NOVEMber 2o17 - jaargang 8 - editie 3
6 Roofvogels in de haven
8
10
Paddenstoelen zoeken
12
Van restafval naar energie
zelf bouwen bij Bouwkeet
De leerlingen maken in groepjes posters. Ze plakken complimenten op elkaars posters. Foto’s: Johannes Odé NOORD – Hoe toon jij respect voor anderen? En
reageer jij meestal positief of negatief op anderen? Van 6 tot en met 12 november is het de Week van Respect. De leerlingen uit groep 6 van basisschool De Fontein gingen op 12 oktober met elkaar in gesprek over respect. Tekst: Suzanne Huig
Milan (9): ‘Ik vind dat je respect toont door iedereen te accepteren zoals hij of zij is.’ Cheritty (9): ‘Ik toon respect voor anderen door aardig voor hen te zijn en complimenten te geven.’
Positieve reacties
Virginia (9): ‘Ik voel me vrolijk als ik word gerespecteerd. Ik heb dan het gevoel dat ik
erbij hoor.’ ‘Ik denk dat de meeste mensen zich blij voelen als ze een compliment krijgen’, zegt Emeraude (9). Lina (10): ‘Ik zoek altijd naar iets waar ik een compliment over kan geven. Ik let niet op de dingen die ik niet leuk of niet mooi aan iemand vind.’
Kayleigh (9). ‘Kinderen die ik niet ken, zeiden een tijd geleden zomaar gemene dingen tegen mij. Ik vind het respectloos om je met iemand te bemoeien en lelijke dingen te zeggen’, zegt Given (9).
Negatieve reacties
‘Ik vind dat we elkaar moeten accepteren en niet moeten beoordelen. Ik kom voor klasgenoten op als zij negatief worden beoordeeld. Ik vind dat je respect toont als je voor elkaar opkomt. Ik hoop dat steeds meer kinderen voor elkaar opkomen’, zegt Guusje. Milan: ‘Ik geef mijn klasgenoten voortaan veel complimenten, dat maakt hen blij.’
Guusje (9): ‘Het zou mij kwetsen als ik lelijke reacties krijg op berichten die ik online plaats. Ik zou lelijke of rare reacties negeren.’ ‘Ik werd soms uitgelachen of uitgescholden door een paar kinderen. Ik vond dat respectloos. Het maakte mij verdrietig. Gelukkig gebeurt dat nu niet meer en namen kinderen het voor mij op’, vertelt
Voor elkaar opkomen
dE rotterdamse kinderkrant NOVEMBER 2017
2
2 slangen komen elkaar tegen in het moeras. De ene slang zegt tegen de andere: ‘Ik hoop dat ik niet giftig ben.’ Vraagt de andere slang: ‘Waarom?’ Zegt die ene: ‘Omdat ik net in mijn tong heb gebeten!’ Marianne (9)
In de stad staat Jantje kranten te verkopen. ‘Grote oplichtingszaak’, roept hij, ‘50 slachtoffers.’ Een voorbijganger koopt een krant en bladert hem door. Hij kan niets vinden over een oplichtingszaak. Hoort hij Jantje roepen: ‘Grote oplichtingszaak, 51 slachtoffers.’ Robby (10)
Dokter: ‘Weet je wat ik in je maag heb gevonden, Jantje? 21 theelepels!’ Jantje antwoordt: ‘Maar dokter, dat stond op het recept. 3 keer per dag één theelepel.’
O V
E
R W
I
N
T
E
R E
N
E
E
E
P
I
K
E
L
S A
E
S R
T
R D
E
T A N D N G R
T W B
H O T
S
F
R
E
L
J
L
U M S
E L
A A
C
P
E
H U
R R A
E A A S
R O O N
Z M R
R S D V
S
B
B
D K
G O U D G
E
E
L
I
D
E
U B
R
E
G
E
N
H C O T
T
O O R
I
W
I
A N
M G T
T
I
E
V O O R R A A D
E
E W
H
E
T
N
R
F
S
T
T
I
N
BLADGROEN BOLSTER BOMEN
NAT NATUUR OESTERZWAM
GOUDGEEL HERFST HERFSTTINT JAS KLEUREN
VOORRAAD WIND
BOS BUITEN DIEREN EETBAAR EIKELS GEUR
OVERWINTEREN REGEN SPORE TOCHT VACHT VERWARMING
antwoord (1 woorD):
L
regels: DE WOORDEN VIND JE HORIZONTAAL, VERTICAAL EN DIAGONAAL. Je mag letters meerdere keren gebruiken. Als je de overgebleven letters in de juiste volgorde zet krijg je het antwoord. Mail dIT antWOORD samen met je voornaam, leeftijd en het telefoonnummer van je ouders of verzorgers (zodat we contact met je kunnen opnemen als je hebt gewonnen) naar antwoord@jong010.nl. Alleen de winnaar krijgt bericht.
HET ANTWOORD VAN DE WOORDZOEKER VAN OKTOBER IS: GROENE STROOM. DE WINNAAR IS ISSA (11).
Maria (9)
Puzzelcorner.nl
Waarom neemt Jantje een mes mee in de auto? Om de bochten af te snijden.
Youssouf (8)
Welk dier bestaat voor 3/4 deel uit wol? Een wolf. 3 van de 4 letters vormen het woord ‘wol’. Maggie (10)
Hoe krijgt een skelet de deur open? Met zijn sleutelbeen.
Remon (9)
Jong010 wordt mede mogelijk gemaakt door:
Oprichter: Angelique van Tilburg hoofdredacteur: Suzanne Huig
Jong010 - NOVEMber Jaargang Oplage:
8
- Editie
40.000
2017 3
kranten
Fotografen: Arjen Jan Stada, Johannes Odé, Peter Snaterse Vormgeving: Marcel van den Assem redactiemedewerker: sasja hof Aan deze editie werkten mee: Puzzelcorner, Richard van der Ven, JESSE STADA
3
‘Ik vind dat er een fijne sfeer heerst als je elkaar kunt vertrouwen. Ik vertrouw kinderen als ik alles aan hen kan vertellen zonder dat zij mij uitlachen. Ik vind dat iedereen moet kunnen zeggen wat hij of zij wel en niet leuk vindt. We moeten elkaar accepteren zoals we zijn.’
ROTTERDAM – Burgemeester Ahmed Aboutaleb hoort graag van de Rotterdammers wat zij van de stad vinden. Ook naar de mening en ervaringen van basisschoolleerlingen is hij benieuwd. Hoe kan je er samen met je klasgenoten voor zorgen dat er voor alle kinderen een prettige sfeer heerst op school? Tekst en foto’s: Suzanne Huig
‘Als het leuk is op school, leer je beter. Een leuke sfeer komt niet vanzelf, die moet je samen maken. Je moet daar soms extra je best voor doen. Bijvoorbeeld door een klasgenoot die wordt gepest te helpen. Hoe maken jullie het leuk in de klas voor alle kinderen?’, vraagt Ahmed Aboutaleb.
dE rotterdamse kinderkrant november 2017
malak (11)
Ahmed Aboutaleb.
‘Ik zorg ervoor dat mijn klasgenoten zich op hun gemak voelen door er voor hen te zijn. Ik toon begrip voor alle kinderen en leraren. Ik troost mijn klasgenoten als ze verdrietig zijn. Ik speel met iedereen en sluit niemand buiten.’
foto: gemeente rotterdam
‘Ik zorg ervoor dat iedereen zich fijn voelt in de klas door niemand buiten te sluiten of te pesten. Ik vind de sfeer fijn als al mijn klasgenoten rekening houden met elkaar.’
AMIEN (10) (11) tyrone
sefanja (11) ‘Ik voel me fijn als ik helemaal mezelf kan zijn. Ik denk dat iedereen zich op school fijn voelt als hij of zij zich geaccepteerd en gerespecteerd voelt. Ik zorg ervoor dat anderen zichzelf kunnen zijn en zich fijn voelen door hen complimenten te geven.’
‘Ik denk dat de sfeer op school goed is als iedereen zich veilig voelt op school. Ik zorg ervoor dat anderen zich veilig voelen door hen niet buiten te sluiten en voor hen op te komen.’
naythan (11)
daniel (11)
‘Ik voel me niet fijn als de sfeer op school niet goed is. Ik maak me dan zorgen en kan me niet concentreren. Ik zorg voor een fijne sfeer door veel met mijn klasgenoten te praten. Ik kan beter rekening met hen houden als ik weet hoe zij zich voelen en wat zij fijn vinden.’
elcin (11)
‘Ik denk dat de sfeer in de klas fijn is omdat we veel leuke dingen met elkaar doen. We kijken vaak films in de klas of spelen een leuk spel met elkaar. We ontspannen als we iets leuks met elkaar doen. Ik denk dat we aardig voor elkaar zijn als we ontspannen zijn.’
kilyss (12)
Hoe zorg jij voor een fijne sfeer in de klas?
‘Ik vind het belangrijk dat de sfeer in de klas goed is. De juf is dan minder streng, waardoor het voor iedereen gezelliger is. Ik zorg voor een goede sfeer door aardig te zijn tegen al mijn klasgenoten. Ik respecteer iedereen. Ik toon respect door anderen niet uit te lachen en door geen kwetsende opmerkingen te maken.’
‘Sommige kinderen worden soms buitengesloten. Daardoor ontstaat spanning en een vervelende sfeer in de klas. Ik vind dat niet leuk. Ik vind dat iedereen zich op school fijn moet voelen. Ik probeer voor een goede sfeer te zorgen door op de positieve eigenschappen van mijn klasgenoten te letten. Ik geef complimenten en geen kritiek.’
ZAKRIA (11) ‘Ik denk dat iedereen zich fijn voelt als iedereen respect toont voor elkaar. Ik toon respect voor anderen door hen geen pijn te doen en niet buiten te sluiten.’
fleur (11)
dE rotterdamse kinderkrant NOVEMber 2017
ROTTERDAM – Ieder jaar belanden er in Nederland ongeveer 750 auto’s in het water. Edwin is brandweerman en brandweerduiker. Hij vertelt samen met zijn zoon Fabian (11) wat je moet doen als je met een voertuig in het water terechtkomt. Tekst: Suzanne Huig / Foto’s: Johannes Odé
Een speciale hamer
‘Zet de binnen- en buitenverlichting van de auto aan zodra je met een auto in het water komt. Duikers kunnen de auto en inzittenden makkelijker vinden als ze de brandende koplampen zien’, vertelt Fabian. ‘Doe de ramen in de auto zo snel mogelijk naar beneden of sla ze kapot. Je kunt dan door het raam naar buiten. Lukt dat niet, neem dan een grote hap lucht en wacht tot de auto is gezonken. Je kunt de autodeuren gemakkelijker openen als de auto helemaal is gezonken dan wanneer de auto voor de helft is gezonken’, legt Edwin uit.
‘Het is belangrijk om zo snel mogelijk het water uit te komen’, zegt Edwin. Fabian: ‘Zorg dat je een speciale hamer in de auto hebt liggen. Met die hamer kun je de ramen heel makkelijk kapotslaan. Er zit ook een mesje aan de hamer. Met het mesje kun je je gordel los snijden.’ Fabian.
Fabian: ‘De ruit gaat kapot zodra je de hamer er tegenaan zet en duwt.’
Onthoud de locatie De brandweermannen halen alle spullen uit de voertuigen.
3 brandweervoertuigen rukken uit ‘Wij gaan met 6 brandweermannen in een waterongevallenbestrijdingsvoertuig naar de plaats van het ongeval als er een persoon of dier in het water ligt. Er gaan 2 brandweermannen in een ladderwagen mee. Zij kunnen de duiker het water in takelen en slachtoffers uit het water tillen. Er rijden ook 6 brandweermannen in een bluswagen mee. Zij zetten bijvoorbeeld alle duikvlaggen klaar zodat schepen zien dat er wordt gedoken. In de voertuigen liggen reddingsvesten, duiktoestellen, seinlijnen en bijvoorbeeld extra duikpakken en luchtflessen’, legt Edwin uit.
‘Bel 112 als je een voertuig, mensen of dieren in het water ziet. Let goed op waar je ze in het water ziet. De slachtoffers kunnen eerder worden gered als de brandweermannen weten waar ze moeten zoeken’, zegt Fabian.
De duiker wordt het water in getild.
De brandweerduiker Edwin: ‘De brandweerduiker gaat zo snel mogelijk het water in. Hij of zij wordt met de ladderwagen het water in getild, omdat we niet altijd weten hoe diep het is en wat er op de bodem ligt. Er blijft altijd één duiker op de kant. Hij of zij gaat het water in als een andere duiker bijvoorbeeld gewond is of vastzit. Op de kant staat een duikbegeleider. Via een speciale microfoon praat hij met de duiker in het water. Ze overleggen bijvoorbeeld over hoe ze de slachtoffers kunnen redden.’
De auto wordt als laatst uit het water gehaald.
Fabian: ‘Een bergingsbak is een soort brancard.’
Een brancard in het water ‘De ladderwagen takelt soms een bergingsbak het water in. Een bergingsbak is een soort brancard. De duiker kan het slachtoffer daarop leggen zodat hij of zij uit het water kan worden getild’, vertelt Fabian.
ben jij goed voorbereid? Kun jij alle stellingen met ja beantwoorden? Dan ben je goed voorbereid als er voertuigen, mensen of dieren in het water belanden. Beantwoord je één van de stellingen met nee? Kijk dan samen met je ouder(s) of verzorger(s) hoe je je beter kunt voorbereiden. Ik weet dat ik de binnen- en buitenverlichting van de auto aan moet zetten zodra de auto te water raakt.
JA
NEE
Ik weet waar de speciale hamer in de auto ligt om de ramen kapot te slaan en mijn gordel los te snijden.
JA
NEE
Ik bel 112 als ik een voertuig, mensen of dieren in het water zie.
JA
NEE
Ik onthoud waar ik mensen of dieren in het water heb gezien zodat ze sneller gered kunnen worden.
JA
NEE
5
dE rotterdamse kinderkrant NOVEMber 2017
ROTTERDAM – Je bent verslaafd aan iets als je niet meer zonder kunt. Je kunt lichamelijk of geestelijk verslaafd zijn. Je bent lichamelijk verslaafd als je lichaam zich rot of ziek voelt zonder een middel of zonder iets te doen. Je bent geestelijk verslaafd als je in gedachten niet meer zonder iets kunt. Youz helpt jongeren die problemen hebben met gokken, gamen of het gebruik van middelen. Kijk op www.Youz.nl voor meer informatie. Tekst: Suzanne Huig
ROTTERDAM – ‘Ik ben Pieter. Ik ben 24 jaar oud. Ik ben verslaafd geweest aan gamen. Ik gamede meer dan 12 uur per dag. Ik vond het na een tijdje niet eens leuk meer, maar ik wist niet wat ik kon doen behalve gamen. Ik voelde me heel somber. Ik voel me nu beter. Ik volg een opleiding, doe vrijwilligerswerk en kom op veel plekken. Ik game nog ongeveer 2 uur per dag’, zegt Pieter. Tekst: Suzanne Huig / Foto’s: Johannes Odé ‘Ik kreeg een computer toen ik naar de brugklas ging. Ik ontdekte dat ik via de computer online kon gamen. Ik speelde online spellen met kinderen uit heel Europa. Ik werd op de middelbare school gepest. Ik was anders dan de meeste leerlingen. Ik had andere humor en andere interesses. Ik vond het daarom niet fijn om op school te zijn. Ik was liever thuis om te gamen.’
Vrienden online
‘Ik hoorde bij een groep in de onlinegames. Gamers zeiden dat ze met mij wilden spelen. Ik praatte online ook met hen over school en thuis. Zij voelden als mijn vrienden. Ik kreeg online steeds meer vrienden. Ik praatte en lachte met hen. Het gaf me een fijn gevoel. Ik had op school geen vrienden en ik had geen andere hobby’s. Ik had het gevoel dat ik altijd moest gamen, omdat ik verder niets te doen had.’
Pieter.
Alleen maar gamen
‘Ik had op mijn vervolgopleiding één vriend. Hij hield ook van gamen. We gingen vaak niet naar school, maar bij één van ons thuis gamen. Ik loog tegen mijn ouders over waar ik was en hoe het op school ging. Ik stopte met mijn opleiding en gamede alleen nog maar. Ik kreeg eerst een fijn gevoel als ik in een hoger lever kwam of een game won. Het duurde steeds langer voordat het gamen mij een goed gevoel gaf. Het werd saai. Ik verveelde me tijdens het gamen en voelde me steeds minder fijn.’
Gesprekken met een hulpverlener
‘Mijn moeder wilde dat ik hulp zocht omdat ik niet naar school ging, niet werkte en heel somber was. Ik ben daarom naar de huisarts gegaan. De huisarts heeft mij doorgestuurd naar Youz. Youz is een organisatie die jongeren helpt die problemen hebben met alcohol, drugs, gokken of gamen. Ik had iedere week een gesprek met een hulpverlener van Youz. Ik moest een dagbesteding hebben, zodat ik wegging en niet gamede. Ik ben daarom vrijwilliger geworden bij de voedselbank. Ik gamede steeds minder doordat ik iets anders te doen had.’
‘Ik game steeds minder dus gooi alvast één gamecontroller weg’, zegt Pieter. Een schema met wat je doet
‘Ik volg nu een opleiding en game ongeveer 2 uur per dag. Ik voel me fijn. Ik kom op verschillende plekken en heb leuke gesprekken met mensen. Ik vind het fijn dat ik nu echte vrienden heb in plaats van alleen online. Ik hoop dat jongeren die veel gamen, nadenken over wat ze nog meer leuk vinden. Zorg dat je ook andere dingen doet behalve gamen. Als je alleen maar gamet, voel je je steeds eenzamer doordat je binnen zit. Maak een schema met wat je iedere dag doet en wanneer je gamet.’
Tekst en foto’s: Suzanne Huig
‘Ik game één keer per week een paar uurtjes met vrienden. Ik let erop dat ik ook andere dingen doe, zoals buitenspelen. Ik denk dat je de echte wereld vergeet als je alleen maar gamet. Ik vind dat we op school moeten praten over gamen. Klasgenoten kunnen elkaar tips geven over activiteiten die ook leuk zijn om te doen.’
‘Ik game ongeveer 4 uur per week. Ik vind het belangrijk om ook andere dingen te doen, zoals lezen. Ik zou het fijn vinden als een gameverslaafde in de klas komt vertellen over de gevolgen van te veel gamen. Ik denk dat kinderen dan andere hobby’s gaan zoeken.’
dE rotterdamse kinderkrant NOVEMber 2017
6
ROTTERDAM – De Rotterdamse haven is één van de grootste havens ter wereld. Met het project Port Rangers kun je van alles leren over de haven. Leerlingen uit groep 6 van basisschool ’t Prisma uit Hoogvliet kregen op 3 oktober les van valkenier Angelique. Tekst: Suzanne Huig
In de haven zitten veel vogels zoals meeuwen, kraaien en eksters. Die vogels zorgen soms voor overlast. ‘De vogels vallen bijvoorbeeld mensen aan die in de buurt van hun nest komen. Daarnaast kunnen de vogels het werk in de haven tegenhouden. Containers waarop vogelnestjes liggen, mogen bijvoorbeeld niet worden verplaatst. De dieren die overlast veroorzaken, worden door valkeniers met roofvogels en Engelse pointers weggejaagd’, vertelt Angelique.
Valkenier Angelique vertelt de leerlingen van alles over uilen en roofvogels.
Roofvogels in de haven
David (9): ‘Een roofvogel herken je aan zijn kromme, sterke snavel en zijn sterke klauwen met kromme nagels.’ Angelique: ‘De roofvogels worden aan een stok vastgemaakt en op plekken in de haven neergezet. De roofvogels zijn angstaanjagend voor andere vogels. Andere vogels blijven daarom uit de buurt.’ Evi (9): ‘Ik vind het goed dat de roofvogels aan de palen vastzitten. Ze vliegen anders weg of eten de andere vogels op.’
Honden in de haven
Lijkt het jou leuk om meer over de haven te weten te komen? Je kunt met jouw klas meedoen aan het project Port Rangers. Evi mag roofvogel Radja vasthouden. Foto’s: Peter Snaterse
Kijk voor meer informatie op www.portrangers.nl
‘Engelse pointers zijn honden die zijn getraind om te werken in de haven. Die honden kunnen met een snelheid van 60 kilometer per uur rennen. Ze jagen de vogels die overlast veroorzaken de lucht in. De vogels gaan daardoor op zoek naar een nieuwe plekje’, zegt Tim Hoornweg (9). Angelique: ‘De vogels weten dat er roofvogels bij de honden horen. Dat schrikt ze ook af.’
GENERATION
DISCOVER
7
dE rotterdamse kinderkrant NOVEMber 2017
ROTTERDAM – Hoe laat ga jij naar bed? En wat doe je voordat je gaat slapen? Je kunt je ouder(s) of verzorger(s) om hulp vragen als je bijvoorbeeld lastig in slaap kunt komen. Je kunt ook terecht bij de jeugdverpleegkundige van het CJG op school. Kayo (7) praatte met zijn moeder Narjara over slapen en naar bed gaan. Tekst: Suzanne Huig
‘Ik kijk doordeweeks meestal Het Jeugdjournaal en Het Klokhuis. Ik douche daarna en poets mijn tanden. Ik lig dan rond 19:30 uur in bed. Ik lees in bed nog 1 of 2 hoofdstukken uit een boek. Daarna doe ik mijn licht uit en ga ik slapen’, vertelt Kayo. Narjara: ‘Ik vind het belangrijk dat kinderen voldoende slapen. Je hebt slaap nodig om je op school te kunnen concentreren en goed te kunnen groeien.’
Afspraken maken
Kayo: ‘Ik mag in het weekend meestal één avond tussen 21:00 uur en 23:00 uur naar bed. Ik maak afspraken met mijn ouders tot hoe laat ik bijvoorbeeld een film of voetbalwedstrijd mag kijken.’ Narjara: ‘Ik maakte vroeger ook afspraken met mijn ouders over hoe laat ik naar bed ging. Ik vond dat heel fijn.’ Kayo: Kayo: ‘Ik vind het fijn dat ik vooraf weet hoe laat ik naar bed ga.’
Kayo en zijn moeder Narjara. Foto: Suzanne Huig
Dit artikel is gemaakt in samenwerking met
Jeugdverpleegkundige Eefje van Winsen
‘Wist je dat het licht van een beeldscherm ervoor zorgt dat je moeilijker in slaap valt? Je kan daarom beter voor het slapen gaan iets doen zonder beeldscherm zoals een boek lezen, een spelletje spelen of kletsen met je ouders.’
Niet kunnen slapen
‘Ik roep mijn vader als ik niet kan slapen. Hij komt dan bij mij liggen. Als hij weer naar beneden gaat, ga ik op zijn warme plek liggen. Dat vind ik fijn’, zegt Kayo. Narjara: ‘Papa en ik zeggen altijd dat je aan iets leuks moet denken als je in bed ligt. Je valt dan gemakkelijker in slaap.’
ROTTERDAM – Van 6 tot en met 12 november is
het de Week van Respect. Je kunt laten zien dat je respect hebt voor iemand door iemand een compliment te geven. Wie zou jij een compliment willen geven en waarom? Tekst en foto’s: Suzanne Huig
‘Ik toon respect door complimenten te geven aan mensen. Ik wil graag juf Wilma een compliment geven. Zij geeft mij extra taallessen. Ik vind het heel lief dat zij tijd vrij maakt om mij te helpen.’
‘Ik denk dat iedereen het fijn vindt om complimenten te krijgen. Complimenten geven mensen vaak een fijn gevoel. Ik wil een compliment geven aan mijn beste vriendin Michantj. Zij is altijd eerlijk. Ik kan daardoor veel met haar delen. Dat vind ik fijn.’
Yvan (10)
manal (13)
hoogvliet
charlois
‘Ik vind het belangrijk om een compliment te geven aan klasgenoten zodat zij zich goed en fijn voelen. Ik wil een compliment geven aan mijn vriendin Lisa. Ik vind dat zij heel goed kan samenwerken. Ze laat iedereen zijn of haar mening geven. Ik vind dat heel fijn.’
Ik wil een compliment geven aan ..................................................., omdat
Minke (11)
Hillegersberg-Schiebroek
‘We geven elkaar in de klas vaak complimenten. Je kunt mensen blij maken door aan hen een compliment te geven. Ik wil mijn ouders een compliment geven omdat zij altijd doorzetten. Als iets niet lukt, blijven ze het proberen totdat het lukt. Ik vind dat heel knap.’
abdelhanin (11) charlois
‘Ik wil een compliment geven aan mijn vriend Taco. Hij is altijd vrolijk. Hij lacht veel en is nooit boos. Hij maakt andere kinderen vrolijk doordat hij heel vrolijk is. Ik vind dat heel leuk.’
brandon (10)
Hillegersberg-Schiebroek
Teken jezelf en vul in...
dE rotterdamse kinderkrant NOVEMber 2017
8 OVERSCHIE – In Nederland komen ruim 5.000 verschillende soorten paddenstoelen voor. De Scharrelkids van IVN Rotterdam zochten op zaterdag 14 oktober naar paddenstoelen in Park Zestienhoven. Tekst: Suzanne Huig/ Foto’s: Jesse Stada
Yara en natuurgids Chris zoeken paddenstoelen in Park Zestienhoven.
Sporen verspreiden
‘Paddenstoelen zijn schimmels. De meeste paddenstoelen kun je niet eten. Ze kunnen giftig zijn’, vertelt jeugdbegeleider Evelien. ‘Je ziet de meeste paddenstoelen in de herfst. Dat komt doordat de herfst de beste periode is voor paddenstoelen om te groeien. In de herfst is de grond vaak warm en vochtig. Paddenstoelen groeien door zich vol te zuigen met water. Ze leven van stoffen uit dode resten uit de natuur, zoals bladeren, takjes, naalden en dode wormen. Ze worden soms de stofzuigers van het bos genoemd’, vertelt Yara (10).
Een hoed en steel
‘Paddenstoelsoorten zien er allemaal anders uit. De meeste paddenstoelen hebben een hoed en steel. De bovenkant van die paddenstoelen noem je de hoed. Aan de onderkant van de hoed zitten streepjes of gaatjes. Dat noem je de plaatjes of buisjes. Uit de plaatjes of buisjes vallen de sporen van een paddenstoel’, vertelt Yara. Natuurgids Chris: ‘Niet alle paddenstoelen hebben een steel, hoed en plaatjes of buisjes. Er bestaan ook paddenstoelen in andere vormen en maten, zoals bollen of elfenbankjes.’
‘Uit deze strepen vallen de sporen van een paddenstoel’, vertelt natuurgids Chris.
‘Paddenstoelen hebben vaak miljoenen sporen. Dat zijn de zaden van een paddenstoel. De sporen vallen op de grond. Uit een spore groeit een schimmeldraad. De schimmeldraad wordt steeds groter. Aan de schimmeldraad groeien weer nieuwe paddenstoelen’, legt natuurgids Chris uit.
Yara: ‘Dit is mijn lievelingspaddenstoel.’
Lievelingspaddenstoel
Yara en Chris zien een honingzwam. Yara: ‘Dit is mijn lievelingspaddenstoel. De honingzwam heeft een goudgele kleur, dat vind ik heel mooi. De honingzwam is een kleine paddenstoel, dat vind ik schattig.’ ‘De honingzwam leeft in groepen bij elkaar. Hij groeit op hout en bomen’, vertelt natuurgids Chris.
Elfenbankje ‘Elfenbankjes hebben de vorm van een bankje en zijn heel zacht’, vertelt natuurgids Chris. ‘Ze groeien meestal aan bomen. Ze gebruiken het vocht van bomen om zelf te kunnen groeien’, vertelt Yara.
Witte kluifzwam ‘De witte kluifzwam groeit onder het gras. De paddenstoel heeft veel kronkels aan de bovenkant en een heel dikke steel’, vertelt Yara.
‘Deze streepjes zijn de plaatjes van een paddenstoel’, zegt Yara.
Tonderzwam ‘De tonderzwam groeit op dood hout. Het is een sterke paddenstoel die heel groot kan worden’, vertelt natuurgids Chris.
Geschubde inktzwam Natuurgids Chris: ‘De geschubde inktzwam lekt een zwarte vloeistof als er scheurtjes in zijn wand komen. In de vloeistof zitten zijn sporen.’ Yara: ‘Als je een takje in de vloeistof stopt, kun je ermee schrijven.’
Stuifzwam Natuurgids Chris: ‘Een stuifzwam bewaart zijn sporen in zijn hoed. Als hij uitkomt, laat hij alle sporen vrij.’
9
dE rotterdamse kinderkrant NOVEMber 2017
SCHIEBROEK – Roland (13) zit op boogschieten bij boogschietvereniging ARC Rotterdam. ‘Ik zit in de talentengroep van regio Rotterdam. Het is mijn droom om bij Jong Oranje te komen en op de Olympische Spelen te schieten. Het lijkt mij leuk om tegen de beste van de wereld te schieten’, zegt Roland. Tekst: Suzanne Huig ‘Ik train 3 of 4 keer per week. Het is belangrijk om ieder schot hetzelfde te schieten. De kans is dan het grootst dat al je pijlen op hetzelfde punt komen’, legt Roland uit.
Blind schieten
‘Ik begin met het opwarmen van mijn spieren voordat ik ga schieten. Ik doe bijvoorbeeld rek- en strekoefeningen met een groot elastiek. Ik schiet mijn eerste pijlen tijdens een training altijd blind. Ik richt met mijn pijl en boog op mijn mikpunt. Ik doe daarna mijn ogen dicht. Ik concentreer me daardoor alleen op mijn spieren en houding. Ik sta rechtop, span mijn buikspieren aan en houd mijn rug recht’, vertelt Roland.
Concentreren en armen ontspannen
Roland traint bij boogschietvereniging ARC Rotterdam. Foto’s: Arjen Jan Stada Wedstrijden
‘Ik doe mee aan boogschietwedstrijden binnen en buiten. Ik schiet tijdens de wedstrijden vanaf een bepaalde afstand op een blazoen. Een blazoen is een vel papier met 10 cirkels. De middelste cirkel is 10 punten waard. Iedere cirkel verder van het midden is één punt minder waard. De persoon die na het schieten van alle pijlen de meeste punten heeft, heeft gewonnen’, legt Roland uit. ‘Ik vind de wedstrijden buiten het leukst. Ik ben meer ontspannen als ik buiten schiet en daardoor schiet ik beter.’
‘Het is belangrijk dat ik geconcentreerd ben als ik schiet. Ik sta dan stabieler en kan beter richten’, legt Roland uit. ‘Ik houd mijn boog ontspannen vast. Ik overbelast mijn armspieren als ik mijn boog heel stevig vasthoud. De kracht om mijn boog naar achteren te trekken, komt vooral uit mijn buik- en rugspieren.’
Als je auto in het water is beland, is het belangrijk om zo snel mogelijk het water uit te komen. Welk gereedschap moet je in ieder geval in de auto hebben liggen? pagina 4 Hoe heet de organisatie, die jongeren helpt die problemen hebben met alcohol, drugs, gokken of gamen? Pagina 5 Welke soort hond gebruikt de valkenier in de haven? Pagina 6 Wat kun je aan iemand geven om te laten zien dat je respect hebt? Pagina 7 Wat groeit er uit een spore van een paddenstoel? Pagina 8 Hoe heet de paddenstoel die op dood hout groeit? Pagina 8
Roland zit op boogschieten. Hoe schiet hij zijn eerste pijlen tijdens een training? Pagina 9
Energie kan ook worden opgewekt met afval, wind, zonlicht, water of warmte. Wat blijft er na het scheiden van huishoudelijk afval over? Pagina 10 Wat doen de grote grijpers met het afval in de bunker? Pagina 10 Welke les volgen Thomas en Bryan samen? Pagina 11 Hoe noem je een pop die bewogen wordt door draadjes aan zijn armen, benen en andere lichaamsdelen? Pagina 11
Welk beschermingsmiddel draagt Nour in de spuiterij? Pagina 12
De letters in de gele balk vormen het antwoord. Mail dit antwoord, samen met je voornaam, leeftijd en het telefoonnummer van je ouders of verzorgers, naar
HET ANTWOORD VAN DE PUZZEL VAN oktober IS: rondleiding. DE WINNAAR IS babet (10). GEFELICITEERD!
We verloten de prijs onder de goede inzendingen. Alleen de winnaar krijgt bericht.
Wil je nog meer puzzelen? Kijk dan eens op PUZZELCORNER.NL voor meer leuke puzzels!
antwoord@jong010.nl
dE rotterdamse kinderkrant NOVEMber 2017
10 Restafval als energiebron
Energie kan ook worden opgewekt met afval, wind, zonlicht, water of warmte. Paul: ‘Na het scheiden van huishoudelijk afval blijft nog ongeveer de helft over als restafval. Dat restafval kan worden omgezet in energie. Restafval verbranden is een duurzamere manier van energie opwekken dan fossiele brandstoffen verbranden. Het bespaart het gebruik van fossiele brandstoffen en het afval wordt hergebruikt.’
ROTTERDAM – Je verbruikt iedere dag energie. Bijvoorbeeld om lampen te laten branden of televisie te kijken. Stedin is de netbeheerder bij jou in de buurt. Ze zorgt ervoor dat de energie van de grote energiecentrales naar bedrijven, scholen en mensen thuis wordt gebracht. Om energie te maken zijn er energiebronnen nodig.
Van afval naar elektriciteit
Tekst: Suzanne Huig
‘Restafval kan in grote ovens worden verbrand waardoor warmte ontstaat. Die warmte gaat door een ketel waarin buizen met water zitten. De warmte verwarmt het water waardoor stoom ontstaat. Die stoom komt tegen een rad aan waardoor het rad gaat draaien. De draaibeweging van het rad wordt door een generator omgezet in elektriciteit. Die elektriciteit gaat het net op. Via het net wordt de elektriciteit verdeeld over Nederland’, legt Paul uit.
Energie kan worden gemaakt van fossiele brandstoffen, zoals aardolie, aardgas en steenkool. Fossiele brandstoffen worden verbrand om energie op te wekken. Bij de verbranding komt CO2 vrij. ‘Dat gas vervuilt en verwarmt de aarde. Het vervuilen en verwarmen van de aarde is slecht voor het klimaat. Het zorgt er bijvoorbeeld voor dat het ijs op de aarde smelt en de zeespiegel stijgt. We zoeken daarom schonere energiebronnen die een goed effect op het milieu hebben’, vertelt Paul van Stedin.
Huseyin.
ROTTERDAM – De moeder van Huseyin (11) werkt
bij AVR. ‘Bij AVR wordt restafval omgezet in energie. Ik gebruik die energie bijvoorbeeld om mijn telefoon op te laden’, zegt Huseyin. Tekst: Suzanne Huig Huseyin: ‘Hier wordt 1,3 miljoen ton restafval per jaar verbrand.’
Huseyin: ‘Iedereen produceert afval. Ik vind het goed dat restafval wordt hergebruikt. Het restafval komt anders op een grote vuilnisbelt terecht. Ik vind een vuilnisbelt er niet mooi uitzien en stinken.’
De grijper mengt het afval. Afval de bunker in
In de controlekamer houden ze de 7 ovens goed in de gaten. Foto’s: Johannes Odé
‘Vrachtwagens en schepen brengen het restafval van mensen naar AVR. Het afval wordt in een grote bunker gestort. Mensen moeten op afstand van de bunker blijven. Het is heel gevaarlijk als je erin valt’, vertelt Huseyin.
7 ovens
‘Grote grijpers mengen het afval in de bunker door elkaar. Het afval brandt beter als het is gemengd. Daarna stopt de grijper het afval in één van de 7 ovens. Er komt veel warmte vrij als het afval wordt verbrand. Die warmte wordt omgezet in elektriciteit. AVR maakt stoeptegels van het materiaal dat overblijft na de verbranding’, legt Huseyin uit.
Mail je antwoorden voor 30 november 2017 naar antwoord@jong010.nl. Je maakt kans op het kwartetspel De nieuwe energiehelden.
Zet ook je voornaam en achternaam,
je leeftijd en het telefoonnummer van
je ouders of verzorgers in de mail. Dan kunnen we contact met je opnemen
als je hebt gewonnen. We verloten de
Het verbranden van één vuilniszak restafval levert elektriciteit op om 1.200 keer je mobieltje op te laden.
Van het restafval van één inwoner per jaar kunnen 15 stoeptegels worden gemaakt.
Hoeveel vuilniszakken restafval heb je nodig om 3.600 keer je mobieltje op te laden?
Hoeveel stoeptegels kunnen er worden gemaakt van het restafval van 5 inwoners?
... vuilniszakken restafval
... stoeptegels
Eén vuilniszak restafval kan worden omgezet in energie voor 7 warme douchebeurten. Nedzmin (9) woont samen met zijn moeder, vader en zusje. Zij douchen allemaal iedere dag. Hoeveel vuilniszakken restafval zijn er nodig om genoeg energie om te zetten voor hun wekelijkse douchebeurten?
... vuilniszakken restafval
prijs onder de goede inzendingen. Alleen de winnaar krijgt bericht.
11
dE rotterdamse kinderkrant NOVEMber 2017
‘Thomas en ik volgen samen musicalles. We zitten niet bij elkaar op school. We zijn vooral musicalvrienden. Ik vind het tijdens de lessen het leukst om emoties uit te beelden. Ik vind het leuk om te spelen dat ik vrolijk ben. Ik word dan ook echt vrolijk.’
‘Ik vind acteren het leukst aan musicalles. Ik voelde me vorig jaar echt het personage dat ik in de musical moest spelen. Ik ben tijdens musicalles heel anders dan hoe ik normaal ben. Ik mag hier zijn wie ik wil zijn. Bryan en ik zien elkaar één keer per week. Ik heb door musicalles ook veel andere kinderen leren kennen.’
Wil jij dansen, muziek maken, toneelspelen of zingen, maar is er thuis geen geld voor lessen?
Thomas volgt dankzij het Jeugdcultuurfonds lessen bij Annette Copier van Rozenburgs Musicalkoor Giullare. Bryan volgt daar ook les. Tekst en foto's: Angelique van Tilburg
Kijk dan met je ouders, verzorgers of leerkracht op www.jeugdcultuurfonds.nl/rotterdam
OVERSCHIE – De leerlingen uit groep 8 van basisschool Het Podium bezochten op 10 oktober woonzorgcentrum Laurens Den Hoogenban. De leerlingen schilderden ouderen uit het woonzorgcentrum. Tekst: Suzanne Huig
Kaan (11) en Marina (11) schilderen mevrouw Busemeyer. ‘Ik let vooral op de details, zoals haar ogen, bril en haarspeld’, zegt Kaan. Marina: ‘Ik vind het lastig om het haar van mevrouw Busemeyer in een haarspeld te schilderen. Ik schilder haar daarom met haar haar los.’
Roze wangen
Marina met mevrouw Busemeyer en haar schilderij. Foto’s: Suzanne Huig
ROTTERDAM – Lijkt het jou leuk om samen met een klasgenoot, vriend of vriendin te dansen? Jolina (10) en Sude (10) van de Mr. Van Eijckschool krijgen met hun klas dansles van SKVR. Zij leggen in 5 stappen uit hoe je elkaar kunt laten dansen als marionet. Tekst: Suzanne Huig / Foto’s: Arjen Jan Stada
Jolina: ‘Til de armen van de pop opzij en omhoog.’
Aymane (11) en Serdar (11) schilderen mevrouw Bakx-Kroon. Aymane: ‘Ik vind het lastig om haar mond en wangen precies na te schilderen. Ik gebruik daarom een beetje fantasie. Ik schilder een heel brede lach.’
Kaan Serdar: ‘Ik verf roze wangen waardoor je ziet dat ze een beetje bloost.’
Mooie kunstwerken
‘Wat vindt u van mijn kunstwerk?’, vraagt Aymane aan mevrouw Bakx-Kroon. ‘Ik vind het heel mooi, maar ik herken mijzelf er niet in’, zegt ze lachend. Mevrouw Busemeyer: ‘Ik vind alle schilderijen heel mooi geworden.’
‘Een marionet is een pop die bewogen wordt door draadjes aan zijn armen, benen en andere lichaamsdelen. Kies een partner waarmee je gaat dansen. Bepaal wie de pop speelt’, legt Sude uit.
‘De persoon die de pop speelt, staat vooraan. De pop laat zich bewegen door de ander. De pop kan niet praten. Beweeg als eerst het hoofd van de pop naar rechts’, zegt Jolina.
‘Zet het rechterbeen van de pop opzij en duw zijn of haar knieën een klein beetje naar voren’, zegt Jolina.
‘Laat de ander nu de pop spelen. Bedenk zelf een dansbeweging die je je pop laat uitvoeren’, zegt Sude.
Wil jouw school ook meer dans in de klas? Kijk dan op www.skvr.nl/onderwijs voor meer informatie.
dE rotterdamse kinderkrant NOVEMber 2017
ROTTERDAM – Zelf een bureaulamp maken. Je eigen fiets ontwerpen en maken. Kleding ontwerpen of een robot maken. Bouwkeet aan de Schiedamseweg is een openbare werkplaats met verschillende machines en materialen voor iedereen uit Bospolder-Tussendijken. Kijk voor meer informatie op www.bouwkeet.org Tekst: Suzanne Huig
DELFSHAVEN – Casper (11) volgt de workshop ‘Als je van hout houdt’ bij Bouwkeet. ‘Ik heb al een gereedschapskist en vuilprikker gemaakt van hout. Ik maak nu een bureaulamp’, vertelt hij. Tekst: Suzanne Huig Eén van de leraren laat een houten bureaulamp zien. ‘Deze lamp is ons voorbeeld. We weten daardoor hoe onze lamp er ongeveer uit moet komen te zien. Ik zaag eerst met een zaagmachine alle onderdelen uit planken. Ik boor daarna gaatjes op de plekken waar schroeven moeten komen’, vertelt Casper.
Casper maakt de losse onderdelen van zijn bureaulamp aan elkaar vast. Foto’s: Arjen Jan Stada Een oplossing zoeken Casper: ‘Ik vind het spannend om zelf dingen te maken. Ik weet vooraf nooit of het gaat lukken. Soms gaat er iets fout. Ik had net bijvoorbeeld op de verkeerde plek een gaatje geboord. De meesters helpen altijd naar het zoeken van een oplossing. Dat vind ik fijn. Ik heb met de meesters afgesproken dat ik het verkeerde gaatje opvul met een stukje hout.’ Trots op het resultaat Casper schuurt alle losse onderdelen. ‘Ik maak de losse onderdelen gladder en strakker door ze te schuren.’ Met lijm, schroeven en spijkers maakt hij de geschuurde onderdelen aan elkaar vast. ‘Ik ben heel trots op het resultaat. Ik maak de volgende les de lamp af en versier hem’, zegt Casper.
DELFSHAVEN – Nour (12) volgt de workshop ‘Verdien een fiets’ bij Bouwkeet. ‘Ik kom graag in Bouwkeet. Ik vind het bijzonder dat er altijd maar één exemplaar is van wat ik zelf maak’, zegt Nour. Tekst: Suzanne Huig Nour: ‘Mijn fiets is te klein. Ik wil daarom graag een grotere fiets. Ik maak tijdens deze workshop een nieuwe fiets. Ik bepaal zelf hoe hij eruit komt te zien. Dat vind ik heel leuk. Ik wil graag een omafiets met voorop een rekje.’
Onderdelen uitzoeken ‘De eerste les hebben we oude fietsen uit elkaar gehaald. Uit alle losse onderdelen mocht ik de onderdelen kiezen die ik wil gebruiken. Ik heb een frame, voorrekje, spatborden en stuur uitgezocht’, vertelt Nour.
De spuiterij in Nour hangt haar losse onderdelen op in de spuiterij. ‘Ik draag een masker in de spuiterij. Het is slecht voor je lichaam als je verf inademt’, zegt Nour. Ze spuit het frame van haar fiets lila. De andere onderdelen maakt ze paars.
Schuren en ontvetten Nour schuurt en ontvet alle onderdelen. ‘De nieuwe verflaag blijft beter zitten als de onderdelen zijn geschuurd. Het ontvetmiddel zorgt ervoor dat er straks geen vlekken op mijn fiets zitten’, legt ze uit.
Een veilige fiets Nour: ‘Als alle onderdelen zijn opgedroogd, zet ik de fiets in elkaar. Ik krijg nieuwe banden, een nieuw zadel, slot en verlichting. De fiets is daardoor veilig om mee te fietsen.’
Vind jij dat basisscholen tijd moeten besteden aan techniek? Waarom wel of niet? Tekst en foto’s: Suzanne Huig
Ja.
Nee.
Waarom wel of niet:
Meester Ries helpt Nour met het spuiten van haar fiets. Foto’s: Johannes Odé
Hayden (10): ‘Ik wil graag 2 keer per week techniekles krijgen op school. Het lijkt mij leuk om zelf dingen te leren maken. Ik denk dat veel kinderen techniek leuk gaan vinden als ze op school verschillende dingen leren maken.’
Esmée (10): ‘Ik wil graag iedere week een uur techniekles krijgen op school. Ik vind het belangrijk om zelf bijvoorbeeld een stoel of fiets te leren maken. Ik hoef dan niet alles te kopen in winkels.’