Skip to main content

Inkijkexemplaar Zo leer je! Mentorlessen vmbo 2e klas

Page 1


Succesvol de tweede klas door

vmbo

Zó

leer je !

2022 Derde druk,Vierde druk, 2023

© 2020 Staal & Roeland BV, Groningen, The Netherlands

Behoudens de in of krachtens de Auteurswet van 1912 gestelde uitzonderingen mag niets van deze uitgave worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opname of enige andere manier zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever.

All rights reserved. No part of this publication may be reproduced, stored in a retrieval system, or transmitted, in any form or by any means, electronic, mechanical, recording or otherwise without prior written permission of the publisher.

Ontwerp omslag en binnenwerk

René van der Vooren, Amsterdam

Opmaak

Marjan Landman, Amsterdam

Beeldinkoop Imago Mediabuilders, Amersfoort

Druk & Afwerking Wilco, Amersfoort

www.staal-roeland.nl isbn 978 90 8302 961 0

Zó leer je! is een OMZA-gecertificeerde methode en besteedt aandacht aan vier gedragsindicatoren die van belang zijn voor de persoonsvorming:

O Organisatie

M Meedoen

Z Zelfvertrouwen

A Autonomie

Voor meer informatie over de OMZA-systematiek, zie www.docentplus.nl.

Zó leer je ! Succesvol de tweede klas door

Mentorlessen

vmbo

Auteurs

Mariska Jeuring, Jacqui Bolt, Nicole Bus & Jacqueline de Kok

Redactie

Monique van der Hulst & Mariska Jeuring

STAAL & ROELAND BV

] Zelfvertrouwen

17 Zo blijf je vrienden 76

18 Zo zorg je voor een goede sfeer in de klas 80

19 Zo ga je om met vooroordelen 84

20 Zo los je een ruzie op 88

21 Zo ga je om met negatieve gedachten over jezelf 92

22 Zo doe je dingen die je niet goed durft 96

23 Zo blijf je jezelf in een groep 100

24 Zo verbeter je de teamspirit als je samenwerkt 104

] Autonomie

25 Zo leer je van je fouten 110

26 Zo benut je kansen 114

27 Zo help je iemand met wie het niet goed gaat 118

28 Zo ontdek je waar je goed in bent 122

29 Zo los je het op als je niet zo goed in bent in een vak 126

30 Zo ontdek je wat je leuk en belangrijk vindt 130

31 Zo maak je keuzes op school 134

32 Zo neem je het initiatief en inspireer je anderen als je samenwerkt 138

Organisatie t t

Zo maak je aantekeningen en notities

DOEL x Je leert hoe je op een goede manier aantekeningen en notities maakt.

] Op school maak je vaak aantekeningen of notities. Aantekeningen

als je leraar iets uitlegt, notities bij dingen die je niet moet vergeten.

Denk niet ‘Dat onthoud ik wel’, maar schrijf dit soort dingen altijd op. 1 2

Wanneer maak jij aantekeningen of notities op school? Kruis aan.

Altijd Vaak Soms Nooit als de leraar iets uitlegt y y y y als er iets op het bord staat wat ik moet overnemen y y y y als de leraar het huiswerk uitlegt y y y y als we afspraken maken bij een groepsopdracht y y y y in een andere situatie, namelijk x y y y y

Maak jij weleens geen aantekeningen of notities, terwijl je dat beter wel zou kunnen doen?

y Ja, dat komt doordat x y Nee, ik schrijf altijd alles op.

Als je op een goede manier aantekeningen en notities maakt, onthoud je beter wat je moet doen, wat je moet leren en wat de afspraken zijn.

1

Bedenk wanneer het handig is om iets op te schrijven

De leraar geeft weleens aan dat je iets moet opschrijven. Soms moet je zelf bedenken wanneer dit handig is. Bijvoorbeeld bij het maken van een werkstuk of als je iemand interviewt.

2

Schrijf je aantekeningen op papier

Maak je aantekeningen op papier. Als je iets opschrijft onthoud je het beter dan wanneer je het intypt op een laptop of telefoon. Schrijf je notities op vaste plaatsen, zodat je ze makkelijk terug kunt vinden.

3

Noteer alleen de belangrijkste informatie

Luister goed als je opschrijft wat een ander zegt. Denk goed na wat belangrijk is en begin daarna meteen met schrijven. Sla regels over zodat je later nog informatie kunt toevoegen.

4

Gebruik korte zinnen, afkortingen, tekens en symbolen

x Zet een titel en de datum boven je notities.

x Gebruik nummers, streepjes, pijlen, uitroeptekens en dergelijke.

x Onderstreep belangrijke woorden.

x Gebruik eventueel verschillende kleuren.

x Schrijf leesbaar.

5

Check of je de aantekening of notitie begrijpt

Als je iets moet overschrijven van het bord en het niet duidelijk is, vraag dan om meer uitleg. Vul aantekeningen eventueel aan, zodat je later ook snapt wat er wordt bedoeld.

1

3 4 5 6

Bekijk jouw eigen aantekeningen en notities die je bij een vak gemaakt hebt.

Kijk daarvoor in je schrift, notitieblok, op je laptop, tablet of telefoon. Kruis aan.

Altijd Vaak Soms Nooit

Ik maak aantekeningen en notities wanneer dat handig is. y y y y

Ik weet precies waar ik mijn aantekeningen kan vinden. y y y y

Ik schrijf alleen de belangrijkste informatie op. y y y y

Ik zet een titel en datum boven mijn aantekeningen en notities. y y y y

Ik gebruik afkortingen, tekens en symbolen. y y y y

Ik schrijf goed leesbaar. y y y y

Komt het weleens voor dat je je eigen aantekeningen of notities niet begrijpt?

y Ja, dat komt doordat x

y Nee, ik schrijf altijd alles op.

Werk samen met een klasgenoot. Laat jullie aantekeningen en notities aan elkaar zien en beoordeel ze. Wat vind je goed aan de aantekeningen of notities van je klasgenoot? x

Wat kan je klasgenoot nog verbeteren aan zijn of haar aantekeningen en notities?

Geef een tip. x

Kijk naar je antwoorden op de vragen hiervoor. Beantwoord daarna de vragen bij Vooruitkijken op de bladzijde hiernaast. Tijdens de volgende les vul je Terugkijken in.

Datum x

] Vooruitkijken

Let de komende week goed op de manier waarop jij aantekeningen en notities maakt in verschillende situaties.

Waar ga je extra aandacht aan besteden?

y de aantekeningen of notities op een vaste plek in je schrift of agenda maken

y de aantekeningen of notities op papier schrijven in plaats van ze in te typen

y korte zinnen, afkortingen, kleuren en tekens gebruiken

y leesbaar schrijven

y de leraar of een klasgenoot om uitleg vragen als ik iets niet snap of als het te snel gaat

y anders, namelijk x

] Terugkijken

Hoe heb jij de afgelopen week aantekeningen en notities gemaakt?

Dit ging goed x

Dit kan nog beter x

Dit ga ik anders doen x

Zo ga ik dat doen x

Zo orden je je bestanden

DOEL x Je leert hoe je op een handige manier je bestanden ordent.

]

Voor allerlei schoolopdrachten maak je nieuwe bestanden aan.

Het is belangrijk dat je deze bestanden op een handige manier ordent en opslaat, zodat je ze snel weer kunt vinden.

1 2 3

Heb jij vorig schooljaar een presentatie, werkstuk of verslag gemaakt?

Zo ja, voor welk schoolvak?

y Nederlands y biologie y Engels y nask

y verzorging y wiskunde y techniek y maatschappijleer / godsdienst y aardrijkskunde y tekenen / handvaardigheid y geschiedenis y een ander vak, namelijk x

Op welke manier sla jij je bestanden op?

Je mag meerdere antwoorden aankruisen.

y Ik heb een indeling in mappen gemaakt. Ik sla elk document op in de juiste map. y Ik heb geen indeling in mappen gemaakt. Ik klik gewoon op ‘bewaren’.

y Ik geef het document een handige naam. Zo kan ik het goed terug vinden.

y Ik sla het document op zonder het een handige naam te geven.

y Anders, namelijk x

Bespreek vraag 2 met de klas. Komt het weleens voor dat jullie bestanden waarin je gewerkt hebt niet (goed) terug kunnen vinden? Hoe komt dat? x

Voor school moet je vaak werkstukken of verslagen maken.

Dat doe je bijvoorbeeld op een laptop. Zorg dat je al je bestanden gemakkelijk terugvindt!

1

Maak een indeling in mappen die jij handig vindt

Maak bijvoorbeeld in de map ‘Documenten’ eerst een map ‘Schooljaar 2’. Maak daarin mappen voor alle schoolvakken die je hebt. Maak eventueel ook submappen, zoals ‘foto’s-opdracht-familie’, of ‘songtekstenEngels’.

2

Geef je bestanden een handige naam

Gebruik belangrijke gegevens en bijvoorbeeld een datum in de bestandsnaam:Ned-recensie-Boy7-v1 = recensie voor Nederlands over het boek Boy7. Het is de eerste versie, dus v1. Als je de recensie verbetert, sla je de nieuwe versie op als Ned-recensie-Boy7-v2. 20XX-5-19-Verslag-Rijksmuseum-v1 = eerste versie van een verslag van je bezoek aan het Rijksmuseum op 19 mei 20XX.

3

Sla je bestanden meteen op in de goede map

Sla je bestanden meteen op in de goede map, ook als je bestanden downloadt. Sla een document ook tussentijds op terwijl je werkt.

4

Houd het overzichtelijk

Verwijder oude bestanden of oude versies die je niet meer nodig hebt. Maak niet te veel mappen aan.

5

Bewaar bestanden in de cloud

Je kunt hiervoor bijvoorbeeld

Google Drive, Dropbox of OneDrive gebruiken. Zo kun je ook op andere apparaten bij je documenten. En als je computer crasht, ben je je documenten niet kwijt.

‘LAAT JE NIET MISLEIDEN

DOOR HET OPGERUIMDE BUREAU. IK HEB ECHT GEEN FLAUW IDEE WAAR MIJN BESTANDEN ZIJN.’

5 6 7 8

Werk bij vraag 4 tot en met 6 samen met een klasgenoot. Onder welke naam zouden jullie het volgende bestand opslaan? Denk aan het vak, de activiteit, de datum, de versie enzovoort.

Een werkstuk over de schilder Rembrandt voor het vak tekenen. Het is de versie die je uiteindelijk inlevert bij je tekenleraar. x

Kijk naar de bestandsnaam. Schrijf op wat jullie er goed aan vinden én geef een tip.

Afspraken-overleg-werkstuk-Olympische-Spelen-v1.doc x

Maken jullie weleens gebruik van de cloud?

y Ja, want x y Nee, want x

Bespreek vraag 4, 5 en 6 in de klas en wissel tips uit. Noteer de tips waar jij zelf wat aan kunt hebben. x

Kijk naar je antwoorden op de vragen hiervoor. Beantwoord daarna de vragen bij Vooruitkijken op de bladzijde hiernaast. Tijdens de volgende les vul je Terugkijken in.

Opruimen –Het lijkt simpel

En dat is het ook – loesje

Datum x

] Vooruitkijken

Bekijk jouw mappenindeling op de computer. Werkt jouw manier om je bestanden te ordenen goed?

y ja y meestal wel y nee

Wat zou je eventueel kunnen verbeteren?

y de indeling van de mappen y aan de naam van het document kunnen zien voor welk vak het is y aan de naam van het document kunnen zien wat de inhoud is y aan de naam van het document kunnen zien wat de versie is y bestanden meteen in de goede map opslaan y bestanden opslaan in de cloud y anders, namelijk x

] Terugkijken

Beoordeel de manier waarop jij je bestanden de afgelopen week hebt geordend.

Wat ging goed? x

Wat kan nog beter? x

Wat wil je anders gaan aanpakken? x

Hoe wil je dat anders gaan aanpakken? x

Zo vergeet je je afspraken en spullen niet

DOEL x Je leert hoe je ervoor zorgt dat je je spullen bij je hebt en je afspraken niet vergeet.

] Op een schooldag moet je aan van alles denken: een opdracht, brief, formulier of boek meenemen naar school of juist naar huis, iets aan je mentor vragen, je huissleutels meenemen. Het kan een hoop gedoe opleveren als je iets vergeet.

1

2 Wat vergeet jij weleens?

Nooit Soms Vaak

Schoolspullen, zoals mijn agenda, rekenmachine, etui y y y

Brieven, formulieren of opdrachten die ik moet inleveren y y y

Mijn sportkleren y y y

Mijn huissleutels y y y

Mijn telefoon y y y

Een afspraak met een klasgenoot of een leraar y y y

Anders, namelijk x y y y

Bespreek met de klas hoe komt het dat je weleens spullen of afspraken vergeet. Bedenk samen wat je daaraan kunt doen is en schrijf het hieronder op.

Hoe kun je ervoor zorgen

dat je je spullen bij je hebt en je afspraken niet vergeet? Maak gebruik van handige tips, trucs en techniekjes om jezelf hieraan te herinneren.

1

Kom meteen in actie

Doe belangrijke dingen meteen als je eraan denkt. Mag je niet vergeten iets mee te nemen? Stop het meteen in je tas. Dan hoef je er niet meer aan te denken.

2

Zet het in je agenda

Schrijf in je agenda wat je moet meenemen, vragen, e-mailen, enzovoort. Noteer het op de juiste dag.

3

Leg papieren op handige plekken

Stop formulieren, brieven en opdrachten op een plek in je boek, schrift of tas waar je ze zeker tegenkomt.

4

Stel een alarm in op je telefoon

Kom als het alarm afgaat meteen in actie, zodat je het niet toch vergeet.

5

Gebruik post-its of schrijf het op je hand

Plak een post-it met een herinnering op een opvallende plek, zoals op de koelkast of op je fietszadel. Of zet een uitroepteken of woord op je hand.

Vraag een ander je te helpen onthouden

Vraag je ouders, broer, zus of een vriend(in) je eraan te herinneren dat je nog iets moet doen.

6 7

Ontwikkel vaste gewoontes

Controleer altijd voor je naar school of naar huis gaat:

x Heb ik mijn etui, rekenmachine, agenda, leerboeken?

x Zitten mijn sleutels, portemonnee en telefoon in de tas?

x Moet ik nog wat uit mijn kluisje meenemen?

Misschien zijn je ouders gescheiden en woon je in twee huizen. Dan zijn vaste gewoontes en een paar dagen vooruitdenken extra belangrijk!

Denk terug aan een situatie waarin jij vergeten was bepaalde dingen mee te nemen. Beschrijf een situatie waarin je ook echt last had van de gevolgen.

Dit was de situatie x

Dit was het gevolg x 3 5 6 4

Werk samen met een klasgenoot en kijk naar de situaties die jullie bij vraag 3 en 4 hebben beschreven. Wat kunnen jullie doen zodat dit niet weer gebeurt? Noteer voor beide situaties een tip.

situatie vraag 3 x

Dit was ik vergeten mee te nemen of in te leveren x

situatie vraag 4 x

Dit was het gevolg x

Doe hetzelfde voor een afspraak die je bent vergeten. Denk aan een situatie waarin het heel vervelend was dat je de afspraak vergat.

Dit was de situatie x

Deze afspraak was ik vergeten x

Kijk naar je antwoorden op de vragen hiervoor. Beantwoord daarna de vragen bij Vooruitkijken op de bladzijde hiernaast. Tijdens de volgende les vul je Terugkijken in.

Datum x

] Vooruitkijken

Bedenk wat je de komende week allemaal niet mag vergeten. Moet je een opdracht inleveren? Een formulier invullen? Heb je een afspraak met een leraar op school?

Noteer kort de twee belangrijkste dingen.

1 Dit moet ik niet vergeten x

Zo zorg ik ervoor dat ik eraan denk x

2 Dit moet ik niet vergeten x

Zo zorg ik ervoor dat ik eraan denk x

] Terugkijken

Heb je de afgelopen week eraan gedacht je spullen mee te nemen?

y ja y meestal wel y nee

Ben je de afgelopen week afspraken vergeten?

y nee y soms wel y ja

Schrijf op hoe het is gegaan met de twee dingen die je bij Vooruitkijken hebt genoteerd.

1 Hier heb ik y wel y niet aan gedacht omdat x

2 Hier heb ik y wel y niet aan gedacht omdat x

Dit heb ik geleerd x

www.staal-roeland.nl / zoleerje

Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Inkijkexemplaar Zo leer je! Mentorlessen vmbo 2e klas by Boom beroepsonderwijs - Issuu