Skip to main content

verlaatmijnietd

Page 1

1 Oud worden Voorwaar, voorwaar zeg Ik u: Toen gij jonger waart, gorddet gij uzelf en wandeldet alwaar gij wildet; maar wanneer gij zult oud geworden zijn, zo zult gij uw handen uitstrekken en een ander zal u gorden en brengen waar gij niet wilt. Johannes 21:18

D

e ouderdom komt met gebreken. Veel dingen die oude mensen vroeger zelf konden doen, moeten ze nu door anderen laten doen. Ze moeten dingen overgeven en loslaten. Ze moeten soms gebracht worden op plaatsen waar ze zichzelf niet meer kunnen brengen. Soms worden ze gebracht naar plaatsen waar ze eigenlijk niet willen zijn. Naar dezelfde mate dat de jaren tellen, kunnen ook de dingen opgeteld worden die men eerst wel en later niet meer kan. Geestelijk is het niet anders dan Christus tot Petrus heeft gezegd. Het is een levensschool, waar steeds meer eigen krachten verloren worden, om te leren overgeven en loslaten, en om 13


gebracht te worden waar men niet wil. En waar men niet gedacht had ooit nog eens te zullen komen! Petrus was jong geweest. Toen kon hij bijna alles. Hij wist alles. In zijn geestelijke jeugd meende hij nog zo vaak zichzelf te hunnen helpen. Wat heeft hij toen ook hard gelopen. Zó hard, dat Christus moest zeggen: ‘Ga achter Mij, satanas.’ Het was een ijver waarvan hij zelf nog niet wist dat hij daarmee in de zeef van de satan liep. De jeugd ziet nu eenmaal geen gevaren. O, die jonkheid! Er is wel oprechte liefde. Wie deze jeugd nooit heeft meegemaakt in zijn geestelijk leven, zal geestelijk ook niet ouder kunnen worden. De geestelijke dood kent die oprechte liefde van de jonkheid niet. Maar de jeugd wil zoveel zelf doen! Zij die overgezet zijn uit de dood tot het leven, menen dat zij zélf de weg van het nieuwe leven moeten gaan. Ze menen dat zij zélf moeten vasthouden en de zaak van God in stand moeten houden. Het is hun lust geworden om het pad van Gods geboden te lopen. Maar ze steunen dan meestal op eigen benen, alsof het zonder Jezus naar de hemel kan. 14


Zo was het ook met Petrus. En deze gestalte is niemand vreemd, die getrokken is uit de duisternis tot het licht. Toch zal er een ander komen in het leven van Petrus, en hem brengen waar hij niet wil. Die ander was bijvoorbeeld de Joodse Raad, die hem in de gevangenis zou zetten. Die ander, dat waren de vijanden en vervolgers. Die ander was ten slotte keizer Nero, die Petrus de marteldood zou laten sterven in plaats van de heldendood. Dát had Petrus eerst gewild toen hij tot Christus zei: ‘Ik zal voor U sterven.’ Toch was het Christus Zelf, Die door een andere persoon Petrus’ eigen krachten ontnam. Het was God, Die de wilde loten van zelfverwachting bij Petrus wegsnoeide. In dat alles heeft Petrus moeten leren dat er van hem niets te verwachten viel. Als een verloochenaar van zijn kant moest hij die strijd in. In het verleden had hij alles bedorven, met al zijn liefde en ijver. Dat maakte hem hulpbehoevend voor de toekomst. ‘Wanneer gij zult oud geworden zijn.’ Ja, dan moeten Gods kinderen gebracht worden waar ze zichzelf niet meer kunnen brengen. Ze had15


den niet gedacht dat het zo krachteloos zou aflopen. Maar Christus moet wassen en zij moeten minder worden. Ouder worden ... In de jonkheid willen zij veel voor Christus doen, maar ze kunnen zo weinig mĂŠt Hem doen. En Christus kan zo weinig met hĂŠn doen. Om een voorwerp voor Hem te worden, moeten eigen krachten steeds minder worden. Daarom moeten ze gebracht worden waar zij zelf niet willen zijn. Verlies van jezelf is immers altijd pijnlijk! En toch is het een zalig ouder worden. Want waar wij de waarde uit onszelf verliezen, daar krijgt Christus waarde. Eigen krachten te verachten, gaat verbinden aan Christus. Steeds ouder worden wil zeggen: In zichzelf steeds minder worden om voor God te kunnen bestaan, en steeds minder worden om voor God te kunnen leven. Dan is er al minder geloofskracht. Al minder gebedskracht. Al minder liefdeskracht en al minder kracht om staande te blijven. Maar in dat alles wordt Christus steeds meer waard! Hij wordt hun Profeet, Priester en Koning. Hij is opgestaan uit de dood. Dat is het leven van hun leven, de kracht van hun kracht. Nee, de liefdewerking is dan niet minder dan in de dagen van de jeugd. Maar dan hebben ze 16


Christus bovenal lief, omdat Hij hen eerst heeft liefgehad. Mag u ook iets beleven van deze jeugd en dat ouder worden?

1

17


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook