BRUSSEL GEVELRESTAURATIE OLD MASTERS MUSEUM Tekst | Bram Souffreau Beeld | Bram Souffreau
Kroonlijst Museum voor Schone Kunsten pronkt opnieuw De gevels uitkijkend op de beeldentuin van het Brussels Museum voor Schone Kunsten hebben een broodnodige opknapbeurt gekregen. Restauratiebedrijf Renotec pakte de natuurstenen en de kroonlijst aan. De restauratie past in het algemeen renovatieplan van de Regie der Gebouwen voor de kunsttempel. blauwe stenen en Gobertange natuurstenen hebben we vervangen. Hier en daar hebben we ook herstellingen met natuursteenmortel uitgevoerd," herinnert Smets zich. "Maar dat bleef beperkt." De zoektocht naar de juiste samenstelling van de simili-natuursteen voor de rechthoekige vlakken op de bovenverdieping vergde meer werk." We moesten met diverse granulaten experimenteren om de juiste samenstelling te vinden." Renotec voerde ook nog andere werkzaamheden uit, zoals het ontroesten en herschilderen van de grilles voor de ramen, het opschonen van de bronzen beelden langs het restaurantterras en de bescherming ervan met microkristalijne was, het beschilderen van de gevelpleister achteraan het gebouw en het plaatsen van duivenwering.
BEELDENTUIN Bij de restauratie van de kroonlijst werden ook de consoles en de bloemmotieven aangepakt.
"De restauratie van de ruim honderd meter lange en twee meter hoge kroonlijst vormde het huzarenstuk," schetst Renotec-projectleider Marc Smets dé uitdaging van de gevelrenovatie. "De kroonlijst verkeerde in een zeer slechte staat en had nooit een grondig onderhoud gekregen. Regen en wind hadden de voorbije decennia lelijk huis gehouden: de houten structuur was door lekken in de loden bekleding op sommige plaatsen rot, de geschilderde geprofileerde planken hadden hun beste tijd gehad, de zamac-legering van de consoles en de bloemmotieven was aangetast. Op sommige plaatsen was de kroonlijst ook ingezakt en dreigde hij in te storten." Renotec pakte de restauratie van de kroonlijst daarom grondig aan. "Onze restaurateurs hebben de lijst grotendeels gedemonteerd," legt Smets uit. "Enkel de draagstructuur lieten we zitten. De ingerotte delen hebben we hersteld en al het hout kreeg een beschermende laag tegen houtborende insecten en zwammen. Nieuwe stalen L-profielen verstevigen vandaag de oude draagstructuur, waardoor de lijst opnieuw mooi uitgelijnd is." "Zes op tien profielplanken van de kroonlijst zijn nieuw," weet Smets. "Onze arbeiders tekenden de profielen over en maakten nieuwe identieke planken aan." Een loden afdekplaat beschermt nog steeds de kroonlijst tegen de regen. "Maar bij de oorspronkelijke bouw was duidelijk geen rekening gehouden met het krimpen en uitzetten van het lood. De stukken waren veel te lang, waardoor ze gingen scheuren. We hebben dit opgelost met kleinere stukken die onafhankelijk van elkaar kunnen uitzetten en inkrimpen." In de zamac-legering van de bloemmotieven en de consoles stelden de restaurateurs eveneens scheurtjes vast. "Na het verwijderen van de verf heeft onze specialist elke console en elk bloemmotief gecontroleerd en waar nodig hersteld; voornamelijk door te solderen. Daarna gaven ze de versieringen een nieuwe beschermde verflaag," zegt Smets.
REINIGING GEVEL De restauratie startte met een zachte stoomreiniging en een bijkomende reiniging met wervelstraaltechniek waar de bevuiling onvoldoende verwijderd was. "Enkele
De locatie vormde een uitdaging voor Renotec. De arbeiders konden de gevel enkel via een nauw paadje in de beeldentuin bereiken. "Onze manoeuvreerruimte was beperkt. Het hoogteverschil en de bomen speelden ons eveneens parten, maar met enkele creatieve oplossingen hebben we deze drempels overwonnen", zegt Smets. "Door een strenge winter en vergunningsproblemen namen de werken ook meer tijd dan verwacht in beslag." ❚
De terrasgangers van het café van het Museum voor Schone Kunsten genieten van de gerestaureerde gevel.
Aan de achterkant van het gebouw kreeg de gevel een verfbeurt.
TECHNISCHE FICHE Opdrachtgever Architecten Hoofdaannemer Start werken Einde werken Investering
Regie der Gebouwen, Brussel Jean-Luc Brugmans en André Demesmaeker, Regie der Gebouwen, Brussel Renotec, Geel 31 juli 2012 1 april 2014 400.000 euro
BOUWEN AAN VLAANDEREN | 101
BEDRIJFSPRESENTATIE
Vlaamse en Nederlandse archeologen bundelen krachten
Vlaams Erfgoed Centrum en Ruben Willaert: kennis en ervaring combineren met innovatieve apparatuur en technieken Door de combinatie van de kennis en ervaring van de firma Ruben Willaert uit Sijsele-Damme met het Nederlandse ADC ArcheoProjecten ontstond een sterke joint venture: het Vlaams Erfgoed Centrum. Het VEC, met hoofdzetel in Leuven, verzorgt archeologisch en natuurwetenschappelijk onderzoek in Vlaanderen. Het VEC concentreert zich op alle archeologisch onderzoek in Antwerpen, VlaamsBrabant en Limburg, terwijl Ruben Willaert zich richt op West- en Oost-Vlaanderen. Ze voeren opdrachten uit voor zowel provincies, gemeentelijke en intergemeentelijke archeologische diensten als voor projectontwikkelaars, ingenieursbureaus en ondernemingen. Het biedt deze klanten desktoponderzoek, archeologische vooronderzoeken (boringen, proefsleuven en –putten) en vervolgtrajecten (opgravingen) aan. “Onze kennis en ervaring combineren we met het gebruik van recente apparaten en innovatieve technieken,” zegt Simon Verdegem, medewerker bij het VEC. “Bovendien kunnen we ook natuurwetenschappelijk onderzoek, conservering en restauratie verzorgen en we treden ook op als adviseur op verschillende terreinen.”
TWEE ERVAREN PARTNERS Het VEC steunt op de meer dan vijftien jaar ervaring van zijn oprichters. Ruben Willaert is uitgegroeid tot een dynamische onderneming die getalenteerde restaurateurs en archeologen uit verschillende disciplines tewerkstelt. De afdeling Archeologie werd in 2006 opgestart, toen de eigenaar en de medewerkers van het toenmalige restauratiebedrijf vaststelden dat initiatiefnemers van een bouwproject steeds vaker geconfronteerd werden met archeologie –zowel vooronderzoek als opgravingen. “We hebben vandaag vijftien vaste medewerkers in dienst en verhuizen binnenkort naar nieuwe kantoren in Brugge,” zegt zaakvoerder Ruben Willaert. “Onze afdeling Archeologie bouwde inmiddels een heuse reputatie op met opgravingen en verwerkingen, recent bijvoorbeeld op sites in Ieper (Westkaai), Poperinge (Zwijnlandstraat) en Gent (Klein Seminarie).” ADC ArcheoProjecten (Amersfoort) heeft een lange traditie in archeologisch onderzoek in Nederland. Het voert jaarlijks vijfhonderd projecten uit, zoals de onderzoeken naar Romeinse grafvelden in IJsselstein en Valburg of de grootschalige archeologische onderzoeken in de historische binnenstad van Arnhem. We investeren voortdurend in de verbetering van de efficiency in het archeologisch veldwerk met behoud van de kwaliteit van het onderzoek,” stelt hoofd archeologie Henk van der Velde.
SUCCESVOLLE ONDERNEMING Het Vlaams Erfgoed Centrum is een succesvolle onderneming. Sedert de oprichting in 2012 deed het VEC al onderzoek op sites in onder meer Beveren, Kampenhout, Tongeren en –in onderaanneming van Ruben Willaert– in Brugge, Vleteren en Aalter. ❚
Bureaustudies
Prospecties
Opgravingen
Terrein op de schop? U kunt fluks aan de slag én ons erfgoed is bewaard voor de toekomst! Het Vlaams Erfgoed Centrum verzorgt archeologisch onderzoek efficiënt, vakkundig en tegen een goede prijs.
VEC
Vlaams Erfgoed Centrum
www.vlaamserfgoedcentrum.be 102 | BOUWEN AAN VLAANDEREN
DUFFEL SPOORWEGFORT
Herbestemming met respect voor de vleermuizen Begin mei heropende in Duffel het oude spoorwegfort. Na veertig jaar verkommering kunnen bezoekers er nu terecht in een gezellige brasserie en een museum. Een stukje erfgoed krijgt zo een tweede leven. Het fort heeft er al een rijke geschiedenis op zitten. Het werd aan het einde van de negentiende eeuw gebouwd, ter verdediging van de spoorlijn Antwerpen-Brussel. Sinds de jaren zeventig stond het gebouw echter leeg, tot het in 2009 werd aangekocht door de vzw Kempens Landschap. Vandaag is het fort opnieuw toegankelijk voor het publiek, maar daar waren enkele ingrijpende werken voor nodig. Zo werden de gevel en de brug gerestaureerd en is de onderaardse gang opnieuw toegankelijk. In een interactieve tentoonstellingsruimte ontdekken bezoekers alles over onder meer de vleermuizenpopulatie in het fort en het verleden van de site. “Bij het ontwerpen was het een uitdaging om het evenwicht tussen de natuurlijke en de culturele waarde van de site in stand te houden”, aldus architecte Edith
Vermeiren van Erfgoed en Visie. “Bepaalde zones kwamen in aanmerking voor een herbestemming, maar andere plekken moesten worden geconsolideerd met het oog op de vleermuizen. Ook zaken zoals de technieken en de dichting van het project zijn hierop afgestemd. Dankzij de nieuwe vleermuistunnel hebben de dieren evenveel ruimte als vroeger.”
PILOOTPROJECT Ook een brasserie maakt deel uit van het vernieuwde fort. Deze wordt uitgebaat door een job-ervaringscentrum voor jongeren met een autismespectrumstoornis, die zo werkervaring kunnen opdoen. Om de vleermuizen niet te veel te storen, sluit de brasserie om 21u. Tegelijk is het fort een uitstekend verzamelpunt voor wandelaars en fietsers in de buurt. Voor hen is er ook een fietsverhuur georganiseerd. “Architecturaal gezien was het niet eenvoudig om extra's toe te voegen aan het fort,” gaat onze gesprekspartner verder. “Zo hebben we onder meer een hek, een poort en raambekleding aangebracht, die de vleermuizen toelaat om makkelijk binnen en buiten te vliegen.” Voor de vzw Kempens Landschap is het spoorwegfort een pilootproject. Als dit aanslaat, is de kans groot dat de vereniging de forten van Kapellen en Lier, die tot dezelfde verdedigingsgordel rond Antwerpen behoren, een gelijkaardige opfrisbeurt geeft, met respect voor hun eigenheid. ❚
architectenbureau voor restauratie en renovatie adviesbureau voor erfgoedprojecten concepten voor herbestemming, beheer en ontsluiting
Boswachterwoning Lierselei 84 - b 2390 Malle Tel. 03/309 09 93 architecten@ergoed-en-visie.be
www.erfgoed-en-visie.be BOUWEN AAN VLAANDEREN | 103