StruX Rekenen en de nieuwe functionele kerndoelen
De leerlijn StruX rekenen bestaat uit:
• Rekenen in de Praktijk, deel 1 t/m 4
• Getallen en bewerkingen
• Rekenen met Tijd
• Rekenen met Geld
De rekenleerlijn is onderdeel van de complete StruX-methode die leerlingen voorbereidt op zelfstandigheid in de maatschappij, arbeid of een mbo-opleiding.
Nieuwe kerndoelen rekenen/wiskunde: rekenen met betekenis
De nieuwe functionele kerndoelen rekenen/wiskunde vragen om onderwijs dat verder gaat dan sommen maken. Ze leggen de nadruk op rekenen als een vaardigheid voor het dagelijks leven: in werk, wonen, burgerschap en vrije tijd. Rekenen wordt weer wat het altijd al was: een hulpmiddel om grip te krijgen op de wereld om ons heen. Met StruX Rekenen ben je daar uitstekend op voorbereid. Deze leerlijn ademt de nieuwe visie op rekenen: betekenisvol, ervaringsgericht en afgestemd op de leefwereld van de leerling.
Wat houden de nieuwe functionele kerndoelen in?
De vernieuwde kerndoelen rekenen/wiskunde (SLO, 2025) hebben als uitgangspunt dat alle leerlingen functionele rekenvaardigheden ontwikkelen die hen helpen zelfstandig te handelen in het dagelijks leven. Daarbij gaat het niet alleen om het kunnen uitrekenen van antwoorden, maar vooral om het begrijpen en toepassen van rekenen in context.
De kern van de nieuwe kerndoelen
1. Rekenen in betekenisvolle situaties
Leerlingen rekenen niet om het rekenen zelf, maar om echte vragen op te lossen: Hoeveel geld heb ik over? Past deze kast in mijn kamer? Hoelang duurt de reis naar mijn stage?
2. Integratie van de vier domeinen
De domeinen getallen, verhoudingen, meten & meetkunde en verbanden worden niet los van elkaar behandeld, maar verweven binnen thema’s. In één les kunnen leerlingen dus rekenen met geld (verhoudingen), meten (lengte en oppervlakte) en tijd (verbanden).
3. Zelfredzaamheid
De doelen zijn gericht op zelfstandig functioneren in een maatschappij vol cijfers, schema’s en data. Leerlingen leren schatten, vergelijken, plannen en interpreteren.
4. Ruimte voor digitale vaardigheden
Digitale contexten (zoals apps, telefoons en schema’s) worden meegenomen. Leerlingen leren omgaan met grafieken, pictogrammen en cijfers op schermen.
Er zijn zes kerndoelen (9 t/m 14) die zijn ondergebracht in drie domeinen

Domein Wiskundige concepten
Kerndoel 9 De leerling werkt met getallen en verhoudingen
A Getallen
B Verhoudingen
Kerndoel 10 De leerling hanteert grootheden en eenheden
A Grootheden en bijpassende eenheden
B Grootheid tijd en bijpassende eenheden
C Grootheid geld en bijpassende eenheden
Kerndoel 11 De leerling oriënteert zich op meetkundig handelen
A Meetkunde
Domein Wiskundige denk-werkwijzen
Kerndoel 12 De leerling gebruikt wiskundetaal en wiskundig gereedschap
A Gebruik van wiskundetaal en wiskundige representaties
B Gebruik van wiskundige instrumenten
Domein Wiskunde en de wereld
Kerndoel 13 De leerling past wiskunde toe in bekende en nieuwe situaties
A Wiskunde in de werkelijkheid
B Wiskunde in verschillende leergebieden
Kerndoel 14 De leerling ontwikkelt een wiskundige attitude
A Wiskundige attitude
De school stimuleert de ontwikkeling van een wiskundige attitude bij leerlingen.
Kerndoel 14
Kerndoel 14 beschrijft dat de school de ontwikkeling van een wiskundige attitude stimuleert. Daarbij gaat het om vier aspecten:
1. Het laten zien van het nut en de kracht van wiskunde in uiteenlopende toepassingen.
2. Het stimuleren van een onderzoekende houding ten aanzien van getallen en wiskundige informatie
3. Het laten reflecteren op eigen rekenwijze en handelen
4. Het stimuleren van transfer van kennis en vaardigheden naar nieuwe situaties.
De rol van de docent
De docent speelt een cruciale rol bij kerndoel 14. StruX biedt de situaties en opdrachten, maar het is de docent die de wiskundige attitude versterkt door:
• feedback te geven op strategieën, niet alleen op antwoorden
• door te vragen naar redeneringen
• positieve ervaringen te benoemen
• reflectie te begeleiden tijdens nabesprekingen van doe-opdrachten.
Zo ontstaat een leercultuur waarin leerlingen trots zijn op hun rekenvaardigheid, fouten durven maken en bespreken, waardoor ze vertrouwen opbouwen in hun eigen kunnen, de houding die kerndoel 14 beoogt. De docent is de sleutel die deze houding zichtbaar maakt, door de leerling te begeleiden van ‘ik moet rekenen’ naar ‘ik kan rekenen en ik gebruik het.’

Hoe StruX Rekenen deze kerndoelen vormgeeft
1. in de contexten (het nut van rekenen ervaren)
2. in de werkvormen (onderzoekend en handelend leren)
3. in de reflectie en feedback (leren van de eigen aanpak)
4. in de transfer naar nieuwe situaties (van klas naar werk en samenleving).
1. Rekenen met betekenis, het nut en de kracht van wiskunde
In StruX staat betekenisvol leren centraal en werken de leerlingen aan herkenbare contexten, zoals boodschappen doen, werken op stage, koken of een reis plannen, waarin leerlingen ervaren dat rekenen praktisch en nodig is. Ze ontdekken: ‘Ik gebruik rekenen om iets voor elkaar te krijgen.’ Zo zien ze het nut van rekenen in het dagelijks leven en in de werkomgeving. Dat sluit direct aan bij kerndoel 14: laten zien van het nut en de kracht van wiskunde in uiteenlopende toepassingen.
2. Een onderzoekende en ontdekkende houding
De opdrachten in StruX zijn handelend en verkennend: leerlingen moeten schatten, proberen, vergelijken en uitproberen. Ze worden uitgenodigd om zelf te onderzoeken wat klopt.
Bijvoorbeeld:
• Hoe kun je weten of je genoeg geld hebt?
• Wat gebeurt er als je de maat verdubbelt?
Door deze werkwijze leren leerlingen vragen stellen, redeneren en keuzes verantwoorden. Zo ontwikkelt zich stap voor stap een onderzoekende houding tegenover getallen en berekeningen.
3. Reflectie op eigen aanpak en leerproces
In doe-opdrachten en praktische eindopdrachten passen de leerlingen hun kennis toe. Tijdens de bespreking daarna komt de vraag: ‘Hoe heb je het aangepakt?’ In die evaluatie komt kerndoel 14 heel concreet terug:
• Leerlingen vergelijken hun aanpak met die van anderen
• Ze benoemen wat goed ging en wat ze de volgende keer anders zouden doen met behulp van de beoordelingscriteria. De docent kan hierbij ondersteunen met vragen en reflectietips, zodat de leerling actief leert nadenken over zijn eigen rekenwijze.
• Ze leren strategieën herkennen (bijv. schatten, rekenmachine gebruiken).
4. Transfer: rekenen in nieuwe situaties
StruX stimuleert leerlingen om hun kennis over te dragen naar nieuwe contexten. Een leerling die leerde rekenen met geld in de supermarkt past dat later toe bij het plannen van een feest of bij het berekenen van loon op stage.
Die transfer is zichtbaar in de opbouw van de methode, het geleerde komt terug in andere en complexere situaties. Zo groeit rekenen uit tot een vaardigheid voor het leven, niet alleen een schoolvak.

StruX Rekenen in de praktijk
De leerlijn StruX Rekenen sluit volledig aan op deze visie. Rekenen gebeurt hier altijd binnen levensechte contexten. Leerlingen ontdekken stap voor stap het nut van rekenen door te handelen, ervaren en toepassen. De reeks vormt een doorlopende leerlijn van concrete dagelijkse contexten tot zelfstandige beroepspraktijk.
De opbouw
• Vier delen voor vier fasen
Van persoonlijke ontwikkeling tot uitstroomfase; elk deel bevat herkenbare thema’s voor die leeftijd en fase.
• Rijke contexten
Hoofdstukken als Telefoon, Supermarkt, Ziekenhuis, Verhuizing of Reizen laten leerlingen rekenen met situaties die zij zelf kennen.
• Samenhang tussen domeinen
Elk hoofdstuk combineert verschillende domeinen. In het hoofdstuk Supermarkt werken leerlingen bijvoorbeeld aan getallen (prijzen), verhoudingen (korting), meten (gewicht, inhoud) en verbanden (bonnetjes, tabellen)
• Afwisseling van leren
Uitleg, oefenen, automatiseren, toepassen en afsluiten met een praktische opdracht, te gebruiken als portfolio-bewijs
• Koppeling met praktijkvakken en stage
De onderwerpen van de hoofdstukken sluiten aan bij Burgerschap en de praktische vakken, zodat rekenen vanzelfsprekend verweven raakt met andere leergebieden. Vanaf deel 2 van StruX Rekenen in de praktijk wordt een aantal hoofdstukken gekoppeld aan de praktische vakken en stages. Dat betekent dat leerlingen rekenvaardigheden oefenen in hun werkomgeving: in het praktijklokaal, de keuken, de werkplaats of op hun stageplek. De thema’s in deze delen sluiten nauw aan bij situaties die leerlingen daar tegenkomen. Door het oefenen binnen de context van hun praktijklessen of stage groeit niet alleen hun rekenvaardigheid, maar ook hun zelfvertrouwen en inzicht in hoe rekenen hun dagelijks werk ondersteunt.

Overzichten
De functionele kerndoelen en Rekenen in de praktijk
Alle functionele kerndoelen zijn aanwezig en worden afgedekt in de reeks Rekenen in de praktijk deel 1 t/m 4.
Kerndoel Subdoel(en) Aanwezig in delen Opmerkingen
9 Getallen en verhoudingen
10 Grootheden en eenheden
9A Getallen en bewerkingen 9B Verhoudingen
10A Grootheden (lengte, massa, inhoud, temperatuur)
10B Tijd
10C Geld
11 Meetkundig handelen -
Delen 1-4
Delen 1-4
Sterk uitgewerkt in contexten als supermarkt, loon, koken, korting, budget. Herhaling in elk deel met toenemende complexiteit (van concreet tellen tot procenten).
Tijd en geld zijn in elk deel dominant aanwezig. Grootheden als massa en inhoud komen terug in keuken/gezondheid/onderhoud. Temperatuur (deel 4) vullen dit aan.
Progressief opgebouwd
Delen 1-4 (sterker in 2-4)
12 Wiskundetaal & gereedschap
13 Toepassen van wiskunde
12A Representaties (tabellen, grafieken, schema’s)
12B Gereedschap (meetinstrumenten, rekenmachine)
13A In bekende en nieuwe situaties
13B In andere leergebieden / werkcontext
14 Wiskundige attitude
Reflectie op bereikte leerdoelen, aanpak, keuzes, strategieën
Delen 1-4
Deel 1: basisoriëntatie (links/rechts, ruimtelijk inzicht). Deel 2-3: meten, plattegronden, schaal. Deel 4: woninginrichting, veiligheid, ruimtelijke oriëntatie.
Elk deel leert tabellen en grafieken lezen. Deel 3 en 4 voegen expliciet meten, gereedschap en digitale hulpmiddelen toe.
Delen 1-4
Alle doeopdrachten, praktische opdrachten en Terugkijken
Alle delen staan in context (burgerschap, praktijkvakken, stage, werk).
Reflectie en motivatie worden aangesproken, formatieve reflectie en zelfevaluatie.

Rekenen in de praktijk Deel 1
Hoofdstuk Context / kernactiviteiten
1. Telefoon
2. Bibliotheek
3. Geldautomaat
4. Boodschappen doen
Digitale tijd aflezen, datum en klok herkennen, agenda gebruiken, pictogrammen begrijpen
Aantallen, leentermijn en boetes berekenen, openingstijden lezen, (schatten van) tijd
Rekenen met biljetten, bedragen optellen/aftrekken, budget
Rekenen met geld, 50% korting, gepast betalen
5. Verhuizing Ruimtes en meubels opmeten, afstanden schatten, spullen tellen en verdelen
6. Feestdagen
7. Openbaar vervoer
8. Shoppen
9. Het ziekenhuis
9. Schooldag
10. Een feestje geven
Cadeaus kopen, berekenen hoeveelheden voor x personen, tijdsplanning, kalende, ruimte inschatten
Reistijden en dienstregelingen, kloktijden, kaartlezen, afstand en kosten berekenen, routebeschrijving lezen
Prijzen, kortingen berekenen, saldo pinpas, bonnetje lezen, online betalingen vergelijken, gepast betalen
Thermometer en tabellen lezen, medicijnen tellen, afspraken plannen, tijd meten
Rooster lezen, tijden plannen, pauzes berekenen, afspraken noteren
Recepten vermenigvuldigen, cadeaus kopen binnen budget, , rekenen met breuken, hoeveelheden schatten en berekenen
11. Geld verdienen
12. Vakantie
13. Terugkijken
Geld inzamelen, opbrengst berekenen, verdelen, tijd plannen, overzicht maken, recepten omrekenen, rekenmachine gebruiken
Reis voorbereiden, tijdzones, prijs per nacht, budget beheren, planning maken
Reflecteren op eigen rekenvaardigheid, leerdoelen bespreken
Domeinen
Functionele kerndoelen
Getallen, Grootheden & eenheden (tijd), Verbanden 9A, 10B, 12A, 13A
Getallen & verhoudingen, Tijd, Verbanden 9A, 9B, 10B, 12A, 13A, 13B
Getallen & verhoudingen, Geld, Verbanden 9A, 9B, 10C, 12A, 13A, 13B
Getallen & verhoudingen, Geld, Verbanden 9A, 9B, 10C, 12A, 13A, 13B
Meten & meetkunde, Meetkundig handelen, Getallen 9A, 10A, 11, 12B, 13A, 13B
Verhoudingen, Tijd & geld, Verbanden 9B, 10B, 10C, 12A, 13A, 13B
Tijd, Geld, Meten & meetkunde, Verbanden 10A, 10B, 10C, 11, 12A, 13A, 13B
Getallen & verhoudingen, Geld, Verbanden 9A, 9B, 10C, 12A, 13A, 13B
Meten & meetkunde, Tijd, Verbanden 10A, 10B, 12A, 13A, 13B
Tijd, Verbanden, Grootheden & eenheden 10B, 12A, 13A
Getallen & verhoudingen, Grootheden & eenheden
Getallen & verhoudingen, Tijd & geld, Verbanden
Meten & meetkunde, Tijd, Geld, Verhoudingen
9A, 9B, 10A, 10C, 12B, 13A, 13B
9A, 9B, 10B, 10C, 12A, 13A, 13B
9B, 10A, 10B, 10C, 12A, 13A, 13B
/ reflectie 14

Deel 2
Hoofdstuk Context / kernactiviteiten
1. Dagje strand
2. Mijn huis
3. DIY project
4. Olympische Spelen
5. Kermis
6. Uitje in Nederland
7. Proefjes doen
8. Zakgeld
9. Schoolkamp
10. Rekenen in het praktijklokaal
11. Terugkijken
Tijden uit tabel aflezen; geldrekenen, maten omrekenen, windrichtingen; figuren benoemen, tijden afronden
Meten/inschatten, inrichten, eenvoudige kosten, afstanden in meters en kilometers, vormen, plattegrond, 2D- en 3Dfiguren
3D figuren vouwen, bouwplaat, uitslag, materialen tellen/kopen, hoeveelheden en kosten
Kommagetallen in volgorde zetten en afronden, tabellen/diagrammen begrijpen, tijden/procenten, meten van afstanden, staafdiagram maken
Kosten optellen, kortingsacties, gepast betalen, breuken/procenten, route op plattegrond, hoogte/snelheid
Schaal en plattegronden, budgetteren; reistijd plannen; figuren/windrichtingen, planning
Inhoudsmaten, stappenplan volgen, doorsnede en oppervlakte berekenen
Bedragen vergelijken, wisselgeld, sparen/begroting; rekenen met (per week/jaar)
Duizendtallen, gewichten, lengte, afstand, patronen
Toepassen op stage/werk behandelde onderwerpen
Reflectie op bereikte leerdoelen, aanpak, keuzes, strategieën
Domeinen
Getallen, Meten & meetkunde, Verbanden
Functionele kerndoelen
9A, 10A, 10B, 10C, 11, 12A, 13B
Meten & meetkunde, Getallen 10A, 11, 9A, 13B
Meten & meetkunde, Getallen, Wiskundig gereedschap 10A, 12B, 9A, 13A, 13B
Getallen, Verbanden, Meten & meetkunde 9A, 10B, 10A, 9B, 12A, 13A
Getallen, Verhoudingen, Meten & meetkunde, Verbanden
Verhoudingen, Meten & meetkunde, Verbanden
9A, 9B, 10B, 10A, 11, 12A, 13A, 13B
9B, 10B, 10A, 10C, 11, 12A, 13A, 13B
Meten & meetkunde, Wisk. werkwijzen 10A, 12B, 12A, 13A
Getallen, Verhoudingen (eenvoudig), Grootheden & eenheden
Getallen, Meten & meetkunde, Verbanden
Alle domeinen geïntegreerd
10C, 9A, 10B, 12A, 13B
9A, 10A, 11, 12A, 13A, 13B
9A, 9B, 10A, 10B, 10C, 11, 12A, 12B, 13A, 13B
Attitude / reflectie 14

Deel 3
Hoofdstuk Context / kernactiviteiten
1. Reizen in Europa
Budget, prijzen vergelijken, totaalbedragen, grote getallen, tijd, afstand
2. Reizen buiten Europa Reistijd, breuken, verhoudingen.
3. Terug in de tijd Kommagetallen, duizendtallen, snelheid
4. Je eigen winkel
Kommagetallen, schatten, verhoudingen, inhoudsmaten, gewichten, digitale tijde, tabel lezen
5. Inkomen Rekenmachine, diagrammen, geld, datums.
6. Diagrammen over Nederland
Diagrammen, legenda
7. Werken in de keuken Wegen, afmeten in liters/ml, recept voor x personen, temperaturen, kooktijden
8. In het groen Seizoenen, tijd, geld, procenten, oppervlakte
9. Werken in je huis Maten, gewichten, inhoudsmaten, geld, afstand, oppervlakte
10. Werken in de techniek Tijd, geld, dagen, inhoud, oppervlakte
11. Terugkijken
Reflectie op bereikte leerdoelen, aanpak, keuzes, strategieën
Domeinen
Getallen, Verhoudingen, Geld, Tijd
Getallen; Meten & Meetkunde; Verbanden
Getallen, Meten & Meetkunde; Verhoudingen
Getallen, Verhoudingen, Geld, Tijd, Meten & Meetkunde; Verbanden
Getallen, Geld
Getallen; Verhoudingen; Geld
Meten & Meetkunde; Verhoudingen
Getallen; Verhoudingen; Geld; Verbanden
Alle domeinen geïntegreerd
Getallen; Verhoudingen; Geld; Verbanden Meten & Meetkunde
Attitude / reflectie
Functionele kerndoelen
9A, 9B, 10A, 10B, 10C, 11, 12A, 13A, 13B
9A, 9B, 10A, 10B, 10C, 11, 12A, 13A, 13B
9A, 9B, 10A, 10B, 12B, 13A
9A, 9B, 10A, 10B, 10C, 12A, 12B, 13A, 13B
9A, 9B, 10A, 10C, 13A, 13B
9A, 9B, 10C, 12A, 13A, 13B, 13B
9A, 9B, 10A, 10B, 10C, 12B, 13A, 13B
9A, 9B, 10C, 11, 12A, 12B, 13A, 13B
9A, 9B, 10A, 10B, 10C, 11, 12A, 12B, 13A, 13B
9A, 9B, 10A, 10C, 11, 12A, 12B, 13A, 13B
14

Deel 4
Hoofdstuk Context / Kernactiviteiten
1. Uitjes
2. Geestelijke gezondheidszorg
3. Wetten en regels
4. Democratie
5. Europa
6. Solliciteren
7. Rekenen op je werk
8. Werken in een magazijn
Patronen, verhoudingen, uitspraken controleren, hoofdrekenen vs. rekenmachine, tarieven
Dagindeling, tijden plannen, hoeveelheden, tabellen en grafieken, verhoudingen
Boetes, bedragen, tijdseenheden, mingetallen, tonnen & kilo’s, eeuwen, breuken
Procenten, verhoudingen, grote getallen, grafieken, tabellen.
Routes op kaart, rechte hoek, evenwijdig, loodrecht, haaks, (inhouds)maten, omtrek, oppervlakte, mega- en gigbyte
Uren & loon berekenen, reistijd, tabellen lezen, planning maken
Hoeveelheden, schema’s lezen, bestellingen, geldberekeningen
Voorraad, inhoud, afmetingen, hoeveelheden, verhoudingen, plattegrond, efficiënt plannen
9. Werken in een tuincentrum Gewicht, inhoud, temperatuur, prijzen, korting, inhoud, oppervlakte
10. Werken in een bouwmarkt
Oppervlakte, inhoud, verhoudingen, geld, kosten
Domeinen
Getallen; Verhoudingen; Verbanden
Meten & Meetkunde; Verbanden; Getallen
Getallen; Verhoudingen; Verbanden
Verhoudingen; Verbanden; Getallen
Verhoudingen; Verbanden; Getallen
Getallen; Meten & Meetkunde; Verbanden
Getallen; Verhoudingen; Meten & Meetkunde; Verbanden
Meten & Meetkunde; Getallen; Verhoudingen
Meten & Meetkunde; Getallen; Verhoudingen
Meten & Meetkunde; Getallen; Verhoudingen; Verbanden
Functionele kerndoelen
9A, 9B, 10B, 10C, 12A, 12B, 13A, 13B
9A, 10A, 10B, 12A, 13A, 13B
9A, 9B, 10A, 10B, 10C, 12A, 13A, 13B
9A, 9B, 10A, 10C, 12A, 13A, 13B
9A, 10A, 10C, 11, 12A, 13A, 13B
9A, 10A, 10B, 10C, 12A, 12B, 13A, 13B
9A, 9B, 10A, 10B, 10C, 12A, 12B, 13A, 13B
9A, 9B, 10A, 10B, 11, 12A, 12B, 13A, 13B
9A, 9B, 10A, 10C, 12A, 12B, 13A, 13B
9A, 9B, 10A, 10C, 11, 12A, 12B, 13A, 13B
11. Werken in de kantine
12. Terugkijken
Prijzen, bedragen, btw, verhoudingen
Reflectie op bereikte leerdoelen, aanpak, keuzes, strategieën
Verhoudingen; Getallen; Meten & Meetkunde
9A, 9B, 10A, 10C, 12A, 13A, 13B
Attitude / reflectie 14

Rekenen met Tijd
Het leer-werkboek behandelt het domein Tijd binnen de leerlijn van StruX en richt zich op de ontwikkeling van tijdbegrip, klokkijken (digitaal en analoog), tijdrekenen en plannen in dagelijkse contexten.
Het boek Rekenen met Tijd behandelt alle subdoelen van kerndoel 10 (Tijd) en verbindt deze systematisch met getalbegrip, plannen en contextgericht toepassen.
Hoofdstuk Context / kernactiviteiten Domeinen
1. Tijd: jaren, maanden, weken
2. Tijd: dagen, uren, minuten
3. De tijd in cijfers: heel uur, half uur, kwartier
4. De tijd in cijfers: minuten en seconden
5. De tijd met wijzers
6. Eindopdracht
Leren over kalender, maanden, weken, kwartalen, seizoenen; rekenen met tijdseenheden in jaren en maanden.
Dagindeling, dagen van de week, datumnotatie, rekenen met uren, minuten, seconden; plannen van activiteiten en feestdagen.
Digitale klok aflezen, notatie met dubbele punt, verschil tussen 12uurs- en 24-uursklok, berekenen van tijden en planningen.
Rekenen met minuten en seconden, lezen van tijden op digitale klok, snelheid, duur en interval berekenen (o.a. reizen, sport).
Klokkijken op analoge klok; kwartieren, minuten, tijdsverschillen berekenen; plannen van reistijd en afspraken.
Toepassen van alle tijdsbegrippen in een realistische context: vakantie plannen met datum, tijd, duur, en dagindeling.
Functionele kerndoelen
Grootheden & eenheden (tijd), Verbanden, Getallen 10B, 12A, 13A
Grootheden & eenheden (tijd), Getallen, Verbanden 10B, 9A, 12A, 13A
Grootheden & eenheden (tijd), Verbanden 10B, 12A, 13A
Grootheden & eenheden (tijd), Getallen, Verbanden 10B, 9A, 12A, 13A
Grootheden & eenheden (tijd), Verbanden, Wiskundig gereedschap
Toepassen in contexten, Plannen, Attitude
10B, 12A, 12B, 13A
10B, 12A, 13A, 14

Rekenen met Geld
Dit leer-werkboek behandelt het domein Geld en richt zich op rekenen met munten en biljetten, geldherkenning, omgaan met prijzen, rekenen met bedragen, kortingen en budgetteren.
Het boek Rekenen met Geld behandelt alle functionele kerndoelen die betrekking hebben op domein 10C (geld) en verbindt deze met getallen, verhoudingen, tijd en contexttoepassing. Het biedt een volledige leerlijn voor geldvaardigheid.
Hoofdstuk Context / kernactiviteiten Domeinen
1. Euro’s en centen
2. Bedragen optellen en aftrekken
3. Bedragen vermenigvuldigen en delen
Herkennen van munten en biljetten, waarde bepalen, kommagetal op rekenmachine
Prijzen lezen en vergelijken, optellen en aftrekken
Bedragen optellen, aftrekken, delen (verdelen)
4. Rekenen met biljetten Rekenen met biljetten.
5. Rekenen met munten
6. Afronden
7. Bedragen schatten en uitrekenen
Bedragen samenstellen, optellen, delen, wisselgeld.
Bedragen afronden.
Bedragen schatten, bedragen berekenen.
8. Betalen Gepast betalen met munten en biljetten.
9. Geld terugkrijgen en teruggeven
Geld teruggeven en terugkrijgen, geld erbij vragen.
10. Korting Rekenen met procenten (10%, 25%, 50%)
11. Sparen Berekenen van spaarsaldo, rente, spaarperiode.
12. Eindopdracht
Reflectie op rekenen, strategieën benoemen
Functionele kerndoelen
Getallen, Grootheden & eenheden (geld), Wiskundig gereedschap 9A, 10C, 12B, 13A
Getallen & verhoudingen, Geld, Verbanden 9A, 9B, 10C, 12A, 13A
Getallen & verhoudingen, Geld 9A, 9B, 10C, 12A, 13A
Getallen, Geld, Toepassen in context 9A, 10C, 12A, 13A
Verhoudingen, Geld, Verbanden 9A, 10C, 12A, 13A
Verhoudingen, Geld 9A, 9B, 10C, 12A, 13A
Getallen & verhoudingen, Geld, Verbanden 9A. 9B, 10C, 12A, 13A
Getallen & verhoudingen, Geld, Verbanden 9A, 9B, 10C, 12A, 13A
Geld, Verbanden, Toepassen in context 9A, 10C, 12A, 13A, 13B
Getallen & verhoudingen, Geld, Verbanden 9A, 9B, 10C, 12A, 13A, 14
Getallen & verhoudingen, Geld, Verbanden 9A, 9B, 10C, 12A, 13A
Attitude / reflectie 14

Getallen en bewerkingen
Dit leer-werkboek behandelt de basis van getalbegrip, bewerkingen, schatten, afronden en getallen op de getallenlijn, in een groot aantal automatiseringsopdrachten en in contexten die herkenbaar zijn voor leerlingen in het praktijkonderwijs.
Het boek biedt een volledige dekking van kerndoel 9 (Getallen en verhoudingen) en een brede koppeling met 10 (Grootheden), 12 (Representaties) en 13 (Toepassen).
Hoofdstuk Context / kernactiviteiten Domeinen
1. Hele getallen
2. Kommagetallen
3. Afronden
4. Optellen tot en met 100
5. Aftrekken tot en met 100
6. Optellen en aftrekken met grote getallen en kommagetallen
7. Vermenigvuldigen en delen tot en met 100
8 Vermenigvuldigen en delen met grote getallen en kommagetallen
9 Schatten
Herkennen van getallen in dagelijkse situaties; getallen op volgorde zetten; lezen en schrijven en uitspreken van getallen.
Getallen plaatsen op getallenlijn; inschatten, vergelijken, groter/kleiner dan.
Schatten van uitkomsten in context (prijzen, hoeveelheden, tijd); afronden op tientallen, honderdtallen.
Optellen van hele getallen en bedragen; rekenen met contexten als boodschappen en geld.
Aftrekken met context: wisselgeld, restbedrag, afstand.
Optellen en aftrekken met grote getallen en kommagetallen
Vermenigvuldigen en delen, ook in context van prijs per stuk, recepten, verpakkingseenheden.
Vermenigvuldigen en delen, ook in context
Schatten met hele getallen en kommagetallen bij optellen, aftrekken, vermenigvuldigen en delen.
10 Rekenen met de rekenmachine Rekenen met de rekenmachine
11. Terugkijken
Reflectie op rekenen, strategieën benoemen
Functionele kerndoelen
Getallen, Verbanden 9A, 12A, 13A
Getallen, Verbanden 9A, 12A, 13A
Getallen, Verhoudingen, Toepassen in context 9A, 9B, 13A
Getallen & bewerkingen, Geld 9A, 10C, 13A
Getallen, Geld 9A, 10C, 13A
Getallen & bewerkingen 9A, 13A
Getallen, Verhoudingen 9A, 9B, 10C, 13A
Getallen, Verhoudingen 9A, 9B, 10C, 13A
Getallen, Verhoudingen, Geld 9A, 9B, 10A, 10C, 12A, 13A
Getallen, Verbanden, Grootheden & eenheden 9A, 10A, 12A, 13A
Attitude / reflectie 14