Skip to main content

c o r s o magazine | najaar 2026

Page 1

cultuurhuis

PB- PP B-709

BELGIE(N) - BELGIQUE

Lachen met privilege

Bregje Iding over comedy, ongemak en zichzelf niet al te serieus nemen

“Authenticiteit is ook een masker” Bavo Buys over theater, waarheid en Wild Narcissus

Stap eens uit je comfortzone met Hugs & Handshakes

m a g a z i n e

“Verhalen verdwijnen als we ze niet vertellen.” Aminata Demba over Amadou, traditie en de kracht van verhalen.

n a j a a r

“AI kan dans niet voelen.” Dan en Yorrith over FALD!, technologie, controle en de toekomst van dans.

2 0 2 6


© Karolina Maruszak

4 Bavo speelt met authenticiteit

© Anna Perger

6 Aminata vertelt (over) verhalen © Karolina Maruszak

11 Dan & Yorrith vragen AI ten dans

14 ©corso

Osama keert terug met Rumi ©corso

17 Mohamed & Greet zetten spijbelaars in the picture

met Liliane & Marleen in café c o r s o

24 tot ziens Noura, welkom Sarah!

©corso

28 Toon & Hanna leiden je rond in de circuswereld

©corso

33 Ruth en Elisabeth leiden je naar het slachthuis

©corso

38 2

© THERE THERE COMPANY

©corso

21

Bregje neemt zichzelf niet serieus


Liefste c o r s o publiek, We zijn allemaal onderweg. Soms letterlijk, op weg naar school, het werk of een voorstelling. Maar veel vaker figuurlijk: op zoek naar momenten van verbinding en verwondering. Laat je in dit magazine meevoeren door verhalen die raken en nazinderen. Ontmoet makers die elk op hun eigen manier onderweg zijn. Jongeren die stap voor stap opnieuw vertrouwen vinden. Een componist die zich laat inspireren door de reis van een dichter. Een circusgezelschap dat verbinding creëert vanuit een eenvoudige handdruk. Een theatermaker die tussen twee verteltradities reist. Een comedian die haar eigen stem zoekt. Een illustrator die haar artistieke pad ziet verschuiven. Choreografen die onderzoeken hoe technologie onze creativiteit verandert. Vrijwilligers die weten dat een warm welkom het verschil maakt.

beeld MID*LIFE | danskijkers © Thanh Beels

Heel verschillende verhalen, maar telkens zetten ze iets in beweging. Misschien is dat wel de kracht van kunst en cultuur. Ze laten ons even door de ogen van een ander kijken. Ze nodigen uit om te vertragen, te groeien, te verdwalen en elkaar onderweg te ontmoeten. Wij hopen dat je in dit magazine een route vindt die je nieuwsgierig maakt. Misschien kies je voor een voorstelling die je uit je comfortzone haalt en raak je nadien onverwacht aan de praat in café c o r s o, waardoor je weer nét iets anders naar de wereld kijkt. Waar dit najaar je ook brengt: we kijken ernaar uit jou onderweg te ontmoeten. Tot gauw. Warme groet, team c o r s o 3


column

De wereld is een schouwspel en haar publiek is geobsedeerd door authenticiteit. Waarom willen we altijd de persoon achter de speler zien, terwijl de wereld al vol loopt met personen? We maken niet graag meer goden van mensen. We maken het liefst van goden (terug) mensen. Zo banaal! In ‘Wild Narcissus’ volg je een figuur die speelt met authenticiteit en enkel het achterste van hun tong laat zien als bewuste keuze: authenticiteit als manipulatietool. Door waargebeurde feiten naast de mythe te zetten, speel ik met de waarheid: de moderne Narcissus is een zelfbewuste acteur die het ene masker na het andere weg pelt. Is de voorstelling een zoektocht naar de kern of een speloefening om te tonen wat ik allemaal kan? Het antwoord is: ja! Theater maken en spelen is nooit een bewuste keuze geweest. Ik volgde mijn gevoel en belandde na veel vallen en opstaan in een drama-opleiding waar mij plots werd gevraagd: “Waarom dit?” “Gewoon,” verdedigde ik, “omdat ik voel dat ik dit moet doen.” Na een aantal discussies met docenten besefte ik dat ik, voor ik afstudeerde, een waardig antwoord op deze vraag wilde kunnen formuleren. Gelukkig stootte ik op de valreep op een citaat van Ursula Le Guin: “Predictions are uttered by prophets (free of charge), by clairvoyants (who usually charge a fee, and are therefore more honored in their day than prophets), and by futurologists (salaried). Prediction is the business of prophets, clairvoyants, and futurologists. It is not the business of novelists. A novelist’s business is lying.” (Le Guin, 1968) Uiteindelijk werd het boek waarvan dit de introductie was (The Left Hand of Darkness) de inspiratiebron voor mijn afstudeervoorstelling ‘Planet Winter’. Mijn leugens, in hun essentie, zeggen veel meer over wie ik ben dan de waarheid, omdat ik ze heb moeten uitvinden. En ik creëer zo graag leugens. In het dagelijkse leven heerst er een (valse) belofte van authenticiteit die ik heel moeilijk vind te bevatten: als je jezelf introduceert aan

4

Wild Narcissus Bavo Buys wo 16 dec | 20 uur


mensen ben je ‘eerlijk’, als mensen je naar je leven vragen vertel je de feiten zo waarheidsgetrouw mogelijk, enzovoort. Maar wat betekent dat, eerlijk zijn? De feiten vertellen zoals ze gebeurd zijn? Je gedragen naar hoe je bent? We hebben altijd een masker op, maakt niet uit hoe ‘eerlijk’ we pogen te zijn. Alle informatie die we produceren passeert langs onze sociale filter die enkel ooit onze eigen waarneming van de feiten zal kennen. Subjectiviteit troef. I distrust everybody for they are telling the truth. Dat maakt theater zo interessant: de leugen wordt, net zoals het applaus, beloofd. Theater is niet de realiteit, het ontstijgt het. Zolang ik mij kan herinneren, heb ik een obsessie gehad met wat de realiteit ontstijgt: magie, hekserij, sciencefiction, mythologie, theater. Daarom zeg ik vaak dat de echtste manier om mij te leren kennen, op scène is. Ik speel zo graag omdat ik dan niet bezig ben met hoe te leven, maar gewoon leef. In die zin is spelen iets dat ik grotendeels uit eigenbelang doe. Eigenbelang in de zin van: het is levensnoodzakelijk. Ik ben in die zin larger than life omdat het leven voor mij niet genoeg is. Ik heb heel mijn leven geworsteld met een obsessief compulsieve stoornis, die het mij heel moeilijk maakte om mijn buikgevoel te volgen. Het stoornisgedeelte is ondertussen wel onder controle, maar OCS is chronisch, dus een obsessief compulsieve manier van denken is mij nu eenmaal eigen. Buiten het theater staat dit deel van mij voorop en filtert het merendeel van wat ik doe of zeg. In het theater heb ik controle, en net doordat ik die heb kan ik haar loslaten, does that make sense? Maakt ook niet uit. Wat wel uitmaakt is dat ik mezelf toch weer lekker kwetsbaar en eerlijk heb neergezet. Lekker he? Ugh, zo pervers dit. Nu heb ik jullie iets gegeven, dus zijn jullie mij iets verschuldigd: ik zie jullie op 16 december in c o r s o voor ‘Wild Narcissus’. Met authentieke groeten, Narcissus (formerly known as Bavo Buys) © Anna Perger

5


In ‘Amadou’ brengt theatermaker Aminata Demba van Laika de rijke verteltraditie van West-Afrika samen met westers theater. Het resultaat is een hartverwarmende muzikale voorstelling vol verbeelding, humor en interactie. Maar ook een liefdevolle herinnering aan iets wat stilaan verdwijnt: samenkomen om verhalen te delen en te luisteren naar elkaar. Waarover gaat de voorstelling precies? ‘Amadou’ is een WestAfrikaans sprookje over een negenjarig meisje. Ze zit vol grote levensvragen maar niemand lijkt tijd te hebben om die te beantwoorden. In haar existentiële crisis plooit ze zich terug en komt ze terecht in een soort droomwereld. Daar ontmoet ze dieren en bijzondere figuren die haar op weg helpen. Zo leert ze niet alleen de wereld beter begrijpen. Ze wordt ook geconfronteerd met zichzelf.

6

Aan de basis liggen WestAfrikaanse sprookjes. Wat maakt die bijzonder? Die verhalen hebben traditioneel een belangrijke rol in de opvoeding in West-Afrikaanse landen. De sprookjes worden gebruikt om levenslessen door te geven over bijvoorbeeld verantwoordelijkheid, samenleven en respect. Er zitten pratende dieren in, grappige situaties, onverwachte wendingen. Maar onder die laag zit ook een diepere betekenis. De verhalen nodigen je uit om na te denken over jezelf en je plaats in de wereld.

Wie is Amadou uit de titel? Het meisje krijgt in haar droom een opdracht: ze moet op zoek gaan naar Amadou. Die figuur verwijst naar Amadou Hampâté Bâ, een Malinese schrijver die mij inspireerde voor deze voorstelling. Hij besefte dat veel mondeling overgeleverde sprookjes van de Peul, een etnische groep in WestAfrika, dreigden te verdwijnen. Daarom schreef hij ze op, voordat iedereen ze vergeet.

© Karolina Maruszak

Er was eens… een mooie bedreigde traditie


In Europa geven we oude sprookjes door via boeken.

Daarom breng jij die verhalen naar hier?

En gelukkig maar: daardoor bestaan ze vandaag nog altijd. Maar veel West-Afrikaanse verhalen leven uitsluitend voort doordat mensen ze mondeling aan elkaar doorvertellen. Hampâté Bâ zag dat de wereld snel veranderde. Door kolonisatie, globalisering en veranderende levensomstandigheden dreigden veel van die oeroude verhalen verloren te gaan. Daarom maakte hij er zijn levenswerk van om ze te verzamelen en neer te schrijven.

Het gaat voor mij over bewaren wat waardevol is. Amadou Hampâté Bâ en ik, we zijn allebei afstammelingen van de Peul. Ik herken iets van mezelf in Amadou. De liefde voor het vertellen. Ik leef hier, maar draag ook een andere geschiedenis met mij mee. Beide werelden samenbrengen vind ik prikkelend. Vooral ook omdat de Peul geen echte verhalenvertellers zijn, zij zijn vooral handelaars. Het zijn de griots die de verhalen vertellen.

Onderzoek naar verteltradities

Wat zijn griots precies?

Je dook in Amadou Hampâté Bâ’s werk. Wat onderzocht je precies?

De griots zijn een bevolkingsgroep die de culturele geschiedenis bewaren en doorvertellen. Je zou kunnen zeggen dat zij de hoeders van het collectieve geheugen zijn. Traditioneel word je geboren in een griotfamilie. Van jongs af aan leer je verhalen, muziek, geschiedenis en rituelen. Die kennis wordt van generatie op generatie doorgegeven.

Ik was niet alleen geïnteresseerd in de verhalen, maar ook in de verhaalpatronen en verteltechnieken. Ik wilde ook weten hoe die verteltradities vandaag nog leven, in landen als Mali, Senegal en Ivoorkust. Daarom ben ik er gaan praten met kunstenaars, theatermakers en mensen die met die tradities zijn opgegroeid. Welke plaats nemen die verhalen vandaag in het dagelijkse leven in? Ik ben daarbij ook geconfronteerd met mijn eigen misvattingen.

Hoe bedoel je? Ik had het idee dat die verteltradities in West-Afrika nog sterk aanwezig waren. Dat ze vanzelfsprekend werden doorgegeven van generatie op generatie. Maar ik ontdekte dat veel aan het veranderen is. In stedelijke contexten zijn bepaalde tradities al sterk afgenomen, net zoals hier eigenlijk. Dat vond ik confronterend. Ik besefte dat het niet alleen iets is wat wij hier verliezen, maar dat het overal onder druk staat.

Zo bewaren griots de familiegeschiedenissen. Ze vertellen verhalen over koningen en helden, begeleiden ceremonies en bespelen instrumenten zoals de kora, de fluit of de balafoon. Ze zorgen ervoor dat de gemeenschap haar verleden niet vergeet.

Dus zij zijn een soort levende encyclopedie? Zij bewaren de kennis, dragen die over en verbinden generaties met elkaar. Dat doen ze vanuit verschillende rollen. Ze zijn muzikant, historicus, verteller, dichter en entertainer samen. Bij belangrijke momenten in het leven – geboortes, huwelijken, feesten – brengen ze mensen samen, zoals ook wij daar vaak muzikanten voor uitnodigen.

uu

7


Maar de traditie van de griots verandert. Velen zijn zo bekend geworden dat ze naar het buitenland trokken. Daar kunnen ze veel geld verdienen. Alle grote Malinese artiesten zijn griots: Salif Keïta, Oumou Sangaré, Fatoumata Diawara, Sidiki Diabaté, Ali Farka Touré…

Die zijn wereldbekend, maar toch staat deze traditie onder druk? Ja. Muziek en cultuur worden steeds meer manieren om een inkomen te verwerven, ook op het internationaal toneel. Daardoor verschuift de focus van het doorgeven van diep verankerde tradities naar overleven. Bovendien worden hun verhalen en muziek ook beïnvloed door andere muziekstijlen die ze overal in de wereld tegenkomen. Daarnaast is de samenleving erg veranderd. Jongeren hebben andere ambities dan vroeger. Ze groeien op in een geglobaliseerde wereld en willen vaak andere wegen inslaan dan hun ouders. Vandaag is er internet en sociale media, terwijl de orale tradities ontstonden in een heel andere wereld.

Merkte je die evolutie tijdens je onderzoek? In Senegal vertelde iemand mij dat hij als kind voortdurend verhalen hoorde van zijn grootouders. Die verhalen maakten deel uit van het dagelijkse leven. Maar toen hij met zijn eigen kinderen bij zijn ouders op bezoek ging, besefte hij dat die traditie zo goed als verdwenen was. Op één generatie tijd. Dat vond ik heel treffend. Verhalen vertellen vraagt tijd. Luisteren vraagt tijd. En precies dat staat vandaag onder druk. Niemand heeft tijd.

8

Misschien doen we dit vandaag op een andere manier. We gaan op café en delen daar verhalen met onze vrienden. Het is toch anders. Hier spreken we gericht af met vrienden om elkaar te zien, precies met die of die persoon. Maar in Mali bijvoorbeeld kom je elkaar spontaan tegen op straat en neem je de tijd voor elkaar. Mensen zetten stoelen buiten, praten, luisteren, vertellen verhalen. Het hoort echt bij het dagelijks leven. Er is meer ruimte voor onverwachte ontmoetingen en het simpelweg samen zijn.

Twee werelden komen samen Hoe leidde je onderzoek tot deze voorstelling? Mijn uitgangspunt was: hoe breng ik de West-Afrikaanse en WestEuropese manieren van vertellen samen? In Senegal sprak ik met een theaterdirecteur die zich verbaasde over sommige vormen van westers theater. Hij begreep niet hoe iemand twee uur op een stoel een monoloog kon geven — zonder muziek, zonder humor, zonder interactie. Voor hem waren dat essentiële elementen van theater. Dat zette me aan het denken. Het deed me beseffen hoe cultureel bepaald onze ideeën over theater zijn.

Wat heb je daarvan meegenomen naar Amadou? Eerst en vooral dat ik zelf geen waardeoordeel wilde vellen. Ik wilde onderzoeken hoe twee verschillende verteltradities elkaar kunnen ontmoeten, zonder de ene beter of slechter te vinden dan de andere. Daarom gebruikte ik als fundamenten van Amadou de drie essentiële elementen in WestAfrikaanse vertelvormen: interactie met het publiek, humor en muziek. Meer niet.


Wat is de rol van de muziek?

gedragen door de woorden.

Het woord primeert, maar de muziek helpt om werelden op te roepen. Omdat we nauwelijks decor gebruiken, creëren de instrumenten mee de sfeer en de verbeelding. Ze zijn daarom best wel prominent: een kora, een balafoon, een fluit, piano en gitaar. Ze symboliseren beide werelden en ondersteunen het verhaal zonder het echt over te nemen.

Dat is best spannend, want we leven in een heel visuele cultuur. Zeker kinderen zijn gewend om voortdurend beelden te krijgen. Precies daarom wilde ik onderzoeken wat er gebeurt als je vooral vertrouwt op woorden, muziek en verbeelding.

Jullie hebben bewust gekozen voor weinig decor. Dat was een belangrijke artistieke keuze. We hebben lang gediscussieerd over rekwisieten en scenografie. Uiteindelijk hebben we beslist om zoveel mogelijk bij de kracht van het vertellen te blijven. Dus geen rekwisieten of andere visuele hulpstukken. Zuiver teksttheater, de beelden worden

Hoe reageert een jong publiek daarop? Verrassend goed! Kinderen hebben vaak een enorme verbeeldingskracht. Als je hen de ruimte geeft, vullen ze zelf beelden in. Dat is ook de reden waarom ik tegelijk verteller én personage ben. Ik wissel voortdurend tussen die rollen. Daardoor kunnen kinderen zich identificeren met het meisje, maar blijven ze ook bewust van het feit dat er een verhaal wordt verteld. uu

© Karolina Maruszak

“Verhalen verdwijnen als we ze niet vertellen”

9


Het publiek zit ook heel dicht bij de speler en muzikanten.

leggen en gewoon samen iets te beleven.

Dat idee is geïnspireerd op de West-Afrikaanse ‘gren’: een plek waar mensen samenkomen om verhalen uit te wisselen. Het is geen gebouw of een vaste locatie, maar eerder een manier van samen zijn. Dat gevoel wilden we ook creëren: iedereen deelt dezelfde ruimte, in plaats van een klassieke opstelling met een verhoogd podium en een zaal die daarnaar kijkt.

Heeft deze voorstelling jou persoonlijk veranderd?

Wat hoop je dat mensen meenemen na afloop? Dat ze opnieuw zin krijgen om verhalen te vertellen. Ik hoop ook dat mensen beseffen hoe waardevol het is om samen te zitten en naar elkaar te luisteren. We leven in een tijd waarin alles sneller moet. Misschien is het net belangrijk om af en toe te vertragen. Om een deur dicht te trekken, een telefoon weg te

© Sarah Van Wingerden

Tip: Aminata Demba maakt en speelt ook de theatervoorstelling ‘Kana Kassy / Niet Huilen’ van SKaGeN op vrijdag 14 mei om 20 uur.

10

Ze heeft vooral bevestigd wat ik al voelde. Ik geloof al lang in de kracht van verhalen. Maar door dit traject ben ik me nog bewuster geworden van hoe kwetsbaar dat erfgoed is. Ik heb ook geleerd dat je niet mag veronderstellen dat tradities vanzelf blijven bestaan. Ze blijven alleen leven als mensen ze blijven doorgeven. Misschien is dat uiteindelijk wat ik het meest heb meegenomen uit dit project: verhalen verdwijnen als we ze niet vertellen. En daarom moeten we ze blijven delen. tekst Cédric Raskin | Parlevink

Amadou | 8+ Laika zo 20 sep | 15 uur

f am i l i e


Wat als een chatbot choreograaf wordt?

“We proberen ook naast de scène het verschil te maken”

‘Wat als een chatbot choreograaf wordt?’ Vanuit die vraag schiepen Dan Mussett en Yorrith De Bakker ‘Fully Automated Luxury Dancing!’ Drie lokale dansers – elke voorstelling andere – voeren zonder voorbereiding dansopdrachten uit die ze ter plaatse via een koptelefoon te horen krijgen. Terwijl ze reageren op de wil van een machine, wordt hun menselijke kwetsbaarheid duidelijk. Wat gebeurt er met de danser – en met de dans zelf – als creativiteit iets wordt dat geoptimaliseerd moet worden? Wij vroegen het aan de makers. Hoe ontstond het idee voor ‘FALD!’? Dan: Ik speel vaak met de vraag welke impact technologie op het lichaam heeft. In één van mijn vorige shows, THE DATING PROJECT, gaf een smartphone-app het publiek instructies. Ik wilde nu opnieuw met instructies werken, maar dan met getrainde dansers. Het uitgangspunt was: hoe kan je een show keer op keer reproduceren door een bepaalde code vast te leggen? Een hele opgave, dus vroeg ik Yorrith om me te helpen. We kennen elkaar al lang, maar dit is de eerste keer dat we samenwerken.

De dansers krijgen live instructies van een ‘chatbot’, maar de prompts zijn eigenlijk door jullie geschreven. Dan: Klopt. We hebben alles zelf geschreven, alsof het van een chatbot komt. Wat als we elke dansshow ooit gemaakt in ChatGPT steken en hem vragen om een nieuwe show te maken? Hoe zouden die prompts eruitzien? Dat is wat we met ‘FALD!’ willen bepalen. We updaten de prompts continu. Op een bepaalde manier doen we dus zelf aan ‘machine learning’.

Wat is de grootste uitdaging van die werkwijze? Dan: Prompts moeten specifiek en decodeerbaar zijn. Als je ‘spring’ zegt, doet elke danser dat anders. Enerzijds willen we testen in hoeverre je de uitvoering kan uniformiseren aan de hand van de instructie, anderzijds vinden we het net mooi als de interpretatie voor verwarring of chaos zorgt. Net dat maakt de show zo interessant.

Is dat waar AI volgens jullie op zijn limieten botst? Dan: 100%. We tonen eigenlijk: kijk eens hoe slecht het zou zijn als je dans aan AI zou uu

11


toevertrouwen. Je voelt dat het rommelig wordt en soms niet klopt. Dat is omdat AI dans niet ziet en voélt. Wat je niet voelt, kan je ook niet reproduceren. Yorrith: Het is moeilijk om beweging in woorden te vatten. Taal moet landen in het lichaam en zo opnieuw beweging worden. Dat kan AI vandaag nog niet. Dans is in dat opzicht misschien wel the last frontier voor AI.

AI zet in op efficiëntie en optimalisatie. Wat gebeurt er met dans als je het probeert te optimaliseren? Dan: We moeten in de sector steeds meer doen met steeds minder middelen. Dat heeft een impact op de creativiteit. Makers maken minder gewaagde dingen. Je komt tot een bijna geautomatiseerde output: je weet wat werkt, dus je doet dat opnieuw. Er is geen ruimte meer voor exploratie. Die efficiëntiemindset zit overal. Denk maar aan audities: je hebt enkele seconden om indruk te maken – of niet. Yorrith: Daardoor ga je als danser ook voorcureren. Je past je aan aan wat je weet dat de choreograaf goed vindt. En zo wordt iedereen hetzelfde. Maar is dat optimalisatie, of verliezen we zo net wat kunst, kunst maakt?

De show is gebaseerd op interviews met dansers uit de Belgische scene. Wat was daar de rode draad? Dan: Onzekerheid. Iedereen, ook de meer ‘bekende’ dansers waar we zelf naar opkijken, leeft in continue onzekerheid. Yorrith: Dansers investeren veel om danser te kunnen zijn en blijven. Ze krijgen te maken met machtsmisbruik en soms zelfs seksueel misbruik. Het is hallucinant hoe ver sommige dansers moeten gaan om aan werk te geraken. Je moet bijna wanhopig zijn, en daar wordt op alle mogelijke manieren misbruik van gemaakt.

Voor ‘FALD!’ creëren jullie op scène soms vergelijkbare situaties. Riskeer je dan niet te herhalen wat je bekritiseert? Dan: Dat is het risico. Wij zien het als exposure therapy in een veilige omgeving.

12

Yorrith: Onze repetities spelen daar een belangrijke rol. Het verrassingselement is cruciaal, dus we kunnen geen integrale show repeteren. Maar we doen wel één repetitie van twee uur om de dansers vertrouwd te maken met de headphones en het type instructies dat ze zullen krijgen. Om hen gerust te stellen.

Jullie sturen dansers verder onvoorbereid de scène op en vuren live instructies op hen af. Hoe reageren zij op die setup? Yorrith: Dat is heel persoonlijk. Sommige dansers zijn allergisch aan dat type macht – meestal zij die zelf ook creëren. Dansers die getraind zijn om uit te voeren, laten het makkelijker los. Meestal staan de twee types samen op scène: zij die zich verzetten tegen de instructie, en zij die erin meegaan. Die mix is net het mooie. Als alle drie de dansers overal in meegaan, krijg je een comedyshow. Om een punt te maken, moet je dus ook minstens één danser hebben die je doorheen de voorstelling ziet afbrokkelen. Dan: De setup werkt ook bevrijdend. Als danser besef je op een bepaald moment dat de verantwoordelijk van de uitvoering een limiet heeft. Je geeft je over aan de instructie, en beseft dat het niet jouw verantwoordelijkheid is hoe dat eruitziet. We merken dat dansers zo soms performatieve kwaliteiten ontdekken waarvan ze niet wisten dat ze ze hadden. Yorrith: Het geeft de performance ook iets rauws. De dansers zijn écht in het moment en het publiek weet dat ze onvoorbereid in de spotlight staan. Dat raakt een oerangst die iedereen herkent en zorgt voor een enorme generositeit, langs alle kanten.

Jullie werken bewust met lokale freelancer dansers. Waarom? Dan: Het stuk gaat over de economische kant van dans. We tonen onder meer hoe je een groepsperformance maakt zonder budget voor een repetitieperiode. Lokale dansers zijn een deel van het antwoord. Yorrith: Het trekt ook onze eigen bias open. Door telkens lokaal te kiezen, ga je breder dan je eigen netwerk. Het mooie is dat we daar ook de valkuilen van de sector zien. Omdat we


tekst Jasmine Robbé | Bureau Wit | foto’s c o r s o

telkens met een custom gezelschap werken, willen instituten vaak mee bepalen wie er op de scène komt. Dan: Klopt, in dat opzicht is de manier waarop ‘FALD!’ tot stand komt heel meta. Ook wij moeten rekening houden met de quota van de instituten en beperkte budgetten. Dat is ergens fijn om mee te spelen, want het is exact die realiteit die we willen belichten.

‘FALD!’ heeft ook een satirisch, humoristisch kantje. Vanwaar die keuze, in plaats van iets meer confronterends? Dan: Humor is een overlevingsmechanisme. Satire verlicht de sérieux. Een moraliserend activistisch stuk werkt zelden. Het publiek meenemen met humor en spel, en van daaruit een serieus punt maken – dát werkt.

Fully Automated Luxury Dancing! Dan Mussett & Yorrith De Bakker vr 30 okt | 20 uur Reiken jullie met ‘FALD!’ ook een oplossing aan voor de problemen die jullie aankaarten? Dan: Onrechtstreeks wel. We tonen wat er mogelijk is als je dansers empowert en als je vertrouwt op de meerwaarde van de danser als volwaardige, individuele performer. Yorrith: En we proberen ook naast de scène het verschil te maken. We vragen bewust weinig investering van de dansers – één repetitie, that’s it – en reiken hen de tools aan om zich te verenigen en voor zichzelf op te komen. Dans is in dat opzicht een verwaarloosde discipline. Met onze tour hopen we een steen in de rivier te verleggen.

13


Iedereen is weleens een outsider in het leven “Componeren blijft altijd een ontdekkingstocht”

14


tekst Igor Daems | beeld Cluster vzw

Twee jaar na ‘Rumi Passion’ keert componist Osama Abdulrasol terug naar c o r s o met ‘Rumi the Outsider’, een muziektheatervoorstelling waarin muziek, dans en video samenvloeien. Centraal staat één vraag: wat betekent het om een outsider te zijn? Abdulrasol laat zich daarvoor opnieuw inspireren door het werk van de Perzische dichter en soefi-mysticus Rumi.

Hoe kijk je terug op ‘Rumi Passion’? ‘Rumi Passion’ was een ongelooflijke reis: het was een groot succes en ik kreeg na de voorstellingen vaak erg emotionele reacties van het publiek. Het was de eerste keer dat ik muziek op een traditionele manier componeerde. Daarvoor ging ik terug naar mijn roots in Irak. Ik vind het fijn om telkens weer op muzikale ontdekking te gaan. De afgelopen jaren schreef ik muziek voor film, componeerde ik een opera, werkte ik samen met het Brussels Jazz Orchestra en speelde ik op plekken over de hele wereld.

Op 22 oktober staat ‘Rumi the Outsider’ in c o r s o. Hoe verschilt deze voorstelling van ‘Rumi Passion’? In ‘Rumi Passion’ schetsten we een breed beeld van de Perzische dichter en soefi-mysticus Rumi. In de nieuwe voorstelling ga ik dieper in op het idee van de outsider. Het wordt een hedendaagse ode aan Rumi’s tijdloze gedachtegoed: dat de zoektocht, hoe eenzaam soms ook, een weg kan openen naar een diepere ontmoeting met de ander.

Waarom focus je op de outsider? Rumi was zelf een outsider. Hij werd geboren in het huidige Afghanistan en trok later met zijn familie naar Turkije. Toen zijn vader, die priester was, jong stierf, nam Rumi op 37-jarige leeftijd zijn taken over. ‘Rumi’ betekent letterlijk: de buitenlander, de vreemdeling. Het is een herkenbaar gevoel: iedereen is weleens een outsider in het leven. Je kan vrienden hebben in een andere stad, maar zodra je daar bent, merk je toch: je hoort er niet helemaal bij. Zelf ken ik dat gevoel natuurlijk ook. Ik kwam van Irak naar België om een nieuw leven op te bouwen. Ik heb hier veel vrienden, van allerlei nationaliteiten, maar ergens blijf je altijd een beetje een buitenstaander.

Hoe ging Rumi daarmee om?

Rumi the Outsider Osama Abdulrasol ensemble do 22 okt | 20 uur

Zijn leven veranderde toen een 64-jarige man, Shams-e Tabrizi, plots op hem afstapte en hem existentiële vragen begon te stellen. Rumi was compleet verbouwereerd. Waarom heb ik hier nooit eerder over nagedacht, vroeg hij zich af. Ze werden de beste vrienden. Maar doordat Rumi steeds meer tijd doorbracht met zijn mysterieuze leermeester, voelde zijn gemeenschap zich verwaarloosd. Shams werd uiteindelijk verjaagd of vermoord. Dat verlies had een enorme impact op Rumi en werd een belangrijke inspiratiebron in zijn werk. uu

15


Wat mogen mensen verwachten van de voorstelling?

Moeten mensen weten wie Rumi is als ze naar de voorstelling komen?

Een combinatie van muziek, dans en videokunst. De twee dansers reageren op de geprojecteerde beelden: één danser beweegt meer mysterieus en spiritueel, de andere hedendaagser. Dat contrast vind ik erg mooi. De videokunst wordt deels met AI gegenereerd. Daarnaast is er natuurlijk muziek. Ik bespeel de qanun, de oed en de guqin, een Chinees instrument dat ik voor het eerst live op een podium zal spelen. De andere muzikanten zingen en bespelen verschillende instrumenten. Samen vormen ze bijna een soort koor.

Voorkennis is niet nodig om van de voorstelling te genieten, al kan ik zijn prachtige teksten natuurlijk aanraden. Ik vind het mooi als mensen zonder verwachtingen komen kijken en luisteren. Dan word je actiever als toeschouwer, dan ga je mee op reis. Vaak is het publiek in het begin van de voorstelling vooral met het hoofd aanwezig. Als we erin slagen om ze meer met het hart te laten genieten, dan is de voorstelling voor mij geslaagd.

Jij componeert de muziek. Hoe begin je daaraan?

Ik kom uit een religieuze familie waarin muziek verboden was. Daarom heb ik mezelf in het geheim muziek geleerd, via boeken, een cassettespeler en een radio. Stiekem luisterde ik door het geruis heen naar BBC World. Zou dit een viool zijn, vroeg ik me af. Ik had geen enkel referentiepunt. Op een dag trok ik naar Bagdad om in een muziekwinkel te vragen wat jazz eigenlijk was, want ik had dat woord op de radio gehoord. De uitbater zette een cassette op en ik werd van mijn sokken geblazen. Die akkoorden, die harmonieën… een wereld ging open. Ik ben die muziek altijd blijven onthouden, zonder te weten welke artiest het was. Pas jaren later ontdekte ik tijdens een soundcheck in België dat ik toen naar Toots Thielemans had geluisterd.

Ik had ooit een leraar chemie die me advies gaf dat mijn leven veranderde. Hij zei: in chemie ga je nooit van A naar B. Je begint bij het eindpunt en zoekt van daaruit de weg terug. Zo componeer ik ook. Ik creëer eerst de grote lijnen van het verhaal: het begin, het einde en de spanningsboog. Daarna begin ik muziek te schrijven. Componeren blijft altijd een ontdekkingstocht. Je begint ergens, maar je weet niet altijd waar je uitkomt. Ik ken de muzikanten heel goed en weet wat ze kunnen. Dat helpt bij het schrijven. Soms is de muziek eenvoudig, soms wat complexer, zodat de virtuositeit van de muzikanten zichtbaar wordt. De voorstelling volgt Rumi’s reis van Afghanistan naar Turkije. Onderweg verwerk ik subtiel muzikale invloeden uit de regio’s die hij doorkruiste.

Je vertelde al hoe emotioneel het publiek werd van de vorige voorstelling. Hoe komt dat, denk je? Van de vorige voorstelling zal ik inderdaad nooit vergeten hoe geraakt de mensen achteraf waren. Vaak waren het net de meest eenvoudige melodieën die het sterkst binnenkwamen. De relatie tussen Rumi en zijn leermeester doet me denken aan de band met mijn oudere broer, die overleden is en van wie ik als kind veel geleerd heb. Toen ik de eerste voorstelling componeerde, dacht ik vaak aan hem. Misschien hebben mensen dat ergens gevoeld.

16

Je groeide op in Irak. Hoe heb jij muziek geleerd?

Heeft die brede luisterervaring jouw kijk op muziek gevormd? Zeker. In mijn jeugd hoorde ik allerlei muziek door elkaar, zonder te weten dat er stijlen of genres bestonden. Daar doe ik tot op de dag van vandaag mijn voordeel mee. Goede muziek is goede muziek. Voor mij is dat het enige label dat telt.

Wat is voor jou dan de beste muziek? Voordat ik naar België kwam, heb ik oorlog en trauma meegemaakt in Irak. Die beelden blijven in mijn hoofd zitten. Toen ik de muziek van de Argentijnse bandoneonspeler Dino Saluzzi hoorde, werd het voor de eerste keer stil in mijn hoofd. Ik heb al ontelbare keren naar zijn album ‘Cité de la Musique’ geluisterd en nog elke keer heeft die muziek hetzelfde effect. Als ‘Rumi, the Outsider’ iets van die rust of troost kan oproepen bij het publiek, zou dat voor mij het mooiste zijn.


Spijbelaars staan er niet alleen voor

Als jongerencoach bij CAW Antwerpen staat Mohamed Sabaouni dicht bij ‘zijn’ jongeren. Hij moet deze Antwerpse tieners, die niet meer naar school gaan, in beweging krijgen. Journaliste Greet Wouters schaduwt hen met een camera en brengt zo in beeld waar het schoentje écht wringt. Met de documentaire ‘Onderweg’ willen ze meer begrip creëren voor jongeren die slecht in hun vel zitten. Greet, hoe kwam je erop om Mohamed te volgen? Greet: “Wij dienen allebei op in restaurant Madonna. De verhalen die Mohamed tussendoor vertelde, raakten me. Er wordt kritisch gekeken naar jongeren die zogezegd geen zin hebben om naar school te komen. Maar eigenlijk zit er zoveel meer achter. Ik verschoot ervan hoe slecht jongeren zich kunnen voelen en in welke situaties ze soms zitten. Daarom stelde ik Mohamed voor om

tekst Shari Lima Marques foto c o r s o

samen een documentaire te maken. Een andere collega leende ons haar camera. Zo gingen we samen op stap in onze vrije tijd, zonder druk of eindredacteur. Gewoon zien waar we uitkomen. Ik vond het vooral belangrijk om empathie op te wekken voor jongeren die niet meer naar school gaan. Zodat mensen niet zo snel zouden oordelen.” Wat kunnen kijkers verwachten? Mohamed: “In de documentaire volg ik 5 jongeren op die het mentaal zwaar hebben en langere tijd niet naar school gaan. We bouwen een vertrouwensband op en zetten kleine stapjes met de bedoeling terug naar school te gaan. Ik haal hen thuis op om samen een wandeling te maken, een studentenjob te zoeken, naar een afspraak te gaan … Doorheen de documentaire zie je hoe de jongeren groeien. Dat is echt wel mooi om te zien.” uu

17


Tijdens de opnames worden de subsidies van het jongerenproject stopgezet. Wat betekende dat voor jullie? Greet: “We wisten het eigenlijk echt even niet meer. Het was onze bedoeling om een inzicht te geven in hoe de jongeren zich voelen, maar nu zou hun traject stoppen. Moesten we nu verder gaan of niet? Want dat zou echt zonde zijn. De politiek vond het project te intensief en dus eigenlijk te duur. Maar dat is net heel jammer. Want het is juist een aanpak die werkt. Net nu is het erg belangrijk om te tonen dat die coachingprojecten wél belangrijk zijn en een impact hebben. Maar ook dat er meer bewustwording groeit over de problematiek. Zodat er meer geld vrijkomt voor jongeren.” Mohamed: “Dat is de realiteit van de sociale sector. Ik weet niet waarom, maar ergens motiveerde dat ons nog meer. De verhaallijn nam wel een andere wending. Gelukkig kon ik de jongeren nog enkele maanden begeleiden om hun traject af te ronden voor ik een andere job kreeg bij het CAW.” Hoe hebben jullie de opnames aangepakt?

“Er wordt kritisch gekeken naar jongeren die zogezegd geen zin hebben om naar school te komen. Maar eigenlijk zit er zoveel meer achter.”

Mohamed: “Ik had niet meteen het gevoel dat ik aan die jongeren kon vragen of we hen mochten filmen. Het ging dus heel stapsgewijs. Ik vertelde aan elke jongere waar ik mee bezig was en vroeg: wat denk je ervan om eens mee in beeld te komen? Dat deden we altijd in samenspraak met de ouders, die voor minderjarigen ook schriftelijke toestemming gaven.” “Ik heb een hele goede band met de jongeren. Vandaar dat ze me heel erg vertrouwden en graag meededen. Maar het ging met ups en downs. Soms had ik afgesproken met Greet om een jongere te zien en dan kreeg ik een berichtje ‘ik kom niet’. Dat gebeurde niet één keer, maar echt vaak. Dat was frustrerend. Want Greet wou filmen en ik wou echt wel iets bereiken met die jongere.” Greet: “Ik weet nog dat ik de eerste maand echt gefrustreerd was, omdat ik bijna niks kon filmen. Dan hebben we het over een andere boeg gegooid en ben ik zonder camera meegegaan. Ik was daar die eerste maanden echt wel een beetje bezorgd over, maar uiteindelijk hebben we 5 verhalen in beeld gebracht. Ik had ook het gevoel dat de meesten beseften hoe belangrijk het was, voor hen en voor andere jongeren, om hun verhaal te delen.” De meeste jongeren zijn onherkenbaar. Een bewuste keuze?

18

Greet: “Er waren een paar jongeren die wel herkenbaar in beeld wilden, maar ik heb dat bewust niet gedaan omdat ik hen wou beschermen. Deze jongeren zijn kwetsbaar en de meesten waren


“Ik hoop dat jongeren die de documentaire zien, weten dat ze niet alleen zijn.” bovendien minderjarig. Ik had ook onderschat hoe erg de situatie is. Daarom heb ik niet alles gefilmd. Je weet niet wat de toekomst brengt. Het laatste dat ik wil, is dat die jongeren een negatief gevolg ondervinden omdat ze herkend worden. Maar een geblindeerde vlek op hun gezicht, daar was ik echt niet voor. Dus filmde ik langs achter of met tegenlicht.” Wat hebben deze jongeren nodig volgens jullie? Mohamed: “Vooral geen algemene regeltjes of een vastgelegd traject waarin elke jongere dezelfde stappen moet doorlopen. Bekijk iedereen als individu. Als jongerencoach keek ik naar de behoeftes, stemde daarop af en voelde ik aan wanneer de tijd rijp was om een bepaalde stap te nemen.” Greet: “Dat is een goede instelling. Werk op maat en in overleg met de jongeren zelf. Want iedereen is anders. En probeer eens te begrijpen wat die jongere doorgaat. Ik verschoot soms van de houding en toon tijdens zo’n schoolgesprek.” Mohamed: “Als jongerencoach hou je contact met ouders, leerlingenbegeleiders, jeugdconsulenten … Zo bezocht ik de school van een jongere die al 2 weken niet naar school was gekomen, zonder dat de leerlingbegeleider die jongere had opgebeld of gecontacteerd. Daar kan ik kwaad van worden. Als we het niet samen doen, bereiken we niks. Iedereen moet betrokken blijven.” Wat betekent het voor jullie om de docu in c o r s o te brengen? Greet: “Als we ‘Onderweg’ ergens vertonen,

vinden we het belangrijk dat de boodschap en het belang van jongerencoaching begrepen wordt. Ook c o r s o zet hard in op hun jongerenwerking en wil jongeren uit de buurt betrekken. Die visie sluit helemaal aan bij onze boodschap.” Wat hopen jullie dat de kijkers meenemen? Mohamed: “Probeer die jongeren te begrijpen en wees je ervan bewust dat er achter elke jongere een verhaal zit. En als je het niet begrijpt, stel dan vragen en blijf betrokken. Er zit vaak meer achter dan gewoon niet naar school komen. Zo komt er in de documentaire een jongere aan bod die niet graag de tram neemt, uit angst om bekeken te worden. Mijn vrienden en collega’s die de docu zagen, beseften niet dat dit een reden zou kunnen zijn om niet naar school te komen. Dat is het voordeel van de jongerencoach, dat je het vertrouwen wint waardoor de jongere je dingen vertelt die hij of zij vaak niet aan een leerlingbegeleider of leerkracht vertelt.” Greet: “Het ideale scenario is dat er naast bewustwording ook weer gepaste begeleiding komt. Sinds dit project is stopgezet, kan het Centraal Meldpunt in Antwerpen deze jongeren niet meer doorverwijzen. Die dossiers staan on hold. De jongeren zijn gewoon thuis, omdat er geen gepaste hulpverlening is.” “Daarnaast krijgen we vaak de vraag van leerkrachten of ze de docu in hun lessen mogen gebruiken. In samenwerking met scholen willen we een hermontage en een lespakket maken, voor in de les of de lerarenopleiding. In de tussentijd hoop ik dat jongeren die de documentaire zien, weten dat ze niet alleen zijn. Als er ook maar één jongere op die manier geholpen wordt, zou dat fantastisch zijn.”

Onderweg Greet Wouters & Mohamed Sabaouni za 28 nov | 20 uur

19


gels gard Teu © Hilde

Rob de Nijs brak in 1963 door in Vlaanderen en Nederland met ‘Ritme van de Regen’. Alain Smits, Eddy Aelbrecht en Peter Verbraken - die vroeger nog met Rob de Nijs hebben samengewerkt - brengen nu een eerbetoon aan de overleden zanger.

Rob de Nijs Tijdloos di 27 oktober | 14.30 uur

ma t i n e e s

in

c o r s o

© Pete

r Verbra

ken

Ivan Pecnik wordt 60, Jo Lemaire wordt 70. Dat vieren ze samen met een machtig muziektheaterconcert, begeleid door een kwartet o.l.v. Peter Verbraken. Verwacht je aan chansons, crooners en pittige duetten, afgewisseld met leuke anekdotes.

Hommages di 17 november | 14.30 uur

20

ontdek onze andere matinees op www.corso.be

dank aan


Vrijwilligersduo Liliane en Marleen: Al 17 jaar samen achter de toog bij c o r s o

tekst Julie Schmeits foto c o r s o

Liliane Van Velthoven en Marleen Van Pottelberge, twee gepensioneerde positieve dames met een hart voor cultuur en community, vormen een onmisbaar vrijwilligersduo achter de toog bij c o r s o. Het gemberbier en het appel-kersensap weten ze bijna met de ogen dicht te vinden in de rij koelkasten achter de bar. Op drukke avonden helpen Marleen en Liliane de gasten met veel toewijding verder, al deinzen ze niet terug voor een babbeltje tussendoor. Het liefst werken ze samen, zodat ze na hun shift met twee naar huis kunnen wandelen. Ze wonen immers in dezelfde buurt. uu 21


Tussen het pintjes tappen door Marleen komt binnen met een frisse coupe, want ze komt rechtstreeks van de kapper. Zelf is ze niet helemaal tevreden, maar Liliane vindt het kapsel wel geslaagd. “Jij staat er ook fris op”, zegt Marleen glimlachend tegen Liliane. De twee hebben elkaar leren kennen door het vrijwilligerswerk bij c o r s o, toen Liliane hier zeventien jaar geleden haar vrijwilligerscarrière begon. Marleen, die hier al enkele jaren eerder voet zette, viert inmiddels bijna haar twintigste jubileum bij c o r s o. Marleen werd als vrijwilliger gestrikt toen ze kaartjes voor een voorstelling wilde kopen en Liliane kwam via de Berchemse braderij bij c o r s o terecht. Tijdens hun professionele loopbaan stonden ze allebei in het onderwijs. Nu staan ze pintjes te tappen in de Driekoningenstraat. “Ik had nog nooit eerder achter een toog gestaan. Dus dat was een leuke uitdaging”, vertelt Liliane. “Je hebt veel contact aan de bar. Soms komen de bezoekers speciaal naar je toe om je te begroeten. Dat vind ik zo aangenaam. Het is omdat ik zo veel met anderen in contact kom, dat ik me hier direct thuis voelde.” Ook Marleen geniet van het sociaal contact dat bij het vrijwilligerswerk komt kijken: “Je hebt veel mensen om je heen die min of meer in gelijkaardige dingen geïnteresseerd zijn. En dat is een groot pluspunt.”

Kind aan huis “Ik ken deze plek al van vroeger”, vertelt Liliane. Toen het gebouw zoveel jaar geleden nog een cinema was, ging ze er naar de film. En toen het later een cultuurcentrum werd, kwam ze voor de voorstellingen. Al op jonge leeftijd mochten Marleen en Liliane af en toe van cultuur proeven. Van jeugdtheater bijwonen tot musea bezoeken met vriendinnetjes, de liefde voor de kunsten is hen met de paplepel ingegoten. “Dat zat er altijd al in en dat zal ook altijd zo blijven”, stelt Marleen. Daarom zijn de twee vandaag ook niet meer weg te slaan uit de verschillende cultuurcentra van de stad. Want naast c o r s o, zoeken de twee ook andere plekken op als vrijwilliger. Liliane werkt eveneens bij Arenberg en sporadisch op woensdagen in een woonzorgcentrum in Berchem. Marleen kwam de afgelopen jaren bij verschillende Antwerpse cultuurhuizen over de vloer en hielp er bij theatervoorstellingen, concerten, tentoonstellingen en filmvertoningen. “Ik vind vrijwilligerswerk zinvol en noodzakelijk. En zo blijf ik voeling hebben met de verschillende huizen”, voegt ze toe.

22


Culturele openbaringen “In mijn professionele leven had ik eigenlijk niet veel tijd om naar het theater te gaan. Maar als gepensioneerde kon dat gelukkig weer wat meer”, zegt Liliane. De vrijwilligers van c o r s o verenigen strategisch het nuttige met het aangename, want de avonden waarop ze werken, kunnen ze ook kosteloos voorstellingen bijwonen. Marleen werkt graag wanneer er dansuitvoeringen plaatsvinden. “Ik had altijd een interesse voor dans. En ik vind het fijn dat daar bij c o r s o een accent op ligt”, vertelt ze. Op de vraag wat voor haar een grote ontdekking was, antwoordt Marleen volmondig: “Jan Martens.” Diep geboeid zocht ze na zijn voorstelling zelfs nog andere stukken van de choreograaf op. “Je ontdekt hier van alles. Dat je denkt, wauw, dit is geweldig. Of, joepie, hier heb ik niet voor moeten betalen”, zegt Liliane met een knipoog. “Maar meestal zijn we enorm tevreden.” Liliane spreekt over de geweldige acteurs, dansers en muzikanten die ze al zag, volgens haar te veel namen om op te noemen. “Ik heb gemerkt dat je na een tijd ook anders naar voorstellingen begint te kijken. Hoe meer je ziet, hoe meer je appreciatie voor de artiesten groeit. Maar ik denk ook dat je kritischer wordt”, stelt Liliane. “Ik denk dat je automatisch evolueert als kijker”, voegt Marleen toe. “In ieder geval sta ik keer op keer verbaasd over het engagement van die mensen. Het is fantastisch om te zien”, zegt Liliane. “En het is fijn om zelf ook een beetje deel uit te kunnen maken van die wereld, al is het vanachter de toog.”

Zin om vrijwilliger te worden bij c o r s o? Ontdek alle info op corso.be.

23


Daag Noura! Hej Sara! Als huiskunstenaar van c o r s o realiseerde Noura Marien artistieke projecten waar ze als pas afgestudeerde illustrator en beeldend kunstenaar niet van had durven dromen. Na twee theaterseizoenen tekenen, illustreren en animeren geeft ze de fakkel door aan illustrator Sara Smits. Een leuk gesprek met twee makers wiens paden hier kruisen.

tekst Shari Lima Marques foto c o r s o

Met welke verwachtingen was je eraan begonnen? Noura: “Ik verwachtte vooral freelance illustraties te maken aan mijn eigen bureau. Maar ik kreeg vooral veel vrijheid en ruimte voor eigen initiatief en om te experimenteren. Het bracht me ook onder de mensen, wat als illustrator niet zo vanzelfsprekend is. Mijn werk trad uit mijn hoofd en schetsboeken. Dat is het mooie aan kunstenaar en cultuurwerker zijn: mensen interageren met je werk, waardoor het een eigen leven gaat leiden.” Waar ben je het meest trots op?

“Ik kreeg vooral veel vrijheid en ruimte voor eigen initiatief en om te experimenteren.” — Noura

Noura: “Ik werkte mee aan MANA, een multidisciplinaire dansvoorstelling van Laura Daelemans in productie van I SOLISTI. De voorstelling gaat over Catelyne, de laatste vrouw die in Lier werd verbrand als heks. De live muziek, klarinet met electronics en projecties tot 5 meter hoog maken het heel immersief.”

In welke zin is je artistieke pad geëvolueerd?

“Op scène wordt Laura in het nauw gedreven door de projecties, die ze zelf tekende en ik animeerde. Ons maakproces duurde 2 jaar. Omdat ik hier huiskunstenaar was, konden we vaak in de studio werken, waar zij danste terwijl ik de projecties animeerde. Eigenlijk kwam alles hier samen.”

Noura: “In c o r s o ging er een wereld open. Gaandeweg voelde ik me meer aangetrokken tot het audiovisuele. Ik ontdekte een eigen beeldtaal waarin ik graag 2D en 3D combineer, en ik bedenk me vaker: hoe vertel ik dit verhaal? Hoe draag ik emoties over op de kijker? Ik kom los van het papier. Dat vind ik mooi.”

24


Wat brengt de toekomst?

“De traagheid in handelingen, daar haal ik veel inspiratie uit.” — Sara

Noura: “Nieuwe dingen blijven ontdekken. En méér verhalen vertellen, liefst op een interactieve manier. Concreet breng ik in 2027 een eigen animatiefilm uit, met een mix van 2D en 3D. En in de nasleep van MANA bedachten Laura en ik twee nieuwe creaties met dans en beeld, geïnspireerd door ecofeminisme en mythologie.” Wat wens je Sara, de nieuwe huiskunstenaar, toe? Noura: “Heel veel succes en plezier met alles wat je wil doen. Je kan het zo gek niet bedenken, gewoon doen. Experimenteer! In c o r s o is veel te zien en te beleven.” Sara: “Dankjewel!” Sara, waarom zijn c o r s o en jij een goede match? Sara: “Afgelopen jaar tekende ik als illustrator in bijberoep vooral kaartjes in opdracht, illustraties bij een informatief boek en groter werk. Heel leuk, dus dat blijf ik graag doen. Maar ik ben klaar om méér te verkennen. c o r s o is een open huis met een breed programma, een jongerenwerking en een sterke visie. Dat spreekt me echt aan. Het lijkt me fijn om in die context te experimenteren.” Heb je een bepaalde werkwijze of inspiratiebron? Sara: “Ken je Inktober? Dat is een challenge in oktober: je moet elke dag een tekening maken. Ik ben daar drie jaar geleden mee begonnen en nooit meer gestopt. De traagheid in handelingen, daar haal ik veel inspiratie uit. Bijvoorbeeld wanneer je tandpasta bijna op is en je alle kleine beetjes naar boven duwt. Ik vind dat mooi. Stilstaan bij alledaagse onopvallende dingen, liefst met wat humor.” Waar kijk je naar uit? Sara: “Live tekenen tijdens events, dat zou ik super vinden. Ik kijk er ook naar uit om op groot formaat te werken. Ik stelde daarnet een raamtekening voor, wat enthousiast werd onthaald. Het voelt alsof ik met alles wat in me opkomt, kan afkomen. Zo tof!”

MANA Laura Daelemans & I SOLISTI Makerspace za 12 dec | 17 uur

Noura maakte tijdens de iftaravond in maart enkele schetsen. We maakten er een poster van. Scheur hem uit en geef hem een mooi plekje bij je thuis.

25


26

r u i m t e v o o r verbinding


27

Noura Marien


Dragen en gedragen worden met Hugs & Handshakes

Een omhelzing, een schouderklopje of een stevige handdruk: in Hugs & Handshakes vormen alledaagse aanrakingen het uitgangspunt voor een warme, dansante voorstelling vol spectaculaire partneracrobatie. Wij spraken met Hanna Mampuys en Toon Van Gramberen van makersduo THERE THERE Company over verbinding, consent en de comfortzone als rekbaar begrip.

28


stap eens uit je comfortzone tekst Jasmine Robbé - Bureau Wit

Voor wie jullie nog niet kent: wie is THERE THERE Company? Hanna: “THERE THERE is een makersduo. Toon en ik startten ooit als partneracrobaten in de circuswereld en maken sinds 2014 ook zelf voorstellingen.” Toon: “We maken vooral hedendaags circus gebaseerd op partneracrobatie. Veel disciplines in het genre hebben een object als focuspunt. Bij partneracrobatie ben je elkaars object. Omdat je partnert, krijg je meteen het gevoel, de esthetiek en de kwaliteit van hedendaagse dans. Zeker bij onze eerste voorstellingen speelden we vaak met die grens tussen circus en dans.” Wat is voor jullie de kracht van circus als genre? Hanna: “Circus worstelt vaak met de vraag of het spektakel niet in de weg staat van het verhaal. Maar wij vinden circus net een heel dankbaar genre om een bepaalde inhoud te brengen. Bij ons gaat het niet alleen over trucs, of over tonen wat we fysiek kunnen. We werken inhoudelijk altijd rond een thema: vaak eentje dat al inherent in het genre aanwezig is, zoals verbinding of interactie. Het medium valt dus samen met het thema, en daardoor krijg je een heel leesbare diepte: de inhoud is complex, maar je ziet hem voor je ogen tot leven komen. Dat maakt het interessant, en toch toegankelijk.”

© Karolina Maruszak

Toon: “Als iets vroeger ‘circus’ in de naam had, werd het vaak op zondagnamiddag geprogrammeerd. Wij hebben er van bij het begin bewust voor gekozen voorstellingen te maken voor de avondprogrammatie – voor volwassenen. We vonden dat circus het waard was om uit het veld en op de scène te treden.”

Jullie hebben geen klassieke kunstopleiding gehad, maar studeerden sociaal werk en godsdienstwetenschappen – twee studies waar mens en betekenis centraal staan. Hoe sijpelt die achtergrond door in jullie werk? Toon: “Enerzijds is het in de cultuursector een voordeel als je hebt geleerd hoe je mensen die je wil bereiken, kan bereiken. Maar ook inhoudelijk speelt het mee. We merken dat thema’s als zingeving en sociale interactie steeds meer in ons werk terugkomen.” Hanna: “Onze studiekeuzes duiden op een bepaalde visie en een bepaald interessegebied. Toen we de switch maakten naar de podiumkunsten, was dat niet meteen om actief een verhaal te vertellen rond die topics. Maar we zijn daar wel spontaan naar geëvolueerd. We zijn onze visie altijd blijven opzoeken, en dat zie je in het resultaat. Als je ons dat tien jaar geleden had verteld, hadden we dat waarschijnlijk weggewuifd.” Met Hugs & Handshakes trokken jullie na een periode van theaterwerk weer de straat op en zetten jullie opnieuw in op participatie. Vanwaar die beslissing? Hanna: “In de podiumkunsten actief zijn, is vandaag geen beslissing waar je licht over gaat. Vlak voor deze voorstelling kwamen we professioneel op een kantelpunt: ‘Willen we dit werk nog doen, en zo ja: hoe moet het dan vorm krijgen?’ We hebben lang nagedacht over welke impact we wilden hebben. Eén element daarvan was in contact treden met het publiek. In Hugs & Handshakes komt dat meer dan ooit naar voren. In die zin is deze voorstelling misschien wel de essentie van onze artistieke visie en ons makerschap.” uu

29


Wat is er zo interessant aan het publiek betrekken? Toon: “We werken de laatste jaren steeds meer op de idee dat fysiek samenwerken ook het sociale binnenbrengt. Op elkaars schouders leren staan is een skill die je verrassend snel kan leren, maar je merkt meteen dat er ook een bepaalde mate van vertrouwen en loslaten nodig is. Dat maakt dat je automatisch tot een sociale connectie komt, zonder dat je het gevoel hebt dat het daarom draait. We vinden het heel mooi om die menselijke relationaliteit en interactie spontaan tot stand te zien komen.” In partneracrobatie is vertrouwen essentieel. Wat is de sleutel tot succes om dat ook in een participatieve voorstelling te garanderen?

“Toen we begonnen met Hugs & Handshakes waren we bang om een ‘nee’ uit het publiek te krijgen. Maar toen die ‘nee’ uiteindelijk kwam, merkten we dat die iets deed met het publiek. Hij toonde aan dat je ‘nee’ kan en mag zeggen, en dat stelde de andere toeschouwers gerust. Ondertussen is die ‘nee’ een essentieel onderdeel van de voorstelling, en een belangrijk element om een vertrouwensband op te bouwen met het publiek.” Om tot dit soort inzichten te komen, bereiden jullie voorstellingen meestal voor aan de hand van workshops. Hoe werkt dat exact? Toon: “We gebruiken workshops als een tool om het materiaal te onderzoeken. In workshops ontdek je wat werkt en wat niet werkt, en welk leven het materiaal gaat leiden als je in interactie gaat. Dat is eigen aan ons proces, en voor voorstellingen zoals Hugs & Handshakes kunnen we bijna niet anders. Je kan geen participatieve voorstelling repeteren zonder publiek.”

30

© Karolina Maruszak

Hanna: “Consent. We peilen heel erg naar of iemand wel of niet wil deelnemen. Participatie voelt vaak bijna verplicht. Dat is één van de redenen dat veel mensen er een afkeer van hebben. Bij ons is ‘nee’ zeggen helemaal niet erg. Integendeel: we zien het bijna als een cadeau.”

“Maar het gaat verder dan dat. Door workshops op de locaties van onze voorstellingen te organiseren, willen we onze rol net iets minder vrijblijvend maken dan gewoon toekomen, een voorstelling spelen en weer vertrekken. We willen lokaal iets verankeren door met een groep locals dieper in te gaan op ons werk. We brengen mensen samen die van dezelfde plek komen, maar die elkaar niet kennen omdat ze verschillende achtergronden hebben of tot een andere generatie behoren. Het effect dat je krijgt als die mensen samenkomen, is mooi om te zien. Het is onze manier om overal waar we spelen iets achter te laten.”


stap eens uit je comfortzone De locatievoorstelling van Hugs & Handshakes wordt in c o r s o aangepast voor de zaal. Vanwaar die keuze? Wat win je in de zaal? Toon: “Het maakproces van Hugs & Handshakes is gestart in de winter, dus de workshops en try-outs gingen vaak op binnenlocaties door. Gaandeweg hebben we gemerkt dat de voorstelling ook binnen goed werkte, en dat sommige dingen zelfs beter landden.” Hanna: “We merkten vooral een grotere focus. In participatieve voorstellingen vinden we het fascinerend om te zien hoe kleine interacties en momenten mensen verbinding kunnen doen voelen. Buiten gaan die details soms verloren.” “Een buitenvoorstelling heeft zijn eigen voordelen, maar in zo’n show moet vaart zitten. Je hebt omgevingsgeluid, het publiek kan komen en gaan. Dat vraagt om een andere aanpak, en net die haalt soms de focus weg van die kleine, subtiele dingen die bij en tussen mensen gebeuren. Binnen is de focus veel groter en komen die details veel beter tot hun recht. We willen daarom nu ook nog meer de tijd nemen om ze zichtbaar te maken en uit te lichten.” De voorstelling begint altijd met een – de naam zegt het zelf – omhelzing of handdruk. Vanwaar die insteek? Toon: “Dat komt uit de circustechniek zelf. Zelfs de meest spectaculaire acrobatie begint vaak met een handdruk. Het is onze manier om ons lijf aan te bieden en in interactie te gaan met de andere acrobaat. Maar daarnaast is het ook een eenvoudige, laagdrempelige start die de menselijkheid in de acrobatie blootlegt. Het toont aan dat we geen supermensen zijn. De persoon die je bij de start van de voorstelling nog een handdruk gaf, staat een paar minuten later plots twee hoog. Dat draagt bij aan de beleving.”

Je ontdoet aanrakingen van taboes. Dat maakt een groot verschil. Maar we zijn ons er zeker van bewust dat dat niet voor iedereen evident is.” Achter aanrakingen zit een hele wereld aan codes: culturele, generationele, persoonlijke. Wat hebben jullie daarover ontdekt tijdens het maakproces? Hanna: “We hebben vooral geleerd dat we niet te veel aannames mogen doen. Met bepaalde trucs, zoals wanneer we bij mensen over de schouders lopen, sloegen we in het begin soms automatisch kleinere of oudere mensen over. Tot die spontaan protesteerden net omdàt ze werden overgeslagen. Nu proberen we ervoor te zorgen dat iedereen vertegenwoordigd is, en laten we het aan de persoon zelf om in te vullen hoe ver ze willen gaan.” Deze rubriek heet ‘stap eens uit je comfortzone’. Naar een participatieve acrobatievoorstelling gaan kijken lijkt op het eerste gezicht exact dat. Maar eigenlijk doen jullie net het omgekeerde. Hanna: “Klopt. Eigenlijk bouwen we een comfortzone. Het vraagt wat vertrouwen in het begin, maar we proberen de participatie echt op zo’n manier uit te voeren dat mensen zichzelf overstijgen en dat hun comfortzone gewoon groter wordt. De participatie is ook niet altijd heftig.

Corona, #metoo: we leven in een tijd waarin aanraking soms beladen is. Hoe gaan jullie daarmee om?

Hanna: “En ook hier is consent belangrijk. We vragen altijd of we iemand op een bepaalde manier mogen aanraken. Wat Toon zegt, klopt: als acrobaat treed je in je praktische lichaam. Je komt tot een fysieke intimiteit, maar niet op een seksuele manier.

©Karolina Maruszak

Toon: “Een belangrijk startpunt is dat aanraking in acrobatie praktisch nodig is. Je moet elkaar aanraken om acrobatie te kunnen doen. Dat maakt het heel bevrijdend.”

uu

31


stap eens uit je comfortzone Ze bestaat meestal uit heel eenvoudige dingen, zoals een uitgestoken hand schudden. Dat is voor sommige mensen al superspannend, en dus een overwinning.” En wat met jullie eigen comfortzone? Een voorstelling zo opentrekken, wat vraagt dat van een performer? Hanna: “Het vraagt een enorme openheid. Als performer ben je vaak gefocust op je eigen groepje. Hier trekken we dat open. Dat heeft een impact op hoe je je voorstelling start, en hoe je ze opbouwt. In dit type voorstelling zijn we vaak veel meer bezig met de mensen rondom ons dan met onze eigen technische bewegingen. Dat vertrouwen opbouwen met het publiek, die micro-momentjes van verbinding, daar zit voor ons de grotere uitdaging én pay-off dan in de trucs die we doen.”

c i r c u s Hugs & Handshakes THERE THERE Company za 3 okt | 20 uur zo 4 okt | 15 uur

Is dat de moraal van Hugs & Handshakes, dat verbinding de grootst mogelijke pay-off is? Hanna: “Eigenlijk wel. We willen aantonen dat het niet moeilijk is om te verbinden als je jezelf openstelt, en dat het altijd de moeite waard is. Mensen moeten voelen dat het veilig is om mensen te vertrouwen die ze niet kennen. Als je verbindt met anderen, kan je jezelf overstijgen. Het is een cliché, maar toch écht waar: verbinden is ‘dragen en gedragen worden’. Dat is een ongelofelijk gevoel, en dat willen we met het publiek delen.”

32

De acrobatie van THERE THERE Company aan den lijve ondervinden? Schrijf je in voor de workshop! Op corso.be

© Karolina Maruszak


Dit najaar verandert het podium van c o r s o in een huiveringwekkend decor. ‘Prijsbeest (home is where the hurt is)’ – een gothic muziektheatervoorstelling over een koppel dat woont en werkt in een slachthuis – staat op 15 oktober voor het eerst op de planken. Maak je klaar voor een avond grillen en villen tussen de zingende violen en het bezielde gehakt.

Prijsbeest: vleselijk, grotesk muziektheater

33


De makers, regisseur Ruth Bruyneel en componist Elisabeth De Loore, bezoeken c o r s o voor een gesprek over de voorstelling. Ruth is een kwartier te vroeg, Elisabeth een kwartier te laat, maar ze wandelen allebei even uitgelaten binnen. Een vrolijke begroeting met veel handgebaren volgt en ze slaan een praatje over de voorstelling die ze die avond moeten spelen. De weg naar de koffiemachine is al bekend terrein, want zowel Ruth als Elisabeth zijn vertrouwde gezichten bij c o r s o. Samen met Bas Van den Bogaert vormen ze het muziektheatercollectief Meurman & de Rudy. Ze stonden hier al eerder met hun voorstelling ‘DEVICKY (wax the pain away)’. En hun nieuwe productie, ‘Prijsbeest’, gaat binnenkort bij c o r s o in première.

Uit een ver muzikaal verleden Ze ontmoetten elkaar bijna 20 jaar geleden – Elisabeth achter de piano, Ruth met een viool – in het Conservatorium van Antwerpen. Voor hen een plek om hun technische competentie op punt te stellen, maar tegelijk een plek die ontbrak aan een belangrijke passie van het duo: theater. “Het was altijd mijn droom om theater en muziek op de een of andere manier te combineren”, vertelt Elisabeth. “Maar ik ben geen zangeres en al helemaal geen danser, dus musical was geen optie. Daarom was het conservatorium voor mij de meest logische stap.” Ruth wijzigde na een tijdje koers, omdat het strenge kader van het conservatorium, dat haar eerder opleidde tot uitvoerend kunstenaar en niet zozeer tot maker, niet bij haar paste. Ze richtte vervolgens haar peilen op theater. Eerst volgde ze de opleiding Theater- en Filmwetenschappen, in combinatie met Engels, aan de Antwerpse universiteit en later begon ze aan de toneelacademie in Maastricht. Toen ze uiteindelijk de voorstelling ‘DEVICKY’ bedacht, ging ze op zoek naar een componist. “Ik wist nog niet zo goed waarom ik iemand zocht, maar ik voelde dat ik toch weer iets met muziek wilde doen”,

34

zegt Ruth. En na een oproep op Facebook, die Elisabeth voorbij zag komen, werden de twee oude kennissen herenigd.

Over muziektheater en theatermuziek Hoewel ‘DEVICKY’ al erg muzikaal was, voelden Elisabeth en Ruth dat het nog muzikaler kon. “Vanuit die voorstelling is dan ook het verlangen ontstaan om muziek veel meer de kern van onze volgende creatie te maken”, vertelt Ruth, “en dat is wat we nu met Prijsbeest proberen.” Dat is niet zo’n vanzelfsprekend proces, vindt Elisabeth, want het vereist een nieuw soort taal. Het worden geen losse nummers, maar het is de bedoeling om tekst en muziek op elkaar te laten inhaken. Muziek begeleidt de scène niet zomaar, maar geeft mee inhoud aan het stuk. “Het voelt soms een beetje contra-intuïtief om op die manier te componeren, want je denkt toch snel in nummers. Maar we willen toewerken naar een geheel waarbij je de muziek nodig hebt om de scènes te begrijpen en omgekeerd.”


Voor Ruth is het belangrijk om dat ook al tijdens de repetities te oefenen: “Soms repeteren we zonder tekst, puur beeldend. Dan probeert Elisabeth, live, van alles uit en zoekt ze vanuit de thema’s naar de juiste klanken.” Die live muziek is tenslotte ook een belangrijk element voor het duo. Bij ‘DEVICKY’ was het technisch nog niet mogelijk, maar bij Prijsbeest zetten ze er volop op in. Ook Ruth heeft de weg naar haar viool teruggevonden en neemt haar instrument mee het podium op: “Ik ben iets aan het herontdekken dat ik lang ben kwijt geweest. En nu denk ik vaak, ja, natuurlijk kom ik uit bij muziektheater.” Live spelen betekent alleen ook een risico: er kan hier en daar een foutje in kruipen. Door haar scholing dacht Elisabeth lang dat fouten uit den boze zijn. Maar intussen is de angst om de fout in te gaan verdwenen. Sterker nog: ze noemt het een cadeau. “Een fout is iets spannends waar je op het moment zelf iets mee moet doen”, stelt ze. “En dat onverwachte is iets wat muziek wel kan gebruiken”, voegt ze nog toe. “Ik ben ook een veel betere muzikant geworden door theater”, merkt Elisabeth op. “Niet als technisch virtuoze, maar als iemand die het gevoelsmatige beter onder de knie heeft. Het gaat niet alleen over wat je als pianiste kan, maar je bent onderdeel van een verhaal dat je muzikaal mee vertelt. En dan speel je vrijer.” Bij het publiek brengt die muziek dikwijls ook van alles teweeg, hebben ze ervaren. Want veel mensen beginnen er achteraf over. “Dan voel je toch wat het effect van muziek kan zijn op een publiek. Dat het iets doet in de hele beleving van het stuk en dat het betekenisvol is”, zegt Ruth.

het niet mijn idee was”, vertelt Ruth. “Maar dan begon ik erover na te denken. Over hoe dat koppel dag in, dag uit bezig is met vlees – de kwaliteit van het vlees, het doden van de dieren – en dat dat misschien wel een impact heeft op hun relatie. Ik verbeeld me dat ze na een tijd niet meer intiem kunnen zijn met elkaar op een manier die verdergaat dan elkaars lijf als vlees te beschouwen. Vlees waar ze afgemeten mee omgaan.” En dan komt er een kindje bij. Geen mensenkindje, maar ze rollen er eentje uit gehakt. Ruth vergelijkt het verhaal met dat van Frankenstein, een boek dat ze jaren geleden voor school heeft moeten lezen en dat haar toen erg geraakt heeft. “Frankenstein is jaren bezig met zijn wetenschap. Maar als zijn creatie er dan eindelijk is, weet hij niet wat hij ermee moet aanvangen. En zo wordt hij geconfronteerd met het vaderschap dat hij eigenlijk niet kan opbrengen. “Het is dus ook een verhaal over ouderschap en over de diepgaande impact die het krijgen van een kind kan uu

Een kindje van gehakt Het idee voor ‘Prijsbeest’ ontstond bij Bas – het derde lid van muziektheatercollectief Meurman & de Rudy – die een voorstelling rond een koppel in een slachthuis wilde maken. Maar hij wilde dat Ruth het stuk zou schrijven. “Dat vond ik eerst moeilijk, omdat

35


Prijsbeest (home is where the hurt is) Ruth Bruyneel do 15 okt | 20 uur

Prijsbeest (home is where the hurt is) Ruth Bruyneel do 15 okt | 20 uur

36

tekst Julie Schmeits | foto’s c o r s o


hebben op een relatie. Een thema dat zowel voor Ruth als voor Elisabeth bijzonder actueel is. “Ik denk dat ik vooral op zoek ben naar thema’s die mij zelf erg raken”, vertelt Ruth. “Soms zit daar woede in en vaak een verlangen naar lelijk mogen zijn.” Maar ook andere delen van haar leven vindt Ruth in haar teksten terug. “Ik voel dat ook mijn eigen kinderen mijn teksten mee bepalen. Bijvoorbeeld in de toon of in de vragen die ze stellen. Er zit zelfs tekstmateriaal in ‘Prijsbeest’ dat mijn kinderen letterlijk gezegd hebben”, vertelt ze. “Daardoor word ik ook nieuwsgierig naar de manier waarop mijn werk zal meegroeien met de leeftijd van mijn kinderen.”

Vleselijke horror ‘Prijsbeest’ wordt een ‘gothic muziektheatervoorstelling’, een genre dat op zich al sprekend klinkt. “Ik heb een fascinatie voor het donkere”, zegt Ruth. “Dan bedoel ik niet zozeer de slasher film, maar eerder de body horror die draait rond het lichamelijke, het vleselijke, het sappige. Dat is ook een genre dat vandaag door heel wat vrouwelijke cineasten wordt toegeëigend. Het is een soort horror waarbij je moeilijker kunt vatten waar je angstig voor bent. Het is ijler. Vaak gaat horror ook gewoon over waar je zelf bang voor bent en dat maakt het zo’n interessant genre.” En precies dat gaan ze proberen op scène te brengen. Al zal de vertaling van het horrorgenre naar theater niet gemakkelijk zijn, vermoedt Ruth. Die horror manifesteert zich niet alleen op narratief vlak, maar ook in de beeldtaal. En natuurlijk in het geluid. Elisabeth daagt zichzelf uit en slaat niet het voor de hand liggende pad in van de diepe tonen en de griezelige melodieën, maar gaat elders op zoek naar het akelige. “Ik probeer van alles uit. Ik gebruik bevreemdende akkoorden, stemmetjes of klanken die je niet echt thuis kunt brengen.” Het zijn niet noodzakelijk geluiden die op zichzelf eng zijn, maar die wel in combinatie met elkaar en in het kader van de gehele voorstelling schrik kunnen aanjagen.

“Het is eigenlijk net als clowns die horror doen. Een clown op zich is niet per se eng, maar als je die in de juiste context ziet, kan die verschrikkelijk beangstigend zijn.” Als Ruth en Elisabeth bezig zijn, ontstaat er als het ware een universum op het podium. “Bij alles wat Ruth maakt, kom je in een nieuwe wereld terecht”, stelt Elisabeth. “Het is een wereld die je eigenlijk niet kent, maar waar je wel herkenbare dingen in kunt vinden.” Bij ‘DEVICKY’ was dat de waxsalonbaarmoeder, bij ‘Prijsbeest’ wordt dat het slachthuis. Het creëren van dat universum is essentieel voor Ruth. Met een nadruk op lelijkheid en rare vormen geeft het kader steeds veel kleur en spanning. En het heeft ook invloed op de speelstijl. “Er moet wat gebeuren in het lijf, in het gezicht. De dingen moeten worden uitvergroot. En dat komt vooral pas tot stand op scène”, zegt Ruth. “Ik wil niet dat er realistisch gespeeld wordt, maar ik neig naar het groteske.”

Wanneer ga je weg? Elisabeth en Ruth hopen een verhaal neer te zetten dat vooral niet zwartwit is. Een verhaal dat de zogezegde maakbaarheid van het leven uitdaagt en dat het menselijke niet uit het oog verliest. “Ik denk dat we vooral hopen dat de mensen die komen kijken op de een of andere manier herkenbaarheid vinden in het stuk. En dat ze zich begrepen voelen”, zegt Elisabeth. “We zien twee mensen die proberen tot elkaar te komen, maar daar misschien niet helemaal in slagen”, vertelt Ruth. “‘Wanneer ga je weg?’ Op die vraag is er geen goed of slecht antwoord. Er zit verdriet en rouw in weggaan, maar in rouw zit volgens mij ook veel schoonheid. Een relatie die ten einde loopt, hoeft niet mislukt te zijn. En misschien betekent weggaan ook dat je zo dichter bij jezelf kan komen.” Ze staan op. Buiten schijnt de zon en Ruth en Elisabeth hebben voor de voorstelling van vanavond nog eventjes de tijd om een luchtje te scheppen. De deur gaat open en ze wandelen met twee de frisse lucht in.

37


Een avondje lachen met die rijke blonde

“Ik geloof niet dat je je altijd klaar moet voelen voordat je springt.”

38


En dan was er Humo’s Comedy Cup, waar je je in 2025 voor inschreef. Al snel?

In 2023 besliste Bregje Iding om vol voor comedy te gaan. Ze verhuisde ervoor van Limburg naar Antwerpen. In 2025 won ze Humo’s Comedy Cup. Momenteel schrijft ze aan een avondvullende show. Maar voor ze zover is, zie je haar op 13 oktober samen met Els Verhofstede in café c o r s o. Het gaat hard voor Bregje. En zo heeft ze het graag.

tekst Ann Vanminsel | foto’s c o r s o

Toen ik me inschreef, wist ik niet of ik er klaar voor was. Maar ik wist wel: het is nu of nooit. 2025 is hét jaar dat ik ga meedoen. Dat had ik al lang geleden beslist. Dan heb ik heel hard gewerkt aan m’n set. De week ervoor nog. Zelfs in de finale! En kijk, het is goed gekomen. Ik denk niet dat je moet wachten om iets te doen tot je je klaar voelt.

Was je ook buitenshuis de entertainer? Degene die lol trapte in de klas? Ik was heel ijverig, vond het belangrijk dat ik goede punten haalde. Maar ik stond ook graag in de belangstelling. Ik babbelde veel en kan mezelf wel omschrijven als de grappenmaker in de klas.

Hoe ontdekte je je talent voor comedy en wist je “Dit is wat ik wil doen”?

Al vond ik het belangrijk dat het altijd de sfeer ten goede kwam en nooit ten koste ging van iemand anders. Ook niet de leerkracht, ik wou net dat die meelachte!

Eigenlijk heb ik dat altijd geweten. In ons gezin had ik de rol van de grappige. Als ze thuis om mij moesten lachen, voelde dat als een beloning. Ook als kind zei ik al “Ik wil comedian worden”. Het was altijd mijn plan A.

Het ging eerder ten koste van mezelf. Ik wilde dat men om mij lachte omdat ik iets belachelijks zei. En eigenlijk doe ik dat nu nog steeds in m’n comedy.

Het stomme is dat je door de jaren heen een beetje ontmoedigd raakt. Zou ik niet eerst voor iets gaan met meer zekerheid? Daar zit ook een waarheid in. Journalistiek studeren heeft me veel algemene kennis over de wereld gegeven. Dat helpt me nu enorm!

Toch sprong je van de journalistiek terug naar je eerste liefde? Ik werkte een tijd voor een productiehuis en dat was heel leuk. Ik schreef en regisseerde een rubriek voor ‘Iedereen beroemd’. Dat wakkerde iets in mij aan. Grappen schrijven voor anderen is fijn, maar eigenlijk wilde ik die zelf ook vertellen. Zo gezegd, zo gedaan. Ik schreef me in voor een workshop van Bas Birker. Elke week reed ik met veel plezier van Limburg naar Antwerpen. Daarna wist ik het echt: dit is mijn passie. Dat voelde zo goed!

Het is je handelsmerk: lachen met jezelf en het feit dat je een rijke blonde bent. Klopt! Soms merk ik dat mensen dat nog niet heel goed begrijpen. “Is ze nu zichzelf aan het uitlachen? Dat kan toch niet zijn? Zou ze het menen?”. Die grens opzoeken tussen wat echt is en wat niet, vind ik heel leuk. Maar uiteindelijk moeten ze zich wel comfortabel genoeg voelen om te lachen. Dat ben ik nog aan het ontdekken: waar ligt die grens?

Wat fascineert je zo aan rijkdom en privilege? Als rijke, witte vrouw zijn we erg geprivilegieerd. Ons enige nadeel is dat we geen man zijn. Daarmee lachen, toont dat je dat van jezelf weet. Als je naar de Kardashians kijkt die uitspraken doen als “Nobody wants to work these days”, daar haal ik enorm veel inspiratie uit. uu

39


Ooit hoorde ik iemand zeggen: “Ik snap niet waarom mensen al die leningen aangaan voor een huis. Dat is superdom. Ik zou dat gewoon in één keer betalen.” Hoe ignorant! Zo’n dingen wil ik zeggen op een podium en de mensen een spiegel voorhouden.

Is dat je creatieve proces, inspiratie uit het dagelijks leven plukken? Sommige mensen kunnen zich echt opsluiten en schrijven vanuit hun eigen verbeelding. Dat lukt mij niet zo goed. Ik vertrek eerder vanuit sociale interactie. Ik moet buiten komen en met mensen babbelen. Of gaan wandelen, in beweging zijn. Zo ontdek ik nieuwe dingen. Op weg naar huis spreek ik vaak gesprokkeld materiaal in op m’n telefoon. Daarna typ ik het uit en analyseer ik “Waarom werkt dit? Waarom was het grappig?”. Hoe duurzaam is dat proces? We zullen het meemaken!

Hoeveel van jezelf zit er in dat verwende alter ego? Ik laat heel vaak het kind in mij spreken. Want ik denk dat ik als kind dit soort uitspraken wel echt deed. Je weet niet beter! Dan werd ermee gelachen, maar toen wist ik nog niet waarom. Die naïviteit zoek ik nu op voor de grap.

Wanneer wordt je typetje voor jou interessant? Als ze heel graag wilt geaccepteerd worden, maar zelf niet snapt waarom dat niet lukt. En tegelijk voelt het publiek die waarom net héél goed aan. Die constante wrijving is interessant. Ze is eenzaam en wilt heel graag aansluiting vinden bij groepen waar ze duidelijk niet kan bijhoren omdat ze niet genoeg zelfinzicht heeft. Ze wil dat men haar een goed mens vindt, maar ze is inherent eigenlijk geen goed mens. Daar zit de struggle.

Je lijkt goed te weten wat je wil. Waar zoek je nog naar? Ik ben net bezig, dus ik zoek zeker nog naar hoe m’n personage evolueert. Welke thema’s

40

kan ik nog aansnijden? Wat is haar standpunt daarin? Hoe kijkt zij naar racisme? Naar seksisme? Daar zit nog een fascinerende zoektocht in.

Hoe voelt het om dan nieuw materiaal te testen? Ja, ik vind dat kei-eng. Dat is heel, heel kwetsbaar. Echt met de billen bloot. Het is altijd weer een eerste keer, hè? Want je hebt geen idee of het gaat aanslaan. Je vertelt het dan op een manier waarvan je dénkt dat het werkt. Maar je weet het nooit echt.

Wie is jouw publiek, denk je? Hoe ruimdenkender het publiek, hoe beter. Ik ben ook blij als ik zie wie mijn publiek aan het worden is. Ik zie veel jongeren, mensen van andere origine, LGBTQ+-community. Dat vind ik het leukste gevoel ooit. Heerlijk dat ik niet misbegrepen word. Laatst moest ik op een benefiet voor kansarmoede bij kinderen optreden, maar ik wist dat niet op voorhand. En ik heb veel moppen over arme kindjes. Ik heb die ongemakkelijkheid dan maar rechtuit


benoemd en het was een van mijn leukste optredens ooit. Omdat we eigenlijk met z’n allen om hetzelfde lachen. Je staat aan dezelfde kant. Langs de andere kant is er een type publiek voor wie mijn werk echt een spiegel is. Dat is schrijnend, ja. Die moeten niet lachen om mij, hè? En toch ben ik daar blij mee. Want dat betekent dat wat ik bedoel ook zo overkomt.

Is comedy voor jou eerder controle of juist loslaten? Absoluut controle. In m’n set zit alles helemaal vastgetimmerd. Recent begon ik ook met wat crowdwork en dat is ook heel tof. M’n insteek is dat ik geen interesse heb in niemand. Ik stel wel vragen, maar puur voor de vorm. En dan luister ik niet, want ik vind iedereen oninteressant.

“Emotional labour zal je mij niet zien doen op een podium. Nul. Knots. Niks. Heerlijk rebels voelt dat.” Een heel mannelijke karaktertrek, die jij als vrouw adopteert? Het is fantastisch om gewoon de ongeïnteresseerde vrouw te zijn. Want wij vrouwen zijn altijd het luisterend oor of de schouder om op te huilen. Dat emotionele werk doen, zit in ons allemaal. Ingebouwd of aangeleerd. En ik doe daar niks van op het podium. Nul. Knots. Niks. Het is mijn manier om als vrouw te rebelleren via m’n comedy.

Heb je het gevoel dat je als vrouw in comedy harder moet werken? Weet je, als je weinig voorbeelden hebt in iets wat je wil doen, dan moet je zelf nog veel uitzoeken. Daarom zijn in mijn ogen vrouwen in comedy allemaal pioniers. We moeten nog uitvinden “Wat vind ik echt grappig?”’. Want ik denk dat we onbewust soms de mannen nog nadoen. En dat er regelmatig geïnternaliseerde misogynie speelt, ook in wat we maatschappelijk als grappig zien.

Daar hebben we nog veel te ontdekken. En het wordt een steeds groter clubje. Dat is heel fijn.

Wat betekent een plek als c o r s o voor opkomend talent zoals jij? c o r s o ken ik al goed. En het ligt ook achter m’n hoek in Berchem! Ik kwam er al naar veel optredens van comedians kijken. In 2023 werd ik toegelaten om deel te nemen aan ‘Get Up Stand Up’, dan was ik hier ook veel. En ook het voorprogramma van Iwein Segers mocht ik doen. Het voelt hier echt als thuiskomen!

Over Berchem gesproken, heb je aanraders om naar af te zakken voor je show? Ik hou heel erg van de gezonde, oosters geïnspireerde meeneemgerechten van Helena Kookt Over. En ook Frituur Congé is supergezellig, ook al eet ik zelf geen frietjes. Bij Rush Rush en Café Betty kan je langsgaan voor een koffietje. Ook Kunthun is een heel goed Tibetaans restaurant. In Berchem heb je vanalles en het is hier heerlijk divers, daar moet je van profiteren!

Els Verhofstede & Bregje Iding comedy @ café c o r s o di 13 okt | 20 uur 41


kooktip

Company Curry

n, kan doe erkeerd v ijna) ts (B ie t. n dat je t neem is h c y a rr u in c ls volgens n een ) rege rdeel aa akkelijke en je combineert (m e ld Het voo a pa rin maar b e unnen e . zolang je s in je koelkast k goesting n e k a a e tj m s s n re ette, e e ll ig a e ka, courg ele papri g , n le e app ese kool. krielaard k en chin é é n m et o r e lo i, is u y e rr , rod Deze cu shiitakes

42


GOOD COMPANY is één van de huisgenoten van c o r s o. Ze ondersteunen individuele kunstenaars in de podiumkunsten (theater, dans, performance, circus en transdisciplinaire kunsten) op lange termijn. Sinds dit seizoen kookt er elke week iemand van het team voor elkaar. Dat zorgt telkens voor een lekkere en verrassende lunch. Het moeten niet altijd boterhammen zijn. Het laatste gerecht was een curry met aardappelen, voor dit magazine omgedoopt tot; Company Curry.

Benodigdheden curry en/of limoenblaadjes look rode ui krieltjes courgetten shiitakes chinese kool gele paprika pijpajuin sesamzaadjes kokosmelk neutrale olie citroen groentenbouillon veeeeeeeeeeeeel kruiden: gemberpoeder, komijn, kaneel, kardemon, kurkuma, curry, paprika, garam masala, citroenpeper, chilipoeder (naar wens)

Bereidingswijze Schil de rode ui en snijd ze fijn. Fruit de ui in een scheutje neutrale olie in een diepe pan op een laag vuur. Neem hier voldoende tijd voor: hoe langer de ui rustig kan garen, hoe zoeter en smaakvoller ze wordt. Pel de teentjes knoflook, plet ze en voeg ze toe aan de ui. Voeg een beetje groentenbouillon toe (of een scheutje water met bouillon) en laat alles verder zachtjes garen. Voeg de gemberpoeder, komijn, milde paprikapoeder, currypoeder, kurkuma, 5- of 7-spices, garam masala en de gedroogde curry- of limoenblaadjes toe. Bak de kruiden 1 à 2 minuten zachtjes mee zodat hun aroma’s vrijkomen. Snijd de krieltjes in twee of vier stukken en voeg ze toe aan de pan. Voeg vervolgens de groenten toe, rekening houdend met hun gaartijd: eerst de stevigere groenten, daarna de courgette en paprika en als laatste de Chinese kool. Roer alles goed om en giet de kokosmelk erbij. Breng zachtjes aan de kook en laat vervolgens op een laag vuur verder garen tot de aardappelen gaar zijn en de groenten nog een lichte beet hebben. Werk af met een scheutje sojasaus en wat citroensap naar smaak. Garneer eventueel met fijngesneden lente-ui, sesamzaadjes of crispy onions

Smakelijk!

43


ee n

hart vo o r

c o r s o’s podium strekt zich uit! Een oneindig strijdtoneel Waar waarheden en verhalen Samen vervlochten zitten met applaus

Daar verstopt onder de rode stoeltjes Tussen alle hielen in Is mijn ziel denk ik eens weggerold, Verknocht en verloren

Tussen de dans, de praal Het weergaloze leven allemaal

Weet dat dit is hoe een mens echt leeft Een hartelijk warm samen ervaren

Dus als je mijn ziel daar ergens rollen ziet Weet dat die er net als jullie op zijn plaats is En houdt van alles wat hier binnen schiet

Bernt Sales Segarra

44

so

Bij het betreden van de zaal Plof maar neer en luister even Adem in wat het te vertellen heeft

cor


kalender september di 8

20 uur

Open dansvloer: samen vrijuit dansen

di 15 & wo 16

20 uur

On The Way to You Andreia Rodrigues en Miroslav Kochanek

do 17 & 20 uur vr 18

Bowling Buffalo Compagnie Cecilia Wildcard | Daan Borloo

zo 20

15 uur Amadou | 8+ Laika

di 22 20 uur singing@c o r s o Accordé(e) za 26

Dance Battle: African Excellence Rabba Kinkela 16 uur

zo 27 15 uur POR | 6+ collectief dOFt A Comedy of Errors wo 30 20 uur Thomas Claessens en Hendrik Kegels

oktober za 3 zo 4

20 uur 15 uur

Hugs & Handshakes THERE THERE Company

di 6

20 uur

Open dansvloer: samen vrijuit dansen

20 uur TRAUM do 8 Roeshoofd

di 13

20 uur

Els Verhofstede & Bregje Iding

20 uur Prijsbeest (home is where the hurt is) do 15 Ruth Bruyneel

vr 16 20 uur Mag ik even? 2026 (try-out) Kamal Kharmach di 20

20 uur

Academie Berchem @ café c o r s o

wo 21 20 uur Heartbeats Theater Rotterdam | Nastaran Razawi Khorasani do 22 20 uur Rumi the Outsider Osama Abdulrasol ensemble za 24 20 uur campfire Ezra Veldhuis & Bosse Provoost

45


zo 25 15 uur DEBUREN | 4+ De Wereld Repareren di 27 14.30 uur Rob de Nijs - Tijdloos Alain Smits, Peter Verbraken & Eddy Aelbrecht 20 uur singing@c o r s o di 27 Accordé(e) 20 uur Fully Automated Luxury Dancing! vr 30 Dan Mussett & Yorrith De Bakker

november di 3

20 uur

Open dansvloer: samen vrijuit dansen!

za 7 zo 8

19 uur

Zie mij (niet) Nina Plantefève-Castryck / Flowingmoves

15 uur

20 uur Even pingpongen do 12 Het Kwartier | Mariën & von Winckelmann & theater arsenaal 20 uur Lullabye za 14 Anneleen Keppens 15 uur LUCHT | 4+ zo 15 Laika

di 17 14.30 uur Hommages Ivan Pecnik en Jo Lemaire di 17

singing@c o r s o Accordé(e)

20 uur

Pelleas&Melisande&Pelleas wo 18 & 20 uur do 19 Dimitri Leue vr 20 20 uur Farce Majeure Michael Van Peel di 24

20 uur

Academie Berchem @ café c o r s o

do 26 20 uur Anatomie van een struikel Salomé Mooij za 28 20 uur filmdocumentaire: Onderweg Greet Wouters & Mohamed Sabaouni 15 uur Alles Kapot | 6+ zo 29 Arend Peeters & Ferre Vuye

december wo 2

46

20 uur Play WArd/waRD

f i lm


do 3

20 uur REMEMBERING 2026 – Church Service FOR ALL QUEENS!

vr 4

20 uur Angst te koop (weg wegens nieuwe hobby) Thomas Smith

za 5

TBA

Old School Fuif

20 uur singing@c o r s o di 8 Accordé(e)

Torment of Hearts Femke Gyselinck/GRIP & B’Rock Orchestra

do 10

20 uur

za 12 & zo 13

11 uur

winterTUIG 2026 Tuig

za 12 17 uur MANA Laura Daelemans & I SOLISTI Makerspace di 15

20 uur

Academie Berchem @ café c o r s o

wo 16 20 uur Wild Narcissus Bavo Buys do 17 20 uur Altijd Aan Pieter Verelst ma 28 di 29

16 uur 11 & 14 uur

Chromatique | 2,5+ Louise Baduel

januari vr 8 20 uur ... And Nobody Else Ahmed Ayed 20 uur My Body as a Commodity wo 13 Anne-Laure Vandeputte

za 16 20 uur Amor Fati - 10 jaar in Vlaanderen Jan Jaap van der Wal 14 & 16 uur BRENDA | 3+ zo 17 ROESTgroep

di 19 14.30 uur Ella Fitzgerald Hommage The FLJ Band di 19

20 uur singing@c o r s o Accordé(e)

CLOSE(R) Tristan Feyten, Dagmar Dierick, Willem Herbots, Margaux Cauliez & Naomi van der Horst

wo 20

20 uur

47


x

vr 22 20 uur Napels zien (en sterven) Loro (Gilles Van Hecke & Lennert De Vroey) wo 27 & 20.30 uur Hoe zeg je “kom terug”? do 28 Hannah Zaouad / Monty di 26

20 uur

do 28 & 20 uur vr 29

Academie Berchem @ café c o r s o Surplace Johnny MUS

20 uur Get Up Stand Up za 30 ‘Nuff Said

zo 31 14 & 16 uur SKRAM | 6+ KOPERGIETERY, Kgbe & Grensgeval

februari di 2

20 uur Retina Maneuver Ping-Hsiang Wang

20 uur Mind over Body, Body over Mind do 4 Hassan Khayoon

do 11 20 uur PARTY TIME Toon Acke, Anna De Graeve & Kes Bakker TBA Iftaravond vr 12 club c o r s o 20 uur Eeuwige Jeugd za 13 Jasper Posson

TWEE | 2,5+ Sprookjes enzo

zo 14

14 & 16 uur

di 16

14.30 uur

THE PHILIPS DUINEN GRAS (IN 60 JAAR POP) ! THE PHILIPS

vr 19 & 20 uur za 20

Inter:view DE HOE

BROEDfestival ma 22 & TBA di 23 BROED

maart

48

do 4 & vr 5

20 uur Hold the House Anastassya Savitsky

za 6

19 uur Back2Congo Benit en Heritier


SOLO | 4+ Thomas Van Caeneghem zonder Lander Severins

zo 7

15 uur

wo 10

20 uur Dit is water DE HOE & De Nwe Tijd

20 uur I feel good! do 11 Ariane Van Hasselt 20 uur SUMMIT Berchem za 13 Ontroerend Goed / NTGent

di 16

singing@c o r s o Accordé(e) 20 uur

14.30 uur MeToo in de fifties - De geschiedenis van vrouwen di 23 in de rock’n’roll Robert Van Yper

di 23

20 uur

Academie Berchem @ café c o r s o

De Distributieriem wo 24 20 uur Nele Vereecken, Vanja Maria Godée, Greg Timmermans & Jeroen Van der Ven Holden Caulfield Vangen do 25 & 20 uur vr 26 Het nieuwstedelijk za 27

Je verzint het niet Nesim El Ahmadi 20 uur

april za 10 zo 11

9.30, 11, 14 & 16 uur 9.30, 11 & 14 uur

Waar is de Skiër | 6+ Francesca Chiacchio

20 uur Double bill: Porous + sentient flesh vr 16 Pierre Bastin & Isabelle Arboleda | Ella-My Blomdahl

za 17 20 uur In mijn hoofd klonk het beter Steffie De Baerdemaeker 14.30 uur Zing de Vlaamse Klassiekers di 20 Natalie Schoonbaert & Nicole Adriaenssens

di 20

20 uur singing@c o r s o Accordé(e)

vr 23

20 uur

di 27

20 uur

wo 28

20 uur zij en hij Ibtissam Boulbahaiem & Noa Tambwe Kabati / tg STAN

vr 30

20 uur

GUMMI | 12+ Suze Milius, Ballet Dommage & BRONKS Academie Berchem @ café c o r s o

Hear the Silence Zoë Demoustier, laGeste, Ultima Vez & KVS

49


mei WAUW! | 2,5+ BonteHond

zo 2

14 & 16 uur

vr 14

20 uur Kana Kassy / Niet huilen SKaGeN

za 15

20 uur Sidtopia Sid Van Oerle

Family do 20 20 uur Louis Janssens di 18

20 uur

Academie Berchem @ café c o r s o

za 22 20 uur De Blauw Serdi Faki Alici, Armin Mola, Joram Kunde Boumkwo en Lara Staal & NTGent 14.30 uur Waar is de tijd di 25 Marianne Van der Veken, Kris Castelijns en Michele Tesoro

di 25 20 uur singing@c o r s o Accordé(e) za 29 20 uur VIEREN Grof Geschud

juni wo 2

20 uur MID*LIFE Koen De Preter

di 15

19 uur singing@c o r s o Accordé(e)

di 22

20 uur

Academie Berchem @ café c o r s o

c o r s o is altijd in beweging. Door het jaar heen worden er nieuwe voorstellingen geboekt. Houd daarom onze website in de gaten voor het actuele aanbod. Wil je als eerste op de hoogte zijn? Schrijf je dan zeker in voor onze nieuwsbrief via de website, of volg ons op sociale media.

50


Welkom in café c o r s o! Een uur voor de voorstelling opent ons café haar deuren. Kom gezellig iets drinken met je gezelschap. Betaal liefst met je betaalkaart. c o r s o is vlot bereikbaar met trein, tram, bus, fiets en Velo. Kom je toch met de auto, hou dan rekening met de lage emissiezone en beperkte parkeergelegenheid.

Bestel je tickets online via www.corso.be. Bewaar al je tickets in de Ticketmatic app.

Jongeren (-26j) krijgen een korting van 4 euro op de standaardprijs.

In bib De Poort, Willem Van Laarstraat 15 te Berchem, kan je tickets kopen en laten printen. Betalen kan enkel met je bankkaart.

Met een flash!ticket kunnen jongeren (-26j) last minute goedkope tickets scoren! Een kwartier voor het startuur kosten de laatste lege plekjes maar 5 euro. Enkel te koop aan de balie.

Heb jij recht op kansentarief? Dan kost een ticket tussen 2 en 6 euro. Lees meer op antwerpen.be/A-kaart.

Hulp nodig? Ben je minder mobiel of hoor je niet goed? Bel of mail ons met je vraag vóór je tickets bestelt. We helpen je graag verder.

Met de solidariteitsbijdrage steun je mensen die zelf geen ticket kunnen betalen. Met 1 euro maak je al een verschil.

Je kan ons telefonisch bereiken van maandag tot en met vrijdag, van 10 tot 12 en van 14 tot 16 uur.

Een cadeaubon van c o r s o is het perfecte geschenk voor elke cultuurliefhebber. Het bedrag kan je zelf kiezen.

Middelbare scholieren betalen maar 6 euro voor 3 cultuurshockcheques bij het secretariaat van hun school. Met danskijkers geniet je 3 avonden van knappe dansvoorstellingen mét nagesprek voor maar 33 euro (-26j: € 30). Een topformule voor al wie dans wil ontdekken!

D/2026/0306/63 | jaargang 5 | nummer 1 | najaar 2026 c o r s o magazine is een halfjaarlijkse uitgave van cultuurhuis c o r s o en verschijnt begin september en begin januari. Alle informatie in dit magazine geldt onder voorbehoud van eventuele wijzigingen. Hoewel dit magazine met de grootste zorg werd samengesteld, zijn fouten mogelijk. Voor updates en uitgebreide informatie: www.corso.be.

c o r s o | Driekoningenstraat 126 2600 Berchem | www.corso.be corso@antwerpen.be tel. 03 286 88 20 Wil je als eerste op de hoogte zijn van nieuws en updates? Schrijf je dan in voor onze nieuwsbrief!

corso.be

Volg ons op social media: @corso.be @corso.be

c o l o f o n

team c o r s o Anne Janssen (directeur

+ verantwoordelijke uitgever), Marianne Van Langendonck (zaalverhuur), Bernt Sales Segarra, Riene Van de brul (tickets & onthaal), Kris Willems, Arno Keteleer, Tiffany Klink, Bart Van Dessel, Bram Van Duffel, Gerrit De Bremme, Johan De Quick (techniek), Audrey Ikirezi, Khaoula Chichi (publiekswerk), Maarten Jacobs (gebouwbeheer), Olga Shmatko (logistiek), Jesse Vanhoeck, Priscilla Peeters (programmatie), Veerle Sas, Hendrik Pellemans (boekhouding), Helin Gümüs en Katja Brits (communicatie & vormgeving)

heel veel dank aan onze enthousiaste vrijwilligers, creatieve jongeren, ijverige jobstudenten en leergierige stagiaires!


Play © Rio Staelens

dans kijkers 2 dec Play | WArd/waRD 8 jan ... And Nobody Else | Ahmed Ayed 2 jun MID*LIFE | Koen De Preter 52


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
c o r s o magazine | najaar 2026 by Cultuur Stad Antwerpen - Issuu