Skip to main content

#inclusie#persoonlijke assistentie: grip op je leven

Page 1

#inclusie#persoonlijkeassistentie grip op je leven

GELIJKE RECHTEN VOOR IEDERE PERSOON MET EEN HANDICAP


#inclusie#persoonlijkeassistentie grip op je leven zeven verhalen van mensen met een handicap en hun persoonlijke assistenten over het recht op persoonlijke assistentie om een onafhankelijk leven te leiden Cfr. Art. 19 van VN-Verdrag inzake de Rechten van Personen met een Handicap

3


4

Inhoudstafel Inleiding

6

Dominiek en Lana Persoonlijke assistentie in ons land

10 18

Monique en Lieven Directe financiering en persoonlijke assistentie De job van persoonlijke assistent

21 31 32

Glenn en Kenny De persoonlijke assistent De relatie tussen de persoon met een handicap en de persoonlijke assistent

34 43 44

Stijn en Liesbet Opleiding en diploma De match Werktijden en combinatie met privéleven

46 54 54 54

Nadia en Nabil De verspreiding van persoonlijke assistentie in Vlaanderen Begripszuiverheid

56 65 66

Lies en Hilde De persoon met een handicap als werkgever / opdrachtgever Peer counseling: naar innovatie in de ondersteuning van personen met een handicap Budgethoogte vaak problematisch

67 78

Gabria en Nena De job is weinig bekend en wordt te weinig gezien als een waardevolle job Minderjarigen: persoonlijke assistentie ook voor kinderen.

82 90 91

78 80


5


6

Inleiding Personen met een handicap hebben recht op persoonlijke assistentie. Al 20 jaar krijgen mensen met een handicap via persoonlijke assistentie grip op het eigen leven. Toch is persoonlijke assistentie nog onbekend, en duikt er verwarring op over wat er nu wel en niet onder gevat kan worden. GRIP ging op zoek naar 7 verhalen om jou te tonen wat persoonlijke assistentie is, hoe het werkt en wat het betekent voor inclusie. Het werden duo-interviews van een persoon met een handicap en zijn of haar persoonlijke assistent. Persoonlijke assistentie is geen doel maar een middel. Een heel krachtig middel! Persoonlijke assistentie brengt een gewoon leven dichterbij, geeft mensen beslissingsrecht en behoudt daardoor de menselijke waardigheid. Persoonlijke assistenten doen een topjob! Lees het verhaal van Dominiek en Lana, Monique en Lieven, Glenn en Kenny, Stijn en Liesbet, Nadia en Nabil, Lies en Hilde en Gabria en Nena. 1. Dominiek en Lana: “Het was voor mij een openbaring” 2. Monique en Lieven: Geen eenzaam isolement dankzij persoonlijke assistentie 3. Glenn en Kenny: “Ik ben geen kostenpost, ik ben een investering waard” 4. Stijn en Liesbet: “Mijn handen en voeten: zonder persoonlijke assistent heb ik geen bewegingsvrijheid” 5. Nadia en Nabil: “Geen assistentie zou voor mij gelijk staan aan stilletjesaan wegkwijnen” 6. Lies en Hilde: “Door persoonlijke assistentie heb ik een leven zoals jij” 7. Gabria en Nena: “Ik vind het belangrijk om er te zijn wanneer het nodig is, en op de achtergrond te blijven wanneer het kan.”


Focus Aan het einde van elk verhaal brengen we in kaderstukken extra uitleg over persoonlijke assistentie en een aantal uitdagingen. GRIP vindt het belangrijk dat deze uitdagingen snel en stevig worden aangepakt zodat persoonlijke assistentie echt de wind in de zeilen krijgt en het recht op persoonlijke assistentie versterkt wordt.

Twee focusgesprekken Persoonlijke assistentie bestaat in Vlaanderen 20 jaar. Het was voor GRIP een gelegenheid om achteruit te blikken, stil te staan bij de situatie van vandaag en vooruit te kijken. Hiervoor organiseerden we 2 focusgesprekken met mensen die aan de basis liggen van het ontstaan van persoonlijke assistentie in Vlaanderen en ook nu nog met persoonlijke assistentie werken. We verweven de resultaten van deze gesprekken in de kaderstukken in deze brochure.

Het recht op persoonlijke assistentie Het recht op persoonlijke assistentie wordt gevat in artikel 19b van het VN-Verdrag inzake de Rechten van Personen met een Handicap.

7


8

Artikel 19. Zelfstandig wonen en deel uitmaken van de maatschappij De Staten die Partij zijn bij dit Verdrag erkennen het recht van alle personen met een handicap om in de maatschappij te wonen met dezelfde keuzemogelijkheden als anderen en nemen doeltreffende en passende maatregelen om het personen met een handicap gemakkelijker te maken dit recht ten volle uit te oefenen en volledig deel uit te maken van, en te participeren in de maatschappij, onder meer door te waarborgen dat: a. personen met een handicap de kans hebben, op voet van gelijkheid met anderen, vrij hun verblijfplaats te kiezen, alsmede waar en met wie zij leven, en niet verplicht zijn te leven in een bepaalde leefstructuur; b. personen met een handicap toegang hebben tot een reeks van thuis, residentiële en andere ondersteunende diensten in de maatschappij, waaronder persoonlijke assistentie, noodzakelijk om het wonen en de opname in de maatschappij te ondersteunen en isolatie of uitsluiting uit de maatschappij te voorkomen; c. de sociale diensten en faciliteiten voor het algemene publiek op voet van gelijkheid beschikbaar zijn voor personen met een handicap en beantwoorden aan hun behoeften.”


Wat is persoonlijke assistentie? Persoonlijke Assistentie is ondersteuning onder controle van de persoon met een handicap of zijn wettelijke vertegenwoordiger: eigen keuze van assistent en van de te verlenen ondersteuning. De assistentie aan de persoon met een handicap is persoonlijk indien de persoon met een handicap beslist wie als assistent optreedt, welke ondersteuning de assistent verleent, waar, wanneer en hoe de assistent ondersteuning verleent. In een aantal landen of regio’s bestaan er wettelijke systemen die personen met een handicap een budget toekennen waarmee ze persoonlijke assistentie kunnen organiseren.

#inclusie Dit is de vijfde in een reeks publicaties van GRIP. In #inclusie tonen we hoe mensen met een handicap die in de maatschappij leven inclusie ervaren. Enerzijds laten zij zien dat dit mogelijk is. Anderzijds leggen hun ervaringen ook een aantal knelpunten bloot waar beleidsmakers mee aan de slag kunnen. Elke #inclusie focust op een ander thema. Deze publicaties zijn te koop of kunnen gratis gedownload worden via https://www.gripvzw.be/nl/categorie/39/publicaties. Zo werken we aan een inclusieve samenleving waar ook personen met een handicap gelijke kansen ondervinden.

9


10

Het was voor mij een openbaring Dominiek en Lana leerden elkaar 5 jaar geleden kennen op Rock for Specials. Zij hielpen beide op het festival als vrijwilliger. Dominiek bestelde bij Lana frietjes aan het frietkraam, en zo ging de bal aan het rollen. Ondertussen is Lana 5 jaar persoonlijke assistent bij Dominiek en ondersteunt ze hem in zijn zelfstandigheid, dromen en verlangens.


GRIP: Dominiek, hoe lang maak jij al gebruik van persoonlijke assistentie? Dominiek: Al meer dan 16 jaar. Ik ben de eerste persoon met een verstandelijke beperking die een persoonlijke assistentiebudget kreeg in Vlaanderen. Ik was toen al rond de 40 jaar. Toen werd ook mijn netwerk geboren. Zij ondersteunen me bij mijn zelfstandig leven. Ik koester nog steeds het geboortekaartje van mijn netwerk. GRIP: Je hebt lang in een voorziening gewoond. Hoe belangrijk is persoonlijke assistentie geweest om zelfstandig te gaan wonen? Dominiek: Heel belangrijk. Het is niet alleen kwestie van een betaalbaar huis te vinden. Je moet ook aan de juiste ondersteuning geraken. Zonder persoonlijke assistentie zou het niet lukken. GRIP: Het lijkt me een hele grote stap. Heel spannend ook?

Geboortekaartje netwerk Dominiek

Dominiek: Ook de steun van mijn goede vriend Jan-Jan Sabbe Sabbe is enorm belangrijk geweest. Hij heeft ook mee geholpen mensen rondom mij te verzamelen die samen als mijn netwerk helpen om grote en kleine keuzes te maken in mijn leven. Jan-Jan is gestorven, maar mijn netwerk bestaat nog om mij te steunen.

11


12

GRIP: Heeft persoonlijke assistentie voor jou veel veranderd? Dominiek: Ik zal nooit de dag vergeten dat de brief kwam van het Vlaams Fonds met de boodschap dat ik een PAB kreeg. Het Vlaams Fonds is de vroegere naam van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap. We hebben toen een artikel in de streekkrant gezet ‘Dominiek zoekt een persoonlijke assistent’. De sollicitaties gingen door in de voorziening. GRIP: Kan je door je persoonlijke assistentie meer je eigen leven leiden? Dominiek: Het was voor mij een openbaring. Ik kon eindelijk de dingen doen die ik zelf wou, er werd niet steeds over mijn hoofd beslist door anderen. Ik kon naar GRIP gaan, alleen zijn, met mensen in contact komen, participeren in een filmclub, op tv kijken naar wat ik wil, eens op café gaan, een eigen vzw oprichten, zelf op reis gaan, naar een congres gaan over rechten voor mensen met een beperking met Onze Nieuwe Toekomst (ONT), een eigen handelingsplan ontwikkelen met Jan-Jan, kortom mijn eigen dromen realiseren. GRIP: Wat betekent een persoonlijke assistent nu voor jou? Dominiek: Mijn persoonlijke assistent is voor mij een vertrouwenspersoon. Ik kan erop rekenen dat wanneer ik dingen tegen haar vertel dat die niet verder gaan. Zeker wanneer het gaat over relaties, een thema waar ik veel mee bezig ben. Ze ondersteunt me in het leggen van contacten, bijvoorbeeld bij het schrijven van een brief of mail. Mijn assistent helpt ook om te verwoorden wat ik voel. Ze ondersteunt me bij de projecten die ik wil uitwerken, bij het schrijven van een boek, opdrachten met studenten, lesgeven, een spel ontwikkelen, en zo veel meer.


GRIP: Een persoonlijke assistent is voor jou iemand bij wie je je goed voelt? Dominiek: Ja, iemand waarbij ik een eerlijk antwoord krijg als ik een vraag heb. Dat die persoon elke vraag serieus neemt en de vraag niet negeert, maar er iets mee doet. Welke vraag het ook is, een vertrouwenspersoon gaat op zoek hoe hij/zij aan de slag kan gaan met je vraag. Bijvoorbeeld, als ik iets niet begrijp, dan vraag ik het aan mijn vertrouwenspersoon. Als het dan nog niet voldoende duidelijk is, gaan we verder op zoek. Bijvoorbeeld door naar de bib te gaan, op te zoeken op internet, of andere mensen te bevragen. Ik vind het ook heel belangrijk dat mijn persoonlijke assistent mijn voorkeur ook duidelijk maakt aan andere mensen, en hiermee rekening houdt. Ik voel me bijvoorbeeld niet gemakkelijk bij een mannelijke arts. Mijn vertrouwenspersoon weet dit en zal dus ook een afspraak maken bij een vrouwelijke arts. GRIP: Persoonlijke assistentie betekent dat je zelf je persoonlijke assistent kan kiezen. Hoe belangrijk is dat voor jou? Dominiek: Voor mij is het heel belangrijk dat je zelf kan kiezen wie je persoonlijke assistent is. Het is iemand bij wie je je goed voelt, iemand die je in vertrouwen kan nemen, en dat heb je niet bij iedereen. Vroeger woonde ik in een instelling en daar was dat wel anders. GRIP: Hoezo? Dominiek: In de instelling kon je je vertrouwenspersoon zelf niet kiezen, en dat vond ik heel jammer. Je kon hier wel over in gesprek gaan als je ruzie had met je vertrouwenspersoon, maar de groepsverantwoordelijke nam de beslissing.

13


14

GRIP: Als je een persoonlijke assistent aanwerft, dan hou je sollicitatiegesprekken. Waar let je op bij mensen die komen solliciteren? Dominiek: Dat ze mijn ideeën volgen. Als ik een project wil uitwerken, vind ik het belangrijk dat ze me daarin volgen, en het ook belangrijk vinden. Assistenten mogen ook hun ideeën naar voren brengen, maar uiteindelijk beslis ik. Ik let er ook op hoe de sollicitanten met mij omgaan: kijken ze naar mij tijdens de sollicitatie, stellen ze vragen aan mij, of richten ze zich naar de assistent die er bij zit. Ik let er ook op dat de communicatie vlot loopt, dat ze dingen begrijpbaar kunnen uitleggen. En dat ze met de computer kunnen werken. GRIP: Wat heb je al allemaal gedaan de afgelopen jaren dankzij onder meer je persoonlijke assistentie? Dominiek: Een film maken, een boek schrijven over mijn levensverhaal, een vorming maken over relaties en seksualiteit bij mensen met een beperking, taken met studenten orthopedagogiek, eigenlijk al mijn ideeën die ik wil uitwerken. GRIP: Personeelsuren, dat kost wel wat. Hoe betaal je het loon van Lana? Dominiek: Ik betaal mijn persoonlijke assistent met een budget dat enkel bedoeld is voor mijn ondersteuning. Vroeger heette dit persoonlijke assistentiebudget, nu heet het persoonsvolgend budget. Het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap stort dit geld op een aparte rekening. GRIP: Hoe zou je dit budget nog kunnen besteden en waarom kies je daar niet voor? Dominiek: Voor assistentie om uit eten te gaan, uitstapjes te doen, een eigen vzw oprichten,… Ik kies er niet voor omdat ik anders mijn assistenten niet kan betalen voor de dingen die ik nog belangrijker vind.


“Als ik een veel te klein ondersteuningsbudget zou krijgen, dan zou het terug zijn zoals in de instelling. Dan zou ik mijn assistenten niet meer kunnen betalen en zouden ze een andere job zoeken. Dan vallen mijn projecten in het water, kan ik mijn administratie niet meer doen, heb ik geen ondersteuning meer bij mijn financiën,.. Dan is het zoals in de instelling en daar wil ik niet naartoe, dan mogen ze me onmiddellijk een spuitje geven.”

GRIP: Lana, wat betekent persoonlijke assistent zijn voor jou? Lana: Voor mij betekent persoonlijke assistentie afstemming. Meegaan op het ritme van iemand anders, meegaan in de dromen en verlangens van een andere persoon, om deze zo optimaal mogelijk te ondersteunen. GRIP: Is het een uitdagende job? Lana: Deze afstemming vraagt voor mij geduldig zijn, en een evenwicht zoeken tussen wat mogelijk is en de dromen van Dominiek. GRIP: Is het ook voor de persoonlijke assistent belangrijk dat het goed klikt?

15


16

Lana: Persoonlijk vind ik dat onze band gedurende de jaren enorm gegroeid is. Als ik Dominiek in het begin als een ‘werkgever’ beschouwde, is hij ondertussen eerder een vriend, en ook een vertrouwenspersoon geworden voor mij. GRIP: Wat motiveert jou in deze job? Lana: De warme persoon van Dominiek, het gevoel dat je een verschil maakt, de dichte relatie, een vertrouwenspersoon zijn, het werken in een klein team, veel vrijheid. GRIP: Kan jij je persoonlijk ontwikkelen in deze job? Lana: Het voelt enorm fijn om te ervaren dat iemand jouw ondersteuning zo waardeert en dat je belangrijk bent in het leven van een ander. Ik heb als persoonlijke assistent al veel geleerd van Dominiek, om de dingen te nemen zoals ze komen, het belang van een warme knuffel, en de vlotte manier waarop Dominiek met mensen contact maakt en samenwerkt. GRIP: Dat is boeiend voor jou? Lana: Ja. Hij slaagt er elke keer opnieuw in om anderen te enthousiasmeren om mee te stappen in een project. Voor mij gaat het dus om een wisselwerking, we leren van elkaar en gaan samen op zoek. GRIP: Is de job van persoonlijke assistentie voor iedereen weggelegd, denk je? Lana: Het is een precair statuut, het is moeilijk om voltijds als persoonlijke assistent aan de slag te gaan. Daarom combineer ik het ook met een andere


voltijdse job, wat het soms extra uitdagend maakt en flexibiliteit vraagt. Ik denk dat iedereen een waardevolle assistent kan zijn. Ik denk dat het vooral belangrijk is dat het klikt, dat je elkaar kan aanvoelen en op elkaars tempo kan werken. Het gaat vooral over de verbondenheid, ‘de klik’ met iemand. GRIP: Is de job van persoonlijke assistent volgens jou voldoende bekend? Lana: Ik denk dat de job wel voldoende bekend is binnen het orthopedagogische werkveld. Daarbuiten denk ik dat dat minder het geval is. Nochtans denk ik dat mensen met eender welke achtergrond een waardevolle assistent kunnen zijn en dat de job wat meer bekendheid verdient. Het zou mooi zijn als de positieve aspecten van persoonlijke assistent meer in de kijker komen te staan.

17


18

Persoonlijke assistentie in ons land Vlaanderen Vlaanderen is een voorbeeldregio voor ons land. Reeds op 15 december 2000 keurde de toenmalige Vlaamse Regering de regelgeving goed waardoor personen met een handicap een eigen budget kunnen aanvragen om zelf persoonlijke assistentie te organiseren. In de Vlaamse regelgeving wordt persoonlijke assistentie omschreven als “elke vorm van individuele ondersteuning (…) 1 die wordt geboden in een een-opeen relatie aan een persoon met een handicap op basis van een overeenkomst met de persoon met een handicap of zijn wettelijke vertegenwoordiger, waarbij de persoon met een handicap of zijn wettelijke vertegenwoordiger het recht heeft zelf instructie te geven over de inhoud van de ondersteuning, alsook wie de ondersteuning biedt, voor welke taken, op welke tijdstippen en plaatsen, en hoe de individuele ondersteuning moet gebeuren. Hierbij is de persoon met een handicap of zijn wettelijke vertegenwoordiger vrij om de mate van controle over de assistentieverlening te bepalen die overeenkomt met zijn behoeften, bekwaamheden, actuele levensomstandigheden, voorkeuren en betrachtingen.”2

1 en waarvoor een persoonlijk budget wordt ingezet, meer bepaald een persoonsvolgend budget in het geval van een meerderjarige of een persoonlijke assistentiebudget in het geval van een minderjarige. 2 Op de website van GRIP kan je lezen hoe persoonlijke assistentie in de Vlaamse regelgeving wordt omschreven: https://www.gripvzw.be/nl/artikel/499/persoonlijke-assistentie-wettelijk-geregeld


Als minderjarige vraag je hiervoor een Persoonlijke AssistentieBudget (PAB) aan bij het Agentschap Jongerenwelzijn en als meerderjarige vraag je een Persoonsvolgend Budget (PVB) aan bij het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap (VAPH). Het Agentschap Jongerenwelzijn regelt alleen de toegangspoort. Vanaf het moment dat je een PAB krijgt, wordt dit verder opgevolgd en betaald door het VAPH. Het ontstaan en het blijven bestaan van persoonlijke assistentie in de regelgeving is rechtstreeks verbonden met de niet-aflatende inzet en volharding van mensen met een handicap zelf die opkwamen voor gelijke rechten voor personen met een handicap. De strijd voor persoonlijke assistentie, en hiermee de controle over de eigen ondersteuning, is gebaseerd op de eigen ervaringen (zonder persoonlijke assistentie zagen zij zich bijvoorbeeld gedwongen in een instelling te gaan wonen) en een strijd voor de eigen rechten maar tegelijkertijd voor de rechten van alle personen met een handicap en breder zelfs de strijd voor een inclusieve samenleving waarin iedereen op gelijke voet kan participeren.

Uit focusgesprek 2: “Het was een beweging van mensen met een fysieke beperking die wilden dat het stopte dat anderen iets over hun eigen leven te zeggen hadden. Ze zeiden “Nothing about us without us” (niets over ons zonder ons). Van daaruit is de beweging vertrokken. In de teksten van Independent Living Vlaanderen stond toen ook heel duidelijk: “We willen niet meer afhangen van onze familie. We willen zelf kunnen bepalen wat we willen. We willen kunnen meedraaien op alle domeinen. We willen dat er inclusieve oplossingen komen”. Het woord inclusie werd toen nog niet gebruikt, maar het zat wel in de visie.”

19


20

“We waren heel militant. Er waren rechtszaken, betogingen, sleep-ins, enzoverder. Ze keken naar ons als de fanatiekelingen die droomden. We slaagden er op een gegeven moment in om een heel aantal mensen samen te brengen in de gebouwen van de Universiteit van Gent. Dat was belangrijk, andere organisaties sprongen mee op de kar. Daardoor wonnen we aan slagkracht en begonnen politiekers ook te spreken over PAB. Heel in het begin waren we maar een kleine groep maar we waren overtuigd van wat we wilden. Daardoor waren we in staat om een hele verandering teweeg te brengen.” We mogen heel fier zijn dat in Vlaanderen persoonlijke assistentie wettelijk geregeld is. Vlaanderen heeft er terecht een internationale prijs voor gekregen. In Brussel en Wallonië Ook in Brussel en Wallonië zou de mogelijkheid moeten bestaan om een budget in eigen handen te krijgen. Ook daar zou je zonder inmenging van zorgorganisaties moeten kunnen werken, binnen een op 1 op 1 relatie met een persoonlijke assistent.


Geen eenzaam isolement dankzij persoonlijke assistentie Monique Van den Abbeel en vrijwilliger Lieven Debrauwer reflecteren samen over de meerwaarde die persoonlijke assistentie in hun leven brengt.

21


22

Monique: Ik ben nu 45 en sinds mijn 11 jaar volledig blind. Voordien was ik zwaar slechtziend door mijn aangeboren congenitaal glaucoom. In 2001 werd ik mama van een zoon en dan is mijn leven serieus op z’n kop gezet, dus heb ik me anders moeten organiseren. In 2016 heb ik een boek geschreven Graag zien. Blinde mama, sterke vrouw, waarin ik mijn verhaal vertel over hoe ik het heb ervaren om van slechtziend naar blind te gaan, over mijn schoolcarrière in het buitengewoon onderwijs, zelfstudie en de zoektocht naar een job, over het zelfstandig wonen, het moeder worden en het zoeken naar en aanvaarden van assistentie en hulp. Toen ik alleen ging wonen op mijn 20 was het niet evident om hulp te vragen, want ik wou me bewijzen en tonen dat ik alles zelf kon. Het was een uitspraak van mijn mama, die poetsvrouw is, die me een knop deed omdraaien. Ze zei toen: “Monique, ik kom bij gezinnen waarvan de ouders geen beperkingen hebben, maar letterlijk zeggen dat ze geen zin hebben om zelf te kuisen en daarom liever iemand in dienst nemen. En jij zit je hier in tienduizend bochten te wringen om alles zelf te gaan doen, dat is toch niet oké?” Toen nam ik contact op met de mutualiteit, waarvan ik dan een paar uur per week gezinshulp kreeg. Dat was financieel niet evident, want ik leefde van een uitkering voor mensen met een visueel probleem (via de Federale Overheidsdienst (FOD) Sociale Zekerheid) en dan moest er toch wel serieus gerekend en geteld worden om te kijken hoeveel uur ik me kon permitteren. Kies ik ervoor om hulp in te kopen of kies ik ervoor om een keer een weekendje op vakantie te gaan? Dat was wel een serieuze overweging. Uiteindelijk koos ik ervoor om hulp te betalen en die hulp heeft me verteld dat je niet alles uit handen hoeft te geven, maar je dingen ook samen kan doen. En door het samen te doen, je zo meer tijd hebt voor jezelf en relaxter kan zijn om ook andere dingen te doen.


Lieven: Ik ben vandaag (15 april 2021) jarig en dus net 52. Monique en ik leerden elkaar kennen tijdens een panelgesprek voor een damesvereniging in het jaar 2003. Zij zat daar naar aanleiding van een reportage in Koppen als jonge, alleenstaande, blinde moeder en ik was daar als regisseur van de film Pauline & Paulette. Ik had haar reportage nog niet gezien, maar Monique zei toen dat ze mijn film wel gezien had. Ik vond dat heel raar, want mijn eerste gedacht was natuurlijk dat ze als blinde vrouw mijn film onmogelijk gezien kon hebben. Dat was een aanleiding tot een heel tof gesprek. Op een bepaald moment hebben we ook eens afgesproken in Brugge. Toen ik bij haar op bezoek was, heb ik spontaan aangeboden om met wat kleinigheden te helpen. Er lagen bijvoorbeeld wat dingen op de grond die Monique niet kon zien. Later liet haar tienerzoon ook wel wat spullen slingeren waar ze zich niet bewust van was. In periodes dat het voor mij beroepshalve heel rustig werd en – recenter – door corona, kwamen er meer vragen om eens te komen helpen. Voor mij is dat anders: ik ben geen poetsman, geen verpleger, geen sociale hulp. Ik ben in de eerste plaats gewoon een vriend, en op die manier doe je dat ook in een andere hoedanigheid. Het persoonlijk contact dat we hebben, wordt daar natuurlijk ook in verweven. Dat is het bijzondere aan deze wisselwerking. Het is niet alleen klusjeswerk, maar eigenlijk ook heel persoonlijk, in de twee richtingen. Ik kan ook wel eens mijn hart luchten. GRIP: Jullie werken in een systeem met vrijwilligersvergoedingen? Monique: Ja, dat is betaald, met een maximaal plafond van iets van een 1.300 euro per jaar. Ik heb dat zelf voorgesteld aan Lieven, omdat je als vrienden misschien wel veel kan doen voor elkaar, maar waar ligt de grens

23


24

tussen als vriend eens helpen en effectief een klusjesman zijn? Lieven heeft zich bijvoorbeeld ook verdiept in tandems, vooraleer we er samen eentje zijn gaan kiezen. Het voelde voor mij eerlijker aan, ook omdat ik wat ruimte had in mijn budget. Zeker in deze coronatijden kan ik niet zomaar op iedereen beroep doen en aangezien Lieven in mijn bubbel zit, voelt dat gewoon juist om hem voor zijn ondersteuning een stukje te vergoeden. Lieven: Voor mij is het een welgekomen extraatje als artiest. Ik heb geen kunstenaarsstatuut, maar ben zelfstandige, dus als er een periode weinig werk is, zoals nu in de coronacrisis, is dat beetje dat ik kan bijverdienen heel erg welkom. GRIP: Monique, je sprak net over je budget. Voor dat Persoonlijke Assistentiebudget heb jij hemel en aarde moeten verzetten? Monique: Klopt. Ik heb de aanvraag ingediend toen ik zwanger was van mijn zoon Robin. Ik stond jarenlang op de wachtlijst. Elk jaar opnieuw kreeg ik een brief dat ik niet bij de gelukkigen was die een PAB kreeg. Ik heb het financieel enorm zwaar gehad en ben op een gegeven moment emotioneel gecrasht. Ik was totaal geïsoleerd. Een maand voordat mijn zoon 13 jaar werd, kreeg ik eindelijk bericht dat ik mijn PAB kreeg (vandaag Persoonsvolgend Budget, afgekort PVB). GRIP: Hoe heb je dan jouw ondersteuningspuzzel gelegd? Monique: Met mijn PAB heb ik in de eerste plaats mijn poets- en gezinshulp betaald die ik al had. Dan ben ik bij Zorg op Maat terechtgekomen. Zij werken met een systeem waarbij een vaste assistent 20 uur per week bij je is. Daar heb ik ervaren dat zo’n vast werkschema in de week voor mij niet echt werkt. Dat lag niet aan de persoon zelf, want het was een zeer aangename mevrouw. We zijn bijvoorbeeld eens met haar op vakantie geweest. Eindelijk, ik had nog


nooit in mijn leven een echte vakantie gehad, laat staan samen met mijn zoon. Dus gingen we een week naar Kreta. Maar dus, ik merkte al snel dat zo’n vast werkschema voor mij niet werkte. Ik heb heel veel empathie voor de mensen om me heen, dus begon ik mijn hulpagenda aan te passen aan haar privéverhaal.

“Ik was gewend om altijd content te zijn wanneer mensen momenten vrij hadden en me zeiden dat ik met hen mee mocht. Dan zette ik alles on hold, want: Joepie, ik kon eens mee! Door zo’n persoonlijke assistentiebudget kon ik dat gaan omkeren: Wat wil ik gaan doen? Waar wil ik ondersteuning bij? Hoe wil ik mensen inzetten op de momenten die voor mij uitkomen?” Dat was voor mij dus best wel een evenwichtsoefening, want ik was gewoon om mezelf aan te passen. Daarna ben ik terechtgekomen bij Randstad Medical Gent, een afdeling voor alles wat met zorg te maken heeft: medisch personeel, verplegers, opvoeders,… Sinds de intrede van het PAB zijn ook de zorgvragen van budgethouders bij hen beland. Ze zijn zodanig gaan groeien daarin, dat ze nu een aparte werking hebben voor budgethouders die op zoek zijn naar een ondersteuner. Ik ben zo tevreden van hun systeem, ook omdat ze de tijd nemen om je zorgvraag helder in kaart te brengen. Ze staan stil bij wie je bent en welke vormen van assistentie je nodig

25


26

hebt. Stel dat er echt iets onverwachts is, dan kan ik 2 uur op voorhand via het interim-bureau iemand inschrijven. Dat is voor mij op dit moment handig. Ik heb al 17 jaar dezelfde poetshulp, mijn gezinshulp van hetzelfde laken een pak. Maar, dat valt allemaal binnen de kantooruren. Voor alles wat buiten die uren valt, of in de vakanties, … werk ik via het interim-bureau. Ik gebruik soms ook het bijklus-systeem van Trixxo Exxtra voor budgethouders. Daar ben ik zeer tevreden over. Via hen heb ik iemand die af en toe helpt met mijn digitale administratie, of met de lay-out van de teksten die ik schrijf voor mijn website. Of bijvoorbeeld om me te assisteren tijdens een workshop of een lezing GRIP: En daarbij aangevuld dan nog vrijwilligers zoals Lieven? Monique: Met het vrijwilligerssysteem werk ik vooral met mensen die dicht bij mij staan, omdat ik daar een gezond evenwicht wil houden. Het is fijn dat je als kameraad iets wil doen, maar als er iets dringend is, moet die persoon ook alles aan de kant schuiven om me uit de nood te helpen. Dan vind ik het maar heel normaal dat daar toch iets tegenover kan staan. Dat is een mooie wisselwerking. Ook mijn zoon schakel ik af en toe in als jobstudent, een paar uur, hier en daar. Zeker nu hij met de auto kan rijden. GRIP: Hoe anders zou je leven eruitzien als de assistentie er niet zou zijn? Monique: Ik zou best een eenzaat zijn, los van het feit dat ik eigenlijk een zeer open en sociaal iemand ben, die het meestal goed weet uit te leggen. Ik engageer me graag. Het klinkt dus misschien als een contradictie, maar het is wel een feit, die eenzaamheid. Zonder mijn PAB zou ik te veel moeten laten. Mijn lezingen zou ik al niet kunnen doen, want ik kan zelf niet met de auto rijden. Ik heb ook een tijdje kwetsbare


kindjes opgevangen die geplaatst zijn via de jeugdrechtbank. Het is ook maar dankzij mijn assistentiebudget dat ik samen met mijn assistent met hen naar de speeltuin, de zee of het bos kon gaan. Dankzij mijn assistent kan ik nu ook met mijn 7-jarig neefje (wanneer hij bij tante Nikki komt logeren) leuke uitstapjes doen. Op die manier geef ik ook terug aan de maatschappij.

27


28

GRIP: Lieven, ben jij op een bepaalde manier klaargestoomd of opgeleid om te assisteren? Lieven: Nee, dat is iets wat organisch is ontstaan. Sociaal engagement zat altijd al wel in mij, de reflex om mensen te ondersteunen. Je zou bij Monique bijvoorbeeld kunnen denken dat, omdat ze het niet kan zien, het wel niet belangrijk zal zijn voor haar. Maar ze hecht wel belang aan dingen als zorgvuldig gelakte nagels of eens mooi geschminkt zijn en aan kleding en interieur die bij elkaar passen. Het visuele aspect is belangrijk, ook al kan ze dat zelf niet zien. Dat zijn dingen die je gaandeweg leert en waar je rekening mee leert te houden. GRIP: Monique, welke kwaliteiten zijn voor jou fundamenteel voor een assistent? Monique: De mensen in hun eigenwaarde laten, niet alles uit handen willen nemen. Er is eventjes een opleiding geweest via de VDAB en ik kreeg een aantal assistent-stagiairs over de vloer. Ze hebben natuurlijk hun eigen beeld en visie. De kunst is dan om op een vriendelijke manier aan je assistent duidelijk te maken dat hij of zij niet zomaar alles moet overnemen, maar je de ruimte geeft om zelf te vragen wat je nodig hebt. Het is een evenwicht zoeken, elkaar aanvoelen en dat vergt veel energie. Hoe stel ik de vraag? Want ik wil niemand bruuskeren. De ene dag is de andere ook niet, het lukt niet altijd om vriendelijk en rustig te blijven en dat geldt voor iedereen. Om een voorbeeld te geven: Als ik een lezing ga geven zet ik de dingen meestal zelf in mijn auto, want ik ben een puzzelaar en weet graag waar alles staat. Als we ter plekke komen doe ik de koffer open en haal ik graag zelf alles eruit. Mijn assistent stond naast de auto te wachten tot ik alles had uitgeladen en zag iedereen kwaad naar haar kijken met blikken die schreeuwden ‘hoe schandalig is het nu dat jij haar niet helpt’. Mensen kwamen naar me toe om te vragen of ze


dit of dat niet konden doen. De assistent sprak hen toen ook aan: “Als ze mij echt nodig heeft, zal ze het me wel zelf vragen. Het is belangrijk dat ik haar laat doen, want zij weet hoe alles hier in elkaar zit.” De dingen gaan soms wat trager als ik ze zelf doe, maar dat wil niet zeggen dat ik die kans niet moet krijgen. Het is een evenwichtsoefening voor de beide partijen, want soms is het een meerwaarde dat de assistent iets 10 keer sneller kan dan ik. Soms ontstaat er zo ruimte om andere dingen te doen. Ik leer dus ook veel van de mensen die mij assisteren. Ze laten me zoeken, maar ik ondervind ook wel wanneer ik het mezelf niet lastiger moet maken dan nodig door iets wel uit handen te geven. Ik ben me er heel erg bewust van dat ik bijvoorbeeld bij het winkelen heel veeleisend kan zijn. Als budgethouders staan we daar soms misschien te weinig bij stil, bij alles wat we vragen van een assistent. In mijn geval moeten ze niet alleen mijn ogen zijn, maar in de winkel vraag ik bijvoorbeeld heel veel uitleg bij producten, om labels te lezen, nog eens herhalen, nog eens rondwandelen, nog eens nadenken, … Dat vraagt heel veel energie. En als we dan klaar zijn, moeten we inladen, terugrijden, uitladen, … Mentaal is dat best wel pittig. Ze krijgen niet alleen mijn vraag om uitleg, ze krijgen ook al die visuele input. Wat ook van cruciaal belang is voor mij, is de morele ondersteuning. Weten dat er iemand voor je is, dat je een babbel kan doen, dat er een luisterend oor is, dat je zowel kan lachen als huilen. Dat is in mijn verhaal heel belangrijk. GRIP: Lieven, hoe zie jij de job van persoonlijke assistent evolueren? Lieven: Voor mij zou dat gerust het normaalste van de wereld mogen zijn in het straatbeeld: personen met beperkingen die bijgestaan worden door hun assistenten. Ik vind het heel erg mooi en nuttig werk.

29


30


Directe financiering en persoonlijke assistentie Bij directe financiering krijgt de persoon met een recht op ondersteuning het budget voor de eigen ondersteuning in handen. Dat is essentieel om het recht op persoonlijke assistentie zoals ook verwoord in artikel 19 van het VN-Verdrag te waarborgen. Dit is het kader vanuit de internationale beweging voor een onafhankelijk leven. Het Europees Netwerk voor een Onafhankelijk Leven (ENIL) verwoordt het verband tussen persoonlijke assistentie en een eigen budget: “Persoonlijke assistentie is de toewijzing van budgetten aan mensen met een beperking, met het specifieke doel, de ondersteuning die zij nodig hebben te kunnen betalen”3. Over de term directe financiering ontstaat wel eens verwarring. Vanuit collectieve zorgaanbieders wordt het begrip immers juist geduid als rechtstreekse financiering van de zorgorganisaties die een bepaald aanbod voorzien voor mensen met een ondersteuningsnood. Dat is begrijpelijk omdat aanbieders dit vanuit hun eigen perspectief bekijken, dat bovendien historisch gegroeid is. Traditioneel worden zij ‘rechtstreeks’ of ‘direct’ betaald door een of meerder instanties (bijvoorbeeld overheidsdienst(en), private stichting, religieuze congregatie, …) om een bepaald aanbod te organiseren voor mensen met een handicap. Zij baseren hun werking op die budgetten. Bij systemen van directe financiering krijgen zij een belangrijk deel van de financiering van hun werking slechts wanneer mensen met een budget op hen beroep doen en (een deel van) hun persoonlijke budget doorstorten. Die stukjes financiering van de overheid verlopen dan ‘via’ de personen met een handicap. Overigens krijgen zorgaanbieders in tweede instantie alsnog meestal een extra financiële

3 Zie vertaling naar het Nederlands van de definities van ENIL: http://www.enil.eu/wp-content/uploads/2012/05/ENIL-definitions-Dutch2.docx 31


32

bijpassing voor organisatiegebonden kosten en personeelsanciënniteit om de werking te verzekeren en om bij te springen bij het respecteren van regels van arbeidswetgeving inzake bijvoorbeeld vergoeding van anciënniteit. GRIP hoopt dat de verwarring rond de term directe financiering verdwijnt en dat het internationale mensenrechtenkader wordt gehanteerd. Het organiseren van een collectief aanbod waar mensen voor hun ondersteuning beroep op kunnen doen, is vandaag een achterhaalde visie. Vandaag staan de personen en hun rechten centraal en is het in eerste instantie de overheid die in relatie met de burgers hun mensenrechten moet waarmaken. De focus dient bovendien te verschuiven van de zorgorganisaties naar de personen met een handicap en het recht op persoonlijke assistentie en voldoende budget daarvoor. Om al deze redenen pleiten we ervoor dat ook zorgaanbieders en overheden de visie van de mensenrechtenbeweging overnemen, waarbij de rechthebbende persoon centraal staat.

De job van persoonlijke assistent De job van persoonlijke assistent bestaat in Vlaanderen 20 jaar, maar is nog vrij onbekend. Je hoeft dus niet verbaasd te zijn als mensen in jouw omgeving geen goed beeld of zelfs een verkeerd beeld hebben van wat persoonlijke assistentie inhoudt. Persoonlijke assistentie is vaak een mix van concrete hulp en persoonlijk contact. Die combinatie maakt de job heel bijzonder. Je werkt direct mee aan de gelijke kansen tot participatie, autonomie, inclusie en een kwaliteitsvol leven van de persoon voor wie je werkt. Je arbeidstijd bestaat meestal volledig uit de directe ondersteuning van de persoon met een handicap. Vergaderingen bestaan uit gesprekken met


de persoon met een handicap zelf over taken, opdrachten en wat daarbij belangrijk is, en praktische afspraken zoals afspraken rond werkuren. Werken als persoonlijke assistent is werken in functie van wat de ander nodig heeft. Je werkt in de persoonlijke sfeer van iemand. Het is geen organisatie of externe die jouw jobinhoud bepaalt, jou aangeeft wat belangrijk is in de uitvoering van jouw taken, of die jouw werk evalueert, maar de persoon die je ondersteunt zelf. Als je gewend bent om te werken in een zorgorganisatie, dan is dat wellicht een wezenlijk verschil. Kenmerkend aan de job is dat je meestal geen collega’s hebt met wie je samenwerkt. Vaak heeft de persoon met een handicap wel meer dan 1 persoonlijke assistent, maar het is doorgaans niet zo dat deze persoonlijke assistenten ook samenkomen om onderling uit te wisselen over het werk. Sommige werkgevers organiseren wel af en toe een bijeenkomst waarbij zijn of haar persoonlijke assistenten elkaar kunnen ontmoeten. Een van de pioniers verwoordt dit zo: “Collega’s hebben, uitwisselen, leren van elkaar, vormingen kunnen volgen enzovoort is heel belangrijk, zeker in een job als persoonlijke assistent waar vaak gevraagd wordt dat je een creatieve duizendpoot bent. Altijd aanwezig maar toch op afstand, soms balanceren tussen het respecteren van de zelfbeschikking maar ook de interafhankelijkheid van die persoon... Wij proberen dit op te lossen met teamvergaderingen, assistenten vormingen te laten volgen en teambuildingmomenten in te lassen. Niet altijd evident met een team dat regelmatig wisselt. Met andere woorden: we zoeken naar wegen om verbondenheid te creëren tussen de mensen die op een of andere manier ondersteuning geven. We betrekken daar dus ook therapeuten bij en verpleging. Dat vergt wel weer wat organisatie.”

33


34

Ik ben geen kostenpost, ik ben een investering waard Zowel voor de persoon met een handicap als voor de persoonlijke assistent biedt persoonlijke assistentie kansen. Glenn en Kenny vertellen je waarom persoonlijke assistentie vaak niet afhangt van een bepaald diploma.


Glenn: Ik ben Glenn Conings, ik ben 31 jaar, ik heb sinds 2012 een persoonsvolgend budget en woon in een eigen appartement. Ik heb een aangeboren hersenverlamming (cerebrale parese) en daardoor ben ik aan de 4 ledematen beperkt en spastisch, en ben ik ook rolstoelgebonden. Via een speciaal plan heb ik na het buitengewoon onderwijs een paar vakken gevolgd aan de universiteit, waaronder beleids- en bestuurskunde. Ik ben heel actief binnen bijstandsorganisatie Onafhankelijke Leven, waar ik ook als stagiair heb gewerkt en nu alles rond beleid mee opvolg. Kenny: Ik ben Kenny, ik woon in Sint-Truiden met mijn vriendin, dochter en honden. Ik ben de vaste assistent (32 uur per week) van Glenn sinds 2014. Daarvoor heb ik 10 jaar in de bouw gewerkt. GRIP: Hoe hebben jullie elkaar gevonden? Glenn: Kenny’s vriendin werkt in de school waar ik altijd gezeten heb. Kenny: Na zijn schoolcarrière sprak hij nog af met de mensen van Opvoeden, daar ging hij al eens iets mee drinken. Mijn vriendin vroeg me op een keer of ik wou meekomen. We gingen ook eens samen op vakantie met een hele groep. Achteraf kreeg ik dan van Glenn de vraag of ik zijn assistent wou worden. Glenn: Eigenlijk had ik op die vakantie een minder fijne assistent, dus heb ik die laten gaan en gewisseld voor Kenny (lacht).

35


36

“Toen Glenn me de vraag stelde, werkte ik niet. Door een ongeval met de motor is mijn enkel vrij fel beschadigd, waardoor het heel moeilijk werd om nog in de bouwsector te blijven werken.”

GRIP: Hoe zou je persoonlijke assistentie uitleggen aan iemand die er nog niets van kent? Glenn: Eigenlijk is het ADL-ondersteuning: Algemeen Dagelijks Leven. Voor mij betekent het meer vrijheid. Als ik in een instelling zou zitten, dan zou het voor mij niet lukken omdat ik een speciaal karakter heb. Ik luister niet zo goed, dus al die regels en schema’s zouden niets voor mij zijn. Ik beslis graag zelf over mijn dag. GRIP: Glenn, wat zijn voor jou de essentiële eigenschappen van een persoonlijke assistent? Glenn: Goh, wat een vraag. Daar heb ik zo nog niet over nagedacht. Een assistent moet toch wel een beetje sociaal zijn, en flexibel. Ik moet hem een toffe kerel vinden. Belangrijk bij mij is ook dat hij niet met mijn voeten speelt, want dat is het gevaar wel bij mij, dat mensen misbruik durven maken. Daar moet ik voor opletten. Humor is voor mij ook belangrijk. GRIP: Kenny, hoe schat jij dat in? Op welke manier vormen jullie een goed team? Kenny: Ik ben veel rustiger dan Glenn, ik probeer zo weinig mogelijk stress te hebben en me niet te fel op te jagen.


Glenn: Ja, dat is heel goed, want ik ben nogal een stresskip en had ook al assistenten die nog meer stress hadden dan ik. Dat kwam niet goed. GRIP: Hoe verliep bij jullie de opleiding? Glenn, ben jij Kenny’s opleider geweest? Glenn: Zoiets, ja. Ik kan het vrij goed uitleggen. Kenny: We kregen ook wat hulp van de verpleging om alles goed onder de knie te krijgen. GRIP: Ben jij als budgethouder zelf klaargestoomd om werkgever te zijn? Om alle administratie te regelen, zoals de verzekering van je assistent, … ? Glenn: Daar dient de bijstandsorganisatie voor. Die ondersteunen mij bij al mijn vragen. Ik heb een coach van Onafhankelijk Leven die een paar keer per jaar komt om me te begeleiden bij de papierberg. Je kan ook naar de advieslijn bellen, maar dat nummer ken ik nu niet vanbuiten. GRIP: Even over naar de praktijk: neem je mij eens mee doorheen een gemiddelde dag? Glenn: Dat is een moeilijke vraag omdat de dagen bij mij altijd zo verschillend zijn. Kenny: De ochtenden verlopen meestal hetzelfde. Ik kom binnen en vraag of Glenn iets nodig heeft terwijl hij wacht op de verpleging. Die komt hem wassen, aankleden en in de rolwagen zetten. Daarbij ondersteun ik waar nodig. Daarna is het helemaal aan Glenn om de dag in te vullen. Na het ontbijt vertrekken wij meestal met de auto ergens naartoe. Voor corona gingen wij overal naartoe: Brussel, Gent, Antwerpen, noem maar op, … Op een goed jaar rijden we toch zo’n 40.000 kilometer. 37


38

Glenn: Ik bezoek graag van alles! GRIP: Jij ontdekt de wereld dankzij je assistent? Glenn: Zo kan je het zeggen. Kenny: Glenn zegt waar naartoe en ik rij. ’s Middags eten we dan samen en in de namiddag komt de kinesist, dus daar stemmen we ons dan altijd wat op af, aangezien die bijna dagelijks aan huis komt. Dan help ik ook bij de transfer van de stoel naar het bed, en terug. Tegen 16 uur vertrek ik hier meestal.


GRIP: Even alles op een rij: er komt dagelijks iemand voor de medische zorgen, er komt een kinesist en je hebt Kenny als je persoonlijke assistent voor net geen 8 uur per dag. Krijg je nog andere vormen van ondersteuning? Glenn: Ik heb een poetshulp die op maandag komt en mijn mama kan heel goed koken, dus zij komt dan ’s avonds naar hier of ik ga bij haar langs. GRIP: Heb je ook nachtassistentie? Glenn: Neen, daarvoor heb ik onvoldoende budget. Ik slaap normaal gezien alleen, maar heb wel een alarmsysteem mocht er toch een noodgeval zijn. GRIP: Als je zelf een aantal dingen zou mogen veranderen aan het systeem van persoonlijke assistentie, wat zou je dan graag anders zien? Glenn: Openeindregeling, dat zou ik willen. Wanneer je recht hebt op een budget, dat je het dan ook automatisch krijgt. Geen wachtlijsten meer. Ik zou ook meer naar het Canadese systeem willen gaan. In Canada staat de persoon centraal en om de paar weken kom het hele team rond iemand samen om te spreken met de persoon met de beperking zelf om te zien of alles goed loopt. Kenny: Wat voor mij beter geregeld zou mogen worden is de zoektocht van personen met een handicap naar een persoonlijke assistent. Gewoon één overzichtelijke plek waar je elkaar kan vinden.4

4 Stijn Vlerick nam vanuit die overweging het initiatief om de website assistentiejobs.be op te richten, zie bij interview Stijn en Liesbet

39


40

“De job lijkt het meest bekend bij mensen uit de zorg en sociaal werkers, maar daarbuiten heb ik de indruk dat velen het nog niet kennen. Wanneer het ter sprake komt, wil iedereen weten wat ik precies doe. Dan antwoord ik: “Gewoon de dagdagelijkse dingen. Glenn helpen bij het winkelen, de afwas doen, eten, naar toilet gaan, …“

GRIP: Persoonlijke assistentie bestaat nu 20 jaar, hoe zou jij willen dat het binnen nu en nog eens 20 jaar loopt? Glenn: Als de wachtlijsten voor het grootste gedeelte opgelost zouden zijn, dan zou ik al content zijn. Volledig weg, daar durf ik niet op te hopen. GRIP: Heb je nog een boodschap aan de beleidsmakers om het belang van persoonlijke assistentie te onderstrepen? Glenn: Het is zo belangrijk voor het zelfbeeld van mensen met een beperking en voor het mentaal welzijn. Politici moeten het niet als een kost zien, het is in de eerste plaats een investering. Mensen die persoonlijke assistentie krijgen, kunnen mensen tewerkstellen en zelf ook gaan werken. Politici zien ons veel te veel als een kostenpost.


Kenny: Iedereen moet het recht hebben om z’n leven te leven, om bijvoorbeeld te kiezen wanneer hij opstaat en gaat slapen, waar hij naartoe wil gaan en wanneer, … Assistentie geeft mensen meer vrijheid om te doen en te laten wat ze willen, om niet heel hun leven te moeten wachten op alles en iedereen. Kijk maar eens naar hoe het met ons openbaar vervoer gesteld is. Hoe moeilijk het is voor mensen met een handicap om ergens te geraken. GRIP: Afsluitend, welke dromen heb je in het leven? Glenn: Ik heb nog van alle dromen, maar ik heb de laatste paar jaar zo veel gezondheidsproblemen gehad en ik ben ook een paar vrienden verloren. Ik ben nu uit die put aan het geraken, stilletjesaan, dus kan ik me daar weer meer op gaan focussen. Daarbij is mijn assistent essentieel omdat ik anders fysiek veel te beperkt ben.

41


42


De persoonlijke assistent Bij de persoonlijke assistenten zien we een grote diversiteit: van twintigers tot tachtigers, van ongeschoold tot hoger geschoold, met uiteenlopende gezinssituaties, genderidentiteiten, culturele afkomst en gezondheidstoestand. Ook de werkervaring is uiteenlopend. Sommige persoonlijke assistenten hebben steeds in beroepen met mensen gewerkt en anderen komen uit de industrie, … Welke kwaliteiten een persoonlijke assistent best heeft, kan erg verschillen en is niet in een vast kader te gieten. Het hangt af van de persoon met een handicap en zijn of haar voorkeuren, noden, aandachtspunten. Wie een persoonlijke assistent nodig heeft voor verplaatsingen zoekt iemand met een rijbewijs en vindt mogelijk een veilige rijstijl belangrijk. De persoonlijke assistent zelf zal best iemand zijn die het oké vindt om te werken als chauffeur en zich in het verkeer te begeven. Wie een persoonlijke assistent zoekt om te ondersteunen om naar sociale activiteiten te gaan, zoekt misschien iemand met dezelfde interessesfeer, of iemand die oog heeft voor sociale relaties, communicatie. Voor sommige taken kan fysieke kracht een pluspunt zijn, voor andere taken is dit dan weer niet relevant. Er zijn wel specifieke kwaliteiten die in veel persoonlijke assistentenjobs belangrijk blijken. Het zijn kwaliteiten die ook vaak met persoonlijke houding te maken hebben. Bijvoorbeeld graag met mensen werken, je eigen persoon op de achtergrond zetten, de situatie niet overnemen, vaak ook zelfstandig kunnen werken, ...

43


44

Net zoals bij andere jobs is het essentieel dat de persoonlijke assistent de budgethouder ziet als werkgever en de opdrachten binnen de taakomschrijvingen overeengekomen, aanvaardt. Bij het ingaan op een bepaalde job, gaat hij of zij ook akkoord met de context van die job. Indien er bijvoorbeeld een bepaalde flexibiliteit wordt verwacht of als er sprake is van een breed omschreven takenpakket, dan is het niet aan de persoonlijke assistent om dit ter discussie te stellen.

De relatie tussen de persoon met een handicap en de persoonlijke assistent De basis van persoonlijke assistentie is een respectvolle werkgever – werknemer relatie. Er moet daarbij een gevoel van vertrouwen zijn en je moet je op je gemak voelen bij elkaar. Voor de persoon met een handicap (werkgever of opdrachtgever) is het vaak onmogelijk om zijn of haar privésfeer af te schermen voor de persoonlijke assistent (de werknemer). Of je als persoonlijke assistent nu fysiek nabije taken uitvoert zoals ondersteunen bij aankleden, assisteert bij communicatie in vergaderingen, in de thuissituatie aan de computer helpt bij administratie, of meegaat bij verplaatsingen voor vrijetijdsactiviteiten, je komt altijd dicht bij het persoonlijke. Veel personen met een handicap en hun persoonlijke assistenten geven aan dat het belangrijk is dat ‘het klikt’. Als er geen klik is, is er geen goede basis voor een duurzame werkrelatie. Dit betekent niet dat je beste vrienden moet worden. Uit de praktijk blijkt wel dat budgethouders en persoonlijke assistenten ervaren dat er ook vriendschapsgevoelens ontstaan in hun relatie. Men brengt veel tijd samen


door en wisselt soms uiteindelijk ook persoonlijke zaken uit. Er zijn ook situaties waarin een vriend van een budgethouder persoonlijke assistentie op zich neemt. Bij persoonlijke assistentie is de vrijheid om zelf te bepalen wie het beste aansluit bij bepaalde assistentienoden juist essentieel. Als op een bepaald moment een vriend of vriendin deze rol kan vervullen, dan is dat perfect mogelijk. Het ontstaan of aanwezig zijn van een vriendschapsrelatie kan andere uitdagingen met zich meebrengen. Voor de persoon met een handicap is dat het blijven centraal stellen van de eigen noden en voor de persoonlijke assistent het evenwicht behouden tussen flexibel zijn in werktijden enerzijds en de combinatie met het privéleven of een andere job anderzijds. Dit kan een zoektocht met zich meebrengen. De bedoeling van persoonlijke assistentie blijft steeds om de persoon met een handicap zo goed mogelijk te ondersteunen volgens wat hij of zij aangeeft nodig te hebben.

45


46

Mijn handen en voeten: zonder persoonlijke assistent heb ik geen bewegingsvrijheid Liesbet had geen ervaring met persoonlijke assistentie en botste toevallig op de vacature van Stijn. De uren en locatie waren ideaal om te combineren met haar andere bezigheden. “Omdat we veel uren samen zijn, is het voor mij belangrijk dat het klikt”, vertelt Stijn.


Stijn: Ik ben Stijn, 36 jaar en ik woon sinds bijna 2 jaar zelfstandig in Zwijnaarde. Ik heb informatica gestudeerd en richtte in 2006 samen met een klasgenoot een bedrijfje op. Dat hebben we 10 jaar gedaan om het daarna te verkopen. Sindsdien werk ik als freelance programmeur. Voor de rest ga ik graag naar optredens en festivals en spreek ik geregeld af met vrienden, al is dat nu een pak moeilijker sinds corona, maar we maken er het beste van. Ik heb me in ieder geval nog niet verveeld. Zo ben ik ook bezig met een project om het gemakkelijker te maken voor mensen die willen werken als assistent. Ik heb SMA, een van de meest voorkomende spierziektes. Sinds een 3-tal jaar is daar gelukkig medicatie voor ontwikkeld, waardoor mijn levensverwachting beter is. Liesbet: Ik ben Liesbet, 31 jaar en ik werk nu al iets meer dan 2 jaar als assistent van Stijn. Ik was op zoek naar een deeltijdse job zonder een specifieke richting. In die zoektocht kwam ik toevallig bij Stijn terecht. Zeer toevallig zocht ik bij de VDAB naar vacatures in Zwijnaarde, waar ik zelf toen woonde. Zo botste ik op Stijn zijn vacature. Ik wist niets over de job, maar qua uren en qua locatie was het ideaal, dus reageerde ik heel spontaan. Ik had geen ervaring met persoonlijke assistentie, maar dat was ook niet nodig. Vanaf dag één bleek dit een heel goede combinatie met mijn andere bezigheden: ik doe onderzoek naar problemen in de voedselsector, voornamelijk binnen de landbouw, en geef (in virusvrijere tijden) kooklessen aan zowel particulieren als organisaties. GRIP: De meeste mensen kunnen zich vandaag nog maar heel vaag een beeld vormen van wat persoonlijke assistentie precies is. Hoe beleven jullie het? Stijn: Het is moeilijk voor mensen om daar een beeld van te vormen, juist omdat het eigenlijk met geen enkele andere job te vergelijken valt én voor iedere budgethouder anders is. Voor mij bestaat de assistentie vooral uit praktische dingen, want ik ben volledig afhankelijk: mij positioneren, mij eten en drinken geven, me helpen om naar toilet te gaan, alles eigenlijk. 47


48

Liesbet: Ik moet eerlijk zeggen dat ik niet vaak een positieve eerste reactie krijg van mensen, wanneer ik zeg dat ik als persoonlijke assistent werk voor iemand met een beperking. Mijn kring van vrienden en familie heeft al genoeg over Stijn en mijn werk gehoord om te snappen wat het is, maar als ik het aan anderen vertel dan schrikken ze daarvan. Ik merk aan de reacties die ik al kreeg, dat mensen onmiddellijk veronderstellen dat het mentaal en fysiek een lastige en zeer zware job is. Wanneer ik dan zeg dat het helemaal niet lastig is en dat Stijn een intelligent persoon is waar ik goed mee kan babbelen en lachen, dan verschieten ze. Ze denken dat het een grote uitdaging is. Ik ben Stijn zijn handen en voeten. Wat ik doe, zijn allemaal dagdagelijkse, kleine, minuscule taakjes. Waar ik, zeker in het begin, aan moest wennen in deze job, is dat de grens tussen werkgever-werknemer en vriendschap soms zeer vaag is. Je zit constant samen, we kijken samen naar tv, we doen samen activiteiten. Het is eigenlijk een beetje een rare job (lacht). GRIP: Je vertelde dat je nul ervaring had toen je begon. Was Stijn dan ook je opleider? Of ben je nog ergens scholing gaan volgen? Liesbet: Neen, het was echt een een-op-een opleiding. Stijn kan perfect tot in details zeggen wat er moet gebeuren, dus krijg ik gewoon instructies en leer ik al doende. Ik denk niet dat ik onmiddellijk iemand anders zou kunnen ondersteunen, het voelt alsof ik nog altijd geen ervaring heb, behalve dan met Stijn. GRIP: Hoe is het voor jou om als werkgever zo kwetsbaar te zijn? Het lijkt me best intiem om een-op-een assistentie te krijgen? Stijn: Ik heb nu 18 jaar een PAB, dus ik ben het ondertussen al gewoon. Al van mijn geboorte ben ik afhankelijk, dus voor mij is het niet raar om bij alles geholpen te worden, voor mij is dat normaal, het is een deel van mijn dagelijks


leven. Uiteraard is het met iemand nieuw altijd wat onwennig, maar dat gaat snel voorbij. Er moet een klik zijn tussen mij en de assistent, aangezien we zo veel uren bij elkaar zijn. Iemand mag nog zo veel ervaring hebben, als de connectie er niet is, dan gaat dat niet. Mensen zeggen me wel vaker dat ze vinden dat ik te familiair ben met de assistenten, maar persoonlijk heb ik daar nog geen nadelen van ondervonden. Dat is gewoon hoe ik mij er het best bij voel. Liesbet: Ik was de eerste paar weken of zelfs maanden wel heel onzeker. Bij elke kleine handeling had ik het gevoel dat ik toestemming moest vragen of feedback moest vragen over of ik het wel zeker goed deed. GRIP: Wat zijn voor jou essentiële eigenschappen van een persoonlijke assistent? Stijn: Vooral dat de assistent zich moet kunnen aanpassen aan verschillende soorten situaties, zowel thuis als in de sociale context. Ik herhaal het graag nog eens: er moet een klik zijn, want anders lukt het niet. Ik heb dat al een paar keer meegemaakt dat er geen goede match was, en dan moet een van de twee beslissen om ermee te stoppen. Meestal gaan mensen dan vanzelf weg, ik heb nog maar één keer echt iemand moeten ontslaan. Op dat moment woonde ik nog thuis en klikte het ook echt niet tussen de assistent en mijn ouders. Vroeger was het eigenlijk nog complexer om iemand aan te nemen, want mijn ouders moesten iemand extra opnemen in huis, dus dan moet het zeker goed zitten. GRIP: Hoe anders zou je leven eruitzien zonder een assistent? Stijn: Het zou me heel veel beperken in vrijheid. Om te beginnen zou ik ongetwijfeld nog thuis wonen en zou ik zoals vroeger, voor ik een PAB had, moeten rekenen op mijn ouders om me te vervoeren en zo.

49


50

GRIP: Hoe leg jij in de praktijk je puzzel, Stijn? Liesbet assisteert je 22 uur, maar hoe zit het met de rest van de week? Stijn: Het is een combinatie van gezinszorg via I-Mens, elke weekdag in de voormiddag. Die halen me uit mijn bed, zorgen voor mijn ontbijt en poetsen ook wel een beetje. In principe mogen ze ook koken, maar meestal doet mijn assistent dat. Ze mogen niet op locatie gaan, behalve dan om wat boodschappen te doen. In de namiddag tot de avond komt dan mijn assistent. Daarna volgt een vrijwilliger die hier ’s nachts komt slapen. Dat is een beetje de structuur. In het weekend heb ik minder assistentie en zorgen mijn ouders voor me. Dan is het ook duurder om iemand tewerk te stellen en mijn budget is nog onvoldoende om dat allemaal te kunnen betalen.


GRIP: Je hebt een persoonsvolgend budget om je assistentie te betalen. Hoe zet je het in? Stijn: Sinds ik alleen woon, gaat een stuk daarvan naar de gezinszorg, een stuk naar mijn 3 assistenten en naar de vrijwilligers. Ik kom er helemaal niet mee toe. Op het einde van het jaar zegt het VAPH dan hoeveel ik over budget ben gegaan, en dan moet ik bijstorten. Ik heb 2 jaar geleden een aanvraag gedaan om een verhoging te krijgen, want nu moet ik duizenden euro’s per jaar uit eigen zak betalen. Ik kan momenteel niets meer sparen. Mocht ik mijn job niet hebben en mocht ik hier voor dit huis de volle pot moeten betalen (ik heb een verlaagde huur omdat het pand eigendom is van mijn ouders) dan zou ik niet zelfstandig kunnen wonen. De aanvraag is goedgekeurd, maar ik sta nu al 2 jaar op de wachtlijst. Ik heb gehoord dat ze 230 miljoen euro versneld gaan inzetten voor het ter beschikking stellen van budgetten. Ik zit in prioriteitengroep 1, dus ik hoop dit jaar die verhoging te krijgen. GRIP: Ben jij zelf eigenlijk ondersteund geweest in het werkgever zijn? Of heb je dat ook zelf moeten ondervinden? Stijn: In het begin deed mijn moeder al die administratie, maar ondertussen doe ik dat allemaal zelf. Uiteindelijk is dat niet zo moeilijk. Als ik iets niet weet, stel ik een vraag aan het sociaal secretariaat of aan de bijstandsorganisatie waarbij ik ben aangesloten: Alin vzw. Daar krijg ik goede ondersteuning. GRIP: Kunnen assistenten dan ook met hun vragen terecht bij Alin? Stijn: Dat weet ik eigenlijk niet zo goed. Die zijn vooral gericht op budgethouders.

51


52

GRIP: Liesbet, als jij nu een accidentje zou hebben tijdens het werk, hoe regel je dat dan? Liesbet: Dat is meestal eens naar elkaar kijken en dan Google consulteren (lacht). Deze job is een eilandje voor mij, ik ken niemand die zo’n werk doet en mocht ik een probleem of een vraag hebben, zou ik echt niet weten waar ik naartoe zou moeten. Gelukkig was dat voorlopig ook nog niet nodig. Stijn: Ik betaal een arbeidsongevallenverzekering. Wanneer een assistent iets niet weet, wordt dat meestal aan mij gevraagd. En als ik het niet weet, vraag ik het aan Alin. GRIP: Zie je zelf op korte termijn verbeterpunten in de organisatie van de persoonsvolgende financiering? Stijn: Het komt allemaal neer op de prioriteiten van de regering. Er is gewoon te weinig geld voorzien voor die budgetten, terwijl er zulke grote wachtlijsten zijn. Het systeem op zich zit, denk ik, wel goed in elkaar, alleen merk ik dat er voor assistenten zelf eigenlijk weinig ondersteuning is. In andere sectoren heb je een vakbond, maar persoonlijke assistenten moeten hun plan trekken. Ik hoop dat veel mensen snel toegang kunnen krijgen tot een assistent en zou ook willen dat er meer erkenning in de maatschappij komt voor persoonlijke assistenten. Liesbet: Ik wist niet eens dat deze job bestond voor ik hem vond, dus aan de bekendheid mag ook zeker gewerkt worden. GRIP: Daar draag jij je steentje aan bij Stijn, met je platform assistentiejobs.be. Kan je daar bij wijze van afsluiter nog wat meer over vertellen?


Stijn: Het is een soort jobsite specifiek voor mensen die willen werken als assistent. Alle vacatures die via de VDAB beschikbaar zijn, worden samengevoegd op één locatie. De bedoeling is om de drempel te verlagen en het makkelijker doorzoekbaar te maken. Ik probeer ook extra aandacht te besteden aan de persoonlijkheid van zowel de assistent als de budgethouder. Zodat het niet enkel gaat over wat voor soort beperking iemand heeft. Er moet een match zijn op meerdere vlakken. Dat is een beetje de insteek.

53


54

Opleiding en diploma Om als persoonlijke assistent aan de slag te kunnen gaan, is er wettelijk gezien geen diploma nodig. Je opleiding wordt gegeven door de persoon met een handicap. Wat je job inhoudt en wat daarbij belangrijk is, wordt aangegeven door de persoon. Ook andere persoonlijke assistenten die voor dezelfde persoon werken, kunnen in opdracht van de persoon uitleggen en tonen hoe je specifieke taken of verwachtingen kan uitvoeren. Bij individuele vacatures is het mogelijk dat bepaalde kennis, diploma of vaardigheden gevraagd worden. Om te weten waar je je kan aan verwachten en om in te schatten of de job iets voor jou is, is het belangrijk dat er voldoende informatie op voorhand gegeven wordt en gevraagd. Zoals in de meeste andere werksituaties leer je al doende heel veel bij om jouw job eigen te maken. Voor werkzoekenden is het belangrijk dat de VDAB voldoende basisinformatie geeft.

De match Wanneer hetgeen de persoonlijke assistent zoekt in een job goed aansluit bij hetgeen de persoon met een handicap zoekt in een persoonlijke assistent, heb je wellicht een goede match.

Werktijden en combinatie met privéleven Persoonlijke assistenten geven vaak aan dat ze waarderen dat hun job goed te combineren is met hun privéleven. Dit is persoonlijk, hangt af van hoe de invulling van de job overeenkomt met de eigen noden van de persoonlijke assistent.


Doordat persoonlijke assistenten-jobs zo verschillend kunnen zijn onderling, kan de ene job heel goed en de andere job veel moeilijker te combineren zijn. Er is een grote diversiteit in uurroosters, werktijden en de bereidheid om flexibel te zijn in werkuren. Een jobaanbieding voor persoonlijke assistent kan gaan over een vast werkschema waarbij er geen of weinig flexibiliteit gevraagd wordt op het vlak van de werkuren. In andere situaties wordt er dan weer veel flexibiliteit gevraagd. In sommige jobs is er persoonlijke assistentie nodig van maandag tot vrijdag binnen de kantooruren, in andere gaat het over weekendwerk, avondwerk, of een combinatie van beide. Ook jouw eigen situatie kan heel erg verschillen van die van een ander. Is het belangrijk om in de namiddag de kinderen van school te kunnen halen? Verdien je graag bij in het weekend of ’s avonds? Ben je een vroege vogel? Is het geen probleem voor jou om een nacht permanentie te doen bij je werkgever? Heb je graag heel vaste werkuren of wat flexibeler? enzovoort

55


56

Geen assistentie zou voor mij gelijk staan aan stilletjesaan wegkwijnen Hoe vind je goede persoonlijke assistenten? Het kost vaak heel wat energie en tijd. Vacatures plaatsen, sollicitaties organiseren, soms valt het mee, soms ook niet. Heel wat budgethouders horen zelf ook rond. Soms stuiten ze in het dagelijkse leven op iemand met wie het klikt. Nadia: “Nabil ben ik tegengekomen in een theatergezelschap waar ik puur bij toeval was beland.”


GRIP: De meeste mensen kunnen zich vandaag nog maar heel vaag een beeld vormen van wat persoonlijke assistentie precies inhoudt. Omschrijf het eens vanuit jullie beleving? Nadia: Voor mij is een persoonlijke assistent mijn handen en benen, iemand die me ondersteunt bij alles wat ik niet kan. En dat is heel wat, aangezien ik door een auto-ongeval in 2003 mijn nek brak en sindsdien compleet verlamd van aan mijn borstkas door het leven ga. Ik heb 4 jaar op de wachtlijst gestaan en heb sinds 2009 een assistentiebudget. Gelukkig werkt mijn hoofd nog goed, dus laat ik me als ingenieur ook op het werk ondersteunen door een assistent die technisch geschoold is. In het gewone dagdagelijkse leven en voor mijn lobbywerk heb ik assistenten die zowel inkopen doen, koken, licht huishoudelijke taken uitvoeren als mij ondersteunen bij mijn administratie en assisteren tijdens congressen en reizen. Ook ’s nachts heb ik 7 op 7 iemand in huis. Een vast uurrooster bestaat hier niet, want ik kan nooit op voorhand inschatten wat de dag precies zal brengen. Het vraagt dus veel flexibiliteit, maar het geeft ook opportuniteiten om avonturen te beleven die een reguliere job een mens doorgaans niet biedt. Nabil: Wat kan ik nog zeggen? Nadia heeft al alles verteld. Een persoonlijke assistent is iemand die doet wat de persoon die hij of zij ondersteunt zelf niet kan doen en daarvoor altijd paraat staat en mentaal alert is. Ook beleefdheid is belangrijk en luisterbereidheid. Het is een kwestie van leren aanvoelen wat iemand nodig heeft en in dat opzicht is het volgens mij essentieel om een lange tijd te kunnen blijven werken voor dezelfde persoon.

57


58

GRIP: Jij bent een hele bezige bij, Nadia. Hoe anders zou je leven eruitzien mocht persoonlijke assistentie niet bestaan? Nadia: Ik zou mijn kot niet uit geraken. Ik zou niks kunnen doen, totaal niks, want ik kan de deur niet zelfstandig openen. Ik zou gewoon hele dagen naar de muren staren of wat op mijn computer zitten te tokkelen of televisiekijken, iets wat ik eigenlijk heel weinig doe. Ik zou geen kwalitatief leven hebben en mijn studies zouden voor niks zijn geweest. Ik zou ook niks kunnen bijdragen aan de maatschappij. Compleet het tegenovergestelde van wat ik nu doe. Geen assistentie zou voor mij gelijk staan aan stilletjesaan wegkwijnen. Dan zou ik geen actief leven meer kunnen leiden en eigenlijk ook geen bestaansreden meer hebben. GRIP: Ik las in een interview met jou in Knack dat een voorziening voor jou écht geen alternatief is? Nadia: Neen, dan nog liever euthanasie, bij wijze van spreken. Ik zou niet willen leven volgens zo een strikt stramien: om dat uur eten, om dat uur slapen, om dat uur komt de verpleger, het moeten delen van assistenten, … Al mijn buren personen met een handicap, in wat voor een wereld zou ik dan terechtkomen? Dat is pure segregatie, alsof je zou leven in een ghetto. Daar heb ik als allochtoon van kinds af aan tegen gevochten, ik deed alles om mijn plaats op te eisen in de maatschappij. Geïnstitutionaliseerd worden zou een zware terugval betekenen, dat zou voor mij een verdoemenis zijn. GRIP: Zelf kunnen aansturen wie, waar, wanneer, welke vorm van ondersteuning, is een essentieel element in persoonlijke assistentie. Je deelde al dat jij meerdere assistenten hebt, hoe leg jij die puzzel?


Nadia: Ik heb 7 op 7 nachtassistentie, het hele jaar door, zelfs wanneer er bezoek blijft slapen. Voor mij is het heel belangrijk om een scheiding te maken tussen assistentiepersoneel en mijn familie en vrienden. Die laatsten steken een handje toe in noodgevallen – wat helaas meer dan vaak genoeg voorkomt. Door het beperkte ondersteuningsbudget ben ik verplicht om ’s avonds laat regelmatig beroep te doen op vrijwilligers, met een kostprijs van tussen de 25 à 30 euro per nacht. Het is voor mij wel de moeite omdat ik zo kan kiezen wanneer ik ga slapen en hoe laat ik ’s avonds in bed zit. De selectie is heel vaak in samenspraak met de vrijwilligersdienst: op basis van mijn vacature sturen ze me 2 à 3 kandidaten en dan kan ik bepalen met wie het klikt en aftasten wie het zal aankunnen, want ik ben echt een nachtmens. Ik zal nooit in mijn slaapkamer zijn voor middernacht. Vooraleer het licht uit is, is het al vaak 1 uur, half 2, en dan mag er nog geen deadline zijn op het werk, of een of ander artikel dat ik moet nalezen of een bestuursraad die ik moet voorbereiden. Overdag, bij mijn gewone assistenten, gaat het zoals bij alle andere werkgevers: een vacature plaatsen bij de VDAB, bij Actiris, en zelf een beetje rondkijken. Nabil ben ik bijvoorbeeld tegengekomen in een theatergezelschap waar ik puur bij toeval was beland. Ik had me vergist van zaal. Het klikte meteen goed. GRIP: Nabil, wat heeft jou gemotiveerd om de job te doen? Nabil: Ik ben een hele sociale mens en zoek altijd spontaan contact. Toen ik Nadia voor het eerst mocht ontmoeten, was ik op zoek naar werk en stelde ze voor om eens te komen proberen als persoonlijke assistent. Ik combineer het met een tweede job als busbegeleider van schoolkinderen. Via Nadia kreeg ik een opleiding van een tweetal weken over wat er allemaal dient te gebeuren. In het begin was het een beetje moeilijk, omdat je voor alles nog moet uitzoeken en ondervinden hoe het werkt, maar met de tijd wordt steeds duidelijker hoe Nadia bepaalde dingen graag heeft. 59


60

Het is een kwestie van altijd heel aandachtig te zijn voor haar noden, we doen de dingen samen. Op straat, wanneer we oversteken, is het niet altijd gemakkelijk met zo een elektrische rolstoel. Ik heb pas door het te doen kunnen leren hoe je op bepaalde oversteekplaatsen beter even de schouder kan vasthouden. Het zijn op zich allemaal kleine dingen, maar ze zijn wel zeer belangrijk. Het is dus een gezamenlijk leerproces. Nadia is voor mij een goede baas omdat ze altijd klare taal spreekt, ook wanneer iets snel moet kunnen gaan. Het tempo ligt soms hoog, maar dat werkt wel goed voor mij. GRIP: Nadia, welke kwaliteiten zijn voor jou echt fundamenteel voor een assistent? Nadia: Ik vind ervaring in de sector van personen met een handicap en het bijbehorende diploma totaal niet belangrijk. De assistenten met een achtergrond in orthopedagogie die ik heb gehad, droegen al een vooroordeel over mensen met een handicap met zich mee. Ik zeg niet dat ze mij echt betutteld hebben, maar vaak wilden ze een schemaatje opmaken omdat ze vanuit hun vorming doorgaans niet leren coproduceren. Ze kijken eerder naar de zaken door de bril van voorzieningen: daar wordt altijd een programma opgemaakt en die mentaliteit wordt dan ook meegenomen naar een thuissituatie. Dat zorgde dus bij mij wel vaker voor een conflict, want ze wilden weten hoe laat ze moesten beginnen en zouden stoppen en wat hun taken van die dag precies inhielden. Met alle respect daarvoor, maar daardoor stonden ze niet open voor flexibiliteit binnen hun tewerkstelling van 20 uur per week. Ik geef een voorbeeld: wanneer ik een meeting heb in het Europees Parlement en er moet plots een grote beslissing genomen worden, dan vliegen die parlementairen allemaal weg omdat ze moeten gaan stemmen. Dan sta je daar, je moet blijven wachten tot ze terugkomen en het is niet mogelijk een goede


inschatting te maken van hoe lang dat zal duren: een kwartier, een half uur, een uur. Als je assistent dan in de planning heeft staan om stipt om 4 uur te stoppen … tja. Ik probeer daar veel rekening mee te houden, als het moet, moet het, dat is het einde van de wereld niet. Maar, dat betekent wel dat ik dan niet kan blijven. Uit ervaring kan ik dus zeggen dat het heel anders is bij iemand die geen opleiding ortho of dergelijke heeft en die je dus eigenlijk van nul zelf opleidt. Je leert dan au fur et à mesure (geleidelijk aan) samen hoe de dingen best verlopen. Soms wil ik bepaalde zaken zus en zo, dus blijf ik dat ook herhalen tot het er goed inzit. Ik heb eigenlijk veel liever dat ik mijn assistenten zelf kan opleiden, want iedere persoon is anders. GRIP: Ben jij zelf ook opgeleid geweest om werkgever te zijn? Nadia: Jammer genoeg niet. In het begin was mijn beeld afgesteld op een hechte band vormen, maar al redelijk snel werd duidelijk dat je dan jezelf schaadt. Je bent werkgever en werknemer, dat moet gescheiden blijven, al wil ik uiteraard niet dat mensen zich maar een nummertje voelen. Zelf ben ik als werknemer het slachtoffer geweest van heel wat verzekeringsgedoe, dus dat wil ik mijn mensen niet aandoen. Daarom zorg ik ervoor dat ze dubbel verzekerd zijn, want je weet maar nooit. Ik probeer hen binnen de grenzen van mijn budget ook fair te vergoeden voor hun werk. Het is al doende dat je die scheiding leert maken. In het begin aten assistenten bijvoorbeeld vaak mee, maar dan komt het besef dat je alleen woont, maar plots wel inkoopt voor 2 of 3 personen, en zelfs de smaken begint aan te passen aan je tafelgenoten. Zo heb ik assistenten gehad die dat plots zodanig evident vonden dat ze niet eens meer hun eigen boterhammen of eten meebrachten. Dat heb ik dus heel snel moeten afremmen. Ik heb sowieso al heel weinig privacy omdat ik

61


62

bijna alles moet vragen, dus het minimum wat nog mogelijk is, probeer ik wel heel duidelijk te maken. Ik wil mijn autonomie behouden, wat wil zeggen dat we een zekere afstand moeten inbouwen. Dat klinkt soms heel hard, ook voor de assistent zelf. Ik word heel jaloers wanneer ik naar andere landen ga, bijvoorbeeld Denemarken of Noorwegen, en zie dat er coöperatieven bestaan die vormingen geven rond werkgeverschap en waarbij de lesgevers bovendien ervaringsdeskundigen zijn met diverse soorten handicaps (zowel fysiek als verstandelijk) die weten waarover het gaat. Ze maken er gebruik van allerhande hulpmiddelen. Ik was aangenaam verrast hoe goed georganiseerd ze daar zijn. Er was iemand tewerkgesteld die eigenlijk niet zelfstandig kon communiceren en een vorming gaf met een stemcomputer. Dat werd gewaardeerd en gerespecteerd. Zie je dat hier bij ons al gebeuren? Er was ook iemand die zijn manier van denken en doen aan het uitleggen was aan toekomstige assistenten om hun begrip wat aan te scherpen. “Als ik rood word of deze beweging doe, bedoel ik dit of dat.” Hij gebruikte ook pictogrammen en had eigenlijk een heel draaiboek dat hij zelf had gemaakt. GRIP: Hoe stoom jij je assistenten dan klaar om jou goed te ondersteunen? Nadia: Voor hef- en tiltechnieken is het mijn kinesist die mijn assistenten dat aanleert, alsook mijn verpleger. Die komen meerdere keren kijken tot de assistent in staat is om het alleen te doen. Als zij die basistechnieken niet zouden willen aanleren, zou ik afhankelijk zijn van modules die je maar op bepaalde momenten kan volgen. Dat is niet iets wat je hier à la carte kan aanvragen. Al de rest leert een assistent, zoals gezegd, gaandeweg.


GRIP: Persoonlijke assistentie bestaat 20 jaar: welke evolutie(s) hopen jullie binnen dit en nog eens 20 jaar te zien? Nadia: Ik hoop dat binnen 20 jaar de transitie van de instellingen naar ondersteuning in de thuiscontext vervolledigd mag zijn en dat alle mensen met een handicap gewoon in de maatschappij wonen en leven. Zo zou iemand als ik niet langer tot de 2.000 uitzonderingen behoren waar naar wordt opgekeken van “wow, bravo, jullie doen dat heel goed”. Het zou ook de job van persoonlijke assistent veel bekender en belangrijker maken, en de mentaliteit in onze samenleving compleet veranderen. Vandaag denken mensen namelijk meteen dat Nabil mijn vriend, man of partner is. En als een jonge vrouw me assisteert, is het automatisch mijn dochter. In heel veel landen zijn persoonlijke assistentie en het Recht op Ondersteuning een basisrecht, verankerd in de wetgeving. Dat België daar ook maar eens werk van maakt. Nabil: Ik hoop vooral dat persoonlijke assistenten in de toekomst beter ondersteund zullen worden in situaties waar de werkgever niet zo helder als Nadia kan duidelijk maken wat er nodig is. De job verdient inderdaad ook meer bekendheid en waardering, én een betere omkadering.

63


64


Verspreiding van persoonlijke assistentie in Vlaanderen Hoeveel wordt er na 20 jaar persoonlijke assistentie in Vlaanderen nu eigenlijk al met persoonlijke assistentie gewerkt? Hoeveel van het budget van het VAPH gaat naar persoonlijke assistentie en hoeveel naar voorzieningen, diensten en organisaties die zorg verlenen? We hebben gezocht naar informatie over de verdeling van het macrobudget van het VAPH en het aandeel persoonlijke assistentie hierin. Jammer genoeg is deze informatie niet te vinden en kunnen we vandaag geen precies antwoord geven op de vraag hoezeer overheidsbudget naar persoonlijke assistentie gaat dan wel naar collectieve zorgorganisaties. Het is wel duidelijk dat in 2020 9,3% van het macrobudget naar individuele budgetten in cash ging (7% voor meerderjarigen en 2,3% voor minderjarigen). Bron hiervoor is het financiële jaarverslag van het VAPH. Met deze cash budgetten zijn er echter ruime bestedingsmogelijkheden waarbij er een aantal wel als persoonlijke assistentie en een aantal niet als persoonlijke assistentie kunnen worden gezien. Aangezien het VN-Comité er op heeft aangedrongen om meer te investeren in persoonlijke assistentie, vanuit een bezorgdheid over het hoge aantal mensen dat afhangt van voorzieningen, is het belangrijk dat Vlaanderen transparantie biedt en stelselmatig online publiceert wat de verdeling is van de verschillende bestedingsmogelijkheden, en zelfs de evolutie opvolgt en publiceert. Onze eigen prognose is eerder negatief. Uit de jaren voor het Decreet Persoonsvolgende Financiering weten we dat het aandeel persoonlijke assistentie versus zorg in of door voorzieningen nauwelijks wijzigde en bleef steken op 5-6%. Er werd met dit decreet niet actief ingezet op het promoten of stimuleren van keuzes voor persoonlijke assistentie.

65


66

Begripszuiverheid Er is vaak verwarring over de terminologie en inhoud van persoonlijke assistentie. Bij mensen die al van in de wieg ijveren voor het recht op persoonlijke assistentie is er bezorgdheid over de verbastering van het begrip persoonlijke assistentie. “Op den duur noemt men alles persoonlijke assistentie. Men spreekt over assistentie maar het gaat over zorg, men respecteert de verschillen tussen die twee niet, en gaat voorbij aan de visie achter persoonlijke assistentie.” (uit focusgroep 2) Bij persoonlijke assistentie bepaalt de persoon met een handicap zelf wie hem of haar assisteert, welke taken de persoonlijke assistent heeft, waar en wanneer de persoonlijke assistentie plaatsvindt en wat er belangrijk is bij het uitvoeren van die taken. Er is geen organisatie die hierover (mee)beslist. Persoonlijke assistentie is niet te verwarren met persoonlijke verzorging, begeleiding, enzovoort. Bij bijvoorbeeld inkopen van begeleiding, verzorging, ondersteuning bij een zorgorganisatie waarbij een personeelslid van de organisatie de persoon ondersteunt, kan je niet spreken van persoonlijke assistentie. Zorgorganisaties organiseren een bepaald aanbod waar je kan op ingaan. Bijvoorbeeld in een dagcentrum kan je vaak kiezen tussen deelname aan verschillende activiteiten in groep, begeleidt door een of meerdere personeelsleden van het dagcentrum. Het aanbod kan zijn tot stand gekomen als gevolg van een bevraging van de noden van de mensen die beroep doen op een voorziening. Dat is echter nog iets anders dan vraagsturing. Bij vraagsturing bepaalt de persoon zelf wat hij of zij wil en is er een persoon die zich aandient om hierop in te gaan. De bestedingsmogelijkheden voor een persoonsvolgend budget in cash vallen dan ook niet samen met de vormen waarbij je kan spreken van persoonlijke assistentie.


Door persoonlijke assistentie heb ik een leven zoals jij Door de ondersteuning van haar persoonlijke assistenten kan Lies zelfstandig wonen en werken: “Het geeft me autonomie en daardoor ook mijn waarde als mens. Dit is voor mij ongelooflijk wezenlijk”. Persoonlijke assistente Hilde vertelt hoe haar job helemaal niet stresserend is: “Het is alsof ik een vriendin ga helpen met haar dagtaken.”

67


68

GRIP: Wat betekent persoonlijke assistentie voor jou? Lies: Persoonlijke assistentie wil voor mij zeggen dat ik een volledig en volwaardig zelfstandig leven kan leiden met mijn matige fysieke beperking. Het betekent dat ik zelfstandig kan wonen, dat ik mijn huishouden kan regelen en dat ik een volwaardige job kan doen. Moest het budget nog iets hoger zijn, zou ik er ook regelmatig vrije tijd mee kunnen organiseren. GRIP: Hoe spendeer je jouw persoonsvolgend budget? Lies: Ik heb 30 uur per week assistentie die mij ondersteunt voor mijn werk. De assistentie wordt ingevuld aan de hand van mijn noden per week. Ik sta heel erg op de flexibiliteit van invullen van de uren aangezien ik een bezige bij ben. Er wordt 4 uur gepoetst in de week, en ik betaal 15 uur een familielid om mijn was en mijn plas te doen en te koken. In de uren dat mijn persoonlijke assistenten komen werken is er geen tijd om hen volwaardig te laten koken. Daarom kookt mijn familielid voor mij en vriest alles in. Zo kunnen mijn assistenten het eten gewoon opwarmen. Occasioneel kan ik iemand betalen voor mijn vrije tijd, maar dit is niet structureel. Soms schakel ik een persoonlijke assistent in om op mijn werk stukken tekst voor te lezen die ik van tevoren heb geschreven. Omdat ik trager spreek met monotone klanken, is het niet altijd even aangenaam om 3 uur aan een stuk naar mij te luisteren. Het spreken is voor mij heel vermoeiend, ik ben doodmoe als ik lang aan een stuk praat. Ik kan het wel, maar achteraf ben ik totaal uitgeput. GRIP: Doe je ook beroep op een verpleegkundige? Lies: Voor corona deed ik beroep op een zelfstandige verpleegkundige. Maar tijdens de coronaperiode doe ik het zelf. Het kost mij heel veel moeite, maar ik


zie het niet zitten om door iemand gewassen en aangekleed te worden die op dezelfde dag nog 25 andere mensen verzorgt. Ik ben namelijk risicopatiënt. Ik zou graag extra budget krijgen om iemand te kunnen in dienst nemen om mij te wassen en aan te kleden. Dat zou er ook voor zorgen dat het kan gebeuren op de tijdstippen die ik wil en ik dus niet moet wachten op de verpleegkundige. Het wachten op wanneer de verpleegkundige langskomt, leidt vaak tot grote frustratie want ik moet mijn hulphond elke morgen uitlaten en ik moet op tijd zijn om te beginnen werken. GRIP: Ben je volkomen tevreden over jouw situatie met persoonlijke assistentie? Lies: Wat ik jammer vind, is dat ik mijn assistenten maar aan het minimumloon kan vergoeden. Daardoor kan ik assistenten maar gemiddeld 1 of 2 jaar houden. Dus ik moet altijd opnieuw mensen zoeken, alles uitleggen, elkaar leren kennen en aanvoelen. Soms klikt het niet en dan moet ik na een maand of 2 iemand anders zoeken. Ik heb al veel ervaring met sollicitaties. GRIP: Wat vind je belangrijk bij een persoonlijke assistent? Lies: Dat zij oog hebben voor mij. Ik probeer dat te weten te komen bij het sollicitatiegesprek. Ik vind het ook belangrijk dat ze flexibel zijn. Ik ben op mijn vrijheid gesteld, werk veel en heb veel engagementen. Dus ik heb graag iemand die mijn ritme volgt. Het kan bijvoorbeeld voorkomen dat mijn werk wat langer duurt en nog niet af is. Ik moet geen assistent hebben die om 4 uur zegt: “Mijn tijd is om, dus ik vertrek”. Ik verwacht dat ze af en toe bijvoorbeeld langer kunnen blijven, of dat ze ook eens op een ander moment kunnen komen.

69


70

Ze moeten op het einde van de sollicitatie een definitie van handicap geven. Dat is een manier om te kijken of mensen al dan niet een meer betuttelende houding hebben. De meeste sollicitanten die hebben gestudeerd geven een mooie sociale definitie . Maar ik heb er ook al gehad die een puur medische definitie geven en die vliegen er bij mij altijd direct uit. Ze zeggen bijvoorbeeld: “Het is een gebrek.” of “Het is iets dat je niet kunt”. GRIP: Vind je een diploma wel of niet belangrijk? Lies: Ik vraag altijd een diploma aangezien ik vroeger problemen heb gehad met assistenten die een lager diploma hadden. Ik werk op universitair niveau, dat wil zeggen dat de assistente op dat niveau moet kunnen meewerken. In principe moet ik een assistent hebben die gewoon kan typen en voorlezen, maar het is wel aangenaam om te kunnen werken met iemand die van dezelfde dingen op de hoogte is. Ik werk veel met pas afgestudeerde mensen die bij mij de stiel rond inclusie leren en die dan na een jaar of 2 hun eigen weg gaan. Ik geef zelf veel flexibiliteit. Persoonlijke assistentie is voor mij een stuk geven en nemen. Bijvoorbeeld als de kindjes ziek zijn, dan zeg ik: “Kom dan vandaag niet en een andere keer meer uren.” Soms denk ik dat ik te flexibel ben, dat ik mezelf vergeet. Het moet in evenwicht zijn. Dat is soms wat zoeken. Ik ben er in het verleden al een paar keer op afgeknapt. Doordat ik heel flexibel reageer heb ik de neiging om te veel rekening te houden met de persoonlijke situatie van mensen. GRIP: Is het voor jou ook een evenwicht zoeken in wat je kan verwachten van een persoonlijke assistent? Lies: Dat is voor mij gemakkelijker bij een assistent dan bij een familielid. Ik vind het een moeilijke: je betaalt familie, maar hoe streng kan je zijn voor die persoon? Dat is moeilijk. Als die persoon geen tijd heeft en de was komt veel later aan, dan kan je niet zeggen: “Ik verwacht dat je echt op tijd de was binnenbrengt”.


Ik kies toch voor een deel ondersteuning door familie, omdat dit het geheel van mijn assistentiekosten wat drukt. Het familielid doet het voor mij uit persoonlijke betrokkenheid, maar ik kan ook echt iets teruggeven. Normaal gezien op mijn leeftijd moet je dat niet vragen aan familie. Daarom vind ik het ook evident dat ik mijn familie er een vergoeding voor geef. Dat ik niet puur afhankelijk ben van de goodwill van familie. GRIP: Wat is de meerwaarde van persoonlijke assistentie voor jou? Lies: Dat ik echt kan kiezen wie mij assisteert en wanneer en hoe en waar en waarvoor. De dag dat ik het zelf niet meer kan organiseren vrees ik dat ik naar een instelling zal moeten gaan. Dan zou ik nog liever zelfmoord plegen. GRIP: Dat is een sterke uitspraak. Lies: Als ik de regie niet meer zelf kan doen, dan hoeft het niet meer voor mij. Dat is voor mij de grens, tot daar en niet verder. Dan wil ik liever euthanasie, een einde maken aan mijn leven. Iemand zonder beperking wil dat toch ook niet? Wij moeten al zo veel hulp aanvaarden. Bij bepaalde mensen val ik nog liever dood dan iets te vragen. Maar het is vooral ook de schrik om dan in een instelling te moeten gaan wonen en totaal afhankelijk te zijn van het zorgpersoneel waar ik niet zelf voor gekozen heb. Je gaat toch ook niet samenwonen met gelijk wie? Dit komt voor mij op hetzelfde neer. GRIP: Hoe lang gebruik je al persoonlijke assistentie? Lies: In 2002 kreeg ik mijn eigen ondersteuningsbudget. Toen heette het nog PAB. Ik woonde toen bij mijn ouders, was twintiger. Ik was op eigen tempo hard bezig met studeren aan de universiteit. Dat kostte heel veel tijd en energie vanwege mijn handicap. Ik had geen hulp in de week, enkel hulp van mijn vader in het weekend.

71


72

De eerste 3 jaar van mijn opleiding aan de universiteit had ik mijn persoonlijke assistentiebudget nog niet. Ik heb die 3 jaar gespreid over 6 jaar, dus het dubbele van de tijd. Toen ik mijn budget kreeg, kon ik wel voltijds studeren. Normaal gezien ging ik er in totaal 10 jaar over doen, maar ik heb de opleiding in 8 jaar kunnen afwerken. Ik heb zelfs mijn thesis in eerste zit kunnen afgeven. Ik gebruikte al mijn budget toen voor mijn studies. Toen ik afgestudeerd was, heb ik het gebruikt voor werk. Toen ben ik alleen gaan wonen en had ik meer assistentie nodig om mijn huishouden te doen. Ik heb een verhoging aangevraagd van mijn PAB vóórdat ik alleen ging wonen. Dat is geweigerd omdat ik op dat moment niet alleen woonde.

“Ik kan rondkomen. Maar al mijn assistenten werken aan het minimumloon. Moest ik iedereen een volwaardig loon geven, kom ik een heel stuk tekort. Ik zou liever mijn persoonlijke assistenten beter kunnen verlonen en ook anciënniteit uitbetalen. Het budget is ook niet toereikend om in ondersteuning bij vrije tijd te voorzien. Nu ben ik dus voor vrijetijdsactiviteiten meestal afhankelijk van mijn moeder of van vrienden en kennissen.”


Ik zou meer willen gaan wandelen met een strandrolwagen, gaan zwemmen en met de tandem fietsen, daar geniet ik van. Ik zou ook boeken die ik niet in de luisterbibliotheek vind, laten voorlezen, naar concerten en theater gaan. Wie weet zou ik er met een camper af en toe op uit kunnen trekken. Ik zou proberen meer te reizen. Ik wil de wereld verkennen, de wereld zien. Maar als ik een assistent mee op reis neem, moet ik de reiskosten betalen samen met een dagvergoeding en dat is onbetaalbaar. GRIP: Wat als de regering je de helft minder budget zou geven? Lies: Dan zou ik panikeren, want dan zou ik niet kunnen doen wat ik nu doe. Ik zou een andere job moeten zoeken. Ik werk trager dan een collega maar het is nog te doen. Ik word 17 uur betaald maar werk 25 uur om die taken gedaan te krijgen. Als ik geen assistentie zou hebben, zou ik er 38 uur voor moeten werken. Als ik een mail moet schrijven zonder assistentie heb ik daar heel veel tijd voor nodig. Aan een halve pagina typ ik 2 uur. Ik ben aan het proberen met spraaktechnologie te werken. Je kan tegen de computer spreken en die typt dan voor jou. Maar de spraaktechnologie wil mijn stem niet aanvaarden. Ik heb nog geen spraaktechnologie gevonden die het kan doen. Ik heb daarvoor dus persoonlijke assistentie nodig. Ik kan veel alleen maar ik heb er veel tijd voor nodig. Dat is een serieuze beperking. Tijdens mijn studies kreeg ik meer gedaan in de weekends, met hulp van mijn vader, dan alleen in de week. Ik zou nog eerder kiezen om terug bij mijn moeder te gaan wonen en mijn vrijheid op stal te zetten dan mijn job te verlaten. Die heeft een grote meerwaarde. Als ik geen job heb heeft mijn leven die meerwaarde niet meer. Mijn job geeft kracht en power aan mijn leven. Ik wil niet de godganse dag voor de tv zitten wachten tot mijn dag voorbij is. Ik werk heel graag en ik zou niet weten wat ik zou aan moeten met al die tijd.

73


74

GRIP: Persoonlijke assistentie stelt jou in staat om zelfstandig te wonen en te werken. Wat doet dat met jou als persoon? Lies: Het geeft mij het gevoel dat ik een gewoon mens ben, die eigen keuzes kan maken. Het geeft mij mijn waarde als mens. Dat is ongelooflijk wezenlijk. Zonder persoonlijke assistentie zou ik mij totaal anders voelen. Ik zou autonomie kwijt zijn, ik zou minder eigen keuzes kunnen maken en ik zou een stuk eigenwaarde kwijt zijn. Door mijn persoonlijke assistentie zie ik mijn beperking op een heel speciale manier. Ik ben aanhanger van het sociaal model, en ik voel dat ook zo. Ik heb wel mijn beperking maar ik weiger om mij gehandicapt te voelen. En ik hoef mij ook zo niet te voelen. Want ik heb mijn eigen ondersteuningsbudget en persoonlijke assistentie. Dat maakt dat ik de dingen kan doen zoals iemand anders die kan doen. Waarom moet ik me anders dan iemand anders voelen? Mocht het budget verlaagd worden of verdwijnen dan zou ik mijn beperking pas als een handicap voelen. Dat zou mijn zelfbeeld naar beneden doen tuimelen. Nu heb ik een leven zoals jij. GRIP: Hilde, hoe ervaar jij je job als persoonlijke assistente van Lies? Hilde: Ik vind het een persoonlijke, rustige, aangename, huiselijke job met weinig stress. En als je een goed contact hebt met je werkgever, zoals nu het geval is met Lies, kom je op een punt dat je elkaars leven verrijkt. Dat is het mooiste aan de job. GRIP: Steeds weer zeggen budgethouders dat het belangrijk is dat het ‘goed klikt’. Geldt dat voor jou ook? Hilde: Absoluut! Ik zou zelfs durven zeggen dat die ‘klik’ het allerbelangrijkste is in de job. Je werkt echt in iemands privésfeer. Dat is erg intiem. Ik denk dat een ‘klik’ en onderling vertrouwen een vereiste zijn voor een goede samenwerking.


GRIP: Wat betekent persoonlijke assistent zijn voor jou? Hilde: Voor mij betekent persoonlijke assistent zijn een vertrouwensband opbouwen en voor de werkgever doen wat hij of zij vraagt om te doen. Ik probeer me ervan bewust te zijn enkel te doen wat de persoon vraagt, niet zelf dingen te gaan overnemen. Intussen is er tussen Lies en mij een vertrouwensband ontstaan, en weet ik of voel ik wanneer mijn hulp welkom is. Als ik het niet duidelijk weet, toets ik even af of ze het fijn vindt als ik help. GRIP: Is dat een uitdaging voor jou? Hilde: Het is een balanceren tussen eigen initiatief nemen en niet overnemen. Je staat als persoonlijke assistente ten dienste van je werkgever. Tegelijk is het van belang authentiek jezelf te zijn in een gelijkwaardige relatie. Wederzijds respect en vertrouwen zijn cruciaal voor mij, omdat we heel nauw samenwerken in een een-op-een relatie, elke dag opnieuw. Voor mij is het belangrijk dat het om een samenwerking gaat. GRIP: Wat motiveert jou in deze job en vind je boeiend? Hilde: De vriendschap die intussen is ontstaan is voor mij een belangrijke drijfveer om de job voorlopig te blijven doen, het persoonlijke contact, het aspect van geven en nemen, de flexibiliteit. Voor mij is de job helemaal niet stresserend. Het is alsof ik een vriendin ga helpen met haar dagtaken. Bovendien ervaar ik een gelijkwaardige relatie van samenwerking, waarbij ook zeer veel rekening gehouden wordt met mijn persoonlijke situatie. En waarbij ik zelf ook zeer loyaal ben aan mijn werkgever. Dit vraagt enige flexibiliteit van beide partijen. En dat geeft mij veel rust.

75


76

Het meest boeiende vind ik om een beetje te kunnen begrijpen hoe het is om in onze maatschappij te leven met een beperking. En me bewust te worden van de mogelijkheden en gaten die er nog zijn voor een meer inclusieve samenleving. Er gaat ook wel een wereld voor mij open waar ik voorheen weinig zicht op had: namelijk de leefwereld van mijn werkgever. Ik vind het boeiend om leefwerelden van andere mensen te ontdekken en begrijpen. Ook kan ik me voorstellen dat, als je verschillende jaren persoonlijke assistent bent van dezelfde persoon, dat je echt heel afgestemd geraakt op elkaar, waardoor je als een soort tandem functioneert. Dat je steeds meer je werkgever aanvoelt en daarop kan inspelen. Een nadeel is wel het zeer lage loon. Ook het ontbreken van collega’s is wel jammer. Mijn werkgever heeft een team waar ze in werkt, maar daar hoor ik niet bij. Ik hou me daar meestal ook op de achtergrond. Dat betekent dat je geen team hebt waarin je van elkaar kan leren, ervaringen kan uitwisselen, ... Ik ben zelf een echte teamspeler dus dat mis ik wel. GRIP: Is de job van persoonlijke assistent volgens jou voldoende bekend? Hilde: Ik merk dat de job niet zo bekend is. Als ik zeg dat ik persoonlijke assistente ben, is er meestal toch een woordje uitleg nodig. GRIP: Is de job van persoonlijke assistentie voor iedereen weggelegd, denk je? Hilde: Dat denk ik niet. Sowieso is er volgens mij geen enkele job die voor iedereen is weggelegd, dus ook niet de job als persoonlijke assistente. De job is vooral weggelegd, denk ik, voor wie zich graag ten dienste stelt van de persoon voor wie hij of zij werkt.


77


78

De persoon met een handicap als werkgever / opdrachtgever Met juridische vragen kunnen budgethouders en persoonlijke assistenten terecht bij een sociaal secretariaat, een bijstandsorganisatie of een vakbond. De persoon met een handicap kan tegen betaling ondersteund worden om een goede werkgever te zijn, om sollicitatiegesprekken te organiseren, … door bijvoorbeeld bijstandsorganisaties en initiatieven zoals vzw Inclusie Vandaag (https://www.inclusievandaag.be) van Lies Vanpeperstraete. Toch geven heel wat budgethouders aan dat zij te weinig hulpbronnen hebben om aan persoonlijke assistentie te beginnen. Dat is jammer. Iedereen heeft recht op persoonlijke assistentie. Het is dus heel belangrijk dat de nodige ondersteuning en omkadering kan gevonden worden om dit waar te maken. Als het te moeilijk is of als personen met een handicap zich te onzeker voelen om het te proberen, vormt dit een drempel om te kiezen voor persoonlijke assistentie. Het is belangrijk om hierbij stil te staan en er oplossingen voor te zoeken. Peer counseling, waarbij mensen met een handicap met elkaar informatie en ervaringen uitwisselen over de uitdagingen die zich aandienen, kan een belangrijke rol spelen en verdient veel meer aandacht dan het momenteel krijgt.

Peer counseling: naar innovatie in de ondersteuning van personen met een handicap Een goede werkgever of opdrachtgever zijn, is heel belangrijk voor het slagen van persoonlijke assistentie. Nog onderbelicht in Vlaanderen is het belang om met andere werkgevers informatie en tips te kunnen uitwisselen over goed werkgeverschap. Initiatieven om personen met een handicap elkaar te laten informeren en ondersteunen over het organiseren van persoonlijke


assistentie en wat daarbij komt kijken zoals een goede werkgever zijn, sollicitatiegesprekken organiseren en selectie van persoonlijke assistenten, … ontbreken. Het zou een veel lagere drempel zijn voor mensen om het te proberen met persoonlijke assistentie, mocht die steun er wel zijn. Peer counseling of het te rade kunnen gaan bij mensen in eenzelfde situatie wordt momenteel in Vlaanderen niet of nauwelijks georganiseerd. “Ik heb beginnersfouten gemaakt. Die had ik misschien kunnen vermijden als ik andere werkgevers had gekend die al meer ervaring hadden.” (uit focusgesprek 1) Door dynamieken van peer counseling te stimuleren en te steunen zou men 2 vliegen in 1 klap kunnen slaan. Enerzijds versterkt peer counseling de personen met een handicap in het organiseren van hun persoonlijke assistentie - een van de belangrijkste middelen om een autonoom leven te leiden. Anderzijds blaast peer counseling wind in de zeilen van een nieuwe cultuur van ondersteuning van mensen. In de welzijnssector is het al een aantal jaren de uitdaging om ‘de persoon centraal te stellen’. Dat heeft geleid tot vormingen voor professionelen die werkzaam zijn in de sector, maar niet tot het versterken van personen met een handicap in het leiding geven aan hun persoonlijke assistenten. Ondanks het belang van peer counseling is hier vanuit de overheid en de academische wereld weinig of geen aandacht voor. Dit is een braakliggend terrein op vlak van innovatie in het ondersteunen van werkgevers. “De kracht van persoonlijke assistentie zat ook in de peer counseling. In die peer gesprekken kon je de mensen er ook attent op maken dat je voor jezelf moest opkomen, dat je inzag dat je rechten en plichten had.” (uit focusgesprek 2)

79


80

Budgethoogte vaak problematisch Essentieel om je recht op persoonlijke assistentie uit te oefenen is dat het budget dat je ervoor krijgt voldoet aan jouw noden. Het Europees Netwerk voor Onafhankelijk Leven verwoordt het zo: “Persoonlijke assistentie moet beschikbaar zijn op basis van een individuele inschaling van de noden, en van de leefomstandigheden van deze persoon en dient in samenhang met de binnenlandse arbeidsmarkt. (…) Persoonlijke assistentiebudgetten moeten het salaris van persoonlijke assistenten en andere prestatiekosten dekken, zoals alle werkgeversbijdragen, administratiekosten alsook steun van gelijken (‘peer support’) voor de persoon die persoonlijke assistentie nodig heeft.”5 De persoonsvolgende en persoonlijke assistentiebudgetten zijn jammer genoeg in Vlaanderen vaak te laag voor de noden van de persoon. Daardoor moet de budgethouder dikwijls de heel moeilijke afweging maken: noodzakelijke ondersteuningsuren laten vallen om zijn of haar persoonlijke assistenten een goed loon te kunnen geven, of persoonlijke assistenten minder betalen dan eigenlijk wenselijk is voor een duurzame tewerkstelling bij de budgethouder. Het is een van de redenen waarom goede persoonlijke assistenten soms, ondanks het waarderen van de pluspunten van de job, toch overstappen naar een job in een voorziening. Daar worden ze meer betaald, wordt anciënniteit vergoed enzovoort. Het PVB-systeem zorgt wel voor vergoeding van anciënniteit in voorzieningen maar niet bij persoonlijke assistenten.

5 Zie vertaling naar het Nederlands van de definities van ENIL: http://www.enil.eu/wp-content/uploads/2012/05/ENIL-definitions-Dutch2.docx


Doordat budgetten niet toereikend zijn kunnen mensen vaak niet vrij kiezen op welke manier ze hun assistentie organiseren. “Ik besteed het grootste deel van mijn budget aan nachtassistentie. Daardoor werk ik overdag vooral met diensten zoals thuishulp.” “Aanvankelijk deed ik alles via werkgeverschap, maar het was niet betaalbaar. Mijn budget was daarvoor te klein. Het betalen van een eindejaarspremie wordt niet gecompenseerd, als je een maand ziekte moet betalen voor een werknemer dan wordt dit niet extra vergoed en je moet ondertussen vervanging betalen. Anciënniteit van de werknemers wordt niet extra vergoed door de overheid. De hoogte van jouw budget houdt daar geen rekening mee. Deze zaken betalen gaat af van het aantal ondersteuningsuren. Nu doe ik alles via vrijwilligersvergoedingen.” “Je bent werkgever maar mag geen provisie aanleggen voor onverwachte zaken zoals ziekte van persoonlijke assistenten. Dat is paradoxaal en een extra drempel. Je moet dus incalculeren dat je misschien het bedrag van een maandloon niet aan assistentie kan geven. Of het weer uit eigen zak betalen, maar dat zou niet de bedoeling mogen zijn.” (uit focusgroep 2) Als de hoogte van het budget niet overeenkomt met de noden dan tast dat het recht op onafhankelijk leven aan.

81


82

Ik vind het belangrijk om er te zijn wanneer het nodig is, en op de achtergrond te blijven wanneer het kan Gabria Vermeir en haar assistente Nena Baerbier delen met ons hoeveel meerwaarde het kunnen inzetten van een persoonlijke assistentiebudget al heeft gebracht in het leven van een jonge vrouw met het syndroom van Down.


Gabria: Ik ben Gabria Vermeir, ik ben 21 jaar en ik studeer in Gent in het Secundair Kunstinstituut, waar ik inclusief onderwijs volg. Ik ben geboren in Geraardsbergen en woon met mijn ouders samen en met mijn familie. In mijn vrije tijd hou ik van dansen, koken, lezen en zingen. Ik heb een lief, Ward Baetens, en hij is heel charmant, intens en houdt van ambiance en vriendelijkheid. Nena: Ik ben ondertussen al anderhalf jaar persoonlijke assistent van Gabria en vind het geweldig om haar bij te staan om zo inclusief mogelijk te leven en haar te ondersteunen bij het realiseren van haar dromen. Van opleiding ben ik pedagogisch coach na een bacheloropleiding Pedagogie van het Jonge Kind. GRIP: Gabria, hoe zou jij persoonlijke assistentie omschrijven aan iemand die dat helemaal nog niet kent? Gabria: Nena helpt me met kleine dingen waarbij ik ondersteuning nodig heb of soms moeilijk is. Assistentie betekent voor mij bijvoorbeeld helpen bij kleine porties eten, leren de tijd in te schatten, tips geven tijdens gesprekjes om te socialiseren, de trein nemen, fietsen in Gent (op gevaarlijke kruispunten oversteken), op school helpen om op tijd te zijn om de les te beginnen en me bij mij thuis helpen voorbereiden om zelfstandig te kunnen wonen. Ik vind mijn assistente tof en schattig. GRIP: Nena, als iemand jou vraagt wat jij in het dagelijks leven doet, wat vertel jij dan? Nena: Ik vertel dan meestal dat persoonlijke assistentie betekent dat ik er ben voor Gabria om er samen voor te zorgen dat ze haar leven kan leiden zoals zij het wil. Voor mij vertrekt alles altijd vanuit Gabria: Wat zijn haar dromen? Wat zijn

83


84

haar uitdagingen? Wat zijn haar talenten? Rekening houdend met al die aspecten, gaan we samen, in afstemming met haar ouders en met Gabria haar andere assistenten, op weg om toe te werken naar haar toekomst. Ik vind het belangrijk om er te zijn wanneer het nodig is, en op de achtergrond te blijven wanneer het kan. GRIP: Gabria, jij en je familie hebben 15 jaar moeten wachten op een persoonlijke assistentiebudget. Is je leven heel veel veranderd sinds de komst van Nena? Gabria: Ik heb Nena leren kennen in Antwerpen tijdens een danskamp, waar ze mij en mijn vriendin Anneleen als jobstudent de hele week ondersteunde op hotel. We deden ook leuke uitstapjes zoals naar de zoo en gaan winkelen. Nena hielp me ook bij het omgaan met geld. Sinds Nena er is, kan ik gezondere keuzes maken, zoals meer bewegen met dans work-outs, genoeg water drinken en zelfstandig leren koken. Ik kan ook afspreken met vriendinnen, samen op reis gaan, zoals vorige zomer met mijn vriendin Anneleen en Nena naar Milaan, en toffe hobby’s doen. Mijn mama en papa hebben voor ik een assistent had, heel veel tijd aan mij moeten geven om te helpen. Ze moesten veel tijd stoppen in het zoeken naar vrijwilligers bijvoorbeeld, om naar school te kunnen gaan, me te helpen studeren en me te helpen als ik kleine uitdagingen had. Nu ik een assistent heb, is het echt leuk. De assistent helpt me nu bij alles wat ik wil doen en helpt me ook om te socialiseren met het gezin. De band met mijn ouders is nog beter dan vroeger, we kunnen heel veel lachen. Mijn mama en papa hebben nu veel meer tijd voor zichzelf. Mijn gezin en mijn assistenten bespreken heel veel en werken samen om me zo goed mogelijk te helpen. Ik vind het fijn dat mijn assistenten bij mij thuis komen.


85


86

GRIP: Hoe ziet een gemiddelde week samen er bij jullie uit? Gabria: Sommige dagen ga ik samen met Nena naar school, andere dagen blijven we thuis. Wanneer ik hier thuis ben, leer ik zelfstandig koken en gezonde keuzes maken, spreek ik af met mijn lief en videobel ik met vriendinnen. In het weekend zie ik Nena op zaterdag en dan doen we samen leuke, ontspannende dingen. Elke eerste zaterdag van de maand doe ik inclusief theater bij het Scheldeoffensief in Merelbeke. Ook Nena acteert dan met ons mee. Op maandag komt Wouter, hij is een jobstudent en helpt me thuis en op school. Ik krijg ook soms hulp van Reninka, zij is verzorgende bij I-Mens. Ik wandel en kook veel met Reninka. Op zondag heb ik geen assistent. Dan is het echt ‘chilltime’ voor mij en doe ik leuke dingen zoals dansen, film kijken en zingen. Mijn ouders, zus en broer zijn dan altijd thuis. Nena: Ik ben nu deeltijds assistent van Gabria en halftijds ondersteuner inclusief onderwijs voor leerlingen met een verstandelijke beperking. Ik stel me graag heel flexibel op, bijvoorbeeld wanneer er later op een avond eens iets te doen is of ze wil gaan logeren bij een vriendin. We zijn een hecht duo. Als ik in de klas ondersteun en Gabria begrijpt iets niet of heeft een blokkade, dan help ik. Als er plots een medestudent Gabria helpt of uitleg geeft, laat ik dat natuurlijk gebeuren en hou ik me op de achtergrond. Dat ik ook in het weekend beschikbaar ben, is een heel bewuste keuze omdat we zo haar vrije tijd meer kunnen vormgeven en vriendschappen helpen uitbouwen en onderhouden. GRIP: Nena, wat zijn de pluspunten aan je job? En, als je kijkt naar hoe persoonlijke assistentie momenteel in ons land geregeld is, zijn er dingen die je anders zou willen zien?


Nena: Geen enkele dag is hetzelfde. Ik kom in verschillende contexten en werk met verschillende mensen samen, zoals de andere assistenten van Gabria’s vrienden, leerkrachten, de regisseur van het toneel en natuurlijk ook het gezin van Gabria. Er zijn ook heel wat leuke dingen die wij samen kunnen doen, zoals naar een dansvoorstelling gaan met haar lief Ward en haar ondersteunen tijdens uitstapjes. Precies omdat ik in zoveel afwisselende contexten kom, komen er ook altijd andere uitdagingen bij kijken. Dat de job zo uiteenlopend is, is voor mij het grootste pluspunt.

“Wat ik graag anders zou zien, is het beeld dat leeft rond assistent zijn. Voor mij mag het veel meer gezien worden als een waardevolle job. Veel mensen lijken erop neer te kijken, ze zien het vaak als niet meer dan een ‘oppas’ of gewoon wat ‘erbij zijn’ doorheen de dag. Maar natuurlijk is persoonlijke assistentie veel meer dan dat. Dankzij assistentie op maat kunnen mensen met een beperking hun eigen plek in de maatschappij innemen zoals zij dat graag willen en kunnen ze, zoals iedereen, zélf hun dromen najagen.”

87


88

Wat ik jammer vind, is dat er weinig omkadering is voor persoonlijke assistenten. De mama van Gabria moet alles maar allemaal zelf uitzoeken. Het is niet helder wat wel en niet kan, waar ze wel of geen recht op hebben. GRIP: Gabria, waar droom jij van om samen met Nena te doen? Gabria: Ik wil graag met mijn lief naar een kerstvakantiehuisje met een beetje hulp van de assistent. Het is mijn droom om zelfstandig te wonen. Dat oefenen in een gezellig vakantiehuisje met Ward zou ik zalig en romantisch vinden. GRIP: Als je aan onze beleidsmakers zou mogen vertellen waarom persoonlijke assistentie zo belangrijk is, wat zou je hen dan vertellen? Gabria: Dat ik dankzij een persoonlijke assistent mijn eigen keuzes kan maken en denken aan een mooie toekomst. Ik kan de dingen doen die ik wil doen en die voor mij belangrijk zijn. Dankzij Nena kan ik bijleren en genieten van een inclusief leven, genieten van vriendschappen en mijn lief Ward, zoals andere meisjes van mijn leeftijd. Nu ben ik pas echt gelukkig!


89


90

De job is weinig bekend en wordt te weinig gezien als een waardevolle job Hoewel persoonlijke assistentie al 20 jaar bestaat in Vlaanderen, is het nog heel onbekend. Daar zijn een aantal redenen voor. Nog niet veel mensen werken met persoonlijke assistentie. Slechts 6% van de ondersteuning met PVB bestaat uit persoonlijke assistentie. Er zijn dus nog maar weinig persoonlijke assistenten zichtbaar in de samenleving. Ook in de communicatie van het VAPH, de minister en de verschillende organisaties voor personen met een handicap wordt er niet gesproken over persoonlijke assistentie. Daar bovenop komt dan nog eens de begripsverwarring omdat tientallen VAPH-voorzieningen en andere zorgorganisaties de term persoonlijke assistentie gebruiken wanneer het eerder gaat over begeleiding die georganiseerd wordt vanuit de voorziening. Onbekend maakt onbemind, zegt het spreekwoord. Persoonlijke assistenten komen heel wat vooroordelen tegen. Men denkt dan bijvoorbeeld dat het lichamelijk of mentaal zwaar werk is. Vaak is dat niet het geval. De job-inhoud varieert immers enorm naargelang de ondersteuningsnood van de persoon met een handicap. Persoonlijke assistentie wordt nog te weinig als een waardevolle job gezien. Anderzijds krijgen persoonlijke assistenten die uitleggen wat hun job inhoudt en wat het resultaat is voor de persoon met een handicap, vaak positief verraste reacties en complimenten. Door de lage bekendheid en de weinige informatie in de algemene bevolking missen personen met een handicap een groot aantal mogelijk goede persoonlijke assistenten wanneer zij een vacature plaatsen. Het is ontmoedigend als je maar weinig reacties krijgt op een vacature voor persoonlijke assistenten. Moeilijke zoektochten naar geschikte persoonlijke assistenten zijn een drempel voor mensen met een handicap die hun ondersteuning zelf willen organiseren. Campagnes om persoonlijke assistentie


veel meer bekend te maken kunnen persoonlijke assistentie meer wind in de zeilen geven. Een belangrijk aandachtspunt voor overheid en middenveld!

Minderjarigen: persoonlijke assistentie ook voor kinderen. #inclusie#persoonlijkeassistentie brengt getuigenissen van volwassen personen met een handicap en hun persoonlijke assistent. Dit betekent niet dat enkel volwassenen recht hebben op persoonlijke assistentie, integendeel. Het VN-Verdrag inzake de Rechten van Personen met een Handicap maakt geen onderscheid tussen mensen, ook niet op basis van leeftijd. In Vlaanderen kunnen al sinds 2000 ook minderjarige personen met een handicap een eigen budget aanvragen voor persoonlijke assistentie. Dit heet het Persoonlijke AssistentieBudget (PAB). Persoonlijke assistentie bij kinderen blijkt van enorm belang bij het ondersteunen van inclusie en participatie in de samenleving. Onder meer bij het leven in het gezin en de deelname aan het gewone onderwijs is persoonlijke assistentie betekenisvol. In #inclusie#onderwijs kan je daar meer over lezen6. “Tijdens dat tweede leerjaar werd in mei het PAB-budget effectief toegekend. We stonden 6 jaar op de wachtlijst. Die toekenning heeft onmiddellijk stress en (financiële) druk weggenomen. Het budget zorgt voor een standvastiger ondersteuning en dat maakt heel veel verschil voor Ot. De ondersteuning is ook veel kwaliteitsvoller omdat we de assistenten zelf kunnen kiezen. Vroeger ging Ot zijn energie naar het opbouwen van een relatie met zijn ondersteuners. Dat is nu niet meer aan de orde. Hij kan nu meer energie steken in zijn vriendschappen en zijn ontwikkeling.” (Kaat, #inclusie#onderwijs)

6 Zie via https://www.gripvzw.be/nl/artikel/371/grip-stelt-voor-onderwijs

91


92

Links Website Stijn: https://assistentiejobs.be “Assistentiejobs.be verzamelt relevante vacatures en probeert deze op een meer aangepaste manier te presenteren.” Website Monique: https://www.moniquevandenabbeel.com “Laat dit bezoek ook voor jou een hulp zijn om anders te durven kijken en zien. Hier zijn geen drempels, kijk, snuffel, luister, neem dat wat voor jou ok voelt met je mee.” Met link naar het boek “Graag zien! Blinde mama, sterke vrouw” Website Lies: https://www.inclusievandaag.be “Advies en ondersteuning in het kader van persoonsvolgend budget en inclusief onderwijs”

Dankwoord Dank aan alle mensen die wilden getuigen over de kracht van persoonlijke assistentie! Jullie verhalen inspireren mensen en doen ogen openen. Dat hebben we al gemerkt bij de publicatie op onze website van jullie interviews, elke 15de van maand vanaf 15 december 2020 in het kader van onze campagne 20 jaar Persoonlijke Assistentie. Fantastisch dat we jullie getuigenissen nu ook mochten verwerken in deze vijfde #inclusie met als focus persoonlijke assistentie.

Meewerken, meer weten of op de hoogte blijven? GRIP vzw is de mensenrechtenorganisatie van en voor personen met een handicap. We streven naar gelijke rechten en gelijke kansen en komen op voor een inclusieve samenleving. #inclusie#persoonlijke assistentie maakt deel uit van de werking van GRIP rond ondersteuning en persoonlijke assistentie. GRIP wil het recht op ondersteuning versterken. Hierbij focust GRIP specifiek op het recht op persoonlijke assistentie. Binnen GRIP is er een netwerk over dit thema actief waarbij je kan aansluiten: Word vrijwilliger in het Netwerk Ondersteuningsbeleid.


Colofon Verantwoordelijke uitgever: Gelijke Rechten voor Iedere Persoon met een handicap (GRIP vzw) Vooruitgangstraat 323, 1030 Brussel 02/214 27 60 / info@gripvzw.be GRIP volgen via Facebook ‘GRIP kom op voor inclusie’ of www.gripvzw.be. Uitgave 2021 Ondernemingsnummer: 0474368206 RPR Brussel In deze reeks verschenen eerder #inclusie#werken, #inclusie#wonen, #inclusie#inkomen en #inclusie#onderwijs. Deze publicaties zijn te bestellen en digitaal beschikbaar op https://www.gripvzw.be/nl/categorie/39/publicaties. Vormgeving: https://www.mirto.be Cartoons: Lieven Vandenberghe Foto’s: Sien Verstraeten en Stijn Vlerick

93


Gelijke Rechten voor Iedere Persoon met een handicap (GRIP vzw) Vooruitgangstraat 323, 1030 Brussel – T. 02 214 27 60 – info@gripvzw.be – www.gripvzw.be


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
#inclusie#persoonlijke assistentie: grip op je leven by GRIP vzw - Issuu