Skip to main content

JONG010 SEPTEMBER 2017

Page 1

september 2o17 - jaargang 8 - editie 1

4 vluchtroutes in huis

8 kittens kareltje en keesje

9 tennistalenten

11 kledingstukken ontwerpen

Brandon: ‘De afspraken hangen in de keuken en op mijn slaapkamer. Ik onthoud de afspraken daardoor beter.’ Foto’s: Johannes Odé

ROTTERDAM – Kinderen zijn verplicht om naar school toe te gaan. Je school meldt het aan de leerplichtambtenaren als je veel spijbelt of vaker te laat komt. Leerplichtambtenaren in Rotterdam krijgen ieder jaar ongeveer 1.000 meldingen van kinderen in het basisonderwijs die spijbelen of te laat komen. Brandon (13) zijn school meldde hem vorig jaar. Tekst: Suzanne Huig

‘Een school doet melding bij de leerplichtambtenaren als je 12 keer te laat komt, 3 dagen achter elkaar niet op school bent of 16 uur in een maand spijbelt. Ik kwam één of 2 keer per week te laat’, vertelt Brandon.

Onderweg afgeleid

Afspraken maken

Straf van de meester of juf

De wet overtreden

‘Ik kwam meestal te laat doordat ik onderweg naar school werd afgeleid. Ik ga lopend naar school toe. Ik verveel me snel. Ik zoek onderweg daarom afleiding. Ik neem bijvoorbeeld een voetbal mee, ga schommelen of haal kattenkwaad uit.’

‘Mijn meesters en juffen gaven mij vaak strafwerk of ik moest nablijven. De straffen hielpen niet. Mijn school heeft daarom afgelopen december melding gedaan.’

‘Ik moest met mijn moeder op gesprek komen bij een leerplichtambtenaar. We hebben samen afspraken gemaakt. In die afspraken staat bijvoorbeeld dat ik eerder thuis vertrek richting school, dat ik niet speel onderweg en dat ik mijn schoolspullen de avond van tevoren klaarzet.’

‘Ik kom nu bijna nooit meer te laat. Ik overtreed de wet als ik me niet aan de gemaakte afspraken houd en te laat blijf komen. De leerplichtambtenaar stuurt mij dan naar Halt voor een straf, dat wil ik niet.’


dE rotterdamse kinderkrant september 2017

2 Mail JOUW MOP OF JOUW RAADSEL (samen met je voornaam en je leeftijd) naar

redactie@jong010.nl ‘Wat wil jij later worden Anne?’, vraagt opa. ‘Nachtbewaker’, zegt Anne. ‘Waarom nachtbewaker?’, vraagt opa. ‘Dan hoef ik ‘s avonds nooit meer vroeg naar bed en mag ik altijd lang opblijven!’ Nadia (10)

Jantje zegt tegen zijn vriend: ‘Ik heb vannacht 6 muggen doodgeslagen: 3 mannetjes en 3 vrouwtjes.’ Jantje zijn vriend vraagt: ‘Hoe weet je dat het 3 mannetjes en 3 vrouwtjes waren?’ Jantje: ‘Omdat er 3 aan de tv hingen en 3 aan de spiegel.’ Gaby (11)

Pietje komt te laat op school. De juf vraagt waarom hij te laat is. Pietje antwoordt: ‘Ik droomde over voetbal juf.’ ‘Maar dat is toch geen excuus om te laat te komen Jantje?’ ‘Jawel’, zegt Pietje, ‘want er was een verlenging.’

V

E

E

R H A V

E

I

D N

D N A T

U U R D O

L

C

E

L

B

L

E

V

R O B

H N N

N

S O B

K U

I

P

E

E

N B

P O

A N A O F

I

V

T

A D

S O

Z T

E

A

T

A

R C

H W B

E

R S

I

B

U

N G

E

I

R N

F

R M L A D

E

O B H O G K E

Q R E

T

T

R

I

A N R

E

H A V

O T

C U

L

V

E

N

S O

L

K

KUIP KUNST MINIWORLD

GROEN HAVEN HOFBOGEN

UITGAAN VEERHAVEN VILLA ZEBRA

CENTRUM DE KRAAL DELFSHAVEN DE ROTTE EUROSCOOP

S

M N B O D U A U U

O U D H

E

AMFIBIEBUS BBQ BOS

E

NATUUR OUDE HAVEN RONDVLUCHT SKATEN SPIDO

antwoord (2 woorDEN) :

D N O R S

regels: DE WOORDEN VIND JE HORIZONTAAL, VERTICAAL EN DIAGONAAL. Je mag letters meerdere keren gebruiken. Als je de overgebleven letters in de juiste volgorde zet krijg je het antwoord. Mail dIT antWOORD samen met je voornaam, leeftijd en het telefoonnummer van je ouders of verzorgers (zodat we contact met je kunnen opnemen als je hebt gewonnen) naar antwoord@jong010.nl. Alleen de winnaarS krijgEN bericht.

Mohammed (9)

HET ANTWOORD VAN DE WOORDZOEKER VAN JUNI IS: zONNEBRIL. DE WINNAAR IS JULIAN (7).

Puzzelcorner.nl

Wat eet een vegetarische kannibaal? De groenteman

Cheyenne (12)

Ik ben een oneven getal. Haal je er een letter af dan word ik even. Welk getal ben ik? Zeven: (z)even.

Destiny (11)

Wat zit vol met gaten, maar houdt wel water vast? Een spons.

Tim (9)

Jong010 wordt mede mogelijk gemaakt door:

Oprichter: Angelique van Tilburg hoofdredacteur: Suzanne Huig

Jong010 - september Jaargang Oplage:

8

- Editie

40.000

2017

1

kranten

Fotografen: Arjen Jan Stada, JESSE STADA, Johannes Odé

Vormgeving: Marcel van den Assem

redactiemedewerker: sasja hof

Aan deze editie werkten mee: Puzzelcorner, Richard van der Ven


3

‘Ik vind het belangrijk dat Rotterdam schoon is, want afval is niet goed voor de natuur. Dieren kunnen afval opeten en ziek worden. Ik vind dat alle inwoners er samen voor moeten zorgen dat de stad schoon blijft.’

ROTTERDAM - Burgemeester Ahmed Aboutaleb hoort graag van de Rotterdammers wat zij van de stad vinden. Ook naar de mening en ervaringen van basisschoolleerlingen is hij benieuwd. Vind jij het belangrijk dat Rotterdam schoon is? Waarom wel of niet? En zou jij willen meehelpen om de stad schoon te maken? Tekst en foto’s: Suzanne Huig ‘Ik vind het niet fijn om in een vieze stad te wonen. Vuilnis op straat kan zelfs gevaarlijk zijn. Het trekt bijvoorbeeld ongedierte aan zoals ratten. En je kunt je bijvoorbeeld bezeren aan kapot glas. Iedere dag zijn er daarom 3.000 mensen van de gemeente aan het werk om de stad schoon te maken. Hoe zou jij kunnen helpen om de stad schoon te maken?’, vraagt Ahmed Aboutaleb.

‘Ik vind het er niet mooi uitzien als er afval op straat ligt. Afval hoort in prullenbakken, niet op straat. Ik ruim zelf afval op dat ik op straat zie liggen. Ik vind dat meer mensen dat moeten doen.’

Damian (11) ‘Sommige mensen gooien afval op de grond. Ik vind dat slecht. Afval vervuilt het milieu. Ik vind dat iedereen verantwoordelijk is voor een schone stad. Ik vind dat op meer plekken vuilnisbakken moeten staan. Ik denk dat mensen minder snel iets op straat gooien als er meer afvalbakken staan.’

Inci (10)

Ahmed Aboutaleb

foto: gemeente rotterdam

‘Ik kom niet graag op plekken waar het vies is. Ik ben dan bang dat ik zelf ook vies word. Mijn vader ruimt iedere zaterdag het Zuiderpark op. Ik help hem 2 keer per maand. Ik vind dat meer kinderen dat moeten doen.’

Kai (10) ‘Ik vind het er niet mooi uitzien als er afval op straat ligt. De gemeente is de baas over de stad en de straten. Ik vind daarom dat de gemeente de stad schoon moet houden.’

Markos AMIEN (10)(12)

Soufiane (10) ‘Ik vind het belangrijk dat er geen zwerfafval op de grond ligt. Zwerfafval is gevaarlijk. Je kunt er bijvoorbeeld over struikelen. Ik vind dat iedereen 4 keer per jaar zijn of haar buurt schoon moet maken.’

Alysha (11)

dE rotterdamse kinderkrant september 2017

‘Ik voel me niet fijn in een straat waar veel afval ligt. Ik vind het vies als er rotzooi op de grond ligt. Ik vind dat iedereen zijn eigen afval moet opruimen. Ik ruim geen afval van anderen op. Ik vind dat vuilnismannen dat moeten doen met handschoenen en afvalprikkers.’

Sophie (12)

Hoe zou jij kunnen helpen om de stad schoon te maken?

‘Ik vind het zonde als er afval op straat ligt. De stad ziet er vies en niet mooi uit als er afval op straat ligt. Ik vind het de taak van vuilnismannen om de stad schoon te houden. Ik wil zelf niet helpen met schoonmaken. Ik vind het vies om afval op te rapen.’

iclal (11) ‘Ik vind het belangrijk dat de stad schoon is. Een vieze stad stinkt. Ik heb met mijn klas een keer de straten rondom mijn school schoongemaakt. Ik vind dat we vaker schoonmaakacties moeten organiseren. We moeten samen voor de stad zorgen.’

Jeandray-leigh (11) ‘Ik vind het vies als er afval op straat ligt. Ik vind dat de gemeente en bewoners samen de stad schoon moeten houden. Ik vind dat de gemeente vaker een schoonmaakmachine rond moet laten rijden in de stad. En bewoners moeten hun eigen afval opruimen.’

Owen (11)


dE rotterdamse kinderkrant september 2017

ROTTERDAM – Je kunt je woning vaak het makkelijkst verlaten via de voordeur. Maar weet jij hoe je veilig naar buiten kunt als er brand is in je huis? Feline (7) en Thijmen (10) hun vader is brandweerman. Zij geven samen met hun vader tips voor veilige vluchtroutes. Tekst: Suzanne Huig Foto’s: Johannes Odé

Feline, Thijmen en hun vader Walter.

kostbare tijd ‘De meeste mensen zijn in paniek als hun huis in brand staat’, zegt Feline. ‘Je kunt vaak minder goed nadenken als je in paniek bent. Het is daarom belangrijk dat je vooraf 2 vluchtroutes hebt bedacht’, zegt Thijmen. ‘Je verliest kostbare tijd als je nog een vluchtroute moet bedenken als het huis in brand staat’, vertelt brandweerman Walter.

Feline en Thijmen vluchten via het dakraam in Feline haar slaapkamer.

Vluchten uit je slaapkamer ‘Bekijk de plattegrond van je huis en bedenk samen een vluchtplan’, zegt Feline.

‘Ik kom op een plat dak terecht als ik uit het dakraam in mijn kamer klim. Ik kan vanaf het dak naar de buren lopen of naar beneden’, zegt Feline. ‘Ik kan niet naar buiten door het raam in mijn kamer. Ik moet vluchten via de gang naar beneden of naar Feline haar kamer. Ik blijf op mijn kamer als er brand is in de gang. Ik houd dan mijn deur en raam dicht, zodat er geen rook in mijn kamer komt. Ik ga voor het raam staan zodat brandweermannen mij kunnen zien en weten waar ik ben’, legt Thijmen uit.

Goede afspraken maken ‘Bespreek met de mensen waarmee je samenwoont een vluchtplan. Wij hebben afgesproken dat papa naar Thijmen toegaat. Mama komt naar mij toe. We vluchten het huis uit in tweetallen. We zien elkaar allemaal weer buiten bij de buren’, vertelt Feline. ‘Brandweermannen kunnen mensen sneller redden als ze weten wie er nog in het huis is’, zegt Walter.

2 vluchtroutes ‘Zorg dat je altijd 2 vluchtroutes hebt bedacht. Je raakt dan minder in paniek als je eerste vluchtroute is geblokkeerd door de brand’, zegt Walter. ‘Wij kunnen beneden bijvoorbeeld via de voordeur en achterdeur naar buiten’, zegt Feline. Walter: ‘Zorg dat je de deuren makkelijk open kunt maken. Zorg er bijvoorbeeld voor dat iedereen weet waar de sleutel van de voordeur ligt als de deur op slot zit.’

‘Zorg ervoor dat brandweermannen je kunnen zien.’

‘Wij oefenen soms geblinddoekt naar buiten te komen’, zegt Thijmen.

Brandoefening Als je niet kunt vluchten

Walter: ‘Neem nooit spullen mee naar buiten. Zorg dat je zelf veilig buiten komt.’ ‘Je ziet vaak slecht als het donker is of als er rook in huis is. Wij oefenen daarom soms geblinddoekt de vluchtroutes’, zegt Thijmen. Feline: ‘Ik vind dat ieder gezin één keer per jaar een brandoefening moet doen. Je bent dan goed voorbereid als er brand uitbreekt.’

Thijmen: ‘Wanneer je een woning niet uit kan, moet je alle ramen en deuren dichthouden. Er kan dan minder zuurstof bij de brand komen.’ Feline: ‘Je kunt ook alle kieren bedekken met kleding en doeken, dat houdt de rook tegen.’ ‘Zorg dat je voor een raam gaat staan en een zaklamp hebt waarmee je kunt schijnen. Brandweermannen zien dan waar je bent’, zegt Walter.

ben jij goed voorbereid? Kun jij alle stellingen met ja beantwoorden? Dan ben je goed voorbereid voor als er brand uitbreekt in jouw huis. Beantwoord je één van de stellingen met nee? Kijk dan samen met je ouder(s) of verzorger(s) hoe je het thuis veiliger kunt maken. Ik heb met de mensen waarmee ik samenwoon een vluchtplan gemaakt.

JA

NEE

Ik weet minimaal 2 vluchtroutes om vanuit mijn slaapkamer buiten te komen.

JA

NEE

Ik weet waar de sleutels van de deuren liggen als de deuren op slot zitten.

JA

NEE

Ik heb een zaklamp op mijn slaapkamer liggen.

JA

NEE

Ik doe thuis één keer per jaar een brandoefening zodat ik weet hoe ik veilig buiten kom.

JA

NEE


5 ROTTERDAM – Kinderen met een handicap hebben een beperking waardoor ze sommige dingen niet zo goed kunnen als andere kinderen. Er zijn honderden verschillende soorten handicaps. Je hebt lichamelijke en verstandelijke handicaps. Tekst: Suzanne Huig

Je hebt een lichamelijke handicap als een deel van je lichaam niet goed werkt. Sommige kinderen kunnen bijvoorbeeld niet lopen of zijn spastisch. Andere kinderen zijn blind of slechtziend. Er zijn veel verschillende lichamelijke handicaps.

dE rotterdamse kinderkrant september 2017

Je hebt een verstandelijke handicap als er iets niet goed is met je hersenen. Je leert en denkt na met je hersenen. Kinderen met een verstandelijke handicap kunnen dingen vaak niet zo goed begrijpen of niet zo goed leren.

ROTTERDAM – Izumi (8) haar broertje Yukio (6) heeft een beperking. ‘Ik vind het lastig dat sommige kinderen mijn broertje en mij anders behandelen doordat mijn broertje een beperking heeft. Ik heb soms het gevoel dat ik moet kiezen tussen mijn broertje en mijn vrienden. Ik wil niet kiezen’, zegt Izumi. Tekst: Suzanne Huig ‘Yukio is een beetje anders dan de meeste kinderen. Hij heeft geen hersenbalk. Je hersenbalk geeft informatie van je linker hersenhelft naar je rechter hersenhelft en andersom. Je spieren worden daardoor bijvoorbeeld aangestuurd. Yukio kan sommige dingen minder goed of snel doordat hij zijn spieren niet zo goed onder controle heeft. Hij kwijlt bijvoorbeeld. Hij kan ook niet zo duidelijk praten en niet zo goed lopen.’

Een speciale school

‘Yukio gaat op maandag, dinsdag, donderdag en vrijdag naar Mytylschool De Brug. Dat is een school voor kinderen met een beperking. De kinderen worden daar extra geholpen met dingen die zij lastig vinden. Ik denk dat de kinderen daar elkaar goed begrijpen doordat ze allemaal een beperking hebben.’

Aan elkaar wennen

‘Op woensdag komt Yukio naar de Eloutschool. Ik zit ook op de Eloutschool. Hij leert daar kinderen kennen die bij ons in de buurt wonen. Kinderen zonder beperking leren aan hem wennen en hij aan hen. Ik vind het fijn dat ik hem een beetje in de gaten kan houden als hij bij mij op school is. Ik kijk dan of hij het wel naar zijn zin heeft.’

Sommige kinderen pesten

‘Sommige kinderen van mijn school vinden het wel leuk om met Yukio te spelen. Maar sommige kinderen pesten mij om mijn broertje. Ze zeggen bijvoorbeeld dat ze mijn vriend of vriendin niet meer willen zijn als ik met Yukio speel. Ze snappen hem niet en vinden hem een beetje raar. Ik denk dat ze niet zo goed weten hoe ze met hem om moeten gaan.’

Met iedereen spelen

‘Ik vind mijn broertje en mijn vrienden allemaal aardig. Ik zou het fijn vinden als ik met iedereen kon spelen en niet werd gepest. Mijn broertje en ik kunnen er allebei niets aan doen dat hij anders is. Ik wil graag dat anderen begrijpen dat hij ook gewoon een kind is. Ik vind dat ieder kind hetzelfde moet worden behandeld.’

Behandel ieder kind gelijk

Yukio en Izumi spelen vaak samen na schooltijd.

Foto’s: Suzanne Huig

‘Ik behandel ieder kind gelijk. Ik deel en speel met Yukio zoals ik dat ook met andere kinderen doe. Ik luister naar wat hij wil zeggen. Ik probeer rekening met hem te houden. Sommige kinderen snappen niet hoe ik dat doe. Zij willen niet met hem spelen, omdat hij anders is. Dat maakt mij verdrietig en boos, maar ik begrijp het wel. Ik ken hem al mijn hele leven. Ik ben aan hem gewend. Zij moeten nog aan hem wennen.’


dE rotterdamse kinderkrant september 2017

6 ROTTERDAM – De Rotterdamse haven is één van de grootste havens ter wereld. Met het project Port Rangers kun je van alles leren over de haven. De leerlingen uit groep 6 van basisschool de Goede Herder bezochten op 22 juni de grootste blusboot van de Rotterdamse haven. Tekst: Suzanne Huig ‘Wij zorgen voor een veilige haven. We blussen bijvoorbeeld als er brand is op een schip of aan de kade. We helpen ook als een boot schade heeft of als er bijvoorbeeld olie uit een schip lekt’, vertelt blusmeester Martijn.

De leerlingen krijgen een rondleiding op de blusboot.

Foto’s: Arjen Jan Stada

Reddingsmiddelen en brandweerpakken Lijkt het jou leuk om meer over de haven te weten te komen? Je kunt met jouw klas meedoen aan het project Port Rangers. Kijk voor meer informatie op www.portrangers.nl

GENERATION

DISCOVER

Martijn: ‘Verspreid door de haven liggen 6 blusboten. We varen door de haven zodat we alles in de gaten kunnen houden.’ Jason (9): ‘De brandweer of meldkamer belt de bemanning van de blusboten als er iets aan de hand is. De boot die het dichtst in de buurt is, vaart naar het incident. De blusboten hebben reddingsmiddelen en brandweerpakken aan boord.’

Altijd genoeg water

‘Op een blusboot staan 4 kanonnen. Die kanonnen kunnen tot 150 meter ver spuiten om bijvoorbeeld een brand te blussen’, vertelt Damiën (11). ‘In de boot zitten pompen. Die pompen water uit het vaarwater naar boven om te blussen. Er is dus altijd genoeg water’, zegt Sevanna (10). ‘Ik zou wel op een blusboot willen werken. Het lijkt mij leuk om te varen en mensen te redden’, zegt Damiën.


7

dE rotterdamse kinderkrant september 2017

ROTTERDAM – Voel jij je weleens onzeker? Of heb je juist heel veel zelfvertrouwen? Als je ergens mee zit of een vraag hebt, kun je je ouder(s) of verzorger(s) om hulp vragen. Je kunt ook terecht bij de jeugdverpleegkundige van het CJG op school. Pim (8) praatte met zijn vader Richard over zelfvertrouwen. Tekst: Suzanne Huig ‘Zelfvertrouwen betekent dat je in jezelf gelooft. Je hebt het gevoel dat je dingen kunt als je zelfvertrouwen hebt’, zegt Richard. ‘Juffen zeggen bijvoorbeeld vaak tegen mij dat ik goed ben in rekenen en taal. En sommige klasgenoten zeggen dat ik goed kan voetballen. Ik geloof in mijzelf doordat anderen zeggen dat ik dingen goed kan. Ik heb daardoor veel zelfvertrouwen’, zegt Pim.

Onzeker voelen

Richard: ‘Ik was vroeger heel onzeker. Ik dacht veel na over wat anderen van mij vonden. Ik gedroeg mijzelf anders zodat meer mensen mij leuk vonden. Ik heb later geleerd dat het niet nodig is om onzeker te zijn. Iedereen is in andere dingen goed en vindt andere dingen leuk. Het is belangrijk dat je jezelf bent.’

Zelfverzekerd lopen

‘Ik ben soms een beetje onzeker bij mensen die ik niet ken. Ik heb tijdens karate geleerd om zelfverzekerd een ruimte in te lopen. Ik loop dan rechtop en duw mijn schouders een beetje naar achteren’, zegt Pim. ‘Vertel aan onbekenden bijvoorbeeld iets dat je heel leuk vindt of waar je veel over weet. Dat geeft je zelfvertrouwen’, zegt Richard.

Complimenten geven

Pim: ‘Ik vind dat kinderen elkaar af en toe een compliment moeten geven. Het geeft mij vertrouwen en een blij gevoel als ik een compliment krijg.’ ‘Iedereen is wel ergens goed in en heeft een talent. Sommige kinderen zijn bijvoorbeeld goed in rekenen en anderen in sport. Let op de dingen waar iemand goed in is’, zegt Richard.

Jeugdverpleegkundige Eefje Struijcken:

Pim en Richard. Foto: Suzanne Huig

‘Probeer zelfstandig ervaringen op te doen. Je krijgt daar

Dit artikel is gemaakt in samenwerking met

zelfvertrouwen van.’

ROTTERDAM – Kinderen met een handicap hebben een beperking

waardoor ze sommige dingen niet zo goed kunnen als andere kinderen. Op pagina 5 kun je het verhaal over Izumi en Yukio lezen. Stel, een klasgenootje heeft een beperking of een familielid met een beperking. Hoe ga jij daarmee om? Tekst en foto’s: Suzanne Huig

‘Ik vind het erg als kinderen met een beperking worden gepest of buitengesloten. Niemand kiest ervoor om een beperking te hebben. Ik vraag mijn juf, meester of ouders om tips als ik niet goed weet hoe ik met iemand zijn beperking moet omgaan.’

‘Ik ken kinderen met een beperking. Ik behandel die kinderen hetzelfde als alle andere kinderen. Ik vind dat kinderen die een beperking hebben een spreekbeurt of presentatie moeten geven in de klas. Ze kunnen dan uitleggen hoe anderen rekening kunnen houden met de beperking.’

kikai (11)

‘Ik vind dat je iedereen hetzelfde moet behandelen. Ik denk dat je kinderen met een beperking kwetst als je hen anders behandelt. Ik zou aan mijn klasgenoot vragen stellen over de beperking. Ik denk dat hij of zij mij het beste kan vertellen hoe ik met hem of haar om kan gaan. Ik kan dan rekening houden met wat mijn klasgenoot fijn vindt.’

Olivier (9) Willemijn (8) ‘Het broertje van een vriendin van mij heeft een beperking. Ik vind het belangrijk om kinderen met een beperking goed te leren kennen. Je kunt dan rekening leren houden met wat zij wel en niet kunnen.’

Mijn manier:

Jasmijn (8)

Teken jezelf en vul in


dE rotterdamse kinderkrant september 2017

8

ROTTERDAM – Eva (8), Gijs (11) en Daan (11) zijn sinds kort de baasjes van kittens Kareltje en Keesje. ‘De moeder van Kareltje en Keesje is een zwerfkat. Ze was drachtig toen ze werd opgevangen bij Stichting Zwerfkatten Rijnmond. De kittens zijn bij de stichting geboren’, zegt Eva. Tekst: Suzanne Huig

Kittens opvoeden

‘Zwerfkatten hebben geen baasje. Ze leven op straat. Stichting Zwerfkatten Rijnmond vangt zwerfkatten op’, vertelt Gijs. ‘Bij de stichting worden de dieren geholpen zodat ze geen kittens meer kunnen krijgen. Anders komen er steeds meer zwerfkatten. De zwerfkatten worden weer vrijgelaten nadat ze zijn geopereerd’, zegt Daan. Eva: ‘Kareltje en Keesje hebben nooit op straat geleefd. Wij hebben de kittens in huis genomen toen ze 7 weken oud waren.’

‘Kareltje en Keesje zijn best druk. Ze rennen door de kamer en klimmen overal op. Wij moeten ze opvoeden’, zegt Gijs. Eva: ‘Soms poepen of plassen ze in huis. Wij brengen ze dan naar hun kattenbak toe. En we halen ze van de bank af als ze erop klimmen. Ze leren zo dat ze niet op de bank mogen klimmen.’

Aandacht geven

Wennen aan het huis ‘Wij vinden het leuk om met de kittens te knuffelen en te spelen’, zegt Eva. Foto’s: Arjen Jan Stada

Het is belangrijk om goed voorbereid te zijn als er brand uitbreekt. Wat moet ieder gezin één keer per jaar doen volgens Feline? pagina 4 Je hebt een lichamelijke handicap als een deel van je lichaam niet goed werkt. Wat voor een soort handicap heb je als er iets niet goed is met je hersenen? Pagina 5 Yukio, het broertje van Izumi, heeft een beperking. Wat ontbreekt er bij hem? Pagina 5

‘We moeten ze veel aandacht geven en met ze knuffelen’, vertelt Eva. Gijs: ‘Ze wennen daardoor aan mensen en kinderen.’ ‘We mogen ze alleen niet knuffelen als ze slapen, eten, drinken of poepen. Dan moeten we ze met rust laten’, zegt Daan.

‘We laten Kareltje en Keesje steeds meer ruimtes in huis verkennen. Kittens kunnen bang worden als ze ineens in een groot, onbekend huis komen’, zegt Gijs. ‘Ze mogen ook pas naar buiten als ze 6 weken bij ons wonen. Ze zijn dan aan het huis gewend en kunnen het terugvinden’, vertelt Daan.

Wat hebben de blusboten nog meer aan boord behalve reddingsmiddelen? Pagina 6 Bij Stichting Zwerfkatten Rijnmond worden de dieren … zodat ze geen kittens meer kunnen krijgen. Pagina 8 Waar werd van 21 tot en met 27 augustus De Rotterdam Open georganiseerd? Pagina 9 Energie kan ook worden opgewekt met duurzame energiebronnen, zoals zonlicht, wind of warmte. Met welke energiebron kan dat nog meer? Pagina 10

Isha legt in 5 stappen uit hoe je zelf een beeld kunt boetseren. Wat moet je in stap 2 maken van de klei? Pagina 11

Waar volgen Leanne en Isa modelessen? Pagina 11 De gemeente Rotterdam vindt het zonde dat er iedere dag zoveel broden worden weggegooid. Welke oplossing heeft de gemeente hiervoor bedacht? Pagina 12 De leden van scoutingvereniging J.C.J. van Speyk gaan met veiligheidsvestjes en afvalprikkers op pad. Wat hebben ze verder bij zich? Pagina 12

De letters in de gele balk vormen het antwoord. Mail dit antwoord, samen met je voornaam, leeftijd en het telefoonnummer van je ouders of verzorgers, naar antwoord@jong010.nl We verloten de prijs onder de goede inzendingen. Alleen de winnaar krijgt bericht.

De prijs die je kunt winnen is een boekenbon van 15 euro! WIL JE NOG MEER PUZZELEN? KIJk dan eens OP WWW.PUZZELCORNER.NL VOOR MEER LEUKE PUZZELS!

HET ANTWOORD VAN DE PUZZEL VAN junI IS: duurzaamheid. DE WINNAAR IS MISHERANTI (12). GEFELICITEERD!


9

dE rotterdamse kinderkrant september 2017

KRALINGEN – Van 21 tot en met 27 augustus werd op Tennispark Victoria in Rotterdam Kralingen de Rotterdam Open georganiseerd. De Rotterdam Open is een internationaal toernooi voor dames en heren. Petar (10), Georgina (10) en Jari (9) tennissen bij At Vantage Tennis Academy, de tennisschool die de Rotterdam Open organiseert. Ze hopen ooit zelf op een groot internationaal toernooi te tennissen. Tekst: Suzanne Huig

Petar: ‘Ik zit ongeveer 5 jaar op tennisles. Ik ben geselecteerd door de Koninklijke Nederlandse Lawn Tennis Bond (KNLTB). Dat is een organisatie die getalenteerde kinderen helpt om bij de top te komen. De bond betaalt een gedeelte van mijn tennislessen en houdt mij in de gaten. Ik volg nu een programma waarbij ik 3 keer per week train om nog beter te worden.’

Tactiek

‘Ik zorg dat ik de bal voorin het veld sla als mijn tegenstander achterin het veld staat. Ik probeer ook vaak naar

verschillende hoeken te slaan. Mijn tegenstander moet daardoor veel heen en weer rennen en wordt daardoor sneller moe’, vertelt Petar.

Droom

‘Het is mijn droom om de beste van de wereld te worden. Het lijkt mij leuk om veel fans te hebben. En ik kan dan van mijn sport mijn beroep maken.’

Georgina: ‘Ik train 4 keer per week. Ik tennis ook vaak in mijn vrije tijd. Ik tennis dan met mijn ouders of sla zelf ballen tegen een muur.’

Tactiek

Georgina: ‘Ik probeer mijn ballen laag over het net te slaan. De bal raakt dan eerder de grond waardoor mijn tegenstander minder tijd heeft om te reageren.

Ik vind de volley bij het net de leukste tennisslag. Ik kan de bal bij die slag goed sturen.’

Droom

‘Het is mijn droom om professioneel tennisser te worden. Ik hoop ooit op de Rotterdam Open te spelen. Het lijkt mij heel leuk om in mijn eigen stad tegen mensen vanuit heel de wereld te tennissen.’

Jari: ‘Ik zit bijna 6 jaar op tennisles. Ik train 3 keer per week en tennis in mijn vrije tijd met vrienden. Ik ben geselecteerd door de KNLTB, daar ben ik trots op. Ik kan meer trainen doordat ik ben geselecteerd. De kans wordt daardoor groter dat ik later bij de beste tennissers van de wereld ga horen.’

Tactiek

‘Ik probeer in een wedstrijd druk op mijn tegenstander te zetten door hem veel te laten lopen. Ik probeer de bal bijvoorbeeld precies hard genoeg terug te slaan zodat hij op de lijn van mijn tegenstander komt. De bal is dan nog in, maar het is heel moeilijk voor mijn tegenstander om hem terug te slaan. Of ik sla de bal net over het net. Mijn tegenstander haalt het dan vaak niet om op tijd bij de bal te zijn.’

Droom

‘Het is mijn droom om bij de beste 100 tennissers van de wereld te horen. Het lijkt me heel leuk om veel mensen te verslaan en herkend te worden.’ Foto’s: Arjen Jan Stada

Belangrijke taken

KRALINGEN – De spelers en speelsters op de Rotterdam Open hoefden zelf geen ballen te rapen in de halve finales en finales. De ballenjongens en ballenmeisjes zorgden daarvoor. Nienke (10) en Kirsten (11) waren ballenmeisjes tijdens de finalewedstrijden. Tekst en foto’s: Suzanne Huig

‘Tijdens iedere wedstrijd staan er 6 ballenkinderen op de baan. 2 ballenkinderen staan aan het net en in iedere hoek van de baan staat iemand’, legt Nienke uit.

De ballenkinderen gooien ballen naar de spelers als ze knikken met hun hoofd.

Kirsten laat aan de speler zien dat ze nog maar één bal heeft.

Nienke en Kirsten.

Kirsten: ‘Ballenkinderen moeten goed opletten tijdens een wedstrijd, want ze hebben belangrijke taken. We rapen de ballen op als er een punt is gemaakt of als er een bal in het net komt. We geven ook ballen of een handdoek aan als een speler daarom vraagt.’

De ballenkinderen doen hun handen naar beneden om te laten zien dat ze geen ballen meer hebben.

Seinen met de spelers

‘We seinen met de spelers. We laten aan een speler zien dat we een bal hebben door een bal in de lucht te houden. In onze andere hand houden we de overige ballen. De speler kan daardoor zien hoeveel ballen we nog hebben’, zegt Nienke. ‘De speler knikt als je een bal mag gooien’, zegt Kirsten. Nienke: ‘Als de speler zijn of haar hand voor zijn gezicht houdt, wil hij een handdoek.’

‘Dit doet een speler als hij of zij een handdoek wil’, zegt Kirsten.


dE rotterdamse kinderkrant september 2017

10 ROTTERDAM – Je verbruikt iedere dag energie. Bijvoorbeeld om lampen te laten branden of televisie te kijken. Stedin is de netbeheerder bij jou in de buurt. Ze zorgt ervoor dat de energie van de grote energiecentrales naar bedrijven, scholen en mensen thuis wordt gebracht. Om energie te maken zijn er energiebronnen nodig. Tekst: Suzanne Huig Energie kan worden gemaakt van fossiele brandstoffen, zoals aardolie, aardgas en steenkool. Fossiele brandstoffen worden verbrand om energie op te wekken. Bij de verbranding komt CO2 vrij. Dat gas vervuilt en verwarmt de aarde.

Klimaatverandering

‘Zonnepanelen zetten het licht van de zon om in elektriciteit’, vertelt Frans. Foto: Stedin

‘Het opwarmen van de aarde kan gevaarlijk zijn. Het land op aarde wordt droger als het warmer wordt. Er kan daardoor bijvoorbeeld minder eten worden verbouwd. En als zeewater opwarmt, zet het uit. De zeespiegel stijgt dan waardoor er meer overstromingen kunnen komen’, legt Frans van Stedin uit. ‘Het verbranden van fossiele brandstoffen is daarom niet goed voor het klimaat. Fossiele brandstoffen raken daarnaast langzaam op. We zoeken daarom andere en schonere energiebronnen’, vertelt Frans.

Zonlicht als energiebron

Energie kan ook worden opgewekt met zonlicht, wind, water of warmte. Dat zijn duurzame energiebronnen. Een duurzame energiebron is een bron die nooit opraakt en niet schadelijk is voor de aarde. ‘Zonnepanelen zetten het licht van de zon om in elektriciteit. Als je meer elektriciteit opwekt dan dat je gebruikt, gaat de elektriciteit naar het net. Vanaf het net gaat de elektriciteit bijvoorbeeld naar andere huizen, scholen en kantoren. De energiecentrales gaan dan automatisch minder energie opwekken. Ze zorgen daardoor voor minder vervuiling en verbruiken minder fossiele brandstoffen’, legt Frans uit.

IJSSELMONDE – Lars (7) en zijn ouders en broertje hebben thuis zonnepanelen en een

zonneboiler op het dak liggen. ‘Zonnepanelen maken elektriciteit zonder het milieu te vervuilen. Ik vind het daarom heel goed dat wij zonnepanelen hebben’, zegt Lars.

Tekst: Suzanne Huig

‘Een zonnepaneel bestaat eigenlijk uit allemaal kleine zonnecellen. De zon schijnt op die cellen. De zonnecellen zetten het licht dat ze van de zon opvangen om in elektriciteit’, legt Lars uit. ‘De kabels in huis zorgen er voor dat de elektriciteit gelijk naar de apparaten in huis gaat. Bijvoorbeeld naar de koelkast, wasmachine, lampen en de computer.’

Lars bij de zonnepanelen op het dak. Foto’s: Johannes Odé

Geld voor zonne-energie

‘Als de zonnepanelen meer energie opwekken dan dat wij thuis gebruiken, gaat de stroom naar andere huizen in onze wijk. Wij krijgen van het energiebedrijf geld voor de energie die wij aan andere huizen geven.’

Warm water door de zon

Lars bekijkt de meterkast.

‘Op het dak ligt ook een zonneboiler. De zonneboiler vangt de warmte van de zonnestralen op. Die warmte gebruikt de zonneboiler om water in een tank te verwarmen. Dat warme water kunnen wij gebruiken om bijvoorbeeld te douchen of om af te wassen.’

‘Hierin zit het water dat wordt opgewarmd door de zonneboiler’, zegt Lars.

Mail je antwoorden voor 28 juli 2017 naar antwoord@jong010.nl.

Je maakt kans op het kwartetspel De nieuwe energiehelden.

Zet ook je voornaam en achternaam,

je leeftijd en het telefoonnummer van

je ouders of verzorgers in de mail. Dan kunnen we contact met je opnemen

als je hebt gewonnen. We verloten de

Fabian (8) heeft thuis 3 zonnepanelen op het dak liggen. Eén zonnepaneel levert 120 kWh elektriciteit per jaar op. Hoeveel leveren de 3 zonnepanelen samen op per jaar?

kWh elektriciteit

Mila heeft thuis 5 zonnepanelen op het dak liggen. De zonnepanelen leveren bij elkaar 600 kWh per jaar op. Mila haar gezin verbruikt 3000 kWh elektriciteit per jaar.

De zonnecollectoren van Emir en zijn gezin leveren 2500 kWh elektriciteit per jaar op. Ze houden 500 kWh elektriciteit per jaar over. Ze krijgen van de elektriciteitsleverancier € 0,10 per kWh elektriciteit.

Hoeveel kWh elektriciteit moeten ze nog van de leverancier kopen?

Hoeveel geld krijgen ze van de leverancier?

kWh elektriciteit

€

prijs onder de goede inzendingen. Alleen de winnaar krijgt bericht.


11

dE rotterdamse kinderkrant september 2017

‘De juf van Hofplein geeft ons vaak complimenten. Ik krijg daardoor kracht om de oefeningen beter te doen. Ik vind dans het leukst om te doen. Ik kan dan lekker bewegen en ik hoef niet te doen zoals ik normaal moet doen. Ik merk dat er op les veel verschillende kinderen zitten. Niet iedereen is hetzelfde als ik. Eén vriendin van Hofplein is net als ik. Ik ga graag met haar om. We lachen veel om elkaars grapjes.’

‘Ik leer van de docenten van Hofplein zingen, dansen en toneelspelen. De docenten zeggen dat ik niet altijd de beste hoef te zijn, als ik maar lol heb. Ik leer dat het niet geeft als ik iets fout doe. Ik kan alles leren. Ik ga tijdens de les graag om met één van de meisjes die ik van Hofplein ken. Ik vind haar heel grappig en we hebben dezelfde hobby’s.’

Wil jij dansen, muziek maken, toneelspelen of zingen, maar is er thuis geen geld voor lessen?

Kijk dan met je ouders, verzorgers of leerkracht op

Roshylo en Alyza volgen dankzij het Jeugdcultuurfonds theaterlessen bij Hofplein Rotterdam. Tekst en foto's: Angelique van Tilburg

www.jeugdcultuurfonds.nl/rotterdam

CHARLOIS – Je eigen tas, sjaal, rok of T-shirt maken. Leanne (12) en Isa (8) zitten op modelessen bij het Modelessen Atelier. ‘We krijgen iedere vrijdagmiddag les’, vertelt Isa. Op vrijdag 25 augustus maakte Isa een rok en Leanne een T-shirt. Tekst: Suzanne Huig

Leanne maakt een T-shirt. ‘We leren hier wat je allemaal kunt maken van een lapje stof of oude kleding. Je kunt er bijvoorbeeld een kussen, knuffel of kledingstuk van maken. Ik vind het leuk om iets te ontwerpen en maken dat niemand anders heeft’, vertelt Leanne. Isa: ‘Ik vind het leuk om mijn zelfgemaakte kledingstukken te dragen.’

Meten, tekenen en naaien

Isa maakt een rok.

Foto’s: Suzanne Huig

Lijkt het jou leuk om van klei een mooi beeld te maken? Isha (9) legt in 5 stappen uit hoe je zelf een beeld kunt boetseren. Tekst: Suzanne Huig / Foto’s: Johannes Odé

‘Maak de details van je beeld. Ik plak bijvoorbeeld armen aan mijn poppetje. Zorg dat je de losse onderdelen goed aanwrijft zodat het één geheel lijkt’, zegt Isha.

‘We meten onszelf op en tekenen patronen van wat we willen maken’, vertelt Leanne. ‘We maken een patroon voor de voorkant en achterkant van het kledingstuk. De patronen spelden we daarna met naalden vast aan de stof die we hebben gekozen. We kunnen dan netjes langs het patroon knippen’, zegt Isa. ‘Daarna naaien we de voorkant en achterkant van het kledingstuk aan elkaar vast. We hebben eerst met de hand leren naaien. We leren het nu ook met een naaimachine’, zegt Leanne.

‘Kneed de klei eerst goed. De klei wordt daardoor soepeler waardoor je er makkelijker een figuur mee kunt maken’, zegt Isha.

‘Teken met een vork of satéprikker de kleine details zoals ogen, haren en een mond.’

Leanne en Isa showen hun zelfgemaakte kledingstukken.

Isha: ‘Maak een bal van de klei. Trek uit de bal de grove vorm van wat je wilt maken.’

Isha: ‘Je beeld is 3D. Je kunt eromheen lopen. Controleer of je beeld er vanaf alle kanten mooi uitziet.’

Lijkt het jou leuk om met verschillende materialen kunstwerken te maken? Dan is de Kinderkunstklas van SKVR waarschijnlijk iets voor jou! Kijk op www.skvr.nl/beeldendekunst voor meer informatie.


kinderstadskrant

dE rotterdamse kinderkrant september 2017

ROTTERDAM – De gemeente Rotterdam vindt het belangrijk dat de stad schoon is. Ieder jaar wordt er ruim 1,3 miljoen kilo zwerfafval opgeruimd. Wil jij helpen de stad schoon te houden? Op vrijdag 15 september is het Keep It Clean Day. Zoveel mogelijk Rotterdammers ruimen dan zwerfafval op. Tekst: Suzanne Huig

DELFSHAVEN – In Nederland worden iedere dag 435.000 broden weggegooid. Het brood verdwijnt in de vuilnisbak of wordt als voedsel aan dieren gegeven. De gemeente Rotterdam vindt dat zonde. In Rotterdam staan daarom 70 broodbakken. De bakken staan in Feijenoord, Noord, HillegersbergSchiebroek, Centrum en Delfshaven. Birgit (10) en Allyssa (9) gingen op 20 juli mee met de broodwagen. Tekst: Suzanne Huig

Birgit en Allyssa gooien brood in één van de broodbakken. De broodwagen leegt de broodbakken één keer per week. Foto’s: Johannes Odé ‘Hier in de wijk lag vaak brood op straat. Op dat brood kwamen ratten af en vogels werden er ziek van. Ik vind het daarom goed dat de broodbakken er nu staan’, zegt Birgit. Op de broodbakken letten Allyssa: ‘De broodbakken zijn containers waar je oud brood in kunt gooien. Op het schoolplein van de Nicolaasschool staat ook een bak. Iedere bak is door iemand in de wijk geadopteerd. Die persoon haalt de bak ’s avonds binnen en let op de bak.’ Birgit: ‘Wij letten bijvoorbeeld op dat er niets anders dan brood in de bak terechtkomt. Ook geen plastic broodzakjes.’

Wil jij oud brood voortaan in een broodbak gooien? Kijk voor meer informatie op www.broodnodig.co

Compost van brood ‘De bakken worden één keer per week geleegd. Het brood wordt naar de verwerker gebracht. Dat bedrijf maakt compost van het brood’, vertelt Allyssa. ‘Compost kun je bijvoorbeeld in een tuin of in een park strooien. Compost is voedsel voor planten. Ik vind het goed dat de broodbakken er zijn, want daardoor wordt oud brood hergebruikt’, zegt Birgit.

In Rotterdam wordt iedere week ongeveer 500 kilo brood opgehaald via de broodbakken.

OVERSCHIE – De leden van scoutingvereniging J.C.J. van Speyk ruimen 2 keer per maand het zwerfafval rondom hun clubhuis op. ‘De flesjes en blikjes zamelen we apart in. We krijgen van de gemeente € 2,50 per vuilniszak gevuld met flesjes of blikjes. We kopen spelmateriaal van dat geld’, vertelt Luca (10). Tekst: Suzanne Huig

Chenoa (8): ‘Ik vind het er vies uitzien als ik afval zie liggen als we aan het spelen zijn. Daarnaast is afval ook gevaarlijk. Je kunt er over struikelen tijdens het spelen.’ ‘Het duurt heel lang voordat afval op straat verteert. Het afbreken van kauwgom door de natuur duurt meer dan 20 jaar. Wij ruimen het daarom op’, vertelt Luca.

De leden ruimen het zwerfafval rondom hun clubhuis op. Foto’s: Jesse Stada

Wat vind jij dat er moet gebeuren om de stad schoon te houden?

Anoek (8): ‘Ik vind dat buurtbewoners samen hun straat schoon moeten houden. De ene week kunnen bijvoorbeeld alle kinderen in de straat het zwerfafval opruimen en de andere week alle volwassenen.’ Foto's: Suzanne Huig

Een goede manier om ervoor te zorgen dat Rotterdam schoon blijft, is volgens mij:

Afvalprikkers De leden gaan met veiligheidsvestjes, vuilniszakken en afvalprikkers op pad. ‘Het is onhygiënisch om afval met je blote handen op te rapen. Er kan bijvoorbeeld een hond of kat overheen hebben geplast. We rapen daarom alles op met afvalprikkers’, legt Don (11) uit. Een beloning ‘We vinden hier veel plastic, flesjes en blikjes. Veel afval kan worden hergebruikt als het wordt ingeleverd’, zegt Chenoa. ‘Ik vind het leuk om op te ruimen doordat we geld krijgen voor de vereniging. Ik denk dat meer mensen zwerfafval opruimen als ze een beloning krijgen’, zegt Don. Sarah (9): ‘Ik raap afval op als ik het op straat zie liggen. Ik vind dat iedereen dat moet doen. Ik doe ook mee met Keep It Clean Day. Ik vind dat iedere maand zo’n schoonmaakactie moet worden georganiseerd.’


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook