YUKON & ALASKA

(EN ANDERE ICONISCHE WEGEN)













![]()


















COLOFON
YUKON & ALASKA IS EEN
UITGAVE VAN GOCANADA I.S.M. MERIDIAN TRAVEL BV
POSTBUS 135
1900 AC CASTRICUM
T +31 (0)251 67 21 36
REDACTIE@MERIDIANTRAVEL.NL
WWW.MERIDIANTRAVEL.NL
HOOFDREDACTEUR
RODERICK AALBERS
AAN DEZE UITGAVE WERKTEN MEE:
RODERICK AALBERS
LINDA VISSER-RIJERKERK
JESSICA KRIJGSMAN
VIVIAN DE GRAAFF-TERLINGEN
FOTOGRAFIE
RODERICK AALBERS
LINDA VISSER-RIJERKERK
REINIER BRUIJNE
BAS DE GRAAFF
DANNY MEERWIJK
ROB DEELEN
TOURISM YUKON TRAVEL ALASKA
VORMGEVING
DORIZON MEDIA
T +31 (0)251 67 21 36
SALES@MERIDIANTRAVEL.NL
DISTRIBUTIE
BETAPRESS / VMB PRESS / AMP
Niets uit deze uitgave mag worden overgenomen, vermenigvuldigd of gekopieërd zonder schriftelijke toestemming van de uitgever.
© 2025/2026 GoCanada / Meridian Travel BV www.meridiantravel.nl










Yukon Territory en Alaska. Bij het grote publiek bekend van Discovery Channel en zijn goudzoekers. Maar daar blijft het vaak ook wel bij. Dat het een prachtige vakantiebestemming is die verrassend laagdrempelig kan zijn zal voor velen een verrassing zijn. Een van de laatste stukken wildernis van NoordAmerika waar je je nog echt alleen op de wereld voelt. Niet zo gek als je beseft dat alleen de Yukon ongeveer net zo groot is als Spanje met minder dan 50.000 inwoners. Op Ibiza wonen meer mensen.
Mijn eerste kennismaking met deze regio was in voorjaar 2017 en ik was meteen verkocht. Aan boord van de Air North-vlucht naar Whitehorse voel je al dat je iets speciaals gaat doen. Dat ik in no time stond te dansen op het podium van Diamond Tooth Gerties, goud ging zoeken in de Bonanza Creek en een cocktail kreeg voorgeschoteld met een mensenteen erin had ik niet voorzien.



Maar het zijn niet allemaal ‘aparte’ ervaringen. Het moment dat me het meest is bijgebleven moet de middernachtzon zijn geweest bij het iconische ‘Arctic Circle sign’ op de Dempster Highway. Deze prachtige gravel road begint vlak bij Dawson City en loopt via Tombstone Territorial Park om te eindigen bij de nederzetting Tuktoyaktuk aan de Arctic Ocean. Meer dan 800 kilometer ongerepte wildernis. En alleen als je er een flink stuk op gereden hebt mag je achter op je auto ‘Did the Dempster’ zetten. Voor mij de meest indrukwekkende weg die ik ooit heb mogen rijden. Dit laatste stukje echte wildernis van Canada en de Verenigde Staten brengt je terug naar het NoordAmerika van 100 jaar geleden. Onaangetaste natuur met een overvloed aan wildlife. Historische dorpen, mannen met baarden en antieke auto’s. Gastvrij en niet aangetast door massatoerisme. Het heeft mijn hart gestolen en is zonder twijfel een van de mooiste gebieden waar ik ooit doorheen heb mogen reizen. Veel leesplezier en wie weet tot ziens in The Land of the Midnight Sun.
Met Canadese groet, Roderick Aalbers Hoofdredacteur

Op het eerste oog is the City of Wilderness een uit zijn voegen gegroeid dorp. Maar wie na een tocht door de Yukon en Alaska terugkeert in Whitehorse, denkt al snel: ‘Jemig, wat een hoop steen, winkels en straten bij elkaar.’ Toch hebben die winkels en straten hun charme, met terrasjes vol fleurige bloembakken.
Om maar met de deur in huis te vallen: Yukon en Alaska zijn geen plekken waar je simpelweg naartoe reist, het zijn ervaringen die je beleeft en die je voor altijd bijblijven. Met honderd procent zekerheid kunnen we zeggen: het zal een reis worden die je nooit zult vergeten.
Een cruise door de Inside Passage naar Alaska is een droom die werkelijkheid wordt. Met het ms Noordam van Holland America Line vaar je langs gletsjers, baaien en sfeervolle plaatsjes als Ketchikan, Juneau en Skagway. Onderweg is de kans groot op het zien van wilde dieren, zoals walvissen en bald eagles. Aan boord word je verwend met uitstekende service.


Ooit The Tipping Point gelezen van Malcolm Gladwell? Wanneer en waarom gaat iets viraal? Hoe komt het toch dat sommige onderwerpen zich als een virus over een land verspreiden en andere niet?
Tegenwoordig hebben we social media, maar 125 jaar geleden was dat wel andere koek.
In Dawson is nauwelijks een straat geasfalteerd. Geen idee waarom niet, maar het zal met de permafrost te maken hebben. En het geeft natuurlijk ook een bepaalde look-and-feel.


Het woord ‘majestueus’ gebruik ik expres niet, want dat is een veel gebruikt ChatGPT- danwel AI-woord. En daar doen wij bij GoCanada liever niet aan. Wij vertellen graag uit eigen ervaring.
De iets minder jongeren onder ons denken bij Planes, Trains and Automobiles (1987) waarschijnlijk meteen aan de comedyklassieker met Steve Martin en John Candy als Neal en Del: twee totaal verschillende mannen die noodgedwongen samen reizen richting Chicago en onderweg van alles meemaken. Wij houden wel van een vleugje humor en gebruiken deze titel graag voor een serie bijzondere excursies die je roadtrip per camper of auto nét iets extra’s geven: per vliegtuig, trein, 4WD en zelfs per helikopter.

De ruige natuur herbergt een grote verscheidenheid aan wilde dieren. Hier leven de indrukwekkende kariboes, sluwe coyotes en grommende grizzlyberen. Ga mee op ontdekkingstocht door een wereld waar een ontmoeting met wilde dieren zomaar dagelijkse kost kan zijn.
Waarschijnlijk heb je al gemerkt dat een reis door de Yukon bijna altijd wordt gecombineerd met Alaska. Kijk maar op de kaart: het is eigenlijk heel logisch. Neem de Top of the World Highway die van Dawson City (Yukon) naar Tok (Alaska) voert.
Wij van GoCanada vinden camperen door de Yukon en Alaska eigenlijk wel the way to go. Als je daar geen zin in hebt en dus in hotels gaat slapen: helemaal dikke prima hoor. Maar je zit dan aan een vast schema want op de bonnefooi van hotel naar hotel is niet aan te raden.
Hoe komt deze 2.232 kilometer lange highway aan deze intrigerende bijnaam? Je raadt het al. Voor het antwoord moeten we terug naar de Tweede Wereldoorlog. Na de aanval op Pearl Harbour voelden de Amerikanen zich genoodzaakt om Alaska over land te verbinden met de bewoonde wereld.
Yukon ligt in het noordwesten van Canada en grenst in het westen aan Alaska, vandaar dat een bezoek aan Yukon vaak wordt gecombineerd met een bezoek aan Alaska. De panhandle van Alaska ligt overigens een stuk zuidelijker aan de westkant van British Columbia. Deze reep land is vooral goed te bereiken per cruiseschip. In het oosten grenst Yukon aan het territorium Northwest Territories en in het zuiden aan de provincie British Columbia. Yukon is een territorium van Canada en werd in 1898 opgericht als The Yukon Territory. Sinds 2003 is de naam door de federale regering gewijzigd naar Yukon zonder ‘de’ ervoor. Echter wordt er nog heel vaak gesproken over ‘de’ Yukon. Met een oppervlakte van ruim 482.000 km2 is Yukon behoorlijk veel groter dan heel Duitsland en er wonen slechts zo’n 33.000 inwoners.
Daar waar Alaska niet grenst aan Yukon wordt het omringd door de Grote Oceaan, de Beringzee en de Noordelijke IJszee. De oppervlakte van Alaska is ruim 1,7 miljoen km2 en is daarmee 3,5 keer zo groot als Yukon. Er


wonen ruim 740.000 mensen. Alaska is de 49e staat van de VS (sinds 1959) en ze hebben het dan ook vaak over de ‘lower 48’ als ze het over de andere staten van de VS hebben.
Hoe kom ik er?
Voor een rondreis door Yukon en Alaska kom je in de meeste gevallen in Whitehorse of Anchorage aan. Deze luchthavens hebben geen non-stopverbinding met Amsterdam. Naar Whitehorse kun je vliegen via Vancouver, Calgary of Edmonton met Air North of Air Canada en naar Anchorage vlieg je meestal via Seattle of met Condor vanuit Frankfurt. Vanuit Nederland vliegt KLM nonstop naar verschillende plaatsen in Canada. We raden aan om dan eerst een nacht in Canada te verblijven voordat je de volgende dag verder vliegt naar Yukon of Alaska. Vlieg je met Air Canada vanaf Amsterdam, dan kun je met twee keer overstappen op dezelfde dag in Whitehorse aankomen. Dit is dan wel een lange reisdag!
Geschiedenis
Yukon en Alaska zijn nog niet zo lang op grotere schaal bewoond. De Klondike Gold Rush van 1896-1899 leidde tot een massale instroom van goudzoekers en ook tot de afscheiding van Yukon van de Northwest Territories waar het tot dan bij hoorde. De inheemse volken wonen echter al duizenden jaren in dit gebied en zijn ook verantwoordelijk voor de naamgeving. Yukon betekent namelijk grote rivier. De naam Alaska is afgeleid van Alyeska dat de Aleut-stam gebruikte en dat vasteland of continent betekent. In de 18e eeuw werd er door Russische verkenners al gehandeld met de First Nations-volken langs de kust van Alaska. Deze handelsnetwerken werden later ook uitgebreid naar Yukon. De Russen vestigden zich in veel plaatsen waar een groot aantal zeeotters leefde, omdat het bont van deze dieren zeer in trek was. In de 19e eeuw waren de handelaren van de Hudson’s Bay Company ook actief in Yukon. Zij maakten daarbij vooral gebruik van de
verschillende grote rivieren. Er werden vooral veel pelzen en bont verhandeld. Een gelijksoortig bedrijf in Alaska was de Alaska Commercial Company. In 1867 kocht de VS Alaska van Rusland. Na de Gold Rush vond er mijnbouw (zilver, goud, koper en andere metalen) plaats en tijdens de Tweede Wereldoorlog werd in snel tempo de Alaska Highway aangelegd om het transport naar Alaska makkelijker te maken. Gedurende de Gold Rush was Dawson City de hoofdstad van Yukon, maar sinds 1953 is dat Whitehorse. Juneau is de hoofdstad van Alaska. Met de komst van meer wegen nam het transport over water af. In Prudhoe Bay in Alaska werd in 1968 olie ontdekt en dat zorgde voor een enorme economische groei met als tragisch dieptepunt de grote hoeveelheid olie die in zee lekte in 1989, nadat de Exxon Valdez een rif in Prince William Sound had geraakt.
In Yukon en Alaska leven veel inheemse volken, ook wel First Nations genoemd. Onder de verschillende Athabaskavolken in Yukon horen Gwitch’in, Han, Tutchone, Kaska, Tagish en Upper Tanana. De Tlingit behoren ook tot de Athabaskavolken, maar leven meer langs de kust van het panhandle-gedeelte van Alaska. Een andere groep wordt gevormd door de Inuit ofwel Eskimo’s. De eskimo-volken van Alaska heten Inupiat en Yup’ik. Met de komst van de pelshandelaren kwamen ook de ziektes waar veel inheemse volken niet immuun voor waren. Dat zorgde voor een hoge sterfte onder de First Nations.
Sinds de jaren 70 van de vorige eeuw zijn de First Nations in onderhandeling
met de Canadese overheid om land terug te krijgen en betrokken te worden bij het bestuur. Tegenwoordig zie je bij veel plaatsnamen in Yukon naast de Engelse naam ook de inheemse naam staan.
Een groot deel van het landschap bestaat uit uitgestrekte toendra waarop slechts kleine struiken en enkele bomen groeien. Er zijn echter ook enkele boreale bossen en verschillende wilde rivieren. Daarnaast zijn er verschillende bergketens met enkele zeer hoge bergen, zoals Mount Denali in Alaska en Mount Logan in Yukon. In deze hooggelegen gebergten zijn ook veel gletsjers te vinden waar je op verschillende plaatsen een mooie vlucht overheen kunt maken of juist bij de voet van de gletsjer het ijs kunt zien afbrokkelen in een baai.
Doordat er slechts enkele plaatsen zijn is er volop ruimte voor alle wilde dieren die hier leven, zoals beren, elanden en kariboes.
Klimaat
Er heerst een koel landklimaat met koude, lange winters en korte, warme zomers waarbij de temperatuur boven de 25 graden kan komen. Temperaturen van min 30 zijn in de winter geen uitzondering! De noordelijke ligging zorgt voor lang daglicht in de zomer en juist heel weinig tot geen daglicht in de winter. Hoewel de meeste toeristen tussen mei en september in dit gebied reizen, kun je hier in de winter goed terecht voor allerhande winteractiviteiten en natuurlijk het noorderlicht. Ons advies is om altijd kleding in laagjes mee te nemen, omdat het zelfs in de

zomer af kan koelen als je in berggebied of op het water bent. Daarbij zijn een fleecevest en een winddicht jack zeker ook aan te bevelen. Neem een muts en handschoenen mee als je een gletsjer gaat bezoeken!
Wat is er te doen?
Verderop in dit magazine kom je veel informatie tegen over wat je in Yukon en Alaska kunt doen. De focus ligt daarbij vooral op de natuur, maar er zijn ook enkele leuke plaatsen om te winkelen of juist wat cultuur te ervaren. Of je nu alleen komt, met zijn tweeën of als gezin; er is voor iedereen genoeg te beleven.
Motto
Het motto van Yukon is ‘Larger than Life’ en dat is wat we je toewensen om zelf te ervaren.
Op het eerste oog is the City of Wilderness een uit zijn voegen gegroeid dorp. Maar wie na een tocht door de Yukon en Alaska terugkeert in Whitehorse, denkt al snel: ‘Jemig, wat een hoop steen, winkels en straten bij elkaar.’ Toch hebben die winkels en straten hun charme, met terrasjes vol fleurige bloembakken. Aan het eind van het seizoen vraagt het City of Whitehorse Parks-personeel de inwoners zelfs om de bloemen te plukken voordat de nachtvorst toeslaat. Zo voel je overal de gemeenschapszin, ook als bezoeker. Dus… welkom in Whitehorse!
TEKST JESSICA KRIJGSMAN

Ooooh wat een zaligheid na al die weken zand, stof en gravel! Ondanks dat we elke dag heel kort ons lijf hebben gewassen onder de douche in de truckcamper is het toch een luxe van jewelste om je heel zen en mindful, voetje voor voetje, in het warme water te laten glijden. En per stapje worden de ‘ooohs en de aaahs’ gelukzaliger. Heerlijk ruim twee uren gebadderd. Als je ze niet in je koffer hebt gedaan, dan krijg je bij de receptie een set slippers ‘van de zaak’. Waarvan ik dan meteen denk: ‘Zet er even een logo op van je bedrijf. Of de Canadese maple leaf.’ Maar dat terzijde. Vroeger heette deze spa de Takhini Hot Springs. Maar ik denk dat een investeerder de boel aan het oppimpen

is. Dat maakt het allemaal wat chiquer. Daardoor is de toegangsprijs ook chiquer geworden. De entreeprijs ligt tussen de $55 en $70, afhankelijk van de dag van de week. Je telefoon en camera mogen niet mee naar binnen. Maar het personeel komt je met alle liefde vereeuwigen en stuurt de foto dan per mail naar je toe. Je moet eerst door de wasstraat met jezelf. En er wordt precies aangegeven waar je jezelf moet wassen op je lijf.
En zoals het een goede spa betaamt: er zijn diverse sauna’s, rustruimtes en bubbelbaden. Wát een weelde! Als je in de winter in Whitehorse bent, kun je meedoen aan de Hair Freezing Contest. Geeft te gekke foto’s.

Wij Europeanen zijn inmiddels al eeuwenlang gewend aan de wekelijkse markt. Maar in dit deel van Canada is het een nieuw soort hipheid: de Farmers Market. In Whitehorse wordt elke donderdag van 15 tot 19 uur de Fireweed Market gehouden in Shipyards Park. Waar wij puur voor de boodschappen naar de markt gaan, is het hier een sociaal evenement. Veel inwoners van Whitehorse maken een praatje met elkaar en zijn blij als ze hun zelfgemaakte jam en handschoenen aan de man kunnen brengen. Honing, diverse soorten sla, handgemaakte oorbellen en zelf gevangen en ingevroren vis – alles is er te vinden. De Arctic char (trekzalm, red.) die wij kochten, hebben we uiteindelijk in Tombstone Provincial Park opgebakken. Bij de diverse foodtrucks kun je een hapje eten kopen en dat aan de picknicktafels opeten. En binnen de kortste keren heb je aanspraak!
Trek in een wandeling? Lekker gillen op een hangbrug? Watervliegtuigjes kiek’n? Dan moet je in Miles Canyon zijn!

Tegenover het Raven Inn Hotel bevindt zich een glasblazerij: de Lumel Studios. Dat is al een bezienswaardigheid op zich. Daaraan vast in hetzelfde gebouw huist het sfeervolle café-restaurant Gather, met een gezellig terras. Geroosterde bloemkool, ceviche en de gebruikelijke taco’s en burgers (maar dan net even anders) staan er op het menu. Open voor lunch tot 14 uur; vanaf 16 uur gaat de keuken weer open voor diner. In het weekend is Gather gesloten. Je eet en drinkt hier uiteraard van handgeblazen servies uit de glasblazerij. Omdat er vaak veel mensen samenkomen (het heet niet voor niets ‘Gather’), is reserveren aan te bevelen. Een smakelijke aanrader!



Zin in een praatje met iemand anders dan je reisgenoot? Ga hier (letterlijk) achter de geraniums op het terrasje zitten met een lekker glas van het een of ander. In no time spreek je een gepensioneerde Amerikaan die jonger is dan jijzelf. Net zijn zaak verkocht en nu onderweg met een camper van twaalf meter, plus een Harley-Davidson aan de trekhaak, de hele Alaska Highway af.
Honger gekregen van al dat geklets? Bestel dan gewoon iets van het menu.

Onder het mom van ‘te land, ter zee en in de lucht’ was op onze laatste dag in het gezellige Whitehorse het zee-gedeelte aan de beurt. Lees: water. De stroming in de Yukon River was die dag niet sterk, dus was het peddelen geblazen. Gelukkig stroomafwaarts.
In de twee oudste gebouwtjes van Whitehorse tref je dit drukke restaurant. Geen chique bedoening hoor. Wel waan je je even een stap terug in de tijd. Aan de houten muur hangen elandgeweien, hooivorken en foto’s van goudzoekers. Het restaurant is open voor lunch en diner. Op het menu prijken klinkende namen: Kickass Klondike Burger, Stampeder’s Spring Salad, The Temptations (tempuragerecht). De zalm en de ribs ontbreken natuurlijk ook niet. Reserveren? Daar doen ze niet aan. En als je te horen krijgt dat je twintig minuten moet wachten, zijn het er meestal maar tien… Hun slogan luidt: ‘Our restaurant is small, but our reputation is tall.’ En zo is het!
Gids Lia gidste al peddelend met ons mee, maar we hadden het met gemak zelf gekund. De Verkering is immers river-rafting guide geweest in een vorig leven. Maar dat is achteraf makkelijk praten natuurlijk. We zagen onwijs veel bald eagles, waarvan er eentje aan de waterkant op iets zat te knagen. Gids Lia vertelde dat eagles agressief kunnen reageren als je te dichtbij komt. Logisch natuurlijk, maar toch wel handig als zo’n gids dat nog even meldt. En voor hetzelfde geld was er een beer vlak voor de kano langs gezwommen. Nou, dan kan ik me helemaal voorstellen dat een gids handig is om bij je te hebben. Halverwege kregen we een lekkere versnapering uit de koelbox. Twee zwemmende bevers en drie uren verder werden we weer opgehaald en teruggebracht naar Whitehorse. Wil je all the way wet ’n wild gaan? Er zijn meerdaagse trips, al dan niet onder begeleiding. En je kunt ook in een kajak te water.


Om maar met de deur in huis te vallen: de Yukon en Alaska zijn geen plekken waar je simpelweg naartoe reist, het zijn ervaringen die je beleeft en die je voor altijd bijblijven. Met honderd procent zekerheid kunnen we zeggen: het zal een reis worden die je nooit zult vergeten.










Voor wie de gebaande paden wil verlaten en op zoek is naar ongerepte natuur, eindeloze wegen en adembenemende vergezichten: zoek niet verder. Je hebt je reisdoel gevonden in de Yukon & Alaska. In de Yukon voel je nog altijd de geest van de goudzoekers die ooit hun dromen achterna gingen. Overal ervaar je dat kenmerkende ‘larger than life’-gevoel. Om een voorbeeld te noemen: toen ik mijn reis begon in Whitehorse, dacht ik ‘wat een leuk kleinschalig dorpje’. Maar aan het einde van mijn reis, door de rust, stilte en oneindige uitzichten, was dat kleinschalige dorpje met recht een grote stad geworden.
Of neem de Top of the World Highway: daar waan je je letterlijk boven de wolken, omringd door spectaculaire uitzichten en verlaten wegen die lijken op te lossen in de horizon. Maar het zijn niet alleen de landschappen die indruk maken, ook de oprechte en gemeende gastvrijheid in kleine plaatsen als Dawson City en Carcross maken een reis door deze regio bijzonder.
Over de grens in Alaska wordt alles nog ruiger, nog puurder. Hier draait het niet om luxe, maar om de essentie van reizen. De natuur, de stilte, de overweldigende grootsheid van het landschap: het laat je allemaal voelen hoe klein je eigenlijk bent.
Minimaal drie weken
Hoelang neem je de tijd voor een reis naar deze immense gebieden? Minimaal drie weken als je zowel de Yukon als Alaska wilt bezoeken. Dan kun je beide loops rijden. Wil je echter de Dempster af, naar Valdez en McCarthy? Dan is vier weken een betere keuze. Met de lange reisafstanden heb je dan toch tijd om op je gemak alles te kunnen zien.
Verder kun je niet rechtstreeks vliegen, waardoor je een dag extra reistijd mee moet rekenen. Je vliegt bijvoorbeeld non-stop naar Vancouver met KLM, om de volgende ochtend met Air North naar Whitehorse te vliegen. Het voordeel hiervan is dat de verplichte hotelovernachting bij camperhuur in Vancouver al achter de rug is. Daarnaast heb je in het voor- en naseizoen te maken met wegen die tijdelijk afgesloten zijn of ferry’s die tijdelijk niet varen. In dat geval is het fijn als je een paar dagen buffer hebt om de reis te vervolgen wanneer de weg weer open is of de ferry weer op koers ligt.
Camper of auto?
En dan komt natuurlijk de grote Canadese hamvraag: reis je per camper of per auto? Beide hebben hun eigen voor- en nadelen, en wat voor jou de beste keuze is, hangt volkomen af van je persoonlijke voorkeuren. Een camper biedt ultieme vrijheid: je hebt je eigen huis op








wielen, een volle koelkast, keukentje en toilet, en je hoeft niet steeds je spullen in en uit te pakken. Je kunt stoppen op de mooiste plekken, even een kop koffie zetten midden in de natuur, en ’s avonds buiten zitten op de camping terwijl de zon langzaam ondergaat — als die al ondergaat.
Wild kamperen
Niet te vergeten: in de Yukon mag je wildkamperen voor het ultieme wildernisgevoel. En voor zowel de Yukon als Alaska hoef je niet al je campingplekken van tevoren al te reserveren. Bij de meeste campings kan dat niet eens. Dus kijk waar de dag je naartoe brengt.
Wij raden voor deze regio een truckcamper aan. Hij is 4x4, stil in de bestuurderscabine en staat hoger op de wielen. Verder mag je met een camper op gravel roads rijden, essentieel in deze contreien. Zowel Fraserway als Canadream verhuren prima campers in Whitehorse.
Een huurauto is juist weer lichter, wendbaarder en zuiniger. En wanneer je kiest voor een 4x4 kun je ook prima uit de voeten op de gravel roads. Belangrijk is wel om de voorwaarden van zowel de auto- als camperverhuurders te raadplegen, om van tevoren te zien waar je wel en niet mag rijden.
Wanneer je rondreist met een huurauto, overnacht je in accommodaties die vaak goed gelegen zijn en verrassend goed passen bij de sfeer van de omgeving. Niet elke lodge of elk hotel is even modern of voldoet aan

onze Europese maatstaven, maar draagt als totaalervaring wel bij aan de wildernisbeleving.
Als je achteraf terugkijkt op een reis van drie à vier weken door deze regio, dan ontlopen de kosten voor een camperreis en een autorondreis elkaar niet zoveel. Een camper is ter plekke iets voordeliger, aangezien je niet drie keer per dag in een restaurant hoeft te eten en de campings niet al te veel kosten. Een huurauto is weer voordeliger in de brandstofkosten. Wij vinden dat de reiskosten niet beslissend moeten zijn in je keuze, maar dat je persoonlijke voorkeur altijd leidend moet zijn. De kosten zullen elkaar niet veel ontlopen.
Excursies boeken
Is het aan te raden om excursies te boeken? Misschien een scenic flight in Kluane of een walvistocht in Valdez, omdat daar niet onbeperkt plek is. Maar eerlijk is eerlijk: het reizen door de Yukon en Alaska is al een excursie op zich. Onderweg zijn er zoveel gratis bijzondere bezienswaardigheden, uitzichtpunten en wandelmogelijkheden dat er altijd wel iets te doen is. Je hebt voortdurend het gevoel ergens te zijn waar het landschap het verhaal vertelt. Van bergpas tot gletsjer, en van waterval tot historisch goudzoekersdorp: je hoeft eigenlijk nergens een ticket voor te kopen om iets bijzonders mee te maken. Ook de Visitor Centers, bijvoorbeeld in Haines Junction, Whitehorse en Anchorage, zijn al een uitje op zich en vertellen vaak op een prachtige manier het verhaal van de omgeving.

Ondanks dat het grootste deel van de Yukon en Alaska aanvoelt alsof je door ongerepte wildernis rijdt, zijn er een paar parken waar dit gevoel nog sterker naar voren komt. Hieronder een paar van de meest bijzondere.
Tombstone Territorial Park
In het hart van de ongerepte Yukon, langs de Dempster Highway, ligt Tombstone Territorial Park. Het ligt op anderhalf uur rijden van Dawson City en aan het begin van de beroemde Dempster Highway. Het is een spectaculair stukje Canadese wildernis met in september de mooiste herfstkleuren. Het park heeft een prachtig informatiecentrum waar veel te vinden is over wildlife, wandelroutes en andere relevante zaken. Er worden zelfs meerdaagse trekkings georganiseerd. Voor de camperaars onder ons is er een mooie natuurcamping aan de rivier, vlakbij het informatiecentrum.
Kluane National Park
In het zuidwesten van de Yukon vind je het indrukwekkende Kluane National Park. Dit park herbergt de grootste non-polaire ijskap ter wereld. Wil je die een keer zien? Dat kan het beste vanuit de lucht. Slingerende gletsjers, afgewisseld met turquoise meren, vormen het decor. Verder vind je in dit park ook Mount Logan, met 5.959 meter de hoogste berg van Canada. Het park grenst aan de westkant aan het Alaskaanse Wrangell–St. Elias National Park and Preserve. Voor Kluane National Park heb je een parkpas nodig en je kunt er heerlijk wandelen. Om dit park te bezoeken, kun je het beste in de omgeving van Haines Junction verblijven.
Denali National Park
Het park beslaat een indrukwekkend gebied van ongeveer 25.000 vierkante kilometer, ongeveer de helft van Nederland. Denali is het bekendste nationale park van Alaska en staat bekend om zijn rijke verscheidenheid aan dieren en planten. Je vindt er onder meer grizzlyberen, elanden, vossen en wolven. De enige toegankelijke weg door het park is de Denali Park Road, een route van 150 kilometer die parallel aan de Alaska Range loopt en over diverse bergpassen slingert. Bij helder weer biedt deze weg prachtige uitzichten op Mount Denali.
Goed om te weten: bij dit park mag je de eerste 24 kilometetr zelf rijden, maar daarna moet je verder met een hop-on, hop-offbus. Je kunt van tevoren ook een trip

boeken, bijvoorbeeld de Tundra Wilderness Tour. Door zijn bekendheid kan dit park in het hoogseizoen wat druk aandoen. Mocht je met de camper reizen, dan is dit een van de weinige plekken waar wij aanraden je camping vooraf te reserveren.
Bijzondere ervaringen
Carcross was ooit een tussenstop voor goudzoekers tijdens de Gold Rush. Vandaag de dag is het een plek waar woestijn, bergen en cultuur samenkomen. Wat het bijzonder maakt? Carcross Desert wordt vaak bestempeld als de kleinste woestijn ter wereld. Het is een landschap dat je niet verwacht in het hoge noorden — zeker een aanrader als tussenstop. In het hart van het dorp vind je een kleurrijk plein vol totempalen, lokale winkeltjes en kunstgalerieën. Achter het pleintje is er een carver die zeven dagen per week totempalen en maskers maakt, wat een bezoekje extra de moeite waard maakt.
Noorderlicht
Het noorderlicht (aurora borealis) is zichtbaar van ongeveer half augustus tot begin april. In deze periode zijn de nachten donker genoeg om het goed te kunnen zien. Een goede plek om dit te ervaren is bij Southern Lakes Resort in Tagish: een prachtige locatie aan een meer, waar het personeel je zelfs wakker komt maken om het grote moment maar niet te missen.
Tips voor het zien van het noorderlicht
- Kies een plek met zo weinig mogelijk kunstlicht.
- Wees geduldig: het noorderlicht verschijnt vaak pas laat (tussen 22 en 2 uur).
- Vaak zie je het noorderlicht beter door je fotocamera of telefoon dan met het blote oog.









toegangspo
ay R wFrraser F ot t t or V is uw R
































Een cruise door de Inside Passage naar Alaska is een droom die werkelijkheid wordt. Met het ms Noordam van Holland America Line vaar je langs gletsjers, baaien en sfeervolle plaatsjes als Ketchikan, Juneau en Skagway. Onderweg is de kans groot op het zien van wilde dieren, zoals walvissen en bald eagles. Aan boord word je verwend met uitstekende service, heerlijk eten en allerlei entertainment. Geniet van een week vol natuur, comfort en onvergetelijke indrukken!
TEKST VIVIAN DE GRAAFF-TERLINGEN



Openingsfoto De houten pier in Ketchikan Deze pagina vanaf linksboven met de klok mee Balkon van onze balkonhut tijdens cruise; Het zwembad op het achterdek; Vivian genietend van het uizticht in Glacier Bay



Al lang staat deze cruise van Holland America Line op mijn wensenlijstje. Bij de namen Skagway en Glacier Bay zie ik in gedachten al prachtige beelden en ik verheug me erop deze plaatsen in het echt te zien. En misschien zien we onderweg ook wel walvissen of orka’s als we door de Inside Passage varen! Ik heb al eens een cruise naar Scandinavië gemaakt met Holland America Line en dat is me uitstekend bevallen. Het idee een week aan boord te zijn, te genieten van het lekkere eten, de verschillende activiteiten en alle bijzondere aanlegplaatsen maakt me enthousiast.
Het ms Noordam vertrekt van de cruiseterminal bij Canada Place in hartje Vancouver. Een week voor vertrek kregen we bericht van Holland America Line dat er nog drie andere cruiseschepen op dezelfde dag zouden vertrekken en dat het bij het inchecken druk kon worden. Het advies was dan ook om tussen 10 en 11 uur aanwezig te zijn. Onze taxichauffeur bleek al vaker mensen naar de cruiseterminal te hebben gebracht en wist precies waar hij ons moest afzetten. Hij reed de parkeergarage in en liet ons met onze bagage uitstappen bij het punt waar we onze koffers meteen konden afgeven, zodat ze aan boord werden gebracht. Dat
scheelde een eind lopen over de pier met bagage. En met een temperatuur van 25 graden op een zonnige dag vonden we dat ideaal. Toegegeven: de houten pier zag er later vanaf het schip wel heel gezellig uit, met een mooie poort en muurschildering.
Na het afgeven van de bagage kwamen we in een grote hal waar we, na het inchecken, een bonnetje kregen van Holland America Line. Daarna liepen we door controlepoortjes en lieten we onze handbagage scannen. Als laatste stap volgde de douane en daarna mochten we naar ons schip lopen. Het blijft indrukwekkend om zo’n groot cruiseschip aan de kade te zien liggen! En dan te bedenken dat dit met zo’n 1.900 gasten een middelgroot schip is.
Lichte lunch
We zijn om 11.15 uur al aan boord en nemen eerst een lichte lunch in de Lido Market, het zelfbedieningsrestaurant, voordat we naar onze balkonhut gaan. Uiteraard kost zo’n hut met eigen balkon wat meer dan een binnenhut, maar die luxe gunnen we onszelf graag. Het is prachtig weer, dus we besluiten eerst maar eens aan dek te gaan. Van bovenaf zien we de bedrijvigheid op de kade en watervliegtuigjes die aankomen en vertrekken.
Om 16 uur vertrekken we en zien we, onder het genot van een glaasje bubbels, de skyline van Vancouver steeds kleiner worden. Al snel varen we onder de Lion’s Gate Bridge door en komen we in meer open water terecht. We gaan terug naar onze hut, waar onze koffers inmiddels ook staan. Even later maken we kennis met Martin, de steward die verantwoordelijk is voor de hutten in onze gang. Martin komt uit Indonesië en kent onze namen al na één keer voorstellen. Elke keer als we hem aan boord tegenkomen, groet hij ons al van verre met onze namen. Ik vind dit zo bijzonder en het geeft je een heel welkom gevoel.
Dinner time
Inmiddels is het tijd voor het diner. Daar heb je verschillende opties voor. Het zelfbedieningsrestaurant Lido Market op dek 9 is bijna de hele dag geopend en achter in het schip bevindt zich de Dining Room op dek 2 en 3. Alle maaltijden in deze beide restaurants zijn standaard inbegrepen in de prijs. Daarnaast zijn er tegen een toeslag verschillende specialiteitenrestaurants, zoals het Italiaanse Canaletto en de Pinnacle Grill voor een lekkere biefstuk of kreeft.
Sommige schepen hebben ook nog het Aziatisch getinte Tamarind of Rudi’s Sel de Mer met zijn mediterrane invloeden, maar deze zijn op de Noordam niet aanwezig. Aangezien we het leuk vinden om per dag te bepalen waar en hoe laat we dineren, hebben we gekozen voor de zogenaamde open zitting. Dit betekent dat je naar de Dining Room kunt gaan op het moment dat je wil eten. Er wordt dan gekeken welke tafels beschikbaar zijn en het kan voorkomen dat je een tafel deelt met andere gasten. Kies je voor de vroege zitting, dan ga je de hele cruise om 17 uur aan tafel, en bij de late zitting ga je om 20 uur aan tafel. In principe heb je dan de hele cruise dezelfde tafel. Bij een vaste zitting kun je ook aangeven of je met andere mensen aan tafel wil zitten of liever alleen met je eigen gezelschap. Het menu varieert per avond en tijdens deze cruise staan er ook regelmatig gerechten op de kaart die uit Alaska komen.
Dressy night
Twee keer per week is er Dressy Night en dan kleedt iedereen zich wat feestelijker aan en is het menu ook wat chiquer. Op de Nederlandse avond staan er verschillende Nederlandse gerechten op de kaart, zoals garnalencocktail, cordon bleu en Bossche bol. Op die avond wordt ook de Orange Party gehouden, waarbij
iedereen iets oranjes aantrekt en er oranje drankjes worden geschonken in de Rolling Stone Lounge.
We zijn nog wat moe door de jetlag en besluiten het de eerste avond niet laat te maken. De komende avonden genieten we echter van de zang en pianomuziek van twee tegenover elkaar staande vleugels bij Billboard on Board, de band die pop- en rockmuziek speelt in de Rolling Stone Lounge, en de verschillende optredens in het theater World Stage. Wil je liever alleen een drankje drinken, dan zijn er verschillende bars aan boord waar je kunt genieten van cocktails en mocktails. De volgende dag is een zeedag en varen we door de Inside Passage. Nadat we een rondje over het promenadedek hebben gelopen, nemen we plaats op het achterdek waar we mooi uitzicht hebben op de langstrekkende kust en de bergen in de verte. Later op de dag wonen we nog een kookworkshop bij en zien we hoe een prachtig stuk sockeye-zalm wordt gegrild. Het recept mogen we meenemen, dus dat gaan we thuis zeker uitproberen. Mijn wederhelft geniet van een bierproeverij met bieren uit Alaska en ’s middags proberen we ook de Nederlandse hapjes tijdens de Dutch Tea. Nu vinden we een scone of sandwich met Spicy Coronation Chicken niet echt Nederlands, maar de mini-Bossche bol, boterkoek en stroopwafel smaken zoals thuis.
Eerste aanlegplaats: Ketchikan
Op dag drie is het dan eindelijk zo ver: onze eerste aanlegplaats is Ketchikan, in het zuiden van de zogenaamde panhandle, het reepje Alaska aan de kust, met daarachter de provincie British Columbia in Canada. Overigens is dit de laatste aanlegplaats voor de cruises die ook weer terugkeren naar Vancouver. Wij gaan na een week in Whittier (Alaska) van boord.
We maken ook meteen kennis met het begrip tenderboot. Als er te veel cruiseschepen in een haven zijn, is er vaak geen plaats aan de kade voor alle schepen. Een schip gaat dan even verderop voor anker en passagiers worden met tenderbootjes naar de wal gebracht. Deze overdekte bootjes varen heen en weer tussen het schip en de kade zolang het schip voor anker ligt. Zorg er wel voor dat je op tijd aanwezig bent om de laatste tender terug te nemen!
Ketchikan staat bekend als de zalmhoofdstad van de wereld, en dat zie je overal. In alle winkels vind je zalm in blik, gedroogde zalm en kunstwerken in de vorm
















van zalmen. Mijn wederhelft koos voor een kajakexcursie bij de Tatoosh-eilanden. Per bus gingen zij eerst naar het punt waar ze met een snelle boot vertrokken om vervolgens bij de eilanden aan te komen. Na een korte instructie vertrokken ze in duo-kajaks en peddelden ze om het eiland heen. In de bomen zagen ze zeearenden zitten. Deze bald eagles zijn duidelijk herkenbaar door hun witte kop.
Op de terugweg naar het vasteland zagen ze enkele orka’s. Wat een bijzonder gezicht om de rugvinnen door het water te zien glijden en de zwart-witte lichamen af en toe boven water te zien! Ikzelf maakte een wandeling door downtown Ketchikan, met als hoogtepunt Creek Street. Dit straatje met zijn gekleurde huisjes langs het water is wel wat toeristisch, maar als je even wacht lukt het ook om foto’s te nemen zonder andere mensen erop. In vroeger tijden brachten de zeelieden hier een bezoek aan de dames van plezier; dat is nog te zien in Dolly’s House Museum. Eenmaal terug aan boord staan we nog een tijd op het achterdek te genieten van de prachtige natuur en zien we in de verte zelfs een paar spuiten van uitademende walvissen!
Mendenhall Glacier
De volgende ochtend komen we aan in Juneau, Alaska’s hoofdstad. Hier hebben we een excursie geboekt naar de Mendenhall Glacier. Onze buschauffeur vertelt enthousiast over alle wandelingen die je daar kunt maken en over het leven in Juneau. Wij maken de wandeling naar Nugget Falls. Deze waterval komt hoog uit de rotsen tevoorschijn en stort zich vol geraas naar beneden. Heen en terug doe je er ongeveer een uurtje over, inclusief tijd om foto’s te maken. Vervolgens lopen we naar het punt waar je mooi uitzicht hebt op de gletsjer. Hij ligt wel wat verder weg, maar het uitzicht is er niet minder spectaculair om.
Later horen we van andere cruisepassagiers dat zij met een helikopter op de gletsjer zijn afgezet en met stijgijzers onder hun schoenen over het ijs hebben gelopen. Zij vonden dat heel bijzonder en de kosten waard. Bij
terugkomst in Juneau nemen wij de kabelbaan van de Goldbelt Tram, in de veronderstelling dat we fantastisch uitzicht zouden hebben vanaf Mount Roberts. In de praktijk valt dit echter wat tegen en raden wij dit niet aan. Het oude centrum van Juneau is goed beloopbaar en doet gezellig aan met enkele charmante gekleurde woningen. Ook de bedrijvigheid aan de waterkant op de houten pier is leuk om te zien. Voor liefhebbers van walvissen worden er in de omgeving verschillende excursies aangeboden. Overigens horen we al twee dagen achter elkaar dat ze hier drie weken lang geen zon hebben gezien, terwijl wij genieten van prachtig weer. Deze kust staat echter bekend om het grote aantal regendagen, dus we boffen enorm. Na een nachtje slapen komen we aan in Skagway. Dit plaatsje ontstond tijdens de Gold Rush van 1897 en veel gebouwen uit die tijd zijn nog steeds te zien. Er zijn verschillende gerestaureerde huizen waar je je even helemaal in de goudzoekerstijd waant. Bekijk zeker ook de korte film bij het Visitor Center! ’s Middags stappen we aan boord van de White Pass & Yukon Routetrein. Deze volgt de route die de goudzoekers destijds moesten afleggen voordat ze hun weg naar Dawson City konden vervolgen. De trein slingert over een smal spoor naar de top van de berg en biedt uitzicht op een diepe vallei. Je kunt deze rit combineren met allerlei excursies, al dan niet inclusief lunch, of gewoon teruggaan met de trein. Van de drie plaatsen waar we hebben aangelegd, vinden wij Skagway de leukste: je ziet hier iets minder souvenirwinkels en ervaart meer van de historie.
De volgende dag staat in het teken van een bezoek aan Glacier Bay National Park — toch wel een van de hoogtepunten van deze cruise. ’s Ochtends vroeg komen er twee parkrangers aan boord die met verrekijkers de baai en kustlijn afspeuren en ondertussen veel vertellen over het gebied waar we doorheen varen. Omdat dit een beschermd natuurgebied is, mogen er per dag slechts twee cruiseschepen in. Dat zorgt ervoor dat we in alle rust als enige schip voor een enorme gletsjer liggen.
Je ziet de verschillende kleuren van het ijs heel duidelijk: allerlei schakeringen van wit, zwart waar twee gletsjers samenkomen, en af en toe prachtig blauw. Wat een indrukwekkend schouwspel!
Als er dan ook nog brokken ijs afbreken en in de baai storten, hoor je overal om je heen de oohs en aahs. Neem wel een muts, sjaal en handschoenen mee, want het is fris in de buurt van de gletsjers! Voor deze gelegenheid is het voordek toegankelijk voor passagiers en wordt er echte erwtensoep geserveerd. Om helemaal warm te worden nemen we er ook nog een lekkere glühwein bij. Tussen en op de ijsschotsen zien we verschillende zeehonden en zeeotters – schattig om te zien!
maar liefst twee kilometer breed. Ons schip draait heel langzaam voor de gletsjer, zodat je hem van alle kanten kunt zien. De boeg staat vol passagiers en zelfs een deel van de bemanning verschijnt op het dek. Woorden schieten tekort om te beschrijven hoe imposant deze ijsmuur is. Terugvarend krijgen we ook nog een goed zicht op Yale Glacier en zien we opnieuw zeehonden op de ijsschotsen liggen.
Het is nog maar een klein stukje varen naar onze eindbestemming. Op de tv in onze hut kunnen we de rekening bekijken. Omdat we het Have it All-pakket hadden geboekt, hoeven we nauwelijks bij te betalen voor drankjes en zijn ook de fooien inbegrepen.
We varen een groot deel van de nacht en de volgende dag over de Golf van Alaska. Tijdens de lunch roept de kapitein om dat er orka’s te zien zijn aan bakboord. Snel lopen we naar het achterdek en genieten van deze bijzondere dieren. Heel gracieus zwemmen ze een tijdje naast het schip.
In de avond komen we aan in College Fjord. De gletsjers hier hebben allemaal namen van beroemde universiteiten in de VS. Het water is bijna rimpelloos en aan weerszijden monden de gletsjers uit in de fjord.
Vooral Harvard Glacier is enorm indrukwekkend:

Rond middernacht komen we aan in Whittier, maar we blijven nog een nacht aan boord. Als je niet zelf je koffer van boord wil dragen, kun je die de laatste avond buiten bij je hut zetten; dan wordt hij aan land gebracht. Je krijgt in dat geval ook een vast tijdstip waarop je van boord mag. Wij kiezen ervoor om onze bagage zelf mee te nemen en hebben ’s ochtends alle tijd voor een laatste ontbijt voordat we van boord gaan.
We worden uitgezwaaid door het personeel en vinden het jammer dat de cruise alweer voorbij is. Wat hebben we genoten!


een Alaska Cruise met
Vaar door Alaska met Holland America Line en zie (gegarandeerd) een gletsjer of ontvang een toekomstig cruisekrediet ter waarde van 15% van uw cruisetarief.
BESTE TOURS DOOR DE NATUUR EN WILDERNIS VAN ALASKA
Meer dan 175 dierenreservaten en bezienswaardigheden. Bekijk de wilde dieren van Alaska van dichtbij door onze exclusieve samenwerking met het Alaska Wildlife Conservation Center.
Ontdek de geschiedenis, de wilde dieren en de wildernis van Denali National Park & Preserve tijdens een van de twee inbegrepen tours door het park.
Ons 360° programma bevat Alaska Up Close-presentaties, verse lokale gerechten en speciale landexcursies.
LOKALE VISSPECIALITEITEN
De eerste en enige cruisemaatschappij die gecertificeerd is voor duurzame, in het wild gevangen en verantwoord gekweekte vis uit Alaska aan boord.
LUXE TREINREIZEN
Elke cruisetour in Alaska is inclusief een reis aan boord van onze eigen McKinley Explorer®-treinstellen met twee verdiepingen en glazen koepeldak.
Zelf je route bepalen?
Combineer een cruise met een camper!

Voorbeeldreis Cruisetour
11 NACHTEN SIGNATURE DENALI
Fairbanks – Vancouver of v.v. Schip: Nieuw Amsterdam



Nieuwsgierig geworden en benieuwd naar alle mogelijkheden die er zijn, zoals een Cruise Camper combinatie neem dan contact op met GoCanada 035-750 3225 / www.GoCanada.nl


Ooit The Tipping point gelezen van Malcolm Gladwell? Wanneer en waarom gaat iets viraal? Hoe komt het toch dat sommige onderwerpen zich als een virus over een land verspreiden en andere niet? Tegenwoordig hebben we social media, maar 125 jaar geleden was dat wel andere koek. Uiteraard waren er in de grote steden kranten die het nieuws verspreidden, maar het laatste nieuws ging met name rond via mond-tot-mondreclame.
TEKST RODERICK AALBERS




De goudkoorts die plaatsvond tussen 1897 en 1899 in de Yukon Territory is een van de beste voorbeelden hoe snel ‘nieuws’ kan reizen door een land. Het begon met een bootje genaamd de Excelsior dat in juli 1897 aanmeerde aan de pier van San Francisco. Aan boord geen arme zeelui maar een paar goudzoekers, terugkerend uit de Yukon. Gebruind, gehavend en ongeschoren… maar hun koffers waren niet gevuld met vieze kleren, nee… ze zaten vol met goud. Deze prospectors waren vertrokken als arme sloebers, maar keerden steenrijk terug. En dat in een donkere, armoedige tijd zonder zicht op enige toekomst. De Klondike Gold Rush was geboren.
De stampede (vrij vertaald stormloop) die de dagen erna ontstond is nog steeds onovertroffen. Duizenden en duizenden mannen pakten hun biezen en trokken noordwaarts. Politieagenten, tramchauffeurs en zelfs dominees legden acuut hun werk neer en vertrokken massaal richting het noorden. Er werd geknokt om elk plekje op de stoombootjes richting het noorden. Honden, paarden, bepakking. Alles moest mee. Stormen werden getrotseerd en mensen vielen overboord. Als haringen samengepakt in
vieze oude bootjes zaten ze dagen, soms weken op zee om te eindigen op de stranden bij Skagway en Dyea in een van de mooiste fjorden ter wereld, Lynn Canal. Wat begon als een tentenkamp groeide in no time uit tot een welvarend stadje. Kroegen, winkeltjes en hotelletjes groeiden als paddenstoelen uit de grond. Skagway was geboren en binnen een paar maanden volwassen geworden. Maar waar velen dachten dat de grootste uitdaging achter de rug was, moest het moeilijkste stuk nog komen: te voet bergpassen over richting het onherbergzame noorden.
Als je Skagway had gekozen als locatie om aan land te gaan, werd je gedwongen de bekende White Pass te trotseren. Het pad ernaartoe begon aardig maar eindigde in een winterse hel. Zestig centimeter brede paden langs diepe ravijnen met messscherpe rotspunten, gecombineerd met pakken sneeuw en winterse temperaturen zorgden voor een dodelijke cocktail. Die eerste winter stierven er drieduizend paarden, meestal door de kou, soms door uitputting. Ze stonden twintig uur stil in de vrieskou met volle bepakking omdat de stroom met goudzoekers simpelweg niet verder kon. Het pad kreeg al snel de illustere bijnaam Trail of the
Dead Horses. Eenmaal op de White Pass Summit moest je de bergpas nog over. Mocht je paard of os nog leven, dan had je mazzel. Maar menig goudzoeker sleepte zijn eigen bepakking de bergpas over. Je was verplicht een jaarvoorraad aan eten en kleren mee te nemen, en dat was geen rugzakje.
Wie aan land kwam in Dyea wachtte een soortgelijke beproeving genaamd de Chilkoot Pass. Hier geen paarden en ossen. De bergpas was simpelweg te hoog en steil om hier met een dier overheen te trekken. Met name het stuk genaamd de Golden Stairs heeft inmiddels een mythische reputatie. Kabelbanen werden aangelegd om de bepakkingen naar boven te slepen. Kon je dat niet betalen? Dan moest je die zware bepakking zelf de pas over tillen. 22.000 mannen en vrouwen lukte het uiteindelijk om de pas op deze plek over te steken.
Eenmaal aangekomen in het achterland ontstonden er gigantische tentenkampen rond de oevers van Lake Bennett, Lake Lindeman en Tagish Lake. Op het hoogtepunt woonden hier bijna 30.000 mannen en vrouwen om zich voor te bereiden op de tocht over land en water richting de Klondike. Er werden bootjes gebouwd, vlotten ontworpen en kajaks gehakt uit boomstammen. Een ongekende armada stond op het punt te beginnen met slechts één doel: Bonanza Creek bij de Klondike River. Rivieren en meren werden gebruikt als waterwegen om noordelijk te trekken. Menigeen had nog nooit een hamer vastgehouden,

maar de goudkoorts maakte de meest onhandige ‘bank klerk’ een handige timmerman.
Sommigen waren in totaal bijna negen maanden onderweg om uiteindelijk Dawson City te bereiken. Het stadje dat net als Skagway als tentenkamp begon maar in no time uitgroeide tot een bloeiende gemeenschap met kroegen, bordelen en hotels.
Men kwam hier natuurlijk om te zoeken naar goud. De oevers van Bonanza en Eldorado Creek werden verdeeld in claims. Had je mazzel, dan was je eigenaar van een claim. Had je pech, dan werd je loonslaaf om onder barre omstandigheden iemand anders rijk te maken.
Veranderd voor het leven
Twee jaar in totaal heeft de goudkoorts geduurd.
Sommigen keerden steenrijk terug… sommigen niet. Maar iedereen die terugkwam was veranderd voor het leven. Met een nieuw soort zelfvertrouwen konden ze de wereld aan. En dat in de wetenschap dat alles wat de moeite waard is in deze wereld nooit vanzelf komt. Heden ten dage is de goudkoorts uit 1897 nog steeds te zien en te voelen. Skagway en Dawson City zijn weliswaar toeristisch, maar ademen nog steeds de sfeer van toen. De botten van de paarden liggen nog steeds langs de Chilkoot Trail en bij de Discovery Claim in Bonanza Creek kun je nog steeds naar goud zoeken. Op deze plek vonden George en Kate Carmack, Skookum Jim Mason en Dawson Charlie op 17 augustus 1896 de eerste goudklomp. Nooit wetende wat die ene vondst teweeg zou brengen.


Waar destijds een paar honderd kilometer verderop in Dawson stoere en eenzame mannen op zoek naar goud waren werd er in Keno zilver gedolven. Ook door stoere doch eenzame mannen. En wat hebben die nodig om hun misère te vergeten? Juist….drank en dames. Stoere dames die hun mannetje staan zagen hier hun kans schoon. Je kunt daar alles over lezen in het Keno City Museum. Voor het entreegeld hoef je het niet te laten: $5 per persoon. Kom daar maar eens om in het Rijks! Een groot gedeelte van dit museum is gewijd aan de dames van plezier.
De dames van plezier werden sporting girls genoemd. Want ze bedreven allerhande soorten sport: illegale handeltjes in whisky en andere versnaperingen zoals tabak. Bovendien werden de mijnwerkers op een ander gebied koest gehouden. Welk gebied dat dan was, dat laat ik aan uw eigen fantasie over. Een aantal namen kom je vast en zeker tegen als je door de Yukon rijdt. Zoals Bombay Peggy, tegenwoordig een gezellige kroeg in Dawson (cash only!!). Peggy was ook zeer ‘sportief’. Spannende naam ook terwijl deze dame gewoon Vera Dorval heette. Geboren in Australië. Na een bombardement in Shanghai vluchtte ze via Bombay naar de Yukon in 1943. In Azië had ze een affaire met een piloot die haar bombardeerde met cadeautjes vanuit zijn vliegtuig. Maar hoezo de Yukon? Op de kosten van haar tante ging Peggy naar dit afgelegen gebied. Peggy moest op zoek naar een vermiste oom. Eén of twee keer per jaar had ze contact met haar tante. ‘Het gaat goed hoor, ik ben hem bijna op het spoor.’ Ondertussen vermaakte ze zich uitstekend met het ontwerpen van kleding en handschoenen. Met hulp van tantes sponsorgeld kocht Peggy een bordeel in 1950 in Dawson. Op haar bezoeken aan Keno bracht ze dames mee en illegale alcohol en dat zorgde weer voor extra inkomsten. Sportief toch?
Dan hebben we nog een Française. Met de niet zo Franse naam Mathilde ‘Ruby’ Scott. In haar jonge jaren zocht ze het avontuur in Parijs. In 1925 had ze haar eigen business als ‘madam’ in Straatsburg. Tegen de tijd dat ze naar Noord-Amerika kwam was ze een routinier in het bestieren van huizen van plezier. In San Francisco ontmoette ze een dame die naar Keno ging. Want daar werden mijnwerkerskampen opgericht. Dus veel mannen, dus…business!
Maar ze wilde haar ‘sport’ zelfstandig uit kunnen oefenen dus vertrok ze naar Dawson City en opende Ruby’s Place. Het werd een succes want de voorraad alleenstaande mannen was ruim. Ze stelde de prijs gelijk aan het loon dat de mannen verdienden in de goudmijn: één keer voor $5 en $20 voor de hele nacht. Sportief toch? Ruby had nóg een reputatie: ze was te vertrouwen en een goede kok. Ze gaf mensen een veilig gevoel en zorgde goed voor hen. Daardoor heeft ze haar business best lang vol kunnen houden tot 1961. Een keer per jaar bezocht ze haar zus en vrienden in Keno City. Maar waarschijnlijk ook om te checken hoe de sportieve business er aldaar aan toeging…. Wat de reden ook was, Ruby was een graag geziene sporting-inmiddels-lady in Keno.
In Dawson is nauwelijks een straat geasfalteerd. Geen idee waarom niet, maar het zal met de permafrost te maken hebben. En het geeft natuurlijk ook een bepaalde look-and-feel. Denk de bemodderde truckcampers en de hippe Jeep Wranglers eruit, denk paard en wagen erin, en je waant jezelf in een pief-pafpoef-stadje uit een John Wayne-film. Je kunt er over de weg op twee manieren komen: natuurlijk over de asfaltweg vanuit de Yukon, óf vanuit Alaska, over de gravelroad die de Top of the World Highway heet, maar dan heb je ook een ferry nodig over de Yukon River. Dat is een ander verhaal, daar kom ik later op terug. Wat is er allemaal te doen in Dawson City?


Boek een georganiseerde wandeltocht bij Parks Canada. Een toegangskaartje koop je in het Visitor Centre, waar de medewerksters in wijde rokken tot op de enkels lopen, met daaronder rijglaarzen. Je waant je in 1800zoveel. De tourguide draagt een driedelig zwart pak met bolhoed. Het voordeel van een tour behind the scenes is dat je daadwerkelijk behind the scenes komt: het oude, tot museum ingerichte postkantoor gaat voor je open. Je mag de saloon van binnen bekijken. Je hoort nog net niet het pianogepingel en je ruikt de whisky en sigarenrook óók nog net niet. Mr. Bolhoed vertelt je over het meetsysteem van het goud in de bank, waar de goudzoekers bestoft, vies en uitgeput binnen kwamen sloffen, in de hoop dat ze gillend rijk zouden worden. Maar de bank is niet voor niets de bank, dus de opbrengst viel vaak tegen. De ontgoochelde goudzoeker slenterde naar de overkant, naar de saloon. De teleurstellende goudopbrengst werd geconsumeerd aan whisky of andere geneugten des levens – lees: dames. Een leuke wandeltrip door de tijden van weleer, en dat alles voor ongeveer $15 per persoon. Je bent er zo anderhalf uur zoet mee!

De weg ernaartoe is niet spectaculair. Vanwege het geplaveide asfalt? Je rijdt Dawson uit en slaat links de Dome Road op. Na vijf slingerbochten sta je binnen een kwartiertje boven op dit uitzichtpunt. Je kunt de Dome afwandelen, maar dan ben je wel even bezig. Je kunt de Dome af fietsen – doen de remmen het goed?
Maar je kunt er natuurlijk ook gewoon lekker van het uitzicht genieten. Neem een mooi boek mee en een lekker drankje, en staar een tijdje voor je uit. Beetje mijmeren. Bij goed weer zie je boven de Top of the World Highway liggen en beneden de Yukon River. Fenomenaal uitzicht over de Klondike Valley. En ook hier raak je zomaar aan de praat met andere mensen. Ben je heel vroeg of laat in het seizoen, dan zie je misschien de Northern Lights door de lucht walsen!
Op de terugweg kun je nog even langs de kerkhoven rijden, waar de goudzoekers hun eeuwige roes liggen uit te slapen.



Behoefte aan een uitstapje met de eigen benenwagen? Wandel dan de George Black Ferry op vanuit Dawson. Eenmaal aan de overkant loop je rechts de Yukon River Campground op. Je hoeft niet te betalen. Je hoeft je ook nergens aan te melden. Er is geen ontvangstbalie, geen gids met een vlaggetje, geen audiotour. Er staat geen bordje met Paddlewheel Graveyard, ook geen pijl. Maar wij weten de weg: aan het einde van de camping loop je een stukje over het strand en zie je in de verte hopen ongeordende planken en metaalschroot. Hoe dichterbij je komt, hoe meer er langzaamaan een model zichtbaar wordt: het model van een boot. Hier en daar een grote stoombootschoorsteen. En zo’n ronddraaiend ijzeren rad aan de achterkant, dat nu dus verroest op de letterlijke schroothoop ligt. Uit te rusten. Het gedane werk zit er al járen op. De plek voelt als een verlaten filmset. Je verwacht bijna dat Jack London uit de bosjes komt lopen. Tijdens de Klondike Gold Rush groeide het afgelegen Dawson City uit tot een bruisend centrum vol hoopvolle goudzoekers, ondernemers en andere gelukzoekers. Maar er was één probleem: hoe kreeg je al die mensen, voedsel, gereedschappen en goederen tot diep in de wildernis? De oplossing lag op het water: de Yukon River werd de levensader van de regio. De houten sternwheelers werden gebouwd in Whitehorse of verder stroomopwaarts. Rond 1900 was het een drukte van belang op het water tussen Whitehorse, Dawson City en andere nederzettingen langs
de rivier. Ze vervoerden passagiers, zakken meel, tonnen dynamiet en houten kratten vol proviand. De boten waren vaak sierlijk, met houten ornamenten, meerdere dekken en soms zelfs salons – een soort drijvend hotel voor wie zich dat kon veroorloven. Voor veel dorpen langs de rivier waren deze boten het enige contact met de buitenwereld.
Maar in 1942 werd de Alaska Highway aangelegd – in negen maanden tijd! Over de rivier, stroomafwaarts, duurde het doorgaans drie tot vijf dagen van Whitehorse naar Dawson City. Op de terugweg deed je er een paar dagen langer over. De opkomst van vrachtwagens en de betrouwbaarheid van vliegtuigen maakten het vervoer over water te traag en te duur. Wat ooit de snelste verbinding was met de bewoonde wereld werd nu een omslachtige omweg. De raderboten werden steeds minder gebruikt, tot ze uiteindelijk volledig uit de vaart verdwenen. Bij Dawson City verzamelden zich in de loop der jaren verschillende van die verlaten boten op één plek. Hier ontstond het scheepskerkhof. Sommige boten zijn daar letterlijk vastgelopen tijdens de jaarlijkse overstromingen van de Yukon River, andere werden opzettelijk geparkeerd. De natuur nam langzaam de controle over: onkruid groeide door de dekken heen en bomen schoten op uit de kiel. Dit is geen museum, maar een plek waar de geschiedenis gewoon blijft zoals die was – en waar de natuur z’n eigen gang gaat.
The place to be tijdens een verblijf aan Dawson City. Diamond Tooth Gerties is opgericht in 1971 en vernoemd naar een illustere dame genaamd Gertie Lovejoy. Inmiddels is het het oudste en meest bekende casino van Canada. Maar is het wel een casino? Je kunt er namelijk prima eten, er is een gezellige bar met veel locals en op vaste data vind je er de beroemde cancanshow. Maar let wel op, voordat je het weet sta je op het podium, weten we inmiddels uit ervaring. Diamond Tooth Gerties is zeven dagen per week open van begin mei tot half september. De rest van het jaar alleen op vrijdag- en zaterdagavond. Uw verslaggeefster kreeg haar benen niet meer in de nek, maar de spagaat ging nog vrij aardig – totdat de bergschoenen een halt toeriepen.

In Dawson City kom je een drinkervaring tegen die je nergens anders ter wereld vindt. In de historische Sourdough Saloon kun je deelnemen aan het beroemdste drankritueel ooit bedacht: de Sourtoe Cocktail. Wat is het precies? Een shot whisky, geserveerd met een bijzonder ingrediënt: een gemummificeerde, échte menselijke teen. Ja, je leest het goed. Geen grap. Geen replica. Een echte teen, zorgvuldig bewaard. Volgens de legende verloor een smokkelaar in de jaren twintig een teen door bevriezing en bewaarde die in alcohol. In 1973 vond kapitein Dick Stevenson de teen en stopte hem in een drankje – zo ontstond deze cocktail. Sindsdien zijn er meerdere tenen gedoneerd. De regels van het ritueel zijn even simpel als berucht: ‘You can drink it fast, you can drink it slow. But your lips must touch that gnarly toe.’ Wie deze uitdaging succesvol voltooit, krijgt een officieel certificaat, wordt opgenomen in de Sourtoe Cocktail Club én verdient levenslange opscheprechten. Al duizenden reizigers van over de hele wereld gingen je voor. Het is misschien een beetje raar, maar één ding is zeker: je zult het nooit vergeten.

Deze ferry heb je nodig om in Dawson City te komen als je vanaf de Top of the World Highway arriveert. Of als je vanuit Dawson naar Alaska wilt rijden. Dawson ligt immers aan de Yukon River en er is geen brug. Let op: de ferry gaat meestal pas varen vanaf half mei –vóór die tijd ligt er nog te veel ijs. In de winter rijden de mensen die aan de overkant moeten zijn gewoon met hun dikke Ford eroverheen, of ze gaan lopend. Eén keer per week ligt de ferry stil om alle techniek na te lopen, tussen 5 en 7 uur. De ferry is gratis en vaart 24/7. Tenzij er technisch iets mis is of Moeder Natuur niet meewerkt – dan sta je vast. Het is daarom van levensbelang om de ferry snel weer in de vaart te krijgen; ze maakt immers deel uit van het ‘snelwegsysteem’. De drukste tijd is tussen 7 en 11 uur Dawson úít en van 14 tot 18 uur Dawson ín. Hou daar rekening mee, want de ferry is niet groot. Wil je gewoon naar de overkant en


heb je de auto niet echt nodig, ga dan lekker te voet. Bijvoorbeeld naar de camping aan de overkant of de Paddlewheel Graveyard.
Klondike Kate klinkt als een dijk, maar heeft helaas de coronatijd niet overleefd. De hotspot voor ontbijt en lunch in Dawson is tegenwoordig BonTon. Alles biologisch en uit eigen keuken. ’s Ochtends zijn ze open voor thee en koffie met een lekker taartje. Onder het motto shared dining kun je op donderdag-, vrijdag- en zaterdagavond smullen van locally grown Yukon food. Er zijn twee sessies: om 18 uur en om 20 uur. Reserveren is sterk aan te raden! Handig detail: kies je voor de sessie van 18 uur, dan kun je daarna nog mooi naar de eerste show bij Gerties. Het personeel is heel divers. Maar dat geldt eigenlijk voor heel Dawson., je ziet er veel LHBTQ+-mensen.
Gek is ook dat de zon niet ondergaat – althans, niet in de zomer. Mensen knopen zonder blikken of blozen een praatje met je aan. Nieuwsgierig waar je vandaan komt. Omdat je kleurige kleren draagt. En een muts op hebt. En sowieso een lange broek, omdat het rond de 10 graden Celsius is. Maar voor iemand die gewend is aan min 30, is plus 10 lekker warm, dus die loopt gewoon in korte broek. Je kunt met gemak drie nachten verblijven in Dawson. Lekker, en een beetje gek.



Het woord ‘majestueus’ gebruik ik expres niet, want dat is een veel gebruikt ChatGPT- danwel AI-woord. En daar doen wij bij GoCanada liever niet aan. Wij vertellen graag uit eigen ervaring. Bovendien, die hele Dempster gaat veel verder, letterlijk en figuurlijk, dan AI. Hij is té groot en té onbevattelijk, zelfs voor AI.
Dus bij deze een persoonlijke poging om deze geweldige trip te beschrijven. We schrijven de eerste paar dagen in de maand juni.
TEKST JESSICA KRIJGSMAN EN VIVIAN DE GRAAFF-TERLINGEN

We beginnen bij het begin, en dat begin ligt op ongeveer veertig kilometer ten oosten van Dawson City. Om precies te zijn bij de Dempster Corner, die afslaat op de Klondike Highway. Kan niet missen. Officieel eindigt de Dempster in Inuvik. Maar vanaf daar kun je helemaal doorrijden tot aan de Arctic Ocean. The place to be aldaar is Tuktoyaktuk. In de volksmond Tuk. Eind van de weg. Eind van de wereld. Als je de Dempster oprijdt, laat je het asfalt letterlijk en figuurlijk achter je. Er zijn bochten, hier en daar een ravijn, geen vangrails. Soms rij je langs een paar hutjes waar (waarschijnlijk) locals wonen, of mensen die de weg onderhouden. Urenlang geen tegenligger

te zien. En áls je een tegenligger hebt, zwaai je even naar elkaar. Even bij elkaar checken of alles oké is. En stof. Heel veel stof. En, als het geregend of gesneeuwd heeft, prut. Heel veel prut. Wees dus voorzichtig met het stof: je ziet de auto/camper die vóór je rijdt nauwelijks. Wees voorzichtig met de prut. Want dan kun je gaan glijden.
Bewuste keuze
De Dempster is geen route die je toevallig tegenkomt op weg naar iets anders. Wie hier rijdt heeft er bewust voor gekozen. Vanwege de ervaring. Pippi Langkous zei: ‘Ik heb het nog nooit gedaan dus ik denk dat ik het


wel kan.’ Maar wees voorbereid. Voorbereid op je vervoermiddel, dat het liefst 4WD is. Op een motor is dat lastig natuurlijk, die 4WD. Maar er zijn genoeg motorrijders die het lukt om in Tuk te geraken. Do the Dempster op een degelijke motor!
Wees voorbereid op het grote ‘niks’. Want er ís nagenoeg niks. Behalve het landschap. Denk ook niet dat je onderweg wel even een latte macchiato kunt halen. Er is niks. Nou vooruit, halverwege kun je op Eagle Plains een regular coffee uit de percolator tappen.
Het gaat om de reis ernaartoe. De natuur en al je avonturen onderweg is de bestemming als het ware. Een ervaring die je de rest van je leven bijblijft. In al die leegte is er toch veel te zien. Zie je de rode GoCanadasticker zitten op het NWT-bord? Het Arctic Circle-
bord is natuurlijk een landmark an sich. Om de haverklap is het landschap nét even anders. Hele stukken prima te rijden weg. Andere stukken minder van kwaliteit met scherpe stenen, gravel en kuilen. We hebben vijf tegenliggers gehad vanaf Tombstone. Ook nog beestenwerk op de weg. Mama beer met twee jonkies. Een eland die je een tijd lang aan staat te staren. Zo van ‘ga jij eerst of zal ik?’. En dan kom je na vijf uren stof rijden bij Eagle Plains: een benzinestation, een hotel met morsige kok, een geweldige bar met veel beestenwerk aan de muur. De campground is een parkeerplek met hier en daar een BBQ. Geweldig als je hier bent met wat hogere temperaturen. Uw verslaggeefster was daar met een graad of 10. Diesel is op deze plek vanzelfsprekend aan de prijs, rond de CA$2,50 de liter. De dieseltankmevrouw bevestigde dat het nog wel twee weken kan duren
William John Duncan Dempster (1876–1964) was van de Royal Northwest Mounted Police, de voorloper van de huidige Royal Canadian Mounted Police (RCMP). Hij werd vooral bekend door zijn ontdekkingstochten door de wildernis van de Yukon en Northwest Territories in het begin van de twintigste eeuw. In 1911 leidde meneer Dempster een reddingsmissie naar vermiste postkoeriers die onderweg waren van Fort McPherson naar Dawson City. De omstandigheden waren extreem: temperaturen tot -50 °C, diepe sneeuw. Hoe doe je dat??? Dempster en zijn team slaagden erin om de lichamen van de omgekomen koeriers te vinden en terug te brengen, een prestatie van formaat die veel respect afdwong. Het toonde niet alleen zijn uithoudingsvermogen, maar ook zijn kennis van de regio, het klimaat en de cultuur van de inheemse bevolking. Vanwege zijn uitzonderlijke toewijding aan de noordelijke gemeenschappen werd de latere gravelweg naar de poolcirkel naar hem vernoemd: de Dempster Highway. Hoewel hij zelf nooit de weg heeft kunnen rijden, staat zijn naam symbool voor de verbinding tussen de zuidelijke en noordelijke delen van Canada. Maar bovenal voor het doorzettingsvermogen dat nodig is om in dit landschap te overleven. En dat geldt nog steeds vandaag de dag. In het Eagle Plains Hotel kun je het verhaal nog eens nalezen. Daar hangen allemaal foto’s met bijschrijft over deze bijzondere man die in een bijzondere tijd leefde.

voordat de ferry gaat varen. Ferry? Daarover straks meer. We besloten evengoed om tot de Peel River te rijden. Want alles is mooi hier. Jongejonge wat een feest!
Het plan was om in mijn groene polkadot-bikini een dip te doen in de Arctic Ocean. Ik had zelfs bijpassende teenslippers gekocht bij de Dollarama in Whitehorse. Zodat je makkelijker over de oceaankiezels kan lopen terwijl je je verbijt aan de waterkou die je de adem beneemt, aldus deze ervaringsdeskundige. Maar zonder drama geen verhaal: we hebben het niet gered om helemaal naar Tuktoyaktuk te geraken. Want dan heb je twee ferryovertochten nodig. De eerste is over de Peel River, bij Fort McPherson. De tweede over de MacKenzie River en dan kun je door naar Inuvik. En van Inuvik naar Tuk ligt een goed begaanbare asfaltweg. Blijkbaar. Want die heb ik dus niet kunnen aanschouwen.
Het zat zo: ik denk dat we een week te vroeg waren. Als het voorjaar warmer was geweest, had het zomaar wel gelukt, dan was het ijs allang gesmolten. En dan had de ferry operabel kunnen zijn. Maar het is een heel koud voorjaar geweest. Nu lagen er nog te veel ijsschotsen in de rivier. Plus boomstammen en ander spul dat niet in de rivier thuishoort maar wel in de weg ligt voor de ferry. Koud was het nog steeds! We stonden in minus vier graden ergens langs de kant van de weg te kamperen in een sneeuwstorm. Zonder bereik, zonder ook maar enig teken van leven in de verste verre omtrek. Maar… als we het wel gered hadden, dan had het zo maar gekund dat we niet op tijd terug in Whitehorse zouden zijn. Want op de terugweg had het zomaar kunnen zijn dat de ferry’s niet zouden varen in verband met te hoog water. Dus verwacht het onverwachte, de natuur is hier de baas.


Ja… dat is een vraag. Want hoe ga je om met het vooroordeel dat aan cruisen hangt? Want dat is er absoluut, dat vooroordeel. Het klopt: er varen veel Amerikanen mee. Maar ze willen ‘allemaal’ weten waar je vandaan komt, want met je hippe jurk val je nogal uit de toon. Dan maak je een gezellig praatje en blijkt hun vader, tante of oma uit Friesland te komen. Of met twee ruim tachtigjarige zussen die aan het begin van de Tweede Wereldoorlog van Oostenrijk naar Duitsland zijn verhuisd met hun moeder. Nou dan slaat de fantasie wel op hol natuurlijk. Kortom heel interessante gesprekken aan de dinertafel als je open seating hebt. En als je vroeg in de ochtend geen zin hebt in een beschuitje met vreemden, dan vraag je gewoon om een tafeltje voor twee (als je met z’n tweeën bent).
Welk vooroordeel kan ik nog meer bedenken? O ja, ‘iedereen’ die op cruise gaat is hoogbejaard. Nou bij lange na niet iedereen hoor. Er zijn mensen die net met pensioen gegaan zijn en zichzelf dan een cruise cadeau doen. Er varen jonge gezinnen mee, alleengaanden, stellen, al dan niet LHTB-A tot en met Z. Je komt van alles tegen. En weet je: er zijn Pride-borrels, er is een young adults-club voor de tieners. Voor ieder wat wils dus.
Er zijn veel plekken op het schip waar je lekker op een deck chair (what’s in a name) een boekje kunt lezen of het landschap aan je voorbij kunt zien golven. Op je balkonnetje bijvoorbeeld. Veel mensen hebben een T-shirt aan van waar ze de vorige cruise gemaakt hebben. Vorige cruise? Jazeker! Er varen fervente fans mee op het schip hoor! Waarom? Nou omdat je nergens over na hoeft te denken. Dus optimaal vakantiegevoel. Je hebt altijd aanspraak als je dat wilt. En ja, een ‘Love Boat-romance’ kan je ook zomaar overkomen als je naar elkaar staat te lonken op de Orange Party.
Na een dag walvissen turen vanuit het Crow’s Nest is het gewoon leuk om je op te frissen, een mooie blouse aan te trekken, een cocktail te drinken en aan tafel te gaan. Zorgeloos. Chique als je dat wilt. Maar het hoeft niet. En voor diegene die bang worden van een uniform: Captain’s Dinner is afgeschaft!
Zit je vol van al die Sockeye’s met lemon butter en smakelijke erwtensoep? Dan loop je een paar rondjes over deck 3. Althans dat is op de Nieuw Amsterdam van de Holland America Line het promenade deck.
Nog een vooroordeel weerleggen: Vanaf het water ziet de wereld er heel anders uit. Bovendien zijn Juneau (walvissen!!) en Ketchikan (totempalen!!) niet te bereiken over land. Want er gaat geen weg naartoe. En dan heb ik het nog niet eens over College Fjord: zeven gletsjers die uitkomen op de zee in één fjord. Allemaal vernoemd naar een universiteit in Amerika. Yale en Harvard zijn de grootste gletsjers uiteraard... Het personeel staat voor je klaar. Met een glimlach. Kom daar maar eens om in Amsterdam. Al met al dus genoeg redenen om wél op die cruise te gaan.
To cruise of not to cruise? That is not a question. Ik zeg: GoCruise!! En als je na ‘de woelige baren’ nog niet genoeg hebt van dat mooie Canada dan combineer je de reis toch gewoon met een camper? GoGoGo!

SILVER TRAIL
Officieel is dit Yukon Highway 11, die Mayo en Keno verbindt met de Klondike Highway bij Stewart Crossing. De naam zegt het al: er werd zilver gewonnen. En nog steeds trouwens. Qua route is de weg niet zo heel spannend. Helemaal als je net van de Dempster afkomt. Geen diepe afgronden, gewoon goed berijdbaar asfalt, althans het eerste stuk tot aan Mayo, geen krappe bochten. Ontluikende zilverberkjes, frisgroene blaadjes aan de bomen met vergezichten. Geef voorrang aan de elanden en wellicht sjokt er een beer met je op, terwijl jij in de auto langzaam met hem/haar meerijdt. In de verre verte zie je de regenbuien hangen tussen de lage bergen. Mayo is een vredig dorpje aan een rivier met één general store en geen enkel fatsoenlijk restaurant. Wel vond uw verslaggeefster een houten hut waar pizza werd gebakken. De ‘opkamer’ dient als restaurant: één grote tafel met plek voor krap aan vijf personen. Binnen de kortste keren raken we weer aan de praat. De pizzabakker was op z’n zevende vanuit Puglia verhuisd naar Canada met z’n ouders. Hij heeft ook een restaurant-achtig-iets in Keno. Met bijbehorende B&B. Het Bedgedeelte bevindt zich dan in een uitgerangeerde schoolbus. Het verhaal achter de Silver Trail is wél spannend. Je zou er een Netflix-serie van kunnen maken. (Lees ook ons stukje over de Sporting Girls bij het Gold Rush-artikel.)

Dan heb je er al heel wat spannende wegen opzitten, zoals de gravelweg naar Eagle en de Dempster en dan ‘moet’ je nog over de South Canol Road. Maar…het was een geweldige afsluiter van een geweldige trip! We starten bovenaan, bij de Lapie Canyon, en dat ligt op de kaart gezien bij Ross River. Waar een South is, is ook een North. Op de North mag je niet rijden van camperverhuurders Fraserway en CanaDream. En als de North nóg beroerder is dan de South, dan snap ik dat helemaal. Waar mensen enorm ingewikkeld doen over The Dempster blijkt die dus een ‘walk in the park’ in vergelijk met de Canol Road. Dat is een afkorting voor Canadian Oil. De ruwe olie vanuit de Northwest Territories werd langs North en South Canol Road getransporteerd om de troepen ‘verderop’ te voorzien die aan de Alaska Highway aan het werken waren. We hebben het nu over de jaren ‘40 vorige eeuw. Er is sinds die jaren weinig substantieel onderhoud meer gepleegd aan het wegdek op de South Canol Road. Althans zo lijkt het. Potholes, andere soorten gaten op de weg, laaghangende takken over de weg waar je de camper aan kunt beschadigen, stof, stof en nog eens stof, anderhalve tegenligger (een truck met een enorme caravan achter zich aan trekkend) op een stuk waar je elkaar gelukkig net aan kunt passeren. Het vergt moed, lef en stuurkunst. En dat hebben de Verkering en ik.
Hou rekening dat er niks, maar dan ook helemaal niks te bevoorraden is onderweg. Start dus met een volle tank. En genoeg te eten in de koelkast. De hoge bergen in de verte hebben nog sneeuw op de top. En dat geeft een mooi contrast met de opbloeiende paarse lupines en de frisgroene blaadjes aan de berkenbomen. Meertjes waar je zo een eland in zou kunnen zien pootjebaden.
Op veel plekken ligt poep op de weg. Maar helaas geen béren op de weg gezien. Smalle houten bruggen waar je maar met één voertuig tegelijk overheen kunt. De weg is ruim 200 kilometer lang. En hele stukken kunnen we maar 20 kilometer per uur rijden. Dus denk in uren, niet in kilometers.
Om de afstand op te breken overnachten we op Quiet Lake South Campground. Er is ook een Quiet Lake North… uiteraard. We zijn wederom de enigen. Het is bijna half juni! $20 in een envelopje, in de brievenbus en we hebben onszelf geregistreerd. Nu is het natuurlijk best Nederlands om dat achterwege te laten, helemaal als je alleen op een camping staat. Maar vergeet niet dat van die $20,- de campground onderhouden wordt en er firepits en een flinke houtvoorraad worden aangelegd waar je gratis gebruik van mag maken. Ook worden de pit-toilets voorzien van wc-papier. We staan wederom pal aan het water. Heerlijk fikkie gestookt, steak erop, groente erbij en vroeg naar bed!
Op het tweede gedeelte kwamen we zowaar nóg een tegenligger tegen. Nummer twee op die hele route. We staan even naast elkaar stil, wat trouwens maar net aan gaat, de raampjes werden opengedraaid. En kletsen maar. Bob en Shelley vertelden dat ze in de buurt van Revelstoke woonden. Oh, waar dan precies… ’Oh you probably never heard of it’. Oh maar hoe heet het dan? Kaslo toevallig?? ‘Nou hoe
weet je dat, hoe komt het dat je dat kent?’ Dus ik uitleggen dat ik voor GoCanada werk. Afijn, een kwartier later hadden we hun e-mailadres en als we ooit in de buurt waren moesten we zeker eens langskomen. Only in Canada. Waar maak je vandaag de dag nog zoiets mee?

TOP OF THE WORLD HIGHWAY
Met ons dichtgeslibde wegennet, althans in de Randstad, kunnen wij het ons slecht voorstellen: maar er loopt dus een weg van ruim honderd kilometer over een bergrug die je het gevoel geeft dat je letterlijk on Top of the World rijdt. Deze weg heet dus niet voor niets zo. Laat het liedje van The Carpenters uit je speakers knallen om het feest compleet te maken. Een Highway to Hell (AC/DC) is het absoluut niet. Tenzij je een lekke band krijgt of de benzinetank is leeg. Maar dat is vergezocht. Er is wel vergezícht. Over eindeloos veel bergtoppen. De weg ligt op ongeveer 1.300 meter hoog. Waar is het? Deze gravel road verbindt Dawson City (eerst een stukje met de gratis ferry) met de Alaska Highway. De weg is over het algemeen open van half mei. Maar dat hangt af van de weersomstandigheden. Zeer kleurrijk in de herfst. Maar hou rekening met het feit dat vanaf half september de weg sluit. Ook in verband met de weersomstandigheden. En als je niet over de Top of the World Highway kunt rijden, dan kun je ook ‘het achtje’ niet rijden. Verderop in dit magazine leggen we je ‘het achtje‘ uit. Onderweg is er ‘niks’ behalve de noordelijkste USA-Canada-grensovergang. Als je Alaska inrijdt is het plots een uur vroeger. En je hebt een ESTA nodig om Alaska in te mogen want je gaat naar Amerika. De grensovergang is open van 9 – 21 uur Canada-tijd. Daarna gesloten! Vergeet niet om hier en daar een

wandelingetje te maken. Bijvoorbeeld bij Castle Rock. Want het is zonde om deze prachtige route ‘af te raggen’. Zorg voor een goedgevulde benzinetank!
DENALI HIGHWAY (HIGHWAY 8)
Deze niet-geasfalteerde weg van zo'n 215 km begint bij Paxson aan de Richardson Highway en eindigt bij Cantwell aan de Parks Highway. Doordat hij over de toendra loopt is er weinig begroeiing en heb je een fantastisch uitzicht op onder andere de bergen van de Alaska Range. Onderweg passeer je kleine meertjes en rivieren die voor een leuke afwisseling zorgen in het uitzicht. Bovendien zie je daar vaak vogels en misschien ook wel een kariboe (wapiti-hert). Er zijn verschillende plaatsen aan de kant van de weg om te stoppen voor een wandeling of om te genieten van het uitzicht. Met je camper mag je op de meeste plaatsen ook overnachten. MacLaren Summit (MP 37) is door zijn hoge ligging heel geschikt om te genieten van het uitzicht. Clearwater Creek Wayside (MP 55,5) is de beste plaats om met je camper te overnachten. Deze parkeerplaats ligt aan een rivier en heeft ook een toilet. Bij helder weer kan je op het laatste deel Mount Denali zien. Deze indrukwekkende berg torent hoog boven alles uit, maar is slechts zelden goed te zien. Van oktober tot half mei is de weg gesloten. Meestal is de kwaliteit van de weg beter in het voorjaar, omdat er dan minder verkeer overheen is gegaan en er dus minder hobbels en kuilen zijn.

RICHARDSON HIGHWAY
Ondanks dat deze weg geasfalteerd is, vinden we dat hij hier wel genoemd mag worden als bijzondere weg. Hij begint in Valdez en eindigt bijna 600 kilometer verderop in Fairbanks. Het mooiste deel van deze weg ligt echter tussen Valdez en Paxson waar je onder andere over de Thompson Pass rijdt. Tot ver in het voorjaar kan er nog sneeuw op of langs deze pas liggen. Je hebt hier prachtig zicht op bergen, gletsjers en watervallen. Doordat het een belangrijke weg door Alaska is wordt hij het hele jaar door onderhouden.

De iets minder jongeren onder ons denken bij Planes, Trains and Automobiles (1987) waarschijnlijk meteen aan de comedyklassieker met Steve Martin en John Candy als Neal en Del: twee totaal verschillende mannen die noodgedwongen samen reizen richting Chicago en onderweg van alles meemaken. Wij houden wel van een vleugje humor en gebruiken deze titel graag voor een serie bijzondere excursies die je roadtrip per camper of auto nét iets extra’s geven: per vliegtuig, trein, 4WD en zelfs per helikopter.
TEKST JESSICA KRIJGSMAN EN VIVIAN DE GRAAFF-TERLINGEN






Linkerpagina vanaf linksboven met de klok mee Onze scenic flight boven Kluane staat klaar; Bas en Vivian voor vertrek; Closeup van de binnenkant van ons vliegtuig; Jessica en Erica bij Knik Glacier; De cockpit
De iets minder jongeren onder ons denken bij de titel Planes, Trains and Automobiles waarschijnlijk meteen aan de comedy over een roadtrip door de VS vlak voor Thanksgiving, met in de hoofdrollen Steve Martin en John Candy als Neal en Del. Twee uiterst verschillende personen die noodgedwongen reisgenoten worden op weg naar Chicago, terwijl ze onderweg allerlei tegenspoed ondervinden.
Wij houden wel van een goede dosis humor en zien dit artikel als een leuke manier om de roadtrip per camper of auto te onderbreken met een paar bijzonder aantrekkelijke excursies. En je raadt het al: die excursies zijn per vliegtuig, trein en 4WD-auto. En omdat we het zo leuk vinden, doen we er ook nog een helikoptervlucht bij.
Door de enorme uitgestrektheid van de Yukon en Alaska ligt vliegen vaak voor de hand als je ergens heen wil. Het kost nu eenmaal veel meer tijd om over de weg te reizen. Zeker als het gaat om een gehucht zonder wegverbinding of een wildernislodge waar je gaat vissen. In dat geval neem je een (water)vliegtuig.
Veel inwoners van Yukon en Alaska leren eerder een vliegtuig besturen dan autorijden. Vaak gaat het om kleine propellervliegtuigjes, maar tussen de iets grotere plaatsen wordt gevlogen met lijndiensttoestellen.
Het zou een hoogtepunt moeten worden op mijn verjaardag, maar helaas… de weersomstandigheden zaten niet mee. Te veel laaghangende bewolking. Gelukkig zaten wij niet aan een krap tijdschema, dus konden we wachten tot de volgende dag. In de omgeving van Haines Junction is genoeg moois te zien om de wachttijd door te komen.
De volgende ochtend om 8 uur ging de telefoon in de camper: Lukt het jullie om om 9 uur de lucht in te gaan? Tuurlijk lukte ons dat! Dat leert ons alvast twee dingen: zorg dat je mobiel bereikbaar bent in dit soort situaties, en zorg dat je in de buurt bent van het vliegveldje. Op nog geen drie kilometer daarvandaan stonden we op Pine Lake Campground. Dat hadden we de dag ervoor al ingecalculeerd.
Piloot-jongedame Kolkman (haar ouders zijn Nederlands) kreeg pretogen bij het zien van de meegebrachte stroopwafels. Ze stapte in het ieniemienie vliegtuigje — waar in totaal vier mensen in passen — alsof
het haar eigen auto was. Na kort overleg besloten we dat de Fotograaf-Verkering achterin zou gaan zitten. Want als je voorin zit, komen de propellers op de foto, terwijl je ze met je eigen ogen nauwelijks ziet.
Vroemvroem de lucht in en in no time verkeer je in een totaal andere, buitenaardse wereld. Alleen maar samensmeltende gletsjers, met van die zwarte strepen in het midden, waardoor je hun bochten juist duidelijk ziet. Helemáál van bovenaf gezien. Die slingerende gletsjers eindigen onderaan in een azuurblauw watermeer, met ijsbergen die daarin drijven. Niks dan ijs, ijs en nog eens ijs.
We voelen ons klein en nietig, want we vliegen boven het grote, weidse ‘niks’. Maar we kijken onze ogen uit. Het immense besef dat wij mensen hier, in die enorme natuur, geen moer te zeggen hebben.
Na een uurtje staan we weer met beide benen op de grond. Letterlijk en figuurlijk. Een ervaring rijker. Of het in je budget past weet ik natuurlijk niet, maar trakteer jezelf op zo’n once-in-a-lifetime bucketlist-ervaring! En dat voor een bedrag van rond de CA$300 (eind juli 2025). Doen!
Plane - Anchorage
Als ik ’s ochtends wakker word, zie ik de zon aan een blauwe lucht staan en is er nauwelijks een briesje wind. Een uitgelezen dag dus voor een vlucht met een watervliegtuig. Ik ben heel benieuwd, want ik heb verschillende keren in een klein vliegtuigje gezeten, maar nog nooit in een watervliegtuig.
We rijden naar Rust’s Flying Service in Anchorage en passeren bij de luchthaven een stopbord met de tekst Active Taxiway. Even later zien we overal vliegtuigjes geparkeerd staan en nog iets verder liggen er een heleboel watervliegtuigjes aan steigers in Lake Hood. De familie Rust runt al meer dan zestig jaar hun bedrijf en heeft piloten die vaak al langer dan twintig jaar in dienst zijn.
We melden ons in het kantoortje en nemen nog even wat formaliteiten door. Ook moeten we op de weegschaal staan, zodat de piloot straks precies weet hoe zwaar zijn vliegtuig met inzittenden is. Greg, onze piloot, komt aanlopen en begroet ons vriendelijk. Aangezien we de eerste twee passagiers zijn, wordt gevraagd of een van ons voorin naast de piloot wil zitten. Mijn man lijkt dat fantastisch, dus dat is snel beklonken. We wachten nog even op de andere passagiers — een gezin met een jonge dochter — voordat we aan boord kunnen gaan.
In de tussentijd vertelt Greg met welk watervliegtuig we zo meteen op pad gaan. Dat blijkt een Beaver De Havilland (DHC-2) te zijn. Dit leidt meteen tot enthousiaste reacties bij ons. Deze Beaver is namelijk een iconisch Canadees vliegtuig dat zowel met wielen als als watervliegtuig is gebouwd. Tussen 1947 en 1967 zijn er 1.657 exemplaren geproduceerd. Deze stoere, eenmotorige bush planes zijn op veel plaatsen ter wereld gebruikt, onder andere tijdens de oorlog in Korea. De code op de staart is uniek en hiermee kun je de hele geschiedenis van een specifiek vliegtuig terugvinden. Ondanks dat deze vliegtuigen al lang niet meer worden gebouwd, vliegen er nog steeds heel wat rond.
Inmiddels zijn we klaar voor vertrek en krijgen we voor het instappen uitgelegd waar de zwemvesten liggen en alle andere belangrijke informatie. Eenmaal op onze plaatsen testen we de koptelefoons, zodat we Greg en elkaar kunnen horen tijdens de vlucht. Want zo’n klein vliegtuigje maakt behoorlijk wat lawaai!
De motor pruttelt en we ‘varen’ over Lake Hood naar het begin van de startbaan. Greg drukt op knopjes, haalt allerlei hendels over en voor ik het weet vliegen we al.
Iedereen heeft een plaats aan het raam en doordat we niet zo hoog vliegen, heeft iedereen goed zicht op het gebied waar we overheen gaan. We zijn onderweg naar de Knik Glacier tijdens onze anderhalf uur durende Alaska Glacier & Wildlife Tour.
In de omgeving van de gletsjer vliegen meer vliegtuigjes en helikopters; ze houden elkaar onderling op de hoogte. Er is namelijk geen verkeerstoren voor deze vluchten.
We vliegen eerst vlak langs bergen aan de rand van de gletsjer, omdat daar vaak bighorn sheep worden gezien. Vandaag laten die zich echter niet zien. Niet getreurd, want inmiddels bereiken we de Knik Glacier. We vliegen langs de zijkant, zodat je de spleten goed kunt zien. Vervolgens gaan we meer naar het midden en zien we de kleine, helderblauwe plasjes op de gletsjer. Het mooist vind ik echter de maagdelijk witte sneeuw aan het begin van de gletsjer. Zover het oog reikt: een witte vlakte onder een strakblauwe lucht. Nauwelijks te beschrijven hoe indrukwekkend dit is. Even later vertelt Greg dat hij probeert te landen op een gletsjermeer. Daarvoor moet hij eerst een paar keer laag over het meer vliegen om te zien of er niet te veel ijsschotsen liggen. Als hij gerustgesteld is, zet hij de landing in. Zachtjes komen we neer en varen als het ware over het meer. Zodra de motor uitgaat, is het helemaal stil. De liefhebbers mogen voorzichtig uitstappen en
Rechterpagina vanaf linksboven met de klok mee Op het balkon van de White Pass trein; Alsek Valley in een 4x4-jeep; De rit gaat over bruggen en door tunnels; Alaska Highway; Een oude illustratie van de White Pass-trein
even op de drijvers staan — wel oppassen dat je niet in het ijskoude water valt!
Na deze korte stop vertrekken we weer en vliegen terug naar Anchorage. Wat een geluksvogels voelen we ons na deze extra landing. Al met al zijn we ruim twee uur onderweg geweest — meer dan de anderhalf uur die we hadden geboekt. Een ervaring om nooit te vergeten.
Na al het vliegen houden we nu de voetjes aan de grond — of liever: de wielen op het spoor. We stappen namelijk aan boord van de White Pass & Yukon Route Railway in Skagway. Roderick, Jessica, Linda en ikzelf (Vivian) zijn het erover eens dat dit dé excursie is om te doen als je in Skagway bent. Dit stukje spoor neemt je namelijk mee terug in de geschiedenis; die van de goudzoekers van de Klondike Gold Rush uit 1897-1898. (Elders in dit magazine wordt daar uitgebreid over geschreven.)
In het kort komt het erop neer dat de goudzoekers voor een jaar aan voorraden moesten meenemen voordat ze verder mochten trekken richting Dawson City. Dat betekende dat ze verschillende keren de smalle White Pass op moesten lopen om voorraden op de top achter te laten en daarna de weg weer veilig naar beneden te maken — om vervolgens met nieuwe voorraden hetzelfde proces te herhalen.
Al snel werden er plannen gemaakt om een spoorlijn aan te leggen. Er werd hard gewerkt, onder erbarmelijke omstandigheden en bij elk weertype. Helaas was de Gold Rush na twee jaar alweer voorbij en is de spoorlijn dus nooit gebruikt om goudzoekers te vervoeren. Lange tijd werd de trein ingezet om ijzererts te vervoeren, maar die markt stortte in toen de metaalprijs daalde en de mijnen sloten.
Sinds 1988 rijdt de White Pass-trein als toeristentrein, met de White Pass Summit Excursion (2,5 uur) als de belangrijkste rit. Onderweg passeer je de Bridal Veil Falls, de originele Trail of ’98 en Dead Horse Gulch — het punt waar veel paarden in het ravijn stortten toen ze als lastdier werden gebruikt door de goudzoekers. Het spoor kent enkele steile stukken en loopt over verschillende schraagbruggen (trestle bridges) naar de top.
In een historische wagon geniet je van panoramisch uitzicht over het dal en de omliggende bergen. Tijdens de rit wordt op een leuke manier verteld wat er zich vroeger allemaal heeft afgespeeld. Op de top draait de trein om, waardoor je op de terugweg aan de andere kant zit. Er zijn ook mogelijkheden om de terugweg met een bus





te doen, en er zijn diverse opties om de excursie uit te breiden.
Waar we eerder die dag overheen vlogen, verkenden we nu in een 4WD-jeep de Alsek Valley met Yukon Guided Adventures. Niet helemaal de gletsjers op natuurlijk, maar wel door de vallei. Hobbel-de-bobbel over een oud mijnweggetje, en dat vier uur lang. Heerlijk!
Binnen een paar minuten werden we kletsnat door een enorme hoosbui toen we een rotsig uitkijkpunt opliepen.
Maar vijf minuten later scheen de zon alweer en droogden we weer op. Gids David had in het Engelse leger gezeten – bij de mariniers. Dus als er een beer langs zou komen, dacht ik, hoefden we ons geen zorgen te maken: we waren in geoefende handen.
Onderweg dronken we zelfgebrouwen thee van spruce tips (spar, red.). Van de besjes van de jeneverbesboom wordt gin gemaakt. En de knopjes van de esp ruiken heerlijk; die worden gebruikt voor in de badkuip.
Allemaal First Nations-wijsheden.
We sjezen over een gravelbospad, door diepe kuilen in rivierbeddingen vol grijs smeltwater. Het is eind mei, de natuur ontwaakt! Paars ontluikende bloemetjes, frisgroene blaadjes aan de bomen. Geschaafde stammen hier en daar — plekken waar beren hun rug hebben staan schuren om hun territorium af te bakenen.
Tegen de bergflanken zien we witte stippen: schapen. In de verte hangen regenbuien. Helaas geen beren gezien, ook geen elanden of ander groot viervoetig wild. Qua dieren troffen we het niet, maar het landschap was wederom prachtig.
En de gezellige cocktail in de sfeervolle Mount Logan Lodge aan het einde van de trip maakte alles goed. Je kunt de natuur immers niet naar je hand zetten.
Heb je al woeste dingen gedaan in je bestaan — zoals raften, bungeejumpen, paragliden, duiken of een tweeling op de wereld zetten, om maar iets out-of-the-boxerigs te noemen — maar wil je toch nog iets spannends doen? Stap in een helikopter!
Het bedrijf Alaska Helicopters haalt je op bij je accommodatie in Anchorage en na een mooie rit van drie kwartier kom je aan op de vliegbasis in Palmer. Bij de receptie loopt alles als een geoliede machine. Je wordt gewogen. Rugzakken en andere ballast mogen niet mee de helikopter in. Alleen je fototoestel, telefoon of andere
filmapparatuur. Voor de rest van je spullen zijn er kluizen beschikbaar. Op het vliegplatform staan meer dan vijftien helikopters op een rij. Het is een af- en aanvliegen van jewelste.
Na nog geen drie meter vliegen zie je al helemaal niets meer wat ook maar enigszins op beschaving lijkt. Onder je kringelen kleine kreekjes. Van bovenaf lijken het stroompjes, maar als je ernaast zou staan, zijn het rivieren. Grind uit de bergen ligt uitgespreid langs de zijkanten van de gletsjer. IJsbergen drijven. Je wiebelt wat, schudt wat heen en weer, en na luttele seconden bevind je je in een totaal andere wereld. De heli is net een mug die door de onmetelijke ruimte zoemt.
De helikopter landt in totaal drie keer — tenminste, als je de Grand Knik Glacier Tour hebt geboekt. Twee keer land je aan de zijkant van de gletsjer, tegen een steile bergwand. Die blijkt helemaal niet zo steil als je eenmaal geland bent: het heeft meer weg van een alpenweide. In de verte, nog hoger dan jijzelf al staat, witte stippen: bergschapen.
De wind ruist en suist. Er is niks, behalve die heli, je gezelschap en de piloot. Die zo lief is om een hele fotoreportage voor je bij elkaar te klikken. Je brein staat eerst stil van al dat natuurschoon om je heen. Daarna draait het overuren: Wat als de piloot een hartaanval krijgt?
Wat als we terug moeten lopen, weten we dan wel de weg? Wat als dat ding neerstort? Nou ja, dan ben je tenminste gedenkwaardig aan je eind gekomen.
Onze roze-oranje truitjes contrasteren prachtig met de witte gletsjer op de achtergrond en het groen van de alpenwei op de voorgrond. Om de beurt mag een van ons voorin.
De derde landing is op de gletsjer zelf. We horen het lawaai van klaterend water, overal om ons heen. Grote plassen Colgate-blauw water schitteren. Goed uitkijken waar je loopt, want je wilt niet in een spleet glijden. Dan beland je in een slechte film in plaats van een Discovery Channel-documentaire.
Kortom, drie redenen om deze trip te reserveren:
• Kers op de taart van je toch al indrukwekkende reis
• Once in a lifetime
• Bucketlist-ervaring (stom woord; je moet gewoon gaan in plaats van wensen op een lijstje zetten)
Conclusie:
Drie keer minder uit eten en je hebt deze excursie bij elkaar gespaard.

De ruige natuur herbergt een grote verscheidenheid aan wilde dieren. Hier leven de indrukwekkende kariboes, sluwe coyotes en grommende grizzlyberen. In de uitgestrekte Yukon en Alaska – dunbevolkt en grotendeels nog ongerept – is de kans op het spotten van deze dieren bijzonder groot. Ga mee op ontdekkingstocht door een wereld waar een ontmoeting met wilde dieren zomaar dagelijkse kost kan zijn.
TEKST LINDA VISSER-RIJERKERK


De moose (oftewel eland) is het grootste lid van de hertenfamilie en leeft in de uitgestrekte bossen. Ter vergelijking: de schouderhoogte kan wel 2,5 meter bedragen, waarmee hij groter is dan de mens. Met zijn enorme gewei en indrukwekkende lichaamsbouw is de moose een verschijning die je vaak aantreft tussen moerassen, rivieren en dicht bos. Je kunt ze bijvoorbeeld zien bij de Tony Knowles Coastal Trail in Anchorage (langs die trail kun je uitstekend wandelen en fietsen).
Ze leven vooral in gebieden met veel water en dicht struikgewas, waar ze zich tegoed doen aan waterplanten, twijgen en bladeren. Ze zijn vooral actief tijdens de schemering en nacht, maar in de zomer ook geregeld overdag te spotten. Moose leven solitair en zijn territoriaal, behalve tijdens het paarseizoen in de herfst, als ze op zoek gaan naar een partner.

Zowel de grizzlybeer als de zwarte beer leven in deze regio. Ze bevinden zich meestal ver buiten de gebaande paden, maar zijn – zoals eigenlijk alle dieren – met een beetje geluk en respect voor hun leefruimte in het wild te bewonderen. Er zijn diverse lodges waar je met een (water)vliegtuig naartoe reist en waar je onder begeleiding van gidsen verschillende activiteiten kunt ondernemen om deze indrukwekkende dieren te spotten.
De grizzlybeer wordt vaak gezien in open valleien, in de bergen en langs rivieren, vooral van mei tot oktober wanneer hij actief is en zich voedt met bessen, wortels en vis. In juli en augustus vind je hem vooral vissend op zalm bij de rivieren. Toplocaties om grizzlyberen te zien zijn Kluane National Park, Tombstone Territorial Park, Katmai en Denali National Park.
De zwarte beer is kleiner en schuwer dan de grizzlybeer en komt vooral voor in bossen en langs wegen. Hun vacht varieert van diepzwart tot kaneelbruin. Je ziet ze vooral van mei tot september, in de vroege ochtend of tijdens de avondschemering, tussen Watson Lake en Haines Junction en in de Southern Lakes-regio. Tip: ga langs bij het Visitor Centre, daar weten ze vaak of er recent beren zijn gespot.

De kariboe is een hoefdier dat in de wildernis van Noord-Amerika leeft. Met zijn dikke vacht en indrukwekkende gewei is de kariboe perfect aangepast aan de leefomstandigheden van de toendra’s en bossen. Wat dit dier uniek maakt: zowel de mannetjes als de vrouwtjes dragen een gewei. Een van de grootste groepen, de Porcupine-kudde, legt jaarlijks een indrukwekkende tocht van meer dan 4.000 kilometer af. Ze migreren tussen het noordelijke Yukon Territory en het Arctic National Wildlife Refuge in Alaska, altijd op zoek naar voedselrijke gebieden en veilige plekken om hun jongen groot te brengen. In de lente en herfst steken ze moeiteloos de grens tussen Canada en de Verenigde Staten over. Tijdens de wintermaanden vinden de kariboe hun toevlucht in de beschutte bossen van de Yukon, waar ze beter bestand zijn tegen de strenge kou.
De bald eagle (oftewel de Amerikaanse zeearend) is met zijn witte kop, brede vleugels en grote snavel niet alleen een nationaal symbool van de Verenigde Staten, maar ook een must-see voor elke natuurliefhebber. Langs rivieren zoals de Yukon River kun je hem in de zomer zijn nest zien bouwen. In de herfst bereikt het spektakel zijn hoogtepunt bij de Chilkat River in Haines, Alaska, waar de arenden samenkomen om zich te voeden met laat trekkende zalm. Tussen oktober en begin december verandert dit gebied in een levende natuurdocumentaire. Vergeet dus niet om af en toe omhoog te kijken.


Orka’s zijn een bijzonder gezicht in de wateren van Alaska, maar in de Yukon zul je ze niet tegenkomen. De Yukon heeft geen directe toegang tot de oceaan; het territorium ligt landinwaarts en bestaat voornamelijk uit bergen, rivieren, bossen en toendra. Orka’s maken daar simpelweg geen deel uit van het ecosysteem. Vooral tijdens de zomermaanden zwemmen ze in Alaska dicht bij de kust, waar ze jagen op zalm, haring en soms zelfs zeehonden. Orka’s leven in familiegroepen, ook wel pods genoemd, en staan bekend om hun intelligentie, sociale gedrag en indrukwekkende jachttechnieken.
De meest geziene walvis in Alaska is de bultrug. Deze staat bekend om zijn indrukwekkende sprongen (breaching) en zijn zang. Daarnaast vind je er ook de grijze walvis (gray whale), die langs de kust van Alaska migreert tussen april en juni tijdens zijn lange tocht van Mexico naar de noordelijke Beringzee. Wil je walvissen zien tijdens een excursie? De eilandrijke kustregio rond Juneau, Sitka en Ketchikan is ideaal, en met een beetje geluk zwemmen ze vlak langs je boot. Ook Prince William Sound, Glacier Bay National Park en Kenai Fjords National Park zijn populaire plekken om orka’s en walvissen te spotten. Een walvis die uit het koude water van Alaska omhoogkomt, is een moment dat je nooit meer vergeet. Onze tip: ga vroeg, ga stil en neem een verrekijker mee – de oceaan leeft.
Tussen de ruige bergen en eindeloze vergezichten leeft een dier dat zich het liefst op de achtergrond houdt en daardoor vaak over het hoofd wordt gezien: de coyote. Slank, schuw en verrassend intelligent. Herkenbaar aan zijn gehuil en geblaf.
Wie ze wil observeren, maakt de meeste kans in de vroege ochtend of bij zonsondergang, vooral in rustige gebieden met open terrein. In de winter zijn hun sporen bovendien goed zichtbaar in de sneeuw. Een verrekijker en stil gedrag helpen natuurlijk ook.
Coyotes worden vaak gespot bij de Millennium Trail of in de Takhini River Valley, in de buurt van Whitehorse. Ook langs de Alaska Highway bij open gebieden rond Haines Junction en Watson Lake, en bij de meren van Marsh Lake, Tagish en Carcross voelen coyotes zich thuis. Houd dus vooral ook je oren open: als je ze niet ziet, hoor je ze misschien wel.

Het Dalls schaap (of Dall sheep of dunhoornschaap) is een wilde schapensoort die vooral in Alaska voorkomt. Deze dieren zijn herkenbaar aan hun witte vacht en de indrukwekkend gekrulde horens van de rammen. Ze bewegen zich behendig over steile rotshellingen, een ideale omgeving om roofdieren te vermijden. Hun dieet bestaat voornamelijk uit gras, kruiden en andere vegetatie. In Denali National Park zie je ze veel, maar ook op andere plekken met steile hellingen is de kans groot dat je ze tegenkomt.
Waarschijnlijk heb je al gemerkt dat een reis door de Yukon bijna altijd wordt gecombineerd met Alaska. Kijk maar op de kaart: het is eigenlijk heel logisch. Neem de Top of the World Highway die van Dawson City (Yukon) naar
Tok (Alaska) voert. Of het rondje van Haines Junction (Yukon) via Haines (Alaska) met de veerboot naar Skagway en vervolgens naar
Whitehorse (Yukon). En dan is er nog het beroemde ‘achtje’, waarbij je zowel een lus door de Yukon als een lus door Alaska maakt.
Redenen genoeg dus om dieper in te gaan op de bezienswaardigheden van Alaska.
TEKST VIVIAN DE GRAAFF-TERLINGEN EN JESSICA KRIJGSMAN

Anchorage is qua oppervlakte en inwonertal (290.000) de grootste stad van Alaska, maar niet de hoofdstad. Dat is Juneau, waarover we al vertelden in het artikel over de Alaska-cruise. Anchorage ligt aan het water en bij goed weer kun je Mount Denali in de verte zien. Langs de kust loopt de Anchorage Coastal Trail, ideaal om te wandelen of te fietsen. Onderweg passeer je verschillende strandjes en kom je vlak langs het einde van de startbaan van Ted Stevens International Airport –een uitstekende plek om vliegtuigen te spotten. Fietsen huur je bij Pablo’s Bike Rental. Mijn tip: kies voor een e-bike, want ongemerkt zitten er aardig wat heuvels in de trail. Vlak bij het vliegveld ligt Lake Hood, vanwaar veel watervliegtuigjes vertrekken. Lees ook ons artikel Planes, Trains & Automobiles over een rondvlucht naar de Knik Glacier.
Het centrum van Anchorage is gebouwd volgens het schaakbordpatroon dat zo kenmerkend is voor veel
Amerikaanse steden. De straatnamen zijn weinig fantasievol: oost-weststraten hebben nummers (1st, 2nd, 3rd enz.), noord-zuidstraten letters (A, B, C enz.). Een historische kern ontbreekt, maar de trolleybus voert je langs de hoogtepunten van de stad, waaronder Earthquake Park en een deel van het vliegveld. Op een regenachtige dag zijn er diverse musea die een bezoek waard zijn, zoals het Anchorage Museum en het Alaska Native Heritage Center. Voor eten en drinken is 49th State Brewing een aanrader, met een uitgebreid aanbod aan bier. Wil je op het dakterras zitten, reserveer dan vooraf, want de wachttijden zijn lang. Spontaan binnenlopen kan altijd: op de eerste etage vind je vaak nog een plaatsje en beneden is de gezellige Beer Garden. Voor een verfijnd diner met een ruime wijnselectie is Crush Bistro the place to be.
Een van de bekendste natuurgebieden van Alaska is Denali National Park, met Mount Denali als absolute trekpleister. De top van deze berg (6.190 meter) is slechts zelden zichtbaar, omdat hij vaak gehuld is in wolken. De naam Mount McKinley wordt soms nog gebruikt, maar de meeste Alaskanen spreken gewoon van Mount Denali.
Het park is slechts de eerste 15 mijl (ca. 24 km) toegankelijk voor eigen auto of camper. Wie verder het park in wil, moet gebruikmaken van de transitbussen. Dit zijn hop-on, hop-offbussen waarbij de chauffeur stopt zodra er wilde dieren worden gespot. Je kunt uitstappen om te gaan hiken en later in een andere bus weer instappen. Daarnaast zijn er speciale tourbussen met een gids-chauffeur, die onderweg uitgebreid vertelt over het toendralandschap en de dieren in het park. Tijdens deze tours is vaak een snack of lunch inbegre-
pen. Kies je voor de transitbus, neem dan zelf eten en drinken mee, want onderweg is niets verkrijgbaar. Doordat er maar beperkt verkeer is toegestaan, is de kans op het zien van wilde dieren groot. Denk aan elanden (moose), grizzlyberen, rendieren (caribou), Dalls schapen, wolven, vossen en talloze kleinere dieren en vogels. Holland America Line beschikt over een lodge in Denali National Park, exclusief voor passagiers die een cruisetour bij hen hebben geboekt. De meeste andere accommodaties liggen buiten het park. Reis je met een camper, dan vind je enkele campings in het park zelf en verschillende langs Highway 3 buiten de grenzen van het park.
Tip: reserveer de transitbus minimaal een dag van tevoren – in het hoogseizoen liever nog eerder – zodat je verzekerd bent van een plek op het gewenste vertrektijdstip.


Fairbanks wordt ook wel het ‘gouden hart van Alaska’ genoemd vanwege zijn goudzoekershistorie. In 1902 werd aan de oevers van de Chena River een handelspost opgericht nadat er goud was gevonden. Fairbanks staat daarnaast bekend om de middernachtzon: van half mei tot eind juli gaat de zon er niet onder. Inwoners benutten deze periode optimaal: ze slapen nauwelijks, staan om vier uur ’s nachts al in hun moestuin en vieren tot in de late uurtjes feest. Zelfs verjaardagen die in de winter vallen, worden in de zomer gevierd. Bezoek je Fairbanks tussen eind augustus en eind april, dan maak je juist grote kans om het noorderlicht te zien. De stad ligt namelijk direct onder de aurora oval, waar de kans op aurora borealis bijzonder groot is. Het centrum van Fairbanks wordt gekenmerkt door een mix van oude en moderne gebouwen, aangevuld met kunstwerken op straat en muurschilderingen.
Vanuit het Morris Thompson Cultural Center wandel je zo naar Golden Heart Plaza en verder langs de Chena River. Pioneer Park is een leuke plek om de geschiedenis van Alaska te ontdekken. Dit gratis toegankelijke park biedt attracties als Gold Rush Town, een nagebouwd dorp, en tentoonstellingen over de mijnbouw. Op een zonnige dag is een boottocht over de rivier een aanrader. Interessant zijn ook het futuristisch ogende University of Alaska Museum of the North en het Fountainhead Antique Auto Museum, met een unieke collectie auto’s van vóór de Tweede Wereldoorlog.
Voor de inwendige mens is er een ruime keuze aan brouwerijen en restaurants. Typisch Alaskaanse gerechten zoals gegrilde zalm, king crab en rendierworst vind je er volop, maar ook de Thaise keuken is verrassend populair in Fairbanks.

Wie vanuit Tok (VS) richting de Yukon rijdt, komt langs Chicken. Dat de plaats zo heet, is geen grap: de oorspronkelijke naam ‘Ptarmigan’ (sneeuwhoen) bleek te lastig te spellen voor de goudzoekers, die het daarom maar Chicken noemden. Het dorp telt nog geen twintig inwoners, maar heeft wel een camping en een hotel. Na het slechte wegdek van de Taylor Highway is het een welkome stop. Een tourist trap? Zeker, maar je moet er toch tanken. In de saloon hangen honderden petjes, in het café bakken ze heerlijke muffins en in de souvenirwinkel koop je werkelijk alles met kippenopdruk: van sokken tot zakdoeken. Zelfs de toiletten dragen de namen ‘Hens’ en ‘Roosters’, en er is de Chicken-Poop Mobile-toiletwagen. Kortom: hier draait alles om de kip!

Op een goed kwartier rijden van Fairbanks ligt het plaatsje North Pole, volledig gewijd aan de kerstman. De straatlantaarns zijn er vormgegeven als zuurstokken en een bezoek aan Santa Claus House mag je niet overslaan. Hier vind je kerstversieringen voor je boom en je huis, en natuurlijk kun je met Santa Claus op de foto. In de tuin staan enkele rendieren om het kerstgevoel compleet te maken.

Dit dorpje werd oorspronkelijk bewoond door First Nations, maar groeide in de goudzoekerstijd uit tot een handelscentrum, dankzij de ligging aan de immense Yukon River. Vandaag de dag is het nog steeds een opstappunt voor meerdaagse kano- of kajaktochten vanuit Dawson (Yukon) of Circle (Alaska). De houten gebouwen bewegen mee met de permafrost, er is geen asfalt, geen McDonald’s, geen Walmart. Wel vind je er één hotel (Riverside Hotel), één B&B en één winkel. Aan de rand van het dorp ligt een graslandingsbaan met kleine vliegtuigjes – sneller naar de bewoonde wereld dan via de weg. Vanaf Chicken rijd je via Jack Wade Junction in zo’n twee uur over een gravelweg met diepe afgronden maar zonder vangrail naar Eagle. Een stap terug in de tijd, een pareltje? Nee, een diamant!
De havenplaats Valdez ligt tussen de Chugach Mountains, een gebied vol gletsjers. Spreek de naam uit als Valdiez (lange ie), want de bewoners wilden zich onderscheiden van de Spaanse ontdekkers. Vanuit de haven vertrekken boottochten naar Prince William Sound, waar gletsjers in zee uitmonden en je vaak walvissen, zeeleeuwen en zeeotters ziet. Eind juli begint de zalmtrek en verzamelen beren zich bij Blueberry Hill. Ook wandelen, fietsen, kajakken en raften kan volop in de omgeving. Valdez is bovendien het eindpunt van de beroemde oliepijplijn vanuit Prudhoe Bay, bijna 1.300 kilometer verderop. Omdat de haven ’s winters ijsvrij blijft, is Valdez een belangrijke doorvoerhaven voor olie. Voor de inwendige mens is er volop verse seafood: van heilbotburgers en koningskrab tot zalm en fish & chips.


Waar Denali druk bezocht wordt, is Wrangell-St. Elias nog relatief leeg en ruig. Het is het op een na grootste nationale park ter wereld (na Noordoost-Groenland), met talloze onbeklommen bergtoppen en de meeste gletsjers van heel Alaska – sommige groter dan de Amerikaanse staat Rhode Island. Er zijn twee toegangen: Nabesna in het noorden en McCarthy in het zuiden. De weg naar McCarthy is onverhard; blijf in het midden rijden om oude spoorrails-klinknagels (zo groot als berenklauwen) te vermijden. De 60 mijl van Chitina naar McCarthy kosten bijna drie uur. Vanuit McCarthy wandel je naar de oude Kennecott-mijn (nu een openluchtmuseum) of verder naar de Root Glacier.
Overnachten kan in je camper of in Ma Johnson’s Historic Hotel, waar krakende vloeren en gedeelde badkamers deel zijn van de charme. Geen zin in gedoe met je eigen voertuig? Er rijden shuttlebussen en er zijn kleine vliegtuigjes te boeken – wel reserveren! Ook de weg naar Nabesna vergt een 4WD en toestemming van je verhuurder. Check altijd bij het rangerstation of de weg begaanbaar is.
Lees ook ons artikel over de cruise, waarin we ingaan op Ketchikan, Juneau en Skagway. Over Skagway lees je bovendien meer in ons artikel over de Gold Rush.



















Wij van GoCanada vinden camperen door de Yukon en Alaska eigenlijk wel the way to go. Als je daar geen zin in hebt en dus in hotels gaat slapen: helemaal dikke prima hoor. Maar je zit dan aan een vast schema want op de bonnefooi van hotel naar hotel is niet aan te raden. Er zijn niet veel accommodaties en tussen twee dorpjes/stadjes/kruispunten liggen vele kilometers in het niks. Op de wegenkaart lijkt Carmacks heel wat, om maar een plek op de kaart te noemen. Maar feitelijk is het een driesprong met één hotel en een general store en een benzinepomp. Volgende gelegenheid om te overnachten ligt uren verderop.
Nee, dan een camper. Het liefst een 4WD, dus een truckcamper, want de Top of the World Highway en de Dempster zijn gravelroads. En kunnen zomaar in een prutzooi veranderen. In je hotel op wielen heb je alles bij je. Je bed, wc, douche en keuken. Koud? Er is een kachel aan boord die de hut in no time verwarmt. De TC rijdt als een auto, en zit als in een auto. Lendesteunen, allerhande automatische instellingen, gps en oplaadpunten voor de telefoon. Voordeel is ook dat je de kopjes en bordjes niet hoort rammelen. Maar kijk uit als je het woongedeelte instapt en je een keukenkastje opendoet. Zet alles vast met bubbeltjesplastic. Of met je sokken. Veel campings zijn op basis van FCFS. Dat is de afkorting van First Come First Serve. Dus je kunt naast de pot piesen. Maar het goede nieuws is: Je mag in de Yukon vrij kamperen. Maar respecteer mens, dier en de verkeersborden. Als er staat ‘no overnight camping’, doe dat dan ook niet. Dus langs de Dempster kun je gerust in een inham staan langs

de kant van de weg. Al is het in een sneeuwstorm met min vier. Des te gezelliger om zo af en toe op een echte camping te staan. Je hebt zó aanspraak. En nodig gerust iemand uit voor bij je fikkie.
Veel campings bieden geen voorzieningen, dus ook geen elektriciteit. Maar daarvoor in de plaats sta je in de wilde natuur. In een bos, of aan het water. Hout voor een fikkie om op te bakken en braden is veelal aanwezig. Laat het ongebruikte hout achter op je campingplek. Neem het dus niet mee. Zo voorkom je het verspreiden van allerhande kleine friemelbeestjes die in het hout kunnen zitten. Je doet bij aankomst $20,- in een envelopje en dan heb je jezelf en je reisgenoten geregistreerd voor de overnachting. Wil je niet op je eigen wc plassen: er zijn pittoilets, toilletten die eruit zien als een luxe dixie.
Een paar tipjes van de camping-sluier... Tussen Haines en Haines Junction ligt Dezadeash Campground, prachtig aan het water. Vanuit Haines Junction de weg omhoog richting Beaver Creek naar de Congdon Campground aan het grootste meer van de Yukon, Kluane Lake. En voor elke avonturier die de Dempster opgaat is Tombstone een startpunt. Is de camping vol? Rij dan een stukje verder, in de bocht bevindt zich een grote parkeerplaats met fabuleus uitzicht. Of rij een stukje terug en ga op de parkeerplaats van het Tombstone Interpretive Centre staan (overflow).
Inmiddels doet Parks Canada bij Tombstone een proef. De helft van de campingplekken is wél online te reserveren! En daarvoor is er zelfs een gratis internethotspot bij de toe-




gangsweg in werking. Ook handig om de NRC van die dag te downloaden.
Toch met de auto?
Kies je toch voor de auto? Dan is er een aantal bijzondere accommodaties die we onder de aandacht willen brengen. Een top 5 die de reis uniek maakt.
Southern Lakes Resort, gelegen aan een prachtig meer in het plaatsje Tagish, een sfeervol en kleinschalig hotel, omringd door bergen en stilte. Het hotel biedt knusse kamers en een adembenemend uitzicht. Of je nu komt voor avontuur of ontspanning, dit is de plek om te onthaasten en op te laden, midden in de natuur. Mocht je in de periode reizen dat het noorderlicht te zien is, dan komt het personeel je hiervoor wakker maken.
In het hart van Beaver Creek vind je Buckshot Betty’s, een warme, eigenzinnige plek waar reizigers samenkomen voor huisgemaakte maaltijden, sterke koffie en verhalen van de weg. Een mix van karakter, comfort en echte noordelijke gastvrijheid.
Denali Lodge, vlak bij de toegangspoort van Denali National Park, is een charmante mix van wildernis en comfort. Tussen sparren en weidse uitzichten op de bergen, nodigt de lodge je uit om te ontspannen bij het haardvuur, te genieten van het lokale theater of de dag af te sluiten met s’mores onder de sterren. Hier beleef je avontuur in Alaska. Het is een stil, warm en vooral onvergetelijk verblijf. Kenai Princess Wilderness Lodge, gelegen aan de kristalheldere Kenai River, omringd door ongerepte wildernis, biedt een unieke combinatie van comfort en avontuur. De ruime bungalows met eigen veranda’s zorgen voor een knusse, luxe uitvalsbasis na een dag vol vissen, wandelen of wildlife spotten. Een ideale plek om het ruige Alaska in alle rust te ervaren. Het felrode Downtown Hotel Dawson City kijkt uit op charmante Gold Rush-gebouwen in Dawson City. Overnacht in comfortabele kamers met moderne faciliteiten, wandel zo naar het Yukon Rivertfront of een cancanvoorstelling, en waag je aan de legendarische Sourtoe cocktail, een unieke belevenis in het hart van het noorden.

TEKST RODERICK AALBERS
Hoe komt deze 2.232 kilometer lange highway aan deze intrigerende bijnaam? Je raadt het al. Voor het antwoord moeten we terug naar de Tweede Wereldoorlog. Na de aanval op Pearl Harbour voelden de Amerikanen zich genoodzaakt om Alaska over land te verbinden met de bewoonde wereld in het zuiden. Alaska moest bemand en verdedigd worden, en wel heel snel.
En zo begon het illustere verhaal over de aanleg van de Alaska Highway. Doordat het grootste deel van deze weg over Canadees grondgebied liep, moest er natuurlijk eerst worden overlegd of dit wel mocht. De deal was snel gemaakt. De Amerikanen kregen ‘recht van overpad’, mochten hout en gravel gebruiken en hoefden geen belastingen te betalen. Ze konden beginnen. In ruil daarvoor kregen de Canadezen zeggenschap over het Canadese deel van de highway, ingaande zes maanden na de oorlog. Een goede deal.

Er was haast geboden want het gevaar lag op de loer. Vanuit het zuiden werd er begonnen vanuit Dawson Creek. Dit had een simpele reden: er liep een spoorlijn naar dit toentertijd kleine gehucht. Dit gaf de Amerikanen de gelegenheid om snel materiaal en manschappen zo noordelijk mogelijk te krijgen. En zo werd er in maart 1942 begonnen met de aanleg van de Alcan Highway, later omgedoopt tot de

Alaska Highway. Om de snelheid erin te houden begon men in de lente op verschillende locaties om zo de uiteindelijke highway aan elkaar te knopen. Zo werd er ook begonnen in Fort St. John en Whitehorse. Met name de laatste locatie had een goede aanvoer van manschappen en materiaal vanwege de spoorlijn die liep van Skagway naar Whitehorse. Dit prachtige spoor werd aangelegd tussen 1898 en 1900 om de goudzoekers naar de Klondike te krijgen. Toen het spoor klaar was, was het goud op, maar het zorgde er wel voor dat het Amerikaanse leger snel materiaal richting Whitehorse kon verplaatsen. Een bijzonder treintje met een eigen verhaal en heden ten dage nog steeds in gebruik om toeristen en cruisepassagiers over de beruchte White Pass te vervoeren.
Zelfs tegenwoordig zou de aanleg van de Alaska Highway nog een hele klus zijn, laat staan in 1942. Op het hoogtepunt werkten er maar liefst 11.000 mili-

tairen non-stop om de klus te klaren. Er moesten bomen worden gekapt, bruggen gebouwd en rotsen worden opgeblazen. En dat allemaal onder de meest erbarmelijke omstandigheden. Winterse omstandigheden moesten getrotseerd worden met pakken sneeuw en bevroren grond. Soms werden er zelfs paarden en ezels ingezet om het onherbergzame gebied te verkennen. Stropers, goudzoekers en zelfs de inheemse bevolking werden ingezet om de route te bepalen en supplies aan te leveren. Door de lange dagen in het voorjaar kon er 24 uur per dag doorgewerkt worden en lukte het soms wel om 5 tot 6 kilometer per dag aan te leggen.
Maar de lente had ook zo z’n eigen uitdagingen. Denk aan modder, moerassen en muggen. Met name het stuk tussen Pickhandle Lake en Beaver Creek bleek een enorme uitdaging met onbe-

kend terrein en onherbergzaam gebied. Na acht maanden en twaalf dagen lukte het om alle stukken aan elkaar te knopen. Op 20 november 1942 werd dit gevierd met een ceremonie op Soldier’s Summit bij Kluane Lake.
Tegenwoordig is de Alaska Highway een populaire en veelgebruikte route die het zuiden van Canada verbindt met het ongerepte noorden. Lange stukken zonder tegenliggers worden afgewisseld door warmwaterbronnen, kleine dorpjes en de mooiste vergezichten. De weg is tegenwoordig volledig geasfalteerd en goed begaanbaar.

Een van de meeste bekende bezienswaardigheden is waarschijnlijk het Sign Post Forest bij Watson Lake. Een Amerikaanse militair genaamd Carl Lindley verwondde zijn voet toen hij aan het werk was aan aan de highway. Tijdens zijn drie weken herstel in Watson Lake werd hem gevraagd een verkeersbord te repareren dat omver was gereden door een bulldozer. Door heimwee overmand timmerde hij er meteen maar een bord bij verwijzend naar zijn geboortedorp Danville, Illinois. Een traditie werd geboren en tegenwoordig is het Sign Post Forest in Watson Lake een populaire stop.
Maar ook Kluane National Park bij Haines Junction is de moeite waard om een bezoek aan te brengen. Gletsjers, besneeuwde bergtoppen en groene valleien. Alles even mooi en ongerept. De grote ijskap in dit park is het beste te zien vanuit de lucht. En laat dit nu net tot de mogelijkheden behoren met een van de rondvluchten die worden aangeboden vanuit Haines Junction. Het hoogtepunt op deze route is echter de highway zelf. ‘Driving the Alaska Highway’ heeft iets magisch. Een tijdreis door meer dan tachtig jaar pioniersgeschiedenis van Dawson Creek naar Delta Junction.


Het
op deze route is echter de highway zelf
TEKST VIVIAN DE GRAAFF-TERLINGEN
Na het lezen van dit magazine heb je waarschijnlijk een heleboel ideeën opgedaan over waar je naartoe zou willen en wat je in elk geval wil zien. Maar wat is nu de beste route? Om je een beetje op weg te helpen, beschrijven we hier onze favoriete route. In dit geval is dat een soort ‘achtje’; je maakt twee rondjes die samen een acht vormen. We gaan er vanuit dat je drie weken de tijd hebt, want die tijd heb je zeker wel nodig om het achtje op het gemak af te leggen. Het maakt meestal niet echt uit in welke richting je begint. Houd in het vroege voorjaar of najaar rekening met de sluiting van de Top of the World Highway tussen Dawson City en Tok.
Aankomst in de Yukon
In veel gevallen begint je reis door de Yukon en Alaska in Whitehorse. Hier kom je meestal aan met een binnenlandse vlucht vanuit Vancouver, Calgary of Edmonton. Whitehorse is een van de weinige grotere plaatsen in de Yukon en Alaska en daarmee uitstekend geschikt om inkopen te doen als je met een camper op pad gaat. Sla een bezoek aan het Visitor Centre zeker niet over. Je kunt daar allerhande informatie vinden en ook de laatste updates over de condities
van de wegen. Ben je ’s avonds nog in Whitehorse, ga dan eten bij Gather Restaurant of bij Klondike Ribs & Salmon.
City
Neem Highway 2 in noordelijke richting op weg naar Dawson City. Die afstand is waarschijnlijk te groot om op één dag af te leggen. Dat hangt er ook een beetje vanaf hoe laat je je auto of camper kunt ophalen. Onderweg kom je verschillende kleine plaatsjes tegen waar je kunt overnachten. We raden aan om zeker twee nachten uit te trekken voor een bezoek aan Dawson City. Dit vroegere goudzoekersdorpje ademt nog de sfeer van weleer en met een beetje fantasie waan je je even in de tijd van toen. Geniet van het mooie uitzicht vanaf de Dome en ga ’s avonds een hapje eten bij BonTon.
Top of the World Highway
Neem het pontje naar de overkant en start je avontuur over de Top of the World Highway. Geniet van het uitzicht, de slingerende wegen en verbaas je over een grensovergang in the middle of nowhere. Let op wat je mag meenemen Alaska in. Dit is zeker van belang als je met een camper reist, want veel groente
en fruit mogen niet mee de grens over. Op weg naar Tok passeer je Chicken en dat is een goed moment om even je benen te strekken en wat te lunchen. Tok is heel geschikt om te overnachten. Het is geen bijzondere plaats, maar er zijn voldoende mogelijkheden om te overnachten, wat te eten en indien gewenst boodschappen te doen.
Neem de Richardson Highway (Highway 4) in zuidelijke richting. Bij voldoende tijd raden we aan om helemaal door te rijden naar Valdez. Blijf hier zeker twee nachten, zodat je een dagexcursie per boot kunt maken naar Prince William Sound om de gletsjer te zien. Waarschijnlijk zie je dan ook walvissen, zeehonden en andere (zee)dieren.
Je rijdt dezelfde weg terug tot Glennallen waar je afslaat in westelijke richting. De rit naar Anchorage is redelijk lang, maar wel te doen in een dag. Stop onderweg in Palmer om een bezoek te brengen aan de muskusosboerderij of bij voldoende tijd om een helikoptervlucht te maken over de Knik Glacier. In Anchorage kun je fietsen huren, een tocht maken met


een trolleybus of kiezen voor een bijzondere ervaring door met een watervliegtuig een rondvlucht te maken. Gezellig eten kun je bij 49th State Brewing en heerlijk bij Crush. Anchorage leent zich goed voor het maken van excursies of uitstapjes in de omgeving. We raden daarom aan om er twee nachten te verblijven.
Denali
Vervolgens neem je Highway 3 in noordelijke richting naar Denali National Park. Met een beetje geluk zie je onderweg de top van Mount Denali in de verte. Blijf minstens twee nachten in de buurt van Denali, zodat je een volle dag in het park kunt zijn om wilde dieren te zien. Aan het begin van het park kun je overnachten op Riley Creek Campground. Ook zijn er een paar particuliere lodges in Denali N.P. In de meeste gevallen overnacht je echter buiten het park.
Als je verder naar het noorden rijdt, kom je in Fairbanks terecht. Door de noordelijke ligging is het vaak mogelijk om het noorderlicht hier te zien. De beste kans is van augustus tot en met april. De rest van het jaar kun je juist genieten van de lange dagen waarin het niet of nauwelijks donker wordt. Maak een stadswan-
deling, boek een boottocht of bezoek het attractiepark Pioneer Park. Een leuk uitstapje in de buurt is North Pole waar je een kerstwinkel kunt zien compleet met echte kerstman.
Via Highway 2 vertrek je in oostelijke richting op weg naar Canada. Het hangt er een beetje vanaf hoe lang je wil rijden. De rit naar Beaver Creek in de Yukon is wat lang, waardoor een overnachting in Tok meer voor de hand ligt. Tok is het punt waar de beide rondjes van het achtje elkaar kruisen en waar je op de heenweg waarschijnlijk ook al hebt overnacht. Wil je doorrijden naar Beaver Creek, dan kun je daar overnachten in Buckshot Betty’s of Westmark Inn. Er is ook een eenvoudige camping.
Haines Junction
Over de Alaska Canada Highway vervolg je je weg naar Haines Junction. Dit kruispunt van wegen ligt dicht bij Kluane National Park waar je met een 4WD een mooie rit kunt maken. Voor een blik van bovenaf raden we een tocht per vliegtuigje aan. Ook het informatiecentrum is zeker een bezoek waard.
Twee keuzes
Bij vertrek vanuit Haines Junction heb je twee keuzes: ofwel je keert terug naar
Whitehorse of je rijdt door naar Haines in Alaska. Kies je voor deze laatste optie, dan passeer je onderweg het Alaska Chilkat Bald Eagle Preserve met veel informatie over de Amerikaanse zeearend. Haines is een kleine plaats die vooral aantrekkelijk is vanwege de vele natuur in de omgeving. Vanuit Haines neem je de veerboot naar Skagway. Deze gaat meestal slechts één keer per dag. Skagway is een bekend goudzoekersplaatsje dat nog helemaal de sfeer van toen weergeeft. Maak hier een rit met de White Pass-trein en beleef de verhalen over de goudzoekers zelf. Er zijn voldoende mogelijkheden om te eten en overnachten in dit charmante plaatsje.
Via een prachtige weg door de bergen en langs mooie meren passeer je Carcross met een stukje woestijn op weg naar Whitehorse. Met het bereiken van Whitehorse is het achtje helemaal rond. Na zo veel leegte en ruimte onderweg zal Whitehorse aanvoelen als een ‘drukke plaats’.
Ben je avontuurlijk ingesteld en heb je wat meer tijd? Rijd dan ook over de Dempster Highway of een van de andere iconische wegen in de Yukon. Heb je minder dan drie weken de tijd? Kies er dan voor om slechts één rondje van het achtje te maken. Happy travels!
Heb je…
Een paar dagen: rondje Whitehorse-Skagway
Een week: Whitehorse rondje of Anchorage rondje
Twee weken: Whitehorse rondje plus Skagway
Drie weken: het achtje zoals hier beschreven
Vier weken or meer: het achtje plus de Dempster
TEKST LINDA VISSER-RIJERKERK
Ben je geïnspireerd geraakt door de verhalen en foto's in dit magazine?
Overweeg je een reis naar Yukon en Alaska? Dan vind je hier praktische tips en achtergrondinformatie om je te helpen bij het plannen van deze onvergetelijke ervaring.
Voor deze vakantie is één gedachte belangrijk om mee te nemen: meet je afstand niet in kilometers, maar in uren. Wegen zijn lang, leeg en vaak onverhard. Zoals eerder gezegd: je kunt uren rondrijden en slechts drie auto's tegenkomen. Wat op de kaart als een korte rit oogt, kan in werkelijkheid zes uur duren – zeker als je onderweg oog in oog komt te staan met een eland, vos of zelfs een beer. Wildlife is hier geen zeldzaamheid, dus die kans is reëel aanwezig.
Beste reisperiode
Met name in de hogergelegen gebieden van Canada is de vraag relevant: wanneer kan ik deze reis het beste maken?
Het seizoen loopt in principe van juni tot begin september. In mei beginnen de dagen al langer te worden en zie je de natuur ontwaken met veel fris groen,
maar veel lodges en campings kunnen dan nog gesloten zijn. Begin juni zie je de regio echt tot leven komen en loopt het seizoen door tot in juli, augustus en de eerste helft van september.
Vanaf half september maakt de herfst snel plaats voor winterse omstandigheden: bergpassen kunnen besneeuwd zijn en sommige wegen en grensovergangen worden gesloten, zoals de Top of the World Highway.
Tijdens de zomermaanden zijn de dagen eindeloos – met daglicht tot middernacht en aangename temperaturen van rond de twintig graden. Maar houd er rekening mee dat de temperatuur ook fors kan dalen, vooral 's nachts. Warme kleding is dus onmisbaar, zelfs in de zomer. Denk aan een muts, handschoenen, een thermische laag en het principe van kleding in laagjes. Een wind- en waterdicht jack is ook altijd aan te bevelen.
Grensovergangen en reisdocumenten
Reis je tussen Alaska en Yukon, dan kom je mogelijk verschillende grensposten tegen, zoals bij Beaver Creek, Skagway of
Haines. Sommige grensposten liggen afgelegen en zijn beperkt bemand, wat kan leiden tot wachttijden – of ze zijn niet 24 uur per dag open. Check daarom altijd de actuele openingstijden voor vertrek.
Er worden ook regelmatig controles uitgevoerd, waarbij ze je huurauto of camper inspecteren, met name om te zien welke etenswaren je de grens overneemt. Zo mag je geen vers fruit, groente of hout voor een kampvuur meenemen. Maar vooral de documentatie moet in orde zijn: zorg ervoor dat je je paspoort en rijbewijs bij de hand hebt. Een internationaal rijbewijs is niet noodzakelijk. Reis je van Canada naar de VS over land, dan heb je een ESTA nodig. Een eTA is alleen verplicht als je per vliegtuig Canada binnenkomt.
Kortom: of je nu droomt van het spotten van beren of het eindeloos rijden door lege toendra’s – een reis door Yukon en Alaska is een avontuur dat je wereld groter maakt. Met de juiste voorbereiding en een vleugje flexibiliteit beleef je een ervaring die je je leven lang bij zal blijven. De laatste wildernis.






Linda: ’Noorderlicht bekijken? Vergeet dan niet je warme sokken en je geduld. En als je het niet meteen ziet, probeer eens een foto van de lucht te maken. Ik heb geleerd van een fotograaf dat wat je soms niet met je blote oog ziet wel zichtbaar is op je camera.’





Astrid: ’Als je aan boord gaat van het cruiseschip van Holland America Line kun je meteen naar je hut lopen. Daar tref je namelijk ook je pasje aan waarmee je je hut kunt openen en aankopen aan boord kunt doen.’


Jessica: ‘Plan je reis niet te strak! Stél je hebt die mooie scenic flight over de gletsjers van Kluane NP geboekt, maar stél die kan niet doorgaan wegens de weersomstandigheden, dan kun je altijd nog uitwijken naar de volgende dag. Of de dag erna…’



Vivian: ’Als je op een camping staat in het voorjaar, probeer dan een plaats te vinden naast een boom. Die maakt het ’s nachts wat donkerder, zodat het minder licht is in de camper als je wil slapen.’





Suzanne: ’Na afloop van een prachtige auto- of camperreis even tot rust komen in Nordic Eclipse Hot Springs.’



Roderick: ‘Ga goud zoeken bij de Discovery Claim op Grand Forks Rd, vlakbij Dawson. Kost niets en een echte ‘Klondike’ ervaring.’


