• Vrijwilligers brengen alles in gereedheid voor Vlaamse Houtproef 2026
• Wood Skills netwerkavond brengt leraren en projectpartners samen
PARKET
27 ● Edito - Johan Vandenbergh
Net wanneer het tij leek te keren…
28 ● Parkethandel
Massief parket van Nouyrigat: Frans, met een Belgisch tintje
30 ● Productnieuws
Voorbereiding van ondergronden: fouten vermijden die de plaatsing van parket in gevaar brengen
Vormgeving Nikka Cuypers nikka.cuypers@embuild.be
Drukwerk Graphius
Word exposant op Dag van de Afwerking
Vrijdag 16 oktober 2026 Brussels Gate
● Hét netwerkmoment voor duizenden professionals uit de afwerkingssector: schrijnwerkers, parketplaatsers, schilders, stukadoors, glazeniers en vloerders
● Dé kans om innovaties en nieuwe producten aan vaklui te tonen
● De sterkste manier om leads face-to-face te genereren
● Nieuwe formule: in combinatie met Belgian Roof Day, dus veel bezoekers www.dagvandeafwerking.be
RESERVEER JE STAND BIJ STEVE
Steve Caufriez Account manager
Samen staan we sterker!
Filip Vanholst
Voorzitter Embuild
Vlaamse
Schrijnwerkers
Beste lezer,
Dit is pas ons eerste vakblad van 2026, maar terwijl ik dit schrijf, is het al volop lente.
De krokussen staan in bloei en de mensen trekken massaal naar buiten. Ideaal weer dus voor buitenschrijnwerkers en alle andere collega's in de bouw die buiten aan de slag zijn.
Ik ben intussen bijna een jaar voorzitter van onze vereniging. Bij mijn aantreden had ik me als doel gesteld om contacten te leggen met allerlei partnerorganisaties in het werkveld. Dat heb ik ook gedaan. Zo maakte ik nader kennis met BCCA en bracht ik een bezoek aan Woodwize, het sectorale kennis- en opleidingscentrum voor de houtsector in België. Zulke ontmoetingen zijn bijzonder leerrijk. Enerzijds omdat dergelijke organisaties vaak heel wat activiteiten uitvoeren waar het grote publiek niet van op de hoogte is. Anderzijds is het interessant om te zien hoe ze georganiseerd zijn en hoe ze werken. En tijdens zo'n bezoek stel je ook vast dat er heel wat raakvlakken en mogelijke samenwerkingen bestaan.
Woodwize organiseert opleidingen die ook door onze leden gevolgd kunnen worden, maar daar betalend zijn. Onze volgende ontmoeting is met Constructiv. Daar willen we kijken of er overlappen zijn waar beide sectorfederaties elkaar kunnen versterken.
Want uiteindelijk wint de hele houtsector daarbij.
Collegiale groet
Het btw-tarief van 6% bij renovatiewerken: wat betekent “werk in onroerende staat” voor de schrijnwerker?
Wanneer je als schrijnwerker renovatiewerken uitvoert in een woning ouder dan 10 jaar en op vraag van de eigenaar de oude deuren hergebruikt (circulair bouwen!). Moet je die plaatsing dan factureren aan 6 % of 21 %? We zetten de regels nog eens op een rijtje.
Bij renovatiewerken aan privéwoningen die ouder zijn dan tien jaar kan onder bepaalde voorwaarden het verlaagde btw-tarief van 6% worden toegepast. Een van de belangrijkste voorwaarden is dat de uitgevoerde prestaties moeten worden beschouwd als “werken in onroerende staat” of als daarmee gelijkgestelde werken. Voor schrijnwerkers is een goed begrip van dit concept essentieel, aangezien het rechtstreeks bepaalt welk btw-tarief mag worden aangerekend.
Werken in onroerende staat zijn werken die betrekking hebben op een gebouw en die er blijvend deel van uitmaken. Het gaat om handelingen die het onroerend goed bouwen, verbouwen, herstellen of verbeteren en die niet kunnen worden verwijderd zonder schade aan het gebouw te veroorzaken. Klassieke voorbeelden zijn bouw- en verbouwingswerken, dak- en metselwerken, maar ook schrijnwerk dat vast met de woning is verbonden, zoals deuren, ramen, parketvloeren, keukenkasten,…
Levering en plaatsing
In de praktijk bestaat een werk in onroerende staat vaak uit twee onderdelen: de levering van materialen en de plaatsing ervan. Wanneer een aannemer, zoals een schrijnwerker, zowel de materialen levert als instaat voor de plaatsing, wordt deze totaalprestatie volledig beschouwd als werk in onroerende staat. In dat geval kan het btw-tarief van 6 % worden toegepast op zowel de waarde van de materialen als op de werkuren, op voorwaarde dat de woning ouder is dan tien jaar en hoofdzakelijk als privéwoning wordt gebruikt.
Ook wanneer de schrijnwerker enkel de plaatsing uitvoert en de materialen
niet zelf levert, blijft er sprake van werk in onroerende staat. De plaatsing van vaste elementen in een woning is immers een onroerende prestatie op zich. De werkuren voor deze plaatsing mogen dan eveneens aan 6 % btw worden gefactureerd.
Enkel wanneer er sprake is van een loutere verkoop van materialen zonder enige plaatsing, is het verlaagd btw-tarief niet van toepassing en moet 21 % btw worden aangerekend.
Een voorbeeld
Dit onderscheid wordt duidelijk aan de hand van het voorbeeld van binnen- en buitendeuren. Wanneer een
schrijnwerker de deuren levert én plaatst, mag hij 6 % btw aanrekenen op het volledige bedrag, zowel op de deuren zelf als op de plaatsingskosten. Koopt de klant de deuren zelf aan bij een andere leverancier en vraagt hij de schrijnwerker enkel om deze te plaatsen, dan geldt 21% btw op de aankoop van de deuren, maar kan de schrijnwerker zijn plaatsingswerken factureren aan 6 %. Maakt de schrijnwerker de deuren in zijn atelier, maar plaatst hij ze niet en neemt de klant de plaatsing zelf voor zijn rekening,
dan gaat het om een zuivere levering van goederen en is het btw-tarief van 21 % van toepassing.
Wat met herstellings- of herplaatsingswerken?
Ook herstellings- of herplaatsingswerken aan bestaande elementen vallen onder het begrip werk in onroerende staat. Wanneer een schrijnwerker bijvoorbeeld oude deuren van de klant herplaatst of aanpast, zonder nieuwe deuren te leveren, mag hij toch 6 % btw aanrekenen. De pres-
tatie bestaat immers uit werken aan een vast onderdeel van de woning en wordt fiscaal gelijkgesteld met renovatiewerken in onroerende staat.
Voor schrijnwerkers is het dus cruciaal om bij elke opdracht correct te beoordelen of hun prestatie bestaat uit een levering, een plaatsing of een combinatie van beide. Dat onderscheid bepaalt niet alleen het juiste btw-tarief, maar voorkomt ook discussies met klanten en mogelijke problemen bij een fiscale controle.
Inschrijvingen Laureaten van de Arbeid zijn geopend
Bij België beloont werknemers die zich jarenlang hebben ingezet voor hun bedrijf, sector of vakgebied via het systeem van de Laureaten van de Arbeid. Beroeps-, werkgevers- en werknemersorganisaties
eren zo mensen die zich jarenlang bovengemiddeld hebben ingezet voor hun beroep. Als werkgever heb je zo een unieke kans om je medewerkers via dit systeem in de kijker te zetten.
Er zijn drie niveaus.
● DE BRONZEN BE.KROWN is voor werknemers met een verdienstelijke carrière.
● DE ZILVEREN BE.KROWN erkent een uitzonderlijke inzet binnen het eigen bedrijf.
● DE GOUDEN BE.KROWN gaat naar mensen met een uitzonderlijk engagement voor de hele sector of het vakgebied.
Kom je zelf in aanmerking, of ken je een collega die een erkenning verdient? Schrijf je in via de Be.Krown website. Opgelet! Wacht niet te lang, want de inschrijvingen sluiten op 15 mei.
Meer weten? https://bekrown.be/nl/
MET DANK AAN DE SPONSORS
TWW kondigt thematische campagne 2026 voor de bouw aan
De Inspectie Toezicht Welzijn op het Werk (TWW) heeft bekendgemaakt dat ze zich dit jaar in de bouwsector op twee onderwerpen zal richten: het werken met diisocyanaten en de levensbelangrijke bescherming tegen kwartsstof.
Bij de controles rond diisocyanaten gaat de Inspectie vooral na of werknemers de wettelijk verplichte opleiding hebben gevolgd en of ze de voorgeschreven preventiemaatregelen correct toepassen.
Sinds 24 augustus 2023 moeten alle professionele gebruikers van PU-producten verplicht de opleiding 'werken met diisocyanaten' volgen. Dit geldt zowel voor werknemers als voor zelfstandigen. De opleidingsverplichting staat sinds diezelfde datum ook gedrukt op het etiket van alle producten die diisocyanaten bevatten. Je kan deze
opleiding volgen bij een aantal lokale Embuild-entiteiten of via het Europese e-learningplatform.
Strengere normen voor kwartsstof
Sinds 1 september 2025 geldt er een verlaagde grenswaarde voor blootstelling aan kwartsstof. TWW heeft daarom beslist om in de komende maanden fors in te zetten op de problematiek van het inademen van dit schadelijke stof.
Kwartsstof, of respirabel kristallijn silica, is zeer fijn stof dat vrijkomt bij het bewerken van materialen die kwarts bevatten: beton, baksteen, compo-
siet, graniet, marmer en dergelijke. Als werkgever moet je op basis van een risicoanalyse maatregelen nemen om ervoor te zorgen dat je werknemers niet aan te hoge dosissen worden blootgesteld.
Die maatregelen kunnen verschillende vormen aannemen: het werken met materialen die geen of weinig kwartsstof vrijgeven, technische maatregelen zoals stof neerslaan met water, lokale afzuiging of ventilatie, organisatorische maatregelen zoals het beperken van toegang tot bepaalde zones, en het gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen.
De vijf meest vastgestelde inbreuken door TWW
Toezicht Welzijn op het Werk heeft zijn top-5 bekendgemaakt van de geverbaliseerde inbreuken op bouwwerven over het jaar 2025.
1
Voor het zoveelste jaar op rij voert “geen adequate beveiliging tegen vallen van hoogte” het lijstje aan. Een trieste vaststelling aangezien dit punt traditioneel ook de voornaamste oorzaak van arbeidsongevallen is.
2
Het nummer 2 sluit er een beetje bij aan: “diverse gebreken aan steigers”, waarbij het vaak gaat om het ontbreken van leuningen, onvolledige vloeren of een gebrekkige stabiliteit.
3Op 3 vinden we “onvoldoende sociale voorzieningen”, zoals wastafels en toiletten met stromend water of een propere kleedkamer en refter.
4Rang 4 wordt bezet door “onveilige toegangswegen” (rondslingerende rommel, elektriciteitssnoeren, onvoldoende verlichting, ontbrekende leuningen aan trappen enz.).
5Terwijl het rijtje wordt afgesloten door “ontbrekend verslag van periodieke keuring door een Erkende Dienst voor Technische Keuring” (bv. voor een torenkraan, elektrische installatie of diverse machines en apparatuur).
Ben jij klaar om isolatieglas écht circulair te maken?
Verstrengende isolatienormen
nopen mensen om hun dubbel glas, dat ze meestal amper enkele decennia geleden in hun ramen lieten zetten, te vervangen door nieuw driedubbel thermisch glas. Het glas dat verwijderd wordt komt dan terecht in de afvalcontainer en wordt meestal niet gerecycleerd.
Onderzoekster ESTHER
GEBOES van de Vrije Universiteit Brussel wil samen met de glassector en met de steun van Embuild Connect op zoek gaan naar opschaalbare oplossingen om thermisch glas hoog-
waardig te recycleren of hergebruiken.
Werk je dagelijks met isolatieglas – in productie, installatie, vervanging, verwerking of een andere
gerelateerde functie?
Neem even de tijd om onze (super) korte enquête in te vullen en ontdek welke van de zes manieren om isolatieglas te hergebruiken
en recycleren jou het meest aanspreekt. Bedankt om deel uit te maken van de circulaire transitie!
Scan de QR code
Digitalisering in de praktijk:
Moose Projects gebruikt 360° scanner
voor vlottere werfopvolging
Je wordt tegenwoordig om de oren geslagen met nieuwe technologieën die beloven het leven van de aannemer makkelijker te maken. Maar wat is holle marketingpraat en wat werkt echt? We spraken met Jo Martens van Moose Projects, een overtuigde gebruiker van een 360° scanner.
JO MARTENS (36) is de man achter Moose Projects uit Koersel (Beringen), een B2B-uitvoeringspartner met twee takken: totaalprojecten interieur en gespecialiseerde plaatsingsteams schrijnwerk in onderaanneming. "Ik ben al twintig jaar actief in de bouw," vertelt de Limburgse ondernemer. "Eigenlijk zelfs al langer, want ik ben op mijn veertiende begonnen met meehelpen bij een schrijnwerker uit de buurt. Dat was toen vooral op woensdagnamiddagen en in het weekend."
Na zijn opleiding als schrijnwerker ging Jo meteen aan de slag. Eerst als arbeider, daarna als plaatser. Zo groeide hij door tot ploegbaas en stootte hij het zelfs tot projectleider en hoofd van de schrijnwerkerij bij Groep Jansen.
Van schrijnwerker tot ondernemer
In 2022 begon Jo voor zichzelf als zelfstandig projectleider interieur. Door zijn netwerk in de bouwsector kwamen al snel meer vragen binnen, en daaruit
groeide Moose Projects: een B2B-uitvoeringspartner met twee duidelijke takken. Enerzijds realiseert Moose Projects totaalprojecten interieur, waarbij Jo de uitvoering coördineert, de planning bewaakt en samenwerkt met een vast netwerk van partners om projecten vlot en correct op te leveren. Anderzijds ondersteunt het bedrijf andere interieurbedrijven, aannemers en projectontwikkelaars met gespecialiseerde plaatsingsteams schrijnwerk. Wanneer ze de vraag krijgen, draaien ze hun hand ook niet om voor een buitenlandse werf, zoals vorige zomer in Monaco.
In 2026 breidt Moose Projects de werfservices verder uit met afbraak en werfkuis bij oplevering. Het doel is simpel: minder schakels, minder verlies van tijd op de werf en een nettere, snellere oplevering.
De uitdaging van werfcoördinatie
“De vele werven opvolgen en coördineren is een hele klus, vooral omdat
ik vandaag maar één collega heb voor al het papierwerk. Gelukkig komt er begin 2026 versterking bij, wanneer we onze intrek nemen in ons nieuwe gebouw. We hebben hier in de buurt een KMO-unit van 388 m² gekocht, met een kantoorruimte van 144 m². Het is de bedoeling om dan ook extra bureauwerkers in dienst te nemen.
De voorbije maanden was het behoorlijk druk, en ik merkte dat het steeds belangrijker werd om mijn werven slimmer op te volgen. Daarom ben ik beginnen zoeken naar tools die me sneller een duidelijk beeld geven van de stand van zaken, zonder dat ik voor elke check zelf ter plaatse moet zijn. Op een infoavond kwam ik de mensen van Geodeet tegen. Zij stelden daar een 360° camera voor die werven inscant en de scans omzet tot 3D-renders. Omdat de kostprijs niet overdreven hoog was, besloot ik het te testen. Dat bleek snel zijn waarde te hebben.”
Met een 360°-camera kan Jo een werf-
bezoek als het ware “meenemen”: hij deelt de beelden eenvoudig met klanten en partners, zodat iedereen op basis van dezelfde info kan verder werken en er minder heen-en-weer en verplaatsingen nodig zijn.
Een betaalbaar pakket op maat van de Belgische aannemer
Het pakket dat Jo kocht, is in samenwerking met Buildwise samengesteld op maat van de Belgische aannemers. Geodeet verdeelt het in België. Het omvat onder andere een Ricoh Theta X 360° camera, een transportkoffer, een statief, twee batterijen en een lader. Nieuw kost het pakket 1.250 euro. Embuild-leden krijgen daarop nog eens 150 euro korting.
"Voordien gebruikten we ook wel een
softwaretool om werven op te volgen, maar ik botste steeds op de beperkingen ervan," vervolgt Jo Martens. "Was ik ergens een opmeting vergeten, dan moest ik opnieuw naar de werf rijden. Wanneer dat om de hoek is, is dat geen probleem. Maar wanneer je heen en terug drie uur onderweg bent, dan kost dat handenvol geld."
Door op verschillende tijdstippen de werf vast te leggen op beeld, verloopt ook de communicatie met de onderaannemers veel vlotter. Wanneer iets niet duidelijk is, kan Jo gewoon een foto maken op basis van de scan en precies uitleggen wat er moet gebeuren. Hij kan ook een deel van het werk thuis uitvoeren, in plaats van op de werf. Dat is doorgaans ook efficiënter. Denk bijvoorbeeld aan het maken van een overzicht van alle binnendeuren
Door op verschillende tijdstippen de werf vast te leggen op beeld, verloopt ook de communicatie met de onderaannemers veel vlotter.
en brandwerende deuren die in een gebouw moeten geplaatst worden.
360° scanner in de praktijk
Het systeem werkt als volgt. Je plaatst de 360° camera op meerdere posities in een ruimte, telkens met voldoende overlap, tot het hele gebouw in kaart is gebracht. Vervolgens maakt het toestel verbinding met een smartphone of tablet en worden de gegevens overgezet. De software bouwt op basis daarvan een 3D-weergave op waarin alle verdiepingen samenkomen in één model.
Je kan bovendien door die 3d-render wandelen zoals in Google Street View. De Matterport-software maakt ook automatisch een grondplan van het gebouw. Met een simpele klik op een
MET DANK AAN DE SPONSORS
CORINTHIA GRAND HOTEL
ASTORIA BRUSSELS –
LE PETIT BON BON/FLORIST
• Interieur: Moose Projects
• Ontwerp: WeWantMore
• Beelden: Tijs Vervecken
knop zie je ook in de 3D-configurator ook alle afstanden en oppervlaktes.
Digitale werfopvolging stap voor stap
"Ik leg de werf een eerste keer vast wanneer we voor het eerst ter plaatse gaan. Vervolgens doe ik dat na elke belangrijke stap van de werken. Bij een renovatie is dat bijvoorbeeld eerst na de afbraakwerken, dan na de gipskarton- en pleisterwerken of het aanbrengen van de chape, na het plaatsen van de technieken... Zo hebben we telkens een exacte stand van zaken waar we naar kunnen teruggaan. Ik kan aan de onderaannemers dan ook telkens een accuraat beeld van de werf geven. Ik kan de scan namelijk ook gratis delen met de onderaannemers. Zij kunnen dan gewoon via hun smartphone alles bekijken."
Onlangs heeft Jo een appartementsblok met zestien appartementen op vier etages gescand. Dat heeft hem ongeveer drie uur gekost. Maar voor de heel precieze metingen werkt hij nog steeds op de klassieke manier met lasermeters. De 360° scanner heeft immers een mogelijke afwijking van twee centimeter over vijf meter. Dat
volstaat dus voor het berekenen van grond- of muuroppervlaktes, maar niet voor heel precieze metingen zoals voor maatwerkmeubilair of voor de ramen.
Een aanvulling op bestaande meetmethodes
Voor Jo vervangt de 360° camera dus niet de meettoestellen. Hij ziet het eerder als een tool om de werfopvolging en communicatie met andere aannemers en architecten te vergemakkelijken. Ook bij het opstellen van de as built-plannen is het een grote hulp.
Architecten verwijzen bijvoorbeeld graag naar hun oorspronkelijke plannen. Maar wanneer er drie lagen gipskarton geplaatst zijn, stemmen de reële afstanden meestal niet meer overeen met de maten op de plannen. Dan kan zo'n 360° scan een grote hulp zijn om bepaalde keuzes toe te lichten aan een architect.
Veel interesse
Toen Jo eind 2025 een LinkedIn-post publiceerde over de 360° scanner, lokte dat een hoop reacties en vragen uit. "Ook op de werf krijg ik er heel veel vragen over. Veel collega's zijn benieuwd naar de mogelijkheden en kostprijs van zo'n toestel. Ik weet dat organisaties zoals Buildwise en Embuild al langer inzetten op digitalisering in de sector, maar in de praktijk willen veel aannemers vooral snel zien wat zo’n tool op een werf oplevert. Sinds mijn LinkedIn-post krijg ik opvallend veel vragen.
Ik kan mijn collega's dus alleen maar aanraden om het uit te proberen op een echte werf. Dan voel je snel of het voor jouw manier van werken iets oplevert."
mooseprojects.be geodeet.be Meer weten?
Vlaanderen maakt geld vrij voor World Skills Belgium
Over de taalgrens is World Skills een naam als een klok. Waalse jongeren nemen al decennialang deel aan de internationale beroepenwedstrijd. Maar doordat Vlaanderen in het verleden geen geld uittrok voor deze wedstrijd, deden iedere editie slechts een handvol Vlaamse jongeren mee. Daardoor bleef het initiatief grotendeels onbekend in onze contreien, maar daar komt nu verandering in.
Eind december 2025 kondigde de Vlaamse regering aan dat ze in 2026 1,5 miljoen euro uittrekt om jongeren warm te maken voor de nationale en internationale beroepenwedstrijd.
Nationale selectie
World Skills bestaat uit een nationaal en internationaal luik. Beloftevolle jongeren tussen 16 en 24 jaar kunnen elkaar bekampen in een reeks technische en manuele beroepen. De beste vakmensen van België kunnen nadien doorstoten naar het internationale niveau.
Om de twee jaar wordt beurtelings
een Europees kampioenschap (= Euro Skills) en een wereldkampioenschap (= World Skills) voor beroepen georganiseerd. Dat zijn enorme wedstrijden, waaraan duizenden jongeren van overal ter wereld deelnemen. World Skills wordt vaak vergeleken met de Olympische Spelen, en die vergelijking gaat zeker op.
Jaren van voorbereiding
In veel landen geniet het beroepenkampioenschap veel aanzien. De jongeren worden dan ook jaren op voorhand klaargestoomd voor de wedstrijd en volgen een uitgekiend traject. Daarbij worden ze intensief begeleid door ervaren vakmensen, vaak ook toppers
uit hun vak. Het zorgt ervoor dat het niveau op de internationale kampioenschappen enorm hoog ligt.
Bouwsector juicht beslissing toe
LAWRENCE STEEN , directeur van Embuild Connect, juicht de beslissing van de Vlaamse regering toe. "We steunen met onze beroepenfederaties al langer de kandidaten die uitgestuurd worden, maar dat waren in het verleden haast allemaal Franstalige kandidaten. Het is goed dat Vlaanderen nu ook jongeren aanmoedigt om deel te nemen. Initiatieven als deze kunnen op termijn leiden tot meer waardering voor vakopleidingen en de jongeren enthousiasmeren om voor een bouwopleiding te kiezen.
Dankzij de middelen die Vlaanderen vrijmaakt, kunnen we jongeren naar professioneel georganiseerde internationale wedstrijden sturen — met préselecties, een nationaal uniform, ervaren trainers en ceremonies die aan olympische grandeur doen denken. Zulke ervaringen openen ogen, wekken nieuwsgierigheid voor manuele vakken en zetten jongeren aan om voor een beroep in de bouw te kiezen."
Ook Veerle Desutter, beleidsverantwoordelijke onderwijs en arbeidsmarkt bij Embuild Vlaanderen, reageert opgetogen. “Wedstrijden en skills-trajecten zijn veel meer dan een leermoment: ze verbinden scholen met werkgevers, openen deuren naar stages en mentorschap, en tonen jongeren dat hun technische talent ertoe doet. Die erkenning werkt enorm motiverend.”
www.worldskillsbelgium.be
Een massale toevloed aan elektrische bestelwagens hoef je dit jaar nog niet te verwachten op onze wegen. Desondanks zal ook de toekomst van de bestelwagen op middellange termijn elektrisch zijn. Dat is de conclusie van een event dat Embuild Vlaanderen organiseerde tijdens het voorbije Autosalon.
Elektrische bestelwagens: de bestelwagen van morgen… of wordt het toch eerder overmorgen?
Op het voorbije Autosalon – eigenlijk gaat de beurs sinds enkele jaren als 'Brussels Motor Show' door het leven – vielen heel wat elektrische bestelwagens te bewonderen. Steeds meer fabrikanten hebben elektrische bestelwagens in hun gamma. Toch blijven ze op de bouwwerven eerder zeldzaam.
Daarom organiseerde Embuild Vlaanderen een event op het Autosalon: 'Met e-bestelwagens naar de werf: is dit het moment?'. Tijdens die studienamiddag werd een stand van zaken opgemaakt van de elektrificatie van de bestelwagens in 2026.
Waarom zo weinig elektrische bestelwagens op de werf?
De bezwaren zijn gekend. Elektrische bestelwagens zijn duurder in aankoop, zwaarder en hebben een beperktere laadcapaciteit. Bovendien is er geen fiscale stimulans om een elektrische bestelwagen te kopen. Momenteel houden veel aannemers dus nog even de boot af en kiezen ze voor een model met een verbrandingsmotor.
Europa duwt de elektrificatie vooruit
Toch zal wellicht ook de toekomst van de bestelwagen elektrisch zijn. Een belangrijke reden daarvoor is het Eu-
ropese beleid rond decarbonisatie, en daarin spelen bedrijfsvoertuigen en bestelwagens een belangrijke rol.
In de EU maken bedrijfsvoertuigen ongeveer 60% uit van alle auto's die ingeschreven worden en ongeveer 90% van alle bestelwagens. Daarom wil Europa de bedrijfsvloten in sneltempo vergroenen.
Aanvankelijk was bepaald dat alle bedrijfsvoertuigen tegen 2035 emissievrij zouden moeten zijn, maar eind 2025 werd die verplichting – na stevig lobbywerk van de automobielindustrie – versoepeld. Zo zal de vloot van elke fabrikant in 2035 niet helemaal
uitstootvrij moeten zijn. Die zal nog 10 procent mogen uitstoten in vergelijking met 2021, op voorwaarde dat die uitstoot gecompenseerd wordt. Dat kunnen producenten doen door klimaatvriendelijk staal uit Europa te gebruiken.
In de praktijk betekent dit dat de fabrikanten, naast elektrische en waterstofwagens, nog steeds een beperkt aandeel hybride auto's, range extenders (elektrische wagens met een extra brandstoftank) of diesel- of benzinebestelwagens zullen mogen verkopen, maar het gros van de bestelwagens die na 2035 op de markt komen, zal elektrisch zijn.
Batterijtechnologie evolueert snel
Een van de vaakst genoemde bezwaren is het beperkte rijbereik van de elektrisch aangedreven bestelwagens, maar ook daar zijn de vooruitzichten gunstig. Op het voorbije Autosalon stelden verschillende autofabrikanten
personenwagens voor met een rijbereik van 800 km. Wellicht wordt dit binnen enkele jaren voor alle elektrische auto's de norm. Te verwachten valt dat er zich in de markt van de elektrische bestelwagens een gelijkaardige evolutie zal voordoen. Temeer omdat de EU ook heel wat geld uittrekt om in de komende jaren te investeren in de ontwikkeling van batterijtechnologie in Europa, de zogenaamde 'Battery Booster'.
Buitenlandse voorbeelden tonen de weg
Sommige Europese landen staan al veel verder op het vlak van elektrificatie dan België. Denemarken, Nederland, Zweden en Luxemburg zijn op dat vlak de grote voortrekkers in Europa.
Vooral in Nederland heeft de elektrische transitie zich razendsnel voltrokken. Daar hebben 17 grote steden begin vorig jaar een zero-emissiezone ingevoerd voor het meeste vracht-
verkeer. Het gros van de dieselbestelwagens mag grote delen van steden als Amsterdam, Rotterdam, Utrecht, Den Haag, Zwolle en Maastricht sinds 1 januari 2025 niet meer in. En dit jaar volgt een aantal andere steden.
Het gevolg is dat de verkoop van elektrische bestelwagens er een hoge vlucht heeft genomen. Uit cijfers van RAI (de Nederlandse tegenhanger van FEBIAC) blijkt dat het aantal verkochte elektrische bestelwagens in de eerste helft van 2025 met 51 procent is gestegen. Meer dan driekwart van alle verkochte nieuwe bestelwagens is er volledig uitstootvrij.
De noorderburen hebben er tegelijk ook voor gekozen om dieselbestelwagens zwaarder te belasten. De combinatie van die twee factoren heeft de markt van elektrische bestelwagens een enorme stimulans gegeven.
Extra verdienmodel met dank aan e-credits
Sinds 2024 bestaat er in ons land een interessante financiële stimulans in het kader van de Europese hernieuwbare-energierichtlijn (RED II). Die richtlijn verplicht brandstofleveranciers om aan te tonen dat minstens 14% van hun verkochte energie afkomstig is uit hernieuwbare bronnen (tegen 2030). Een van de manieren waarop ze dat kunnen doen is door e-credits aan te kopen bij beheerders van (semi-)publieke laadpalen.
Dit weinig gekend systeem wordt nu al volop gebruikt door eigenaars van publieke laadpalen, maar ook bouwbedrijven kunnen er gebruik van maken en kunnen zo een extra inkomstenbron aanboren.
Bedrijven die in dit systeem willen instappen, moeten een (semi-)publieke laadinfrastructuur van 50 kWh bezitten (AC- of DC-laders) en die melden bij de FOD Economie. Zo kunnen ze e-credits behalen, die ze via een beurs kunnen doorverkopen. Op dit moment
levert dit 7 tot 9 cent per geladen kWh op.
Bovendien pleit de sector voor een uitbreiding van dit systeem naar thuisoplaadpunten en bedrijven met minder dan 50 kWh aan laadinfrastructuur, waardoor meer ondernemingen van dit systeem zouden kunnen genieten.
Taxshift maakt elektrificatie interessanter Europa heeft in het kader van het Europese klimaatbeleid beslist om fossiele brandstoffen voor zowel verwarming als vervoer duurder te maken, de zogenaamde ETS 2-reglementering. Normaal gezien zou die al in 2027 in werking treden, maar wellicht wordt de inwerkingtreding verschoven naar 2028.
Fossiele brandstoffen vallen nu al duurder uit dan elektriciteit, na de taxshift van 2027 zal de balans nog verder overhellen in het voordeel van elektrisch aangedreven voertuigen. Wanneer je dan ook nog rekening houdt met factoren als eigen zonnepanelen en e-credits, dan valt de kost van het verbruik een pak voordeliger uit dan bij fossiele brandstoffen.
Rijbewijsaanpassing wordt wellicht definitief
Autofederatie FEBIAC, de organisator
van het Autosalon, gaf bovendien nog mee dat ze van mobiliteitsminister Jean-Luc Crucke vernomen hebben dat de regels rond het rijbewijs voor elektrische bestelwagens zouden versoepelen en een definitief karakter zouden krijgen.
Daardoor zouden houders van een rijbewijs B in de toekomst een bestelwagen tot 3500 kg mogen besturen. Nu is daarvoor een rijbewijs C nodig, maar een wijziging van de regels drong zich op omdat elektrische bestelwagens allemaal een stuk zwaarder zijn dan hun fossiele tegenhangers door het gewicht van de batterijpakketten.
Andere factoren
Daarnaast zijn er ook nog enkele andere factoren die in het voordeel van elektrische bestelwagens pleiten. Zo hebben elektrische voertuigen doorgaans lagere onderhoudskosten doordat ze veel minder bewegende onderdelen hebben.
Tot slot stond in het regeerakkoord van de Arizona-regering ook het plan om een tijdelijke verhoogde belastingsaftrek in te voeren voor elektrische bestelwagens en vrachtwagens, maar die maatregel is niet opgenomen in het begrotingsakkoord. Mogelijk maken latere regeringen hier alsnog werk van.
Momenteel zijn ze nog eerder zeldzaam, maar binnen enkele jaren zullen elektrische bestewagens de norm worden op onze werven.
Elektrisch wordt de norm
Op dit moment zijn veel potentiële kopers vooral gefocust op de nadelen van elektrische bestelwagens, maar de technologie evolueert razendsnel en de regelgeving verandert in ijltempo. De taxshift op fossiele brandstoffen zal bovendien voor een bijkomende stimulans zorgen.
Tijdens het event werden al enkele praktijkcases getoond waarbij de reele Total Cost of Ownership (TCO) van elektrische bestelwagens nu al lager ligt dan die van vergelijkbare dieselof benzinemodellen. Het ging hierbij om bestelwagens die geen zware lasten moesten vervoeren en enkel ingezet werden om herstellingen of andere kleine werken uit te voeren. Door de lagere onderhoudskosten en de goedkopere aandrijving (zonnepanelen in combinatie met e-credits en slim gekozen laadmomenten) zijn die bestelwagens over een periode van meerdere jaren nu al voordeliger dan de fossiele modellen.
Misschien duurt het dus nog een tijdje voor de elektrische bestelwagen zijn fossiele tegenhanger definitief van de troon stoot, maar op termijn zullen elektrische bestelwagens de norm worden. Zeker wanneer er vanaf 2035 haast alleen nog maar elektrische bestelwagens van de band rollen.
Bijna de helft van zevende specialisatiejaren hout verdwenen
Sinds kort krijgen leerlingen arbeidsmarktfinaliteit in het zesde middelbaar al een diploma secundair onderwijs. Een zevende jaar levert bijgevolg geen extra diploma op, en dat laat zich voelen! Op één jaar tijd verdwenen 43% van de zevende jaren hout in de Vlaamse secundaire scholen, zo blijkt uit cijfers van Embuild Vlaanderen en Constructiv.
In vergelijking met vorig schooljaar zijn er voor 2025-2026 maar liefst 45% minder leerlingen gestart in het zevende specialisatiejaar bouw in het secundair onderwijs. Dat is een gigantische terugval in één jaar tijd.
De grootste terugloop zien we in de specialisaties ruwbouw, hout, afwerking, decoratie en schilderwerken, en koeling en warmte. De grote daling lag binnen de verwachtingen aangezien sinds kort het zevende jaar niet meer noodzakelijk is om een diploma te halen. Een aantal jongeren dat vroeger voor een zevende specialisatiejaar zou kiezen, stroomt daardoor onmiddellijk door naar de arbeidsmarkt of begint aan een tweejarige graduaatsopleiding.
Klemtoon op specialisatie
Een zevende specialisatiejaar is nodig om leerlingen effectief klaar te stomen voor een knelpuntberoep in de bouw. Typisch presteert deze groep zeer goed op de arbeidsmarkt. Zes jaar beroeps-
onderwijs is daarentegen te weinig voorbereiding om echt al mee te kunnen draaien op de werf. Leerlingen die het zevende jaar overslaan en onmiddellijk aan de slag proberen te gaan, dreigen dus onvoldoende te presteren en snel te moeten afhaken. Waarschijnlijk start een deel van de leerlingen die niet meer voor het zevende jaar kiest, in een graduaatsopleiding. Dit kan een stuk compenseren, maar niet volledig. De graduaatsopleidingen zijn immers geen één-op-één vervanging en leiden op voor andere functies in de bouw die eerder technisch en coördinerend zijn, dan gericht op uitvoerend vakmanschap. Het verlies aan leerlingen in het zevende jaar betekent dus een verlies aan vakmanschap en handen op de werf.
Terugloop
Nu blijkt uit recente cijfers en in vergelijking met vorig schooljaar (20242025) dat de daling in het zevende specialisatiejaar zich het sterkst voordoet in ruwbouw (-61%), decoratie- en schil-
derwerk (-57%), hout (-43%), koeling en warmte (-42,6%) en afwerking (-41,2%).
Voor dak- en wegenwerker gaat het respectiegelijk om een daling van 25 en 20%. Het zijn juist deze profielen die leiden naar de zwaarste bouwknelpuntberoepen.
Derde graad houdt stand
Er is echter ook goed nieuws: globaal tellen we voor dit schooljaar (2025206) zo’n 11.500 leerlingen in de derde graad (vijfde en zesde middelbaar). Dat is bijna een half procent beter dan het vorige schooljaar. Maar toch verliezen verschillende richtingen heel wat leerlingen: -10 % voor bouwwetenschappen; -8,5 % voor de wegenbouw; -8,1% voor afwerking.
De status quo in de derde graad is vooral te wijten aan de bijkomende instroom in de richting decoratie en schilderwerken die met meer dan 16% vooruitgaat! Ook de richtingen hout, en koeling en warmte houden stand.
Een greep uit de opvallendste nieuwigheden op polyclose
BT Pro Foam
BT PRO FOAM: EPSISOLATIE VOOR DE ONDERSTEUNING EN OPHANGING VAN BUITENSCHRIJNWERK
BT Pro Foam is een ultralicht een innovatief isolatiemateriaal voor bouw- en isolatiewerken. Het materiaal is gemaakt van kwalitatief, zuiver EPS en combineert een hoge druksterkte met een laag eigengewicht en een zeer goede thermische isolatie. Ideaal voor de ondersteuning en ophanging van buitenschrijnwerk. BT Pro Foam is verkrijgbaar in isolatieplaten in standaardmaten, balken, platen of blokken en kan versneden worden in alle vormen en maten. Het materiaal is ongevoelig voor vocht en vorst, recycleerbaar en biedt een goede thermische isolatie (0.038W/mK).
MEER WETEN? www.btprofoam.be
SLIMME VERRIJDBARE
DRAAGARMSTELLINGEN VOOR
EFFICIËNTE OPSLAG VAN OHRA
Wil je de beperkte ruimte in je magazijn zo efficiënt mogelijk benutten? Dan kunnen de verrijdbare draagarmstellingen van OHRA een uitkomst bieden. Iedereen kent de klassieke draagarmstellingen voor vaste opslag man materialen en goederen. Zeer handig, maar alle gangpaden tussen de stellingen nemen ook heel veel plaats in.
Wanneer je oppervlakte beperkt is en je toch heel veel goederen wil opslaan, dan bestaan er ook verrijdbare installaties. Daarbij worden conventionele stellinginstallaties op verrijdbare onderstellen gemonteerd, waardoor ze tegen elkaar kunnen geschoven worden. Door ze te verplaatsen creëer je een gangpad waar je met de heftruck in en uit kan rijden. Het resultaat? Een aanzienlijke afname van het aantal gangpaden waardoor je veel meer opslagcapaciteit krijgt op dezelfde oppervlakte.
MEER WETEN? www.ohra.be
GOBAG: SLIMME AFVALOPHALING OP MAAT
VAN SCHRIJNWERKERS
De gele big bags van GoBag zijn een alternatieve vorm van afvalophaling, specifiek gericht naar schrijnwerkers. De big bags zijn verkrijgbaar in twee formaten: 1 m³ (voor gemengd afval) en 6m³ (voor schrijnwerk). Als schrijnwerker kan je ramen, deuren en ander oud schrijnwerk in de big bags verzamelen. Wanneer de zak vol is, bind je hem toe en scan je de QR-code op de zak in. De mensen achter GoBag komen de big bag vervolgens ophalen en sorteren het af-
OHRA
val voor jou uit.
Dat systeem heeft tal van voordelen: geen tijdverlies meer door heenen-weer gerij met het afval, de big bags nemen minder plaats in dan een klassieke container en ze zijn ook nog eens goedkoper dan containers (€ 210 per ophaling).
MEER WETEN? www.gobag.be
PVC-VRIJE SCREENDOEKEN
VAN SATTLER
Screens en andere vormen van zonwering waren alomtegenwoordig op Polyclose. De meeste types zonwering maken gebruik van doeken met een PVC-coating. Het Oostenrijkse Sattler biedt die uiteraard ook aan, maar heeft daarnaast ook het zogenaamde Twilight-gamma: PVC-vrije textieldoeken die vormvaster zijn, een lange levensduur hebben, maar vooral ook ecologischer zijn.
Twilight Comfort is een PVC-vrije
screen met een openingsfactor van 4%. Het doek is zeer geschikt voor grote ZIP-systemen en zorgt voor een strak en egaal doekbeeld. De acht neutrale kleurvarianten sluiten goed aan op moderne gevelontwerpen.
Twilight Elements vult de collectie aan met een volledig zichtdichte variant (openingsfactor 0%. Twilight Pearl is dan weer speciaal ontwikkeld voor toepassingen in openbare gebouwen met verhoogde brandveiligheidseisen. Met een openingsfactor van 1,9% biedt Twilight Pearl visuele bescherming én voldoende daglichtinval. Dit is ideaal voor projecten waar veiligheid en comfort hand in hand moeten gaan.
Alle Twilight-doeken zijn volledig PVC- én PFAS-vrij en dragen het OEKO-TEX® Made in Green label. Daarmee onderstreept Sattler zijn duidelijke keuze voor een milieuvriendelijke en sociaal verantwoorde productie.
MEER WETEN? www.suntex.sattler.com
MULTIFUNCTIONEEL RECYCLEERBAAR STRUCTUURSCHUIM GURIT KERDYN™ PET VAN BELGAPLASTICS
Gurit Kerdyn™ PET van BelgaPlastics is een hoogisolerend en drukvast constructiemateriaal met zeer goede mechanische eigenschappen en een uitstekende vochtbestendigheid. Het schuim bestaat uit tot 100% gerecycleerd PET. Dit maakt het geschikt voor vele bouwgerelateerde toepassingen gaande van drukvaste ondersteuningsprofielen voor schuiframen en deuren tot zelfs ondersteuningsregels onder houtskeletbouw wanden. Het kan door zijn ongevoeligheid voor vocht eveneens gebruikt worden als kernmateriaal voor sandwichpanelen toegepast in keukens of badkamers. Het lichtgewicht schuim heeft een zeer hoge drukvastheid (tot 30 kg/cm²!) en vormstabiliteit. Gurit Kerdyn™ PET kan bewerkt worden met klassieke houtbewerkingsmachines, de blokken zijn schroefbaar maar je kan er ook in materiaal frezen, slijpen, boren of de blokken aan elkaar lijmen.
Gurit Kerdyn™ PET wordt verkocht als platen met een standaardafmeting van 2440 mm x 1220 mm. Diktes van 10 mm tot 70 mm. Andere maten/diktes zijn verkrijgbaar bij afname per 1/2 pallet.
MEER WETEN? www.ohra.be
Sattler
Gurit Kerdyn™ PET
Meer weten? www.schueco.com
Schüco op FENSTERBAU FRONTALE 2026
Van 24 tot 27 maart vindt in het Exhibition Centre in het Duitse Nuremberg de volgende editie van FENSTERBAU FRONTALE plaats. Schüco is aanwezig in hal 7, stand 7-507, met een uitgebreid assortiment aan nieuwe en beproefde producten voor particuliere en commerciële woningbouw.
Voor een heldere thematische oriëntatie is de beursstand onderverdeeld in afzonderlijke thema's. In de sectie 'Particuliere woningbouw' presenteert Schüco zijn materiaaloverschrijdend systeemaanbod voor ramen, deuren en hef-schuifdeuren met geïntegreerde extra functies. Daartoe behoren diverse geïntegreerde zonweringsvarianten en draadloze sensoren. De focus ligt op kamerhoge ramen en hef-schuifdeuren voor een moderne, lichtdoorlatende architectuur in een- en tweegezinswoningen.
Particuliere woningbouw
Naast nieuwe systeemoplossingen uit de Schüco LivIng-familie stelt Schüco ook de uitbreiding van het Schüco FocusIng-systeemplatform voor. Die uitbreiding omvat twee nieuwe varianten: de Schüco FocusIng MD, een middendichtingssysteem, en de Schüco FocusIng Slide, een nieuwe hef-schuifdeur met een bouwdiepte van 70/167 millimeter, variabele openingsbreedtes
en veelzijdige ontwerpmogelijkheden voor een maximale lichtinval.
Commerciële woningbouw
De sectie 'Commerciële woningbouw' richt zich op de renovatie en nieuwbouw van meerlaagse woningen met verschillende materialen. Op de beursstand is een materiaaloverschrijdende enscenering te zien die staat voor een optische versmelting van materiaal en functie. Ze visualiseert de in dit
marktsegment gangbare elementcombinaties van kunststof en aluminium.
Digitale tools en recyclingservices
De servicepresentatie vormt een ander strategisch belangrijk onderdeel van de stand. Schüco belicht er digitale tools, machines, marketing- en verkoopservices, de eigen onderhouds- en reparatieservice en de recyclingservice van RE:CORE. Die recyclingspecialist werd in 2022 opgericht als een joint venture van Remondis en Schüco, met als doel een actieve bijdrage te leveren aan een duurzame bouwsector via een gesloten kunststofrecyclingcyclus. Inmiddels breidde RE:CORE zijn recyclingservices ook uit naar aluminium, staal en glas.
Met dit dienstenaanbod langs de hele waardeketen biedt Schüco zijn partnerbedrijven individueel samen te stellen totaalpakketten aan, binnen een betrouwbaar en toekomstgericht partnerschap.
De Schüco kunststofserie met een bouwdiepte van 70/76 mm is speciaal ontwikkeld voor gebruik in renovatieprojecten, maar is dankzij de heldere, strakke vormgeving en optimale prestaties ook uitstekend geschikt voor moderne nieuwbouwprojecten. De Schüco FocusIngserie is nu verkrijgbaar als twinsysteem met twee of drie rondomlopende afdichtingslagen. Juist daar waar duurzame bouwarchitectuur gewenst is, biedt de serie overtuigende voordelen.
Uit de nieuwe
VDAB-knelpuntberoepenlijst blijkt bijna een derde afkomstig te zijn uit de bouw- en installatiesector. Meer nog, de helft van de top tien bestaat uit beroepen die grote knelpunten vormen in de bouw: calculator, werfleider, technici werfmachines, insteller opsteller verspaningen (CNC-operator) en vrachtwagenchauffeur. Maar ook jobs uit de afwerkingsen dakensector zijn prominent aanwezig op de lijst.
Bouwberoepen blijven
VDAB-knelpuntberoepenlijst domineren
Hoewel het momenteel minder gaat met de bouwsector, blijft het aantal vacatures hoog. Het afgelopen jaar waren er bijna 18.000 bouwvacatures in Vlaanderen. Daarvan staan er zo’n 5.000 langdurig open. Het gaat om 11% van alle openstaande vacatures in Vlaanderen (bron: arvastat). In tegenstelling tot heel wat andere sectoren gingen de bouwvacatures het afgelo-
pen jaar in stijgende lijn. In vergelijking met andere sectoren kende de bouw tussen 2024 en 2025 een stijging van het aantal vacatures met 3,5%. Andere stijgers zijn de vervaardiging van bouwmaterialen (15,2%), de houten meubelindustrie (10,7%), transport en logistiek (5,9%). Sterke dalers zien we bij de metaal (-9,3%) en de chemie (-11,4%), energie, water en afvalverwerking (-31,7%). Ook horeca en toe-
risme (-20,6), informatica (-23%) en de financiële dienstverlening (-34;7%) gaan zwaar achteruit.
Zo goed als alle bouwberoepen vormen een knelpunt
70 van de in totaal 227 knelpuntberoepen op de VDAB-lijst komen uit de bouw. Dat is bijna een op drie. Hoewel het totaal aantal knelpuntberoepen
in Vlaanderen vermindert, blijft het aantal knelpuntberoepen in de bouwen installatiesector onverminderd
DAKEN- EN AFWERKINGSBEROEPEN
● Daktimmerman
● Dakwerker
● Schrijnwerker houtbouw
● Dekvloerlegger
● Glaswerker
● Interieurbouwer
● Plaatser binnenschrijnwerk
● Plaatser buitenschrijnwerk
● Schilder-decorateur
● Stukadoor
● Gevelrenoveerder-betonhersteller
● Operator CNC-gestuurde houtbewerkingsmachines
● Meubelmaker
● Werkplaatsschrijnwerker
hoog. In de top tien van de VDAB-lijst staan er vijf beroepen die enorme knelpunten vormen in de bouw- en installatiesector: calculator; werfleiders; technici werfmachines; insteller opsteller verspaningen (CNC-operator) en vrachtwagenchauffeur.
Andere bekende knelpuntberoepen uit de bouw zijn technisch tekenaars, bodemonderzoekers, wegenwerkers, allerhande bouwvakkers, schrijnwerkers, dakdekkers, technici (hvac-installateurs en elektriciens) en onderhoudsmecaniciens, alsook niches zoals natuursteenbewerker en asbestverwijderaar.
Zevende jaar bouw krijgt klappen
Voor heel wat knelpuntberoepen in de bouw worden leerlingen traditioneel in een zevende jaar klaargestoomd. Denk maar aan wegenwerkers, vaktechnici installatietechnieken, dakwerkers, tegelzetters, CNC-operatoren enz. Maar dit schooljaar is het aantal leerlingen in het zevende jaar bouw bijna gehalveerd van 2440 in schooljaar 2024-2025 naar 1340 in 2025-2026.
De grote daling kwam er omdat sinds kort het zevende jaar niet meer noodzakelijk is om een diploma te halen. Een aantal jongeren dat vroeger voor een zevende specialisatiejaar zou kiezen, stroomt daardoor onmiddellijk door naar de arbeidsmarkt of begint aan een graduaatsopleiding. Degene die onmiddellijk op de werkvloer beginnen zijn zonder dat zevende jaar een stuk minder voorbereid en dreigen sneller af te haken.
Het hele middelbaar bouwonderwijs tekende dit schooljaar (2025-2026), een verlies op van 6%. Nu gaat het om 18.514 leerlingen, terwijl dat er in schooljaar 2024-2025 nog 19.699 waren. Naast het zware verlies in dat zevende jaar, zagen we ook de tweede graad met iets meer dan 2% achteruitgaan (bron: Constructiv).
Vrijwilligers brengen alles in gereedheid voor Vlaamse Houtproef 2026
Meer weten? www.houtproef.be
Het hout en plaatmateriaal ophalen bij de sponsors en verdelen over de verschillende Vlaamse provincies, stukken afkorten en op maat zagen, de scholen contacteren en briefen,… achter de schermen wordt alles klaargestoomd om van de volgende editie van de Vlaamse Houtproef weer een succes te maken. Dit jaar valt de wedstrijd op donderdag 23 april. 42 scholen en ongeveer 730 leerlingen nemen deel. Het werkstuk moet momenteel nog geheim blijven, maar het bestaat uiteraard weer uit massief hout en plaatmaterialen en zoals de traditie het wil, zitten er weer enkele pittige houtverbindingen in verwerkt.
Benieuwd wat het wordt? Volg de Vlaamse Houtproef via de website of op Facebook.
Wood Skills netwerkavond brengt leraren en projectpartners samen
In de Oost- en West-Vlaamse scholen met een richting houtbewerking in de derde graad draait ook Wood Skills 4.0 op volle toeren. Op donderdag 29 januari verzamelden meer dan 40 leerkrachten en WOOD Skills-partners bij interieurspecialist Luypaert Interieur in Bissegem voor een inspirerende en praktijkgerichte netwerkavond.
Het werd een avond vol innovatie, expertise en kennisdeling, waarin praktische inzichten centraal stonden. Na een korte introductie door WOOD Skills, Francis Luypaert en Studio Obi One ging het programma van start met interactieve workshops rond slimme verbindingen, schuur- en afwerkingstechnieken - met live demonstraties door Lamello, Ciranova en Festool die direct toepasbaar zijn in de lespraktijk.
De avond werd afgesloten met een gezellig netwerkmoment, lekker eten en interessante gesprekken met partners zoals HOGENT, Hogeschool VIVES, Decospan, VIP Safety.
Meer weten? www.woodskills.vlaanderen
CONSEIL,
Fabrikant van brandwerende roosters die voldoen aan de Europese normen Groot assortiment op voorraad
Chaussée de Wavre N°9 • 1457 Walhain Saint Paul patricia@cgtt.be • thierry@cgtt.be www.cgtt.be
9, route des Trois Cantons • L-8399 Windhof www.tei.lu
patricia@tei.lu thierry@tei.lu
Net wanneer het tij leek te keren…
Johan Vandenbergh
Voorzitter Embuild
Dé Parketplaatsers
Beste collega’s,
Economisch gezien was 2025 geen topjaar, en ook de eerste weken van 2026 beloofden weinig beterschap. Toch waren er een aantal indicaties dat het tij aan het keren was. Er kwamen weer meer offerteaanvragen binnen. Klanten die maanden geleden een offerte vroegen, besloten eindelijk tot een bestelling over te gaan. Net toen het consumentenvertrouwen langzaam herstelde, liepen de geopolitieke spanningen weer hoog op.
Het conflict tussen Iran en Israël treft onze economie hard. Dat is nu al voelbaar aan de pomp. Die prijsverhogingen hebben hun invloed op het kostenplaatje van de bedrijven. Aan het einde van de rit gaat de eindverbruiker het gelag weer moeten betalen en die heeft het al zo moeilijk.
In februari trekt de bouwsector traditioneel naar Batibouw. Wat ooit de hoogmis was voor bouw en verbouwing, kampt al jaren met dalende bezoekersaantallen. We stuurden onze reporter om het parketaanbod in kaart te brengen. Daar werd bevestigd wat velen al voelden: de parketsector heeft het moeilijk.
In tijden waarin de meeste parketbedrijven vooral actief zijn met het renoveren en restaureren van bestaande houten vloeren, zou je het haast vergeten, maar voor de plaatsing van een nieuwe houten vloer is het noodzakelijk dat de ondergrond blijvend droog is. In dit nummer worden de mogelijke oplossingen besproken voor wanneer de ondergrond onvoldoende of niet blijvend droog is.
Veel leesplezier!
Waar er voor de covid-pandemie nog veel merken uit de parketwereld aanwezig waren op Batibouw, schieten er nu maar een handvol over. Een opvallende nieuwkomer dit jaar was het NoordFranse Nouyrigat. Een voorstelling.
Nouyrigat is gevestigd in Margut, in de Franse Ardennen, op een boogscheut van de Abdij van Orval. Sinds enkele jaren staat Antoine de Gevigney aan het hoofd van het bedrijf. Hij was ook op Batibouw aanwezig om Nouyrigat voor te stellen.
“Nouyrigat is sinds de oprichting een echt familiebedrijf,” legt ANTOINE DE GEVIGNEY uit. “Die familiale continuiteit vertaalt zich tot vandaag in sterke waarden zoals een focus op lokale verankering, korte keten en de beslissing om enkel massief parket te produceren.”
Korte keten
Nouyrigat produceert massief parket. Maar het bedrijf staat zelf ook in voor de houtkap en het zagen van de stammen. Nouyrigat werkt uitsluitend met Franse eiken die groeien in bossen in de Franse én in de Belgische Ardennen.
"Al onze stammen komen uit bossen die we zelf beheren in een straal van ongeveer 150 kilometer rond onze hoofdzetel," vervolgt Antoine de Ge-
Massief parket van Nouyrigat: Frans, met een Belgisch tintje
“Met Nouyrigat willen we ook de liefde voor massief parket en voor het ambacht uitdragen.”
ANTOINE DE GEVIGNEY
vigney. "We hebben een verschillende zagerij en een moderne computergestuurde droogkamer waar we het hout drogen. Ook het verzagen tot parketplanken gebeurt dus in eigen beheer. Wanneer we spreken over een korte keten, dan zijn dat geen holle woorden. Alles gebeurt volledig lokaal, net over de Frans-Belgische grens."
Uitbreiding naar
Vlaanderen
In Franstalig België is Nouyrigat geen onbekende.
"We werken er samen met verschillende verdeelpunten, en we hebben parketplaatsers die trouw onze producten gebruiken. Maar we zouden in de toekomst ook graag ons werkgebied uitbreiden naar Vlaanderen. Het
is immers logischer om met onze producten naar Vlaanderen te trekken, dan naar pakweg de Côte d'Azur.
Wat het moeilijk maakt, is natuurlijk dat al onze medewerkers Franstalig zijn, aangezien we in Frankrijk geen lessen Nederlands krijgen. Wanneer Vlaamse verdelers van parket of vertegenwoordigers dit interview lezen, mogen ze dus gerust contact met me opnemen. We kunnen altijd eens praten over mogelijke manieren van samenwerking."
Breed productgamma
Nouyrigat produceert parket in diktes van 14 millimeter om te verlijmen (compatibel met vloerverwarming), en 21 millimeter om op traditionele manier te vernagelen. Onze standaardbreedtes gaan van 80 millimeter tot 200 millimeter. Alle klassieke plaatsingsmethodes zijn mogelijk, en Nouyrigat biedt de planken aan in vijf verschillende houtselecties, acht klassieke afwerkingen en drie verouderde afwerkingen. Daarnaast maakt Nouyrigat ook vooraf samengestelde panelen in Versailles- en 'geweven steek' patronen. Verder biedt de
MASSIEF PARKET VAN NOUYRIGAT
● DIKTE: 14 mm of 21 mm
● BREEDTE: 80 mm tot 200 mm
● LENGTE: 400 mm tot 2500 mm
Noord-Franse fabrikant ook trapneuzen, onderregels en plinten aan.
Bewuste keuze voor massief
Opvallend: in het Nouyrigat-productgamma geen samengestelde planken. En dat is een bewuste keuze, legt directeur Antoine de Gevigney uit.
"Met Nouyrigat willen we ook de liefde voor parket en voor het ambacht uitdragen. We sparen dus kosten noch moeite om aan klanten en vakmensen uit te leggen dat massief parket tegenwoordig perfect mogelijk is in gebouwen met vloerverwarming – mits je de regels van goed vakmanschap respecteert uiteraard. En dat een parketvloer een duurzame keuze is, omdat je zo'n vloer tijdens zijn levensduur meerdere keren kan schuren.
Het zijn geen makkelijke tijden voor de parketsector, en het is niet makkelijk om op te boksen tegen de vinylvloeren en samengestelde parketten, maar we zijn er desondanks toch van overtuigd dat er altijd een plaats zal zijn voor het traditionele massieve parket."
Voorbereiding van ondergronden: fouten vermijden die de plaatsing van parket in gevaar brengen
De meeste problemen die optreden bij het plaatsen van parket vinden hun oorsprong in een onvoldoende voorbereiding van de ondergrond. Slechte verlijming, opstijgend vocht, krakende geluiden of vervormingen van het hout zijn vaak te wijten aan enkele terugkerende fouten: een te vochtige ondergrond, een poederig oppervlak, een chape met onvoldoende cohesie of een gebrek aan vlakheid.
Vóór elke plaatsing is de controle van het vochtgehalte onmisbaar. Bij afwezigheid van een PE-folie of bij risico op opstijgend of restvocht kunnen
oplossingen zoals Triblock P of Eco Prim PU 1K de ondergrond beveiligen en het vocht duurzaam blokkeren. Een ander kritisch punt is de cohesie van de chape. Een broos of stof-
fig oppervlak moet absoluut worden verstevigd met aangepaste primers, zoals Prosfas of Eco Prim PU 1K, om de hechting van parketlijmen te garanderen.
MET DANK AAN DE SPONSORS
De vlakheid blijft eveneens een sleutelfactor voor de stabiliteit van parket, vooral bij verlijm de plaatsing of massief parket. De zelfnivelleren de egalisatiemiddelen Ultraplan, Fiberplan Xtra of Ultraplan Renovation bieden betrouwbare op lossingen, ook op houten ondergronden.
Om professionals te ondersteunen, biedt Mapei een duidelijke methodologie en beproefde oplos singen, terug te vinden in zijn brochure gewijd aan de voorbereiding van ondergronden vóór het plaatsen van parket.
● Te vochtige ondergrond / risico op vocht
→ Triblock P: doeltreffende barrières tegen opstijgend vocht
→ Eco Prim PU 1K: doeltreffende barrières tegen restvocht
● Poederige chape of gebrek aan cohesie
→ Prosfas of Eco Prim PU 1K: diepgaande consolidatie van de ondergrond
● Vuil of stoffig oppervlak
→ Primers Eco Prim
T Plus / Eco Primer Grip Plus: optimalisatie van de hechting
● Onvoldoende vlakke ondergrond
→ Egalisatiemiddelen
Ultraplan, Fiberplan Xtra of Ultraplan Renovation
● Houten ondergrond of slecht voorbereide oude vloer
→ Egalisatieoplossingen en primers compatibel met houten ondergronden