Skip to main content

Compleet in de wolken Inkijkexemplaar

Page 1

Vertaling Titia van Schaik


Voor het papieren boek is papier gebruikt dat onafhankelijk is gecertificeerd door FSC™ om verantwoord bosbeheer te waarborgen. Kijk voor meer informatie op www.harpercollins.co.uk/green HarperCollins is een imprint van Uitgeverij HarperCollins Holland, Amsterdam Copyright © 2012 Jill Shalvis Oorspronkelijke titel: Lucky in Love Copyright Nederlandse vertaling: © 2017 HarperCollins Holland Vertaling: Titia van Schaik Omslagontwerp: Wil Immink Design Omslagbeeld: Wil Immink Design / iStock Zetwerk: Mat-Zet B.V., Huizen Druk: CPI Books GmbH, Germany isbn 978 94 027 0501 0 isbn 978 94 027 2882 4 (e-book) nur 302 Eerste druk in deze editie maart 2020 Originele uitgave verschenen bij Hachette Book Group, New York, U.S.A. Deze uitgave is uitgegeven in samenwerking met Grand Central Publishing, New York, New York, U.S.A. HarperCollins Holland is een divisie van Harlequin Enterprises ULC. ® en ™ zijn handelsmerken die eigendom zijn van en gebruikt worden door de eigenaar van het handelsmerk en/of de licentienemer. Handelsmerken met ® zijn geregistreerd bij het United States Patent & Trademark Office en/of in andere landen. www.harpercollins.nl Niets uit deze uitgave mag openbaar worden gemaakt door middel van druk, fotokopie, internet of op welke andere wijze dan ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. Het e-book is beveiligd met zichtbare en onzichtbare watermerken en mag niet worden gekopieerd en/of verspreid. Alle in dit verhaal voorkomende personen zijn ontleend aan de fantasie van de schrijver. Elke gelijkenis met bestaande personen berust op toeval.


Hoofdstuk 1

Stop de chocola in de zak, dan gebeurt er niets. De flits was zo fel dat Mallory Quinn er even verblind door raakte toen ze in het donker door de regen van haar auto naar de ingang van het eettentje rende. Eenentwintig. Tweeëntwintig. Bij drieëntwintig klonk er een daverende klap die de grond deed trillen. Een harde windvlaag blies haar bijna omver. Ze was die ochtend haar paraplu vergeten, wat waarschijnlijk maar goed was ook omdat ze anders misschien net als Mary Poppins de lucht in zou zijn gegaan. Een tweede, nog fellere bliksem doorkliefde de donkere lucht en even was alles om haar heen even licht als overdag: de pier achter het eethuis, de kolkende oceaan, de dreigende lucht. Toen werd het weer donker en buiten adem stormde ze het Eat Me Café binnen met het gevoel dat de duivel haar op de vermoeide hielen zat. Hielen die zoals gewoonlijk in nep-Uggs staken. Zoals elke avond was Lucky Harbor na tien uur ’s avonds uitgestorven. Er was maar één klant aanwezig, plus de serveerster achter de toonbank. Mallory’s vriendin, de grofgebekte, cynische Amy Michaels die met haar lange benen en strakke lijf veel weg had van Xenia, de krijger-prinses. Dat kwam goed uit, want Amy was een strijdlustig persoon. Haar donkere haar zat net als altijd een tikje warrig en haar nog donkerder ogen fonkelden geamuseerd toen Mallory bijna letterlijk met de deur in huis viel. ‘Hallo,’ zei Mallory, met moeite de deur achter zich dicht duwend. 8


‘Wat kijk je bang,’ zei Amy, een doekje over de toonbank halend. ‘Heb je soms weer een eng verhaal van Stephen King zitten te lezen onder werktijd, zuster Nightingale?’ Mallory haalde diep adem en schudde de ijskoude regen zo goed als het ging van zich af. Haar dag was een miljoen jaar geleden begonnen bij het krieken van de dag toen ze net als altijd overhaast en zonder jas naar haar werk was vertrokken. Zeventien uur later, na een onvoorstelbaar lange dienst op de Spoedopvang, droeg ze nog steeds haar ziekenhuispak met daarover niet meer dan een dun truitje. Alles plakte aan haar als een tweede huid. Zelf leek ze totaal niet op een krijgshaftige prinses. Eerder op een verzopen kat. ‘Geen Stephen,’ zei ze. ‘Die heb ik afgezworen. Ik had vorige maand nooit The Shining nog een keer moeten lezen.’ Amy knikte. ‘Kregen ze bij het alarmnummer genoeg van al die telefoontjes dat er iemand langs het raam zou lopen?’ ‘Dat was anders maar één keer.’ Ze staakte haar pogingen om het water uit haar haren te knijpen en negeerde Amy’s wetende gegniffel. ‘En even voor de goede orde, er liep wel degelijk een man voor mijn raam langs.’ ‘Ja. Mr. Wykowski van zeventig, die verdwaald was tijdens zijn dagelijkse ommetje.’ Jammer genoeg was dat waar. En al wist Mallory ook wel dat Mr. Wykowski een ontzettend aardige man was, hij leek ook sprekend op Jack Nicholson in The Shining. ‘Dat had ook iets veel ergers kunnen zijn.’ Amy vulde hoofdschuddend de servethouders bij. ‘Jij woont in de Seniorenstraat. Het ergste wat daar kan gebeuren, is dat het taxibusje niet op tijd verschijnt om iedereen op te halen voor de bingoavond.’ Dat was ook waar. Mallory’s bescheiden woninkje stond inderdaad tussen andere bescheiden woninkjes waar voornamelijk senioren woonden. Niet dat dat erg was. Het waren over het alge9


meen lieve mensen die altijd wel een halve cake over hadden. Die graag over hun kwaaltjes praatten. Liefst zo uitgebreid mogelijk. Mallory had het huisje geërfd van haar oma, compleet met een hypotheek waar ze bijna haar eerstgeboren kind voor op had moeten geven. Als ze dat gehad had tenminste. Maar daarvoor moest ze eerst getrouwd zijn, en daarvoor moest ze weer de ware jakob hebben gevonden. En laten de laatste twee ware jakobs haar nu gedumpt hebben. De wind sloeg tegen de ramen, samen met iets zwaars. Sneeuw. Mallory kon het bijna niet geloven. ‘Wauw, de temperatuur moet opeens enorm gezakt zijn. Dat had ik niet verwacht.’ ‘Het is voorjaar,’ zei Amy walgend. ‘Waarom sneeuwt het dan, verdomme? Ik heb mijn winterbanden al laten omwisselen.’ De eenzame klant aan het eind van de bar draaide zich om en keek naar het raam. ‘Shit. Ik heb ook geen winterbanden.’ Ze leek ergens halverwege de twintig en sprak met het afgemeten accent dat op het noordoosten duidde. Als Amy Xena was, en Mallory een verzopen kat, dan was zij blonde Barbies jongere, knappere, naturelle zusje. ‘Ik rij in een Volkswagen Kever uit 1972,’ zei ze. De banden van Mallory’s auto hadden nauwelijks meer profiel en nadenkend beet ze op haar lippen terwijl ze naar buiten keek. Misschien kon ze maar het beste zo snel mogelijk doorrijden. ‘We zullen moeten wachten tot de bui over is,’ zei Amy. ‘Erg lang zal het wel niet duren.’ Mallory wist beter, maar dat was haar eigen schuld. Ze had de hele week het weerbericht al niet in de gaten gehouden, niet sinds de weerman had beloofd dat het dertig graden zou worden en het niet warmer werd dan tien graden, waardoor ze het de hele dag op haar werk steenkoud had gehad. Iets wat haar tepels haar nog steeds niet vergeven hadden. ‘Daar heb ik geen tijd voor.’ Ze had een afspraakje met acht uur slaap. 10


De vrouw van de Kever droeg een dun zomerrokje en twee nog dunnere hemdjes over elkaar. Mallory was kennelijk niet de enige die zich had laten verrassen door het weer. Al leek de vrouw zich niet echt zorgen te maken; ze deed zich tegoed aan een dikke, smeuïge brownie die Mallory het water in de mond liet lopen. ‘Sorry,’ zei Amy, haar gedachten lezend. ‘Dat was de laatste.’ ‘Misschien maar beter ook.’ Ze was hier trouwens niet voor zichzelf. De enige reden dat ze hier nog even was gestopt op weg naar huis was haar moeder. ‘Ik kom alleen de taart voor Joe even ophalen.’ Joe was haar kleine broertje die de volgende dag vierentwintig werd. Het laatste wat hij wilde, was een familiefeestje, maar het ging niet zo goed met zijn laswerkplaats en het plan om met zijn vrienden naar Vegas te vliegen ging daarom wegens geldgebrek niet door. Vandaar dat hun moeder zich ermee was gaan bemoeien en Mallory belast had met de zorg voor de taart. Liever gezegd, met het bákken van een taart, maar aangezien ze al moeite had om een ei te bakken had ze het liever anders opgelost. ‘Zeg alsjeblieft dat niemand van mijn gestoorde familie de taart heeft gezien, anders kan ik niet doen alsof ik hem zelf gemaakt heb.’ Amy klakte afkeurend met haar tong. ‘Het braafste meisje van Lucky Harbor is van plan om te liegen tegen haar moeder. Schaam je.’ Het was de eeuwige grap die de ronde deed in het stadje: het brave meisje Mallory. Nou ja, eerlijk gezegd had ze die typering aan zichzelf te wijten. Ze had alleen haar redenen – góéde redenen – om daar nu niet op in te gaan. Nu niet en nooit niet. ‘Ja, het is wel goed. Geef die taart nou maar. Ik heb een date.’ ‘Nietes,’ zei Amy. ‘Anders zou ik dat wel gehoord hebben.’ ‘Een gehéíme date.’ 11


Amy schoot in de lach omdat dat natuurlijk ongehoord was. Lucky Harbor was een geweldig, klein stadje waar mensen zich om elkaar bekommerden. Je kon rustig een pot met goud op de achterbank laten staan zonder dat die gestolen werd. Maar hier iets geheimhouden, nee, dat was onmogelijk. ‘Ik heb wel degelijk een date. Met mijn bed,’ verklaarde Mallory. ‘Zo goed?’ Amy was wel zo verstandig om daar verder niet op in te gaan en verdween naar de keuken om de verjaardagstaart te halen. Op hetzelfde moment flitste de bliksem en klonk er meteen daarna een oorverdovende klap. De wind huilde en het hele gebouw schudde op zijn grondvesten. Er leek geen einde aan de donderslagen te komen, en de drie vrouwen schoven nog dichter naar elkaar toe, Amy nog steeds aan haar kant van de toonbank. ‘Ik moet opeens zo aan The Shining denken,’ zei de blondine zachtjes. ‘Geen zorgen,’ zei Amy. ‘Hier in Mayberry hebben we niet veel last van zulke griezelige dingen.’ Ze giechelden alle drie een tikje nerveus, maar het lachen verging hen toen er een enorm gekraak klonk, meteen gevolgd door glasgerinkel toen zowel de ramen aan de voorkant als de deur uit de sponningen vlogen. Geschokt staarden ze alle drie naar de dikke boomtak die door de nieuwe opening obsceen naar hen leek te wuiven. Mallory greep de onbekende vrouw vast en trok haar mee, wegduikend achter de toonbank naast Amy. ‘Voor het geval er nog meer ramen springen,’ bracht ze met moeite uit. ‘Dan is dit de veiligste plek.’ Amy slikte moeizaam. ‘Ik zal je nooit meer plagen met Mr. Wykowski.’ ‘Zet dat even op papier.’ Mallory kwam voorzichtig overeind 12


en gluurde over de toonbank heen naar de boom die de voordeur blokkeerde. ‘Zo kan ik niet bij mijn brownie,’ zei Blondie met bibberende stem. ‘Ik moet mijn brownie hebben.’ ‘Het enige wat we moeten,’ zei Amy, ‘is maken dat we hier wegkomen.’ Mallory schudde haar hoofd. ‘Niet in dit noodweer. Dat is veel te gevaarlijk. Maar we zouden wel even melding moeten maken van die boom.’ Blondie haalde haar mobieltje tevoorschijn en keek op het schermpje. ‘Ik vergat even dat ik in Nergenshuizen ben. Geen bereik dus.’ Ze trok een gezicht. ‘Sorry. Ik ben vandaag net aangekomen. Lucky Harbor is vast een ontzettend leuk Nergenshuizen.’ ‘Soms.’ Mallory klopte op haar zakken op zoek naar haar telefoon en wist het toen opeens weer. Shit. ‘Mijn telefoon ligt in de auto.’ ‘Die van mij is leeg,’ zei Amy. ‘Maar in de keuken hangt een vaste telefoon. Dus niks aan de hand zolang we stroom hebben.’ Ze had het nog niet gezegd of het licht flikkerde en ging uit. De moed zakte Mallory in de schoenen. ‘Dat is ook de goden verzoeken,’ zei ze tegen Amy. Blondie zat wat te rommelen en toen gloeide er een blauw licht op. ‘Een aanstekerapp,’ zei ze, haar telefoon omhooghoudend; de namaakvlam op het schermpje flakkerde levensecht op. ‘Het enige is dat het stroom vreet, dus ik gebruik hem liever alleen in noodgevallen.’ Ze drukte op de thuisknop en het werd meteen donker. Aardedonker. Weer een harde windstoot en nog meer glasgerinkel; de aansteker kwam meteen weer tot leven. ‘Noodgeval,’ zei Blondie terwijl ze gedrieën achter de toonbank hurkten. 13


‘Stomme taart,’ zei Mallory. ‘Stomme storm,’ zei Amy. ‘Stom alles,’ zei Blondie. Met een bleek gezicht keek ze van de een naar de ander. ‘Zou het niet geweldig zijn als een van jullie nu zei dat je een grote, sterke kerel hebt die je zo meteen komt zoeken?’ ‘Ja, dat zou wat zijn, maar helaas,’ zei Amy. ‘Hoe heet je trouwens?’ ‘Grace Brooks.’ ‘Nou, Grace, je bent duidelijk nooit in Lucky Harbor geweest, dus ik zal je even uit de droom helpen. Er zijn hier genoeg grote, sterke kerels. Maar ik dop graag mijn eigen boontjes.’ Grace en Mallory keken allebei naar Amy’s korte camouflagerok en legerlaarzen met daarboven een strakke top waaruit gebruinde, gespierde armen staken. Over die stoer-sexy outfit droeg ze een roze schort dat er absoluut niet bij paste en waarop met grote letters ‘Eat Me’ stond. Amy had er haar eigen draai aan gegeven door om het logo van de eettent een ronde cirkel van ducttape te maken met een schuine streep erdoor. ‘Dat geloof ik meteen,’ zei Grace. ‘Ik ben Amy.’ Amy knikte naar Mallory. ‘En dat is Mallory, mijn tegenhanger en het braafste meisje van de klas.’ ‘Hou op,’ zei Mallory, die er schoon genoeg van had om altijd zo neergezet te worden. Daar trok Amy zich uiteraard niets van aan. ‘Altijd als er een oud dametje hulp nodig heeft bij het oversteken of een kind met een geschaafde knie een pleister en een kus nodig heeft,’ zei ze, ‘of een grote, sterke vent behoefte heeft aan een lieve, warme meid, dan schiet Mallory te hulp.’ ‘Oké, waar is hij dan nu?’ informeerde Grace. ‘Die grote, sterke vent van haar?’ 14


Amy haalde haar schouders op. ‘Vraag het haar zelf.’ Mallory trok een gezicht en zei toen naar waarheid: ‘Ik ben niet zo goed in het vasthouden van ware jakobs.’ ‘Neem dan een onware jakob,’ zei Amy. ‘Mond dicht.’ Mallory had geen zin om haar liefdesleven – of het ontbreken daarvan – te bespreken en kwam overeind op haar knieën om over de toonbank te gluren. Misschien dat de sneeuw het allemaal wat minder donker had gemaakt. Dat was niet het geval. De sneeuw werd weggeblazen door de harde windstoten, joeg door de kapotte ramen naar binnen en sloeg tegen de ramen die nog heel waren. Ze draaide haar hoofd om en wierp een blik op de keuken achter haar rug. Als ze via de achterdeur naar buiten ging, zou ze helemaal om het gebouw heen moeten lopen om bij haar auto en haar telefoon te komen. In het pikkedonker. Maar er zat weinig anders op. Ze kwam net overeind op het moment dat de twee ramen boven het aanrecht in de keuken met een misselijkmakend geluid naar binnen werden gedrukt. Grace’ telefoon lichtte weer op. ‘Krijg nou wat!’ riep ze geschrokken uit, en elkaar stevig vasthoudend staarden ze met open mond naar de dikke boomtak die zich door dit nieuwe gat naar binnen probeerde te persen. ‘Wij niet. Jan wel. Die krijgt een hartaanval,’ voorspelde Amy somber. Jan was de eigenaar van de eettent. Ze was een vrouw van ergens in de vijftig die zelden op een glimlach betrapt kon worden en die het verschrikkelijk vond om ook maar één cent van haar zuurverdiende geld aan iets anders dan aan haar online-pokerverslaving te besteden. Het begon koud te worden in de keuken nu de wind en de sneeuw 15


vrij spel hadden. ‘Had iemand het over taart?’ vroeg Grace met een bibberig stemmetje. Ze deden steen-schaar-papier. Amy verloor, en dus was zij degene die naar de koelkast moest kruipen om de taart te halen. ‘Vind je dit wel oké?’ vroeg ze aan Mallory, ondertussen vorken ronddelend. Mallory keek naar de taart. Ongeveer een maand geleden was haar uniform wat strak gaan zitten en sindsdien had ze geen chocola meer aangeraakt. Maar soms was het een kwestie van overmacht. ‘Dit is een noodgeval dat om taart vraagt. Joe overleeft het wel.’ Dus deden ze geen poging om naar buiten te gaan en zich vervolgens op de weg te wagen, maar stortten ze zich in plaats daarvan op de taart. En ondertussen praatten ze, zich niets meer aantrekkend van de storm maar bemoedigd door suiker en chocolade. Grace vertelde dat haar flitsende carrière als financieel specialist bij een investeringsbank als gevolg van de duikeling die de economie had gemaakt in het slop was geraakt en dat ze daarmee zowel haar appartement als haar creditcards en haar aandelen was kwijtgeraakt. Er was kans op een baan in Seattle geweest en dus was ze het halve land doorgereisd. Alleen bleek bij aankomst dat de directeur aan zijn gerief helpen tot haar takenpakket zou behoren. Ze had tegen hem gezegd dat hij naar de hel kon lopen en had vervolgens het plan opgevat het in Los Angeles en omstreken te proberen. Eerder vandaag had ze uit vermoeidheid een tussenstop gemaakt in Lucky Harbor. Ze had een folder gevonden met een kortingsbon voor de plaatselijke B&B en besloten een paar dagen te blijven om de zaken eens goed op een rijtje te zetten. ‘Of tot mijn geld op is en ik op straat eindig,’ zei ze, in een poging haar beperkte opties met de nodige luchtigheid op te sommen. Mallory gaf een bemoedigend kneepje in haar hand. ‘Je vindt vast wel iets. Dat weet ik gewoon.’ 16


‘Ik hoop dat je gelijk hebt.’ Grace slaakte een lange, diepe zucht. ‘Sorry dat ik zo’n bak ellende over jullie uitstort. Ik denk dat ik het al zo lang voor me heb gehouden dat het er nu allemaal in een keer uit moest.’ ‘Geeft toch niks.’ Amy likte het glazuur van haar vingers. ‘Daar zijn stikdonkere, regenachtige avonden toch voor? Om je hart uit te storten.’ ‘Nou, ik zou me een stuk beter voelen als jullie dat ook deden.’ Mallory was niet zo van het hart uitstorten en keek even naar Amy. ‘Je hoeft mij niet zo aan te kijken,’ zei Amy. ‘Ik heb niet veel te bieden op dat gebied.’ Grace boog zich verwachtingsvol naar haar toe. ‘Ik zou het toch graag willen horen.’ Amy haalde haar schouders op met een gezicht dat net zo afwijzend stond als Mallory zich voelde. ‘Er valt niet veel te vertellen. Gewoon het oude liedje van rijk geweest en arm geworden.’ ‘Wát?’ Mallory was zo verbaasd dat haar vork roerloos in de lucht bleef hangen. Amy woonde hier nu al maanden en hoewel ze een grote mond had, was ze extreem gesloten. Ze praatte nooit over haar verleden. ‘Al zou het correcter zijn om te spreken van eerst arm, toen rijk en vervolgens weer arm,’ voegde Amy eraan toe. ‘Kom op met je verhaal,’ zei Grace, die nog een stuk taart pakte. ‘Oké, maar jullie zijn gewaarschuwd; het is een afgezaagd verhaal. De moeder van een woonwagenkind trouwt met een rijke vent, het woonwagenkind kan haar stiefvader wel schieten en hij haar, en ze wordt door hem op haar zestiende zonder pardon op straat gezet. Zonder een cent op zak lift ze het halve land door, sluit zich aan bij precies de verkeerde lui en later nog verkeerdere lui, tot ze uiteindelijk voor een keuze komt te staan. Haar leven beteren of 17


doodgaan. Ze kiest voor het eerste en belandt in Lucky Harbor omdat haar oma daar een miljoen jaar geleden een zomer heeft doorgebracht en dat haar leven heeft veranderd.’ Aangedaan pakte Mallory Amy’s hand. ‘Och, meid toch.’ ‘Zie je wel?’ zei Amy tegen Grace. ‘De grootste softie van de stad. Ze kan er niets aan doen.’ ‘Jawel, hoor,’ zei Mallory. Maar dat was een leugen. Ze vond het gewoon fijn om mensen te helpen – en Amy had gelijk; ze kon er echt niets aan doen. ‘En denk maar niet dat we niet door hebben dat jij nog helemaal geen ontboezemingen hebt gedeeld met de klas,’ vervolgde Amy. ‘Misschien later,’ zei Mallory, haar vork aflikkend. Of nooit. Ze deed niets anders dan van alles met anderen delen. Dat was niet alleen haar werk, maar het was ook haar karakter. Ze hield alleen iets voor zich omdat ze íéts moest hebben dat alleen van haar was. ‘Ik neem nog een stuk.’ ‘Ontkennen is haar tweede natuur,’ zei Amy tegen Grace terwijl Mallory zichzelf aan een tweede stuk taart hielp. ‘Dat zal wel iets te maken hebben met haar wilde en gestoorde broers en zussen en het feit dat zij de enige normale persoon is in de familie. Ze denkt dat ze het niet verdient om gelukkig te zijn omdat die chocolade als vervanging dient voor iets anders.’ ‘Bedankt, Dr. Phil.’ Amy’s woorden kwamen echter ongemakkelijk dicht in de buurt van de waarheid. Haar familie wás wild en gestoord en ze werkte zich een slag in de rondte om de boel bij elkaar te houden. En het kóstte haar veel moeite om zichzelf toe te staan om gelukkig te zijn; dat was al zo sinds de dood van haar zus Karen. Ze huiverde even. ‘Hangen er misschien nog vergeten jassen aan de kapstok?’ ‘Nee. Jan verkoopt alles wat blijft liggen op eBay.’ Amy legde haar vork neer en leunde achterover. ‘Kijk ons nou zitten. We proppen 18


onszelf op een vrijdagavond vol met taart omdat we niets beters te doen hebben.’ ‘Ik anders wel,’ zei Grace. ‘Alleen staat een zware, vette, gemene storm tussen mij en mijn opties.’ Amy keek haar met opgetrokken wenkbrauwen aan en Grace zuchtte. ‘Goed dan. Ik heb ook niks beters te doen.’ Ze keken allebei naar Mallory, die eveneens zuchtte. ‘Oké. Ik ben er net zo aan toe. Of erger nog. Ik heb het equivalent van een lege accu, lekke banden en geen wegenwachtabonnement. Als dat geen ontboezeming is…’ Grace en Amy begonnen zachtjes te lachen; hun adem vormde wolkjes in de koude lucht. Ze zaten dicht tegen elkaar aan in een poging nog een beetje warmte te vinden. ‘Weet je,’ zei Amy. ‘Als we dit overleven dan ga ik –’ ‘Hé.’ Mallory ging abrupt rechtop zitten. ‘Natuurlijk overleven we dit. Zodra het ophoudt met sneeuwen gaan we de takken voor de deur weghalen en lopen we naar mijn auto om iemand te bellen en –’ ‘Jee,’ onderbrak Amy haar geërgerd. ‘Wil je mijn dramatische moment alsjeblieft niet ruïneren?’ ‘Sorry. Ga verder.’ ‘Dank je wel. Zoals ik zei, áls we dit overleven,’ herhaalde Amy met gespeelde ernst, ‘zal ik ervoor zorgen dat we altijd zo’n taart als deze in de vriezer hebben staan, speciaal voor ons. En verder…’ Ze ging iets verzitten en toen ze verderging, klonk haar stem heel anders. ‘Ga ik dingen voortaan anders aanpakken. Zelf de regie over mijn leven in handen nemen. Wortel schieten en echte vriendschappen sluiten. Daar ben ik vreselijk slecht in.’ Mallory kneep ontroerd in haar hand. ‘Ik ben een echte vriendin,’ fluisterde ze. ‘Vooral als je dat meent van die taart.’ Amy glimlachte flauwtjes. 19


‘Als we dit overleven,’ zei Grace, ‘ga ik naar meer op zoek dan alleen een baan. Ik wil niet langer achter mijn eigen staart aanjagen, maar voor de verandering zelf op zoek gaan naar een beetje geluk in plaats van af te wachten tot het geluk mij vindt. Dat heb ik lang genoeg gedaan.’ Opnieuw keken zowel Amy als Grace vol verwachting naar Mallory, die een zucht slaakte. Ze wist precies wat ze voor zichzelf zou willen, maar dat was nog niet zo gemakkelijk. Ze wilde zich laten gaan, doen waar ze zin in had en zich niet langer zo druk maken over het bij elkaar houden van de boel op haar werk, in haar familie, overal. Maar omdat ze dat niet kon zeggen, zocht ze koortsachtig naar iets anders wat als ontboezeming kon dienen. ‘Volgend weekend organiseer ik een benefietavond voor het ziekenhuis, met een chic diner en een veiling. Ik ben de enige verpleegster op mijn afdeling die geen date heeft. Als we dit overleven, zou een date echt geweldig zijn.’ ‘Welja, als we toch bezig zijn, kun je net zo goed voor de hoofdprijs gaan,’ zei Amy. ‘Wat dacht je van een lekkere wip?’ Grace knikte instemmend. ‘Een lekkere wip,’ bromde ze verlangend. ‘O, wat heb ik daar zin in.’ ‘Een wip,’ herhaalde Mallory. ‘Hete seks,’ vertaalde Grace. Amy knikte. ‘En aangezien je net al zei dat de ware jakob niet werkt bij jou, zou je voor een foute kerel moeten gaan.’ ‘Precies,’ zei Mallory, in de veilige wetenschap dat a, er geen foute kerels in de buurt waren en b, dat die absoluut niet in haar geïnteresseerd zouden zijn als dat wél het geval was. Amy viste het notitieblokje uit de zak van haar schort. ‘Weet je wat? Ik maak een lijstje van geschikte kandidaten. Ik ken alleen maar foute mannen, dus dit is echt iets voor mij. Ik kan er uit mijn hoofd zo al twee bedenken. Dr. Josh Scott van het ziekenhuis en 20


Anderson, die vent van de ijzerwarenwinkel. En er zijn er ongetwijfeld nog veel meer. Beloof me dat je erachteraan gaat als een foute vent je pad kruist. Zolang het geen seriemoordenaar is tenminste,’ voegde ze er plichtsgetrouw aan toe. Fijn om te weten dat er nog grenzen waren. Amy hield haar pink voor Mallory’s gezicht om de afspraak met een plechtige pinkjeseed te bezegelen. Met een zucht haakte die haar pink om die van Amy. ‘Ik beloof…’ Ze zweeg abrupt toen er een doffe klap klonk uit de richting van de voorpui. In de diepe stilte die viel, keken ze elkaar geschrokken aan. ‘Dat was geen tak,’ fluisterde Mallory. ‘Dat klonk eerder als een vuistslag.’ ‘Misschien was het een steen,’ zei Grace, de eeuwige optimist. Ze knikten alle drie, al geloofde niemand dat het ook echt een steen was geweest. Mallory kreeg een akelig voorgevoel. Hetzelfde gevoel dat ze soms op haar werk had vlak voordat er een melding binnenkwam. ‘Mag ik?’ vroeg ze aan Grace, wijzend naar haar telefoon. Grace gaf hem aan haar, waarna Mallory op haar knieën overeind kwam en de aansteker-app gebruikte om over de rand van de toonbank te gluren. Het zag er niet goed uit. De deuropening was volledig geblokkeerd door een sneeuwwal. Het was echt ongelooflijk laat voor de tijd van het jaar, maar uit de lucht vielen dikke, witte sneeuwvlokken ter grootte van een etensbord naar beneden die zich razendsnel ophoopten. Opnieuw hoorde ze de doffe dreun, en boven de gierende wind uit meende ze gekreun te horen. Gekreun van pijn. Ze ging staan. ‘Misschien probeert iemand om naar binnen te komen,’ zei ze. ‘Misschien iemand die gewond is.’ ‘Mallory,’ zei Amy. ‘Niet doen.’ 21


Grace greep Mallory’s hand vast. ‘Het is nu echt te gevaarlijk buiten.’ ‘Misschien wel, maar ik kan niet niets doen.’ Ze trok haar hand los, sloeg haar armen om haar bovenlichaam en liep naar de deur. Er was iemand in nood en dat kon ze niet negeren. Het was de eeuwige vloek van het middelste kind, van de ware verpleegkundige. Glasscherven knerpten onder haar voeten en ze rilde even toen de sneeuw tegen haar gezicht sloeg. Verbazingwekkend genoeg had het aluminium frame van de deur de klap weerstaan toen het glas eruit was geknald. Ze duwde de dikke tak opzij en hield de telefoon op armlengte voor zich in een poging in het donker iets te kunnen ontwaren. Alleen maar sneeuw. ‘Hallo?’ riep ze, een stap naar buiten wagend, het betonnen stoepje op. ‘Is daar iem –’ Een hand sloot zich om haar enkel en haar vraag eindigde in een geschrokken gil.

22


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Compleet in de wolken Inkijkexemplaar by HarperCollins Holland - Issuu