Skip to main content

Natuurlijk Overijssel, herfst 2026

Page 1

HERFST 2026

Natuurlijk

6 Lemelerberg:

natuurherstel werkt

10 Grafheuvels onthullen steeds meer

18 Witte parel

waterlobelia


2

VOORWOORD

Vasthouden De zomer zit er weer op! De zomer die zo ongeveer begon met de ‘Brief van Van Essen’. Daarop volgden al snel de eerste protesten. Demonstraties, blokkades en verhitte debatten lieten zien hoe diep de zorgen en onzekerheid in de landbouw zijn. Tegelijkertijd klinkt vanuit de samenleving een dringende oproep om onze natuur, bodem en water beter te beschermen. Die werelden worden soms tegenover elkaar gezet: boer versus natuur. Maar zo eenvoudig is het niet. Boeren zijn onderdeel van het landschap en hebben generaties lang vormgegeven aan onze leefomgeving, de ene keer beter gelukt dan de andere keer. Tegelijkertijd staat de natuur onder grote druk en vraagt herstel om keuzes die niet altijd gemakkelijk zijn.

COVER: WATERLOBELIA; FOTO: VLADIMIRDOBRASINOVIC

Ik krijg nog wel eens de vraag waarom wij als natuur- en landschapsorganisatie niet demonstreren of een hard tegengeluid laten horen. Mijn antwoord is dat we dat zeker wél doen! Alleen niet met borden, in de krant of op de snelweg. Wij doen dat met iedereen die tot een goede oplossing wil komen. Gericht op herstel en bescherming van de natuur én perspectief voor de boeren. En dat is soms moeilijk. Als je weer geconfronteerd wordt met kwetsende borden, intimidatie en andere acties die ver over de schreef gaan, zoals het uitdelen van Jodensterren. Het is soms moeilijk om je geluid te laten horen als je zo wordt overschreeuwd. Het is soms moeilijk om je weer constructief op te stellen als je weer de schuld van alles krijgt. Maar we doen het. Elke keer weer. Omdat we vasthouden aan onze waarden. Maar wel met het belang van natuur en landschap als hoogste prioriteit. Daar mag u op rekenen. Hans Pohlmann directeur-bestuurder

De hoed van de porseleinzwam is bedekt met een dikke glimmende laag slijm die oogt als porselein. Dit sierlijke herfstjuweeltje is een parasiet, je vindt het uitsluitend op beuken. En zo zijn staan er nog veel meer paddenstoelen te pronken in de herfst. De natuur als gratis openluchtmuseum met kunst in alle vormen, geuren en kleuren. Ga kijken!


INHOUD NIEUWS

Natuurlijk

06 Bijrollen stelen de show

Resultaat van natuurherstel op de Lemelerberg

10 Grafheuvels als archief

Zorgvuldig beheer voor informatie in de bodem

15 Heggen en hagen Winst voor de natuur

18 Waterlobelia

Witte parel van de Bergvennen

20 Onderweg

Langs essen, erven en de Regge

24 Woningbouwplannen Groen moet meegroeien

26 De achtertuin van ... Hans Nijhuis

En verder

Foto: Gonny Sleurink

04 Nieuws 14 Bedrijfsvrienden 15 Eropuit 27 Colofon

3


4

NIEUWS

Meer aaneengesloten natuur op Manderheide Via het Overijssels Natuurfonds is 8,5 hectare natuur op de Manderheide aangekocht. De percelen waren eigendom van een particulier en worden al enkele jaren beheerd door Landschap Overijssel. Door de aankoop is de natuur nu definitief veiliggesteld. Er ontstaat een aaneengesloten natuurgebied, dat beter te beheren is. De heidekoeien die er grazen kunnen zich door een groot gebied bewegen en zelf kiezen waar ze grazen. Dat zorgt voor een natuurlijker begrazingspatroon

en meer variatie in de vegetatie en structuur van het landschap. De dieren houden de heide vrij van jonge bomen en grassen en verspreiden zaden via hun vacht, klauwen en mest. Ook ontstaan op natuurlijke wijze paadjes en open, zanderige plekken. Zo groeit de Manderheide uit tot een robuuster en soortenrijker natuurgebied.

Zwarte ooievaar Begin augustus streken vier zwarte ooievaars neer in de Bergvennen. Samen met andere ooievaars en reigers liepen ze te foerageren in een van de weinige waterrijke plekken tijdens de droge zomer.

Foto: Mark Zekhuis

Het zijn waarschijnlijk jongen van dit jaar, te zien aan hun grijze poten en snavel. Pas als ze volwassen zijn, kleuren die rood. Ook een volwassen zwarte ooievaar werd gesignaleerd door vogelaar Robert Westerhof. Dankzij de ring om zijn poot is zijn reis goed te volgen. Ze leggen grote afstanden af en zwerven door Europa. Zo werd deze in juni 2025 geringd in Tsjechië, twee maanden later was ie gespot in Zuid-Frankrijk, en deze zomer koos de ooievaar het Twentse land in de Bergvennen.

Manderheide.

Giften voor de natuur Steeds meer mensen grijpen een jubileum, verjaardag of andere bijzondere gelegenheid aan om een gift te vragen voor het unieke Overijsselse landschap. Een prachtig gebaar waar wij – en vooral de natuur – ontzettend blij mee zijn. Met dank aan deze betrokken gevers: • Meneer Van Uden maakte € 250 over aan het Natuurfonds • Bedrijfsvriend Tijhaar doneerde in het kader van zijn 90-jarig bestaan € 3.300 voor een nieuwe maquette in Park 1813 • Mevrouw Varenkamp doneerde € 1.500 voor de honden van de schaapskudde • Familie Koster doneerde een bankje op landgoed Soeslo • Familie Burggraaff doneerde hun verjaardagscadeau aan de vogeltelpost in het Boetelerveld: € 1.500 • Camping Beerze Bulten doneerde € 57,50 aan CO2-compensatie • Ruim 200 donateurs maakten een extra gift over naast hun jaarbijdrage variërend van € 10 tot € 100 Wil jij ook helpen met een inzameling of online collecte bus voor het landschap? Neem contact op met fondsenwerving@landschapoverijssel.nl. Wil je meer weten over schenken of nalaten, kom dan naar de informatiebijeenkomst op 1 oktober. Kijk op: landschapoverijssel.nl/info-schenken


NIEUWS

5

Watermolen Frans.

Herstel watermolens na wateroverlast Extreme regenval heeft op 19 juni grote schade aangericht aan de historische watermolens van Bels en Frans in Mander. De Mosbeek trad buiten haar oevers en zette beide molencomplexen van Stichting Landschap Overijssel onder water. De gevolgen bij de watermolen­ complexen zijn fors. Bij de Molen van Bels richtte de overstroming zoveel schade aan dat het restaurant volgens de uitbater voorlopig gesloten blijft. De vloer is aangetast en de muren hebben vochtschade opgelopen. Bij de Molen van Frans stond het water in de bakkerij zo hoog dat stoelen ronddreven en vitrines doorweekt raakten. De raderen van beide watermolens stonden al op de planning voor vervanging om het erfgoed draaiend te houden. De overstroming ontstond na een zeer zware lokale regenbui. In het

noordoosten van het land viel plaatselijk tot 56 millimeter regen in één uur. De droge bodem kon die hoeveelheid water niet verwerken, waardoor het water direct afstroomde naar het laagste punt, de beek in. Na de overstroming stelden mensen vragen of er een verband is tussen de uitgevoerde maatregelen voor natuurherstel. Anke Volkerink is omgevingsmanager bij de provincie Overijssel en werkzaam in het Natura 2000-gebiedsproces Springendal en Dal van de Mosbeek: “Dat zou je kunnen denken, inderdaad. Maar het omgekeerde is het geval. De ingrepen die we doen, vlakken dit soort pieken in de waterafvoer juist wat af. Belangrijk én goed om te weten. Want in de toekomst krijgen we door klimaatverandering steeds vaker te maken met dit soort heftige hoosbuien.” Lees verder: https://landschapoverijssel.nl/ nieuws/herstel-watermolens-dal-van-demosbeek-in-volle-gang

Luister live naar de natuur in de Buitenlanden Langenholte aan de noordkant van Zwolle. Via livestream ontdek je welke vogels zich in het gebied bevinden, van grutto, roerdomp en zwarte stern tot kwartelkoning, rietzanger en grote karekiet. Ook ganzen en reigers laten van zich horen. Een bijzondere manier om het gebied te beleven én heerlijk rustgevend om naar te luisteren. Ga naar: landschapoverijssel.nl/ buitenlanden-langenholte

Foto: Mark Zekhuis

Foto: Margot Schulte

Luisteren naar de natuur

Rietzanger.

Fonds op naam voor Boetelerveld

Foto: Gonny Sleurink

Een nieuw Fonds op Naam heeft zich verbonden aan Stichting Landschap Overijssel: het Vasthi Fonds.

Boetelerveld.

Dit fonds is bestemd voor aankoop, behoud en beheer van natuurgebied het Boetelerveld. De naam Vasthi is een herinnering aan een bijzondere en dierbare vriendin van de fondseigenaren. “De bijbelse betekenis past voor ons heel

goed bij Boetelerveld: ‘beeldschoon’. We ontdekten dit gebied tijdens een van onze wandelingen in de regio en waren meteen verknocht. Daarna zijn we meegegaan op een rondleiding van het Landschap en leerden we het pas echt goed kennen. Landschap Overijssel werkt hard aan behoud en versterking van de natuur in het Boetelerveld. Dat werk ondersteunen we met liefde,” aldus de oprichters van het fonds.


6

NATUURHERSTEL

Foto: Vladimir Dobrasinovic

Bijrollen stelen show op Lemelerberg

Tekst: Elisabeth van Kleef

Wie vandaag de dag over de Lemelerberg wandelt, beleeft een ander landschap dan zes jaar geleden. Meer open heide, zand en kruidenrijke plekken. Door de omvorming van 150 hectare naaldbos naar heide ontstaat een gevarieerder landschap waarvan verrassend veel soorten profiteren. Leer ze kennen.


NATUURHERSTEL

De heide is de onbetwiste hoofdrolspeler op de Lemelerberg: in augustus bloeit ze uitbundig paars. Maar het succes van het herstel van het droge heidelandschap is meer dan het vergroten van heideoppervlakten. Het draait om het terugbrengen van variatie. Hoe meer soorten, hoe sterker de natuur.

Foto: J.T. Smit

Ecoloog Michiel Poolman vat het graag samen als: “Een beetje rommelen.” Niet zomaar, maar doelgericht. “De Lemelerberg is een millennia-oud stuwwallandschap dat al die tijd erodeert. Door de mens, maar ook door regen en wind. Het wordt al duizenden jaren begraasd, geplagd en gebruikt. Het landschap is gebaat bij verandering en gebruik.”

Heidezandbij

In 2018 startte de grootschalige bosomvorming. Dat zag er ingrijpend uit en stuitte op weerstand en spanning. Waar de berg voor twee derde begroeid was met bos, ging dat terug naar een derde. De herstelmaatregelen zijn nog niet afgerond; tot 2028 worden er nog stukken bos omgevormd. Dit najaar gebeurt dat langs de Oude Raalterweg. Toch kunnen we nu al constateren dat de resultaten er mogen zijn. De boomleeuwerik zingt weer boven de voormalige bospercelen. De heidezandbij vindt nieuwe nestplaatsen. Kleine tijm kleurt open zandplekken paarsroze en de zandhagedis profiteert van de afwisseling van beschutting en ‘zonnestrandjes’. Maak nader kennis met de soorten die vaak een bijrol hebben, maar wel een belangrijke bijrol.

Heidezandbij.

Ecoloog Poolman noemt deze solitaire bij een van de grote winnaars van het heideherstel op de Lemelerberg. De naam verraadt al waar ze van houdt: heide en zand. En juist die combinatie is de afgelopen jaren sterk uitgebreid op de Lemelerberg. De heidezandbij is een echte specialist. Het vrouwtje verzamelt het grootste deel van haar stuifmeel op struikheide. Hoewel ze af en toe ook andere kruiden bezoekt, blijft struikheide haar favoriete voedselbron. Van juni tot ver in oktober zijn de bijen actief. Het vrouwtje graaft haar nest in open zand, vaak tussen de wortels van heidestruiken.

7

Daarvoor zijn jonge heide, open zand en kale plekken nodig. “Voor deze soort moeten er steeds nieuwe open zandplekken ontstaan en de heide moet blijven verjongen,” zegt Poolman. “Als alles dichtgroeit, verdwijnen de geschikte nestplaatsen.” De heidezandbij heeft in Overijssel een relatief beperkte verspreiding. De Lemelerberg en de Sallandse Heuvelrug zijn belangrijke leefgebieden in de provincie. Daarom zijn de nieuwe zandige plekken op de Lemelerberg van grote betekenis. Tegelijk profiteren andere insectensoorten van dezelfde omstandigheden.

LEES VERDER >>


-

NATUURHERSTEL

Foto: Vladimir Dobrasinovic

KleineTijm.

Kleine tijm “Een prachtig plantje!” Poolman wordt enthousiast. Kleine tijm hoort van nature thuis op droge, voedselarme heidegronden. De soort staat op de Overijsselse aandachtsoortenlijst. Dat is niet zonder reden. Een belangrijk deel van de Nederlandse populatie groeit in deze provincie. Daarmee heeft Overijssel een bijzondere verantwoordelijkheid voor het behoud van deze plant. Op de Lemelerberg heeft kleine tijm zich opvallend uitgebreid. In 2018 werd een oude kuil opnieuw opengemaakt. De plek bestond al, maar kreeg een veel zanderiger karakter. Inmiddels heeft kleine tijm

het gebied massaal gekoloniseerd. “Ik kreeg laatst een foto van een vrijwilliger. De hele plek stond vol. Echt fantastisch.” Wie er op een warme zomerdag doorheen loopt, begrijpt zijn enthousiasme. Dan waan je je bijna in Italië. Je ruikt de pizza en de pasta. De plant is een ware magneet voor insecten. De bloemen trekken onder meer heidezandbijen, bijenwolven en andere insecten aan. Kleine insecten zijn weer voedsel voor spinnendoders. “Ga daar nu staan en het zoemt overal,” zegt Poolman. Doordat er meer verschillende kruiden groeien, is er langer voedsel beschikbaar voor insecten.

Zandhagedis Heb je het over een droog heidelandschap, dan kun je de zandhagedis niet overslaan. Het reptiel is een icoonsoort van droge heidegebieden en voelt zich uitstekend thuis op de Lemelerberg. Vooral de mannetjes trekken in het voorjaar de aandacht. Tijdens de paartijd kleuren hun flanken felgroen. Daarmee behoren ze tot de opvallendste reptielen van Nederland. De zandhagedis is bovendien een echte opportunist. “Hij eet alles wat in zijn bek past,” zegt Poolman lachend. Insecten, spinnen, rupsen, jonge reptielen en soms zelfs soortgenoten: de zandhagedis is niet kieskeurig. Toch heeft ook deze soort specifieke eisen. De hagedissen hebben open zand nodig om eieren af te zetten en zonnige plekken om op te warmen. Tegelijk zoeken ze beschutting in hogere vegetatie. De populatie is zichtbaar vergroot. Op stukken waar bos stond, zien we nu veel zandhagedissen. Wandel je op een

warme voorjaarsdag over een pad dan is er grote kans dat eentje wegschiet. Volgens Poolman is de zandhagedis een goed voorbeeld van het feit dat het stuwwallandschap met heide ouder is dan we vaak denken. “Hij is niet een paar eeuwen geleden hiernaartoe komen wandelen. Deze hagedis laat zien dat dit ecosysteem heel oud is en hij helemaal is aangepast aan dit gebied.”

Foto: Mark Zekhuis

8

Zandhagedis.


NATUURHERSTEL

9

Giethmen

Boomleeuwerik

P

Op het eerste gezicht lijkt de boomleeuwerik een eenvoudig bruin vogeltje. “Maar wie hem beter bekijkt, ziet dat hij prachtig is,” aldus Poolman. Lichtbruin met donkerbruin gestreept en een roomwit buikje. Indrukwekkender dan zijn uiterlijk is zijn zang. Hoog in de lucht laat het mannetje een heldere melancholische melodie horen terwijl hij Giethmen boven zijn territorium cirkelt.

N347

Ou

de

Ra a

lte rw eg

Hoogste punt Archemerberg

Da

lm

P

sho

lte rd

Ravijn

Park 1813

me Om

P Theehuis De Lemelerberg

Zuidhelling Zandverstuiving

de

Lemele

Ou

Da

lm

sho

lte rd

Bos P

Zonnebloemwe

g rw eg oe eb

Diepe kuil

Uitvoering 2025 Uitvoering 2026

Le d

we g

Natura 2000 Lemelerberg fasering heidontwikkeling Heide (bestaand)

ijk

Pa rk

we g

rw eg

Park 1813 Sterrebos

Pa rk

Ra a

lte rw eg

P

eg Kerkw

“Dit is echt een van de soorten waar je het voor doet,” zegt Poolman. “Vooral op voormalige bospercelen neemt het aantal sterk toe.” Zo werden N347 er in 2016, voor de werkzaamheden, 16 territoria waargenomen. In 2023, na de eerste grootschalige omvormingen, waren dat er maar liefst 79. De boomleeuwerik houdt van dood hout en Hoogste punt Archemerberg afwisseling van structuur in bosranden. Hij zingt in de lucht, maar ook graag op stobben of op dode staande bomen. Het zijn echte grondbroeders. Ze P De Dikke Steen bouwen hun nest tussen de heide, maar hebbenDe Lemeler Esch P Ravijnvan bomen en bosranden. ook beschutting nodig Door de omvorming van naaldbos is er meer voedsel beschikbaar voorPark de1813jongen: rupsen, spinnen, kevers Park 1813 Sterrebos en vliegen.

P De Lemeler Esch

De Dikke Steen

ijk

Uitvoering 2027 Markeringspunten

Om

me

rw eg

eg Kerkw

P Theehuis De Lemelerberg

Zuidhelling Zandverstuiving

Lemele

Natura 2000 Lemelerberg fasering heidontwikkeling Heide (bestaand) Bos

P

Zonnebloemwe

Diepe kuil

Uitvoering 2025 Uitvoering 2026

Le d

eb

oe

rw eg

g

Uitvoering 2027 Markeringspunten

Boomleeuwerik.

Werkzaamheden Tot 2028 kun je nog grote machines tegenkomen op de berg. Dan worden de laatste hectares bos gekapt en geplagd. Voor insecten worden steilwandjes gemaakt en wordt steenmeel en kalk gestrooid om de verzuurde bodem te verbeteren. Percelen aan de Oude Raalterweg zijn in 2026 aan de beurt en in 2027 de percelen langs de Kerkweg. Kijk verder op: landschapoverijssel.nl/Lemelerberg


10

ERFGOED

Grafheuvels onthullen steeds meer


ERFGOED

11

Tekst: Frans Bosscher

Hoe leefden onze voorouders in de prehistorie? Door nieuwe onderzoeksmethoden komt er steeds meer informatie uit grafheuvels en urnenvelden naar boven. Landschap Overijssel en particuliere grondeigenaren zetten zich daarom samen in om ze zorgvuldig te bewaren. Verstopt in de bossen bij Ootmarsum staat het zomerhuisje van de familie van Nicole Löwik. Haar vader verbouwde de jachthut van haar opa tot het verblijf dat er nu alweer vele jaren staat. Löwik heeft nog levendige herinneringen aan de jaren dat ze hier als kind speelde. Vandaag is ze druk met wat klussen in de tuin. Het is een dierbare plek. “We zorgen goed voor het huis en ook voor de omgeving. Je ziet hier reeën en hazen. Prachtig. Ik geniet enorm van de natuur en het landschap.” Een grafheuvel en urnenveldjes met veertien heuveltjes op het terrein horen daar wat Löwik betreft bij. “Ik heb dat als kind meegekregen. Toen ik klein was, speelden we op de bult, zoals we de grafheuvel noemden. Ik vind het heel bijzonder te weten dat mensen duizenden jaren geleden hier hun doden hebben begraven; het brengt hun geschiedenis dichtbij.”

Landschap Overijssel. “Het ging soms om flinke exemplaren. Ook zijn veel ingravingen, die door schatgravers waren gemaakt, dichtgemaakt.” Al even vanzelfsprekend als in de jaren negentig doen de Löwiks nu mee aan de mogelijkheid om regulier onderhoud te laten doen. Landschap Overijssel biedt inhoudelijke deskundigheid en coördineert dit onderhoudsprogramma dat in opdracht van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) in Overijssel wordt uitgevoerd. Deze organisatie is verantwoordelijk voor het behoud van onder meer archeologische monumenten,

waaronder de grafheuvels en urnenvelden in Twente die zijn aangewezen als rijksmonument. Eigenaren of een aannemer voeren het onderhoud uit aan de hand van adviezen van Martin Degen. Zo worden de heuvels en urnenvelden gemaaid en van opslag van bomen en struiken ontdaan. Dat dat geen overbodige luxe is, zien we wat verderop. Medewerkers van tuin- en landschapsbedrijf Tom Damink uit Agelo zijn druk bezig om Japanse duizendknoop van een grafheuvel te verwijderen. “Het is een klus die vaak herhaald moet worden,” aldus landschapsadviseur Degen. “Hopelijk lukt het om de plant dan uit te putten.”

In de jaren negentig waren de Löwiks dan ook meteen bereid om mee te werken aan een hersteloperatie van de zo’n tweehonderd grafheuvels in Twente. “Onze heuvel stond vol met bomen,” vertelt ze. “Die zijn toen allemaal weggehaald. De heuvel is mooi afgevlakt en rondgemaakt. Wij kregen het verzoek om hem in het vervolg kaal te houden. We halen daarom de opslag weg. Maar er groeit niet veel, hoor. Wat bosbessen en een verdwaalde den.” Zo zijn er bij die eerste herstelactie meer grafheuvels ontdaan van bomen, vertelt Martin Degen, landschapsadviseur bij

Foto: Frans Bosscher

Flinke bomen

Matthijs Sonneveld, Martin Degen en Nicole Löwik bij de grafheuvel.

LEES VERDER >>


-

12

ERFGOED

De grafheuvels worden gemaaid en van opslag ontdaan.

Vier grafheuvels worden nu met dit project hersteld. Twee in Markelo en twee in Wierden. Goed onderhoud zorgt er daarna voor dat ook deze heuvels bewaard blijven voor de toekomst.

In een rechte lijn

Dat er in Noordoost-Twente veel grafheuvels en urnenvelden zijn, heeft te maken met de opbouw van het landschap. 5.000 jaar geleden waren de stuwwallen en hun uitlopers eigenlijk de enige delen van Nederland die bewoonbaar waren. De rest van het land was bedekt met

Grafheuvel in je tuin? Ben je een particuliere grondbezitter en heb je een grafheuvel en/of urnenveld op je terrein liggen? Dan kom je wellicht in aanmerking voor een subsidie om de monumenten vrij te houden van bomen en struiken. Informeer bij martin.degen@landschapoverijssel.nl.

een enorm veenpakket, waardoor het zo goed als onbegaanbaar was. Degen: “Het was de tijd, dat mensen overstapten van een nomadenbestaan naar een boerenbestaan. Je vindt hier in de buurt ook sporen van de vroegste vormen van landbouw. Hun doden begroeven ze aanvankelijk alleen in grafheuvels, later ook in urnenvelden. Opvallend is dat grafheuvels in Noordoost-Twente in een bijna rechte lijn liggen op een uitloper van de stuwwal. Die was destijds minder begroeid dan nu, waardoor de heuvels van grote afstand zichtbaar waren. “Wat je vaak ziet bij een grafheuvel, is dat er een centraal graf is, waarover een heuvel is opgeworpen,” vertelt archeoloog Matthijs Sonneveld van de RCE. “Daar zijn vervolgens urnen bijgeplaatst. Je zou het een familiegraf kunnen noemen. Later zijn urnen in heuveltjes begraven, maar ook tussen de grote en kleine heuvels. Er was ook een periode waarin grafheuvels als het ware hergebruikt werden: op bestaande

heuvels werden nieuwe gelegd. Er was een fase waarin er giften werden meegegeven, maar ook een fase waarin dat volledig ontbreekt.” Rondom sommige grafheuvels werden palen in de grond gezet, bij andere is van zo’n palenkrans niks terug te vinden. Ook zijn sporen gevonden van palen die langs een pad naar een grafheuvel stonden.

Vage aanwijzingen

Het begin van het verbranden van doden valt ongeveer samen met de introductie van metaal, in de ijzertijd dus; die begon in onze streken zo rond 700 voor Christus. Het gebruik van grafheuvels nam toen af. Sonneveld: “In die tijd zien we nog iets bijzonders. We vinden maar tien procent terug van de mensen die toen geleefd hebben. Waar zijn al die anderen gebleven? We vinden nu vage aanwijzingen dat mensen in waterrijke delen van het land werden meegegeven met een rivier.” “Zo geven al die periodes iets weer


ERFGOED

Wandelen door de prehistorie In de omgeving van Mander is een prachtige wandeling langs grafheuvels, de vindplaats van de Man van Mander en het meest zuidelijke hunebed van Nederland. De wandeling begint en eindigt bij Bezoekerscentrum Dal van de Mosbeek. Je vindt de route op landschapoverijssel.nl/routes/mander-bronnenen-grafheuvels

Nieuwe methoden

Van de mensen die zijn begraven in de grafheuvels is vrijwel niets teruggevonden. Een uitzondering is het lijksilhouet – de botresten waren verdwenen – dat in de jaren vijftig van de vorige eeuw is gevonden in een grafheuvel bij Mander: de Man van Mander. Niet ver daar vandaan is ook de schedel van een vrouw gevonden: de Vrouw van Mander. De giften die de doden meekregen, hadden meer kunnen vertellen over hun leven. Veel daarvan zijn echter opgegraven door schatgravers. Toch betekent dat niet dat alle informatie uit de heuvels is verdwenen, stelt de archeoloog. “Dankzij nieuwe onderzoeksmethoden en -technieken kunnen we toch nog het een en ander te weten komen. Uit asresten kun je vaak nog het geslacht en de leeftijd bepalen. En we kunnen met isotopenonderzoek bij botresten nu ook achterhalen wat iemand heeft gegeten of gedronken, en uit welk gebied dat voedsel afkomstig is. Dat is terug te vinden in kiezen en ribben. Op die manier kun je reconstrueren waar iemand is opgegroeid en heeft gewoond. Vaak bleven mensen op een plek. Maar

we hebben ook vrouwen gevonden die in de omgeving van Nijmegen opgroeiden, in een Duitse regio hun hele leven doorbrachten en vervolgens naar Nijmegen terugkeerden om daar te sterven. Kennelijk waren mensen ook toen al gehecht aan hun geboortegrond.”

Geschiedenisboek

Ook zijn de laatste jaren nieuwe grafheuvels gevonden dankzij het Actueel Hoogtebestand Nederland (ahn.nl). Met lasertechnologie vanuit helikopters en vliegtuigen is het hele land op maaiveldniveau in kaart gebracht. Afwijkende patronen in het landschap, die je al lopende niet ziet, zijn nu gemakkelijk waar te nemen. Juist omdat er dankzij nieuwe onderzoeksmethoden telkens nieuwe

Foto: Frans Bosscher

van hoe mensen door de eeuwen heen met de dood omgingen”, vertelt de archeoloog. “We moeten nog vaak gissen naar de motieven. Net als nu veranderden de gebruiken in de loop der tijd. Zo zijn de afgelopen eeuw steeds meer mensen gecremeerd in plaats van begraven en de laatste jaren zie je de opkomst van natuurbegraven.”

informatie uit de grafheuvels en urnenvelden is af te leiden, is het belangrijk er heel zorgvuldig mee om te gaan. Sonneveld: “Geschreven bronnen uit die tijd zijn er niet. We moeten het dus doen met de informatie die in de bodem ligt opgeslagen. Die informatie is deel van ons geschiedenisboek, waar nog wat bladzijden in missen. Het isotopenonderzoek, dat ons weer verder heeft gebracht, bestaat nog maar een jaar of tien. In de toekomst komen er vast nieuwe technieken waarmee we meer lege bladzijden in het geschiedenisboek verder kunnen invullen. Daarom is het zo ontzettend belangrijk dat de bodem zo min mogelijk verstoord wordt. Dan kan de informatie in de bodem bewaard blijven.” Landschapsadviseur Degen voegt daar nog aan toe. “Ik merk dat er veel belangstelling is voor het verhaal van dit soort monumenten. Mensen zijn erg geïnteresseerd in de geschiedenis van het gebied waar ze geboren zijn of wonen. Het zorgt voor een band met het landschap. Bovendien kunnen wij nog wel wat leren van onze voorouders. Zij tonen ons hoe het landschap leidend kan zijn voor hoe je het gebruikt, hoe je woont en werkt. Ze wijzen ons de weg.”

Japanse duizendknoop verwijderen van de grafheuvel.

13


14

BEDRIJFSVRIENDEN

Even voorstellen Afgelopen maanden kreeg Stichting Landschap Overijssel er weer bedrijfsvrienden bij. Landschap Overijssel is trots op de samenwerking met deze maatschappelijk betrokken bedrijven. LJ Solutions stelt zich graag voor: LJ Solutions staat voor gezonde, duurzame en mooie gevels. We leveren biobased en circulaire gevelbekleding en ventilatie- en

bevestigingsproducten voor gevelisolatie en gestukadoorde gevels. In de samenwerking en uitvoering stellen we mens en dier altijd voorop. Deze samenwerking met Landschap Overijssel sluit dan ook prachtig aan bij ons duurzaamheidsbesef.

DE BEDRIJFSVRIENDEN VAN LANDSCHAP OVERIJSSEL • • • • • • • • • • • • • • • • • • • •

Aannemersbedrijf Gerwers B.V., Tilligte Aannemingsmij Hegeman B.V., Nijverdal Aannemingsbedrijf Netjes, Kampen Aveco de Bondt, Holten Ben & Jerry’s Hellendoorn, Hellendoorn Bevede, Zwolle Boskalis Nederland, Rotterdam Bouwbedrijf Salbam B.V., Vilsteren Bouwbedrijf Scholte op Reimer, Vasse Bouwhuis Aannemingsmaatschappij ‘Bouwmij’ B.V., Beerzerveld BPD Ontwikkeling B.V. -Regio Noord-Oost & Midden, Amersfoort CIUS Techniek B.V., Dalfsen Cogas, Almelo Countus Accountants + adviseurs, Zwolle De Friesland, Leeuwarden De Ridderschap van Overijssel, Velp Dolmans Landscaping Noord en Oost, Beilen Dunnewind Groep B.V., Ommen Eshuis Accountants en Adviseurs, Almelo Eelerwoude B.V., Goor

• • • • • • • • • • • • • • •

Zo mooi kan dichtbij zijn

Gasunie, Vilsteren • Gemeente Dinkelland, Denekamp • Gemeente Oldenzaal, Oldenzaal • Grolsche Bierbrouwerij Nederland B.V., • Enschede • Heutink, Nijverdal • Installatiebedrijf Tijhaar Vilsteren B.V., Vilsteren • Koopmans Bouw B.V., Enschede • KWS Infra B.V., Zwolle • Landgoed de Wilmersberg, De Lutte • Lenferink Schilders - Afbouw en • Vastgoedonderhoud, Lemelerveld • LJ Solutions, Hardenberg • NABR B.V., Enschede • Negam, Borne • NV Rova Holding, Zwolle • ODIN Landschapsontwerpers B.V., • Diepenheim

Gouden vrienden:

OnzEnergie, Zwolle Oude Lashof Groen B.V., Rossum Roelofs Beheer B.V., Den Ham R-vent, Staphorst Sensata Technologies Holland B.V., Hengelo Sazas, Woerden Schuitemaker, Rijssen SIGHT Landscaping B.V., Harderwijk St. Military Boekelo, Enschede Sweco Nederland B.V., Zwolle Takman IJzerwaren, Ommen Timmerhuis Groep, Vriezenveen Twence B.V. Afval en energie, Hengelo Vebego Groen, Enschede Vechtstede Notarissen, Zwolle Wadinko N.V., Zwolle WandelWol V.O.F., Nieuwleusen

Zilveren vrienden:

Een wandeling door het bos. Vlinders spotten op de heide. Samen een vogelhuisje timmeren of kleien met klei uit de Mosbeek. Stichting Landschap Overijssel laat jong en oud de natuur van dichtbij beleven. Met excursies, rondleidingen en activiteiten in het groen. En met vrijwilligers die samen het landschap onderhouden. Zo blijft het Overijsselse landschap leven. Als deelnemer van de Postcode Loterij maak je dit mede mogelijk. Dat is The Power of Postcodes.

Foto: Gonny Sleurink

De Kansspelautoriteit heeft voor het organiseren van de Postcode Loterij een vergunning verleend.

postcodeloterij.nl Adv_LandschapOverijssel_190,5x70mm_blocks_P9228_06.indd 1

11/05/2026 17:19


GROENBLAUWE DOORADERING

Heggen en hagen: winst voor natuur Tekst: Frans Bosscher

Robin Lexmond.

Onderzoek van Robin Lexmond laat zien dat hagen en bloemstroken een impuls geven aan het insectenleven. En waar insecten zijn, zijn vogels en zoogdieren. Met de aanplant van hagen kun je dus snel grote winst voor de natuur boeken, juist buiten natuurgebieden.

Zo rond het midden van de negentiende eeuw beleefde ons land zijn piek in de rijkdom aan planten en dieren. Het is dus niet zo gek als beleidsmakers en natuurbeschermers teruggrijpen naar dat historische landschap bij het herstel van de biodiversiteit.

de Waal. Intussen zijn veldleeuweriken, grutto’s, kieviten en patrijzen teruggekeerd. Dassen, egels, hermelijntjes, bevers, hazen, reeën en bunzingen en ook de vos verplaatsen zich via de heggen en sloten.

Natuurgebieden in Nederland beslaan vandaag de dag maar een beperkt deel van het buitengebied. In Overijssel zo’n 19 procent – het laagste percentage van de Nederlandse provincies. Zo’n 60 procent is landbouwgrond. En juist daar kun je betrekkelijk snel de biodiversiteit een impuls geven, zo bewijst onderzoek in de Ooijpolder bij Nijmegen. Vijftien jaar geleden hebben boeren daar zestig kilometer landschapselementen, zoals heggen, struweelhagen, knotbomen, bloemrijke slootranden, kruidenstroken en plasdrasoevers, aangelegd. Het zijn groene en blauwe aders die de stuwwal bij Nijmegen verbinden met de uiterwaarden van

Er loopt een groot onderzoeksproject van de Radboud Universiteit Nijmegen om de effecten op de biodiversiteit nauwkeurig in kaart te brengen. Robin Lexmond onderzocht voor haar promotieonderzoek de afgelopen jaren de effecten op het insectenleven. Ze plaatste insectenvallen bij hagen, bloemstroken en plekken zonder landschapselementen. Vervolgens woog ze de vangsten in de diverse vallen. Dat deed ze in drie opeenvolgende jaren acht keer op 24 locaties. Zo kreeg ze een goed beeld van de hoeveelheid insecten. De vangsten bestonden voornamelijk uit vliegen, muggen, parasitaire wespen, vlinders, cicaden en kevers.

Insectenrijke hagen

15


GROENBLAUWE DOORADERING

delen van Overijssel ook. Je kunt beginnen met aanplant langs perceelranden, maar je ziet dat keverbanken dwars door percelen ook heel goed werken. Hagen midden op percelen verminderen ook nog eens ganzenvraat.” Een keverbank is een verhoogde strook met bloeiende kruiden, waar insecten op af komen. Goed voor de bestrijding van schadelijke insecten in de gewassen die ernaast geteeld worden, maar ook voor bijvoorbeeld patrijzen. Landkaartje.

Lust voor het oog

De conclusie was dat er in hagen twee keer zoveel insecten zitten als op plekken zonder landschapselementen. “Dat betekent dat er in hagen aanzienlijk meer voedsel voor vogels en kleine zoogdieren is te vinden dan op plekken zonder natuurlijke ingrepen,” zegt Lexmond. In bloemenstroken zitten anderhalf keer zo veel, minder dus dan er in hagen zitten. “Daarmee is niet gezegd dat die stroken niet belangrijk zijn. Want wat ik ook zag, is dat in bloemstroken zweefvliegen het juist goed doen, terwijl andere insecten meer de voorkeur geven aan hagen.”

Met het herstel van hagen, bloemenstroken en andere verbindingen krijgen we weer een glimp te zien van het biodiverse landschap van de negentiende eeuw. Het grootste deel van Overijssel bestond toen uit uitgestrekte heidevelden, veengebieden, stuifzanden en wat bossen. Daartussen lagen essen en kampen, beekdalen, natte hooilanden en schrale graslanden. Het boerenland werd doorsneden door hagen, houtwallen en boomsingels. In weilanden lagen poelen en stonden solitaire bomen. Bij boerenerven stonden altijd wel hoogstamfruitbomen en bessenstruiken, en waren er ongebruikte, wat verwilderde overhoekjes. Voor de wandelaar moet dit afwisselende landschap een lust voor het oog zijn geweest. Het was alsof je na elke bocht een nieuwe kamer binnenliep, met telkens weer ander meubilair en andere bewoners. Natuurlijk, grote beesten als bruine beren, elanden, oerrunderen en wisenten waren al verdwenen. De laatste bever had in 1826 bij Zalk het loodje gelegd, en wilde zwijnen en wolven waren er nauwelijks nog.

Vermindert ganzenvraat

Kwartelkoning

Kijk op landschapoverijssel.nl/meehelpen/vergroen-jelandschap voor wat je zelf kunt doen in het landschap rondom jouw erf. Stichting Landschap Overijssel steunt (groepen) inwoners bij groene initiatieven.

Klein geaderd witje.

Foto: Martha Weijers

Het verschil verklaart de onderzoeker uit het feit dat er in hagen minder verstoring is. “Bloemstroken worden vaak elk jaar meegeploegd en vervolgens opnieuw ingezaaid. Het onderhoud aan hagen bestaat uit een snoeibeurt eens in de drie tot vier jaar. Dat geeft niet veel verstoring.” Naast de monitoring van soorten, levert haar onderzoek, zo stelt Lexmond, harde cijfers over het positieve effect van in dit geval hagen op het insectenleven. “Dat kan in

Maar de hooilanden stonden vol met orchideeën, blauwe knoop, grote pimpernel, kale jonker, ratelaar, dotterbloem en in het noordwesten van Overijssel natuurlijk wilde kievitsbloem; het is maar een kleine greep uit de bloemenweelde destijds. Al die planten zorgden voor een rijk insecten- en vlinderleven. In zandwegen en kale plekken op de hei groeven wilde bijen hun nesten. Boven de heidevelden jubelden de

Doodskopzweefvlieg.

foto: Annie Keizer

Zelf aan de slag

Foto: Martha Weijers

foto: Gonny Sleuriknk

16

Wezel.


GROENBLAUWE DOORADERING

17

wulpen volop. In de natte graslanden brachten grutto’s en tureluurs hun jongen groot. Verstopt in het hoge gras van de uiterwaarden was het raspende geluid van de kwartelkoning te horen. In hagen waren grasmus, groenling en putter in groten getale aanwezig. In de dekking joegen wezels en hermelijnen op muizen.

Dicht netwerk

En zo had elke kamer in het Overijsselse landschap zijn eigen bewoners. De veelheid aan kamers maakte dat de verscheidenheid aan planten en dieren groot was. Houtwallen, boomsingels, sloten, rijen knotbomen en hagen waren de verbindingen tussen de diverse landschappen. Samen vormden ze een dicht netwerk, waarin dieren zich gemakkelijk konden verplaatsen. In hun vacht of mest transporteerden ze zaden van hot naar her. Als die terechtkwamen op een plek met de goede bodemsoort, temperatuur en vochtigheid, gingen ze als vanzelf kiemen en bloeien.

Financiering

Putter.

Foto: Mark Zekhuis

Foto: Han Bouwmeester

In elk geval versterking en gedeeltelijk herstel van dat oude netwerk van landschapselementen is dan ook wat Landschap Overijssel nastreeft. Voor 2050 moet 10 procent van de provincie weer voorzien zijn van hagen, singels, houtwallen, poelen en andere landschapselementen. Die vormen de groene en blauwe aders die de grotere natuurgebieden met elkaar verbinden. De stichting pleit voor een een beter provinciaal landschapsbeleid, structurele financiering en langjarige afspraken om deze ambities waar te maken. Zo kunnen boeren en particulieren die landschapselementen aanleggen op hun grond, via bijvoorbeeld de Stichting Groene en Blauwe Diensten Overijssel (SGBDO) 21 jaar lang een vergoeding krijgen voor onderhoud. SGBDO heeft momenteel 1.900 deelnemers. Aan belangstelling is geen gebrek, aan geld wel. De provincie heeft voor dit jaar een miljoen euro beschikbaar gesteld, zodat lopende contracten konden worden verlengd en een aantal nieuwe aanvragen is gehonoreerd. Volgend jaar neemt de provincie een besluit over structurele financiering van de regeling.

Hagedis.

Levendige hagen

Een haag van inheemse autochtone meidoorns, sleedoorns, hazelaars, wilde rozen en/of vlieren is eigenlijk een mini-natuurgebied. Door de dichte, vertakte structuur met bladeren op verschillende hoogtes biedt de haag geschikte leefruimtes voor veel planten en dieren. De dichte binnenkant geeft beschutting, waarin bijvoorbeeld winterkoning, heggenmus, merel en mezen broeden; door de doorns zitten ze er veilig voor katten, kraaien en andere roofdieren. Onder de struiken, tussen de dode bladeren, overwinteren egels, amfibieën en insecten. In de bloemen aan de buitenkant van de haag vinden vlinders en andere insecten nectar en stuifmeel. Op de bessen komen lijsters en spreeuwen af en tijdens de najaarstrek ook koperwieken en kramsvogels, net als kleine zoogdieren. Rupsen van dag- en nachtvlinders zetten hun eitjes af op de takken. Muizen, egels, wezels en hermelijnen kunnen zich veilig verplaatsen door een haag. Vleermuizen gebruiken ze om te navigeren; hagen zijn hun snelwegen tussen hun jachtgebieden en verblijfplaatsen.


foto: Mark Zekhuis

18

SOORT

Waterlobelia

Witte parel van de Bergvennen Tekst: Lia van Looij

Alleen waar alle omstandigheden precies goed zijn, kan de waterlobelia overleven. Dat deze kieskeurige oever- en waterplant in Nederland nog slechts op enkele plekken voorkomt, maakt de Bergvennen extra bijzonder. Hier bevindt zich namelijk de grootste groeiplaats op het vasteland van Noordwest-Europa.

Kraakhelder, voedselarm, zwak zuur en zwak gebufferd water, een schone zandbodem en een periode van droogval. Zulke vennen zijn tegenwoordig zeldzaam, maar in de Bergvennen komen ze nog voor. Hoewel slechts weinig plantensoorten kunnen overleven in dit type voedselarme vennen, staat de zeldzame waterlobelia hier in de zomermaanden te stralen.

De basis van deze tien tot dertig centimeter hoge plant bestaat uit een kleine bladrozet, die graag acht tot negen maanden per jaar onder water staat. Hieruit groeit een groene bloeistengel, die later in het seizoen paarsrood kleurt. De waterstand bepaalt de hoogte van de bloeistengel. Staat het water echter hoger dan zo’n dertig centimeter, dan moet de plant een te lange stengel


SOORT

Weinig concurrentie

De bodem van de zogenoemde zeer zwak gebufferde vennen bestaat uit fijn zand dat heel compact is. Hierdoor kan water moeilijk wegzakken en staat het niet direct in contact met grondwater. Het kleine beetje buffering dat plaatsvindt in de Bergvennen komt doordat water van de hoger gelegen zandruggen langzaam afstroomt naar de lager gelegen vennen. De vennen worden daardoor gevoed met een mengsel van relatief zuur regenwater en een beperkte hoeveelheid mineraalrijker oppervlaktewater – de ideale groeiplaats voor de waterlobelia. Juist deze zure omstandigheden beperken de groei van andere planten, waardoor de waterlobelia relatief weinig concurrentie ondervindt.

‘Het besef dat de grootste groeiplaats van de waterlobelia juist hier ligt, geeft een groot verantwoordelijkheidsgevoel’ In veel Nederlandse vennen is deze sierlijke plant inmiddels verdwenen; ook de aanvoer van stikstof uit de lucht speelt hierbij een rol, omdat stikstof andere soorten een groeivoordeel kan geven. Tot voor kort waren er twee belangrijke groeiplaatsen van de waterlobelia: de Bergvennen in Noordoost-Twente en het Beuven op de Strabrechtse Heide in Noord-Brabant. In het Beuven heeft de kieskeurige soort het moeilijk. Daardoor is het belang van de Bergvennen voor het voortbestaan van de soort nu bijzonder groot. Ook in Noord-Europa, onder meer in Noorwegen en Zweden, komt de waterlobelia voor, maar daar is zij veel meer verspreid en gaat het om kleinere groeiplaatsen. “Dat betekent dat als deze plant uit de Bergvennen zou verdwijnen, een groot deel van de populatie in Noordwest-Europa verloren gaat,” vertelt ecoloog Jacob van der Weele.

Actief beheer

Het behoud van deze kieskeurige, zeldzame plant vraagt om actief beheer. In 2022 is daarom in de Bergvennen veenmos verwijderd om haar kansen te verbeteren. Daarnaast is er sinds kort een mogelijkheid om onder meer met stuwtjes de waterstand te verlagen. Als de waterstand in juni erg hoog is, kan besloten worden om een deel van het water uit de vennen te laten wegstromen. Hierdoor ontstaat een periode van

droogval, waardoor de waterlobelia beter tot bloei komt. Zeer natte jaren kunnen een beperkende factor zijn: staat de plant te lang onder water, dan kan deze losraken uit de bodem. De waterlobelia staat symbool voor een zeldzaam ecosysteem: waar de soort groeit is het water doorgaans van een uitzonderlijk goede kwaliteit. De plant zelf is geen grote voedselbron of schuilplek voor veel dieren, toch wordt er veel moeite gedaan haar te behouden. “Het besef dat de grootste groeiplaats van de waterlobelia juist hier ligt, geeft een groot verantwoordelijkheidsgevoel. We moeten er alles aan doen om deze soort voor de toekomst te behouden,” legt de ecoloog uit.

Grote aantallen

Elders is geprobeerd de soort terug te brengen. Zo zijn zaden uit de Bergvennen gebruikt in het Drentse Dwingelderveld. “Die zaden kunnen tientallen jaren kiemkrachtig in de bodem aanwezig blijven, maar het blijkt moeilijk om de waterlobelia op nieuwe locaties blijvend te vestigen. De soort stelt zulke specifieke eisen aan haar leefomgeving dat geschikte plekken nauwelijks voorkomen.” Wie in de zomermaanden langs het wandelpad bij het Eilandven loopt, ziet dat de waterlobelia hier in grote aantallen groeit, met haar helderwitte bloemen die als vlindertjes sierlijk boven het water lijken te zweven. Hier komt de bijzondere natuur van de Bergvennen letterlijk tot bloei.

foto: mark zekhuis

vormen om met zijn bloemen boven het water uit te komen. Onder zulke omstandigheden blijft de bloei soms achterwege, maar in zomers met een gunstige waterstand kan een vitaal exemplaar wel zes tot zeven bloempjes ontwikkelen.

19

Waterlobelia zien?

Ga mee met een excursie of volg de wandelroute Bergvennen & Brecklenkampseveld (6km). Vanaf punt 5 kun je de waterlobelia’s zien. Neem je verrekijker mee, zodat je ze vanaf het pad goed kunt bekijken.


foto: Mieke Scharloo

20

ONDERWEG

Langs essen, erven en de Regge Tekst: Mieke Scharloo

Rondom Archem wisselen bollende akkers, oude boerderijen, bos en natte hooilanden langs de Regge elkaar af. Een wandeling van vijf kilometer door een landschap waarin de geschiedenis nog altijd zichtbaar is.

De tocht begint aan de voet van de Archemerberg. Vanaf de parkeerplaats van camping De Lemeler Esch is het maar een korte oversteek naar een heel andere wereld. Zodra de doorgaande weg achter je ligt, wordt het stiller. De route voert het oude buurtschap Archem in: door het bos, langs verspreid liggende boerderijen, weilanden en over zandpaden geflankeerd door statige zomereiken. Steeds verdwijnt het uitzicht achter een houtwal om even later opnieuw open te vallen. Precies dat maakt dit coulisselandschap zo aantrekkelijk: het geeft zijn geheimen niet in één keer prijs.

Abrupt houdt het bos op en stap je een akker op, onmiskenbaar een es. De lichte bolling ervan is goed zichtbaar. Generaties boeren brachten hier mest uit de potstal op, vermengd met heideplaggen en zand. Zo kwam ook de mest van schapen die op de Lemelerberg graasden, op deze akker terecht. In de loop der tijd werd hij steeds iets hoger. Wat nu een lichte glooiing in het landschap lijkt, vertelt daarmee een verhaal van eeuwenlang boerenwerk.

Natuurlijke dynamiek

Tijdens de wandeling blijft de Regge aanvankelijk buiten beeld, verscholen achter weilanden en begroeiing. De rivier stroomde hier vroeger vrij door het landschap. Het water zocht zijn eigen weg, verlegde bochten en trad bij hoog water buiten de oevers. In de twintigste eeuw is de Regge rechtgetrokken en gekanaliseerd om water sneller af te voeren. Dat was praktisch voor de landbouw, maar veel van de natuurlijke dynamiek ging erdoor verloren. Inmiddels heeft de Regge op verschillende plaatsen haar


ONDERWEG

kronkelende loop teruggekregen. Het water mag weer meer zijn eigen weg zoeken. In buitenbochten schuurt de stroom tegen de oever, terwijl zich in binnenbochten zand en slib afzetten. Zo ontstaan steile oevers, lage strandjes en kleine hoogteverschillen. Bij veel water kunnen en mogen delen van de Archemermaten overstromen. De natte graslanden functioneren dan als tijdelijke waterberging.

Vogelspiedscherm

Die afwisseling van droog en nat, hoog en laag maakt het gebied aantrekkelijk voor planten en dieren. De bever en de otter keerden terug. Ook de boomkikker, de grauwe klauwier en de oeverzwaluw profiteren van het herstelde landschap. En soms duikt de rode wouw weer op. Deze roofvogel met een spanwijdte van zo’n anderhalve meter scant van grote hoogte het terrein op lekkere hapjes. Reigers en hazen zoeken snel een veilig heenkomen of blijven stokstijf staan in de hoop niet opgemerkt te worden. Fascinerend om naar te kijken. Iets voorbij het einde van het zandpad staat rechts een vogelspiedscherm. Door de openingen in het scherm kijk je uit over de Archemermaten. Oude armen van de rivier en natte graslanden domineren het gebied, waar vooral waterminnende vogels en boomkikkers rondscharrelen.

Koffie in het groen

21

kunnen genieten als ze hier neerstrijken.”

Vispassages

Wat je volgens Anja echt niet mag missen als je er toch bent? “Daar bij de stuw, daar is het zo mooi, daar moet je echt even heen lopen,” zegt ze wijzend naar het oosten. Het is maar een paar honderd meter om naar de brug over de Regge. Daar zie je links het resultaat van het ‘loslaten van de rivier’ die weer vanouds meandert door uitbundig groen. Rechts is het complex van stuwen, gemalen en vispassages. De constructies laten zien hoe zorgvuldig het waterpeil in het gebied wordt geregeld. Naast ruimte voor natuurlijke processen blijft sturing nodig, onder meer om vissen langs de stuw te helpen en het water in droge en natte perioden goed te verdelen.

Roodbruin

Wie goed om zich heen kijkt, ziet in het voorjaar en de zomer lakenvelders door het veld struinen. Deze runderen zijn herkenbaar aan de brede witte band rond hun zwarte of roodbruine lichaam. Ze passen goed in de Archemermaten. Door hun begrazing houden ze delen van het gebied open en zorgen ze voor verschillen tussen kort gras, ruigere stukken en beginnende struikgroei. Verderop verandert het karakter van de wandeling opnieuw. De natte natuur

‘Daar bij de stuw, daar is het zo mooi, daar moet je echt even heen lopen’ maakt plaats voor lanen, bos en zorgvuldig onderhouden erven. Niet toevallig heet de weg inmiddels Beukenallee. Vanuit een knik in die allee zie je verschillende pachtboerderijen van Landgoed Archem. Ze liggen verspreid in het landschap, met oude bomen rond het erf en gras tot dicht bij de gevels. Tussen de bomen door zijn ook de contouren van Huize Archem waar te nemen. Het statige landhuis ligt goed verscholen; net als het bijbehorende landgoed is het niet toegankelijk voor publiek.

Verder over de Marsweg. Die wordt geflankeerd door grillig gegroeide zomereiken van respectabele leeftijd. Een lust voor het oog, net als de doorkijkjes links en rechts in het oude coulisselandschap: een bomenrij, grasland, een bosje, groepjes koeien, een boerderij in de verte. Bij de afslag naar de stuw vind je het Rustpunt ’t Witte Huussie. Wandelaars en fietsers kunnen er koffie, thee, limonade of een ijsje pakken. En met een beetje geluk tref je Anja, die even komt kijken of alles in orde is. Al meer dan dertig jaar woont ze op deze plek en nog altijd geniet ze elke dag van het uitzicht. “Het is hier nooit saai,” zegt ze. “Het licht verandert, de seizoenen kleuren het land. Mooi toch, dat anderen hier ook van Boerderijen liggen verspreid in het landschap.

LEES VERDER >>


22

ONDERWEG

Ommen

Regg N347

e

0

300 m

Huize Archem

Archem

Archemeresch

Rustpunt 't Witte Huussie

Lemeler

Klein Ligtenbeld

Archemermaten

rb

e

ge

Vogelspiedscherm Archemermaten

Boscafé De Lemeler Esch

de

Reg

Camping

Lin

ek

weg

boomkikker.

Stuw

Lemeleresch

ele

rwe

g

Langeafstandsraketten

N347 car

to

Lemele

gr

e:

afi

Nijverdal

An

to n

van

Tete ri ng

Wandelingen met een verhaal De route Ommen (Archem) vind je in de app Wandelen in Overijssel. In deze app staan meer dan honderd wandelroutes in de hele provincie. Ze brengen je naar de mooiste gebieden, rijk aan natuur en cultuurhistorie. Onderweg vertelt de app verhalen over de plekken waar je langs komt. Je kunt de app downloaden in de Google Play Store en in de App Store. Of ga op pad met een gids van Stichting Landschap Overijssel. Kijk voor data op www.landschapoverijssel.nl/activiteiten.

Foto: Mieke Scharloo

Twee wandelaars uit Ommen zijn net als Anja vol lof over het goedbewaarde landschap van de Archemermaten. Elke week trekken ze er samen op uit, steeds ergens anders in de omgeving. Waarom vandaag Archem? “Het is hier zo lekker stil,” zegt de een. “En je ziet steeds iets anders. De Regge, open stukken, bos, wat glooiing. En die mooi opgeknapte boerderijen, daar houd ik van.” De ander knikt. Het is de afwisseling die hen hierheen brengt. Geen lange rechte weg met steeds hetzelfde uitzicht, maar paden die verrassen en plekken met verhalen.

Lem

De zandweg Woltersweg dwars door bos en akkers oogt alsof de tijd er heeft stilgestaan, alsof al eeuwen het ritme van de seizoenen er regeert en er verder niets gebeurt. Het tegendeel is waar. In de laatste winter van de Tweede Wereldoorlog stond er nog een boerderij die was gevorderd door de SS. Daar werden springladingen aangebracht in V2-raketten. Daarna gingen de raketten naar de lanceerbasis op de Eelerberg, vanwaar ze richting Antwerpen werden afgeschoten. De boerderij is verdwenen, maar het verhaal hoort nog altijd bij deze verstilde plek.

Coulisselandschap.


Eropuit in de

HERFST Open monumentendag

Tijdens Open Monumentendag op 12 en 13 september ontdek je het bijzondere erfgoed van Landschap Overijssel. Wandel met een gids over de Lemelerberg en door Park 1813. Bezoek de historische wind- en watermolens. Maak kennis met de geschiedenis van de landgoederen De Horte bij Dalfsen en Hof Espelo bij Enschede. Wat hier natuurlijk lijkt is in werkelijkheid vaak ooit bedacht en zorgvuldig uitgevoerd. – Lemele, Ootmarsum, Fleringen, Vasse, 12 september – Dalfsen, Enschede, Mander, 13 september

Paddenstoelen herkennen

De natte en droge heide die elkaar afwisselen bij de Bergvennen vormen een ideale plek voor een grote variatie aan paddenstoelen. Leer ze kennen tijdens een fraaie herfstwandeling door het gebied. – Lattrop, 16 oktober

ACTIVITEITEN

23

Check de vogeltrek

Check de vogeltrek rondom Vliegveld Twente, samen met gidsen die je er alles over kunnen vertellen. Je loopt samen door een afwisselend landschap van open velden en bosranden, waar in deze periode veel trekvogels passeren. Denk aan vinken, lijsters, koperwieken, kieviten, graspiepers, spreeuwen en verschillende roofvogels. – Enschede, 17 oktober

Speuren en knutselen

Wat is er leuker dan speuren naar herfstschatten en er daarna iets moois van knutselen? Het kinderactiviteitenteam in het Dal van de Mosbeek staat deze middag klaar voor vier- tot twaalfjarigen om de mooiste kunstwerken voor thuis te maken. – Mander, 14 oktober

Fruitpersdagen

Heb je appels, peren of druiven waar je graag sap van laat maken? Vanaf 75 kilo fruit kun je terecht bij de mobiele fruitpers en ga je naar huis met je eigen pakken heerlijk sap. – Balkbrug, 13 september – Mander, 23 september

KIJK VOOR DE MEEST ACTUELE ACTIVITEITEN EN VERRASSENDE ROUTES OP LANDSCHAPOVERIJSSEL.NL/ACTIVITEITEN Alle data zijn onder voorbehoud.


24

STANDPUNT

‘Groen moet meegroeien met de stad’ Tekst: Frans Bosscher

De komende jaren gaat er volop gebouwd worden in de provincie. Stichting Landschap Overijssel roept op om tegelijk te investeren in goede groenvoorzieningen. ‘Nú wordt bepaald hoe onze leefomgeving er de komende honderd jaar gaat uitzien.’

In 2030 moet het aantal woningen in Overijssel zijn uitgebreid met ruim 47.000. Dat heeft het provinciebestuur afgesproken met de rijksoverheid. In het westelijk deel van de provincie gaat het om ruim 28.000 woningen, in Twente om 19.000. Die aantallen komen boven op de bouwplannen die er al lagen, waardoor er bijvoorbeeld in de Spoorzone Hengelo-Enschede maar liefst 30.000 woningen bij kunnen komen tot 2050 en in Zwolle meer dan 20.000. Ook een gemeente als Hellendoorn heeft grote ambities; daar wordt gekeken of het mogelijk is om 5.000 woningen te realiseren, met name in Nijverdal. Het zijn indrukwekkende aantallen, die in een al even indrukwekkend korte tijd gebouwd moeten worden.

hem betreft wordt er zoveel mogelijk binnen de bestaande bebouwing naar ruimte gezocht voor de nieuwe woningen. Dat kan bijvoorbeeld door meer in de hoogte bouwen, door iets moois te maken van verwaarloosde locaties en woningen te maken in kantoorpanden en andere bedrijfsgebouwen. “Dit zogenoemde inbreiden mag dan natuurlijk niet ten koste gaan van de vergroening van dorpen en steden, die ook heel nodig is. We zagen het afgelopen zomer weer: de hitte in wijken en dorpen loopt enorm op, soms tot boven de 40 graden. Op warme dagen kan het in sterk versteende buurten wel 7 tot 8 graden warmer zijn dan in groene wijken.”

Inbreiden

Landschap als vertrekpunt

Die snelheid heeft een groot risico, stelt Robbert Blijleven, beleidsadviseur van Landschap Overijssel. Hij maakt zich zorgen over de gevolgen voor natuur en landschap. Wat

Toch zal inbreiden niet altijd lukken en is uitbreiden nodig. “Zorg er dan voor dat je dat goed doordacht doet, zegt Blijleven. “Sluit aan bij landschappelijke structuren. Niet


STANDPUNT

robbert blijleven.

gebied van stedelijk groen: vanuit elke woning heb je zicht op minstens 3 grote bomen, elke buurt heeft een bladerdak van minimaal 30 procent en binnen 300 meter van elke woning is een park of bos. “Zeker, dat vraagt om investeringen”, erkent Blijleven. “Maar die betalen zich ruimschoots terug. Er is minder hittestress en wateroverlast. Kinderen hebben ruimte om te spelen. Bovendien hebben mensen de gelegenheid elkaar te ontmoeten en om te bewegen dichtbij huis, waardoor zorgkosten dalen. Mensen die dichtbij groen wonen bewegen vaker, ervaren minder stress en hebben over het algemeen een betere gezondheid. Dat alles maakt bovendien dat de waarde van de woningen stijgt.” de woningen, maar het landschap zou het vertrekpunt van een ontwerp moeten zijn. Per slot van rekening vinden mensen in het herkenbare landschap rust, het bepaalt mede hun identiteit. Het is daarom van belang dat je bij het begin van de planvorming goed in kaart brengt, hoe je bij de landschappelijke structuren kunt aansluiten en ze kunt versterken.” Bij die uitbreiding is het ook van groot belang, zegt Blijleven, dat er ruimte gemaakt wordt voor parken, plantsoenen en andere groenvoorzieningen, ook in nieuwe wijken aan de rand van de stad. “Groen moet meegroeien. Met voldoende mogelijkheden om dicht bij huis de hond uit te laten, te spelen en in het groen te recreëren, voorkom je dat de nabijgelegen natuur overlopen wordt. Begrijp me niet verkeerd, we willen graag dat mensen in de natuur komen. Maar we zien dat de behoefte aan buitenrecreatie vooral sinds de coronacrisis sterk is toegenomen. Omdat de ruimte voor natuur in ons land niet overhoudt, is het risico op verstoring van dieren en planten groot. Dat kunnen we voorkomen door nieuwe wijken meteen te voorzien van goede groenvoorzieningen.”

Investeringen lonen

Een goede maatstaf voor een groene wijk is het 3-30-300-concept van Cecil Konijnendijk, expert op het

Let op in jouw gemeente

Of het gaat om inbreiden of uitbreiden, kwaliteit en kwantiteit van het groen moeten meteen bij het opstellen van plannen worden vastgelegd. Blijleven: “Je moet het aan de voorkant goed regelen. We zijn continu in overleg met provincie en gemeenten over de visies en ontwerpen die ze opstellen. Ik roep onze achterban op om ons daarbij te helpen: let goed op wat er in jouw gemeente speelt en breng het belang van natuur en landschap in. Nú wordt bepaald hoe onze leefomgeving er de komende honderd jaar uit gaat zien. Daar heb je nu nog invloed op.”

Wezenlanden-Noord

Hoe je op een mooie manier een nieuwe wijk in de bestaande stad kunt realiseren is te zien in Zwolle. In Weezenlanden-Noord, dicht bij de binnenstad, maken 180 verouderde woningen plaats voor 600 nieuwbouwwoningen, grotendeels in de vorm van appartementencomplexen. Dankzij een zogenoemde mobiliteitshub, een ondergrondse parkeergarage, komt er in de wijk ruimte voor een park en veel groen in de straten.

25


Foto: Myrthe Egbertzen

26

DE ACHTERTUIN VAN

Hans Nijhuis

‘Het werd me thuis iets te stil’ Tekst: Myrthe Egbertzen

Hans Nijhuis (78) uit Zwolle is een enthousiaste verbinder. Al vijftien jaar is hij vrijwillig coördinator van de Horteploeg. Elke donderdag zorgt hij ervoor dat een hechte groep vrijwilligers samen aan de slag gaat in de natuur. Hij werkte jarenlang als schoolmeester. Na zijn pensioen deed hij nog een paar kleine klusjes, maar langzaam werd het rustiger. “Op een gegeven moment dacht ik: dit is het toch niet helemaal. Ik wilde graag weer iets betekenen en vooral onder de mensen zijn.” Via een telefoontje kwam hij in contact met

Landschap Overijssel. “Ik werd uitgenodigd voor een gesprek en een uurtje later reed ik naar huis met een stapel kleren, laarzen, handschoenen etc. Het leek wel dag één in militaire dienst. Ik kon meteen als vrijwilliger beginnen. Dit bewijs van vertrouwen vond ik geweldig. Inmiddels zijn we vijftien jaar verder.”

In het begin werkte Nijhuis mee met het begeleiden van RIBW-cliënten, mensen die beschermd of begeleid wonen en in de natuur actief waren. Op een gegeven moment moesten de RIBW’ers afhaken door veranderende regelgeving en bleef enkel de groep begeleiders over. “Tja, dan moet wat.” Zo is de Horteploeg ontstaan. “Samen met Hans van der Maar, die naast mij woont, hebben we de Horteploeg vormgegeven. We trokken zoveel samen op, dat we bekend kwamen te staan als buurman en buurman.”


DE ACHTERTUIN VAN

Als vrijwillig coördinator doet Nijhuis veel meer dan alleen een planning maken. ‘Ik zorg ervoor dat iedereen weet waar hij aan toe is. Elke week stuur ik een uitnodiging met wat we gaan doen. En ik houd het overzicht tijdens de werkzaamheden. Ook maak ik voor de terreinbeheerder telkens een verslagje van wat we hebben gedaan.

Iedereen heeft zijn eigen achtergrond, we hebben oog voor elkaar en respecteren elkaar.” Juist die verbondenheid maakt volgens Nijhuis het verschil. “De eer is niet voor mij, maar voor de groep. Samen zorgen we ervoor dat het werkt.”

Buiten aan het werk

Met de seizoenen verandert het werk. “Singels en de tuin onderhouden doen we eigenlijk het hele jaar door. Tijdens het broedseizoen passen we onze werkzaamheden aan. Dan maken we bijvoorbeeld hekjes schoon of steken we bramen, zodat we de natuur zo min mogelijk verstoren.” Veiligheid speelt daarbij altijd een belangrijke rol. ‘“Als coördinator ben ik verantwoordelijk voor het overzicht. Ik kijkt

‘De eer is niet voor mij, maar voor de groep’ De terreinbeheerder bepaalt welke werkzaamheden er op het programma staan. “Wij voeren die vervolgens samen uit. Dat kan op De Horte zijn, maar ook op Landgoed Soeslo, in Buitenlanden Langenholte, of bij de Maatgraven langs de Vecht. Soms splitsen we de groep op en rijd ik heen en weer om iedereen te ondersteunen. We werken door weer en wind. Ook als het minder mooi weer is, gaan we gewoon naar buiten.”

of iedereen veilig werkt en of het werk goed verdeeld is.”

Uitkijken naar donderdag

Als Hans terugkijkt op vijftien jaar vrijwilligerswerk, denkt hij vooral aan de mensen. “Tijdens het werk ontstaan de mooiste gesprekken. Verhalen uit de diensttijd komen voorbij, herinneringen aan vroeger of gewoon grappige anekdotes. Er wordt ook flink wat afgelachen.” Het vrijwilligerswerk heeft hem veel gebracht, zegt hij. “Ik heb hier, nog meer dan in mijn vroegere werk, geleerd hoe mooi en belangrijk teamvorming is. Iedereen draagt op zijn eigen manier bij en juist dat maakt deze groep zo bijzonder. De donderdag is elke week iets om naar uit te kijken.”

Een hechte groep

Waar de coördinator misschien nog wel het meest trots op is, is de sfeer binnen de groep. “Het mooiste is dat iedereen zichzelf kan zijn. We hebben mensen die met pensioen zijn, maar ook mensen die een burn-out hebben gehad of zijn afgekeurd voor werk. Iedereen hoort erbij.” In de loop der jaren is de vrijwilligersgroep uitgegroeid tot een soort vriendengroep. “Zo voelt dat. We lachen veel, maken een praatje en luisteren naar elkaars verhalen.

Internationaal Jaar van de Vrijwilliger 2026

2026 is door de Verenigde Naties uitgeroepen tot ‘Internationaal Jaar van de Vrijwilligers’. Landschap Overijssel zet vrijwilligers dit jaar extra in het zonnetje. Vrijwilligers zoals Hans zorgen er niet alleen voor dat natuurgebieden goed worden onderhouden, maar brengen ook mensen samen. Met hun inzet, kennis en enthousiasme maken zij iedere week opnieuw het verschil.

colofon

Natuurlijk Overijssel is een uitgave van Stichting L­ andschap Overijssel en wordt vier keer per jaar aan de vrienden toegezonden. Vriendenadministratie Tel: 0529 - 401 731 Mail: ­vrienden@landschapoverijssel.nl Bijdrage: vanaf 30 euro per jaar IBAN: NL93 INGB 0008 6231 98

redactie en productie Stichting Landschap Overijssel, Poppenallee 39, 7722 KW Dalfsen Tel: 0529 - 401 731 Mail: communicatie@landschapoverijssel.nl Web: www.landschapoverijssel.nl

27

opmaak Bredewold, Wezep Productie Mailtraffic, Zwolle

Landschap Overijssel is een Erkend Goed Doel. Dat betekent dat wij voldoen aan strenge kwaliteitseisen. Toezichthouder CBF controleert dit. Meer weten? Kijk op geefgerust.nl


Meer impact voor minder geld

foto: Gonny Sleurink

Steun de Overijsselse natuur met een periodieke schenking en maak voor langere tijd verschil. Zo help je planten, dieren en waardevolle landschappen. Periodiek schenken kan al vanaf € 60 per jaar. Leg je jouw gift voor minimaal vijf jaar vast, dan is deze volledig aftrekbaar van de belasting. Daardoor kun je meer geven, zonder dat het je netto meer kost. Meer waarde voor de natuur. Bereken direct het voordeel. Kijk op landschapoverijssel.nl/schenken of scan de QR-code.

Retouradres: Landschap Overijssel, Poppenallee 39, 7722 KW Dalfsen

Doe mee!

Bescherm vandaag nog natuur.


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Natuurlijk Overijssel, herfst 2026 by Landschap Overijssel - Issuu