Skip to main content

Leeuwarder Courant NoordZ, november 2025, Energietransitie | Transport / Logistiek / Mobiliteit

Page 1


START-UP DOK.LEGAL PAGINA 24

Samen bouwen aan de techniek van morgen

De techniek verandert razendsnel, maar bij DonkerVeenstra in Drachten blijven ze met beide benen op de grond staan. Het installatiebedrijf werkt aan duurzame en slimme installaties voor woningbouw, utiliteit en zorg. En bovenal: aan een team dat sámen het verschil maakt.

„Wij zijn een relatief jong bedrijf,” vertelt Reint Donker, die samen met Klaas Veenstra de directie vormt. „In 2018 kregen we de kans om Hoekstra Suwâld over te nemen. Klaas wilde het doen, maar niet alleen. Dus we dachten: laten we het samen doen. We kenden elkaar goed, het klikt, en zo is DonkerVeenstra ontstaan.” Klaas Veenstra vult aan: „We zijn inmiddels bijna acht jaar verder en we zitten nog steeds op één lijn. We durven alles tegen elkaar te zeggen. Dat werkt, want het draait bij ons om vertrouwen, stabiliteit en vooral: elkaar wat gunnen.”

Van uitvoerder naar verbinder Waar installateurs vroeger vooral uitvoerden wat anderen bedachten, zijn ze tegenwoordig onmisbare partners in het bouwproces. „Installatietechniek is allang niet meer alleen ‘aanleggen wat is bedacht’,” zegt Donker. „Het is meedenken, engineeren en verbinden. Hoe eerder we in het proces worden betrokken, hoe slimmer we kunnen ontwerpen. Dat scheelt tijd, energie en kosten.”

‘We zijn onmisbare partners in het bouwproces’

Die verbindende rol geldt niet alleen tussen systemen, maar ook tussen mensen. De bouw wordt complexer en vraagt om samenwerking. „We werken met korte lijnen,” zegt Veenstra. „En we doen zelf nog deels projectleiding en engineering. Daardoor weten we precies wat er speelt bij klanten. Wij denken dat die open communicatie en de korte lijnen het verschil maken.”

Slimme techniek en slimme samenwerking DonkerVeenstra gelooft in techniek die samenwerkt. Systemen die niet los van elkaar draaien, maar één geheel vormen. „We passen steeds vaker een energiemanagementsysteem (EMS) toe,” legt Donker uit. „Daarin werken zonnepanelen, warmtepompen en ventilatie volledig samen. Het systeem stuurt alles realtime aan, zodat niets onnodig draait. Dat bespaart niet alleen energie, maar maakt gebouwen ook installatietechnisch slimmer en toekomstbestendiger.” Ook binnen het bedrijf zelf draait alles om slimme samenwerking. In de eigen werkplaats worden steeds meer prefab-installaties voorbereid. „We bouwen complete installatiedelen vooraf en testen ze uitgebreid,” vervolgt Donker. „Op locatie hoeft dan alleen nog gemonteerd te worden. Dat scheelt tijd, voorkomt fouten en zorgt voor hogere kwaliteit. En met de huidige personeelsschaarste is dat essentieel.”

‘Geen behoefte aan eilandjes’

De kracht van mensen Ondanks alle techniek blijft de mens centraal staan. „De installatiesector verandert snel,” zegt Veenstra. „Er komen nieuwe spelers bij, van techreuzen tot dataplatformbedrijven. Maar wij zien dat niet als bedreiging, juist als kans. We hebben behoefte aan samenwerking, niet aan eilandjes.” Die denkwijze zie je ook terug in hoe het bedrijf omgaat met jong talent. DonkerVeenstra werkt nauw samen met scholen en opleidingscentra. „We zetten vanaf het begin in op de jeugd,” vertelt Donker. „Sommige jongens kwamen hier op de fiets als leerling-monteur en rijden nu in een bedrijfsbus en geven leiding aan

de uitvoering van projecten. Dat is prachtig om te zien. De jeugd brengt energie, en jeugd trekt weer jeugd aan.”

De toekomst: slimmer, schoner, menselijker

De komende jaren worden installaties nóg slimmer en duurzamer. Nieuwe Europese regels verplichten gebouwautomatisering bij grotere projecten. Dat ziet DonkerVeenstra vooral als kans. „We geloven in techniek die werkt vóór de mens, niet andersom,” stelt Donker. „In systemen die energie besparen, comfort verhogen en onderhoud eenvoudiger maken. Techniek moet voelbaar resultaat geven, voor de gebruiker én voor het milieu.”

‘Techniek werkt vóór de mens, niet andersom’

En de ambities?

Die zijn er zeker. „We groeien gestaag,” zegt Veenstra, „maar wel met onze nuchtere mentaliteit: betrokken, eerlijk en met beide voeten op de grond.” Donker vult aan: „We willen vooral verder groeien en zoeken gericht naar overnames van bedrijven. Over vijf jaar hopen we de honderd medewerkers te passeren. Maar wat we ook doen: we blijven investeren in onze mensen, in kennis en in innovatie. We doen het met elkaar, dat is de kern van ons bedrijf,” besluit Donker. „Wat we vandaag bouwen, bepaalt hoe we morgen leven. En dat doen we met trots, vakmanschap en mét elkaar.”

www.donkerveenstra.nl

LOGISTIEK TE LAND, TER ZEE EN IN DE LUCHT VOORWOORD

De ontwikkelingen in de logistiek in Noord-Nederland gaan snel. In deze NoordZ-bijlage lichten we er een paar uit: te land, ter zee en in de lucht.

Eerst maar eens de lucht in. De opmars van drones is niet meer te stoppen. We lezen er veel over als oorlogstuig, maar ook in het gewone leven wordt de rode loper uitgerold voor de onbemande vliegtuigjes: van bezorging tot inspectie en beveiliging.

Daar heb je mensen voor nodig met kennis van zaken. Voor Noorderpoort een reden om komend schooljaar een mbo-opleiding tot dronepiloot te starten in Groningen. Henk Lukken leidde het project en kijkt alweer verder: „Ik sluit zeker niet uit dat de opleiding op den duur ook aandacht besteed aan andere type drones, zoals rijdende en (onderwater)drones.”

Waar het aantal drones de komende jaren alleen maar toeneemt, zijn ze bij Logistiek Noord juist bezig om het aantal kilometers dat het goederenvervoer aflegt terug te dringen. Met een duidelijke ambitie voor ogen: een emissievrij Noord-Nederland in 2035. Maar ook door miljoenen kilometers minder over de weg te vervoeren door het spoor of water beter te gebruiken. En door efficiënter te werken bij het bevoorraden van bouwplaatsen en binnensteden. Dat moet snel, want 2035 is al over tien jaar.

Tot slot het zeetransport. De ingenieurs van Conoship International in Groningen breken zich daarover het hoofd. De zeevaart moet groener, slimmer, efficiënter en zuiniger, dat is hun opdracht.

Vier innovatieve technologieën voor de overgang van fossiele naar hernieuwbare energie staan voorlopig centraal: volledige elektrische aandrijving, windvoortstuwing voor schepen door middel van Ventofoils of andere Wind Assisted Propulsion systemen, varen op waterstof of LNG met CO2-afvang. tworpen dat het nu nog op

n hoe zit het eigenlijk met waterstof, toch ooit ezien als de heilige graal waar het Noorden veel

aterstof gaat zijn belofte inlossen, ooit. Het acht is op het doorbreken van het kip-eierhaal: de systemen moeten goedkoper orden maar dat lukt alleen maar als het

elukkig zijn er mensen als Marco en Ian ngel. Vader en zoon uit Meppel gebruiken aterstof voor de noodstroomvoorzieningen

Werkt perfect en veel langer.” eel leesplezier, an Rozendaal

INHOUD

04

Noorderpoort gaat dronepiloten opleiden

Zo autonoom zijn drones nu ook weer niet dat ze alles zelf kunnen

07

De energietransitie is onder de radar best succesvol

Column Eelko Huizingh

08

Zo verandert Logistiek Noord het goederenvervoer 1,2 miljard vrachtwagenkilometers om te verduurzamen

11

Is het erg als iets verdwijnt dat je nog nooit hebt gezien?

Column Ronald Mulder

12

Het moet groener, slimmer, efficiënter en zuiniger Ontwerpers van Conoship in Groningen werken aan het schip van de toekomst

16

Graven zonder herrie Hoe Gebroeders Kok in Bakkeveen het machinepark elektrificeert

20

Waterstof gaat ooit zijn belofte inlossen

Gelukkig hebben we mensen als vader en zoon Engel die gewoon aan de slag ga

24

Ingewikkelde documenten automatiseren en chips die werken als het brein Twee afleveringen uit de serie Start me up

32

Serge uit Assen luistert met giraffeoren Lessen van een duurzame tech-ondernemer

36

Voorsorteren op de stadslogistiek van de toekomst Jan de Jong verzamelt, bundelt en levert dan af

COLOFON

noordz is een bijlage van Mediahuis Noord

Samenstelling & eindredactie Jan Rozendaal, Marja Boonstra, Roel Snijder, Kitty Thijsebaard Vormgeving Alie Veenhuizen E-mail bijlagen@mediahuisnoord.nl

Advertenties/branded content Multiplus Media, Drachten T: 06 44 91 12 63 E: s.osinga@mulitplusmedia.nl

Volg noordz ook online op het blog: www.noordz.nl

SJAAK VISSER

Hun opmars is niet te stoppen. Drones lijken de laatste tijd opeens wel overal. En niet alleen op het (hybride) slagveld. Ook in havens, fabrieken, in magazijnen, in de landbouw, bij bezorgdiensten en nog veel meer. Wie bestuurt al die technologie? De studenten die komend jaar de nieuwe opleiding bij Noorderpoort in Groningen gaan volgen.

TEKST

SERIEUS SPELEN MET DRONES

Het is eigenlijk simpel. De wereld rond drones is een ongekende groeimarkt, dus daar is in toenemende mate personeel voor nodig. Maar dan moeten die mensen er wel zijn. Om die reden start Noorderpoort komend jaar in Groningen met de mbo-opleiding drone-operations specialist. De school werkt samen met andere scholen in de regio, zoals Firda in Emmeloord, waar vergelijkbare opleidingen starten. Door deze gezamenlijke inzet van onderwijsinstellingen speelt het Noorden breed in op deze ontwikkeling.

,,Je krijgt bij drones misschien het idee dat ze geheel autonoom vliegen, maar dat is dus niet zo’’, vertelt Sjaak Visser. Hij is de docent die de studenten gaat opleiden. ,,Om een drone goed zijn werk te kunnen laten doen, moet je met van alles rekening houden. Er moet een vluchtplan zijn, je moet begrijpen hoe zo’n drone zich gedraagt, hebt te maken met wet- en regelgeving. Maar het gaat er ook om dat je met een drone kunt werken. Inspecties van dijken doen bijvoorbeeld, of andere metingen verrichten, dingen oppakken en elders neerzetten, noem maar op.’’

Visser weet waarover hij praat. Niet alleen is hij zelf een liefhebber van het besturen van drones, hij geeft ook al een paar jaar zogeheten keuzedelen rond dronetechniek. Studenten kunnen dat vak kiezen als onderdeel van hun opleiding. ,,Dat gaat over de techniek, over hoe zo’n drone werkt en hoe je hem kunt repareren en onderhouden. We zoomen nu ook verder in op de echte besturing van allerlei typen drones. Dat moet je ook echt leren.’’

Noorderpoort richt zich in eerste instantie op drones bestemd voor de industrie, de energie, maritieme en agrarische sector en beveiliging. ,,Dat zijn de sectoren waarvan we denken dat er in het Noorden de meeste behoefte aan is”, zegt Henk Lukken. Hij is als projectleider aangesteld om de opleiding voor elkaar te krijgen. ,,We ontmoeten veel enthousiasme, ook vanuit het bedrijfsle-

ven en andere organisaties. Zoals het Medisch Drone Netwerk Noord Nederland, waarin we met een aantal zorgorganisaties en kennisinstellingen samen met de ANWB en Groningen Airport Eelde druk bezig zijn met de verdere ontwikkeling van medische drones, waarbij je kunt denken aan vervoer van geneesmiddelen. Maar ook vanuit partijen die zich bezighouden met inspectie van windmolens en dijken is er al een vraag om samenwerking met de opleiding en de toekomstige studenten.”

Dat is logisch. Om een professionele drone te mogen vliegen, moet je goed opgeleid zijn. De regels vanuit Europa zijn behoorlijk streng en het besturen van de onbemande vliegtuigen ontwikkelt zich daarom steeds meer van een ‘taak erbij’ tot een volwaardig beroep. Daar speelt de Groningse mbo-instelling in samenwerking met Alfa College en DCTerra (DNA) op in.

NUTTIG EN LEUK

Visser werkt nu aan het curriculum dat de studenten in drie jaar opleidt tot professionele piloten. ,,40 procent van de tijd zijn ze bezig met het besturen van drones, in allerlei soorten en maten. Kijk, ze moeten een klein exemplaar onder controle hebben voor bijvoorbeeld inspectie in een magazijn. Maar voor het optillen van zware objecten in een haven zijn veel grotere drones nodig, die zich echt anders gedragen. Onze studenten kunnen het straks allemaal. Ik probeer goed naar het bedrijfsleven te luisteren bij het ontwikkelen van de opleiding. Dat is belangrijk.’’

Het gaat ook over fun. Een opleiding moet nuttig en leuk zijn. Dus beginnen de studenten straks meteen al met het besturen van kleinere drones, om het gevoel te krijgen en inzicht in hoe zo’n machine zich gedraagt in de lucht. Lukken: ,,Ik sluit zeker niet uit dat de opleiding op den duur ook aandacht besteed aan andere type drones, zoals rijdende en (onderwater)drones.’’

Daarnaast gaat veel tijd zitten in het leren maken van vluchtplannen, het onder de knie

krijgen van de navigatie, data verzamelen en valideren en onderhoud, en het doorgronden wet- en regelgeving. En ook ethiek en privacy krijgen een belangrijke plek in het curriculum. Lukken: ,,Je ziet wat drones kunnen, wij willen dat de studenten zelf nadenken over wat ze wel en niet willen en goed vinden. Kijk, of ze uiteindelijk bij Defensie aan de slag gaan, is hun keuze. Het gaat erom dat het een bewuste keuze is. Afgezien daarvan werken veel drones met camera’s dus is privacy meteen een belangrijk onderwerp.’’

De opleiding wordt deels gegeven op de locaties van Noorderpoort bij Groningen Airport Eelde en aan de Muntinglaan in Groningen, maar verplaatst zich zeker ook naar buiten, hoewel dat nog niet zo eenvoudig blijkt. In heel Nederland wemelt het van de zones waar professionele drones niet zomaar de lucht in mogen. Maar daar is al wat op gevonden. De studenten kunnen onder meer terecht op het terrein van amateurvliegers in Drenthe, dat al een ontheffing voor de no-fly zone heeft.

VOLLEERDE DRONEPILOTEN

Daarnaast ligt het in de lijn der verwachting dat de studenten een deel van hun vliegvaardigheidslessen krijgen in een hangar op Groningen Airport Eelde. Dat is belangrijk, denkt Visser. ,,Ik heb gemerkt dat drones door veel jongeren worden gezien als speelgoed. Maar als je op het vliegveld bent en je kijkt om je heen, dan realiseer je je dat dit serieus is. Zeker als we een kijkje in de verkeerstoren nemen, waar het radioverkeer net zo goed over vliegtuigen als over drones kan gaan.’’

Groningen is één van de tien plekken in Nederland waar momenteel wordt gewerkt aan zo’n drone-opleiding. Mede dankzij financiering uit het Nationaal Programma Groningen is Noorderpoort er nu mee aan de slag. De eerste aanmelding is inmiddels binnen, komend jaar is er plek voor twintig studenten, daarna wordt het aantal uitgebreid. In 2029 stromen de eerste volleerde dronepiloten dan de arbeidsmarkt op.

IdFrm: samenwerking en innovatie voor meer verduurzaming

Het veelzijdige Kooi-stadion ademt licht in al haar facetten. Van de Cambuur Skybox en Businessruimtes tot de Voetbalshop en de complete opleidingslocatie van Firda. Het is het maatwerk van Jan Adema van IdFrm: adviseren, ontwerpen en leveren van duurzame bedrijfsverlichting aan de zakelijke markt.

Wat je doet, doe je nooit alleen, benadrukt hij. ,,Wat ik kan laten zien met verlichting, is het resultaat van samenwerking met heel veel mensen. Met de architect en interieurontwerper, met de installateur en onze makers. Samen kom je tot resultaat en dat is wat je hier overal ziet. Maar het is vooral de weg er naartoe, met elkaar nadenken, overleggen, praten en plannen maken, elkaar overtuigen, nee durven zeggen tegen makkelijke oplossingen en vooral doorzetten en doen.î

Het adviseren, ontwerpen en leveren van duurzame bedrijfsverlichting is Jan Adema op het lijf geschreven. Met tientallen jaren ervaring in licht en verlichting en zijn gevoel voor innovatie zag hij al vroeg de enorme kansen van LEDverlichting voor maatwerk, lokale maakindustrie en circulariteit. ,,Ik ben al een paar decennia bezig met de ontwikkeling van led. De technische mogelijkheden worden steeds groter en hebben steeds meer impact: meer lichtopbrengst met lager energieverbruik en lagere onderhoudskosten. Je hebt een steeds grotere vrijheid om met behulp van Dali lichtmanagement het licht compleet in te richten op jouw ruimte, wensen en momenten.î

Innovatie en beleving ,,IdFrm gebruikt de groeiende technische mogelijkheden van LED-verlichting en combineert dat met andere technische innovaties en met het hergebruik van materialen. Het is technisch mogelijk om ledverlichting volledig op maat te programmeren. Daarmee heb je de vrijheid om maatwerk te leveren in de uitvoering van het ontwerp, de vorm en de materialen. Dat maakt meer hergebruik mogelijk. In overleg met sc Cambuur hebben wij ook armaturen uit het oude stadion weer een plekje gegeven in het Kooistadion door oude energievretende lichtbronnen te vervangen voor speciale ledtechnologie, bijvoorbeeld in de centrale hal, dat is echt fantastisch. Als je nu ziet hoe oude iconische stadionlampen hier weer tot hun recht komen, maar nu met volledig gestuurd ledlicht en dus superlaag energieverbruik.î

,,In andere ruimten hebben we van juist weer nieuwe armaturen met onze eigen led-innovatie gemaakt. De vraag is welk licht je waar nodig hebt. De verlichting in de voetbalshop, waar het gaat om de beleving en de juiste kleurweergave en de verkoop van producten. De verlichting in de skybox en de businessruimtes, waar het draait om sfeer en samenzijn. Het licht in de spreekkamers, waar juist een zakelijker sfeer belangrijk is. Het is de combinatie van innovatie, circulariteit en emotionele waarde en maatwerk in beleving.î

,,Aan de zuidkant van dit multifunctionele stadion, heel letterlijk, vind je de leslokalen, studieruimten en kantoren van de opleidingslocatie van Firda. Het zijn allemaal specifieke maar sterk van elkaar verschillende

ruimten in hetzelfde stadion. Op iedere plek hebben we in overleg met de gebruikers het licht volledig afgestemd op de functie van de ruimte, licht dat volledig geprogrammeerd is en bedienbaar met een touchscreen. Het is diversiteit in maatwerk en binnen het budget van de nieuwbouwlocatie: dat is de kracht van samenwerking met architect, interieurontwerper en installateur en het vertrouwen van de opdrachtgevers. Goed licht vanuit een consistent lichtontwerp maak je samen: het Kooi-stadion is een bijzonder project geworden waar ik echt trots op ben.î

ëWe hebben in deze regio een voorsprong, we zijn circulair koploperí

“Echt een hele mooie stap” Je sprak net over de groeiende mogelijkheden van ledtechnologie in combinatie met andere technische innovatie. Waar doel je op? ,,Het mooie van ledtechnologie is dat het steeds duurzamer wordt en het steeds meer maatwerk mogelijk maakt met minder arbeid. Je wint steeds meer op allerlei terreinen: je bespaart steeds meer op energieverbruik, tegen lagere installatiekosten en met minder onderhoudskosten; toch heb je meer maatwerk en meer flexibiliteit. Je hebt een steeds grotere ontwerpvrijheid en je kunt armaturen en bestaande materialen heel goed hergebruiken. Dat zijn belangrijke stappen op weg naar circulariteit, het is waar we in Friesland goed in zijn. Ik ben trots op die innovaties, op de

kennis die we met elkaar blijven ontwikkelen, op het doorzettingsvermogen om verder te komen.î

De cliffhanger van Jan ,,We hebben in deze regio een voorsprong, we zijn circulair koploper, en de kunst is dat met elkaar vast te houden en meer jonge mensen op te leiden. De vraag stijgt alleen maar en als je kennis en de techniek van licht begrijpt, kunnen we nog enorme stappen zetten. Dat is waar IdFrm met partners iedere dag aan werkt: meer besparing, meer lokale circulaire productie en de verduurzaming van bedrijfspanden met betrouwbare installaties. Waar we nu aan werken, draait om productinnovatie dankzij samenwerking in de regio. Nee, ik vertel nog niet wat dat precies inhoudt, maar het betekent een enorme stap in circulair technische ontwikkeling en besparing.î

Geduld is nu eenmaal een schone zaak, stelt hij vast. ,,Als je met elkaar iets bijzonder wilt maken, heeft het naast ambitie ook tijd nodig. Kijk naar het Kooi-stadion, dat is ook niet in een dag gebouwd, maar wat er staat, is geweldig.î Wat we wel mogen weten, is dat IdFrm gaat verhuizen naar De Zwette. Aan het Verbindingskanaal pal naast de Slauerhoffbrug verrijst volgend jaar een nieuw multifunctioneel bedrijfscomplex, waar ook Jan Adema met IdFrm zijn intrek neemt. Pal tegenover het Kooi-stadion. Met alle ruimte voor innovatie van de lokale licht- en maakindustrie.

idfrm.nl

Jan Adema

EELKO HUIZINGH

ENERGIETRANSITIE: SUCCESVOL ONDER DE RADAR

Die energietransitie, wordt dat nog wat? Bij de laatste verkiezingen in Nederland wonnen rechtse partijen die niets van ‘klimaatgekte’ moeten hebben. In de VS roept Trump tot groot plezier van de olieboeren drill baby drill en China gaat maar door met de bouw van nieuwe kolencentrales. Onderwijl is de aandacht verschoven naar oorlogen, handelsconflicten en onze eigen defensie. Dus die energietransitie kunnen we vergeten? Opvallend genoeg wijzen onderliggende trends op het tegendeel.

Ogenschijnlijk gaat het slecht met de energietransitie, zo neemt de winning van fossiele brandstoffen wereldwijd nog altijd toe. De coronadip is overwonnen en nieuwe records zijn gevestigd. Volgens de International Energy Agency (IEA) was de productie van aardolie en zelfs van steenkool nog nooit in de geschiedenis zo hoog. Niet verwonderlijk is dat de CO2-uitstoot een all time high scoort.

Duurzame energie opwekken is nu goedkoper dan olie of steenkool

Ook hebben andere onderwerpen de energietransitie uit het nieuws verdreven. Opvallend genoeg heeft dat echter een positief effect gehad. Sinds de oorlog in Oekraïne importeren we nauwelijks nog Russisch gas en alle geopolitieke spanningen en bokkensprongen van Trump maken dat Europa op energiegebied liever zoveel mogelijk zelfvoorzienend is. En duurzame energie biedt hiervoor een oplossing.

Goed nieuws ook over het aloude argument van tegenstanders, namelijk dat duurzame energie te duur is. Juist op dit punt hebben zich spectaculaire ontwikkelingen voorgedaan. Zo daalden de kosten van windenergie op land tussen 2010 en 2024 met 70 procent (in dollars per kilowattuur), werd zonne-energie in deze periode 90 procent goedkoper en geldt hetzelfde voor lithium-ion batterijen.

HAALBAAR EN BETAALBAAR

Is de energietransitie dan nu opeens wel haalbaar en betaalbaar? Duurzame energie opwekken is nu goedkoper dan olie of steenkool. Wat het duur maakt, zijn de aanloopkosten. Een windmolenpark op zee aanleggen kost heel veel geld. De problemen van netcongestie en variabele opbrengsten (denk aan windstille en donkere dagen) zijn weliswaar oplosbaar, maar de oplossingen kosten eenmalig veel geld en tijd, en worden tegengewerkt door andere problemen, zoals de stikstofcrisis en tekorten aan personeel en materialen. En soms ook door foute keuzes, zo verergert de netcongestie door batterijen ver verwijderd van waar energie wordt verbruikt.

Ook elders zien we vooruitgang. De meest duurzame energie is de energie die je niet gebruikt. De jaarlijkse

hoeveelheid energie die de gemiddelde Nederlander gebruikt (uitgedrukt in kilowatturen) nam vanaf 1980 vrijwel elk jaar toe, tot en met 2010. Sindsdien daalt het energieverbruik. Inmiddels verbruiken we per persoon ruim een kwart minder energie dan in 2010. Daarmee zitten we bijna op het niveau van 1970. Ons energieverbruik is nog wel ruim het dubbele van dat van de gemiddelde wereldburger, maar ook dit verschil wordt steeds kleiner.

NIETS MEER TE WENSEN?

Ik schreef al eerder over gevestigde machten die met de mond innovatie belijden en tegelijkertijd aan de rem hangen. Zij hebben de politieke wind in de rug, maar de economische logica tegen. Dit geldt zelfs in de VS. Trump noemt klimaatverandering oplichterij en heeft zelfs zo’n hekel aan windmolens dat hij in Schotland ooit een proces aanspande tegen de bouw van windmolens die vanaf zijn golfbaan waren te zien (hij verloor).

Maar ook in eigen land blijkt duurzame energie goedkoper dan olie of kolen. In maart dit jaar was het zelfs voor het eerst in de geschiedenis dat fossiele energie minder dan 50 procent bijdroeg aan het opwekken van elektriciteit. Ondanks alle Trump-retoriek werd in de VS toen 37 procent meer zonne-energie opgewekt dan een jaar eerder.

Is er dan niets meer te wensen? Toch wel. Veel van onze huidige en tijdelijke problemen vormen een fors obstakel. Denk aan netcongestie, het balanceren van het elektriciteitsnet en de relatief hoge energiekosten in Nederland. Er is energiearmoede en die moeten we effectief bestrijden door isolatie en niet door energie te subsidiëren.

Kortom, er zijn nog veel problemen en aan de oppervlakte lijkt de energietransitie te stokken, maar onder de radar vinden fundamentele verschuivingen plaats. Of dat snel genoeg gaat om de opwarming van de aarde te beperken is de vraag, maar ik denk dat we het omslagpunt voorbij zijn: de energietransitie komt er wel!

Dr. Eelko Huizingh werkt bij de vakgroep Innovatiemanagement & Strategie van de Rijksuniversiteit Groningen en is auteur van het boek Innovatiemanagement.

GIJS MEIJER (LINKS) EN GERTJAN VISSCHER

Het goederenvervoer in Noord-Nederland is jaarlijks goed voor zo’n 1,2 miljard kilometer. Om al die kilometers per vrachtwagen – gelijk aan ongeveer 30.000 keer de aardomtrek – te verduurzamen, is een mentaliteitsverandering nodig. Het in 2018 opgerichte platform Logistiek Noord wil de transitie versnellen en heeft één ambitie duidelijk voor ogen: een emissievrij Noord-Nederland in 2035.

TEKST RADBOUD DROOG

FOTO’S MARCEL JURIAN DE JONG

ZO VERANDERT LOGISTIEK NOORD HET GOEDERENVERVOER

‘Als je dromen je niet bang maken, zijn ze niet groot genoeg.’ Een uitspraak die wordt toegeschreven aan bokser Muhammad Ali. Gijs Meijer (40) en Bertjan Visscher (43) boksen niet, maar vechten wel: tegen uitstoot, versnippering en oude gewoontes. Hun strijd om het goederenvervoer te vergroenen en beleid en regelgeving hiervoor aan te passen, wordt gevoerd vanuit Logistiek Noord. Een programma van het Rijk, de drie noordelijke provincies en de steden Groningen, Leeuwarden, Assen en Emmen.

„Het gaat niet alleen om nieuwe voertuigen, maar om een compleet ander energiesysteem en logistiek netwerk”, zegt Meijer. Logistiek Noord toont op de website projecten die het spoor, water en de weg beter op elkaar laten aansluiten. „Zo laten we zien dat er heel veel gebeurt. Bovendien heb je voorbeelden nodig.”

OP EEN KRUISPUNT

Volgens Meijer en Visscher, beiden werkzaam bij de provincie Drenthe, bevindt het Nederlandse goederenvervoer zich op een kruispunt. „Onze economie draait op logistiek, maar de ruimte wordt schaarser, de klimaatdoelen scherper en internationale handelsstromen complexer. Jarenlang lag de focus op de verbetering van wegen, snellere treinen en beter georganiseerde binnenvaart.”

Visscher benadrukt dat de grote vraagstukken

– duurzaamheid, ruimtegebruik en betrouwbaarheid – zich juist tussen deze onderdelen afspelen. „Voor een echt emissievrij systeem moet je anders denken en samenwerken”, zegt hij.

DAKAR-RALLY

Bertjan Visscher groeide op met een fascinatie voor transport en techniek. Zijn liefde voor avontuur bracht hem tot in de woestijn, waar hij als monteur meedeed aan de legendarische Dakar-rally. Voor hij bij de provincie begon, werkte hij jarenlang in de transportsector. „Die ervaring gebruik ik om beleid en praktijk beter met elkaar te verbinden. Alleen denken is niet meer genoeg. Je moet krachten bundelen met bedrijven en kennisinstellingen.”

Meijer: „We moeten leren uitzoomen. Niet denken: wat kan mijn bedrijf doen, maar wat kunnen we als regio bereiken?” Visscher vult

aan: „Zodra je met tien of vijftien logistieke bedrijven aan tafel zit, ontstaan er vanzelf ideeën.”

ZELF TESTEN

Een van de actuele projecten is de Zero Emission Truck Academy. Hier kunnen transporteurs zelf ervaren wat elektrisch rijden betekent, van actieradius tot planning. „De eerste trainingen zaten meteen vol”, vertelt Visscher. „Het is één ding om over duurzaamheid te praten, maar pas als chauffeurs de voertuigen zelf testen, begrijpen ze de mogelijkheden en beperkingen.”

Een ander belangrijk initiatief is de railterminal in Coevorden. Logistiek Noord onderzoekt daar hoe goederen die nu over de weg gaan, verplaatst kunnen worden naar het spoor.

Meijer: „Hier werken we aan de logistiek van de toekomst. Dit kan miljoenen kilometers per jaar schelen.” Het project laat zien dat modaliteitsverschuiving – het gebruik van spoor in plaats van weg – een grote impact kan hebben op duurzaamheid en efficiëntie.

NIEUWE WATERVERBINDING

Ook over water wordt nagedacht. Afvalverwerker Omrin, Havennetwerk Fryslân enInnoWaTr werken samen aan een nieuwe waterverbinding tussen Harlingen en Heerenveen. Een innovatief schip met duwbakken vaart op groene stroom of op methaanbiogas dat Omrin zelf produceert. Meijer: „Zo wordt afval, en in de toekomst wellicht ook andere goederen, schoon en slim over water vervoerd.”

In Drenthe werkt Logistiek Noord actief aan het terugdringen van lege kilometers bij lokale transporteurs. Zo wordt bijvoorbeeld samengewerkt met de steenfabriek Calduran in Hoogersmilde: door stenen op pallets te laden en huiftrailers met mobiele heftrucks in te zetten, kunnen retourvrachten optimaal worden benut. Het resultaat: efficiënter vervoer, minder onnodige ritten en een flinke besparing op kilometers.

Ook in stedelijke gebieden zet Logistiek Noord in op slimme oplossingen, zoals distributiehubs aan de rand van Leeuwarden. Hier leveren leveranciers hun goederen af, waarna Caparis de laatste kilometers naar de binnenstad verzorgt. Dit vermindert verkeersdruk en uitstoot aanzienlijk. Daarnaast wordt dataanalyse steeds belangrijker: transporteurs krijgen beter inzicht in hun vervoersstromen

en kunnen op basis daarvan duurzamere routes kiezen.

SAMENWERKEN IN DE BOUW

Tijdens het Bouwcongres in Noord-Nederland spraken dit voorjaar honderd partijen uit de bouwsector over hoe het slimmer, schoner en efficiënter kan. Meijer: „Dit is beslist geen praatclub, maar de praktijk. Deelnemers bekeken concrete voorbeelden, bespraken wat goed werkt en waar het beter kan.”

Het congres krijgt waarschijnlijk een jaarlijks vervolg, telkens in een andere noordelijke provincie. Het streven is helder: nog tien jaar en dan wil het Noorden zoveel mogelijk emissie-vrij vervoeren. Ondanks hun ervaring en plannen, blijft het de vraag of Logistiek Noord dit realiseert. Meijer en Visscher zijn realistisch: „We hebben het met de noordelijke provincies afgesproken. En dat is ambitieus, maar het geeft wel richting en energie. Want ook al is deze transitie complex, we hoeven het niet alleen te doen. Noord-Nederland heeft de kracht om samen te leren, te vernieuwen en in 2035 écht het verschil te maken.”

Zolang je dromen je maar bang blijven maken.

Vervoer

De CO2-uitstoot door zware bedrijfsvoertuigen in Noord-Nederland is de afgelopen decennia gestaag toegenomen, vooral op de snelwegen. Daar rijdt inmiddels het grootste deel van het vrachtverkeer, waardoor ook de meeste uitstoot juist hier plaatsvindt. Op de kleinere wegen buiten de snelwegen is de uitstoot juist afgenomen, doordat zwaar verkeer zich steeds meer heeft verplaatst naar de grote transportcorridors. Meijer: „Tegelijk laten prognoses zien dat de uitstoot van zware voertuigen in de komende jaren naar verwachting zal gaan dalen. Die daling hangt samen met schonere motoren, de opkomst van elektrische vrachtauto’s en een geleidelijke overgang naar duurzamer vervoer.”

Deze ontwikkeling maakt volgens Meijer duidelijk dat technologische vervanging alleen niet voldoende is. Om de uitstoot structureel te verminderen, is het ook nodig om meer gebruik te maken van alternatieven zoals vervoer over spoor en water, en om goederenstromen slimmer te organiseren. „Alleen door die combinatie, technologische vernieuwing én een verschuiving in vervoerswijze, kan de klimaatimpact van het goederenvervoer echt duurzaam worden teruggebracht.”

‘Flexibel

omgaan met energie is in ieders belang’

Inzicht in en grip op je energie krijgen. Dat is waar Repowered in Groningen zich op richt. Zij doet dit voor bedrijven met grootzakelijke energie aansluitingen, groter dan 3X80 ampère. „Dat brengt een andere dynamiek met zich mee dan in de consumentenmarkt. In de grootzakelijke markt kunnen eindklanten 1-op-1 afgerekend worden tegen marktprijzen. Wij zorgen ervoor dat wij de klant meenemen in alles wat wij doen: in- en verkoop van de stroom en sturing van de installaties. Dat vinden we erg belangrijk”, zegt Gerjan Wubs, business developer bij Repowered.

Repowered, dat in 2019 werd opgericht, helpt klanten het maximale rendement uit hun energiesysteem te halen. Het bedrijf levert energiecontracten in combinatie met optimale sturing van installaties, die ervoor zorgen dat duurzaam energiebeheer eenvoudig en effectief is. Dit doen ze door vraag en aanbod van energie op elkaar af te stemmen. Daardoor ontstaat grip op energiestromen en wordt voor de gebruiker de meeste waarde uit het energiesysteem gehaald.

Algoritme

Om deze aanpak tot een succes te maken heeft Repowered een nieuw algoritme ontwikkeld: Optima. Optima optimaliseert installaties efficiÎnter door real-time aansturing te combineren met slimme voorspellingen, marktinzichten en, waar mogelijk, samenwerking tussen installaties. Optima anticipeert op marktontwikkelingen en zet installaties precies op het juiste moment in. Dat zorgt voor lagere kosten, stabielere prestaties en een hoger rendement. ÑWe sturen zodanig aan waardoor voor elke afzonderlijke klant de totale energierekening zo aantrekkelijk mogelijk wordt. Oftewel, we stemmen meerdere installaties achter de aansluiting Èn over meerdere locaties heen, slim op elkaar af voor een maximaal rendement. Daar zijn we uniek in. Wat we dankzij Optima zien is dat klanten tot 50 procent meer kunnen verdienen met hun energie, door het slimmer in te regelen en aan te pakken. We kijken dus verder dan het zo goed mogelijk benutten van een

afzonderlijke batterij of windmolen, we kijken vooral wat er achter de aansluiting gebeurt. Daarnaast geven wij klanten toegang tot vrijwel alle relevante energie-, balancerings- en congestiemarkten. Deze totale aanpak zorgt namelijk voor de beste energierekening. Het klinkt eenvoudig, maar dat is heel ingewikkeld.î

‘Duurzame

energie: op het juiste moment, op de juiste plaats en voor de juiste prijs’

Dashboard

Wat Repowered doet is voor elke klant op elk moment van de dag de meest optimale energie inen verkopen. ÑDe klant kan zelf op een persoonlijk dashboard inloggen en per minuut zien hoe de energie zich verplaatst en per kwartier wat hij verdient aan energie. We leggen uit waarom iets gebeurt, daarin zijn we transparant, want daar voelen we ons goed bij.î De klant heeft dus zelf controle over wat er gebeurt, waarmee hij grip krijgt op de energiehuishouding en de laatste marktontwikkelingen. ÑEnergie is geen gemakkelijk onderwerp, zeker niet wanneer er een batterij wordt aangeschaft. Wij proberen deze moeilijke materie zo helder mogelijk te maken.î

De vernieuwende aanpak zorgt ervoor dat Repowered snel groeit. ÑDat heeft te maken met de unieke manier waarop wij installaties

aansturen, maar ook met de manier hoe we de klant inzicht geven in hun energie. Dat doen we met ons klantenportaal waarin je real-time volgt wat je installaties doen en tot op het kwartier welke financiÎle waarde dat oplevert. De klant heeft er geen omkijken naar, wij regelen alles vanaf ons kantoor in Groningen.î

Inspelen op de markten

Waar de consument op de dynamische energieprijs kan acteren, daar heeft de grootzakelijke gebruiker met een heel andere dynamiek te maken. Wubs: ÑAlle energie aanbieders en vragers geven ÈÈn dag van tevoren door hoeveel elektriciteit ze verwachten morgen te leveren of nodig te hebben. Als je opwek of verbruik toch lager of hoger uitvalt, dan wordt dat rechtgezet op de onbalansmarkt. Wij maken gebruik van die onbalansprijzen. Wanneer je daar slim mee omgaat, dan kun je aan onbalans verdienen en dat komt onze klanten weer ten goede.î

Netcongestie

Wie het over de stroomvoorziening heeft, kan niet om het onderwerp netcongestie heen. Zo kunnen landelijk duizenden bedrijven momenteel niet worden aangesloten op het elektriciteitsnet. Elke bijdrage om het probleem op te lossen is daarom welkom. Wubs: ÑWij begroeten momenteel veel nieuwe klanten die mee willen doen aan congestiemanagement. Hun netbeheerder vraagt daar om, omdat ze graag het lokale energienet willen ontlasten. Hiervoor zijn het capaciteitssturingscontract en het capaciteitsbeperkend contract in het leven geroepen. Congestiemanagement betekent dat je op bepaalde uren niet of minder moet produceren, om het netstation waarop je bent aangesloten te verlichten. De klant wordt daar vervolgens voor gecompenseerd. Repowered regelt het contract en de dagelijkse uitvoering. Sterker nog, dat doen we op grote schaal. Zo hebben we met elke netbeheerder een lopend congestiecontract en hebben we gestandaardiseerde CBC-afspraken met Tennet, Liander, Enexis en Stedin. Daarmee helpen we onze klanten en de energietransitie vooruit.î

Transparant en eerlijk

Tenslotte, bij alles wat Repowered doet, staat transparantie voorop. ÑWe zeggen wat we doen en doen wat we zeggen. Ook als iets tegenvalt, zijn we helder. Vertrouwen kun je alleen verdienen door eerlijk te zijn. Voor onze dienstverlening vragen we een vast bedrag per maand, een contract is flexibel opzegbaar. Is de klant niet tevreden, dan kan hij zijn contract snel beÎindigen. Aangezien we weinig verloop in ons klantenbestand kennen, lijkt deze aanpak te werkenî, besluit hij met een glimlach. www.repowered.nl

Gerjan Wubs

RONALD MULDER

OMWOLVING

De politicus parkeerde zijn auto voor de sluitboom en liep de hei op. Het heideveld lag er mooi bij, in de nevel en met de opkomende zon op de achtergrond. Het ging slecht met de hei, had hij gelezen. Door de stikstof. Daardoor krijgen allerlei planten en struiken te veel voedsel en groeit de hei dicht tot een bos. Was dat erg? Bossen zijn toch ook natuur?

Mag je iets wel natuur noemen als het alleen kan bestaan bij intensief beheer? Hij pakte zijn telefoon en tikte iets in. ‘Heidevelden zijn vooral belangrijk voor reptielen zoals de zandhagedis, de levendbarende hagedis, de hazelworm, de gladde slang, de ringslang en de adder’, las hij. Geen van die dieren had hij ooit gezien, dus als ze zouden verdwijnen zou dat eigenlijk geen verschil maken, toch?

OERHOLLANDSE WOLF

Aan de horizon meende hij iets te zien bewegen. „Dat is de schaapskudde”, hoorde hij een stem achter zich zeggen. Met een ruk draaide de politicus zich om. Hij stond oog in oog met een wolf.

„Kun jij praten?”

„Natuurlijk kan ik praten. Ik ben een oerhollandse wolf. Wij kunnen al praten sinds de tijd van Roodkapje. Ken ik jou niet ergens van, trouwens? Kan het zijn dat ik jouw hoofd op een billboard heb gezien?”

„Dat kan”, zei de politicus. „Ik ben politicus. Ik was de lijsttrekker van Ons Nederland.”

‘Kan er een einde komen aan het importeren van wolven uit Duitsland? Ze spreken de taal niet, kennen de cultuur niet’

„Wat een suffe naam. Alle partijen zijn toch voor Ons Nederland? Er doen toch geen Belgische partijen mee aan de verkiezingen?”

DIE HOREN HIER NIET

De politicus keek de wolf even aan. Zou hij uitleggen hoe slim de naam was? Dat Ons Nederland ook betekende: ‘dus niet van hen’? En dat iedereen die zich aangesproken voelde zelf kon invullen wie die hen precies waren? Maar het bleek niet nodig.

De wolf bleek wel degelijk van Ons Nederland gehoord te hebben.

„Ik maak maar een grapje”, zei de wolf. „Het is goed dat ik je tref. Zie je daar die honden, bij de schaapskudde?”

De politicus kon inderdaad twee grote honden onderscheiden; de kudde leek iets dichterbij gekomen.

„Dat zijn Karpatische herdershonden. Die horen hier niet. Bij elke kudde lopen tegenwoordig van die louche buitenlandse honden. Pyreneese berghonden, Italiaanse Pastores della Sila, noem maar op. Ik heb zelfs al een Bulgaarse Karakachan gezien. Kun jij er misschien voor zorgen dat die beesten het land uitgezet worden? En nu ik toch bezig ben: kan er een einde komen aan het importeren van wolven uit Duitsland? Ze spreken de taal niet, kennen de cultuur niet. Ze weten niet eens waar Wolvega ligt, of wie de heen- en weerwolf was. Het loopt de spuigaten uit. We worden gewoon omgewolfd, als we niet uitkijken.”

WEINIG TEGEN DOEN

Nu voelde de politicus zich weer op vertrouwd terrein. „Dat laatste, daar kunnen we vast iets aan doen. Misschien iets met verplichte inburgering voor die wolven? Maar de honden, dat is een ander verhaal. Dat zijn arbeidsmigranten, wat betekent dat er zeer waarschijnlijk een partijgenoot is die er

Ronald Mulder is ondernemer en econoom. Man van weinig woorden.

@ronaldmulder

ZOEKEN NAAR HET PERFECTE SCHIP

JAN JAAP NIEUWENHUIS
HARALD RUGEBREGT
GUUS VAN DER BLES
MAARTEN SICKLER
Hoe ziet het perfecte schip van de toekomst eruit? Het moet groener, slimmer, efficiënter

en zuiniger weten de scheepsontwerpers van Conoship International in Groningen.

TEKST YKE BREMER

FOTO CORNÉ SPARIDAENS

Bij het Groningse scheepsontwerp- en ingenieursbureau Conoship International zijn ze het erover eens dat de schepen zuiniger en groener moeten gaan varen én slimmer en efficiënter gebouwd moeten worden. Daarvoor moet er breed samengewerkt worden, benadrukken ze. Zoals al gebeurt in Noord-Nederland in de Digital & Green Maritime Coalition (DGMC). „Samen met andere bedrijven en kennisinstellingen moeten we gaan nadenken over en investeren in nieuwe technieken en innovatieve schepen. Dat kan niet individueel.”

Hoewel de contouren van een toekomstige en (mogelijk) emissieloze scheepsvaartwereld steeds scherper worden, is het voorlopig zaak om kleinschalige en haalbare innovatieve stappen te zetten. „We hebben een brede visie, maar je komt er alleen door te beginnen met betaalbare, kleinschalige en praktische projecten”, aldus de managers Maarten Sickler, Harald Rugebregt, Jan Jaap Nieuwenhuis en Guus van der Bles van Conoship International.

WAT IS EEN TRANSFORMATIESCHIP?

Het transformatieschip is voor Conoship de eerste logische stap in deze tijd waarin de groene vaartechnieken – Green Shipping –nog volop in ontwikkeling zijn.

Wat is precies een transformatieschip? Het is een schip dat dusdanig is ontworpen dat het in eerste instantie nog op dieselolie en op termijn emissieloos gaat varen. De schroef wordt aangedreven met een elektromotor, waarvoor de stroom eerst zal worden opgewekt met dieselaggregaten. Die stroom wordt op den duur opgewekt door andere energiebronnen waardoor het schip getransformeerd kan worden voor Green Shipping.

Zo kunnen de aggregaten in de loop van de tijd worden vervangen door grote batterijen, brandstofcellen met waterstof of generatorsets op bio-methanol of LNG met afvang en opslag van de uitgestoten CO2. Deze energievormen zijn nu nog niet concurrerend, maar dat zal in de toekomst zeker gaan veranderen, verwacht het team van het scheepsontwerp- en ingenieursbureau en dan worden de transformatie-schepen omgebouwd. Inmiddels zijn er al veertig van deze schepen gebouwd of in bestelling.

Met de groene toekomst van de scheepsbouw zijn ze bij Conoship zelf dan ook volop bezig. De strategische visie van het bedrijf richt zich voornamelijk – naast het transformatieschip – op onderzoek naar de verschillende mogelijkheden van milieuvriendelijk varen.

Vier innovatieve technologieën voor de overgang van fossiele naar hernieuwbare energie staan voorlopig centraal: volledige

elektrische aandrijving, windvoorstuwing voor schepen door middel van Ventofoils of andere Wind Assisted Propulsion systemen, varen op waterstof of LNG met CO2afvang. De afgevangen CO2 zal nu nog worden opgeslagen in de bodem, maar kan in de toekomst gebruikt worden voor de productie van bijvoorbeeld synthetische LNG.

MODERNE ZEILEN

De Ventofoils springen direct in het oog als de ontwerpers een scheepsmodel erbij pakken. De Ventofoils zijn moderne zeilen in de vorm van rechtopstaande vliegtuigvleugelprofielen. Er staan twee voorop het minischip, die in werkelijkheid een hoogte van wel 30 meter kunnen hebben. Ze zijn uitgerust met interne ventilatoren, waardoor de werking vijf keer zo sterk wordt als bij gewone vleugelprofielen.

Ze kunnen door hun stuwkracht een winst opleveren van rond 10 procent aan energieverbruik. Afhankelijk van de windrichting en -kracht kunnen de grote ‘vleugelzeilen’ omhoog gezet worden voor extra stuwkracht of plat op het dek gelegd worden bij storm en tegenwind.

Conoship stond aan de wieg van de Ventofoils, die zijn gebaseerd op een eerdere uitvinding van de bekende Fransman Jacques Cousteau. Hij verwierf bekendheid in de jaren zeventig en tachtig als oceanograaf en milieubewuste filmmaker. Inmiddels zijn er al 140 Ventofoils gebouwd of in bestelling.

SAMENWERKEN AAN DE TOEKOMST

De groene stap voorwaarts is alleen mogelijk door samenwerking, aldus de scheepsontwerpers, die zich verheugen op de kansen die zich voordoen in deze cruciale periode in hun vakgebied. De noodzaak om te vernieuwen is groter dan ooit, waarbij er aan alle kanten mogelijkheden liggen en samenwerking cruciaal is. De maritieme sector in Noord-Nederland, maar ook overheden, onderwijs- en kennisinstellingen zijn aan het kijken hoe ze de scheepvaart kunnen innoveren om te vergroenen en tegelijkertijd de scheepsbouw innoveren om betaalbaar te kunnen blijven. Dat kan één werf of bedrijf niet alleen doen.

Alleen zo kan de maritieme sector de concurrentie op de wereldmarkt met lage loonlanden als China en India aangaan.

Daarnaast zijn er ook bedreigingen als toenemende vergrijzing en een tekort aan technische vakmensen. Deze factoren dwingen rederijen, werven, toeleveranciers, hogescholen, universiteiten, laboratoria en overheden ertoe om samen na te denken over de toekomst van de scheepsbouw, over robotiseren en over nieuwe

‘Het biedt steeds meer mogelijkheden om slimmer te werken, maar daarvoor hebben we wel slimme mensen nodig’

energietransitie doorzet en om daarin dan wereldspeler te kunnen worden.

Zoals onderzoek naar de mogelijkheid om binnen twee tot vijf jaar kustvaartschepen volledig elektrisch te laten varen. ,,Je ziet al dat pontjes elektrisch varen. Bij de kustvaart, over korte afstanden tot 500 zeemijlen of bij vracht die niet per se snel vervoerd hoeft aan te komen, zou je elektrisch kunnen gaan varen. Je hebt dan wel overal laadstations nodig, de zogenaamde walstroom. Het betekent dat overheden moeten meewerken en het belang ervan in moeten zien. Voor korte afstanden is dit een optie. Voor de Trans-Atlantische scheepvaart kan dit nog lang niet.”

MEEDENKENDE GAMERS

materialen, batterij-typen, ICT- en AItoepassingen aan boord en op de werf.

Om die reden werd enkele jaren geleden de Digital & Green Maritime Coalition (DGMC) opgericht door verschillende partijen uit de noordelijke scheepsbouwsector. Want in het Noorden worden van oudsher kwalitatief uitstekende schepen gebouwd en de toekomst biedt juist nu nog veel meer kansen, vindt het consortium.

Vergroenen in combinatie met digitalisering – de twee zijn niet los van elkaar te knippen – zal de noordelijke scheepvaart en scheepsbouw sneller, vlugger, slimmer en betaalbaarder kunnen maken, waardoor de maritieme sector kan blijven concurreren. Hiervoor is in 2022 het project Groen & Digitaal Maritiem Innovatie Ecosysteem Noord-Nederland (GDMIEN-NL) in het leven geroepen, dat vorig jaar uitmondde in de oprichting van de DGMC.

KLEINE STAPJES

Met een emissieloze scheepvaartsector als een stip op de horizon, moet er door de maritieme partijen gezamenlijk worden nagedacht over welke stappen er nodig zijn om een gezonde toekomst te waarborgen. „Je kunt het einddoel niet in één keer bereiken, maar je kunt nu wel kleine en haalbare stapjes maken”, aldus het managementteam van Conoship International.

Hoewel de energietransitie in de scheepsbouw nog lang niet is uitgekristalliseerd, moeten de partijen al wel financierbare stappen durven te zetten, vinden ze bij Conoship International. Niet afwachten, maar gedoseerd aan de slag gaan met betaalbare innovatieve projecten. Dat is belangrijk, vinden de Groninger scheepsontwerpers, om voorop te lopen als de

Naast vergroening moet er door digitalisering en robotisering efficiënter worden gewerkt in de scheepsbouw. Ook hier is samenwerking onontbeerlijk. Zo werd er in het verleden al onderzoek gedaan naar een grote gezamenlijke fabriek, waar grote delen van scheepscasco’s gerobotiseerd kunnen worden gemaakt. Doel van de fabriek: schaalvergroting en kostenverlaging, waardoor er met de minder beschikbare mensen meer schepen gebouwd kunnen worden.

Of en waar de fabriek, of fabrieken, komen is nog toekomstmuziek, aldus het team van Conoship International. Wel worden er binnen ROTSS (Regionaal Opleidings- en Testcentrum Slimme Scheepsbouw) nieuwe technologieën ontwikkeld en uitgeprobeerd, waaronder robotisering van laswerk in scheepssecties. „De ontwerp- en simulatietechnieken hebben zich enorm ontwikkeld. Het biedt steeds meer mogelijkheden om slimmer te werken, maar daarvoor hebben we wel slimme mensen nodig. Mensen die computers leuk vinden, gamers die mee willen denken en die het leuk vinden om te vernieuwen. Ze krijgen de kans om op ware schaal te gamen.”

TOEKOMST

Want hoe het perfecte schip er in de toekomst uit gaat zien, is nog steeds niet helemaal duidelijk. Is het 100 procent emissieloos? Vaart het schip met minder mensen of misschien wel helemaal zonder personeel? Wat is het energieaanbod als de transitie van fossiel naar groene brandstof is doorlopen?

Exacte antwoorden zijn nog niet te geven, weten ze bij Conoship International. Maar de ontwikkelingen gaan wel steeds sneller, het voorspellen gaat steeds beter en er zijn steeds nieuwe kansen. De drive om te ontwikkelen neemt bij de mensen in de scheepsbouw steeds meer toe en daarbij zijn nieuwe jonge slimmerikken uit allerlei vakgebieden nodig en zeer welkom, besluiten de managers van Conoship.

Stertil, perspectief voor specialisten bij een toonaangevend maakbedrijf

Innovatief vakmanschap in metaalbewerking, hydrauliek, elektronica en software. Wereldmarktleider in hefbruggen voor het zware segment. Specialist van ingenieuze dock- en veiligheidssystemen voor laadperrons. Wereldwijd groeit de vraag naar veilige en slimme oplossingen in werkplaatsen en distributie- en opslagcentra. Over ambitie en perspectief in Kootstertille.

Een multinational in het klein, maar eentje met grote impact, zo schetst CEO Bennie Stapensea het bedrijf. Waar ter wereld zwaar materieel moet worden getild voor inspectie, onderhoud en reparatie, het gebeurt vaak met een product van Stertil. Het maken van producten om veilig zware voertuigen zoals bussen, vrachtwagens, kranen en defensiematerieel te heffen, is een vak. Dat geldt ook voor het veilig, efficient en flexibel vrachtwagens laden en lossen op laadperrons van het groeiende aantal opslag- en distributiecentra in Nederland en Europa. Naast de specifieke wensen in iedere branche worden veiligheid, productiviteit, flexibilisering, ergonomie en energieverbruik steeds belangrijker. Het vergt de juiste mensen en organisatorische slagkracht om in meer dan 50 landen kwalitatief maatwerk met een lange levensduur te kunnen blijven leveren en producten te onderhouden.

De keuze voor kwaliteit en innovatie Sinds 1972 ontwikkelt en produceert Stertil in Kootstertille gespecialiseerde producten voor de internationale markt van automotive, transport en logistiek. ëStertilí is onderdeel van de Stertil Group met het hoofdkantoor in Kootstertille en verkoopvestigingen in Nederland, de Verenigde Staten, het Verenigd Koninkrijk, Duitsland, Frankrijk, Turkije, China en Polen. Kootstertille is de belangrijkste productielocatie; de tweede grote productielocatie bevindt zich in de VS. De Amerikaanse markt is goed voor dertig procent van de omzet. Kootstertille herbergt drie merken: Stertil-Koni als wereldmarktleider van zware hefbruggen; Stertil Dock Systems als Europees toonaangevende speler en het servicebedrijf Stokvis Service. Stertil Group omvat verder de Duitse bedrijven Nussbaum (hefbruggen lichte segment) en Beissbarth (test- en serviceapparatuur voor automotive werkplaatsen). In en vanuit Friesland werken circa 300 mensen, wereldwijd omvat de groep zoín 900 mensen. Stertil ontwikkelt en produceert zowel voor auto- bus- en vrachtwagenfabrikanten, dealers, garage en onderhoudsbedrijven als voor kleine en grote logistieke dienstverleners.

Hoe typeren Bennie Stapensea en Directeur Operations Bart Doornkamp het bedrijf? ,,Het zegt wat over een bedrijf als het voor Stertilproducten kiest, of dat nu gaat over zware of lichte hefbruggen, over dockequipment of werkplaatsequipmentî, stellen ze vast. ,,Het is de keuze voor kwaliteit, innovatieve producten waar bedrijfszekerheid en een lange levensuur gegarandeerd zijn. Vertrouwen en langdurige

relaties zijn hier de standaard. Samenwerken vanuit vakmanschap in jouw specialisme, kennis delen en nieuwsgierig zijn naar ontwikkelingen vormen ons dna. Van metaalbedrijf hebben we ons ontwikkeld tot globale speler en koploper in specialistische markten dat voor haar klanten producten ontwikkelt en maakt met toegevoegde waarde. Een maakbedrijf dat alles in eigen huis heeft: research & development, engineering, automatisering, ict, productie, verkoop, distributie en service en onderhoud. Met specialisten op ieder terrein, zeker waar het gaat om zware metaalconstructies, hydrauliek, elektronica en software. Eigenlijk zijn we samenwerkende probleemoplossers. En bovenal lokaal geworteld: onze toekomst ligt hier en gelukkig zien we dat meer mensen uit de omgeving hier graag aan de slag gaan. Gewoon op de fiets naar StertilÖî

Kansen door elektrificering

In een sterk veranderende en onrustige wereld, blijft er vertrouwen in eigen kunnen. ,,Het is niet alleen de kennis en ervaring en onze gezonde financiÎle positie, maar ook de ambitie en het ontwikkelvermogen om in veranderende markten eigen keuzes te maken om voorop te blijven lopen. Of dat nu gaat om investeringen in verdere automatisering en robotisering in onze productie, in de ontwikkeling van nieuwe producten of in cybersecurity. Om dat laatste te duiden: het ëconnectedí maken van onze producten levert veel waarde voor ons en de klant, bijvoorbeeld op gebied van monitoring van onderhoud, het heeft ook risicoís in zich. Voortdurende investeringen in proces- en productmatige software en het gebruik van AI zoals in ons systeemplatform, zal altijd gekoppeld zijn aan een hoger vereist veiligheidsniveauî, licht Stapensea toe. Veranderingen bieden Stertil perspectief. ,,Van oudsher zijn we met onze hefbruggen toonaangevend voor fabrikanten, dealers en garagebedrijven van bussen en vrachtwagens; de laatste paar jaar groeit ons aandeel in de agrarische sector, waarin de productie en het gebruik van zware voertuigen groeit. Daarnaast merken we de positieve uitwerking van de toegenomen waardering van producten voor

defensie. Daarnaast vergt de elektrificering van voertuigen veel onderzoek naar en ontwikkeling van nieuwe producten. Elektrische voertuigen bijvoorbeeld zijn niet alleen zwaarder, wat eisen stelt aan het heffen, ze moeten ook anders worden onderhouden. Bij bussen bijvoorbeeld zit de aandrijving niet onder het voertuig, maar in de wielen. Het betekent dat je voor onderhoud juist de wielen vrij moet hebben, terwijl die nu vaak op de hefbrug rusten. Een ander voorbeeld is het heffen van accuís. Voor bus- en vrachtwagenwerkplaatsen hebben we net een accuheftafel ontwikkeld en voor BMW een kosteneffectieve oplossing om accuís uit personenagens makkelijk te liften en intern te transporteren, gekoppeld aan onze bestaande hefbrug. Het wordt wereldwijd de standaard in hun werkplaatsen.î

Ambities binnen een internationale setting Anticiperen op wat er in de wereld gebeurt, is voor Stertil de gewoonste zaak van de wereld. Bennie Stapensea: ,,We zijn lang gewend geweest aan een vrije wereld, die steeds meer internationale uitwisseling mogelijk maakte. De laatste jaren wordt meer en meer gestuurd op protectionisme. Voor ons heeft dat gevolgen, omdat de VS voor ons een belangrijke markt is. Gelukkig is ons belang breder dan export: we zijn daar ook producent. Daarom werken we een scenario uit waarin we inzetten op uitwisselbare productie op beide locaties, zodat we flexibeler en daarmee stabieler zijn in wat je wanneer en waar produceert voor welke markt.î

Financieel gezond, slagvaardig, gedreven door innovatie en in meer dan vijftig landen samenwerkingspartner van toonaangevende bedrijven in automotive, transport en logistiek. Een ambitieus maakbedrijf dat voor groeiende aantal vakmensen in tal van specialismen aantrekkelijk is, ook al met een stage tijdens de opleiding. Werken in een internationale setting met perspectief op eigen groei en ontwikkeling. Gewoon in Kootstertille.

stertil.com

DIN, voor bedrijfszekere ‘tijdelijke’

oplossingen in de stroomvoorziening

Bijdragen aan de installatie-uitdagingen waar bedrijven in het noorden voor staan.

Laadinfrastructuur, opwek en opslag van energie en duurzame oplossingen voor de stroomvoorziening: dat is waar Heero Schotsman met Duurzame Installatietechniek Nederland (DIN) iedere dag aan werkt.

De installatietechnicus van huis uit deed de afgelopen jaren vooral ervaring op in advies en aanleg van zonnepanelen voor woningstichtingen en bedrijven. Daarna werd het tijd om de basis te verbreden: van vooral ësolarí naar DIN met laadpalen, warmtepompen, aircoís, zonnepanelen, batterij-opslag en bedrijfszekere stroomvoorzieningen. Het werkterrein is NoordNederland, met een sterke focus op Friesland en Drenthe.

Heero Schotsman: ÑHet belangrijkste is de kennismaking en het gesprek. Veel bedrijven lopen vast. Ze hebben meer stroom nodig door elektrificatie, groei of uitbreiding van activiteiten, maar kunnen niet verder. De vraag is wat er wÈl kan. Natuurlijk kun je inzoomen op de grote problemen achter die netcongestie, zoals de Energiewet die netwerkbedrijven bepaalde verplichtingen oplegt, of de schommelende prijzen op de energiemarkt. Maar het is een feit dat veel bedrijven problemen hebben op stroomgebied. Kunnen we alles oplossen? Nee. Maar we komen graag langs om te kijken wat er speelt. Meedenken aan de oplossing. Wat we adviseren is gebaseerd op inventarisatie, analyse en een plan van aanpak: het is maatwerk. En wat je voorstelt moet goed, veilig en duurzaam zijn.î

Wat niet kan, kan niet, eerlijk zijn is het devies. ÑAls iemand een huis heeft onder een bladerdak van bomen en toch een offerte krijgt voor zonnepanelen, dan wordt het echt tijd voor een eerlijk advies. Met warmtepompen kom ik het ook regelmatig tegen. Die zijn niet altijd en voor iedereen de beste oplossing. Is het niet geschikt, dan moet je uitleggen waarom. Je bent erkend installateur of niet.î

ÑDe basis van ons als erkend installateur en gecertificeerd bedrijf is het maatwerk in de aanleg van een veilige en vertrouwde installatie. DIN is VCA* gecertificeerd en via InstallQ officieel erkend als echte installateur met erkenningen

voor elektrotechniek, zonnestroomsystemen en inspectie van elektrotechnische installaties. We willen bedrijven in het noorden graag gedegen adviseren en helpen met bedrijfszekere, duurzame oplossingen die voldoen aan wet- en regelgeving - ook al zijn het soms tijdelijke oplossingen.î

Ook tijdelijke oplossing moet bedrijfszeker zijn Wat bedoel je met een tijdelijke oplossing? ÑHet liefst leg je installaties aan met een lange levensduur, niet iets voor een paar jaar. Maar veel ondernemers zitten omhoog omdat ze door netcongestie niet vooruit kunnen. We zijn nu bijvoorbeeld bezig bij een transportbedrijf waar binnenkort de eerste elektrische vrachtwagens komen. Die ondernemer wil vooruit, maar wordt beperkt door zín stroomaansluiting en uitbreiding is de komende jaren niet mogelijk. We hebben gekeken naar wat er wÈl kan. In zijn geval is dat een combinatie van laadinfrastructuur via een DC-snellader en de installatie van een warmtepomp. De batterij wordt gevoed door 950 extra zonnepanelen op het dak. Het liefst had hij een grotere aansluiting gehad, maar dat kan pas over jaren. Door het zo te doen schrijft hij de extra investering waarschijnlijk binnen vijf jaar af en kan de investering in de elektrische vrachtwagens op korte termijn lonen.î

Zit in batterijen de toekomst?

ÑOpslag wordt voor steeds meer bedrijven de cruciale factor om flexibel en onafhankelijk te blijven binnen de dynamiek van de energiemarkt. Wij zijn er trots op dat DIN sinds kort exclusief dealer is van CESC Mercury in Friesland en Drenthe. CESC is een toonaangevende fabrikant van hoogwaardige batterijsystemen die wereldwijd worden toegepast in de industrie en mobiliteitssector.

De Mercury-systemen sluiten perfect aan bij onze visie: bedrijfszekere, schaalbare en duurzame oplossingen die meegroeien met de

energiebehoefte van een bedrijf. Voor bedrijven betekent het dat ze met Mercury-batterijen hun energieverbruik kunnen optimaliseren, meer rendement uit hun zonne-energieopwek halen, de kosten reduceren en minder afhankelijk worden van externe energieleveranciers. Groot voordeel: het systeem is schaalbaar, zodat de investering mee kan groeien met de energiebehoefte. Door onze directe samenwerking met de importeur kunnen we inspelen op het maatwerk dat bedrijven vragen, inclusief monitoring op afstand om te controleren of de installatie doet wat zij moet doen. Dat is iets dat we bedrijven altijd meegeven: na de inspectie in het eerste jaar is het, vanuit bedrijfszekerheid, goed om een onderhoudscontract te nemen, zodat je niet voor verrassingen komt te staan.î

Goed advies op maat Flexibiliteit en veiligheid zijn voor Heero Schotsman de belangrijkste pijlers van DIN. ÑAls je je steentje wilt bijdragen aan het oplossen van problemen bij bedrijven, moet je flexibel zijn. Wat is waar nodig, kun je voldoen aan de vraag en de planning? We werken met acht vaste mensen en een flexibele schil. Regelmatig doen we voorbereidende werkzaamheden in het weekend, omdat bedrijven dan stilliggen. Dat geeft ons de mogelijkheid om zonder het werk te onderbreken de stroom eraf te halen.î ÑNaast flexibel opstellen hoort dat we altijd veilig werken en installeren. Het moet veilig, zo simpel is het. Omdat er voorschriften, wetten en regels zijn, en omdat dat de basis is van ons vak. Loopt u met uw bedrijf ook tegen een probleem aan met stroom of technische installatie en zoekt u een betrouwbare, bedrijfszekere oplossing, dan komen we graag langs voor een goed advies op maat.î din.eco

GERT-JAN (LINKS) EN PATRICK KOK

Gebroeders Kok in Bakkeveen is begonnen met de verduurzaming van het machinepark. „De ontwikkeling

gaat zo snel dat machines bij aanschaf al verouderd zijn.”

TEKST MARCO KUIPER

FOTO CORNÉ SPARIDAENS

GRAVEN ZONDER HERRIE

Het Floresplein, midden in de Oost-Indische buurt in Groningen. Tussen de vele afzettingen door staat op straat de graafmachine Liebherr 922 te draaien namens loon- en grondverzetbedrijf Gebroeders Kok. De klus: reconstructiewerkzaamheden en vernieuwing van de riolering, bestrating én inrichting van de Floresstraat. De Liebherr 922 is de tweede omgebouwde Liebherr-kraan van Nederland, even verderop staat nog een mobiele Liebherr-kraan, ook elektrisch. Hoewel de hele straat niet bereikbaar is, lijkt dat ook de enige overlast. Haast zo stil als een muis zijn de machines aan het werk. Al draaiend manoeuvreren de machinisten de giek, waar een grondwerker aan gekoppeld is, naar achter. Dat er aan de riolering wordt gewerkt is duidelijk.

Voor de broers Patrick Kok (33) en Gert-Jan Kok (30) is het bijna vanzelfsprekend aan het worden dat er een elektrische kraan aan het werk is. Voor het familiebedrijf, dat al sinds 1949 bestaat, is het een normale, mooie klus, zo benoemt Patrick het. Omdat een deel van het Floresplein, midden in stad-Groningen, de locatie is van de werkzaamheden, is de klus emissieloos aangevraagd.

Dit heeft onder andere te maken met het Schone Lucht Akkoord van Nederland, waar de provincie Groningen ook aan meedoet. Verder moet het bedrijf rekening houden met allerlei regelgeving. „We moeten rekening houden met de uitstoot van stikstof en diesel’’, vertelt Gert-Jan. „We moeten rekening houden met zowel de regelgeving als met ons eigen werk. Voorheen namen we een dieseltank mee, nu moeten we kijken naar het elektrische verbruik en hoe we accu’s op locatie krijgen.’’

VAN DIESEL NAAR ELEKTRISCH

Het machinepark van Kok bestaat momenteel uit honderd graafmachines, waarvan acht elektrisch zijn. Daarnaast heeft Kok de beschikking over twee elektrische shovels en worden eind van dit jaar twee elektrisch aangedreven vrachtwagens geleverd. Mocht er op locatie geen (zwaar genoeg) stroompunt aanwezig zijn en wel met elektrisch materieel gewerkt worden, heeft Kok twee grote accu’s om machines van stroom te voorzien.

Om de accu’s van de machines te laden, worden deze opgeladen op een locatie waar stroom aanwezig is. Mocht er geen stroom aanwezig zijn dan kan een mobiele accu van 1160 kWh worden ingezet. Deze fungeert als een oplaadstation voor de accu’s waar de kraan op draait.

De twee elektrische graafmachines die op het project in Groningen draaien zijn omgebouwd van een dieselmachine naar een elektrische. De kosten hiervoor zijn niet mals. Het ombouwen van dergelijke machines bedraagt ongeveer drie keer de nieuwprijs. In Europa worden echter nog weinig nieuwe elektrische graafmachines gebouwd. Door middel van subsidies lukt het Kok om nieuwe machines aan te schaffen. Het overige bedrag investeert het bedrijf zelf; het lukt tot nu toe om alle investeringen met eigen geld te doen.

EMISSIELOOS IN 2030?

Het bedrijf wil vooruitstrevend zijn in de innovatie en techniek, ook al is deze te bewandelende weg niet eenvoudig. Zoals Gert-Jan het noemt: we willen vooruitstrevend zijn maar moeten ook inspelen op de vraag van de markt. „Bij iedere investering vragen we ons af of we voor een dieselvariant gaan of tóch de stap naar elektrisch nemen. We neigen steeds meer naar elektrisch.’’

Het streven om in 2030 volledig emissieloos te zijn is volgens Patrick een uitdaging. Gert-Jan: „Dit jaar komt er nog een autolaadkraan bij. Deze is hybride: de auto rijdt op diesel omdat deze het zware materieel moet kunnen vervoeren, maar de laadkraan is volledig elektrisch.’’

De levensduur van deze omgebouwde graafmachine is volgens Patrick lastig in te schatten. Voor een nieuwe dieselkraan is dat ongeveer vijftien jaar. „Het nadeel aan

een omgebouwde kraan is dat hij geen restwaarde meer heeft aan het eind van de levensduur. Daarnaast gaan de ontwikkelingen in de techniek zo snel dat machines bij aanschaf al verouderd zijn.’’

UITDAGINGEN

Het volledig voltooien van de elektrificatie duurt volgens de broers Kok nog zeker tien jaar. De stroomaansluitingen op de vestigingen van het bedrijf zijn nog niet zwaar genoeg om volledig over te gaan op elektrisch, dus is er eerst netverzwaring nodig. „Als alle medewerkers nu met een elektrische auto naar de zaak komen dan kan nog niet iedereen zijn auto opladen,’’ schetst Gert-Jan.

Niet alleen op de zaak is het elektrificeren een uitdaging. Ook logistiek en op locatie zijn er valkuilen. „Sommige vrachtwagens verbruiken anderhalve liter diesel op één gereden kilometer. Met een accu verbruik je ook veel, maar dan in kilowatt. Je kan niet zomaar een accu opladen of een nieuwe aansluiten, met diesel neem je een tank mee.’’ Per jaar verbruikt het bedrijf anderhalf miljoen liter diesel. Om al dit verbruik om te zetten naar elektrisch verbruik is een enorme klus.

Toch lijkt de elektrificatie van het machinepark onontkoombaar, zo ziet Gert-Jan ook in. „Vanwege regels en beleid is diesel maar beperkt te gebruiken. Elektrisch heeft daarom de voorkeur, ook al zijn we dan afhankelijk van een goede stroombron op locatie.’’

Derde generatie staat klaar

In 1949 wordt het bedrijf (als P.P. Kok) opgericht door Peter Kok, grootvader van Patrick en Gert-Jan. In Bakkeveen begint Peter als agrarisch loonwerker. Dertig jaar later nemen zijn zoons Wim en Gerard het over. Het 75 jaar oude bedrijf telt inmiddels 150 medewerkers en heeft vijf vestigingen. De locaties reiken van Den Oever tot de Eemshaven en Zwolle, maar ook buiten dit gebied én in Duitsland is Gebroeders Kok werkzaam. Inmiddels bereidt de derde generatie zich voor om het stokje over te nemen van hun vader en oom. Al sinds hun tienerjaren zijn de broers bezig voor het bedrijf. ,,Het begon met het aanvegen van de schuur en dat bouwde steeds verder uit’’, aldus Patrick. Grote projecten waar het bedrijf op dit moment emissieloos werkzaam is, zijn op de Lauwersmeerdijk bij Lauwersoog, in Westlaren wordt er gewerkt aan een vergelijkbare klus als op het Floresplein, in Beilen assisteert Kok bij een gestuurde boring en in het Fochteloërveen werkt Kok samen met Avitec en Oenema om kades te verhogen door middel van een elektrische lopende band waarmee zand en leem worden vervoerd.

Graven zonder herrie op elektriciteit in plaats van diesel.

ijjfm ie fa nfamiliebedriissee Riin Gaarag G eR smai

vestiginge met rayon ons Voor bnzzewekoigd.Zieoo veerteegenwoo v t rdigd n fswaagenseg tb nh n. enDrachten.In et edrijfsw

Vrachtw

tScanade thrdt menttword et iadealerscha

een: wij zoeken Drachten en Berlikum in n site:www.rinsma.nl p ap

specia Technisch Mo twa

Monteur wagen

alist on

utobranc de a g in ervarin ijd e t eruim lle g a die onteur ie m jij d Ben

heef reld gri we of A che

r e we groter het voor klaar dels wel inmid jij ben en , opgedaan

er je uit ben dan ebben e h ruckbranch de t g in rvarin l e je a Mocht

doorwerk unt g k zelfstandi je t is da verwachten, jou van wij Wat

da het vinden we en kort, hier jes zijn lijnt De is. ook dat lant de k

verzorgd. laadkleppen en opleggers an ies a reparat en je doordat anders, r is wee sma ij Rin g b da edere . I spreekt klant

Jouw

uitvoeren storingen complexe n es e eparati d r Zelfstanverantwoordelijkheden: belangrijkste

Een -

. jonger voor zijn aanspreekpunt

ben evreden s t pa en en welkom! ook aard jou. wij zoeken Dan k?

sto complexe over Scania en klanten met Communiceren -

hiervan

e Be Bdin rkersgevedeeweettcirca50med stigd gen houder de zelf als nt ft errlikkum li

serv me en enthousias inzet, werken, unnen g k Zelfstandidenkniveau. en werk- MBOmee? je breng Wat

raaien. e d t zaterdagdiensten om reidheid De be -

k t t l d i S d k bij k W jou? wij bieden Wat

re e er s een me er ea a- can e en er een en er -

scholingsmogelijkh en arbeidsvoorwaarden Uitstekenderuim et g m rkomgevin e we professionel en collegiale Eeninnovatie.

remko.van.keulen@scania.com aa ie n ollicitat en s e stuur f 1139 o 06-5150 telefoon Keulen, e kun j erover atie hi Inform ctie? e fun dez in e jezelf ken j Her reactie? Jouw

van Remko van ijgen e kr eden groei. persoonlijke or e vo t en kwaliteit ie in eputat icebereidheid agro. singen de oplos en ringen onder ook trucks aast e n je z dat belangrijk ook n

-mail: r e

De heilige graal. Zo werd waterstof een paar jaar geleden neergezet. Het Noorden zette er fors op in, door de creatie van een heuse Hydrogen Valley. Het enthousiasme lijkt inmiddels iets getemperd. Maar niet bij iedereen. De potentie van waterstof staat hoe dan ook nog fier overeind

TEKST

WATERSTOF GAAT OOIT ZIJN BELOFTE INLOSSEN

Miljoenen euro’s gingen er het afgelopen decennium naar waterstof. Studies, projecten, opleidingen, heel veel subsidies. Toch is het wachten nog steeds op de echte doorbraak, op het moment dat we met zijn allen waterstof omarmen als serieus alternatief voor fossiele brandstoffen, of voor energieopslag.

„Er zijn veel projecten geweest, er is veel gesproken de afgelopen jaren. Maar te weinig is uitgevoerd, tot écht iets gekomen’’, zegt Cor Scholte. Hij is lector en onderzoeker aan EnTranCe (hogeschool Hanze), gespecialiseerd in waterstoftechniek. Dat is zonde, vindt hij. Want waterstof hebben we nodig, vooral in de energietransitie. „Het wachten is op een sneeuwbaleffect, een beetje zoals bij elektrisch rijden. Toen had je ook even dat het de vraag was of er eerst auto’s zouden komen, of eerst laadpunten.

Ze kwamen ongeveer tegelijk en toen ging het heel hard. Dat punt hebben we met waterstof nog niet bereikt.’’

Technologie met waterstof wordt heus wel ontwikkeld. In China en Japan bijvoorbeeld wordt er al meer mee gedaan. En ook in Noord-Nederland bestaat bedrijvigheid. Holthausen Clean Technology, fabrikant van waterstoftrucks, is daarvan een voorbeeld. Toch is de gedachte versnelling niet bereikt.

„Ik denk dat het te versnipperd is aangepakt’’, vertelt Scholte. „Veel initiatieven kregen subsidie, maar de verwezenlijking van de plannen bleek te duur en te ingewikkeld en zonder verdere subsidie onhaalbaar. Dan stopt het dus weer. Het zou beter zijn om in grotere conglomeraties stappen te zetten, met regie van bovenaf. Zo van: jullie gaan nu aan de gang met vervoer, wij gaan werken aan de industrie. Grotere

‘In China en Japan wordt er al meer met waterstof gedaan’

clusters, meer draagkracht, meer ambitie en betere kansen.’’

VRUCHTEN PLUKKEN

De Hydrogen Valley leeft nog wel degelijk, maar het zwaartepunt ligt op onderzoek, zo lijkt het. Daar is de afgelopen jaren wel veel gebeurd. In de nabije toekomst moet het Noorden daarvan de vruchten plukken. De onlangs opgerichte Hydrogen Valley Campus Europe in Groningen kan worden gezien als het uithangbord. Het is een kwestie van nu investeren in de toekomst.

Hoogleraar Aravind Purushothaman Vellayani is daar bepaald opgewekt over. Hij is onder meer directeur Waterstofeconomie van de Wubbo Ockels School van de Rijksuniversiteit Groningen. „Wereldwijd zijn de ontwikkelingen interessant. Daar leren wij van en zo krijgen we een steeds beter beeld van wat we hier moeten doen.’’ En veel gaat in dat opzicht al goed: „Je ziet in India dat

MARCO EN IAN ENGELS

er ecosystemen van waarde ontstaan rond waterstof waar als gevolg daarvan fors wordt geïnvesteerd. Dat bouwen van ecosystemen is iets waar wij ook vol gas mee bezig zijn hier.’’

GROOT EN LANGE AFSTANDEN

In het kader van klimaatverandering en vergroening van de economie komt er een golf aan investeringen en bedrijvigheid aan, voorspelt hij. „Dat kan niet anders. We hebben energiedragers zoals waterstof simpelweg nodig in de energietransitie. Je moet alleen niet onderschatten hoeveel tijd dit kost. Deze hele economie wordt nu van de grond af opgebouwd.’’

Waterstof wordt naar de mening van Purushothaman Vellayani op verschillende manieren steeds belangrijker. In de industrie worden al flinke stappen gezet, mobiliteit lijkt lastiger. „De focus ligt op grote voertuigen die verre afstanden moeten

afleggen, zoals grote schepen. In al die sectoren geldt dat waterstof steeds beter betaalbaar wordt, afhankelijk van onder meer de olieprijs.’’

De Hydrogen Valley heeft een belangrijk doel, vindt de hoogleraar: de kans op succes voor bedrijvigheid maximaliseren en de kans op falen minimaliseren. Daartoe wordt kennis over waterstoftechniek samengebald en beschikbaar gesteld. „We maken steeds meer afspraken met andere, gespecialiseerde universiteiten, zoals in Cyprus en India. Jaarlijks komen tientallen studenten hierheen om onderzoek te doen en zo bij te dragen aan het succes.’’

NAAST ELKAAR

Dat komt later. Maar ook nu al is er bedrijvigheid, simpelweg omdat waterstof de basis kan zijn voor producten waar vraag naar is of komt. Denk daarbij in eerste instantie aan de (langere) opslag van energie.

Accu’s werken heel goed voor een korte tijd, bijvoorbeeld om ’s avonds de energie te gebruiken die overdag door middel van zonnepanelen is opgewekt. Waterstof wordt interessant als energie langer bewaard moet worden, bijvoorbeeld om in de winter stroom te gebruiken die ’s zomers is opgewekt. Het zal in de (nabije) toekomst allemaal naast elkaar bestaan, denken de geleerden. Ook als probaat middel tegen de pieken en dalen op het stroomnet. Te veel opgewekte stroom wordt waterstof, te weinig stroom komt terug uit diezelfde waterstof.

Waterstof kan veel meer van pas gaan komen dan we nu nog denken. Vaak ook omdat het simpelweg het beste antwoord is. Zo kijken zoon Ian (25) en vader Marco Engel (54) ertegenaan. Onder de bedrijfsnaam Eneron Hydrogen B.V. in Meppel brengen de twee verschillende waterstofsystemen op de markt. Ze hebben een

aggregaat en een systeem voor opslag van zonne-energie in de aanbieding, gericht op het MKB.

WERKT PERFECT EN LANGER

Ian Engel: „Het opslagsysteem bewaart de energie die je te veel opwekt. Het mooie is dat je er niet alleen weer stroom uit kunt winnen, maar ook warmte die je rechtstreeks naar je ketel kunt leiden.’’ Het is een modulair systeem waarin gespeeld kan worden met het aantal flessen vloeibare waterstof, naar gelang de vraag naar de opvangcapaciteit. De drie losse delen (opslag-fuelcel-elektra) zijn ongeveer zo groot als een pallet en een meter of 2 hoog. „We denken dat dit systeem prima past op boerderijen met veel zonnepanelen, of bij een zonnepark. We krijgen er al behoorlijk veel vragen over.’’

Vader Marco kwam na een lange zoektocht uit bij waterstof. Met zijn bedrijf Dynamic No-Break levert hij al sinds 2003 noodstroomvoorzieningen aan bedrijven en organisaties, zoals ziekenhuizen. „Dat werkt van oudsher op loodbatterijen. Dat werkt wel, maar de batterijen gaan snel op als er veel wordt op- en ontladen. Dat is bij lithion-batterijen beter, maar die zijn dan weer brandgevaarlijk. Sinds 2011 zocht ik het beste alternatief, totdat ik zag dat waterstoftechniek nu ver genoeg is om écht te concurreren. Een noodstroomvoorziening met een opslagsysteem van Eneron werkt perfect en veel langer.’’

Het viel hem op dat er zo weinig aanbieders zijn, zeker in Europa. Dus besloot hij het zelf op de markt te gaan brengen, samen met zoon Ian. „Waterstofproducten voor het mkb zijn er nauwelijks. Dat betekent ook dat de wetgeving nogal achterloopt. Wij willen wel gas geven op de verkoop, maar lopen aan tegen regels. Die zijn er gewoon niet, dus is het lastig om vergunningen te krijgen. Weet je, nu gaat bij te veel opwek van zonne-energie de stekker uit zonneparken om het net niet te overbelasten. Dat is toch waanzin? Er is gewoon een oplossing, die betaalbaar is. Als maar helder is wat waar wel en niet mag.’’

ALTERNATIEVEN NOG TE GOEDKOOP

Eneron is een goed voorbeeld van de broodnodige first movers. Je moet ergens beginnen om de sneeuwbal aan het rollen te krijgen. Purushothaman Vellayani: „Grote bedrijven moeten het groots aanpakken, voor het mkb en particulieren moeten tegelijkertijd initiatieven ontstaan. „Ik denk dat de waterstofsystemen steeds kleiner worden en hun plek krijgen, bijvoorbeeld in huizenblokken. Dan heb je ene centraal aangestuurd energiesysteem waarin vraag en aanbod op elkaar afgestemd worden met behulp van waterstof. Maar decentraal zullen grotere systemen ontstaan die voor balans op het stroomnet zorgen.’’

„Het is een beetje een kip-en-eiverhaal’’, vindt Cor Scholte. „Waterstofsystemen moeten goedkoper worden, maar dat lukt alleen als het aanbod stijgt. En nu is het nog te duur en de alternatieven te goedkoop om de vraag serieus op gang te brengen. Bedrijven en financiers moeten af van het denken in rendement op korte termijn. Waterstof is iets van de wat langere adem. Maar het komt.’’

Bentacera: vertrouwde sparringpartner voor ondernemend Noord-Nederland

In het Noorden van Nederland is Bentacera dÈ vertrouwde partner voor ondernemers. Met zeven vestigingen en bijna 400 specialisten combineert het kantoor de slagkracht van een full-service accountancyñ en advieskantoor met de betrokkenheid van een regionale speler. Aan het woord twee Algemeen Bestuursleden van Bentacera: Richard Nijholt en Marieke Dolfsma. Naast het Algemeen Bestuursschap is Richard Partner Audit/PAS, en Marieke Dolfsma als manager P&S verantwoordelijk voor de algehele Personeel & Salaris afdeling.

ÑAls Partner binnen de Audit en de Pre-Audit Support (PAS) tak binnen Bentacera kom ik bij veel mooie ondernemingen in Noord-Nederland over de vloerî, vertelt Richard, die sinds 2018 bij Bentacera werkzaam is. Hij vindt het Noorden een fantastisch werkñ en woongebied. ÑWe werken in onze eigen regio en zijn nauw betrokken bij wat er speelt en leeft.î Marieke vertelt dat ze in 2024 startte als manager Personeel & Salaris. ÑOnze rol gaat verder dan alleen salarisadministratie voor bedrijven. HR, verzuimbeleid, werkgeverschap; we helpen ondernemers Ècht goed werk te maken van hun personeelsbeleid.î

ëDagelijks bezig met cijfers Èn mensení

Trots op groei en samenwerking

Een voorbeeld waar Marieke trots op is, is de ontwikkeling van de salarisadministratie tot volwaardige HRM-dienstverlening. ÑJe ziet onze klanten groeien in het werkgeverschapî, aldus Marieke. ÑAanvankelijk kwam men alleen bij ons voor de salarisadministratie, maar nu helpen we ook bij HRM-vraagstukken en Arbo en verzuim. Dat traject samen doorlopen is ontzettend waardevol.î Richard voegt toe dat achter de schermen afgelopen jaren veel is veranderd: ÑWe hebben de organisatie geherstructureerd, met ÈÈn Algemeen Bestuur en ÈÈn werkwijze voor alle vestigingen. Daardoor werken mensen vestigingsoverstijgend; we kunnen nu vrijer

bewegen binnen de gehele organisatie. Een mooi resultaat.î

ëOndernemerschap is de rode draad in alles wat we doení

Terugblik op 2025 Voor 2025 benadrukken ze het thema verbinding. Richard: ÑWe hebben veel ontwikkelpaden uitgezet. Door de nieuwe bedrijfsstructuur is de focus nu scherper en onze medewerkers krijgen kansen die eerder minder zichtbaar waren.î Marieke vult aan: ÑWat me heeft verrast, is hoe snel artificiÎle intelligentie (AI) terrein wint binnen onze dienstverlening. We zetten in op consult, advies en analyse. Niet alleen cijfers uitdraaien, maar er ook betekenis aan geven.î Richard: ÑOnze kracht ligt steeds meer in het toetsen van de uitkomsten uit AI. Is iets betrouwbaar? Wat betekent data voor de bedrijfskoers? AI kan veel, maar ons werk blijft tÛch mensenwerk.î

ëAI kan veel, maar ons werk blijft tÛch mensenwerkí

En een blik vooruit op 2026

Richard: ÑDe focus blijft liggen op adviesñ en compliancediensten, datagedreven inzichten en

het versterken van onze rol als sparringpartner. Klanten vragen steeds vaker: wat moet ik met al die data? Hoe maak ik mijn onderneming toekomstbestendig?î Marieke: ÑWe willen nog vaker met ondernemers om tafel zitten, dashboards maken, analyses uitvoeren. We laten zien wat data betekent voor hun bedrijf en hoe ze ermee verder kunnen.î Daarbij hebben MKBíers ook met vele hedendaagse uitdagingen te maken. ÑContinuÔteit, toekomstbestendigheid, duurzaamheid, geopolitiek, digitalisering ñ dat soort themaís spelen. Ondernemers zijn zoekende. Wij zijn er om te luisteren Èn te prikkelenî, aldus Richard. Marieke ziet ook hier de kracht van verbinding: ÑIn de regio zie je steeds meer bedrijven de samenwerking opzoeken. Wij spelen daar actief op in, door mensen, ondernemers en collegaís aan elkaar te koppelen. Dat DNA van samenwerken en verbinden, dat is wat ons drijft.î

ëBij ons kun je werken, wonen Èn groeien in de regio waar je hart ligtí

Wonen en werken in het Noorden van het land

Jonge professionals zijn van harte welkom bij Bentacera. ÑGoede mensen hebben we altijd nodigî, zegt Richard. ÑCarriËre maken kan ook echt in het Noorden en bij ons.î Marieke voegt toe dat er binnen Bentacera naast inhoudelijke kennis ook aandacht is voor soft skills en persoonlijk leiderschap. ÑVitaliteit, ontwikkeling, jezelf zijn: dat is net zo belangrijk als vakkennis. En leiderschap dat van nature ontstaat, ondersteunen wij.î

Anders dan de rest

Wat maakt Bentacera dan zo anders dan andere accountancy- en advieskantoren in het Noorden?

Volgens Richard is het de combinatie van schaal en nabijheid: ÑWe zijn groot genoeg om alle expertise in huis te hebben, maar klein genoeg om benaderbaar en betrokken te blijven. Onze klanten voelen zich geen nummer; we sparren met ze, we denken met ze mee.î Marieke onderstreept dit: ÑBij Bentacera gaat het om samenwerking en harmonie. Of je nu een bakker op de hoek bent of een grotere (inter)nationale onderneming. Je hebt aan ons een betrouwbare en toekomstgerichte sparringpartner.î

www.bentacera.nl

Marieke Dolfsma en Richard Nijholt

Werken in hout is goud!

Werkbanken, houtbewerkingsmachines, gereedschap. Dakelementen, kozijnen, isolatietechnieken. Overal waar je kijkt, gaat het om hout en houttechniek. We zijn bij Technopark in Heerenveen waar jongeren én zij-instromers een kans krijgen om de kneepjes van het vak te leren. En erin door te groeien.

In 1989 besloten een aantal Friese timmerfabrieken dat het anders moest. Er was een tekort aan goed opgeleide vakmensen en bestaande opleidingen sloten niet goed aan op de praktijk. Technopark was een feit. ìWe kwamen uit een tijd van crisis en beseften: als we niet samen gaan opleiden, houden we geen vakmensen meer over,î vertelt Maarten Willemsen, directeur van Technopark. Wat begon als een samenwerkingsverband van bedrijven uit de hout- en timmerindustrie, groeide uit tot een volwaardig opleidings- en detacheringsbedrijf met tientallen aangesloten bedrijven in NoordNederland. ìWe leiden mensen op voor de houttechniek in de breedste zin van het woord: van werkplaatstimmerman tot werkvoorbereider of calculator.î

‘Met de juiste opleiding snel aan de slag in de houttechniek.’

In de houttechniek bouw je aan de toekomst

De hout- en timmerindustrie is volop in beweging. Willemsen: ìEen bouwproces wordt steeds industriÎler. Prefab, restauratie, renovatie, duurzaam bouwen: het vraagt een veelheid aan skills. Er zijn specifiek opgeleide mensen nodig. Bedrijven staan in de rij voor nieuwe instromers. Wie hier instapt, merkt al snel hoeveel kennis en

Technopark in het kort Je kunt instromen met een basisopleiding, een BBL- of BOL-traject of via een samenwerking met het UWV of de gemeente, of als baanveranderaar. Het doel is dat je uitstroomt naar een betaalde baan in de houttechniek.

vakmanschap erachter zit. Hout is een fantastisch product. Je maakt iets tastbaars, iets blijvends.î

‘Hout is een fantastisch product.’

Werken én leren – op jouw manier

Veel jongeren bloeien op bij Technopark omdat de leerweg er anders uitziet dan op school. ìSommige jongeren zitten niet op hun plek in het reguliere onderwijs,î zegt Willemsen. ìBij ons leren ze door te dÛen. Ze hebben een werkdag in de praktijk en leren ondertussen alles over houtbewerking, machines en tekeningen lezen.î Wie zich aanmeldt, begint altijd met een kennismakingsgesprek en een praktijkassessment. ìWe laten iemand een dagdeel meelopen. Dan zien we vaak meteen hoe diegene werkt: werkt iemand precies? Is iemand heel praktisch? Daar passen we het leertraject op aan.î

Ook voor zij-instromers

Niet alleen jongeren vinden hun weg naar Technopark. Steeds vaker melden zich mensen die uit een andere sector komen. ìWe hebben diverse omscholingstrajecten. En we zijn zowel opleider als werkgever,î legt Willemsen uit. ìWe detacheren mensen bij aangesloten bedrijven, maar blijven verantwoordelijk voor hun ontwikkeling. Dat betekent dat we ze niet alleen vaktechnisch opleiden, maar ze ook helpen groeien als mens. Op tijd komen, afspraken nakomen, dat leren ze hier ook en dat hoort er allemaal bij. En als ze hun draai vinden, zie je ze echt opbloeien.î

‘We moeten af van het stoffige beeld.’

Vette TikTok-filmpjes

Maar hoe maak je een ambacht aantrekkelijk voor de TikTok-generatie? Willemsen, lachend: ìWe

moeten af van dat stoffige beeld van houttechniek. Dit is hightech werk: prefab bouwen, werken met moderne machines, computers en 3D-tekeningen. En ondertussen bouw je lÈtterlijk aan iets waarvan je je eigen TikTokfilmpje maakt.î De branche speelt ook in op wat jongeren belangrijk vinden. ìBedrijven passen zich steeds meer aan persoonlijke wensen en mogelijkheden aan.î

‘Wij leiden mensen op die de toekomst bouwen.’

Open dag op 29 januari 2026 Technopark leidt niet alleen leerlingen uit Friesland op, maar bedient een groot gebied, van Emmeloord tot de Eemshaven. ìJongeren komen vaak terecht bij bedrijven uit hun eigen regio. Dat maakt het persoonlijk en duurzaam.î Als Willemsen vooruitkijkt, is hij optimistisch. ìOver vijf jaar willen we onze opleidingen nog beter laten aansluiten op de vraag van de bedrijven. Minder generiek, meer maatwerk. Vroeger was je na je BBL-opleiding allround timmerman, nu specialiseer je je veel eerder. Dat blijven we als Technopark ondersteunen.î Op dinsdag 29 januari 2026 organiseert Technopark een open dag voor geÔnteresseerden, met rondleidingen in de werkplaats en kennismakingsmomenten met docenten en bedrijven.

Maarten Willemsen, directeur van Technopark

Kom langs of bezoek onze website www.technopark.nl. Ieder eerste dinsdag van de maand is er een meeloopdag voor belangstellenden voor Houttechniek. www.technopark.nl

Honderden start-ups zien jaarlijks het levenslicht. Veel daarvan groeien op tot een stabiele onderneming, sommige stranden vroegtijdig, een heel klein deel verovert de wereld. Wie zijn die starters, wat willen ze, wat doen en laten ze ervoor, waar willen ze heen? De rubriek Start Me Up duikt in een wereld vol beloften, onzekerheid, doorzettingskracht, visie en hard werken.

Dok.legal

Wie Wilfried Kramer (en Bas Könst en Christiaan ten Klooster)

Wat Geautomatiseerde juridische documenten

Waar Sneek

Waarom Om sneller en beter belangrijke documenten te maken

Wanneer Sinds 2018

Hoe Door middel van hybride AI en een netwerk van experts

Juridische documenten maken als een expert. Iedereen kan het dankzij Dok. legal in Sneek. Althans: dat is de horizon en die komt snel naderbij. Want nu al zorgt de start-up ervoor dat notarissen, hypotheekadviseurs, makelaars, advocaten en juridische kantoren hun werk simpeler, sneller en preciezer kunnen doen. „Straks komen daar ondernemers bij, die eenvoudig al hun documenten kunnen maken, altijd compliant en juridisch correct.’’

Dat zegt Wilfried Kramer, die aan de basis staat van de start-up. „Nee, ik heb geen juridische achtergrond, hoewel ik intussen voor menig examen zou slagen. Mijn expertise zit hem vooral in de techniek. We werken met wat wij hybride AI-modellen noemen. Onze AI haalt haar kennis uit volledig correcte en gecontroleerde gegevens. Daarvoor hebben we experts aan het werk, van wie we in wezen de kennis behouden en gebruiken.’’

OOK SECUURDER

Het systeem van Dok.legal lost verschillende problemen op, zegt de founder. „Het is lastig om mensen te vinden die zulke documenten op kunnen stellen. Dat betekent dat je er lang op moet wachten en dat de prijs hoog is. Dus, heb ik gedacht: waarom moet het wiel elke keer opnieuw worden uitgevonden? Veel van wat in die documenten staat, lijkt op elkaar. Door bestaande kennis slim te gebruiken, kunnen we de documenten in een handomdraai maken.’’

Dat werkt goed. Soms zelfs iets té goed, merkte Kramer. „We digitaliseerden hele rapporten voor hypotheekadvies. Daar kwamen ander cijfers en berekeningen uit dan die van de hypotheekadviseurs bij wie we een pilot hadden. Na lang uitzoekwerk bleek dat onze rapporten het bij het juiste eind hadden. Je zou dus kunnen zeggen dat we niet alleen sneller en goedkoper zijn, maar in veel gevallen ook secuurder.’’

Die hypotheekadviesrapporten zijn verplicht volgens de Autoriteit Financiële Markten (AFM), maar zijn bepaald niet de liefhebberij van adviseurs. „Dat is de reden dat we, met onze techniek, het bedrijf DocDigi zijn begonnen, omdat we zagen dat we zo aan een directe vraag konden voldoen. In Nederland zijn vierduizend kantoren die we in wezen allemaal kunnen helpen.’’

Het past in de strategie van de start-up, die in 2018 het levenslicht zag. Eerst ligt de focus op

DOK.LEGAL AUTOMATISEERT

business. Dat lukt inmiddels. Daarna komt de schaalbaarheid en tenslotte willen Kramer en de zijnen het platform beschikbaar maken voor iedereen. „Die schaalbaarheid is belangrijk, omdat we willen groeien. Maar ons systeem gaat uit van betrouwbaarheid, met veel controles en menselijke kennis. Dus werken we aan een AI-oplossing om meer modellen te maken die we in verschillende beroepsgroepen kunnen gebruiken. Dat doen we onder meer door nieuwe bedrijven op te richten en onder de paraplu van Dok.legal. DocDigi, DeNotaris.online, Overeenkomst.nu en Contract.nu zijn daarvan een voorbeeld.’’

Wilfried Kramer studeerde werktuigbouwkun-

de, elektrotechniek en technische bedrijfskunde. „Bij Paylogic werd ik Head of Product. Daar begon mijn frustratie over contractprocessen. Ik dacht: waarom moet dit steeds zo lang duren, terwijl het zo op elkaar lijkt. Een jurist vertelde me dat delen van die contracten gewoon gekopieerd worden. Zo ontstond het idee voor Dok.legal.’’

Kramer richtte het bedrijf op samen met Bas Könst en Christiaan ten Klooster van softwarebedrijf Quootz Merkato. „Zij hadden behoefte aan de oplossing die ik wilde maken. En waren dus ook meteen de launching customer. Quootz leverde in eerste

instantie de software, inmiddels werken we met versie 6 van ons systeem.’’

De groei zit er – na jaren van ontwikkelen –goed in. Inmiddels werken ongeveer twintig man aan de producten van Dok.legal en komt het moment steeds dichterbij dat de software beschikbaar komt voor de gewone man. „Technisch zijn we klaar, we kunnen alle markten aan. Nu werken we aan de omslag om een écht generiek platform te bouwen voor iedereen die weleens een kennis gedragen document gebruikt. Groeipotentieel? Dit kan een miljardenbusiness worden, maar dat is niet waar ik reikhalzend naar streef. Ik blijf gewoon in Friesland. Dat is zeker.’’

TEKST JEAN-PAUL TAFFIJN FOTO SIMON BLEEKER
WILFRIED KRAMER

RUBEN HAMMING-GREEN

IMChip

Wie Tamalika Banerjee, Azminul Jaman en Ruben Hamming-Green

Wat Computerchips die ‘werken als hersenen’ Waar Groningen

Waarom Om toepassingen als AI met veel minder energie veel sneller te maken

Wanneer sinds 2024

Hoe Door middel van wetenschappelijke kennis over chips en materialen

TEKST JEAN-PAUL TAFFIJN

FOTO GEERT JOB SEVINK

AI is opeens overal, en er komt alleen maar meer van. Dat is prachtig, maar het heeft ook een keerzijde: de rekenkracht om de programma’s te kunnen uitvoeren, kost bakken met energie. Daar heeft het Groningse IMChip iets op bedacht, dat door bijna niemand te bevatten is. De start-up ontwikkelt een nieuw soort chip, dat afscheid neemt van de ouderwetse ‘nulletjes en ééntjes’ en daardoor maar een fractie van de energie nodig heeft om hetzelfde werk te doen.

De huidige computerchips werken op basis van heel veel transistors die telkens een afweging maken. Dat zijn die nulletjes en ééntjes. De Groningse variant werkt meer zoals onze hersenen doen, namelijk door middel van synapsen, die tegelijkertijd informatie kunnen onthouden en verwerken.

ZELFRIJDENDE AUTO’S

„In de chips zoals we die nu kennen, gaat de informatie steeds heen en weer tussen het geheugen en de processor. Dat kost veel transistors, veel tijd en veel energie. Wij maken een combinatie die in het werkveld een memristor heet’’, legt Ruben HammingGreen uit. De Amerikaan (met Nederlandse moeder) is één van de co-founders van de start-up, die eerder dit jaar werd uitgeroepen tot één van de winnaars van de nationale Academic Startup Competition.

IMChip is een spin-out uit de Rijksuniversiteit Groningen, waar hoogleraar en founder Tamalika Banerjee al jaren aan de technologie werkt. „We hebben het bedrijf gestart omdat de tijd rijp is en omdat we goede kansen zien in verschillende markten’’, vertelt Hamming-Green. „Allereerst in de markt van AI, waar we denken écht een verschil te kunnen maken in het energieverbruik. Daarnaast zijn onze chips een uitkomst op plekken waar snelheid van data-overdracht essentieel is, zoals bijvoorbeeld in zelfrijdende auto’s.’’

De technologie wordt ontwikkeld in een prachtig nieuw laboratorium in de splinternieuwe Feringa Building op Zernike. Na een eerste succesvolle financieringsronde, is de start-up nu bezig met de volgende, die nodig is om te laten zien dat de chips op industriële schaal gemaakt kunnen worden.

„De sleutel ligt in het materiaalgebruik. De chips zoals iedereen ze heeft, liggen in een

basis van siliconen. Maar dat is net niet ideaal voor het goed werken van memristors. Maar het is wél wat de markt gewend is. Wij zijn hard op weg om een materiaal in handen te hebben dat de memristors optimaal laat functioneren en in een basis van siliconen verwerkt kan worden. Dat is een kwestie van nieuwe materialen maken met chemie en ze zo bewerken dat ze zich gedragen zoals wij dat willen. En dat moet dan op een reproduceerbare manier gebeuren.’’

Voor wie niet in de wereld zit, lijkt het bijna tovenarij. In het lab staan machines die de makers van de chip in staat stellen om met

argon energie te creëren zo groot als die van een bliksemschicht, om metaal te verdampen en extreem dunne laagjes te maken. Allemaal om een minuscule chip in handen te krijgen die veel meer doet dan de chips die we kennen. „Die laagjes zijn nanometers dik.” Voor het goede begrip: in één millimeter passen een miljoen nanometers.

START-UP HEEFT HAAST

De start-up heeft haast. De problemen rond het energieverbruik van AI zijn wereldwijd niet onopgemerkt gebleven. Meer bedrijven en universiteiten werken aan nieuwe typen chips om dat probleem te tackelen. „We

hebben onze roadmap klaar’’, legt Ruben Hamming-Green uit. „We zijn nu bezig om een paar miljoen euro op te halen dat we nodig hebben om een prototype te maken dat industrieel schaalbaar is. Dat moet in twee jaar gerealiseerd zijn. Daarna heb je het over nog eens tientallen miljoenen voor het bouwen van een industriële toepassing.’’

Het zijn geen producten die eenvoudig op een zaterdagavond in de kroeg zijn uit te leggen. Maar als het een beetje meezit, dan zien we ze wel steeds meer om ons heen. Chips nieuwe stijl, bedacht in Groningen. „Beyond Silicon Valley, zou ik zeggen.’’

‘ColliCare

Logistics versterkt de supply chain met slimme logistieke oplossingen’

„Dankzij de inzet en het samenspel tussen verschillende modaliteiten biedt ColliCare haar klanten meer betrouwbaarheid, duurzaamheid, flexibiliteit en uiteindelijk lagere kosten.” Dat zegt Josefina van den Berg, Managing Director bij ColliCare in Groningen. Het bedrijf onderscheidt zich door een slimme mix van wegvervoer, zeetransport, luchtvracht en spoorvervoer, waarmee het klanten duurzamere en flexibelere logistieke oplossingen biedt. Zo helpen zij hun klanten aan een betere concurrentiepositie.

ColliCare, van oorsprong een Noors bedrijf, heeft zich inmiddels uitgebreid naar 12 landen in Europa en AziÎ, waaronder Nederland. ÑWij willen onze positie verder uitbouwen, daar ligt een mooie uitdagingî, geeft Van den Berg aan. Het bedrijf kiest voor een persoonlijke aanpak en streeft altijd naar een maatwerkoplossing, passend bij de klant. ÑTalloze klanten zijn al jarenlang aan ColliCare verbonden, we weten waar hun behoeftes liggen en kunnen alles op het gebied van logistieke dienstverlening bieden. Dan heb ik het uiteraard over deur tot deur vervoer, maar ook over opslag en overslag, sneltransport, douaneafhandeling, het regelen van de juiste documenten, enzovoort.î Volgens Van den Berg waarderen klanten de betrouwbaarheid van ColliCare. ÑWe maken beloftes waar en zijn transparant in wat we doen.î

Kennis van de lokale markt

Zoals aangegeven is ColliCare in 12 landen actief. In elk land beschikt de logistieke dienstverlener over eigen kantoren. ÑDaardoor kunnen we lokale kennis opbouwen en beschikken we over een eigen netwerk. Dat helpt ons om voor de klant tot de beste oplossing te komen. Wat wij uit de markt terug horen is dat men ons waardeert vanwege de betrouwbaarheid, flexibiliteit, transparantie en persoonlijkheid.î

‘Wat wij uit de markt terug horen is dat men ons waardeert vanwege de betrouwbaarheid, flexibiliteit, transparantie en persoonlijkheid’

De transportsector is aan diverse veranderingen onderhevig en daar speelt ColliCare zo goed mogelijk op in. Bijvoorbeeld door het gebruik van

verschillende, of een combinatie van, modaliteiten. ìÑHet kan bijvoorbeeld aantrekkelijker zijn lange afstanden die normaal gesproken over de weg gaan, per zee- of railtransport uit te voeren. Zo bieden we diverse treinverbindingen vanaf ItaliÎ, en bouwen we onze railcapaciteiten in ScandinaviÎ steeds verder uit. Of passen wij de route aan om gebruik te kunnen maken van de diverse connecties over zee. Onze organisatie is flexibel en kan snel schakelen tussen de verschillende modaliteiten, en zo komen we altijd tot de beste en meest aantrekkelijke en kostenefficiÎnte oplossing voor de klant.î

ÑBovendien kunnen we dankzij de inzet van de verschillende modaliteiten klanten helpen hun duurzaamheidsdoelen te behalen. Vervoer over spoor en water zorgt voor minder CO₂-uitstoot dan over de weg. Waar mogelijk halen wij kilometers van de weg.î

Een duurzame toekomst met minder uitstoot Met elektrisch rijden kan ook op CO₂-uitstoot worden bespaard, maar, zo geeft Van den Berg aan, Ñhoe het precies verder gaat met elektrisch rijden is nog met vraagtekens omgeven. Of je overal in Europa al kunt laden, is bijvoorbeeld een vraag die veel logistieke dienstverleners bezighoudt. Een vergelijkbare vraag bestaat voor andere alternatieve brandstoffen. Kortom, de infrastructuur moet er klaar voor zijn. Vooralsnog denken wij het meeste voordeel met vervoer over water en per spoor te halen. En qua brandstof zetten we in op LNG, biodiesel en mogelijk HVO, waarmee ook aanzienlijk op de uitstoot kan worden bespaard.î

Wat wel duidelijk is, is dat per 1 juli 2026 de kilometerheffing voor vrachtwagens in Nederland wordt ingevoerd, nadat dit al eerder in buurlanden Duitsland en BelgiÎ was gebeurd. ÑDat gaat zeker impact op de prijsstelling hebbenî, weet Van den Berg. ÑDaarnaast heeft de branche te maken met een groeiend tekort aan chauffeurs. Het zijn redenen waarom wij denken dat de vraag naar vervoer per spoor en/of over water verder toe zal nemen. Klanten moeten daarin een afweging maken, waarbij het altijd gaat om snelheid, flexibiliteit en prijs. Daarom is het binnen ColliCare een speerpunt om dicht bij onze klanten te staan, zodat we de juiste oplossing kunnen bieden. We bewegen mee en de afgelopen jaren hebben bewezen dat we daartoe goed in staat zijn. Sterker nog, dat zit in ons DNA. We voegen waarde toe en zijn een essentieel onderdeel van de waardeketen van onze klanten. Dat is precies waar het om gaat.î www.collicare.nl

Jesse Woning, Josefina van den Berg en Roelf Goos voor de loods in Hoogkerk
Erik Stroetinga, Werner Tienstra en Melvin Hoving
‘Een

cruciale schakel in de energietransitie’

Dat is de rol die Buss Terminal Eemshaven vervult. Het bedrijf pacht in de Julianahaven en de Beatrixhaven maar liefst 47 hectare grond, waarop men zeer grote componenten voor onder andere windparken ontvangt, opslaat, assembleert en verscheept. Denk aan monopiles, transition pieces en turbineonderdelen. „De vooruitzichten zijn goed”, legt managing director Marc Wegman uit. „Met name voorbij het jaar 2028 neemt de bouw van nieuwe windparken een grote vlucht, daar gaat Buss Terminal Eemshaven een belangrijke rol in spelen.”

Buss Terminal Eemshaven ligt strategisch en beschikt over een van de grootste offshore logistics terminals in de Noordzee-regio. ÑVanuit de Eemshaven hebben we een directe toegang tot de Noordzee, dat maakt onze positie uniek. Maar ook het feit dat zware infrastructuur en equipment op deze plek terecht kan, maakt dat opdrachtgevers voor de bouw van windparken ons goed weten te vinden.î Op dit moment wordt een kade in de Julianahaven verder verzwaard, waardoor nog zwaardere onderdelen kunnen worden opgeslagen en verscheept. Een trend in de markt is dat componenten steeds groter en zwaarder worden. Wegman:Ñ De capaciteit van de kade was 6 tot 20 ton per vierkante meter, in de nieuwe situatie wordt de capaciteit maar liefst 40 ton. Daardoor kunnen we meerdere projecten tegelijk bedienen, waardoor onze strategische positie verder wordt versterkt. We zijn namelijk een van de eerste havens met deze capaciteit.î De nieuwe kade wordt begin december operationeel en is tot stand gekomen dankzij een grote investering van Buss en een gezamenlijke financiering van Groningen Seaports, de NOM, Groninger Groeifonds, Rabobank en een subsidie vanuit de EU, de CINEA (European Climate, Infrastructure and Environment Executive Agency).

Vakkundig personeel

Het project toont de ambities van Buss Terminal Eemshaven, dat sinds de start in 2011 circa 20 projecten heeft verzorgd. ÑEn er komt nog heel veel aanî, weet Wegman. ÑDaarover zijn in Europa afspraken gemaakt. Buss Terminal Eemshaven is er klaar voor, zeker nu de kade in de Julianahaven is versterkt.î Het bedrijf heeft in de afgelopen jaren een snelle groei doorgemaakt. ÑToen we hier begonnen hadden we 6 vaste medewerkers, inmiddels zijn dat er 36. Vakkundig personeel, goed opgeleid en zeer gedreven. We hebben nooit een advertentie voor nieuwe medewerkers hoeven op te stellen. Nieuwe mensen komen vooral via via bij ons, dat zegt wel iets over het bedrijf. Het is een compacte organisatie, met korte lijnen. Zo kent ons bedrijf bijvoorbeeld geen Raad van Bestuur, de eigenaar, die op het hoofdkantoor in Hamburg zit, is rechtstreeks aanspreekbaar. Hij had een vooruitziende blik, door hier in 2011 een deel van de Julianahaven te pachten.î

Over die gedrevenheid en betrokkenheid gesproken. Een leuk verhaal is dat een van de medewerkers afgelopen jaar op een camping een oplossing bedacht voor een systeem waarmee de zware onderdelen van de windparken zo optimaal mogelijk opgeslagen kunnen worden. ÑDe zogenaamde Mono Blocks, uniek voor deze brancheî, aldus Wegman.

Grote belangen

Overigens houdt Buss Terminal Eemshaven zich niet alleen bezig met de op- en overslag van onderdelen voor windparken. Wegman:Ñ We slaan bijvoorbeeld ook vervuilde grond over in gesealde containers, die daarna door Theo Pouw worden verwerkt. Onze terminal kan alle soorten breakbulk handelen, waarbij het vaak gaat om grote of afwijkende afmetingen en hoge gewichten. En ook defensie maakt gebruik van ons terrein. Ze willen graag uitbreiden, maar dat is op ons terrein niet mogelijk. We kunnen in principe alles aan wat tijdelijk of voor langere tijd moet worden opgeslagen of moet worden overgeslagen, maar de core business is en blijft de windindustrie. Daar zijn grote belangen mee gemoeid. Op het moment dat een schip deze kant opkomt om onderdelen te lossen of te laden, moet de kade vrij zijn, dat is geen discussie.î De onderdelen voor de windparken die worden verscheept zijn dan ook gigantisch, eigen zware kraan- en transportmiddelen, zoals heavy-lift kranen en SPMTís (Self Propelled Modular Transporter) zorgen ervoor dat de enorme onderdelen op de juiste plek komen.

Volgens Wegman wordt er ook in andere havens hard gewerkt aan de realisatie van op- en overslagkades. ÑDat vinden we niet erg, concurrentie houdt je scherp, dat is goed. En

bedrijven willen ook iets te kiezen hebben. Onze strategische ligging, zware infrastructuur en equipment en grote schaal en full-service logistiek biedt opdrachtgevers alles waar men naar op zoek is.î Zijn er dan helemaal geen wensen? ÑJawel, een verdubbeling van de autoweg naar het achterland zou onze positie nog verder versterken.î

Cruciale schakel

Tenslotte, waar de focus tot nu toe vooral gericht was op de bouw van nieuwe windparken, komt ook de periode in zicht waarbij de oudere windparken moeten worden afgebroken.

Wegman:Ñ Ook daar wil Buss Terminal Eemshaven een belangrijke rol in spelen. Het is de bedoeling dat het gebruikte hoogwaardige staal weer wordt hergebruikt.î En zo hebben de Julianahaven en Beatrixhaven zich, mede dankzij Buss Terminal Eemshaven, in relatief korte tijd ontwikkeld tot een cruciale schakel in de energietransitie.

www.buss-ports.de/terminals/eemshaven

Marc Wegman

‘Ons oordeel doet ertoe’

„De komende 25 jaar worden cruciaal voor het welslagen van de energietransitie, het is moeilijk, maar niet onmogelijk. De technologie is daarbij niet het grootste obstakel, wel de wil om samen te werken en gezamenlijk te innoveren.” Dat is de overtuiging van Johan Knijp en Ronald ten Cate, Business Development Managers bij DNV in Groningen.

DNV, speelt als onafhankelijk expert een cruciale rol in de energietransitie. Zij borgt de veiligheid, betrouwbaarheid en duurzaamheid van nieuwe energie-technologieën en -systemen, die essentieel zijn om de energietransitie tot een succes te maken. In het moderne Technology Centre op de Zernike Campus in Groningen wordt

Ronald ten Cate en Johan Knijp naast een prototype van een methaniseringsunit - een installatie die waterstof en kooldioxide omzet in synthetisch aardgas.

onderzoek gedaan naar energiebesparende en CO₂-reducerende technologieën. Installaties en componenten worden hier getest, geoptimaliseerd en gecertificeerd. Ook ondersteunt DNV overheden en bedrijven met risicobeoordelingen, verificaties en onafhankelijk advies. „Denk bijvoorbeeld aan het ombouwen van de bestaande aardgasinfrastructuur naar waterstofinfrastructuur, de ontwikkeling van windparken en CO₂-opslag”, geeft Knijp aan.

Vertrouwen

„De kern van ons werk is het bieden van zekerheid en vertrouwen in nieuwe technologie”, vult Ten Cate aan. „Bedrijven en overheden zoeken naar zekerheden, DNV kan dat bieden. Wij geven een onafhankelijk oordeel over zowel nieuwe en bestaande waardeketens.”

DNV zet sterk in op co-creatie. Knijp licht toe: „In samenwerking met diverse bedrijven initiëren wij regelmatig zogeheten Joint Industry Projects, waarmee we uitdagingen gezamenlijk aanpakken. De uitkomsten vormen de basis voor nieuwe richtlijnen en specificaties die de voortgang van de industrie ondersteunen.”

Wereldwijd

DNV werkt in Groningen aan uiteenlopende onderwerpen, zoals het controleren van biogas, het ombouwen van industriële branders naar

waterstof, testen van duurzame brandstoffen en meten van CO₂-stromen. Ten Cate benadrukt:„ Wij zijn trots wereldwijd bij te dragen aan deze ontwikkelingen. Het DNV Technology Centre Groningen behoort tot de internationale top.”

Energietransitie

Terug naar de energietransitie, die, niet snel genoeg gaat. „De druk dat het nu moet gebeuren, wordt gevoeld. De overgang naar meer wind, waterstof, biobrandstoffen en CO₂-afvang vraagt om een gecoördineerde aanpak.”

Het is een grote opgave, die samenwerking vereist.” Mede om die reden is DNV een nieuwe Nederlandse campagne gestart: Heel Nederland op schone energie, waarin DNV vier concrete kansen aandraagt om de transitie te versnellen: „Met elkaar kunnen we dat realiseren. Het lijkt soms alsof er weinig gebeurt, maar wereldwijd kijkt men naar onze initiatieven: de ombouw van het aardgasnetwerk, ontwikkeling van een CO₂infrastructuur en de groei van de productie van groen gas. Bij al deze ontwikkelingen is DNV nauw betrokken. We zoeken voortdurend de innovatieve grens op, zodat we bedrijven kunnen helpen zekerheid te krijgen en risico’s te verminderen. Dat is waar het om gaat.” www.dnv.com

Camper onderhoud

Als Fiat Professional-specialist zijn wij zeer ervaren in service en onderhoud aan uw Fiat Camper, maar ook als u een ander merk camper hebt kunt u bij ons terecht.

Fiat Ducato de basis voor campers

De onderbouw van de Fiat Ducato is zeer geliefd bij camperlie ebbers. In het bijzonder door de goede rijeigenschappen en het speciale camper-chassis. Vanaf 2007 zijn al meer dan 500.000 campers met het speciale Fiat camperchassis verkocht. Door heel Europa. Fiat Ducato is inmiddels goed voor ruim 70% van de Europese campermarkt.

Zorg voor goed camperonderhoud, aan buiten- en binnenkant

Een camper is een kostbaar eigendom. En net als bij ieder ander voertuig is op zijn tijd goed onderhoud vereist. Goed onderhoud is niet altijd alleen aan de buitenkant van uw camper af te lezen. De techniek achter uw camper heeft soms ook een opfrisbeurt nodig. Daarvoor kunt u terecht bij de experts van Jelle Talsma.

Wat kan Jelle Talsma precies voor u en uw camper betekenen

Het maakt de experts van Jelle Talsma niet uit hoe oud (of nieuw) uw camper is. Welke motor erin zit. Wat voor opbouw u heeft. Welke banden u nodig heeft. Wij weten met elke camper raad. Daarbij is het een groot voordeel dat bijna alle onderdelen altijd op voorraad zijn. Bij Jelle Talsma hoeft u uw camper dus nooit lang te missen!

Stookoverlast? Een kachel van Tigchelaar biedt de oplossing!

Vertrouw op Tigchelaar, fabrikant van stenen kachels voor de meest schone houtstook. Een belangrijk gegeven in de discussie over stookoverlast. Als tweede generatie van de enige Friese fabrikant van tegelkachels, gaat Klaas Tigchelaar graag het gesprek aan. ,,De ene kachel is de andere niet: de feiten spreken voor zich.î

Op naar de Heerenveense Houtstookdagen.

,,Houtstook staat onder druk en dat begrijp ik. Een behoorlijk deel van de traditionele houtkachels veroorzaakt overlast. Met tal van testresultaten in de hand, durf ik te zeggen dat houtstook beter kan en moet. Een Tigchelkachel heeft zeker bij goed gebruik met droog hout, een onmeetbaar kleine uitstoot, zo blijkt uit onderzoek bij testinstituut SGS in Arnhem. Het bevestigt eerdere onderzoeken van de gerechtelijke deskundigen van STAB: accumulerende kachels zijn een gunstige uitzondering als het gaat om uitstoot van geur en fijnstof. Onze kachels veroorzaken geen overlast. Ze vormen niet het probleem, maar juist de oplossing van die stookoverlast.î

Hier spreekt de fabrikant die zijn product promoot. Klaas Tigchelaar: ,,Zeker, wij geloven in wat het principe van onze kachel in combinatie met de juiste stookmethode. We begrijpen heel goed dat houtstook serieuze overlast kan geven. Dat verminderen, begint met de manier van stoken. Stook altijd met droog hout en neem de tijd om met de Zwitserse aanmaakmethode je vuur te maken. Maar wat dan? Als het te snel heet wordt, wordt vaak het vuur gesmoord door zuurstof af te sluiten. Dat is funest. Zo stop je de verbranding en neemt de hoeveelheid fijnstof in het rookgas en de geuroverlast alleen maar toe. Hoe meer en vaker je stooksessies onderbreekt of herhaalt, hoe groter de overlast kan worden. Wat ik betoog, is dat onze massakachels met hun techniek makkelijk met slechts ÈÈn stooksessie met minimale overlast te stoken zijn voor een hele dag warmte.î

Met vlag en wimpel door iedere test Klaas Tigchelaar is tweede generatie kachelbouwer in Heerenveen. Zijn vader Fetze werd in 1985 getriggerd door een artikel over Finse stenen houtkachels. De Finnen hadden een unieke bouwmethode ontwikkeld voor kachels op wetenschappelijke basis. Het resultaat: stenen kachels met zeer schone verbranding dankzij hoge temperaturen, langdurige stralingswarmte en kortdurende lage uitstoot.

Fetze volgde de workshop kachelbouwen. Thuis in Reduzum bouwde hij zijn eerste Tigchel Finoven, de start van de enige moderne Friese kachelfabriek. Zoon Klaas stapte 26 jaar geleden in het ambachtelijke familiebedrijf, dat sinds tien jaar in Heerenveen-Zuid is gevestigd. Gemiddeld vinden ieder jaar zoín 150 kachels hun weg naar de klant. Duurzame producten van Friese bodem, maatwerk voor de klant en zijn huis. Een tweedehands is niet makkelijk te vinden. Wat is het succes van deze unieke accumulerende kachels die met vlag en wimpel door iedere milieutest komen?

Maximale verbranding

Steeds meer mensen willen onafhankelijker worden van energieleveranciers en stijgende energieprijzen. Menigeen zoekt het in een houtkachel. In het uitgebreide kachelaanbod vormen van de stenen tegelkachels van Tigchelaar de uitzondering. Klaas Tigchelaar: ,,De essentie zit in natuurlijke principes en materialen. Wij bouwen accumulerende kachels. Het grote verschil met staal is dat steen warmte opneemt en

weer langzaam afgeeft. Ze verwarmen de ruimte niet kortstondig en erg heet zoals traditionele kachels, maar langdurig, constant en behaaglijk warm.î

ëDe Tigchelkachel kan de basis zijn van een gasloos huisí

Wat is een accumulerende kachel? ,,Dat is een kachel met hoog verbrandingsrendement, die gemaakt is van steen dat werkt als natuurlijke accu. De stenen wanden slaan de enorme hoeveelheid warmte op die je genereert door hout op zeer hoge temperatuur in korte tijd te verbranden in slechts ÈÈn stooksessie. De opgeslagen warmte wordt daarna gedurende vele uren gecontroleerd aan de omgeving afgegeven.î

,,Die hoge temperatuur is heel belangrijk. In de verbrandingskamer kan de temperatuur oplopen tot 1.200 graden. Die kamer is volledig omgeven door wanden van hoogwaardige chamottebeton die de hitte opslaan in plaats van direct af te geven. Door de combinatie van droog hout, hoge temperatuur en volledige zuurstoftoevoer is de verbranding van het hout maximaal: je vindt amper reststoffen in de rookgassen. Tijdens de stooksessie wordt de eerste behaaglijke warmte direct afgegeven via de glazen deur van de verbrandingskamer. Als het hout na 1,5 tot 2 uur is verbrand, sluit je de kachel volledig af. De warmte wordt vervolgens gedurende 12 tot 24 afgegeven aan de ruimte. Steen maakt stralingswarmte mogelijk met 2 tot 3 graden warmte- afgifte per uur. Wel de warmte, geen uitstoot.î

,,Onze kachels passen daarom in de energietransitie. Het zijn Nederlandse producten van louter natuurlijke materialen waarmee je iedere houtsoort, liefst lokaal hout, snel en veilig omzet in langdurige warmte- afgifte. Met slechts

1,5 uur tot 2 uur stoken per dag in ÈÈn stooksessie genereer je 12 tot 24 uur stralingswarmte. Als je wilt, kan de kachel ook nog aangesloten worden op de vloerverwarming. Zorgvuldig verwarmen zonder geuroverlast en met minimale uitstoot van fijnstof. De Tigchelkachel kan de basis zijn van een gasloos huis, en anders kun je er (gemiddeld) met gemak zoín 1.000 kuub gas per jaar mee besparen.î

,,Mijn belangrijkste vraag aan klanten is altijd: wat verwacht je van de kachel? Als je dat weet, kun je kijken welke Tigchelkachel past en of de omgeving geschikt is. Stralingswarmte is vooral effectief in een geÔsoleerde ruimte. Daarom passen kachels van Tigchelaar in de energietransitie: ze zijn met name geschikt voor een goed geÔsoleerde woning waar een gelijkmatige omgevingstemperatuur heerst.î

Kom naar de Houtstookdagen!

De tijd nemen om je kachel te kiezen is belangrijk? Klaas Tigchelaar: ,,We nemen de tijd om van natuurlijke hoogwaardige materialen kwaliteitskachels te maken, waar mensen hun leven lang van kunnen genieten. Kachels met energielabel A+ en een verbrandingsrendement van gemiddeld 92 procent. Goed voor je portemonnee, je leefcomfort en het milieu. Daarom nodigen we je graag uit voor onze Heerenveense Houtstookdagen. We laten zien hoe wij ambachtelijke kachels maken, waarom ze zo effectief en schoon branden en we leggen het belang van goed stoken uit. Kijk op de website voor data, kom kennismaken met Tigchelaar en kies voor een warmtebron voor de rest van je leven!î

www.tigchelkachels.nl

Klaas Tigchelaar

Specialist in archief- en datavernietiging: ëEen zaak van vertrouwení

Een professionele gecertificeerde specialist in archief- en datavernietiging. Voor zorginstellingen, apotheken, ziekenhuizen en overheden in een groeiende regio. En voor uitgevers: ook bij de vernietiging van boeken draait alles om vertrouwen. Want vertrouwelijke informatie in onbevoegde handen wil niemand, weten ze bij Prodak Archiefen datavernietiging in Drachten.

Discreet, veilig en vakkundig data en documenten vernietigen is een vak, vertelt buitendienstmedewerker Peet de Wit, die samen met bedrijfsleider Jordi de Jong het dagelijks reilen en zeilen bij Prodak en haar opdrachtgevers regelt. Prodak is een zelfstandig bedrijf, dat samenwerkt met Zorggroep Alliade. ÑDe mens is hier de spil waar het om draait. We werken in alle rust volgens vaste patronen, we bieden zoín dertig mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt een plek om zich te ontwikkelen en werken op basis van vertrouwen in elkaar en van onze opdrachtgevers. Prodak werkt op basis van vertrouwelijkheid, is gecertificeerd op het hoogste veiligheidsniveau, we doen ons werk als lid van Circulair Friesland zo duurzaam mogelijk en we werken met Zorggroep Alliade aan social return. Een prima combinatie.î

Gecertificeerd en duurzaam

Het grootste deel van de vertrouwelijke informatie die Prodak inzamelt, bestaat uit tal van medische data en tal van persoonsgegevens, zoals de zogeheten baxterverpakkingen van medicijnen. ÑDaarnaast zijn er tal van documenten die ook data en gegevens bevatten, die in veilige handen moeten zijn, denk aan contracten, dossiers en

tekeningen, maar ook datadragers als computers, smartphones, hddís en ssdís. Al dat materiaal gaat bij onze opdrachtgevers in speciaal ontworpen inzamelcontainers en wij halen die volle containers op en plaatsen lege terug. De containers gaan mee met ons inzamelvoertuig die we dagelijks lossen op onze locatie in Drachten, waarna deze in een afgesloten ruimte en onder permanent camera toezicht worden klaargezet voor de eindverwerking. Het hele proces van ophalen tot en met verwerking is CA+ gecertificeerd, binnen 24 uur zijn alle

documenten en data vernietigd. De reststromen, zoals de papiersnippers, vinden hun weg naar papierfabrieken zodat het een nieuw leven krijgt.î

Ook boeken moeten zorgvuldig vernietigd worden

Een nieuwe tak van vernietiging richt zich speciaal op boeken. ÑWe hebben een eigen machine ontwikkelt, die boeken volledig uit elkaar haalt, zodat daarna de verschillende materialen zorgvuldig vernietigd kunnen worden en de reststromen weer bruikbaar zijn. We werken inmiddels voor tal van uitgevers in Nederland en BelgiÎ, die heel blij zijn met ons zorgvuldige proces. Misdrukken, verboden passages, overgebleven oplages, er zijn allerlei reden waarom het voor uitgevers van groot belang is dat ze zicht hebben op de vernietiging van die boeken. Dat doen wij en het is een groeiende markt. Het past naadloos bij waar Prodak Archief- en datavernietiging voor staat: maatwerk in de duurzame vernietiging van vertrouwelijke gegevens met een zo hoog mogelijke mate van hergebruik.î

www.prodak.frl

ADVERTENTIE

Veldstra.frl: maatwerk in transportdiensten en technische oplossingen

ëAs it net ken sa as it moatÖí. Het is het motto van Veldstra Transport en Techniek in Joure en typeert de nuchterheid en oplossingsgerichtheid van de man achter het bedrijf, Sieberen Veldstra. Klaarstaan voor je klant als je nodig bent. Voor transport en koeriersdiensten, maar ook met technische oplossingen. Logistieke diensten voor bedrijf en particulier en technische dienstverlening, van constructie en montage tot klein onderhoud.

Sieberen Veldstra begon in 2000 als zelfstandige eerst in de agrarische sector en later met zijn transport- en koeriersbedrijf. In 2020 nam hij de activiteiten over van Havenkoeriers uit Joure. Het bedrijf ontwikkelt zich langs twee sporen, transport en techniek. Met een vaste pool van met name oudere chauffeurs uit de buurt, biedt Sieberen Veldstra een breed pakket transport- en koeriersdiensten. Ze vervoeren eigenlijk alles, van document tot 10 europallets tot machines en medische apparatuur, in Europa met max. tot een gewicht van 3,5 ton en een lengte van zes meter. Ook ADR behoort tot de mogelijkheden. Hun specialisatie ligt in bus aanhangwagen combinatie. Een koerier mag max. 500 kg vervoeren. Wij hebben NIWO vergunning en mogen max. laadvermogen

van combinatie benutten dus 3500 kg. Bovendien kan Veldstra goederen zoals machines zelf op locatie lossen en monteren. ,,We hebben vooral vaste opdrachtgevers, die weten dat ze op ons kunnen vertrouwen. Wij bieden maatwerk in onze diensten. Betrouwbaar, duidelijk, transparant en met goed uitgeruste autoís en aanhangers voorzien van de nieuwste tachografen en voertuig volg techniek. Of het om vertrouwelijke documenten gaat, of om een bok kozijnen die snel van de fabriek naar een bouwproject moeten, of een machine die naar het buitenland vervoerd en gemonteerd moet worden. Van planbaar transport tot een last minute, we staan voor je klaar.î

Betrouwbaar, ook in techniek Naast zijn transport- en koeriersdiensten, groeit Sieberen Veldstra met zijn technische dienstverlening en praktische producten. Het is de combinatie van zín agrarische achtergrond en liefde voor techniek. ,,Als kind bedacht ik al technische grapjes. Ik hou ervan iets te bedenken en te maken. Hier in Joure heb ik er ook de ruimte voor en het is uitstekend te combineren met de transportdiensten.î

,,Ik doe niet alleen het onderhoud van onze eigen aanhangers, maar doe dat ook voor een paar anderen in de buurt. En ik bedenk graag praktische oplossingen. Zo heb ik voor een melkveehouder in de buurt een elektrisch optrekhek in zijn stal bedacht die werkt met een afstandsbediening. Een simpele oplossing, die hem helpt de koeien naar de melkrobot te leiden. Dat product gaan we nu breder in de markt zetten. Ik bedenk en maak in opdracht ook industriele meubels van staal, zoals kapstokken en laatst een spreekstoel. Ik beschik over een goed uitgeruste werkplaats en dat technische constructiewerk is mooi te combineren met transport. Als ik niet onderweg ben, dan ben ik in de werkplaats. En dan ben ik, en anders wel een van de andere chauffeurs, direct beschikbaar voor een spoedklus.î

Voor maatwerk in transport, techniek en koeriersdiensten belt u Sieberen Veldstra in Joure. Efficient en flexibel, oplossingsgericht en betrouwbaar.

Voor meer informatie: veldstra.frl en optrekhek.nl

Sieberen Veldstra

Kijk alvast vooruit naar 2026

Nog ruim een maand te gaan en dan zit 2025 er alweer op. Een jaar waarin de economie gemengde resultaten liet zien. De economisch groei komt uit op ongeveer 1%, terwijl de inflatie weliswaar daalde naar 3%, maar nog altijd te hoog is.

Verder blijft de arbeidsmarkt krap en steeg de koopkracht van de burgers. Al met al geen slecht jaar, maar het kan altijd beter.

Om u goed voor te bereiden op 2026 is het verstandig in de komende weken nog de nodige maatregelen te nemen, waarvan we er enkele willen aanstippen.

Een korte opsomming:

- Schenken op papier. U mag 160.000 euro schenken aan uw kinderen, tegen een tarief van 10%. Deze schenking is opeisbaar na de dood van de ouders en daarover wordt 6% rente betaald. Let wel op welke consequenties dit heeft voor box 3 en de toeslagen. Het is wellicht verstandig om ook reeds voor volgend jaar de akte te doen opmaken, zodat ook in 2026 weer opnieuw een schenking geregeld kan worden.

- Het is verstandig om de premie AOV voor 2026 nog in 2025 te betalen. Daarmee kunt u de belastingaftrek een jaar naar voren halen en tevens uw box 3 verlagen.

- Het is goed om alle verzekeringspolissen na te kijken. Staan ze wel op de juiste naam, zijn de roerende en onroerende zaken voldoende verzekerd. Daarnaast is het handig om betalingen per maand of per kwartaal om te zetten naar een jaarbetaling, met als vervaldatum 1 januari. Dat scheelt een hoop administratieve handelingen.

- Controleer ook of het uittreksel bij de Kamer van Koophandel nog op orde is. In de praktijk blijkt dit vaak niet het geval te zijn, wat erg slordig kan overkomen.

- Zorg ervoor dat de dividenduitkeringen van de dochter BV aan de moeder BV op tijd plaatsvinden en dat de moeder BV op tijd uitkeert aan de directeur-grootaandeelhouder. De eerste 67.000 euro per persoon is tegen een laag tarief. Let wel: ook uw partner mag van dit voordeel gebruik maken. Oftewel, binnen gezinsverband kan er tweemaal geprofiteerd worden van de 67.000 euro.

- Neem de voorraad en het onderhanden werk op.

- Kijk naar je levenstestament en testament. Is de bedrijfsopvolging goed geregeld. Wanneer ouders ÈÈn of meerdere BVís hebben, doen zij er verstandig aan om in het testament reeds vast te leggen op welke wijze de aandelen in de toekomst moeten worden verdeeld en welke spelregels daar dan voor gaan gelden. Niet alleen op het moment van verdelen, maar ook voor de toekomst.

- Een directeur-aandeelhouder mag, naast de lening voor de eigen woning, maximaal 500.000 euro lenen van zín eigen BV. Zorg dat u daar onder blijft, anders moet u extra belasting betalen.

- Zorg ervoor dat de werkmaatschappijen niet teveel banksaldo hebben en maak het teveel over aan de moeder BV.

- Denk na wanneer u een woning wilt schenken. Als u eigenaar bent van ÈÈn of meerdere woningen (eigen woning of tweede woningen), is het verstandig om te overwegen ÈÈn of meer woningen te schenken of te verkopen aan de kinderen. Dat mag dan gebeuren tegen de WOZ-waarde. De WOZ-waarde is veelal beduidend lager dan de echte waarde. Oftewel: er kan een vermogen overgaan voor een lage prijs, terwijl de waarde hoger is. Let wel, er is dan wel overdrachtsbelasting verschuldigd. Ga goed na of dat voordelen voor u kan opleveren. In veel situaties is dat namelijk het geval.

- Wilt u uw onderneming overdragen, dan gaan in 2026 nieuwe regels gelden voor de BOR (Bedrijfsopvolgingsregeling) en de Doorschuifregeling.

- Ook op het gebied van mobiliteit gaan er weer allerlei nieuwe regels gelden. Laat u op tijd informeren en wellicht dat er dit jaar nog behoorlijke voordelen te behalen zijn.

- Kijk goed naar de WKR-regeling en probeer deze optimaal te benutten. Het kan behoorlijke fiscaal voordeel opleveren en het draagt bij aan de tevredenheid van uw medewerkers.

Tenslotte nog enkele financiÎle zaken op een rijtje:

- De zelfstandigenaftrek wordt in 2026 verlaagd naar 1200 euro.

- De MKB-winstvrijstelling blijft gehandhaafd op 12,7% van de winst.

- De heffingsvrije grens Box 3 inkomstenbelasting wordt verlaagd naar 51.396 euro per persoon.

- Voor overige bezittingen, zoals beleggingen, gaat het fictieve rendementspercentage naar 7,78%.

- En als laatste, en daar is al veel over gezegd en geschreven, wordt er in 2026 strenger gecontroleerd en gehandhaafd op schijnzelfstandigheid. Dus, functioneert een ZZPíer in de praktijk als werknemer, dan kan dat voor zowel de werkgever als de betreffende ZZPíer gevolgen hebben.

Mocht u nieuwsgierig zijn naar meer eindejaarstips of heeft u andere vragen, neem dan contact op met Van Braak Accountants. www.vanbraakaccountants.nl www.vanbraakaccountants.nl 0318-587373

Arjen van Braak
SERGE DE MUL

O NDERNEMERSLESSEN

Ondernemen is vallen en weer opstaan, uithuilen en aanpakken. Het is leiderschap tonen en benaderbaar zijn, focus houden en uitzoomen. Elke ondernemer is uniek, alle ondernemers hebben te maken met gelijksoortige uitdagingen. In de serie Ondernemerslessen zoeken we de steentjes in de schoenen en de schatten die eronder verborgen liggen.

LUISTEREN MET GIRAFFENOREN

Een groot bord langs de Balkenweg in Assen laat weinig ruimte voor twijfel. ‘Het groenste gebouw van Assen’ staat er, verwijzend naar het typische jaren-negentigpand erachter. Het bord is een uiting van het ondernemerschap én de hobby van Serge de Mul, de eigenaar van drie bedrijven die in het groene gebouw huizen.

„Toen ik het pand in 2014 kocht werd er 15.000 kuub gas verstookt! Dat zag ik meteen als uitdaging: wat nou als we het hele gebouw van het gas af kunnen krijgen? Inmiddels zijn we zo ver dat dit pand meer energie oplevert, dan het kost. Dat is waar mijn hart sneller van gaat kloppen, van impact.’’

De Mul is een man met bezieling, een man met grote liefde voor klimaat en natuur, een man die een uitdaging niet uit de weg gaat. Dat bracht hem heel ver. Ultraware, het softwarebedrijf dat hij in 2000 oprichtte, werd de kurk waarop zijn ondernemersactiviteiten drijven. Nog altijd. Het bood hem de kans in 2014 Compenda te beginnen, gespecialiseerd in CRM-software. En vier jaar geleden startte hij met het combineren van al zijn passies in één nieuwe onderneming: Comforest.

„Dat is inderdaad de culminatie van wat ik al die jaren daarvoor heb gedaan en geleerd, zowel op kantoor als thuis. Met Comforest helpen we ondernemingen om hun gebouw zo energiezuinig mogelijk te maken en tegelijkertijd het comfort te verhogen. Dat is eigenlijk een logische start-up. Je zou kunnen zeggen dat ik er noodgedwongen voor mezelf mee ben begonnen, omdat

niet bestond wat ik zocht. Er bestaan allerlei aanbieders van technologie om duurzamer te worden, maar er is niets dat al die apparatuur slim met elkaar laat communiceren. Dus dat heb ik zelf ontwikkeld. En dat is de basis van Comforest.’’

Wie diep in zijn hart kijkt, ontdekt dat De Mul het liefst alleen (of in ieder geval : vooral) met Comforest bezig zou zijn. Toch is hij ook nog altijd de baas bij zijn andere twee bedrijven. „Dat was eigenlijk niet de bedoeling. Juist om me meer op de andere bedrijven te kunnen richten, had ik een operationeel directeur voor Ultraware aangesteld. Maar het bleek na een tijd niet te werken. En ja, dan is het nog wel zó mijn kindje, dat ik de leiding terugneem.’’

Is het een kwestie van moeite met afstand nemen? Hij denkt zelf van niet. „Nou ja, dat is natuurlijk best lastig, als het je eigen bedrijf is, dat al zo lang bestaat. Ergens heb ik daar moeite mee. Achteraf ben ik ook veel te lang doorgegaan met mijn toenmalige compagnon. Dat was verkeerd, het kostte te veel energie. Ja, ik denk dat ik daar veel van heb geleerd. Ik kan nu sneller zeggen: dit gaat niet zo, en dan stop ik ermee.’’

Toch is loslaten niet iets wat Serge de Mul helemaal niet kan. Integendeel. In 2007 en 2008 nam hij tijdelijk afscheid van zijn Ultraware. „Nou, ik bleef wel op de hoogte van de belangrijkste ontwikkelingen, maar kon mij ook dagenlang afsluiten. Best raar dat dat zo goed lukte, achteraf. Maar ik ontdekte dat het zelfs goed was om wat verder weg te zijn. Het bedrijf werd zelfstandiger, de mensen werden beter, het liep

gewoon. Dat is heel interessant, om je daarvan van bewust te worden.’’

Dat kan lastig zijn, als je zo’n voorloper bent. Duurzaamheid zat in die jaren nog in de geitenwollensokkenhoek. ,,Dat is de reden waarom ik zelf het goede voorbeeld wilde geven, wilde laten zien dat je niet alleen natuur en klimaat kunt redden, maar tegelijkertijd geld kunt besparen of zelfs verdienen. Eerst in mijn eigen huis, later in ons kantoorpand. Als je laat zien dat je heel snel 75 procent minder energie verbruikt, dan luisteren mensen wel.’’

DE VRAAG ACHTER DE VRAAG

Dat luisteren is iets dat met stip prijkt op de leercurve van de Drentse ondernemer.

Zozeer zelfs, dat hij het in al zijn bedrijven als essentieel heeft geïncorporeerd. „Geweldloze communicatie is zo’n term die daarbij past. Ik kende dat eigenlijk niet. Ik moest het leren in een leiderschapstraining. Daarvoor deed ik het niet altijd handig, ik nam de mensen niet mee en was dan teleurgesteld over hoe ze het deden.’’

Sinds hij het weet, doet De Mul vooral aan geweldloos luisteren, zowel op kantoor als tegenover klanten. „Soms worden woorden anders bedoeld dan je ze opvangt. Luisteren met giraffenoren noem ik dat. Wat is de vraag achter de vraag? Wat wil je bereiken?

Zo ga ik om met mijn eigen mensen, maar ook met klanten. En dat probeer ik als een gewoonte in alle lagen van de bedrijven te krijgen. Wij zijn geen verkopers. Wij willen de uitdagingen kennen en daar dan de juiste oplossing voor vinden. En als we dat niet kunnen, dan zeggen we dat ook. Daar voel ik me het best bij.’’

Tip voor ondernemers van Serge de Mul

„Loslaten is niet makkelijk, maar het kan. Doe het, en met een beetje geluk zul je positief verrast zijn over hoe je werknemers het oppakken.”

Serge de Mul is eigenaar van IT bedrijf Ultraware in Assen

Luisteren en leren

„Wat Serge ontdekte raakt voor mij de essentie van leiderschapsontwikkeling: de shift van sturen naar verstaan. Zodra een ondernemer niet langer denkt dat hij moet overtuigen, maar begint met luisteren, ontstaat er een bedrijf dat leert. En dat is in deze tijd waarin markten razendsnel veranderen misschien wel het grootste concurrentievoordeel.”

Peter Scherjon begeleidt ondernemers vanuit Hartman & Hartman.

Eerste palen en planken rollen van de band bij nieuwe fabriek van UPPACT in Farmsum

In Farmsum staat een nieuwe circulaire fabriek die letterlijk bergen plastic afval omzet in iets bruikbaars. Het Groningse bedrijf UPPACT | the UnWaste Company heeft in oktober zijn DEMO-fabriek opgeleverd en verwacht begin 2026 dag en nacht te draaien. Doel: van gemengd plastic afval dagelijks 12 tot 15 ton aan palen, planken en balken maken.

ÑWij laten zien dat circulair doen geen toekomstpraat is,î zegt medeoprichter Jan Jaap Folmer. ÑHet kan vandaag al, hier bij ons in Delfzijl.

Van afvalstroom naar bouwmateriaal

De fabriek in het Chemport Innovation Center in Farmsum is het eerste grootschalige bewijs dat het zogeheten Unwastor-concept van UPPACT werkt. In de installatie wordt gemengd plastic afval, de lastigste en goedkoopste afvalstroom, mechanisch verwerkt tot eindproducten.

ÑHet meeste van dat afval wordt nu nog verbrand, niemand kan er wat meeî zegt Folmer. ÑWij mengen en smelten het in onze Mixer-Melter en maken van de gesmolten en gemengde massa direct stevige planken en palen. Daarmee sluiten we de kringloop: afval wordt bouwmateriaal.î De fabriek is modulair opgebouwd, zodat het concept straks ook elders in Nederland of in het buitenland kan worden toegepast.

Oplevering in oktober, volbedrijf in januari

In oktober was de fabriek gereed. Sindsdien draait het team proefseries om het proces te finetunen. Inmiddels werkt UPPACT met dertien mensen en dat wordt nog uitgebreid naar een team van 18 begin volgend jaar. De bedoeling is om vanaf januari 2026 24 uur per dag, zeven dagen per week te produceren. Met die capaciteit kan UPPACT jaarlijks ruim 4.000 ton plastic afval omzetten in bruikbare producten. ÑDat zijn duizenden palen, planken en balken ñ allemaal circulair, robuust, van hoge kwaliteit en 100 procent recyclebaar,î zegt Folmer.

Op zoek naar zes launching customers in Noord-Nederland

Nu de fabriek klaar is, richt UPPACT zich op de markt. Het bedrijf zoekt de komende zes maanden minimaal zes gemeenten, bedrijven of organisaties in Noord-Nederland die willen aanhaken als launching customer. ÑWij zijn klaar om te leveren,î zegt Folmer. ÑMaar we willen vooral samen projecten realiseren waarin zichtbaar wordt wat er allemaal mogelijk is met deze circulaire materialen.î Zo wil UPPACT de verkoop van zijn palen en planken op gang brengen.

Het bedrijf denkt daarbij bijvoorbeeld aan inrichting van pleinen, parken of kades waar producten van UnWastedô kunststof worden toegepast: straatmeubilair, beschoeiing, steigers of constructieve elementen. ÑStel je een stadsplein voor met banken, bloembakken en overkappingen die allemaal gemaakt zijn van lokaal plastic afval. Of een circulaire fender uit maritieme afvalplastics bij een havenbedrijf, waar onze kunststof palen tropisch hardhout vervangen. Dat zijn de voorbeelden waarmee we circulariteit zichtbaar kunnen maken.î

Samen met ontwerpers en werkbedrijven UPPACT wil de projecten nadrukkelijk regionaal invullen. Zo werkt het bedrijf samen met studenten Industrieel Product Ontwerp van de Hanzehogeschool Groningen, die nieuwe toepassingen en ontwerpen ontwikkelen. Daarnaast worden zo mogelijk lokale werkbedrijven betrokken bij de assemblage of plaatsing van de producten. ÑDat past precies bij onze missie,î zegt Folmer. ÑWe willen laten zien dat circulariteit ook sociale en economische waarde creÎert in de regio. Van afvalinzameling tot eindproduct ñ alles gebeurt hier in NoordNederland.î

Circulair inkopen wordt concreet De timing is gunstig. Gemeenten en bedrijven zijn wettelijk verplicht om steeds meer circulair in te kopen, maar worstelen vaak met de uitvoering. UPPACT biedt een tastbare manier om dat beleid waar te maken. ÑOnze producten vallen volledig binnen de circulaire criteria: ze zijn gemaakt van afval dat anders verbrand zou worden, ze gaan tientallen jaren mee en ze zijn daarna weer volledig te recyclen,î legt Folmer uit. ÑAls een gemeente onze planken gebruikt voor straatmeubilair of beschoeiing, scoort ze direct op haar circulaire doelstellingen.î

Technologie uit het Noorden, impact wereldwijd Hoewel de eerste fabriek in Farmsum staat, kijkt UPPACT al verder. De UnWastor-technologie kan volgens Folmer in elke regio worden ingezet waar plastic afval wordt ingezameld. ÑOf je nu in Nederland, Duitsland of IndonesiÎ zit ñ overal is gemengd plastic afval een probleem. Onze techniek is compact, energiezuinig en schaalbaar. Dit is een oplossing die je letterlijk kunt exporteren.î

Toch ligt de focus voorlopig in het Noorden. ÑWe willen hier laten zien wat er kan. Zodra de fabriek in Farmsum op stoom is, moeten er in het hele land voorbeelden zijn van gemeenten en bedrijven die laten zien dat circulair doen gewoon werkt.î Dus nodigt UPPACT gemeenten, waterschappen, havenbedrijven en terreinbeheerders uit om snel rond de tafel te gaan voor een eerste pilot project. ÑWe zoeken zes partners die elk met ons een zichtbaar en aansprekend pilotproject in de eerste zes maanden van 2026 willen realiseren,î zegt Folmer.

ÑHet mag een kunstwerk zijn, de inrichting van een plein, een park of een beschoeiing ñ zolang het maar laat zien wat er kan als je je eigen plastic afval terugbrengt in de samenleving.î Word dus launching customer van UPPACT. Laat zien dat circulair inkopen niet alleen een plan is, maar iets wat je morgen kunt doen.

www.uppact.com

Jan Jaap Folmer
Plant manager Richard Hovenga geflankeerd door directeuren Michel Walstock (r) en Jan Jaap Folmer (l).
‘Het

is hier een familie’

Het is snel gegaan met JuMa transport en dienstverlening. Is het de wilskracht die de onderneming heeft laten groeien? Of startte het bedrijf eind 2020 precies op het juiste moment? Oprichter Jurrien Pinkster (41) weet niet zeker wat het juiste antwoord is, maar is blij met de nogal explosieve groei binnen de eerste vijf jaren.

De geboren Groninger voegt daar wel aan toe dat JuMa niet steeds groter hoeft te worden. Pinkster en zijn ondertussen zeventig collegaís willen consolideren en voortborduren op de ingeslagen weg. Dat doen ze vanuit de vernieuwde hoofdvestiging aan de Magelhaenstraat in Emmen. Pinkster woont tegenwoordig in Sleen en begon zijn werkzame leven als kermismedewerker. Hij werkte daardoor al op jonge leeftijd in heel Nederland, werd later touringcarchauffeur en begon daarna vanuit Beilen met JuMa.

‘Ik reed alleen maar op en neer naar Spanje om gestalde caravans terug te halen’

,,Ik startte in december 2020 letterlijk met ÈÈn autoî, vertelt de rasechte ondernemer. ,,Ik reed alleen maar op en neer naar Spanje om gestalde caravans van Nederlanders terug te halen. Het was coronatijd en veel mensen wilden tÛch op vakantie in eigen land.î

Pinkster kreeg het steeds drukker en opende mede daarom een pand in Wijster. Het bedrijf groeide van zeven naar zeventien busjes en ondertussen nam Pinkster het tankstation Avia Express bij Elp over, direct aan de doorgaande weg tussen Hoogeveen en Stadskanaal. Dit tankstation - compleet met wasstraat - wordt nu overigens helemaal opgefrist, met vanaf zaterdag 22 november ook de mogelijkheid om Super 98 benzine te tanken.

Van Wijster naar Sleen Terug naar JuMa transport en dienstverlening, het bedrijf dat in een eerder stadium verhuisde van Wijster naar brinkdorp Sleen. ,,Daar hebben we een periode alles gedaan. Ik woon daar nog altijd, maar we kregen de kans om onze hoofdvestiging in Emmen te betrekken hier op industrieterrein Bargermeer Zuid. We zitten hier nu vier maanden lang.î

Jurrien Pinkster

In en rondom het pand in het zuiden van de genoemde Vlinderstad gebeuren mooie dingen. Er is straks voldoende ruimte om alle vrachtwagens en busjes te stallen; het jonge bedrijf heeft er in totaal 85. Pinkster: ,,Het onderkomen in Sleen houden we aan voor het onderhoud van onze wagens. Meer algemeen vinden wij het leuk dat we zo snel gegroeid zijn, maar op den duur is het ook eerst goed zo.î

JuMa verhuur als nieuwe tak Deze huidige stand van zaken geeft Pinkster de kans om iets nieuws te beginnen, want de jonge veertiger heeft JuMa verhuur in het leven geroepen. Als nieuwe uitdaging wil hij onder meer tenten, springkussens en geluidsinstallaties gaan verhuren. ,,Terug dus naar de evenementenî, zegt Pinkster. ,,Ik kom nu eenmaal uit de

kermiswereld en dan is dit gewoon een leuk avontuur.î

JuMa transport en dienstverlening doet niet aan pakketservice. ,,We bevoorraden bijvoorbeeld autogarages en leggen vele kilometers af voor oliemaatschappijen. Onze chauffeurs zijn vaak hele weken van huis en komen in heel Europa. Verder halen we autoís op voor de ANWB. We vervoeren ook veel stukgoederen zoals graszoden, hometrainers en nog veel meer. We bezorgen in Nederland boven de lijn tussen Nijmegen en Amsterdam.î

Speciaal transport als wens Pinkster heeft nog wel een wens als hij naar de toekomst kijkt, want hij zou maar wat graag speciaal transport willen verzorgen samen met zijn collegaís. ,,Neem een deel van een windmolen als voorbeeld. Natuurlijk zouden we dat speciale transport graag willen verzorgen. Dat lijkt ons leuk. Zelf heb ik wel eens een jacht op een vrachtwagen naar Portugal gebracht. Groter, breder en zwaarder: dat is toch dÈ uitdaging. Je draait dan niet zomaar even de snelweg opî, vertelt de eigenaar met een glimlach. ,,Verder zouden we met JuMa verhuur groter willen worden in de evenementenzorg- en beveiliging. Denk aan het vastleggen van verkeersregelaars.î

Pinkster hamert erop dat ëweí het samen doen bij JuMa. ,,Het is hier een familie. Ik heb dit bedrijf als geheel niet kunnen opbouwen; dat hebben we samen gedaan. Ik ben geen algemeen directeur en bezorg ook zelf als het nodig is. We zijn blij met ons professionele pand en de grote loods in Emmen. We hebben hier ons eigen verdeelpunt kunnen realiseren. De opslag is maar heel kort, want onze gewaardeerde chauffeurs staan in de startblokken om weer op pad te gaan.î

Jumatransport.nl

Jumaverhuur.nl

OSCAR REBNKEN
WENDIE ROELOFS

Spullen verzamelen op één plek en vervolgens gebundeld met de fietskoerier, elektrische bus of vrachtwagen afleveren in de binnenstad van Groningen. De voordelen zijn groot: van minder ritten naar, in en uit het centrum, emissievrij vervoer tot een schoner en veiliger stadscentrum.

STADSLOGISTIEK VAN DE TOEKOMST

Eigenaren Oscar Renken en Wendie Roelofs van Jan de Jong Verhuizingen investeren in extra opslagruimte en elektrisch vervoer en is daarmee ‘aan het voorsorteren op de stadslogistiek van de toekomst’, zoals Renken het zelf omschrijft.

Van grote beelden, banken, keukens, inboedels tot de motor van Batman: bij Jan de Jong Verhuizingen vervoeren ze alles wat niet op een pallet zit. „Vijf pallets met aardappelen voor de frietboer is niks voor ons. Wij vervoeren spullen die niet met de doorsnee bezorger meekunnen. Onze meerwaarde is bovendien dat we meubels in elkaar zetten en ophangen, zoals bedden en verlichting.”

VIJFHONDERD ZEECONTAINERS

Het verhuisbedrijf met 65 medewerkers –dat in 2019 van Noordhorn naar Groningen vertrok – beschikt al over twee grote containerhallen in Groningen waar vijfhonderd zeecontainers in kunnen worden opgeslagen. Volgend jaar komt daar een grote stadshub met 6000 kuub aan extra opslagruimte bij op het industrieterrein Roodehaan voor de duurzame ‘last mile’ stadslogistiek.

Want Renken en zijn partner en medeeigenaar Wendie Roelofs – ‘Ik ben slechts de helft van de motor bij Jan de Jong Verhuizingen’ – zien dat die stadslogistiek aan het veranderen is.

De vraag naar opslag en het gebundeld uitleveren neemt enorm toe. Niet alleen voor grote binnenstedelijke klanten – waaronder het Forum, UMCG, de Rijksuniversiteit of de gemeente Groningen – maar ook van kleinere bedrijven die zelf geen vervoers- en opslagmogelijkheden hebben. De trend is in gang gezet en versterkt door de (gefaseerde) invoering van een zeroemissiezone in de Groninger binnenstad per 1 april van dit jaar, aldus Renken. „Dieseltrucks mogen nog tot 12 uur de binnenstad nog inrijden. Deze overgangsregeling wordt stapsgewijs afgebouwd tot 2030. Met een zero-emissie truck heb je het voordeel dat je ook in de middag nog mag leveren.”

De komende jaren vormen een kantelpunt, verwacht hij. „Om nog in de binnenstad te mogen rijden, wordt de noodzaak om te investeren in elektrische vervoer alleen maar groter. Dat doen wij al jaren en dat brengt de nodige kosten met zich mee. We hebben al meerdere elektrische busjes en binnenkort rijdt er een tweede elektrische vrachtwagen.”

Een extra motivatie om te investeren in elektrisch vervoer is de kilometerheffing voor vrachtwagens, die op 1 juli 2026 ingaat. „Deze kosten zitten eraan te komen. Voor diesel is die heffing veel hoger dan voor elektrische wagens. Dat maakt de noodzaak om te elektrificeren alleen maar groter. We sorteren als het ware voor op de toekomst.”

Bij het uitleveren van de goederen in de binnenstad werkt het verhuisbedrijf nauw samen met BreakAway Fietskoeriers en Stadslogistiek. „Zo kunnen we zowel grote als kleine pakketten emissieloos afleveren in de binnenstad. Om het aantal verkeersbewegingen te verminderen is het logisch om de spullen te bundelen.”

GROTE PARTIJEN IN DE BINNENSTAD Veel klanten vragen specifiek naar de mogelijkheid van emissieloos en gebundeld vervoer en zijn ook bereid om daar voor te betalen. Dit zijn vooral overheidsinstellingen en grotere partijen, legt Renken uit. Het bedrijf werkt vaak op projectbasis samen met deze grote partijen in de binnenstad. „Door de veranderende markt zijn we meer een partner geworden van onze klanten, dan alleen een verhuizer. Zo hebben we bij het inrichten van het Forum bijvoorbeeld alle spullen van de diverse meubelleveranciers opgeslagen, gebundeld en vervolgens hebben we ze naar het Forum gebracht”, vertelt Renken. „We zorgen niet alleen voor het transport, maar ook voor het inhuizen en de montage. Zo ontzorgen we de klant op alle mogelijke manieren.”

Ondertussen is Jan de Jong de huisleverancier van het Forum. „We doen de postbusservice voor ze. We verzamelen al hun pakketten en leveren ze één keer per dag

per fietskoerier af. De huismanager hoeft dan niet steeds naar beneden om ieder afzonderlijk pakketje in ontvangst te nemen, maar kan dit één keer per dag doen.”

Een ander voorbeeld is de gebundelde levering van 30.000 nieuwe zorgjassen aan het UMCG. „Door een speciale ontheffing mogen we met elektrische vrachtauto’s 24/7 leveringen brengen bij het ziekenhuis in de binnenstad. Dit waren verschillende jassen voor dokters, verplegend personeel en laboratoriummedewerkers. Wij hebben de jassen al van tevoren gesorteerd. Zo heeft de klant er minder werk van.”

VAKANTIEPARK IN DRENTHE

In de komende jaren verwacht Renken alleen nog maar een verdere stijging in de vraag naar opslag en gebundelde leveringen. Niet alleen binnenstedelijk, maar ook in de regio. Het bedrijf heeft naast stadslogistiek, ook een afdeling voor meubel- en keukenlogistiek.

Zo heeft Jan de Jong zeshonderd recreatieboerderijen op vakantiepark Hof van Saksen in Drenthe leeggehaald en later opnieuw ingericht door alle leveringen van meubelleveranciers te bundelen. „Alle spullen voor de woningen werden bij ons afgeleverd; van banken, lampen, stoelen tot tafels. Vervolgens zorgden we dat de spullen van een paar vakantiehuizen tegelijk werden uitgeleverd en de woningen door ons werden ingericht. Zo stopt er maar één keer iemand in de straat in plaats wel twintig afzonderlijke partijen.”

De bundelingen en leveringen van goederen voor de verschillende klanten vergt een goede planning en logistiek, benadrukt Renken. „We hebben dit voor containers al gerobotiseerd, maar ook in de opslagloodsen – waar altijd twee medewerkers rondlopen – wordt dit steeds meer geprofessionaliseerd met speciale software.”

Het verzamelen en bundelen van goederen doet denken aan de vroegere bodedienst, merkt de eigenaar van Jan de Jong Verhuizingen op. ,,Onze werkzaamheden lijken op die van de bodedienst van weleer. Zo zijn we vroeger ook begonnen in Zuidhorn.”

Overtredingen zero-emmissiezone binnenstad Groningen binnenkort beboet

Sinds 1 april 2025 geldt in de binnenstad van Groningen een zero-emissiezone voor bestel- en vrachtauto’s. We bevinden ons momenteel nog in een waarschuwingsperiode, die loopt tot 14 december, aldus woordvoerder Koen Jans van de gemeente. Daarna worden voertuigen die niet aan de eisen voldoen daadwerkelijk beboet.

Hoe vinden jullie dat het op het moment gaat? Worden er veel overtredingen geconstateerd? Zo ja, hoeveel en hoe kunnen jullie dat terugdringen?

„We zien dat het beleid effect heeft: de bedrijfsvoertuigen die de binnenstad inrijden worden steeds schoner. Al vóór de invoering van de zero-emissiezone nam het aantal vervuilende dieselvoertuigen af. Die trend zet zich voort, nu we actief waarschuwen. We verwachten dat de invoering van boetes dit effect verder zal versterken.”

Hoe wordt het beleid op het moment gehandhaafd? Speciale flitsers die kentekens scannen en boetes uitdelen? Of op andere manieren? Zo ja, hoe?

„De handhaving gebeurt met behulp van ANPR-camera’s (Automatic Number Plate Recognition). Deze camera’s registreren kentekens bij het inrijden van de zone. Wanneer een voertuig niet aan de eisen voldoet, controleert een BOA of er daadwerkelijk sprake is van een overtreding. In de huidige fase volgt dan een waarschuwing; vanaf 14 december wordt een boete opgelegd. De camera’s zijn geplaatst bij alle toegangswegen tot de zero-emissiezone.”

Wat zijn de toekomstplannen? Worden de tijden waarin uitsluitend emissieloos in de binnenstad mag worden gereden uitgebreid. Op wat voor termijn?

„Er geldt momenteel een overgangsregeling voor voertuigen met emissieklasse EURO 5 en EURO 6 die vóór 1 januari 2025 zijn aangeschaft. EURO 5-bestelwagens zijn vanaf 1 januari 2027 niet meer toegestaan in de zone. Voor EURO 6-bestelwagens geldt dit vanaf 1 januari 2030.Wat betreft het venstertijdenbeleid – de tijden waarop bedrijfsvoertuigen de binnenstad mogen inrijden (tussen 05.00 en 12.00 uur) – zijn er op dit moment geen plannen om de tijden te wijzigen. Wel kunnen ondernemers met een zero-emissievoertuig een jaarontheffing aanvragen.”

Meer informatie op: groningendoethetzero.nl

TEKST YKE BREMER
FOTO GEERT JOB SEVINK

Alle energie in huis om de uitdagingen van deze tijd te tackelen

Van energietransitie tot netcongestie en van datahonger naar waterschaarste: Nederland staat voor een enorme opgave om duurzamer en weerbaarder te worden. Het gespecialiseerde installatiebedrijf Hanab pakt deze uitdagingen aan: ëvan centrale tot stopcontactí.

Hanab ontwerpt, bouwt en onderhoudt de infrastructuur die de ruggengraat van Nederland vormt. ÑWe versnellen de energietransitie, waarborgen de watervoorziening en ondersteunen de groeiende behoefte aan digitale connectiviteit,î zegt Edwoud Eiten, bedrijfsleider Pipelines & Industry bij Hanab in Veendam

Zes divisies, één netwerk Pipelines & Industry, dat bijvoorbeeld werkt voor de Gasunie, is slechts ÈÈn van de zes gespecialiseerde, samenwerkende divisies. Hanab bestaat verder uit Connectivity Solutions, Distribution, Energy Solutions, Installation Technology en Telecom Infra. ÑJe zou kunnen stellen dat we samen zorgen dat Nederland blijft draaien.î, zegt Eiten.

Een van de redenen dat Hanab nu naar buiten treedt, is dat het precies een jaar geleden is dat het bedrijf in de huidige vorm ontstond. De wortels van de voorheen losstaande bedrijven gaan maar liefst 160 jaar terug, weet Eiten: ÑDoor samen te gaan staan we sterker en kunnen we onze klanten in iedere schakel van de keten ondersteunen.î

Samen werken aan de toekomst Hanab opereert als ÈÈn bedrijf maar kent geen top-down cultuur, stelt Eiten. ÑDe divisies werken zelfstandig maar zoeken voortdurend samenwerking. Dankzij onze platte organisatie en decentrale structuur staan we dicht bij klanten en de regioís waarin we actief zijn. Elke vestiging heeft zijn eigen cultuur, en dat werkt goed.î Groei hoort bij die aanpak. ÑWe doen regelmatig een overname als een bedrijf goed past binnen onze organisatie,î zegt hij. ÑMaar alleen als het echt een meerwaarde biedt voor onze activiteiten.î

ëEen goede monteur is de beste ambassadeurí

Mensen maken het verschil Hanab investeert veel in zijn medewerkers. ÑWe hebben een eigen vakschool waar we professionals zelf opleiden,î zegt Eiten. ÑEen goede monteur is onze beste ambassadeur. Het blijft mensenwerk, en onze medewerkers beschikken over moderne hulpmiddelen.î

De zes divisies van Hanab

Pipelines & Industry ontwerpt, legt aan en onderhoudt ondergrondse transportleidingen en industriÎle installaties. De divisie werkt voor onder meer Gasunie en waterbedrijven, voert fabrieksmodificaties uit en beschikt over een eigen unit voor horizontaal gestuurd boren en een prefabshop voor efficiÎnt en veilig samenbouwen.

Connectivity Solutions realiseert draadloze verbindingen tot 5G en zorgt dat organisaties klaar zijn voor de toekomst van digitale connectiviteit. De divisie levert betrouwbare netwerken voor kritische processen, zoals bij het Servicecenter op Schiphol Airport.

Distribution verzorgt aansluitingen op gas, water, elektra en warmte, van verdeelstation tot eindgebruiker. De divisie werkt aan energie- en railinfraprojecten en voert innovatieve, duurzame boringen uit, zoals de eerste volledig elektrische boring bij De Weerribben.

Toch voorziet hij ook uitdagingen. ÑDenk aan netcongestie, de waterstofeconomie en de toenemende druk op de watervoorziening. Grondwater wordt schaarser en moet steeds intensiever worden gezuiverd. Bovendien bereiken veel installaties het einde van hun levensduur. Hanab speelt een belangrijke rol in het vernieuwen daarvan.î

Klaar voor wat komt

De urgentie is groot, maar de wil om te handelen is dat ook. ÑEr is sprake van enorme dynamiek binnen ons bedrijf,î zegt Eiten. ÑWe zijn klaar voor de toekomst, ook qua personeel. Als er goede keuzes worden gemaakt, kunnen we snel opschalen. Duurt het te lang, dan ontstaan er andere uitdagingen.î

Energy Solutions levert integrale diensten voor hoog- en middenspanningsinfrastructuren, van advies en engineering tot realisatie en onderhoud. Zo versterkte de divisie het landelijke elektriciteitsnet met de vernieuwing van het 380 kV-station in Dodewaard.

Installation Technology maakt gebouwen en woningen energiezuinig en toekomstbestendig met slimme installaties. Een voorbeeld is het Alliander-gebouw in Duiven, dat gasloos, energiepositief en circulair werd gerenoveerd.

Telecom Infra legt en beheert ondergrondse telecomnetwerken die de digitale samenleving verbinden. De divisie werkt met focus op kwaliteit, veiligheid en langdurige klantrelaties, van ontwerp tot onderhoud.

Zijn boodschap is duidelijk: ÑVergunningen mogen sneller worden afgegeven, en subsidies moeten beter aansluiten. Er is genoeg werk te doen, en Hanab is er klaar voor.î www.hanab.nl

Edwoud Eiten

Voorkomen isdebeste verzekering

Wijhelpenutot20%schadevoorkomen,zodatualtijddoor kunt.Datdoenwemetchau eurstrainingenenpersoonlijk advies,maarookmetdata-gedreventoolsdierisico’s zichtbaarmaken.

Engaathettochmis?Danvoorkomenwijdatulangstilstaat naschade.Enwevoorkomendatumetvragenzit,doordat weéénduidelijkaanspreekpuntbieden.Zoisvoorkomende besteverzekering.

Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook