1939-2014
JAAR 75 WITTE DORP
voorwoord
Foto: Paulissimo
3
pleintje Samen met mijn zoontje ging ik elk jaar minstens 1 keer naar het pleintje in het Witte Dorp. Voor het AriĂŤns-wagenspel. Het was voor ons de meest nabije plek waar ze optraden. De voorstellingen waren geweldig. De sfeer eromheen gezellig. En het pleintje een bijzonder prettige plek om te zijn. Door het intensieve gebruik als speelplek was het wel onderkomen. Zo was er geen gras meer te bekennen. In een buurt met waarschijnlijk de hoogste dichtheid aan architecten en stedenbouwkundigen in Eindhoven komt er dan natuurlijk een ontwerp uit de buurt zelf. Robuuster en met bijzondere oplossingen en accenten. Inmiddels was ik wethouder en had de eer het vernieuwde plein te mogen openen. Napratend met een wat oudere bewoner vroeg ik me af waarom er voorheen nooit een onderhoudsprobleem was geweest. Er hadden toch altijd gezinnen met kinderen gewoond. Hij vertelde dat je vroeger het gras helemaal niet mocht betreden. De veldwachter waakte daarover. Maar dat was eigenlijk geen probleem, want vlakbij begonnen de velden. Ik wens u als lezer toe dat u woont waar het leven even goed is als in het Witte Dorp. Een levend monument, dankzij haar gemeenschap van bewoners, zoals u in dit boek kunt lezen.
Mary-Ann Schreurs Wethouder van Innovatie en design, Cultuur en Duurzaamheid
colofon REDACTIE
Hans Hoekstra Cees Donkers Leo Schliekelmann Liz de Bock Paula van Overveld GRAFISCH ONTWERP
Mooniq Priem - mooniq.com UITGAVE EN DRUK
Lecturis SPONSORS
Coolen B.V., schilder- en Isolatiewerken DAF Trucks n.v. Slippens Vermeer makelaars ISBN: 978-94-6226-101-3
www.hetwittedorp.nl
5
inhoudsopgave 3
VOORWOORD
8
INLEIDING
17
GENERATIES
18
De tweede generatie van het Witte Dorp
21
De Witte Bende en het Sexy winkeltje
25
BEGIN TIJDLIJN
48
K apsalon Tuindorp
50
Een verhuizing in de jaren zeventig
60
Roze huis
84
Rooien van bomen
92
Buurtkrant
97
Sigma Jaarprijs
102
Huize De Burgh
118
Struikelstenen
122
Jubileumkalender
63
ONDERHOUDSFONDS
67
Wij kunnen gerust met pensioen
73
Onderhoudsfonds fase 3
52
EVENTS
52
Buurtfeest 1986
76
Sinterklaas
87
Lichtjesroute
100
Hemelvaders
108
Monumentenfeest
130
Koningsdag
134
Kindercarnaval
138
Zeskamp
139
Straatdiner
140
Walking dinner
141
Nieuwjaarsreceptie
143
Ruhr excursie
146
Jubileumboek 75 jaar
7
26 titel
Inleiding Tekst: Cees Donkers, namens de redactie
Voor u ligt het tweede jubileumboek van het Witte Dorp. Na de viering van het 50-jarig bestaan in 1989, is het inmiddels al weer 75 jaar geleden dat de wijk van 264 rijtjeshuizen van architect Dudok in 1939 werd opgeleverd. Bij het eerste jubileum stond vooral de geschiedenis van de wijk centraal en de successen die waren geboekt met Onderhoudsfonds, bebouwing DAFterrein, buurtfeesten in 1986 en 1989, VinDudokVillage Blanc, tentoonstelling in het Van Abbe Museum en een heuse WIDO-onderscheiding voor ‘bewezen diensten’. Dit alles beschreven in het eerste jubileumboek, samengesteld door de tweede generatie jonge bewoners die medio jaren 70 in de wijk kwam wonen.
Bij dit tweede jubileumboek ligt de nadruk meer op de bewoners van de wijk en de toekomst: de mens en de beleving. Het beeldmateriaal laat zien dat er met veel plezier wordt gewoond in de wijk, die inmiddels Rijksmonument is geworden. De volgende generatie dient zich al weer aan in deze zeer kinderrijke buurt, zoals elk jaar blijkt op de eerste lentedag op het Burghplein en tijdens Koningsdag, als elk grassprietje is verstopt onder een kleed met kinderspeelgoed, tuinstoeltje of tafeltje met oranje cakejes.
Inleiding
Het lief en leed dat met elkaar wordt gedeeld,is opgenomen in dit boek. Van Hemelvaders met trotse pappa’s en hun kinderen op ‘schoolreisje’ tot het trieste overlijden van een jong gezin bij de recente vliegramp in de Oekraïne. Ook op zulke momenten blijkt de hechte gemeenschap van de Witte Dorpers om familie en elkaar te steunen.
26 9 titel inleiding
Het boek is samengesteld door de bewoners zelf met materiaal dat door velen is aangeleverd. Het is een tijdsdocument bij de start van wellicht een vierde generatie. Het blijkt namelijk dat veel van deze dorpsbewoners graag terugkomen naar hun stad en wijk. Op die wijze draagt het dan ook bij aan een trots ‘Eindhoven-gevoel’ en een typisch geslaagd voorbeeld van de nog steeds aanwezige Brabantse dorpscultuur. Een ‘dorp in de stad’ als typologie en basis voor een nieuwe toekomst, waar zorg voor elkaar misschien meer nodig zal zijn. Een moment ook waarop de ‘protestgeneratie’ en activisten van de jaren 70 tevreden en met een gerust geweten het stokje kunnen overdragen. Veel lees- en vooral kijkplezier!
10
Foto: Norbert van Onna
7
Foto: Norbert van Onna
12
Hoek Geldropseweg, Petrus Dondersstraat nu en toen.
13
14
Oma van Doeselaere
15 uit de oude doos
Opa van Doeselaere
12
17
Generaties
18
Tekst: Diede Hoekstra
De tweede generatie van het Witte Dorp
Het gras op het Burghplein was nog groen toen de tweede generatie bewoners hun kinderen er voor het eerst liet spelen. Het Witte Dorp was in de jaren ervoor sterk vergrijsd. Kinderen van de eerste generatie waren volwassen en met de jaren vertrokken uit de wijk. Het Witte Dorp was, hoe stijlvol de huizen ook mochten zijn, een beetje saai geworden.
Eind jaren zeventig, begin jaren tachtig kwamen er echter steeds meer jonge gezinnen in het Witte Dorp wonen. Enkele van hen kijken nu, zo’n 35 jaar later, terug op die tijd. Uit die eerste jaren is hun vooral het eerste wijkfeest bijgebleven. Op het Burghplein in een grote tent die door de bewoners zelf was opgezet. Zaterdag was het eerst feest voor de kinderen die een circusact opvoerden. De jongens renden verkleed als paard door de piste en de meisjes balanceerden op een koord dat in werkelijkheid gewoon een brede plank was. Astrid weet nog omdat haar dochter Felice in een huispak de circusdirecteur mocht zijn.
19 de tweede generatie
’s Avonds was het feest voor de ouders. De Nevermind Jazzband gaf een optreden, maar vooral het optreden van slagwerkgroep Slagerij van Kampen, een aantal bandleden woonden in het Witte Dorp, liet een grote indruk achter. Om de notabelen van de eerste generatie niet tekort te doen, kregen zij op zondagochtend nog een koffieconcert voorgeschoteld. Cees Donkers haalt nog een mooie anekdote aan. “Harrie van de Moesdijk, tegenwoordig een vaste waarde in de Quote 500 van rijkste Nederlanders, was destijds net begonnen met een schoonmaakbedrijfje. Dat bedrijfje heeft na afloop van het feest het hele plein met stofzuigers schoongemaakt.” Dat het Witte Dorp ook na 75 jaar nog steeds het authentieke karakter van Dudok heeft behouden, is voor een belangrijk deel ook aan de tweede generatie te danken. Eind jaren tachtig werd er voor het eerst nagedacht over een Onderhoudsfonds, vertelt Donkers. “Hieruit wilden de bewoners het schilderwerk betalen. Om in aanmerking te komen voor een subsidie werd er een vereniging opgericht. Omdat particulieren eigenlijk niet in aanmerking kwamen voor deze subsidie, werd de betreffende verordening door de gemeenteraad aangepast. Bij de eerste onderhoudsbeurt kregen bewoners 80 procent van de kosten vergoed door de gemeente.” Het Witte Dorp was inmiddels een beschermd stadsgezicht en dat bracht de nodige regelgeving met zich mee. Zo mocht er aan de buitenkant van de woning niets veranderd worden en werd er streng toegezien op kleurgebruik. Dit zorgde links en rechts natuurlijk ook voor de nodige weerstand. Zo verfde een bewoner aan het Burghplein zijn huis een keer roze. Subtieler was de aanpak van Els Staal die haar voordeur geel verfde. Ze moest zich er voor verantwoorden bij een speciale geschillencommissie. “Mijn man, destijds ook architect, wist ze echter te overtuigen met een verhaal over Dudok die juist voorstander was van verschillen in de wijk. Hoewel de huizen op het eerste oog allemaal vrij identiek lijken te zijn, zijn er toch veel kleine verschillen.”
Jonge bewoners van het Witte Dorp roerden zich ook in de bewonersvereniging. Hierin zaten tot dan vooral oudere bewoners. Hans Hoekstra kan zich de penningmeester, de heer Riethof, nog wel herinneren. “Sommige bewoners waren doodsbang voor die man. Rond het vijftigjarige jubileum ging hij langs de deuren om bloembakken met geraniums te verkopen. Niet geheel vrijblijvend overigens. Als de norse blik van Riethof je niet overtuigde, deed de valse herder die hij bij zich had dat wel.” Omdat veel moeders destijds niet werkten maar gewoon thuis bij de kinderen bleven, was er veel contact onderling. Astrid Munnik: “We gingen bij elkaar op de koffie en hadden zelfs een soort van zelf georganiseerde kinderopvang. Iedere week waren er twee moeders die de kinderen van andere moeders onder hun hoede namen. Dan hadden de andere moeders een middag vrij om bijvoorbeeld naar de markt te gaan. Dat werkte prima en was nog gezellig ook.” Die kinderen uit de oppasgroepjes zijn vandaag de dag ook allemaal uitgevlogen, al zijn sommigen van hen weer met hun eigen gezin teruggekeerd in het Witte Dorp. Samen met andere latere bewoners vormen ze de derde, vierde en zelfs al de vijfde generatie Witte Dorpers. Saai is het in het Witte Dorp in ieder geval nooit meer geworden.
Lieke en Maartje in de cirucustent, 20 september 1986 - Burghplein tijdens het eerste buurtfeest.
21
De Witte Bende en het Sexy winkeltje Joram is ooit gebeten door Joepie, de valse herdershond van de familie Schüler, toen wonend in de St. Odulphusstraat. Daarna ging Joepie achter Sigrids broer Carlo aan, die nog in zijn duim werd gebeten. De moeder van Sigrid werd boos en wilde verhaal Inmiddels zijn ze ruim dertig jaar en ze kijken terug halen, maar durfde dat toch niet vanwege de hond. op hun jeugd in het Witte Dorp rond de jaren ’80: Sigrid kan zich het knikkeren nog goed herinneren. Jesse, Joram, Katrijn, Lieke, Maartje en Sigrid. Het centrum van hun knikkerwereld was het gangeWat ze allemaal vinden: een superleuke buurt om in tje naast haar hoekhuis in de St. Odulphusstraat. Er op te groeien. werden competities gehouden met bonkers, reuzeZe behoorden in hun jeugd in het Witte Dorp tot een bonkers en reuze-reuze-bonkers. En ze hadden hun eigen taalgebruik: ‘Achterom is ‘t kermis’, wat betespeelgroep die wekelijks door twee van de moeders kende: kom vooral niet aanbellen bij de voordeur, werd begeleid. maar kom gewoon achterom binnen. Kattenkwaad haalden ze natuurlijk ook uit, al vindt In het huis van Sigrid brak in 1996 een hevige brand Jesse dat ze eigenlijk heel brave kinderen waren. Hij herinnert zich dat ze papieren pijltjes uit pvc-buizen uit, waarbij haar broer Carlo ernstige brandwonden opliep. Ze herinnert zich nog de enorme steun van bliezen, gevouwen uit papier van de VPRO-gids. Ze schoten met de pvc-buizen ook vaak witte besjes de hele buurt bij het verzorgen van Carlo en het managen van de ramptoeristen. tegen de ramen. Sigrid en Lieke vroegen vaak allebei aan hun moeder Joram herinnert zich nog dat ze fikkie hadden wat ze die avond aten en wogen dan voorzichtig af gestookt tegen de schutting van meneer Martens, wat ze het lekkerst vonden. woonachtig in de Petrus Dondersstraat en dat hij toen in zijn nekvel werd gepakt door de oudere zoon Lieke, Maartje en Sigrid pasten vaak op kleinere buurtkinderen. van meneer Martens. Het jaar daarop kreeg Joram les van meneer Martens, die leraar Frans bleek te zijn, maar hij werd er niet meer aan herinnerd. Lieke weet nog dat ze een brievenbus op het Burghplein tijdens vakantie van de bewoners helemaal vol rotzooi hebben gestopt. Ze maakte deel uit van de Witte Bende, samen met Sigrid en haar broer Carlo. Op de zolderkamer in het huis van Sigrid en Carlo kwamen ze bijeen. Van het geld dat ze met klusjes verdienden, werd snoep gehaald bij de Aldi. Ze gingen ook overal hutten bouwen. Tekst: Hans Hoekstra
22 de witte bende en het sexy winkeltje
Er werd vaak gerolschaatst op het Burghplein. Katrijn heeft er ook vaak gevoetbald. Een heel dik meisje, Ribana, dat niet in het Witte Dorp woonde, stond altijd in het doel. Op het plein toen nog een klein veldje en een groot veld, en het doel werd gevormd door een boom en een jas. Een jongen die ook altijd op het Burghplein kwam spelen, kreeg de bijnaam Peter Veter. Hij zat bij de verkenners en liep altijd in een groen verkennerspak rond. Ze herinneren zich allemaal de eenwielerwedstrijd op Max skatebikes. Hebben een keer een wedstrijd gehouden, met als route Odulphusstraat, Odastraat, Burghstraat, en via het Burghplein terug naar de Odulphusstraat. Werd een hype, en je had natuurlijk een bidon. Op de vijver achter kasteel De Burgh werd wel eens geschaatst. Als je naar die vijver schaatste, moest je steeds bukken om onder de lage bruggetjes door te komen. Volgens Lieke is haar vriendin Maartje een keer door het ijs is gezakt. Katrijn heeft wel eens gevist in het water voor kasteel De Burgh. Ze ging dan mee met buurtjongen Koen die er vaak viste. Katrijn mocht toen het mooi weer was eens in een tent in de tuin slapen. Ze vond het ‘een groot avontuur’, maar om twaalf uur ’s nachts ging ze toch liever binnen slapen. Ook herinneringen aan het feest op het Burghplein van 20 september 1986 met circus door kinderen. Felice was stalmeester. Jesse en Diede traden op en
Lieke en Maartje liepen omhuld door een hoepel over een plank. Achteraf vindt Lieke dat ze maar voor lul stonden. Op zaterdag 16 september 1989 was er een vlooienmarkt op het Burghplein. Lieke herinnert zich dat iedereen de oude kassa wilde kopen die ze in hun kraam hadden staan. Katrijn weet nog dat haar vader voor haar zusjes Klaartje en Grietje een masker had gemaakt waarvoor het huis in het Witte Dorp model stond: ogen/neus gevormd door raampjes. De DAF-fabrieken rond het Burghplein werden in 1989 gesloopt. Joram herinnert zich dat de ramen mochten worden ingegooid en ze hebben daar druk aan meegedaan. De belangrijke snoepwinkels op de Heezerweg waren het Sexy winkeltje en Jim’s Toko. Bij Jim’s Toko lag het snoep in een glazen vitrine en moest je aanwijzen wat je wenste. Het Sexy winkeltje was rommeliger en ze hadden toen echt geen idee wat die naam betekende.
23
Telefooncel op het Plein 1993
26
25 tijdlijn
Tijdlijn Witte Dorp 1937-2014 Archivering en tekst: Hans Hoekstra
----------------------------------------------------1937 | 7 juni
vrees voor ziellooze steenen klomp
Hans Hoekstra
----------------------------------------------------1937 | 4 mei
eerste levensbericht witte dorp
Eerste levensbericht van het Witte Dorp. Het Eindhovens Dagblad meldt op 4 mei onder de kop ‘Dudok bouwt in Eindhoven’ dat ongeveer acht hectare bouwgrond is verkocht ter rechterzijde van de Geldropseweg tot aan De Burgh. “Na aanleg van straten, pleinen en een speeltuin is er op dit terrein gelegenheid een 230-tal heerenhuizen en middenstandswoningen te stichten. Het ligt in de bedoeling spoedig met een 80-tal te beginnen. Het park dat hier gesticht zal worden is ‘n unicum in Eindhoven.”
In de gemeenteraad van Eindhoven wordt het voorstel aangenomen tot verlening van medewerking aan het bouwrijp maken van grond in de omgeving van De Burgh. Het plan om daar ‘een villawijk’ te stichten krijgt geen algehele instemming. Drie raadsleden stemmen tegen, onder wie de heer Rooijakkers, die liever had gezien dat op deze plek arbeiderswoningen werden gebouwd. Door de aanleg van het Witte Dorp werd het eerste deel van de gekromde Burghstraat rechtgetrokken en omgedoopt in 1e Wilakkersstraat. Het volgende deel werd Burghplein en het laatste deel vervangen door de St. Jorislaan.
26
---------------------------------------------------1937
mooie moderne huizen en een kleine safe-inrichting
Makelaarskantoor J. van der Meeren verspreidt de brochure Tuindorp De Burgh die mensen warm moet maken voor de nog te bouwen wijk: ‘Aan den Geldropschen weg, een der mooiste punten van Eindhoven, dicht bij het centrum der stad, wordt onder leiding van den architect W.M. Dudok een fraai Tuindorp gesticht’. En dat in een landelijke omgeving: ‘naar bosch en hei in 15 minuten’. Te voet, wel te verstaan. De tuinen in de St. Odastraat grensden aan de weilanden. De heer Van Tuijl, destijds bewoner van het eerste uur, herinnerde zich een kwarteeuw geleden nog dat de koeien de bloemen uit zijn tuin graasden.
De brochure rept van ‘mooie, moderne huizen met centrale verwarming, ingebouwde badkamers, en een kleine safe-inrichting’. De makelaar belooft ‘mooie witte huizen, met roode daken, stalen deurkozijnen en ramen, badende in zon, licht en lucht’: ‘Zij die tegen het voorjaar verhuisplannen maken, moeten aan dit woningcomplex zeker hun aandacht schenken.’
Van Tuijl een van de eerste bewoners over architect Dudok: “Het was toch zo’n klein driftkikkertje. Hij was maar anderhalve meter hoog, maar wat kon hij tekeer gaan! Het was net of hij carbid in zijn gat had.”
Dudok
27 tijdlijn
Proefhuizen van Dudok in de Tilburgse wijk Zorgvlied.
----------------------------------------------------1938
----------------------------------------------------1938 | 1 mei
Willem Marinus Dudok was gemeente-architect van Hilversum. Waarschijnlijk heeft hij globale ontwerpen van de wijk gemaakt en lag het reken- en tekenwerk voor een aanzienlijk deel in handen van de Eindhovense bouwonderneming P. van Grootel. Het Witte Dorp wordt vanaf 1938 gebouwd door Van Grootel. Het eerste gedeelte van het Witte Dorp bestaat uit 85 woningen, met cv en ingebouwd brandkluisje. De huurprijzen variëren van 47,50 tot 52,50 gulden, m.u.v. de grotere huizen aan de Geldropseweg: 70 tot 80 gulden. P. van Grootel, directeur van het Eindhovense bouwbedrijf, huurt later een woning op nummer 7 van de St. Jorislaan. Van Grootel liet al vanaf 1936 als proef een complex van 44 herenhuizen bouwen naar het ontwerp van Dudok in de Tilburgse wijk Zorgvlied. Oorspronkelijk waren de huizen niet wit gesausd. In de brochure van makelaarskantoor J. van der Meeren werden de typen woningen in Eindhoven dan ook geïllustreerd met vijf ingekleurde foto’s van de Tilburgse wijk Zorgvlied: muren wit en zwart, rode daken. Na de bouw van het Witte Dorp in Eindhoven werden de meeste herenhuizen in Tilburg toch nog wit geschilderd.
De familie Van Tuijl betrekt op 1 mei 1938 als een van de eersten het Witte Dorp, het hoge hoekhuis St. Odulphusstraat/St. Odastraat. De heer Van Tuijl na een halve eeuw terugblikkend: “Met een verhuiswagen met twee geweldige paarden ervoor. Er was nog geen bestrating en toen hebben de verhuizers ons moeder, die toen in verwachting was, zo van de bok af het huis in getild.” De in 1994 overleden heer van Tuijl woonde ruim een halve eeuw in het Witte Dorp. Hij vertelde eens over zijn ontmoeting met architect Willem Dudok die poolshoogte kwam nemen bij de afwerking van het hoekhuis: “Het was toch zo’n klein driftkikkertje. Hij was maar anderhalve meter hoog, maar wat kon hij tekeer gaan! Het was net of hij carbid in zijn gat had. Hij bemoeide zich met de hele reutemeteut. Voor de onderste rij stenen hadden ze allemaal verschillende soorten stenen gebruikt. Dat maakte niets uit, vond men, omdat ze toch zwart geschilderd werden. Daar had hij ook al commentaar op. Hij deed niet veel meer dan schelden en vloeken.”
het begon al in tilburg
architect dudok was driftkikkertje
28
----------------------------------------------------1939 | juli
huurprijs van 35 gulden per maand
Makelaarskantoor J. van der Meeren kondigt juli 1939 in een advertentie de verhuur aan van het tweede gedeelte van Tuindorp De Burgh, de laatste vooroorlogse wijk in Eindhoven: “Voor dit tweede gedeelte van 180 woningen gelden populaire prijzen, nog in guldens: ƒ 52,50, ƒ 50,-, ƒ 47,50, ƒ 45,-, ƒ 40,-, ƒ 37,50 en ƒ 35,- per maand.” In de drie duurste prijsklassen worden de huizen centraal verwarmd. De huizen van ƒ 45,-, ƒ 40,- en ƒ 37,50 hebben twee vaste wastafels, die van ƒ 35,één.
Burghstraat in aanbouw Fotograaf: Martien Coppens
29 tijdlijn
----------------------------------------------------1939 | 8 december
----------------------------------------------------1939
In ‘Bouwbedrijf en openbare werken’, orgaan van het Nederlandsch Instituut van Architecten, verschijnt een lovende bespreking van Tuindorp De Burgh, inmiddels bestaande uit 265 woningen. Prof. ir. J. G. Wattjes: “Wanneer men het alreeds uitgebreide voltooide gedeelte van dit tuindorp doorwandelt, tusschen de vriendelijke witte huizen met hun welverzorgde voortuinen, met hun zoo zorgvuldig doordachte rangschikking tot prettige straatbeelden, dan wordt men geslingerd tusschen groote blijdschap, dat hier iets zoo uitnemends tot stand is kunnen komen en droefenis tot ergernis, dat hetgeen dan toch maar mogelijk blijkt, - ook volledig commercieel gezien mogelijk blijkt – niet overal geschiedt.”
Aan de Burghstraat/Schalmstraat zat sinds 1932 Van Doorne’s Aanhangwagen Fabriek, afgekort D.A.F, in 1929 begonnen als machinefabriek. Er werd bij D.A.F. van alles op autogebied geproduceerd: amfibievoertuigen (1939), trado-onderstellen voor legervoertuigen (1939), ijszaagmobiel (1940), tankwagens (1946), trolleybussen (1947). In 1949 rolden de eerste DAF-trucks er van de band: de A30 en A50. In 1950 werd aan de Geldropseweg een nieuwe fabriek voor de fabricage van vrachtwagens geopend: DAF II: Van Doorne’s Automobielfabriek: de eerste DAF 600 liep op 23 maart 1959 pas van de eindmontageband.
vriendelijke witte huizen
d.a.f. maakt amfibievoertuigen
30
Duitse wacht voor de 2e Wilakkersstraat.
31 tijdlijn
----------------------------------------------------1939
----------------------------------------------------1940
Op 1 maart 1939 vestigde banketbakker De Natris zich in het Witte Dorp, in het hoekpand St. Jorislaan 1/ Geldropseweg. Een halve eeuw lang banketbakkers op deze plek. De winkel heeft een uitgebouwde, halfronde etalage onder een plat dak. Pas het jaar daarop, op 1 april 1940, vestigde zich een andere winkel tegenover banketbakker De Natris. In het hoekpand St. Jorislaan 2/Geldropseweg kwam herenmodezaak Lampe. Was daar gevestigd tot het najaar van 1962 toen een opheffingsuitverkoop plaatsvond. Daarna een winkel in kantoorbehoeften en vervolgens friteszaken.
Leegstand in het Witte Dorp noopt makelaarskantoor J. van der Meeren in 1940 tot het uitgeven van een brochure waarin bewoners op verzoek van de verhuurder de lof zingen over hun wijk. De heer Wolbers schreef: “Wij deelen U mede, dat wij inderdaad zeer tevreden zijn met het door U aan ons verhuurde huis, Geldropscheweg 164. (...) Men raakt natuurlijk zelf aan een ruim en geriefelijk huis spoedig gewend, maar vreemden die ons huis bezoeken, plegen als eerste opmerking steeds te maken: ‘Wat woont u hier ruim, en wat heeft men een prachtig uitzicht!!’” Van de heer Ruys, wonende in de St. Odastraat 17, kreeg het makelaarskantoor carte blanche: “De heer Ruys gaf ons zijn handteekening en zeide: Schrijf er boven wat u wilt, want ik vind het altijd mooier dan U ’t zult schrijven.”
eerste winkels in het witte dorp
---------------------------------------------------1940
veel huizen nog onbewoond
Het Witte Dorp was in Eindhoven het laatste huizencomplex van voor de oorlog. Direct na het begin van de Tweede Wereldoorlog waren in de nieuwe nog ruim veertig woningen onbewoond. De leegstand werd behalve door de pittige huurprijs, gemiddeld zo’n veertig gulden per maand, ook veroorzaakt door het strakke ontwerp. Dit werd door veel mensen als kil en ongezellig ervaren. Het Witte Dorp wordt in die jaren op een ansichtkaart van de St. Odastraat door de afzender als bijzonder getypeerd: ‘Omdat alle huize wit zijn noeme de mense het wel Marokko’. De huurprijs was pittig. Pie Jacobs, destijds directeur van de Eindhovense VVV, huurde in 1940 een huis in de Petrus Dondersstraat, voor 42,50 gulden per maand. Zijn salaris destijds: nog geen 150 gulden per maand. In buurtkrant Wit op Zwart vertelde hij eens dat ze niettemin een dienstmeisje voor dag en nacht in huis hadden. Uiteindelijk heeft Jacobs zijn huurhuis gekocht.
inderdaad zeer tevreden
----------------------------------------------------1940
marcherende duitsers met etenspannetjes
In het eerste oorlogsjaar worden de meeste leegstaande huizen in het Witte Dorp door de bezetter gevorderd om er manschappen van de Grüne Polizei te huisvesten. Op het garageplein aan de Petrus Dondersstraat wordt een gaarkeuken ingericht. Er komen eveneens gaarkeukens in woonhuizen: op nummer 42 van de Petrus Dondersstraat en op nummer 6 van de St. Odulphusstraat. Lies van Tuijl, die met haar ouders in het hoekhuis van de St. Odulphusstraat woonde: “Dan kwamen de Duitse soldaten zingend aangemarcheerd met een pannetje in hun hand en dan marcheerden wij met ze mee.” De Grüne Polizei is ongeveer mei 1941 weer uit het Witte Dorp vertrokken.
1939-2014
JAAR 75 WITTE DORP