1
2
Concertkoor KOV (Katholieke Oratorium Vereniging) bestaat inmiddels 78 jaar. Het werd in 1938 opgericht door dirigent Bernard Sleumer. Na 35 jaar KOV-dirigent geweest te zijn gaf hij het dirigeerstokje in 1973 over aan Chris Fictoor, die in 2008 zijn 35-jarig jubileum vierde en in datzelfde jaar afscheid nam en het koor op zijn beurt overdroeg aan de huidige dirigent Bram van der Beek. Concertkoor KOV heeft zich ontwikkeld tot een van de bekendste oratoriumkoren van Noord-Nederland. Concertkoor KOV wil uitdagen en vernieuwen. Daarom inspireert het koor zichzelf en het publiek met een gedurfd geestelijk en werelds repertoire. Vernieuwing en traditie gaan daarbij op een bijzondere wijze samen. Er worden niet alleen werken uit de romantiek gezongen, ook staan regelmatig 20ste- en 21ste-eeuwse composities op het programma. Traditioneel zijn de concerten in de Oosterpoort met begeleiding van het Noord Nederlands Orkest. Zo vierde Concertkoor KOV zijn jubileum op 1 november 2013 in een uitverkochte Oosterpoort met het Requiem van Verdi in samenwerking met het NNO. Sinds 2000 hebben naast deze grote concerten ook kerkconcerten een plaats gekregen in het programma van Concertkoor KOV. In 2014 werkte de KOV zowel samen met het Twents Jeugd Symfonie Orkest als met het Politie Orkest Noord Nederland. Vorig jaar werd de KOV begeleid door het Noord Nederlands Orkest bij de uitvoering van onder meer Messa di Gloria van Puccini. Vanmiddag kunt u luisteren en kijken naar ‘Ein deutsches Requiem’ van Brahms met de bijzondere begeleiding van het echtpaar Tryfanenkau-Dmitrieva.
3
Bram van der Beek (1960) volgde zijn opleiding in Enschede, Zwolle en Amsterdam. Naast de bijvakken volgde hij hoofdstudies solozang en koordirectie. Daarnaast volgde hij enkele jaren de studies kerkmuziek, trompet en orkestdirectie. Hij studeerde af voor de diploma’s hoofdvak koordirectie (bij Chris Fictoor en Kees Stolwijk) en het hoofdvak solozang (bij Lodewijk Meeuwsen en Kevin Smith). Hij is dirigent van uiteenlopende koren waaronder: • Het Twents Liturgie Koor verbonden aan het bezinningscentrum de Zwanenhof. • Sinds november 2008 het Concertkoor KOV te Groningen
4
waar hij zijn leermeester Chris Fictoor opvolgde. • Sinds februari 2014 Opus ‘94 te Hengelo. Tevens leidde hij verschillende ensembles binnen de muziekschool De Triangel, Centrum voor Muziek en Dans te Neede waar hij als docent solozang en koorvorming aan verbonden was. Uit deze zangpraktijk heeft hij rijkelijk kunnen putten: met veel succes werd voor uitverkochte zalen de musical Belle en het Beest uitgevoerd met zangers van de Triangel en leden van het Twents Liturgie Koor. Hij was bij deze muziekschool vele jaren dirigent van het vrouwenkoor Femmes Vocales. Tevens was hij vele jaren dirigent van het Twents Byzantijns Koor (waar hij zich specialiseerde in de Oost-Europese muziek) en het kamerkoor Pur Sang te Oldenzaal. Hij geeft op freelance basis lessen directie en bij verschillende koren stem/koorvorming. Tevens verzorgt hij regelmatig lezingen. Onder zijn leiding vond tweejaarlijks in Neede en Borne de uitvoering van de Johannes Passion van J.S. Bach plaats met medewerking van solisten van het Nederlands Kamerkoor, Messa di Voce en het barokorkest Florilegium Musicum. Daarnaast treedt hij regelmatig op als zangsolist. Momenteel is hij als docent solozang, koor- en stemvorming verbonden aan de muziekschool te Hengelo. Zowel in Neede als in Hengelo coacht(e) hij zangers ter voorbereiding op een hoofdstudie zang aan het conservatorium. Enkele studenten konden daardoor doorstromen naar conservatoria in Utrecht en Den Haag. Ook zette hij meerdere keren studenten in opleiding of pas afgestudeerden in als solist en coachte hen daarin. 5
Varvara Tishina werd geboren in Novgorod in Rusland waar ze als vierjarige begon met muzieklessen viool en piano. Ze zette haar studie viool voort aan het staatsconservatorium in Moskou. Naast haar vioolstudie nam ze ook zanglessen bij Tatiana Bajkova aan de Academie voor Koorkunst in Moskou. Na een succesvolle carrière als violiste in het Staatssymfonie Orkest Novaya Rossiya en na het behalen van diverse prijzen, besloot ze haar loopbaan voort te zetten als zangeres. In 2015 behaalde ze haar master classical music aan het Prins Claus Conservatorium in Groningen. Tishina heeft masterclasses gevolgd bij Margreet Honig (sopraan en stemcoach), Amand Hekkers (Royal Conservatoire of Scotland), Marion van der Akker (Peter de Grote
6
Festival), Marcel Boone (Hochschule für Musik, Bazel), Paul Trieples (stemtherapeut aan het Conservatorium van Amsterdam), Nico van der Meer (dirigent Drechtsteden Bachkoor) en Philip Curtis (Koninklijk Conservatorium Den Haag). Ze werkte met veel Russische en Nederlandse ensembles en koren en trad op door geheel Nederland, in Duitsland en in Moskou en Novgorod. Ze trad op in Petite Messe Solennelle van G.Rossini, Requiem in C van Gounod, Gloria van F. Poulenc, Ein deutsches Requiem van Brahms, Requiem van Fauré, JohannesPassion van Bach, Requiem van Mozart en meer. Ze zong onder dirigenten als Louis Buskens (NL), Risto Joost (EST), Servaas Schreuders (NL), David van Roijen (NL), Bram van der Beek (NL), Vladimir Ponkin (RU). In 2014 maakte ze haar operadebuut in Leoncavallo’s Il Pagliacci met Opera op het Groninger Hogeland. Hier kreeg ze uitstekende recensies van zowel pers als publiek. In 2013 startte ze haar samenwerking met Victoria Dmitrieva (piano). Een aantal van hun korte concerten werd live uitgezonden op Radio 4. In 2015 vertegenwoordigde ze het Prins Claus Conservatorium in de finale van het Grachtenfestival in Amsterdam. In het voorjaar van 2014 zong Varvara voor het eerst bij de KOV in samenwerking met het Twents Jeugd Symfonie Orkest. Vanmiddag zingt Varvara Tishina de sopraanpartij in Ein deutsches Requiem. Hierbij wordt zij begeleid door Victoria Dmitrieva en Aleg Tryfanenkau, geen onbekenden voor elkaar! 7
Roele Kok studeerde piano aan het Prins Claus Conservatorium in Groningen. Hij studeerde daar in 2010 af bij Paul Komen. Zijn eerste zanglessen kreeg hij in 2008 van Hanneke Tichelaar in Groningen. Sinds 2009 studeerde hij klassieke zang, eveneens aan het Prins Claus Conservatorium. Zijn docenten waren Anneloes Volmer, in de vooropleiding, en Hanneke de Wit. Hij sloot deze studie in juni 2014 succesvol af. Hij volgde masterclasses bij Marion van den Akker, Claron McFadden, Marcel Rijans, Rian de Waal en Margreet Honig. Liedklassen volgde hij bij Eelko Moolenaar en Marien van Nieukerken.
8
Verder studeerde Roele, als pianist, liedbegeleiding in de Masteropleiding van het Artez-conservatorium te Zwolle bij Marien van Nieukerken. Hij sloot die studie in januari 2013 af. Roele was en is actief als solist en koorzanger bij Capella Frisiae, de Nederlandse Bach Academie, Consensus Vocalis en Kamerkoor Provocanto. In augustus 2014 maakte hij zijn opera-debuut als Tonio in Leoncavallo’s Pagliacci. Verder is hij als pianist werkzaam als begeleider van masterclasses, diverse zangers en is hij verbonden aan de kamermuziekserie van het Noord Nederlands Orkest. Roele Kok heeft al diverse keren opgetreden bij concertkoor KOV. Samen met sopraan Varvara Tishina zong hij het Requiem van Charles Gounod onder leiding van Bram van der Beek en Carl Wittrock van het Twents Jeugd Symfonie Orkest.
9
Victoria Dmitrieva begon op zevenjarige leeftijd haar muzikale studies op de Pskov Muziekschool in Rusland, waar ze zowel piano als fluit studeerde. In 1994 studeerde ze ‘met lof’ af aan het Pskov Staats College op piano, theorie en geschiedenis van de muziek. In 1992 nam ze deel aan het provinciaal Noord-West pianoconcours, waar ze een diploma en een speciale prijs voor de interpretatie van Rachmaninoff won. In datzelfde jaar trad ze op bij het Internationale Kamermuziek Festival in Kostomuksha (Karelia, Rusland). In 1993 nam ze deel aan het negende Nationale Safonov Pianoconcours. In 2000 studeerde Victoria af aan
10
het Staatsconservatorium van Sint Petersburg op piano. In 2004 behaalde ze haar Bachelor Degree in muziek aan het Prins Claus Conservatorium, in 2007 gevolgd door het Master Degree in piano en in 2008 behaalde Victoria haar Bachelor Degree in fortepiano aan het Koninklijk Conservatorium in Den Haag. Sinds 2006 werkt Victoria aan het Prins Claus Conservatorium in Groningen. Sinds november 2006 heeft zij de beschikking over een Kawai RX-5 vleugel, aangeboden door het Nationaal Muziekinstrumenten Fonds. Sinds 2015 is Victoria Dmitrieva als repetitor verbonden aan Concertkoor KOV. De In Minsk, Wit-Rusland, geboren Aleg Tryfanenkau begon in 1980 zijn piano-opleiding aan de Staatsmuziekschool. Daarna volgde de studie aan het Muziekcollege en de Muziekacademie, in dezelfde stad. In 2000 kreeg hij een aanbod om verder te gaan studeren aan het voormalige Noord-Nederlands Conservatorium in Groningen (nu Prins Claus Conservatorium). Hij studeerde af in 2004 in Groningen en vervolgde zijn studie aan het Koninklijk Conservatorium in Den Haag waar hij in 2007 afstudeerde. Op beide conservatoria kreeg hij les van Paul Komen. Tijdens zijn studie volgde hij masterclasses bij onder anderen Joseph Banowetz (professor aan de North Texas University), Bart van Oort (Koninklijk Conservatorium, Den Haag) en Miranda van Kralingen. Ook ontving hij diverse prijzen bij piano- en kamermuziekconcoursen. Sinds 2008 woont Tryfanenkau in Sappemeer. Hij is actief als solist, kamermusicus en begeleider van vocale solisten. Bij de Nationale Reisopera was hij als repetitor betrokken bij de ‘La Cenerentola’ van Gioacchino Rossini. Ook is hij als repetitor verbonden aan het Noord Nederlands Orkest en het Peter de Grote Festival. 11
De titel van Brahms’ Deutsches Requiem is misleidend. De tekst is weliswaar Duits, maar is het ook een Requiem? In elk geval niet in zoverre de tekst geen vertaling is van de Latijnse Requiem-mis, de Missa pro defunctis. In het negentiende-eeuwse Duitsland bestond een tendens, en niet alleen binnen het protestantisme, om eerbiedwaardige oude teksten die de katholieke kerk nog gebruikte, in Duitse vertaling of herdichting op muziek te zetten, getuige een Duitse versie van Mozarts Requiem of Schuberts Deutsche Messe. Die traditie volgde Brahms niet; hij refereerde meer aan Schütz’ zeventiende-eeuwse Musikalische Exequien (‘Teutsche Begräbnis-Missa’, 1636), een poging tot een protestants equivalent van de latijnse dodenmis waartoe de beoogde overledene, Prins Heinrich Posthumus von Reuss zelf een aantal bijbelteksten had geselecteerd. Ook Brahms selecteerde teksten uit Johannes Brahms in 1866 het Oude en Nieuwe Testament en uit apocriefe boeken die in zijn Luthervertaling voorkwamen (alleen het ‘Selig sind die Toten’ treffen we ook bij Schütz aan), maar het was niet zijn bedoeling om liturgische muziek te schrijven; hij schreef een religieus werk voor de concertzaal, en plaatste zich daarmee in de traditie van Händels Messiah en Beethovens Missa Solemnis. Belangrijker nog is dat Brahms’ Requiem niet speciaal bedoeld is voor perioden of gelegenheden van dood, rouw, sterven en begraven. Dit Requiem is niet zoals de Requiem-mis een bede voor het zielenheil van een overledene, maar troostmuziek voor allen die geliefden te betreuren hebben en bezorgd zijn om de eindigheid van hun eigen bestaan. Het is een hooglied van de troost. Hier vinden we geen ’Dies Irae‘, geen hel en verdoemenis, geen bedreigende apocalyptische perspectieven, maar bemoediging voor treurenden en twijfelenden op basis van een bevrijdend en troostrijk 12
vertrouwen in Gods onvoorwaardelijke liefde, en een verzoening met de dood. En ten slotte: Brahms’ Requiem ‘nach Worten der Heiligen Schrift’ is geen specifiek protestantse of zelfs maar christelijke muziek. Christus, zonde en kruis mankeren in de tekst, evenals alle andere dogmatische noties. Hoewel Brahms kerkelijk en met de bijbel was opgevoed had hij zich ontwikkeld tot een religieus maar niet confessioneel geïnteresseerde vrijdenker die toch geen dag buiten de bijbel kon, maar zijn Requiem zag als een humanistische lijdensmeditatie. Het woord ‘deutsches’ verklaarde Brahms -die ook zeker niet voor een nationalist wilde worden aangezien- graag te willen inwisselen voor ‘menschliches’. De bijbel las hij als inspirerende poëtische literatuur, niet als theologisch document. Dat de woorden ‘von nun an’ (deel 7) naar Christus’ dood verwijzen neemt hij voor lief, zonder daar verder op in te gaan. Het monumentale Deutsches Requiem beleefde zijn première op Goede Vrijdag 10 april 1868 in de Dom van het Noord-Duitse Bremen, onder leiding van Brahms zelf. Met zijn lengte van zeventig minuten was het -op dat momentBrahms’ langste compositie, en dat zou het blijven, ook na zijn latere grote symfonieën. En het bleek zijn ‘meesterstuk’ te zijn, de afronding van lange en moeizame leerjaren waarmee de 35-jarige Brahms, die tot dan toe slechts beperkte bekendheid genoot als klavierleeuw, koordirigent en componist van vocale en kamermuziek, in één klap zijn naam vestigde in de Europese muziekwereld. En waarmee bewaarheid werd wat zijn mentor Robert Schumann al in 1853 over de toen 20-jarige Brahms formuleerde: dat we hier met een groot en veelbelovend talent te doen hebben. Dat Schumann al Robert Schumann in zijn Projektbuch het ontwerp voor een ‘deutsches Requiem’ noteerde wist Brahms trouwens nog niet toen hij het componeerde. Schumanns dood in een inrichting (1856), twee jaar na zijn zelfmoordpoging in de Rijn, heeft Brahms sterk aangegrepen, en mede tot het Deutsches Requiem geïnspireerd. In 1861 blijkt hij de teksten al verza13
meld te hebben, maar de compositie komt pas echt op gang na de dood van zijn moeder in 1865. Twee jaar later is het werk gereed, maar in het katholieke Wenen volstaat men (tijdens een Schubert-herdenking op 1 december 1867) met een uitvoering van de eerste drie delen, uit angst het publiek te overbelasten met het werk van deze zwaartillende Noord-Duitser; het stuk wordt op gejoel en gesis onthaald, zonder dat Brahms daarvan erg onder de indruk is. Na de pauze wordt Rosamunde van Schubert gespeeld. De Goede-Vrijdaguitvoering in Bremen, voor een publiek van 2500 personen, wordt daarentegen een groot succes, en moet drie weken later worden herhaald. Het deutsches Requiem omvat dan trouwens nog maar zes delen en heeft alleen een baritonsolist; het latere deel 5, met de sopraansolo, ontbreekt nog. Aan de uitvoering gaat bovendien een discussie met het kerkbestuur vooraf, dat het ontbreken van Christus’ kruisdood in het stuk onaanvaardbaar acht; na deel 3 wordt het stuk daarom onderbroken voor een uitvoering van de sopraanaria ‘Ich weiss daß mein Erlöser lebt’ uit Händels Messiah. Wellicht dat deze sopraansolo Brahms inspireerde tot zijn toevoeging ‘In Gedanken an die Mutter’, waarmee hij niet alleen een vrouwelijke solist introduceerde maar ook de hele architecGewandhaus in Leipzig in de 19e eeuw tuur in evenwicht bracht. Brahms draagt het werk op aan de nagedachtenis van zijn moeder en Robert Schumann. 18 februari 1869 wordt in het Leipziger Gewandhaus o.l.v. Carl Reinecke voor het eerst de definitieve versie uitgevoerd. De volgende tien jaren wordt het stuk in Europa zeker honderd keer uitgevoerd. Het zevendelige Deutsches Requiem is fraai symmetrisch opgebouwd rond het vierde deel, een idyllische schets van het Koninkrijk Gods. De hoekdelen 1 en 7, twee zaligsprekingen, verwijzen naar elkaar, in tekst, muziek en sfeer: ’Selig sind die da Leid tragen‘, respectievelijk ‘Selig sind die Toten’. Het verstilde middendeel wordt geflankeerd door twee delen (3 en 5) waarin telkens één solist optreedt; de bariton treedt ook op in deel 6 maar in een 14
veel ondergeschikter rol. De delen 3 en 5 hebben met elkaar gemeen dat zij vanuit het perspectief van de individuele mens zijn gedacht, de delen 2 en 6 zijn daartegenover algemener van aard, het zijn de meest dramatische delen, met grote contrasten tussen pijn en vreugde, lijden en troost; zij eindigen beide met eclatante, jubelende fuga’s waarin de romanticus, de classicus en de Bachbewonderaar in Brahms elkaar de hand reiken. Dit formeel symmetrische karakter staat trouwens een doorgaande, vooruitwijzende dynamiek niet in de weg: terwijl de eerste delen ‘s mensen vergankelijkheid behandelen, openen de laatste delen het troostvolle uitzicht op eeuwig leven. De ’Seligkeit‘ c.q. benijdenswaardigheid van de doden uit deel 7 vormt de troost voor de lijdenden uit deel 1. De oorspronkelijke versie van het Deutsches Requiem vergt een enorme orkestbezetting: behalve strijkers en dubbel bezette fluiten, hobo’s, klarinetten, trompetten en fagotten zijn er vier hoorns voorgeschreven, drie trombones, een tuba, een contrafagot, een harp, pauken en ad libitum een orgel. Pagina uit Brahms’ Ein deutsches Requiem Maar reeds in januari 1869 voltooide Brahms op verzoek van zijn uitgever een versie waarin het orkest is vervangen door piano à quatre mains. Deze versie beleefde zijn première in London, op 10 juli 1871 en heet daarom sindsdien de ‘Londense versie’; daarin werd overigens ook een Engelse tekst gebruikt. Deze reductie tot kamermuzikale proporties door de componist zelf is niet verbazend. Er bestond in de burgerlijke salons van de negentiende eeuw een grote behoefte aan quatre-mainsversies van symfonisch werk; zo’n versie versnelde de verspreiding en vergrootte de bekendheid ervan. Daar komt bij dat Brahms toch al vanuit de piano dacht en componeerde. Niet alleen was het tweede deel van zijn Requiem aanvankelijk ontstaan als sonate voor twee piano’s, diverse andere van zijn orkestwerken (zoals de Hongaarse dansen en de Haydn-variaties) zijn oorspronkelijk voor twee pianisten geschreven en pas later georkestreerd. © Eduard van Hengel, 2005 15
1. Koor Selig sind, die da Leid tragen, denn sie sollen getröstet werden. (Mattheüs 5:4) Die mit Tränen säen, werden mit Freuden ernten. Sie gehen hin und weinen und tragen edlen Samen, und kommen mit Freuden und bringen ihre Garben. (Psalm 126:5-6) 2. Koor Denn alles Fleisch es ist wie Gras und alle Herrlichkeit des Menschen wie des Grases Blumen. Das Gras ist verdorret und die Blume abgefallen. (Petrus 1:24) So seid nun geduldig, lieben Brüder, bis auf die Zukunft des Herrn. Siehe, ein Ackermann wartet auf die köstliche Frucht der Erde und ist geduldig darüber, bis er empfahe den Morgenregen und Abendregen. (Jacobus 5:7) Aber des Herrn Wort bleibet, in Ewigkeit. (Petrus 1:25) Die Erlöseten des Herrn werden wieder kommen, und gen Zion kommen mit Jauchzen; ewige Freude wird über ihrem Haupte sein; Freude und Wonne werden sie ergreifen und Schmerz und Seufzen wird weg müssen. (Jesaja 35:10) 3. Koor met baritonsolo Herr, lehre doch mich, daß ein Ende mit mir haben muß, und mein Leben ein Ziel hat, und ich davon muß. Siehe, meine Tage sind einer Hand breit vor dir, und mein Leben ist wie nichts vor dir. Ach, wie gar nichts sind alle Menschen, die doch so sicher leben. Sie gehen daher wie ein Schemen, und machen ihnen viel vergebliche Unruhe; sie sammeln und wissen nicht, wer es kriegen wird. Nun Herr, wes soll ich mich trösten? Ich hoffe auf dich. (Psalm 39:5,6,7,8) 16
‘Een Hollands Requiem’ (Ein deutsches Requiem) Hertaling: Jan Rot 1. Koor Levend zijn, is de pijn dragen Die je eerst nog ontroostbaar maakte Wie hun tranen laten, vullen de eerste leegte Zij geven toe en rouwen en rapen zich weer samen En komen tot leven en zingen bij hun graven Levend zijn, is de pijn dragen Die je eerst nog ontroostbaar maakte Die je eerst nog ontroostbaar liet zijn 2. Koor Van vlees en bloed tot stof en as Van lijf dat liefheeft, leeft en lacht Tot lijk bekranst met bloemen. De krans zal verdorren Als de bloemen morgen hangen En ben je verdrietig, lieve vrienden Denk aan de slijttijd van pijn Eerst is het maandenlang winter En het bruisende hart bevroren Je telt verdrietig je tranen Tot ze vermengen Met lenteregen, met zomerregen Nog steeds verdrietig... Van vuur en vlam in zak en as De Mens een levensboom en wij Eén jaar haar blad en bloemen De boom zal weer bloeien Al zijn blad en bloem vervangen Dat is niet wat ons bijblijft Bijblijft in eeuwigheid... Zoete zomers vol geluk 17
Reizen, wijze woorden Duizend dingen, duizend dingen Komen weer boven Vrede, eeuwige vrede Zo leven onze doden voort Vrede, nee, vreugde Zal je overspoelen Waar wee en woede Weer weg ebben Zoete zomers vol geluk Reizen, wijze woorden Duizend dingen, duizend dingen Komen weer boven Vrede, eeuwige vrede Zo leven onze doden voort Zo leven onze doden door 3. Koor met baritonsolo Vaak vraag ik mij af Is mijn einde onvermijdelijk? Zal mijn leven voorbij zijn Als ik de geest geef? Stel nou, ik word honderd Wie weet ben ik dan bereid Wordt het morgen Sterf ik vóór mijn tijd Vaak vraag ik mij af Hoe oneindig is mijn eindigheid Zal mijn leven voorbij zijn Als ik de geest geef? Jaloersmakend zijn alle mensen Die zelfverzekerd leven Hun hang naar het licht Kent geen schaduw En wat een wetenschapper zegt
Der Gerechten Seelen sind in Gottes Hand und keine Qual rühret sie an. (Wijsheid 3:11) 4. Koor Wie lieblich sind deine Wohnungen, Herr Zebaoth! Meine Seele verlanget und sehnet sich nach den Vorhöfen des Herrn; mein Leib und Seele freuen sich in dem lebendigen Gott. Wohl denen, die in deinem Hause wohnen, die loben dich immer dar. (Psalm 84:2,3,5) 5. Koor met sopraansolo Ihr habt nun Traurigkeit; aber ich will euch wiedersehen und euer Herz soll sich freuen und eure Freude soll niemand von euch nehmen. (Johannes 16:22) Ich will euch trösten, wie einen seine Mutter tröstet. (Jesaja 66:13) Sehet mich an: Ich habe eine kleine Zeit Mühe und Arbeit gehabt und habe grossen Trost funden. (Sirach 51:27) Ich will euch trösten, wie einen seine Mutter tröstet. (Jesaja 66:13) 6. Koor en baritonsolo Denn wir haben hie keine bleibende Statt, sondern die zukünftige suchen wir. Siehe, ich sage euch ein Geheimnis: Wir werden nicht alle entschlafen, wir werden aber alle verwandelt werden; und dasselbige plötzlich, in einem Augenblick, zu der Zeit der letzten Posaune. Denn es wird die Posaune schallen, und die Toten werden auferstehen unverweslich und wir werden verwandelt werden. Dann wird erfüllet werden das Wort, das geschrieben steht: Der Tod ist verschlungen in den Sieg. Tod, wo ist dein Stachel! Hölle, wo ist dein Sieg! (Korintiërs 1:15, 51 -52, 54-55) Herr, du bist würdig zu nehmen Preis und Ehre und Kraft, denn du hast alle Dinge erschaffen, und durch deinen Willen haben sie das Wesen und sind geschaffen. (Openbaring 4:11) 18
Dat staat daar buiten Zij weten, zonder bewijs, Van het paradijs Maar ik? Hoe moet ik me troosten? Al hoop ik op niets: De gestorven zielen vormen één geheel En dood noch doem doen daar aan af 4. Koor Hoe heerlijk is de herinnering Hier binnenin Waar nog lente Verlangen en liefde leeft Vrij van tijd, spijt en berouw Hun hart en ziel en geestesvuur Geven de levenden zin Hoe heerlijk is de herinnering Hier binnenin Vrij zijn zij Die in onze harten wonen Daar zingen zij levenslang Zij zingen daar levenslang Hoe heerlijk is de herinnering 5. Koor met sopraansolo U ziet nu diep verdriet Diep verdriet Later, later, Zal ik u zeker weerzien En deze dag breng ik vrede En deze vrede zal niemand u ontnemen Ik zal u troosten Ik zal u als een moeder troosten Moeder Aarde 19
Ziet eindigheid als kleinigheid Leven en lijden voorbij Laat van een groot geheel deel zijn Ik zal u troosten Ik zal u zeker weerzien 6. Koor met baritonsolo Niemand van ons hier Heeft de eeuwige jeugd Sterker, als eerstvolgende sterven wij Vrienden, de dood is een desillusie De aarde blijft doodgewoon draaien Terwijl er elders baby’s geboren worden Maar met jouw laatste adem Je laatste ogenblik Kraait een kind de eerste victorie Laat ze hier de victorie vieren Waar ze daar de dode opgebaard zien Onomkeerbaar, onomkeerbaar Want wij willen volwassen worden Licht, licht op het nieuwe leven Het lijk geeft de fakkel door De dood is verslagen in een kind Dood, waar is je dreiging? Drama, waar is het doek? Hoe moet je verder... Geloof in hoop en liefde en kracht Er zijn nog zoveel dingen van waarde En wat nu nog zin heeft Blijkt als jij het zin geeft Jouw tijd op aarde 7. Koor Levend zijn de doden Zolang wij hen herdenken
7. Koor Selig sind die Toten, die in dem Herren sterben, von nun an. Ja, der Geist spricht, dass sie ruhen von ihrer Arbeit; denn ihre Werke folgen ihnen nach. (Openbaring 14:13)
20
Voor altijd Ja, de geest spreekt Laat ons zwijgen van dood en drama Want wie wij waren geven wij niet mee Levend zijn de doden Aan wie wij blijven denken Levend zijn de doden Zolang wij hen herdenken Levend zijn de doden Zolang wij leven en hen herdenken © jan rot, 2007 In dit programmaboekje is niet de letterlijke Nederlandse vertaling van Ein deutsches Requiem opgenomen, maar de zgn. ‘hertaling’ van Jan Rot: Een Hollands Requiem. Jan Rot (1957) schreef de hertaling in 2007 in opdracht van het Philharmonisch koor Toonkunst in Rotterdam. In 2006 maakt hij al een Nederlandse tekst bij de Matthäus Passion van Bach. Het Hollands Requiem werd voor het eerst uitgevoerd op 15 december 2007 in Muziekgebouw aan ‘t IJ, Amsterdam met orkest. Ein Deutsches Requiem gaat over de dood, de worsteling van de mens daarmee, het verdriet van het verlies van de achterblijvers, maar ook over troost en aanvaarding. Jan Rot is erin geslaagd al deze thema’s in het Nederlands te vatten. Zijn tekst is begrijpelijk, ontroerend, en heeft een algemeen menselijke, niet-religieuze achtergrond: “Levend zijn, is de pijn dragen, die je eerst nog ontroostbaar maakte” of: “Levend zijn de doden zolang wij hen herdenken.” Jan Rot: ‘Het verschil tussen “Wie lieblich sind deine Wohnungen, Herr Zebaoth” of “Hoe heerlijk is de herinnering, hier binnenin” is op papier groter dan in klank. Maar het grote voordeel van je eigen taal is dat je meteen de weg terugvindt als je bent afgedwaald’. 21
22
Concertkoor KOV stelt zich ten doel grote oratoria en andere geestelijke en wereldse werken uit te voeren. Daarbij streeft het koor naar een hoog kwaliteitsniveau. Dat betekent dat de concerten moeten plaatsvinden in goede concertzalen en met professionele orkesten en solisten. Hiervoor is veel geld nodig. Geld dat niet altijd uit de verenigingsmiddelen en concertopbrengsten kan komen. Daarom is financiële ondersteuning van buitenaf hard nodig. Zonder uw steun is het onmogelijk om het financiële plaatje rond te krijgen. Als u ons wilt steunen kunt u vriend worden van Concertkoor KOV. Voor een jaarlijkse bijdrage van minimaal €25 bent u al vriend van de KOV. Als vriend heeft u recht op: • De voorverkoopprijs van kaarten • Twee gereserveerde plaatsen • Een gratis programmaboekje • Informatie over kooractiviteiten via de nieuwsbrieven • Uitnodigingen voor lezingen, vriendenmiddagen en meezingconcerten U kunt zich als Vriend van de KOV opgeven bij Anita Kuis: anitakuis@ziggo.nl Adverteren in het programmaboekje? Ook kunt u als bedrijf of instelling Concertkoor KOV financieel steunen. Een van de mogelijkheden is het adverteren in het programmaboekje van een concert. De kosten daarvoor zijn: voor een hele A5 pagina €100, voor een halve A5 pagina €50 en voor een derde A5 pagina €35. Wilt u meer weten of u aanmelden? Mail dan naar info@kov-groningen.nl Het volgende concert van concertkoor KOV zal plaatsvinden op 27 november. Dan wordt een volledig Engels programma uitgevoerd met werken van o.a. Ireland, Elgar en Wood. Bank: NL85 INGB 0001 019 318 Website: www.kov-groningen.nl Colofon Redactie: Vrouwine Thiadens-Kanon Vormgeving: Han Santing 23
24