cultuurhuis
PB- PP B-709
BELGIE(N) - BELGIQUE
destructuur bouwt een feestje met 8-jarigen
Wannes, Peter en Greg van DE HOE kijken al uit naar DE SITCOMEBACK
Backstagebabbel met Mohsin Abbas
Huiskunstenaar Noura nam een kijkje bij de repetitie van For Blinky Palermo
m a g a z i n e v o o r j a a r 2026
Laika maakt zeewierzoetjes
6
DE HOE over de kunst van een onafgewerkt product
12 Kaoui en Sara Vertongen
©corso
jazz hands met Rashif El
14
stand-upcomedy met Manu Moreau & Mohsin Abbas
kwetsbaarheid van Benjamin 20 deVandewalle en Veronique Mees © Lo Cura
© Frederik Beyens
column door Helena Elshout over een magisch medicijn
een documentaire-performance van Nastaran Razawi Khorasani
28
32 Waeterschoot en Tino Ruyters
© Bas de Brouwer
© Jantien Vermeiren © Boumediene Belbachir
4
Lobke Leirens en Maxim Storms stappen uit hun comfortzone
©corso
bouwt een 40 destructuur feestje voor alle 8-jarigen
2
34
© TinyGeeroms
©corso
old school feesten met Peter
Liefste c o r s o publiek, Cultuur beleef je samen. Daarom zetten we ons elke dag in om cultuur toegankelijk te maken voor iedereen. Om van c o r s o een plek te maken waar iedereen zich welkom voelt. Met een divers programma voor jong en oud, en met prijzen die niet afschrikken maar uitnodigen. Jullie vinden dit seizoen weer vlot de weg naar ons cultuurhuis. Heerlijk om te zien hoe jullie telkens weer enthousiast binnenstappen. Ook de jongste generatie is massaal aanwezig. Wist je dat een kwart van ons publiek jonger is dan 26 jaar? Met elke voorstelling groeit hun nieuwsgierigheid en verbeelding. Met ons nieuwe solidariteitsticket kan jij je steentje bijdragen voor wie zelf geen ticket kan betalen. Zo maken we samen cultuur nóg toegankelijker en ons huis nóg warmer. Wil je graag cultuur beleven, maar ervaar je drempels? Laat het ons weten. Samen vinden we wel een oplossing. We kijken ernaar uit om jullie in 2026 weer te verwelkomen in café c o r s o, in onze zalen en - zodra het warmer wordt - in ons Hof van Even! Warme groet, Team c o r s o
3
© Sofie De Backere
column door Helena Elshout
4
POWDER TO THE PEOPLE Helena Elshout wo 6 mei | 20 uur
Een kwartier wandelen van c o r s o, in de Jan Van Rijswijcklaan n° 82, op de hoek met de Markgravelei, is er een apotheek met op de gevel het logo van poeders ‘Dr Mann’. Die poeders waren razend populair in de tweede helft van de 20e eeuw. Het was een pijnstiller en opkikker, goed voor alle mogelijke fysieke en psychische kwalen, van hoofdpijn over tandpijn en reuma, tot hysterie, zwaarmoedigheid en slapeloosheid ... Een soort cocktail van Dafalgan, Red Bull en Valium. Ze werden massaal genomen, op de werkvloer en in het huishouden, vooral door vrouwen. Om zenuwslopende, repetitieve, betaalde en onbetaalde arbeid vol te houden. Om de dag door te komen. Om te kunnen blijven doorgaan, ook als het niet meer ging. Ze raakten verslaafd, en het overmatig gebruik veroorzaakte nierziekten. Op het hoogtepunt van het succes van de poeders, draaiden de nierdialyse-afdelingen in Stuivenberg en andere ziekenhuizen overuren. De naam en het logo – een mannenhoofd met baard en witte kraag – doen anders vermoeden, maar dokter Mann bestond niet. Maurice Gemoets bracht vanuit zijn apotheek de poeders op de markt en koos daarvoor een naam – met Duitse dubbele ‘n’ – die degelijkheid en wetenschappelijkheid moest uitstralen. Paula Gemoets bouwde na de vroege dood van haar man het bedrijf uit tot een succesvolle kmo. De reclame en marketing van de poeders was wild en overal: lyrische advertenties in tijdschriften en kranten, spots op de radio, banners aan zeppelins; er waren gratis familieverpakkingen; er werd een wielerploeg gesponsord. Dr. Mann was de belangrijkste concurrent van Het Witte Kruis, dat poeders maakte met dezelfde samenstelling vanuit Sint-Niklaas. Van dat familiebedrijf ben ik een van de nazaten. Ik maakte een voorstelling over die erfenis. Over het succes en het geld, over de trots en de schaamte, over sterke vrouwen in mannenbastions, over bandwerk, over vrouwenlichamen, over verzwegen zieke nieren. Ondertussen groeide er een kind in mijn schoot. Het voelde en hoorde alles: opwarmen, discussiëren, lachen, vloeken, regelen. Na een lange repetitiedag in c o r s o uitgehongerd eten zoeken in de Driekoningenstraat en in slaap vallen in de studio boven een leeg cultuurhuis. Belastte ik hem met deze krachttoer, en met dit verhaal? Zag hij af van de premièrestress, of genoot hij van een spelende moeder? Bedreigde ik zijn band met de familie door te roeren in dat
potje, of verbond ik het met een deel van zijn familiegeschiedenis? Terwijl die vragen door mijn hoofd gonsden, dwong het kind in mijn buik mij om vooral lichaam te zijn. Op scène staan is sowieso kwetsbaar, met een bolle buik is het dat nog meer. Je geeft jezelf bloot in een toestand van transitie, van onaf, in wording zijn. Het kind liet een blijvende afdruk na in mijn lichaam en in de voorstelling. De voorstelling en het kind groeiden samen, brein en buik, ze bevochten elkaar en dansten met elkaar. Ik schrijf deze tekst in de korte intervals tussen eten, pipi, kaka, tranen. Ik ontsnap naar een andere kamer, maar mijn borsten blijven communiceren met het kind: ze reageren op elk geluid, op elke beweging. Hij wriemelt, kirt, kreunt, krijst, knort, zucht. Zij kloppen, gloeien, zeuren, druppen, steken, trekken. Ze hangen vast aan mijn lijf maar behoren toe aan hem. De gulzigheid waarmee hij zich op mijn tepel stort. De vraatzucht waarmee ik de keukenkasten plunder. Ik word aangevallen. Opgegeten. Ik val aan. Ik vreet op. We overstelpen elkaar met kussen en beten, met strelingen en stampen. We hangen aan elkaar met geweld en liefde. Mijn tepels bloeden en er loopt een litteken dwars over mijn buik. Dat litteken kwam er doordat zijn harttonen tijdens de bevalling instabieler werden. De arbeid duurde lang. De weeën waren krachtig. Een epidurale, om door te kunnen gaan. De harttonen van het kind werden gemeten met een sensor op mijn buik. De verzamelde data liepen binnen op een centrale computer waar de medische staf ze in het oog hielden. Zagen ze ook dat ik diep mediteerde toen de harttonen van het kind vertraagden, en dat ik op andere momenten wild danste en gromde? Op de kraamafdeling passeerden elke dag zoveel nieuwe gezichten in mijn kamer dat ik er duizelig van werd – vroedvrouwen, poetsvrouwen, gynaecologen, kinderartsen, assistenten, stagiairs, kinesisten, maaltijdbevragers, maaltijdbezorgers, maaltijdopruimers. Ze bedienden karren, verrolbare laptops, kabels, weegschalen, meettoestellen. De vriendin die me lekkers bracht ter aanvulling van het ziekenhuiseten en mijn brakke lijf masseerde, werd op de vingers getikt – binnengeslopen buiten de bezoekuren? Ik kwam voor het eerst weer thuis in mijn vel, het vel waarop mijn kind nu ligt te slapen. Hij zal snel genoeg leren hoe wij mensen onze lichamen even graag voelen als vergeten.
5
Lachen voorbij de grap
6
tekst Cédric Raskin | Parlevink
foto’s Frederik Beyens
Vorig seizoen gooide DE HOE hoge ogen met DE SITCOM: monumentaal theater over een handvol ploeterende mensen, vluchtend voor zichzelf. Nu keert het collectief terug met DE SITCOMEBACK. Hoe kijken de makers naar dit tweeluik? En hoe maak je iets nieuws na zo’n radicaal stuk? We vroegen het aan makers Wannes Gyselinck, Peter Van den Eede en Greg Timmermans.
Hoe zou je DE SITCOM beschrijven voor mensen die het stuk hebben gemist? Wannes: In de voorstelling nemen we een sitcom van vier afleveringen op, live op scène. De acteurs, die allen een tragisch leven leiden, moeten datzelfde leven nu spelen voor de camera, maar dan als grap. DE SITCOM is dus een pijnlijke tragedie vermomd als vrolijke sitcom. We spelen op een luchtige sitcom-toon, maar achter die vrolijkheid dalen de personages steeds dieper af in hun pijn. Peter: Het tragische is de voorwaarde voor het komische. Bij pure komedie blijf je aan het oppervlak, en ga je alle diepere pijn wegmasseren. Maar ons lukt het niet om grappig te zijn als er geen pijn in zit. Wij hebben daarom nooit echte komedies gemaakt. Als er bij onze stukken wordt gelachen, is dat via de onvermijdelijke omweg van de tragiek. Wannes: We hebben in het begin nog wel geprobeerd luchtige sitcom-scènes te maken, maar dat werkte niet. Dat is onze humor niet. Pas toen we er ook pijn in staken, werd het grappig, op een wrange manier. Je moet de grap negeren, waardoor ze grappig wordt.
Het is een stuk over lacherigheid, maar net daardoor schuurt het. Want DE SITCOM gaat over het leven, en dat is niet altijd om mee te lachen. Wannes: Aan de basis ligt de typische oppervlakkigheid van sitcoms. In een sitcom probeer je je leven per definitie geestig te maken, terwijl het leven nooit licht en oppervlakkig is. Er zit ook altijd iets diepers in, maar wat dat precies is, kunnen we veel moeilijker vatten. De worsteling tussen die lichtheid en die ongrijpbare diepgang is onze inhoud. Peter: Iets zwaars kan licht worden door de manier waarop je het brengt. Kijk naar de vertellingen van Tsjechov: zwaarmoedige stukken, maar licht verteld. De uitdaging is de juiste balans te bewaken. Je mag de voorstelling niet te licht houden want dan blijft er niets hangen. Maar als je het te zwaar maakt, wordt het deprimerend en grijpt het niemand meer aan. Greg: Door dat continue spelen met contrasten haalt elke toeschouwer er iets anders uit. Sommigen zeggen na de voorstelling: ik heb enorm gelachen. Anderen komen lijkbleek terug omdat ze het pijnlijk herkenbaar en dus triest vonden. Sommige mensen zijn ontroerd, anderen vinden het gênant. Iedereen vult het in op een andere manier. Dat maakt het heel boeiend.
Het Onaf Ensemble Er zijn zoveel verhaallijnen, contrasten en lagen door elkaar. Bijna te veel om het stuk nog te snappen. Wannes: Wij snappen het ook zelf niet volledig. Je kan een productie minutieus in elkaar puzzelen, zoals de radertjes van een Zwitserse klok. Maar bij ons moet het werk die controle net overstijgen, zodat het stuk aan onszelf ontglipt. Zeker omdat we onze producties samen maken, als collectief. Ze zijn niet het product van één creatief brein, maar van de combinatie van verschillende krachten
uu
7
die op elkaar inwerken. Zo weet niemand exact wat het precieze resultaat is. Peter: Dat onderscheidt ons ook van het pure vakmanschap. Als je een object maakt zoals een stoel, is het een afgewerkt product. Maar onze kunst gaat om een onafgewerkt product. Ons gezelschap is DE HOE: Het Onaf Ensemble. We willen heel de tijd onaf zijn, waardoor er een soort van oneindigheid in zit. Net dat onaffe houdt ons in beweging. Want als iets helemaal áf is, dan is het gewoon nuttig en functioneel — maar is het geen kunst die intrigeert.
Hoe maak je zo’n stuk dat fundamenteel onaf is? Wannes: Zoekend in het duister. We hebben meer dan een jaar intensief gewerkt aan DE SITCOM, en dat is uitzonderlijk lang voor een stuk. Greg: We startten met het idee een sitcom te maken waarin acteurs hun eigen leven spelen. Daaruit kwamen veel losse scènes, en Wannes en Willem begonnen die aaneen te schrijven. Plots kregen we het idee: we maken tegelijk ook een making-of. Een blik achter de schermen hoe acteurs met elkaar omgaan, wanneer de camera’s niet draaien. Die extra beschouwende laag maakte het meteen veel interessanter. En dan kwam later nog een making-of van die making-of. Wannes: Het is dus niet één puzzel: het zijn vier puzzels op elkaar. Al die lagen zijn hoe langer hoe meer door elkaar beginnen
lopen. Dat bleek sterker dan onszelf, maar ook heel productief: die verwevenheid maakt het stuk net zo boeiend en humoristisch. Want de making-of-scènes bleken veel grappiger dan de platte sitcom-scènes zelf. Zo groeide het stuk. Peter: Het werd een echt kluwen, met massaal veel materiaal. Op een bepaald moment hadden we zelfs zoveel scènes geschreven en herschreven dat ik in die enorme stapel papieren de juiste tekst niet meer terugvond, zodat ik die maar moest herschrijven met wat ik er nog van wist.
Jullie spelen in jullie voorstellingen vaak jezelf. Hoe waarheidsgetrouw zijn de personages op het podium? Greg: We halen veel inspiratie uit onszelf. We nemen enkele typische trekjes van onszelf onder de loep en vergroten die uit op het podium. Maar we stoppen er ook heel wat fictieve zaken in, het is een constante mix van fictie en realiteit. Je weet als publiek niet wat wél en niet waar is. Wannes: We nemen het risico om écht dicht bij onszelf te gaan. Zo is er een scène waarin Ans en ik een echtelijke crisis uitvechten. We zijn ook in het echt een koppel. Onze relatie staat natuurlijk niet op springen, maar we hebben zoals elk koppel wel al spanningen meegemaakt, dus we kunnen dat ook spelen. Al wordt het dan plots heel persoonlijk. Ook al beginnen veel scènes als grap, je komt snel dicht in de buurt van jezelf. Het zou ook te veilig zijn als je dat niet doet. Dat maakt het stuk interessanter.
8
DE SITCOM is monumentaal theater. Ik kan me inbeelden dat de première heel spannend moet zijn geweest.
kunnen die ook niet gebruiken voor DE SITCOMEBACK die we nu maken: we zitten op een heel ander spoor.
Wannes: Een van de spannendste uit mijn artistieke loopbaan. We zijn een relatief klein gezelschap dat op dat moment echt heel groots uitpakte, in complexiteit en techniciteit. Het was erop of eronder.
Wannes: Het initiële plan was om een tweeluik te maken. Twee keer drie sitcom-afleveringen met een cliffhanger bij aflevering drie. Maar het stuk is zo exponentieel beginnen groeien, in alle richtingen, met ook een dramatische climax. We voelden dat we niet veel verder konden gaan. We kunnen het stuk ook niet verbeteren door er iets nieuws aan te hangen.
Greg: Wat het extra spannend maakte: normaal doen we eerst een paar generale repetities om alles te testen. Maar deze keer was de première de eerste volledige doorloop. Want altijd liep er wel iets mis. De camera stond niet aan terwijl we iets filmden, een andere stond niet juist ingesteld, de klank zat niet goed ... Het is technisch een bijzonder complex stuk. We hebben wel het geluk dat we een waanzinnig goeie technische ploeg hebben. Onze hoofdtechnicus filmt en monteert tegelijkertijd, live op de planken. Ook onze technici staan mee op het podium om alles in goede banen te leiden. Ze dragen gelukkig allemaal een oortje, waardoor we ontzettend veel kunnen oplossen als er iets misgaat. Greg: We hebben hierdoor ook echt problemen opgelost. We maakten al mee dat er plots geen beeld was, of een lamp was niet gebracht, of een zendertje werkte niet. Zij gaven dit via hun oortjes door en losten het op, zonder dat iemand in de zaal er iets van merkte. Of het publiek dacht dat het deel uitmaakte van de voorstelling. Want de technici staan mee op het podium en lijken dus te acteren, maar ze doen eigenlijk gewoon hun werk.
DE SITCOMEBACK
Peter: Dus moesten we voor DE SITCOMEBACK iets nieuws vinden: een nieuwe invalshoek, een ander concept. Iets radicaal anders. Waarin toch nog voldoende continuïteit blijft.
Waarin zit dat nieuwe? Wannes: We zitten nog volop in het productieproces, dus we zijn er zelf nog niet volledig uit. Wel hebben we een idee van waar het naartoe kan gaan. DE SITCOM ging over het verbeelden van ons leven, maar dan leuker. We probeerden dichter bij onszelf te komen, hoewel dat onmogelijk bleek. Maar nu denken we erover na om die gedachte om te keren. Wat als de personages niet dichter bij zichzelf komen, maar net verder verwijderd raken van wie ze zijn? Peter: In het vorige stuk omarmden we de lichtheid en oppervlakkigheid om te komen tot onszelf. Daarin gingen we tot in het extreme door. Maar wat als je de bodem van die oppervlakkigheid hebt uu
Heel wat scènes haalden de voorstelling niet. Dus jullie dachten: we maken een vervolg waarin we die kunnen recycleren — DE SITCOMEBACK. Greg: Was dat maar waar! We hebben verschrikkelijk veel materiaal moeten schrappen voor DE SITCOM. En daar zaten enorm goede scènes bij. Maar die pasten niet meer in de voorstelling, die op zich al tweeënhalf uur duurde. We
9
“Die dromen van vroeger, kunnen we nu ook écht waarmaken.”
bereikt? Hoe ga je dan verder? En hoever kan je té ver gaan met comedy? Wat staat er dan allemaal op het spel?
Een comeback houdt altijd risico’s in. Jullie hebben de lat best hoog gelegd. Peter: Dat is niet de eerste keer. We hebben ons die vraag al vaker gesteld na een productie die veel succes kende. Wat komt er daarna? Je weet dat je altijd wel ergens uitkomt. We maken al lang theater, in ons collectief komt bijzonder veel expertise samen: van de KOE en van Hof van Eede. Die creativiteit is gelukkig nog lang niet opgebruikt. Greg: De gebundelde krachten verklaren wellicht ook het succes. We waren als gezelschappen al goed bevriend met elkaar. Hof van Eede had een specifieke stijl, en de KOE ook. Ik vind het fijn als ik mensen nu hoor zeggen dat ze in DE HOE het beste van Hof van Eede én van de KOE in één stuk zien samenkomen.
10
Wannes: Je voelt in DE SITCOM hoe die fusie tot zijn volle wasdom is gekomen. Apart hadden we zoiets monumentaals nooit kunnen maken. Het was als groep zoeken naar hoe iedere maker zijn of haar talent het best kon inzetten. Het resultaat dat er nu staat, is het product van het volledige collectief. Dus we blijven dit doen. We trekken elkaar uit onze baan, dagen elkaar voortdurend uit. Dat zorgt dat je niet in herhaling valt. Peter: Vroeger keken we met jaloezie toe hoe theatermakers als Ivo Van Hove of Guy Cassiers live op scène met de camera werkten. Ik droomde er altijd van om daar ook mee aan de slag te gaan: dat zou iets heel anders worden. Vandaag zijn we groter geworden. Die dromen van vroeger, kunnen we nu ook écht waarmaken.
DE SITCOMEBACK DE HOE di 31 mrt - vr 3 apr | 20 uur extra voorstelling op 31 maart!
Activisme met glitter en clownsneuzen tekst Bureau wit foto’s Boumediene Belbachir
Wat als feiten er niet meer toe doen en ‘de werkelijkheid’ alleen nog draait om emotie en manipulatie? Dat is de vraag die Sara Vertongen en Rashif El Kaoui van Het nieuwstedelijk zich stellen in ‘Kellyanne Conway – The Musical’, een intrigerende muzikale satire met een revolutionaire toets. De voorstelling vertrekt vanuit de figuur van Kellyanne Conway, de campagnemanager van Trump tijdens zijn eerste kandidatuur. Wat is er zo intrigerend aan haar? Sara: Zij was de eerste die de term ‘alternatieve feiten’ gebruikte en de idee introduceerde dat ook harde feiten voor interpretatie vatbaar zijn. Dat vind ik intrigerend. Ik vroeg me meteen af: hoe ver kan je daarin gaan? Rashif: In de voorstelling verdiepen we ons in het politieke landschap van vandaag. Hoe worden we bespeeld? Wat als we dat doortrekken? En wat als we die trucjes zélf gaan toepassen? We analyseren de technieken van Conway en gebruiken ze als uitgangspunt voor een soort masterclass in manipulatie.
Jij geeft in het dagelijks leven ook masterclasses, Rashif. Leunt de voorstelling aan bij jullie eigen ervaringen? Rashif: Het is een uitvergroting van onszelf. Bij theater weet je dat de mogelijkheid bestaat dat de dingen die je ziet niet waar of overdreven zijn. In deze voorstelling zeggen we van bij het begin wat we gaan doen. Dat zorgt meteen voor authenticiteit. Bovendien leunt wat we doen en zeggen dan ook nog eens dicht aan bij onze eigen realiteit. Sara: Rashif geeft zijn masterclass vanuit zijn eigen expertise. Mijn wanhoop op de scène is ook écht ‘de wanhoop van Sara’. Het is heel persoonlijk. uu
Kellyanne Conway - The musical Het Nieuwstedelijk do 12 feb | 20 uur 11
Ondanks die wanhoop geven jullie aan voorzichtig te willen zijn met een zoveelste politiek stuk. Hoe uit zich dat? Sara: We tonen hoe en waarom bepaalde figuren zich van bepaalde trucs bedienen, tot in het absurde, zodat mensen daar kritisch vragen bij kunnen stellen. Maar we willen vooral hoop brengen en het publiek eraan herinneren dat je de werkelijkheid ook kan bevechten op een manier die vreugde brengt. Activisme met glitter en clownsneuzen, noemen we dat.
Houden jullie je aan de klassieke conventies van het genre? Sara: We doen aan genrebending. ‘Kellyanne Conway’ is een satire waarin muzieknummers worden ingezet om het verhaal verder te brengen. We volgen de klassieke structuur van een musical, maar onze vorm is theatraler. Klassieke musicals gaan vaak niet over het hier en nu, terwijl musical wel politiek kàn zijn. Onlangs werd een voorstelling van Les Misérables stilgelegd door een protestactie voor Palestina. Dat vond men vervelend, terwijl die musical net over revolutie gaat. Soms wordt het genre alleen gezien als ‘jazz hands’, terwijl musical ook een boodschap kan brengen. Dat hebben we hier alle eer aangedaan. Maar het publiek mag óók nog ‘jazz hands’ verwachten? Sara: Zeker. Alle musicalelementen zitten erin, én een dosis humor . We horen dat mensen nog nooit zo gelachen hebben met een Het nieuwstedelijk-stuk. Dat is het mooie: de boodschap is kritisch, maar het publiek gaat vol energie weer buiten. Dat is de bedoeling.
Hebben jullie er daarom voor gekozen om een musical te maken? Is er meer nood aan die ‘kleur’ van kritiek? Sara: Ja. Met feiten overtuig je niemand meer. Je moet iets vinden dat je gemeenschappelijk hebt, en er is niets dat zo verbindt als muziek. Rashif: Het muzikale is ook geen gimmick. Het creatieproces is begonnen bij de muziek. We hebben allemaal eigen nummers geschreven. Er zit soms veel informatie in, maar het zijn ook goeie liedjes. We vervallen niet in parodie.
12
Community singing op z’n warmst: het Songpaleis
Sing & Connect al enkele jaren singalongavondjes. Eén koffiedate later was het duidelijk – Gwen dropte de aanstekelijke naam, en het SONGPALEIS was geboren! Voor wie is Songpaleis ideaal? Moet je kunnen zingen, of net helemaal niet? Voor iedereen. Van autozanger tot koorliefhebber. Je hebt geen ervaring nodig, de groep draagt je mee. En omdat het plezier centraal staat, valt alle prestatiedruk weg. Bevrijdend! Wat was het warmste of meest verrassende moment tot nu toe? We vertrekken nooit vanuit het idee dat het ‘perfect’ moet klinken. Maar elke keer opnieuw zijn we ontroerd door hoe mooi het samenkomt. Er zijn van die momenten waarop iedereen dezelfde energie voelt en de zaal in één klank verandert. Dat blijft kippenvel.
Elke maand brengt Songpaleis een warme singalongavond naar c o r s o: een avondje waar het plezier van community singing centraal staat. Samen zingen, zonder drempels of prestatiedruk, werkt verbindend, inclusief en verrassend ontspannend. De liveband geeft elke hit een frisse drive, waardoor iedereen — van douche- tot operazanger — vanzelf wordt meegetrokken. Het resultaat? Een zaal die klinkt alsof ze al jaren samen repeteert.
Mag het publiek zelf suggesties doorsturen voor toekomstige edities? Heel graag! We delen op onze socials steeds een link naar een ‘Tips & Tops voor Songpaleis’padlet, waar iedereen naar hartelust verzoeknummers kan posten. Die input nemen we graag mee in de volgende playlists.
We gingen met Gwen en Marie, het Songpaleis-duo, in gesprek. Hoe ziet zo’n Songpaleis-avond eruit? Het is een avond vol herkenbare songs, enthousiasme en een groep die elkaar meesleept. Je hoeft geen zangervaring te hebben: zodra de eerste akkoorden klinken, zingt iedereen spontaan mee. De liveband maakt het dynamisch en speels, en daardoor ontstaat er meteen een fijne sfeer. Welke vibe willen jullie neerzetten? Eerder nostalgisch meezingen, of uitbundig losgaan? Allebei. We houden van de afwisseling: het plezier van een nostalgische klassieker, maar net zo goed die momenten waarop de hele zaal swingend voluit gaat. Het is een open, losse sfeer waarin iedereen mee kan. Hoe is Songpaleis ontstaan? Gwen was op zoek naar een plek waar je écht zonder drempels kon samenzingen. Marie organiseerde met Accordé(e) –
Songpaleis ma 5 jan | 20 uur di 17 feb | 20 uur di 24 mrt | 20 uur di 21 apr | 20 uur di 19 mei | 20 uur ma 22 jun | 20 uur
13
Manu Moreau & friends: “Als het publiek hen de kans geeft, tekst Shari Lima Marques wordt het grappig” foto c o r s o Fan van comedy? Kom dan zeker af op 9 februari en 13 april. Manu Moreau is Master of Ceremony en heeft een zesde zintuig voor opkomend talent. In november 2025 kondigde hij als headliner Rik Van Geel aan. En ook voor de volgende twee Comedy @ café c o r s o belooft Manu dat het plezant wordt.
Wat heb je voor ons in petto? Op 9 februari staat Water bij de Wijn op het podium. En op 13 april nodig ik Milan Borms uit. Comedyliefhebbers kennen ze van Humo’s Comedy Cup en Lunatic Comedy Award. Maar voor het grotere publiek zijn het nog steeds nobele onbekenden. Opkomend talent dus, dat je hier in c o r s o kan komen ontdekken. Net als bij Rik Van Geel weet ik: als het publiek hen de kans geeft, wordt het grappig. Water bij de Wijn is een cabaretduo. Met hun sketch-comedy creëren ze een hele aparte wereld. Heel plezant om die kant van comedy eens te zien. En Milan Borms komt in april een
14
try-out doen van zijn tweede avondvullende show. Deze Berchemnaar is een gezellige verteller, zanger, imitator en kan ook heel wat met een gitaar, loopstation en sample patches.
“De beste graadmeter is zelf gaan zien” Wie treedt er verder nog op? Ik match de headliners graag met lokaal, jonger talent en artiesten met minder ervaring.
De acts zullen aansluiten op de hoofdacts, maar passen zeker niet in hetzelfde straatje. Zo ontdekt het publiek verschillende stijlen comedy. Mensen denken bij comedy al snel aan Philippe Geubels en Alex Agnew. Maar er is veel meer dan dat. Waarom eens geen grapdichter? Het wordt sowieso plezant, maar het blijft niet bij stand-upcomedy. Wie er exact optreedt, is nog een verrassing, ook voor mij. Hoezo — hoe kom je hen dan op het spoor? De beste graadmeter is altijd zelf gaan zien. Ik doe sowieso scouting op open mics. Ook op andere events die ik host, zie ik veel artiesten waar ik er dan hopelijk jong talent kan uitpikken. En ik vraag aan andere MC’s wie zij recent de moeite vonden. De comedywereld is een klein wereldje. Goede namen gaan altijd snel rond. Dat belooft voor comedy @ café c o r s o? Ja, het zou leuk zijn om het verder te zien groeien. Ik hostte al Beats Haven en Word Wa(a)r in c o r s o en er wordt regelmatig comedy georganiseerd. Door Mondays @ café c o r s o uit te breiden, kunnen we een voedingsbodem creëren met nieuw talent en een breder publiek. Zodat je binnen een paar jaar kan zeggen: Ah, die artiest heb ik in c o r s o gezien vóór die bekend was. Dat is de bedoeling.
“Zodat je kan zeggen: Ah, die artiest heb ik in c o r s o gezien vóór die bekend was. Dat is de bedoeling” Zowel voor het publiek als voor comedians zou het interessant zijn om jongeren uit de buurt een stem te geven op comedy @ café c o r s o. Want wie niet mee is, kan natuurlijk niet met alles lachen. Door jongeren meer te betrekken, zijn we weer mee met hun leefwereld en taalgebruik. Dat zorgt voor meer relatable stuff om mee te grappen. Treed je zelf ook op of blijft het op deze avonden bij hosten? Ik ga wel grappen vertellen, maar het is niet zo dat de avond rond mij draait. Als Master of Ceremony zorg ik ervoor dat het publiek er klaar voor is, dat de sfeer juist zit en dat de comedians vooral hun ding kunnen doen. Want geloof mij, onaangekondigd op een podium staan en proberen grappig te zijn, is heel awkward.
Ik hoop dat de comedyavonden op dezelfde manier uitgroeien als ‘Nuff Said, waar mensen naartoe komen zelfs zonder namen te hebben gezien, omdat ze weten dat het elke keer in orde is.
comedy @ café c o r s o Manu Moreau x Water Bij De Wijn ma 9 feb | 20 uur
comedy @ café c o r s o Manu Moreau x Milan Borms ma 13 apr | 20 uur
15
tekst Shari Lima Marques foto c o r s o
“Ik sta bekend om mijn interactie, maar blijf sympathiek. Stout sympathiek” Op 8 mei brengt comedian Mohsin Abbas zijn debuutshow ‘Moh?!’ in c o r s o. Of we na zijn passage in De Slimste Mens en meer dan 80 uitverkochte shows nog kunnen spreken van een kennismakingsshow? “Toch wel.” Een babbel met Mohsin over zijn debuut, interactie met het publiek en zijn comedy buddies.
Wat vond je tot nu toe van je eerste tournee? Echt super leuk! Ik word in elke provincie en elke zaal met veel liefde en enthousiasme ontvangen. Als ik opkom, zit iedereen daar met een grote smile. Of ik nu in Oostende of in Antwerpen optreed, ik voel me eigenlijk overal wel thuis, omdat ik zo warm onthaald wordt. Veel mensen blijven na de show wachten om een babbeltje te doen of een foto te nemen. Dat geeft me veel voldoening. Mijn passie is mijn job geworden, daar geniet ik van. Al zolang ik optreed, geef ik elke show een cijfer in een excel. De laagste score is een 7. Dan weet ik dat ik zelf beter kan, maar dat het publiek zich geamuseerd heeft. Dat is voor mij belangrijk. Welk verhaal brengt ‘Moh? !’? Het is een kennismakingsshow waarin ik speel met de dualiteit tussen mijn Vlaamse en Pakistaanse roots. Enerzijds ben ik hier geboren, opgegroeid, naar school geweest, gestudeerd … Ik spreek de taal goed en heb een Belgische vrouw. Allemaal zaken die herkenbaar zijn voor de gemiddelde Vlaming. Aan de andere kant ben ik opgegroeid in een Pakistaans huishouden met Pakistaanse ouders, Pakistaans eten en Bollywood.
16
Moh?! Mohsin Abbas vr 8 mei | 20 uur
Dat is wie ik ben. Ik ben een mix: West-Vlaming, Oostendenaar, Vlaming, Belg, Pakistaan ... Ik vind niet dat een van die zaken uitvergroot moet worden of dat een van die zaken mij definieert. Die combinatie vormt wie ik ben en maakt dat ik met een open blik naar de wereld kijk. Het publiek zal dingen herkennen en tegelijk bijleren. Mensen kennen je van tv. Merk je dat in de zaal? Ja, soms zit de zaal bijna vol omdat ze me zagen op De Slimste Mens. Ik was al jaren bezig met comedy, maar de Slimste Mens heeft mijn bekendheid doen ontploffen. Dat legt extra druk, want mensen vinden me grappig op tv, maar zijn benieuwd of ik ook grappig ben op het podium. Ik heb er hard voor gewerkt om mijn show van begin tot eind op een bepaald niveau te krijgen. En mensen appreciëren dat gelukkig ook als ze komen kijken. Is het dan nog een kennismakingsshow? Toch wel. Ik wist natuurlijk niet dat De Slimste Mens ervoor zou zorgen dat mensen mij toch al iets meer kenden. Maar omdat het mijn debuutshow is, raak ik bepaalde topics aan zonder er dieper op in te gaan. Dat is een bewuste keuze. Doorheen de jaren heb ik zelf gevoeld en ervaren dat de beste comedy dicht bij jezelf ligt. Als ik vertel over mijn ouders, voelen mensen in de zaal dat dat niet volledig uit mijn duim is gezogen. Uiteraard zijn er ook dingen uitgevonden, maar pakweg 95% van mijn show ligt dicht bij mijn waarheid. Mensen vragen dan: heeft jouw papa echt een nachtwinkel gehad? Ja, hij heeft dat echt gehad. Die dingen zijn het grappigst en het leukst om te brengen. Jouw affiche geeft al wat prijs. Wat kunnen mensen hierop herkennen? In mijn poster kijk ik naar dingen die deel uitmaken van mijn leven: mijn ouders, mijn vrouw , de boekentoren van Gent, een Bollywooddanseres, cricket, de zee en vuurtoren uit Oostende ... Allemaal elementen die deel uitmaken van mijn identiteit. uu
17
“Ik vind ook dat mijn leven een beetje speelt zoals een Bollywoodfilm”
Ik wil mensen verbinden, waar je ook vandaan komt. En met deze show kan dat op een leuke manier. In de eerste plaats moet het publiek zich amuseren en lachen. Maar als iemand de boodschappen die ik erin stak oppikt, is dat voor mij het mooiste compliment. Komen mensen soms een tweede keer naar je show?
Die affiche is ook een ode aan de Bollywoodposter van vroeger. Daar stond ook altijd van alles op. Bollywood is eigenlijk Hollywood, maar dan van India en Pakistan. In zo’n film zie je alles door elkaar: musical, actie, thriller … Het is nooit vlak. Wij zijn ermee opgegroeid. Ik vind ook dat mijn leven een beetje speelt zoals een Bollywoodfilm. Er zijn altijd uitschieters. Zelfs mijn deelname aan De Slimste Mens had een zekere Bollywoodfactor: ik lag er in mijn eerste aflevering bijna uit. Mijn leven flitste voorbij en door — ik noem dat — ‘goddelijke interventies’ ben ik in de finaleweken geraakt. Want normaal zat ik niet in de finale. Maar door een plottwist heb ik nog eens vijf afleveringen meegespeeld. Dat is toch een droom! Speel je voor het eerst in c o r s o? Nee. Ik speelde een paar jaar geleden een korte set in café c o r s o. Maar toen was ik nog niet bekend. Ik kijk er wel naar uit om terug in c o r s o te spelen. Deze keer in de grote zaal. Mijn show is vrij breed qua doelgroep, dus ik verwacht me aan een divers publiek. Van jong tot oud, van links tot rechts. Dat is ook hoe ik in het leven sta.
18
Er zijn mensen al acht keer komen kijken! Dat ligt aan de interactie. Zo maak ik hetzelfde verhaal, maar komt het toch op een andere manier over. Als mijn show een pak frieten is, is de saus de interactie. Elk pak friet is hetzelfde, maar door de saus smaakt het anders. Ik sta bekend om mijn interactie en heb die ook nodig. Anders voelt het alsof ik elke avond hetzelfde afratel en de zaal op dezelfde momenten lacht. Ik improviseer graag. En door het publiek te betrekken, daag ik mezelf uit. Ook het publiek moet scherp blijven. Ze weten dat ze aangesproken kunnen worden. Ik plaag wel graag, maar ik blijf altijd wel sympathiek. Stout sympathiek. Wie zijn je voorbeelden in het comedylandschap? Zoals bij vele comedians, begon mijn fascinatie voor stand-upcomedy bij Eddie Murphy. Toen ik met comedy begon, tourde ik vaak met David Galle. Ik speelde eerst tien minuten en in mijn hoofd had ik geknald. Dan zat ik in het publiek en zag ik pas wat knallen is. Ik had sterk gespeeld voor een opener, maar bij David waren mensen aan het wenen van het lachen. Ik had zoiets van: dat wil ik bereiken. Dat is waar ik naartoe wil. Hij maakt veel grappen op
korte tijd in plaats van lange verhalen. Dat is ook mijn stijl. Ga je zelf nog naar comedy? Ja. Erhan Demirci, Han Solo, Alex Agnew ... Eigenlijk alle grote namen in Vlaanderen. Dat zijn je peers. Ik heb met die mensen veel gespeeld en ik blijf van iedereen bijleren. Ik ga natuurlijk ook kijken naar mijn comedy buddies. Hans Cools is in Antwerpen nog te weinig bekend, maar eigenlijk echt een fenomeen. En Kjen Descheemaecker is mijn grootste comedy buddy. Hij brengt binnenkort zijn eigen show en ik ga helpen om die te lanceren. ‘Moh?!’ blijkt een succes. Wat brengt de toekomst?
“Als Kjen zijn ding doet, is het publiek altijd zot opgewarmd”
Kjen is je supportact. Hoe is dat zo gelopen? In 2017 was Kjen de eerste persoon die mij wegwijs heeft gemaakt in de Vlaamse comedywereld. Ik heb direct meegedaan met Humo’s Comedy Cup, maar zo werkt het eigenlijk niet. Je moet eerst wat oefenen. Hij introduceerde me in de wereld van open mics. We hebben heel veel samen gespeeld. Meer dan de helft van mijn shows was met hem. Kjen heeft mijn parcours volledig gevolgd. We hadden ooit gezegd: als een van ons een volavondshow heeft, dan wordt de andere supportact. Zo is dat gebeurd. Wat waardeer je aan hem als publieksopwarmer? Ik vind hem ook een toptalent, want hij mixt comedy met beatbox van een heel hoog niveau. Hij is een van de beste van België in beatbox. Die combinatie is uniek en dat merk ik ook in de zaal. Als hij zijn ding doet, is het publiek altijd zot opgewarmd. Hij knalt iedere keer en maakt mijn job makkelijker.
Ik ga dit jaar try-outs doen voor mijn volgende show, in de Lotto Arena. En ik breng ook een inspirerende keynotesessie met mijn verhaal. Daarnaast kies ik heel zorgvuldig mijn projecten voor tv en radio. Leuke dingen die bij mij passen. Ik vind het belangrijk om mezelf te blijven, dus maak ik bewuste keuzes. Welke thema’s wil je in je volgende show verkennen? In ‘Moh?!’ tiptoe ik bewust rond verschillende topics en blijf ik er niet te lang bij stilstaan. In de tweede show kan ik iets meer van mijn lagen afpellen. Bekijk het zoals een eerste date. Op je eerste date begin je ook niet over je trauma’s. Nu ze me kennen, mag ik mezelf een beetje meer tonen. En tot slot, waar zouden we je kunnen tegenkomen in Antwerpen? Ik ga graag eten in Cobra, vlak bij de Arenberg. Vroeger verbleef ik elke kerst- en paasvakantie bij mijn opa in Antwerpen aan het oude justitiepaleis. Als kind zat ik vaak op tram 12 en 24, want we gingen bijna elke dag naar de cinema. Wie gaat er nu nog naar de cinema? Eigenlijk zou ik dat nog eens moeten doen, gewoon uit nostalgie.
19
Mens-zijn op zijn mooist
Ben en Vero Benjamin Vandewalle do 23 apr | 20 uur
20
tekst Cédric Raskin | Parlevink foto’s Lo Cura
Niemand is perfect, toch kunnen we vaak meer dan we denken. Zeker als we het samen doen. Dansers Benjamin Vandewalle en Veronique Mees verkennen hun eigen mogelijkheden. Wat gebeurt er als hun lichamen samenkomen? In hun persoonlijke dansvoorstelling ‘Ben & Vero’ laten ze zien hoe krachtig het is om jezelf te tonen, tot in je diepste kwetsbaarheid. Waar gaat jullie voorstelling over? Benjamin: In mijn eerdere voorstellingen onderzocht ik vaak wat buiten mij ligt: hoe mensen kijken, hoe een publiek deel wordt van een dans en hoe bepalend de omgeving is. Deze keer wilden we niet uitzoomen, maar inzoomen op onszelf. ‘Ben & Vero’ gaat over twee lichamen met elk een heel andere geschiedenis en achtergrond. Wat gebeurt er als die elkaar ontmoeten? Onze kleine wereld op het podium weerspiegelt de grote wereld daarbuiten. Veronique: Het is niet alleen een ontmoeting van twee lichamen, maar van twee mensen, en wat er speelt in hun leven. We verkennen onze beperkingen waarop we botsen, van onszelf en van elkaar. Ik leef met de gevolgen van een beperking. Maar ook Benjamin heeft zijn uitdagingen. We brengen onze mogelijkheden en beperkingen samen.
Elkaar uitdagen Hoe hebben jullie elkaar gevonden? Veronique: Benjamin maakte ooit een stuk voor Platform K, mijn danscompagnie voor mensen met een beperking. Toen al voelden we een klik. Zo groeide het verlangen om samen iets te maken. We deden samen een residentie en voelden dat we veel raakvlakken hadden. Dat onze lichamen als een puzzel in elkaar klikten.
Benjamin: We kennen elkaar al zeker tien jaar. Tijdens een auditie danste ik met Vero. Ik voelde bij haar een enorme honger naar beweging, om er voluit voor te gaan. Iets met veel kracht, waarbij je je spieren opspant en maximaal gebruikt. Tegelijkertijd trok ook het onbekende me aan. Een uitdaging van mijn esthetische kaders en normen, van wat goede en geen goede dans is.
Wat is dat precies: goede en minder goede dans? Benjamin: Als je een dansopleiding volgt, leer je dat alles vloeiend moet zijn. Je moet je benen op een bepaalde hoogte brengen, zacht naar de grond toe kunnen, snel bewegen … Als je danst met iemand met een beperking, worden al die klassieke regels uitgedaagd. We moeten samen een volledig nieuwe danstaal ontwikkelen. Veronique: We geven veel ruimte aan elkaars beperkingen, maar ook hoe we elkaar daarin aanvullen. Het gaat echt over ons twee, hoe we met onze lichamen samen iets moois kunnen brengen.
Als jullie de definitie van dans openbreken, wordt een beperking misschien een verrijking? Benjamin: Absoluut. Ik denk dat Veronique iets op scène brengt wat ik met mijn getraind lichaam zelf niet kan. In haar bewegingen zit een pure, authentieke aanwezigheid met poëzie en schoonheid die mensen diep raakt. Daar kan ik niet aan tippen. Veronique: We zoeken voortdurend hoe we nieuwe dingen kunnen proberen en een stapje verdergaan. Ik klim op een muur, ik til Benjamin op, ik dans zelfs op pointes ... Door mijn eigen grenzen te verleggen, merk ik dat ik veel meer kan dan ik dacht, en dat mijn lichaam sterker is dan ik besefte. Dat is een heel leuke ontdekking. uu
21
Benjamin: Vero vertelde me dat ze tijdens haar jeugd vaak te horen kreeg: ‘doe maar rustig aan, niet te zot.’ Boven op haar fysieke beperking kwam dus nog een sociale beperking. Net die grenzen willen we doorbreken. We kunnen veel meer dan we denken.
Gelijkwaardig op scène De rolstoel van Veronique maakt haar beperkingen zichtbaar. Hoe zit dit bij jou? Benjamin: Sommige beperkingen zie je niet. Zelf worstel ik met depressieve gevoelens. Ik heb daar nog niet vaak openlijk over gesproken, maar in deze voorstelling doe ik dat wel, via een voice-over. Best spannend om zoiets persoonlijks te delen op het podium. Maar ook belangrijk. Het maakt ons gelijkwaardig op scène: we hebben allebei onze uitdagingen. Het nodigt het publiek uit om ook eerlijk te zijn over hoe zij zich voelen. Veronique: Net daarom vind ik die wisselwerking tussen ons zo interessant. In voorstellingen met iemand met een beperking gaat het vaak enkel om die persoon. Maar ons stuk gaat over ons allebei. Dat maakt het veel sterker. Iedereen worstelt wel ergens mee. Maar je bent veel méér dan je beperking, je kan er ook bovenuit groeien.
Jullie gaan behoorlijk ver in het overstijgen van die beperkingen. Benjamin: We nemen de tijd om te ontdekken wie we zijn, en welke
22
identiteiten we in ons meedragen. Daarin gaan we inderdaad heel ver. Vero danst op pointes, ik op stiletto’s. Dat is iets waar ik altijd al nieuwsgierig naar was, maar nooit durfde. Op hakken kan ik mijn innerlijke vrouw eens helemaal laten spreken. Veronique: Het kan een onbewust verlangen zijn van ons allebei om eens in een andere huid te kruipen. Om een rol te spelen die je diep vanbinnen misschien altijd al hebt willen proberen. Ik vind het fijn dat niet alleen ik, maar ook Benjamin dit heeft. Het doet ook deugd om nieuwe kanten van mezelf te ontdekken, om me anders uit te drukken, en tegelijk als klankbord iets te kunnen betekenen voor anderen. Dat zijn waardevolle dingen die mij erg helpen.
Kijken en bekeken worden Vaak vinden mensen het ongemakkelijk om te kijken naar iemand met een beperking. Dan kijken ze liever weg. Maar in de zaal kan dat natuurlijk niet. Veronique: Door te dansen op het podium wil ik mensen laten voelen dat wat ze bij me zien, niet altijd mijn hele verhaal is. Vaak denken mensen dat iemand met een beperking maar weinig kan. Dat beeld proberen we te doorbreken. We nodigen het publiek uit om anders te kijken naar mensen met een beperking. Want eigenlijk zijn wij ook maar gewoon mensen, zoals iedereen. Benjamin: Theater is een soort contract van kijken en bekeken worden. Dat is zeker het geval in deze voorstelling. We
nodigen het publiek uit om te kijken naar andere lichamen, die misschien wat anders zijn dan die van henzelf, of dan wat ze gewend zijn. Ik merkte dat ik in het begin ook zelf met onbewuste vooroordelen zat. Gaandeweg heb ik die leren loslaten. Dat was een heel leerproces.
Op welke manier? Benjamin: Ik ben me ervan bewust geworden — en dat geldt ook voor anderen die bij de creatie betrokken zijn — dat we niet altijd zonder oordeel zijn. Onbewust gaan we ervan uit dat Vero ons een uitleg schuldig is, over wat ze heeft meegemaakt, hoe haar leven in elkaar zit. We vinden het ‘normaal’ dat ze ons dit uitlegt. Maar stel dat mensen mij de hele tijd zouden vragen waarom mijn haar blond is, dan zou ik ook denken dat ik mezelf toch niet steeds hoef te verantwoorden? Veronique: Daarom gaat de voorstelling niet zozeer over onze beperkingen, maar over onze verbinding. Veel thema’s die we aanraken, zijn herkenbaar voor iedereen. Ze gaan over het gewone leven en tonen dat ik naast die beperking gewoon een vrouw ben als alle andere. Benjamin: Dat is iets wat ik zelf heb leren begrijpen. Ook al wil je het niet, onbewust leek het in het begin alsof ik Vero onderschatte. Soms zeggen mensen mij: ‘wat mooi dat je haar een kans geeft om te dansen’. Dat is goed bedoeld, maar er zit wel een vorm van betutteling in. Vero staat al lang op het podium, zij is een ervaren professionele danseres. Toch blijft er een veronderstelling dat zij ‘gered’ moet worden. Het zegt veel over hoe we naar mensen met een beperking kijken.
Hoe ga je zelf om met die voortdurende betutteling? Veronique: In het begin vond ik dat moeilijk. Maar op het podium heb ik geleerd om die blik om te draaien. Als mensen naar je kijken op de scène, geef je toch een zekere boodschap door. Dans is een krachtig hulpmiddel om hiermee om te gaan.
Klimmuur en tableau Wat vaak terugkomt in je stukken, is eenvoud. Benjamin: We proberen alles terug te brengen tot de essentie: verbinding en authenticiteit. Die eenvoud voel je zelfs in de titel: Ben & Vero. We verkondigen geen grote theorieën of complexe vragen, we tonen gewoon wie we zijn en wat we samen kunnen, wij twee.
Ook het decor is bewust eenvoudig. Hoe kwamen jullie daarop? Benjamin: Tijdens een eerste testresidentie begonnen we te repeteren op een bank tegen een muur, omdat die wat steun gaf. Vero beweegt zich normaal in een rolstoel, ze heeft dus hulpmiddelen nodig om zich door de wereld te verplaatsen. Dat werd het uitgangspunt van de scenografie: een muur en een bank waar je tegen kan leunen, op kan klimmen of mee kan spelen. Zo kan Vero uit haar rolstoel en haar benen vrijmaken. De muur wordt een klimmuur waarop we samen nieuwe lijnen creëren die anders niet mogelijk zouden zijn.
uu
23
Veronique: Dat bracht ons tot nieuwe vragen. Hoe kan je met hulp van een muur of bank je eigen danstaal sterker maken? Als je verticaal speelt, is het toch weer anders dan horizontaal op het podium. Benjamin: De muur ondersteunt niet alleen onze bewegingen. Hij wordt ook één groot tableau waarop we tekenen. Op een bepaald moment verschijnt er zelfs tekst op. Zo krijgt de muur doorheen de voorstelling verschillende gedaantewisselingen en betekenissen.
Er zijn veel lagen in het stuk. Wat hopen jullie dat het publiek meeneemt? Veronique: Dat mensen voelen dat we uiteindelijk allemaal met elkaar verbonden zijn, met of zonder beperking. Iedereen heeft zijn eigen uitdagingen, maar ook zijn
24
dromen en ambities. Ik hoop dat het publiek hiernaar kan kijken met een nieuwe, open blik. Benjamin: Ik hou niet zo van het idee dat een voorstelling per se een boodschap moet uitdragen. Maar ze kan wel een uitnodiging zijn om zo dicht mogelijk bij je eigen waarheid te komen: wat voel je écht? Om dan te delen met wat in je leeft, en daarbij de kracht en schoonheid van echte verbinding ervaart. Dat kan heel voedend zijn. Het stuk is voor mij een viering van het mens-zijn, in al zijn kwetsbaarheid. Veronique: En het is ook gewoon een heel mooi stuk. Er zitten boodschappen in waar mensen iets mee zijn, en die je aan het denken zetten. Maar het is ook prachtig om te zien wat er gebeurt wanneer twee lichamen elkaar echt ontmoeten, wat ze samen kunnen en hoe ze elkaar versterken.
Marc Vanrunxt brengt een ode aan beeldend kunstenaar Blinky Palermo, samen met choreografe Georgia Vardarou.
“Kunst maken is jezelf voor een probleem zetten en dat proberen oplossen op een elegante manier”
Wie was Blinky Palermo? Marc: Blinky Palermo maakte deel uit van de kunstscene uit Düsseldorf en Keulen in de jaren 60 en 70, net zoals bijvoorbeeld Joseph Beuys en Gerard Richter. Hij overleed op 33-jarige leeftijd. De voorstelling heet ‘For Blinky Palermo’ maar gaat niet alleen over hem. Het is een dankwoord aan alle beeldende kunstenaars, componisten, dansers en choreografen: een grote buiging naar de wereld van de kunst en de kunstenaars. Of ze nu beroemd zijn geworden of niet.
Je noemt het zelf een ‘split screen’ voorstelling. Wat moeten we ons daarbij voorstellen? Marc: Split screen is een truc uit de cinema. Als kind zag ik een film waarin Rock Hudson en Doris Day met elkaar telefoneren. Zij is in haar kamer en hij is ergens anders. In plaats van te switchen tussen de ene en de andere ruimte, kreeg je dat tegelijkertijd te zien. Ik vond dat toen heel merkwaardig dat ze samen in beeld waren, terwijl ze zich op een andere plek bevonden. Jaren later kreeg ik het idee: wat zou er gebeuren als we dat op toneel doen? Dus verdelen we de scène letterlijk in twee. Ik werk met danser Robson Ledesma hier in België en choreografe Geogia Vardarou werkt met Julia Rubies in Barcelona, waar ze woont. Dit concept trekken we ook door in de muziek. Muzikant en geluidskunstenaar Raphael Malfliet en sound engineer Daniel Vanverre zorgen beide voor muziek. Pas in de week voor de première brengen we alles samen. Ik zeg soms: kunst maken is jezelf voor een probleem zetten en dat proberen oplossen op een elegante manier.
For Blinky Palermo Marc Vanrunxt, Georgia Vardarou & Kunst/Werk za 7 feb | 20 uur tekst c o r s o | beeld gezelschap
Onze huiskunstenaar Noura Mariën maakte schetsen tijdens een repetitie van Marc Vanrunxt. Het resultaat kan je bewonderen op de volgende pagina’s.
25
26
27
tekst Zinnig foto Bas de Brouwer
This is not a dance – maar wat dan wel? Hoe dans je als je niet mag dansen? Het is de vraag die theatermaker Nastaran Razawi Khorasani zich stelt in haar meeslepende performance ‘This is not a dance’. In aanloop naar de unieke voorstelling duiken we samen met de Rotterdamse maker dieper in het verhaal achter en op het podium.
28
Hoe is This is not a dance ontstaan? Het idee voor de performance ontstond vanuit een persoonlijke nieuwsgierigheid. Ik vroeg me af hoe mijn collega’s – dansers en choreografen in Iran – hun vak uitoefenen. Officieel is dansen er sinds de Islamitische Revolutie verboden en zijn er geen dansscholen. En toch wordt er gedanst. Hoe doen ze dat? Ik zocht contact met generatiegenoten, zowel in Iran als binnen de Iraanse diaspora en verwerkte hun persoonlijke verhalen in de voorstelling. Onder welk genre valt de performance? Ik noem het een documentaireperformance, net door die verhalen. De geluidsopnamen, videocalls, telefoongesprekken ... ik trek het allemaal integraal de voorstelling in. Ik stel me bij alles wat ik maak de vraag: hoe maak ik van persoonlijke verhalen nu betekenisvol theater? En hoe kan ik mijn podium zo goed mogelijk gebruiken? Naar mijn idee: door het te delen. Ik wil een stem geven aan mensen die dat niet hebben. In dit geval deel ik mijn podium met Iraanse dansers – maar sta ik wel solo op het toneel. Mijn werk bestaat uit verschillende lagen. Eerst voer ik gesprekken met mensen, dat is de documentaire-laag. Vervolgens plaats ik deze ontmoetingen in een theatrale ruimte. Bij This is not a dance is er nog een derde laag: een dans maken zonder te dansen. Dan kom je al snel bij het topic censuur uit. Wat gezien en niet gezien mag worden. Hoe ziet dat thema er op het podium uit? Dat was een zoektocht met veel trial-anderror. Dat doe ik door mijn eigen proces te filmen en vele goede ogen in de zaal die met me meekijken. Ik heb me voor het thema laten inspireren door Iraanse filmmakers, die censuur moeten omzeilen. Het gaat daarbij niet alleen over de vrijheid van de maker zelf, maar ook die van de toeschouwer: wat mag die wel of niet zien? Als mijn lichaam op het toneel beweegt, gaat het licht uit en wordt het donker. Ik zal in de performance veel met licht werken om het gevoel van censuur tastbaarder te maken. Ik laat de ruimte als het ware bewegen door lampen en licht.
29
Deze voorstelling is aan een tweede herneming toe sinds de première in 2023: waarom? Ik voelde dat het verhaal nog meer verteld en gehoord moest worden. Ik speelde ‘This is not a dance’ al eens in België tijdens mijn Nederlandse tournee, maar het is niet evident om als Nederlandse maker voet aan wal te krijgen in België. Dat de voorstelling daarbij op verschillende plekken in België te zien zal zijn, is een cadeau voor mij als maker. Elk podium trekt namelijk een eigen publiek, zelfs binnen één stad. Dat is perfect om het verhaal en de boodschap zo ver mogelijk te dragen. Hoe belangrijk is het voor jou om een maatschappijkritische boodschap te brengen? Dat is voor mij geen doel op zich. Mijn voorstellingen starten altijd vanuit een wens en poëzie, nooit vanuit een politiek standpunt. Ik benader de podiumkunsten op een poëtische manier, het begint bij een verlangen om te dansen. Dat dit onderwerp daarbij de maatschappijkritische kant uitgaat, is omdat ik een wens had om iets te zeggen. Niet op een harde, activistische manier, maar op mijn eigen kunstzinnige manier. Hoelang werkte je aan This is not a dance? Ik ben een trage maker. De eerste gesprekken voor deze voorstelling vonden al plaats in 2021. Ik verken in fases wat het onderwerp kan betekenen op het podium. Het eerste jaar spendeerde ik vooral achter mijn laptop met opzoekingswerk en veel gesprekken. Daaruit vloeide het eerste concept van de voorstelling. Als ik een documentaire of het echte leven breng, wil ik altijd eerst het vertrouwen winnen van de mensen die ik spreek. Daarmee koop ik natuurlijk ook wat tijd voor mezelf en het volledige proces. Sinds 2021 is er ook veel veranderd in Iran, dus dat nam ik ook mee in mijn research. Je bent in je eigen stukken zowel maker als speler: is dat een moeilijke combinatie? Het zijn inderdaad verschillende petten die ik opzet tijdens een productie. Net daarom gun ik mezelf ook veel tijd. Ik ga niet zo goed op deadlines (lacht). Ik heb ook veel tijd nodig om te reflecteren, om te begrijpen wat ik op het podium breng. En ik ben daarbij enorm kritisch voor mijn eigen werk. Dat vertraagt het proces, maar maakt het resultaat – naar mijn mening – beter. Er zijn natuurlijk makers die drie voorstellingen op een jaar brengen, en daar kan ik alleen maar veel respect en begrip voor opbrengen. Maar zo werk ik zelf niet. Omdat ik zelf op de vloer sta, vloeit het hele proces in elkaar over. Dan heb je soms wat afstand nodig om te begrijpen wat je aan het doen bent.
30
Hoe hard verschilt de performance vandaag ten opzichte van de première? De boodschap blijft natuurlijk ongewijzigd. Ik heb ook niets aan de scènes veranderd. Maar een performance is elke keer anders. De magie zit ‘m net in de aanwezigheid op dat moment. Omdat ik de voorstelling al regelmatig speelde, heb ik me die woorden en bewegingen ook eigen gemaakt. Een maker groeit. Een voorstelling groeit. En je hebt altijd een publiek nodig om nog beter te begrijpen wat de scènes nu echt betekenen. Welke boodschap wil je dat het publiek mee naar huis neemt? Inspiratie. En daarin zie ik het verschil tussen een publiek in Europa of daarbuiten. Toen ik de performance speelde op het Indonesische eiland Java – een islamitisch eiland nota bene –, voelde ik dat het publiek mee ging in de euforie van de voorstelling. Ze voelde de passie van Iraanse makers die ik breng, de positieve noot: mensen kunnen nog dansen als ze (officieel) niet mogen dansen. Binnen Europa wordt er vaker gefocust op het feit dat het niet meer kan, het restrictieve gedeelte. Maar ik wil vooral dat vuur uitstralen, en ik hoop dat het publiek daardoor ook geïnspireerd geraakt – net zoals ik.
This is not a dance Nastaran Razawi Khorasani & Theater Rotterdam za 21 mrt | 20 uur
31
Fuiven zoals vroeger
Waar is dat feestje? Hier is dat feestje! Eind februari wordt de foyer omgebouwd tot spetterende Old School Fuif voor alle generaties. ‘We brengen de buurt graag samen,’ zeggen Peter Waeterschoot en Tino Ruyters. ‘Open huis c o r s o is daarvoor dé perfecte plek’.
Old School Fuif, voor de buurt. En dit bleven we doen, elk jaar opnieuw, altijd met een team. Ook jongere generaties sloten zich aan. We zijn nu met zijn zeven: Dirk, Frank, Hans, Wim, Yves, Peter en ikzelf.
Jullie hadden zin in een feestje?
Peter: Na corona konden we niet meer in ’t Oud Kapelleke. We moesten uitwijken en vonden iets in Zurenborg. Leuk zaaltje, goeie vibe, maar het was toch niet onze wijk. Dus zochten we een nieuwe plek en klopten aan bij c o r s o. We verwachtten eigenlijk niet veel, omwille van praktische redenen, maar ze gingen mee in ons idee! Daar zijn we hen heel dankbaar voor.
Tino: We werden 50 in 2014, en dat mocht gevierd worden. Dus besloten we met enkele leeftijdsgenoten om er iets bijzonders van te maken. Geen gewone fuif onder vrienden, maar een echt buurtfeest voor heel Oud-Berchem. We deden dit in ’t Oud Kapelleke, een oud parochiehuis in de Ferdinand Coosemansstraat. Een wat oubollig zaaltje met precies de nostalgische sfeer die we wilden. Peter: De fuif was een groot succes. Veel vijftigers willen graag nog eens dansen, maar voor hen zijn er vaak geen feestjes meer. Nu kon het wel weer. De deuren gingen open om acht uur, om half negen zat de dansvloer vol. Ik ontmoette veel mensen uit de buurt met wie ik nog nooit had gepraat. We wisten meteen: hier moet een vervolg op komen. Tino: Dus kwam er een tweede editie. Niet meer als verjaardagsfeest, maar als
32
Elf jaar later gaat de Old School Fuif door … in c o r s o!
Tino: c o r s o is hét centrum van de wijk: ideaal voor een buurtfuif. Wim en ik draaien muziek van de jaren 60 tot vandaag, van ABBA tot Zappa, met new wave, disco, voor iedereen wel iets. Bijna alles op vinyl: ik heb een grote platencollectie. Peter: Het gaat ook om mensen samenbrengen. Ik hou echt van het sociale weefsel in de stad. De superdiversiteit hier in Berchem, en hoe we allen toch overeenkomen, vind ik fascinerend. Dus ik ben benieuwd wie er zal komen op de nieuwe plek.
Wat voor publiek hopen jullie aan te trekken? Tino: Jong én oud! Het mooist is dat alle generaties door elkaar dansen, iedereen op zijn manier. Bij ons is dat simpel: mensen praten wat, horen een goed nummer, gaan even dansen en trekken zich weer terug. Jongeren daarentegen blijven heel de avond op de dansvloer. Ze bewegen op alles wat klinkt, soms wat harder, pint in de hand. Op de dansvloer komt iedereen samen. Peter: Vaak brengen de vrouwen de dansvloer op gang. Ik geef les aan de universiteit en merk daar hetzelfde: meisjes durven zich kwetsbaarder opstellen dan jongens. De mannen moeten eerst een paar pintjes pakken om wat losser te komen. Ze komen wat trager op gang … maar blijven vaak langer plakken.
Tino: Ook mooi is het opruimen achteraf. Muziek uit, licht aan, en iedereen helpt spontaan mee. Op 10 minuten is het podium opgeruimd, staan de tafeltjes en stoeltjes weer proper. Heerlijk.
Bij een oude fuif denk ik aan oude tradities. Spelen jullie de Kuskesdans? Tino: Ik pak ‘La Bamba’ altijd mee, maar dat werkt niet meer zoals vroeger. Wél draaien we altijd een goeie slow. Er is altijd wel een koppeltje dat graag danst met zijn twee. Peter: Wat we niet doen, zijn van die nummers waar iedereen dezelfde gebaren doet. The Ketchup Song, de Hucklebuck, YMCA, dat doen we niet. Daarvoor zitten er wellicht te veel architecten in onze ploeg, haha.
Tien jaar Old School Fuif. Wat zijn de hoogtepunten?
Tino, jij bent één van de twee DJ’s. Merk je vandaag een verschil met vroeger?
Elke editie is bijzonder. In het eerste jaar kwam plots de Sint langs, dat was een verrassing. Ik herinner me ook een maat die de hele avond heeft staan shaken en helemaal in het zweet stond. Achteraf vertelde hij me dat hij er zó van genoten had. Daar doe je het voor. Of dat zaaltje op Zurenborg, waar dikke druppels condens van het plafond dropen ...
Tino: Vroeger had je je DJ booth achteraan en je draaide wat muziek. Vandaag gaat er vaak meer aandacht naar de DJ zelf. Die is een echte vedette. Kijk naar Tomorrowland: iedereen komt voor de DJ’s. Ik merk ook dat jongeren vaker naar ons kijken. Terwijl we niet veel anders doen dan plaatjes uit de bak halen en op de pick-up leggen.
uu
33
Peter: Wie weet maak je het nog écht, Tino. Dan land je binnen enkele jaren met een helikopter op het dak van c o r s o, de hele zaal scandeert DJ Tino en de party barst los!
Heb je een vaste afsluiter van je set? Tino: Ik heb een eigen muzikale eind-handtekening, ja. Elke keer eindig ik met hetzelfde nummer, maar dat verklap ik hier nog niet. Dat moeten de mensen zelf maar ontdekken op 28 februari, rond 2 uur ‘s nachts.
OPROEP Heb jij ook zo’n fantastisch plan om in c o r s o te organiseren? We staan altijd open voor toffe ideeën uit de buurt! Contacteer ons via corso@antwerpen.be Old School Fuif Buurtfuif za 28 feb | 20 uur
tekst Parlevink | Cédric Raskin foto’s c o r s o
save the date
woe 27 mei lanceringsfeest nieuw seizoen
2026 - 2027
34
Steven Goegebeur is 50 geworden. En dat wil hij samen met jou vieren! Met onBESTOFt brengt hij een ‘best of’ waarin hij de meest hilarische momenten van de voorbije vijftien jaar in één lang verhaal giet. Je zal merken dat er geen stofje te bespeuren valt op de humor van Steven.
onBESTOFt Steven Goegebeur di 24 mrt | 14.30 uur
© Leen Van De Meuter
Geen enkele show is dezelfde. De interactie en dialoog met het publiek, maakt elke avond uniek. Dus hou je vast aan je bretellen en ga naar huis met pijnlijke buikspieren van het lachen!
ma t i n e e
matinees
© T. De Wilde
in c o r s o dank aan
Van popliedjes tot obscure protestsongs uit de jaren ‘70. Van tekstuele pareltjes tot liedjes die eerst de haren op je armen, en daarna jezelf doen rechtstaan. Denk aan Bart Peeters, Ann Christy, Luc De Vos, Will Tura, De Nieuwe Snaar enz. En weet je wat het beste is? Jij bepaalt zelf het programma! Want zo werkt dat nu eenmaal bij een jukebox. Jij vraagt, zij spelen!
ontdek onze andere matinees op www.corso.be
Vlaamse Jukebox Soetkin Collier, Kevin Van Staeyen, Philip Masure, Paul Zegers & Stoffel Verlackt di 19 mei | 14.30 uur 35
Stap eens uit je comfortzone Wat maakt gevaar zo onweerstaanbaar? Hoe kan dreiging verbinden? En wat doet dat met een mens? Lobke Leirens en Maxim Storms storten zich voor het eerst expliciet en vol overgave in de horrortraditie met ‘Marshmallow BBQ’, een zoektocht doorheen de rauwe krachten van angst, beweging en expressie.
36
Marshmallow BBQ Maxim Storms & Lobke Leirens wo 3 jun | 20 uur tekst Bureau Wit beeld gezelschap
37
Wat mag het publiek verwachten van een avond Leirens & Storms? Maxim: Lobke en ik hebben een voorliefde voor het groteske en absurde. We zoeken het ‘niet-naturelle’ op en onderzoeken hoe geloofwaardig dat kan worden, onder meer door te transformeren in abstracte personages die toch heel herkenbaar zijn. Onze voorstellingen hebben altijd een zekere intensiteit. Lobke: We starten vanuit het fysieke. We spelen met het vervormen van het lichaam en zoeken de grenzen op van hoe het kan bewegen. Onze voorstellingen zijn erg explosief, met veel beweging, ritme en klank. Ze bevatten ook zelden tekst. En als er toch tekst in zit, behandelen we taal als beweging. Hoe kan taal een partituur worden zoals een muziekstuk dat kan?
De voorstelling is op het moment van dit gesprek nog in ontwikkeling. Wat kunnen jullie er al over kwijt? Lobke: ‘MMBBQ’ heeft het meest duidelijke startpunt dat we ooit al hebben gehad. We vertrekken vanuit de b-horrorfilm en een typisch scenario: een groep gaat kamperen, off the grid, en wordt geconfronteerd met een monster dat al dan niet bestaat. Het monster manifesteert zich als een salvo aan hittegolven, stormen en plagen, maar ook in een écht monster, en in de constellatie en verbrokkeling binnen de groep. Maxim: Voor ons is dat uitzonderlijk anekdotisch. Onze eerdere voorstellingen hadden een ‘vager’ startpunt. Meestal weet het publiek niet exact wat er aan de hand is of waar de personages zich bevinden. We halen bewust de anekdotiek weg zodat de focus op de personages ligt, en de situaties waarin ze belanden.
Betekent dat ook dat jullie niet per se een bepaalde boodschap willen brengen? Lobke: We proberen geen commentaar te geven op wat we tonen. Natuurlijk hebben we een interpretatie van onze voorstelling, maar we willen het publiek de ruimte geven om er zelf betekenis in te leggen.
38
De voorstelling draait rond ‘geënsceneerde angst die verbindt en verenigt’. Hoe kan angst mensen samenbrengen? Lobke: Dat is één van de dingen die we onderzoeken tijdens ons repetitieproces. Het is een exploratie van hoe we als mensen omgaan met angst, en geënsceneerde angst. Angst wekt weerzin op, maar ook adrenaline en nieuwsgierigheid. Wij stellen ons onder meer de vraag wat er gebeurt als je niet vanuit die weerzin handelt, maar vanuit die nieuwsgierigheid. Wat als je daar verbinding in vindt? Maxim: Denk aan de enge verhalen die we elkaar vertellen rond een kampvuur. In die momenten kan angst iets euforisch en spannend brengen, en een groep verbinden. Maar dat werkt ook in de andere richting: als iemand een verhaal gelooft, en de ander niet — hoe kan dat dan verdeeldheid zaaien?
Jullie stellen ook de vraag: Wat maakt gevaar aantrekkelijk? Wat is jullie eigen antwoord daarop? Maxim: Waarom zijn mensen zo geïntrigeerd door het monster van Loch Ness, Bigfoot of aliens? Waarom is dat spannend, tot je effectief een monster tegenkomt? Volgens mij is een groot deel van de aantrekkingskracht van gevaar dat het onzichtbaar blijft. Daar spelen we ook scenografisch op in. We vinden het interessant om met zo weinig mogelijk decor het juiste universum te creëren. Onze lichttechnicus en ontwerper Geert Vanoorlé creëert ongelofelijke werelden met een lichtplan. De rest vullen we als spelers en publiek zelf in. Dat past binnen de idee dat de kracht van gevaar de ongrijpbaarheid is. Plus: in een horrorfilm wordt de bron van de angst vaak ook niet getoond.
Jullie laten zich vaak inspireren door het horrorgenre. Vanwaar die fascinatie? Lobke: Ik ging als kind bijna elke week naar de videotheek om horrorfilms te huren. Ik hou van de ambiguïteit van iets niet willen zien, en toch niet kunnen wegkijken. Het
Wat ons ook aanspreekt in b-horrorfilms is de banaliteit van de dialogen. Uitspraken als ‘Seriously?’ komen vaak terug. Dat zegt zo weinig, en toch maakt het onlosmakelijk deel uit van het ritme en de sfeer van zo’n film.
© Tiny Geeroms
“Seriously?”
© FlyD on Unsplash
gevoel van gewillig bang gemaakt worden, vind ik heel fascinerend.
Maxim: Soms worden heel filosofische dingen op een heel naïeve manier gebracht. Zoals iemand die al te vaak zegt ‘I’m gonna die!’. Dat is bijna komisch, terwijl het best een heftige zin is om uit te spreken. Lobke: We vinden het leuk om te onderzoeken hoe we die oneliners en dialogen kunnen transformeren. We vertrekken van een cliché scenario en spelen met die conventies om tot een heel eigen taal te komen waarin we die banaliteit in de verf zetten. Dat doen we ook met de personages. Vertrekken vanuit clichés, om mogelijks te stranden bij een anti-cliché of anti-archetypen. Maxim: Daarnaast houden we van de overdaad van de b-horrorfilm. Het geschreeuw en de afgerukte ledematen. Maar ook de manipulatieve technieken, zoals de continue dreigende muziek. Ook daar willen we mee spelen door net op banale momenten te spannende melodieën te gebruiken en omgekeerd.
Jullie spraken net al over ‘komisch’. ‘MMBBQ’ bevat ook humor. Hoe rijm je dat met het thema van horror en angst? Lobke: Het absurde brengt de vreemdste dingen samen. We vinden een scène pas goed als ze én grappig én gruwelijk én filosofisch is. We willen iets brengen dat constant een open karakter heeft. Sommige mensen vinden iets hilarisch, terwijl anderen exact dezelfde scène tragisch vinden. Dat is voor ons het teken dat we in het juiste gebied zitten. Het humoristische zit vaak in de personages. Net als in b-horrorfilms zijn de personages in ‘MMBBQ’ onwetende figuren die continu tegenslagen te verduren krijgen en toch doorgaan. In die voortdurende opeenvolging van verwachting en teleurstelling zit voor ons iets tragikomisch.
Zijn jullie zelf uit jullie comfortzone gestapt voor deze voorstelling? Lobke: Toch wel. Wat nieuw is voor ons, is dat we voor het eerst extra spelers uitnodigen: Marjan De Schutter, Maliqa Fye en Emma Browaeys. Als duo werken we altijd heel organisch. Er is een startidee, en daaruit volgen improvisaties en transformaties. Nu hebben we drie extra spelers betrokken. Dat betekent dat we meer gestructureerd te werk moeten gaan. Er moet een scenario klaarliggen, en er moet beeld en beweging klaarstaan voor de gezamenlijke repetities starten. Dat is een compleet andere manier van werken. Gelukkig zal Jan Steen ons opnieuw coachen. Hij biedt altijd frisse inzichten.
Hoe past ‘MMBBQ’ in jullie œuvre? Lobke: We schuiven voor het eerst onze fascinatie voor horror op de voorgrond. In ons eerder werk voelde je dat al wel, maar dit is de eerste keer dat we expliciet starten vanuit horror. Dat benoemen en daar een heel team bij betrekken, voelt als een mijlpaal. ‘MMBBQ’ is in dat opzicht een belangrijke voorstelling voor ons. Maxim: Het is ook de eerste keer dat alles in ons œuvre zo mooi samenkomt. Ik denk of hoop dat dit misschien wel ons ‘magnum opus’ wordt.
39
tekst Igor Daems foto’s c o r s o
“Een feestje bouwen met 8-jarigen en iedereen die ooit 8 jaar is geweest!”
Waarom blazen we kaarsjes uit bij een verjaardag? Waarom klinken we met onze glazen? confetti, de eerste voorstelling van het nieuwe gezelschap destructuur, onderzoekt rituelen, tradities en gewoonten. Maar het belooft vooral een feest te worden voor jong en oud. We spraken met makers Ellis, Aline en Sander in het gezellige appartement van c o r s o.
Dag alle drie, wie zijn jullie? Ellis: Ik ben schrijver, maker en speler in theater en soms ook voor televisie. Ik ben 32 jaar en heb de dramaopleiding in Leuven gevolgd. Aline: Oh, is het met leeftijden verklappen? Ik ben voor altijd 36 (lacht). Ik heb op de toneelacademie van Maastricht gestudeerd en dit jaar een master drama gehaald op LUCA School of Arts, waar ik heel trots op ben. Ik heb vaak voor jong publiek gewerkt bij verschillende gezelschappen en nu richt ik mee destructuur op. Sander: Ik ben 38, heb geen theateropleiding gevolgd maar al wel aan veel voorstellingen meegewerkt: zowel aan de vorm als aan de inhoud. Sinds september volg ik de parttime opleiding aan de Toneelacademie van Maastricht om theatermaker te worden. Hoe is destructuur er gekomen? Sander: destructuur bestaat uit Rosa Vandervost, Runa Robbroeckx, Nico Boon en wij drie. We kennen elkaar al heel lang en hebben in verschillende hoedanigheden samengewerkt. We houden van elkaars verhalen en zochten een manier om in die samenwerkingen meer structuur te brengen. Maar hoe moet dat dan heten, vroegen we ons af.
40
Aline: Toen zei Ellis op een dag: destructuur, natuurlijk. Het was een eureka-moment. Natuurlijk, dé structuur. Dat klopte helemaal. Ellis: We hebben bewust geen spatie gezet tussen ‘de’ en ‘structuur’, zodat je het ook kan lezen als de-structuur, van déstructureren. Eigenlijk is het ontstaan vanuit een verlangen om onze vrijblijvende samenwerkingen op een betere manier vorm te geven, maar ook om opnieuw te bekijken wat een samenstelling van kunstenaars allemaal kan zijn. Vandaar de-structuur. Sander: Dat betekent niet dat we altijd een vaste rolverdeling zullen hebben, en dat ik bijvoorbeeld altijd de scenografie zal doen. Integendeel: iedereen mag alle posities innemen. Aline: Soms doen we iets met twee, soms met meer. confetti is in ieder geval onze eerste voorstelling. Met een première in c o r s o, op 15 februari! Kunnen jullie ons meenemen naar het startpunt van confetti? Ellis: In 2021 maakte ik de voorstelling ‘Eerst’ met Pleun van Engelen. Sander deed de scenografie. Op een bepaald moment in de voorstelling viel er heel veel zilveren confetti uit de lucht. Om cultuurhuizen niet nodeloos boos te maken, ruimden we die confetti na elke voorstelling zelf op. Ook omdat we ze wilden hergebruiken. uu
confetti | 8+ destructuur zo 15 feb | 14 & 16 uur 41
Sander: Tijdens zo’n opruimsessie vroegen Ellis en ik ons af: wie is er eigenlijk ooit met confetti begonnen? Zit daar een betekenis achter? We gooien ermee, maar niemand weet waarom.
De voorstelling is bedoeld voor iedereen die 8 jaar is of ooit 8 jaar is geweest. Ellis: Iedereen is welkom. We kozen 8 jaar omdat het een talige voorstelling zal worden en jongere kinderen misschien te veel zouden missen. Aline: Het gaat ook over hoe volwassenen en kinderen verschillend naar tradities kijken. Over hoe tradities niet altijd mee evolueren met de samenleving en vooral de kinderen daarin. Denk maar aan de hele roetpiet-discussie. Ik kijk er nu al naar uit om kinderen en volwassenen op een andere manier te zien reageren op confetti. Vandaag zijn we eind september. Is de voorstelling helemaal klaar? Sander: Nog niet. We vinden het heel belangrijk om een voorstelling te maken die zich niet boven de hoofden van de kinderen afspeelt. Daarom houden we nu confettisessies: we praten met kinderen en maken samen confetti, want daarvan hebben we natuurlijk héél veel nodig.
Ellis: Zo kwamen we op vergelijkbare tradities: een cadeautje geven met een verjaardag, kaarsjes uitblazen, een koffietafel na een begrafenis … Aline: Of frietjes eten op vrijdag! Waarom hebben we gewoontes, vroegen we ons af. Waarom is herhaling belangrijk? Wat is het verschil tussen een traditie en een gewoonte? Dat levert veel stof op voor een boeiende voorstelling. Ook omdat we willen zoeken naar iets universeels, iets dat culturen overstijgt. Sander: Interessant is ook dat je met tradities een moment in je leven markeert. Maar zijn er vandaag de dag geen andere momenten die net zo belangrijk zijn om te markeren? Zoals een verhuis, afscheid nemen van je kat, een scheiding van je ouders ... Aline: Welke gebeurtenissen belangrijk zijn om bij stil te staan, dat is ons onderzoek. En dat we dat stilstaan terug samen moeten gaan doen, dat is ons pleidooi.
42
Aline: We zitten samen met een groepje van vijf achtjarigen en vragen of ze weten waar confetti vandaan komt. Hun antwoorden zijn vaak heel grappig en van daaruit gaat het gesprek verder.
Ellis: We hebben al een paar sessies gedaan, maar er komen er nog. Met de input van de kinderen gaan we de voorstelling maken. Sander: We zijn vooral enthousiast en nieuwsgierig naar wat er in kinderen omgaat. Kan je toch al een tipje van de sluier lichten? Wat mag het publiek verwachten? Sander: We willen dat het publiek na de voorstelling het gevoel heeft dat ze op een feestje zijn geweest. In een partytent. Met muziek. En een dansje. Toch?
Aline: Als ouder, of tante, kijk je door hun ogen en stel je jezelf andere vragen. Sander: Het klinkt als een cliché, maar kinderen zijn de belangrijkste mensen die er zijn. Zij zijn de toekomst. Ik zie het zelfs als een plicht om dit te doen: samen met hen nadenken over wat hen bezighoudt en daar betekenis aan geven. Aline: Een jong publiek is zo dankbaar. Ze reageren meteen, zonder filter, ze leven zich in. Bij volwassenen is dat net iets anders.
Ellis: Het wordt feestelijk! Verbindend!
Wat betekent c o r s o voor jullie?
Hebben jullie zelf een ritueel voor een voorstelling?
Ellis: c o r s o voelt voor ons als een thuis. De perfecte plek voor de première van confetti. En daarna gaan we op tour, ook spannend.
Aline: Ik ga door mijn membraan. Dat moet ik zeggen anders krijg ik klachten van mijn studenten (lacht). Ik doe ook een radslag. Ellis: Ik wil vooral voelen dat ik in dezelfde tijd en ruimte ben als mijn medespelers. Dat kan door in een kring te staan, te knuffelen, een kreet schreeuwen en elkaar toi-toi-toi te wensen. Sander: Ik doe graag mee. Voor confetti zal zich nog wel een ritueel ontwikkelen. En na een voorstelling?
Wat wensen jullie jezelf toe voor deze voorstelling? Ellis: Dat we veel verwondering mogen ervaren. Bij het maken en het spelen. Aline: Dat het elke keer anders mag zijn. Dat de voorstelling blijft evolueren. Sander: Dat het publiek na afloop het gevoel heeft: dit was ons feestje, samen.
Aline: Confetti opruimen, allemaal samen. En wie weet ontstaan er dan ideeën voor onze volgende voorstelling. Maar zonder te forceren. Trust the process, dat is onze leuze. Waar kijken jullie het meest naar uit? Ellis: Het is mijn eerste kindervoorstelling. We gaan ook voor scholen spelen en ik kijk uit naar de dynamiek van een zaal vol met kinderen. Past perfect bij confetti. Aline: Het wordt zeker geen voorstelling waar je stil moet zijn en kijken. Integendeel. Hebben jullie zelf kinderen en helpt dat bij het proces? Sander: Ik ben getrouwd met Aline en wij hebben samen twee kinderen. Ellis is een soort tante voor hen. Dus ja, dat helpt.
43
tekst Igor Daems
Wat mogen we verwachten van WIER?
“Eet meer zeewier!”
Sofie Joan: Het begint met een theatraal stuk, waarin Laura en ik het publiek meenemen in de wereld van het zeewier. Daarna verandert het in een interactieve kookworkshop.
In de voorstelling WIER 8+ nemen de personages Nori en Dulse je mee naar de wonderlijke wereld van het zeewier. Snijdend, hakkend, stomend en bakkend maken ze samen met het publiek heerlijke hapjes. Kom mee ontdekken en proeven. Als je durft tenminste!
Laura: De reacties zijn fantastisch. Ook al kennen veel kinderen het niet, toch smullen ze van het zeewier en likken ze de schelpen uit!
foto Laika
Hoe is WIER geboren? Sien Vanmaele (concept & tekst): In de voorstelling ZEEMAAL probeerde ik mijn klimaatangst te temmen door te koken met zeewier en zilte planten. Soms zaten er ook kinderen in de zaal, die erg enthousiast waren, en toen wist ik dat ik ook voor hen een stuk over de zee wilde maken. Voor de generatie van de toekomst. Sofie Joan Wouters (concept & spel): In 2018 werkte ik rond zeewier en zilte planten. Toen Sien aan dit project begon, vroeg ze me om mee te denken. Laura François (spel): Ik deed eerder een project over schimmels, het begin van alle leven. En ik kook graag. Dat was een voorwaarde om te mogen meedoen (lacht).
Wat willen jullie meegeven aan het publiek? Sien: Ik hoop dat mensen achteraf beseffen hoe de toestand van de zee is. En dat elk klein stapje helpt om het beter te maken. Sofie Joan: We willen blikken verruimen, en een beetje magie doorgeven. Jullie spelen ook voor scholen. Verloopt dat anders? Laura: Zintuiglijk theater is nooit twee keer hetzelfde. De dynamiek bij een schoolvoorstelling is anders, maar even mooi. We hopen ook dat volwassenen komen kijken, want of je nu jong of oud bent: over de zee valt nog zoveel te leren. Hebben jullie nog een laatste boodschap? Alle drie in koor: Eet meer zeewier!
WIER | 8+ Laika wo 15 apr | 14 & 16 uur 44
kooktip
tekst Laika foto Karolina Maruszak
Laika’s keuken
Zeewierzoetjes Voor dit recept heb je een silicone mal nodig voor snoepjes of chocolaatjes. Deze vind je in kookwinkels of online. Zoek op ‘mal voor gummybeertjes’. Bij de vorm zit vaak een pipetje.
Ingrediënten
Bereidingswijze:
(voor ongeveer 40 snoepjes):
Zet de siliconenvorm op een rechte plank die in de koelkast past.
200 ml biologisch appelsap 2 gram agar agar* 0,7 gram blauwe spirulina** *Agar agar vind je in de meeste supermarkten bij de bakproducten. **Blauwe spirulina is online te koop, bv. in de Notenshop. Je kan ook groene spirulina gebruiken, te koop in de meeste natuurwinkels.
bedankt
Doe het appelsap, de agar agar en spirulina in een fles met brede dop. Schud goed door elkaar. Giet de mengeling in een kookpotje en zet op het vuur. Verwarm al roerend tot het kookpunt. Van zodra het kookt, is het klaar. Doe het mengsel in een kan en wacht 30 seconden om het uit te gieten. Zo stijft het sap al een beetje op en is het makkelijker om de afzonderlijke vormpjes te vullen. Als je een pipetje gebruikt, hoef je dit niet te doen. Vul de mal snoepje per snoepje. Let erop dat je dit snel genoeg doet voor de agar agar helemaal is opgesteven! Het is niet erg als je een beetje morst; de kantjes kan je er makkelijk afhalen als het geheel is opgesteven. Laat afkoelen in de koelkast. De zeewierzoetjes blijven 2 dagen vers in de koelkast.
voor de verse producten
45
januari za 3 & zo 4
14 & 17 uur 15 uur
Een koud kunstje | 6+ fABULEUS / Matthias Van de brul
ma 5
20 uur
Songpaleis - Samen zingen
ma 12 20 uur comedy @ café c o r s o Ben Ramsdonck do 15 20 uur Het beste ooit Iwein Segers vr 16 & 20 uur za 17 di 20
The Ethereal Paradox fABULEUS/ Zoë Chungong
Marcel zingt Boudewijn Marcel de Groot 14.30 uur
ma 26 20 uur open mic club c o r s o wo 28 20 uur NOOIT NOOIT Wolf Wolf/ NTGent vr 30 20 uur Made in Cité Erhan Demirci
uitverkoc
ht
februari ma 2 & di 3
18.30 uur 18 uur
BROEDfestival BROED
wo 4 20 uur KAK, een ecologische shitshow Lennert De Vroey, Runa Robbroeckx, Egon Schoelynck za 7 20 uur For Blinky Palermo Marc Vanrunxt, Georgia Vardarou & Kunst/Werk ma 9 20 uur comedy @ café c o r s o Manu Moreau & friends do 12 20 uur Kellyanne Conway - The musical Het Nieuwstedelijk za 14
14 uur
Corso de las luces
di 17
20 uur
Songpaleis - Samen zingen
zo 15 14 & 16 uur confetti | 8+ | première destructuur ma 16 20 uur concerts @ café c o r s o TBA
46
di 17 14.30 uur Warre met Strakke Strings Warre Borgmans do 19 20 uur The show goes on STEL zo 22 15 uur Souvenirshop | 4+ Bronks & Not Standing / Alexander Vantournhout ma 23 20 uur Volta’s Live Production Jam Mister Volta vr 27 20 uur Get Up Stand Up ‘Nuff Said za 28
20.30 uur
Old School Fuif
x
do 26 feb 20 uur Swiping Right Sophie Anna Veelenturf / BERLIN wo 4, do 5 & 20.30 uur vr 6, za 7 mrt
Three times left is right (Monty) Julian Hetzel
maart wo 4
This in Turn Astrid De Haes
avant-
20 uur
ma 9 20 uur Volta’s Live Production Jam Mister Volta di 10 & wo 11
Handle with Care Ontroerend Goed 20 uur
uitverkoc
ht
do 12 20 uur Terug Naar Start Kristien Maus vr 13 20 uur BOBBY Here for you Romy Louise Lauwers en Peter Seynaeve za 14 TBA Iftaravond club c o r s o Chasing Splinters | 5+ Wout Vanroose
zo 15
15 uur
ma 16
20 uur
di 17
20 uur
concerts @ café c o r s o TBA Academie Berchem @ café c o r s o
za 21 20 uur This is not a dance Nastaran Razawi Khorasani & Theater Rotterdam zo 22 14 & 16 uur Maan | 2+ Het Wolk
47
di 24 14.30 uur onBESTOFt Steven Goegebeur di 24
20 uur
do 26
20 uur
za 28
20 uur
Songpaleis - Samen zingen
Zusje! Johnny MUS ABSURD Anton Lachky Company
ma 30 20 uur Daddy Told Me Charlotte Verdick
april di 31/3, 20 uur wo 1, do 2 & vr 3
DE SITCOMEBACK DE HOE
ma 6 20 uur Engelstalige Comedy Sergej Lopouchanski & friends ma 13 20 uur comedy @ café c o r s o Manu Moreau & friends wo 15 14 & 16 uur WIER | 8+ Laika Grip | 4+ Carli Gellings
zo 19
14 & 16 uur
ma 20
20 uur
concerts @ café c o r s o TBA
di 21 14.30 uur er was eens.... Along Comes Mary di 21
20 uur
Songpaleis - Samen zingen
do 23 20 uur Ben en Vero Benjamin Vandewalle vr 24 20 uur Broer Lander Severins (Grof Geschud) ma 27
20 uur
Academie Berchem @ café c o r s o
di 28 20 uur EMO. BOG.
mei za 2
Lampje | 9+ Theater FroeFroe & Johnny MUS
15 & 19 uur
wo 6 20 uur POWDER TO THE PEOPLE Helena Elshout
48
vr 8 20 uur Moh?! Mohsin Abbas za 9
Left | 12+ Eva De Baets & Silke De Bruyne en Laika 15 & 19 uur
ma 11 20 uur Femke Stallaert wordt Amanda Bavo Femke Stallaert Academie Berchem @ café c o r s o
di 12
20 uur
ma 18
20 uur
di 19
14.30 uur
Vlaamse Jukebox
di 19
20 uur
Songpaleis - Samen zingen
concerts @ café c o r s o TBA
do 21 20 uur Citizen K Sadettin Kırmızıyüz wo 27
20 uur
lanceringsfeest seizoen 26-27
za 30 14 uur Makersdag Platform in de maak zo 31
juni wo 3
Was | 2+ Casier & Dies 14 & 16 uur
Marshmallow BBQ Maxim Storms & Lobke Leirens 20 uur
ma 15 20 uur mondays @ café c o r s o TBA ma 22
20 uur
Songpaleis - Samen zingen
di 23
20 uur
Academie Berchem @ café c o r s o
za 27 & Circus Boelaere zo 28
c o r s o is altijd in beweging. Door het jaar heen worden er nieuwe voorstellingen geboekt. Houd daarom onze website in de gaten voor het actuele aanbod. Wil je als eerste op de hoogte zijn? Schrijf je dan zeker in voor onze nieuwsbrief via de website, of volg ons op sociale media. www.corso.be corso.be corso.be
49
50
Welkom in café c o r s o! Een uur voor de voorstelling opent ons café haar deuren. Kom gezellig iets drinken met je gezelschap. Betaal liefst met je betaalkaart. c o r s o is vlot bereikbaar met trein, tram, bus, fiets en Velo. Kom je toch met de auto, hou dan rekening met de lage emissiezone en beperkte parkeergelegenheid. Hulp nodig? Ben je minder mobiel of hoor je niet goed? Bel of mail ons met je vraag vóór je tickets bestelt. We helpen je graag verder. Je kan ons telefonisch bereiken van maandag tot en met vrijdag, van 10 tot 12 en van 14 tot 16 uur.
Bestel je tickets online via www.corso.be. Bewaar al je tickets in de Ticketmatic app.
Jongeren (-26j) krijgen een korting van 4 euro op de standaardprijs.
In bib De Poort, Willem Van Laarstraat 15 te Berchem, kan je tickets kopen en laten printen. Betalen kan enkel met je bankkaart.
Met een flash!ticket kunnen jongeren (-26j) last minute goedkope tickets scoren! Een kwartier voor het startuur kosten de laatste lege plekjes maar 5 euro. Enkel te koop aan de balie.
Heb jij recht op kansentarief? Dan kost een ticket tussen 2 en 6 euro. Lees meer op antwerpen.be/A-kaart. Met de solidariteitsbijdrage steun je mensen die zelf geen ticket kunnen betalen. Met 1 euro maak je al een verschil. Een cadeaubon van c o r s o is het perfecte geschenk voor elke cultuurliefhebber. Het bedrag kan je zelf kiezen.
Middelbare scholieren betalen maar 6 euro voor 3 cultuurshockcheques bij het secretariaat van hun school. Met danskijkers geniet je 3 avonden van knappe dansvoorstellingen mét nagesprek voor maar 33 euro (-26j: € 30). Een topformule voor al wie dans wil ontdekken!
D/2025/0306/48 | jaargang 4 | nummer 2 | voorjaar 2026 c o r s o magazine is een halfjaarlijkse uitgave van cultuurhuis c o r s o en verschijnt begin september en begin januari. Alle informatie in dit magazine geldt onder voorbehoud van eventuele wijzigingen. Hoewel dit magazine met de grootste zorg werd samengesteld, zijn fouten mogelijk. Voor updates en uitgebreide informatie: www.corso.be.
c o r s o | Driekoningenstraat 126 2600 Berchem | www.corso.be corso@antwerpen.be tel. 03 286 88 20 Schrijf je in voor onze nieuwsbrief en volg ons op social media: @corso.be
corso.be
@corso.be
c o l o f o n
team c o r s o Anne Janssen (directeur),
Marianne Van Langendonck (zaalverhuur), Bernt Sales Segarra, Riene Van de brul (tickets en onthaal), Helin Gümüs, Katja Brits (communicatie & vormgeving), Khaoula Chichi (publiekswerk), Kris Willems, Arno Keteleer, Bart Van Dessel, Bram Van Duffel, Gerrit De Bremme, Johan De Quick (techniek), Jesse Vanhoeck, Tyrone Onuwaje, Priscilla Peeters (programmatie), Maarten Jacobs (gebouwbeheer), Maksym Novikov (logistiek), Veerle Sas (boekhouding)
heel veel dank aan onze enthousiaste vrijwilligers, creatieve jongeren, ijverige jobstudenten en leergierige stagiaires!
51
ruimte voor
theater 52
This is not a dance © Bas de Brouwer