In de Vroege Kerk Er is aan het ontstaan van de geloofsbelijdenis van Nicea natuurlijk het nodige voorafgegaan. Het is goed dat we daar iets van weten. Daarom dit inleidende hoofdstuk. De prediking van de apostelen en de nieuwtestamentische brieven hebben de vroege christelijke kerk gevormd en gestempeld. Maar er bleven nog veel onbeantwoorde vragen. Wat is de plaats van Christus? Hoe moeten we denken over de Heilige Geest? Hoe staat het met de verhouding tussen de Vader, de Zoon en de Heilige Geest? Hoe moeten we de Bijbel zien als het Woord van God? In de eerste eeuwen van onze jaartelling heeft men in de Vroege Kerk over de vragen als hierboven genoemd nagedacht onder de leiding van de Heilige Geest. Men is uiteindelijk tot belijdenisgeschriften gekomen. In het begin van de christelijke kerk zijn de geschriften van de zogenaamde Apostolische Vaders van grote betekenis geweest. We noemen hier de twee brieven van Clemens Romanus (tussen 95 en 140), aan Barnabas (tussen 95 en 125) en aan de Pastor van Hermas (150). In de tweede eeuw na
Clemens Romanus
Barnabas
Pastor van Hermas
9
Ignatius
Polycarpus
Diognetus
Christus werden de zeven brieven van Ignatius van AntiochiĂŤ geschreven, de brief van Polycarpus aan de gemeente van Filippi en de bekende brief aan Diognetus. We moeten hier denken aan eenvoudige geschriften, waarin men de boodschap van de apostelen wilde doorgeven. Het zijn geschriften met een praktisch karakter, die duidelijkheid willen geven voor een christelijke levenswandel in een heidense wereld. Soms zijn in deze geschriften joodse en heidense gedachten binnengedrongen, die daardoor later in de Vroege Kerk te veel invloed hebben gekregen. Na het optreden van de apostolische vaders was er het werk van de Apologeten. We moeten hier denken aan mensen als Justinus Martyr, Minutius Felix en Tatianus (afb. zie pag. 11). Wie meer van hen wil weten, kan een encyclopedie raadplegen, ook via het internet. Er zijn daarnaast handboeken over de kerkgeschiedenis, waarin het nodige te vinden is. In ieder geval hebben de apologeten het christendom willen verdedigen tegen allerlei aanvallen vanuit het heidendom. Helaas zijn ze soms te veel onder de invloed gekomen van de heidense gedachtewereld van hun tijd.
10
Justinus Martyr
Minutius Felix
Tatianus
In de derde en vierde eeuw was er het optreden van de kerkvaders. Enkele namen wil ik hier noemen, zodat belangstellenden verder kunnen zoeken om er meer van te weten. Ik noem dan namen als Tertullianus (overleden 220), Cyprianus (overleden 258), Irenaeus (overleden ca. 200), Origenes (overleden 254) en Clemens van AlexandriĂŤ (overleden ca. 220). Onder de kerkvaders waren echter allerlei stromingen, waarin bepaald niet gelijk werd gedacht. Dat gaf in de Vroege Kerk steeds weer verwarring. Ernstige dwalingen kwamen in de kerk naar boven, zoals de leer dat de zielen al bestonden voordat de lichamen werden geschapen en de leer dat de Vader en de Zoon niet van hetzelfde wezen zijn. Het werd daardoor al duidelijker, dat er op grond van het Woord van God dringend kerkelijke leeruitspraken nodig waren, zodat ieder in de kerk weten kon waaraan men zich houden moest.
Tertullianus
Cyprianus
Irenaeus
11
Origenes
12
Clemens van AlexandriĂŤ