Skip to main content

Inkijkexemplaar Zo leer je! Mentorlessen havo-vwo brugklas

Page 1


Succesvol de brugklas door

Zó

leer je !

© 2019 Staal & Roeland BV, Groningen, The Netherlands

Vijfde druk, 2023

Behoudens de in of krachtens de Auteurswet van 1912 gestelde uitzonderingen mag niets van deze uitgave worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opname of enige andere manier zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever.

All rights reserved. No part of this publication may be reproduced, stored in a retrieval system, or transmitted, in any form or by any means, electronic, mechanical, recording or otherwise without prior written permission of the publisher.

Bureauredactie

Charlotte Journée, Nijmegen

Beeldinkoop

Imago Mediabuilders, Amersfoort

Boekverzorging

René van der Vooren, Amsterdam

Druk & afwerking Wilco, Amersfoort

www.staal-roeland.nl isbn 978 94 9200 075 0

Zó leer je! is een OMZA-gecertificeerde methode en besteedt aandacht aan vier gedragsindicatoren die van belang zijn voor de persoonsvorming:

O Organisatie

M Meedoen

Z Zelfvertrouwen

A Autonomie

Voor meer informatie over de OMZA-systematiek, zie www.docentplus.nl.

Zó leer je ! Succesvol de brugklas door Mentorlessen

Auteurs

Mariska Jeuring , Jacqui Bolt & Hanneke Klaaijsen

Redactie

Monique van der Hulst

STAAL & ROELAND BV

] Zelfvertrouwen

Zo maak je nieuwe vrienden 76 18 Zo zorg je goed voor jezelf 80

Zo vraag je hulp 84 20 Zo ga je om met stress 88

Zo kom je voor jezelf op 92 22 Zo ga je om met groepsdruk 96

Zo voorkom je gedoe op social media 100

Zo ga je om met pestgedrag 104

] Autonomie

25 Zo neem je verantwoordelijkheid 110

Zo werk je zelfstandig 114 27 Zo stel je doelen voor jezelf 118

Zo kom je op voor je eigen mening 122

Zo ga je om met tegenslag 126

Zo ga je om met kritiek 130

Zo geef je anderen feedback 134

Zo houd je rekening met anderen 138

Organisatie t t

Zo kom je op tijd & heb je alles bij je

Te laat komen of spullen vergeten zorgt voor stress.

Met een paar handige gewoontes voorkom je ellende !

Doel ] Je leert hoe je op tijd komt en op een efficiënte manier je schooltas inpakt.

Wanneer pak jij je schooltas in? x

Wat is er bij jou weleens fout gegaan?

y boeken of schriften vergeten mee naar school te nemen

y boeken of schriften meegenomen die ik niet nodig had y boeken of schriften vergeten mee naar huis te nemen, zodat ik mijn huiswerk niet kon maken y agenda vergeten

y etui, geodriehoek of rekenmachine vergeten

y gymspullen vergeten

y door te laat inpakken te laat op school gekomen

y anders, namelijk x

Maak lijstjes van schoolspullen die je in je kluisje op school kunt bewaren, spullen die je meeneemt naar school en daarna weer mee naar huis, en spullen die je altijd thuis kunt laten.

x In het kluisje op school :

x Meenemen naar school /huis :

x Thuislaten :

Bespreek vraag 1 tot en met 3 in de klas. Wat vind je handige tips? Schrijf die tips op. x

Vaste gewoontes helpen je om goed georganiseerd te zijn en tijd te besparen.

] 1

Pak de avond van tevoren je schooltas in ’s Avonds heb je genoeg tijd om rustig je spullen uit te zoeken en in je schooltas te doen. Als dat ’s ochtends nog moet gebeuren, heb je misschien haast en vergeet je iets, of kom je te laat.

] 2

Check of je alles hebt

Denk aan het meenemen van de volgende spullen. Ben je een beetje chaotisch? Maak dan zelf een checklist en loop die na bij het inpakken.

x Apparaten Werken jullie op school met tablets, laptops of chromebooks? Zorg er dan voor dat je die opgeladen meeneemt.

x Schoolboeken Pak alleen de schoolboeken in voor de vakken die je die dag hebt. Kijk of je alle boeken voor dat vak nodig hebt of bijvoorbeeld alleen een opdrachtenboek.

x Notitieblok of schriften Neem het notitieblok of de schriften mee die je bij de vakken van die dag nodig hebt. Let erop dat je niet de verkeerde schriften meeneemt !

x Agenda en etui Je agenda neem je natuurlijk elke dag mee. In je etui doe je een paar pennen en potloden, eventueel een marker, een paar kleurpotloden, stiften, een puntenslijper, een gum en een geodriehoek.

x Andere dingen Je rekenmachine, portemonnee, telefoon en eventueel de bijbehorende oplader, je memorystick en je oortjes kun je in de kleinere vakjes van je rugzak doen.

Vergeet je lunch en eventueel je gymspullen niet. Denk verder aan opdrachten die ingeleverd moeten worden.

] 3

Vertrek op tijd

Op tijd vertrekken betekent dat je minstens tien minuten speling hebt. Zorg er dus voor dat je op tijd wakker wordt. Je kunt eventueel meerdere wekkers instellen op je telefoon.

Er zijn ook andere handige en grappige apps en klokjes om je wakker te krijgen.

Kijk nu in je eigen schooltas.

Zijn er dingen die je volgens de uitleg op de vorige bladzijde wel moet meenemen, maar die jij niet bij je hebt? Schrijf ze op.

Schrijf ook op waarom je ze niet bij je hebt.

Deze dingen heb ik niet bij me x

Bespreek vraag 5, 6 en 7 met de klas. Heb je handige tips gekregen? Schrijf die op. x

omdat x

Heb je dingen meegenomen die niet in de uitleg staan? Zijn die dingen echt nodig? Leg uit.

Deze dingen heb ik wel bij me x

omdat x

Kom jij weleens te laat op school? y ja y nee

Zo ja, hoe komt dat? x

Hoe kun je voorkomen dat je weer te laat komt? x

Kijk naar je antwoorden op de vragen hiervoor. Beantwoord daarna de vragen bij Vooruitkijken op de bladzijde hiernaast. Tijdens de volgende les vul je Terugkijken in.

IK BEN NIET TE LAAT. IEDEREEN HEEFT ZIJN EIGEN LEERTEMPO.

Datum x

] Vooruitkijken

Let de komende week extra op bij het inpakken van je schooltas.

Zorg ervoor dat je alles bij je hebt én dat je schooltas niet te zwaar is.

Schrijf op hoe je dat elke dag gaat doen.

Wanneer pak je je schooltas in? x

Wat nam je eerder wel mee en nu niet? x

Wat neem je nu wel mee en eerder niet? x

Wat stop je in je kluisje op school en haal je eruit als je het nodig hebt? x

Ga je een checklist maken? x

y Ja, omdat x

y Nee, omdat x ] Te r ugki jken

Kijk naar de vragen bij Vooruitkijken.

Wat lukte wel en wat lukte niet? Waardoor kwam dat?

Dit lukte wel x

Dat kwam doordat x

Dit lukte niet x

Dat kwam doordat x

Zo werk je met je agenda

Wat je in je agenda zet, hoef je niet te onthouden.

Dat zorgt voor ruimte in je hoofd.

Doel ] Je leert hoe je op een efficiënte manier je schoolagenda gebruikt.

Wat voor soort schoolagenda heb jij? (Bijvoorbeeld Ajax-agenda, Donald Duck-agenda.) x

Maak groepjes van vier. Bekijk elkaars agenda. Zoek deze week op en vergelijk de agenda’s met elkaar. Beantwoord de vragen voor alle vier de agenda’s.

AGENDA

Op hoeveel bladzijden staan de vijf dagen van de schoolweek?

Hoeveel lijntjes staan er onder elke dag?

Is er voldoende ruimte om te schrijven?

Hoeveel ruimte is er voor het weekend?

Staan er plaatjes in de agenda?

Wat vind je handig of juist onhandig in jouw agenda? x

Handig:

Onhandig:

B C D

Als je je agenda op een slimme manier invult, houd je overzicht en gaat er minder mis!

] 1

Kies een agenda met voldoende schrijfruimte

Voor elk lesuur moet er een schrijflijntje zijn. De lijntjes moeten lang genoeg zijn en passen bij de grootte van je handschrift.

] 2

Zet je lesrooster in je agenda

Bij lijntje 1 schrijf je het vak dat je het eerste uur hebt, bij lijntje 2 schrijf je het vak dat je het tweede uur hebt, enzovoort.

Gebruik afkortingen: Nederlands = NL, wiskunde = WIS, aardrijkskunde = AK enzovoort.

Zo kun je aan het eind van elke les heel snel het huiswerk invullen. Dat is belangrijk, want vaak is er weinig tijd!

] 3

Vul huiswerk altijd meteen in

Wees alert en vraag de docent meteen wat de bedoeling is als je dat niet begrijpt.

Bijvoorbeeld: ‘Mevrouw, moeten we dit nu leren of lezen?’ Schrijf ook in je agenda of je iets moet meenemen. Vergeet je vaak iets mee te nemen, stel dan ook een alarm in op je telefoon.

] 4

Schrijf begrijpelijk

Zorg ervoor dat je je eigen notities begrijpt. Gebruik afkortingen voor je huiswerk, bijvoorbeeld: lz. (lezen), lr. (leren), m. (maken), blz. (bladzijde), opdr. (opdracht). Noteer ook kort om welk boek het gaat: het tekstboek (tb), werkboek (wb) of opdrachtenboek (ob).

] 5

Gebruik kleuren en tekens

Gebruik voor toetsen, presentaties, werkstukken en dergelijke speciale kleuren of tekens. Markeer toetsen bijvoorbeeld met blauw en werkstukken met groen. Zo zie je meteen wanneer er iets bijzonders is.

] 6

Markeer het huiswerk dat je af hebt

Huiswerk dat je af hebt, streep je door of markeer je met een markeerstift. Zo zie je duidelijk wat af is en wat je nog moet doen.

] 7

Noteer andere bijzonderheden

Schrijf ook andere activiteiten (excursies, sport, uitstapjes) in je agenda. Zo weet je wanneer je wel en geen tijd hebt om je huiswerk te maken. Let op : in de ELO (elektronische leeromgeving) van je school staat vaak ook informatie over huiswerk, toetsen en inleverdata.

Bekijk in groepjes van vier het huiswerk dat jullie in je agenda hebben geschreven voor de komende drie dagen. Controleer de agenda’s aan de hand van de volgende vragen.

x Heeft iedereen hetzelfde opgeschreven?

x Heb je iets gemist? Zo ja, schrijf het dan alsnog in je agenda.

x Heb je iets op de verkeerde plaats geschreven? Bijvoorbeeld bij een verkeerde dag of in een verkeerde week? Verplaats het dan naar de goede dag of week.

x Is je huiswerk onduidelijk of onleesbaar? Schrijf het dan duidelijker of netter op.

x Kijk bij elkaar voor tips. Gebruikt iemand in je groepje handige afkortingen, kleuren, tekens of nog iets anders? Kijk of het iets is wat je zelf kunt gebruiken.

JAMMER DAT WE HUISWERK MOETEN MAKEN UIT BOEKEN. DIE BLIJVEN HET DOEN ALS DE WIFI ERUIT LIGT.

5 6 7

Beoordeel je eigen agenda op hoe je alles hebt ingevuld en geef jezelf een cijfer. Schrijf ook op wat je nog kunt verbeteren. Geef de agenda’s van de anderen uit je groepje ook een cijfer.

Mijn cijfer:

Verbeterpunten voor mijn agenda x

Agenda van Cijfer

Bespreek vraag 4 en 5 met de klas. Wat zijn goede tips om je huiswerk op een efficiënte manier te noteren? x

Kijk naar je antwoorden op de vragen hiervoor. Beantwoord daarna de vragen bij Vooruitkijken op de bladzijde hiernaast. Tijdens de volgende les vul je Terugkijken in.

Het woord agenda komt uit het Latijn en betekent ‘dat wat gedaan moet worden’.

Datum x

] Vooruitkijken

Noteer de komende week (tot de volgende mentorles) je huiswerk zo duidelijk en zo efficiënt mogelijk. Waar ga je allemaal op letten?

y duidelijker schrijven

y afkortingen gebruiken

y kleuren of andere tekens gebruiken

y beter opletten bij welke dag ik het huiswerk opschrijf

y beter opletten bij welk lesuur ik het huiswerk opschrijf

y het huiswerk markeren of doorstrepen als ik het af heb y anders, namelijk x

] Te r ugki jken

Ruil je agenda en dit boek met een klasgenoot. Beoordeel van elkaar of het goed is gelukt om de afgelopen week het huiswerk duidelijk en efficiënt op te schrijven. Let vooral op de verbeterpunten die je klasgenoot bij Vooruitkijken heeft aangekruist. Beantwoord de volgende vragen in het boek van je klasgenoot en bespreek de antwoorden met elkaar.

Wat ging goed? x

Wat kan nog beter? x

Zo plan je je huiswerk

Plannen is belangrijk om je schoolwerk op tijd af te krijgen.

Maar let op: plannen is een vak apart !

Doel ] Je leert hoe je een planning maakt, zodat je op tijd klaar bent met je werk.

Hoe ziet jouw dag eruit na schooltijd? Vul de tabel in.

Hoe laat ben je thuis? Welke vaste activiteiten heb je? Welke dingen doe je graag? ( sport, muziek … ) ( gamen, film / series kijken … )

Maandag uur

Dinsdag uur

Woensdag uur

Donderdag uur

Vrijdag uur

Zaterdag

Zondag

Op welke dag heb je de meeste tijd om huiswerk te maken?

Op welke dag heb je de minste tijd om huiswerk te maken?

Bespreek vraag 1 en 2 met de klas. Zijn er grote verschillen in de tijd die jullie na schooltijd hebben om huiswerk te maken? Hoe komt dat?

Plannen begint met overzicht.

Wat moet je doen en hoeveel tijd heb je? Als je slim plant, kom je niet in tijdnood!

] 1

Maak een weekplanning Bedenk waar je je planning noteert. Dat kan in je agenda (als daarin voldoende ruimte is), of maak een schema op een los blaadje. Je kunt ook een simpele, goedkope tweede agenda gebruiken met daarin veel schrijfruimte.

] 2

Zoek uit hoeveel tijd je huiswerk kost

Houd de eerste keren dat je huiswerk maakt de tijd bij, zodat je daarna weet hoeveel tijd je ongeveer nodig hebt voor bijvoorbeeld het leren van een lijst Engelse woordjes of het maken van tien wiskundeopgaven.

] 3

Zoek uit hoeveel tijd je hebt

Zet in de planning hoe je je tijd ná schooltijd en in het weekend indeelt. Heb je vaste afspraken, zoals trainingen, muzieklessen of oppassen?

Werk eventueel met kleuren:

x Maak de vaste afspraken rood.

x Maak de dingen die je heel graag doet (maar wel zou kunnen missen) oranje.

x Maak de dingen die je prima kunt missen geel. Op de rode momenten kun je geen huiswerk maken, op de oranje en gele momenten (als het nodig is) wel.

] 4

Plan je huiswerk efficiënt

x Voor maakwerk heb je meestal niet zoveel tijd nodig. Dat kun je soms al op school doen (maak daar gebruik van ! ), of de dag van tevoren.

x Leerwerk kost vaak meer tijd. Je kunt ervoor kiezen het leerwerk in stukken van 20 minuten te verdelen en elke dag een stuk te doen.

3

4

x Voor een toets, een presentatie of een werkstuk heb je veel meer tijd nodig dan voor het gewone huiswerk. Daar moet je op tijd mee beginnen: al een paar dagen of zelfs een week van tevoren. Begin dus vroeg en plan er elke dag tijd voor in.

Hoe gaat het plannen van het huiswerk bij jou? Kruis aan.

y Ik probeer alles de dag van tevoren te doen, maar krijg het dan niet af.

y Ik houd er geen rekening mee dat ik voor andere vakken ook veel moet doen.

y Ik houd er geen rekening mee dat ik op sommige dagen bijna geen tijd heb om huiswerk te maken doordat ik andere activiteiten of afspraken heb.

y Ik plan het wel goed in, maar soms kost het huiswerk maken veel meer tijd dan ik had ingepland.

y Ik plan het huiswerk meestal wel goed in en krijg het ook op tijd af.

Bekijk in je agenda welk huiswerk je over drie schooldagen af moet hebben (dus als het nu woensdag is, kijk je bij volgende week maandag). Hoe ga je dit huiswerk verdelen over de komende dagen? Vul het hierna in en houd rekening met de tips in de uitleg.

Datum x

Datum x

Datum x 6

Maak groepjes van drie of vier en vergelijk de planningen die jullie hebben gemaakt. Wat zijn handige tips van je klasgenoten voor het plannen van je huiswerk? x

Kijk naar je antwoorden op de vragen hiervoor. Beantwoord daarna de vragen bij Vooruitkijken op de bladzijde hiernaast. Tijdens de volgende les vul je Terugkijken in.

Datum x

] Vooruitkijken

Dit gaat al goed bij het huiswerk plannen x

Dit kan nog beter x

Dit ga ik komende week uitproberen x

] Te r ugki jken

Dit ging goed x

Dit was nog lastig x

Ik ga dat zo oplossen x

www.staal-roeland.nl / zoleerje

Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Inkijkexemplaar Zo leer je! Mentorlessen havo-vwo brugklas by Boom beroepsonderwijs - Issuu