Dossier:
Circulaire IT

Domein DSR Dossier:
Erik-Jan Gelink en John Thorneycroft over de Europese strategie van Enreach
![]()

Erik-Jan Gelink en John Thorneycroft over de Europese strategie van Enreach
GammA breidt Teams-portfolio uit met intelligente call recording
STULZ over coolingtrends, duurzaamheid en groei bij hyperscalers
Escrow4all
‘Escrow wordt cruciaal voor digitale soevereiniteit en NIS2’



































































Uitgever/hoofdredacteur
Alle hens aan dek
Sinds een paar weken gaat alle media-aandacht uit naar het gebied rond de Perzische Golf. De beurzen zijn flink geschrokken van wat daar gebeurt. De schok is zo mogelijk nog groter voor datacenters. Er zijn inmiddels ook gericht aanvallen uitgevoerd op hyperscalers en de schade is aanzienlijk.
Het is geen toeval dat de media-aandacht voor AI de laatste tijd behoorlijk is afgenomen. Het is nu alle hens aan dek om de concrete en bestaande business niet te laten ontsporen. De business stond al onder druk door het prijsopdrijvende effect van AI, en daar komt nu nog het risico bij van verhoogde transportkosten en de onduidelijkheid over de logistieke keten.
ITchannelPRO ziet in de huidige onrust geen reden de geplande activiteiten overhoop te gooien. Het klinkt misschien vreemd, maar de onrust bevestigt voor ons dat we de focus moeten houden op DSR via het eigen nieuwe e-magazine en de reeks ESR-congressen.
De eigen ronde tafels blijven ook doorgaan, al zullen het er dit jaar minder zijn dan voorheen. We verwachten namelijk dat het voor sommige onderwerpen lastiger wordt om voldoende deelnemers te vinden. Daarvoor is de onzekerheid over sommige thema’s gewoon te groot.
Het wegvallen van enkele bijeenkomsten compenseren we ruimschoots met het doorpakken bij de e-magazines. Na het succes van het eerste nummer van het DSR-magazine volgt nog voor de zomer het tweede nummer. Voortbordurend op dat succes zullen ook DatacenterWorks en InfoSecurityMagazine in dat format verschijnen.
Voor de redactie is het dus alle hens aan dek, ook omdat de vraag naar content en activiteiten met meer diepgang groter is dan ooit. Van die behoefte aan meer inhoudelijke duiding is het coverartikel een goed voorbeeld. Een interview met Enreach waar het niet gaat over producten, maar over de strategie van het bedrijf.
ITchannelPRO is hét crossmediaal nieuwsplatform voor Telecom en IT-businesspartners in Nederland en België.
Uitgever
LuteijnMedia B.V.
Varenmeent 5 1218 AN Hilversum
Hoofdredacteur
Eric Luteijn - 035 2041 000 eric@luteijnmedia.nl
Redactie
Michiel van Blommestein, Rashid Niamat, Hans Steeman redactie@itchannelpro.nl
Eindredactie
Weevers Content, Gouda
Sales & Traffic
Marc Jongbloed - 035 2041 003 marc@luteijnmedia.nl
Jesse Weevers (traffic) jesse@weeverscontent.nl
Columnisten
Gert-Jan Duis, Lieke Lamb
Coverbeeld
Enreach
Vormgeving
Persmanager, Den Haag
Drukwerk
Veldhuis, Raalte, Nederland
Copyright
Auteursrechten op de inhoud van deze uitgave rusten bij LuteijnMedia B.V. of bij de betreffende auteurs.



Verslag European Resilience Summit in Londen:
geven extra diepgang
Escrow4All ‘is onmisbaar voor Digitale Soevereiniteit’
08 Erik-Jan Gelink en John Thorneycroft van Enreach:
sturen op klantsegmenten en kernproducten





Odin Groep neemt Proxsys over en verstevigt via Previder zijn positie in West-Nederland. De MSP en ISP uit Gorinchem en Rotterdam blijft opereren met zijn eigen team en vaste contactpersonen. Klanten krijgen er wel meer schaal, expertise en slagkracht bij vanuit de bredere Previder-organisatie.


MWC Barcelona 2026 benadrukte de groeiende zichtbaarheid van Nederland in telecom en tech. Met ruim 300 deelnemers en 24 exposanten was het NL-paviljoen groter dan ooit. Extra erkenning kwam van MedUX, dat Nederland uitriep tot land met de beste mobiele gebruikerservaring van Europa.
Pridis heeft Connecsy geïntegreerd met Zoom Phone. Organisaties kunnen daardoor hun attendant console, beschikbaarheidsinformatie en gespreksroutering beter organiseren zonder hun bestaande Zoom-omgeving aan te passen. BusinessCom brengt de oplossing voor resellers op de markt onder de naam My-Connect Dialogue.
Ekco versterkt zijn Nederlandse marktpositie met de overname van Nijmko ICT. Daarmee haalt het bedrijf extra kennis in huis rond digitale werkplekken, cloud en security. Voor klanten verandert de benadering nauwelijks: vaste contactpersonen blijven, en het dienstenaanbod en de security-expertise worden juist uitgebreid.


Eurofiber en Nokia breiden hun private 5G-ecosysteem uit met 5G RedCap. De technologie richt zich op grootschalige IoT-toepassingen die lage latency en betrouwbaarheid vragen, zonder de volle 5G-complexiteit. Daarmee ontstaat een interessantere propositie voor sectoren als industrie, logistiek, zorg en bouw.
IC-Automatisering, onderdeel van Techone, neemt MSP Isaeus over. Daarmee groeit het bedrijf verder in moderne online werkplekken, zowel in private als public cloud. Klanten van Isaeus krijgen toegang tot meer expertise, een breder dienstenaanbod en de schaalvoordelen van de Techone-groep.

ProLion heeft Michiel van Velzen benoemd tot Sales Manager Benelux. Hij moet de groei in Nederland, België en Luxemburg versnellen, met nadruk op partnerontwikkeling en zichtbaarheid. Zijn komst past in de bredere focus van ProLion op datasoevereiniteit, file security en samenwerking met het kanaal.


De Tweede Kamer heeft met grote meerderheden meerdere moties aangenomen rond digitale soevereiniteit. Thema’s als Europese zeggenschap, geopolitieke risicoanalyse, datalocatiebeleid en ‘Europees tenzij’ bij kritieke digitale infrastructuur krijgen daarmee extra politieke steun. Ook strengere criteria voor hyperscale datacenters kregen brede steun.
Na 36 jaar doet oprichter Henry Loohuis een stap terug uit de dagelijkse leiding van Loogisch. Per 1 maart neemt Ariën Huisken het stokje over. Loohuis blijft als aandeelhouder betrokken bij het bedrijf, dat inmiddels meer dan 60 medewerkers telt in Nederland en Duitsland.


ITchannelPRO heeft vaker directieleden en medewerkers van Enreach geïnterviewd. In de regel was de aanleiding de introductie van een nieuwe dienst. Dit keer staat niet een product, maar de strategie van het bedrijf centraal. Erik-Jan Gelink (CEO van Enreach Nederland en van het Small Business-segment) en John Thorneycroft (Chief Strategy Officer) leggen uit hoe Enreach zijn Europese strategie steeds meer opbouwt rond klantsegmenten en een beperkt aantal kernproducten.
Door: Rashid Niamat
John Thorneycroft is recent aangesteld bij Enreach. Hij heeft een achtergrond in consultancy, telecom en video. In die vorige functies waren strategie en productontwikkeling voor hem de kernpunten. Met die brede ervaring is hij nu aan boord gekomen bij Enreach om de Europese groepsstrategie verder vorm te geven. John: “Mijn doel is die strategie scherper te krijgen en tegelijk beter optrekken als een sterke Europese speler. Ik kijk nadrukkelijk ook naar de lokale markten en naar de segmenten die worden bediend. De kennis die nu per markt en segment aanwezig is, moeten we koesteren en tegelijk breder bekend maken in de hele groep. Structureel intern kennis uitwisselen leidt tot betere diensten.”
Erik-Jan Gelink is CEO van Enreach Nederland. In zijn Managing Board-rol is hij verantwoordelijk voor de Europese small business-activiteiten van Enreach. Hij geeft aansturing aan de managing directors van Enreach in het Verenigd Koninkrijk en Denemarken en DSD Europe in Nederland. Hij kan daarom net als John scherp neerzetten waarin al die landen onderling verschillen. Rode draad is dat geen twee landen gelijk zijn en dat geldt zowel voor het partnerkanaal als voor de eindklanten.
John en Erik-Jan gaan in op die verschillen, maar niet voordat Erik-Jan aangeeft dat Nederland de breedste en belangrijkste markt is binnen de groep. Daarbij roemt hij ook specifiek de bijdrage die DSD en Cloudland aan de omzet leveren. Wat hem betreft mag zeker het succes van DSD in de markt nog wel wat meer aandacht krijgen.
Karakteristieken per land
Vervolgens gaat het over de karakteristieken van de andere landen waar Enreach actief is. In sommige landen bestaat direct sales terwijl elders alles via het kanaal loopt. “Zoiets
heeft gevolgen voor de teamrollen en de kosten die je als landenorganisatie maakt”, vertelt Erik-Jan. “Om die reden kun je de resultaten van landen niet zomaar met elkaar vergelijken. Wat je wel kunt doen, is de vraagzijde van elk land naast elkaar leggen. Dan zie je interessante verschillen en patronen die bepalend zijn voor de strategie van Enreach.”
‘Geen twee Europese markten zijn gelijk’
Als eerste land noemt hij Engeland, waar overigens direct sales plaatsvindt. “Het is een markt waar nog redelijk wat legacy producten in gebruik zijn bij de eindgebruikers. Wat dat betreft lijkt het wel wat op Nederland, waar via partners ook nog het nodige aan legacy aanwezig is. Natuurlijk willen we dat in beide landen gaan vervangen, omdat ons huidig aanbod beter is en meer biedt voor minder.” Hij geeft daarbij aan dat het geen optie is om legacy versneld of geforceerd uit te faseren. “We zouden onszelf in de voet schieten en de relatie met partners blijvend verstoren. Het is beter om te accepteren dat er situaties zijn waarin partners en hun klanten het bestaande koesteren.”
Duitsland is belangrijk voor Enreach, zo weet John. “Alleen al door de omvang en de mate van volwassenheid is die markt strategisch zeer interessant voor ons. Op dit moment groeien we daar enorm snel; we profiteren van de inhaalslag die men daar maakt in cloudcommunicatie en UCaaS. De samenwerking die we hebben met Deutsche Telekom, waarbij zij diensten van ons leveren en we gezamenlijke campagnes voeren, zet echt zoden aan de dijk.”
Spanje is om weer een andere reden interessant. “Voor ons is dat de innovatiehub voor contact center-oplossingen binnen de groep”, zegt Erik-Jan. “Daar zit de kennis en een markt die verder is met adoptie dan andere Europese landen. Wat daar gebeurt op het gebied van productontwikkeling en invulling van klantproposities is een voorbeeld van kennis op een lokale markt waar de hele Enreach Group van kan leren.”
De Nordics is weliswaar een verzameling van meerdere landen, met elk weer de nodige lokale verschillen, maar voor John zijn er twee overkoepelende trends duidelijker zichtbaar. “De term mobile-first kent iedereen wel, maar hier zijn ze al een stap verder. Dit worden de eerste landen in Europa waar vaste telefonie wordt uitgefaseerd. Geen afschalen tot een niche-status, maar echt ophouden te bestaan. Dat betekent nogal wat voor leveranciers. Door die zware nadruk op mobile-only zie je daar ook rond AI-integraties een hele andere marktdynamiek. Zeer leerzaam omdat we als Enreach zo beter kunnen inschatten welke ontwikkelingen later ook in andere Europese markten kunnen optreden.”
Om die verschillen goed te kunnen vertalen naar de markt, heeft Enreach zijn strategie gebaseerd op een portfolio dat is ingericht rond klantsegmenten. Per klantsegment zijn er kernproducten benoemd die voor iedere organisatie in dat segment het fundament vormen. Dat vormt het fundament van het aanbod van de reseller. Kleinere, minder bekende producten uit de bedrijven die Enreach heeft overgenomen zijn gemigreerd naar de kernproducten zodat ze bij een grotere groep op de radar komen.
Als voorbeelden van een kernproduct en segment noemt Erik-Jan eerst Enreach Contact als UCaaS-product en vaste/ mobiele connectiviteit voor kleine bedrijven. Op basis van dat fundament kan de partner zijn dienstverlening verder uitbreiden. “In het middensegment komt het Swyx-portfolio beter tot zijn recht en voor het contact center-segment is het omnichannel-product dat in Spanje is ontwikkeld het fundament.”
Tot de strategie van Enreach behoort ook het stapsgewijs integreren van AI in producten en proposities. De focus ligt op concrete use cases die direct waarde hebben voor partners en hun klanten. Erik-Jan: “Wij pushen dit niet naar de partners. Vraaggedreven adoptie is belangrijker. De complexiteit van AI betekent dat wij in deze fase veel meer inzetten op advies en training. Daar is de werkwijze van onze salesteams op
aangepast. Het profiel van de medewerker is opgeschoven naar een allrounder die toegang heeft tot AI-experts voor complexe vragen.”
‘Per klantsegment hebben we kernproducten benoemd’
Ook in dit interview komt digitale soevereiniteit ter sprake. Enreach ziet een toenemende focus op privacy en databeveiliging van vooral grote klanten en overheidssectoren. Erik-Jan: “Het heeft veel raakvlakken met compliance en veiligheid. Als onderneming met meer dan 1.000 medewerkers in Europa hebben we daar continu mee te maken. Onze juridische afdeling voert controles door en ondersteunt bij productontwikkelingen om te voorkomen dat we onbedoeld de verkeerde weg inslaan. Die juridische checks zijn al jaar en dag vast onderdeel van onze processen. Dat kan ook niet anders. Een deel van onze business, die we in dit gesprek verder even buiten beschouwing laten, is het leveren van core UC-software aan Europese telco’s. Dat zijn zwaar gereguleerde organisaties die de lat voor leveranciers hoog leggen.”
John voegt daaraan toe dat digitale soevereiniteit op dit moment nog vooral aan de bovenkant van de markt speelt, maar dat het zijn weg zal vinden naar het middensegment en zelfs de onderkant. “In Duitsland is de aandacht voor lokaal opslaan van data een gegeven. Tal van onze diensten, zoals Swyx dat Erik-Jan al noemde, hebben altijd al meerdere deployment-opties, van lokaal tot hyperscaler. Voor onze Duitse partners en hun eindklanten verandert er dus niet zo veel. Maar het is goed mogelijk dat wat daar de norm was nu ook vaker als enige gewenste oplossing gaat gelden in andere landen.”
Daarmee stipt hij wederom aan dat Enreach nauwlettend volgt wat er gebeurt op de lokale markten en dit via de strategie van focussen op segmenten en kernproducten zijn weg vindt het in portfolio voor de reseller. Zo vertaalt Enreach inzichten uit verschillende markten naar een consistente Europese strategie.
Wil je meer weten over de Europese strategie van Enreach? Neem dan contact op via sales.nl@enreach.com of 036 7606 700.
Lieke Lamb is CEO van het Future Expertise Center, directeur van Women in Tech NL, co-founder van Trendwatcher. TV, en spreekt als Keynote Speaker over innovatie, tech, trends en de toekomst. Daarnaast is ze actief als (tv-) host, dagvoorzitter, moderator en auteur.

Slechts één op de drie afgestudeerden in ICT-opleidingen is vrouw. Een op zichzelf al alarmerend cijfer. Maar het ongemakkelijke deel van het verhaal zit daarna: ook vrouwen die wél voor technologie kiezen, verlaten de sector opvallend vaak weer.
In Nederland werkt 58 procent van de mannen met een informaticaopleiding uiteindelijk in een IT-rol, tegenover slechts 34 procent van de vrouwen. We leiden op voor tech, maar niet voor de cultuur in die sector. Wie het serieus wil hebben over vrouwen in IT, moet dus verder kijken dan de voordeur. Het probleem zit ook in wat er gebeurt nadat vrouwen eenmaal binnen zijn.
Onlangs werd ik uitgenodigd bij Willemijn Aerdts, staatssecretaris Digitale Economie en Soevereiniteit. Het gesprek ging over de digitale toekomst van Nederland: hoe zorgen we dat de talentpool waaruit we putten net zo divers is als de samenleving waarvoor we technologie ontwikkelen?
Dat is geen symbolische vraag. Technologie is allang geen aparte sector meer; het is de onderlaag van onze samenleving geworden. De keuzes die vandaag in systemen en beleid worden gemaakt, bepalen morgen hoe we werken, leren, zorgen en communiceren. Als daar te weinig verschillende perspectieven aan tafel zitten, bouwen we geen neutrale technologie.
En juist nu kunnen we ons dat niet permitteren. We leven in een tijd van AI-gedreven besluitvorming, een misinformatieoorlog die zich razendsnel verspreidt via digitale kanalen, grote datalekken en privacy schendingen en discussies over digitale soevereiniteit. Dat zijn geen abstracte IT-thema’s meer voor specialisten onder elkaar. Het zijn maatschappelijke vraagstukken die iedereen raken. Juist daarom moeten vrouwen meebouwen aan de architectuur van de toekomst.
Rolmodellen helpen daarbij, net als zichtbaarheid en het doorbreken van stereotypes. Maar ook binnen organisaties is werk te doen. Cultuur, doorgroeikansen en inclusiviteit bepalen of talent blijft. Mannelijke bondgenoten zijn daarbij minstens zo belangrijk. Niet omdat dit een vrouwenprobleem is, maar omdat het een sectorvraagstuk is.
Met de aangekondigde Nationale Talentstrategie erkent de overheid dat talentontwikkeling cruciaal is voor onze digitale economie. Maar inclusie moet dan wel een uitgangspunt zijn, anders blijft het potentieel van de helft van het talent onbenut. En dat kunnen we ons simpelweg niet veroorloven.
Nobotel uit Breda vaart al sinds 2008 een uitgesproken eigen koers in een telecommarkt waarin schaalvergroting, bundeling en private equity de boventoon voeren. Het bedrijf positioneert zich nadrukkelijk als de specialist in mobiele telefonie en wijkt daarmee af van de gangbare strategie om mobiele diensten te combineren met vaste telefonie, internet en bredere IT-diensten.
Door: Hans Steeman
Die bewuste focus, die gepaard gaat met flinke investeringen in IT voor een flexibel operatoronafhankelijk concept met registratie, rapportage en beheer, vormt de kern van de propositie. Het is onderscheidend, ondanks het commoditykarakter van mobiele telefonie.
Oprichter en directeur Raymond van Schuppen belandde in 2008 in de wereld van mobiele telefonie, nadat hij eerder actief was in vaste netwerken bij Versatel. De markt zag er volgens Raymond destijds fundamenteel anders uit: weinig structuur, veel marge en een groot aantal spelers, vooral gericht op snelle groei. In die context viel hem één belangrijk ding op. Raymond: “Schaal maakte een wezenlijk verschil in prijsstelling en flexibiliteit. Door volumes van meerdere operatoren te bundelen en slim samen te werken met providers zoals KPN en Vodafone, konden we afspraken maken die ook vandaag nog de basis vormen van ons bedrijf.”
Waar veel telecomdienstverleners in de loop der jaren hun portfolio steeds verder hebben uitgebreid, heeft Nobotel juist vastgehouden aan één enkel domein: mobiel. Die keuze is strategisch, zo betoogt Raymond. “Mobiele telefonie is binnen organisaties nog altijd een substantiële kostenpost, terwijl het beheer ervan vaak versnipperd en onoverzichtelijk is. Precies daar ligt de toegevoegde waarde die wij als Nobotel creëren.”
Centraal in de dienstverlening staat een zelf ontwikkelde portal die volledig is ingericht op mobiel gebruik. Klanten krijgen hiermee inzicht in verbruik, kosten, gebruikers, afdelingen en contractstructuren, ongeacht of het gaat om aansluitingen van KPN of Vodafone. Raymond: “Waar portals van providers vaak breed zijn opgezet en ook vaste verbindingen, cloud en licenties omvatten, is het Nobotel-platform honderd procent mobiel georiënteerd. Dat verlaagt de complexiteit en vergroot de bruikbaarheid, met name voor IT-afdelingen. Wij geven onze klanten daarmee advies op maat.”
Functionaliteiten zoals split billing, meerdere factuuradressen onder één contract, historische rapportages en dagelijkse verbruiksinzichten, zijn standaard beschikbaar via de portal. Zaken die bij providers vaak complex, betaald of beperkt toegankelijk zijn, worden bij Nobotel geïntegreerd aangeboden. Het resultaat is meer grip op mobiele kosten en minder operationele overhead.
Direct en via het channel
Nobotel werkt met een hybride model: directe levering aan eindklanten én indirect via businesspartners. Die partners, vaak IT-dienstverleners of telecomresellers, nemen mobiele

telefonie van Nobotel op in hun eigen portfolio. Activering, nummerbeheer en facturatie verlopen via Nobotel, terwijl de partner het klantcontact onderhoudt. Dit channelmodel zorgt voor landelijke dekking, ondanks de relatief compacte organisatie.
Remco Spierings, de recent aangetrokken Director Sales & Marketing, voegt hier iets essentieels aan toe met zijn jarenlange ervaring bij onder andere Mtel, EvolveIP en Salesforce. “Deze organisatie combineert zijn flexibel concept met een sterke servicefocus. Tickets worden volgens een interne SLA binnen een minuut opgepakt en 95% ook binnen 1 minuut opgelost. Klanten ervaren geen lange wachttijden of anonieme callcenters, maar krijgen direct iemand aan de lijn die de situatie kent. Het resultaat is een NPS van 83.”
Nobotel positioneert zich nadrukkelijk niet als concurrent van providers, maar als complementaire schakel. Raymond: “Providers kunnen en mogen geen gecombineerde proposities aanbieden waarin meerdere mobiele netwerken naast elkaar worden ingezet. Nobotel kan dat wel. In de praktijk betekent dit bijvoorbeeld redundante oplossingen, waarbij een organisatie KPN-spraak combineert met Vodafone-data, of
‘Providers bieden geen proposities waarbij meerdere mobiele netwerken naast elkaar worden ingezet’
meerdere eSIMs inzet om dekking te garanderen op locaties waar één netwerk tekortschiet.”
Remco: “Ook op het gebied van roaming en travelsimoplossingen (met een eSIM) speelt Nobotel een actieve rol. Door dagelijks verbruik te monitoren en klanten proactief te waarschuwen bij afwijkingen, worden onverwachte kosten voorkomen. Dat geldt zowel binnen als buiten Europa en sluit aan bij de behoefte aan voorspelbaarheid en kostenbeheersing, zeker in het buitenland.”
Tot voor kort was Nobotel bewust terughoudend in externe communicatie. Groei kwam vrijwel volledig voort uit het eigen netwerk en mond-tot-mondreclame. Die fase wordt nu afgesloten met de start van Nobotel 2.0. Raymond: “Nadat ik besloten had door te willen gaan met dit bedrijf en het dus niet te verkopen, ondanks de mooie aanbiedingen, is een strategie voor groei ontwikkeld. Met investeringen in een nieuw pand en IT, uitbreiding van het team, een vernieuwde portal, geüpgradede CRM- en billingprocessen en gerichte marketingactiviteiten, bereiden we ons voor op een volgende fase. De aanstelling van Remco, die ik al sinds 1999 intensief ken, past in dit plan. We hebben al die jaren goed contact gehouden en gewacht op het beste moment om te gaan samenwerken. Dat moment is nu.”
Meer weten over Nobotel? Zoek dan contact met Director Sales & Marketing Remco Spierings via 0651 222 912 of mail naar remco@nobotel.nl.
Bijna vijf jaar geleden startte Dave Faber het bedrijf ALLCLOUD. Daarmee speelde hij in op een groeiende vraag uit de markt van MSP’s. Het is een goede keuze geweest, want het bedrijf laat elk jaar weer een mooie groei zien. Tijdens het interview met ITchannelPRO komt aan bod wat Dave en zijn collega’s doen en hoe ze profiteren van de huidige onrust.
Door: Rashid Niamat
Het was lange tijd normaal dat een IT-dienstverlener hardware aanschafte of huurde. Dat bracht hij vervolgens onder in een eigen serverruimte of extern datacenter. Zijn platform was onmisbaar voor de diensten die hij zijn klanten aanbood. De noodzaak voor die investering in eigen hardware is door de cloud minder geworden. Tegenwoordig is het logischer om waar mogelijk een virtueel platform te gebruiken. ALLCLOUD biedt dat soort virtuele platforms. Met een focus op MSP’s met een omvang tot 50 medewerkers biedt het schaalbare cloud- en infrastructuurdiensten waarmee MSP’s diensten naar hun klanten kunnen aanbieden.
“Elke MSP staat op een gegeven moment voor de keuze wat hij gaat doen met zijn eigen hardware”, weet Dave. “Ga je nog een keer investeren of kom je tot de conclusie dat virtuele capaciteit huren een betere oplossing is die je meer rust en ruimte geeft om te focussen op je overige dienstverlening? Die vraag is momenteel met de absurd hoge prijzen makkelijker dan ooit te beantwoorden, maar het is niet alleen daarom dat MSP’s zaken met ons doen.”
ALLCLOUD gebruikt Proxmox en Ceph-technologie voor datareplicatie over drie fysieke datacenters. Voor de continuïteit is er een directe failover tussen alle locaties. Minstens zo
belangrijk, en helemaal gezien de geopolitieke situatie, is dat ALLCLOUD uitsluitend gebruik maakt van Nederlandse datacenters.
MSP-only is een bewuste keuze’
Dave staat uitgebreid stil bij de keuze voor het drie datacenter-principe. “Twee datacenters is op het eerste gezicht voldoende om continuïteit en redundantie mogelijk te maken, maar het is niet efficiënt. Het betekent namelijk dat de helft van je capaciteit inactief is, maar wel geld kost. Bij het drie datacenter-principe zijn alle computernodes actief en half gevuld voor betere prestaties en kostenoptimalisatie. Je verbrandt dan geen geld door het in de lucht houden van een stand-by locatie. Dat ziet de klant terug in zijn rekening.”
De klant van ALLCLOUD is altijd een MSP. Het bedrijf hanteert bewust de strikte regel om geen eindklanten te bedienen. “Als we eindklanten zouden ondersteunen, zou onze organisatie enorm moeten groeien. Dat zou hogere kosten en een vertroebeling van de relatie met MSP’s betekenen.
MSP-only is daarom een bewuste keuze”, zegt Dave.
Kenmerkend is verder dat ALLCLOUD als samenwerkingspartner niet boven, maar naast de MSP staat. Dat betekent directe Nederlandstalige support, transparante communicatie en een sterke vorm van kameraadschap in de samenwerking. Dave: “We willen dat partners op ons kunnen rekenen. Geen discussies over voorwaarden of facturen, alles is glashelder. Een vaste maandprijs hoort daarbij, zodat MSP’s hun eigen klanten zonder verrassingen kunnen bedienen.”
‘We werken samen als kameraden’
Bij die aanpak hoort ook een selfserviceplatform waarmee partners binnen vijf minuten een VPS kunnen uitrollen.
Daarnaast gaat de technische ondersteuning ver: ALLCLOUD helpt kosteloos bij Microsoft-integraties zoals Intune en Azure AD en stelt specialisten beschikbaar voor configuratie en optimalisatie. Dave: “Zo hoeven partners geen extra consultants in te huren en blijven projecten overzichtelijk. We werken samen als kameraden, met duidelijke verwachtingen en volledige transparantie.”
Tijdens dit interview komt vanzelfsprekend ook de actualiteit aan bod. Het is volgens Dave een van de redenen waarom ALLCLOUD groeit. “We merken dat in de MSP-markt twee onderwerpen hoog op de agenda staan. Partners willen alternatieven kunnen aanbieden, ook omdat hun klanten daarom expliciet vragen. Weg van VMware vanwege de kosten en voorwaarden is een belangrijk issue, maar ook datasoevereiniteit staat hoog op de agenda. Met beide vraagstukken kunnen we helpen. En dat niet alleen, we zijn in de eindfase van onze eerste ISO 27001-certificeringsprocedure. Een steeds grotere groep partners en hun eindklanten willen alleen zakendoen met leveranciers die gecertificeerd zijn.”
Het verhaal van ALLCLOUD, dat later dit jaar het vijfjarig jubileum viert, is bijzonder. Het bedient een markt die afhankelijkheden van enkele grote aanbieders wil of moet afbouwen. Tegelijk is het een markt vol consolidaties en overnames. Al die onrust legt het bedrijf geen windeieren. Met een strikte focus realiseert het een bestendige groei.

Meer weten over de diensten van ALLCLOUD? Mail Dave Faber op dave.faber@allcloud.nl of kijk op www.allcloud.nl.
Met 280 geregistreerde deelnemers trok de European Resilience Summit op 3 maart 2026 in Londen een stevig internationaal publiek van bestuurders, beleidsmakers en vertegenwoordigers uit het bedrijfsleven.
Inhoudelijk draaide de dag om één centrale constatering: digitale weerbaarheid is in een tijd van geopolitieke onrust geen abstract beleidsbegrip meer, maar een harde randvoorwaarde voor economische en maatschappelijke stabiliteit.
Door: Sander Hulsman
Hoofdredacteur Sander Hulsman en uitgever Eric Luteijn van het nieuwe domein DSR waren aanwezig op de summit die een inhoudelijk sterk programma kende met keynotes, panels en verdiepende sessies. Daarbij viel vooral een nieuw format op: de zogeheten Dock-Read-sessies. In deze sessies stond niet een panelgesprek of pitch centraal, maar een vooraf opgesteld inhoudelijk document dat ter plekke werd gepresenteerd en kritisch besproken. Juist die opzet gaf het evenement extra gewicht.
De openingsdiscussie ging in op cyberdreigingen in een periode van geopolitieke spanningen. Daarbij werd cyberspace neergezet als volwaardig strijdtoneel, waarin staten, criminele netwerken en hybride actoren opereren met verstoring, beïnvloeding en sabotage als doel.

Sprekers wezen op de kwetsbaarheid van kritieke infrastructuur, supply chains en democratische instituties. Niet alleen de directe impact van aanvallen stond centraal, maar vooral ook de bredere strategische gevolgen, zoals verlies van vertrouwen, economische schade en politieke instabiliteit. De rode draad was duidelijk: Europa zal sneller moeten


anticiperen, intensiever moeten samenwerken en structureel moeten investeren in zowel operationele als strategische weerbaarheid.
In latere sessies verschoof de aandacht naar structurele afhankelijkheden in het digitale landschap. Zo kwam in het panel over een federated digital backbone naar voren dat Europa alleen geopolitiek relevant blijft wanneer het op schaal weet samen te werken. Federatieve modellen werden daarbij gepresenteerd als alternatief voor een te sterke concentratie van macht bij enkele dominante platformspelers.
Ook de sessie Resilience on the Global Scale legde een gevoelig punt bloot: de dominantie van mondiale cloudplatforms en de snelle opkomst van shadow AI. Organisaties gebruiken AI-oplossingen steeds vaker buiten formele governance-kaders om. Dat vergroot risico’s rond compliance, datasoevereiniteit en strategische afhankelijkheid. De kernvraag was hoe innovatie mogelijk blijft zonder grip, verantwoordelijkheid en toezicht te verliezen.
Daarnaast kwamen open source en open standaarden nadrukkelijk aan bod als bouwstenen voor digitale soevereiniteit. Daarbij was de teneur genuanceerd: openheid op zichzelf is niet genoeg. Zonder robuuste governance en
houdbare businessmodellen blijft ook een open digitaal ecosysteem kwetsbaar.
Waar de panels vooral breedte boden, leverden de DockReads de verdieping. In vier sessies werden inhoudelijke documenten besproken waarin telkens een scherpe these, analyse of oplossingsrichting centraal stond. Dat zorgde voor een ander soort debat dat minder algemeen was, en meer inhoudelijk, kritischer en concreter.
Sopra Steria trapte af met de stelling dat nationale crisisplannen binnen een sterk verweven Europese digitale infrastructuur onbedoeld risico’s kunnen verplaatsen naar andere landen. De boodschap was dat crisisplanning niet langer nationaal of sectoraal kan worden benaderd, maar systemisch en grensoverschrijdend moet zijn.
Capgemini pleitte vervolgens voor een benadering waarin situational awareness vooropstaat. In die visie is een gezamenlijke operationele aanpak tussen EU en VK essentieel. Dreigingen houden zich immers niet aan landsgrenzen, en zonder gedeeld inzicht blijft samenwerking te vaak reactief.
Facis zoomde in op federatie en cloud roaming als strategisch instrument. Het uitgangspunt daarbij is dat landen en
organisaties hun autonomie kunnen behouden, terwijl interoperabiliteit wel gewaarborgd blijft. Niet centraliseren, maar verbinden, zonder afhankelijk te worden van één dominante leverancier.
Element bracht misschien wel de meest fundamentele these in: echte veerkracht vereist digitale soevereiniteit. Zonder controle over data, infrastructuur en kritieke technologie blijft weerbaarheid beperkt tot het opvangen van symptomen. Soevereiniteit werd daarbij nadrukkelijk niet neergezet als isolationisme, maar als voorwaarde voor strategische handelingsvrijheid.
De verwachting is dat deze vier stukken de komende periode verder worden uitgewerkt en gepubliceerd. Gezien het niveau van de discussie lijkt het aannemelijk dat ze ook breder hun invloed zullen hebben op het debat over de Europese digitale strategie.

De afsluitende paneldiscussie bracht technologie, energie, governance en cultuur samen onder de noemer Resilience is not survival, it’s strategic choice. Daarmee werd de essentie van de dag kernachtig samengevat. Veerkracht werd niet



gepresenteerd als defensieve reflex, maar als bewuste strategische keuze. Dat vraagt om investeringen, bestuurlijke moed en een lange adem.
Wat in Londen vooral duidelijk werd, is dat digitale soevereiniteit en weerbaarheid geen modetermen zijn. Ze
De European Resilience Summit doet dit jaar nog vier steden aan: Wenen op 12 mei, Den Haag op 18 juni, Berlijn op 30 september en Parijs op 10 december.
Voor de Nederlandse editie in Den Haag is inmiddels ook een call for papers, sprekers en partners geopend. De organisatie roept beleidsmakers, bestuurders en marktpartijen op om onderwerpen, praktijkcases en sprekers aan te dragen rond de centrale vraag hoe digitale autonomie en resilience in kritieke ketens kunnen worden versterkt. Daarbij ligt de focus op thema’s als kritieke infrastructuur, ketenverantwoordelijkheid, publiek-private samenwerking en wet- en regelgeving, met nadrukkelijk aandacht voor zowel de Nederlandse als de bredere Europese context.
Ook voor partners en sponsors ziet de organisatie een rol weggelegd. Daarmee wil ERS The Hague zich niet alleen profileren als congres, maar ook als inhoudelijk platform voor partijen die actief bijdragen aan het debat over digitale weerbaarheid en strategische autonomie.
raken direct aan veiligheid, economische continuïteit en democratische legitimiteit. Met een inhoudelijk sterk programma en een hoogwaardig publiek positioneert de European Resilience Summit zich daarmee nadrukkelijk als platform voor strategische discussies op niveau.
De combinatie van geopolitieke urgentie, technologische complexiteit en bestuurlijke verantwoordelijkheid maakte deze editie meer dan een conferentie alleen. De bijeenkomst was vooral ook een signaal: Europa is zich scherp bewust van de digitale realiteit waarin het opereert, en de tijd van vrijblijvende discussie ligt achter ons.
Wilt u zich positioneren rond digitale autonomie, resilience en ketensamenwerking in overheid en kritieke sectoren? ESR Den Haag op 18 juni biedt partners en sponsors een inhoudelijk sterk, hoogwaardig platform. Neem voor onderwerpen en sprekers contact op Sander Hulsman, hoofdredacteur DSR via sander@luteijnmedia.nl of 0628 330 415. Partners & sponsors zoeken contact met Eric Luteijn, uitgever DSR via eric@ luteijnmedia.nl of 0653 510 690.
Interview met Managing Director Herman Kui van Escrow4All
Herman Kui, Managing Director van Escrow4All, legt in een interview met ITchannelPRO uit waarom de vraag naar escrow-overeenkomsten stijgt, nu NIS2 en digitale soevereiniteit hoog op de agenda staan. Het interview begint met de vraag om escrow uit te leggen op een manier die voor iedereen te begrijpen is. Herman: “Het doel van een escrow-overeenkomst is de continuïteit en controle over software bij leveranciersuitval te waarborgen.”
Door: Rashid Niamat

Vervolgens staat hij stil bij het verleden. “Vroeger, ik spreek dan over de jaren tachtig en negentig van de vorige eeuw, kocht een bedrijf software op dragers en de bijbehorende licenties. Toegang tot de broncode was geen vereiste. Wie dat wel wenste, sloot een overeenkomst waarbij de broncode bij een notaris werd gedeponeerd. Het idee was dat men toegang zou kunnen krijgen als de maker niet meer bereikbaar was.”
Broncode in de kluis van een notaris is juridisch en technisch veilig, maar tegenwoordig nog maar beperkt bruikbaar. Waar voorheen het aantal software-aanpassingen per jaar beperkt was, ligt de frequentie van aanpassingen tegenwoordig veel hoger. Alleen al daarom is het opslaan op een fysieke drager en het opbergen daarvan in een kluis niet meer aan de orde.
Herman: “Wat wij tegenwoordig verstaan onder een adequate escrow-regeling bestaat uit het combineren van technische controles met juridische afspraken en het zorgen voor regelmatige updates, passend bij de huidige agile ontwikkelingscycli. De broncode wordt bij ons in een digitale kluis opgeslagen. Escrow-overeenkomsten gaan trouwens niet uitsluitend over de broncode. Het is bijvoorbeeld ook mogelijk om afspraken te maken over SaaS-diensten.”
‘Bij NIS2 en CER ontkom je niet aan escrow’
Onder welke omstandigheden de klant toegang heeft, staat in het contract. Faillissement van de maker is nadrukkelijk niet de enige reden. Herman: “Wat we meer en meer zien is dat ook in het geval van malware of ransomware toegang tot de broncode of software moet worden verleend. Dat is op dat moment namelijk de enige schone versie van de software.”
Vroeger was escrow alleen een vereiste voor grote bedrijven en overheidsdiensten. “Banken, logistiek en transport zijn voorbeelden van sectoren die al jaar en dag escrowovereenkomsten sluiten met hun softwareleveranciers. Ze moeten wel, want zodra de IT daar uitvalt, is er meer dan alleen eigen schade; domino-effecten zijn dan onvermijdelijk.”
Dit soort bedrijven was voorheen gewend om met grote softwarehuizen zaken te doen en het initiatief te nemen. “We zien inmiddels steeds vaker dat juist de maker van de software dit geregeld wil hebben. Het initiatief ligt nu dus ook bij de aanbodzijde en dan hebben we het ook over kleine bedrijven en start-ups.”
Een van de stellingen van Herman is dat NIS2 en CER niet zonder escrow kunnen. “Voor NIS2 is veel aandacht. Er is ook nog de CER (Critical Entities Resilience-richtlijn) die echt minder bekend is. Beide richtlijnen hebben als doel de digitale weerbaarheid te verhogen. Dan ontkom je er niet aan om naar alles te kijken wat die beschikbaarheid, dus de continuïteit, bepaalt.”
‘Digitale soevereiniteit begint met controle over je software’
Onvermijdelijk is dat er ook naar de software wordt gekeken en dan komen escrow-overeenkomsten vanzelf in beeld. “Dat onder NIS2 en CER bestuurlijke aansprakelijkheid een rol gaat spelen, heeft grote gevolgen. Het is een van de redenen waarom de vraag naar escrow-oplossingen fors toeneemt. Bestuurders moeten ten eerste kunnen aantonen dat ze alle risico’s en kwetsbaarheden in kaart hebben gebracht. Vervolgens moeten er maatregelen getroffen zijn om dit te ondervangen. Escrow-overeenkomsten zijn wat dat betreft net als verzekeringen. Het geeft rust omdat je weet dat je de juiste voorbereidingen hebt getroffen.”
Tijdens het interview is een paar keer het begrip keten voorbijgekomen. Herman: “NIS2 draagt bestuurders op meer aandacht te besteden aan de keten waarvan ze deel uitmaken. Ik sluit niet uit dat kleinere dienstverleners in de IT-keten op enig moment te maken zullen krijgen met escrow-overeenkomsten.”
Dat Herman van mening is dat digitale soevereiniteit evenmin zonder escrow kan, zal na het bovenstaande niet meer verbazen. “Ook digitale soevereiniteit heeft alles te maken met continuïteit, weerbaarheid en resilience. Natuurlijk is het startpunt anders dan bij NIS2 en CER, maar de overeenkomsten in de uitwerking zijn groot. Wie streeft naar meer digitale soevereiniteit moet weten waarvan hij gebruikmaakt en een plan hebben om toegang te kunnen blijven houden tot systemen of software.”
Wie meer wil weten over Escrow4All voor zijn bedrijf kan contact opnemen met Herman Kui via Herman.kui@escrow4all.com of bel 020 3420 250.
Rob de Zwart stapte begin dit jaar over naar de rol van commercieel directeur bij BusinessCom, na 30 jaar als reseller-ondernemer. In die periode werkte hij al veelvuldig met het My-Connect-platform, de white-label dienstenportfolio van het bedrijf dat in 2026 tien jaar bestaat. In een open gesprek legt hij samen met Partner Manager Niels van den Berg uit waarom het recurring businessmodel onvermijdelijk is en wat men het kanaal te bieden heeft.
Door: Hans Steeman
Wie al langer in de ICT-branche actief is, kent het patroon: hardware verkopen met marges van soms 40 procent, een SLA erbovenop en daarna wachten op de volgende deal. Die aanpak heeft zijn langste tijd gehad. De marges zijn geslonken, de complexiteit van netwerkomgevingen is toegenomen en eindklanten verwachten steeds meer van hun ICT-partner. De enige manier om als reseller of MSP’er continuïteit te waarborgen, is door te verschuiven naar diensten met terugkerende inkomsten.
Rob zag dit vanuit zijn bedrijf Nemesys ICT Groep al vroeg aankomen. Rond 2005 maakte hij daarom de overstap naar cloudgebaseerde telefonie en SIP-trunks, nog lang voordat dat gemeengoed was. Rob: “Als je alleen eenmalig verkoopt, moet je continu jagen. Met recurring business weet je op 1 januari al waar je dat jaar globaal aan toe bent. Dat geeft ruimte om vooruit te kijken en de volgende stap te zetten.”
My-Connect is het dienstenmerk van BusinessCom waarmee resellers en MSP’s een compleet portfolio van cloud-
communicatiediensten kunnen aanbieden, volledig onder hun eigen naam. Het platform omvat telefonie (hosted PBX, UCaaS, SIP-trunking, mobiele telefonie), internetverbindingen, wifi en cybersecurity. Alles is beschikbaar als white-label abonnement: de partner bepaalt de verkoopprijs, de branding en de relatie met de eindklant. BusinessCom blijft onzichtbaar op de achtergrond.
Niels: “Deze aanpak is een bewuste keuze. BusinessCom levert uitsluitend aan wederverkopers, nooit direct aan eindgebruikers. Het klanteigendom ligt daarom volledig bij de partner. Wie jarenlang gewerkt heeft met leveranciers die hun eigen merk prominent op de factuur zetten, begrijpt hoe waardevol het is dat de klant van jou blijft.”
Een van de technisch meest relevante kenmerken van My-Connect is de centrale portal. Alle diensten zijn toegankelijk via één uniforme interface. De partner configureert klantomgevingen, bestelt componenten en genereert white-label facturen zonder te hoeven schakelen

tussen meerdere systemen of leveranciersportalen. Voor de financiële administratie is dit pure efficiëntiewinst. Partner Manager Niels legt uit hoe dit in de praktijk werkt: “Alle diensten van een eindklant staan op één klantenkaart. Via een export uit onze portal en een import in het eigen boekhoudpakket kan een partner met twee klikken factureren. Geen handmatige controle, geen reconciliatiewerk aan het eind van de maand. Dat scheelt soms meerdere werkdagen per maand.”
BusinessCom hanteert een gefaseerde aanpak voor nieuwe My-Connect-partners. Na een initieel informatiegesprek, waarbij de partnermanager de marktpositie, het klantsegment en de ambities van de reseller in kaart brengt, volgt producttraining voor zowel commerciële als technische medewerkers. Vervolgens worden de eerste klantcases gezamenlijk opgepakt: BusinessCom ondersteunt in het offertetraject en, indien nodig, in de technische implementatiefase op locatie.
Het doel is nadrukkelijk niet om partners afhankelijk te houden van BusinessCom-specialisten. Niels: “Wij willen onze kennis doorgeven zodat de partner zelf volledig in staat is om klanten te bedienen. Wij zijn altijd beschikbaar als back-up, maar ons doel is dat de kennis in huis zit bij de partner.” Voor complexe situaties, denk aan een RFP-beantwoording of een productdemonstratie bij een eindklant, kan een productspecialist van BusinessCom meegaan. Maar ook dat is ‘training on the job’, en geen structurele afhankelijkheid.
Rob: “De telecom-reseller heeft de stap naar IT al lang
Rob de Zwart (links) en Niels van den Berg: “Met My-Connect ligt het klanteigendom altijd volledig bij de partner.”
gemaakt, zo ook de transitie naar clouddiensten. Maar doe je dit al onder je eigen naam of merknaam? Diensten whitelabel verkopen, is de logische volgende verschuiving.” Tegelijkertijd ziet BusinessCom een golf van nieuwe, kleinere partijen: ondernemers die bewust kiezen voor een lean model met cloud-first diensten. Voor hen biedt het My-Connectplatform een directe versnelling: één portal, volledige white-labeling, dropshipment van hardware en een organisatie die proactief meedenkt.
My-Connect bestaat tien jaar, en de kern van het model is in die periode consistent gebleven: BusinessCom bouwt de infrastructuur, de partner bouwt de klantrelatie. Wat veranderd is, is de breedte van het portfolio en de volwassenheid van de portal. Telefonie en connectiviteit waren het startpunt en cybersecurity, wifi en geavanceerde integraties zijn het huidige speelveld.
Voor resellers en MSP’s die nog worstelen met de overstap naar recurring business onder eigen naam, is de boodschap van BusinessCom helder: hoe later je start, hoe langer het duurt om de eenmalige omzet te compenseren. “Maar met My-Connect is die stap snel gemaakt”, zegt Rob met een grote glimlach. “We hebben echt mooie oplossingen te bieden. Samen met resellers kijken we graag naar wat past bij hun strategie.”
Meer weten over het My-Connect-platform van BusinessCom? Neem contact op via 0413 724 200 of kijk op www.businesscom.nl.
Joey Pezaro, senior product specialist bij NinjaOne en verantwoordelijk voor de Benelux MSP-markt, blikt tevreden terug op 2025. In een interview met ITchannelPRO eind december vertelde hij waar die tevredenheid vandaan komt, en ook wat voor 2026 hoog op zijn agenda staat.
Door: Rashid Niamat
NinjaOne bestaat weliswaar al twaalf jaar maar is pas sinds 2020 actief op de Nederlandse markt. Je zou verwachten dat een bedrijf dat zo jong is nog hard aan de weg moet timmeren om op te vallen. Joey: “Naamsbekendheid en zichtbaarheid zijn belangrijk, maar toen we in Nederland startten begonnen we niet vanaf nul. We zijn namelijk eerder gestart in Duitsland, waar ons Europese hoofdkantoor zit. Dat zorgt ervoor dat we al voor 2020 op de radar stonden van Nederlandse MSP’s. Inmiddels zijn we een bekende naam in de MSP-markt.”
Het belang
Bekend zijn is prettig, maar omzetgroei is nog belangrijker. Daar heeft Joey naar eigen zeggen weinig over te klagen. “We groeien serieus harder dan de concurrentie. Het aantal MSP’s dat contact opneemt, en dan niet om informatie te halen maar om partner te worden, is afgelopen jaar weer fors gegroeid. Hij ziet meerdere redenen waarom de animo om zaken te doen met NinjaOne zo groot is. “De lijst met punten waarom men voor ons kiest is best lang, maar laat ik er vijf noemen.”
Als eerste noemt hij het aanbod. “NinjaOne ontwikkelt alles vanuit het perspectief van een MSP. De RMM-oplossing (Remote Monitoring and Management) heeft logische features, is snel en eenvoudig te bedienen en geeft maximaal inzicht. Een MSP moet efficiënt kunnen werken en wij maken dat mogelijk. Features waar vraag naar is, moeten altijd aan de voorgaande eisen voldoen. Dat geldt ook voor overnames, zoals de SaaS back-up dienst Dropsuite. Wij bieden een geïntegreerd en flexibel multi-OS platform, geen legpuzzel of kerstboom.”
Een ander punt is het ontbreken van legacy. Joey: “Omdat we later zijn gestart, is er bij ons geen aanbod dat gebaseerd is op hardware. Alles bij ons is cloudbased, wij zijn met recht een cloudnative organisatie. Dat betekent dat we kunnen focussen
‘We groeien serieus harder dan de concurrentie’

Derde punt is security. NIS2 en ISO-certificeringen zijn volgens Joey in het platform geïntegreerd. “We merken dat MSP’s bij de selectie van diensten steeds vaker op deze zaken letten. Ze moeten wel. Enerzijds omdat hun klanten het vaker als eis stellen en anderzijds omdat voor MSP’s zelf meer toezicht geldt met als doel dat deel van de markt meer resilient te maken.”
Dan is er de mond-tot-mondreclame die bijdraagt aan groei. Joey: “We merken dat partners en eindklanten ons vaak noemen in het contact met klanten, collega’s en derden. Bij het optekenen van nieuwe partners blijkt dat die verhalen van tevreden klanten absoluut een duwtje in de rug zijn om bij ons aan te kloppen.”
‘Wij bieden een geïntegreerd en flexibel multi-OS platform’
voertaal standaard Nederlands. Partners en prospects vinden dat enorme pluspunten en het maakt snel schakelen stukken makkelijker. Een persoonlijke band opbouwen gaat toch ook sneller als je dezelfde taal spreekt.”
Joey sluit af met wat op zijn agenda voor 2026 staat. Bovenaan staat natuurlijk: doorgaan met de groei en bedrijven over de volle breedte van de MSP-markt enthousiast maken voor NinjaOne. Joey: “En de volle breedte, dat betekent dat NinjaOne ook nadrukkelijk de samenwerking zoekt met enterprise MSP’s en MSSP’s. Onze proposities zijn absoluut geschikt voor dit soort specialisten en er is al serieuze interesse in deze waardepropositie.”
Voor contact met NinjaOne kun je York von Eichel-Streiber, Product Marketing Manager EMEA, bereiken via york.voneichel-streiber@ninjaone.com. Of kijk op www.ninjaone.com. vraagstukken. MSP’s weten dat absoluut te waarderen.”
“We blijven deze grote, brede markt bedienen met een lokaal team en een aanbod dat efficiënt werken voor MSP’s mogelijk maakt”, zo verzekert Joey. “Dat betekent verder dat ik persoonlijk meer ga investeren in het aanhalen van de banden met de samenwerkingsverbanden. In een markt die veel consolidaties en overnames kent, is het namelijk goed om kritisch te kijken naar de tools die men gebruikt en of daar geen verbeteringsslag te behalen valt. Bij NinjaOne zijn we ervan overtuigd dat we daar een verbluffend goed voorstel kunnen neerleggen. Over de uitbreidingen van ons aanbod kan ik nog weinig vertellen, maar ga er maar vanuit dat we dicht op de bal zitten en onze tooling in alle opzichten blijft voldoen aan de vraag van de MSP’s.”
NinjaOne kiest ten slotte voor een lokale marktbenadering. Joey: “Als je ons belt, wordt de telefoon in het Nederlands opgenomen. Als we bij een partner langskomen, is de

Gert-Jan Duis is HR Manager bij TTNL. Hiervoor heeft hij onder meer gewerkt bij Ingram Micro en HSO. Altijd staat voor hem de mens centraal.
Afgelopen vrijdag was ik op een verjaardag. Eerst ging het nog over Marco Borsato en over Vitesse. En ik weet niet hoe we erop kwamen, maar uiteindelijk belandden we, na de gebruikelijke en kansloze discussie over de wolf, bij het vraagstuk AI.
Ik vertelde euforisch over hoe mijn moeder volschoot toen ik haar trouwfoto van 55 jaar geleden tot leven bracht met Grok en hoe lekker ik de muziek van Justefunk Funk vond en er pas later achter kwam dat het volledig AI was. Ik vertelde dat ik niet kon wachten totdat we dierentaal hadden ontcijferd (kwestie van een paar maanden gokte ik) en ik eindelijk ga begrijpen wat mijn kat iedere dag tegen mij uitkraamt. Een nieuwe wereld die aan onze voeten ligt.
“Da’s allemaal prachtig. Maar er zit ook een keerzijde aan dat hele AI-verhaal.” Het was mijn oom die mij tot de orde riep. Hij vroeg me of ik wel eens gehoord had van het Paperclip Dilemma. “Wel eens van gehoord, maar even kwijt wat het ook alweer is”, jokte ik.
Mijn oom ging er even voor zitten en inmiddels luisterde de hele kamer.
Bij het Paperclip Dilemma krijgt AI één simpele opdracht: maak zoveel mogelijk paperclips. De start is voortvarend. AI zet machines aan het werk en al snel draait de productie volle toeren. Een efficiënt machinepark spuugt al rap miljoenen paperclips uit. Maar grondstoffen worden zienderogen schaarser en dan gaat het mis.
AI gaat op zoek naar staal. Gedreven door maar één opdracht worden mensen met geweld uit auto’s gehaald. Auto’s die dienen als grondstof voor paperclips. Mensen worden bloederig ontdaan van stalen protheses. Nieuwe planeten worden veroverd op zoek naar grondstoffen. Het maakt de apocalyps compleet. Wat rest, is een verschroeide aarde. En een heleboel paperclips.
Mijn oom kijkt serieus. “Wat ik er maar mee wil zeggen: zonder begrenzing is AI levensgevaarlijk”.
Het is stil in de kamer.
Tante Bep probeerde de stemming nog te redden door Marco Borsato op te zetten en iets te roepen over naakt behangen. Maar het was tijd om te gaan.
Morgen weer vroeg op.


De redactie van ITchannelPRO volgt de trends in Circulaire IT op de voet. In deze editie de laatste ontwikkelingen op het gebied van Circulaire IT en duurzame smartphones. Kijk ook op ons platform met informatie en nieuws over duurzaamheid en Circulaire IT.
www.circulaire-it.nl
Meer op de volgende pagina’s
Doe ook mee! Stuur je nieuws en persberichten over Circulaire IT naar redactie@circulaire-it.nl
Hjalmar van Veen heeft bij HP een titel erbij gekregen. Naast zijn
verantwoordelijkheid voor het indirecte kanaal in de Benelux is hij nu ook Country Manager Nederland. Duurzaamheid blijft daarbij een van zijn focusgebieden.
Door: Michiel van Blommestein
Binnen de markt voor Noord-Europa van HP zijn de Nordics en Benelux samengevoegd tot één regiocluster. Per land is een country manager aangesteld. “Die rol doe ik er nu bij, naast mijn verantwoordelijkheid voor het indirecte kanaal”, vertelt Hjalmar. Na 25 jaar bij HP voelt dat als een logische stap. Wat HP intern organiseert, moet ook zichtbaar zijn in de samenwerking met partners en klanten. Duurzaamheid is een structureel onderdeel van de strategie en daarmee ook van zijn nieuwe rol.
Duurzaamheid
Het Amplify Partnerprogramma kreeg met Amplify Impact een duidelijk duurzaamheidstrack. “De doelstelling is altijd geweest om partners verder te helpen hun eigen bedrijfsvoering te verduurzamen”, zegt Hjalmar. “De feedback is overweldigend positief. Bijna 80 procent geeft aan tevreden te zijn. Meer dan de helft heeft nieuwe klanten kunnen binnenhalen.”
Dat gaat verder dan een vinkje zetten. “Het is geen kwestie van ‘je moet deze training doen en dan mag je het logo voeren’, maar vooral wat betekent het concreet voor de business van de partners? Die invulling is er nu en die vullen we steeds verder aan.” HP onderbouwt de eigen doelstellingen met harde referenties. Het bedrijf heeft voor het vijftiende jaar op rij een EcoVadis-status, sinds 2019 platinum. Daarnaast voert HP een breed portfolio dat is gecertificeerd volgens de Electronic Product Environmental
Assessment Tool. De doelstellingen van HP zijn ook gevalideerd door het Science Based Targets initiative.
Van hardware naar werkplek
Gesprekken met klanten zijn fundamenteel veranderd. Waar het vroeger ging over specificaties en vervangingscycli, draait het nu om de werkplek als geheel. “Het gaat niet meer primair om de hardware, maar om de werkplek die je wilt bieden”, zegt Hjalmar. “In het verleden vervingen veel IT-managers en CIO’s elke drie jaar hun hardware. Dat noemden we beleid. Maar dat is geen beleid en ook geen duurzame keuze.”
Centraal staat het HP Workforce Experience Platform (HP WXP), dat inzicht en optimalisaties biedt voor gebruik, medewerkerstevredenheid, storingen en digitale frictie. Op basis van datapunten bepaalt een IT-manager of CIO wat een gebruiker echt nodig heeft. Een recente toevoeging aan WXP zijn de HP WXP Collaboration Technology Insights, met daarin Collaboration Space Insights. Dit geeft inzicht in de technologische kwaliteit van hybride vergaderingen. “Stel mijn meeting verliep niet vlekkeloos”, noemt Hjalmar als voorbeeld. “Ligt dit aan mijn laptop, aan de audio en video in de vergaderruimte, of ligt dit aan de connectiviteit op de locatie waar ik op dat moment was. Vanuit HP bieden we natuurlijk de technologie en Poly meeting room-apparatuur. Ons doel met WXP is om dit als een totaal optimaal functionerend geheel te kunnen aanbieden en ondersteunen.”
‘Elke drie jaar alle laptops vervangen is geen beleid, en ook geen duurzame keuze’

Inzichten uit WXP kunnen ook leiden tot andere keuzes. “Heeft iedereen 32 gigabyte nodig of is 16 of 24 voldoende?
Dat heeft enorme impact op je total cost of ownership. Met het Smart Refresh Assessment in WXP geven we inzicht in de vloot en adviseren we welk deel vervangen moet worden. Misschien kun je je lifecycle verlengen van drie naar vijf jaar of langer”
Binnen HP wordt dat zelf toegepast. “Meer dan de helft van onze 55.000 medewerkers wereldwijd werkt op een gebruikt device. Als iemand uit dienst gaat, wordt het device gecontroleerd en krijgt het een tweede leven. Dat werkt. En als de data laat zien dat de performance tegen de limiet zit, krijg ik proactief een nieuw device aangeboden.”
en buyback
Met een zakelijk marktaandeel van circa 40 procent in Nederland en België heeft HP een grote installed base. “Dat betekent dat er heel veel HP devices in het veld staan en ook terugkomen”, zegt Hjalmar. “We hebben lokaal het initiatief genomen om het kwaliteitsniveau van refurbished te waarborgen met HP Approved Selection. Dat is opgegaan in het wereldwijd programma HP Certified Refurbished Licensing. Daarmee bieden we klanten hoogwaardige HP refurbished producten inclusief garantie.” Samen met
partners worden buybacktrajecten ingericht. “Aan de voorkant bieden we een gegarandeerde buyback na drie of vier jaar. Aan de achterkant zorgen we dat apparaten veilig en verantwoord terugkomen.”
De inzichten uit WXP vertalen zich naar minder IT-tickets, meer inzicht in kansen voor duurzamere inzet en hogere digital employee experience scores. Technologie die goed werkt levert een zeer positieve bijdrage aan die beleving. Dat raakt aan de kern van HP’s strategie. “Het gaat erom dat mensen gedurende langere tijd hun werk kunnen doen.” HP verschuift daarmee van hardwareleverancier naar productiviteits- en werkplekpartner, waarbij duurzaamheid en data de stuurmechanismen zijn. Dat leidt tot een duidelijke voorkeur. “Ik help liever een klant die een bewuste inkoop en refurbished strategie heeft en een deel van de producten vijf jaar inzet, dan een klant die zonder beleid standaard elke drie jaar alles vervangt.”
Neem voor meer informatie over Amplify Impact contact op met erik.moltzen@hp.com, en over HP Workforce Experience met jeffrey.haan@hp.com.
Voor meer informatie over HP Certified Refurbished: https://flexitdistribution.com/hp-certified

Sinds enkele maanden is Dimitri Wams CEO van Circular IT group. Daar is zijn opdracht helder: na een succesvolle integratie en rebranding van 9 bedrijven en 15 merken de organisatie verder ontwikkelen naar een highperforming en toonaangevende circulaire IT-organisatie.
Door: Michiel van Blommestein
Op het eerste gezicht lijkt de stap naar de Circular IT group apart. Via KLM, TNT en PostNL, waar Dimitri respectievelijk rollen vervulde als eindverantwoordelijke voor E-commerce, Commercial Director International en MD voor de Business
Unit Logistics, is hij sinds afgelopen november de eindverantwoordelijke van Circular IT group. Maar de opgedane ervaring sluit volgens hem naadloos aan op de volgende fase van Circular IT group.
“De eerste honderd dagen zijn achter de rug en het is een geruststellend signaal om te zien dat we als organisatie veel momentum weten te realiseren en dat het bedrijf en de mensen voelen als een perfect match”, zegt Dimitri. “Ik vind het een fijn ritme om op dag één te analyseren, op dag twee te beslissen en dag drie uit te voeren”, legt hij uit. “En ik wilde ook graag iets doen wat impact-gedreven is. Een bedrijf sterker, beter, groter maken en tegelijkertijd daar ook iets positiefs mee doen.” Via investeerder Waterland kwam Circular IT group op zijn pad. Het bedrijf heeft heel veel potentie en doet al veel dingen goed, zo weet Dimitri. “Maar die trendlijn kan nog omhoog en die ambitie wordt breed gedragen.”
Circular IT group bestaat uit meerdere samengevoegde bedrijven. Een verdere uitbreiding via overnames ziet Dimitri niet snel gebeuren. “We hebben zo’n sterke basis. Als we met deze basis de goede dingen doen, de juiste strategie volgen en sterk in de executie zijn, dan zijn we over twee jaar nog veel verder dan nu.” Voor Dimitri is het vooral taak om de organisatie te smeden tot een geheel. “De onderliggende bedrijven van vijf tot vijftig man konden puur vanuit ondernemerschap geleid worden”, zegt hij. “Maar voor de huidige groep met meer dan 325 mensen is meer nodig. De verschillende onderdelen raken elkaar en versterken elkaar. Dan kun je niet meer alleen vanuit ondernemerschap en directe actie handelen.”
Dimitri wil daarom verder structuur toevoegen zonder het ondernemerschap te verliezen. “We gaan werken met wat ik een strategie-executie-cadans noem”, legt hij uit. “Met een duidelijke structuur, prioriteiten, en niet alles tegelijk.”
Standaardisatie vormt daarvoor een belangrijk fundament.
“Dus dat ons ERP-systeem dwars door het hele bedrijf hetzelfde systeem is”, zegt hij. Dat moet ook gaan gelden voor het CRM-systeem en de datawarehouse. Dat traject en de verfijning moet dit jaar voor zo’n 90 procent zijn afgerond.
Dimitri: “Dat is niet alleen een wens van mij. De gebruikers willen dat ook, die zijn nog veeleisender. Het helpt als de accountmanagers van elkaar zien met welke klanten ze bezig zijn, en op dat vlak ook kunnen samenwerken, overigens altijd met één doel; een tevreden klant.”
Dimitri benadrukt dat Circular IT group werkt vanuit drie proposities die samen het circulaire model vormen. “Wij brengen nieuwe hardware op de markt in een servicemanagementconcept. We zorgen voor een mooie afvoerstroom, de ITAD-stroom. Het is allemaal gecertificeerd en veilig. En vanuit daar gaat het door naar onze ReCommerce-stroom die IT-middelen wereldwijd weer inzet.” Die stappen moeten
volgens Dimitri worden verbonden. Ook commercieel ziet hij ruimte voor groei. “Accountmanagers gaan niet meer met één product naar de klant, maar met het hele verhaal. We krijgen veel tenders gegund, niet alleen omdat de markt gunstig is, maar juist omdat we de hoogwaardige en betrouwbare diensten kunnen leveren die gehele levenscyclus dekken van IT-apparatuur.”
Intern werkt Dimitri bewust aan cultuur en teambuilding. Hij wil af van het denken in oude merknamen. “We zijn geen optelsom meer van negen bedrijven. We zijn één groep.” Kwaliteit en betrouwbaarheid zijn daarbij randvoorwaardelijk. De aanpak van Circular IT group rust op een stevige compliance-basis. De groep beschikt over Weeelabex, EcoVadis Platinum en alle relevante ISO-certificeringen en werkt aan de R2-certificering. “Dan zie je hoe strak dit allemaal georganiseerd zit”, zegt Dimitri. Dat geldt volgens hem ook voor grading, de kwaliteitsvaststelling van ingenomen producten. “Grading is niet iets wat puur tussen de oren zit, maar een checklist die iedere medewerker op dezelfde manier afloopt.” Daarmee benadrukt hij dat kwaliteit geen interpretatie is, maar een vastgelegd proces.
Strategische partners zijn essentieel, met HP bijvoorbeeld als belangrijke pijler. Dimitri: “Doen wat je zegt, zeggen wat je doet.” Volgens hem zit de kracht in wederzijds respect en betrouwbaarheid, niet in de klassieke verhouding tussen klant en leverancier. “Zelf alles bezitten, is daarbij geen doel. Onze recycling blijft bewust bij gespecialiseerde partners. We hebben sterke, langdurige partners voor dat laatste stuk. Je hoeft niet alles zelf te bezitten om het goed te managen.” De focus ligt volgens Dimitri dus op samenwerking en de juiste fit bij tenders, klanten en de kwaliteit van de dienstverlening.
Dimitri ziet zijn gebrek aan IT-achtergrond niet als handicap. “In deze eerste maanden heb ik natuurlijk ontzettend veel geleerd, en dat gaat voorlopig nog wel even door, maar ik heb niet gemerkt dat het een belemmering is.” Juist de combinatie van zijn blik van buiten en de detailkennis binnen het team zorgt volgens hem voor meerwaarde. “Met een frisse blik versnellen we onze aanpak, waarbij de klant centraal staat. En met ons HPO-programma maken we elke collega in de organisatie deelgenoot van deze reis.”
Wil je meer weten over Circular IT group? Neem dan contact op via 088 9907 500 of stuur een e-mail naar info@circularitgroup.com
In de professionaliserende markt voor reparatie positioneert Microfix zich als service- en repairpartner voor resellers, fabrikanten en eindgebruikers. Volgens Commercial Director Chiel van den Berg en Operations Director Jeroen Ronner ligt de sleutel daarbij in certificeringen, datagedreven dienstverlening en een sterke focus op levensduurverlenging van apparaten.
Door: Michiel van Blommestein
Microfix telt momenteel 46 medewerkers. Ze richten zich op alle grote merken, maar het is niet alleen dat wat in de reparatiesector telt. Professionaliteit en vertrouwen zijn een hoeksteen voor het bedrijf. “We zijn onlangs gecertificeerd met EcoVadis Gold, we hebben onze ISO 9001-certificering gehaald en ook de ISO 14001”, noemt Jeroen. “Binnenkort volgt ISO 27001. Dan zijn we volledig gecertificeerd voor alle certificeringen die we moeten hebben.” Daarnaast werkt
Microfix mogelijk aan verdere uitbreiding van het certificeringsportfolio. “We zitten er zelfs aan te denken om door te gaan voor de NEN 7510, die belangrijk is in de zorgsector,” zegt Jeroen.
Volgens Chiel zijn die certificeringen essentieel om relevant te blijven in een markt waarin duurzaamheid, compliance en aanbestedingen steeds belangrijker worden. “Als repairorganisatie willen wij aan het resellerkanaal bewijzen dat wij
‘Er wordt steeds strenger gekeken naar certificeringen’
aan de vereisten voldoen voor aanbestedingen en tenders”, zegt hij. “Juist die certificeringen benadrukken onze professionaliteit binnen ons segment.”
Dat wordt volgens hem steeds belangrijker door veranderende regelgeving en duurzaamheidsdoelstellingen. “Door de maatregelen die ook vanuit overheidswege worden gesteld, wordt er steeds strenger gekeken naar dit soort certificeringen.” Circulariteit speelt daarbij een belangrijke rol. “Nederland heeft een vooruitgeschoven positie in Europa als het gaat over circulariteit en duurzaamheid. Dan moet je dus vooroplopen”, aldus Chiel.
Drie typen klanten
Microfix ziet drie verschillende soorten klanten. Dat is één ecosysteem. “Je hebt de eindgebruiker, je hebt de reseller/ distributeur en je hebt de fabrikant. En voor ons zijn ze alle drie klant”, zegt hij. “Wij zijn een verlengstuk van de aanbiedende partij om onze diensten te kunnen leveren. Daarbij ontzorgen we feitelijk alle drie de schakels.” Jeroen vult aan dat Microfix ook rechtstreeks bijdraagt aan garantie- en serviceprocessen van fabrikanten. “Wij zijn

‘De oplopende prijs van componenten maakt levensduurverlenging cruciaal’
gecertificeerd voor eigenlijk alle fabrikanten in IT-hardware. Daardoor kunnen wij hun garantiepakketten afhandelen.
Daarnaast kunnen we met Premium Care de levensduur verlengen door garantieverlenging over te nemen. Ook buitengarantie-reparaties verzorgen we zelf, waardoor we het volledige reparatiepalet kunnen bedienen.”
Volgens Chiel groeit het besef bij organisaties dat reparatie vaak een beter alternatief is dan vervanging. “Je ziet vanuit overheidsmaatregelen dat daar enorm op wordt gehamerd”, zegt hij. “Daarnaast zie je ook de oplopende prijzen van componenten. Dat maakt levensduurverlenging cruciaal.” Apparatuur kan volgens hem vaak aanzienlijk langer worden gebruikt dan organisaties traditioneel aannemen. “Waar men vroeger na drie of vier jaar verving, zie je dat apparaten soms tot vijf of zes jaar prima kunnen functioneren. Zeker als je repareert.”
Om klanten daarbij te ondersteunen, maakt Microfix intensief gebruik van data. Jeroen legt uit dat de organisatie veel informatie verzamelt. “Wij krijgen natuurlijk reparaties aangemeld waarin we de diverse modellen van verschillende merken zien, en welke componenten het meest worden vervangen”, zegt hij. “Op basis daarvan kunnen we prognoses doen richting klanten over devices die ze hebben.”
Vanuit commercieel perspectief gebruikt Microfix die data ook om partners proactief te informeren. “Met ons Power
BI-systeem hebben we dashboards ontwikkeld waarmee we kunnen zien wanneer producten uit de care packs of premium care lopen”, zegt Chiel. “Wij informeren onze resellers proactief zodat zij richting de eindgebruiker kunnen aangeven: is dit het moment voor vervanging, of juist voor verlenging?”
Een ander voorbeeld van de duurzaamheidsfocus is het Greenfix-programma. Daarmee kunnen organisaties afgeschreven apparatuur een tweede leven geven. “De vraag kwam vanuit klanten of wij een platform hadden waar gebruikte devices aan personeel konden worden aangeboden”, vertelt Jeroen. In plaats van volledige refurbishing kijkt Microfix eerst naar de werkelijke staat van apparaten. “We reinigen de notebooks en controleren componenten. Zo voorkom je dat je onnodig onderdelen vervangt.” Volgens Chiel heeft het concept twee doelen. “Enerzijds kunnen bedrijven apparaten opnieuw aanbieden aan personeel voor privégebruik. Anderzijds kun je ze schenken aan goede doelen, zoals Stichting Digidromen. Daarmee neem je ook je maatschappelijke verantwoordelijkheid.”
Ook fabrikanten bewegen volgens Microfix steeds meer mee in de richting van reparatie en circulariteit. Microfix is bijvoorbeeld een Authorized Service Provider voor Apple. “Fabrikanten spelen in op de behoefte in de markt”, zegt hij. “Tegelijk blijft kwaliteit voorop staan. Een ASP voldoet aan zware richtlijnen.”
Microfix werkt ondertussen aan verdere uitbreiding van zijn vendor-portfolio. “We hebben recent de verlengingen gekregen van onder andere Lenovo, Samsung en Asus”, zegt Chiel. “Dat betekent dat we op de goede weg zijn. Zo’n status moet je iedere keer opnieuw verdienen.” Daarnaast onderzoekt hij nieuwe partnerships. “We kijken waar uitbreiding waarde toevoegt voor onze klanten. Iets toevoegen om toe te voegen heeft geen zin; het moet echt waarde bieden.”
Neem voor meer informatie over Microfix contact op met Commercial Director Chiel van den Berg via c.v.d.berg@microfix.nl of bel 071 5682 555.
Ingram Micro voegt diensten van Enreach toe aan portfolio
Ingram Micro neemt diensten van Enreach op in het eigen portfolio. Daarmee kunnen MSP’s die via Ingram Micro inkopen hun ICT-aanbod uitbreiden met telecom en connectiviteit. Fabian van Netten (Country Manager Software, Cloud & Security, Ingram Micro) en Remko van Ommeren (CCO, Enreach) lichten toe waarom beide partijen deze samenwerking starten en hoe ze MSP’s daarbij willen ondersteunen.
Door: Rashid Niamat
Telecom en ICT waren lange tijd gescheiden markten, met eigen leveranciers, eigen kanalen en specialisten. Volgens Fabian en Remko zijn deze werelden naar elkaar toe gegroeid, omdat clouddiensten, werkplekdiensten en security in de praktijk afhankelijk zijn van betrouwbare connectiviteit. Fabian: “Wij hebben lang vooral naar de ICT-markt gekeken. Twee jaar geleden zijn we opnieuw gaan onderzoeken of telecom en connectiviteit daar logischerwijs bij horen. Dat was in eerste instantie puur verkennend.”
In die verkennende fase kwamen Fabian en Remko elkaar tegen op een event. Dat leidde tot een reeks gesprekken over de vraag wat MSP’s nodig hebben om telecom en connectiviteit naast hun bestaande ICT-diensten te leveren. Remko: “We komen uit verschillende werelden en de bedrijven zijn in omvang onvergelijkbaar. Toch konden we vrijuit praten over de markt en kijken of er een manier is waarop we elkaar versterken.”
‘Je moet als MSP kunnen inspelen op deze trend’
Die manier is gevonden in een heldere rolverdeling: Ingram Micro neemt Enreach-diensten op in het eigen portfolio en levert die aan haar partners, software- en IT-dienstverleners. De samenwerking is daarmee primair gericht op MSP’s die nu via Ingram Micro inkopen en hun dienstverlening willen verbreden richting telecom en connectiviteit.


Volgens Fabian is alleen ‘toevoegen aan het portfolio’ niet genoeg. MSP’s verwachten ook ondersteuning bij positionering en implementatie. Fabian: “We hebben extra specialisten aangenomen die dit segment ondersteunen. Zij zijn ingewerkt door zowel het Ingram Micro-team als door het team van Enreach. We bouwen deze dedicated commerciële, operationele en technische teams verder uit. Zij richten zich op MSP’s die telecom en connectiviteit willen toevoegen aan hun bestaande aanbod.”
De primaire doelgroep die Fabian beschrijft, de MSP, is omvangrijk en divers. Er wordt daarom gewerkt aan verschillende value propositions die rekening houden met het type MSP en het werkterrein. De samenwerking wordt de komende periode gezamenlijk in de markt gezet, onder meer via bijeenkomsten en events van beide organisaties. Doel daarvan is volgens Remko om MSP’s praktisch te laten zien hoe zij hun portfolio kunnen verrijken en welke ondersteuning daarbij beschikbaar is.
Remko: “Onze samenwerking zal duidelijk zichtbaar zijn op tal van events. Daarbij is onze boodschap dat convergentie van ICT en communicatiediensten geen hype is, maar een gegeven. Je moet als MSP kunnen inspelen op deze trend en dat heeft gevolgen voor de propositie die je richting je klanten voert. We bieden de partners die Ingram Micro bedient concrete handvatten om hun business te verbreden en klanten te ontzorgen op ICT.”
Verder wijzen Remko en Fabian op de rol van tooling en ondersteuning voor MSP’s in het commerciële bestel- en supportproces. Via één portal voor bestellingen en support kunnen MSP’s diensten bundelen in hun eigen aanbod en sneller schakelen richting klanten. Remko: “Daarmee kunnen partners niet alleen reageren op vragen, maar ook gerichter voorstellen doen over connectiviteit en smart-contactoplossingen in combinatie met clouddiensten.”
‘Convergentie van ICT en communicatiediensten is geen hype, maar een gegeven’
Enreach en Ingram Micro geven aan dat de samenwerking dit jaar nog verder wordt uitgebreid. Doel is een breed aanbod en gezamenlijke ondersteuning die structureel beschikbaar zijn voor MSP’s die hiermee aan de slag willen.

Wil je weten of telefonie-oplossingen voor jou geschikt zijn, of wil je inzicht krijgen in de prijs/ kwaliteit van jouw huidige telefonie-oplossing voor jou als MSP? Neem dan contact op via cloud@ingrammicro.nl of ga naar: www.emea.ingrammicro.com/nl-nl/microsoft-365connect/enreach-introductietekst-voor-ingrammicro

Dominique Bockmeulen en Gerard Hertsenberg van SP*RKL Marketing:
‘Je IT is onderscheidend, je marketing nog niet’
IT-bedrijven investeren continu in techniek, security en innovatie. De inhoud klopt. De oplossingen zijn sterk. Toch blijft het onderscheid in de markt vaak onderbelicht. Volgens Dominique Bockmeulen en Gerard Hertsenberg van SP*RKL Marketing ligt daar een enorme kans.
Door: Redactie
“We spreken veel IT-ondernemers die inhoudelijk écht vooroplopen”, zegt Dominique. “Maar als we vragen waarom klanten specifiek voor hen kiezen, blijft het antwoord vaak hangen in ‘kwaliteit en service’. Dat is belangrijk, maar het is geen positionering.”
SP*RKL Marketing is hét marketingbureau voor IT & telecom. Geen algemeen bureau dat ‘ook wat IT-klanten doet’, maar een strategische partner die de markt van binnenuit kent. Gerard: “Wij werken niet op basis van uurtje-factuurtje en losse acties. Resultaat staat altijd voorop. Wil je meer kwalitatieve leads? Sterkere positionering? Kortere salescycli? Dan moet je marketing fundamenteel goed neerzetten.”
Volgens hem behalen IT-bedrijven het meeste resultaat wanneer zij eerst investeren in een sterke basis. “Performance marketing rendeert optimaal als strategie en positionering helder zijn. Dát is waar het begint.”
De vraag naar leads is logisch. Groei is belangrijk. Toch zien Dominique en Gerard dat bedrijven vaak beginnen bij het einde. Dominique: “Marketing begint niet bij SEA of LinkedIn Ads. Het begint bij keuzes maken. Voor wie ben je er écht?
Waarin wil je bekend staan? Wat doe je bewust niet?”
SP*RKL Marketing is hét marketingbureau voor IT & telecom.
Met ruim 15 jaar ervaring in de branche helpt
SP*RKL IT-bedrijven groeien met strategie, positionering en performance marketing.
Van merkstrategie en websites tot SEO, SEA en LinkedIn: altijd met één doel voor ogen: structurele groei.
Geen losse campagnes, maar een doordachte marketingmachine.
SP*RKL hanteert daarbij een vaste volgorde: strategie -> positionering -> merkverhaal -> campagnes -> performance. “Als die lijn klopt, bouwen we een marketingmachine”, zegt Gerard. “Dan versterken website, content, SEO, SEA en LinkedIn elkaar. Dan wordt marketing geen kostenpost, maar een groeiversneller.”
Dat SP*RKL zich richt op IT en telecom is geen toeval. Dominique en Gerard komen beiden uit de IT- en telecombranche. Dominique komt zelf uit de telecomwereld en kent de dynamiek van lange salestrajecten, technische complexiteit en stevige concurrentie. “Veel bureaus vinden IT technisch of ingewikkeld”, zegt ze. “Wij vinden het juist interessant. We begrijpen de inhoud én kunnen het vertalen naar begrijpelijke communicatie zonder het te versimpelen.”
Gerard vult aan: “We kennen de concurrentie. We weten wat al tien keer is geroepen in de markt. Daardoor kunnen we sneller naar de kern. We hoeven niet eerst te oefenen op het marketingbudget van de klant.”
Dat marketing vaak als sluitpost wordt gezien, is een van de obstakels die ze vaak tegenkomen. “Er staat dan een sterk product”, zegt Dominique. “Maar de website vertelt alles en tegelijk niets. Sales moet in elk gesprek opnieuw uitleggen waarom zij anders zijn. Dat is een gemiste kans.”
Volgens SP*RKL moet marketing juist aan de voorkant meedenken. “Wanneer positionering scherp is, zie je direct effect”, zegt Gerard. “Leads worden beter, salesgesprekken makkelijker en de prijsdiscussie minder dominant.” Dat is waar SP*RKL zich in onderscheidt: niet harder roepen, maar slimmer kiezen.
Benieuwd wat SP*RKL Marketing voor jouw organisatie kan betekenen? Bel 085 060 2289 (ook via WhatsApp) of mail naar hallo@sprklmarketing.nl.
Gamma Communications versterkt zijn Microsoft Teams-portfolio met nieuwe en intelligente functies voor partners. Met de introductie van geavanceerde call recording en sentimentanalyse zet de dienstverlener een volgende stap in de uitbouw van
Gamma’s Service Suite voor Microsoft Teams. De uitbreiding is gericht op partners die hun klanten een completer, datagedreven communicatieplatform willen bieden. Productmanager Mark Stromeier legt uit wat dit concreet betekent voor de partners.
Door: Hans Steeman
Mark: “Gamma positioneert zich in Nederland nadrukkelijk als specialist in Teams-telefonie. We waren de eerste aanbieder in Nederland met Operator Connect voor vaste nummers in Teams. Daarnaast bieden we Teams Phone Mobile, waarmee ook mobiele nummers volledig in Teams worden geïntegreerd. Deze telefoniediensten vormen de basis van ons portfolio en zijn volledig geïntegreerd in de Teams-omgeving van de eindgebruiker.”
Rond die telefoniekern heeft Gamma een bredere Service Suite voor Microsoft Teams opgebouwd. Deze suite omvat onder meer een omnichannel contactcenter, CRM-integratie, hardware zoals toestellen en headsets, en call recording. Daarnaast levert Gamma professional services waarmee partners implementaties kunnen uitbesteden of gezamenlijk kunnen uitvoeren. Het model is modulair opgezet: partners kiezen per klant welke bouwstenen nodig zijn. Er is geen verplichte bundel; de propositie fungeert als een flexibele set componenten waarmee maatwerk mogelijk is.
De meest recente toevoeging aan het portfolio is geavanceerde call recording via Dubber. Deze AI-oplossing is gecertificeerd voor Microsoft Teams en vormt de basis voor wat Gamma positioneert als ‘conversational intelligence’. De functionaliteit gaat volgens Mark nadrukkelijk verder dan traditionele gespreksopname. “Naast het vastleggen van gesprekken biedt de oplossing onbeperkte opslagcapaciteit en bewaartermijn, daarnaast is de oplossing ISO 27001- en MiFID II-compliant en volledig Teams-gecertificeerd.”
“Inhoudelijk onderscheidt de uitbreiding zich vooral door de toevoeging van transcriptie, automatische samenvattingen en sentimentanalyse. Elk gesprek wordt niet alleen opgenomen, maar ook omgezet in tekst”, weet Mark. “Op basis van tone-of-voice en gebruikte terminologie wordt bovendien een sentimentanalyse uitgevoerd. Daarmee ontstaat inzicht in het verloop van gesprekken: waar slaat de stemming om, wanneer ontstaat frictie en welke interacties verlopen juist positief.”
Voor organisaties betekent dit volgens hem dat call recording een strategisch instrument wordt in plaats van uitsluitend een compliance voorziening. Salesmanagers kunnen bijvoorbeeld automatisch inzicht krijgen in gesprekken met een negatieve uitkomst en die gericht terugluisteren voor coaching doeleinden. Ook wordt zichtbaar welke medewerkers bovengemiddeld positieve klantinteracties realiseren en welke gespreksonderdelen structureel verbetering vragen. Omdat de oplossing zowel vaste als mobiele Teams-gesprekken ondersteunt, ontstaat volgens Mark één uniform analyseplatform voor alle zakelijke communicatie.
De uitbreiding sluit volgens Mark aan bij bredere marktvragen rond klantbeleving, efficiëntie en kwaliteitsborging. “Partners krijgen steeds vaker verzoeken om communicatie inzichtelijker en meetbaarder te maken. Met de integratie van intelligente call recording binnen het bestaande Teamsecosysteem kunnen zij klanten een geïntegreerde oplossing bieden zonder afzonderlijke platformen te hoeven combineren.”
Op het gebied van CRM-integratie zijn verdere uitbreidingen voorzien, zo verzekert Mark. “Transcriptie in het Nederlands is
volledig beschikbaar, maar diepgaande API-koppelingen waarmee gespreksdata inclusief recording automatisch wordt weggeschreven in CRM-systemen, bevinden zich voor de Nederlandse markt nog in ontwikkeling. De ambitie is om sentimentdata, gespreksduur en inhoud rechtstreeks te koppelen aan klantdossiers, zodat opvolging, rapportage en orderverwerking verder kunnen worden geautomatiseerd.”
Mark: “Met deze stap onderstrepen we onze strategie als Gamma om partners volledig te ontzorgen binnen het Teams-domein. Door telefonie, contactcenterfunctionaliteit, CRM-integratie en intelligente analyse samen te brengen in één samenhangend portfolio, ontstaat een schaalbaar platform waarmee partners hun klanten toekomstbestendig kunnen bedienen.”
De nieuwe call recording-functionaliteit is per direct beschikbaar. Gamma biedt partners een heel scherp introductieaanbod voor de inzet van call recording met transcriptie, samenvattingen en sentimentanalyse binnen Teams.
Daarmee kunnen partners deze functionaliteit toevoegen als losse bouwsteen binnen de Microsoft Teams Service Suite, naast telefonie, contactcenter en professional services.

‘Gamma positioneert zich in Nederland nadrukkelijk als specialist in Teamstelefonie’
Meer weten over het uitgebreide Teams-portfolio van Gamma? Neem contact op via 088 5005 000 of mail naar sales@gammabenelux.com of mark.stromeier@gammacommunications.nl.
VoipQ blijft zijn dienstenportfolio voor het partnerkanaal uitbreiden. De leverancier van zakelijke connectiviteitsdiensten investeert daarbij nadrukkelijk in integraties, automatisering en samenwerkingen met technologiepartners. Volgens CCO Goof Midden ligt de focus daarbij op flexibiliteit voor resellers en het bieden van een breed, goed geïntegreerd dienstenaanbod.
Door: Redactie
“Onze strategie is erop gericht dat partners met onze diensten eenvoudig een complete communicatieoplossing kunnen aanbieden”, zegt Goof. “Door continu nieuwe diensten en integraties toe te voegen zorgen we ervoor dat resellers hun klanten steeds beter kunnen bedienen.”
VoipQ richt zich volledig op het partnerkanaal en levert zijn diensten uitsluitend via resellers en serviceproviders. Het portfolio bestaat uit een breed aanbod aan diensten die zowel afzonderlijk als geïntegreerd kunnen worden aangeboden. Binnen het telefonieportfolio levert VoipQ onder meer hosted PBX-oplossingen zoals Yeastar P-Cloud en Xelion. Deze platforms worden gehost in Nederlandse datacenters en zijn gericht op organisaties die behoefte hebben aan een schaalbare en betrouwbare telefonieomgeving.
Daarnaast biedt VoipQ internationale SIP-trunking met nummers in een groot aantal landen. In ruim zestig landen wordt verkeer lokaal getermineerd, waardoor bedrijven met internationale activiteiten hun telefonie centraal kunnen beheren terwijl zij toch lokaal bereikbaar blijven. Volgens Goof
is juist die combinatie van internationale mogelijkheden en lokale ondersteuning voor veel partners een belangrijk onderscheidend element.
Naast het verbeteren van het bestaande aanbod werkt VoipQ ook aan verdere integraties met internationale UCplatformen. Zo is er een samenwerking gestart met Intermedia, dat wereldwijd bekend staat om zijn Elevateplatform voor Unified Communications. Binnen deze samenwerking wordt gekeken naar manieren om VoipQdiensten verder te integreren in het ecosysteem van Intermedia. Daarbij ligt de nadruk onder meer op vast-mobiel integratie en aanvullende functionaliteiten die in specifieke sectoren relevant zijn, zoals de zorg.
Volgens Goof biedt deze samenwerking nieuwe mogelijkheden voor partners die op zoek zijn naar geïntegreerde communicatieoplossingen. “Door samen te werken met Intermedia kunnen we onze diensten koppelen aan bredere communicatie-ecosystemen. Dat maakt het voor partners eenvoudiger om complete oplossingen te leveren.

Daarnaast werken wij gezamenlijk aan een uitgebreide oplossing gericht op de zorgmarkt. Daar zullen we in een ander artikel verder op ingaan.”
Naast de samenwerking met Intermedia heeft VoipQ zijn mobiele portfolio de afgelopen periode verder ontwikkeld.
Met MobileDirect biedt het bedrijf een mobiele oplossing die is gericht op scherp geprijsde abonnementen en diensten die direct op het netwerk van de mobiele providers zitten. MobileDirect wordt inmiddels ondersteund door meerdere mobiele providers. Naast KPN en Vodafone heeft VoipQ recent ook een samenwerking gerealiseerd met Odido. Daarmee kunnen partners hun mobiele abonnementen aanbieden via alle drie de mobiele providers in Nederland.
Goof gaf vorig jaar al aan dat Odido een logische toevoeging zou zijn. “Met de toevoeging van Odido erbij zorgen we dat het dienstenportfolio MobileDirect compleet is. Dit vieren we met een actie op de Unlimited-abonnementen.” Naast MobileDirect biedt VoipQ met Flexibel ook een portfolio met meer technische mogelijkheden op mobiel. Goof: “Wij zijn zelf ook MVNO op alle netwerken, waardoor wij extra technieken zoals vast-mobielintegratie kunnen aanbieden.”
Naast telefonie en mobiel levert VoipQ ook een breed aanbod aan internetdiensten. Via interconnects met zowel landelijke providers als regionale aanbieders kunnen resellers verschillende typen verbindingen aanbieden, waaronder FTTH- en FTTO-verbindingen. Volgens het bedrijf ligt de nadruk daarbij niet alleen op prijs, maar ook op de ondersteuning van partners bij implementatie en beheer.
Een belangrijk onderdeel van de strategie van VoipQ is automatisering. Resellers kunnen alle diensten eenvoudig beheren via het VoipQ-portal, wat ook veel koppelingsmogelijkheden biedt. Hiermee kunnen partners processen automatiseren en telefoniediensten integreren met andere systemen, zoals boekhoudprogramma’s.
“Onze API-first aanpak zorgt ervoor dat partners onze diensten eenvoudig kunnen integreren in hun eigen workflows”, legt Goof uit. “Daarnaast hebben we het portal zo ingericht dat activaties zo eenvoudig mogelijk verlopen. Via wizards kunnen partners bijvoorbeeld mobiele abonnementen of internetlijnen in een paar stappen activeren.”
Een van de andere ontwikkelingen waar VoipQ momenteel aan werkt, is een integratie met Microsoft Teams. Daarbij wordt de VAMO-oplossing van VoipQ gecombineerd met Teams Mobile, waardoor mobiele telefonie direct binnen de Teams-omgeving kan worden gebruikt. Volgens Goof sluit deze ontwikkeling aan bij de groeiende vraag van grote organisaties die Microsoft Teams veel gebruiken als centrale of hybride communicatieomgeving.
“Veel organisaties gebruiken Teams als communicatieplatform. Door mobiele telefonie daarin te integreren ontstaat een veel meer uniforme gebruikerservaring, bijvoorbeeld door presence”, weet Goof. “Maar ook de active fallbackoplossingen die wij realiseren, is erg waardevol voor de continuïteit.”
Met alle ontwikkelingen wil VoipQ zijn positie binnen het partnerkanaal verder versterken. “Wij blijven focussen op het ondersteunen van onze partners”, besluit Goof. “Door ons portfolio continu uit te breiden en te integreren, zorgen we ervoor dat partners eenvoudig nieuwe oplossingen kunnen aanbieden aan hun klanten.”
‘Wij behouden focus op het ondersteunen van onze partners’
Voor meer informatie over VoipQ zoek je contact via sales@voipq.nl of bel 088 7887 788.
STULZ kan bogen op meer dan 50 jaar expertise in cooling. Het bedrijf is wereldwijd actief en voor de Benelux-activiteiten is er een kantoor met warehouse in Hoofddorp. ITchannelPRO heeft gesproken met Carlo Brouwer, boegbeeld van die vestiging, over de business en trends bij datacenters en hyperscalers, twee belangrijke klantgroepen van het bedrijf.
Door: Rashid Niamat
Carlo: “Voor zowel Nederland als de rest van Europa geldt dat STULZ zowel datacenters als hyperscalers als klant heeft. Die laatste categorie stelt echt andere eisen dan een colocatiedatacenter. STULZ heeft vanuit de Amerikaanse vestiging die specifieke expertise. Daarom zijn we hier ook betrokken bij projecten van hyperscalers in de Benelux. Buiten die twee groepen leveren we ook aan exploitanten van serverruimtes en de telecomsector. Verschillende markten en vraagstukken, maar het draait altijd om koeling.”
Combinatie van koelproducten
Of het nu gaat om bestaande datacenters of nieuwbouw, de warmte moet van de datavloer af. STULZ heeft daarvoor een breed pakket aan koelproducten, van chillers tot fanwalls en CDU’s. Omdat de rackvermogens toenemen, is het noodzakelijk een combinatie van de technieken in te zetten. “Je kunt stellen dat bij rackvermogens boven de 50kW liquid cooling onvermijdelijk is,” zegt Carlo. “Maar dan ben je er nog niet, want daarmee kun je tot 80 procent van de warmte afvoeren. Voor de rest zijn aanvullende oplossingen nodig, zoals rear door cooling.”
Wat ook een mogelijkheid is, is dat de racks die de meeste warmte genereren apart worden gezet. Carlo noemt dat een highpower eiland dat op bestaande datavloeren kan worden geplaatst maar over eigen koelings-oplossingen beschikt. “De vraag hiernaar is goed, omdat het nieuwbouw of andere aanpassingen aan het gebouw overbodig maakt.”
De betrokkenheid van STULZ gaat wezenlijk verder dan het leveren van producten. “De markt waarin wij ons bevinden heeft te maken met bestekken, vergunningen en dergelijke,” zegt Carlo. “Om die redenen is het voor ons key in een zo vroeg mogelijke fase betrokken te worden bij de plannen. Daar gaan we vrij ver mee, want we investeren serieus tijd en menskracht in het onderhouden van de contacten met partijen terwijl er nog geen getekend contract is.”
Recent is STULZ de slogan ‘your climate, our mission’ gaan gebruiken. Die past volgens Carlo perfect bij het bedrijf. “Geen datacenter is gelijk. Elk heeft een eigen thermische signatuur

die bepaald wordt door zaken als fysieke locatie, belastingprofiel en de bedrijfsstrategie. Per datacenter komen we met een ontwerp dat geoptimaliseerd is voor die specifieke locatie en garant staat voor langdurige efficiëntie gedurende de volledige levenscyclus van het koelsysteem. Overeenkomstig de wensen van de klant is het ontwerp ook flexibel zodat aanpassingen tijdens de levensduur mogelijk zijn, bijvoorbeeld als men overstapt naar highpower computing.”
STULZ besteedt veel aandacht aan duurzaamheid. Daaronder verstaat men meer dan oplossingen leveren met een lange levensduur, hoge efficiëntie en de materiaalkeuze. Restwarmte kwam daarom tijdens het interview ook ter sprake.
Dat onderwerp staat al jaren op de agenda; de politiek formuleert er eisen over, maar het lijkt niet echt uit de startblokken te komen. Herkent Carlo dat beeld?
“Restwarmte is inderdaad een taai dossier, maar ik zie beweging. Door de toename van liquid cooling komt er steeds meer technisch beter bruikbare restwarmte beschikbaar. Dat is een feit. Daarnaast is het ook zo dat STULZ-systemen levert met ontkoppelingen die aansluiten op warmtenetten. Voor ons is dat geen verdienmodel, maar het leveren van een bijdrage aan het verbeteren van de milieuvriendelijkheid van een datacenter.”
Hij gaat verder met de constatering dat warmtenetten vaak in handen zijn van bedrijven zonder duidelijk verdienmodel. “Het gevolg daarvan is dat we minder meters maken dan we zouden kunnen. Het is overigens niet zo dat er niets gebeurt. Een datacenterklant van ons in het zuiden van het land heeft
‘Bij rackvermogens boven de 50kW is liquid cooling onvermijdelijk’
bij de nieuwbouw de koppelingen voor de afvoer van restwarmte in het bestek opgenomen en dat is ook uitgevoerd. Ik verwacht dat je dat de komende periode steeds vaker zult zien dat datacenters gewoon rekening houden met het feit dat ze op enig moment de restwarmte aan een derde partij gaan afleveren.”
Geen week gaat voorbij zonder dat ergens een nieuw hyperscale-project wordt aangekondigd. Hoe kijkt Carlo daartegenaan? “Als ik zie wat onze hyperscale-klanten in EMEA op de rol hebben staan, dan word je stil. Die groeiscenario’s overstijgen onze verwerkingscapaciteit en die van de andere aanbieders. Dit heeft grote gevolgen voor de manier waarop wij weer met onze leveranciers moeten samenwerken. Net zoals een hyperscaler omwille van continuïteit bij voorkeur met meer dan één partij werkt, zullen wij onze leveranciersbasis uitbreiden naar twee of drie. Ik verwacht dat de concurrentie dat ook doet. De keten waar wij deel van uitmaken wordt groter en breder.”
Ondanks al die ingrijpende veranderingen blijft STULZ een echt familiebedrijf. Carlo: “Daarbij hoort een platte structuur en een menselijke aanpak. De enorme snelheid waarmee de markt zich nu ontwikkelt, is voor ons geen reden om de bedrijfscultuur en wijze waarop we de klantrelaties onderhouden te wijzigen. Ik durf zelfs te stellen dat we daardoor beter in staat zijn op de veranderingen in te spelen.”
Meer weten over de koeling van STULZ? Bel 020 5451 111 of kijk op www.stulz-benelux.com/nl/.
hebbedingen
hebbe dingen
hebbe dingen

De Framework Laptop 16 is een modulaire laptop die volledig door de gebruiker te upgraden is. CPU-modules, GPU, poorten, opslag en zelfs het toetsenbord kunnen worden vervangen of uitgebreid. Voor IT-professionals betekent dat minder e-waste en langere levensduur van hardware. Vooral interessant voor organisaties die hardware duurzaam willen beheren of zelf configureren. Framework positioneert het systeem nadrukkelijk als alternatief voor wegwerp-laptops. Hij heeft een vanafprijs van 1689 euro zonder ram, ssd of losse gpu.
De XREAL Air 2 Ultra is een lichte AR-bril waarmee je meerdere virtuele schermen rond je laptop kunt projecteren. Ideaal voor consultants of engineers die onderweg toch met meerdere displays willen werken. De bril ondersteunt spatial computing en wordt inmiddels gebruikt door ontwikkelaars, remote workers en field engineers. Met slechts 80 gram blijft hij draagbaar genoeg voor dagelijks gebruik. Je moet wel diep in de buidel tasten voor deze boost in productiviteit: de bril kost in Nederland momenteel €799 bij gespecialiseerde wederverkopers.


Met de introductie van Thunderbolt 5 komt er ook een nieuwe generatie dockingstations aan. De Kensington SD5000T5 ondersteunt snelheden tot 120 Gbps en meerdere 8K-displays. Daarmee is het dock voorbereid op zware workloads zoals AI-ontwikkeling, videoproductie en virtualisatie. Voor ITafdelingen betekent dit één dock dat toekomstige laptops en high-bandwidth randapparatuur aankan. Je bent up to speed vanaf iets meer dan 300 euro.
De Anker Prime 250W GaN Charger is een compacte desktoplader met zes poorten die samen tot 250 watt leveren. Genoeg vermogen om meerdere laptops, tablets en smartphones tegelijk te laden. Dankzij GaN-technologie blijft hij relatief klein en energiezuinig. Ideaal voor werkplekken waar kabels en adapters zich snel opstapelen. Je laadt al snel op voor 120 euro.

De Satechi SM3 is een mechanisch toetsenbord dat tegelijk met vier apparaten kan verbinden. Wisselen tussen laptop, tablet en smartphone gebeurt met één knop. De aluminium behuizing, backlight en mechanische switches maken hem geschikt voor developers en IT-professionals die hele dagen typen. Compatibel met macOS, Windows en Linux. Je haalt ‘m in huis voor 120 euro.



De Starlink Mini is een compacte satellietinternetterminal die in een rugzak past en binnen enkele minuten een breedbandverbinding opzet. Het systeem heeft een ingebouwde router en werkt via USB-C voeding, waardoor je hem zelfs met een powerbank kunt gebruiken. Ideaal voor IT-engineers, field technicians of events waar geen stabiel netwerk beschikbaar is. Met downloadsnelheden tot ruim 100 Mbps is remote werken zo letterlijk overal mogelijk. Kosten? 300 euro.
Een interview met Sewan Nederland, de onafhankelijke wholesale internetserviceprovider en telecomoperator.

Ook blijven we doorlopend aandacht schenken aan het Nederlandse landschap van Circulaire IT

... zit ITchanneIPRO volgende keer weer vol interviews, informatie en nieuws uit het IT- en telecomkanaal. Ook is er doorlopend aandacht voor de domeinen circulariteit en digitale soevereiniteit.

Remco Vermeulen van Gamma Communications over de Gamma Hub, de portal waar partners eenvoudig beheer van hun eigen base kunnen doen.
Uiteraard weer veel aandacht voor ons nieuwe domein DSR met alles over het actuele thema Digitale Soevereiniteit. Met als hoogtepunt dit jaar het European Resilience SummitThe Hague op 18 juni 2026.










Met KPN Mobiel via Sewan profiteer je van het betrouwbare netwerk van KPN. 4G en 5G-dekking door heel nederland en nu jdelijk: grotere databundels voor dezelfde prijs.
Ac evoordeel
5GB voor de prijs van 3GB
12GB voor de prijs van 5GB
20GB voor de prijs van 12GB
Unlimited voor de prijs van 20GB
Geldig t/m 30 april 2026 bij een loop jd van 12 of 24 maanden.
Meer weten of direct aan de slag? Mail naar partner@sewan.nl
Lees wat wij je te bieden hebben op sewan.nl