Skip to main content

Volleystars spelregelkaart Level 1

Page 1


Level 1 - Catch Volley

In dit level gaat het om gooien en vangen. Het spel wordt gestart met een onderhandse opgooi over het net. De bal wordt gevangen en direct teruggegooid naar de overkant.

VELD EN SPELERS

Spelers: 2 tegen 2

Nethoogte: 1.70 meter

Wedstrijdbal: 170 gram

Veld: 4.50 meter diep en 5.20 meter breed (binnenste lijnen van een badmintonveld)

SPELREGELS

2. Alle ballen moeten met twee handen worden teruggegooid.

3. Lopen met de bal is niet toegestaan.

1. Iedere rally start met een onderhandse opgooi over het net vanuit het midden van de eigen helft.

8. Blokken mag niet.

4. De bal wordt met twee handen gevangen en binnen 3 sec. teruggegooid naar de overkant.

5. Bovenhands gooien mag maar alleen met een stootworp van voor het hoofd (geen voetbalinworp).

6. Overgooien naar een medespeler is toegestaan als de afstand naar het net te groot is.

7. Na een punt start het spel opnieuw vanaf de kant waar de bal is.

10. Een punt wordt gescoord als:

• De tegenstander de bal uitspeelt.

• De bal via tegenstander uit gaat.

9. Netfout is dubbelfout. Er wordt geen punt gescoord, de rally begint opnieuw.

• De bal op de grond in het veld van de tegenstander valt.

• De tegenstander meer dan twee worpen nodig heeft om de bal over het net te gooien.

ALGEMENE SPEELREGELS

De speelregels hebben als doel om jonge volleybalspelers te kunnen laten genieten van het spelen van volleybal. Trainers, ouders en spelbegeleiders proberen daar samen voor te zorgen. Dit komt de spelvreugde en ontwikkeling van spelers ten goede.

SPEELREGELS

• Iedereen speelt evenveel.

• Spelbegeleiders begeleiden kinderen en schatten in hoe ‘streng’ ze de ‘technische’ regels toepassen. Kinderen mogen de ruimte krijgen om te leren.

• Wees positief naar tegenstanders en eigen spelers.

• Spelers geven na afloop van de wedstrijd een hand en bedanken elkaar.

• Spelers mogen veel zelf ontdekken. De coach begeleidt de spelers waar nodig.

• Het spel is van de kinderen. Enthousiaste ouders coachen niet vanaf de tribune.

• Coaches en spelbegeleiders stimuleren snelheid in het spel.

• Spelers spelen in level 1, 2 en 3 zo veel mogelijk op beide posities (wissel links rechts af)

• In de eerste drie levels streven we naar volleybalachtig gooien en vangen:

• Een vang-stootbeweging: Een bal die bovenhands met twee handen van voor of boven het hoofd wordt weggeduwd.

• Een vang-gooi beweging: Een onderhands gevangen bal die vrijwel direct met gestrekte armen opgegooid wordt.

Scan de QR-code voor meer informatie en video’s over Volley Stars.

Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook