Week 1: Van Paasfeest naar Pinksterfeest
Paaszondag: Diepte van rijkdom Lees Exodus 23:14-17 en Kolossenzen 2:8-17 De Heere roept Zijn volk Israël op tot het vieren van drie grote feesten (Exodus 23, Leviticus 23, Numeri 28 en 29, Deuteronomium 16): het Pascha met aansluitend het feest van de ongezuurde broden [= Pasen], het Wekenfeest [= Pinksteren] en het Loofhuttenfeest. Het is opmerkelijk hoe Hij ze noemt: ‘Mijn gezette hoogtijden [= feestdagen]’. Drie keer in het jaar ‘zult Gij Mij feest houden’. Het gaat vanuit het Hebreeuws om een door God afgesproken ontmoeting op een door Hem vastgestelde tijd en plaats. God Zelf heeft dit tijdstip – deze maand en deze dag – bepaald waarop Hij wil dat dit feest gevierd wordt. Waarom? Omdat de feesten van het Oude Testament bedoeld zijn om geestelijke dingen af te beelden. Wat er in de feesten gebeurt, is precies waar het in het geloof om gaat. Het zijn schaduwen van toekomende dingen, zegt Paulus (Kolossenzen 2). Ze wijzen heen naar het verlossingswerk van de Heere Jezus. Ze zijn in Hem vervuld. Daarom staan deze drie grote feesten tot in detail in de boeken van Mozes beschreven. Precies op de dag van het Pascha (Exodus 12:1-14) hangt Christus aan het kruis op Golgotha: ‘Want ook ons Pascha is voor ons geslacht, namelijk Christus’ (1 Korinthe 5:7). Precies op de dag van het offer van de eersteling van de gerstoogst (Leviticus 23:10-14) staat Christus op uit de dood en is Hij de Eersteling geworden van degenen die ontslapen zijn (1 Korinthe 15). Precies op de dag van het oudtestamentische Wekenfeest, vijftig dagen na Pasen, komt in het Nieuwe 13
Testament de Heilige Geest. Daarom lees je op zulke momenten ook telkens dat de dagen vervuld zijn. De door God bepaalde tijd is gekomen. De lijnen die lopen vanuit de feesten van het Oude Testament naar het Nieuwe Testament, de kerk en de wederkomst zijn treffend. Zicht op deze lijnen kan het vieren van de kerkelijke feestdagen verdiepen. Om deze schatten op te graven is het belangrijk om te zien dat elk oudtestamentisch feest twee aspecten heeft. Ze hebben betrekking op de verlossing uit Egypte en de intocht in Kanaän en het zijn oogstfeesten. Het Pascha en het feest van de ongezuurde broden zijn een herdenking van de bevrijding van het oude leven in Egypte en het begin van een nieuw bestaan (Deuteronomium 16), maar ook een feest ter gelegenheid van het begin van de gerstoogst (Leviticus 23). Het Wekenfeest is een herdenking van de verbondssluiting bij de Sinaï (zie kanttekening 27), maar ook een feest ter gelegenheid van de voltooiing van de gerst- en tarweoogst (Leviticus 23). Beide aspecten van deze feesten zijn vervuld in Christus, hebben betrekking op de Kerk en verwijzen naar de wederkomst (zie bijlage achter in dit boek). Deze week proberen we de schatten van het feest van de ongezuurde broden en het Wekenfeest op te diepen uit Gods Woord. Verdiep je erin, opdat je met Paulus in verwondering zult uitroepen: ‘O diepte des rijkdoms, beide der wijsheid en der kennis Gods! Hoe onnaspeurlijk zijn Zijn wegen!’ (Romeinen 11)
14
Deze week gaat het over de lijnen die lopen vanuit het feest van de ongezuurde broden en het Wekenfeest van het Oude Testament naar het Paasfeest en Pinksterfeest in het Nieuwe Testament en de kerk van nu. Verdiep je eens in het feest van de ongezuurde broden (met het aanbieden van de garve [= schoof] van de eerstelingen op de sabbat – Leviticus 23:11-12) en trek lijnen naar de opstanding van de Heere Jezus op het Paasfeest (1 Korinthe 15:20-23). Trek ook lijnen naar je eigen leven. Wat betekenen deze feesten voor jou en wat ken je er persoonlijk van?
‘Is het niet goddelijk schoon gedacht om toekomstige geestelijke zaken af te beelden en aan te kondigen door zelf ondervonden tijdelijke gebeurtenissen? Is het niet der goddelijke wijsheid volkomen waardig om een tijdelijke verlossing als die waarmee God Israël uit Egypte leidde te stellen tot een beeld van de nog oneindig hogere, geestelijke, eeuwige verlossing uit zonde en dood?’ Isaac da Costa
s
15
Paasmaandag: Uitgeleid uit het diensthuis Lees Deuteronomium 16:1-4 en Efeze 2:1-8 Precies op de datum van het feest van Pascha in het Oude Testament hangt de Heere Jezus aan het kruis op Golgotha en sterft het Lam van God (Goede Vrijdag). Het laat zien dat het Pascha in Hem vervuld is. Pascha wijst op de verzoening van de zonde door het bloed van Christus. Aansluitend aan het Pascha worden de Israëlieten opgeroepen om zeven dagen lang het feest van de ongezuurde broden te vieren. Het feest van de ongezuurde broden heeft alles te maken met de opstanding van de Heere Jezus (Pasen). Tijdens het feest van de ongezuurde broden trokken de Israëlieten weg uit Egypte. Het feest van de ongezuurde broden is voor de Israëlieten een vreugdevol feest ter herdenking van de bevrijding uit hun oude leven in Egypte. De tijdelijke verlossing uit Egypte is een beeld van de geestelijke en eeuwige verlossing van de duivel, de zonde en de dood. Zoals Israël bevrijd werd uit Egypte en verlost werd uit de handen van farao, zo worden er nog mensen bevrijd uit de zonde en de dood en de macht van de duivel. Christus alleen kan daaruit verlossen, omdat Hij de zonde, de duivel en de dood overwonnen heeft. Hij neemt Zijn Kerk mee uit het graf van de zonde en de dood en geeft nieuw leven. Het doet Gods kinderen uitroepen: ‘Geloofd zij God (…) Die naar Zijn grote barmhartigheid ons heeft wedergeboren tot een levende hoop door de opstanding van Jezus Christus uit de doden’ (1 Petrus 1). 16
Pascha en het feest van de ongezuurde broden horen bij elkaar. De bevrijding uit Egypte was voor Israël als volk een nieuwe geboorte. Ze lieten de dood in Egypte achter zich en ontvingen leven. Het is een beeld van de geestelijke geboorte of wedergeboorte. Daar vindt de verlossing uit de zonde en de dood plaats en wordt het nieuwe leven ontvangen. Dan is waar geworden: ‘Ik ben de Heere uw God Die u uit Egypteland uit het diensthuis uitgeleid heb.’ Dan kun je Paasfeest vieren: gedenken aan de dag van je uittrekken uit Egypte, al de dagen van je leven. Wat een tegenstelling tussen Pascha/Goede Vrijdag en het feest van de ongezuurde broden/Paasfeest. Bij het eerste staat het lijden centraal. Bij het tweede het verblijden. Hoe is dat te rijmen? Isaac da Costa schrijft: ‘Het hoogst denkbare lijden is juist de bron van het eeuwige verblijden van de zondaar.’ Christus moest sterven, opdat Gods kinderen zullen erven.
‘Maar God, Die rijk is in barmhartigheid, (…) ook toen wij dood waren door de misdaden, heeft ons levend gemaakt met Christus (uit genade zijt gij zalig geworden).’ Efeze 2:4-5
s
17
‘De zevendaagse viering van het
feest van de ongezuurde BRODEN werd door God gesteld tot een beeld en voorsmaak
van de VREUGDE die uit de gewerkte verlossing door het slachten van het PAASLAM voortvloeide en waarin de verlosten de Heere konden verheerlijken in DANKBARE wederliefde en lofzegging.’ ISAAC DA COSTA
s
Toepassing: In Openbaring 15 staan Gods kinderen aan de glazen zee en zingen ze als dank voor de verlossing het lied van Mozes en het Lam. Het lied van Mozes vind je in Exodus 15, waar hij samen met het volk aan de oever van de Rode Zee de Heere dankt voor de verlossing uit Egypte. Lees Exodus 15:1-14 met Gods kinderen aan de glazen zee in gedachten. Waarom is het treffend dat zij daar dit lied zingen? Kun je dit lied meezingen? Wat leert dit lied je? 18
Dinsdag: Eersteling voor God Lees Leviticus 23:4-14 en 1 Korinthe 15:20-23 Nauwkeurig omschrijft de Heere hoe de Israëlieten het Pascha moeten houden en het feest van de ongezuurde broden moeten vieren. Dat komt omdat Christus erin wordt afgebeeld. Zoals het nu gevierd wordt, zo zal het eeuwen later gaan. Op vrijdagavond het Pascha (vers 5) – Goede Vrijdag: ‘Want ook ons Pascha is voor ons geslacht.’ Op zaterdag een rustdag (vers 7) – Stille Zaterdag: de Heere Jezus ligt in het graf. Op de dag na de sabbat wordt een schoof van de eerstelingen van de gerstoogst voor het aangezicht van de Heere heen en weer bewogen – Paaszondag: ‘Christus is uit de doden opgewekt tot heerlijkheid des Vaders en is de Eersteling geworden dergenen die ontslapen zijn’ (Romeinen 6 en 1 Korinthe 15). De eerstelingen zijn de eerste vruchten van de oogst. Ze worden de Heere geheiligd. Dat betekent: ze worden afgezonderd voor de Heere, apart gezet voor Hem, toegewijd aan Hem, bestemd voor Hem. Zo neemt God Israël ook apart. De bedoeling van de uittocht uit Egypte is dat Israël tot Gods volk wordt aangenomen. ‘Ik zal ulieden tot Mijn volk aannemen en Ik zal u tot een God zijn’ (Exodus 6). Het volk van Israël was Gods eerstgeborene (Exodus 4) of eersteling: ‘Israël was de Heere een heiligheid, de eerstelingen Zijner inkomsten’ (Jeremia 2). In het Bijbelboek Openbaring wordt over de honderdvierenveertigduizend verzegelden uit de stammen van Israël gezegd dat 19
ze zijn gekocht uit de mensen tot eerstelingen Gode en het Lam (Openbaring 14). De kanttekeningen wijzen erop dat de Israëlieten deze nieuwe geboorte of aanneming tot kinderen verkregen voor de andere volken. God heeft hen voor andere volken apart gezet. Zij waren eerst, maar na de eerstelingen zullen er meer volgen. Ook uit andere volken zullen er toegebracht worden om Gods volk te zijn. Dat kan alleen vanwege de Heere Jezus: Hij is de Eersteling van degenen die ontslapen zijn. Hij is de Opstanding en het Leven (Johannes 11). Iedereen die in Hem gelooft, zal opstaan uit de dood en nieuw leven ontvangen. Tot de dag van vandaag roepen deze wedergeboren mensen het uit: ‘Indien wij nu met Christus gestorven zijn, zo geloven wij, dat wij ook met Hem zullen leven’ (1 Korinthe 15). Hier in dit tijdelijke leven, maar ook daarna als de hele oogst binnengehaald wordt. De gelovigen zullen opstaan uit de tijdelijke dood en het eeuwige leven ontvangen (1 Korinthe 15). ‘Hun blijdschap zal dan ten hoogste toppunt stijgen’ (Psalm 68).
‘Hetgeen ik nu leef, dat leef ik door het geloof des Zoons van God, Die mij liefgehad heeft en Zichzelf voor mij heeft overgegeven.’ Galaten 2:20
s
20
‘Door heel het Oude Testament
wordt ISRAËL voorgesteld als een knecht die God Zich door Zijn geld uit Egypte heeft GEKOCHT. In het Nieuwe Testament
is de verloste echter GEEN KNECHT meer, maar een kind, en een KIND wordt niet gekocht door geld, maar door BLOED.’ ISAAC DA COSTA
s
Toepassing: Er zit ook een praktische les aan het geven van de eerstelingen van de oogst aan de Heere. Welke (Spreuken 3:9)? Wat betekent dit voor wat je met jouw inkomsten doet (kanttekening 18)? Hoe kun je heel je leven wijden aan de dienst van de Heere? 21
Dag 4: Woensdag: Een nieuw deeg zijn Lees Exodus 12:14-20 en 1 Korinthe 5:6-8 Er is nog iets opvallends bij het feest van de ongezuurde broden. De naam van het feest zegt het al: ongezuurd brood. Brood zonder zuurdeeg of zuurdesem. Op alle andere dagen van het jaar doet een Israëlitische huisvrouw als zij brood gaat bakken een stukje oud deeg dat zuur geworden is door het deeg. Door de gistingsbacteriën die daarin zitten, gaat het deeg rijzen. Maar op het Pascha en de zeven dagen daarna worden er ongezuurde broden gegeten: nieuw deeg zonder een oud stukje. Het brood is daardoor hard en plat. De betekenis daarvan vertelt Paulus in 1 Korinthe 5. Het verwijderen van elk stukje zuurdeeg uit het huis wijst op het wegdoen van alle zonden uit je leven. Het eten van ongezuurde broden betekent: het afleggen van het oude leven en het aandoen van het nieuwe leven in Christus (Efeze 4). Opdat ‘wij in nieuwigheid des levens wandelen zouden’ (Romeinen 6). De kenmerken van dit nieuwe leven zijn volgens Paulus: oprecht, zuiver, waar, eerlijk leven. Het feest van de ongezuurde broden wijst daarmee op de heiligmaking: op de vernieuwing van de levenswandel. Het Pascha wees op de rechtvaardigmaking: de vernieuwing van het hart. Paulus omschrijft zo mooi wat dit inhoudt en daarbij licht de betekenis van Pascha en Goede Vrijdag zo helder op: ‘Want Dien Die geen zonde gekend heeft, heeft Hij zonde voor ons gemaakt, opdat wij zouden worden rechtvaardigheid Gods 22
in Hem.’ Het is de zalige ruil die Maarten Luther zo treffend verwoordde: ‘Hij mijn zonde. Ik Zijn gerechtigheid.’ Dan is het goed [recht] met God. Wie met God verzoend is, wil voor Hem leven en Hem dienen. ‘Gelijk Hij, Die u geroepen heeft, heilig is, zo wordt ook gijzelven heilig in al uw wandel. Daarom dat er geschreven is: Zijt heilig, want Ik ben heilig’ (1 Petrus 1). De volgorde van Pascha en het feest van de ongezuurde broden laat zien dat de rechtvaardigmaking voorafgaat aan de heiligmaking. Anders gezegd: dat er zonder rechtvaardigmaking geen heiligmaking kan zijn. In Christus’ offer ligt de rechtvaardigmaking, waaruit de heiligmaking onmiddellijk voortvloeit. Dat is de betekenis van het feest van de ongezuurde broden voor de Kerk van vandaag. Dit feest werd zeven dagen gevierd. Zeven is het getal van de volheid; zeven dagen is het beeld van heel het leven. ‘Dat dan de zonde niet heerse in uw sterfelijk lichaam (…), maar stelt uzelven Gode [dienstbaar] als uit de doden levend geworden zijnde’ (1 Korinthe 5).
‘Maar nu van de zonde vrijgemaakt zijnde, en Gode dienstbaar gemaakt zijnde, hebt gij uw vrucht tot heiligmaking, en het einde het eeuwige leven.’ Romeinen 6:22
s
23
‘HEILIGMAKING is het resultaat van de vereniging met Christus.
Het geloof dat geen HEILIGENDE uitwerking heeft, is niet Gods gave. Waar geen HEILIGMAKING is, is geen geloof.’ J.C. RYLE
s
Toepassing: De Heilige Geest wordt in de Bijbel ‘de Geest der heiligmaking’ genoemd (Romeinen 1:4). Wat is heiligmaking? Waarom is er geen heiligmaking zonder rechtvaardigmaking? Waarom is de Heilige Geest nodig in de heiligmaking? Om Wie roept het feest van de ongezuurde broden en dus ook het Paasfeest (1 Petrus 1:22)? Heb je Hem ook in je eigen leven nodig? Waarvoor dan? 24
Donderdag: Vijftig dagen tellen Lees Leviticus 23:15-21 Vanaf de sabbat waarop een schoof van de eerstelingen van de gerst bij de Heere gebracht wordt, moeten de Israëlieten gaan tellen: zeven volkomen sabbatten, zeven volle weken. ‘Tot de andere dag, na de zevende sabbat, zult gij vijftig dagen tellen’ (vers 16). Dan vindt het tweede grote feest plaats: het Wekenfeest, zo genoemd naar de zeven weken die geteld werden. Het wordt ook wel het feest van de oogst genoemd. De gerst- en tarweoogst zijn nu klaar. Het oudtestamentische Wekenfeest is in het Nieuwe Testament Pinksterfeest gaan heten (het Griekse woord voor vijftig is ‘pentecoste’). Na de opstanding van de Heere Jezus werden er ook vijftig dagen geteld. ‘En als de dag van het Pinksterfeest vervuld werd …’ (Handelingen 2). Toen kwam de Heilige Geest. Over de lijn van het Wekenfeest naar de komst van de Heilige Geest gaat het morgen. Vandaag iets over de vijftig dagen tussen Pasen en Pinksteren. Pasen en Pinksteren hebben alles met elkaar te maken. Wij vieren het Paasfeest en het Pinksterfeest vaak los van elkaar, maar het Paasfeest en het Pinksterfeest zijn nauw met elkaar verbonden. Dat blijkt ook uit het tellen van de vijftig dagen. Wat voor het volk van Israël tijdens het Pascha en het feest van de ongezuurde broden begon (de verlossing en uittocht uit Egypte) wordt op de vijftigste dag afgerond (de verbondssluiting bij de Sinaï waar Israël Gods volk wordt). Wat 25
voor de Israëlieten in Kanaän tijdens het aanbieden van de eersteling begon (de gerstoogst) wordt op de vijftigste dag afgerond (de gerstoogst en tarweoogst zijn klaar). Wat in het Nieuwe Testament op Pasen begon (de Heere Jezus stond op om nieuw leven te kunnen geven) wordt op Pinksteren afgerond (de Heilige Geest is gekomen om het nieuwe leven daadwerkelijk aan mensen te geven). De verlossing van de zonde en de aanneming tot kinderen die eerst alleen voor Israël waren, krijgen een bredere bediening: ook heidenen zullen erin betrokken worden. Pasen en Pinksteren hebben dus alles met elkaar te maken. Je kunt zelfs zeggen: Pinksteren is de laatste, afsluitende dag van het feest dat op Pasen begon en vijftig dagen duurde. Alles van het Paasfeest roept om het Pinksterfeest. Heel het verlossingswerk van Christus roept om het toepassende werk van de Heilige Geest. Ben je om Hem verlegen? Zie je uit naar Zijn komst in je leven? Doe als de Kerk tussen Pasen en Pinksteren: ‘Deze allen waren eendrachtelijk volhardende in het bidden en smeken’ (Handelingen 1).
‘Maar wanneer Die zal gekomen zijn, namelijk de Geest der waarheid, Hij zal u in al de waarheid leiden. (…) Hij zal het uit het Mijne nemen, en zal het u verkondigen.’ Johannes 16:13-14
s
26
‘Wat gelooft gij van de HEILIGE GEEST? (…) Dat Hij ook mij gegeven is,
opdat Hij mij door een WAAR GELOOF Christus en al Zijn weldaden deelachtig make,
MIJ TROOSTE en bij mij eeuwig blijve.’ HEIDELBERGSE CATECHISMUS, ZONDAG 20
s
Toepassing: Wat betekent het voor ons nu dat er vijftig dagen geteld moesten worden van Pasen naar Pinksteren? Waarom is het zo waardevol om mee te tellen? 27
Vrijdag: Oogstfeest Lees Deuteronomium 16:9-11 en Johannes 4:35-38 Het tweede grote feest van de Israëlieten is het Wekenfeest. Het is allereerst een oogstfeest. Zeven weken van oogsten liggen achter. Eerst is het gerst gemaaid en binnengehaald, toen de tarwe. De oogsttijd heeft in de Bijbel een diepere betekenis. De Heere Jezus laat dat bijvoorbeeld in Johannes 4 horen. De oogsttijd van het Oude Testament wijst naar de geestelijke oogsttijd van het Nieuwe Testament en de grote oogst aan het einde van de wereld: ‘Heft uw ogen op en aanschouwt de landen; want zij zijn alrede wit om te oogsten.’ Zouden de discipelen op de Pinksterdag, toen het oudtestamentische Wekenfeest in vervulling ging, nog teruggedacht hebben aan deze woorden van hun Meester? Ook voor het vieren van het Wekenfeest heeft de Heere duidelijke aanwijzingen gegeven. Naast de voorgeschreven offers, brengen de Israëlieten opnieuw eerstelingen: de eerste broden van de tarweoogst (Leviticus 23). Twee tarwebroden die gebakken zijn met zuurdeeg [zuurdesem, gist] worden voor het aangezicht van de Heere heen en weer bewogen. Waarom gedesemde broden? De Heere Jezus zal dit later Zelf uitleggen in Zijn korte gelijkenis van het zuurdeeg. Het gist mengt zich helemaal door het deeg, waardoor het overal z’n werk doet en heel het deeg laat rijzen. Zo is het ook als de Geest van God werkt. Waar je op het Paasfeest in het Nieuwe Testament een paar bange discipelen en huilende vrouwen aantreft, 28
zie je op het Pinksterfeest vrijmoedige discipelen en drieduizend bekeerde mensen. Wat eerst alleen in Israël was, zal door heel de wereld gaan. De broden op het Wekenfeest wijzen daar al op. God wist al op het Wekenfeest van het Oude Testament dat op de vijftigste dag na de opstanding van Zijn Zoon de Heilige Geest naar deze aarde zou komen en in de harten van mensen geloof en bekering zou werken. Hij heeft daar in het Wekenfeest als het ware een afbeelding van gegeven. Paulus, die Joods is opgevoed, trekt dan ook regelmatig de lijn van het Oude Testament door naar het Nieuwe Testament. Hij zegt: ‘Indien de eerstelingen heilig zijn, zo is ook het deeg heilig’ (Romeinen 11). De eerstelingen verwijzen naar Israël en het deeg naar de gelovigen uit heel de wereld. Het deeg rijst. De oogst wordt steeds groter. Daarom kun je in het Oude Testament dit Pinksterlied al horen: ‘De volken zullen U, o God, loven; de volken altemaal zullen U loven. De aarde geeft haar gewas; God, onze God, zal ons zegenen. En alle einden der aarde zullen Hem vrezen’ (Psalm 67).
‘Het is te gering dat Gij Mij een Knecht zoudt zijn om op te richten de stammen Jakobs en om weder te brengen de bewaarden in Israël; Ik heb U ook gegeven tot een Licht der heidenen, om Mijn Heil te zijn tot aan het einde der aarde.’ Jesaja 49:6
s
29
‘Zoals zij toen niet met LEGE HANDEN mochten komen, zo moeten wij niet met een leeg hart komen om God te AANBIDDEN. Onze ziel moet vervuld zijn
met HEILIGE begeerten naar Hem en toewijding van onszelf aan Hem.’ MATTHEW HENRY
s
Toepassing: In de vijftig dagen tussen Pasen en Pinksteren wordt in de Joodse synagoge elke dag onder meer het Bijbelboek Ruth gelezen en Psalm 67. Waarom is dat zo passend? ‘Uw Koninkrijk kome’ – is dat ook jouw verlangen? Hoe bid je daarvoor? Wat doe je daarvoor? 30
Zaterdag: Verbondsfeest Lees Exodus 19:1-9 en 16-20 Waarom bevrijdde God de Israëlieten uit Egypte? Wat gaan ze doen? ‘Laat Mijn volk trekken, dat het Mij een feest houde in de woestijn’ (Exodus 5). Want: ‘Ik zal u tot Mijn volk aannemen en Ik zal u tot een God zijn’ (Exodus 6). De Heere gaat een verbond met het volk van Israël maken. Wanneer gebeurt dat? Vijftig dagen na de uittocht uit Egypte (kanttekening 3). Het Wekenfeest (Pinksterfeest) is dus niet alleen een oogstfeest, maar ook een verbondsfeest. Gedurende de zeven weken na de uittocht uit Egypte heeft de Heere het volk tot Zich gebracht (vers 4) om Zijn eigendom te zijn uit alle volken (vers 5). Het Hebreeuwse woord voor eigendom betekent: iets wat bijzonder, uitnemend en kostelijk is en wat je weglegt en apart zet om te bewaren; een schat waar je heel zuinig op bent. Dat is Israël voor de Heere: Zijn priesterlijk koninkrijk en Zijn heilig [= afgezonderd, apart gezet] volk. Hoe kan dat? De Israëlieten zijn door de zonde toch ook het eigendom van de duivel geworden? Ja, door de zonde is de verbinding met God verbroken. Maar God Zelf legt uit genade weer verbinding. Hij vertelt en laat zien dat er een weg is om weer bij elkaar te komen. Hij heeft in de eeuwigheid het genadeverbond opgericht met Zijn Zoon en maakt dit nu bekend aan Zijn Israël. Deze verbondssluiting bij de Sinaï is alleen mogelijk omdat vijftig dagen geleden het Paaslam is geslacht. Dat bloed heeft hen vrijgekocht. Op dat bloed wordt hier teruggegrepen (Exodus 24). 31
Elk jaar op het Wekenfeest of Pinksterfeest denken de Israëlieten eraan terug dat God een verbond met hen heeft gesloten. Elke keer als dit feest gevierd wordt, klinkt het: ‘Opdat Hij u heden Zichzelf tot een volk bevestige en Hij u tot een God zij. (…) Houdt dan de woorden dezes verbonds en doet ze; opdat gij verstandiglijk handelt in alles wat gij doen zult’ (Deuteronomium 29). Hoe heeft dit Wekenfeest zijn vervulling in het Nieuwe Testament? In Exodus 24 hoor je over de nationale openbaringsvorm van het genadeverbond: met Israël. In Handelingen 2 lees je over de wereldwijde openbaringsvorm: met Joden en heidenen. Luister maar naar Paulus in zijn brief aan een heidense gemeente: Christus heeft degenen die onder de wet waren, verlost, ‘opdat wij de aanneming tot kinderen verkrijgen zouden’ (Galaten 4). Wie zorgt daarvoor? De Heilige Geest, Die in het Oude Testament was beloofd en met Pinksteren is gekomen: ‘Want gij hebt niet ontvangen de Geest der dienstbaarheid wederom tot vreze; maar gij hebt ontvangen de Geest der aanneming tot kinderen, door Welke wij roepen: Abba, Vader’ (Romeinen 8).
‘Die Zichzelf [Christus] voor ons gegeven heeft, opdat Hij ons zou verlossen van alle ongerechtigheid, en Zichzelf een eigen volk zou reinigen [door de Geest], ijverig in goede werken.’ Titus 2:14
s
32