MAART 2o18
4
Zelfverzekerd worden
5
Iedereen laten lachen
8
Klaslokaal met planten
9
Kickbokskampioen Kai
Schoolschrijver Maranke helpt de leerlingen met het schrijven van hun verhaal. Foto's: Johannes Odé
DELFSHAVEN – Basisschool Mozaïek doet mee aan het project ‘De Schoolschrijver’. De leerlingen krijgen
via het project wekelijks les van kinderboekenschrijfster Maranke Rinck. De leerlingen uit groep 7 leerden op vrijdag 16 februari een verhaal schrijven. Tekst: Suzanne Huig
De leerlingen gooien één voor één met 3 dobbelstenen. ‘Op de dobbelstenen staan plaatjes in plaats van cijfers. De plaatjes bepalen waar je verhaal over gaat en waar het zich afspeelt’, legt Zoetje (10) uit. Tamzid (10): ‘Ik vind het lastig om zelf een verhaal te verzinnen. De dobbelstenen helpen, dat vind ik fijn.’
Wie, waar en wat
Ikhlas (11): ‘Ik begin mijn verhaal met een uitleg wie er op welke plek is. Ik beschrijf daarna wat er gebeurt. Ik heb de afbeelding van een meisje, een bal en een huis gegooid. Ik heb bedacht dat het meisje Carmen heet. Ze maakt een puinhoop in huis doordat ze binnen speelt met een bal.’
Spannend verhaal
Walid (12) gooit met de dobbelstenen de afbeelding van een hond, bril en vliegtuig. ‘Ik heb een verhaal bedacht over een hond die naar het buitenland wil. Hij draagt een zonnebril om onherkenbaar in het vliegtuig te komen. Ik vind het
heel leuk om mijn fantasie te gebruiken. Ik maak er een spannend verhaal van’, vertelt Walid. Tamzid: ‘Je kunt een verhaal spannend maken door de lezer nieuwsgierig te maken en geluiden te beschrijven.’
Leuke en belangrijke les
Nisrine (12): ‘Ik vind het heel leuk om les te krijgen van een schrijfster. Schrijfster Maranke heeft mij geleerd dat ik mezelf moet verplaatsen in het verhaal als ik lees of schrijf. Ik vind lezen en schrijven daardoor veel leuker.’ ‘Ik vind de lessen van de kinderboekenschrijfster belangrijk. Ik leer veel nieuwe woorden tijdens de lessen. Ik denk dat ik daardoor beter word in begrijpend lezen en andere schoolvakken’, zegt Walid.
MAART 2o18
Jantje vraagt aan zijn moeder: ‘Mag ik een peer meenemen naar school?’ Moeder: ‘Nee Jantje, dan komen er deuken in.’ Jantje: ‘Oh, dan moet je zeker ook geen goede grappen maken in de buurt van een peer.’ Moeder: ‘Waarom niet?’ Jantje: ‘Anders liggen ze in een deuk!’ Sabrina (12)
Gek, Niets en Niemand zitten in een boom. Niemand valt eruit. Gek belt de ambulance. Hij zegt: ‘Hallo, ik ben Gek en ik bel voor Niets want Niemand is uit de boom gevallen!’ Fatima (11)
Jantje loopt over een brug. Hij eet de helft van zijn boterham op. Hij gooit de rest vanaf de brug naar beneden. Een man die net voorbij loopt, krijgt het brood op zijn hoofd. Hij vraagt: ‘Was dat met opzet?’ Jantje: ‘Nee, met jam!’
G E
B
O U W K
N
L
L N S
E
E
E
D O
H
T
E M E
L
E
S
S
E
N Z R N R R N
T
J
A
Z C
I
K U
L
N H K
U A R
E
E
E
R N A
P
V
E
B
T
S
L
I
E
T
T
O O R G
O S S
O S
E
E
A
T
L
E
K
R
S
L
A
E
K
J
S
R D
E
E
R V
T
E
R O O
P G A V
E
V
K
E
N
G
T A B
L
E
T
E
A N
K A V A
K
K
E
N
W E
R
F
S
E
E
D
D M G
P O
E
E
BEL GEBOUW GROEP
GROOTTE KINDEREN KLAS LEREN LESGEVEN LESSEN LEZEN METHODE
NEDERLANDS OPGAVE PAUZE POSTVAKJE REGELS ROOSTER SAMEN SCHRIJVEN SFEER
TABLET TEKENEN TRAKTEREN UITLEG VAKKEN WERK
antwoord (ééN woorD):
L
regels: DE WOORDEN VIND JE HORIZONTAAL, VERTICAAL EN DIAGONAAL. Je mag letters meerdere keren gebruiken. Als je de overgebleven letters in de juiste volgorde zet krijg je het antwoord. Mail dIT antWOORD samen met je voornaam, leeftijd en het telefoonnummer van je ouders of verzorgers (zodat we contact met je kunnen opnemen als je hebt gewonnen) naar antwoord@jong010.nl. Alleen de winnaar krijgt bericht.
HET ANTWOORD VAN DE WOORDZOEKER VAN FEBRUARI IS: zeeschildpad. DE WINNAAR IS philippe (10).
Kevin (12)
Puzzelcorner.nl
Waarom kan een ei niet bevriezen?
Omdat hij een dooier heeft. Mike (10)
Eén voor één stappen mensen de bus in. Bij de volgende halte komen er 6 mensen bij. Bij de daarop volgende halte stappen er 2 mensen uit. Hoe laat is de bus vertrokken? Eén voor één.
Mohammed (11)
Jong010 wordt mede mogelijk gemaakt door:
Oprichter: Angelique van Tilburg hoofdredacteur: Suzanne Huig
Jong010 - MAART Jaargang Oplage:
8
2018
- Editie
40.000
7
kranten
Fotografen: Johannes Odé, Peter Snaterse, Arjen Jan Stada Vormgeving: Marcel van den Assem redactiemedewerker: sasja hof Aan deze editie werkten mee: Puzzelcorner, Richard van der Ven, Stichting lach
MAART 2o18
‘Ik vind dat iedereen vanaf 7 jaar mag stemmen. Je kunt lezen als je 7 jaar bent. Je kunt dan dus de ideeën van de verschillende partijen lezen en je mening geven.’
ROTTERDAM – Burgemeester Ahmed Aboutaleb hoort graag van de Rotterdammers wat zij van de stad vinden. Ook naar de mening en ervaring van basisschoolleerlingen is hij benieuwd. Vind jij het belangrijk dat kinderen een stem krijgen in de Rotterdamse politiek? Tekst en foto’s: Suzanne Huig
‘Op 21 maart mochten volwassenen naar de stembus om de leden van de Rotterdamse gemeenteraad te kiezen. De nieuwe raadsleden gaan met elkaar bepalen welke problemen ze aanpakken in de stad. Kinderen mogen helaas nog niet stemmen. Maar zij mogen hun stem wel laten horen. Ik ben benieuwd of jij het belangrijk vindt dat kinderen ook een stem krijgen in de Rotterdamse politiek’, zegt Ahmed Aboutaleb.
esmacan (9) Vul zelf in: Vind jij het belangrijk dat kinderen ook een stem krijgen in de Rotterdamse politiek? Waarom wel of niet?
Ahmed Aboutaleb. foto: gemeente rotterdam
‘Ik vind het belangrijk dat kinderen ook een stem krijgen in de politiek. Ik vind dat kinderen mee mogen stemmen over alle onderwerpen waar ze zelf mee te maken hebben. Bijvoorbeeld over onderwijs en speelplekken.’
‘Ik vind dat kinderen hun ideeën en mening aan hun ouders moeten vertellen. Ouders moeten met die ideeën rekening houden als ze stemmen.’
leticia (10)
Naam:
Djesaiah (10) ‘Ik vind dat kinderen ook mogen stemmen. Kinderen hebben ook een mening. Ik vind dat de mening van een kind net zo belangrijk is als de mening van een volwassene.’
‘Kinderen vinden andere dingen belangrijk dan volwassenen. Ik vind dat kinderen ook moeten stemmen, anders is er geen aandacht voor de dingen die kinderen belangrijk vinden.’
RAEKWON (8)
claydi (11) ‘Ik vind dat kinderen een belangrijke rol moeten spelen in de politiek. Kinderen zijn de toekomst. Ik vind daarom dat kinderen juist mee moeten beslissen over de plannen voor de stad.’
‘Ik vind dat volwassenen en kinderen alleen mogen stemmen als ze precies weten waarop ze stemmen. Ik vind dat je niet mag stemmen als je je niet hebt verdiept in een partij of raadslid.’
‘Ik vind dat kinderen mogen stemmen als ze dat zelf willen. Kinderen maken veel mee op straat en op school. Ik denk dat kinderen daardoor goede tips voor de stad kunnen geven aan de burgemeester.’
cleunice (9) ‘Ik vind dat kinderen geen stem mogen krijgen in de Rotterdamse politiek. Ik denk dat kinderen het nieuws en de plannen van de gemeente minder goed volgen dan volwassenen. Ik denk daarom dat ze niet genoeg weten om te kunnen stemmen.’
fatine (11)
MAART 2o18
ROTTERDAM – Sommige leerlingen zijn zenuwachtig voor een toets, hebben faalangst of piekeren soms. Eén op de 5 leerlingen heeft hier dagelijks last van. Kinderen die hier last van hebben, kunnen een gebrek aan zelfvertrouwen hebben. Tekst: Suzanne Huig
Leerlingen met een gebrek aan zelfvertrouwen zijn vaak te verlegen om contact met anderen te maken. Ze kunnen daardoor slechter in hun vel zitten en minder goed presteren op school. Sommige kinderen krijgen van stress of angst ook lichamelijke klachten zoals hoofdpijn of buikpijn.
Cursus ‘Vrienden’
De cursus ‘Vrienden’ is een groepstraining van 10 bijeenkomsten. Leerlingen leren tijdens de cursus om te gaan met situaties die stress en angst opleveren. Ze leren bijvoorbeeld ontspanningstechnieken en positief denken. Genevive (9) en Julia (8) hebben de cursus gevolgd en vertellen erover.
De cursus is gratis en wordt gegeven op of rondom scholen in Rotterdam. Kijk voor meer informatie op www.indigio.nl of mail naar preventie@indigorijnmond.nl
OVERSCHIE – Genevive en Julia waren allebei onzeker. Genevive: ‘Ik voelde een spanning zodra ik alleen was. Ik werd dan misselijk, moest plassen en was bang.’ Julia: ‘Ik vond het bijvoorbeeld spannend om iets te zeggen tegen een onbekende. Ik werd ook zenuwachtig als een onbekende iets tegen mij zei of iets vroeg.’ Ze volgden de cursus ‘Vrienden’ in Overschie. Tekst: Suzanne Huig
Julia: ‘Mijn gedachten waren vaak negatief. Ik schaamde me voor wat ik deed en zei. Ik maakte me zorgen of ik alles wel goed deed.’ Genevive: ‘Ik was vaak bang dat ik iets fout deed. Ik dacht dat ik niets kon. Ik dacht ook dat anderen mij niet aardig en leuk vonden.’ Julia: ‘Ik voelde me vaak boos en verdrietig.’ Genevive: ‘We wilden graag zelfverzekerder worden. Onze ouders hebben ons daarom opgegeven voor de cursus.’
Positieve gedachten
‘We hebben tijdens de cursus geleerd om onze negatieve gedachten om te zetten in positieve gedachten’, zegt Genevive. Julia: ‘We hebben geleerd om bij een negatieve gedachten te bedenken waar we bang voor zijn of stress van krijgen. Als we dat weten, kunnen we daar rekening mee houden.’ ‘Ik bedenk me nu bijvoorbeeld dat het niet uitmaakt als iets niet lukt. Ik kan het dan gewoon opnieuw proberen’, zegt Genevive. Julia: ‘Ik heb geleerd dat het niet nodig is om onzeker te zijn of je te schamen. Iedereen is leuk en goed zoals hij of zij is. Ik voel me daardoor fijner en durf meer.’
Genevive en Julia.
Foto’s: Peter Snaterse
Stap 4. Genevive: ‘De ademhalingsoefening helpt mij om me rustig te voelen.’ ‘Ik kan makkelijker ontspannen door de oefening’, zegt Julia. De meiden laten de oefening zien.
Stap 1. ‘Pak een glas gevuld met water’, zegt Julia.
Stap 2.
Genevive: ‘Stop een rietje in het glas.’
‘Blaas uit via je mond in het rietje. Je ziet belletjes in het water verschijnen’, zegt Genevive.
Stap 3. Julia: ‘Stop het rietje in je mond. Adem in via je neus.’
MAART 2o18
ROTTERDAM – Doe jij weleens vrijwilligerswerk? Jasmijn (8) is vrijwilligster voor Stichting Lach. ‘Stichting Lach organiseert elke week activiteiten om zoveel mogelijk Rotterdammers te laten lachen. De stichting organiseert bijvoorbeeld activiteiten voor bejaarden, kinderen en asielzoekers. Ik vind het heel leuk om mensen blij te maken’, zegt Jasmijn. Tekst: Suzanne Huig ‘Stichting Lach bestaat 5 jaar. Mijn moeder is al vanaf het begin vrijwilligster voor de stichting. Ik hielp haar vaak bij haar vrijwilligerswerk. Ik vond het leuk om nieuwe mensen te leren kennen en mensen blij te maken. Ik kreeg vaak positieve reacties van ouderen als ik hen een leuke dag bezorgde. Ik ben daarom sinds een jaar zelf vrijwilliger voor en mini-ambassadeur van de stichting.’
Jasmijn speelt met kinderen uit een schakelklas tijdens één van de activiteiten. Foto: Stichting Lach
Een mooie herinnering geven
‘De stichting organiseert activiteiten voor mensen die het verdienen om even in het zonnetje te worden gezet. Sommige ouderen zijn bijvoorbeeld eenzaam. Sommige kinderen leven thuis in een vervelende situatie. Ik en de andere vrijwilligers proberen die mensen even te laten genieten tijdens de activiteiten. Ik vind dat belangrijk. Ik wil zoveel mogelijk mensen een fijn leven en een mooie herinnering geven.’
Mijn taken
Jasmijn schenkt thee in voor de ouderen tijdens een high tea. Foto: Stichting Lach
‘Ik bedenk als mini-ambassadeur ideeën om anderen op te vrolijken. Het is ook mijn taak om de stichting bekender te maken. Dat doe ik bijvoorbeeld door presentaties te geven over de stichting. Ik inspireer anderen daardoor om ook vrijwilligerswerk te gaan doen. Ik help als vrijwilliger bij de activiteiten die worden georganiseerd. Ik geef de mensen bijvoorbeeld iets te eten of te drinken.’
Leuke activiteiten
‘We organiseren allerlei activiteiten. We organiseren voor kinderen bijvoorbeeld een spelletjesmiddag of filmmiddag. Voor ouderen verzorgen we bijvoorbeeld een high tea of we nemen ze mee naar Diergaarde Blijdorp. De vrijwilligers verzorgen per maand bij minimaal 100 mensen een lach op hun gezicht.’
Een fijn gevoel
‘Ik vind het iedere keer een feestje om vrijwilligerswerk te doen. Het geeft me een fijn gevoel dat ik anderen een leuke dag kan bezorgen. De meeste mensen zijn na een activiteit heel blij en gaan met een vrolijk gezicht weer naar huis. Dat maakt mij ook blij.’
Foto: Johannes Odé
Jasmijn bekijkt de website
www.stichtinglach.nl
INSPIREREN - Inspireren is mensen op een idee brengen of enthousiast maken. Foto: Johannes Odé
‘Ik doe soms vrijwilligerswerk. Ik help ouderen bijvoorbeeld met boodschappen doen. Ik zou het leuk vinden om vrijwillig scheidsrechter te zijn bij voetbalverenigingen. Ik kan dan iets leuks doen en tegelijkertijd anderen helpen.’
‘Ik wil vrijwilligerswerk doen om iets voor de stad of anderen te kunnen betekenen. Ik zou het leuk vinden om uitjes te organiseren voor ouderen die zelf nergens naartoe kunnen. Ik zou ze dan bijvoorbeeld meenemen naar een stad.’
Tekst en foto’s: Suzanne Huig
Zou jij vrijwilligerswerk willen doen?
JA NEE
Zo ja, wat zou je willen doen?
MAART 2o18
ROTTERDAM – Van 12 tot en met 16 maart was het de Week van het geld. Tijdens deze week leerden leerlingen omgaan met geld. Sommige mensen vinden het lastig om met geld om te gaan. Als je goed leert omgaan met geld, heb je daar je hele leven iets aan. Je weet dan bijvoorbeeld hoe je kan rondkomen met het geld dat je hebt. En je weet hoe je uit de schulden kan blijven.
In 2008 kostte één glas frisdrank € 0,90. De prijs van een glas drinken is met 100 procent gestegen. Hoe duur is een glas frisdrank nu? A. € 1,90
Joep (9) wil graag een spel kopen dat € 40,00 kost. Hij heeft al € 12,50 gespaard. Hoeveel geld moet hij nog sparen totdat hij het spel kan kopen?
B. € 1,80
Melda (10) bespaart door slim met haar geld om te gaan € 13,00 per jaar. Ze zet dit geld apart op haar spaarrekening. Hoeveel geld heeft Melda na 3 jaar gespaard? A. € 39,00
B. € 33,00
Aydin (11) heeft € 25,00 op zijn rekening staan. Hij wil graag een bordspel kopen dat € 35,00 kost. Met klusjes verdient hij € 3,00 per klusje. Hoeveel klusjes moet hij minstens doen om het spel te kunnen kopen? A. Minimaal 3 klusjes
B. Minimaal 4 klusjes
Mail je antwoorden voor 12 april 2018 naar antwoord@jong010.nl. Je maakt kans op het boek Mees Kees Rekenspelletjes.
A. € 27,50
B. € 17,50
Giulia (8) koopt in een speelgoedwinkel een spel voor € 5,75 en een hoepel voor € 11,25. Hoeveel geld heeft ze in totaal uitgegeven? A. € 16,25
B. € 17,00
Ramon (9) koopt van zijn spaargeld een boek dat hij al heel lang wil hebben. Het boek kost € 15,95. Hij betaalt met een briefje van € 20,00. Hoeveel geld krijgt hij terug? A. € 4,05
B. € 5,05
Zet ook je voornaam en achternaam, je leeftijd en het telefoonnummer van je ouder(s) of verzorger(s) in de mail. Dan kunnen we contact met je opnemen als je hebt gewonnen. We verloten de prijs onder de goede inzendingen. Alleen de winnaar krijgt bericht.
GENERATION
DISCOVER
MAART 2o18
Noah: ‘Wat kun je doen als je je verlegen of alleen voelt nadat je naar een nieuwe school bent gegaan of bent verhuisd?’
Hallo Noah, Het is voor de meeste kinderen spannend om naar een nieuwe school te gaan of naar een nieuwe plek te verhuizen. Je vraagt jezelf misschien af of je in een leuke klas komt en of het je lukt om nieuwe vrienden te maken. Het kan extra spannend zijn als je verlegen bent. Kinderen die verlegen zijn, vinden het vaak moeilijk om contact te maken met anderen. Misschien ben je bang om afgewezen te worden. Weet je nog hoe je op je vorige school vrienden maakte? Dat kan je nu helpen.
Gesprekken oefenen
Je kunt oefenen om contact te maken door een rollenspel te spelen met je moeder, vader, oma, opa, broer, zus, neef of nicht. Je doet alsof één van hen een nieuwe klasgenoot is. Stel hen vragen: ‘Mag ik naast je zitten?’, ‘Mag ik met je meespelen?’ of ‘Zullen we na schooltijd afspreken?’. Je voelt je zekerder tijdens de gesprekjes op school als je vooraf oefent.
Illustratie: Copal en Consorten
ROTTERDAM – Linda van het Centrum voor Jeugd en Gezin reageert iedere maand in Jong010 op een vraag of probleem van een leerling of klas. Ze beantwoordt deze maand de vraag van Noah (10). Tekst: Suzanne Huig Linda beantwoordt ingestuurde brieven. Foto: suzanne huig Heb jij een vraag aan Linda of zit je ergens mee? Stuur een mail naar redactie@jong010.nl of stuur een brief naar Jong010, Overschieseweg 10G, 3044 EE Rotterdam.
Nieuwe vrienden maken
Kijk of er op school kinderen zijn met dezelfde interesses als jij. Als je dezelfde interesses hebt, is de kans groter dat er een vriendschap ontstaat. Probeer ook buiten school nieuwe mensen te leren kennen. Je kunt dat bijvoorbeeld doen door vaak buiten te spelen of bij een sportvereniging te gaan.
Hulp vragen
Blijf je het toch lastig vinden om je fijn te voelen op een nieuwe plek? Praat er dan over met je juf of meester of met je moeder, vader of verzorger. Je kunt ook altijd hulp vragen aan de jeugdverpleegkundige bij jou op school. Dit artikel is gemaakt in samenwerking met
Groetjes, Linda
SCHIEBROEK – ‘Ik ben Maia. Ik ben 8 jaar oud. Ik heb autisme. Dat betekent eigenlijk dat mijn hersenen een beetje anders werken. Ik word bijvoorbeeld boos of verdrietig als er iets gebeurt dat ik vervelend vind. En ik vind het lastig als er iets onverwachts gebeurt. Ik vind het niet leuk dat ik autisme heb. Ik wil niet anders zijn dan andere kinderen.’ Tekst: Suzanne Huig ‘Ik vind het heel spannend als ik iets nieuws doe, op een nieuwe plek ben of nieuwe mensen ontmoet. Ik krijg dan een raar gevoel in mijn buik en word misselijk. Ik raak van nieuwe dingen in paniek en word boos en verdrietig.’
Een weekkalender
‘Ik heb thuis een weekkalender. Ik weet op zondag precies wat er in de komende week gebeurt en waar we bijvoorbeeld naartoe gaan. Dat geeft mij een fijn gevoel. Ik vind het lastig als plannen veranderen of als een afspraak niet doorgaat. Ik vind het bijvoorbeeld heel lastig als iemand afzegt als ik heb afgesproken om met hem of haar te spelen. Ik word dan heel boos en verdrietig.’
Maia met haar zelfgemaakte vogelhuisje. Foto's: Arjen Jan Stada
Wat is autisme? In Nederland heeft ongeveer één op de 100 mensen autisme. Er zijn verschillende vormen autisme. Iemand met autisme heeft meer moeite om te begrijpen wat er om hem heen gebeurt. En soms weet hij ook niet zo goed hoe hij op de dingen moet reageren. Dat komt doordat sommige delen van de hersenen minder goed met elkaar samenwerken.
Mezelf zijn
‘Ik kan mijn verdriet en woede niet verbergen. Die reacties komen vanzelf. Ik vind het daarom soms spannend of mensen mij nog wel aardig vinden. Ik word meestal weer rustig als ik even alleen kan zijn. Op school is er een speciaal hoekje bij de meester of juf waar ik kan zitten. Mijn klasgenoten laten mij dan even met rust. Dat vind ik fijn. Ik vind het fijn als ik mezelf kan zijn en mensen rekening met mij houden.’
Een goed geheugen
'Ik ben heel precies en heb een goed geheugen. Ik onthoud alles als iemand iets vertelt. En ik weet bijvoorbeeld precies wat iemand voor kleding droeg of deed op een bepaalde dag. Ik kan ook goed rekenen doordat ik dingen goed kan onthouden.’
MAART 2o18
CHARLOIS – Het klaslokaal van de leerlingen van groep 5/6 van basisschool Christophoor werd op 1 februari omgetoverd tot boslokaal. ‘In de klas staan 27 planten. Iedere leerling heeft een plant op zijn of haar tafel staan. De planten zorgen ervoor dat de lucht in ons klaslokaal frisser wordt’, zegt Giano (9). Tekst en foto's: Suzanne Huig ‘Als wij praten, komt er CO2 uit onze mond. CO2 is koolzuurgas’, zegt Giano. Saskia (8): ‘Die CO2 vervuilt de lucht. We ademen zelf die vervuilde lucht weer in.’ ‘De planten zuigen het koolzuurgas op uit de lucht. De planten leven daarvan. De lucht wordt daardoor schoner voor ons’, legt Juliana (9) uit. ‘De planten stoten O2 uit en zorgen daardoor voor extra zuurstof in de lucht. Wij kunnen ons daardoor beter concentreren en zijn rustiger’, zegt Chadia (8).
Goed verzorgen
Juliana: ‘We moeten goed voor de planten zorgen. We zorgen dat ze niet te veel in de zon en niet te veel in de schaduw staan.’ Chadia: ‘We geven de planten één keer per week water. We geven iedere plant precies 50 milliliter water per week.’ Qiara (10): ‘We kijken om de 6 weken of de planten nog genoeg ruimte hebben om te groeien. We zetten een plant in een grotere pot als de pot te krap wordt voor de wortels van de plant.’
Juliana:’ Ik meet mijn plant één keer per dag. Ik zie dat hij groeit als ik goed voor hem zorg.’
De luchtkwaliteit meten
‘We gaan 3 weken met een speciaal apparaat meten of en hoe de luchtkwaliteit in het lokaal verandert. We kunnen zo testen of de planten echt voor een schonere lucht zorgen. De meter geeft tot nu toe steeds de kleur groen aan. Dat betekent dat de lucht schoon is’, zegt Ariyan (10).
Dit apparaat laat zien hoe de luchtkwaliteit in de klas is.
Wil jij planten in de klas? Waarom wel of niet?
Odile (11)
‘Ik wil graag planten in de klas. Het lijkt me leuk en leerzaam om de planten te verzorgen. Ik denk dat het frisser wordt in de klas als er planten staan.’
‘Ik wil geen planten in de klas. Ik denk dat planten mij heel erg zouden afleiden van mijn schoolwerk. Ik zou dan naar de planten kijken of ze aanraken. Ik vind dat we het raam open moeten zetten voor frisse lucht.’
Mohamed Amin (11)
Naam en leeftijd:
SCHIEBROEK – Op woensdag 14 maart was het Boomfeestdag. De leerlingen uit groep 6, 7a en 7b van de Stephanusschool plantten 29 bomen in de Loderstraat. Tekst: Suzanne Huig
Dimara (11): ‘Bomen zijn belangrijk voor mensen. Bomen nemen vervuilde lucht op en zetten dat om in zuurstof. Die zuurstof gebruiken wij om te ademen.’
Levende wormen
Yassir, Sadje en Dimara planten een boom.
Foto's: Suzanne Huig
‘We zetten eerst wat levende wormen uit in de aarde. De wormen maken een soort gaatjes in de aarde. Het regenwater kan door die gaatjes makkelijk bij de wortels van de bomen komen. De bomen groeien daardoor beter’, legt Sadje (12) uit. Yassir (11): ‘We zetten de bomen een beetje uit elkaar zodat ze genoeg ruimte hebben om te groeien.’
‘We zetten levende wormen uit’, zegt Yassir.
MAART 2o18 ROTTERDAM – Erika (10) zit sinds 2 maanden op steppen. Ze traint één keer per week bij Stepteam Rotterdam. ‘Ik vind het heel fijn om de wind door mijn haren te voelen als ik step. Dat geeft me een rustig gevoel’, zegt Erika. Tekst: Suzanne Huig Erika: ‘Ik vind het leukste aan steppen dat ik hard ga. Ik step ongeveer met een snelheid van 17 kilometer per uur. Ik vind het ook heel leuk om kleine en scherpe bochten te maken. Ik span heel mijn lichaam aan als ik step. Ik ben uitgeput en bezweet na een training.’
Opwarmen
‘Ik begin iedere training met opwarmen. Ik rijd 100 meter hard en daarna weer wat zachter. Mijn lichaam warmt zo goed op’, vertelt Erika. ‘Zorg dat je je armen strekt. Als je je armen gebogen houdt, trek je jezelf eigenlijk steeds een beetje naar achteren’, zegt leraar Adriaan. Na de opwarming, oefent Erika haar tactiek tijdens het steppen van een lange afstand.
Erika: ‘Het WK is dit jaar in Twente. Je kunt meedoen als je daarvoor minimaal één wedstrijd in Nederland hebt gereden.’ Foto's: Arjen Jan Stada Lijkt het jou leuk om te steppen?
Je kunt één keer gratis meetrainen met Erika. Je kunt dan een step en een helm lenen. Mail voor meer informatie naar wendazuiddam@hotmail.com
Erika haar tactiek
‘Ik probeer zo snel mogelijk te gaan door mijn knie heel hoog op te trekken voordat ik afzet. Ik kan dan meer kracht zetten. Ik zet eerst 8 keer af met mijn linkerbeen. Ik zet daarna 8 keer af met mijn rechterbeen. Ik wissel steeds. Mijn benen worden daardoor minder snel moe’, legt Erika uit. Adriaan: ‘Zet de voet waarmee je afzet precies naast de voet die op je step staat. Als je je voet verder naar voren zet, rem je jezelf af.’
PRINS ALEXANDER – Kai (9) is op 18 februari Europees kampioen kickboksen in de gewichtsklasse tot 31 kilo geworden. ‘Ik vind het heel cool dat ik deze titel en een grote beker heb gewonnen. Het is mijn droom om later een bekende en professionele kickbokser te worden’, zegt Kai. Tekst: Suzanne Huig Kai zit sinds zijn vijfde op kickboksen. is een vechtsport waarbij je je handen mag gebruiken. Ik train 4 of 5 keer per mijn energie kwijt als ik kickboks. Dat fijn gevoel.’
‘Kickboksen en benen week. Ik kan geeft me een
Wedstrijden vechten
‘Ik ben voor een wedstrijd meestal zenuwachtig. Ik vergeet mijn zenuwen zodra ik in de boksring sta. Een wedstrijd bestaat uit 2 of 3 vechtrondes. Iedere ronde duurt één minuut. De kickboksers kunnen allebei punten verdienen. Als een kickbokser zijn tegenstander trapt, krijgt hij 3 punten. Als hij zijn tegenstander stoot, krijgt hij één of 2 punten. Ik trap meestal, omdat ik dan sneller meer punten krijg. De bokser die na de 2 of 3 rondes de meeste punten heeft gekregen, wint’, legt Kai uit.
Kai zijn tactiek
Kai: ‘Mijn tactiek is een goede dekking. Ik maak van mijn handen vuisten. Ik houd mijn vuisten voor mijn mond. Ik bescherm mijn borst met mijn armen. Mijn tegenstander kan mij daardoor haast niet raken op mijn borst en in mijn gezicht. Ik probeer tijdens een gevecht veel heen en weer te springen. Ik leid mijn tegenstander daardoor af.’
Bescherming
Foto's: Peter Snaterse
‘Ik draag tijdens kickbokswedstrijden een speciale uitrusting om mezelf te beschermen. Ik draag bijvoorbeeld scheenbeschermers en kousen om mijn schenen en enkels te beschermen. Mijn handen bescherm ik met tape en bokshandschoenen. Ik draag een soort helm en bitje om mijn gezicht en tanden te beschermen’, vertelt Kai.
Kai laat zien hoe hij trapt tijdens een wedstrijd. Professioneel - Als iemand iets professioneel doet, doet hij of zij het als beroep.
MAART 2o18
‘Ik vind dat ik rijk ben als ik familieleden heb die van mij houden en om mij geven. Ik merk dat zij van mij houden doordat ze mij aandacht geven en er voor mij zijn.’
ROTTERDAM – Van 12 tot en met 16 maart was het de Week van het geld. Tijdens deze week kregen leerlingen extra les in hoe ze kunnen omgaan met geld. Het thema van de Week van het geld 2018 was ‘Wanneer ben je rijk?’. Wanneer vind jij dat je rijk bent? Tekst en foto’s: Suzanne Huig
Defne (10) ‘Ik vind dat ik rijk ben als ik vrienden heb. Vrienden geven mij een rijk gevoel omdat ik dan altijd mensen om mij heen heb om leuke dingen mee te doen.’
‘Ik voel me rijk als ik in een groot huis woon, een grote auto heb en meer dan één miljoen euro heb. Als ik zoveel geld heb, kan ik alles kopen wat ik wil. Dat lijkt mij heel fijn.’
Mustafa (11)
Semih (10)
‘Ik voel me rijk als ik gezond ben. Als je gezond bent, kun je doen wat je wilt. Als je ziek bent, kun je beperkt zijn door je ziekte. Ik ben daarom liever heel gezond dan dat ik heel veel geld heb.’
Ilias (11)
‘Ik vind dat ik rijk ben als ik miljonair ben. Ik kan dan alles kopen en doen wat ik wil. Als ik heel rijk ben, geef ik geld aan arme mensen zodat zij ook kleding en eten kunnen kopen.’
Omayra (10)
‘Ik voel me rijk als mijn familie gelukkig en gezond is. Ik voel me ook rijk als ik genoeg geld heb om iedere week iets leuks te doen. Ik heb alleen iets aan dat geld als ik familie om mij heen heb om iets leuks mee te doen.’
Laverne (10)
Wanneer vind jij dat je rijk bent?
Hoe kun je oefenen om contact te maken als je verlegen bent? Pagina 7 Wat voor een dag was het 14 maart? Pagina 8
Hoe heet de cursus waarin leerlingen leren om te gaan met situaties die stress en angst opleveren? pagina 4 Julia en Genevive volgden de cursus, omdat ze … wilden worden. Pagina 4 Welk proefje laat Hilde van de Shell Pernis Kinderraad zien? Pagina 6 Maia vindt het onder andere lastig als er iets onverwachts gebeurt. Wat heeft ze daarom thuis? Pagina 7
De planten stoten O2 uit. Wat komt er daardoor extra in de lucht? Pagina 8 Wat oefent Erika tijdens het steppen van een lange afstand? Pagina 9 Tapdansschoenen hebben 2 metalen plaatjes. Eén plaatje zit onder de bal van de voet. Waar zit het andere plaatje onder? Pagina 11 Wat is er onder de grond gemaakt om het regenwater op te vangen? Pagina 12 Wat kan verstopt raken door afval op straat te gooien? Pagina 12
De letters in de gele balk vormen het antwoord. Mail dit antwoord, samen met je voornaam, leeftijd en het telefoonnummer van je ouders of verzorgers, naar
HET ANTWOORD VAN DE PUZZEL VAN februari IS: complimenten. DE WINNAAR IS indra (9). GEFELICITEERD!
We verloten de prijs onder de goede inzendingen. Alleen de winnaar krijgt bericht.
Wil je nog meer puzzelen? Kijk dan eens op PUZZELCORNER.NL voor meer leuke puzzels!
antwoord@jong010.nl
MAART 2o18
FEIJENOORD – Leerlingen uit groep 5, 6, 7 en 8 van basisschool De Nieuwe Haven op het Noordereiland volgden een dansclinic tapdansen. Dansdocentes Lieke en Tamar van LTDans gaven de clinic op donderdag 15 februari. Tekst: Angelique van Tilburg / Foto's: peter snaterse
'Tapdansen is dansen en muziek maken met je voeten', legt Can (12) uit. Tamar: 'Tijdens het tapdansen, draag je schoenen met daarop 2 metalen plaatjes. Eén plaatje zit onder de bal van de voet en één bij de hielen. De klanken die je maakt, kun je dan goed horen.' Tijdens deze clinic tapdansen de leerlingen op hun gewone schoenen.
Enkels en voeten opwarmen
Lieke: 'Voordat je gaat tapdansen, is het belangrijk dat je voeten goed warm zijn. Stap op je tenen. Houd je tenen op de grond en til je hielen op en zet je hielen neer. Houd je hielen op de grond en til je tenen op en zet ze neer. Maak een draaibeweging met je enkels en je voeten. Dat is nodig omdat je veel voetoefeningen doet.'
‘Tapdansen is het leukst als je het met een groepje doet. Eén iemand bedenkt een ritme door met de tenen en hielen op de grond te tappen. De anderen doen het na. Oefen net zolang tot jullie het ritme allemaal tegelijk kunnen uitvoeren.’
Ritmes maken met handen en voeten
Tamar doet een ritmeoefening voor: Stamp met je rechtervoet. Klap 2 keer. Stamp met je linkervoet. Stamp met je rechtervoet. Klap één keer. Stamp met je linkervoet. Klap 2 keer. Sabir (12): 'Ik doe de oefening eerst zachtjes en langzaam. Na een paar keer gaat het steeds beter en kan ik het ritme steeds sneller doen.'
Wil je leren tapdansen? Kom dan langs bij LTdans op woensdag van 17:30 tot 19:00 uur.
Iets nieuws leren
Elijyah (12): 'Mijn opa en oma zaten op tapdansen. Ik ken tapdansen daarom als een dans van vroeger.' Assia (12): 'Ik dans vaker, maar deze dans vind ik heel apart. De liedjes waarop we dansen zijn minder bekend. Ik word heel blij van deze les omdat ik iets nieuws leer. Ik zou dit wel elke week willen doen.'
Assia
ROTTERDAM – Het SKVR-programma Ieder Kind een Instrument bestaat 10 jaar. Tijdens het programma krijgen leerlingen de kans om verschillende instrumenten te leren bespelen en samen muziek te maken. Rohan (9), Enrique (9), Jenaica (9) en Mayrena (9) van de Theresiaschool leren tijdens de les Ieder Kind een Instrument van SKVR hun lichaam als drumstel te gebruiken. Ze leggen in 5 stappen uit hoe ze een ritme maken.
Wil jij dansen, muziek maken, toneelspelen of zingen, en is er thuis geen geld voor lessen? Kijk dan met je ouders, verzorgers of leerkracht op
www.jeugdcultuurfonds.nl/rotterdam.
Of vraag of er bij jou op school een contactpersoon is van het Jeugdcultuurfonds.
‘Klap daarna 3 keer achter elkaar met allebei je handen op je bovenbenen’, zegt Jenaica.
Mayrena: ‘Zit op een stoel. Stamp 2 keer met je voeten op de grond. Stamp niet te hard, dan klinkt het niet mooi.’
Tekst: Suzanne Huig / Foto’s: Johannes Odé
Enrique: ‘Trommel daarna met je handen op je borst. Zorg dat je 3 keer met je linkerhand op je borst slaat en 3 keer met je rechterhand op je borst slaat.’
Jenaica: ‘Herhaal het ritme en probeer het steeds sneller te doen.’ Rohan: ‘Ik vind het ritme het mooist klinken als je het met meerdere kinderen tegelijkertijd speelt.’
‘Klap tot slot 2 keer in je handen’, zegt Rohan.
Wil jouw school ook muziekles in de klas? Kijk dan op www.skvr.nl/onderwijs
Kijk voor meer informatie over de Kindermuziekweek op www.kindermuziekweek.nl
ROTTERDAM – Van 6 tot en met 15 april is het de Kindermuziekweek. Tijdens de Kindermuziekweek kun je concerten bezoeken, voorstellingen bekijken, instrumenten bespelen en zelf optreden. De week wordt geopend door het Samenspeelorkest, dat bestaat uit 150 Rotterdamse leerlingen en het Rotterdams Philharmonisch Orkest. Je kunt gratis komen kijken en luisteren op vrijdag 6 april om 14:00 uur in de Grote Zaal in de Doelen.
De Kindermuziekweek wordt georganiseerd door de Doelen en het Rotterdams Philharmonisch Orkest.
MAART 2o18
ROTTERDAM – Harde regenbuien kunnen ervoor zorgen dat er in korte tijd zoveel water valt dat de riolering het niet meer aankan. De gemeente probeert de stad dan zo droog mogelijk te houden. Tekst: Suzanne Huig
ROTTERDAM – In Rotterdam staan ongeveer 1.000 gemalen. Vanuit de Centrale Proces en Regelkamer Water van de gemeente worden alle gemalen in de gaten gehouden en aangestuurd. Julian (10) en Luuk (8) kregen daar op 14 maart een rondleiding. Tekst: Suzanne Huig ‘Al het water dat mensen gebruiken, bijvoorbeeld om te douchen of af te wassen, komt in het riool terecht. Ook het regenwater komt bijvoorbeeld via putten in het riool terecht’, zegt Julian. ‘Het afvalwater en regenwater stromen via het riool naar gemalen’, vertelt Ron, medewerker van de Centrale Proces en Regelkamer Water. Automatische gemalen Luuk: ‘Een gemaal is een gebouw waar pompen staan. Ieder gemaal heeft een grote bak waar het rioolwater in stroomt.’ ‘Als het water in die bak op een bepaalde hoogte komt, gaat de pomp automatisch aan’, vertelt Julian. ‘Het water wordt weggepompt naar een afvalwaterzuivering. Daar wordt het water schoongemaakt’, vertelt wateradviseur Elijan van Gemeente Rotterdam. ‘Het gezuiverde water gaat naar de Nieuwe Maas of de Nieuwe Waterweg’, zegt Luuk.
Het weer Luuk: ‘Het rioolwater kan in de straten komen te staan als de gemalen niet werken. Ik vind het daarom belangrijk dat de gemalen in de gaten worden gehouden.’ Ron: ‘We kijken of alle gemalen werken. We houden hier ook het weer in de gaten. Als het regent, komt er extra water in het riool. Wij moeten de gemalen dan bijvoorbeeld harder laten werken.’
ROTTERDAM – Mijke (8) en Iris (8) bezochten op 7 maart de ondergrondse waterberging Museumparkgarage. Michel is waterspecialist bij Gemeente Rotterdam. Hij gaf een rondleiding. Tekst: Suzanne Huig
Ruimte voor regenwater ‘Er is onder de grond een grote tank gemaakt. In die tank kan 10 miljoen liter water worden bewaard als het riool vol zit’, vertelt Michel. ‘Als het hard regent, wordt in het riool een klep geopend naar de tank. De helft van de inhoud van het riool in het centrum van Rotterdam stroomt daar dan in 30 minuten in. In het riool in de straten is daardoor weer genoeg ruimte om het regenwater op te vangen’, zegt Mijke. Michel: ‘Wanneer het stopt met regenen, wordt de tank leeggepompt naar het riool dat dan ook weer leeg is.’
‘Door de verandering van het klimaat regent het vaker en meer in Nederland. Het regenwater komt via putten in het riool terecht. Als het veel en lang regent, loopt het riool vol. Het regenwater blijft dan op straat staan. Er ontstaan plassen, straten lopen vol en het water kan in woningen komen’, legt Michel uit.
Ron laat aan Julian en Luuk zien hoe hij de gemalen in de gaten houdt via computerschermen. Foto: Arjen Jan Stada
Michel vertelt hoe de waterberging werkt. Foto's: Arjen Jan Stada Schonere singels ‘Zonder de tank stroomt ongeveer 10 keer per jaar water vanuit het riool de singels in. Daardoor ontstaan stankoverlast en vissterfte. Door de ondergrondse waterberging komt dit nog maar één keer per 2 jaar voor. De singels blijven daardoor veel schoner’, vertelt Michel. Belangrijke tank Iris: ‘Ik vind het heel handig dat de tank onder de grond zit. De tank zou boven de grond veel ruimte innemen.’ Mijke: ‘Ik vind het belangrijk dat de tank er is. Als het water hier niet naartoe kan, blijft het in de straten staan.’ Michel: ‘We voorkomen met de ondergrondse waterberging wateroverlast voor bewoners van de stad.’
Iris: ‘Hier onder het water gaat een klep open waardoor het rioolwater de tank instroomt.’
Wat kunnen kinderen doen om wateroverlast in de stad te voorkomen? Tekst en foto’s: Suzanne Huig
Chayenne (11): ‘Ik denk dat kinderen wateroverlast kunnen voorkomen door zelf minder water te gebruiken. Als je korter doucht en korter je handen wast, is er minder afvalwater. In het riool is dan meer ruimte voor regenwater.’
Wat zou jij kunnen doen om wateroverlast in de stad te voorkomen?
Zakaria (10): ‘Ik denk dat kinderen wateroverlast kunnen voorkomen door geen afval op straat te gooien. Door straatafval kunnen putten verstopt raken. Het regenwater kan het riool dan niet in.’