SEPTEMBER 2026
Tristan heeft een wijnvlek
Nathalie waarschuwt voor vapen
De leerlingen maken marshmallows warm bij het kampvuur.
Waterskiën op de Zevenhuizerplas
Kamperen in de buurt
De leerlingen slapen in klaslokalen.
Foto’s: Sophie de Vos
Het zomerkamp wordt gesponsord en door vrijwilligers georganiseerd.
CHARLOIS – Leerlingen uit groep 5, 6, 7 en 8 van de Dr. A. van Voorthuysenschool konden in de zomervakantie 3 dagen op zomerkamp. Het zomerkamp vond plaats op school. De leerlingen sliepen tijdens het kamp in klaslokalen. Tekst: Lotte Keuzenkamp
Jarede (9): ‘Zomerkamp is voor leerlingen die in de zomervakantie niet zelf op vakantie gaan. Niet alle leerlingen kunnen met hun ouders op vakantie in de zomervakantie. Door het zomerkamp kunnen deze leerlingen toch leuke dingen doen. Dat vind ik fijn.’ Isaiah (10): ‘Het zomerkamp is ook fijn voor ouders die in de zomervakantie moeten werken. De leerlingen zijn dan op het zomerkamp in plaats van alleen thuis.’
Slapen in een klaslokaal
De leerlingen slapen tijdens het zomerkamp op school. Ze douchen bij de voetbalvereniging naast de school. Isaiah: ‘We slapen met de jongens in een klaslokaal. De meisjes slapen in een ander klaslokaal.’ Jarede: ‘We hebben allemaal een shirt gekregen. Het logo van de school staat op de voorkant van het shirt. Op de achterkant staat een zin die begint met je eigen naam.’
Leuke activiteiten
De leerlingen doen tijdens het kamp verschillende activiteiten. Jarede: ‘Ik vind het heel gezellig om met mijn vrienden op zomerkamp te zijn. We gaan bijvoorbeeld met de metro naar het strand van Hoek van Holland. En we eten pannenkoeken met elkaar op school.’ Jah-Maro (12): ‘We maken ’s avonds marshmallows warm bij het kampvuur. We doen daarna verstoppertje door heel het schoolgebouw. We gaan ook een dag naar de Efteling. Ik vind de activiteiten heel leuk. Het zomerkamp voelt als een echte vakantie.’
Er zit een man in de trein. Tegenover hem zit een dino. De man zegt: ‘Dat zie je toch niet vaak, een dinosaurus in de trein.’ De dino zegt: ‘Kijk maar goed, want morgen is mijn auto weer klaar.’ Shay (10)
Jantje vertelt tegen Pietje: ‘Er was eens een olifant met rode sokjes. Dan zie je hem niet als hij in de tomatensoep drijft.’ Pietje reageert: ‘Maar olifanten drijven toch helemaal niet in de soep!’ Jantje zegt: ‘Zie je wel dat het werkt, want je ziet hem helemaal niet!’ Mohammed (12)
THEMA: NIEUW SCHOOLJAAR v
k
r
e
g
e
l
s
d
s
s
n
e
b
e
g
i
n
n
e
n
c
f
e
v
v
n
n
p
n
z
i
h
h
e
w
e
b
e
e
n
e
i
o
l
o
i
u
i
o
r
r
l
i
o
e
v
o
t
o
l
u
e
f
b
l
s
r
u
l
i
r
i
w
d
i
j
i
e
m
g
w
s
t
g
e
n
a
g
d
n
t
a
e
o
r
h
n
a
m
e
h
t
d
r
k
p
e
e
r
e
e
r
s
t
e
e
e
e
v
i
a
f
s
p
r
e
k
e
n
v
n
d
k
l
a
s
g
e
n
o
t
e
n
afspreken ander beginnen bouwen dezelfde eerste groep kennismaken klasgenoten nieuw Antwoord (1 woord):
Het antwoord van de woordzoeker van juni is:
Regels: de woorden vind je horizontaal, verticaal en diagonaal. Ook achterstevoren.
Er komt een goudvis bij de dokter. De dokter zegt: ‘Ik zie het al, uit de kom!’
Je mag letters meerdere keren gebruiken. Als je de overgebleven letters in de juiste volgorde zet, krijg je het antwoord. Mail dit antwoord samen met je voornaam, leeftijd en het telefoonnummer van je ouder(s) of verzorger(s) (zodat we contact met je kunnen opnemen als je hebt gewonnen) naar ANTWOORD@JONG010.NL. Alleen de winnaar krijgt bericht.
Liz (9)
Je nn y en Jimm y Het is rood, maar het is geen aardbei. Wat is het?
Weet je wat ik het leukste vind op school? Geschiedenis.
Echt?
positief regels schooljaar schoolweken thema veiligheid verbinden vertellen vertrouwen vrede
HOOFDROL.
De winnaar is Zeyd. Gefeliciteerd!
Michiel van de Vijver
Er is zo veel geschiedenis. Je moet al die gebeurtenissen in al die jaren weten. Pfoe!
Ben je gek? Tegen die tijd is er nog veel meer geschiedenis bij gekomen!
Als ik groot ben, ga ik geschiedenis studeren.
Stiekem toch een aardbei. Julia (10)
Wat is het toppunt van onaardig zijn?
Iemand met een bril veel sterkte wensen.
Noor (9)
Wat krijg je als je een olifant en een mol kruist?
Hele grote gaten in je tuin. Zayne (11)
Zoek de bijen in de kinderkrant! Kun jij ze allemaal vinden? Vul hier het aantal in:
Jong010 wordt mede mogelijk gemaakt door:
Heb jij een tip voor Jong010?
redactie@jong010.nl Lees alle kranten op onze website: www.jong010.nl DE NIEUWE JONG 010 VERSCHIJNT DO NDERDAG
8 OKTOBER 2026
JONG010 - SEPTEMBER 2026 JAARGANG 17 - EDITIE 1 OPLAGE: 36.000 KRANTEN Hoofdredacteur: Suzanne Huig Journalisten: Suzanne Huig, Lotte Keuzenkamp, Hanne van Mourik Fotografen: Fleur Beerthuis, Hanne van Mourik, Nina Passenier, Arjen Jan Stada, Sophie de Vos Vormgeving: Marcel van den Assem Redactiemedewerker: Sasja Hof Drukkerij: Rodi Rotatiedruk Aan deze editie werkten verder mee: Iris van den Broek, Hans Tak
ROTTERDAM Carola Schouten is de burgemeester van Rotterdam. Ze hoort graag de meningen en ervaringen van basisschoolleerlingen. De burgemeester is benieuwd wat jij zou doen als iemand jou probeert te ronselen. Tekst en foto's: Suzanne Huig
‘Heb jij weleens gehoord van ronselen? Ronselen betekent dat iemand je probeert over te halen om iets te doen wat niet mag. Steeds meer kinderen kennen iemand die is gevraagd om iets te doen wat niet mag. Aan sommige kinderen wordt bijvoorbeeld gevraagd om een pakketje weg te brengen. In het pakketje kunnen bijvoorbeeld illegale vapes zitten. Het doen van zo’n klusje levert allerlei problemen op. Je kunt bijvoorbeeld problemen krijgen met de politie. Ik vind het belangrijk dat leerlingen meer leren over ronselen en weten wat ze kunnen doen als iemand hen probeert over te halen. Wat zou jij doen als iemand jou probeert over te halen?’
CAROLA SCHOUTEN Foto: Casper Rila
‘Ik heb op het nieuws weleens gehoord over ronselen. Ik zou weglopen en om hulp roepen als iemand mij zou vragen om iets te doen wat niet mag. Ik zou het fijn vinden als iedereen op school leert hoe je uit de problemen blijft.’
ELLA
10 JAAR
‘Ik heb met mijn ouders gesproken over wat ik kan doen als iemand mij lastigvalt. Ik heb afgesproken dat ik meteen ‘nee’ zeg en zo snel mogelijk naar een volwassene in de buurt ga. Ik vind het belangrijk dat alle kinderen op school leren over de gevaren van ronselen.’
‘Ik heb nog nooit van ronselen gehoord. Ik zou gelijk ‘nee’ zeggen als iemand mij zou vragen om iets te doen. Ik zou het met mijn ouders en mijn juf bespreken als ik zou merken dat een klasgenoot wordt lastiggevallen.’
MILAN 9 JAAR
‘Ik heb met mijn klas en leraar gepraat over wat er kan gebeuren als je iets doet wat niet mag. Ik heb geleerd om goed op mezelf te letten en voor mezelf op te komen. Ik heb bijvoorbeeld geleerd om weg te lopen als er iets wordt gevraagd wat ik niet fijn vind.’
AYA
9 JAAR Wat doe jij als iemand jou probeert te ronselen?
MOANA 11 JAAR
‘Ik zou heel duidelijk ‘nee’ zeggen zodat ze me nooit meer zouden vragen. Ik zou stevig en rechtop gaan staan. Ik zou daarna hard ‘nee’ zeggen en weglopen. Ik vind het belangrijk dat iedereen leert om zo duidelijk zijn of haar grens aan te geven.’
KUZEY 11 JAAR
‘Ik zou weglopen als iemand mij zou vragen om iets te doen wat niet mag. Ik heb nog nooit over ronselen gepraat in de klas. Ik vind dat de politie op scholen les moet geven over ronselen. Kinderen kunnen dan leren wat de gevaren zijn.’
Naam en leeftijd:
JET
12 JAAR
‘Ik zou weglopen en niets zeggen als iemand mij zou vragen om iets te doen wat niet mag. Ik zou op school graag willen leren hoe ik duidelijk ‘nee’ kan zeggen en voor mezelf kan opkomen.’
‘Ik doe niets voor mensen die ik niet ken. Ik denk goed na voordat ik iets doe voor iemand die ik wel ken. Ik wil geen dingen doen die niet mogen. Ik wil niet in de problemen komen.’
‘Ik heb op school geleerd om ‘nee’ te zeggen als ik iets niet wil doen. Ik vind het belangrijk dat alle kinderen leren om voor zichzelf op te komen. Ik zie op straat soms kinderen die worden gepest omdat ze niet doen wat andere kinderen willen. Dat moet stoppen.’
ISLEM
ROAA
MARYAM
10 JAAR
10 JAAR
10 JAAR
Stel je voor dat jij een betaalrekening opent. Je hebt na 3 maanden € 15,00 van de bank op je betaalrekening gekregen.
JE EIGEN REKENING ROTTERDAM – De kans is kleiner dat je later geldproblemen krijgt als je al op jonge leeftijd met geld leert omgaan. Je kunt je geld maar 1 keer uitgeven. Je moet daarom goed nadenken wat je ermee doet. Tekst: Suzanne Huig Een betaalrekening kan je helpen om slim met je geld te leren omgaan. Op een betaalrekening kun je zien hoeveel geld je hebt, hoeveel geld erbij komt en waaraan je geld uitgeeft. Je leert daardoor keuzes maken met je geld. Een betaalrekening Je kunt een betaalrekening openen bij de Rabobank. Je krijgt bij een betaalrekening een betaalpas en een pincode. Daarmee kan je bijvoorbeeld geld pinnen en betalen in een winkel. Je kunt met je pasje en pincode ook contant geld op je rekening zetten. Anderen kunnen ook geld naar jouw betaalrekening storten. Je ouders of verzorgers kunnen bijvoorbeeld je zakgeld storten. De bank onthoudt hoeveel geld er op je rekening wordt gezet en hoeveel geld je eraf haalt.
Een veilige plek Op een rekening staat je geld veilig opgeborgen. Slimme computers houden jouw betaalrekening altijd in de gaten. Je kunt je geld op je betaalrekening gebruiken met je pasje en je pincode. Het is daarom belangrijk dat je je betaalpasje en je pincode aan niemand anders geeft. Zo zorg je ervoor dat anderen niet zomaar bij jouw geld kunnen.
BETAALREKENING
Rekening: NL69RABO12345678
Saldo: € 15,00
BIJ:
Datum:
Van:
6 oktober
Rabobank
+ € 5,00
6 november
Rabobank
+ € 5,00
6 december
Rabobank
+ € 5,00
Wat doe jij? Spaar jij het geld of geef je het uit?
Misschien wil je iets leuks kopen. Of misschien wil je sparen voor iets wat je graag wilt hebben. Bedenk wat jij met het geld zou doen. Hoeveel geld spaar je? Hoeveel geld geef je uit? En waar geef je het geld aan uit? Teken of schrijf jouw plan.
Naam:
Gebruik deze ruimte om jouw reactie te schrijven of te tekenen.
3 x € 5,00 van de Rabobank Je ontvangt 3 x € 5,00 van de Rabobank als je voor 5 oktober 2026 een Rabo JongerenRekening opent. Kijk voor meer informatie samen met je ouder(s) of verzorger(s) op rabobank.nl/jongerenrekening
CONTANT GELD
Bankbiljetten en munten.
ROTTERDAM – Waterschap Hollandse Delta zorgt voor veilige dijken en schoon en genoeg
water. Richard is onderhoudsmonteur bij waterschap Hollandse Delta. Richard: ‘Ik zorg ervoor dat gemalen, stuwen, hevels en sluizen goed blijven werken.’ Richard vertelt over zijn beroep. Tekst: Suzanne Huig / Foto’s: Arjen Jan Stada
Richard: ‘Het waterschap heeft gemalen, stuwen, hevels en sluizen. Deze objecten helpen om het water op de juiste plek te houden. Ik onderhoud de gemalen, stuwen, hevels en sluizen in het gebied IJsselmonde. Ik zorg ervoor dat alles goed en veilig blijft werken.’
Onderhoudsmonteur Richard.
Goed onderhouden
‘Mijn taak is om ervoor te zorgen dat alles goed blijft werken. Ik maak systemen schoon. Ik controleer of meters goed werken. Ik draai bouten aan. Ik luister of ik geen vreemd geluid hoor doordat er bijvoorbeeld iets aanloopt. Ik probeer alles zo goed mogelijk te onderhouden zodat ik storingen kan voorkomen’, zegt Richard.
Richard: ‘Ik werk op heel mooie en rustige plekken.’
Storingen oplossen
‘Ik word gebeld als er ergens in mijn gebied toch een storing is. Ik zie dan op mijn tablet welke storing er waar precies is. Ik ga dan naar de plek van de storing om het probleem op te lossen. Ik vervang bijvoorbeeld een kapot onderdeel. Ik vraag hulp als het mij niet lukt om een probleem alleen op te lossen’, legt Richard uit.
Mooie en rustige plekken
Richard werkt het grootste gedeelte van zijn werktijd buiten. ‘De gemalen, stuwen, hevels en sluizen die ik onderhoud, staan allemaal in de natuur. Ik werk daardoor op heel mooie en rustige plekken. Ik vind dat heel fijn’, zegt Richard.
HEVEL
Een buis waarmee water van de ene kant naar de andere kant kan stromen.
Richard bij het gemaal dat hij onderhoudt.
Wil jij meer leren over water? Kijk dan op WWW.WSHD.NL/EDUCATIE
ROTTERDAM – Tristan (13) heeft een wijnvlek.
‘Een wijnvlek is een rode of paarse plek op je huid. Een wijnvlek kan op verschillende plekken zitten.
Ik heb een wijnvlek in mijn gezicht’, vertelt Tristan. Tekst: Suzanne Huig / Foto’s: Arjen Jan Stada
‘Ik ben met mijn wijnvlek geboren. Een wijnvlek is een soort foutje in je bloedvaten. Mijn bloedvaten onder
mijn huid zijn wijder. Daardoor stroomt er meer bloed door en kleurt de plek rood’, legt Tristan uit.
Een behandeling met lichtflitsjes
Wijnvlekken kunnen worden behandeld zodat ze minder zichtbaar worden. ‘Ik heb tot bijna 2 jaar geleden
Tristan laat zien dat de rechterkant van zijn lichaam dunner en korter is.
regelmatig laserbehandelingen gekregen om mijn
wijnvlek te behandelen. Tijdens die behandelingen gaf een laser kleine lichtflitsjes op mijn wijnvlek. De lichtflitsjes hebben ervoor gezorgd dat de
bloedvaatjes smaller zijn geworden. De wijnvlek is
daardoor nu een stuk lichter dan vroeger. Ik wil nu geen behandelingen meer. Ik ben blij met het
Tristan.
resultaat en vind het goed zo’, zegt Tristan.
Een bijzonder lichaam
Wennen en pesten
‘Mensen die mij voor het eerst zien, moeten vaak wennen aan hoe ik eruitzie. Ik ben vroeger ook
veel gepest door hoe ik eruitzie. Kinderen maakten bijvoorbeeld gemene grapjes over mijn gezicht.
Ik vond dat heel vervelend. Ik wilde niet anders zijn dan anderen. Ik vind het nu juist bijzonder dat ik een wijnvlek heb want ik zie maar weinig mensen
met een wijnvlek. Mijn wijnvlek hoort echt bij mij’, vertelt Tristan.
Tristan: ‘Mijn lichaam is een beetje bijzonder.
De rechterkant van mijn lichaam is iets dunner en korter dan de linkerkant van mijn lichaam. En ik
heb een lage spierspanning. Een lage spierspanning betekent dat je spieren minder stevig aanspannen. Bewegen kost mij daardoor soms meer moeite.
Ik heb bijvoorbeeld meer moeite gehad met leren fietsen en leren zwemmen.’
DYSGRAFIE
Een probleem met schrijven.
Moeite met lezen en schrijven
Tristan heeft ook dyslexie en dysgrafie. Hij heeft
daardoor moeite met lezen en schrijven. ‘Het is voor
DYSLEXIE
mij lastig om goed en duidelijk te schrijven. Ik schrijf
‘Ik draag vaak een hoedje om mijn wijnvlek te beschermen tegen de zon en warmte.’
Lezen en spellen kunnen moeilijker zijn.
op school daarom alleen tijdens de spellingslessen,
taallessen en schrijflessen. Ik werk tijdens alle andere lessen op een laptop. Een leraar leest voor mij de
opdrachten van toetsen voor. Ik kan daardoor gewoon met alles meedoen op school’, vertelt Tristan.
Respect voor elkaar
Tristan vindt het belangrijk dat iedereen elkaar met respect
Hulp op school
behandelt. ‘Als iemand er anders
Tristan: ‘Ik zit op basisschool Pluspunt.
Alle leerlingen van de school kunnen extra hulp
krijgen als ze dat nodig hebben. Ik krijg hulp met de dingen die ik lastig vind. Een therapeut oefent met
mij bijvoorbeeld met schrijven. Iemand anders traint
iedere week met mij mijn spieren. Ik vind het heel fijn dat ik hulp krijg op school en onder schooltijd.’
uitziet of zich anders gedraagt,
betekent dat niet dat die persoon gek is. Ik vind daarom dat je
iedereen normaal en met respect moet behandelen. Iedereen moet zich welkom en geaccepteerd voelen’, zegt Tristan.
Tristan wordt op school geholpen met de dingen die hij lastig vindt. Is er iets wat jij lastig vindt en waarbij je op school geholpen zou willen worden? Zo ja, wat? ‘Ik ben heel druk. Ik wil graag bewegen in de klas. Ik zou het fijn vinden als er op school een kamer zou zijn waar ik af en toe even zou kunnen bewegen. Ik kan dan mijn energie kwijt.’
Naam en leeftijd:
‘Ik word al geholpen doordat ik onder schooltijd naar de tandarts kan. De tandarts haalt mij samen met andere leerlingen op school op. Ik hoef daardoor in mijn vrije tijd niet meer naar de tandarts. Ik vind dat heel fijn.’
Jouw reactie
DEAN (10)
jahzara (9)
Fonds Kind & Handicap helpt kinderen en jongeren met een handicap of chronische ziekte.
Een handicap is een beperking waardoor je sommige dingen niet zo goed kunt.
Een chronische ziekte is een ziekte die minimaal 3 maanden duurt, steeds terugkomt of niet genezen kan worden.
De organisatie geeft bijvoorbeeld geld om hulpmiddelen te kopen, voorlichting te geven of onderzoek te doen.
SEPTEMBER 2026
Wil jij ook een trekje?
ROTTERDAM – Steeds meer kinderen en jongeren komen in aanraking met vapes. Bijna 1 op de 10 kinderen van 12 jaar heeft al eens gevapet. Artsen maken zich zorgen omdat vapen gevaarlijk is. Vapen kan je hersenen en longen beschadigen. Tekst: Suzanne Huig
Een vape is een elektronisch apparaat waaruit je damp inademt. In veel vapes zit nicotine. Dat is een stof die erg verslavend is. Je brein maakt een geluksstofje aan als je nicotine binnenkrijgt. Je brein wil daarna weer nicotine om een goed gevoel te krijgen. Je kunt dan het gevoel krijgen dat je een vape nodig hebt en verslaafd raken. Je kunt al na 1 keer vapen verslaafd raken.
Kleuren en smaken
Vapes hebben vaak opvallende kleuren en aantrekkelijke smaken. Dat kan ervoor zorgen dat ze er leuk of onschuldig uitzien. Maar de kleuren en smaken maken een vape niet gezond.
ROTTERDAM – Nathalie (18) begon met vapen toen ze 13 jaar was. Ze wil kinderen nu waarschuwen voor de gevaren van vapen. Nathalie: ‘Ik wist niet dat je er ziek van kon worden en verslaafd aan kon raken. Ik zag vapen als iets onschuldigs, maar dat is het niet.’ Tekst: Suzanne Huig / Foto’s: Arjen Jan Stada
‘Ik vapete voor het eerst op school tijdens een pauze. Ik probeerde de vape van een vriend. Ik vond het er interessant uitzien. Ik ontdekte dat er veel verschillende kleuren en smaken vapes zijn. Ik heb toen zelf een vape gekocht’, vertelt Nathalie.
Verslaafd raken
‘Ik vond het stoer om de verschillende smaken vapes te proberen. Ik vapete ineens bijna iedere dag. Ik wist niet dat het slecht was voor mijn lichaam en dat ik verslaafd kon raken. Je lichaam wordt er afhankelijk van zonder dat je het in de gaten hebt. Je kunt bijvoorbeeld boos of onrustig worden als je niet kunt vapen. Je voelt je pas weer beter als je kunt vapen. Je bent dan verslaafd’, vertelt Nathalie.
‘Ik wil kinderen waarschuwen voor de gevaren. Het is heel slecht voor je. En als je eenmaal vapet, is het lastig om te stoppen.’
Slecht voor je lichaam
‘Ik kreeg het na een paar maanden erg benauwd. Ik moest veel hoesten. Ik ontdekte ook dat ik minder fit was geworden. Ik ben naar de dokter gegaan en ontdekte dat het door het vapen kwam. Ik ben toen minder gaan vapen. Ik vape nu nog ongeveer 1 keer per week. Ik vind het stom van mezelf dat ik nog vape. Ik wil stoppen nu ik weet dat het slecht voor me is en ik er ziek van kan worden. Maar het is heel lastig om te stoppen als je lichaam verslaafd is aan iets’, zegt Nathalie.
Een waarschuwing
‘Ik vind het erg dat er vapes in verschillende kleuren, vormen en smaken worden gemaakt. Op sommige vapes zitten zelfs lampjes, spelletjes en geluidjes. Vapes zien er daardoor interessant uit voor kinderen en jongeren. Je kunt daardoor nieuwsgierig worden naar iets wat heel slecht voor je is. Ik wil kinderen waarschuwen voor de gevaren. Blijf van vapes af. Probeer het niet. Het is heel slecht voor je. En als je eenmaal vapet, is het lastig om te stoppen’, zegt Nathalie.
SEPTEMBER 2026
Stel, je bent buiten met vrienden. Een vriend haalt een vape tevoorschijn en zegt: ‘Wil jij ook een trekje?’
Wat zou jij doen? A. Ik probeer het.
B. Ik zeg dat ik niet wil.
C. Ik maak een grapje en verander van onderwerp. D. Ik loop even weg.
E. Iets anders, namelijk:
Tip: Jouw keuze hoeft niet hetzelfde te zijn als
die van een ander. Het is oké om ‘nee’ te zeggen.
Quiz Test jouw kennis. Lees de zinnen en kruis het goede antwoord aan. Een vape bevat altijd alleen waterdamp.
waar niet waar
In de meeste vapes zit nicotine.
waar niet waar
Je kunt verslaafd raken aan nicotine.
waar niet waar
Een vape kan fruitig of zoet smaken, maar dat betekent niet dat hij gezond is.
waar niet waar
Je kunt niet verslaafd raken als je maar 1 keer vapet.
waar niet waar
Antwoorden: 1. Niet waar - 2. Waar - 3. Waar - 4. Waar - 5. Niet waar.
Ontwerp een poster waarmee jij andere kinderen zou willen overtuigen om niet te beginnen met vapen.
Stap 1 Bedenk een korte zin voor op je poster.
Stap 2 Maak een duidelijke tekening bij die zin.
Stap 3 Hang je poster op een opvallende plek.
Ismail: ‘Mijn ouders maken vaak ruzie. Ik ben bang dat ze gaan scheiden. Wat kan ik doen?’
Hoi Ismail, kunt je verdrietig, boos of Dat is een moeilijke situatie. Je maken. Misschien heb je de bang voelen als je ouders vaak ruzie toppen als ze ruziemaken. vers te je neiging om stil te blijven of komt dat ze ruziemaken. Onthoud dat het nooit door jou
Zeg hoe jij je voelt ROTTERDAM – Marieke van Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG) Rijnmond reageert iedere maand in Jong010 op een vraag of een probleem van een leerling of klas. Ze beantwoordt deze maand de vraag van Ismail (11). Tekst: Suzanne Huig Heb jij een vraag aan Marieke of zit je ergens mee?
n met elkaar en maken dan Volwassenen hebben soms probleme gebeurt. Het is belangrijk dat ruzie. Dat is niet goed, maar het rs. Zeg bijvoorbeeld dat je jij je gevoel uitspreekt naar je oude met elkaar. Het is goed n het niet fijn vindt dat ze ruziemake van de manier waarop ze hebt last als je ouders weten dat jij met elkaar omgaan.
Praat met iemand
iemand te praten buiten je Het kan voor jou fijn zijn om met je juf, je meester of een gezin om. Je kunt bijvoorbeeld met iemand die je vertrouwt. ander familielid praten. Praat met k blijft voor je ouders, En onthoud dat je altijd belangrij wat er ook gebeurt. Groetjes, Marieke
Stuur een mail naar
Marieke beantwoordt ingestuurde vragen. Foto: Sophie de Vos
REDACTIE@JONG010.NL
Of stuur een brief naar
Jong010, Postbus 13037, 3004 HA Rotterdam.
ROTTERDAM – Het is belangrijk dat de brandweer zo snel mogelijk voldoende bluswater heeft om een brand te kunnen blussen. Jaynah (10) ontdekte met brandweermannen Ronald en René waar de brandweer bluswater vandaan haalt. Tekst: Suzanne Huig
Rode bordjes geven aan waar een brandkraan ligt.
Op de tablet is ook te zien waar brandkranen liggen.
Chauffeur René stelt de juiste druk voor de brandslang in.
Jaynah mag samen met de brandweer even blussen.
Foto’s: Nina Passenier
‘De brandweer gaat met een tankautospuit (TAS) naar een brand. Een TAS is een blusvoertuig. In een TAS zit een watertank met daarin 2.000 liter water. We kunnen daarmee ongeveer 5 tot 8 minuten blussen. Als het water in de tank op is, sluiten we het voertuig aan op een brandkraan of open water’, vertelt brandweerman Ronald.
Brandkranen
Brandweerman Ronald: ‘In iedere straat ligt een brandkraan. De locaties van brandkranen staan aangegeven op rode bordjes op gevels en lantaarnpalen. Op de bordjes staan cijfers en tekens die vertellen hoe ver en in welke richting een brandkraan ligt. Wij kunnen op onze tablet ook zien waar brandkranen liggen. We kijken onderweg naar een brand al waar de dichtstbijzijnde brandkranen liggen.’
Jaynah sluit met brandweerman Ronald het blusvoertuig op de brandkraan aan.
Speciale blusleidingen
‘In hoge flatgebouwen zijn speciale leidingen voor bluswater aangelegd. Via die leidingen kan water naar een hoge verdieping worden gebracht. De brandweer kan zijn slangen op die speciale leidingen aansluiten’, legt brandweerman Ronald uit. Jaynah: ‘Ik vind dat heel handig. De brandweer hoeft daardoor geen heel lange slang vanaf de straat naar boven te leggen.’
Open water
De brandweer gebruikt soms ook water uit open water zoals sloten, kanalen of meren. ‘Een speciale pomp pompt het water dan uit het open water het blusvoertuig in. Het water wordt vervolgens via slangen naar de brand gebracht’, vertelt brandweerman Ronald.
De leerlingen schrapen de bijenwas los. Foto’s: Fleur Beerthuis
CHARLOIS – Leerlingen van basisschool De Klaver-Heijplaat kregen 6 lessen over bijen van Stichting De Bij en Wij op Kinderboerderij De Heij. De leerlingen ontdekten tijdens de lessen hoe bijen honing maken. Tekst: Lotte Keuzenkamp
Honing uit de honingraat
Yade (12): ‘De plankjes hebben een aantal weken in de bijenkasten gezeten. We mogen de plankjes nu uit de bijenkasten halen. We schrapen de bijenwas los met een soort vork. Met behulp van een speciaal apparaat komt de honing daarna uit de honingraat.’ Cagla (12): ‘We stoppen de honing daarna in potjes en nemen het mee naar huis.’ De leerlingen zijn voorzichtig met de honing. Sara: ‘Een bij maakt ongeveer 5 gram honing in zijn hele leven. Dat is ongeveer 1 theelepel honing. Dat is niet veel. We zijn daarom heel zuinig op de honing.’
De leerlingen maakten tijdens de eerste les zelf een plankje voor in een bijenkast. ‘We maakten gaatjes in een plankje en spanden daar ijzerdraad doorheen. Daarna brachten we bijenwas aan op de draad. De bijen gebruiken die was om een honingraat te maken waarin ze honing bewaren. We hebben onze plankjes in de bijenkasten op de kinderboerderij gedaan’, legt Sara (12) uit.
Met behulp van een apparaat komt de honing uit de honingraat.
De bijenkasten.
PRINS ALEXANDER – Cato (10) waterskiet bij Project 7 Cablepark. Project 7 Cablepark is een waterskibaan aan de Zevenhuizerplas. Cato: ‘Waterskiën is skiën op het water. Je staat op 2 waterski’s en glijdt hard over het water. Ik kan al 5 rondjes waterskiën zonder te vallen.’ Tekst: Lotte Keuzenkamp ‘Ik vind het leukst aan waterskiën dat ik hard over het water glijd’, zegt Cato.
Een wetsuit, zwemvest en waterski’s
Cato: ‘Ik draag een wetsuit en een zwemvest tijdens het waterskiën. Een wetsuit is een pak om warm te blijven. Een zwemvest zorgt ervoor dat je blijft drijven als je valt. Ik draag aan allebei mijn voeten een waterski.’
Cato staat klaar om te starten. Foto’s: Nina Passenier
Starten vanaf de kant Cato.
‘Ik start met mijn waterski’s op de kant. De waterskibaan is een vierkant van kabels in de lucht. Ik houd me vast aan een touw dat aan de kabels hangt. Als het touw door de kabels wordt meegenomen, word ik het water opgetrokken. Ik glijd vanaf dat moment met mijn waterski’s over het water’, legt Cato uit.
Bochten maken
Cato: ‘Je moet goed voor je kijken tijdens het waterskiën. Je ziet de bochten niet aankomen als je alleen naar het water kijkt. Het is belangrijk om goed om de boeien in het water heen te waterskiën als je een bocht maakt. Je maakt de bochten minder scherp als je netjes om de boeien heen gaat. Je valt daardoor minder snel. Als je toch valt, moet je naar de kant zwemmen.’
De leerlingen krijgen een potje honing mee naar huis.
ROTTERDAM – Basisscholen die dit schooljaar het havenprogramma Port Rangers in Portlantis bezoeken, ontvangen het boek ‘Zo varen de grootste schepen de wereld rond’ van de schrijver Thomas Vergote. Kimora (11), Fedian (11), Cadel (10) en Elsa (10) ontvingen het eerste exemplaar van de schrijver zelf. Tekst Suzanne Huig ‘Op, in en rond zee gebeurt van alles. 8 van de 10 spullen die Europa binnenkomen of verlaten, reizen met een schip. Op de zeebodem liggen kabels, wordt energie opgewerkt en worden grondstoffen opgehaald. En op en rond zee worden bouwwerken gemaakt die het land beschermen. In het boek ontdek je van alles over techniek en uitvindingen in, op en rond zee’, vertelt Thomas.
Materialen reizen per schip
De leerlingen zijn blij met het boek. Cadel: ‘Mensen hebben havens en de zee nodig om aan allerlei spullen te komen. Ik vind het daarom belangrijk om meer over havens en de zee te leren.’ Elsa: ‘Ik weet door het boek dat veel spullen bestaan uit stukjes die in verschillende landen gemaakt worden. De materialen om een potlood te maken komen bijvoorbeeld van verschillende plekken op de wereld. Die materialen reizen allemaal per schip.’
Lina maakt in de bak met water een kaaimuur.
Een kaaimuur maken
Kimora en Fedian ontvangen het boek van Thomas. Foto’s: Arjen Jan Stada
In het boek staan verschillende proefjes. Bij 1 van de proefjes bouw je zelf een kaaimuur in een bak met water. Lina (12) doet het proefje met Thomas. ‘Een kaaimuur is een stevige muur langs het water in een haven. Schepen kunnen daar aanleggen om te laden of lossen. Het is belangrijk dat het water bij een kaaimuur diep genoeg is zodat een schip goed bij de kade kan en niet vast komt te zitten tijdens het laden en lossen’, zegt Lina. Thomas: ‘Het is ook belangrijk dat een kaaimuur heel stevig staat zodat de muur niet weggeduwd kan worden door golven, het water of een schip.’
Lijkt het jou leuk om meer over de haven te weten te komen? Leerlingen uit groep 6, 7 en 8 kunnen met het havenprogramma Port Rangers de haven leren kennen. Kijk voor meer informatie op WWW.PORTRANGERS.NL
Het antwoord van de puzzel van juni is: KOPTELEFOON.
De winnaar is Josaël (9). Gefeliciteerd!
Waar spelen de leerlingen verstoppertje?
Hoe heet contant geld van papier?
PAGINA 1
PAGINA 4
Met wie kun je problemen krijgen als je wordt geronseld?
Hoe noem je de vlek die Tristan heeft? PAGINA 5
PAGINA 3
Welke stof zit in veel vapes? PAGINA 6
Wat maakt je brein aan als je nicotine binnenkrijgt? PAGINA 7
Waar sluiten Jaynah en brandweerman Ronald het blusvoertuig op aan? PAGINA 8
Wat draagt Cato om warm te blijven in het water? PAGINA 9 Wat wordt er uit de bodem van de zee gehaald? PAGINA 10 Waarin slapen de kinderen op De Buurtcamping? PAGINA 11
Een raadslid kan een eed afleggen of een ………. en belofte doen. PAGINA 12
De antwoord en op de vragen vi nd je in deze kran t!
IJSSELMONDE – Het Spinozapark werd van 17 juli tot en met 19 juli omgetoverd tot De Buurtcamping. Buurtbewoners konden in het park spelletjes spelen, kampvuurtjes maken en kamperen. ‘We leren op De Buurtcamping mensen uit de wijk kennen’, zegt Diva (14). Tekst en foto’s: Hanne van Mourik
Janayli en Diva.
Janayli (13) deelt een tent met haar vriendin Diva. ‘We vinden het gezellig om samen in een tent te slapen’, zegt Janayli. ‘We kletsen ‘s nachts gezellig met elkaar als we niet kunnen slapen’, zegt Diva.
Op vakantie
Madonna (11) slaapt met haar broer, zusje en moeder in een tent. ‘Ik heb het gevoel dat ik op vakantie ben. Wij gaan meestal naar het buitenland op vakantie, maar De Buurtcamping is ook leuk. Ik vind het springkussen heel leuk’, zegt ze. Janayli: ‘Ik vind het leuk dat je op De Buurtcamping leuke dingen kunt doen met elkaar.’
Madonna en haar zusje Donatella.
ROTTERDAM – 60 leerlingen van Kindercampus De Piloot hielpen in Depot Boijmans Van Beuningen mee met een kunstproject van de KunstPiloot. De leerlingen maakten zilveren speldjes. Tekst en foto’s: Hanne van Mourik
JJ (11): ‘Ik heb een zilveren speldje gemaakt van mijn duimafdruk. Ik stop mijn speldje in een doosje dat ik heb versierd.’ De KunstPiloot verkoopt de speldjes aan Stichting BOOR. Stichting BOOR geeft de speldjes als cadeautje aan medewerkers die 25 jaar bij de stichting werken.
Rondleiding
De leerlingen krijgen ook een rondleiding door Depot Boijmans Van Beuningen. Jahfensly (11): ‘Ik vind de kunst die hier hangt heel mooi.’ Luan (11): ‘Ik vind kunst heel belangrijk. Kunst zorgt ervoor dat de wereld niet saai wordt.’
De leerlingen bekijken kunst in het depot. Geld naar het goede doel
De leerlingen maken speldjes en versieren doosjes.
Het geld dat de KunstPiloot met de verkoop van de speldjes heeft verdiend, gaat naar Stichting Kinderkampen Rotterdam. ‘Wij hebben duizend euro uitgereikt aan Stichting Kinderkampen Rotterdam. De stichting organiseert vakanties voor kinderen die niet veel geld hebben thuis’, zegt Valentijn (11).
DELFSHAVEN – Buurtkinderen konden op expeditie langs verschillende buurthuizen in de wijk Bospolder-Tussendijken. Ava (9): ‘Een buurthuis is een woonkamer voor alle buurtbewoners. Iedereen mag binnenlopen.’ Tekst en foto’s: Hanne van Mourik
Buurtkinderen kunnen tijdens de expeditie in ieder buurthuis iets knutselen.
SCHIEBROEK – Rosa (10) zit samen met 73 andere kinderen in het koor van de Fatimaschool. ‘Een koor is een groep mensen die samen zingt’, zegt Hsu-Ning (10). Rosa: ‘We treden een paar keer per jaar op. We zingen bijvoorbeeld tijdens de Kinderboekenweek.’ Tekst en foto’s: Hanne van Mourik
Een blauwprint maken
Ava en Elin (9) gaan als eerst naar buurthuis het Vuurhuis. Elin: ‘We maken hier een magische blauwprint. We leggen plastic zakjes, bladeren en touw op speciale groene verf.’ Ava: ‘De verf kleurt blauw als we het met water afspoelen. De bedekte plekken worden wit.’
Ava en Elin maken een magische blauwprint.
Rosa: ‘Ik vind het fijn om samen te zingen.’ ‘Ik vind het soms spannend om op te treden. Ik ben dan bang dat ik een fout maak’, zegt Fiene (10). Ariane (10) reageert: ‘Gelukkig zingen we met elkaar. De meerderheid weet meestal hoe een liedje gaat. Je hoort het niet als iemand een foutje maakt.’ Rosa: ‘We helpen elkaar door de liedjes heen als we samen zingen. We kunnen op elkaar bouwen.’
Een dromenvanger maken
Hermina knutselt een dromenvanger.
Hermina (7) gaat naar buurthuis het Bollenpandje. Ze maakt daar een dromenvanger van schelpen. ‘Ik kom niet zo vaak in een buurthuis. Ik vind het leuk dat ik nu ontdek dat je leuke dingen kunt doen in een buurthuis.’
De kinderen dansen soms ook tijdens optredens.
Een belangrijke belofte Iman Pieter Duin: ‘De voorzitter leest bij het beëdigen eerst een tekst voor. Daarin staat bijvoorbeeld dat iemand geen cadeaus heeft gegeven of heeft aangenomen en geen beloftes heeft gedaan om raadslid te kunnen worden. Daarna mag het nieuwe raadslid zelf kiezen welke woorden hij of zij uitspreekt. Een raadslid kan een eed afleggen of een verklaring en belofte doen. Bij een eed wordt God genoemd, bij een verklaring en belofte niet. Het raadslid zegt bij het afleggen van een eed: ‘Zo waarlijk helpe mij God almachtig’. Een raadslid zegt bij een verklaring en belofte: ‘Dat verklaar en beloof ik’. Daarna is een gekozen raadslid officieel geïnstalleerd voor 4 jaar. Na die 4 jaar zijn er opnieuw gemeenteraadsverkiezingen. Een raadslid moet dan opnieuw gekozen worden om weer raadslid te kunnen worden.’
Rotterdam Rotterdamse raadsleden worden gekozen door inwoners van Rotterdam. Voordat de raadsleden echt aan het werk kunnen, worden ze beëdigd en geïnstalleerd. Raadslid Iman Pieter Duin legt uit hoe dat gebeurt. Tekst: Suzanne Huig ‘Gekozen raadsleden worden allemaal officieel door de voorzitter van de gemeenteraad beëdigd. Op 1 april zijn de 45 gekozen Rotterdamse raadsleden door voorzitter Carola Schouten beëdigd. Iemand die wordt beëdigd, belooft dat hij of zij zich aan bepaalde afspraken en regels zal houden. De raadsleden beloven dat ze hun werk als raadslid eerlijk en goed zullen doen. Na het uitspreken van de eed of verklaring en belofte is het raadslid geïnstalleerd. Het raadslid is vanaf dat moment officieel raadslid’, legt Iman Pieter Duin uit.
Raadslid Iman Pieter Duin. Foto: Hans Tak
Hulp van burgercommissieleden ‘Raadsleden kunnen burgercommissieleden kiezen om hen te helpen. Die burgercommissieleden denken mee, lezen mee en praten mee over belangrijke onderwerpen. Zo kunnen raadsleden zich goed voorbereiden voordat ze een besluit nemen. Burgercommissieleden leggen ook een eed of verklaring en belofte af. Zij beloven ook dat ze hun werk eerlijk en volgens de regels zullen doen’, vertelt Iman Pieter Duin.
Rotterdam Juf Femke van Vrijeschool Vredehof is burgercommissielid. Op 21 mei werd zij officieel geïnstalleerd in het stadhuis. De klas van juf Femke was daarbij aanwezig. Tekst: Suzanne Huig
‘Onze juf belooft tijdens haar installatie dat ze eerlijk is en zich niet laat omkopen’, zegt Siep (13). Jules (12): ‘Ze belooft dat ze echt het beste doet voor de stad.’ Fransje (12): ‘Ik vind het heel belangrijk dat ze die belofte moet doen. Het zou niet goed zijn voor de stad als ze niet eerlijk zou zijn en zich zou laten omkopen.’
Juf Femke met haar klas voor het stadhuis. Foto: Arjen Jan Stada
Juf Femke legt haar eed af. Foto: Iris van den Broek
Meedenken en meepraten in vergaderingen Juf Femke is burgercommissielid namens de partij Volt. ‘Gemeenteraadsleden nemen samen beslissingen voor de stad. De partij Volt heeft 1 zetel in de gemeenteraad. Dat betekent dat Volt 1 gemeenteraadslid heeft. Er zijn verschillende commissievergaderingen waarin allerlei belangrijke onderwerpen worden besproken. Het ene gemeenteraadslid van Volt kan niet bij alle commissievergaderingen aanwezig zijn. Als hij niet aanwezig is, kan de partij Volt niet meedenken en meepraten. Dat is niet fijn. De partij Volt heeft mij daarom als burgercommissielid gekozen. Ik mag namens de partij Volt in commissievergaderingen meedenken en meepraten’, legt juf Femke uit.
De klas is trots ‘In de commissievergaderingen praat de juf over onderwerpen die belangrijk zijn voor de stad. Ze praat bijvoorbeeld over huizen die leeg staan’, zegt Jules. Florian (12): ‘Ik denk dat de juf een heel goed burgercommissielid is omdat ze heel overtuigend kan vertellen.’ Alba (13): ‘Ik weet zeker dat onze juf haar best doet om de stad een betere plek te maken voor kinderen. Ik ben heel trots op haar.’