Skip to main content

1307 (1)

Page 1

NL T

Mannebeekstraat 5 8790 Waregem Tel: +32 56 62 69 69 Fax: +32 56 62 69 62 E-mail: info@galico.be www.escalo.com

1 Gebruiksinstructies

s. t. u. v. w.

Deze gebruikershandleiding kan men downloaden op de website www.escalo.com.

1.1 Voor gebruik a. zorg ervoor dat u voldoende fit bent om een ladder te gebruiken. Bepaalde medische omstandigheden of medicatie, alcohol en drugsgebruik kunnen het gebruik van de ladder onveilig maken. b. zorg ervoor dat ladders bij vervoer op dakrails of in een truck goed zijn geplaatst om schade te vermijden; c. inspecteer de ladder na levering en voor het eerste gebruik om de staat en de werking van alle onderdelen te bevestigen; d. controleer voor elk gebruik of de ladder onbeschadigd en veilig is; e. voor professionele gebruikers is een regelmatige inspectie vereist; f. controleer of de ladder geschikt is voor het werk; g. gebruik geen beschadigde ladder; h. verwijder vuil van de ladder, zoals natte verf, modder, olie of sneeuw; i. voor het gebruik van de ladder moet een risicobeoordeling worden uitgevoerd volgens de wettelijke bepalingen van het betreffende land. 1.2 De ladder plaatsen en oprichten a. de ladder moet in de juiste positie worden opgericht, m.a.w. in de juiste hoek voor een niet-vrijstaande ladder (hellingshoek ongeveer 1:4) met de sporten of treden horizontaal, of met een volledige opening voor een vrijstaande ladder; b. Gebruik vergrendelingen die geplaatst zijn op de ladder; c. de ladder moet zich op een gelijke, horizontale en vaste ondergrond bevinden; d. de niet-vrijstaande ladder moet tegen een vlak en stevig oppervlak worden geplaatst en voor gebruik vastgemaakt worden, bv. door ze vast te binden of een geschikte stabiliteitsinrichting te gebruiken; e. de ladder mag nooit van bovenaf worden verplaatst; f. denk bij het plaatsen van de ladder aan risico’s op botsingen met bv. voetgangers, voertuigen of deuren. Sluit deuren (uitgezonderd nooduitgangen) en vensters waar mogelijk in het werkgebied; g. houd rekening met eventuele elektrische risico’s in het werkgebied, zoals hoogspanningslijnen en ander blootliggend elektrisch materiaal; h. de ladder moet op haar vulstukken rusten, niet op de sporten of treden; i. ladders mogen niet op gladde oppervlakken (zoals ijs, glanzende oppervlakken of bijzonder vuile harde oppervlakken) worden geplaatst, tenzij extra doeltreffende maatregelen worden genomen om te vermijden dat de ladder wegschuift, tenzij vuile oppervlakken voldoende worden schoongemaakt. 1.3 De ladder gebruiken a. overschrijd de totale maximumbelasting voor het laddertype niet; b. reik niet te ver; de gebruiker moet zijn gesp (navel) binnen de stijlen en beide voeten op dezelfde trede / sport houden tijdens het werk; c. stap niet van een niet-vrijstaande ladder op een hoger niveau zonder extra beveiliging, zoals een touw of een geschikte stabiliteitsinrichting; d. gebruik vrijstaande ladders niet voor toegang tot een ander niveau; e. sta niet op de bovenste drie treden/sporten van een niet-vrijstaande ladder; f. sta niet op de bovenste twee treden/sporten van een vrijstaande ladder zonder een platform of hand- en knieleuning; g. sta niet op de bovenste vier treden/sporten van een vrijstaande ladder waarbij het voorste deel uitgeschoven is; h. de achterkant (steundeel) van een enkele trapladder mag nooit beklommen worden; i. klim niet hoger dan het scharnierpunt van de A-stand van een vrijstaande ladder met een verlengladder bovenaan; j. ladders mogen enkel voor licht werk van korte duur worden gebruikt; k. gebruik niet-geleidende ladders voor onvermijdelijk elektrisch werk onder spanning; l. gebruik de ladder niet buiten in slechte weersomstandigheden, zoals sterke wind; m. laat in geen geval kinderen op de ladder spelen; n. sluit deuren (uitgezonderd nooduitgangen) en vensters waar mogelijk in het werkgebied; o. sta met uw gezicht naar de ladder wanneer u de ladder op- en afgaat; p. houd de ladder stevig vast wanneer u de ladder op- en afgaat; q. gebruik de ladder niet als een brug; r. draag geschikt schoeisel als u een ladder opklimt;

x.

vermijd overmatige zijdelingse belasting door bv. het boren in baksteen en beton; blijf niet lange tijd op een ladder staan zonder regelmatig een pauze te nemen (vermoeidheid is een risico); niet-vrijstaande ladders die worden gebruikt voor toegang tot een hoger niveau, moeten minstens 1 m boven het aanlegpunt uitsteken; materiaal dat tijdens het gebruik van een ladder wordt gedragen, moet licht en gemakkelijk hanteerbaar zijn; vermijd werk dat een zijdelingse belasting op vrijstaande ladders veroorzaakt, zoals zijdelings boren in hard materiaal (bv. baksteen of beton); zorg voor houvast tijdens het werken op een ladder of neem extra veiligheidsmaatregelen als dit niet mogelijk is.

1.4 Herstelling, onderhoud en opslag Herstellingen en onderhoud moeten door een bekwaam persoon worden uitgevoerd in overeenstemming met de instructies van de fabrikant. Neem hiervoor contact op met uw aankooppunt of met GALICO. Berg draagbaar klimmateriaal zodanig op, dat doorhangen wordt voorkomen. Berg draagbaar klimmateriaal op in een koele geventileerde ruimte. Het volstaat om de ladders op te bergen volgens de instructies van de fabrikant. 1.5 Aanvullende veiligheidstips bij het gebruik van trappen/ladders • Draag geen slobberende kleding of sieraden. Deze kunnen tijdens het beklimmen of afdalen van de trap of ladder blijven haken waardoor valgevaar ontstaat. • Controleer regelmatig of de voetjes niet zijn versleten. Versleten voetjes kunnen tot beschadiging van de ondergrond leiden, of tot uitglijden van de trap of ladder. • Gebruik in het belang van persoonlijke veiligheid alleen accessoires of hulpmiddelen die door GALICO worden aanbevolen. • Plaats onder aan de trap of ladder geen gereedschap of andere materialen waarover u kunt vallen. • Til een trap of ladder zwaarder dan 25 kg, altijd met twee personen.

2 Oorzaken van ongelukken In de volgende (onvolledige) lijst van gevaren en hun mogelijke oorzaken worden de meest voorkomende redenen voor ongelukken bij het gebruik van ladders opgesomd. Ze vormen de basis van de informatie in deze richtlijnen. a. Stabiliteitsverlies: 1. verkeerde plaatsing van de ladder (bv. een verkeerde hoek voor een nietvrijstaande ladder of het niet volledig openen van een vrijstaande ladder); 2. wegglijden op de ondergrond (bv. wegglijden van de onderkant van de ladders, weg van de muur); 3. zijwaarts uitglijden, zijwaarts vallen en omkantelen (bv. door te ver reiken of slecht contactoppervlak bovenaan); 4. staat van de ladder (bv. ontbrekende antislipvoetjes); 5. afstappen van een onbeveiligde ladder op hoogte; 6. toestand van de ondergrond (bv. onstabiele zachte ondergrond, hellende ondergrond, gladde oppervlakken of vuile harde oppervlakken); 7. slechte weersomstandigheden (bv. wind); 8. botsing met de ladder (bv. voertuig of deur); 9. verkeerde ladderkeuze (bv. te kort, ongeschikt voor het werk). b. Bij het hanteren: 1. de ladder naar de werkplaats brengen; 2. de ladder opstellen en demonteren; 3. voorwerpen op de ladder dragen. c. Uitglijden, struikelen, vallen: 1. verkeerd schoeisel; 2. vuile sporten of treden; 3. onveilige handelingen (bv. 2 sporten tegelijkertijd nemen, van de stijlen glijden). d. Gebreken in de constructie van de ladder: 1. staat van de ladder (bv. beschadigde stijlen, slijtage); 2. overbelasting van de ladder. e. Elektrisch gevaar: 1. onvermijdelijke werken in omgeving onder spanning (bv. oplossen van storingen); 2. ladders te dicht geplaatst bij elektrisch materiaal onder spanning (bv. hoogspanningslijnen); 3. ladders die elektrisch materiaal beschadigen (bv. behuizingen of beschermende isolatie); 4. verkeerde ladderkeuze voor elektrisch werk.


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
1307 (1) by Metaalwaren Claerbout - Issuu