INHOUD
en Beneden-Merwede
• Heimanswetering en Woudwetering • Zijl • Kagerplassen • Braassemermeer
• Westeinderplassen • Ringvaart van de Haarlemmermeerpolder
NOORD-HOLLAND
Haarlem en Amsterdam
• Spaarne en Zijkanaal C • Doorvaart Amsterdam • Noordzeekanaal en IJ
• Zaan • Nauernasche Vaart Kop van Noord-Holland
• Alkmaarder Meer • Noord-Hollands Kanaal • Balgzandkanaal en Amstelmeer
KOP VAN OVERIJSSEL
Rond het Kampereiland 100
• Ketelmeer • De Gelderse IJssel • Zwarte Meer en Ramsdiep • Zwarte Water
De Wieden 107
• Wieden • Meppelerdiep • Beukersgracht en Belterwijde • Beulakerwijde • Van de Walengracht naar Blokzijl • Vollenhover Kanaal, Vollenhover Meer en Kadoelermeer
De Weerribben 111
• Kanaal Beukers-Steenwijk • Steenwijkerdiep • Kanaal Steenwijk-Ossenzijl
• Wetering, Heuvengracht en Kalenbergergracht
ZUIDWEST-FRIESLAND
Van Overijssel naar Friesland 118
• Ossenzijlersloot • Linde • Mallegat • Jonkers- of Helomavaart • Pier Christiaansloot
• Tjeukemeer
Het Friese Merengebied 121
• Prinses Margrietkanaal • Groote Brekken • Koevordermeer • Langweerder Wielen
• Scharster Rijn • Zwarte en Witte Brekken • Sneekermeer
Tussen Stavoren en Heeg 126
• Johan Frisokanaal • De Geeuw, de Morra en de Oorden • Fluessen en Heegermeer
• Naar Workum en Oudega • Naar Woudsend • Slotermeer
Tussen Makkum en Sneek 131
• Van Panhuyskanaal • Workumertrekvaart • Bolswardervaart • Wijde Wijmerts
• Geeuw • Doorvaart door Sneek naar Houkesloot
NOORD-FRIESLAND
Tussen Grouw, Leeuwarden en Bergum 136
• Prinses Margrietkanaal • Via Akkrum-Nes naar het Pikmeer • Pikmeer
• Princenhof en omgeving • Wargastervaart en Wartenasterwijd • Bergumermeer
Langs Franeker, Leeuwarden en Dokkum 141
• Van Harinxmakanaal • Doorvaart Leeuwarden • Dokkumer Ee • Doorvaart Dokkum
• Dokkumer Grootdiep • Dokkumerdiep • Lauwersmeer
GRONINGEN
Binnendoor van Lauwerszee naar Eems-Dollard 146
• Zoutkamperril en Reitdiep • Doorvaart stad Groningen • Eemskanaal
• Winschoterdiep en Westerwoldse Aa
STAANDE-MASTROUTE
• Deel 1 - Van Willemstad naar de Oranjesluizen • Deel 2 - Van Lemmer naar Delfzijl 155 Register 172
Groningen
Noord-Friesland
Kop van Noord-Holland
Amsterdam, Haarlem en Zaanstreek
Hollandse Plassen
Gouda en Groene Hart
Dordrecht en Rotterdam
Hoekse Waard
Staande mast routes
Nieuwkoop en Vinkeveen
Friese Meren
Kop van Overijssel
Vecht en Randmeren
Waal en Lek
Biesbosch
Hoekse Waard
Biesbosch
Dordrecht en Rotterdam
Waal en Lek
Gouda en Groene Hart
Nieuwkoop en Vinkeveen
Hollandse Plassen
Vecht en Randmeren
Amsterdam, Haarlem en Zaanstreek
Kop van Noord-Holland
Kop van Overijssel
Friese Meren
Noord-Friesland
Groningen
Staande-mastroute
Pag. 18
Pag. 22, 27
Pag. 31
Pag. 39
Pag. 44
Pag. 52
Pag. 58
Pag. 68, 73
Pag. 82, 88
Pag. 92
Pag. 100, 107, 111
Pag. 118, 121, 126, 131
Pag. 136, 141
Pag. 146
Pag. 155
INLEIDING
Veel zeilers zijn vooral gericht op het open water van Noordzee, Waddenzee of IJsselmeer – en terecht, want daar kan immers naar hartenlust gezeild worden. Maar door die blik op de verre einders kun je gemakkelijk over het hoofd zien dat er in grote delen van Nederland voor zeilschepen ook uitgebreide mogelijkheden zijn om juist van het binnenwater te genieten, zonder dat de mast een probleem oplevert. Sterker nog, de plassen, rivieren en vaarten van Nederland zijn een vakantiebestemming op zich. Veel watersporters gaan steeds vaker voor een kortere periode met hun zeilschip weg. In dat geval kan het reisdoel niet erg ver weg zijn en dan snoept een paar dagen verwaaid liggen wel erg veel van die toch al korte tijdsspanne af. Als je dan bedenkt dat je op het besloten binnenwater veel minder van het weer afhankelijk bent, kan het heel verfrissend zijn om de steven eens de andere kant op te wenden.
DWARS DOOR DE STAD
Grote delen van de benedenrivieren, de Biesbosch, het plassengebied rond de Kaag, de Braassem en de Westeinder, de Vecht en de Loosdrechtse Plassen, een groot deel van Noord-Holland, de Kop van Overijssel en de Friese Meren – ze liggen allemaal open voor zeilers met staande mast. Het is zelfs mogelijk om met staande mast dwars door een groot aantal bijzondere steden te varen of er midden in het centrum aan te leggen. Denk aan Dordrecht, Rotterdam, Gorinchem, Leiden, Gouda, Haarlem, Amsterdam en Alkmaar in het westen van het land. En in het noorden bijvoorbeeld Groningen, Leeuwarden, Dokkum, Sneek, Bolsward en Franeker. Of Kampen!
VANAF ‘DE ANDERE KANT’
Een van de fijnste aspecten van het varen op binnenwateren is de enorme afwisseling die je op een vaardag kunt hebben. Het is in alle delen van het land mogelijk om de dag te starten midden in een grote stad en dan – nadat een paar bruggen voor je

open zijn gegaan – een luttel aantal vaaruren later midden in de natuur te lunchen, hetzij achter je anker, hetzij aan een steigertje voor het riet. Of andersom: na je ontbijtje in een poldersloot gooi je voor en achter los en ’smiddags lig je midden in een gezellige stad, met je eigen boot als terras, al dan niet achter een glas koele witte wijn. Een ander voordeel van de binnenwateren is dat de oevers vaak heel dichtbij zijn. In plaats van voortdurend bezig te zijn met het afstellen van koers, wind en zeilvoering, kun je veel meer om je heen kijken. Net als je mede-opvarenden... Op de binnenwateren is bovendien heel veel te zien; er gebeurt altijd wel wat: terwijl je over een bochtige, smalle kreek vaart, schiet voor je schip langs de blauw-oranje flits
In veel steden kun je met je zeilschip tot in het centrum doorvaren.
In ons drukbevolkte land moet er wel regelmatig een brug voor je open.
ANDERE MINDSET
Lekker in het zonnetje wachten voor de brug.
Op de binnenwateren is onderweg vaak veel te zien.
van een ijsvogel naar de overkant. Op een ander moment glijden er weilanden voorbij, waarin Hollandse koeien dromerig staan te herkauwen. En aan het eind van de vaardag word je vanaf een vol terras bekeken, of je ziet, genoeglijk in de kuip van je eigen schip, een stad met oude gevels op de kades vanaf ‘de andere kant’ – een ervaring waarvoor toeristen in de rondvaartboot moeten stappen. Wel is het natuurlijk zo dat je met een zeiljacht meestal wat meer gebonden bent aan de doorgaande vaarwegen, domweg omdat daar de grootste vaardiepte te vinden is en daarover de meeste beweegbare bruggen liggen. Ook brengen doorgaande routes over het algemeen meer drukte met zich mee. Maar toch kun je vaak, door net even een afslag te nemen, de rust opzoeken van een stil oppertje of een rustige ankerplek. En wie denkt dat je alleen maar op de motor kunt varen op de binnenwateren, zal zijn mening moeten bijstellen: op verrassend veel binnenwateren is het mogelijk om de zeilen te hijsen en de motor uit te zetten, uiteraard wel afhankelijk van windrichting en ligging van het vaarwater.

Alleen ligt de dynamiek op de binnenwateren totaal anders dan op het open water. Je hebt andere beperkingen, maar krijgt ook andere vrijheden dan op het open water. Op een vaart of kanaal hoef je meestal niet te wachten op wind of getij, maar op de bediening van een brug of sluis. Dit vergt soms wat geduld, omdat er op de binnenwateren – zeker op bepaalde trajecten – nu eenmaal regelmatig een aantal bruggen voor je schip geopend zal moeten worden. Maar neem de tijd! Je hebt even een andere ‘mindset’ nodig, maar in plaats van een kwartier voor de brug te dobberen kun je er ook voor kiezen even aan het remmingwerk te gaan liggen en nog een goed boek te pakken of een kop koffie in te schenken. Het passeren van een sluis kan zelfs een welkome onderbreking zijn van een vaarmiddag. Even de benen strekken op de sluiskade om je landvasten om een bolder te slaan, een praatje te maken met de buren die naast je in de sluiskolk liggen – je kunt het allemaal zo relaxed maken als je zelf wilt. Je bent immers met vakantie en hoeft niet per se binnen 24 uur 200 mijl verderop te zijn. Een dag achter elkaar doorvaren hoeft ook zeker niet altijd.

In ruil daarvoor maak je kennis met een zeer verrassend en avontuurlijk vaargebied: voor menig zeezeiler die voor ’t eerst over de binnenwateren vaart, gaat er een wereld open. En uiteindelijk gaan we allemaal om dezelfde redenen het water op – natuurlijk om te ontspannen en te genieten van weer en wind, maar ook om onze grenzen te verleggen en nieuwe plekken te verkennen. Plekken die bij wijze van spreken om de hoek kunnen liggen, maar waar je toch niet eerder geweest bent.
Ook in de drukste watersportgebieden zijn nog rustige oppertjes te vinden.
DE GRENZEN VAN DIT BOEK
Dit boek is bedoeld om de lezer te inspireren zijn steven 180 graden te wenden en in plaats van voor een zeiltocht over IJsselmeer, Waddenzee of Noordzee eens te kiezen voor een koers die letterlijk landinwaarts ligt: de binnenwateren van ons waterrijke Nederland. Niet voor iedereen ligt de grens tussen waar het open water eindigt en het binnenwater begint even duidelijk. De keuze tussen ‘buitenwater’ en ‘binnenwater’ die ik voor dit boek heb gemaakt, is als volgt tot stand gekomen: de Zeeuwse stromen, de Noordzee, de Waddenzee en het IJsselmeer beschouw ik als buitenwater, net als Grevelingen, Volkerak en Haringvliet trouwens – hoewel de laatste drie in zekere zin toch als besloten wateren gezien kunnen worden. Alle overige rivieren, kanalen, plassen en meren van Nederland zie ik als binnenwateren. Je gaat dus naar ‘binnen’ via de Volkeraksluizen, de Nieuwe Waterweg, het Noordzeekanaal of het IJ, het Lauwersmeer of het Ketelmeer, dan wel via een van de (soms voormalige) zeehavens met vaarverbinding naar het achterland, zoals Delfzijl, Harlingen, Lemmer of Stavoren.
MASTHOOGTE
Een andere grens die getrokken moest worden, was die van de masthoogte. Bij een zeiljacht van rond de 9 m bedraagt die al gauw zo’n 13 à 14 m. Ik ben er dan ook van uitgegaan dat alle in dit boek beschreven wateren te bevaren moeten zijn met een masthoogte van 14 m of meer. Op de plekken waar interessante vaarmogelijkheden liggen voor zeilschepen met een wat lagere mast, bijvoorbeeld rond de 12 m, heb ik die mogelijkheden overigens wel benoemd, met expliciete vermelding van de masthoogte. Er is nog een andere beperking, die soms even groot kan zijn, zeker in bepaalde gebieden: de maximale diepgang namelijk. Zolang je op de grotere doorgaande routes blijft, zal dat met een schip tot ongeveer 1,90 m diep niet zo gauw een probleem opleveren. Als je echter rond gaat zwerven op wat kleinere binnenwateren, kun je snel beperkingen in diepte ondervinden, met name in het Groene Hart, in de kop van Overijssel en in het Friese Merengebied. Ook op grotere wateren en meren kan het buiten de vaargeul snel ondiep worden.


INDELING
Om alle vaarmogelijkheden op de binnenwateren overzichtelijk weer te geven heb ik in het boek vaarwateren gegroepeerd die op een bepaalde manier een eenheid vormen. Hierdoor kan het voorkomen dat het ene beschreven gebied veel groter is dan het andere. De beschrijvingen volgen elkaar, gezien vanaf het zuidwesten naar het noordoosten, zo veel mogelijk op. Voor het gemak staat er per beschreven vaarwater onder PRAKTISCHE INFO een overzicht van aansluitende vaarwateren. Dit is meestal geen volledige lijst – je vindt hier alleen de (deels) met staande mast bevaarbare wateren benoemd.
Oude Zuiderzeehavens als Stavoren geven nog steeds toegang tot de binnenwateren.
Peilschalen op vaste bruggen vertellen of je door kunt varen.
DE HOEKSE WAARD
Zevenbergen
Het eiland Hoekse Waard wordt omringd door ruim water, dat voor zeilers zeer aantrekkelijk is: Spui en Beningen, Hollands Diep en Dordtse Kil. Dit gebied is te bereiken vanaf het
Haringvliet (door de Haringvlietbrug) en het Volkerak (via de Volkeraksluizen bij Willemstad).
De Haringvlietbrug is de enige brug naar de Hoekse Waard, voor het overige worden de oeververbindingen gevormd door twee tunnels en tal van veerpontjes. Onderweg zijn er volop havens, waar je aan land kunt gaan om te genieten van het weidse akkerlandschap. Oud-Beijerland, Goudswaard, Middelharnis, Strijensas en Willemstad zijn de havenplaatsen waar je kunt passagieren.
Spui en Beningen
Hoge dijken en getijstroom
KENMERKEN
Het Spui is een vrij rustige en relatief smalle getijdenrivier, waar de getijstroming soms behoorlijk kan oplopen. Zeilen gaat prima op deze rivier, die je deelt met enige beroepsvaart. Langs de oevers van de rivier staan vrij hoge dijken, waardoor je niet altijd evenveel van het landschap ziet. Af en toe doorbreekt een aardig stadje of dorpje dit beeld, zoals Oud- en Nieuw-Beijerland of Goudswaard. Bij Nieuw-Beijerland steekt een pontje de rivier over. Het laatste deel van het Spui loopt breed uit; van hier af heet het vaarwater
PRAKTISCHE INFO
Aantal beweegbare bruggen: geen
Laagste vaste brug: geen
Grootste breedte: praktisch onbeperkt
Maximale diepgang: 3,40 m
Aantal sluizen: geen
Marifoonkanalen: 4 (sector Heerjansdam, rond kruising met Oude Maas); 71 (post Dordrecht)
Bijzonderheden: getijdenrivier
Aansluiting op: Volkerak, Haringvliet, Oude Maas
Waterkaart: ANWB Wateratlas
Nederland zuid; Hydrografische kaart 1807 en 1809 (indien bijgewerkt);
NV-Atlas Nederland 4 (Rijn en Maas Delta)
Aanleggen: In Oud-Beijerland kun je in de oude haven, midden in het centrum, aanleggen bij WV Het Spui. Goudswaard heeft een binnenhaventje aan het einde van een smalle havengeul, waar je twee uur mag liggen. Voor een langere tijd kun je terecht bij WV Goudswaard nabij het Spui, op loopafstand van het dorp.
Beningen. Houd op het Beningen de vaargeul aan tot aan de Korendijkse Geul. Hier een bocht afsnijden is misschien verleidelijk, maar niet verstandig: het is er behoorlijk ondiep. Bovendien is varen hier niet toegestaan, omdat dit een beschermd natuurgebied is.
GETIJDEN
De getijden op het Spui zijn van verschillende factoren afhankelijk. Niet alleen het getij op de Noordzee is van invloed op waterstanden en stroomrichting op het Spui, ook de hoeveelheid water die door de grote rivieren wordt afgevoerd doet een duit in het zakje, net als
het spuiprogramma van de Haringvlietsluizen. Over het algemeen geldt dat hoe hoger de rivierwaterafvoer is, hoe korter de ebstroom in de richting van de Oude Maas duurt. Bij lage rivierwaterafvoer loopt er ongeveer 9 uur per getijdencyclus een vloedstroom richting het Haringvliet. Tevens brengen de getijden wisselende waterstanden met zich mee. In de buurt van de Oude Maas is het getijverschil ongeveer 1 m, in de buurt van het Haringvliet en Hollands Diep ongeveer 20 cm.
BEKIJKEN
Oud-Beijerland
De geschiedenis van dit stadje gaat terug tot 1559. In dat jaar stichtte de graaf van Egmont een dorp dat hij naar zijn vrouw Sabina van Beijeren noemde: Beijerland. Na de komst van een nieuw dorp met dezelfde naam, even verderop in de Hoekse Waard, werd de naam aangepast tot Oud-Beijerland. De kruising Oostdijk-Voorstraat, vlak bij de haven, vormt het hart van Oud-Beijerland. De meeste winkels staan aan de Oostdijk, maar de daar haaks op gelegen Voorstraat is de mooiste straat. Hier staan herenhuizen aan het water van de Vliet. Het Oude Raadhuis, het voormalige gemeentehuis uit 1622, is over de Vliet heen gebouwd.
Goudswaard
Dit dorp, gesticht in 1439, wordt doorsneden door hoge dijken. Op sommige plaatsen lijkt de tijd er te hebben stilgestaan. De Voorstraat is het meest fotogenieke deel van het centrum – ook hier zie je voorname gevels. Op de rand van het dorp staat de stenen molen Windlust, die volgens een gevelsteen werd gebouwd in 1694.
Tot op het Beningen is de getijstroming merkbaar.
Het Oude Raadhuis staat aan de Voorstraat in Oud-Beijerland.
Hier en daar ligt er een loswal aan de oever van het Spui.
In Goudswaard staat de molen aan een dijk.
Hollands Diep
Alle ruimte voor het vrachtverkeer
Het Hollands Diep is een breed vaarwater met zeer drukke beroepsvaart, omdat hier de belangrijke route tussen de grote zeehavens van Rotterdam en Antwerpen loopt. Direct bij de entree tot het Hollands Diep vanaf de Volkeraksluizen ligt het mooie stadje Willemstad.
PRAKTISCHE INFO
Aantal beweegbare bruggen: 1*
Laagste vaste brug: geen*
Grootste breedte: praktisch onbeperkt
Maximale diepgang: 2 m in jachtengeul, daarbuiten ca. 7 m
Aantal sluizen: 1 (Volkeraksluis)
Marifoonkanalen: 18 (aanmelden Volkeraksluis voor jachten); 7 en 25 (werkkanalen Volkeraksluis beroepsvaart noord- resp. zuidzijde); 71 (post Dordrecht)
Bijzonderheden: gering (schijn)getij, druk scheepvaartverkeer
Aansluiting op: Haringvliet; Volkerak; Dordtse Kil; Amer; Nieuwe Merwede
Waterkaart: ANWB Wateratlas Nederland zuid; Hydrografische Kaart 1807 (indien bijgewerkt); NV-Atlas Nederland 4 (Rijn en Maas Delta)
* De vaste brug over de jachtensluis van de Volkeraksluis heeft een hoogte van NAP +19 m; hogere schepen moeten schutten via de beroepsvaartsluizen
Aanleggen: In Willemstad kun je aanleggen in de binnenhaven en bij JH Willemstad. In Strijensas kun je als passant terecht bij JH Strijensas, nabij de dorpskern.
KENMERKEN
Breed en druk, dat is het Hollands Diep. Maar juist dankzij de breedte, die varieert van 900 tot 2000 meter, hoef je van de beroepsvaart weinig last te hebben. Er is jachtbebakening op ruime afstand van de hoofdvaargeul. Alleen waar de Volkeraksluizen uitkomen op het Hollands Diep en rond de monding van de Dordtse Kil is er grote kans op kruisende beroepsvaart, daar dien je dus extra goed op te letten. Tussen de Dordtse Kil en de industriehavens van Moerdijk kun je ook overstekende zeevaart verwachten.
WATERSTAND EN GETIJ
De afwateringssluizen in het Haringvliet spuien hun water niet continu, maar alleen bij laag water op zee. Op die momenten daalt de waterstand op het Hollands Diep onder normale omstandigheden met ongeveer 20 cm. Omdat deze getijdenbeweging niet rechtstreeks door de Noordzee bewerkstelligd wordt, noemt men dit ook wel een ‘schijngetij’. Ook de waterstand op Rijn en Maas is van invloed op de waterstand op het Hollands Diep: is er hoge rivierwaterafvoer, dan stijgt ook de waterstand op het Haringvliet en de aansluitende wateren. Ondanks deze invloeden is er nooit veel stroming op het Hollands Diep.
Willemstad
Dit klokgave vestingstadje heeft zijn oorsprong in het dorpje Ruigenhil. In opdracht van Willem van Oranje werd er rond 1584 een vestingstad van gemaakt. Hoewel de stadspoorten verdwenen zijn, liggen de stadswallen er
BEKIJKEN
nog steeds in hun oorspronkelijke vorm als zevenpuntige ster bij. Bezienswaardig zijn onder meer het Mauritshuis uit 1623 – ooit het buitenverblijf van prins Maurits – en het Oude Raadhuis. Dit laatste gebouw was bedoeld als raadhuis waar ook kerkdiensten konden worden gehouden, en heeft een zeer karakteristieke toren. De wat later gebouwde Koepelkerk heeft een bijzondere, achtkantige vorm. Aan de haven staat het robuuste Arsenaal uit 1794.
Strijensas
Het dorp Strijensas is ontstaan rond een oude sluis. Deze schutsluis uit 1649 ligt er nog altijd en geeft toegang tot de ‘binnenwateren’ van de Hoekse Waard: de Strijense Haven. Dit water loopt van Strijensas naar Strijen. De mooiste huizen van het dorp liggen rond de sluiskolk.
Dordtse Kil
Snelweg van Oude Maas naar Hollands Diep
KENMERKEN
De Dordtse Kil ligt ten zuidwesten van Dordrecht en is een druk bevaren verbinding tussen de Oude Maas en het Hollands Diep; jaarlijks passeren hier rond de 100.000 schepen. Op de rivier is dag en nacht doorvarende beroepsvaart en zeevaart in de richting van het industriegebied Moerdijk. Hoewel je gezien de breedte van zo’n 250 m redelijk veel ruimte hebt op de Dordtse Kil, is het toch raadzaam – en trouwens verplicht! –om goed aan stuurboord van het vaarwater te blijven. De zeevaart en de grote beroepsvaart volgt het midden van het vaarwater met behulp van diverse geleidelichten.
PRAKTISCHE INFO
Aantal beweegbare bruggen: geen
Laagste vaste brug: geen
Grootste breedte: praktisch onbeperkt
Maximale diepgang: 8 m bij GLW
Aantal sluizen: geen
Marifoonkanalen: 4 (sector Heerjansdam, rond kruising met Oude Maas); 71 (post Dordrecht)
Bijzonderheden: getijdenwater; zeer drukke beroepsvaart en zeevaart
Aansluiting op: Oude Maas; Hollands Diep
Waterkaart: ANWB Wateratlas Nederland zuid; ANWB Waterkaart 15 Biesbosch; Hydrografische kaart 1809 (indien bijgewerkt); NV-Atlas Nederland 4 (Rijn en Maas Delta)
Aanleggen: Er zijn geen aanlegmogelijkheden voor jachten direct aan de Dordtse Kil. Wel is er op de linkeroever een vluchthaven ter hoogte van kmr 984,2, waar aanleggen in noodgevallen toegestaan is. Op de kruising van de Dordtse Kil met het Hollands Diep ligt in de Kilhaven bij Willemsdorp de jachthaven van WSV De Kil.
GETIJDEN
Omdat de Dordtse Kil een getijdenrivier is, kan er een forse stroming staan. De vloedstroom kan oplopen tot ruim 5 km per uur. Onder gemiddelde omstandigheden staat er vanaf een uur na HW in Hoek van Holland ongeveer zes uur lang een zuidgaande stroming. In de buurt van de Oude Maas is het getijverschil ongeveer 80 cm, nabij het Hollands Diep neemt het verschil af tot ongeveer 20 cm.
Op het Hollands Diep is voldoende ruimte om te zeilen.
De haven van Willemstad is het middelpunt van het stadje.
Over de sluis van Strijensas ligt een antieke ophaalbrug.
Op de Dordtse Kil kun je zeeschepen verwachten.
De Dordtse Kil mondt vlak bij de bruggen in de Oude Maas uit.