
Deborah Nas:”de brug tussen technologie en samenleving begint bij mensen”
![]()

Deborah Nas:”de brug tussen technologie en samenleving begint bij mensen”

BTG, dé branchevereniging voor IT en communicatietechnologie, speelt al bijna 40 jaar een sleutelrol in de digitale transformatie. Door overheid, bedrijfsleven, kennisinstellingen en leveranciers te verbinden, draagt BTG bij aan een duurzame, inclusieve en verantwoorde digitale samenleving. Met de missie ‘Connecting Tech to Society’ stimuleert BTG technologische innovatie en maatschappelijke impact.
1. Toegang tot een strategisch netwerk
2. Kennisdeling en innovatie
3. Invloed op beleid en wetgeving
4. Focus op duurzame digitalisering
5. Praktische tools en diensten via BTG Services
6. Verbinding tussen gebruikers en leveranciers
7. Internationale vertegenwoordiging
8. Zichtbaarheid en erkenning
9. Vooroplopen in technologische trends
Technologie ontwikkelt zich sneller dan ooit, terwijl maatschappelijke en geopolitieke vraagstukken steeds complexer worden. Bij de start van het nieuwe jaar gaf ik aan dat Nederland en Europa met spoed strategische keuzes moeten maken om digitale autonomie, veiligheid en brede welvaart te borgen. Als BTG positioneren wij ons daarbij nadrukkelijk als pleitbezorger van vitale en veilige digitale infrastructuur, hoogwaardige connectiviteit én nauwe samenwerking tussen overheid, bedrijfsleven en kennisinstellingen: de Triple Helix.
Tijdens de BTG Nieuwjaarsbijeenkomst in januari 2026 schetste Pieter-Jaap Aalbersberg, voormalig Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV), voormalig hoofdcommissaris en lid van het Executive Committee van Interpol, hoe technologie een steeds bepalender rol speelt in een veilige en weerbare samenleving. Inmiddels zijn we een half jaar verder en kunnen we alleen maar vaststellen dat digitale technologie nog nadrukkelijker verweven is geraakt met ons dagelijks handelen.
De samenhang tussen digitale infrastructuur, cybersecurity en maatschappelijke stabiliteit is cruciaal en moet permanent op de agenda staan. In een wereld vol geopolitieke spanning en digitale dreigingen is strategisch leiderschap noodzakelijk om technologie niet alleen efficiënt, maar ook verantwoord in te zetten. Daarbij is het van groot belang om digitale autonomie en veiligheid structureel te borgen in hechte samenwerking binnen de Triple Helix.
Als BTG hebben we een scherpe focus op versnelde technologische ontwikkelingen in de context van een complexer wordende samenleving. Thema’s als AI, digitale connectiviteit, quantum, chips, cybersecurity en vitale infrastructuur zijn urgenter dan ooit. BTG is tevens pleitbezorger voor hoogwaardige ICT-connectiviteit en optimale mission- en business critical communication.
Daarbij kijken we ook naar Europese en nationale rapporten die het belang onderstrepen van investeringen in digitalisering, veiligheid, energie- en klimaattechnologie en life sciences. Tegelijkertijd moeten we voorkomen dat we eenzijdig focussen op technologie, zonder oog voor brede welvaart, sociale innovatie, menselijk kapitaal en beleidsontwikkeling. De Triple Helix, als samenwerking tussen overheid, wetenschap en bedrijfsleven, zien wij vanuit BTG als cruciale motor voor innovatie en impact. BTG Services ondersteunt aangesloten leden bij hun digitale transitie. Met praktische tools, inkoopondersteuning en consultancy verbindt BTG Services gebruikers en leveranciers en vertaalt zij strategische ambities naar toepasbare oplossingen. Daarmee vormt BTG Services een belangrijke pijler onder de ambitie om technologie toegankelijk, toepasbaar en impactvol te maken.
Deze editie van BTG Magazine gaat in diverse artikelen in op de samenhang tussen technologie en samenleving. BTG vormt hierin een brugfunctie tussen het bedrijfsleven, de overheid en de wetenschap: de Triple Helix!
Vandaar ook ons jaarthema ‘Connected bij Tech; driven for Impact.’
Namens Bestuur BTG, Ledenraad, directie en Team BTG/BTG Services wensen wij jullie allemaal een mooie zomer toe; graag tot op een van onze bijeenkomsten en/of bij BTG Events.
Hartelijke groet,
Petra Claessen
Voorzitter BTG | Boardmember BTG Holding B.V.

BTG & BTG Services
BTG In Business is een uitgave van de Branchevereniging voor IT & Communicatietechnologie (BTG) en serviceorganisatie BTG Services.
BTG is de branchevereniging voor IT en communicatietechnologie. Wij behartigen de belangen van onze leden, verbinden kennis en praktijk, en creëren inkoopvoordeel via dochterorganisatie BTG Services. Samen bouwen we aan duurzame digitale innovatie en een sterk technologisch ecosysteem.
Bestuur BTG
Petra Claessen (voorzitter)
Geert-Jan Put (penningmeester)
Madeleine Lamers (secretaris) Lenneke de Voogd
Contactgegevens
Pelmolenlaan 10A
3447 GW Woerden
Telefoon: 088-3532200 www.btg.org
Bladmanagement BTG
Jeroen Hofsté
Productie en vormgeving
Magenta Communicatie www.magentacommunicatie.nl
Verspreiding
BTG Magazine verschijnt in een oplage van 1.200 exemplaren. BTG-leden en bedrijfsvertegenwoordigers van de vereniging ontvangen het tijdschrift als onderdeel van hun lidmaatschap. Niet-leden kunnen het magazine op aanvraag ontvangen.
Niets uit deze uitgave mag in zijn geheel of gedeeltelijk worden overgenomen of vermenigvuldigd zonder bronvermelding én uitdrukkelijke toestemming van de uitgever (BTG).
Hoewel deze uitgave op zorgvuldige wijze is samengesteld, zijn uitgever en auteurs niet aansprakelijk voor eventuele onjuistheden of onvolledigheden in deze uitgave. Zij aanvaarden geen enkele aansprakelijkheid voor schade, die het gevolg is van handelingen en/of beslissingen die gebaseerd zijn op deze informatie.
© 2026

3 Voorwoord
6
10
22
BTG in het nieuws
BTG: Connected by Tech; driven for Impact
14 BTG Services:
Van collectieve inkoop naar strategische serviceorganisatie
18 Deborah Nas: “De brug tussen technologie en samenleving begint bij mensen”
Van best kept secret naar zichtbare kracht in cybersecurity
24 Madeleine Lamers bouwde met juridische blik mee aan een sterker BTG
27
Column Hannan Ouhlous
28 2BA, aanjager van de nieuwe BTG Expertgroep
Data & Efficiency
DEBORAH NAS: “TECHNOLOGIE IS NIET DE BEPALENDE FACTOR VOOR DE SNELHEID VAN INNOVATIE OF TRANSFORMATIE. HET IS VOORAL EEN ORGANISATORISCH VRAAGSTUK. EIGENLIJK
LEES VERDER OP PAGINA 18
30 Aragorn Meulendijks kijkt als ‘future historian’ verder dan de hype
34 RadioSense biedt onzichtbare technologie met zichtbare impact
38 “Start-ups zijn geen speeltuin meer, maar een strategische noodzaak”
42 MCS investeert vandaag in de connectiviteit van morgen
46 Paul Wijngaard bouwt met FNS aan digitale infrastructuur van de toekomst
50 Marketing Guys: Bruggenbouwers tussen marketing, sales en service
52 Nick White: Telecomveteraan op het snijvlak van regulering en gebruikersbelang
57 Column Liesbeth Holterman
58 BTG Servicepagina



Het BTG Business Event op donderdag 11 december 2025 bij Grand Hotel Huis ter Duin in Noordwijk aan Zee liet zien hoe sterk technologie, geopolitiek en maatschappelijke impact vandaag de dag met elkaar verweven zijn. Tijdens een boeiend dag- en avondprogramma met topsprekers ging het niet alleen over technologie, maar vooral over de vraag welke verantwoordelijkheid organisaties, beleidsmakers en professionals daarin dragen. De rode draad: technologie is geen doel op zich, maar een strategisch instrument in een wereld die fundamenteel verandert.
BTG-voorzitter Petra Claessen opende samen met moderator Danny Frietman het drukbe-


zochte event met een terugblik op een intensief verenigingsjaar. Daarna volgde een breed programma met bijdragen van Peter van Uhm over geopolitiek en technologische innovatie, Joeri Tranchet van Citymesh over private 5G in de praktijk, Craig Young van TUANZ over internationale CIO-vraagstukken, Pascal Coppens over China als innovatiemacht, Priscilla van der Pol, Hannan Ouhlous en Sarah el Boujdaini over diversiteit in tech en Michiel Vos over de maatschappelijke en politieke dynamiek in de Verenigde Staten. Daarna zorgde wervelwind en ‘kokoloog’ Pierre Wind voor een verrassende en creatieve afsluiting.


Tijdens het aankomende BTG Business Event in juni introduceert BTG voor het eerst de BTG High Tech Award, Startups.
Met deze award zet de branchevereniging een belangrijke stap in het versterken van de positie van start-ups binnen het Nederlandse en internationale tech-ecosysteem. De aanleiding hiervoor
ligt onder meer in de sterke vertegenwoordiging van Nederlandse start-ups op internationale podia zoals 4YFN Barcelona, dat gelijktijdig plaatsvindt met het Mobile World Congress. Hier laten Nederlandse disruptors zien dat zij wereldwijd mee kunnen spelen én het verschil kunnen maken.
BTG heeft in opdracht van het ministerie van Economische Zaken een diepgaand onderzoek uitgevoerd naar het belang van breedbandige draadloze connectiviteit binnen gebouwen. De resultaten zijn inmiddels gepubliceerd in het rapport Eindgebruikersperspectief Upper 6GHz-band.
Het rapport speelt een belangrijke rol in de beleidsvorming rondom de toewijzing van de zogenoemde Upper 6GHz-band, 6.425–7.125 MHz. Dit frequentiegebied is nog niet toegewezen, maar wordt essentieel geacht voor toekomstbestendige draadloze netwerken zoals wifi 7 en private 5G/6G. Het ministerie van EZ heeft inmiddels laten weten zeer tevreden te zijn over zowel de uitvoering als de inhoud van het onderzoek en zal het rapport op korte termijn publiceren via haar website.

Ook in 2026 is BTG partner van TechDrinks. Samen met de Dutch Data Center Association (DDA), License Partners en de Dutch Cloud Community (DCC) versterken wij de verbinding binnen het Nederlandse IT- en cloud-ecosysteem.
TechDrinks is méér dan een borrel. Het is een energieke ontmoetingsplek waar IT- en telecomprofessionals samenkomen om ideeën uit te wisselen, nieuwe verbindingen te leggen en samenwerking te stimuleren. In een informele setting ontstaat ruimte voor inhoudelijke gesprekken.
Dat sluit naadloos aan bij het BTG-jaarthema 2026: Connected by Tech; driven for Impact Technologie verbindt, maar échte impact ontstaat wanneer professionals elkaar vinden, kennis delen en gezamenlijk bouwen aan de digitale toekomst van Nederland.
Voorafgaand aan de BTG Nieuwjaarsbijeenkomst vond op donderdag 22 januari een besloten lunchbijeenkomst plaats van de BTG Expertgroep KMBG, Kritische Mobiele Breedband Gebruikersgroep.
Centraal stond het thema ‘Vitale mobiele netwerken in Nederland’. De bijeenkomst bracht gebruikers, experts en beleidsmakers samen rond een vraagstuk dat door geopolitieke spanningen en toenemende digitalisering steeds urgenter wordt: hoe houden we mobiele
netwerken robuust, veilig en toekomstbestendig? Tijdens de bijeenkomst stond het belang van betrouwbare mobiele communicatie voor vitale processen centraal, met aandacht voor dynamisch spectrumgebruik, private draadloze netwerken en communicatie in missiekritische omgevingen. De sprekers benadrukten dat slimme inzet van frequenties, passende regelgeving en nauwe samenwerking tussen gebruikers, overheid en marktpartijen cruciaal zijn voor een weerbare én innovatieve digitale infrastructuur.

In een feestelijke setting zijn voor de elfde keer de prestigieuze Dutch IT Channel Awards uitgereikt. In Studio 21 in Hilversum kwamen honderden IT-professionals bijeen om samen de innovatiekracht, het ondernemerschap en het leiderschap binnen de Nederlandse IT-sector te vieren. Namens BTG maakte voorzitter Petra Claessen deel uit van de vakjury. De jury bestond verder
uit vertegenwoordigers van toonaangevende brancheorganisaties en mediaplatforms, waaronder NLdigital, Dutch Data Center Association (DDA), Dutch Cloud Community, MSP Mentor, Cloud Expo en Dutch IT Leaders. De betrokkenheid van BTG onderstreept het belang dat de vereniging hecht aan erkenning van innovatie en leiderschap in de sector.


Van 2 tot en met 5 maart 2026 vond in Barcelona opnieuw het grootste internationale event voor de mobiele industrie plaats: Mobile World Congress (MWC). Met meer dan 120.000 bezoekers, wereldwijde productlanceringen en strategische discussies over onderwerpen als security, AI, IoT en de toekomst van mobiele netwerken geldt MWC als dé mondiale graadmeter voor technologische innovatie.
BTG was ook dit jaar nadrukkelijk aanwezig in Barcelona. De vereniging werd vertegenwoordigd door voorzitter Petra Claessen, bestuursleden Geert-Jan Put en Madeleine Lamers, en Jeroen Hofsté, Director Finance, Control & Operations van BTG en BTG Services. Met hun aanwezigheid onderstreepte BTG haar actieve rol in het internationale digitale ecosysteem en het belang van internationale samenwerking voor de Nederlandse IT- en telecomsector.
Zo was BTG onder meer actief betrokken bij het geïntegreerde start-upplatform 4YFN, waar innovatieve start-ups, scale-ups en internationale investeerders samenkomen. Een van de hoogtepunten was een exclusieve BTG Innovation Tour bij Huawei.
BTG organiseerde als partner in het ecosysteem van Future Network Services (FNS) het zogenoemde FNS Networking Dinner.
BTG/KMBGrondetafel over 3.8–4.2GHz-band
Op woensdag 27 mei organiseerde de BTG Expertgroep Kritische Mobiele Breedband Gebruikersgroep (KMBG) een rondetafelbijeenkomst over de toekomstige gebruikersbehoefte in de 3.8–4.2GHz-band. Leden, gebruikers, experts en stakeholders gingen in gesprek over het belang van deze frequentieband voor private, mission critical en business critical mobiele netwerken. Aanleiding was het besluit van de Electronic Communications Committee van CEPT om de 3.8–4.2GHz-band Europees te harmoniseren voor niet-landelijke mobiele netwerken.
Groei door optimale Groei door optimale Groei door optimale
samenwerking tussen Marketing, samenwerking tussen Marketing, samenwerking tussen Marketing, Sales en Customer Service. Sales en Customer Service. Sales en Customer Service.
Wanneer marketing, sales en niet samenwerken, Wanneer marketing, sales en customer service niet echt samenwerken, stagneert de groei van een B2B-organisatie. Processen sluiten niet op elkaar aan, data raakt B2B-organisatie. Processen op elkaar groei van een B2B-organisatie. Processen sluiten niet op elkaar aan, data raakt versnipperd en leads worden niet efficiënt opgevolgd. leads versnipperd
Wanneer marketing, sales en customer service niet echt samenwerken, stagneert de

Marketing Guys lost dit op door strategie, processen en technologie direct aan elkaar te
Marketing Guys lost dit op door strategie, processen en technologie direct aan elkaar te
Marketing Guys lost dit op door en technologie koppelen. Zo werken teams efficiënter en haal je maximaal rendement uit je tools. koppelen. Zo werken efficiënter en uit je tools. koppelen. Zo werken teams efficiënter en haal je maximaal rendement uit tools.
Pragmatische inzet van technologie, zonder blabla Pragmatische van zonder blabla Pragmatische van zonder Wij ondersteunen marketing-, sales- en serviceprofessionals bij het structureren van hun Wij ondersteunen marketing-, sales- en serviceprofessionals bij Wij ondersteunen sales- serviceprofessionals bij samenwerking. Dat doen we door de inzet van slimme, bewezen technologie die aansluit samenwerking. Dat technologie die samenwerking. Dat doen we door bewezen op jouw business. business. op jouw business.
Waarom Marketing Guys? Guys? Waarom Guys?
Technologie met impact: Tools die niet alleen werken, maar bijdragen aan je met impact: niet alleen aan je impact: Tools die werken, bijdragen je bedrijfsdoelen. bedrijfsdoelen. bedrijfsdoelen.
Pragmatische aanpak: Geen lange trajecten, maar concrete oplossingen die direct Geen aanpak: maar concrete die direct toepasbaar zijn. toepasbaar zijn. zijn.

Focus op resultaat: Alles wat we doen is gericht op meetbare groei.
Focus op resultaat: Alles wat we doen is gericht op meetbare groei. resultaat: doen op meetbare groei.

Benieuwd wat we voor jou kunnen betekenen? Benieuwd wat voor jou betekenen? Benieuwd we kunnen
Scan de QR-code en bezoek onze website. website. en bezoek onze website.
Op donderdag 22 januari 2026 opende BTG het nieuwe verenigingsjaar met de traditionele Nieuwjaarsbijeenkomst in Sociëteit De Witte in Den Haag. Onder het jaarthema Connected by Tech, driven for impact kwamen bestuurders, beleidsmakers en professionals uit IT, telecom en overheid bijeen voor een middag vol reflectie, duiding en vooruitblik. Dagvoorzitter en

moderator was Kees Verhoeven. Een hoogtepunt van de Nieuwjaarsbijeenkomst was de keynote van Pieter-Jaap Aalbersberg, voormalig NCTV, voormalig hoofdcommissaris en lid van het Executive Committee van Interpol, over de rol van technologie in een veilige en weerbare samenleving. Daarnaast duidde BTG-voorzitter Petra Claessen in haar State of


Tijdens het BTG-KMBG/EUWENA-event Mobile Technology Update MWC 2026 kwamen op 18 maart in Woerden leden, partners en stakeholders bijeen om de belangrijkste inzichten van het Mobile World Congress te duiden en te vertalen naar de praktijk. De bijeenkomst was ook online te volgen en onderstreepte opnieuw de rol van
BTG als verbindende factor tussen technologie, beleid en toepassing, met specifieke aandacht voor mission- en business critical communicatie. De belangrijkste conclusie vanuit MWC 2026 is dat de sector zich ontwikkelt van traditionele connectiviteit naar intelligente, geïntegreerde netwerken met directe impact op bedrijfsvoering en maatschappij. AI-gedreven netwerken, de verdere doorontwikkeling van 5G Advanced en de eerste contouren van 6G markeren een nieuwe fase waarin betrouwbaarheid, security en autonomie centraal staan. Tegelijkertijd groeit de vraag naar private netwerken en eigen spectrum, vooral in omgevingen waar continuiteit en veiligheid cruciaal zijn. Technologie wordt daarmee steeds nadrukkelijker een strategisch middel in plaats van een ondersteunende factor.
Op 21 mei organiseerde het kernteam van Future Network Services (FNS) de voorjaarseditie van het FNS Partner Event. Tijdens deze exclusieve bijeenkomst voor FNS-partners kwamen ruim 200 deelnemers van circa 70 partnerorganisaties samen om kennis te delen, nieuwe verbindingen te leggen en gezamenlijk te bouwen aan de toekomst van mobiele netwerken: 6G. Het FNS-consortium bestaat uit een brede groep partners, waaronder naast BTG telecom- en chipfabrikanten, mobiele operators, ICT-bedrijven en onderzoeksinstellingen. Samen werken zij aan belangrijke bouwstenen voor
6G, zoals softwaregedefinieerde antennes, AI-gedreven netwerksoftware en geavanceerde toepassingen. Daarnaast wordt een landelijk 6G-testbed ontwikkeld waarin componenten en toepassingen in de praktijk kunnen worden getest.

the Union de positie van BTG rond thema’s als AI, digitale connectiviteit, cybersecurity en vitale infrastructuur. Jeroen Hofsté lichtte namens BTG Services de ondersteuning bij digitale transitie toe en Young Professionals Youssef el Khattabi en Veronique Klaassen deelden hun visie op onderwijs, kennis, regionale samenwerking en digitale ecosystemen.

De derde etappe van Le Tour de France des Ports et Industries 5G Privée vond onlangs plaats in Duinkerken. Tijdens dit B2B-innovatie-event stonden private 5G-netwerken, slimme havenlogistiek en de digitale transformatie van industrie en havens centraal. Het initiatief, georganiseerd door Invenio Techs, brengt havenautoriteiten, industriële spelers, technologiebedrijven en kennispartners samen om concrete toepassingen van private mobiele netwerken te verkennen. BTG is actief betrokken bij EUWENA, de European Users Wireless Enterprise Network Association. Petra Claessen, voorzitter van BTG, vervult binnen EUWENA de rol van vice-president users. Vanuit die positie draagt BTG bij aan de Europese dialoog over de inzet van private 4G- en 5G-netwerken voor bedrijfskritische en missiekritische toepassingen. Eerder organiseerden BTG en EUWENA al een succesvol community-event in de Rotterdamse haven, gericht op private broadband networks in zeehavens.
Voor de actuele agenda zie de website
De IT-wereld ontwikkelt zich in razend tempo. Na de eerdere focus op duurzame innovaties en slimme toepassingen staan nu tal van hightechambities in de schijnwerpers. Zeer actueel zijn thema’s als AI, quantum, chips, digitale connectiviteit, digitale veiligheid, defensietechnologie en vitale infrastructuur. Dit alles speelt zich af in een wereld vol complexe maatschappelijke vraagstukken én toenemende druk op begrotingsdiscipline.

Waar staat BTG in deze ontwikkeling?
BTG schuift op deze thema’s regelmatig aan bij strategische tafels en brengt daar de kennis, signalen en belangen van haar achterban in. Dit doen we samen met onze relaties, leden, gebruikers, solution partners, leveranciers en expertgroepen. Ook vindt dit plaats in samenwerking met kennisinstellingen, bedrijven, branchepartijen en overheid, zowel nationaal als internationaal. Uiteraard blijft duurzaamheid top of mind, gezien onze rol in onder meer de NL Coalitie Duurzame Digitalisering en bij Innovally in Almere.
Digitale connectiviteit met mission- en business critical communication staat centraal in ons denken en doen. BTG maakt zich daarbij uiteraard ook sterk voor de ermee verweven kerntechnologieën AI en cybersecurity. Een vitale infrastructuur met hoogwaardige ICT-connectiviteit is nu eenmaal een vereiste voor bedrijven, zorg- en onderwijsinstellingen én voor onze overheid. De doelstelling van BTG hierbij is technologie toegankelijk, toepasbaar, relevant en veilig te houden en tegelijkertijd autonomie te waarborgen. Kortom: BTG is actief betrokken bij beleidsontwikkeling.
Aanbevelingen van rapport Wennink
Tijdens het BTG december-event 2025 en de BTG Nieuwjaarsbijeenkomst in januari 2026 stond het rapport Wennink centraal, met tal van aanbevelingen aan de Nederlandse overheid voor diverse aandachtsgebieden en de vereiste investeringen. Er was toen algemene bijval voor de beleidsaanbevelingen binnen de volgende vier domeinen: digitalisering en AI, veiligheid en weerbaarheid, energie- en klimaattechnologie en life sciences en biotechnologie.
Over de hoogte van de vereiste investeringen was onder economen toen al veel discussie. Dat gold ook voor de financiële hoogstandjes die elders worden bedacht om de AI-revolutie te kunnen financieren én voor vragen rond het risico van een AI-zeepbel.
Vanuit de wetenschappelijke hoek van duurzaamheid en transities kwam de kritiek dat het rapport Wennink keuzes mist voor brede welvaart, zoals kwaliteit van leven, gezondheid, sociale cohesie en natuur. Het advies vanuit die
hoek luidt: voorkom dat Europa en Nederland kiezen voor dezelfde focus als China en de VS.
Aanbevelingen van rapport
Wennink met de meeste kansen
In februari 2026 is het minderheidskabinet-Jetten aangetreden, bestaande uit drie partijen met elk een eigen focus. Daardoor komen de aanbevelingen van Wennink wellicht terug als compromis tussen de partijen. Ook blijft polderen met andere partijen noodzakelijk om tot een meerderheid in beide Kamers te komen.
Op het eerste gezicht lijken de volgende aanbevelingen van Wennink de meeste kans te krijgen:
• meer geld voor innovatie en technologie;
• versterking van defensie- en veiligheidstechnologie;
• investeringen in AI, de chipsector en digitalisering;
• technisch onderwijs en talentontwikkeling;
• minder regeldruk en snellere procedures;
• infrastructuur en energie-infrastructuur.
• Nog onduidelijk is de haalbaarheid van een nationale investeringsbank met voldoende slagkracht en de voorgestelde substantiële investeringsagenda van 151 tot 187 miljard euro;
• grote publiek-private investeringsfondsen;
• meerjarige investeringsprogramma’s buiten de normale begrotingscyclus;
• industriepolitiek met een grote invloed van de overheid.
De vraag blijft in hoeverre de aanbevelingen van Wennink substantieel, in gematigde vorm of juist sterk afgezwakt tot uitvoering zullen komen.
Het belang van de Triple Helix bij innovatie
BTG volgt de turbulente technologische ontwikkelingen op de voet en maakt zich sterk voor de belangenbehartiging van haar achterban. Dat doen we door wensen en ideeën ten aanzien van IT- en communicatietechnologie te inventariseren en aan de orde te stellen. Dat gebeurt binnen de Triple Helix: de samenwerking tussen overheid, wetenschap en bedrijfsleven. Overleg tussen overheid en IT-brancheorgani-
saties is daarbij essentieel. IT-brancheverenigingen vertegenwoordigen immers bedrijven, organisaties en instellingen die direct met IT te maken hebben. BTG ziet de Triple Helix als motor voor innovatie en roept de overheid op om meer tempo te maken in de samenwerking met het veld.
Human capital: de meerwaarde voor bedrijven, instellingen en overheid
Het delen van kennis en het verbinden van jong talent met het bedrijfsleven zijn essentieel. BTG ziet dit als onderdeel van haar maatschappelijke verantwoordelijkheid. BTG draagt ook bij aan de versterking van talentontwikkeling via onze peer groups en kennissessies, zoals met Young Women in Tech.
Ook participeren wij in diverse landelijke overleggremia in het onderwijs en in het bedrijfsleven. Samen zullen we als branches een bijdrage moeten leveren om meer banen te creëren voor de toekomst. Hiervoor zijn stevige hervormingen in het onderwijs nodig, die moeten leiden tot meer afgestudeerden in STEM-studies: Science, Technology, Engineering en Mathematics. Tegelijkertijd is herwaardering nodig voor tal van praktische beroepen en voor het beroepsonderwijs, vooral in het mbo, maar ook in het hbo. Dit is noodzakelijk om het tekort aan professionals, onder meer in de techniek en zorg, terug te dringen.
BTG-aandacht voor start-ups
Start-ups vormen een essentieel onderdeel van onze economie en samenleving. Zij kunnen bovendien veel sterker bijdragen aan innovatiekracht dan nu het geval is. BTG heeft hier een duidelijke kijk op en ik verwijs graag naar onze publicaties op onze website, LinkedIn en in BTG Magazine.
Nederland moet bouwen aan de techkampioenen van morgen. Dat vraagt om investeringen in ons toekomstige groeimodel. Wij ondersteunen het initiatief om het succesvolle programma TechLeap te verlengen tot 2029. Met haar nieuwe actieagenda wil TechLeap investeren in start-ups en scale-ups, om zo in Nederland tien techkampioenen in tien jaar te realiseren én ook hier te behouden.

Laat Internet of Things voor je werken. We integreren je IoT-toepassing in je eigen ICT-omgeving. Zo heb je altijd inzicht en controle over performance en kosten.
Als je Internet of Things inzet in je bedrijf, kan dit de productiviteit, efficiëntie en duurzaamheid vergroten. Odido heeft betrouwbare, beveiligde verbindingen voor alle IoT-toepassingen. Op maat en op elk netwerktype: van Narrow Band IoT tot 5G. Binnen of buiten, waar ook ter wereld. Want je bepaalt zelf waar je zakendoet. Odido laat IoT voor je werken omdat we de toepassing integreren in je eigen ICT-omgeving. Eenvoudig in beheer en met ons prijsmodel heb je altijd inzicht en controle over prestaties en kosten.
Ontdek ons slimme IoT aanbod.
BTG was ook een van de partners binnen het programma van InnovationQuarter, FNS en 4YFN tijdens het Mobile World Congress 2026. Tijdens een speciale avond met een mooi diner, mede georganiseerd door FNS, BTG en InnovationQuarter, hebben we kennisgemaakt met start-ups die zich hadden geprofileerd binnen het programma van 4YFN tijdens MWC 2026. Een unieke kans om nader kennis te maken met getalenteerde startende ondernemers, die aandacht en kennis vanuit onder meer BTG hard nodig hebben.
BTG High Tech Award, Startups, juni 2026
Tijdens ons BTG Event op 18 juni 2026 besteden we volop aandacht aan de BTG High Tech Awards voor start-ups. Dit is voor BTG een nieuwe award, omdat wij het belangrijk vinden om te investeren in talent en om start-ups kennis te laten maken met het grote en actuele netwerk van BTG en BTG Services, dat circa 450 toonaangevende bedrijven omvat.
Belangenbehartiging van onze BTG-achterban
We houden intensief contact met onze achterban en peilen hun visie op waardegedreven thema’s als ethiek, privacy, continuïteit en connectiviteit.
BTG doet op verzoek van EZ actief mee aan de zogeheten consultatierondes. Die gaan zowel over het frequentiebeleid in Nederland als over Europees beleid via de RSPG-consultaties, de Radio Spectrum Policy Group. Op deze wijze zijn BTG-standpunten ook het afgelopen jaar meermalen terechtgekomen in documenten van de Tweede Kamer. Onze BTG Expertgroep KMBG, Kritische Mobiele Breedband Gebruikers, zet fors in op deze consultatierondes om de belangen van onze achterban stevig te behartigen bij overheidspartijen zoals EZ, RDI en ACM.
Om beter te weten waar EZ mee aan de slag is én om te kunnen anticiperen op lopend overheidsbeleid, organiseert BTG het zogenoemde kwartaaloverleg met EZ.
BTG heeft hierbij een actieve agendasetting. Bij dit specifieke kwartaaloverleg sluiten ook belangrijke leden en partners van BTG aan, zoals diverse lucht- en zeehavens. Via deze vormen van overleg kunnen aangesloten leden meedenken over het beleid dat in Den Haag wordt ontwikkeld. Dit werpt inmiddels zijn vruchten af.
BTG actief in internationale samenwerkingsverbanden
BTG participeert actief in internationale netwerken en telecomorganisaties. Vanuit mijn rol als vice-president voor de users bij EUWENA ben ik actief betrokken bij de in 2021 opgerichte European Users Wireless Enterprise Association. Ook hieraan levert onze Expertgroep KMBG een belangrijke inhoudelijke bijdrage. Deze expertgroep heeft in samenwerking met EUWENA het initiatief genomen om in 2026 een speciale 5G Security Training op te zetten voor bedrijven en organisaties.
BTG is ook actief betrokken bij de INTUG, International Telecom User Group, waarmee elke zes weken in internationaal verband afstemming plaatsvindt over internationale ontwikkelingen op telecommunicatiegebied. Al deze activiteiten illustreren het toenemende belang van missiekritische mobiele connectiviteit. BTG is inmiddels ook actief lid van de Global Board of Directors van WITSA, de World Information Technology & Services Alliance. Dit is een consortium van ICT-brancheorganisaties uit 83 landen, die samen 90 procent van de ICT-industrie wereldwijd vertegenwoordigen.
BTG in Nederlandse samenwerkingsverbanden
BTG werkt hecht samen met negen andere IT-organisaties binnen de Tech Denktank. Dit leverde in 2025 het verkiezingsmanifest op, met daarin onder meer een oproep om digitalisering een vast overlegpunt in de formatie te maken. We hebben ons als branches actief ingezet voor de installatie van één slagvaardig ministerie van Digitale Zaken. Zo ver is het in deze formatie nog niet gekomen, maar we hebben nu wel in
Meer informatie?
Kijk op btg.org of stuur een bericht naar petraclaessen@btg.org
de persoon van Willemijn Aerdts een staatssecretaris van EZ, belast met Digitale Economie en Soevereiniteit. Dat is winst. Eind 2025 organiseerden we met de Tech Denktank een digitaal verkiezingsdebat. Op 7 september gaan we als branches opnieuw gezamenlijk aan de slag. Onder de vlag van iPoort organiseren we een debat met als titel: ‘5 jaar vaste Tweede Kamercommissie Digitale Zaken: hoe verder?’ Naast de branches, het bedrijfsleven en de wetenschap zit uiteraard ook de overheid aan tafel. Ook in dit concept wordt de Triple Helix gehanteerd.
2026: Connected by Tech; driven for Impact
Connected by Tech is al bijna veertig jaar de rode draad bij BTG. In 2026 bestaat BTG 40 jaar. Dankzij de actieve banden met onze leden en partners, onze strategische tafels, de consultatierondes, masterclasses, expertgroepbijeenkomsten en de BTG Events en Awards creëren we zichtbaarheid én impact.
Impact realiseren we ook via onze dochterorganisatie BTG Services, die inmiddels 30 jaar bestaat. Die impact ontstaat door gerichte oplossingen te bieden aan gebruikers van IT- en communicatietechnologie.
Petra Claessen, Voorzitter BTG | Boardmember BTG Holding BV
‘CONNECTED BY TECH; DRIVEN FOR IMPACT’

BTG Services viert dit jaar zijn dertigjarig jubileum. Wat in 1995 begon als inkooporganisatie TGG, opgericht om de gezamenlijke inkoopactiviteiten voor telecom van BTG-leden onder te brengen in een aparte bv, is uitgegroeid tot een brede serviceorganisatie voor telecomen IT-vraagstukken.
Waar BTG Vereniging zich primair richt op belangenbehartiging, kennisdeling en inhoudelijke discussies met en binnen de achterban, vertaalt BTG Services die behoeften naar concrete producten en diensten. Die wisselwerking vormt nog altijd de kern van de organisatie.
“BTG Vereniging en BTG Services zijn complementair aan elkaar”, zegt Jeroen Hofsté, directeur Finance, Control & Operations van BTG en BTG Services. “Aan de verenigingskant ontstaan de inhoudelijke vragen: waar hebben leden behoefte aan, welke ontwikkelingen spelen er en welke knelpunten ervaren organisaties? Vanuit BTG Services kijken wij vervolgens hoe we daar praktische dienstverlening van kunnen maken.”
Die rol is in de afgelopen jaren steeds breder geworden. BTG Services ondersteunt bedrijven en instellingen met oplossingen op het gebied van Telecom Expense Management, sms-diensten, een webshop voor telecom- en IT-producten en consultancy. Daarmee richt de organisatie zich op grote en landelijke organisaties die behoefte hebben aan grip, continuïteit, kostenbeheersing en praktische ondersteuning rond telecom en IT, maar ook rond trajecten zoals AI, cybersecurity en indoordekking.
30 jaar
Grip op telecomkosten
Een van de meest onderscheidende diensten van BTG Services is Telecom Expense Management, kortweg TEM. Daarmee helpt de organisatie bedrijven en instellingen om telecom- en ICT-kosten inzichtelijk te maken, te analyseren en waar mogelijk te verlagen. Via een online portal krijgen gebruikers overzicht in factuurdata, contracten, kostenplaatsen, verbruik en rapportages. Dat levert niet alleen inzicht op, maar ook concrete aanknopingspunten voor kostenbesparing en betere contractbenutting.
“Wij ontzorgen daar al ruim dertig jaar diverse bedrijven en organisaties in”, zegt Hofsté. “Dit is een service die nog altijd groeit. We spelen vanuit BTG Services adequaat in op de vraag van onze gebruikers en leveren maandelijks, of desgewenst eerder, relevante gegevens aan waarop de organisatie kan bijsturen.”
De meerwaarde zit volgens Hofsté niet alleen in techniek, maar ook in de combinatie van schaalgrootte, onafhankelijkheid en persoonlijke begeleiding. BTG Services werkt rechtstreeks samen met telecomproviders en mobiele netwerkoperators. Daardoor kunnen factuurstromen worden gebundeld, contractdata worden verrijkt en organisaties worden ontzorgd in hun telecomadministratie. In plaats van meerdere facturen van verschillende providers ontvangen klanten één overzichtelijke factuur en krijgen zij toegang tot gedetailleerde rapportages.
“Een grote toegevoegde waarde is dat wij vanaf de start samenwerken met onder meer de mobiele netwerkoperators, waarbij de onafhankelijkheid van onze organisatie vooropstaat. Wij adviseren en implementeren voor onze relaties. Zij maken zelf de keuze”, aldus Hofsté.
“Daardoor kunnen wij bij grote aantallen forse kortingen bedingen voor onze gebruikers.”
TEM biedt organisaties meerdere voordelen: betere kostenbeheersing, tijdsbesparing, continuïteit van levering, onafhankelijkheid van providers en de mogelijkheid om factuurdata te verrijken met organisatiegebonden informatie, zoals personeelsnummers en kostenplaatsen. Daarbij blijft persoonlijk contact belangrijk. Vragen kunnen snel worden beantwoord en eventuele issues worden direct opgepakt.
“DE KRACHT VAN
ZIT NIET ALLEEN IN AFZONDERLIJKE PRODUCTEN, MAAR VOORAL IN DE VERBINDING TUSSEN COLLECTIEVE BEHOEFTE EN PRAKTISCHE UITVOERING”
Sms als betrouwbaar communicatiekanaal Naast TEM ziet BTG Services ook duidelijke groei in sms-dienstverlening. In een tijd waarin digitale communicatie steeds meer versnipperd raakt over apps, platforms en notificatiesystemen, blijft sms een opvallend robuust kanaal. Het werkt zonder internetverbinding, is universeel beschikbaar op vrijwel elk toestel
en wordt breed ingezet voor bedrijfskritische communicatie.
“Organisaties moeten kunnen rekenen op hun communicatie-infrastructuur, zeker in tijden van verdere digitalisering en verstoringen van connectiviteit”, zegt Hofsté. “Wij zien communicatie als vitale infrastructuur. In dat licht is sms, juist vanwege de eenvoud en betrouwbaarheid, een robuuste bouwsteen binnen de digitale strategie van veel organisaties.”
De sms-dienst van BTG Services wordt ingezet door onder meer organisaties in de zorg, luchtvaart, retail, het notariaat en de publieke sector. Denk aan afspraakherinneringen, alarmeringen, roosterwijzigingen, tweefactorauthenticatie, klantcommunicatie of crisiscommunicatie.
Gebruikers kunnen berichten versturen via een webportal, API-integratie, e-mailkoppeling of integratie met eigen software.
BTG Services werkt daarbij samen met gespecialiseerde partners en biedt onder meer provideronafhankelijke routering, rapportages, realtime verzendstatussen, foutanalyses en ondersteuning bij internationale verzending. Ook tweerichtingsverkeer via longcodes en shortcodes is mogelijk. Daardoor is sms niet alleen een zendkanaal, maar kan het ook worden ingezet voor interactie met klanten, medewerkers of burgers.
“Onze kracht als BTG Services ligt in het verbinden van inhoudelijke expertise aan praktische uitvoering”, zegt Hofsté. “We helpen organisaties niet alleen met techniek, maar vooral ook met regie, governance en strategische verankering van communicatie in hun processen.”
Webshop en consultancy
BTG Services biedt daarnaast een webshop waar organisaties telecom- en IT-producten kunnen inkopen. Het gaat daarbij om hardware,

Wil je technologie die je organisatie écht vooruithelpt?
BTG Services levert praktische, onafhankelijke en schaalbare IT- en telecomoplossingen voor bedrijven, instellingen en overheden. Wij zorgen voor grip op je kosten, verbeteren je communicatie en helpen je met strategisch advies op topniveau. Geen loze beloftes, maar concrete resultaten. En dat alles met de expertise en het netwerk van BTG – dé branchevereniging voor IT en communicatietechnologie – in je achterzak.
Slimme oplossingen die werken
Of het nu gaat om Telecom Expense Management (TEM), het inzetten van ervaren consultants en young professionals, of het gebruik van efficiënte sms-diensten – wij zorgen dat technologie doet wat het moet doen. Via onze webshop bieden we direct inzicht in actuele voorraden van devices, en onze second opinions en analyses geven je de zekerheid van een onafhankelijk expertperspectief. Daarnaast ondersteunen we organisaties met datarapportages, het toepassen van duurzame technologie, en leveren we altijd oplossingen op maat. Dankzij ons netwerk krijg je bovendien toegang tot de juiste experts die met je meedenken, vandaag én morgen.
services en devices, zowel nieuw als refurbished. Organisaties kunnen producten vergelijken, beschikbaarheid bekijken en waar mogelijk kiezen tussen kopen en leasen. De vernieuwde webshop op de website van BTG Services laat de nieuwste trends en ontwikkelingen zien. Daarmee speelt BTG Services in op de behoefte aan efficiënte inkoop, transparantie en return on investment.
Ook consultancy is een groeiend onderdeel van de dienstverlening. Samen met partners ondersteunt BTG Services organisaties met deskundigen, zowel senior consultants als young professionals. Dat is relevant in een markt waarin kennis schaars is en organisaties moeite hebben om voldoende expertise intern beschikbaar te houden. De koppeling met de expertgroepen van BTG Vereniging blijft daarbij belangrijk. Inhoudelijke discussies over thema’s als connectiviteit, AI, security, smart cities, frequentiebeleid en duurzame digitalisering kunnen via BTG Services worden doorvertaald naar concrete ondersteuning en diensten.
Verbinding tussen vereniging en praktijk
Hofsté tot slot: “De kracht van BTG Services zit niet alleen in afzonderlijke producten, maar vooral in de verbinding tussen collectieve behoefte en praktische uitvoering. De organisatie beweegt mee met de vragen uit de markt. Soms gaat het om kostenbeheersing en factuurmanagement, soms om betrouwbare communicatie, soms om inkoop, advies of tijdelijke expertise. Steeds staat dezelfde vraag centraal: hoe kunnen organisaties technologie effectiever, veiliger en kostenefficiënter inzetten?”
Die rol past bij het bredere BTG-thema ‘Connected by Tech; driven for Impact’. Digitale infrastructuur, communicatie en IT zijn geen losse technische domeinen meer,
maar voorwaarden voor continuïteit, dienstverlening en maatschappelijke waarde. BTG Services helpt organisaties om die infrastructuur beheersbaar en betrouwbaar te organiseren. “Een toekomstbestendige digitale infrastructuur vraagt om meer dan alleen technologie”, zegt Hofsté. “Het vereist visie, verbinding en veerkracht.”
Dertig jaar na de start als inkooporganisatie is BTG Services daarmee uitgegroeid tot een serviceorganisatie die leden en gebruikers ondersteunt op precies de punten waar telecom en IT steeds complexer worden: kosten, continuïteit, inzicht, communicatie, compliance en regie. Of zoals de jubileumboodschap het samenvat: van inkoop naar services. En die ontwikkeling gaat door.

Jeroen Hofsté, Directeur Finance, Control & Operations BTG en BTG Services
BTG Services heeft onlangs een nieuwe website gelanceerd. De vernieuwde site biedt een helder overzicht van de diensten en oplossingen waarmee BTG Services organisaties ondersteunt op het gebied van telecom en IT. Bezoekers vinden er informatie over onder meer Telecom Expense Management, sms-diensten, consultancy, fiberverbindingen en de webshop. Ook zijn de verschillende portals, zoals de TEM Portal, SMS Portal, Glasvezel Portal en Webshop Portal, via de site toegankelijk. De totale webshop is vernieuwd en speelt in op de behoefte aan efficiënte en transparante inkoop. BTG-leden en partners kunnen er terecht voor een breed assortiment telecom- en IT-producten, waaronder smartphones, accessoires, endpoint- en netwerkdevices en aanvullende services. De webshop biedt directe voorraad- en leveringsinformatie, transparante prijzen en snelle levering. Daarbij is er ook aandacht voor refurbished hardware en de mogelijkheid om producten niet alleen te kopen, maar in sommige gevallen ook te leasen.

Deborah Nas laat zich moeilijk vangen in één functietitel of specialisme. Innovatiestrateeg, deeltijdhoogleraar aan de TU Delft, keynotespreker, consultant, toekomstverkenner en expert op het gebied van AI en quantumtechnologie. Daarbij beweegt ze zich al jaren op het snijvlak van technologie, business en menselijk gedrag. Juist die combinatie maakt haar een veelgevraagd spreker voor organisaties die zoeken naar richting in een tijdperk van razendsnelle technologische verandering.
Die brede achtergrond bepaalt nog altijd haar blik: technologie is nooit alleen een technisch vraagstuk, maar altijd ook een menselijke en organisatorische opgave.
Waarom innovatie vaak vastloopt
Die focus op adoptie van en weerstand tegen technologie vormt nog altijd de kern van haar werk. Volgens Nas wordt technologische innovatie nog te vaak benaderd alsof de technologie zelf centraal staat, terwijl gedrag en acceptatie doorslaggevend zijn. “Je hebt altijd een kleine groep mensen die van nature nieuwsgierig is naar nieuwe technologie”, zegt ze. “Dat zijn de innovators en early adopters. Die vinden het prima als het nog niet meteen perfect werkt. Maar het overgrote deel neemt een afwachtende houding aan of zit zelfs actief in de weerstand. Voor die pakweg 84 procent moet je als organisatie echt je best doen om hen mee te krijgen in een digitale transformatie of AI-transitie.”
Volgens Nas geldt dat zeker voor AI. “Technologie is niet de bepalende factor voor de snelheid van innovatie of transformatie. Het is vooral een organisatorisch vraagstuk. Eigenlijk is het een mensenvraagstuk.”
Dat gebrek aan duidelijkheid voedt onzekerheid. Tegelijkertijd lezen medewerkers berichten over banen die verdwijnen door AI. Ze ervaren de technologie eerder als bedreiging dan als hulpmiddel. “Als je wilt dat mensen meegaan in een AI-transitie, moet je laten zien wat het hen oplevert”, zegt ze. “Dan gaat het over slimmer werken, repetitieve taken verminderen en ruimte creëren voor ander werk.”
AI vraagt om leiderschap
Succesvolle AI-adoptie begint volgens Nas daarom niet bij technologie, maar bij leiderschap. “Ik geloof sterk in rolmodellen. Als de directie zelf actief AI gebruikt en zichtbaar enthousiast is, ontstaat er makkelijker beweging
in de organisatie. Dan zien mensen dat het belangrijk wordt gevonden en is hun motivatie ook groter.”
Daarnaast ziet ze goede resultaten bij organisaties die tijdelijke AI-transitieteams opzetten. “Die teams begeleiden afdelingen bij experi-
“TECHNOLOGIE IS NIET DE BEPALENDE FACTOR VOOR DE SNELHEID VAN INNOVATIE OF TRANSFORMATIE.
HET IS VOORAL EEN ORGANISATORISCH VRAAGSTUK”
menten, trainingen en concrete toepassingen. Wat ook goed werkt, is medewerkers zelf laten nadenken over waar het laaghangend fruit zit. Welke repetitieve taken kosten veel tijd? Welke processen kunnen slimmer? Zodra mensen zelf die kansen ontdekken, ontstaat draagvlak.”
De snelheid waarmee AI zich ontwikkelt, is volgens haar ongekend. “Ik heb nog nooit een technologie gezien die zich zo snel ontwikkelt én zo snel waarde creëert. Voor iedereen gaat werk veranderen, en sommige banen worden misschien grotendeels overgenomen. Bedrijven
die dit omarmen, pakken in een paar jaar tijd een enorme voorsprong op bedrijven die dit niet doen.”
Toch gelooft ze niet direct in massale werkloosheid door AI. Werk zal volgens haar vooral veranderen. Ze vergelijkt de huidige AI-transitie met de komst van Excel. “Vroeger deden mensen berekeningen met papier en rekenmachines. Toen kwam Excel. Veel werknemers verloren bepaalde vaardigheden, bijvoorbeeld hoofdrekenen, maar kregen er nieuwe voor terug. Het verschil is alleen dat AI deze verandering in een veel hoger tempo veroorzaakt. De vraag is: lukt het om mensen te reskillen en upskillen bij deze enorme snelheid?”
Onderwijs loopt achter op de praktijk Die enorme snelheid stelt ook onderwijsinstellingen voor forse uitdagingen. Nas maakt zich zorgen over de traagheid van het onderwijssysteem. “We leiden studenten op in een wereld die over vijf jaar alweer compleet anders is”, zegt ze. “En ondertussen veranderen curricula ontzettend langzaam. Dat heeft onder andere te maken met het accreditatiesysteem.” Ze ziet daarom kansen voor een flexibeler en modulair onderwijssysteem waarin wijzigingen sneller doorgevoerd kunnen worden. “We moeten sneller kunnen inspelen op veranderingen”, stelt ze. “In een wereld waarin AI in hoog tempo ons werk verandert, is het lastig om te bepalen welke vaardigheden over vijf jaar gevraagd zijn.” Ook op basisscholen ziet Nas problemen ontstaan. “Veel leraren zijn het onderwijs ingegaan omdat ze graag met kinderen werken, niet omdat ze technologie-experts zijn. Dan is het vreemd dat we verwachten dat zij ook digitale vaardigheden moeten doceren aan kinderen die soms digitaal vaardiger zijn dan zijzelf.” Daarnaast sluit het huidige systeem onvoldoende aan op de snelheid van technologische ontwikkelingen. “We hebben op basisscholen leerdoelen die zijn bedacht in een tijd waarin de iPhone nog niet bestond. En als het twintig jaar duurt voordat nieuwe leerdoelen worden aangepast, dan lopen we structureel achter de feiten aan.”
Robotica en quantum: de volgende golf
De impact van technologie beperkt zich volgens Nas niet tot AI alleen. Ook robotica en quantum-

voor onze digitale beveiliging.”
“HET DUURT LANG VOOR EEN DISRUPTOR WINSTGEVEND WORDT, MAAR ALS ZE DAT OMSLAGPUNT
BEREIKEN, DAN ZIJN ZE NIET
MEER TE STOPPEN.”
technologie zullen de komende jaren een enorme invloed krijgen op economie en samenleving. Over robotica is ze duidelijk: AI versnelt die ontwikkeling enorm. “Door zogeheten world models kunnen we robots straks trainen in volledig virtuele omgevingen. Daardoor krijgt de ontwikkeling van humanoid en andere autonome robots een enorme impuls.” Quantumtechnologie noemt ze een nog grotere systeemverandering. “Quantum computing is echt een disruptieve technologie”, zegt ze. “Aan de ene kant biedt het enorme kansen, maar aan de andere kant vormt het ook een bedreiging
De komst van krachtige quantumcomputers betekent namelijk dat huidige encryptiesystemen uiteindelijk gekraakt kunnen worden. “We weten dat het eraan komt”, zegt Nas. “Alleen niet precies wanneer. Grote organisaties hebben waarschijnlijk tien jaar nodig om hun systemen quantumproof te maken. Dus eigenlijk moeten ze nu al beginnen.”
Nederland heeft internationaal gezien een sterke positie op het gebied van quantumtechnologie en de benodigde infrastructuur. Toch laat Europa op andere vlakken kansen liggen. Vooral rond innovatiebeleid en investeringen is Nas kritisch.
Nederland moet innovatie serieuzer nemen
“We zijn goed in wetenschap en start-ups”, vervolgt ze. “Maar we zijn slecht in scale-ups. Zodra bedrijven willen opschalen en serieus kapitaal nodig hebben, vertrekken ze vaak naar de Verenigde Staten of stappen Amerikaanse investeerders in.”
Dat verschil heeft volgens haar alles te maken met cultuur en beleid. “In Silicon Valley bestaat al decennialang een vliegwiel van investeringen”, legt Nas uit. “Succesvolle techondernemers investeren in nieuwe techbedrijven. In Europa begint dat vliegwiel nu pas een beetje op gang te komen. Het aantal succesvolle techondernemers en de hoeveelheid kapitaal zijn echter nog beperkt.”
Daarnaast vindt ze dat overheden innovatie actiever moeten ondersteunen. “De overheid
kan een rol pakken in het mogelijk maken en aanjagen van innovatie.” Ze wijst daarbij onder meer op de Amerikaanse aanpak rond quantumtechnologie, waar miljardeninvesteringen worden gedaan in productiefaciliteiten en bedrijven. “In Nederland zouden we dat snel als staatssteun zien”, zegt ze. “Maar ondertussen geven andere landen hun bedrijven wel een enorme voorsprong.”
Ook aanbestedingen vormen volgens Nas een knelpunt. “Start-ups komen vaak niet door de procedures heen”, zegt ze. “Terwijl overheden juist launching customer zouden moeten zijn voor innovatieve bedrijven.”
De rol van ecosystemen zoals BTG
Daarom ziet Nas veel potentie in ecosystemen rond actieve brancheorganisaties als BTG, waarin bedrijven, kennisinstellingen en overheid samenwerken op het gebied van IT- en communicatietechnologie. “Als je partijen echt met elkaar kunt verbinden, zit daar enorm veel waarde”, zegt ze. “Start-ups hebben uiteindelijk vooral klanten nodig. Als brancheorganisaties die verbinding kunnen maken met grotere bedrijven en overheden, dan versnelt dat innovatie enorm.”
Volgens Nas ligt daar ook een duidelijke maatschappelijke verantwoordelijkheid.
Technologie moet niet alleen sneller naar de praktijk worden gebracht, maar vooral ook verantwoord. Dat sluit aan bij de rol van BTG als bruggenbouwer tussen gebruikers, leveranciers, overheid en kennisinstellingen. Voor BTG raakt dat aan haar maatschappelijke verantwoordelijkheid om niet alleen technologische innovatie te agenderen, maar ook het gesprek te faciliteren over ethiek, publieke waarden, vertrouwen en de voorwaarden waaronder technologie verantwoord kan worden toegepast.
BTG richt zich met name op grotere organisaties. Juist daar komt de AI-beweging volgens Nas nu op gang. “Start-ups, scale-ups en techbedrijven zagen met de komst van ChatGPT direct de potentie. Veel corporates bleven langer in de denkfase: wat werkt, wat mag, wat kan? Er ontstonden gesprekken tussen business, IT, legal en HR: er werd veel vergaderd, maar weinig actie ondernomen. Dat was in het verleden misschien nog te permitteren, maar
bij AI gaat de ontwikkeling zo snel dat te lang wachten een risico wordt. Gelukkig zie ik het laatste halfjaar bij grotere organisaties veel meer beweging.”
Wie te traag beweegt, loopt volgens haar het risico te worden ingehaald. “Dan krijgt een disruptor ruimte, of een concurrent die zijn processen en systemen digitaal zo goed op orde heeft dat hij veel sneller kan opschalen. Denk aan een partij als Revolut in de bankwereld. Het duurt lang voor zo’n disruptor winstgevend wordt en velen gaan onderweg failliet, maar als ze dat omslagpunt bereiken, dan zijn ze niet meer te stoppen.”
Wanneer technologie echt betekenis krijgt
De maatschappelijke impact van nieuwe technologie speelt ook een centrale rol in haar boek ‘Design Things That Make Sense’, dat in 2021 verscheen. Daarin onderzocht ze waarom sommige technologieën succesvol worden en andere niet. “Technologie is pas betekenisvol als mensen het daadwerkelijk willen blijven gebruiken”, zegt Nas. “En als het echte waarde toevoegt.”
In het boek beschrijft ze verschillende vormen van waardecreatie én de weerstand die nieuwe technologie oproept. “Mensen maken zich zorgen over veiligheid, privacy, kosten, afhankelijkheid en sociale acceptatie”, zegt ze. “Als je die weerstand negeert, mislukt innovatie vaak.” Momenteel werkt ze aan een nieuw boek, met focus op misschien wel het meest menselijke aspect van AI: emotionele relaties tussen mens en machine. “Wat gebeurt er als AI de rol krijgt van coach, vriend, geliefde of therapeut? Ik heb mensen geïnterviewd die diepe emotionele banden hebben opgebouwd met AI-systemen.” Dat levert volgens haar zowel kansen als risico’s op. “Voor sommige mensen kan AI helpen tegen eenzaamheid of bij mentale ondersteuning. Maar er zijn ook gevallen waarin mensen volledig worden meegezogen in hun interactie met AI.”
Daar ziet ze opnieuw een belangrijke verantwoordelijkheid voor technologiebedrijven, met name Big Tech. “De commerciële prikkels achter AI-platforms zijn natuurlijk gericht op maximale betrokkenheid”, zegt ze. “Veel techbedrijven handelen niet in het belang van de mens en maatschappij. Juist daarom
moeten we kritisch blijven kijken naar de maatschappelijke effecten.”
“Maak AI een strategisch vraagstuk” Als ze één advies mag geven aan bedrijven en partners binnen het BTG-netwerk, hoeft Nas niet lang na te denken. “Maak AI een strategisch bestuursvraagstuk”, zegt ze. “Zolang organi-
saties het blijven behandelen als een ICT-kostenpost, zullen ze de echte waarde missen. Pas wanneer AI onderdeel wordt van de strategie, ontstaan er andere gesprekken, andere keuzes en uiteindelijk ook echte innovatie.”

Loopbaan in vogelvlucht
Deborah Nas studeerde Industrieel Ontwerpen aan de TU Delft en startte haar carrière bij Philips Research. Daarna werkte ze zes jaar bij KPN aan innovatieve telecomdiensten en internationale projecten, van satellietcommunicatie tot ADSL in Egypte en VPN’s in Namibië. Later richtte ze het strategisch innovatiebureau Sunidee op, waarmee ze zestien jaar lang organisaties als Philips, KPN, Unilever en Albert Heijn hielp met innovatie, nieuwe proposities en toekomstscenario’s.
Vandaag combineert Nas verschillende rollen op het snijvlak van technologie, innovatie en maatschappelijke impact. Ze is deeltijdhoogleraar aan de TU Delft, binnen de faculteit Industrieel Ontwerpen, en Innovation Lead bij het Centre for Quantum & Society, onderdeel van QDNL. Daarnaast is ze lid van de investeringscommissie van InnovationQuarter, een fonds dat zich richt op deeptech-start-ups en scale-ups, en lid van de Raad van Commissarissen bij Hardt Hyperloop, het innovatieve en duurzame mobiliteitsconcept. Ook is ze commissaris bij Quooker. Ze is veelgevraagd spreker over de impact van technologieën zoals AI en quantum op industrie, mens en maatschappij.
Daarmee verbindt Nas ervaring in telecom, productontwikkeling, deeptech, AI, quantum, mobiliteit en governance. Juist die combinatie maakt haar tot een scherpe duider van de vraag hoe technologie niet alleen technisch mogelijk wordt, maar ook maatschappelijk betekenisvol.
Sentyron houdt zich dagelijks zeer discreet bezig met een van de meest kritische vraagstukken van deze tijd: hoe houd je gevoelige informatie écht veilig? Toch kiest het bedrijf nu bewust voor meer zichtbaarheid. Sentyron is sinds kort lid van BTG en wil zich nadrukkelijker positioneren binnen het Nederlandse telecom-, IT- en security-ecosysteem. Dat gebeurt op een moment waarop cybersecurity en soevereiniteit hoger op de agenda staan dan ooit. Daarbij, zo vertelt CCO Marco Krijgsman: “Bij veel organisaties die gehackt worden is het meestal direct ook ‘game over’. De data is gestolen, de regie is weg; veel van de schade is dan dus al geleden.”
“Onze organisatie ontwikkelt zich van een best kept secret naar een organisatie waarvan mensen mogen weten wie we zijn en wat we doen. Tot op bepaalde hoogte”, vertelt Krijgsman. Die terughoudendheid is niet vreemd. Sentyron opereert namelijk in het hart van de Nederlandse cybersecuritystrategie. Op de website is dan ook maar een klein deel te vinden van wat de organisatie werkelijk doet.
Sentyron komt voort uit Fox Crypto, jarenlang onderdeel van Fox-IT. Al meer dan twintig jaar beveiligt het bedrijf geclassificeerde informatie, staatsgeheimen en kritieke systemen. Na de verkoop van Fox-IT aan NCC Group werd de cryptotak uiteindelijk ondergebracht bij CR Group en ging deze verder onder de naam Sentyron. De strategische waarde van die kennis is groot: via Invest-NL nam de Nederlandse overheid een prioriteitsaandeel in het bedrijf om te borgen dat cruciale cryptografische kennis en technologie voor Nederland behouden blijven. Sentyron maakt nu deel uit van de in Europa gevestigde CR Group, die zich volledig richt op de Europese markt — een actieve bijdrage aan strategische autonomie binnen Europa.
Cybersecurity voorbij de firewall
Waar veel securitybedrijven zich richten op het buitenhouden van indringers, kijkt Sentyron verder dan de firewall. Het bedrijf ontwikkelt technologie waarmee gevoelige data beschermd blijft, zelfs wanneer kwaadwillenden tóch toegang weten te krijgen. “Een firewall is voor ons per definitie niet voldoende”, legt Krijgsman uit. “Software kan gehackt worden, kan kwetsbaarheden bevatten of een backdoor hebben. Daarom richten wij ons op het beschermen van de data zelf. Stel dat iemand binnenkomt, dan moet diegene er alsnog niets mee kunnen.”
Dat doet Sentyron met een combinatie van encryptie, secure communication-oplossingen en technologie voor veilige opslag, netwerksegmentatie en cryptografisch keymanagement. De organisatie ontwikkelt veel van die producten zelf en werkt daarnaast samen met gespecialiseerde partners en system integrators. Het portfolio van Sentyron bestaat uit vier hoofdlijnen: secure networking, secure data, secure segmentation en secure mobile communication. Daarmee ondersteunt het bedrijf organisaties bij het beveiligen van verbindingen, opslag, netwerksegmentatie en
mobiele communicatie. Een voorbeeld is de inzet van datadiodes: hardware die informatie fysiek slechts één kant op laat bewegen en zo extreem gevoelige omgevingen beschermt. Sentyron werkt daarbij volgens de hoogste beveiligingsstandaarden, met certificeringen zoals Common Criteria (CC), NATO COSMIC TOP SECRET en diverse nationale IT-evaluatieschema’s. De teams opereren vanuit streng beveiligde ABDO-faciliteiten.
Post-quantum security als uitgangspunt
Een belangrijk thema binnen de cybersecuritywereld is post-quantum security: beveiliging die bestand moet zijn tegen toekomstige quantumcomputers. Waar veel organisaties focussen op post-quantum proof, gaat Sentyron een stap verder. “Wij ontwikkelen al tien tot twaalf jaar technologie die post-quantum veilig is”, zegt Krijgsman. “Niet omdat het een hype is, maar omdat je ervan uit moet gaan dat data vandaag al wordt onderschept om later te kunnen ontsleutelen.”
Volgens hem denken veel organisaties nog te traditioneel over cyberdreigingen. “Mensen denken vaak: als hackers er nu niets mee kunnen, dan is het niet relevant. Maar statelijke actoren verzamelen informatie voor de lange termijn. Die willen data gewoon hebben. Wat ze er later mee doen, zien ze dan wel.”
Die realiteit maakt dat Sentyron zich niet alleen richt op overheden en defensie, maar steeds nadrukkelijker ook op vitale infrastructuur en commerciële organisaties. “De dreigingen die wij kennen vanuit het hoogste veiligheidsdomein worden steeds relevanter voor bedrijven, ziekenhuizen, energiebedrijven en logistieke organisaties”, aldus Krijgsman. “Veel organisaties onderschatten dat nog.”
Cyberdreiging wordt geopolitiek én bedrijfskritisch
Tijdens het gesprek wordt duidelijk dat de experts van Sentyron de geopolitieke ontwikkelingen op de voet volgen. “De digitale oorlog is al jaren bezig”, zegt Krijgsman. “Alleen merken veel mensen het nog niet direct.”
De tijd van de individuele hacker met hoodie op een zolderkamer ligt ver achter ons. “Cybercrime is een businessmodel geworden. Het zijn professionele organisaties, vaak gelieerd aan staten. China richt zich bijvoorbeeld sterk op langdurige infiltratie en het verzamelen van informatie. Rusland gebruikt aanvallen vaker voor ontwrichting en financieel gewin.”
Die ontwikkeling zorgt al jaren voor grote druk op organisaties en overheden. Zeker nu
digitale systemen steeds belangrijker worden voor het functioneren van organisaties en de samenleving. “Het gaat allang niet meer alleen om bedrijfsdata”, zegt Krijgsman. “Denk aan energievoorziening, havens, bruggen, luchthavens of zorginstellingen. Als daar systemen uitvallen of gemanipuleerd worden, raakt dat direct burgers, bedrijven en publieke dienstverlening.”
Daarom verschuift de focus volgens hem steeds meer van preventie naar weerbaarheid. Geen enkele organisatie is immuun voor de effecten van cyberaanvallen”, stelt Krijgsman. “De vraag is: wat gebeurt er als het zover is? Hoe goed zijn je kroonjuwelen beschermd?”
Kennis uit het hoogste domein
De kracht van Sentyron zit volgens Krijgsman vooral in de specialistische kennis die is opgebouwd in het hoogste veiligheidsdomein. Sentyron is sinds 2018 strategisch partner van het Ministerie van Defensie en ontwikkelt en onderhoudt maatwerkoplossingen ter bescherming van de nationale veiligheid. Die expertise wil het bedrijf nu breder inzetten. Waar de focus historisch sterk lag op defensie en overheid, ziet Sentyron grote kansen in sectoren als transport, energie, industrie en logistiek. “Mijn persoonlijke drijfveer is om de kennis die we hebben opgebouwd ook beschikbaar te maken voor vitale infrastructuur”, zegt
Krijgsman. “Want de dreigingen stoppen niet bij de overheid.”
Sentyron brengt zo kennis uit het hoogste veiligheidsdomein naar organisaties waarvoor digitale continuïteit, vertrouwelijkheid en soevereiniteit bedrijfskritisch zijn.
Waarom BTG?
De keuze voor een lidmaatschap van BTG sluit aan bij die bredere positionering. Sentyron wil actiever deelnemen aan het ecosysteem van telecom, IT en digitale infrastructuur. Binnen Sentyron zijn Marco Krijgsman en Sander Dorigo de gezichten naar buiten. Krijgsman brengt als CCO ervaring mee uit het veiligheids- en industriedomein, onder meer vanuit Dell Technologies. Dorigo onderhoudt namens Sentyron veel van de contacten binnen het BTG-netwerk en is regelmatig aanwezig bij bijeenkomsten en events.
Er is veel overlap tussen de activiteiten van Sentyron en de thema’s waar BTG zich mee bezighoudt. Communicatie, IT, security, kritische communicatie en vitale infrastructuur groeien steeds meer naar elkaar toe. Juist daar wil het bedrijf actief onderdeel van zijn.
Van het BTG-lidmaatschap verwacht Sentyron vooral inhoudelijke uitwisseling en samenwerking. Niet alleen om zichtbaarder te worden, maar vooral om met organisaties in gesprek te gaan over digitale weerbaarheid, veilige commu-
nicatie en bescherming van kritische data. “De thema’s van BTG raken direct aan onze wereld: telecom, IT, security, kritische infrastructuur en digitale soevereiniteit”, aldus Krijgsman. “Juist op dat snijvlak willen wij kennis delen en samen optrekken.”
Met het BTG-lidmaatschap zet Sentyron nu een volgende stap. Niet om zichzelf luidruchtig in de schijnwerpers te zetten, maar om kennis te delen en samenwerking op te bouwen rond digitale weerbaarheid, veilige communicatie en bescherming van kritische data. Of zoals Krijgsman het samenvat: “De urgentie is er. Nu gaat het erom hoe snel we als samenleving kunnen handelen.”
“STATELIJKE ACTOREN VERZAMELEN INFORMATIE VOOR DE LANGE TERMIJN. DIE WILLEN DATA GEWOON HEBBEN. WAT ZE ER LATER MEE DOEN, ZIEN ZE DAN WEL”


Na zes jaar neemt Madeleine Lamers per 1 juli afscheid als bestuurslid van BTG. Vanuit haar juridische achtergrond bracht zij een andere blik mee in een organisatie die traditioneel sterk geworteld is in telecom, IT en digitalisering. In gesprek met BTG Magazine blikt Lamers terug op haar rol binnen BTG en op de veranderingen die zij de afgelopen jaren zag binnen de sector én de vereniging zelf.
Kun je iets over jezelf vertellen?
“Ik ben sinds 1988 advocaat en gespecialiseerd in arbeidsrecht. Tegenwoordig werk ik als counsel binnen de praktijkgroep Employment, Labour & Pensions bij CMS in Amsterdam. Ik adviseer vooral grote ondernemingen over reorganisaties, collectief ontslag, medezeggenschap en de positie van statutair bestuurders.”
“Toen ik begon, was de advocatuur veel generalistischer. Je deed van alles: van echtscheidingen tot dronken chauffeurs. Later ben ik me gaan specialiseren in arbeidsrecht, juist omdat dat rechtsgebied nooit alleen zakelijk is. Werk raakt mensen direct. Het gaat over bestaanszekerheid, identiteit en emotie. Die menselijke kant heeft me altijd aangesproken. Vaak blijven vooral ingewikkelde of emotioneel zware zaken je bij. Maar ik ben ook trots op trajecten die uiteindelijk veel soepeler verliepen dan vooraf gedacht, zoals reorganisaties waarbij we werkgevers op een verstandige manier door een moeilijke periode konden helpen.”
Hoe raakte je betrokken bij BTG?
“Ik kende Petra (Claessen, red.) vanuit haar eerdere functies bij onder meer NIMA en later SMA. We kwamen elkaar regelmatig tegen in reorganisatie- en bestuurskwesties. Toen er binnen BTG een bestuurlijke crisis ontstond, werd ik gevraagd om mee te denken. Er was indertijd veel discussie over de rol van de Raad van Commissarissen, over verantwoordelijkheden en over de bestuurlijke inrichting van de organisatie. Uiteindelijk is besloten het governancemodel volledig te herzien.”
BTG maakte daarbij de overstap naar een structuur met een holding, BTG Services en een vereniging met een ledenraad. Daarnaast werd gekozen voor een zogeheten one-tier board, waarbij uitvoerende en niet-uitvoerende bestuurders samen in één bestuur zitten. “Mijn rol zat vooral aan de toezichthoudende kant.”
Wat was jouw rol binnen het bestuur en wat bracht jouw juridische buitenblik BTG? “Mijn bijdrage lag vooral in het bewaken van processen, governance en structuur. Binnen een vereniging is het waardevol als iemand vanuit juridisch perspectief meekijkt naar statuten, contracten en bestuurlijke verantwoordelijkheden. Ook als niet-uitvoerend bestuurder in het one-tier board keek ik vooral mee vanuit toezicht, zorgvuldigheid en structuur. Ik hoefde geen telecomspecialist te zijn. Juist omdat ik van buiten de sector kwam, kon ik soms kritischer kijken naar hoe zaken georganiseerd
waren. We merkten bijvoorbeeld dat bepaalde lidmaatschapsconstructies in de praktijk niet goed werkten. Sommige leden hadden nauwelijks inspraak. Dan moet je durven zeggen: misschien moeten we die structuur aanpassen.” Ook bij BTG Services vroeg zij aandacht voor contractuele afspraken en formele verantwoordelijkheden. “Commerciële afspraken worden vaak gemaakt zonder dat er een jurist meekijkt. Dan is het goed als iemand daar scherp op is.”
Hoe heb je die jaren als bestuurslid ervaren? “Die zes jaar zijn ontzettend snel gegaan, en tegelijkertijd raakte je ook snel vertrouwd met de organisatie en de mensen. In het begin was met name het jargon soms lastig. Tijdens de eerste vergaderingen had ik vaak geen idee waar het over ging. Er werd continu gesproken in afkortingen en technische termen. Ik zat soms tijdens vergaderingen te googelen wat bepaalde begrippen betekenden.”Dat leverde ook humoristische momenten op. “Toen iemand begon over ‘actieve DAS’ dacht ik even aan dassen in de natuur,” lacht Lamers. “Maar uiteindelijk leer je die wereld natuurlijk wel kennen.”
Komt er een opvolger met juridische kennis in jouw plaats?
“Ja, mijn kantoorgenoot Edmon Oude Elferink neemt mijn plaats in het bestuur over. Hij is partner en advocaat binnen de praktijkgroep Antitrust, Competition & Trade in Amsterdam en leidt die praktijkgroep in Nederland. Edmon verdeelt zijn tijd tussen Brussel en Amsterdam en is gespecialiseerd in mededingingsrecht, staatssteun en buitenlandse directe investeringen (FDI). Daarmee brengt hij precies de juridische expertise mee die voor een vereniging als BTG waardevol is.” Ook BTG is geen onbekend terrein voor hem. “Hij is in het verleden al betrokken geweest bij BTG-bijeenkomsten over indoordekking, waar hij vanuit mededingingsrechtelijke compliance meekeek om te waarborgen dat de bijeenkomst binnen de kaders van het kartelverbod bleef.”
Wat zou je je opvolgers binnen het bestuur willen meegeven?
“BTG organiseert veel goede bijeenkomsten en events. De opkomst is eigenlijk altijd stabiel gebleven, en dat is knap. Voor de volgende fase denk ik dat er nog winst te halen is door structureel te blijven ophalen wat er echt leeft onder leden. Waarom blijven ze lid? Waarom zeggen ze op? En welke thema’s staan bovenaan hun prioriteitenlijst?” “Soms zeggen leden niet op
vanwege de inhoud, maar omdat ze weinig deelnemen of intern lastig kunnen uitleggen wat het lidmaatschap oplevert. Juist daarom moet je als vereniging voortdurend toetsen waar de behoefte zit. Een vereniging blijft alleen waardevol als je blijft luisteren naar wat leden echt nodig hebben.”
Wat is volgens jou het meest veranderd binnen BTG en in het speelveld waarin de vereniging actief is?
“BTG heeft zich sterk ontwikkeld als netwerkorganisatie die inspeelt op actuele technologische thema’s,” zegt Lamers. “Denk aan AI, cybersecurity, smart cities en digitalisering. Wat ik sterk vind, is dat BTG dicht op de actualiteit zit en daar succesvolle events omheen organiseert. Toen ChatGPT net beschikbaar kwam, stond er vrijwel direct iemand als Alexander Klöpping op het podium om daarover te vertellen. Dat laat zien dat BTG voorop loopt.” Tegelijkertijd ziet ze dat het speelveld breder en complexer is geworden. “Telecom blijft belangrijk, bijvoorbeeld bij thema’s als indoordekking, digitale infrastructuur en connectiviteit. Maar technologie raakt inmiddels ook veel sterker aan regelgeving en maatschappelijke vraagstukken. Denk aan privacywetgeving, AI-regelgeving, cybersecurity en datalekken.” Volgens Lamers liggen daar ook kansen voor BTG. “Er is veel juridische kennis beschikbaar rond thema’s als AI, privacy en NIS2. De vraag is hoe je die kennis op een toegankelijke manier naar leden brengt, zonder dat het een bijeenkomst voor juristen wordt.” Volgens Lamers maakt dat de rol van BTG relevanter, maar ook veelzijdiger. “AI is echt onontkoombaar geworden. Blockchain was jarenlang hét buzzword, maar hoor je nu veel minder. Dat laat zien hoe belangrijk het is om trends goed te duiden. BTG brengt IT-managers, innovatiespecialisten en telecomprofessionals bij elkaar om precies dat gesprek te voeren.”
Blijf je betrokken bij BTG?
“Zeker. Ik zal ook evenementen blijven bezoeken. Misschien niet alles, maar ik blijf het interessant vinden.” Ze kijkt met plezier terug op haar periode binnen het bestuur. “We hebben veel tijd gestoken in het verbeteren van de organisatie, governance en programmering. Dat was intensief, maar ook ontzettend leuk om te doen.”












Digitalisering brengt groei én risico’s. Medewerkers, leveranciers en apparaten verbinden zich overal met je infrastructuur, terwijl cyberdreigingen steeds professioneler worden. Met de komst van de nieuwe Cyberbeveiligingswet wordt het nog belangrijker om je security op orde te hebben.
Wij helpen organisaties stap voor stap weerbaarder te worden met geïntegreerde securityoplossingen: van netwerkbescherming en detectie tot identity & access management. Zo voldoe je aan de strengere eisen en kun je veilig blijven werken én innoveren.

Ontdek hoe jij jouw organisatie weerbaarder maakt op kpn.com/security of scan de QR-code



Hannan Ouhlous
is gedragsveranderaar en spreker in cybersecurity.

Anno 2026 wordt cybersecurity nog vaak gezien als een technisch vraagstuk. Firewalls, monitoring, compliance, tooling en beleid krijgen meestal de meeste aandacht. Als ik aangeef dat ik in cybersecurity werk, kan ik doorgaans twee reacties verwachten:
1. “Ooh, dat betekent dat je intelligent bent.”
2. “Dus je bent een nerd en kunt programmeren.”
Alleen al daarom begint sterke cyberweerbaarheid niet bij technologie, maar bij cultuur en bij een realistischer beeld van het vakgebied. Simpel gezegd draait cybersecurity om het mitigeren van risico’s door de inzet van beleid, technologie, processen en mensen. Randvoorwaarden voor succes zijn diversiteit, inclusie en psychologische veiligheid.
In veel organisaties wordt security awareness nog steeds georganiseerd als verplichte e-learning of jaarlijkse phishingtest. Ergens is dat logisch, want het is schaalbaar en meetbaar. Medewerkers moeten risico’s herkennen, beleid volgen en ‘menselijke fouten’ voorkomen. En juist daar ontstaat het probleem: awareness is nog geen gedragsverandering. Zonder uitleg over hoe security binnen de eigen organisatie is ingericht, is het moeilijk om begrip en eigenaarschap in beweging te krijgen.
Daarnaast is psychologische veiligheid een belangrijke randvoorwaarde. Wanneer medewerkers bang zijn om fouten toe te geven, valt er een stilte. En als moeder weet ik: stilte is altijd een slecht signaal. Een medewerker die per ongeluk op een verdachte link heeft geklikt, moet dit direct, makkelijk en vooral veilig kunnen melden. Zonder angst voor schaamte of schuld en zonder bureaucratie. Een collega moet zich comfortabel voelen om kritische vragen te stellen over een verzoek van een leidinggevende. En teams moeten de ruimte ervaren om security niet te zien als controlemechanisme, maar als gezamenlijke verantwoordelijkheid.
Gedragsverandering draait om het stimuleren van kleine,
concrete doelgedragingen. Enerzijds door kennis te vergroten, anderzijds door weerstanden weg te nemen. Daarvoor kun je jezelf de volgende vragen stellen: waarom melden mensen niet? Waarom nemen ze risico’s? Waarom omzeilen medewerkers beveiligingsmaatregelen? Waarom worden waarschuwingen genegeerd?
Meestal ligt het antwoord niet in onwil, maar in werkdruk, onduidelijke communicatie of een cultuur waarin snelheid belangrijker voelt dan veiligheid.
Hier speelt culturele intelligentie een belangrijke rol. Organisaties werken steeds internationaler en diverser. Mensen communiceren verschillend, interpreteren risico’s anders en reageren niet allemaal op dezelfde awarenesscampagnes. Een generieke securityboodschap bereikt daarom lang niet altijd iedereen. Wat voor de ene medewerker duidelijk en motiverend is, kan voor een ander afstandelijk of zelfs intimiderend voelen. Generatieverschillen spelen hierin overigens ook een duidelijke rol. Doe mij maar wat shorts in plaats van een nieuwsbrief. Sterke securityculturen houden rekening met menselijk gedrag én diversiteit. Ze investeren niet alleen in technologie, maar ook in vertrouwen, communicatie en inclusie. Tegelijkertijd is mijn stelregel dat de voorkeur altijd uitgaat naar het dichten van risico’s met behulp van technologie. Medewerkers worden immers al bestookt met trainingen, gewenst gedrag, regels en beleid. En wees eerlijk: wat blijft daar nu echt effectief van hangen?
De toekomst van cybersecurity draait daarom niet alleen om slimmere technologie, maar om mensgerichte security. Organisaties die investeren in gedragsverandering en psychologische veiligheid, bouwen uiteindelijk sterkere digitale weerbaarheid op dan organisaties die uitsluitend vertrouwen op tools en controles.
Want cyberveiligheid is geen IT-probleem. Het is menselijk gedrag, cultuur en vertrouwen, versterkt door technologie. Het is van iedereen. En hopelijk hebben we dan op een dag geen DEI-beleid of speciale campagne meer nodig.

Achter elk netwerk, elke zendmast, glasvezelverbinding en technische ruimte gaat een wereld schuil van onderdelen, specificaties, voorraadgegevens, installatietijden en milieudata. De installatiebranche is er mede dankzij 2BA in geslaagd om al die kennis en data te bundelen binnen één centrale database. Hierin is ruim 90 procent van alle relevante producten uit de installatiebranche gecategoriseerd. Veel daarvan wordt ook in de telecom toegepast.
Vandaar dat zowel grote bouwbedrijven als VolkerWessels, Heijmans en BAM als ruim 3.000 andere installatiebedrijven er al intensief gebruik van maken. Reden voor het oprichten van de
nieuwe BTG Expertgroep Data & Efficiency, waar 2BA niet alleen haar expertise inbrengt, maar vooral ook door te luisteren nog beter wil anticiperen op de behoeften van telecomgebruikers.
De ambitie van de nieuwe expertgroep: partijen uit de telecom- en IT-keten bij elkaar brengen om te onderzoeken hoe betere, gestandaardiseerde data kan bijdragen aan minder faalkosten, snellere uitrol, slimmer beheer en meer grip op toekomstige regelgeving.
Bekend met BTG
“2BA is eigenlijk de datalaag achter de infrastructuur, de uitrol, het beheer en de dienstverlening”, vat René Visser samen. Veel BTG-leden kennen hem nog uit zijn tijd bij VodafoneZiggo
en vanuit initiatieven als de Green Innovation Hub. Sinds kort werkt hij voor 2BA, waar hij samen met algemeen directeur Wim Willems de verbinding met nieuwe sectoren zoekt. Willems zelf heeft een achtergrond in de publieke sector en digitalisering. Als voormalig wethouder van Apeldoorn en G40-woordvoerder op smart cities werkte ook hij eerder al samen met BTG.
Naar één digitale ketenvoorziening 2BA ontstond 22 jaar geleden uit een praktisch probleem in de installatiebranche. Installateurs, groothandels en fabrikanten werkten met stapels papieren catalogi, losse artikelnummers, verschillende prijslijsten en veel handmatig zoekwerk. “Ze hadden behoefte aan één slimme manier om productinformatie te ontsluiten”, vertelt Willems. “Welke leverancier heeft welke voorraad? Wat zijn vervangende artikelen?
Welke kenmerken heeft een product? En zijn er koppelingen naar leveranciers om direct te kunnen bestellen, waarbij de informatie gestructureerd en uniform beschikbaar is?”
Zo groeide 2BA uit tot het digitale baken voor de installatiebranche en inmiddels ook voor onder meer de bouw en maritieme sector. De organisatie geeft inzicht in zo’n 5 miljoen producten en bijna 25 miljoen artikelen. Willems: “Een blikje cola zou een product zijn. Maar je kunt dat blikje los kopen, in een tray van zes of in een tray van 24. Dat zijn artikelen.”
Die product- en artikeldata wordt door fabrikanten en groothandels aangeleverd en door 2BA gevalideerd. Denk onder meer aan technische specificaties, prijzen, voorraad, handleidingen, milieudata en calculatietijdnormen. Inmiddels maken duizenden installateurs en afnemers, bijna 300 groothandels en ruim 550 fabrikanten gebruik van het platform. Daarmee fungeert 2BA niet als leverancier of marktplaats, maar als neutrale datavoorziening waar verschillende partijen in de keten op kunnen aansluiten.
Waarom telecom?
In de praktijk lopen installatie, telecom, bouw en infra steeds meer door elkaar. Veel componenten die in een woning, gebouw of fabriek worden gebruikt, komen ook terug in telecomkasten, datacenters, zendmasten of glasvezelnetwerken.
Visser: “Denk aan die grijze kastjes van de telecomoperators. Daar zitten patches, connectoren, switches, modems, stekkers en kasten
achter. Voordat zo’n netwerk is aangelegd, zit daar ontzettend veel tussen. Als je dat efficiënter kunt organiseren, voorkom je faalkosten, kun je voorraad beter beheren en kan de productie daarop worden afgestemd.”
De telecomketen is bovendien veel breder dan alleen operators en netwerken. In de analyse die 2BA maakte, loopt de keten van productie van hardware, chips, kabels, antennes en securitycomponenten via realisatie door aannemers en asset owners naar exploitatie door operators, interconnectiepartijen, datacenters en softwareleveranciers. Daarna volgen levering, installatie, gebruik en uiteindelijk belangenbehartiging.
Juist omdat zoveel schakels afhankelijk zijn van dezelfde product- en assetinformatie, kan betere standaardisatie direct effect hebben op het hele proces: planning, inkoop, logistiek, beheer en onderhoud.
Eén taal voor de keten
De kern van 2BA is dat partijen in de keten dezelfde taal willen spreken. Producten worden niet alleen beschreven op naam of merk, maar op vaste kenmerken. Bij een glasvezelkabel gaat het bijvoorbeeld om buigradius, aantal vezels en brandklasse. Bij onderdelen voor 5G-masten gaat het onder andere om gewicht, afmetingen, windbelasting of compatibiliteit.
In de praktijk voorkomt dat fouten. Een verkeerde connector op locatie betekent vertraging. Een ontbrekende specificatie zorgt voor extra telefoontjes. En wie een digital twin wil bouwen van een telecomnetwerk, moet exact weten welk onderdeel waar zit en welke eigenschappen het heeft.
“Wij proberen de markt in de keten met elkaar te verbinden”, zegt Willems. “Alle data wordt bij ons gevalideerd op kwaliteit. Daarmee hopen we het proces te versnellen bij zowel afnemende als leverende partijen.”
De nieuwe BTG Expertgroep Data & Efficiency wil die ervaring vertalen naar telecom en IT. Daarbij gaat het om praktische vragen: hoe voorkom je faalkosten door slechte artikeldata? Welke data is nodig voor digital twins? Hoe beheer je telecom-assets slimmer gedurende hun levenscyclus? En hoe bereid je de keten voor op Europese regelgeving zoals het Digital Product Passport, de Data Act, CSRD en ESG-verplichtingen? Die regelgeving vraagt steeds vaker om aantoonbare herkomst,
materiaalinformatie, duurzaamheidsprestaties en betrouwbare productdata door de hele keten heen.
Data gaat niet meer alleen over zoeken en bestellen, maar ook over onderhoud, circulariteit en duurzaamheid. Visser: “Als je niet standaard volgens een vaste periode onderdelen vervangt, maar producten op basis van IoT kunt volgen, kun je ze langer gebruiken.”
In de installatiebranche ziet Willems dat ook. 2BA werkt bijvoorbeeld aan dynamische data rond warmtepompen, zodat installateurs eerder zien dat onderhoud nodig is, welke onderdelen daarvoor nodig zijn en waar die beschikbaar zijn. Die manier van werken is volgens hem ook relevant voor telecomnetwerken, datacenters en digitale infrastructuur.
Geen verkoopkanaal
De vraag ligt voor de hand: hoe voorkom je dat deze expertgroep een podium wordt voor één aanbieder? Willems: “2BA is geen commerciële softwareleverancier, maar een branchevoorziening zonder winstoogmerk.”
Ook deze BTG Expertgroep moet daarom een plek worden waar partijen samen bepalen wat nodig is. Welke data ontbreekt? Welke standaarden zijn bruikbaar? Welke praktijkproblemen moeten eerst worden opgelost? En hoe kan de telecomketen leren van sectoren waar deze vorm van standaardisatie al verder is?
“Dit kunnen wij niet alleen. 2BA is van, voor en door de branche. We moeten samen met de markt ontdekken hoe we deze sector het beste kunnen faciliteren.”
Oproep: sluit aan
De eerste stap naar die samenwerking is gezet met dit artikel. De komende tijd zal 2BA uitleggen hoe het framework in andere sectoren is opgebouwd en welke waarde dat oplevert. Daarna volgen praktijkvoorbeelden, marktontwikkelingen en de vertaalslag naar telecom. Rond het BTG-event van 18 juni en later tijdens de NL Tech Week willen BTG en 2BA het initiatief verder onder de aandacht brengen. Voor deelnemers biedt de expertgroep de kans om mee te bepalen welke datastandaarden, kwaliteitsafspraken en praktijkvragen in de telecomketen prioriteit moeten krijgen. Visser besluit: “De basis staat er. De vraag is nu hoe we die efficiency ook kunnen toepassen in de telecomketen.” Want de keten wordt pas echt slimmer als de informatie eronder klopt.

Aragorn Meulendijks
Aragorn Meulendijks is een bekende en bevlogen techfuturist. Toch noemt hij zichzelf geen duider van de toekomst, maar een ‘toekomsthistoricus’. Volgens hem ligt juist in het verleden de sleutel om de toekomst te begrijpen. In zijn presentaties neemt hij zijn publiek mee langs de grote technologische ontwikkelingen die volgens hem de komende decennia onze samenleving fundamenteel zullen veranderen. AI, robotisering, mixed reality, quantumtechnologie en de opkomst van China als technologische supermacht vormen daarbij de rode draad. Maar wie rekent op een puur techgedreven verhaal, komt bedrogen uit. Voor Meulendijks gaat technologie uiteindelijk altijd over mensen.
We vallen meteen midden in het interview, als Meulendijks vertelt dat hij al zijn gesprekken opneemt en in de cloud met behulp van AI verwerkt. “Dat is echt mijn tweede brein. Dat is echt bizar.” Volgens Meulendijks wordt AI pas echt indrukwekkend wanneer het niet alleen losse vragen beantwoordt, maar context opbouwt. Alsof je werkt aan een relatie met een nieuwe collega die je steeds beter leert kennen. “Die dingen worden bijna exponentieel slimmer als ze daadwerkelijk de juiste context op het juiste moment hebben. Dat is echt een bizarre ervaring.”
Hoe zijn we zo geworden?
Terug naar het interview. We willen natuurlijk weten waar zijn bijzondere status als ‘future historian’, oftewel toekomsthistoricus, vandaan komt. Vanuit zijn studie geschiedenis was hij gefascineerd door dezelfde vraag: hoe zijn we geworden wie we vandaag zijn? “Geschiedenis helpt ons begrijpen hoe we hier terecht zijn gekomen”, vertelt hij. “Wanneer je kijkt naar grote maatschappelijke veranderingen, zie je patronen terugkomen. Door die patronen te bestuderen kun je beter begrijpen welke richting nieuwe ontwikkelingen opgaan.”
Na een internationale carrière in de technologiesector, onder meer bij LinkedIn en Oracle, belandde hij in de wereld van start-ups en opkomende technologieën. Daar ontdekte hij dat zijn kracht niet zozeer lag in het bouwen van technologie, maar in het duiden ervan. Hij bleek in staat complexe innovaties te vertalen naar begrijpelijke verhalen over hun maatschappelijke betekenis. Hij noemt zichzelf bewust geen futurist. “Veel futuristen kijken vooral naar de laatste feature-update of zijn juist theoretische fysici. Ik ben allebei niet.”
Zijn blik komt uit de geschiedenis. Door eerdere golven van technologische verandering te bestuderen, probeert hij signalen te herkennen die iets zeggen over wat nu op ons afkomt. De term toekomsthistoricus dekt voor hem precies die lading. En het sprekerstalent? “Toen ik van de middelbare school kwam, zeiden ze al dat ik later spreker zou worden.”
Morgen is niet hetzelfde
Terug naar AI, het onderwerp waar Meulendijks tegenwoordig het meest over spreekt. Zijn fascinatie begon al in 2014, toen hij een blog las van Tim Urban over de ontwikkeling van superintelligente AI. “Ik realiseerde me ineens dat we niet naar een lineaire ontwikkeling kijken, maar naar
een exponentiële ontwikkeling. Dat veranderde alles.”
Volgens Meulendijks onderschatten veel mensen hoe moeilijk het voor ons brein is om exponentiële groei te begrijpen. Mensen denken van nature lineair. We verwachten dat morgen ongeveer lijkt op vandaag. Maar technologische ontwikkeling volgt volgens hem een ander patroon. Dat geldt zeker voor AI, omdat de impact ervan zich in een fractie van de tijd over vrijwel alle sectoren verspreidt. AI verandert vrijwel elk onderdeel van ons werk en dagelijks leven.
Voor Meulendijks is juist dat vliegwiel cruciaal. Technologie maakt nieuwe technologie mogelijk, waardoor de versnelling zichzelf versterkt.
“EEN GOOD ACTOR, ZOALS DE OVERHEID, KAN MORGEN ZOMAAR EEN
BAD ACTOR ZIJN”
Denk aan de rekenmachine waarmee je sneller een chip kunt ontwerpen, en aan de chip die vervolgens helpt om nog snellere chips te maken. “Dat is de law of accelerating returns”, zegt hij. “En AI smeert die versnelling ineens uit over vrijwel alles.” Zeker na de introductie van ChatGPT werd dat voor veel mensen tastbaar. Niet omdat AI toen ontstond, maar omdat miljoenen mensen voor het eerst direct konden ervaren wat je ermee kunt.
Tegelijk vindt Meulendijks dat de discussie over AI te vaak blijft hangen in de vraag of we er slimmer of dommer van worden. “Als je zelf helemaal niet meer nadenkt, train je die spier niet.” Volgens hem gaat het om de juiste wisselwerking. “Een bergbeklimmer gebruikt ook tools om verder te komen, maar eerst moet je de basics leren. Pas daarna gebruik je je eigen lichaam, geest én tools tot het maximum van hun potentie.”
Daarom vindt hij dat vooral het onderwijs veel actiever moet nadenken over de juiste integratie van AI. Niet verbieden, maar ook niet gedach-
teloos omarmen. “Het gaat om de vraag: hoe dan? Wat is de juiste manier? Net zoals je kinderen leert fietsen of zwemmen, moet je ze ook leren hoe ze verantwoord met AI omgaan.”
Robotisering: de tweede golf
Als AI de eerste grote golf is, dan volgt volgens Meulendijks robotisering direct daarna. Hij ziet AI als het digitale brein dat uiteindelijk een fysiek lichaam krijgt. Zodra intelligente systemen niet alleen kunnen denken, maar ook kunnen handelen in de fysieke wereld, ontstaat een nieuwe fase. “Waarom zouden we een systeem dat complexe problemen kan oplossen niet ook fysieke taken laten uitvoeren? De productie van nieuwe robots door robots zal duizenden malen sneller gaan dan bij mensen en generatieve AI op die robots zal zich snel doorontwikkelen.”
De gevolgen daarvan zullen ver reiken. Robotisering raakt niet alleen fabrieken en logistiek. Ook zorg, dienstverlening, infrastructuur en huishoudelijke taken zullen veranderen. Zeker in een vergrijzende samenleving ziet hij robots als een noodzakelijk onderdeel van de oplossing. “Wij krijgen steeds minder jonge mensen en steeds meer ouderen. Technologie wordt daardoor niet alleen aantrekkelijk, maar noodzakelijk.”
Mixed reality als samensmelting van twee werelden
Waar AI en robotica de fysieke wereld veranderen, ziet Meulendijks tegelijkertijd een tegenovergestelde beweging ontstaan: de digitalisering van menselijke ervaringen. Daar komen AR, VR en mixed reality om de hoek kijken. Volgens hem zijn mensen altijd op zoek geweest naar verhalen, avonturen en alternatieve werkelijkheden, denk aan films, boeken en videogames. “Virtual reality is eigenlijk een volgende stap in iets wat we al heel lang doen. We willen ervaringen opdoen die in het echte leven onmogelijk, gevaarlijk of simpelweg onbereikbaar zijn.”
Maar het gaat verder dan entertainment. Virtuele omgevingen worden ook gebruikt voor training, simulatie, onderwijs en industriële toepassingen. Mixed reality ziet hij als de brug tussen beide werelden: een extra digitale laag die over onze fysieke omgeving wordt gelegd. “Zoals onze zintuigen ons vandaag informatie geven over de fysieke wereld, zullen digitale lagen ons straks aanvullende informatie geven over dezelfde werkelijkheid.”


Potentie en misverstanden rond quantumtechnologie
Over quantumtechnologie is Meulendijks genuanceerd. Hij gelooft in het potentieel, maar waarschuwt voor overspannen verwachtingen. “Veel mensen denken dat quantumcomputers simpelweg een miljoen keer sneller zijn dan gewone computers. Dat is niet hoe het werkt.” Hij vergelijkt het met verschillende vervoermiddelen: een auto, vliegtuig en duikboot brengen je niet allemaal sneller naar dezelfde plek, maar geven toegang tot andere routes en bestemmingen. Zo opent quantum vooral deuren naar problemen die klassieke computers nauwelijks kunnen oplossen.
Toch verwacht hij dat AI op sommige terreinen sneller vooruitgang zal boeken dan quantumcomputing. Ontwikkelingen waarvan wetenschappers jarenlang dachten dat ze quantumcomputers vereisten, blijken soms al oplosbaar met moderne AI-systemen. Daarmee wordt volgens hem duidelijk hoe moeilijk het is om de impact van verschillende technologieën afzonderlijk te beoordelen.
Uitdaging rond privacy
Van alle onderwerpen waar hij over spreekt, vindt Meulendijks privacy misschien wel het lastigste. Volgens hem is het onvermijdelijk dat steeds meer gegevens worden verzameld, opgeslagen en geanalyseerd. De vraag is niet óf dat gebeurt, maar hoe we ermee omgaan.
“We gaan niet terug naar een wereld waarin minder data beschikbaar is. De uitdaging is om te bepalen wie toegang krijgt tot die informatie en onder welke voorwaarden. En een good actor, zoals de overheid, kan morgen zomaar een bad actor zijn.”
Tegelijk is hij ervan overtuigd dat toekomstige technologieën gebruikers meer controle kunnen geven over hun digitale identiteit. Denk aan systemen waarbij iemand kan aantonen wie hij is of aan bepaalde voorwaarden voldoet, zonder alle persoonlijke gegevens prijs te geven. Volgens hem is dat een van de belangrijkste maatschappelijke vraagstukken van de komende decennia.
De maatschappelijke impact
Wat opvalt in zijn verhaal is dat hij technologie nooit los ziet van de samenleving. AI, robotisering en digitale werelden zijn volgens hem geen technologische projecten, maar maatschappelijke veranderingen. Dat betekent
ook dat onderwijs, politiek en bedrijfsleven moeten leren omgaan met nieuwe realiteiten. Hij pleit voor een veel bewustere omgang met AI. Niet verbieden, maar ook niet kritiekloos omarmen. “AI, robotisering en mixed reality zullen niet alleen processen veranderen, maar ook werk, onderwijs, zorg, veiligheid en besluitvorming.” Juist daarom moeten bedrijven, bestuurders en beleidsmakers volgens hem voorbij de hype kijken en nu al nadenken over de inrichting van die nieuwe realiteit.
Een term die regelmatig terugkomt in zijn lezingen is ‘Premature Digital Hype Dissonantie’. Daarmee beschrijft hij het verschijnsel waarbij nieuwe technologieën eerst worden overschat, vervolgens teleurstellen en uiteindelijk alsnog een enorme impact blijken te hebben. Dat zag hij eerder gebeuren bij blockchain, virtual reality en de metaverse. Ook AI zal volgens hem door vergelijkbare fases gaan.
“Op korte termijn overschatten we technologie, op lange termijn onderschatten we haar.” Juist daarom pleit hij ervoor voorbij de hype te kijken en te focussen op de fundamentele ontwikkelingen eronder.
China
Onlangs bracht hij een uitgebreid bezoek aan China. Zijn conclusie is even kort als veelzeggend: “De technologie daar is mindblowing. Ik kan het niet anders zeggen.”
China ontwikkelt zich volgens hem razendsnel tot de dominante technologische macht van de komende decennia. Hij was onder de indruk van de schaal waarop innovatie plaatsvindt, de snelheid waarmee nieuwe technologie wordt toegepast en de mate waarin overheid, bedrijven en burgers gezamenlijk werken aan technologische vooruitgang.
Vooral op het gebied van robotica ziet hij een enorme voorsprong ontstaan. De motivatie is volgens hem eenvoudig: China bereidt zich actief voor op een vergrijzende samenleving waarin technologie een groot deel van het werk zal moeten overnemen. Volgens Meulendijks ligt daar misschien wel de belangrijkste les voor ons. “In China wordt technologie niet gezien als iets om bang voor te zijn, maar als iets waarmee maatschappelijke problemen opgelost kunnen worden.”
De toekomst begint nu Voor Meulendijks zijn de grote veranderingen al begonnen. AI, robotisering, mixed reality en nieuwe vormen van digitale samenwerking zijn volgens hem geen voorspellingen, maar ontwikkelingen die nu al zichtbaar zijn. De taak van bedrijven, overheden en burgers is daarom niet om te bepalen óf die toekomst komt, maar hoe ze ermee omgaan. Want wie de toekomst vanuit het verleden benadert, weet: de toekomst ontstaat niet uit het niets. Ze bouwt voort op bestaande patronen, die al lang zichtbaar zijn voor wie bereid is goed te kijken.


Met de start-up RadioSense werkt Fabian van Prooijen aan technologie die detectie in onder meer zorg, facility management en beveiliging laagdrempeliger en privacyvriendelijker maakt. Niet met camera’s of wearables, maar via bestaande draadloze infrastructuur. Hoe dat werkt en wat de link is met BTG, vertelt hij in dit artikel.
Op een warme camping in Italië, tussen het geroezemoes van vakantiegangers en een haperend wifi-netwerk, ontstond het eerste idee voor wat later RadioSense zou worden. Terwijl zijn hoogzwangere vrouw een boek las, dook hij – zoals hij zelf lachend vertelt – in de techniek achter het lokale netwerk. “Ik vroeg me af: als ik het access point kan vinden, kan dat access point mij dan ook ‘zien’?”
Kort na die vakantie hoorde Van Prooijen dat zijn 98-jarige opa na een val urenlang op de grond had gelegen, zonder zijn alarmknop te kunnen gebruiken. “Toen viel alles samen. De technologie én het probleem. Ik dacht: dit móet anders kunnen.”
Van IoT naar onzichtbare sensing
Van Prooijen is geen onbekende in telecom en IoT. Zijn carrière begon bij KPN, waar hij al vroeg betrokken was bij innovatieve projecten rond connectiviteit en netwerken. Later verdiepte hij zich bij de Louwman Groep in data, voordat hij via TU Delft terechtkwam in een omgeving waar technologie, onderzoek en ondernemerschap samenkomen. Binnen het Innovation & Impact Center werkt hij aan valorisatie rond nieuwe infrastructuur en technologie, met fieldlabs op het gebied van onder meer telecom, robotica en AI.
“Ik heb altijd op het snijvlak gezeten van infrastructuur, data en maatschappelijke impact”, vertelt hij. Samen met medeoprichter Jeroen Klein Brinke, oud-promovendus en voormalig assistent-professor aan de Universiteit Twente, momenteel verbonden aan de Nederlandse Defensie Academie, werkte hij het idee verder uit. Jeroen deelde die overtuiging al langer: in zijn promotieonderzoek paste hij dezelfde technologie toe voor thuiswonende mensen
met dementie en voor dieren in asiels. Technologie die bewaakt zonder te bewaken, dat was voor beiden de rode draad. Het resultaat: RadioSense, een start-up die zich richt op device-free sensing: het detecteren van menselijke aanwezigheid en gedrag zonder dat iemand een apparaat hoeft te dragen.
Hoe het werkt
De technologie maakt gebruik van wifi-signalen die door een ruimte bewegen en weerkaatsen. Wanneer iemand loopt, zit, staat of ligt, worden die signalen verstoord. Die verstoringen worden geanalyseerd en vertaald naar betekenisvolle informatie. Is iemand aanwezig? Beweegt iemand nog? Is er sprake van afwijkend gedrag? Het systeem herkent patronen en kan op basis daarvan een signaal afgeven.
In veel gevallen kan RadioSense gebruikmaken van bestaande infrastructuur, mits de juiste toegang tot de draadloze infrastructuur beschikbaar is. Waar dat niet kan, levert RadioSense een eigen device met slimme stekkers. “Wij willen uiteindelijk een softwareoplossing zijn die op bestaande routers kan draaien.”
Een belangrijk uitgangspunt is privacy. De ruwe data wordt lokaal, op de edge, verwerkt. Alleen een classificatie of alert wordt doorgestuurd. “We willen een API-first model zijn”, legt Van Prooijen uit. “Zo kunnen we integreren met bestaande systemen, bijvoorbeeld van zorgorganisaties, beveiligingspartijen of facility managers.”
Het probleem van vandaag
Volgens de enthousiaste ondernemer komt de technologie als geroepen. “We zitten in een digitale transformatie waarin de zorg onder druk staat, personeel schaars is en mensen langer zelfstandig thuis wonen. Tegelijkertijd groeit de behoefte aan privacy. Camera’s zijn vaak geen optie en wearables worden niet altijd gedragen.”
RadioSense biedt een alternatief: geen camera’s, geen knop die iemand moet indrukken en geen apparaat dat gedragen moet worden. “Wij richten ons liever niet op valdetectie, maar op abnormaliteitsdetectie”, zegt Van Prooijen. “Bij klassieke valdetectie kan iemand die zich omdraait in bed soms al als val worden gezien. Wij kijken naar patronen. Als iemand normaal om acht uur opstaat en dat ineens niet doet, is dat een signaal. Het gaat om context.”
Hoe betrouwbaar is wifi als sensor?
Van Prooijen is realistisch over de betrouwbaarheid. “Het is niet bedoeld voor missioncritical infrastructuur waar nul foutmarge vereist is. Maar we zitten nu rond de 85 procent nauwkeurigheid en gebruiken pilots om extra data te verzamelen. De ambitie is om op termijn richting de 98 procent te gaan.”
Dat wifi-sensing juist nu versnelt, komt volgens hem doordat nieuwe wifi-generaties betere data opleveren. Wifi 6 en vooral wifi 7 zorgen voor schonere signalen, waardoor patronen scherper kunnen worden herkend. Tegelijkertijd kijkt RadioSense verder dan wifi. “5G en 6G gaan hier zeker een rol in spelen. Hoe hoger de frequentie, hoe meer detail je ziet.”
Toch blijft wifi voorlopig de bewuste strategische basis. Het is breed beschikbaar en relatief laagdrempelig, wat snelle validatie in echte omgevingen mogelijk maakt zonder kostbare infrastructuurinvesteringen. Bij mobiele of private netwerken ligt dat complexer, omdat toegang nodig is tot radio-units, core en onderliggende datalagen. “Private netwerken zijn interessant, juist omdat je daar meer controle hebt.”
Van Prooijen ziet een bredere ontwikkeling naar invisible sensing: technologie die onderdeel wordt van de infrastructuur en steeds minder
zichtbaar aanwezig is. Voor de telecomsector is dat een interessante gedachte: bestaande connectiviteitsinfrastructuur wordt zo tegelijkertijd een sensing-laag. Netwerken die nu data transporteren, gaan ook de omgeving waarnemen. Daarbij verwacht hij niet dat één technologie alles oplost. De toekomst ligt volgens hem in sensor fusion: verschillende databronnen die elkaar aanvullen. “Wij kunnen aanwezigheid en patronen herkennen. Andere sensoren kunnen op andere punten sterker zijn. Door die te combineren, ontstaat een betrouwbaarder beeld.” >>>
“WE ZITTEN IN EEN DIGITALE TRANSFORMATIE WAARIN DE ZORG ONDER DRUK STAAT. TEGELIJKERTIJD GROEIT DE BEHOEFTE AAN PRIVACY”

Jouw abonnement op innovatie. Je hebt altijd de laatste functionaliteiten tot je beschikking, alsmede het advies van Axians hoe jouw organisatie kan pro teren van die innovaties.
Pay-per-use
Next-generation netwerk
Life cycle management
24/7 monitoring, beheer en onderhoud
User equipment (UE)
Integratie







Kunstmatige intelligentie speelt daarin een belangrijke rol, niet alleen bij patroonherkenning, maar ook bij het versnellen van ontwikkeling.
“AI maakt het mogelijk om sneller te bouwen, te testen en te verbeteren. Voor start-ups is snelheid cruciaal.”
Van zorg naar bredere toepassingen
RadioSense ontstond vanuit een zorgvraag, maar ziet inmiddels ook belangstelling vanuit facility management en security. In kantoren kan de technologie helpen om bezettingsgraden te meten, ruimtegebruik te optimaliseren en schoonmaak of onderhoud slimmer te organiseren. “Daar is veel behoefte aan data, zonder dat je overal camera’s of losse sensoren hoeft te plaatsen.”
Ook in beveiliging ziet Van Prooijen kansen.
“We kunnen detecteren of er beweging is in een gebouw of op een terrein, zonder camera’s. Met geofencing kun je aangeven waar iets gebeurt.”
Toch blijft de zorg een belangrijk uitgangspunt.
“Als je het daar werkend krijgt, volgen andere sectoren vanzelf.”
De realiteit van een start-up
Na anderhalf jaar staat RadioSense op een kantelpunt. De technologie werkt, de eerste pilots lopen en de interesse groeit. Tegelijkertijd is marktadoptie een uitdaging. “Klanten willen zien dat het in de praktijk werkt”, zegt Van Prooijen.
Financiering speelt daarbij een cruciale rol. Via Future Network Services (FNS) ontving RadioSense een TTT-voucher van 25.000 euro, waarmee het eerste onderzoek en klantcontacten konden worden opgezet. “Zonder dat soort steun is starten lastig.” Het Nederlandse start-upklimaat noemt hij uitdagend. “Je moet de wegen kennen. Hier moet je door veel hoepels springen.”
De kracht van ecosystemen
Juist daarom speelt samenwerking een sleutelrol. RadioSense maakt deel uit van het FNS-ecosysteem en is verbonden aan de Universiteit Twente. “Je hebt die netwerken nodig”, stelt Van Prooijen. “Niet alleen voor funding, maar ook voor kennis, partners en toegang tot de markt.”
Tijdens het FNS-diner op het Mobile World Congress in Barcelona zette RadioSense een volgende stap met de oprichting van een Advisory Board, met BTG-voorzitter Petra Claessen, Christian Regnier van EUWENA en Jacob Groote van Althio. “Zij brengen ervaring, netwerk en strategisch inzicht. Dat helpt ons sneller de juiste keuzes te maken.”
Daarmee past RadioSense in de rol die BTG vaker vervult: het verbinden van jonge technologiebedrijven met kennis, markttoegang en strategische netwerken. “Innovatie doe je niet alleen”, zegt Van Prooijen. “Zeker in telecom en infrastructuur heb je samenwerking nodig.”
De ambitie van RadioSense is helder. “Ik wil dat onze technologie standaard onderdeel wordt van hoe we ruimtes begrijpen”, zegt Van Prooijen. “Dat we bijdragen aan een samenleving waarin technologie ondersteunt zonder zichtbaar aanwezig te zijn.”
Die impact is praktisch én maatschappelijk. In de zorg kan RadioSense bijdragen aan langer zelfstandig wonen. In gebouwen aan efficiënter ruimtegebruik. In beveiliging aan slimmere, minder invasieve oplossingen. “Uiteindelijk gaat het erom dat technologie mensen helpt, zonder dat ze het merken. Dat is waar wij naartoe werken.”
“INNOVATIE DOE JE NIET ALLEEN. ZEKER IN TELECOM EN INFRASTRUCTUUR HEB JE SAMENWERKING NODIG”






In aanloop naar de BTG High Tech Award, Startups spreekt BTG Magazine met Lucien Burm, voorzitter van de Dutch Startup Association. Over de positie van start-ups in Nederland en Europa, de noodzaak van technologische soevereiniteit en het belang van erkenning voor jonge technologiebedrijven. Want wie innovatie serieus neemt, moet ook de bedrijven zichtbaar maken die nieuwe markten openbreken en bestaande modellen uitdagen.
Burm praat snel en in zijn betoog klinkt voortdurend de fascinatie voor verandering door: voor technologie, voor netwerken en voor de manier waarop ideeën ineens complete markten kunnen kantelen. Al sinds de jaren negentig beweegt hij zich in de wereld van digitale innovatie. Eerst als ondernemer, later als begeleider van start-ups en tegenwoordig ook als voorzitter van de Dutch Startup Association (DSA).
Ondernemer van jongs af aan
Ondernemen begon voor Burm niet met een businessplan, maar als tiener met zelf georganiseerde voetbalclubjes, een eigen cartoonstudio en een bezoek aan de hoofdredacteur van een regionale krant. “Ik was een jaar of elf en wilde een strip in de krant krijgen”, vertelt hij. “De hoofdredacteur belde mijn moeder: uw zoon staat hier, hij wil een strip plaatsen, maar hij vraagt er ook geld voor. Mijn moeder zei: als dat het je waard is, moet je het doen.” En zo geschiedde.
Die nieuwsgierigheid en drang om te creëren zijn nooit verdwenen. Tijdens zijn studie viel alles op zijn plek toen iemand van ABN AMRO tijdens een gastcollege uitlegde hoe digitale netwerken werkten en hoe internetverkeer werd gekoppeld. “Toen dacht ik: wacht even, dit verandert alles.”
Van websites tot kunstmatige intelligentie
Vanaf dat moment liet de digitale wereld hem niet meer los. Burm bouwde websites in de begintijd van het internet, werkte aan systemen die distributie- en warehousesoftware met elkaar verbonden en hield zich later bezig met AI, nog voordat kunstmatige intelligentie een hype werd. “Toen noemden we het gewoon machine learning”, zegt Burm. “Nu zie je dat AI een
compleet nieuwe laag over de samenleving legt. Net zoals internet dat ooit deed.”
Wat hem al die jaren fascineert, is hoe technologie menselijk gedrag weerspiegelt. “Alles wat mensen doen, vertaalt zich uiteindelijk naar technologie. Mensen riepen ooit dat niemand mobiel zou bellen, dat niemand online zou winkelen of advertenties op internet serieus zou nemen. Kijk waar we nu staan.” Die voortdurende technologische golf ziet hij vandaag opnieuw ontstaan rond AI. Tegelijkertijd ziet hij ook de risico’s: niet alleen technologisch, maar vooral economisch en geopolitiek.
inzet voor start-upcommunities. Burm wil ondernemers in verschillende groeifases structureel met elkaar verbinden: founders die net hun eerste funding hebben opgehaald met ondernemers die al een Series A- of Series B-ronde achter de rug hebben. Niet als vrijblijvende netwerkborrel, maar als manier om kennis, ervaring en toegang tot kapitaal sneller door het ecosysteem te laten stromen.
Europa dreigt achterop te raken
Volgens Burm staat Europa op een kantelpunt. “We lopen achter op de Verenigde Staten en China, en zelfs steeds harder achter.” Wat hem zichtbaar irriteert, is de bestuurlijke reflex om kleine stappen groot te maken. “Ik kan bijna niet meer tegen de uitdrukking ‘een goede eerste stap’”, zegt hij. “Als de rest drie stappen zet en jij zet er één, dan ga je nog steeds achteruit.”
Volgens Burm wordt de internationale concurrentie steeds harder voelbaar. Start-ups denken allang niet meer nationaal. “De vraag die ik in Europa overal krijg, is: should I stay or should I go? Blijf ik hier of verhuis ik naar het buitenland?” Dat is geen theoretische discussie meer. Steeds meer ondernemers overwegen volgens hem serieus om naar Londen of de Verenigde Staten te vertrekken. Niet omdat ze Nederland niet waarderen, maar omdat de groeikansen daar groter zijn. “Ondernemers denken uiteindelijk in het belang van hun bedrijf. Zo hoort het ook.”
Nieuwe kansen door geopolitieke veranderingen
“ALS
Start-ups bouwen, begeleiden en verbinden
Naast zijn eigen ondernemingen raakte Burm al vroeg betrokken bij de Nederlandse start-upcommunity. Hij begeleidde acceleratorprogramma’s waarin jonge bedrijven in twaalf weken werden klaargestoomd voor investeerders en werkte mee aan initiatieven rond corporate innovatie en het vormen van nieuwe founderteams. Juist dat laatste fascineert hem: het moment waarop een idee verandert in een team dat zelf begint te versnellen. “Eerst ben je als mentor nog aan het duwen”, zegt hij. “Maar bij goede teams draait dat op een gegeven moment om. Dan beginnen zij te trekken. Ze weten wat ze nodig hebben, vragen om de juiste contacten en gaan versnellen.”
Die ervaring vormt ook de basis voor zijn huidige
Juist daarom ziet hij start-ups als essentieel voor de toekomst van Nederland en Europa. “Start-ups zijn geen randverschijnsel, maar de enige categorie bedrijven die snel genoeg kan opschalen om Nederland en Europa technologisch relevant te houden.”
Dat is precies waar de DSA zich hard voor maakt. De organisatie vertegenwoordigt Nederlandse start-ups richting politiek, investeerders en andere partijen binnen het ecosysteem. Burm rolde enkele jaren geleden via het bestuur de organisatie binnen en werd later voorzitter. “In het begin stonden start-ups nog een beetje aan de zijlijn”, vertelt Burm. “Nu zitten we midden in discussies over investeringsklimaat, talent, fiscaliteit en technologische soevereiniteit.”
Should I stay or should I go?
Veel van het werk van de DSA draait om lobby. Niet uit principe, benadrukt Burm, maar uit noodzaak. “We proberen voortdurend duidelijk te maken dat Nederland aantrekkelijk moet blijven voor innovatieve bedrijven. Anders vertrekken ze.”
Hij noemt dossiers als Box 3, regelgeving rond aandelenopties voor medewerkers en de expatregeling als voorbeelden van beleid dat direct invloed heeft op het start-upklimaat. “Mensen onderschatten hoeveel schade bepaalde maatregelen aanrichten”, zegt Burm. “Je kunt denken dat je een paar honderd miljoen bespaart, maar ondertussen verlies je miljarden aan toekomstige bedrijvigheid en belastinginkomsten.”
Toch gelooft Burm dat Europa nog steeds enorme kansen heeft. Zeker op gebieden als AI, defensietechnologie, healthtech, fotonica en chips. “Door alle geopolitieke ontwikkelingen ontstaat er ineens veel meer aandacht voor technologische onafhankelijkheid en Europese innovatie.”
Dat vraagt volgens hem wel om een andere mentaliteit: minder voorzichtigheid, meer ambitie. “In Nederland zijn we soms te tevreden met kleine stapjes. Maar als je echt relevant wilt blijven, moet je durven investeren.”
Daar ligt volgens Burm ook een belangrijke taak voor overheid, onderwijs en organisaties binnen het ecosysteem, zoals brancheverenigingen en technologieclubs. Samenwerking is essentieel, benadrukt hij. “Je kunt dit niet alleen. Daarom werken we ook samen met partijen als VNO-NCW, Techleap en allerlei andere organisaties.” >>>

ONZE STERKE VERTEGENWOORDIGING IN BELANGRIJKE SECTOREN VAN DE NEDERLANDSE ECONOMIE STELT SPIE IN STAAT OM ALTIJD DE JUISTE ICT-DIENSTVERLENING TE BIEDEN. ZO HELPEN WE ORGANISATIES VOORUIT MET SLIMME, BETROUWBARE EN TOEKOMSTBESTENDIGE OPLOSSINGEN.

PASSENDE DIENSTVERLENING VOOR HET HELE ICT-DOMEIN
Als multi-technische dienstverlener vragen we ons voortdurend af hoe we vandaag en morgen waardevol kunnen blijven voor onze klanten. Dat begint met een goed besef van de actuele en toekomstige uitdagingen binnen sectoren zoals de vitale infrastructuur, zorg, industrie, onderwijs en overheid. SPIE combineert deze brede sectorkennis met specialistische expertise in ICT-connectiviteit, netwerkdiensten en werkplekoplossingen. Betrouwbare IT- en OT-systemen zijn essentieel om schaalbaar, flexibel en wendbaar te blijven. Met onze integrale dataoplossingen en services zorgen we ervoor dat bedrijfsprocessen altijd blijven draaien. Onze specialisten bieden maatwerkadvies en verzorgen de volledige implementatie van ontwerp tot beheer.
VAN CONNECTIVITEIT TOT DATA MANAGEMENT
Of het nu gaat om betrouwbare inpandige connectiviteit, optimale mobiele bereikbaarheid of veilige toegang tot bedrijfsgegevens: het vormt de basis van een moderne, stabiele werkomgeving. Door de toepassing van duurzame bouwmaterialen en hoogbouw is probleemloze connectiviteit echter geen vanzelfsprekendheid meer. Daarom ontwerpen en realiseren wij draadloze infrastructuren die wél toekomstbestendig zijn. Daarnaast speelt effectief datamanagement een sleutelrol in elke succesvolle IT-architectuur. Het bepaalt hoe organisaties met data omgaan en hoe beschikbaarheid, integriteit en continuïteit worden geborgd. Met onze specialistische aanpak ondersteunen we klanten bij datastrategie, inrichting, beheer, beveiliging, back-up en disaster recovery. Zo zorgen we ervoor dat data, of die nu van mensen of machines komt, altijd bruikbaar, veilig en beschikbaar blijft.
Talent als belangrijkste brandstof
Daarnaast ziet Burm onderwijs als cruciale factor. Niet alleen om technisch talent op te leiden, maar ook om internationaal aantrekkelijk te blijven. “We hebben talent uit het buitenland nodig”, zegt Burm. “Juist mensen die bereid zijn risico te nemen en hun leven ergens anders opnieuw op te bouwen, passen vaak goed bij start-ups.”
Hij maakt zich dan ook zorgen over discussies rond internationalisering en Engelstalig onderwijs. “Je moet open blijven. Zodra je jezelf afsluit, verlies je uiteindelijk innovatiekracht.”
Ondanks alle uitdagingen blijft hij optimistisch over ondernemers zelf. Vooral over de energie die hij ziet bij jonge founders. “De meeste ondernemers doen dit niet voor het geld”, zegt hij. “Ze willen iets veranderen. Ze zien een kans om de wereld anders te maken.”
De kracht van communities
Juist daarom gelooft Burm sterk in het belang van communities en kennisdeling. Hij ziet voor zich hoe in Europese steden elk kwartaal gefunde start-ups en investeerders samenkomen. Niet voor gladde presentaties, maar voor open gesprekken tussen ondernemers in verschillende groeifases. “Iemand die net tientallen miljoenen heeft opgehaald, kan precies vertellen wat er in de volgende fase op je afkomt. En iemand die net een miljoen heeft opgehaald, kan weer kennis delen met founders die nog aan het begin staan.”
Volgens hem zijn er in Europa nog te weinig internationale samenwerkingen, terwijl dat juist essentieel is om internationaal concurrerend te worden. “In Amerika zie je veel vaker dat bedrijven vroeg samengaan of samenwerken om eerst samen een markt op te bouwen. In Europa denken we nog te snel in eilandjes.”
Erkenning binnen de techsector
Daarmee raakt het gesprek direct aan de gedachte achter de BTG High Tech Award, Startups.. De prijs geeft jonge technologiebedrijven niet alleen zichtbaarheid, maar verbindt hen ook met het bredere ecosysteem van ICT-,

telecom- en digitale infrastructuurspelers. Juist die verbinding is voor start-ups cruciaal. Groei ontstaat niet alleen door kapitaal, maar ook door toegang tot klanten, partners, kennis en geloofwaardige netwerken.
Burm ziet dat soort initiatieven als waardevol. “Iedere vorm van zichtbaarheid helpt”, zegt hij. “Het geeft ondernemers het gevoel dat ze serieus genomen worden.” Voor BTG past de award bij haar rol als bruggenbouwer: het verbinden van vernieuwende technologie met de organisaties en markten waar die innovatie daadwerkelijk impact kan maken.
Alles kan opnieuw worden uitgevonden
Toch blijft Burm realistisch over wat nodig is om echt verschil te maken. Uiteindelijk draait het volgens hem om ambitie, lef en snelheid. “De wereld verandert nu ongelooflijk hard”, zegt Burm. “AI verandert complete markten. Zelfs grote techbedrijven zijn niet onaantastbaar meer.”
Voor nieuwe ondernemers ziet hij daarin juist enorme kansen. “Je moet niet denken: die markt bestaat al. Je moet denken: kan ik het tien keer beter doen? Want met AI kan dat ineens.”
En precies daar zit volgens Burm de kracht van start-ups. Niet in voorzichtig optimaliseren, maar in radicaal vernieuwen. “Alles kan opnieuw worden uitgevonden”, zegt hij. “Dat is het mooie van deze tijd.”
De Dutch Startup Association (DSA) is de grootste onafhankelijke belangenorganisatie voor start-ups, scale-ups en innovatie in Nederland. De organisatie geeft ondernemers een gezamenlijke stem richting politiek, beleidsmakers, investeerders en andere partijen binnen het Nederlandse en Europese start-upecosysteem.
DSA richt zich op drie pijlers: lobby, community en research. Daarmee zet de organisatie zich onder meer in voor betere toegang tot kapitaal, aantrekkelijkere voorwaarden voor talent, passende regelgeving en meer erkenning voor de rol van start-ups in economische groei en technologische vernieuwing.
De vereniging werd in 2017 opgericht door start-upfounders die hun krachten wilden bundelen om Nederland sterker te positioneren als innovatieland. Inmiddels is DSA uitgegroeid tot een belangrijk platform voor kennisdeling, belangenbehartiging en samenwerking binnen het ecosysteem. Lucien Burm is voorzitter van de Dutch Startup Association en tevens bestuurslid van Allied for Startups.

Branchevereniging BTG en private 5G- en IoT-specialist MCS hebben een andere rol in de techwereld, maar komen elkaar voortdurend tegen. Bijvoorbeeld bij innovatieprojecten als Do IoT Fieldlab en nu ook Future Network Services. In beide gevallen worden zij gedreven door de wens om nieuwe technologische ontwikkelingen te duiden en een plek te geven in de praktijk. We zijn dan ook benieuwd wat MCS hierin drijft. Wie beter kunnen we dat vragen dan managing director Bas Piek?
Voor deze solution provider gaat innovatie vooral over testen, leren, doorvragen en toepassen. Dat gebeurt in fieldlabs waar onderzoekers, technologiebedrijven, overheden en gebruikers samen onderzoeken wat nieuwe connectiviteit daadwerkelijk kan betekenen.
“Het is altijd ons streven geweest om complexe techniek eenvoudig te maken”, zegt Piek. “Dat is een beetje onze payoff. En de beste manier om snel te leren van nieuwe technologieën en te zien waar voor onze klanten kansen liggen, is om heel dicht op die innovatieketen te zitten. Om met heel slimme mensen op te trekken en te zien welke technieken eraan komen en hoe we die voor onze klanten kunnen inzetten.”
Dat begon al met de rol van MCS als mede-initiatiefnemer van de LoRa Alliance. Die houding verklaart ook waarom de pionier in machine-to-machine, later IoT, al vroeg betrokken raakte bij het Do IoT Fieldlab, een initiatief van TNO en TU Delft. Rond 2018 zochten zij partijen uit het ecosysteem om concreet invulling te geven aan de bouw en het testen van een echt 5G-netwerk. “Het was voor ons een snelle en leuke match, omdat innovatie in ons DNA zit.”
Onderzoek en praktijk bij elkaar brengen
Binnen Do IoT leverde en beheerde MCS de netwerkinfrastructuur. Het bedrijf was betrokken bij de totstandkoming van de netwerken, het operationeel management en de uitvoering van testen. Die vonden onder meer plaats op het terrein van de TU Delft en bij Unmanned Valley in Katwijk. “Wij zaten eigenlijk in het kernteam met de TU Delft en TNO”, zegt Piek. “Wij moesten ervoor zorgen dat de apparatuur werkte op het netwerk en andersom.”
De combinatie van wetenschappelijke nieuwsgierigheid en praktische toepasbaarheid maakte het traject waardevol. Onderzoekers stellen andere vragen dan marktpartijen. Zij willen eerst weten of iets technisch kan, hoe het werkt en onder welke voorwaarden. MCS keek tegelijkertijd naar de toepasbaarheid: wat betekent deze technologie straks voor partners, klanten en concrete businesscases?
“Soms moet je echt even zoeken om elkaars taal te begrijpen”, zegt Piek. “Voor ons was het met name spannend om toch iedere keer die wetenschappelijke onderzoeksvraag centraal te stellen, terwijl wij graag al naar praktische toepassingen en businesscases kijken.”
Dat leverde volgens hem een “superleuk spanningsveld” op. “Soms ging het echt puur om de test. En soms ging het ook om bewijzen of iets misschien interessant was. Het leuke was dat er onderzoeken bij zaten waar je commerciële hart wat harder van gaat kloppen, maar er zijn ook testen geweest met een groot maatschappelijk nut.”
Van gehoorondersteuning tot robots in de olie- en gasindustrie
Een voorbeeld van zo’n maatschappelijk relevante toepassing is Audus, een organisatie die werkt aan betere oplossingen voor mensen met een gehoorbeperking. Binnen het fieldlab werd gekeken naar toepassingen waarbij audio via de cloud kan worden verwerkt. “Op het moment dat je een gehoorapparaat kunt laten werken via de cloud, in plaats van via het heel kleine microprocessortje dat in het gehoorapparaat zit, wordt het spectrum waarin je de gehoorbeperking kunt aanpassen veel groter”, legt Piek uit. “Dat is natuurlijk supergaaf. Voor ons commercieel minder interessant, maar wel een project waarvan je denkt: dit kan op
termijn heel veel mensen helpen.”
Een heel ander voorbeeld is EX Robotics, dat robots ontwikkelt voor de olie- en gasindustrie. Die robots worden onder meer ingezet voor gaslekdetectie in complexe industriële omgevingen. Daar komen meteen tal van praktische uitdagingen bij kijken: metaalconstructies, explosiegevaarlijke ATEX-omgevingen, dataverwerking, antennekeuze en betrouwbare communicatie met een centrale meldkamer. “Die robot werkt in principe autonoom”, vertelt Piek. “Hij maakt een scan van zijn omgeving via LiDAR, moet gassen opsnuiven en analyseren en staat in verbinding met een centrale meldkamer. Communicatie via wifi is in zo’n omgeving vaak lastig. 4G is te traag. 5G was de oplossing om dat probleem te managen.”
Spin-offs: glastuinbouw, drones, maritiem en spoor
Do IoT Fieldlab groeide uit tot meerdere spin-offs. Een daarvan richt zich op de glastuinbouw, met testlocaties bij RoboHouse op het terrein van de TU Delft en bij TomatoWorld in het Westland. Daar worden toepassingen onderzocht rond 5G en tuinbouw, variërend van robotica tot radiotechnologie en sensornetwerken.
Het palet aan onderzoeksvragen is breed. Wat is het effect van 5G op hommels die planten moeten bevruchten? Heeft een 5G-radiosignaal invloed op de groei van planten? En omgekeerd: wat doet de groei van planten met het radiosignaal? Dat laatste is praktischer dan het
misschien klinkt. Planten en vruchten bevatten veel water en water dempt radiosignalen. In een kas die steeds voller groeit, kan dat directe gevolgen hebben voor de kwaliteit van draadloze communicatie.
Ook Unmanned Valley kwam van de grond en is nog steeds actief als testlocatie. Daar gaat het niet alleen om drones, maar ook om maritieme toepassingen. Piek noemt als voorbeeld systemen die energie opwekken uit golfslag op zee. Zulke installaties moeten op afstand gemonitord en aangestuurd kunnen worden. Een derde spin-off is het Rail Fieldlab, opgezet met onder meer ProRail, NS en Rijkswaterstaat op het Railcenter in Amersfoort. Daar bouwde en beheert MCS een privaat 5G-netwerk voor testen rond spoorgerelateerde toepassingen.
“We zijn met één fieldlab begonnen, met twee locaties: TU Delft en Unmanned Valley”, vat Piek samen. “Daar zijn twee locaties voor de glastuinbouw uit voortgekomen en één voor rail.”
Kennis die je niet kunt kopen
Commercieel lijken de fieldlabs voor MCS op korte termijn misschien minder interessant. Maar schijn bedriegt. De waarde zit vooral in kennis, ervaring en het vroegtijdig begrijpen van wat technologie in de praktijk vraagt. “Deze kennis kun je niet kopen”, zegt Piek. “Je kunt alleen maar leren in de praktijk. Als je omringd bent door de crème de la crème in de wetenschappelijke hoek rondom deze techniek, dan is dat toch fantastisch als je daar onderdeel >>>




































van mag zijn? Daarbij denk ik dat we prima voorgesorteerd zijn om die private 5G-netwerken uit te rollen.”
In sommige projecten bleek dat de oplossing niet per se een 5G-netwerk hoefde te zijn, maar dat LoRaWAN of een andere IoT-technologie beter paste. Dat sluit aan bij de bredere rol die MCS als solution provider inneemt: niet alleen leveren wat gevraagd wordt, maar meedenken over wat daadwerkelijk nodig is.
Op weg naar 6G
De volgende stap werd twee jaar geleden Future Network Services (FNS). Waar Do IoT vooral uitging van bestaande technologie, ligt bij FNS de agenda nog open. “Bij 5G hadden we weinig invloed meer op wat die technologie voor ons zou gaan doen”, zegt Piek. “Voor 6G is die agenda nog helemaal open. Laten we de krachten bundelen om te kijken wat we als Nederland met 6G kunnen doen, en omgekeerd wat de BV Nederland voor 6G kan betekenen.
Zo zijn we vanaf de basis betrokken bij de vraag waar het allemaal aan moet voldoen en welke uitdagingen op chip- en radiogebied wij met elkaar zouden kunnen oplossen.”
Samen met TNO en TU Delft werkt MCS binnen FNS aan de opbouw van een netwerk waarin onder meer wordt gekeken naar energy-resilient toepassingen: hoe zorg je ervoor dat toegang tot energiedata en energiesturing veilig en beschikbaar blijft, ook wanneer zich ergens verstoringen voordoen?
“De eerste zenders en antennes staan in de mast en worden nu verbonden met de apparatuur van TNO”, zegt Piek.

dat heel waardevol was. Ook konden we via BTG met RDI spectrum krijgen voor testen.” Ook rond actuele thema’s als NIS2, de Cyber Resilience Act, security en kritische infrastructuur ziet Piek een duidelijke rol voor BTG. “Hoe zorgen we ervoor dat het duidelijk is voor de BV Nederland waar ze aan moet voldoen?”
Die collectieve kracht is volgens Piek essentieel. Fieldlabs en brancheverenigingen laten volgens hem zien dat bedrijven door samen te werken veel meer kunnen bereiken dan alleen. “Als relatief kleine speler hebben we die impact niet”, besluit hij. “Maar als je je aansluit bij een collectief waar je een visie mee deelt en waar je bereid bent intensief met elkaar samen te werken, kun je veel meer bereiken. Voor ons is het fieldlab daar een voorbeeld van, maar ook BTG.”

BTG als netwerk en stem richting beleid
Zoals gezegd is de link van MCS met BTG logisch. MCS is al jarenlang betrokken bij BTG. “Ik zie het echt als de ultieme netwerkclub voor de BV Nederland”, zegt hij. “Waar zowel bedrijven als leveranciers bij elkaar zitten en met elkaar ideeën, trends en ontwikkelingen kunnen uitwisselen.”
Maar BTG is volgens hem meer dan dat. Juist de rol richting overheid en regelgeving is van grote waarde. Hij wijst onder meer op de discussies rond private 5G-licenties en de rol die BTG daarin speelde. “We waren een gesprekspartner die serieus werd genomen. Ik denk dat

MCS, specialist in private netwerken en IoT
MCS is een value added distributeur, gespecialiseerd in veilige en betrouwbare connectiviteit voor industriële en bedrijfskritische toepassingen. Het bedrijf beweegt zich op het snijvlak van private netwerken en IoT, waar machines, sensoren, systemen en mensen steeds vaker continu met elkaar verbonden moeten zijn. Vanuit zijn oorsprong in M2M-netwerken, de voorloper van IoT, groeide MCS uit tot specialist in private mobiele netwerken: van 2G/GSM naar 4G/LTE en inmiddels ook private 5G. Daarnaast levert MCS specifieke IoT-netwerken, zoals private LoRaWAN en NB-IoT.
Sinds begin 2023 maakt MCS deel uit van de Europese Addtech-groep. “Daar zitten ook soortgelijke bedrijven tussen waarmee we kennis uitwisselen. Addtech helpt bedrijven groeien, maar laat ze autonoom bestaan”, zegt Bas Piek. Die combinatie van technische expertise, Europese slagkracht en praktische toepassing maakt MCS een logische partner in fieldlabs waar nieuwe vormen van connectiviteit in de praktijk worden getest.

Paul Wijngaard

Een breed consortium van bedrijven, kennisinstellingen, operators en overheden werkt in Nederland al volop aan 6G, de volgende generatie communicatietechnologie. Een van de aanjagers die daarin een verbindende rol speelt, is Paul Wijngaard. Vanuit TNO is hij alliantiedirecteur van Future Network Services (FNS), het nationale programma waarin ruim zeventig partners al twee jaar samenwerken aan technologieën en toepassingen voor de digitale infrastructuur van de toekomst.
Als we hem spreken, is er net een FNS-partnerevent achter de rug. “We hadden ruim 200 betrokkenen vanuit de partners, er was een groot demoplein en er waren inspirerende sessies. Wat je dan ziet, is de enorme synergie en het vliegwiel dat begint te draaien. Mensen worden nieuwsgierig naar elkaars werk, zoeken samenwerking en komen met nieuwe ideeën. Daar word je erg enthousiast van.”
Het geeft de rol aan die Wijngaard vervult in het FNS-ecosysteem: die van verbinder. “Ik ben de
orchestrator, niet de scientist”, zegt hij. Juist die rol is binnen FNS essentieel: zorgen dat onderzoekers, technologiebedrijven, operators, start-ups en publieke partijen elkaar vinden.
De start van FNS
Al vanaf 2019 werkt Wijngaard vanuit TNO aan het opzetten van FNS. Inmiddels is het programma uitgegroeid tot een omvangrijk ecosysteem waarin bedrijven, universiteiten en overheden samenwerken aan innovaties rond
6G. Het draait volgens hem om innovatie in chips, antennes en slimme netwerktechnologie. Daarbij wordt hij ondersteund door een breed team, met onder meer Peter Rake als overall programmadirecteur en Pieter Nooren als programmastrateeg. “De drie P’s.” FNS moet voorkomen dat veelbelovende technologie in de onderzoeksfase blijft steken. Door bedrijven, onderzoekers en publieke partijen vroegtijdig te verbinden, helpt het programma innovaties door de zogenoemde valley of death: de fase waarin technologie vaak nog te onzeker is voor de markt, maar te belangrijk om te laten liggen. “Veel mensen denken bij een nieuwe generatie mobiele netwerken meteen aan snelheid”, zegt Wijngaard. “Maar 6G wordt fundamenteel anders dan 5G. Het gaat over intelligentie, sensing, betrouwbaarheid en nieuwe toepassingen die we nu nog nauwelijks kennen.” FNS wordt gefinancierd vanuit het Nationaal
“6G WORDT FUNDAMENTEEL ANDERS DAN 5G. HET GAAT OVER INTELLIGENTIE,

Groeifonds en beschikt over een totaalbudget, inclusief subsidie, van circa 315 miljoen euro. Het programma moet ervoor zorgen dat Nederland niet alleen gebruiker wordt van toekomstige technologie, maar ook actief meebouwt aan de mondiale standaarden en innovaties waarop die technologie draait. Volgens Wijngaard is dat noodzakelijk. “We hebben in Europa en Nederland te lang gedacht dat de markt alles vanzelf zou oplossen. Ondertussen hebben andere landen veel actiever industriepolitiek gevoerd. Daardoor zijn belangrijke posities verdwenen. Denk aan telecomresearch of bedrijven die ooit groot waren in Nederland. Met FNS proberen we opnieuw een positie op te bouwen.”
Van antennes tot AI Het programma kent vijf hoofdlijnen: hardware en antennetechnologie, software en AI,
toepassingen, ondersteuning van start-ups en scale-ups, en versterking van het bredere ecosysteem. “6G wordt in feite een AI-netwerk”, legt Wijngaard uit. “AI voor 6G en 6G voor AI. Kunstmatige intelligentie gaat het netwerk zelf aansturen, optimaliseren en slimmer maken. Tegelijkertijd maakt dat netwerk weer nieuwe AI-toepassingen mogelijk.”
Sensing en nieuwe toepassingen
Daarnaast speelt zogenoemde sensing-technologie een belangrijke rol. Daarbij functioneren mobiele netwerken niet alleen als communicatiesysteem, maar ook als een soort radarsysteem dat bewegingen en objecten kan detecteren. “Dat is echt nieuw”, zegt Wijngaard. “Een 6G-netwerk kan straks zien wat er gebeurt. Antennes ontvangen reflecties van signalen en kunnen daardoor objecten en bewegingen detecteren. Dat opent een enorme wereld aan toepassingen.”
Ook Nederlandse MKB-bedrijven werken hier al concreet aan mee, onder andere in samenwerking met partijen als Robin Radar en RadarXsense, die radartechnologie en sensing-toepassingen ontwikkelen en verkennen hoe deze met mobiele netwerken kunnen worden gecombineerd. Wijngaard noemt verkeersmanagement als voorbeeld. Verkeerslichten zouden realtime kunnen reageren op actuele verkeersstromen die via het mobiele netwerk worden waargenomen. Maar sensing kan ook worden gebruikt voor dronedetectie, industriële toepassingen of het monitoren van infrastructuur.
Betrouwbare netwerken met satellietconnectiviteit
Tot slot is er een belangrijke ontwikkeling in de betrouwbaarheid van toekomstige netwerken. Daarbij wordt satellietcommunicatie direct geïntegreerd in mobiele infrastructuren. “Je mobiel praat straks niet alleen meer met zendmasten op aarde, maar tegelijkertijd ook met satellieten”, zegt Wijngaard. “Daardoor worden netwerken veel robuuster. Als een aardse verbinding uitvalt, blijft de satellietverbinding beschikbaar.”
Van onderzoek naar praktijk Hoewel 6G nog jaren verwijderd is van commerciële uitrol, zijn binnen FNS al concrete resultaten geboekt. Volgens Wijngaard heeft het programma inmiddels bewezen dat het de juiste richting op gaat. “We hebben de Groeifondscommissie ervan kunnen overtuigen dat deze
investeringen echt waarde gaan opleveren”, zegt hij. “Dat is belangrijk, want het gaat uiteindelijk om economisch verdienvermogen.” Die resultaten lopen uiteen van technologische doorbraken tot praktijktoepassingen. Zo zijn binnen het programma al diverse patenten aangevraagd, prototypes ontwikkeld en ontstaan er nieuwe samenwerkingen rond start-ups en scale-ups. Ook zijn bijdragen geleverd aan internationale standaardisatieprocessen.
Die technologie wordt inmiddels in verschillende FNS-pilots samen met bedrijven en kennisinstellingen getest in realistische omgevingen. Een van de meest aansprekende voorbeelden is een demonstratie met drones die buiten zichtafstand konden vliegen via gegarandeerde netwerkconnectiviteit. “Normaal mag je drones alleen vliegen als je ze direct kunt zien”, legt Wijngaard uit. “Maar straks wil je misschien duizenden drones inzetten voor distributie of inspectie. Dan moet je volledig kunnen vertrouwen op netwerkverbindingen.” >>>



“BTG
Binnen FNS wordt gewerkt aan technologie die dat mogelijk maakt. Tijdens een proefvlucht werden drones over tientallen kilometers bestuurd via mobiele netwerken. Daarbij waren operators, technologieleveranciers en toezichthouders betrokken. “Dat zijn precies de stappen die nodig zijn”, zegt Wijngaard. “Je lost samen allerlei praktische problemen op, totdat operators zeggen: nu durven we dit daadwerkelijk in onze netwerken toe te passen.”
Daarmee raakt 6G aan thema’s die steeds urgenter worden: betrouwbare connectiviteit voor kritische processen, slimme mobiliteit, veilige industriële automatisering en digitale weerbaarheid.
scale-ups en ecosysteemontwikkeling. Het doel is om bedrijven sneller richting marktintroductie te begeleiden. “Het gaat niet alleen om technologie, maar ook om financiering, regelgeving, standaardisatie en human capital. Je moet alle puzzelstukjes invullen. Dan is het aan de markt om het te commercialiseren en stopt onze rol. Tegelijkertijd is de vraag: hoe zorgen we ervoor dat het netwerktechnologie-innovatie-ecosysteem dat nu wordt gebouwd, ook op langere termijn blijft bestaan? Dat is een opdracht die we nog moeten invullen.”
Rol voor brancheorganisaties



Ook op het gebied van datacommunicatie zijn resultaten geboekt. Zo werd in Eindhoven een record gevestigd met een draadloze dataverbinding van 5,7 terabit per seconde over een afstand van 4,6 kilometer. “Dat soort innovaties laat zien wat er technisch mogelijk wordt”, zegt Wijngaard. “En tegelijkertijd bouw je daarmee kennis en expertise op in Nederland.”
Samenwerking als vliegwiel
Een belangrijk onderdeel van FNS is samenwerking. Ruim zeventig partners zijn betrokken bij het programma: van operators en technologiebedrijven tot universiteiten en start-ups. Volgens Wijngaard zit juist daar de kracht van het initiatief. “Wat je wilt, is dat mensen elkaar gaan vinden”, zegt hij. “Dat er nieuwe verbindingen ontstaan. Dat bedrijven en onderzoekers elkaar versterken.” Binnen FNS krijgt die samenwerking ook fysiek vorm in het Nationaal 6G Testbed: een landelijke innovatie-infrastructuur waarin vijf regionale 6G-fieldlabs worden verbonden. Daar kunnen bedrijven, onderzoekers en start-ups toekomstige 6G-technologie en -toepassingen al vóór 2030 in realistische omgevingen ontwikkelen, testen en valideren. Het testbed slaat een brug tussen onderzoek en praktijk. Iets wat goed aansluit bij de drive van BTG.
Tegelijkertijd blijft het volgens Wijngaard cruciaal om focus te houden op de economische waarde van alle innovaties. “Researchers kunnen fantastische dingen ontwikkelen”, zegt Wijngaard. “Maar uiteindelijk moet het landen in de markt. Anders creëer je geen nieuwe Nederlandse bedrijvigheid en versterking van onze economische positie.” Daarom bevat FNS ook aparte programmalijnen voor start-ups
Binnen dat ecosysteem ziet Wijngaard ook een belangrijke rol voor brancheorganisaties zoals BTG. De ontwikkeling van 6G mag niet beperkt blijven tot onderzoeksprogramma’s en technische standaarden. De technologie moet landen bij organisaties die straks afhankelijk zijn van betrouwbare, veilige en intelligente connectiviteit: van industrie en mobiliteit tot zorg, overheid en kritische infrastructuur.
“BTG helpt om technologie naar de markt te brengen”, zegt hij. “Veel leden zijn zelf betrokken bij FNS. Maar daarnaast speelt BTG een belangrijke rol in kennisdeling, zichtbaarheid en het informeren van bedrijven over wat er gebeurt.” Volgens Wijngaard wordt die samenwerking de komende jaren alleen maar intensiever. “In de eerste fase waren we vooral bezig met opstarten”, zegt hij. “Nu komen we in een fase waarin we steeds meer naar buiten treden.”
Voor BTG raakt FNS direct aan de kern van haar rol als bruggenbouwer tussen gebruikers, leveranciers, kennisinstellingen en overheid. De ontwikkeling van 6G gaat immers niet alleen over technologie, maar ook over de vraag hoe Nederland zijn digitale infrastructuur toekomstbestendig, betrouwbaar en maatschappelijk relevant houdt. Daarbij speelt ook talentontwikkeling een belangrijke rol. Nieuwe generaties netwerken vragen om nieuwe kennis en vaardigheden op het gebied van AI, software, cybersecurity en digitale infrastructuren. Brancheorganisaties zoals BTG kunnen bijdragen aan het voorbereiden van de arbeidsmarkt op die toekomstige 6G-skills, onder meer via kennisdeling, samenwerking met onderwijsinstellingen en het verbinden van bedrijven met nieuw talent.
Nederland in de mondiale 6G-ontwikkeling
Hoewel FNS een Nederlands programma is,

speelt het zich af binnen een sterk internationaal krachtenveld. De standaarden voor 6G worden immers mondiaal ontwikkeld, onder meer binnen 3GPP, het internationale samenwerkingsverband waarin mobiele communicatiestandaarden worden ontwikkeld. Daar probeert Nederland actief invloed uit te oefenen. “We hebben inmiddels tientallen bijdragen ingebracht in internationale standaardisatieprocessen”, zegt Wijngaard. “Dat is essentieel. Als jouw technologie uiteindelijk geen onderdeel wordt van de standaard, heb je er economisch weinig aan.”
Volgens Wijngaard is de geopolitieke context de afgelopen jaren sterk veranderd. Wie invloed heeft op standaarden, bepaalt mede welke technologieën wereldwijd schaal krijgen. Daarmee gaat standaardisatie niet alleen over techniek, maar ook over economische positie en strategische autonomie.
“We moeten zorgen dat Europa en Nederland kaarten hebben om mee te kunnen spelen”, zegt Wijngaard. “Als je geen positie hebt in technologieontwikkeling, dan ben je volledig afhankelijk van anderen.”
Die geopolitieke spanningen zijn vooral zichtbaar in de verhouding tussen China, de Verenigde Staten en Europa. Volgens Wijngaard is het onvermijdelijk dat technologie steeds meer
onderdeel wordt van strategisch beleid. “Die spanning is er gewoon”, zegt hij. “En daardoor realiseren landen zich dat ze weer eigen posities moeten opbouwen.”
Toch benadrukt hij dat internationale samenwerking noodzakelijk blijft. “Uiteindelijk wil je één wereldwijde standaard houden”, zegt Wijngaard. “Want als markten uit elkaar vallen, krijg je fragmentatie, hogere kosten en minder schaalgrootte.”
Een duurzaam ecosysteem dat blijft bestaan
Het programma loopt officieel tot 2030. Wanneer is het voor Wijngaard een succes? Hij hoeft daar niet lang over na te denken. “Als er bedrijven zijn die kunnen zeggen: dankzij FNS zijn wij echt groot geworden”, antwoordt hij. “Dat zou fantastisch zijn.”
Hij droomt hardop van een Nederlandse technologiegigant die voortkomt uit het programma. “Misschien hebben we straks wel de volgende ASML op telecomgebied”, zegt Wijngaard lachend. “Dat klinkt ambitieus, maar je moet wel groot durven denken.”
Daarnaast hoopt hij dat Nederland vooroploopt in concrete toepassingen. Bijvoorbeeld met volledig draadloze fabrieken waarin robots, sensoren en machines realtime communiceren
Wijngaard kent de telecomwereld als geen ander. Zijn loopbaan voerde langs KPN, MCI WorldCom, Reggefiber en Nokia. Ook was hij voorzitter van de Telecom Society. Alles bij elkaar vormt het volgens hem een logische voorbereiding op zijn huidige rol.
“Ik ben een netwerker, een organisator en een verbinder. Op een bepaald moment in je carrière vraag je jezelf af: wat wil ik nog doen? Bij TNO kreeg ik de kans om mee te bouwen aan een nationaal programma voor de toekomst van digitale infrastructuur. Dat kwam eigenlijk precies op het juiste moment.”
via geavanceerde mobiele netwerken. Wat hem uiteindelijk het meest trots zou maken? Daar hoeft hij nauwelijks over na te denken. “Dat we een duurzaam ecosysteem voor innovatie hebben gebouwd”, zegt Wijngaard. “Niet iets tijdelijks, maar een structuur die blijft bestaan en die Nederland ook ná 2030 een sterke positie geeft in de digitale infrastructuur van de toekomst.”

Waar bedrijven eerder konden volstaan met een goede website en een paar nieuwsbrieven, draait marketing tegenwoordig om slimme automatisering, datagedreven werken en vooral om samenwerking tussen afdelingen. Voor veel organisaties blijkt juist dat laatste de grootste uitdaging. Het Amersfoortse bureau Marketing Guys speelt daar dagelijks op in. Sinds kort is het bureau ook aangesloten bij BTG.
Managing partners Michiel van Altena en Caroline de Vos staan sinds halverwege 2024 aan het roer van Marketing Guys. De Vos vertelt bevlogen over de ontwikkeling van het bureau, de menselijke aanpak die centraal staat en de reden waarom Marketing Guys bewust aansluiting zocht bij het netwerk van BTG. In de beginjaren richtte Marketing Guys zich vooral op websites, nieuwsbrieven en online campagnes voor lokale ondernemers. Maar de markt veranderde snel en het bureau veranderde mee. “We hebben steeds meer focus aangebracht”, zegt De Vos. “We ontdekten dat onze kracht vooral ligt in leadgeneratie, marketingautomation en het inzichtelijk maken van data. Uiteindelijk zijn we ons volledig gaan richten op B2B-organisaties en vooral op het verbeteren van de samenwerking tussen
marketing, sales en service met behulp van strategie, procesoptimalisatie en technologie.”
Slimmer en efficiënter door betere samenwerking
Vandaag de dag helpt Marketing Guys B2B-organisaties om hun commerciële processen slimmer en toekomstbestendig in te richten. Het bureau ziet CRM als het hart van de organisatie: de centrale plek waar strategie, processen, data en software samenkomen. Daarom brengt Marketing Guys niet alleen de commerciële strategie en bijbehorende processen in kaart, maar werkt het deze ook concreet uit. Vanuit die basis verbindt het bureau de juiste technologie en tools rondom het CRM, zodat verschillende professionals binnen de organisatie efficiënter kunnen samenwerken en de klant centraal staat.
Volgens De Vos ligt juist daar het onderscheid met veel andere bureaus. “We adviseren niet zomaar een standaardplan, omdat het bij tien andere klanten heeft gewerkt. Wij willen echt begrijpen wat er speelt binnen een organisatie én bij de klanten van die organisatie. Wat zijn de pijnpunten? Waar ligt de doelgroep wakker van?”
IT en SaaS als belangrijke groeimarkt
Die aanpak slaat goed aan binnen sectoren als IT, SaaS en de maakindustrie. Binnen deze sectoren ziet Marketing Guys dat organisaties de basis vaak al goed hebben staan, maar dat afdelingen nog te veel langs elkaar heen opereren. “Marketing, sales en service werken in veel bedrijven nog steeds als losse eilanden”, legt De Vos uit. “Iedere afdeling heeft eigen doelstellingen, terwijl je uiteindelijk samen verantwoordelijk bent voor dezelfde klant en het resultaat van het bedrijf.”
Ze geeft een praktijkvoorbeeld van een IT-bedrijf waarbij een salesmedewerker onaangekondigd langsging bij een klant, terwijl bij de serviceafdeling een klacht lag die mogelijk tot een

opzegging zou leiden. “Die salescollega wist van niets. Dan zie je direct wat er misgaat als systemen en teams niet goed samenwerken.”
Juist daarom werkt Marketing Guys veel met HubSpot, het platform waarmee marketing, sales en klantenservice binnen één omgeving kunnen samenwerken. Marketing Guys is officieel HubSpot-partner en vrijwel alle medewerkers beschikken over certificeringen. “Wij hebben in de loop der jaren met verschillende tools gewerkt”, zegt De Vos. “Maar HubSpot sluit het beste aan bij onze visie: de klant centraal zetten en zorgen dat iedereen binnen een organisatie met dezelfde informatie werkt.”
AI als praktische versneller
Daarnaast speelt kunstmatige intelligentie een steeds grotere rol binnen het werk van Marketing Guys. Niet als hype, maar als praktische oplossing voor dagelijkse uitdagingen. “Veel organisaties weten dat ze iets met AI moeten, maar weten niet waar te beginnen”, zegt De Vos. “Je moet niet zomaar alles delen met AI. Juist daarom is het belangrijk om klein
te beginnen, duidelijke stappen te bepalen en goed na te denken voor welke data en processen AI wordt ingezet.”
Marketing Guys kijkt vooral naar manieren waarop AI processen eenvoudiger kan maken. Dat varieert van AI-gestuurde contentcreatie met AI-assistants tot de ontwikkeling van eigen tooling met vibecoding. Zo ontwikkelde het bureau bijvoorbeeld een proces waarbij blogs automatisch worden gecontroleerd op actualiteit. Na een half jaar ontvangt een medewerker automatisch een melding met nieuwe invalshoeken vanuit AI om de content te actualiseren. “Het gaat ons niet alleen om technologie”, benadrukt De Vos. “Het gaat erom hoe je mensen slimmer kunt laten werken en processen eenvoudiger maakt.”
Naast technologie speelt talentontwikkeling een belangrijke rol. Michiel van Altena en Caroline de Vos ontwikkelden enkele jaren geleden een eigen traineeship voor starters op de arbeidsmarkt. “We horen veel verhalen van net afgestudeerden die geen baan kunnen vinden, omdat ze te weinig ervaring hebben. Maar ergens moeten ze die kans krijgen.”
Binnen het tweejarige traject leren jonge professionals de praktijk van digitale strategie, MarTech en AI. Daarmee investeert het bureau niet alleen in eigen groei, maar ook in nieuw talent voor de sector.
Sinds de overname is de focus verder aangescherpt en kijkt het bureau nadrukkelijk naar de toekomst. Daarbij past ook het lidmaatschap van BTG. Volgens De Vos was die stap een logische keuze. “Voor ons is de IT- en telecomsector een belangrijke markt. We hebben daar veel klanten en willen goed begrijpen wat er speelt. Via BTG blijven we op de hoogte van ontwikkelingen binnen de branche én kunnen we onze eigen kennis delen. Voor BTG-leden kan onze kennis relevant zijn bij vraagstukken rond commerciële groei, klantbehoud, leadopvolging, digitalisering van klantprocessen en de inzet van AI in marketing-, sales- en serviceprocessen.”
Binnen het BTG-netwerk zal naast Caroline de Vos ook Jennifer Kwok regelmatig namens Marketing Guys zichtbaar zijn. Zij kent de IT-markt goed en is betrokken bij de verdere verbinding met de BTG-community. Marketing Guys wil binnen het netwerk van BTG actief bijdragen. Zo zijn er plannen voor een gezamenlijk AI-event waarin organisaties
praktische handvatten krijgen om verantwoord en effectief met AI aan de slag te gaan. “We merken dat veel bedrijven nog zoekende zijn”, zegt De Vos. “Ze zien kansen, maar vinden het ook spannend. Dan helpt het als je samen kunt kijken welke eerste stappen logisch zijn.”
Samenwerking als sleutel tot groei Wat De Vos andere BTG-leden vooral wil meegeven? Kijk kritisch naar het commerciële proces als geheel. Niet alleen naar losse campagnes, tools of afdelingen, maar naar de manier waarop marketing, sales en service samen waarde creëren voor de klant. “Veel bedrijven hebben onbewust oogkleppen op”, besluit De Vos. “Juist door die af te zetten, kun je als organisatie sneller stappen maken en klanten beter bedienen.”

Caroline de Vos
Caroline de Vos werkt acht jaar bij Marketing Guys en is sinds 2024 samen met Michiel van Altena mede-eigenaar van het bureau. Daarvoor werkte zij bij internationale organisaties als Microsoft en LinkedIn. “Wat ik daar heb geleerd, gebruik ik eigenlijk dagelijks nog”, vertelt ze.
Tegelijk ontdekte ze dat grote corporate omgevingen minder goed bij haar passen. “Ik kom beter tot mijn recht in een kleinere organisatie waar je sneller impact kunt maken en dichter bij klanten staat.” Die zoektocht bracht haar bij Marketing Guys, dat vijftien jaar geleden begon als fullservice marketingbureau en zich inmiddels heeft gespecialiseerd in het verbeteren van de samenwerking tussen marketing-, sales- en serviceprofessionals in B2B-organisaties, met behulp van strategie, procesoptimalisatie en technologie.

Van de eerste terminals met een snelheid van 33 bits per seconde tot satellietnetwerken, van de liberalisering van telecom tot roamingtarieven, spectrumbeleid, cloudplatforms en de opkomst van AI: in de afgelopen zestig jaar zag de Britse industrieveteraan Nick White de sector voortdurend van gedaante veranderen. Voor een groot deel loopt zijn verhaal vol smakelijke anekdotes parallel aan de historie van 40 jaar BTG. In beide gevallen staat de vraag centraal: hoe zorg je ervoor dat technologie en telecominfrastructuur beschikbaar zijn, en eerlijk, toegankelijk, concurrerend en bruikbaar voor zakelijke gebruikers?
White noemt zichzelf een babyboomer die halverwege de jaren zestig begon als computerprogrammeur. Zijn eerste ervaring met communicatie was nog uiterst basaal. “Ik maak vaak de grap dat de eerste terminal die ik gebruikte voor communicatie 33 bits per seconde deed”, vertelt hij. “Dat was een ASR 33-teletype. Als je het nu hebt over megabitsnelheden, zet dat alles wel in perspectief.”
Zijn echte kennismaking met internationale communicatie kwam in 1973, toen hij bij Reuters ging werken. Daar zag hij hoe technologische mogelijkheden en monopolies elkaar voortdurend beïnvloedden. Reuters wilde nieuws- en informatiediensten wereldwijd verspreiden via onderzeese kabels en satellieten, maar dat mocht niet. In die tijd beheerden nationale PTT’s de infrastructuur en de diensten vrijwel volledig. Wie internationale verbindingen wilde gebruiken voor commerciële

informatieverspreiding, moest eerst door een muur van regulering heen.
“Er was technologie beschikbaar, je kon die betalen en implementeren, maar je mocht het niet altijd gebruiken.”
Van nieuwsagentschap naar informatieprovider
Bij Reuters zag White hoe communicatie-infrastructuur nieuwe markten konden ontsluiten. In de jaren zeventig werden wisselkoersen vrijgegeven, waardoor banken en financiële instellingen behoefte kregen aan actuele informatie. Satellieten en onderzeese kabels speelden daarin een sleutelrol. Reuters kocht uiteindelijk zelfs een transponder op een communicatiesatelliet om eigen diensten wereldwijd te kunnen verspreiden.
Door zijn betrokkenheid daarbij raakte hij gefascineerd door het spanningsveld tussen technologie, marktwerking en regelgeving. Dat
zou ook de rode draad worden in zijn werk voor gebruikersorganisaties als INTUG, de International Telecommunications Users Group, en de Britse gebruikersorganisatie, vergelijkbaar met BTG.
INTUG werd in 1974 opgericht door grote internationale zakelijke gebruikers, waaronder Reuters, banken, luchtvaartmaatschappijen, Boeing en SWIFT. Hun gezamenlijk belang: toegang tot internationale netwerken tegen redelijke voorwaarden, met voldoende concurrentie en zonder onnodige monopolistische beperkingen. White was vanuit Reuters al vroeg betrokken bij deze wereld en werd later actief in het bestuur van INTUG. Sinds 1993 als Executive Vice President.
De jaren tachtig en negentig kwamen en in het Verenigd Koninkrijk zette de regering-Thatcher de deur open naar privatisering en liberalisering. Monopolist BT kreeg met Mercury de eerste zeven jaar een duopolie. Pas in 1992 besloot de EU de monopolies in heel Europa op te heffen voor 1998.
De overgang naar marktwerking verliep allesbehalve soepel, vertelt White.
Hij herinnert zich tal van bizarre regels. Zo mochten bedrijven maar een beperkt aantal externe extensies op een telefooncentrale aansluiten. Een bedrijf met meerdere nabijgelegen vestigingen kon dus niet zomaar één interne telefoonstructuur gebruiken. Ook internationale verbindingen en doorschakelingen waren aan strenge beperkingen gebonden. “Iedere keer dat we iets wilden doen, bleek er wel een historische regel te zijn die het onmogelijk maakte”, vertelt hij. “Die regels zijn uiteindelijk allemaal verdwenen, maar het heeft jaren gekost.”
Gebruikersorganisaties als BTG speelden daarbij een belangrijke rol. Zij brachten de praktische problemen van zakelijke gebruikers onder de aandacht bij toezichthouders en beleidsmakers. Soms ging het om grote dossiers, zoals de openstelling van markten. Soms om ogenschijnlijk technische details met enorme financiële gevolgen, zoals nummerportabiliteit tussen de operators of wijzigingen in nummerplannen. White herinnert zich een discussie in Londen waarbij operator BT aangaf dat de telefoonnummers opraakten en een nieuw nummerschema voorstelde. Volgens de gebruikersgroep zou dat miljarden kosten
en bovendien het probleem niet structureel oplossen. Uiteindelijk kreeg de gebruikersorganisatie slechts uitstel. Achteraf hadden ze wel gelijk: Londen moest binnen tien jaar drie keer het nummerschema aanpassen. De belangen waren groot in die tijd. Toen IBM een merger met BT wilde, stak de Britse BTG daar een stokje voor.
Wereldwijde netwerken voor banken en Unilever
Na Reuters werkte White onder meer bij Midland Bank, later onderdeel van HSBC. Daar was hij verantwoordelijk voor technologie en telecommunicatie. Hij bouwde internationale netwerken, hield zich bezig met elektronische bankdiensten en stond zelfs aan het hoofd van een bedrijfsonderdeel dat datanetwerkdiensten aan derden verkocht.
In 1991 stapte hij over naar Unilever, waar hij tot zijn pensioen in 2005 bleef werken. Hij werd er wereldwijd verantwoordelijk voor communication services. Een van zijn eerste grote opdrachten was het harmoniseren van de telecomcontracten van Unilever in de Verenigde Staten. Dertien bedrijven werkten met verschillende leveranciers: AT&T, Sprint en MCI. White reisde naar de VS en stelde de telecomverantwoordelijken één cruciale vraag: als er straks één leverancier wordt gekozen, zijn jullie dan bereid allemaal over te stappen? Dat akkoord kwam er. Uiteindelijk verhuisde het grootste deel van de communicatie naar Sprint.
Ook in India liep hij tegen de complexiteit van nationale telecomregels aan. Unilever wilde bedrijfssoftware via satellietverbindingen beschikbaar maken voor circa tweehonderd locaties. Technisch geen probleem, maar de regulering dwong Unilever tot omslachtige verbindingen. “Een eenvoudige oplossing werd ineens een dubbele satelliet-hop”, vertelt White. “Niet vanwege de technologie, maar weer die regels.”
Roaming als symbool van gebruikersbelang
Een van de bekendste dossiers waar INTUG zich jarenlang mee bezig hield, was internationale mobiele roaming. White vertelt hoe roamingtarieven ooit ontstonden rond de grens tussen Ierland en Noord-Ierland. Mensen woonden aan de ene kant van de grens en werkten of winkelden aan de andere kant. Operators ontdekten dat zij voor dat >>>

Een lunch voor je team, vers fruit op je afdeling, een gezellige borrel op kantoor of altijd goede koffie in de automaat. Bij Jumbo heb je het zo geregeld. Alleen even bestellen en dan bezorgen wij precies wanneer het jou uitkomt. En dat al vanaf €50,- per bestelling.
Alles voor je zaak tot aan de deur bezorgd. Da’s de Ja van Jumbo.

“BTG WAS ALTIJD EEN LEADING
LIGHT BINNEN INTUG. WE HADDEN VEEL GEMEEN EN LEERDEN VEEL
grensoverschrijdende gebruik kosten konden rekenen. Een mooi business model dat wereldwijd werd overgenomen.
“Operators dachten: dit is geweldig”, zegt White. “De klant kan er weinig aan doen en betaalt toch als hij bereikbaar wil blijven. Er zijn verhalen van mensen die na hun vakantie een rekening van 2.000 pond kregen. En ook met internationale spelers als Vodafone was geen deal te maken.”
Voor zakelijke gebruikers werden roamingkosten een bron van ergernis. INTUG begon de tarieven openbaar te maken om de omvang van het probleem zichtbaar te maken. Het duurde negentien jaar voordat roamingkosten binnen de EU uiteindelijk verdwenen. Maar volgens White is het onderliggende probleem nog niet helemaal opgelost.
“De wereld is nog steeds een lappendeken van nationale mobiele netwerken”, zegt hij. “Je telefoon herkent geen grenzen, maar de netwerken en contracten doen dat wel.”
Een deel van het probleem was dat operators veel geld kwijt waren aan veilingen, toen regeringen ontdekten dat spectrum-verdeling veel geld waard was.
BTG als ‘leading light’
White kent BTG al sinds de vroege jaren van de organisatie. Binnen INTUG gold en geld BTG
volgens hem als een van de meest actieve en succesvolle nationale gebruikersgroepen. Denk aan de KMBG-expertgroep, indoordekking en de adviezen rond spectrumverdeling. “BTG was altijd een leading light binnen INTUG”, zegt White. “We hadden veel gemeen en leerden veel van elkaar.”
Volgens White zat en zit de kracht van gebruikersorganisaties niet alleen in formele belangenbehartiging, maar ook in het netwerk. Telecommanagers van grote organisaties konden elkaar ontmoeten, ervaringen vergelijken, contracten bespreken en samen optrekken richting leveranciers en toezichthouders. Dat is volgens hem lastiger geworden. De klassieke telecommanager is verdwenen. Communicatie is onderdeel geworden van bredere IT-, cloud- en platformvraagstukken. Daardoor is het soms moeilijker om binnen bedrijven de juiste gesprekspartner te vinden. Toch ziet White juist daarom blijvende waarde in organisaties als BTG. Events, expertgroepen en consultaties bieden volgens hem nog steeds een omgeving waarin gebruikers kennis kunnen delen en invloed kunnen uitoefenen.
Nieuwe spelers, oude vragen
Wat White fascineert, is dat dezelfde vragen steeds terugkeren, maar telkens met andere spelers. Waar vroeger PTT’s en nationale operators dominant waren, verschuift de macht nu naar grote technologiebedrijven, cloudproviders en satellietaanbieders. Onderzeese kabels worden steeds vaker aangelegd door Big Tech, vaak tussen eigen datacenters. LEO-satellieten zoals Starlink en Project Kuiper creëren nieuwe vormen van wereldwijde infrastructuur. Daarmee verschuift de macht. “Er is een risico dat we een nieuwe generatie dominante leveranciers creëren”, waarschuwt White. “Ze leveren niet altijd de einddienst, maar beheren wel de platforms en infrastructuur waar anderen afhankelijk van worden.”
Ook spectrumbeleid blijft volgens hem een strategisch vraagstuk. Discussies over de Upper 6GHz-band, wifi, private mobiele netwerken, satellietconnectiviteit, datagroei en toekomstige mobiele standaarden laten zien dat frequenties steeds belangrijker worden voor economische en maatschappelijke ontwikkeling. De verandering van mobiele telecom zoals wij die kennen zal vervangen worden door een combinatie van ubiquitus wifi en LEO-satellieten. Het gaat
niet alleen om technische capaciteit, maar ook het stimuleren van concurrentie, innovatie en autonomie. Ook de trend naar steeds minder operators per land is volgens hem zorgelijk.
AI, veiligheid en de toekomst van gebruikersorganisaties
Voor White horen privacy, security, data-soevereiniteit en AI bovenaan de telecomagenda van vandaag. AI zal de vraag naar datacapaciteit verder vergroten en tegelijk nieuwe risico’s creëren.
Tegelijk blijft hij optimistisch. In de afgelopen zestig jaar werd bij elke nieuwe technologie gevreesd dat banen massaal zouden verdwijnen. Vaak ontstond juist nieuw werk om die technologie te bouwen, beheren en toepassen.
Op de vraag naar de toekomst van INTUG is White eerlijk. Het aantal actieve nationale gebruikersgroepen is afgenomen en de functie van klassieke telecomgebruikersorganisaties is minder vanzelfsprekend geworden. Toch blijft er behoefte aan een onafhankelijke stem van zakelijke gebruikers, zeker in internationale gremia zoals de OESO. “De OESO waardeert input van gebruikers, naast die van regulators, overheden en technologiebedrijven”, zegt hij.
Belang gebruikersgroepen blijft
White’s reis door telecomland begint zo’n 50 jaar geleden en werd internationaal bij Reuters, waar content en infrastructuur elkaar voor het eerst op grote schaal ontmoeten. Vandaag de dag ziet hij diezelfde beweging terug bij cloudplatforms, datacenters, satellieten, onderzeese kabels en AI. De namen zijn anders, de technologie is enorm versneld, maar de basis blijft staan: wie beheert de infrastructuur, wie bepaalt de voorwaarden, hoe blijft er concurrentie, en hoe wordt het belang van gebruikers geborgd? De sector is fundamenteel veranderd, maar de noodzaak van een sterke gebruikersgroep is gebleven. Hoe houden gebruikers invloed op de infrastructuur waarvan zij afhankelijk van zijn. White zelf blijft actief zolang het kan. In september wordt hij tachtig. “Ik heb in een bijna perfecte periode geleefd”, zegt hij. “Er was politieke verandering, liberalisering, een explosie van technologie, internet en mobiele communicatie; Never a dull moment.”

Liesbeth Holterman
is sinds 2018 werkzaam bij Cyberveilig Nederland (CVNL), waarvan sinds de zomer van 2025 als directeur. Zij is al jaren actief op het gebied van digitalisering en werkte eerder voor de AIVD, Nederland ICT, nu NLdigital, en FME.

Lange tijd werd AI binnen organisaties vooral gezien als een technologie die kansen creëert. De nadruk lag op efficiëntie, innovatie en automatisering van processen. Bedrijven onderzochten hoe AI kon bijdragen aan betere dienstverlening, hogere productiviteit en nieuwe businessmodellen. Dat perspectief verschuift snel, omdat dezelfde technologie ook de aard en snelheid van cyberdreigingen fundamenteel verandert. Waar AI eerder vooral werd ingezet voor afzonderlijke technische taken, zijn de nieuwste modellen inmiddels in staat om volledige aanvalsketens grotendeels zelfstandig uit te voeren. Van het identificeren van kwetsbaarheden tot het navigeren door netwerken en het misbruiken van accounts: processen die voorheen uren of zelfs dagen werk van cybercriminelen vereisten, kunnen nu in hoog tempo worden geautomatiseerd.
Die ontwikkeling wordt nog vaak onderschat. Bovendien verloopt de evolutie niet geleidelijk, maar versneld. AI-modellen worden niet alleen krachtiger, maar ook autonomer. Daardoor verandert de aard én de schaal van het cyberrisico. In de nabije toekomst kunnen criminelen met relatief beperkte technische kennis toch geavanceerde cyberoperaties uitvoeren.
De impact daarvan raakt niet alleen IT-afdelingen of securityspecialisten. Cybersecurity is uitgegroeid tot een strategisch bestuurdersvraagstuk. Bestuurders spelen daarom een cruciale rol in de manier waarop organisaties omgaan met deze nieuwe realiteit.
Toch lijkt dat besef in veel bestuurskamers nog onvoldoende doorgedrongen. Cybersecurity moet niet langer worden gezien als een puur technisch of IT-gerelateerd probleem, maar als
een integraal onderdeel van risicomanagement en bedrijfscontinuïteit. Net zoals financiële, juridische of operationele risico’s vraagt cyberveiligheid om actieve betrokkenheid vanuit directie en raad van bestuur.
Dat begint bij het stellen van de juiste vragen. Is onze organisatie voldoende voorbereid op digitale aanvallen? Hebben we de basismaatregelen van het Nationaal Cyber Security Centrum geïmplementeerd? Zijn processen voor crisismanagement helder vastgelegd en geoefend? Beschikken medewerkers over voldoende kennis en training? Kunnen we snel reageren als zich een incident voordoet? Weten we wat onze kroonjuwelen zijn en kunnen we daar prioriteit aan geven? Werken IT, security, compliance en de business goed samen?
De cybersecuritysector, verenigd in branchevereniging Cyberveilig Nederland, kan bestuurders hierbij ondersteunen. Dat begint met het vertalen van dreigingen naar concrete bedrijfsrisico’s. Via scenario’s, simulaties en praktijkgerichte oefeningen kunnen bestuurders ervaren wat een cyberincident betekent voor hun organisatie en welke besluiten op zo’n moment nodig zijn. Die kennis en kunde is aanwezig bij de leden van Cyberveilig Nederland.
De grootste uitdaging is kortom niet de technologie zelf, maar de snelheid van verandering. Die vraagt om sturing vanuit de board, om het implementeren van basismaatregelen en om een organisatie die kan leren en handelen onder druk. De sterkste organisaties van morgen zijn niet per se de organisaties met de grootste budgetten, maar de organisaties die het snelst kunnen leren, implementeren, aanpassen en beslissen.

BTG Services is de serviceorganisatie van de Nederlandse Branchevereniging ICT en Telecommunicatie Grootgebruikers (BTG).
BTG Services levert diensten en inkoopvoordelen rondom telecommunicatieproducten en -diensten. Ook handelt BTG Services de administratieve verwerking van complexe facturering af, zodat u meer overzicht krijgt, bijvoorbeeld voor bedrijven met veel vestigingen.


Binnen de sectoren IT, Telecom, Office en Care
Jij kent je markt, je doelgroep en je weet heel goed wat je wil bereiken.

Het ontbreekt je aan tijd en expertise om de communicatie met de markt goed in te vullen. Magenta Communicatie is dé specialist als het gaat om vorm, inhoud en rendement van jouw content met de kennis van je markt.
Jouw specialist voor content en marketing met impact


Contentcreatie




Branding en storytelling Lead generation Online- en offline marketing
