigen gezondheid en welzijn. Voor deze groep consumenten willen we een assortiment producten aanbieden dat variatie en inspiratie stimuleert.
Op het vlak van productontwikkeling is het ons algemene doel om smakelijke en voedzame producten te ontwikkelen, en we hebben de ambitie om ons portfolio dag na dag te verbeteren en uit te breiden. Onze teams ontwikkelen momenteel actief plantaardige alternatieven voor onze “Global Hero”-producten, zoals macaroni & cheese. Voor lasagne is al met succes een plantaardig alternatief op de markt gebracht. Het verder uitbreiden van dit portfolio is een belangrijke focus om duurzamere consumptie te ondersteunen. Een van de belangrijkste uitdagingen is het vinden van geschikte alternatieven voor dierlijke eiwitbronnen zoals kaas, melkeiwitten en vlees. Deze vervangingen moeten nutritioneel gelijkwaardig zijn en tegelijk voldoen aan de verwachtingen rond clean label, aangezien veel plantaardige ingrediënten op de markt nog steeds meerdere additieven bevatten. Tegelijk moeten alle plantaardige producten voldoen aan ons nutritioneel beleid. Smaak blijft een niet-onderhandelbare voorwaarde: plantaardige alternatieven moeten even lekker zijn als producten met dierlijke ingrediënten, waarbij we zoveel mogelijk gebruikmaken van ingrediënten die men ook thuis in de keuken vindt. Ons doel is om duurzame voedselkeuzes vanzelfsprekend te maken, zonder dat consumenten moeten inboeten op smaak of kwaliteit.
Klimaatverandering bestrijden • Klimaatverandering & Energieverbruik en -mix
Waarom is dit belangrijk voor ons?
Klimaatverandering is ontegenzeggelijk een van de meest urgente uitdagingen voor zowel huidige als toekomstige generaties en werpt een schaduw over verschillende industrieën, waaronder voedingsmiddelenbedrijven zoals het onze. Door de toenemende frequentie van extreme weersomstandigheden zoals overstromingen, droogte, branden en hittegolven in belangrijke inkoopregio’s lopen voedingsmiddelenbedrijven het risico dat de oogst van essentiële grondstoffen mislukt, wat kan leiden tot hogere grondstofprijzen en een beperkte beschikbaarheid.
Voor What’s Cooking? is het aanpakken van de klimaatverandering niet alleen een kwestie van aanpassing aan veranderingen in het milieu; het is een fundamenteel aspect van onze inzet voor duurzaamheid, gedreven door de volgende redenen:
Beschermen van toekomstige generaties en onze planeet: Onze betrokkenheid bij het aanpakken van klimaatverandering is diepgeworteld in de verantwoordelijkheid om het leven op aarde te beschermen en een bloeiende toekomst voor toekomstige generaties veilig te stellen.
Bij What’s Cooking? erkennen we dat we door de impact van klimaatverandering te beperken niet alleen het milieu beschermen, maar ook ons vermogen om toekomstige generaties te blijven voorzien van de voedzame en heerlijke voedselervaringen die ze verdienen.
Veerkracht in de toeleveringsketen:
Klimaatverandering vormt een directe bedreiging voor de stabiliteit van onze toeleveringsketen, vooral in regio’s die kwetsbaar zijn voor extreme weersomstandigheden. Door klimaatverandering aan te pakken, versterken we de veerkracht van onze toeleveringsketen en zorgen we voor een consistente en veilige bron van essentiële ingrediënten.
Economische duurzaamheid:
Mislukte oogsten en de daaropvolgende prijsstijgingen van grondstoffen vormen economische uitdagingen. Het beperken van de risico’s van klimaatverandering garandeert onze economische duurzaamheid door de impact van prijsvolatiliteit op onze bedrijfskosten te minimaliseren.
Figuur: Green House Gas Protocol categorieën - What’s Cooking?










Visie voor de lange termijn:
Klimaatverandering is een lange termijn uitdaging die een strategische en duurzame reactie vereist. Door prioriteit te geven aan het tegengaan van klimaatverandering geven we blijk van een vooruitziende visie en erkennen we de noodzaak van duurzame oplossingen die zowel ons bedrijf als het bredere ecosysteem ten goede komen.
Daarom hebben we de CO2 emissies van ons bedrijf in kaart gebracht, die bestaan uit onze scope 1-, 2- en 3-emissies.
Scope 1 omvat directe emissies van bronnen die we bezitten of exploiteren, zoals onze stationaire en mobiele verbrandingsmotoren, evenals proces- en vluchtige emissies. Scope 2 omvat indirecte emissies die vrijkomen bij de opwekking van ingekochte elektriciteit. Dit zijn twee emissiegroepen waarop What’s Cooking? een directe invloed kan hebben.
Tot slot is er Scope 3. Dit omvat alle emissies in onze waardeketen waarvoor wij als organisatie indirect verantwoordelijk zijn. Denk hierbij aan emissies van aangekochte goederen en diensten, transport stroomopwaarts en stroomafwaarts, bedrijfsafval, woon-werkverkeer van medewerkers, zakenreizen, het gebruik en einde van de levensduur van onze producten, etc.
Als voedingsverwerkend bedrijf is het geen verrassing dat het grootste deel van onze uitstoot zich in onze toeleveringsketen bevindt, en meer specifiek in het upstream gedeelte. Meer dan 90% betreft scope 3-emissies, waarvan ongeveer 90% afkomstig is van de producten die wij aankopen (ingrediënten en verpakkingen).
Echte partnerschappen zijn nodig om deze emissies en de koolstofintensiteit van producten te verminderen. Aangezien veel van deze emissies enkele stappen verder in de keten ontstaan dan onze directe leveranciers, moeten we samenwerken over de volledige waardeketen heen.




Onze Policies en Systemen
Het internationaal erkende Science Based Targets Initiative (SBTI) heeft onze kortetermijndoelstellingen voor emissiereductie gevalideerd. Deze doelstellingen sturen onze voortdurende inspanningen om onze CO2-voetafdruk te verkleinen en toe te werken naar afstemming op de doelstellingen voor de opwarming van de aarde van het Klimaatakkoord van Parijs.
In onze milieu policy, beschikbaar op onze website (pol-002-hse-en-whatscooking-group-environmental-policy-fv.pdf) engageren we ons om onze scope 1- en 2-emissies en scope 3-emissies gelinkt aan operationeel afval te beperken. We focussen daarbij sterk op het verlagen van energieverbruik en het overschakelen naar een duurzamere energiemix.
Via onze duurzame aankoop policy, streven we ernaar scope 3-emissies te reduceren die verband houden met grondstoffen en transport (upstream en downstream). Deze policy kan je ook vinden op onze website (pol-001proc-en-whats-cooking-group-procurement-policy.pdf).
In onze verpakkingspolicy zetten we in op meer gerecycleerd materiaal om de uitstoot gelinkt aan verpakkingen te verlagen: pol-002-ri-en-whatscooking-group-packaging-policy.pdf
Ons nutritioneel beleid (pol-002-ri-en-whats-cooking-group-nutritionalpolicy.pdf) beschrijft acties om producten met een lagere milieu-impact te ontwikkelen, onder andere door het uitbreiden van plantaardige en vegetarische opties, het verminderen van rood vlees en een betere balans tussen dierlijke en niet-dierlijke eiwitten.
Onze Duurzaamheidsdoelstellingen
Uitstoot van broeikasgassen:
Vermindering van de CO2-intensiteit van onze producten met 30% tegen 2030 (basis jaar 2022)
Korte termijn science-based doelstellingen:
52,5% reductie van scope 1&2 emissies tegen 2030 (basis jaar 2022)
25% reductie van scope 3 industriële emissies tegen 2030 (basis jaar 2022)
30,3% reductie van scope 3 FLAG emissies tegen 2030 (basis jaar 2022)
Geen ontbossing gerelateerd aan onze belangrijkste ontbossingsgevoelige grondstoffen
We stelden ons als doel om tegen eind 2025 onze totale CO2-voetafdruk (scope 1, 2 en 3 emissies) met 10% te verminderen. Dit doel hebben we behaald en we hebben inmiddels al een totale reductie van 15,4% gerealiseerd.
Energie
100% hernieuwbare elektriciteit
Figuur: Scope 1, 2 and 3 What’s Cooking? 2024.
Scope 1 & 2 emissies
4 %
Scope 3 emissies
96 %



Bill of material
Onze Duurzaamheidsacties:
Transitieplan voor mitigatie van klimaatverandering
Dashboard product carbon footprint
We berekenen de CO2-voetafdruk van al onze producten. Vertrekkend van een lijst met alle aangekochte grondstoffen, koppelen we aan elke grondstof een emissiefactor. Via de stuklijst (bill of materials) gebruiken we onze kostentool om niet de kost, maar de CO2-voetafdruk van elk product te berekenen. Zo krijgen we bijvoorbeeld de totale voetafdruk van een lasagne bolognaise.
De opsplitsing van de productvoetafdruk geeft waardevolle inzichten in welke categorieën het meest bijdragen aan de totale milieu-impact. Deze transparantie stelt onze interne Research & Innovation (R&I)-teams in staat om gericht recepten aan te passen. Waar mogelijk vervangen we koolstofintensieve grondstoffen volledig of gedeeltelijk door duurzamere alternatieven, zoals plantaardige ingrediënten. Met deze datagedreven aanpak optimaliseren we onze productherformulaties en verlagen we onze CO2-voetafdruk.

Daarnaast organiseren we opleidingen rond product carbon footprint voor onze interne teams van Research & Innovation, Sales & Marketing, Specificatiebeheer en Aankoop. Door hen deze kennis mee te geven, kunnen zij strategisch met recepten omgaan en actief bijdragen aan het verlagen van de productvoetafdruk binnen ons assortiment. Aankoop gaat hierover in gesprek met leveranciers, Sales & Marketing met klanten, en R&I werkt aan het verbeteren van onze producten.
Scope 1 & 2
Opwarmen van product door de eindconsument
kruiden en specerijen
groenten
verpakkingen zuivel granen
Downstream transport eieren water, afval en industriële gassen
vlees




Behaaldereductie


Decarbonisatie hefbomen Scope 1&2
Masterplan Koeling: Overschakelen op koelmiddelen met een lage GWP (global warming potential)
Via ons Masterplan Koelen zetten we ons in om tegen 2030 in al onze vestigingen over te schakelen op koelmiddelen met een laag opwarmingspotentieel. Als onderdeel van dit streven hebben we ervoor gekozen om ammoniak (NH3) en CO2 te kiezen als koelmiddelen. Ammoniak heeft een emissiefactor van nul, wat resulteert in een volledige eliminatie van emissies die verband houden met koelmiddelen. CO2 heeft logischerwijs een emissiefactor van één. Door over te schakelen op deze koelmiddelen en gesloten systemen, evolueren we naar nul emissies afkomstig van koelmiddelen.
Elektrificatie van bedrijfswagens
Vanaf 2024 heeft What’s Cooking? besloten om nieuwe elektrische leasewagens ter beschikking te stellen. Deze strategische keuze is erop gericht om de uitstoot van onze bedrijfswagens aanzienlijk te verminderen.
Groene Energie
In 2024 en 2025 zijn we met succes overgestapt op de aankoop van 100% van onze elektriciteit uit hernieuwbare bronnen, wat resulteerde in een onmiddellijke vermindering van bijna 100% van onze scope 2-emissies. We onderzoeken ook de technische haalbaarheid om in de toekomst over te stappen van gasgestookte stoomketels naar elektrische stoomketels, waardoor we minder afhankelijk worden van fossiele energiebronnen.
We blijven onderzoeken hoe we het gebruik van zonne-energie op onze sites kunnen verhogen, aangezien dit binnen ons elektriciteitsverbruiksprofiel de juiste keuze blijft.
Energie-efficiëntie Maatregelen
Bij What’s Cooking? zetten we ons in om onze CO2-voetafdruk te verkleinen via diverse energie-efficiëntiemaatregelen. Dankzij de opvolging van onze KPI’s kunnen we de effectiviteit van deze acties monitoren. Belangrijke verbeteringen komen voort uit een grondige, end-to-end analyse van onze activiteiten en energiestromen.
Cooking?

Zo werken we in Marche aan de optimalisatie van het thermische oliecircuit in combinatie met de ovens. Aangezien deze systemen deel uitmaken van onderling verbonden warmtenetwerken, moet de optimalisatie gebeuren over meerdere installaties heen. De eerste resultaten zijn veelbelovend en zullen volgend jaar verder worden ontwikkeld.
Daarnaast hebben we audits uitgevoerd om bijkomende verbeterkansen te identificeren, zoals het controleren van stoomafscheiders om het energieverbruik te optimaliseren. Tegelijk blijven we investeren in het vergroten van het energiebewustzijn bij onze teams. Deze initiatieven worden verder uitgerold binnen ons volledige netwerk.
We blijven ook inzetten op real-time monitoring, waarbij slimme meettoestellen in onze fabrieken zijn geïnstalleerd. Deze maken het mogelijk om het energieverbruik gedetailleerd op te volgen, zodat we tijdig kunnen bijsturen en continu verbeteren. Het doel is om meer inzicht en detail te krijgen in ons energiegebruik.
Technologie evolueert snel en leveranciers en machinebouwers introduceren voortdurend nieuwe technologieën die energiebesparingen opleveren. Bij de vervanging van oudere installaties wordt de milieu-impact van elke investering geëvalueerd. In Deeside installeren we nieuwe luchtcompressoren die een elektriciteitsbesparing van 20% opleveren en tegelijk de capaciteit van de installatie verhogen. Dit toont aan hoe onze ESG-doelstellingen geïntegreerd zijn in onze dagelijkse strategie.
Voortgang implementatie transitieplan scope 1 & 2 emissies
We hebben al een aanzienlijke vermindering bereikt van 44.5% of ongeveer 14.000 ton CO2e in onze Scope 1 & 2 emissies ten opzichte van 2022, voornamelijk door de overgang naar 100% hernieuwbare elektriciteit. Een aanzienlijk deel van onze koelmiddelen is vervangen door alternatieven met een laag opwarmingspotentieel en het merendeel van ons bedrijfswagenpark rijdt nu op elektrische voertuigen.
Onze volgende grote uitdaging is het verder terugdringen van ons gasverbruik en we onderzoeken actief nieuwe technologieën om dit mogelijk te maken.






Decarbonisatie hefbomen Scope 3 FLAG
Er zijn een aantal zeer specifieke acties geïdentificeerd om de decarbonisatie van onze scope 3 FLAG-emissies te ondersteunen. Omwille van vertrouwelijkheid kunnen we niet alle details delen, maar geven we hieronder een algemeen overzicht. We werken nauw samen met partners zoals universiteiten en andere onderzoeksinstellingen om bijkomende opportuniteiten te identificeren. We groeperen de acties onder drie pijlers: Reduceren, Vervangen, Recycleren.
Reduceren (Reduce)
Een algemene vermindering van dierlijke eiwitten in onze producten (zoals rund, varken of andere bronnen), zonder impact op smaak of voedingswaarde, heeft de grootste impact op onze scope 3 FLAG-emissies. Dit kan door producten vegetarisch of vegan te maken, of door recepturen aan te passen met een lager aandeel dierlijke eiwitten. Voor sommige consumenten maakt dit de overgang ook aanvaardbaarder.
Daarnaast omvat “reduceren” ook het verlagen van de CO2-voetafdruk van resterende dierlijke eiwitten, bijvoorbeeld via CO2-gereduceerd vlees of kaas. What’s Cooking biedt hierin een brede waaier aan opties.
Vervangen (Replace)


Ingrediënten met de hoogste CO2-voetafdruk vervangen door alternatieven helpt om smaak en nutritionele balans te behouden, bijvoorbeeld door vlees of kaas te vervangen door plantaardige eiwitten. Tegelijk waken we erover zoveel mogelijk met herkenbare ingrediënten te werken. Het vinden van de juiste balans is niet altijd eenvoudig, maar we werken hier actief aan samen met onze klanten, zowel voor merk- als private labelproducten.
Recycleren (Recycle)
Zowel interne recyclage van nevenstromen als afvalrecyclage dragen bij aan een lagere CO2-voetafdruk. Recyclage is echter een laatste stap: onze prioriteit ligt bij afvalpreventie via ons ‘war on waste’-programma en andere initiatieven.
Voortgang implementatie scope 3 FLAG-transitieplan
We hebben onze FLAG-emissies reeds met 10,7% of ongeveer 33.000 ton CO2e verminderd ten opzichte van 2022. Dit is een sterke prestatie. Tegelijk beseffen we dat verdere reducties steeds moeilijker worden. Een belangrijke uitdaging blijft om onze groei te combineren met verdere daling van FLAG-emissies, voorbij een loutere intensiteitsreductie (CO2e/kg).





OrganischegroeiBehaaldereductieeind2025Leveranciersengagement Transport optimalisatieVerpakkingsreductieplanEmissiesgerelateerdaanbrandstoffenenenergie AfvalreductieGebruikvanverkochteproductenEindelevensduurverkochteproducten
Decarbonisatie hefbomen Scope 3 Industrieel
Leveranciers engagement
Naast onze FLAG-gerelateerde acties gaan we in gesprek met onze directe leveranciers om industriële scope 3-emissies verder stroomopwaarts in de waardeketen aan te pakken, inclusief bij landbouwers en primaire producenten. Hoewel we niet rechtstreeks met de leveranciers van onze leveranciers kunnen werken, treden we actief in dialoog over hoe zij de industriële emissies van de producten die ze aan ons leveren willen verminderen. Deze gesprekken focussen op maatregelen zoals het verhogen van het gebruik van hernieuwbare en koolstofarme energie, het verbeteren van energie-efficiëntie en het kiezen van geschikte, emissiearme machines en technologieën binnen hun eigen activiteiten en toeleveringsketens.
Transportoptimalisatie
We werken nauw samen met onze logistieke partners om hun CO2-voetafdruk te evalueren, waarbij ze transparant de emissies delen die verbonden zijn aan What’s Cooking?. We stimuleren ambitieuze reductiedoelstellingen in lijn met het Klimaatakkoord van Parijs. Door het gebruik van nieuwere, efficiëntere vrachtwagens en verbeterde beladingsgraden te bevorderen, werken we samen aan het verminderen van emissies.
Verpakkingsreductieplan

We verhogen het aandeel gerecycleerd materiaal, verminderen virgin plastic en schakelen over naar mono-materialen en verpakkingen met een lagere CO2-voetafdruk. Dit ondersteunt een circulaire economie en verlaagt scope 3-emissies.
Emissies gerelateerd aan brandstoffen en energie
Dit betreft upstream emissies van aangekochte brandstoffen en elektriciteit (winning, productie, transport) en transmissie- en distributieverliezen. Deze dalen mee met onze scope 1- en 2-emissies.
Afvalreductie
Zie onze acties rond voedselverspilling (War on Waste winnen – Voedselverspilling tegengaan – Onze Duurzaamheidsacties).
Gebruik van verkochte producten
We willen ook emissies tijdens gebruik beperken. Zo voorziet het “Sunny”-project dat producten zoals lasagne al in de fabriek worden gegratineerd, waardoor consumenten minder energie verbruiken bij opwarming.
Voortgang implementatie scope 3 Industrieel -transitieplan
We hebben industriële emissies van aangekochte goederen met 18% verminderd (t.o.v. 2022), wat neerkomt op ongeveer 62.000 tCO2e. Emissies uit verpakking en upstream transport daalden ook met meer dan 11.000 tCO2e. Emissies gelinkt aan brandstoffen en energie daalden mee met scope 2 dankzij groene elektriciteit. Ook het gebruik van verkochte producten ligt meer dan 8.000 tCO2e lager dan in 2022. Leveranciersbetrokkenheid blijft cruciaal om onze doelstellingen te halen.
Algemene financiële impact en verwachte impact van ons klimaatmitigatieplan
Bij het opstellen van ons lange termijn financieel plan (waarvan de meest recente versie loopt tot 2034) hebben we rekening gehouden met de capex- en opex-implicaties van onze SBTi-doelstellingen.Capex-inspanningen zijn gericht op de keuzes binnen Opole 2.0, evenals op verpakkingsinstallaties om in de komende jaren de verdere overgang naar duurzamere verpakkingsformaten mogelijk te maken. Op productniveau ligt de focus van de capex-inspanningen op het vernieuwen van apparatuur om het energieverbruik te verlagen en minder afval te genereren.
Opex-inspanningen zijn eveneens in overweging genomen. Het grootste deel van de opex-kosten wordt doorgerekend in de productkost en dus opgenomen in de prijs van de producten die we aan klanten verkopen. Andere opex-inspanningen, zoals waterreductie of hergebruik, brengen wel kosten met zich mee, maar zullen op lange termijn voordelen opleveren die de initiële opstartkosten compenseren. Andere opex, zoals verhoogde opleiding van personeel, zal – hoewel moeilijk meetbaar – naar verwachting op lange termijn voordelen opleveren (bijvoorbeeld door een vermindering van afvalkosten na training van productiecollega’s of door een toename van onze organische groei in duurzamere producten dankzij een versterkte R&I-bezetting).









Procesvoorbeelden omvatten samenwerking in de keten om CO2-gereduceerd vlees aan te bieden, onder meer via initiatieven rond dierenvoeding. We bekijken ook optimalisaties in de toeleveringsketen, zoals het verminderen van het watergehalte in tomatenpuree om transportemissies te verlagen. We zien belangrijke opportuniteiten om CO2-uitstoot te verminderen via samenwerking in de waardeketen en procesoptimalisatie.









Bij de evaluatie van menu-opties focussen we op smaak, nutritionele waarde, duurzaamheid en betaalbaarheid. Smaak is essentieel, want herhaalaankopen zijn nodig om echt een impact te hebben. Ook nutritionele waarde blijft cruciaal, aangezien consumenten hier geen compromissen willen. Niet elke optie hoeft de kost te verhogen, en betaalbaarheid voor alle consumenten blijft belangrijk. Tegelijk moeten we transparant zijn over mogelijke meerkosten en zorgen voor een eerlijke waardeketen. Daarom evalueren we telkens smaak, nutritionele score, CO2-reductie en de impact op de kostprijs (€ stijging of daling).


Vooruitgang in CO2-intensiteit door de jaren heen



We beschouwen CO2-intensiteit als een van de belangrijkste indicatoren om onze vooruitgang op te volgen. Uiteindelijk is dit de meest relevante maatstaf om te beoordelen of we effectief verbeteren terwijl we tegelijk verder groeien als bedrijf.
met die van onze klanten, hebben we een menukaart ontwikkeld met product-, verpakkings- en procesverbeteringen die de CO verminderen. Omdat veranderingen voortdurend nodig
zullen zijn, hebben we onze ‘menukaart’ onderverdeeld in voorgerechten (opties voor de korte termijn), hoofdgerechten (opties voor de middellange termijn) en nagerechten (opties voor de langere termijn). Het voordeel van een menukaart is dat we onze inspanningen kunnen richten op de belangrijkste items ‘op het menu’, terwijl we onze klanten de keuze laten welke items op het menu prioriteit hebben voor hen en hun consumenten.
Wij bieden opties voor verpakkingen, processen en producten. Bij What’s Cooking? zijn we ervan overtuigd dat we ons niet alleen op de verpakking kunnen richten. Verpakking vertegenwoordigt slechts 5% van de totale koolstofvoetafdruk van een product, maar het is een belangrijk en zeer visueel item voor consumenten. Daarom willen we ons richten op alle 3 componenten (Product, Verpakking en Proces). Gecombineerde inspanningen zijn nodig om de SBTI-doelstellingen te halen.
• Productvoorbeelden zijn onder meer plantaardige en vegetarische producten, maar ook herformuleringen van recepten, waarbij vlees wordt vervangen door gemengd vlees met alternatieve eiwitten of door andere ingrediëntwijzigingen.
• Verpakkingsvoorbeelden omvatten zowel een vermindering van de hoeveelheid verpakking, een evolutie naar recycleerbare verpakkingen als aanpassingen in omverpakkingen. Technologie evolueert snel, dus we willen hierin een voortrekkersrol blijven spelen.





We hebben reeds een reductie van 15% gerealiseerd in de totale CO2-intensiteit per ton verkocht product ten opzichte van ons referentiejaar 2022 – een belangrijke stap in ons duurzaamheidstraject. Voor deze berekening nemen we onze totale broeikasgasemissies en delen deze door het verkochte volume (in gewicht).
2022 2025
Waterbeheer
Waarom is dit belangrijk voor ons?
Klimaatverandering bestrijden:
Klimaatverandering is in de eerste plaats een watercrisis, zoals blijkt uit toenemende overstromingen, een stijgende zeespiegel, krimpende ijsvelden, bosbranden en droogte. We erkennen de onderlinge verbondenheid van water en klimaatverandering en ons streven naar effectief waterbeheer sluit aan bij onze bredere duurzaamheidsdoelstellingen.
Veerkracht opbouwen en de gevolgen van waterschaarste beperken: Duurzaam waterbeheer staat centraal bij het opbouwen van de veerkracht van samenlevingen en ecosystemen tegen de gevolgen van klimaatverandering, waaronder waterschaarste. Proactief waterbeheer helpt mogelijke verstoringen van onze activiteiten in regio’s met watertekorten te beperken en zorgt voor een veerkrachtigere en duurzamere toeleveringsketen.
Onze Policies en Systemen
Onze Milieu policy toont onze inzet om wateronttrekking in de sites te verminderen, je kan deze op onze website terugvinden: pol-002-hse-enwhats-cooking-group-environmental-policy-fv.pdf.
Onze Duurzaamheidsdoelstellingen
30% vermindering van onze wateronttrekking/ton verkochte producten in 2030 (basis jaar 2022)
Onze Duurzaamheidsacties
Centraal in onze aanpak staat het vergroten van het bewustzijn rond het belang van waterbesparing. We begrijpen dat bewustwording essentieel is om gedragsverandering te stimuleren en het waterverbruik in onze vestigingen te verminderen. Daarom krijgt dit thema prioriteit in onze site meetings en ESG-ambassadeursvergaderingen, waar we samen nadenken over creatieve manieren om het bewustzijn bij medewerkers en stakeholders te vergroten.
Naast bewustmaking onderzoeken we actief projecten om de waterefficientie te verbeteren en de wateronttrekking te verminderen. We bekijken ook mogelijkheden voor waterhergebruik als onderdeel van onze inzet om
Voedselverspilling tegengaan
Waarom is dit belangrijk voor ons?
Wereldwijd gaat ongeveer 13% van het geproduceerde voedsel verloren tussen de oogst en de retail (Verenigde Naties).1
Klimaatverandering bestrijden:
Door voedselverlies en -verspilling te reduceren, gaan we klimaatverandering actief tegen. We erkennen onze rol in het minimaliseren van onze impact op het milieu, aangezien voedsel dat verloren gaat en verspild wordt goed is voor 38% van het totale energieverbruik in het wereldwijde voedselsysteem, volgens het bovengenoemde rapport van de Verenigde Naties.
Hulpbronnen behouden:
Voedselverspilling heeft een directe impact op de duurzaamheid van onze voedselsystemen. Waardevolle hulpbronnen zoals water, land, energie, arbeid en kapitaal die in het productieproces zijn geïnvesteerd, worden verspild. We zetten ons in voor een efficiënt gebruik van hulpbronnen binnen onze activiteiten.
onze milieu-impact te beperken en circulair watergebruik te bevorderen. We zijn ervan overtuigd dat dit een aanzienlijke verbetering kan opleveren in ons waterverbruik per kg verkocht product. Dit zal wel bepaalde capex-investeringen en aanpassingen van vergunningen vereisen voor enkele van onze belangrijkste sites.
Daarnaast erkennen we het belang van het regelmatig evalueren en optimaliseren van onze waterbeheerpraktijken. Dit omvat onder meer rondgangen om watersystemen te beoordelen en verbeterpunten te identificeren. In dat kader hebben we efficiëntere watersproeiers geïnstalleerd om waterverliezen te beperken en de efficiëntie van reinigingsactiviteiten te verhogen.
Met deze gezamenlijke acties zetten we ons in om onze duurzaamheidsdoelstellingen te behalen en onze watervoetafdruk te verkleinen. Door in te zetten op bewustwording, innovatie en efficiëntie willen we een positieve impact realiseren op waterbesparing, zowel binnen ons bedrijf als daarbuiten. We hebben ons waterverbruik per kg verkocht product reeds met 8,5% verminderd ten opzichte van ons referentiejaar 2022.
Hoewel onze primaire focus ligt op wat wij zelf kunnen doen om waterverbruik te reduceren, houden we ook rekening met oplossingen in de waardeketen. Het verminderen van water in bijvoorbeeld tomatenpuree vóór transport helpt om water te behouden en te hergebruiken waar het het meest nodig is (zoals in zuidelijkere regio’s waar we onze tomaten inkopen).
Dit kan ook transportemissies verlagen. Indien dit betekent dat we in onze eigen productie meer water moeten gebruiken, zullen we dit overwegen, rekening houdend met onze ambitie om smakelijke, voedzame, duurzame en betaalbare producten aan te bieden.


Honger in de wereld:
Het aanpakken van voedselverlies en -verspilling is een directe reactie op de toenemende wereldwijde hongercrisis. Door het minimaliseren van verspilling dragen we bij aan een stabiele en betrouwbare voedselvoorziening, in lijn met onze toewijding om voedselonzekerheid te bestrijden.
Bouwen aan veerkrachtige voedselsystemen:
Het verminderen van voedselverspilling is essentieel voor het opbouwen van veerkrachtige voedselsystemen die bestand zijn tegen externe schokken. Onze inzet voor duurzaamheid omvat het bevorderen van robuuste systemen die zich aanpassen aan uitdagingen en een stabiele voedselvoorziening garanderen.
Betaalbaarheid van voedsel:
Voedselverlies en -verspilling dragen bij aan een stijging van de totale kosten van voedsel. We zijn ons bewust van de economische impact op consumenten en zetten ons in om verspilling tegen te gaan en onze producten betaalbaar te houden.
Onze Policies en Systemen
De Ladder van Lansink, ook bekend als de afvalhiërarchie, is een waardevol kader om voedselverspilling op een duurzame manier aan te pakken en te beheren. Bij What’s Cooking? ligt onze prioriteit bij het vermijden van 1 https://www.un.org/en/observances/end-food-waste-day
afval door preventie en hergebruik. De tweede prioriteit is terugwinning, waarbij we eerst afval recycleren hebben (bijvoorbeeld tot dierenvoeder) en daaronder hoogwaardige energieterugwinning. Verwijdering (verbranding en storten) is de minst geprefereerde optie, die we zoveel mogelijk proberen te vermijden.
Onze inzet om voedselverspilling tegen te gaan wordt in detail beschreven in onze Milieu Policy, die te vinden is op onze website: pol-002-hse-en-whats-cooking-group-environmental-policy-fv.pdf.
Onze Duurzaamheidsdoelstellingen
10% vermindering van onze operationele voedselafval intensiteit op jaarbasis
50% vermindering van onze operationele voedselafval intensiteit tegen 2030 (basis jaar 2022)
Onze Duurzaamheidsacties
Onze ultieme visie is om te evolueren naar een afvalvrije fabriek, geleid door het principe “Van elke grondstof waarde maken”. Om deze ambitie te ondersteunen, hebben we ons prestatiemanagement versterkt door twee specifieke interne KPI’s in te voeren om afval effectiever te volgen en te monitoren. Hoewel verschillende andere KPI’s, zoals machine-uitvaltijd en OEE%, indirect verband houden met afvalreductie, richten deze twee indicatoren zich specifiek op afvalprestaties en bieden ze gerichte inzichten.
Onze strategie voor afvalreductie is opgebouwd rond vier pijlers.
Ten eerste richten we ons op het voorkomen van afval door het probleem bij de bron aan te pakken. Ten tweede meten en standaardiseren we door één gemeenschappelijke definitie en één uniform rapporteringsysteem toe te passen via massabalans, wat zorgt voor transparantie en consis-
De Ladder van Lansink
Prevention
Re-use
Recycling
Incineration with energy production
Incineration
Landfill
tentie over alle sites heen. Ten derde optimaliseren we continu door gebruik te maken van lean-principes, kaizen-initiatieven en digitale tools om systematische verbeteringen te realiseren. Tot slot streven we naar innovatie voor de toekomst door slimmere producten en processen te verkennen die voedselverspilling verder kunnen voorkomen of hergebruik kunnen bevorderen.
Om deze strategie om te zetten in actie, implementeren we site specifieke verbeterprojecten, waarbij prioriteiten worden gezet via een data gedreven aanpak. Door te focussen op de meest impactvolle verliesgebieden die uit onze metingen naar voren komen, zorgen we ervoor dat middelen en inspanningen worden ingezet waar ze de grootste waarde creëren.
In onze voortdurende inspanningen om voedselverspilling tegen te gaan, komen onze ‘War on Waste’-teams maandelijks samen. Dit bevordert een collaboratieve omgeving waarin best practices tussen onze fabrieken worden gedeeld. Sinds 2025 houden toegewijde teams toezicht op afvalreductie-initiatieven op onze sites, waarbij het belang van bewustwording en collectieve actie wordt benadrukt.
VISIE
WAARDEDRIJVERS
HIGH LEVEL KPI’S
STRATEGIE

PLAN
FABRIEK ZONDER VERLIES
Alles uit elke grondstof halen
Input Grondstofverbruik


Proces Bezettingsgraad
Materiaalvariantie, Totale KG voedselverlies, SC planning, ... OEE%, Downtime% Arbeidsproductiviteit, ...

Output Afgewerkt product & kwaliteit
Defecten%, Klantenklachten, ...
+ Totale verlieskosten (€) + KG voedselverlies / KG effectief verbruik (%)
1. Eerst voorkomen Voorkom verspilling bij de bron door goed design

2. Meet & standardiseer

Eén definitie, één rapportagesysteem

3. Optimaliseer continu Lean, Kaizen, digitale tools
4. Innoveer voor de toekomst Slimme processen

Specifieke OGSM-projecten die problemen aanpakken op basis van datagestuurde prioritering
In 2025 hebben we massabalanssystemen geïmplementeerd op alle productiesites om een duidelijk en consistent inzicht te krijgen in materiaalverliezen. Dit maakte een nauwkeurigere identificatie van verliespunten mogelijk en liet toe om gerichte acties uit te voeren om afval te verminderen en procesefficiëntie te verbeteren. Deze aanpak ondersteunt voortdurende prestatiemonitoring en datagedreven besluitvorming.
Een blik op het taartdiagram met de verwerkingsmethoden van ons voedselafval toont een opmerkelijke prestatie: 100% van ons voedselafval wordt gerecupereerd, waardoor vrijwel niets naar verwijdering gaat.
Behandeling van voedsel-afval in 2025
Duurzame verpakking
Waarom is dit belangrijk voor ons?
Globale problemen erkennen:
Duurzame verpakking is van cruciaal belang nu we de wereldwijde uitdagingen erkennen en erop reageren, met name de groeiende bezorgdheid over de achteruitgang van het milieu, plastic afval en de bredere impact op ecosystemen.
Voedselverspilling tegengaan en kwaliteit behouden: Verpakkingen volledig elimineren is voor ons geen haalbare optie. Verpakkingen spelen een cruciale rol in het beschermen van onze producten tegen verschillende vormen van schade, waardoor we onze klanten constant de hoogste kwaliteit kunnen leveren. Daarnaast speelt het een belangrijke rol bij het verlengen van de houdbaarheid, wat uiteindelijk bijdraagt aan het verminderen van voedselverspilling, wat een essentieel aspect is van ons streven naar duurzaamheid. We zoeken dus naar de meest duurzame oplossingen, waarbij we de voedselveiligheid en -kwaliteit garanderen en voedselverspilling voorkomen.
Circulariteit: De levenscyclus van producten verlengen: Overstappen van een lineair economisch model naar een circulaire economie betekent afval tot een minimum beperken.
CO2 uitstoot verminderen: Het gebruik van gerecycleerde verpakkingen biedt mogelijkheden voor vermindering van de CO2-uitstoot en de totale hoeveelheid afval die moet worden afgevoerd.
Consumenten- en klantenbelangen:
Het is heel belangrijk om de zorgen van onze consumenten en klanten te begrijpen en aan te pakken, en om hen goed te informeren.
Onze Policies en Systemen
Onze toewijding aan duurzame verpakking en circulariteit wordt gedetailleerd beschreven in onze Verpakking Policy, die beschikbaar is op onze website: pol-002-ri-en-whats-cooking-group-packaging-policy.pdf.
Onze Duurzaamheidsdoelstellingen
100% Designed for recycling verpakkingen tegen 2030
30% gerecycleerd materiaal in de primaire verpakking van onze producten tegen 2030
30% vermindering van de intensiteit van virgin plastic verpakkingen tegen 2030 (basis jaar 2022)
Alleen FSC/PEFC gecertificeerd karton en papier
Onze Duurzaamheidsacties
Gerecycleerd materiaal van primaire verpakking
30% is een uitdagende doelstelling, aangezien er een duidelijke toename is in de interesse van consumenten in biogebaseerde materialen, omdat dergelijke verpakkingen als natuurlijk en authentiek worden ervaren. What’s Cooking? speelt hierop in door een baanbrekende biogebaseerde tray met topseal te ontwikkelen, maar het is moeilijk om gerecycleerde vezels te integreren in dergelijke verpakkingen die bedoeld zijn voor direct contact met voedsel.
Bovendien is het gebruik van gerecycleerd materiaal in kunststofmaterialen die in contact komen met voedsel bijzonder uitdagend op het vlak van beschikbaarheid en kwaliteit. Samen met onze partners gaan we deze uitdaging aan door ons te houden aan de doelstellingen voor gerecycleerd materiaal zoals vastgelegd in de PPWR voor kunststofverpakkingen (30% voor PET en 10% voor andere kunststoffen tegen 2030). Daarnaast streven we ernaar het gebruik van gerecycleerde materialen in onze aluminium trays en in papier- en kartonverpakkingen te maximaliseren, zonder in te boeten op kwaliteit, verwerkbaarheid of voedselveiligheid


Designed for recycling verpakkingen What’s Cooking? heeft zich tot doel gesteld om tegen 2030 100% van zijn verpakkingen designed for recycling te maken (in lijn met de PPWR), in afwachting van geharmoniseerde recyclagecriteria die tegen 2028 via gedelegeerde handelingen worden verwacht. Totdat deze criteria worden gepubliceerd, stemmen we af op de criteria zoals vastgelegd in de huidige RecyClass-richtlijnen en de verschillende organisaties voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid (PRO’s), zoals CITEO, FOST PLUS, Der
Cooking?
Grüne Punkt en andere. Daarnaast maximaliseren we dagelijks het gebruik van gemakkelijk te recycleren materialen zoals aluminium en monomateriaal kunststofverpakkingen. De recycleerbaarheid wordt getest en gevalideerd volgens Europese normen, zoals het CEPI-protocol.
Vermindering virgin plastic in verpakkingen
What’s Cooking? doet aanzienlijke investeringen, bijvoorbeeld voor de uitvoering van het topseal-project. De klassieke tray in blisterverpakking
Verantwoord inkopen
Waarom is dit belangrijk voor ons?
Bescherming van het milieu:
Verantwoord inkopen minimaliseert de impact op het milieu door duurzame landbouwpraktijken te bevorderen, ontbossing tegen te gaan, water te sparen en biodiversiteit te behouden. Dit zorgt ervoor dat ecosystemen intact blijven voor toekomstige generaties.
Kwaliteits- en veiligheidsborging:
Verantwoord inkopen garandeert de kwaliteit en veiligheid van ingredienten. Door materialen van hoge kwaliteit en verantwoorde herkomst te selecteren, kunnen we consumenten gezondere, veiligere en meer voedzame producten bieden.
Toekomstbestendigheid:
Duurzame inkoopstrategieën zijn cruciaal voor de levensvatbaarheid van de voedingsindustrie op de lange termijn. Ze verminderen de afhankelijkheid van eindige resources, beperken de risico’s van de toeleveringsketen en zorgen voor een consistente toegang tot ingrediënten, waardoor ze beter bestand zijn tegen marktschommelingen.
Consumentenvertrouwen en reputatie:
Consumenten zijn zich steeds meer bewust van de herkomst van hun voedsel. Door te laten zien dat we ons inzetten voor verantwoorde inkoop, bouwen we vertrouwen op, versterken we onze merkreputatie en spreken we klanten en consumenten aan die waarde hechten aan ethische en duurzame producten.
Naleving van regelgeving:
Verantwoord inkopen sluit aan bij de veranderende regelgeving en normen in de voedingsmiddelenindustrie. Door deze praktijken nu te omarmen kan het bedrijf in de toekomst worden beschermd tegen veranderingen in de regelgeving.
Onze Supplier Code of Conduct benadrukt het belang van het handhaven van integriteit en verantwoordelijkheid in onze hele toeleveringsketen. Binnen onze Code of Conduct vind je ook onze ethische lijn en ons klokkenluiderplatform, waar externe en interne stakeholders hun bezorgdheid kunnen uiten. Je vindt deze documenten op onze website: pol-004-leg-enwhats-cooking-group-business-code-of-conduct-for-suppliers-v2024.pdf.
Bovendien beschrijven onze Supplier code of Conduct en onze Policy rond duurzaam inkopen onze inzet voor verschillende normen, waaronder die voor dierenwelzijn, 100% RSPO gecertificeerde palmolie, ASC/MSC/Global GAP gecertificeerde vis en scharreleieren. Je kan de policies bekijken op onze website: pol-001-proc-en-whats-cooking-group-procurement-policy.pdf.
What’s Cooking? Jaarverslag 2025
wordt vervangen door een tray waarbij de folie rechtstreeks op de tray wordt geseald. Hierdoor wordt de kunststof buitenverpakking overbodig, wat leidt tot een aanzienlijke vermindering van plastic en verpakkingsmateriaal in het algemeen. Deze doelstelling loopt vooruit op de PPWR, die vereist dat fabrikanten en importeurs tegen januari 2030 ervoor zorgen dat verpakkingen die op de markt worden gebracht, worden beperkt tot het minimale gewicht en volume dat nodig is om hun functionaliteit te garanderen.
Om de duurzaamheidsprestaties van onze leveranciers te monitoren en continue verbetering te stimuleren, gebruiken we de Supplier Assessment Tool van EcoVadis. Deze tool wordt verder beschreven in onze Duurzaamheidsacties.
Onze Duurzaamheidsdoelstellingen
100% RSPO gecertificeerde palmolie
Wij streven naar 100% ASC/MSC/Global G.A.P.-gecertificeerde vis voor onze merkproducten en promoten dit ook voor private label-producten
100% scharreleieren
Policies voor dierenwelzijn maken deel uit van onze policies voor duurzaam inkopen
100% Uitgaven van bedrijfskritische leveranciers zijn gedekt door een ondertekende Leveranciers Code of Conduct sinds 2025 en we willen dit ook behouden in de komende jaren
80% Uitgaven van bedrijfskritische leveranciers zijn gedekt door een duurzaamheidsscore tegen 2025
We hebben deze laatste doelstelling niet behaald, aangezien een van onze belangrijkste leveranciers van gehakt (onderdeel van de hartige activiteiten die we in 2025 hebben verkocht) nog niet onder een formele duurzaamheidsscore valt. Zonder deze leverancier zouden we onze doelstelling wel hebben bereikt.
Onze Duurzaamheidsacties
We hebben een Leveranciers Engagement Programma opgezet: “Cooking up sustainable partnerships”
Samenwerking in de hele waardeketen is essentieel. Het Leveranciers Engagement Programma bestaat uit drie belangrijke aspecten:
• Due Diligence
• CO2 vermindering
• Gezamenlijke projecten
Due Diligence
Het is belangrijk om een proces op te zetten voor het identificeren, voorkomen, beperken en verantwoorden van de manier waarop we feitelijke en potentiële negatieve impacten met betrekking tot corporate governance, medewerkers, mensenrechten, het milieu, omkoping en consumenten aanpakken, niet alleen binnen onze eigen activiteiten, maar in onze hele toeleveringsketen en zakelijke relaties. Dit is wat wordt bedoeld met due diligence. Op deze manier kunnen we zorgen voor een effectievere bescherming van mensenrechten en het milieu binnen de hele waardeketen.
Dit proces bestaat uit 6 stappen, die goed worden weergegeven door de richtlijnen van de OESO (Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling). Zie figuur rechts:
Communiceren Hoe gevolgen worden aangepakt
Identificeer & beoordeel negatieve gevolgen In activiteiten, toeleveringsketens & zakelijke relaties
Deze stappen worden geïmplementeerd in ons inkoopproces:
Integreer maatschappelijk verantwoord ondernemen In beleid & managementsystemen
Praktische toepassing en resultaten
Zorg voor herstelmaatregelen of werk hieraan mee
Indien van toepassing
Stop, voorkom of beperk Negatieve gevolgen
In 2023 zijn we begonnen met het proces om de duurzaamheidsprestaties van onze leveranciers te evalueren. Voor de eerste oefening hebben we ons gericht op 80% van onze uitgaven voor ingrediënten en verpakkingen. Vanaf 2024 richtten we ons op al onze leveranciers. Om een objectieve analyse van de prestaties van onze leveranciers te garanderen, hebben
we gekozen voor de EcoVadis Ratings tool. Dit proces omvat op maat gemaakte vragenlijsten op basis van de sector en de bedrijfsgrootte, waarin vier cruciale duurzaamheidsdimensies aan bod komen: milieu, arbeids- en mensenrechten, ethiek en duurzame inkoop.
Voor elke vraag moet een bewijsstuk worden geüpload, dat wordt geanalyseerd door de MVO-experts van EcoVadis. Dit resulteert in een scorekaart van elke beoordeelde leverancier. In de grafiek hieronder zie je de leveranciersprestaties van de beoordeelde What’s Cooking?-leveranciers, variërend van onvoldoende (rood) tot uitstekend (donkergroen). De grafiek geeft het aantal leveranciers weer en weerspiegelt niet de actuele uitgaven bij de leverancier op dit moment. Het grijs gearceerde gebied toont de gemiddelde verdeling van de scorekaart van alle door EcoVadis beoordeelde bedrijven.
CO2 vermindering
Aangezien ongeveer 90% van onze scope 3-uitstoot afkomstig is van de producten die we inkopen, is het cruciaal om samen te werken met onze leveranciers om de uitstoot te verminderen en de algehele CO2-voetafdruk in de waardeketen te verbeteren.
Andere scope 3 emissies: 10%
Emissies aangekochte goederen: 90%
0 25 45
Alle door Evovadis beoordeelde bedrijven
Het programma gaat verder dan alleen een scoresysteem voor vier verschillende thema’s. Elke leverancier ontvangt een persoonlijk actieplan met corrigerende maatregelen waarin zijn specifieke verbeterpunten op het gebied van duurzaamheid worden benadrukt. Deze worden gecategoriseerd op basis van urgentie en gaan vergezeld van gedetailleerde richtlijnen voor verbetering. Dit jaar was al 74% van de uitgaven van onze belangrijkste ingrediënten- en verpakkingsleveranciers gedekt door een duurzaamheidsscore, grotendeels dankzij onze consistente nadruk op het belang van de beoordeling. Onze inkopers worden getraind in duurzaamheidspraktijken en gebruiken het EcoVadis-instrument om uitgebreide betrokkenheid te garanderen en ze nemen duurzaamheid op in hun gesprekken met leveranciers.
Nu we deze gegevens hebben verzameld, kunnen we actief de dialoog aangaan met leveranciers die een lagere duurzaamheidsscore hebben gekregen en met hen samenwerken om hun prestaties te verbeteren. We vragen elke nieuwe leverancier om EcoVadis gecertificeerd te zijn. Dit onderstreept ons streven om samen te werken met leveranciers die op één lijn liggen met onze duurzaamheidsdoelen en -waarden. In de loop van 2026 zullen we de samenwerking met EcoVadis verder evalueren, naarmate we ons leveranciersbestand in Frankrijk uitbreiden, waar ook andere certificeringsorganisaties actief zijn, en aangezien we zelf bijkomende due diligence-bezoeken hebben uitgevoerd. Ons doel is om onze rol in de toeleveringsketen te vervullen en deze in de toekomst verder te versterken.
Door gebruik te maken van de EcoVadis Carbon Action Module krijgen we inzicht in de CO2-maturiteitsniveaus van onze leveranciers. De carbon action manager voegt drie verschillende stadia van koolstofdioxidebeheer (commitment, acties en rapportage) samen tot een scorekaart waarop actie kan worden ondernomen. Hierdoor kunnen we ons richten op leveranciers met verschillende maturiteit m.b.t. CO2 beheer en samenwerken om hun koolstofvoetafdruk te meten, haalbare doelen te stellen en effectieve actieplannen te implementeren.
Insufficient Beginner Intermediate Advanced Leader
Daarnaast zullen we ons de komende jaren richten op het verzamelen van leverancier specifieke gegevens over de CO2 voetafdruk van de producten die we inkopen. Op dit moment vertrouwen we op algemene gegevens uit databases vanwege het gebrek aan leverancier specifieke informatie.
Gezamenlijke projecten
Ons aankoopteam organiseert dynamische, cross-functionele meetings met onze leveranciers, waarbij collega’s uit Aankoop, R&D en Duurzaamheid betrokken zijn. Deze sessies creëren een collaboratieve omgeving om te onderzoeken hoe we de producten die we aankopen duurzamer en toekomstbestendig kunnen maken. Samen bekijken we mogelijkheden om de ecologische voetafdruk te verkleinen, plantaardige alternatieven te overwegen en inzichten uit te wisselen over biodiversiteit, regeneratieve landbouw en andere innovatieve praktijken.
Door onze interne expertise te combineren met de sterktes van onze leveranciers, stimuleren we actief innovatie en moedigen we proactieve en creatieve voorstellen aan. Ons gezamenlijke doel is om de operationele efficiëntie te verbeteren, de duurzaamheidsnormen te verhogen en de voedingswaarde van onze producten te vergroten. Via deze samenwerkingen ziet What’s Cooking? duurzaamheid als een collectieve reis, waarbij gezamenlijke inspanningen leiden tot betekenisvolle en duurzame vooruitgang.
De veiligheid van medewerkers bewaken
Waarom is dit belangrijk voor ons?
Welzijn van medewerkers:
Onze mensen zijn de hoeksteen van ons succes. Het bevorderen en waarborgen van hun gezondheid, veiligheid en welzijn is onbetwistbaar. De veiligheid van elk individu is een fundamentele zorg, in lijn met ons principe van crafting with care. We geloven dat alle incidenten te voorkomen zijn en zullen alleen succesvol zijn als al onze medewerkers veilig naar huis gaan naar hun geliefden.
Strategisch belang:
Ongevallen en werk gerelateerde ziekten hebben niet alleen gevolgen voor de betrokken personen, maar ook voor hun gezinnen en andere medewerkers, terwijl ze mogelijk productieonderbrekingen, onderbrekingen van de bevoorrading, operationele kosten en reputatieschade voor What’s Cooking? als werkgever kunnen veroorzaken. Een veilige werkomgeving is niet zomaar een hokje om aan te vinken; het is een integraal onderdeel van onze operationele uitmuntendheid. Het is een strategische prioriteit voor What’s Cooking?, geïntegreerd in onze activiteiten om duurzaam succes te garanderen.
Onze Policies en Systemen
Bij What’s Cooking? geven we prioriteit aan de veiligheid van onze medewerkers via onze uitgebreide Veiligheid Policy, die toegankelijk is op onze website: https://whatscooking.group/storage/files/1ce14d71-38784abb-b732-3c0db7ca6600/hse-policy.pdf
Wij zijn sterk toegewijd aan het verder structureren en continu verbeteren van ons intern systeem via een Health & Safety Management System (HSMS). Dit systeem, gebaseerd op de Plan–Do–Check–Act (PDCA)-cyclus en in lijn met de ISO 45001-norm, vormt een essentiële basis voor het organiseren en versterken van onze dagelijkse veiligheidspraktijken.
Ons doel is om dit systeem verder te ontwikkelen zodat het volledig geïntegreerd wordt in onze activiteiten, met als resultaat continue verbetering, naleving van alle toepasselijke regelgeving en afstemming op de best practices binnen de sector.
Onze Duurzaamheidsdoelstellingen
7% vermindering van RIFR (Recordable Injury Frequency Rate) jaarlijks tot 2030
Onze Duurzaamheidsacties
Onze strategie bestaat uit 3 pijlers:
Risico’s verminderen
Het voorkomen van ernstige ongevallen staat centraal in onze aanpak. Wij streven naar 100% naleving van onze 5 Life Saving Rules, die de basis vormen van onze preventiestrategie voor significante risico’s die kunnen leiden tot ernstige of zelfs fatale gevolgen.
Deze ambitie wordt ondersteund door:
• versterkte opleidingsprogramma’s
• nauwe ondersteuning door het management
• strikte opvolging van de toepassing van de regels op de werkvloer
• systematisch leren uit incidenten en bijna-ongevallen
Daarnaast passen we de ICAM-methodologie (Incident Cause Analysis Method) toe. Verschillende medewerkers zijn reeds opgeleid en we streven ernaar het gebruik van deze aanpak verder uit te breiden om onze incidentanalyses te verdiepen en organisatorische, technische en menselijke factoren die bijdragen aan veiligheidsproblemen beter te identificeren.
Verhogen van de naleving van regelgeving en regels
Onze inzet voor naleving van de regelgeving wordt ondersteund door een robuust managementsysteem dat is afgestemd op de ISO 45001-norm. Dit kader stuurt al onze praktijken op het gebied van gezondheid en veiligheid.
Regelmatige veiligheidsbeoordelingen in elk van onze fabrieken maken een continue verbetering van onze interne normen mogelijk en zorgen ervoor dat we blijven voldoen aan evoluerende wettelijke vereisten.
Verdere ontwikkeling van onze veiligheidscultuur
We versterken continu onze veiligheidscultuur door proactief gedrag op de werkvloer aan te moedigen.
Onze 3S-filosofie – SEE, SAY, STOP – in combinatie met ons model voor veilig gedrag bevordert het identificeren, melden en onmiddellijk aanpakken van onveilige situaties.
We versterken deze cultuur door:
• open en constructieve dialoog
• regelmatige aanwezigheid van het management op de werkvloer
• directe betrokkenheid met medewerkers om een strikte naleving van de 5 Life Saving Rules te waarborgen.
Engagement van medewerkers vergroten
Waarom is dit belangrijk voor ons?
Motivatie en productiviteit verhogen:
De kern van onze people strategie is de overtuiging dat betrokken medewerkers van nature gemotiveerd zijn. We zetten ons in om deze betrokkenheid te koesteren, omdat deze niet alleen de motivatie voedt, maar ook de productiviteit verhoogt en een golf van creativiteit ontketent.
Klanttevredenheid stimuleren en winstgevendheid maximaliseren: Het sneeuwbaleffect van verhoogde productiviteit en creativiteit van betrokken medewerkers is cruciaal voor het verhogen van de klanttevredenheid. Dit heeft op zijn beurt een directe impact op de winstgevendheid door als katalysator te dienen voor innovatie en het verbeteren van de operationele efficiëntie in onze hele organisatie.
Veiligheid bevorderen en kwaliteitsnormen verhogen:
Geëngageerde medewerkers vertonen een verhoogde alertheid en sterke betrokkenheid, wat resulteert in een tastbare vermindering van veiligheidsincidenten en kwaliteitsproblemen. Hun toegewijde aanpak creëert een cultuur van alertheid en kwaliteitsbewustzijn, waardoor fouten effectief worden verminderd en de algehele operationele efficiëntie toeneemt.
Ziekteverzuim en personeelsverloop:
Een personeelsbestand dat zeer geëngageerd is, ervaart een aanzienlijke daling van het ziekteverzuim omdat medewerkers meer betrokken zijn bij hun verantwoordelijkheden en werkomgeving. Bovendien hebben betrokken werkplekken een lager personeelsverloop, omdat mensen zich echt gewaardeerd voelen en zich verbonden voelen met de overkoepelende strategie en waarden van het bedrijf, wat resulteert in een aanzienlijke stijging van de retentiepercentages.
Onze Policies en Systemen
Bij What’s Cooking? bevorderen we engagement van onze medewerkers door onze Business Code of Conduct, die kan worden geraadpleegd op onze website: pol-012-leg-en-whats-cooking-group-code-of-conduct-v4. pdf. Daarnaast gebruiken we de Engagement Index om de mate van betrokkenheid te meten en gerichte acties voor verbetering te implementeren.
Onze Duurzaamheidsdoelstellingen
Verbeter de Engagement index jaarlijks met 2% tot een level van 75%
Verbeter de participatiegraad jaarlijkse met 3% tot een level van >90%
Gemiddeld 18 trainingsuren/ werknemer/jaar tegen 2030
Onze Duurzaamheidsacties
Mensen empoweren, verbindingen versterken
Bij What’s Cooking? geloven we dat betrokkenheid meer is dan een KPI –het is het kloppend hart van onze organisatie. Dit jaar hebben we verdere stappen gezet om een omgeving te creëren waarin elke collega zich gewaardeerd, verbonden en geïnspireerd voelt.
Leiderschap dat inspireert
We hebben een transformerend leiderschapstraject gelanceerd op alle niveaus:
• Lead the STIR voor senior leidinggevenden
• Shift the Core voor het middenkader
• Shift the Gear voor eerstelijns leidinggevenden
Deze programma’s zullen zelfverzekerde, doelgerichte leiders vormen die hun teams versterken en onze gezamenlijke visie uitdragen.
Luisteren, leren, handelen
Via ons nieuwe Qualtrics engagement survey-platform gaven we elke stem een podium.
Twee bevragingen dit jaar toonden een stijgende participatie en vertrouwen. Deze inzichten zullen richting geven aan onze engagement kalender voor 2026, afgestemd op de specifieke behoeften van elke site.
Welzijn centraal
Het tweede kwartaal stond in het teken van fysiek en mentaal welzijn, met groepsbrede initiatieven die gezondere gewoonten en veerkracht stimuleerden. Want wanneer onze mensen floreren, floreert ook ons bedrijf.
Gemeenschap en trots vieren
Van liefdadigheidslopen en voetbalwedstrijden tot BBQ’s, teamlunches en familiedagen in onze fabrieken – we creëerden betekenisvolle momenten die ons verbinden. Het vieren van veiligheidsmijlpalen en het ondersteunen van lokale initiatieven versterkten waar we trots op zijn: samen werken aan iets dat groter is dan onszelf.
Vooruitkijken
Engagement is geen eindbestemming, maar een gezamenlijke reis. Met elk initiatief, elk gesprek en elk gedeeld succes versterken we de cultuur die van What’s Cooking? een plek maakt waar mensen zich thuis voelen, groeien en leiderschap opnemen.


Mensenrechten respecteren
Waarom is dit belangrijk voor ons?
Ethische overtuigingen: Ethisch inkopen geeft prioriteit aan eerlijke arbeidspraktijken en zorgt ervoor dat medewerkers in de hele toeleveringsketen eerlijk worden behandeld, gelijk worden betaald en veilige werkomstandigheden hebben. Het ondersteunt ook lokale gemeenschappen en draagt bij aan hun economische ontwikkeling.
Consumentenvertrouwen en reputatie: Consumenten zijn zich steeds meer bewust van de herkomst van hun voedsel. Door te laten zien dat we ons inzetten voor verantwoorde inkoop, bouwen we vertrouwen op, versterken we onze merkreputatie en spreken we klanten en consumenten aan die waarde hechten aan ethische en duurzame producten.
Naleving van regelgeving en toekomstbestendigheid: Verantwoord inkopen sluit aan bij de veranderende regelgeving en normen in de voedingsmiddelenindustrie. Door deze praktijken nu te omarmen kan het bedrijf in de toekomst worden beschermd tegen veranderingen in de regelgeving.
Onze Policies en Systemen
Onze Business Code of Conduct, die toegankelijk is op onze website: pol-012-leg-en-whats-cooking-group-code-of-conduct-v4.pdf, onderstreept onze inzet voor het naleven van mensenrechten in alle aspecten van onze bedrijfsactiviteiten.
Daarnaast stellen onze Supplier Code of Conduct en Supplier Policy, die ook beschikbaar zijn op onze website, duidelijke verwachtingen aan onze partners met betrekking tot mensenrechtennormen.
We gebruiken de Supplier Assessment Tool van EcoVadis (zie ook eerder onder ‘Supplier Engagement’’) om de duurzaamheidsprestaties van leveranciers te controleren, waaronder de naleving van de mensenrechtennormen. Bovendien kunnen we met de AI-tool van EcoVadis potentiële mensenrechtenschendingen opsporen door het internet te screenen op relevante informatie. Met deze uitgebreide maatregelen blijven we ons inzetten voor de bescherming en bevordering van mensenrechten binnen onze organisatie en in onze toeleveringsketen.
Onze Duurzaamheidsdoelstellingen
100% Uitgaven van bedrijfskritische leveranciers zijn gedekt door een ondertekende Leveranciers Code of Conduct sinds 2025 en we willen dit ook behouden in de komende jaren
80% Uitgaven van bedrijfskritische leveranciers zijn gedekt door een duurzaamheidsscore tegen 2025
We hebben deze laatste doelstelling niet behaald, aangezien een van onze belangrijkste leveranciers van gehakt (onderdeel van de hartige activiteiten die we in 2025 hebben verkocht) nog niet onder een formele duurzaamheidsscore valt. Zonder deze leverancier zouden we onze doelstelling wel hebben bereikt.
Onze Duurzaamheidsacties
In het gedeelte over verantwoord inkopen binnen onze tweede pijler “Fight Climate Change” hebben we onze strategie beschreven die gericht is op due diligence in lijn met de OESO-richtlijnen en de aankomende Corporate Sustainability Due Diligence Directive (CSDDD). Onze inzet voor de bescherming van mensenrechten in onze hele waardeketen is een cruciaal onderdeel van onze aanpak, naast milieuoverwegingen. We evalueren ook de sociale impact van onze leveranciers via het EcoVadis-platform, met als doel de potentiële risico’s in verband met mensenrechtenschendingen te minimaliseren.


Sustainability Board Committee
Executive Committee
Sustainability Steering Group
Vooruitgang overzien van duurzaamheidsprogramma, resources, te leveren prestaties en tijdlijnen.



Lead: Sustainability Manager / Members: CFO, COO, Chief R&D Officer, Sales & Marketing Manager, Head of Procurement, Chief People Officer, Group Legal Manager & Secretary General










Bij What’s Cooking? is duurzaamheid verankerd in onze bestuursstructuur om continue vooruitgang en afstemming op onze strategische doelen te garanderen. Onze gestructureerde aanpak bestaat uit vier werkstromen: Duurzame waardeketen, Duurzame bedrijfsvoering, Duurzame productinnovaties en Duurzaam personeel. Deze werkstromen richten zich op onze belangrijkste materiële duurzaamheidsonderwerpen en stimuleren initiatieven en verbeteringen in onze hele organisatie.
Om deze inspanningen te overzien en te begeleiden, hebben we een Stuurgroep Duurzaamheid opgericht, waarin alle afdelingen vertegenwoordigd zijn door een manager of een lid van het Executief Comité. Deze




groep komt maandelijks bijeen, waarbij een van de vier werkstromen een update geeft over de voortgang ten opzichte van de doelstellingen, afgeronde en komende acties en de belangrijkste uitdagingen.
De inzichten en strategische beslissingen uit deze vergaderingen worden vervolgens doorgegeven aan het Executief Comité voor verdere afstemming en besluitvorming.
Omdat we het belang van duurzaamheid op het hoogste niveau erkennen, worden de meest kritieke onderwerpen ook besproken in ons duurzaamheidscomité binnen de Raad van Bestuur, die minstens drie keer per jaar bijeenkomt.

What’s Cooking? Jaarverslag 2025

Duurzaamheidscultuur
Bij What’s Cooking? wordt onze toewijding aan duurzaamheid gedreven door een toegewijd team van (vrijwillige) ESG-ambassadeurs verspreid over verschillende afdelingen en functies. Met minstens één ambassadeur op elke locatie hebben we een robuust netwerk opgebouwd dat een cultuur van duurzaamheid binnen onze organisatie bevordert.
Onze maandelijkse online bijeenkomsten bieden een platform voor het delen van innovatieve projecten en ideeën tussen verschillende vestigingen, het stimuleren van kruisbestuiving en het zorgen voor een soepele communicatiestroom naar onze communicatiemanager. Deze sessies bevatten ook brainstormactiviteiten die zijn ontworpen om duurzaamheid op een aantrekkelijke en begrijpelijke manier in het DNA van ons bedrijf te verankeren. Elk kwartaal zetten we een belangrijk duurzaamheidsthema in de schijnwerpers en brengen we het tot leven voor alle medewerkers door middel van interactieve activiteiten, quizzen, webinars en andere initiatieven, om te tonen waarom duurzaamheid zo belangrijk voor ons is.
De ESG-ambassadeurs spelen een cruciale rol bij het creëren van een duurzaamheidscultuur en het stimuleren van intrinsieke motivatie onder alle teamleden. Deze ambassadeurs promoten niet alleen duurzaamheid binnen ons organisatorisch kader, maar dienen ook als inspirerende figuren die een voorbeeld zijn voor anderen binnen en buiten ons bedrijf.
In onze tweemaandelijkse nieuwsbrief belichten we belangrijke duurzaamheidsacties die aansluiten bij elke pijler van onze duurzaamheidsstrategie. Elk kwartaal brengen we ook een opvallend ESG-initiatief onder de aandacht en het winnende team ontvangt een kleine prijs als erkenning voor hun inspanningen. Tijdens onze jaarlijkse managementvergadering reiken we een Duurzaamheidsprijs uit als erkenning voor uitzonderlijke bijdragen. In 2025 werd deze award toegekend aan onze afdeling Research & Innovation, als erkenning voor hun uitzonderlijke werk in het ontwikkelen van duurzamere recepten en het uitwerken van een innovatief reductieplan met belangrijke bouwstenen om onze Scope 3-reductiedoelstellingen te helpen realiseren.
EcoVadis zilveren medaille
In december 2025 behaalden we een EcoVadis zilveren medaille met een score van 72%, waarmee we in de top 14% staan van bedrijven wereldwijd op het gebied van duurzaamheidsprestaties.
Deze erkenning benadrukt de enorme inspanningen die we de afgelopen jaren hebben geleverd en we zijn alle What’s Cooking-medewerkers dankbaar voor hun toewijding om dit mogelijk te maken!

Promote Enhanced Nutrition
Grow Portfolio Plantbased & Vegetarian Products
Promote Enhanced Nutrition Grow Portfolio Plantbased & Vegetarian Products
Promote enhanced nutrition
Grow portfolio plantbased & vegetarian products
%Rood vlees in het totale volume van ingrediënten
Verhouding dierlijke/nietdierlijke eiwitten
Gemiddeld % groenten en peulvruchten in de producten van ons portfolio
Source responsibly
Operationeel voedselafval/ton verkocht product
%Gerecycleerd materiaal in de primaire verpakking van onze producten
%Uitgaven van bedrijfskritische leveranciers gedekt door een ondertekende Leveranciers Code of Conduct
%Uitgaven van bedrijfskritische leveranciers gedekt door een duurzaamheidsscore
safety RIFR (Frequentie van ongevallen)
Help people flourish
Gemiddeld aantal opleidingsuren/werknemer h/
Duurzaamheids KPI
Aantal fabrieken met een higher-level IFS- of BRC score
Belangrijke informatie over de berekening van strategische KPI’s
De IFS (International Featured Standards) Food Standard beoordeelt de producten en productieprocessen om te beoordelen of een voedselproducent in staat is om veilige, authentieke en kwaliteitsproducten te produceren volgens wettelijke vereisten en klantspecificaties. (https://www.ifs-certification.com/en/ foodstandard)
Er zijn twee certificatieniveaus - Foundation level (score tussen 75 en 95%) en Higher level (score >95%). Een score lager dan 75% betekent dat er geen certificaat kan worden toegekend.
De BRC (British Retail Consortium) Global Food Safety Standard biedt een kader voor het beheren van productveiligheid, -integriteit, -legaliteit en -kwaliteit, en de operationele controles voor deze criteria in de voedingsmiddelen- en voedselingrediëntenproductie, -verwerking en -verpakkingsindustrie. (https:// www.brcgs.com/our-standards/food-safety/ ) De beoordelingsschaal voor BRCGS-audits loopt van AA als hoogste tot Niet-gecertificeerd in deze volgorde: AA, A, B, C, D, Ongecertificeerd. Bij een onaangekondigde audit staat er een ‘+’ achter het cijfer, bijvoorbeeld AA+.
% reductie van het aandeel rood vlees in het totale volume van ingrediënten
Verhouding dierlijke/niet-dierlijke eiwitten tot 65/35 tegen 2030
Rood vlees wordt gedefinieerd als spiervlees van zoogdieren, waaronder rundsvlees, varkensvlees, lam, geit, paard en wild. Het wordt rood vlees genoemd vanwege de rode kleur in rauwe toestand, veroorzaakt door myoglobine, ook al wordt het geconsumeerd na bereiding. Rood vlees onderscheidt zich van wit vlees (gevogelte) en orgaanvlees.
Voor What’s Cooking? heeft deze KPI specifiek betrekking op het totale volume verwerkt varkens- en rundvlees. Andere soorten rood vlees (zoals lam, enz.) vertegenwoordigen samen maximaal 1% van het totale volume rood vlees en worden daarom buiten de scope van deze KPI gehouden.
Deze KPI meet de verhouding tussen dierlijke eiwitten en plantaardige eiwitten in de aangekochte ingrediënten.
Dierlijke eiwitten worden gedefinieerd als de som van dierlijke ingrediënten die als eiwitbron kwalificeren, wat betekent dat meer dan 12% van de totale energie afkomstig is van eiwitten. Plantaardige eiwitten worden gedefinieerd als de som van plantaardige ingrediënten die als eiwitbron kwalificeren, wat eveneens betekent dat meer dan 12% van de totale energie afkomstig is van eiwitten.
Gemiddeld % groenten en peulvruchten in de producten in ons portfolio
Aandeel groenten en peulvruchten als een percentage van het totale volume ingrediënten
Duurzaamheids KPI
Belangrijke informatie over de berekening van strategische KPI’s % verkochte hoeveelheid plantaardige of vegetarische producten
Een voedingsmiddel geschikt voor veganisten (plantaardig) kan als volgt worden gedefinieerd: Levensmiddelen die geen producten van dierlijke oorsprong zijn en waarbij in geen enkel stadium van de productie en verwerking van het levensmiddel de volgende producten van dierlijke oorsprong zijn gebruikt: - ingrediënten (waaronder levensmiddelenadditieven, aroma’s en enzymen), of - technische hulpstoffen, of - draagstoffen en stoffen die geen levensmiddelenadditieven zijn, maar die in strikt noodzakelijke doses op dezelfde wijze en met hetzelfde doel als draagstoffen worden gebruikt, of - stoffen die geen levensmiddelenadditieven zijn, maar op dezelfde wijze en met hetzelfde doel als technische hulpstoffen worden gebruikt.
Een voedingsmiddel geschikt voor vegetariërs kan als volgt worden gedefinieerd:
Levensmiddelen die voldoen aan de vereisten voor veganistische levensmiddelen (zie 3.1.), met dit verschil dat de volgende producten en bestanddelen of derivaten daarvan mogen worden toegevoegd of gebruikt bij de productie en verwerking ervan:
1. Melk en zuivelproducten, 2. Colostrum, 3. Eieren, 4. Honing, 5. Bijenwas, 6. Propolis, of 7. Wolvet, met inbegrip van lanoline afkomstig van de wol van levende schapen.
We kijken naar zowel plantaardige als vegetarische producten om het percentage te berekenen en delen dit getal door het totale volume dat verkocht is.
Voor de KPI's van 2022 en 2024 zijn de producten van Rennes niet inbegrepen, aangezien ze nog niet deel uitmaakten van onze groep en dus niet van ons productportfolio.
Scope 1 & 2 koolstofemissies We hebben onze koolstofuitstoot berekend volgens het erkende Greenhouse Gas Protocol (https://ghgprotocol.org/ ).
Scope 1-emissies zijn alle directe broeikasgasemissies. Voor What’s Cooking? zijn dit directe emissies van stationaire verbrandingsbronnen, directe vluchtige emissies en directe emissies van mobiele bronnen met verbrandingsmotor.
Scope 2-emissies zijn indirecte broeikasgasemissies door het verbruik van ingekochte elektriciteit, warmte of stoom. Voor What’s Cooking? is dit de elektriciteit die we inkopen. We berekenen dit aan de hand van de markt gebaseerde benadering.
Scope 3 FLAG koolstofemissies We hebben onze CO2-emissies berekend volgens het erkende Greenhouse Gas Protocol (https://ghgprotocol.org/).
Scope 3-emissies omvatten alle indirecte emissies, met uitzondering van scope 2-emissies. FLAG-emissies verwijzen naar een specifieke subset van scope 3-emissies die verband houden met landgebruik, bosbouw en landbouw.
Voor What’s Cooking? betreft dit de indirecte FLAG-emissies afkomstig van aangekochte goederen en diensten.
Scope 3 Industriële koolstofemissies
We hebben onze CO2-emissies berekend volgens het erkende Greenhouse Gas Protocol (https://ghgprotocol.org/).
Scope 3-emissies omvatten alle indirecte emissies, met uitzondering van scope 2-emissies. Industriële scope 3-emissies zijn alle scope 3-emissies, met uitzondering van de FLAG scope 3-emissies.
Voor What’s Cooking? betreft dit de industriële indirecte emissies afkomstig van aangekochte goederen en diensten, indirecte emissies van kapitaalgoederen, emissies gerelateerd aan brandstof en energie (niet opgenomen in scope 1 en 2), indirecte emissies van upstream transport en distributie, indirecte emissies van operationeel afval, indirecte emissies van zakenreizen, indirecte emissies van woon-werkverkeer van medewerkers, indirecte emissies van downstream transport en distributie, indirecte emissies van het gebruik van verkochte producten en indirecte emissies van de end-of-life van verkochte producten.
%Ingekochte hernieuwbare elektriciteit
Ingekochte hernieuwbare elektriciteit is de elektriciteit die we inkopen en die gedekt is door Garanties van Oorsprong. We delen dit door de totale hoeveelheid elektriciteit die we inkopen (beide in MWh) (zonder rekening te houden met de groene elektriciteit die we op onze eigen locaties opwekken).
Wateronttrekking/kg verkocht product Al het water dat wordt onttrokken en in de faciliteit wordt gebracht (zowel leidingwater als grondwater) gedeeld door het volume van de verkochte producten (exclusief de intercompany verkoopcijfers).
Duurzaamheids KPI
Operationeel voedselafval/ton verkocht product
Belangrijke informatie over de berekening van strategische KPI’s
De hoeveelheid operationeel voedselafval wordt berekend door de totale hoeveelheid deegwarenafval, de totale hoeveelheid vleesafval, de totale hoeveelheid overig voedselafval zonder vlees, de totale hoeveelheid overig voedselafval met vlees en de totale hoeveelheid overig organisch afval bij elkaar op te tellen. Dit is exclusief de hoeveelheid slib van de waterzuivering. We houden rekening met alle verschillende opties voor afvalverwerking: dierenvoeder, anaerobe vergisting voor de productie van biogas, compost, terugwinning in de destructie-industrie, terugwinning als biodiesel en verbranding (er wordt geen voedselafval gestort).
Naast het streven naar een minimale hoeveelheid operationeel voedselafval, streven we ernaar om zo hoog mogelijk op de ladder van Lansink te staan wat betreft afvalverwerkingsmethoden. Dit aantal is gedeeld door het volume van de verkochte producten (exclusief de intercompany verkoopcijfers).
%Designed for recycling verpakkingen “Designed for recycling" onder de PPWR verwijst naar verpakking die specifiek is ontworpen om efficiënte recycling aan het einde van de levenscyclus te vergemakkelijken (zie artikel 6). Het PPWR legt specifieke ontwerpcriteria vast om ervoor te zorgen dat verpakkingsmaterialen doeltreffend kunnen worden ingezameld, gesorteerd en opnieuw verwerkt tot secundaire grondstoffen. Vanaf 2030 moet alle verpakking die in de EU op de markt wordt gebracht volgens deze criteria recycleerbaar zijn, en tegen 2035 moet verpakking in de praktijk effectief op grote schaal worden gerecycleerd.
%Gerecycleerd materiaal in de primaire verpakking van onze producten
Aangekocht volume post-consument + post-industrieel primair gerecycleerd materiaal. Post-consument gerecycleerd materiaal is materiaal dat gebruikt werd door de consument en vervolgens gerecycleerd en verwerkt werd. Postindustrieel gerecycleerd materiaal is materiaal dat afkomstig is van het productieproces. Primaire verpakking is de verpakking die direct in contact komt met het product zelf. Dit getal wordt gedeeld door het totale ingekochte volume van primaire verpakking.
Virgin plastic verpakking intensiteit De verpakkingsintensiteit van Virgin-kunststof wordt berekend door het ingekochte volume van Virginkunststofverpakkingen dat jaar te delen door het volume van de producten die in datzelfde jaar zijn verkocht.
%Uitgaven van bedrijfskritische leveranciers gedekt door een ondertekende Leveranciers Code of Conduct
%Uitgaven van bedrijfskritische leveranciers gedekt door een duurzaamheidsscore
RIFR (Frequentie van ongevallen)
What’s Cooking? beschouwt de leveranciers van vlees, ingrediënten en verpakkingen met een besteding van meer dan 100K als bedrijfskritisch.
What’s Cooking? beschouwt de leveranciers van vlees, ingrediënten en verpakkingen met een uitgave van meer dan 100K als bedrijfskritisch. Het hebben van een duurzaamheidsscore voor leveranciers betekent het hebben van een EcoVadis-lidmaatschap, omdat we kijken naar de duurzaamheidsscores die EcoVadis berekent op basis van de duurzaamheidsinput die onze leverancier in het platform heeft ingevoerd. We keuren Sedex ook goed als certificatie.
EcoVadis is een algemeen erkende leverancier van duurzaamheidsbeoordelingen (https://ecovadis.com/). Duurzaamheid wordt gemeten op vier thema’s: milieu, arbeid & mensenrechten, ethiek en duurzaam inkopen.
Het frequentiecijfer voor te melden incidenten is de verhouding tussen het totale aantal ongevallen van medewerkers en uitzendkrachten op de werkplek die leiden tot een totale arbeidsongeschiktheid van ten minste één dag, de dag van het ongeval niet meegerekend, en het aantal uren blootstelling aan het risico, vermenigvuldigd met 1.000.000 (om een werkbaar cijfer te krijgen). Het percentage staat voor het aantal respectieve gevallen per miljoen gewerkte uren.
Engagementindex
Participatiegraad in engagement vragenlijst
Gemiddeld aantal trainingsuren/ medewerker
We hebben de meetmethode voor het berekenen van onze Engagement Index-score aangepast ten opzichte van vorig jaar.
Voor de berekening van deze score kijken we momenteel naar slechts één vraag: “Hoe waarschijnlijk is het dat je What’s Cooking? als werkgever zou aanbevelen aan anderen?”
De bevraging maakt gebruik van een 5-puntenschaal (in plaats van een score van 0-100 in onze vorige methode), waarbij 1 = helemaal niet akkoord en 5 = helemaal akkoord. Scores van 4 en 5 worden beschouwd als ‘gunstig’. De berekening van de gunstigheid gebeurt als volgt: (aantal gunstige antwoorden / totaal aantal antwoorden) x 100 = gunstigheidspercentage
Om de engagementcijfers te consolideren, hebben we de engagementscores per businesscluster genomen en vervolgens een gewogen gemiddelde berekend, rekening houdend met het aantal medewerkers binnen elk cluster, om zo tot een corporate engagementscore te komen.
Het aantal medewerkers dat deelnam aan onze engagement vragenlijst gedeeld door het totaal aantal medewerkers
Totale aantal trainingsuren delen door totaal aantal medewerkers (headcount)
Algemene informatie
Deze duurzaamheidsverklaring is opgesteld op geconsolideerde basis, waarbij de scope gelijk is aan die van de financiële overzichten, inclusief onze recent verworven site in Rennes. Voor alle historische jaren werd data van Rennes opgenomen om een solide basis te waarborgen voor een consistente vergelijking op like-for-like basis. De gehanteerde policies zijn van toepassing op de volledige What’s Cooking Group.
Indien specifieke bedrijfsdata beschikbaar was, werd deze gebruikt om de emissie of andere in dit rapport opgenomen gegevens te berekenen.
Voor scope 3-emissies wijzen wij erop dat What’s Cooking? gebruik heeft gemaakt van generieke databanken bij gebrek aan specifieke data, wat een zekere mate van meetonzekerheid met zich meebrengt. Internationaal erkende databanken zoals Agribalyse (voor ingrediënten) en UK.gov werden gebruikt wegens het ontbreken van leveranciersspecifieke gegevens. In de komende jaren zullen wij via onze nieuwe product lifecycle management tool meer leveranciersspecifieke data verzamelen.
Doelstellingen werden vastgesteld met betrokkenheid van de relevante interne afdelingen, waarbij het materialiteitsproces eveneens als basis heeft gediend. Wijzigingen in voorbereiding en rapportering ten opzichte van eerdere verslaggeving:
• De broeikasgasemissiegegevens voor het basisjaar en het voorgaande jaar werden herrekend naar aanleiding van de overgang naar een nieuwe tool die de emissieberekeningen verder automatiseert en gebruikmaakt van meer nauwkeurige en actuele databanken. Een afzonderlijke tabel werd toegevoegd om transparant de wijzigingen weer te geven die voortvloeien uit geactualiseerde emissiefactoren en uit de acquisitie van Rennes. Het basisjaar voor broeikasgasdoelstellingen werd eveneens gewijzigd van 2021 naar 2022, wegens de beschikbaarheid van data voor de site in Rennes.
• De cijfers inzake waterlozing voor de sites in Marche en Wanze waren eerder overschat als gevolg van problemen met de debietmeter. Historische data werden inmiddels aangepast (inclusief waterverbruiksindicatoren) om meer realistische waarden weer te geven, in lijn met de huidige lozingspercentages gemeten via nieuw geïnstalleerde meetapparatuur.
• De veiligheidsgegevens omvatten nu ook onze verkoopentiteiten, en historische data werden overeenkomstig aangepast om deze opname te reflecteren.
What’s Cooking zal gebruikmaken van de gefaseerde implementatiemogelijkheden van de ESRS voor E4, S2 en S4, waardoor naleving wordt verzekerd en tegelijk een geleidelijke opbouw van data en processen mogelijk wordt gemaakt. Andere gefaseerde of vrijwillige vereisten zijn in deze fase nog niet opgenomen in de rapportering.
Het besluitvormingsproces inzake interne controleprocedures volgt de algemene interne controleprocessen van de groep en wordt opgevolgd door het Sustainability Board Committee.
Tenzij anders vermeld, zijn de gerapporteerde indicatoren niet gevalideerd door een externe partij, met uitzondering van de assurance provider.
Materialiteitsbeoordeling
1. Inleiding en toepassingsgebied
Met de dubbele materialiteitsbeoordeling wil What’s Cooking? ontdekken welke impact acties in haar activiteiten en waardeketen hebben op zowel mensen als de planeet, en hoe duurzaamheidskwesties haar financiële situatie kunnen beïnvloeden. Dit proces zal helpen om te bepalen welke duurzaamheidsonderwerpen het meest relevant (materieel) zijn voor ons bedrijf en onze waardeketen en over welke onderwerpen we moeten rapporteren en policies, KPI’s, doelen en een actieplan moeten opstellen. What’s Cooking? rapporteert op geconsolideerd niveau, inclusief onze zes productiesites, zeven commerciële kantoren in Europa en ons hoofdkantoor in België. Om de impacten, risico’s en opportuniteiten in de waardeketen in kaart te brengen, werd een combinatie van een top-down- en bottom-up benadering toegepast. De geïdentificeerde impacten, risico’s en opportuniteiten bestrijken de volledige rapporteringsperiode van 2025. De dubbele materialiteitsanalyse van 2023 en 2024 vormde de basis voor deze analyse, maar werd herzien naar aanleiding van de verkoop van onze Savoury business unit en de overname van Sveltic in Rennes in 2025. De uitgebreide materialiteitsanalyse die in 2024 werd uitgevoerd, werd niet volledig herhaald. In plaats daarvan werden de resultaten van de eerdere analyse als uitgangspunt genomen en opnieuw beoordeeld samen met het Executive Committee en het Sustainability Board Committee om na te gaan of er significante wijzigingen waren ten opzichte van voorgaande jaren. Er werden geen significante wijzigingen vastgesteld; wel is de impactmaterialiteit van de thema’s dierenwelzijn en ontbossing licht afgenomen, aangezien we nu aanzienlijk minder vlees aankopen. Beide thema’s blijven echter materiële onderwerpen. Bij het identificeren van onze actuele en potentiële impacten, risico’s en opportuniteten in onze eigen activiteiten en upstream- en downstreamwaardeketen hebben we geen screening uitgevoerd van onze locaties, activa en activiteiten of overleg gepleegd met de getroffen gemeenschappen. De identificatie van de IRO’s was gebaseerd op deskresearch en engagement van belanghebbenden.




& & haar toeleveringsketen

De verschillende stappen van de dubbele materialiteitsoefening zijn samengevat in de afbeelding hieronder:
Materialiteits voorbereiding Lijst van potentieel materiële onderwerpen
• Identificatie van belangrijke stakeholders
• Verkenning van onderwerpen
• Raadplegen van bestaande raamwerken (ESRS, GRI, SASB, etc.)
• Peer review
• Definities opstellen voor de lijst van materiële onderwerpen
• Onderzoek doen en actuele en potentiële positieve en negatieve impacten beschrijven
• Risico’s en opportuniteiten beschrijven
Impact materialiteit
• Raadplegen van interne en externe stakeholders via workshops, waar zij de omvang, reikwijdte, herstelbaarheid en waarschijnlijkheid van verschillende impacten moeten beoordelen
Financiële materialiteit
• Raadplegen van financiële experten om risico’s en opportuniteiten te identificeren die de financiële situatie van What’s Cooking? (kunnen) beïnvloeden, op bases van waarschijnlijkheid en potentiële effecten
Dubbele materialiteit
• Impact en financiële materialiteit uitzetten in de dubbele materialiteitsmatrix
• Drempels bepalen
• Materiële onderwerpen identificeren
2. Impact Materialiteit
We beoordelen actuele en potentiële positieve en negatieve impacten op basis van onderzoek, de uitkomsten van ons due diligence proces en gesprekken met stakeholders. Om de materialiteit van de impact te bepalen, hebben we groepen stakeholders geraadpleegd, waaronder leveranciers, landbouwers, werknemers, het executief comité, klanten en de natuur, vertegenwoordigd door het WWF. Daarnaast hebben we gebruikers van de duurzaamheidsverklaring geraadpleegd, aangezien hun onderzoek waardevolle inzichten in deze impacten biedt.
In de impactbeoordeling maken we een onderscheid tussen de impacten die (kunnen) plaatsvinden in onze eigen activiteiten en de impacten die (kunnen) plaatsvinden in onze upstream waardeketen en downstream waardeketen.
De impacten worden beoordeeld aan de hand van verschillende workshops met stakeholders. De stakeholders geven veel inzichten en kwalitatieve informatie en leveren vervolgens ook kwantitatieve input over de waarschijnlijkheid en de ernst van de impacten. De ernst wordt beoordeeld op basis van schaal, scope en het onomkeerbare karakter van het effect. Voor positieve impacten wordt met dit laatste geen rekening gehouden.
Waarschijnlijkheid
Onwaarschijnlijk (het zich voordoen van de positieve impact is uiterst zeldzaam, het gebeurt bijna nooit)
Verwaarloosbare impact (hoewel er enkele kleine effecten kunnen zijn, zijn deze van geringe betekenis en kunnen ze in de bredere context als verwaarloosbaar worden beschouwd)
Waarschijnlijk (er is een substantiële kans dat de positieve impact zal plaatsvinden)
Gemiddelde impact (effecten die merkbaar zijn en aandacht en mogelijk mitigatieinspanningen vereisen)
Zeer waarschijnlijk (het zich voordoen van de positieve impact is zeer waarschijnlijk)
Zeer hoge impact (ernstige gevolgen voor het duurzaamheidsaspect, die onmiddellijke en uitgebreide interventie vereisen om deze gevolgen aan te pakken en te verhelpen)
Waarschijnlijkheid
Onwaarschijnlijk (het zich voordoen van de negatieve impact is uiterst zeldzaam, het gebeurt bijna nooit)
Verwaarloosbare impact (hoewel er enkele kleine effecten kunnen zijn, zijn deze van geringe betekenis en kunnen ze in de bredere context als verwaarloosbaar worden beschouwd)
Waarschijnlijk (er is een substantiële kans dat de negatieve impact zal plaatsvinden)
Gemiddelde impact (effecten die merkbaar zijn en aandacht en mogelijk mitigatieinspanningen vereisen)
Zeer waarschijnlijk (het zich voordoen van de neagtieve impact is zeer waarschijnlijk)
Zeer hoge impact (ernstige gevolgen voor het duurzaamheidsaspect, die onmiddellijke en uitgebreide interventie vereisen om deze gevolgen aan te pakken en te verhelpen)
Scope
Gelimiteerd (zeer gelokaliseerd effect, beperkt tot specifieke gebieden of contexten binnen het algemene beoordelingsgebied, met een minimaal effect dat beperkt blijft tot onmiddellijke operaties)
Gemiddeld (de impact overschrijdt de lokale grenzen en bestrijkt een groter geografisch of organisatorisch bereik)
Globaal (de impact overschrijdt eerdere grenzen, wat resulteert in significante wereldwijde gevolgen en reikt verder dan de lokale en gematigde context, waardoor diverse regio's en aspecten wereldwijd negatief worden beïnvloed, wat bijdraagt aan negatieve resultaten op zowel nationaal als internationaal niveau)
Scope
Herstelbaarheid
Gelimiteerd (zeer gelokaliseerd effect, beperkt tot specifieke gebieden of contexten binnen het algemene beoordelingsgebied, met een minimaal effect dat beperkt blijft tot onmiddellijke operaties)
Gemiddeld (de impact overschrijdt de lokale grenzen en bestrijkt een groter geografisch of organisatorisch bereik)
Globaal (de impact overschrijdt eerdere grenzen, wat resulteert in significante wereldwijde gevolgen en reikt verder dan de lokale en gematigde context, waardoor diverse regio's en aspecten wereldwijd negatief worden beïnvloed, wat bijdraagt aan negatieve resultaten op zowel nationaal als internationaal niveau)
Makkelijk te herstellen (negatieve impact is relatief eenvoudig te beheren of op te lossen. Hoewel enige inspanning nodig is, zijn de oplossingen haalbaar met redelijke middelen en kunnen ze effectief worden geïmplementeerd)
Moeilijk te herstellen (het aanpakken van de negatieve impact vormt een uitdaging die een aanzienlijke inspanning vereist en waarvoor mogelijk aanzienlijke hindernissen moeten worden overwonnen)
Onherstelbaar (De negatieve gevolgen zijn onomkeerbaar, waardoor inspanningen om ze aan te pakken niet effectief zijn. De gevolgen zijn blijvend en de schade kan niet volledig worden beperkt of teruggedraaid)
3. Financiële materialiteit
De beschrijving van onze risico’s en opportuniteiten is gebaseerd op ‘desk research’, de uitkomsten van het due diligence proces en interviews met stakeholders. Voor elk onderwerp beoordelen we of de geïdentificeerde impact zou kunnen leiden tot materiële risico’s en opportuniteiten binnen onze waardeketen door de huidige situatie, toekomstverwachtingen en historische gebeurtenissen te evalueren. Deze analyse is onderverdeeld in vier hoofdcategorieën: Technologie, Producten & Markt, Juridisch & Policies, Reputatie en Operationeel. In dit proces houden we rekening met de impact op natuurlijke, menselijke en sociale bronnen. Om de financiële materialiteit te beoordelen, hebben we interne en externe financiële experts geraadpleegd: executief comité, controlling, duurzaamheid, interne audit en het Sustainability Board Comité.
De risico’s en opportuniteiten worden beoordeeld door middel van workshops met stakeholders, waarin de waarschijnlijkheid en omvang van financiële effecten worden bepaald.
Laag Gemiddeld Hoog
Waarschijnlijkheid
Financiële effecten
Onwaarschijnlijk Het zich voordoen van het risico of de kans is uiterst zeldzaam, het gebeurt bijna nooit.
Laag < 100k impact op netto resultaat voor belastingen
Waarschijnlijk Er is een substantiële kans dat het risico of de opportuniteit zal plaatsvinden.
Gemiddeld 100k-500k impact op netto resultaat voor belastingen
Zeer waarschijnlijk Het zich voordoen van het risico of de opportuniteit is zeer waarschijnlijk.
Hoog > 500k impact op netto resultaat voor belastingen
Er worden ook tijdshorizonten gespecificeerd voor de impact, risico’s en opportuniteiten, in overeenstemming met de definitie van de ESRS, en wel als volgt:
• Korte termijn: de periode die overeenkomt met de rapporteringsperiode die wordt gebruikt in de financiële rapportering van de onderneming;
• Middellange termijn: de periode die begint aan het einde van de kortetermijnhorizon en zich uitstrekt tot 5 jaar;
• Lange termijn: elke periode langer dan 5 jaar.
4. Dubbele materialiteit
Drempels voor materialiteit
Een onderwerp wordt als materieel beschouwd als het materieel is vanuit het impactperspectief, het financiële perspectief of beide. Om de zeer materiële onderwerpen te bepalen, hebben we een drempel voor zowel de impact als de financiële materialiteit toegepast, die 70% van de maximale materialiteit bedraagt. Een drempel van 50% van de maximale materialiteit werd ingesteld om te bepalen welke onderwerpen materieel zijn en welke niet voor What’s Cooking Group.
Drempel voor zeer materiële onderwerpen
De criteria voor zeer financiële materiële onderwerpen zijn:
• Waarschijnlijkheid: Zeer waarschijnlijk (het optreden van het risico of de kans is zeer waarschijnlijk)
• Financiële impact: hoog (> 500 000 impact op nettowinst voor belastingen)
Dit komt overeen met ons risicobeoordelingsraamwerk, waarbij de drempel voor het identificeren van kritieke risico’s ook is gebaseerd op een combinatie van zeer hoge waarschijnlijkheid en hoge financiële impact (meer dan 500 000).
Aangezien zowel de waarschijnlijkheid als de financiële impact op het hoogste niveau liggen, is de drempel van 3,5/5 gepast. Het zorgt ervoor dat onderwerpen die aan deze criteria voldoen de hoogste prioriteit krijgen, omdat ze de financiële gezondheid van de organisatie aanzienlijk kunnen verstoren.
Drempel voor materiële onderwerpen
De criteria voor financieel belangrijke onderwerpen omvatten twee scenario’s:
• Waarschijnlijkheid: Waarschijnlijk EN Financiële impact: Hoog
• Waarschijnlijkheid: Zeer waarschijnlijk EN Financiële impact: Gemiddeld
Deze onderwerpen blijven belangrijk, maar vertegenwoordigen een lager algemeen risico in vergelijking met zeer materiële onderwerpen:
In het eerste scenario is de financiële impact weliswaar groot (> 500.000 impact op de nettowinst voor belastingen), maar is de waarschijnlijkheid slechts “waarschijnlijk” (aanzienlijke kans dat het risico of de kans zich voordoet) in plaats van “zeer waarschijnlijk” (het optreden van het risico of de kans is zeer waarschijnlijk).
In het tweede scenario is de waarschijnlijkheid “zeer waarschijnlijk” (het optreden van het risico of de kans is zeer waarschijnlijk), maar de financiële impact is gemiddeld (100k-500k impact op de nettowinst voor belastingen).
Gezien dit evenwichtige risicoprofiel is een drempel van 2,5/5 passend. Dit zorgt ervoor dat onderwerpen met een significante maar minder extreme combinatie van waarschijnlijkheid en financiële impact toch worden geïdentificeerd en beheerd, met name wanneer ze invloed hebben op de nettowinst voor belastingen.
We hebben dezelfde grondgedachte en drempelwaarden toegepast bij het beoordelen van de materialiteit van de impact, zodat onze aanpak consistent is.
5. Dubbele materialiteitsmatrix
4,0 Zeer materieel
Verandering landgebruik en ontbossing
Klimaatverandering beperken

Verloning in de waardeketen
3,0


Dierenwelzijn
Gezondheid & Veiligheid



Duurzame verpakkingen
Bodemverontreiniging


6. Samenvattende tabel van materiële onderwerpen Materieel
Aanpassing aan klimaatverandering E1
Beperking van klimaatverandering
Vervuiling van de bodem











Veiligheid en Gezondheid eigen operaties


Aanpassen aan klimaatverandering r
Bodem degradatie rgie Afval


Due diligence
Water


Traceerbaarheid grondstoffen


Gezondheid en nutritie




WerknemersEngagement



Zeer materieel Materieel Materieel
Financiële Materialiteit
Negatieve
Negatieve
Negatieve
producten &
Juridisch en policies Reputatie Operationeel
Technologie, producten & markt Juridisch en policies Reputatie Operationeel
Veerkracht (chronisch)
Juridisch en policies Reputatie Operationeel Veerkracht (acuut)
Technologie, producten & markt Reputatie Operationeel
Reputatie Operationeel
onderwerp
Water (onttrekking, verbruik, lozing)
E3
Protect our planet
Verandering in landgebruik en ontbossing
Landdegradatie
Duurzame verpakking (inkomende en uitgaande middelen)
(Voedsel)afval
E4
E4
E5
E5
Gezondheid en veiligheid S1 & S2
Protect our planet
Protect our planet
Protect our planet
Protect our planet
Help people flourish
Betrokkenheid van werknemers S1 (entiteitspecifiek) Help people flourish
Adequate lonen in de VC S2
Help people flourish
Gezondheid en voeding S4 (entiteitspecifiek) good food for all
Dierenwelzijn G1
Due Diligence & traceerbaarheid grondstoffen
Protect our planet
G1 (entiteitspecifiek) Protect our planet
Help people flourish
Wateronttrekking en -verbruik: Negatieve impact
Waterafvoer: Potentieel Negatieve impact
Upstream VC Eigen activiteiten
Medium Wateronttrekking en -verbruik: Technologie, producten & markt Juridisch en policies Reputatie Operationeel Waterafvoer: Technologie, producten & markt Juridisch en policies Reputatie Operationeel
Potentieel Negatieve impact
Negatieve impact
Negatieve impact Upstream VC Eigen activiteiten Downstream VC
Negatieve impact Upstream VC Eigen activiteiten Downstream VC
Potentieel Negatieve impact
Upstream VC Eigen activiteiten Downstream VC
Eigen activiteiten
Potentieel
Negatieve impact
Potentieel positieve impact
Potentieel
Negatieve impact Potentieel positieve impact
Potentieel Negatieve impact Potentieel positieve impact
Medium Technologie, producten & markt Juridisch en policies Reputatie Operationeel
Opportuniteiten
Wateronttrekking en -verbruik: Reputatie Operationeel
Waterafvoer: Reputatie Operationeel
Technologie, producten & markt Reputatie
Medium Juridisch en policies Reputatie Operationeel Reputatie
Medium Juridisch & policies. Reputatie Operationeel
Medium Operationeel
Upstream VC Medium
Eigen activiteiten Downstream VC
Medium Technologie, producten & markt Juridisch en policies Reputatie Operationeel
Upstream VC Medium
Upstream VC Eigen activiteiten Downstream VC
Technologie, Producten & markt Reputatie Operationeel
Technologie, producten & markt Reputatie
Medium Juridisch en policies Reputatie Operationeel Reputatie
We hebben rekening gehouden met de belangrijkste lessen uit de dubbele materialiteitsmatrix bij het ontwikkelen van onze langetermijnplannen (inclusief Capex en Opex).
Overzicht van door verwijzing opgenomen disclosures
The role of the administrative, management and supervisory bodies
Information provided to and sustainability matters addressed by the undertaking’s administrative, management and supervisory bodies
Integration of sustainability-related performance in incentive schemes
Risk management and internal controls over sustainability reporting
p 131
p 137
p 148
Description of the processes to identify and assess material impacts, risks, and opportunities IRO-1 (53) Corporate Governance, p 86
Net revenue E1-5 40; E1-6 53; E3-4 29 Financial statements, p 158
Duurzaamheidsverklaring
Algemeen
In 2019 heeft de Europese Commissie de Green Deal voor de Europese Unie aangekondigd. Deze Green Deal beoogt meer duurzame investeringen om tot klimaat-neutraliteit te komen tegen 2050. Deze economie met net-zero GHG (Greenhouse Gas) emissies tegen 2050 dient tegen 2030 reeds een uitstoot-reductie van 55% te realiseren tegen 2030. De EU taxonomieverordening moet zorgen voor een verplicht en geharmoniseerd kader om te bepalen welke economische activiteiten als ‘environmentally sustainable’ (NL: ‘duurzaam voor het milieu’) kunnen aanschouwd worden.
Wettelijk kader
Artikel 9 van Verordening 2020/852 (de Europese taxonomieverordening) betreft de volgende zes milieudoelstellingen:
1. de mitigatie van klimaatverandering
2. de adaptatie van klimaatverandering
3. het duurzaam gebruik en de bescherming van water en mariene hulpbronnen
4. de transitie naar een circulaire economie
5. de preventie en bestrijding van verontreiniging
6. de bescherming en het herstel van de biodiversiteit en ecosystemen
De Europese Unie publiceerde een lijst van economische activiteiten die aan de eerste twee milieudoelstellingen moeten voldoen. Dat zijn de energiesector, bepaalde productieactiviteiten, transport en bouw – maar (nog) niet de voedingssector. De EU-verordening werd aangevuld en gewijzigd door Gedelegeerde Verordeningen van de Commissie (EU) 2021/2139, 2021/2178, 2023/2485, 2023/2486 en 2026/73. Deze EU-taxonomieverordening heeft tot doel te fungeren als een gestandaardiseerd en verplicht classificatiesysteem.
Eerste toepassingen
We bespreken alleen de soorten inkomsten die relevant zijn binnen de EU-taxonomie namelijk CapEx (kapitaaluitgaven) en OpEx (operationele uitgaven). Omdat onze kernactiviteiten nog niet onder de Europese taxonomieverordening vallen, zijn de jaarlijkse inkomsten die voor de taxonomie in aanmerking komen 0% van onze totale inkomsten zowel in 2024 als in 2025. Mogelijk komen de activiteiten van de groep later voor in de lijst van in aanmerking genomen activiteiten voor doelstellingen 3 tot en met 6 hierboven. Zodra meer details beschikbaar zijn voor de overige economische activiteiten die in aanmerking kunnen komen zal de groep hier een analyse rond inplannen.
De volgende OpEx en CapEx zijn voor de groep relevant in de context van de EU-taxonomie & ‘klimaat mitigatie’:
• 4.17 – Cogeneration of heat/Cool and power from solar energy (NL: Warmtekrachtkoppeling op basis van zonne-energie)
• 4.19 - Cogeneration of heat/cool and power from renewable non-fossil gaseous and liquid fuels (NL: Warmtekrachtkoppeling met hernieuwbare niet-fossiele gasvormige en vloeibare brandstoffen)
• 5.2 – Renewal of water collection, treatment and supply systems (NL Vernieuwing van de systemen voor wateropvang, -behandeling en – voorziening)
• 5.4 – Renewal of waste water collection and treatment (NL: Vernieuwing van de opvang en behandeling van afvalwater)
• 6.4 – Operation of personal mobility devices, cycle logistics (NL: Operatie van persoonlijke mobiliteitshulpmiddelen, fietslogistiek)
• 6.5 – Transport by motorbikes, passenger cars and light commercial vehicles (NL: Vervoer met motorfietsen, personenauto’s en lichte bedrijfsvoertuigen)
• 7.2 – Renovation of existing buildings (NL: Renovatie van bestaande gebouwen)
• 7.4 – Installation, maintenance and repair of charging stations for electric vehicles in buildings (and parking spaces attached to buildings) (NL: Installatie, onderhoud en reparatie van oplaadpunten voor elektrische voertuigen in gebouwen en parkeerplaatsen bij gebouwen)
Gezien de focus op milieu-investeringen die ook bijdragen aan het beheersbaar houden van onze energiekosten – hierin tevens gestimuleerd door energiebeleidsovereenkomsten en soortgelijke maatregelen –bedraagt onze ratio voor onder de taxonomie in aanmerking komende CapEx 5% ten opzichte van onze totaal capex voor 2025. (teller = in aanmerking komende CapEx onder de taxonomie & noemer is het totaal van de aanschaffingswaarde van de materiële en immateriële activa van het betreffende boekjaar zoals opgenomen in toelichtingen 16 & 17 van het jaarlijks financieel verslag 2025).
De bovenstaande topics behoren niet tot onze inkomsten genererende kernactiviteiten, waardoor onze OpEx-ratio immaterieel is. (OpEx omvat de operationele kosten die in aanmerking komen onder de taxonomie als percentage van de totale bedrijfskosten voor onderhoud, reparatie, transport en energie). We hadden enkel beperkte kosten met betrekking tot de huur van elektrische fietsen in 2025. De totale voor de taxonomie in aanmerking komende OpEx bedroeg 17,048 duizend EUR in 2025.
Mitigatie van klimaatverandering
Mitigatie van klimaatverandering wil zeggen het proces om de globale gemiddelde temperatuurs-stijging tot onder de 2°C te houden en inspanningen te doen om deze te beperken tot 1.5°C zoals omschreven in het klimaatakkoord van Parijs. Hieronder omschrijven we verdere details over onze ‘Taxonomy eligible & aligned’ economische activiteiten.
Om te beoordelen of onderstaande activiteiten ‘aligned’ zijn werden 3 alignment criteria toegepast:
• Substantiële bijdrage tot de mitigatie van klimaatverandering
• Niet op significante wijze klimaatveranderings-adaptatie of de transitie naar een circulaire economie verhinderen en / of preventie van & controle op vervuiling
• Voldoen aan de ‘minimum safeguards’
Warmtekrachtkoppeling op basis van zonne-energie (# 4.17 hierboven)
De groep beschikt over een zonne-energie installatie in diverse sites. Het gebruikt deze zonne-energie in zijn productie. Deze zijn ofwel eigendom van de groep of worden gehuurd of maken deel uit van een opstalrecht dat verleend werd aan een derde partij die de energie van de installatie verkoopt aan de groep.
In 2025 werd een beperkt bedrag aan CapEx besteed aan nieuwe zonne-installaties met betrekking tot onze site in Mézidon. Voor 2026 verwachten wij bijkomende CapEx voor de voltooiing van onze zonne-installaties in Frankrijk. Er werden geen kwalificerende OpEx-kosten gemaakt; de groep heeft geen te rapporteren kwalificerende bedragen voor deze activiteit, ondanks het feit dat dergelijke zonne-installaties operationeel zijn. De groep had enkel kosten voor de aankoop van zonne-energie en heeft daarnaast CapEx gemaakt die in voorgaande jaren werd opgenomen als een verwerving overeenkomstig de richtlijnen van IFRS 16.
Bijgevolg dient ook geen testing te worden doorgevoerd op basis van de ‘screening criteria’ voor deze activiteit.
Warmtekrachtkoppeling met hernieuwbare niet-fossiele gasvormige en vloeibare brandstoffen (# 4.19 hierboven)
De groep heeft dergelijke installaties op verschillende locaties. Zij maakt gebruik van warmtekrachtkoppeling (WKK) voor de opwekking van warmte en koeling binnen het eigen productieproces. In 2025 werd slechts een beperkt bedrag aan CapEx besteed, voornamelijk voor aanpassingen aan bestaande installaties uit voorgaande jaren. Er werden in 2025 geen kwalificerende OpEx-kosten gemaakt.
Bijgevolg dient ook geen testing te worden doorgevoerd op basis van de ‘screening criteria’ voor deze activiteit.
Vernieuwing van systemen voor waterwinning, -behandeling en -voorziening (# 5.2 hierboven) en vernieuwing van systemen voor afvalwaterinzameling en -behandeling (# 5.4 hierboven)
De groep beschikt over dergelijke installaties op verschillende productiesites. Het behandelde water wordt gebruikt binnen het eigen productieproces. In de toekomst wordt een verdere toename van de investeringen verwacht, aangezien de groep de installatie van systemen voor waterhergebruik onderzoekt.
Het gemiddelde netto-energieverbruik van het watervoorzieningssysteem voor winning en behandeling is gelijk aan of ligt onder 0,5 kWh per kubieke meter geproduceerd water. Bij het netto-energieverbruik kan rekening worden gehouden met maatregelen die het energieverbruik verminderen, zoals bronmaatregelen (vermindering van de vervuilingsbelasting), en, waar van toepassing, energieopwekking (zoals waterkracht, zonne- en windenergie):
1ste criterium: substantiële bijdrage aan beperking van klimaatverandering
De vernieuwing van het watervoorzieningssysteem leidt tot een verbeterde energie-efficiëntie door het gemiddelde netto-energieverbruik van het systeem met minstens 20% te verlagen ten opzichte van de eigen baselineprestatie, berekend als een gemiddelde over drie jaar, inclusief waterwinning en -behandeling, uitgedrukt in kWh per kubieke meter geproduceerd water. Een bijkomend voordeel kan de recuperatie zijn van water dat reeds een bepaalde temperatuur heeft, wat leidt tot een vermindering van de verwarmingsbehoefte (en bijgevolg een daling van het gasverbruik).
2de criterium: Niet significant schadelijk voor aanpassing aan klimaatverandering of de overgang naar een circulaire economie en/ of preventie & bestrijding van vervuiling
De installatie is niet significant nadelig voor de aanpassing aan klimaatverandering of de overgang naar een circulaire economie en/of preventie en bestrijding van vervuiling.
3de criterium : Voldoet aan de minimale waarborgen.
De installatie voldoet aan de minimale waarborgen.
De groep acht het zeer waarschijnlijk dat in de toekomst bijkomende investeringen zullen worden gedaan om het waterverbruik te optimaliseren, voornamelijk via het gebruik van waterhergebruiksystemen en filtratiesystemen.
Elektrische voertuigen (# 6.5 hierboven)
De groep begon in 2021 met het leasen van elektrische wagens. In 2025 werden verdere elektrische wagens aangeschaft voor een CapEx bedrag van 737 duizend EUR. De groep maakte door een wijziging in zijn ‘car policy’ het aangaan van een lease voor elektrische wagens meer aantrekkelijk voor werknemers ten opzichte van wagens met fossiele brandstof. De groep verwacht dan ook een verdere stijging van het aantal elektrische wagens in de toekomst.
1ste criterium : substantiële bijdrage tot de beperking van klimaatverandering
De elektrische voertuigen van de groep voldoen aan dit criterium gezien elektrische wagens een lagere emissie hebben dan de limiet in de technische screening-criteria. De lease contracten van de groep omvatten onderhoud en tevens herstelling. Enkel volledig elektrische wagens worden in rekening gebracht.
2de criterium : Niet op significante wijze klimaatveranderings-adaptatie of de transitie naar een circulaire economie verhinderen en / of preventie van & controle op vervuiling
Op het einde van de lease worden de wagens teruggegeven aan de leasing maatschappij en verkocht door laatstgenoemde op de tweedehands markt. Dit toont aan dat de activiteit niet in strijd is met bovenstaande criterium en een circulaire economie. Controle en preventie van vervuiling: elektrische wagens hebben een lagere uitstoot versus overige wagens.
Circulaire economie: Voertuigen van de categorieën M1 en N1 zijn beide: herbruikbaar of recycleerbaar tot een minimum van 85% van het gewicht; herbruikbaar of nuttig toepasbaar tot een minimum van 95% van het gewicht. Er zijn maatregelen genomen om afval te beheren, zowel in de gebruiksfase (onderhoud) als aan het einde van de levensduur van het wagenpark, onder meer door hergebruik en recycling van batterijen en elektronica (met name kritische grondstoffen daarin), overeenkomstig de afvalhiërarchie.
Preventie en Controle op Vervuiling: De voertuigen voldoen aan de voorschriften van de meest recente toepasselijke fase van de Euro 6-typegoedkeuring voor lichte voertuigen, zoals vastgesteld overeenkomstig Verordening (EG) nr. 715/2007. De voertuigen voldoen aan de emissiedrempels voor schone lichte voertuigen in tabel 2 van de bijlage bij Richtlijn 2009/33/EG van het Europees Parlement en de Raad. Voor wegvoertuigen van de categorieën M en N voldoen de banden echter niet allen aan de voorschriften inzake rolgeluid in de hoogste klasse en aan de rolweerstandscoëfficiënt (die van invloed is op de energie-efficientie van het voertuig) in de twee hoogste klassen, zoals vastgesteld in Verordening (EU) 2020/740 en zoals kan worden geverifieerd in het Europees productregister voor energie-etikettering (EPREL). De voertuigen voldoen aan Verordening (EU) nr. 540/2014 van het Europees Parlement en de Raad.
3de criterium : Voldoet aan de minimum safeguards.
Volgens onze analyse voldoet deze activiteit aan de minimum safeguards.
De groep acht het waarschijnlijk dat verdere investeringen zullen gedaan worden in de toekomst om de vloot van bedrijfswagens en lichte commerciële voertuigen verder te elektrificeren.
Renovatie van bestaande gebouwen (# 7.2 hierboven)
Als verse voedingsproducent gebruiken we vooral koelruimtes en diepvriesruimtes. Het investeren in de vernieuwing van daken – muren & wanden en de algemene isolatie van gebouwen zorgt niet alleen voor een verhoogde energie-efficiëntie die significant is in de zones waar ze worden toegepast maar ook voor een kostendaling. Er werden in 2025 voor 226 duizend EUR aan CapEx investeringen gedaan in verband met renovaties van bestaande gebouwen die onder het toepassingsgebied vallen.
1ste criterium : substantiële bijdrage tot de matiging van klimaatverandering
De renovaties die worden opgenomen voldoen aan de toepasselijke eisen voor ingrijpende renovaties of de renovaties leiden tot een vermindering van de primaire energievraag met ten minste 30%.
2de criterium : Niet op significante wijze klimaatveranderings-adaptatie of de transitie naar een circulaire economie verhinderen en / of preventie van & controle op vervuiling
De activiteit voldoet aan de criteria uiteengezet in Appendix A van de Annex bij de betreffende verordening.
3de criterium : Voldoet aan de minimum safeguards
Water: Indien geïnstalleerd als onderdeel van renovatiewerkzaamheden, met uitzondering van renovatiewerkzaamheden in woongebouwen, wordt het gespecificeerde waterverbruik voor de volgende waterapparaten aangetoond aan de hand van productinformatiebladen, een bouwcertificaat of een bestaand productetiket in de Unie, in overeenstemming met de technische specificaties in aanhangsel E van de bijlage van de betreffende Appendix aan de verordening: wastafelkranen en keukenkranen hebben een maximale waterstroom van 6 liter/min; douches hebben een maximale waterstroom van 8 liter/ min; wc’s, met inbegrip van suites, waskommen en spoelreservoirs, hebben een vol spoelvolume van maximaal 6 liter en een maximaal gemiddeld spoelvolume van 3,5 liter; urinoirs gebruiken maximaal 2 liter/kom/uur. Spoelurinoirs hebben een maximaal vol spoelvolume van 1 liter.
Circulaire economie: Tenminste 70% (in gewicht) van het ongevaarlijke bouw- en sloopafval (met uitzondering van in de natuur voorkomende materialen als bedoeld in categorie 17 05 04 van de bij Beschikking 2000/532/EG vastgestelde Europese lijst van afvalstoffen) dat op de bouwplaats ontstaat, wordt voorbereid voor hergebruik, recycling en andere vormen van materiaalterugwinning, met inbegrip van opvulwerkzaamheden waarbij afval wordt gebruikt ter vervanging van andere materialen, overeenkomstig de afvalhiërarchie en het EU-protocol inzake het beheer van bouw- en sloopafval. De exploitanten beperken de afvalproductie in processen die verband houden met bouwen en slopen, overeenkomstig het EU-protocol inzake het beheer van bouw- en sloopafval, rekening houdend met de beste beschikbare technieken en door selectief te slopen om de verwijdering en veilige behandeling van gevaarlijke stoffen mogelijk te maken en hergebruik en hoogwaardige recycling te vergemakkelijken door selectieve verwijdering van materialen, met gebruikmaking van beschikbare sorteersysDuurzaamheidsverklaring
temen voor bouw- en sloopafval. Ontwerpen van gebouwen en bouwtechnieken ondersteunen circulariteit en tonen met name aan, onder verwijzing naar ISO 20887 of andere normen voor het beoordelen van de demontage of aanpasbaarheid van gebouwen, hoe zij zijn ontworpen om efficiënter met hulpbronnen om te gaan en om aanpasbaar, flexibel en demonteerbaar te zijn om hergebruik en recycling mogelijk te maken.
Gelet op de strikte criteria rond circulariteit kan de groep voor 2025 niet garanderen dat ze deze in al haar projecten heeft nageleefd. Bijgevolg kunnen we voor deze component niet bevestigen dat we voldoen aan dit criterium.
Preventie van & controle op vervuiling: De bij de bouw gebruikte onderdelen en materialen van het gebouw voldoen aan de criteria van aanhangsel C van de bijlage aan de Appendix van de verordening. Bij de renovatie van gebouwen gebruikte bouwcomponenten en materialen die in contact kunnen komen met bewoners stoten bij tests overeenkomstig de in bijlage XVII bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 gespecificeerde voorwaarden minder dan 0,06 mg formaldehyde per m3 materiaal of onderdeel uit en minder dan 0,001 mg andere kankerverwekkende vluchtige organische stoffen van de categorieën 1A en 1B per m3 materiaal of onderdeel, bij tests overeenkomstig CEN/EN 16516 of ISO 16000-3:2011(312) of andere gelijkwaardige gestandaardiseerde testomstandigheden en bepalingsmethoden. Er worden maatregelen genomen om lawaai, stof en verontreinigende emissies tijdens bouw- of onderhoudswerkzaamheden te beperken en tevens de impact op de voedselveiligheid tot nul te herleiden.
Installatie, onderhoud en reparatie van oplaadpunten voor elektrische voertuigen in gebouwen en parkeerplaatsen bij gebouwen (# 7.4 hierboven)
De groep begon in 2021 het leasen van elektrische wagens en de geleidelijke installatie van laadinfrastructuur aan zijn gebouwen in België. In 2025 werden slechts in beperkte mate bijkomende laadpunten aangekocht.
1ste criterium : substantiële bijdrage tot de matiging van klimaatverandering
De installatie van oplaadstations voor elektrische voertuigen sluit aan bij bovenstaande bijdrage zoals toegelicht onder #6.5 hierboven.
2de criterium : Niet op significante wijze klimaatveranderings-adaptatie of de transitie naar een circulaire economie verhinderen en / of preventie van & controle op vervuiling
De activiteit voldoet aan de criteria uiteengezet in Appendix A van de Annex bij de betreffende verordening.
3de criterium : Voldoet aan de minimum safeguards
De groep acht het waarschijnlijk dat verdere investeringen zullen gedaan worden in de toekomst gezien het vrij sterk stijgend aantal elektrische wagens.
Appendices: Schematische overzichten Omzet, CapEx en OpEx: zie bijlage aan het einde van dit hoofdstuk
Overige
De groep heeft een initiële analyse gedaan rond de toepasselijkheid van IAS 36 in het kader van activa die mogelijk onderhevig zijn aan de gevolgen van klimaatverandering en wijzigende wetgeving in het kader van de bredere duurzaamheidsinitiatieven vanuit de EU. De groep heeft geen indicaties dat hierrond in 2025 impairment indicaties aanwezig zijn voor de groep.
Wordt vervolgd…
We blijven inzetten op duurzaamheid als kernelement van onze strategie. We stelden concrete doelstellingen zoals eerder in dit rapport omschreven en houden systematisch toezicht op alle indicatoren die verband houden met ESG. Als What’s Cooking? zijn we ervan overtuigd dat we in de toekomst binnen onze sector een echte impact kunnen hebben en hebben we de ambitie om een voortrekker te blijven op het gebied van duurzaamheid.
Opsplitsing van taxonomie-afgestemde activiteiten per milieudoelstelling Aandeel enabling activiteiten
Vervuiling
Biodiversiteit
Aandeel transitional activiteiten
Niet beoordeelde activiteiten beschouwd als nietmaterieel
Taxonomy-aligned activiteiten in vorig financieel jaar (N-1)
Taxonomy-aligned activiteiten in vorig financieel jaar (N-1) Klimaat Mitigatie
Aandeel
Aandeel van de omzet, Opex en Capex uit producten of diensten die verband houden met op de taxonomie afgestemde economische activiteiten - bekendmaking voor het jaar 2025
KPI: Omzet 2025
KPI: Opex 2025
Operatie van persoonlijke mobiliteitshulpmiddelen, fietslogistiek
van alignment per objectief
Mitigatie
Opsplitsing van taxonomie-afgestemde activiteiten
Opsplitsing van taxonomie-afgestemde activiteiten per milieudoelstelling
KPI: Capex 2025
Opsplitsing van taxonomie-afgestemde activiteiten per milieudoelstelling
Warmtekrachtkoppeling met hernieuwbare niet-fossiele gasvormige en vloeibare brandstoffen
Vernieuwing van de systemen voor wateropvang, -behandeling en – voorziening
Installatie, onderhoud en reparatie van oplaadpunten voor elektrische voertuigen in gebouwen en parkeerplaatsen bij gebouwen
Vervoer met motorfietsen, personenauto’s en lichte bedrijfsvoertuigen
Renovatie van bestaande gebouwen
Som van alignment per objectief
1. Materiële IRO (Impact, Risico’s, Opportuniteiten)
Materieel topic
Aanpassing aan klimaatverandering E1
Negatieve Impact
Als we er niet in slagen om ons aan te passen aan de veranderende klimaatomstandigheden in onze waardeketen stroomopwaarts, kan dit leiden tot lagere gewasopbrengsten, wat een negatieve impact heeft op mensen en hun voedsel. Onvoldoende aanpassing aan de klimaatverandering kan leiden tot bodemaantasting, erosie en verlies van bodemvruchtbaarheid, waardoor de kwetsbaarheid voor aantasting van het milieu toeneemt.
Potentiële Positieve impact Klimaatbestendige landbouwpraktijken en -technologieën kunnen landbouwers helpen om de impact van klimaatverandering, zoals extreme weersomstandigheden, droogte en overstromingen, te weerstaan. Dergelijke praktijken kunnen ook het behoud van biodiversiteit bevorderen door de afhankelijkheid van monocultuurgewassen en chemische input te verminderen en zo de gezondheid en veerkracht van ecosystemen te ondersteunen. Klimaataanpassingsmaatregelen kunnen de economische levensvatbaarheid van landbouwactiviteiten verbeteren en de bestaansmiddelen op het platteland vergroten door de inkomens te verhogen, de mogelijkheden om in het levensonderhoud te voorzien te diversifiëren en de kwetsbaarheid voor klimaat-gerelateerde risico’s te verminderen.
Beperking van klimaatverandering
E1& E4
Negatieve Impact
Ongeveer 560,688 tons CO2e kan worden toegeschreven aan What’s Cooking? en zijn waardeketen. Bij What’s Cooking? bevindt meer dan 90% van onze emissies zich in de upstream waardeketen, slechts een klein deel komt van onze scope 1 en 2 emissies. Onze producten bevatten met name ingrediënten met een aanzienlijke CO2voetafdruk, zoals vlees en zuivel. De totale bijbehorende broeikasgasemissies van ons aangekochte vlees en ingrediënten bedragen 481,716 ton CO2e in 2025. Het grootste deel van deze uitstoot is afkomstig van onze waardeketen stroomopwaarts, met name van onze zakelijke relaties met leveranciers van het tweede, derde of vierde niveau, waaronder landbouwers en veevoederbedrijven. Koolstofemissies dragen in belangrijke mate bij aan de opwarming van de aarde. Hogere CO2-niveaus in de atmosfeer versterken extreme weersomstandigheden zoals orkanen, cyclonen, hittegolven, overstromingen, droogte en zware regenval. Verhoogde temperaturen door koolstofemissies veroorzaken het smelten van poolkappen en gletsjers. Dit draagt bij aan de stijging van de zeespiegel. Extreme weersomstandigheden en veranderende neerslagpatronen verstoren ecosystemen en habitats, wat leidt tot verlies van biodiversiteit. Door de stijgende zeespiegel en extreme weersomstandigheden kunnen gemeenschappen van woonplaats veranderen en gedwongen worden om naar veiliger gebieden te migreren. CO2-uitstoot wordt geabsorbeerd door de oceanen, waardoor de zuurgraad toeneemt. Oceaanverzuring schaadt het leven in zee.
Upstream VC
Own
Eigen activiteiten
Downstream VC
Medium Fysieke Risico’s
Technologie, Producten & Markt
Aanpassing aan klimaatverandering in deze categorie brengt het risico met zich mee van hoge kosten en onzekerheid bij de ontwikkeling van nieuwe technologieën en producten, samen met een veranderende marktvraag. Bedrijven moeten snel innoveren om concurrerend te blijven, wat hun marktpositie beïnvloedt. Misstappen kunnen leiden tot financiële verliezen en gemiste opportuniteiten.
Juridisch & Policies
Het risico in de categorie Juridisch & Policies omvat nalevingskosten en juridische uitdagingen als gevolg van steeds strengere klimaatregelgeving. Bedrijven kunnen worden geconfronteerd met boetes, juridische geschillen en reputatieschade als ze niet voldoen aan nieuwe eisen. Daarnaast kunnen wijzigingen in policy onverwachte aanpassingen en investeringen noodzakelijk maken.
Reputatie
In de categorie reputatie heeft het risico te maken met de perceptie die stakeholders en klanten hebben van de klimaat-aanpassingsinspanningen van een bedrijf. Bedrijven die onvoldoende of niet tijdig actie ondernemen, kunnen reputatieschade oplopen, wat kan leiden tot verlies van vertrouwen van klanten en van marktaandeel.
Operationeel
Verstoringen in bedrijfsprocessen en toeleveringsketens als gevolg van klimaatverandering kunnen leiden tot hogere kosten, productiviteitsverlies en logistieke uitdagingen. Bedrijven kunnen te maken krijgen met hogere onderhoudskosten, een lagere productiecapaciteit en personeelsproblemen zoals ziekteverzuim. Financiële risico’s zijn onder meer verminderde inkomsten afschrijvingen op activa, stijgende verzekeringskosten en verlies van contracten omdat niet aan de vraag van klanten wordt voldaan.
Medium Transitie Risico’s
Technologie, Producten & Markt
De verschuiving naar alternatieven met een lagere uitstoot kan leiden tot productsubstitutie, verlies van contracten en verminderde winstgevendheid. Bedrijven moeten zwaar investeren in O&O en nieuwe technologieën om concurrerend te blijven en worden geconfronteerd met hoge kapitaaluitgaven en mogelijke veroudering van activa. De aanpassing aan nieuwe processen kan de kosten opdrijven, terwijl de onzekere aanvaarding door de markt het financiële risico nog vergroot. Niet effectief innoveren kan leiden tot gemiste marktopportuniteiten en financiële verliezen op lange termijn.
Juridisch & Policies
Dit omvat de last om te voldoen aan strenge emissieregelgeving en mogelijke boetes voor niet-naleving.
Reputatie
In de categorie Reputatie heeft het risico betrekking op de publieke perceptie en het vertrouwen van stakeholders met betrekking tot de inspanningen van een bedrijf om de klimaatverandering te beperken. Onvoldoende of trage actie kan de reputatie van een bedrijf schaden, wat kan leiden tot verlies van klantentrouw en marktaandeel.
Operationeel
Dit gaat gepaard met verstoringen en hogere kosten die gepaard gaan met het implementeren van strategieën om de klimaatverandering te beperken. Bedrijven moeten mogelijk hun infrastructuur en processen upgraden om de uitstoot te verminderen, wat leidt tot operationele uitdagingen. Deze veranderingen kunnen leiden tot tijdelijke productiviteitsverliezen en hogere kosten op korte termijn.
Fysieke Opportuniteiten
Veerkracht (Acuut)
Voordeel van het feit dat we met meerdere fabrieken kunnen werken, waardoor we minder last hebben van regionale weersomstandigheden zoals cyclonen en overstromingen.
Meer inkomsten door nieuwe producten en diensten die veerkracht garanderen.
Verhoogde marktwaardering door veerkrachtplanning (bijv. infrastructuur, grond, gebouwen).
Veerkracht (Chronisch)
Gebruik maken van de voordelen van onze schaalgrootte, geografisch gespreide productie en internationale inkoopteams die inkopen in verschillende regio’s. Als onze beschikbaarheid van producten beter is dan die van de concurrentie, kunnen we meer volume realiseren.
Meer inkomsten door nieuwe producten en diensten die zorgen voor veerkracht, bijv. werken aan regeneratieve landbouw met onze leveranciers en het vermijden van monocultuurgewassen maakt de bodem veerkrachtiger.
Transitie Opportuniteiten
Technologie, Producten & Markt
Toegenomen vraag naar nieuwe producten met een lagere CO2-voetafdruk ontwikkeld door ons R&I team... Bij What’s Cooking? hebben we de CO2-voetafdruk van ALLE producten berekend - we zijn goed geplaatst om met onze klanten samen te werken om producten te optimaliseren en dankzij deze kennis en onze R&I-teams zijn we ook goed geplaatst om te werken aan nieuwe producten met een lagere CO2-voetafdruk. Groter marktaandeel als concurrerende bedrijven zich niet kunnen aanpassen aan technologische verbeteringen. Potentieel voor IP op nieuwere technologieën en processen. Meer diversificatie van financiële activa (bijv. groene obligaties en infrastructuur).
Juridisch & Policies
Verbetering van ons imago als ‘hybride’ producent van maaltijden met dierlijke, vegetarische en plantaardige producten, met als doel duurzame voedselconsumptie tot een vanzelfsprekendheid te maken, onze reputatie en de feedback van stakeholders te verbeteren, wat kan leiden tot een grotere vraag naar goederen en diensten.
Operationeel
Door processen en infrastructuur toekomstbestendig te maken door de CO2-uitstoot te verminderen, kunnen hoge kosten van CO2-belastingen in de toekomst worden vermeden.
Materieel
Energie E1
Negatieve Impact
What's Cooking? verbruikt ongeveer 133,805 MWh energie per jaar. De belangrijkste energiebronnen zijn elektriciteit en aardgas. We kopen al 100% hernieuwbare elektriciteit. Voor andere bedrijven in onze waardeketen weten we dat bedrijven die actief zijn in de voedingssector veel energie nodig hebben voor landbouw, veeteelt, oogsten, drenken, verwerking, productie, koeling en transport. Energieproductie en -verbruik, vooral niet-hernieuwbare, dragen bij aan aanzienlijke milieu impacten, waaronder klimaatverandering en vervuiling, die een negatieve invloed hebben op het welzijn van gemeenschappen.
Upstream VC Own
Eigen activiteiten
Downstream VC
Wij hebben fysieke klimaatgerelateerde risico’s beoordeeld en geen klimaatgerelateerde gevaren geïdentificeerd die een verhoogd risico vormen voor onze activa en bedrijfsactiviteiten. In dit verband hebben wij geen klimaatgerelateerde scenarioanalyses uitgevoerd.
2. Policies
Onze Policies zijn te vinden onder Protect our Planet – Klimaatverandering bestrijden - Onze Policies en Systemen.
3. Acties
We zijn ons bewust van de impact van koolstofuitstoot en klimaatverandering. Daarom zetten we ons in om onze impact op het klimaat te beperken en onze koolstofuitstoot te verminderen in overeenstemming met het Science Based Targets-initiatief. Gedetailleerde informatie over ons actieplan om klimaatverandering tegen te gaan is te vinden onder “Protect our Planet – Klimaatverandering bestrijden - Onze Duurzaamheidsacties: Transitieplan voor mitigatie van klimaatverandering”.
Aanzienlijke Opex en Capex nodig voor de implementatie van het actieplan: De aankoop van Groene-stroom certificaten is een aanzienlijke Opex-uitgave. De prijs van de certificaten hangt af van de marktwaarde op het moment van aankoop. De groep koopt deze certificaten ‘gelaagd’ in de loop van het jaar en kan een deel van de certificaten vooruitkopen. De Opex met betrekking tot deze certificaten was rond de 0.2 Mio EUR voor het jaar 2025 en zal rond de 0.1 Mio EUR bedragen voor het jaar 2026.
Investeringen in koeling vereisen aanzienlijke investeringen. De Groep heeft deze investeringen grotendeels voltooid, met beperkte toekomstige koelingsupgrades nodig om te voldoen aan de 2030-regelgeving en onze interne doelstellingen.
Potentiële vastgelegde broeikasgasemissies van belangrijke activa en producten:
De Groep is momenteel nog steeds afhankelijk van gas voor bepaalde stoomopwekking en bakprocessen. De groep zal onderzoeken of deze in de toekomst elektrisch kunnen worden, maar heeft hiervoor nog geen definitief plan. Met betrekking tot scope 3 emissies is de Groep sterk afhankelijk van de aankopen van leveranciers. Voor huismerkproducten is de groep ook afhankelijk van de goedkeuring van klanten voor de implementatie van verbeteracties.
Tijdslijn
Medium Technologie, Producten & Markt
Risico’s
Het energierisico houdt in dat we afhankelijk zijn van verouderde of inefficiënte technologieën, wat een impact heeft op het concurrentievermogen en de marktvraag. Hoge kosten en onzekerheid bij het invoeren van nieuwe energieoplossingen kunnen een aanslag vormen op de middelen. Niet innoveren kan leiden tot financiële verliezen en gemiste marktopportuniteiten.
Juridisch & Policies
Dit omvat de noodzaak om te voldoen aan veranderende energieregelgeving, wat kan leiden tot hogere nalevingskosten en juridische uitdagingen. Bedrijven kunnen te maken krijgen met boetes en regelgevend toezicht als ze niet voldoen aan de normen voor energie-efficiëntie en duurzaamheid. Policies veranderingen kunnen onverwachte financiële en operationele vereisten met zich meebrengen.
Reputatie
In de categorie Reputatie heeft het energierisico betrekking op de perceptie die stakeholders en het publiek hebben van het energieverbruik en de duurzaamheidspraktijken van een bedrijf. Slecht energiebeheer kan de reputatie van een bedrijf schaden, wat kan leiden tot verlies van vertrouwen van klanten en marktaandeel.
Operationeel
Het gaat om verstoringen en hogere kosten als gevolg van de variabiliteit van de energielevering en prijsvolatiliteit. Bedrijven moeten het energieverbruik efficiënt beheren om operationele stabiliteit te behouden. Inefficiënt energiegebruik kan leiden tot hogere operationele kosten en een lagere productiviteit.
Uitleg van doelstellingen of plannen voor het afstemmen van economische activiteiten (inkomsten, CapEx, OpEx) op criteria die zijn vastgesteld in Gedelegeerde Verordening 2021/2139 van de Commissie: Als voedingsmiddelenconcern heeft het bedrijf op dit moment geen activiteiten die ‘aligned’ zijn. Er zijn momenteel geen plannen op dit gebied.
In overeenstemming met de vereisten van ESRS 2 MDR-A bevestigt de Groep dat het over de middelen beschikt om de hierboven vermelde specifieke acties uit te voeren. Dankzij de verkoop van de Savoury activiteiten werd de Groep kaspositief in de loop van 2025 en was ze in staat om haar doorlopende kredietfaciliteit begin 2025 terug te betalen. Dankzij de herfinanciering in 2025 is er voortdurend toegang tot aanvullende financiering tegen betaalbare kapitaalkosten. Met betrekking tot de implementatie van voornamelijk Scope 3 verbeteringen - zal de Groep de kostenstijgingen (waar deze zich voordoen) moeten doorrekenen aan klanten. Aangezien klanten dezelfde doelstellingen hebben als de Groep met betrekking tot duurzaamheid, gaan we in onze modellen uit van een transparante doorberekening.
Hoewel we de komende jaren een formele veerkracht- en scenarioanalyse zullen uitvoeren, zijn we ervan overtuigd dat ons bedrijf - geworteld in het doel om duurzame voedselconsumptie te bevorderen - goed gepositioneerd is voor de toekomst. Ons streven naar duurzaamheid versterkt ons aanpassingsvermogen en zorgt ervoor dat we uitdagingen het hoofd kunnen bieden en opportuniteiten kunnen grijpen in een veranderend landschap.
Opportuniteiten
Reputatie
Effectieve energiestrategieën kunnen het merkimago verbeteren en milieubewuste consumenten aantrekken.
Operationeel
Energie-efficiëntie in productie en distributie: Beperkt de blootstelling aan volatiele energiekosten en vermindert de uitstoot van broeikasgassen.
Diversificatie van de energieportefeuille: Vermindert het risico van volatiele fossiele brandstofkosten.
Beslissingen over alternatieve brandstoffen en hernieuwbare energie: Beïnvloedt energiekosten en betrouwbaarheid.
Energieopwekking op locatie (bijv. biovergisters, biomassa, wind, zon): Verbetert de zelfvoorziening op energiegebied en verlaagt de kosten.
4. KPI’s en doelen
De doelen voor het beperken van klimaatverandering en energieverbruik zijn te vinden onder Protect our Planet - Klimaatverandering bestrijden Onze Duurzaamheidsdoelstellingen.
Energieverbruik en -mix
We rapporteren over de volgende KPI’s in lijn met de CSRD:
Brandstofverbruik van steenkool en steenkoolproducten
uit ruwe olie en aardolieproducten
Brandstofverbruik uit andere fossiele bronnen
Bij de voorbereiding van de SBTi-indiening werden de volgende doelstellingen aangepast:
Voor de Scope 1- en Scope 2-emissies werd onze doelstelling verhoogd tot 52,5%
Voor de industriële Scope 3-emissies werd onze doelstelling verlaagd tot 25% (aangezien wij minder directe invloed hebben op deze categorie)
Op dit moment hebben wij ons nog niet gecommitteerd aan net zero doelstellingen.
Verbruik van gekochte of aangekochte elektriciteit, warmte, stoom of koeling uit fossiele bronnen
Totaal van fossiele energie
electriciteitsconsumptie van nucleaire bronnen
Percentage nucleaire bronnen in totaal energieverbruik
Brandstofverbruik uit hernieuwbare bronnen (deel biobrandstof in bedrijfswagens)
Verbruik van gekochte of aangekochte elektriciteit, warmte, stoom en koeling uit hernieuwbare bronnen
Verbruik van eigen opgewekte niet als brandstof gebruikte hernieuwbare energie
Percentage hernieuwbare bronnen in totaal energieverbruik
Totaal
zonder Rennes
Energie-intensiteit van activiteiten in sectoren met een grote impact op het klimaat (totaal energieverbruik per netto-inkomsten*)
/1000 euro
(*) De volledige omzet van de Groep is afkomstig uit de verkoop van voedingsmiddelen, wat wordt beschouwd als een sector met een grote impact op het klimaat.
Voor de berekening van het elektriciteitsdeel van het energieverbruik uit fossiele bronnen, nucleaire bronnen en hernieuwbare bronnen hebben we de Energy Information Administration (https://www.eia.gov/ ) geraadpleegd en gebruik gemaakt van de elektriciteitsmix %’s per land die we daar konden vinden.
Uitstoot van broeikasgassen
We rapporteren over de volgende KPI’s in overeenstemming met het CSRD- en GHG-protocol:
TOTALE SCOPE 1, 2 EN 3 EMISSIES (markt-gebaseerd)
TOTALE SCOPE 1, 2 EN 3 EMISSIES (location-based*) (locatie-gebaseerd)
Wijziging
Wijziging in emissies als gevolg van de acquisitie van Rennes
Wijziging in emissies als gevolg van
GHG categorie
Data en assumpties
Scope 1 emissies Voor de berekening van emissies uit stationaire verbranding, mobiele verbranding en vluchtige emissies werd gebruikgemaakt van geschikte activiteitsgegevens. Biogene CO2-emissies worden afzonderlijk van de scope 1-emissies gerapporteerd. Er zijn geen verwijderingen, koolstofkredieten of broeikasgasemissierechten opgenomen in de berekening.
Scope 2 emissies
Scope 3 emissies Upstream
Scope 3 emissies downstream
Scope 2-emissies omvatten ingekochte elektriciteit, waarbij gebruik wordt gemaakt van activiteitsgegevens. Wij passen de location-based methode toe, maar rapporteren daarnaast ook de market-based waarden om transparantie te waarborgen. Er zijn geen verwijderingen, koolstofkredieten of broeikasgasemissierechten opgenomen in de berekening.
Aangekochte goederen:
Er werden gegevens verzameld over het gewicht van alle ingrediënten en verpakkingsmaterialen die gedurende het jaar werden ingekocht. Elk ingrediënt en elk type verpakking wordt gekoppeld aan een overeenkomstige emissiefactor uit geschikte databanken. In de komende jaren willen wij meer leveranciersspecifieke emissiegegevens verzamelen. Ook wateronttrekking en de ingekochte CO2 en N2 voor gebruik in productverpakkingen worden in rekening gebracht.
Kapitaalgoederen:
De gegevens zijn gebaseerd op de jaarlijkse kapitaaluitgaven, ingedeeld per type investering, gevolgd door een globale inschatting van de emissies op basis van geschikte databanken.
Emissies gerelateerd aan brandstoffen en energie:
De gegevens worden berekend op basis van de verbruiksgegevens die worden gerapporteerd voor scope 1- en scope 2-emissies.
Upstream transport en distributie:
Er zijn gegevens beschikbaar over inkomende en uitgaande logistiek, berekend op basis van de exacte vervoerde volumes per vrachtwagen, schip en trein, waarbij aannames werden gehanteerd om de gemiddelde transportafstanden te bepalen.
Afval:
De gegevens worden berekend op basis van site-specifieke gegevens over operationeel afval van externe afvalverwerkings- en -verwijderingspartners, ingedeeld per type.
Zakenreizen:
De gegevens worden berekend op basis van fysieke eenheden (km) of leveranciersinformatie per transportmodus.
Woon-werkverkeer medewerkers:
De gegevens worden berekend op basis van werknemersgegevens in fysieke eenheden (km) per vervoerswijze.
Downstream transport en distributie:
De gegevens worden berekend op basis van het verkochte volume en een gemiddelde emissiefactor voor koeling bij de retailers.
Gebruik van verkochte producten:
De gegevens worden berekend op basis van het verkochte volume per land en de gemiddelde energiebehoefte per producttype.
Einde levensduur verkochte producten:
De gegevens worden berekend op basis van de verwerkingsmethode en het materiaaltype.
Emissiefactor bronnen
UK.GOV
Agribalyse, UK.GOV, EcoInvent of supplier EF Exiobase
AIB
UK.GOV
UK.GOV, EcoInvent
UK.GOV, supplier EF
UK.GOV
Agribalyse
AIB, IEA, UK.GOV
UK.GOV
Wij hebben geen scope 1-emissies die onder gereguleerde emissiehandelssystemen vallen, er worden geen verwijderingen of koolstofkredieten toegepast en wij hanteren momenteel nog geen interne koolstofprijs. In lijn met het Science Based Targets initiatief vereist ons beleid inzake herberekening van het referentiejaar aanpassingen wanneer structurele wijzigingen leiden tot een afwijking van 5% of meer.
“We zijn gepassioneerd om te veranderen voor een betere toekomst.”


1. Materiële IRO
Materieel onderwerp ESRS Strategische pijler Impacten Waardeketen Tijdslijn Risico’s Opportuniteiten
Bodemvervuiling
E2 & E4
Protect our planet
Negatieve impact: Landbouw kan een negatieve invloed hebben op de bodemkwaliteit en bodemvervuiling, erosie, aantasting en een verslechtering van de gezondheid van de bodem veroorzaken. Bodemvervuiling en -degradatie zijn vaak het gevolg van monocultuur en het gebruik van landbouwchemicaliën, waaronder het gebruik van kunstmest, pesticiden en/of herbiciden. De bodem is een essentiële hulpbron die klimaatverandering helpt tegen te gaan door koolstof vast te leggen. Vruchtbare bodems leveren ook veel waardevolle ecosysteemdiensten waarvan verstoring koste wat kost moet worden voorkomen.
Bodemvervuiling is alleen materieel vanuit het perspectief van de impact in onze waardeketen stroomopwaarts.
2. Policies
Aangezien bodemvervuiling alleen een materieel onderwerp is in onze upstream waardeketen, wordt dit onderwerp beheerd via onze Supplier Code of Conduct, die te vinden is op onze website: pol-004-leg-en-whatscooking-group-business-code-of-conduct-for-suppliers-v2024.pdf
Onze Milieu Policy omvat echter ook het onderwerp vervuiling in onze eigen activiteiten pol-002-hse-en-whats-cooking-group-environmentalpolicy-fv.pdf
3. Acties
Bij What’s Cooking? zetten we ons in om bodemvervuiling aan te pakken door middel van verantwoord inkopen en het betrekken van leveranciers. We volgen de duurzaamheidsprestaties van onze leveranciers via ons Leveranciers Engagement Programma, dat wordt beschreven onder de pijler Protect Our Planet, specifiek in het gedeelte over Verantwoord inkopen.
Via EcoVadis beoordelen we of onze leveranciers actief werken aan projecten om vervuiling tegen te gaan. Daarnaast evalueren we hun betrokkenheid bij initiatieven die de biodiversiteit en bodemgezondheid verbeteren, zoals projecten voor regeneratieve landbouw.
Ons inkoopteam voert gesprekken met leveranciers over deze onderwerpen en heeft vastgesteld dat veel leveranciers reeds betekenisvolle acties ondernemen. Deze praktijken dragen bij aan een verbetering van de bodemkwaliteit, een vermindering van de milieu-impact en de ontwikkeling van veerkrachtigere bodems die de aanpassing aan klimaatverandering ondersteunen.
4. KPI’s en doelen
Bij What’s Cooking? hebben we nog geen meetbare, resultaatgerichte doelen gesteld voor bodemgezondheid en biodiversiteit. De belangrijkste reden hiervoor is de complexiteit van het kwantificeren van de impact op dit gebied. Verbeteringen van de bodemgezondheid en de biodiversiteit zijn moeilijk op een gestandaardiseerde manier te meten, vooral binnen onze upstream waardeketen, waar de impact plaatsvindt. Aangezien deze onderwerpen grotendeels betrekking hebben op indirecte leveranciers in plaats van onze directe leveranciers, wordt het nog moeilijker om duidelijke en werkbare doelen te stellen.
We erkennen echter het belang van het aanpakken van bodemgezondheid en biodiversiteit en zetten ons in om vooruitgang te boeken. De komende jaren zullen we onderzoeken wat de best mogelijke doelen zijn en evalueren hoe we een zinvolle bijdrage kunnen leveren. Om dit te bereiken zijn we van plan om pilootprojecten op te zetten in samenwerking met leveranciers en andere stakeholders. Deze projecten zullen ons helpen om een effectieve aanpak te beoordelen en een haalbaar ambitieniveau te bepalen.
Hoewel we nog geen formele doelen hebben, houden we de effectiviteit van onze policies en onze acties bij. Door middel van EcoVadis-evaluaties (of andere gelijkaardige bronnen) en ons programma voor leveranciers engagement controleren we of toeleveranciers zich bezighouden met projecten om vervuiling tegen te gaan en aan regeneratieve landbouw te doen. Ons inkoopteam bespreekt deze onderwerpen actief met leveranciers om inzicht te krijgen in hun lopende inspanningen en om mogelijkheden voor samenwerking te identificeren.
Materieel onderwerp
Water (onttrekking, consumptie, lozing)
E3 Protect our planet
Water onttrekking & verbruik
Negatieve Impact
De voedingssector is waterintensief, zowel voor het verbouwen van landbouwproducten als voor het houden van vee en het gebruik van water voor verwerkingsactiviteiten. Bijna 92% van onze mondiale watervoetafdruk (in 2018) is toe te schrijven aan de productie van voedsel. De watervoetafdruk van vlees is veel groter dan die van groenten. Water kan uit de grond worden gehaald of uit oppervlaktewater, waaronder reservoirs en meren, of het kan ontzilt of gezuiverd afvalwater zijn. De duurzaamheid van waterbronnen op de lange termijn kan afnemen door water uitputtend te onttrekken, wat problemen oplevert voor de landbouwsector, omdat die water hard nodig heeft om producten te verbouwen en vee te houden. Water dat wordt onttrokken, wordt grotendeels gebruikt bij de productie van gewassen om de grond te irrigeren, pesticiden en meststoffen toe te dienen en de koeling en vorst van gewassen te reguleren. Terwijl andere sectoren veel water onttrekken maar weinig verbruiken, verbruikt de landbouw ook veel water.
Water onttrekking bij What’s Cooking? is ongeveer 748,170 m3, terwijl ons waterverbruik ongeveer 177,577 m3/year is, voor sanitaire doeleinden en in de productie (gebruik in producten en voor reiniging).
Als het water dat in onze waardeketen wordt onttrokken niet terugstroomt naar de bronnen en wordt gebruikt voor producten, wordt verbruikt door planten of verdampt, kan dit leiden tot waterschaarste in bepaalde gebieden.
In gebieden met waterschaarste kan overmatig waterverbruik leiden tot de uitputting van zoetwaterbronnen zoals rivieren, meren en grondwaterlagen. Overmatige onttrekking van water kan ertoe leiden dat deze bronnen opdrogen, wat een impact heeft voor zowel het milieu als de menselijke bevolking die ervan afhankelijk is.
Waterlozing
Potentiële negatieve impact
Het lozen van water, vooral wanneer dit niet goed wordt beheerd of behandeld, kan een aanzienlijke negatieve impact hebben voor aquatische ecosystemen, de menselijke gezondheid en de algehele kwaliteit van het milieu. Lozingen van voedingsstoffen zoals stikstof en fosfor kunnen leiden tot overmatige groei van algen in waterlichamen, wat leidt tot schadelijke algenbloei. Deze bloei kan giftige stoffen produceren en resulteren in eutrofiëring, wat leidt tot zuurstofgebrek en aantasting van habitats.
Waardeketen
Upstream VC Eigen activiteiten
Risico’s
Medium Water onttrekking & verbruik
Technologie, Producten & Markt
Er is behoefte aan efficiënte waterbeheertechnologieën en waterbesparende producten. De potentiële investeringen in waterhergebruiksystemen kunnen een impact hebben op de Capex-uitgaven of op de Opex in het geval er wordt gekozen voor een ‘water-als-dienst’-oplossing. Bedrijven die niet innoveren, kunnen te maken krijgen met hogere operationele kosten en een verminderd concurrentievermogen op de markt.
Juridisch & Policies
Waterrisico’s omvatten strenge regelgeving en policies voor watergebruik, wat leidt tot hogere nalevingskosten en mogelijke juridische aansprakelijkheden. Bedrijven moeten zich houden aan wetten voor waterbehoud en krijgen te maken met boetes als ze die niet naleven. Evoluerende regelgeving kan nieuwe financiële en operationele lasten met zich meebrengen.
Reputatie
Waterrisico heeft te maken met de perceptie die het publiek en stakeholders hebben van het watergebruik en de inspanningen voor waterbesparing van een bedrijf. Slecht waterbeheer kan de reputatie van een bedrijf schaden, wat kan leiden tot verlies van vertrouwen van klanten en marktaandeel.
Operationeel
Dit betreft verstoringen en hogere kosten als gevolg van waterschaarste of vervuiling. Toeleveringsketens hebben betrouwbare waterbronnen nodig om de productie en operationele efficiëntie in stand te houden. Water-gerelateerde problemen kunnen leiden tot productiestopzetting, hogere kosten voor waterbehandeling en mogelijke operationele stilstand. Als er helemaal geen water meer beschikbaar is (bijvoorbeeld tijdens perioden van droogte), moet het bedrijf zijn activiteiten stopzetten omdat water essentieel is voor de productie en het schoonmaken van de fabrieken.
Waterlozing
Het lozen van water kan leiden tot watervervuiling, vooral als het niet goed wordt beheerd of gezuiverd.
Technologie, Producten & Markt
De beschikbaarheid van grondstoffen kan een probleem worden en er kunnen problemen ontstaan bij de productie van bepaalde producten. Er bestaat een risico op hoge kosten en onzekerheid bij de ontwikkeling van nieuwe technologieën en producten. Bedrijven moeten snel innoveren om concurrerend te blijven, wat hun marktpositie beïnvloedt. Misstappen kunnen leiden tot financiële verliezen en gemiste opportuniteiten.
Juridisch & Policies
Het risico omvat strenge regelgeving rond watervervuiling, wat leidt tot hogere nalevingskosten en juridische aansprakelijkheid. Bedrijven kunnen boetes en sancties opgelegd krijgen als ze zich niet aan deze regelgeving houden. Veranderingen in het beleid kunnen nieuwe uitdagingen en financiële lasten met zich meebrengen.
Als er problemen met de voedselveiligheid ontstaan door vervuild water in de toeleveringsketen, kunnen boetes en sancties het gevolg zijn.
Reputatie
Het risico heeft te maken met de perceptie die het publiek en stakeholders hebben van de bijdrage van een bedrijf aan watervervuiling. Negatieve publiciteit en negatieve reacties van consumenten door de aanwezigheid van watervervuiling en mogelijke problemen met de voedselveiligheid kunnen de reputatie van een bedrijf schaden en de loyaliteit van klanten verminderen.
Operationeel
Dit gaat gepaard met verstoringen en hogere kosten in verband met het beheren en beperken van vervuiling. Bedrijven moeten effectieve maatregelen nemen om vervuiling te voorkomen en de operationele continuïteit te behouden. Het niet beheren van vervuiling kan leiden tot kostbare schoonmaakacties, boetes en bedrijfsonderbrekingen.
Verstoringen in de toeleveringsketen door een verminderde beschikbaarheid van gewassen kan leiden tot hogere kosten door aanpassingen aan veranderende klimaatomstandigheden.
Problemen met de voedselveiligheid kunnen moeilijk te traceren zijn, wat leidt tot veel voedselverspilling en kosten.
Opportuniteiten
Water onttrekking & verbruik
Reputatie
Verantwoord waterbeheer helpt de relaties met lokale gemeenschappen te verbeteren en versterkt de merkwaarde door sociale verantwoordelijkheid te tonen.
Operationeel
Lagere bedrijfskosten en meer veerkracht door verbetering van de efficiëntie (voor de landbouw kunnen dit waterefficiënte irrigatiesystemen, op de natuur gebaseerde oplossingen en planttechnieken zijn).
Duurzaam waterbeheer biedt bedrijven de mogelijkheid om de operationele kosten te verlagen door efficiënter watergebruik en vermindering van het waterverbruik.
Waterlozing
Reputatie
Verantwoord waterbeheer helpt de relaties met lokale gemeenschappen te verbeteren en versterkt de merkwaarde door sociale verantwoordelijkheid aan te tonen.
Operationeel
Waterzuiveringsinstallaties installeren en dit water hergebruiken. Duurzaam waterbeheer biedt bedrijven de mogelijkheid om de operationele kosten te verlagen door efficiënter watergebruik en vermindering van het waterverbruik.
2. Policies
Onze Policies zijn te vinden onder Protect our Planet – Klimaatverandering bestrijden - Waterbeheer - Onze Policies en Systemen.
Onze milieu-policy omvat waterbeheer en de behandeling van geloosd water om watervervuiling te voorkomen. Deze policy is van toepassing op al onze sites (pol-002-hse-en-whats-cooking-group-environmental-policy-fv.pdf), inclusief Marche en Wanze, die volgens de Aqueduct Water Risk Atlas-tool van het World Resources Institute en de Water Risk Filter van WWF worden beschouwd als regio’s met een hogere waterstress. Onze andere sites in Deeside, Opole, Rennes en Mézidon bevinden zich daarentegen in gebieden met een lagere waterstress, rekening houdend met het algemene fysieke risico op bekkenniveau.
We rapporteren over de volgende KPI’s van het ESRS:
3. Acties
Het actieplan voor waterbeheer is te vinden onder Protect our PlanetKlimaatverandering bestrijden - Waterbeheer- Onze Duurzaamheidsacties.
4. KPI’s en doelen
De doelen voor waterbeheer zijn te vinden onder Protect our Planet –Klimaatverandering bestrijden - Waterbeheer - Onze duurzaamheidsdoelen.
De KPI’s voor waterlozing en, bijgevolg, waterverbruik werden herzien voor het referentiejaar en het voorgaande rapporteringsjaar. Deze aanpassing weerspiegelt de identificatie van meetonnauwkeurigheden op de sites van Marche en Wanze, waar meetsystemen de werkelijke lozingsniveaus niet volledig registreerden, wat resulteerde in een overschatting van de gerapporteerde lozingscijfers.
Verandering in landgebruik en ontbossing
E4 Protect our planet
Potentiële Negatieve Impact
Landbouwuitbreiding blijft de belangrijkste oorzaak van ontbossing, aantasting van bossen en verlies van biodiversiteit in bossen.
Naar schatting 55-80% van het wereldwijde bosverlies is te wijten aan landomzetting voor agrarisch gebruik (UNEP, 2015). Soja staat helemaal aan het begin van onze vleesketen en de sojateelt in bepaalde gebieden over de hele wereld wordt vaak in verband gebracht met ontbossing. Met de EUDR in aantocht zal deze potentiële impact echter nog veel kleiner zijn. De soja die we direct gebruiken als grondstof in sommige van onze recepten is lokale soja zonder risico op ontbossing. We gebruiken bijna geen palmolie en voor het kleine beetje dat we nog gebruiken, is dit RSPO-gecertificeerde palmolie.
Landdegradatie E4 Protect our planet
Negatieve Impact
De voedselzekerheid lijdt onder landdegradatie. Zowel direct, met een lagere voedselhoeveelheid en -kwaliteit op de 52% landbouwgrond die aangetast is, als indirect als gevolg van andere verminderde ecosysteemdiensten zoals gezonde waterstromen en koolstofvastlegging.
De vruchtbaarheid van de bodem is in veel delen van de wereld aanzienlijk afgenomen door intensieve landbouw, overbegrazing, watervervuiling, toenemend gebruik van kunstmest en pesticiden, verzilting, ontbossing en ophoping van niet-afbreekbaar afval. Landdegradatie leidt tot overstromingen, erosie, verlies van biodiversiteit, verlies van uniek landschap, enz.
Inkomstenverlies, werkloosheid en voedseltekorten als gevolg van verminderde productiviteit kunnen een ernstige sociale en economische impact hebben. Mensen lopen het risico hun middelen van bestaan te verliezen.
Biodiversiteit is een materieel onderwerp vanuit het impactperspectief in onze upstream waardeketen. In onze eigen activiteiten is dit geen materieel onderwerp, het risico op biodiversiteitsgevoeligheid op onze locaties is niet erg hoog of hoog, maar gemiddeld volgens het WWF Biodiversity Risk Assessment.
2. Policies
Aangezien landdegradatie en ontbossing alleen materiële onderwerpen zijn in onze upstream waardeketen, wordt dit onderwerp beheerd via onze Leveranciers Code of Conduct, die te vinden is op onze website: pol-004-leg-en-whats-cooking-group-business-code-of-conduct-for-suppliers-v2024.pdf
Daar vind je ook onze policies over 100% RSPO gecertificeerde palmolie, lokaal Europees rundvlees, FSC of PEFC gecertificeerd karton en papier, Europese soja voor direct gebruik in onze producten en ons streven naar ASC/MSC/Global GAP gecertificeerde vis.
3. Acties
Bij What’s Cooking Group erkennen we het belang van verantwoord landgebruik en het minimaliseren van onze impact op ontbossing. Op dit moment vallen onze producten niet onder het toepassingsgebied van de EU Ontbossingsverordening (EUDR), aangezien geen van onze goederen zijn opgenomen in Bijlage I van de verordening. Duurzaamheid blijft echter een belangrijke prioriteit in onze inkooppraktijken.
Via onze Leveranciers Code of Conduct en onze leveranciers policy zorgen we ervoor dat onze leveranciers zich committeren tot verantwoorde inkoop. Ze moeten garanderen dat geen van onze producten afkomstig is van ontbost land of bijdraagt aan de conversie van ecosystemen.
Belangrijke commitments in onze toeleveringsketen zijn onder andere:
• Palmolie: De kleine hoeveelheid die we nog gebruiken is 100% RSPO-gecertificeerd.
• Rundsvlees: We kopen alleen lokaal Europees rundsvlees, dat geen risico op ontbossing met zich meebrengt.
• Verpakking: Al het papier en karton dat wordt gebruikt voor de verpakking is FSC- of PEFC-gecertificeerd.
• Soja: Alle soja die direct in onze producten wordt gebruikt is Europese soja, waardoor er geen risico op ontbossing is.
Hoewel we geen directe controle hebben over de allereerste stadia van onze waardeketen, zoals de soja die wordt gebruikt in dierenvoeder, gaan we actief de dialoog aan met onze vleesleveranciers en eisen we van hen dat ze voldoen aan de EU Ontbossingsverordening (EUDR).
Bij What’s Cooking Group erkennen we het belang van de bescherming van de bodemgezondheid en biodiversiteit. Om bodemaantasting tegen te gaan, ondersteunen we actief regeneratieve landbouw en stimuleren we duurzame landbouwpraktijken in onze hele toeleveringsketen.
Door middel van EcoVadis-evaluaties (of andere gelijkaardige bronnen) en ons programma voor leveranciers engagement kijken we of leveranciers projecten implementeren om biodiversiteit en bodemgezondheid te bevorderen, zoals via regeneratieve landbouw projecten. Ons inkoopteam bespreekt deze onderwerpen actief met leveranciers en ziet dat velen al betekenisvolle stappen nemen om bodemgezondheid te verbeteren en milieu impact te reduceren.
4. KPI’s en doelen
Bij What’s Cooking? hebben we nog geen meetbare, resultaatgerichte doelen gesteld voor bodemgezondheid en biodiversiteit. De belangrijkste reden hiervoor is de complexiteit van het kwantificeren van de impact op dit gebied. Verbeteringen van de bodemgezondheid en de biodiversiteit zijn moeilijk op een gestandaardiseerde manier te meten, vooral binnen onze upstream waardeketen, waar de impact plaatsvindt. Aangezien deze onderwerpen grotendeels betrekking hebben op indirecte leveranciers in plaats van onze directe leveranciers, wordt het nog moeilijker om duidelijke en werkbare doelen te stellen.
We erkennen echter het belang van het aanpakken van bodemgezondheid en biodiversiteit en zetten ons in om vooruitgang te boeken. De komende jaren zullen we onderzoeken wat de best mogelijke doelen zijn en evalueren hoe we een zinvolle bijdrage kunnen leveren. Om dit te bereiken zijn we van plan om pilootprojecten op te zetten in samenwerking met leveranciers en andere stakeholders. Deze projecten zullen ons helpen om een effectieve aanpak te beoordelen en een haalbaar ambitieniveau te bepalen.

Materieel onderwerp
Duurzame verpakking (in- en uitstroom van middelen)
E5 Protect our planet
Negatieve Impact
Ons jaarlijkse verbruik van primaire verpakkingsmaterialen bedraagt ongeveer 7,219 ton. Voor de productie van verpakkingsmaterialen moeten vaak natuurlijke hulpbronnen worden ontgonnen, wat leidt tot vernietiging van habitats, ontbossing en uitputting van eindige hulpbronnen. Bovendien vereist de productie van verpakkingsmaterialen een aanzienlijke energie-input. Verpakkingsmaterialen dragen aanzienlijk bij aan de gemeentelijke afvalstromen. Verpakkingsmaterialen die niet op de juiste manier worden verwijderd of gerecycleerd, kunnen terechtkomen in verbrandingsovens, op stortplaatsen of als zwerfvuil.
Upstream VC
Eigen activiteiten
Downstream VC
(Voedsel) afval E5 Protect our planet
Negatieve Impact
In 2025 genereerden onze eigen operaties ongeveer 10,694 ton voedselafval, 19 ton afval van gevaarlijke stoffen, 0 ton gestort materiaalafval, 2,155 ton verbrand materiaalafval en 1,129 ton gerecycleerd materiaalafval. Maar het meeste productafval ontstaat bij de detailhandelaar en in de huishoudens zelf. Blootstelling aan gevaarlijk afval levert aanzienlijke risico’s op voor de menselijke gezondheid, terwijl een verkeerd beheer van gevaarlijk afval kan leiden tot een schadelijke impact op het milieu. Het ontstaan van percolaat uit gestort afval kan het grondwater verontreinigen en de productie van methaan, een broeikasgas, is een bijproduct van storten. Bovendien gaan waardevolle materialen onnodig verloren wanneer recycleerbaar afval wordt gestort of verbrand. Bij What’s Cooking Group gaat er geen afval naar de stortplaats. Voedselverspilling heeft ook een diepgaande negatieve impact op het milieu, aangezien de productie, verwerking, het transport en de verwijdering van verspild voedsel aanzienlijke hulpbronnen zoals water, energie en land verbruiken. Wanneer voedsel wordt verspild, worden deze hulpbronnen effectief verspild, waardoor problemen met betrekking tot grondstoffen-schaarste en inefficiëntie worden verergerd.
Upstream VC
Eigen activiteiten
Downstream VC
Medium Technologie, Producten & Markt
Dit omvat de ontwikkeling van duurzame verpakkingsoplossingen. Bedrijven moeten innoveren om verpakkingen aan te bieden die een circulaire economie ondersteunen en voldoen aan de vraag van consumenten naar milieuvriendelijke opties. Als ze er niet in slagen om circulaire verpakkingspraktijken toe te passen, kan dit leiden tot marktverlies en een verminderd concurrentievermogen.
Juridisch & Policies
Het risico omvat de naleving van regelgeving gericht op het bevorderen van de recycleerbaarheid van verpakkingen en een circulaire economie (PPWR). Bedrijven moeten zich houden aan wetten voor verpakkingsmaterialen en afvalbeheer om boetes en juridische geschillen te voorkomen. Veranderingen in de Policies kunnen aanpassingen aan het verpakkingsontwerp vereisen en enorme uitdagingen op het gebied van voeding.
Reputatie
In termen van reputatie heeft het risico betrekking op de publieke perceptie van de betrokkenheid van een bedrijf bij duurzame verpakkingspraktijken.
Omgekeerd kunnen beschuldigingen van buitensporig veel verpakkingsafval of milieuschade de reputatie schaden en leiden tot verzet bij de consument.
Operationeel
De aanvoer van gerecycleerd materiaal en recycleerbare verpakkingen kan worden verstoord door een zeer grote vraag, waardoor de prijzen stijgen. Het aanpassen van verpakkingen kan leiden tot enorme operationele veranderingen en hoge investeringen
Medium Juridisch & Policies
Het risico omvat de naleving van regelgeving die gericht is op het verminderen van afvalproductie, zoals wetten voor afvalverwijdering. Bedrijven moeten zich houden aan wetten voor afvalbeheer om boetes en juridische geschillen te voorkomen. Veranderingen in de Policies kunnen aanpassingen in de afvalbeheerpraktijken vereisen.
Reputatie
Het gaat om de publieke perceptie van de afvalbeheerpraktijken en inspanningen van een bedrijf om afval, waaronder voedselafval, te verminderen.
Beschuldigingen van buitensporige afvalproductie of onjuiste verwijdering kunnen de reputatie schaden en leiden tot verzet van de consument. Operationeel
Voor operationele aspecten bestaat het risico uit verstoringen en hogere kosten als gevolg van inefficiënte afvalbeheerpraktijken
Operationeel
Voor operationele aspecten bestaat het risico uit verstoringen en hogere kosten als gevolg van inefficiënte afvalbeheerpraktijken
Technologie, Producten & Markt
Meer inkomsten door toegang tot nieuwe en opkomende markten Verhoogde inkomsten door een betere concurrentiepositie om tegemoet te komen aan de veranderende vraag van klanten/voorkeuren van consumenten (duurzame verpakking).
Reputatie
Transparante communicatie over inspanningen om verpakkingsafval te minimaliseren en circulariteit te bevorderen kan de merkreputatie en het consumentenvertrouwen verbeteren.
Reputatie
Transparante communicatie over initiatieven voor afvalvermindering en duurzame praktijken kunnen de merkreputatie en het consumentenvertrouwen verbeteren.
2. Onze Policies en systemen
Onze policies inzake voedselverspilling zijn te vinden onder Protect our Planet - War on waste winnen - Voedselverspilling tegengaan - Onze Policies en Systemen.
Onze policies inzake duurzame verpakking zijn te vinden onder Protect our Planet - War on Waste winnen - Duurzame verpakking - Onze Policies en Systemen.
Onze policies ten aanzien van de instroom van grondstoffen voor vlees en ingrediënten zijn te vinden onder Protect our Planet - Verantwoord inkopen - Onze Policies en Systemen.
3. Acties
Onze acties op het gebied van voedselverspilling zijn te vinden onder Protect our Planet - War on waste winnen - Voedselverspilling tegengaan - Onze Duurzaamheidsacties.
We rapporteren over de volgende KPI’s van het ESRS:
Instroom van resources
Onze acties op het gebied van duurzame verpakking zijn te vinden onder Protect our Planet - War on waste winnen - Duurzame verpakking – Onze Duurzaamheidsacties.
4. KPI’s en doelen
De doelen voor circulaire economie zijn te vinden onder Protect our Planet - War on waste winnen - Voedselverspilling tegengaan - Onze duurzaamheidsdoelen, onder Protect our Planet - War on waste winnen – Duurzame verpakking- Onze duurzaamheidsdoelen en onder Protect our PlanetVerantwoord inkopen - Onze duurzaamheidsdoelen.
Onze doelstelling voor voedselverspilling is gericht op de bovenste lagen van de ladder van Lansink, we willen voedselverspilling voorkomen of hergebruiken, alleen dan kunnen we onze doelstelling halen. Nu al wordt al het voedselafval gebruikt voor recovery activiteiten.
Totaal gewicht aan vlees, ingrediënten en verpakkingsmateriaal gebruikt tijdens de rapportageperiode
vlees en ingrediënten
Het absolute gewicht van gerecyclede verpakkingsonderdelen, gebruikt voor primaire verpakking.
Het absolute gewicht van hergebruikte ingrediënten (door herbewerking) gebruikt om nieuwe producten te maken
%Gerecycleerd materiaal in de primaire verpakking van onze producten (zelfde berekeningswijze als Overzicht van strategische KPI’s en doelen)
Over het algemeen streven we ernaar dat onze instroom van secundaire verpakkingen grotendeels herbruikbaar is (plastic kratten) of van gerecycleerde oorsprong. Onze ingrediënten zijn meestal vers of diepgevroren en zijn normaal gesproken niet afkomstig van herwerkte of teruggewonnen bronnen.
Uitstroom van resources
vergist voedselafval voor de productie van biogas
dat vlees bevat dat wordt teruggewonnen in de destructie-industrie
teruggewonnen als biodiesel
hoeveelheid afval van gevaarlijke materialen met andere verwerking aan het einde van de levensduur
Totale hoeveelheid ongevaarlijk afval dat via andere terugwinningsactiviteiten is teruggewonnen
% ‘recovered’ niet-gevaarlijk afval
Totale hoeveelheid afval die wordt gestort
Totale hoeveelheid geproduceerd voedselafval zonder Rennes
Totale hoeveelheid geproduceerd afval van niet-gevaarlijke materialen zonder Rennes
Met betrekking tot de duurzaamheid van onze producten is de houdbaarheid de meest bepalende factor binnen onze sector. Gezien de verscheidenheid aan producten die we aanbieden, varieert de houdbaarheid van enkele dagen tot ongeveer een jaar, afhankelijk van of de producten als ‘vers’ of ‘bevroren’ worden verkocht. De houdbaarheid van onze verse producten hangt af van de periode waarin kwaliteit, voedselveiligheid en smaak gegarandeerd kunnen worden, waarbij er altijd een balans is tussen kwaliteit en voedselverspilling. We streven er ook naar om het gebruik van kunstmatige conserveringsmiddelen tot een minimum te beperken.
Diepvriesvoedsel, dat vaker wordt gebruikt in het foodservice kanaal, is langer houdbaar en zorgt voor minder voedselverspilling op het einde van de waardeketen, maar vereist een hoger energieverbruik, zowel tijdens de productie als verderop in de keten.
Onze voedselverspillingsprestaties in 2025 werden beïnvloed door een aantal factoren, waaronder onze organische groei, de overname van Rennes, maar ook door de investering in nieuwe verpakkingsapparatuur. Deze investering leidde tot meer testfases en opstartverliezen, aangezien wij ons in een leercurve bevinden. Wij stellen echter vast dat het niveau van voedselverspilling na deze leercurve opnieuw daalt en dat de reductie van 85% in plastic op lange termijn hand in hand zal gaan met een verdere structurele vermindering van voedselverspilling.
Materieel onderwerp
Gezondheid & Veiligheid
ESRS
Strategische pijler
Impacten
S1 & S2 Help people flourish Potentiële Negatieve Impact In 2025 rapporteerde What's Cooking? een Recordable Injury Frequency Rate (RIFR) van 17.11 wat betekent dat er voor elke 1,000,000 werkuren 17.11 verwondingen waren. De aanwezigheid van veiligheidsrisico’s binnen onze activiteiten (vooral in onze fabrieken voor arbeiders) vormt een direct risico op letsel en, tragisch genoeg, zelfs op dodelijke ongevallen. Dergelijke incidenten kunnen diepgaande impact hebben, niet alleen voor onze medewerkers maar ook voor hun gezinnen.
Employee engagement S1 (Entiteit specifiek) Help people flourish
Waardeketen
Eigen operaties
Eigen operaties
Onze veiligheids-policy is te vinden onder Help People Flourish - De veiligheid van medewerkers bewaken - Onze Policies en Systemen.
Onze Policies en Systemen voor gezondheid, welzijn en engagement van medewerkers zijn te vinden onder Help People Flourish – Engagement van medewerkers vergroten - Onze Policies en Systemen.
Code of Conduct
(Code of Conduct - Ethics line - Whistleblowing | What's Cooking)
Onze Code of Conduct (inclusief het gedeelte over mensenhandel, dwangarbeid of verplichte arbeid en kinderarbeid) is over het algemeen afgestemd op de internationale normen en richtlijnen, zoals de OESO-richtlijnen voor multinationale ondernemingen, de VN-richtlijnen voor bedrijven en mensenrechten, de verklaring van de Internationale Arbeidsorganisatie
(IAO) over fundamentele principes en rechten op het werk en de acht fundamentele arbeidsconventies van de ILO en de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens.
Klokkenluider policy en tool (pol-011-leg-en-whats-cooking-group-eu-uk-whistleblowerpolicy.pdf)
What’s Cooking? heeft een uitgebreide klokkenluiders-policy en -instrument geïmplementeerd dat nauw aansluit bij de lokale wetgeving. Dit kader omvat elk aspect, van de eerste melding tot de daaropvolgende follow-up en oplossing. Het belangrijkste doel van deze policy is het bevorderen van een cultuur van transparantie en naleving binnen de organisatie door medewerkers en derden aan te moedigen vermoedelijke overtredingen onmiddellijk te melden. Er zijn veilige kanalen voor rapportage zodat mensen hun zorgen kunnen uiten zonder bang te hoeven zijn voor vergelding.
Cooking?
Tijdslijn
Medium Juridisch & Policies
Het risico omvat de naleving van gezondheids- en veiligheidsvoorschriften die bedoeld zijn om medewerkers tegen letsel te beschermen. Bedrijven moeten zich aan deze voorschriften houden om boetes en rechtszaken te voorkomen, Veranderingen in het beleid kunnen aanpassingen van operationele procedures en productnormen vereisen.
Reputatie
In termen van reputatie heeft het risico betrekking op de publieke perceptie van de betrokkenheid van een bedrijf bij gezondheids- en veiligheidsnormen. Incidenten met nalatigheid op het gebied van veiligheid kunnen de reputatie schaden en leiden tot wantrouwen bij de consument.
Operationeel
Het risico bestaat uit verstoringen en hogere kosten door ongevallen, verwondingen en gezondheidsproblemen op het werk. Als gezondheid en veiligheid geen prioriteit krijgen, kan dit leiden tot productiviteitsverlies.
Medium Operationeel
Als de betrokkenheid van medewerkers laag is, zal een laag moraal leiden tot een lagere productiviteit, een hoger ziekteverzuim en een hoger personeelsverloop.
Opportuniteiten
Meldingen die in het kader van deze policy worden ontvangen, zullen met de grootst mogelijke vertrouwelijkheid worden behandeld in overeenstemming met de huidige privacy- en gegevensbeschermingswetgeving, waaronder Verordening (EU) 2016/679 (GDPR) en relevante nationale regelgeving. De identiteit van de melder blijft vertrouwelijk en wordt alleen bekendgemaakt aan bevoegd personeel dat betrokken is bij het onderzoeksproces, of zoals vereist door de wet.
Na ontvangst van een melding voert de lokale meldingsmanager een voorlopige beoordeling uit en bepaalt de juiste handelwijze. Onderzoeken worden waar mogelijk grondig en lokaal uitgevoerd, indien nodig met de hulp van het onderzoeksteam van de groep. Er kan een beroep worden gedaan op externe adviseurs om de integriteit en vertrouwelijkheid van het proces te waarborgen.
Technologie, Producten & Markt Innovatie en creativiteit: Geëngageerde medewerkers dragen eerder bij aan ideeën en innovaties die de bedrijfsgroei en concurrentiekracht stimuleren.
Reputatie
Verbeterde reputatie: Een reputatie als favoriete werkgever kan toptalent aantrekken en het merkimago van het bedrijf verbeteren.
Operationeel
Verhoogde productiviteit: Betrokken medewerkers zijn gemotiveerder en meer betrokken, wat leidt tot een hogere productiviteit en betere prestaties.
Behoud van talent: Betrokken medewerkers zijn eerder geneigd om bij het bedrijf te blijven, waardoor het personeelsverloop en de daarmee gepaard gaande kosten dalen.
Kostenbesparingen: Een hogere mate van betrokkenheid kan leiden tot een lager ziekteverzuim, lagere kosten voor gezondheidszorg en een hogere winstgevendheid.
Tijdens het onderzoek wordt de melder op de hoogte gehouden van de voortgang en resultaten. Binnen drie maanden na bevestiging van de melding wordt feedback gegeven over de acties die zijn ondernomen om de gemelde schending aan te pakken. Alle acties worden gedocumenteerd om transparantie en verantwoording bij het oplossen van problemen te garanderen.
Bij What’s Cooking? zetten we ons in om de hoogste normen van ethisch gedrag te handhaven. Onze klokkenluider- policy onderstreept deze toewijding en biedt een mechanisme voor individuen om zorgen te uiten en bij te dragen aan een cultuur van integriteit en verantwoordelijkheid binnen de organisatie. Onze klokkenluider-policy zorgt ervoor dat discriminatie wordt voorkomen, dat er snel actie wordt ondernomen bij ontdekking en dat diversiteit en inclusie worden bevorderd.
De hoogste functie binnen What’s Cooking? die de operationele verantwoordelijkheid heeft om ervoor te zorgen dat de veiligheid en gezondheid van medewerkers wordt besproken en gecontroleerd, is de Group Health & Safety Manager.
De hoogste functie binnen What’s Cooking? die verantwoordelijk is voor de klokkenluidertool is de Group Legal Manager & Secretary General.
Processen voor het betrekken van het eigen personeel en medewerkersvertegenwoordigers bij de impacten
Onze benadering van de dialoog met ons personeel en medewerkersvertegenwoordigers bestaat uit meerdere stappen die gericht zijn op het bevorderen van een cultuur van betrokkenheid en inclusiviteit.
Jaarlijks ontvangen medewerkers een engagementvragenlijst om de mate van betrokkenheid binnen What’s Cooking? te meten. Zo kunnen we het engagement op elke locatie beoordelen en waardevolle feedback verzamelen.
Op basis van de input die we verzamelen uit de vragenlijsten over engagement, stemmen we acties specifiek af op elke vestiging om in te spelen op vastgestelde behoeften en voorkeuren. Deze lokale aanpak zorgt ervoor dat we nauw aansluiten bij de behoeften van onze medewerkers. Voorbeelden van geïmplementeerde acties zijn onder andere taallessen en instructies met pictogrammen in plaats van tekst om de inclusiviteit onder verschillende minderheidsgroepen te vergroten.
Door deze maatregelen te implementeren, streven we ernaar een werkomgeving te creëren waarin elke werknemer zich gewaardeerd, betrokken en geëngageerd voelt bij de doelstellingen en initiatieven van het bedrijf.
We hebben ook regelmatig contact met onze medewerkersvertegenwoordigers (ondernemingsraden en dergelijke) en organiseren een jaarlijkse informatiebijeenkomst voor vertegenwoordigers van al onze locaties om informatie uit te wisselen en met hen in gesprek te gaan om de betrokkenheid en het welzijn van onze medewerkers verder te verbeteren. Daarnaast vinden er ook regelmatig ‘town hall’ sessies en online update vergaderingen plaats.
De hoogste functie binnen What’s Cooking? die de operationele verantwoordelijkheid heeft om ervoor te zorgen dat de betrokkenheid van medewerkers wordt besproken en gecontroleerd, is de Chief People Officer.
Onze acties met betrekking tot een veilige werkomgeving zijn te vinden onder Help People Flourish - De veiligheid van medewerkers bewaken –Onze Duurzaamheidsacties.
Onze acties met betrekking tot gezondheid, welzijn en betrokkenheid van medewerkers zijn te vinden onder Help People Flourish - Engagement van medewerkers vergroten - Onze Duurzaamheidsacties.
Onze Human Resources (HR) en Environment, Health, en Safety (EHS) teams spelen een centrale rol bij het implementeren van maatregelen om een veilige werkomgeving te garanderen en de gezondheid, het welzijn en de betrokkenheid van medewerkers te verbeteren. Deze teams werken samen om strategieën te ontwikkelen en te implementeren die gericht zijn op het bevorderen van veiligheid, het verbeteren van de algemene gezondheid van medewerkers en het stimuleren van een cultuur van welzijn en engagement in de hele organisatie.
Naast de HR- en EHS-teams hebben we verschillende werkgroepen opgericht, zoals de Engagement teams en Ambassadeurs, die zich bezighouden met initiatieven op het gebied van gezondheid, welzijn, veiligheid en betrokkenheid. Deze groepen krijgen de tijd en de middelen die nodig zijn om actief deel te nemen aan het ontwikkelen en implementeren van programma’s en initiatieven die inspelen op de uiteenlopende behoeften van ons personeel.
We moedigen alle medewerkers actief aan om ideeën en suggesties voor acties aan te dragen via onze open cultuur en de waarden die we vorig jaar tijdens onze bedrijfs-rebranding hebben geïntroduceerd: “confident and courageous” en “crafting with care & care by crafting”.
Door de gezamenlijke inspanningen van onze teams, werkgroepen en al onze ‘confident and courageous’ medewerkers, zijn we toegewijd aan het voortdurend verbeteren van de veiligheid, de gezondheid en het welzijn van ons personeel. Daarnaast streven we ernaar om een positieve en boeiende werkomgeving voor iedereen te creëren, die onze toewijding aan onze waarden en de collectieve inspanningen van onze hele organisatie weerspiegelt.
Door het creëren van een open communicatie met onze klokkenluidersregeling en een cultuur van veiligheid en welzijn door middel van training en het creëren van bewustzijn, willen we ervoor zorgen dat onze bedrijfsactiviteiten geen materiële negatieve impact veroorzaken of hieraan bijdragen.
4. KPI’s en doelen
Onze doelstellingen met betrekking tot een veilige werkomgeving zijn te vinden onder Help People Flourish - De veiligheid van medewerkers bewaken - Onze Duurzaamheidsdoelstellingen.
Onze doelen met betrekking tot gezondheid, welzijn en betrokkenheid van medewerkers zijn te vinden onder Help People Flourish – Engagement van medewerkers vergroten - Onze Duurzaamheidsdoelstellingen.
Kenmerken van de medewerkers van de onderneming
Wij hebben niet alle werknemers verzocht hun gender kenbaar te maken. De informatie in bovenstaande tabel is gebaseerd op de identificatie bij de indiensttreding van de werknemer.
Diversiteitsgegevens
Diversiteitsgegevens
Aantal medewerkers en dienstverleners (aantal personen) op topmanagementniveau (definitie topmanagementniveau = Uitvoerend Comité; dienstverleners omvatten vertegenwoordigers van managementvennootschappen)
Percentage vrouwelijke medewerkers op topmanagementniveau
Aantal medewerkers (headcount) jonger dan 30 jaar (totale Groep)
Percentage medewerkers jonger dan 30 jaar
Aantal medewerkers (headcount) tussen 30 en 50 jaar oud (totale Groep)
Percentage medewerkers tussen 30 en 50 jaar oud
Aantal medewerkers (headcount) ouder dan 50 jaar (totale Groep)
Percentage medewerkers ouder dan 50 jaar
Aantal nationaliteiten op jaareinde 2025 Eenheid 2025
Marche-en-Famenne (België) # 11
Wanze (België) # 12
Mézidon (Frankrijk) # 4
Rennes (Frankrijk) # 12
Opole (Polen) # 2
Deeside (Verenigd Koninkrijk) # 18
Gezondheid en veiligheid
7
307
18,54%
865
484
29,23%
Binnen de groep zijn diversiteit, gelijkheid en inclusie belangrijk, omdat we vestigingen hebben waar mensen met verschillende achtergronden, nationaliteiten, religies enz. werken. We werken als één familie en we zijn trots op de diversiteit in de verschillende teams. Een bewijs van de diversiteit zijn de nationaliteiten die in de verschillende fabrieken binnen de groep werken - zoals weergegeven in de tabel links. De tabel omvat alleen eigen personeel en geen uitzendkrachten.
Gezondheid en veiligheid
Aantal sterfgevallen onder het eigen personeel als gevolg van werk gerelateerde letsels en werk gerelateerde slechte gezondheid
Aantal sterfgevallen als gevolg van werk gerelateerde verwondingen en werk gerelateerde slechte gezondheid van andere werknemers die op bedrijfslocaties werken
Aantal geregistreerde* werk gerelateerde ongevallen en slechte gezondheid voor eigen personeel
Percentage geregistreerde* werk gerelateerde ongevallen en slechte gezondheid voor eigen personeel
Aantal verloren kalenderdagen door werk gerelateerde letsels en sterfgevallen door werk gerelateerde ongevallen, werk gerelateerde slechte gezondheid en sterfgevallen door slechte gezondheid van werknemers
Percentage van het eigen personeelsbestand dat onder een gezondheids- en veiligheidsbeheersysteem valt dat gebaseerd is op wettelijke vereisten en (of) erkende normen of richtlijne
RIFR zonder Rennes
Percentage geregistreerde werkgerelateerde ongevallen en slechte gezondheid van eigen personeel zonder Rennes
(*) De registreerbare werkgerelateerde ongevallen voor 2022 sluiten het aantal ongevallen zonder werkverlet uit; vanaf 2024 zijn deze wel in de cijfers opgenomen.
Incidenten
Het totale aantal gevallen van discriminatie, inclusief intimidatie
Het aantal klachten ingediend via kanalen voor eigen werknemers om bezorgdheden te uiten (inclusief klachtenmechanismen) en, waar van toepassing, bij de Nationale Contactpunten voor OESO-richtlijnen voor multinationale ondernemingen.
Het totale bedrag aan materiële boetes, straffen en schadevergoedingen als gevolg van schendingen met betrekking tot sociale en mensenrechtenfactoren
Het aantal ernstige mensenrechtenkwesties en -incidenten in verband met het personeel van de onderneming in de rapporteringsperiode, inclusief een indicatie hoeveel hiervan een schending zijn van de UN Global Compact Principles en de OESO-richtlijnen voor multinationale ondernemingen.
Het totale bedrag aan boetes, sancties en schadevergoedingen voor de kwesties en incidenten met betrekking tot ernstige mensenrechtenkwesties en -incidenten
*Wij hebben één klacht inzake discriminatie ontvangen, die werd onderzocht, maar waarvoor geen verdere maatregelen nodig werden geacht.
Duurzaamheidsverklaring
Materieel onderwerp ESRS
Gezondheid & Veiligheid
Strategische pijler
S1 & S2 Help people flourish
Potentiële Negatieve Impact
Adequate lonen in de waardeketen
S2 Help people flourish
Impacten
De voedingssector heeft relatief hoge letselpercentages in vergelijking met andere sectoren door de prevalentie van industriële machines en chemicaliën. Spier- en skeletaandoeningen, contact met chemicaliën en infecties, en traumatische verwondingen aan gereedschap en machines zijn enkele voorbeelden van veelvoorkomende acute en chronische gevaren. Medewerkers zijn betrokken bij allerlei arbeidsintensieve activiteiten. Vallende voorwerpen, aanrijdingen met voertuigen, ongelukken met apparatuur, hitte-gerelateerde ziekten of verwondingen en andere typische gevaren. De visserij brengt een aantal risico’s met zich mee, zoals een slechte gezondheid, arbeidsongevallen en zelfs de dood. Voor het vissen kunnen lange dagen op zee nodig zijn. De behoefte aan dagelijkse en wekelijkse ontspanning als gevolg van de vereisten voor bemanningssterkte heeft ook een effect op de gezondheid en veiligheid van de bemanning in de visserij.
Landbouwactiviteiten behoren vaak tot de gevaarlijkste activiteiten voor medewerkers en veel landarbeiders lijden onder arbeidsongevallen en beroepsziekten. Blootstelling aan slecht weer, nauw contact met gevaarlijke dieren of planten, veelvuldig gebruik van chemische producten, moeilijke werkhoudingen en lange werkdagen, en het gebruik van gevaarlijke gereedschappen en machines leiden allemaal tot gezondheidsproblemen (IFPRI, 2006). Het geschatte aantal vergiftigingen door pesticiden ligt bijvoorbeeld tussen de 2 en 5 miljoen per jaar, waarvan 40 000 met dodelijke afloop (ILO, 2005 en 2011b). De aanwezigheid van veiligheidsrisico’s vormt een direct risico op verwondingen en, tragisch genoeg, zelfs op dodelijke ongevallen. Dergelijke incidenten kunnen diepgaande impact hebben, niet alleen voor de medewerkers maar ook voor hun gezinnen.
Potentiële Negatieve Impact
Krappe winstmarges zijn vaak de oorzaak van lage lonen in de voedingssector. Onaangepaste lonen dragen bij tot een laag moreel en ontevredenheid, waardoor een negatieve en mogelijk vijandige werkomgeving ontstaat. Financiële druk als gevolg van lage lonen kan leiden tot stress, met impact voor de geestelijke gezondheid en het algehele welzijn.
Potentiële Positieve Impact
Verbeterde financiële stabiliteit: Medewerkers kunnen beter in hun basisbehoeften voorzien en plannen maken voor de toekomst.
Beter onderwijs: Gezinnen met een goed loon kunnen zich beter onderwijs voor hun kinderen veroorloven.
Hogere werktevredenheid: Eerlijke lonen verhogen de arbeidstevredenheid en het moraal.
Minder stress: Financiële zekerheid vermindert stress en angst in verband met economische onzekerheid.
Balans werk-privé: Hogere lonen kunnen de behoefte aan meerdere banen verminderen, waardoor een beter evenwicht tussen werk en privéleven mogelijk wordt.
2. Policies
Onze Policies en Systemen voor medewerkers in de waardeketen zijn te vinden onder Help People Flourish - Mensenrechten respecteren – Onze Policies en Systemen. Hier vind je onder andere onze Leveranciers Code of Conduct, die veel aspecten over mensenrechten bevat.
Onze Leveranciers Code of Conduct is afgestemd op:
De OESO-richtlijnen voor multinationale ondernemingen
De VN-richtlijnen voor bedrijfsleven en mensenrechten
De Verklaring van de Internationale Arbeidsorganisatie (ILO) over de fundamentele principes en rechten op het werk
De ILO acht fundamentele arbeidsverdragen
De Universele Verklaring van de Rechten van de Mens
Onze klokkenluider policy wordt al uitgelegd onder Duurzaamheidsannex - Sociaal - Eigen personeel - Policies. Dit kanaal voor medewerkers in de waardeketen om hun zorgen te uiten is openbaar toegankelijk op onze website.
Waardeketen Tijdslijn Risico’s Opportuniteiten
Upstream VC
Downstream VC Medium
Upstream VC Medium
Processen voor dialoog met medewerkers in de waardeketen over impacten
Medewerkers in de waardeketen worden betrokken bij ons impact-materialiteitsproces. Je kunt meer informatie vinden in het gedeelte Waardeketen & Stakeholderengagement en in het gedeelte over onze materialiteitsbeoordeling. Via EcoVadis betrekken we ook onze leveranciers om zich te richten op duurzaamheid en met het verbeterplan dat ze krijgen, kunnen we hen vragen om bepaalde aspecten in de toekomst te verbeteren. EcoVadis maakt ook gebruik van een 360 graden controle-instrument - dat scant op potentiële mensenrechten- en ethische kwesties met betrekking tot medewerkers in de waardeketen.
3. Acties
Onze acties met betrekking tot medewerkers in de waardeketen zijn te vinden onder Help People Flourish - Mensenrechten respecteren - Onze Duurzaamheidsacties.
Door middel van strenge inkoopvoorwaarden, een uitgebreide leveranciers policy en onze Leveranciers Code of Conduct zorgen we ervoor dat onze eigen praktijken geen materiële negatieve impact hebben op medewerkers in de waardeketen. Deze kaders stellen duidelijke verwachtingen voor eerlijke arbeidspraktijken, ethisch verantwoord inkopen en naleving van de mensenrechtennormen. Daarnaast ondersteunt onze sterke focus op het aankopen van goederen uit de EU deze toezeggingen, aangezien de EU-regelgeving een robuust wettelijk kader biedt voor de bescherming van medewerkers en duurzaamheid.
We beheren de materiële impact door te zorgen voor eerlijke prijzen voor goederen en diensten in overeenstemming met de geldende wetgeving. Om de veiligheid en ethische normen in onze toeleveringsketen te handhaven, hebben we een Leveranciers ‘Code of Conduct’ geïmplementeerd en gaan we actief de dialoog aan met leveranciers via ons Leveranciers Engagement Programma, inclusief beoordelingen via EcoVadis.
4. KPI’s en doelen
Onze doelen met betrekking tot medewerkers in de waardeketen zijn te vinden onder Help People Flourish - Mensenrechten respecteren – Onze Duurzaamheidsacties.
Materieel onderwerp ESRS Strategische pijler
Gezondheid & Nutritie S4 (entiteit specifiek)
good food for all
Potentiële Negatieve Impact
Verhoogd risico op chronische ziekten zoals obesitas, diabetes en hartaandoeningen.
Slechte gezondheidsresultaten die leiden tot een lagere levenskwaliteit.
In verband gebracht met stoornissen zoals depressie en angst.
Potentiële Positieve Impact
Het ontwikkelen van producten met een goed nutritioneel profiel zal leiden tot een adequate inname van essentiële voedingsstoffen, die de algehele gezondheid (lichamelijk en geestelijk) ondersteunen.
Eigen activiteiten Downstream VC
Het garanderen van voedselveiligheid is een fundamentele ‘licence to operate’ en is ook van cruciaal belang voor het beschermen van de menselijke gezondheid. Daarom zullen we ook over dit onderwerp blijven rapporteren en ons streven om de hoogste normen te handhaven en dit essentiële gebied proactief te beheren opnieuw bevestigen. Zo houden we de mensenrechten hoog en versterken we het vertrouwen van onze stakeholders.
2. Policies
Good Food for All - Verbeterde voeding bevorderen - Onze Policies en Systemen.
Good Food for All - Het welzijn van de consument garanderen – Onze Policies en Systemen.
De klokkenluider-policy wordt al uitgelegd onder DuurzaamheidsannexSociaal - Eigen personeel - Policies.
3. Acties
Onze acties met betrekking tot consumenten en eindgebruikers zijn te vinden onder:
Good Food for All - Verbeterde voeding bevorderen - Onze duurzaamheidsacties.
Good Food for All - Het welzijn van de consument garanderen - Onze duurzaamheidsacties.
Processen voor dialoog met consumenten
Bij What’s Cooking? streven we ernaar om op een transparante en zinvolle manier in gesprek te gaan met onze consumenten en eindgebruikers. Om ervoor te zorgen dat we aan hun verwachtingen en voorkeuren voldoen, organiseren we smaakpanels in samenwerking met onafhankelijke derden. Deze panels geven niet alleen waardevolle feedback over de smaak en kwaliteit van onze producten, maar stellen ons ook in staat om verschillende perspectieven te integreren in ons besluitvormingsproces.
Daarnaast zoeken we actief naar inzichten in consumentengedrag en markttrends door algemene gegevens te verkrijgen van gerenommeerde bronnen zoals Nielsen, IRI en anderen. Deze gegevens stellen ons in staat om de veranderende behoeften en voorkeuren van onze doelgroep beter te begrijpen, waardoor we producten en initiatieven kunnen ontwikkelen die in lijn zijn met duurzaamheidsdoelen en tegelijkertijd voldoen aan de vraag van de consument. Door in gesprek te gaan met consumenten en gebruik te maken van gegevens-gestuurde inzichten, streven we ernaar een cultuur van duurzaamheid en innovatie te bevorderen die zowel ons bedrijf als het milieu positief beïnvloedt.
Door strikte kwaliteits- en veiligheidsnormen te hanteren, zorgen we ervoor dat onze eigen praktijken geen wezenlijke negatieve impacten hebben voor consumenten en eindgebruikers. Al onze leveranciers moeten GFSI-gecertificeerd zijn en onze eigen productiefaciliteiten voldoen aan de IFS-certificering van een hoger niveau. Daarnaast voldoen we volledig aan alle nationale wetten in de landen waar onze producten worden verkocht, zodat we de hoogste niveaus van consumentenveiligheid en naleving van de regelgeving kunnen garanderen.
4. KPI’s en doelen
Onze entiteitspecifieke statistieken en doelen zijn te vinden onder:
Good Food for All - Verbeterde voeding bevorderen - Onze duurzaamheidsdoelen.
Good Food for All - Het welzijn van de consument garanderen - Onze duurzaamheidsdoelen.
Medium Technologie, Producten & Markt
Verminderde vraag naar goederen door verschuiving in de eisen van klanten en consumentenvoorkeuren.
Juridisch & Policies
Veranderingen in het beleid kunnen vereisen dat productieprocessen, de inkoop van ingrediënten en de etikettering van producten worden aangepast.
Reputatie
Bewerkt voedsel ligt al onder vuur in de media, dit kan nog erger worden en de reputatie schaden.
Operationeel
Het aanpassen van onze processen aan andere soorten producten kan kosten met zich meebrengen.
Opportuniteiten
Technologie, Producten & Markt
What’s Cooking? kan zich richten op voedzame producten en nieuwe en opkomende markten betreden. Een betere concurrentiepositie om in te spelen op de veranderende behoeften van de consument kan de omzet verhogen.
Reputatie
Focussen op voedzame producten kan een enorme positieve impact hebben op onze reputatie.








Day by day, side by side
1. Materiële IRO
Materieel
Dierenwelzijn G1 Protect our planet
Potentiële Negatieve Impact
Voedselveiligheid: Dieren die worden gefokt in ongezonde of overbevolkte omstandigheden zijn kwetsbaarder voor ziekten, waardoor het risico op besmetting van voedselproducten toeneemt. Dit kan leiden tot door voedsel overgedragen ziekten en uitbraken, wat uiteindelijk een impact heeft voor de gezondheid van de consument en het vertrouwen in de voedselvoorziening ondermijnt.
Aantasting van het milieu: Intensieve veeteelt, vaak gekoppeld aan ontoereikende welzijnsomstandigheden, brengt aanzienlijke milieurisico’s met zich mee. Deze praktijken kunnen bijdragen aan lucht-, bodem- en watervervuiling, waardoor ecosystemen worden verstoord en de klimaatverandering verergert.
Welzijn van werknemers: Slecht dierenwelzijn heeft niet alleen een impact voor de dieren, maar ook voor de werknemers in de landbouw en voedingsmiddelenindustrie. Werknemers die worden blootgesteld aan door dieren overgedragen ziekteverwekkers lopen gezondheidsrisico’s, terwijl het getuige zijn van dierenleed emotioneel leed en ethische dilemma’s kan veroorzaken.
Dierenleed: Ondermaatse welzijnsomstandigheden kunnen een ernstige impact hebben voor het welzijn van dieren. Enkele veelvoorkomende problemen zijn:
- Beperkte beweging: Beperkte ruimte in stallen verhindert natuurlijke beweging.
-Overbezetting: Een hoge bezettingsdichtheid verhoogt de verspreiding van ziekten en de kans op verwondingen.
-Barre omgevingen: Gebrek aan stimulatie kan leiden tot stress en gedragsproblemen.
-Onvoldoende voeding: Slecht uitgebalanceerde diëten kunnen de honger en voedingsbehoeften niet bevredigen.
-Pijnlijke procedures: Bepaalde praktijken in de veehouderij veroorzaken onnodige pijn en leed.
-Selectief fokken: Fokken op productiekenmerken kan leiden tot anatomische en metabolische aandoeningen. In de landen waar wij vlees inkopen gelden evenwel strenge regels rond dierenwelzijn en we kopen ook veel vlees aan met dierenwelzijnlabels.
Materieel
Due Diligence & traceability raw materials
G1 (entiteit specifiek)
Protect our planet
Help people flourish
Upstream VC Own operations
Downstream VC
Onze Policies en Systemen met betrekking tot zakelijk gedrag zijn onze zakelijke gedragscode (pol-012-leg-en-whats-cooking-group-code-ofconduct-v4.pdf), onze leverancier policy (pol-001-proc-en-whats-cookinggroup-procurement-policy.pdf) en onze Leveranciers Code of Conduct (pol-004-leg-en-whats-cooking-group-business-code-of-conduct-forsuppliers-v2024.pdf. Dierenwelzijn maakt ook deel uit van onze leveranciers policy en onze Leveranciers Code of Conduct.
Onze Due Diligence-aanpak wordt uitgelegd onder Protect our PlanetVerantwoord inkopen - Onze duurzaamheidsacties.
Onze klokkenluider policy wordt al uitgelegd onder Duurzaamheidsannex - Sociaal - Eigen personeel - Policies.
We richten onze inspanningen zowel op naleving in relaties met leveranciers via de Leveranciers Code of Conduct als op interne policies die gelden voor alle medewerkers met betrekking tot bedrijfsethiek.
Medium Juridisch & Policies
De wetgeving inzake Due Diligence (CSDDD, enz.) maakt What’s Cooking? verantwoordelijk voor de hele waardeketen, dus als ergens in onze waardeketen een bedrijf zich niet aan de voorschriften houdt, zijn wij medeverantwoordelijk. Aankomende verordeningen zoals bijvoorbeeld de EU ‘ontbossing-richtlijn’ (momenteel vallen we niet onder de EUDR) laten echt het belang zien van volledige traceerbaarheid in je toeleveringsketen. Ook in de CSRD-verordening gaat het om je hele waardeketen, je moet weten wat er in je hele toeleveringsketen gebeurt. Gebrek aan volledige traceerbaarheid kan leiden tot wettelijke boetes.
Reputatie
Als ergens in onze waardeketen een bedrijf zich niet houdt aan wetten en ethische bedrijfspraktijken, kan dit ook onze reputatie schaden. Als uw toeleveringsketen niet volledig traceerbaar is en er gebeurt iets, dan zal dit een negatieve impact hebben op uw reputatie.
Operationeel
Als we ontdekken dat bedrijven zich niet aan ethische handelspraktijken houden, kan dat leiden tot verstoringen in de toeleveringsketen omdat we andere zakenpartners moeten zoeken om zaken mee te doen. Als je een probleem ontdekt met je eindproducten in een toeleveringsketen die niet volledig traceerbaar is, leidt dat tot veel operationele problemen en veel voedselverspilling.
Aantal veroordelingen voor overtreding van anticorruptie- en antiomkopingswetten
Bedrag aan boetes voor overtreding van anticorruptie- en antiomkopingswetten
% risicofuncties die onder anticorruptie-/ omkopingsopleidingsprogramma's vallen
Totale geldwaarde van financiële en politieke bijdragen in natura die direct en indirect zijn geleverd
Totaal bedrag aan lobbykosten
Totaalbedrag betaald voor lidmaatschap van lobbyverenigingen (sectororganisatie).
De gemiddelde tijd om een factuur te betalen
% betalingen aan leveranciers in lijn met de standaard contractuele betalingstermijn van 60 dagen
% betalingen aan leveranciers in lijn met de standaard contractuele betalingstermijn van 66 dagen*
Het aantal gerechtelijke procedures voor betalingsachterstand
Opportuniteiten
Reputatie
Volledige traceerbaarheid en een goed due diligence systeem, waarbij consumenten kunnen weten van welke boerderijen de grondstoffen in hun product afkomstig zijn, kunnen leiden tot een betere reputatie en loyale consumenten.
(*) Het bedrijf hanteert wekelijkse betalingscycli, dus betalingen vinden meestal net voor of net na de standaardtermijnen plaats.
Informatie opgenomen door middel van verwijzing
De volgende informatie is opgenomen door middel van verwijzing naar andere delen van het directieverslag: GOV1, GOV2, GOV3, GOV5 (+ 1st deel IRO1) in het hoofdstuk Corporate Governance van dit jaarverslag.













ESRS 1 BP -1 Algemene basis voor het opstellen van duurzaamheidsverklaringen
- Algemene informatie
-2 Toelichtingen met betrekking tot specifieke omstandigheden
opgenomen door middel van verwijzing
GOV-1 De rol van de bestuurs-, leidinggevende en toezichthoudende
GOV-2 Informatie verstrekt aan en duurzaamheidszaken behandeld door de bestuurs-, leidinggevende en toezichthoudende van de onderneming
Integratie van duurzaamheidsgerelateerde prestaties in beloningsysteem
Verklaring over due diligence
Risicomanagement en interne
en
Beschrijving van het proces voor het identificeren en beoordelen van een materiële
Disclosure Requirements in ESRS covered by the undertaking’s sustainability statement
ESRS E1 – Klimaatverandering
ESRS 2 GOV-3
Corporate Governance
E1-1 Transitieplan voor beperking van de klimaatverandering
Protect our Planet – Klimaatverandering bestrijden
ESRS 2 SBM-3
Duurzaamheidsannex - Milieu - Klimaat
ESRS 2 IRO-1
-
E1-2 Policies met betrekking tot beperking van en aanpassing aan klimaatverandering
Protect our Planet - Klimaatverandering bestrijden - Klimaatverandering & energieverbruik en -mix - Onze
Duurzaamheidsannex - Milieu - Klimaat - Policies
E1-3 Acties en middelen in verband met het Policies inzake klimaatverandering
Protect our Planet – Klimaatverandering bestrijden – Klimaatverandering & energieverbruik en energiemix –Onze duurzaamheidsacties: Transitieplan voor beperking van klimaatverandering p 54
Duurzaamheidsannex - Milieu - Klimaat - Acties / KPI’s & Doelen p
E1-4 Doelstellingen met betrekking tot beperking van en aanpassing aan klimaatverandering
Protect our Planet – Klimaatverandering bestrijden – Klimaatverandering & energieverbruik en energiemix - Onze duurzaamheidsdoelen / Onze duurzaamheidsactiesevoor beperking van klimaatveranderingDriving Change: Transition plan for Climate Change Mitigation p 52 Duurzaamheidsannex - Milieu - Klimaat – KPI’s & Doelen p
E1-5 Energieverbruik en energiemix
Duurzaamheidsannex - Milieu - Klimaat - KPI’s & Doelen - Energieverbruik & Mix p 90
E1-6 Scope 1,2,3 en totale broeikasgasemissies
Duurzaamheidsannex - Milieu - Klimaat - KPI’s & Doelen - Uitstoot van broeikasgassen p 91
E1-7 Verwijdering van broeikasgassen en projecten ter vermindering van broeikasgassen gefinancierd met koolstofkredieten
We maken geen gebruik van koolstofkredieten.
E1-8 Interne koolstofprijsstelling
We hebben nog geen interne koolstofprijs beoordeeld, maar we vergelijken regelmatig met de huidige koolstofprijs om het belang aan te tonen.
ESRS E2 – Vervuiling
ESRS 2 IRO-1
Duurzaamheidsannex - Materialiteitsbeoordeling p 75
E2-1 Policies met betrekking tot vervuiling
Duurzaamheidsannex - Milieu - Vervuiling - Policies p 95
E2-2 Acties en middelen met betrekking tot vervuiling
Duurzaamheidsannex - Milieu - Vervuiling - Acties p 95
E2-3 Doelen met betrekking tot vervuiling
Duurzaamheidsannex - Milieu - Vervuiling - KPI’s & Doelen p 95
ESRS E3 – Water en mariene hulpbronnen
E3 IRO-1
E3-1 Policies met betrekking tot water en mariene hulpbronnen
E3-2 Acties en middelen met betrekking tot water en mariene hulpbronnen Protect our Planet – Klimaatverandering bestrijden -
E3-3 Doelstellingen met betrekking tot water en mariene hulpbronnen
- Klimaatverandering bestrijden -
ESRS E4 – Biodiversiteit
E5-1 Policies met betrekking tot het gebruik van hulpbronnen en de circulaire economie
E5-2 Acties en middelen
E5-3
ESRS S1 – Own workforce S1 SBM-2
& Stakeholder Engagement
S1 SBM-3
Duurzaamheidsannex - Sociaal - Eigen personeel - Materiële IRO
S1-1 Policies met betrekking tot het eigen personeelsbestand
Help People Flourish - De veiligheid van medewerkers bewaken - Onze Policies en systemen
Help People Flourish – Engagement van medewerkers vergroten - Onze Policies en Systemen
- Sociaal - Eigen personeel - Policies
S1-2 Processen voor het betrekken van het eigen personeel en medewerkersvertegenwoordigers bij de impacten Waardeketen & Stakeholder engagement
S1-3 Processen om negatieve impacten te herstellen en kanalen voor het eigen personeel om zorgen te uiten
Duurzaamheidsannex - Sociaal - Eigen personeel - Policies
S1-4 Ondernemen van actie met betrekking tot materiële impacten voor het eigen personeelsbestand, en benaderingen voor het beheren van materiële risico's en het benutten van materiële opportuniteiten met betrekking tot het eigen personeelsbestand, en de effectiviteit van deze acties
Help People Flourish - De veiligheid van medewerkers bewaken - Onze duurzaamheidsacties p 66
Help People Flourish - Engagement van medewerkers vergroten - Onze duurzaamheidsacties
Duurzaamheidsannex - Sociaal - Eigen medewerkers - Acties
S1-5 Doelstellingen met betrekking tot het beheersen van materiële negatieve impacten, het bevorderen van positieve impacten en het beheersen van materiële risico's en opportuniteiten
Help People Flourish - De veiligheid van medewerkers bewaken - Onze duurzaamheidsdoelen p 66
Help People Flourish - Engagement van medewerkers vergroten - Onze duurzaamheidsdoelen
Duurzaamheidsannex - Sociaal - Eigen personeel - KPI’s & Doelen
S1-6 Kenmerken van de medewerkers van de onderneming
Duurzaamheidsannex - Sociaal - Eigen personeel - KPI’s & Doelen p
S1-9 Diversiteit
Duurzaamheidsannex - Sociaal - Eigen personeel - KPI’s & Doelen
S1-14 Gezondheid en veiligheid
Duurzaamheidsannex - Sociaal - Eigen personeel - KPI’s & Doelen p
S1-17 Incidenten, klachten en ernstige impacten voor de mensenrechten
Duurzaamheidsannex - Sociaal - Eigen personeel - KPI’s & Doelen p
ESRS S2 – Medewerkers in de waardeketen
Wij hebben gebruikgemaakt van de gefaseerde openbaarmakingsvereisten
– Sociaal – Medewerkers in de waardeketen
ESRS S4 – Consumenten en eindgebruikers
Wij hebben gebruikgemaakt van de gefaseerde openbaarmakingsvereisten zoals
– Sociaal – Consumenten en eindgebruikers
ESRS G1 – Zakelijk gedrag
G1-2 Beheer van relaties met leveranciers
G1-3 Voorkomen en opsporen van corruptie en omkoping
G1-6 Betalingspraktijken
Aan de algemene vergadering
In het kader van de wettelijke assuranceopdracht met een beperkte mate van zekerheid met betrekking tot de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie van What’s Cooking Group NV (de “Vennootschap”) en haar dochterondernemingen (samen de “Groep”), leggen wij u ons verslag over deze opdracht voor.
Wij werden benoemd door de algemene vergadering van 30 mei 2024, overeenkomstig het voorstel van het bestuursorgaan uitgebracht op aanbeveling van het auditcomité en op voordracht van de ondernemingsraad van de Vennootschap voor het uitvoeren van een assuranceopdracht met een beperkte mate van zekerheid met betrekking tot de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie van de Groep, opgenomen in de sectie ‘Verslag van de Raad van Bestuur – Duurzaamheidsverklaring’ van het What’s Cooking Group Jaarverslag 2025 op 31 december 2025 en voor het boekjaar afgesloten op deze datum (hierna “de duurzaamheidsinformatie”).
Ons mandaat loopt af op de datum van de algemene vergadering die beraadslaagt over de jaarrekening afgesloten op 31 december 2026. Wij hebben onze assuranceopdracht over de duurzaamheidsinformatie van de Groep uitgevoerd gedurende twee opeenvolgende boekjaren.
Conclusie met een beperkte mate van zekerheid Wij hebben een assuranceopdracht met een beperkte mate van zekerheid met betrekking tot de duurzaamheidsinformatie van de Groep uitgevoerd.
Op basis van de uitgevoerde werkzaamheden en de verkregen assurance-informatie is niets onder onze aandacht gekomen dat ons ertoe aanzet van mening te zijn dat de duurzaamheidsinformatie van de Groep, in alle van materieel belang zijnde opzichten:
• niet is opgesteld in overeenstemming met de vereisten bedoeld in artikel 3:32/2 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen, met inbegrip van de overeenstemming met de toepasbare Europese standaarden voor duurzaamheidsinformatie (European Sustainability Reporting Standards (ESRS));
• niet in overeenstemming is met het door de Groep uitgevoerde proces (“het Proces”) om de op grond van de Europese standaarden de openbaar gemaakte duurzaamheidsinformatie vast te stellen zoals toegelicht in sectie Materialiteitsbeoordeling’ van de duurzaamheidsinformatie; en de vereisten in artikel 8 van Verordening (EU) 2020/852 (de “Taxonomieverordening”) betreffende de openbaarmaking van de informatie, opgenomen ‘EU-taxonomie’ van het What’s Cooking Group Jaarverslag 2025, niet naleeft.
Basis voor de conclusie
Wij hebben onze assuranceopdracht met een beperkte mate van zekerheid uitgevoerd overeenkomstig ISAE 3000 (Herzien), Assuranceopdrachten anders dan opdrachten tot controle of beoordeling van historische financiele informatie (“ISAE 3000 (Herzien)”), zoals in België van toepassing.
Onze verantwoordelijkheden op grond van deze standaard zijn uitvoeriger beschreven in de sectie van ons verslag ”Verantwoordelijkheden van de commissaris betreffende de assuranceopdracht met een beperkte mate van zekerheid met betrekking tot de duurzaamheidsinformatie”.
Wij hebben alle deontologische vereisten die relevant zijn voor de assuranceopdracht van de duurzaamheidsinformatie in België nageleefd, met inbegrip van deze met betrekking tot de onafhankelijkheid.
Wij passen de internationale standaard voor kwaliteitsmanagement 1 (ISQM 1) toe, die vereist dat het kantoor een kwaliteitsmanagementsysteem opzet, implementeert en in werking stelt, inclusief beleidslijnen of procedures met betrekking tot de naleving van ethische vereisten, professionele normen en toepasselijke wettelijke en regelgevende vereisten.
Wij hebben van het bestuursorgaan en van de aangestelden van de Vennootschap de voor onze assuranceopdracht met een beperkte mate van zekerheid vereiste ophelderingen en inlichtingen verkregen.
Wij zijn van mening dat de door ons verkregen assurance-informatie voldoende en geschikt is als basis voor onze conclusie.
Board of directors’ responsibilities for the preparation of the sustainability information
Het bestuursorgaan van de Vennootschap is verantwoordelijk voor het opzetten en implementeren van het Proces en voor het toelichten van dit Proces in sectie ‘Materialiteitsbeoordeling’ van de duurzaamheidsinformatie. Deze verantwoordelijkheid omvat:
• het begrijpen van de context waarin de activiteiten en zakelijke betrekkingen van de Groep plaatsvinden en het ontwikkelen van inzicht in haar betrokken belanghebbenden;
• het identificeren van de feitelijke en potentiële effecten (zowel negatieve als positieve) in verband met duurzaamheidskwesties, alsook van risico’s en opportuniteiten die de financiële positie, de financiële prestaties, de kasstromen, de toegang tot financiering of de kapitaalkosten van de Groep op korte, middellange of lange termijn beïnvloeden of waarvan redelijkerwijs zou kunnen worden verwacht dat zij hierop een invloed zullen hebben;
• het beoordelen van de materialiteit van de vastgestelde effecten, risico’s en opportuniteiten in verband met duurzaamheidskwesties door passende drempelwaarden te selecteren en toe te passen; en het maken van veronderstellingen en schattingen die onder de gegeven omstandigheden redelijk zijn.
Het bestuursorgaan van de Vennootschap is ook verantwoordelijk voor het opstellen van de duurzaamheidsinformatie, die de door het Proces vastgestelde informatie bevat:
• in overeenstemming met de vereisten bedoeld in artikel 3:32/2 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen, met inbegrip van de toepasbare ESRS; en
met naleving van de vereisten in artikel 8 van de Taxonomieverordening betreffende de openbaarmaking van de informatie opgenomen in de sectie ‘EU-Taxonomie’ van het What’s Cooking Group jaarverslag 2025.
Deze verantwoordelijkheid omvat:
• het opzetten, implementeren en in stand houden van dergelijke interne beheersingsmaatregelen die het bestuursorgaan noodzakelijk acht voor het opstellen van duurzaamheidsinformatie die geen afwijkingen van materieel belang, als gevolg van fraude of van fouten, bevat; en
het kiezen en toepassen van geschikte methoden voor duurzaamheidsverslaggeving, en het maken van veronderstellingen en schattingen die onder de gegeven omstandigheden redelijk zijn.
Het auditcomité is verantwoordelijk voor het toezicht op het duurzaamheidsverslaggevingsproces van de Vennootschap.
Inherente beperkingen bij het opstellen van de duurzaamheidsinformatie
Bij het rapporteren van toekomstgerichte informatie in overeenstemming met de ESRS, wordt van het bestuursorgaan van de Vennootschap vereist dat het de toekomstgerichte informatie opstelt op basis van toegelichte veronderstellingen over gebeurtenissen die zich in de toekomst kunnen voordoen en mogelijke toekomstige maatregelen van de Groep. De feitelijke uitkomst zal waarschijnlijk anders zijn, aangezien verwachte gebeurtenissen vaak niet plaatsvinden zoals verwacht en de afwijking daarvan van materieel belang kan zijn.
Verantwoordelijkheden van de commissaris betreffende de assuranceopdracht met een beperkte mate van zekerheid met betrekking tot de duurzaamheidsinformatie
Het is onze verantwoordelijkheid om de assuranceopdracht te plannen en uit te voeren met het oog op het verkrijgen van een beperkte mate van zekerheid over de vraag of de duurzaamheidsinformatie geen afwijkingen van materieel belang, als gevolg van fraude of van fouten, bevat, en het uitbrengen van een assuranceverslag met een beperkte mate van zekerheid waarin onze conclusie is opgenomen. Afwijkingen kunnen zich voordoen als gevolg van fraude of fouten en worden als van materieel belang beschouwd indien redelijkerwijs kan worden verwacht dat zij, individueel of gezamenlijk, de beslissingen genomen door gebruikers op basis van de duurzaamheidsinformatie, beïnvloeden.
Als deel van een assuranceopdracht met een beperkte mate van zekerheid overeenkomstig ISAE 3000 (Herzien), zoals in België van toepassing, passen wij professionele oordeelsvorming toe en handhaven wij een professioneel-kritische instelling gedurende de opdracht. De uitgevoerde werkzaamheden in een opdracht met het oog op het verkrijgen van een beperkte mate van zekerheid, waarvoor wij verwijzen naar de sectie “Samenvatting van de uitgevoerde werkzaamheden”, zijn minder uitgebreid dan in het geval van een opdracht met het oog op het verkrijgen van een redelijke mate van zekerheid. We brengen dan ook geen oordeel met een redelijke mate van zekerheid tot uitdrukking als deel van deze opdracht.
What’s Cooking? Jaarverslag 2025
Aangezien de toekomstgerichte informatie in de duurzaamheidsinformatie en de veronderstellingen waarop deze is gebaseerd, betrekking hebben op de toekomst, kunnen deze worden beïnvloed door gebeurtenissen die zich mogelijk voordoen en/of door mogelijke acties van de Groep. De werkelijke uitkomsten zullen naar alle waarschijnlijkheid afwijken van de veronderstellingen, aangezien de veronderstelde gebeurtenissen zich veelal niet zullen voordoen zoals verwacht en de afwijking daarvan van materieel belang kan zijn. Onze conclusie biedt daarom geen garantie dat de gerapporteerde werkelijke uitkomsten zullen overeenkomen met diegene opgenomen in de toekomstgerichte informatie in de duurzaamheidsinformatie.
Onze verantwoordelijkheden ten aanzien van de duurzaamheidsinformatie, met betrekking tot het Proces, omvatten:
• het verwerven van inzicht in het Proces, maar niet met het oog op het verstrekken van een conclusie over de effectiviteit van het Proces, met inbegrip van de uitkomst van het Proces; en
• het opzetten en uitvoeren van werkzaamheden om te evalueren of het Proces in overeenstemming is met de beschrijving van het Proces door de Groep, zoals toegelicht in sectie ‘Materialiteitsbeoordeling’ van de duurzaamheidsinformatie.
Onze overige verantwoordelijkheden ten aanzien van de duurzaamheidsinformatie omvatten:
• het verwerven van inzicht in de beheersingsomgeving van de Groep, de relevante processen en informatiesystemen voor het opstellen van de duurzaamheidsinformatie, maar zonder de opzet van specifieke controleactiviteiten te beoordelen, onderbouwende informatie over hun implementatie te verkrijgen of de effectieve werking van de opgezette interne beheersingsmaatregelen te toetsen;
• het identificeren van de gebieden waar van materieel belang zijnde afwijkingen waarschijnlijk zullen optreden in de duurzaamheidsinformatie, of deze nu het gevolg zijn van fraude of fouten; en
• het opzetten en uitvoeren van werkzaamheden die inspelen op gebieden waar afwijkingen van materieel belang in de duurzaamheidsinformatie zich waarschijnlijk zullen voordoen. Het risico van het niet detecteren van een van materieel belang zijnde afwijking is groter indien die afwijking het gevolg is van fraude dan indien zij het gevolg is van fouten, omdat bij fraude sprake kan zijn van samenspanning, valsheid in geschrifte, het opzettelijk nalaten transacties vast te leggen, het opzettelijk verkeerd voorstellen van zaken of het doorbreken van de interne beheersing.
Samenvatting van de uitgevoerde werkzaamheden
Een assuranceopdracht met een beperkte mate van zekerheid omvat het uitvoeren van werkzaamheden om assurance-informatie te verkrijgen over de duurzaamheidsinformatie. De werkzaamheden die bij een opdracht met een beperkte mate van zekerheid zijn uitgevoerd, zijn verschillend in aard en timing en geringer van omvang dan voor opdrachten tot het verkrijgen van een redelijke mate van zekerheid. Daardoor ligt het niveau van zekerheid dat is verkregen bij een opdracht met een beperkte mate van zekerheid aanzienlijk lager dan wanneer een opdracht met een redelijke mate van zekerheid was uitgevoerd.
De aard, timing en omvang van geselecteerde werkzaamheden zijn afhankelijk van professionele oordeelsvorming, waaronder de vaststelling van gebieden waar afwijkingen van materieel belang in de duurzaamheidsinformatie, als gevolg van fraude of van fouten, zich waarschijnlijk zullen voordoen.
Bij het uitvoeren van onze assuranceopdracht met een beperkte mate van zekerheid, met betrekking tot het Proces, hebben wij:
• inzicht verworven in het Proces door:
• het verzoeken om inlichtingen teneinde inzicht te verwerven in de bronnen van informatie gebruikt door het management (bijv. betrokkenheid van belanghebbenden, bedrijfsplannen en strategiedocumenten); en
• het beoordelen van de interne documentatie van de Groep van haar Proces; en
• geëvalueerd of de assurance-informatie verkregen uit onze werkzaamheden over het door de Groep geïmplementeerde Proces in overeenstemming was met de beschrijving van het Proces zoals uiteengezet in sectie ‘Materialiteitsbeoordeling’ van de duurzaamheidsinformatie.
Bij het uitvoeren van onze assuranceopdracht met een beperkte mate van zekerheid, met betrekking tot de duurzaamheidsinformatie, hebben wij onder meer:
• inzicht verworven in de verslaggevingsprocessen van de Groep die relevant zijn voor het opstellen van haar duurzaamheidsinformatie door:
• op basis van het verzoeken van inlichtingen, het verwerven van inzicht in de beheersingsomgeving van de Groep, de relevante processen en informatiesystemen voor het opstellen van de duurzaamheidsinformatie.
• geëvalueerd of de materiele informatie zoals vastgesteld door het Proces is opgenomen in de duurzaamheidsinformatie;
• geëvalueerd of de structuur en het opstellen van de duurzaamheidsinformatie overeenstemt met de ESRS;
• om inlichtingen verzocht bij relevant personeel en cijferanalyses uitgevoerd op geselecteerde informatie in de duurzaamheidsinformatie;
• gegevensgerichte assurancewerkzaamheden uitgevoerd op basis van een steekproef op geselecteerde informatie in de duurzaamheidsinformatie;
• assurance-informatie verkregen over de methoden voor het ontwikkelen van materiële schattingen en toekomstgerichte informatie geëvalueerd zoals beschreven in de sectie “Verantwoordelijkheden van de commissaris betreffende de assuranceopdracht met een beperkte mate van zekerheid met betrekking tot de duurzaamheidsinformatie”;
• inzicht verworven in het proces van de Groep voor het identificeren van economische activiteiten die voor de taxonomie in aanmerking komen en op de taxonomie afgestemd zijn en de overeenkomstige toelichtingen in de duurzaamheidsinformatie;
Vermeldingen betreffende de onafhankelijkheid
Ons bedrijfsrevisorenkantoor en ons netwerk hebben geen opdrachten die onverenigbaar zijn met de assuranceopdracht met een beperkte mate van zekerheid verricht, en zijn in de loop van ons mandaat onafhankelijk gebleven tegenover de Groep.
Zaventem, 16 April, 2026
KPMG Bedrijfsrevisoren Commissaris vertegenwoordigd door
Melissa Carton Bedrijfsrevisor/ Réviseur d’Entreprises
Steven Mulkens Bedrijfsrevisor/ Réviseur d’Entreprises
De verklaring inzake deugdelijk bestuur is opgesteld overeenkomstig artikel 3:6, §2 en artikel 3:32 WVV en de Belgische Corporate Governance Code 2020. Ze bevat informatie over het Corporate Governance beleid van What’s Cooking Group NV in 2025, met onder meer:
• een beschrijving van de belangrijkste kenmerken van de interne controle- en risicobeheersingssystemen in het kader van het proces van financiële verslaggeving;
• de vereiste informatie op basis van bijzondere wetgeving;
• de samenstelling en de werking van de Raad van Bestuur en zijn comités;
• een beschrijving van het diversiteitsbeleid met betrekking tot de leden van de Raad van Bestuur, de personen belast met de leiding en de personen belast met het dagelijks bestuur van de vennootschap;
• het remuneratieverslag.
Als referentiecode wordt de Belgische Corporate Governance Code 2020 gehanteerd. Deze code is publiek beschikbaar op www.corporategovernancecommittee.be.
Ons Corporate Governance Charter is gepubliceerd op www.whatscooking.group. In het charter verduidelijken we onze positie tegenover de bepalingen van de Belgische Corporate Governance Code 2020. We beschrijven er ook de andere Corporate Governance praktijken die we toepassen, naast de Belgische Corporate Governance Code 2020. Het charter onderging geen wezenlijke wijzigingen in 2025.
What’s Cooking Group NV volgt de 10 principes van de Belgische Corporate Governance Code 2020, met uitzondering van de volgende aanbevelingen (die nog niet werden geïmplementeerd in 2025):
• Aanbeveling 7.6: De Raad van Bestuur heeft vooralsnog beslist om geen aandelen gerelateerde vergoeding aan haar niet-uitvoerende leden te betalen.
• Aanbeveling 7.9: Aangezien geen aandelen gerelateerde vergoeding wordt toegekend aan de leden van het uitvoerend management, werd ook geen minimumdrempel van aandelen bepaald die aangehouden moet worden door de leden van het uitvoerend management.
What’s Cooking Group NV geeft geen remuneratie in de vorm van aandelen. Dit geldt zowel voor niet-uitvoerende bestuurders als voor leden van het uitvoerend management. Gezien het beperkte karakter van de vergoedingen en de beperkte liquiditeit van het aandeel, acht de Raad van Bestuur het op dit ogenblik niet opportuun om de kost aan te gaan om een aandelenplan op te zetten. Indien in de toekomst een aandelenplan zou worden overwogen, dan zal de Raad van Bestuur zich tevens buigen over een lockup van de aandelen gedurende een afdoende lange periode.
• Aanbeveling 7.12: De terugvordering van betaalde variabele remuneratie of de inhouding van variabele remuneratie.
Gezien de beperkte remuneratie alsook het feit dat de uitbetaling van variabele remuneratie pas gebeurt na het volledig afronden van de audit van de financiële cijfers en de interne controles, besliste de Raad van Bestuur om tot op heden geen claw-back clausule in te voeren.


PAUL VAN OYEN (°1961)
PVO Advisory BV
Paul Van Oyen behaalde een master in de geologie en mineralogie en volgde daarna een managementopleiding aan de KU Leuven. Na een periode als docent en enkele jaren veldwerk in Marokko werkte hij als onderzoeker mee aan een Europese studie over strategische grondstoffen. Paul begon zijn industriële carrière bij wat nu Steinzeug-Keramo (onderdeel van de Wienerberger Groep) is. In 1990 maakte hij de overstap naar Etex Group, waar hij 31 jaar lang verschillende functies bekleedde. Na zeven jaar als CEO van het bedrijf besloot Paul als zelfstandige zijn ervaring te delen door samen te werken met jonge ondernemers en als onafhankelijk bestuurder. In 2022 werd hij voor vier jaar benoemd tot onafhankelijk bestuurder en voorzitter van de Raad van Bestuur van What’s Cooking Group NV. Daarnaast is hij lid van ons remuneratie- en benoemingscomité en is hij sinds 2023 voorzitter van het duurzaamheidscomité.

FRANK COOPMAN (°1965)
Holbigenetics NV
Frank Coopman studeerde in 1990 af als dierenarts. Hij haalde bijkomende masters in diergeneeskundig toezicht op eetwaren van dierlijke oorsprong en in moleculaire medische biotechnologie. Hij behaalde een doctoraat in de diergeneeskundige wetenschappen en was gedurende lange tijd docent dierlijke productie en genetica aan de HoGent en UGent. Frank is medeoprichter en gedelegeerd bestuurder van Biomics and Chemics Consultancy BV, waar hij het biologische en genetische luik verder uitrolt. In 2020 werd hij benoemd tot bestuurder van What’s Cooking Group NV. Sinds 2023 is hij lid van ons remuneratie- en benoemingscomité. Tijdens de Algemene Vergadering van mei 2024 werd zijn mandaat als bestuurder met vier jaar verlengd.

DOMINIQUE COOPMAN (°1967)
Famcoo Invest BV
Dominique Coopman studeerde af als landbouwkundig en bedrijfskundig ingenieur. Daarnaast heeft ze een diploma milieusanering en een master in food culture op zak. Dominique werkt in Italië, is voorzitter van STAK Coovan en is sinds 2008 bestuurder bij What’s Cooking Group NV. Haar laatste herbenoeming dateert van 2022, toen zij haar mandaat met vier jaar verlengde. Daarnaast is Dominique sinds 2023 lid van ons duurzaamheidscomité. De Raad van Bestuur stelt aan de Algemene Vergadering van 28 mei 2026 voor om haar mandaat te hernieuwen.

EDDY VAN DER PLUYM (°1957)
Eddy Van der Pluym volgde een opleiding economische wetenschappen en een MBA aan INSEAD. Na een korte periode bij Deloitte, Haskins & Sells begon hij bij het familiebedrijf Pluma NV, dat in 2006 fusioneerde met What’s Cooking Group NV. In 2019 werd Eddy benoemd als bestuurder voor vier jaar, en zijn mandaat werd hernieuwd in mei 2023. In 2023 werd hij ook lid van het auditcomité.

PIET SANDERS (°1966),
CEO Leading for Growth BV
Piet Sanders heeft een master in de rechten en management. Meer dan 30 jaar van zijn loopbaan bracht hij door in de voedingssector. Tussen 1999 en 2002 was Piet Global Sales Director Food bij Amylum / Tate & Lyle, een toonaangevende producent van zetmeel, zoetstoffen op basis van granen, en tarweproteïnen. Na twee jaar als Chief Sales & Marketing Officer bij Reynaers Aluminium keerde hij in 2004 terug naar de voedingssector. Hij ging aan de slag bij Puratos, een internationale groep die innovatieve ingrediënten en diensten levert aan de bakkerij-, patisserie- en chocoladesector. Hij begon er als Managing Director voor Centraal- en Oost- Europa, en werd daarna onder meer Managing Director voor Oost-Europa en Azië, later voor Noord- en Oost-Europa, en Global Sales & Channels Director vanaf 2020. In oktober 2021 werd Piet CEO van What’s Cooking Group NV. Een jaar later werd hij benoemd tot bestuurder voor een periode van vier jaar. Piet is tevens sinds 2022 commissaris-bestuurder bij Cefetra B.V., een Nederlands feed & food ingredients bedrijf en is sinds kort ook aangesteld als onafhankelijk bestuurder bij Agristo NV. De Raad van Bestuur stelt aan de Algemene Vergadering van 28 mei 2026 voor om zijn mandaat te hernieuwen.

ANN VEREECKE (°1963)
Ann Vereecke BV
Ann Vereecke is burgerlijk ingenieur en doctor in management. Ze is professor in operations & supply chain management aan de Vlerick Business School en de Universiteit Gent. Daarnaast was ze een tijdlang bestuurslid en voorzitter van EurOMA (European Operations Management Association) en bestuurslid van POMS (Production and Operations Management Society in the US). Momenteel zetelt Ann in de Raad van Bestuur van Tessenderlo Group, North Sea Port en bnode (voorheen bpost). In 2014 trad ze toe tot de Raad van Bestuur van What’s Cooking Group NV als onafhankelijke bestuurder. Ann is daarnaast voorzitter van het remuneratie- en benoemingscomité en ze werd in 2023 lid van ons duurzaamheidscomité. De Raad van Bestuur stelt aan de Algemene Vergadering van 28 mei 2026 voor om haar mandaat te hernieuwen. Indien herbenoemd zal zij vanaf de datum van herbenoeming niet langer als onafhankelijke bestuurder zetelen, gezien de duur van haar mandaat bij What’s Cooking Group.

AART DUIJZER (°1963)
IJzer Beheer BV
Aart Duijzer heeft gestudeerd aan de Erasmus Universiteit. Na de opleiding Business Economics voltooide hij daar de opleiding tot Chartered Accountant. Gedurende de eerste jaren van zijn carrière heeft Aart gewerkt bij KPMG. Hij heeft de kennis en ervaring verworven in diverse functies in binnen- en buitenland, in het bijzonder bestuurlijke en financieel-economische kennis en heeft ervaring van 2000 tot 2022 als CFO bij de Nederlandse Group Refresco die tot 2018 beursgenoteerd was. De heer Duijzer is lid van de Raad van Commissarissen van Sligro Food Group, voorzitter van de Raad van Commissarissen van Koninklijke Barenbrug en voorzitter Raad van Bestuur van SKG Gouda. Aart is sinds april 2023 onafhankelijk bestuurder bij What’s Cooking Group NV en voorzitter van ons auditcomité.

KURT COFFYN (°1968)
C:Solutio BV
Kurt Coffyn studeerde af als industrieel ingenieur met specialisatie in automatisering en elektronica. Hij heeft 30 jaar ervaring in operations en supply chain: eerst in verschillende operationele functies bij General Electric in België en Duitsland, daarna als COO bij firma’s zoals Stanley Black&Decker, Ontex, Provimi, Cargill, Unilabs Zwitserland en het Belgische bedrijf Lineas, Europees marktleider in privaat spoorgoederenvervoer. Kurt is sinds 2017 onafhankelijk bestuurder bij What’s Cooking Group NV en ook lid van ons auditcomité. Tijdens de Algemene Vergadering van mei 2024 werd zijn mandaat als onafhankelijk bestuurder met vier jaar verlengd.

INGE PLOCHAET (°1968)
Tower Consulting BV
Inge Plochaet heeft een masterdiploma industriële wetenschappen (chemie), studeerde innovatiemanagement aan IMD, en behaalde een in-company MBA aan INSEAD & Wharton. Inge begon haar carrière bij Procter & Gamble als verpakkingsingenieur en heeft meer dan 25 jaar operationele ervaring. Tot 2015 bekleedde ze verschillende functies bij AB InBev – van Innovation Director Western Europe tot President van AB Inbev UK & Ireland. Vandaag helpt ze bedrijven met strategisch en operationeel advies. Daarnaast is ze voorzitter van de Raad van Bestuur van B-Steel BV en VBSC NV en bestuurder van Groven+ NV, CSM NV, Colmar NV, Sligro Food Group NV en de Faber Group NV. Inge heeft sinds 2020 een vierjarig mandaat als onafhankelijk bestuurder van What’s Cooking Group NV op zak en ze werd in 2023 lid van het duurzaamheidscomité. Tijdens de Algemene Vergadering van mei 2024 werd haar mandaat als onafhankelijk bestuurder met vier jaar verlengd.

JOHAN PAUWELS (°1959)
Hico NV
Johan Pauwels is afgestudeerd als Industrieel Ingenieur in automation & electronics aangevuld met business management, executive finance en global strategy bij Vlerick, INSEAD en IMD. Hij had een lange carrière bij ABB waar hij actief was in verschillende globale en lokale functies, regio’s en divisies. De rode draad van zijn carrière ligt op het verhogen van de productiviteit door middel van industriële automatisering en het duurzaam verbeteren van de energie-efficiëntie via elektrificatie. Van 2017 tot en met 2023 was hij afgevaardigd bestuurder van de vennootschappen van ABB in de Benelux en zijn laatste rol voor zijn pensioen was hij actief, ad interim, als General Manager van het ‘Global Solution Center for Autonomous Mobile Robots’, ABB Robotics in Burgos, Spanje. Johan is sinds mei 2023 bestuurder bij What’s Cooking Group NV en lid van ons auditcomité.

Raad van Bestuur
Onderstaande tabel geeft de samenstelling weer van de Raad van Bestuur op 31 december 2025, met een overzicht van de vergaderingen en aanwezigheden in 2025.
Naam Type * Einde mandaat Comités ** Vergaderingen 2025 (x=aanwezig)
Dominique Coopman (6) NU 2026 DC
Frank Coopman (2) NU 2028 RBC
Eddy Van der Pluym NU 2027 AC
Paul Van Oyen (7) O 2026 RBC/DC
Ann Vereecke (1) O 2026 RBC/DC X
Kurt Coffyn (3) O 2028 AC
Inge Plochaet (4) O 2028 DC
Piet Sanders (5) U 2026
Aart Duijzer (8) O 2027 AC X
Johan Pauwels (9) NU 2027 AC
In de hoedanigheid van vaste vertegenwoordiger voor:
(1) BV Ann Vereecke, (2) NV Holbigenetics, (3) BV C:Solutio, (4) BV Tower Consulting, (5) BV Leading for Growth, (6) BV Famcoo Invest, (7) BV PVO Advisory, (8) BV IJzer Beheer, (9) NV Hico
* U = uitvoerend
NU = niet uitvoerend
O = onafhankelijk
** AC = Auditcomité
RBC = Remuneratie- en Benoemingscomité
DC = Duurzaamheidscomité
Voor zover als nodig, bevestigt What’s Cooking Group NV dat aan de aanbeveling 5.5 van de Belgische Corporate Governance Code 2020 wordt voldaan, die bepaalt dat niet-uitvoerende bestuurders niet meer dan vijf bestuursmandaten mogen bekleden in beursgenoteerde vennootschappen.
Het intern reglement van de Raad van Bestuur beschrijft de gedetailleerde werking van de Raad van Bestuur. Het intern reglement maakt integraal deel uit van het Corporate Governance Charter van de groep.
De Raad van Bestuur besliste onder andere over de halfjaarresultaten, de jaarresultaten, het budget en de strategie van de groep daarbij inbegrepen diverse overlegmomenten omtrent M&A-dossiers.
Secretaris
Mevrouw Ann-Charlotte Langeraet is de secretaris van de Raad van Bestuur en Secretaris Generaal van het bedrijf sinds augustus 2025.
Diversiteit
In het algemeen blijven we in de hele organisatie bouwen aan een diverse en inclusieve omgeving, waarbij we niet-discriminerende werkpraktijken stimuleren. We hebben duidelijke stappen gezet om onze leiderschapsteams te betrekken bij wat er nodig is om duurzame leiders te zijn, inclusief het erkennen van de belangrijke rol die gelijkheid en welzijn speelt in onze organisatie. We hebben zowel intern als extern een aantal concrete stappen gezet in de richting van verantwoord ondernemen en continue positieve verandering in dat verband.
Wat betreft personen belast met de leiding, nl. de leden van het Executief Comité, en de personen belast met het dagelijks bestuur van de vennootschap houden we rekening met de noodzakelijke complementariteit van bekwaamheden, ervaring, kennis en diversiteit.
In de samenstelling van de Raad van Bestuur houden we na advies van het remuneratiecomité rekening met de noodzakelijke complementariteit van bekwaamheden, ervaring, kennis en diversiteit - ook op basis van geslacht conform de bepalingen voor beursgenoteerde bedrijven. De Raad van Bestuur voldoet aan deze bepalingen omtrent gender, nl. ten minste één derde van de leden van de Raad van Bestuur is van een ander geslacht dan de overige leden (waarbij het vereiste minimum aantal wordt afgerond naar het dichtstbijzijnde gehele getal). Zie ook artikel 1.2 van het intern reglement (zie Bijlage 1 bij het Corporate Governance Charter).
Het overzicht van de leden van de Raad van Bestuur toont aan dat we daaraan per 31 december 2025 tegemoetkomen.
Evaluatie
De voorzitter van de Raad van Bestuur organiseert regelmatig een formele evaluatie van de Raad van Bestuur en zijn werking, inclusief de interactie met het uitvoerend management. De resultaten van deze evaluatie worden in de Raad van Bestuur besproken en indien nodig worden verbeteringsacties voorbereid. In 2025 werd een formele evaluatie uitgevoerd, gebaseerd op een eerdere gelijkaardige evaluatie.
Benoemingen / herbenoemingen in 2026
De Raad van Bestuur stelt aan de Algemene Vergadering van 28 mei 2026 voor om de volgende mandaten te hernieuwen:
• BV Famcoo Invest te herbenoemen als bestuurder voor een periode van 4 jaar, eindigend onmiddellijk na de Algemene Vergadering van 2030. BV Famcoo Invest zal Dominique Coopman aanduiden als haar vaste vertegenwoordiger.
• BV Ann Vereecke te herbenoemen als bestuurder voor een periode van 4 jaar, eindigend onmiddellijk na de Algemene Vergadering van 2030. BV Ann Vereecke zal Ann Vereecke aanduiden als haar vaste vertegenwoordiger, wat betekent dat BV Ann Vereecke – indien goedgekeurd - niet langer zal zetelen als onafhankelijke bestuurder, gelet op de duur van het mandaat.
• BV Leading for Growth te herbenoemen als bestuurder voor een periode van 4 jaar, eindigend onmiddellijk na de Algemene Vergadering van 2030. BV Leading for Growth zal Piet Sanders aanduiden als haar vaste vertegenwoordiger.
Comités binnen de Raad van Bestuur
De Raad van Bestuur telde in 2025 drie actieve comités: het auditcomité, het remuneratie- en benoemingscomité en het duurzaamheidscomité. De comités zijn samengesteld volgens de wetgeving en de voorschriften van de Belgische Corporate Governance Code 2020.
De comités werken binnen een mandaat van de Raad van Bestuur. Een beschrijving van dat mandaat is terug te vinden in de uitvoerige reglementen die opgenomen zijn als bijlage bij het Corporate Governance Charter.
Auditcomité
Alle leden van het auditcomité zijn niet-uitvoerende bestuurders en hebben een grondige kennis van financieel management. De meerderheid van de leden van het comité is onafhankelijk. Het comité beschikt over de nodige collectieve deskundigheid met betrekking tot de activiteiten van de vennootschap. Het comité vergaderde regelmatig in aanwezigheid van de commissaris.
Naam
Vergaderingen 2025 (x = aanwezig)
24/02 14/04 18/08 20/11
BV IJzer Beheer (Aart Duijzer) * X X X X
BV C:Solutio (Kurt Coffyn) X X X X
Eddy Van der Pluym X X X X
NV Hico (Johan Pauwels) X X X X
(*) Voorzitter
Het auditcomité adviseerde de Raad van Bestuur onder andere over:
• de jaarresultaten 2024
• de halfjaarresultaten 2025
• de interne controle
• het risicobeheer van de groep
• de interne en externe audit
• de onafhankelijkheid en de vergoeding van de commissaris en de met hem gelieerde vennootschappen
Het auditcomité evalueert regelmatig zijn eigen reglement en werking.
Remuneratie- en benoemingscomité
Onderstaande tabel geeft de samenstelling weer van het remuneratie- en benoemingscomité op 31 december 2025, met een overzicht van de vergaderingen en de aanwezigheden in 2025.
Vergaderingen 2025 (x = aanwezig)
Naam
BV Ann Vereecke (Ann Vereecke)*
BV PVO Advisory (Paul Van Oyen)
26/02 04/04 15/04 20/11
X X X X
X X X X
NV Holbigenetics (Frank Coopman) X X X X
* Voorzitter
Alle leden van het comité zijn niet-uitvoerende bestuurders en hebben een grondige kennis van human resources management. Het remuneratieen benoemingscomité adviseert de Raad van Bestuur onder andere over:
• de vergoedingen van het Executief Comité, de CEO en specifiek aangeduide personen
• de bezoldigingen van de voorzitter en de bestuurders
• het algemene remuneratiebeleid voor de bestuurders en het uitvoerend management, alsook het remuneratieverslag
• de principes van het systeem van variabele vergoeding
• de benoeming en herbenoeming van bestuurders
• de samenstelling van de comités binnen de Raad van Bestuur
• de leden en de voorzitter van het Executief Comité
• de gedelegeerde bestuurder
• Het comité bereidt het remuneratieverslag voor, legt het voor aan de Raad van Bestuur en licht het toe op de Algemene Vergadering. Het comité evalueert geregeld zijn eigen reglement en werking.
Duurzaamheidscomité
Onderstaande tabel geeft de samenstelling van het duurzaamheidscomité op 31 december 2025, met een overzicht van de vergaderingen en de aanwezigheden in 2025.
Naam
BV PVO Advisory (Paul Van Oyen) *
BV Famcoo Invest (Dominique Coopman)
BV Ann Vereecke (Ann Vereecke)
BV Tower Consulting (Inge Plochaet)
* Voorzitter
Vergaderingen 2025 (x = aanwezig) 26/02 14/04 20/11
Alle leden van het Duurzaamheidscomité zijn niet-uitvoerende bestuurders en hebben een grondige en relevante kennis van duurzaamheidsmanagement. Daarnaast nodigt het duurzaamheidscomité ad hoc experts ter zake uit ter ondersteuning van de leden van het comité en mede gezien de snelle wijzigingen met betrekking tot het wetgevend kader ter zake. Het duurzaamheidscomité adviseert de Raad van Bestuur onder andere over:
• Strategie en beleid
• Reputatie- en risicobeheer
• Kwalitatieve en kwantitatieve ESG-prestaties
• Duurzaamheidsrapportering en openbaarmaking
Het duurzaamheidscomité bereidt het duurzaamheidsverslag voor, legt het voor aan de Raad van Bestuur en licht het toe op de Algemene Vergadering. Het comité evalueert geregeld zijn eigen reglement en werking.
Executief Comité en dagelijks bestuur
Naar aanleiding van de invoering van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen opteerde What’s Cooking? in 2020 voor een one tier bestuursmodel, met een monistische Raad van Bestuur, een gedelegeerd bestuurder belast met het dagelijks bestuur en een Executief Comité.
Samenstelling Executief Comité
• Leading for Growth BV, vast vertegenwoordigd door Piet Sanders, Group Chief Executive Officer, voorzitter van het Executief Comité en
• gedelegeerd bestuurder
• Sagau Consulting BV, vast vertegenwoordigd door Christophe Bolsius, Group Chief Commercial Officer
• Esroh BV, vast vertegenwoordigd door Yves Regniers, Group Chief Financial Officer
• Leading Edge HR BV, vast vertegenwoordigd door Else Verstraete, Group Chief People Officer
• Creating digital value SRL, vast vertegenwoordigd door Peter Bal, Group Chief Information Officer
• Broersbank Advies & Management BV, vast vertegenwoordigd door Brecht Vanlerberghe, Group Chief Research & Innovation Officer
• KoBe Mgmt BV, vast vertegenwoordigd door Koen Benoot, Group Chief Operating Officer
Werking
Het Executief Comité vergaderde in 2025 tweemaal per maand en telkens als het om operationele of strategische redenen noodzakelijk was. Het Executief Comité staat in voor de managementrapportering aan de Raad van Bestuur. De gedetailleerde werking van het Executief Comité is beschreven in het intern reglement van het Executief Comité, dat integraal deel uitmaakt van het Corporate Governance Charter van de groep.
Piet SANDERS (°1966) – Leading for Growth BV CEO What’s Cooking Group NV
Piet Sanders heeft een master in de rechten en management. Meer dan 30 jaar van zijn loopbaan bracht hij door in de voedingssector. Tussen 1999 en 2002 was Piet Global Sales Director Food bij Amylum / Tate & Lyle, een toonaangevende producent van zetmeel, zoetstoffen op basis van granen, en tarweproteïnen. Na twee jaar als Chief Sales & Marketing Officer bij Reynaers Aluminium keerde hij in 2004 terug naar de voedingssector. Hij ging aan de slag bij Puratos, een internationale groep die innovatieve ingrediënten en diensten levert aan de bakkerij-, patisserie-en chocoladesector. Hij begon er als Managing Director voor Centraal- en Oost-Europa, en werd daarna onder meer Managing Director voor OostEuropa en Azië, later voor Noord- en Oost-Europa, en Global Sales & Channels Director vanaf 2020. In oktober 2021 werd Piet CEO van What’s Cooking Group NV. Een jaar later werd hij benoemd tot bestuurder voor een periode van vier jaar. Piet is tevens sinds 2022 commissaris-bestuurder bij Cefetra B.V., een Nederlands feed & food ingredients bedrijf en werd recent aangesteld als onafhankelijk bestuurder bij Agristo NV.
Yves REGNIERS (°1978) – ESROH BV
CFO – CSO What’s Cooking Group NV
Yves Regniers studeerde rechten aan de Universiteit Gent en behaalde een MBA aan de Warwick Business School. Na een periode bij PwC werkte hij dertien jaar bij wat nu Smurfit-WestRock is. Daar had hij verschillende financiële functies in België en het buitenland. Begin 2017 kwam hij aan boord bij What’s Cooking Group NV. Yves is sinds januari 2019 lid van het Executief Comité en werd in maart 2020 benoemd tot CFO van de groep. Sinds 2023 is hij tevens verantwoordelijk voor duurzaamheid binnen What’s Cooking?.
Christophe BOLSIUS (°1969) – Sagau Consulting BV
CCO What’s Cooking Group NV
Christophe Bolsius studeerde af in de toegepaste economie en internationale bedrijfskunde aan de Universiteit Antwerpen. Hij werkt al heel zijn carrière in de voedingssector, onder meer in verkoop en marketing bij Dr. Oetker, Sara Lee Deli en Campina – zowel in België als het buitenland – en als lid van het management van FrieslandCampina en Douwe Egberts. Sinds december 2014 bekleedde Christophe verschillende functies binnen de groep en vandaag is hij Chief Commercial Officer voor de groep.

Else VERSTRAETE (°1967) – Leading Edge HR BV
CPO What’s Cooking Group NV
Else Verstraete behaalde haar master politieke en sociale wetenschappen aan de Universiteit Antwerpen. Bij Imtech Marine (Radio Holland) in Rotterdam en Aleris in Duffel deed ze ervaring op in HR leiderschapsrollen. Daarna was ze binnen 3M zes jaar HR Director voor de Benelux en HR Director EMEA voor verschillende business units. In mei 2022 begon ze als onze Chief People Officer en werd ze lid van het Executief Comité van What’s Cooking Group NV.
Brecht VANLERBERGHE (°1973) – Broersbank Advies & Management BV
CR&IO What’s Cooking Group NV
Brecht Vanlerberghe behaalde zijn master bio-ingenieur en industrieel management aan de Universiteit Gent. Bij verschillende internationale agrovoedingsbedrijven, waaronder AVEVE, Campina, FrieslandCampina en Tereos Syral was hij verantwoordelijk voor research, ontwikkeling en innovatie. Na zeven jaar als Chief R&D Officer bij Bio Base Europe Pilot Plant ging Brecht aan de slag als Business Development & Relation Manager van de Sustainable Chemistry Unit van VITO. Sinds december 2022 is hij onze Chief Research and Innovation Officer en lid van het Executief Comité.
Peter BAL (°1964) – Creating Digital Value BV
CIO What’s Cooking Group NV
Peter Bal heeft een master industrieel ingenieur, een postgraduaat bestuurskunde en een Digital Transformation Certificate van Massachusetts Institute of Technology op zak. Hij deed heel wat ervaring op in verschillende internationale beursgenoteerde bedrijven, waaronder Nokia, Proximus en Swift. Daarna werkte hij vijftien jaar bij wat nu ZF is – eerst als Chief Information Officer en Vice President Process Optimisation, later als Managing Director van Transics, een digitale dienstverlener die hij binnen ZF oprichtte. Peter begon als Group Chief Information Officer bij What’s Cooking? in november 2022 en is lid van het Executief Comité.
Koen BENOOT (°1979) – KoBe Mgmt BV
COO What’s Cooking Group NV
Koen behaalde een masterdiploma bio-ingenieur aan de KU Leuven. Hij startte zijn carrière bij Cargill Malt in Herent alvorens in 2007 bij Danone aan de slag te gaan, waar hij verschillende operationele leidinggevende functies bekleedde. In 2016 verhuisde hij naar Australië om er de functie van Operations Director bij Danone op te nemen. In 2019 werd Koen Global Industrial Engineering Director bij Mars Petcare en in 2022 werd hij benoemd tot Chief Operating Officer bij Konings Drinks. Koen vervoegde What’s Cooking? in april 2024 als Operations Director Ready Meals en werd in januari 2025 lid van het Executief Comité, waar hij de rol van Chief Operating Officer opnam.
Raad van Bestuur
In 2025 kreeg de Raad van Bestuur geen melding van een vermogensrechtelijk belangenconflict in de zin van het WVV. Er kwamen eveneens geen meldingen binnen van transacties met verbonden partijen, zoals beschreven in het WVV en bijlage 2 bij het Corporate Governance Charter van de groep.
De Algemene Vergadering van 30 mei 2024 herbenoemde KPMG Bedrijfsrevisoren BV als commissaris van What’s Cooking Group NV en belastte haar tevens met de opdracht tot het verstrekken van assurance over de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie. KPMG Bedrijfsrevisoren BV duidde in mei 2025 mevrouw Melissa Carton aan als vaste vertegenwoordiger. De herbenoeming in 2024 geldt voor een periode van drie jaar. Wij overlegden regelmatig met de commissaris. Voor de halfjaarlijkse en jaarlijkse rapportering nodigden wij hem uit op de vergaderingen van het auditcomité. De commissaris wordt eveneens uitgenodigd voor de bespreking van het interne auditplan en de interne controles. De commissaris onderhoudt geen relaties met What’s Cooking? die zijn onafhankelijkheid in het gedrang zou-
Executief Comité
In 2025 werden geen transacties met verbonden partijen gemeld in de zin van bijlage 2 bij het Corporate Governance Charter van de groep.
den kunnen brengen en bevestigde haar onafhankelijkheid ten opzichte van de groep. In 2025 betaalden wij 75 duizend euro voor de assurance van de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie en 354 duizend euro voor de audit van de financiële verslaggeving, inclusief de statutaire verslaggeving. In 2025 werden niet-auditdiensten verleend ten belope van 13 duizend euro (ter vergelijking: 14 duizend euro in 2024), met betrekking tot afval-declaraties en acquisitie gerelateerde werkzaamheden. De vennootschappen waarmee de commissaris een samenwerkingsverband heeft, factureerden geen bijkomende erelonen in 2024, maar wel 63 duizend euro in 2025 in verband met de financiële due diligence op de acquisitie in Rennes.
De Dealing Code van What’s Cooking Group NV bevat regels om marktmisbruik en misbruik van voorkennis te voorkomen (bv. bij transacties in effecten van What’s Cooking Group NV). De Dealing Code vormt bijlage 3 van het Corporate Governance Charter van de groep en werd licht bijgewerkt door de Raad van Bestuur in augustus 2025.
De bestuurders, directieleden en insiders leggen transacties voor aan de compliance officer. Bij negatief advies mag de betrokkene de transactie niet uitvoeren, of moet hij ze voorleggen aan de Raad van Bestuur.
De Dealing Code bevat richtlijnen om het vertrouwelijk karakter van voorwetenschap te bewaren. Zo bepaalt de Dealing Code gesloten en sperperiodes. Bestuurders en andere relevante personen van What’s Cooking? mogen dan geen transacties in effecten van What’s Cooking Group NV uitvoeren.
Nieuwe leden van de Raad van Bestuur, het Executief Comité en andere personen die regelmatig toegang hebben tot voorwetenschap, lichten we altijd in over de Dealing Code.
De vennootschap houdt ook een lijst bij van de personen die toegang hebben tot voorwetenschap.
Remuneratieprocedure
Het huidige remuneratiebeleid 2023-2026 is beschikbaar op de website van de groep. Het remuneratieverslag over 2025, voorbereid door het remuneratie- en benoemingscomité, zal, na voorafgaande mededeling aan de ondernemingsraad, worden toegelicht en ter (adviserende) stemming worden voorgelegd op de Algemene Vergadering van 28 mei 2026.
Het remuneratie- en benoemingscomité ziet toe op de toepassing van het beleid en adviseert daarin de Raad van Bestuur.
De Algemene Vergadering van 28 mei 2025 keurde het globale remuneratieniveau goed voor de leden van de Raad van Bestuur in het boekjaar 2025.
Op advies van het remuneratie- en benoemingscomité bevestigde de Raad van Bestuur de remuneratie voor de CEO en de leden van het Executief Comité in het boekjaar 2025.
Remuneratie
De leden van de Raad van Bestuur en comités hadden in 2025 recht op volgende jaarlijkse vaste vergoedingen (in EUR):
Voorzitter Raad van Bestuur
Lid Raad van Bestuur
Voorzitter Auditcomité
Lid Auditcomité
Voorzitter Remuneratie- en Benoemingscomité
Lid Remuneratie- en Benoemingscomité
Voorzitter Duurzaamheidscomité
Lid Duurzaamheidscomité
€ 100,000.00
€ 30,000.00
€ 10,000.00
€ 6,000.00
€ 7,000.00
€ 5,000.00
€ 7,000.00
€ 5,000.00
De leden van de Raad van Bestuur (met uitzondering van de gedelegeerd bestuurder) hebben voor het uitoefenen van hun bestuurdersmandaat geen recht op enige variabele, prestatiegebonden of aandelengerelateerde vergoeding, noch op enige andere vergoeding, buiten een vaste vergoeding.
De vergoeding van de CEO en van de andere leden van het Executief Comité bestaat in beginsel en in functie van hun sociaal statuut uit een basisvergoeding, een jaarlijkse variabele vergoeding en een lange-termijn variabele vergoeding (long term incentive).
Basisvergoeding
De basisvergoeding heeft tot doel de manager te vergoeden voor de uitoefening van zijn of haar functie in overeenstemming met zijn of haar specifieke competenties en ervaring in de functie.
De basisvergoeding wordt vastgesteld op basis van relevante benchmark oefeningen, waarbij de vennootschap een vergoedingsniveau beoogt dat in lijn ligt met de mediaan van de relevante markt. Hetzelfde beleid wordt ook toegepast voor alle werknemers van het bedrijf.
De basisvergoeding voor de leden van het Executief Comité kan jaarlijks aangepast worden aan de levensduurte, in lijn met de individuele overeenkomsten hierrond.
Jaarlijkse variabele vergoeding
Aan de CEO en de andere leden van het Executief Comité wordt een jaarlijkse variabele vergoeding in cash toegekend, in functie van het behalen van jaarlijks vastgestelde doelstellingen, die betrekking hebben op het boekjaar waarover de variabele vergoeding verschuldigd is, volgens onderstaande modaliteiten.
De jaarlijkse vastgestelde doelstellingen zijn voor ca. 75% gekoppeld aan de prestaties van de vennootschap (waaronder financiële prestaties). De overige ca. 25% zijn doelstellingen gekoppeld aan individuele prestaties (waaronder een aantal ESG-gerelateerde prestaties).
De financiële doelstellingen zijn gebaseerd op objectieve parameters en hangen nauw samen met de resultaten van de groep en de rol die de CEO en de andere leden van het Executief Comité spelen in het behalen van die resultaten. De voornaamste parameters die hiertoe kunnen worden gehanteerd zijn volume, omzet, FCF, (U)EBITDA, EBIT, EAT, (U)EBITDA/ Netto schuld en ROCE.
Welke van deze parameters worden aangewend in een gegeven jaar en welke de te behalen doelstellingen zijn met betrekking tot deze parameters, wordt jaarlijks geëvalueerd door het remuneratie- en benoemingscomité en ter goedkeuring voorgelegd aan de Raad van Bestuur.
De erkenning van zowel collectief succes als individuele prestaties dragen bij tot het belang en de duurzaamheid op lange termijn van de vennootschap en de succesvolle verwezenlijking van haar strategie. De collectieve en individuele prestatiedoelstellingen brengen een nauw verband tot stand tussen de belangen van de CEO en de leden van het Executief Comité, enerzijds, en de belangen van de vennootschap, en haar aandeelhouders.
De potentiële jaarlijkse variabele vergoeding bij 100%-uitbetaling (at target) betreft een bedrag gelijk aan 25% of minder van de totale remuneratie, afhankelijk van de functie en de inschaling van de functie ten opzichte van de relevante benchmark. Dit aandeel wordt contractueel individueel vastgelegd en beoogt een marktconforme jaarlijkse variabele vergoeding.

Indien in een gegeven jaar minder dan de minimaal te behalen doelstelling wordt bereikt, dan vervalt het recht op de aan die doelstelling verbonden variabele vergoeding voor dat jaar. Bij het overschrijden van de te behalen financiële doelstellingen kan maximaal tot 150% van de daaraan gekoppelde variabele vergoeding worden toegekend.
Naast het systeem van jaarlijkse variabele vergoeding behoudt de Raad van Bestuur het prerogatief om, op voorstel van het remuneratie- en benoemingscomité, aan de CEO en/of aan de andere leden van het Executief Comité, of een aantal onder hen, een (bijkomende) bonus toe te kennen voor specifieke prestaties of verdiensten. Deze modaliteiten gelden doorgaans ook voor andere werknemers van de groep. Gedurende 2025 werden een aantal speciale bijkomende bonussen toegekend met betrekking tot de verkoop van de savoury business, zoals reeds toegelicht in het jaarverslag over 2024. Deze vergoedingen worden tevens opgenomen in de tabel ‘remuneratie van de CEO en de andere leden van het uitvoerend management’. Deze vergoedingen werden tevens in rekening gebracht voor het bepalen van de ‘meerwaarde op verkoop’ van de savoury business.
Lange termijn variabele vergoeding (long term incentive) Voor 2025 werden bijkomende provisies aangelegd in het kader van deze LTI plannen, conform het overzicht ingesloten in de cijfermatige toelichting rond de verloning van de CEO en de overige leden van het Executief Comité.
Aan de CEO en de andere leden van het Executief Comité, alsook een beperkt aantal andere medewerkers van de groep wordt een lange-termijn variabele vergoeding (een zgn. long term incentive) (“LTI”) in cash toegekend, volgens onderstaande modaliteiten.
Het LTI heeft waardecreatie tot doel – met een duidelijke focus op het sterker maken van het bedrijf voor de toekomst en het uitvoeren van het strategisch plan – en retentie.
De LTI wordt toegekend in functie van financiële doelstellingen (groei van de equity value) (ca. 80%) en individuele en meetbare ESG-doelstellingen (ca. 20%) over een referentieperiode van telkens minstens drie jaren.
Indien in een gegeven jaar minder dan de minimaal te behalen doelstelling wordt bereikt, dan vervalt het recht op de aan die doelstelling verbonden variabele vergoeding voor dat jaar. Bij het overschrijden van de te behalen doelstelling kan maximaal tot 150% van de daaraan gekoppelde variabele vergoeding worden toegekend.
De Raad van Bestuur beslist jaarlijks, op voorstel van de CEO en het remuneratie- en benoemingscomité, wie in aanmerking komt voor deelname aan een LTI-plan. De Raad van Bestuur kan beslissen, op voorstel van de CEO, om een LTI-plan ook voor andere medewerkers van de groep van toepassing te maken.
De potentiële LTI bedraagt bij 100%-uitbetaling (bij doelrealisatie) een bedrag van minstens 15% en hoogstens 33% van de totale remuneratie, afhankelijk van de functie en de inschaling van de functie ten opzichte van de relevante benchmark. Dit aandeel wordt contractueel individueel vastgelegd en beoogt een marktconforme LTI.
De LTI is erop gericht de belangen van de CEO en de andere leden van het Executief Comité te aligneren met deze van de aandeelhouders en stakeholders.
Vergoeding van de bestuurders (in hun hoedanigheid als lid van de Raad van Bestuur) (in EUR)
De vergoedingen van de leden van de Raad van Bestuur (zowel van de uitvoerende, de niet-uitvoerende als de onafhankelijke bestuurders – overzicht zie hieronder) voor hun bestuursmandaat in 2025 vatten we als volgt samen:
Remuneratie- en benoemingscomité
Audit comité
BV PVO Advisory (Paul Van Oyen)
BV Leading for Growth (Piet Sanders)
NV Holbigenetics (Frank Coopman)
NV Famcoo Invest (Dominique Coopman)
Eddy Van der Pluym
NV Hico (Johan Pauwels)
BV Ann Vereecke
BV IJzer Beheer (Aart Dujzer)
BV C:Solutio (Kurt Coffyn)
BV Tower Consulting (Inge Plochaet)
Alle bedragen betreffen vaste vergoeding en zijn in lijn met het remuneratiebeleid, dat bijdraagt aan de langetermijnprestaties van de groep.
Remuneratie van de CEO en de andere leden van het uitvoerend management (in EUR)
De individuele bruto remuneratie van de gedelegeerd bestuurder / voorzitter van het Executief Comité / CEO (i.e., Leading for Growth BV, vast vertegenwoordigd door Piet Sanders) en de gezamenlijke bruto remuneratie van de andere leden van het Executief Comité: Esroh BV (vast vertegenwoordigd door Yves Regniers), Sagau Consulting BV (vast vertegenwoordigd door Christophe Bolsius), KoBe Mgmt BV (vast vertegenwoordigd door Koen Benoot), Leading Edge HR BV (vast vertegenwoordigd door Else Verstraete), Creating Digital Value SRL (vast vertegenwoordigd door Peter Bal), Broersbank Advies & Management BV (vast vertegenwoordigd door Brecht Vanlerberghe), zijn opgenomen in onderstaande tabel:
Andere leden van het uitvoerend management
Basisvergoeding 683,234.78
Long Term Incentive provisie betaald in 2025
Alle bedragen zijn in lijn met het remuneratiebeleid, dat bijdraagt aan de langetermijnprestaties van de groep.
Aandelen gerelateerde vergoedingen
2,082,419.22
322,125.00
De leden van de Raad van Bestuur en van het Executief Comité beschikken niet over aandelenopties, inschrijvingsrechten of enige andere rechten om aandelen te verwerven.
De vennootschap kende in 2025 geen aandelen, aandelenopties of andere rechten toe om What’s Cooking Group aandelen te verwerven. Niet aan de leden van de Raad van Bestuur van de groep en niet aan de leden van het Executief Comité.
Historische informatie en ratio
De vergoedingen voor de leden van de Raad van Bestuur, de CEO en de andere leden van het Executief Comité en de belangrijkste prestatie-indicatoren evolueerden als volgt in de periode 2021 - 2025 :
Voorzitter Raad van Bestuur
Lid Raad van Bestuur
Auditcomité
Voorzitter Remuneratie- en Benoemingscomité
Lid Remuneratie- en Benoemingscomité
Voorzitter Duurzaamheidscomité
CEO - Vaste vergoeding - excl. bestuurdersvergoeding
De evolutie van de gemiddelde remuneratie van de werknemers in de groep kan als volgt worden voorgesteld:
Evolutie gemiddeld brutoloon voor een voltijdse equivalent in de groep
De ratio tussen de vaste vergoeding van de CEO (exclusief zijn vergoeding als lid van de Raad van Bestuur) en de laagste bruto vergoeding van een werknemer van de groep in België (in voltijds equivalent) bedraagt 19x voor de maand december 2025.
Contractuele bepalingen betreffende aanwerving- of vertrekvergoedingen
De groep kwam geen aanwervingsregelingen overeen met leden van het Executief Comité of met uitvoerende bestuurders die recht geven op een vertrekvergoeding van meer dan twaalf maanden. De groep trof ook geen regelingen die in strijd zijn met de wettelijke bepalingen, de Belgische Corporate Governance Code 2020 of de gebruiken in de markt. De contractuele opzegtermijnen voor Sagau Consulting BV (Christophe Bolsius), Esroh BV (Yves Regniers) en Leading for Growth BV (Piet Sanders) bedraagt telkens twaalf maanden. De contractuele opzegtermijnen voor Leading Edge HR BV (Else Verstraete), Creating Digital Value SRL (Peter Bal), Broersbank Advies & Management BV (Brecht Vanlerberghe) en KoBe Mgmt BV (Koen Benoot) bedragen telkens 6 maanden.
Informatie over de stemming door de aandeelhouders
De Algemene Vergadering 28 mei 2025 keurde het remuneratieverslag van 2024 goed met een meerderheid van 99,35%.
De vennootschap moedigt een open en constructieve dialoog met haar aandeelhouders aan om haar aanpak inzake governance, met inbegrip van de bezoldiging, te bespreken.
Informatie zoals bedoeld in artikel 74, §7 van de Wet van 1 april 2007 op de openbare overnamebiedingen
Stichting Coopman meldde op 22 augustus 2025 dat zij op 22 augustus 2025 (nog steeds), via Famcoo Invest BV en Stichting Administratiekantoor Coovan, in het bezit is van meer dan 30% van de effecten met stemrecht in What’s Cooking Group NV.
Stichting Administratiekantoor Coovan (1) wordt gecontroleerd door Famcoo Invest BV (2), die op haar beurt wordt gecontroleerd door Stichting Coopman (3). Stichting Coopman wordt niet langer gecontroleerd.
(1) Basisweg 10, 1043 AP Amsterdam (Nederland), met ondernemingsnummer KvK Amsterdam 34248201.
(2) Kere 103, 9950 Lievegem (België), met ondernemingsnummer 0439.850.161 (RPR Gent, afdeling Gent).
(3) Hoogoorddreef 15, 1101 BA Amsterdam (Nederland), met ondernemingsnummer KvK Amsterdam 41193935.

We hechten veel belang aan een performante interne controle en risicobeheersing. Die integreren we zoveel mogelijk in onze structuur en in onze bedrijfsvoering. Daartoe installeerden we tal van interne controles volgens het geïntegreerde COSO II of Enterprise Risk Management Framework®. We vatten de belangrijkste elementen hier samen.
Op voorstel van het Executief Comité bepaalt of bevestigt de Raad van Bestuur jaarlijks onze missie, waarden en strategie, en daarmee ook het risicoprofiel van de groep. Wij promoten actief en herhaaldelijk onze waarden bij al onze werknemers. Dit doen we minstens bij elke semestriële informatievergadering. Integriteit is de belangrijkste waarde in het kader van het risicobeheer. Aan al onze medewerkers communiceren wij tezelfdertijd de krachtlijnen van de strategie en de doelstellingen voor de groep.
De governance structuur van onze groep beschrijven we in detail in onze statuten, ons Corporate Governance Charter en in de Verklaring inzake deugdelijk bestuur. Deze structuur bepaalt de onderscheiden taken en verantwoordelijkheden van elk van onze bestuursorganen. Dat zijn de Raad van Bestuur, het auditcomité, het remuneratie- en benoemingscomité, het duurzaamheidscomité, het Executief Comité en de gedelegeerd bestuurder/CEO. De taken en verantwoordelijkheden van deze organen sluiten aan bij de wettelijke bepalingen en de bepalingen van de Corporate Governance Code 2020. Voor elk van hen stelden we een coherent reglement op. Dat evalueren we regelmatig. Zo nodig passen we het aan. Op die manier zijn bevoegdheden en verantwoordelijkheden altijd duidelijk gedefinieerd en opvolgbaar.
Onze human resources organiseren we (en volgen we op) via een functiehuis waarin alle medewerkers van de groep zijn ingeschaald. Voor elk van de functies maakten we gedetailleerde functiebeschrijvingen op. Die omschrijven niet alleen de studie- en bekwaamheidsvereisten, maar ook de taken, verantwoordelijkheden en rapporteringslijnen. We passen deze functieomschrijvingen aan naarmate de inhoud van bepaalde functies wijzigt door interne of externe omstandigheden.
We zorgen ervoor dat we al onze niet-productiemedewerkers jaarlijks kunnen evalueren via een uitgewerkte evaluatietool. We hechten daarbij extra belang aan waardenconform gedrag. Ook voor onze medewerkers in productie proberen we samen concrete doelstellingen te stellen en feedbackgesprekken te organiseren. Ook meten we het engagement van onze medewerkers op gezette tijden in alle sites om zo nog beter te kunnen inspelen op de noden van onze mensen.
We legden duidelijke beleidslijnen vast voor vorming en vergoeding van onze medewerkers. De wettelijke bepalingen voor belangenconflicten passen we rigoureus toe (zie hoger). We voerden een reglement in voor transacties met verwante partijen die geen wettelijk belangenconflict uitmaken (bijlage 2 bij het Corporate Governance Charter). Door middel van interne ‘peer reviews’ en occasionele interne audits voeren we risico-audits uit en audits van de interne controles in alle afdelingen van de groep. Sinds 2025 worden de interne audit activiteiten gelet op de omvang van de groep deels intern en deels extern via externe partners met ad hoc tussenkomst gedaan. Deze activiteiten worden uitgevoerd om te blijven voorzien in voldoende risicobeheer, periodieke risico-audits en audits van interne controles in alle afdelingen van de groep. Hierover wordt verslag uitgebracht aan het auditcomité. Op basis van de bevindingen van de interne audits, en in overleg met het auditcomité, sturen we de interne controleomgeving bij waar nodig.
Het auditcomité wijdt twee vergaderingen per jaar aan het evalueren van de risico’s waarmee wij worden geconfronteerd (zie hoger). De bespreking gebeurt op basis van een formele en gedetailleerde risicobeoordeling, opgemaakt door het uitvoerend management. Die geeft weer hoe wij met geïdentificeerde risico’s omgaan. Het auditcomité rapporteert over haar werkzaamheden op de eerstvolgende vergadering van de Raad van Bestuur.
We hanteren een dealing code om marktmisbruik te voorkomen (bijlage 3 bij het Corporate Governance Charter). We hebben ook een compliance officer aangesteld. Die ziet toe op het correct naleven van de regels over marktmisbruik (zie hoger). Voor onze belangrijkste risico’s sluiten wij adequate verzekeringsovereenkomsten.
We hanteren een hedging-politiek om wisselkoersrisico’s te beheersen.
Bij het beschrijven van de voornaamste risico’s vermelden we nog een aantal andere praktijken van risicobeheersing. Hierin nemen we ook onze risico’s rond duurzaamheid mee op en dit zowel qua impactmaterialiteit (onze impact op de omgeving) als financiële materialiteit (de impact van de wijzigende omgeving op onze onderneming). Zie ook het hoofdstuk ‘niet-financiële informatie’ voor meer informatie hierrond.
Voor het proces van financiële verslaggeving hebben we volgende controle en risicobeheersingssystemen opgezet:
De interne reglementen van de Raad van Bestuur, van het auditcomité en het Executief Comité beschrijven duidelijk wie voor wat verantwoordelijk is bij het voorbereiden en goedkeuren van de financiële staten van onze groep.
De financiële afdeling rapporteert maandelijks de financiële resultaten van de groep aan het Executief Comité. Het comité bespreekt deze resultaten en stelt ze ter beschikking van de leden van de Raad van Bestuur. Per kwartaal rapporteert het Executief Comité de resultaten van de groep aan de Raad van Bestuur. Het Executief Comité licht de resultaten van het eerste semester en de jaarresultaten eerst toe aan het auditcomité dat ze met de externe auditor bespreekt. Daarna gaan deze resultaten ter goedkeuring naar de Raad van Bestuur. Ze worden gepubliceerd in de door de wet vereiste vorm. We publiceren intern en extern een tijdschema met een overzicht van onze periodieke rapporteringsverplichtingen tegenover de financiële markt.
We hanteren duidelijke tijdschema’s voor de financiële en niet-financiële rapportering op alle niveaus in de onderneming. Zo voldoen we tijdig en correct aan alle wettelijke verplichtingen. We hanteren een duidelijke politiek voor het beveiligen van en toegang verlenen tot financiële gegevens. Er is ook een performant systeem voor back-up en bewaring van deze gegevens.
Aandeelhoudersstructuur op 26 februari 2026
Publiek Transparantie
Familiale aandeelhouders
(Familie Coopman en Eddy Van der Pluym)
We ontvingen in 2025 geen transparantieverklaringen.
We hebben een transparantieverklaring ontvangen gedateerd op 2 maart 2026. We hebben deze verklaring opgenomen op de website van het bedrijf. We hebben de inhoud bekendgemaakt in overeenstemming met de toepasselijke wetgeving.
Vermeldingen in het kader van artikel 34 van het Koninklijk Besluit van 14 november 2007
Op 31 december 2025 vertegenwoordigden 1.856.180 aandelen het kapitaal van What’s Cooking Group NV. De vennootschap heeft enkel gewone aandelen met stemrecht uitgegeven, die recht geven op een gelijk deel van de winst en het vereffeningssaldo.
De aandelen zijn vrij overdraagbaar.
Er zijn geen effectenhouders met bijzondere zeggenschapsrechten. Krachtens de wet of krachtens artikelen 8 en/of 10 van de statuten kan de uitoefening van het stemrecht verbonden aan de aandelen (onder voorwaarden) worden geschorst. De stemrechten van de eigen aandelen van de vennootschap die de groep eventueel zou aanhouden, worden geschorst ingevolge de geldende wettelijke bepalingen.
De buitengewone Algemene Vergadering kan de statuten van de vennootschap wijzigen. Daarvoor is een meerderheid van drie vierde van de uitgebrachte stemmen nodig. De aanwezigen moeten minstens de helft van het kapitaal vertegenwoordigen, zoals voorzien in het WVV. Voor een wijziging van het voorwerp van de vennootschap is een meerderheid van vier vijfde van de aanwezige stemmen nodig.
Op 31 december 2025 bezat de groep geen eigen aandelen (op 31 december 2024 evenmin).
De procedure voor de benoeming/vervanging van bestuurders staat beschreven in artikel 4 van het reglement van het remuneratie- en benoemingscomité (bijlage 5 bij het Corporate Governance Charter van de groep – versie 2023). De Algemene Vergadering kan bestuurders benoemen/vervangen. Daarvoor is een gewone meerderheid van de uitgebrachte stemmen nodig. Wanneer de plaats van een bestuurder openvalt, dan hebben de overblijvende bestuurders bovendien het recht een nieuwe bestuurder te coöpteren. De eerstvolgende Algemene Vergadering moet het mandaat van de gecoöpteerde bestuurder bevestigen; bij gebrek aan bevestiging eindigt het mandaat van de gecoöpteerde bestuurder na afloop van de Algemene Vergadering, zonder dat dit afbreuk doet aan de regelmatigheid van de samenstelling van de Raad van Bestuur tot op dat ogenblik. De buitengewone Algemene Vergadering van aandeelhouders van 21 april 2023 machtigde de Raad van Bestuur van What’s Cooking Group NV onder meer om het kapitaal van de vennootschap te verhogen in één of meerdere keren met een bedrag (exclusief uitgiftepremie) gelijk aan EUR 5.152.904,16, en dit zelfs na het tijdstip dat de vennootschap de mededeling van de Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten (FSMA) ontvangt dat haar kennis is gegeven van een openbaar overnamebod op de effecten van de vennootschap, in overeenstemming met de wettelijke bepalingen ter zake. Deze machtiging is geldig met betrekking tot openbare overnamebiedingen waarvan de vennootschap de voornoemde mededeling ontvangt ten hoogste drie jaar na 21 april 2023.
De buitengewone Algemene Vergadering van aandeelhouders van 21 april 2023 machtigde de Raad van Bestuur onder meer om eigen aandelen van de vennootschap en certificaten die daarop betrekking hebben te verwerven wanneer deze verkrijging respectievelijk inpandneming noodzakelijk is ter voorkoming van een dreigend ernstig nadeel voor de vennootschap. Zo’n aankoop van aandelen is enkel toegestaan om een dreigend ernstig nadeel aan de vennootschap te voorkomen.
Deze machtiging is toegekend voor een periode van 3 jaar te rekenen van de bekendmaking van deze machtiging toegekend op 21 april 2023. Voor zover bekend in de groep zijn er geen andere noemenswaardige elementen die een gevolg kunnen hebben in geval van een openbare overnameaanbieding, noch wettelijke of statutaire beperkingen aan overdracht van aandelen
De belangrijkste risico’s voor onze bedrijfsvoering
Wat kan er gebeuren als we niet de juiste beslissing nemen?
Voedselveiligheid en productaansprakelijkheid
Duizenden mensen eten elke dag onze bereide gerechten. Deze producten moeten vers en veilig zijn. De eindconsument heeft ook recht op duidelijke informatie over de productsamenstelling en de voedingswaarde.
Concurrentiële omgeving
De markt voor bereide maaltijden is groeiend, maar er is hevige concurrentie. De locatie van de operaties kan een sleutelelement zijn in het huidige competitieve en volatiele (geo-politieke) klimaat.
Technologische ontwikkelingen
Product- en productietechnologie evolueren snel.
De veiligheid en het vertrouwen van de consumenten zijn voor ons van levensbelang. Alles wat dit vertrouwen kan schaden - hetzij via onze eigen producten, hetzij via de sector - heeft een negatieve impact op onze verkoop, onze vooruitzichten en onze reputatie.
Door de grote concurrentie verhogen klanten de druk op onze marges. Dat kan een impact hebben op onze winst. (Invoer)tarieven kunnen een impact hebben op onze business.
Als we de laatste nieuwe productietechnologieën niet tijdig identificeren en opvolgen, kan dat een negatieve impact hebben op efficiëntie en kostencontrole. Concurrenten kunnen op een bepaald moment over andere producttechnologieën beschikken die de voorkeur van de consument wegdragen.
Elektronica en informatiesystemen
Een performante bedrijfsvoering hangt steeds meer af van informatiesystemen en geïntegreerde controlesystemen. Die worden aangestuurd door een complex geheel van softwaretoepassingen.
War for talent
Een organisatie is maar zo sterk als haar medewerkers. De kennis en expertise zit bij een groep van medewerkers die meebouwen aan het bedrijf en haar merken.
Als deze systemen niet goed werken of uitvallen, kan dat een negatieve impact hebben op het productievolume en op onze reputatie.
Als de concurrentie te veel goede medewerkers wegplukt en er te weinig jongeren instromen, lopen we het risico dat we ons groeiscenario niet volledig kunnen waarmaken.
Hoe beperken we de risico’s, in het algemeen en in 2025?
Onze eisen voor productveiligheid en kwaliteit zijn constant heel hoog. Al onze grondstoffen zijn traceerbaar. Onze verpakkingen vermelden duidelijk de productsamenstelling en voedingswaarde per 100 gram en per portie. We gaan voor de veiligheid van onze verpakkingen verder dan de wetgever oplegt. Een verzekering dekt onze productaansprakelijkheid af. Als we een (mogelijk) probleem opmerken, dan communiceren we snel en transparant in lijn met de lokaal toepasselijke wetgeving.
Wij onderscheiden ons van de concurrenten door onze concepten en producten. We werken continu aan meer efficiëntie en kostencontrole. Onze productielocaties bevinden zich in de EU en het VK zodat we de geopolitieke impact op onze eigen productie kunnen minimaliseren.
We investeren jaarlijks aanzienlijke bedragen in materiële vaste activa om onze technologie op peil te houden én te verbeteren. We onderhouden goede relaties met onze leveranciers om op de hoogte te blijven van de laatste ontwikkelingen. We peilen naar de voorkeuren van de consumenten. We werken samen met onderzoeksinstituten en techologie-leveranciers.
We onderhouden alle systemen op gepaste wijze. De systemen krijgen de nodige upgrades. Van alle informatie maken we regelmatig back-ups. We voeren een nieuw ERP-systeem in om onze bedrijfsprocessen te structureren en te vereenvoudigen.
We blijven inzetten op betrokken medewerkers en de retentie van onze eigen mensen. We hebben reeds lang een goed ontwikkeld managementtraineeprogramma: pas afgestudeerden krijgen hier een aantrekkelijk opleidingsprogramma. Ze kunnen twee jaar lang kennismaken met vier verschillende functies binnen het bedrijf.
Solide en veerkrachtige systemen en processen zorgen voor een snellere onboarding van medewerkers en een betere retentie. Training en leiderschaps-ontwikkeling zorgen voor een betere retentie van medewerkers en management.
We hebben inmiddels een aantal recruitment experts intern aangenomen om mensen aan te trekken en zijn gestart met een employer branding-programma.
De belangrijkste risico’s voor onze bedrijfsvoering
Marktrisico’s
Wat kan er gebeuren als we nietde juiste beslissing nemen?
Prijsfluctuaties voor grondstoffen en verpakkingen
Wij werken met natuurlijke grondstoffen. We moeten daarom rekening houden met schommelingen in de kwaliteit en de prijs van onze grondstoffen en verpakkingsmaterialen.
Relaties met leveranciers
Voor een aantal grondstoffen werken we noodgedwongen met een beperkt aantal leveranciers.
Prijsstijgingen voor grondstoffen en verpakkingen kunnen de marges negatief beïnvloeden.
Hoe beperken we de risico’s, in het algemeen en in 2025?
Relaties met klanten
We verkopen onze producten via een netwerk van discount- en retailklanten in heel Europa. Daarnaast verkopen we ook aan groothandels en aan foodservice operatoren. Het aantal grote klantengroepen is beperkt.
Internationale aankoopgroeperingen en de centralisatie van de beslissingsmacht bij internationale klanten verhogen de gemiddelde contractwaarde en dragen bij aan een grotere klanten-concentratie.
Gedrag van consumenten
Onze verkoop hangt af van de eetgewoonten en -trends van de eindgebruikers, en van hun bestedingspatroon.
Als één of meerdere leveranciers zijn contractuele verplichtingen niet meer nakomt en wij niet tijdig alternatieve leveringen voorzien, kan dit onze bedrijfsvoering negatief beïnvloeden.
Het aantal grotere retailklanten is klein. Als een van hen een contract stopzet, kan dat een aanzienlijk negatief effect hebben op onze omzet en winst.
We sluiten lange termijn contracten af indien mogelijk maar met korte of middellange prijsafspraken of met een transparant prijs-aanpassingsmechanisme voor wijzigingen in de belangrijkste grondstofprijzen en verpakkingskosten. Waar mogelijk proberen we klanten-afspraken en leveranciers-afspraken op elkaar af te stemmen.
We sluiten lange termijn partnerschappen af indien mogelijk. We werken met volumejaarafspraken. We bieden onze leveranciers een eerlijke vergoeding voor hun toegevoegde waarde. We werken met preferentiële leveranciers rond duurzaamheid. We proberen onze verschillende leveranciers te diversifiëren waar mogelijk om fysieke en politieke risico’s die inherent zijn in het aankoopproces, te reduceren.
We diversifiëren de omzetten in verschillende producten en contracten met andere looptijden.
Dit doen we zowel voor onze eigen merken als voor de huismerken van de klanten en in verschillende landen.
Met klanten die internationaal aankopen proberen we zowel lokale als globale relaties te onderhouden.
Als de consument zijn eetgewoonte aan- past of niet langer kiest voor onze producten, kan dit een belangrijk effect hebben op onze activiteiten. Ook algemene economische omstandigheden als veranderingen in conjunctuur, tewerkstelling en rentevoeten kunnen invloed hebben op het bestedingspatroon van de consument.
We voeren regelmatig markt- en consumentenonderzoeken uit om voedingsgewoontes van consumenten te onderzoeken in de diverse markten waarin we actief zijn. We peilen naar de tevredenheid van onze consumenten om dit risico te beperken en erop te anticiperen. We zorgen ervoor dat onze prijzen marktconform zijn.
De belangrijkste risico’s voor onze bedrijfsvoering
Wat kan er gebeuren als we niet de juiste beslissing nemen?
Financiële risico’s (zie ook toelichting 29 bij de jaarrekening)
Kredietrisico’s
We hebben vorderingen bij onze (retail) klanten.
We plaatsen periodiek ook soms bedragen op termijnrekeningen bij banken.
Wisselkoersrisico’s
What’s Cooking? werkt in een internationale omgeving. Daardoor worden we blootgesteld aan een wisselkoersrisico op de verkopen, aankopen en rentedragende leningen die zijn uitgedrukt in een andere munt dan de lokale munt van de onderneming.
Interestrisico
De financieringsvormen met variabele rentevoeten vloeien hoofdzakelijk voort uit What’s Cooking? Revolving Facility Agreement en de non-recourse factoring in bepaalde locaties.
Liquiditeits- en kasstroomrisico
Zoals bij elke bedrijfsvoering waakt
What’s Cooking? over liquiditeiten en cashflow. De focus op grotere M&A-transacties en de oprichting van de tweede fabriek in Opole verhoogt de algemene kasstroomrisico’s.
Niet tijdig geïnde vorderingen hebben een negatieve impact op de cashflow.
Hoe beperken we de risico’s, in het algemeen en in 2025?
Schommelingen in wisselkoersen kunnen waardeschommelingen van financiële instrumenten teweegbrengen.
We volgen de klanten en uitstaande klantensaldo’s op om potentiële risico’s te beperken. De meeste vorderingen betreffen grote Europese retailklanten, wat het risico beperkt. Voor bepaalde landen hebben we ook een non-recourse factoring programma of een kredietverzekering. We bankieren met gerespecteerde banken die een solide kredietrating aanhouden.
We volgen een consequente indekkingspolitiek. We wenden geen financiële instrument en aan voor handelsdoeleinden en speculeren niet. Voor bepaalde landen hebben we ook een non-recourse factoring programma of een kredietverzekering. We bankieren met gerespecteerde banken die een solide kredietrating aanhouden.
Reële waarde of de toekomstige kasstromen van een financieel instrument zullen fluctueren als gevolg van veranderingen in de marktrentevoeten.
Een tekort aan liquide middelen kan de relaties met bepaalde partijen onder druk zetten.
Juridische risico’s (zie ook toelichting 31 bij de resultatenrekening en balans)
Veranderende wetgeving
De overheid verandert en verstrengt af en toe de wetgeving op de productie en verkoop van voeding.
Als we niet voldoen aan deze voorwaarden lopen we het risico op boetes of sancties.
We volgen een consequente indekkingspolitiek. We wenden geen financiële instrumenten aan en speculeren niet.
Juridische geschillen
We zijn af en toe betrokken bij rechtszaken of geschillen met klanten, leveranciers, consumenten en de overheid.
Een rechtszaak kan een negatieve invloed hebben op onze financiële situatie.
We beschikken over een belangrijke netto cashflow tegenover onze netto financiële schuldpositie. We monitoren de leverage impact van grotere M&A en organische groeiprojecten voortdurend om risico’s te beperken.
We investeren jaarlijkse aanzienlijke bedragen om tegemoet te komen aan nieuwe wetgeving, ook voor duurzaamheid en milieu. Elk jaar organiseren we opleidingen om onze werknemers up-to-date te houden over de nieuwe wetgevingen en hun impact. We hebben geïnvesteerd in een functie voor regulatory affairs inzake voeding binnen de groep en volgen ook ontwikkelingen op via ons in-house juridisch team.
We voorzien de mogelijke impact van deze ge-schillen in onze boeken zodra we het risico als reëel inschatten. We doen dit onder de toepasselijke boekhoudkundige regels. We hebben een eigen juridisch team en gebruiken externe advocaten voor advies waar dit gepast is.
Onze Duurzaamheids (ESG) risico’s en opportuniteiten zijn opgenomen in ons duurzaamheidsverslag. We hebben ons hiervoor op de dubbele materialiteits-matrix gebaseerd zoals uitgebreid uitgelegd in ons duurzaamheidsrapport.
Voor meer informatie over GOV 1, 2, 3 en 5: zie eerder in het Duurzaamheidsverslag sectie van dit rapport
GOV-1 De rol van de bestuurs-, leidinggevende en toezichthoudende organen
GOV-2 Informatieverstrekking aan en duurzaamheidskwesties die worden behandeld door de bestuurs-, leidinggevende en toezichthoudende organen van de onderneming
GOV-3 Integratie van duurzaamheidsgerelateerde prestaties in verloning
GOV-5 Risicobeheer en interne controles op duurzaamheidsverslaggeving
Overige onderwerpen
Informatieverschaffing over de wijze waarop klimaatgerelateerde overwegingen worden meegenomen in de beloning van leden van bestuurs-, leidinggevende en toezichthoudende organen
Percentage van de opgenomen bezoldiging dat verband houdt met klimaatgerelateerde overwegingen
Toelichting op klimaat gerelateerde overwegingen die worden meegenomen in de beloning van leden van bestuurs-, leidinggevende en toezichthoudende organen








Zie Corporate Governance – Remuneratieverslag











Het aandeel en de notering
Op 31 december 2025 vertegenwoordigden 1.856.180 aandelen het kapitaal van What’s Cooking Group NV. De aandelen van de vennootschap zijn toegelaten tot de verhandeling op de gereglementeerde markt Euronext Brussel.
Om de liquiditeit van het aandeel te bevorderen, sloot de vennootschap in 2020 een liquiditeitsverschaffer- of liquidity provider-overeenkomst met Bank Degroof Petercam NV. Volgens deze overeenkomst treedt de bank als tegenpartij op als er te weinig kopers of verkopers zijn. De liquiditeitsverschaffer zorgt er ook voor dat het verschil vernauwt tussen de bied- en laatkoersen – de prijzen waartegen men kan kopen en verkopen.
De aandeelhoudersstructuur staat beschreven in de Verklaring inzake deugdelijk bestuur (zie hoger).
Beurs- en aandeelhoudersinformatie
Aandelen gerelateerde instrumenten
Op 31 december 2025 waren geen aandelen gerelateerde instrumenten uitgegeven door de vennootschap in omloop, zoals aandelenopties of warrants.
Dividend
Met de jaarlijkse betaalbaarstelling van een dividend wil What’s Cooking Group NV haar aandeelhouders een marktcompetitief rendement bieden. De Raad van Bestuur stelt aan de Algemene Vergadering van 28 mei 2026 voor om een bruto dividend van 4,5 EUR per aandeel goed te keuren, betaalbaar begin juli 2026.
Koersevolutie
Je kan de koers van het What’s Cooking? aandeel op elk moment raadplegen op de websites www.whatscooking.group en www.euronext.com.
Koersevolutie in €
Opvolging door financiële analisten
De analisten van KBC Securities en Degroof Petercam volgden in 2025 het aandeel What’s Cooking? op.
Voorstellen aan de gewone Algemene Vergadering
• De jaarrekening op 31 december 2025 goed te keuren en met de resultaatsverwerking in te stemmen. Het niet-geconsolideerd resultaat van het boekjaar is een winst van 39.104.969,22 euro.
• Een bruto dividend van 4,5 EUR per aandeel uit te keren, betaalbaar begin juli 2026.
• Kwijting te verlenen aan de leden van de Raad van Bestuur en de commissaris voor de uitoefening van hun mandaat in 2025.
• Dominique Coopman, als vaste vertegenwoordiger van BV Famcoo Invest, te herbenoemen als bestuurder voor een periode van vier jaar, eindigend na de jaarlijkse Algemene Vergadering van 2030.
• Ann Vereecke, als vaste vertegenwoordiger van BV Ann Vereecke, te herbenoemen als bestuurder voor een periode van vier jaar, eindigend na de jaarlijkse Algemene Vergadering van 2030.
• Piet Sanders, als vaste vertegenwoordiger van BV Leading for Growth, te herbenoemen als onafhankelijk bestuurder voor een periode van vier jaar, eindigend na de jaarlijkse Algemene Vergadering van 2030.
• Bij afzonderlijke stemming te beslissen over het remuneratieverslag.
• Bestuurdersvergoedingen:
De Raad van Bestuur stelt aan de Algemene Vergadering voor om onderstaande vaste jaarvergoedingen, in overeenstemming met het remuneratiebeleid en de vergoeding in eerdere jaren, goed te keuren en toe te kennen aan de bestuurders, in functie van hun bestuurdersmandaat, hun eventuele lidmaatschap van de comités van de Raad van Bestuur en hun eventuele voorzitterschap:
Voorzitter van de Raad van Bestuur
100.000 euro
Lid van de Raad van Bestuur 30.000 euro
Voorzitter van het Auditcomité 10.000 euro
Lid van het Auditcomité 6.000 euro
Voorzitter van het Remuneratie- en Benoemingscomité 7.000 euro
Lid van het Remuneratie- en Benoemingscomité 5.000 euro
Voorzitter van het Duurzaamheidscomité 7.000 euro
Lid van het Duurzaamheidscomité 5.000 euro
Voor de eigenlijke agenda en voorstellen tot besluit, verwijzen we naar de oproeping voor de Algemene Vergadering.


De













Resultaat van het boekjaar vóór aandeel in het resultaat van ondernemingen verwerkt volgens de vermogensmutatiemethode
Aandeel in het resultaat van ondernemingen verwerkt volgens de vermogensmutatiemethode,
ACTIVITEITEN
activiteiten
(*) Overeenkomstig IFRS 5.33 maakt de vennootschap het resultaat uit de beëindigde activiteiten afzonderlijk bekend in haar geconsolideerde resultatenrekening voor 2025 en 2024. Dit bedrag omvat in 2024 enerzijds de winst (het verlies) uit operationele beëindigde activiteiten na belastingen en anderzijds kosten die voorheen werden gedragen door de beëindigde activiteit en die, na de afronding van de verkoop van de SBU Savoury, worden toegerekend aan de voortgezette activiteiten (dis-synergiën). Voor 2025 omvat dit bedrag de meerwaarde op de verkoop van de Savoury activiteiten aan het begin van 2025.
Andere elementen van het resultaat (opgenomen in het eigen vermogen)
Andere elementen van het resultaat die later geherklasseerd kunnen worden naar het resultaat
Andere elementen van het resultaat die later niet geherklasseerd kunnen worden naar het resultaat
Herwaarderingen van de nettoverplichting m.b.t. toegezegde
Voor het jaar eindigend op 31 december 2025 en 2024
Andere elementen van het uitgebreid resultaat
Andere elementen van het uitgebreid resultaat
What’s Cooking? Jaarverslag 2025
van schulden mbt bezoldigingen
operationele schulden
INVESTERINGSACTIVITEITEN
Aanschaffing van immateriële en materiële vaste activa
Overname van
activa
Verkoop van beëindigde activiteit (*) (inclusief activa aangehouden voor verkoop)
Liquidatie van deelneming verwerkt volgens vermogensmutatiemethode
betrekking hebbend op beëindigde activiteiten
FINANCIERINGSACTIVITEITEN Toename/(daling) financiële schulden op korte termijn
lange termijn schulden
NETTO WIJZIGING IN GELDMIDDELEN EN KASEQUIVALENTEN
Wijzigingen in geldmiddelen en kasequivalenten als gevolg van wijzigingen in de consolidatiekring
GELDMIDDELEN EN KASEQUIVALENTEN BIJ HET EINDE VAN HET BOEKJAAR
(*) De activa aangehouden voor verkoop omvatten per 31 december 2024 10,6 miljoen EUR aan geldmiddelen en kasequivalenten die werden overgedragen bij de verkoop van de Savoury activiteiten. De netto ontvangen kasmiddelen voor de volledige verkoop van de Savoury activiteiten, na aftrek van betaalde transactiekosten, bedroegen 101 miljoen EUR. De verkoop resulteerde tevens in de afstoting van 10,6 miljoen EUR aan geldmiddelen, wat leidde tot een netto geconsolideerde kasstroom van 90,6 miljoen EUR na aftrek van de afgestoten geldmiddelen en de betaalde transactiekosten.
(**) De geldmiddelen en kasequivalenten aan het begin van het boekjaar zijn exclusief de kasmiddelen van de Savoury activiteiten die in het kader van de transactie werden afgestoten.
1. Samenvatting van de belangrijkste waarderingsgrondslagen
Conformiteitsverklaring
What’s Cooking Group NV (‘de Entiteit’) is een entiteit die in België gedomicilieerd is. De geconsolideerde jaarrekening van de Entiteit omvat de entiteit What’s Cooking Group NV en haar dochterondernemingen (samen verder ‘de groep’ genoemd). De geconsolideerde jaarrekening werd door de raad van bestuur voor publicatie vrijgegeven op 16 april 2026. De geconsolideerde jaarrekening werd opgemaakt in overeenstemming met de ‘International Financial Reporting Standards (IFRS)’ zoals aanvaard binnen de Europese Unie.
De geconsolideerde rekeningen worden voorgesteld in duizend EUR. De waarderingsregels werden op uniforme wijze in heel de groep toegepast en zijn consistent met het vorig boekjaar.
Standaarden en interpretaties gepubliceerd, van toepassing voor het boekjaar beginnend op 1 januari 2025
• Aanpassingen aan IAS 21 De gevolgen van wisselkoerswijzigingen: gebrek aan inwisselbaarheid, uitgegeven op 15 augustus 2023, verduidelijken wanneer een valuta inwisselbaar is in een andere valuta (of niet).
Bovenvermelde standaard heeft geen materiële impact op de balans.
Standaarden en interpretaties gepubliceerd, maar nog niet van toepassing voor het boekjaar beginnend op 1 januari 2025
• Aanpassingen aan de classificatie en waardering van financiële instrumenten – Aanpassingen in IFRS 9 en IFRS 7, gepubliceerd op 30 mei 2024, zullen de diversiteit in de praktijk aanpakken door de vereisten begrijpelijker en consistenter te maken. De aanpassingen omvatten:
- Verduidelijkingen over de classificatie van financiële activa met betrekking tot milieu-, sociale en deugdelijk bestuur en soortgelijke kenmerken (“ESG”) – ESG-gerelateerde kenmerken in leningen kunnen van invloed zijn op de vraag of de leningen worden gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs of tegen reële waarde. Om eventuele diversiteit in de praktijk op te lossen, wordt in de aanpassingen verduidelijkt hoe de contractuele kasstromen op dergelijke leningen moeten worden beoordeeld.
- Verduidelijkingen over de datum waarop een financieel actief of een financiële verplichting wordt erkent. De IASB heeft ook besloten een optie op te nemen die een onderneming instaat stelt een financiële verplichting niet langer in de balans te erkennen voor de afwikkelingsdatum, indien aan bepaalde criteria is voldaan.
- De IASB heeft ook bijkomende toelichtingsvereisten opgenomen, dit om beleggers meer transparantie te bieden met betrekking tot beleggingen in eigenvermogensinstrumenten die tegen reële waarde via de niet-gerealiseerde resultaten zijn aangemerkt en worden verwerkt en financiële instrumenten met voorwaardelijke kenmerken, bijvoorbeeld kenmerken die verband houden met ESG-gerelateerde doelstellingen.
- De aanpassingen zijn van kracht voor boekjaren die beginnen op of na 1 januari 2026, waarbij vervroegde toepassing is toegestaan. Deze aanpassingen zijn door de EU goedgekeurd.
• Contracten met betrekking tot natuurafhankelijke elektriciteit - Wijzigingen in IFRS 9 en IFRS 7, gepubliceerd op 18 december 2024, zullen entiteiten helpen om beter te rapporteren over de financiële effecten van natuurafhankelijke elektriciteitscontracten, die vaak zijn gestructureerd als stroomafnameovereenkomsten (Power Purchase Agreements - PPA's). Natuurafhankelijke elektriciteitscontracten helpen entiteiten om hun elektriciteitsvoorziening uit bronnen zoals wind- en zonne-energie veilig te stellen. De hoeveelheid elektriciteit die in het kader van deze contracten
What’s Cooking? Jaarverslag 2025
wordt opgewekt, kan variëren op basis van oncontroleerbare factoren zoals weersomstandigheden. De huidige boekhoudkundige vereisten laten mogelijk niet toe adequaat te rapporteren over hoe deze contracten de resultaten van een entiteit beïnvloeden De wijzigingen omvatten: - een verduidelijking van de toepassing van de vereisten voor 'eigen gebruik';
- het toestaan van hedge accounting als deze contracten worden gebruikt als afdekkingsinstrumenten; en
- het toevoegen van nieuwe toelichtingsvereisten om gebruikers van de jaarrekening in staat te stellen inzicht te krijgen in het effect van deze contracten op de financiële prestaties en kasstromen van een entiteit.
De wijzigingen zijn van kracht voor boekjaren die beginnen op of na 1 januari 2026, waarbij vervroegde toepassing is toegestaan. Deze wijzigingen zijn goedgekeurd door de EU.
• Jaarlijkse verbeteringen Volume 11, gepubliceerd op 18 juli 2024, omvat verduidelijkingen, vereenvoudigingen, correcties en aanpassingen die gericht zijn op het verbeteren van de consistentie tussen de verschillende IFRS-standaarden. De aangepaste standaarden zijn:
- IFRS 1 Eerste toepassing van IFRS-standaarden;
- IFRS 7 Financiële instrumenten: Toelichtingen en de bijbehorende richtlijnen voor de implementatie van IFRS 7;
- IFRS 9 Financiële instrumenten;
- IFRS 10 Geconsolideerde jaarrekening;
- IAS 7 Kasstroomoverzicht.
- De aanpassingen zijn van kracht voor boekjaren die beginnen op of na 1 januari 2026, waarbij vervroegde goedkeuring is toegestaan. Deze aanpassingen zijn door de EU goedgekeurd.
• IFRS 18 Presentatie en toelichting in de jaarrekening, gepubliceerd op 9 april 2024, vervangt IAS 1 Presentatie van de jaarrekening. De nieuwe norm introduceert de volgende belangrijke nieuwe vereisten:
- Entiteiten zijn verplicht om alle opbrengsten en kosten in de winsten verliesrekening te presenteren in vijf categorieën, namelijk de categorieën operationeel, investeringen, financiering, beëindigde bedrijfsactiviteiten en inkomstenbelasting. Entiteiten zijn ook verplicht om het nieuw gedefinieerde subtotaal van bedrijfswinst te presenteren. Het nettoresultaat van de entiteiten zal niet wijzigen.
- Door het management gedefinieerde prestatiemaatstaven worden in één toelichting in de jaarrekening opgenomen.
- Er worden verbeterde richtlijnen gegeven voor het groeperen van informatie in de jaarrekening.
- Bovendien zijn alle entiteiten verplicht om het subtotaal operationeel resultaat te gebruiken als uitgangspunt voor het kasstroomoverzicht bij de presentatie van operationele kasstromen volgens de indirecte methode.
- De standaard is van kracht voor boekjaren die beginnen op of na 1 januari 2027, waarbij vervroegde toepassing is toegestaan.
• IFRS 19 Dochterondernemingen zonder publieke verantwoordingsplicht: toelichtingen, gepubliceerd op 9 mei 2024, en de wijzigingen, gepubliceerd op 21 augustus 2025, zullen de in aanmerking komende dochterondernemingen in staat stellen IFRS-standaarden toe te passen met verminderde toelichtingsvereisten. Een dochteronderneming kan de nieuwe standaard toepassen in haar geconsolideerde en enkelvoudige jaarrekening, op voorwaarde dat op de rapporteringsdatum:
- zij geen publieke verantwoordingsplicht heeft; en
- haar moederonderneming een geconsolideerde jaarrekening opmaakt volgens de IFRS-standaarden.
De standaard is van kracht voor boekjaren die beginnen op of na 1 januari 2027, waarbij vervroegde toepassing is toegestaan.
• IAS 21 Omrekening naar een presentatievaluta welke deze is van hyperinflatie-economie: wijzigingen gepubliceerd op 13 november 2025. De wijzigingen verduidelijken hoe entiteiten financiële overzichten moeten omrekenen van een niet-hyper inflatoire valuta naar een hyper inflatoire valuta. Om de diversiteit in de praktijk te verminderen en de bruikbaarheid van informatie voor de gebruikers van de jaarrekening te verbeteren, De wijzigingen zijn dat:
- een entiteit met een niet-hyper inflatoire functionele valuta de slotkoers op de laatste rapporteringsdatum gebruikt bij het omrekenen van alle bedragen in de jaarrekening (inclusief vergelijkende cijfers) naar haar presentatievaluta; en - een entiteit de slotkoers op de laatste rapporteringsdatum gebruikt bij het omrekenen van alle bedragen (met uitzondering van vergelijkende cijfers) van een buitenlandse activiteit met een niet-hyper inflatoire functionele valuta en de algemene prijsindex toepast om de vergelijkende cijfers aan te passen.
- De wijzigingen zijn van kracht voor boekjaren die beginnen op of na 1 januari 2027, waarbij vervroegde toepassing is toegestaan. De standaard is nog niet door de EU goedgekeurd.
Een aantal nieuwe standaarden en wijzigingen aan standaarden zijn van kracht voor boekjaren die beginnen na 1 januari 2025. De Groep heeft bij het opstellen van deze geconsolideerde jaarrekening geen van de toekomstige nieuwe of gewijzigde standaarden vervroegd toegepast.
De groep zal tijdig de nodige systeemaanpassingen voorzien om te kunnen voldoen aan deze nieuwe aanpassingen aan de standaarden.
Consolidatieprincipes
De geconsolideerde jaarrekening omvat de financiële gegevens van What’s Cooking Group NV en haar dochterondernemingen, joint venture en geassocieerde deelneming. Een lijst van deze entiteiten is opgenomen in toelichting 35.
Dochterondernemingen opgenomen in de consolidatie volgens de integrale methode
Ook worden volgende factoren in overweging genomen bij de bepaling van zeggenschap:
• het doel en de opzet van de deelneming;
• wat de relevante activiteiten zijn en hoe besluiten over die activiteiten worden genomen;
• of de rechten van de investeerder hem doorlopend de mogelijkheid bieden de relevante activiteiten te sturen;
• of de investeerder is blootgesteld aan, of rechten heeft op veranderlijke opbrengsten uit hoofde van zijn betrokkenheid bij de deelneming; en
• of de investeerder over de mogelijkheid beschikt zijn macht over de deelneming te gebruiken om de omvang van de opbrengsten van de investeerder te beïnvloeden.
De jaarrekeningen van de dochterondernemingen die behoren tot de beëindigde activiteiten zijn opgenomen in de geconsolideerde jaarrekening als activa aangehouden voor verkoop en de verplichtingen rechtstreeks verbonden met de activa aangehouden voor verkoop. (lijst cfr. Toelichting 35).
Vreemde valuta
Transacties in vreemde valuta
In de individuele entiteiten van de groep worden de transacties in vreemde valuta opgenomen tegen de wisselkoers die van toepassing is op de transactiedatum. Monetaire activa en verplichtingen in vreemde valuta worden omgerekend aan de slotkoers die van toepassing is op balansdatum. Winsten en verliezen die voortvloeien uit transacties in vreemde valuta en uit de omzetting van monetaire activa en verplichtingen in vreemde valuta, worden opgenomen in de winst- en verliesrekening. Winst of verlies op een niet-monetaire post wordt opgenomen in het eigen vermogen. Voor niet-monetaire posten waarvan de winst of het verlies rechtstreeks werd opgenomen in het eigen vermogen, wordt ook een eventuele wisselkoerscomponent van die winst of dat verlies in het eigen vermogen opgenomen. Wisselkoersverschillen die voortvloeien uit een monetaire post die deel uitmaakt van de netto-investering in een buitenlandse activiteit worden opgenomen in niet-gerealiseerde resultaten in de geconsolideerde jaarrekening van de Groep en worden naar de winst of het verlies geherclassificeerd bij afstoting van de netto-investering.
Vanaf 1/1/2022 heeft de Groep haar vordering op haar buitenlandse activiteit in Polen (ten belope van een bedrag van 10 miljoen EUR, verhoogd met 6 miljoen in 2024) waarvoor in de nabije toekomst geen terugbetaling is gepland aangemerkt als deel uitmakend van haar netto-investering. Vanaf deze datum worden de betreffende omrekeningsverschillen opgenomen in niet-gerealiseerde resultaten op de lijn ‘‘Omrekeningsverschillen”. (IAS 21.15)
Jaarrekening van buitenlandse activiteiten
Alle buitenlandse activiteiten van de groep bevinden zich in de Euro-zone, met uitzondering van What’s Cooking Deeside Ltd in Britse ponden en What’s Cooking Polska Sp. Z.o.o. In Poolse zloty. De activa en verplichtingen van deze buitenlandse entiteiten, worden omgezet naar euro aan de wisselkoers van toepassing op balansdatum. De winst- en verliesrekening van deze entiteiten wordt maandelijks omgezet in euro aan gemiddelde koersen die de wisselkoers van de transactiedatum benaderen. Omrekeningsverschillen die hieruit voortvloeien worden rechtstreeks via het eigen vermogen verwerkt.
Voor de jaarrekening gebruikten we volgende wisselkoers: 1 euro is gelijk aan:
Britse pond
Poolse Zloty
Slotkoers
Gemiddelde
Gesegmenteerde informatie
IFRS 8 definieert een operationeel segment als een onderdeel van een entiteit waarvan de bedrijfsresultaten regelmatig worden beoordeeld door de hoogstgeplaatste functionaris van de entiteit die belangrijke operationele beslissingen neemt, om beslissingen over de aan het segment toe te kennen middelen te kunnen nemen en de financiële prestaties van het segment te evalueren en waarover afzonderlijke financiële informatie beschikbaar is.
What’s Cooking heeft op 10 januari 2025 haar bedrijfssegment ‘Vleeswaren’ verkocht. Na een grondige analyse van de organisatiestructuur, de interne rapporteringsstroom en besluitvormingsprocessen was het voor What’s Cooking Group duidelijk dat ze opereert als één geïntegreerde bedrijfseenheid. Voorheen had de groep twee hoofdrapportage segmenten.
De beslissing om als één geïntegreerde bedrijfseenheid te rapporteren is gebaseerd op o.a. volgende criteria:
• Het bedrijf biedt een samenhangend assortiment kant-en-klare maaltijden aan, aan de consument. De onderneming verkoopt haar producten quasi uitsluitend via het B2B-kanaal en heeft geen noemenswaardige directe verkopen aan de consument.
• Er is geen betekenisvol onderscheid in strategie, distributiekanalen of marktbenadering binnen de groep. Hard discount, retail, foodservice en groothandel worden vaak gegroepeerd en zijn niet duidelijk te onderscheiden. In sommige gevallen worden deze kanalen zelf samengebracht in overkoepelende aankooporganisaties door klanten van de groep.
• Gezien de omvang van de groep, wordt deze geleid door een gecentraliseerd managementteam. De CEO (=CODM of Chief operating decision maker) en zijn EXCOM beoordelen de financiële prestaties op geconsolideerde basis, niet per productlijn of geografisch. De productielocaties kunnen variëren in functie van de beschikbare capaciteit. Onze productielocaties bedienen meerdere landen. De groepsdirectie beslist centraal over productielocatie, tenderprijzen, productontwikkeling en kwaliteitsvereisten. Ook ons transfer pricing model weerspiegelt dit gecentraliseerde model. Volumes en marges worden op groepsniveau beoordeeld.
• Beslissingen betreffende allocatie van middelen, zoals o.a. investeringen, personeelsbezetting en budgettering worden centraal genomen. De Raad van Bestuur keurt één budget goed. De groepsdirectie heeft de vrijheid om alle activiteiten te alloceren.
• De omzetstromen vertonen vergelijkbare marges, groeipatronen en risicoprofielen. Geen enkel onderdeel van de activiteiten vertoont een duidelijk afwijkende economische prestatie die een afzonderlijke segmentrapportage zou rechtvaardigen.
• De interne financiële rapporten die aan het EXCOM en de Raad van Bestuur worden voorgelegd, bevatten geen opsplitsing in meerdere operationele componenten.
• Prestatie-indicatoren, KPI’s en forecasts worden op groepsniveau opgesteld.
• De waarde creatie van de groep steunt op geïntegreerde processen i.p.v. op onafhankelijke bedrijfsactiviteiten.
Immateriële activa
Immateriële vaste activa worden initieel gewaardeerd tegen kostprijs. Immateriële vaste activa worden opgenomen als het waarschijnlijk is dat de entiteit zal genieten van de toekomstige economische voordelen die ermee gepaard gaan en als de kostprijs ervan op een betrouwbare wijze kan bepaald worden. Na hun initiële opname worden immateriële vaste activa gewaardeerd tegen kostprijs verminderd met geaccumuleerde afschrijvingen en eventuele geaccumuleerde bijzondere waardeverminderingen. Immateriële vaste activa worden lineair afgeschreven over hun naar best vermogen geschatte gebruiksduur. De afschrijvingsperiode en de gebruikte afschrijvingsmethode worden elk jaar opnieuw geëvalueerd bij afsluiting van de verslagperiode.
Onderzoek en ontwikkeling
Lasten voor onderzoeksactiviteiten, ondernomen met het oog op het verwerven van nieuwe wetenschappelijke of technologische kennis, worden als lasten in de winst- en verliesrekening opgenomen op het ogenblik dat ze zich voordoen. Lasten voor ontwikkelingsactiviteiten, waarin de bevindingen uit het onderzoek worden toegepast in een plan of een ontwerp voor de productie van nieuwe of substantieel verbeterde producten en processen, worden in de balans opgenomen, indien het product of het proces technisch en commercieel uitvoerbaar is en de groep voldoende middelen ter beschikking heeft voor de voltooiing ervan. De geactiveerde last omvat de kosten van grondstoffen, directe loonkosten en een evenredig deel van de overheadkosten. Geactiveerde uitgaven voor ontwikkeling worden gewaardeerd aan kostprijs verminderd met geaccumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen.
Alle andere uitgaven voor ontwikkeling worden als last in de winst- en verliesrekening opgenomen op het moment dat deze zich voordoen. Gezien de ontwikkelingskosten van What’s Cooking in 2025 en 2024 niet voldeden aan de IFRS-criteria voor activering werden deze uitgaven als last opgenomen in de winst- en verliesrekening.
Overige immateriële activa
Overige lasten voor intern gegenereerde immateriële vaste activa, vb. merken, worden als last in de winst- en verliesrekening opgenomen op het moment dat deze zich voordoen. Overige immateriële vaste activa zoals merkoctrooien, computersoftware, verworven door de groep, worden gewaardeerd aan kostprijs verminderd met geaccumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen. In 2025 en 2024 bestond het geconsolideerd overig immaterieel vast actief van What’s Cooking hoofdzakelijk uit computersoftware en de geactiveerde klantenportefeuilles verworven uit de acquisities.
Afschrijvingen
Immateriële activa worden volgens de lineaire methode afgeschreven over hun verwachte gebruiksduur en dit vanaf de datum van ingebruikname.
We passen deze afschrijvingspercentages toe: Onderzoek en ontwikkeling
Goodwill
We spreken van goodwill wanneer de kostprijs van een bedrijfscombinatie op overnamedatum het belang van de groep in de netto reële waarde van de identificeerbare activa, verplichtingen en voorwaardelijke verplichtingen van de overgenomen partij overschrijdt. Goodwill wordt initieel opgenomen als een actief aan kostprijs en wordt nadien gewaardeerd aan kostprijs verminderd met eventuele geaccumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen.
De kasstroom genererende eenheid waaraan goodwill is toegerekend, wordt jaarlijks op een bijzondere waardevermindering getoetst. Dit gebeurt eveneens telkens wanneer er een aanwijzing bestaat dat de eenheid mogelijk een bijzondere waardevermindering heeft ondergaan door de boekwaarde van de eenheid te vergelijken met haar realiseerbare waarde. Indien de realiseerbare waarde van de eenheid lager is dan de boekwaarde, zal het bijzonder waardeverminderingsverlies eerst worden toegerekend aan de boekwaarde van de aan de eenheid toegerekende goodwill en vervolgens aan de andere activa van de eenheid a rato van de boekwaarde van elk actief in de eenheid. Een bijzonder waardeverminderingsverlies dat voor goodwill is opgenomen, kan in een latere periode niet worden teruggeboekt. Bij de verkoop van een dochteronderneming of een joint venture, wordt de toegerekende goodwill opgenomen bij de bepaling van de winst of verlies bij verkoop.
What’s Cooking? Jaarverslag 2025
Materiële vaste activa
Materiele vaste activa worden opgenomen als het waarschijnlijk is dat de toekomstige economische voordelen met betrekking tot het actief naar de Entiteit zullen vloeien en de kostprijs van het actief op een betrouwbare wijze kan worden bepaald.
De materiele vaste activa in eigendom worden gewaardeerd tegen kostprijs of tegen vervaardigingsprijs, verminderd met geaccumuleerde afschrijvingen en eventuele geaccumuleerde bijzondere waardeverminderingen. De kostprijs omvat naast de aankoopprijs ook, indien van toepassing, de niet terugvorderbare belastingen, en alle rechtstreeks toerekenbare kosten om het actief gebruiksklaar te maken. De vervaardigingsprijs van zelf vervaardigde materiele vaste activa omvat de directe materiaalkost, directe fabricagekosten, een evenredig deel van de vaste kosten van materiaal en fabricage, en een evenredig deel van de afschrijvingen en waardeverminderingen van activa gebruikt bij de vervaardiging. Kosten na eerste opname worden enkel in de balans opgenomen in de boekwaarde van een actief, of als een afzonderlijk actief, wanneer het waarschijnlijk is dat de toekomstige economische voordelen hiervan naar de groep zullen vloeien en deze kosten betrouwbaar kunnen worden bepaald. Verbeteringswerken worden geactiveerd en afgeschreven over 4 jaar. De overige herstellings- en onderhoudskosten worden opgenomen in de winst- en verliesrekening in de periode waarin ze gemaakt worden.
De materiele vaste activa worden afgeschreven volgens de lineaire methode vanaf de datum van ingebruikname en dit over de verwachte gebruiksduur.
De voornaamste afschrijvingspercentages die momenteel worden toegepast, zijn:
Gebouwen 2; 3,33; 4 ,5 & 6%
Installaties 5, 7.5, & 10 %
Machines en uitrusting
14,3; 20 & 33,3 %
Meubilair en rollend materieel 14,3; 20 & 33,3 %
Overige materiële vaste activa 10 & 20 %
Terreinen worden niet afgeschreven aangezien aangenomen wordt dat zij een onbeperkte gebruiksduur hebben.
Bijzondere waardeverminderingsverliezen van immateriële en materiele vaste activa (met uitzondering van goodwill): op elke rapporteringsdatum onderzoekt de groep zijn boekwaardes van materiele en immateriële vaste activa ten einde te bepalen of er een indicatie is die wijst op een mogelijke bijzondere waardevermindering van een actief. Indien een dergelijke indicatie bestaat, wordt de realiseerbare waarde van het actief geschat om het (eventueel) bijzonder waardeverminderingsverlies te kunnen bepalen. Indien het echter niet mogelijk is om de realiseerbare waarde van een individueel actief te bepalen, schat de groep de realiseerbare waarde voor de kasstroom genererende eenheid waartoe het actief behoort.
De realiseerbare waarde is de hoogste waarde van de reële waarde minus de verkoopkosten en zijn bedrijfswaarde. De bedrijfswaarde wordt bepaald door de verdiscontering van de verwachte toekomstige kasstromen waarbij een disconteringsvoet voor belastingen wordt gehanteerd. Deze disconteringsvoet weerspiegelt de contante tijdswaarde van het geld en de specifieke risico’s verbonden aan het actief.
Indien de realiseerbare waarde van een actief (of een kasstroom genererende eenheid) lager wordt geschat dan de boekwaarde van het actief (of een kasstroom genererende eenheid), wordt de boekwaarde verminderd tot zijn realiseerbare waarde. Een bijzonder waardeverminderingsverlies wordt onmiddellijk als last opgenomen in de winst- en verliesrekening. Een eerder opgenomen bijzonder waardeverminderingsverlies wordt teruggenomen, als er een wijziging is opgetreden in de ramingen gebruikt ter bepaling van de realiseerbare waarde, doch niet voor een hoger bedrag dan de netto boekwaarde die zou zijn bepaald, als er in de vorige jaren geen verlies door bijzondere waardevermindering werd opgenomen.
Overheidssubsidies
Overheidssubsidies dienen pas te worden opgenomen als met redelijke zekerheid kan worden gesteld dat:
• de groep de aan de subsidies gekoppelde voorwaarden zal vervullen; en • de subsidies zullen worden ontvangen.
Overheidssubsidies worden systematisch opgenomen als baten over de perioden die nodig zijn om deze subsidies toe te rekenen aan de gerelateerde kosten die ze beogen te compenseren. Een overheidssubsidie die wordt ontvangen als compensatie voor reeds opgelopen lasten of verliezen of met het oog op het verlenen van onmiddellijke financiële steun aan de groep zonder toekomstige gerelateerde kosten, wordt opgenomen als baat van de periode waarin ze te ontvangen is.
Investeringssubsidies worden in mindering gebracht van de boekwaarde van dat betrokken actief.
Exploitatiesubsidies worden opgenomen als ze ontvangen zijn en gepresenteerd als ‘Overige Exploitatiebaten’.
IFRS 16 verplicht de huurder om alle lease- en huurverplichtingen te activeren op de balans. De schuld weerspiegelt alle toekomstige leasebetalingen die gepaard gaan met de leaseovereenkomst gewaardeerd aan actuele waarde. Het actief reflecteert het recht op gebruik van het actief gedurende de overeengekomen leasetermijn.
De gebruiksrechten (voornamelijk bestaande uit het bedrag van de eerste waardering van de leasingschuld) worden gewaardeerd tegen kostprijs en afgeschreven over hun geschatte levensduur op lineaire basis. De gebruiksrechten worden op de balans getoond samen met de materiële vaste activa in eigen beheer en de leasingschulden worden getoond als korte en lange termijn leasingschulden. Elke leasebetaling wordt toegewezen aan de leasingschuld enerzijds en de financiële kosten anderzijds.
We maken gebruik van de volgende praktische vrijstellingen, zoals toegestaan door IFRS 16:
• Hantering van één “marginale rentevoet” voor een groepering van leases met dezelfde kenmerken, indien de interestvoet in het contract niet bepaald is.
• Alle huurcontracten met een looptijd van minder dan 12 maanden worden als huurkosten van het boekjaar in de resultatenrekening verwerkt
• Het verwerken van alle operationele leasing contracten met een lage waarde als korte termijn leases.
De leasingschulden worden gewaardeerd als de verdisconteerde waarde van toekomstige leasebetalingen over een bepaalde leasetermijn. In deze berekening wordt rekening gehouden met onze ‘gewogen gemiddelde marginale rentevoet’ indien de impliciete interestvoet in het contract niet kan worden vastgesteld. In 2024 en 2025 hadden we geen nieuwe leasingcontracten waarvoor we geen contractueel bedongen interestvoet beschikbaar hadden.
Voorraden
Voorraden worden gewaardeerd tegen de laagste waarde van de kostprijs of de opbrengstwaarde. De kostprijs wordt bepaald aan de hand van de gemiddelde voorraadwaarderingsmethode en de FIFO-methode. De kostprijs voor goederen in bewerking en afgewerkte producten omvat alle conversiekosten en andere kosten om de voorraden op hun huidige locatie en in hun huidige staat te brengen. De conversiekosten omvatten de productiekosten en de toegewezen vaste en variabele productie-overheadkosten (inclusief de afschrijvingen). De opbrengstwaarde is de geschatte verkoopprijs die de groep bij de verkoop van de voorraden in het kader van de normale bedrijfsuitvoering denkt te realiseren, verminderd met de geschatte kosten van voltooiing van het product en de geschatte kosten die nodig zijn om de verkoop te realiseren.
What’s Cooking? Jaarverslag 2025
Geamortiseerde Financiële activa
Financiële activa worden geclassificeerd tegen afgeschreven kostprijs als het contract de kenmerken van een basisleningsovereenkomst heeft en zij worden aangehouden met de bedoeling om de contractuele kasstromen te ontvangen op hun vervaldag. De financiële activa tegen afgeschreven kostprijs van What’s Cooking omvatten handels- en andere vorderingen, korte-termijndeposito’s en geldmiddelen en kasequivalenten in de balans. Ze worden gewaardeerd tegen afgeschreven kostprijs met behulp van de effectieve-rentemethode, verminderd met eventuele waarde
Waardevermindering van financiële activa
Op elke rapporteringsdatum beoordeelt What’s Cooking voor de financiële activa die zijn gewaardeerd tegen afgeschreven kostprijs (bijvoorbeeld handelsvorderingen) of er aanwijzingen voor een waardevermindering zijn op zowel individueel als collectief niveau. Oninbaar geachte vorderingen worden op elke balansdatum afgeschreven tegen de betreffende voorziening. Bij de beoordeling van een collectieve waardevermindering gebruikt de groep historische informatie over het geleden verlies en stelt de uitkomsten bij als de economische en kredietomstandigheden zodanig zijn dat het waarschijnlijk is dat de daadwerkelijke verliezen hoger dan wel lager zullen zijn dan historische trends suggereren. Toevoegingen aan en terugnames van de voorziening voor dubieuze debiteuren met betrekking tot handelsvorderingen worden opgenomen onder “Waardeverminderingen en voorzieningen” in de verlies- en winstrekening.
Bankleningen
Intrest dragende bankleningen en kredietoverschrijdingen worden initieel gewaardeerd aan reële waarde en worden vervolgens gewaardeerd volgens de geamortiseerde kostprijs berekend op basis van de effectieve- rentemethode. Elk verschil tussen de ontvangsten (na transactiekosten) en de vereffening of aflossing van een lening wordt opgenomen over de leningstermijn en dit in overeenstemming met de grondslagen voor financiële verslaggeving met betrekking tot financieringskosten, die toegepast worden door de groep.
Handelsschulden
Handelsschulden worden initieel gewaardeerd aan reële waarde en worden vervolgens gewaardeerd volgens de geamortiseerde kostprijs berekend op basis van de effectieve-rentemethode. Gezien het korte termijn karakter van de handelsschulden van de groep, worden de handelsschulden de facto aan reële waarde geboekt.
Derivaten
De groep gebruikt derivaten om risico’s te beperken met betrekking tot ongunstige wisselkoersschommelingen en intrestvoeten die voortvloeien uit de operationele, financiële en beleggingsactiviteiten.
De groep gebruikt deze instrumenten niet voor speculatieve doeleinden, houdt geen derivaten aan en geeft geen derivaten uit voor handelsdoeleinden (trading). Derivaten worden initieel gewaardeerd aan kostprijs en worden na eerste opname gewaardeerd aan reële waarde.
Er zijn drie soorten afdekkingsrelaties:
1. Kasstroomafdekking: wijzigingen in de reële waarde van derivaten aangewezen als kasstroomafdekkingen worden opgenomen in het eigen vermogen. Het niet-effectieve deel wordt opgenomen in de resultatenrekening. Indien de kasstroomafdekking van een vaststaande toezegging of een verwachte toekomstige transactie tot de opname van een niet-financieel actief of een niet-financiële verplichting leidt, dan wordt op het moment dat het actief of de verplichting wordt geboekt, de winsten of verliezen op het afgeleide financiële instrument die eerder in het eigen vermogen werden verwerkt, opgenomen in de initiële waardering van het actief of de verplichting. Indien de afdekking van een verwachte toekomstige transactie tot de opname van een financieel actief of een financiële verplichting leidt, worden de gerelateerde winsten of verliezen op het afgeleide financiële instrument die rechtstreeks in het eigen vermogen werden verwerkt, overgeboekt naar de verlies- en winstreke-
What’s Cooking? Jaarverslag 2025
ning in dezelfde periode of perioden waarin het verworven actief of de aangegane verplichting de verlies- en winstrekening beïnvloedt. Indien verwacht wordt dat het (deel van het) verlies dat direct in het eigen vermogen is verwerkt, in één of meer toekomstige perioden niet realiseerbaar zal zijn, wordt het naar verwachting niet realiseerbare deel naar de verlies- en winstrekening overgeboekt. Voor afdekkingen die niet leiden tot de opname van een actief of een verplichting, worden de bedragen die direct in het eigen vermogen waren opgenomen, overgeboekt naar de verlies- en winstrekening in dezelfde periode(n) waarin de afgedekte verwachte toekomstige transactie de winst of het verlies beïnvloedt.
2. Reële-waarde afdekking: wijzigingen in de reële waarde van derivaten die werden aangewezen en kwalificeren als reële-waarde afdekking worden opgenomen in de verlies- en winstrekening en dit samen met elke wijziging in de reële waarde van het afgedekte actief of de afgedekte verplichting die toe te rekenen is aan het afgedekte risico.
3. Afdekking van een netto-investering in een buitenlandse entiteit: afdekkingen van netto-investeringen in buitenlandse entiteiten worden op vergelijkbare wijze verwerkt als een kasstroomafdekking. Het deel van de winst of het verlies op het afdekkingsinstrument waarvan is vastgesteld dat het een effectieve afdekking is, wordt direct in het eigen vermogen opgenomen; de winst of het verlies op het niet-effectieve deel wordt onmiddellijk in de winst- en verliesrekening opgenomen. De winst of het verlies op het afdekkingsinstrument met betrekking tot het effectieve deel van de afdekking dat direct in het eigen vermogen is opgenomen, wordt bij afstoting van de buitenlandse entiteit in de winsten verliesrekening opgenomen. De wijzigingen in de reële waarde van derivaten die niet geclassificeerd kunnen worden als kasstroomafdekking worden onmiddellijk opgenomen in de winst- en verliesrekening.
Dividenden
Dividenden nemen we op als een verplichting in de periode waarin ze formeel worden toegekend.
Voorzieningen
Een voorziening wordt opgenomen indien:
a) De groep een bestaande (in recht afdwingbare of feitelijke) verplichting heeft ten gevolge van een gebeurtenis in het verleden;
b) Het waarschijnlijk is dat een uitstroom van middelen die economische voordelen in zich bergen vereist zal zijn om de verplichting af te wikkelen; en
c) Het bedrag van de verplichting op betrouwbare wijze kan worden geschat.
Het bedrag dat als voorziening is opgenomen, dient de beste schatting te zijn van de uitgaven die vereist zijn om de bestaande verplichting op balansdatum af te wikkelen. Wanneer de impact belangrijk is, worden voorzieningen bepaald door de verdiscontering van de verwachte toekomstige kasstromen waarbij een disconteringsvoet ‘voor belastingen’ wordt gehanteerd. Deze disconteringsvoet weerspiegelt de contante tijdswaarde van het geld en de specifieke risico’s verbonden aan de verplichting.
Een voorziening voor reorganisatie wordt aangelegd wanneer de groep een gedetailleerd en geformaliseerd plan voor de reorganisatie heeft goedgekeurd en wanneer de reorganisatie ofwel werd aangevat ofwel publiek werd bekendgemaakt. Voor lasten die betrekking hebben op de normale activiteiten van de groep worden geen voorzieningen aangelegd Een voorziening voor verlieslatende contracten wordt gewaardeerd tegen de contante waarde van het laagste bedrag van enerzijds de verwachte kosten voor het beëindigen van het contract en anderzijds de verwachte netto kosten van het voortzetten van het contract. Deze laatste worden bepaald op basis van de incrementele kosten die nodig zijn om aan de contractuele verplichtingen te voldoen, aangevuld met een toerekening van andere kosten die rechtstreeks verband houden met de uitvoering van het contract. Voordat een voorziening wordt opgenomen, verwerkt de groep eerst eventuele bijzondere waardeverminderingen op de activa die aan dat contract zijn verbonden.
Personeelsbeloningen
Personeelsbeloningen zijn alle vormen van vergoedingen die door de Entiteit worden toegekend in ruil voor de prestaties die door werknemers worden verricht. De personeelsbeloningen omvatten
• de korte termijn personeelsbeloningen, zoals onder andere de lonen, salarissen en sociale zekerheidsbijdragen, vakantiegeld, doorbetaling van loon bij ziekte, winstdeling en bonussen en beloningen in natura voor de huidige werknemers;
• de vergoedingen na uitdiensttreding, zoals onder andere de pensioenen en de levensverzekeringen;
• andere lange termijn personeelsbeloningen inclusief de ‘long term incentives’ (LTI);
• ontslagvergoedingen
Pensioenregelingen
De groep voorziet in pensioenregelingen voor haar werknemers voornamelijk via toegezegde bijdragenregelingen en heeft slechts een beperkt aantal toegezegde pensioenregelingen.
Toegezegde bijdragenregelingen
Bij deze toegezegde bijdragenregelingen worden de betaalde bijdragen onmiddellijk in de resultatenrekening opgenomen.
Toegezegde bijdragenregelingen in België zijn wettelijk onderworpen aan minimale gegarandeerde rendementen. Aldus zouden deze regelingen, strikt genomen, beantwoorden aan toegezegde pensioenregelingen (defined benefit), wat het gebruik van de ‘projected unit credit’ (PUC) methode voor het bepalen van de verplichtingen zou vereisen. Het IASB geeft echter toe dat de verwerking van deze regelingen gebaseerd op bijdragen (contribution-based plans) in overeenstemming met de huidige bepalingen problematisch is (cf. IFRS Staff Paper ‘Research project’: Post-employment benefits’ van september 2014). Rekening houdende met de toekomstige evolutie van de minimale gegarandeerde rendementen in België heeft de Vennootschap gekozen voor een retrospectieve benadering waarbij de netto verplichting opgenomen in de balans gebaseerd is op de som van de positieve verschillen, bepaald per deelnemer aan de regeling, tussen de minimaal gegarandeerde reserves en de gecumuleerde bijdragen gebaseerd op de werkelijke rendementen op balansdatum (d.i. de netto verplichting is gebaseerd op het tekort gewaardeerd tegen de intrinsieke waarde). Het voornaamste verschil tussen deze retrospectieve benadering en de prospectieve PUC-methode is dat de verplichting wordt berekend als de contante waarde van de geprojecteerde beloningen, op voorwaarde dat de huidige toepasbare minimale gegarandeerde rendementseisen van toepassing blijven.
Toegezegde pensioenregelingen
De boekwaarde op de balans van de toegezegde pensioenregelingen wordt bepaald door de courante waarde van de uitkeringsverplichtingen te verminderen met de nog niet opgenomen pensioenkosten van de verstreken diensttijd en met de reële waarde van de fondsbeleggingen. Alle actuariële winsten en verliezen worden erkend in het uitgebreid resultaat, zodat de volledige waarde van het deficit of surplus van het plan in de geconsolideerde staten erkend wordt. De intrestkosten en verwachte opbrengst van de activa van het plan worden als netto intrest weergegeven. De contante waarde van de verplichtingen van toegezegde pensioenregelingen en de gerelateerde pensioenkosten worden door een gekwalificeerd actuaris berekend volgens de PUC-methode. De gebruikte disconteringsvoet is gelijk aan het rendement op balansdatum van bedrijfsobligaties van hoge kredietwaardigheid met een resterende looptijd die vergelijkbaar is met de termijn van de verplichtingen van de groep. Het bedrag dat in de winst- en verliesrekening wordt opgenomen, bestaat uit de aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten, de financieringskost, de verwachte opbrengst van de fondsbeleggingen en de actuariële winsten en verliezen.
Ontslagvergoedingen
Ontslagvergoedingen worden opgenomen als een verplichting en een kost wanneer een groepsentiteit zich aantoonbaar engageert tot ofwel:
• de tewerkstelling van een werknemer of groep van werknemers te beeindigen voor de normale datum van pensionering;
• of ontslagvergoedingen toe te kennen als gevolg van een aanbod als aanmoediging van vrijwillige pensionering (prepensioenen).
Wanneer ontslagvergoedingen verschuldigd zijn na twaalf maanden volgend op de balansdatum, dan worden ze verdisconteerd aan een disconteringsvoet gelijk aan het rendement op balansdatum van bedrijfsobligaties van hoge kredietwaardigheid met een resterende looptijd die vergelijkbaar is met de termijn van de verplichtingen van de groep.
Variabele verloning
De variabele verloning van werknemers en management worden berekend op basis van financiële kerncijfers, persoonlijke objectieven en balanced scorecards. Het verwachte bedrag van de variabele verloning wordt opgenomen als een last van de betrokken verslagperiode.
Winstbelastingen
De winstbelastingen omvatten de belastingen op de winst en de uitgestelde belastingen. Beide belastingen worden in de winst- en verliesrekening opgenomen behalve in die gevallen waar het bestanddelen betreft die deel uitmaken van het eigen vermogen. In dit laatste geval verloopt de opname via het eigen vermogen. Onder belastingen op de winst verstaat men deze die drukken op het belastbaar inkomen van de verslagperiode, berekend tegen de aanslagvoeten die van kracht zijn op balansdatum, evenals de aanpassingen aan de belastingen die verschuldigd zijn over de vorige verslagperiodes. De uitgestelde belastingen worden berekend volgens de balansmethode en komen hoofdzakelijk voort uit de verschillen tussen de boekwaarde van activa en verplichtingen in de balans en de belastingbasis van deze activa en verplichtingen. Het bedrag van uitgestelde belastingen is gebaseerd op de verwachtingen met betrekking tot de realisatie van de boekwaarde van de activa en verplichtingen, waarbij gebruik wordt gemaakt van de aanslagvoeten gekend op de balansdatum.
Een uitgestelde belastingvordering wordt enkel opgenomen indien het voldoende zeker is dat het belastingkrediet en de niet gebruikte fiscale verliezen in de toekomst met belastbare winsten kunnen worden verrekend. Uitgestelde belastingvorderingen worden verminderd naarmate het niet langer waarschijnlijk is dat de belastingbesparing zal kunnen gerealiseerd worden. Uitgestelde belastingen worden ook berekend op tijdelijke verschillen ontstaan op deelnemingen in dochterondernemingen, behalve in het geval dat de groep kan beslissen over het tijdstip waarop het tijdelijke verschil teruggedraaid wordt en het onwaarschijnlijk is dat het tijdelijke verschil teruggedraaid wordt in de nabije toekomst.
Aangezien de omzet van de groep meer dan 750 miljoen euro bedroeg in eerdere boekjaren, zijn de rapportageformaliteiten ‘country by country’ van toepassing vanaf boekjaar 2024. Verdere GloBE-regels (Pilar 2) zijn van toepassing geworden op 1 januari 2024.
Globale minimumbelasting:
De Groep heeft op balansdatum entiteiten in 7 landen, waarvan de moedermaatschappij gevestigd is in België, dat nieuwe wetgeving heeft uitgevaardigd voor de invoering van de algemene minimumbelasting. De Groep heeft een tijdelijke verplichte vrijstelling van uitgestelde belastingen toegepast voor de gevolgen van de top-up tax en boekt deze als een actuele belasting wanneer deze verschuldigd is.
Een nieuwe wet die in België is ingevoerd voor boekjaren na 31 december 2023 heeft een Globe-bijtellingsheffing ingevoerd. De impact van de aanvullende heffing is gering, aangezien het effectieve belastingtarief in alle betrokken landen waar de groep actief is boven de 15% ligt.
Opbrengsten
Opbrengsten worden opgenomen als het waarschijnlijk is dat de economische voordelen geassocieerd met de transactie zullen ten goede komen aan de Entiteit en als het bedrag van de opbrengsten op een betrouwbare manier kan gemeten worden. Omzet wordt gerapporteerd na omzetbelastingen en kortingen.
Verkoop van goederen
What’s Cooking neemt opbrengsten op uit de volgende bronnen: levering van producten en diensten. What’s Cooking is van oordeel dat de levering van producten de belangrijkste prestatieverplichting is. Opbrengsten worden opgenomen op het ogenblik dat de zeggenschap over een product wordt overgedragen aan een klant. Klanten verwerven zeggenschap wanneer de producten worden geleverd (overeenkomstig de toepasselijke incoterms). Het bedrag van de opgenomen opbrengsten wordt bijgesteld voor volumekortingen. Er wordt geen bijstelling gedaan voor terugzendingen noch voor garanties van welke aard ook, aangezien het effect ervan immaterieel wordt geacht op basis van historische informatie. Het uitsplitsen van de opbrengsten volgens de timing van opname, dit betekent op een moment in de tijd of over een periode, biedt weinig meerwaarde aangezien dienstverleningscontracten immaterieel zijn in vergelijking met de totale productenverkoop.
Om klanten aan te moedigen onmiddellijk te betalen, verleent de groep in sommige gevallen kortingen voor contante betaling. Dergelijke kortingen worden opgenomen als een vermindering van de opbrengst.
Financiële opbrengsten
Financiële opbrengsten omvatten de ontvangen rente, de ontvangen dividenden, valutakoersopbrengsten en de opbrengsten op afdekkingsinstrumenten die opgenomen worden in de winst- en verliesrekening.
Intrestinkomsten
Intrest wordt opgenomen op een proportionele basis die rekening houdt met de effectieve looptijd van het actief waarop het betrekking heeft (de effectieve-rentemethode).
Dividenden
Dividenden worden opgenomen op het moment dat de aandeelhouder het recht heeft verkregen om de betaling te ontvangen. Wisselkoersverschillen uit niet-bedrijfsactiviteiten en winsten uit afdekkingsinstrumenten voor nietbedrijfsactiviteiten worden ook voorgesteld onder financiële opbrengsten.
Lasten
In de winst- en verliesrekening zijn de lasten per kostensoort weergegeven. Lasten die betrekking hebben op de verslagperiode of op voorgaande verslagperiodes worden in de winst- en verliesrekening opgenomen, ongeacht het moment waarop de lasten worden betaald. Lasten kunnen enkel naar een volgende periode worden overgedragen indien ze voldoen aan de definitie van een actief.
Aankopen
Aankopen van handelsgoederen, grond- en hulpstoffen en ingekochte diensten worden opgenomen aan kostprijs, na aftrek van de in de handel toegestane kortingen.
Onderzoek en ontwikkeling, reclame- en promotiekosten en systeemontwikkelingskosten
Onderzoek-, reclame- en promotiekosten worden in de winst- en verliesrekening opgenomen in de periode waarin deze lasten worden gemaakt. Ontwikkelings- en systeemontwikkelingskosten worden in de winst- en verliesrekening opgenomen in de periode waarin deze lasten worden gemaakt indien ze niet voldoen aan de criteria voor activering.
What’s Cooking? Jaarverslag 2025
Financieringskosten
De financieringskosten omvatten onder andere de rente op leningen, de negatieve wisselkoersverschillen en verliezen op afdekkingsinstrumenten die opgenomen worden in de winst- en verliesrekening. wisselkoersverschillen uit niet-bedrijfs- activiteiten en verliezen uit afdekkingsinstrumenten voor niet-bedrijfsactiviteiten worden ook gepresenteerd onder financieringskosten.
Financiële definities
EBIT Bedrijfsresultaat (earnings before interest and taxation)
EBITDA Bedrijfscashflow
Bedrijfsresultaat (EBIT) + afschrijvingen, waardeverminderingen en bijzondere waardeverminderingen van activa en negatieve goodwill
UEBIT
UEBITDA
Nietonderliggende inkomsten en uitgaven
Bedrijfsresultaat (EBIT) vóór niet onderliggende kosten en opbrengsten
Bedrijfscashflow vóór niet onderliggende kosten en opbrengsten
Bedrijfsresultaat vóór niet onderliggende kosten en opbrengsten (UEBIT) + afschrijvingen, waardeverminderingen en bijzondere waardeverminderingen van activa en negatieve goodwill
Bedrijfsopbrengsten en -kosten i.v.m. herstructureringen, bijzondere waardeverminderingen, afgestoten activiteiten en andere gebeurtenissen en transacties met een eenmalig effect
Managementbeoordelingen en –inschattingen
Bij het toepassen van de grondslagen voor financiële verslaggeving van de groep moet het management beoordelingen, schattingen en veronderstellingen doen over de boekwaarden van activa en passiva die niet direct uit andere bronnen zijn af te leiden. Deze beoordelingen, schattingen en veronderstellingen worden continu herzien. Hoewel deze schattingen door het management worden gemaakt op basis van maximale kennis van de lopende zaken en van acties die de Groep kan ondernemen, kunnen de werkelijke resultaten anders uitvallen.
• Kritische beoordelingen bij de toepassing van de grondslagen voor financiële verslaggeving van de entiteit:
- What’s Cooking is betrokken bij een aantal hangende claims en geschillen waarvoor het management de waarschijnlijkheid van het risico beoordeelt.
• Belangrijkste bronnen van schattingsonzekerheden: hieronder volgende belangrijkste veronderstellingen betreffende de toekomst en andere belangrijke bronnen van schattingsonzekerheden aan het einde van de verslagperiode die een risico in zich dragen van een aanzienlijke aanpassing van de boekwaarden van activa en passiva in het volgende boekjaar:
• Het management heeft een jaarlijkse toets op waardevermindering van de goodwill verricht met betrekking tot bereide maaltijden” op basis van de begroting voor de groep. De begroting voor de groep wordt opgesteld voor het komende jaar. Er wordt een aantal veronderstellingen toegepast om de volgende 4 jaar in het totale ‘plan 2030’ te bepalen. Gevoeligheidsanalyses voor redelijke wijzigingen in de veronderstellingen, zoals groeiratio, EBITDA-marge en discontovoet worden uiteengezet in toelichting 14 - Goodwill.
• Waardering van de gebouwen, installaties en machines van What’s Cooking Rennes en verlieslatende klantencontracten: zie toelichting 34.
2. Consolidatiekring
De geconsolideerde jaarrekening van de groep over 2025 omvat What’s Cooking Group NV en geconsolideerde dochterondernemingen die volledig onder controle zijn van What’s Cooking? (toelichting 35) .
• De Groep verwerkt bedrijfscombinaties volgens de overnamemethode wanneer de verworven verzameling activiteiten en activa voldoet aan de definitie van een onderneming en de zeggenschap wordt overgedragen aan de Groep. Bij het bepalen of een bepaalde verzameling activiteiten en activa een onderneming vormt, beoordeelt de Groep of de verworven set ten minste een input en een wezenlijk proces bevat, en of deze set in staat is om outputs te genereren.
• De overgedragen vergoeding bij de overname wordt doorgaans tegen reële waarde gemeten, net als de identificeerbare nettoactiva die worden verworven. Eventuele goodwill die ontstaat, wordt jaarlijks getest op bijzondere waardevermindering.
3. Rapportering per segment en geografische informatie
What’s Cooking? is een voedingsgroep. Wij zijn specialist in Europa voor de ontwikkeling, productie en verkoop van versbereide maaltijden. Voorheen had de groep twee te rapporteren segmenten. In januari 2025 heeft What’s Cooking? de verkoop van zijn SBU Savoury afgerond. De groep What’s Cooking? stelde eind 2025 1.723 personeelsleden tewerk. Eind 2024 stelde de groep ongeveer 3.000 personeelsleden tewerk (in voortgezette en beëindigde activiteiten), inclusief interims. Voor de details rond eigen werknemers – zie details per cluster in ons duurzaamheidsverslag en in het hoofdstuk ‘Overige niet-financiële informatie’. Na de verkoop van de SBU Savoury werd de groepsstructuur herbekeken. De managementstructuur van de groep is sindsdien afgestemd op één geïntegreerde bedrijfsactiviteit evenals het interne en externe rapporteringssysteem. What’s Cooking Group heeft in 2025 nog maar één operationeel segment conform IFRS8.
De groep ontwikkelt, produceert en verkoopt versbereide maaltijden: lasagne, pizza, pastagerechten en diverse andere gerechten, sauzen en maaltijdcomponenten.
Wij verkopen onze producten aan een brede klantenbasis. Daar horen de meeste grote Europese discount- en retail- klanten bij en ook ‘foodservice’ groeperingen die verkopen aan horeca en dergelijke. De tien grootste klantengroepen vertegenwoordigen 62,24% van de omzet (2024: 58,46%). De omzetten met deze klanten realiseren we via diverse contracten, in diverse landen en met diverse producten. De looptijd van de contracten is niet steeds dezelfde voor alle contracten binnen éénzelfde retail-groepering. We verkopen klanten ook zowel producten onder onze eigen merken als onder huismerken van de klanten. De klantenportefeuille van de groep is zo goed mogelijk gediversifieerd. Toch zou het een invloed op onze bedrijfsvoering kunnen hebben als er een einde kwam aan de relatie met een grote klantengroep. In 2025 en 2024 bereikten twee externe klanten elk meer dan 10% (in 2025: 15,3% en 11,3 %; in 2024: respectievelijk 16,7 en 11,2%) van de geconsolideerde omzet.
De groep What’s Cooking? is voornamelijk actief in zeven geografische regio’s: België, Nederland, Groot- Brittannië, Duitsland, Frankrijk, Polen, Portugal en de rest van Europa. Tot de rest van Europa behoren voornamelijk Spanje, Ierland, Tsjechië, Hongarije, Litouwen en Zwitserland. De opdeling van de netto-omzet per regio is gebaseerd op de geografische locatie van de externe klanten. De opdeling van totale activa en investeringsuitgaven per regio hangt samen met de geografische locatie van de activa. De investeringskost per regio is de kostprijs van de verworven activa met een verwachte economische levensduur van meer dan één jaar. De plaats van residentie van de klant is bepalend voor het bepalen van de geografische regio.
Kerngegevens per geografische regio Verkopen
(*) Investeringen inclusief nieuwe kapitaalsubsidies
4. Opbrengsten uit de verkoop van goederen
De omzet steeg met 16% van 404 miljoen in 2024 naar 469 miljoen in 2025. De stijging exclusief de overname van Rennes bedroeg 6%. Deze organische groei is hoofdzakelijk toe te schrijven aan een volumegroei van 6% ten opzichte van vorig jaar. Deze groei realiseerden we zowel bij bestaande als bij nieuwe klanten.
De groep zet verder in op een diversificatie van de product portfolio en meer duurzame producten. De groep heeft geïnvesteerd in nieuwe verpakkingslijnen die ons toelaten om onze producten op een meer duurzame manier te verpakken. Begin 2024 lanceerden we reeds onze plant-based lasagne op de markt onder ons merk Come a casa ®. Onze What’s Cooking vestiging in het Verenigd Koninkrijk won opnieuw diverse prijzen op de British Frozen Food Awards uitreiking, wat een weerspiegeling is van onze innovatiekwaliteiten.
Voor verdere details verwijzen we graag naar ons duurzaamheidsverslag.
5. Handelsgoederen, grond- en hulpstoffen
De kosten voor aankoop van grond-, hulpstoffen en handelsgoederen stegen in 2025 met 16% van 207 miljoen EUR naar 239 miljoen EUR als gevolg van voornamelijk de toegenomen volumes en anderzijds product-mix wijzigingen. Exclusief What’s Cooking Rennes noteren we een stijging van 6% t.o.v. vorig jaar. Deze stijging ligt in lijn met de omzetstijging.
In 2025 was de impact van de inflatie beperkter dan in 2024. Het veranderende klimaat heeft een impact op de oogsten van bijvoorbeeld durum tarwe of tomaten, essentiële ingrediënten in onze producten. Ook ziektes in de veestapel zoals bijvoorbeeld blauwtong kunnen een invloed hebben op de beschikbaarheid en prijsvorming van producten zoals vlees, melkproducten enz. Om de afhankelijkheid te verminderen heeft de groep een multi-sourcing strategie, maar tijdelijke tekorten van bepaalde grondstoffen zullen we in de toekomst nooit volledig kunnen uitsluiten.
De kosten-optimalisatieprogramma’s droegen bij tot een herstel van onze marge. De groep zet in op kostenbewust- en duurzaam handelen, via o.a. innovatie in producten en verpakkingen.
6. Diensten en diverse goederen
en terbeschikking van de
Deze kosten zijn met 10% gestegen van 90 miljoen EUR naar 100 miljoen EUR, of exclusief What’s Cooking Rennes met 3%. Deze toename is hoofdzakelijk toe te schrijven aan een toename van de kosten voor interims en andere ter beschikking gesteld personeel en de onderhouds- en herstellingskosten. De marketing- en de verkoopkosten alsook de vervoerkosten stijgen als gevolg van de organische omzetgroei.
De rekening ‘Andere’ neemt af met 16% in 2025 van 12,5 miljoen EUR in 2024 naar 10,6 miljoen EUR in 2025. Deze rubriek bevat onder andere kantoorkosten, verzekeringen en vergoedingen aan bestuurders en directie.
7. Personeelskosten
In 2025 bedroegen de personeelskosten 93.010 duizend EUR tegenover 78.692 duizend EUR in 2024. De toename van de personeelskosten is voor 8% toe te schrijven aan de overname van What’s Cooking Rennes SAS en voor 9% aan de aangroei van personeel en de indexatie in 2025. Het aantal tewerkgestelde eigen personeelsleden is licht gestegen in 2025 en is voornamelijk gedreven door de volumestijging. Het aantal tewerkgestelde personeelsleden op jaareinde bedroeg in 2025 1 593 tegenover 1 355 in 2024.
Voor verdere details rond de personeelsbeloningen verwijzen we naar toelichting 26.
De personeelskosten kunnen we als volgt opsplitsen:
personeelsleden in voltijds equivalenten (excl. interims) op jaareinde
met betrekking tot beëindigde
8. Waardeverminderingen en voorzieningen
De daling in de dotatie aan de provisies in 2025 heeft hoofdzakelijk betrekking op de LTI (long term incentive-plannen) provisies.
De waardeverminderingen op voorraden bedraagt 67 duizend EUR in 2025 tegenover 192 duizend EUR in 2024. Het reduceren van voedsel-afval blijft een punt waar we ook de komende jaren zullen op inzetten.
2025 2024
10. Resultaat van bedrijfsactiviteiten
Waardeverminderingen
67 113 op voorraden
67 192 op handelsvorderingen
Voorzieningen
Totaal
9. Overige exploitatiebaten en -kosten
0 -79
145 506
212 619
De overige exploitatielasten en -opbrengsten liggen in lijn met 2024 wanneer we abstractie maken van de doorgerekende kosten aan de verkochte Savoury SBU. De overige exploitatiebaten omvatten in huidig boekjaar onder de post ‘Anderen’ de transitie support doorrekeningen aan de voormalige savoury business.
De overige exploitatiekosten stijgen van 1,6 mln EUR naar 2,6 mln EUR. De stijging is hoofdzakelijk te verklaren door de liquidatieminderwaarde van 431 duizend EUR m.b.t. Davai BV en het aandeel van 273 duizend EUR in de lokale belastingen van What’s Cooking Rennes.
2025 2024
OTHER OPERATING INCOME
Recuperatie loongebonden kosten
Recuperatie logistieke kosten
Overheidstoelagen
Winsten op verkoop activa
Recuperatie verzekeringen
Schadevergoeding
Gerealiseerde minderwaarden op verkoop activa
Schadevergoeding
Overige exploitatiebaten en -lasten
Afschrijvingen en waardeverminderingen op vaste activa -17.687 -12.388
Waardeverminderingen en voorzieningen -212 -619
Resultaat van bedrijfsactiviteiten (EBIT)
De EBITDA van de voortgezette activiteiten stijgen met 20% van 31,7 miljoen EUR in 2024 naar 37,9 miljoen EUR in 2025. De onderliggende EBITDA stijgt met 23% van 32,9 miljoen EUR in 2024 naar 40,4 miljoen EUR in 2025. De overname van Rennes en de volumegroei waren de belangrijkste drijfveren van deze stijging.
De niet-onderliggende EBITDA-kosten bedroegen 2,5 miljoen EUR in 2025 en bestonden voornamelijk uit de overnamekosten van 0.6 miljoen EUR en herstructureringskosten van 1,9 miljoen naar aanleiding van de verkoop van de Savoury activiteiten. Vrijwel alle herstructureringskosten werden betaald in 2025.
De omzet steeg met 16% van 404 miljoen EUR naar 469 miljoen EUR enerzijds met 10% als gevolg van de overname What’s Cooking Rennes en 6% door volumestijgingen en het transparant doorrekenen van de kostenstijgingen. We slaagden er ook in om een groot aantal vernieuwende producten te introduceren zowel in het Verenigd Koninkrijk als op het Europese continent. We merken dat onze focus op kwaliteit in brede zin zijn vruchten afwerpt. De voortgezette activiteit presenteerde zowel in de eerste als in de tweede jaarhelft stijgende verkoopcijfers. Onze strategie om steeds kwalitatieve producten te blijven leveren werpt zijn vruchten af. Een correcte prijs-kwaliteitsmix is cruciaal voor de consumentenbinding.
Ons product-portfolio biedt een scala aan internationaal bekende en regionaal aangepaste kwalitatieve en veelal nutritionele producten voor elk budget. Onze nadruk op kwaliteit en ontzorgen van de klanten, heeft geleid tot een mooie groei van de volumes in 2025.
De kosten bleven goed onder controle ondanks aanhoudende investeringen in innovatie, investeringen in de niet top-sealverpakking en de blijvende looninflatie. De uitrol van de top-seal verpakkingen wordt verdergezet in 2026, met als doel de klantentevredenheid verder te verhogen en de verpakkingsintensiteit te verminderen.
De afschrijvingen evolueerden van 12,4 miljoen in 2024 naar 17,7 miljoen in 2025, voornamelijk als gevolg van de eerste opname van de afschrijvingen m.b.t. het machinepark en de gebouwen van What’s Cooking Rennes en de versnelde afschrijvingen van de verpakkingsinstallaties in het kader van de geleidelijke overgang naar top-seal.
In 2025 heeft de groep 0,4 miljoen EUR aan interestopbrengsten op cash overschotten gerealiseerd. De positieve koersverschillen liggen 311 duizend EURO lager dan in 2024.
12. Financieringskosten
Intrestkosten mbt leningen
Intrestkosten mbt leasing
Intrestkosten mbt factoring
Negatieve wisselkoersverschillen
87
555
821
Belastingen geboekt in resultatenrekening
Belasting op het resultaat
Vorige boekjaren -101 24
Uitgestelde belastingsverplichtingen
In lijn met de verwachtingen bedragen de belastingen 26,4% in 2025 tegenover 34,1% in 2024. Nu hebben alle vennootschappen van de groep op uitzonderling van What’s Cooking Polska Sp.z.o.o. een belastingsvoet van 25% of hoger.
Vanaf januari 2025 werd het verrekenprijsmodel ook van toepassing op What’s Cooking Deeside UK Ltd en What’s Cooking Rennes SAS. Het vernieuwde verrekenprijsmodel is voortaan van toepassing op alle vennootschappen van de groep.
Verband tussen de belastingslast en de boekhoudkundige winst
Boekhoudkundige winst voor belastingen uit voortgezette
Belastingen aan de Belgische belastingsvoet (2024 en 2025: 25%)
Effect van de verschillende belastingsvoeten van de buitenlandse ondernemingen -177 -105
Effect tijdsverschillen
Effect van fiscaal niet aftrekbare uitgaven (incl investeringsaftrek)
De financiële kosten zijn met 63% afgenomen, van 6,8 miljoen EUR in 2024 naar 2,5 miljoen EUR in 2025. Deze evolutie is een weerspiegeling van de daling van onze schuldenlast naar aanleiding van de verkoop van de SBU Savoury.
De belangrijkste financieringskost had betrekking op de factoring zonder regresrecht. Deze kost t.b.v. 0,9 miljoen EUR omvat de interestlast van 0,7 miljoen EUR en de factoringvergoeding van 0.2 miljoen EUR.
De afname van onze financiële schulden vertaalt zich ook in een daling van de ‘’leverage’ ratio (netto schuld ten opzichte van de UEBITDA). Een betere leverage ratio levert een lagere interestvoet op.
We noteren een netto negatief wisselkoersresultaat van 16 duizend EUR. Zowel op het pond als op de Poolse Zloty hebben we netto een gering negatief wisselkoersresultaat.
14. Resultaat uit de beëindigde bedrijfsactiviteit na winstbelasting
2025 2024
BEEINDIGDE ACTIVITEITEN
Resultaat uit af te stoten bedrijfsactiviteit na winstbelasting 11.939 4.650
Resultaat dis-synergieën op de voortgezette activiteiten na winstbelasting
Resultaat uit beëindigde bedrijfsactiviteit na winstbelasting
In navolging van IFRS 5.33 werd op 31 december 2024 door What’s Cooking Group het resultaat van haar SBU Savoury gelicht uit de verliesen winstrekening en voorgesteld als resultaat uit de beëindigde activiteit aangezien de verkoop werd afgerond in januari 2025.
De positieve afwikkeling van de verkoop op 10 januari 2025 werd ook voorgesteld als resultaat uit de afgestoten bedrijfsactiviteit.
In 2024 bestond dit resultaat uit het nettoresultaat van de Savoury activiteiten, inclusief het effect van dis-synergiën in 2024.
15. Goodwill
BIJZONDERE WAARDEVERMINDERINGEN
Bijzonder waardeverminderingsverlies
en buitengebruikstellingen
Goodwill ontstaat wanneer de kostprijs van een bedrijfscombinatie op de overnamedatum hoger ligt dan het belang van de groep in de netto reële waarde van de voorwaardelijke verplichtingen van de overgenomen partij, de identificeerbare activa en de verplichtingen.
De groep koos ervoor om de goodwill toe te wijzen aan de segmenten. Het risicoprofiel van de verworven bedrijfscombinaties was tot nu toe bijna identiek aan de bestaande business, en/of de kasstromen waren volledig verbonden. Wat meer is: deze bedrijfscombinaties gingen vanaf de verwerving volledig op in het segment. Hierdoor kunnen we eventuele afzonderlijke kasstromen op een lager niveau onmogelijk herkennen, laat staan volgen. De managementrapportering gebeurt dan ook op segmentniveau. Vanaf 2025 is er maar één segment, zoals eerder aangegeven.
In 2025 bedraagt de goodwill 44.339 duizend EUR tegenover 44.732 duizend EUR in 2024. We noteren een toename van 32 duizend EUR naar aanleiding van de overname van What’s Cooking Rennes SAS, voorheen Sveltic SAS, en een afname van 425 duizend EUR, een omrekeningsverschil (toelichting 34).
De groep voert jaarlijks een impairment-analyse uit op de goodwill. Dit gebeurt volgens de verdisconteerde kasstroommethode. Wanneer de realiseerbare waarde van het enig segment lager is dan de boekwaarde, rekenen we het bijzonder waardeverminderingsverlies eerst toe aan de boekwaarde van de goodwill. Vervolgens komen de andere activa van de eenheid aan de beurt, a rato van de boekwaarde van elk actief.
De basis voor de bovenvermelde ‘impairment-analyse’ bestaat uit:
• De budgetinschatting voor het volgende jaar van de eigen operationele kasstromen van onze totale business. Deze budgetinschatting is het resultaat van een gedetailleerde analyse van alle gekende en geschatte evoluties van omzet, marge en kosten. Met aanpassing aan de commerciële omgeving. Hierbij streven we naar een evenwicht tussen uitdaging en realisme.
• De kasstromen van de 4 daaropvolgende jaren werden als volgt toegepast:
• Een geschatte volumegroei van onze bestaande business 1,5% per jaar.
• De inflatieverwachtingen werden in de simulaties neutraal gehouden omdat de groep ervan uitgaat dat ze de inflatie of deflatie van kosten zal doorrekenen aan klanten. Hetzelfde is geldig voor energieprijzen. Met uitzondering van de salaris en renteverwachtingen zijn voor de meeste kost-drivers geen publieke indexen voor de toekomst beschikbaar. De inschattingen betreffen een ‘management best estimate’ in deze.
• De geschatte EBITDA-marge. Deze marge komt overeen met de projecties voor het komende jaar en met de lange termijn targets.
• De berekende kasstromen passen we voor ieder jaar aan met de vervangingsinvesteringen die we nodig denken te hebben om het bestaande productieapparaat operationeel te houden. En met de bewegingen in werkkapitaal.
• De lange termijn groeivoet in het meest recente lange termijn plan bedraagt 2%.
• Deze kasstromen actualiseren we aan een geschatte gemiddelde kapitaalskost (WACC) van 9,38% (2024: 9,04%). De basis voor deze berekening is gebaseerd op het gemiddelde tussen de korte – en lange termijn WACC na belastingen. De basis hiervoor houdt rekening met enerzijds een kapitaalkost voor het eigen vermogen en anderzijds een kost voor het vreemd vermogen.
• De kapitaalskost voor het eigen vermogen neemt volgende elementen in overweging:
• De ‘risk free rate’
• De Equity Risk Premium op basis van diverse marktstudies.
• Een risicopremie die werd berekend op basis van de ‘Guide to Cost of Capital’
• De kost voor vreemd vermogen neemt volgende elementen in overweging:
• Een basis interest-kost
• Een ‘Corporate spread’ gebaseerd op de 5 jaars Euro AAA en BB consumer staples interest.
Een belastingpercentage van 27% (inclusief verworpen uitgaven).
De realiseerbare waarde overtreft de boekwaarde.
De impairment-analyse heeft dan ook geen bijzondere waardeverminderingen tot gevolg.
Ook bij het conservatiever inschatten van de parameters, overtreft de realiseerbare waarde de boekwaarde, waardoor er ook in deze scenario’s geen bijzondere waardevermindering van toepassing is. Volgende sensitiviteitsanalyses werden uitgevoerd:
• Het verhogen van de WACC met 30 basispunten en het verlagen van de lange termijn groei met 100 basispunten;
• Het verhogen van de WACC met 30 basispunten en het verlagen van de EBITDA restwaardes met 50 basispunten;
16. Immateriële vaste activa
AANSCHAFFINGSWAARDE
(1) De nettowaarde van de op 1 april overgenomen activa van What’s Cooking Rennes is verwerkt op twee regels: deels onder de aanschaffingswaarde en deels onder de gecumuleerde afschrijvingen.
* De Groep heeft, na een grondige analyse beslist het gebruik van bepaalde software gefaseerd af te bouwen, aangezien het systeem niet de beoogde meerwaarde oplevert. Dit verklaart de gestegen afschrijvingen op software.
17. Materiële vaste activa
NETTO KAPITAALSUBSIDIES
(1) De nettowaarde van de op 1 april overgenomen activa van What’s Cooking Rennes is verwerkt op twee regels: deels onder de aanschaffingswaarde en deels onder de gecumuleerde afschrijvingen.
AFSCHRIJVINGEN
De lijnen met een * in toelichting 15 en 16 zijn in 2024 opgenomen in de resultatenrekening, in het bedrag van de afschrijvingen en impairments op vaste activa.
In 2025 investeerde de groep voor 21,4 miljoen EUR (2024: 27,1 miljoen EUR), waarvan 21.4 miljoen EUR in materiele vaste activa en slechts 12 duizend EUR in immateriële vaste activa. Van de 21.4 miljoen EUR werd 12,7 miljoen in België geïnvesteerd. Het betreft voornamelijk vervangingsinvesteringen in nieuwe verpakkingsmachines die kaderen in het verder verduurzamen van ons productieproces. In Deeside (VK) hebben we een productielijn vernieuwd voor 1.2 miljoen EUR. In Polen werd 4,8 Miljoen EUR geïnvesteerd in het kader van de uitbreidingsplannen, waarvan 2 miljoen EUR aan betaalde voorschotten. De betaalde voorschotten zijn opgenomen onder de rubriek activa in aanbouw. What’s Cooking Polska ontving hiervoor bankgaranties van de betrokken leveranciers. In 2026 verwachten we echter hogere investeringsuitgaven en kasstromen in onze Poolse vestiging. Ons uitbreidingproject in Polen zit nog steeds op schema. We plannen onze eerste commerciële verkopen met deze grote investering in Polen te realiseren in 2027.
De groep zet ook in op verdere vergroening van haar wagenpark: 85% van de nieuw in gebruik genomen leasingwagens in 2025 zijn volledig elektrische wagens tegenover 79% in 2024.
18. Deelneming volgens vermogensmutatiemethode
Geassocieerde onderneming Totaal 0 270
Samenvattende financiële informatie 31-12-2025 31-12-2024
Overnameprijs
Aandeel in resultaat na overname -250
Waarde joint venture 0 270
Op 1 juni 2022 werd What’s Cooking eigenaar van 50% van de start-up Davai BV. In januari 2025 werd What’s Cooking eigenaar van de resterende aandelen voor een bedrag van 10 duizend EUR en bezat ze 100% van de aandelen. Davai BV werd vervolgens geliquideerd op 24/06/2025. Dit gaf aanleiding tot een gerealiseerde minderwaarde van 431 duizend EUR.
19. Uitgestelde belastingsvorderingen en –verplichtingen
De uitgestelde belastingvorderingen en –verplichtingen kunnen we toewijzen aan de volgende rubrieken:
31-12-2025 31-12-2025
Uitgestelde belastingsvorderingen
Uitgestelde belastingsverplichtingen
Materiële vaste activa 3.876 6.636
Voorzieningen 368 -105
Schulden -5 -903
Fiscaal verrekenbare
31-12-2024
Uitgestelde belastingsvorderingen
31-12-2024
Uitgestelde belastingsverplichtingen
Materiële vaste activa 3.449 839
Voorzieningen 365 38
Schulden 8
Fiscaal verrekenbare tegoeden 3.954
Totaal 7.776 877
De uitgestelde belastingschulden evolueren van 877 duizend EUR in 2024 naar 5,6 miljoen EUR in 2025. Deze toename is hoofdzakelijk het gevolg van de taks impact op de marktwaardering van de activa van What’s Cooking Rennes bij de overname (toelichting 34) .
De uitgestelde belastingvorderingen ten bedrage van 7,7 miljoen EUR in 2025 liggen in lijn met 2024. Van de 3,5 miljoen EUR aan fiscaal verrekenbare tegoeden heeft 3 miljoen betrekking op de Belgische entiteiten.
Vanaf 2019 werd een uitgesteld belastingvoordeel uitgedrukt met betrekking tot Polen voor 5 miljoen EUR omdat What’s Cooking Polska in een reconversiezone ligt. Vanaf 2020 wordt jaarlijks een deel van het uitgedrukte belastingvoordeel teruggenomen omdat What’s Cooking Polska sinds 2020 zijn boekjaar afsloot met winst. Dit voordeel is beperkt tot 2026. In 2025 werd een terugname geboekt van 695 duizend EUR tegenover 1,1 miljoen EUR in 2024 op dat uitgesteld belastingvoordeel, als gevolg van de onzekerheid over de Speciale Economische Zone-vrijstelling (SEZ) omdat volgens ons niet langer is voldaan aan de opname criteria. Op vandaag vertegenwoordigt die SEZ-vrijstelling nog 193 duizend EUR van de totale uitgestelde belastingvordering.
De uitgestelde belasting posities worden netto per vennootschap opgenomen.
20. Overige langlopende vorderingen
2025 2024
Vorderingen en borgtochten in contanten 189 65
Lening aan Joint Venture
21. Voorraden
Voor waardevermindering op voorraden verwijzen we naar toelichting 8.
De voorraden stegen met 58% van 20,5 miljoen EUR naar 32,4 miljoen EUR voornamelijk als gevolg van de overname van What’s Cooking Rennes.
22. Handels- en overige vorderingen
Onze handelsvorderingen zijn niet-rentedragend.
De handelsvorderingen evolueren van 21,5 miljoen EUR in 2024 naar 29,9 miljoen EUR in 2025. Deze stijging is voornamelijk toe te schrijven aan de overname van Rennes. Wanneer we de evolutie bekijken zonder Rennes dan liggen de klantenvorderingen in lijn met 2025 als gevolg van een strakke klantenopvolging. De groep heeft sinds 2024 een factoringprogramma dat werd verdergezet in 2025. De groep heeft ervoor gekozen om via een non-recourse factoringovereenkomst haar handelsvorderingen in België, Nederland en Frankrijk aan een kredietinstelling te verkopen zonder ‘verhaal’. In de factoringovereenkomst is opgenomen dat alle handelsvorderingen die kunnen overgedragen worden kredietverzekerd worden bij een kredietverzekeraar. Conform IFRS 9 Financiële instrumenten worden alle non-recourse handelsvorderingen die opgenomen werden in het factoringsprogramma afgeboekt voor wat betreft het deel van de niet-aanhoudende betrokkenheid. What’s Cooking Rennes SAS gebruikt geen non-recourse factoring in tegenstelling tot de overige Franse entiteiten.
De 2,4 miljoen EUR ‘overige vorderingen m.b.t. factoring’ omvat de retentie die de bank hanteert op de aangeboden handelsvorderingen binnen de factoringovereenkomst.
Het percentage van handelsvorderingen die al meer dan 60 dagen verschuldigd zijn, bedraagt in 2025 0,82% en 2024 0,2% (zie ook toelichting 27).
Om het hoofd te kunnen bieden aan de toekomstige inflatie (deflatie) van de kosten werden een groot deel van de nieuwe contracten afgesloten voor een beperkte tijdsduur of bevatten ze een automatische indexatie voor de kosten van de voornaamste grondstoffen.
23. Geldmiddelen en kasequivalenten
3
Geldmiddelen worden aangehouden bij gereputeerde banken.
De geldbeleggingen betroffen een overnight deposit bij een gereputeerde bank.


24. Activa aangehouden voor verkoop – verplichtingen rechtstreeks verbonden met de activa aangehouden voor verkoop
Recognition of translation differences and other items and equity of discontinued operations 502 Vordering op de overgedragen onderneming en de koper van de Savoury Business -435
Netto contanten ontvangen na afsluitdatum bij de verkoop van de Savoury Business (na aftrek van de transactiekosten)
Netto gerealiseerde winst op de transactie
(*) Conform IFRS 5.33 licht de onderneming in haar geconsolideerde winst-en verliesrekening voor 2025 en 2024 het resultaat uit de beëindigde bedrijfsactiviteiten toe. Dit bedrag omvat enerzijds de winst (verlies) uit operationele beëindigde bedrijfsactiviteiten na belastingen en anderzijds kosten die voorheen gedragen werden door de beëindigde bedrijfsactiviteit en na de afwikkeling van de verkoop van de SBU Savoury ten laste vallen van de voortgezette bedrijfsactiviteit (dis-synergieën).
De SBU Savoury werd in 2024 opgenomen in het jaarverslag als beëindigde activiteit. Al haar activa werden opgenomen onder de rubriek ‘activa aangehouden voor verkoop’ en al haar passiva op 31/12/2024 als ‘verplichtingen rechtstreeks verbonden met de activa aangehouden voor verkoop. De verkoop werd voltrokken op 10 januari 2025. De financiële afwikkeling van de verkoop van de SBU Savoury resulteerde in een kasontvangst van 100 miljoen EUR en een meerwaarde van 11,9 miljoen EUR in 2025.
De transactiekosten bedroegen 4 miljoen EUR en de IT-carve-out kosten 1 miljoen EUR. Het verwachte netto resultaat van 12,5 miljoen EUR resulteert in een gerealiseerd netto resultaat van 11,9 miljoen EUR als gevolg van een aanpassing van de geschatte netto vordering op de koper.
Dividenden
De Algemene Vergadering van 28 mei 2025 keurde het voorstel van dividend 2024 van de Raad van Bestuur (een normaal bruto dividend van 4,5 EUR/aandeel en een uitzonderlijk bruto dividend van 5,5 EUR/aandeel) goed. Het uitzonderlijk dividend was betaalbaar gesteld op 12 juni 2025 en het normale dividend was betaalbaar gesteld op 3 juli 2025. Beide dividenden zijn reeds volledig uitbetaald.
Met de jaarlijkse betaalbaarstelling van een dividend wil What’s Cooking Group NV haar aandeelhouders een marktcompetitief rendement bieden. Aan de algemene vergadering van 28 mei 2026 stelt de raad van bestuur voor om een normaal bruto dividend van 4,5 EUR per aandeel uit te keren betaalbaar begin juli 2026.
Voorzieningen voor pensioenen en soortgelijke verplichtingen
De groep en haar dochterondernemingen voorzien in pensioenplannen en andere personeelsvoordelen. Op 31 december 2025 bedroeg de totale netto schuld voor pensioenplannen en soortgelijke verplichtingen 4.496 duizend EUR voor de Belgische en Franse vennootschappen van de groep. Op 31 december 2024 was dit 2.701 duizend EUR. Zowel de stijging van de pensioenplannen van 1,6 miljoen EUR naar 2,3 miljoen EUR als de stijgingen van de andere personeelsvoordelen is voornamelijk toe te schrijven aan de overname van What’s Cooking Rennes. obligations under IAS 19
Defined benefit plan Other provisies
Personeelsbeloningen en voorzieningen voor pensioenen en soortgelijke verplichtingen
Toegezegde pensioenregelingen
Netto verplichting / (Actief)
Bedragen opgenomen in de resultatenrekening:
Aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten
Verwachte rendement op fondsbeleggingen
Opgenomen actuariële (winsten)/verliezen
Pensioenkosten verstreken diensttijd
Verliezen/ (winsten) door inperkingen of afwikkelingen
Adminstratiekosten
Kost opgenomen in de resultatenrekening mbt toegezegde pensioenregelingen
Bedragen toegewezen aan het eigen vermogen via uitgebreid resultaat (OCI)
Cumul van de via OCI erkende actuariële resultaten aan het begin van de periode
Contante waarde van de brutoverplichting bij het begin van het jaar
De impact PUC-methode op de Belgische vaste bijdrageplannen
Bijdragen van de werkgever
Aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten
Contante waarde van de brutoverplichting aan het einde van het jaar
Reële waarde van de fondsbeleggingen bij het begin van het jaar
Verwachte
Verwachte waarde van de fondsbeleggingen aan het einde van het jaar
Reële waarde van de fondsbeleggingen aan het begin van het jaar
De impact PUC-methode op de Belgische vaste bijdrageplannen
Reële werkgevers bijdragen
Reële werknemers bijdragen
Reële uitkeringen
Rente inkomsten
Reële taks op betaalde bijdragen
Reële administratiekosten
Actuariële winst (verliezen) op de fondsbeleggingen
Overige
Reële waarde van de fondsbeleggingen aan het einde van het jaar
Winst (verlies) op fondsbeleggingen van de periode 0
Reële waarde van de fondsbeleggingen aan het einde van het jaar
De belangrijkste actuariële assumpties zijn:
België Frankrijk België Frankrijk
Binnen het jaar Tussen 1 en 5 jaar
Toekomstige salarisverhogingen
Toegezegde bijdragenregelingen
De ondernemingen van What’s Cooking? betalen bijdragen aan openbare of privaat beheerde pensioen- of verzekeringsfondsen. Behoudens de toepassing van de wet van 18 december 2015 hebben de ondernemingen van de groep geen verdere betalingsverplichtingen eenmaal de bijdrage is betaald. De minimum gegarandeerde reserves worden immers gedekt door de waarde van de fondsbeleggingen.
De minimum verkregen gegarandeerde rendementen (cf. Wet 18 december 2015):
• Voor de bijdragen betaald na 1 januari 2016: hier bepaalt de OLO-intrest- voet het variabel minimum rendement. Dit gaat van 1,75% tot 3,75%.
• Voor bijdragen betaald tot eind 2015: hier blijft het wettelijk bepaalde rendement van toepassing tot de werknemers met pensioen gaan, namelijk 3,25%, en 3,75%.
Deze pensioenplannen garanderen een minimum rendement. We beschouwen ze dan ook als toegezegde pensioenrechten.
Jaarlijks laat What’s Cooking? een volledige actuariële berekening uitvoeren. Dat gebeurt volgens de PUC-methode. De analyse van de pensioenplannen toont een beperkt verschil tussen het wettelijk gegarandeerde minimum rendement en de intrest die de verzekeringsinstelling garandeert. Eind 2025 bedraagt deze netto verplichting 53 duizend EUR (2024:51 duizend EUR).
De periodieke bijdragen vormen een kost van het jaar waarin de gerelateerde rechten verworven zijn. In 2025 bedraagt deze kost 1.040 duizend EUR (2024: 1.475 duizend EUR).
Kosten voor IAS 19 boeken we onder de personeelskosten. De intrestcomponent nemen we op in het financieel resultaat.
Overige voorzieningen
De overige voorzieningen stegen van 1,1 miljoen in 2024 naar 2.2 miljoen in 2025. Deze toename betreft voornamelijk de provisie voor verlieslatende contracten In What’s Cooking Rennes SAS voor een bedrag van 0,9 miljoen EUR. De overige voorzieningen bestaan uit provisie voor de aanvullende remuneratie van de CEO en andere leden van het executief comité evenals andere managers binnen de groep.
Rentedragende verplichtingen Kredietinstellingen
Vervaltermijn
Binnen het jaar Tussen 1 en 5 jaar Totaal
Rentedragende verplichtingen
Kredietinstellingen
What’s Cooking? Jaarverslag 2025
De leningen aan kredietinstellingen in 2025 bestaan uit: • 10 miljoen EUR langlopende kredieten, waarbij de rentevoet regelmatig herzien wordt voor afgesproken periodes van minder dan een jaar.
Op 22 februari 2024 heeft What’s Cooking een nieuwe financieringsovereenkomst voor 5 jaar gesloten voor een Revolving Credit Facility (RCF) van 175 miljoen EUR met een consortium van banken.
De overeenkomst kan mits akkoord van alle partijen verlengd worden voor 2 periodes van 1 jaar. Deze overeenkomst herfinanciert de bestaande RCF en garandeert de nodige financiële stabiliteit in een onzekere veranderlijke macro-economische en geopolitieke context. De RCF geeft What’s Cooking? de mogelijkheid om zo haar Sustainable Profitable Growth Plan 2030 verder te realiseren. De financiering is unsecured en laat de groep toe om een schuldgraad aan te gaan tot maximaal 3.5 keer EBITDA. In geval
van nieuwe acquisities wordt een tijdelijke overschrijding tot 4,0 keer EBITDA geaccepteerd. De financieringsovereenkomst voorziet ook de optie om de marge te koppelen aan duurzaamheidsdoelstellingen van de groep. Drie KPI’s m.b.t. duurzaamheid spelen een rol: Scope 1&2 broeikasgas-emissies, zoetwateronttrekking per ton verkochte producten en de score van leveranciersbetrokkenheid in het EcoVadis programma. Deze laatste indicator zal later vervangen worden door een andere ‘scope 3’ target vanaf 2026.
De kosten voor het opzetten van de RCF (Revolving Credit Facility) bedroegen 0,4 miljoen EUR en worden afgeschreven over de oorspronkelijke looptijd van de lening.
De leningen aan kredietinstellingen in 2024 bestaan uit: • 63 miljoen EUR langlopende kredieten waaronder voornamelijk de RCF, waarbij de rentevoet regelmatig herzien werd voor afgesproken periodes van minder dan een jaar.
Interesten op leningen van kredietinstellingen – niveau per einde boekjaar: 2025 2024
Openstaande lening per 31/12/2025 Interest %
Openstaande lening per 31/12/2024 Interest %
Leningen met vaste intrestvoet
Leningen met variabele intrestvoet
De minimum betalingen aan kredietinstellingen (inclusief intresten) bedragen:
Minder dan 1 jaar
Meer dan 1 jaar en minder dan 5 jaar
De groep beschikt over voldoende korte termijn kredietlijnen om aan haar korte termijn behoeften te voldoen. De groep heeft geen activa verpand om haar verplichtingen aan kredietinstellingen na te komen. Ze heeft ook geen garanties ontvangen van derden.
Lange termijn rentedragende verplichtingen
Lange termijn rentedragende verplichtingen
De groep huurt haar wagens onder een aantal operationele leasingovereenkomsten.
IFRS 16 verplicht de huurder om alle lease- en huurverplichtingen te activeren op de balans. De schuld weerspiegelt alle toekomstige leasebetalingen die gepaard gaan met de leaseovereenkomst gewaardeerd aan actuele waarde. Het actief reflecteert het recht op gebruik van het actief gedurende de overeengekomen leasetermijn.
De groep beoogt al haar productie-gerelateerde machines en rollend materieel te kopen eerder dan te huren. De voornaamste open leasingschulden zijn gerelateerd aan de vloot lease-wagens en huur van administratieve gebouwen. In 2025 heeft What’s Cooking Group NV haar intrek genomen in een gehuurd gebouw. Dit contract verklaart voor 1,3 miljoen de stijging van de leasingschuld.
Eind 2025 heeft de groep voor 3,4 miljoen aan leasingshulden tegen over 1,7 miljoen in 2024.
28. Handelsschulden en overige te betalen posten
Wisselkoersrisico
Het wisselkoersrisico ligt in de mogelijke waarde schommelingen van financiële instrumenten door wisselkoersfluctuaties. De groep loopt wisselkoersrisico op de verkopen, aankopen en rentedragende leningen uitgedrukt in een andere munt dan de lokale munt van de onderneming. Op 31 december 2025 had de groep een netto positie in Britse pond van 5.807 duizend GBP. Op 31 december 2024 was dat 5.957 duizend GBP. Een overzicht van onze indekking vindt u in onderstaande tabel. In Polen hadden we op 31 december 2025 een netto positie in Poolse Zloty van 17.625 duizend PLN. Op 31 december 2024 was dit een netto schuldpositie van 3.315 duizend PLN.
De meeste handelsschulden hebben een vervaldag van tussen de 30 en 60 dagen na factuurdatum. De provisie voor verlieslatende contracten heeft betrekking op de overname van What’s Cooking Rennes en betreft het deel dat binnen het boekjaar vervalt.
29. Risico’s voortvloeiend uit financiële instrumenten
Aan intrestvoeten en wisselkoersen zijn risico’s verbonden. Dat we daaraan zijn blootgesteld, is een normaal gevolg van de activiteiten van de groep. Om deze risico’s te beperken gebruiken we afgeleide financiële instrumenten. De politiek van de groep verbiedt het gebruik van afgeleide financiële instrumenten voor speculatiedoeleinden.
Intrestrisico
Het intrestrisico is het risico op waarde schommeling van een financieel instrument door wijzigingen in de marktrentevoeten.
What’s Cooking? staat bloot aan het risico van renteschommelingen op zijn volledige externe financiering onder de RCF. Op 31 december 2025 bedraagt het opgenomen bedrag onder de RCF 10 miljoen EUR. Op 31 december 2024 bedroeg het opgenomen bedrag 63 miljoen.
What’s Cooking dekt zijn intrestrisico in, indien de Raad van Bestuur een indekking voordelig acht. In 2024 en 2025 werden geen rente-indekkingen genomen.
Contractdatum Vervaldag
Contracttype Initieel bedrag 16-12-2025 29-06-2026 Forward £1.800.000,00
19-08-2025 20-01-2026
Kredietrisico
Accumulateur protégé
£396.000,00
Het kredietrisico is het risico dat één van de contracterende partijen zijn financiële verplichtingen niet nakomt waardoor de andere partij verlies kan lijden. De Groep verkoopt haar producten aan een brede klantenbasis. Daar horen de meeste grote Europese discount- en retail klanten bij. De omzetten aan deze klanten realiseren we via diverse contracten en producten met diverse looptijden. Dit doen we in verschillende landen, zowel voor onze eigen merken als voor de huismerken van de klanten. De tien grootste klantengroepen vertegenwoordigen in 2025 62,24% en in 2024 58,46% van de omzet. Zowel in 2025 als in 2024 overtreffen 2 externe klanten de kaap van 10% van de geconsolideerde omzet met elk een omzet van respectievelijk 15,26 en 11,28% ( 16,68% en 11,22% in 2024). Het management werkte een kredietpolitiek uit. We volgen de blootstelling aan het kredietrisico voortdurend op.
• Kredietrisico’s op handelsvorderingen: we volgen het kredietrisico op alle klanten continu op.
• Kredietrisico’s op liquide middelen en korte termijnbeleggingen: korte termijnbeleggingen gebeuren in vlot verhandelbare waardepapieren of in deposito’s met vaste termijn bij gereputeerde banken.
• Transacties met afgeleide financiële instrumenten: transacties met afgeleide financiële instrumenten zijn alleen toegelaten met tegenpartijen die over een hoge kredietwaardigheid beschikken.
Voor al deze risico’s behalve een deel van de klanten bij What’s Cooking Deeside UK Ltd is het balanstotaal het maximale kredietrisico. Verder wordt het globale risico voor de groep gereduceerd door een factoringprogramma zonder regresrecht met daaraan een gekoppelde kredietverzekering voor onze klanten in België , Nederland en Frankrijk (exclusief What’s Cooking Rennes SAS).
Handelsvorderingen zijn onderworpen aan normale betalingstermijnen. Op afsluitdatum zijn er geen belangrijke openstaande vervallen bedragen.
Overdue >60 dagen
Geconsolideerde
balansen Toelichting
per 31 december 2025 en 2024 Boekwaarde Reële waarde Boekwaarde Reële waarde
Vlottende activa
en overige
Langlopende verplichtingen
Langlopende
Kortlopende
Kortlopende
Schulden met betrekking tot
Handels- en overige vorderingen
Overige kortlopende verplichtingen
2024 Reële waarde Niveau 1 Niveau 2 Niveau 3
Handels- en overige vorderingen 0 0
Overige kortlopende verplichtingen
Level 1: marktprijzen in actieve markten voor identieke activa of verplichtingen
Level 2: andere gegevens dan niveau 1, die observeerbaar zijn voor het actief of de verplichting hetzij direct (via prijzen) of indirect (afgeleid van prijzen)
Level 3: gegevens die niet gebaseerd zijn op observeerbare marktcijfers
Liquiditeitsrisico
Het liquiditeitsrisico is het risico dat de groep zijn financiële verplichtingen niet kan nakomen. De groep beperkt dit risico door de kasstromen permanent te bewaken. We zorgen er ook voor dat er voldoende kredietfaciliteiten aanwezig zijn. Zie ook toelichting 27.
Op 31 december 2025 werd een totaalbedrag van 10 miljoen EUR opgenomen aan een variabele intrestvoet. Het convenant wordt telkens op de 30/06 en 31/12 cijfers getest. In 2025 en 2024 voldeed de groep aan zijn convenanten.
Op 22 februari 2024 heeft What’s Cooking een nieuwe financieringsovereenkomst voor 5 jaar gesloten voor een Revolving Credit Facility (RCF) van 175 miljoen EUR met een consortium van bestaande en nieuwe banken. De overeenkomst kan mits akkoord van alle partijen verlengd worden voor 2 periodes van 1 jaar. Deze overeenkomst herfinanciert de bestaande RCF en garandeert de nodige financiële stabiliteit in een onzekere veranderlijke macro-economische en geopolitieke context. De RCF geeft What’s Cooking? de mogelijkheid om zo haar Sustainable Profitable Growth Plan 2030 verder te realiseren. De financiering is unsecured en laat de groep toe om een schuldgraad aan te gaan tot maximaal 3.5 keer EBITDA. In geval van nieuwe acquisities wordt een tijdelijke overschrijding tot 4,0 keer EBITDA geaccepteerd. De overeenkomst voorziet ook in een mogelijke verhoging tot 250 miljoen EUR mits akkoord van de partijen en het voldoen aan welbepaalde voorwaarden.
De groep huurt haar personenvoertuigen onder een aantal operationele leasingovereenkomsten.
IFRS 16 verplicht de huurder om alle lease- en huurverplichtingen te activeren op de balans. De schuld weerspiegelt alle toekomstige leasebetalingen die gepaard gaan met de leaseovereenkomst gewaardeerd aan actuele waarde. Het actief reflecteert het recht op gebruik van het actief gedurende de overeengekomen leasetermijn.
De leasingschulden worden gewaardeerd aan de contante waarde van de resterende leaseverplichtingen en verdisconteerd aan de contractuele marginale interestvoet.
31. Niet in de balans opgenomen rechten en verplichtingen
Op 31 december 2025 bedroegen de totale aankoopverplichtingen voor belangrijke investeringsprojecten 20.309 duizend EUR (2024: 6.850 duizend EUR). Hiervoor kenden we al contracten toe of plaatsten we orders.
Op 31 december 2025 had de groep voor 71.509 duizend EUR uitstaande aankoopverplichtingen met toeleveranciers van grondstoffen en andere verbruiksgoederen (2024: 2.249 duizend EUR).
Om de impact van de gestegen energieprijzen te beperken heeft de groep een indekkingsstrategie opgezet waarbij delen van de energiebehoefte worden ingedekt naarmate de periode dichterbij komt. De groep koopt zijn energie aan per land. Zo is 2026 inmiddels grotendeels ingedekt voor alle productievestigingen.
32. Transacties met verwante partijen
Transacties met bestuurders en leden van het executief comité Het remuneratie- en benoemingscomite bereidde het vergoedingsbeleid van What’s Cooking voor. De raad van bestuur keurde het goed. De vergoedingen van de uitvoerende bestuurders en leden van het executief comite zijn gestructureerd in een vast en een variabel gedeelte. Het variable gedeelte is onderworpen aan een evaluatie door het remuneratie- en benoemingscomite en aan lange- termijnincentives zoals o.a. pensioenregeling. Sinds 1 januari 2006 nemen we het vergoedingsbeleid op als integral deel van het Corporate Governance Charter.
De vergoedingen van de leden van de raad van bestuur en het uitvoerend management voor het financieel jaar 2025, vatten we samen in onderstaande tabel.
Voor de details verwijzen we naar het remuneratieverslag in de Verklaring inzake deugdelijk bestuur (zie hoger).
Transacties met Bestuurders van What’s Cooking Group NV: in miljoen EUR 2025 2024
Vergoedingen bestuurders What's Cooking Group NV voor de uitoefening van hun bestuurdersmandaat 0,44 0,44
Transacties met leden van het Executief Comite: in EUR million 2025 2024
Kortetermijnpersoneelsbeloningen 3,67 3,42
Andere langetermijnpersoneelsbeloningen (provisie)
Transacties met andere partijen
Transacties met verwante partijen zijn voornamelijk handelstransacties. Ze zijn gebaseerd op het ‘at arm’s length’ principe. De kosten en opbrengsten van deze transacties zijn immaterieel in de geconsolideerde jaarrekening.
In 2025 ontvingen we (net zoals in 2024) geen meldingen van bestuurders of management over gerelateerde transacties, zoals bepaald in het Corporate Governance Charter.
33. Resultaat per aandeel
Gewoon resultaat per aandeel
De berekening van de gewone winst per aandeel is gebaseerd op:
• het netto toe te kennen resultaat aan de gewone aandeelhouders van 25.492 duizend EUR (2024: 20.647 duizend EUR)
• een gewogen gemiddeld aantal uitstaande gewone aandelen tijdens het jaar van 1.856.180 (2024: 1.856.180)
Het gewogen gemiddeld aantal uitstaande gewone aandelen berekenden we als volgt:
Aantal uitstaande gewone aandelen op 1 januari boekjaar
Effect uitgegeven gewone aandelen
Gewogen gemiddeld aantal uitstaande gewone aandelen op 31 december boekjaar 1.856.180 1.856.180
Groepsaandeel in het resultaat van het boekjaar 25.492 20.647
Gemiddeld aantal aandelen 1.856.180 1.856.180
Winst per aandeel 13,73 11,12
Resultaat uit beëindigde bedrijfsactiviteit na winstbelasting 11,939 11,376
Winst uit beëindigde bedrijfsactiviteit per aandeel 6.43 6.13
Op December 31, 2025 is het kapitaal vertegenwoordigd door 1.856.180 aandelen.
Verwaterd resultaat per aandeel
Bij de berekening van de winst per aandeel na verwatering passen we het gewogen gemiddeld aantal aandelen aan. We houden rekening met alle potentiele gewone aandelen die aanleiding kunnen geven tot verwatering. In 2025 en 2024 zijn er geen.
Netto
Verwateringseffect warrantenplannen 0 0
aantal aandelen
Verwaterde
34. Impact van bedrijfscombinaties
Op 1 april 2025 heeft de groep What’s Cooking Rennes SAS (voorheen: Sveltic SAS) voor de 100% van het aandelenkapitaal overgenomen. De transactiekosten bedroegen 615 duizend EUR (toelichting 10). What’s Cooking Rennes is een Franse producent van verse en diepgevroren kant-en-klare maaltijden gevestigd nabij Rennes die in 2024 een omzet realiseerde van ongeveer 55 miljoen EUR en een genormaliseerde EBITDA van circa 4 miljoen euro. Het bedrijf produceert een breed assortiment aan bereide gerechten waaronder lasagne, pasta, pizza, wereldkeuken, vegetarische opties en traditionele recepten. Ze produceert voornamelijk huismerken die hoofdzakelijk verkochten worden aan de Franse winkelgroep Intermarché (toelichting 10).
De Groep heeft What’s Cooking Rennes SAS overgenomen omwille van geografische en product diversificatie. De strategische overname van What’s Cooking Rennes stelt de groep in staat om zijn aanbod op het gebied van kant-en-klare maaltijden uit te breiden en zich volledig te richten op het versterken van zijn leiderschap binnen deze sector. De overname leidt tot operationele synergieën door geoptimaliseerde productie tussen de Sveltic’s faciliteit en de sites van What’s Cooking Groep, wat resulteert in gestroomlijnde toeleveringsketens en een hogere efficiëntie.
Als onderdeel van de overeenkomst met de verkoper Agromousquetaires (onderdeel van de Intermarché groep), zal What’s Cooking Rennes SAS Intermarché blijven beleveren voor de komende jaren en zullen er bepaalde diensten tijdelijk blijven geleverd worden door Agromousquetaires aan What’s Cooking Rennes SAS om de continuiteit van de systemen en operaties te verzekeren.
In navolging van IFRS 3 werden de verworven netto activa (voornamelijk de vaste activa) gewaardeerd aan marktwaarde bij de bepaling van de goodwill (markt approach en kost approach). Omwille van negatieve marges die behaald zullen worden op een klantencontract voor een periode van 2 jaar werd hiervoor een voorziening aangelegd. Deze waardering werd uitgevoerd door een onafhankelijk expert.
Het resultaat van What’s Cooking Rennes wordt vanaf 1 april 2025 opgenomen in het geconsolideerde resultaat. Op 31/12/2025 maakt haar balans ook deel uit van de geconsolideerde balans van de groep.
In 2024 had de groep geen nieuwe overnames gedaan die vallen onder de definitie van ‘bedrijfscombinatie’.
Openingsbalans 31-03-2025
What's Cooking Rennes
We hebben de verkopen, EBITDA en het nettoresultaat geprorateerd om een meer representatief beeld weer te geven van Rennes omdat de cijfers van het eerste kwartaal onder de vorige eigenaar niet representatief waren.
What’s Cooking? Jaarverslag 2025
35. Groepsondernemingen
In 2025 heeft de groep één nieuwe overname gedaan, nl. What’s Cooking Rennes.
De moedermaatschappij van de groep, What’s Cooking Group NV- Kortrijksesteenweg 1091 Bus C – 9051 Sint-Denijs-Westrem (Gent) in Belgie, is op 31 december 2025 rechtstreeks of onrechtstreeks de moedermaatschappij van volgende ondernemingen:
Name and full address of the company
What's Cooking Belgium NV - Kortrijksesteenweg 1091 bus C, 9051 Sint-Denijs-Westrem (Gent)
What's Cooking Marche-En-Famenne SA - Chaussée de Wavre 259 A, 4520 Wanze - België
What's Cooking Wanze SA - Chaussée de Wavre 259 A , 4520 Wanze - België
What's Cooking Nederland BV - Verlengde Poolseweg 16 - 4818 CL Breda - Nederland
What's Cooking Ibérica SL - Vía de las Dos Castillas , 33 - Complejo Empresarial Ática, Edificio 6, Planta 3a - Officina B1, 28224
Pozuelo de Alarcón, Madrid - Spanje
Ter Beke France SA - ZI Espace Zuckermann - BP56 - 14270 Mézidon-Canon - Frankrijk
What's Cooking Polska Sp. z.o.o. - Ul. Północna 12 - 45-805 Opole - Polen
What's Cooking France SAS - ZI Espace Zuckermann - BP56 - 14270 Mézidon-Canon – Frankrijk
What's Cooking Deeside UK LTD - Estuary House 10th Avenue - Zone 3 Deeside Industrial Park – Deeside – Flintshire - CH5 2UA -
Deelnemings
United Kingdom 100
What's Cooking Deutschland GmbH -Krefelder Strasse 249 - 41066 Mönchengladbach - Deutschland 100
What's Cooking Rennes SAS - ZA Bout de Lande- F-35890 Laillé (Rennes) - Frankrijk 100
• Op 10 januari 2025 werd de verkoop van de SBU Savoury afgewikkeld
• De groep verwierf in 2025 de overige 50% van de aandelen van Davai BV, de joint venture. Op 24 juni 2025 werd Davai BV geliquideerd.
• Op 1 april 2025 kocht de groep 100% van de aandelen van Sveltic SA (nu: What’s Cooking Rennes) , een producent van verse en diepgevroren kant-enklare maaltijden gevestigd nabij Rennes in Franrijk.
Er zijn geen significante beperkingen op de mogelijkheid van de Onderneming of dochterondernemingen om toegang te hebben tot het gebruik te maken van de activa en de verplichtingen van de Groep na te komen.
36. Belangrijke gebeurtenissen na balansdatum
Op 27 februari 2026 maakte de FSMA (de Belgische Autoriteit voor Financiele diensten en Markten) bekend dat zij een kennisgeving heeft ontvangen waaruit blijkt dat Malaga Investment SCSp het voornemen heeft om een vrijwillig en voorwaardelijk openbaar overnamebod in contanten uit te brengen op alle aandelen uitgegeven door What’s Cooking Group NV. Het bod heeft betrekking op alle aandelen van What’s Cooking Group NV die nog niet in het bezit zijn van de bieder of de met de bieder verbonden personen. Voor meer informatie, verwijzen we naar deze openbaarmaking, alsook naar ons persbericht van 27 februari 2026 en de overige informatie die op onze website beschikbaar is.
37. Vergoeding van de commissaris
Voor de audit van de groep What’s Cooking in 2025 rekende de commissaris 354 duizend EUR ereloon aan en 151 duizend EUR voor niet-audit diensten. De vennootschappen waarmee de commissaris een samenwerkingsverband heeft hebben in 2025 geen bijkomende erelonen gefactureerd aan de Groep.






What’s Cooking? Jaarverslag 2025
Geconsolideerde jaarrekening
1. Balans
I. Oprichtingskosten
II. Immateriële Vaste Activa
III. Materiële Vaste Activa
Vlottende activa
V. Vorderingen op meer dan één jaar
VI. Voorraden
VII.
VIII. Geldbeleggingen
IV.
2. Resultatenrekening
Omzet
Voorraadwijziging Geproduceerde vaste activa
exploitatiebaten
bedrijfsopbrengsten
Bedrijfskosten
Handelsgoederen, grond- en hulpstoffen
sociale lasten en pensioenen
en waardeverminderingen op immateriële en materiële vaste activa
Waardeverminderingen op voorraden en handelsvorderingen
Voorzieningen voor risco's en kosten
De waarderings- en omrekeningsregels voor de statutaire jaarrekening van de moedermaatschappij voldoen aan de Belgische normen (BE GAAP). De geconsolideerde jaarrekening stelden we op volgens IFRS. Beide waarderingsregels verschillen sterk van elkaar.
De commissaris gaf over de statutaire jaarrekening van What’s Cooking Group NV een verklaring zonder voorbehoud af.
Volgende documenten maken we volgens de wettelijke bepalingen bekend en zijn kosteloos te verkrijgen: de integrale versie van de enkelvoudige jaarrekening, het goedkeurende verslag van de commissaris en het niet geconsolideerde jaarverslag, dat hierin niet integraal is opgenomen.
Geconsolideerde jaarrekening
Geconsolideerde verlies- en winstrekening
Geconsolideerde balans en financiële structuur
financiële schuld / eigen vermogen (gearing
Aandelen- en dividentinformatie
* De cijfers van 2023 zijn aangepast om de beëindiging van de SBU Savoury weer te geven en om de vergelijkbaarheid mogelijk te maken.
Geconsolideerde
De ondergetekenden, Piet Sanders°, gedelegeerd bestuurder, en Yves Regniers*, chief financial officer (CFO), verklaren dat, voor zover bekend:
• De jaarrekeningen voor het boekjaar 2025 en 2024, opgesteld volgens de International Financial Accounting Standards (IFRS) zoals toegepast door de Europese Unie, een betrouwbaar beeld geven van het vermogen, de financiele toestand en de resultaten van What’s Cooking Group NV en van de in de consolidatie opgenomen ondernemingen.
• Het jaarverslag een betrouwbaar overzicht geeft van de ontwikkeling, de resultaten en de positie van What’s Cooking Group NV en van de in de consolidatie opgenomen ondernemingen. Het jaarverslag geeft ook een eerlijke beschrijving van de voornaamste risico’s en onzekerheden waarmee zij geconfronteerd worden.
Yves Regniers* Chief Financial Officer
Piet Sanders° Gedelegeerd Bestuurder
* Vaste vertegenwoordiger van BV Esroh ° Vaste vertegenwoordiger van BV Leading for Growth
Verslag van de commissaris aan de algemene vergadering van What’s Cooking Group NV over de geconsolideerde jaarrekening voor het boekjaar afgesloten op 31 December 2025
In het kader van de wettelijke controle van de geconsolideerde jaarrekening van What’s Cooking Group NV (de “Vennootschap”) en zijn dochterondernemingen (samen de “Groep”), leggen wij u ons commissarisverslag voor. Dit bevat ons verslag over de geconsolideerde jaarrekening en de overige door wet- en regelgeving gestelde eisen. Dit vormt een geheel en is ondeelbaar.
Wij werden benoemd in onze hoedanigheid van commissaris door de algemene vergadering van 30 mei 2024, overeenkomstig het voorstel van het bestuursorgaan uitgebracht op aanbeveling van het auditcomité en op voordracht van de ondernemingsraad. Ons mandaat loopt af op de datum van de algemene vergadering die beraadslaagt over de jaarrekening afgesloten op 31 december 2026. Wij hebben de wettelijke controle van de geconsolideerde jaarrekening van de Groep uitgevoerd gedurende 5 opeenvolgende boekjaren.
Verslag over de geconsolideerde jaarrekening
Oordeel zonder voorbehoud
Wij hebben de wettelijke controle uitgevoerd van de geconsolideerde jaarrekening van de Groep over het boekjaar afgesloten op 31 December 2025 opgesteld in overeenstemming met de IFRS boekhoudnormen zoals uitgegeven door de International Accounting Standards Board en zoals goedgekeurd door de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en reglementaire voorschriften. Deze geconsolideerde jaarrekening omvat de geconsolideerde balans op 31 December 2025, alsook de geconsolideerde winst- en verliesrekening, het geconsolideerd overzicht van het uitgebreid resultaat, het geconsolideerd mutatieoverzicht van het eigen vermogen en het geconsolideerd kasstroomoverzicht over het boekjaar afgesloten op die datum evenals de toelichting, met de belangrijkste gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en overige informatieverschaffing. Het totaal van de geconsolideerde balans bedraagt EUR 254.592 (000) en de geconsolideerde winst- en verliesrekening sluit af met een winst van het boekjaar van EUR 25.492 (000).
Naar ons oordeel geeft de geconsolideerde jaarrekening een getrouw beeld van het vermogen en de financiële toestand van de Groep op 31 December 2025, alsook van haar geconsolideerde resultaten en van haar geconsolideerde kasstromen over het boekjaar dat op die datum is afgesloten, in overeenstemming met de IFRS boekhoudnormen zoals uitgegeven door de International Accounting Standards Board en zoals goedgekeurd door de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en reglementaire voorschriften.
Basis voor het oordeel zonder voorbehoud
Wij hebben onze controle uitgevoerd volgens de internationale controlestandaarden (ISA’s) zoals van toepassing in België. Wij hebben bovendien de door IAASB goedgekeurde internationale controlestandaarden toegepast die van toepassing zijn op de huidige afsluitdatum en nog niet goedgekeurd zijn op nationaal niveau. Onze verantwoordelijkheden op grond van deze standaarden zijn verder beschreven in de sectie “Verantwoordelijkheden van de commissaris voor de controle van de geconsolideerde jaarrekening” van ons verslag. Wij hebben alle deontologische vereisten die relevant zijn voor de controle van de geconsolideerde jaarrekening in België nageleefd, met inbegrip van deze met betrekking tot de onafhankelijkheid.
Wij hebben van het bestuursorgaan en van de aangestelden van de Vennootschap de voor onze controle vereiste ophelderingen en inlichtingen verkregen.
Wij zijn van mening dat de door ons verkregen controle-informatie voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel.
Kernpunten van de controle
Kernpunten van onze controle betreffen die aangelegenheden die naar ons professioneel oordeel het meest significant waren bij de controle van de geconsolideerde jaarrekening van de huidige verslagperiode. Deze aangelegenheden zijn behandeld in de context van onze controle van de geconsolideerde jaarrekening als geheel en bij het vormen van ons oordeel hierover, en wij verschaffen geen afzonderlijk oordeel over deze aangelegenheden.
Bijzondere waardeverminderingen op goodwill
We verwijzen naar toelichting 15 ‘Goodwill’ van de geconsolideerde jaarrekening.
Omschrijving
Zoals omschreven in toelichting 15 – ‘Goodwill’ van de geconsolideerde jaarrekening, werd een goodwill geboekt voor een bedrag van 44.339 (000) EUR op 31 december 2025. Goodwill wordt jaarlijks getoetst voor bijzondere waardevermindering in overeenstemming met IAS 36 “Bijzondere waardeverminderingen van Activa”. Het management maakt een inschatting van de realiseerbare waarde door een verdiscontering van verwachte toekomstige kasstromen om te bepalen of deze activa onderhevig zijn aan bijzondere waardeverminderingen op 31 december 2025
en om de eventuele grootte van deze bijzondere waardeverminderingen te bepalen. Deze beoordeling wordt uitgevoerd op het niveau van de kasstroom genererende eenheid.
Bijzondere waardeverminderingen op goodwill is een kernpunt van de controle door de omvang van deze balanspositie en het vereiste inschattingsvermogen van het management om de analyse met betrekking tot de bijzondere waardeverminderingen te beoordelen. Met name de inputs die worden gebruikt bij zowel het voorspellen als verdisconteren van toekomstige kasstromen ter bepaling van de realiseerbare waarde.
Onze controlewerkzaamheden
Wij hebben de volgende controlewerkzaamheden uitgevoerd:
• We evalueerden het proces waarmee de kasstroomprognoses door het management werden opgesteld, inclusief het testen van de onderliggende berekeningen en het afstemmen van de prognoses met de door de raad van bestuur goedgekeurde financiële doelstellingen;
• We analyseerden het inschattingsvermogen van het management om kasstromen nauwkeurig te voorspellen en beoordeelden de redelijkheid van de huidige voorspellingen door belangrijke aannames te vergelijken met historische resultaten;
• • We beoordeelden de gepastheid van de waarderingsmethodologie van de Groep en de bepaling van de verdisconterings-en perpetuele groeivoeten, mede door inschakeling van waarderingsspecialisten in ons auditteam;
• We hebben de gepastheid van de sensitiviteitsanalyses rond de belangrijkste aannames, die zijn gebruikt voor het bepalen en het verdisconteren van de kasstroomprognoses, beoordeeld in het bijzonder de verdisconteringsvoet en de groeivoeten; en
• We hebben de volledigheid en de geschiktheid van de toelichting m.b.t. bijzondere waardeverminderingen op goodwill, zoals opgenomen in toelichting 15 van de geconsolideerde jaarrekening, beoordeeld.
IFRS 3 Toerekening van de kostprijs van What’s Cooking Rennes
Wij verwijzen naar toelichting 34 “Impact van bedrijfscombinaties” in de geconsolideerde jaarrekening.
Omschrijving
Op 1 april 2025 heeft de Groep de overname afgerond van What’s Cooking Rennes SAS voor een totale overnameprijs van EUR 24.064 (000).
Overeenkomstig IFRS 3 “Bedrijfscombinaties” heeft de Groep de identificeerbare verworven activa en overgenomen verplichtingen opgenomen tegen hun reële waarde op de overnamedatum, bepaald in overeenstemming met IFRS 13 Waardering tegen Reële Waarde.
De bepaling van de reële waarde van de verworven activa en overgenomen verplichtingen in het kader van deze purchase price allocation (“PPA”) vergt een aanzienlijke mate van oordeelsvorming door het management. Dit omvat onder meer het beoordelen van de volledigheid van de op de overnamedatum geïdentificeerde activa en verplichtingen, het evalueren van de nauwkeurigheid en relevantie van de onderliggende gegevens die in de waarderingsmodellen worden gebruikt, het selecteren van geschikte waarderingstechnieken en het bepalen van de belangrijkste aannames voor de schatting van de reële waarden.
Het resultaat van dit proces leidde tot de erkenning van goodwill ten belope van EUR 32 (000).
Gelet op de omvang van de overname in verhouding tot de geconsolideerde balans, alsook op de verhoogde mate van oordeelsvorming die gepaard gaat met het identificeren van de volledige set van identificeerbare activa en verplichtingen en het bepalen van hun reële waarde op de overnamedatum, beschouwen wij dit als een kritische controleaangelegenheid.
Onze controlewerkzaamheden
• Wij hebben inzicht verworven in het proces van de Groep met betrekking tot de verwerking van bedrijfscombinaties en de waardering van de verworven netto-activa;
• Wij hebben de volledigheid beoordeeld van de op de overnamedatum geïdentificeerde activa en overgenomen verplichtingen door de openingsbalans die werd gebruikt in de PPA af te stemmen met de financiële administratie van de overgenomen entiteit, de proef- en saldibalans, relevante contractuele afspraken en ondersteunende documentatie;
• Wij hebben geëvalueerd of de opgenomen activa en verplichtingen voldoen aan de opnamecriteria van IFRS 3 en hebben beoordeeld of er aanwijzingen waren dat bijkomende activa of verplichtingen hadden moeten worden opgenomen;
• Wij hebben de aandelenkoopovereenkomst en andere relevante documenten geïnspecteerd om de belangrijkste voorwaarden en bepalingen van de transactie te bevestigen;
• Met de ondersteuning van onze waarderingsspecialisten:
- We hebben de deskundigheid, objectiviteit en capaciteiten beoordeeld van de externe experts aangesteld door het management die werden ingeschakeld voor het bepalen van de reële waarden op de overnamedatum;
- We hebben de geschiktheid geëvalueerd van de toegepaste waarderingstechnieken, rekening houdend met de aard van elk identificeerbaar actief of elke verplichting en de vereisten van IFRS 13;
- We hebben de redelijkheid beoordeeld van de belangrijkste aannames die in de waarderingsmodellen werden gebruikt, onder meer door vergelijking met externe marktgegevens;
- We hebben de wiskundige juistheid van de PPA-berekeningen van het management getest en belangrijke waarderingsaanpassingen nagerekend, waaronder de bepaling van goodwill; en
- We hebben de volledigheid en geschiktheid van de toelichting 34 “Impact van bedrijfscombinaties” bij de geconsolideerde jaarrekening geëvalueerd, inclusief de naleving van de toelichtingsvereisten van IFRS 3.
Verantwoordelijkheden van het bestuursorgaan voor het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening
Het bestuursorgaan is verantwoordelijk voor het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening die een getrouw beeld geeft in overeenstemming met de IFRS boekhoudnormen zoals uitgegeven door de International Accounting Standards Board, zoals goedgekeurd door de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en reglementaire voorschriften, alsook voor de interne beheersing die het bestuursorgaan noodzakelijk acht voor het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening die geen afwijking van materieel belang bevat die het gevolg is van fraude of van fouten.
Bij het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening is het bestuursorgaan verantwoordelijk voor het inschatten van de mogelijkheid van de Groep om haar continuïteit te handhaven, het toelichten, indien van toepassing, van aangelegenheden die met continuïteit verband houden en het gebruiken van de continuïteitsveronderstelling, tenzij het bestuursorgaan het voornemen heeft om de Groep te liquideren of om de bedrijfsactiviteiten te beëindigen of geen realistisch alternatief heeft dan dit te doen.
Verantwoordelijkheden van de commissaris voor de controle van de geconsolideerde jaarrekening
Onze doelstellingen zijn het verkrijgen van een redelijke mate van zekerheid over de vraag of de geconsolideerde jaarrekening als geheel geen afwijking van materieel belang bevat die het gevolg is van fraude of van fouten en het uitbrengen van een commissarisverslag waarin ons oordeel is opgenomen. Een redelijke mate van zekerheid is een hoog niveau van zekerheid, maar is geen garantie dat een controle die overeenkomstig de ISA’s is uitgevoerd altijd een afwijking van materieel belang ontdekt wanneer die bestaat. Afwijkingen kunnen zich voordoen als gevolg van fraude of fouten en worden als van materieel belang beschouwd indien redelijkerwijs kan worden verwacht dat zij, individueel of gezamenlijk, de economische beslissingen genomen door gebruikers op basis van deze geconsolideerde jaarrekening, beïnvloeden.
Bij de uitvoering van onze controle leven wij het wettelijk, reglementair en normatief kader dat van toepassing is op de controle van de geconsolideerde jaarrekening in België na. Een wettelijke controle van de geconsolideerde jaarrekening biedt evenwel geen zekerheid omtrent de toekomstige levensvatbaarheid van de Groep, noch omtrent de efficiëntie of de doeltreffendheid waarmee het bestuursorgaan de bedrijfsvoering van de Groep ter hand heeft genomen of zal nemen. Onze verantwoordelijkheden inzake de door het bestuursorgaan gehanteerde continuïteitsveronderstelling staan hieronder beschreven.
Als deel van een controle uitgevoerd overeenkomstig de ISA’s, passen wij professionele oordeelsvorming toe en handhaven wij een professioneelkritische instelling gedurende de controle. We voeren tevens de volgende werkzaamheden uit:
• het identificeren en inschatten van de risico’s dat de geconsolideerde jaarrekening een afwijking van materieel belang bevat die het gevolg is van fraude of van fouten, het bepalen en uitvoeren van controlewerkzaamheden die op deze risico’s inspelen en het verkrijgen van controleinformatie die voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel. Het risico van het niet detecteren van een van materieel belang zijnde afwijking is groter indien die afwijking het gevolg is van fraude dan indien zij het gevolg is van fouten, omdat bij fraude sprake kan zijn van samenspanning, valsheid in geschrifte, het opzettelijk nalaten om transacties vast te leggen, het opzettelijk verkeerd voorstellen van zaken of het doorbreken van de interne beheersing;
• het verkrijgen van inzicht in de interne beheersing die relevant is voor de controle, met als doel controlewerkzaamheden op te zetten die in de gegeven omstandigheden geschikt zijn maar die niet zijn gericht op het geven van een oordeel over de effectiviteit van de interne beheersing van de Groep;
• het evalueren van de geschiktheid van de gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en het evalueren van de redelijkheid van de door het bestuursorgaan gemaakte schattingen en van de daarop betrekking hebbende toelichtingen;
• het concluderen of de door het bestuursorgaan gehanteerde continuïteitsveronderstelling aanvaardbaar is, en het concluderen, op basis van de verkregen controle-informatie, of er een onzekerheid van materieel belang bestaat met betrekking tot gebeurtenissen of omstandigheden die significante twijfel kunnen doen ontstaan over de mogelijkheid van de Groep om haar continuïteit te handhaven. Indien wij concluderen dat er een onzekerheid van materieel belang bestaat, zijn wij ertoe gehouden om de aandacht in ons commissarisverslag te vestigen op de daarop betrekking hebbende toelichtingen in de geconsolideerde jaarrekening, of, indien deze toelichtingen inadequaat zijn, om ons oordeel aan te passen. Onze conclusies zijn gebaseerd op de controle-informatie die verkregen is tot de datum van ons commissarisverslag. Toekomstige gebeurtenissen of omstandigheden kunnen er echter toe leiden dat de Groep haar continuïteit niet langer kan handhaven;
• het evalueren van de algehele presentatie, structuur en inhoud van de geconsolideerde jaarrekening, en van de vraag of de geconsolideerde jaarrekening de onderliggende transacties en gebeurtenissen weergeeft op een wijze die leidt tot een getrouw beeld;
• het verkrijgen van voldoende en geschikte controle-informatie met betrekking tot de financiële informatie van de entiteiten of bedrijfsactiviteiten binnen de Groep gericht op het tot uitdrukking brengen van een oordeel over de geconsolideerde jaarrekening. Wij zijn verantwoordelijk voor de aansturing van, het toezicht op en de uitvoering van de groepscontrole. Wij blijven ongedeeld verantwoordelijk voor ons oordeel.
Wij communiceren met het auditcomité onder meer over de geplande reikwijdte en timing van de controle en over de significante controlebevindingen, waaronder eventuele significante tekortkomingen in de interne beheersing die wij identificeren gedurende onze controle.
Wij verschaffen aan het auditcomité tevens een verklaring dat wij de relevante deontologische voorschriften over onafhankelijkheid hebben nageleefd, en wij communiceren met hen over alle relaties en andere zaken die redelijkerwijs onze onafhankelijkheid kunnen beïnvloeden en, waar van toepassing, over de daarmee verband houdende maatregelen om onze onafhankelijkheid te waarborgen.
Uit de aangelegenheden die met het auditcomité zijn gecommuniceerd bepalen wij die zaken die het meest significant waren bij de controle van de geconsolideerde jaarrekening van de huidige verslagperiode, en die derhalve de kernpunten van onze controle uitmaken. Wij beschrijven deze aangelegenheden in ons verslag, tenzij het openbaar maken van deze aangelegenheden is verboden door wet- of regelgeving.
Overige door wet- en regelgeving gestelde eisen
Verantwoordelijkheden van het bestuursorgaan
Het bestuursorgaan is verantwoordelijk voor het opstellen en de inhoud van het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening, met inbegrip van de duurzaamheidsinformatie.
Verantwoordelijkheden van de commissaris
In het kader van onze opdracht en overeenkomstig de Belgische bijkomende norm bij de in België van toepassing zijnde internationale controlestandaarden (ISA’s), is het onze verantwoordelijkheid om, in alle van materieel belang zijnde opzichten, het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening , te verifiëren, en verslag over deze aangelegenheden uit te brengen.
Aspecten betreffende het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening
Het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening bevat de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie die het voorwerp uitmaakt van ons afzonderlijk verslag betreffende de beperkte mate van zekerheid met betrekking tot deze duurzaamheidsinformatie. Deze sectie betreft niet de assurance over de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie opgenomen in het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening. Voor dit deel van het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening verwijzen wij naar ons afzonderlijk verslag hieromtrent.
Na het uitvoeren van specifieke werkzaamheden op het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening, zijn wij van oordeel dat dit jaarverslag overeenstemt met de geconsolideerde jaarrekening voor hetzelfde boekjaar en is opgesteld overeenkomstig het artikel 3:32 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen.
In de context van onze controle van de geconsolideerde jaarrekening, zijn wij tevens verantwoordelijk voor het overwegen, in het bijzonder op basis van de kennis verkregen in de controle, of het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening een afwijking van materieel belang bevat, hetzij informatie die onjuist vermeld is of anderszins misleidend is. In het licht van de werkzaamheden die wij hebben uitgevoerd, dienen wij u geen afwijking van materieel belang te melden.
Vermeldingen betreffende de onafhankelijkheid
Ons bedrijfsrevisorenkantoor en ons netwerk hebben geen opdrachten die onverenigbaar zijn met de wettelijke controle van de geconsolideerde jaarrekening verricht en ons bedrijfsrevisorenkantoor is in de loop van ons mandaat onafhankelijk gebleven tegenover de Groep.
De honoraria voor de bijkomende opdrachten die verenigbaar zijn met de wettelijke controle bedoeld in artikel 3:65 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen werden correct vermeld en uitgesplitst in de toelichting bij de geconsolideerde jaarrekening.
Europees uniform elektronisch formaat (ESEF)
Wij hebben ook, overeenkomstig de norm inzake de controle van de overeenstemming van het jaarrapport met het Europees uniform elektronisch formaat (hierna “ESEF”), de controle uitgevoerd van de overeenstemming van het ESEF-formaat met de technische reguleringsnormen vastgelegd door de Europese Gedelegeerde Verordening nr. 2019/815 van 17 december 2018 (hierna: “Gedelegeerde Verordening”) en met het koninklijk besluit van 14 november 2007 betreffende de verplichtingen van emittenten van financiële instrumenten die zijn toegelaten tot de verhandeling op een gereglementeerde markt (hierna: het “KB van 14 november 2007”).
Het bestuursorgaan is verantwoordelijk voor het opstellen van een jaarrapport, in overeenstemming met de ESEF vereisten, met inbegrip van de geconsolideerde jaarrekening in de vorm van een elektronisch bestand in ESEF-formaat (hierna “digitale geconsolideerde jaarrekening”).
Het is onze verantwoordelijkheid voldoende en geschikte onderbouwende informatie te verkrijgen om te concluderen dat het formaat van het jaarrapport en de markeertaal XBRL van de digitale geconsolideerde jaarrekening in alle van materieel belang zijnde opzichten voldoen aan de ESEF-vereisten krachtens de Gedelegeerde Verordening en het KB van 14 november 2007.
Op basis van de door ons uitgevoerde werkzaamheden zijn wij van oordeel dat het digitaal formaat van het jaarrapport en de markering van informatie in de officiële Nederlandstalige versie van de geconsolideerde jaarrekening, opgenomen in het jaarrapport van What’s Cooking Group NV per 31 december 2025, en die beschikbaar zullen zijn in het Belgische officiële mechanisme voor de opslag van gereglementeerde informatie (STORI) van de FSMA, in alle van materieel belang zijnde opzichten in overeenstemming zijn met de ESEF-vereisten krachtens de Gedelegeerde Verordening en het KB van 14 november 2007.
Andere vermelding
• Huidig verslag is consistent met onze aanvullende verklaring aan het auditcomité bedoeld in artikel 11 van de verordening (EU) nr. 537/2014.
Zaventem, 16 april 2026
KPMG Bedrijfsrevisoren Commissaris vertegenwoordigd door
Melissa Carton Bedrijfsrevisor
What’s Cooking? Jaarverslag 2025
What’s Cooking Group NV
Kortrijksesteenweg 1091 Bus C 9051 Sint-Denijs-Westrem (Ghent)
België
RPR Ghent 0421.364.139
Tel: +32 9 370 12 11
E-mail: info@whatscooking.group
Website: www.whatscooking.group
What’s Cooking Belgium NV
Kortrijksesteenweg 1091 Bus C 9051 Sint-Denijs-Westrem (Ghent)
België
RPR Ghent 0884.649.304
What’s Cooking Marche-en-Famenne SA
Chaussée de Wavre 259a 4520 Wanze
België
RPM Huy 0442.475.396
Locatie van de productievestiging:
5 Chemin Saint-Antoine
6900 Marche-en-Famenne
België
What’s Cooking Wanze SA
Chaussée de Wavre 259a
4520 Wanze
België
RPM Huy 0446.434.778
Ter Beke France SA
ZI Espace Zuckermann BP 56 14270 Mézidon-Vallée d’Auge
Frankrijk
Registre de commerce Lisieux 309 507 176
What’s Cooking France SAS
ZI Espace Zuckermann BP 56 14270 Mézidon-Vallée d’Auge
Frankrijk
Registre de commerce Lisieux 322 304 197
Colofon
Redactie en eindredactie: What’s Cooking Group NV
Vertaling: What’s Cooking Group NV
Vormgeving en layout: Action NV
Verantwoordelijke uitgever: What’s Cooking Group NV
What's Cooking Rennes SAS
ZA Bout de Lande F-35890 Laillé (Rennes)
Frankrijk
Registre de commerce Rennes 331 760 900
What’s Cooking Iberica S.L.
Calle Aguarón 23B – 1 F 28023 Aravaca (Madrid)
Spanje
Madrid C.I.F B 82656521
What’s Cooking Nederland BV
Verlengde Poolseweg 16 4818 CL Breda
Nederland
KVK 200.53.817
What’s Cooking Polska Sp. Z.o.o.
Ul. Północna 12 45-805 Opole
Polen
KRS 0000403908
What’s Cooking Deeside UK Ltd
Estuary House 10th Avenue
Zone 3 Deeside Industrial Park Flintshire CH5 2UA Verenigd Koninkrijk Company House 02077911
What‘s Cooking Deutschland GmbH
Krefelder Strasse 249 41066 Mönchengladbach Duitsland
HRB Krefeld 16709
De Nederlandstalige IXBRL versie van dit jaarverslag is de officiële versie.
This annual report is also available in English (free translation).
Wij bedanken al onze medewerkers voor hun betrokkenheid en dynamisme. Deze resultaten bereiken we dankzij hen.
Zij geven ons ook het volste vertrouwen in de toekomst.